AOW'er	((A.O.W.)[N],(er)[N|N.])[N]
Andromedanevel	((andromeda)[N],(nevel)[N])[N]
Avondmaalsbeker	(((avond)[N],(maal)[N])[N],(s)[N|N.N],(beker)[N])[N]
Avondmaalstafel	(((avond)[N],(maal)[N])[N],(s)[N|N.N],(tafel)[N])[N]
Avondmaalsviering	(((avond)[N],(maal)[N])[N],(s)[N|N.Vx],(vier)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
Beneluxverband	((Benelux)[N],(verband)[N])[N]
Beneluxverdrag	((Benelux)[N],(verdrag)[N])[N]
Bols	(Bols)[N]
Cartesiaans	((Cartesiaan)[N],(s)[A|N.])[A]
Centraal-Aziatisch	(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(Aziatisch)[A])[A]
Chinezenbuurt	((Chinees)[N],(en)[N|N.N],(buurt)[N])[N]
Christusbeeld	((Christus)[N],(beeld)[N])[N]
Christuskind	((Christus)[N],(kind)[N])[N]
Christuskop	((Christus)[N],(kop)[N])[N]
Christuslegende	((Christus)[N],(legende)[N])[N]
Christusmonogram	((Christus)[N],(monogram)[N])[N]
Cypriotisch	((Cyprioot)[N],(isch)[A|N.])[A]
Duitstalig	((Duits)[A],(taal)[N],(ig)[A|AN.])[A]
E-weg	((e)[N],(weg)[N])[N]
EHBO'er	((E.H.B.O.)[N],(er)[N|N.])[N]
EHBO'ster	((E.H.B.O.)[N],(ster)[N|N.])[N]
EHBO-diploma	((E.H.B.O.)[N],(diploma)[N])[N]
Eerste-Kamerfractie	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(kamer)[N],(fractie)[N])[N]
Eerste-Kamerlid	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(kamer)[N],(lid)[N])[N]
Eerste-Kamerzitting	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(kamer)[N],((zit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
Engelsman	((engels)[A],(man)[N])[N]
Engelstalig	((engels)[A],(taal)[N],(ig)[A|AN.])[A]
Eurodollar	((Europa)[N],(dollar)[N])[N]
Europacup	((Europa)[N],(cup)[N])[N]
Europacupvoetbal	(((Europa)[N],(cup)[N])[N],((voet)[N],(bal)[N])[N])[N]
Eurovisiesongfestival	((eurovisie)[N],((song)[N],(festival)[N])[N])[N]
F-gat	((f)[N],(gat)[N])[N]
F-sleutel	((f)[N],(sleutel)[N])[N]
FORT-groep	((F.O.R.T.)[N],(groep)[N])[N]
Ford	(Ford)[N]
Franse	((Frans)[A],(e)[N|A.])[N]
Fransgezind	((Frans)[A],(gezind)[A])[A]
Fransman	((Frans)[A],(man)[N])[N]
Franssprekend	((Frans)[N],(spreek)[V],(end)[A|NV.])[A]
Franstalig	((Frans)[A],(taal)[N],(ig)[A|AN.])[A]
Freinetonderwijs	((Freinet)[N],(onderwijs)[N])[N]
G-sleutel	((g)[N],(sleutel)[N])[N]
Generaliteitsland	(((generaal)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(land)[N])[N]
Gezondheidswet	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
Godsgezant	((God)[N],(s)[N|N.N],(gezant)[N])[N]
Godsman	((God)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N]
Golfstroom	((golf)[N],(stroom)[N])[N]
Greenwichtijd	((Greenwich)[N],(tijd)[N])[N]
Groenlander	(((groen)[A],(land)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
Groenlandvaarder	(((groen)[A],(land)[N])[N],(vaar)[V],(der)[N|NV.])[N]
HAVO-diploma	((havo)[N],(diploma)[N])[N]
HAVO-niveau	((havo)[N],(niveau)[N])[N]
Hanzebeker	((Hanze)[N],(beker)[N])[N]
Hanzestad	((Hanze)[N],(stad)[N])[N]
Hartjesdag	((hart)[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
Heemskind	((heem)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
Heilsleger	((heil)[N],(s)[N|N.N],(leger)[N])[N]
Hemelvaart	((hemel)[N],(vaart)[N])[N]
Hemelvaartsdag	(((hemel)[N],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
Hemelvader	((hemel)[N],(vader)[N])[N]
Hervormingsdag	((((her)[V|.V],(vorm)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
Hitler-groet	((Hitler)[N],(groet)[N])[N]
Hondsster	((hond)[N],(s)[N|N.N],(ster)[N])[N]
Hoog-Hollands	((hoog)[A],(Hollands)[N])[A]
Hubertusbrood	((Hubertus)[N],(brood)[N])[N]
Hunnenkoning	((Hun)[N],(en)[N|N.N],(koning)[N])[N]
Hunnentotem	((Hun)[N],(en)[N|N.N],(totem)[N])[N]
IJzerbedevaart	((ijzer)[N],((bede)[N],(vaart)[N])[N])[N]
IJzerfront	((ijzer)[N],(front)[N])[N]
Indischgast	((Indisch)[A],(gast)[N])[N]
Indischman	((Indisch)[A],(man)[N])[N]
Indogermanistiek	((indo)[N|.N],((germanistisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
Italianisant	((italianiseer)[V],(ant)[N|V.])[N]
Jappenkamp	((Jap)[N],(en)[N|N.N],(kamp)[N])[N]
Jezusfreak	((Jezus)[N],(freak)[N])[N]
Juratijdperk	((Jura)[N],((tijd)[N],(perk)[N])[N])[N]
Kamerbehandeling	((kamer)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
Kamerbreed	((Kamer)[N],(breed)[A])[A]
Kamercommissie	((kamer)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
Kamerdebat	((kamer)[N],(debat)[N])[N]
Kamerdiscussie	((kamer)[N],(discussie)[N])[N]
Kamerfractie	((kamer)[N],(fractie)[N])[N]
Kamergebouw	((kamer)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
Kamerkandidaat	((kamer)[N],((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
Kamerlid	((kamer)[N],(lid)[N])[N]
Kamermeerderheid	((kamer)[N],((meerder)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
Kamerontbinding	((kamer)[N],((ont)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
Kamerstuk	((kamer)[N],(stuk)[N])[N]
Kameruitspraak	((kamer)[N],((uit)[P],(spraak)[N])[N])[N]
Kamervergadering	((kamer)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
Kamerverkiezing	((kamer)[N],(((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
Kamerverslag	((kamer)[N],(verslag)[N])[N]
Kamervoorzitter	((kamer)[N],((voor)[B],(zit)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
Kamervotum	((kamer)[N],(votum)[N])[N]
Kamerzetel	((kamer)[N],(zetel)[N])[N]
Kamerzitting	((kamer)[N],((zit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
Kanaalzwemmer	((kanaal)[N],((zwem)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
Kanaalzwemster	((kanaal)[N],((zwem)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
Karelroman	((Karel)[N],(roman)[N])[N]
Kaïnsmerk	((Kaïn)[N],(s)[N|N.N],(merk)[N])[N]
Kaïnsteken	((Kaïn)[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
Kempen	(Kempen)[N]
Kempenzoon	((Kempen)[N],(zoon)[N])[N]
Kempisch	((kemp)[N],(isch)[A|N.])[A]
Kerstkind	((kerst)[N],(kind)[N])[N]
Kremlinpaleis	((Kremlin)[N],(paleis)[N])[N]
L-kamer	((l)[N],(kamer)[N])[N]
L-vormig	((l)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
LOM-school	((lom)[N],(school)[N])[N]
Lagerhuislid	((Lagerhuis)[N],(lid)[N])[N]
Latijns-Amerikaan	((Latijns)[A],(Amerikaan)[N])[N]
Levants	((levant)[N],(s)[A|N.])[A]
Lievevrouwebeeld	((Lievevrouw)[N],(e)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
Lievevrouwekerk	((Lievevrouw)[N],(e)[N|N.N],(kerk)[N])[N]
Lloyd's-register	((Lloyd)[N],(s)[N|N.N],(register)[N])[N]
Lorentz-kracht	((Lorentz)[N],(kracht)[N])[N]
MAVO-diploma	((mavo)[N],(diploma)[N])[N]
MAVO-niveau	((mavo)[N],(niveau)[N])[N]
ME-opleiding	((M.E.)[N],(((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ME-vrouw	((mijn)[O],(vrouw)[N])[N]
MULO-diploma	((mulo)[N],(diploma)[N])[N]
MULO-school	((mulo)[N],(school)[N])[N]
MX-raket	((MX)[N],(raket)[N])[N]
Maagdenburg	((maagd)[N],(en)[N|N.N],(burg)[N])[N]
Maagdeneiland	((maagd)[N],(en)[N|N.N],(eiland)[N])[N]
Mariabeeld	((Maria)[N],(beeld)[N])[N]
Mariakapel	((Maria)[N],(kapel)[N])[N]
Mariakroon	((Maria)[N],(kroon)[V])[N]
Marialegende	((Maria)[N],(legende)[N])[N]
Marialied	((Maria)[N],(lied)[N])[N]
Mariamaand	((Maria)[N],(maand)[N])[N]
Mariaverering	((Maria)[N],(((ver)[V|.V],(eer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
Marollenfrans	((Marollen)[N],(Frans)[N])[N]
Meccanodoos	((Meccano)[N],(doos)[N])[N]
Mekkaganger	((Mekka)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N]
Michielszomer	((Michiel)[N],(s)[N|N.N],(zomer)[N])[N]
Midasoren	((Midas)[N],(oor)[N])[N]
Middeleeuwen	((middel)[A],(eeuw)[N])[N]
Mingporselein	((Ming)[N],(porselein)[N])[N]
Mokummer	((Mokum)[N],(er)[N|N.])[N]
NAVO-communiqué	((NAVO)[N],(communiqué)[N])[N]
Neder-Saks	((neder)[B],(Saks)[N])[N]
Nederlanderschap	((Nederlander)[N],(schap)[N|N.])[N]
Nederlandstalig	((Nederlands)[N],((taal)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
Nederrijn	((neder)[B],(rijn)[N])[N]
Neger-Engels	((neger)[N],(Engels)[A])[A]
Neptunusfeest	((Neptunus)[N],(feest)[N])[N]
Nessuskleed	((Nessus)[N],(kleed)[V])[N]
Nipkowschijf	((Nipkow)[N],(schijf)[N])[N]
Nobelprijs	((Nobel)[N],(prijs)[N])[N]
Nobelprijswinnaar	(((Nobel)[N],(prijs)[N])[N],((win)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
Nobelprijswinnares	((((Nobel)[N],(prijs)[N])[N],((win)[V],(aar)[N|V.])[N])[N],(es)[N|N.])[N]
Nol	(Nol)[N]
Noord-Amerikaan	((noord)[A],(Amerikaan)[N])[N]
Noord-Brabants	((noord)[A],(Brabants)[A])[A]
Noord-Chinees	((noord)[A],(Chinees)[A])[A]
Noord-Europeaan	((noord)[A],(Europeaan)[N])[N]
Noord-Frankrijk	((noord)[A],(Frankrijk)[N])[N]
Noord-Holland	((noord)[A],(Holland)[N])[N]
Noord-Indiaas	((noord)[A],(Indiaas)[A])[A]
Noordwest-Europa	(((noord)[A],(west)[A])[A],(Europa)[N])[N]
Noordzee	((noord)[A],(zee)[N])[N]
Nutslezing	((nut)[N],(s)[N|N.N],((lees)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
Nutsschool	((nut)[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
Nutsvergadering	((nut)[N],(s)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
Oktoberrevolutie	((oktober)[N],(revolutie)[N])[N]
Onze-Lieve-Vrouwebeeld	((Onze-Lieve-Vrouw)[N],(e)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
Onze-Lieve-Vrouwekerk	((Onze-Lieve-Vrouw)[N],(e)[N|N.N],(kerk)[N])[N]
Oost-Indiëvaarder	((Oost-Indië)[N],(vaarder)[N])[N]
Oostblok	((oost)[A],(blok)[N])[N]
Oostblokland	(((oost)[A],(blok)[N])[N],(land)[N])[N]
Oostzeehandel	((Oostzee)[N],(handel)[N])[N]
Oranjevlag	((oranje)[N],(vlag)[N])[N]
Oranjevorst	((oranje)[N],(vorst)[N])[N]
Oranjevorstin	(((oranje)[N],(vorst)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
Oud-Hollands	((oud)[A],(Hollands)[A])[A]
Oud-Nederlands	((oud)[A],(Nederlands)[A])[A]
Oud-Romeins	((oud)[A],(Romein)[N],(s)[A|AN.])[A]
Panamakanaal	((panama)[N],(kanaal)[N])[N]
Pieterspenning	((Pieter)[N],(s)[N|N.N],(penning)[N])[N]
Pinksterblom	((Pinkster)[N],(blom)[N])[N]
Plat-Amsterdams	((plat)[A],(Amsterdams)[N])[N]
Polygoonjournaal	((polygoon)[N],(journaal)[N])[N]
Pyrrusoverwinning	((Pyrrhus)[N],(((over)[P],(win)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
Rijndal	((Rijn)[N],(dal)[N])[N]
Rijngrens	((Rijn)[N],(grens)[N])[N]
Rijnstaat	((Rijn)[N],(staat)[N])[N]
Rijnvaart	((Rijn)[N],(vaart)[N])[N]
Rijnvaartakte	(((Rijn)[N],(vaart)[N])[N],(akte)[N])[N]
Rode-Kruisauto	((Rode-Kruis)[N],(auto)[N])[N]
Rode-Kruispost	((Rode-Kruis)[N],(post)[N])[N]
Romeins-katholiek	((Romeins)[A],(katholiek)[A])[A]
Romeinsrechtelijk	((Romeins)[A],((recht)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
Rooms-Koning	((rooms)[A],(koning)[N])[N]
S-vormig	((s)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
Saharawoestijn	((Sahara)[N],(woestijn)[N])[N]
Salomonsoordeel	((Salomon)[N],(s)[N|N.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[N]
Semietisch	((Semiet)[N],(isch)[A|N.])[A]
Sint-Antoniusbrood	((Sint-Antonius)[N],(brood)[N])[N]
Sint-Jansevangelie	((Sint-Jan)[N],(s)[N|N.N],(evangelie)[N])[N]
Sint-Nicolaasavond	((Sint-Nicolaas)[N],(avond)[N])[N]
Sint-Pietersabdij	((Sint-Pieter)[N],(s)[N|N.N],(abdij)[N])[N]
Sint-Pieterspenning	((Sint-Pieter)[N],(s)[N|N.N],(penning)[N])[N]
Sovjet-Russisch	((sovjet)[N],(Russisch)[A])[A]
Sovjet-Unie	((sovjet)[N],(unie)[N])[N]
Spaansgezind	((Spaans)[A],(gezind)[A])[A]
Standaardnederlands	((standaard)[N],(Nederlands)[N])[N]
T-vormig	((t)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
TEE-trein	((T.E.E.)[N],(trein)[N])[N]
Tantalusbeker	((Tantalus)[N],(beker)[N])[N]
Teleaccursus	((Teleac)[N],(cursus)[N])[N]
Tweede-Kamerlid	(((twee)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(kamer)[N],(lid)[N])[N]
U-vormig	((u)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
V-vormig	((v)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
VN-dag	((V.N.)[N],(dag)[N])[N]
Venusbeeld	((Venus)[N],(beeld)[N])[N]
Venusovergang	((Venus)[N],(overgang)[N])[N]
Venustempel	((Venus)[N],(tempel)[N])[N]
Vlaamsgezind	((Vlaams)[A],(gezind)[A])[A]
WAO'er	((WAO)[N],(er)[N|N.])[N]
Wassenaar	((was)[V],(enaar)[N|V.])[N]
West-Indiëvaarder	((West-Indië)[N],(vaarder)[N])[N]
Willemsorde	((Willem)[N],(s)[N|N.N],(orde)[N])[N]
Z-vormig	((z)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
Zuid-Aziatisch	((zuid)[A],(Aziatisch)[A])[A]
Zuid-Chinees	((zuid)[A],(Chinees)[A])[A]
Zuid-Europa	((zuid)[A],(Europa)[N])[N]
Zuid-Europees	((zuid)[A],(Europees)[A])[A]
Zuid-Frankrijk	((zuid)[A],(Frankrijk)[N])[N]
Zuid-Holland	((zuid)[A],(Holland)[N])[N]
Zuid-Indiaas	((zuid)[A],(Indiaas)[A])[A]
Zuid-Nederlander	((Zuid-Nederland)[N],(er)[N|N.])[N]
Zuidoost-Aziatisch	(((zuid)[A],(oost)[A])[A],(Aziatisch)[A])[A]
Zuidoost-Europa	(((zuid)[A],(oost)[A])[A],(Europa)[N])[N]
Zuidzee	((zuid)[A],(zee)[N])[N]
Zuidzeevaarder	(((zuid)[A],(zee)[N])[N],(vaarder)[N])[N]
a	(a)[N]
a-biljet	((a)[N],(biljet)[N])[N]
a-bom	((a)[N],(bom)[N])[N]
a-omroep	((a)[N],(omroep)[N])[N]
a-ploeg	((a)[N],(ploeg)[N])[N]
a-prioristisch	((apriorisme)[N],(tisch)[A|N.])[A]
a-status	((a)[N],(status)[N])[N]
a-wapens	((a)[N],(wapen)[N])[N]
a-ziekte	((a)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
aagt	(aagt)[N]
aagtappel	((aagt)[N],(appel)[N])[N]
aai	(aai)[N]
aaien	(aai)[V]
aaiing	((aai)[V],(ing)[N|V.])[N]
aak	(aak)[N]
aal	(aal)[N]
aalbes	((aal)[N],(bes)[N])[N]
aalbessengelei	(((aal)[N],(bes)[N])[N],(en)[N|N.N],(gelei)[N])[N]
aalbessenjam	(((aal)[N],(bes)[N])[N],(en)[N|N.N],(jam)[N])[N]
aalbessenjenever	(((aal)[N],(bes)[N])[N],(en)[N|N.N],(jenever)[N])[N]
aalbessensap	(((aal)[N],(bes)[N])[N],(e)[N|N.N],(sap)[N])[N]
aalbessenstruik	(((aal)[N],(bes)[N])[N],(e)[N|N.N],(struik)[N])[N]
aalelger	((aal)[N],(elger)[N])[N]
aalfuik	((aal)[N],(fuik)[N])[N]
aalglad	((aal)[N],(glad)[A])[A]
aalkaar	((aal)[N],(kaar)[N])[N]
aalkast	((aal)[N],(kast)[N])[N]
aalkorf	((aal)[N],(korf)[N])[N]
aalkuip	((aal)[N],(kuip)[N])[N]
aalkwab	((aal)[N],(kwab)[N])[N]
aalmoezenier	((aalmoes)[N],(enier)[N|N.])[N]
aalmoezenierskamer	(((aalmoes)[N],(enier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
aalpomp	((aal)[N],(pomp)[N])[N]
aalput	((aal)[N],(put)[N])[N]
aalreep	((aal)[N],(reep)[N])[N]
aalreiger	((aal)[N],(reiger)[N])[N]
aalschaar	((aal)[N],(schaar)[N])[N]
aalscholver	((aal)[N],(scholver)[N])[N]
aalshuid	((aal)[N],(s)[N|N.N],(huid)[N])[N]
aalskruik	((aal)[N],(s)[N|N.N],(kruik)[N])[N]
aalspeer	((aal)[N],(speer)[N])[N]
aalstal	((aal)[N],(stal)[N])[N]
aalsteek	((aal)[N],(steek)[N])[N]
aalsteker	((aal)[N],(steek)[V],(er)[N|NV.])[N]
aalsvel	((aal)[N],(s)[N|N.N],(vel)[N])[N]
aalt	(aalt)[N]
aalvork	((aal)[N],(vork)[N])[N]
aalvormig	((aal)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
aam	(aam)[N]
aambeeldsbeentje	((aambeeld)[N],(s)[N|N.N],(been)[N])[N]
aambeeldsblok	((aambeeld)[N],(s)[N|N.N],(blok)[N])[N]
aambeienkruid	((aambei)[N],(en)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
aamborstig	((aam)[N],(borst)[N],(ig)[A|NN.])[A]
aamborstigheid	(((aam)[N],(borst)[N],(ig)[A|NN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aamt	(aamt)[N]
aanaarden	((aan)[P],(aarde)[N])[V]
aanaarding	(((aan)[P],(aarde)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanaardploeg	(((aan)[P],(aarde)[N])[V],(ploeg)[N])[N]
aanbakken	((aan)[P],(bak)[V])[V]
aanbaksel	(((aan)[P],(bak)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
aanbeeldsbeentje	((aanbeeld)[N],(s)[N|N.N],(been)[N])[N]
aanbeeldsblok	((aanbeeld)[N],(s)[N|N.N],(blok)[N])[N]
aanbehoren	((aan)[P],((be)[V|.V],(hoor)[V])[V])[V]
aanbelanden	((aan)[P],((be)[V|.V],(land)[V])[V])[V]
aanbelang	((aan)[P],(belang)[N])[N]
aanbelangen	((aan)[P],(belang)[V])[V]
aanbellen	((aan)[P],(bel)[V])[V]
aanbenen	((aan)[P],(been)[V])[V]
aanbermen	((aan)[P],(berm)[V])[V]
aanberming	(((aan)[P],(berm)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanbesteden	((aan)[P],(besteed)[V])[V]
aanbesteder	(((aan)[P],(besteed)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanbesteding	(((aan)[P],(besteed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanbesterven	((aan)[P],((be)[V|.V],(sterf)[V])[V])[V]
aanbetaling	((aan)[P],((betaal)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aanbeteren	((aan)[P],(beter)[V])[V]
aanbevelen	((aan)[P],(beveel)[V])[V]
aanbevelenswaard	(((aan)[P],(beveel)[V])[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
aanbevelenswaardig	(((aan)[P],(beveel)[V])[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
aanbeveling	(((aan)[P],(beveel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanbevelingsbrief	((((aan)[P],(beveel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
aanbiddelijk	(((aan)[P],(bid)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
aanbidden	((aan)[P],(bid)[V])[V]
aanbiddenswaardig	(((aan)[P],(bid)[V])[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
aanbidder	(((aan)[P],(bid)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanbidding	(((aan)[P],(bid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanbidster	(((aan)[P],(bid)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
aanbieden	((aan)[P],(bied)[V])[V]
aanbieding	(((aan)[P],(bied)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanbiedingsbrief	((((aan)[P],(bied)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
aanbijten	((aan)[P],(bijt)[V])[V]
aanbikken	((aan)[P],(bik)[V])[V]
aanbinden	((aan)[P],(bind)[V])[V]
aanblaffen	((aan)[P],(blaf)[V])[V]
aanblazen	((aan)[P],(blaas)[V])[V]
aanblazing	(((aan)[P],(blaas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanblijven	((aan)[P],(blijf)[V])[V]
aanblik	((aan)[P],(blik)[N])[N]
aanblikken	((aan)[P],(blik)[V])[V]
aanbodcurve	((aanbod)[N],(curve)[N])[N]
aanbodstructuur	((aanbod)[N],(structuur)[N])[N]
aanboeken	((aan)[P],(boek)[V])[V]
aanbonzen	((aan)[P],(bons)[V])[V]
aanboren	((aan)[P],(boor)[V])[V]
aanbotsen	((aan)[P],(bots)[V])[V]
aanbouwen	((aan)[P],(bouw)[V])[V]
aanbouwing	(((aan)[P],(bouw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanbouwsel	(((aan)[P],(bouw)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
aanbraden	((aan)[P],(braad)[V])[V]
aanbranden	((aan)[P],(brand)[V])[V]
aanbrassen	((aan)[P],(bras)[V])[V]
aanbreien	((aan)[P],(brei)[V])[V]
aanbreisel	(((aan)[P],(brei)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
aanbreken	((aan)[P],(breek)[V])[V]
aanbrengen	((aan)[P],(breng)[V])[V]
aanbrenger	(((aan)[P],(breng)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanbrenging	(((aan)[P],(breng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanbrengpremie	(((aan)[P],(breng)[V])[V],(premie)[N])[N]
aanbrengst	(((aan)[P],(breng)[V])[V],(st)[N|V.])[N]
aanbriesen	((aan)[P],(bries)[V])[V]
aanbrug	((aan)[P],(brug)[N])[N]
aanbruisen	((aan)[P],(bruis)[V])[V]
aanbrullen	((aan)[P],(brul)[V])[V]
aanbulderen	((aan)[P],(bulder)[V])[V]
aandachtigheid	((aandachtig)[A],(heid)[N|A.])[N]
aandachtsconcentratie	((aandacht)[N],(s)[N|N.N],((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
aandachtseenheid	((aandacht)[N],(s)[N|N.N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
aandachtsproces	((aandacht)[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
aandachtsstreep	((aandacht)[N],(s)[N|N.N],(streep)[N])[N]
aandachtsteken	((aandacht)[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
aandachtsveld	((aandacht)[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
aandachttrekkerij	((aandacht)[N],(trek)[V],(erij)[N|NV.])[N]
aandak	((aan)[P],(dak)[N])[N]
aandammen	((aan)[P],(dam)[V])[V]
aandamming	(((aan)[P],(dam)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aandeel	((aan)[P],(deel)[N])[N]
aandeelbewijs	(((aan)[P],(deel)[N])[N],(bewijs)[N])[N]
aandeelhebber	(((aan)[P],(deel)[N])[N],(heb)[V],(er)[N|NV.])[N]
aandeelhouder	(((aan)[P],(deel)[N])[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
aandeelhoudersvergadering	((((aan)[P],(deel)[N])[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aandelenkapitaal	(((aan)[P],(deel)[N])[N],(en)[N|N.N],(kapitaal)[N])[N]
aandelenoptie	(((aan)[P],(deel)[N])[N],(en)[N|N.N],(optie)[N])[N]
aandelenpakket	(((aan)[P],(deel)[N])[N],(en)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
aandelenportefeuille	(((aan)[P],(deel)[N])[N],(en)[N|N.N],(portefeuille)[N])[N]
aandenken	((aan)[P],(denken)[V])[N]
aandienen	((aan)[P],(dien)[V])[V]
aandiepen	((aan)[P],(diep)[V])[V]
aandijken	((aan)[P],(dijk)[V])[V]
aandijking	(((aan)[P],(dijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aandikken	((aan)[P],(dik)[V])[V]
aandoen	((aan)[P],(doe)[V])[V]
aandoening	(((aan)[P],(doe)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aandoenlijk	(((aan)[P],(doe)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A]
aandoenlijkheid	((((aan)[P],(doe)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aandraaien	((aan)[P],(draai)[V])[V]
aandragen	((aan)[P],(draag)[V])[V]
aandrager	(((aan)[P],(draag)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aandraven	((aan)[P],(draaf)[V])[V]
aandrentelen	((aan)[P],(drentel)[V])[V]
aandrift	((aan)[P],(drift)[N])[N]
aandrijfas	(((aan)[P],(drijf)[V])[V],(as)[N])[N]
aandrijfketting	(((aan)[P],(drijf)[V])[V],(ketting)[N])[N]
aandrijfkracht	(((aan)[P],(drijf)[V])[V],(kracht)[N])[N]
aandrijfsysteem	(((aan)[P],(drijf)[V])[V],(systeem)[N])[N]
aandrijven	((aan)[P],(drijf)[V])[V]
aandrijver	(((aan)[P],(drijf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aandrijving	(((aan)[P],(drijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aandringen	((aan)[P],(dring)[V])[V]
aandruisen	((aan)[P],(druis)[V])[V]
aandrukken	((aan)[P],(druk)[V])[V]
aanduiden	((aan)[P],(duid)[V])[V]
aanduiding	(((aan)[P],(duid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aandurven	((aan)[P],(durf)[V])[V]
aanduwen	((aan)[P],(duw)[V])[V]
aandweilen	((aan)[P],(dweil)[V])[V]
aaneenbinden	((aaneen)[B],(bind)[V])[V]
aaneenbrengen	((aaneen)[B],(breng)[V])[V]
aaneendriegen	((aaneen)[B],(drieg)[V])[V]
aaneenflansen	((aaneen)[B],(flans)[V])[V]
aaneengeboren	((aaneen)[B],(geboren)[A])[A]
aaneengrenzen	((aaneen)[B],(grens)[V])[V]
aaneengroeien	((aaneen)[B],(groei)[V])[V]
aaneengroeiing	(((aaneen)[B],(groei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aaneenhaken	((aaneen)[B],(haak)[V])[V]
aaneenhangen	((aaneen)[B],(hang)[V])[V]
aaneenhechten	((aaneen)[B],(hecht)[V])[V]
aaneenhouden	((aaneen)[B],(houd)[V])[V]
aaneenketenen	((aaneen)[B],(keten)[V])[V]
aaneenkleven	((aaneen)[B],(kleef)[V])[V]
aaneenklinken	((aaneen)[B],(klink)[V])[V]
aaneenkluisteren	((aaneen)[B],(kluister)[V])[V]
aaneenknopen	((aaneen)[B],(knoop)[V])[V]
aaneenkoeken	((aaneen)[B],(koek)[V])[V]
aaneenkoppelen	((aaneen)[B],(koppel)[V])[V]
aaneenkoppeling	(((aaneen)[B],(koppel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aaneenlijmen	((aaneen)[B],(lijm)[V])[V]
aaneennaaien	((aaneen)[B],(naai)[V])[V]
aaneenpassen	((aaneen)[B],(pas)[V])[V]
aaneenplakken	((aaneen)[B],(plak)[V])[V]
aaneenrijgen	((aaneen)[B],(rijg)[V])[V]
aaneenrijging	(((aaneen)[B],(rijg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aaneenschakelen	((aaneen)[B],(schakel)[V])[V]
aaneenschakeling	(((aaneen)[B],(schakel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aaneenschrijven	((aaneen)[B],(schrijf)[V])[V]
aaneensluiten	((aaneen)[B],(sluit)[V])[V]
aaneensluiting	(((aaneen)[B],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aaneensmeden	((aaneen)[B],(smeed)[V])[V]
aaneenspijkeren	((aaneen)[B],(spijker)[V])[V]
aaneenvoegen	((aaneen)[B],(voeg)[V])[V]
aaneenvoeging	(((aaneen)[B],(voeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aaneenzetten	((aaneen)[B],(zet)[V])[V]
aaneenzitten	((aaneen)[B],(zit)[V])[V]
aanerven	((aan)[P],(erf)[V])[V]
aanetteren	((aan)[P],(etter)[V])[V]
aanfietsen	((aan)[P],(fiets)[V])[V]
aanflitsen	((aan)[P],(flits)[V])[V]
aanfloepen	((aan)[P],(floep)[V])[V]
aanfluiten	((aan)[P],(fluit)[V])[V]
aanfluiting	(((aan)[P],(fluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanfokken	((aan)[P],(fok)[V])[V]
aanfokking	(((aan)[P],(fok)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanfruiten	((aan)[P],(fruit)[V])[V]
aangaan	((aan)[P],(ga)[V])[V]
aangapen	((aan)[P],(gaap)[V])[V]
aangeborenheid	(((aan)[P],(geboren)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
aangeefster	(((aan)[P],(geef)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
aangelegenheid	((aangelegen)[V],(heid)[N|V.])[N]
aangenaamheid	((aangenaam)[A],(heid)[N|A.])[N]
aangespen	((aan)[P],(gesp)[V])[V]
aangeven	((aan)[P],(geef)[V])[V]
aangever	(((aan)[P],(geef)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aangeving	(((aan)[P],(geef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aangezicht	((aan)[P],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
aangezichtsligging	(((aan)[P],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N],(s)[N|N.N],((lig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aangezichtspijn	(((aan)[P],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N],(s)[N|N.N],(pijn)[N])[N]
aangieren	((aan)[P],(gier)[V])[V]
aangieten	((aan)[P],(giet)[V])[V]
aangietkleur	(((aan)[P],(giet)[V])[V],(kleur)[N])[N]
aangiftebereidheid	((aangifte)[N],((bereid)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
aangiftebiljet	((aangifte)[N],(biljet)[N])[N]
aangifteformulier	((aangifte)[N],(formulier)[N])[N]
aangifteplicht	((aangifte)[N],(plicht)[N])[N]
aanglimmen	((aan)[P],(glim)[V])[V]
aangloeien	((aan)[P],(gloei)[V])[V]
aangluren	((aan)[P],(gluur)[V])[V]
aangolven	((aan)[P],(golf)[V])[V]
aangorden	((aan)[P],(gord)[V])[V]
aangrauwen	((aan)[P],(grauw)[V])[V]
aangraven	((aan)[P],(graaf)[V])[V]
aangraving	(((aan)[P],(graaf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aangrenzend	((aan)[P],(grenzend)[V])[A]
aangrijnzen	((aan)[P],(grijns)[V])[V]
aangrijpen	((aan)[P],(grijp)[V])[V]
aangrijping	(((aan)[P],(grijp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aangrijpingspunt	((((aan)[P],(grijp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
aangrimmen	((aan)[P],(grim)[V])[V]
aangrinniken	((aan)[P],(grinnik)[V])[V]
aangroeien	((aan)[P],(groei)[V])[V]
aangroeiing	(((aan)[P],(groei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aangrommen	((aan)[P],(grom)[V])[V]
aanhaken	((aan)[P],(haak)[V])[V]
aanhalen	((aan)[P],(haal)[V])[V]
aanhalerig	(((aan)[P],(haal)[V])[V],(erig)[A|V.])[A]
aanhalerigheid	((((aan)[P],(haal)[V])[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aanhalig	(((aan)[P],(haal)[V])[V],(ig)[A|V.])[A]
aanhaligheid	((((aan)[P],(haal)[V])[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aanhaling	(((aan)[P],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanhalingsteken	((((aan)[P],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
aanhangeling	(((aan)[P],(hang)[V])[V],(eling)[N|V.])[N]
aanhangelinge	((((aan)[P],(hang)[V])[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
aanhangen	((aan)[P],(hang)[V])[V]
aanhanger	(((aan)[P],(hang)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanhangig	(((aan)[P],(hang)[V])[V],(ig)[A|V.])[A]
aanhangsel	(((aan)[P],(hang)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
aanhangster	(((aan)[P],(hang)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
aanhangwagen	(((aan)[P],(hang)[V])[V],(wagen)[N])[N]
aanhankelijk	(((aan)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
aanhankelijkheid	((((aan)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aanharden	((aan)[P],(hard)[V])[V]
aanharding	(((aan)[P],(hard)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanharken	((aan)[P],(hark)[V])[V]
aanhebben	((aan)[P],(heb)[V])[V]
aanhechten	((aan)[P],(hecht)[V])[V]
aanhechting	(((aan)[P],(hecht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanhechtingspunt	((((aan)[P],(hecht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
aanhechtsel	(((aan)[P],(hecht)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
aanheffen	((aan)[P],(hef)[V])[V]
aanheffer	(((aan)[P],(hef)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanheffing	(((aan)[P],(hef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanhikken	((aan)[P],(hik)[V])[V]
aanhinken	((aan)[P],(hink)[V])[V]
aanhitsen	((aan)[P],(hits)[V])[V]
aanhitser	(((aan)[P],(hits)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanhitsing	(((aan)[P],(hits)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanhobbelen	((aan)[P],(hobbel)[V])[V]
aanhollen	((aan)[P],(hol)[V])[V]
aanhoorder	(((aan)[P],(hoor)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
aanhoorster	(((aan)[P],(hoor)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
aanhopen	((aan)[P],(hoop)[V])[V]
aanhoping	(((aan)[P],(hoop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanhoren	((aan)[P],(hoor)[V])[V]
aanhorigheid	((aanhorig)[A],(heid)[N|A.])[N]
aanhouden	((aan)[P],(houd)[V])[V]
aanhoudendheid	((aanhoudend)[A],(heid)[N|A.])[N]
aanhouder	(((aan)[P],(houd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanhouderij	(((aan)[P],(houd)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
aanhouding	(((aan)[P],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanhoudingsbevel	((((aan)[P],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bevel)[N])[N]
aanhoudingspremie	((((aan)[P],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(premie)[N])[N]
aanhoudster	(((aan)[P],(houd)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
aanhuppelen	((aan)[P],(huppel)[V])[V]
aanhuwen	((aan)[P],(huw)[V])[V]
aanhuwing	(((aan)[P],(huw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanjagen	((aan)[P],(jaag)[V])[V]
aanjager	(((aan)[P],(jaag)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aankaarten	((aan)[P],(kaart)[V])[V]
aankakken	((aan)[P],(kak)[V])[V]
aankalken	((aan)[P],(kalk)[V])[V]
aankanten	((aan)[P],(kant)[V])[V]
aankappen	((aan)[P],(kap)[V])[V]
aankeffen	((aan)[P],(kef)[V])[V]
aankerven	((aan)[P],(kerf)[V])[V]
aankijken	((aan)[P],(kijk)[V])[V]
aanklaagster	(((aan)[P],(klaag)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
aanklagen	((aan)[P],(klaag)[V])[V]
aanklager	(((aan)[P],(klaag)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanklampen	((aan)[P],(klamp)[V])[V]
aanklamping	(((aan)[P],(klamp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aankleden	((aan)[P],(kleed)[V])[V]
aankleding	(((aan)[P],(kleed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanklemmen	((aan)[P],(klem)[V])[V]
aankletsen	((aan)[P],(klets)[V])[V]
aankleven	((aan)[P],(kleef)[V])[V]
aankleving	(((aan)[P],(kleef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanklinken	((aan)[P],(klink)[V])[V]
aankloppen	((aan)[P],(klop)[V])[V]
aanklossen	((aan)[P],(klos)[V])[V]
aanklotsen	((aan)[P],(klots)[V])[V]
aanknippen	((aan)[P],(knip)[V])[V]
aanknoeien	((aan)[P],(knoei)[V])[V]
aanknopen	((aan)[P],(knoop)[V])[V]
aanknoping	(((aan)[P],(knoop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanknopingspunt	((((aan)[P],(knoop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
aankoeken	((aan)[P],(koek)[V])[V]
aankomeling	(((aan)[P],(kom)[V])[V],(eling)[N|V.])[N]
aankomelinge	((((aan)[P],(kom)[V])[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
aankomelingschap	((((aan)[P],(kom)[V])[V],(eling)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
aankomen	((aan)[P],(kom)[V])[V]
aankomst	(((aan)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N]
aankomstdatum	((((aan)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(datum)[N])[N]
aankomsthal	((((aan)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(hal)[N])[N]
aankomsttijd	((((aan)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(tijd)[N])[N]
aankondigen	((aan)[P],(kond)[A],(ig)[V|PA.])[V]
aankondiger	(((aan)[P],(kond)[A],(ig)[V|PA.])[V],(er)[N|V.])[N]
aankondiging	(((aan)[P],(kond)[A],(ig)[V|PA.])[V],(ing)[N|V.])[N]
aankondigster	(((aan)[P],(kond)[A],(ig)[V|PA.])[V],(ster)[N|V.])[N]
aankooien	((aan)[P],(kooi)[V])[V]
aankoop	((aan)[P],(koop)[N])[N]
aankoopsom	(((aan)[P],(koop)[V])[V],(som)[N])[N]
aankopen	((aan)[P],(koop)[V])[V]
aankoppelen	((aan)[P],(koppel)[V])[V]
aankoppeling	(((aan)[P],(koppel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aankorsten	((aan)[P],(korst)[V])[V]
aankorsting	(((aan)[P],(korst)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aankrammen	((aan)[P],(kram)[V])[V]
aankrijgen	((aan)[P],(krijg)[V])[V]
aankruien	((aan)[P],(krui)[V])[V]
aankruiing	(((aan)[P],(krui)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aankruisen	((aan)[P],(kruis)[V])[V]
aankunnen	((aan)[P],(kan)[V])[V]
aankweken	((aan)[P],(kweek)[V])[V]
aankweking	(((aan)[P],(kweek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanlachen	((aan)[P],(lach)[V])[V]
aanladen	((aan)[P],(laad)[V])[V]
aanlanden	((aan)[P],(land)[V])[V]
aanlandig	(((aan)[P],(land)[V])[V],(ig)[A|V.])[A]
aanlanding	(((aan)[P],(land)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanlangen	((aan)[P],(lang)[V])[V]
aanlappen	((aan)[P],(lap)[V])[V]
aanlassen	((aan)[P],(las)[V])[V]
aanlassing	(((aan)[P],(las)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanleggen	((aan)[P],(leg)[V])[V]
aanlegger	(((aan)[P],(leg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanlegging	(((aan)[P],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanleghaven	(((aan)[P],(leg)[V])[V],(haven)[N])[N]
aanlegplaats	(((aan)[P],(leg)[V])[V],(plaats)[N])[N]
aanlegsteiger	(((aan)[P],(leg)[V])[V],(steiger)[N])[N]
aanlegster	(((aan)[P],(leg)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
aanleiding	((aan)[P],(leid)[V],(ing)[N|PV.])[N]
aanlengen	((aan)[P],(leng)[V])[V]
aanleren	((aan)[P],(leer)[V])[V]
aanleunen	((aan)[P],(leun)[V])[V]
aanleuning	(((aan)[P],(leun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanleuningspunt	((((aan)[P],(leun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
aanleuteren	((aan)[P],(leuter)[V])[V]
aanlichten	((aan)[P],(licht)[V])[V]
aanliggen	((aan)[P],(lig)[V])[V]
aanlijken	((aan)[P],(lijk)[V])[V]
aanlijmen	((aan)[P],(lijm)[V])[V]
aanlijnen	((aan)[P],(lijn)[V])[V]
aanloden	((aan)[P],(lood)[V])[V]
aanloeien	((aan)[P],(loei)[V])[V]
aanloeren	((aan)[P],(loer)[V])[V]
aanloeven	((aan)[P],(loef)[V])[V]
aanlokkelijk	(((aan)[P],(lok)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
aanlokkelijkheid	((((aan)[P],(lok)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aanlokken	((aan)[P],(lok)[V])[V]
aanlokking	(((aan)[P],(lok)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanloksel	(((aan)[P],(lok)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
aanlonken	((aan)[P],(lonk)[V])[V]
aanloop	((aan)[P],(loop)[N])[N]
aanloophaven	(((aan)[P],(loop)[V])[V],(haven)[N])[N]
aanloopkleur	(((aan)[P],(loop)[V])[V],(kleur)[N])[N]
aanloopkosten	(((aan)[P],(loop)[N])[N],(kost)[N])[N]
aanlooppeiler	(((aan)[P],(loop)[N])[N],(peil)[V],(er)[N|NV.])[N]
aanloopperiode	(((aan)[P],(loop)[N])[N],(periode)[N])[N]
aanloopspreekuur	(((aan)[P],(loop)[V])[V],((spreek)[V],(uur)[N])[N])[N]
aanlooptijd	(((aan)[P],(loop)[N])[N],(tijd)[N])[N]
aanlooptransformator	(((aan)[P],(loop)[N])[N],(transformeer)[V],(ator)[N|NV.])[N]
aanlopen	((aan)[P],(loop)[V])[V]
aanmaakblokje	(((aan)[P],(maak)[V])[V],(blok)[N])[N]
aanmaakhout	(((aan)[P],(maak)[V])[V],(hout)[N])[N]
aanmaakkosten	(((aan)[P],(maak)[V])[V],(kost)[N])[N]
aanmaken	((aan)[P],(maak)[V])[V]
aanmanen	((aan)[P],(maan)[V])[V]
aanmaning	(((aan)[P],(maan)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanmarcheren	((aan)[P],(marcheer)[V])[V]
aanmatigen	((aan)[P],(matig)[V])[V]
aanmatiging	(((aan)[P],(matig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanmelden	((aan)[P],(meld)[V])[V]
aanmelding	(((aan)[P],(meld)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanmeldingsformulier	((((aan)[P],(meld)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(formulier)[N])[N]
aanmengen	((aan)[P],(meng)[V])[V]
aanmenging	(((aan)[P],(meng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanmeren	((aan)[P],(meer)[V])[V]
aanmerkelijk	(((aan)[P],(merk)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
aanmerken	((aan)[P],(merk)[V])[V]
aanmerking	(((aan)[P],(merk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanmeten	((aan)[P],(meet)[V])[V]
aanminnig	((aan)[P],(min)[V],(ig)[A|PV.])[A]
aanminnigheid	(((aan)[P],(min)[V],(ig)[A|PV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aanmodderen	((aan)[P],(modder)[V])[V]
aanmoedigen	((aan)[P],(moed)[N],(ig)[V|PN.])[V]
aanmoediging	(((aan)[P],(moed)[N],(ig)[V|PN.])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanmoedigingsprijs	((((aan)[P],(moed)[N],(ig)[V|PN.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(prijs)[N])[N]
aanmonding	((aan)[P],(mond)[N],(ing)[N|PN.])[N]
aanmonsteren	((aan)[P],(monster)[V])[V]
aanmonstering	(((aan)[P],(monster)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanmunten	((aan)[P],(munt)[V])[V]
aanmunting	(((aan)[P],(munt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aannaaien	((aan)[P],(naai)[V])[V]
aannagelen	((aan)[P],(nagel)[V])[V]
aannamebeleid	((aanname)[N],(beleid)[N])[N]
aanneembaar	(((aan)[P],(neem)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
aanneemsom	(((aan)[P],(neem)[V])[V],(som)[N])[N]
aanneemster	(((aan)[P],(neem)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
aannemelijk	(((aan)[P],(neem)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
aannemelijkheid	((((aan)[P],(neem)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aannemeling	(((aan)[P],(neem)[V])[V],(eling)[N|V.])[N]
aannemelinge	((((aan)[P],(neem)[V])[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
aannemen	((aan)[P],(neem)[V])[V]
aannemer	(((aan)[P],(neem)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aannemersfirma	((((aan)[P],(neem)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(firma)[N])[N]
aanneming	(((aan)[P],(neem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aannemingsbeleid	((((aan)[P],(neem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
aannemingsbiljet	((((aan)[P],(neem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(biljet)[N])[N]
aannemingsmaatschappij	((((aan)[P],(neem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
aannemingssom	((((aan)[P],(neem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(som)[N])[N]
aanpakken	((aan)[P],(pak)[V])[V]
aanpalend	((aan)[P],(palend)[V])[A]
aanpappen	((aan)[P],(pap)[V])[V]
aanpassen	((aan)[P],(pas)[V])[V]
aanpassing	(((aan)[P],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanpassingsbeleid	((((aan)[P],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
aanpassingsgedrag	((((aan)[P],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
aanpassingsmanoeuvre	((((aan)[P],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(manoeuvre)[N])[N]
aanpassingsmechanisme	((((aan)[P],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
aanpassingsmoeilijkheden	((((aan)[P],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
aanpassingsmogelijkheid	((((aan)[P],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
aanpassingsperiode	((((aan)[P],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
aanpassingsprobleem	((((aan)[P],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
aanpassingsproces	((((aan)[P],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
aanpassingsstoornis	((((aan)[P],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
aanpassingsstrategie	((((aan)[P],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((strategisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
aanpassingsvermogen	((((aan)[P],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
aanpersen	((aan)[P],(pers)[V])[V]
aanpersing	(((aan)[P],(pers)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanpezen	((aan)[P],(pees)[V])[V]
aanpikken	((aan)[P],(pik)[V])[V]
aanplakbiljet	(((aan)[P],(plak)[V])[V],(biljet)[N])[N]
aanplakbord	(((aan)[P],(plak)[V])[V],(bord)[N])[N]
aanplakbrief	(((aan)[P],(plak)[V])[V],(brief)[N])[N]
aanplakken	((aan)[P],(plak)[V])[V]
aanplakker	(((aan)[P],(plak)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanplakking	(((aan)[P],(plak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanplakzuil	(((aan)[P],(plak)[V])[V],(zuil)[N])[N]
aanplanten	((aan)[P],(plant)[V])[V]
aanplanting	(((aan)[P],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanplempen	((aan)[P],(plemp)[V])[V]
aanplemping	(((aan)[P],(plemp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanploegen	((aan)[P],(ploeg)[V])[V]
aanporren	((aan)[P],(por)[V])[V]
aanpoten	((aan)[P],(poot)[V])[V]
aanpoting	(((aan)[P],(poot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanpraten	((aan)[P],(praat)[V])[V]
aanpreken	((aan)[P],(preek)[V])[V]
aanprijzen	((aan)[P],(prijs)[V])[V]
aanprijzer	(((aan)[P],(prijs)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanprijzing	(((aan)[P],(prijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanprikkelen	((aan)[P],(prikkel)[V])[V]
aanprikkeling	(((aan)[P],(prikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanprikken	((aan)[P],(prik)[V])[V]
aanpunten	((aan)[P],(punt)[V])[V]
aanpunter	(((aan)[P],(punt)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanpunting	(((aan)[P],(punt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanraden	((aan)[P],(raad)[V])[V]
aanrader	(((aan)[P],(raad)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanraken	((aan)[P],(raak)[V])[V]
aanraking	(((aan)[P],(raak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanrakingsangst	((((aan)[P],(raak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(angst)[N])[N]
aanrakingspunt	((((aan)[P],(raak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
aanrander	((aanrand)[V],(er)[N|V.])[N]
aanranding	((aanrand)[V],(ing)[N|V.])[N]
aanrandster	((aanrand)[V],(ster)[N|V.])[N]
aanrazen	((aan)[P],(raas)[V])[V]
aanrechtbank	(((aan)[P],(recht)[V])[V],(bank)[N])[N]
aanrechtblad	((aanrecht)[N],(blad)[N])[N]
aanrechten	((aan)[P],(recht)[V])[V]
aanrechting	(((aan)[P],(recht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanrechtkastje	((aanrecht)[N],(kast)[N])[N]
aanrechtkeuken	(((aan)[P],(recht)[V])[V],(keuken)[N])[N]
aanrechttafel	(((aan)[P],(recht)[V])[V],(tafel)[N])[N]
aanreiken	((aan)[P],(reik)[V])[V]
aanrekenen	((aan)[P],(reken)[V])[V]
aanrennen	((aan)[P],(ren)[V])[V]
aanrichten	((aan)[P],(richt)[V])[V]
aanrijden	((aan)[P],(rijd)[V])[V]
aanrijding	(((aan)[P],(rijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanrijgen	((aan)[P],(rijg)[V])[V]
aanrijpen	((aan)[P],(rijp)[V])[V]
aanrissen	((aan)[P],(ris)[V])[V]
aanristen	((aan)[P],(rist)[V])[V]
aanroeien	((aan)[P],(roei)[V])[V]
aanroep	((aan)[A],(roep)[V])[N]
aanroepen	((aan)[P],(roep)[V])[V]
aanroeping	(((aan)[P],(roep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanroeren	((aan)[P],(roer)[V])[V]
aanroesten	((aan)[P],(roest)[V])[V]
aanroken	((aan)[P],(rook)[V])[V]
aanrollen	((aan)[P],(rol)[V])[V]
aanrommelen	((aan)[P],(rommel)[V])[V]
aanruisen	((aan)[P],(ruis)[V])[V]
aanrukken	((aan)[P],(ruk)[V])[V]
aanschaffen	((aan)[P],(schaf)[V])[V]
aanschaffing	(((aan)[P],(schaf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanschakelen	((aan)[P],(schakel)[V])[V]
aanscharrelen	((aan)[P],(scharrel)[V])[V]
aanschellen	((aan)[P],(schel)[V])[V]
aanscherpen	((aan)[P],(scherp)[V])[V]
aanscherping	(((aan)[P],(scherp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanschieten	((aan)[P],(schiet)[V])[V]
aanschikken	((aan)[P],(schik)[V])[V]
aanschoffelen	((aan)[P],(schoffel)[V])[V]
aanschoppen	((aan)[P],(schop)[V])[V]
aanschouwelijkheid	((((aan)[P],(schouw)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aanschouwen	((aan)[P],(schouw)[V])[V]
aanschouwing	(((aan)[P],(schouw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanschouwingsonderwijs	((((aan)[P],(schouw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(onderwijs)[N])[N]
aanschouwingsvermogen	((((aan)[P],(schouw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
aanschrappen	((aan)[P],(schrap)[V])[V]
aanschreeuwen	((aan)[P],(schreeuw)[V])[V]
aanschrijden	((aan)[P],(schrijd)[V])[V]
aanschrijven	((aan)[P],(schrijf)[V])[V]
aanschrijving	(((aan)[P],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanschrijvingsbiljet	((((aan)[P],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(biljet)[N])[N]
aanschroeven	((aan)[P],(schroef)[V])[V]
aanschuinen	((aan)[P],(schuin)[V])[V]
aanschuiven	((aan)[P],(schuif)[V])[V]
aansjokken	((aan)[P],(sjok)[V])[V]
aansjorren	((aan)[P],(sjor)[V])[V]
aansjorring	(((aan)[P],(sjor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aansjouwen	((aan)[P],(sjouw)[V])[V]
aanslaan	((aan)[P],(sla)[V])[V]
aanslagbeitel	((aanslag)[N],(beitel)[N])[N]
aanslagbiljet	((aanslag)[N],(biljet)[N])[N]
aanslaghouding	((aanslag)[N],(houding)[N])[N]
aanslenteren	((aan)[P],(slenter)[V])[V]
aanslepen	((aan)[P],(sleep)[V])[V]
aansleuren	((aan)[P],(sleur)[V])[V]
aanslibben	((aan)[P],(slib)[V])[V]
aanslibbing	(((aan)[P],(slib)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanslibsel	(((aan)[P],(slib)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
aanslijken	((aan)[P],(slijk)[N])[V]
aanslijking	(((aan)[P],(slijk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanslijmen	((aan)[P],(slijm)[V])[V]
aanslijpen	((aan)[P],(slijp)[V])[V]
aansloffen	((aan)[P],(slof)[V])[V]
aansluipen	((aan)[P],(sluip)[V])[V]
aansluiten	((aan)[P],(sluit)[V])[V]
aansluiting	(((aan)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aansluitingskosten	((((aan)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
aansluitingsmoeilijkheid	((((aan)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
aansluitingsmogelijkheid	((((aan)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
aansluitingsplaats	((((aan)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plaats)[N])[N]
aansluitingsprobleem	((((aan)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
aansluitingspunt	((((aan)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
aansmeden	((aan)[P],(smeed)[V])[V]
aansmeren	((aan)[P],(smeer)[V])[V]
aansmering	(((aan)[P],(smeer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aansmijten	((aan)[P],(smijt)[V])[V]
aansnauwen	((aan)[P],(snauw)[V])[V]
aansnede	((aan)[P],(snede)[N])[N]
aansnee	((aan)[P],(snee)[N])[N]
aansnellen	((aan)[P],(snel)[V])[V]
aansnijden	((aan)[P],(snijd)[V])[V]
aansnijding	(((aan)[P],(snijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aansnoeren	((aan)[P],(snoer)[V])[V]
aansnorren	((aan)[P],(snor)[V])[V]
aanspannen	((aan)[P],(span)[V])[V]
aanspanner	(((aan)[P],(span)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanspanning	(((aan)[P],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanspelden	((aan)[P],(speld)[V])[V]
aanspelen	((aan)[P],(speel)[V])[V]
aanspeten	((aan)[P],(speet)[V])[V]
aanspijkeren	((aan)[P],(spijker)[V])[V]
aanspinnen	((aan)[P],(spin)[V])[V]
aanspoeden	((aan)[P],(spoed)[V])[V]
aanspoelen	((aan)[P],(spoel)[V])[V]
aanspoeling	(((aan)[P],(spoel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanspoelsel	(((aan)[P],(spoel)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
aanspoorder	(((aan)[P],(spoor)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
aansporen	((aan)[P],(spoor)[V])[V]
aansporing	(((aan)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanspraak	((aan)[P],(spraak)[N])[N]
aansprakelijk	(((aan)[P],(spreek)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
aansprakelijkheid	((((aan)[P],(spreek)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aansprakelijkheidsverzekering	(((((aan)[P],(spreek)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aanspreekbaar	(((aan)[P],(spreek)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
aanspreekbaarheid	((((aan)[P],(spreek)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aanspreekster	(((aan)[P],(spreek)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
aanspreektitel	(((aan)[P],(spreek)[V])[V],(titel)[N])[N]
aanspreekvorm	(((aan)[P],(spreek)[V])[V],(vorm)[N])[N]
aanspreken	((aan)[P],(spreek)[V])[V]
aanspreker	(((aan)[P],(spreek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanspreking	(((aan)[P],(spreek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanspringen	((aan)[P],(spring)[V])[V]
aanstaan	((aan)[P],(sta)[V])[V]
aanstampen	((aan)[P],(stamp)[V])[V]
aanstamper	(((aan)[P],(stamp)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanstamping	(((aan)[P],(stamp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanstappen	((aan)[P],(stap)[V])[V]
aanstaren	((aan)[P],(staar)[V])[V]
aansteekvlam	(((aan)[P],(steek)[V])[V],(vlam)[N])[N]
aanstekelijk	(((aan)[P],(steek)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
aanstekelijkheid	((((aan)[P],(steek)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aansteken	((aan)[P],(steek)[V])[V]
aansteker	(((aan)[P],(steek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aansteking	(((aan)[P],(steek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanstellen	((aan)[P],(stel)[V])[V]
aansteller	(((aan)[P],(stel)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanstellerig	(((aan)[P],(stel)[V])[V],(erig)[A|V.])[A]
aanstellerigheid	((((aan)[P],(stel)[V])[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aanstellerij	(((aan)[P],(stel)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
aanstelling	(((aan)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanstellingsbeleid	((((aan)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
aanstellingsbrief	((((aan)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
aanstelster	(((aan)[P],(stel)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
aansterken	((aan)[P],(sterk)[V])[V]
aansterven	((aan)[P],(sterf)[V])[V]
aanstevenen	((aan)[P],(steven)[V])[V]
aanstichten	((aan)[P],(sticht)[V])[V]
aanstichter	(((aan)[P],(sticht)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanstichting	(((aan)[P],(sticht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanstichtster	(((aan)[P],(sticht)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
aanstiefelen	((aan)[P],(stiefel)[V])[V]
aanstijven	((aan)[P],(stijf)[V])[V]
aanstikken	((aan)[P],(stik)[V])[V]
aanstippen	((aan)[P],(stip)[V])[V]
aanstipping	(((aan)[P],(stip)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanstoken	((aan)[P],(stook)[V])[V]
aanstoker	(((aan)[P],(stook)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanstomen	((aan)[P],(stoom)[V])[V]
aanstookster	(((aan)[P],(stook)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
aanstoppen	((aan)[P],(stop)[V])[V]
aanstormen	((aan)[P],(storm)[V])[V]
aanstorten	((aan)[P],(stort)[V])[V]
aanstorting	(((aan)[P],(stort)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanstotelijk	(((aan)[P],(stoot)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
aanstotelijkheid	((((aan)[P],(stoot)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aanstoten	((aan)[P],(stoot)[V])[V]
aanstoting	(((aan)[P],(stoot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanstouwen	((aan)[P],(stouw)[V])[V]
aanstranden	((aan)[P],(strand)[V])[V]
aanstrepen	((aan)[P],(streep)[V])[V]
aanstreping	(((aan)[P],(streep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanstrijken	((aan)[P],(strijk)[V])[V]
aanstrikken	((aan)[P],(strik)[V])[V]
aanstromen	((aan)[P],(stroom)[V])[V]
aanstrompelen	((aan)[P],(strompel)[V])[V]
aanstuiven	((aan)[P],(stuif)[V])[V]
aanstuiving	(((aan)[P],(stuif)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aansturen	((aan)[P],(stuur)[V])[V]
aanstuwen	((aan)[P],(stuw)[V])[V]
aansukkelen	((aan)[P],(sukkel)[V])[V]
aantakelen	((aan)[P],(takel)[V])[V]
aantal	((aan)[P],(tal)[N])[N]
aantappen	((aan)[P],(tap)[V])[V]
aantasten	((aan)[P],(tast)[V])[V]
aantasting	(((aan)[P],(tast)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aantekenaar	(((aan)[P],(teken)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
aantekenboek	(((aan)[P],(teken)[V])[V],(boek)[N])[N]
aantekenen	((aan)[P],(teken)[V])[V]
aantekengeld	(((aan)[P],(teken)[V])[V],(geld)[N])[N]
aantekening	(((aan)[P],(teken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aantekeningspartij	((((aan)[P],(teken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(partij)[N])[N]
aantekenkantoor	(((aan)[P],(teken)[V])[V],(kantoor)[N])[N]
aantekenpartij	(((aan)[P],(teken)[V])[V],(partij)[N])[N]
aantekenrecht	(((aan)[P],(teken)[V])[V],(recht)[N])[N]
aantekenschrift	(((aan)[P],(teken)[V])[V],(schrift)[N])[N]
aantelen	((aan)[P],(teel)[V])[V]
aanteling	(((aan)[P],(teel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aantijgen	((aan)[P],(tijg)[V])[V]
aantijger	(((aan)[P],(tijg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aantijging	(((aan)[P],(tijg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aantikken	((aan)[P],(tik)[V])[V]
aantimmeren	((aan)[P],(timmer)[V])[V]
aantoetsen	((in)[P],(toets)[V])[V]
aantonen	((aan)[P],(toon)[V])[V]
aantoning	(((aan)[P],(toon)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aantoonbaar	(((aan)[P],(toon)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
aantoonbaarheid	((((aan)[P],(toon)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aantrappen	((aan)[P],(trap)[V])[V]
aantreden	((aan)[P],(treed)[V])[V]
aantreeplaats	(((aan)[P],(treed)[V])[V],(plaats)[N])[N]
aantreffen	((aan)[P],(tref)[V])[V]
aantrekkelijk	(((aan)[P],(trek)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
aantrekkelijkheid	((((aan)[P],(trek)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aantrekken	((aan)[P],(trek)[V])[V]
aantrekker	(((aan)[P],(trek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aantrekking	(((aan)[P],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aantrekkingskracht	((((aan)[P],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
aantrekkingsvermogen	((((aan)[P],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
aantrippelen	((aan)[P],(trippel)[V])[V]
aantrouwing	((aan)[P],(trouw)[V],(ing)[N|PV.])[N]
aanturen	((aan)[P],(tuur)[V])[V]
aanvaardbaar	((aanvaard)[V],(baar)[A|V.])[A]
aanvaardbaarheid	(((aanvaard)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aanvaarding	((aanvaard)[V],(ing)[N|V.])[N]
aanvaardingsproces	(((aanvaard)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
aanvaarpaal	(((aan)[P],(vaar)[V])[V],(paal)[N])[N]
aanvaart	((aan)[P],(vaart)[N])[N]
aanvallen	((aan)[P],(val)[V])[V]
aanvaller	(((aan)[P],(val)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanvallig	(((aan)[P],(val)[V])[V],(ig)[A|V.])[A]
aanvalligheid	((((aan)[P],(val)[V])[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aanvalsactie	((aanval)[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
aanvalsbasis	((aanval)[N],(s)[N|N.N],(basis)[N])[N]
aanvalsbevel	((aanval)[N],(s)[N|N.N],(bevel)[N])[N]
aanvalscolonne	((aanval)[N],(s)[N|N.N],(colonne)[N])[N]
aanvalsdrift	((aanval)[N],(s)[N|N.N],(drift)[N])[N]
aanvalsfront	((aanval)[N],(s)[N|N.N],(front)[N])[N]
aanvalskracht	((aanval)[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
aanvalskreet	((aanval)[N],(s)[N|N.N],(kreet)[N])[N]
aanvalslinie	((aanval)[N],(s)[N|N.N],(linie)[N])[N]
aanvalsoorlog	((aanval)[N],(s)[N|N.N],(oorlog)[N])[N]
aanvalsplan	((aanval)[N],(s)[N|N.N],(plan)[N])[N]
aanvalspositie	((aanval)[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
aanvalssein	((aanval)[N],(s)[N|N.N],(sein)[N])[N]
aanvalstactiek	((aanval)[N],(s)[N|N.N],(((tact)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
aanvalsteken	((aanval)[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
aanvalster	(((aan)[P],(val)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
aanvalswapen	((aanval)[N],(s)[N|N.N],(wapen)[N])[N]
aanvalswijs	((aanval)[N],(s)[N|N.N],(wijs)[N])[N]
aanvalswijze	((aanval)[N],(s)[N|N.N],(wijze)[N])[N]
aanvangen	((aan)[P],(vang)[V])[V]
aanvanger	(((aan)[P],(vang)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanvangsdatum	((aanvang)[N],(s)[N|N.N],(datum)[N])[N]
aanvangsjaar	((aanvang)[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
aanvangsklas	((aanvang)[N],(s)[N|N.N],(klas)[N])[N]
aanvangsklasse	((aanvang)[N],(s)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
aanvangsperiode	((aanvang)[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
aanvangspunt	((aanvang)[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
aanvangssalaris	((aanvang)[N],(s)[N|N.N],(salaris)[N])[N]
aanvangssituatie	((aanvang)[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
aanvangssnelheid	((aanvang)[N],(s)[N|N.N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
aanvangsstadium	((aanvang)[N],(s)[N|N.N],(stadium)[N])[N]
aanvangstijd	((aanvang)[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
aanvangstijdstip	((aanvang)[N],(s)[N|N.N],((tijd)[N],(stip)[N])[N])[N]
aanvangsuur	((aanvang)[N],(s)[N|N.N],(uur)[N])[N]
aanvankelijk	(((aan)[P],(vang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
aanvaren	((aan)[P],(vaar)[V])[V]
aanvaring	(((aan)[P],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanvaringsschot	((((aan)[P],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schot)[N])[N]
aanvatten	((aan)[P],(vat)[V])[V]
aanvatting	(((aan)[P],(vat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanvechtbaar	(((aan)[P],(vecht)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
aanvechten	((aan)[P],(vecht)[V])[V]
aanvechting	(((aan)[P],(vecht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanvegen	((aan)[P],(veeg)[V])[V]
aanverstorven	((aan)[P],(verstorven)[A])[A]
aanverwant	((aan)[P],(verwant)[N])[N]
aanverwante	(((aan)[P],(verwant)[A])[A],(e)[N|A.])[N]
aanverwantschap	(((aan)[P],(verwant)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
aanvetten	((aan)[P],(vet)[V])[V]
aanvijl	((aan)[P],(vijl)[V])[N]
aanvijlen	((aan)[P],(vijl)[V])[V]
aanvijlsblok	(((aan)[P],(vijl)[V])[N],(s)[N|N.N],(blok)[N])[N]
aanvijzen	((aan)[P],(vijs)[V])[V]
aanvlammen	((aan)[P],(vlam)[V])[V]
aanvlechten	((aan)[P],(vlecht)[V])[V]
aanvliegen	((aan)[P],(vlieg)[V])[V]
aanvlieging	(((aan)[P],(vlieg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanvliegroute	(((aan)[P],(vlieg)[V])[V],(route)[N])[N]
aanvloeien	((aan)[P],(vloei)[V])[V]
aanvlotten	((aan)[P],(vlot)[V])[V]
aanvoegen	((aan)[P],(voeg)[V])[V]
aanvoeging	(((aan)[P],(voeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanvoegsel	(((aan)[P],(voeg)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
aanvoelen	((aan)[P],(voel)[V])[V]
aanvoeling	(((aan)[P],(voel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanvoelingsvermogen	((((aan)[P],(voel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
aanvoerbuis	(((aan)[P],(voer)[V])[V],(buis)[N])[N]
aanvoerder	(((aan)[P],(voer)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
aanvoeren	((aan)[P],(voer)[V])[V]
aanvoerhaven	(((aan)[P],(voer)[V])[V],(haven)[N])[N]
aanvoering	(((aan)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanvoerpijp	(((aan)[P],(voer)[V])[V],(pijp)[N])[N]
aanvoerrol	(((aan)[P],(voer)[V])[V],(rol)[N])[N]
aanvoerster	(((aan)[P],(voer)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
aanvraag	((aan)[P],(vraag)[N])[N]
aanvraagprocedure	(((aan)[P],(vraag)[V])[V],(procedure)[N])[N]
aanvraagster	(((aan)[P],(vraag)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
aanvragen	((aan)[P],(vraag)[V])[V]
aanvrager	(((aan)[P],(vraag)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanvreten	((aan)[P],(vreet)[V])[V]
aanvullen	((aan)[P],(vul)[V])[V]
aanvulling	(((aan)[P],(vul)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanvullingsbegroting	((((aan)[P],(vul)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aanvullingsexamen	((((aan)[P],(vul)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(examen)[N])[N]
aanvullingskohier	((((aan)[P],(vul)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kohier)[N])[N]
aanvullingstroepen	((((aan)[P],(vul)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(troep)[N])[N]
aanvulsel	(((aan)[P],(vul)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
aanvuren	((aan)[P],(vuur)[V])[V]
aanvuring	(((aan)[P],(vuur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanwaaien	((aan)[P],(waai)[V])[V]
aanwaggelen	((aan)[P],(waggel)[V])[V]
aanwakkeren	((aan)[P],(wakker)[A])[V]
aanwandelen	((aan)[P],(wandel)[V])[V]
aanwassen	((aan)[P],(was)[V])[V]
aanwassing	(((aan)[P],(was)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanwendbaar	(((aan)[P],(wend)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
aanwendbaarheid	((((aan)[P],(wend)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aanwenden	((aan)[P],(wend)[V])[V]
aanwending	(((aan)[P],(wend)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanwendingsmogelijkheid	((((aan)[P],(wend)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
aanwennen	((aan)[P],(wen)[V])[V]
aanwenning	(((aan)[P],(wen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanwensel	(((aan)[P],(wen)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
aanwentelen	((aan)[P],(wentel)[V])[V]
aanwerpen	((aan)[P],(werp)[V])[V]
aanwerven	((aan)[P],(werf)[V])[V]
aanwerver	(((aan)[P],(werf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanwerving	(((aan)[P],(werf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanwetten	((aan)[P],(wet)[V])[V]
aanweven	((aan)[P],(weef)[V])[V]
aanwezigheid	((aanwezig)[A],(heid)[N|A.])[N]
aanwezigheidslijst	(((aanwezig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
aanwijsbaar	(((aan)[P],(wijs)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
aanwijsstok	(((aan)[P],(wijs)[V])[V],(stok)[N])[N]
aanwijzen	((aan)[P],(wijs)[V])[V]
aanwijzer	(((aan)[P],(wijs)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanwijzing	(((aan)[P],(wijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanwijzingsbevoegdheid	((((aan)[P],(wijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
aanwijzingsbord	((((aan)[P],(wijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bord)[N])[N]
aanwinnen	((aan)[P],(win)[V])[V]
aanwinning	(((aan)[P],(win)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanwinst	(((aan)[P],(win)[V])[V],(st)[N|V.])[N]
aanwippen	((aan)[P],(wip)[V])[V]
aanwoekeren	((aan)[P],(woeker)[V])[V]
aanwrijven	((aan)[P],(wrijf)[V])[V]
aanwrijving	(((aan)[P],(wrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanzaaien	((aan)[P],(zaai)[V])[V]
aanzakken	((aan)[P],(zak)[V])[V]
aanzanden	((aan)[P],(zand)[V])[V]
aanzeggen	((aan)[P],(zet)[V])[V]
aanzeggen	((aan)[P],(zeg)[V])[V]
aanzegger	(((aan)[P],(zeg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanzegging	(((aan)[P],(zeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanzeilen	((aan)[P],(zeil)[V])[V]
aanzeiling	(((aan)[P],(zeil)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanzet	((aan)[P],(zet)[N])[N]
aanzethamer	(((aan)[P],(zet)[V])[V],(hamer)[N])[N]
aanzetriem	(((aan)[P],(zet)[V])[V],(riem)[N])[N]
aanzetschroef	(((aan)[P],(zet)[N])[N],(schroef)[N])[N]
aanzetsel	(((aan)[P],(zet)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
aanzetslinger	(((aan)[P],(zet)[V])[V],(slinger)[N])[N]
aanzetstaal	(((aan)[P],(zet)[V])[V],(staal)[N])[N]
aanzetsteen	(((aan)[P],(zet)[N])[N],(steen)[N])[N]
aanzetster	(((aan)[P],(zet)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
aanzetstok	(((aan)[P],(zet)[V])[V],(stok)[N])[N]
aanzetstuk	(((aan)[P],(zet)[V])[V],(stuk)[N])[N]
aanzetter	(((aan)[P],(zet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanzetting	(((aan)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanzetvijl	(((aan)[P],(zet)[V])[V],(vijl)[N])[N]
aanzeulen	((aan)[P],(zeul)[V])[V]
aanzeuren	((aan)[P],(zeur)[V])[V]
aanzien	((aan)[P],(zie)[V])[V]
aanzienlijk	((aanzien)[V],(lijk)[A|V.])[A]
aanzienlijkheid	(((aanzien)[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aanzijn	((aan)[P],(zijn)[N])[N]
aanzitten	((aan)[P],(zit)[V])[V]
aanzoeken	((aan)[P],(zoek)[V])[V]
aanzoeker	(((aan)[P],(zoek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aanzoeten	((aan)[P],(zoet)[V])[V]
aanzuigen	((aan)[P],(zuig)[V])[V]
aanzuiging	(((aan)[P],(zuig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanzuiveren	((aan)[P],(zuiver)[V])[V]
aanzuivering	(((aan)[P],(zuiver)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aanzwaaien	((aan)[P],(zwaai)[V])[V]
aanzwellen	((aan)[P],(zwel)[V])[V]
aanzwemmen	((aan)[P],(zwem)[V])[V]
aanzwengelen	((aan)[P],(zwengel)[V])[V]
aanzwepen	((aan)[P],(zweep)[V])[V]
aanzweven	((aan)[P],(zweef)[V])[V]
aanzwoegen	((aan)[P],(zwoeg)[V])[V]
aap	(aap)[N]
aapachtig	((aap)[N],(achtig)[A|N.])[A]
aapjessnuif	((aap)[N],(s)[N|N.N],(snuif)[N])[N]
aapjeszeep	((aap)[N],(s)[N|N.N],(zeep)[N])[N]
aapmens	((aap)[N],(mens)[N])[N]
aar	(aar)[N]
aarbussel	((aar)[N],(bussel)[N])[N]
aard	(aard)[N]
aardachtig	((aard)[N],(achtig)[A|N.])[A]
aardaker	((aard)[N],(aker)[N])[N]
aardamandel	((aarde)[N],(amandel)[N])[N]
aardappel	((aarde)[N],(appel)[N])[N]
aardappelakker	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(akker)[N])[N]
aardappelbak	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(bak)[N])[N]
aardappelboer	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(boer)[N])[N]
aardappelbovist	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(bovist)[N])[N]
aardappelbuik	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(buik)[N])[N]
aardappelcampagne	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(campagne)[N])[N]
aardappeldeeg	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(deeg)[N])[N]
aardappelhakker	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(hak)[V],(er)[N|NV.])[N]
aardappelkelder	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(kelder)[N])[N]
aardappelkever	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(kever)[N])[N]
aardappelknol	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(knol)[N])[N]
aardappelkriel	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(kriel)[N])[N]
aardappelkroket	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(kroket)[N])[N]
aardappelmeel	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(meel)[N])[N]
aardappelmesje	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(mes)[N])[N]
aardappelmoeheid	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],((moe)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
aardappelpan	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(pan)[N])[N]
aardappelplant	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(plant)[N])[N]
aardappelpoter	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(poot)[V],(er)[N|NV.])[N]
aardappelpuree	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(puree)[N])[N]
aardappelrooien	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(rooi)[V])[V]
aardappelrooier	((((aarde)[N],(appel)[N])[N],(rooi)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aardappelsalade	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(salade)[N])[N]
aardappelschijf	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(schijf)[N])[N]
aardappelschiller	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(schil)[V],(er)[N|NV.])[N]
aardappelschilmesje	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(schilmes)[N])[N]
aardappelsoep	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(soep)[N])[N]
aardappelstijfsel	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],((stijf)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
aardappelstroop	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(stroop)[N])[N]
aardappelveld	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(veld)[N])[N]
aardappelvlokken	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],(vlok)[N])[N]
aardappelziekte	(((aarde)[N],(appel)[N])[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
aardas	((aarde)[N],(as)[N])[N]
aardatmosfeer	((aarde)[N],(atmosfeer)[N])[N]
aardbaan	((aarde)[N],(baan)[N])[N]
aardbeiboom	((aardbei)[N],(boom)[N])[N]
aardbeienbed	((aardbei)[N],(en)[N|N.N],(bed)[N])[N]
aardbeiengelei	((aardbei)[N],(en)[N|N.N],(gelei)[N])[N]
aardbeienijs	((aardbei)[N],(en)[N|N.N],(ijs)[N])[N]
aardbeienjam	((aardbei)[N],(en)[N|N.N],(jam)[N])[N]
aardbeienneus	((aardbei)[N],(en)[N|N.N],(neus)[N])[N]
aardbeiensorbet	((aardbei)[N],(en)[N|N.N],(sorbet)[N])[N]
aardbeientaart	((aardbei)[N],(en)[N|N.N],(taart)[N])[N]
aardbeienteelt	((aardbei)[N],(en)[N|N.N],(teelt)[N])[N]
aardbeientijd	((aardbei)[N],(en)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
aardbeiklaver	((aardbei)[N],(klaver)[N])[N]
aardbeiloof	((aardbei)[N],(loof)[N])[N]
aardbeiplant	((aardbei)[N],(plant)[N])[N]
aardbeistruik	((aardbei)[N],(struik)[N])[N]
aardberging	((aarde)[N],(berg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
aardbeving	((aarde)[N],((beef)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aardbevingsgebied	(((aarde)[N],((beef)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(gebied)[N])[N]
aardbevingsgolf	(((aarde)[N],((beef)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(golf)[N])[N]
aardbevingsgordel	(((aarde)[N],((beef)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(gordel)[N])[N]
aardbevingshaard	(((aarde)[N],((beef)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(haard)[N])[N]
aardbevingsmeter	(((aarde)[N],((beef)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.Vx],(meet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
aardbewoner	((aarde)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
aardbewoonster	((aarde)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
aardbij	((aarde)[N],(bij)[N])[N]
aardbodem	((aarde)[N],(bodem)[N])[N]
aardbol	((aarde)[N],(bol)[N])[N]
aardboog	((aarde)[N],(boog)[N])[N]
aardboor	((aarde)[N],(boor)[N])[N]
aardbrand	((aarde)[N],(brand)[N])[N]
aardbuil	((aarde)[N],(buil)[N])[N]
aarddraad	((aard)[V],(draad)[N])[N]
aardduivel	((aarde)[N],(duivel)[N])[N]
aarde	(aarde)[N]
aardebaan	((aarde)[N],(baan)[N])[N]
aardedonker	((aarde)[N],(donker)[N])[N]
aardegoed	((aarde)[N],(goed)[N])[N]
aardelektrode	((aard)[V],(elektrode)[N])[N]
aarden	(aard)[V]
aarden	((aarde)[N],(en)[A|N.])[A]
aardeteken	((aarde)[N],(teken)[N])[N]
aardeweg	((aarde)[N],(weg)[N])[N]
aardewerk	((aarde)[N],(werk)[N])[N]
aardewerken	(((aarde)[N],(werk)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
aardewerker	(((aarde)[N],(werk)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
aardewerkfabriek	(((aarde)[N],(werk)[N])[N],(fabriek)[N])[N]
aardewerkschuit	(((aarde)[N],(werk)[N])[N],(schuit)[N])[N]
aardewerkwinkel	((aarde)[N],((werk)[V],(winkel)[N])[N])[N]
aardfout	((aard)[V],(fout)[N])[N]
aardgas	((aarde)[N],(gas)[N])[N]
aardgasbaten	(((aarde)[N],(gas)[N])[N],(baat)[N])[N]
aardgasbel	(((aarde)[N],(gas)[N])[N],(bel)[N])[N]
aardgasnet	(((aarde)[N],(gas)[N])[N],(net)[N])[N]
aardgasopbrengst	(((aarde)[N],(gas)[N])[N],(((op)[P],(breng)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
aardgastanker	(((aarde)[N],(gas)[N])[N],((tank)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
aardgasterminal	(((aarde)[N],(gas)[N])[N],(terminal)[N])[N]
aardgeest	((aarde)[N],(geest)[N])[N]
aardgewas	((aarde)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
aardglobe	((aarde)[N],(globe)[N])[N]
aardgoed	((aarde)[N],(goed)[N])[N]
aardgordel	((aarde)[N],(gordel)[N])[N]
aardhars	((aarde)[N],(hars)[N])[N]
aardhommel	((aarde)[N],(hommel)[N])[N]
aardhoop	((aarde)[N],(hoop)[N])[N]
aardigheid	((aardig)[A],(heid)[N|A.])[N]
aarding	((aard)[V],(ing)[N|V.])[N]
aardkastanje	((aarde)[N],(kastanje)[N])[N]
aardkern	((aarde)[N],(kern)[N])[N]
aardklem	((aard)[V],(klem)[N])[N]
aardklomp	((aarde)[N],(klomp)[N])[N]
aardklont	((aarde)[N],(klont)[N])[N]
aardkloot	((aarde)[N],(kloot)[N])[N]
aardkluit	((aarde)[N],(kluit)[N])[N]
aardkorst	((aarde)[N],(korst)[N])[N]
aardkrekel	((aarde)[N],(krekel)[N])[N]
aardkromming	((aarde)[N],((krom)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aardkuil	((aarde)[N],(kuil)[N])[N]
aardkunde	((aarde)[N],(kunde)[N])[N]
aardkundig	(((aarde)[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
aardlaag	((aarde)[N],(laag)[N])[N]
aardleiding	((aarde)[N],((leid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aardlevering	((aarde)[N],((lever)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aardmagnetisme	((aarde)[N],(magnetisme)[N])[N]
aardmannetje	((aarde)[N],(man)[N])[N]
aardmassa	((aarde)[N],(massa)[N])[N]
aardmeetkunde	((aarde)[N],((meet)[V],(kunde)[N])[N])[N]
aardmetalen	((aarde)[N],(metaal)[N])[N]
aardmeting	((aarde)[N],(meet)[V],(ing)[N|NV.])[N]
aardmijt	((aarde)[N],(mijt)[N])[N]
aardmolm	((aarde)[N],(molm)[N])[N]
aardmuis	((aarde)[N],(muis)[N])[N]
aardnoot	((aarde)[N],(noot)[N])[N]
aardnotenolie	(((aarde)[N],(noot)[N])[N],(en)[N|N.N],(olie)[N])[N]
aardolie	((aarde)[N],(olie)[N])[N]
aardolieproduct	(((aarde)[N],(olie)[N])[N],(product)[N])[N]
aardoppervlak	((aarde)[N],((opper)[N|.N],(vlak)[N])[N])[N]
aardoppervlakte	((aarde)[N],((opper)[N|.N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N])[N]
aardpeer	((aarde)[N],(peer)[N])[N]
aardpek	((aarde)[N],(pek)[N])[N]
aardplooi	((aarde)[N],(plooi)[N])[N]
aardpool	((aarde)[N],(pool)[N])[N]
aardprofiel	((aarde)[N],(profiel)[N])[N]
aardrijk	((aarde)[N],(rijk)[N])[N]
aardrijkskunde	(((aarde)[N],(rijk)[N])[N],(s)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
aardrijkskundeboek	((((aarde)[N],(rijk)[N])[N],(s)[N|N.N],(kunde)[N])[N],(boek)[N])[N]
aardrijkskundig	((((aarde)[N],(rijk)[N])[N],(s)[N|N.N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
aardrol	((aarde)[N],(rol)[N])[N]
aardrook	((aarde)[N],(rook)[N])[N]
aardrups	((aarde)[N],(rups)[N])[N]
aards	((aarde)[N],(s)[A|N.])[A]
aardschaduw	((aarde)[N],(schaduw)[N])[N]
aardschijn	((aarde)[N],(schijn)[N])[N]
aardschok	((aarde)[N],(schok)[N])[N]
aardschors	((aarde)[N],(schors)[N])[N]
aardschudding	((aarde)[N],((schud)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aardsgezind	((aarde)[N],(s)[A|N.A],(gezind)[A])[A]
aardsgezindheid	(((aarde)[N],(s)[A|N.A],(gezind)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
aardsheid	(((aarde)[N],(s)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
aardslak	((aarde)[N],(slak)[N])[N]
aardslang	((aarde)[N],(slang)[N])[N]
aardsluiting	((aarde)[N],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aardspin	((aarde)[N],(spin)[N])[N]
aardster	((aarde)[N],(ster)[N])[N]
aardstorting	((aarde)[N],((stort)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aardstraal	((aarde)[N],(straal)[N])[N]
aardstralenkastje	(((aarde)[N],(straal)[N])[N],(en)[N|N.N],(kast)[N])[N]
aardstraling	((aarde)[N],((straal)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aardstroom	((aarde)[N],(stroom)[N])[N]
aardtor	((aarde)[N],(tor)[N])[N]
aardtrilling	((aarde)[N],((tril)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aardvarken	((aarde)[N],(varken)[N])[N]
aardvast	((aarde)[N],(vast)[A])[A]
aardveil	((aarde)[N],(veil)[N])[N]
aardverbinding	((aarde)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aardverf	((aarde)[N],(verf)[N])[N]
aardverschuiving	((aarde)[N],(((ver)[V|.V],(schuif)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aardvlo	((aarde)[N],(vlo)[N])[N]
aardvork	((aarde)[N],(vork)[N])[N]
aardvrucht	((aarde)[N],(vrucht)[N])[N]
aardwarmte	((aarde)[N],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
aardwas	((aarde)[N],(was)[N])[N]
aardwerk	((aarde)[N],(werk)[N])[N]
aardwerker	(((aarde)[N],(werk)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
aardwetenschappen	((aarde)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
aardwinde	((aarde)[N],(winde)[N])[N]
aardwolf	((aarde)[N],(wolf)[N])[N]
aardworm	((aarde)[N],(worm)[N])[N]
aars	(aars)[N]
aarsdarm	((aars)[N],(darm)[N])[N]
aarsgat	((aars)[N],(gat)[N])[N]
aarskramp	((aars)[N],(kramp)[N])[N]
aarsmade	((aars)[N],(made)[N])[N]
aarsopening	((aars)[N],((open)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aarsvin	((aars)[N],(vin)[N])[N]
aartsbedrieger	((aarts)[N|.N],((bedrieg)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
aartsbedriegster	((aarts)[N|.N],((bedrieg)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
aartsbisdom	((aarts)[N|.N],(bisdom)[N])[N]
aartsbisschop	((aarts)[N|.N],(bisschop)[N])[N]
aartsbisschoppelijk	(((aarts)[N|.N],(bisschop)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
aartsbooswicht	((aarts)[N|.N],((boos)[A],(wicht)[N])[N])[N]
aartsbroederschap	((aarts)[N|.N],((broeder)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
aartsconservatief	((aarts)[A|.A],(((conserveer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
aartsdeugniet	((aarts)[N|.N],((deug)[V],(niet)[B])[N])[N]
aartsdiaken	((aarts)[N|.N],(diaken)[N])[N]
aartsdiakenschap	(((aarts)[N|.N],(diaken)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
aartsdiocees	((aarts)[N|.N],(diocees)[N])[N]
aartsdom	((aarts)[A|.A],(dom)[A])[A]
aartsdomkop	((aarts)[N|.N],((dom)[A],(kop)[N])[N])[N]
aartsengel	((aarts)[N|.N],(engel)[N])[N]
aartshertog	((aarts)[N|.N],(hertog)[N])[N]
aartshertogdom	(((aarts)[N|.N],(hertog)[N])[N],(dom)[N|N.])[N]
aartshertogelijk	((aarts)[A|.A],((hertog)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
aartshertogin	((aarts)[N|.N],((hertog)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
aartshuichelaar	((aarts)[N|.N],((huichel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
aartskanselier	((aarts)[N|.N],(kanselier)[N])[N]
aartsketter	((aarts)[N|.N],(ketter)[N])[N]
aartslelijk	((aarts)[A|.A],(lelijk)[A])[A]
aartsleugenaar	((aarts)[N|.N],((leugen)[N],(aar)[N|N.])[N])[N]
aartsliefhebber	((aarts)[N|.N],(((lief)[A],(heb)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
aartslui	((aarts)[A|.A],(lui)[A])[A]
aartsluiaard	(((aarts)[A|.A],(lui)[A])[A],(aard)[N|A.])[N]
aartsmoeilijk	((aarts)[A|.A],((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
aartspriester	((aarts)[N|.N],(priester)[N])[N]
aartspriesterschap	(((aarts)[N|.N],(priester)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
aartsrivaal	((aarts)[N|.N],(rivaal)[N])[N]
aartsschelm	((aarts)[N|.N],(schelm)[N])[N]
aartstwijfelaar	((aarts)[N|.N],((twijfel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
aartsvader	((aarts)[N|.N],(vader)[N])[N]
aartsvaderlijk	(((aarts)[N|.N],(vader)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A]
aartsverrader	((aarts)[N|.N],((verraad)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
aartsvijand	((aarts)[N|.N],(vijand)[N])[N]
aarvormig	((aar)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
aarzelen	(aarzel)[V]
aarzeling	((aarzel)[V],(ing)[N|V.])[N]
aas	(aas)[N]
aasbloem	((aas)[N],(bloem)[N])[N]
aasdier	((aas)[N],(dier)[N])[N]
aaseter	((aas)[N],(eet)[V],(er)[N|NV.])[N]
aasgier	((aas)[N],(gier)[N])[N]
aasjager	((aas)[N],(jaag)[V],(er)[N|NV.])[N]
aasje	(aas)[N]
aaskever	((aas)[N],(kever)[N])[N]
aastor	((aas)[N],(tor)[N])[N]
aasvlieg	((aas)[N],(vlieg)[N])[N]
aasvogel	((aas)[N],(vogel)[N])[N]
aaszak	((aas)[N],(zak)[N])[N]
aatje	(aat)[N]
abandonnement	(((abandon)[N],(eer)[V|N.])[V],(ement)[N|V.])[N]
abandonneren	((abandon)[N],(eer)[V|N.])[V]
abbatiaal	((abt)[N],(aal)[A|N.])[A]
abbreviatie	((abbrevieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
abbreviatuur	((abbrevieer)[V],(atuur)[N|V.])[N]
abbé	(abbé)[N]
abc-boek	((abc)[N],(boek)[N])[N]
abc-wapens	((abc)[N],(wapen)[N])[N]
abdicatie	((abdiceer)[V],(atie)[N|V.])[N]
abdijkerk	((abdij)[N],(kerk)[N])[N]
abdijschool	((abdij)[N],(school)[N])[N]
abdijsiroop	((abdij)[N],(siroop)[N])[N]
abdominaal	((abdomen)[N],(aal)[A|N.])[A]
abeel	(abeel)[N]
abeelboom	((abeel)[N],(boom)[N])[N]
abelenlaan	((abeel)[N],(en)[N|N.N],(laan)[N])[N]
abituriënte	((abituriënt)[N],(e)[N|N.])[N]
abnormaliteit	((abnormaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
abolitie	((aboleer)[V],(itie)[N|V.])[N]
abolitionistisch	((abolitionist)[N],(isch)[A|N.])[A]
abondance	((abondant)[A],(nce)[N|A.])[N]
abonneetelevisie	((abonnee)[N],(televisie)[N])[N]
abonnement	((abonneer)[V],(ement)[N|V.])[N]
abonnementhouder	(((abonneer)[V],(ement)[N|V.])[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
abonnementhoudster	(((abonneer)[V],(ement)[N|V.])[N],(houd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
abonnementsconcert	(((abonneer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(concert)[N])[N]
abonnementshonorarium	(((abonneer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(honorarium)[N])[N]
abonnementskaart	(((abonneer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
abonnementsprijsverhoging	(((abonneer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((prijs)[N],((ver)[V|.A],(hoog)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
abonnementstarief	(((abonneer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tarief)[N])[N]
abonnementsvoorstelling	(((abonneer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aborteren	((abortus)[N],(eer)[V|N.])[V]
aborteur	(((abortus)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
abortief	((abortus)[N],(ief)[A|N.])[A]
abortuskliniek	((abortus)[N],((klinisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
abortuskwestie	((abortus)[N],(kwestie)[N])[N]
abortuspraktijk	((abortus)[N],(praktijk)[N])[N]
abortusregeling	((abortus)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
abortusvraagstuk	((abortus)[N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
abortuswet	((abortus)[N],(wet)[N])[N]
abricoteren	((abrikoos)[N],(eer)[V|N.])[V]
abrikoos	(abrikoos)[N]
abrikozenboom	((abrikoos)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
abrikozengelei	((abrikoos)[N],(en)[N|N.N],(gelei)[N])[N]
abrikozenpit	((abrikoos)[N],(e)[N|N.N],(pit)[N])[N]
abrikozenschil	((abrikoos)[N],(e)[N|N.N],(schil)[N])[N]
abrikozentaart	((abrikoos)[N],(en)[N|N.N],(taart)[N])[N]
abruptheid	((abrupt)[A],(heid)[N|A.])[N]
absence	((absent)[A],(nce)[N|A.])[N]
absentenlijst	((absent)[A],(en)[N|A.N],(lijst)[N])[N]
absenteren	((absent)[A],(eer)[V|A.])[V]
absentie	((absent)[A],(ie)[N|A.])[N]
absentielijst	(((absent)[A],(ie)[N|A.])[N],(lijst)[N])[N]
absolutie	((absolveer)[V],(utie)[N|V.])[N]
absolutistisch	((absolutist)[N],(isch)[A|N.])[A]
absoluut	(absoluut)[A]
absoluutheid	((absoluut)[A],(heid)[N|A.])[N]
absorbaat	((absorbeer)[V],(aat)[N|V.])[N]
absorptieband	((absorptie)[N],(band)[N])[N]
absorptiecapaciteit	((absorptie)[N],(capaciteit)[N])[N]
absorptiespectrum	((absorptie)[N],(spectrum)[N])[N]
absorptiestreep	((absorptie)[N],(streep)[N])[N]
abstinent	((abstineer)[V],(ent)[N|V.])[N]
abstinentie	(((abstineer)[V],(ent)[A|V.])[A],(ie)[N|A.])[N]
abstinentiedag	((((abstineer)[V],(ent)[A|V.])[A],(ie)[N|A.])[N],(dag)[N])[N]
abstinentiesyndroom	((((abstineer)[V],(ent)[A|V.])[A],(ie)[N|A.])[N],(syndroom)[N])[N]
abstinentieverschijnsel	((((abstineer)[V],(ent)[A|V.])[A],(ie)[N|A.])[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
abstractheid	((abstract)[A],(heid)[N|A.])[N]
abstractie	((abstract)[A],(ie)[N|A.])[N]
abstractiegraad	(((abstract)[A],(ie)[N|A.])[N],(graad)[N])[N]
abstractieniveau	(((abstract)[A],(ie)[N|A.])[N],(niveau)[N])[N]
abstractieproces	(((abstract)[A],(ie)[N|A.])[N],(proces)[N])[N]
abstraheren	((abstract)[A],(eer)[V|A.])[V]
abstrahering	(((abstract)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
absurditeit	((absurd)[A],(iteit)[N|A.])[N]
abt	(abt)[N]
abuis	(abuis)[A]
abundantie	((abundant)[A],(ie)[N|A.])[N]
abuseren	((abuis)[N],(eer)[V|N.])[V]
abusief	((abuis)[N],(ief)[A|N.])[A]
acacia	(acacia)[N]
acaciahout	((acacia)[N],(hout)[N])[N]
acacialaan	((acacia)[N],(laan)[N])[N]
academie	((academisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
academiedag	(((academisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(dag)[N])[N]
academiegebouw	(((academisch)[A],(ie)[N|A.])[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
academiejaar	(((academisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(jaar)[N])[N]
academiestad	(((academisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(stad)[N])[N]
academievergadering	(((academisch)[A],(ie)[N|A.])[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
academievriend	(((academisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(vriend)[N])[N]
acajou	(acajou)[N]
acajouboom	((acajou)[N],(boom)[N])[N]
acanthusblad	((acanthus)[N],(blad)[N])[N]
acceleratie	((accelereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
acceleratiepomp	(((accelereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(pomp)[N])[N]
acceleratieproef	(((accelereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(proef)[N])[N]
acceleratievermogen	(((accelereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(vermogen)[N])[N]
accelerator	((accelereer)[V],(ator)[N|V.])[N]
accent	(accent)[N]
accentteken	((accent)[N],(teken)[N])[N]
accentuatie	(((accent)[N],(ueer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
accentueren	((accent)[N],(ueer)[V|N.])[V]
accentuering	(((accent)[N],(ueer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
accentverlegging	((accent)[N],((ver)[V|.V],(leg)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
accentvers	((accent)[N],(vers)[N])[N]
accentverschuiving	((accent)[N],(((ver)[V|.V],(schuif)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
acceptabel	(((accept)[N],(eer)[V|N.])[V],(abel)[A|V.])[A]
acceptant	(((accept)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N]
acceptatie	(((accept)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
acceptatiegraad	((((accept)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(graad)[N])[N]
acceptenboek	((accept)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
accepteren	((accept)[N],(eer)[V|N.])[V]
acceptgirokaart	((accept)[N],((giro)[N],(kaart)[N])[N])[N]
acceptie	((accept)[N],(ie)[N|N.])[N]
acceptkrediet	((accept)[N],(krediet)[N])[N]
acceptprovisie	((accept)[N],(provisie)[N])[N]
accessie	((acces)[N],(ie)[N|N.])[N]
accidenteel	((accident)[N],(eel)[A|N.])[A]
accijns	(accijns)[N]
accijnskantoor	((accijns)[N],(kantoor)[N])[N]
accijnsrechten	((accijns)[N],(recht)[N])[N]
acclimatisatie	((acclimatiseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
acclimatisatieproces	(((acclimatiseer)[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
acclimatisatiestation	(((acclimatiseer)[V],(atie)[N|V.])[N],(station)[N])[N]
acclimatisatietuin	(((acclimatiseer)[V],(atie)[N|V.])[N],(tuin)[N])[N]
acclimatisering	((acclimatiseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
accommodatie	((accommodeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
accommodatiebeleid	(((accommodeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(beleid)[N])[N]
accommodatieflat	(((accommodeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(flat)[N])[N]
accommodatieplatform	(((accommodeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(platform)[N])[N]
accommodatievermogen	(((accommodeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(vermogen)[N])[N]
accompagnateur	((accompagneer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
accompagnement	((accompagneer)[V],(ement)[N|V.])[N]
accordeonist	((accordeon)[N],(ist)[N|N.])[N]
accordeonmuziek	((accordeon)[N],(muziek)[N])[N]
accoucheur	((accoucheer)[V],(eur)[N|V.])[N]
accountante	((accountant)[N],(e)[N|N.])[N]
accountants-administratieconsulent	((accountant)[N],(s)[N|N.NN],((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(consulent)[N])[N]
accountantsdienst	((accountant)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
accountantsexamen	((accountant)[N],(s)[N|N.N],(examen)[N])[N]
accountantskantoor	((accountant)[N],(s)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
accountantsverslag	((accountant)[N],(s)[N|N.N],(verslag)[N])[N]
accubak	((accu)[N],(bak)[N])[N]
accuklem	((accu)[N],(klem)[N])[N]
accumulatie	((accumuleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
accumulatief	(((accumuleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
accumulatietheorie	(((accumuleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(theorie)[N])[N]
accumulator	((accumuleer)[V],(ator)[N|V.])[N]
accumulatorcentrale	(((accumuleer)[V],(ator)[N|V.])[N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
accumulatorenbatterij	(((accumuleer)[V],(ator)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(batterij)[N])[N]
accuplaat	((accu)[N],(plaat)[N])[N]
accuraat	(accuraat)[A]
accuraatheid	((accuraat)[A],(heid)[N|A.])[N]
accuratesse	((accuraat)[A],(esse)[N|A.])[N]
accusatie	((accuseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
accuseren	(accuseer)[V]
accuvoeding	((accu)[N],((voed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
accuzuur	((accu)[N],(zuur)[N])[N]
ace	(ace)[N]
acetaatzijde	((acetaat)[N],(zijde)[N])[N]
acetyleengas	((acetyleen)[N],(gas)[N])[N]
acetyleenlantaarn	((acetyleen)[N],(lantaarn)[N])[N]
acetyleenlantaren	((acetyleen)[N],(lantaren)[N])[N]
acetyleensnijder	((acetyleen)[N],((snijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
ach	(ach)[N]
achilleshiel	((Achilles)[N],(hiel)[N])[N]
achillespees	((Achilles)[N],(pees)[N])[N]
achristelijk	((a)[A|.A],((christen)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
acht	(acht)[Q]
achtarm	((acht)[Q],(arm)[N])[N]
achtarmig	((acht)[Q],(arm)[N],(ig)[A|QN.])[A]
achtbaan	((acht)[N],(baan)[N])[N]
achtbaar	((acht)[V],(baar)[A|V.])[A]
achtbaarheid	(((acht)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
achtdaags	((acht)[Q],(dag)[N],(s)[A|QN.])[A]
achtdubbel	((acht)[Q],(dubbel)[A])[A]
achtduizend	((acht)[Q],(duizend)[Q])[Q]
achteloos	((acht)[N],(eloos)[A|N.])[A]
achteloosheid	(((acht)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
achten	(acht)[V]
achtender	((acht)[Q],(end)[N],(er)[N|QN.])[N]
achtendertig	(((acht)[Q],(en)[C],((drie)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
achtenswaard	((acht)[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
achtenswaardig	((acht)[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
achtenswaardigheid	(((acht)[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
achtentwintig	((acht)[Q],(en)[C],((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q]
achtentwintigduizend	((((acht)[Q],(en)[C],((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
achteraanblijven	(((achter)[B],(aan)[P])[B],(blijf)[V])[V]
achteraandrijving	((achter)[B],(((aan)[P],(drijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
achteraangaan	(((achter)[B],(aan)[P])[B],(ga)[V])[V]
achteraankomen	(((achter)[B],(aan)[P])[B],(kom)[V])[V]
achteraanlopen	(((achter)[B],(aan)[P])[B],(loop)[V])[V]
achteraanrennen	(((achter)[B],(aan)[P])[B],(ren)[V])[V]
achteraanzicht	((achter)[B],(aanzicht)[N])[N]
achteraanzitten	(((achter)[B],(aan)[P])[B],(zit)[V])[V]
achterafbuurt	(((achter)[P],(af)[P])[B],(buurt)[N])[N]
achterafje	(((achter)[P],(af)[P])[B],(je)[N|B.])[N]
achterafstraat	(((achter)[P],(af)[P])[B],(straat)[N])[N]
achteras	((achter)[B],(as)[N])[N]
achterbak	((achter)[B],(bak)[N])[N]
achterbaksheid	((achterbaks)[A],(heid)[N|A.])[N]
achterbalk	((achter)[B],(balk)[N])[N]
achterbalkon	((achter)[B],(balkon)[N])[N]
achterban	((achter)[B],(ban)[N])[N]
achterband	((achter)[B],(band)[N])[N]
achterbank	((achter)[B],(bank)[N])[N]
achterbeen	((achter)[B],(been)[N])[N]
achterbil	((achter)[B],(bil)[N])[N]
achterblijfster	(((achter)[B],(blijf)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
achterblijven	((achter)[B],(blijf)[V])[V]
achterblijver	(((achter)[B],(blijf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
achterboom	((achter)[B],(boom)[N])[N]
achterbout	((achter)[B],(bout)[N])[N]
achterbuur	((achter)[B],(buur)[N])[N]
achterbuurman	((achter)[B],((buur)[N],(man)[N])[N])[N]
achterbuurt	((achter)[B],(buurt)[N])[N]
achterbuurttaal	(((achter)[B],(buurt)[N])[N],(taal)[N])[N]
achterbuurvrouw	((achter)[B],((buur)[N],(vrouw)[N])[N])[N]
achterdak	((achter)[B],(dak)[N])[N]
achterdeel	((achter)[B],(deel)[N])[N]
achterdek	((achter)[B],(dek)[N])[N]
achterdeur	((achter)[B],(deur)[N])[N]
achterdijks	((achter)[P],(dijk)[N],(s)[A|PN.])[A]
achterdochtig	((achterdocht)[N],(ig)[A|N.])[A]
achterdochtigheid	(((achterdocht)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
achterdoek	((achter)[B],(doek)[N])[N]
achtereenvolgend	((achtereen)[B],(volgend)[A])[A]
achtereind	((achter)[B],(eind)[N])[N]
achtereinde	((achter)[B],(einde)[N])[N]
achtererf	((achter)[B],(erf)[N])[N]
achterflap	((achter)[B],(flap)[N])[N]
achtergaan	((achter)[B],(ga)[V])[V]
achtergalerij	((achter)[B],(galerij)[N])[N]
achtergang	((achter)[B],(gang)[N])[N]
achtergebouw	((achter)[B],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
achtergedeelte	((achter)[B],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
achtergevel	((achter)[B],(gevel)[N])[N]
achtergracht	((achter)[B],(gracht)[N])[N]
achtergrond	((achter)[B],(grond)[N])[N]
achtergrondartikel	(((achter)[B],(grond)[N])[N],(artikel)[N])[N]
achtergronddecor	(((achter)[B],(grond)[N])[N],(decor)[N])[N]
achtergrondfiguur	(((achter)[B],(grond)[N])[N],(figuur)[N])[N]
achtergrondgegeven	(((achter)[B],(grond)[N])[N],(gegeven)[N])[N]
achtergrondgeheugen	(((achter)[B],(grond)[N])[N],(geheugen)[N])[N]
achtergrondgeluid	(((achter)[B],(grond)[N])[N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
achtergrondgesprek	(((achter)[B],(grond)[N])[N],(gesprek)[N])[N]
achtergrondinformatie	(((achter)[B],(grond)[N])[N],(informeer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
achtergrondkoor	(((achter)[B],(grond)[N])[N],(koor)[N])[N]
achtergrondmateriaal	(((achter)[B],(grond)[N])[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
achtergrondmotief	(((achter)[B],(grond)[N])[N],(motief)[N])[N]
achtergrondmuziek	(((achter)[B],(grond)[N])[N],(muziek)[N])[N]
achtergrondstraling	(((achter)[B],(grond)[N])[N],((straal)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
achtergrondstudie	(((achter)[B],(grond)[N])[N],(studie)[N])[N]
achterhaalbaar	(((achter)[B],(haal)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
achterhalen	((achter)[B],(haal)[V])[V]
achterhaling	(((achter)[B],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
achterham	((achter)[B],(ham)[N])[N]
achterhand	((achter)[B],(hand)[N])[N]
achterhandsbeentje	(((achter)[B],(hand)[N])[N],(s)[N|N.N],(been)[N])[N]
achterhesp	((achter)[B],(hesp)[N])[N]
achterhoede	((achter)[B],(hoede)[N])[N]
achterhoedegevecht	(((achter)[B],(hoede)[N])[N],((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N])[N]
achterhoedespeelster	(((achter)[B],(hoede)[N])[N],((speel)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
achterhoedespeler	(((achter)[B],(hoede)[N])[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
achterhoek	((achter)[B],(hoek)[N])[N]
achterhoofd	((achter)[B],(hoofd)[N])[N]
achterhoofdsbeen	(((achter)[B],(hoofd)[N])[N],(s)[N|N.N],(been)[N])[N]
achterhoofdsknobbel	(((achter)[B],(hoofd)[N])[N],(s)[N|N.N],(knobbel)[N])[N]
achterhoofdsligging	(((achter)[B],(hoofd)[N])[N],(s)[N|N.N],((lig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
achterhouden	((achter)[B],(houd)[V])[V]
achterhoudendheid	((achterhoudend)[A],(heid)[N|A.])[N]
achterhouding	(((achter)[B],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
achterhout	((achter)[B],(hout)[N])[N]
achterhuis	((achter)[B],(huis)[N])[N]
achteringang	((achter)[B],(ingang)[N])[N]
achterkamer	((achter)[B],(kamer)[N])[N]
achterkant	((achter)[B],(kant)[N])[N]
achterkasteel	((achter)[B],(kasteel)[N])[N]
achterkeuken	((achter)[B],(keuken)[N])[N]
achterklappen	((achter)[B],(klap)[V])[V]
achterkleindochter	((achter)[B],(kleindochter)[N])[N]
achterkleinkind	((achter)[B],(kleinkind)[N])[N]
achterkleinzoon	((achter)[B],(kleinzoon)[N])[N]
achterklep	((achter)[B],(klep)[N])[N]
achterklinker	((achter)[B],((klink)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
achterkwab	((achter)[B],(kwab)[N])[N]
achterkwartier	((achter)[B],((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
achterlader	((achter)[B],((laad)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
achterland	((achter)[B],(land)[N])[N]
achterlap	((achter)[B],(lap)[N])[N]
achterlast	((achter)[B],(last)[N])[N]
achterlastig	(((achter)[B],(last)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
achterlaten	((achter)[B],(laat)[V])[V]
achterlating	(((achter)[B],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
achterleen	((achter)[B],(leen)[N])[N]
achterleenheer	(((achter)[B],(leen)[N])[N],(heer)[N])[N]
achterleenman	(((achter)[B],(leen)[N])[N],(man)[N])[N]
achterlichaam	((achter)[B],(lichaam)[N])[N]
achterlicht	((achter)[B],(licht)[N])[N]
achterliggen	((achter)[B],(lig)[V])[V]
achterligger	(((achter)[B],(lig)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
achterlijf	((achter)[B],(lijf)[N])[N]
achterlijfssegment	(((achter)[B],(lijf)[N])[N],(s)[N|N.N],(segment)[N])[N]
achterlijk	((achter)[B],(lijk)[A|B.])[A]
achterlijkheid	(((achter)[B],(lijk)[A|B.])[A],(heid)[N|A.])[N]
achterlopen	((achter)[B],(loop)[V])[V]
achterloper	(((achter)[B],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
achterluik	((achter)[B],(luik)[N])[N]
achterman	((achter)[B],(man)[N])[N]
achtermiddag	((achter)[B],(middag)[N])[N]
achternaad	((achter)[B],(naad)[N])[N]
achternaam	((achter)[B],(naam)[N])[N]
achternadoen	((achterna)[B],(doe)[V])[V]
achternagaan	((achterna)[B],(ga)[V])[V]
achternageloop	((achterna)[B],((ge)[N|.V],(loop)[V])[N])[N]
achternageven	((achterna)[B],(geef)[V])[V]
achternalopen	((achterna)[B],(loop)[V])[V]
achternamiddag	((achter)[B],((na)[P],(middag)[N])[N])[N]
achternarijden	((achterna)[B],(rijd)[V])[V]
achternaroepen	((achterna)[B],(roep)[V])[V]
achternasturen	((achterna)[B],(stuur)[V])[V]
achternazenden	((achterna)[B],(zend)[V])[V]
achternazetten	((achterna)[B],(zet)[V])[V]
achternazitten	((achterna)[B],(zit)[V])[V]
achterneef	((achter)[B],(neef)[N])[N]
achternicht	((achter)[B],(nicht)[N])[N]
achternoen	((achter)[P],(noen)[N])[N]
achterom	((achter)[P],(om)[P])[N]
achteromkijken	(((achter)[P],(om)[P])[B],(kijk)[V])[V]
achteromlopen	(((achter)[P],(om)[P])[B],(loop)[V])[V]
achteromzien	(((achter)[P],(om)[P])[B],(zie)[V])[V]
achteronder	((achter)[B],(onder)[B])[N]
achteropkomen	(((achter)[P],(op)[P])[B],(kom)[V])[V]
achteroplopen	(((achter)[P],(op)[P])[B],(loop)[V])[V]
achteropraken	(((achter)[P],(op)[P])[B],(raak)[V])[V]
achteros	((achter)[B],(os)[N])[N]
achteroverdrukken	(((achter)[P],(over)[P])[B],(druk)[V])[V]
achteroverliggen	(((achter)[P],(over)[P])[B],(lig)[V])[V]
achteroverslaan	(((achter)[P],(over)[P])[B],(sla)[V])[V]
achterovervallen	((achter)[B],((over)[P],(val)[V])[V])[V]
achterpaard	((achter)[B],(paard)[N])[N]
achterpad	((achter)[B],(pad)[N])[N]
achterpagina	((achter)[B],(pagina)[N])[N]
achterpand	((achter)[B],(pand)[N])[N]
achterplaats	((achter)[B],(plaats)[N])[N]
achterplan	((achter)[B],(plan)[N])[N]
achterplecht	((achter)[B],(plecht)[N])[N]
achterpoort	((achter)[B],(poort)[N])[N]
achterpoot	((achter)[B],(poot)[N])[N]
achterruit	((achter)[B],(ruit)[N])[N]
achterruitverwarming	(((achter)[B],(ruit)[N])[N],((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
achterschip	((achter)[B],(schip)[N])[N]
achterspatbord	((achter)[B],((spat)[V],(bord)[N])[N])[N]
achterspeler	((achter)[B],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
achterspoiler	((achter)[B],(spoiler)[N])[N]
achterstaan	((achter)[B],(sta)[V])[V]
achterstal	((achter)[B],(stal)[N])[N]
achterstallig	(((achter)[B],(stal)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
achterstalligheid	((((achter)[B],(stal)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
achterstand	((achter)[B],(stand)[N])[N]
achterstandsbeleid	(((achter)[B],(stand)[N])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
achterstandsituatie	(((achter)[B],(stand)[N])[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
achterstandspositie	(((achter)[B],(stand)[N])[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
achterstandssituatie	(((achter)[B],(stand)[N])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
achtersteek	((achter)[B],(steek)[N])[N]
achterstel	((achter)[B],(stel)[N])[N]
achterstellen	((achter)[B],(stel)[V])[V]
achterstelling	(((achter)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
achtersteven	((achter)[B],(steven)[N])[N]
achterstraat	((achter)[B],(straat)[N])[N]
achterstreng	((achter)[B],(streng)[N])[N]
achterstuk	((achter)[B],(stuk)[N])[N]
achtertalie	((achter)[B],(talie)[N])[N]
achtertuin	((achter)[B],(tuin)[N])[N]
achteruitboeren	(((achter)[B],(uit)[B])[B],(boer)[V])[V]
achteruitdeinzen	(((achter)[B],(uit)[B])[B],(deins)[V])[V]
achteruitgaan	(((achter)[B],(uit)[B])[B],(ga)[V])[V]
achteruitgang	((((achter)[B],(uit)[B])[B],(ga)[V])[V])[N]
achteruitgang	((achter)[B],((uit)[P],(gang)[N])[N])[N]
achteruitkijkspiegel	(((achter)[B],(uit)[B])[B],(kijk)[V],(spiegel)[N])[N]
achteruitkrabbelen	(((achter)[B],(uit)[B])[B],(krabbel)[V])[V]
achteruitleren	(((achter)[B],(uit)[B])[B],(leer)[V])[V]
achteruitlopen	((achter)[B],((uit)[P],(loop)[V])[V])[V]
achteruitmarcheren	(((achter)[B],(uit)[B])[B],(marcheer)[V])[V]
achteruitraken	(((achter)[B],(uit)[B])[B],(raak)[V])[V]
achteruitrijden	(((achter)[B],(uit)[B])[B],(rijd)[V])[V]
achteruitrijlamp	((((achter)[B],(uit)[B])[B],(rijd)[V])[V],(lamp)[N])[N]
achteruitschoppen	(((achter)[B],(uit)[B])[B],(schop)[V])[V]
achteruitschuiven	(((achter)[B],(uit)[B])[B],(schuif)[V])[V]
achteruitslaan	(((achter)[B],(uit)[B])[B],(sla)[V])[V]
achteruitsteken	(((achter)[B],(uit)[B])[B],(steek)[V])[V]
achteruitvallen	(((achter)[B],(uit)[B])[B],(val)[V])[V]
achteruitvliegen	(((achter)[B],(uit)[B])[B],(vlieg)[V])[V]
achteruitwerken	(((achter)[B],(uit)[B])[B],(werk)[V])[V]
achteruitwijken	(((achter)[B],(uit)[B])[B],(wijk)[V])[V]
achteruitzetten	(((achter)[B],(uit)[B])[B],(zet)[V])[V]
achtervanger	((achter)[B],((vang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
achtervertrek	((achter)[B],(vertrek)[N])[N]
achtervoegen	((achter)[B],(voeg)[V])[V]
achtervoeging	(((achter)[B],(voeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
achtervoegsel	(((achter)[B],(voeg)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
achtervoet	((achter)[B],(voet)[N])[N]
achtervolgen	((achter)[B],(volg)[V])[V]
achtervolger	(((achter)[B],(volg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
achtervolging	(((achter)[B],(volg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
achtervolgingswaanzin	((((achter)[B],(volg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((waan)[N],(zin)[N])[N])[N]
achtervolgingswedstrijd	((((achter)[B],(volg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
achtervolgster	(((achter)[B],(volg)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
achterwaarster	(((achter)[B],(waar)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
achterwaarts	((achter)[B],(waarts)[A|B.])[A]
achterwacht	((achter)[B],(wacht)[N])[N]
achterwagen	((achter)[B],(wagen)[N])[N]
achterwaren	((achter)[B],(waar)[V])[V]
achterweg	((achter)[B],(weg)[N])[N]
achterwiel	((achter)[B],(wiel)[N])[N]
achterwielaandrijving	(((achter)[B],(wiel)[N])[N],((aan)[P],(drijf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
achterzak	((achter)[B],(zak)[N])[N]
achterzeilen	((achter)[B],(zeil)[V])[V]
achterzij	((achter)[B],(zij)[N])[N]
achterzijde	((achter)[B],(zijde)[N])[N]
achterzolder	((achter)[B],(zolder)[N])[N]
achthoek	((acht)[Q],(hoek)[N])[N]
achthoekig	((acht)[Q],(hoek)[N],(ig)[A|QN.])[A]
achthonderd	(((acht)[Q],(honderd)[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
achthonderdduizend	((((acht)[Q],(honderd)[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
achting	((acht)[V],(ing)[N|V.])[N]
achtingswaard	(((acht)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(waard)[A])[A]
achtingswaardig	((((acht)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(waard)[A])[A],(ig)[A|A.])[A]
achtjarig	((acht)[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
achtkant	((acht)[Q],(kant)[N])[N]
achtkantig	((acht)[Q],(kant)[N],(ig)[A|QN.])[A]
achtling	((acht)[N],(ling)[N|N.])[N]
achtmaal	((acht)[Q],(maal)[N])[B]
achtmaands	((acht)[Q],(maand)[N],(s)[A|QN.])[A]
achtpotig	((acht)[Q],(poot)[N],(ig)[A|QN.])[A]
achtregelig	((acht)[Q],(regel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
achtspan	((acht)[Q],(span)[N])[N]
achttal	((acht)[Q],(tal)[N])[N]
achttien	((acht)[Q],(tien)[Q])[Q]
achttiende-eeuws	((((acht)[Q],(tien)[Q])[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(eeuw)[N],(s)[A|QN.])[A]
achttienduizend	(((acht)[Q],(tien)[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q]
achttienhonderd	(((acht)[Q],(tien)[Q])[Q],(honderd)[Q])[Q]
achttienmaander	(((acht)[Q],(tien)[Q])[Q],(maand)[N],(er)[N|QN.])[N]
achttienurig	(((acht)[Q],(tien)[Q])[Q],(uur)[N],(ig)[A|QN.])[A]
achturendag	((acht)[Q],(uur)[N],(en)[N|QN.N],(dag)[N])[N]
achturenmis	((acht)[Q],(uur)[N],(e)[N|QN.N],(mis)[N])[N]
achturig	((acht)[Q],(uur)[N],(ig)[A|QN.])[A]
achtvlak	((acht)[Q],(vlak)[N])[N]
achtvlakkig	((acht)[Q],(vlak)[N],(ig)[A|QN.])[A]
achtvoetig	((acht)[Q],(voet)[N],(ig)[A|QN.])[A]
achtvoudig	((achtvoud)[N],(ig)[A|N.])[A]
achtzijdig	((acht)[Q],(zijde)[N],(ig)[A|QN.])[A]
acidimetrie	((acidimeter)[N],(ie)[N|N.])[N]
aconceptief	((a)[A|.Nx],((concept)[N],(ie)[N|N.])[N],(ief)[A|xN.])[A]
acquisitiebeleid	((acquisitie)[N],(beleid)[N])[N]
acquisitief	((acquisitie)[N],(ief)[A|N.])[A]
acquitteren	((acquit)[N],(eer)[V|N.])[V]
acrobaat	(acrobaat)[N]
acrobate	((acrobaat)[N],(e)[N|N.])[N]
acrobatentoer	((acrobaat)[N],(en)[N|N.N],(toer)[N])[N]
acrobatie	(((acrobaat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
acrobatiek	(((acrobaat)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
acrobatisch	((acrobaat)[N],(isch)[A|N.])[A]
act	(act)[N]
acteerkunst	((acteer)[V],(kunst)[N])[N]
acteertalent	((acteer)[V],(talent)[N])[N]
acteur	((acteer)[V],(eur)[N|V.])[N]
acteursfilm	(((acteer)[V],(eur)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(film)[N])[N]
acteurskwaliteit	(((acteer)[V],(eur)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kwaliteit)[N])[N]
acteursloopbaan	(((acteer)[V],(eur)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((loop)[V],(baan)[N])[N])[N]
acteursprestatie	(((acteer)[V],(eur)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
actiebereidheid	((actie)[N],((bereid)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
actiecomité	((actie)[N],(comité)[N])[N]
actiefzijde	((actief)[N],(zijde)[N])[N]
actiegerichtheid	((actie)[N],((gericht)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
actiegroep	((actie)[N],(groep)[N])[N]
actiehandel	((actie)[N],(handel)[N])[N]
actiemodel	((actie)[N],(model)[N])[N]
actiemogelijkheid	((actie)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
actieproces	((actie)[N],(proces)[N])[N]
actieprogram	((actie)[N],(program)[N])[N]
actieprogramma	((actie)[N],(programma)[N])[N]
actieradius	((actie)[N],(radius)[N])[N]
actieruimte	((actie)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
actiesignaal	((actie)[N],(signaal)[N])[N]
actieterrein	((actie)[N],(terrein)[N])[N]
actietype	((actie)[N],(type)[N])[N]
actieveld	((actie)[N],(veld)[N])[N]
actieveling	(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(eling)[N|A.])[N]
actievoerster	((actie)[N],(voer)[V],(ster)[N|NV.])[N]
actinisch	((actine)[N],(isch)[A|N.])[A]
activeren	((actief)[N],(eer)[V|N.])[V]
activering	(((actief)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
activeringsschool	((((actief)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
activistisch	((activist)[N],(isch)[A|N.])[A]
activiteit	(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
activiteitenanalyse	((((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(analyse)[N])[N]
activiteitencentrum	((((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
activiteitenpakket	((((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
activiteitenprogramma	((((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(programma)[N])[N]
activiteitsniveau	((((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
actualiseren	((actueel)[A],(eer)[V|A.])[V]
actualisering	(((actueel)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
actualistisch	((actualist)[N],(isch)[A|N.])[A]
actualiteit	((actueel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
actualiteitenprogramma	(((actueel)[A],(iteit)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(programma)[N])[N]
actualiteitenrubriek	(((actueel)[A],(iteit)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(rubriek)[N])[N]
actualiteitskarakter	(((actueel)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(karakter)[N])[N]
actuariaat	((actuaris)[N],(aat)[N|N.])[N]
actuarieel	((actuaris)[N],(eel)[A|N.])[A]
acultureel	((a)[A|.A],((cultuur)[N],(eel)[A|N.])[A])[A]
acupuncturist	((acupunctuur)[N],(ist)[N|N.])[N]
acupunctuurbehandeling	((acupunctuur)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
acuut	(acuut)[A]
adamsappel	((Adam)[N],(s)[N|N.N],(appel)[N])[N]
adamskostuum	((Adam)[N],(s)[N|N.N],(kostuum)[N])[N]
adaptatie	((adapteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
adaptief	(((adapteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
adatrecht	((adat)[N],(recht)[N])[N]
adder	(adder)[N]
adderbeet	((adder)[N],(beet)[N])[N]
adderengebroed	((adder)[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.V],(broed)[V])[N])[N]
addergebroed	((adder)[N],((ge)[N|.V],(broed)[V])[N])[N]
addergif	((adder)[N],(gif)[N])[N]
addergift	((adder)[N],(gift)[N])[N]
adderkruid	((adder)[N],(kruid)[N])[N]
addernest	((adder)[N],(nest)[N])[N]
addertong	((adder)[N],(tong)[N])[N]
addervaren	((adder)[N],(varen)[N])[N]
adderwortel	((adder)[N],(wortel)[N])[N]
additie	((addeer)[V],(itie)[N|V.])[N]
additief	(((addeer)[V],(itie)[N|V.])[N],(ief)[N|N.])[N]
additioneel	(((addeer)[V],(itie)[N|V.])[N],(ioneel)[A|N.])[A]
adel	(adel)[N]
adelaar	(adelaar)[N]
adelaarsblik	((adelaar)[N],(s)[N|N.N],(blik)[N])[N]
adelaarshout	((adelaar)[N],(s)[N|N.N],(hout)[N])[N]
adelaarsnest	((adelaar)[N],(s)[N|N.N],(nest)[N])[N]
adelaarsoog	((adelaar)[N],(s)[N|N.N],(oog)[N])[N]
adelaarssteen	((adelaar)[N],(s)[N|N.N],(steen)[N])[N]
adelaarsvaren	((adelaar)[N],(s)[N|N.N],(varen)[N])[N]
adelaarsvleugel	((adelaar)[N],(s)[N|N.N],(vleugel)[N])[N]
adelaarsvlucht	((adelaar)[N],(s)[N|N.N],(vlucht)[N])[N]
adelboek	((adel)[N],(boek)[N])[N]
adelbrief	((adel)[V],(brief)[N])[N]
adeldom	((adel)[N],(dom)[N|N.])[N]
adelen	(adel)[V]
adelheid	((adel)[N],(heid)[N|N.])[N]
adellijk	((adel)[N],(lijk)[A|N.])[A]
adelsbrief	((adel)[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
adelstand	((adel)[N],(stand)[N])[N]
adeltrots	((adel)[N],(trots)[N])[N]
adem	(adem)[N]
adembeklemmend	((adem)[N],((be)[V|.V],(klem)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
adembenemend	((adem)[N],((be)[V|.V],(neem)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
adembuis	((adem)[V],(buis)[N])[N]
ademcentrum	((adem)[V],(centrum)[N])[N]
ademen	(adem)[V]
ademhalen	((adem)[N],(haal)[V])[V]
ademhaling	(((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ademhalingsapparaat	((((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
ademhalingscentrum	((((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
ademhalingsdepressie	((((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(depressie)[N])[N]
ademhalingsfrequentie	((((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((frequent)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
ademhalingsfunctie	((((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
ademhalingsgymnastiek	((((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((gymnastisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
ademhalingsinsufficiëntie	((((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((in)[A|.A],(sufficiënt)[A])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
ademhalingsklacht	((((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klacht)[N])[N]
ademhalingsmoeilijkheid	((((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ademhalingsoefening	((((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ademhalingsorgaan	((((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
ademhalingsprobleem	((((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
ademhalingsritme	((((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ritme)[N])[N]
ademhalingsstoornis	((((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
ademhalingssysteem	((((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
ademhalingstechniek	((((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
ademhalingstherapie	((((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(therapie)[N])[N]
ademhalingswerktuigen	((((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((werk)[V],(tuig)[N])[N])[N]
ademloos	((adem)[N],(loos)[A|N.])[A]
ademnood	((adem)[N],(nood)[N])[N]
adempauze	((adem)[V],(pauze)[N])[N]
ademstilstand	((adem)[N],((stil)[A],(stand)[N])[N])[N]
ademstoot	((adem)[N],(stoot)[N])[N]
ademteken	((adem)[V],(teken)[N])[N]
ademtest	((adem)[N],(test)[N])[N]
ademtocht	((adem)[N],(tocht)[N])[N]
ademwortel	((adem)[V],(wortel)[N])[N]
adequaatheid	((adequaat)[A],(heid)[N|A.])[N]
ader	(ader)[N]
aderbreuk	((ader)[N],(breuk)[N])[N]
aderen	(ader)[V]
adergezwel	((ader)[N],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
aderig	((ader)[N],(ig)[A|N.])[A]
aderiseren	((ader)[N],(iseer)[V|N.])[V]
aderlaten	((ader)[N],(laat)[V])[V]
aderlating	(((ader)[N],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aderlijk	((ader)[N],(lijk)[A|N.])[A]
aderontsteking	((ader)[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
aderspat	((ader)[N],(spat)[N])[N]
aderverkalking	((ader)[N],((ver)[V|.N],(kalk)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
adhesiebetuiging	((adhesie)[N],((be)[V|.V],(tuig)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
adhortatief	((adhortatie)[N],(ief)[N|N.])[N]
adjectivisch	((adjectief)[N],(isch)[A|N.])[A]
adjudant	(adjudant)[N]
adjudant-onderofficier	((adjudant)[N],((onder)[P],(officier)[N])[N])[N]
adjunct-administrateur	((adjunct)[N],((administreer)[V],(ateur)[N|V.])[N])[N]
adjunct-commies	((adjunct)[N],(commies)[N])[N]
adjunct-commissaris	((adjunct)[N],(commissaris)[N])[N]
adjunct-directeur	((adjunct)[N],(directeur)[N])[N]
adjunct-hoofdredacteur	((adjunct)[N],((hoofd)[N],(redacteur)[N])[N])[N]
adjunct-secretaris	((adjunct)[N],(secretaris)[N])[N]
adjunctie	((adjunct)[N],(ie)[N|N.])[N]
adjuvanstherapie	((adjuvans)[N],(therapie)[N])[N]
administrateur	((administreer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
administratie	((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
administratief	(((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
administratiefrechtelijk	((((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A],((recht)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
administratiegebouw	(((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
administratiekantoor	(((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kantoor)[N])[N]
administratiekosten	(((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kost)[N])[N]
admiraal	(admiraal)[N]
admiraal-generaal	((admiraal)[N],(generaal)[N])[N]
admiraalschap	((admiraal)[N],(schap)[N|N.])[N]
admiraalsschip	((admiraal)[N],(s)[N|N.N],(schip)[N])[N]
admiraalsuniform	((admiraal)[N],(s)[N|N.N],(uniform)[N])[N]
admiraalsvlag	((admiraal)[N],(s)[N|N.N],(vlag)[N])[N]
admiraalvlinder	((admiraal)[N],(vlinder)[N])[N]
admiraalzeilen	((admiraal)[N],(zeil)[V])[V]
admiraliteitscollege	((admiraliteit)[N],(s)[N|N.N],(college)[N])[N]
admiraliteitshof	((admiraliteit)[N],(s)[N|N.N],(hof)[N])[N]
admissie-examen	((admissie)[N],(examen)[N])[N]
adnominaal	((ad)[A|.Nx],(nomen)[N],(aal)[A|xN.])[A]
adolescentenleeftijd	((adolescent)[N],(en)[N|N.N],((leef)[V],(tijd)[N])[N])[N]
adolescentie	((adolescent)[N],(ie)[N|N.])[N]
adolescentiefase	(((adolescent)[N],(ie)[N|N.])[N],(fase)[N])[N]
adolescentiejaar	(((adolescent)[N],(ie)[N|N.])[N],(jaar)[N])[N]
adolescentieperiode	(((adolescent)[N],(ie)[N|N.])[N],(periode)[N])[N]
adolescentiepsychologie	(((adolescent)[N],(ie)[N|N.])[N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
adoniseren	((adonis)[N],(eer)[V|N.])[V]
adoptant	((adopteer)[V],(ant)[N|V.])[N]
adoptief	((adoptie)[N],(ief)[A|N.])[A]
adoptiefkind	(((adoptie)[N],(ief)[A|N.])[A],(kind)[N])[N]
adoptiefouders	(((adoptie)[N],(ief)[A|N.])[A],(ouder)[N])[N]
adoptiefzoon	(((adoptie)[N],(ief)[A|N.])[A],(zoon)[N])[N]
adoptiekind	((adoptie)[N],(kind)[N])[N]
adorabel	((adoreer)[V],(abel)[A|V.])[A]
adoratie	((adoreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
adrenaline-injectie	((adrenaline)[N],(injectie)[N])[N]
adres	(adres)[N]
adresband	((adres)[N],(band)[N])[N]
adresboek	((adres)[N],(boek)[N])[N]
adresbureau	((adres)[N],(bureau)[N])[N]
adresfirma	((adres)[N],(firma)[N])[N]
adresgroep	((adres)[N],(groep)[N])[N]
adreskaart	((adres)[N],(kaart)[N])[N]
adreskantoor	((adres)[N],(kantoor)[N])[N]
adreslijst	((adres)[N],(lijst)[N])[N]
adressant	(((adres)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N]
adressante	((((adres)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
adresschrijver	((adres)[N],(schrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
adresseermachine	(((adres)[N],(eer)[V|N.])[V],(machine)[N])[N]
adressenbank	((adres)[N],(en)[N|N.N],(bank)[N])[N]
adressenlijst	((adres)[N],(en)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
adressenschrijver	((adres)[N],(en)[N|N.Vx],(schrijf)[V],(er)[N|NxV.])[N]
adresseren	((adres)[N],(eer)[V|N.])[V]
adressering	(((adres)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
adresstrook	((adres)[N],(strook)[N])[N]
adreswijziging	((adres)[N],(wijzig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
adulaar	(adulaar)[N]
adventist	((advent)[N],(ist)[N|N.])[N]
adventpreek	((advent)[N],(preek)[N])[N]
adventskaars	((advent)[N],(s)[N|N.N],(kaars)[N])[N]
adventskrans	((advent)[N],(s)[N|N.N],(krans)[N])[N]
adventspreek	((advent)[N],(s)[N|N.N],(preek)[N])[N]
adventstijd	((advent)[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
adventtijd	((advent)[N],(tijd)[N])[N]
adventzondag	((advent)[N],(zondag)[N])[N]
adverbiaal	((adverbium)[N],(aal)[A|N.])[A]
adverteerder	((adverteer)[V],(der)[N|V.])[N]
adverteerster	((adverteer)[V],(ster)[N|V.])[N]
advertentie	((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N]
advertentie-exploitatie	(((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N],((exploiteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
advertentie-inkomst	(((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N],(((in)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
advertentieacquisiteur	(((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N],(acquisiteur)[N])[N]
advertentieacquisitie	(((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N],(acquisitie)[N])[N]
advertentiebeleid	(((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N],(beleid)[N])[N]
advertentiebezetting	(((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N],(((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
advertentieblad	(((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N],(blad)[N])[N]
advertentiebureau	(((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N],(bureau)[N])[N]
advertentiecampagne	(((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N],(campagne)[N])[N]
advertentiekolom	(((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N],(kolom)[N])[N]
advertentiekosten	(((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N],(kost)[N])[N]
advertentiepagina	(((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N],(pagina)[N])[N]
advertentieruimte	(((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
advertentietarief	(((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N],(tarief)[N])[N]
advertentietekst	(((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N],(tekst)[N])[N]
advertentievolume	(((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N],(volume)[N])[N]
advies	(advies)[N]
adviesboot	((advies)[N],(boot)[N])[N]
adviesbrief	((advies)[N],(brief)[N])[N]
adviesbureau	((advies)[N],(bureau)[N])[N]
adviescentrum	((advies)[N],(centrum)[N])[N]
adviescollege	((advies)[N],(college)[N])[N]
adviescommissie	((advies)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
adviesdienst	((advies)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
adviesfunctie	((advies)[N],(functie)[N])[N]
adviesinstantie	((advies)[N],(instantie)[N])[N]
advieslichaam	((advies)[N],(lichaam)[N])[N]
advieslijst	((advies)[N],(lijst)[N])[N]
adviesorgaan	((advies)[N],(orgaan)[N])[N]
adviesprijs	((advies)[N],(prijs)[N])[N]
adviesrecht	((advies)[N],(recht)[N])[N]
adviessnelheid	((advies)[N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
adviesstructuur	((advies)[N],(structuur)[N])[N]
adviseren	((advies)[N],(eer)[V|N.])[V]
adviseur	(((advies)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
advocaat	(advocaat)[N]
advocaat-fiscaal	((advocaat)[N],(fiscaal)[N])[N]
advocaat-generaal	((advocaat)[N],(generaal)[N])[N]
advocaatje	(advocaat)[N]
advocate	((advocaat)[N],(e)[N|N.])[N]
advocatenbureau	((advocaat)[N],(en)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
advocatencollectief	((advocaat)[N],(en)[N|N.N],(collectief)[N])[N]
advocatenfirma	((advocaat)[N],(en)[N|N.N],(firma)[N])[N]
advocatenkamer	((advocaat)[N],(en)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
advocatenkantoor	((advocaat)[N],(en)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
advocatenpraktijk	((advocaat)[N],(en)[N|N.N],(praktijk)[N])[N]
advocatenstreek	((advocaat)[N],(en)[N|N.N],(streek)[N])[N]
advocaterij	((advocaat)[N],(erij)[N|N.])[N]
advocatie	((advocaat)[N],(ie)[N|N.])[N]
advocatuur	((advocaat)[N],(uur)[N|N.])[N]
af-fabriekprijs	((af)[P],(fabriek)[N],(prijs)[N])[N]
afbaarden	((af)[P],(baard)[V])[V]
afbakenen	((af)[P],(baken)[V])[V]
afbakening	(((af)[P],(baken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afbakeningscriterium	((((af)[P],(baken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(criterium)[N])[N]
afbakken	((af)[P],(bak)[V])[V]
afbarsten	((af)[P],(barst)[V])[V]
afbedelen	((af)[P],(bedel)[V])[V]
afbeelden	((af)[P],(beeld)[N])[V]
afbeelding	(((af)[P],(beeld)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
afbeeldsel	(((af)[P],(beeld)[N])[V],(sel)[N|V.])[N]
afbeitelen	((af)[P],(beitel)[V])[V]
afbekken	((af)[P],(bek)[V])[V]
afbellen	((af)[P],(bel)[V])[V]
afbenen	((af)[P],(been)[V])[V]
afbestellen	((af)[P],(bestel)[V])[V]
afbestelling	(((af)[P],(bestel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afbetalen	((af)[P],(betaal)[V])[V]
afbetaling	(((af)[P],(betaal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afbetalingscontract	((((af)[P],(betaal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(contract)[N])[N]
afbetalingsstelsel	((((af)[P],(betaal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
afbetalingssysteem	((((af)[P],(betaal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
afbetalingstermijn	((((af)[P],(betaal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(termijn)[N])[N]
afbetten	((af)[P],(bet)[V])[V]
afbeulen	((af)[P],(beul)[V])[V]
afbidden	((af)[P],(bid)[V])[V]
afbidding	(((af)[P],(bid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afbieden	((af)[P],(bied)[V])[V]
afbietsen	((af)[P],(biets)[V])[V]
afbiezen	((af)[P],(bies)[V])[V]
afbijten	((af)[P],(bijt)[V])[V]
afbijtmiddel	(((af)[P],(bijt)[V])[V],(middel)[N])[N]
afbikken	((af)[P],(bik)[V])[V]
afbiljoenen	((af)[P],(biljoen)[V])[V]
afbinden	((af)[P],(bind)[V])[V]
afbladderen	((af)[P],(bladder)[V])[V]
afbladen	((af)[P],(blad)[N])[V]
afbladeren	((af)[P],(blader)[V])[V]
afblaffen	((af)[P],(blaf)[V])[V]
afblaren	((af)[P],(blaar)[V])[V]
afblazen	((af)[P],(blaas)[V])[V]
afblijven	((af)[P],(blijf)[V])[V]
afbliksemen	((af)[P],(bliksem)[V])[V]
afblokken	((af)[P],(blok)[V])[V]
afbluffen	((af)[P],(bluf)[V])[V]
afblussen	((af)[P],(blus)[V])[V]
afboeken	((af)[P],(boek)[V])[V]
afboenen	((af)[P],(boen)[V])[V]
afboeten	((af)[P],(boet)[V])[V]
afbollen	((af)[P],(bol)[V])[V]
afbomen	((af)[P],(boom)[V])[V]
afbonken	((af)[P],(bonk)[V])[V]
afbonzen	((af)[P],(bons)[V])[V]
afborstelen	((af)[P],(borstel)[V])[V]
afborsteling	(((af)[P],(borstel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afbottelen	((af)[P],(bottel)[V])[V]
afbouw	((af)[P],(bouw)[N])[N]
afbouwen	((af)[P],(bouw)[V])[V]
afbraak	((af)[P],(braak)[N])[N]
afbraakmateriaal	(((af)[P],(braak)[N])[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
afbraakprijs	(((af)[P],(braak)[N])[N],(prijs)[N])[N]
afbraakproces	(((af)[P],(braak)[N])[N],(proces)[N])[N]
afbraakproduct	(((af)[P],(braak)[N])[N],(product)[N])[N]
afbraakterrein	(((af)[P],(braak)[N])[N],(terrein)[N])[N]
afbraakverschijnsel	(((af)[P],(braak)[N])[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
afbramen	((af)[P],(braam)[N])[V]
afbranden	((af)[P],(brand)[V])[V]
afbranding	(((af)[P],(brand)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afbrandsel	(((af)[P],(brand)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afbrassen	((af)[P],(bras)[V])[V]
afbreekbaar	(((af)[P],(breek)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
afbreien	((af)[P],(brei)[V])[V]
afbreken	((af)[P],(breek)[V])[V]
afbreker	(((af)[P],(breek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afbreking	(((af)[P],(breek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afbrekingsteken	((((af)[P],(breek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
afbrengen	((af)[P],(breng)[V])[V]
afbreuk	((af)[P],(breuk)[N])[N]
afbreukrisico	(((af)[P],(breuk)[N])[N],(risico)[N])[N]
afbrijnen	((af)[P],(brijn)[V])[V]
afbroddelen	((af)[P],(broddel)[V])[V]
afbrokkelen	((af)[P],(brokkel)[V])[V]
afbrokkeling	(((af)[P],(brokkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afbuigen	((af)[P],(buig)[V])[V]
afbuigmagneet	(((af)[P],(buig)[V])[V],(magneet)[N])[N]
afbuitelen	((af)[P],(buitel)[V])[V]
afchecken	((af)[P],(check)[V])[V]
afcommanderen	((af)[P],(commandeer)[V])[V]
afconcluderen	((af)[P],(concludeer)[V])[V]
afdak	((af)[P],(dak)[N])[N]
afdalen	((af)[P],(daal)[V])[V]
afdaling	(((af)[P],(daal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afdalingsproces	((((af)[P],(daal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
afdammen	((af)[P],(dam)[V])[V]
afdamming	(((af)[P],(dam)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afdanken	((af)[P],(dank)[V])[V]
afdankertje	(((af)[P],(dank)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afdanking	(((af)[P],(dank)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afdansen	((af)[P],(dans)[V])[V]
afdeinzen	((af)[P],(deins)[V])[V]
afdekken	((af)[P],(dek)[V])[V]
afdekking	(((af)[P],(dek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afdekverf	(((af)[P],(dek)[V])[V],(verf)[N])[N]
afdelen	((af)[P],(deel)[V])[V]
afdeling	(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afdelingsarts	((((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(arts)[N])[N]
afdelingsbestuur	((((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bestuur)[N])[N]
afdelingsbibliotheek	((((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bibliotheek)[N])[N]
afdelingsbijeenkomst	((((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
afdelingschef	((((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(chef)[N])[N]
afdelingshoofd	((((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
afdelingsniveau	((((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
afdelingsonderzoek	((((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(onderzoek)[N])[N]
afdelingsorganisatie	((((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
afdelingsvergadering	((((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
afdelven	((af)[P],(delf)[V])[V]
afdichten	((af)[P],(dicht)[V])[V]
afdichting	(((af)[P],(dicht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afdienen	((af)[P],(dien)[V])[V]
afdieven	((af)[P],(dief)[V])[V]
afdijken	((af)[P],(dijk)[V])[V]
afdijking	(((af)[P],(dijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afdingen	((af)[P],(ding)[V])[V]
afdoen	((af)[P],(doe)[V])[V]
afdoener	(((af)[P],(doe)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afdoening	((afdoen)[V],(ing)[N|V.])[N]
afdokken	((af)[P],(dok)[V])[V]
afdolen	((af)[P],(dool)[V])[V]
afdonderen	((af)[P],(donder)[V])[V]
afdoppen	((af)[P],(dop)[V])[V]
afdorsen	((af)[P],(dors)[V])[V]
afdouwen	((af)[P],(douw)[V])[V]
afdraaien	((af)[P],(draai)[V])[V]
afdracht	((af)[P],(dracht)[N])[N]
afdragen	((af)[P],(draag)[V])[V]
afdrager	(((af)[P],(draag)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afdraven	((af)[P],(draaf)[V])[V]
afdreggen	((af)[P],(dreg)[V])[V]
afdreigen	((af)[P],(dreig)[V])[V]
afdreiging	(((af)[P],(dreig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afdrentelen	((af)[P],(drentel)[V])[V]
afdrift	((af)[P],(drift)[N])[N]
afdrijven	((af)[P],(drijf)[V])[V]
afdrijving	(((af)[P],(drijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afdringen	((af)[P],(dring)[V])[V]
afdrinken	((af)[P],(drink)[V])[V]
afdrogen	((af)[P],(droog)[V])[V]
afdroging	(((af)[P],(droog)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afdronk	((af)[P],(dronk)[N])[N]
afdroogdoek	(((af)[P],(droog)[V])[V],(doek)[N])[N]
afdroppelen	((af)[P],(droppel)[V])[V]
afdruipbak	(((af)[P],(druip)[V])[V],(bak)[N])[N]
afdruipen	((af)[P],(druip)[V])[V]
afdruiping	(((af)[P],(druip)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afdruiprek	(((af)[P],(druip)[V])[V],(rek)[N])[N]
afdruk	((af)[P],(druk)[N])[N]
afdrukapparaat	(((af)[P],(druk)[V])[V],(apparaat)[N])[N]
afdrukken	((af)[P],(druk)[V])[V]
afdrukpapier	(((af)[P],(druk)[V])[V],(papier)[N])[N]
afdrukraam	(((af)[P],(druk)[V])[V],(raam)[N])[N]
afdruksel	(((af)[P],(druk)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afdruppelen	((af)[P],(druppel)[V])[V]
afdruppen	((af)[P],(drup)[V])[V]
afduikelen	((af)[P],(duikel)[V])[V]
afduvelen	((af)[P],(duvel)[V])[V]
afduwen	((af)[P],(duw)[V])[V]
afdwalen	((af)[P],(dwaal)[V])[V]
afdwaling	(((af)[P],(dwaal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afdweilen	((af)[P],(dweil)[V])[V]
afdwingen	((af)[P],(dwing)[V])[V]
afeisen	((af)[P],(eis)[V])[V]
afeten	((af)[P],(eet)[V])[V]
affaire	(affaire)[N]
affakkelen	((af)[P],(fakkel)[N])[V]
affectatie	((affecteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
affectie	((affect)[N],(ie)[N|N.])[N]
affectief	(((affect)[N],(ie)[N|N.])[N],(ief)[A|N.])[A]
affectwoord	((affect)[N],(woord)[N])[N]
affiche	(affiche)[N]
affichering	((afficheer)[V],(ing)[N|V.])[N]
affietsen	((af)[P],(fiets)[V])[V]
affiliatie	((affilieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
affineren	(affineer)[V]
affirmatie	((affirmeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
affirmatief	(((affirmeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
affluiten	((af)[P],(fluit)[V])[V]
affodille	(affodille)[N]
affronteren	((affront)[N],(eer)[V|N.])[V]
affutselen	((af)[P],(futsel)[V])[V]
afgaan	((af)[P],(ga)[V])[V]
afgelasten	((af)[P],((ge)[V|.V],(last)[V])[V])[V]
afgelasting	(((af)[P],((ge)[V|.V],(last)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afgelegenheid	((afgelegen)[A],(heid)[N|A.])[N]
afgemetenheid	((afgemeten)[A],(heid)[N|A.])[N]
afgeren	((af)[P],(geer)[V])[V]
afgeslotenheid	((afgesloten)[A],(heid)[N|A.])[N]
afgestomptheid	((afgestompt)[A],(heid)[N|A.])[N]
afgetrokkenheid	((afgetrokken)[A],(heid)[N|A.])[N]
afgevast	((af)[P],(gevast)[V])[A]
afgeven	((af)[P],(geef)[V])[V]
afgeving	(((af)[P],(geef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afgezant	((af)[P],(gezant)[N])[N]
afgezante	(((af)[P],(gezant)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
afgezonderdheid	((afgezonderd)[A],(heid)[N|A.])[N]
afgietdeksel	(((af)[P],(giet)[V])[V],((dek)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
afgieten	((af)[P],(giet)[V])[V]
afgietsel	(((af)[P],(giet)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afgietseldiertje	((((af)[P],(giet)[V])[V],(sel)[N|V.])[N],(dier)[N])[N]
afglijden	((af)[P],(glijd)[V])[V]
afglijding	(((af)[P],(glijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afglippen	((af)[P],(glip)[V])[V]
afgluren	((af)[P],(gluur)[V])[V]
afgodendienaar	((afgod)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
afgodendienares	(((afgod)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(aar)[N|V.])[N])[N],(es)[N|N.])[N]
afgodendienst	((afgod)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
afgodentempel	((afgod)[N],(en)[N|N.N],(tempel)[N])[N]
afgoderij	((afgod)[N],(erij)[N|N.])[N]
afgodin	((afgod)[N],(in)[N|N.])[N]
afgodisch	((afgod)[N],(isch)[A|N.])[A]
afgodsbeeld	((afgod)[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
afgodsdienst	((afgod)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
afgodskruid	((afgod)[N],(s)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
afgodslang	((afgod)[N],(slang)[N])[N]
afgodspriester	((afgod)[N],(s)[N|N.N],(priester)[N])[N]
afgodstempel	((afgod)[N],(s)[N|N.N],(tempel)[N])[N]
afgolven	((af)[P],(golf)[V])[V]
afgooien	((af)[P],(gooi)[V])[V]
afgorden	((af)[P],(gord)[V])[V]
afgrauwen	((af)[P],(grauw)[V])[V]
afgraven	((af)[P],(graaf)[V])[V]
afgraving	(((af)[P],(graaf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afgrazen	((af)[P],(graas)[V])[V]
afgrendelen	((af)[P],(grendel)[V])[V]
afgrendeling	(((af)[P],(grendel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afgreppelen	((af)[P],(greppel)[V])[V]
afgrijselijk	((afgrijzen)[N],(elijk)[A|N.])[A]
afgrijselijkheid	(((afgrijzen)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
afgrijslijk	((afgrijzen)[N],(lijk)[A|N.])[A]
afgrijslijkheid	(((afgrijzen)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
afgrijzenwekkend	((afgrijzen)[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
afgrissen	((af)[P],(gris)[V])[V]
afgrond	((af)[P],(grond)[N])[N]
afgrondelijk	(((af)[P],(grond)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
afgunst	((af)[P],((gun)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
afgunstig	(((af)[P],((gun)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
afgutsen	((af)[P],(guts)[V])[V]
afhaaldienst	(((af)[P],(haal)[V])[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
afhaalrestaurant	(((af)[P],(haal)[V])[V],((restaureer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
afhaken	((af)[P],(haak)[V])[V]
afhaker	(((af)[P],(haak)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afhakken	((af)[P],(hak)[V])[V]
afhalen	((af)[P],(haal)[V])[V]
afhaler	(((af)[P],(haal)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afhaling	(((af)[P],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afhameren	((af)[P],(hamer)[V])[V]
afhandelen	((af)[P],(handel)[V])[V]
afhandeling	(((af)[P],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afhandig	((af)[P],(hand)[N],(ig)[A|PN.])[A]
afhangeling	(((af)[P],(hang)[V])[V],(eling)[N|V.])[N]
afhangelinge	((((af)[P],(hang)[V])[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
afhangen	((af)[P],(hang)[V])[V]
afhankelijk	(((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
afhankelijkheid	((((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
afhankelijkheidsbehoefte	(((((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(behoefte)[N])[N]
afhankelijkheidspositie	(((((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
afhankelijkheidsrelatie	(((((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
afhappen	((af)[P],(hap)[V])[V]
afharen	((af)[P],(haar)[V])[V]
afharken	((af)[P],(hark)[V])[V]
afhaspelen	((af)[P],(haspel)[V])[V]
afhechten	((af)[P],(hecht)[V])[V]
afheffen	((af)[P],(hef)[V])[V]
afhellen	((af)[P],(hel)[V])[V]
afhelling	(((af)[P],(hel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afhelpen	((af)[P],(help)[V])[V]
afhengelen	((af)[P],(hengel)[V])[V]
afhogen	((af)[P],(hoog)[V])[V]
afhollen	((af)[P],(hol)[V])[V]
afhoren	((af)[P],(hoor)[V])[V]
afhouden	((af)[P],(houd)[V])[V]
afhouding	(((af)[P],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afhouwen	((af)[P],(houw)[V])[V]
afhouwing	(((af)[P],(houw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afhuren	((af)[P],(huur)[V])[V]
afhuring	(((af)[P],(huur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afhuurder	(((af)[P],(huur)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
afhuurster	(((af)[P],(huur)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
afjagen	((af)[P],(jaag)[V])[V]
afjakkeren	((af)[P],(jakker)[V])[V]
afjapen	((af)[P],(jaap)[V])[V]
afjatten	((af)[P],(jat)[V])[V]
afkaatsen	((af)[P],(kaats)[V])[V]
afkaatsing	(((af)[P],(kaats)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afkabbelen	((af)[P],(kabbel)[V])[V]
afkabbeling	(((af)[P],(kabbel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afkaden	((af)[P],(kade)[N])[V]
afkading	(((af)[P],(kade)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
afkalken	((af)[P],(kalk)[V])[V]
afkalking	(((af)[P],(kalk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afkalven	((af)[P],(kalf)[V])[V]
afkalving	(((af)[P],(kalf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afkammen	((af)[P],(kam)[V])[V]
afkamming	(((af)[P],(kam)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afkantelen	((af)[P],(kantel)[V])[V]
afkanten	((af)[P],(kant)[V])[V]
afkanting	(((af)[P],(kant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afkapen	((af)[P],(kaap)[V])[V]
afkappen	((af)[P],(kap)[V])[V]
afkapping	(((af)[P],(kap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afkappingsteken	((((af)[P],(kap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
afkatten	((af)[P],(kat)[V])[V]
afkauwen	((af)[P],(kauw)[V])[V]
afkeren	((af)[P],(keer)[V])[V]
afkerig	((afkeer)[N],(ig)[A|N.])[A]
afkerigheid	(((afkeer)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
afkering	(((af)[P],(keer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afkerven	((af)[P],(kerf)[V])[V]
afketsen	((af)[P],(kets)[V])[V]
afkeuren	((af)[P],(keur)[V])[V]
afkeurenswaard	(((af)[P],(keur)[V])[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
afkeurenswaardig	(((af)[P],(keur)[V])[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
afkeuring	(((af)[P],(keur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afkickboerderij	(((af)[P],(kick)[V])[V],((boer)[V],(derij)[N|V.])[N])[N]
afkickcentrum	(((af)[P],(kick)[V])[V],(centrum)[N])[N]
afkicken	((af)[P],(kick)[V])[V]
afkiezen	((af)[P],(kies)[V])[V]
afkijken	((af)[P],(kijk)[V])[V]
afkijker	(((af)[P],(kijk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afkijkster	(((af)[P],(kijk)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
afkisten	((af)[P],(kist)[V])[V]
afkladden	((af)[P],(klad)[V])[V]
afklappen	((af)[P],(klap)[V])[V]
afklaren	((af)[P],(klaar)[V])[V]
afkleden	((af)[P],(kleed)[V])[V]
afklemmen	((af)[P],(klem)[V])[V]
afklemming	(((af)[P],(klem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afkletsen	((af)[P],(klets)[V])[V]
afklimmen	((af)[P],(klim)[V])[V]
afklinken	((af)[P],(klink)[V])[V]
afklokken	((af)[P],(klok)[V])[V]
afkloppen	((af)[P],(klop)[V])[V]
afklopper	(((af)[P],(klop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afklopping	(((af)[P],(klop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afkluiven	((af)[P],(kluif)[V])[V]
afknabbelen	((af)[P],(knabbel)[V])[V]
afknagen	((af)[P],(knaag)[V])[V]
afknaging	(((af)[P],(knaag)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afknakken	((af)[P],(knak)[V])[V]
afknappen	((af)[P],(knap)[V])[V]
afknapper	(((af)[P],(knap)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afknauwen	((af)[P],(knauw)[V])[V]
afknellen	((af)[P],(knel)[V])[V]
afknelling	(((af)[P],(knel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afknevelen	((af)[P],(knevel)[V])[V]
afknibbelen	((af)[P],(knibbel)[V])[V]
afknijpen	((af)[P],(knijp)[V])[V]
afknijper	(((af)[P],(knijp)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afknijping	(((af)[P],(knijp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afknippen	((af)[P],(knip)[V])[V]
afknipsel	(((af)[P],(knip)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afknoeien	((af)[P],(knoei)[V])[V]
afknopen	((af)[P],(knoop)[V])[V]
afknotten	((af)[P],(knot)[V])[V]
afknotting	(((af)[P],(knot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afknuppelen	((af)[P],(knuppel)[V])[V]
afknutselen	((af)[P],(knutsel)[V])[V]
afkoelen	((af)[P],(koel)[V])[V]
afkoeling	(((af)[P],(koel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afkoelingsmethode	((((af)[P],(koel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
afkoelingsperiode	((((af)[P],(koel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
afkoken	((af)[P],(kook)[V])[V]
afkoker	(((af)[P],(kook)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afkomen	((af)[P],(kom)[V])[V]
afkomst	(((af)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N]
afkomstig	((((af)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A]
afkondigen	((af)[P],(kond)[A],(ig)[V|PA.])[V]
afkondiging	(((af)[P],(kond)[A],(ig)[V|PA.])[V],(ing)[N|V.])[N]
afkooksel	(((af)[P],(kook)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afkoop	((af)[P],(koop)[N])[N]
afkoopbaar	(((af)[P],(koop)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
afkoopbaarheid	((((af)[P],(koop)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
afkoopbaarstelling	((((af)[P],(koop)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
afkoopsom	(((af)[P],(koop)[V])[V],(som)[N])[N]
afkopen	((af)[P],(koop)[V])[V]
afkoping	(((af)[P],(koop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afkoppelen	((af)[P],(koppel)[V])[V]
afkoppeling	(((af)[P],(koppel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afkorsten	((af)[P],(korst)[V])[V]
afkorten	((af)[P],(kort)[V])[V]
afkorting	(((af)[P],(kort)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afkortingsteken	((((af)[P],(kort)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
afkrabbelen	((af)[P],(krabbel)[V])[V]
afkrabben	((af)[P],(krab)[V])[V]
afkrabber	(((af)[P],(krab)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afkrabsel	(((af)[P],(krab)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afkraken	((af)[P],(kraak)[V])[V]
afkrassen	((af)[P],(kras)[V])[V]
afkrijgen	((af)[P],(krijg)[V])[V]
afkronkelen	((af)[P],(kronkel)[V])[V]
afkruien	((af)[P],(krui)[V])[V]
afkruimelen	((af)[P],(kruimel)[V])[V]
afkruipen	((af)[P],(kruip)[V])[V]
afkuieren	((af)[P],(kuier)[V])[V]
afkuisen	((af)[P],(kuis)[V])[V]
afkukelen	((af)[P],(kukel)[V])[V]
afkunnen	((af)[P],(kan)[V])[V]
afkussen	((af)[P],(kus)[V])[V]
aflaadhaven	(((af)[P],(laad)[V])[V],(haven)[N])[N]
aflaadplaats	(((af)[P],(laad)[V])[V],(plaats)[N])[N]
aflaatbrief	((aflaat)[N],(brief)[N])[N]
aflaathandel	((aflaat)[N],(handel)[N])[N]
aflaatjaar	((aflaat)[N],(jaar)[N])[N]
aflaatsluis	(((af)[P],(laat)[V])[V],(sluis)[N])[N]
aflachen	((af)[P],(lach)[V])[V]
afladen	((af)[P],(laad)[V])[V]
aflader	(((af)[P],(laad)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aflading	(((af)[P],(laad)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aflakken	((af)[P],(lak)[V])[V]
aflandig	((af)[P],(land)[N],(ig)[A|PN.])[A]
aflangen	((af)[P],(lang)[V])[V]
aflappen	((af)[P],(lap)[V])[V]
aflaten	((af)[P],(laat)[V])[V]
aflating	(((af)[P],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aflaveren	((af)[P],(laveer)[V])[V]
aflebberen	((af)[P],(lebber)[V])[V]
afleesfout	(((af)[P],(lees)[V])[V],(fout)[N])[N]
afleesinstrument	(((af)[P],(lees)[V])[V],(instrument)[N])[N]
afleesloep	(((af)[P],(lees)[V])[V],(loep)[N])[N]
afleggen	((af)[P],(leg)[V])[V]
aflegger	(((af)[P],(leg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aflegging	(((af)[P],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afleidbaar	(((af)[P],(leid)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
afleiden	((af)[P],(leid)[V])[V]
afleider	(((af)[P],(leid)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afleiding	(((af)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afleidingskanaal	((((af)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kanaal)[N])[N]
afleidingsmanoeuvre	((((af)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(manoeuvre)[N])[N]
afleidingsmiddel	((((af)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
afleidingsuitgang	((((af)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((uit)[P],(gang)[N])[N])[N]
afleidkunde	(((af)[P],(leid)[V])[V],(kunde)[N])[N]
afleidkundig	((((af)[P],(leid)[V])[V],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
afleidsel	(((af)[P],(leid)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afleken	((af)[P],(leek)[V])[V]
aflekken	((af)[P],(lek)[V])[V]
aflenzen	((af)[P],(lens)[V])[V]
afleren	((af)[P],(leer)[V])[V]
afleven	((af)[P],(leef)[V])[V]
afleveren	((af)[P],(lever)[V])[V]
aflevering	(((af)[P],(lever)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afleveringstermijn	((((af)[P],(lever)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(termijn)[N])[N]
aflezen	((af)[P],(lees)[V])[V]
aflezer	(((af)[P],(lees)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aflezing	(((af)[P],(lees)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aflichten	((af)[P],(licht)[V])[V]
afliegen	((af)[P],(lieg)[V])[V]
afliggen	((af)[P],(lig)[V])[V]
aflijnen	((af)[P],(lijn)[V])[V]
aflikken	((af)[P],(lik)[V])[V]
afloden	((af)[P],(lood)[V])[V]
afloeren	((af)[P],(loer)[V])[V]
aflogen	((af)[P],(loog)[V])[V]
aflokken	((af)[P],(lok)[V])[V]
aflokking	(((af)[P],(lok)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afloop	((af)[P],(loop)[N])[N]
aflopen	((af)[P],(loop)[V])[V]
aflosbaar	(((af)[P],(los)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
aflossen	((af)[P],(los)[V])[V]
aflosser	(((af)[P],(los)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aflossing	(((af)[P],(los)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aflossingsploeg	((((af)[P],(los)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ploeg)[N])[N]
aflossingstermijn	((((af)[P],(los)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(termijn)[N])[N]
aflossingswedstrijd	((((af)[P],(los)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
afluisterapparatuur	(((af)[P],(luister)[V])[V],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
afluisterdienst	(((af)[P],(luister)[V])[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
afluisteren	((af)[P],(luister)[V])[V]
afluistering	(((af)[P],(luister)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afluisterpraktijken	(((af)[P],(luister)[V])[V],(praktijk)[N])[N]
afluisterschandaal	(((af)[P],(luister)[V])[V],(schandaal)[N])[N]
afluistertafel	(((af)[P],(luister)[V])[V],(tafel)[N])[N]
afluizen	((af)[P],(luis)[V])[V]
afmaaien	((af)[P],(maai)[V])[V]
afmaaier	(((af)[P],(maai)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afmaaiing	(((af)[P],(maai)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afmaken	((af)[P],(maak)[V])[V]
afmaker	(((af)[P],(maak)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afmaking	(((af)[P],(maak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afmalen	((af)[P],(maal)[V])[V]
afmarche	((af)[P],(marche)[N])[N]
afmarcheren	((af)[P],(marcheer)[V])[V]
afmars	((af)[P],(mars)[N])[N]
afmartelen	((af)[P],(martel)[V])[V]
afmarteling	(((af)[P],(martel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afmatten	((af)[P],(mat)[V])[V]
afmatting	(((af)[P],(mat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afmelden	((af)[P],(meld)[V])[V]
afmelken	((af)[P],(melk)[V])[V]
afmeren	((af)[P],(meer)[V])[V]
afmeten	((af)[P],(meet)[V])[V]
afmeting	(((af)[P],(meet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afmetselen	((af)[P],(metsel)[V])[V]
afmetsen	((af)[P],(mets)[V])[V]
afmieteren	((af)[P],(mieter)[V])[V]
afmijnen	((af)[P],(mijn)[V])[V]
afmijner	(((af)[P],(mijn)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afmijning	(((af)[P],(mijn)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afmikken	((af)[P],(mik)[V])[V]
afmonsteren	((af)[P],(monster)[V])[V]
afmonstering	(((af)[P],(monster)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afmoorden	((af)[P],(moord)[V])[V]
afmunten	((af)[P],(munt)[V])[V]
afmuren	((af)[P],(muur)[N])[V]
afmuring	(((af)[P],(muur)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
afnaaien	((af)[P],(naai)[V])[V]
afnaasten	((af)[P],(naast)[V])[V]
afname	(((af)[P],(neem)[V])[V])[N]
afneembaar	(((af)[P],(neem)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
afneemdoek	(((af)[P],(neem)[V])[V],(doek)[N])[N]
afneemster	(((af)[P],(neem)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
afnemen	((af)[P],(neem)[V])[V]
afnemer	(((af)[P],(neem)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afnemerskrediet	((((af)[P],(neem)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(krediet)[N])[N]
afneming	(((af)[P],(neem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afneuzen	((af)[P],(neus)[V])[V]
afnijpen	((af)[P],(nijp)[V])[V]
afnokken	((af)[P],(nok)[V])[V]
afnummeren	((af)[P],(nummer)[V])[V]
afnummering	(((af)[P],(nummer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afogen	((af)[P],(oog)[V])[V]
afonie	((afoon)[A],(ie)[N|A.])[N]
afoogsten	((af)[P],(oogst)[V])[V]
afpakken	((af)[P],(pak)[V])[V]
afpakking	(((af)[P],(pak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afpalen	((af)[P],(paal)[V])[V]
afpaling	(((af)[P],(paal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afpanden	((af)[P],(pand)[V])[V]
afpassen	((af)[P],(pas)[V])[V]
afpassing	(((af)[P],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afpeddelen	((af)[P],(peddel)[V])[V]
afpeigeren	((af)[P],(peiger)[V])[V]
afpeilen	((af)[P],(peil)[V])[V]
afpeiling	(((af)[P],(peil)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afpeinzen	((af)[P],(peins)[V])[V]
afpelen	((af)[P],(peel)[V])[V]
afpellen	((af)[P],(pel)[V])[V]
afpennen	((af)[P],(pen)[V])[V]
afperken	((af)[P],(perk)[V])[V]
afperking	(((af)[P],(perk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afpersen	((af)[P],(pers)[V])[V]
afperser	(((af)[P],(pers)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afpersing	(((af)[P],(pers)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afpeuteren	((af)[P],(peuter)[V])[V]
afpeuzelen	((af)[P],(peuzel)[V])[V]
afpijnen	((af)[P],(pijn)[V])[V]
afpijnigen	((af)[P],(pijnig)[V])[V]
afpijniging	(((af)[P],(pijnig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afpikken	((af)[P],(pik)[V])[V]
afpingelen	((af)[P],(pingel)[V])[V]
afpitsen	((af)[P],(pits)[V])[V]
afplaggen	((af)[P],(plag)[V])[V]
afplakken	((af)[P],(plak)[V])[V]
afplatten	((af)[P],(plat)[V])[V]
afplatting	(((af)[P],(plat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afpleiten	((af)[P],(pleit)[V])[V]
afplekken	((af)[P],(plek)[V])[V]
afpletten	((af)[P],(plet)[V])[V]
afploegen	((af)[P],(ploeg)[V])[V]
afploffen	((af)[P],(plof)[V])[V]
afplooien	((af)[P],(plooi)[V])[V]
afpluizen	((af)[P],(pluis)[V])[V]
afpluizing	(((af)[P],(pluis)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afplukken	((af)[P],(pluk)[V])[V]
afplunderen	((af)[P],(plunder)[V])[V]
afplundering	(((af)[P],(plunder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afpoeieren	((af)[P],(poeier)[V])[V]
afpoeiering	(((af)[P],(poeier)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afpoetsen	((af)[P],(poets)[V])[V]
afpolderen	((af)[P],(polder)[N])[V]
afpoldering	(((af)[P],(polder)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
afpompen	((af)[P],(pomp)[V])[V]
afpomping	(((af)[P],(pomp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afponden	((af)[P],(pond)[N])[V]
afprakkiseren	((af)[P],(prakkiseer)[V])[V]
afpramen	((af)[P],(praam)[V])[V]
afpraten	((af)[P],(praat)[V])[V]
afpreken	((af)[P],(preek)[V])[V]
afprevelen	((af)[P],(prevel)[V])[V]
afprijzen	((af)[P],(prijs)[V])[V]
afprikken	((af)[P],(prik)[V])[V]
afpulken	((af)[P],(pulk)[V])[V]
afpunten	((af)[P],(punt)[V])[V]
afrabbelen	((af)[P],(rabbel)[V])[V]
afraden	((af)[P],(raad)[V])[V]
afrafelen	((af)[P],(rafel)[V])[V]
afrafeling	(((af)[P],(rafel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afraffelen	((af)[P],(raffel)[V])[V]
afragen	((af)[P],(raag)[V])[V]
afraken	((af)[P],(raak)[V])[V]
aframmelen	((af)[P],(rammel)[V])[V]
aframmeling	(((af)[P],(rammel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afranden	((af)[P],(rand)[V])[V]
afranselen	((af)[P],(ransel)[V])[V]
afranseling	(((af)[P],(ransel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afrapen	((af)[P],(raap)[V])[V]
afraspen	((af)[P],(rasp)[V])[V]
afrasterdraad	(((af)[P],(raster)[N])[V],(draad)[N])[N]
afrasteren	((af)[P],(raster)[N])[V]
afrastering	(((af)[P],(raster)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
afratelen	((af)[P],(ratel)[V])[V]
afreageren	((af)[P],(reageer)[V])[V]
afreden	((af)[P],(reed)[V])[V]
afreding	(((af)[P],(reed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afreehekel	(((af)[P],(reed)[V])[V],(hekel)[N])[N]
afregelen	((af)[P],(regel)[V])[V]
afregenen	((af)[P],(regen)[V])[V]
afreiken	((af)[P],(reik)[V])[V]
afreis	((af)[P],(reis)[N])[N]
afreizen	((af)[P],(reis)[V])[V]
afrekenen	((af)[P],(reken)[V])[V]
afrekening	(((af)[P],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afremmen	((af)[P],(rem)[V])[V]
afrennen	((af)[P],(ren)[V])[V]
afrepelen	((af)[P],(repel)[V])[V]
afrepen	((af)[P],(reep)[V])[V]
africhten	((af)[P],(richt)[V])[V]
africhter	(((af)[P],(richt)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
africhting	(((af)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
africhtster	(((af)[P],(richt)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
afrijden	((af)[P],(rijd)[V])[V]
afrijgen	((af)[P],(rijg)[V])[V]
afrijten	((af)[P],(rijt)[V])[V]
afrijzelen	((af)[P],(rijzel)[V])[V]
afrijzen	((af)[P],(rijs)[V])[V]
afrikaniseren	((Afrikaan)[N],(iseer)[V|N.])[V]
afrikanisering	(((Afrikaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
afrissen	((af)[P],(ris)[V])[V]
afristen	((af)[P],(rist)[V])[V]
afritsen	((af)[P],(rits)[V])[V]
afritsing	(((af)[P],(rits)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afrodisie	((afrodisiacum)[N],(ie)[N|N.])[N]
afroeien	((af)[P],(roei)[V])[V]
afroep	((af)[P],(roep)[N])[N]
afroepen	((af)[P],(roep)[V])[V]
afroeper	(((af)[P],(roep)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afroeping	(((af)[P],(roep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afroesten	((af)[P],(roest)[V])[V]
afroffelen	((af)[P],(roffel)[V])[V]
afroffeling	(((af)[P],(roffel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afroken	((af)[P],(rook)[V])[V]
afrolbaar	(((af)[P],(rol)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
afrollen	((af)[P],(rol)[V])[V]
afromen	((af)[P],(room)[V])[V]
afromer	(((af)[P],(room)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afroming	(((af)[P],(room)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afronden	((af)[P],(rond)[V])[V]
afronding	(((af)[P],(rond)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afrondingsvijl	((((af)[P],(rond)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vijl)[N])[N]
afronselen	((af)[P],(ronsel)[V])[V]
afrooien	((af)[P],(rooi)[V])[V]
afrossen	((af)[P],(ros)[V])[V]
afrossing	(((af)[P],(ros)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afrotten	((af)[P],(rot)[V])[V]
afrotting	(((af)[P],(rot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afroven	((af)[P],(roof)[V])[V]
afroving	(((af)[P],(roof)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afruien	((af)[P],(rui)[V])[V]
afruilen	((af)[P],(ruil)[V])[V]
afruimen	((af)[P],(ruim)[V])[V]
afruisen	((af)[P],(ruis)[V])[V]
afrukken	((af)[P],(ruk)[V])[V]
afrukking	(((af)[P],(ruk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afsabbelen	((af)[P],(sabbel)[V])[V]
afsabberen	((af)[P],(sabber)[V])[V]
afsabelen	((af)[P],(sabel)[V])[V]
afsappelen	((af)[P],(sappel)[V])[V]
afschaafsel	(((af)[P],(schaaf)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afschaduwen	((af)[P],(schaduw)[V])[V]
afschaduwing	(((af)[P],(schaduw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afschaffen	((af)[P],(schaf)[V])[V]
afschaffer	(((af)[P],(schaf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afschaffergenootschap	((((af)[P],(schaf)[V])[V],(er)[N|V.])[N],((genoot)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
afschaffing	(((af)[P],(schaf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afschafster	(((af)[P],(schaf)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
afschakelen	((af)[P],(schakel)[V])[V]
afschaken	((af)[P],(schaak)[V])[V]
afschalen	((af)[P],(schaal)[V])[V]
afschampen	((af)[P],(schamp)[V])[V]
afschamper	(((af)[P],(schamp)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afschamping	(((af)[P],(schamp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afscharren	((af)[P],(schar)[V])[V]
afschatten	((af)[P],(schat)[V])[V]
afschaveling	((afschaveel)[V],(ing)[N|V.])[N]
afschaven	((af)[P],(schaaf)[V])[V]
afscheephaven	(((af)[P],(scheep)[V])[V],(haven)[N])[N]
afscheerder	(((af)[P],(scheer)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
afscheidbaar	(((af)[P],(scheid)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
afscheiden	((af)[P],(scheid)[V])[V]
afscheider	(((af)[P],(scheid)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afscheiding	(((af)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afscheidingslijn	((((af)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lijn)[N])[N]
afscheidingsmechanisme	((((af)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
afscheidingsmuur	((((af)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(muur)[N])[N]
afscheidingssloot	((((af)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(sloot)[N])[N]
afscheidsaudiëntie	((afscheid)[N],(s)[N|N.N],(audiëntie)[N])[N]
afscheidsavond	((afscheid)[N],(s)[N|N.N],(avond)[N])[N]
afscheidsbezoek	((afscheid)[N],(s)[N|N.N],(bezoek)[N])[N]
afscheidsbrief	((afscheid)[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
afscheidscadeau	((afscheid)[N],(s)[N|N.N],(cadeau)[N])[N]
afscheidscollege	((afscheid)[N],(s)[N|N.N],(college)[N])[N]
afscheidsdiner	((afscheid)[N],(s)[N|N.N],(diner)[N])[N]
afscheidsel	(((af)[P],(scheid)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afscheidsfeest	((afscheid)[N],(s)[N|N.N],(feest)[N])[N]
afscheidsgeschenk	((afscheid)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N])[N]
afscheidsgesprek	((afscheid)[N],(s)[N|N.N],(gesprek)[N])[N]
afscheidsgroet	((afscheid)[N],(s)[N|N.N],(groet)[N])[N]
afscheidskus	((afscheid)[N],(s)[N|N.N],(kus)[N])[N]
afscheidslied	((afscheid)[N],(s)[N|N.N],(lied)[N])[N]
afscheidsmaal	((afscheid)[N],(s)[N|N.N],(maal)[N])[N]
afscheidspreek	((afscheid)[N],(s)[N|N.N],(preek)[N])[N]
afscheidsreceptie	((afscheid)[N],(s)[N|N.N],(receptie)[N])[N]
afscheidsrede	((afscheid)[N],(s)[N|N.N],(rede)[N])[N]
afscheidsvoorstelling	((afscheid)[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
afschemeren	((af)[P],(schemer)[V])[V]
afschemering	(((af)[P],(schemer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afschenken	((af)[P],(schenk)[V])[V]
afschepen	((af)[P],(scheep)[V])[V]
afscheper	(((af)[P],(scheep)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afscheping	(((af)[P],(scheep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afscheppen	((af)[P],(schep)[V])[V]
afscheren	((af)[P],(scheer)[V])[V]
afschering	(((af)[P],(scheer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afschermen	((af)[P],(scherm)[V])[V]
afscherming	(((af)[P],(scherm)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afscherven	((af)[P],(scherf)[V])[V]
afscherving	(((af)[P],(scherf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afschetsen	((af)[P],(schets)[V])[V]
afscheuren	((af)[P],(scheur)[V])[V]
afscheuring	(((af)[P],(scheur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afschieten	((af)[P],(schiet)[V])[V]
afschijnen	((af)[P],(schijn)[V])[V]
afschijnsel	(((af)[P],(schijn)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afschilderen	((af)[P],(schilder)[V])[V]
afschildering	(((af)[P],(schilder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afschilferen	((af)[P],(schilfer)[V])[V]
afschilfering	(((af)[P],(schilfer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afschillen	((af)[P],(schil)[V])[V]
afschitteren	((af)[P],(schitter)[V])[V]
afschminken	((af)[P],(schmink)[V])[V]
afschoffelen	((af)[P],(schoffel)[V])[V]
afschokken	((af)[P],(schok)[V])[V]
afschooien	((af)[P],(schooi)[V])[V]
afschoppen	((af)[P],(schop)[V])[V]
afschraapschaar	(((af)[P],(schraap)[V])[V],(schaar)[N])[N]
afschraapsel	(((af)[P],(schraap)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afschrabben	((af)[P],(schrab)[V])[V]
afschrabber	(((af)[P],(schrab)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afschrabsel	(((af)[P],(schrab)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afschrapen	((af)[P],(schraap)[V])[V]
afschraper	(((af)[P],(schraap)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afschrappen	((af)[P],(schrap)[V])[V]
afschrapsel	(((af)[P],(schrap)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afschreeuwen	((af)[P],(schreeuw)[V])[V]
afschreien	((af)[P],(schrei)[V])[V]
afschrift	((af)[P],(schrift)[N])[N]
afschriftenboek	(((af)[P],(schrift)[N])[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
afschrijfloon	(((af)[P],(schrijf)[V])[V],(loon)[N])[N]
afschrijfster	(((af)[P],(schrijf)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
afschrijven	((af)[P],(schrijf)[V])[V]
afschrijver	(((af)[P],(schrijf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afschrijving	(((af)[P],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afschrijvingsbank	((((af)[P],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bank)[N])[N]
afschrijvingsperiode	((((af)[P],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
afschrik	((af)[P],(schrik)[N])[N]
afschrikken	((af)[P],(schrik)[V])[V]
afschrikking	(((af)[P],(schrik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afschrikwekkend	(((af)[P],(schrik)[N])[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
afschrobben	((af)[P],(schrob)[V])[V]
afschroeien	((af)[P],(schroei)[V])[V]
afschroeven	((af)[P],(schroef)[V])[V]
afschubben	((af)[P],(schub)[V])[V]
afschudden	((af)[P],(schud)[V])[V]
afschuieren	((af)[P],(schuier)[V])[V]
afschuimen	((af)[P],(schuim)[V])[V]
afschuimer	(((af)[P],(schuim)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afschuimlepel	(((af)[P],(schuim)[V])[V],(lepel)[N])[N]
afschuinen	((af)[P],(schuin)[V])[V]
afschuining	(((af)[P],(schuin)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afschuiven	((af)[P],(schuif)[V])[V]
afschuiving	(((af)[P],(schuif)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afschuren	((af)[P],(schuur)[V])[V]
afschuring	(((af)[P],(schuur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afschutsel	(((af)[P],(schut)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afschutten	((af)[P],(schut)[V])[V]
afschutting	(((af)[P],(schut)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afschuursel	(((af)[P],(schuur)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afschuwelijk	((afschuw)[N],(elijk)[A|N.])[A]
afschuwelijkheid	(((afschuw)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
afschuwwekkend	((afschuw)[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
afseinen	((af)[P],(sein)[V])[V]
afsijpelen	((af)[P],(sijpel)[V])[V]
afsijpeling	(((af)[P],(sijpel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afsjacheren	((af)[P],(sjacher)[V])[V]
afsjokken	((af)[P],(sjok)[V])[V]
afsjouwen	((af)[P],(sjouw)[V])[V]
afslaan	((af)[P],(sla)[V])[V]
afslachten	((af)[P],(slacht)[V])[V]
afslag	((af)[P],(slag)[N])[N]
afslanken	((af)[P],(slank)[A])[V]
afslanking	(((af)[P],(slank)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
afslaven	((af)[P],(slaaf)[V])[V]
afslechten	((af)[P],(slecht)[V])[V]
afslechthamer	(((af)[P],(slecht)[V])[V],(hamer)[N])[N]
afslenteren	((af)[P],(slenter)[V])[V]
afslepen	((af)[P],(sleep)[V])[V]
afsleping	(((af)[P],(sleep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afsleuren	((af)[P],(sleur)[V])[V]
afslibben	((af)[P],(slib)[V])[V]
afslibberen	((af)[P],(slibber)[V])[V]
afslieren	((af)[P],(slier)[V])[V]
afslijpen	((af)[P],(slijp)[V])[V]
afslijping	(((af)[P],(slijp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afslijpsel	(((af)[P],(slijp)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afslijten	((af)[P],(slijt)[V])[V]
afslijting	(((af)[P],(slijt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afslingeren	((af)[P],(slinger)[V])[V]
afslippen	((af)[P],(slip)[V])[V]
afsloffen	((af)[P],(slof)[V])[V]
afslonzen	((af)[P],(slons)[V])[V]
afslopen	((af)[P],(sloop)[V])[V]
afslorpen	((af)[P],(slorp)[V])[V]
afsloten	((af)[P],(sloot)[V])[V]
afsloting	(((af)[P],(sloot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afsloven	((af)[P],(sloof)[V])[V]
afsloving	(((af)[P],(sloof)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afsluipen	((af)[P],(sluip)[V])[V]
afsluitdam	(((af)[P],(sluit)[V])[V],(dam)[N])[N]
afsluitdijk	(((af)[P],(sluit)[V])[V],(dijk)[N])[N]
afsluitdop	(((af)[P],(sluit)[V])[V],(dop)[N])[N]
afsluiten	((af)[P],(sluit)[V])[V]
afsluiter	(((af)[P],(sluit)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afsluiting	(((af)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afsluitingsmuur	((((af)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(muur)[N])[N]
afsluitkraan	(((af)[P],(sluit)[V])[V],(kraan)[N])[N]
afsluitpremie	(((af)[P],(sluit)[V])[V],(premie)[N])[N]
afsluitprovisie	(((af)[P],(sluit)[V])[V],(provisie)[N])[N]
afslurpen	((af)[P],(slurp)[V])[V]
afsmakken	((af)[P],(smak)[V])[V]
afsmeden	((af)[P],(smeed)[V])[V]
afsmeken	((af)[P],(smeek)[V])[V]
afsmeking	(((af)[P],(smeek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afsmelten	((af)[P],(smelt)[V])[V]
afsmeren	((af)[P],(smeer)[V])[V]
afsmetten	((af)[P],(smet)[V])[V]
afsmijten	((af)[P],(smijt)[V])[V]
afsnauwen	((af)[P],(snauw)[V])[V]
afsnauwing	(((af)[P],(snauw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afsnellen	((af)[P],(snel)[V])[V]
afsnijden	((af)[P],(snijd)[V])[V]
afsnijding	(((af)[P],(snijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afsnijdsel	(((af)[P],(snijd)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afsnijschaar	(((af)[P],(snijd)[V])[V],(schaar)[N])[N]
afsnijsel	(((af)[P],(snijd)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afsnipperen	((af)[P],(snipper)[V])[V]
afsnoeien	((af)[P],(snoei)[V])[V]
afsnoeiing	(((af)[P],(snoei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afsnoeisel	(((af)[P],(snoei)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afsnoepen	((af)[P],(snoep)[V])[V]
afsnoeren	((af)[P],(snoer)[V])[V]
afsnoering	(((af)[P],(snoer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afsnorren	((af)[P],(snor)[V])[V]
afsnuffelen	((af)[P],(snuffel)[V])[V]
afsnuiten	((af)[P],(snuit)[V])[V]
afsnuiting	(((af)[P],(snuit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afsollen	((af)[P],(sol)[V])[V]
afsoppen	((af)[P],(sop)[V])[V]
afspaden	((af)[P],(spaad)[V])[V]
afspanen	((af)[P],(spaan)[V])[V]
afspannen	((af)[P],(span)[V])[V]
afspanning	(((af)[P],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afspatten	((af)[P],(spat)[V])[V]
afspatting	(((af)[P],(spat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afspeelapparatuur	(((af)[P],(speel)[V])[V],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
afspelden	((af)[P],(speld)[V])[V]
afspelen	((af)[P],(speel)[V])[V]
afspeten	((af)[P],(speet)[V])[V]
afspeuren	((af)[P],(speur)[V])[V]
afspieden	((af)[P],(spied)[V])[V]
afspiegelen	((af)[P],(spiegel)[V])[V]
afspiegeling	(((af)[P],(spiegel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afspiegelingscollege	((((af)[P],(spiegel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(college)[N])[N]
afspinnen	((af)[P],(spin)[V])[V]
afspioneren	((af)[P],((spion)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
afspitten	((af)[P],(spit)[V])[V]
afsplijten	((af)[P],(splijt)[V])[V]
afsplinteren	((af)[P],(splinter)[V])[V]
afsplitsen	((af)[P],(splits)[V])[V]
afspoelen	((af)[P],(spoel)[V])[V]
afspoeling	(((af)[P],(spoel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afspoelsel	(((af)[P],(spoel)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afsponsen	((af)[P],(spons)[V])[V]
afsponzen	((af)[P],(spons)[V])[V]
afsporen	((af)[P],(spoor)[V])[V]
afspraakspreekuur	((afspraak)[N],((spreek)[V],(uur)[N])[N])[N]
afspreken	((af)[P],(spreek)[V])[V]
afspringen	((af)[P],(spring)[V])[V]
afspruiten	((af)[P],(spruit)[V])[V]
afspuiten	((af)[P],(spuit)[V])[V]
afstammeling	(((af)[P],(stam)[V])[V],(eling)[N|V.])[N]
afstammelinge	((((af)[P],(stam)[V])[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
afstammen	((af)[P],(stam)[V])[V]
afstamming	(((af)[P],(stam)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afstammingsleer	((((af)[P],(stam)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
afstammingstheorie	((((af)[P],(stam)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
afstampen	((af)[P],(stamp)[V])[V]
afstandelijk	((afstand)[N],(elijk)[A|N.])[A]
afstandelijkheid	(((afstand)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
afstandmeter	((afstand)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
afstandmeting	((afstand)[N],(meet)[V],(ing)[N|NV.])[N]
afstandsbaby	((afstand)[N],(s)[N|N.N],(baby)[N])[N]
afstandsbediening	((afstand)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
afstandsbepaling	((afstand)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
afstandsbesturing	((afstand)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
afstandskind	((afstand)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
afstandsmaat	((afstand)[N],(s)[N|N.N],(maat)[N])[N]
afstandsonderwijs	((afstand)[N],(s)[N|N.N],(onderwijs)[N])[N]
afstandspaal	((afstand)[N],(s)[N|N.N],(paal)[N])[N]
afstandsrit	((afstand)[N],(s)[N|N.N],(rit)[N])[N]
afstandssein	((afstand)[N],(s)[N|N.N],(sein)[N])[N]
afstandssignaal	((afstand)[N],(s)[N|N.N],(signaal)[N])[N]
afstandstabel	((afstand)[N],(s)[N|N.N],(tabel)[N])[N]
afstandswijzer	((afstand)[N],(s)[N|N.Vx],(wijs)[V],(er)[N|NxV.])[N]
afstappen	((af)[P],(stap)[V])[V]
afstaren	((af)[P],(staar)[V])[V]
afsteekbeitel	(((af)[P],(steek)[V])[V],(beitel)[N])[N]
afsteeksel	(((af)[P],(steek)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afsteken	((af)[P],(steek)[V])[V]
afsteker	(((af)[P],(steek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afsteking	(((af)[P],(steek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afstekken	((af)[P],(stek)[V])[V]
afstelen	((af)[P],(steel)[V])[V]
afstellen	((af)[P],(stel)[V])[V]
afstelling	(((af)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afstemeenheid	(((af)[P],(stem)[V])[V],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
afstemknop	(((af)[P],(stem)[V])[V],(knop)[N])[N]
afstemmen	((af)[P],(stem)[V])[V]
afstemmer	(((af)[P],(stem)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afstemming	(((af)[P],(stem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afstemmingsprobleem	((((af)[P],(stem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
afstempelen	((af)[P],(stempel)[V])[V]
afstempeling	(((af)[P],(stempel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afstemschaal	(((af)[P],(stem)[V])[V],(schaal)[N])[N]
afsterven	((af)[P],(sterf)[V])[V]
afsterving	(((af)[P],(sterf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afstervingsproces	((((af)[P],(sterf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
afstevenen	((af)[P],(steven)[V])[V]
afstijgen	((af)[P],(stijg)[V])[V]
afstikken	((af)[P],(stik)[V])[V]
afstippen	((af)[P],(stip)[V])[V]
afstoffen	((af)[P],(stof)[V])[V]
afstoken	((af)[P],(stook)[V])[V]
afstomen	((af)[P],(stoom)[V])[V]
afstommelen	((af)[P],(stommel)[V])[V]
afstompen	((af)[P],(stomp)[V])[V]
afstomping	(((af)[P],(stomp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afstootboom	(((af)[P],(stoot)[V])[V],(boom)[N])[N]
afstootijzer	(((af)[P],(stoot)[V])[V],(ijzer)[N])[N]
afstoppen	((af)[P],(stop)[V])[V]
afstormen	((af)[P],(storm)[V])[V]
afstorten	((af)[P],(stort)[V])[V]
afstorting	(((af)[P],(stort)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afstotelijk	(((af)[P],(stoot)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
afstoten	((af)[P],(stoot)[V])[V]
afstoting	(((af)[P],(stoot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afstotingskracht	((((af)[P],(stoot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
afstotingsreactie	((((af)[P],(stoot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
afstoven	((af)[P],(stoof)[V])[V]
afstraffen	((af)[P],(straf)[V])[V]
afstraffing	(((af)[P],(straf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afstralen	((af)[P],(straal)[V])[V]
afstraling	(((af)[P],(straal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afstrepen	((af)[P],(streep)[V])[V]
afstrijden	((af)[P],(strijd)[V])[V]
afstrijken	((af)[P],(strijk)[V])[V]
afstrijker	(((af)[P],(strijk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afstrippen	((af)[P],(strip)[V])[V]
afstromen	((af)[P],(stroom)[V])[V]
afstroming	(((af)[P],(stroom)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afstrompelen	((af)[P],(strompel)[V])[V]
afstropen	((af)[P],(stroop)[V])[V]
afstruinen	((af)[P],(struin)[V])[V]
afstudeeropdracht	(((af)[P],(studeer)[V])[V],(opdracht)[N])[N]
afstudeerproject	(((af)[P],(studeer)[V])[V],(project)[N])[N]
afstudeerrichting	(((af)[P],(studeer)[V])[V],((richt)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
afstudeerscriptie	(((af)[P],(studeer)[V])[V],(scriptie)[N])[N]
afstuderen	((af)[P],(studeer)[V])[V]
afstuiten	((af)[P],(stuit)[V])[V]
afstuiven	((af)[P],(stuif)[V])[V]
afstuiving	(((af)[P],(stuif)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afsturen	((af)[P],(stuur)[V])[V]
afstuwen	((af)[P],(stuw)[V])[V]
afsuffen	((af)[P],(suf)[V])[V]
afsukkelen	((af)[P],(sukkel)[V])[V]
aft	(aft)[N]
aftakdoos	(((af)[P],(tak)[V])[V],(doos)[N])[N]
aftakelen	((af)[P],(takel)[V])[V]
aftakeling	(((af)[P],(takel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aftakelingsproces	((((af)[P],(takel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
aftakken	((af)[P],(tak)[V])[V]
aftakking	(((af)[P],(tak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aftakleiding	(((af)[P],(tak)[V])[V],((leid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aftakstroom	(((af)[P],(tak)[V])[V],(stroom)[N])[N]
aftanden	((af)[P],(tand)[V])[V]
aftanken	((af)[P],(tank)[V])[V]
aftapkraan	(((af)[P],(tap)[V])[V],(kraan)[N])[N]
aftapmes	(((af)[P],(tap)[V])[V],(mes)[N])[N]
aftappen	((af)[P],(tap)[V])[V]
aftapper	(((af)[P],(tap)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aftapping	(((af)[P],(tap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aftarren	((af)[P],(tar)[V])[V]
aftasten	((af)[P],(tast)[V])[V]
aftasting	(((af)[P],(tast)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aftastsnelheid	(((af)[P],(tast)[V])[V],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
aftekenaar	(((af)[P],(teken)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
aftekenen	((af)[P],(teken)[V])[V]
aftekening	(((af)[P],(teken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aftelbaar	(((af)[P],(tel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
aftelefoneren	((af)[P],((telefoon)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
aftelegraferen	((af)[P],((telegraaf)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
aftellen	((af)[P],(tel)[V])[V]
aftelliedje	(((af)[P],(tel)[V])[V],(lied)[N])[N]
aftelling	(((af)[P],(tel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aftelprocedure	(((af)[P],(tel)[V])[V],(procedure)[N])[N]
aftelrijm	(((af)[P],(tel)[V])[V],(rijm)[N])[N]
aftelsom	(((af)[P],(tel)[V])[V],(som)[N])[N]
aftelvers	(((af)[P],(tel)[V])[V],(vers)[N])[N]
afteren	((af)[P],(teer)[V])[V]
aftershavelotion	((after-shave)[N],(lotion)[N])[N]
aftikken	((af)[A],(tik)[V])[V]
aftillen	((af)[P],(til)[V])[V]
aftimmeren	((af)[P],(timmer)[V])[V]
aftimmering	(((af)[P],(timmer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aftippelen	((af)[P],(tippel)[V])[V]
aftippen	((af)[P],(tip)[V])[V]
aftobben	((af)[P],(tob)[V])[V]
aftocht	((af)[P],(tocht)[N])[N]
aftochtsein	(((af)[P],(tocht)[N])[N],(sein)[N])[N]
aftochtteken	(((af)[P],(tocht)[N])[N],(teken)[N])[N]
aftoffelen	((af)[P],(toffel)[V])[V]
aftomen	((af)[P],(toom)[V])[V]
aftonnen	((af)[P],(ton)[V])[V]
aftonning	(((af)[P],(ton)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aftoppen	((af)[P],(top)[V])[V]
aftopping	(((af)[P],(top)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aftornen	((af)[P],(torn)[V])[V]
aftoveren	((af)[P],(tover)[V])[V]
aftrainen	((af)[P],(train)[V])[V]
aftrappen	((af)[P],(trap)[V])[V]
aftreden	((af)[P],(treed)[V])[V]
aftreding	(((af)[P],(treed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aftrekbaar	(((af)[P],(trek)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
aftrekken	((af)[P],(trek)[V])[V]
aftrekker	(((af)[P],(trek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aftrekking	(((af)[P],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aftrekpost	(((af)[P],(trek)[V])[V],(post)[N])[N]
aftrekrol	(((af)[P],(trek)[V])[V],(rol)[N])[N]
aftreksel	(((af)[P],(trek)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
aftreksom	(((af)[P],(trek)[V])[V],(som)[N])[N]
aftrektal	(((af)[P],(trek)[V])[V],(tal)[N])[N]
aftroeven	((af)[P],(troef)[V])[V]
aftroever	(((af)[P],(troef)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
aftroeving	(((af)[P],(troef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aftroggelaar	(((af)[P],(troggel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
aftroggelaarster	((((af)[P],(troggel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
aftroggelarij	(((af)[P],(troggel)[V])[V],(arij)[N|V.])[N]
aftroggelen	((af)[P],(troggel)[V])[V]
aftroggeling	(((af)[P],(troggel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aftrommelen	((af)[P],(trommel)[V])[V]
aftrompetten	((af)[P],(trompet)[V])[V]
aftronen	((af)[P],(troon)[V])[V]
aftuigen	((af)[P],(tuig)[V])[V]
aftuiging	(((af)[P],(tuig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
aftuimelen	((af)[P],(tuimel)[V])[V]
aftuinen	((af)[P],(tuin)[V])[V]
aftuining	(((af)[P],(tuin)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afturen	((af)[P],(tuur)[V])[V]
afturven	((af)[P],(turf)[V])[V]
aftypen	((af)[P],(typ)[V])[V]
afvaardiging	((afvaardig)[V],(ing)[N|V.])[N]
afvaart	((af)[P],(vaart)[N])[N]
afvaartsuur	(((af)[P],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(uur)[N])[N]
afvagen	((af)[P],(vaag)[V])[V]
afvalcontainer	((afval)[N],(container)[N])[N]
afvallen	((af)[P],(val)[V])[V]
afvallig	(((af)[P],(val)[V])[V],(ig)[A|V.])[A]
afvalligheid	((((af)[P],(val)[V])[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
afvalplant	((afval)[N],(plant)[N])[N]
afvalproduct	((afval)[N],(product)[N])[N]
afvalrace	(((af)[P],(val)[V])[V],(race)[N])[N]
afvalstof	((afval)[N],(stof)[N])[N]
afvalstort	((afval)[N],(stort)[N])[N]
afvalsysteem	(((af)[P],(val)[V])[V],(systeem)[N])[N]
afvalwarmte	((afval)[N],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
afvalwater	((afval)[N],(water)[N])[N]
afvalwedstrijd	(((af)[P],(val)[V])[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
afvangen	((af)[P],(vang)[V])[V]
afvaren	((af)[P],(vaar)[V])[V]
afvechten	((af)[P],(vecht)[V])[V]
afveegsel	(((af)[P],(veeg)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afvegen	((af)[P],(veeg)[V])[V]
afvellen	((af)[P],(vel)[V])[V]
afvenen	((af)[P],(veen)[V])[V]
afvening	(((af)[P],(veen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afvergen	((af)[P],(verg)[V])[V]
afverven	((af)[P],(verf)[V])[V]
afvezelen	((af)[P],(vezel)[V])[V]
afvijlen	((af)[P],(vijl)[V])[V]
afvijlsel	(((af)[P],(vijl)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afvijzen	((af)[P],(vijs)[V])[V]
afvillen	((af)[P],(vil)[V])[V]
afvinken	((af)[P],(vink)[V])[V]
afvissen	((af)[P],(vis)[V])[V]
afvlaggen	((af)[P],(vlag)[V])[V]
afvlakken	((af)[P],(vlak)[V])[V]
afvlakking	(((af)[P],(vlak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afvleien	((af)[P],(vlei)[V])[V]
afvlekken	((af)[P],(vlek)[V])[V]
afvlieden	((af)[P],(vlied)[V])[V]
afvliegen	((af)[P],(vlieg)[V])[V]
afvloeibuis	(((af)[P],(vloei)[V])[V],(buis)[N])[N]
afvloeien	((af)[P],(vloei)[V])[V]
afvloeiing	(((af)[P],(vloei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afvloeiingsregeling	((((af)[P],(vloei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
afvloeipijp	(((af)[P],(vloei)[V])[V],(pijp)[N])[N]
afvlotten	((af)[P],(vlot)[V])[V]
afvluchten	((af)[P],(vlucht)[V])[V]
afvoerbuis	(((af)[P],(voer)[V])[V],(buis)[N])[N]
afvoerder	(((af)[P],(voer)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
afvoeren	((af)[P],(voer)[V])[V]
afvoering	(((af)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afvoerkanaal	(((af)[P],(voer)[V])[V],(kanaal)[N])[N]
afvoerpijp	(((af)[P],(voer)[V])[V],(pijp)[N])[N]
afvoerrol	(((af)[P],(voer)[V])[V],(rol)[N])[N]
afvorderen	((af)[P],(vorder)[V])[V]
afvormen	((af)[P],(vorm)[V])[V]
afvragen	((af)[P],(vraag)[V])[V]
afvreten	((af)[P],(vreet)[V])[V]
afvreting	(((af)[P],(vreet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afvriezen	((af)[P],(vries)[V])[V]
afvriezing	(((af)[P],(vries)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afvrijen	((af)[P],(vrij)[V])[V]
afvuren	((af)[P],(vuur)[V])[V]
afvuring	(((af)[P],(vuur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afwaaien	((af)[P],(waai)[V])[V]
afwachten	((af)[P],(wacht)[V])[V]
afwachting	(((af)[P],(wacht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afwaggelen	((af)[P],(waggel)[V])[V]
afwandelen	((af)[P],(wandel)[V])[V]
afwasautomaat	(((af)[P],(was)[V])[V],(automaat)[N])[N]
afwasbaar	(((af)[P],(was)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
afwasbak	(((af)[P],(was)[V])[V],(bak)[N])[N]
afwasborstel	(((af)[P],(was)[V])[V],(borstel)[N])[N]
afwaskom	(((af)[P],(was)[V])[V],(kom)[N])[N]
afwaskwast	(((af)[P],(was)[V])[V],(kwast)[N])[N]
afwasmachine	(((af)[P],(was)[V])[V],(machine)[N])[N]
afwassen	((af)[P],(was)[V])[V]
afwassing	(((af)[P],(was)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afwaswater	(((af)[P],(was)[V])[V],(water)[N])[N]
afwateren	((af)[P],(water)[V])[V]
afwatering	(((af)[P],(water)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afwateringskanaal	((((af)[P],(water)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kanaal)[N])[N]
afweerbaar	(((af)[P],(weer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
afweerder	(((af)[P],(weer)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
afweergeschut	(((af)[P],(weer)[V])[V],(geschut)[N])[N]
afweerkanon	(((af)[P],(weer)[V])[V],(kanon)[N])[N]
afweermechanisme	(((af)[P],(weer)[V])[V],(mechanisme)[N])[N]
afweerstof	(((af)[P],(weer)[V])[V],(stof)[N])[N]
afweervuur	(((af)[P],(weer)[V])[V],(vuur)[N])[N]
afwegen	((af)[P],(weeg)[V])[V]
afweging	(((af)[P],(weeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afwegingskader	((((af)[P],(weeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kader)[N])[N]
afwegingsproces	((((af)[P],(weeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
afwegingsvraagstuk	((((af)[P],(weeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
afweiden	((af)[P],(weid)[V])[V]
afweken	((af)[P],(week)[V])[V]
afweking	(((af)[P],(week)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afwenden	((af)[P],(wend)[V])[V]
afwending	(((af)[P],(wend)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afwenken	((af)[P],(wenk)[V])[V]
afwennen	((af)[P],(wen)[V])[V]
afwenning	(((af)[P],(wen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afwentelen	((af)[P],(wentel)[V])[V]
afweren	((af)[P],(weer)[V])[V]
afwering	(((af)[P],(weer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afwerken	((af)[P],(werk)[V])[V]
afwerker	(((af)[P],(werk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afwerking	(((af)[P],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afwerkster	(((af)[P],(werk)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
afwerpen	((af)[P],(werp)[V])[V]
afwerping	(((af)[P],(werp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afweten	((af)[P],(weet)[V])[V]
afwezend	((af)[P],(wees)[V],(end)[A|PV.])[A]
afwezendheid	(((af)[P],(wees)[V],(end)[A|PV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
afwezigheid	((afwezig)[A],(heid)[N|A.])[N]
afwijkeling	(((af)[P],(wijk)[V])[V],(eling)[N|V.])[N]
afwijken	((af)[P],(wijk)[V])[V]
afwijking	(((af)[P],(wijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afwijkingscirkel	((((af)[P],(wijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cirkel)[N])[N]
afwijkingstype	((((af)[P],(wijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(type)[N])[N]
afwijzen	((af)[P],(wijs)[V])[V]
afwijzing	(((af)[P],(wijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afwikkelen	((af)[P],(wikkel)[V])[V]
afwikkeling	(((af)[P],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afwikkelingsbureau	((((af)[P],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
afwimpelen	((af)[P],(wimpel)[N])[V]
afwimpeling	(((af)[P],(wimpel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
afwinden	((af)[P],(wind)[V])[V]
afwinding	(((af)[P],(wind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afwinnen	((af)[P],(win)[V])[V]
afwippen	((af)[P],(wip)[V])[V]
afwisselen	((af)[P],(wissel)[V])[V]
afwisseling	(((af)[P],(wissel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afwissen	((af)[P],(wis)[V])[V]
afwoelen	((af)[P],(woel)[V])[V]
afwonen	((af)[P],(woon)[V])[V]
afworpsnelheid	(((af)[P],(werp)[V])[V],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
afwrijven	((af)[P],(wrijf)[V])[V]
afwrijving	(((af)[P],(wrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afwrikken	((af)[P],(wrik)[V])[V]
afwringen	((af)[P],(wring)[V])[V]
afzabbelen	((af)[P],(zabbel)[V])[V]
afzabberen	((af)[P],(zabber)[V])[V]
afzadelen	((af)[P],(zadel)[V])[V]
afzagen	((af)[P],(zaag)[V])[V]
afzaging	(((af)[P],(zaag)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afzakken	((af)[P],(zak)[V])[V]
afzakkertje	(((af)[P],(zak)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afzakking	(((af)[P],(zak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afzanden	((af)[P],(zand)[V])[V]
afzanderij	(((af)[P],(zand)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
afzanding	(((af)[P],(zand)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afzanen	((af)[P],(zaan)[V])[V]
afzeggen	((af)[P],(zeg)[V])[V]
afzegging	(((af)[P],(zeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afzeilen	((af)[P],(zeil)[V])[V]
afzelia	(afzelia)[N]
afzemen	((af)[P],(zeem)[V])[V]
afzenden	((af)[P],(zend)[V])[V]
afzender	(((af)[P],(zend)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afzending	(((af)[P],(zend)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afzendster	(((af)[P],(zend)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
afzengen	((af)[P],(zeng)[V])[V]
afzepen	((af)[P],(zeep)[V])[V]
afzetbaar	(((af)[P],(zet)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
afzetbaarheid	((((af)[P],(zet)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
afzetbalk	(((af)[P],(zet)[V])[V],(balk)[N])[N]
afzetgebied	(((af)[P],(zet)[V])[V],(gebied)[N])[N]
afzetmarkt	(((af)[P],(zet)[V])[V],(markt)[N])[N]
afzetnet	(((af)[P],(zet)[V])[V],(net)[N])[N]
afzetsel	(((af)[P],(zet)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
afzetster	(((af)[P],(zet)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
afzetten	((af)[P],(zet)[V])[V]
afzetter	(((af)[P],(zet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afzetterij	(((af)[P],(zet)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
afzetting	(((af)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afzettingsgesteente	((((af)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.Nx],(steen)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
afzeulen	((af)[P],(zeul)[V])[V]
afzeven	((af)[P],(zeef)[V])[V]
afzichtelijkheid	((afzichtelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
afzichten	((af)[P],(zicht)[V])[V]
afzien	((af)[P],(zie)[V])[V]
afzienbaar	(((af)[P],(zie)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
afziften	((af)[P],(zift)[V])[V]
afzijdig	((af)[P],(zijde)[N],(ig)[A|PN.])[A]
afzijdigheid	(((af)[P],(zijde)[N],(ig)[A|PN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
afzijgen	((af)[P],(zijg)[V])[V]
afzijn	((af)[P],(zijn)[V])[V]
afzinken	((af)[P],(zink)[V])[V]
afzitten	((af)[P],(zit)[V])[V]
afzoden	((af)[P],(zode)[N])[V]
afzoeken	((af)[P],(zoek)[V])[V]
afzoenen	((af)[P],(zoen)[V])[V]
afzomen	((af)[P],(zoom)[V])[V]
afzonderen	((af)[P],(zonder)[P])[V]
afzondering	(((af)[P],(zonder)[P])[V],(ing)[N|V.])[N]
afzonderingsperiode	((((af)[P],(zonder)[P])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
afzonderingsstal	((((af)[P],(zonder)[P])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(stal)[N])[N]
afzonderlijk	(((af)[P],(zonder)[P])[V],(lijk)[A|V.])[A]
afzonderlijkheid	((((af)[P],(zonder)[P])[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
afzouten	((af)[P],(zout)[V])[V]
afzuchten	((af)[P],(zucht)[V])[V]
afzuigen	((af)[P],(zuig)[V])[V]
afzuiging	(((af)[P],(zuig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afzuigkap	(((af)[P],(zuig)[V])[V],(kap)[N])[N]
afzuipen	((af)[P],(zuip)[V])[V]
afzwaaien	((af)[P],(zwaai)[V])[V]
afzwaaier	(((af)[P],(zwaai)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
afzwakken	((af)[P],(zwak)[A])[V]
afzwakking	(((af)[P],(zwak)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
afzweerder	(((af)[P],(zweer)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
afzwemmen	((af)[P],(zwem)[V])[V]
afzwenken	((af)[P],(zwenk)[V])[V]
afzwepen	((af)[P],(zweep)[V])[V]
afzweren	((af)[P],(zweer)[V])[V]
afzwering	(((af)[P],(zweer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afzwerven	((af)[P],(zwerf)[V])[V]
afzwerving	(((af)[P],(zwerf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
afzweven	((af)[P],(zweef)[V])[V]
afzwieren	((af)[P],(zwier)[V])[V]
afzwoegen	((af)[P],(zwoeg)[V])[V]
agaatgesteente	((agaat)[N],((ge)[N|.Nx],(steen)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
agaatkleurig	((agaat)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
agami	(agami)[N]
agar-agar	(agar-agar)[N]
agaten	((agaat)[N],(en)[A|N.])[A]
agave	(agave)[N]
agendapunt	((agenda)[N],(punt)[N])[N]
agendasetting	((agenda)[N],(setting)[N])[N]
agenderen	((agenda)[N],(eer)[V|N.])[V]
agendering	(((agenda)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
agent	((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N]
agente	(((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
agentenfluitje	(((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(fluit)[N])[N]
agentschap	(((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
agentuur	(((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N],(uur)[N|N.])[N]
agger	(agger)[N]
agglomeraat	((agglomereer)[V],(aat)[N|V.])[N]
agglomeratie	((agglomereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
agglutinatie	((agglutineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
aggregaat	((aggregeer)[V],(aat)[N|V.])[N]
aggregaatstoestand	(((aggregeer)[V],(aat)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
aggregatie	((aggregeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
aggregatietoestand	(((aggregeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(toestand)[N])[N]
agio	(agio)[N]
agiotage	((agioteer)[V],(age)[N|V.])[N]
agioteur	((agioteer)[V],(eur)[N|V.])[N]
agitatie	((agiteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
agitator	((agiteer)[V],(ator)[N|V.])[N]
agodsdienstig	((a)[A|.A],(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
agogentaal	((agoog)[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
agogie	((agogisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
agogiek	((agogisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
agologie	((agologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
agrafe	(agrafe)[N]
agressie-gevoelen	((agressie)[N],(gevoelen)[N])[N]
agressiedrift	((agressie)[N],(drift)[N])[N]
agressief	((agressie)[N],(ief)[A|N.])[A]
agressiviteit	(((agressie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
agronomie	((agronomisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
ah	(ah)[N]
aha	(aha)[N]
ahistorisch	((a)[A|.A],(historisch)[A])[A]
ahornboom	((ahorn)[N],(boom)[N])[N]
ahornen	((ahorn)[N],(en)[A|N.])[A]
ahornhout	((ahorn)[N],(hout)[N])[N]
ahornhouten	(((ahorn)[N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
ahornsiroop	((ahorn)[N],(siroop)[N])[N]
ai	(ai)[N]
aikido	(aikido)[N]
air	(air)[N]
airbus	((air)[N],(bus)[N])[N]
airmail	((air)[N],(mail)[N])[N]
airpot	((air)[N],(pot)[N])[N]
ajoursteek	((ajour)[B],(steek)[N])[N]
ajuinachtig	((ajuin)[N],(achtig)[A|N.])[A]
ajuinbol	((ajuin)[N],(bol)[N])[N]
ajuinzaad	((ajuin)[N],(zaad)[N])[N]
akela	(akela)[N]
akelei	(akelei)[N]
akeligheid	((akelig)[A],(heid)[N|A.])[N]
aker	(aker)[N]
akker	(akker)[N]
akkerbouw	((akker)[N],(bouw)[N])[N]
akkerdistel	((akker)[N],(distel)[N])[N]
akkeren	(akker)[V]
akkerkool	((akker)[N],(kool)[N])[N]
akkerland	((akker)[N],(land)[N])[N]
akkerleeuwerik	((akker)[N],(leeuwerik)[N])[N]
akkermaalsbos	((akkermaal)[N],(s)[N|N.N],(bos)[N])[N]
akkermaalshout	((akkermaal)[N],(s)[N|N.N],(hout)[N])[N]
akkerman	((akker)[V],(man)[N])[N]
akkersleep	((akker)[N],(sleep)[N])[N]
akkervrucht	((akker)[N],(vrucht)[N])[N]
akkerwinde	((akker)[N],(winde)[N])[N]
akkoord	(akkoord)[N]
akoepedist	((akoepedie)[N],(ist)[N|N.])[N]
akoestiek	((akoestisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
akolei	(akolei)[N]
aks	(aks)[N]
akte	(akte)[N]
akte-examen	((akte)[N],(examen)[N])[N]
akteregister	((akte)[N],(en)[N|N.N],(register)[N])[N]
aktetas	((akte)[N],(en)[N|N.N],(tas)[N])[N]
al	(al)[N]
al-liefde	((al)[N],(liefde)[N])[N]
alantswijn	((alant)[N],(s)[N|N.N],(wijn)[N])[N]
alantswortel	((alant)[N],(s)[N|N.N],(wortel)[N])[N]
alarm	(alarm)[N]
alarmapparaat	((alarm)[N],(apparaat)[N])[N]
alarmbel	((alarm)[N],(bel)[N])[N]
alarmblazer	((alarm)[N],(blaas)[V],(er)[N|NV.])[N]
alarmcentrale	((alarm)[N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
alarmeren	((alarm)[N],(eer)[V|N.])[V]
alarmfase	((alarm)[N],(fase)[N])[N]
alarmfluit	((alarm)[N],(fluit)[N])[N]
alarminrichting	((alarm)[N],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
alarminstallatie	((alarm)[N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
alarmist	((alarm)[N],(ist)[N|N.])[N]
alarmklok	((alarm)[N],(klok)[N])[N]
alarmkreet	((alarm)[N],(kreet)[N])[N]
alarmnummer	((alarm)[N],(nummer)[N])[N]
alarmpeil	((alarm)[N],(peil)[N])[N]
alarmpistool	((alarm)[N],(pistool)[N])[N]
alarmschel	((alarm)[N],(schel)[N])[N]
alarmsein	((alarm)[N],(sein)[N])[N]
alarmsignaal	((alarm)[N],(signaal)[N])[N]
alarmsysteem	((alarm)[N],(systeem)[N])[N]
alarmtoestand	((alarm)[N],(toestand)[N])[N]
alarmvlotter	((alarm)[N],((vlot)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
albast	(albast)[N]
albasten	((albast)[N],(en)[A|N.])[A]
albastglas	((albast)[N],(glas)[N])[N]
albastpapier	((albast)[N],(papier)[N])[N]
albatros	(albatros)[N]
albe	(albe)[N]
albedil	((al)[B],(bedil)[V])[N]
albeschik	((al)[B],((be)[V|.V],(schik)[V])[V])[N]
album	(album)[N]
albumblad	((album)[N],(blad)[N])[N]
albuminepapier	((albumine)[N],(papier)[N])[N]
albumvers	((album)[N],(vers)[N])[N]
alchemistisch	(((alchimie)[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A]
alchimist	((alchimie)[N],(ist)[N|N.])[N]
alchimisterij	(((alchimie)[N],(ist)[N|N.])[N],(erij)[N|N.])[N]
alcohol	(alcohol)[N]
alcoholaccijns	((alcohol)[N],(accijns)[N])[N]
alcoholgebruik	((alcohol)[N],(gebruik)[N])[N]
alcoholgehalte	((alcohol)[N],(gehalte)[N])[N]
alcoholhoudend	((alcohol)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
alcoholica	((alcoholicus)[N],(a)[N|N.])[N]
alcoholisch	((alcohol)[N],(isch)[A|N.])[A]
alcoholiseren	((alcohol)[N],(iseer)[V|N.])[V]
alcoholist	((alcohol)[N],(ist)[N|N.])[N]
alcoholistisch	(((alcohol)[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A]
alcoholmisbruik	((alcohol)[N],(misbruik)[N])[N]
alcoholpercentage	((alcohol)[N],(percentage)[N])[N]
alcoholprobleem	((alcohol)[N],(probleem)[N])[N]
alcoholpromillage	((alcohol)[N],(promillage)[N])[N]
alcoholpsychose	((alcohol)[N],(psychose)[N])[N]
alcoholsyndroom	((alcohol)[N],(syndroom)[N])[N]
alcoholtest	((alcohol)[N],(test)[N])[N]
alcoholthermometer	((alcohol)[N],((thermo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
alcoholverbod	((alcohol)[N],(verbod)[N])[N]
alcoholvergiftiging	((alcohol)[N],(((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
alcoholvrij	((alcohol)[N],(vrij)[A])[A]
aldoordringend	((al)[O],(doordringend)[A])[A]
aleatorisch	((aleatoir)[A],(isch)[A|A.])[A]
alertheid	((alert)[A],(heid)[N|A.])[N]
alexandrijns	((alexandrijn)[N],(s)[A|N.])[A]
alf	(alf)[N]
alfabetisch	((alfabet)[N],(isch)[A|N.])[A]
alfabetiseren	((alfabet)[N],(iseer)[V|N.])[V]
alfabetisering	(((alfabet)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
alfabetiseringscampagne	((((alfabet)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(campagne)[N])[N]
alfabetiseringsprogramma	((((alfabet)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
alfabetiseringsproject	((((alfabet)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(project)[N])[N]
alfadeeltje	((alfa)[N],(deel)[N])[N]
alfagras	((alfa)[N],(gras)[N])[N]
alfahulp	((alfa)[N],(hulp)[N])[N]
alfanumeriek	((alfa)[N],((nummer)[N],(iek)[A|N.])[A])[A]
alfareceptor	((alfa)[N],(receptor)[N])[N]
alfastralen	((alfa)[N],(straal)[N])[N]
alfawetenschap	((alfa)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
alge	(alge)[N]
algebra	(algebra)[N]
algebraïsch	((algebra)[N],(isch)[A|N.])[A]
algebraïst	((algebra)[N],(ist)[N|N.])[N]
algeheel	((al)[Q],(geheel)[A])[A]
algemeen	((al)[Q],(gemeen)[A])[A]
algemeenheid	(((al)[Q],(gemeen)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
algoed	((al)[Q],(goed)[A])[A]
algoedheid	(((al)[Q],(goed)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
algoritme	(algoritme)[N]
alias	(alias)[X]
alibi	(alibi)[N]
alignement	(((lijn)[N],(eer)[V|N.])[V],(ement)[N|V.])[N]
aligneren	((lijn)[N],(eer)[V|N.])[V]
alikas	(alikas)[N]
alimentatiebedrag	((alimentatie)[N],(bedrag)[N])[N]
alimentatieplicht	((alimentatie)[N],(plicht)[N])[N]
alinea	(alinea)[N]
aliterair	((a)[A|.A],(literair)[A])[A]
alizarine-inkt	((alizarine)[N],(inkt)[N])[N]
aliënatie	((aliëneer)[V],(atie)[N|V.])[N]
alk	(alk)[N]
alkalimetaal	((alkali)[N],(metaal)[N])[N]
alkalisch	((alkali)[N],(isch)[A|N.])[A]
alkaliseren	((alkali)[N],(iseer)[V|N.])[V]
alkoofachtig	((alkoof)[N],(achtig)[A|N.])[A]
alkoofdeur	((alkoof)[N],(deur)[N])[N]
all-riskdekking	((all-risk)[A],((dek)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
all-riskverzekering	((all-risk)[A],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
alledaags	((alle)[Q],((dag)[N],(s)[A|N.])[A])[A]
alledaagsheid	(((alle)[Q],((dag)[N],(s)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
alleengebruik	((alleen)[A],(gebruik)[N])[N]
alleenhandel	((alleen)[A],(handel)[N])[N]
alleenheerschappij	((alleen)[A],(((heer)[N],(schap)[N|N.])[N],(ij)[N|N.])[N])[N]
alleenheerser	((alleen)[A],((heers)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
alleenheid	((alleen)[A],(heid)[N|A.])[N]
alleenrecht	((alleen)[A],(recht)[N])[N]
alleenspraak	((alleen)[A],(spraak)[N])[N]
alleenstaand	((alleen)[A],(staand)[A])[A]
alleenverkoop	((alleen)[A],(verkoop)[N])[N]
alleenwijs	((alleen)[A],(wijs)[A])[A]
alleenwonend	((alleen)[A],(woon)[V],(end)[A|AV.])[A]
alleenzaligmakend	((alleen)[A],((zalig)[A],(maak)[V],(end)[A|AV.])[A])[A]
allegorie	((allegorisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
allegro	(allegro)[X]
alleluja	(alleluja)[N]
allemansgading	((alleman)[O],(s)[N|O.N],(gading)[N])[N]
allemansgek	((alleman)[O],(s)[N|O.N],(gek)[N])[N]
allemansvriend	((alleman)[O],(s)[N|O.N],(vriend)[N])[N]
allerbest	((aller)[A|.A],(best)[A])[A]
allereerst	((aller)[A|.B],(eerst)[B])[A]
allergie	((allergisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
allerheiligst	((aller)[A|.A],(heiligst)[A])[A]
allerhoogst	((aller)[A|.A],(hoogst)[A])[A]
allerlaatst	((aller)[A|.A],(laatst)[A])[A]
allerliefst	((aller)[A|.A],(liefst)[A])[A]
allermeest	((aller)[A|.A],(meest)[A])[A]
allerminst	((aller)[A|.Q],(minst)[Q])[A]
allernaast	((aller)[A|.A],(naast)[A])[A]
alleruiterst	((aller)[A|.A],(uiterst)[A])[A]
allesbrander	((alles)[N],(brand)[V],(er)[N|NV.])[N]
allesdrager	((alles)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
alleseter	((alles)[N],(eet)[V],(er)[N|NV.])[N]
allesoverheersend	((alles)[N],((over)[P],(heers)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
allesreiniger	((alles)[N],(reinig)[V],(er)[N|NV.])[N]
alligator	(alligator)[N]
alliteratie	((allitereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
allitteratie	((allittereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
allocatiefunctie	((allocatie)[N],(functie)[N])[N]
allocatiemechanisme	((allocatie)[N],(mechanisme)[N])[N]
allodiaal	((allodium)[N],(aal)[A|N.])[A]
allongepruik	((allonge)[N],(pruik)[N])[N]
allopathie	(((allo)[A|.A],(pathisch)[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
allopathisch	((allo)[A|.A],(pathisch)[A])[A]
allure	(allure)[N]
alluviaal	((Alluvium)[N],(aal)[A|N.])[A]
almacht	((al)[Q],(macht)[N])[N]
almachtig	((al)[Q],((macht)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
almachtsbegrip	(((al)[Q],(macht)[N])[N],(s)[N|N.N],(begrip)[N])[N]
almachtsfantasie	(((al)[Q],(macht)[N])[N],(s)[N|N.N],(fantasie)[N])[N]
almagra	(almagra)[N]
almanak	(almanak)[N]
almogendheid	((almogend)[A],(heid)[N|A.])[N]
alomtegenwoordig	((alom)[B],(tegenwoordig)[A])[A]
alomtegenwoordigheid	(((alom)[B],(tegenwoordig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
alomvattend	((al)[O],(omvattend)[V])[A]
alomvattendheid	(((al)[O],(omvattend)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
aloud	((al)[B],(oud)[A])[A]
aloë	(aloë)[N]
alp	(alp)[N]
alpaca	(alpaca)[N]
alpacawol	((alpaca)[N],(wol)[N])[N]
alpenbloem	((Alpen)[N],(bloem)[N])[N]
alpenclub	((Alpen)[N],(club)[N])[N]
alpendorp	((alp)[N],(en)[N|N.N],(dorp)[N])[N]
alpenflora	((Alpen)[N],(flora)[N])[N]
alpenjager	((alp)[N],(en)[N|N.N],((jaag)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
alpenlandschap	((alp)[N],(en)[N|N.N],((land)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
alpenroman	((alp)[N],(en)[N|N.N],(roman)[N])[N]
alpenroos	((Alpen)[N],(roos)[N])[N]
alpensalamander	((alp)[N],(en)[N|N.N],(salamander)[N])[N]
alpenvereniging	((alp)[N],(en)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
alpenweide	((Alpen)[N],(weide)[N])[N]
alpineskiën	((alpine)[A],(ski)[V])[V]
alpiniste	((alpinist)[N],(e)[N|N.])[N]
alpinomuts	((alpino)[N],(muts)[N])[N]
alpinopet	((alpino)[N],(pet)[N])[N]
alruinmannetje	((alruin)[N],(man)[N])[N]
alruinwortel	((alruin)[N],(wortel)[N])[N]
alsemachtig	((alsem)[N],(achtig)[A|N.])[A]
alsembeker	((alsem)[N],(beker)[N])[N]
alsemdrank	((alsem)[N],(drank)[N])[N]
alsemkruid	((alsem)[N],(kruid)[N])[N]
alsemwijn	((alsem)[N],(wijn)[N])[N]
alt	(alt)[N]
altaar	(altaar)[N]
altaarblad	((altaar)[N],(blad)[N])[N]
altaardoek	((altaar)[N],(doek)[N])[N]
altaarsteen	((altaar)[N],(steen)[N])[N]
altaarstuk	((altaar)[N],(stuk)[N])[N]
altaartafel	((altaar)[N],(tafel)[N])[N]
alteratie	((altereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
alternantie	((alterneer)[V],(antie)[N|V.])[N]
alternatie	((alterneer)[V],(atie)[N|V.])[N]
alternatief	(((alterneer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[N|N.])[N]
althea	(althea)[N]
althobo	((alt)[N],(hobo)[N])[N]
althoorn	((alt)[N],(hoorn)[N])[N]
althoren	((alt)[N],(horen)[N])[N]
altijddurend	((altijd)[B],(duur)[V],(end)[A|BV.])[A]
altijdgroen	((altijd)[B],(groen)[A])[A]
altimeter	((alti)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
altoosdurend	((altoos)[B],(duur)[V],(end)[A|BV.])[A]
altpartij	((alt)[N],(partij)[N])[N]
altruïstisch	((altruïst)[N],(isch)[A|N.])[A]
altsaxofoon	((alt)[N],(saxofoon)[N])[N]
altsleutel	((alt)[N],(sleutel)[N])[N]
altstem	((alt)[N],(stem)[N])[N]
altviool	((alt)[N],(viool)[N])[N]
altzangeres	((alt)[N],(((zing)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N])[N]
aluin	(aluin)[N]
aluinaarde	((aluin)[N],(aarde)[N])[N]
aluinen	(aluin)[V]
aluinsteen	((aluin)[N],(steen)[N])[N]
aluminiumfoelie	((aluminium)[N],(foelie)[N])[N]
aluminiumfolie	((aluminium)[N],(folie)[N])[N]
alver	(alver)[N]
alverbondenheid	((al)[N],((verbonden)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
alvermogen	((al)[B],(vermogen)[N])[N]
alvermogend	((al)[B],(vermogend)[A])[A]
alvernielend	((al)[O],(vernielend)[A])[A]
alverslindend	((al)[O],(verslindend)[V])[A]
alvleessap	((alvleesklier)[N],(sap)[N])[N]
alwetend	((al)[O],(wetend)[A])[A]
alwetendheid	(((al)[O],(wetend)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
alweter	((al)[B],(weet)[V],(er)[N|BV.])[N]
alweterij	((al)[B],(weet)[V],(erij)[N|BV.])[N]
alwijs	((al)[B],(wijs)[A])[A]
alziend	((al)[B],(ziend)[V])[A]
alzijdig	((al)[B],(zijde)[N],(ig)[A|BN.])[A]
alzijdigheid	(((al)[B],(zijde)[N],(ig)[A|BN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
amalgama	(amalgama)[N]
amalgameren	((amalgaam)[N],(eer)[V|N.])[V]
amandel	(amandel)[N]
amandelachtig	((amandel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
amandelboom	((amandel)[N],(boom)[N])[N]
amandelbroodje	((amandel)[N],(brood)[N])[N]
amandelmelk	((amandel)[N],(melk)[N])[N]
amandelolie	((amandel)[N],(olie)[N])[N]
amandelontsteking	((amandel)[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
amandelspijs	((amandel)[N],(spijs)[N])[N]
amandelstaaf	((amandel)[N],(staaf)[N])[N]
amandeltaart	((amandel)[N],(taart)[N])[N]
amandelvormig	((amandel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
amandelzeep	((amandel)[N],(zeep)[N])[N]
amaranthout	((amarant)[N],(hout)[N])[N]
amarantkleur	((amarant)[N],(kleur)[N])[N]
amarilhout	((amaril)[N],(hout)[N])[N]
amateur	(amateur)[N]
amateurarcheoloog	((amateur)[N],(archeoloog)[N])[N]
amateurastronoom	((amateur)[N],(astronoom)[N])[N]
amateurfotograaf	((amateur)[N],(fotograaf)[N])[N]
amateurhistoricus	((amateur)[N],(historicus)[N])[N]
amateurkoers	((amateur)[N],(koers)[N])[N]
amateurpoliticus	((amateur)[N],(politicus)[N])[N]
amateurspion	((amateur)[N],(spion)[N])[N]
amateurswerk	((amateur)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
amateurtoneel	((amateur)[N],(toneel)[N])[N]
amateurvoetbal	((amateur)[N],((voet)[N],(bal)[N])[N])[N]
amazone	(amazone)[N]
amazonekleed	((amazone)[N],(en)[N|N.N],(kleed)[N])[N]
amazonezit	((amazone)[N],(zit)[N])[N]
ambacht	(ambacht)[N]
ambachtelijk	((ambacht)[N],(elijk)[A|N.])[A]
ambachtelijkheid	(((ambacht)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ambachtsbaas	((ambacht)[N],(s)[N|N.N],(baas)[N])[N]
ambachtsgild	((ambacht)[N],(s)[N|N.N],(gild)[N])[N]
ambachtsgilde	((ambacht)[N],(s)[N|N.N],(gilde)[N])[N]
ambachtsheer	((ambacht)[N],(s)[N|N.N],(heer)[N])[N]
ambachtsheerlijkheid	((ambacht)[N],(s)[N|N.N],(((heer)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ambachtsman	((ambacht)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N]
ambachtsonderwijs	((ambacht)[N],(s)[N|N.N],(onderwijs)[N])[N]
ambachtsschool	((ambacht)[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
ambachtsvrouw	((ambacht)[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
ambassade	(ambassade)[N]
ambassadeattaché	((ambassade)[N],(attaché)[N])[N]
ambassadegebouw	((ambassade)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
ambassadesecretaris	((ambassade)[N],(secretaris)[N])[N]
ambassadeur	((ambassade)[N],(eur)[N|N.])[N]
ambassadeursrapport	(((ambassade)[N],(eur)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(rapport)[N])[N]
amber	(amber)[N]
ambergeel	((amber)[N],(geel)[A])[A]
ambergeur	((amber)[N],(geur)[N])[N]
ambergrijs	((amber)[N],(grijs)[N])[N]
ambiguïteit	((ambigu)[A],(iteit)[N|A.])[N]
ambitieniveau	((ambitie)[N],(niveau)[N])[N]
ambivalentie	((ambivalent)[A],(ie)[N|A.])[N]
ambrosia	(ambrosia)[N]
ambrozijn	(ambrozijn)[N]
ambt	(ambt)[N]
ambtelijk	((ambt)[N],(elijk)[A|N.])[A]
ambteloos	((ambt)[N],(eloos)[A|N.])[A]
ambtenaar	((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N]
ambtenaarlijk	(((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N],(lijk)[A|N.])[A]
ambtenaarsbaan	(((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(baan)[N])[N]
ambtenaarsleven	(((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(leven)[N])[N]
ambtenaarsloopbaan	(((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((loop)[V],(baan)[N])[N])[N]
ambtenaarstraktement	(((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((trakteer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
ambtenaarswereld	(((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
ambtenarenapparaat	(((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
ambtenarenbaan	(((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(baan)[N])[N]
ambtenarencentrum	(((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
ambtenarengerecht	(((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(gerecht)[N])[N]
ambtenarenkorps	(((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(korps)[N])[N]
ambtenarenorganisatie	(((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
ambtenarenpensioen	(((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(pensioen)[N])[N]
ambtenarenreglement	(((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(reglement)[N])[N]
ambtenarensalaris	(((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(salaris)[N])[N]
ambtenarenwet	(((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(wet)[N])[N]
ambtenarenzaak	(((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
ambtenares	((ambt)[N],(enares)[N|N.])[N]
ambtenarij	(((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N],(arij)[N|N.])[N]
ambtgenoot	((ambt)[N],(genoot)[N])[N]
ambtgenote	(((ambt)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
ambtman	((ambt)[N],(man)[N])[N]
ambtsaanvaarding	((ambt)[N],(s)[N|N.N],((aanvaard)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ambtsbediening	((ambt)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ambtsbezigheid	((ambt)[N],(s)[N|N.N],((bezig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ambtsbroeder	((ambt)[N],(s)[N|N.N],(broeder)[N])[N]
ambtsdraagster	((ambt)[N],(s)[N|N.N],((draag)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
ambtsdrager	((ambt)[N],(s)[N|N.N],((draag)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
ambtseed	((ambt)[N],(s)[N|N.N],(eed)[N])[N]
ambtsgebied	((ambt)[N],(s)[N|N.N],(gebied)[N])[N]
ambtsgeheim	((ambt)[N],(s)[N|N.N],(geheim)[N])[N]
ambtsgewaad	((ambt)[N],(s)[N|N.N],(gewaad)[N])[N]
ambtsinstructie	((ambt)[N],(s)[N|N.N],(instructie)[N])[N]
ambtsjaar	((ambt)[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
ambtsjubileum	((ambt)[N],(s)[N|N.N],(jubileum)[N])[N]
ambtsketen	((ambt)[N],(s)[N|N.N],(keten)[N])[N]
ambtskledij	((ambt)[N],(s)[N|N.N],((kleed)[V],(ij)[N|V.])[N])[N]
ambtskostuum	((ambt)[N],(s)[N|N.N],(kostuum)[N])[N]
ambtsmisbruik	((ambt)[N],(s)[N|N.N],(misbruik)[N])[N]
ambtspenning	((ambt)[N],(s)[N|N.N],(penning)[N])[N]
ambtsperiode	((ambt)[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
ambtsplicht	((ambt)[N],(s)[N|N.N],(plicht)[N])[N]
ambtstermijn	((ambt)[N],(s)[N|N.N],(termijn)[N])[N]
ambtsuitoefening	((ambt)[N],(s)[N|N.N],(((uit)[P],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ambtsverrichting	((ambt)[N],(s)[N|N.N],((verricht)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ambtsvervulling	((ambt)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(vul)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ambtsvoorganger	((ambt)[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(ga)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
ambtswoning	((ambt)[N],(s)[N|N.N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ambulance	((ambulant)[A],(nce)[N|A.])[N]
ambulanceauto	(((ambulant)[A],(nce)[N|A.])[N],(auto)[N])[N]
ambulancedienst	(((ambulant)[A],(nce)[N|A.])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
ambulancetrein	(((ambulant)[A],(nce)[N|A.])[N],(trein)[N])[N]
ambulancewagen	(((ambulant)[A],(nce)[N|A.])[N],(wagen)[N])[N]
amechtigheid	((amechtig)[A],(heid)[N|A.])[N]
amen	(amen)[N]
amendement	((amendeer)[V],(ement)[N|V.])[N]
amendering	((amendeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
amerikanisering	((amerikaniseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
ametallisme	((a)[N|.Nx],(metaal)[N],(isme)[N|xN.])[N]
amethist	(amethist)[N]
ametrie	((a)[N|.Ax],((metrum)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|xA.])[N]
amfibietank	((amfibie)[N],(tank)[N])[N]
amfibievliegtuig	((amfibie)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
amfibievoertuig	((amfibie)[N],((voer)[V],(tuig)[N])[N])[N]
amfioen	(amfioen)[N]
amfioenkit	((amfioen)[N],(kit)[N])[N]
amfitheater	((amfi)[N|.N],(theater)[N])[N]
amfitheatersgewijs	(((amfi)[N|.N],(theater)[N])[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
amicaal	((amice)[N],(aal)[A|N.])[A]
amice	(amice)[N]
amigo	(amigo)[N]
ammelaken	(ammelaken)[N]
ammoniumcarbonaat	((ammonium)[N],(carbonaat)[N])[N]
ammoniumchloride	((ammonium)[N],(chloride)[N])[N]
ammoniumsulfaat	((ammonium)[N],(sulfaat)[N])[N]
ammunitiewagen	((ammunitie)[N],(wagen)[N])[N]
amnioscopie	((amnioscoop)[N],(ie)[N|N.])[N]
amoebe	(amoebe)[N]
amoebendysenterie	((amoebe)[N],(dysenterie)[N])[N]
amok	(amok)[N]
amokmaker	((amok)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
amoreel	((a)[A|.A],(moreel)[A])[A]
amortisatie	((amortiseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
amortisatiefonds	(((amortiseer)[V],(atie)[N|V.])[N],(fonds)[N])[N]
ampel	(ampel)[A]
amplificatie	((amplificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
amputatie	((amputeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
ampère-uur	((ampère)[N],(uur)[N])[N]
ampèremeter	((ampère)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
ampèreseconde	((ampère)[N],(seconde)[N])[N]
amulet	(amulet)[N]
amusant	((amuseer)[V],(ant)[A|V.])[A]
amusement	((amuseer)[V],(ement)[N|V.])[N]
amusementsbedrijf	(((amuseer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
amusementsfilm	(((amuseer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(film)[N])[N]
amusementsgelegenheid	(((amuseer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
amusementsmuziek	(((amuseer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(muziek)[N])[N]
amusementsprogramma	(((amuseer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
amusementssector	(((amuseer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(sector)[N])[N]
amusementswereld	(((amuseer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
amuzisch	((a)[A|.A],(muzisch)[A])[A]
anaal	((anus)[N],(aal)[A|N.])[A]
anabaptist	((ana)[N|.N],(baptist)[N])[N]
anaconda	(anaconda)[N]
anaforisch	((anafoor)[N],(isch)[A|N.])[A]
analfabetisch	((analfabeet)[N],(isch)[A|N.])[A]
analfabetisme	((an)[N|.N],(alfabetisme)[N])[N]
analiste	((analist)[N],(e)[N|N.])[N]
analogie	((analogisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
analogieformatie	(((analogisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(formeer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
analogieprobleem	(((analogisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(probleem)[N])[N]
analogiewerking	(((analogisch)[A],(ie)[N|A.])[N],((werk)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
analogiseren	((analoog)[A],(iseer)[V|A.])[V]
analysator	(((analyse)[N],(eer)[V|N.])[V],(ator)[N|V.])[N]
analyseerbaar	(((analyse)[N],(eer)[V|N.])[V],(baar)[A|V.])[A]
analysemethode	((analyse)[N],(methode)[N])[N]
analyseniveau	((analyse)[N],(niveau)[N])[N]
analyseprocedure	((analyse)[N],(procedure)[N])[N]
analyserapport	((analyse)[N],(rapport)[N])[N]
analyseren	((analyse)[N],(eer)[V|N.])[V]
analyseresultaat	((analyse)[N],((resulteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
analysetechniek	((analyse)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
analytisch	((analyse)[N],(isch)[A|N.])[A]
ananas	(ananas)[N]
ananasdrank	((ananas)[N],(drank)[N])[N]
ananassap	((ananas)[N],(sap)[N])[N]
ananasvormig	((ananas)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
anarchist	((anarchie)[N],(ist)[N|N.])[N]
anarchiste	(((anarchie)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
anarchistencomplot	(((anarchie)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(complot)[N])[N]
anatomie	((anatomisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
anatomiseren	((anatoom)[N],(iseer)[V|N.])[V]
anatomist	(((anatomisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(ist)[N|N.])[N]
anatoxine	((ana)[N|.N],(toxine)[N])[N]
ander	(ander)[A]
anderdaags	((ander)[A],((dag)[N],(s)[A|N.])[A])[A]
andersdenkend	((anders)[A],(denk)[V],(end)[A|AV.])[A]
andersgelovige	((anders)[A],(gelovige)[N])[N]
andersgezind	((anders)[A],(gezind)[A])[A]
andersheid	((anders)[A],(heid)[N|A.])[N]
andersoortig	((ander)[A],(soort)[N],(ig)[A|AN.])[A]
anderstalige	((anders)[A],(taal)[N],(ig)[N|AN.x],(e)[N|ANx.])[N]
andervrouws	((ander)[A],(vrouw)[N],(s)[O|AN.])[O]
andijvie	(andijvie)[N]
andijviesla	((andijvie)[N],(sla)[N])[N]
andragoge	((andragoog)[N],(e)[N|N.])[N]
andragogie	((andragogisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
andragogiek	((andragogisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
andreaskruis	((Andreas)[N],(kruis)[N])[N]
androgynie	((androgyn)[N],(ie)[N|N.])[N]
anekdote	(anekdote)[N]
anekdotejager	((anekdote)[N],(en)[N|N.Vx],(jaag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
anekdotisch	((anekdote)[N],(isch)[A|N.])[A]
anemie	((anemisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
anemoon	(anemoon)[N]
anesthesist	((anesthesie)[N],(ist)[N|N.])[N]
anesthesiste	(((anesthesie)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
angel	(angel)[N]
angeldragend	((angel)[N],(draag)[V],(end)[A|NV.])[A]
angelspits	((angel)[N],(spits)[N])[N]
angelsteek	((angel)[N],(steek)[N])[N]
angelus	(angelus)[N]
angelusklok	((angelus)[N],(klok)[N])[N]
angelustorentje	((angelus)[N],(toren)[N])[N]
anglicaans	((anglicaan)[N],(s)[A|N.])[A]
anglofilie	((anglofiel)[N],(ie)[N|N.])[N]
anglomanie	((anglomaan)[N],(ie)[N|N.])[N]
angora	(angora)[N]
angorageit	((angora)[N],(geit)[N])[N]
angorakat	((angora)[N],(kat)[N])[N]
angorakonijn	((angora)[N],(konijn)[N])[N]
angorawol	((angora)[N],(wol)[N])[N]
angst	(angst)[N]
angstaanjagend	((angst)[N],((aan)[P],(jaag)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
angstaanjagendheid	(((angst)[N],((aan)[P],(jaag)[V])[V],(end)[A|NV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
angstbeeld	((angst)[N],(beeld)[N])[N]
angstcomplex	((angst)[N],(complex)[N])[N]
angstdroom	((angst)[N],(droom)[N])[N]
angstgehuil	((angst)[N],((ge)[N|.V],(huil)[V])[N])[N]
angstgeschreeuw	((angst)[N],((ge)[N|.V],(schreeuw)[V])[N])[N]
angstgeschrei	((angst)[N],((ge)[N|.V],(schrei)[V])[N])[N]
angstgevoel	((angst)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
angstgevoelen	((angst)[N],(gevoelen)[N])[N]
angsthaas	((angst)[N],(haas)[N])[N]
angsthysterie	((angst)[N],((hysterisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
angstig	((angst)[N],(ig)[A|N.])[A]
angstigheid	(((angst)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
angstkramp	((angst)[N],(kramp)[N])[N]
angstkreet	((angst)[N],(kreet)[N])[N]
angstneurose	((angst)[N],(neurose)[N])[N]
angstpsychose	((angst)[N],(psychose)[N])[N]
angstreactie	((angst)[N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
angstreductie	((angst)[N],(reductie)[N])[N]
angstschreeuw	((angst)[N],(schreeuw)[N])[N]
angstsituatie	((angst)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
angsttoestand	((angst)[N],(toestand)[N])[N]
angstvalligheid	((angstvallig)[A],(heid)[N|A.])[N]
angstverschijnsel	((angst)[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
angstvisioen	((angst)[N],(visioen)[N])[N]
angstwekkend	((angst)[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
angstzweet	((angst)[N],(zweet)[N])[N]
anijs	(anijs)[N]
anijsachtig	((anijs)[N],(achtig)[A|N.])[A]
anijsappel	((anijs)[N],(appel)[N])[N]
anijsdrank	((anijs)[N],(drank)[N])[N]
anijslikeur	((anijs)[N],(likeur)[N])[N]
anijsmelk	((anijs)[N],(melk)[N])[N]
anijstablet	((anijs)[N],(tablet)[N])[N]
anijszaad	((anijs)[N],(zaad)[N])[N]
aniline-inkt	((aniline)[N],(inkt)[N])[N]
anilinepotlood	((aniline)[N],((pot)[N],(lood)[N])[N])[N]
anima-archetype	((anima)[N],(archetype)[N])[N]
animatie	((animeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
animatiefilm	(((animeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(film)[N])[N]
animator	((animeer)[V],(ator)[N|V.])[N]
animeermeid	((animeer)[V],(meid)[N])[N]
animeermeisje	((animeer)[V],(meisje)[N])[N]
animo	(animo)[N]
anion	((an)[N|.N],(ion)[N])[N]
anjer	(anjer)[N]
anker	(anker)[N]
ankerboei	((anker)[N],(boei)[N])[N]
ankeren	(anker)[V]
ankergat	((anker)[N],(gat)[N])[N]
ankergrond	((anker)[V],(grond)[N])[N]
ankerkader	((anker)[N],(kader)[N])[N]
ankerketting	((anker)[N],(ketting)[N])[N]
ankerkruis	((anker)[N],(kruis)[N])[N]
ankerkuil	((anker)[N],(kuil)[N])[N]
ankermast	((anker)[V],(mast)[N])[N]
ankeroog	((anker)[N],(oog)[N])[N]
ankerplaats	((anker)[V],(plaats)[N])[N]
ankertouw	((anker)[V],(touw)[N])[N]
ankertros	((anker)[V],(tros)[N])[N]
ankerwikkeling	((anker)[N],((wikkel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
annexatie	(((annex)[A],(eer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
annexatieplan	((((annex)[A],(eer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(plan)[N])[N]
annexeren	((annex)[A],(eer)[V|A.])[V]
annexionistisch	((annexionist)[N],(isch)[A|N.])[A]
annonceren	((annonce)[N],(eer)[V|N.])[V]
annotatie	((annoteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
annulering	((annuleer)[V],(ing)[N|V.])[N]
annuleringsverzekering	(((annuleer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
anodestroom	((anode)[N],(stroom)[N])[N]
anofeles	(anofeles)[N]
anomaal	((a)[A|.A],((norm)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
anomalie	(((a)[A|.A],((norm)[N],(aal)[A|N.])[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
anonimiteit	((anoniem)[A],(iteit)[N|A.])[N]
anorak	(anorak)[N]
anormatief	((a)[A|.A],(normatief)[A])[A]
ansichtkaart	((ansicht)[N],(kaart)[N])[N]
ansichtkaartformaat	(((ansicht)[N],(kaart)[N])[N],((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
ansjovisfilet	((ansjovis)[N],(filet)[N])[N]
ansjovispasta	((ansjovis)[N],(pasta)[N])[N]
ansjovisvangst	((ansjovis)[N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
antagonistisch	((antagonist)[N],(isch)[A|N.])[A]
antarctisch	((antarctis)[N],(isch)[A|N.])[A]
ante	(ante)[N]
antecedent	(((ante)[V|.V],((cessie)[N],(eer)[V|N.])[V])[V],(ent)[N|V.])[N]
antecedentenonderzoek	((((ante)[V|.V],((cessie)[N],(eer)[V|N.])[V])[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(onderzoek)[N])[N]
antecedentie	((((ante)[V|.V],((cessie)[N],(eer)[V|N.])[V])[V],(ent)[A|V.])[A],(ie)[N|A.])[N]
antecederen	((ante)[V|.V],((cessie)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
antedateren	((ante)[V|.V],(dateer)[V])[V]
antediluviaal	((ante)[A|.A],((Diluvium)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
antenne	(antenne)[N]
antennekabel	((antenne)[N],(kabel)[N])[N]
antennemast	((antenne)[N],(mast)[N])[N]
antennesysteem	((antenne)[N],(systeem)[N])[N]
antepenultima	((ante)[N|.N],(penultima)[N])[N]
anti	(anti)[N]
anti-Duits	((anti)[A|.A],(Duits)[A])[A]
anti-Engels	((anti)[A|.A],(Engels)[A])[A]
anti-Frans	((anti)[A|.A],(Frans)[A])[A]
antiautoritair	((anti)[A|.A],(autoritair)[A])[A]
antiballistisch	((anti)[A|.A],(ballistisch)[A])[A]
antichambreren	((anti)[P],((kamer)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
anticipatie	((anticipeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
anticlimax	((anti)[N|.N],(climax)[N])[N]
anticonceptie	((anti)[N|.N],((concept)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
anticonceptiemethode	(((anti)[N|.N],((concept)[N],(ie)[N|N.])[N])[N],(methode)[N])[N]
anticonceptiemiddel	(((anti)[N|.N],((concept)[N],(ie)[N|N.])[N])[N],(middel)[N])[N]
anticonceptiepil	(((anti)[N|.N],((concept)[N],(ie)[N|N.])[N])[N],(pil)[N])[N]
anticonstitutioneel	((anti)[A|.A],(((constitueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(ioneel)[A|N.])[A])[A]
anticorrosief	((anti)[A|.Nx],(corrosie)[N],(ief)[A|xN.])[A]
anticycloon	((anti)[N|.N],(cycloon)[N])[N]
antidateren	((anti)[P],(dateer)[V])[V]
antideeltje	((anti)[N|.N],(deel)[N])[N]
antidotaal	((antidotum)[N],(aal)[A|N.])[A]
antiek	(antiek)[N]
antiekveiling	((antiek)[N],(veil)[V],(ing)[N|NV.])[N]
antiekwinkel	((antiek)[N],(winkel)[N])[N]
antifrase	((anti)[N|.N],(frase)[N])[N]
antigeluid	((anti)[N|.N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
antiheld	((anti)[N|.N],(held)[N])[N]
antiklerikaal	((anti)[N|.A],(klerikaal)[A])[N]
antiklerikalisme	((anti)[N|.N],(klerikalisme)[N])[N]
antikritiek	((anti)[N|.N],((kritisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
antilichaam	((anti)[N|.N],(lichaam)[N])[N]
antilope	(antilope)[N]
antilopeachtig	((antilope)[N],(achtig)[A|N.])[A]
antimakassar	((anti)[N|.N],((Makassar)[N],(olie)[N])[N])[N]
antimaterie	((anti)[N|.N],(materie)[N])[N]
antimilitarisme	((anti)[N|.N],(militarisme)[N])[N]
antimilitarist	((anti)[N|.N],(militarist)[N])[N]
antimilitaristisch	((anti)[A|.A],(militaristisch)[A])[A]
antimitotisch	((anti)[A|.A],((mitose)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
antimoniumerts	((antimonium)[N],(erts)[N])[N]
antinationaal	((anti)[A|.A],((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A])[A]
antioxidans	((anti)[N|.N],(oxidans)[N])[N]
antipapisme	((anti)[N|.N],(papisme)[N])[N]
antipapist	((anti)[N|.N],(papist)[N])[N]
antipapistisch	(((anti)[N|.N],(papist)[N])[N],(isch)[A|N.])[A]
antipassaat	((anti)[N|.N],(passaat)[N])[N]
antipodenspel	((antipode)[N],(spel)[N])[N]
antipodist	((antipode)[N],(ist)[N|N.])[N]
antipropaganda	((anti)[N|.N],(propaganda)[N])[N]
antipsychiatrie	((anti)[P],((psychiatrisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
antiquariaatsboekhandel	((antiquariaat)[N],(s)[N|N.N],((boek)[N],(handel)[N])[N])[N]
antiquarisch	((antiquaar)[N],(isch)[A|N.])[A]
antiracisme	((anti)[N|.N],(racisme)[N])[N]
antiracistisch	((anti)[A|.A],((racist)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
antiraketraket	((anti)[N|.NN],(raket)[N],(raket)[N])[N]
antireclame	((anti)[N|.N],(reclame)[N])[N]
antirevolutionair	((anti)[N|.N],(revolutionair)[N])[N]
antirevolutionair	((anti)[A|.A],((revolutie)[N],(ionair)[A|N.])[A])[A]
antisatellietwapen	((anti)[N|.NN],(satelliet)[N],(wapen)[N])[N]
antisemiet	((anti)[N|.N],(Semiet)[N])[N]
antisemitisme	(((anti)[N|.N],(Semiet)[N])[N],(isme)[N|N.])[N]
antisepsis	((anti)[N|.N],(sepsis)[N])[N]
antiseptisch	((anti)[A|.A],((sepsis)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
antiserum	((anti)[N|.N],(serum)[N])[N]
antislipcursus	((antislip)[N],(cursus)[N])[N]
antistatisch	((anti)[A|.A],(statisch)[A])[A]
antistof	((anti)[N|.N],(stof)[N])[N]
antistrofe	((anti)[N|.N],(strofe)[N])[N]
antitankwapen	((anti)[N|.NN],(tank)[N],(wapen)[N])[N]
antithese	((anti)[N|.N],(these)[N])[N]
antithetisch	((anti)[A|.A],((these)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
antitoxine	((anti)[N|.N],(toxine)[N])[N]
antivries	((anti)[N|.V],(vries)[V])[N]
antivriesmiddel	((anti)[N|.VN],(vries)[V],(middel)[N])[N]
antizionisme	((anti)[N|.N],(zionisme)[N])[N]
antonimie	((antoniem)[A],(ie)[N|A.])[N]
antoniusbrood	((Antonius)[N],(brood)[N])[N]
antoniuskruis	((Antonius)[N],(kruis)[N])[N]
antoniusvuur	((Antonius)[N],(vuur)[V])[N]
antraciet	(antraciet)[N]
antropobiologie	((antropo)[N|.N],((biologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
antropocentrisch	((antropo)[A|.A],((centrum)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
antropofagie	((antropofaag)[N],(ie)[N|N.])[N]
antropofobie	((antropo)[N|.N],((fobisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
antropogenese	((antropo)[N|.N],(genese)[N])[N]
antropogenetica	((antropo)[N|.N],(genetica)[N])[N]
antropogenie	((antropogeen)[A],(ie)[N|A.])[N]
antropologe	((antropoloog)[N],(e)[N|N.])[N]
antropologie	((antropologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
antroposofisch	((antroposoof)[N],(isch)[A|N.])[A]
antwoordapparaat	((antwoord)[V],(apparaat)[N])[N]
antwoordcoupon	((antwoord)[V],(coupon)[N])[N]
antwoordenvelop	((antwoord)[V],(envelop)[N])[N]
antwoordenveloppe	((antwoord)[N],(enveloppe)[N])[N]
antwoordnummer	((antwoord)[V],(nummer)[N])[N]
anus	(anus)[N]
aoristus	(aoristus)[N]
aorta	(aorta)[N]
apachedans	((apache)[N],(en)[N|N.N],(dans)[N])[N]
apaiseren	((pais)[N],(eer)[V|N.])[V]
apanage	(apanage)[N]
apartheid	((apart)[A],(heid)[N|A.])[N]
apartheidsbewind	(((apart)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(bewind)[N])[N]
apartheidspolitiek	(((apart)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(politiek)[N])[N]
apartheidsregime	(((apart)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(regime)[N])[N]
apartheidssysteem	(((apart)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
apartje	((apart)[A],(je)[N|A.])[N]
apathie	((apathisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
apatridie	((apatride)[N],(ie)[N|N.])[N]
apekool	((aap)[N],(e)[N|N.N],(kool)[N])[N]
apenbakkes	((aap)[N],(e)[N|N.N],(bakkes)[N])[N]
apenfamilie	((aap)[N],(en)[N|N.N],(familie)[N])[N]
apengeslacht	((aap)[N],(en)[N|N.N],(geslacht)[N])[N]
apengezicht	((aap)[N],(e)[N|N.N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
apenhaar	((aap)[N],(e)[N|N.N],(haar)[N])[N]
apenkind	((aap)[N],(e)[N|N.N],(kind)[N])[N]
apenkooi	((aap)[N],(en)[N|N.N],(kooi)[N])[N]
apenkop	((aap)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
apenkuur	((aap)[N],(e)[N|N.N],(kuur)[N])[N]
apenliefde	((aap)[N],(e)[N|N.N],(liefde)[N])[N]
apenootje	((aap)[N],(e)[N|N.N],(noot)[N])[N]
apenpak	((aap)[N],(e)[N|N.N],(pak)[N])[N]
apenrok	((aap)[N],(e)[N|N.N],(rok)[N])[N]
apenrots	((aap)[N],(en)[N|N.N],(rots)[N])[N]
apenspel	((aap)[N],(en)[N|N.N],(spel)[N])[N]
apenstreek	((aap)[N],(e)[N|N.N],(streek)[N])[N]
apentuin	((aap)[N],(en)[N|N.N],(tuin)[N])[N]
aperij	((aap)[N],(erij)[N|N.])[N]
aperçu	(aperçu)[N]
apetrots	((aap)[N],(e)[A|N.A],(trots)[A])[A]
apezat	((aap)[N],(e)[A|N.A],(zat)[A])[A]
apicaal	((apex)[N],(aal)[A|N.])[A]
apin	((aap)[N],(in)[N|N.])[N]
aplanaat	((aplaneer)[V],(aat)[N|V.])[N]
aplanatisch	(((aplaneer)[V],(aat)[N|V.])[N],(isch)[A|N.])[A]
apocalyptiek	(((Apocalyps)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
apocalyptisch	((Apocalyps)[N],(isch)[A|N.])[A]
apolitiek	((a)[A|.A],(politiek)[A])[A]
apollovlinder	((Apollo)[N],(vlinder)[N])[N]
apologetiek	(((apologeet)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
apologetisch	((apologeet)[N],(isch)[A|N.])[A]
apologie	(((apoloog)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
apologisch	((apoloog)[N],(isch)[A|N.])[A]
apostel	(apostel)[N]
apostelbeeld	((apostel)[N],(beeld)[N])[N]
apostelpaarden	((apostel)[N],(paard)[N])[N]
apostelzalf	((apostel)[N],(zalf)[N])[N]
apostolaat	((apostel)[N],(aat)[N|N.])[N]
apostolisch	((apostel)[N],(isch)[A|N.])[A]
apostrof	(apostrof)[N]
apotheker	((apotheek)[N],(er)[N|N.])[N]
apothekeres	(((apotheek)[N],(er)[N|N.])[N],(es)[N|N.])[N]
apothekersassistent	(((apotheek)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.Vx],(assisteer)[V],(ent)[N|NxV.])[N]
apothekersassistente	((((apotheek)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.Vx],(assisteer)[V],(ent)[N|NxV.])[N],(e)[N|N.])[N]
apothekersexamen	(((apotheek)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(examen)[N])[N]
apothekersflesje	(((apotheek)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(fles)[N])[N]
apothekersrekening	(((apotheek)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
apparaat	(apparaat)[N]
apparatuur	((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N]
apparatuurcomponent	(((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N],((componeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
apparatuurfaciliteit	(((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N],(faciliteit)[N])[N]
apparentering	((apparenteer)[V],(ing)[N|V.])[N]
appartementengebouw	((appartement)[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
appartementsgebouw	((appartement)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
appel	(appel)[N]
appelaar	((appel)[N],(aar)[N|N.])[N]
appelazijn	((appel)[N],(azijn)[N])[N]
appelbeignet	((appel)[N],(beignet)[N])[N]
appelbloesem	((appel)[N],(bloesem)[N])[N]
appelbol	((appel)[N],(bol)[N])[N]
appelboom	((appel)[N],(boom)[N])[N]
appelboor	((appel)[N],(boor)[N])[N]
appelflap	((appel)[N],(flap)[N])[N]
appelflauwte	((appel)[N],((flauw)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
appelgrauw	((appel)[N],(grauw)[A])[A]
appelkoek	((appel)[N],(koek)[N])[N]
appellabel	(((appel)[N],(eer)[V|N.])[V],(abel)[A|V.])[A]
appellant	(((appel)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N]
appellante	((((appel)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
appelleren	((appel)[N],(eer)[V|N.])[V]
appelmoes	((appel)[N],(moes)[N])[N]
appelrond	((appel)[N],(rond)[A])[A]
appelsap	((appel)[N],(sap)[N])[N]
appelschimmel	((appel)[N],(schimmel)[N])[N]
appelsienenboom	((appelsien)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
appelsienenhandelaar	((appelsien)[N],(en)[N|N.N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
appelsienensap	((appelsien)[N],(e)[N|N.N],(sap)[N])[N]
appelsienenschil	((appelsien)[N],(e)[N|N.N],(schil)[N])[N]
appelspijs	((appel)[N],(spijs)[N])[N]
appelstroop	((appel)[N],(stroop)[N])[N]
appeltaart	((appel)[N],(taart)[N])[N]
appelwang	((appel)[N],(wang)[N])[N]
appelwijf	((appel)[N],(wijf)[N])[N]
appelwijn	((appel)[N],(wijn)[N])[N]
appendix	(appendix)[N]
appetijt	(appetijt)[N]
appetijtelijk	((appetijt)[N],(elijk)[A|N.])[A]
applaudisseren	((applaus)[N],(eer)[V|N.])[V]
applaus	(applaus)[N]
applicatiecursus	((applicatie)[N],(cursus)[N])[N]
applicatieprogramma	((applicatie)[N],(programma)[N])[N]
applicatiewerk	((applicatie)[N],(werk)[N])[N]
appositioneel	((appositie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
appreciatie	((apprecieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
approbatie	((approbeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
appèl	(appèl)[N]
aprilgek	((april)[N],(gek)[N])[N]
aprilgrap	((april)[N],(grap)[N])[N]
aprilmaand	((april)[N],(maand)[N])[N]
aprilmop	((april)[N],(mop)[N])[N]
aprilnacht	((april)[N],(nacht)[N])[N]
aprils	((april)[N],(s)[A|N.])[A]
aprilvis	((april)[N],(vis)[N])[N]
aprilweer	((april)[N],(weer)[N])[N]
aprilzaad	((april)[N],(zaad)[N])[N]
apsiskapel	((apsis)[N],(kapel)[N])[N]
aqua	(aqua)[N]
aquacamping	((aqua)[N],(camping)[N])[N]
aquarelleren	((aquarel)[N],(eer)[V|N.])[V]
aquarellist	((aquarel)[N],(ist)[N|N.])[N]
aquarelstudie	((aquarel)[N],(studie)[N])[N]
aquariumplant	((aquarium)[N],(plant)[N])[N]
ar	(ar)[N]
ara	(ara)[N]
arabesk	(arabesk)[N]
arabeske	(arabeske)[N]
arak	(arak)[N]
aramee	(aramee)[N]
arbeid	(arbeid)[N]
arbeiden	(arbeid)[V]
arbeider	((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N]
arbeiderisme	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(isme)[N|N.])[N]
arbeidersassociatie	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((associeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
arbeidersbevolking	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
arbeidersbeweging	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
arbeidersbuurt	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(buurt)[N])[N]
arbeiderscafé	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(café)[N])[N]
arbeiderscoöperatie	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((co)[V|.V],(opereer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
arbeiderscultuur	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cultuur)[N])[N]
arbeiderseenheid	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
arbeidersfamilie	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(familie)[N])[N]
arbeidersgedelegeerde	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gedelegeerde)[N])[N]
arbeidersgemeenschap	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
arbeidersgezin	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gezin)[N])[N]
arbeidershuisje	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
arbeidershulp	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hulp)[N])[N]
arbeidersjeugd	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(jeugd)[N])[N]
arbeidersjongen	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
arbeiderskind	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
arbeidersklas	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klas)[N])[N]
arbeidersklasse	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
arbeiderskring	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kring)[N])[N]
arbeidersmassa	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(massa)[N])[N]
arbeidersmilieu	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(milieu)[N])[N]
arbeidersontwikkeling	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
arbeidersoppositie	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(oppositie)[N])[N]
arbeidersorganisatie	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
arbeidersparadijs	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(paradijs)[N])[N]
arbeiderspartij	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(partij)[N])[N]
arbeidersraad	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
arbeiderssolidariteit	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((solidair)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
arbeidersstad	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(stad)[N])[N]
arbeidersstand	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(stand)[N])[N]
arbeiderstrein	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(trein)[N])[N]
arbeidersvereniging	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
arbeidersvertegenwoordiger	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vertegenwoordig)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
arbeidersvolk	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(volk)[N])[N]
arbeidersvrouw	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
arbeiderswereld	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
arbeiderswoning	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
arbeiderszelfbestuur	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((zelf)[O],(bestuur)[N])[N])[N]
arbeiderszoon	(((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
arbeidsaanbod	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(aanbod)[N])[N]
arbeidsanalist	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(analist)[N])[N]
arbeidsanalyse	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(analyse)[N])[N]
arbeidsbeleid	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
arbeidsbemiddelaar	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(middel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
arbeidsbemiddeling	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(middel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
arbeidsbesparend	((arbeid)[N],(s)[A|N.Vx],((be)[V|.V],(spaar)[V])[V],(end)[A|NxV.])[A]
arbeidsbeurs	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(beurs)[N])[N]
arbeidsbevrediging	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.A],((vrede)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
arbeidsbureau	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
arbeidsconditie	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(conditie)[N])[N]
arbeidsconferentie	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
arbeidsconflict	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(conflict)[N])[N]
arbeidscontract	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(contract)[N])[N]
arbeidscontractant	((arbeid)[N],(s)[N|N.Vx],((contract)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|NxV.])[N]
arbeidsdienst	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
arbeidsduur	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(duur)[N])[N]
arbeidsethiek	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((ethisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
arbeidsethos	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(ethos)[N])[N]
arbeidsextensief	((arbeid)[N],(s)[A|N.A],((extensie)[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
arbeidsfilosofie	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
arbeidsfront	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(front)[N])[N]
arbeidsfunctie	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
arbeidsgedrag	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
arbeidsgemeenschap	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
arbeidsgeschiktheid	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((geschikt)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
arbeidsgeschil	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(geschil)[N])[N]
arbeidsgewenning	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((gewen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
arbeidsherverdeling	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((her)[N|.N],(((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
arbeidsinhoud	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(inhoud)[N])[N]
arbeidsinspectie	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(inspectie)[N])[N]
arbeidsintensief	((arbeid)[N],(s)[A|N.A],(intensief)[A])[A]
arbeidsintensiteit	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((intens)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
arbeidsjaar	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
arbeidskameraad	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(kameraad)[N])[N]
arbeidskarakter	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(karakter)[N])[N]
arbeidsklimaat	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(klimaat)[N])[N]
arbeidskosten	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
arbeidskostentheorie	(((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N],(en)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
arbeidskracht	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
arbeidskundige	((arbeid)[N],(s)[N|N.Ax],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A],(e)[N|NxA.])[N]
arbeidsleer	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
arbeidsloon	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(loon)[N])[N]
arbeidsloos	((arbeid)[N],(s)[A|N.x],(loos)[A|Nx.])[A]
arbeidsmarkt	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(markt)[N])[N]
arbeidsmarktbeleid	(((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(markt)[N])[N],(beleid)[N])[N]
arbeidsmarktparticipatie	(((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(markt)[N])[N],((participeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
arbeidsmarktpartij	(((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(markt)[N])[N],(partij)[N])[N]
arbeidsmarktpositie	(((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(markt)[N])[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
arbeidsmethode	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
arbeidsmigratie	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((migreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
arbeidsmilieu	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(milieu)[N])[N]
arbeidsmobiliteit	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((mobiel)[A],(biliteit)[N|A.])[N])[N]
arbeidsmogelijkheid	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
arbeidsmoraal	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(moraal)[N])[N]
arbeidsmotivatie	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(((motief)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
arbeidsomstandigheden	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
arbeidsongeschikt	((arbeid)[N],(s)[A|N.A],((on)[A|.A],(geschikt)[A])[A])[A]
arbeidsongeschiktheid	(((arbeid)[N],(s)[A|N.A],((on)[A|.A],(geschikt)[A])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
arbeidsongeschiktheidsfonds	((((arbeid)[N],(s)[A|N.A],((on)[A|.A],(geschikt)[A])[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
arbeidsongeval	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((on)[N|.N],(geval)[N])[N])[N]
arbeidsonrust	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((on)[N|.N],(rust)[N])[N])[N]
arbeidsorganisatie	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
arbeidsoriëntatie	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
arbeidsovereenkomst	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
arbeidsperiode	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
arbeidsplaats	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(plaats)[N])[N]
arbeidsplaatsenovereenkomst	(((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(plaats)[N])[N],(en)[N|N.N],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
arbeidsplaatsenstructuur	(((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(plaats)[N])[N],(en)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
arbeidsplicht	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(plicht)[N])[N]
arbeidspotentieel	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(potentieel)[N])[N]
arbeidsprestatie	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
arbeidsprobleem	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
arbeidsproces	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
arbeidsproduct	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(product)[N])[N]
arbeidsproductiviteit	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
arbeidspsychologie	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
arbeidspsycholoog	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(psycholoog)[N])[N]
arbeidsraad	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
arbeidsrecht	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
arbeidsregister	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(register)[N])[N]
arbeidsrelatie	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
arbeidsreserve	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(reserve)[N])[N]
arbeidsreservoir	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(reservoir)[N])[N]
arbeidsritme	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(ritme)[N])[N]
arbeidsrust	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(rust)[N])[N]
arbeidssatisfactie	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(satisfactie)[N])[N]
arbeidsschaarste	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((schaars)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
arbeidsschuw	((arbeid)[N],(s)[A|N.A],(schuw)[A])[A]
arbeidssecretariaat	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((secretaris)[N],(aat)[N|N.])[N])[N]
arbeidssfeer	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
arbeidssituatie	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
arbeidssociologie	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((sociologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
arbeidsspecialisatie	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(((speciaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
arbeidsstructuur	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
arbeidstekort	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
arbeidstempo	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(tempo)[N])[N]
arbeidster	((arbeid)[V],(ster)[N|V.])[N]
arbeidsterrein	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(terrein)[N])[N]
arbeidstherapeut	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(therapeut)[N])[N]
arbeidstherapie	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(therapie)[N])[N]
arbeidstijd	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
arbeidstijdverkorting	(((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N],((ver)[V|.A],(kort)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
arbeidstraining	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((train)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
arbeidsuur	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(uur)[N])[N]
arbeidsveld	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
arbeidsverbod	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(verbod)[N])[N]
arbeidsverdeling	((arbeid)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
arbeidsvergunning	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
arbeidsverhouding	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((verhoud)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
arbeidsverloop	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(verloop)[N])[N]
arbeidsvermogen	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
arbeidsverzekering	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
arbeidsverzuim	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(verzuim)[N])[N]
arbeidsvitamine	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(vitamine)[N])[N]
arbeidsvolk	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(volk)[N])[N]
arbeidsvolume	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(volume)[N])[N]
arbeidsvoorwaarde	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(voorwaarde)[N])[N]
arbeidsvoorziening	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
arbeidsvoorzieningsmaatregel	(((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
arbeidsvraagstuk	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
arbeidsvrede	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(vrede)[N])[N]
arbeidsvreugde	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(vreugde)[N])[N]
arbeidswaardeleer	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((waarde)[N],(leer)[N])[N])[N]
arbeidsweek	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(week)[N])[N]
arbeidswereld	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
arbeidswet	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
arbeidswetgeving	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
arbeidszaak	((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
arbeidzaam	((arbeid)[V],(zaam)[A|V.])[A]
arbeidzaamheid	(((arbeid)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
arbitraal	((arbiter)[N],(aal)[A|N.])[A]
arbitrage	(((arbiter)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N]
arbitragecommissie	((((arbiter)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
arbitreren	((arbiter)[N],(eer)[V|N.])[V]
arcadia	(arcadia)[N]
arceerlijn	((arceer)[V],(lijn)[N])[N]
arceren	(arceer)[V]
arcering	((arceer)[V],(ing)[N|V.])[N]
archeologie	((archeologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
archetypisch	((archetype)[N],(isch)[A|N.])[A]
archiefbeelden	((archief)[N],(beeld)[N])[N]
archiefdoos	((archief)[N],(doos)[N])[N]
archiefexemplaar	((archief)[N],(exemplaar)[N])[N]
archieffilm	((archief)[N],(film)[N])[N]
archieffoto	((archief)[N],(foto)[N])[N]
archiefkast	((archief)[N],(kast)[N])[N]
archiefmateriaal	((archief)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
archiefruimte	((archief)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
archiefstuk	((archief)[N],(stuk)[N])[N]
archiefwezen	((archief)[N],(wezen)[N])[N]
archiefzaken	((archief)[N],(zaak)[N])[N]
archipel	(archipel)[N]
architect-planoloog	((architect)[N],(planoloog)[N])[N]
architectenbureau	((architect)[N],(en)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
architectenwinkel	((architect)[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
architecturaal	((architectuur)[N],(aal)[A|N.])[A]
architectuurgeschiedenis	((architectuur)[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
archivaal	((archief)[N],(aal)[A|N.])[A]
archivalisch	((archivalium)[N],(isch)[A|N.])[A]
archivaresse	((archivaris)[N],(e)[N|N.])[N]
archivariaat	((archivaris)[N],(aat)[N|N.])[N]
archiveren	((archief)[N],(eer)[V|N.])[V]
archivering	(((archief)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
archivist	((archief)[N],(ist)[N|N.])[N]
arduin	(arduin)[N]
arduinen	((arduin)[N],(en)[A|N.])[A]
arduinsteen	((arduin)[N],(steen)[N])[N]
are	(are)[N]
area	(area)[N]
areaalheffing	((areaal)[N],(hef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
areligieus	((a)[A|.A],(religieus)[A])[A]
aren	(aar)[V]
arena	(arena)[N]
arend	(arend)[N]
arendbuizerd	((arend)[N],(buizerd)[N])[N]
arendsblik	((arend)[N],(s)[N|N.N],(blik)[N])[N]
arendsjong	((arend)[N],(s)[N|N.N],(jong)[N])[N]
arendsklauw	((arend)[N],(s)[N|N.N],(klauw)[N])[N]
arendsnest	((arend)[N],(s)[N|N.N],(nest)[N])[N]
arendsneus	((arend)[N],(s)[N|N.N],(neus)[N])[N]
arendsoog	((arend)[N],(s)[N|N.N],(oog)[N])[N]
arendsvleugel	((arend)[N],(s)[N|N.N],(vleugel)[N])[N]
arendsvlucht	((arend)[N],(s)[N|N.N],(vlucht)[N])[N]
areola	(areola)[N]
areometer	((areo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
argeloosheid	((argeloos)[A],(heid)[N|A.])[N]
arglistig	((arglist)[N],(ig)[A|N.])[A]
arglistigheid	(((arglist)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
argot	(argot)[N]
argument	(argument)[N]
argumentatie	(((argument)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
argumentatiestructuur	((((argument)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(structuur)[N])[N]
argumenteren	((argument)[N],(eer)[V|N.])[V]
argus	(argus)[N]
argusogen	((argus)[N],(oog)[N])[N]
aria	(aria)[N]
aristocratie	(((aristocraat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
aristocratisch	((aristocraat)[N],(isch)[A|N.])[A]
ariërverklaring	((Ariër)[N],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
ark	(ark)[N]
arm	(arm)[N]
armada	(armada)[N]
armadillo	(armadillo)[N]
armband	((arm)[N],(band)[N])[N]
armbandhorloge	(((arm)[N],(band)[N])[N],(horloge)[N])[N]
armbanduurwerk	(((arm)[N],(band)[N])[N],((uur)[N],(werk)[N])[N])[N]
armbestuur	((arm)[A],(bestuur)[N])[N]
armbeweging	((arm)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
armbezoek	((arm)[A],(bezoek)[N])[N]
armdik	((arm)[N],(dik)[A])[A]
armelijk	((arm)[A],(elijk)[A|A.])[A]
armelui	((arm)[A],(e)[N|A.N],(man)[N])[N]
armeluiskind	((armelui)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
armenbelasting	((arme)[N],(en)[N|N.N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
armenbuurt	((arme)[N],(en)[N|N.N],(buurt)[N])[N]
armendokter	((arme)[N],(en)[N|N.N],(dokter)[N])[N]
armenfonds	((arme)[N],(en)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
armengeld	((arme)[N],(en)[N|N.N],(geld)[N])[N]
armenhuis	((arme)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
armeninrichting	((arme)[N],(en)[N|N.N],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
armenkas	((arme)[N],(en)[N|N.N],(kas)[N])[N]
armenpraktijk	((arme)[N],(en)[N|N.N],(praktijk)[N])[N]
armenraad	((arme)[N],(en)[N|N.N],(raad)[N])[N]
armenschool	((arme)[N],(en)[N|N.N],(school)[N])[N]
armenverzorger	((arme)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
armenverzorging	((arme)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
armenwet	((arme)[N],(en)[N|N.N],(wet)[N])[N]
armenzakje	((arme)[N],(en)[N|N.N],(zak)[N])[N]
armenziekenhuis	((arm)[N],(en)[N|N.N],((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N])[N]
armenzorg	((arme)[N],(en)[N|N.N],(zorg)[N])[N]
armezondaarsgezicht	((arm)[A],(e)[N|A.NxN],(zondaar)[N],(s)[N|AxN.N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
armgebaar	((arm)[N],(gebaar)[N])[N]
armhuis	((arm)[A],(huis)[N])[N]
armlastig	((arm)[A],(last)[N],(ig)[A|AN.])[A]
armlegger	((arm)[N],(leg)[V],(er)[N|NV.])[N]
armlengte	((arm)[N],(lengte)[N])[N]
armleuning	((arm)[N],((leun)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
armmeester	((arm)[A],(meester)[N])[N]
armoe	(armoe)[N]
armoedeprobleem	((armoede)[N],(probleem)[N])[N]
armoedig	((armoede)[N],(ig)[A|N.])[A]
armoedigheid	(((armoede)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
armoedzaaier	((armoede)[N],(zaai)[V],(er)[N|NV.])[N]
armsgat	((arm)[N],(s)[N|N.N],(gat)[N])[N]
armslag	((arm)[N],(slag)[N])[N]
armslengte	((arm)[N],(s)[N|N.N],(lengte)[N])[N]
armsleutel	((arm)[N],(sleutel)[N])[N]
armstoel	((arm)[N],(stoel)[N])[N]
armtierig	((arm)[A],(tier)[N],(ig)[A|AN.])[A]
armuitsnijding	((arm)[N],(((uit)[P],(snijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
armverzorger	((arme)[N],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
armverzorging	((arme)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
armvol	((arm)[N],(vol)[A])[N]
armwezen	((arm)[A],(wezen)[N])[N]
armworp	((arm)[N],(worp)[N])[N]
armzaligheid	((armzalig)[A],(heid)[N|A.])[N]
armzwaai	((arm)[N],(zwaai)[N])[N]
aroma	(aroma)[N]
aromatisch	((aroma)[N],(atisch)[A|N.])[A]
aroom	(aroom)[N]
arrangement	((arrangeer)[V],(ement)[N|V.])[N]
arrangeur	((arrangeer)[V],(eur)[N|V.])[N]
arren	(ar)[V]
arrenslede	((ar)[N],(e)[N|N.N],(slede)[N])[N]
arrenslee	((ar)[N],(e)[N|N.N],(slee)[N])[N]
arrest	(arrest)[N]
arrestant	(((arrest)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N]
arrestante	((((arrest)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
arrestantenhok	((((arrest)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(hok)[N])[N]
arrestantenkamer	((((arrest)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
arrestantenwagen	((((arrest)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
arrestatie	(((arrest)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
arrestatiebevoegdheid	((((arrest)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
arrestatiegroep	((((arrest)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(groep)[N])[N]
arresteren	((arrest)[N],(eer)[V|N.])[V]
arrogantie	((arrogant)[A],(ie)[N|A.])[N]
arrondissementscommissaris	((arrondissement)[N],(s)[N|N.N],(commissaris)[N])[N]
arrondissementsparket	((arrondissement)[N],(s)[N|N.N],(parket)[N])[N]
arrondissementsrechtbank	((arrondissement)[N],(s)[N|N.N],((recht)[N],(bank)[N])[N])[N]
arrondissementsschoolopziener	((arrondissement)[N],(s)[N|N.N],((school)[N],((op)[P],(zie)[V],(er)[N|PV.])[N])[N])[N]
arseen	(arseen)[N]
arseenverbinding	((arseen)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
arsenaal	(arsenaal)[N]
arsenicumvergiftiging	((arsenicum)[N],(((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
arterie	(arterie)[N]
arterieel	((arterie)[N],(ieel)[A|N.])[A]
arterieklem	((arterie)[N],(klem)[N])[N]
articulatie	((articuleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
articulatiebasis	(((articuleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(basis)[N])[N]
articulatieplaats	(((articuleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(plaats)[N])[N]
artieste	((artiest)[N],(e)[N|N.])[N]
artiestencafé	((artiest)[N],(en)[N|N.N],(café)[N])[N]
artiestenhaar	((artiest)[N],(en)[N|N.N],(haar)[N])[N]
artiestenhoed	((artiest)[N],(en)[N|N.N],(hoed)[N])[N]
artiesteningang	((artiest)[N],(en)[N|N.N],(ingang)[N])[N]
artiestennaam	((artiest)[N],(en)[N|N.N],(naam)[N])[N]
artiestensociëteit	((artiest)[N],(en)[N|N.N],(sociëteit)[N])[N]
artiestenuitgang	((artiest)[N],(en)[N|N.N],((uit)[P],(gang)[N])[N])[N]
artiestenvak	((artiest)[N],(en)[N|N.N],(vak)[N])[N]
artiesterig	((artiest)[N],(erig)[A|N.])[A]
artikel	(artikel)[N]
artikelbrief	((artikel)[N],(brief)[N])[N]
artikelcode	((artikel)[N],(code)[N])[N]
artikellid	((artikel)[N],(lid)[N])[N]
artikelsgewijs	((artikel)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
artilleriebombardement	((artillerie)[N],((bombardeer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
artilleriedepot	((artillerie)[N],(depot)[N])[N]
artilleriegevecht	((artillerie)[N],((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N])[N]
artillerieofficier	((artillerie)[N],(officier)[N])[N]
artilleriepark	((artillerie)[N],(park)[N])[N]
artillerieregiment	((artillerie)[N],(regiment)[N])[N]
artillerietrein	((artillerie)[N],(trein)[N])[N]
artillerievuur	((artillerie)[N],(vuur)[N])[N]
artillerist	((artillerie)[N],(ist)[N|N.])[N]
artisjok	(artisjok)[N]
artisjokbodem	((artisjok)[N],(bodem)[N])[N]
artisjokkenbodem	((artisjok)[N],(en)[N|N.N],(bodem)[N])[N]
artisticiteit	((artistiek)[A],(iciteit)[N|A.])[N]
artistiekeling	((artistiek)[A],(eling)[N|A.])[N]
artistiekerig	((artistiek)[A],(erig)[A|A.])[A]
artroscopie	((artroscoop)[N],(ie)[N|N.])[N]
arts	(arts)[N]
arts-assistent	((arts)[N],((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
artsdiploma	((arts)[N],(diploma)[N])[N]
artsenbezoeker	((arts)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(zoek)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
artsenbezoekster	((arts)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(zoek)[V])[V],(ster)[N|NxV.])[N]
artsencongres	((arts)[N],(en)[N|N.N],(congres)[N])[N]
artsendiploma	((arts)[N],(en)[N|N.N],(diploma)[N])[N]
artsenij	((arts)[N],(enij)[N|N.])[N]
artsenijbereidkunde	((arts)[N],(enij)[N|N.VN],(bereid)[V],(kunde)[N])[N]
artsenijkunde	(((arts)[N],(enij)[N|N.])[N],(kunde)[N])[N]
artsenkeuze	((arts)[N],(en)[N|N.N],(keuze)[N])[N]
artsenkorps	((arts)[N],(en)[N|N.N],(korps)[N])[N]
artsenmonster	((arts)[N],(en)[N|N.N],(monster)[N])[N]
artsenorganisatie	((arts)[N],(en)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
artsenpraktijk	((arts)[N],(en)[N|N.N],(praktijk)[N])[N]
artsenstudie	((arts)[N],(en)[N|N.N],(studie)[N])[N]
artsenvereniging	((arts)[N],(en)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
artsenwereld	((arts)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
artsexamen	((arts)[N],(examen)[N])[N]
as	(as)[N]
asbak	((as)[N],(bak)[N])[N]
asbakkenras	(((as)[N],(bak)[N])[N],(e)[N|N.N],(ras)[N])[N]
asbelt	((as)[N],(belt)[N])[N]
asbestpapier	((asbest)[N],(papier)[N])[N]
asbestplaat	((asbest)[N],(plaat)[N])[N]
asblond	((as)[N],(blond)[A])[A]
asbout	((as)[N],(bout)[N])[N]
ascese	(ascese)[N]
ascetisch	((asceet)[N],(isch)[A|N.])[A]
aseksualiteit	((a)[N|.N],(((seks)[N],(ueel)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
aseksueel	((a)[A|.A],((seks)[N],(ueel)[A|N.])[A])[A]
aselect	((a)[A|.A],(select)[A])[A]
asem	(asem)[N]
asemen	(asem)[V]
asemmer	((as)[N],(emmer)[N])[N]
aseptie	((aseptisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
asfaltbaan	((asfalt)[N],(baan)[N])[N]
asfaltbestrating	((asfalt)[N],(((be)[V|.N],(straat)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
asfaltbeton	((asfalt)[N],(beton)[N])[N]
asfalteermachine	(((asfalt)[N],(eer)[V|N.])[V],(machine)[N])[N]
asfalteren	((asfalt)[N],(eer)[V|N.])[V]
asfaltjeugd	((asfalt)[N],(jeugd)[N])[N]
asfaltlinnen	((asfalt)[N],(linnen)[N])[N]
asfaltlint	((asfalt)[N],(lint)[N])[N]
asfaltmastiek	((asfalt)[N],(mastiek)[N])[N]
asfaltolie	((asfalt)[N],(olie)[N])[N]
asfaltpapier	((asfalt)[N],(papier)[N])[N]
asfaltspreider	((asfalt)[N],(spreid)[V],(er)[N|NV.])[N]
asfaltweg	((asfalt)[N],(weg)[N])[N]
asferisch	((a)[A|.A],((sfeer)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
asfyxiatie	((asfyxieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
asgat	((as)[N],(gat)[N])[N]
asgrauw	((as)[N],(grauw)[A])[A]
ashaai	((as)[N],(haai)[N])[N]
ashals	((as)[N],(hals)[N])[N]
ashoop	((as)[N],(hoop)[N])[N]
ashram	(ashram)[N]
asiel	(asiel)[N]
asielrecht	((asiel)[N],(recht)[N])[N]
asin	(asin)[A]
askam	((as)[N],(kam)[N])[N]
askar	((as)[N],(kar)[N])[N]
askelder	((as)[N],(kelder)[N])[N]
askern	((as)[N],(kern)[N])[N]
askleur	((as)[N],(kleur)[N])[N]
askleurig	((as)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
askoppelwerk	((as)[N],(koppel)[V],(werk)[N])[N]
askraag	((as)[N],(kraag)[N])[N]
askring	((as)[N],(kring)[N])[N]
askruik	((as)[N],(kruik)[N])[N]
askruisje	((as)[N],(kruis)[N])[N]
askruk	((as)[N],(kruk)[N])[N]
askussen	((as)[N],(kussen)[N])[N]
asla	((as)[N],(la)[N])[N]
aslade	((as)[N],(lade)[N])[N]
aslager	((as)[N],(lager)[N])[N]
asleger	((as)[N],(leger)[N])[N]
aslijn	((as)[N],(lijn)[N])[N]
asman	((as)[N],(man)[N])[N]
asociaal	((a)[A|.A],(sociaal)[A])[A]
asoverbrenging	((as)[N],((over)[P],(breng)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
asparagus	(asparagus)[N]
aspecifiek	((a)[A|.A],(specifiek)[A])[A]
aspect	(aspect)[N]
aspectsysteem	((aspect)[N],(systeem)[N])[N]
asperge	(asperge)[N]
aspergebed	((asperge)[N],(bed)[N])[N]
aspergekop	((asperge)[N],(kop)[N])[N]
aspergepunt	((asperge)[N],(punt)[N])[N]
aspergesoep	((asperge)[N],(soep)[N])[N]
aspergetang	((asperge)[N],(tang)[N])[N]
aspic	(aspic)[N]
aspiraat	((aspireer)[V],(aat)[N|V.])[N]
aspirant	((aspireer)[V],(ant)[N|V.])[N]
aspirant-bestuursambtenaar	(((aspireer)[V],(ant)[N|V.])[N],((bestuur)[N],(s)[N|N.N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N])[N]
aspirant-controleur	(((aspireer)[V],(ant)[N|V.])[N],((controleer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
aspirant-emigrant	(((aspireer)[V],(ant)[N|V.])[N],((emigreer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
aspirant-onderwijzer	(((aspireer)[V],(ant)[N|V.])[N],((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
aspirante	(((aspireer)[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
aspirateur	((aspireer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
aspiratie	((aspireer)[V],(atie)[N|V.])[N]
aspiratieniveau	(((aspireer)[V],(atie)[N|V.])[N],(niveau)[N])[N]
aspirator	((aspireer)[V],(ator)[N|V.])[N]
aspirientje	(aspirien)[N]
aspirinetablet	((aspirine)[N],(tablet)[N])[N]
aspot	((as)[N],(pot)[N])[N]
aspunt	((as)[N],(punt)[N])[N]
asregen	((as)[N],(regen)[N])[N]
asrest	((as)[N],(rest)[N])[N]
assaut	(assaut)[N]
assemblage	((assembleer)[V],(age)[N|V.])[N]
assenkruis	((as)[N],(en)[N|N.N],(kruis)[N])[N]
asserteren	((assertie)[N],(eer)[V|N.])[V]
assertief	((assertie)[N],(ief)[A|N.])[A]
assertiviteit	(((assertie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
assertiviteitscursus	((((assertie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(cursus)[N])[N]
assertiviteitstraining	((((assertie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],(train)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
assertorisch	((assertoir)[A],(isch)[A|A.])[A]
assignatie	((assigneer)[V],(atie)[N|V.])[N]
assimilatie	((assimileer)[V],(atie)[N|V.])[N]
assimilatieproces	(((assimileer)[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
assisen	(assis)[N]
assisenhof	((assis)[N],(en)[N|N.N],(hof)[N])[N]
assistent	((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N]
assistent-apotheker	(((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N],((apotheek)[N],(er)[N|N.])[N])[N]
assistent-apothekeres	((((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N],((apotheek)[N],(er)[N|N.])[N])[N],(es)[N|N.])[N]
assistent-arts	(((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N],(arts)[N])[N]
assistent-producer	(((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N],(producer)[N])[N]
assistent-projectleider	(((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N],((project)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N])[N]
assistent-regisseur	(((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N],((regisseer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
assistent-resident	(((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N],((resideer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
assistente	(((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
assistentie	((assisteer)[V],(entie)[N|V.])[N]
assistentschap	(((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
associatie	((associeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
associatief	(((associeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
associatieovereenkomst	(((associeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
associatiepsychologie	(((associeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
associatietheorie	(((associeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(theorie)[N])[N]
assonant	((assoneer)[V],(ant)[N|V.])[N]
assonantie	(((assoneer)[V],(ant)[N|V.])[N],(ie)[N|N.])[N]
assuradeur	((assureer)[V],(eur)[N|V.])[N]
assurantie	((assureer)[V],(antie)[N|V.])[N]
assurantieagent	(((assureer)[V],(antie)[N|V.])[N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
assurantiebemiddeling	(((assureer)[V],(antie)[N|V.])[N],(((be)[V|.V],(middel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
assurantiekantoor	(((assureer)[V],(antie)[N|V.])[N],(kantoor)[N])[N]
assurantiemaatschappij	(((assureer)[V],(antie)[N|V.])[N],(maatschappij)[N])[N]
assurantiepolis	(((assureer)[V],(antie)[N|V.])[N],(polis)[N])[N]
ast	(ast)[N]
aster	(aster)[N]
asterisk	(asterisk)[N]
asteroïdengordel	((asteroïde)[N],(en)[N|N.N],(gordel)[N])[N]
asthenie	((asthenisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
astma	(astma)[N]
astma-aanval	((astma)[N],(aanval)[N])[N]
astmalijder	((astma)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
astmalijdster	((astma)[N],(lijd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
astmapapier	((astma)[N],(papier)[N])[N]
astmapatiënt	((astma)[N],(patiënt)[N])[N]
astmasigaret	((astma)[N],(sigaret)[N])[N]
astmatisch	((astma)[N],(atisch)[A|N.])[A]
aston	((as)[N],(ton)[N])[N]
astraallichaam	((astraal)[A],(lichaam)[N])[N]
astraallicht	((astraal)[A],(licht)[N])[N]
astrakan	(astrakan)[N]
astrantigheid	((astrant)[A],(igheid)[N|A.])[N]
astrobiologie	((astro)[N|.N],((biologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
astrodynamica	((astro)[N|.N],(dynamica)[N])[N]
astrofysica	((astro)[N|.N],(fysica)[N])[N]
astrologe	((astroloog)[N],(e)[N|N.])[N]
astrologie	((astrologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
astronautiek	((astronautisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
astronavigatie	((astro)[N|.N],((navigeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
astronomie	((astronomisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
asurn	((as)[N],(urn)[N])[N]
asvaal	((as)[N],(vaal)[A])[A]
asvaalt	((as)[N],(vaalt)[N])[N]
asvang	((as)[N],(vang)[N])[N]
aswenteling	((as)[N],((wentel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
asymmetrie	(((a)[A|.A],(symmetrisch)[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
asymmetrisch	((a)[A|.A],(symmetrisch)[A])[A]
asymptomatisch	((a)[A|.A],((symptoom)[N],(atisch)[A|N.])[A])[A]
asymptotisch	((asymptoot)[N],(isch)[A|N.])[A]
asynchroon	((a)[A|.A],(synchroon)[A])[A]
atactisch	((a)[A|.A],((tact)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
atalanta	(atalanta)[N]
atelier	(atelier)[N]
atelierdeur	((atelier)[N],(deur)[N])[N]
ateliermeisje	((atelier)[N],(meisje)[N])[N]
atemporeel	((a)[A|.A],(temporeel)[A])[A]
athematisch	((a)[A|.A],((thema)[N],(atisch)[A|N.])[A])[A]
atheneum	(atheneum)[N]
athermisch	((a)[A|.A],(thermisch)[A])[A]
atjar	(atjar)[N]
atlantisme	((atlant)[N],(isme)[N])[N]
atlas	(atlas)[N]
atlasvlinder	((atlas)[N],(vlinder)[N])[N]
atleet	(atleet)[N]
atlete	((atleet)[N],(e)[N|N.])[N]
atletiek	(((atleet)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
atletiekbeoefening	((((atleet)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N],(((be)[V|.V],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
atletiekunie	((((atleet)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N],(unie)[N])[N]
atletiekwedstrijd	((((atleet)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
atletisch	((atleet)[N],(isch)[A|N.])[A]
atmosferisch	((atmosfeer)[N],(isch)[A|N.])[A]
atol	(atol)[N]
atomisch	((atoom)[N],(isch)[A|N.])[A]
atomiseren	((atoom)[N],(iseer)[V|N.])[V]
atomisering	(((atoom)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
atomist	((atoom)[N],(ist)[N|N.])[N]
atomistiek	((atomistisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
atonaal	((a)[A|.A],((toon)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
atoomaanval	((atoom)[N],(aanval)[N])[N]
atoomalarm	((atoom)[N],(alarm)[N])[N]
atoombewapening	((atoom)[N],(((be)[V|.N],(wapen)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
atoombom	((atoom)[N],(bom)[N])[N]
atoomcentrale	((atoom)[N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
atoomcentrum	((atoom)[N],(centrum)[N])[N]
atoomdrempel	((atoom)[N],(drempel)[N])[N]
atoomduikboot	((atoom)[N],((duik)[V],(boot)[N])[N])[N]
atoomenergie	((atoom)[N],(energie)[N])[N]
atoomexplosie	((atoom)[N],(explosie)[N])[N]
atoomfysica	((atoom)[N],(fysica)[N])[N]
atoomfysicus	((atoom)[N],(fysicus)[N])[N]
atoomgeheim	((atoom)[N],(geheim)[N])[N]
atoomgeleerde	((atoom)[N],(geleerde)[N])[N]
atoomgevaar	((atoom)[N],(gevaar)[N])[N]
atoomgewicht	((atoom)[N],(gewicht)[N])[N]
atoomkern	((atoom)[N],(kern)[N])[N]
atoomkop	((atoom)[N],(kop)[N])[N]
atoomkracht	((atoom)[N],(kracht)[N])[N]
atoomonderzeeër	((atoom)[N],((onder)[P],(zee)[N],(er)[N|PN.])[N])[N]
atoomoorlog	((atoom)[N],(oorlog)[N])[N]
atoompacifisme	((atoom)[N],(pacifisme)[N])[N]
atoompacifist	((atoom)[N],(pacifist)[N])[N]
atoompaddestoel	((atoom)[N],(paddestoel)[N])[N]
atoomparaplu	((atoom)[N],(paraplu)[N])[N]
atoomproef	((atoom)[N],(proef)[N])[N]
atoomreactor	((atoom)[N],(reactor)[N])[N]
atoomschuilkelder	((atoom)[N],((schuil)[V],(kelder)[N])[N])[N]
atoomsplitsing	((atoom)[N],(splits)[V],(ing)[N|NV.])[N]
atoomstroom	((atoom)[N],(stroom)[N])[N]
atoomtheorie	((atoom)[N],(theorie)[N])[N]
atoomtijdperk	((atoom)[N],((tijd)[N],(perk)[N])[N])[N]
atoomwapen	((atoom)[N],(wapen)[N])[N]
atoomwereld	((atoom)[N],(wereld)[N])[N]
atoomwolk	((atoom)[N],(wolk)[N])[N]
atoomzwaard	((atoom)[N],(zwaard)[N])[N]
atrium	(atrium)[N]
atriumfibrilleren	((atrium)[N],((fibril)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
attachee	((attaché)[N],(e)[N|N.])[N]
attachékoffer	((attaché)[N],(koffer)[N])[N]
attentie	((attent)[A],(ie)[N|A.])[N]
attentisme	((attent)[A],(isme)[N])[N]
attentvol	((attent)[A],(vol)[A])[A]
attestatie	(((attest)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
attesteren	((attest)[N],(eer)[V|N.])[V]
attitudeverandering	((attitude)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
attitudewijziging	((attitude)[N],((wijzig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
attractief	((attractie)[N],(ief)[A|N.])[A]
attributie	((attribuut)[N],(ie)[N|N.])[N]
attributief	(((attribuut)[N],(ie)[N|N.])[N],(ief)[A|N.])[A]
attributietheorie	(((attribuut)[N],(ie)[N|N.])[N],(theorie)[N])[N]
atypisch	((a)[A|.A],((type)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
auctieprijs	((auctie)[N],(prijs)[N])[N]
aucuba	(aucuba)[N]
audioapparatuur	((audio)[N|.N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
audiometer	((audio)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
audiosignaal	((audio)[N|.N],(signaal)[N])[N]
audiotoren	((audio)[N|.N],(toren)[N])[N]
audiovisueel	((audio)[A|.A],(visueel)[A])[A]
auditeur-militair	((auditeur)[N],(militair)[N])[N]
auditie	(auditie)[N]
auditief	((auditie)[N],(ief)[A|N.])[A]
audiëntieblad	((audiëntie)[N],(blad)[N])[N]
audiëntiezaal	((audiëntie)[N],(zaal)[N])[N]
augur	(augur)[N]
augustijnenklooster	((augustijn)[N],(en)[N|N.N],(klooster)[N])[N]
augustijner	((augustijn)[N],(er)[A|N.])[A]
augustijns	((augustijn)[N],(s)[A|N.])[A]
augustusavond	((augustus)[N],(avond)[N])[N]
augustusmaand	((augustus)[N],(maand)[N])[N]
augustusnamiddag	((augustus)[N],((na)[P],(middag)[N])[N])[N]
aula	(aula)[N]
aura	(aura)[N]
auscultatie	((ausculteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
autaar	(autaar)[N]
autarkie	((autarkisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
auteurschap	((auteur)[N],(schap)[N|N.])[N]
auteursexemplaar	((auteur)[N],(s)[N|N.N],(exemplaar)[N])[N]
auteursfilm	((auteur)[N],(s)[N|N.N],(film)[N])[N]
auteurshonorarium	((auteur)[N],(s)[N|N.N],(honorarium)[N])[N]
auteursnaam	((auteur)[N],(s)[N|N.N],(naam)[N])[N]
auteursrecht	((auteur)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
authenticiteit	((authentiek)[A],(iciteit)[N|A.])[N]
authentiseren	((authentiek)[A],(eer)[V|A.])[V]
auto	(auto)[N]
auto-industrie	((auto)[N],(industrie)[N])[N]
auto-infectie	((auto)[N|.N],((infect)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
auto-instructeur	((auto)[N],(instructeur)[N])[N]
auto-intoxicatie	((auto)[N|.N],((intoxiceer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
auto-ongeluk	((auto)[N],((on)[N|.N],((ge)[N|.V],(luk)[V])[N])[N])[N]
auto-ongeval	((auto)[N],((on)[N|.N],(geval)[N])[N])[N]
autoagressief	((auto)[N],((agressie)[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
autoanalyse	((auto)[N|.N],(analyse)[N])[N]
autobaan	((auto)[N],(baan)[N])[N]
autoband	((auto)[N],(band)[N])[N]
autobestuurder	((auto)[N],((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
autobiograaf	((auto)[N|.N],(biograaf)[N])[N]
autobiografie	((((auto)[N|.N],(biograaf)[N])[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
autobiografisch	(((auto)[N|.N],(biograaf)[N])[N],(isch)[A|N.])[A]
autobotsing	((auto)[N],((bots)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
autobox	((auto)[N],(box)[N])[N]
autobus	((auto)[N],(bus)[N])[N]
autobusdienst	(((auto)[N],(bus)[N])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
autobushalte	(((auto)[N],(bus)[N])[N],(halte)[N])[N]
autobuslijn	(((auto)[N],(bus)[N])[N],(lijn)[N])[N]
autocolonne	((auto)[N],(colonne)[N])[N]
autocoureur	((auto)[N],(coureur)[N])[N]
autocratie	(((autocraat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
autocratisch	((autocraat)[N],(isch)[A|N.])[A]
autocross	((auto)[N],(cross)[N])[N]
autodichtheid	((auto)[N],((dicht)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
autodief	((auto)[N],(dief)[N])[N]
autodienst	((auto)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
autofocus	((auto)[N|.N],(focus)[N])[N]
autogamie	((autogaam)[A],(ie)[N|A.])[N]
autogarage	((auto)[N],(garage)[N])[N]
autogas	((auto)[N],(gas)[N])[N]
autoglasservice	((auto)[N],(glas)[N],(service)[N])[N]
autogordel	((auto)[N],(gordel)[N])[N]
autografenverzamelaar	((autograaf)[N],(en)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
autografie	(((autograaf)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
autografisch	((autograaf)[N],(isch)[A|N.])[A]
autogrammenjager	((autogram)[N],(en)[N|N.Vx],(jaag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
autohandel	((auto)[N],(handel)[N])[N]
autohandelaar	((auto)[N],(handel)[V],(aar)[N|NV.])[N]
autokaart	((auto)[N],(kaart)[N])[N]
autokatalyse	((auto)[N|.N],(katalyse)[N])[N]
autokerkhof	((auto)[N],((kerk)[N],(hof)[N])[N])[N]
autokeuring	((auto)[N],(keur)[V],(ing)[N|NV.])[N]
autoloos	((auto)[N],(loos)[A|N.])[A]
automaattanding	((automaat)[N],((tand)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
automatenhal	((automaat)[N],(en)[N|N.N],(hal)[N])[N]
automatie	(((automaat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
automatiek	(((automaat)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
automatisch	((automaat)[N],(isch)[A|N.])[A]
automatiseerder	(((automaat)[N],(iseer)[V|N.])[V],(der)[N|V.])[N]
automatiseren	((automaat)[N],(iseer)[V|N.])[V]
automatisering	(((automaat)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
automatiseringsadviseur	((((automaat)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((advies)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
automatiseringsdeskundige	((((automaat)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(deskundige)[N])[N]
automatiseringsmogelijkheid	((((automaat)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
automatiseringsproces	((((automaat)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
automatiseringsproject	((((automaat)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(project)[N])[N]
automatiseringssector	((((automaat)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(sector)[N])[N]
automatiseringssysteem	((((automaat)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
automedicatie	((auto)[N|.N],(medicatie)[N])[N]
automerk	((auto)[N],(merk)[N])[N]
automobielfabrikant	((automobiel)[N],(((fabriek)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
automobilist	((automobiel)[N],(ist)[N|N.])[N]
automonteur	((auto)[N],(monteer)[V],(eur)[N|NV.])[N]
automutilatie	((auto)[N|.N],((mutileer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
autonomie	((autonoom)[A],(ie)[N|A.])[N]
autonomist	(((autonoom)[A],(ie)[N|A.])[N],(ist)[N|N.])[N]
autonummer	((auto)[N],(nummer)[N])[N]
autopapieren	((auto)[N],(papier)[N])[N]
autopark	((auto)[N],(park)[N])[N]
autoplastiek	((auto)[N|.N],((plastisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
autopletter	((auto)[N],(plet)[V],(er)[N|NV.])[N]
autoportier	((auto)[N],(portier)[N])[N]
autopsierapport	((autopsie)[N],(rapport)[N])[N]
autopsieverslag	((autopsie)[N],(verslag)[N])[N]
autorace	((auto)[N],(race)[N])[N]
autoradio	((auto)[N],(radio)[N])[N]
autoradiografie	((auto)[N|.N],((radiografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
autorenbaan	((auto)[N],((ren)[V],(baan)[N])[N])[N]
autorijden	((auto)[N],(rijd)[V])[V]
autorijder	(((auto)[N],(rijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
autorijdster	((auto)[N],(rijd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
autorijschool	((auto)[N],((rijd)[V],(school)[N])[N])[N]
autorisatie	((autoriseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
autorit	((auto)[N],(rit)[N])[N]
autoriteitsconflict	((autoriteit)[N],(s)[N|N.N],(conflict)[N])[N]
autoriteitsprobleem	((autoriteit)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
autoruit	((auto)[N],(ruit)[N])[N]
autosalon	((auto)[N],(salon)[N])[N]
autoshop	((auto)[N],(shop)[N])[N]
autoslaaptrein	((auto)[N],((slaap)[V],(trein)[N])[N])[N]
autosleutel	((auto)[N],(sleutel)[N])[N]
autosnelweg	((auto)[N],((snel)[A],(weg)[N])[N])[N]
autospiegel	((auto)[N],(spiegel)[N])[N]
autosport	((auto)[N],(sport)[N])[N]
autospuit	((auto)[N],(spuit)[N])[N]
autospuiterij	((auto)[N],(spuit)[V],(erij)[N|NV.])[N]
autostroper	((auto)[N],((stroop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
autosuggestie	((auto)[N|.N],(suggestie)[N])[N]
autotechniek	((auto)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
autotentoonstelling	((auto)[N],(tentoonstel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
autotherapie	((auto)[N|.N],(therapie)[N])[N]
autotocht	((auto)[N],(tocht)[N])[N]
autotrein	((auto)[N],(trein)[N])[N]
autotunnel	((auto)[N],(tunnel)[N])[N]
autotype	((auto)[N|.N],(type)[N])[N]
autovaccin	((auto)[N|.N],(vaccin)[N])[N]
autoverhuur	((auto)[N],(verhuur)[N])[N]
autoverhuurder	((auto)[N],((ver)[V|.V],(huur)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
autoverkeer	((auto)[N],(verkeer)[N])[N]
autoverschrikker	((auto)[N],((ver)[V|.V],(schrik)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
autovrij	((auto)[N],(vrij)[A])[A]
autoweg	((auto)[N],(weg)[N])[N]
autowrak	((auto)[N],(wrak)[N])[N]
aval	(aval)[N]
avalist	((aval)[N],(ist)[N|N.])[N]
avance	(avance)[N]
avanceren	((avance)[N],(eer)[V|N.])[V]
avant-gardefilm	((avant-garde)[N],(film)[N])[N]
avant-gardetheater	((avant-garde)[N],(theater)[N])[N]
avant-gardist	((avant-garde)[N],(ist)[N|N.])[N]
avant-gardistisch	(((avant-garde)[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A]
ave	(ave)[N]
avenue	(avenue)[N]
averij	(averij)[N]
averijkosten	((averij)[N],(kost)[N])[N]
aversie	((avers)[N],(ie)[N|N.])[N]
aversief	(((avers)[N],(ie)[N|N.])[N],(ief)[A|N.])[A]
aversietherapie	(((avers)[N],(ie)[N|N.])[N],(therapie)[N])[N]
aveu	(aveu)[N]
aviatiek	((aviatisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
aviso	(aviso)[N]
avisojacht	((aviso)[N],(jacht)[N])[N]
avocado	(avocado)[N]
avocadopeer	((avocado)[N],(peer)[N])[N]
avondactiviteit	((avond)[N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
avondappèl	((avond)[N],(appèl)[N])[N]
avondbede	((avond)[N],(bede)[N])[N]
avondbee	((avond)[N],(bede)[N])[N]
avondbezoek	((avond)[N],(bezoek)[N])[N]
avondbijeenkomst	((avond)[N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
avondblad	((avond)[N],(blad)[N])[N]
avondboterham	((avond)[N],(boterham)[N])[N]
avondbrood	((avond)[N],(brood)[N])[N]
avondcourant	((avond)[N],(courant)[N])[N]
avondcursus	((avond)[N],(cursus)[N])[N]
avonddienst	((avond)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
avondduister	((avond)[N],(duister)[N])[N]
avondeditie	((avond)[N],(editie)[N])[N]
avondeten	((avond)[N],(eten)[N])[N]
avondfeest	((avond)[N],(feest)[N])[N]
avondgebed	((avond)[N],(gebed)[N])[N]
avondgeluid	((avond)[N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
avondgloed	((avond)[N],(gloed)[N])[N]
avondgymnasium	((avond)[N],(gymnasium)[N])[N]
avondhemel	((avond)[N],(hemel)[N])[N]
avondhoofd	((avond)[N],(hoofd)[N])[N]
avondjapon	((avond)[N],(japon)[N])[N]
avondjournaal	((avond)[N],(journaal)[N])[N]
avondjurk	((avond)[N],(jurk)[N])[N]
avondkerk	((avond)[N],(kerk)[N])[N]
avondkilte	((avond)[N],((kil)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
avondkledij	((avond)[N],((kleed)[V],(ij)[N|V.])[N])[N]
avondkleding	((avond)[N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
avondklok	((avond)[N],(klok)[N])[N]
avondkoelte	((avond)[N],((koel)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
avondkostuum	((avond)[N],(kostuum)[N])[N]
avondkrant	((avond)[N],(krant)[N])[N]
avondland	((avond)[N],(land)[N])[N]
avondles	((avond)[N],(les)[N])[N]
avondlicht	((avond)[N],(licht)[N])[N]
avondlied	((avond)[N],(lied)[N])[N]
avondlijk	((avond)[N],(lijk)[A|N.])[A]
avondlucht	((avond)[N],(lucht)[N])[N]
avondlyceum	((avond)[N],(lyceum)[N])[N]
avondmaal	((avond)[N],(maal)[N])[N]
avondmaaltijd	((avond)[N],((maal)[N],(tijd)[N])[N])[N]
avondnieuws	((avond)[N],(nieuws)[N])[N]
avondpartij	((avond)[N],(partij)[N])[N]
avondpermissie	((avond)[N],(permissie)[N])[N]
avondpost	((avond)[N],(post)[N])[N]
avondprogramma	((avond)[N],(programma)[N])[N]
avondrood	((avond)[N],(rood)[N])[N]
avondschemer	((avond)[N],(schemer)[N])[N]
avondschemering	((avond)[N],((schemer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
avondschoen	((avond)[N],(schoen)[N])[N]
avondschool	((avond)[N],(school)[N])[N]
avondsluiting	((avond)[N],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
avondspitsuur	((avond)[N],((spits)[N],(uur)[N])[N])[N]
avondster	((avond)[N],(ster)[N])[N]
avondstilte	((avond)[N],((stil)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
avondstond	((avond)[N],(stond)[N])[N]
avondstraat	((avond)[N],(straat)[N])[N]
avondstudie	((avond)[N],(studie)[N])[N]
avondtoilet	((avond)[N],(toilet)[N])[N]
avonduur	((avond)[N],(uur)[N])[N]
avondvergadering	((avond)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
avondvierdaagse	((avond)[N],((vier)[Q],(dag)[N],(s)[A|QN.])[A],(e)[N|NA.])[N]
avondvleermuis	((avond)[N],(vleermuis)[N])[N]
avondvliegtuig	((avond)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
avondvlinder	((avond)[N],(vlinder)[N])[N]
avondvogel	((avond)[N],(vogel)[N])[N]
avondvoorstelling	((avond)[N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
avondvullend	((avond)[N],(vul)[V],(end)[A|NV.])[A]
avondwake	((avond)[N],(wake)[N])[N]
avondwandeling	((avond)[N],((wandel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
avondwedstrijd	((avond)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
avondwijding	((avond)[N],((wijd)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
avondwinkel	((avond)[N],(winkel)[N])[N]
avondwolk	((avond)[N],(wolk)[N])[N]
avondzitting	((avond)[N],((zit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
avondzon	((avond)[N],(zon)[N])[N]
avonturen	(avontuur)[V]
avonturendrang	((avontuur)[N],(en)[N|N.N],(drang)[N])[N]
avonturenfilm	((avontuur)[N],(en)[N|N.N],(film)[N])[N]
avonturenroman	((avontuur)[N],(en)[N|N.N],(roman)[N])[N]
avonturier	((avontuur)[N],(ier)[N|N.])[N]
avonturierster	(((avontuur)[N],(ier)[N|N.])[N],(ster)[N|N.])[N]
avontuur	(avontuur)[N]
avontuurlijk	((avontuur)[N],(lijk)[A|N.])[A]
avontuurlijkheid	(((avontuur)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
axel	(axel)[N]
axiaal	((as)[N],(aal)[A|N.])[A]
axioma	(axioma)[N]
axiomatiek	(((axioma)[N],(atisch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
axiomatisch	((axioma)[N],(atisch)[A|N.])[A]
axolotl	(axolotl)[N]
ayatollah	(ayatollah)[N]
azalea	(azalea)[N]
azen	(aas)[V]
azijn	(azijn)[N]
azijnaaltje	((azijn)[N],(aal)[N])[N]
azijnachtig	((azijn)[N],(achtig)[A|N.])[A]
azijnbacterie	((azijn)[N],(bacterie)[N])[N]
azijnfles	((azijn)[N],(fles)[N])[N]
azijngeest	((azijn)[N],(geest)[N])[N]
azijnhout	((azijn)[N],(hout)[N])[N]
azijnpisser	((azijn)[N],(pis)[V],(er)[N|NV.])[N]
azijnspiritus	((azijn)[N],(spiritus)[N])[N]
azijnstel	((azijn)[N],(stel)[N])[N]
azijnvat	((azijn)[N],(vat)[N])[N]
azijnzuur	((azijn)[N],(zuur)[N])[N]
azotisch	((azotum)[N],(isch)[A|N.])[A]
azoturie	(azoturie)[N]
azuki	(azuki)[N]
azuren	((azuur)[N],(en)[A|N.])[A]
azuur	(azuur)[N]
azuurblauw	((azuur)[N],(blauw)[A])[A]
azuurkwarts	((azuur)[N],(kwarts)[N])[N]
azuursteen	((azuur)[N],(steen)[N])[N]
aëratie	((aëreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
aëroclub	((aëro)[N|.N],(club)[N])[N]
aërodynamica	((aëro)[N|.N],(dynamica)[N])[N]
aërodynamisch	((aëro)[A|.A],(dynamisch)[A])[A]
aërofobie	((aëro)[N|.N],((fobisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
aëromechanica	((aëro)[N|.N],(mechanica)[N])[N]
aërometer	((aëro)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
aëronautiek	(((aëro)[A|.A],(nautisch)[A])[A],(iek)[N|A.])[N]
aëronautisch	((aëro)[A|.A],(nautisch)[A])[A]
aëroplankton	((aëro)[N|.N],(plankton)[N])[N]
aërosol	((aëro)[N|.N],(sol)[N])[N]
aërosolverpakking	(((aëro)[N|.N],(sol)[N])[N],(((ver)[V|.N],(pak)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
aërostatica	((aëro)[N|.N],(statica)[N])[N]
aërotrein	((aëro)[N|.N],(trein)[N])[N]
aërotropisme	((aëro)[N|.N],(tropisme)[N])[N]
b	(b)[N]
b-biljet	((b)[N],(biljet)[N])[N]
b-kant	((b)[N],(kant)[N])[N]
b-omroep	((b)[N],(omroep)[N])[N]
b-ploeg	((b)[N],(ploeg)[N])[N]
b-status	((b)[N],(status)[N])[N]
b-weg	((b)[N],(weg)[N])[N]
baadster	((baad)[V],(ster)[N|V.])[N]
baai	(baai)[N]
baaien	((baai)[N],(en)[A|N.])[A]
baaitabak	((baai)[N],(tabak)[N])[N]
baaivanger	((baaivang)[V],(er)[N|V.])[N]
baak	(baak)[N]
baakafstand	((baak)[N],(afstand)[N])[N]
baakgeld	((baak)[N],(geld)[N])[N]
baakmeester	((baak)[N],(meester)[N])[N]
baakzetten	((baak)[N],(zet)[V])[V]
baal	(baal)[N]
baaldag	((baal)[V],(dag)[N])[N]
baaldoek	((baal)[N],(doek)[N])[N]
baalgoed	((baal)[N],(goed)[N])[N]
baalzak	((baal)[N],(zak)[N])[N]
baan	(baan)[N]
baanbed	((baan)[N],(bed)[N])[N]
baanbrekend	((baan)[N],(breek)[V],(end)[A|NV.])[A]
baanbreker	((baan)[N],(breek)[V],(er)[N|NV.])[N]
baancommissaris	((baan)[N],(commissaris)[N])[N]
baanfiets	((baan)[N],(fiets)[N])[N]
baanherstel	((baan)[N],(herstel)[N])[N]
baanhoek	((baan)[N],(hoek)[N])[N]
baanloos	((baan)[N],(loos)[A|N.])[A]
baanloper	((baan)[N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
baanmeester	((baan)[N],(meester)[N])[N]
baanoog	((baan)[N],(oog)[N])[N]
baanopzichter	((baan)[N],((op)[P],(zie)[V],(er)[N|PV.])[N])[N]
baanrace	((baan)[N],(race)[N])[N]
baanrecord	((baan)[N],(record)[N])[N]
baanrenner	((baan)[N],((ren)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
baanruimer	((baan)[N],(ruim)[V],(er)[N|NV.])[N]
baanschouwer	((baan)[N],(schouw)[V],(er)[N|NV.])[N]
baanschuiver	((baan)[N],(schuif)[V],(er)[N|NV.])[N]
baansport	((baan)[N],(sport)[N])[N]
baanstroper	((baan)[N],((stroop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
baantjerijden	((baantje)[N],(rijd)[V])[V]
baantjesjager	((baantje)[N],(s)[N|N.Vx],(jaag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
baanvak	((baan)[N],(vak)[N])[N]
baanveger	((baan)[N],(veeg)[V],(er)[N|NV.])[N]
baanwachter	((baan)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
baanwachtershuisje	(((baan)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
baanwedstrijd	((baan)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
baar	(baar)[N]
baard	(baard)[N]
baardaap	((baard)[N],(aap)[N])[N]
baardbrandertje	((baard)[N],(brand)[V],(er)[N|NV.])[N]
baarddracht	((baard)[N],(dracht)[N])[N]
baardeloos	((baard)[N],(eloos)[A|N.])[A]
baarden	(baard)[V]
baardgier	((baard)[N],(gier)[N])[N]
baardgras	((baard)[N],(gras)[N])[N]
baardgroei	((baard)[N],(groei)[N])[N]
baardhaar	((baard)[N],(haar)[N])[N]
baardig	((baard)[N],(ig)[A|N.])[A]
baardman	((baard)[N],(man)[N])[N]
baardmees	((baard)[N],(mees)[N])[N]
baardmos	((baard)[N],(mos)[N])[N]
baardrager	((baar)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
baardscheerder	((baard)[N],(scheer)[V],(der)[N|NV.])[N]
baardschimmel	((baard)[N],(schimmel)[N])[N]
baardschrapper	((baard)[N],(schrap)[V],(er)[N|NV.])[N]
baardschurft	((baard)[N],(schurft)[N])[N]
baardstoppel	((baard)[N],(stoppel)[N])[N]
baardvin	((baard)[N],(vin)[N])[N]
baardvis	((baard)[N],(vis)[N])[N]
baardvleermuis	((baard)[N],(vleermuis)[N])[N]
baardvogel	((baard)[N],(vogel)[N])[N]
baardwalvis	((baard)[N],(walvis)[N])[N]
baardwerk	((baard)[N],(werk)[N])[N]
baardzwijn	((baard)[N],(zwijn)[N])[N]
baarhaven	((baar)[N],(haven)[N])[N]
baarkleed	((baar)[N],(kleed)[N])[N]
baarlijk	((baar)[N],(lijk)[A|N.])[A]
baarmoeder	((baar)[V],(moeder)[N])[N]
baarmoederhals	(((baar)[V],(moeder)[N])[N],(hals)[N])[N]
baarmoederhalskanker	((((baar)[V],(moeder)[N])[N],(hals)[N])[N],(kanker)[N])[N]
baarmoederkoek	(((baar)[V],(moeder)[N])[N],(koek)[N])[N]
baarmoedermond	(((baar)[V],(moeder)[N])[N],(mond)[N])[N]
baarmoederring	(((baar)[V],(moeder)[N])[N],(ring)[N])[N]
baarmoederslijmvlies	(((baar)[V],(moeder)[N])[N],((slijm)[N],(vlies)[N])[N])[N]
baarmoederwand	(((baar)[V],(moeder)[N])[N],(wand)[N])[N]
baarpijp	((baar)[N],(pijp)[N])[N]
baars	((baar)[N],(s)[A|N.])[A]
baars	(baars)[N]
baarsachtigen	((baars)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
baarstoel	((baar)[V],(stoel)[N])[N]
baarsvisje	((baars)[N],(vis)[N])[N]
baarzen	(baars)[V]
baas	(baas)[N]
baasachtig	((baas)[N],(achtig)[A|N.])[A]
baasschap	((baas)[N],(schap)[N|N.])[N]
baat	(baat)[N]
baattrekking	((baat)[N],(trek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
baatziek	((baat)[N],(ziek)[A])[A]
baatzucht	((baat)[N],(zucht)[N])[N]
baatzuchtig	((baat)[N],(zucht)[N],(ig)[A|NN.])[A]
baatzuchtigheid	(((baat)[N],(zucht)[N],(ig)[A|NN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
baba	(baba)[N]
babbel	(babbel)[N]
babbelaar	((babbel)[V],(aar)[N|V.])[N]
babbelaarster	(((babbel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
babbelachtig	((babbel)[V],(achtig)[A|V.])[A]
babbelarij	((babbel)[V],(arij)[N|V.])[N]
babbelen	(babbel)[V]
babbelkous	((babbel)[V],(kous)[N])[N]
babbelpraatje	((babbel)[V],(praat)[N])[N]
babbelziek	((babbel)[V],(ziek)[A])[A]
babbelzucht	((babbel)[V],(zucht)[N])[N]
babi	(babi)[N]
baboe	(baboe)[N]
babok	(babok)[N]
baby	(baby)[N]
babyaap	((baby)[N],(aap)[N])[N]
babyachtig	((baby)[N],(achtig)[A|N.])[A]
babyartikel	((baby)[N],(artikel)[N])[N]
babybox	((baby)[N],(box)[N])[N]
babybus	((baby)[N],(bus)[N])[N]
babygehuil	((baby)[N],((ge)[N|.V],(huil)[V])[N])[N]
babyhuid	((baby)[N],(huid)[N])[N]
babykleding	((baby)[N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
babykleertjes	((baby)[N],(kleed)[N])[N]
babysitter	((babysit)[V],(er)[N|V.])[N]
babytijd	((baby)[N],(tijd)[N])[N]
babyvoeding	((baby)[N],(voed)[V],(ing)[N|NV.])[N]
babyvoedsel	((baby)[N],((voed)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
baccarat	(baccarat)[N]
baccaratroos	((baccarat)[N],(roos)[N])[N]
baccaratspeler	((baccarat)[N],(speel)[V],(er)[N|NV.])[N]
baccarattafel	((baccarat)[N],(tafel)[N])[N]
bacchante	((bacchant)[N],(e)[N|N.])[N]
bacchantisch	((bacchant)[N],(isch)[A|N.])[A]
bacillendraagster	((bacil)[N],(en)[N|N.N],((draag)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
bacillendrager	((bacil)[N],(en)[N|N.Vx],(draag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
back	(back)[N]
backen	(back)[V]
backing	((back)[V],(ing)[N|V.])[N]
bacon	(bacon)[N]
bacove	(bacove)[N]
bacovencultuur	((bacove)[N],(en)[N|N.N],(cultuur)[N])[N]
bacterie	(bacterie)[N]
bacteriecel	((bacterie)[N],(cel)[N])[N]
bacteriecultuur	((bacterie)[N],(cultuur)[N])[N]
bacteriedrager	((bacterie)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
bacterieel	((bacterie)[N],(ieel)[A|N.])[A]
bacteriekolonie	((bacterie)[N],(kolonie)[N])[N]
bacteriekweek	((bacterie)[N],(kweek)[N])[N]
bacterievrij	((bacterie)[N],(vrij)[A])[A]
bacteriologie	((bacteriologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
bacteriënvrees	((bacterie)[N],(en)[N|N.N],(vrees)[N])[N]
bad	(bad)[N]
badartikelen	((bad)[N],(artikel)[N])[N]
badbroek	((bad)[N],(broek)[N])[N]
badcabine	((bad)[N],(cabine)[N])[N]
badcel	((bad)[N],(cel)[N])[N]
baddoek	((bad)[N],(doek)[N])[N]
baden	(baad)[V]
bader	((baad)[V],(er)[N|V.])[N]
badessence	((bad)[N],(essence)[N])[N]
badextract	((bad)[N],(extract)[N])[N]
badgast	((bad)[N],(gast)[N])[N]
badge	(badge)[N]
badgelegenheid	((bad)[N],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
badhanddoek	((bad)[N],((hand)[N],(doek)[N])[N])[N]
badhokje	((bad)[N],(hok)[N])[N]
badhotel	((bad)[N],(hotel)[N])[N]
badhuis	((bad)[N],(huis)[N])[N]
badinrichting	((bad)[N],((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
badjas	((bad)[N],(jas)[N])[N]
badjuffrouw	((bad)[N],(juffrouw)[N])[N]
badkamer	((bad)[N],(kamer)[N])[N]
badkleding	((bad)[N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
badknecht	((bad)[N],(knecht)[N])[N]
badkoets	((bad)[N],(koets)[N])[N]
badkostuum	((bad)[N],(kostuum)[N])[N]
badkuip	((bad)[N],(kuip)[N])[N]
badkuur	((bad)[N],(kuur)[N])[N]
badlaken	((bad)[N],(laken)[N])[N]
badmantel	((bad)[N],(mantel)[N])[N]
badmat	((bad)[N],(mat)[N])[N]
badmeester	((bad)[N],(meester)[N])[N]
badminton	(badminton)[N]
badmintonner	((badminton)[N],(er)[N|N.])[N]
badmode	((bad)[N],(mode)[N])[N]
badmuts	((bad)[N],(muts)[N])[N]
badpak	((bad)[N],(pak)[N])[N]
badplaats	((bad)[N],(plaats)[N])[N]
badruimte	((bad)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
badschuim	((bad)[N],(schuim)[N])[N]
badseizoen	((bad)[N],(seizoen)[N])[N]
badslip	((bad)[N],(slip)[N])[N]
badstoel	((bad)[N],(stoel)[N])[N]
badstof	((bad)[N],(stof)[N])[N]
badstrand	((bad)[N],(strand)[N])[N]
badtas	((bad)[N],(tas)[N])[N]
badthermometer	((bad)[N],((thermo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
badvrouw	((bad)[N],(vrouw)[N])[N]
badwater	((bad)[N],(water)[N])[N]
badzeep	((bad)[N],(zeep)[N])[N]
badzout	((bad)[N],(zout)[N])[N]
bag	(bag)[N]
bagage	(bagage)[N]
bagagebureau	((bagage)[N],(bureau)[N])[N]
bagagedepot	((bagage)[N],(depot)[N])[N]
bagagedrager	((bagage)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
bagagekluis	((bagage)[N],(kluis)[N])[N]
bagagemandje	((bagage)[N],(mand)[N])[N]
bagagenet	((bagage)[N],(net)[N])[N]
bagagepunt	((bagage)[N],(punt)[N])[N]
bagagerek	((bagage)[N],(rek)[N])[N]
bagagereçu	((bagage)[N],(reçu)[N])[N]
bagagerijtuig	((bagage)[N],((rijd)[V],(tuig)[N])[N])[N]
bagageruim	((bagage)[N],(ruim)[N])[N]
bagageruimte	((bagage)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bagagetrein	((bagage)[N],(trein)[N])[N]
bagatelliseren	((bagatel)[N],(iseer)[V|N.])[V]
bagatellisering	(((bagatel)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
baggelaar	((baggel)[V],(aar)[N|V.])[N]
baggelen	(baggel)[V]
bagger	(bagger)[N]
baggeraar	((bagger)[V],(aar)[N|V.])[N]
baggerbeugel	((bagger)[V],(beugel)[N])[N]
baggereiland	((bagger)[V],(eiland)[N])[N]
baggeremmer	((bagger)[V],(emmer)[N])[N]
baggeren	(bagger)[V]
baggerketting	((bagger)[V],(ketting)[N])[N]
baggerlaars	((bagger)[V],(laars)[N])[N]
baggermachine	((bagger)[V],(machine)[N])[N]
baggerman	((bagger)[V],(man)[N])[N]
baggermolen	((bagger)[V],(molen)[N])[N]
baggerschuit	((bagger)[V],(schuit)[N])[N]
baggerturf	((bagger)[V],(turf)[N])[N]
baghera	(baghera)[N]
bah	(bah)[N]
bahco	(bahco)[N]
baissier	((baisse)[N],(ier)[N|N.])[N]
bajadère	(bajadère)[N]
bajes	(bajes)[N]
bajesklant	((bajes)[N],(klant)[N])[N]
bajesmaf	((bajes)[N],(maf)[A])[A]
bajonetaanval	((bajonet)[N],(aanval)[N])[N]
bajonetfitting	((bajonet)[N],((fit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bajonetschede	((bajonet)[N],(schede)[N])[N]
bajonetschermen	((bajonet)[N],(scherm)[V])[V]
bajonetsluiting	((bajonet)[N],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bak	(bak)[N]
bakaal	((bak)[V],(aal)[N])[N]
bakbanaan	((bak)[V],(banaan)[N])[N]
bakbeest	((bak)[N],(beest)[N])[N]
bakblik	((bak)[V],(blik)[N])[N]
bakbokking	((bak)[V],(bokking)[N])[N]
bakboordlicht	((bakboord)[N],(licht)[N])[N]
bakboordslicht	((bakboord)[N],(s)[N|N.N],(licht)[N])[N]
bakboordwacht	((bakboord)[N],(wacht)[N])[N]
bakboordzij	((bakboord)[N],(zij)[N])[N]
bakboordzijde	((bakboord)[N],(zijde)[N])[N]
bakcultuur	((bak)[N],(cultuur)[N])[N]
bakelieten	((bakeliet)[N],(en)[A|N.])[A]
baken	(baken)[N]
bakenen	(baken)[V]
bakengeld	((baken)[V],(geld)[N])[N]
bakenlijn	((baken)[N],(lijn)[N])[N]
bakenmeester	((baken)[N],(meester)[N])[N]
bakenton	((baken)[N],(ton)[N])[N]
bakenzender	((baken)[N],((zend)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
baker	(baker)[N]
bakeren	(baker)[V]
bakerkind	((baker)[V],(kind)[N])[N]
bakermand	((baker)[V],(mand)[N])[N]
bakermat	((baker)[V],(mat)[N])[N]
bakerpraatje	((baker)[N],(praat)[N])[N]
bakerrijm	((baker)[N],(rijm)[N])[N]
bakerspeld	((baker)[V],(speld)[N])[N]
bakersprookje	((baker)[N],(sprook)[N])[N]
bakerstoel	((baker)[V],(stoel)[N])[N]
bakfiets	((bak)[N],(fiets)[N])[N]
bakharing	((bak)[V],(haring)[N])[N]
bakhitte	((bak)[V],(hitte)[N])[N]
bakhuis	((bak)[V],(huis)[N])[N]
bakken	(bak)[V]
bakker	((bak)[V],(er)[N|V.])[N]
bakkerij	((bak)[V],(erij)[N|V.])[N]
bakkerin	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(in)[N|N.])[N]
bakkersarmen	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(arm)[N])[N]
bakkersbedrijf	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
bakkersbenen	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(been)[N])[N]
bakkersbond	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bond)[N])[N]
bakkersbroek	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(broek)[N])[N]
bakkersfamilie	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(familie)[N])[N]
bakkersgast	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gast)[N])[N]
bakkersgezel	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gezel)[N])[N]
bakkersgist	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gist)[N])[N]
bakkerskar	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kar)[N])[N]
bakkersknecht	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(knecht)[N])[N]
bakkerskolen	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kool)[N])[N]
bakkersleerling	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((leer)[V],(ling)[N|V.])[N])[N]
bakkersmand	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(mand)[N])[N]
bakkersoven	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(oven)[N])[N]
bakkersschop	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schop)[N])[N]
bakkersschotel	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schotel)[N])[N]
bakkerstor	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tor)[N])[N]
bakkerstrog	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(trog)[N])[N]
bakkersvet	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vet)[N])[N]
bakkersvrouw	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
bakkerswagen	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
bakkerswinkel	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
bakkerszaak	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
bakkerszoon	(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
bakkes	(bakkes)[N]
baklamp	((bak)[N],(lamp)[N])[N]
baklap	((bak)[V],(lap)[N])[N]
baklucht	((bak)[V],(lucht)[N])[N]
bakmeel	((bak)[V],(meel)[N])[N]
bakoven	((bak)[V],(oven)[N])[N]
bakpan	((bak)[V],(pan)[N])[N]
bakplaat	((bak)[V],(plaat)[N])[N]
bakpoeder	((bak)[V],(poeder)[N])[N]
bakpoeier	((bak)[V],(poeier)[N])[N]
bakschipper	((bak)[N],((schip)[N],(er)[N|N.])[N])[N]
baksel	((bak)[V],(sel)[N|V.])[N]
bakspel	((bak)[V],(spel)[N])[N]
bakstafel	((bak)[N],(s)[N|N.N],(tafel)[N])[N]
bakstag	((bak)[N],(stag)[N])[N]
baksteen	((bak)[V],(steen)[N])[N]
baksteenconstructie	(((bak)[V],(steen)[N])[N],(constructie)[N])[N]
bakstenen	(((bak)[V],(steen)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
bakster	((bak)[V],(ster)[N|V.])[N]
baktafel	((bak)[V],(tafel)[N])[N]
baktong	((bak)[V],(tong)[N])[N]
baktrog	((bak)[N],(trog)[N])[N]
bakvet	((bak)[V],(vet)[N])[N]
bakvis	((bak)[V],(vis)[N])[N]
bakvissentaal	(((bak)[V],(vis)[N])[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
bakvoorn	((bak)[V],(voorn)[N])[N]
bakvoren	((bak)[V],(voren)[N])[N]
bakvorm	((bak)[V],(vorm)[N])[N]
bakwagen	((bak)[N],(wagen)[N])[N]
bal	(bal)[N]
balalaika	(balalaika)[N]
balanceerlijn	((balanceer)[V],(lijn)[N])[N]
balanceerstok	((balanceer)[V],(stok)[N])[N]
balanitis	(balanitis)[N]
balans	(balans)[N]
balansarm	((balans)[N],(arm)[N])[N]
balansboek	((balans)[N],(boek)[N])[N]
balansgesprek	((balans)[N],(gesprek)[N])[N]
balansopruiming	((balans)[N],(((op)[P],(ruim)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
balanspapier	((balans)[N],(papier)[N])[N]
balansregelaar	((balans)[N],((regel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
balansrekening	((balans)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
balanstheorie	((balans)[N],(theorie)[N])[N]
balansverlies	((balans)[N],(verlies)[N])[N]
balanswaarde	((balans)[N],(waarde)[N])[N]
balata	(balata)[N]
balatum	(balatum)[N]
balbehandeling	((bal)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
balbezit	((bal)[N],(bezit)[N])[N]
balboekje	((bal)[N],(boek)[N])[N]
balcontrole	((bal)[N],(controle)[N])[N]
baldadigheid	((baldadig)[A],(heid)[N|A.])[N]
baldakijn	(baldakijn)[N]
balderen	(balder)[V]
balein	(balein)[N]
baleinen	((balein)[N],(en)[A|N.])[A]
balen	(baal)[V]
balg	(balg)[N]
balhoofd	((bal)[N],(hoofd)[N])[N]
balie	(balie)[N]
balie-employé	((balie)[N],(employé)[N])[N]
baliefunctie	((balie)[N],(functie)[N])[N]
baliekluiver	((balie)[N],((kluif)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
baliemand	((balie)[N],(mand)[N])[N]
baliemolen	((balie)[N],(molen)[N])[N]
baliewelsprekendheid	((balie)[N],(((wel)[A],(spreek)[V],(end)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
balije	(balije)[N]
baliën	(balie)[V]
baljapon	((bal)[N],(japon)[N])[N]
baljurk	((bal)[N],(jurk)[N])[N]
baljuw	(baljuw)[N]
baljuwschap	((baljuw)[N],(schap)[N|N.])[N]
balk	(balk)[N]
balkanisering	((balkaniseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
balkanker	((balk)[N],(anker)[N])[N]
balken	(balk)[V]
balkenbrij	((balk)[N],(en)[N|N.N],(brij)[N])[N]
balkenconstructie	((balk)[N],(en)[N|N.N],(constructie)[N])[N]
balkenlaag	((balk)[N],(en)[N|N.N],(laag)[N])[N]
balkenplafond	((balk)[N],(en)[N|N.N],(plafond)[N])[N]
balkenzolder	((balk)[N],(en)[N|N.N],(zolder)[N])[N]
balkenzoldering	((balk)[N],(en)[N|N.N],((zolder)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
balkgat	((balk)[N],(gat)[N])[N]
balkhoofd	((balk)[N],(hoofd)[N])[N]
balkhout	((balk)[N],(hout)[N])[N]
balkijzer	((balk)[N],(ijzer)[N])[N]
balklaag	((balk)[N],(laag)[N])[N]
balkleed	((bal)[N],(kleed)[N])[N]
balkon	(balkon)[N]
balkondeur	((balkon)[N],(deur)[N])[N]
balkonhek	((balkon)[N],(hek)[N])[N]
balkonkamer	((balkon)[N],(kamer)[N])[N]
balkonterras	((balkon)[N],(terras)[N])[N]
balkostuum	((bal)[N],(kostuum)[N])[N]
balkspiraal	((balk)[N],(spiraal)[N])[N]
ballade	(ballade)[N]
balladedichter	((ballade)[N],(en)[N|N.Vx],(dicht)[V],(er)[N|NxV.])[N]
balladevorm	((ballade)[N],(vorm)[N])[N]
ballastbed	((ballast)[V],(bed)[N])[N]
ballaster	((ballast)[N],(er)[N|N.])[N]
ballastreis	((ballast)[N],(reis)[N])[N]
ballastschip	((ballast)[V],(schip)[N])[N]
ballastschop	((ballast)[V],(schop)[N])[N]
ballaststof	((ballast)[N],(stof)[N])[N]
ballasttank	((ballast)[N],(tank)[N])[N]
ballastzak	((ballast)[N],(zak)[N])[N]
ballen	(bal)[V]
ballenjongen	((bal)[N],(en)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
ballentent	((bal)[N],(en)[N|N.N],(tent)[N])[N]
ballenvanger	((bal)[N],(en)[N|N.Vx],(vang)[V],(er)[N|NxV.])[N]
balletbenen	((ballet)[N],(been)[N])[N]
balletdanser	((ballet)[N],(dans)[V],(er)[N|NV.])[N]
balletdanseres	(((ballet)[N],(dans)[V],(er)[N|NV.])[N],(es)[N|N.])[N]
balletgezelschap	((ballet)[N],((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
balletkunst	((ballet)[N],(kunst)[N])[N]
balletmeester	((ballet)[N],(meester)[N])[N]
balletmuziek	((ballet)[N],(muziek)[N])[N]
balletrokje	((ballet)[N],(rok)[N])[N]
balletschoen	((ballet)[N],(schoen)[N])[N]
balletstijl	((ballet)[N],(stijl)[N])[N]
ballinge	((balling)[N],(e)[N|N.])[N]
ballingschap	((balling)[N],(schap)[N|N.])[N]
ballingsoord	((balling)[N],(s)[N|N.N],(oord)[N])[N]
ballistiek	((ballistisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
ballon	(ballon)[N]
ballonachtig	((ballon)[N],(achtig)[A|N.])[A]
ballonband	((ballon)[N],(band)[N])[N]
ballonbuik	((ballon)[N],(buik)[N])[N]
ballondoek	((ballon)[N],(doek)[N])[N]
ballonfok	((ballon)[N],(fok)[N])[N]
ballonglas	((ballon)[N],(glas)[N])[N]
ballonlamp	((ballon)[N],(lamp)[N])[N]
ballonmand	((ballon)[N],(mand)[N])[N]
ballontent	((ballon)[N],(tent)[N])[N]
ballonvaarder	(((ballon)[N],(vaar)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
ballonvaarster	(((ballon)[N],(vaar)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
ballonvaart	((ballon)[N],(vaart)[N])[N]
ballonvaren	((ballon)[N],(vaar)[V])[V]
ballonvormig	((ballon)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
ballotage	((balloteer)[V],(age)[N|V.])[N]
balmuziek	((bal)[N],(muziek)[N])[N]
balnet	((bal)[N],(net)[N])[N]
balorigheid	((balorig)[A],(heid)[N|A.])[N]
balpen	((bal)[N],(pen)[N])[N]
balroos	((bal)[N],(roos)[N])[N]
balsahout	((balsa)[N],(hout)[N])[N]
balsamiek	((balsem)[N],(iek)[A|N.])[A]
balschoen	((bal)[N],(schoen)[N])[N]
balsem	(balsem)[N]
balsemachtig	((balsem)[N],(achtig)[A|N.])[A]
balsemboom	((balsem)[V],(boom)[N])[N]
balsemen	(balsem)[V]
balsemgeur	((balsem)[N],(geur)[N])[N]
balsemiek	((balsem)[N],(iek)[A|N.])[A]
balsemien	(balsemien)[N]
balseming	((balsem)[V],(ing)[N|V.])[N]
balsemkruid	((balsem)[N],(kruid)[N])[N]
balsemlucht	((balsem)[N],(lucht)[N])[N]
balslaan	((bal)[N],(sla)[V])[V]
balspel	((bal)[N],(spel)[N])[N]
balsturigheid	((balsturig)[A],(heid)[N|A.])[N]
baltechniek	((bal)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
balts	(balts)[N]
baltsen	(balts)[V]
baltsgedrag	((balts)[V],(gedrag)[N])[N]
baltsgeluid	((balts)[V],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
baltstijd	((balts)[V],(tijd)[N])[N]
baltsvlucht	((balts)[V],(vlucht)[N])[N]
balustrade	(balustrade)[N]
balzaal	((bal)[N],(zaal)[N])[N]
balzak	((bal)[N],(zak)[N])[N]
bamboe	(bamboe)[N]
bamboeriet	((bamboe)[N],(riet)[N])[N]
bamboes	(bamboes)[N]
bamboespruit	((bamboe)[N],(spruit)[N])[N]
bamboestengel	((bamboe)[N],(stengel)[N])[N]
bamboestoel	((bamboe)[N],(stoel)[N])[N]
bamboestok	((bamboe)[N],(stok)[N])[N]
bamboezen	((bamboes)[N],(en)[A|N.])[A]
bami	(bami)[N]
bamibal	((bami)[N],(bal)[N])[N]
bamispacht	((Bamis)[N],(pacht)[N])[N]
bamispruim	((Bamis)[N],(pruim)[N])[N]
bamisweer	((Bamis)[N],(weer)[N])[N]
bamzaaien	(bamzaai)[V]
ban	(ban)[N]
banaal	(banaal)[A]
banaan	(banaan)[N]
banaanboom	((banaan)[N],(boom)[N])[N]
banaanzak	((banaan)[N],(zak)[N])[N]
banaliteit	((banaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
bananenblad	((banaan)[N],(en)[N|N.N],(blad)[N])[N]
bananenboom	((banaan)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
bananenijs	((banaan)[N],(e)[N|N.N],(ijs)[N])[N]
bananenmeel	((banaan)[N],(en)[N|N.N],(meel)[N])[N]
bananenplantage	((banaan)[N],(en)[N|N.N],((plant)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
bananenrepubliek	((banaan)[N],(en)[N|N.N],(republiek)[N])[N]
bananenschil	((banaan)[N],(e)[N|N.N],(schil)[N])[N]
bananenstengel	((banaan)[N],(e)[N|N.N],(stengel)[N])[N]
bananenvlieg	((banaan)[N],(e)[N|N.N],(vlieg)[N])[N]
banbliksem	((ban)[N],(bliksem)[N])[N]
banbreuk	((ban)[N],(breuk)[N])[N]
band	(band)[N]
bandafnemer	((band)[N],((af)[P],(neem)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
bandage	((bind)[V],(age)[N|V.])[N]
bandagist	(((bind)[V],(age)[N|V.])[N],(ist)[N|N.])[N]
bandbliksem	((band)[N],(bliksem)[N])[N]
bandbreedte	((band)[N],((breed)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bandceramiek	((band)[N],((ceramisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
bandchef	((band)[N],(chef)[N])[N]
banddiagram	((band)[N],(diagram)[N])[N]
banddikte	((band)[N],((dik)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bande	(bande)[N]
bandeerder	(((band)[N],(eer)[V|N.])[V],(der)[N|V.])[N]
bandeloos	((band)[N],(eloos)[A|N.])[A]
bandeloosheid	(((band)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bandenbedrijf	((band)[N],(en)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
bandenlichter	((band)[N],(e)[N|N.Vx],(licht)[V],(er)[N|NxV.])[N]
bandenpartij	((band)[N],(en)[N|N.N],(partij)[N])[N]
bandenpech	((band)[N],(e)[N|N.N],(pech)[N])[N]
bandenplak	((band)[N],(en)[N|N.V],(plak)[V])[N]
bandenspanning	((band)[N],(en)[N|N.N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bandenspectrum	((band)[N],(en)[N|N.N],(spectrum)[N])[N]
bandera	(bandera)[N]
banderen	((band)[N],(eer)[V|N.])[V]
banderilla	(banderilla)[N]
banderolleren	((banderol)[N],(eer)[V|N.])[V]
bandfilter	((band)[N],(filter)[N])[N]
bandgeheugen	((band)[N],(geheugen)[N])[N]
bandhond	((band)[N],(hond)[N])[N]
bandiet	(bandiet)[N]
bandietenbende	((bandiet)[N],(en)[N|N.N],(bende)[N])[N]
bandietenstreek	((bandiet)[N],(en)[N|N.N],(streek)[N])[N]
bandietentroep	((bandiet)[N],(en)[N|N.N],(troep)[N])[N]
bandijk	((ban)[V],(dijk)[N])[N]
bandijzer	((band)[N],(ijzer)[N])[N]
bandjir	(bandjir)[N]
bandkeramiek	((band)[N],((keramisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
bandleider	((band)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
bandlezer	((band)[N],(lees)[V],(er)[N|NV.])[N]
bandmaat	((band)[N],(maat)[N])[N]
bandoneon	(bandoneon)[N]
bandontwerp	((band)[N],(ontwerp)[N])[N]
bandopname	((band)[N],(opname)[N])[N]
bandopnameapparaat	(((band)[N],(opname)[N])[N],(apparaat)[N])[N]
bandopnemer	((band)[N],(((op)[P],(neem)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
bandplooibroek	((band)[N],(plooi)[N],(broek)[N])[N]
bandponser	((band)[N],(pons)[V],(er)[N|NV.])[N]
bandrecorder	((band)[N],(recorder)[N])[N]
bandrem	((band)[N],(rem)[N])[N]
bandreparatie	((band)[N],(repareer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
bandriem	((band)[N],(riem)[N])[N]
bandschuurmachine	((band)[N],((schuur)[V],(machine)[N])[N])[N]
bandsnelheid	((band)[N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bandspanning	((band)[N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bandspreiding	((band)[N],((spreid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bandstaal	((band)[N],(staal)[N])[N]
bandsteek	((band)[N],(steek)[N])[N]
bandstoot	((band)[N],(stoot)[N])[N]
bandstopper	((band)[N],(stop)[V],(er)[N|NV.])[N]
bandstoten	((band)[N],(stoot)[V])[V]
bandsysteem	((band)[N],(systeem)[N])[N]
bandtekening	((band)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bandtransporteur	((band)[N],(((transport)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
bandversiering	((band)[N],(((ver)[V|.V],(sier)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bandvorming	((band)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
bandweverij	((band)[N],(weef)[V],(erij)[N|NV.])[N]
bandwiel	((band)[N],(wiel)[N])[N]
bandwipper	((band)[N],(wip)[V],(er)[N|NV.])[N]
bandzaag	((band)[N],(zaag)[N])[N]
banen	(baan)[V]
banenmarkt	((baan)[N],(en)[N|N.N],(markt)[N])[N]
banenplan	((baan)[N],(en)[N|N.N],(plan)[N])[N]
bang	(bang)[A]
bangbroek	((bang)[A],(broek)[N])[N]
bangelijk	((bang)[A],(elijk)[A|A.])[A]
bangerd	((bang)[A],(erd)[N|A.])[N]
bangerik	((bang)[A],(erik)[N|A.])[N]
bangheid	((bang)[A],(heid)[N|A.])[N]
bangig	((bang)[A],(ig)[A|A.])[A]
bangigheid	((bang)[A],(igheid)[N|A.])[N]
bangmaker	((bang)[A],(maak)[V],(er)[N|AV.])[N]
bangmakerij	((bang)[A],(maak)[V],(erij)[N|AV.])[N]
banier	(banier)[N]
banierdrager	((banier)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
banjer	(banjer)[N]
banjeren	(banjer)[V]
banjerheer	((banjer)[V],(heer)[N])[N]
banjir	(banjir)[N]
banjo	(banjo)[N]
banjomuziek	((banjo)[N],(muziek)[N])[N]
bank	(bank)[N]
bankaandeel	((bank)[N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
bankaangelegenheden	((bank)[N],((aangelegen)[V],(heid)[N|V.])[N])[N]
bankaanwijzing	((bank)[N],(((aan)[P],(wijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bankaccept	((bank)[N],(accept)[N])[N]
bankactie	((bank)[N],(actie)[N])[N]
bankagio	((bank)[N],(agio)[N])[N]
bankassignatie	((bank)[N],((assigneer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
bankbed	((bank)[N],(bed)[N])[N]
bankbediende	((bank)[N],(bediende)[N])[N]
bankbeitel	((bank)[N],(beitel)[N])[N]
bankberoving	((bank)[N],((be)[V|.N],(roof)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
bankbiljet	((bank)[N],(biljet)[N])[N]
bankbiljettencirculatie	(((bank)[N],(biljet)[N])[N],(en)[N|N.Vx],((cirkel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|NxV.])[N]
bankboekje	((bank)[N],(boek)[N])[N]
bankbreuk	((bank)[N],(breuk)[N])[N]
bankbreukig	(((bank)[N],(breuk)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
bankbrief	((bank)[N],(brief)[N])[N]
bankcheque	((bank)[N],(cheque)[N])[N]
bankconsortium	((bank)[N],(consortium)[N])[N]
bankconto	((bank)[N],(conto)[N])[N]
bankdeposito	((bank)[N],(deposito)[N])[N]
bankdirecteur	((bank)[N],(directeur)[N])[N]
bankdisconto	((bank)[N],(disconto)[N])[N]
bankdrukken	((bank)[N],(druk)[V])[V]
bankemployé	((bank)[N],(employé)[N])[N]
banken	(bank)[V]
bankenpacht	((bank)[N],(en)[N|N.N],(pacht)[N])[N]
banketbakker	((banket)[N],(bak)[V],(er)[N|NV.])[N]
banketbakkerij	((banket)[N],(bak)[V],(erij)[N|NV.])[N]
banketbakkersknecht	(((banket)[N],(bak)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(knecht)[N])[N]
banketbakkersroom	(((banket)[N],(bak)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(room)[N])[N]
banketbakkersspijs	(((banket)[N],(bak)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(spijs)[N])[N]
bankethammetje	((banket)[N],(ham)[N])[N]
banketletter	((banket)[N],(letter)[N])[N]
banketstaaf	((banket)[N],(staaf)[N])[N]
banketteerder	(((banket)[N],(eer)[V|N.])[V],(der)[N|V.])[N]
banketteren	((banket)[N],(eer)[V|N.])[V]
banketwinkel	((banket)[N],(winkel)[N])[N]
banketzaak	((banket)[N],(zaak)[N])[N]
banketzaal	((banket)[N],(zaal)[N])[N]
bankfiliaal	((bank)[N],(filiaal)[N])[N]
bankgarantie	((bank)[N],((garant)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
bankgebouw	((bank)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
bankgeheim	((bank)[N],(geheim)[N])[N]
bankgeld	((bank)[N],(geld)[N])[N]
bankgiro	((bank)[N],(giro)[N])[N]
bankgirocentrale	(((bank)[N],(giro)[N])[N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
bankhamer	((bank)[N],(hamer)[N])[N]
bankharing	((bank)[N],(haring)[N])[N]
bankhouder	((bank)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
bankhoudster	((bank)[N],(houd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
bankier	((bank)[N],(ier)[N|N.])[N]
bankiersclearing	(((bank)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(clearing)[N])[N]
bankiersfamilie	(((bank)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(familie)[N])[N]
bankiersfirma	(((bank)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(firma)[N])[N]
bankiershuis	(((bank)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
bankierskantoor	(((bank)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
bankiersvrouw	(((bank)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
bankierswereld	(((bank)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
bankierszaak	(((bank)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
bankierszoon	(((bank)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
bankinstelling	((bank)[N],(((in)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bankkluis	((bank)[N],(kluis)[N])[N]
bankkrediet	((bank)[N],(krediet)[N])[N]
bankloper	((bank)[N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
bankman	((bank)[N],(man)[N])[N]
banknoot	((bank)[N],(noot)[N])[N]
bankoctrooi	((bank)[N],(octrooi)[N])[N]
bankonderneming	((bank)[N],((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bankoperatie	((bank)[N],((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
bankoverval	((bank)[N],(overval)[N])[N]
bankpapier	((bank)[N],(papier)[N])[N]
bankpost	((bank)[N],(post)[N])[N]
bankpostpapier	(((bank)[N],(post)[N])[N],(papier)[N])[N]
bankraad	((bank)[N],(raad)[N])[N]
bankrekening	((bank)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bankrelatie	((bank)[N],(relatie)[N])[N]
bankroetier	((bankroet)[N],(ier)[N|N.])[N]
bankroof	((bank)[N],(roof)[N])[N]
banksaldo	((bank)[N],(saldo)[N])[N]
bankschroef	((bank)[N],(schroef)[N])[N]
bankspeler	((bank)[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
bankstaat	((bank)[N],(staat)[N])[N]
bankstel	((bank)[N],(stel)[N])[N]
bankwerk	((bank)[N],(werk)[N])[N]
bankwerken	((bank)[N],(werk)[V])[V]
bankwerker	((bank)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
bankwet	((bank)[N],(wet)[N])[N]
bankwezen	((bank)[N],(wezen)[N])[N]
bankzaak	((bank)[N],(zaak)[N])[N]
banneling	((ban)[V],(eling)[N|V.])[N]
bannelinge	(((ban)[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
bannen	(ban)[V]
banning	((ban)[V],(ing)[N|V.])[N]
banpaal	((ban)[N],(paal)[N])[N]
banvloek	((ban)[N],(vloek)[N])[N]
banvloeken	((ban)[V],(vloek)[V])[V]
banvonnis	((ban)[V],(vonnis)[N])[N]
baobab	(baobab)[N]
bar	(bar)[N]
barak	(barak)[N]
barakkengroeve	((barak)[N],(en)[N|N.N],(groeve)[N])[N]
barbaar	(barbaar)[N]
barbaars	((barbaar)[N],(s)[A|N.])[A]
barbaarsheid	(((barbaar)[N],(s)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
barbarakruid	((Barbara)[N],(kruid)[N])[N]
barbarisch	((barbaar)[N],(isch)[A|N.])[A]
barbecue	(barbecue)[N]
barbecuen	(barbecue)[V]
barbediende	((bar)[N],(bediende)[N])[N]
barbiersjongen	((barbier)[N],(s)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
barbierswinkel	((barbier)[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
bard	(bard)[N]
bardenzang	((bard)[N],(en)[N|N.N],(zang)[N])[N]
barderen	(bardeer)[V]
bareel	(bareel)[N]
bareelwachter	((bareel)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
baren	(baar)[V]
barensnood	((baar)[V],(s)[N|V.N],(nood)[N])[N]
barenswee	((baren)[V],(s)[N|V.N],(wee)[N])[N]
baret	(baret)[N]
baretembleem	((baret)[N],(embleem)[N])[N]
barg	(barg)[N]
barheid	((bar)[A],(heid)[N|A.])[N]
barhouder	((bar)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
baring	((baar)[V],(ing)[N|V.])[N]
baringskanaal	(((baar)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kanaal)[N])[N]
baringsproces	(((baar)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
bariton	(bariton)[N]
baritonhobo	((bariton)[N],(hobo)[N])[N]
baritonzanger	((bariton)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
barium	(barium)[N]
bariumhydroxide	((barium)[N],(hydroxide)[N])[N]
bariumpap	((barium)[N],(pap)[N])[N]
bariumsulfaat	((barium)[N],(sulfaat)[N])[N]
barjuffrouw	((bar)[N],(juffrouw)[N])[N]
bark	(bark)[N]
barkas	(barkas)[N]
barkastje	((bar)[N],(kast)[N])[N]
barkelner	((bar)[N],(kelner)[N])[N]
barkruk	((bar)[N],(kruk)[N])[N]
barman	((bar)[N],(man)[N])[N]
barmeid	((bar)[N],(meid)[N])[N]
barmeisje	((bar)[N],(meisje)[N])[N]
barmeubel	((bar)[N],(meubel)[N])[N]
barmhartigheid	((barmhartig)[A],(heid)[N|A.])[N]
barn	(barn)[N]
barnen	(barn)[V]
barnsteen	((barn)[V],(steen)[N])[N]
barnsteenkracht	(((barn)[V],(steen)[N])[N],(kracht)[N])[N]
barnsteenvernis	(((barn)[V],(steen)[N])[N],(vernis)[N])[N]
barnstenen	(((barn)[V],(steen)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
barok	(barok)[N]
barokkunst	((barok)[N],(kunst)[N])[N]
barokschilder	((barok)[N],(schilder)[N])[N]
barokstijl	((barok)[N],(stijl)[N])[N]
baroktijd	((barok)[N],(tijd)[N])[N]
barometer	((baro)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
barometerstand	(((baro)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(stand)[N])[N]
barometrisch	(((baro)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(isch)[A|N.])[A]
baron	(baron)[N]
barones	((baron)[N],(es)[N|N.])[N]
baronesse	((baron)[N],(esse)[N|N.])[N]
baronie	((baron)[N],(ie)[N|N.])[N]
baronnentitel	((baron)[N],(en)[N|N.N],(titel)[N])[N]
baroreceptor	((baro)[N|.N],(receptor)[N])[N]
barotrauma	((baro)[N|.N],(trauma)[N])[N]
barracuda	(barracuda)[N]
barrage	((barreer)[V],(age)[N|V.])[N]
barrel	(barrel)[N]
barricade	(barricade)[N]
barricadegevecht	((barricade)[N],((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N])[N]
barricadeoorlog	((barricade)[N],(en)[N|N.N],(oorlog)[N])[N]
barricaderen	((barricade)[N],(eer)[V|N.])[V]
barrièremiddel	((barrière)[N],(middel)[N])[N]
barrièrerif	((barrière)[N],(rif)[N])[N]
bars	(bars)[A]
barsheid	((bars)[A],(heid)[N|A.])[N]
barst	(barst)[N]
barsten	(barst)[V]
barvoets	((bar)[A],(voet)[N],(s)[A|AN.])[A]
barzoi	(barzoi)[N]
bas	(bas)[N]
bas-aria	((bas)[N],(aria)[N])[N]
bas-reliëffotografie	((bas-reliëf)[N],((fotografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
basaal	((basis)[N],(aal)[A|N.])[A]
basalt	(basalt)[N]
basaltblok	((basalt)[N],(blok)[N])[N]
basalten	((basalt)[N],(en)[A|N.])[A]
basaltrots	((basalt)[N],(rots)[N])[N]
basbazuin	((bas)[N],(bazuin)[N])[N]
basblokfluit	((bas)[N],((blok)[N],(fluit)[N])[N])[N]
basculebrug	((bascule)[N],(brug)[N])[N]
basculesluiting	((bascule)[N],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
base	(base)[N]
baseballteam	((baseball)[N],(team)[N])[N]
basement	(((basis)[N],(eer)[V|N.])[V],(ement)[N|V.])[N]
basen	(base)[V]
baseren	((basis)[N],(eer)[V|N.])[V]
basgitaar	((bas)[N],(gitaar)[N])[N]
bashoorn	((bas)[N],(hoorn)[N])[N]
bashoren	((bas)[N],(horen)[N])[N]
basiliek	(basiliek)[N]
basiliekruid	((basilicum)[N],(kruid)[N])[N]
basiliekstijl	((basiliek)[N],(stijl)[N])[N]
basilisk	(basilisk)[N]
basinstrument	((bas)[N],(instrument)[N])[N]
basisaanbod	((basis)[N],(aanbod)[N])[N]
basisactiviteit	((basis)[N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
basisangst	((basis)[N],(angst)[N])[N]
basisarts	((basis)[N],(arts)[N])[N]
basisbedrag	((basis)[N],(bedrag)[N])[N]
basisbeginsel	((basis)[N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
basisbegrip	((basis)[N],(begrip)[N])[N]
basisbehandeling	((basis)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
basisbehoefte	((basis)[N],(behoefte)[N])[N]
basisbestanddeel	((basis)[N],((bestand)[N],(deel)[N])[N])[N]
basisch	((base)[N],(isch)[A|N.])[A]
basischemicaliën	((basis)[N],(chemicalie)[N])[N]
basiscommando	((basis)[N],(commando)[N])[N]
basiscomponent	((basis)[N],((componeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
basisconceptie	((basis)[N],((concept)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
basiscursus	((basis)[N],(cursus)[N])[N]
basisdefinitie	((basis)[N],(definitie)[N])[N]
basisdiploma	((basis)[N],(diploma)[N])[N]
basisdiscipline	((basis)[N],(discipline)[N])[N]
basisdocument	((basis)[N],(document)[N])[N]
basisdoelstelling	((basis)[N],((doel)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
basiseducatie	((basis)[N],(educatie)[N])[N]
basiseenheid	((basis)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
basiselement	((basis)[N],(element)[N])[N]
basisengels	((basis)[N],(Engels)[N])[N]
basisfilosofie	((basis)[N],((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
basisformule	((basis)[N],(formule)[N])[N]
basisfunctie	((basis)[N],(functie)[N])[N]
basisgegeven	((basis)[N],(gegeven)[N])[N]
basisgemeenschap	((basis)[N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
basisgemeente	((basis)[N],(gemeente)[N])[N]
basishoek	((basis)[N],(hoek)[N])[N]
basishypothese	((basis)[N],(hypothese)[N])[N]
basisidee	((basis)[N],(idee)[N])[N]
basisindustrie	((basis)[N],(industrie)[N])[N]
basisinformatie	((basis)[N],((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
basisingrediënt	((basis)[N],(ingrediënt)[N])[N]
basisinkomen	((basis)[N],(inkomen)[N])[N]
basisinzicht	((basis)[N],((in)[P],(zicht)[N])[N])[N]
basisjaar	((basis)[N],(jaar)[N])[N]
basiskennis	((basis)[N],(kennis)[N])[N]
basiskwaliteit	((basis)[N],(kwaliteit)[N])[N]
basisloon	((basis)[N],(loon)[N])[N]
basismateriaal	((basis)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
basismechanisme	((basis)[N],(mechanisme)[N])[N]
basismethode	((basis)[N],(methode)[N])[N]
basismeting	((basis)[N],((meet)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
basismodulus	((basis)[N],(modulus)[N])[N]
basismoduul	((basis)[N],(moduul)[N])[N]
basisniveau	((basis)[N],(niveau)[N])[N]
basisnorm	((basis)[N],(norm)[N])[N]
basisonderwijs	((basis)[N],(onderwijs)[N])[N]
basisopleiding	((basis)[N],(((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
basisopstelling	((basis)[N],(((op)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
basispakket	((basis)[N],(pakket)[N])[N]
basispremie	((basis)[N],(premie)[N])[N]
basisprincipe	((basis)[N],(principe)[N])[N]
basisprobleem	((basis)[N],(probleem)[N])[N]
basisproces	((basis)[N],(proces)[N])[N]
basisproduct	((basis)[N],(product)[N])[N]
basisprogramma	((basis)[N],(programma)[N])[N]
basispunt	((basis)[N],(punt)[N])[N]
basisregel	((basis)[N],(regel)[N])[N]
basissalaris	((basis)[N],(salaris)[N])[N]
basisschool	((basis)[N],(school)[N])[N]
basisstelsel	((basis)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
basisstrategie	((basis)[N],((strategisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
basisstructuur	((basis)[N],(structuur)[N])[N]
basissysteem	((basis)[N],(systeem)[N])[N]
basistabel	((basis)[N],(tabel)[N])[N]
basistarief	((basis)[N],(tarief)[N])[N]
basistechniek	((basis)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
basistekst	((basis)[N],(tekst)[N])[N]
basistheorie	((basis)[N],(theorie)[N])[N]
basistoestand	((basis)[N],(toestand)[N])[N]
basistraining	((basis)[N],((train)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
basisvaardigheid	((basis)[N],((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
basisvak	((basis)[N],(vak)[N])[N]
basisvariabele	((basis)[N],(variabele)[N])[N]
basisvoedsel	((basis)[N],((voed)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
basisvoorwaarde	((basis)[N],(voorwaarde)[N])[N]
basisvoorziening	((basis)[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
basiswedde	((basis)[N],(wedde)[N])[N]
basiswetenschap	((basis)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
basiswetgeving	((basis)[N],((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
basiswijn	((basis)[N],(wijn)[N])[N]
basiszekerheid	((basis)[N],((zeker)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
basketbal	((basket)[N],(bal)[N])[N]
basketballen	((basket)[N],(bal)[V])[V]
basketbalspeelster	(((basket)[N],(bal)[N])[N],(speel)[V],(ster)[N|NV.])[N]
basketbalspeler	(((basket)[N],(bal)[N])[N],(speel)[V],(er)[N|NV.])[N]
basklarinet	((bas)[N],(klarinet)[N])[N]
baskuulbrug	((baskuul)[N],(brug)[N])[N]
baskuulsluiting	((baskuul)[N],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
baspartij	((bas)[N],(partij)[N])[N]
basreflexkast	((bas)[N],(reflex)[N],(kast)[N])[N]
bassen	(bas)[V]
basset	(basset)[N]
bassin	(bassin)[N]
bassist	((bas)[N],(ist)[N|N.])[N]
bassleutel	((bas)[N],(sleutel)[N])[N]
basspeler	((bas)[N],(speel)[V],(er)[N|NV.])[N]
basstem	((bas)[N],(stem)[N])[N]
bast	(bast)[N]
basta	(basta)[N]
bastaardaap	((bastaard)[N],(aap)[N])[N]
bastaardbroeder	((bastaard)[N],(broeder)[N])[N]
bastaardbroer	((bastaard)[N],(broer)[N])[N]
bastaarderen	((bastaard)[N],(eer)[V|N.])[V]
bastaardering	(((bastaard)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
bastaardherder	((bastaard)[N],(herder)[N])[N]
bastaardhond	((bastaard)[N],(hond)[N])[N]
bastaardij	((bastaard)[N],(ij)[N|N.])[N]
bastaardkind	((bastaard)[N],(kind)[N])[N]
bastaardnachtegaal	((bastaard)[N],(nachtegaal)[N])[N]
bastaardsatijnvlinder	((bastaard)[N],((satijn)[N],(vlinder)[N])[N])[N]
bastaardspin	((bastaard)[N],(spin)[N])[N]
bastaardsuiker	((bastaard)[N],(suiker)[N])[N]
bastaardtaal	((bastaard)[N],(taal)[N])[N]
bastaardtras	((bastaard)[N],(tras)[N])[N]
bastaarduitgang	((bastaard)[N],((uit)[P],(gang)[N])[N])[N]
bastaardvijl	((bastaard)[N],(vijl)[N])[N]
bastaardvloek	((bastaard)[N],(vloek)[N])[N]
bastaardvorm	((bastaard)[N],(vorm)[N])[N]
bastaardwoord	((bastaard)[N],(woord)[N])[N]
bastaardzoon	((bastaard)[N],(zoon)[N])[N]
bastaardzuster	((bastaard)[N],(zuster)[N])[N]
bastachtig	((bast)[N],(achtig)[A|N.])[A]
basterdaap	((basterd)[N],(aap)[N])[N]
basterdbroeder	((basterd)[N],(broeder)[N])[N]
basterdhond	((basterd)[N],(hond)[N])[N]
basterdkind	((basterd)[N],(kind)[N])[N]
basterdnachtegaal	((basterd)[N],(nachtegaal)[N])[N]
basterdsatijnvlinder	((basterd)[N],((satijn)[N],(vlinder)[N])[N])[N]
basterdspin	((basterd)[N],(spin)[N])[N]
basterdsuiker	((basterd)[N],(suiker)[N])[N]
basterdtaal	((basterd)[N],(taal)[N])[N]
basterdtras	((basterd)[N],(tras)[N])[N]
basterduitgang	((basterd)[N],((uit)[P],(gang)[N])[N])[N]
basterdvijl	((basterd)[N],(vijl)[N])[N]
basterdvloek	((basterd)[N],(vloek)[N])[N]
basterdvorm	((basterd)[N],(vorm)[N])[N]
basterdwoord	((basterd)[N],(woord)[N])[N]
basterdzoon	((basterd)[N],(zoon)[N])[N]
basterdzuster	((basterd)[N],(zuster)[N])[N]
bastion	(bastion)[N]
bastkever	((bast)[N],(kever)[N])[N]
bastonnade	((bastonneer)[V],(ade)[N|V.])[N]
basviool	((bas)[N],(viool)[N])[N]
baszanger	((bas)[N],(zing)[V],(er)[N|NV.])[N]
bat	(bat)[N]
bataat	(bataat)[N]
bataljon	(bataljon)[N]
bataljonscommandant	((bataljon)[N],(s)[N|N.Vx],(commandeer)[V],(ant)[N|NxV.])[N]
batch	(batch)[N]
baten	(baat)[V]
batenanalyse	((baat)[N],(en)[N|N.N],(analyse)[N])[N]
bath	(bath)[N]
batig	((baat)[N],(ig)[A|N.])[A]
batik	(batik)[N]
batikken	(batik)[V]
batikker	((batik)[V],(er)[N|V.])[N]
batikster	((batik)[V],(ster)[N|V.])[N]
batisten	((batist)[N],(en)[A|N.])[A]
baton	(baton)[N]
batonneren	((baton)[N],(eer)[V|N.])[V]
batten	(bat)[V]
batterij	(batterij)[N]
batterijgeschut	((batterij)[N],(geschut)[N])[N]
batterijkip	((batterij)[N],(kip)[N])[N]
batterijklok	((batterij)[N],(klok)[N])[N]
batterijkooi	((batterij)[N],(kooi)[N])[N]
batterijlamp	((batterij)[N],(lamp)[N])[N]
batterijontsteking	((batterij)[N],((ontsteek)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
batterijradio	((batterij)[N],(radio)[N])[N]
batterijvoeding	((batterij)[N],((voed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
baud	(baud)[N]
bauwen	(bauw)[V]
bauxietmijn	((bauxiet)[N],(mijn)[N])[N]
bavarois	(bavarois)[N]
baviaan	(baviaan)[N]
bavianengezicht	((baviaan)[N],(e)[N|N.N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
bavianenschedel	((baviaan)[N],(en)[N|N.N],(schedel)[N])[N]
bazaar	(bazaar)[N]
bazaarachtig	((bazaar)[N],(achtig)[A|N.])[A]
bazelen	(bazel)[V]
bazen	(baas)[V]
bazielkruid	((basilicum)[N],(kruid)[N])[N]
bazig	((baas)[N],(ig)[A|N.])[A]
bazigheid	(((baas)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bazin	((baas)[N],(in)[N|N.])[N]
bazooka	(bazooka)[N]
bazuin	(bazuin)[N]
bazuinblazer	((bazuin)[N],(blaas)[V],(er)[N|NV.])[N]
bazuinen	(bazuin)[V]
bazuingeschal	((bazuin)[N],((ge)[N|.V],(schal)[V])[N])[N]
beaarding	((beaard)[V],(ing)[N|V.])[N]
beademen	((be)[V|.V],(adem)[V])[V]
beademing	(((be)[V|.V],(adem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beademingsapparaat	((((be)[V|.V],(adem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
beademingsapparatuur	((((be)[V|.V],(adem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
beademingscentrum	((((be)[V|.V],(adem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
beademingsmachine	((((be)[V|.V],(adem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(machine)[N])[N]
beademingstoestel	((((be)[V|.V],(adem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toestel)[N])[N]
beaming	((beaam)[V],(ing)[N|V.])[N]
beangsten	((be)[V|.N],(angst)[N])[V]
beangstigen	((be)[V|.A],((angst)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
beangstiging	(((be)[V|.A],((angst)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
beantwoorden	((be)[V|.V],(antwoord)[V])[V]
beantwoording	(((be)[V|.V],(antwoord)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bearbeiden	((be)[V|.V],(arbeid)[V])[V]
bearbeiding	(((be)[V|.V],(arbeid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beasemen	((be)[V|.V],(asem)[V])[V]
beat	(beat)[N]
beatgroep	((beat)[N],(groep)[N])[N]
beatificatie	((beatificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
beatmuziek	((beat)[N],(muziek)[N])[N]
beaufortschaal	((Beaufort)[N],(schaal)[N])[N]
bebakenen	((be)[V|.N],(baken)[N])[V]
bebakening	(((be)[V|.N],(baken)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bebinden	((be)[V|.V],(bind)[V])[V]
beblaard	((be)[A|.Nx],(blaar)[N],(d)[A|xN.])[A]
bebladerd	((be)[A|.Nx],(blad)[N],(erd)[A|xN.])[A]
bebloed	((be)[A|.N],(bloed)[N])[A]
bebloemd	((be)[A|.Nx],(bloem)[N],(d)[A|xN.])[A]
beboeren	((be)[V|.V],(boer)[V])[V]
beboeten	((be)[V|.V],(boet)[V])[V]
beboomd	((be)[A|.Nx],(boom)[N],(d)[A|xN.])[A]
bebop	(bebop)[N]
bebossen	((be)[V|.N],(bos)[N])[V]
bebossing	(((be)[V|.N],(bos)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
beboteren	((be)[V|.N],(boter)[N])[V]
bebouwbaar	(((be)[V|.V],(bouw)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
bebouwen	((be)[V|.V],(bouw)[V])[V]
bebouwer	(((be)[V|.V],(bouw)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bebouwing	(((be)[V|.V],(bouw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bebouwingscoëfficiënt	((((be)[V|.V],(bouw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(coëfficiënt)[N])[N]
bebouwingsdichtheid	((((be)[V|.V],(bouw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dicht)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bebouwingsmogelijkheid	((((be)[V|.V],(bouw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bebrild	((be)[A|.Nx],(bril)[N],(d)[A|xN.])[A]
bebroeden	((be)[V|.V],(broed)[V])[V]
becijferen	((be)[V|.V],(cijfer)[V])[V]
becijfering	(((be)[V|.V],(cijfer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
becommentariëren	((be)[V|.V],(commentarieer)[V])[V]
beconcurreren	((be)[V|.V],(concurreer)[V])[V]
bed	(bed)[N]
bedaardheid	((bedaard)[A],(heid)[N|A.])[N]
bedachtzaam	((bedacht)[A],(zaam)[A|A.])[A]
bedachtzaamheid	(((bedacht)[A],(zaam)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bedaking	((be)[N|.Nx],(dak)[N],(ing)[N|xN.])[N]
bedammen	((be)[V|.N],(dam)[N])[V]
bedampen	((be)[V|.N],(damp)[N])[V]
bedankbrief	(((be)[V|.N],(dank)[N])[V],(brief)[N])[N]
bedanken	((be)[V|.N],(dank)[N])[V]
bedanking	(((be)[V|.N],(dank)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bedaring	((bedaar)[V],(ing)[N|V.])[N]
bedauwen	((be)[V|.N],(dauw)[N])[V]
bedbank	((bed)[N],(bank)[N])[N]
beddenbak	((bed)[N],(e)[N|N.N],(bak)[N])[N]
beddencapaciteit	((bed)[N],(en)[N|N.N],(capaciteit)[N])[N]
beddendeken	((bed)[N],(e)[N|N.N],(deken)[N])[N]
beddengoed	((bed)[N],(e)[N|N.N],(goed)[N])[N]
beddenkruik	((bed)[N],(e)[N|N.N],(kruik)[N])[N]
beddenkussen	((bed)[N],(e)[N|N.N],(kussen)[N])[N]
beddenkwast	((bed)[N],(e)[N|N.N],(kwast)[N])[N]
beddenlaken	((bed)[N],(e)[N|N.N],(laken)[N])[N]
beddenlinnen	((bed)[N],(e)[N|N.N],(linnen)[N])[N]
beddenpan	((bed)[N],(e)[N|N.N],(pan)[N])[N]
beddenplank	((bed)[N],(e)[N|N.N],(plank)[N])[N]
beddensprei	((bed)[N],(e)[N|N.N],(sprei)[N])[N]
beddentijk	((bed)[N],(e)[N|N.N],(tijk)[N])[N]
beddenwarmer	((bed)[N],(e)[N|N.Vx],(warm)[V],(er)[N|NxV.])[N]
beddenwinkel	((bed)[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
beddenzak	((bed)[N],(e)[N|N.N],(zak)[N])[N]
bede	(bede)[N]
bededag	((bede)[N],(dag)[N])[N]
bedeesdheid	((bedeesd)[A],(heid)[N|A.])[N]
bedehuis	((bede)[N],(huis)[N])[N]
bedekken	((be)[V|.V],(dek)[V])[V]
bedekking	(((be)[V|.V],(dek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bedektzadig	((bedekt)[A],(zaad)[N],(ig)[A|AN.])[A]
bedelaar	((bedel)[V],(aar)[N|V.])[N]
bedelaarsgesticht	(((bedel)[V],(aar)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gesticht)[N])[N]
bedelaarskolonie	(((bedel)[V],(aar)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kolonie)[N])[N]
bedelaarster	(((bedel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
bedelachtig	((bedel)[V],(achtig)[A|V.])[A]
bedelares	(((bedel)[V],(aar)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
bedelarij	((bedel)[V],(arij)[N|V.])[N]
bedelarmband	((bedel)[V],((arm)[N],(band)[N])[N])[N]
bedelbrief	((bedel)[V],(brief)[N])[N]
bedelbroeder	((bedel)[V],(broeder)[N])[N]
bedelbrok	((bedel)[V],(brok)[N])[N]
bedelbrood	((bedel)[V],(brood)[N])[N]
bedelen	(bedel)[V]
bedelen	((be)[V|.N],(deel)[N])[V]
bedelhouding	((bedel)[V],(houding)[N])[N]
bedeling	(((be)[V|.N],(deel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bedelkind	((bedel)[V],(kind)[N])[N]
bedelman	((bedel)[V],(man)[N])[N]
bedelmonnik	((bedel)[V],(monnik)[N])[N]
bedelnap	((bedel)[V],(nap)[N])[N]
bedelorde	((bedel)[V],(orde)[N])[N]
bedelpartij	((bedel)[V],(partij)[N])[N]
bedelstaf	((bedel)[V],(staf)[N])[N]
bedelven	((be)[V|.V],(delf)[V])[V]
bedelzak	((bedel)[V],(zak)[N])[N]
bedenkdag	(((be)[V|.V],(denk)[V])[V],(dag)[N])[N]
bedenkelijk	(((be)[V|.V],(denk)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
bedenkelijkheid	((((be)[V|.V],(denk)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bedenken	((be)[V|.V],(denk)[V])[V]
bedenker	(((be)[V|.V],(denk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bedenking	(((be)[V|.V],(denk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bedenksel	(((be)[V|.V],(denk)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
bedenktijd	(((be)[V|.V],(denk)[V])[V],(tijd)[N])[N]
bedeplaats	((bede)[N],(plaats)[N])[N]
bederfelijk	(((be)[V|.V],(derf)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
bederfelijkheid	((((be)[V|.V],(derf)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bederfwerend	((bederf)[N],(weer)[V],(end)[A|NV.])[A]
bederven	((be)[V|.V],(derf)[V])[V]
bederver	(((be)[V|.V],(derf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bedevaarder	(((bede)[N],(vaart)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
bedevaarster	(((bede)[N],(vaart)[N])[N],(ster)[N|N.])[N]
bedevaart	((bede)[N],(vaart)[N])[N]
bedevaartganger	(((bede)[N],(vaart)[N])[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N]
bedevaartgangster	(((bede)[N],(vaart)[N])[N],(ga)[V],(ster)[N|NV.])[N]
bedevaartkapel	(((bede)[N],(vaart)[N])[N],(kapel)[N])[N]
bedevaartkerk	(((bede)[N],(vaart)[N])[N],(kerk)[N])[N]
bedevaartplaats	(((bede)[N],(vaart)[N])[N],(plaats)[N])[N]
bedgeheim	((bed)[N],(geheim)[N])[N]
bedgenoot	((bed)[N],(genoot)[N])[N]
bedgenote	(((bed)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
bedgordijn	((bed)[N],(gordijn)[N])[N]
bedienaar	(((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
bediendebelasting	((bediende)[N],(en)[N|N.N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bediendekamer	((bediende)[N],(en)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
bedienen	((be)[V|.V],(dien)[V])[V]
bediening	(((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bedieningsfout	((((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fout)[N])[N]
bedieningsgeld	((((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(geld)[N])[N]
bedieningsgemak	((((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gemak)[N])[N]
bedieningsinstructie	((((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instructie)[N])[N]
bedieningsknop	((((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(knop)[N])[N]
bedieningsmachinist	((((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((machine)[N],(ist)[N|N.])[N])[N]
bedieningsorgaan	((((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
bedieningspaneel	((((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(paneel)[N])[N]
bedieningsplaats	((((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plaats)[N])[N]
bedieningspost	((((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(post)[N])[N]
bedieningsstraat	((((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(straat)[N])[N]
bedieningswinkel	((((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
bedijken	((be)[V|.N],(dijk)[N])[V]
bedijker	(((be)[V|.N],(dijk)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
bedijking	(((be)[V|.N],(dijk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bedilal	((bedil)[V],(al)[B])[N]
bedilgeest	((bedil)[V],(geest)[N])[N]
bediller	((bedil)[V],(er)[N|V.])[N]
bedillerig	((bedil)[V],(erig)[A|V.])[A]
bedillig	((bedil)[V],(ig)[A|V.])[A]
bedilster	((bedil)[V],(ster)[N|V.])[N]
bedilziek	((bedil)[V],(ziek)[A])[A]
bedilzucht	((bedil)[V],(zucht)[N])[N]
bedilzuchtig	(((bedil)[V],(zucht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
bedingen	((be)[V|.V],(ding)[V])[V]
bedinging	(((be)[V|.V],(ding)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bediscussiëren	((be)[V|.V],(discussieer)[V])[V]
bediscuteren	((be)[V|.V],(discuteer)[V])[V]
bedisselen	((be)[V|.N],(dissel)[N])[V]
bedjasje	((bed)[N],(jas)[N])[N]
bedklos	((bed)[N],(klos)[N])[N]
bedkruik	((bed)[N],(kruik)[N])[N]
bedlampje	((bed)[N],(lamp)[N])[N]
bedlegerig	((bed)[N],(legerig)[A])[A]
bedlegerigheid	(((bed)[N],(legerig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
bedoelen	((be)[V|.N],(doel)[N])[V]
bedoeling	(((be)[V|.N],(doel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bedoezeld	((be)[A|.Nx],(doezel)[N],(d)[A|xN.])[A]
bedoeïenentent	((bedoeïen)[N],(en)[N|N.N],(tent)[N])[N]
bedomptheid	((bedompt)[A],(heid)[N|A.])[N]
bedonderen	((be)[V|.N],(donder)[N])[V]
bedotster	(((be)[V|.N],(dot)[N])[V],(ster)[N|V.])[N]
bedotten	((be)[V|.N],(dot)[N])[V]
bedotter	(((be)[V|.N],(dot)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
bedpan	((bed)[N],(pan)[N])[N]
bedpartner	((bed)[N],(partner)[N])[N]
bedplank	((bed)[N],(plank)[N])[N]
bedplassen	((bed)[N],(plas)[V])[V]
bedrading	((be)[N|.Nx],(draad)[N],(ing)[N|xN.])[N]
bedrand	((bed)[N],(rand)[N])[N]
bedreigen	((be)[V|.V],(dreig)[V])[V]
bedreiging	(((be)[V|.V],(dreig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bedremmeldheid	((bedremmeld)[A],(heid)[N|A.])[N]
bedrevenheid	((bedreven)[A],(heid)[N|A.])[N]
bedriegal	((bedrieg)[V],(al)[B])[N]
bedrieger	((bedrieg)[V],(er)[N|V.])[N]
bedriegerij	((bedrieg)[V],(erij)[N|V.])[N]
bedrieglijk	((bedrieg)[V],(lijk)[A|V.])[A]
bedrieglijkheid	(((bedrieg)[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bedriegster	((bedrieg)[V],(ster)[N|V.])[N]
bedrijfal	((bedrijf)[V],(al)[B])[N]
bedrijfsaangelegenheid	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((aangelegen)[V],(heid)[N|V.])[N])[N]
bedrijfsactiviteit	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
bedrijfsadministratie	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
bedrijfsanalyse	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(analyse)[N])[N]
bedrijfsarchivaris	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(archivaris)[N])[N]
bedrijfsarts	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(arts)[N])[N]
bedrijfsauto	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(auto)[N])[N]
bedrijfsbelasting	((bedrijf)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
bedrijfsbeleid	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
bedrijfsberichten	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(bericht)[N])[N]
bedrijfsbezetting	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bedrijfsbeëindiging	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(eindig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bedrijfsblindheid	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((blind)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bedrijfschap	((bedrijf)[N],(schap)[N])[N]
bedrijfscommissie	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
bedrijfsconcentratie	((bedrijf)[N],(s)[N|N.Vx],(concentreer)[V],(atie)[N|NxV.])[N]
bedrijfscorrespondentie	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((correspondeer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
bedrijfsdemocratie	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(((democraat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
bedrijfsdienst	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
bedrijfsdirecteur	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(directeur)[N])[N]
bedrijfsdoeleinde	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(doeleinde)[N])[N]
bedrijfsdoelstelling	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((doel)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
bedrijfsdoorlichting	((bedrijf)[N],(s)[N|N.Vx],((door)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
bedrijfseconomie	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((economisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
bedrijfseconomisch	((bedrijf)[N],(s)[A|N.A],(economisch)[A])[A]
bedrijfseconoom	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(econoom)[N])[N]
bedrijfseenheid	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bedrijfsefficiency	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(efficiency)[N])[N]
bedrijfsfonds	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
bedrijfsfunctie	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
bedrijfsgebouw	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
bedrijfsgegeven	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(gegeven)[N])[N]
bedrijfsgeheim	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(geheim)[N])[N]
bedrijfsgeneeskunde	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((genees)[V],(kunde)[N])[N])[N]
bedrijfsgezondheidsdienst	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
bedrijfsgezondheidszorg	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(zorg)[N])[N])[N]
bedrijfsgroep	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(groep)[N])[N]
bedrijfsgrootte	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((groot)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bedrijfshal	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(hal)[N])[N]
bedrijfshandeling	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bedrijfshiërarchie	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((hiërarchisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
bedrijfshoofd	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
bedrijfshuishoudkunde	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(((huis)[N],(houd)[V])[V],(kunde)[N])[N])[N]
bedrijfshygiëne	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(hygiëne)[N])[N]
bedrijfsinformatie	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
bedrijfskader	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(kader)[N])[N]
bedrijfskantine	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(kantine)[N])[N]
bedrijfskapitaal	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(kapitaal)[N])[N]
bedrijfsklaar	((bedrijf)[N],(s)[A|N.A],(klaar)[A])[A]
bedrijfsklasse	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
bedrijfskleding	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bedrijfsklimaat	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(klimaat)[N])[N]
bedrijfskolom	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(kolom)[N])[N]
bedrijfskosten	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
bedrijfskrediet	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(krediet)[N])[N]
bedrijfskunde	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
bedrijfskundig	((bedrijf)[N],(s)[A|N.A],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
bedrijfslaboratorium	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(laboratorium)[N])[N]
bedrijfsleer	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
bedrijfsleider	((bedrijf)[N],(s)[N|N.Vx],(leid)[V],(er)[N|NxV.])[N]
bedrijfsleiding	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((leid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bedrijfsleidster	((bedrijf)[N],(s)[N|N.Vx],(leid)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
bedrijfsleven	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(leven)[N])[N]
bedrijfslichaam	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(lichaam)[N])[N]
bedrijfsmaatschappelijk	((bedrijf)[N],(s)[A|N.A],(((maat)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
bedrijfsmanager	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(manager)[N])[N]
bedrijfsmiddelen	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
bedrijfsniveau	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
bedrijfsomstandigheid	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bedrijfsonderdeel	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((onder)[P],(deel)[N])[N])[N]
bedrijfsongeluk	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((on)[N|.N],((ge)[N|.V],(luk)[V])[N])[N])[N]
bedrijfsongeval	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((on)[N|.N],(geval)[N])[N])[N]
bedrijfsonkosten	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(onkost)[N])[N]
bedrijfsontwikkeling	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bedrijfsoppervlakte	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((opper)[N|.N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N])[N]
bedrijfsorgaan	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
bedrijfsorganisatie	((bedrijf)[N],(s)[N|N.Vx],((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|NxV.])[N]
bedrijfsorganisatorisch	((bedrijf)[N],(s)[A|N.A],(organisatorisch)[A])[A]
bedrijfspensioenfonds	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((pensioen)[N],(fonds)[N])[N])[N]
bedrijfsplan	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(plan)[N])[N]
bedrijfsplanning	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((plan)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bedrijfspluimvee	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((pluim)[N],(vee)[N])[N])[N]
bedrijfspolitiek	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(politiek)[N])[N]
bedrijfsprobleem	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
bedrijfsproces	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
bedrijfspsychologie	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
bedrijfspsycholoog	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(psycholoog)[N])[N]
bedrijfsraad	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
bedrijfsresultaat	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((resulteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
bedrijfsrisico	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(risico)[N])[N]
bedrijfsruimte	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bedrijfsschade	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(schade)[N])[N]
bedrijfssector	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(sector)[N])[N]
bedrijfssituatie	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
bedrijfssluiting	((bedrijf)[N],(s)[N|N.Vx],(sluit)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
bedrijfssociologie	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((sociologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
bedrijfsspanning	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bedrijfsspionage	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(((spion)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N])[N]
bedrijfsstrategie	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((strategisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
bedrijfsstructuur	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
bedrijfstak	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(tak)[N])[N]
bedrijfstakgewijs	(((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(tak)[N])[N],(gewijs)[A|N.])[A]
bedrijfstakniveau	(((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(tak)[N])[N],(niveau)[N])[N]
bedrijfstechnicus	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(technicus)[N])[N]
bedrijfstechnisch	((bedrijf)[N],(s)[A|N.A],(technisch)[A])[A]
bedrijfsterrein	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(terrein)[N])[N]
bedrijfstijd	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
bedrijfstype	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(type)[N])[N]
bedrijfsuitkomsten	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(((uit)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
bedrijfsuitoefening	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(((uit)[P],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bedrijfsveiligheid	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bedrijfsvereniging	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bedrijfsvergunning	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bedrijfsverzekering	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bedrijfsvestiging	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((vestig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bedrijfsvoering	((bedrijf)[N],(s)[N|N.Vx],(voer)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
bedrijfsvoetbal	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((voet)[N],(bal)[N])[N])[N]
bedrijfsvoorlichter	((bedrijf)[N],(s)[N|N.Vx],((voor)[B],(licht)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
bedrijfsvoorlichtster	((bedrijf)[N],(s)[N|N.Vx],((voor)[B],(licht)[V])[V],(ster)[N|NxV.])[N]
bedrijfsvrede	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(vrede)[N])[N]
bedrijfswagen	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
bedrijfswereld	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
bedrijfswerk	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
bedrijfswinkel	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
bedrijfswinst	((bedrijf)[N],(s)[N|N.N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
bedrijfszeker	((bedrijf)[N],(s)[A|N.A],(zeker)[A])[A]
bedrijfszekerheid	(((bedrijf)[N],(s)[A|N.A],(zeker)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
bedrijvensector	((bedrijf)[N],(en)[N|N.N],(sector)[N])[N]
bedrijver	((bedrijf)[V],(er)[N|V.])[N]
bedrijvig	((bedrijf)[N],(ig)[A|N.])[A]
bedrijvigheid	(((bedrijf)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bedrijving	((bedrijf)[V],(ing)[N|V.])[N]
bedrinken	((be)[V|.V],(drink)[V])[V]
bedroefdheid	((bedroefd)[A],(heid)[N|A.])[N]
bedroeven	((be)[V|.A],(droef)[A])[V]
bedroppelen	((be)[V|.N],(droppel)[N])[V]
bedroppen	((be)[V|.N],(drop)[N])[V]
bedruipen	((be)[V|.V],(druip)[V])[V]
bedrukken	((be)[V|.V],(druk)[V])[V]
bedrukking	(((be)[V|.V],(druk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bedruktheid	((bedrukt)[A],(heid)[N|A.])[N]
bedruppelen	((be)[V|.N],(druppel)[N])[V]
bedruppen	((be)[V|.N],(drup)[N])[V]
bedrust	((bed)[N],(rust)[N])[N]
bedschakelaar	((bed)[N],((schakel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
bedscherm	((bed)[N],(scherm)[N])[N]
bedscène	((bed)[N],(scène)[N])[N]
bedsermoen	((bed)[N],(sermoen)[N])[N]
bedsponde	((bed)[N],(sponde)[N])[N]
bedsprei	((bed)[N],(sprei)[N])[N]
bedstede	((bed)[N],(stede)[N])[N]
bedstee	((bed)[N],(stee)[N])[N]
bedsteedeur	(((bed)[N],(stee)[N])[N],(deur)[N])[N]
bedstel	((bed)[N],(stel)[N])[N]
bedstijl	((bed)[N],(stijl)[N])[N]
bedstro	((bed)[N],(stro)[N])[N]
bedtafel	((bed)[N],(tafel)[N])[N]
bedtijd	((bed)[N],(tijd)[N])[N]
beduchten	((be)[V|.V],(ducht)[V])[V]
beduchtheid	((beducht)[A],(heid)[N|A.])[N]
beduiden	((be)[V|.V],(duid)[V])[V]
beduusdheid	((beduusd)[A],(heid)[N|A.])[N]
beduvelen	((be)[V|.N],(duvel)[N])[V]
bedverpleging	((bed)[N],((verpleeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bedwarmer	((bed)[N],(warm)[V],(er)[N|NV.])[N]
bedwateren	((bed)[N],(water)[V])[V]
bedwelmdheid	((bedwelmd)[A],(heid)[N|A.])[N]
bedwelming	((bedwelm)[V],(ing)[N|V.])[N]
bedwelmingsmiddel	(((bedwelm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
bedwingbaar	(((be)[V|.V],(dwing)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
bedwingen	((be)[V|.V],(dwing)[V])[V]
bedwinger	(((be)[V|.V],(dwing)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bedzeiltje	((bed)[N],(zeil)[N])[N]
beek	(beek)[N]
beekbedding	((beek)[N],(bedding)[N])[N]
beekbezinking	((beek)[N],(((be)[V|.V],(zink)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beekdal	((beek)[N],(dal)[N])[N]
beekforel	((beek)[N],(forel)[N])[N]
beeld	(beeld)[N]
beeldafstand	((beeld)[N],(afstand)[N])[N]
beeldband	((beeld)[N],(band)[N])[N]
beeldbuis	((beeld)[N],(buis)[N])[N]
beeldcultuur	((beeld)[N],(cultuur)[N])[N]
beelddrager	((beeld)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
beeldenaar	((beeld)[N],(enaar)[N|N.])[N]
beeldendienaar	((beeld)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
beeldendienst	((beeld)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
beeldenexpositie	((beeld)[N],(en)[N|N.Vx],(exposeer)[V],(itie)[N|NxV.])[N]
beeldengalerij	((beeld)[N],(en)[N|N.N],(galerij)[N])[N]
beeldengroep	((beeld)[N],(en)[N|N.N],(groep)[N])[N]
beeldenkraam	((beeld)[N],(en)[N|N.N],(kraam)[N])[N]
beeldenpark	((beeld)[N],(en)[N|N.N],(park)[N])[N]
beeldenreeks	((beeld)[N],(en)[N|N.N],(reeks)[N])[N]
beeldenrijkdom	((beeld)[N],(en)[N|N.N],((rijk)[A],(dom)[N|A.])[N])[N]
beeldenstoet	((beeld)[N],(en)[N|N.N],(stoet)[N])[N]
beeldenstorm	((beeld)[N],(en)[N|N.N],(storm)[N])[N]
beeldenstormer	(((beeld)[N],(en)[N|N.N],(storm)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
beeldenstrijd	((beeld)[N],(en)[N|N.N],(strijd)[N])[N]
beeldenzaal	((beeld)[N],(en)[N|N.N],(zaal)[N])[N]
beelderig	((beeld)[N],(erig)[A|N.])[A]
beeldfrequentie	((beeld)[N],((frequent)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
beeldgeometrie	((beeld)[N],(((geo)[A|.A],((metrum)[N],(isch)[A|N.])[A])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
beeldgieter	((beeld)[N],(giet)[V],(er)[N|NV.])[N]
beeldgrafiek	((beeld)[N],((grafisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
beeldhoek	((beeld)[N],(hoek)[N])[N]
beeldhouwen	((beeld)[N],(houw)[V])[V]
beeldhouwer	(((beeld)[N],(houw)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
beeldhouwerij	(((beeld)[N],(houw)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
beeldhouwkunst	(((beeld)[N],(houw)[V])[V],(kunst)[N])[N]
beeldhouwster	(((beeld)[N],(houw)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
beeldhouwwerk	(((beeld)[N],(houw)[V])[V],(werk)[N])[N]
beeldinformatie	((beeld)[N],((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
beeldinstelling	((beeld)[N],((in)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
beeldjeskoop	((beeldje)[N],(s)[N|N.N],(koop)[N])[N]
beeldkast	((beeld)[N],(kast)[N])[N]
beeldkwaliteit	((beeld)[N],(kwaliteit)[N])[N]
beeldlijn	((beeld)[N],(lijn)[N])[N]
beeldmateriaal	((beeld)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
beeldmerk	((beeld)[N],(merk)[N])[N]
beeldmooi	((beeld)[N],(mooi)[A])[A]
beeldopbouw	((beeld)[N],(opbouw)[N])[N]
beeldoppervlakte	((beeld)[N],((opper)[N|.N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N])[N]
beeldoverdracht	((beeld)[N],(overdracht)[N])[N]
beeldplaat	((beeld)[N],(plaat)[N])[N]
beeldpunt	((beeld)[N],(punt)[N])[N]
beeldrecorder	((beeld)[N],(recorder)[N])[N]
beeldreligie	((beeld)[N],(religie)[N])[N]
beeldrijk	((beeld)[N],(rijk)[A])[A]
beeldrijkheid	(((beeld)[N],(rijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
beeldroman	((beeld)[N],(roman)[N])[N]
beeldscherm	((beeld)[N],(scherm)[N])[N]
beeldschermterminal	(((beeld)[N],(scherm)[N])[N],(terminal)[N])[N]
beeldscherpte	((beeld)[N],((scherp)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
beeldschilder	((beeld)[N],(schilder)[N])[N]
beeldschoon	((beeld)[N],(schoon)[A])[A]
beeldschrift	((beeld)[N],(schrift)[N])[N]
beeldsignaal	((beeld)[N],(signaal)[N])[N]
beeldsnijden	((beeld)[N],(snijd)[V])[V]
beeldsnijder	(((beeld)[N],(snijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
beeldsnijkunst	((beeld)[N],(snijd)[V],(kunst)[N])[N]
beeldspraak	((beeld)[N],(spraak)[N])[N]
beeldstatistiek	((beeld)[N],((statistisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
beeldstormer	((beeld)[N],(storm)[V],(er)[N|NV.])[N]
beeldstormerij	((beeld)[N],(storm)[V],(erij)[N|NV.])[N]
beeldsynchroon	((beeld)[N],(synchroon)[A])[A]
beeldtechnicus	((beeld)[N],(technicus)[N])[N]
beeldtelefoon	((beeld)[N],(telefoon)[N])[N]
beeldtelegrafie	((beeld)[N],(((telegraaf)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
beeldtrommel	((beeld)[N],(trommel)[N])[N]
beeldveld	((beeld)[N],(veld)[N])[N]
beeldvenster	((beeld)[N],(venster)[N])[N]
beeldverhaal	((beeld)[N],(verhaal)[N])[N]
beeldverslag	((beeld)[N],(verslag)[N])[N]
beeldvertaler	((beeld)[N],((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
beeldverwerking	((beeld)[N],((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
beeldvlak	((beeld)[N],(vlak)[N])[N]
beeldvorm	((beeld)[N],(vorm)[N])[N]
beeldvorming	((beeld)[N],((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beeldwisseling	((beeld)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beeldzijde	((beeld)[N],(zijde)[N])[N]
beeldzoeker	((beeld)[N],(zoek)[V],(er)[N|NV.])[N]
beemd	(beemd)[N]
beemdgras	((beemd)[N],(gras)[N])[N]
been	(been)[N]
beenachtig	((been)[N],(achtig)[A|N.])[A]
beenbeschermer	((been)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
beenblok	((been)[N],(blok)[N])[N]
beenbreuk	((been)[N],(breuk)[N])[N]
beenbruin	((been)[N],(bruin)[N])[N]
beencel	((been)[N],(cel)[N])[N]
beenderas	((been)[N],(der)[N|N.N],(as)[N])[N]
beenderengrot	((been)[N],(grot)[N])[N]
beendergestel	((been)[N],(der)[N|N.N],((ge)[N|.N],(stel)[N])[N])[N]
beenderhuis	((been)[N],(der)[N|N.N],(huis)[N])[N]
beenderlijm	((been)[N],(der)[N|N.N],(lijm)[N])[N]
beendermeel	((been)[N],(der)[N|N.N],(meel)[N])[N]
beendersoep	((been)[N],(der)[N|N.N],(soep)[N])[N]
beendervet	((been)[N],(der)[N|N.N],(vet)[N])[N]
beendor	((been)[N],(dor)[A])[A]
beendroog	((been)[N],(droog)[A])[A]
beeneter	((been)[N],(eet)[V],(er)[N|NV.])[N]
beenfractuur	((been)[N],(fractuur)[N])[N]
beengeleiding	((been)[N],(((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beengewricht	((been)[N],(gewricht)[N])[N]
beengezwel	((been)[N],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
beenholte	((been)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
beenhouwer	((been)[N],(houw)[V],(er)[N|NV.])[N]
beenhouwerij	((been)[N],(houw)[V],(erij)[N|NV.])[N]
beenhouwersgast	(((been)[N],(houw)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(gast)[N])[N]
beenhouwersmes	(((been)[N],(houw)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(mes)[N])[N]
beenkap	((been)[N],(kap)[N])[N]
beenlichaampje	((been)[N],(lichaam)[N])[N]
beenloos	((been)[N],(loos)[A|N.])[A]
beenmerg	((been)[N],(merg)[N])[N]
beenmergcel	(((been)[N],(merg)[N])[N],(cel)[N])[N]
beenmergontsteking	(((been)[N],(merg)[N])[N],((ontsteek)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beenmergtransplantatie	(((been)[N],(merg)[N])[N],((transplanteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
beenpijp	((been)[N],(pijp)[N])[N]
beenpit	((been)[N],(pit)[N])[N]
beenpoeder	((been)[N],(poeder)[N])[N]
beenpoeier	((been)[N],(poeier)[N])[N]
beenruimte	((been)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
beenslag	((been)[N],(slag)[N])[N]
beenspalk	((been)[N],(spalk)[N])[N]
beenstand	((been)[N],(stand)[N])[N]
beenstof	((been)[N],(stof)[N])[N]
beenstomp	((been)[N],(stomp)[N])[N]
beenstuk	((been)[N],(stuk)[N])[N]
beentumor	((been)[N],(tumor)[N])[N]
beenuitwas	((been)[N],(uitwas)[N])[N]
beenverharding	((been)[N],(((ver)[V|.A],(hard)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beenverweking	((been)[N],(((ver)[V|.A],(week)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beenvis	((been)[N],(vis)[N])[N]
beenvlies	((been)[N],(vlies)[N])[N]
beenvormend	((been)[N],(vorm)[V],(end)[A|NV.])[A]
beenvorming	((been)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
beenwarmer	((been)[N],(warm)[V],(er)[N|NV.])[N]
beenweefsel	((been)[N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
beenwerk	((been)[N],(werk)[N])[N]
beenwindsel	((been)[N],((wind)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
beenworp	((been)[N],(worp)[N])[N]
beenzwart	((been)[N],(zwart)[N])[N]
beer	(beer)[N]
beerbak	((beer)[N],(bak)[N])[N]
beerhouder	((beer)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
beerkar	((beer)[N],(kar)[N])[N]
beerput	((beer)[N],(put)[N])[N]
beerstoffen	((beer)[N],(stof)[N])[N]
beerton	((beer)[N],(ton)[N])[N]
beerwagen	((beer)[N],(wagen)[N])[N]
beest	(beest)[N]
beestachtig	((beest)[N],(achtig)[A|N.])[A]
beestachtigheid	(((beest)[N],(achtig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
beestelijk	((beest)[N],(elijk)[A|N.])[A]
beestenbende	((beest)[N],(en)[N|N.N],(bende)[N])[N]
beestenboel	((beest)[N],(en)[N|N.N],(boel)[N])[N]
beestendokter	((beest)[N],(en)[N|N.N],(dokter)[N])[N]
beestenkoopman	((beest)[N],(en)[N|N.N],((koop)[V],(man)[N])[N])[N]
beestenkoper	((beest)[N],(en)[N|N.N],((koop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
beestenmarkt	((beest)[N],(en)[N|N.N],(markt)[N])[N]
beestenspel	((beest)[N],(en)[N|N.N],(spel)[N])[N]
beestenstal	((beest)[N],(en)[N|N.N],(stal)[N])[N]
beestentroep	((beest)[N],(en)[N|N.N],(troep)[N])[N]
beestenvoeder	((beest)[N],(en)[N|N.N],(voeder)[N])[N]
beestenvoer	((beest)[N],(en)[N|N.N],(voer)[N])[N]
beestenwagen	((beest)[N],(en)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
beestenweer	((beest)[N],(en)[N|N.N],(weer)[N])[N]
beestig	((beest)[N],(ig)[A|N.])[A]
beestigheid	(((beest)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
beestmens	((beest)[N],(mens)[N])[N]
beet	(beet)[N]
beethebben	((beet)[N],(heb)[V])[V]
beetje	((beet)[N],(je)[N|N.])[N]
beetkrijgen	((beet)[N],(krijg)[V])[V]
beetnemen	((beet)[N],(neem)[V])[V]
beetpakken	((beet)[N],(pak)[V])[V]
beetsuiker	((beet)[N],(suiker)[N])[N]
beetwortel	((beet)[N],(wortel)[N])[N]
beetwortelsuiker	(((beet)[N],(wortel)[N])[N],(suiker)[N])[N]
beetwortelsuikerfabriek	((((beet)[N],(wortel)[N])[N],(suiker)[N])[N],(fabriek)[N])[N]
beevaart	((bede)[N],(vaart)[N])[N]
beeweg	((bede)[N],(weg)[N])[N]
bef	(bef)[N]
befaamd	((be)[A|.Nx],(faam)[N],(d)[A|xN.])[A]
befaamdheid	(((be)[A|.Nx],(faam)[N],(d)[A|xN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
beffen	(bef)[V]
befkraag	((bef)[N],(kraag)[N])[N]
beflijster	((bef)[N],(lijster)[N])[N]
befloersen	((be)[V|.N],(floers)[N])[V]
befrommelen	((be)[V|.V],(frommel)[V])[V]
begaafd	((be)[A|.Nx],(gaaf)[N],(d)[A|xN.])[A]
begaafdheid	(((be)[A|.Nx],(gaaf)[N],(d)[A|xN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
begaafdheidsniveau	((((be)[A|.Nx],(gaaf)[N],(d)[A|xN.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
begaan	((be)[V|.V],(ga)[V])[V]
begaanbaar	((begaan)[V],(baar)[A|V.])[A]
begaanbaarheid	(((begaan)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
begapen	((be)[V|.V],(gaap)[V])[V]
begeefster	(((be)[V|.V],(geef)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
begeerbaar	(((be)[V|.N],(geer)[N])[V],(baar)[A|V.])[A]
begeerlijk	(((be)[V|.N],(geer)[N])[V],(lijk)[A|V.])[A]
begeerlijkheid	((((be)[V|.N],(geer)[N])[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
begeestering	((begeester)[V],(ing)[N|V.])[N]
begeleiden	((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V]
begeleider	(((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(er)[N|V.])[N]
begeleiding	(((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
begeleidingscentrum	((((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
begeleidingscommissie	((((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
begeleidingsdienst	((((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
begeleidingsfunctie	((((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
begeleidingsmogelijkheid	((((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
begeleidingsproces	((((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
begeleidingsrelatie	((((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
begeleidingsteam	((((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(team)[N])[N]
begeleidingsverschijnsel	((((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
begeleidster	(((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
begenadigen	((be)[V|.Nx],(genade)[N],(ig)[V|xN.])[V]
begenadiging	(((be)[V|.Nx],(genade)[N],(ig)[V|xN.])[V],(ing)[N|V.])[N]
begeren	((be)[V|.N],(geer)[N])[V]
begerenswaard	(((be)[V|.N],(geer)[N])[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
begerig	(((be)[V|.N],(geer)[N])[V],(ig)[A|V.])[A]
begerigheid	((((be)[V|.N],(geer)[N])[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
begeven	((be)[V|.V],(geef)[V])[V]
begever	(((be)[V|.V],(geef)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
begeving	(((be)[V|.V],(geef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
begevingsrecht	((((be)[V|.V],(geef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
begieren	((be)[V|.N],(gier)[N])[V]
begieten	((be)[V|.V],(giet)[V])[V]
begiftiger	((begiftig)[V],(er)[N|V.])[N]
begiftiging	((begiftig)[V],(ing)[N|V.])[N]
begiftigster	((begiftig)[V],(ster)[N|V.])[N]
begijnenkoek	((begijn)[N],(en)[N|N.N],(koek)[N])[N]
begijnenrijst	((begijn)[N],(en)[N|N.N],(rijst)[N])[N]
begijnhof	((begijn)[N],(hof)[N])[N]
begillen	((be)[V|.V],(gil)[V])[V]
beginkapitaal	((begin)[V],(kapitaal)[N])[N]
beginklank	((begin)[V],(klank)[N])[N]
beginletter	((begin)[V],(letter)[N])[N]
beginneling	((begin)[V],(eling)[N|V.])[N]
beginnelinge	(((begin)[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
beginner	((begin)[V],(er)[N|V.])[N]
beginpunt	((begin)[V],(punt)[N])[N]
beginregel	((begin)[V],(regel)[N])[N]
beginrijm	((begin)[V],(rijm)[N])[N]
beginsel	((begin)[V],(sel)[N|V.])[N]
beginselkwestie	(((begin)[V],(sel)[N|V.])[N],(kwestie)[N])[N]
beginselloos	(((begin)[V],(sel)[N|V.])[N],(loos)[A|N.])[A]
beginselloosheid	((((begin)[V],(sel)[N|V.])[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
beginselprogram	(((begin)[V],(sel)[N|V.])[N],(program)[N])[N]
beginselprogramma	(((begin)[V],(sel)[N|V.])[N],(programma)[N])[N]
beginselvast	(((begin)[V],(sel)[N|V.])[N],(vast)[A])[A]
beginselvastheid	((((begin)[V],(sel)[N|V.])[N],(vast)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
beginselverklaring	(((begin)[V],(sel)[N|V.])[N],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
beginsignaal	((begin)[V],(signaal)[N])[N]
beginsnelheid	((begin)[V],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
beglazer	((beglaas)[V],(er)[N|V.])[N]
beglazing	((beglaas)[V],(ing)[N|V.])[N]
begluren	((be)[V|.V],(gluur)[V])[V]
begonia	(begonia)[N]
begoochelaar	(((be)[V|.V],(goochel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
begoochelen	((be)[V|.V],(goochel)[V])[V]
begoocheling	(((be)[V|.V],(goochel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
begraafplaats	(((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(plaats)[N])[N]
begrafenis	(((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N]
begrafenisachtig	((((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],(achtig)[A|N.])[A]
begrafenisauto	((((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],(auto)[N])[N]
begrafenisbijeenkomst	((((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
begrafenisdienst	((((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
begrafenisfonds	((((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],(fonds)[N])[N]
begrafenisgezicht	((((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
begrafenishumor	((((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],(humor)[N])[N]
begrafeniskosten	((((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],(kost)[N])[N]
begrafenismuziek	((((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],(muziek)[N])[N]
begrafenisonderneming	((((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
begrafenisplechtigheid	((((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],((plechtig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
begrafenispolis	((((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],(polis)[N])[N]
begrafenisrecht	((((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],(recht)[N])[N]
begrafenisregeling	((((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
begrafenisritueel	((((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],(ritueel)[N])[N]
begrafenissfeer	((((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],(sfeer)[N])[N]
begrafenisstoet	((((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],(stoet)[N])[N]
begraven	((be)[V|.V],(graaf)[V])[V]
begraving	(((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
begrazen	((be)[V|.V],(graas)[V])[V]
begrensdheid	((begrensd)[A],(heid)[N|A.])[N]
begrenzen	((be)[V|.N],(grens)[N])[V]
begrenzing	(((be)[V|.N],(grens)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
begrijpelijk	(((be)[V|.V],(grijp)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
begrijpelijkheid	((((be)[V|.V],(grijp)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
begrijpen	((be)[V|.V],(grijp)[V])[V]
begrinden	((be)[V|.N],(grind)[N])[V]
begrinding	(((be)[V|.N],(grind)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
begrinting	((begrint)[V],(ing)[N|V.])[N]
begrippenapparaat	((begrip)[N],(en)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
begrippenarsenaal	((begrip)[N],(en)[N|N.N],(arsenaal)[N])[N]
begrippenkader	((begrip)[N],(en)[N|N.N],(kader)[N])[N]
begrippenpaar	((begrip)[N],(en)[N|N.N],(paar)[N])[N]
begrippenstelsel	((begrip)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
begrippensysteem	((begrip)[N],(en)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
begrippenwereld	((begrip)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
begripsafbakening	((begrip)[N],(s)[N|N.N],(((af)[P],(baken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
begripsanalyse	((begrip)[N],(s)[N|N.N],(analyse)[N])[N]
begripsapparaat	((begrip)[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
begripsassociatie	((begrip)[N],(s)[N|N.Vx],(associeer)[V],(atie)[N|NxV.])[N]
begripsbepaling	((begrip)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
begripsleer	((begrip)[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
begripsvaliditeit	((begrip)[N],(s)[N|N.N],((valide)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
begripsverheldering	((begrip)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(helder)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
begripsvermogen	((begrip)[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
begripsverwarring	((begrip)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(war)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
begripsvol	((begrip)[N],(s)[A|N.A],(vol)[A])[A]
begripswoord	((begrip)[N],(s)[N|N.N],(woord)[N])[N]
begripvol	((begrip)[N],(vol)[A])[A]
begroeien	((be)[V|.V],(groei)[V])[V]
begroeiing	(((be)[V|.V],(groei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
begroesd	((be)[A|.Nx],(groes)[N],(d)[A|xN.])[A]
begroeten	((be)[V|.V],(groet)[V])[V]
begroeting	(((be)[V|.V],(groet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
begroetingsteken	((((be)[V|.V],(groet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
begrommen	((be)[V|.V],(grom)[V])[V]
begrotelijk	(((be)[V|.A],(groot)[A])[V],(elijk)[A|V.])[A]
begroten	((be)[V|.A],(groot)[A])[V]
begroting	(((be)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
begrotingsbehandeling	((((be)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
begrotingsbeleid	((((be)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
begrotingsbijdrage	((((be)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bijdrage)[N])[N]
begrotingscijfer	((((be)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cijfer)[N])[N]
begrotingsdebat	((((be)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(debat)[N])[N]
begrotingsevenwicht	((((be)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((even)[A],(wicht)[N])[N])[N]
begrotingshoofdstuk	((((be)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((hoofd)[N],(stuk)[N])[N])[N]
begrotingsjaar	((((be)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
begrotingsontwerp	((((be)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ontwerp)[N])[N]
begrotingsruimte	((((be)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
begrotingstekort	((((be)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
begrotingswet	((((be)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
begruizen	((be)[V|.V],(gruis)[V])[V]
begum	(begum)[N]
begunstigen	((be)[V|.A],(((gun)[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
begunstiger	(((be)[V|.A],(((gun)[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(er)[N|V.])[N]
begunstiging	(((be)[V|.A],(((gun)[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
begunstigingsclausule	((((be)[V|.A],(((gun)[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(clausule)[N])[N]
begunstigster	(((be)[V|.A],(((gun)[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ster)[N|V.])[N]
behaaglijk	(((be)[V|.V],(haag)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A]
behaaglijkheid	((((be)[V|.V],(haag)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
behaagziek	(((be)[V|.V],(haag)[V])[V],(ziek)[A])[A]
behaagzucht	(((be)[V|.V],(haag)[V])[V],(zucht)[N])[N]
behaardheid	((behaard)[A],(heid)[N|A.])[N]
behagen	((be)[V|.V],(haag)[V])[V]
behakken	((be)[V|.V],(hak)[V])[V]
behalen	((be)[V|.V],(haal)[V])[V]
behameren	((be)[V|.V],(hamer)[V])[V]
behandelcentrum	(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(centrum)[N])[N]
behandelen	((be)[V|.V],(handel)[V])[V]
behandeling	(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
behandelingsaspect	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
behandelingsbenadering	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(nader)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
behandelingscentrum	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
behandelingsclassificatie	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((classificeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
behandelingscontract	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(contract)[N])[N]
behandelingsdoeleinde	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(doeleinde)[N])[N]
behandelingshulp	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hulp)[N])[N]
behandelingsinstituut	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instituut)[N])[N]
behandelingsklimaat	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klimaat)[N])[N]
behandelingsmethode	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
behandelingsmogelijkheid	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
behandelingsobject	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(object)[N])[N]
behandelingsperiode	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
behandelingsprincipe	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(principe)[N])[N]
behandelingsprocedure	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
behandelingsproces	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
behandelingsprogramma	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
behandelingsresultaat	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((resulteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
behandelingssituatie	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
behandelingsstrategie	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((strategisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
behandelingssysteem	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
behandelingsteam	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(team)[N])[N]
behandelingstechniek	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
behandelingstype	((((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(type)[N])[N]
behandelkamer	(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(kamer)[N])[N]
behandelmethode	(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(methode)[N])[N]
behandelstoel	(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(stoel)[N])[N]
behandschoend	((be)[A|.Nx],((hand)[N],(schoen)[N])[N],(d)[A|xN.])[A]
behangen	((be)[V|.V],(hang)[V])[V]
behanger	(((be)[V|.V],(hang)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
behangerskwast	((((be)[V|.V],(hang)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kwast)[N])[N]
behangerslinnen	((((be)[V|.V],(hang)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(linnen)[N])[N]
behangpapier	(((be)[V|.V],(hang)[V])[V],(papier)[N])[N]
behangsel	(((be)[V|.V],(hang)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
behangsellinnen	((((be)[V|.V],(hang)[V])[V],(sel)[N|V.])[N],(linnen)[N])[N]
behangselpapier	((((be)[V|.V],(hang)[V])[V],(sel)[N|V.])[N],(papier)[N])[N]
behappen	((be)[V|.V],(hap)[V])[V]
beharen	((be)[V|.N],(haar)[N])[V]
behartigen	((be)[V|.Nx],(hart)[N],(ig)[V|xN.])[V]
behartigenswaard	(((be)[V|.Nx],(hart)[N],(ig)[V|xN.])[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
behartigenswaardig	(((be)[V|.Nx],(hart)[N],(ig)[V|xN.])[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
behartiging	(((be)[V|.Nx],(hart)[N],(ig)[V|xN.])[V],(ing)[N|V.])[N]
behavioristisch	((behaviourist)[N],(isch)[A|N.])[A]
beheerder	((beheer)[V],(der)[N|V.])[N]
beheerraad	((beheer)[V],(raad)[N])[N]
beheersactiviteit	(((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
beheersapparaat	(((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(apparaat)[N])[N]
beheersdaad	(((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(daad)[N])[N]
beheersen	((be)[V|.V],(heers)[V])[V]
beheerser	(((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
beheerseres	((((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
beheersing	(((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beheersingsinstrument	((((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instrument)[N])[N]
beheersingsmechanisme	((((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
beheersingsmogelijkheid	((((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
beheersingsmoraal	((((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(moraal)[N])[N]
beheersingsprobleem	((((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
beheersingstechniek	((((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
beheersinstrument	(((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(instrument)[N])[N]
beheerster	((beheer)[V],(ster)[N|V.])[N]
beheerstheid	((beheerst)[A],(heid)[N|A.])[N]
beheksen	((be)[V|.V],(heks)[V])[V]
behelpen	((be)[V|.V],(help)[V])[V]
behendigheid	((behendig)[A],(heid)[N|A.])[N]
behendigheidsspel	(((behendig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(spel)[N])[N]
behendigheidswedstrijd	(((behendig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
behoeden	((be)[V|.V],(hoed)[V])[V]
behoeder	(((be)[V|.V],(hoed)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
behoedmiddel	(((be)[V|.V],(hoed)[V])[V],(middel)[N])[N]
behoedster	(((be)[V|.V],(hoed)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
behoedzaam	(((be)[V|.V],(hoed)[V])[V],(zaam)[A|V.])[A]
behoedzaamheid	((((be)[V|.V],(hoed)[V])[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
behoefte-element	((behoefte)[N],(element)[N])[N]
behoeftebevrediging	((behoefte)[N],(((be)[V|.A],((vrede)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
behoeftevoorziening	((behoefte)[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
behoeftig	((behoefte)[N],(ig)[A|N.])[A]
behoeftigheid	(((behoefte)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
behoeven	((be)[V|.V],(hoef)[V])[V]
behoorlijk	(((be)[V|.V],(hoor)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A]
behoorlijkheid	((((be)[V|.V],(hoor)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
behoren	((be)[V|.V],(hoor)[V])[V]
behouden	((be)[V|.V],(houd)[V])[V]
behoudenis	(((be)[V|.V],(houd)[V])[V],(enis)[N|V.])[N]
behouder	(((be)[V|.V],(houd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
behoudsgezinde	((behoud)[N],(s)[N|N.Ax],(gezind)[A],(e)[N|NxA.])[N]
behoudsgezindheid	((behoud)[N],(s)[N|N.N],((gezind)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
behoudsman	((behoud)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N]
behoudzucht	(((be)[V|.V],(houd)[V])[V],(zucht)[N])[N]
behouwen	((be)[V|.N],(houw)[N])[V]
behuild	((be)[A|.Vx],(huil)[V],(d)[A|xV.])[A]
behuisd	((be)[A|.Nx],(huis)[N],(d)[A|xN.])[A]
behulpzaamheid	((behulpzaam)[A],(heid)[N|A.])[N]
behuwdbroeder	((behuwd)[A],(broeder)[N])[N]
behuwddochter	((behuwd)[A],(dochter)[N])[N]
behuwdmoeder	((behuwd)[A],(moeder)[N])[N]
behuwdoom	((behuwd)[A],(oom)[N])[N]
behuwdtante	((behuwd)[A],(tante)[N])[N]
behuwdvader	((behuwd)[A],(vader)[N])[N]
behuwdzoon	((behuwd)[A],(zoon)[N])[N]
behuwdzuster	((behuwd)[A],(zuster)[N])[N]
behuwen	((be)[V|.V],(huw)[V])[V]
bei	(bei)[N]
beiaardconcert	((beiaard)[V],(concert)[N])[N]
beiaardier	((beiaard)[N],(ier)[N|N.])[N]
beiaardspel	((beiaard)[N],(spel)[N])[N]
beiderzijds	((beider)[Q],(zijde)[N],(s)[A|QN.])[A]
beige	(beige)[N]
beijveren	((be)[V|.V],(ijver)[V])[V]
beitel	(beitel)[N]
beitelen	(beitel)[V]
beitelvormig	((beitel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
beits	(beits)[N]
beitsen	(beits)[V]
bejaardenaftrek	((bejaarde)[N],(en)[N|N.N],(aftrek)[N])[N]
bejaardenboerderij	((bejaarde)[N],(en)[N|N.N],((boer)[V],(derij)[N|V.])[N])[N]
bejaardencentrum	((bejaarde)[N],(en)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
bejaardenhelper	((bejaarde)[N],(en)[N|N.Vx],(help)[V],(er)[N|NxV.])[N]
bejaardenhelpster	((bejaarde)[N],(en)[N|N.Vx],(help)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
bejaardenhuis	((bejaarde)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
bejaardenhulp	((bejaarde)[N],(en)[N|N.N],(hulp)[N])[N]
bejaardenoord	((bejaarde)[N],(en)[N|N.N],(oord)[N])[N]
bejaardenpas	((bejaarde)[N],(en)[N|N.N],(pas)[N])[N]
bejaardenpaspoort	((bejaarde)[N],(en)[N|N.N],(paspoort)[N])[N]
bejaardentehuis	((bejaarde)[N],(en)[N|N.N],((te)[P],(huis)[N])[N])[N]
bejaardenverzekering	((bejaarde)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
bejaardenverzorger	((bejaarde)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
bejaardenverzorgster	((bejaarde)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ster)[N|NxV.])[N]
bejaardenvraagstuk	((bejaarde)[N],(en)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
bejaardenwerk	((bejaarde)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
bejaardenwoning	((bejaarde)[N],(en)[N|N.N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bejaardenzorg	((bejaarde)[N],(en)[N|N.N],(zorg)[N])[N]
bejagen	((be)[V|.V],(jaag)[V])[V]
bejammeren	((be)[V|.V],(jammer)[V])[V]
bejammerenswaard	(((be)[V|.V],(jammer)[V])[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
bejammerenswaardig	(((be)[V|.V],(jammer)[V])[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
bejegening	((bejegen)[V],(ing)[N|V.])[N]
bejubelen	((be)[V|.N],(jubel)[N])[V]
bek	(bek)[N]
bekabelen	((be)[V|.N],(kabel)[N])[V]
bekading	((bekaad)[V],(ing)[N|V.])[N]
bekakken	((be)[V|.V],(kak)[V])[V]
bekalken	((be)[V|.N],(kalk)[N])[V]
bekamen	((be)[V|.N],(kaam)[N])[V]
bekampen	((be)[V|.V],(kamp)[V])[V]
bekamping	(((be)[V|.V],(kamp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bekappen	((be)[V|.N],(kap)[N])[V]
bekapping	(((be)[V|.N],(kap)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bekeerder	(((be)[V|.V],(keer)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
bekeerling	(((be)[V|.V],(keer)[V])[V],(ling)[N|V.])[N]
bekeerlinge	((((be)[V|.V],(keer)[V])[V],(ling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
bekendheid	((bekend)[A],(heid)[N|A.])[N]
bekendheidsgraad	(((bekend)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(graad)[N])[N]
bekendmaken	((bekend)[A],(maak)[V])[V]
bekendmaking	(((bekend)[A],(maak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bekendstaan	((bekend)[A],(sta)[V])[V]
bekendwording	((bekend)[A],(word)[V],(ing)[N|AV.])[N]
bekentenisliteratuur	((bekentenis)[N],(literatuur)[N])[N]
bekentenislitteratuur	((bekentenis)[N],(litteratuur)[N])[N]
beker	(beker)[N]
bekeren	((be)[V|.V],(keer)[V])[V]
bekeren	(beker)[V]
bekerglas	((beker)[N],(glas)[N])[N]
bekering	(((be)[V|.V],(keer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bekeringsgeschiedenis	((((be)[V|.V],(keer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
bekeringsijver	((((be)[V|.V],(keer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ijver)[N])[N]
bekeringsproces	((((be)[V|.V],(keer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
bekeringswerk	((((be)[V|.V],(keer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
bekermos	((beker)[N],(mos)[N])[N]
bekerplant	((beker)[N],(plant)[N])[N]
bekervormig	((beker)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
bekerwedstrijd	((beker)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
bekeuring	((bekeur)[V],(ing)[N|V.])[N]
bekijken	((be)[V|.V],(kijk)[V])[V]
bekijven	((be)[V|.V],(kijf)[V])[V]
bekisten	((be)[V|.N],(kist)[N])[V]
bekisting	(((be)[V|.N],(kist)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bekken	(bek)[V]
bekken	(bekken)[N]
bekkenbeen	((bekken)[N],(been)[N])[N]
bekkeneel	(bekkeneel)[N]
bekkenfractuur	((bekken)[N],(fractuur)[N])[N]
bekkeningang	((bekken)[N],(ingang)[N])[N]
bekkenist	((bekken)[N],(ist)[N|N.])[N]
bekkenslag	((bekken)[N],(slag)[N])[N]
bekkenslager	((bekken)[N],(sla)[V],(er)[N|NV.])[N]
bekkensnijden	((bek)[N],(e)[V|N.V],(snijd)[V])[V]
bekkensnijder	(((bek)[N],(e)[V|N.V],(snijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bekkentrekken	((bek)[N],(en)[V|N.V],(trek)[V])[V]
bekkig	((bek)[N],(ig)[A|N.])[A]
beklaagdenbank	((beklaagde)[N],(en)[N|N.N],(bank)[N])[N]
beklaaglijk	(((be)[V|.V],(klaag)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A]
bekladden	((be)[V|.V],(klad)[V])[V]
bekladder	(((be)[V|.V],(klad)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
beklagen	((be)[V|.V],(klaag)[V])[V]
beklagenswaard	(((be)[V|.V],(klaag)[V])[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
beklagenswaardig	(((be)[V|.V],(klaag)[V])[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
beklampen	((be)[V|.N],(klamp)[N])[V]
beklamping	(((be)[V|.N],(klamp)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
beklant	((be)[A|.N],(klant)[N])[A]
beklappen	((be)[V|.V],(klap)[V])[V]
beklapper	(((be)[V|.V],(klap)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
beklapster	(((be)[V|.V],(klap)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
beklauteren	((be)[V|.V],(klauter)[V])[V]
bekleden	((be)[V|.N],(kleed)[N])[V]
bekleder	(((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
bekleding	(((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bekledingsmuur	((((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(muur)[N])[N]
bekledingssteen	((((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(steen)[N])[N]
bekledingsstof	((((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(stof)[N])[N]
bekleedsel	(((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(sel)[N|V.])[N]
beklemdheid	((beklemd)[A],(heid)[N|A.])[N]
beklemmen	((be)[V|.V],(klem)[V])[V]
beklemming	(((be)[V|.V],(klem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beklemrecht	(((be)[V|.V],(klem)[V])[V],(recht)[N])[N]
beklemtonen	((be)[V|.N],((klem)[N],(toon)[N])[N])[V]
bekletsen	((be)[V|.V],(klets)[V])[V]
beklimmen	((be)[V|.V],(klim)[V])[V]
beklimming	(((be)[V|.V],(klim)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beklinken	((be)[V|.V],(klink)[V])[V]
beklonteren	((be)[V|.N],(klonter)[N])[V]
bekloppen	((be)[V|.V],(klop)[V])[V]
beknabbelen	((be)[V|.V],(knabbel)[V])[V]
beknagen	((be)[V|.V],(knaag)[V])[V]
beknellen	((be)[V|.V],(knel)[V])[V]
beknibbelaar	(((be)[V|.V],(knibbel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
beknibbelaarster	((((be)[V|.V],(knibbel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
beknibbelen	((be)[V|.V],(knibbel)[V])[V]
beknibbeling	(((be)[V|.V],(knibbel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beknijpen	((be)[V|.V],(knijp)[V])[V]
beknoptheid	((beknopt)[A],(heid)[N|A.])[N]
beknorren	((be)[V|.N],(knor)[N])[V]
beknotten	((be)[V|.V],(knot)[V])[V]
bekoelen	((be)[V|.A],(koel)[A])[V]
bekoeling	(((be)[V|.A],(koel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
bekogelen	((be)[V|.N],(kogel)[N])[V]
bekommerdheid	((bekommerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
bekommeren	((be)[V|.N],(kommer)[N])[V]
bekommering	(((be)[V|.N],(kommer)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bekommernis	(((be)[V|.N],(kommer)[N])[V],(nis)[N|V.])[N]
bekomst	((bekom)[V],(st)[N|V.])[N]
bekonkelen	((be)[V|.V],(konkel)[V])[V]
bekoorder	((bekoor)[V],(der)[N|V.])[N]
bekoorlijk	((bekoor)[V],(lijk)[A|V.])[A]
bekoorlijkheid	(((bekoor)[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bekopen	((be)[V|.V],(koop)[V])[V]
bekoring	((bekoor)[V],(ing)[N|V.])[N]
bekoringskracht	(((bekoor)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
bekorsten	((be)[V|.N],(korst)[N])[V]
bekorten	((be)[V|.A],(kort)[A])[V]
bekorting	(((be)[V|.A],(kort)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
bekostigen	((be)[V|.Nx],(kost)[N],(ig)[V|xN.])[V]
bekostiging	(((be)[V|.Nx],(kost)[N],(ig)[V|xN.])[V],(ing)[N|V.])[N]
bekostigingssysteem	((((be)[V|.Nx],(kost)[N],(ig)[V|xN.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
bekrabbelen	((be)[V|.V],(krabbel)[V])[V]
bekrabben	((be)[V|.V],(krab)[V])[V]
bekrachtigen	((be)[V|.A],((kracht)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
bekrachtiging	(((be)[V|.A],((kracht)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
bekrammen	((be)[V|.N],(kram)[N])[V]
bekramming	(((be)[V|.N],(kram)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bekransen	((be)[V|.N],(krans)[N])[V]
bekrassen	((be)[V|.N],(kras)[N])[V]
bekreunen	((be)[V|.V],(kreun)[V])[V]
bekribben	((be)[V|.N],(krib)[N])[V]
bekribbing	(((be)[V|.N],(krib)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bekrimpen	((be)[V|.V],(krimp)[V])[V]
bekrimping	(((be)[V|.V],(krimp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bekritiseren	((be)[V|.V],(kritiseer)[V])[V]
bekrompenheid	((bekrompen)[A],(heid)[N|A.])[N]
bekronen	((be)[V|.N],(kroon)[N])[V]
bekroning	(((be)[V|.N],(kroon)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bekruipen	((be)[V|.V],(kruip)[V])[V]
bekruisen	((be)[V|.N],(kruis)[N])[V]
bekuipen	((be)[V|.N],(kuip)[N])[V]
bekuiping	(((be)[V|.N],(kuip)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bekvechten	((bek)[V],(vecht)[V])[V]
bekvechter	(((bek)[V],(vecht)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bekwaamheid	((bekwaam)[A],(heid)[N|A.])[N]
bekwijdte	((bek)[N],((wijd)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bekwijlen	((be)[V|.N],(kwijl)[N])[V]
bel	(bel)[N]
belaagster	((belaag)[V],(ster)[N|V.])[N]
belachelijkheid	((belachelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
beladen	((be)[V|.V],(laad)[V])[V]
belader	(((be)[V|.V],(laad)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
belager	((belaag)[V],(er)[N|V.])[N]
belaging	((belaag)[V],(ing)[N|V.])[N]
belanden	((be)[V|.V],(land)[V])[V]
belangeloos	((belang)[N],(eloos)[A|N.])[A]
belangeloosheid	(((belang)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
belangenarticulatie	((belang)[N],(en)[N|N.N],((articuleer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
belangenbehartiging	((belang)[N],(en)[N|N.N],(((be)[V|.Nx],(hart)[N],(ig)[V|xN.])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
belangenconflict	((belang)[N],(en)[N|N.N],(conflict)[N])[N]
belangengemeenschap	((belang)[N],(en)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
belangengroep	((belang)[N],(en)[N|N.N],(groep)[N])[N]
belangengroependemocratie	(((belang)[N],(en)[N|N.N],(groep)[N])[N],(en)[N|N.N],(((democraat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
belangenorganisatie	((belang)[N],(en)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
belangenpartij	((belang)[N],(en)[N|N.N],(partij)[N])[N]
belangensfeer	((belang)[N],(en)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
belangentegenstelling	((belang)[N],(en)[N|N.N],((tegen)[B],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
belangenvereniging	((belang)[N],(en)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
belangenverstrengeling	((belang)[N],(en)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(strengel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
belangenvertegenwoordiger	((belang)[N],(en)[N|N.N],((vertegenwoordig)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
belangenvertegenwoordiging	((belang)[N],(en)[N|N.N],((vertegenwoordig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
belanghebbend	((belang)[N],(heb)[V],(end)[A|NV.])[A]
belangrijk	((belang)[N],(rijk)[A|N.])[A]
belangrijkheid	(((belang)[N],(rijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
belangstellen	((belang)[N],(stel)[V])[V]
belangstelling	(((belang)[N],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
belangstellingssfeer	((((belang)[N],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
belangwekkend	((belang)[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
belastbaar	(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(baar)[A|V.])[A]
belastbaarheid	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
belasten	((be)[V|.N],(last)[N])[V]
belasteren	((be)[V|.N],(laster)[N])[V]
belastering	(((be)[V|.N],(laster)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
belasting	(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
belastingaangifte	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(aangifte)[N])[N]
belastingaanslag	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(aanslag)[N])[N]
belastingadministratie	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
belastingadviseur	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(((advies)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
belastingaftrek	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(aftrek)[N])[N]
belastingambtenaar	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
belastingbedrag	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(bedrag)[N])[N]
belastingbeleid	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(beleid)[N])[N]
belastingbetaler	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(betaal)[V],(er)[N|NV.])[N]
belastingbiljet	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(biljet)[N])[N]
belastingboekhouding	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(((boek)[N],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
belastingcent	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(cent)[N])[N]
belastingconsulent	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(consulent)[N])[N]
belastingcontroleur	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],((controleer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
belastingdelict	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(delict)[N])[N]
belastingdienst	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
belastingdruk	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(druk)[N])[N]
belastingfaciliteit	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(faciliteit)[N])[N]
belastingformulier	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(formulier)[N])[N]
belastingfraude	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(fraude)[N])[N]
belastinginkomst	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(((in)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
belastinginner	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(in)[V],(er)[N|NV.])[N]
belastinginspecteur	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],((inspecteer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
belastinginspectie	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(inspectie)[N])[N]
belastingkamer	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(kamer)[N])[N]
belastingkantoor	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(kantoor)[N])[N]
belastingkohier	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(kohier)[N])[N]
belastingkwestie	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(kwestie)[N])[N]
belastingmaatregel	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(maatregel)[N])[N]
belastingmoraal	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(moraal)[N])[N]
belastingontduiker	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],((ont)[V|.V],(duik)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
belastingontduiking	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],((ont)[V|.V],(duik)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
belastingontvangst	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],((ontvang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
belastingontwerp	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(ontwerp)[N])[N]
belastingopbrengst	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(((op)[P],(breng)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
belastingparadijs	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(paradijs)[N])[N]
belastingpenning	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(penning)[N])[N]
belastingpercentage	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(percentage)[N])[N]
belastingpraktijk	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(praktijk)[N])[N]
belastingquote	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(quote)[N])[N]
belastingregister	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(register)[N])[N]
belastingschijf	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(schijf)[N])[N]
belastingschroef	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(schroef)[N])[N]
belastingschuld	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(schuld)[N])[N]
belastingschuldige	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(schuldige)[N])[N]
belastingstelsel	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
belastingsysteem	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(systeem)[N])[N]
belastingtarief	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(tarief)[N])[N]
belastingtechnisch	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(technisch)[A])[A]
belastingtruc	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(truc)[N])[N]
belastingvlucht	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(vlucht)[N])[N]
belastingvoordeel	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],((voor)[B],(deel)[N])[N])[N]
belastingvrijdom	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],((vrij)[A],(dom)[N|A.])[N])[N]
belastingwet	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(wet)[N])[N]
belastingwetenschap	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
belastingwijziging	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],((wijzig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
belastingwinst	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
belastingzaak	((((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(zaak)[N])[N]
belatafelen	((be)[V|.N],((la)[N],(tafel)[N])[N])[V]
belatten	((be)[V|.N],(lat)[N])[V]
belazeren	((be)[V|.V],(lazer)[V])[V]
belboei	((bel)[V],(boei)[N])[N]
belbus	((bel)[V],(bus)[N])[N]
beledigen	(beledig)[V]
belediger	((beledig)[V],(er)[N|V.])[N]
belediging	((beledig)[V],(ing)[N|V.])[N]
beleefdheid	((beleefd)[A],(heid)[N|A.])[N]
beleefdheidsbezoek	(((beleefd)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(bezoek)[N])[N]
beleefdheidsformule	(((beleefd)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(formule)[N])[N]
beleefdheidsfrase	(((beleefd)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(frase)[N])[N]
beleefdheidsvorm	(((beleefd)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
beleenbaar	(((be)[V|.V],(leen)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
beleenbank	(((be)[V|.V],(leen)[V])[V],(bank)[N])[N]
belegeraar	(((be)[V|.N],(leger)[N])[V],(aar)[N|V.])[N]
belegeren	((be)[V|.N],(leger)[N])[V]
belegering	(((be)[V|.N],(leger)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
belegeringsgeschut	((((be)[V|.N],(leger)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(geschut)[N])[N]
belegeringskunst	((((be)[V|.N],(leger)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
belegeringsspel	((((be)[V|.N],(leger)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(spel)[N])[N]
beleggen	((be)[V|.V],(leg)[V])[V]
belegger	(((be)[V|.V],(leg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
belegging	(((be)[V|.V],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beleggingsfonds	((((be)[V|.V],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
beleggingskarakter	((((be)[V|.V],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(karakter)[N])[N]
beleggingsmaatschappij	((((be)[V|.V],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
beleggingsmarkt	((((be)[V|.V],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(markt)[N])[N]
beleggingsmogelijkheid	((((be)[V|.V],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
beleggingsobject	((((be)[V|.V],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(object)[N])[N]
beleggingspand	((((be)[V|.V],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(pand)[N])[N]
beleghout	(((be)[V|.V],(leg)[V])[V],(hout)[N])[N]
beleglat	(((be)[V|.V],(leg)[V])[V],(lat)[N])[N]
belegsel	(((be)[V|.V],(leg)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
belegstuk	(((be)[V|.V],(leg)[V])[V],(stuk)[N])[N]
beleidsaangelegenheid	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((aangelegen)[V],(heid)[N|V.])[N])[N]
beleidsaccent	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(accent)[N])[N]
beleidsadvies	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(advies)[N])[N]
beleidsadviseur	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(((advies)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
beleidsalternatief	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(((alterneer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[N|N.])[N])[N]
beleidsambtenaar	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
beleidsanalyse	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(analyse)[N])[N]
beleidsaspect	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
beleidsbenadering	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(nader)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beleidsbepaler	((beleid)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(er)[N|NxV.])[N]
beleidsbeslisser	((beleid)[N],(s)[N|N.Vx],(beslis)[V],(er)[N|NxV.])[N]
beleidscentrum	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
beleidscircuit	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(circuit)[N])[N]
beleidsconceptie	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((concept)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
beleidsconflict	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(conflict)[N])[N]
beleidscoördinatie	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((coördineer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
beleidscyclus	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(cyclus)[N])[N]
beleidsdaad	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(daad)[N])[N]
beleidsdirectie	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(directie)[N])[N]
beleidsdocument	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(document)[N])[N]
beleidsdoeleinde	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(doeleinde)[N])[N]
beleidsdoelstelling	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((doel)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
beleidsevaluatie	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((evalueer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
beleidsfilosofie	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
beleidsfout	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(fout)[N])[N]
beleidsfunctie	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
beleidsinformatie	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
beleidsinitiatief	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(initiatief)[N])[N]
beleidsinstantie	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(instantie)[N])[N]
beleidsinstrument	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(instrument)[N])[N]
beleidsinstrumentarium	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(instrumentarium)[N])[N]
beleidsintegratie	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((integreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
beleidsintentie	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(intentie)[N])[N]
beleidskader	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(kader)[N])[N]
beleidskeuze	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(keuze)[N])[N]
beleidskwestie	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(kwestie)[N])[N]
beleidslijn	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(lijn)[N])[N]
beleidsmaatregel	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
beleidsmarge	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(marge)[N])[N]
beleidsmatig	((beleid)[N],(s)[A|N.x],(matig)[A|Nx.])[A]
beleidsmogelijkheid	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
beleidsniveau	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
beleidsnota	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(nota)[N])[N]
beleidsnotitie	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
beleidsobject	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(object)[N])[N]
beleidsombuiging	((beleid)[N],(s)[N|N.Vx],((om)[P],(buig)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
beleidsonderdeel	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((onder)[P],(deel)[N])[N])[N]
beleidsontwikkeling	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beleidsoogmerk	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(oogmerk)[N])[N]
beleidsoogpunt	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((oog)[N],(punt)[N])[N])[N]
beleidsoptie	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(optie)[N])[N]
beleidsorgaan	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
beleidsorganisatie	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
beleidspakket	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
beleidsplan	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(plan)[N])[N]
beleidsplanning	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((plan)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beleidspolitiek	((beleid)[N],(s)[A|N.A],(politiek)[A])[A]
beleidspraktijk	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(praktijk)[N])[N]
beleidsprincipe	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(principe)[N])[N]
beleidsprobleem	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
beleidsproces	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
beleidsprogram	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(program)[N])[N]
beleidsprogramma	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
beleidsregel	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
beleidsrelevant	((beleid)[N],(s)[A|N.A],(relevant)[A])[A]
beleidsresultaat	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((resulteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
beleidsruimte	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
beleidssector	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(sector)[N])[N]
beleidssfeer	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
beleidssituatie	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
beleidssociologie	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((sociologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
beleidsstandpunt	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((stand)[N],(punt)[N])[N])[N]
beleidsstructuur	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
beleidsstuk	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(stuk)[N])[N]
beleidssysteem	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
beleidstechnisch	((beleid)[N],(s)[A|N.A],(technisch)[A])[A]
beleidsterrein	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(terrein)[N])[N]
beleidsuitgangspunt	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(((uit)[P],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N])[N]
beleidsvacuüm	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(vacuüm)[N])[N]
beleidsveld	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
beleidsverandering	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beleidsverantwoordelijkheid	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(((verantwoord)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
beleidsvisie	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(visie)[N])[N]
beleidsvoorbereider	((beleid)[N],(s)[N|N.Vx],((voor)[B],(bereid)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
beleidsvraagstuk	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
beleidsvrijheid	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
beleidswijziging	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((wijzig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beleidswisseling	((beleid)[N],(s)[N|N.N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beleidszaak	((beleid)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
beleidvol	((beleid)[N],(vol)[A])[A]
beleidzaak	((beleid)[N],(zaak)[N])[N]
belemmeren	(belemmer)[V]
belemmering	((belemmer)[V],(ing)[N|V.])[N]
belemniet	(belemniet)[N]
belending	((belend)[V],(ing)[N|V.])[N]
belenen	((be)[V|.V],(leen)[V])[V]
belener	(((be)[V|.V],(leen)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
belening	(((be)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beleningsbank	((((be)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bank)[N])[N]
beleningsrente	((((be)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(rente)[N])[N]
beleningsschuld	((((be)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schuld)[N])[N]
beletsel	(((be)[V|.V],(let)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
beletselteken	((((be)[V|.V],(let)[V])[V],(sel)[N|V.])[N],(teken)[N])[N]
beletten	((be)[V|.V],(let)[V])[V]
beleven	((be)[V|.V],(leef)[V])[V]
belevenis	(((be)[V|.V],(leef)[V])[V],(enis)[N|V.])[N]
beleveniswereld	((((be)[V|.V],(leef)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],(wereld)[N])[N]
beleveren	((be)[V|.V],(lever)[V])[V]
beleving	(((be)[V|.V],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
belevingsaspect	((((be)[V|.V],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
belevingskwaliteit	((((be)[V|.V],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kwaliteit)[N])[N]
belevingsmogelijkheid	((((be)[V|.V],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
belevingssfeer	((((be)[V|.V],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
belevingstoestand	((((be)[V|.V],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
belevingswereld	((((be)[V|.V],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
belezen	((be)[V|.V],(lees)[V])[V]
belezenheid	((belezen)[A],(heid)[N|A.])[N]
belezer	(((be)[V|.V],(lees)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
belezing	(((be)[V|.V],(lees)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
belg	(belg)[N]
belgen	(belg)[V]
belgenmop	((Belg)[N],(en)[N|N.N],(mop)[N])[N]
belhamel	((bel)[N],(hamel)[N])[N]
belichamen	((be)[V|.N],(lichaam)[N])[V]
belichaming	(((be)[V|.N],(lichaam)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
belichten	((be)[V|.N],(licht)[N])[V]
belichter	(((be)[V|.N],(licht)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
belichting	(((be)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
belichtingsmeter	((((be)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],(meet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
belichtingstechnicus	((((be)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(technicus)[N])[N]
belichtingstijd	((((be)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
beliegen	((be)[V|.V],(lieg)[V])[V]
belieger	(((be)[V|.V],(lieg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
belijden	((be)[V|.V],(lijd)[V])[V]
belijdenis	(((be)[V|.V],(lijd)[V])[V],(enis)[N|V.])[N]
belijdenisgeschenk	((((be)[V|.V],(lijd)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N])[N]
belijdenisgeschrift	((((be)[V|.V],(lijd)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],((ge)[N|.N],(schrift)[N])[N])[N]
belijdenisschrift	((((be)[V|.V],(lijd)[V])[V],(enis)[N|V.])[N],(schrift)[N])[N]
belijder	(((be)[V|.V],(lijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
belijderes	((((be)[V|.V],(lijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
belijdster	(((be)[V|.V],(lijd)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
belijmen	((be)[V|.N],(lijm)[N])[V]
belijnen	((be)[V|.N],(lijn)[N])[V]
belikken	((be)[V|.V],(lik)[V])[V]
belknop	((bel)[N],(knop)[N])[N]
belkoord	((bel)[V],(koord)[N])[N]
belladonna-extract	((belladonna)[N],(extract)[N])[N]
belleman	((bel)[N],(e)[N|N.N],(man)[N])[N]
bellen	(bel)[V]
bellenbaan	((bel)[N],(en)[N|N.N],(baan)[N])[N]
bellenblazen	((bel)[N],(en)[V|N.V],(blaas)[V])[V]
bellengeheugen	((bel)[N],(en)[N|N.N],(geheugen)[N])[N]
bellettrist	((bellettrie)[N],(ist)[N|N.])[N]
bellettristisch	(((bellettrie)[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A]
beloeren	((be)[V|.V],(loer)[V])[V]
beloftevol	((belofte)[N],(vol)[A])[A]
belommeren	((be)[V|.N],(lommer)[N])[V]
belommering	(((be)[V|.N],(lommer)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
belonen	((be)[V|.N],(loon)[N])[V]
beloner	(((be)[V|.N],(loon)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
beloning	(((be)[V|.N],(loon)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
beloningsstructuur	((((be)[V|.N],(loon)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
beloningssysteem	((((be)[V|.N],(loon)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
beloningsysteem	((((be)[V|.N],(loon)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(systeem)[N])[N]
belonken	((be)[V|.V],(lonk)[V])[V]
belopen	((be)[V|.V],(loop)[V])[V]
belroos	((bel)[N],(roos)[N])[N]
belt	(belt)[N]
beluchten	((be)[V|.N],(lucht)[N])[V]
beluiden	((be)[V|.V],(luid)[V])[V]
beluisteren	((be)[V|.V],(luister)[V])[V]
belust	((be)[A|.N],(lust)[N])[A]
belustheid	(((be)[A|.N],(lust)[N])[A],(heid)[N|A.])[N]
bemachtigen	((be)[V|.A],((macht)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
bemachtiging	(((be)[V|.A],((macht)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
bemalen	((be)[V|.V],(maal)[V])[V]
bemaling	(((be)[V|.V],(maal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bemannen	((be)[V|.N],(man)[N])[V]
bemanning	(((be)[V|.N],(man)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bemanningslid	((((be)[V|.N],(man)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lid)[N])[N]
bemantelen	((be)[V|.N],(mantel)[N])[V]
bemasten	((be)[V|.N],(mast)[N])[V]
bematten	((be)[V|.N],(mat)[N])[V]
bemensen	((be)[V|.N],(mens)[N])[V]
bemerken	((be)[V|.V],(merk)[V])[V]
bemerking	(((be)[V|.V],(merk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bemesten	((be)[V|.N],(mest)[N])[V]
bemesting	(((be)[V|.N],(mest)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bemestingsleer	((((be)[V|.N],(mest)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
bemeten	((be)[A|.V],(gemeten)[V])[A]
bemeubelen	((be)[V|.N],(meubel)[N])[V]
bemiddelaar	(((be)[V|.V],(middel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
bemiddelaarster	((((be)[V|.V],(middel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
bemiddelares	((((be)[V|.V],(middel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
bemiddeld	((be)[A|.Nx],(middel)[N],(d)[A|xN.])[A]
bemiddeldheid	(((be)[A|.Nx],(middel)[N],(d)[A|xN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bemiddelen	((be)[V|.V],(middel)[V])[V]
bemiddeling	(((be)[V|.V],(middel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bemiddelingsactiviteit	((((be)[V|.V],(middel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
bemiddelingsbureau	((((be)[V|.V],(middel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
bemiddelingsfunctie	((((be)[V|.V],(middel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
bemiddelingsvoorstel	((((be)[V|.V],(middel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((voor)[B],(stel)[N])[N])[N]
beminnaar	(((be)[V|.V],(min)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
beminnelijk	(((be)[V|.V],(min)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
beminnelijkheid	((((be)[V|.V],(min)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
beminnen	((be)[V|.V],(min)[V])[V]
beminnenswaard	(((be)[V|.V],(min)[V])[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
beminnenswaardig	(((be)[V|.V],(min)[V])[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
beminnenswaardigheid	((((be)[V|.V],(min)[V])[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
bemodderen	((be)[V|.N],(modder)[N])[V]
bemoederen	((be)[V|.N],(moeder)[N])[V]
bemoedigen	((be)[V|.A],((moed)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
bemoediging	(((be)[V|.A],((moed)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
bemoeial	(((be)[V|.V],(moei)[V])[V],(al)[B])[N]
bemoeien	((be)[V|.V],(moei)[V])[V]
bemoeienis	(((be)[V|.V],(moei)[V])[V],(enis)[N|V.])[N]
bemoeiing	(((be)[V|.V],(moei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bemoeilijken	((be)[V|.A],((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V]
bemoeilijking	(((be)[V|.A],((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
bemoeiziek	(((be)[V|.V],(moei)[V])[V],(ziek)[A])[A]
bemoeizucht	(((be)[V|.V],(moei)[V])[V],(zucht)[N])[N]
bemonsteren	((be)[V|.N],(monster)[N])[V]
bemorsen	((be)[V|.V],(mors)[V])[V]
bemost	((be)[A|.Nx],(mos)[N],(t)[A|xN.])[A]
bemuren	((be)[V|.N],(muur)[N])[V]
bemuring	(((be)[V|.N],(muur)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ben	(ben)[N]
benaamd	((be)[A|.Nx],(naam)[N],(d)[A|xN.])[A]
benaarstigen	((be)[V|.A],(naarstig)[A])[V]
benadelen	((be)[V|.N],(nadeel)[N])[V]
benadeling	(((be)[V|.N],(nadeel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
benaderen	((be)[V|.V],(nader)[V])[V]
benadering	(((be)[V|.V],(nader)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
benaderingsgetal	((((be)[V|.V],(nader)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(getal)[N])[N]
benaderingsmethode	((((be)[V|.V],(nader)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
benadrukken	((be)[V|.N],((na)[P],(druk)[N])[N])[V]
benagelen	((be)[V|.N],(nagel)[N])[V]
benaming	((benaam)[V],(ing)[N|V.])[N]
benardheid	((benard)[A],(heid)[N|A.])[N]
benauwdheid	((benauwd)[A],(heid)[N|A.])[N]
benauwen	((be)[V|.A],(nauw)[A])[V]
benauwing	(((be)[V|.A],(nauw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
bende	(bende)[N]
bendehoofd	((bende)[N],(hoofd)[N])[N]
bendelen	(bendel)[V]
bendelgaren	((bendel)[V],(garen)[N])[N]
bendevorming	((bende)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
benedenbewoner	((beneden)[B],(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
benedenbuur	((beneden)[P],(buur)[N])[N]
benedendeks	((beneden)[P],(dek)[N],(s)[A|PN.])[A]
benedeneind	((beneden)[P],(eind)[N])[N]
benedeneinde	((beneden)[B],(einde)[N])[N]
benedenhuis	((beneden)[P],(huis)[N])[N]
benedenkamer	((beneden)[P],(kamer)[N])[N]
benedenkant	((beneden)[P],(kant)[N])[N]
benedenloop	((beneden)[P],(loop)[N])[N]
benedenrivier	((beneden)[P],(rivier)[N])[N]
benedenstad	((beneden)[P],(stad)[N])[N]
benedenstrooms	((beneden)[P],(stroom)[N],(s)[A|PN.])[A]
benedenverdieping	((beneden)[P],(((ver)[V|.A],(diep)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
benedenwaarts	((beneden)[B],(waarts)[A|B.])[A]
benedenwinds	((beneden)[P],(wind)[N],(s)[A|PN.])[A]
benedenwoning	((beneden)[P],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
benedenzaal	((beneden)[P],(zaal)[N])[N]
benedenzon	((beneden)[P],(zon)[N])[N]
benedictijnenklooster	((benedictijn)[N],(en)[N|N.N],(klooster)[N])[N]
benedictijnenorde	((benedictijn)[N],(en)[N|N.N],(orde)[N])[N]
benedictijner	((benedictijn)[N],(er)[A|N.])[A]
benedictijnerklooster	(((benedictijn)[N],(er)[A|N.])[A],(klooster)[N])[N]
benedictijns	((benedictijn)[N],(s)[A|N.])[A]
beneficevoorstelling	((benefice)[N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beneficiant	((beneficieer)[V],(ant)[N|V.])[N]
benefietconcert	((benefiet)[N],(concert)[N])[N]
benefietvoorstelling	((benefiet)[N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
benefietwedstrijd	((benefiet)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
benemen	((be)[V|.V],(neem)[V])[V]
beneming	(((be)[V|.V],(neem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
benen	(been)[V]
benen	((been)[N],(en)[A|N.])[A]
benenwagen	((been)[N],(en)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
benepenheid	((benepen)[A],(heid)[N|A.])[N]
benevelen	((be)[V|.N],(nevel)[N])[V]
beneveling	(((be)[V|.N],(nevel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bengel	(bengel)[N]
bengelen	(bengel)[V]
benieuwen	((be)[V|.A],(nieuw)[A])[V]
benig	((been)[N],(ig)[A|N.])[A]
benijdbaar	(((be)[V|.N],(nijd)[N])[V],(baar)[A|V.])[A]
benijden	((be)[V|.N],(nijd)[N])[V]
benijdenswaard	(((be)[V|.N],(nijd)[N])[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
benijdenswaardig	(((be)[V|.N],(nijd)[N])[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
benijder	(((be)[V|.N],(nijd)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
benijdster	(((be)[V|.N],(nijd)[N])[V],(ster)[N|V.])[N]
benodigd	((be)[A|.Ax],(nodig)[A],(d)[A|xA.])[A]
benodigdheden	(((be)[A|.Ax],(nodig)[A],(d)[A|xA.])[A],(heid)[N|A.])[N]
benoembaar	(((be)[V|.V],(noem)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
benoembaarheid	((((be)[V|.V],(noem)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
benoemen	((be)[V|.V],(noem)[V])[V]
benoeming	(((be)[V|.V],(noem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
benoemingenbeleid	((((be)[V|.V],(noem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
benoemingsbeleid	((((be)[V|.V],(noem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
benoemingsbesluit	((((be)[V|.V],(noem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(besluit)[N])[N]
benoemingsbrief	((((be)[V|.V],(noem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
benoemingscommissie	((((be)[V|.V],(noem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
benoemingsprocedure	((((be)[V|.V],(noem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
bent	(bent)[N]
bentgenoot	((bent)[N],(genoot)[N])[N]
bentgras	((bent)[N],(gras)[N])[N]
bentpol	((bent)[N],(pol)[N])[N]
benutten	((be)[V|.N],(nut)[N])[V]
benzineaccijns	((benzine)[N],(accijns)[N])[N]
benzinebom	((benzine)[N],(bom)[N])[N]
benzinebon	((benzine)[N],(bon)[N])[N]
benzinedamp	((benzine)[N],(damp)[N])[N]
benzinedepot	((benzine)[N],(depot)[N])[N]
benzinedistributie	((benzine)[N],((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
benzinehouder	((benzine)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
benzinemaatschappij	((benzine)[N],(maatschappij)[N])[N]
benzinemeter	((benzine)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
benzinemotor	((benzine)[N],(motor)[N])[N]
benzinepomp	((benzine)[N],(pomp)[N])[N]
benzinereservoir	((benzine)[N],(reservoir)[N])[N]
benzineschaarste	((benzine)[N],((schaars)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
benzinestation	((benzine)[N],(station)[N])[N]
benzinetank	((benzine)[N],(tank)[N])[N]
benzoë	(benzoë)[N]
benzoëbloemen	((benzoë)[N],(bloem)[N])[N]
benzoëboom	((benzoë)[N],(boom)[N])[N]
benzoëhars	((benzoë)[N],(hars)[N])[N]
beo	(beo)[N]
beoefenaar	(((be)[V|.V],(oefen)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
beoefenaarster	((((be)[V|.V],(oefen)[V])[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
beoefenen	((be)[V|.V],(oefen)[V])[V]
beoefening	(((be)[V|.V],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beogen	((be)[V|.N],(oog)[N])[V]
beoliën	((be)[V|.N],(olie)[N])[V]
beoordelaar	(((be)[V|.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[V],(aar)[N|V.])[N]
beoordelaarster	((((be)[V|.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
beoordelen	((be)[V|.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[V]
beoordeling	(((be)[V|.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
beoordelingscommissie	((((be)[V|.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
beoordelingscriterium	((((be)[V|.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(criterium)[N])[N]
beoordelingsfout	((((be)[V|.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fout)[N])[N]
beoordelingsinstrument	((((be)[V|.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instrument)[N])[N]
beoordelingsmaatstaf	((((be)[V|.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((maat)[N],(staf)[N])[N])[N]
beoordelingsmethode	((((be)[V|.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
beoordelingsnorm	((((be)[V|.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(norm)[N])[N]
beoordelingsproces	((((be)[V|.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
beoordelingsstaat	((((be)[V|.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(staat)[N])[N]
beoordelingssysteem	((((be)[V|.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
beoorlogen	((be)[V|.N],(oorlog)[N])[V]
bepaaldheid	((bepaald)[A],(heid)[N|A.])[N]
bepakken	((be)[V|.N],(pak)[N])[V]
bepakking	(((be)[V|.N],(pak)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bepalen	((be)[V|.N],(paal)[N])[V]
bepaling	(((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bepalingaankondigend	((((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],((aan)[P],(kond)[A],(ig)[V|PA.])[V],(end)[A|NV.])[A]
bepalingsmethode	((((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
bepantseren	((be)[V|.N],(pantser)[N])[V]
beparelen	((be)[V|.N],(parel)[N])[V]
bepeinzen	((be)[V|.V],(peins)[V])[V]
bepekken	((be)[V|.N],(pek)[N])[V]
beperken	((be)[V|.N],(perk)[N])[V]
beperking	(((be)[V|.N],(perk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
beperktheid	((beperkt)[A],(heid)[N|A.])[N]
bepikken	((be)[V|.V],(pik)[V])[V]
beplaasteren	((be)[V|.N],(plaaster)[N])[V]
beplakken	((be)[V|.V],(plak)[V])[V]
beplanken	((be)[V|.N],(plank)[N])[V]
beplanking	(((be)[V|.N],(plank)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
beplanten	((be)[V|.N],(plant)[N])[V]
beplanting	(((be)[V|.N],(plant)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bepleisteren	((be)[V|.N],(pleister)[N])[V]
bepleistering	(((be)[V|.N],(pleister)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bepleiten	((be)[V|.V],(pleit)[V])[V]
beploegen	((be)[V|.N],(ploeg)[N])[V]
beplooien	((be)[V|.N],(plooi)[N])[V]
bepluimd	((be)[A|.Nx],(pluim)[N],(d)[A|xN.])[A]
bepluisd	((be)[A|.Nx],(pluis)[N],(d)[A|xN.])[A]
bepoederen	((be)[V|.N],(poeder)[N])[V]
bepoeieren	((be)[V|.N],(poeier)[N])[V]
bepolderen	((be)[V|.N],(polder)[N])[V]
bepoldering	(((be)[V|.N],(polder)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bepotelen	((be)[V|.V],(potel)[V])[V]
bepoten	((be)[V|.V],(poot)[V])[V]
bepoting	(((be)[V|.V],(poot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bepraten	((be)[V|.V],(praat)[V])[V]
bepreken	((be)[V|.V],(preek)[V])[V]
beproeven	((be)[V|.N],(proef)[N])[V]
beproeving	(((be)[V|.N],(proef)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bepukkeld	((be)[A|.Nx],(pukkel)[N],(d)[A|xN.])[A]
beraadslaging	((beraadslaag)[V],(ing)[N|V.])[N]
beraden	((be)[V|.N],(raad)[N])[V]
beradenheid	((beraden)[A],(heid)[N|A.])[N]
beramen	((be)[V|.V],(raam)[V])[V]
beraming	(((be)[V|.V],(raam)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
berapen	((be)[V|.V],(raap)[V])[V]
berber	(berber)[N]
berberis	(berberis)[N]
berberisachtigen	((berberis)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
berberissenstruik	((berberis)[N],(e)[N|N.N],(struik)[N])[N]
berberissenwortel	((berberis)[N],(e)[N|N.N],(wortel)[N])[N]
berberisstruik	((berberis)[N],(struik)[N])[N]
berberiswortel	((berberis)[N],(wortel)[N])[N]
berbertapijt	((berber)[N],(tapijt)[N])[N]
berd	(berd)[N]
berechten	((be)[V|.N],(recht)[N])[V]
berechting	(((be)[V|.N],(recht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
beredderen	((be)[V|.V],(redder)[V])[V]
beredderig	(((be)[V|.V],(redder)[V])[V],(ig)[A|V.])[A]
bereddering	(((be)[V|.V],(redder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beredeneren	((be)[V|.V],((reden)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
beredruif	((beer)[N],(e)[N|N.N],(druif)[N])[N]
beregenen	((be)[V|.N],(regen)[N])[V]
bereidheid	((bereid)[A],(heid)[N|A.])[N]
bereiding	((bereid)[V],(ing)[N|V.])[N]
bereidingsmethode	(((bereid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
bereidingsproces	(((bereid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
bereidingstijd	(((bereid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
bereidingswijze	(((bereid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wijze)[N])[N]
bereidvaardigheid	((bereidvaardig)[A],(heid)[N|A.])[N]
bereidverklaring	((bereid)[A],(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bereidwillig	((bereid)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A]
bereidwilligheid	(((bereid)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bereikbaar	(((be)[V|.V],(reik)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
bereikbaarheid	((((be)[V|.V],(reik)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bereiken	((be)[V|.V],(reik)[V])[V]
bereiking	(((be)[V|.V],(reik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bereisbaar	(((be)[V|.V],(reis)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
bereizen	((be)[V|.V],(reis)[V])[V]
berekenbaar	(((be)[V|.V],(reken)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
berekendheid	((berekend)[A],(heid)[N|A.])[N]
berekenen	((be)[V|.V],(reken)[V])[V]
berekening	(((be)[V|.V],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
berekeningsmethode	((((be)[V|.V],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
beren	(beer)[V]
berenbijt	((beer)[N],(e)[N|N.N],(bijt)[N])[N]
berenhol	((beer)[N],(e)[N|N.N],(hol)[N])[N]
berenhuid	((beer)[N],(e)[N|N.N],(huid)[N])[N]
berenjong	((beer)[N],(e)[N|N.N],(jong)[N])[N]
berenklauw	((beer)[N],(e)[N|N.N],(klauw)[N])[N]
berenkuil	((beer)[N],(e)[N|N.N],(kuil)[N])[N]
berenleider	((beer)[N],(e)[N|N.Vx],(leid)[V],(er)[N|NxV.])[N]
berenlul	((beer)[N],(e)[N|N.N],(lul)[N])[N]
berenmuts	((beer)[N],(e)[N|N.N],(muts)[N])[N]
berennen	((be)[V|.V],(ren)[V])[V]
berenoor	((beer)[N],(e)[N|N.N],(oor)[N])[N]
berenten	((be)[V|.V],(rent)[V])[V]
berenvangst	((beer)[N],(e)[N|N.N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
berenvel	((beer)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
beresiet	(beresiet)[N]
berg	(berg)[N]
bergachtig	((berg)[N],(achtig)[A|N.])[A]
bergahorn	((berg)[N],(ahorn)[N])[N]
bergamot	(bergamot)[N]
bergamotolie	((bergamot)[N],(olie)[N])[N]
bergamotpeer	((bergamot)[N],(peer)[N])[N]
bergartillerie	((berg)[N],(artillerie)[N])[N]
bergbeklimmer	((berg)[N],((be)[V|.V],(klim)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
bergbeklimming	((berg)[N],((be)[V|.V],(klim)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
bergbeklimster	((berg)[N],((be)[V|.V],(klim)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
bergbewoner	((berg)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
bergblauw	((berg)[N],(blauw)[N])[N]
bergculture	((berg)[N],(culture)[N])[N]
bergeend	((berg)[N],(eend)[N])[N]
bergen	(berg)[V]
bergengte	((berg)[N],((eng)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bergereprijs	((berg)[N],((ere)[N],(prijs)[N])[N])[N]
bergetappe	((berg)[N],(etappe)[N])[N]
bergformatie	((berg)[N],(formeer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
berggeest	((berg)[N],(geest)[N])[N]
berggeit	((berg)[N],(geit)[N])[N]
berggeld	((berg)[V],(geld)[N])[N]
berggeschut	((berg)[N],(geschut)[N])[N]
berggezicht	((berg)[N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
berggroen	((berg)[N],(groen)[N])[N]
berghelling	((berg)[N],((hel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
berghok	((berg)[V],(hok)[N])[N]
berghout	((berg)[V],(hout)[N])[N]
berghut	((berg)[N],(hut)[N])[N]
bergijs	((berg)[N],(ijs)[N])[N]
berging	((berg)[V],(ing)[N|V.])[N]
bergingsbedrijf	(((berg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
bergingsmaatschappij	(((berg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
bergingsschip	(((berg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schip)[N])[N]
bergingsvaartuig	(((berg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
bergjager	((berg)[N],((jaag)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
bergkalk	((berg)[N],(kalk)[N])[N]
bergkam	((berg)[N],(kam)[N])[N]
bergkap	((berg)[V],(kap)[N])[N]
bergketel	((berg)[N],(ketel)[N])[N]
bergketen	((berg)[N],(keten)[N])[N]
bergklimaat	((berg)[N],(klimaat)[N])[N]
bergkloof	((berg)[N],(kloof)[N])[N]
bergknoop	((berg)[N],(knoop)[N])[N]
bergkristal	((berg)[N],(kristal)[N])[N]
bergland	((berg)[N],(land)[N])[N]
bergloon	((berg)[V],(loon)[N])[N]
berglucht	((berg)[N],(lucht)[N])[N]
bergmassief	((berg)[N],(massief)[N])[N]
bergmeer	((berg)[N],(meer)[N])[N]
bergmeubel	((berg)[V],(meubel)[N])[N]
bergmispel	((berg)[N],(mispel)[N])[N]
bergmus	((berg)[N],(mus)[N])[N]
bergnimf	((berg)[N],(nimf)[N])[N]
bergpad	((berg)[N],(pad)[N])[N]
bergpas	((berg)[N],(pas)[N])[N]
bergplaats	((berg)[V],(plaats)[N])[N]
bergrit	((berg)[N],(rit)[N])[N]
bergrivier	((berg)[N],(rivier)[N])[N]
bergrug	((berg)[N],(rug)[N])[N]
bergruimte	((berg)[V],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bergschoen	((berg)[N],(schoen)[N])[N]
bergschuur	((berg)[V],(schuur)[N])[N]
bergspoor	((berg)[N],(spoor)[N])[N]
bergspoorweg	((berg)[N],((spoor)[N],(weg)[N])[N])[N]
bergsport	((berg)[N],(sport)[N])[N]
bergstok	((berg)[N],(stok)[N])[N]
bergstorting	((berg)[N],(stort)[V],(ing)[N|NV.])[N]
bergstreek	((berg)[N],(streek)[N])[N]
bergstroom	((berg)[N],(stroom)[N])[N]
bergteer	((berg)[N],(teer)[N])[N]
bergtijdrit	((berg)[N],((tijd)[N],(rit)[N])[N])[N]
bergtop	((berg)[N],(top)[N])[N]
bergwand	((berg)[N],(wand)[N])[N]
bergweide	((berg)[N],(weide)[N])[N]
bergwind	((berg)[N],(wind)[N])[N]
bergziekte	((berg)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bergzout	((berg)[N],(zout)[N])[N]
beriberilijder	((beriberi)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
berichtendienst	((bericht)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
berichtenwisseling	((bericht)[N],(en)[N|N.N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
berichtgeefster	((bericht)[N],((geef)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
berichtgever	((bericht)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N]
berichtgeving	((bericht)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
beridderen	((be)[V|.V],(ridder)[V])[V]
berig	((beer)[N],(ig)[A|N.])[A]
berijdbaar	(((be)[V|.V],(rijd)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
berijden	((be)[V|.V],(rijd)[V])[V]
berijder	(((be)[V|.V],(rijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
berijdster	(((be)[V|.V],(rijd)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
berijmen	((be)[V|.N],(rijm)[N])[V]
berijmer	(((be)[V|.N],(rijm)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
berijming	(((be)[V|.N],(rijm)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
berijpt	((be)[A|.Nx],(rijp)[N],(t)[A|xN.])[A]
berin	((beer)[N],(in)[N|N.])[N]
beringen	((be)[V|.N],(ring)[N])[V]
berispelijk	((berisp)[V],(elijk)[A|V.])[A]
berisping	((berisp)[V],(ing)[N|V.])[N]
berk	(berk)[N]
berken	((berk)[N],(en)[A|N.])[A]
berkenbast	((berk)[N],(e)[N|N.N],(bast)[N])[N]
berkenblad	((berk)[N],(e)[N|N.N],(blad)[N])[N]
berkenbladwesp	(((berk)[N],(e)[N|N.N],(blad)[N])[N],(wesp)[N])[N]
berkenboleet	((berk)[N],(e)[N|N.N],(boleet)[N])[N]
berkenboom	((berk)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
berkenbos	(((berk)[N],(en)[A|N.])[A],(bos)[N])[N]
berkenhout	((berk)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
berkenhouten	(((berk)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
berkenloof	((berk)[N],(e)[N|N.N],(loof)[N])[N]
berkenrijs	((berk)[N],(e)[N|N.N],(rijs)[N])[N]
berkenstam	((berk)[N],(e)[N|N.N],(stam)[N])[N]
berkentak	((berk)[N],(e)[N|N.N],(tak)[N])[N]
berkenteer	((berk)[N],(e)[N|N.N],(teer)[N])[N]
berkenvlinder	((berk)[N],(e)[N|N.N],(vlinder)[N])[N]
berkenwater	((berk)[N],(e)[N|N.N],(water)[N])[N]
berkenwijn	((berk)[N],(e)[N|N.N],(wijn)[N])[N]
berkenzwam	((berk)[N],(e)[N|N.N],(zwam)[N])[N]
berkhoen	((berk)[N],(hoen)[N])[N]
berkoen	(berkoen)[N]
berlitzschool	((Berlitz)[N],(school)[V])[N]
berm	(berm)[N]
bermen	(berm)[V]
bermflora	((berm)[N],(flora)[N])[N]
bermgras	((berm)[N],(gras)[N])[N]
bermlamp	((berm)[N],(lamp)[N])[N]
bermpje	(berm)[N]
bermplank	((berm)[N],(plank)[N])[N]
bermprostitutie	((berm)[N],((prostitueer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
bermsloot	((berm)[N],(sloot)[N])[N]
bermtoerisme	((berm)[N],(toerisme)[N])[N]
bermuda	(bermuda)[N]
bermudahemd	((bermuda)[N],(hemd)[N])[N]
bermudatuig	((bermuda)[N],(tuig)[N])[N]
bernardshond	((Bernard)[N],(s)[N|N.N],(hond)[N])[N]
beroemdheid	((beroemd)[A],(heid)[N|A.])[N]
beroemen	((be)[V|.N],(roem)[N])[V]
beroepbaar	(((be)[V|.V],(roep)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
beroepen	((be)[V|.V],(roep)[V])[V]
beroepencode	((beroep)[N],(en)[N|N.N],(code)[N])[N]
beroepengids	((beroep)[N],(en)[N|N.N],(gids)[N])[N]
beroepensfeer	((beroep)[N],(en)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
beroepenstructuur	((beroep)[N],(en)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
beroepenvoorlichting	((beroep)[N],(en)[N|N.Vx],((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
beroepenwereld	((beroep)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
beroeping	(((be)[V|.V],(roep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beroepingswerk	((((be)[V|.V],(roep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
beroeps	((beroep)[N],(s)[A|N.])[A]
beroepsbegeleidend	((beroep)[N],(s)[A|N.V],(begeleidend)[V])[A]
beroepsbevolking	(((beroep)[N],(s)[A|N.])[A],(((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beroepsbezigheid	((beroep)[N],(s)[N|N.N],((bezig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
beroepsblind	((beroep)[N],(s)[A|N.A],(blind)[A])[A]
beroepsbrief	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
beroepsdanser	((beroep)[N],(s)[N|N.N],((dans)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
beroepsdanseres	(((beroep)[N],(s)[N|N.N],((dans)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(es)[N|N.])[N]
beroepsdeformatie	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(((de)[V|.V],(formeer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
beroepsethiek	((beroep)[N],(s)[N|N.N],((ethisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
beroepsgeheim	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(geheim)[N])[N]
beroepsgoederenvervoer	((beroep)[N],(s)[N|N.N],((goed)[N],(en)[N|N.N],(vervoer)[N])[N])[N]
beroepsgroep	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(groep)[N])[N]
beroepsgrond	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(grond)[N])[N]
beroepshof	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(hof)[N])[N]
beroepsinbreker	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(((in)[P],(breek)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
beroepskeuze	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(keuze)[N])[N]
beroepsklasse	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
beroepskleding	((beroep)[N],(s)[N|N.N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beroepskracht	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
beroepsleger	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(leger)[N])[N]
beroepsmisdadiger	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(misdadiger)[N])[N]
beroepsmisvorming	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(((mis)[A],(vorm)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beroepsmogelijkheid	((beroep)[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
beroepsofficier	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(officier)[N])[N]
beroepsonderwijs	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(onderwijs)[N])[N]
beroepsorganisatie	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
beroepsplicht	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(plicht)[N])[N]
beroepsploeg	(((beroep)[N],(s)[A|N.])[A],(ploeg)[N])[N]
beroepsraad	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
beroepsrecht	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
beroepsrenner	((beroep)[N],(s)[N|N.N],((ren)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
beroepsrijder	((beroep)[N],(s)[N|N.N],((rijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
beroepsschool	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
beroepsspeler	((beroep)[N],(s)[N|N.N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
beroepssport	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(sport)[N])[N]
beroepsstructuur	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
beroepstaal	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(taal)[N])[N]
beroepsverbod	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(verbod)[N])[N]
beroepsvervoer	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(vervoer)[N])[N]
beroepsvervoerder	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(voer)[V])[V],(der)[N|V.])[N])[N]
beroepsvoetballer	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(((voet)[N],(bal)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
beroepsvoorlichting	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beroepsvorming	((beroep)[N],(s)[N|N.N],((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beroepswerkeloze	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(werkeloze)[N])[N]
beroepswerkloze	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(werkloze)[N])[N]
beroepswerkzaamheid	((beroep)[N],(s)[N|N.N],(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
beroepszanger	((beroep)[N],(s)[N|N.N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
beroepszangeres	(((beroep)[N],(s)[N|N.N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(es)[N|N.])[N]
beroepsziekte	((beroep)[N],(s)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
beroerdheid	((beroerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
beroerdigheid	((beroerd)[A],(igheid)[N|A.])[N]
beroeren	((be)[V|.V],(roer)[V])[V]
beroering	(((be)[V|.V],(roer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beroerling	(((be)[V|.V],(roer)[V])[V],(ling)[N|V.])[N]
beroesd	((be)[A|.Nx],(roes)[N],(d)[A|xN.])[A]
beroken	((be)[V|.N],(rook)[N])[V]
berooid	((be)[A|.Nx],(rooi)[N],(d)[A|xN.])[A]
berooidheid	(((be)[A|.Nx],(rooi)[N],(d)[A|xN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
berouwhebbend	((berouw)[N],(heb)[V],(end)[A|NV.])[A]
berouwvol	((berouw)[N],(vol)[A])[A]
beroven	((be)[V|.N],(roof)[N])[V]
beroving	(((be)[V|.N],(roof)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
berrie	(berrie)[N]
berst	(berst)[N]
bersten	(berst)[V]
beruchtheid	((berucht)[A],(heid)[N|A.])[N]
beruiken	((be)[V|.V],(ruik)[V])[V]
berusten	((be)[V|.V],(rust)[V])[V]
berusting	(((be)[V|.V],(rust)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bes	(bes)[N]
besausen	((be)[V|.N],(saus)[N])[V]
beschaafdheid	((beschaafd)[A],(heid)[N|A.])[N]
beschaamdheid	((beschaamd)[A],(heid)[N|A.])[N]
beschadigdheid	((beschadigd)[A],(heid)[N|A.])[N]
beschadiging	((beschadig)[V],(ing)[N|V.])[N]
beschaduwen	((be)[V|.N],(schaduw)[N])[V]
beschamen	((be)[V|.V],(schaam)[V])[V]
beschaming	(((be)[V|.V],(schaam)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beschansen	((be)[V|.N],(schans)[N])[V]
beschaven	((be)[V|.N],(schaaf)[N])[V]
beschaving	(((be)[V|.N],(schaaf)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
beschavingsgeschiedenis	((((be)[V|.N],(schaaf)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
beschavingsniveau	((((be)[V|.N],(schaaf)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
beschavingspeil	((((be)[V|.N],(schaaf)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(peil)[N])[N]
beschavingsperiode	((((be)[V|.N],(schaaf)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
beschavingsproces	((((be)[V|.N],(schaaf)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
beschavingstijdperk	((((be)[V|.N],(schaaf)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((tijd)[N],(perk)[N])[N])[N]
beschavingsziekte	((((be)[V|.N],(schaaf)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bescheidenheid	((bescheiden)[A],(heid)[N|A.])[N]
beschenken	((be)[V|.V],(schenk)[V])[V]
beschermbeeld	(((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(beeld)[N])[N]
beschermeling	(((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(eling)[N|V.])[N]
beschermelinge	((((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
beschermen	((be)[V|.N],(scherm)[N])[V]
beschermengel	(((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(engel)[N])[N]
beschermer	(((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
beschermgeest	(((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(geest)[N])[N]
beschermgod	(((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(god)[N])[N]
beschermgodin	(((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],((god)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
beschermheer	(((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(heer)[N])[N]
beschermheerschap	((((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(heer)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
beschermheilige	(((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(heilige)[N])[N]
beschermhoes	(((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(hoes)[N])[N]
beschermhuls	(((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(huls)[N])[N]
bescherming	(((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
beschermingsgraad	((((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(graad)[N])[N]
beschermingsmaatregel	((((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
beschermingsmechanisme	((((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
beschermster	(((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ster)[N|V.])[N]
beschermvrouw	(((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(vrouw)[N])[N]
beschermvrouwe	(((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(vrouwe)[N])[N]
bescheurkalender	((bescheur)[V],(kalender)[N])[N]
beschieten	((be)[V|.V],(schiet)[V])[V]
beschieting	(((be)[V|.V],(schiet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beschijnen	((be)[V|.V],(schijn)[V])[V]
beschijten	((be)[V|.V],(schijt)[V])[V]
beschikal	(((be)[V|.V],(schik)[V])[V],(al)[B])[N]
beschikbaar	(((be)[V|.V],(schik)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
beschikbaarheid	((((be)[V|.V],(schik)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
beschikken	((be)[V|.V],(schik)[V])[V]
beschikker	((beschik)[N],(er)[N|N.])[N]
beschikking	(((be)[V|.V],(schik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beschikkingsbevoegd	((((be)[V|.V],(schik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(bevoegd)[A])[A]
beschikkingsbevoegdheid	((((be)[V|.V],(schik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
beschikkingsdaad	((((be)[V|.V],(schik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(daad)[N])[N]
beschikkingsrecht	((((be)[V|.V],(schik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
beschilderen	((be)[V|.V],(schilder)[V])[V]
beschildering	(((be)[V|.V],(schilder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beschimmelen	((be)[V|.N],(schimmel)[N])[V]
beschimpen	((be)[V|.V],(schimp)[V])[V]
beschimping	(((be)[V|.V],(schimp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beschoeien	((be)[V|.V],(schoei)[V])[V]
beschoeiing	(((be)[V|.V],(schoei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beschonkenheid	((beschonken)[A],(heid)[N|A.])[N]
beschouwelijk	(((be)[V|.V],(schouw)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
beschouwelijkheid	((((be)[V|.V],(schouw)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
beschouwen	((be)[V|.V],(schouw)[V])[V]
beschouwer	(((be)[V|.V],(schouw)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
beschouwing	(((be)[V|.V],(schouw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beschreeuwen	((be)[V|.V],(schreeuw)[V])[V]
beschreien	((be)[V|.V],(schrei)[V])[V]
beschrijden	((be)[V|.V],(schrijd)[V])[V]
beschrijven	((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V]
beschrijver	(((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
beschrijving	(((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beschrijvingsbiljet	((((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(biljet)[N])[N]
beschrijvingsbrief	((((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
beschrijvingskunst	((((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
beschrijvingssysteem	((((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
beschroomd	((be)[A|.Nx],(schroom)[N],(d)[A|xN.])[A]
beschroomdheid	(((be)[A|.Nx],(schroom)[N],(d)[A|xN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
beschuit	(beschuit)[N]
beschuitbakker	((beschuit)[N],(bak)[V],(er)[N|NV.])[N]
beschuitbol	((beschuit)[N],(bol)[N])[N]
beschuitbus	((beschuit)[N],(bus)[N])[N]
beschuittrommel	((beschuit)[N],(trommel)[N])[N]
beschuldigen	((be)[V|.A],((schuld)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
beschuldiger	(((be)[V|.A],((schuld)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(er)[N|V.])[N]
beschuldiging	(((be)[V|.A],((schuld)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
beschuldigster	(((be)[V|.A],((schuld)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ster)[N|V.])[N]
beschutsel	(((be)[V|.N],(schut)[N])[V],(sel)[N|V.])[N]
beschutten	((be)[V|.N],(schut)[N])[V]
beschutting	(((be)[V|.N],(schut)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
beschuttingsmiddel	((((be)[V|.N],(schut)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
besgal	((bes)[N],(gal)[N])[N]
besheester	((bes)[N],(heester)[N])[N]
besheide	((bes)[N],(heide)[N])[N]
beshulst	((bes)[N],(hulst)[N])[N]
besjeshuis	((besje)[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
besjoemelen	((be)[V|.V],(sjoemel)[V])[V]
beslaan	((be)[V|.V],(sla)[V])[V]
beslaghamer	((beslag)[N],(hamer)[N])[N]
beslagkom	((beslag)[N],(kom)[N])[N]
beslaglegger	((beslag)[N],(leg)[V],(er)[N|NV.])[N]
beslaglegging	((beslag)[N],(leg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
beslagmaker	((beslag)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
beslagwerk	((beslag)[N],(werk)[N])[N]
beslapen	((be)[V|.V],(slaap)[V])[V]
beslechten	((be)[V|.V],(slecht)[V])[V]
beslechting	(((be)[V|.V],(slecht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beslijkt	((be)[A|.Nx],(slijk)[N],(t)[A|xN.])[A]
beslikt	((be)[A|.Nx],(slik)[N],(t)[A|xN.])[A]
besliskunde	((beslis)[V],(kunde)[N])[N]
beslissing	((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N]
beslissingsbevoegdheid	(((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
beslissingscentrum	(((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
beslissingscriterium	(((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(criterium)[N])[N]
beslissingsinstantie	(((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instantie)[N])[N]
beslissingsmogelijkheid	(((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
beslissingsmoment	(((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(moment)[N])[N]
beslissingsniveau	(((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
beslissingsprocedure	(((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
beslissingsproces	(((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
beslissingsregel	(((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
beslissingsruimte	(((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
beslissingssituatie	(((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
beslissingsstrategie	(((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((strategisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
beslissingsstructuur	(((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
beslissingstheorie	(((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
beslissingstijd	(((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
beslissingsvrijheid	(((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
beslissingswedstrijd	(((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
beslistheid	((beslist)[A],(heid)[N|A.])[N]
beslommerd	((be)[A|.Nx],(slommer)[N],(d)[A|xN.])[A]
beslotenheid	((besloten)[A],(heid)[N|A.])[N]
besluipen	((be)[V|.V],(sluip)[V])[V]
besluiteloos	((besluit)[N],(eloos)[A|N.])[A]
besluiteloosheid	(((besluit)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
besluiten	((be)[V|.V],(sluit)[V])[V]
besluitvaardig	(((be)[V|.V],(sluit)[V])[V],(vaardig)[A])[A]
besluitvaardigheid	((((be)[V|.V],(sluit)[V])[V],(vaardig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
besluitvorming	((besluit)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
besluitvormingsfase	(((besluit)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
besluitvormingsmechanisme	(((besluit)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
besluitvormingsprocedure	(((besluit)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
besluitvormingsproces	(((besluit)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
besluitvormingsstructuur	(((besluit)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
besmeren	((be)[V|.V],(smeer)[V])[V]
besmettelijk	(((be)[V|.N],(smet)[N])[V],(elijk)[A|V.])[A]
besmettelijkheid	((((be)[V|.N],(smet)[N])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
besmetten	((be)[V|.N],(smet)[N])[V]
besmetting	(((be)[V|.N],(smet)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
besmettingsgevaar	((((be)[V|.N],(smet)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gevaar)[N])[N]
besmettingshaard	((((be)[V|.N],(smet)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(haard)[N])[N]
besmetverklaring	((besmet)[A],(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
besnaren	((be)[V|.N],(snaar)[N])[V]
besneeuwen	((be)[V|.N],(sneeuw)[N])[V]
besnijden	((be)[V|.V],(snijd)[V])[V]
besnijdenis	(((be)[V|.V],(snijd)[V])[V],(enis)[N|V.])[N]
besnoeien	((be)[V|.N],(snoei)[N])[V]
besnoeiing	(((be)[V|.N],(snoei)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
besnuffelen	((be)[V|.V],(snuffel)[V])[V]
besodemieteren	((be)[V|.V],(sodemieter)[V])[V]
besogne	(besogne)[N]
besommen	((be)[V|.N],(som)[N])[V]
besomming	(((be)[V|.N],(som)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bespannen	((be)[V|.V],(span)[V])[V]
bespanning	(((be)[V|.V],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
besparen	((be)[V|.V],(spaar)[V])[V]
besparing	(((be)[V|.V],(spaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
besparingsmaatregel	((((be)[V|.V],(spaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
besparingsmogelijkheid	((((be)[V|.V],(spaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bespatten	((be)[V|.N],(spat)[N])[V]
bespeelbaar	(((be)[V|.V],(speel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
bespelen	((be)[V|.V],(speel)[V])[V]
bespeling	(((be)[V|.V],(speel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bespeuren	((be)[V|.V],(speur)[V])[V]
bespieden	((be)[V|.V],(spied)[V])[V]
bespieder	(((be)[V|.V],(spied)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bespieding	(((be)[V|.V],(spied)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bespiegelen	((be)[V|.N],(spiegel)[N])[V]
bespiegeling	(((be)[V|.N],(spiegel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bespijkeren	((be)[V|.N],(spijker)[N])[V]
bespikkelen	((be)[V|.N],(spikkel)[N])[V]
bespioneren	((be)[V|.V],((spion)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
bespitten	((be)[V|.N],(spit)[N])[V]
bespoedigen	((be)[V|.Nx],(spoed)[N],(ig)[V|xN.])[V]
bespoediging	(((be)[V|.Nx],(spoed)[N],(ig)[V|xN.])[V],(ing)[N|V.])[N]
bespoelen	((be)[V|.V],(spoel)[V])[V]
bespottelijk	(((be)[V|.V],(spot)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
bespottelijkheid	((((be)[V|.V],(spot)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bespotten	((be)[V|.V],(spot)[V])[V]
bespotter	(((be)[V|.V],(spot)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bespotting	(((be)[V|.V],(spot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bespraakt	((be)[A|.Nx],(spraak)[N],(t)[A|xN.])[A]
bespraaktheid	(((be)[A|.Nx],(spraak)[N],(t)[A|xN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bespreekbaar	(((be)[V|.V],(spreek)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
bespreekbaarheid	((((be)[V|.V],(spreek)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bespreekbureau	(((be)[V|.V],(spreek)[V])[V],(bureau)[N])[N]
bespreken	((be)[V|.V],(spreek)[V])[V]
bespreking	(((be)[V|.V],(spreek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
besprengen	((be)[V|.V],(spreng)[V])[V]
besprenkelen	((be)[V|.V],(sprenkel)[V])[V]
besprenkeling	(((be)[V|.V],(sprenkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bespringen	((be)[V|.V],(spring)[V])[V]
bespringing	(((be)[V|.V],(spring)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
besproeien	((be)[V|.V],(sproei)[V])[V]
besproeier	(((be)[V|.V],(sproei)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
besproeiing	(((be)[V|.V],(sproei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
besproeiingstoestel	((((be)[V|.V],(sproei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toestel)[N])[N]
besproeiingswagen	((((be)[V|.V],(sproei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
bespuiten	((be)[V|.V],(spuit)[V])[V]
bespuiting	(((be)[V|.V],(spuit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bespuwen	((be)[V|.V],(spuw)[V])[V]
bessenboom	((bes)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
bessengelei	((bes)[N],(en)[N|N.N],(gelei)[N])[N]
bessenjenever	((bes)[N],(en)[N|N.N],(jenever)[N])[N]
bessensap	((bes)[N],(en)[N|N.N],(sap)[N])[N]
bessenstruik	((bes)[N],(e)[N|N.N],(struik)[N])[N]
bessentros	((bes)[N],(en)[N|N.N],(tros)[N])[N]
bessenvla	((bes)[N],(en)[N|N.N],(vla)[N])[N]
bessenvlinder	((bes)[N],(en)[N|N.N],(vlinder)[N])[N]
bessenwijn	((bes)[N],(en)[N|N.N],(wijn)[N])[N]
bestaan	((be)[V|.V],(sta)[V])[V]
bestaanbaar	(((be)[V|.V],(sta)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
bestaanbaarheid	((((be)[V|.V],(sta)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bestaansangst	((bestaan)[N],(s)[N|N.N],(angst)[N])[N]
bestaansbasis	((bestaan)[N],(s)[N|N.N],(basis)[N])[N]
bestaansbron	((bestaan)[N],(s)[N|N.N],(bron)[N])[N]
bestaanscrisis	((bestaan)[N],(s)[N|N.N],(crisis)[N])[N]
bestaansgeschiedenis	((bestaan)[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
bestaansmiddel	((bestaan)[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
bestaansminimum	((bestaan)[N],(s)[N|N.N],(minimum)[N])[N]
bestaansmogelijkheid	((bestaan)[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bestaansniveau	((bestaan)[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
bestaansonzekerheid	((bestaan)[N],(s)[N|N.N],(((on)[A|.A],(zeker)[A])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bestaansrecht	((bestaan)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
bestaansreden	((bestaan)[N],(s)[N|N.N],(reden)[N])[N]
bestaanssituatie	((bestaan)[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
bestaansterrein	((bestaan)[N],(s)[N|N.N],(terrein)[N])[N]
bestaansvoorwaarde	((bestaan)[N],(s)[N|N.N],(voorwaarde)[N])[N]
bestaanswereld	((bestaan)[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
bestaanszekerheid	((bestaan)[N],(s)[N|N.N],((zeker)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bestaanszin	((bestaan)[N],(s)[N|N.N],(zin)[N])[N]
bestanddeel	((bestand)[N],(deel)[N])[N]
bestandheid	((bestand)[A],(heid)[N|A.])[N]
bestandslijn	((bestand)[N],(s)[N|N.N],(lijn)[N])[N]
bestandsnaam	((bestand)[N],(s)[N|N.N],(naam)[N])[N]
bestandsorganisatie	((bestand)[N],(s)[N|N.Vx],((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|NxV.])[N]
bestandsstructuur	((bestand)[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
bestedeling	((besteed)[V],(eling)[N|V.])[N]
bestedelinge	(((besteed)[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
bestedelingenhuis	(((besteed)[V],(eling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
besteding	((besteed)[V],(ing)[N|V.])[N]
bestedingsbeperking	(((besteed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(perk)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
bestedingscontrole	(((besteed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(controle)[N])[N]
bestedingsgedrag	(((besteed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
bestedingsinflatie	(((besteed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(inflatie)[N])[N]
bestedingsmogelijkheid	(((besteed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bestedingsniveau	(((besteed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
bestedingsnota	(((besteed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(nota)[N])[N]
bestedingspakket	(((besteed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
bestedingspolitiek	(((besteed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(politiek)[N])[N]
bestedingsruimte	(((besteed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bestedingsvrijheid	(((besteed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
besteedbaar	((besteed)[V],(baar)[A|V.])[A]
besteedster	((besteed)[V],(ster)[N|V.])[N]
bestekamer	((best)[A],(e)[N|A.N],(kamer)[N])[N]
bestekbak	((bestek)[N],(bak)[N])[N]
besteken	((be)[V|.V],(steek)[V])[V]
bestekhout	((bestek)[N],(hout)[N])[N]
bestektekening	((bestek)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bestelauto	((bestel)[V],(auto)[N])[N]
bestelbiljet	((bestel)[V],(biljet)[N])[N]
bestelbon	((bestel)[V],(bon)[N])[N]
bestelbrief	((bestel)[V],(brief)[N])[N]
besteldienst	((bestel)[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
bestelen	((be)[V|.V],(steel)[V])[V]
bestelfiets	((bestel)[V],(fiets)[N])[N]
bestelformulier	((bestel)[V],(formulier)[N])[N]
bestelgoed	((bestel)[V],(goed)[N])[N]
bestelhuis	((bestel)[V],(huis)[N])[N]
bestelkaart	((bestel)[V],(kaart)[N])[N]
bestelkantoor	((bestel)[V],(kantoor)[N])[N]
besteller	((bestel)[V],(er)[N|V.])[N]
bestelling	((bestel)[V],(ing)[N|V.])[N]
bestellingenboek	(((bestel)[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
bestelloon	((bestel)[V],(loon)[N])[N]
bestelnummer	((bestel)[V],(nummer)[N])[N]
bestelwagen	((bestel)[V],(wagen)[N])[N]
bestemaat	((best)[A],(e)[N|A.N],(maat)[N])[N]
bestemmeling	((bestem)[V],(eling)[N|V.])[N]
bestemmelinge	(((bestem)[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
bestemming	((bestem)[V],(ing)[N|V.])[N]
bestemmingsplan	(((bestem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plan)[N])[N]
bestemmingsreserve	(((bestem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(reserve)[N])[N]
bestempelen	((be)[V|.N],(stempel)[N])[V]
bestempeling	(((be)[V|.N],(stempel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bestendigheid	((bestendig)[A],(heid)[N|A.])[N]
bestendiging	((bestendig)[V],(ing)[N|V.])[N]
besterd	((be)[A|.Nx],(ster)[N],(d)[A|xN.])[A]
besterven	((be)[V|.V],(sterf)[V])[V]
bestiaal	((beest)[N],(iaal)[A|N.])[A]
bestialiteit	(((beest)[N],(iaal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
bestierder	(((be)[V|.V],(stier)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
bestieren	((be)[V|.V],(stier)[V])[V]
bestiering	(((be)[V|.V],(stier)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bestig	((best)[A],(ig)[A|A.])[A]
bestijgen	((be)[V|.V],(stijg)[V])[V]
bestijging	(((be)[V|.V],(stijg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bestikken	((be)[V|.V],(stik)[V])[V]
bestippelen	((be)[V|.N],((stip)[N],(el)[N|N.])[N])[V]
bestippen	((be)[V|.N],(stip)[N])[V]
bestoelen	((be)[V|.N],(stoel)[N])[V]
bestoft	((be)[A|.Nx],(stof)[N],(t)[A|xN.])[A]
bestoken	((be)[V|.V],(stook)[V])[V]
bestoppen	((be)[V|.V],(stop)[V])[V]
bestormen	((be)[V|.V],(storm)[V])[V]
bestorming	(((be)[V|.V],(storm)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bestorten	((be)[V|.V],(stort)[V])[V]
bestorting	(((be)[V|.V],(stort)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bestraffen	((be)[V|.V],(straf)[V])[V]
bestraffing	(((be)[V|.V],(straf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bestralen	((be)[V|.V],(straal)[V])[V]
bestraling	(((be)[V|.V],(straal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bestralingsinstituut	((((be)[V|.V],(straal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instituut)[N])[N]
bestraten	((be)[V|.N],(straat)[N])[V]
bestrating	(((be)[V|.N],(straat)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bestrijden	((be)[V|.V],(strijd)[V])[V]
bestrijder	(((be)[V|.V],(strijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bestrijding	(((be)[V|.V],(strijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bestrijdingsmiddel	((((be)[V|.V],(strijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
bestrijdster	(((be)[V|.V],(strijd)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
bestrijken	((be)[V|.V],(strijk)[V])[V]
bestrooien	((be)[V|.V],(strooi)[V])[V]
bestrooisel	(((be)[V|.V],(strooi)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
bestuderen	((be)[V|.V],(studeer)[V])[V]
bestudering	(((be)[V|.V],(studeer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bestuiven	((be)[V|.V],(stuif)[V])[V]
bestuiving	(((be)[V|.V],(stuif)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
besturen	((be)[V|.V],(stuur)[V])[V]
besturenvergadering	((bestuur)[N],(en)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
besturing	(((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
besturingsfunctie	((((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
besturingsinformatie	((((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
besturingsorgaan	((((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
besturingsprogramma	((((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
besturingssysteem	((((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
bestuurbaar	(((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
bestuurbaarheid	((((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bestuurder	(((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
bestuurderscabine	((((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(der)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cabine)[N])[N]
bestuurlijk	(((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A]
bestuursambt	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(ambt)[N])[N]
bestuursambtenaar	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
bestuursapparaat	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
bestuursassistent	((bestuur)[N],(s)[N|N.Vx],(assisteer)[V],(ent)[N|NxV.])[N]
bestuursbegrip	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(begrip)[N])[N]
bestuursbeleid	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
bestuursbevoegdheid	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bestuurscapaciteit	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(capaciteit)[N])[N]
bestuurscentrum	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
bestuurscollege	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(college)[N])[N]
bestuurscomité	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(comité)[N])[N]
bestuurscommissie	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
bestuurscrisis	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(crisis)[N])[N]
bestuursdaad	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(daad)[N])[N]
bestuursdienst	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
bestuursdwang	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(dwang)[N])[N]
bestuurseenheid	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bestuurservaring	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bestuursfunctie	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
bestuurshandeling	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bestuurshoofd	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
bestuursinstantie	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(instantie)[N])[N]
bestuursinstrument	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(instrument)[N])[N]
bestuurskamer	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
bestuurskracht	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
bestuurskunde	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
bestuurskwaliteit	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(kwaliteit)[N])[N]
bestuurslichaam	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(lichaam)[N])[N]
bestuurslid	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(lid)[N])[N]
bestuursmaatregel	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
bestuursniveau	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
bestuursopdracht	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(opdracht)[N])[N]
bestuursorgaan	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
bestuursorganisatie	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
bestuursoverdracht	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(overdracht)[N])[N]
bestuursovereenkomst	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
bestuurspraktijk	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(praktijk)[N])[N]
bestuursproces	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
bestuursrecht	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
bestuursregeling	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bestuursschool	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
bestuursstandpunt	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],((stand)[N],(punt)[N])[N])[N]
bestuursstelsel	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
bestuursstructuur	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
bestuurssysteem	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
bestuurstafel	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(tafel)[N])[N]
bestuurstechnisch	((bestuur)[N],(s)[A|N.A],(technisch)[A])[A]
bestuurster	(((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
bestuurstraditie	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(traditie)[N])[N]
bestuursuitoefening	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(((uit)[P],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bestuursverantwoordelijkheid	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(((verantwoord)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bestuursvergadering	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bestuursvorm	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
bestuurswerkzaamheid	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bestuurswetenschap	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
bestuurswisseling	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bestuurszaak	((bestuur)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
besuikeren	((be)[V|.N],(suiker)[N])[V]
betaalautomaat	((betaal)[V],(automaat)[N])[N]
betaalbaar	((betaal)[V],(baar)[A|V.])[A]
betaalbaarheid	(((betaal)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
betaalbaarstelling	(((betaal)[V],(baar)[A|V.])[A],(stel)[V],(ing)[N|AV.])[N]
betaalblad	((betaal)[V],(blad)[N])[N]
betaalbriefje	((betaal)[V],(brief)[N])[N]
betaalcheque	((betaal)[V],(cheque)[N])[N]
betaaldag	((betaal)[V],(dag)[N])[N]
betaalkaart	((betaal)[V],(kaart)[N])[N]
betaalkantoor	((betaal)[V],(kantoor)[N])[N]
betaalmeester	((betaal)[V],(meester)[N])[N]
betaalmiddel	((betaal)[V],(middel)[N])[N]
betaalpas	((betaal)[V],(pas)[N])[N]
betaalstaat	((betaal)[V],(staat)[N])[N]
betaaltelevisie	((betaal)[V],(televisie)[N])[N]
betaler	((betaal)[V],(er)[N|V.])[N]
betaling	((betaal)[V],(ing)[N|V.])[N]
betalingsbalans	(((betaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(balans)[N])[N]
betalingsbalansevenwicht	((((betaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(balans)[N])[N],((even)[A],(wicht)[N])[N])[N]
betalingsbalanspositie	((((betaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(balans)[N])[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
betalingsbalanstekort	((((betaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(balans)[N])[N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
betalingsbewijs	(((betaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bewijs)[N])[N]
betalingsconditie	(((betaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(conditie)[N])[N]
betalingsmoeilijkheid	(((betaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
betalingsopdracht	(((betaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(opdracht)[N])[N]
betalingsregeling	(((betaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
betalingssysteem	(((betaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
betalingstermijn	(((betaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(termijn)[N])[N]
betalingsvoorwaarde	(((betaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(voorwaarde)[N])[N]
betamelijk	((betaam)[V],(elijk)[A|V.])[A]
betamelijkheid	(((betaam)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
betasten	((be)[V|.V],(tast)[V])[V]
betasting	(((be)[V|.V],(tast)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bete	(bete)[N]
betegelen	((be)[V|.N],(tegel)[N])[V]
betekenen	((be)[V|.V],(teken)[V])[V]
betekening	(((be)[V|.V],(teken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
betekenisanalyse	((betekenis)[N],(analyse)[N])[N]
betekenisaspect	((betekenis)[N],(aspect)[N])[N]
betekeniselement	((betekenis)[N],(element)[N])[N]
betekenisfunctie	((betekenis)[N],(functie)[N])[N]
betekenisgeving	((betekenis)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
betekenisleer	((betekenis)[N],(leer)[N])[N]
betekenisnuance	((betekenis)[N],(nuance)[N])[N]
betekenisoverdracht	((betekenis)[N],(overdracht)[N])[N]
betekenissysteem	((betekenis)[N],(systeem)[N])[N]
betekenisverandering	((betekenis)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
betekeniswereld	((betekenis)[N],(wereld)[N])[N]
betekeniswijziging	((betekenis)[N],(wijzig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
betel	(betel)[N]
betelen	((be)[V|.V],(teel)[V])[V]
betelkauwen	((betel)[N],(kauw)[V])[V]
betelnoot	((betel)[N],(noot)[N])[N]
betelpalm	((betel)[N],(palm)[N])[N]
beteren	((be)[V|.V],(teer)[V])[V]
betering	((beter)[V],(ing)[N|V.])[N]
beterkoop	((beter)[A],(koop)[N])[A]
beterschap	((beter)[A],(schap)[N|A.])[N]
beteugelen	((be)[V|.N],(teugel)[N])[V]
beteugeling	(((be)[V|.N],(teugel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
beteuterdheid	((beteuterd)[A],(heid)[N|A.])[N]
betichting	((beticht)[V],(ing)[N|V.])[N]
betimmeren	((be)[V|.V],(timmer)[V])[V]
betimmering	(((be)[V|.V],(timmer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
betingelen	((be)[V|.N],(tingel)[N])[V]
betitelen	((be)[V|.N],(titel)[N])[V]
betiteling	(((be)[V|.N],(titel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
betittelen	((be)[V|.N],(tittel)[N])[V]
betjah	(betjah)[N]
betoger	((betoog)[V],(er)[N|V.])[N]
betoging	((betoog)[V],(ing)[N|V.])[N]
betomen	((be)[V|.N],(toom)[N])[V]
betoming	(((be)[V|.N],(toom)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
beton	(beton)[N]
betonblok	((beton)[N],(blok)[N])[N]
betonbouw	((beton)[N],(bouw)[N])[N]
betonen	((be)[V|.V],(toon)[V])[V]
betonijzer	((beton)[N],(ijzer)[N])[N]
betonijzeren	(((beton)[N],(ijzer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
betonijzervlechter	(((beton)[N],(ijzer)[N])[N],(vlecht)[V],(er)[N|NV.])[N]
betonkist	((beton)[N],(kist)[N])[N]
betonmolen	((beton)[N],(molen)[N])[N]
betonnen	((be)[V|.N],(ton)[N])[V]
betonnen	((beton)[N],(en)[A|N.])[A]
betonning	(((be)[V|.N],(ton)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
betonningsvaartuig	((((be)[V|.N],(ton)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
betonrock	((beton)[N],(rock)[N])[N]
betonrot	((beton)[N],(rot)[N])[N]
betonsteen	((beton)[N],(steen)[N])[N]
betonvlechter	((beton)[N],(vlecht)[V],(er)[N|NV.])[N]
betonvoetbal	((beton)[N],((voet)[N],(bal)[N])[N])[N]
betonweg	((beton)[N],(weg)[N])[N]
betonwerk	((beton)[N],(werk)[N])[N]
betoogkracht	((betoog)[V],(kracht)[N])[N]
betoogschrift	((betoog)[V],(schrift)[N])[N]
betoogtrant	((betoog)[V],(trant)[N])[N]
betoveren	((be)[V|.V],(tover)[V])[V]
betovering	(((be)[V|.V],(tover)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
betraand	((be)[A|.Nx],(traan)[N],(d)[A|xN.])[A]
betrachten	((be)[V|.V],(tracht)[V])[V]
betrachting	(((be)[V|.V],(tracht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
betraliën	((be)[V|.N],(tralie)[N])[V]
betrappen	((be)[V|.V],(trap)[V])[V]
betrapping	(((be)[V|.V],(trap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
betreden	((be)[V|.V],(treed)[V])[V]
betreffen	((be)[V|.V],(tref)[V])[V]
betrekkelijk	(((be)[V|.V],(trek)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
betrekkelijkheid	((((be)[V|.V],(trek)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
betrekken	((be)[V|.V],(trek)[V])[V]
betrekking	(((be)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
betrekkingsniveau	((((be)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
betrekkingswijzer	((((be)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],(wijs)[V],(er)[N|NxV.])[N]
betrekkingswoord	((((be)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(woord)[N])[N]
betreuren	((be)[V|.V],(treur)[V])[V]
betreurenswaard	(((be)[V|.V],(treur)[V])[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
betreurenswaardig	(((be)[V|.V],(treur)[V])[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
betrokkenheid	((betrokken)[A],(heid)[N|A.])[N]
betrouwbaar	(((be)[V|.V],(trouw)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
betrouwbaarheid	((((be)[V|.V],(trouw)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
betrouwbaarheidsinterval	(((((be)[V|.V],(trouw)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(interval)[N])[N]
betrouwbaarheidsprobleem	(((((be)[V|.V],(trouw)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
betrouwbaarheidsrit	(((((be)[V|.V],(trouw)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(rit)[N])[N]
betrouwen	((be)[V|.V],(trouw)[V])[V]
betten	(bet)[V]
betuigen	((be)[V|.V],(tuig)[V])[V]
betuiging	(((be)[V|.V],(tuig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
betuinen	((be)[V|.N],(tuin)[N])[V]
betuining	(((be)[V|.N],(tuin)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
betuttelaar	((betuttel)[V],(aar)[N|V.])[N]
betutteling	((betuttel)[V],(ing)[N|V.])[N]
betweetster	((beter)[A],(weet)[V],(ster)[N|AV.])[N]
betweter	((beter)[A],(weet)[V],(er)[N|AV.])[N]
betweterig	(((beter)[A],(weet)[V],(er)[N|AV.])[N],(ig)[A|N.])[A]
betweterigheid	((((beter)[A],(weet)[V],(er)[N|AV.])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
betweterij	((beter)[A],(weet)[V],(erij)[N|AV.])[N]
betwijfelen	((be)[V|.V],(twijfel)[V])[V]
betwistbaar	(((be)[V|.V],(twist)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
betwistbaarheid	((((be)[V|.V],(twist)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
betwisten	((be)[V|.V],(twist)[V])[V]
betwisting	(((be)[V|.V],(twist)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beu	(beu)[A]
beug	(beug)[N]
beugbak	((beug)[N],(bak)[N])[N]
beugel	(beugel)[N]
beugelbaan	((beugel)[V],(baan)[N])[N]
beugelen	(beugel)[V]
beugelfles	((beugel)[N],(fles)[N])[N]
beugelnet	((beugel)[N],(net)[N])[N]
beugelschaaf	((beugel)[N],(schaaf)[N])[N]
beugelsluiting	((beugel)[N],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beugelspel	((beugel)[N],(spel)[N])[N]
beugeltas	((beugel)[N],(tas)[N])[N]
beugelvast	((beugel)[N],(vast)[A])[A]
beugelzaag	((beugel)[N],(zaag)[N])[N]
beugen	(beug)[V]
beuglijn	((beug)[N],(lijn)[N])[N]
beugvaart	((beug)[V],(vaart)[N])[N]
beugvis	((beug)[N],(vis)[N])[N]
beugvisser	((beug)[N],((vis)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
beugvisserij	((beug)[N],((vis)[V],(erij)[N|V.])[N])[N]
beuk	(beuk)[N]
beukelaar	((beuk)[N],(elaar)[N|N.])[N]
beuken	((beuk)[N],(en)[N|N.])[N]
beuken	(beuk)[V]
beukenbast	((beuk)[N],(e)[N|N.N],(bast)[N])[N]
beukenblad	((beuk)[N],(e)[N|N.N],(blad)[N])[N]
beukenboom	((beuk)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
beukenbos	((beuk)[N],(en)[N|N.N],(bos)[N])[N]
beukenhaag	((beuk)[N],(en)[N|N.N],(haag)[N])[N]
beukenhout	((beuk)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
beukenhouten	(((beuk)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
beukenlaan	((beuk)[N],(en)[N|N.N],(laan)[N])[N]
beukennoot	((beuk)[N],(e)[N|N.N],(noot)[N])[N]
beukenolie	((beuk)[N],(e)[N|N.N],(olie)[N])[N]
beukenpit	((beuk)[N],(e)[N|N.N],(pit)[N])[N]
beukenschors	((beuk)[N],(e)[N|N.N],(schors)[N])[N]
beukentak	((beuk)[N],(e)[N|N.N],(tak)[N])[N]
beukenteer	((beuk)[N],(e)[N|N.N],(teer)[N])[N]
beuker	((beuk)[V],(er)[N|V.])[N]
beukhamer	((beuk)[V],(hamer)[N])[N]
beul	(beul)[N]
beulen	(beul)[V]
beulenwerk	((beul)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
beulin	((beul)[N],(in)[N|N.])[N]
beuling	((beul)[V],(ing)[N|V.])[N]
beulshanden	((beul)[N],(s)[N|N.N],(hand)[N])[N]
beulsknecht	((beul)[N],(s)[N|N.N],(knecht)[N])[N]
beulswerk	((beul)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
beun	(beun)[N]
beunhazerij	((beunhaas)[V],(erij)[N|V.])[N]
beurder	((beur)[V],(der)[N|V.])[N]
beurelen	(beurel)[V]
beuren	(beur)[V]
beuring	((beur)[V],(ing)[N|V.])[N]
beurs	(beurs)[N]
beursagent	((beurs)[N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
beursbelasting	((beurs)[N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beursbericht	((beurs)[N],(bericht)[N])[N]
beursbezoeker	((beurs)[N],((be)[V|.V],(zoek)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
beurscomité	((beurs)[N],(comité)[N])[N]
beurscondities	((beurs)[N],(conditie)[N])[N]
beursconditiën	((beurs)[N],(conditie)[N])[N]
beursdag	((beurs)[N],(dag)[N])[N]
beursgebouw	((beurs)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
beursheid	((beurs)[A],(heid)[N|A.])[N]
beursindex	((beurs)[N],(index)[N])[N]
beursklimaat	((beurs)[N],(klimaat)[N])[N]
beursklok	((beurs)[N],(klok)[N])[N]
beursnotering	((beurs)[N],(((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beursoperatie	((beurs)[N],((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
beurspolis	((beurs)[N],(polis)[N])[N]
beursprijs	((beurs)[N],(prijs)[N])[N]
beursspeculatie	((beurs)[N],((speculeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
beursspel	((beurs)[A],(spel)[N])[N]
beursstudent	((beurs)[N],((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
beurstijd	((beurs)[N],(tijd)[N])[N]
beurstikker	((beurs)[N],((tik)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
beursvakantie	((beurs)[N],(vakantie)[N])[N]
beurswaarde	((beurs)[N],(waarde)[N])[N]
beurt	(beurt)[N]
beurtgezang	((beurt)[N],((ge)[N|.N],(zang)[N])[N])[N]
beurtman	((beurt)[N],(man)[N])[N]
beurtmelder	((beurt)[N],(meld)[V],(er)[N|NV.])[N]
beurtschip	((beurt)[N],(schip)[N])[N]
beurtschipper	((beurt)[N],((schip)[N],(er)[N|N.])[N])[N]
beurtvaart	((beurt)[N],(vaart)[N])[N]
beurtveer	((beurt)[N],(veer)[N])[N]
beurtwisseling	((beurt)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
beurtzang	((beurt)[N],(zang)[N])[N]
beurzensnijder	((beurs)[N],(en)[N|N.Vx],(snijd)[V],(er)[N|NxV.])[N]
beurzig	((beurs)[A],(ig)[A|A.])[A]
beuzelaar	((beuzel)[V],(aar)[N|V.])[N]
beuzelaarster	(((beuzel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
beuzelachtig	((beuzel)[V],(achtig)[A|V.])[A]
beuzelachtigheid	(((beuzel)[V],(achtig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
beuzelarij	((beuzel)[V],(arij)[N|V.])[N]
beuzelen	(beuzel)[V]
beuzeling	((beuzel)[V],(ing)[N|V.])[N]
beuzelpraat	((beuzel)[V],(praat)[N])[N]
beuzeltaal	((beuzel)[V],(taal)[N])[N]
beuzelwerk	((beuzel)[V],(werk)[N])[N]
bevaarbaar	(((be)[V|.V],(vaar)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
bevaarbaarheid	((((be)[V|.V],(vaar)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bevallen	((be)[V|.V],(val)[V])[V]
bevallig	(((be)[V|.V],(val)[V])[V],(ig)[A|V.])[A]
bevalligheid	((((be)[V|.V],(val)[V])[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bevalling	(((be)[V|.V],(val)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevallingsverlof	((((be)[V|.V],(val)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(verlof)[N])[N]
bevangen	((be)[V|.V],(vang)[V])[V]
bevangenheid	((bevangen)[A],(heid)[N|A.])[N]
bevanging	(((be)[V|.V],(vang)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevaren	((be)[V|.V],(vaar)[V])[V]
bevattelijk	(((be)[V|.V],(vat)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
bevattelijkheid	((((be)[V|.V],(vat)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bevatten	((be)[V|.V],(vat)[V])[V]
bevatting	(((be)[V|.V],(vat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevattingsvermogen	((((be)[V|.V],(vat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
bevechten	((be)[V|.V],(vecht)[V])[V]
bevederd	((be)[A|.Nx],(veder)[N],(d)[A|xN.])[A]
beveiligen	((be)[V|.A],(veilig)[A])[V]
beveiliging	(((be)[V|.A],(veilig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
beveiligingsmaatregel	((((be)[V|.A],(veilig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
beveiligingssysteem	((((be)[V|.A],(veilig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
beveiligingsvoorschrift	((((be)[V|.A],(veilig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
bevelhebbend	((bevel)[N],(heb)[V],(end)[A|NV.])[A]
bevelhebber	((bevel)[N],(heb)[V],(er)[N|NV.])[N]
bevelhebberschap	(((bevel)[N],(heb)[V],(er)[N|NV.])[N],(schap)[N|N.])[N]
bevelsbevoegdheid	((bevel)[N],(s)[N|N.N],((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bevelschrift	((bevel)[N],(schrift)[N])[N]
bevelsstructuur	((bevel)[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
bevelstructuur	((bevel)[N],(structuur)[N])[N]
bevelvoerder	((bevel)[N],(voer)[V],(der)[N|NV.])[N]
bevelvoerend	((bevel)[N],(voer)[V],(end)[A|NV.])[A]
bevelvoering	((bevel)[N],(voer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
beven	(beef)[V]
beverbont	((bever)[N],(bont)[N])[N]
beverhaar	((bever)[N],(haar)[N])[N]
beverharen	(((bever)[N],(haar)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
beverig	((beef)[V],(erig)[A|V.])[A]
beverigheid	(((beef)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
beverjacht	((bever)[N],(jacht)[N])[N]
bevermantel	((bever)[N],(mantel)[N])[N]
beverrat	((bever)[N],(rat)[N])[N]
bevers	((bever)[N],(s)[A|N.])[A]
beverstaart	((bever)[N],(staart)[N])[N]
beverval	((bever)[N],(val)[N])[N]
bevestigen	((be)[V|.V],(vestig)[V])[V]
bevestiging	(((be)[V|.V],(vestig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevindelijk	(((be)[V|.V],(vind)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
bevindelijkheid	((((be)[V|.V],(vind)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bevinden	((be)[V|.V],(vind)[V])[V]
bevinding	(((be)[V|.V],(vind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beving	((beef)[V],(ing)[N|V.])[N]
bevingeren	((be)[V|.N],(vinger)[N])[V]
bevissen	((be)[V|.V],(vis)[V])[V]
bevitten	((be)[V|.V],(vit)[V])[V]
bevlaggen	((be)[V|.N],(vlag)[N])[V]
bevlagging	(((be)[V|.N],(vlag)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevleesd	((be)[A|.Nx],(vlees)[N],(d)[A|xN.])[A]
bevlekken	((be)[V|.N],(vlek)[N])[V]
bevlekking	(((be)[V|.N],(vlek)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevleugelen	((be)[V|.N],(vleugel)[N])[V]
bevliegen	((be)[V|.V],(vlieg)[V])[V]
bevlieging	(((be)[V|.V],(vlieg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevlijtigen	((be)[V|.A],((vlijt)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
bevloeien	((be)[V|.V],(vloei)[V])[V]
bevloeiing	(((be)[V|.V],(vloei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevloeiingskanaal	((((be)[V|.V],(vloei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kanaal)[N])[N]
bevloeiingsstelsel	((((be)[V|.V],(vloei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
bevloeiingssysteem	((((be)[V|.V],(vloei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
bevloeiingswerken	((((be)[V|.V],(vloei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
bevloeren	((be)[V|.N],(vloer)[N])[V]
bevloering	(((be)[V|.N],(vloer)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevlogenheid	((bevlogen)[A],(heid)[N|A.])[N]
bevochten	((be)[V|.N],(vocht)[N])[V]
bevochtigen	((be)[V|.A],((vocht)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
bevochtiging	(((be)[V|.A],((vocht)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevoegdheid	((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N]
bevoelen	((be)[V|.V],(voel)[V])[V]
bevolken	((be)[V|.N],(volk)[N])[V]
bevolking	(((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevolkingsaantal	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((aan)[P],(tal)[N])[N])[N]
bevolkingsaanwas	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(aanwas)[N])[N]
bevolkingsaccres	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(accres)[N])[N]
bevolkingsafname	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((af)[P],(neem)[V])[V])[N])[N]
bevolkingsbureau	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
bevolkingscategorie	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(categorie)[N])[N]
bevolkingscentrum	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
bevolkingscijfer	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cijfer)[N])[N]
bevolkingsconcentratie	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
bevolkingsdeskundige	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(deskundige)[N])[N]
bevolkingsdichtheid	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dicht)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bevolkingsdienst	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
bevolkingsexplosie	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(explosie)[N])[N]
bevolkingsgroei	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(groei)[N])[N]
bevolkingsgroep	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(groep)[N])[N]
bevolkingshelft	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(helft)[N])[N]
bevolkingsklasse	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
bevolkingslandbouw	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((land)[N],(bouw)[N])[N])[N]
bevolkingsleer	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
bevolkingsonderzoek	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(onderzoek)[N])[N]
bevolkingsontwikkeling	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bevolkingsopbouw	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(opbouw)[N])[N]
bevolkingsoverschot	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(overschot)[N])[N]
bevolkingspiramide	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(piramide)[N])[N]
bevolkingspolitiek	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(politiek)[N])[N]
bevolkingsprobleem	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
bevolkingsprognose	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(prognose)[N])[N]
bevolkingsregister	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(register)[N])[N]
bevolkingssituatie	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
bevolkingsstatistiek	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((statistisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
bevolkingsstructuur	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
bevolkingstheorie	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
bevolkingstoename	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toename)[N])[N]
bevolkingsvraagstuk	((((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
bevolktheid	((bevolkt)[A],(heid)[N|A.])[N]
bevoogder	((be)[N|.Nx],(voogd)[N],(er)[N|xN.])[N]
bevoordelen	((be)[V|.N],((voor)[B],(deel)[N])[N])[V]
bevoordeling	(((be)[V|.N],((voor)[B],(deel)[N])[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevooroordeeld	((be)[A|.Nx],((voor)[B],((oor)[N],(deel)[N])[N])[N],(d)[A|xN.])[A]
bevooroordeeldheid	(((be)[A|.Nx],((voor)[B],((oor)[N],(deel)[N])[N])[N],(d)[A|xN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bevoorraden	((be)[V|.N],(voorraad)[N])[V]
bevoorrading	(((be)[V|.N],(voorraad)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevoorradingsdienst	((((be)[V|.N],(voorraad)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
bevoorradingsmoeilijkheid	((((be)[V|.N],(voorraad)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bevoorradingsschip	((((be)[V|.N],(voorraad)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schip)[N])[N]
bevoorradingswagen	((((be)[V|.N],(voorraad)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
bevoorrechten	((be)[V|.N],((voor)[B],(recht)[N])[N])[V]
bevoorrechting	(((be)[V|.N],((voor)[B],(recht)[N])[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevorderaar	(((be)[V|.V],(vorder)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
bevorderaarster	((((be)[V|.V],(vorder)[V])[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
bevorderen	((be)[V|.V],(vorder)[V])[V]
bevordering	(((be)[V|.V],(vorder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevorderingsbrief	((((be)[V|.V],(vorder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
bevorderlijk	(((be)[V|.V],(vorder)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A]
bevrachten	((be)[V|.N],(vracht)[N])[V]
bevrachter	(((be)[V|.N],(vracht)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
bevrachting	(((be)[V|.N],(vracht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevragen	((be)[V|.V],(vraag)[V])[V]
bevredigen	((be)[V|.A],((vrede)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
bevrediging	(((be)[V|.A],((vrede)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevredigingsmogelijkheid	((((be)[V|.A],((vrede)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bevreemden	((be)[V|.A],(vreemd)[A])[V]
bevreemding	(((be)[V|.A],(vreemd)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevreesd	((be)[A|.Nx],(vrees)[N],(d)[A|xN.])[A]
bevreesdheid	(((be)[A|.Nx],(vrees)[N],(d)[A|xN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bevriend	((be)[A|.N],(vriend)[N])[A]
bevriesbaar	(((be)[V|.V],(vries)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
bevriezen	((be)[V|.V],(vries)[V])[V]
bevriezing	(((be)[V|.V],(vries)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevriezingsmethode	((((be)[V|.V],(vries)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
bevriezingstoestel	((((be)[V|.V],(vries)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toestel)[N])[N]
bevrijden	((be)[V|.V],(vrijd)[V])[V]
bevrijder	(((be)[V|.V],(vrijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bevrijding	(((be)[V|.V],(vrijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevrijdingsactie	((((be)[V|.V],(vrijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
bevrijdingsbeweging	((((be)[V|.V],(vrijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bevrijdingsdag	((((be)[V|.V],(vrijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
bevrijdingsfront	((((be)[V|.V],(vrijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(front)[N])[N]
bevrijdingsleger	((((be)[V|.V],(vrijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leger)[N])[N]
bevrijdingsoorlog	((((be)[V|.V],(vrijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(oorlog)[N])[N]
bevrijdingsoptocht	((((be)[V|.V],(vrijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(optocht)[N])[N]
bevrijdingsorganisatie	((((be)[V|.V],(vrijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
bevrijdingsproces	((((be)[V|.V],(vrijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
bevrijdingstheologie	((((be)[V|.V],(vrijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((theologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
bevrijdingstroep	((((be)[V|.V],(vrijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(troep)[N])[N]
bevruchten	((be)[V|.N],(vrucht)[N])[V]
bevruchting	(((be)[V|.N],(vrucht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bevruchtingsproef	((((be)[V|.N],(vrucht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proef)[N])[N]
bevuilen	((be)[V|.N],(vuil)[N])[V]
bewaakster	(((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
bewaarder	(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
bewaarengel	(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(engel)[N])[N]
bewaargeld	(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(geld)[N])[N]
bewaargever	(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],((geef)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
bewaargeving	(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(geef)[V],(ing)[N|VV.])[N]
bewaarheiden	((be)[V|.N],((waar)[A],(heid)[N|A.])[N])[V]
bewaarkluis	(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(kluis)[N])[N]
bewaarkool	(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(kool)[N])[N]
bewaarloon	(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(loon)[N])[N]
bewaarneming	((((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(neem)[V],(ing)[N|NV.])[N]
bewaarplaats	(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(plaats)[N])[N]
bewaarplicht	(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(plicht)[N])[N]
bewaarschool	(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(school)[N])[N]
bewaarschoolhouderes	((((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(school)[N])[N],(houd)[V],(eres)[N|NV.])[N]
bewaarschoolonderwijs	((((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(school)[N])[N],(onderwijs)[N])[N]
bewaarschoolonderwijzeres	((((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(school)[N])[N],(((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N])[N]
bewaarster	(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
bewaartermijn	(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(termijn)[N])[N]
bewaartijd	(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(tijd)[N])[N]
bewaarwijn	(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(wijn)[N])[N]
bewaasd	((be)[A|.Nx],(waas)[N],(d)[A|xN.])[A]
bewaken	((be)[V|.V],(waak)[V])[V]
bewaker	(((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bewakersfunctie	((((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
bewaking	(((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bewakingsapparatuur	((((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
bewakingsdienst	((((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
bewakingskorps	((((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(korps)[N])[N]
bewakingsmanschap	((((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(manschap)[N])[N]
bewakingspeloton	((((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(peloton)[N])[N]
bewakingssysteem	((((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
bewakingsteam	((((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(team)[N])[N]
bewakingstroep	((((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(troep)[N])[N]
bewallen	((be)[V|.N],(wal)[N])[V]
bewalling	(((be)[V|.N],(wal)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bewalmen	((be)[V|.N],(walm)[N])[V]
bewandelen	((be)[V|.V],(wandel)[V])[V]
bewapenen	((be)[V|.N],(wapen)[N])[V]
bewapening	(((be)[V|.N],(wapen)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bewapeningskwestie	((((be)[V|.N],(wapen)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kwestie)[N])[N]
bewapeningswedloop	((((be)[V|.N],(wapen)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((wed)[N],(loop)[N])[N])[N]
bewaren	((be)[V|.V],(waar)[V])[V]
bewaring	(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bewaringstermijn	((((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(termijn)[N])[N]
bewasemen	((be)[V|.N],(wasem)[N])[V]
bewassen	((be)[V|.V],(was)[V])[V]
bewassing	(((be)[V|.N],(was)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bewateren	((be)[V|.N],(water)[N])[V]
bewatering	(((be)[V|.N],(water)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
beweegbaar	((beweeg)[V],(baar)[A|V.])[A]
beweegbaarheid	(((beweeg)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
beweeggrond	((beweeg)[V],(grond)[N])[N]
beweegkracht	((beweeg)[V],(kracht)[N])[N]
beweeglijk	((beweeg)[V],(lijk)[A|V.])[A]
beweeglijkheid	(((beweeg)[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
beweegmiddel	((beweeg)[V],(middel)[N])[N]
beweegreden	((beweeg)[V],(reden)[N])[N]
beweegruimte	((beweeg)[V],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
beweger	((beweeg)[V],(er)[N|V.])[N]
beweging	((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N]
bewegingloos	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(loos)[A|N.])[A]
bewegingloosheid	((((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bewegingsactiviteit	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
bewegingsapparaat	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
bewegingsarmoede	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(armoede)[N])[N]
bewegingsbehandeling	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bewegingscel	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cel)[N])[N]
bewegingsdrang	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
bewegingsexpressie	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(expressie)[N])[N]
bewegingsfout	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fout)[N])[N]
bewegingsfunctie	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
bewegingsleer	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
bewegingsmogelijkheid	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bewegingsoefening	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bewegingsonrust	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((on)[N|.N],(rust)[N])[N])[N]
bewegingsoorlog	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(oorlog)[N])[N]
bewegingsorgaan	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
bewegingsprincipe	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(principe)[N])[N]
bewegingsritme	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ritme)[N])[N]
bewegingsruimte	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bewegingssysteem	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
bewegingstherapeut	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(therapeut)[N])[N]
bewegingstherapie	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(therapie)[N])[N]
bewegingstoestand	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
bewegingsvrijheid	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bewegingszenuw	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zenuw)[N])[N]
bewegingsziekte	(((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bewegwijzeren	((be)[V|.N],((weg)[N],((wijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[V]
beweiden	((be)[V|.V],(weid)[V])[V]
beweiding	(((be)[V|.V],(weid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bewenen	((be)[V|.V],(ween)[V])[V]
beweren	((be)[V|.V],(weer)[V])[V]
bewering	(((be)[V|.V],(weer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bewerkelijk	(((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
bewerkelijkheid	((((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bewerken	((be)[V|.V],(werk)[V])[V]
bewerker	(((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bewerking	(((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bewerkingsfase	((((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
bewerkingsmethode	((((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
bewerkstelligen	((be)[V|.A],(werkstellig)[A])[V]
bewerkstelliging	(((be)[V|.A],(werkstellig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
bewerkstelling	(((be)[V|.V],(werk)[V])[V],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bewerkster	(((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
bewerktuigd	((be)[A|.Nx],((werk)[V],(tuig)[N])[N],(d)[A|xN.])[A]
bewieroken	((be)[V|.N],(wierook)[N])[V]
bewieroker	(((be)[V|.N],(wierook)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
bewieroking	(((be)[V|.N],(wierook)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bewijsbaar	((bewijs)[V],(baar)[A|V.])[A]
bewijsbaarheid	(((bewijs)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bewijsgrond	((bewijs)[V],(grond)[N])[N]
bewijsincident	((bewijs)[V],(incident)[N])[N]
bewijskracht	((bewijs)[V],(kracht)[N])[N]
bewijslast	((bewijs)[V],(last)[N])[N]
bewijsmiddel	((bewijs)[V],(middel)[N])[N]
bewijsnummer	((bewijs)[V],(nummer)[N])[N]
bewijsplaats	((bewijs)[V],(plaats)[N])[N]
bewijsstuk	((bewijs)[V],(stuk)[N])[N]
bewijsvoering	((bewijs)[N],(voer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
bewilliging	((bewillig)[V],(ing)[N|V.])[N]
bewimpelen	((be)[V|.N],(wimpel)[N])[V]
bewimpeling	(((be)[V|.N],(wimpel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bewindhebber	((bewind)[N],(heb)[V],(er)[N|NV.])[N]
bewindsman	((bewind)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N]
bewindsperiode	((bewind)[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
bewindspersoon	((bewind)[N],(s)[N|N.N],(persoon)[N])[N]
bewindsvrouw	((bewind)[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
bewindsvrouwe	((bewind)[N],(s)[N|N.N],(vrouwe)[N])[N]
bewindvoerder	((bewind)[N],(voer)[V],(der)[N|NV.])[N]
bewindvoerster	((bewind)[N],(voer)[V],(ster)[N|NV.])[N]
bewogenheid	((bewogen)[A],(heid)[N|A.])[N]
bewolken	((be)[V|.N],(wolk)[N])[V]
bewolking	(((be)[V|.N],(wolk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bewonderaar	(((be)[V|.N],(wonder)[N])[V],(aar)[N|V.])[N]
bewonderaarster	((((be)[V|.N],(wonder)[N])[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
bewonderen	((be)[V|.N],(wonder)[N])[V]
bewonderenswaard	(((be)[V|.N],(wonder)[N])[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
bewonderenswaardig	(((be)[V|.N],(wonder)[N])[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
bewondering	(((be)[V|.N],(wonder)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bewonen	((be)[V|.V],(woon)[V])[V]
bewoner	(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bewonersorganisatie	((((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
bewonersparticipatie	((((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((participeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
bewoning	(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bewoonbaar	(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
bewoonbaarheid	((((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bewoonster	(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
bewusteloosheid	((bewusteloos)[A],(heid)[N|A.])[N]
bewustheid	((bewust)[A],(heid)[N|A.])[N]
bewustmaking	((bewust)[A],(maak)[V],(ing)[N|AV.])[N]
bewustmakingsproces	(((bewust)[A],(maak)[V],(ing)[N|AV.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
bewustwording	((bewust)[A],(word)[V],(ing)[N|AV.])[N]
bewustwordingsproces	(((bewust)[A],(word)[V],(ing)[N|AV.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
bewustzijn	((bewust)[A],(zijn)[N])[N]
bewustzijnsdaling	(((bewust)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],((daal)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bewustzijnsdrempel	(((bewust)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(drempel)[N])[N]
bewustzijnsgraad	(((bewust)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(graad)[N])[N]
bewustzijnshorizon	(((bewust)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(horizon)[N])[N]
bewustzijnsniveau	(((bewust)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
bewustzijnsproces	(((bewust)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
bewustzijnspsychologie	(((bewust)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
bewustzijnstoestand	(((bewust)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
bewustzijnsveld	(((bewust)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
bewustzijnsveranderaar	(((bewust)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.Vx],(verander)[V],(aar)[N|NxV.])[N]
bewustzijnsverandering	(((bewust)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bewustzijnsvernauwing	(((bewust)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(nauw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bewustzijnsverschijnsel	(((bewust)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
bewustzijnverruimend	(((bewust)[A],(zijn)[N])[N],((ver)[V|.A],(ruim)[A])[V],(end)[A|NV.])[A]
bezaaien	((be)[V|.V],(zaai)[V])[V]
bezaaiing	(((be)[V|.V],(zaai)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bezaansmast	((bezaan)[N],(s)[N|N.N],(mast)[N])[N]
bezaansschoot	((bezaan)[N],(s)[N|N.N],(schoot)[N])[N]
bezadigdheid	((bezadigd)[A],(heid)[N|A.])[N]
bezakken	((be)[V|.V],(zak)[V])[V]
bezanden	((be)[V|.N],(zand)[N])[V]
bezatten	((be)[V|.A],(zat)[A])[V]
bezegelen	((be)[V|.N],(zegel)[N])[V]
bezegeling	(((be)[V|.N],(zegel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bezeildheid	((bezeild)[A],(heid)[N|A.])[N]
bezeilen	((be)[V|.V],(zeil)[V])[V]
bezem	(bezem)[N]
bezembinden	((bezem)[N],(bind)[V])[V]
bezembinder	(((bezem)[N],(bind)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bezembinderij	(((bezem)[N],(bind)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
bezemboer	((bezem)[N],(boer)[N])[N]
bezemen	(bezem)[V]
bezemklas	((bezem)[N],(klas)[N])[N]
bezemkruid	((bezem)[V],(kruid)[N])[N]
bezemschoon	((bezem)[N],(schoon)[A])[A]
bezemsteel	((bezem)[N],(steel)[N])[N]
bezemstok	((bezem)[N],(stok)[N])[N]
bezemwagen	((bezem)[V],(wagen)[N])[N]
bezen	(bees)[V]
bezeren	((be)[V|.A],(zeer)[A])[V]
bezetenheid	((bezeten)[A],(heid)[N|A.])[N]
bezetsel	(((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
bezetten	((be)[V|.V],(zet)[V])[V]
bezetter	(((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bezetting	(((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bezettingsautoriteit	((((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(autoriteit)[N])[N]
bezettingsgraad	((((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(graad)[N])[N]
bezettingsjaar	((((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
bezettingskosten	((((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
bezettingsleger	((((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leger)[N])[N]
bezettingsmaatregel	((((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
bezettingsperiode	((((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
bezettingsstaking	((((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((staak)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bezettingstijd	((((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
bezettingstroepen	((((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(troep)[N])[N]
bezettingszone	((((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zone)[N])[N]
bezettoon	((bezet)[A],(toon)[N])[N]
bezeveren	((be)[V|.N],((zeef)[V],(er)[N|V.])[N])[V]
bezichtigen	((be)[V|.Nx],(zicht)[N],(ig)[V|xN.])[V]
bezichtiging	(((be)[V|.Nx],(zicht)[N],(ig)[V|xN.])[V],(ing)[N|V.])[N]
bezieldheid	((bezield)[A],(heid)[N|A.])[N]
bezielen	((be)[V|.N],(ziel)[N])[V]
bezieling	(((be)[V|.N],(ziel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bezien	((be)[V|.V],(zie)[V])[V]
bezienswaard	(((be)[V|.V],(zie)[V])[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
bezienswaardig	(((be)[V|.V],(zie)[V])[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
bezienswaardigheid	((((be)[V|.V],(zie)[V])[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
bezig	(bezig)[A]
bezigen	(bezig)[V]
bezigheid	((bezig)[A],(heid)[N|A.])[N]
bezigheidstherapeut	(((bezig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(therapeut)[N])[N]
bezigheidstherapie	(((bezig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(therapie)[N])[N]
bezighouden	((bezig)[A],(houd)[V])[V]
bezingen	((be)[V|.V],(zing)[V])[V]
bezinken	((be)[V|.V],(zink)[V])[V]
bezinking	(((be)[V|.V],(zink)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bezinkingsklas	((((be)[V|.V],(zink)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klas)[N])[N]
bezinkingsklasse	((((be)[V|.V],(zink)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
bezinkingssnelheid	((((be)[V|.V],(zink)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bezinksel	(((be)[V|.V],(zink)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
bezinnen	((be)[V|.V],(zin)[V])[V]
bezinning	(((be)[V|.V],(zin)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bezitneming	((bezit)[N],(neem)[V],(ing)[N|NV.])[N]
bezitsactie	((bezit)[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
bezitsdrang	((bezit)[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
bezitsdrift	((bezit)[N],(s)[N|N.N],(drift)[N])[N]
bezitsinstinct	((bezit)[N],(s)[N|N.N],(instinct)[N])[N]
bezitsoverdracht	((bezit)[N],(s)[N|N.N],(overdracht)[N])[N]
bezitsovergang	((bezit)[N],(s)[N|N.N],(overgang)[N])[N]
bezitsrecht	((bezit)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
bezitster	(((be)[V|.V],(zit)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
bezitsvorming	((bezit)[N],(s)[N|N.Vx],(vorm)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
bezittelijk	(((be)[V|.V],(zit)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
bezitten	((be)[V|.V],(zit)[V])[V]
bezitter	(((be)[V|.V],(zit)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bezitting	(((be)[V|.V],(zit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bezoedeling	((bezoedel)[V],(ing)[N|V.])[N]
bezoeken	((be)[V|.V],(zoek)[V])[V]
bezoeker	(((be)[V|.V],(zoek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bezoekersaantal	((((be)[V|.V],(zoek)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((aan)[P],(tal)[N])[N])[N]
bezoekersgalerij	((((be)[V|.V],(zoek)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(galerij)[N])[N]
bezoekersruimte	((((be)[V|.V],(zoek)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bezoekersvisum	((((be)[V|.V],(zoek)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(visum)[N])[N]
bezoeking	(((be)[V|.V],(zoek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bezoekrecht	(((be)[V|.V],(zoek)[V])[V],(recht)[N])[N]
bezoekregeling	(((be)[V|.V],(zoek)[V])[V],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bezoekster	(((be)[V|.V],(zoek)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
bezoektijd	(((be)[V|.V],(zoek)[V])[V],(tijd)[N])[N]
bezoekuur	(((be)[V|.V],(zoek)[V])[V],(uur)[N])[N]
bezolderen	((be)[V|.N],(zolder)[N])[V]
bezoldering	(((be)[V|.N],(zolder)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
bezoldiging	((bezoldig)[V],(ing)[N|V.])[N]
bezomen	((be)[V|.N],(zoom)[N])[V]
bezondigen	((be)[V|.A],((zonde)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
bezonkenheid	((bezonken)[A],(heid)[N|A.])[N]
bezonnenheid	((bezonnen)[A],(heid)[N|A.])[N]
bezorgd	((be)[A|.Nx],(zorg)[N],(d)[A|xN.])[A]
bezorgdheid	(((be)[A|.Nx],(zorg)[N],(d)[A|xN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bezorgen	((be)[V|.V],(zorg)[V])[V]
bezorger	(((be)[V|.V],(zorg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bezorging	(((be)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bezorgloon	(((be)[V|.V],(zorg)[V])[V],(loon)[N])[N]
bezorgster	(((be)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
bezuinigen	((be)[V|.A],(zuinig)[A])[V]
bezuiniging	(((be)[V|.A],(zuinig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
bezuinigingsbeleid	((((be)[V|.A],(zuinig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
bezuinigingsdrift	((((be)[V|.A],(zuinig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drift)[N])[N]
bezuinigingsmaatregel	((((be)[V|.A],(zuinig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
bezuinigingsoperatie	((((be)[V|.A],(zuinig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
bezuinigingswoede	((((be)[V|.A],(zuinig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(woede)[N])[N]
bezuipen	((be)[V|.V],(zuip)[V])[V]
bezuren	((be)[V|.A],(zuur)[A])[V]
bezwaardheid	((bezwaard)[A],(heid)[N|A.])[N]
bezwaarlijk	((bezwaar)[N],(lijk)[A|N.])[A]
bezwaarschrift	((bezwaar)[N],(schrift)[N])[N]
bezwaarschriftenprocedure	(((bezwaar)[N],(schrift)[N])[N],(en)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
bezwadderen	((be)[V|.N],(zwadder)[N])[V]
bezwangeren	((be)[V|.A],(zwanger)[A])[V]
bezwangering	(((be)[V|.A],(zwanger)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
bezwaren	((be)[V|.A],(zwaar)[A])[V]
bezweerder	(((be)[V|.V],(zweer)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
bezwendelen	((be)[V|.V],(zwendel)[V])[V]
bezweren	((be)[V|.V],(zweer)[V])[V]
bezwering	(((be)[V|.V],(zweer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bezweringsboek	((((be)[V|.V],(zweer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(boek)[N])[N]
bezweringsformule	((((be)[V|.V],(zweer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(formule)[N])[N]
bezweringsformulier	((((be)[V|.V],(zweer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(formulier)[N])[N]
bezweten	((be)[V|.N],(zweet)[N])[V]
bezwijmen	((be)[V|.N],(zwijm)[N])[V]
beëdigen	((be)[V|.Nx],(eed)[N],(ig)[V|xN.])[V]
beëdiging	(((be)[V|.Nx],(eed)[N],(ig)[V|xN.])[V],(ing)[N|V.])[N]
beëindigen	((be)[V|.V],(eindig)[V])[V]
beëindiging	(((be)[V|.V],(eindig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beëlzebub	(beëlzebub)[N]
beërven	((be)[V|.V],(erf)[V])[V]
beërving	(((be)[V|.V],(erf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
beïnkten	((be)[V|.N],(inkt)[N])[V]
beïnvloeden	((be)[V|.N],(invloed)[N])[V]
beïnvloeding	(((be)[V|.N],(invloed)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
beïnvloedingsmogelijkheid	((((be)[V|.N],(invloed)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
beïnvloedingsproces	((((be)[V|.N],(invloed)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
bi	(bi)[A]
bibber	(bibber)[N]
bibberen	(bibber)[V]
bibberig	((bibber)[V],(ig)[A|V.])[A]
bibbering	((bibber)[V],(ing)[N|V.])[N]
bibliobus	((biblio)[N|.N],(bus)[N])[N]
bibliofilie	((bibliofiel)[A],(ie)[N|A.])[N]
bibliografie	((bibliografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
bibliomanie	((biblio)[N|.N],((manisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
bibliothecaresse	((bibliothecaris)[N],(e)[N|N.])[N]
bibs	(bibs)[N]
bicarbonaat	((bi)[N|.N],(carbonaat)[N])[N]
biconcaaf	((bi)[A|.A],(concaaf)[A])[A]
biconvex	((bi)[A|.A],(convex)[A])[A]
bidbank	((bid)[V],(bank)[N])[N]
biddag	((bid)[V],(dag)[N])[N]
bidden	(bid)[V]
bidder	((bid)[V],(er)[N|V.])[N]
bidet	(bidet)[N]
bidgreep	((bid)[V],(greep)[N])[N]
bidkapel	((bid)[V],(kapel)[N])[N]
bidon	(bidon)[N]
bidplaats	((bid)[V],(plaats)[N])[N]
bidprentje	((bid)[V],(prent)[N])[N]
bidsnoer	((bid)[V],(snoer)[N])[N]
bidsprinkhaan	((bid)[V],(sprinkhaan)[N])[N]
bidstoel	((bid)[V],(stoel)[N])[N]
bidstond	((bid)[V],(stond)[N])[N]
biduur	((bid)[V],(uur)[N])[N]
bidvertrek	((bid)[V],(vertrek)[N])[N]
bidweek	((bid)[V],(week)[N])[N]
bidweg	((bid)[V],(weg)[N])[N]
bie	(bie)[A]
bieb	((bibliotheek)[N])[N]
biecht	(biecht)[N]
biechtbriefje	((biecht)[V],(brief)[N])[N]
biechteling	((biecht)[V],(eling)[N|V.])[N]
biechtelinge	(((biecht)[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
biechten	(biecht)[V]
biechtgeheim	((biecht)[V],(geheim)[N])[N]
biechthoren	((biecht)[V],(hoor)[V])[V]
biechtkind	((biecht)[V],(kind)[N])[N]
biechtpuntje	((biecht)[V],(punt)[N])[N]
biechtspiegel	((biecht)[V],(spiegel)[N])[N]
biechtstoel	((biecht)[V],(stoel)[N])[N]
biechtvader	((biecht)[V],(vader)[N])[N]
bieden	(bied)[V]
bieder	((bied)[V],(er)[N|V.])[N]
biedprijs	((bied)[V],(prijs)[N])[N]
biedster	((bied)[V],(ster)[N|V.])[N]
bief	(bief)[N]
biefstuksocialisme	((biefstuk)[N],(socialisme)[N])[N]
biel	(biel)[N]
biels	(biels)[N]
bielsen	((biels)[N],(en)[A|N.])[A]
bielzen	((biels)[N],(en)[A|N.])[A]
bier	(bier)[N]
bieraccijns	((bier)[N],(accijns)[N])[N]
bierazijn	((bier)[N],(azijn)[N])[N]
bierblikje	((bier)[N],(blik)[N])[N]
bierbottelarij	((bier)[N],((bottel)[V],(arij)[N|V.])[N])[N]
bierbrouwer	((bier)[N],(brouw)[V],(er)[N|NV.])[N]
bierbrouwerij	((bier)[N],(brouw)[V],(erij)[N|NV.])[N]
bierbuik	((bier)[N],(buik)[N])[N]
biercafé	((bier)[N],(café)[N])[N]
bierconsumptie	((bier)[N],(consumptie)[N])[N]
bierdrinker	((bier)[N],(drink)[V],(er)[N|NV.])[N]
bierfles	((bier)[N],(fles)[N])[N]
bierglas	((bier)[N],(glas)[N])[N]
bierhal	((bier)[N],(hal)[N])[N]
bierhuis	((bier)[N],(huis)[N])[N]
bierkaai	((bier)[N],(kaai)[N])[N]
bierkaart	((bier)[N],(kaart)[N])[N]
bierkan	((bier)[N],(kan)[N])[N]
bierkelder	((bier)[N],(kelder)[N])[N]
bierkrat	((bier)[N],(krat)[N])[N]
bierkruik	((bier)[N],(kruik)[N])[N]
bierlokaal	((bier)[N],(lokaal)[N])[N]
bierlucht	((bier)[N],(lucht)[N])[N]
bierpap	((bier)[N],(pap)[N])[N]
bierpomp	((bier)[N],(pomp)[N])[N]
bierpot	((bier)[N],(pot)[N])[N]
bierproducent	((bier)[N],((produceer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
bierpul	((bier)[N],(pul)[N])[N]
bierreclame	((bier)[N],(reclame)[N])[N]
biersoep	((bier)[N],(soep)[N])[N]
biersteker	((bier)[N],(steek)[V],(er)[N|NV.])[N]
bierstekerij	((bier)[N],(steek)[V],(erij)[N|NV.])[N]
bierstelling	((bier)[N],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
biertapperij	((bier)[N],(tap)[V],(erij)[N|NV.])[N]
bierton	((bier)[N],(ton)[N])[N]
biervat	((bier)[N],(vat)[N])[N]
bierviltje	((bier)[N],(vilt)[N])[N]
bierwacht	((bier)[N],(wacht)[N])[N]
bierwagen	((bier)[N],(wagen)[N])[N]
bies	(bies)[N]
biesbos	((bies)[N],(bos)[N])[N]
bieslint	((bies)[N],(lint)[N])[N]
bieslook	((bies)[N],(look)[N])[N]
biest	(biest)[N]
biesvormig	((bies)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
biet	(biet)[N]
bietencampagne	((biet)[N],(en)[N|N.N],(campagne)[N])[N]
bietenkroot	((biet)[N],(e)[N|N.N],(kroot)[N])[N]
bietenpap	((biet)[N],(en)[N|N.N],(pap)[N])[N]
bietensalade	((biet)[N],(en)[N|N.N],(salade)[N])[N]
bietensap	((biet)[N],(en)[N|N.N],(sap)[N])[N]
bietensoep	((biet)[N],(en)[N|N.N],(soep)[N])[N]
bietenstroop	((biet)[N],(en)[N|N.N],(stroop)[N])[N]
bietenveld	((biet)[N],(en)[N|N.N],(veld)[N])[N]
biets	(biets)[N]
bietsen	(biets)[V]
bietser	((biets)[V],(er)[N|V.])[N]
bietsuiker	((biet)[N],(suiker)[N])[N]
biezen	((bies)[N],(en)[A|N.])[A]
biezen	(bies)[V]
biezenmandje	(((bies)[N],(en)[A|N.])[A],(mand)[N])[N]
biezenmat	(((bies)[N],(en)[A|N.])[A],(mat)[N])[N]
big	(big)[N]
bigamie	((bigamisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
bigamist	(((bigamisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(ist)[N|N.])[N]
biggekruid	((big)[N],(e)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
biggelen	(biggel)[V]
biggen	(big)[V]
biggenmerk	((big)[N],(e)[N|N.N],(merk)[N])[N]
bignonia	(bignonia)[N]
bigot	(bigot)[A]
bij	(bij)[N]
bijaccent	((bij)[P],(accent)[N])[N]
bijas	((bij)[P],(as)[N])[N]
bijbaantje	((bij)[P],(baan)[N])[N]
bijbal	((bij)[P],(bal)[N])[N]
bijbank	((bij)[P],(bank)[N])[N]
bijbedoeling	((bij)[A],(((be)[V|.N],(doel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bijbegrip	((bij)[P],(begrip)[N])[N]
bijbehorend	((bij)[P],(behorend)[V])[A]
bijbel	(bijbel)[N]
bijbelbeschouwing	((bijbel)[N],((be)[V|.V],(schouw)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
bijbelblad	((bijbel)[N],(blad)[N])[N]
bijbelboek	((bijbel)[N],(boek)[N])[N]
bijbelcitaat	((bijbel)[N],((citeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
bijbelcodex	((bijbel)[N],(codex)[N])[N]
bijbelcommissie	((bijbel)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
bijbelexegese	((bijbel)[N],(exegese)[N])[N]
bijbelgedeelte	((bijbel)[N],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
bijbelgelovige	((bijbel)[N],(gelovige)[N])[N]
bijbelgenootschap	((bijbel)[N],((genoot)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
bijbelinterpretatie	((bijbel)[N],((interpreteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
bijbelkennis	((bijbel)[N],(kennis)[N])[N]
bijbelkring	((bijbel)[N],(kring)[N])[N]
bijbelkritiek	((bijbel)[N],((kritisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
bijbellezing	((bijbel)[N],(lees)[V],(ing)[N|NV.])[N]
bijbelpassage	((bijbel)[N],((passeer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
bijbelplaats	((bijbel)[N],(plaats)[N])[N]
bijbels	((bijbel)[N],(s)[A|N.])[A]
bijbelspreuk	((bijbel)[N],(spreuk)[N])[N]
bijbelstudie	((bijbel)[N],(studie)[N])[N]
bijbeltaal	((bijbel)[N],(taal)[N])[N]
bijbeltekst	((bijbel)[N],(tekst)[N])[N]
bijbelvast	((bijbel)[N],(vast)[A])[A]
bijbelverhaal	((bijbel)[N],(verhaal)[N])[N]
bijbelvers	((bijbel)[N],(vers)[N])[N]
bijbelvertaling	((bijbel)[N],((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
bijbelwetenschap	((bijbel)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
bijbelwoord	((bijbel)[N],(woord)[N])[N]
bijbenen	((bij)[P],(been)[V])[V]
bijberekenen	((bij)[P],((be)[V|.V],(reken)[V])[V])[V]
bijbetalen	((bij)[P],(betaal)[V])[V]
bijbetaling	(((bij)[P],(betaal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bijbetekenis	((bij)[P],(betekenis)[N])[N]
bijbetrekking	((bij)[P],(((be)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bijblad	((bij)[P],(blad)[N])[N]
bijblijven	((bij)[P],(blijf)[V])[V]
bijboek	((bij)[P],(boek)[N])[N]
bijboeken	((bij)[P],(boek)[V])[V]
bijbouwen	((bij)[P],(bouw)[V])[V]
bijbrengen	((bij)[P],(breng)[V])[V]
bijdehands	((bijdehand)[A],(s)[A|A.])[A]
bijdenkbeeld	((bij)[P],((denk)[V],(beeld)[N])[N])[N]
bijdoen	((bij)[P],(doe)[V])[V]
bijdokken	((bij)[P],(dok)[V])[V]
bijdraaien	((bij)[P],(draai)[V])[V]
bijdragen	((bij)[P],(draag)[V])[V]
bijdrageregeling	((bijdrage)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bijdrukken	((bij)[P],(druk)[V])[V]
bijeenbehoren	((bijeen)[B],((be)[V|.V],(hoor)[V])[V])[V]
bijeenbinden	((bijeen)[B],(bind)[V])[V]
bijeenblijven	((bijeen)[B],(blijf)[V])[V]
bijeenbrengen	((bijeen)[B],(breng)[V])[V]
bijeendrijven	((bijeen)[B],(drijf)[V])[V]
bijeengaren	((bijeen)[B],(gaar)[V])[V]
bijeenhalen	((bijeen)[B],(haal)[V])[V]
bijeenhouden	((bijeen)[B],(houd)[V])[V]
bijeenkomen	((bijeen)[B],(kom)[V])[V]
bijeenkomst	(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N]
bijeenleggen	((bijeen)[B],(leg)[V])[V]
bijeenlopen	((bijeen)[B],(loop)[V])[V]
bijeenrapen	((bijeen)[B],(raap)[V])[V]
bijeenroepen	((bijeen)[B],(roep)[V])[V]
bijeenroeping	(((bijeen)[B],(roep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bijeenscharrelen	((bijeen)[B],(scharrel)[V])[V]
bijeenschrapen	((bijeen)[B],(schraap)[V])[V]
bijeensteken	((bijeen)[B],(steek)[V])[V]
bijeentellen	((bijeen)[B],(tel)[V])[V]
bijeentrommelen	((bijeen)[B],(trommel)[V])[V]
bijeenvoegen	((bijeen)[B],(voeg)[V])[V]
bijeenvoeging	(((bijeen)[B],(voeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bijeenzetten	((bijeen)[B],(zet)[V])[V]
bijeenzijn	((bijeen)[B],(zijn)[N])[V]
bijeenzitten	((bijeen)[B],(zit)[V])[V]
bijeenzoeken	((bijeen)[B],(zoek)[V])[V]
bijenangel	((bij)[N],(e)[N|N.N],(angel)[N])[N]
bijenarend	((bij)[N],(en)[N|N.N],(arend)[N])[N]
bijenboek	((bij)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
bijenboer	((bij)[N],(en)[N|N.N],(boer)[N])[N]
bijenbrood	((bij)[N],(en)[N|N.N],(brood)[N])[N]
bijencel	((bij)[N],(e)[N|N.N],(cel)[N])[N]
bijendans	((bij)[N],(en)[N|N.N],(dans)[N])[N]
bijeneter	((bij)[N],(en)[N|N.Vx],(eet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
bijenhonig	((bij)[N],(en)[N|N.N],(honig)[N])[N]
bijenhoning	((bij)[N],(en)[N|N.N],(honing)[N])[N]
bijenhouder	((bij)[N],(en)[N|N.Vx],(houd)[V],(er)[N|NxV.])[N]
bijenkap	((bij)[N],(en)[N|N.N],(kap)[N])[N]
bijenkast	((bij)[N],(en)[N|N.N],(kast)[N])[N]
bijenkoningin	((bij)[N],(en)[N|N.N],((koning)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
bijenkorf	((bij)[N],(en)[N|N.N],(korf)[N])[N]
bijenkorfachtig	(((bij)[N],(en)[N|N.N],(korf)[N])[N],(achtig)[A|N.])[A]
bijenstal	((bij)[N],(en)[N|N.N],(stal)[N])[N]
bijentaal	((bij)[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
bijenteelt	((bij)[N],(en)[N|N.N],(teelt)[N])[N]
bijenvolk	((bij)[N],(en)[N|N.N],(volk)[N])[N]
bijenwas	((bij)[N],(en)[N|N.N],(was)[N])[N]
bijenzwerm	((bij)[N],(en)[N|N.N],(zwerm)[N])[N]
bijeten	((bij)[P],(eet)[V])[V]
bijfiguur	((bij)[P],(figuur)[N])[N]
bijgaand	((bij)[P],(gaand)[V])[A]
bijgebouw	((bij)[P],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
bijgedachte	((bij)[P],(gedachte)[N])[N]
bijgeloof	((bij)[P],(geloof)[N])[N]
bijgelovig	(((bij)[P],(geloof)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
bijgelovigheid	((((bij)[P],(geloof)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bijgeluid	((bij)[P],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
bijgenaamd	((bij)[P],(genaamd)[A])[A]
bijgerecht	((bij)[P],(gerecht)[N])[N]
bijgeven	((bij)[P],(geef)[V])[V]
bijgewas	((bij)[P],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
bijgieten	((bij)[P],(giet)[V])[V]
bijgroeien	((bij)[P],(groei)[V])[V]
bijhalen	((bij)[P],(haal)[V])[V]
bijharken	((bij)[P],(hark)[V])[V]
bijhart	((bij)[P],(hart)[N])[N]
bijhebben	((bij)[P],(heb)[V])[V]
bijhoek	((bij)[P],(hoek)[N])[N]
bijholte	((bij)[P],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bijholteontsteking	(((bij)[P],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
bijhorigheden	((bijhorig)[A],(heid)[N|A.])[N]
bijhouden	((bij)[P],(houd)[V])[V]
bijhuis	((bij)[P],(huis)[N])[N]
bijkaart	((bij)[P],(kaart)[N])[N]
bijkantoor	((bij)[P],(kantoor)[N])[N]
bijkelk	((bij)[P],(kelk)[N])[N]
bijkeuken	((bij)[P],(keuken)[N])[N]
bijklank	((bij)[P],(klank)[N])[N]
bijkleuren	((bij)[P],(kleur)[V])[V]
bijknippen	((bij)[P],(knip)[V])[V]
bijkok	((bij)[P],(kok)[N])[N]
bijkomen	((bij)[P],(kom)[V])[V]
bijkomstig	((bij)[A],((kom)[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|AN.])[A]
bijkomstigheid	(((bij)[A],((kom)[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bijkopen	((bij)[P],(koop)[V])[V]
bijkrabbelen	((bij)[P],(krabbel)[V])[V]
bijl	(bijl)[N]
bijladen	((bij)[P],(laad)[V])[V]
bijlappen	((bij)[P],(lap)[V])[V]
bijlbrief	((bijl)[N],(brief)[N])[N]
bijlbundel	((bijl)[N],(bundel)[N])[N]
bijlegbestek	(((bij)[P],(leg)[V])[V],(bestek)[N])[N]
bijleggen	((bij)[P],(leg)[V])[V]
bijlegger	(((bij)[P],(leg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bijlegging	(((bij)[P],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bijles	((bij)[P],(les)[N])[N]
bijleveren	((bij)[P],(lever)[V])[V]
bijlichten	((bij)[P],(licht)[V])[V]
bijliggen	((bij)[P],(lig)[V])[V]
bijlopen	((bij)[P],(loop)[V])[V]
bijloper	((bij)[P],(loop)[V],(er)[N|PV.])[N]
bijlslag	((bijl)[N],(slag)[N])[N]
bijltjesdag	((bijltje)[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
bijmaan	((bij)[P],(maan)[N])[N]
bijmaken	((bij)[P],(maak)[V])[V]
bijmengen	((bij)[P],(meng)[V])[V]
bijnaam	((bij)[P],(naam)[N])[N]
bijnemen	((bij)[P],(neem)[V])[V]
bijnier	((bij)[P],(nier)[N])[N]
bijniermerg	(((bij)[P],(nier)[N])[N],(merg)[N])[N]
bijnierschors	(((bij)[P],(nier)[N])[N],(schors)[N])[N]
bijnierschorshormoon	((((bij)[P],(nier)[N])[N],(schors)[N])[N],(hormoon)[N])[N]
bijnummer	((bij)[P],(nummer)[N])[N]
bijomstandigheid	((bij)[P],((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bijoogmerk	((bij)[P],(oogmerk)[N])[N]
bijoorzaak	((bij)[P],(oorzaak)[N])[N]
bijou	(bijou)[N]
bijpaard	((bij)[P],(paard)[N])[N]
bijpad	((bij)[P],(pad)[N])[N]
bijpassen	((bij)[P],(pas)[V])[V]
bijplaneet	((bij)[P],(planeet)[N])[N]
bijpleisteren	((bij)[P],(pleister)[V])[V]
bijpompen	((bij)[P],(pomp)[V])[V]
bijpraten	((bij)[P],(praat)[V])[V]
bijproduct	((bij)[P],(product)[N])[N]
bijprogramma	((bij)[P],(programma)[N])[N]
bijpunten	((bij)[P],(punt)[V])[V]
bijrijder	((bij)[P],((rijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
bijrivier	((bij)[P],(rivier)[N])[N]
bijrol	((bij)[P],(rol)[N])[N]
bijschaduw	((bij)[P],(schaduw)[N])[N]
bijschaven	((bij)[P],(schaaf)[V])[V]
bijschenken	((bij)[P],(schenk)[V])[V]
bijscherm	((bij)[P],(scherm)[N])[N]
bijschikken	((bij)[P],(schik)[V])[V]
bijschilderen	((bij)[P],(schilder)[V])[V]
bijschildklier	((bij)[P],((schild)[N],(klier)[N])[N])[N]
bijscholen	((bij)[P],(school)[V])[V]
bijscholing	(((bij)[P],(school)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bijscholingscursus	((((bij)[P],(school)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cursus)[N])[N]
bijscholingsprogramma	((((bij)[P],(school)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
bijschrift	((bij)[P],(schrift)[N])[N]
bijschrijven	((bij)[P],(schrijf)[V])[V]
bijschrijving	(((bij)[P],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bijschuiven	((bij)[P],(schuif)[V])[V]
bijslaap	((bij)[P],(slaap)[N])[N]
bijslapen	((bij)[P],(slaap)[V])[V]
bijslepen	((bij)[P],(sleep)[V])[V]
bijslijpen	((bij)[P],(slijp)[V])[V]
bijsloffen	((bij)[P],(slof)[V])[V]
bijsluiter	((bij)[A],(sluit)[V],(er)[N|AV.])[N]
bijsmaak	((bij)[P],(smaak)[N])[N]
bijsmeden	((bij)[P],(smeed)[V])[V]
bijsmeren	((bij)[P],(smeer)[V])[V]
bijsnijden	((bij)[P],(snijd)[V])[V]
bijspelen	((bij)[P],(speel)[V])[V]
bijspijkeren	((bij)[P],(spijker)[V])[V]
bijspringen	((bij)[P],(spring)[V])[V]
bijspuiten	((bij)[P],(spuit)[V])[V]
bijstaan	((bij)[P],(sta)[V])[V]
bijstander	(((bij)[P],(sta)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bijstandsgezin	((bijstand)[N],(s)[N|N.N],(gezin)[N])[N]
bijstandsmaatschappelijk	((bijstand)[N],(s)[A|N.A],(((maat)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
bijstandsmoeder	((bijstand)[N],(s)[N|N.N],(moeder)[N])[N]
bijstandsuitkering	((bijstand)[N],(s)[N|N.N],((uitkeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bijstandsvrouw	((bijstand)[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
bijstandswet	((bijstand)[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
bijstandtrekker	((bijstand)[N],(trek)[V],(er)[N|NV.])[N]
bijsteken	((bij)[P],(steek)[V])[V]
bijstellen	((bij)[P],(stel)[V])[V]
bijstelling	(((bij)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bijstellingszin	((((bij)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zin)[N])[N]
bijster	(bijster)[A]
bijstoppen	((bij)[P],(stop)[V])[V]
bijstorten	((bij)[P],(stort)[V])[V]
bijstrijken	((bij)[P],(strijk)[V])[V]
bijsturen	((bij)[P],(stuur)[V])[V]
bijsturing	(((bij)[P],(stuur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bijt	(bijt)[N]
bijtachtig	((bijt)[V],(achtig)[A|V.])[A]
bijtanken	((bij)[P],(tank)[V])[V]
bijtekenen	((bij)[P],(teken)[V])[V]
bijtellen	((bij)[P],(tel)[V])[V]
bijten	(bijt)[V]
bijter	((bijt)[V],(er)[N|V.])[N]
bijtmiddel	((bijt)[V],(middel)[N])[N]
bijtoon	((bij)[P],(toon)[N])[N]
bijtreden	((bij)[P],(treed)[V])[V]
bijtrekken	((bij)[P],(trek)[V])[V]
bijtring	((bijt)[V],(ring)[N])[N]
bijvak	((bij)[P],(vak)[N])[N]
bijvallen	((bij)[P],(val)[V])[V]
bijvalsbetuiging	((bijval)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(tuig)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
bijveld	((bij)[P],(veld)[N])[N]
bijverdienen	((bij)[P],(verdien)[V])[V]
bijverdienste	((bij)[P],((verdien)[V],(ste)[N|V.])[N])[N]
bijverlichting	((bij)[P],(((ver)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bijverschijnsel	((bij)[P],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
bijvertrek	((bij)[P],(vertrek)[N])[N]
bijverven	((bij)[P],(verf)[V])[V]
bijvijlen	((bij)[P],(vijl)[V])[V]
bijvoeding	((bij)[P],((voed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bijvoegen	((bij)[P],(voeg)[V])[V]
bijvoeging	(((bij)[P],(voeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bijvoeglijk	(((bij)[P],(voeg)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A]
bijvoegsel	(((bij)[P],(voeg)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
bijvorm	((bij)[P],(vorm)[N])[N]
bijvrouw	((bij)[P],(vrouw)[N])[N]
bijvullen	((bij)[P],(vul)[V])[V]
bijwagen	((bij)[P],(wagen)[N])[N]
bijweg	((bij)[P],(weg)[N])[N]
bijwerk	((bij)[P],(werk)[N])[N]
bijwerken	((bij)[P],(werk)[V])[V]
bijwerking	(((bij)[P],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bijwezen	((bij)[P],(wezen)[N])[N]
bijwijf	((bij)[P],(wijf)[N])[N]
bijwinnen	((bij)[P],(win)[V])[V]
bijwonen	((bij)[P],(woon)[V])[V]
bijwoner	(((bij)[P],(woon)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
bijwoning	(((bij)[P],(woon)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bijwoord	((bij)[P],(woord)[N])[N]
bijwoordelijk	(((bij)[P],(woord)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
bijzaak	((bij)[P],(zaak)[N])[N]
bijzettafel	(((bij)[P],(zet)[V])[V],(tafel)[N])[N]
bijzetten	((bij)[P],(zet)[V])[V]
bijzetting	(((bij)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
bijziend	((bij)[A],(ziend)[V])[A]
bijziendheid	(((bij)[A],(ziend)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
bijzijn	((bij)[P],(zijn)[N])[N]
bijzin	((bij)[P],(zin)[N])[N]
bijzit	((bij)[P],(zit)[N])[N]
bijzitten	((bij)[P],(zit)[V])[V]
bijzitter	((bij)[P],(zit)[V],(er)[N|PV.])[N]
bijzitterschap	(((bij)[P],(zit)[V],(er)[N|PV.])[N],(schap)[N|N.])[N]
bijzon	((bij)[P],(zon)[N])[N]
bijzonderheid	((bijzonder)[A],(heid)[N|A.])[N]
bik	(bik)[N]
bikhamer	((bik)[V],(hamer)[N])[N]
bikijzer	((bik)[V],(ijzer)[N])[N]
bikinimeisje	((bikini)[N],(meisje)[N])[N]
bikkel	(bikkel)[N]
bikkelen	(bikkel)[V]
bikkelhard	((bikkel)[N],(hard)[A])[A]
bikkelspel	((bikkel)[N],(spel)[N])[N]
bikken	(bik)[V]
bikker	((bik)[V],(er)[N|V.])[N]
biksteen	((bik)[N],(steen)[N])[N]
bil	(bil)[N]
bilabiaal	((bi)[N|.N],(labiaal)[N])[N]
bilateraal	((bi)[A|.A],(lateraal)[A])[A]
bilhamer	((bil)[V],(hamer)[N])[N]
bilijzer	((bil)[V],(ijzer)[N])[N]
bilineair	((bi)[A|.A],(lineair)[A])[A]
biljard	(biljard)[N]
biljart	(biljart)[N]
biljartbal	((biljart)[V],(bal)[N])[N]
biljartband	((biljart)[N],(band)[N])[N]
biljarten	(biljart)[V]
biljartkeu	((biljart)[V],(keu)[V])[N]
biljartlaken	((biljart)[N],(laken)[N])[N]
biljartspel	((biljart)[N],(spel)[N])[N]
biljartspeler	((biljart)[N],(speel)[V],(er)[N|NV.])[N]
biljartstok	((biljart)[V],(stok)[N])[N]
biljartzaal	((biljart)[V],(zaal)[N])[N]
billen	(bil)[V]
billenkoek	((bil)[N],(e)[N|N.N],(koek)[N])[N]
billentikker	((bil)[N],(en)[N|N.Vx],(tik)[V],(er)[N|NxV.])[N]
billenwagen	((bil)[N],(e)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
billijkheid	((billijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
bilnaad	((bil)[N],(naad)[N])[N]
bilspier	((bil)[N],(spier)[N])[N]
bilstuk	((bil)[N],(stuk)[N])[N]
bimetaal	((bi)[N|.N],(metaal)[N])[N]
bimetallisme	((bi)[N|.Nx],(metaal)[N],(isme)[N|xN.])[N]
bims	(bims)[N]
binden	(bind)[V]
binder	((bind)[V],(er)[N|V.])[N]
binderij	((bind)[V],(erij)[N|V.])[N]
bindfoneem	((bind)[V],(foneem)[N])[N]
bindgaren	((bind)[V],(garen)[N])[N]
binding	((bind)[V],(ing)[N|V.])[N]
bindingsmogelijkheid	(((bind)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bindmiddel	((bind)[V],(middel)[N])[N]
bindmorfeem	((bind)[V],(morfeem)[N])[N]
bindrijs	((bind)[V],(rijs)[N])[N]
bindsel	((bind)[V],(sel)[N|V.])[N]
bindsteen	((bind)[V],(steen)[N])[N]
bindster	((bind)[V],(ster)[N|V.])[N]
bindtouw	((bind)[V],(touw)[N])[N]
bindvlies	((bind)[V],(vlies)[N])[N]
bindvocaal	((bind)[V],(vocaal)[N])[N]
bindweefsel	((bind)[V],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
bindweefselmassage	(((bind)[V],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N],((masseer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
bindwerk	((bind)[V],(werk)[N])[N]
bingo	(bingo)[N]
bingoavond	((bingo)[N],(avond)[N])[N]
bink	(bink)[N]
binnenbaan	((binnen)[P],(baan)[N])[N]
binnenbad	((binnen)[P],(bad)[N])[N]
binnenband	((binnen)[P],(band)[N])[N]
binnenbetimmering	((binnen)[P],(((be)[V|.V],(timmer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
binnenblad	((binnen)[P],(blad)[N])[N]
binnenbocht	((binnen)[P],(bocht)[N])[N]
binnenbouw	((binnen)[P],(bouw)[N])[N]
binnenbraak	((binnen)[P],(braak)[N])[N]
binnenbrand	((binnen)[P],(brand)[N])[N]
binnenbreken	((binnen)[P],(breek)[V])[V]
binnenbrengen	((binnen)[P],(breng)[V])[V]
binnendeur	((binnen)[P],(deur)[N])[N]
binnendienst	((binnen)[P],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
binnendijk	((binnen)[P],(dijk)[N])[N]
binnendijks	(((binnen)[P],(dijk)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
binnendraad	((binnen)[P],(draad)[N])[N]
binnendragen	((binnen)[P],(draag)[V])[V]
binnendringen	((binnen)[P],(dring)[V])[V]
binnendringer	(((binnen)[P],(dring)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
binnendruppelen	((binnen)[P],(druppel)[V])[V]
binnenduin	((binnen)[P],(duin)[N])[N]
binnengaan	((binnen)[P],(ga)[V])[V]
binnengalerij	((binnen)[P],(galerij)[N])[N]
binnenglippen	((binnen)[P],(glip)[V])[V]
binnengrens	((binnen)[P],(grens)[N])[N]
binnenhalen	((binnen)[P],(haal)[V])[V]
binnenhandel	((binnen)[P],(handel)[N])[N]
binnenhaven	((binnen)[P],(haven)[N])[N]
binnenhoek	((binnen)[P],(hoek)[N])[N]
binnenhof	((binnen)[P],(hof)[N])[N]
binnenhouden	((binnen)[P],(houd)[V])[V]
binnenhuis	((binnen)[P],(huis)[N])[N]
binnenhuisarchitect	(((binnen)[P],(huis)[N])[N],(architect)[N])[N]
binnenhuisarchitecte	((((binnen)[P],(huis)[N])[N],(architect)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
binnenhuisarchitectuur	(((binnen)[P],(huis)[N])[N],(architectuur)[N])[N]
binnenkamer	((binnen)[P],(kamer)[N])[N]
binnenkant	((binnen)[P],(kant)[N])[N]
binnenkomen	((binnen)[P],(kom)[V])[V]
binnenkomst	(((binnen)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N]
binnenkrijgen	((binnen)[P],(krijg)[V])[V]
binnenkruipen	((binnen)[P],(kruip)[V])[V]
binnenlaag	((binnen)[P],(laag)[N])[N]
binnenland	((binnen)[P],(land)[N])[N]
binnenlander	(((binnen)[P],(land)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
binnenlands	(((binnen)[P],(land)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
binnenlaten	((binnen)[P],(laat)[V])[V]
binnenleiden	((binnen)[P],(leid)[V])[V]
binnenleiding	((binnen)[P],((leid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
binnenlijn	((binnen)[P],(lijn)[N])[N]
binnenlokken	((binnen)[P],(lok)[V])[V]
binnenloods	((binnen)[P],(loods)[N])[N]
binnenloodsen	((binnen)[P],(loods)[V])[V]
binnenlopen	((binnen)[P],(loop)[V])[V]
binnenmaat	((binnen)[P],(maat)[N])[N]
binnenmeid	((binnen)[P],(meid)[N])[N]
binnenmeisje	((binnen)[P],(meisje)[N])[N]
binnenmoeder	((binnen)[P],(moeder)[N])[N]
binnenmuur	((binnen)[P],(muur)[N])[N]
binnenoor	((binnen)[P],(oor)[N])[N]
binnenopname	((binnen)[P],(opname)[N])[N]
binnenpad	((binnen)[P],(pad)[N])[N]
binnenpagina	((binnen)[P],(pagina)[N])[N]
binnenplaats	((binnen)[P],(plaats)[N])[N]
binnenplein	((binnen)[P],(plein)[N])[N]
binnenpolder	((binnen)[P],(polder)[N])[N]
binnenpraten	((binnen)[P],(praat)[V])[V]
binnenpretje	((binnen)[P],(pret)[N])[N]
binnenrijm	((binnen)[P],(rijm)[N])[N]
binnenroepen	((binnen)[P],(roep)[V])[V]
binnenruimte	((binnen)[P],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
binnenrukken	((binnen)[P],(ruk)[V])[V]
binnenscheepvaart	((binnen)[P],((schip)[N],(vaart)[N])[N])[N]
binnenschip	((binnen)[P],(schip)[N])[N]
binnenschipper	((binnen)[B],((schip)[N],(er)[N|N.])[N])[N]
binnenschrijden	((binnen)[P],(schrijd)[V])[V]
binnensluipen	((binnen)[P],(sluip)[V])[V]
binnensluis	((binnen)[P],(sluis)[N])[N]
binnensmokkelen	((binnen)[P],(smokkel)[V])[V]
binnenspelen	((binnen)[P],(speel)[V])[V]
binnenspeler	((binnen)[B],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
binnenspiegel	((binnen)[P],(spiegel)[N])[N]
binnensport	((binnen)[P],(sport)[N])[N]
binnenstad	((binnen)[P],(stad)[N])[N]
binnenstappen	((binnen)[P],(stap)[V])[V]
binnenstomen	((binnen)[P],(stoom)[V])[V]
binnenstormen	((binnen)[P],(storm)[V])[V]
binnenstromen	((binnen)[P],(stroom)[V])[V]
binnenstuiven	((binnen)[P],(stuif)[V])[V]
binnentreden	((binnen)[P],(treed)[V])[V]
binnentrekken	((binnen)[P],(trek)[V])[V]
binnenvaart	((binnen)[P],(vaart)[N])[N]
binnenvaartuig	((binnen)[P],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
binnenvader	((binnen)[P],(vader)[N])[N]
binnenvallen	((binnen)[P],(val)[V])[V]
binnenveld	((binnen)[P],(veld)[N])[N]
binnenvelder	(((binnen)[P],(veld)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
binnenverlichting	((binnen)[P],(((ver)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
binnenvertrek	((binnen)[P],(vertrek)[N])[N]
binnenvet	((binnen)[P],(vet)[N])[N]
binnenvetter	(((binnen)[P],(vet)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
binnenvisser	((binnen)[B],((vis)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
binnenvisserij	((binnen)[P],((vis)[V],(erij)[N|V.])[N])[N]
binnenvliegen	((binnen)[P],(vlieg)[V])[V]
binnenwaard	((binnen)[P],(waard)[N])[N]
binnenwaarts	((binnen)[B],(waarts)[A|B.])[A]
binnenwacht	((binnen)[P],(wacht)[N])[N]
binnenwater	((binnen)[P],(water)[N])[N]
binnenweg	((binnen)[P],(weg)[N])[N]
binnenwerk	((binnen)[P],(werk)[N])[N]
binnenwerks	((binnen)[P],(werk)[N],(s)[A|PN.])[A]
binnenwippen	((binnen)[P],(wip)[V])[V]
binnenzak	((binnen)[P],(zak)[N])[N]
binnenzee	((binnen)[P],(zee)[N])[N]
binnenzij	((binnen)[P],(zij)[N])[N]
binnenzijde	((binnen)[P],(zijde)[N])[N]
binnenzool	((binnen)[P],(zool)[N])[N]
binominaal	((bi)[A|.A],((nomen)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
bint	(bint)[N]
bintbalk	((bint)[N],(balk)[N])[N]
bintje	(bint)[N]
bintlaag	((bint)[N],(laag)[N])[N]
bio-energetica	((bio)[N|.N],(energetica)[N])[N]
bio-energie	((bio)[N|.N],(energie)[N])[N]
bio-industrie	((bio)[N|.N],(industrie)[N])[N]
biochemicus	((bio)[N|.N],(chemicus)[N])[N]
biochemie	((bio)[N|.N],((chemisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
biofysica	((bio)[N|.N],(fysica)[N])[N]
biofysicus	((bio)[N|.N],(fysicus)[N])[N]
biogas	((bio)[N|.N],(gas)[N])[N]
biogasgenerator	(((bio)[N|.N],(gas)[N])[N],(genereer)[V],(ator)[N|NV.])[N]
biogenesis	((bio)[N|.N],(genesis)[N])[N]
biogenetisch	((bio)[A|.A],((genese)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
biogeografie	((bio)[N|.N],((geografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
biografe	((biograaf)[N],(e)[N|N.])[N]
biografie	((biografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
biologe	((bioloog)[N],(e)[N|N.])[N]
biologie	((biologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
biologiestudent	(((biologisch)[A],(ie)[N|A.])[N],((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
biologiestudie	(((biologisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(studie)[N])[N]
biologiewinkel	(((biologisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(winkel)[N])[N]
biologisch-dynamisch	((biologisch)[A],(dynamisch)[A])[A]
bioluminescentie	((bio)[N|.N],((luminescent)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
biomassa	((bio)[N|.N],(massa)[N])[N]
biomathematica	((bio)[N|.N],(mathematica)[N])[N]
biomechanica	((bio)[N|.N],(mechanica)[N])[N]
biomechanisch	((bio)[A|.A],(mechanisch)[A])[A]
biomedisch	((bio)[A|.A],(medisch)[A])[A]
biometeorologie	((bio)[N|.N],((meteorologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
bioritme	((bio)[N|.N],(ritme)[N])[N]
bioritmiek	((bio)[N|.N],(((ritme)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
bios	((bioscoop)[N])[N]
bioscoopbedrijf	((bioscoop)[N],(bedrijf)[N])[N]
bioscoopbezoek	((bioscoop)[N],(bezoek)[N])[N]
bioscoopbon	((bioscoop)[N],(bon)[N])[N]
bioscoopbond	((bioscoop)[N],(bond)[N])[N]
bioscoopexploitant	((bioscoop)[N],((exploiteer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
bioscoopfilm	((bioscoop)[N],(film)[N])[N]
bioscoophouder	((bioscoop)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
bioscoopjournaal	((bioscoop)[N],(journaal)[N])[N]
bioscoopreclame	((bioscoop)[N],(reclame)[N])[N]
bioscooptheater	((bioscoop)[N],(theater)[N])[N]
bioscoopvoorstelling	((bioscoop)[N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bioscoopzaal	((bioscoop)[N],(zaal)[N])[N]
biosfeer	((bio)[N|.N],(sfeer)[N])[N]
biotechniek	((bio)[N|.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
biotechnologie	((bio)[N|.N],((technologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
biowetenschap	((bio)[N|.N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
bips	(bips)[N]
biradiaal	((bi)[A|.A],(radiaal)[A])[A]
bis	(bis)[N]
biscuit	(biscuit)[N]
biscuitblik	((biscuit)[N],(blik)[N])[N]
biseks	((bi)[A|.N],(seks)[N])[A]
biseksualiteit	((bi)[N|.N],(((seks)[N],(ueel)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
biseksueel	((bi)[A|.A],((seks)[N],(ueel)[A|N.])[A])[A]
bismut	(bismut)[N]
bisschoppelijk	((bisschop)[N],(elijk)[A|N.])[A]
bisschoppencollege	((bisschop)[N],(en)[N|N.N],(college)[N])[N]
bisschoppenconferentie	((bisschop)[N],(en)[N|N.N],((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
bisschoppensynode	((bisschop)[N],(en)[N|N.N],(synode)[N])[N]
bisschopsambt	((bisschop)[N],(s)[N|N.N],(ambt)[N])[N]
bisschopshoed	((bisschop)[N],(s)[N|N.N],(hoed)[N])[N]
bisschopskeuze	((bisschop)[N],(s)[N|N.N],(keuze)[N])[N]
bisschopsmijter	((bisschop)[N],(s)[N|N.N],(mijter)[N])[N]
bisschopsring	((bisschop)[N],(s)[N|N.N],(ring)[N])[N]
bisschopsstad	((bisschop)[N],(s)[N|N.N],(stad)[N])[N]
bisschopsstaf	((bisschop)[N],(s)[N|N.N],(staf)[N])[N]
bisschopsstoel	((bisschop)[N],(s)[N|N.N],(stoel)[N])[N]
bisschopssynode	((bisschop)[N],(s)[N|N.N],(synode)[N])[N]
bisschopstroon	((bisschop)[N],(s)[N|N.N],(troon)[N])[N]
bisschopswijding	((bisschop)[N],(s)[N|N.Vx],(wijd)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
bisschopswijn	((bisschop)[N],(s)[N|N.N],(wijn)[N])[N]
bisschopszetel	((bisschop)[N],(s)[N|N.N],(zetel)[N])[N]
bisschopwijn	((bisschop)[N],(wijn)[N])[N]
bisseren	((bis)[B],(eer)[V|B.])[V]
bister	(bister)[N]
bit	(bit)[N]
bits	(bits)[A]
bitsheid	((bits)[A],(heid)[N|A.])[N]
bitsig	((bits)[A],(ig)[A|A.])[A]
bitsigheid	(((bits)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bitter	(bitter)[N]
bitterachtig	((bitter)[A],(achtig)[A|A.])[A]
bitterappel	((bitter)[A],(appel)[N])[N]
bitterbal	((bitter)[A],(bal)[N])[N]
bitteren	(bitter)[V]
bitterfles	((bitter)[N],(fles)[N])[N]
bittergarnituur	((bitter)[V],(garnituur)[N])[N]
bitterheid	((bitter)[A],(heid)[N|A.])[N]
bitterkaraf	((bitter)[N],(karaf)[N])[N]
bitterkers	((bitter)[A],(kers)[N])[N]
bitterkoekje	((bitter)[A],(koek)[N])[N]
bitterkoekjespudding	((bitterkoekje)[N],(s)[N|N.N],(pudding)[N])[N]
bitterkruid	((bitter)[A],(kruid)[N])[N]
bitterlijk	((bitter)[N],(lijk)[A|N.])[A]
bitterpraatje	((bitter)[V],(praat)[N])[N]
bittertafel	((bitter)[V],(tafel)[N])[N]
bitteruur	((bitter)[V],(uur)[N|V.])[N]
bitterwater	((bitter)[A],(water)[N])[N]
bitterzoet	((bitter)[A],(zoet)[N])[N]
bitterzout	((bitter)[A],(zout)[N])[N]
bitumen	(bitumen)[N]
bitumineren	((bitumen)[N],(eer)[V|N.])[V]
bivak	(bivak)[N]
bivakkeren	((bivak)[N],(eer)[V|N.])[V]
bivakmuts	((bivak)[N],(muts)[N])[N]
bivakvuur	((bivak)[N],(vuur)[N])[N]
bizar	(bizar)[A]
bizon	(bizon)[N]
biënnale	(biënnale)[N]
blaag	(blaag)[N]
blaam	(blaam)[N]
blaar	(blaar)[N]
blaarkop	((blaar)[N],(kop)[N])[N]
blaartrekkend	((blaar)[N],(trek)[V],(end)[A|NV.])[A]
blaas	(blaas)[N]
blaasbalg	((blaas)[V],(balg)[N])[N]
blaasbalgtrekker	(((blaas)[V],(balg)[N])[N],(trek)[V],(er)[N|NV.])[N]
blaashoorn	((blaas)[V],(hoorn)[N])[N]
blaashoren	((blaas)[V],(horen)[N])[N]
blaasinstrument	((blaas)[V],(instrument)[N])[N]
blaasjeskruid	((blaasje)[N],(s)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
blaaskaak	((blaas)[N],(kaak)[N])[N]
blaaskakerij	(((blaas)[N],(kaak)[N])[N],(erij)[N|N.])[N]
blaaskapel	((blaas)[V],(kapel)[N])[N]
blaaskwartet	((blaas)[V],(kwartet)[N])[N]
blaasmuziek	((blaas)[V],(muziek)[N])[N]
blaasontsteking	((blaas)[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
blaasorkest	((blaas)[V],(orkest)[N])[N]
blaaspijp	((blaas)[V],(pijp)[N])[N]
blaaspoot	((blaas)[N],(poot)[N])[N]
blaasproef	((blaas)[V],(proef)[N])[N]
blaasroer	((blaas)[V],(roer)[N])[N]
blaassteen	((blaas)[N],(steen)[N])[N]
blaasvlam	((blaas)[V],(vlam)[N])[N]
blaasvormig	((blaas)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
blaaswerk	((blaas)[V],(werk)[N])[N]
blaaswerktuig	((blaas)[V],((werk)[V],(tuig)[N])[N])[N]
blaaswier	((blaas)[N],(wier)[N])[N]
blaasworm	((blaas)[N],(worm)[N])[N]
blad	(blad)[N]
bladaaltje	((blad)[N],(aal)[N])[N]
bladaarde	((blad)[N],(aarde)[N])[N]
bladachtig	((blad)[N],(achtig)[A|N.])[A]
bladader	((blad)[N],(ader)[N])[N]
bladbegonia	((blad)[N],(begonia)[N])[N]
bladcactus	((blad)[N],(cactus)[N])[N]
bladdeeg	((blad)[N],(deeg)[N])[N]
bladder	(bladder)[N]
bladderen	(bladder)[V]
bladderig	((bladder)[N],(ig)[A|N.])[A]
bladerdak	((blad)[N],(dak)[N])[N]
bladerdeeg	((blader)[V],(deeg)[N])[N]
bladerdos	((blad)[N],(dos)[N])[N]
bladerig	((blader)[V],(ig)[A|V.])[A]
bladerkrans	((blad)[N],(krans)[N])[N]
bladerloos	((blad)[N],(loos)[A|N.])[A]
bladerrijk	((blad)[N],(rijk)[A|N.])[A]
bladeter	((blad)[N],(eet)[V],(er)[N|NV.])[N]
bladgeel	((blad)[N],(geel)[N])[N]
bladgoud	((blad)[N],(goud)[N])[N]
bladgroen	((blad)[N],(groen)[N])[N]
bladgroente	((blad)[N],((groen)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bladgrond	((blad)[N],(grond)[N])[N]
bladhark	((blad)[N],(hark)[N])[N]
bladhout	((blad)[N],(hout)[N])[N]
bladig	((blad)[N],(ig)[A|N.])[A]
bladijzer	((blad)[N],(ijzer)[N])[N]
bladkever	((blad)[N],(kever)[N])[N]
bladkleurstof	((blad)[N],((kleur)[V],(stof)[N])[N])[N]
bladknop	((blad)[N],(knop)[N])[N]
bladkoper	((blad)[N],(koper)[N])[N]
bladlood	((blad)[N],(lood)[N])[N]
bladluis	((blad)[N],(luis)[N])[N]
bladmaag	((blad)[N],(maag)[N])[N]
bladmetaal	((blad)[N],(metaal)[N])[N]
bladmineerder	((blad)[N],(mineer)[V],(der)[N|NV.])[N]
bladmoes	((blad)[N],(moes)[N])[N]
bladmos	((blad)[N],(mos)[N])[N]
bladmotief	((blad)[N],(motief)[N])[N]
bladmuziek	((blad)[N],(muziek)[N])[N]
bladnerf	((blad)[N],(nerf)[N])[N]
bladneus	((blad)[N],(neus)[N])[N]
bladoksel	((blad)[N],(oksel)[N])[N]
bladplant	((blad)[N],(plant)[N])[N]
bladroller	((blad)[N],(rol)[V],(er)[N|NV.])[N]
bladrozet	((blad)[N],(rozet)[N])[N]
bladschede	((blad)[N],(schede)[N])[N]
bladschijf	((blad)[N],(schijf)[N])[N]
bladschikking	((blad)[N],((schik)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bladselderij	((blad)[N],(selderij)[N])[N]
bladskelet	((blad)[N],(skelet)[N])[N]
bladspiegel	((blad)[N],(spiegel)[N])[N]
bladsprietig	((blad)[N],(spriet)[N],(ig)[A|NN.])[A]
bladstand	((blad)[N],(stand)[N])[N]
bladsteel	((blad)[N],(steel)[N])[N]
bladstil	((blad)[N],(stil)[A])[A]
bladtin	((blad)[N],(tin)[N])[N]
bladverliezend	((blad)[N],(verlies)[V],(end)[A|NV.])[A]
bladversiering	((blad)[N],(((ver)[V|.V],(sier)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bladvezel	((blad)[N],(vezel)[N])[N]
bladvorm	((blad)[N],(vorm)[N])[N]
bladvulling	((blad)[N],(vul)[V],(ing)[N|NV.])[N]
bladwesp	((blad)[N],(wesp)[N])[N]
bladwijzer	((blad)[N],(wijs)[V],(er)[N|NV.])[N]
bladziekte	((blad)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bladzij	((blad)[N],(zij)[N])[N]
bladzijde	((blad)[N],(zijde)[N])[N]
blaf	(blaf)[N]
blaffen	(blaf)[V]
blaffer	((blaf)[V],(er)[N|V.])[N]
blafhoest	((blaf)[V],(hoest)[N])[N]
blak	(blak)[A]
blaken	(blaak)[V]
blaker	((blaak)[V],(er)[N|V.])[N]
blakstil	((blak)[A],(stil)[A])[A]
blamage	(((blaam)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N]
blameren	((blaam)[N],(eer)[V|N.])[V]
blancheren	((blank)[A],(eer)[V|A.])[V]
blancoaandeel	((blanco)[A],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
blancokrediet	((blanco)[A],(krediet)[N])[N]
blancovolmacht	((blanco)[A],((vol)[A],(macht)[N])[N])[N]
blanda	(blanda)[N]
blank	(blank)[A]
blanketsel	((blanket)[V],(sel)[N|V.])[N]
blankheid	((blank)[A],(heid)[N|A.])[N]
blankhouten	((blank)[A],(hout)[N],(en)[A|AN.])[A]
blankvoorn	((blank)[A],(voorn)[N])[N]
blankvoren	((blank)[A],(voren)[N])[N]
blankwerk	((blank)[A],(werk)[N])[N]
blaren	(blaar)[V]
blasfemeren	(((blasfemisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(eer)[V|N.])[V]
blasfemie	((blasfemisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
blasé	(blasé)[A]
blaten	(blaat)[V]
blauw	(blauw)[N]
blauwachtig	((blauw)[A],(achtig)[A|A.])[A]
blauwbaard	((blauw)[A],(baard)[N])[N]
blauwbillen	((blauw)[A],(bil)[N])[N]
blauwblauw	((blauw)[A],(blauw)[A])[A]
blauwboek	((blauw)[A],(boek)[N])[N]
blauwbok	((blauw)[A],(bok)[N])[N]
blauwborstje	((blauw)[A],(borst)[N])[N]
blauwdruk	((blauw)[A],(druk)[N])[N]
blauwen	(blauw)[V]
blauweregen	((blauw)[N],(e)[N|N.N],(regen)[N])[N]
blauwfilter	((blauw)[A],(filter)[N])[N]
blauwgrijs	((blauw)[A],(grijs)[A])[A]
blauwheid	((blauw)[A],(heid)[N|A.])[N]
blauwkeeltje	((blauw)[A],(keel)[N])[N]
blauwkiel	((blauw)[A],(kiel)[N])[N]
blauwkleurig	((blauw)[A],(kleur)[N],(ig)[A|AN.])[A]
blauwkous	((blauw)[N],(kous)[N])[N]
blauwlakens	((blauw)[A],(laken)[N],(s)[A|AN.])[A]
blauwogig	((blauw)[A],(oog)[N],(ig)[A|AN.])[A]
blauwpaars	((blauw)[N],(paars)[A])[A]
blauwsel	((blauw)[V],(sel)[N|V.])[N]
blauwseldotje	(((blauw)[V],(sel)[N|V.])[N],(dot)[N])[N]
blauwselwater	(((blauw)[V],(sel)[N|V.])[N],(water)[N])[N]
blauwtje	((blauw)[A],(tje)[N|A.])[N]
blauwverven	((blauw)[A],(verf)[V])[V]
blauwvoet	((blauw)[A],(voet)[N])[N]
blauwvoeterij	(((blauw)[A],(voet)[N])[N],(erij)[N|N.])[N]
blauwwier	((blauw)[A],(wier)[N])[N]
blauwzijden	((blauw)[A],(zijde)[N],(en)[A|AN.])[A]
blauwzuur	((blauw)[A],(zuur)[N])[N]
blauwzwart	((blauw)[A],(zwart)[A])[A]
blazen	(blaas)[V]
blazer	((blaas)[V],(er)[N|V.])[N]
blazoen	(blazoen)[N]
bleek	(bleek)[N]
bleekachtig	((bleek)[A],(achtig)[A|A.])[A]
bleekblauw	((bleek)[A],(blauw)[A])[A]
bleekgezicht	((bleek)[A],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
bleekgoed	((bleek)[V],(goed)[N])[N]
bleekheid	((bleek)[A],(heid)[N|A.])[N]
bleekmiddel	((bleek)[V],(middel)[N])[N]
bleekneus	((bleek)[A],(neus)[N])[N]
bleekpoeder	((bleek)[A],(poeder)[N])[N]
bleekpoeier	((bleek)[A],(poeier)[N])[N]
bleekscheet	((bleek)[A],(scheet)[N])[N]
bleekselderie	((bleek)[A],(selderie)[N])[N]
bleekselderij	((bleek)[A],(selderij)[N])[N]
bleekselderijsalade	(((bleek)[A],(selderij)[N])[N],(salade)[N])[N]
bleekster	((bleek)[V],(ster)[N|V.])[N]
bleekveld	((bleek)[V],(veld)[N])[N]
bleekwater	((bleek)[V],(water)[N])[N]
bleekziekte	((bleek)[A],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bleekzucht	((bleek)[A],(zucht)[N])[N]
bleekzuchtig	(((bleek)[A],(zucht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
blees	(blees)[N]
bleeswerk	((blees)[N],(werk)[N])[N]
blei	(blei)[N]
blein	(blein)[N]
bleken	(bleek)[V]
bleker	((bleek)[V],(er)[N|V.])[N]
blekerij	((bleek)[V],(erij)[N|V.])[N]
blekersbaas	(((bleek)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(baas)[N])[N]
blekhout	((blek)[V],(hout)[N])[N]
blekken	(blek)[V]
bles	(bles)[N]
blespaard	((bles)[N],(paard)[N])[N]
blessuretijd	((blessure)[N],(tijd)[N])[N]
blessuur	((blesseer)[V],(uur)[N|V.])[N]
bleten	(bleet)[V]
bleu	(bleu)[N]
bleuheid	((bleu)[A],(heid)[N|A.])[N]
bliek	(bliek)[N]
blieven	(blief)[V]
blij	(blij)[A]
blijde	(blijde)[N]
blijeindend	((blij)[A],(eind)[V],(end)[A|AV.])[A]
blijeindigend	((blij)[A],(eindig)[V],(end)[A|AV.])[A]
blijgeestig	((blij)[A],(geest)[N],(ig)[A|AN.])[A]
blijgeestigheid	(((blij)[A],(geest)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
blijheid	((blij)[A],(heid)[N|A.])[N]
blijk	(blijk)[N]
blijkbaarheid	((blijkbaar)[A],(heid)[N|A.])[N]
blijken	(blijk)[V]
blijmare	((blij)[A],(mare)[N])[N]
blijmoedig	((blij)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
blijmoedigheid	(((blij)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
blijspel	((blij)[A],(spel)[N])[N]
blijspeldichter	(((blij)[A],(spel)[N])[N],(dicht)[V],(er)[N|NV.])[N]
blijven	(blijf)[V]
blijver	((blijf)[V],(er)[N|V.])[N]
blik	(blik)[N]
blikachtig	((blik)[N],(achtig)[A|N.])[A]
blikconserven	((blik)[N],(conserve)[N])[N]
blikgroente	((blik)[N],((groen)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
blikje	(blik)[N]
blikjesmes	((blik)[N],(s)[N|N.N],(mes)[N])[N]
blikjesvlees	((blik)[N],(s)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
blikken	((blik)[N],(en)[A|N.])[A]
blikken	(blik)[V]
blikkeren	(blikker)[V]
blikkerig	((blik)[N],(erig)[A|N.])[A]
blikkering	((blikker)[V],(ing)[N|V.])[N]
blikogen	((blik)[N],(oog)[V])[V]
blikopener	((blik)[N],((open)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
blikschaar	((blik)[N],(schaar)[N])[N]
blikschade	((blik)[N],(schade)[N])[N]
bliksem	(bliksem)[N]
bliksemactie	((bliksem)[N],(actie)[N])[N]
bliksemafleider	((bliksem)[N],((af)[P],(leid)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
bliksembezoek	((bliksem)[N],(bezoek)[N])[N]
bliksemcarrière	((bliksem)[N],(carrière)[N])[N]
bliksemen	(bliksem)[V]
bliksemflits	((bliksem)[N],(flits)[N])[N]
bliksemgevaar	((bliksem)[V],(gevaar)[N])[N]
blikseminslag	((bliksem)[N],(inslag)[N])[N]
bliksemlicht	((bliksem)[V],(licht)[N])[N]
bliksemoorlog	((bliksem)[N],(oorlog)[N])[N]
bliksemoperatie	((bliksem)[N],((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
bliksems	((bliksem)[N],(s)[A|N.])[A]
bliksemschade	((bliksem)[V],(schade)[N])[N]
bliksemschicht	((bliksem)[N],(schicht)[N])[N]
bliksemslag	((bliksem)[N],(slag)[N])[N]
bliksemsnel	((bliksem)[N],(snel)[A])[A]
bliksemstraal	((bliksem)[V],(straal)[N])[N]
bliksemtrein	((bliksem)[N],(trein)[N])[N]
bliksemvuur	((bliksem)[V],(vuur)[N])[N]
blikslager	((blik)[N],(sla)[V],(er)[N|NV.])[N]
blikslagerij	((blik)[N],(sla)[V],(erij)[N|NV.])[N]
blikslagerswinkel	(((blik)[N],(sla)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
bliktanden	((blik)[N],(tand)[V])[V]
blikvanger	((blik)[N],((vang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
blikveld	((blik)[N],(veld)[N])[N]
blikvernauwing	((blik)[N],((ver)[V|.A],(nauw)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
blikverpakking	((blik)[N],(((ver)[V|.N],(pak)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
blikverruiming	((blik)[N],((ver)[V|.A],(ruim)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
blikwaren	((blik)[N],(waar)[N])[N]
blikwerk	((blik)[N],(werk)[N])[N]
blikwinkel	((blik)[N],(winkel)[N])[N]
blind	(blind)[N]
blinddoek	((blind)[V],(doek)[N])[N]
blinddruk	((blind)[A],(druk)[N])[N]
blindedarmontsteking	((blindedarm)[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
blindedarmoperatie	((blindedarm)[N],((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
blindekoe	((blind)[A],(e)[N|A.N],(koe)[N])[N]
blindeman	((blind)[A],(e)[N|A.N],(man)[N])[N]
blinden	(blind)[V]
blindenbibliotheek	((blinde)[N],(en)[N|N.N],(bibliotheek)[N])[N]
blindendruk	((blinde)[N],(en)[N|N.N],(druk)[N])[N]
blindengeleidehond	((blinde)[N],(en)[N|N.N],((geleide)[N],(hond)[N])[N])[N]
blindengeleider	((blinde)[N],(en)[N|N.Vx],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
blindengesticht	((blinde)[N],(en)[N|N.N],(gesticht)[N])[N]
blindeninstituut	((blinde)[N],(en)[N|N.N],(instituut)[N])[N]
blindenonderwijs	((blinde)[N],(en)[N|N.N],(onderwijs)[N])[N]
blindenschool	((blinde)[N],(en)[N|N.N],(school)[N])[N]
blindenschrift	((blinde)[N],(en)[N|N.N],(schrift)[N])[N]
blindenstip	((blinde)[N],(en)[N|N.N],(stip)[N])[N]
blindenstok	((blinde)[N],(en)[N|N.N],(stok)[N])[N]
blinderen	((blind)[N],(eer)[V|N.])[V]
blindering	(((blind)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
blindgeboren	((blind)[A],(geboren)[A])[A]
blindheid	((blind)[A],(heid)[N|A.])[N]
blindslang	((blind)[A],(slang)[N])[N]
blindvliegen	((blind)[A],(vlieg)[V])[V]
blindvlieger	(((blind)[A],(vlieg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
blink	(blink)[N]
blinkdoos	((blink)[V],(doos)[N])[N]
blinken	(blink)[V]
blinker	((blink)[V],(er)[N|V.])[N]
blinkerd	((blink)[V],(erd)[N|V.])[N]
blits	(blits)[N]
blitskikker	((blits)[A],(kikker)[N])[N]
blo	(blo)[A]
blocnotevel	((blocnote)[N],(vel)[N])[N]
blode	(blode)[A]
bloed	(bloed)[N]
bloedaandrang	((bloed)[N],(aandrang)[N])[N]
bloedader	((bloed)[N],(ader)[N])[N]
bloedaftapping	((bloed)[N],((af)[P],(tap)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
bloedalcoholgehalte	((bloed)[N],((alcohol)[N],(gehalte)[N])[N])[N]
bloedappel	((bloed)[N],(appel)[N])[N]
bloedarm	((bloed)[N],(arm)[A])[A]
bloedarmoede	((bloed)[N],(armoede)[N])[N]
bloedbaan	((bloed)[N],(baan)[N])[N]
bloedbad	((bloed)[V],(bad)[N])[N]
bloedband	((bloed)[N],(band)[N])[N]
bloedbank	((bloed)[N],(bank)[N])[N]
bloedbeeld	((bloed)[N],(beeld)[N])[N]
bloedbeeldverandering	(((bloed)[N],(beeld)[N])[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bloedbezinking	((bloed)[N],(((be)[V|.V],(zink)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bloedblaar	((bloed)[N],(blaar)[N])[N]
bloedblein	((bloed)[N],(blein)[N])[N]
bloedbolletje	((bloed)[N],(bol)[N])[N]
bloedbroederschap	((bloed)[N],((broeder)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
bloedcel	((bloed)[N],(cel)[N])[N]
bloeddonor	((bloed)[N],(donor)[N])[N]
bloeddoop	((bloed)[N],(doop)[N])[N]
bloeddoorlopen	((bloed)[N],(doorlopen)[V])[A]
bloeddorst	((bloed)[N],(dorst)[N])[N]
bloeddorstig	(((bloed)[N],(dorst)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
bloeddorstigheid	((((bloed)[N],(dorst)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bloeddruk	((bloed)[N],(druk)[N])[N]
bloeddrukcontrole	(((bloed)[N],(druk)[N])[N],(controle)[N])[N]
bloeddrukschommeling	(((bloed)[N],(druk)[N])[N],((schommel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bloedeigen	((bloed)[N],(eigen)[A])[A]
bloedeloos	((bloed)[N],(e)[A|N.x],(loos)[A|Nx.])[A]
bloedeloosheid	(((bloed)[N],(e)[A|N.x],(loos)[A|Nx.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bloeden	(bloed)[V]
bloeder	((bloed)[V],(er)[N|V.])[N]
bloederig	((bloed)[N],(erig)[A|N.])[A]
bloederigheid	(((bloed)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bloederziekte	((bloed)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bloedfactor	((bloed)[N],(factor)[N])[N]
bloedgeefster	((bloed)[N],(geef)[V],(ster)[N|NV.])[N]
bloedgeld	((bloed)[N],(geld)[N])[N]
bloedgetuige	((bloed)[V],(getuige)[N])[N]
bloedgever	((bloed)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N]
bloedgierig	((bloed)[N],(gierig)[A])[A]
bloedgroep	((bloed)[N],(groep)[N])[N]
bloedhond	((bloed)[N],(hond)[N])[N]
bloedig	((bloed)[N],(ig)[A|N.])[A]
bloeding	((bloed)[V],(ing)[N|V.])[N]
bloedje	(bloed)[N]
bloedkanker	((bloed)[N],(kanker)[N])[N]
bloedkleur	((bloed)[N],(kleur)[N])[N]
bloedkleurig	((bloed)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
bloedkleurstof	((bloed)[N],((kleur)[V],(stof)[N])[N])[N]
bloedkoek	((bloed)[N],(koek)[N])[N]
bloedkoraal	((bloed)[N],(koraal)[N])[N]
bloedkoralen	(((bloed)[N],(koraal)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
bloedkruid	((bloed)[N],(kruid)[N])[N]
bloedlichaampje	((bloed)[N],(lichaam)[N])[N]
bloedlink	((bloed)[N],(link)[A])[A]
bloedloogzout	((bloed)[N],((loog)[N],(zout)[N])[N])[N]
bloedluis	((bloed)[N],(luis)[N])[N]
bloedmenging	((bloed)[N],(meng)[V],(ing)[N|NV.])[N]
bloedneus	((bloed)[V],(neus)[N])[N]
bloedonderzoek	((bloed)[N],(onderzoek)[N])[N]
bloedpens	((bloed)[N],(pens)[N])[N]
bloedplaatje	((bloed)[N],(plaat)[N])[N]
bloedplakkaat	((bloed)[N],(plakkaat)[N])[N]
bloedplas	((bloed)[N],(plas)[N])[N]
bloedplasma	((bloed)[N],(plasma)[N])[N]
bloedprocessie	((bloed)[N],(processie)[N])[N]
bloedproef	((bloed)[N],(proef)[N])[N]
bloedprop	((bloed)[N],(prop)[N])[N]
bloedraad	((bloed)[N],(raad)[N])[N]
bloedrijk	((bloed)[N],(rijk)[A])[A]
bloedrood	((bloed)[N],(rood)[A])[A]
bloedschande	((bloed)[N],(schande)[N])[N]
bloedschender	((bloed)[N],(schend)[V],(er)[N|NV.])[N]
bloedschendig	((bloed)[N],(schend)[V],(ig)[A|NV.])[A]
bloedschennend	((bloed)[N],(schennend)[V])[A]
bloedschennig	((bloed)[N],(schen)[V],(ig)[A|NV.])[A]
bloedschennis	((bloed)[N],(schennis)[N])[N]
bloedschuld	((bloed)[N],(schuld)[N])[N]
bloedserum	((bloed)[N],(serum)[N])[N]
bloedsomloop	((bloed)[N],(s)[N|N.N],((om)[P],(loop)[N])[N])[N]
bloedspat	((bloed)[V],(spat)[N])[N]
bloedspiegel	((bloed)[N],(spiegel)[N])[N]
bloedspoor	((bloed)[V],(spoor)[N])[N]
bloedspuwing	((bloed)[N],(spuw)[V],(ing)[N|NV.])[N]
bloedstelpend	((bloed)[N],(stelp)[V],(end)[A|NV.])[A]
bloedstillend	((bloed)[N],(stil)[V],(end)[A|NV.])[A]
bloedstollend	((bloed)[N],(stol)[V],(end)[A|NV.])[A]
bloedstolling	((bloed)[N],((stol)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bloedstolsel	((bloed)[N],((stol)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
bloedstorting	((bloed)[N],(stort)[V],(ing)[N|NV.])[N]
bloedsuiker	((bloed)[N],(suiker)[N])[N]
bloedsuikercurve	(((bloed)[N],(suiker)[N])[N],(curve)[N])[N]
bloedsuikerspiegel	(((bloed)[N],(suiker)[N])[N],(spiegel)[N])[N]
bloedtransfusie	((bloed)[N],(transfusie)[N])[N]
bloedtransfusiedienst	(((bloed)[N],(transfusie)[N])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
bloeduitstorting	((bloed)[N],(((uit)[P],(stort)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bloedvat	((bloed)[N],(vat)[N])[N]
bloedvatenverkalking	(((bloed)[N],(vat)[N])[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.N],(kalk)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
bloedvatstelsel	(((bloed)[N],(vat)[N])[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
bloedvergieten	((bloed)[N],(vergieten)[V])[V]
bloedvergiftiging	((bloed)[N],(((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bloedverlies	((bloed)[V],(verlies)[N])[N]
bloedvernieuwing	((bloed)[N],((ver)[V|.A],(nieuw)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
bloedverversing	((bloed)[N],((ver)[V|.A],(vers)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
bloedverwant	((bloed)[N],(verwant)[N])[N]
bloedverwante	(((bloed)[N],(verwant)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
bloedverwantschap	(((bloed)[N],(verwant)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
bloedvin	((bloed)[N],(vin)[N])[N]
bloedvlag	((bloed)[N],(vlag)[N])[N]
bloedvlek	((bloed)[V],(vlek)[N])[N]
bloedvloed	((bloed)[N],(vloed)[N])[N]
bloedvloeiing	((bloed)[N],((vloei)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bloedvorming	((bloed)[N],((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bloedvrees	((bloed)[V],(vrees)[N])[N]
bloedwarm	((bloed)[N],(warm)[A])[A]
bloedwei	((bloed)[N],(wei)[N])[N]
bloedwijn	((bloed)[N],(wijn)[N])[N]
bloedworst	((bloed)[N],(worst)[N])[N]
bloedwraak	((bloed)[N],(wraak)[N])[N]
bloedziekte	((bloed)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bloedzuiger	((bloed)[N],(zuig)[V],(er)[N|NV.])[N]
bloedzuiverend	((bloed)[N],(zuiverend)[V])[A]
bloedzweer	((bloed)[N],(zweer)[N])[N]
bloei	(bloei)[N]
bloeien	(bloei)[V]
bloeier	((bloei)[V],(er)[N|V.])[N]
bloeikolf	((bloei)[V],(kolf)[N])[N]
bloeimaand	((bloei)[V],(maand)[N])[N]
bloeitijd	((bloei)[V],(tijd)[N])[N]
bloeiwijze	((bloei)[V],(wijze)[N])[N]
bloem	(bloem)[N]
bloemachtig	((bloem)[N],(achtig)[A|N.])[A]
bloembak	((bloem)[N],(bak)[N])[N]
bloembed	((bloem)[N],(bed)[N])[N]
bloembekleedsel	((bloem)[N],(((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
bloemblad	((bloem)[N],(blad)[N])[N]
bloembodem	((bloem)[N],(bodem)[N])[N]
bloembol	((bloem)[N],(bol)[N])[N]
bloembollencultuur	(((bloem)[N],(bol)[N])[N],(en)[N|N.N],(cultuur)[N])[N]
bloembollenkweker	(((bloem)[N],(bol)[N])[N],(en)[N|N.Vx],(kweek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
bloembollenveld	(((bloem)[N],(bol)[N])[N],(en)[N|N.N],(veld)[N])[N]
bloemdek	((bloem)[N],(dek)[N])[N]
bloemdieren	((bloem)[N],(dier)[N])[N]
bloemdragend	((bloem)[N],(draag)[V],(end)[A|NV.])[A]
bloemen	(bloem)[V]
bloemenbed	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(bed)[N])[N]
bloemencorso	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(corso)[N])[N]
bloemengeur	((bloem)[N],(e)[N|N.N],(geur)[N])[N]
bloemenhandelaar	((bloem)[N],(en)[N|N.N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
bloemenhart	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(hart)[N])[N]
bloemenhof	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(hof)[N])[N]
bloemenhonig	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(honig)[N])[N]
bloemenhoning	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(honing)[N])[N]
bloemenhulde	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(hulde)[N])[N]
bloemenkas	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(kas)[N])[N]
bloemenkind	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(kind)[N])[N]
bloemenkoopman	((bloem)[N],(en)[N|N.N],((koop)[V],(man)[N])[N])[N]
bloemenmaakster	((bloem)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
bloemenman	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(man)[N])[N]
bloemenmand	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(mand)[N])[N]
bloemenmarkt	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(markt)[N])[N]
bloemenmeisje	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(meisje)[N])[N]
bloemenrijk	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(rijk)[N])[N]
bloemenslinger	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(slinger)[N])[N]
bloemenspuit	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(spuit)[N])[N]
bloemenstalletje	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(stal)[N])[N]
bloementaal	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
bloementapijt	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(tapijt)[N])[N]
bloementhee	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(thee)[N])[N]
bloementuil	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(tuil)[N])[N]
bloementuin	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(tuin)[N])[N]
bloemenvaas	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(vaas)[N])[N]
bloemenweelde	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(weelde)[N])[N]
bloemenweide	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(weide)[N])[N]
bloemenwinkel	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
bloemenzaak	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
bloemenzee	((bloem)[N],(en)[N|N.N],(zee)[N])[N]
bloemfestoen	((bloem)[N],(festoen)[N])[N]
bloemig	((bloem)[N],(ig)[A|N.])[A]
bloemist	((bloem)[N],(ist)[N|N.])[N]
bloemisterij	(((bloem)[N],(ist)[N|N.])[N],(erij)[N|N.])[N]
bloemkatje	((bloem)[V],(kat)[N])[N]
bloemkelk	((bloem)[N],(kelk)[N])[N]
bloemknop	((bloem)[N],(knop)[N])[N]
bloemkool	((bloem)[N],(kool)[N])[N]
bloemkooloor	(((bloem)[N],(kool)[N])[N],(oor)[N])[N]
bloemkoolsoep	(((bloem)[N],(kool)[N])[N],(soep)[N])[N]
bloemkoolstronk	(((bloem)[N],(kool)[N])[N],(stronk)[N])[N]
bloemkorf	((bloem)[N],(korf)[N])[N]
bloemkrans	((bloem)[N],(krans)[N])[N]
bloemkroon	((bloem)[N],(kroon)[N])[N]
bloemkweker	((bloem)[N],(kweek)[V],(er)[N|NV.])[N]
bloemkwekerij	((bloem)[N],(kweek)[V],(erij)[N|NV.])[N]
bloemlezing	((bloem)[N],(lees)[V],(ing)[N|NV.])[N]
bloemlezingfragment	(((bloem)[N],(lees)[V],(ing)[N|NV.])[N],(fragment)[N])[N]
bloemloos	((bloem)[N],(loos)[A|N.])[A]
bloemmaand	((bloem)[N],(maand)[N])[N]
bloemmarkt	((bloem)[N],(markt)[N])[N]
bloemmotief	((bloem)[N],(motief)[N])[N]
bloempap	((bloem)[N],(pap)[N])[N]
bloemperk	((bloem)[N],(perk)[N])[N]
bloempjesdag	((bloempje)[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
bloempot	((bloem)[N],(pot)[N])[N]
bloempotkapsel	(((bloem)[N],(pot)[N])[N],((kap)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
bloemrijk	((bloem)[N],(rijk)[A])[A]
bloemruiker	((bloem)[N],((ruik)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
bloemsaus	((bloem)[N],(saus)[N])[N]
bloemscherm	((bloem)[N],(scherm)[N])[N]
bloemschikken	((bloem)[N],(schik)[V])[V]
bloemschilderen	((bloem)[N],(schilder)[V])[V]
bloemsteel	((bloem)[N],(steel)[N])[N]
bloemstengel	((bloem)[N],(stengel)[N])[N]
bloemstof	((bloem)[N],(stof)[N])[N]
bloemstuk	((bloem)[N],(stuk)[N])[N]
bloemsuiker	((bloem)[N],(suiker)[N])[N]
bloemtapijt	((bloem)[N],(tapijt)[N])[N]
bloemtros	((bloem)[N],(tros)[N])[N]
bloemtuil	((bloem)[N],(tuil)[N])[N]
bloemvorm	((bloem)[N],(vorm)[N])[N]
bloemwerk	((bloem)[N],(werk)[N])[N]
bloemzaad	((bloem)[N],(zaad)[N])[N]
bloemzoet	((bloem)[N],(zoet)[A])[A]
bloes	(bloes)[N]
bloesem	(bloesem)[N]
bloesemboom	((bloesem)[V],(boom)[N])[N]
bloesemen	(bloesem)[V]
bloesemtak	((bloesem)[V],(tak)[N])[N]
bloesemtooi	((bloesem)[N],(tooi)[N])[N]
bloezen	(bloes)[V]
blohartig	((blo)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
blohartigheid	(((blo)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bloheid	((blo)[A],(heid)[N|A.])[N]
blok	(blok)[N]
blokband	((blok)[N],(band)[N])[N]
blokboek	((blok)[N],(boek)[N])[N]
blokcursus	((blok)[N],(cursus)[N])[N]
blokdiagram	((blok)[N],(diagram)[N])[N]
blokdruk	((blok)[N],(druk)[N])[N]
blokfluit	((blok)[N],(fluit)[N])[N]
blokhak	((blok)[N],(hak)[N])[N]
blokhoofd	((blok)[N],(hoofd)[N])[N]
blokhuis	((blok)[N],(huis)[N])[N]
blokjesbestrating	((blok)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.N],(straat)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
blokjesgoed	((blokje)[N],(s)[N|N.N],(goed)[N])[N]
blokkade	(((blok)[N],(eer)[V|N.])[V],(ade)[N|V.])[N]
blokkadebreker	((((blok)[N],(eer)[V|N.])[V],(ade)[N|V.])[N],(breek)[V],(er)[N|NV.])[N]
blokken	(blok)[V]
blokkendoos	((blok)[N],(en)[N|N.N],(doos)[N])[N]
blokker	((blok)[V],(er)[N|V.])[N]
blokkeren	((blok)[N],(eer)[V|N.])[V]
blokkerij	((blok)[V],(erij)[N|V.])[N]
blokkering	(((blok)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
blokletter	((blok)[N],(letter)[N])[N]
blokmaker	((blok)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
blokmodel	((blok)[N],(model)[N])[N]
bloknagel	((blok)[N],(nagel)[N])[N]
blokrem	((blok)[N],(rem)[N])[N]
blokschaaf	((blok)[N],(schaaf)[N])[N]
blokschaar	((blok)[N],(schaar)[N])[N]
blokschema	((blok)[N],(schema)[N])[N]
blokschip	((blok)[N],(schip)[N])[N]
blokschoen	((blok)[N],(schoen)[N])[N]
blokschrift	((blok)[N],(schrift)[N])[N]
blokstelsel	((blok)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
bloktijd	((blok)[V],(tijd)[N])[N]
bloktrein	((blok)[N],(trein)[N])[N]
blokuur	((blok)[N],(uur)[N])[N]
blokverwarming	((blok)[N],(((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
blokvormig	((blok)[N],(vorm)[N])[A]
blokvorming	((blok)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
blokwachter	((blok)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
blokwerk	((blok)[N],(werk)[N])[N]
blom	(blom)[N]
blond	(blond)[A]
blonderen	((blond)[A],(eer)[V|A.])[V]
blondgelokt	((blond)[A],(gelokt)[A])[A]
blondheid	((blond)[A],(heid)[N|A.])[N]
blondje	((blond)[A],(je)[N|A.])[N]
bloosangst	((bloos)[V],(angst)[N])[N]
bloot	(bloot)[N]
blootgeven	((bloot)[A],(geef)[V])[V]
blootje	((bloot)[A],(je)[N|A.])[N]
blootleggen	((bloot)[A],(leg)[V])[V]
blootliggen	((bloot)[A],(lig)[V])[V]
blootstaan	((bloot)[A],(sta)[V])[V]
blootstellen	((bloot)[A],(stel)[V])[V]
blootsvoets	((bloot)[A],(s)[A|A.Nx],(voet)[N],(s)[A|AxN.])[A]
blootvoets	((bloot)[A],(voet)[N],(s)[A|AN.])[A]
blootwoelen	((bloot)[A],(woel)[V])[V]
blos	(blos)[N]
blotebillengezicht	((bloot)[A],(e)[N|A.NxN],(bil)[N],(en)[N|AxN.N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
bloten	(bloot)[V]
bloterik	((bloot)[A],(erik)[N|A.])[N]
blotevoetendokter	((bloot)[A],(e)[N|A.NxN],(voet)[N],(en)[N|AxN.N],(dokter)[N])[N]
blouse	(blouse)[N]
blouwel	(blouwel)[N]
blouwen	(blouw)[V]
blow	(blow)[N]
blowen	(blow)[V]
blozen	(bloos)[V]
blubber	(blubber)[N]
blubberen	(blubber)[V]
blubberig	((blubber)[N],(ig)[A|N.])[A]
bluf	(bluf)[N]
bluffen	(bluf)[V]
bluffer	((bluf)[V],(er)[N|V.])[N]
blufferij	((bluf)[V],(erij)[N|V.])[N]
blufpoker	((bluf)[V],(poker)[N])[N]
blufpolitiek	((bluf)[V],(politiek)[N])[N]
blunder	(blunder)[N]
blunderen	(blunder)[V]
blusapparaat	((blus)[V],(apparaat)[N])[N]
blusbaar	((blus)[V],(baar)[A|V.])[A]
blusboot	((blus)[V],(boot)[N])[N]
blusgereedschap	((blus)[V],(gereedschap)[N])[N]
blusmiddel	((blus)[V],(middel)[N])[N]
blusschuim	((blus)[V],(schuim)[N])[N]
blussen	(blus)[V]
blusser	((blus)[V],(er)[N|V.])[N]
blussing	((blus)[V],(ing)[N|V.])[N]
bluswater	((blus)[V],(water)[N])[N]
blut	(blut)[A]
bluts	(bluts)[N]
blutsen	(bluts)[V]
blutsing	((bluts)[V],(ing)[N|V.])[N]
blèren	(blèr)[V]
boa	(boa)[N]
board	(board)[N]
bob	(bob)[N]
bobbel	(bobbel)[N]
bobbelen	(bobbel)[V]
bobbelig	((bobbel)[N],(ig)[A|N.])[A]
bobbeling	((bobbel)[V],(ing)[N|V.])[N]
bobben	(bob)[V]
bobber	(bobber)[N]
bobberen	(bobber)[V]
bobijn	(bobijn)[N]
bobijnen	(bobijn)[V]
bobijnklos	((bobijn)[V],(klos)[N])[N]
bobine	(bobine)[N]
bobslee	((bob)[N],(slee)[N])[N]
bobsleeën	((bob)[N],(slee)[V])[V]
bochel	(bochel)[N]
bochelaar	((bochel)[N],(aar)[N|N.])[N]
bocht	(bocht)[N]
bochtaanwijzer	((bocht)[N],((aan)[P],(wijs)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
bochtig	((bocht)[N],(ig)[A|N.])[A]
bochtigheid	(((bocht)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bochtscharnier	((bocht)[N],(scharnier)[N])[N]
bock	(bock)[N]
bockbier	((bock)[N],(bier)[N])[N]
bod	(bod)[N]
bodedienst	((bode)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
bodega	(bodega)[N]
bodekamer	((bode)[N],(en)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
bodeloon	((bode)[N],(en)[N|N.N],(loon)[N])[N]
bodem	(bodem)[N]
bodemanalyse	((bodem)[N],(analyse)[N])[N]
bodembedekker	((bodem)[N],((be)[V|.V],(dek)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
bodembedekking	((bodem)[N],(((be)[V|.V],(dek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bodemcultuur	((bodem)[N],(cultuur)[N])[N]
bodemen	(bodem)[V]
bodemerijbrief	((bodemerij)[N],(brief)[N])[N]
bodemerosie	((bodem)[N],(erosie)[N])[N]
bodemexploitatie	((bodem)[N],(exploiteer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
bodemgesteldheid	((bodem)[N],((gesteld)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bodemklink	((bodem)[N],(klink)[N])[N]
bodemkunde	((bodem)[N],(kunde)[N])[N]
bodemloos	((bodem)[N],(loos)[A|N.])[A]
bodemmoeheid	((bodem)[N],((moe)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bodemmonster	((bodem)[N],(monster)[N])[N]
bodemonderzoek	((bodem)[N],(onderzoek)[N])[N]
bodempensioen	((bodem)[N],(pensioen)[N])[N]
bodemprijs	((bodem)[N],(prijs)[N])[N]
bodemprofiel	((bodem)[N],(profiel)[N])[N]
bodemrad	((bodem)[N],(rad)[N])[N]
bodemrijkdom	((bodem)[N],((rijk)[A],(dom)[N|A.])[N])[N]
bodemschatten	((bodem)[N],(schat)[N])[N]
bodemstructuur	((bodem)[N],(structuur)[N])[N]
bodemstuk	((bodem)[N],(stuk)[N])[N]
bodemtemperatuur	((bodem)[N],(temperatuur)[N])[N]
bodemuitkering	((bodem)[N],((uitkeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bodemverheffing	((bodem)[N],(((ver)[V|.V],(hef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bodemverontreiniging	((bodem)[N],(verontreinig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
bodemvervuiling	((bodem)[N],((ver)[V|.A],(vuil)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
bodemvoorziening	((bodem)[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bodemvorming	((bodem)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
bodemwater	((bodem)[N],(water)[N])[N]
body	(body)[N]
bodybuildersveer	((body-builder)[N],(s)[N|N.N],(veer)[N])[N]
bodylotion	((body)[N],(lotion)[N])[N]
boeddha	(boeddha)[N]
boeddhabeeld	((boeddha)[N],(beeld)[N])[N]
boeddhisme	((boeddha)[N],(isme)[N|N.])[N]
boeddhiste	((boeddhist)[N],(e)[N|N.])[N]
boeddhistisch	((boeddhist)[N],(isch)[A|N.])[A]
boedelafscheiding	((boedel)[N],((af)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
boedelafstand	((boedel)[N],(afstand)[N])[N]
boedelbeschrijving	((boedel)[N],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
boedelceel	((boedel)[N],(ceel)[N])[N]
boedelhuis	((boedel)[N],(huis)[N])[N]
boedelkamer	((boedel)[N],(kamer)[N])[N]
boedellijst	((boedel)[N],(lijst)[N])[N]
boedelmeester	((boedel)[N],(meester)[N])[N]
boedelredder	((boedel)[N],(red)[V],(er)[N|NV.])[N]
boedelscheiding	((boedel)[N],(scheid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
boedelverdeling	((boedel)[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
boedelvereffening	((boedel)[N],(((ver)[V|.A],(effen)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
boef	(boef)[N]
boefachtig	((boef)[N],(achtig)[A|N.])[A]
boeg	(boeg)[N]
boeganker	((boeg)[N],(anker)[N])[N]
boegbeeld	((boeg)[N],(beeld)[N])[N]
boegeroep	((boe)[I],((ge)[N|.V],(roep)[V])[N])[N]
boeghout	((boeg)[N],(hout)[N])[N]
boeglam	((boeg)[N],(lam)[A])[A]
boegseerlijn	((boegseer)[V],(lijn)[N])[N]
boegslag	((boeg)[N],(slag)[N])[N]
boegspriet	((boeg)[N],(spriet)[N])[N]
boegsprietlopen	(((boeg)[N],(spriet)[N])[N],(loop)[V])[V]
boegstag	((boeg)[N],(stag)[N])[N]
boei	(boei)[N]
boeien	(boei)[V]
boeienkoning	((boei)[N],(en)[N|N.N],(koning)[N])[N]
boeier	((boei)[N],(er)[N|N.])[N]
boeigoot	((boei)[N],(goot)[N])[N]
boeiplank	((boei)[N],(plank)[N])[N]
boeireep	((boei)[N],(reep)[N])[N]
boeisel	((boei)[V],(sel)[N|V.])[N]
boek	(boek)[N]
boekaankondiging	((boek)[N],((aan)[P],(kond)[A],(ig)[V|PA.])[V],(ing)[N|NV.])[N]
boekachtig	((boek)[N],(achtig)[A|N.])[A]
boekband	((boek)[N],(band)[N])[N]
boekbeoordeling	((boek)[N],((be)[V|.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
boekbespreker	((boek)[N],((be)[V|.V],(spreek)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
boekbespreking	((boek)[N],((be)[V|.V],(spreek)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
boekbinden	((boek)[N],(bind)[V])[V]
boekbinder	(((boek)[N],(bind)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
boekbinderij	(((boek)[N],(bind)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
boekbinderspers	((((boek)[N],(bind)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(pers)[N])[N]
boekdeel	((boek)[N],(deel)[N])[N]
boekdruk	((boek)[N],(druk)[N])[N]
boekdrukken	((boek)[N],(druk)[V])[V]
boekdrukker	(((boek)[N],(druk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
boekdrukkerij	(((boek)[N],(druk)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
boekdrukkersgereedschap	((((boek)[N],(druk)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gereedschap)[N])[N]
boekdrukkunst	(((boek)[N],(druk)[V])[V],(kunst)[N])[N]
boekdrukpers	(((boek)[N],(druk)[V])[V],(pers)[N])[N]
boeken	(boek)[V]
boekenantiquariaat	((boek)[N],(en)[N|N.N],(antiquariaat)[N])[N]
boekenbal	((boek)[N],(en)[N|N.N],(bal)[N])[N]
boekenbeurs	((boek)[N],(en)[N|N.N],(beurs)[N])[N]
boekenbewijs	((boek)[N],(en)[N|N.N],(bewijs)[N])[N]
boekencensuur	((boek)[N],(en)[N|N.N],((censeer)[V],(uur)[N|V.])[N])[N]
boekencentrum	((boek)[N],(en)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
boekenclub	((boek)[N],(en)[N|N.N],(club)[N])[N]
boekendrager	((boek)[N],(en)[N|N.Vx],(draag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
boekengeleerde	((boek)[N],(en)[N|N.N],(geleerde)[N])[N]
boekengeleerdheid	((boek)[N],(en)[N|N.N],((geleerd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
boekengids	((boek)[N],(en)[N|N.N],(gids)[N])[N]
boekenhanger	((boek)[N],(en)[N|N.Vx],(hang)[V],(er)[N|NxV.])[N]
boekenkamer	((boek)[N],(en)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
boekenkast	((boek)[N],(en)[N|N.N],(kast)[N])[N]
boekenkennis	((boek)[N],(en)[N|N.N],(kennis)[N])[N]
boekenkiosk	((boek)[N],(en)[N|N.N],(kiosk)[N])[N]
boekenkraam	((boek)[N],(en)[N|N.N],(kraam)[N])[N]
boekenlegger	((boek)[N],(e)[N|N.Vx],(leg)[V],(er)[N|NxV.])[N]
boekenliefhebber	((boek)[N],(en)[N|N.Vx],((lief)[A],(heb)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
boekenlijst	((boek)[N],(en)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
boekenluis	((boek)[N],(en)[N|N.N],(luis)[N])[N]
boekenmagazijn	((boek)[N],(en)[N|N.N],(magazijn)[N])[N]
boekenmarkt	((boek)[N],(en)[N|N.N],(markt)[N])[N]
boekenmolen	((boek)[N],(en)[N|N.N],(molen)[N])[N]
boekenpagina	((boek)[N],(en)[N|N.N],(pagina)[N])[N]
boekenplank	((boek)[N],(en)[N|N.N],(plank)[N])[N]
boekenproductie	((boek)[N],(en)[N|N.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
boekenrek	((boek)[N],(en)[N|N.N],(rek)[N])[N]
boekenrug	((boek)[N],(en)[N|N.N],(rug)[N])[N]
boekenschrijver	((boek)[N],(en)[N|N.Vx],(schrijf)[V],(er)[N|NxV.])[N]
boekenstalletje	((boek)[N],(en)[N|N.N],(stal)[N])[N]
boekenstandaard	((boek)[N],(en)[N|N.N],(standaard)[N])[N]
boekensteun	((boek)[N],(en)[N|N.N],(steun)[N])[N]
boekenstut	((boek)[N],(en)[N|N.N],(stut)[N])[N]
boekentaal	((boek)[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
boekentas	((boek)[N],(en)[N|N.N],(tas)[N])[N]
boekenvak	((boek)[N],(en)[N|N.N],(vak)[N])[N]
boekenverzameling	((boek)[N],(en)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
boekenvoorraad	((boek)[N],(en)[N|N.N],(voorraad)[N])[N]
boekenvriend	((boek)[N],(en)[N|N.N],(vriend)[N])[N]
boekenwand	((boek)[N],(en)[N|N.N],(wand)[N])[N]
boekenweek	((boek)[N],(en)[N|N.N],(week)[N])[N]
boekenweekgeschenk	(((boek)[N],(en)[N|N.N],(week)[N])[N],((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N])[N]
boekenwereld	((boek)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
boekenwijsheid	((boek)[N],(en)[N|N.N],((wijs)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
boekenwoord	((boek)[N],(en)[N|N.N],(woord)[N])[N]
boekenworm	((boek)[N],(en)[N|N.N],(worm)[N])[N]
boekenwurm	((boek)[N],(en)[N|N.N],(wurm)[N])[N]
boekenzaak	((boek)[N],(en)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
boekerig	((boek)[N],(erig)[A|N.])[A]
boekerij	((boek)[N],(erij)[N|N.])[N]
boeket	(boeket)[N]
boekformaat	((boek)[N],((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
boekgeschenk	((boek)[N],((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N])[N]
boekgrafiek	((boek)[N],((grafisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
boekhandel	((boek)[N],(handel)[N])[N]
boekhandelaar	((boek)[N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
boekhandelaarsvereniging	(((boek)[N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.Vx],(verenig)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
boekheiden	((boek)[N],(heiden)[N])[N]
boekhoudafdeling	(((boek)[N],(houd)[V])[V],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
boekhoudbureau	(((boek)[N],(houd)[V])[V],(bureau)[N])[N]
boekhouden	((boek)[N],(houd)[V])[V]
boekhouder	(((boek)[N],(houd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
boekhouding	(((boek)[N],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
boekhoudkundig	(((boek)[N],(houd)[V])[V],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
boekhoudmachine	(((boek)[N],(houd)[V])[V],(machine)[N])[N]
boekhoudster	(((boek)[N],(houd)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
boekhoudsysteem	(((boek)[N],(houd)[V])[V],(systeem)[N])[N]
boekillustratie	((boek)[N],((illustreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
boeking	((boek)[V],(ing)[N|V.])[N]
boekjaar	((boek)[N],(jaar)[N])[N]
boekmerk	((boek)[N],(merk)[N])[N]
boekpens	((boek)[N],(pens)[N])[N]
boekrol	((boek)[N],(rol)[N])[N]
boekschuld	((boek)[V],(schuld)[N])[N]
boekstaven	((boek)[N],(staaf)[V])[V]
boekuitgave	((boek)[N],(uitgave)[N])[N]
boekverbranding	((boek)[N],((ver)[V|.V],(brand)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
boekverkoper	((boek)[N],((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
boekverkoping	((boek)[N],((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
boekversiering	((boek)[N],((ver)[V|.V],(sier)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
boekverzameling	((boek)[N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
boekvink	((boek)[N],(vink)[N])[N]
boekvorm	((boek)[N],(vorm)[N])[N]
boekwaarde	((boek)[V],(waarde)[N])[N]
boekweitebrij	((boekweit)[N],(e)[N|N.N],(brij)[N])[N]
boekweitegort	((boekweit)[N],(e)[N|N.N],(gort)[N])[N]
boekweitekoek	((boekweit)[N],(e)[N|N.N],(koek)[N])[N]
boekweitemeel	((boekweit)[N],(e)[N|N.N],(meel)[N])[N]
boekweiten	((boekweit)[N],(en)[A|N.])[A]
boekweitepap	((boekweit)[N],(e)[N|N.N],(pap)[N])[N]
boekweitoogst	((boekweit)[N],(oogst)[N])[N]
boekweitzaad	((boekweit)[N],(zaad)[N])[N]
boekwerk	((boek)[N],(werk)[N])[N]
boekwezen	((boek)[N],(wezen)[N])[N]
boekwinkel	((boek)[N],(winkel)[N])[N]
boekwinst	((boek)[V],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
boekworm	((boek)[N],(worm)[N])[N]
boel	(boel)[N]
boelage	(((boel)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N]
boeldag	((boel)[N],(dag)[N])[N]
boeleerder	(((boel)[N],(eer)[V|N.])[V],(der)[N|V.])[N]
boeleerster	(((boel)[N],(eer)[V|N.])[V],(ster)[N|V.])[N]
boelen	(boel)[V]
boeleren	((boel)[N],(eer)[V|N.])[V]
boelgoed	((boel)[N],(goed)[N])[N]
boelhuis	((boel)[N],(huis)[N])[N]
boemel	(boemel)[N]
boemelaar	((boemel)[V],(aar)[N|V.])[N]
boemelbus	((boemel)[V],(bus)[N])[N]
boemelen	(boemel)[V]
boemeltrein	((boemel)[V],(trein)[N])[N]
boemerang	(boemerang)[N]
boemerangeffect	((boemerang)[N],(effect)[N])[N]
boenborstel	((boen)[V],(borstel)[N])[N]
boenen	(boen)[V]
boenlap	((boen)[V],(lap)[N])[N]
boenwas	((boen)[V],(was)[N])[N]
boer	(boer)[N]
boerde	(boerde)[N]
boerderij	((boer)[V],(derij)[N|V.])[N]
boeren	(boer)[V]
boerenafkomst	((boer)[N],(en)[N|N.N],(((af)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
boerenantiek	((boer)[N],(en)[N|N.N],(antiek)[N])[N]
boerenarbeider	((boer)[N],(en)[N|N.N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
boerenbedrieger	((boer)[N],(en)[N|N.Vx],(bedrieg)[V],(er)[N|NxV.])[N]
boerenbedrijf	((boer)[N],(en)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
boerenbedrog	((boer)[N],(en)[N|N.N],(bedrog)[N])[N]
boerenbehuizing	((boer)[N],(en)[N|N.N],(behuizing)[N])[N]
boerenblouse	((boer)[N],(en)[N|N.N],(blouse)[N])[N]
boerenbond	((boer)[N],(en)[N|N.N],(bond)[N])[N]
boerenbont	((boer)[N],(en)[N|N.N],(bont)[N])[N]
boerenboon	((boer)[N],(en)[N|N.N],(boon)[N])[N]
boerenboter	((boer)[N],(en)[N|N.N],(boter)[N])[N]
boerenbrood	((boer)[N],(en)[N|N.N],(brood)[N])[N]
boerenbruiloft	((boer)[N],(en)[N|N.N],(bruiloft)[N])[N]
boerendans	((boer)[N],(en)[N|N.N],(dans)[N])[N]
boerendeern	((boer)[N],(en)[N|N.N],(deern)[N])[N]
boerendeerne	((boer)[N],(en)[N|N.N],(deerne)[N])[N]
boerendialect	((boer)[N],(en)[N|N.N],(dialect)[N])[N]
boerendochter	((boer)[N],(en)[N|N.N],(dochter)[N])[N]
boerendorp	((boer)[N],(en)[N|N.N],(dorp)[N])[N]
boerendracht	((boer)[N],(en)[N|N.N],(dracht)[N])[N]
boerenechtpaar	((boer)[N],(en)[N|N.N],((echt)[N],(paar)[N])[N])[N]
boerenerf	((boer)[N],(en)[N|N.N],(erf)[N])[N]
boerenfamilie	((boer)[N],(en)[N|N.N],(familie)[N])[N]
boerenfeest	((boer)[N],(en)[N|N.N],(feest)[N])[N]
boerenfluit	((boer)[N],(en)[N|N.N],(fluit)[N])[N]
boerengehucht	((boer)[N],(en)[N|N.N],(gehucht)[N])[N]
boerengemeenschap	((boer)[N],(en)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
boerengezin	((boer)[N],(en)[N|N.N],(gezin)[N])[N]
boerenham	((boer)[N],(en)[N|N.N],(ham)[N])[N]
boerenherberg	((boer)[N],(en)[N|N.N],(herberg)[N])[N]
boerenhoeve	((boer)[N],(en)[N|N.N],(hoeve)[N])[N]
boerenhof	((boer)[N],(en)[N|N.N],(hof)[N])[N]
boerenhofstede	((boer)[N],(en)[N|N.N],((hof)[N],(stede)[N])[N])[N]
boerenhofstee	((boer)[N],(en)[N|N.N],((hof)[N],(stee)[N])[N])[N]
boerenhufter	((boer)[N],(en)[N|N.N],(hufter)[N])[N]
boerenhuis	((boer)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
boerenhut	((boer)[N],(en)[N|N.N],(hut)[N])[N]
boerenjongen	((boer)[N],(en)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
boerenkaas	((boer)[N],(en)[N|N.N],(kaas)[N])[N]
boerenkaffer	((boer)[N],(en)[N|N.N],(kaffer)[N])[N]
boerenkalk	((boer)[N],(en)[N|N.N],(kalk)[N])[N]
boerenkandeel	((boer)[N],(en)[N|N.N],(kandeel)[N])[N]
boerenkar	((boer)[N],(en)[N|N.N],(kar)[N])[N]
boerenkerel	((boer)[N],(en)[N|N.N],(kerel)[N])[N]
boerenkermis	((boer)[N],(en)[N|N.N],(kermis)[N])[N]
boerenkers	((boer)[N],(en)[N|N.N],(kers)[N])[N]
boerenkeuken	((boer)[N],(en)[N|N.N],(keuken)[N])[N]
boerenkiel	((boer)[N],(en)[N|N.N],(kiel)[N])[N]
boerenkind	((boer)[N],(en)[N|N.N],(kind)[N])[N]
boerenkinkel	((boer)[N],(en)[N|N.N],(kinkel)[N])[N]
boerenknaap	((boer)[N],(en)[N|N.N],(knaap)[N])[N]
boerenknecht	((boer)[N],(en)[N|N.N],(knecht)[N])[N]
boerenknoop	((boer)[N],(en)[N|N.N],(knoop)[N])[N]
boerenknuist	((boer)[N],(en)[N|N.N],(knuist)[N])[N]
boerenknul	((boer)[N],(en)[N|N.N],(knul)[N])[N]
boerenkoffie	((boer)[N],(en)[N|N.N],(koffie)[N])[N]
boerenkool	((boer)[N],(en)[N|N.N],(kool)[N])[N]
boerenkost	((boer)[N],(en)[N|N.N],(kost)[N])[N]
boerenkrijt	((boer)[N],(en)[N|N.N],(krijt)[N])[N]
boerenkroeg	((boer)[N],(en)[N|N.N],(kroeg)[N])[N]
boerenlaars	((boer)[N],(en)[N|N.N],(laars)[N])[N]
boerenlatijn	((boer)[N],(en)[N|N.N],(Latijn)[N])[N]
boerenleenbank	((boer)[N],(en)[N|N.N],((leen)[V],(bank)[N])[N])[N]
boerenlelie	((boer)[N],(en)[N|N.N],(lelie)[N])[N]
boerenleven	((boer)[N],(en)[N|N.N],(leven)[N])[N]
boerenlul	((boer)[N],(en)[N|N.N],(lul)[N])[N]
boerenlummel	((boer)[N],(en)[N|N.N],(lummel)[N])[N]
boerenmassa	((boer)[N],(en)[N|N.N],(massa)[N])[N]
boerenmeid	((boer)[N],(en)[N|N.N],(meid)[N])[N]
boerenmeisje	((boer)[N],(en)[N|N.N],(meisje)[N])[N]
boerenmens	((boer)[N],(en)[N|N.N],(mens)[N])[N]
boerenmetworst	((boer)[N],(en)[N|N.N],((met)[N],(worst)[N])[N])[N]
boerenmeubel	((boer)[N],(en)[N|N.N],(meubel)[N])[N]
boerennachtegaal	((boer)[N],(en)[N|N.N],(nachtegaal)[N])[N]
boerenomelet	((boer)[N],(en)[N|N.N],(omelet)[N])[N]
boerenoorlog	((boer)[N],(en)[N|N.N],(oorlog)[N])[N]
boerenopstand	((boer)[N],(en)[N|N.N],(opstand)[N])[N]
boerenorganisatie	((boer)[N],(en)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
boerenpaard	((boer)[N],(en)[N|N.N],(paard)[N])[N]
boerenpartij	((boer)[N],(en)[N|N.N],(partij)[N])[N]
boerenpastoor	((boer)[N],(en)[N|N.N],(pastoor)[N])[N]
boerenpioen	((boer)[N],(en)[N|N.N],(pioen)[N])[N]
boerenplaats	((boer)[N],(en)[N|N.N],(plaats)[N])[N]
boerenpummel	((boer)[N],(en)[N|N.N],(pummel)[N])[N]
boerenremedie	((boer)[N],(en)[N|N.N],(remedie)[N])[N]
boerenrepubliek	((boer)[N],(en)[N|N.N],(republiek)[N])[N]
boerenroman	((boer)[N],(en)[N|N.N],(roman)[N])[N]
boerenschilderij	((boer)[N],(en)[N|N.N],(schilderij)[N])[N]
boerenschoen	((boer)[N],(en)[N|N.N],(schoen)[N])[N]
boerenschool	((boer)[N],(en)[N|N.N],(school)[N])[N]
boerenschroom	((boer)[N],(en)[N|N.N],(schroom)[N])[N]
boerensjees	((boer)[N],(en)[N|N.N],(sjees)[N])[N]
boerenslimheid	((boer)[N],(en)[N|N.N],((slim)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
boerensluwheid	((boer)[N],(en)[N|N.N],((sluw)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
boerenstand	((boer)[N],(en)[N|N.N],(stand)[N])[N]
boerenstulp	((boer)[N],(en)[N|N.N],(stulp)[N])[N]
boerentaal	((boer)[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
boerentrien	((boer)[N],(en)[N|N.N],(trien)[N])[N]
boerenvakbond	((boer)[N],(en)[N|N.N],((vak)[N],(bond)[N])[N])[N]
boerenverdriet	((boer)[N],(en)[N|N.N],(verdriet)[N])[N]
boerenverstand	((boer)[N],(en)[N|N.N],(verstand)[N])[N]
boerenvla	((boer)[N],(en)[N|N.N],(vla)[N])[N]
boerenvlegel	((boer)[N],(en)[N|N.N],(vlegel)[N])[N]
boerenvolk	((boer)[N],(en)[N|N.N],(volk)[N])[N]
boerenvrouw	((boer)[N],(en)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
boerenwagen	((boer)[N],(en)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
boerenwereld	((boer)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
boerenwerf	((boer)[N],(en)[N|N.N],(werf)[N])[N]
boerenwerk	((boer)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
boerenwinkel	((boer)[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
boerenwoning	((boer)[N],(en)[N|N.N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
boerenwormkruid	((boer)[N],(en)[N|N.N],((worm)[N],(kruid)[N])[N])[N]
boerenzakdoek	((boer)[N],(en)[N|N.N],((zak)[N],(doek)[N])[N])[N]
boerenzaterdag	((boer)[N],(en)[N|N.N],(zaterdag)[N])[N]
boerenzoon	((boer)[N],(en)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
boerenzwaluw	((boer)[N],(en)[N|N.N],(zwaluw)[N])[N]
boerin	((boer)[N],(in)[N|N.])[N]
boerinnenkleding	(((boer)[N],(in)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
boerinnenmuts	(((boer)[N],(in)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(muts)[N])[N]
boerka	(boerka)[N]
boernoes	(boernoes)[N]
boers	((boer)[N],(s)[A|N.])[A]
boersheid	(((boer)[N],(s)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
boert	(boert)[N]
boertachtig	((boert)[N],(achtig)[A|N.])[A]
boerten	(boert)[V]
boerterij	((boert)[V],(erij)[N|V.])[N]
boertig	((boert)[N],(ig)[A|N.])[A]
boertigheid	(((boert)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
boes	(boes)[N]
boetceremonie	((boet)[V],(ceremonie)[N])[N]
boete	(boete)[N]
boetebeding	((boete)[N],(beding)[N])[N]
boetedag	((boete)[N],(dag)[N])[N]
boetedoener	((boete)[N],(doen)[N],(er)[N|NN.])[N]
boetedoening	((boete)[N],(doe)[V],(ing)[N|NV.])[N]
boetegordel	((boete)[N],(gordel)[N])[N]
boetekleed	((boete)[N],(kleed)[N])[N]
boeteling	((boet)[V],(eling)[N|V.])[N]
boetelinge	(((boet)[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
boeten	(boet)[V]
boetenklopperij	((boete)[N],(en)[N|N.Vx],(klop)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
boetepredikant	((boete)[N],((predik)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
boeteprediker	((boete)[N],((predik)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
boetepreek	((boete)[N],(preek)[N])[N]
boeter	((boet)[V],(er)[N|V.])[N]
boetestelsel	((boete)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
boetgezant	((boet)[V],(gezant)[N])[N]
boeting	((boet)[V],(ing)[N|V.])[N]
boetpredikatie	((boet)[V],((predik)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
boetprediker	((boet)[V],((predik)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
boetpreek	((boet)[V],(preek)[N])[N]
boetprofeet	((boet)[V],(profeet)[N])[N]
boetpsalm	((boet)[V],(psalm)[N])[N]
boetseerder	((boetseer)[V],(der)[N|V.])[N]
boetseerklei	((boetseer)[V],(klei)[N])[N]
boetseerkunst	((boetseer)[V],(kunst)[N])[N]
boetseerstok	((boetseer)[V],(stok)[N])[N]
boetseren	(boetseer)[V]
boetsering	((boetseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
boetstraffelijk	((boete)[N],(straf)[V],(elijk)[A|NV.])[A]
boetvaardig	((boete)[N],(vaardig)[A])[A]
boetvaardigheid	(((boete)[N],(vaardig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
boevenbende	((boef)[N],(en)[N|N.N],(bende)[N])[N]
boevennest	((boef)[N],(en)[N|N.N],(nest)[N])[N]
boevenpakje	((boef)[N],(en)[N|N.N],(pak)[N])[N]
boevenstreek	((boef)[N],(en)[N|N.N],(streek)[N])[N]
boeventaal	((boef)[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
boeventronie	((boef)[N],(en)[N|N.N],(tronie)[N])[N]
boeventuig	((boef)[N],(en)[N|N.N],(tuig)[N])[N]
boevenwagen	((boef)[N],(en)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
boeverij	((boef)[N],(erij)[N|N.])[N]
boezel	(boezel)[N]
boezem	(boezem)[N]
boezemfibrilleren	((boezem)[N],((fibril)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
boezemgebied	((boezem)[N],(gebied)[N])[N]
boezemkade	((boezem)[N],(kade)[N])[N]
boezemland	((boezem)[N],(land)[N])[N]
boezemmeer	((boezem)[N],(meer)[N])[N]
boezempeil	((boezem)[N],(peil)[N])[N]
boezemstand	((boezem)[N],(stand)[N])[N]
boezemvriend	((boezem)[N],(vriend)[N])[N]
boezemvriendin	(((boezem)[N],(vriend)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
boezemwater	((boezem)[N],(water)[N])[N]
boezeroen	(boezeroen)[N]
bof	(bof)[N]
boffen	(bof)[V]
boffer	((bof)[V],(er)[N|V.])[N]
bofferd	((bof)[V],(erd)[N|V.])[N]
bofkont	((bof)[V],(kont)[N])[N]
bogaard	((boom)[N],(gaard)[N])[N]
bogen	(boog)[V]
bogenbrug	((boog)[N],(en)[N|N.N],(brug)[N])[N]
bogengalerij	((boog)[N],(en)[N|N.N],(galerij)[N])[N]
bogengang	((boog)[N],(en)[N|N.N],(gang)[N])[N]
bogie	(bogie)[N]
bohème	(bohème)[N]
bohémienachtig	((bohémien)[N],(achtig)[A|N.])[A]
bohémienne	((bohémien)[N],(e)[N|N.])[N]
bojaar	(bojaar)[N]
bokaal	(bokaal)[N]
bokachtig	((bok)[N],(achtig)[A|N.])[A]
bokbenig	((bok)[N],(been)[N],(ig)[A|NN.])[A]
bokjespringen	((bok)[N],(spring)[V])[V]
bokken	(bok)[V]
bokkenbaard	((bok)[N],(e)[N|N.N],(baard)[N])[N]
bokkenkop	((bok)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
bokkenleder	((bok)[N],(e)[N|N.N],(leder)[N])[N]
bokkenleer	((bok)[N],(e)[N|N.N],(leer)[N])[N]
bokkenleren	(((bok)[N],(e)[N|N.N],(leer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
bokkenpoot	((bok)[N],(e)[N|N.N],(poot)[N])[N]
bokkenpruik	((bok)[N],(e)[N|N.N],(pruik)[N])[N]
bokkenrijder	((bok)[N],(e)[N|N.N],((rijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
bokkensprong	((bok)[N],(e)[N|N.N],(sprong)[N])[N]
bokkentuig	((bok)[N],(e)[N|N.N],(tuig)[N])[N]
bokkenvel	((bok)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
bokkenwagen	((bok)[N],(e)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
bokkig	((bok)[N],(ig)[A|N.])[A]
bokkigheid	(((bok)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bokking	(bokking)[N]
bokkinghang	((bokking)[N],(hang)[N])[N]
bokkingrokerij	((bokking)[N],(rook)[V],(erij)[N|NV.])[N]
bokkraan	((bok)[N],(kraan)[N])[N]
bokpaal	((bok)[N],(paal)[N])[N]
boks	(boks)[N]
boksbaard	((bok)[N],(s)[N|N.N],(baard)[N])[N]
boksbal	((boks)[V],(bal)[N])[N]
boksbeugel	((boks)[V],(beugel)[N])[N]
boksbeweging	((boks)[V],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bokschip	((bok)[N],(schip)[N])[N]
boksen	(boks)[V]
bokser	((boks)[V],(er)[N|V.])[N]
bokseropstand	(((boks)[V],(er)[N|V.])[N],(opstand)[N])[N]
boksersneus	(((boks)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(neus)[N])[N]
bokshandschoen	((boks)[V],((hand)[N],(schoen)[N])[N])[N]
bokshoorn	((bok)[N],(s)[N|N.N],(hoorn)[N])[N]
bokshoren	((bok)[N],(s)[N|N.N],(horen)[N])[N]
bokshouding	((boks)[V],(houding)[N])[N]
bokskampioen	((boks)[V],(kampioen)[N])[N]
boksmatch	((boks)[V],(match)[N])[N]
bokspartij	((boks)[V],(partij)[N])[N]
bokspoot	((bok)[N],(s)[N|N.N],(poot)[N])[N]
bokspringen	((bok)[N],(spring)[V])[V]
boksring	((boks)[V],(ring)[N])[N]
bokssport	((boks)[V],(sport)[N])[N]
boksvoet	((bok)[N],(s)[N|N.N],(voet)[N])[N]
bokswedstrijd	((boks)[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
boktor	((bok)[N],(tor)[N])[N]
bol	(bol)[A]
bola	(bola)[N]
bolbaak	((bol)[N],(baak)[N])[N]
bolbaan	((bol)[V],(baan)[N])[N]
bolbaken	((bol)[N],(baken)[N])[N]
bolbegonia	((bol)[N],(begonia)[N])[N]
bolbliksem	((bol)[N],(bliksem)[N])[N]
bolder	(bolder)[N]
bolderen	(bolder)[V]
bolderik	(bolderik)[N]
bolderkar	((bolder)[V],(kar)[N])[N]
bolderpen	((bolder)[N],(pen)[N])[N]
bolderwagen	((bolder)[V],(wagen)[N])[N]
boldriehoek	((bol)[N],((drie)[Q],(hoek)[N])[N])[N]
boldriehoeksmeting	(((bol)[N],((drie)[Q],(hoek)[N])[N])[N],(s)[N|N.N],((meet)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bolero	(bolero)[N]
bolgewas	((bol)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
bolglas	((bol)[N],(glas)[N])[N]
bolhamer	((bol)[A],(hamer)[N])[N]
bolheid	((bol)[A],(heid)[N|A.])[N]
bolhoed	((bol)[A],(hoed)[N])[N]
bolhol	((bol)[A],(hol)[A])[A]
bolide	(bolide)[N]
bolk	(bolk)[N]
bolkaf	((bol)[N],(kaf)[N])[N]
bolkap	((bol)[N],(kap)[N])[N]
bolknak	((bol)[A],(knak)[N])[N]
bolknop	((bol)[N],(knop)[N])[N]
bolkop	((bol)[A],(kop)[N])[N]
bolkozijn	((bol)[N],(kozijn)[N])[N]
bolkvanger	((bolk)[N],(vang)[V],(er)[N|NV.])[N]
bolland	((bol)[A],(land)[N])[N]
bollantaarn	((bol)[A],(lantaarn)[N])[N]
bollantaren	((bol)[A],(lantaren)[N])[N]
bollebuis	((bol)[N],(e)[N|N.N],(buis)[N])[N]
bollen	(bol)[V]
bollenbaas	((bol)[N],(en)[N|N.N],(baas)[N])[N]
bollenbakker	((bol)[N],(en)[N|N.Vx],(bak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
bollenkweker	((bol)[N],(en)[N|N.Vx],(kweek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
bollenland	((bol)[N],(en)[N|N.N],(land)[N])[N]
bollenschuur	((bol)[N],(en)[N|N.N],(schuur)[N])[N]
bollenstreek	((bol)[N],(en)[N|N.N],(streek)[N])[N]
bollentijd	((bol)[N],(en)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
bollenveld	((bol)[N],(en)[N|N.N],(veld)[N])[N]
bolletjesmachine	((bolletje)[N],(s)[N|N.N],(machine)[N])[N]
bolletjestrui	((bolletje)[N],(s)[N|N.N],(trui)[N])[N]
bolletjesvaren	((bolletje)[N],(s)[N|N.N],(varen)[N])[N]
bolletjeswerk	((bolletje)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
bolletjeswier	((bolletje)[N],(s)[N|N.N],(wier)[N])[N]
bollig	((bol)[N],(ig)[A|N.])[A]
bolling	((bol)[V],(ing)[N|V.])[N]
boloppervlak	((bol)[N],((opper)[N|.N],(vlak)[N])[N])[N]
bolpen	((bol)[N],(pen)[N])[N]
bolplant	((bol)[N],(plant)[N])[N]
bolpraam	((bol)[N],(praam)[N])[N]
bolpuntpen	((bol)[N],(punt)[N],(pen)[N])[N]
bolrond	((bol)[A],(rond)[A])[A]
bolscharnier	((bol)[N],(scharnier)[N])[N]
bolschijf	((bol)[N],(schijf)[N])[N]
bolschil	((bol)[N],(schil)[N])[N]
bolsector	((bol)[N],(sector)[N])[N]
bolsegment	((bol)[N],(segment)[N])[N]
bolsjewistisch	((bolsjewist)[N],(isch)[A|N.])[A]
bolspel	((bol)[V],(spel)[N])[N]
bolspits	((bol)[N],(spits)[N])[N]
bolstaand	((bol)[A],(staand)[A])[A]
bolster	(bolster)[N]
bolsteren	(bolster)[V]
boltoren	((bol)[N],(toren)[N])[N]
bolus	(bolus)[N]
bolvorm	((bol)[N],(vorm)[N])[N]
bolvormig	((bol)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
bolvormige-driehoeksmeting	(((bol)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A],(e)[N|A.NxVx],((drie)[Q],(hoek)[N])[N],(s)[N|AxN.Vx],(meet)[V],(ing)[N|AxNxV.])[N]
bolwangig	((bol)[A],(wang)[N],(ig)[A|AN.])[A]
bolwerk	((bol)[N],(werk)[N])[N]
bolwolk	((bol)[N],(wolk)[N])[N]
bolworm	((bol)[N],(worm)[N])[N]
bolzaad	((bol)[N],(zaad)[N])[N]
bom	(bom)[N]
bom-moeder	((bom)[N],(moeder)[N])[N]
bom-vrouw	((bom)[N],(vrouw)[N])[N]
bomaanslag	((bom)[N],(aanslag)[N])[N]
bomaanval	((bom)[N],(aanval)[N])[N]
bomalarm	((bom)[N],(alarm)[N])[N]
bombarde	(bombarde)[N]
bombardeerder	((bombardeer)[V],(der)[N|V.])[N]
bombardeereskader	((bombardeer)[V],(eskader)[N])[N]
bombardeerspin	((bombardeer)[V],(spin)[N])[N]
bombardement	((bombardeer)[V],(ement)[N|V.])[N]
bombardementsvliegtuig	(((bombardeer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
bombardeur	((bombardeer)[V],(eur)[N|V.])[N]
bombardon	(bombardon)[N]
bombarie	(bombarie)[N]
bombast	(bombast)[N]
bombastisch	((bombast)[N],(isch)[A|N.])[A]
bombaynoot	((Bombay)[N],(noot)[N])[N]
bombazijn	(bombazijn)[N]
bombazijnen	((bombazijn)[N],(en)[A|N.])[A]
bomberen	(bombeer)[V]
bombrief	((bom)[N],(brief)[N])[N]
bomen	(boom)[V]
bomenrij	((boom)[N],(en)[N|N.N],(rij)[N])[N]
bomer	((boom)[V],(er)[N|V.])[N]
bomgat	((bom)[N],(gat)[N])[N]
bomig	((boom)[N],(ig)[A|N.])[A]
bomijs	((bom)[V],(ijs)[N])[N]
bominslag	((bom)[N],(inslag)[N])[N]
bomkrater	((bom)[N],(krater)[N])[N]
bommelding	((bom)[N],(meld)[V],(ing)[N|NV.])[N]
bommen	(bom)[V]
bommengevaar	((bom)[N],(en)[N|N.N],(gevaar)[N])[N]
bommengordijn	((bom)[N],(en)[N|N.N],(gordijn)[N])[N]
bommenlast	((bom)[N],(en)[N|N.N],(last)[N])[N]
bommenregen	((bom)[N],(en)[N|N.N],(regen)[N])[N]
bommenrek	((bom)[N],(en)[N|N.N],(rek)[N])[N]
bommenrichter	((bom)[N],(en)[N|N.Vx],(richt)[V],(er)[N|NxV.])[N]
bommentapijt	((bom)[N],(en)[N|N.N],(tapijt)[N])[N]
bommenwerper	((bom)[N],(en)[N|N.Vx],(werp)[V],(er)[N|NxV.])[N]
bommenwerpereskader	(((bom)[N],(en)[N|N.Vx],(werp)[V],(er)[N|NxV.])[N],(eskader)[N])[N]
bomontploffing	((bom)[N],(((ont)[V|.V],(plof)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bomschade	((bom)[N],(schade)[N])[N]
bomscherf	((bom)[N],(scherf)[N])[N]
bomschuit	((bom)[N],(schuit)[N])[N]
bomtapijt	((bom)[N],(tapijt)[N])[N]
bomtrechter	((bom)[N],(trechter)[N])[N]
bomvrij	((bom)[N],(vrij)[A])[A]
bon	(bon)[N]
bonboekje	((bon)[N],(boek)[N])[N]
bonbondoos	((bonbon)[N],(doos)[N])[N]
bonbonschaal	((bonbon)[N],(schaal)[N])[N]
bond	(bond)[N]
bondel	(bondel)[N]
bondgenoot	((bond)[N],(genoot)[N])[N]
bondgenootschap	(((bond)[N],(genoot)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
bondgenootschappelijk	((((bond)[N],(genoot)[N])[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A]
bondgenote	(((bond)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
bondig	((bond)[N],(ig)[A|N.])[A]
bondigheid	(((bond)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bondsbestuur	((bond)[N],(s)[N|N.N],(bestuur)[N])[N]
bondsblad	((bond)[N],(s)[N|N.N],(blad)[N])[N]
bondsbureau	((bond)[N],(s)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
bondscoach	((bond)[N],(s)[N|N.N],(coach)[N])[N]
bondsdag	((bond)[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
bondselftal	((bond)[N],(s)[N|N.N],((elf)[N],(tal)[N])[N])[N]
bondsgemeente	((bond)[N],(s)[N|N.N],(gemeente)[N])[N]
bondshotel	((bond)[N],(s)[N|N.N],(hotel)[N])[N]
bondskanselier	((bond)[N],(s)[N|N.N],(kanselier)[N])[N]
bondskist	((bond)[N],(s)[N|N.N],(kist)[N])[N]
bondslid	((bond)[N],(s)[N|N.N],(lid)[N])[N]
bondsorgaan	((bond)[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
bondsploeg	((bond)[N],(s)[N|N.N],(ploeg)[N])[N]
bondspresident	((bond)[N],(s)[N|N.N],((presideer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
bondsraad	((bond)[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
bondsrepubliek	((bond)[N],(s)[N|N.N],(republiek)[N])[N]
bondsridder	((bond)[N],(s)[N|N.N],(ridder)[N])[N]
bondsstaat	((bond)[N],(s)[N|N.N],(staat)[N])[N]
bondstrainer	((bond)[N],(s)[N|N.N],((train)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
bondsvoorzitter	((bond)[N],(s)[N|N.Vx],((voor)[B],(zit)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
bonenbed	((boon)[N],(en)[N|N.N],(bed)[N])[N]
bonenkever	((boon)[N],(e)[N|N.N],(kever)[N])[N]
bonenkoffie	((boon)[N],(en)[N|N.N],(koffie)[N])[N]
bonenkruid	((boon)[N],(e)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
bonenmeel	((boon)[N],(en)[N|N.N],(meel)[N])[N]
bonenrank	((boon)[N],(e)[N|N.N],(rank)[N])[N]
bonenschil	((boon)[N],(e)[N|N.N],(schil)[N])[N]
bonensoep	((boon)[N],(en)[N|N.N],(soep)[N])[N]
bonenstaak	((boon)[N],(e)[N|N.N],(staak)[N])[N]
bonenstro	((boon)[N],(e)[N|N.N],(stro)[N])[N]
bonenveld	((boon)[N],(en)[N|N.N],(veld)[N])[N]
bonenzaaier	((boon)[N],(en)[N|N.Vx],(zaai)[V],(er)[N|NxV.])[N]
bongo	(bongo)[N]
bonificatie	((bonificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
bonje	(bonje)[N]
bonk	(bonk)[N]
bonkaart	((bon)[N],(kaart)[N])[N]
bonken	(bonk)[V]
bonker	((bonk)[N],(er)[N|N.])[N]
bonkerig	((bonk)[N],(erig)[A|N.])[A]
bonket	(bonket)[N]
bonkig	((bonk)[N],(ig)[A|N.])[A]
bonksel	((bonk)[V],(sel)[N|V.])[N]
bonkveen	((bonk)[N],(veen)[N])[N]
bonnenstelsel	((bon)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
bonnet	(bonnet)[N]
bons	(bons)[N]
bonsai	(bonsai)[N]
bont	(bont)[N]
bontbladig	((bont)[A],((blad)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
bontcape	((bont)[N],(cape)[N])[N]
bonten	((bont)[N],(en)[A|N.])[A]
bontgekleurd	((bont)[A],(gekleurd)[A])[A]
bontgoed	((bont)[A],(goed)[N])[N]
bontheid	((bont)[A],(heid)[N|A.])[N]
bonthoed	((bont)[N],(hoed)[N])[N]
bontjas	((bont)[N],(jas)[N])[N]
bontkluis	((bont)[N],(kluis)[N])[N]
bontkraag	((bont)[N],(kraag)[N])[N]
bontlaars	((bont)[N],(laars)[N])[N]
bontmantel	((bont)[N],(mantel)[N])[N]
bontmuts	((bont)[N],(muts)[N])[N]
bontstola	((bont)[N],(stola)[N])[N]
bontwerk	((bont)[N],(werk)[N])[N]
bontwerker	((bont)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
bontwerkster	((bont)[N],((werk)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
bonusaandeel	((bonus)[N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
bonze	(bonze)[N]
bonzen	(bons)[V]
boodschap	(boodschap)[N]
boodschapjongen	((boodschap)[N],(jongen)[N])[N]
boodschaploper	((boodschap)[N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
boodschappen	(boodschap)[V]
boodschappendienst	((boodschap)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
boodschappenjongen	((boodschap)[N],(en)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
boodschappenlijst	((boodschap)[N],(en)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
boodschappenloper	((boodschap)[N],(en)[N|N.N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
boodschappenmand	((boodschap)[N],(en)[N|N.N],(mand)[N])[N]
boodschappentas	((boodschap)[N],(en)[N|N.N],(tas)[N])[N]
boodschappenwagentje	((boodschap)[N],(en)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
boodschapper	((boodschap)[V],(er)[N|V.])[N]
boog	(boog)[N]
boogballetje	((boog)[N],(bal)[N])[N]
boogbrug	((boog)[N],(brug)[N])[N]
boogelement	((boog)[N],(element)[N])[N]
boogfries	((boog)[N],(fries)[N])[N]
booggewelf	((boog)[V],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
booggraad	((boog)[N],(graad)[N])[N]
booglamp	((boog)[N],(lamp)[N])[N]
booglassen	((boog)[N],(las)[V])[V]
booglicht	((boog)[N],(licht)[N])[N]
booglijst	((boog)[N],(lijst)[N])[N]
boogmaker	((boog)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
boogpasser	((boog)[N],(passer)[N])[N]
boograam	((boog)[N],(raam)[N])[N]
boogscheut	((boog)[N],(scheut)[N])[N]
boogschieten	((boog)[N],(schiet)[V])[V]
boogschild	((boog)[N],(schild)[N])[N]
boogschot	((boog)[N],(schot)[N])[N]
boogschutter	((boog)[N],(schiet)[V],(er)[N|NV.])[N]
boogsgewijs	((boog)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
boogspanning	((boog)[N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
boogtafel	((boog)[N],(tafel)[N])[N]
boogtrommel	((boog)[N],(trommel)[N])[N]
boogveld	((boog)[N],(veld)[N])[N]
boogvenster	((boog)[N],(venster)[N])[N]
boogvijl	((boog)[N],(vijl)[N])[N]
boogvormig	((boog)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
boogzaag	((boog)[N],(zaag)[N])[N]
boom	(boom)[N]
boomaanplanting	((boom)[N],((aan)[P],(plant)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
boombast	((boom)[N],(bast)[N])[N]
boombrand	((boom)[N],(brand)[N])[N]
boomchirurg	((boom)[N],(chirurg)[N])[N]
boomchirurgie	((boom)[N],((chirurgisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
boomdiagram	((boom)[N],(diagram)[N])[N]
boomezel	((boom)[N],(ezel)[N])[N]
boomgaard	((boom)[N],(gaard)[N])[N]
boomgeld	((boom)[N],(geld)[N])[N]
boomgrens	((boom)[N],(grens)[N])[N]
boomgroep	((boom)[N],(groep)[N])[N]
boomhagedis	((boom)[N],(hagedis)[N])[N]
boomheide	((boom)[N],(heide)[N])[N]
boomkever	((boom)[N],(kever)[N])[N]
boomkikvors	((boom)[N],(kikvors)[N])[N]
boomklever	((boom)[N],(kleef)[V],(er)[N|NV.])[N]
boomkor	((boom)[N],(kor)[N])[N]
boomkorkotter	(((boom)[N],(kor)[N])[N],(kotter)[N])[N]
boomkruin	((boom)[N],(kruin)[N])[N]
boomkruipertje	((boom)[N],((kruip)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
boomkweker	((boom)[N],(kweek)[V],(er)[N|NV.])[N]
boomkwekerij	((boom)[N],(kweek)[V],(erij)[N|NV.])[N]
boomladder	((boom)[N],(ladder)[N])[N]
boomleeuwerik	((boom)[N],(leeuwerik)[N])[N]
boommarter	((boom)[N],(marter)[N])[N]
boommes	((boom)[N],(mes)[N])[N]
boommos	((boom)[N],(mos)[N])[N]
boommus	((boom)[N],(mus)[N])[N]
boompieper	((boom)[N],((piep)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
boompioen	((boom)[N],(pioen)[N])[N]
boomrijk	((boom)[N],(rijk)[A])[A]
boomschaar	((boom)[N],(schaar)[N])[N]
boomschors	((boom)[N],(schors)[N])[N]
boomslak	((boom)[N],(slak)[N])[N]
boomslang	((boom)[N],(slang)[N])[N]
boomsnoeier	((boom)[N],(snoei)[V],(er)[N|NV.])[N]
boomstam	((boom)[N],(stam)[N])[N]
boomstronk	((boom)[N],(stronk)[N])[N]
boomstructuur	((boom)[N],(structuur)[N])[N]
boomtak	((boom)[N],(tak)[N])[N]
boomvalk	((boom)[N],(valk)[N])[N]
boomvaren	((boom)[N],(varen)[N])[N]
boomveil	((boom)[N],(veil)[N])[N]
boomvrucht	((boom)[N],(vrucht)[N])[N]
boomwagen	((boom)[N],(wagen)[N])[N]
boomzaag	((boom)[N],(zaag)[N])[N]
boomzwam	((boom)[N],(zwam)[N])[N]
boon	(boon)[N]
boonerwt	((boon)[N],(erwt)[N])[N]
boonkoning	((boon)[N],(koning)[N])[N]
boonkruid	((boon)[N],(kruid)[N])[N]
boonrank	((boon)[N],(rank)[N])[N]
boonschil	((boon)[N],(schil)[N])[N]
boonsoep	((boon)[N],(soep)[N])[N]
boonstaak	((boon)[N],(staak)[N])[N]
boonstro	((boon)[N],(stro)[N])[N]
boonvormig	((boon)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
boonzaaier	((boon)[N],(zaai)[V],(er)[N|NV.])[N]
boor	(boor)[N]
booras	((boor)[N],(as)[N])[N]
boorbank	((boor)[N],(bank)[N])[N]
boorbeitel	((boor)[N],(beitel)[N])[N]
boorbuis	((boor)[N],(buis)[N])[N]
boord	(boord)[N]
boordband	((boord)[N],(band)[N])[N]
boordeknoop	((boord)[N],(e)[N|N.N],(knoop)[N])[N]
boorden	(boord)[V]
boordevol	((boord)[N],(e)[A|N.A],(vol)[A])[A]
boordevolletje	(((boord)[N],(e)[A|N.A],(vol)[A])[A],(etje)[N|A.])[N]
boordiamant	((boor)[V],(diamant)[N])[N]
boordlantaarn	((boord)[N],(lantaarn)[N])[N]
boordlantaren	((boord)[N],(lantaren)[N])[N]
boordlint	((boord)[N],(lint)[N])[N]
boordroeien	((boord)[N],(roei)[V])[V]
boordschutter	((boord)[N],((schiet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
boordsel	((boord)[V],(sel)[N|V.])[N]
boordtelegrafist	((boord)[N],((telegraaf)[N],(ist)[N|N.])[N])[N]
boordwapen	((boord)[N],(wapen)[N])[N]
boordwerktuigkundige	((boord)[N],(werktuigkundige)[N])[N]
boordwijdte	((boord)[N],((wijd)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
booreiland	((boor)[V],(eiland)[N])[N]
boorgat	((boor)[V],(gat)[N])[N]
boorhamer	((boor)[V],(hamer)[V])[N]
boorijzer	((boor)[V],(ijzer)[N])[N]
boorinstallatie	((boor)[N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
boorkern	((boor)[V],(kern)[N])[N]
boorkever	((boor)[N],(kever)[N])[N]
boorkop	((boor)[N],(kop)[N])[N]
boormachine	((boor)[V],(machine)[N])[N]
boormal	((boor)[V],(mal)[N])[N]
boormossel	((boor)[V],(mossel)[N])[N]
booromslag	((boor)[N],((om)[P],(slag)[N])[N])[N]
boorplatform	((boor)[V],(platform)[N])[N]
boorput	((boor)[V],(put)[N])[N]
boorschelpdier	((boor)[V],((schelp)[N],(dier)[N])[N])[N]
boorschip	((boor)[V],(schip)[N])[N]
boorschoen	((boor)[N],(schoen)[N])[N]
boorsel	((boor)[V],(sel)[N|V.])[N]
boorspil	((boor)[N],(spil)[N])[N]
boort	(boort)[N]
boortol	((boor)[V],(tol)[N])[N]
boortoren	((boor)[V],(toren)[N])[N]
boorwater	((boor)[N],(water)[N])[N]
boorworm	((boor)[V],(worm)[N])[N]
boorzalf	((boor)[N],(zalf)[N])[N]
boorzuur	((boor)[N],(zuur)[N])[N]
boos	(boos)[A]
boosaardig	((boos)[A],(aard)[N],(ig)[A|AN.])[A]
boosaardigheid	(((boos)[A],(aard)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
boosdoener	((boos)[A],(doen)[N],(er)[N|AN.])[N]
boosdoenster	((boos)[A],(doe)[V],(ster)[N|AV.])[N]
boosheid	((boos)[A],(heid)[N|A.])[N]
boosterdosis	((booster)[N],(dosis)[N])[N]
boostereffect	((booster)[N],(effect)[N])[N]
booswicht	((boos)[A],(wicht)[N])[N]
boot	(boot)[N]
bootafhouder	((boot)[N],((af)[P],(houd)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
boothals	((boot)[N],(hals)[N])[N]
boothamer	((boot)[V],(hamer)[N])[N]
boothuis	((boot)[N],(huis)[N])[N]
bootlengte	((boot)[N],(lengte)[N])[N]
bootsgezel	((boot)[N],(s)[N|N.N],(gezel)[N])[N]
bootshaak	((boot)[N],(s)[N|N.N],(haak)[N])[N]
bootslengte	((boot)[N],(s)[N|N.N],(lengte)[N])[N]
bootsmaat	((boot)[N],(s)[N|N.N],(maat)[N])[N]
bootsman	((boot)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N]
bootsmansmaat	(((boot)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(maat)[N])[N]
bootsvolk	((boot)[N],(s)[N|N.N],(volk)[N])[N]
boottocht	((boot)[N],(tocht)[N])[N]
boottrailer	((boot)[N],(trailer)[N])[N]
boottrein	((boot)[N],(trein)[N])[N]
bootvluchteling	((boot)[N],((vlucht)[V],(eling)[N|V.])[N])[N]
bootwerker	((boot)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
bop	(bop)[N]
bopper	((bop)[N],(er)[N|N.])[N]
boraxzuur	((borax)[N],(zuur)[N])[N]
bord	(bord)[N]
bordeauxwijn	((bordeaux)[N],(wijn)[N])[N]
bordeel	(bordeel)[N]
bordeelhouder	((bordeel)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
bordeelhoudster	((bordeel)[N],((houd)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
bordeelsluiper	((bordeel)[N],(sluip)[V],(er)[N|NV.])[N]
bordendoek	((bord)[N],(en)[N|N.N],(doek)[N])[N]
bordenrek	((bord)[N],(en)[N|N.N],(rek)[N])[N]
bordenwarmer	((bord)[N],(en)[N|N.Vx],(warm)[V],(er)[N|NxV.])[N]
bordenwasmachine	((bord)[N],(en)[N|N.VN],(was)[V],(machine)[N])[N]
bordenwasser	((bord)[N],(en)[N|N.Vx],(was)[V],(er)[N|NxV.])[N]
border	(border)[N]
borderel	(borderel)[N]
bordes	(bordes)[N]
bordkarton	((bord)[N],(karton)[N])[N]
bordkartonnen	((bord)[N],((karton)[N],(en)[A|N.])[A])[A]
bordpapier	((bord)[N],(papier)[N])[N]
bordpapieren	(((bord)[N],(papier)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
borduren	(borduur)[V]
borduurgaas	((borduur)[V],(gaas)[N])[N]
borduurgaren	((borduur)[V],(garen)[N])[N]
borduurkatoen	((borduur)[V],(katoen)[N])[N]
borduurlamp	((borduur)[V],(lamp)[N])[N]
borduurnaald	((borduur)[V],(naald)[N])[N]
borduurraam	((borduur)[V],(raam)[N])[N]
borduursel	((borduur)[V],(sel)[N|V.])[N]
borduursteek	((borduur)[V],(steek)[N])[N]
borduurster	((borduur)[V],(ster)[N|V.])[N]
borduurzij	((borduur)[V],(zij)[N])[N]
borduurzijde	((borduur)[V],(zijde)[N])[N]
boreling	((geboren)[A],(ling)[N|A.])[N]
boren	(boor)[V]
borg	(borg)[N]
borgbout	((borg)[N],(bout)[N])[N]
borgen	(borg)[V]
borghaak	((borg)[N],(haak)[N])[N]
borgketting	((borg)[V],(ketting)[N])[N]
borgkoppeling	((borg)[N],((koppel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
borgmoer	((borg)[V],(moer)[N])[N]
borgpen	((borg)[V],(pen)[N])[N]
borgsom	((borg)[N],(som)[N])[N]
borgstelling	((borg)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
borgstrop	((borg)[V],(strop)[N])[N]
borgtocht	((borg)[N],(tocht)[N])[N]
boring	((boor)[V],(ing)[N|V.])[N]
borium	(borium)[N]
born	(born)[N]
bornput	((born)[N],(put)[N])[N]
borrel	(borrel)[N]
borrelaar	((borrel)[V],(aar)[N|V.])[N]
borrelen	(borrel)[V]
borrelfles	((borrel)[N],(fles)[N])[N]
borrelgarnituur	((borrel)[V],(garnituur)[N])[N]
borrelglas	((borrel)[V],(glas)[N])[N]
borrelhapje	((borrel)[V],(hap)[N])[N]
borrelpraat	((borrel)[V],(praat)[N])[N]
borreluur	((borrel)[V],(uur)[N])[N]
borsalino	(borsalino)[N]
borst	(borst)[N]
borstaandoening	((borst)[N],(((aan)[P],(doe)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
borstamputatie	((borst)[N],(amputeer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
borstbeeld	((borst)[N],(beeld)[N])[N]
borstbeen	((borst)[N],(been)[N])[N]
borstcrawl	((borst)[N],(crawl)[N])[N]
borstdrankje	((borst)[N],(drank)[N])[N]
borstel	(borstel)[N]
borstelachtig	((borstel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
borstelbaan	((borstel)[N],(baan)[N])[N]
borstelen	(borstel)[V]
borstelgras	((borstel)[N],(gras)[N])[N]
borstelhaar	((borstel)[N],(haar)[N])[N]
borstelhanger	((borstel)[N],((hang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
borstelig	((borstel)[N],(ig)[A|N.])[A]
borsteling	((borstel)[V],(ing)[N|V.])[N]
borstelmaker	((borstel)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
borsteltrommel	((borstel)[N],(trommel)[N])[N]
borstelwormen	((borstel)[N],(worm)[N])[N]
borsthaar	((borst)[N],(haar)[N])[N]
borstharnas	((borst)[N],(harnas)[N])[N]
borstholte	((borst)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
borsthonig	((borst)[N],(honig)[N])[N]
borsthoning	((borst)[N],(honing)[N])[N]
borsthoogte	((borst)[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
borstkas	((borst)[N],(kas)[N])[N]
borstkind	((borst)[N],(kind)[N])[N]
borstklier	((borst)[N],(klier)[N])[N]
borstklontje	((borst)[N],(klont)[N])[N]
borstkolf	((borst)[N],(kolf)[N])[N]
borstkruid	((borst)[N],(kruid)[N])[N]
borstkruis	((borst)[N],(kruis)[N])[N]
borstkwaal	((borst)[N],(kwaal)[N])[N]
borstlap	((borst)[N],(lap)[N])[N]
borstlijder	((borst)[N],((lijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
borstmicrofoon	((borst)[N],(microfoon)[N])[N]
borstonderzoek	((borst)[N],(onderzoek)[N])[N]
borstplaat	((borst)[N],(plaat)[N])[N]
borstrok	((borst)[N],(rok)[N])[N]
borstschild	((borst)[N],(schild)[N])[N]
borstslag	((borst)[N],(slag)[N])[N]
borstspeld	((borst)[N],(speld)[N])[N]
borststem	((borst)[N],(stem)[N])[N]
borstster	((borst)[N],(ster)[N])[N]
borststuk	((borst)[N],(stuk)[N])[N]
borsttering	((borst)[N],((teer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
borstvin	((borst)[N],(vin)[N])[N]
borstvlies	((borst)[N],(vlies)[N])[N]
borstvliesontsteking	(((borst)[N],(vlies)[N])[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
borstvoeding	((borst)[N],((voed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
borstwering	((borst)[N],((weer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
borstwervel	((borst)[N],(wervel)[N])[N]
borstzak	((borst)[N],(zak)[N])[N]
borstziekte	((borst)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
borstzwemmen	((borst)[N],(zwem)[V])[V]
bos	(bos)[N]
bosaanplant	((bos)[N],(aanplant)[N])[N]
bosaardbei	((bos)[N],(aardbei)[N])[N]
bosachtig	((bos)[N],(achtig)[A|N.])[A]
bosanemoon	((bos)[N],(anemoon)[N])[N]
bosbedrijf	((bos)[N],(bedrijf)[N])[N]
bosbeheer	((bos)[N],(beheer)[N])[N]
bosbes	((bos)[N],(bes)[N])[N]
bosbessengelei	(((bos)[N],(bes)[N])[N],(en)[N|N.N],(gelei)[N])[N]
bosbewoner	((bos)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
bosbies	((bos)[N],(bies)[N])[N]
bosbloem	((bos)[N],(bloem)[N])[N]
bosbouw	((bos)[N],(bouw)[N])[N]
bosbouwkunde	(((bos)[N],(bouw)[N])[N],(kunde)[N])[N]
bosbouwonderwijs	(((bos)[N],(bouw)[N])[N],(onderwijs)[N])[N]
bosbraam	((bos)[N],(braam)[N])[N]
bosbrand	((bos)[N],(brand)[N])[N]
boscultuur	((bos)[N],(cultuur)[N])[N]
bosduif	((bos)[N],(duif)[N])[N]
bosduivel	((bos)[N],(duivel)[N])[N]
bosfazant	((bos)[N],(fazant)[N])[N]
bosflora	((bos)[N],(flora)[N])[N]
bosgemeenschap	((bos)[N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
bosgeur	((bos)[N],(geur)[N])[N]
bosgeus	((bos)[N],(geus)[N])[N]
bosgod	((bos)[N],(god)[N])[N]
bosgodin	((bos)[N],((god)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
bosgrond	((bos)[N],(grond)[N])[N]
boshoen	((bos)[N],(hoen)[N])[N]
boskant	((bos)[N],(kant)[N])[N]
boskat	((bos)[N],(kat)[N])[N]
boslelie	((bos)[N],(lelie)[N])[N]
bosloop	((bos)[N],(loop)[N])[N]
boslucht	((bos)[N],(lucht)[N])[N]
bosmens	((bos)[N],(mens)[N])[N]
bosneger	((bos)[N],(neger)[N])[N]
bosnegerdorp	(((bos)[N],(neger)[N])[N],(dorp)[N])[N]
bosnimf	((bos)[N],(nimf)[N])[N]
bospad	((bos)[N],(pad)[N])[N]
bospeen	((bos)[N],(peen)[N])[N]
bosrand	((bos)[N],(rand)[N])[N]
bosrijk	((bos)[N],(rijk)[A])[A]
boss	(boss)[N]
bosschap	((bos)[N],(schap)[N|N.])[N]
bosselderij	((bos)[N],(selderij)[N])[N]
bossen	(bos)[V]
bosterrein	((bos)[N],(terrein)[N])[N]
bostonneren	((boston)[N],(eer)[V|N.])[V]
bostra	((bos)[N],(tra)[N])[N]
bosuil	((bos)[N],(uil)[N])[N]
bosvaren	((bos)[N],(varen)[N])[N]
bosveen	((bos)[N],(veen)[N])[N]
bosviooltje	((bos)[N],(viool)[N])[N]
boswachter	((bos)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
boswachterij	(((bos)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(ij)[N])[N]
boswandeling	((bos)[N],((wandel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
boswezen	((bos)[N],(wezen)[N])[N]
bot	(bot)[N]
botanie	((botanisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
botaniseertrommel	((((botanisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(iseer)[V|N.])[V],(trommel)[N])[N]
botaniseren	(((botanisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(iseer)[V|N.])[V]
botanist	(((botanisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(ist)[N|N.])[N]
botboring	((bot)[N],(boor)[V],(ing)[N|NV.])[N]
botbreuk	((bot)[N],(breuk)[N])[N]
botel	(botel)[N]
boten	(boot)[V]
botenhuis	((boot)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
boter	(boter)[N]
boterachtig	((boter)[N],(achtig)[A|N.])[A]
boterberg	((boter)[N],(berg)[N])[N]
boterbiesje	((boter)[N],(bies)[N])[N]
boterbloem	((boter)[N],(bloem)[N])[N]
boterboer	((boter)[N],(boer)[N])[N]
boterbriefje	((boter)[V],(brief)[N])[N]
botercontrole	((boter)[N],(controle)[N])[N]
boterdoos	((boter)[N],(doos)[N])[N]
boteren	(boter)[V]
boterfabriek	((boter)[N],(fabriek)[N])[N]
botergeel	((boter)[N],(geel)[N])[N]
boterhambeleg	((boterham)[N],(beleg)[N])[N]
boterhambord	((boterham)[N],(bord)[N])[N]
boterhammenpapier	((boterham)[N],(en)[N|N.N],(papier)[N])[N]
boterhammenworst	((boterham)[N],(e)[N|N.N],(worst)[N])[N]
boterhampapier	((boterham)[N],(papier)[N])[N]
boterhampasta	((boterham)[N],(pasta)[N])[N]
boterhamtrommeltje	((boterham)[N],(trommel)[N])[N]
boterhamworst	((boterham)[N],(worst)[N])[N]
boterkleursel	((boter)[N],((kleur)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
boterkoek	((boter)[N],(koek)[N])[N]
boterland	((boter)[V],(land)[N])[N]
boterletter	((boter)[N],(letter)[N])[N]
botermals	((boter)[N],(mals)[A])[A]
botermarkt	((boter)[N],(markt)[N])[N]
botermelk	((boter)[N],(melk)[N])[N]
botermerk	((boter)[N],(merk)[N])[N]
botermesje	((boter)[N],(mes)[N])[N]
botermijn	((boter)[N],(mijn)[N])[N]
boterolie	((boter)[V],(olie)[N])[N]
boterpeer	((boter)[N],(peer)[N])[N]
boterpot	((boter)[N],(pot)[N])[N]
botersaus	((boter)[N],(saus)[N])[N]
boterspaan	((boter)[N],(spaan)[N])[N]
botersprits	((boter)[N],(sprits)[N])[N]
boterstaaf	((boter)[N],(staaf)[N])[N]
boterstand	((boter)[V],(stand)[N])[N]
botervat	((boter)[N],(vat)[N])[N]
botervet	((boter)[N],(vet)[N])[N]
botervlinder	((boter)[N],(vlinder)[N])[N]
botervloot	((boter)[N],(vloot)[N])[N]
boterwaag	((boter)[N],(waag)[N])[N]
boterwarmer	((boter)[N],(warm)[V],(er)[N|NV.])[N]
boterzacht	((boter)[N],(zacht)[A])[A]
boterzuur	((boter)[N],(zuur)[N])[N]
botheid	((bot)[A],(heid)[N|A.])[N]
botmuil	((bot)[A],(muil)[N])[N]
bots	(bots)[N]
botsautootje	((bots)[V],(auto)[N])[N]
botsen	(bots)[V]
botsing	((bots)[V],(ing)[N|V.])[N]
botsingsenergie	(((bots)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(energie)[N])[N]
bottel	(bottel)[N]
bottelaar	((bottel)[V],(aar)[N|V.])[N]
bottelarij	((bottel)[V],(arij)[N|V.])[N]
bottelbier	((bottel)[V],(bier)[N])[N]
bottelen	(bottel)[V]
bottelier	((bottel)[N],(ier)[N|N.])[N]
bottellijn	((bottel)[V],(lijn)[N])[N]
botteloef	((bot)[N],(e)[N|N.N],(loef)[N])[N]
bottelroos	((bottel)[N],(roos)[N])[N]
botten	(bot)[V]
bottenkraakster	((bot)[N],(en)[N|N.Vx],(kraak)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
bottenkraker	((bot)[N],(en)[N|N.Vx],(kraak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
botterik	((bot)[A],(erik)[N|A.])[N]
botuil	((bot)[A],(uil)[N])[N]
botvieren	((bot)[N],(vier)[V])[V]
botvink	((bot)[A],(vink)[N])[N]
boud	(boud)[A]
bougie	(bougie)[N]
bougiesleutel	((bougie)[N],(sleutel)[N])[N]
bouillon	(bouillon)[N]
bouillonblokje	((bouillon)[N],(blok)[N])[N]
bouillonkop	((bouillon)[N],(kop)[N])[N]
bouillonsoep	((bouillon)[N],(soep)[N])[N]
boulevard	(boulevard)[N]
boulevardblad	((boulevard)[N],(blad)[N])[N]
boulevardjournalistiek	((boulevard)[N],((((journaal)[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
boulevardkrant	((boulevard)[N],(krant)[N])[N]
boulevardpers	((boulevard)[N],(pers)[N])[N]
bourgeois-cultuur	((bourgeois)[N],(cultuur)[N])[N]
bourgeois-ideaal	((bourgeois)[N],(ideaal)[N])[N]
bourgeois-mentaliteit	((bourgeois)[N],((mentaal)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
bourgeoisie	((bourgeois)[N],(ie)[N|N.])[N]
bourgognewijn	((bourgogne)[N],(wijn)[N])[N]
bout	(bout)[N]
bouvier	(bouvier)[N]
bouw	(bouw)[N]
bouwbedrijf	((bouw)[V],(bedrijf)[N])[N]
bouwbeleid	((bouw)[V],(beleid)[N])[N]
bouwblok	((bouw)[V],(blok)[N])[N]
bouwboer	((bouw)[V],(boer)[N])[N]
bouwcombinatie	((bouw)[V],((combineer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
bouwcommissie	((bouw)[V],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
bouwconstructie	((bouw)[V],(constructie)[N])[N]
bouwcontingent	((bouw)[V],(contingent)[N])[N]
bouwdok	((bouw)[V],(dok)[N])[N]
bouwdoos	((bouw)[V],(doos)[N])[N]
bouwen	(bouw)[V]
bouwer	((bouw)[V],(er)[N|V.])[N]
bouwerij	((bouw)[V],(erij)[N|V.])[N]
bouwfonds	((bouw)[V],(fonds)[N])[N]
bouwgrond	((bouw)[V],(grond)[N])[N]
bouwheer	((bouw)[V],(heer)[N])[N]
bouwjaar	((bouw)[V],(jaar)[N])[N]
bouwkas	((bouw)[V],(kas)[N])[N]
bouwkeet	((bouw)[V],(keet)[N])[N]
bouwklimaat	((bouw)[V],(klimaat)[N])[N]
bouwkoorts	((bouw)[V],(koorts)[N])[N]
bouwkosten	((bouw)[V],(kost)[N])[N]
bouwkraan	((bouw)[V],(kraan)[N])[N]
bouwkuip	((bouw)[V],(kuip)[N])[N]
bouwkunde	((bouw)[V],(kunde)[N])[N]
bouwkundig	(((bouw)[V],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
bouwkunst	((bouw)[V],(kunst)[N])[N]
bouwkunstenaar	(((bouw)[V],(kunst)[N])[N],(enaar)[N|N.])[N]
bouwlaag	((bouw)[V],(laag)[N])[N]
bouwland	((bouw)[V],(land)[N])[N]
bouwlat	((bouw)[N],(lat)[N])[N]
bouwlift	((bouw)[N],(lift)[N])[N]
bouwmaatschappij	((bouw)[V],(maatschappij)[N])[N]
bouwmateriaal	((bouw)[V],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
bouwmeester	((bouw)[V],(meester)[N])[N]
bouwmodulus	((bouw)[V],(modulus)[N])[N]
bouwmoduul	((bouw)[V],(moduul)[N])[N]
bouwmuur	((bouw)[V],(muur)[N])[N]
bouwnijverheid	((bouw)[V],((nijver)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bouworde	((bouw)[V],(orde)[N])[N]
bouwpakket	((bouw)[V],(pakket)[N])[N]
bouwplaat	((bouw)[V],(plaat)[N])[N]
bouwplan	((bouw)[V],(plan)[N])[N]
bouwpolitie	((bouw)[N],(politie)[N])[N]
bouwpremie	((bouw)[V],(premie)[N])[N]
bouwput	((bouw)[V],(put)[N])[N]
bouwrijp	((bouw)[V],(rijp)[A])[A]
bouwsel	((bouw)[V],(sel)[N|V.])[N]
bouwsom	((bouw)[V],(som)[N])[N]
bouwsteen	((bouw)[V],(steen)[N])[N]
bouwstelsel	((bouw)[V],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
bouwstijl	((bouw)[V],(stijl)[N])[N]
bouwstof	((bouw)[V],(stof)[N])[N]
bouwstop	((bouw)[V],(stop)[N])[N]
bouwterrein	((bouw)[V],(terrein)[N])[N]
bouwtoezicht	((bouw)[V],((toe)[B],(zicht)[N])[N])[N]
bouwtrant	((bouw)[V],(trant)[N])[N]
bouwvak	((bouw)[V],(vak)[N])[N]
bouwvakarbeider	(((bouw)[V],(vak)[N])[N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
bouwvakker	(((bouw)[V],(vak)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
bouwval	((bouw)[N],(val)[N])[N]
bouwvallig	(((bouw)[N],(val)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
bouwvalligheid	((((bouw)[N],(val)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bouwverbod	((bouw)[V],(verbod)[N])[N]
bouwvergunning	((bouw)[V],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bouwverordening	((bouw)[V],(((ver)[V|.V],(orden)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bouwvolume	((bouw)[V],(volume)[N])[N]
bouwvoor	((bouw)[V],(voor)[N])[N]
bouwwereld	((bouw)[V],(wereld)[N])[N]
bouwwerk	((bouw)[V],(werk)[N])[N]
bovenaanzicht	((boven)[B],(aanzicht)[N])[N]
bovenaards	((boven)[P],(aarde)[N],(s)[A|PN.])[A]
bovenarm	((boven)[B],(arm)[N])[N]
bovenbedoeld	((boven)[B],(bedoeld)[V])[A]
bovenbeen	((boven)[B],(been)[N])[N]
bovenbesteding	((boven)[B],((besteed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bovenbewust	((boven)[B],(bewust)[A])[A]
bovenbewustzijn	((boven)[B],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
bovenblad	((boven)[B],(blad)[N])[N]
bovenblijven	((boven)[B],(blijf)[V])[V]
bovenbouw	((boven)[B],(bouw)[N])[N]
bovenbramzeil	((boven)[B],((bram)[N],(zeil)[N])[N])[N]
bovenbuur	((boven)[B],(buur)[N])[N]
bovenconjunctie	((boven)[B],((conjunct)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
bovendek	((boven)[B],(dek)[N])[N]
bovendeur	((boven)[B],(deur)[N])[N]
bovendominant	((boven)[B],((domineer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
bovendrempel	((boven)[B],(drempel)[N])[N]
bovendrijven	((boven)[B],(drijf)[V])[V]
boveneind	((boven)[B],(eind)[N])[N]
boveneinde	((boven)[B],(einde)[N])[N]
bovengedeelte	((boven)[B],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
bovengemeld	((boven)[B],(gemeld)[A])[A]
bovengenoemd	((boven)[B],(genoemd)[A])[A]
bovengistend	((boven)[B],(gist)[V],(end)[A|BV.])[A]
bovengoed	((boven)[B],(goed)[N])[N]
bovengreep	((boven)[B],(greep)[N])[N]
bovengrond	((boven)[B],(grond)[N])[N]
bovengronds	(((boven)[B],(grond)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
bovenhalen	((boven)[B],(haal)[V])[V]
bovenhand	((boven)[B],(hand)[N])[N]
bovenhands	((boven)[B],(hand)[N],(s)[A|BN.])[A]
bovenharmonisch	((boven)[B],(harmonisch)[A])[A]
bovenhouden	((boven)[B],(houd)[V])[V]
bovenhuis	((boven)[B],(huis)[N])[N]
bovenkaak	((boven)[B],(kaak)[N])[N]
bovenkamer	((boven)[B],(kamer)[N])[N]
bovenkant	((boven)[B],(kant)[N])[N]
bovenkast	((boven)[B],(kast)[N])[N]
bovenkerk	((boven)[B],(kerk)[N])[N]
bovenkleed	((boven)[B],(kleed)[N])[N]
bovenkomen	((boven)[B],(kom)[V])[V]
bovenkopen	((boven)[P],(koop)[V])[V]
bovenkruier	((boven)[B],(krui)[V],(er)[N|BV.])[N]
bovenlaag	((boven)[B],(laag)[N])[N]
bovenlader	((boven)[B],(laad)[V],(er)[N|BV.])[N]
bovenlaken	((boven)[B],(laken)[N])[N]
bovenland	((boven)[B],(land)[N])[N]
bovenlander	(((boven)[B],(land)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
bovenlands	(((boven)[B],(land)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
bovenlast	((boven)[B],(last)[N])[N]
bovenlat	((boven)[B],(lat)[N])[N]
bovenlaten	((boven)[B],(laat)[V])[V]
bovenleder	((boven)[B],(leder)[N])[N]
bovenleer	((boven)[B],(leer)[N])[N]
bovenleiding	((boven)[B],((leid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bovenlichaam	((boven)[B],(lichaam)[N])[N]
bovenlicht	((boven)[B],(licht)[N])[N]
bovenliggen	((boven)[B],(lig)[V])[V]
bovenlijf	((boven)[B],(lijf)[N])[N]
bovenlip	((boven)[B],(lip)[N])[N]
bovenloop	((boven)[B],(loop)[N])[N]
bovenmaats	((boven)[P],(maat)[N],(s)[A|PN.])[A]
bovenmanuaal	((boven)[B],(manuaal)[N])[N]
bovenmatig	((boven)[B],(maat)[N],(ig)[A|BN.])[A]
bovenmeester	((boven)[B],(meester)[N])[N]
bovenmeid	((boven)[B],(meid)[N])[N]
bovenmenselijk	((boven)[P],(mens)[N],(elijk)[A|PN.])[A]
bovennatuurlijk	((boven)[P],(natuur)[N],(lijk)[A|PN.])[A]
bovennormaal	((boven)[B],((norm)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
bovenpersoonlijk	((boven)[P],(persoon)[N],(lijk)[A|PN.])[A]
bovenraam	((boven)[B],(raam)[N])[N]
bovenrivier	((boven)[B],(rivier)[N])[N]
bovenschip	((boven)[B],(schip)[N])[N]
bovensmering	((boven)[B],((smeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bovenstaand	((boven)[P],(staand)[A])[A]
bovenstad	((boven)[B],(stad)[N])[N]
bovenstandig	((boven)[P],(stand)[N],(ig)[A|PN.])[A]
bovenstel	((boven)[B],(stel)[N])[N]
bovenstem	((boven)[B],(stem)[N])[N]
bovenstrooms	((boven)[P],(stroom)[N],(s)[A|PN.])[A]
bovenstuk	((boven)[B],(stuk)[N])[N]
boventallig	((boven)[P],(tal)[N],(ig)[A|PN.])[A]
boventand	((boven)[B],(tand)[N])[N]
boventoon	((boven)[B],(toon)[N])[N]
boventuig	((boven)[B],(tuig)[N])[N]
bovenvenster	((boven)[B],(venster)[N])[N]
bovenverdieping	((boven)[B],(((ver)[V|.A],(diep)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bovenvermeld	((boven)[B],(vermeld)[V])[A]
bovenvlak	((boven)[B],(vlak)[N])[N]
bovenwaarts	((boven)[B],(waarts)[A|B.])[A]
bovenwater	((boven)[B],(water)[N])[N]
bovenwind	((boven)[B],(wind)[N])[N]
bovenwinds	(((boven)[B],(wind)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
bovenwoning	((boven)[B],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bovenzaal	((boven)[B],(zaal)[N])[N]
bovenzees	((boven)[P],(zee)[N],(s)[A|PN.])[A]
bovenzij	((boven)[B],(zij)[N])[N]
bovenzijde	((boven)[B],(zijde)[N])[N]
bovenzinnelijk	((boven)[P],(zin)[N],(elijk)[A|PN.])[A]
bowl	(bowl)[N]
bowlen	(bowl)[V]
bowling	((bowl)[V],(ing)[N|V.])[N]
bowlingbaan	(((bowl)[V],(ing)[N|V.])[N],(baan)[N])[N]
box	(box)[N]
boy	(boy)[N]
boycot	(boycot)[N]
boycotten	(boycot)[V]
boyscout	((boy)[N],(scout)[N])[N]
bozig	((boos)[A],(ig)[A|A.])[A]
braadaal	((braad)[V],(aal)[N])[N]
braadharing	((braad)[V],(haring)[N])[N]
braadjus	((braad)[V],(jus)[N])[N]
braadlucht	((braad)[V],(lucht)[N])[N]
braadoven	((braad)[V],(oven)[N])[N]
braadpan	((braad)[V],(pan)[N])[N]
braadschotel	((braad)[V],(schotel)[N])[N]
braadslede	((braad)[V],(slede)[N])[N]
braadslee	((braad)[V],(slee)[N])[N]
braadspit	((braad)[V],(spit)[N])[N]
braadstuk	((braad)[V],(stuk)[N])[N]
braadvet	((braad)[V],(vet)[N])[N]
braadworst	((braad)[V],(worst)[N])[N]
braafheid	((braaf)[A],(heid)[N|A.])[N]
braai	(braai)[N]
braak	(braak)[N]
braakgas	((braak)[V],(gas)[N])[N]
braakgrond	((braak)[A],(grond)[N])[N]
braakjaar	((braak)[A],(jaar)[N])[N]
braakland	((braak)[A],(land)[N])[N]
braakloop	((braak)[V],(loop)[N])[N]
braakmiddel	((braak)[V],(middel)[N])[N]
braaknoot	((braak)[V],(noot)[N])[N]
braakpoeder	((braak)[V],(poeder)[N])[N]
braakpoeier	((braak)[V],(poeier)[N])[N]
braakschade	((braak)[N],(schade)[N])[N]
braaksel	((braak)[V],(sel)[N|V.])[N]
braakwortel	((braak)[V],(wortel)[N])[N]
braam	(braam)[N]
braambes	((braam)[N],(bes)[N])[N]
braambos	((braam)[N],(bos)[N])[N]
braamstruik	((braam)[N],(struik)[N])[N]
braamvlinder	((braam)[N],(vlinder)[N])[N]
brabbelaar	((brabbel)[V],(aar)[N|V.])[N]
brabbelaarster	(((brabbel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
brabbelarij	((brabbel)[V],(arij)[N|V.])[N]
brabbelen	(brabbel)[V]
brabbeltaal	((brabbel)[V],(taal)[N])[N]
braden	(braad)[V]
braderij	((braad)[V],(erij)[N|V.])[N]
brailledruk	((braille)[N],(druk)[N])[N]
brailleschrift	((braille)[N],(schrift)[N])[N]
brainstorming	((brainstorm)[V],(ing)[N|V.])[N]
brak	(brak)[N]
braken	(braak)[V]
braker	((braak)[V],(er)[N|V.])[N]
brakheid	((brak)[A],(heid)[N|A.])[N]
braking	((braak)[V],(ing)[N|V.])[N]
brallen	(bral)[V]
brallerig	((bral)[V],(erig)[A|V.])[A]
bram	(bram)[N]
bramra	((bram)[N],(ra)[N])[N]
bramsteng	((bram)[N],(steng)[N])[N]
bramzeil	((bram)[N],(zeil)[N])[N]
brancard	(brancard)[N]
branche	(branche)[N]
brancheorganisatie	((branche)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
branchevervaging	((branche)[N],((ver)[V|.A],(vaag)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
branchevreemd	((branche)[N],(vreemd)[A])[A]
brand	(brand)[N]
brandalarm	((brand)[V],(alarm)[N])[N]
brandassurantie	((brand)[N],((assureer)[V],(antie)[N|V.])[N])[N]
brandbaar	((brand)[V],(baar)[A|V.])[A]
brandbaarheid	(((brand)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
brandbijl	((brand)[V],(bijl)[N])[N]
brandblaar	((brand)[V],(blaar)[N])[N]
brandblusapparaat	((brand)[N],(blus)[V],(apparaat)[N])[N]
brandblusser	((brand)[N],(blus)[V],(er)[N|NV.])[N]
brandbom	((brand)[V],(bom)[N])[N]
brandbrief	((brand)[N],(brief)[N])[N]
brandcilinder	((brand)[N],(cilinder)[N])[N]
branddeur	((brand)[N],(deur)[N])[N]
brandemmer	((brand)[N],(emmer)[N])[N]
branden	(brand)[V]
brander	((brand)[V],(er)[N|V.])[N]
branderig	((brand)[N],(erig)[A|N.])[A]
branderigheid	(((brand)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
branderij	((brand)[V],(erij)[N|V.])[N]
brandewijn	((brand)[N],(e)[N|N.N],(wijn)[N])[N]
brandewijnstoker	(((brand)[N],(e)[N|N.N],(wijn)[N])[N],(stook)[V],(er)[N|NV.])[N]
brandgang	((brand)[N],(gang)[N])[N]
brandgevaar	((brand)[V],(gevaar)[N])[N]
brandgevaarlijk	((brand)[N],((gevaar)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
brandgevel	((brand)[N],(gevel)[N])[N]
brandglas	((brand)[V],(glas)[N])[N]
brandgranaat	((brand)[V],(granaat)[N])[N]
brandhaak	((brand)[N],(haak)[N])[N]
brandhaard	((brand)[N],(haard)[N])[N]
brandhelder	((brand)[N],(helder)[A])[A]
brandhout	((brand)[V],(hout)[N])[N]
brandig	((brand)[V],(ig)[A|V.])[A]
brandigheid	(((brand)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
brandijzer	((brand)[V],(ijzer)[N])[N]
branding	((brand)[V],(ing)[N|V.])[N]
brandkast	((brand)[V],(kast)[N])[N]
brandkeur	((brand)[V],(keur)[N])[N]
brandkist	((brand)[V],(kist)[N])[N]
brandklok	((brand)[N],(klok)[N])[N]
brandkluis	((brand)[V],(kluis)[N])[N]
brandkogel	((brand)[N],(kogel)[N])[N]
brandkoren	((brand)[N],(koren)[N])[N]
brandkraan	((brand)[V],(kraan)[N])[N]
brandkruid	((brand)[V],(kruid)[N])[N]
brandladder	((brand)[N],(ladder)[N])[N]
brandlucht	((brand)[V],(lucht)[N])[N]
brandmeester	((brand)[N],(meester)[N])[N]
brandmelder	((brand)[N],(meld)[V],(er)[N|NV.])[N]
brandmerk	((brand)[V],(merk)[N])[N]
brandmerken	((brand)[V],(merk)[V])[V]
brandmerking	(((brand)[V],(merk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
brandmuur	((brand)[N],(muur)[N])[N]
brandnetel	((brand)[V],(netel)[N])[N]
brandnetelsap	(((brand)[V],(netel)[N])[N],(sap)[N])[N]
brandoffer	((brand)[V],(offer)[N])[N]
brandpiket	((brand)[N],(piket)[N])[N]
brandplaat	((brand)[V],(plaat)[N])[N]
brandplaatje	((brand)[N],(plaat)[N])[N]
brandpolis	((brand)[V],(polis)[N])[N]
brandpreventie	((brand)[N],(preventie)[N])[N]
brandprijs	((brand)[N],(prijs)[N])[N]
brandpunt	((brand)[V],(punt)[N])[N]
brandpuntsafstand	(((brand)[V],(punt)[N])[N],(s)[N|N.N],(afstand)[N])[N]
brandschade	((brand)[V],(schade)[N])[N]
brandschatten	((brand)[V],(schat)[V])[V]
brandschatting	(((brand)[V],(schat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
brandschel	((brand)[V],(schel)[N])[N]
brandscherm	((brand)[V],(scherm)[N])[N]
brandschilderen	((brand)[V],(schilder)[V])[V]
brandschimmel	((brand)[N],(schimmel)[N])[N]
brandschoon	((brand)[N],(schoon)[A])[A]
brandsel	((brand)[V],(sel)[N|V.])[N]
brandslang	((brand)[V],(slang)[N])[N]
brandspiegel	((brand)[V],(spiegel)[N])[N]
brandspiritus	((brand)[V],(spiritus)[N])[N]
brandspuit	((brand)[V],(spuit)[N])[N]
brandspuitgast	(((brand)[V],(spuit)[N])[N],(gast)[N])[N]
brandstapel	((brand)[V],(stapel)[N])[N]
brandsteen	((brand)[V],(steen)[N])[N]
brandstichten	((brand)[N],(sticht)[V])[V]
brandstichter	(((brand)[N],(sticht)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
brandstichting	(((brand)[N],(sticht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
brandstichtster	((brand)[N],((sticht)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
brandstof	((brand)[V],(stof)[N])[N]
brandstofbesparing	(((brand)[V],(stof)[N])[N],((be)[V|.V],(spaar)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
brandstofelement	(((brand)[V],(stof)[N])[N],(element)[N])[N]
brandstoffenhandelaar	(((brand)[V],(stof)[N])[N],(en)[N|N.N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
brandstofgebrek	(((brand)[V],(stof)[N])[N],(gebrek)[N])[N]
brandstofpomp	(((brand)[V],(stof)[N])[N],(pomp)[N])[N]
brandstofreserve	(((brand)[V],(stof)[N])[N],(reserve)[N])[N]
brandstofschaarste	(((brand)[V],(stof)[N])[N],((schaars)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
brandstoftank	(((brand)[V],(stof)[N])[N],(tank)[N])[N]
brandstoftoeslag	(((brand)[V],(stof)[N])[N],((toe)[B],(slag)[N])[N])[N]
brandstofvoorraad	(((brand)[V],(stof)[N])[N],(voorraad)[N])[N]
brandstrook	((brand)[V],(strook)[N])[N]
brandtrap	((brand)[V],(trap)[N])[N]
branduur	((brand)[V],(uur)[N])[N]
brandvast	((brand)[V],(vast)[A])[A]
brandveilig	((brand)[N],(veilig)[A])[A]
brandverf	((brand)[V],(verf)[N])[N]
brandverzekering	((brand)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
brandverzekeringsmaatschappij	((brand)[N],((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N])[N]
brandvlak	((brand)[V],(vlak)[N])[N]
brandvlek	((brand)[V],(vlek)[N])[N]
brandvos	((brand)[N],(vos)[N])[N]
brandvrij	((brand)[V],(vrij)[A])[A]
brandwaarborgmaatschappij	((brandwaarborg)[N],(maatschappij)[N])[N]
brandwacht	((brand)[N],(wacht)[N])[N]
brandweer	((brand)[V],(weer)[N])[N]
brandweerauto	(((brand)[V],(weer)[N])[N],(auto)[N])[N]
brandweercommandant	(((brand)[V],(weer)[N])[N],((commandeer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
brandweergreep	(((brand)[V],(weer)[N])[N],(greep)[N])[N]
brandweerhelm	(((brand)[V],(weer)[N])[N],(helm)[N])[N]
brandweerkazerne	(((brand)[V],(weer)[N])[N],(kazerne)[N])[N]
brandweerman	(((brand)[V],(weer)[N])[N],(man)[N])[N]
brandweersirene	(((brand)[V],(weer)[N])[N],(sirene)[N])[N]
brandweerwagen	(((brand)[V],(weer)[N])[N],(wagen)[N])[N]
brandweg	((brand)[N],(weg)[N])[N]
brandwerend	((brand)[N],(werend)[V])[A]
brandwond	((brand)[V],(wond)[N])[N]
brandwonde	((brand)[N],(wonde)[N])[N]
brandwondencentrum	(((brand)[V],(wond)[N])[N],(en)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
brandzalf	((brand)[V],(zalf)[N])[N]
brandzeil	((brand)[N],(zeil)[N])[N]
brandziekte	((brand)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
brandzwam	((brand)[N],(zwam)[N])[N]
branieachtig	((branie)[N],(achtig)[A|N.])[A]
braniemaker	((branie)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
branieschopper	((branie)[N],(schop)[V],(er)[N|NV.])[N]
bras	(bras)[N]
brasblok	((bras)[V],(blok)[N])[N]
brasem	(brasem)[N]
brasmaal	((bras)[V],(maal)[N])[N]
braspartij	((bras)[V],(partij)[N])[N]
brassen	(bras)[V]
brasserij	((bras)[V],(erij)[N|V.])[N]
brat	(brat)[N]
braverd	((braaf)[A],(erd)[N|A.])[N]
braveren	((braaf)[A],(eer)[V|A.])[V]
braverik	((braaf)[A],(erik)[N|A.])[N]
bravigheid	((braaf)[A],(igheid)[N|A.])[N]
bravo	(bravo)[N]
bravogeroep	((bravo)[N],((ge)[N|.V],(roep)[V])[N])[N]
bravourestuk	((bravoure)[N],(stuk)[N])[N]
brazielhout	((braziel)[N],(hout)[N])[N]
brazieltabak	((braziel)[N],(tabak)[N])[N]
break	(break)[N]
breeches	(breech)[N]
breed	(breed)[A]
breedarmig	((breed)[A],(arm)[N],(ig)[A|AN.])[A]
breedbladig	((breed)[A],(blad)[N],(ig)[A|AN.])[A]
breeddenkend	((breed)[A],(denk)[V],(end)[A|AV.])[A]
breedfok	((breed)[A],(fok)[N])[N]
breedgebouwd	((breed)[A],(gebouwd)[A])[A]
breedgerand	((breed)[A],((ge)[A|.N],(rand)[N])[A])[A]
breedgeschouderd	((breed)[A],((ge)[A|.Nx],(schouder)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
breedheid	((breed)[A],(heid)[N|A.])[N]
breedneuzig	((breed)[A],(neus)[N],(ig)[A|AN.])[A]
breedspoor	((breed)[A],(spoor)[N])[N]
breedsprakig	((breed)[A],(spraak)[N],(ig)[A|AN.])[A]
breedsprakigheid	(((breed)[A],(spraak)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
breedstraler	((breed)[A],(straal)[V],(er)[N|AV.])[N]
breedte	((breed)[A],(te)[N|A.])[N]
breedtecirkel	(((breed)[A],(te)[N|A.])[N],(cirkel)[N])[N]
breedtedraad	(((breed)[A],(te)[N|A.])[N],(draad)[N])[N]
breedtegraad	(((breed)[A],(te)[N|A.])[N],(graad)[N])[N]
breedteonderzoek	(((breed)[A],(te)[N|A.])[N],(onderzoek)[N])[N]
breedtesport	(((breed)[A],(te)[N|A.])[N],(sport)[N])[N]
breedvoerig	((breed)[A],(voer)[V],(ig)[A|AV.])[A]
breedvoerigheid	(((breed)[A],(voer)[V],(ig)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
breekal	((breek)[V],(al)[B])[N]
breekbaar	((breek)[V],(baar)[A|V.])[A]
breekbaarheid	(((breek)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
breekbeitel	((breek)[V],(beitel)[N])[N]
breekgeld	((breek)[V],(geld)[N])[N]
breekhout	((breek)[V],(hout)[N])[N]
breekijzer	((breek)[V],(ijzer)[N])[N]
breekkracht	((breek)[V],(kracht)[N])[N]
breekmesje	((breek)[V],(mes)[N])[N]
breekpunt	((breek)[V],(punt)[N])[N]
breeks	((breek)[V],(s)[A|V.])[A]
breekschade	((breek)[V],(schade)[N])[N]
breel	(breel)[N]
breeuwen	(breeuw)[V]
breeuwer	((breeuw)[V],(er)[N|V.])[N]
breeuwhamer	((breeuw)[V],(hamer)[N])[N]
breeuwijzer	((breeuw)[V],(ijzer)[N])[N]
breeuwnaad	((breeuw)[V],(naad)[N])[N]
breeuwwerk	((breeuw)[V],(werk)[N])[N]
brei	(brei)[N]
breideling	((breidel)[V],(ing)[N|V.])[N]
breidelloos	((breidel)[N],(loos)[A|N.])[A]
breien	(brei)[V]
breigaren	((brei)[V],(garen)[N])[N]
breigoed	((brei)[V],(goed)[N])[N]
breihoutje	((brei)[V],(hout)[N])[N]
breikatoen	((brei)[V],(katoen)[N])[N]
breikous	((brei)[V],(kous)[N])[N]
breimachine	((brei)[V],(machine)[N])[N]
breimandje	((brei)[V],(mand)[N])[N]
brein	(brein)[N]
breinaald	((brei)[V],(naald)[N])[N]
breinbreker	((brein)[N],(breek)[V],(er)[N|NV.])[N]
breipatroon	((brei)[V],(patroon)[N])[N]
breipen	((brei)[V],(pen)[N])[N]
breipriem	((brei)[V],(priem)[N])[N]
breischool	((brei)[V],(school)[N])[N]
breister	((brei)[V],(ster)[N|V.])[N]
breiwerk	((brei)[V],(werk)[N])[N]
breiwol	((brei)[V],(wol)[N])[N]
brekebeen	((breek)[V],(e)[N|V.N],(been)[N])[N]
brekelijk	((breek)[V],(elijk)[A|V.])[A]
breken	(breek)[V]
breker	((breek)[V],(er)[N|V.])[N]
brekespel	((breek)[V],(e)[N|V.N],(spel)[N])[N]
breking	((breek)[V],(ing)[N|V.])[N]
brekingshoek	(((breek)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hoek)[N])[N]
brekingsindex	(((breek)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(index)[N])[N]
brem	(brem)[N]
bremraap	((brem)[N],(raap)[N])[N]
brems	(brems)[N]
bremstruik	((brem)[N],(struik)[N])[N]
bremzout	((brem)[N],(zout)[A])[A]
bren	(bren)[N]
brengen	(breng)[V]
brenger	((breng)[V],(er)[N|V.])[N]
bres	(bres)[N]
bretel	(bretel)[N]
breuk	(breuk)[N]
breukband	((breuk)[N],(band)[N])[N]
breukbelasting	((breuk)[N],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
breuklijn	((breuk)[N],(lijn)[N])[N]
breukoperatie	((breuk)[N],(opereer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
breukspanning	((breuk)[N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
breuksteen	((breuk)[N],(steen)[N])[N]
breukstreep	((breuk)[N],(streep)[N])[N]
breukvastheid	((breuk)[N],((vast)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
breukvlak	((breuk)[N],(vlak)[N])[N]
brevetteren	((brevet)[N],(eer)[V|N.])[V]
bridge	(bridge)[N]
bridgeavond	((bridge)[V],(avond)[N])[N]
bridgedrive	((bridge)[V],(drive)[N])[N]
bridgen	(bridge)[V]
bridgepartij	((bridge)[V],(partij)[N])[N]
bridgespel	((bridge)[V],(spel)[N])[N]
bridgespeler	((bridge)[N],(speel)[V],(er)[N|NV.])[N]
bridgewedstrijd	((bridge)[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
brie	(brie)[N]
brief	(brief)[N]
briefadres	((brief)[N],(adres)[N])[N]
briefbom	((brief)[N],(bom)[N])[N]
briefdrager	((brief)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
brieffragment	((brief)[N],(fragment)[N])[N]
briefgeheim	((brief)[N],(geheim)[N])[N]
briefhoofd	((brief)[N],(hoofd)[N])[N]
briefkaart	((brief)[N],(kaart)[N])[N]
brieflias	((brief)[N],(lias)[N])[N]
briefmodel	((brief)[N],(model)[N])[N]
briefomslag	((brief)[N],((om)[P],(slag)[N])[N])[N]
briefopener	((brief)[N],((open)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
briefpapier	((brief)[N],(papier)[N])[N]
briefport	((brief)[N],(port)[N])[N]
briefporto	((brief)[N],(porto)[N])[N]
briefroman	((brief)[N],(roman)[N])[N]
briefschrijver	((brief)[N],(schrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
briefstijl	((brief)[N],(stijl)[N])[N]
brieftelegram	((brief)[N],(telegram)[N])[N]
briefvorm	((brief)[N],(vorm)[N])[N]
briefweger	((brief)[N],(weeg)[V],(er)[N|NV.])[N]
briefwisselen	((brief)[N],(wissel)[V])[V]
briefwisseling	((brief)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bries	(bries)[N]
briesen	(bries)[V]
brievenbesteller	((brief)[N],(en)[N|N.Vx],(bestel)[V],(er)[N|NxV.])[N]
brievenboek	((brief)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
brievenbus	((brief)[N],(en)[N|N.N],(bus)[N])[N]
brievenbusfirma	(((brief)[N],(en)[N|N.N],(bus)[N])[N],(firma)[N])[N]
brievengaarder	((brief)[N],(en)[N|N.Vx],(gaar)[V],(der)[N|NxV.])[N]
brievenhoofd	((brief)[N],(e)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
brievenmaal	((brief)[N],(en)[N|N.N],(maal)[N])[N]
brievenmail	((brief)[N],(en)[N|N.N],(mail)[N])[N]
brievenpost	((brief)[N],(en)[N|N.N],(post)[N])[N]
brievenrubriek	((brief)[N],(en)[N|N.N],(rubriek)[N])[N]
brieventas	((brief)[N],(en)[N|N.N],(tas)[N])[N]
brievenweger	((brief)[N],(e)[N|N.Vx],(weeg)[V],(er)[N|NxV.])[N]
brievenzak	((brief)[N],(en)[N|N.N],(zak)[N])[N]
brigade	(brigade)[N]
brigadecommandant	((brigade)[N],(commandeer)[V],(ant)[N|NV.])[N]
brigadegeneraal	((brigade)[N],(generaal)[N])[N]
brigadier	((brigade)[N],(ier)[N|N.])[N]
brigadier-wachtcommandant	(((brigade)[N],(ier)[N|N.])[N],((wacht)[N],((commandeer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N])[N]
brij	(brij)[N]
brijachtig	((brij)[N],(achtig)[A|N.])[A]
brijn	(brijn)[N]
brijnen	(brijn)[V]
brijnpomp	((brijn)[N],(pomp)[N])[N]
brijnzout	((brijn)[N],(zout)[A])[A]
brijpot	((brij)[N],(pot)[N])[N]
brijzel	(brijzel)[N]
brijzelen	(brijzel)[V]
brik	(brik)[N]
briksteen	((brik)[N],(steen)[N])[N]
bril	(bril)[N]
brilduiker	((bril)[N],((duik)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
brileend	((bril)[N],(eend)[N])[N]
brilgarnituur	((bril)[N],(garnituur)[N])[N]
briljanten	((briljant)[N],(en)[A|N.])[A]
briljantslijper	((briljant)[N],(slijp)[V],(er)[N|NV.])[N]
brillen	(bril)[V]
brillendoos	((bril)[N],(e)[N|N.N],(doos)[N])[N]
brillenglas	((bril)[N],(e)[N|N.N],(glas)[N])[N]
brillenhuis	((bril)[N],(e)[N|N.N],(huis)[N])[N]
brillenjood	((bril)[N],(e)[N|N.N],(jood)[N])[N]
brillenkas	((bril)[N],(e)[N|N.N],(kas)[N])[N]
brillenkoker	((bril)[N],(e)[N|N.N],(koker)[N])[N]
brillenmaker	((bril)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
brillenman	((bril)[N],(e)[N|N.N],(man)[N])[N]
brillenslijper	((bril)[N],(en)[N|N.Vx],(slijp)[V],(er)[N|NxV.])[N]
brillenwinkel	((bril)[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
brilmontuur	((bril)[N],((monteer)[V],(uur)[N|V.])[N])[N]
brilslang	((bril)[N],(slang)[N])[N]
brink	(brink)[N]
brio	(brio)[N]
brique	(brique)[A]
brisantbom	((brisant)[A],(bom)[N])[N]
brisantgranaat	((brisant)[A],(granaat)[N])[N]
britanniazilver	((Britannia)[N],(zilver)[N])[N]
brits	(brits)[N]
britsen	(brits)[V]
broccoli	(broccoli)[N]
broche	(broche)[N]
brochure	(brochure)[N]
broddelaar	((broddel)[V],(aar)[N|V.])[N]
broddelaarster	(((broddel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
broddelarij	((broddel)[V],(arij)[N|V.])[N]
broddelen	(broddel)[V]
broddellap	((broddel)[V],(lap)[N])[N]
broddelwerk	((broddel)[V],(werk)[N])[N]
brodden	(brod)[V]
brodeloos	((brood)[N],(eloos)[A|N.])[A]
broed	(broed)[N]
broedei	((broed)[V],(ei)[N])[N]
broeden	(broed)[V]
broeder	(broeder)[N]
broeder	((broed)[V],(er)[N|V.])[N]
broeder-overste	((broeder)[N],(overste)[N])[N]
broederband	((broeder)[N],(band)[N])[N]
broederdienst	((broeder)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
broedergemeente	((broeder)[N],(gemeente)[N])[N]
broederhand	((broeder)[N],(hand)[N])[N]
broederij	((broed)[V],(erij)[N|V.])[N]
broederkus	((broeder)[N],(kus)[N])[N]
broederliefde	((broeder)[N],(liefde)[N])[N]
broederlijk	((broeder)[N],(lijk)[A|N.])[A]
broederlijkheid	(((broeder)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
broedermoord	((broeder)[N],(moord)[N])[N]
broederschap	((broeder)[N],(schap)[N|N.])[N]
broederschool	((broeder)[N],(school)[N])[N]
broederstrijd	((broeder)[N],(strijd)[N])[N]
broedertrouw	((broeder)[N],(trouw)[N])[N]
broedertwist	((broeder)[N],(twist)[N])[N]
broedervolk	((broeder)[N],(volk)[N])[N]
broedgast	((broed)[V],(gast)[N])[N]
broedgebied	((broed)[V],(gebied)[N])[N]
broedhen	((broed)[V],(hen)[N])[N]
broedhok	((broed)[V],(hok)[N])[N]
broedkamer	((broed)[N],(kamer)[N])[N]
broedkolonie	((broed)[V],(kolonie)[N])[N]
broedmachine	((broed)[V],(machine)[N])[N]
broedoven	((broed)[V],(oven)[N])[N]
broedplaats	((broed)[V],(plaats)[N])[N]
broeds	((broed)[V],(s)[A|V.])[A]
broedsel	((broed)[V],(sel)[N|V.])[N]
broedsheid	(((broed)[V],(s)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
broedstoof	((broed)[V],(stoof)[N])[N]
broedtijd	((broed)[V],(tijd)[N])[N]
broedvogel	((broed)[V],(vogel)[N])[N]
broei	(broei)[N]
broeibak	((broei)[V],(bak)[N])[N]
broeibed	((broei)[V],(bed)[N])[N]
broeien	(broei)[V]
broeierig	((broei)[V],(erig)[A|V.])[A]
broeierij	((broei)[V],(erij)[N|V.])[N]
broeiing	((broei)[V],(ing)[N|V.])[N]
broeikas	((broei)[V],(kas)[N])[N]
broeikasatmosfeer	(((broei)[V],(kas)[N])[N],(atmosfeer)[N])[N]
broeikaseffect	(((broei)[V],(kas)[N])[N],(effect)[N])[N]
broeikasplant	(((broei)[V],(kas)[N])[N],(plant)[N])[N]
broeimest	((broei)[V],(mest)[N])[N]
broeinest	((broei)[V],(nest)[N])[N]
broek	(broek)[N]
broekband	((broek)[N],(band)[N])[N]
broekengoed	((broek)[N],(en)[N|N.N],(goed)[N])[N]
broekenman	((broek)[N],(e)[N|N.N],(man)[N])[N]
broekgesp	((broek)[N],(gesp)[N])[N]
broekhooi	((broek)[N],(hooi)[N])[N]
broekjurk	((broek)[N],(jurk)[N])[N]
broekklem	((broek)[N],(klem)[N])[N]
broekland	((broek)[N],(land)[N])[N]
broekpak	((broek)[N],(pak)[N])[N]
broekpers	((broek)[N],(pers)[N])[N]
broekriem	((broek)[N],(riem)[N])[N]
broekrok	((broek)[N],(rok)[N])[N]
broeksband	((broek)[N],(s)[N|N.N],(band)[N])[N]
broekschijter	((broek)[N],((schijt)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
broekspijp	((broek)[N],(s)[N|N.N],(pijp)[N])[N]
broekstuk	((broek)[N],(stuk)[N])[N]
broekveer	((broek)[N],(veer)[N])[N]
broekvent	((broek)[N],(vent)[N])[N]
broekzak	((broek)[N],(zak)[N])[N]
broer	(broer)[N]
broes	(broes)[N]
brok	(brok)[N]
brokaten	((brokaat)[N],(en)[A|N.])[A]
brokkelig	((brokkel)[V],(ig)[A|V.])[A]
brokkeling	((brokkel)[V],(ing)[N|V.])[N]
brokken	(brok)[V]
brokkenmaakster	((brok)[N],(en)[N|N.N],((maak)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
brokkenmaker	((brok)[N],(en)[N|N.N],((maak)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
brokkenpiloot	((brok)[N],(en)[N|N.N],(piloot)[N])[N]
broksgewijs	((brok)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
brokstuk	((brok)[N],(stuk)[N])[N]
brom	(brom)[N]
brombas	((brom)[N],(bas)[N])[N]
brombeer	((brom)[V],(beer)[N])[N]
bromelia	(bromelia)[N]
bromfiets	((brom)[V],(fiets)[N])[N]
bromfietser	(((brom)[V],(fiets)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
bromfietshelm	(((brom)[V],(fiets)[N])[N],(helm)[N])[N]
bromium	(bromium)[N]
bromkever	((brom)[V],(kever)[N])[N]
bromkoe	((brom)[V],(koe)[N])[N]
brommen	(brom)[V]
brommer	((brom)[V],(er)[N|V.])[N]
brommerig	((brom)[V],(erig)[A|V.])[A]
brommig	((brom)[N],(ig)[A|N.])[A]
brompot	((brom)[V],(pot)[N])[N]
bromstem	((brom)[V],(stem)[N])[N]
bromtandem	((brom)[V],(tandem)[N])[N]
bromtol	((brom)[V],(tol)[N])[N]
bromvlieg	((brom)[V],(vlieg)[N])[N]
bromwerk	((brom)[V],(werk)[N])[N]
bromzwerm	((brom)[V],(zwerm)[N])[N]
bron	(bron)[N]
bronader	((bron)[N],(ader)[N])[N]
bronbelasting	((bron)[N],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
bronbemaling	((bron)[N],((be)[V|.V],(maal)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
bronchiaal	((bronchie)[N],(aal)[A|N.])[A]
brongas	((bron)[N],(gas)[N])[N]
brongegeven	((bron)[N],(gegeven)[N])[N]
bronmateriaal	((bron)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
bronnenbadplaats	((bron)[N],(en)[N|N.N],((bad)[N],(plaats)[N])[N])[N]
bronnengids	((bron)[N],(en)[N|N.N],(gids)[N])[N]
bronnenkritiek	((bron)[N],(en)[N|N.N],((kritisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
bronnenlijst	((bron)[N],(en)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
bronnenmateriaal	((bron)[N],(en)[N|N.N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
bronnenpublicatie	((bron)[N],(en)[N|N.N],((publiceer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
bronnenstudie	((bron)[N],(en)[N|N.N],(studie)[N])[N]
bronnenuitgave	((bron)[N],(en)[N|N.N],(uitgave)[N])[N]
bronolie	((bron)[N],(olie)[N])[N]
bronprogramma	((bron)[N],(programma)[N])[N]
brons	(brons)[N]
bronsgroen	((brons)[N],(groen)[N])[N]
bronskleurig	((brons)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
bronsperiode	((brons)[N],(periode)[N])[N]
bronstig	((bronst)[N],(ig)[A|N.])[A]
bronstigheid	(((bronst)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bronstijd	((brons)[N],(tijd)[N])[N]
bronsttijd	((bronst)[N],(tijd)[N])[N]
bronvermelding	((bron)[N],((ver)[V|.V],(meld)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
bronwater	((bron)[N],(water)[N])[N]
bronzen	(brons)[V]
bronzen	((brons)[N],(en)[A|N.])[A]
bronzig	((brons)[N],(ig)[A|N.])[A]
brood	(brood)[N]
broodbakker	((brood)[N],(bak)[V],(er)[N|NV.])[N]
broodbakkerij	((brood)[N],(bak)[V],(erij)[N|NV.])[N]
broodbal	((brood)[N],(bal)[N])[N]
broodbeleg	((brood)[N],(beleg)[N])[N]
broodbelegsel	((brood)[N],(((be)[V|.V],(leg)[V])[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
broodbezorger	((brood)[N],((be)[V|.V],(zorg)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
broodbon	((brood)[N],(bon)[N])[N]
broodboom	((brood)[N],(boom)[N])[N]
broodbus	((brood)[N],(bus)[N])[N]
brooddief	((brood)[N],(dief)[N])[N]
brooddronken	((brood)[N],(dronken)[A])[A]
brooddronkenheid	(((brood)[N],(dronken)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
broodfabriek	((brood)[N],(fabriek)[N])[N]
broodfietser	((brood)[N],((fiets)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
broodgebrek	((brood)[N],(gebrek)[N])[N]
broodgraan	((brood)[N],(graan)[N])[N]
broodheer	((brood)[N],(heer)[N])[N]
broodjeswinkel	((broodje)[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
broodjeszaak	((broodje)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
broodkaart	((brood)[N],(kaart)[N])[N]
broodkar	((brood)[N],(kar)[N])[N]
broodkast	((brood)[N],(kast)[N])[N]
broodkeuken	((brood)[N],(keuken)[N])[N]
broodkever	((brood)[N],(kever)[N])[N]
broodkoren	((brood)[N],(koren)[N])[N]
broodkorst	((brood)[N],(korst)[N])[N]
broodkruim	((brood)[N],(kruim)[N])[N]
broodkruimel	((brood)[N],(kruimel)[N])[N]
broodmaaltijd	((brood)[N],((maal)[N],(tijd)[N])[N])[N]
broodmager	((brood)[N],(mager)[A])[A]
broodmand	((brood)[N],(mand)[N])[N]
broodmes	((brood)[N],(mes)[N])[N]
broodmix	((brood)[N],(mix)[N])[N]
broodnijd	((brood)[N],(nijd)[N])[N]
broodnodig	((brood)[N],(nodig)[A])[A]
broodnuchter	((brood)[N],(nuchter)[A])[A]
broodoorlog	((brood)[N],(oorlog)[N])[N]
broodoven	((brood)[N],(oven)[N])[N]
broodplank	((brood)[N],(plank)[N])[N]
broodproductie	((brood)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
broodpudding	((brood)[N],(pudding)[N])[N]
broodrantsoen	((brood)[N],(rantsoen)[N])[N]
broodroof	((brood)[N],(roof)[N])[N]
broodrooster	((brood)[N],(roost)[V],(er)[N|NV.])[N]
broodroven	((brood)[N],(roof)[V])[V]
broodschrijver	((brood)[N],((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
broodsnijmachine	((brood)[N],((snijd)[V],(machine)[N])[N])[N]
broodsoep	((brood)[N],(soep)[N])[N]
broodsuiker	((brood)[N],(suiker)[N])[N]
broodtrommel	((brood)[N],(trommel)[N])[N]
broodvolk	((brood)[N],(volk)[N])[N]
broodvraag	((brood)[N],(vraag)[N])[N]
broodvrucht	((brood)[N],(vrucht)[N])[N]
broodwijk	((brood)[N],(wijk)[N])[N]
broodwinner	((brood)[N],(win)[V],(er)[N|NV.])[N]
broodwinning	((brood)[N],(win)[V],(ing)[N|NV.])[N]
broodwortel	((brood)[N],(wortel)[N])[N]
broodzak	((brood)[N],(zak)[N])[N]
broodzetting	((brood)[N],((zet)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
broodzorg	((brood)[N],(zorg)[N])[N]
broom	(broom)[N]
broomdrankje	((broom)[N],(drank)[N])[N]
broomkali	((broom)[N],(kalium)[N])[N]
broomkalium	((broom)[N],(kalium)[N])[N]
broomzilver	((broom)[N],(zilver)[N])[N]
broomzilverpapier	(((broom)[N],(zilver)[N])[N],(papier)[N])[N]
broomzuur	((broom)[N],(zuur)[N])[N]
broos	(broos)[N]
broosheid	((broos)[A],(heid)[N|A.])[N]
broots	(broots)[N]
brootsen	(broots)[V]
brootsmachine	((broots)[V],(machine)[N])[N]
bros	(bros)[N]
brosheid	((bros)[A],(heid)[N|A.])[N]
brouwen	(brouw)[V]
brouwer	((brouw)[V],(er)[N|V.])[N]
brouwerij	((brouw)[V],(erij)[N|V.])[N]
brouwersgast	(((brouw)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gast)[N])[N]
brouwersplein	(((brouw)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plein)[N])[N]
brouwgast	((brouw)[V],(gast)[N])[N]
brouwhuis	((brouw)[V],(huis)[N])[N]
brouwketel	((brouw)[V],(ketel)[N])[N]
brouwkuip	((brouw)[V],(kuip)[N])[N]
brouwsel	((brouw)[V],(sel)[N|V.])[N]
brug	(brug)[N]
brugbalans	((brug)[N],(balans)[N])[N]
brugboog	((brug)[N],(boog)[N])[N]
brugdek	((brug)[N],(dek)[N])[N]
brugfiguur	((brug)[N],(figuur)[N])[N]
brugfunctie	((brug)[N],(functie)[N])[N]
bruggenbouwer	((brug)[N],(e)[N|N.Vx],(bouw)[V],(er)[N|NxV.])[N]
bruggendek	((brug)[N],(e)[N|N.N],(dek)[N])[N]
bruggengeld	((brug)[N],(e)[N|N.N],(geld)[N])[N]
bruggenhoofd	((brug)[N],(e)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
bruggenman	((brug)[N],(e)[N|N.N],(man)[N])[N]
bruggenwachter	((brug)[N],(e)[N|N.N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
brugjaar	((brug)[N],(jaar)[N])[N]
brugkanaal	((brug)[N],(kanaal)[N])[N]
brugklas	((brug)[N],(klas)[N])[N]
brugklasse	((brug)[N],(klasse)[N])[N]
brugklasser	(((brug)[N],(klas)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
brugkraan	((brug)[N],(kraan)[N])[N]
brugleuning	((brug)[N],((leun)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
brugoefening	((brug)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
brugpensioen	((brug)[N],(pensioen)[N])[N]
brugperiode	((brug)[N],(periode)[N])[N]
brugpijler	((brug)[N],(pijler)[N])[N]
brugrestaurant	((brug)[N],((restaureer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
brugschip	((brug)[N],(schip)[N])[N]
brugstand	((brug)[N],(stand)[N])[N]
brugvak	((brug)[N],(vak)[N])[N]
brugwachter	((brug)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
brui	(brui)[N]
bruid	(bruid)[N]
bruidsbed	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(bed)[N])[N]
bruidsbloem	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
bruidsboeket	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(boeket)[N])[N]
bruidsdagen	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
bruidsfoto	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(foto)[N])[N]
bruidsgift	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(gift)[N])[N]
bruidsjapon	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(japon)[N])[N]
bruidsjongen	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
bruidsjonker	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(jonker)[N])[N]
bruidsjuffer	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(juffer)[N])[N]
bruidsjurk	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(jurk)[N])[N]
bruidskleed	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(kleed)[N])[N]
bruidsmeisje	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(meisje)[N])[N]
bruidsmystiek	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(mystiek)[N])[N]
bruidsnacht	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(nacht)[N])[N]
bruidspaar	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(paar)[N])[N]
bruidsschat	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(schat)[N])[N]
bruidssluier	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(sluier)[N])[N]
bruidsstoet	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(stoet)[N])[N]
bruidsstuk	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(stuk)[N])[N]
bruidssuiker	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(suiker)[N])[N]
bruidssuite	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(suite)[N])[N]
bruidstaart	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(taart)[N])[N]
bruidstoilet	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(toilet)[N])[N]
bruidstranen	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(traan)[N])[N]
bruidsuiker	((bruid)[N],(suiker)[N])[N]
bruidsvlucht	((bruid)[N],(s)[N|N.N],(vlucht)[N])[N]
bruikbaar	((gebruik)[V],(baar)[A|V.])[A]
bruikbaarheid	(((gebruik)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
bruikleen	((gebruik)[V],(leen)[N])[N]
bruiloftsdag	((bruiloft)[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
bruiloftsdis	((bruiloft)[N],(s)[N|N.N],(dis)[N])[N]
bruiloftsfeest	((bruiloft)[N],(s)[N|N.N],(feest)[N])[N]
bruiloftsgast	((bruiloft)[N],(s)[N|N.N],(gast)[N])[N]
bruiloftsgedicht	((bruiloft)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.N],(dicht)[N])[N])[N]
bruiloftskleed	((bruiloft)[N],(s)[N|N.N],(kleed)[N])[N]
bruiloftslied	((bruiloft)[N],(s)[N|N.N],(lied)[N])[N]
bruiloftsmaal	((bruiloft)[N],(s)[N|N.N],(maal)[N])[N]
bruiloftspartij	((bruiloft)[N],(s)[N|N.N],(partij)[N])[N]
bruiloftsvers	((bruiloft)[N],(s)[N|N.N],(vers)[N])[N]
bruiloftsvlucht	((bruiloft)[N],(s)[N|N.N],(vlucht)[N])[N]
bruin	(bruin)[N]
bruinachtig	((bruin)[A],(achtig)[A|A.])[A]
bruinbrood	((bruin)[A],(brood)[N])[N]
bruinen	(bruin)[V]
bruineren	((bruin)[A],(eer)[V|A.])[V]
bruingeel	((bruin)[A],(geel)[A])[A]
bruingrijs	((bruin)[N],(grijs)[A])[A]
bruinharig	((bruin)[A],(haar)[N],(ig)[A|AN.])[A]
bruinkleurig	((bruin)[A],(kleur)[N],(ig)[A|AN.])[A]
bruinkool	((bruin)[A],(kool)[N])[N]
bruinkoolbriket	(((bruin)[A],(kool)[N])[N],(briket)[N])[N]
bruinogig	((bruin)[A],(oog)[N],(ig)[A|AN.])[A]
bruinoog	((bruin)[A],(oog)[N])[N]
bruinsteen	((bruin)[A],(steen)[N])[N]
bruintje	((bruin)[A],(tje)[N|A.])[N]
bruinvis	((bruin)[A],(vis)[N])[N]
bruinwier	((bruin)[A],(wier)[N])[N]
bruinzwart	((bruin)[A],(zwart)[A])[A]
bruis	(bruis)[N]
bruisen	(bruis)[V]
bruising	((bruis)[V],(ing)[N|V.])[N]
bruispoeder	((bruis)[V],(poeder)[N])[N]
bruispoeier	((bruis)[V],(poeier)[N])[N]
bruistablet	((bruis)[V],(tablet)[N])[N]
brulaap	((brul)[V],(aap)[N])[N]
brulboei	((brul)[V],(boei)[N])[N]
brullen	(brul)[V]
bruller	((brul)[V],(er)[N|V.])[N]
brulvogel	((brul)[V],(vogel)[N])[N]
brulziekte	((brul)[V],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bruneren	((bruin)[A],(eer)[V|A.])[V]
brut	(brut)[A]
brutaal	((bruut)[N],(aal)[A|N.])[A]
brutaaltje	(((bruut)[N],(aal)[A|N.])[A],(tje)[N|A.])[N]
brutaliteit	(((bruut)[N],(aal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
bruto	(bruto)[A]
bruto-inkomen	((bruto)[N|.N],(inkomen)[N])[N]
bruto-inkomst	((bruto)[N|.N],(((in)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
bruto-opbrengst	((bruto)[N|.N],(((op)[P],(breng)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
brutogewicht	((bruto)[N|.N],(gewicht)[N])[N]
brutoloon	((bruto)[N|.N],(loon)[N])[N]
brutosalaris	((bruto)[N|.N],(salaris)[N])[N]
brutowinst	((bruto)[N|.N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
bruusk	(bruusk)[A]
bruuskeren	((bruusk)[A],(eer)[V|A.])[V]
bruuskheid	((bruusk)[A],(heid)[N|A.])[N]
bruut	(bruut)[N]
bruutheid	((bruut)[A],(heid)[N|A.])[N]
bucht	(bucht)[N]
budget	(budget)[N]
budgetaandeel	((budget)[N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
budgetafspraak	((budget)[N],(afspraak)[N])[N]
budgetbewaking	((budget)[N],((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
budgetdemocratie	((budget)[N],(((democraat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
budgetmechanisme	((budget)[N],(mechanisme)[N])[N]
budgetrecht	((budget)[N],(recht)[N])[N]
budgettair	((budget)[N],(air)[A|N.])[A]
budgetteren	((budget)[N],(eer)[V|N.])[V]
budgettering	(((budget)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
budo	(budo)[N]
buffel	(buffel)[N]
buffelachtig	((buffel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
buffelen	(buffel)[V]
buffelhuid	((buffel)[N],(huid)[N])[N]
buffeljacht	((buffel)[N],(jacht)[N])[N]
buffelleder	((buffel)[N],(leder)[N])[N]
buffelleer	((buffel)[N],(leer)[N])[N]
buffer	(buffer)[N]
bufferen	(buffer)[V]
bufferfonds	((buffer)[V],(fonds)[N])[N]
bufferstaat	((buffer)[V],(staat)[N])[N]
buffervoorraad	((buffer)[V],(voorraad)[N])[N]
bufferwerking	((buffer)[N],((werk)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
bufferzone	((buffer)[V],(zone)[N])[N]
buffetjuffrouw	((buffet)[N],(juffrouw)[N])[N]
buffetkast	((buffet)[N],(kast)[N])[N]
buffettafel	((buffet)[N],(tafel)[N])[N]
buffetwagen	((buffet)[N],(wagen)[N])[N]
bugel	(bugel)[N]
bui	(bui)[N]
buidel	(buidel)[N]
buidelbeer	((buidel)[N],(beer)[N])[N]
buideldier	((buidel)[N],(dier)[N])[N]
buideleekhoorn	((buidel)[N],(eekhoorn)[N])[N]
buidelrat	((buidel)[N],(rat)[N])[N]
buien	(bui)[V]
buigbaar	((buig)[V],(baar)[A|V.])[A]
buigbaarheid	(((buig)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
buigen	(buig)[V]
buiger	((buig)[V],(er)[N|V.])[N]
buigijzer	((buig)[V],(ijzer)[N])[N]
buiging	((buig)[V],(ing)[N|V.])[N]
buigingsuitgang	(((buig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((uit)[P],(gang)[N])[N])[N]
buigingsvorm	(((buig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
buigproef	((buig)[V],(proef)[N])[N]
buigpunt	((buig)[V],(punt)[N])[N]
buigspanning	((buig)[V],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
buigspier	((buig)[V],(spier)[N])[N]
buigtang	((buig)[V],(tang)[N])[N]
buigvastheid	((buig)[V],((vast)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
buigzaam	((buig)[V],(zaam)[A|V.])[A]
buigzaamheid	(((buig)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
buiig	((bui)[N],(ig)[A|N.])[A]
buik	(buik)[N]
buikademhaling	((buik)[N],(((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
buikband	((buik)[N],(band)[N])[N]
buikbreuk	((buik)[N],(breuk)[N])[N]
buikdans	((buik)[N],(dans)[N])[N]
buikdansen	((buik)[N],(dans)[V])[V]
buikdanseres	((buik)[N],(((dans)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N])[N]
buikfles	((buik)[N],(fles)[N])[N]
buikgriep	((buik)[N],(griep)[N])[N]
buikholte	((buik)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
buikhoogte	((buik)[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
buikhuid	((buik)[N],(huid)[N])[N]
buikig	((buik)[N],(ig)[A|N.])[A]
buikijzer	((buik)[N],(ijzer)[N])[N]
buikklacht	((buik)[N],(klacht)[N])[N]
buikkramp	((buik)[N],(kramp)[N])[N]
buiklanding	((buik)[N],((land)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
buikloop	((buik)[N],(loop)[N])[N]
buikopening	((buik)[N],((open)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
buikoperatie	((buik)[N],((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
buikoppervlak	((buik)[N],((opper)[N|.N],(vlak)[N])[N])[N]
buikorgaan	((buik)[N],(orgaan)[N])[N]
buikorgel	((buik)[N],(orgel)[N])[N]
buikpijn	((buik)[N],(pijn)[N])[N]
buikplaat	((buik)[N],(plaat)[N])[N]
buikpotig	((buik)[N],(poot)[N],(ig)[A|NN.])[A]
buikriem	((buik)[N],(riem)[N])[N]
buikschuiver	((buik)[N],(schuif)[V],(er)[N|NV.])[N]
buikspeekselklier	((buik)[N],(((speek)[V],(sel)[N|V.])[N],(klier)[N])[N])[N]
buikspek	((buik)[N],(spek)[N])[N]
buikspier	((buik)[N],(spier)[N])[N]
buikspieroefening	(((buik)[N],(spier)[N])[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
buikspreekster	(((buik)[N],(spreek)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
buikspreken	((buik)[N],(spreek)[V])[V]
buikspreker	(((buik)[N],(spreek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
buikvin	((buik)[N],(vin)[N])[N]
buikvlies	((buik)[N],(vlies)[N])[N]
buikvliesontsteking	(((buik)[N],(vlies)[N])[N],((ontsteek)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
buikwand	((buik)[N],(wand)[N])[N]
buikwandneuralgie	(((buik)[N],(wand)[N])[N],((neuralgisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
buikweger	((buik)[N],((weeg)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
buikwind	((buik)[N],(wind)[N])[N]
buikzuiverend	((buik)[N],(zuiverend)[V])[A]
buikzwam	((buik)[N],(zwam)[N])[N]
buil	(buil)[N]
builen	(buil)[V]
builenpest	((buil)[N],(en)[N|N.N],(pest)[N])[N]
builkist	((buil)[V],(kist)[N])[N]
builmolen	((buil)[V],(molen)[N])[N]
buis	(buis)[N]
buisharing	((buis)[N],(haring)[N])[N]
buisjesdag	((buis)[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
buiskool	((buis)[N],(kool)[N])[N]
buisleiding	((buis)[N],((leid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
buispost	((buis)[N],(post)[N])[N]
buisverlichting	((buis)[N],(((ver)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
buisvormig	((buis)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
buiswater	((buis)[N],(water)[N])[N]
buit	(buit)[N]
buitelaar	((buitel)[V],(aar)[N|V.])[N]
buitelen	(buitel)[V]
buiteling	((buitel)[V],(ing)[N|V.])[N]
buiten	(buiten)[N]
buitenaanzicht	((buiten)[B],(aanzicht)[N])[N]
buitenaards	((buiten)[P],(aarde)[N],(s)[A|PN.])[A]
buitenantenne	((buiten)[B],(antenne)[N])[N]
buitenbaan	((buiten)[B],(baan)[N])[N]
buitenbaarmoederlijk	((buiten)[P],((baar)[V],(moeder)[N])[N],(lijk)[A|PN.])[A]
buitenband	((buiten)[B],(band)[N])[N]
buitenbeentje	((buiten)[B],(been)[N])[N]
buitenbocht	((buiten)[B],(bocht)[N])[N]
buitenboel	((buiten)[B],(boel)[N])[N]
buitenboordbeugel	((buiten)[P],(boord)[N],(beugel)[N])[N]
buitenboordmotor	((buiten)[P],(boord)[N],(motor)[N])[N]
buitenbraak	((buiten)[B],(braak)[N])[N]
buitenbus	((buiten)[B],(bus)[N])[N]
buitenbuurt	((buiten)[B],(buurt)[N])[N]
buitendeur	((buiten)[B],(deur)[N])[N]
buitendienst	((buiten)[B],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
buitendijk	((buiten)[B],(dijk)[N])[N]
buitendijks	(((buiten)[B],(dijk)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
buitenechtelijk	((buiten)[P],(echt)[N],(elijk)[A|PN.])[A]
buitengaan	((buiten)[B],(ga)[V])[V]
buitengaats	((buiten)[B],(gat)[N],(s)[A|BN.])[A]
buitengalerij	((buiten)[B],(galerij)[N])[N]
buitengebeuren	((buiten)[B],(gebeuren)[N])[N]
buitengebruikstelling	((buiten)[B],(gebruik)[N],(stel)[V],(ing)[N|BNV.])[N]
buitengemeen	((buiten)[B],(gemeen)[A])[A]
buitengemeente	((buiten)[N],(gemeente)[N])[N]
buitengerechtelijk	((buiten)[P],(gerecht)[N],(elijk)[A|PN.])[A]
buitengewoon	((buiten)[B],(gewoon)[A])[A]
buitengoed	((buiten)[B],(goed)[N])[N]
buitengooien	((buiten)[B],(gooi)[V])[V]
buitenhaven	((buiten)[B],(haven)[N])[N]
buitenherberg	((buiten)[B],(herberg)[N])[N]
buitenhoek	((buiten)[B],(hoek)[N])[N]
buitenhof	((buiten)[B],(hof)[N])[N]
buitenhuis	((buiten)[B],(huis)[N])[N]
buitenissigheid	((buitenissig)[A],(heid)[N|A.])[N]
buitenkans	((buiten)[B],(kans)[N])[N]
buitenkant	((buiten)[B],(kant)[N])[N]
buitenkerkelijk	((buiten)[P],(kerk)[N],(elijk)[A|PN.])[A]
buitenkerkelijken	((buiten)[B],(((kerk)[N],(elijk)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
buitenkind	((buiten)[B],(kind)[N])[N]
buitenkleur	((buiten)[B],(kleur)[N])[N]
buitenkoersstelling	((buiten)[B],(koers)[N],(stel)[V],(ing)[N|BNV.])[N]
buitenkomen	((buiten)[B],(kom)[V])[V]
buitenlamp	((buiten)[B],(lamp)[N])[N]
buitenland	((buiten)[P],(land)[N])[N]
buitenlander	(((buiten)[B],(land)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
buitenlandersprobleem	((((buiten)[B],(land)[N])[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
buitenlandredacteur	(((buiten)[B],(land)[N])[N],(redacteur)[N])[N]
buitenlands	(((buiten)[P],(land)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
buitenlandspecialist	(((buiten)[B],(land)[N])[N],(specialist)[N])[N]
buitenlandspolitiek	((((buiten)[B],(land)[N])[N],(s)[A|N.])[A],(politiek)[A])[A]
buitenlaten	((buiten)[B],(laat)[V])[V]
buitenleerling	((buiten)[B],((leer)[V],(ling)[N|V.])[N])[N]
buitenleven	((buiten)[B],(leven)[N])[N]
buitenlijn	((buiten)[B],(lijn)[N])[N]
buitenlucht	((buiten)[B],(lucht)[N])[N]
buitenman	((buiten)[B],(man)[N])[N]
buitenmatig	((buiten)[B],(maat)[N],(ig)[A|BN.])[A]
buitenmeisje	((buiten)[B],(meisje)[N])[N]
buitenmens	((buiten)[B],(mens)[N])[N]
buitenmodel	((buiten)[B],(model)[N])[N]
buitenmuur	((buiten)[B],(muur)[N])[N]
buitennatuurlijk	((buiten)[P],(natuur)[N],(lijk)[A|PN.])[A]
buitenomgaan	((buiten)[B],((om)[P],(ga)[V])[V])[V]
buitenopname	((buiten)[B],(opname)[N])[N]
buitenparlementair	((buiten)[B],((parlement)[N],(air)[A|N.])[A])[A]
buitenparochie	((buiten)[B],(parochie)[N])[N]
buitenpartij	((buiten)[B],(partij)[N])[N]
buitenplaats	((buiten)[B],(plaats)[N])[N]
buitenplaneet	((buiten)[B],(planeet)[N])[N]
buitenpolder	((buiten)[B],(polder)[N])[N]
buitenpost	((buiten)[B],(post)[N])[N]
buitenreclame	((buiten)[B],(reclame)[N])[N]
buitenschool	((buiten)[B],(school)[N])[N]
buitenschools	(((buiten)[B],(school)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
buitenschriftuurlijk	((buiten)[P],((schrift)[N],(uur)[N|N.])[N],(lijk)[A|PN.])[A]
buitenslands	((buiten)[P],(s)[A|P.Nx],(land)[N],(s)[A|PxN.])[A]
buitensluiten	((buiten)[B],(sluit)[V])[V]
buitensluiting	(((buiten)[B],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
buitenspeelster	((buiten)[N],(speel)[V],(ster)[N|NV.])[N]
buitenspel	((buiten)[P],(spel)[N])[N]
buitenspeler	((buiten)[B],(speel)[V],(er)[N|BV.])[N]
buitenspelpositie	(((buiten)[B],(spel)[N])[B],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
buitenspelval	(((buiten)[B],(spel)[N])[B],(val)[N])[N]
buitenspiegel	((buiten)[B],(spiegel)[N])[N]
buitensporigheid	((buitensporig)[A],(heid)[N|A.])[N]
buitensport	((buiten)[B],(sport)[N])[N]
buitenstaan	((buiten)[B],(sta)[V])[V]
buitenstaander	(((buiten)[B],(sta)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
buitentekstplaat	((buiten)[B],(tekst)[N],(plaat)[N])[N]
buitenvelder	((buiten)[B],(veld)[N],(er)[N|BN.])[N]
buitenverblijf	((buiten)[B],(verblijf)[N])[N]
buitenvervolgingstelling	((buiten)[B],(((ver)[V|.V],(volg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(stel)[V],(ing)[N|BNV.])[N]
buitenvliegen	((buiten)[B],(vlieg)[V])[V]
buitenvolk	((buiten)[B],(volk)[N])[N]
buitenwaarts	((buiten)[B],(waarts)[A|B.])[A]
buitenwacht	((buiten)[B],(wacht)[N])[N]
buitenwater	((buiten)[B],(water)[N])[N]
buitenwereld	((buiten)[B],(wereld)[N])[N]
buitenwerk	((buiten)[B],(werk)[N])[N]
buitenwerks	(((buiten)[B],(werk)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
buitenwijk	((buiten)[B],(wijk)[N])[N]
buitenzetten	((buiten)[B],(zet)[V])[V]
buitenzij	((buiten)[B],(zij)[N])[N]
buitenzijde	((buiten)[B],(zijde)[N])[N]
buitenzintuiglijk	((buiten)[P],((zin)[N],(tuig)[N])[N],(lijk)[A|PN.])[A]
buitenzorgs	((buiten)[P],(zorg)[N],(s)[A|PN.])[A]
buitmaken	((buit)[N],(maak)[V])[V]
buitzoeker	((buit)[N],(zoek)[V],(er)[N|NV.])[N]
buizen	(buis)[V]
buizennet	((buis)[N],(en)[N|N.N],(net)[N])[N]
buizenpost	((buis)[N],(en)[N|N.N],(post)[N])[N]
bukken	(buk)[V]
buks	(buks)[N]
buksboom	((buks)[N],(boom)[N])[N]
bukshag	((buk)[V],(shag)[N])[N]
bul	(bul)[N]
bulderaar	((bulder)[V],(aar)[N|V.])[N]
bulderbaan	((bulder)[V],(baan)[N])[N]
bulderbast	((bulder)[V],(bast)[N])[N]
bulderen	(bulder)[V]
bulderstem	((bulder)[V],(stem)[N])[N]
bulhond	((bul)[N],(hond)[N])[N]
bulk	(bulk)[N]
bulkartikelen	((bulk)[N],(artikel)[N])[N]
bulkboek	((bulk)[N],(boek)[N])[N]
bulkcarrier	((bulk)[N],(carrier)[N])[N]
bulken	(bulk)[V]
bulksilo	((bulk)[N],(silo)[N])[N]
bulkvaart	((bulk)[N],(vaart)[N])[N]
bullen	(bul)[N]
bullepees	((bul)[N],(e)[N|N.N],(pees)[N])[N]
bulletin	(bulletin)[N]
bulletje	(bul)[N]
bult	(bult)[N]
bultachtig	((bult)[N],(achtig)[A|N.])[A]
bulten	(bult)[V]
bultenaar	((bult)[N],(enaar)[N|N.])[N]
bultig	((bult)[N],(ig)[A|N.])[A]
bultzak	((bult)[N],(zak)[N])[N]
bun	(bun)[N]
bundergeld	((bunder)[N],(geld)[N])[N]
bungalow	(bungalow)[N]
bungalowdorp	((bungalow)[N],(dorp)[N])[N]
bungalowpark	((bungalow)[N],(park)[N])[N]
bungalowtent	((bungalow)[N],(tent)[N])[N]
bungelen	(bungel)[V]
bunker	(bunker)[N]
bunkeren	(bunker)[V]
bunkerhaven	((bunker)[V],(haven)[N])[N]
bunkerkolen	((bunker)[V],(kool)[N])[N]
bunkertank	((bunker)[V],(tank)[N])[N]
bups	(bups)[N]
burcht	(burcht)[N]
burchtheer	((burcht)[N],(heer)[N])[N]
burchtheuvel	((burcht)[N],(heuvel)[N])[N]
burchtplein	((burcht)[N],(plein)[N])[N]
burchtvrouw	((burcht)[N],(vrouw)[N])[N]
burchtvrouwe	((burcht)[N],(vrouwe)[N])[N]
bureau-uren	((bureau)[N],(uur)[N])[N]
bureauagenda	((bureau)[N],(agenda)[N])[N]
bureaubaan	((bureau)[N],(baan)[N])[N]
bureaubehoeften	((bureau)[N],(behoefte)[N])[N]
bureaublad	((bureau)[N],(blad)[N])[N]
bureauchef	((bureau)[N],(chef)[N])[N]
bureaucratie	((bureaucratisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
bureaudienst	((bureau)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
bureaufunctie	((bureau)[N],(functie)[N])[N]
bureaukosten	((bureau)[N],(kost)[N])[N]
bureaula	((bureau)[N],(la)[N])[N]
bureaulade	((bureau)[N],(lade)[N])[N]
bureaulamp	((bureau)[N],(lamp)[N])[N]
bureaulandschap	((bureau)[N],((land)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
bureaulist	((bureau)[N],(list)[N])[N]
bureauliste	(((bureau)[N],(list)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
bureauredacteur	((bureau)[N],(redacteur)[N])[N]
bureauredactie	((bureau)[N],(redactie)[N])[N]
bureauredactrice	((bureau)[N],(redactrice)[N])[N]
bureaustoel	((bureau)[N],(stoel)[N])[N]
bureauwerk	((bureau)[N],(werk)[N])[N]
bureauwerkzaamheid	((bureau)[N],(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
bureelrat	((bureel)[N],(rat)[N])[N]
bureliste	((burelist)[N],(e)[N|N.])[N]
buren	(buur)[V]
burencontact	((buur)[N],(en)[N|N.N],(contact)[N])[N]
burendienst	((buur)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
burengerucht	((buur)[N],(en)[N|N.N],(gerucht)[N])[N]
burenhulp	((buur)[N],(en)[N|N.N],(hulp)[N])[N]
burenplicht	((buur)[N],(en)[N|N.N],(plicht)[N])[N]
burenrelatie	((buur)[N],(en)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
burenruzie	((buur)[N],(en)[N|N.N],(ruzie)[N])[N]
burg	(burg)[N]
burgemeester	((burg)[N],(e)[N|N.N],(meester)[N])[N]
burgemeesterlijk	(((burg)[N],(e)[N|N.N],(meester)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A]
burgemeestersambt	(((burg)[N],(e)[N|N.N],(meester)[N])[N],(s)[N|N.N],(ambt)[N])[N]
burgemeesterschap	(((burg)[N],(e)[N|N.N],(meester)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
burgemeestersketen	(((burg)[N],(e)[N|N.N],(meester)[N])[N],(s)[N|N.N],(keten)[N])[N]
burgemeestersvrouw	(((burg)[N],(e)[N|N.N],(meester)[N])[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
burgemeesterszoon	(((burg)[N],(e)[N|N.N],(meester)[N])[N],(s)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
burgerautoriteit	((burger)[N],(autoriteit)[N])[N]
burgeravondschool	((burger)[N],((avond)[N],(school)[N])[N])[N]
burgerbescherming	((burger)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
burgerbestaan	((burger)[N],(bestaan)[N])[N]
burgerbevolking	((burger)[N],(((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
burgercultuur	((burger)[N],(cultuur)[N])[N]
burgerdame	((burger)[N],(dame)[N])[N]
burgerdeugd	((burger)[N],(deugd)[N])[N]
burgerdienst	((burger)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
burgerdocent	((burger)[N],((doceer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
burgerdochter	((burger)[N],(dochter)[N])[N]
burgerfamilie	((burger)[N],(familie)[N])[N]
burgerfatsoen	((burger)[N],(fatsoen)[N])[N]
burgergezin	((burger)[N],(gezin)[N])[N]
burgergeïnterneerde	((burger)[N],(geïnterneerde)[N])[N]
burgerhart	((burger)[N],(hart)[N])[N]
burgerij	((burger)[N],(ij)[N|N.])[N]
burgerinformatica	((burger)[N],(informatica)[N])[N]
burgerjongen	((burger)[N],(jongen)[N])[N]
burgerjuffrouw	((burger)[N],(juffrouw)[N])[N]
burgerkeuken	((burger)[N],(keuken)[N])[N]
burgerkind	((burger)[N],(kind)[N])[N]
burgerklas	((burger)[N],(klas)[N])[N]
burgerklasse	((burger)[N],(klasse)[N])[N]
burgerkleding	((burger)[N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
burgerkost	((burger)[N],(kost)[N])[N]
burgerkostuum	((burger)[N],(kostuum)[N])[N]
burgerlijk	((burger)[N],(lijk)[A|N.])[A]
burgerlijkheid	(((burger)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
burgerluchtvaart	((burger)[N],((lucht)[N],(vaart)[N])[N])[N]
burgermaatschappij	((burger)[N],(maatschappij)[N])[N]
burgerman	((burger)[N],(man)[N])[N]
burgermanskind	(((burger)[N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
burgermeisje	((burger)[N],(meisje)[N])[N]
burgermens	((burger)[N],(mens)[N])[N]
burgermilitie	((burger)[N],(militie)[N])[N]
burgermoord	((burger)[N],(moord)[N])[N]
burgermoraal	((burger)[N],(moraal)[N])[N]
burgeroorlog	((burger)[N],(oorlog)[N])[N]
burgerplicht	((burger)[N],(plicht)[N])[N]
burgerplunje	((burger)[N],(plunje)[N])[N]
burgerpot	((burger)[N],(pot)[N])[N]
burgerrecht	((burger)[N],(recht)[N])[N]
burgerschap	((burger)[N],(schap)[N|N.])[N]
burgerschapskunde	(((burger)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
burgerschapsrecht	(((burger)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
burgerschool	((burger)[N],(school)[N])[N]
burgerstand	((burger)[N],(stand)[N])[N]
burgertrut	((burger)[N],(trut)[N])[N]
burgervader	((burger)[N],(vader)[N])[N]
burgervolk	((burger)[N],(volk)[N])[N]
burgervrouw	((burger)[N],(vrouw)[N])[N]
burgerwacht	((burger)[N],(wacht)[N])[N]
burgerweeshuis	((burger)[N],((wees)[N],(huis)[N])[N])[N]
burgerwerk	((burger)[N],(werk)[N])[N]
burgerzaal	((burger)[N],(zaal)[N])[N]
burgerzin	((burger)[N],(zin)[N])[N]
burgerzoon	((burger)[N],(zoon)[N])[N]
burggraaf	((burg)[N],(graaf)[N])[N]
burggraafschap	(((burg)[N],(graaf)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
burggravin	(((burg)[N],(graaf)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
burgtheater	((burg)[N],(theater)[N])[N]
burgvoogd	((burg)[N],(voogd)[N])[N]
burgvrouw	((burg)[N],(vrouw)[N])[N]
burgvrouwe	((burg)[N],(vrouwe)[N])[N]
burgwal	((burg)[N],(wal)[N])[N]
burijngravure	((burijn)[N],(gravure)[N])[N]
burin	((buur)[N],(in)[N|N.])[N]
burlen	(burl)[V]
bus	(bus)[N]
busbaan	((bus)[N],(baan)[N])[N]
buschauffeur	((bus)[N],((chauffeer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
buschauffeuse	((bus)[N],(chauffeuse)[N])[N]
busdienst	((bus)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
busdokter	((bus)[N],(dokter)[N])[N]
busgroente	((bus)[N],((groen)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
bushalte	((bus)[N],(halte)[N])[N]
bushengel	((bus)[N],(hengel)[N])[N]
buskaartje	((bus)[N],(kaart)[N])[N]
buskool	((bus)[N],(kool)[N])[N]
buskruit	((bus)[N],(kruit)[N])[N]
buskruitfabriek	(((bus)[N],(kruit)[N])[N],(fabriek)[N])[N]
buskruitvat	(((bus)[N],(kruit)[N])[N],(vat)[N])[N]
buslichting	((bus)[N],(licht)[V],(ing)[N|NV.])[N]
buslijn	((bus)[N],(lijn)[N])[N]
busonderneming	((bus)[N],((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
buspassagier	((bus)[N],(passagier)[N])[N]
buspatiënt	((bus)[N],(patiënt)[N])[N]
buspatiënte	(((bus)[N],(patiënt)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
buspraktijk	((bus)[N],(praktijk)[N])[N]
busrecht	((bus)[N],(recht)[N])[N]
busreis	((bus)[N],(reis)[N])[N]
busstation	((bus)[N],(station)[N])[N]
bustaxi	((bus)[N],(taxi)[N])[N]
buste	(buste)[N]
bustehouder	((buste)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
bustocht	((bus)[N],(tocht)[N])[N]
busverbinding	((bus)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
busziek	((bus)[N],(ziek)[A])[A]
butagas	((butaan)[N],(gas)[N])[N]
buten	(buut)[V]
butler	(butler)[N]
buts	(buts)[N]
butsen	(buts)[V]
buur	(buur)[N]
buurjongen	((buur)[N],(jongen)[N])[N]
buurland	((buur)[N],(land)[N])[N]
buurman	((buur)[N],(man)[N])[N]
buurmeisje	((buur)[N],(meisje)[N])[N]
buurpraatje	((buur)[V],(praat)[N])[N]
buurschap	((buur)[N],(schap)[N|N.])[N]
buurt	(buurt)[N]
buurtbewoner	((buurt)[N],(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
buurtbezoek	((buurt)[N],(bezoek)[N])[N]
buurtbus	((buurt)[N],(bus)[N])[N]
buurtcafé	((buurt)[N],(café)[N])[N]
buurtcentrum	((buurt)[N],(centrum)[N])[N]
buurten	(buurt)[V]
buurthuis	((buurt)[N],(huis)[N])[N]
buurthuiswerk	(((buurt)[N],(huis)[N])[N],(werk)[N])[N]
buurtschap	((buurt)[N],(schap)[N|N.])[N]
buurtschool	((buurt)[N],(school)[N])[N]
buurtspoorweg	((buurt)[N],((spoor)[N],(weg)[N])[N])[N]
buurtvereniging	((buurt)[N],(verenig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
buurtverkeer	((buurt)[N],(verkeer)[N])[N]
buurtvoorzieningen	((buurt)[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
buurtweg	((buurt)[N],(weg)[N])[N]
buurtwerk	((buurt)[N],(werk)[N])[N]
buurtwerker	((buurt)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
buurtwerkster	((buurt)[N],((werk)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
buurtwinkel	((buurt)[N],(winkel)[N])[N]
buurvrouw	((buur)[N],(vrouw)[N])[N]
buut	(buut)[N]
buutspel	((buut)[V],(spel)[N])[N]
byte	(byte)[N]
bèta	(bèta)[N]
bètadeeltje	((bèta)[N],(deel)[N])[N]
bètamensen	((bèta)[N],(mens)[N])[N]
bètareceptor	((bèta)[N],(receptor)[N])[N]
bètastralen	((bèta)[N],(straal)[N])[N]
bètawetenschap	((bèta)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
bête	(bête)[A]
bühne	(bühne)[N]
c	(c)[N]
c-omroep	((c)[N],(omroep)[N])[N]
c-sleutel	((c)[N],(sleutel)[N])[N]
c-status	((c)[N],(status)[N])[N]
cab	(cab)[N]
caballero	(caballero)[N]
cabaret	(cabaret)[N]
cabaretavond	((cabaret)[N],(avond)[N])[N]
cabaretgezelschap	((cabaret)[N],((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
cabaretière	((cabaretier)[N],(e)[N|N.])[N]
cabaretprogramma	((cabaret)[N],(programma)[N])[N]
cabaretzanger	((cabaret)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
cabine	(cabine)[N]
cabinedeur	((cabine)[N],(deur)[N])[N]
cabriolet	(cabriolet)[N]
cacao	(cacao)[N]
cacaoboom	((cacao)[N],(boom)[N])[N]
cacaoboon	((cacao)[N],(boon)[N])[N]
cacaoboter	((cacao)[N],(boter)[N])[N]
cacaoplantage	((cacao)[N],((plant)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
cachetteren	((cachet)[N],(eer)[V|N.])[V]
cactusachtigen	((cactus)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
cactusdahlia	((cactus)[N],(dahlia)[N])[N]
cactusnaald	((cactus)[N],(naald)[N])[N]
cadanceren	((cadans)[N],(eer)[V|N.])[V]
cadeauactie	((cadeau)[N],(actie)[N])[N]
cadeaubon	((cadeau)[N],(bon)[N])[N]
cadeaustelsel	((cadeau)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
cadettenschool	((cadet)[N],(en)[N|N.N],(school)[N])[N]
cadmium	(cadmium)[N]
cadmiumgeel	((cadmium)[N],(geel)[A])[A]
caesar	(caesar)[N]
cafetariahouder	((cafetaria)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
cafetariahoudster	((cafetaria)[N],(houd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
cafetariasysteem	((cafetaria)[N],(systeem)[N])[N]
cafeïnevrij	((cafeïne)[N],(vrij)[A])[A]
café-chantantartiest	((café-chantant)[N],(artiest)[N])[N]
café-restaurant	((café)[N],((restaureer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
cafédeur	((café)[N],(deur)[N])[N]
cafégedeelte	((café)[N],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
caféhouder	((café)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
caféhoudster	((café)[N],(houd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
caféloper	((café)[N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
caféruimte	((café)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
cafétafel	((café)[N],(tafel)[N])[N]
caféterras	((café)[N],(terras)[N])[N]
caissonwet	((caisson)[N],(wet)[N])[N]
caissonziekte	((caisson)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
cake	(cake)[N]
cakebeslag	((cake)[N],(beslag)[N])[N]
cakeblik	((cake)[N],(blik)[N])[N]
cakemeel	((cake)[N],(meel)[N])[N]
calcinatie	((calcineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
calcium	(calcium)[N]
calciumcarbid	((calcium)[N],(carbid)[N])[N]
calciumcarbonaat	((calcium)[N],(carbonaat)[N])[N]
calciumchloride	((calcium)[N],(chloride)[N])[N]
calciumfluoride	((calcium)[N],(fluoride)[N])[N]
calciumfosfaat	((calcium)[N],(fosfaat)[N])[N]
calciumhydroxide	((calcium)[N],(hydroxide)[N])[N]
calciumion	((calcium)[N],(ion)[N])[N]
calciumoxide	((calcium)[N],(oxide)[N])[N]
calciumstofwisseling	((calcium)[N],((stof)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
calciumsulfaat	((calcium)[N],(sulfaat)[N])[N]
calculatie	((calculeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
calculatievoorschrift	(((calculeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
calculator	((calculeer)[V],(ator)[N|V.])[N]
caleidoscopisch	((caleidoscoop)[N],(isch)[A|N.])[A]
calorie	(calorie)[N]
caloriearm	((calorie)[N],(arm)[A])[A]
caloriebehoefte	((calorie)[N],(behoefte)[N])[N]
caloriegehalte	((calorie)[N],(gehalte)[N])[N]
calorieopname	((calorie)[N],(opname)[N])[N]
calorieënbehoefte	((calorie)[N],(en)[N|N.N],(behoefte)[N])[N]
calorimeter	((calorie)[N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
calqueerlinnen	(((kalk)[N],(eer)[V|N.])[V],(linnen)[N])[N]
calqueerpapier	(((kalk)[N],(eer)[V|N.])[V],(papier)[N])[N]
calqueren	((kalk)[N],(eer)[V|N.])[V]
calvarie	(calvarie)[N]
calvarieberg	((calvarie)[N],(berg)[N])[N]
calvinistisch	((calvinist)[N],(isch)[A|N.])[A]
calypsomuziek	((calypso)[N],(muziek)[N])[N]
camarilla	(camarilla)[N]
cambio	(cambio)[N]
camelia	(camelia)[N]
camera	(camera)[N]
camera-unit	((camera)[N],(unit)[N])[N]
cameraman	((camera)[N],(man)[N])[N]
cameraploeg	((camera)[N],(ploeg)[N])[N]
camerateam	((camera)[N],(team)[N])[N]
camerawagen	((camera)[N],(wagen)[N])[N]
camion	(camion)[N]
camioneur	((camion)[N],(eur)[N|N.])[N]
camouflage	((camoufleer)[V],(age)[N|V.])[N]
camouflage-uitrusting	(((camoufleer)[V],(age)[N|V.])[N],(((uit)[P],(rust)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
camouflage-uniform	(((camoufleer)[V],(age)[N|V.])[N],(uniform)[N])[N]
camouflagekleur	(((camoufleer)[V],(age)[N|V.])[N],(kleur)[N])[N]
camouflagestift	(((camoufleer)[V],(age)[N|V.])[N],(stift)[N])[N]
campagne	(campagne)[N]
campagnejaar	((campagne)[N],(jaar)[N])[N]
campingbeheerder	((camping)[N],(beheer)[V],(der)[N|NV.])[N]
campingvlucht	((camping)[N],(vlucht)[N])[N]
canadaboom	((canada)[N],(boom)[N])[N]
canadahout	((canada)[N],(hout)[N])[N]
canapé	(canapé)[N]
canasta	(canasta)[N]
candela	(candela)[N]
cannabis	(cannabis)[N]
cannelure	(cannelure)[N]
canon	(canon)[N]
canonbord	((canon)[N],(bord)[N])[N]
canonisatie	(((canon)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
canoniseren	((canon)[N],(iseer)[V|N.])[V]
canonisering	(((canon)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
cantharel	(cantharel)[N]
cantilene	(cantilene)[N]
cantorij	((cantor)[N],(ij)[N|N.])[N]
canvas	(canvas)[N]
canvassen	(canvas)[V]
cap	(cap)[N]
capabiliteit	((capabel)[A],(biliteit)[N|A.])[N]
capaciteitseffect	((capaciteit)[N],(s)[N|N.N],(effect)[N])[N]
capaciteitsoverschot	((capaciteit)[N],(s)[N|N.N],(overschot)[N])[N]
capaciteitsprobleem	((capaciteit)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
capaciteitsreductie	((capaciteit)[N],(s)[N|N.N],(reductie)[N])[N]
capaciteitstekort	((capaciteit)[N],(s)[N|N.N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
cape	(cape)[N]
capillariteit	((capillair)[A],(iteit)[N|A.])[N]
capitonnage	((capitonneer)[V],(age)[N|V.])[N]
capitonnering	((capitonneer)[V],(ing)[N|V.])[N]
capitulatie	((capituleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
capitulatievoorwaarde	(((capituleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(voorwaarde)[N])[N]
cappuccino	(cappuccino)[N]
capriool	(capriool)[N]
capuchon	(capuchon)[N]
caput	(caput)[N]
caracole	(caracole)[N]
caramboleren	((carambole)[N],(eer)[V|N.])[V]
caravan	(caravan)[N]
caravanterrein	((caravan)[N],(terrein)[N])[N]
carbidgas	((carbid)[N],(gas)[N])[N]
carbidlamp	((carbid)[N],(lamp)[N])[N]
carbidlantaarn	((carbid)[N],(lantaarn)[N])[N]
carbidlantaren	((carbid)[N],(lantaren)[N])[N]
carbolgaas	((carbol)[N],(gaas)[N])[N]
carbolwater	((carbol)[N],(water)[N])[N]
carbolzuur	((carbol)[N],(zuur)[N])[N]
carbonatie	((carbonaat)[N],(ie)[N|N.])[N]
carbonisatie	(((carboon)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
carbonisch	((carboon)[N],(isch)[A|N.])[A]
carboniseren	((carboon)[N],(iseer)[V|N.])[V]
carbonlint	((carbon)[N],(lint)[N])[N]
carbonpapier	((carbon)[N],(papier)[N])[N]
carbonzuur	((carbon)[N],(zuur)[N])[N]
carburateur	((carbureer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
carburatie	((carbureer)[V],(atie)[N|V.])[N]
carburator	((carbureer)[V],(ator)[N|V.])[N]
carcinogeniteit	((carcinogeen)[A],(iteit)[N|A.])[N]
cardiochirurg	((cardio)[N|.N],(chirurg)[N])[N]
care	(care)[X]
cargadoorsbedrijf	((cargadoor)[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
cargalijst	((carga)[N],(lijst)[N])[N]
cargoverzekering	((cargo)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
carillonmuziek	((carillon)[N],(muziek)[N])[N]
cariës	(cariës)[N]
carnaval	(carnaval)[N]
carnavalesk	((carnaval)[N],(esk)[A|N.])[A]
carnavalpret	((carnaval)[N],(pret)[N])[N]
carnavalsclub	((carnaval)[N],(s)[N|N.N],(club)[N])[N]
carnavalskraker	((carnaval)[N],(s)[N|N.N],((kraak)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
carnavalslied	((carnaval)[N],(s)[N|N.N],(lied)[N])[N]
carnavalsoptocht	((carnaval)[N],(s)[N|N.N],(optocht)[N])[N]
carnavalspret	((carnaval)[N],(s)[N|N.N],(pret)[N])[N]
carnavalsstoet	((carnaval)[N],(s)[N|N.N],(stoet)[N])[N]
carnavalstijd	((carnaval)[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
carnavalstoet	((carnaval)[N],(stoet)[N])[N]
carnavalsvereniging	((carnaval)[N],(s)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
carrière	(carrière)[N]
carrièrejaagster	((carrière)[N],(jaag)[V],(ster)[N|NV.])[N]
carrièrejager	((carrière)[N],((jaag)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
carrièrekans	((carrière)[N],(kans)[N])[N]
carrièremogelijkheid	((carrière)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
carrièreontwikkeling	((carrière)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
carrièreplanning	((carrière)[N],(plan)[V],(ing)[N|NV.])[N]
carrièrevrouw	((carrière)[N],(vrouw)[N])[N]
carrousel	(carrousel)[N]
cartografie	((cartografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
cartoonist	((cartoon)[N],(ist)[N|N.])[N]
cascadeur	((cascade)[N],(eur)[N|N.])[N]
cascara	(cascara)[N]
cascoverzekering	((casco)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
cash	(cash)[N]
cashdividend	((cash)[N],(dividend)[N])[N]
casino	(casino)[N]
casinobrood	((casino)[N],(brood)[N])[N]
cassatie	((casseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
cassatieberoep	(((casseer)[V],(atie)[N|V.])[N],(beroep)[N])[N]
cassave	(cassave)[N]
cassavebrood	((cassave)[N],(brood)[N])[N]
cassetteband	((cassette)[N],(band)[N])[N]
cassettebioscoop	((cassette)[N],(bioscoop)[N])[N]
cassettefilm	((cassette)[N],(film)[N])[N]
cassettemuziek	((cassette)[N],(muziek)[N])[N]
cassetteprojector	((cassette)[N],(projector)[N])[N]
cassetterecorder	((cassette)[N],(recorder)[N])[N]
cassettescoop	((cassette)[N],(scoop)[N])[N]
cassettetape	((cassette)[N],(tape)[N])[N]
cassettewisselaar	((cassette)[N],((wissel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
cast	(cast)[N]
castraat	((castreer)[V],(aat)[N|V.])[N]
castratie	((castreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
castratieangst	(((castreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(angst)[N])[N]
casuspositie	((casus)[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
casuïstiek	(((casuïst)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
casuïstisch	((casuïst)[N],(isch)[A|N.])[A]
catalogiseren	((cataloog)[N],(iseer)[V|N.])[V]
catalogisering	(((cataloog)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
catamaran	(catamaran)[N]
catarraal	((catarre)[N],(aal)[A|N.])[A]
catastrofaal	((catastrofe)[N],(aal)[A|N.])[A]
catastrofetheorie	((catastrofe)[N],(theorie)[N])[N]
catatonie	((catatonisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
catch	(catch)[N]
catechetisch	((catecheet)[N],(isch)[A|N.])[A]
catechisant	(((catechese)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N]
catechisante	((((catechese)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
catechisatie	(((catechese)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
catechiseermeester	(((catechese)[N],(iseer)[V|N.])[V],(meester)[N])[N]
catechiseren	((catechese)[N],(iseer)[V|N.])[V]
catechismusonderwijs	((catechismus)[N],(onderwijs)[N])[N]
catechumenenolie	((catechumeen)[N],(en)[N|N.N],(olie)[N])[N]
categoriaal	((categorie)[N],(aal)[A|N.])[A]
categorieënsysteem	((categorie)[N],(en)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
categoriseren	((categorie)[N],(iseer)[V|N.])[V]
categorisering	(((categorie)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
causaliteit	((causaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
causaliteitsbeginsel	(((causaal)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
causaliteitsbegrip	(((causaal)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(begrip)[N])[N]
cavalcade	(cavalcade)[N]
cavalerie-eenheid	((cavalerie)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
cavalerie-eskadron	((cavalerie)[N],(eskadron)[N])[N]
cavaleriebrigade	((cavalerie)[N],(brigade)[N])[N]
cavaleriedivisie	((cavalerie)[N],(divisie)[N])[N]
cavaleriekazerne	((cavalerie)[N],(kazerne)[N])[N]
cavalerieofficier	((cavalerie)[N],(officier)[N])[N]
cavalerieregiment	((cavalerie)[N],(regiment)[N])[N]
cavalerist	((cavalerie)[N],(ist)[N|N.])[N]
cavia	(cavia)[N]
cedent	(((cessie)[N],(eer)[V|N.])[V],(ent)[N|V.])[N]
ceder	(ceder)[N]
cederappel	((ceder)[N],(appel)[N])[N]
cederen	((ceder)[N],(en)[A|N.])[A]
cederen	((cessie)[N],(eer)[V|N.])[V]
cederhout	((ceder)[N],(hout)[N])[N]
cederhouten	(((ceder)[N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
cederolie	((ceder)[N],(olie)[N])[N]
ceel	(ceel)[N]
cel	(cel)[N]
celachtig	((cel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
celbiologie	((cel)[N],((biologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
celbiologisch	((cel)[N],(biologisch)[A])[A]
celdeling	((cel)[N],((deel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
celdeur	((cel)[N],(deur)[N])[N]
celebrant	((celebreer)[V],(ant)[N|V.])[N]
celebratie	((celebreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
celenergie	((cel)[N],(energie)[N])[N]
celesta	(celesta)[N]
celgenoot	((cel)[N],(genoot)[N])[N]
celgroei	((cel)[N],(groei)[N])[N]
celgrootte	((cel)[N],((groot)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
celkern	((cel)[N],(kern)[N])[N]
celleer	((cel)[N],(leer)[N])[N]
cellenbarak	((cel)[N],(en)[N|N.N],(barak)[N])[N]
cellenbroer	((cel)[N],(e)[N|N.N],(broer)[N])[N]
cellenstructuur	((cel)[N],(en)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
cellichaam	((cel)[N],(lichaam)[N])[N]
cellist	((cello)[N],(ist)[N|N.])[N]
celliste	(((cello)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
cello	(cello)[N]
cellofaanpapier	((cellofaan)[N],(papier)[N])[N]
cellopartij	((cello)[N],(partij)[N])[N]
celluloidpapier	((celluloid)[N],(papier)[N])[N]
cellulosederivaat	((cellulose)[N],(derivaat)[N])[N]
celmassa	((cel)[N],(massa)[N])[N]
celmembraan	((cel)[N],(membraan)[N])[N]
celoppervlak	((cel)[N],((opper)[N|.N],(vlak)[N])[N])[N]
celplasma	((cel)[N],(plasma)[N])[N]
celregeneratie	((cel)[N],(((re)[V|.V],(genereer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
celruimte	((cel)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
celstof	((cel)[N],(stof)[N])[N]
celstofluier	(((cel)[N],(stof)[N])[N],(luier)[N])[N]
celstofwisseling	((cel)[N],((stof)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
celstraf	((cel)[N],(straf)[N])[N]
celstructuur	((cel)[N],(structuur)[N])[N]
celtherapie	((cel)[N],(therapie)[N])[N]
celvermeerdering	((cel)[N],(((ver)[V|.V],(meerder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
celvocht	((cel)[N],(vocht)[N])[N]
celvormig	((cel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
celwagen	((cel)[N],(wagen)[N])[N]
celwand	((cel)[N],(wand)[N])[N]
celweefsel	((cel)[N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
cembalist	((cembalo)[N],(ist)[N|N.])[N]
cembalo	(cembalo)[N]
cement	(cement)[N]
cementbeton	((cement)[N],(beton)[N])[N]
cementen	((cement)[N],(en)[A|N.])[A]
cementen	(cement)[V]
cementeren	((cement)[N],(eer)[V|N.])[V]
cementfabriek	((cement)[N],(fabriek)[N])[N]
cementijzer	((cement)[N],(ijzer)[N])[N]
cementijzeren	(((cement)[N],(ijzer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
cementlijm	((cement)[N],(lijm)[N])[N]
cementmolen	((cement)[N],(molen)[N])[N]
cementmortel	((cement)[N],(mortel)[N])[N]
cementspecie	((cement)[N],(specie)[N])[N]
cementsteen	((cement)[N],(steen)[N])[N]
cementvoeg	((cement)[N],(voeg)[N])[N]
cenakel	(cenakel)[N]
censureren	(((censeer)[V],(uur)[N|V.])[N],(eer)[V|N.])[V]
censuskiesrecht	((census)[N],((kies)[V],(recht)[N])[N])[N]
censusmonografie	((census)[N],(((mono)[A|.A],(grafisch)[A])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
censuur	((censeer)[V],(uur)[N|V.])[N]
censuurmaatregel	(((censeer)[V],(uur)[N|V.])[N],(maatregel)[N])[N]
cent	(cent)[N]
centenaarslast	((centenaar)[N],(s)[N|N.N],(last)[N])[N]
centenbak	((cent)[N],(en)[N|N.N],(bak)[N])[N]
centenkwestie	((cent)[N],(en)[N|N.N],(kwestie)[N])[N]
centerboor	((center)[N],(boor)[N])[N]
centiare	((centi)[N|.N],(are)[N])[N]
centigraad	((centi)[N|.N],(graad)[N])[N]
centigram	((centi)[N|.N],(gram)[N])[N]
centiliter	((centi)[N|.N],(liter)[N])[N]
centimeter	((centi)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
centimetergolf	(((centi)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(golf)[N])[N]
centraal	((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A]
centraalstation	(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(station)[N])[N]
centrale	(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N]
centralisatie	((((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
centraliseren	(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V]
centralisering	((((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
centreren	((centrum)[N],(eer)[V|N.])[V]
centrering	(((centrum)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
centrifugaal	((centrifuge)[N],(aal)[A|N.])[A]
centrifugaalpomp	(((centrifuge)[N],(aal)[A|N.])[A],(pomp)[N])[N]
centrifugeren	((centrifuge)[N],(eer)[V|N.])[V]
centrisch	((centrum)[N],(isch)[A|N.])[A]
centrumfunctie	((centrum)[N],(functie)[N])[N]
centrumgemeente	((centrum)[N],(gemeente)[N])[N]
centrumlinks	((centrum)[N],(links)[A])[A]
centrumpartij	((centrum)[N],(partij)[N])[N]
centrumpositie	((centrum)[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
centrumspits	((centrum)[N],(spits)[N])[N]
centstuk	((cent)[N],(stuk)[N])[N]
ceramiek	((ceramisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
ceremonie	(ceremonie)[N]
ceremonieel	((ceremonie)[N],(ieel)[N|N.])[N]
ceremoniemeester	((ceremonie)[N],(meester)[N])[N]
cerise	(cerise)[N]
cerium	(cerium)[N]
ceroplastiek	((ceroplastisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
certificaat	((certificeer)[V],(aat)[N|V.])[N]
cervixcarcinoom	((cervix)[N],(carcinoom)[N])[N]
ces	(ces)[N]
cesium	(cesium)[N]
cesuurteken	((cesuur)[N],(teken)[N])[N]
chagrijnig	((chagrijn)[N],(ig)[A|N.])[A]
chagrijnigheid	(((chagrijn)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
chagrijnleder	((chagrijn)[N],(leder)[N])[N]
chagrijnleer	((chagrijn)[N],(leer)[N])[N]
chambreren	((kamer)[N],(eer)[V|N.])[V]
champagnecider	((champagne)[N],(cider)[N])[N]
champagnecoupe	((champagne)[N],(coupe)[N])[N]
champagneglas	((champagne)[N],(glas)[N])[N]
champagnekoeler	((champagne)[N],(koel)[V],(er)[N|NV.])[N]
champagnekurk	((champagne)[N],(kurk)[N])[N]
champagnewijn	((champagne)[N],(wijn)[N])[N]
champignon	(champignon)[N]
champignonsaus	((champignon)[N],(saus)[N])[N]
champignonsoep	((champignon)[N],(soep)[N])[N]
change	(change)[N]
changement	((changeer)[V],(ement)[N|V.])[N]
chansonnière	((chansonnier)[N],(e)[N|N.])[N]
chantage	((chanteer)[V],(age)[N|V.])[N]
chanteuse	((chanteur)[N],(euse)[N|N.])[N]
chaos	(chaos)[N]
chaosmacht	((chaos)[N],(macht)[N])[N]
chaotisch	((chaos)[N],(isch)[A|N.])[A]
chaperonne	((chaperon)[N],(e)[N|N.])[N]
chaperonneren	((chaperon)[N],(eer)[V|N.])[V]
chargeren	((charge)[N],(eer)[V|N.])[V]
charismatisch	((charisma)[N],(atisch)[A|N.])[A]
charivari	(charivari)[N]
charlatan	(charlatan)[N]
charlatanerie	((charlatan)[N],(erie)[N|N.])[N]
charmant	((charmeer)[V],(ant)[A|V.])[A]
charme	(charme)[N]
charmeur	((charmeer)[V],(eur)[N|V.])[N]
charteraar	((charter)[V],(aar)[N|V.])[N]
charterboek	((charter)[N],(boek)[N])[N]
charterdienst	((charter)[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
chartermaatschappij	((charter)[V],(maatschappij)[N])[N]
chartermeester	((charter)[N],(meester)[N])[N]
charterpartij	((charter)[N],(partij)[N])[N]
chartervliegtuig	((charter)[V],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
chartervlucht	((charter)[V],(vlucht)[N])[N]
chartervracht	((charter)[V],(vracht)[N])[N]
chauffeur	((chauffeer)[V],(eur)[N|V.])[N]
chauffeurscabine	(((chauffeer)[V],(eur)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cabine)[N])[N]
chauffeurspet	(((chauffeer)[V],(eur)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(pet)[N])[N]
chauvinistisch	((chauvinist)[N],(isch)[A|N.])[A]
checken	(check)[V]
checklist	((check)[V],(list)[N])[N]
cheeta	(cheeta)[N]
chef	(chef)[N]
chef-kok	((chef)[N],(kok)[N])[N]
chef-monteur	((chef)[N],((monteer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
chef-staf	((chef)[N],(staf)[N])[N]
cheffin	((chef)[N],(in)[N|N.])[N]
chefhofmeester	((chef)[N],((hof)[N],(meester)[N])[N])[N]
chemie	((chemisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
chemotherapie	((chemo)[N|.N],(therapie)[N])[N]
cheque	(cheque)[N]
chequeboek	((cheque)[N],(boek)[N])[N]
chequedienst	((cheque)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
cherubijn	((cherub)[N],(ijn)[N|N.])[N]
chesterkaas	((chester)[N],(kaas)[N])[N]
chevreauleder	((chevreau)[N],(leder)[N])[N]
chevreauleer	((chevreau)[N],(leer)[N])[N]
chianti	(chianti)[N]
chiastisch	((chiasme)[N],(isch)[A|N.])[A]
chic	(chic)[N]
chicaneren	((chicane)[N],(eer)[V|N.])[V]
chicaneur	(((chicane)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
chick	(chick)[N]
chiffonjapon	((chiffon)[N],(japon)[N])[N]
chijl	(chijl)[N]
chili	(chili)[N]
chiliastisch	((chiliast)[N],(isch)[A|N.])[A]
chilipeper	((chili)[N],(peper)[N])[N]
chilisalpeter	((chili)[N],(salpeter)[N])[N]
chilisaus	((chili)[N],(saus)[N])[N]
chimpansee	(chimpansee)[N]
chinchilla	(chinchilla)[N]
chintz	(chintz)[N]
chip	(chip)[N]
chipfabrikant	((chip)[N],(((fabriek)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
chiropodist	((chiropodie)[N],(ist)[N|N.])[N]
chirurge	((chirurg)[N],(e)[N|N.])[N]
chirurgenhandschoen	((chirurg)[N],(en)[N|N.N],((hand)[N],(schoen)[N])[N])[N]
chirurgie	((chirurgisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
chirurgijn	((chirurg)[N],(ijn)[N|N.])[N]
chloor	(chloor)[N]
chlooracne	((chloor)[N],(acne)[N])[N]
chloorethyl	((chloor)[N],(ethyl)[N])[N]
chloorkalk	((chloor)[N],(kalk)[N])[N]
chloornatrium	((chloor)[N],(natrium)[N])[N]
chloortrein	((chloor)[N],(trein)[N])[N]
chloorverbinding	((chloor)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
chloorwater	((chloor)[N],(water)[N])[N]
chloorwaterstof	((chloor)[N],((water)[N],(stof)[N])[N])[N]
chloorzuur	((chloor)[N],(zuur)[N])[N]
chloren	(chloor)[V]
chloreren	((chloor)[N],(eer)[V|N.])[V]
chloroformeren	((chloroform)[N],(eer)[V|N.])[V]
chloroformiseren	((chloroform)[N],(iseer)[V|N.])[V]
chloroformmasker	((chloroform)[N],(masker)[N])[N]
chocola	(chocola)[N]
chocolaatje	(chocola)[N]
chocoladecake	((chocolade)[N],(cake)[N])[N]
chocoladefabrikant	((chocolade)[N],(((fabriek)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
chocoladehagelslag	((chocolade)[N],((hagel)[N],(slag)[N])[N])[N]
chocoladekleurig	((chocolade)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
chocoladeletter	((chocolade)[N],(letter)[N])[N]
chocolademelk	((chocolade)[N],(melk)[N])[N]
chocoladen	((chocolade)[N],(en)[A|N.])[A]
chocoladepasta	((chocolade)[N],(pasta)[N])[N]
chocoladepudding	((chocolade)[N],(pudding)[N])[N]
chocoladetaart	((chocolade)[N],(taart)[N])[N]
chocoladevla	((chocolade)[N],(vla)[N])[N]
chocolakleurig	((chocola)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
chocolaletter	((chocola)[N],(letter)[N])[N]
chocolamelk	((chocola)[N],(melk)[N])[N]
chocolapudding	((chocola)[N],(pudding)[N])[N]
choke	(choke)[N]
choken	(chook)[V]
cholera	(cholera)[N]
cholera-epidemie	((cholera)[N],((epidemisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
cholerabacil	((cholera)[N],(bacil)[N])[N]
choleralijder	((cholera)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
cholesterolgehalte	((cholesterol)[N],(gehalte)[N])[N]
cholesterolspiegel	((cholesterol)[N],(spiegel)[N])[N]
cholesterolsynthese	((cholesterol)[N],(synthese)[N])[N]
choquant	((choqueer)[V],(ant)[A|V.])[A]
choreograferen	(((choreografisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(eer)[V|N.])[V]
choreografie	((choreografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
christelijk	((christen)[N],(elijk)[A|N.])[A]
christelijk-historisch	(((christen)[N],(elijk)[A|N.])[A],(historisch)[A])[A]
christelijk-sociaal	(((christen)[N],(elijk)[A|N.])[A],(sociaal)[A])[A]
christelijkheid	(((christen)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
christen-democraat	((christen)[N],(democraat)[N])[N]
christen-democratie	((christen)[N],(((democraat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
christen-inlander	((christen)[N],((in)[P],(land)[N],(er)[N|PN.])[N])[N]
christen-socialist	((christen)[N],(socialist)[N])[N]
christendom	((christen)[N],(dom)[N|N.])[N]
christenfamilie	((christen)[N],(familie)[N])[N]
christengemeenschap	((christen)[N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
christengemeente	((christen)[N],(gemeente)[N])[N]
christenheid	((christen)[N],(heid)[N|N.])[N]
christenhond	((christen)[N],(hond)[N])[N]
christenkind	((christen)[N],(kind)[N])[N]
christenleer	((christen)[N],(leer)[N])[N]
christenmeisje	((christen)[N],(meisje)[N])[N]
christenmens	((christen)[N],(mens)[N])[N]
christenplicht	((christen)[N],(plicht)[N])[N]
christenridder	((christen)[N],(ridder)[N])[N]
christenvrouw	((christen)[N],(vrouw)[N])[N]
christenwereld	((christen)[N],(wereld)[N])[N]
christologie	((christologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
christusdoorn	((Christus)[N],(doorn)[N])[N]
christusdoren	((Christus)[N],(doren)[N])[N]
chromaatgroen	((chromaat)[N],(groen)[N])[N]
chromatiek	(((chroma)[N],(atisch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
chromatisch	((chroma)[N],(atisch)[A|N.])[A]
chromen	((chroom)[N],(en)[A|N.])[A]
chromeren	((chroom)[N],(eer)[V|N.])[V]
chromium	(chromium)[N]
chromofotografie	((chromo)[N],((fotografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
chromolithografie	((chromo)[N],((lithografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
chromosfeer	((chromo)[N],(sfeer)[N])[N]
chromosomatisch	((chromo)[N],(somatisch)[A])[A]
chronologie	((chronologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
chroom	(chroom)[N]
chroomgeel	((chroom)[N],(geel)[N])[N]
chroomleder	((chroom)[N],(leder)[N])[N]
chroomleer	((chroom)[N],(leer)[N])[N]
chroompoets	((chroom)[N],(poets)[N])[N]
chroomstaal	((chroom)[N],(staal)[N])[N]
chroomzuur	((chroom)[N],(zuur)[N])[N]
chrysoberil	(chrysoberil)[N]
ciborie	(ciborie)[N]
cicero	(cicero)[N]
cicerone	(cicerone)[N]
cichorei	(cichorei)[N]
cichoreiwortel	((cichorei)[N],(wortel)[N])[N]
cider	(cider)[N]
cijfer	(cijfer)[N]
cijferaar	((cijfer)[V],(aar)[N|V.])[N]
cijferaarster	(((cijfer)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
cijferboek	((cijfer)[V],(boek)[N])[N]
cijferen	(cijfer)[V]
cijferfout	((cijfer)[V],(fout)[N])[N]
cijferklok	((cijfer)[N],(klok)[N])[N]
cijferkunst	((cijfer)[V],(kunst)[N])[N]
cijferlijst	((cijfer)[N],(lijst)[N])[N]
cijfermateriaal	((cijfer)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
cijfermuziek	((cijfer)[N],(muziek)[N])[N]
cijferschrift	((cijfer)[N],(schrift)[N])[N]
cijfersleutel	((cijfer)[N],(sleutel)[N])[N]
cijferslot	((cijfer)[N],(slot)[N])[N]
cijfertelegram	((cijfer)[N],(telegram)[N])[N]
cijns	(cijns)[N]
cijnsbaar	((cijns)[N],(baar)[A|N.])[A]
cijnsplichtig	((cijns)[N],(plicht)[N],(ig)[A|NN.])[A]
cijnsrecht	((cijns)[N],(recht)[N])[N]
cilinder	(cilinder)[N]
cilinderblok	((cilinder)[N],(blok)[N])[N]
cilinderbureau	((cilinder)[N],(bureau)[N])[N]
cilinderglas	((cilinder)[N],(glas)[N])[N]
cilinderhorloge	((cilinder)[N],(horloge)[N])[N]
cilinderinhoud	((cilinder)[N],(inhoud)[N])[N]
cilinderolie	((cilinder)[N],(olie)[N])[N]
cilinderslot	((cilinder)[N],(slot)[N])[N]
cilindervlak	((cilinder)[N],(vlak)[N])[N]
cilindervormig	((cilinder)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
cilindrisch	((cilinder)[N],(isch)[A|N.])[A]
cimbaal	(cimbaal)[N]
cimbalist	((cimbaal)[N],(ist)[N|N.])[N]
cinecamera	((cinema)[N],(camera)[N])[N]
cineclub	((cinema)[N],(club)[N])[N]
cinemaorgel	((cinema)[N],(orgel)[N])[N]
cinemascope	((cinema)[N],(scope)[N])[N]
cinematografie	((cinematograaf)[N],(ie)[N|N.])[N]
cinematografisch	((cinematograaf)[N],(isch)[A|N.])[A]
cinemavoorstelling	((cinema)[N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
cinemazaal	((cinema)[N],(zaal)[N])[N]
cinnaber	(cinnaber)[N]
cipierster	((cipier)[N],(ster)[N|N.])[N]
cipressenboom	((cipres)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
cipressenhout	((cipres)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
cipressenlaan	((cipres)[N],(en)[N|N.N],(laan)[N])[N]
circulaire	((circulair)[A],(e)[N|A.])[N]
circulatie	(((cirkel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
circulatiebank	((((cirkel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(bank)[N])[N]
circulatieproces	((((cirkel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
circulatiestoornis	((((cirkel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
circulatietijd	((((cirkel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(tijd)[N])[N]
circuleren	((cirkel)[N],(eer)[V|N.])[V]
circusartiest	((circus)[N],(artiest)[N])[N]
circusclown	((circus)[N],(clown)[N])[N]
circusdirecteur	((circus)[N],(directeur)[N])[N]
circusdompteur	((circus)[N],(dompteur)[N])[N]
circusfamilie	((circus)[N],(familie)[N])[N]
circusnummer	((circus)[N],(nummer)[N])[N]
circusolifant	((circus)[N],(olifant)[N])[N]
circusorkest	((circus)[N],(orkest)[N])[N]
circuspaard	((circus)[N],(paard)[N])[N]
circustent	((circus)[N],(tent)[N])[N]
circusterrein	((circus)[N],(terrein)[N])[N]
circusvertoning	((circus)[N],(((ver)[V|.V],(toon)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
circuswagen	((circus)[N],(wagen)[N])[N]
circuswereld	((circus)[N],(wereld)[N])[N]
cirkelboog	((cirkel)[N],(boog)[N])[N]
cirkelbundel	((cirkel)[N],(bundel)[N])[N]
cirkeldefinitie	((cirkel)[N],(definitie)[N])[N]
cirkeldeling	((cirkel)[N],((deel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
cirkeldiagram	((cirkel)[N],(diagram)[N])[N]
cirkeldoorsnede	((cirkel)[N],(doorsnede)[N])[N]
cirkeldoorsnee	((cirkel)[N],(doorsnee)[N])[N]
cirkeldriehoek	((cirkel)[N],((drie)[Q],(hoek)[N])[N])[N]
cirkelgang	((cirkel)[N],(gang)[N])[N]
cirkelkegel	((cirkel)[N],(kegel)[N])[N]
cirkelmaaier	((cirkel)[N],((maai)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
cirkelomtrek	((cirkel)[N],(omtrek)[N])[N]
cirkelredenering	((cirkel)[N],(((reden)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
cirkelrond	((cirkel)[N],(rond)[A])[A]
cirkelsector	((cirkel)[N],(sector)[N])[N]
cirkelsegment	((cirkel)[N],(segment)[N])[N]
cirkelvormig	((cirkel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
cirkelzaag	((cirkel)[N],(zaag)[N])[N]
cis	(cis)[N]
ciseleerder	((ciseleer)[V],(der)[N|V.])[N]
ciseleur	((ciseleer)[V],(eur)[N|V.])[N]
citaat	((citeer)[V],(aat)[N|V.])[N]
citadel	(citadel)[N]
citatenverzameling	(((citeer)[V],(aat)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
citatie-index	((citatie)[N],(index)[N])[N]
citeertitel	((citeer)[V],(titel)[N])[N]
citroen	(citroen)[N]
citroenachtig	((citroen)[N],(achtig)[A|N.])[A]
citroenappel	((citroen)[N],(appel)[N])[N]
citroenboom	((citroen)[N],(boom)[N])[N]
citroendrank	((citroen)[N],(drank)[N])[N]
citroengeel	((citroen)[N],(geel)[A])[A]
citroengeranium	((citroen)[N],(geranium)[N])[N]
citroengras	((citroen)[N],(gras)[N])[N]
citroenhout	((citroen)[N],(hout)[N])[N]
citroenjenever	((citroen)[N],(jenever)[N])[N]
citroenkruid	((citroen)[N],(kruid)[N])[N]
citroenlimonade	((citroen)[N],(limonade)[N])[N]
citroenmelisse	((citroen)[N],(melisse)[N])[N]
citroenolie	((citroen)[N],(olie)[N])[N]
citroenpers	((citroen)[N],(pers)[N])[N]
citroensap	((citroen)[N],(sap)[N])[N]
citroenschijf	((citroen)[N],(schijf)[N])[N]
citroenschil	((citroen)[N],(schil)[N])[N]
citroensiroop	((citroen)[N],(siroop)[N])[N]
citroenzuur	((citroen)[N],(zuur)[N])[N]
citroenzuurcyclus	(((citroen)[N],(zuur)[N])[N],(cyclus)[N])[N]
citronellagras	((citronella)[N],(gras)[N])[N]
citronellaolie	((citronella)[N],(olie)[N])[N]
cityvorming	((city)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
civetkat	((civet)[N],(kat)[N])[N]
civiel-ingenieur	((civiel)[A],(ingenieur)[N])[N]
civielrechtelijk	((civiel)[A],(recht)[N],(elijk)[A|AN.])[A]
civielrechtelijk	((recht)[N],(elijk)[A|N.])[A]
civieltechnisch	((civiel)[A],(technisch)[A])[A]
civilisatie	(((civiel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
civilisatieziekte	((((civiel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
civiliseren	((civiel)[A],(iseer)[V|A.])[V]
claim	(claim)[N]
claimen	(claim)[V]
claimrecht	((claim)[V],(recht)[N])[N]
clairvoyance	((clairvoyant)[A],(nce)[N|A.])[N]
clan	(clan)[N]
clandestien	(clandestien)[A]
clantraditie	((clan)[N],(traditie)[N])[N]
claque	(claque)[N]
claqueur	((claque)[N],(eur)[N|N.])[N]
clarissenklooster	((claris)[N],(en)[N|N.N],(klooster)[N])[N]
clash	(clash)[N]
classeur	((klas)[N],(eur)[N|N.])[N]
classificatie	((classificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
classificatiebureau	(((classificeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(bureau)[N])[N]
classificatieschema	(((classificeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(schema)[N])[N]
classificatiesysteem	(((classificeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(systeem)[N])[N]
classificator	((classificeer)[V],(ator)[N|V.])[N]
classificeerder	((classificeer)[V],(der)[N|V.])[N]
classificering	((classificeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
claus	(claus)[N]
claustrofobie	((claustrofoob)[A],(ie)[N|A.])[N]
clausuleren	((clausule)[N],(eer)[V|N.])[V]
claves	(clave)[N]
clavicula	(clavicula)[N]
claviger	(claviger)[N]
claxonnade	(((claxon)[N],(eer)[V|N.])[V],(ade)[N|V.])[N]
claxonneren	((claxon)[N],(eer)[V|N.])[V]
clean	(clean)[A]
clearingbank	((clearing)[N],(bank)[N])[N]
clearinginstituut	((clearing)[N],(instituut)[N])[N]
clearingstelsel	((clearing)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
clematis	(clematis)[N]
clementie	((clement)[A],(ie)[N|A.])[N]
clicheren	((cliche)[N],(eer)[V|N.])[V]
cliché	(cliché)[N]
clichébeeld	((cliché)[N],(beeld)[N])[N]
clichématig	((cliché)[N],(matig)[A|N.])[A]
click	(click)[N]
climacterisch	((climacterium)[N],(isch)[A|N.])[A]
clinch	(clinch)[N]
clip	(clip)[N]
clique	(clique)[N]
clitoris	(clitoris)[N]
clivia	(clivia)[N]
cliënte	((cliënt)[N],(e)[N|N.])[N]
cliëntenorganisatie	((cliënt)[N],(en)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
cliëntensysteem	((cliënt)[N],(en)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
cliëntgerichtheid	((cliënt)[N],((gericht)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
cliëntsysteem	((cliënt)[N],(systeem)[N])[N]
cloaca	(cloaca)[N]
cloacadieren	((cloaca)[N],(dier)[N])[N]
clog	(clog)[N]
clone	(clone)[N]
close	(close)[A]
close-up	((close)[B],(up)[N])[N]
closetborstel	((closet)[N],(borstel)[N])[N]
closetpapier	((closet)[N],(papier)[N])[N]
closetpot	((closet)[N],(pot)[N])[N]
closetrol	((closet)[N],(rol)[N])[N]
closetrolhouder	(((closet)[N],(rol)[N])[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
clou	(clou)[N]
clown	(clown)[N]
clownachtig	((clown)[N],(achtig)[A|N.])[A]
clownerie	((clown)[N],(erie)[N|N.])[N]
clownesk	((clown)[N],(esk)[A|N.])[A]
club	(club)[N]
clubfauteuil	((club)[N],(fauteuil)[N])[N]
clubgebouw	((club)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
clubgeest	((club)[N],(geest)[N])[N]
clubgenoot	((club)[N],(genoot)[N])[N]
clubhuis	((club)[N],(huis)[N])[N]
clubkas	((club)[N],(kas)[N])[N]
clubkleur	((club)[N],(kleur)[N])[N]
clublid	((club)[N],(lid)[N])[N]
clubwedstrijd	((club)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
clubzetel	((club)[N],(zetel)[N])[N]
cluster	(cluster)[N]
clusteren	(cluster)[V]
co	(co)[N]
co-counselen	((co)[V|.V],(counsel)[V])[V]
co-schap	((co)[N],(schap)[N|N.])[N]
coach	(coach)[N]
coachen	(coach)[V]
coagulatie	((coaguleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
coalitiekabinet	((coalitie)[N],(kabinet)[N])[N]
coalitieklimaat	((coalitie)[N],(klimaat)[N])[N]
coalitieoorlog	((coalitie)[N],(oorlog)[N])[N]
coalitiepartij	((coalitie)[N],(partij)[N])[N]
coalitiepartner	((coalitie)[N],(partner)[N])[N]
coalitieregering	((coalitie)[N],((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
coassistent	((co)[N|.N],((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
coassistentschap	(((co)[N|.N],((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
coat	(coat)[N]
coaten	(coat)[V]
coater	((coat)[V],(er)[N|V.])[N]
coating	((coat)[V],(ing)[N|V.])[N]
coauteur	((co)[N|.N],(auteur)[N])[N]
coaxkabel	((coaxiaal)[A],(kabel)[N])[N]
cobra	(cobra)[N]
cocaïne-inspuiting	((cocaïne)[N],(((in)[P],(spuit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
cocaïnegebruik	((cocaïne)[N],(gebruik)[N])[N]
cochenille-inkt	((cochenille)[N],(inkt)[N])[N]
cockneydialect	((cockney)[N],(dialect)[N])[N]
cocktailjapon	((cocktail)[N],(japon)[N])[N]
cocktailjurk	((cocktail)[N],(jurk)[N])[N]
cocktaillounge	((cocktail)[N],(lounge)[N])[N]
cocktailparty	((cocktail)[N],(party)[N])[N]
cocktailshaker	((cocktail)[N],((shake)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
cocktailuur	((cocktail)[N],(uur)[N])[N]
cocon	(cocon)[N]
coda	(coda)[N]
code	(code)[N]
codeerder	(((code)[N],(eer)[V|N.])[V],(der)[N|V.])[N]
codeermachine	(((code)[N],(eer)[V|N.])[V],(machine)[N])[N]
codeerster	(((code)[N],(eer)[V|N.])[V],(ster)[N|V.])[N]
codegetal	((code)[N],(getal)[N])[N]
codenaam	((code)[N],(naam)[N])[N]
codenummer	((code)[N],(nummer)[N])[N]
coderen	((code)[N],(eer)[V|N.])[V]
codetelegram	((code)[N],(telegram)[N])[N]
codeur	(((code)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
codevlag	((code)[N],(vlag)[N])[N]
codewoord	((code)[N],(woord)[N])[N]
codificatie	((codificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
codificering	((codificeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
coferment	((co)[N|.N],(ferment)[N])[N]
coffeïnevrij	((coffeïne)[N],(vrij)[A])[A]
cofiliatie	((co)[N|.N],(filiatie)[N])[N]
cognacglas	((cognac)[N],(glas)[N])[N]
cognacgrog	((cognac)[N],(grog)[N])[N]
cohabitatie	((cohabiteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
coherentie	((coherent)[A],(ie)[N|A.])[N]
coiffeur	((coiffeer)[V],(eur)[N|V.])[N]
coke	(coke)[N]
cokesfabriek	((cokes)[N],(fabriek)[N])[N]
cokesoven	((cokes)[N],(oven)[N])[N]
col	(col)[N]
cola	(cola)[N]
cola-extract	((cola)[N],(extract)[N])[N]
colbert	(colbert)[N]
colbertjas	((colbert)[N],(jas)[N])[N]
colbertkostuum	((colbert)[N],(kostuum)[N])[N]
colere	(colere)[N]
collaborateur	((collaboreer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
collaboratie	((collaboreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
collaborator	((collaboreer)[V],(ator)[N|V.])[N]
collationeerblokje	(((collatie)[N],(ioneer)[V|N.])[V],(blok)[N])[N]
collationeren	((collatie)[N],(ioneer)[V|N.])[V]
collationering	(((collatie)[N],(ioneer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
collectant	((collecteer)[V],(ant)[N|V.])[N]
collectante	(((collecteer)[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
collectebus	((collecte)[N],(bus)[N])[N]
collecteschaal	((collecte)[N],(schaal)[N])[N]
collecteur	((collecteer)[V],(eur)[N|V.])[N]
collectezakje	((collecte)[N],(zak)[N])[N]
collectivisatie	(((collectief)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
collectiviseren	((collectief)[N],(iseer)[V|N.])[V]
collectivisering	(((collectief)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
collectiviteit	((collectief)[A],(iteit)[N|A.])[N]
collega-bewindsman	((collega)[N],((bewind)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N])[N]
collega-commissaris	((collega)[N],(commissaris)[N])[N]
collega-directeur	((collega)[N],(directeur)[N])[N]
collega-minister	((collega)[N],(minister)[N])[N]
collega-redacteur	((collega)[N],(redacteur)[N])[N]
collega-scribent	((collega)[N],(scribent)[N])[N]
collega-werknemer	((collega)[N],((werk)[N],(neem)[V],(er)[N|NV.])[N])[N]
college-uur	((college)[N],(uur)[N])[N]
collegedictaat	((college)[N],((dicteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
collegegebouw	((college)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
collegegeld	((college)[N],(geld)[N])[N]
collegehengst	((college)[N],(hengst)[N])[N]
collegejaar	((college)[N],(jaar)[N])[N]
collegekaart	((college)[N],(kaart)[N])[N]
collegesysteem	((college)[N],(systeem)[N])[N]
collegetijd	((college)[N],(tijd)[N])[N]
collegezaal	((college)[N],(zaal)[N])[N]
collegiaal	((collega)[N],(iaal)[A|N.])[A]
collegialiteit	(((collega)[N],(iaal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
collimatielijn	((collimeer)[V],(atie)[N|V.N],(lijn)[N])[N]
collimator	((collimeer)[V],(ator)[N|V.])[N]
colon	(colon)[N]
coloratuurzangeres	((coloratuur)[N],(((zing)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N])[N]
colorist	((koloriet)[N],(ist)[N|N.])[N]
colportage	((colporteer)[V],(age)[N|V.])[N]
colportageroman	(((colporteer)[V],(age)[N|V.])[N],(roman)[N])[N]
colporteur	((colporteer)[V],(eur)[N|V.])[N]
colt	(colt)[N]
coltrui	((col)[N],(trui)[N])[N]
column	(column)[N]
columnist	((column)[N],(ist)[N|N.])[N]
coma	(coma)[N]
combinatie	((combineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
combinatiebad	(((combineer)[V],(atie)[N|V.])[N],(bad)[N])[N]
combinatiemogelijkheid	(((combineer)[V],(atie)[N|V.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
combinatiepil	(((combineer)[V],(atie)[N|V.])[N],(pil)[N])[N]
combinatiepreparaat	(((combineer)[V],(atie)[N|V.])[N],((prepareer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
combinatierekening	(((combineer)[V],(atie)[N|V.])[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
combinatieslot	(((combineer)[V],(atie)[N|V.])[N],(slot)[N])[N]
combinatietang	(((combineer)[V],(atie)[N|V.])[N],(tang)[N])[N]
combinatietoon	(((combineer)[V],(atie)[N|V.])[N],(toon)[N])[N]
combinatievermogen	(((combineer)[V],(atie)[N|V.])[N],(vermogen)[N])[N]
combinatiewagen	(((combineer)[V],(atie)[N|V.])[N],(wagen)[N])[N]
combo	(combo)[N]
comfortzuil	((comfort)[N],(zuil)[N])[N]
comité	(comité)[N]
commandant	((commandeer)[V],(ant)[N|V.])[N]
commandante	(((commandeer)[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
commandeur	((commandeer)[V],(eur)[N|V.])[N]
commandeurskruis	(((commandeer)[V],(eur)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kruis)[N])[N]
commando-eenheid	((commando)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
commandobrug	((commando)[N],(brug)[N])[N]
commandocentrum	((commando)[N],(centrum)[N])[N]
commandogroep	((commando)[N],(groep)[N])[N]
commandotoon	((commando)[N],(toon)[N])[N]
commandotoren	((commando)[N],(toren)[N])[N]
commandotroepen	((commando)[N],(troep)[N])[N]
commandovlag	((commando)[N],(vlag)[N])[N]
commandowisseling	((commando)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
commemorabel	((con)[A|.A],((memoreer)[V],(abel)[A|V.])[A])[A]
commemoratie	((com)[N|.Vx],(memoreer)[V],(atie)[N|xV.])[N]
commentator	((commenteer)[V],(ator)[N|V.])[N]
commercialiseren	(((commercie)[N],(ieel)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V]
commercialisering	((((commercie)[N],(ieel)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
commercieel	((commercie)[N],(ieel)[A|N.])[A]
commies-verificateur	((commies)[N],(verificateur)[N])[N]
commiesbrood	((commies)[N],(brood)[N])[N]
commissariaat	((commissaris)[N],(aat)[N|N.])[N]
commissaris-generaal	((commissaris)[N],(generaal)[N])[N]
commissarissenvergadering	((commissaris)[N],(en)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
commissie	((con)[N|.N],(missie)[N])[N]
commissiebasis	(((con)[N|.N],(missie)[N])[N],(basis)[N])[N]
commissieboek	(((con)[N|.N],(missie)[N])[N],(boek)[N])[N]
commissiegoed	(((con)[N|.N],(missie)[N])[N],(goed)[N])[N]
commissiehandel	(((con)[N|.N],(missie)[N])[N],(handel)[N])[N]
commissielid	(((con)[N|.N],(missie)[N])[N],(lid)[N])[N]
commissieloon	(((con)[N|.N],(missie)[N])[N],(loon)[N])[N]
commissievergadering	(((con)[N|.N],(missie)[N])[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
committent	((committeer)[V],(ent)[N|V.])[N]
commotie	((con)[N|.N],(motie)[N])[N]
communaal	((commune)[N],(aal)[A|N.])[A]
communegebouw	((commune)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
communicant	((communiceer)[V],(ant)[N|V.])[N]
communicatie	((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N]
communicatieapparatuur	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
communicatiecentrum	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(centrum)[N])[N]
communicatief	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
communicatiefaciliteit	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(faciliteit)[N])[N]
communicatiefunctie	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(functie)[N])[N]
communicatiegedrag	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(gedrag)[N])[N]
communicatiekanaal	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kanaal)[N])[N]
communicatiemechanisme	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(mechanisme)[N])[N]
communicatiemedia	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(medium)[N])[N]
communicatiemethode	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(methode)[N])[N]
communicatiemiddel	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(middel)[N])[N]
communicatiemodus	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(modus)[N])[N]
communicatiemogelijkheid	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
communicatienetwerk	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],((net)[N],(werk)[N])[N])[N]
communicatieoefening	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
communicatieprobleem	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(probleem)[N])[N]
communicatieproces	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
communicatiesatelliet	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(satelliet)[N])[N]
communicatieschema	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(schema)[N])[N]
communicatiesituatie	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
communicatiestation	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(station)[N])[N]
communicatiestelsel	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
communicatiestijl	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(stijl)[N])[N]
communicatiestoornis	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
communicatiestructuur	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(structuur)[N])[N]
communicatiesysteem	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(systeem)[N])[N]
communicatietechniek	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
communicatietechnologie	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],((technologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
communicatietheorie	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(theorie)[N])[N]
communicatievaardigheid	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
communicatievrijheid	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
communicatiewetenschap	(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
communiebank	((communie)[N],(bank)[N])[N]
communieboek	((communie)[N],(boek)[N])[N]
communiedoek	((communie)[N],(doek)[N])[N]
communiekleed	((communie)[N],(kleed)[N])[N]
communiste	((communist)[N],(e)[N|N.])[N]
communistisch	((communist)[N],(isch)[A|N.])[A]
communiteit	((commuun)[A],(iteit)[N|A.])[N]
commutatie	((con)[N|.N],((muteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
commutatief	(((con)[N|.N],((muteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N],(ief)[A|N.])[A]
commutatieproef	(((con)[N|.N],((muteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N],(proef)[N])[N]
commutator	((con)[N|.N],((muteer)[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
compactdiscspeler	((compact-disc)[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
compactheid	((compact)[A],(heid)[N|A.])[N]
compactplaat	((compact)[A],(plaat)[N])[N]
compagniecommandant	((compagnie)[N],(commandeer)[V],(ant)[N|NV.])[N]
compagnieschap	((compagnie)[N],(schap)[N|N.])[N]
compagniescommandant	((compagnie)[N],(s)[N|N.Vx],(commandeer)[V],(ant)[N|NxV.])[N]
compagniestijd	((compagnie)[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
comparant	((compareer)[V],(ant)[N|V.])[N]
comparante	(((compareer)[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
comparatie	((compareer)[V],(atie)[N|V.])[N]
comparatief	(((compareer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[N|N.])[N]
comparatist	(((compareer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ist)[N|N.])[N]
comparitie	((compareer)[V],(itie)[N|V.])[N]
compartimenteren	((compartiment)[N],(eer)[V|N.])[V]
compassie	((con)[N|.N],(passie)[N])[N]
compatibiliteit	((compatibel)[A],(biliteit)[N|A.])[N]
compatriot	((con)[N|.N],(patriot)[N])[N]
compensabel	((compenseer)[V],(abel)[A|V.])[A]
compensatie	((compenseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
compensatiemechanisme	(((compenseer)[V],(atie)[N|V.])[N],(mechanisme)[N])[N]
compensatieorder	(((compenseer)[V],(atie)[N|V.])[N],(order)[N])[N]
compensatieprogramma	(((compenseer)[V],(atie)[N|V.])[N],(programma)[N])[N]
compensatierecht	(((compenseer)[V],(atie)[N|V.])[N],(recht)[N])[N]
compensatieregeling	(((compenseer)[V],(atie)[N|V.])[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
compensatieslinger	(((compenseer)[V],(atie)[N|V.])[N],(slinger)[N])[N]
compensatietheorie	(((compenseer)[V],(atie)[N|V.])[N],(theorie)[N])[N]
competent	((competeer)[V],(ent)[A|V.])[A]
competentie	(((competeer)[V],(ent)[A|V.])[A],(ie)[N|A.])[N]
competentiegeschil	((((competeer)[V],(ent)[A|V.])[A],(ie)[N|A.])[N],(geschil)[N])[N]
competentiekwestie	((((competeer)[V],(ent)[A|V.])[A],(ie)[N|A.])[N],(kwestie)[N])[N]
competentievraag	((((competeer)[V],(ent)[A|V.])[A],(ie)[N|A.])[N],(vraag)[N])[N]
competitie-element	((competitie)[N],(element)[N])[N]
competitiedag	((competitie)[N],(dag)[N])[N]
competitiedrang	((competitie)[N],(drang)[N])[N]
competitiegeest	((competitie)[N],(geest)[N])[N]
competitiewedstrijd	((competitie)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
compilatie	((compileer)[V],(atie)[N|V.])[N]
compilatiewerk	(((compileer)[V],(atie)[N|V.])[N],(werk)[N])[N]
compilator	((compileer)[V],(ator)[N|V.])[N]
compleetheid	((compleet)[A],(heid)[N|A.])[N]
completeren	((compleet)[A],(eer)[V|A.])[V]
completering	(((compleet)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
complexie	((complex)[A],(ie)[N|A.])[N]
complexiteit	((complex)[A],(iteit)[N|A.])[N]
complicatie	((compliceer)[V],(atie)[N|V.])[N]
compliciteit	((complice)[N],(iciteit)[N|N.])[N]
complimentenmaker	((compliment)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
complimenteren	((compliment)[N],(eer)[V|N.])[V]
complotteren	((complot)[N],(eer)[V|N.])[V]
complottheorie	((complot)[N],(theorie)[N])[N]
component	((componeer)[V],(ent)[N|V.])[N]
componentenlijm	(((componeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(lijm)[N])[N]
componiste	((componist)[N],(e)[N|N.])[N]
composersysteem	((composer)[N],(systeem)[N])[N]
composertypist	((composer)[N],(typist)[N])[N]
composerzetter	((composer)[N],((zet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
composietmateriaal	((composiet)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
compositie	((composiet)[N],(ie)[N|N.])[N]
compositiebal	(((composiet)[N],(ie)[N|N.])[N],(bal)[N])[N]
compositiefoto	(((composiet)[N],(ie)[N|N.])[N],(foto)[N])[N]
compositietechniek	(((composiet)[N],(ie)[N|N.])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
composteren	((compost)[N],(eer)[V|N.])[V]
compostering	(((compost)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
compotelepel	((compote)[N],(lepel)[N])[N]
compoteschaal	((compote)[N],(schaal)[N])[N]
compounddynamo	((compound)[N],(dynamo)[N])[N]
compoundstaal	((compound)[N],(staal)[N])[N]
compressibiliteit	((compressibel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
compressie	((con)[N|.N],(pressie)[N])[N]
compressieruimte	(((con)[N|.N],(pressie)[N])[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
compressieslag	(((con)[N|.N],(pressie)[N])[N],(slag)[N])[N]
compromisbereidheid	((compromis)[N],((bereid)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
compromisformule	((compromis)[N],(formule)[N])[N]
compromiskarakter	((compromis)[N],(karakter)[N])[N]
compromissoir	((compromis)[N],(oir)[A|N.])[A]
compromistekst	((compromis)[N],(tekst)[N])[N]
compromittant	((compromitteer)[V],(ant)[A|V.])[A]
comptabiliteit	((comptabel)[A],(biliteit)[N|A.])[N]
comptabiliteitswet	(((comptabel)[A],(biliteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
compulsief	((compulsie)[N],(ief)[A|N.])[A]
computerachtig	((computer)[N],(achtig)[A|N.])[A]
computeradministratie	((computer)[N],((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
computerapparatuur	((computer)[N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
computerberekening	((computer)[N],(((be)[V|.V],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
computerbestand	((computer)[N],(bestand)[N])[N]
computerbrein	((computer)[N],(brein)[N])[N]
computercapaciteit	((computer)[N],(capaciteit)[N])[N]
computercentrum	((computer)[N],(centrum)[N])[N]
computercircuit	((computer)[N],(circuit)[N])[N]
computercriminaliteit	((computer)[N],((crimineel)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
computerdeskundige	((computer)[N],(deskundige)[N])[N]
computerfabrikant	((computer)[N],(((fabriek)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
computerfaciliteit	((computer)[N],(faciliteit)[N])[N]
computerfraude	((computer)[N],(fraude)[N])[N]
computergegeven	((computer)[N],(gegeven)[N])[N]
computergeheugen	((computer)[N],(geheugen)[N])[N]
computergeneratie	((computer)[N],((genereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
computergestuurd	((computer)[N],(gestuurd)[V])[A]
computeriseren	((computer)[N],(iseer)[V|N.])[V]
computerisering	(((computer)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
computerkraak	((computer)[N],(kraak)[N])[N]
computerkunde	((computer)[N],(kunde)[N])[N]
computerkunst	((computer)[N],(kunst)[N])[N]
computerleverancier	((computer)[N],(leverancier)[N])[N]
computermodel	((computer)[N],(model)[N])[N]
computermodule	((computer)[N],(module)[N])[N]
computernetwerk	((computer)[N],((net)[N],(werk)[N])[N])[N]
computeroutput	((computer)[N],(output)[N])[N]
computerpapier	((computer)[N],(papier)[N])[N]
computerprobleem	((computer)[N],(probleem)[N])[N]
computerprogramma	((computer)[N],(programma)[N])[N]
computerresearch	((computer)[N],(research)[N])[N]
computerruimte	((computer)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
computersimulatie	((computer)[N],((simuleer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
computerspecialist	((computer)[N],(specialist)[N])[N]
computersysteem	((computer)[N],(systeem)[N])[N]
computertechnicus	((computer)[N],(technicus)[N])[N]
computertechniek	((computer)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
computertechnologie	((computer)[N],((technologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
computerterminal	((computer)[N],(terminal)[N])[N]
computertijd	((computer)[N],(tijd)[N])[N]
computerverwerking	((computer)[N],(((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
computerwereld	((computer)[N],(wereld)[N])[N]
computerwetenschap	((computer)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
concelebrant	((concelebreer)[V],(ant)[N|V.])[N]
concelebratie	((concelebreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
concentraat	((concentreer)[V],(aat)[N|V.])[N]
concentratie	((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
concentratiekamp	(((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kamp)[N])[N]
concentratiekampgevangene	((((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kamp)[N])[N],(gevangene)[N])[N]
concentratiekampslachtoffer	((((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kamp)[N])[N],((slacht)[V],(offer)[N])[N])[N]
concentratiekampsyndroom	((((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kamp)[N])[N],(syndroom)[N])[N]
concentratiemoeilijkheid	(((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
concentratieoefening	(((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
concentratieproces	(((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
concentratiestoornis	(((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
concentratietendens	(((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(tendens)[N])[N]
concentratietoename	(((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(toename)[N])[N]
concentratietraining	(((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N],((train)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
concentratievermogen	(((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(vermogen)[N])[N]
concentratieverschijnsel	(((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
concentratiezwakte	(((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N],((zwak)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
concept-eindrapport	((concept)[N],((eind)[N],(rapport)[N])[N])[N]
concept-nota	((concept)[N],(nota)[N])[N]
concept-rapport	((concept)[N],(rapport)[N])[N]
concept-regeerakkoord	((concept)[N],((regeer)[V],(akkoord)[N])[N])[N]
concept-reglement	((concept)[N],(reglement)[N])[N]
concept-wet	((concept)[N],(wet)[N])[N]
concepthouder	((concept)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
conceptie	((concept)[N],(ie)[N|N.])[N]
conceptkunst	((concept)[N],(kunst)[N])[N]
concepttekst	((concept)[N],(tekst)[N])[N]
concernverband	((concern)[N],(verband)[N])[N]
concertant	(((concert)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[A|V.])[A]
concertavond	((concert)[N],(avond)[N])[N]
concerteren	((concert)[N],(eer)[V|N.])[V]
concertganger	((concert)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N]
concertgebouw	((concert)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
concertgebouworkest	(((concert)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N],(orkest)[N])[N]
concertmeester	((concert)[N],(meester)[N])[N]
concertpianist	((concert)[N],((piano)[N],(ist)[N|N.])[N])[N]
concertpianiste	((concert)[N],(((piano)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N])[N]
concertpodium	((concert)[N],(podium)[N])[N]
concertpraktijk	((concert)[N],(praktijk)[N])[N]
concertprogramma	((concert)[N],(programma)[N])[N]
concertstuk	((concert)[N],(stuk)[N])[N]
concertviolist	((concert)[N],((viool)[N],(ist)[N|N.])[N])[N]
concertvleugel	((concert)[N],(vleugel)[N])[N]
concertzaal	((concert)[N],(zaal)[N])[N]
concertzanger	((concert)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
concertzangeres	(((concert)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(es)[N|N.])[N]
concessief	((concessie)[N],(ief)[N|N.])[N]
concessiehouder	((concessie)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
concessiesysteem	((concessie)[N],(systeem)[N])[N]
conciliant	((concilieer)[V],(ant)[A|V.])[A]
conciliatie	((concilieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
concilietekst	((concilie)[N],(tekst)[N])[N]
concilievader	((concilie)[N],(vader)[N])[N]
concordaat	((concordeer)[V],(aat)[N|V.])[N]
concordant	((concordeer)[V],(ant)[A|V.])[A]
concordantie	((concordeer)[V],(antie)[N|V.])[N]
concreetheid	((concreet)[A],(heid)[N|A.])[N]
concretiseren	((concreet)[A],(iseer)[V|A.])[V]
concretisering	(((concreet)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
concurrent	((concurreer)[V],(ent)[N|V.])[N]
concurrente	(((concurreer)[V],(ent)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
concurrentie	((concurreer)[V],(entie)[N|V.])[N]
concurrentiebeding	(((concurreer)[V],(entie)[N|V.])[N],(beding)[N])[N]
concurrentiedrift	(((concurreer)[V],(entie)[N|V.])[N],(drift)[N])[N]
concurrentiegevoelen	(((concurreer)[V],(entie)[N|V.])[N],(gevoelen)[N])[N]
concurrentiekracht	(((concurreer)[V],(entie)[N|V.])[N],(kracht)[N])[N]
concurrentiemogelijkheid	(((concurreer)[V],(entie)[N|V.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
concurrentienadeel	(((concurreer)[V],(entie)[N|V.])[N],(nadeel)[N])[N]
concurrentiepositie	(((concurreer)[V],(entie)[N|V.])[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
concurrentieproces	(((concurreer)[V],(entie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
concurrentievervalsing	(((concurreer)[V],(entie)[N|V.])[N],(((ver)[V|.A],(vals)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
concurrentievoorwaarde	(((concurreer)[V],(entie)[N|V.])[N],(voorwaarde)[N])[N]
condensaat	(((condens)[N],(eer)[V|N.])[V],(aat)[N|V.])[N]
condensatie	(((condens)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
condensatiestreep	((((condens)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(streep)[N])[N]
condensatievermogen	((((condens)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(vermogen)[N])[N]
condensatiewarmte	((((condens)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
condensatiewater	((((condens)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(water)[N])[N]
condensator	(((condens)[N],(eer)[V|N.])[V],(ator)[N|V.])[N]
condenseren	((condens)[N],(eer)[V|N.])[V]
condenswater	((condens)[N],(water)[N])[N]
conditietraining	((conditie)[N],(train)[V],(ing)[N|NV.])[N]
conditioneel	((conditie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
conditioneren	((conditie)[N],(ioneer)[V|N.])[V]
condoleancebezoek	((condoleance)[N],(bezoek)[N])[N]
condoleancebrief	((condoleance)[N],(brief)[N])[N]
condoom	(condoom)[N]
condoomautomaat	((condoom)[N],(automaat)[N])[N]
condor	(condor)[N]
conduitelijst	((conduite)[N],(lijst)[N])[N]
conduitestaat	((conduite)[N],(staat)[N])[N]
confectieafdeling	((confectie)[N],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
confectieatelier	((confectie)[N],(atelier)[N])[N]
confectiekleding	((confectie)[N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
confectiepak	((confectie)[N],(pak)[N])[N]
confectiewinkel	((confectie)[N],(winkel)[N])[N]
confectiezaak	((confectie)[N],(zaak)[N])[N]
confectioneren	((confectie)[N],(ioneer)[V|N.])[V]
confectioneur	(((confectie)[N],(ioneer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
confederatie	((confedereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
conferencier	((conference)[N],(ier)[N|N.])[N]
conferentie	((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N]
conferentiecentrum	(((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N],(centrum)[N])[N]
conferentiestad	(((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N],(stad)[N])[N]
conferentietafel	(((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N],(tafel)[N])[N]
conferentiezaal	(((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N],(zaal)[N])[N]
confessioneel	((confessie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
confetti	(confetti)[N]
confidentieel	((confidentie)[N],(ieel)[A|N.])[A]
confirmatie	((confirmeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
confiscabel	((confisqueer)[V],(abel)[A|V.])[A]
confiscatie	((confisqueer)[V],(atie)[N|V.])[N]
confisqueerbaar	((confisqueer)[V],(baar)[A|V.])[A]
conflictanalyse	((conflict)[N],(analyse)[N])[N]
conflictgedrag	((conflict)[N],(gedrag)[N])[N]
conflicthantering	((conflict)[N],((hanteer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
conflictkarakter	((conflict)[N],(karakter)[N])[N]
conflictmodel	((conflict)[N],(model)[N])[N]
conflictsituatie	((conflict)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
conflictsociologie	((conflict)[N],((sociologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
conflicttheorie	((conflict)[N],(theorie)[N])[N]
conflicttoestand	((conflict)[N],(toestand)[N])[N]
conflictueus	((conflict)[N],(ueus)[A|N.])[A]
conflictverschijnsel	((conflict)[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
conformeren	((conform)[A],(eer)[V|A.])[V]
conformistisch	((conformist)[N],(isch)[A|N.])[A]
conformiteit	((conform)[A],(iteit)[N|A.])[N]
confrontatie	((confronteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
confrontatiespiegel	(((confronteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(spiegel)[N])[N]
confusie	((confuus)[A],(ie)[N|A.])[N]
conga	(conga)[N]
congestieprobleem	((congestie)[N],(probleem)[N])[N]
congestieverschijnsel	((congestie)[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
conglomeraat	((conglomereer)[V],(aat)[N|V.])[N]
conglomeratie	((conglomereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
congreganiste	((congreganist)[N],(e)[N|N.])[N]
congrescentrum	((congres)[N],(centrum)[N])[N]
congrescommissie	((congres)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
congresfaciliteit	((congres)[N],(faciliteit)[N])[N]
congresganger	((congres)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N]
congresgebouw	((congres)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
congreslid	((congres)[N],(lid)[N])[N]
congresresolutie	((congres)[N],((resolveer)[V],(utie)[N|V.])[N])[N]
congresseren	((congres)[N],(eer)[V|N.])[V]
congressist	((congres)[N],(ist)[N|N.])[N]
congresstuk	((congres)[N],(stuk)[N])[N]
congresuitspraak	((congres)[N],((uit)[P],(spraak)[N])[N])[N]
congresverslag	((congres)[N],(verslag)[N])[N]
congreszaal	((congres)[N],(zaal)[N])[N]
congruent	((congrueer)[V],(ent)[A|V.])[A]
congruentie	((congrueer)[V],(entie)[N|V.])[N]
congé	(congé)[N]
conisch	((conus)[N],(isch)[A|N.])[A]
conjecturaal	((conjectuur)[N],(aal)[A|N.])[A]
conjugatie	((conjugeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
conjunctie	((conjunct)[A],(ie)[N|A.])[N]
conjunctief	(((conjunct)[A],(ie)[N|A.])[N],(ief)[A|N.])[A]
conjunctureel	((conjunctuur)[N],(eel)[A|N.])[A]
conjunctuurbureau	((conjunctuur)[N],(bureau)[N])[N]
conjunctuurgevoelig	((conjunctuur)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|NN.])[A]
conjunctuurgolf	((conjunctuur)[N],(golf)[N])[N]
conjunctuurpolitiek	((conjunctuur)[N],(politiek)[N])[N]
conjunctuurschommeling	((conjunctuur)[N],((schommel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
conjunctuurverschijnsel	((conjunctuur)[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
conjunctuurwerkloosheid	((conjunctuur)[N],(((werk)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
conopeum	(conopeum)[N]
conrector	((con)[N|.N],(rector)[N])[N]
consciëntiedwang	((consciëntie)[N],(dwang)[N])[N]
consecratie	((consecreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
consecrator	((consecreer)[V],(ator)[N|V.])[N]
consentbiljet	((consent)[N],(biljet)[N])[N]
consenteren	((consent)[N],(eer)[V|N.])[V]
consequentheid	((consequent)[A],(heid)[N|A.])[N]
consequentie	((consequent)[A],(ie)[N|A.])[N]
conservatie	((conserveer)[V],(atie)[N|V.])[N]
conservatie-experiment	(((conserveer)[V],(atie)[N|V.])[N],(experiment)[N])[N]
conservatief	(((conserveer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[N|N.])[N]
conservator	((conserveer)[V],(ator)[N|V.])[N]
conservatoriumleerling	((conservatorium)[N],((leer)[V],(ling)[N|V.])[N])[N]
conserveermiddel	((conserveer)[V],(middel)[N])[N]
conservenblik	((conserve)[N],(en)[N|N.N],(blik)[N])[N]
conservering	((conserveer)[V],(ing)[N|V.])[N]
conserveringsmiddel	((conserveer)[V],(ing)[N|V.xN],(s)[N|Vx.N],(middel)[N])[N]
considerabel	((considereer)[V],(abel)[A|V.])[A]
consideratie	((considereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
consignant	((consigneer)[V],(ant)[N|V.])[N]
consignatie	((consigneer)[V],(atie)[N|V.])[N]
consignatiekas	(((consigneer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kas)[N])[N]
consigne	(consigne)[N]
consistentie	((consistent)[A],(ie)[N|A.])[N]
consistentvet	((consistent)[A],(vet)[N])[N]
consistoriaal	((consistorie)[N],(aal)[A|N.])[A]
consistoriekamer	((consistorie)[N],(kamer)[N])[N]
consolekraan	((console)[N],(kraan)[N])[N]
consoletafel	((console)[N],(tafel)[N])[N]
consolidatie	((consolideer)[V],(atie)[N|V.])[N]
consolidatiefase	(((consolideer)[V],(atie)[N|V.])[N],(fase)[N])[N]
consolidatieproces	(((consolideer)[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
conspiratie	((conspireer)[V],(atie)[N|V.])[N]
constantheid	((constant)[A],(heid)[N|A.])[N]
constantie	((constant)[A],(ie)[N|A.])[N]
constantieprincipe	(((constant)[A],(ie)[N|A.])[N],(principe)[N])[N]
constateren	(constateer)[V]
constatering	((constateer)[V],(ing)[N|V.])[N]
constateur	((constateer)[V],(eur)[N|V.])[N]
constipatie	((constipeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
constituent	((constitueer)[V],(ent)[N|V.])[N]
constituering	((constitueer)[V],(ing)[N|V.])[N]
constitutie	((constitueer)[V],(tie)[N|V.])[N]
constitutief	(((constitueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
constitutioneel	(((constitueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(ioneel)[A|N.])[A]
constructiebankwerker	((constructie)[N],((bank)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
constructief	((constructie)[N],(ief)[A|N.])[A]
constructiefout	((constructie)[N],(fout)[N])[N]
constructiemateriaal	((constructie)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
constructietekening	((constructie)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
constructiewerkplaats	((constructie)[N],((werk)[V],(plaats)[N])[N])[N]
consul	(consul)[N]
consul-generaal	((consul)[N],(generaal)[N])[N]
consulaat	((consul)[N],(aat)[N|N.])[N]
consulente	((consulent)[N],(e)[N|N.])[N]
consult	(consult)[N]
consultant	(((consult)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N]
consultatie	(((consult)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
consultatiebureau	((((consult)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(bureau)[N])[N]
consultatiebureau-arts	(((((consult)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(bureau)[N])[N],(arts)[N])[N]
consultatief	((((consult)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
consultatieprocedure	((((consult)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(procedure)[N])[N]
consulteren	((consult)[N],(eer)[V|N.])[V]
consumabel	((consumeer)[V],(abel)[A|V.])[A]
consument	((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N]
consumentenbeleid	(((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
consumentenbond	(((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(bond)[N])[N]
consumentencampagne	(((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(campagne)[N])[N]
consumentenelektronica	(((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(elektronica)[N])[N]
consumentengedrag	(((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
consumenteninformatie	(((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
consumentenkring	(((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(kring)[N])[N]
consumentenmaatschappij	(((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
consumentenmassa	(((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(massa)[N])[N]
consumentenorganisatie	(((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
consumentenpreferentie	(((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((prefereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
consumentenprijs	(((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(prijs)[N])[N]
consumentenproduct	(((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(product)[N])[N]
consumentenrubriek	(((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(rubriek)[N])[N]
consumentensoevereiniteit	(((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((soeverein)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
consumentensurplus	(((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(surplus)[N])[N]
consumentenvereniging	(((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
consumentenvraagstuk	(((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
consumentenwinkel	(((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
consumeren	(consumeer)[V]
consumptie-ijs	((consumptie)[N],(ijs)[N])[N]
consumptieaardappelen	((consumptie)[N],((aarde)[N],(appel)[N])[N])[N]
consumptieartikel	((consumptie)[N],(artikel)[N])[N]
consumptiebehoefte	((consumptie)[N],(behoefte)[N])[N]
consumptiebeperking	((consumptie)[N],((be)[V|.N],(perk)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
consumptiebon	((consumptie)[N],(bon)[N])[N]
consumptiecultuur	((consumptie)[N],(cultuur)[N])[N]
consumptiefase	((consumptie)[N],(fase)[N])[N]
consumptiegedrag	((consumptie)[N],(gedrag)[N])[N]
consumptiegewoonte	((consumptie)[N],((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
consumptiegoederen	((consumptie)[N],(goed)[N])[N]
consumptiemaatschappij	((consumptie)[N],(maatschappij)[N])[N]
consumptieniveau	((consumptie)[N],(niveau)[N])[N]
consumptiepakket	((consumptie)[N],(pakket)[N])[N]
consumptieparadijs	((consumptie)[N],(paradijs)[N])[N]
consumptieproces	((consumptie)[N],(proces)[N])[N]
consumptievolume	((consumptie)[N],(volume)[N])[N]
consumptievrijheid	((consumptie)[N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
contact	(contact)[N]
contactadres	((contact)[N],(adres)[N])[N]
contactadvertentie	((contact)[N],((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
contactafdruk	((contact)[N],((af)[P],(druk)[N])[N])[N]
contactambtenaar	((contact)[N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
contactarmoede	((contact)[N],(armoede)[N])[N]
contactavond	((contact)[N],(avond)[N])[N]
contactbureau	((contact)[N],(bureau)[N])[N]
contactcentrum	((contact)[N],(centrum)[N])[N]
contactcommissie	((contact)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
contactdoos	((contact)[N],(doos)[N])[N]
contactfrequentie	((contact)[N],((frequent)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
contactfunctie	((contact)[N],(functie)[N])[N]
contactgeluid	((contact)[N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
contactgestoord	((contact)[N],(gestoord)[A])[A]
contactlegging	((contact)[N],(leg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
contactlens	((contact)[N],(lens)[N])[N]
contactlijm	((contact)[N],(lijm)[N])[N]
contactmoeilijkheid	((contact)[N],(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
contactmogelijkheid	((contact)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
contactorgaan	((contact)[N],(orgaan)[N])[N]
contactpersoon	((contact)[N],(persoon)[N])[N]
contactprobleem	((contact)[N],(probleem)[N])[N]
contactpunt	((contact)[N],(punt)[N])[N]
contactsituatie	((contact)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
contactsleutel	((contact)[N],(sleutel)[N])[N]
contactstoornis	((contact)[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
contactueel	((contact)[N],(ueel)[A|N.])[A]
contactvrouw	((contact)[N],(vrouw)[N])[N]
containerhaven	((container)[N],(haven)[N])[N]
containerschip	((container)[N],(schip)[N])[N]
containerteelt	((container)[N],(teelt)[N])[N]
containervervoer	((container)[N],(vervoer)[N])[N]
containerwagen	((container)[N],(wagen)[N])[N]
contaminatie	((contamineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
contemplatief	((contemplatie)[N],(ief)[A|N.])[A]
contenteren	((content)[A],(eer)[V|A.])[V]
contestant	((contesteer)[V],(ant)[N|V.])[N]
contestatie	((contesteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
contextuur	((context)[N],(uur)[N|N.])[N]
contigu	(contigu)[A]
contiguïteit	((contigu)[A],(iteit)[N|A.])[N]
continentie	((continent)[A],(ie)[N|A.])[N]
contingenteren	((contingent)[N],(eer)[V|N.])[V]
contingentering	(((contingent)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
contingenteringsmaatregel	((((contingent)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
contingentie	((contingent)[N],(ie)[N|N.])[N]
continu	(continu)[A]
continuarbeid	((continu)[A],(arbeid)[N])[N]
continuatie	(((continu)[A],(eer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
continubedrijf	((continu)[A],(bedrijf)[N])[N]
continudienst	((continu)[A],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
continueren	((continu)[A],(eer)[V|A.])[V]
continuering	(((continu)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
continukrediet	((continu)[A],(krediet)[N])[N]
conto	(conto)[N]
contourennota	((contour)[N],(en)[N|N.N],(nota)[N])[N]
contourtekening	((contour)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
contra-expert	((contra)[N|.N],(expert)[N])[N]
contra-expertise	((contra)[N|.N],(expertise)[N])[N]
contra-indicatie	((contra)[N|.N],((indiceer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
contrabas	((contra)[N|.N],(bas)[N])[N]
contrabassist	((contra)[N|.N],((bas)[N],(ist)[N|N.])[N])[N]
contraboek	((contra)[N|.N],(boek)[N])[N]
contraceptief	((contraceptie)[N],(ief)[A|N.])[A]
contraceptiemiddel	((contraceptie)[N],(middel)[N])[N]
contraceptioneel	((contraceptie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
contractant	(((contract)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N]
contractbasis	((contract)[N],(basis)[N])[N]
contractbreuk	((contract)[N],(breuk)[N])[N]
contractbridge	((contract)[N],(bridge)[N])[N]
contracteren	((contract)[N],(eer)[V|N.])[V]
contractpartner	((contract)[N],(partner)[N])[N]
contractsvrijheid	((contract)[N],(s)[N|N.N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
contractueel	((contract)[N],(ueel)[A|N.])[A]
contractvrijheid	((contract)[N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
contradans	((contra)[N|.N],(dans)[N])[N]
contradictie	((contra)[N|.N],(dictie)[N])[N]
contragewicht	((contra)[N|.N],(gewicht)[N])[N]
contramal	((contra)[N|.N],(mal)[N])[N]
contramerk	((contra)[N|.N],(merk)[N])[N]
contramineur	((contramineer)[V],(eur)[N|V.])[N]
contramoer	((contra)[N|.N],(moer)[N])[N]
contrapost	((contra)[N|.N],(post)[N])[N]
contraprestatie	((contra)[N|.N],((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
contraprestatieregeling	(((contra)[N|.N],((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
contrapunt	((contra)[N|.N],(punt)[N])[N]
contrapuntisch	(((contra)[N|.N],(punt)[N])[N],(isch)[A|N.])[A]
contrapuntist	(((contra)[N|.N],(punt)[N])[N],(ist)[N|N.])[N]
contraremonstrant	((contra)[N|.N],((remonstreer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
contrarevolutie	((contra)[N|.N],(revolutie)[N])[N]
contrarevolutionair	(((contra)[N|.N],(revolutie)[N])[N],(ionair)[N|N.])[N]
contraschroef	((contra)[N|.N],(schroef)[N])[N]
contrasigneren	((contra)[B],(signeer)[V])[V]
contraspionage	((contra)[N|.N],(((spion)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N])[N]
contrasteker	((contra)[N|.N],((steek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
contrastekker	((contra)[N|.N],(stekker)[N])[N]
contrasteren	((contrast)[N],(eer)[V|N.])[V]
contrastief	((contra)[A|.A],(stief)[A])[A]
contrastregelaar	((contrast)[N],((regel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
contrastvloeistof	((contrast)[N],((vloei)[V],(stof)[N])[N])[N]
contratenor	((contra)[B],(tenor)[N])[N]
contribuabel	((contribueer)[V],(abel)[A|V.])[A]
contribuant	((contribueer)[V],(ant)[N|V.])[N]
contributie	((contribueer)[V],(tie)[N|V.])[N]
controle	(controle)[N]
controle-instrument	((controle)[N],(instrument)[N])[N]
controleapparaat	((controle)[N],(apparaat)[N])[N]
controleapparatuur	((controle)[N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
controlebewijs	((controle)[N],(bewijs)[N])[N]
controlecentrum	((controle)[N],(centrum)[N])[N]
controledienst	((controle)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
controledier	((controle)[N],(dier)[N])[N]
controleerbaar	((controleer)[V],(baar)[A|V.])[A]
controleerbaarheid	(((controleer)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
controlefunctie	((controle)[N],(functie)[N])[N]
controlegroep	((controle)[N],(groep)[N])[N]
controlehandeling	((controle)[N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
controlekamer	((controle)[N],(kamer)[N])[N]
controleklok	((controle)[N],(klok)[N])[N]
controlelampje	((controle)[N],(lamp)[N])[N]
controlelichaam	((controle)[N],(lichaam)[N])[N]
controlemaatregel	((controle)[N],(maatregel)[N])[N]
controlemechanisme	((controle)[N],(mechanisme)[N])[N]
controlemogelijkheid	((controle)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
controleorgaan	((controle)[N],(orgaan)[N])[N]
controlepaneel	((controle)[N],(paneel)[N])[N]
controlepost	((controle)[N],(post)[N])[N]
controleprobleem	((controle)[N],(probleem)[N])[N]
controleprogramma	((controle)[N],(programma)[N])[N]
controleschema	((controle)[N],(schema)[N])[N]
controlestation	((controle)[N],(station)[N])[N]
controlesysteem	((controle)[N],(systeem)[N])[N]
controletechniek	((controle)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
controletotaal	((controle)[N],(totaal)[N])[N]
controleur	((controleer)[V],(eur)[N|V.])[N]
controlevereniging	((controle)[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
controlevoorschrift	((controle)[N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
controlewerkzaamheid	((controle)[N],(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
controversieel	((controverse)[N],(ieel)[A|N.])[A]
controversioneel	((controverse)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
conuskoppeling	((conus)[N],((koppel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
convalescentie	((convalescent)[A],(ie)[N|A.])[N]
conveniënt	((convenieer)[V],(ent)[A|V.])[A]
conveniëntie	((convenieer)[V],(entie)[N|V.])[N]
conventioneel	((conventie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
convergent	((convergeer)[V],(ent)[A|V.])[A]
convergentie	(((convergeer)[V],(ent)[A|V.])[A],(ie)[N|A.])[N]
conversabel	((converseer)[V],(abel)[A|V.])[A]
conversatie	((converseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
conversatieles	(((converseer)[V],(atie)[N|V.])[N],(les)[N])[N]
conversatieruimte	(((converseer)[V],(atie)[N|V.])[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
conversatietoon	(((converseer)[V],(atie)[N|V.])[N],(toon)[N])[N]
conversatiezaal	(((converseer)[V],(atie)[N|V.])[N],(zaal)[N])[N]
conversie	((converteer)[V],(ie)[N|V.])[N]
conversielening	(((converteer)[V],(ie)[N|V.])[N],((leen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
converteerbaar	((converteer)[V],(baar)[A|V.])[A]
convertibel	((converteer)[V],(ibel)[A|V.])[A]
convertibiliteit	(((converteer)[V],(ibel)[A|V.])[A],(biliteit)[N|A.])[N]
convexiteit	((convex)[A],(iteit)[N|A.])[N]
convocaat	((convoceer)[V],(aat)[N|V.])[N]
convocatie	((convoceer)[V],(atie)[N|V.])[N]
convocatiebiljet	(((convoceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(biljet)[N])[N]
convocatiebriefje	(((convoceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(brief)[N])[N]
copartnership	((co)[N|.N],(partnership)[N])[N]
coproductie	((co)[N|.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
copromotor	((co)[N|.N],((promoot)[V],(otor)[N|V.])[N])[N]
copulatie	((copuleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
copulatieorgaan	(((copuleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(orgaan)[N])[N]
cordialiteit	((cordiaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
corduroy	(corduroy)[N]
coreferent	((co)[N|.N],((refereer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
corner	(corner)[N]
cornerbal	((corner)[N],(bal)[N])[N]
cornervlag	((corner)[N],(vlag)[N])[N]
corona	(corona)[N]
corporaal	(corporaal)[N]
corporatief	((corporatie)[N],(ief)[A|N.])[A]
corporatist	((corporatie)[N],(ist)[N|N.])[N]
corpsbal	((corps)[N],(bal)[N])[N]
corpslid	((corps)[N],(lid)[N])[N]
corpspik	((corps)[N],(pik)[N])[N]
corpsstudent	((corps)[N],((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
corpulentie	((corpulent)[A],(ie)[N|A.])[N]
correctheid	((correct)[A],(heid)[N|A.])[N]
correctie	((correct)[A],(ie)[N|A.])[N]
correctief	(((correct)[A],(ie)[N|A.])[N],(ief)[N|N.])[N]
correctiefactor	(((correct)[A],(ie)[N|A.])[N],(factor)[N])[N]
correctielak	(((correct)[A],(ie)[N|A.])[N],(lak)[N])[N]
correctiemaatregel	(((correct)[A],(ie)[N|A.])[N],(maatregel)[N])[N]
correctiemodel	(((correct)[A],(ie)[N|A.])[N],(model)[N])[N]
correctiemogelijkheid	(((correct)[A],(ie)[N|A.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
correctiesleutel	(((correct)[A],(ie)[N|A.])[N],(sleutel)[N])[N]
correctieteken	(((correct)[A],(ie)[N|A.])[N],(teken)[N])[N]
correctietoets	(((correct)[A],(ie)[N|A.])[N],(toets)[N])[N]
correctiewerk	(((correct)[A],(ie)[N|A.])[N],(werk)[N])[N]
correctioneel	(((correct)[A],(ie)[N|A.])[N],(ioneel)[A|N.])[A]
correlaat	((correleer)[V],(aat)[N|V.])[N]
correlatie	((correleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
correlatiecoëfficiënt	(((correleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(coëfficiënt)[N])[N]
correlatief	(((correleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[N|N.])[N]
correspondent	((correspondeer)[V],(ent)[N|V.])[N]
correspondente	(((correspondeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
correspondentie	((correspondeer)[V],(entie)[N|V.])[N]
correspondentieadres	(((correspondeer)[V],(entie)[N|V.])[N],(adres)[N])[N]
correspondentiekaart	(((correspondeer)[V],(entie)[N|V.])[N],(kaart)[N])[N]
correspondentieonderwijs	(((correspondeer)[V],(entie)[N|V.])[N],(onderwijs)[N])[N]
correspondentieregel	(((correspondeer)[V],(entie)[N|V.])[N],(regel)[N])[N]
correspondentietheorie	(((correspondeer)[V],(entie)[N|V.])[N],(theorie)[N])[N]
correspondentievriend	(((correspondeer)[V],(entie)[N|V.])[N],(vriend)[N])[N]
correspondentievriendin	((((correspondeer)[V],(entie)[N|V.])[N],(vriend)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
corridor	(corridor)[N]
corrigering	((corrigeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
corruptheid	((corrupt)[A],(heid)[N|A.])[N]
corruptie	((corrupt)[A],(ie)[N|A.])[N]
corruptieaffaire	(((corrupt)[A],(ie)[N|A.])[N],(affaire)[N])[N]
corruptiepraktijk	(((corrupt)[A],(ie)[N|A.])[N],(praktijk)[N])[N]
corruptieschandaal	(((corrupt)[A],(ie)[N|A.])[N],(schandaal)[N])[N]
corveedienst	((corvee)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
corveeër	((corvee)[N],(er)[N|N.])[N]
coryfee	(coryfee)[N]
cosecans	((co)[N|.N],(secans)[N])[N]
cosinus	((co)[N|.N],(sinus)[N])[N]
cosmetiek	((kosmetisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
costumier	((kostuum)[N],(ier)[N|N.])[N]
costumière	(((kostuum)[N],(ier)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
cotangens	((co)[N|.N],(tangens)[N])[N]
cothurne	(cothurne)[N]
couch	(couch)[N]
coulance	((coulant)[A],(nce)[N|A.])[N]
coulisse	(coulisse)[N]
coulissetafel	((coulisse)[N],(tafel)[N])[N]
couloirstelsel	((couloir)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
countertenor	((counter)[N],(tenor)[N])[N]
countrymuziek	((country)[N],(muziek)[N])[N]
countryrock	((country)[N],(rock)[N])[N]
coup	(coup)[N]
coupe	(coupe)[N]
coupenaad	((coupe)[N],(naad)[N])[N]
couperen	((coup)[N],(eer)[V|N.])[V]
couperose	(couperose)[N]
coupeur	(((coup)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
couponblad	((coupon)[N],(blad)[N])[N]
couponboekje	((coupon)[N],(boek)[N])[N]
couponknipper	((coupon)[N],(knip)[V],(er)[N|NV.])[N]
couponring	((coupon)[N],(ring)[N])[N]
couponschaar	((coupon)[N],(schaar)[N])[N]
coupédeur	((coupé)[N],(deur)[N])[N]
cour	(cour)[N]
course	(course)[N]
couturier	((couture)[N],(ier)[N|N.])[N]
couveusekind	((couveuse)[N],(kind)[N])[N]
covariantie	((co)[N|.N],(variantie)[N])[N]
coverartikel	((cover)[N],(artikel)[N])[N]
coverband	((cover)[N],(band)[N])[N]
coverbedrijf	((cover)[V],(bedrijf)[N])[N]
coverboy	((cover)[N],(boy)[N])[N]
coverstory	((cover)[N],(story)[N])[N]
coverversie	((cover)[N],(versie)[N])[N]
cowboyfilm	((cowboy)[N],(film)[N])[N]
cowboylaars	((cowboy)[N],(laars)[N])[N]
coyote	(coyote)[N]
coëducatie	((co)[N|.N],(educatie)[N])[N]
coëquipier	((co)[N|.N],((equipe)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
coërcitief	((coërcitie)[N],(ief)[A|N.])[A]
coëxistentie	(((co)[V|.V],(existeer)[V])[V],(entie)[N|V.])[N]
coëxisteren	((co)[V|.V],(existeer)[V])[V]
coïncidentie	((coïncideer)[V],(entie)[N|V.])[N]
coïnstructie	((co)[N|.N],(instructie)[N])[N]
coïtaal	((coïtus)[N],(aal)[A|N.])[A]
coïteren	((coïtus)[N],(eer)[V|N.])[V]
coïtus	(coïtus)[N]
coöperatie	(((co)[V|.V],(opereer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
coöperatief	((((co)[V|.V],(opereer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
coöperatiewijn	((((co)[V|.V],(opereer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(wijn)[N])[N]
coöperator	(((co)[V|.V],(opereer)[V])[V],(ator)[N|V.])[N]
coöpereren	((co)[V|.V],(opereer)[V])[V]
coöptatie	((coöpteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
coördinaat	((coördineer)[V],(aat)[N|V.])[N]
coördinatenstelsel	(((coördineer)[V],(aat)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
coördinatensysteem	(((coördineer)[V],(aat)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
coördinatie	((coördineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
coördinatiecentrum	(((coördineer)[V],(atie)[N|V.])[N],(centrum)[N])[N]
coördinatiecommissie	(((coördineer)[V],(atie)[N|V.])[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
coördinatiefunctie	(((coördineer)[V],(atie)[N|V.])[N],(functie)[N])[N]
coördinatiegetal	(((coördineer)[V],(atie)[N|V.])[N],(getal)[N])[N]
coördinatieprobleem	(((coördineer)[V],(atie)[N|V.])[N],(probleem)[N])[N]
coördinatiestoornis	(((coördineer)[V],(atie)[N|V.])[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
coördinatiestructuur	(((coördineer)[V],(atie)[N|V.])[N],(structuur)[N])[N]
coördinator	((coördineer)[V],(ator)[N|V.])[N]
coördinering	((coördineer)[V],(ing)[N|V.])[N]
crack	(crack)[N]
crank	(crank)[N]
craquelure	(craquelure)[N]
crash	(crash)[N]
crashen	(crash)[V]
crawl	(crawl)[N]
crawlen	(crawl)[V]
crawlslag	((crawl)[N],(slag)[N])[N]
creatie	((creëer)[V],(atie)[N|V.])[N]
creatief	(((creëer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
creationisme	(((creëer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ionisme)[N|N.])[N]
creativiteit	((((creëer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
creativiteitscentrum	(((((creëer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
creativiteitsontwikkeling	(((((creëer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
creativiteitstest	(((((creëer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(test)[N])[N]
creatuur	((creëer)[V],(atuur)[N|V.])[N]
creatuurlijk	(((creëer)[V],(atuur)[N|V.])[N],(lijk)[A|N.])[A]
crediteren	((credit)[N],(eer)[V|N.])[V]
crediteur	(((credit)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
crediteurenadministratie	((((credit)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
creditnota	((credit)[N],(nota)[N])[N]
creditsaldo	((credit)[N],(saldo)[N])[N]
creditzijde	((credit)[N],(zijde)[N])[N]
crematie	((cremeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
crematieoven	(((cremeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(oven)[N])[N]
crematievereniging	(((cremeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
crematorium	((cremeer)[V],(atorium)[N|V.])[N]
cremometer	((crème)[N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
creools	((creool)[N],(s)[A|N.])[A]
creoolse	((creool)[N],(se)[N|N.])[N]
creosoteren	((creosoot)[N],(eer)[V|N.])[V]
crepeergeval	((crepeer)[V],(geval)[N])[N]
creperen	(crepeer)[V]
cretonnen	((cretonne)[N],(en)[A|N.])[A]
crew	(crew)[N]
cri	(cri)[N]
cricketbal	((cricket)[V],(bal)[N])[N]
cricketer	((cricket)[V],(er)[N|V.])[N]
cricketmatch	((cricket)[N],(match)[N])[N]
crime	(crime)[N]
criminaliseren	((crimineel)[N],(iseer)[V|N.])[V]
criminalisering	(((crimineel)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
criminalistiek	((criminalistisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
criminaliteit	((crimineel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
criminologe	((criminoloog)[N],(e)[N|N.])[N]
criminologie	((criminologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
crin	(crin)[N]
crisisachtig	((crisis)[N],(achtig)[A|N.])[A]
crisisbegrip	((crisis)[N],(begrip)[N])[N]
crisisbehandeling	((crisis)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
crisisbeleid	((crisis)[N],(beleid)[N])[N]
crisiscentrum	((crisis)[N],(centrum)[N])[N]
crisisinterventie	((crisis)[N],(interventie)[N])[N]
crisisjaar	((crisis)[N],(jaar)[N])[N]
crisismaatregel	((crisis)[N],(maatregel)[N])[N]
crisismanagement	((crisis)[N],(management)[N])[N]
crisismoment	((crisis)[N],(moment)[N])[N]
crisisomstandigheid	((crisis)[N],((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
crisisperiode	((crisis)[N],(periode)[N])[N]
crisissituatie	((crisis)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
crisisslachtoffer	((crisis)[N],((slacht)[V],(offer)[N])[N])[N]
crisisstaf	((crisis)[N],(staf)[N])[N]
crisisteam	((crisis)[N],(team)[N])[N]
crisistheorie	((crisis)[N],(theorie)[N])[N]
crisistijd	((crisis)[N],(tijd)[N])[N]
crisistoeslag	((crisis)[N],((toe)[B],(slag)[N])[N])[N]
crisistoestand	((crisis)[N],(toestand)[N])[N]
crisisverschijnsel	((crisis)[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
crisiswetgeving	((crisis)[N],((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
crisp	(crisp)[N]
criterium	(criterium)[N]
croissanterie	((croissant)[N],(erie)[N|N.])[N]
croonen	(croon)[V]
crooner	((croon)[V],(er)[N|V.])[N]
croquetbal	((croquet)[N],(bal)[N])[N]
croquetspel	((croquet)[N],(spel)[N])[N]
cross	(cross)[N]
crossbaan	((cross)[V],(baan)[N])[N]
crosscountry	((cross)[N],(country)[N])[N]
crosscountryrijder	(((cross)[N],(country)[N])[N],((rijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
crosscountryrijdster	(((cross)[N],(country)[N])[N],(rijd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
crossen	(cross)[V]
crosser	((cross)[V],(er)[N|V.])[N]
crossfiets	((cross)[V],(fiets)[N])[N]
cru	(cru)[N]
cruise	(cruise)[N]
cruisen	(cruise)[V]
crux	(crux)[N]
cruzeiro	(cruzeiro)[N]
cryometer	((cryo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
crypt	(crypt)[N]
cryptanalyse	((crypto)[N|.N],(analyse)[N])[N]
cryptisch	((crypt)[N],(isch)[A|N.])[A]
cryptocommunist	((crypto)[N|.N],(communist)[N])[N]
cryptologie	((cryptologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
crèche	(crèche)[N]
crème	(crème)[N]
crèmekleurig	((crème)[A],(kleur)[N],(ig)[A|AN.])[A]
crèmerie	((crème)[N],(erie)[N|N.])[N]
crêpe	(crêpe)[N]
crêpepapier	((crêpe)[N],(papier)[N])[N]
crêperie	((crêpe)[N],(erie)[N|N.])[N]
crêpezool	((crêpe)[N],(zool)[N])[N]
csardas	(csardas)[N]
cubahout	((Cuba)[N],(hout)[N])[N]
cue	(cue)[N]
cuisine	(cuisine)[N]
cuisinier	((cuisine)[N],(ier)[N|N.])[N]
culminatie	((culmineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
culminatiepunt	(((culmineer)[V],(atie)[N|V.])[N],(punt)[N])[N]
culpa	(culpa)[N]
cultisch	((cultus)[N],(isch)[A|N.])[A]
cultivator	((cultiveer)[V],(ator)[N|V.])[N]
cultivering	((cultiveer)[V],(ing)[N|V.])[N]
cultureel	((cultuur)[N],(eel)[A|N.])[A]
cultusbeeld	((cultus)[N],(beeld)[N])[N]
cultuuraarde	((cultuur)[N],(aarde)[N])[N]
cultuurbarbaar	((cultuur)[N],(barbaar)[N])[N]
cultuurbarrière	((cultuur)[N],(barrière)[N])[N]
cultuurbegrip	((cultuur)[N],(begrip)[N])[N]
cultuurbeleid	((cultuur)[N],(beleid)[N])[N]
cultuurbeoefening	((cultuur)[N],(((be)[V|.V],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
cultuurbolsjewiek	((cultuur)[N],(bolsjewiek)[N])[N]
cultuurcentrum	((cultuur)[N],(centrum)[N])[N]
cultuurcommissie	((cultuur)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
cultuurcrisis	((cultuur)[N],(crisis)[N])[N]
cultuurcriticus	((cultuur)[N],(criticus)[N])[N]
cultuurdrager	((cultuur)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
cultuurelement	((cultuur)[N],(element)[N])[N]
cultuurfase	((cultuur)[N],(fase)[N])[N]
cultuurfenomeen	((cultuur)[N],(fenomeen)[N])[N]
cultuurfilosofie	((cultuur)[N],((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
cultuurfilosofisch	((cultuur)[N],(filosofisch)[A])[A]
cultuurfilosoof	((cultuur)[N],(filosoof)[N])[N]
cultuurgemeenschap	((cultuur)[N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
cultuurgeschiedenis	((cultuur)[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
cultuurgewas	((cultuur)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
cultuurgewoonte	((cultuur)[N],((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
cultuurgrond	((cultuur)[N],(grond)[N])[N]
cultuurheiden	((cultuur)[N],(heiden)[N])[N]
cultuurheld	((cultuur)[N],(held)[N])[N]
cultuurhistorica	((cultuur)[N],(historicus)[N],(ica)[N|NN.])[N]
cultuurhistoricus	((cultuur)[N],(historicus)[N])[N]
cultuurhistorie	((cultuur)[N],((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
cultuurhistorisch	((cultuur)[N],(historisch)[A])[A]
cultuurideaal	((cultuur)[N],(ideaal)[N])[N]
cultuurimperialisme	((cultuur)[N],(imperialisme)[N])[N]
cultuurinvloed	((cultuur)[N],(invloed)[N])[N]
cultuurklimaat	((cultuur)[N],(klimaat)[N])[N]
cultuurkring	((cultuur)[N],(kring)[N])[N]
cultuurkritisch	((cultuur)[N],(kritisch)[A])[A]
cultuurlandschap	((cultuur)[N],((land)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
cultuurmaatregel	((cultuur)[N],(maatregel)[N])[N]
cultuurmaatschappij	((cultuur)[N],(maatschappij)[N])[N]
cultuurmilieu	((cultuur)[N],(milieu)[N])[N]
cultuurmodel	((cultuur)[N],(model)[N])[N]
cultuurmonument	((cultuur)[N],(monument)[N])[N]
cultuurniveau	((cultuur)[N],(niveau)[N])[N]
cultuurontwikkeling	((cultuur)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
cultuuroptimisme	((cultuur)[N],(optimisme)[N])[N]
cultuuroverdracht	((cultuur)[N],(overdracht)[N])[N]
cultuurpatroon	((cultuur)[N],(patroon)[N])[N]
cultuurperiode	((cultuur)[N],(periode)[N])[N]
cultuurpessimisme	((cultuur)[N],(pessimisme)[N])[N]
cultuurpessimist	((cultuur)[N],(pessimist)[N])[N]
cultuurpolitiek	((cultuur)[N],(politiek)[N])[N]
cultuurprobleem	((cultuur)[N],(probleem)[N])[N]
cultuurproces	((cultuur)[N],(proces)[N])[N]
cultuurproduct	((cultuur)[N],(product)[N])[N]
cultuurproductie	((cultuur)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
cultuurpsychologisch	((cultuur)[N],(psychologisch)[A])[A]
cultuurras	((cultuur)[N],(ras)[N])[N]
cultuursfeer	((cultuur)[N],(sfeer)[N])[N]
cultuursituatie	((cultuur)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
cultuursocialisme	((cultuur)[N],(socialisme)[N])[N]
cultuursociologie	((cultuur)[N],((sociologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
cultuursociologisch	((cultuur)[N],(sociologisch)[A])[A]
cultuurspecifiek	((cultuur)[N],(specifiek)[A])[A]
cultuurstaat	((cultuur)[N],(staat)[N])[N]
cultuurstelsel	((cultuur)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
cultuursysteem	((cultuur)[N],(systeem)[N])[N]
cultuurtaal	((cultuur)[N],(taal)[N])[N]
cultuurtechnicus	((cultuur)[N],(technicus)[N])[N]
cultuurtechniek	((cultuur)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
cultuurtechnisch	((cultuur)[N],(technisch)[A])[A]
cultuurtheorie	((cultuur)[N],(theorie)[N])[N]
cultuurtijdperk	((cultuur)[N],((tijd)[N],(perk)[N])[N])[N]
cultuurtraditie	((cultuur)[N],(traditie)[N])[N]
cultuurvariëteit	((cultuur)[N],(variëteit)[N])[N]
cultuurverschijnsel	((cultuur)[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
cultuurvisie	((cultuur)[N],(visie)[N])[N]
cultuurvolk	((cultuur)[N],(volk)[N])[N]
cultuurwereld	((cultuur)[N],(wereld)[N])[N]
cultuurwetenschap	((cultuur)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
cultuurwetenschappelijk	((cultuur)[N],(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
cultuurwoord	((cultuur)[N],(woord)[N])[N]
cultuurzwanger	((cultuur)[N],(zwanger)[A])[A]
cumulatie	((cumuleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
cumulatief	(((cumuleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
cumuluswolk	((cumulus)[N],(wolk)[N])[N]
cup	(cup)[N]
cupfinale	((cup)[N],(finale)[N])[N]
cupido	(cupido)[N]
cupmatch	((cup)[N],(match)[N])[N]
cupvoetbal	((cup)[N],((voet)[N],(bal)[N])[N])[N]
curabel	((cureer)[V],(abel)[A|V.])[A]
curator	((cureer)[V],(ator)[N|V.])[N]
curatorschap	(((cureer)[V],(ator)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
curettage	((curetteer)[V],(age)[N|V.])[N]
curiaal	((curie)[N],(aal)[A|N.])[A]
curiositeit	((curieus)[A],(iteit)[N|A.])[N]
curiositeitenkabinet	(((curieus)[A],(iteit)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(kabinet)[N])[N]
curiositeitenverzameling	(((curieus)[A],(iteit)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
curiosum	(curiosum)[N]
curriculumelement	((curriculum)[N],(element)[N])[N]
curriculumontwikkeling	((curriculum)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
curriculumtheorie	((curriculum)[N],(theorie)[N])[N]
cursiefjesschrijfster	((cursief)[N],(s)[N|N.Vx],(schrijf)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
cursiefjesschrijver	((cursief)[N],(s)[N|N.Vx],(schrijf)[V],(er)[N|NxV.])[N]
cursist	((cursus)[N],(ist)[N|N.])[N]
cursiveren	((cursief)[A],(eer)[V|A.])[V]
cursivering	(((cursief)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
cursusduur	((cursus)[N],(duur)[N])[N]
cursusjaar	((cursus)[N],(jaar)[N])[N]
cursusverband	((cursus)[N],(verband)[N])[N]
curvimeter	((curve)[N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
cut	(cut)[N]
cutterzuiger	((cutter)[N],((zuig)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
cyaankali	((cyaan)[N],(kali)[N])[N]
cyaankalicapsule	(((cyaan)[N],(kali)[N])[N],(capsule)[N])[N]
cyaanwaterstof	((cyaan)[N],((water)[N],(stof)[N])[N])[N]
cyclisch	((cyclus)[N],(isch)[A|N.])[A]
cyclonaal	((cycloon)[N],(aal)[A|N.])[A]
cyclopisch	((cycloop)[N],(isch)[A|N.])[A]
cystoscopie	((cystoscoop)[N],(ie)[N|N.])[N]
cytologie	((cytologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
cytoplasma	((cyto)[N|.N],(plasma)[N])[N]
d	(d)[N]
d-trein	((d)[N],(trein)[N])[N]
daad	(daad)[N]
daadkarakter	((daad)[N],(karakter)[N])[N]
daadkracht	((daad)[N],(kracht)[N])[N]
daadkrachtig	((daad)[N],((kracht)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
daadsactie	((daad)[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
daadwerkelijk	((daad)[N],(werkelijk)[A])[A]
daags	((dag)[N],(s)[A|N.])[A]
daagster	((daag)[V],(ster)[N|V.])[N]
daalsnelheid	((daal)[V],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
daaraanvolgend	(((daar)[B],(aan)[P])[B],(volg)[V],(end)[A|BV.])[A]
daarlaten	((daar)[B],(laat)[V])[V]
daaropvolgend	(((daar)[B],(op)[P])[B],(volg)[V],(end)[A|BV.])[A]
daas	(daas)[N]
dabben	(dab)[V]
dactylisch	((dactylus)[N],(isch)[A|N.])[A]
dactylografie	(((dactylograaf)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
dactylografisch	((dactylograaf)[N],(isch)[A|N.])[A]
dadaïsme	((dada)[N],(isme)[N|N.])[N]
dadel	(dadel)[N]
dadelboom	((dadel)[N],(boom)[N])[N]
dadelbos	((dadel)[N],(bos)[N])[N]
dadelhonig	((dadel)[N],(honig)[N])[N]
dadelhoning	((dadel)[N],(honing)[N])[N]
dadelijkheden	((dadelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
dadelolie	((dadel)[N],(olie)[N])[N]
dadelpalm	((dadel)[N],(palm)[N])[N]
dadelwijn	((dadel)[N],(wijn)[N])[N]
dadendrang	((daad)[N],(en)[N|N.N],(drang)[N])[N]
dadenkracht	((daad)[N],(en)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
daderes	((dader)[N],(es)[N|N.])[N]
dag	(dag)[N]
dagafschrift	((dag)[N],((af)[P],(schrift)[N])[N])[N]
dagbalans	((dag)[N],(balans)[N])[N]
dagbedrag	((dag)[N],(bedrag)[N])[N]
dagbehandeling	((dag)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dagblad	((dag)[N],(blad)[N])[N]
dagbladartikel	(((dag)[N],(blad)[N])[N],(artikel)[N])[N]
dagbladcorrespondent	(((dag)[N],(blad)[N])[N],((correspondeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
dagbladjournalist	(((dag)[N],(blad)[N])[N],((journaal)[N],(ist)[N|N.])[N])[N]
dagbladknipsel	(((dag)[N],(blad)[N])[N],((knip)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
dagbladoplage	(((dag)[N],(blad)[N])[N],(oplage)[N])[N]
dagbladpers	(((dag)[N],(blad)[N])[N],(pers)[N])[N]
dagbladunie	(((dag)[N],(blad)[N])[N],(unie)[N])[N]
dagblind	((dag)[N],(blind)[A])[A]
dagblindheid	(((dag)[N],(blind)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
dagbloem	((dag)[N],(bloem)[N])[N]
dagboek	((dag)[N],(boek)[N])[N]
dagboekaantekening	(((dag)[N],(boek)[N])[N],(((aan)[P],(teken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dagboekblad	(((dag)[N],(boek)[N])[N],(blad)[N])[N]
dagboekfragment	(((dag)[N],(boek)[N])[N],(fragment)[N])[N]
dagboeknotitie	(((dag)[N],(boek)[N])[N],(((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
dagboekschrijver	(((dag)[N],(boek)[N])[N],(schrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
dagboekstijl	(((dag)[N],(boek)[N])[N],(stijl)[N])[N]
dagboog	((dag)[N],(boog)[N])[N]
dagbouw	((dag)[N],(bouw)[N])[N]
dagbroer	((dag)[I],(broer)[N])[N]
dagcentrum	((dag)[N],(centrum)[N])[N]
dagcirkel	((dag)[N],(cirkel)[N])[N]
dagcrème	((dag)[N],(crème)[N])[N]
dagcursus	((dag)[N],(cursus)[N])[N]
dagdeel	((dag)[N],(deel)[N])[N]
dagdief	((dag)[N],(dief)[N])[N]
dagdienst	((dag)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
dagdieven	((dag)[N],(dief)[V])[V]
dagdieverij	(((dag)[N],(dief)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
dagdromen	((dag)[N],(droom)[V])[V]
dagdroom	((dag)[N],(droom)[N])[N]
dagelijks	((dag)[N],(elijks)[A|N.])[A]
dagen	(daag)[V]
dagenlang	((dag)[N],(en)[A|N.A],(lang)[A])[A]
dager	((daag)[V],(er)[N|V.])[N]
dagexcursie	((dag)[N],(excursie)[N])[N]
daggeld	((dag)[N],(geld)[N])[N]
daggelder	(((dag)[N],(geld)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
daggemiddelde	((dag)[N],(gemiddelde)[N])[N]
daggetijden	((dag)[N],(getijde)[N])[N]
daghandelaar	((dag)[N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
daghit	((dag)[N],(hit)[N])[N]
daghuur	((dag)[N],(huur)[N])[N]
daghuurvrouw	(((dag)[N],(huur)[N])[N],(vrouw)[N])[N]
dagindeling	((dag)[N],((in)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
daging	((daag)[V],(ing)[N|V.])[N]
dagjesmensen	((dagje)[N],(s)[N|N.N],(mens)[N])[N]
dagkaart	((dag)[N],(kaart)[N])[N]
dagkalender	((dag)[N],(kalender)[N])[N]
dagkoers	((dag)[N],(koers)[N])[N]
daglelie	((dag)[N],(lelie)[N])[N]
dagleven	((dag)[N],(leven)[N])[N]
daglicht	((dag)[N],(licht)[N])[N]
daglichtfactor	(((dag)[N],(licht)[N])[N],(factor)[N])[N]
daglichtlamp	(((dag)[N],(licht)[N])[N],(lamp)[N])[N]
daglichtopname	(((dag)[N],(licht)[N])[N],(opname)[N])[N]
daglichtpapier	(((dag)[N],(licht)[N])[N],(papier)[N])[N]
dagloner	(((dag)[N],(loon)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
dagloon	((dag)[N],(loon)[N])[N]
dagloonster	(((dag)[N],(loon)[N])[N],(ster)[N|N.])[N]
dagmaat	((dag)[N],(maat)[N])[N]
dagmarche	((dag)[N],(marche)[N])[N]
dagmars	((dag)[N],(mars)[N])[N]
dagmeisje	((dag)[N],(meisje)[N])[N]
dagonderwijs	((dag)[N],(onderwijs)[N])[N]
dagopening	((dag)[N],((open)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dagopleiding	((dag)[N],(((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dagorde	((dag)[N],(orde)[N])[N]
dagorder	((dag)[N],(order)[N])[N]
dagpauwoog	((dag)[N],((pauw)[N],(oog)[N])[N])[N]
dagploeg	((dag)[N],(ploeg)[N])[N]
dagprijs	((dag)[N],(prijs)[N])[N]
dagproductie	((dag)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
dagrantsoen	((dag)[N],(rantsoen)[N])[N]
dagrecreanten	((dag)[N],(((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
dagrecreatie	((dag)[N],(((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
dagregister	((dag)[N],(register)[N])[N]
dagreis	((dag)[N],(reis)[N])[N]
dagrente	((dag)[N],(rente)[N])[N]
dagretour	((dag)[N],(retour)[N])[N]
dagschema	((dag)[N],(schema)[N])[N]
dagscholier	(((dag)[N],(school)[N])[N],(ier)[N|N.])[N]
dagschool	((dag)[N],(school)[N])[N]
dagschoot	((dag)[N],(schoot)[N])[N]
dagschotel	((dag)[N],(schotel)[N])[N]
dagschuw	((dag)[N],(schuw)[A])[A]
dagslaper	((dag)[N],((slaap)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
dagslot	((dag)[N],(slot)[N])[N]
dagsluiter	((dag)[N],(sluit)[V],(er)[N|NV.])[N]
dagsluiting	((dag)[N],(sluit)[V],(ing)[N|NV.])[N]
dagster	((dag)[N],(ster)[N])[N]
dagtaak	((dag)[N],(taak)[N])[N]
dagtarief	((dag)[N],(tarief)[N])[N]
dagtekenen	((dag)[N],(teken)[V])[V]
dagtekening	(((dag)[N],(teken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
dagteller	((dag)[N],(tel)[V],(er)[N|NV.])[N]
dagtenue	((dag)[N],(tenue)[N])[N]
dagtocht	((dag)[N],(tocht)[N])[N]
daguil	((dag)[N],(uil)[N])[N]
dagvaarding	((dagvaard)[V],(ing)[N|V.])[N]
dagverblijf	((dag)[N],(verblijf)[N])[N]
dagverdeling	((dag)[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
dagverhaal	((dag)[N],(verhaal)[N])[N]
dagverpleging	((dag)[N],((verpleeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dagvers	((dag)[N],(vers)[A])[A]
dagvlinder	((dag)[N],(vlinder)[N])[N]
dagwacht	((dag)[N],(wacht)[N])[N]
dagwerk	((dag)[N],(werk)[N])[N]
dagwijzer	((dag)[N],(wijs)[V],(er)[N|NV.])[N]
dagziekenhuis	((dag)[N],((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N])[N]
dagzij	((dag)[N],(zij)[N])[N]
dagzijde	((dag)[N],(zijde)[N])[N]
dagzoom	((dag)[N],(zoom)[N])[N]
dagzuster	((dag)[N],(zuster)[N])[N]
dahlia	(dahlia)[N]
dahliaknol	((dahlia)[N],(knol)[N])[N]
daim	(daim)[N]
dak	(dak)[N]
dakantenne	((dak)[N],(antenne)[N])[N]
dakbak	((dak)[N],(bak)[N])[N]
dakbalk	((dak)[N],(balk)[N])[N]
dakbalustrade	((dak)[N],(balustrade)[N])[N]
dakbeschot	((dak)[N],(beschot)[N])[N]
dakconstructie	((dak)[N],(constructie)[N])[N]
dakdekker	((dak)[N],(dek)[V],(er)[N|NV.])[N]
dakflat	((dak)[N],(flat)[N])[N]
dakgebint	((dak)[N],(gebint)[N])[N]
dakgoot	((dak)[N],(goot)[N])[N]
dakhaas	((dak)[N],(haas)[N])[N]
dakisolatie	((dak)[N],(isoleer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
dakkamer	((dak)[N],(kamer)[N])[N]
dakkapel	((dak)[N],(kapel)[N])[N]
daklaag	((dak)[N],(laag)[N])[N]
dakladder	((dak)[N],(ladder)[N])[N]
dakleer	((dak)[N],(leer)[N])[N]
daklei	((dak)[N],(lei)[N])[N]
daklicht	((dak)[N],(licht)[N])[N]
daklijn	((dak)[N],(lijn)[N])[N]
daklijst	((dak)[N],(lijst)[N])[N]
daklook	((dak)[N],(look)[N])[N]
dakloos	((dak)[N],(loos)[A|N.])[A]
dakpan	((dak)[N],(pan)[N])[N]
dakraam	((dak)[N],(raam)[N])[N]
dakrestaurant	((dak)[N],((restaureer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
dakriet	((dak)[N],(riet)[N])[N]
dakruiter	((dak)[N],(ruiter)[N])[N]
dakspant	((dak)[N],(spant)[N])[N]
dakstoel	((dak)[N],(stoel)[N])[N]
dakterras	((dak)[N],(terras)[N])[N]
daktuin	((dak)[N],(tuin)[N])[N]
dakvenster	((dak)[N],(venster)[N])[N]
dakvormig	((dak)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
dakvorst	((dak)[N],(vorst)[N])[N]
dal	(dal)[N]
dalen	(daal)[V]
dalengte	((dal)[N],((eng)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
dalgedeelte	((dal)[N],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
dalgrond	((dal)[N],(grond)[N])[N]
daling	((daal)[V],(ing)[N|V.])[N]
dalingsgebied	(((daal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gebied)[N])[N]
dalkruid	((dal)[N],(kruid)[N])[N]
dalleshoer	((dalles)[N],(hoer)[N])[N]
dalstation	((dal)[N],(station)[N])[N]
dalstuw	((dal)[N],(stuw)[N])[N]
daltonschool	((Dalton)[N],(school)[V])[N]
dalurenkaart	(((dal)[N],(uur)[N])[N],(en)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
daluur	((dal)[N],(uur)[N])[N]
dalven	(dalf)[V]
dalver	((dalf)[V],(er)[N|V.])[N]
dalvorming	((dal)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
dalwind	((dal)[N],(wind)[N])[N]
dam	(dam)[N]
damarhars	((damar)[N],(hars)[N])[N]
damarvernis	((damar)[N],(vernis)[N])[N]
damascering	((damasceer)[V],(ing)[N|V.])[N]
damasten	((damast)[N],(en)[A|N.])[A]
damastpapier	((damast)[N],(papier)[N])[N]
damastwerk	((damast)[N],(werk)[N])[N]
dambord	((dam)[V],(bord)[N])[N]
damclub	((dam)[V],(club)[N])[N]
dame	(dame)[N]
damesachtig	((dame)[N],(s)[A|N.x],(achtig)[A|Nx.])[A]
damesafdeling	((dame)[N],(s)[N|N.N],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
damesbediening	((dame)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
damesbeurs	((dame)[N],(s)[N|N.N],(beurs)[N])[N]
damesblad	((dame)[N],(s)[N|N.N],(blad)[N])[N]
damesconfectie	((dame)[N],(s)[N|N.N],(confectie)[N])[N]
damescoupé	((dame)[N],(s)[N|N.N],(coupé)[N])[N]
damesdubbel	((dame)[N],(s)[N|N.N],(dubbel)[N])[N]
damesfiets	((dame)[N],(s)[N|N.N],(fiets)[N])[N]
dameshandschoen	((dame)[N],(s)[N|N.N],((hand)[N],(schoen)[N])[N])[N]
dameshorloge	((dame)[N],(s)[N|N.N],(horloge)[N])[N]
dameskapper	((dame)[N],(s)[N|N.Vx],(kap)[V],(er)[N|NxV.])[N]
dameskoor	((dame)[N],(s)[N|N.N],(koor)[N])[N]
dameskous	((dame)[N],(s)[N|N.N],(kous)[N])[N]
dameskransje	((dame)[N],(s)[N|N.N],(krans)[N])[N]
dameslingerie	((dame)[N],(s)[N|N.N],(lingerie)[N])[N]
damesmantel	((dame)[N],(s)[N|N.N],(mantel)[N])[N]
damesmode	((dame)[N],(s)[N|N.N],(mode)[N])[N]
damesondergoed	((dame)[N],(s)[N|N.N],((onder)[P],(goed)[N])[N])[N]
damesorkest	((dame)[N],(s)[N|N.N],(orkest)[N])[N]
damespaard	((dame)[N],(s)[N|N.N],(paard)[N])[N]
damespistool	((dame)[N],(s)[N|N.N],(pistool)[N])[N]
damesroman	((dame)[N],(s)[N|N.N],(roman)[N])[N]
damessalon	((dame)[N],(s)[N|N.N],(salon)[N])[N]
damesschoen	((dame)[N],(s)[N|N.N],(schoen)[N])[N]
damestijdschrift	((dame)[N],(s)[N|N.N],((tijd)[N],(schrift)[N])[N])[N]
damestoilet	((dame)[N],(s)[N|N.N],(toilet)[N])[N]
damesverband	((dame)[N],(s)[N|N.N],(verband)[N])[N]
damesweekblad	((dame)[N],(s)[N|N.N],((week)[N],(blad)[N])[N])[N]
dameszadel	((dame)[N],(s)[N|N.N],(zadel)[N])[N]
damhert	((dam)[N],(hert)[N])[N]
damkampioen	((dam)[V],(kampioen)[N])[N]
damklok	((dam)[V],(klok)[N])[N]
damlijn	((dam)[V],(lijn)[N])[N]
dammen	(dam)[V]
dammer	((dam)[V],(er)[N|V.])[N]
damp	(damp)[N]
dampaal	((dam)[N],(paal)[N])[N]
dampartij	((dam)[V],(partij)[N])[N]
dampdichtheid	((damp)[N],((dicht)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
dampen	(damp)[V]
damper	((damp)[V],(er)[N|V.])[N]
dampfase	((damp)[N],(fase)[N])[N]
dampig	((damp)[N],(ig)[A|N.])[A]
dampigheid	(((damp)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
dampkap	((damp)[N],(kap)[N])[N]
dampkring	((damp)[N],(kring)[N])[N]
dampkringslucht	(((damp)[N],(kring)[N])[N],(s)[N|N.N],(lucht)[N])[N]
damplank	((dam)[N],(plank)[N])[N]
dampmeter	((damp)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
damprobleem	((dam)[V],(probleem)[N])[N]
dampspanning	((damp)[N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
damschijf	((dam)[V],(schijf)[N])[N]
damslag	((dam)[V],(slag)[N])[N]
damsluis	((dam)[N],(sluis)[N])[N]
damspel	((dam)[V],(spel)[N])[N]
damsport	((dam)[V],(sport)[N])[N]
damsteen	((dam)[V],(steen)[N])[N]
damwand	((dam)[N],(wand)[N])[N]
damwedstrijd	((dam)[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
dan	(dan)[N]
dandy-achtig	((dandy)[N],(achtig)[A|N.])[A]
dank	(dank)[N]
dankbaarheid	((dankbaar)[A],(heid)[N|A.])[N]
dankbetoon	((dank)[N],(betoon)[N])[N]
dankbetuiging	((dank)[N],((be)[V|.V],(tuig)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
dankdag	((dank)[V],(dag)[N])[N]
danken	(dank)[V]
dankfeest	((dank)[V],(feest)[N])[N]
dankgebed	((dank)[V],(gebed)[N])[N]
danklied	((dank)[V],(lied)[N])[N]
dankoffer	((dank)[V],(offer)[N])[N]
dankrede	((dank)[N],(rede)[N])[N]
dankzeggen	((dank)[N],(zeg)[V])[V]
dankzegging	(((dank)[N],(zeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
dans	(dans)[N]
dansen	(dans)[V]
danser	((dans)[V],(er)[N|V.])[N]
danseres	(((dans)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
danseur	((dans)[V],(eur)[N|V.])[N]
dansfiguur	((dans)[V],(figuur)[N])[N]
dansgroep	((dans)[V],(groep)[N])[N]
danshuis	((dans)[V],(huis)[N])[N]
dansinstituut	((dans)[V],(instituut)[N])[N]
danskoord	((dans)[V],(koord)[N])[N]
dansleraar	((dans)[V],(leraar)[N])[N]
danslerares	(((dans)[V],(leraar)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
dansles	((dans)[V],(les)[N])[N]
dansluiting	((dan)[N],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dansmaat	((dans)[N],(maat)[N])[N]
dansmeester	((dans)[V],(meester)[N])[N]
dansmuziek	((dans)[V],(muziek)[N])[N]
dansorkest	((dans)[V],(orkest)[N])[N]
danspartij	((dans)[V],(partij)[N])[N]
danspartner	((dans)[V],(partner)[N])[N]
danspas	((dans)[N],(pas)[N])[N]
dansplaat	((dans)[V],(plaat)[N])[N]
dansschool	((dans)[V],(school)[N])[N]
danstent	((dans)[V],(tent)[N])[N]
danstheater	((dans)[V],(theater)[N])[N]
dansvloer	((dans)[V],(vloer)[N])[N]
danswoede	((dans)[V],(woede)[N])[N]
danszaal	((dans)[V],(zaal)[N])[N]
dapperheid	((dapper)[A],(heid)[N|A.])[N]
dar	(dar)[N]
darm	(darm)[N]
darmaandoening	((darm)[N],(((aan)[P],(doe)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
darmactiviteit	((darm)[N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
darmader	((darm)[N],(ader)[N])[N]
darmbacterie	((darm)[N],(bacterie)[N])[N]
darmbeen	((darm)[N],(been)[N])[N]
darmbloeding	((darm)[N],((bloed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
darmcatarre	((darm)[N],(catarre)[N])[N]
darmcel	((darm)[N],(cel)[N])[N]
darmenstelsel	((darm)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
darmflora	((darm)[N],(flora)[N])[N]
darmfunctie	((darm)[N],(functie)[N])[N]
darmgas	((darm)[N],(gas)[N])[N]
darmgezwel	((darm)[N],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
darminfectie	((darm)[N],((infect)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
darminhoud	((darm)[N],(inhoud)[N])[N]
darmkanaal	((darm)[N],(kanaal)[N])[N]
darmklacht	((darm)[N],(klacht)[N])[N]
darmkoliek	((darm)[N],(koliek)[N])[N]
darmkramp	((darm)[N],(kramp)[N])[N]
darmonderzoek	((darm)[N],(onderzoek)[N])[N]
darmontsteking	((darm)[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
darmoperatie	((darm)[N],((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
darmparasiet	((darm)[N],(parasiet)[N])[N]
darmpassage	((darm)[N],((passeer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
darmpek	((darm)[N],(pek)[N])[N]
darmperistaltiek	((darm)[N],((peristaltisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
darmsap	((darm)[N],(sap)[N])[N]
darmschaar	((darm)[N],(schaar)[N])[N]
darmslijmvlies	((darm)[N],((slijm)[N],(vlies)[N])[N])[N]
darmsnaar	((darm)[N],(snaar)[N])[N]
darmstelsel	((darm)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
darmstoornis	((darm)[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
darmtumor	((darm)[N],(tumor)[N])[N]
darmvlies	((darm)[N],(vlies)[N])[N]
darmwand	((darm)[N],(wand)[N])[N]
darmweefsel	((darm)[N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
darren	(dar)[V]
darrencel	((dar)[N],(e)[N|N.N],(cel)[N])[N]
darrenval	((dar)[N],(e)[N|N.N],(val)[N])[N]
dartel	(dartel)[A]
dartelen	(dartel)[V]
dartelheid	((dartel)[A],(heid)[N|A.])[N]
darts	(dart)[N]
darwintulp	((Darwin)[N],(tulp)[N])[N]
das	(das)[N]
dashboardkastje	((dashboard)[N],(kast)[N])[N]
dashond	((das)[N],(hond)[N])[N]
dassenhaar	((das)[N],(e)[N|N.N],(haar)[N])[N]
dassenhanger	((das)[N],(en)[N|N.N],((hang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
dassenhol	((das)[N],(e)[N|N.N],(hol)[N])[N]
dassenjacht	((das)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
dassenvel	((das)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
dasspeld	((das)[N],(speld)[N])[N]
databank	((data)[N],(bank)[N])[N]
databanksysteem	(((data)[N],(bank)[N])[N],(systeem)[N])[N]
database	((data)[N],(base)[N])[N]
datacommunicatie	((data)[N],(communiceer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
datanet	((data)[N],(net)[N])[N]
datanetwerk	((data)[N],((net)[N],(werk)[N])[N])[N]
dataprivacy	((data)[N],(privacy)[N])[N]
dataprocessing	((data)[N],(processing)[N])[N]
dataset	((data)[N],(set)[N])[N]
datatransmissie	((data)[N],(transmissie)[N])[N]
datatypist	((data)[N],(typist)[N])[N]
dateerbaar	((dateer)[V],(baar)[A|V.])[A]
datering	((dateer)[V],(ing)[N|V.])[N]
datiefconstructie	((datief)[N],(constructie)[N])[N]
datist	((datum)[N],(ist)[N|N.])[N]
datje	((dat)[N],(je)[N|N.])[N]
datowissel	((dato)[B],(wissel)[N])[N]
datumlijn	((datum)[N],(lijn)[N])[N]
datumstempel	((datum)[N],(stempel)[N])[N]
dauw	(dauw)[N]
dauwdruppel	((dauw)[N],(druppel)[N])[N]
dauwen	(dauw)[V]
dauwnetel	((dauw)[N],(netel)[N])[N]
dauwpunt	((dauw)[V],(punt)[N])[N]
dauwtrappen	((dauw)[N],(trap)[V])[V]
dauwtrapper	(((dauw)[N],(trap)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
dauwworm	((dauw)[N],(worm)[N])[N]
daver	(daver)[N]
daveren	(daver)[V]
davering	((daver)[V],(ing)[N|V.])[N]
davidster	((David)[N],(ster)[N])[N]
davylamp	((Davy)[N],(lamp)[N])[N]
dazen	(daas)[V]
dazig	((daas)[A],(ig)[A|A.])[A]
deal	(deal)[N]
dealen	(deal)[V]
dealer	((deal)[V],(er)[N|V.])[N]
dealercampagne	(((deal)[V],(er)[N|V.])[N],(campagne)[N])[N]
debacle	(debacle)[N]
deballoteren	((de)[V|.V],(balloteer)[V])[V]
debatavond	((debat)[N],(avond)[N])[N]
debatteren	((debat)[N],(eer)[V|N.])[V]
debetsaldo	((debet)[A],(saldo)[N])[N]
debetzijde	((debet)[N],(zijde)[N])[N]
debieleninrichting	((debiel)[N],(en)[N|N.N],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
debietmeter	((debiet)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
debiliteit	((debiel)[A],(biliteit)[N|A.])[N]
debiliteitspsychose	(((debiel)[A],(biliteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(psychose)[N])[N]
debitant	(((debiet)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N]
debiteren	((debiet)[N],(eer)[V|N.])[V]
debiteur	(((debiet)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
debiteurenadministratie	((((debiet)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
deblokkeren	((de)[V|.V],((blok)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
deblokkering	(((de)[V|.V],((blok)[N],(eer)[V|N.])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
debrailleur	((debrailleer)[V],(eur)[N|V.])[N]
debutant	(((debuut)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N]
debutante	((((debuut)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
debuteren	((debuut)[N],(eer)[V|N.])[V]
decadentie	((decadent)[A],(ie)[N|A.])[N]
decagram	((deca)[N|.N],(gram)[N])[N]
decaliter	((deca)[N|.N],(liter)[N])[N]
decalumen	((deca)[N|.N],(lumen)[N])[N]
decameter	((deca)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
decanaal	((decaan)[N],(aal)[A|N.])[A]
decanaat	((decaan)[N],(aat)[N|N.])[N]
decastère	((deca)[N|.N],(stère)[N])[N]
decemberavond	((december)[N],(avond)[N])[N]
decembermaand	((december)[N],(maand)[N])[N]
decembermiddag	((december)[N],(middag)[N])[N]
decemberochtend	((december)[N],(ochtend)[N])[N]
decemberweer	((december)[N],(weer)[N])[N]
decentie	((decent)[A],(ie)[N|A.])[N]
decentraal	((de)[A|.A],((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
decentralisatie	(((de)[V|.V],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
decentralisatiebeleid	((((de)[V|.V],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(beleid)[N])[N]
decentralisatieoperatie	((((de)[V|.V],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V])[V],(atie)[N|V.])[N],((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
decentralisatieproces	((((de)[V|.V],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
decentraliseren	((de)[V|.V],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V])[V]
decentralisering	(((de)[V|.V],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
decentralisme	((de)[N|.N],(centralisme)[N])[N]
decibel	((deci)[N|.N],(bel)[N])[N]
deciel	((deci)[N|.N],(el)[N])[N]
decigram	((deci)[N|.N],(gram)[N])[N]
deciliter	((deci)[N|.N],(liter)[N])[N]
decimaal	((deci)[N|.N],(maal)[N])[N]
decimaalteken	(((deci)[N|.N],(maal)[N])[N],(teken)[N])[N]
decimeter	((deci)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
decisief	((decisie)[N],(ief)[A|N.])[A]
deck	(deck)[N]
declamatie	((declameer)[V],(atie)[N|V.])[N]
declamator	((declameer)[V],(ator)[N|V.])[N]
declarant	((declareer)[V],(ant)[N|V.])[N]
declaratie	((declareer)[V],(atie)[N|V.])[N]
declaratiebasis	(((declareer)[V],(atie)[N|V.])[N],(basis)[N])[N]
declasseren	((de)[V|.V],(classeer)[V])[V]
declassering	(((de)[V|.V],(classeer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
declinatie	((declineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
declinatiecirkel	(((declineer)[V],(atie)[N|V.])[N],(cirkel)[N])[N]
decodeermachine	(((de)[V|.V],((code)[N],(eer)[V|N.])[V])[V],(machine)[N])[N]
decoderen	((de)[V|.V],((code)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
decodering	(((de)[V|.V],((code)[N],(eer)[V|N.])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
decompositie	((de)[N|.N],((composiet)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
decompressietijd	((decompressie)[N],(tijd)[N])[N]
decompressieziekte	((decompressie)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
deconcentratie	((de)[N|.N],((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
deconfessionaliseren	((de)[V|.Ax],((confessie)[N],(ioneel)[A|N.])[A],(iseer)[V|xA.])[V]
deconfessionalisering	(((de)[V|.Ax],((confessie)[N],(ioneel)[A|N.])[A],(iseer)[V|xA.])[V],(ing)[N|V.])[N]
decorateur	((decoreer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
decoratie	((decoreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
decoratief	(((decoreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[N|N.])[N]
decoratieschilder	(((decoreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(schilder)[N])[N]
decorbouwer	((decor)[N],(bouw)[V],(er)[N|NV.])[N]
decorwisseling	((decor)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
decoupeerzaag	((decoupeer)[V],(zaag)[N])[N]
decrescendo	((de)[N|.N],(crescendo)[N])[N]
decreteren	((decreet)[N],(eer)[V|N.])[V]
deductief	((deductie)[N],(ief)[A|N.])[A]
deeg	(deeg)[N]
deegachtig	((deeg)[N],(achtig)[A|N.])[A]
deeghaak	((deeg)[N],(haak)[N])[N]
deegroller	((deeg)[N],(rol)[V],(er)[N|NV.])[N]
deegrondje	((deeg)[N],(rond)[N])[N]
deel	(deel)[N]
deelarbeid	((deel)[N],(arbeid)[N])[N]
deelbaar	((deel)[V],(baar)[A|V.])[A]
deelbaarheid	(((deel)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
deelbewerking	((deel)[N],(((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
deelcertificaat	((deel)[N],((certificeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
deelcontract	((deel)[N],(contract)[N])[N]
deeldiscipline	((deel)[N],(discipline)[N])[N]
deelgebied	((deel)[N],(gebied)[N])[N]
deelgemeente	((deel)[N],(gemeente)[N])[N]
deelgenoot	((deel)[V],(genoot)[N])[N]
deelgenootschap	(((deel)[V],(genoot)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
deelgenote	(((deel)[V],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
deelhebber	((deel)[N],(heb)[V],(er)[N|NV.])[N]
deelhebster	((deel)[N],(heb)[V],(ster)[N|NV.])[N]
deellijn	((deel)[V],(lijn)[N])[N]
deelneemster	(((deel)[V],(neem)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
deelnemen	((deel)[V],(neem)[V])[V]
deelnemer	(((deel)[V],(neem)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
deelnemersaantal	((((deel)[V],(neem)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((aan)[P],(tal)[N])[N])[N]
deelneming	(((deel)[V],(neem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
deelpacht	((deel)[V],(pacht)[N])[N]
deelprobleem	((deel)[N],(probleem)[N])[N]
deelproces	((deel)[N],(proces)[N])[N]
deelpunt	((deel)[V],(punt)[N])[N]
deelrapport	((deel)[N],(rapport)[N])[N]
deelsom	((deel)[V],(som)[N])[N]
deelspanning	((deel)[N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
deelstaat	((deel)[N],(staat)[N])[N]
deelstaatniveau	(((deel)[N],(staat)[N])[N],(niveau)[N])[N]
deelstaatverkiezing	(((deel)[N],(staat)[N])[N],(((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
deelstreep	((deel)[V],(streep)[N])[N]
deelstudie	((deel)[N],(studie)[N])[N]
deeltal	((deel)[V],(tal)[N])[N]
deelteken	((deel)[V],(teken)[N])[N]
deeltentamen	((deel)[N],(tentamen)[N])[N]
deeltijdarbeid	((deeltijd)[N],(arbeid)[N])[N]
deeltijdbaan	((deeltijd)[N],(baan)[N])[N]
deeltijdwerker	((deeltijd)[N],(werk)[V],(er)[N|NV.])[N]
deeltijdwerkster	((deeltijd)[N],(werk)[V],(ster)[N|NV.])[N]
deeltitel	((deel)[N],(titel)[N])[N]
deeltjesstraling	((deeltje)[N],(s)[N|N.N],((straal)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
deeltjesversneller	((deeltje)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(snel)[A])[V],(er)[N|NxV.])[N]
deelverzameling	((deel)[N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
deelvisie	((deel)[N],(visie)[N])[N]
deelweefsel	((deel)[V],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
deelwetenschap	((deel)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
deelwoord	((deel)[N],(woord)[N])[N]
deemoedig	((deemoed)[N],(ig)[A|N.])[A]
deemoedigheid	(((deemoed)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
deerlijk	((deer)[V],(lijk)[A|V.])[A]
deern	(deern)[N]
deerne	(deerne)[N]
deernis	((deer)[V],(nis)[N|V.])[N]
deerniswaard	(((deer)[V],(nis)[N|V.])[N],(waard)[A])[A]
deerniswaardig	(((deer)[V],(nis)[N|V.])[N],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
deerniswekkend	(((deer)[V],(nis)[N|V.])[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
defensieapparaat	((defensie)[N],(apparaat)[N])[N]
defensiebeleid	((defensie)[N],(beleid)[N])[N]
defensiebudget	((defensie)[N],(budget)[N])[N]
defensiecommissie	((defensie)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
defensiecontract	((defensie)[N],(contract)[N])[N]
defensief	((defensie)[N],(ief)[N|N.])[N]
defensiemechanisme	((defensie)[N],(mechanisme)[N])[N]
defensieminister	((defensie)[N],(minister)[N])[N]
defensiesysteem	((defensie)[N],(systeem)[N])[N]
defensiewezen	((defensie)[N],(wezen)[N])[N]
defibrillator	(((de)[V|.V],((fibril)[N],(eer)[V|N.])[V])[V],(ator)[N|V.])[N]
defibrilleren	((de)[V|.V],((fibril)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
deficiëntie	((deficiënt)[A],(ie)[N|A.])[N]
deficiëntiesyndroom	(((deficiënt)[A],(ie)[N|A.])[N],(syndroom)[N])[N]
deficiëntieziekte	(((deficiënt)[A],(ie)[N|A.])[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
definitieprobleem	((definitie)[N],(probleem)[N])[N]
definitiestudie	((definitie)[N],(studie)[N])[N]
deflecteren	((de)[V|.V],(flecteer)[V])[V]
defloratie	((defloreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
deformatie	(((de)[V|.V],(formeer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
deformeren	((de)[V|.V],(formeer)[V])[V]
deftigheid	((deftig)[A],(heid)[N|A.])[N]
degelijkheid	((degelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
degen	(degen)[N]
degeneratie	((degenereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
degeneratief	(((degenereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
degeneratieproces	(((degenereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
degeneratieverschijnsel	(((degenereer)[V],(atie)[N|V.])[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
degeneratieziekte	(((degenereer)[V],(atie)[N|V.])[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
degenkoppel	((degen)[N],(koppel)[N])[N]
degenslikker	((degen)[N],(slik)[V],(er)[N|NV.])[N]
degenstok	((degen)[N],(stok)[N])[N]
degenstoot	((degen)[N],(stoot)[N])[N]
degradatie	((degradeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
degradatiewedstrijd	(((degradeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
degressief	((degressie)[N],(ief)[A|N.])[A]
dehydratatie	(((de)[V|.V],(((hydreer)[V],(aat)[N|V.])[N],(eer)[V|N.])[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
dehydrateren	((de)[V|.V],(((hydreer)[V],(aat)[N|V.])[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
dehydratie	(((de)[V|.V],(hydreer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
dehydreren	((de)[V|.V],(hydreer)[V])[V]
deinen	(dein)[V]
deining	((dein)[V],(ing)[N|V.])[N]
deinzen	(deins)[V]
deizen	(deis)[V]
dek	(dek)[N]
dekbed	((dek)[V],(bed)[N])[N]
dekbedovertrek	(((dek)[V],(bed)[N])[N],(overtrek)[N])[N]
dekblad	((dek)[V],(blad)[N])[N]
dekbord	((dek)[V],(bord)[N])[N]
deken	(deken)[N]
dekenaal	((deken)[N],(aal)[A|N.])[A]
dekenaat	((deken)[N],(aat)[N|N.])[N]
dekenij	((deken)[N],(ij)[N|N.])[N]
dekenkist	((deken)[N],(kist)[N])[N]
dekgeld	((dek)[V],(geld)[N])[N]
dekglaasje	((dek)[V],(glas)[N])[N]
dekgrond	((dek)[V],(grond)[N])[N]
dekhengst	((dek)[V],(hengst)[N])[N]
dekhut	((dek)[N],(hut)[N])[N]
dekken	(dek)[V]
dekker	((dek)[V],(er)[N|V.])[N]
dekking	((dek)[V],(ing)[N|V.])[N]
dekkingsaankoop	(((dek)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((aan)[P],(koop)[N])[N])[N]
dekkingsfout	(((dek)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fout)[N])[N]
dekkingspakket	(((dek)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
dekkingspercentage	(((dek)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(percentage)[N])[N]
dekkingsplan	(((dek)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plan)[N])[N]
dekkleed	((dek)[V],(kleed)[N])[N]
dekkleur	((dek)[V],(kleur)[N])[N]
dekknecht	((dek)[N],(knecht)[N])[N]
deklaag	((dek)[V],(laag)[N])[N]
deklading	((dek)[N],((laad)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
deklanding	((dek)[N],((land)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
deklast	((dek)[N],(last)[N])[N]
deklat	((dek)[V],(lat)[N])[N]
dekmantel	((dek)[V],(mantel)[N])[N]
deknaam	((dek)[V],(naam)[N])[N]
dekolonisatie	((de)[N|.N],(((kolonie)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
dekolonisatieproces	(((de)[N|.N],(((kolonie)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N],(proces)[N])[N]
dekplaat	((dek)[V],(plaat)[N])[N]
dekschaal	((dek)[V],(schaal)[N])[N]
dekschild	((dek)[V],(schild)[N])[N]
dekschub	((dek)[V],(schub)[N])[N]
deksel	((dek)[V],(sel)[N|V.])[N]
deksels	(((dek)[V],(sel)[N|V.])[N],(s)[A|N.])[A]
dekstation	((dek)[V],(station)[N])[N]
deksteen	((dek)[V],(steen)[N])[N]
dekstier	((dek)[V],(stier)[N])[N]
dekstoel	((dek)[N],(stoel)[N])[N]
dekstro	((dek)[V],(stro)[N])[N]
dekstuk	((dek)[V],(stuk)[N])[N]
dektegel	((dek)[V],(tegel)[N])[N]
dekveren	((dek)[N],(veer)[N])[N]
dekverf	((dek)[V],(verf)[N])[N]
dekzand	((dek)[V],(zand)[N])[N]
dekzeil	((dek)[V],(zeil)[N])[N]
dekzwabber	((dek)[N],(zwabber)[N])[N]
del	(del)[N]
delegaat	((delegeer)[V],(aat)[N|V.])[N]
delegatie	((delegeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
delegatieleider	(((delegeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
delegering	((delegeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
delen	(deel)[V]
deler	((deel)[V],(er)[N|V.])[N]
delfstof	((delf)[V],(stof)[N])[N]
delfstoffenkunde	(((delf)[V],(stof)[N])[N],(en)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
delfstoffenleer	(((delf)[V],(stof)[N])[N],(en)[N|N.N],(leer)[N])[N]
delfstoffenrijk	(((delf)[V],(stof)[N])[N],(en)[N|N.N],(rijk)[N])[N]
delfstofkunde	(((delf)[V],(stof)[N])[N],(kunde)[N])[N]
delftsblauw	((delfts)[N],(blauw)[A])[A]
delgen	(delg)[V]
delging	((delg)[V],(ing)[N|V.])[N]
delgingsfonds	(((delg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
deliberatie	((delibereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
delicaatheid	((delicaat)[A],(heid)[N|A.])[N]
delicatesse	((delicaat)[A],(esse)[N|A.])[N]
delicatessenzaak	(((delicaat)[A],(esse)[N|A.])[N],(zaak)[N])[N]
deling	((deel)[V],(ing)[N|V.])[N]
delingsproces	(((deel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
deloyaal	((de)[A|.A],(loyaal)[A])[A]
delta-eiland	((delta)[N],(eiland)[N])[N]
deltadienst	((delta)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
deltagebied	((delta)[N],(gebied)[N])[N]
deltahoogte	((delta)[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
deltaplan	((delta)[N],(plan)[N])[N]
deltaspier	((delta)[N],(spier)[N])[N]
deltastralen	((delta)[N],(straal)[N])[N]
deltavleugel	((delta)[N],(vleugel)[N])[N]
deltavliegen	((delta)[N],(vlieg)[V])[V]
deltaziekenhuis	((delta)[N],((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N])[N]
delven	(delf)[V]
delver	((delf)[V],(er)[N|V.])[N]
demagnetiseren	((de)[V|.V],((magneet)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V]
demagogie	(((demagoog)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
demagogisch	((demagoog)[N],(isch)[A|N.])[A]
demarcatielijn	((demarcatie)[N],(lijn)[N])[N]
demarcatieprobleem	((demarcatie)[N],(probleem)[N])[N]
demarrage	((demarreer)[V],(age)[N|V.])[N]
demaskeren	((de)[V|.V],(maskeer)[V])[V]
dematerialisatie	((de)[N|.N],((((materie)[N],(aal)[N|N.])[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
dementeren	((dement)[A],(eer)[V|A.])[V]
dementering	(((dement)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
dementie	((dement)[A],(ie)[N|A.])[N]
demi-reliëf	((demi)[N],(reliëf)[N])[N]
demilitarisatie	(((de)[V|.V],((militair)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
demilitariseren	((de)[V|.V],((militair)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V]
demilitarisering	(((de)[V|.V],((militair)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
demissionair	((demissie)[N],(ionair)[A|N.])[A]
demobilisatie	(((de)[V|.V],((mobiel)[A],(iseer)[V|A.])[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
demobiliseren	((de)[V|.V],((mobiel)[A],(iseer)[V|A.])[V])[V]
democratie	(((democraat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
democratiebeginsel	((((democraat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
democratiebegrip	((((democraat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N],(begrip)[N])[N]
democratietheorie	((((democraat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N],(theorie)[N])[N]
democratisch	((democraat)[N],(isch)[A|N.])[A]
democratiseerder	(((democraat)[N],(iseer)[V|N.])[V],(der)[N|V.])[N]
democratiseren	((democraat)[N],(iseer)[V|N.])[V]
democratisering	(((democraat)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
democratiseringsactie	((((democraat)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
democratiseringsprobleem	((((democraat)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
democratiseringsprocedure	((((democraat)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
democratiseringsproces	((((democraat)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
democratiseringsrage	((((democraat)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(rage)[N])[N]
democratiseringswoede	((((democraat)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(woede)[N])[N]
demografie	(((demograaf)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
demografisch	((demograaf)[N],(isch)[A|N.])[A]
demonie	(((demon)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
demonisch	((demon)[N],(isch)[A|N.])[A]
demonstrant	((demonstreer)[V],(ant)[N|V.])[N]
demonstrateur	((demonstreer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
demonstratie	((demonstreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
demonstratiedoeleinde	(((demonstreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(doeleinde)[N])[N]
demonstratief	(((demonstreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
demonstratiemateriaal	(((demonstreer)[V],(atie)[N|V.])[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
demonstratiemodel	(((demonstreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(model)[N])[N]
demonstratieobject	(((demonstreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(object)[N])[N]
demonstratieroute	(((demonstreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(route)[N])[N]
demonstratievlucht	(((demonstreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(vlucht)[N])[N]
demonstreerbaar	((demonstreer)[V],(baar)[A|V.])[A]
demontabel	(((de)[V|.V],(monteer)[V])[V],(abel)[A|V.])[A]
demontage	(((de)[V|.V],(monteer)[V])[V],(age)[N|V.])[N]
demonteerbaar	(((de)[V|.V],(monteer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
demonteren	((de)[V|.V],(monteer)[V])[V]
demontering	(((de)[V|.V],(monteer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
demoralisatie	(((de)[V|.V],((moraal)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
demoraliseren	((de)[V|.V],((moraal)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V]
demoralisering	(((de)[V|.V],((moraal)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
demotiveren	((de)[V|.V],((motief)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
dempen	(demp)[V]
demper	((demp)[V],(er)[N|V.])[N]
demping	((demp)[V],(ing)[N|V.])[N]
dempinrichting	((demp)[V],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
den	(den)[N]
denappel	((den)[N],(appel)[N])[N]
denationalisatie	(((de)[V|.V],(((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
denationaliseren	((de)[V|.V],(((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V])[V]
denaturaliseren	((de)[V|.V],(naturaliseer)[V])[V]
denderen	(dender)[V]
denkact	((denk)[V],(act)[N])[N]
denkactiviteit	((denk)[V],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
denkarbeid	((denk)[V],(arbeid)[N])[N]
denkaspect	((denk)[V],(aspect)[N])[N]
denkbaar	((denk)[V],(baar)[A|V.])[A]
denkbaarheid	(((denk)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
denkbeeld	((denk)[V],(beeld)[N])[N]
denkbeeldig	(((denk)[V],(beeld)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
denkcategorie	((denk)[V],(categorie)[N])[N]
denkconstructie	((denk)[V],(constructie)[N])[N]
denkelijk	((denk)[V],(elijk)[A|V.])[A]
denken	(denk)[V]
denker	((denk)[V],(er)[N|V.])[N]
denkertje	((denk)[V],(er)[N|V.])[N]
denkfout	((denk)[V],(fout)[N])[N]
denkgemeenschap	((denk)[V],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
denkgeschiedenis	((denk)[V],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
denkgewoonte	((denk)[V],((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
denkhandeling	((denk)[V],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
denkhouding	((denk)[V],(houding)[N])[N]
denkkader	((denk)[V],(kader)[N])[N]
denkklimaat	((denk)[V],(klimaat)[N])[N]
denkkracht	((denk)[V],(kracht)[N])[N]
denkluiheid	((denk)[V],((lui)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
denkmachine	((denk)[V],(machine)[N])[N]
denkmechanisme	((denk)[V],(mechanisme)[N])[N]
denkmethode	((denk)[V],(methode)[N])[N]
denkmodel	((denk)[V],(model)[N])[N]
denkmogelijkheid	((denk)[V],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
denkniveau	((denk)[V],(niveau)[N])[N]
denkontwikkeling	((denk)[V],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
denkoperatie	((denk)[V],((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
denkprestatie	((denk)[V],((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
denkprobleem	((denk)[V],(probleem)[N])[N]
denkproces	((denk)[V],(proces)[N])[N]
denkpsychologie	((denk)[V],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
denkpsychologisch	((denk)[V],(psychologisch)[A])[A]
denkpsycholoog	((denk)[V],(psycholoog)[N])[N]
denkraam	((denk)[V],(raam)[N])[N]
denkregel	((denk)[V],(regel)[N])[N]
denkresultaat	((denk)[V],((resulteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
denkrichting	((denk)[V],((richt)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
denkrimpel	((denk)[V],(rimpel)[N])[N]
denkschema	((denk)[V],(schema)[N])[N]
denksfeer	((denk)[V],(sfeer)[N])[N]
denksport	((denk)[V],(sport)[N])[N]
denkstelsel	((denk)[V],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
denkster	((denk)[V],(ster)[N|V.])[N]
denkstijl	((denk)[V],(stijl)[N])[N]
denkstructuur	((denk)[V],(structuur)[N])[N]
denksysteem	((denk)[V],(systeem)[N])[N]
denktraditie	((denk)[V],(traditie)[N])[N]
denktrant	((denk)[V],(trant)[N])[N]
denktucht	((denk)[V],(tucht)[N])[N]
denkvermogen	((denk)[V],(vermogen)[N])[N]
denkvorm	((denk)[V],(vorm)[N])[N]
denkwereld	((denk)[V],(wereld)[N])[N]
denkwijs	((denk)[V],(wijs)[N])[N]
denkwijze	((denk)[V],(wijze)[N])[N]
denkwolkje	((denk)[V],(wolk)[N])[N]
dennen	((den)[N],(en)[A|N.])[A]
dennenappel	((den)[N],(e)[N|N.N],(appel)[N])[N]
dennenboom	((den)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
dennenbos	(((den)[N],(en)[A|N.])[A],(bos)[N])[N]
dennenhars	((den)[N],(e)[N|N.N],(hars)[N])[N]
dennenhout	((den)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
dennenhouten	(((den)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
dennenkegel	((den)[N],(e)[N|N.N],(kegel)[N])[N]
dennenlucht	((den)[N],(e)[N|N.N],(lucht)[N])[N]
dennennaald	((den)[N],(e)[N|N.N],(naald)[N])[N]
dennenrups	((den)[N],(e)[N|N.N],(rups)[N])[N]
dennenscheerder	((den)[N],(e)[N|N.Vx],(scheer)[V],(der)[N|NxV.])[N]
dennenschot	((den)[N],(e)[N|N.N],(schot)[N])[N]
dennentak	((den)[N],(e)[N|N.N],(tak)[N])[N]
dennenwoud	(((den)[N],(en)[A|N.])[A],(woud)[N])[N]
dennenzaad	((den)[N],(e)[N|N.N],(zaad)[N])[N]
denominatief	((denominatie)[N],(ief)[A|N.])[A]
dentiste	((dentist)[N],(e)[N|N.])[N]
denuclearisatie	((denucleariseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
denudatie	((denudeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
denunciatie	((denuncieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
deodoriseren	((de)[V|.V],(odoriseer)[V])[V]
departementaal	((departement)[N],(aal)[A|N.])[A]
departementsambtenaar	((departement)[N],(s)[N|N.N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
departementshoofd	((departement)[N],(s)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
depersonalisatie	((de)[N|.N],(personalisatie)[N])[N]
depersonalisatietoestand	(((de)[N|.N],(personalisatie)[N])[N],(toestand)[N])[N]
depersonalisatieverschijnsel	(((de)[N|.N],(personalisatie)[N])[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
depolarisator	(((de)[V|.V],((polair)[A],(iseer)[V|A.])[V])[V],(ator)[N|V.])[N]
depolariseren	((de)[V|.V],((polair)[A],(iseer)[V|A.])[V])[V]
deponent	((deponeer)[V],(ent)[N|V.])[N]
deponering	((deponeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
deportatie	((deporteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
depositobank	((deposito)[N],(bank)[N])[N]
depositogeld	((deposito)[N],(geld)[N])[N]
depositorekening	((deposito)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
depotfractiebewijs	((depot)[N],(fractie)[N],(bewijs)[N])[N]
depothandel	((depot)[N],(handel)[N])[N]
depothouder	((depot)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
depothoudster	((depot)[N],(houd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
deppen	(dep)[V]
depreciatie	((deprecieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
depressief	((depressie)[N],(ief)[A|N.])[A]
depressiegebied	((depressie)[N],(gebied)[N])[N]
depressietoestand	((depressie)[N],(toestand)[N])[N]
depressiviteit	(((depressie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
deprivatiseren	((de)[V|.V],((privaat)[A],(iseer)[V|A.])[V])[V]
deprogrammeren	((de)[V|.V],((program)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
deputaat	((deputeer)[V],(aat)[N|V.])[N]
deputatenvergadering	(((deputeer)[V],(aat)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
deputatie	((deputeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
derailleerbalk	((derailleer)[V],(balk)[N])[N]
derailleerspoor	((derailleer)[V],(spoor)[N])[N]
derailleerwissel	((derailleer)[V],(wissel)[N])[N]
deraillement	((derailleer)[V],(ement)[N|V.])[N]
derailleur	((derailleer)[V],(eur)[N|V.])[N]
derbyschoen	((derby)[N],(schoen)[N])[N]
derdedeel	(((drie)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(deel)[N])[N]
derdegraads	((derde)[A],(graad)[N],(s)[A|AN.])[A]
derdegraadsverbranding	(((drie)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(graad)[N],(s)[N|QN.N],(((ver)[V|.V],(brand)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
derdegraadsverhoor	(((drie)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(graad)[N],(s)[N|QN.N],(verhoor)[N])[N]
derdehands	(((drie)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(hand)[N],(s)[A|QN.])[A]
derdejaars	(((drie)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(jaar)[N],(s)[N|QN.])[N]
derdeklasreiziger	(((drie)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(klas)[N],(reiziger)[N])[N]
derdeklassenreiziger	(((drie)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(klasse)[N],(reiziger)[N])[N]
derdemacht	(((drie)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(macht)[N])[N]
derdemachtsvergelijking	((((drie)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(macht)[N])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
derdemachtswortel	((((drie)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(macht)[N])[N],(s)[N|N.N],(wortel)[N])[N]
derdendaags	(((drie)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(en)[A|Q.Nx],(dag)[N],(s)[A|QxN.])[A]
derdeordeling	(((drie)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(orde)[N],(ling)[N|QN.])[N]
derderangs	(((drie)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(rang)[N],(s)[A|QN.])[A]
derdewereld	(((drie)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(wereld)[N])[N]
dereguleren	((de)[V|.V],((regel)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
deregulering	(((de)[V|.V],((regel)[N],(eer)[V|N.])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
dereguleringsbeleid	((((de)[V|.V],((regel)[N],(eer)[V|N.])[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
deren	(deer)[V]
derivatie	((derivaat)[N],(ie)[N|N.])[N]
derivatief	(((derivaat)[N],(ie)[N|N.])[N],(ief)[A|N.])[A]
dermatologie	((dermatologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
dertien	((drie)[Q],(tien)[Q])[Q]
dertienavond	(((drie)[Q],(tien)[Q])[Q],(avond)[N])[N]
dertienduizend	(((drie)[Q],(tien)[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q]
dertienhonderd	(((drie)[Q],(tien)[Q])[Q],(honderd)[Q])[Q]
dertiental	(((drie)[Q],(tien)[Q])[Q],(tal)[N])[N]
dertig	((drie)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q]
dertigduizend	(((drie)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(duizend)[Q])[Q]
dertiger	(((drie)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(er)[N|Q.])[N]
dertigjarig	(((drie)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
dertigtal	(((drie)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(tal)[N])[N]
derven	(derf)[V]
derving	((derf)[V],(ing)[N|V.])[N]
des	(des)[N]
des-dochter	((des)[N],(dochter)[N])[N]
desaangaande	((des)[B],(aangaande)[V])[A]
desacraliseren	((de)[V|.Ax],(sacraal)[A],(iseer)[V|xA.])[V]
desagreatie	((des)[N|.N],(agreatie)[N])[N]
desahoofd	((desa)[N],(hoofd)[N])[N]
desbetreffend	((des)[B],((be)[V|.V],(tref)[V])[V],(end)[A|BV.])[A]
desbewust	((des)[B],(bewust)[A])[A]
descendentie	((descendent)[N],(ie)[N|N.])[N]
descriptief	((descriptie)[N],(ief)[A|N.])[A]
desegregatie	((de)[N|.N],((segregeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
desem	(desem)[N]
desemen	(desem)[V]
desensibilisatie	(((de)[V|.V],(sensibiliseer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
desensibiliseren	((de)[V|.V],(sensibiliseer)[V])[V]
deserteur	((deserteer)[V],(eur)[N|V.])[N]
desgelijks	((des)[B],(gelijk)[A],(s)[B|BA.])[B]
desgevallend	((des)[B],(gevallend)[V])[A]
desgevraagd	((des)[B],(gevraagd)[V])[A]
desgewenst	((des)[B],(gewenst)[V])[A]
designatie	((designeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
desillusie	((des)[N|.N],(illusie)[N])[N]
desinfecteermiddel	((desinfecteer)[V],(middel)[N])[N]
desintegratie	(((des)[V|.V],(integreer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
desintegratieproces	((((des)[V|.V],(integreer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
desintegratieverschijnsel	((((des)[V|.V],(integreer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
desintegreren	((des)[V|.V],(integreer)[V])[V]
desinteresse	((des)[N|.N],(interesse)[N])[N]
desk	(desk)[N]
deskresearch	((desk)[N],(research)[N])[N]
deskundig	((des)[B],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
deskundigheid	(((des)[B],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
deskundigheidsbevordering	((((des)[B],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(vorder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
deskundologie	((deskundoloog)[N],(ie)[N|N.])[N]
desobstructie	((des)[N|.N],(obstructie)[N])[N]
desolaatheid	((desolaat)[A],(heid)[N|A.])[N]
desorganisatie	(((des)[V|.V],((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
desorganiseren	((des)[V|.V],((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V]
desoriëntatie	(((des)[V|.V],((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
desoriënteren	((des)[V|.V],((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
despotisch	((despoot)[N],(isch)[A|N.])[A]
dessertbord	((dessert)[N],(bord)[N])[N]
dessertlepel	((dessert)[N],(lepel)[N])[N]
dessertmes	((dessert)[N],(mes)[N])[N]
dessertwijn	((dessert)[N],(wijn)[N])[N]
dessineren	((dessin)[N],(eer)[V|N.])[V]
destabiliseren	((de)[V|.V],((stabiel)[A],(iseer)[V|A.])[V])[V]
destalinisatie	((destaliniseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
destillaat	((destilleer)[V],(aat)[N|V.])[N]
destillateur	((destilleer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
destillatie	((destilleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
destilleerder	((destilleer)[V],(der)[N|V.])[N]
destilleerderij	((destilleer)[V],(derij)[N|V.])[N]
destilleerketel	((destilleer)[V],(ketel)[N])[N]
destilleerkolf	((destilleer)[V],(kolf)[N])[N]
destinatie	((destineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
destructiedrift	((destructie)[N],(drift)[N])[N]
destructief	((destructie)[N],(ief)[A|N.])[A]
desverkiezend	((des)[B],((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(end)[A|BV.])[A]
desverkiezende	((des)[B],(verkiezende)[V])[A]
detachement	((detacheer)[V],(ement)[N|V.])[N]
detachering	((detacheer)[V],(ing)[N|V.])[N]
detacheur	((detacheer)[V],(eur)[N|V.])[N]
detail	(detail)[N]
detailfoto	((detail)[N],(foto)[N])[N]
detailhandel	((detail)[N],(handel)[N])[N]
detailhandelaar	((detail)[N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
detailhandelsbranche	(((detail)[N],(handel)[N])[N],(s)[N|N.N],(branche)[N])[N]
detailhandelsprijs	(((detail)[N],(handel)[N])[N],(s)[N|N.N],(prijs)[N])[N]
detailhandelsvestiging	(((detail)[N],(handel)[N])[N],(s)[N|N.N],((vestig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
detailinformatie	((detail)[N],((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
detailkritiek	((detail)[N],((kritisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
detailkwestie	((detail)[N],(kwestie)[N])[N]
detailleren	((detail)[N],(eer)[V|N.])[V]
detaillering	(((detail)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
detaillist	((detail)[N],(ist)[N|N.])[N]
detailonderzoek	((detail)[N],(onderzoek)[N])[N]
detailopname	((detail)[N],(opname)[N])[N]
detailprijs	((detail)[N],(prijs)[N])[N]
detailprobleem	((detail)[N],(probleem)[N])[N]
detailstudie	((detail)[N],(studie)[N])[N]
detailtekening	((detail)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
detailzaak	((detail)[N],(zaak)[N])[N]
detectieapparatuur	((detectie)[N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
detectivebureau	((detective)[N],(bureau)[N])[N]
detectiveroman	((detective)[N],(roman)[N])[N]
detectiveverhaal	((detective)[N],(verhaal)[N])[N]
detectorvliegtuig	((detector)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
determinant	((determineer)[V],(ant)[N|V.])[N]
determinatie	((determineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
determinatief	(((determineer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
determineerklas	((determineer)[V],(klas)[N])[N]
determineerklasse	((determineer)[V],(klasse)[N])[N]
detonatie	((detoneer)[V],(atie)[N|V.])[N]
detonator	((detoneer)[V],(ator)[N|V.])[N]
deuce	(deuce)[N]
deugdelijk	((deugd)[N],(elijk)[A|N.])[A]
deugdelijkheid	(((deugd)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
deugdrijk	((deugd)[N],(rijk)[A])[A]
deugdzaam	((deugd)[N],(zaam)[A|N.])[A]
deugdzaamheid	(((deugd)[N],(zaam)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
deugen	(deug)[V]
deugniet	((deug)[V],(niet)[B])[N]
deugnietenstreek	(((deug)[V],(niet)[B])[N],(en)[N|N.N],(streek)[N])[N]
deugnieterij	(((deug)[V],(niet)[B])[N],(erij)[N|N.])[N]
deuk	(deuk)[N]
deuken	(deuk)[V]
deukhoed	((deuk)[V],(hoed)[N])[N]
deun	(deun)[N]
deunen	(deun)[V]
deur	(deur)[N]
deurbel	((deur)[N],(bel)[N])[N]
deurbeslag	((deur)[N],(beslag)[N])[N]
deurbuffer	((deur)[N],(buffer)[N])[N]
deurcontact	((deur)[N],(contact)[N])[N]
deurdranger	((deur)[N],(dranger)[N])[N]
deurgat	((deur)[N],(gat)[N])[N]
deurketting	((deur)[N],(ketting)[N])[N]
deurklink	((deur)[N],(klink)[N])[N]
deurklopper	((deur)[N],((klop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
deurknop	((deur)[N],(knop)[N])[N]
deurkruk	((deur)[N],(kruk)[N])[N]
deurmat	((deur)[N],(mat)[N])[N]
deuropener	((deur)[N],((open)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
deuropening	((deur)[N],((open)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
deurpaneel	((deur)[N],(paneel)[N])[N]
deurpost	((deur)[N],(post)[N])[N]
deurraam	((deur)[N],(raam)[N])[N]
deurruimte	((deur)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
deurspion	((deur)[N],(spion)[N])[N]
deurstijl	((deur)[N],(stijl)[N])[N]
deurtelefoon	((deur)[N],(telefoon)[N])[N]
deurveer	((deur)[N],(veer)[N])[N]
deurvenster	((deur)[N],(venster)[N])[N]
deurvleugel	((deur)[N],(vleugel)[N])[N]
deurwaardersexploot	((deurwaarder)[N],(s)[N|N.N],(exploot)[N])[N]
devaluatie	((devalueer)[V],(atie)[N|V.])[N]
deviatie	((devieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
deviationisme	(((devieer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ionisme)[N|N.])[N]
deviezenhandel	((devies)[N],(en)[N|N.N],(handel)[N])[N]
deviezenspeculatie	((devies)[N],(en)[N|N.Vx],(speculeer)[V],(atie)[N|NxV.])[N]
devotie	((devoot)[A],(ie)[N|A.])[N]
devotioneel	(((devoot)[A],(ie)[N|A.])[N],(ioneel)[A|N.])[A]
dezerzijds	((dezer)[O],(zijde)[N],(s)[A|ON.])[A]
deëscalatie	((de)[N|.N],((escaleer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
deïstisch	((deïst)[N],(isch)[A|N.])[A]
dia	(dia)[N]
dia-avond	((dia)[N],(avond)[N])[N]
diabetespatiënt	((diabetes)[N],(patiënt)[N])[N]
diabolospel	((diabolo)[N],(spel)[N])[N]
diacassette	((dia)[N],(cassette)[N])[N]
diachronie	(((dia)[A|.A],(chronisch)[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
diachronisch	((dia)[A|.A],(chronisch)[A])[A]
diaconessenhuis	((diacones)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
diaconiehuis	((diaconie)[N],(huis)[N])[N]
diafragmagetal	((diafragma)[N],(getal)[N])[N]
diagenese	((dia)[N|.N],(genese)[N])[N]
diagnose-instrument	((diagnose)[N],(instrument)[N])[N]
diagnoseprogramma	((diagnose)[N],(programma)[N])[N]
diagnostiek	(((dia)[A|.A],(gnostisch)[A])[A],(iek)[N|A.])[N]
diagnostisch	((dia)[A|.A],(gnostisch)[A])[A]
diagonaalband	((diagonaal)[A],(band)[N])[N]
diagonaalvlak	((diagonaal)[A],(vlak)[N])[N]
diaken	(diaken)[N]
diakenhuis	((diaken)[N],(huis)[N])[N]
diakenhuismannetje	(((diaken)[N],(huis)[N])[N],(man)[N])[N]
dialectatlas	((dialect)[N],(atlas)[N])[N]
dialectgeografie	((dialect)[N],((geografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
dialectiek	(((dialect)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
dialectisch	((dialect)[N],(isch)[A|N.])[A]
dialectkaart	((dialect)[N],(kaart)[N])[N]
dialectonderzoek	((dialect)[N],(onderzoek)[N])[N]
dialectspreker	((dialect)[N],((spreek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
dialectstudie	((dialect)[N],(studie)[N])[N]
dialectwoordenboek	((dialect)[N],((woord)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N])[N]
dialogisch	((dialoog)[N],(isch)[A|N.])[A]
dialogiseren	((dialoog)[N],(iseer)[V|N.])[V]
dialysator	(((dialyse)[N],(eer)[V|N.])[V],(ator)[N|V.])[N]
dialyseren	((dialyse)[N],(eer)[V|N.])[V]
diamagnetisme	((dia)[N|.N],(magnetisme)[N])[N]
diamant	(diamant)[N]
diamantbewerker	((diamant)[N],((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
diamantboor	((diamant)[N],(boor)[N])[N]
diamanten	((diamant)[N],(en)[A|N.])[A]
diamantkloven	((diamant)[N],(kloof)[V])[V]
diamantklover	(((diamant)[N],(kloof)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
diamantmijn	((diamant)[N],(mijn)[N])[N]
diamantnaald	((diamant)[N],(naald)[N])[N]
diamantslijpen	((diamant)[N],(slijp)[V])[V]
diamantslijper	(((diamant)[N],(slijp)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
diamantslijperij	(((diamant)[N],(slijp)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
diamantsnijder	((diamant)[N],(snijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
diamantwerker	((diamant)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
diamantzetten	((diamant)[N],(zet)[V])[V]
diameter	((dia)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
diametraal	(((dia)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(aal)[A|N.])[A]
diapauze	((dia)[N|.N],(pauze)[N])[N]
diapositief	((dia)[N],(positief)[N])[N]
diapresentatie	((dia)[N],(presenteer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
diaprojector	((dia)[N],(projector)[N])[N]
diaraampje	((dia)[N],(raam)[N])[N]
diareeks	((dia)[N],(reeks)[N])[N]
diarree	(diarree)[N]
diascopie	((diascoop)[N],(ie)[N|N.])[N]
diaserie	((dia)[N],(serie)[N])[N]
diaspore	((dia)[N|.N],(spore)[N])[N]
diastolisch	((diastole)[N],(isch)[A|N.])[A]
diathese	((dia)[N|.N],(these)[N])[N]
diatonisch	((dia)[A|.A],((tonus)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
diaviewer	((dia)[N],(viewer)[N])[N]
dicht	(dicht)[N]
dichtader	((dicht)[V],(ader)[N])[N]
dichtbegroeid	((dicht)[A],(begroeid)[A])[A]
dichtbevolkt	((dicht)[A],(bevolkt)[A])[A]
dichtbezet	((dicht)[A],(bezet)[A])[A]
dichtbinden	((dicht)[A],(bind)[V])[V]
dichtbundel	((dicht)[N],(bundel)[N])[N]
dichtdoen	((dicht)[A],(doe)[V])[V]
dichtdraaien	((dicht)[A],(draai)[V])[V]
dichten	(dicht)[V]
dichter	((dicht)[V],(er)[N|V.])[N]
dichteres	(((dicht)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
dichterlijk	(((dicht)[V],(er)[N|V.])[N],(lijk)[A|N.])[A]
dichterlijkheid	((((dicht)[V],(er)[N|V.])[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
dichtersavond	(((dicht)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(avond)[N])[N]
dichterschap	(((dicht)[V],(er)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
dichterschool	(((dicht)[V],(er)[N|V.])[N],(school)[N])[N]
dichterziel	(((dicht)[V],(er)[N|V.])[N],(ziel)[N])[N]
dichtgaan	((dicht)[A],(ga)[V])[V]
dichtgenootschap	((dicht)[V],((genoot)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
dichtgooien	((dicht)[A],(gooi)[V])[V]
dichtgroeien	((dicht)[A],(groei)[V])[V]
dichtheid	((dicht)[A],(heid)[N|A.])[N]
dichtheidsgraad	(((dicht)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(graad)[N])[N]
dichting	((dicht)[V],(ing)[N|V.])[N]
dichtklappen	((dicht)[A],(klap)[V])[V]
dichtknijpen	((dicht)[A],(knijp)[V])[V]
dichtknopen	((dicht)[A],(knoop)[V])[V]
dichtkunst	((dicht)[V],(kunst)[N])[N]
dichtlakken	((dicht)[A],(lak)[V])[V]
dichtlievend	((dicht)[N],(lievend)[V])[A]
dichtlopen	((dicht)[A],(loop)[V])[V]
dichtmaat	((dicht)[N],(maat)[N])[N]
dichtmaken	((dicht)[A],(maak)[V])[V]
dichtnaaien	((dicht)[A],(naai)[V])[V]
dichtplakken	((dicht)[A],(plak)[V])[V]
dichtregel	((dicht)[N],(regel)[N])[N]
dichtschroeien	((dicht)[A],(schroei)[V])[V]
dichtschroeven	((dicht)[A],(schroef)[V])[V]
dichtschuiven	((dicht)[A],(schuif)[V])[V]
dichtslaan	((dicht)[A],(sla)[V])[V]
dichtslibben	((dicht)[A],(slib)[V])[V]
dichtsluiten	((dicht)[A],(sluit)[V])[V]
dichtsoort	((dicht)[N],(soort)[N])[N]
dichtspijkeren	((dicht)[A],(spijker)[V])[V]
dichtspringen	((dicht)[A],(spring)[V])[V]
dichtstbijzijnd	((dichtstbij)[A],(zijnd)[V])[A]
dichtstijl	((dicht)[V],(stijl)[N])[N]
dichtstoppen	((dicht)[A],(stop)[V])[V]
dichtstrijken	((dicht)[A],(strijk)[V])[V]
dichtstuk	((dicht)[N],(stuk)[N])[N]
dichttimmeren	((dicht)[A],(timmer)[V])[V]
dichttrant	((dicht)[N],(trant)[N])[N]
dichttrekken	((dicht)[A],(trek)[V])[V]
dichtvallen	((dicht)[A],(val)[V])[V]
dichtvorm	((dicht)[V],(vorm)[N])[N]
dichtvriezen	((dicht)[A],(vries)[V])[V]
dichtwerk	((dicht)[V],(werk)[N])[N]
dichtzitten	((dicht)[A],(zit)[V])[V]
dictaat	((dicteer)[V],(aat)[N|V.])[N]
dictaatcahier	(((dicteer)[V],(aat)[N|V.])[N],(cahier)[N])[N]
dictaatschrift	(((dicteer)[V],(aat)[N|V.])[N],(schrift)[N])[N]
dictafonist	((dictafoon)[N],(ist)[N|N.])[N]
dictator	((dicteer)[V],(ator)[N|V.])[N]
dictatoriaal	(((dicteer)[V],(ator)[N|V.])[N],(iaal)[A|N.])[A]
dictatorisch	(((dicteer)[V],(ator)[N|V.])[N],(isch)[A|N.])[A]
dictatorschap	(((dicteer)[V],(ator)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
dictatuur	((dicteer)[V],(atuur)[N|V.])[N]
dicteerapparaat	((dicteer)[V],(apparaat)[N])[N]
dicteersnelheid	((dicteer)[V],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
didactiek	((didactisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
dieetadvies	((dieet)[N],(advies)[N])[N]
dieetbehandeling	((dieet)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dieetcursus	((dieet)[N],(cursus)[N])[N]
dieetkeuken	((dieet)[N],(keuken)[N])[N]
dieetkok	((dieet)[N],(kok)[N])[N]
dieetmaaltijd	((dieet)[N],((maal)[N],(tijd)[N])[N])[N]
dieetpatiënt	((dieet)[N],(patiënt)[N])[N]
dieettherapie	((dieet)[N],(therapie)[N])[N]
dieetvoedsel	((dieet)[N],((voed)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
dieetvoorschrift	((dieet)[N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
dief	(dief)[N]
diefachtig	((dief)[N],(achtig)[A|N.])[A]
diefachtigheid	(((dief)[N],(achtig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
diefjesmaat	((diefje)[N],(s)[N|N.N],(maat)[N])[N]
diemiten	((diemit)[N],(en)[A|N.])[A]
dienaar	((dien)[V],(aar)[N|V.])[N]
dienares	(((dien)[V],(aar)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
dienaresse	(((dien)[V],(aar)[N|V.])[N],(esse)[N|N.])[N]
dienbak	((dien)[V],(bak)[N])[N]
dienblad	((dien)[V],(blad)[N])[N]
diender	((dien)[V],(der)[N|V.])[N]
dienen	(dien)[V]
dienluik	((dien)[V],(luik)[N])[N]
dienovereenkomstig	((dien)[V],((((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
dienschort	((dien)[V],(schort)[N])[N]
dienst	((dien)[V],(st)[N|V.])[N]
dienstaangelegenheid	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],((aangelegen)[V],(heid)[N|V.])[N])[N]
dienstaanvaarding	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(aanvaard)[V],(ing)[N|NV.])[N]
dienstaanwijzing	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(((aan)[P],(wijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dienstauto	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(auto)[N])[N]
dienstbaarheid	((dienstbaar)[A],(heid)[N|A.])[N]
dienstbaarmaking	((dienstbaar)[A],(maak)[V],(ing)[N|AV.])[N]
dienstbericht	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(bericht)[N])[N]
dienstbetoon	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(betoon)[N])[N]
dienstbetrekking	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],((be)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
dienstbevel	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(bevel)[N])[N]
dienstbode	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(bode)[N])[N]
dienstbodekamer	((((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(bode)[N])[N],(en)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
dienstbodevraagstuk	((((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(bode)[N])[N],(en)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
dienstboek	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(boek)[N])[N]
dienstbrief	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(brief)[N])[N]
dienstchef	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(chef)[N])[N]
dienstcommissie	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
dienstcontract	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(contract)[N])[N]
dienstdoend	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(doend)[V])[A]
dienstdoener	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(doen)[N],(er)[N|NN.])[N]
dienstenaanbod	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(aanbod)[N])[N]
dienstenbond	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(bond)[N])[N]
dienstencentrum	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
dienstenpakket	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
dienstensector	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(sector)[N])[N]
dienstenvelop	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(envelop)[N])[N]
dienstenverkeer	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(verkeer)[N])[N]
dienster	((dien)[V],(ster)[N|V.])[N]
dienstfiets	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(fiets)[N])[N]
dienstgebouw	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
dienstgeheim	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(geheim)[N])[N]
dienstgesprek	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(gesprek)[N])[N]
diensthond	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(hond)[N])[N]
diensthoofd	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(hoofd)[N])[N]
dienstig	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A]
dienstijver	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(ijver)[N])[N]
dienstingang	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(ingang)[N])[N]
dienstinstructie	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(instructie)[N])[N]
dienstjaar	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(jaar)[N])[N]
dienstkaart	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(kaart)[N])[N]
dienstklopper	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(klop)[V],(er)[N|NV.])[N]
dienstknecht	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(knecht)[N])[N]
dienstkring	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(kring)[N])[N]
dienstlijn	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(lijn)[N])[N]
dienstlokaal	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(lokaal)[N])[N]
dienstmaagd	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(maagd)[N])[N]
dienstmededeling	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(((mede)[B],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dienstmeid	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(meid)[N])[N]
dienstmeisje	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(meisje)[N])[N]
dienstmerk	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(merk)[N])[N]
dienstorder	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(order)[N])[N]
dienstperiode	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(periode)[N])[N]
dienstpersoneel	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(personeel)[N])[N]
dienstpistool	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(pistool)[N])[N]
dienstplicht	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(plicht)[N])[N]
dienstplichtig	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(plicht)[N],(ig)[A|NN.])[A]
dienstregeling	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dienstreglement	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(reglement)[N])[N]
dienstreis	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(reis)[N])[N]
dienstrevolver	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(revolver)[N])[N]
dienstrijwiel	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],((rijd)[V],(wiel)[N])[N])[N]
dienstrooster	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(rooster)[N])[N]
dienstschoen	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(schoen)[N])[N]
dienststempel	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(stempel)[N])[N]
dienststuk	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(stuk)[N])[N]
diensttelefoon	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(telefoon)[N])[N]
diensttijd	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(tijd)[N])[N]
dienstuitgang	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],((uit)[P],(gang)[N])[N])[N]
dienstuitoefening	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(((uit)[P],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dienstvaardig	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(vaardig)[A])[A]
dienstvaardigheid	((((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(vaardig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
dienstverband	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(verband)[N])[N]
dienstverlenend	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
dienstverlener	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
dienstverlening	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
dienstverleningsaanbod	((((dien)[V],(st)[N|V.])[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(aanbod)[N])[N]
dienstverleningsorganisatie	((((dien)[V],(st)[N|V.])[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
dienstverleningssector	((((dien)[V],(st)[N|V.])[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(sector)[N])[N]
dienstverrichting	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(verricht)[V],(ing)[N|NV.])[N]
dienstvolk	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(volk)[N])[N]
dienstvoorschrift	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
dienstweigeraar	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(weiger)[V],(aar)[N|NV.])[N]
dienstweigering	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],((weiger)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dienstwillig	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(wil)[N],(ig)[A|NN.])[A]
dienstwilligheid	((((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(wil)[N],(ig)[A|NN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
dienstwoning	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dienstzaak	(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(zaak)[N])[N]
dientafeltje	((dien)[V],(tafel)[N])[N]
diep	(diep)[N]
diepbedroefd	((diep)[A],(bedroefd)[A])[A]
diepblauw	((diep)[A],(blauw)[A])[A]
diepboring	((diep)[A],((boor)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
diepdenkend	((diep)[A],(denk)[V],(end)[A|AV.])[A]
diepdoordacht	((diep)[A],(doordacht)[A])[A]
diepen	(diep)[V]
dieperik	((diep)[A],(erik)[N|A.])[N]
diepgaan	((diep)[A],(ga)[V])[V]
diepgang	((diep)[A],(gang)[N])[N]
diepgangsmerk	(((diep)[A],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(merk)[N])[N]
diepgeworteld	((diep)[A],(geworteld)[A])[A]
diepgezonken	((diep)[A],(gezonken)[A])[A]
diepgravend	((diep)[A],(graaf)[V],(end)[A|AV.])[A]
dieping	((diep)[V],(ing)[N|V.])[N]
dieplader	((diep)[A],(laad)[V],(er)[N|AV.])[N]
diepliggend	((diep)[A],(lig)[V],(end)[A|AV.])[A]
diepspoeler	((diep)[A],(spoel)[V],(er)[N|AV.])[N]
diepstraler	((diep)[A],(straal)[V],(er)[N|AV.])[N]
diepte	((diep)[A],(te)[N|A.])[N]
diepte-interview	(((diep)[A],(te)[N|A.])[N],(interview)[N])[N]
diepte-investering	(((diep)[A],(te)[N|A.])[N],((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dieptebaan	(((diep)[A],(te)[N|A.])[N],(baan)[N])[N]
dieptebom	(((diep)[A],(te)[N|A.])[N],(bom)[N])[N]
dieptecijfer	(((diep)[A],(te)[N|A.])[N],(cijfer)[N])[N]
dieptedruk	(((diep)[A],(te)[N|A.])[N],(druk)[N])[N]
dieptekracht	(((diep)[A],(te)[N|A.])[N],(kracht)[N])[N]
dieptelijn	(((diep)[A],(te)[N|A.])[N],(lijn)[N])[N]
dieptemeter	(((diep)[A],(te)[N|A.])[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
diepteonderzoek	(((diep)[A],(te)[N|A.])[N],(onderzoek)[N])[N]
dieptepass	(((diep)[A],(te)[N|A.])[N],(pass)[N])[N]
dieptepsychologie	(((diep)[A],(te)[N|A.])[N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
dieptepsychologisch	(((diep)[A],(te)[N|A.])[N],(psychologisch)[A])[A]
dieptepsycholoog	(((diep)[A],(te)[N|A.])[N],(psycholoog)[N])[N]
dieptepunt	(((diep)[A],(te)[N|A.])[N],(punt)[N])[N]
dieptestroom	(((diep)[A],(te)[N|A.])[N],(stroom)[N])[N]
dieptestructuur	(((diep)[A],(te)[N|A.])[N],(structuur)[N])[N]
dieptewerking	(((diep)[A],(te)[N|A.])[N],((werk)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
diepvriesafdeling	((diepvries)[N],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
diepvriesbaby	(((diep)[A],(vries)[V])[V],(baby)[N])[N]
diepvriescel	(((diep)[A],(vries)[V])[V],(cel)[N])[N]
diepvriesgroente	(((diep)[A],(vries)[V])[V],((groen)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
diepvriesinstallatie	(((diep)[A],(vries)[V])[V],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
diepvrieskast	(((diep)[A],(vries)[V])[V],(kast)[N])[N]
diepvrieskist	(((diep)[A],(vries)[V])[V],(kist)[N])[N]
diepvriesmaaltijd	(((diep)[A],(vries)[V])[V],((maal)[N],(tijd)[N])[N])[N]
diepvriesproduct	(((diep)[A],(vries)[V])[V],(product)[N])[N]
diepvriesvak	(((diep)[A],(vries)[V])[V],(vak)[N])[N]
diepvriezen	((diep)[A],(vries)[V])[V]
diepvriezer	(((diep)[A],(vries)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
diepzee	((diep)[A],(zee)[N])[N]
diepzee-expeditie	(((diep)[A],(zee)[N])[N],((expedieer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
diepzeeduiker	(((diep)[A],(zee)[N])[N],((duik)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
diepzeeonderzoek	(((diep)[A],(zee)[N])[N],(onderzoek)[N])[N]
diepzinnig	((diep)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A]
diepzinnigheid	(((diep)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
dier	(dier)[N]
dierbaarheid	((dierbaar)[A],(heid)[N|A.])[N]
dierenambulance	((dier)[N],(en)[N|N.N],((ambulant)[A],(nce)[N|A.])[N])[N]
dierenarts	((dier)[N],(en)[N|N.N],(arts)[N])[N]
dierenasiel	((dier)[N],(en)[N|N.N],(asiel)[N])[N]
dierenbeschermer	((dier)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(er)[N|NxV.])[N]
dierenbescherming	((dier)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
dierenbeschermster	((dier)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ster)[N|NxV.])[N]
dierenbeul	((dier)[N],(en)[N|N.N],(beul)[N])[N]
dierenboerderij	((dier)[N],(en)[N|N.N],((boer)[V],(derij)[N|V.])[N])[N]
dierendag	((dier)[N],(en)[N|N.N],(dag)[N])[N]
dierenepos	((dier)[N],(en)[N|N.N],(epos)[N])[N]
dierenfabel	((dier)[N],(en)[N|N.N],(fabel)[N])[N]
dierenfiguur	((dier)[N],(en)[N|N.N],(figuur)[N])[N]
dierengedrag	((dier)[N],(en)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
dierengeluid	((dier)[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
dierengeografie	((dier)[N],(en)[N|N.N],((geografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
dierengevecht	((dier)[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N])[N]
dierenhuid	((dier)[N],(en)[N|N.N],(huid)[N])[N]
dierenkerkhof	((dier)[N],(en)[N|N.N],((kerk)[N],(hof)[N])[N])[N]
dierenkliniek	((dier)[N],(en)[N|N.N],((klinisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
dierenliefde	((dier)[N],(en)[N|N.N],(liefde)[N])[N]
dierenliefhebber	((dier)[N],(en)[N|N.Vx],((lief)[A],(heb)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
dierenliefhebster	((dier)[N],(en)[N|N.N],(((lief)[A],(heb)[V])[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
dierenmaatschappij	((dier)[N],(en)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
dierenmishandeling	((dier)[N],(en)[N|N.N],(((mis)[A],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dierennummer	((dier)[N],(en)[N|N.N],(nummer)[N])[N]
dierenoffer	((dier)[N],(en)[N|N.N],(offer)[N])[N]
dierenpark	((dier)[N],(en)[N|N.N],(park)[N])[N]
dierenriem	((dier)[N],(en)[N|N.N],(riem)[N])[N]
dierenrijk	((dier)[N],(en)[N|N.N],(rijk)[N])[N]
dierensage	((dier)[N],(en)[N|N.N],(sage)[N])[N]
dierenspeciaalzaak	((dier)[N],(en)[N|N.N],((speciaal)[A],(zaak)[N])[N])[N]
dierensymboliek	((dier)[N],(en)[N|N.N],(((symbool)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
dierentaal	((dier)[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
dierentemmer	((dier)[N],(en)[N|N.Vx],(tem)[V],(er)[N|NxV.])[N]
dierentemster	((dier)[N],(en)[N|N.Vx],(tem)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
dierentuin	((dier)[N],(en)[N|N.N],(tuin)[N])[N]
dierentuindirecteur	(((dier)[N],(en)[N|N.N],(tuin)[N])[N],(directeur)[N])[N]
dierenvel	((dier)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
dierenvoedsel	((dier)[N],(en)[N|N.N],((voed)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
dierenvriend	((dier)[N],(en)[N|N.N],(vriend)[N])[N]
dierenwereld	((dier)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
dierenwinkel	((dier)[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
dierenziekte	((dier)[N],(en)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
dierexperiment	((dier)[N],(experiment)[N])[N]
diergaarde	((dier)[N],(gaarde)[N])[N]
diergeneeskunde	((dier)[N],((genees)[V],(kunde)[N])[N])[N]
dierkunde	((dier)[N],(kunde)[N])[N]
dierkundeles	(((dier)[N],(kunde)[N])[N],(les)[N])[N]
dierkundig	(((dier)[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
dierlijkheid	(((dier)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
diersoort	((dier)[N],(soort)[N])[N]
dierverzorger	((dier)[N],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
dierverzorgster	((dier)[A],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ster)[N|AV.])[N]
diesel	(diesel)[N]
dieselelektrisch	((diesel)[N],(elektrisch)[A])[A]
dieselen	(diesel)[V]
diesellocomotief	((diesel)[N],(locomotief)[N])[N]
dieselmotor	((diesel)[N],(motor)[N])[N]
dieselolie	((diesel)[N],(olie)[N])[N]
dieseltrein	((diesel)[N],(trein)[N])[N]
diesfeest	((dies)[N],(feest)[N])[N]
diesrede	((dies)[N],(rede)[N])[N]
diesviering	((dies)[N],(vier)[V],(ing)[N|NV.])[N]
dievegge	((dief)[N],(egge)[N|N.])[N]
dieven	(dief)[V]
dievenbende	((dief)[N],(en)[N|N.N],(bende)[N])[N]
dievengezicht	((dief)[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
dievenhol	((dief)[N],(en)[N|N.N],(hol)[N])[N]
dievenjacht	((dief)[N],(en)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
dievenklauw	((dief)[N],(en)[N|N.N],(klauw)[N])[N]
dievenlantaarn	((dief)[N],(en)[N|N.N],(lantaarn)[N])[N]
dievenlantaren	((dief)[N],(en)[N|N.N],(lantaren)[N])[N]
dievenpoeder	((dief)[N],(en)[N|N.N],(poeder)[N])[N]
dievenpoortje	((dief)[N],(en)[N|N.N],(poort)[N])[N]
dieventaal	((dief)[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
dieventronie	((dief)[N],(en)[N|N.N],(tronie)[N])[N]
dievenwagen	((dief)[N],(en)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
dievenweer	((dief)[N],(en)[N|N.N],(weer)[N])[N]
dieverij	((dief)[V],(erij)[N|V.])[N]
diffamatie	((diffameer)[V],(atie)[N|V.])[N]
diffamering	((diffameer)[V],(ing)[N|V.])[N]
differentiaal	(((different)[A],(ie)[N|A.])[N],(aal)[N|N.])[N]
differentiaalbeveiliging	((((different)[A],(ie)[N|A.])[N],(aal)[N|N.])[N],(((be)[V|.A],(veilig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
differentiaaldiagnose	((((different)[A],(ie)[N|A.])[N],(aal)[N|N.])[N],(diagnose)[N])[N]
differentiaalquotiënt	((((different)[A],(ie)[N|A.])[N],(aal)[N|N.])[N],(quotiënt)[N])[N]
differentiaalrekening	((((different)[A],(ie)[N|A.])[N],(aal)[N|N.])[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
differentiaaltarief	((differentiaal)[A],(tarief)[N])[N]
differentiaalthermometer	((differentiaal)[A],((thermo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
differentiaalvergelijking	((((different)[A],(ie)[N|A.])[N],(aal)[N|N.])[N],(((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
differentiatie	((differentieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
differentiatiemogelijkheid	(((differentieer)[V],(atie)[N|V.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
differentiatieproces	(((differentieer)[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
differentie	((different)[A],(ie)[N|A.])[N]
differentieel	(((different)[A],(ie)[N|A.])[N],(ieel)[N|N.])[N]
differentieelrekening	((((different)[A],(ie)[N|A.])[N],(ieel)[N|N.])[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
differentieelthermometer	((((different)[A],(ie)[N|A.])[N],(ieel)[A|N.])[A],((thermo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
differentieerbaar	((differentieer)[V],(baar)[A|V.])[A]
differentiëring	((differentieer)[V],(ing)[N|V.])[N]
differentiëringsproces	(((differentieer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
diffusie	((diffuus)[A],(ie)[N|A.])[N]
diffusionisme	(((diffuus)[A],(ie)[N|A.])[N],(ionisme)[N|N.])[N]
diffuusheid	((diffuus)[A],(heid)[N|A.])[N]
diftongeren	((diftong)[N],(eer)[V|N.])[V]
diftongering	(((diftong)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
digestief	((digestie)[N],(ief)[N|N.])[N]
digestiekoorts	((digestie)[N],(koorts)[N])[N]
digestievisite	((digestie)[N],(visite)[N])[N]
diggel	(diggel)[N]
digitaalhorloge	((digitaal)[A],(horloge)[N])[N]
digitaliseren	((digitaal)[A],(iseer)[V|A.])[V]
digitalisering	(((digitaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
dij	(dij)[N]
dijader	((dij)[N],(ader)[N])[N]
dijbeen	((dij)[N],(been)[N])[N]
dijbreuk	((dij)[N],(breuk)[N])[N]
dijen	(dij)[V]
dijenkletser	((dij)[N],(en)[N|N.Vx],(klets)[V],(er)[N|NxV.])[N]
dijer	((dij)[V],(er)[N|V.])[N]
dijk	(dijk)[N]
dijkage	((dijk)[V],(age)[N|V.])[N]
dijkarbeider	((dijk)[N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
dijkbeslag	((dijk)[N],(beslag)[N])[N]
dijkbestuur	((dijk)[N],(bestuur)[N])[N]
dijkbouw	((dijk)[N],(bouw)[N])[N]
dijkbreuk	((dijk)[N],(breuk)[N])[N]
dijkdoorbraak	((dijk)[N],(doorbraak)[N])[N]
dijken	(dijk)[V]
dijker	((dijk)[N],(er)[N|N.])[N]
dijketting	((dijk)[N],(et)[V],(ing)[N|NV.])[N]
dijkgraaf	((dijk)[N],(graaf)[N])[N]
dijkgraafschap	((dijk)[N],((graaf)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
dijkheemraad	((dijk)[N],((heem)[N],(raad)[N])[N])[N]
dijkheemraadschap	(((dijk)[N],((heem)[N],(raad)[N])[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
dijklasten	((dijk)[N],(last)[N])[N]
dijkleger	((dijk)[N],(leger)[N])[N]
dijklichaam	((dijk)[N],(lichaam)[N])[N]
dijkmeester	((dijk)[N],(meester)[N])[N]
dijkpaal	((dijk)[N],(paal)[N])[N]
dijkraad	((dijk)[N],(raad)[N])[N]
dijkrecht	((dijk)[N],(recht)[N])[N]
dijkrecreatie	((dijk)[N],(((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
dijksbestuur	((dijk)[N],(s)[N|N.N],(bestuur)[N])[N]
dijkschouw	((dijk)[N],(schouw)[N])[N]
dijkschouwing	((dijk)[N],((schouw)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dijkslag	((dijk)[N],(slag)[N])[N]
dijksloot	((dijk)[N],(s)[N|N.N],(loot)[N])[N]
dijkstaal	((dijk)[N],(staal)[N])[N]
dijkstoel	((dijk)[N],(stoel)[N])[N]
dijkvak	((dijk)[N],(vak)[N])[N]
dijkval	((dijk)[N],(val)[N])[N]
dijkwacht	((dijk)[N],(wacht)[N])[N]
dijkwezen	((dijk)[N],(wezen)[N])[N]
dijkzwaluw	((dijk)[N],(zwaluw)[N])[N]
dijlap	((dij)[N],(lap)[N])[N]
dijspier	((dij)[N],(spier)[N])[N]
dijstuk	((dij)[N],(stuk)[N])[N]
dik	(dik)[N]
dikachtig	((dik)[A],(achtig)[A|A.])[A]
dikbastig	((dik)[A],(bast)[N],(ig)[A|AN.])[A]
dikbenig	((dik)[A],(been)[N],(ig)[A|AN.])[A]
dikbil	((dik)[A],(bil)[N])[N]
dikbloedig	((dik)[A],(bloed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
dikbuik	((dik)[A],(buik)[N])[N]
dikbuikig	((dik)[A],(buik)[N],(ig)[A|AN.])[A]
dikdoener	((dik)[A],(doen)[N],(er)[N|AN.])[N]
dikdoenerig	((dik)[A],(doe)[V],(erig)[A|AV.])[A]
dikdoenerij	((dik)[A],(doen)[V],(erij)[N|AV.])[N]
dikheid	((dik)[A],(heid)[N|A.])[N]
dikhuid	((dik)[A],(huid)[N])[N]
dikhuidig	((dik)[A],(huid)[N],(ig)[A|AN.])[A]
dikken	(dik)[V]
dikkerd	((dik)[A],(erd)[N|A.])[N]
dikkop	((dik)[A],(kop)[N])[N]
dikoor	((dik)[A],(oor)[N])[N]
dikte	((dik)[A],(te)[N|A.])[N]
diktongig	((dik)[A],(tong)[N],(ig)[A|AN.])[A]
dikzak	((dik)[A],(zak)[N])[N]
dil	(dil)[N]
dilatatie	((dilateer)[V],(atie)[N|V.])[N]
dilatatievoeg	(((dilateer)[V],(atie)[N|V.])[N],(voeg)[N])[N]
dilettante	((dilettant)[N],(e)[N|N.])[N]
dilettantentoneel	((dilettant)[N],(en)[N|N.N],(toneel)[N])[N]
dilettanterig	((dilettant)[N],(erig)[A|N.])[A]
dilettantisch	((dilettant)[N],(isch)[A|N.])[A]
diligence	(diligence)[N]
diligentverklaring	((diligent)[A],(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
diluviaal	((Diluvium)[N],(aal)[A|N.])[A]
dimensie	(dimensie)[N]
dimensionaal	((dimensie)[N],(ionaal)[A|N.])[A]
dimensioneel	((dimensie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
dimensioneren	((dimensie)[N],(ioneer)[V|N.])[V]
dimensionering	(((dimensie)[N],(ioneer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
diminutiefsuffix	((diminutief)[N],(suffix)[N])[N]
dimlicht	((dim)[V],(licht)[N])[N]
dimmen	(dim)[V]
dimmer	((dim)[V],(er)[N|V.])[N]
dimorfie	((dimorf)[A],(ie)[N|A.])[N]
dimschakelaar	((dim)[V],((schakel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
dinertijd	((diner)[N],(tijd)[N])[N]
ding	(ding)[N]
dingen	(ding)[V]
dingo	(dingo)[N]
dingtaal	((ding)[V],(taal)[N])[N]
dinsdagavond	((dinsdag)[N],(avond)[N])[N]
dinsdagmiddag	((dinsdag)[N],(middag)[N])[N]
dinsdagochtend	((dinsdag)[N],(ochtend)[N])[N]
dinsdags	((dinsdag)[N],(s)[A|N.])[A]
diocesaanbisschop	((diocesaan)[N],(bisschop)[N])[N]
dioptrie	((dioptrisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
diplomatenkoffertje	((diplomaat)[N],(en)[N|N.N],(koffer)[N])[N]
diplomatenpaspoort	((diplomaat)[N],(en)[N|N.N],(paspoort)[N])[N]
diplomatentaal	((diplomaat)[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
diplomatentas	((diplomaat)[N],(en)[N|N.N],(tas)[N])[N]
diplomatie	((diplomatisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
diplomatiek	((diplomatisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
diplomatisch	((diplomaat)[N],(isch)[A|N.])[A]
diplomering	((diplomeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
dipoolantenne	((dipool)[N],(antenne)[N])[N]
dippen	(dip)[V]
dipsaus	((dip)[V],(saus)[N])[N]
directeur-geneesheer	((directeur)[N],((genees)[V],(heer)[N])[N])[N]
directeur-generaal	((directeur)[N],(generaal)[N])[N]
directeur-hoofdredacteur	((directeur)[N],((hoofd)[N],(redacteur)[N])[N])[N]
directeurschap	((directeur)[N],(schap)[N|N.])[N]
directeurskantoor	((directeur)[N],(s)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
directeursvrouw	((directeur)[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
directeurswoning	((directeur)[N],(s)[N|N.N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
directheid	((direct)[A],(heid)[N|A.])[N]
directiebureau	((directie)[N],(bureau)[N])[N]
directiecomité	((directie)[N],(comité)[N])[N]
directief	((directie)[N],(ief)[A|N.])[A]
directiefunctie	((directie)[N],(functie)[N])[N]
directiekamer	((directie)[N],(kamer)[N])[N]
directiekantoor	((directie)[N],(kantoor)[N])[N]
directiekeet	((directie)[N],(keet)[N])[N]
directielid	((directie)[N],(lid)[N])[N]
directiesecretaresse	(((directie)[N],(secretaris)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
directiesecretariaat	(((directie)[N],(secretaris)[N])[N],(aat)[N|N.])[N]
directiesecretaris	((directie)[N],(secretaris)[N])[N]
directieteam	((directie)[N],(team)[N])[N]
directievergadering	((directie)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
directioneel	((directie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
directoraat	((directeur)[N],(aat)[N|N.])[N]
dirigeerstok	((dirigeer)[V],(stok)[N])[N]
dirigent	((dirigeer)[V],(ent)[N|V.])[N]
dirigentencursus	(((dirigeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(cursus)[N])[N]
dirk	(dirk)[N]
dirkjespeer	((Dirkje)[N],(s)[N|N.N],(peer)[N])[N]
dis	(dis)[N]
disagio	((dis)[N|.N],(agio)[N])[N]
discantsleutel	((discant)[N],(sleutel)[N])[N]
discipel	(discipel)[N]
disciplineren	((discipline)[N],(eer)[V|N.])[V]
discobar	((disco)[N],(bar)[N])[N]
discomuziek	((disco)[N],(muziek)[N])[N]
discontabel	((disconteer)[V],(abel)[A|V.])[A]
discontering	((disconteer)[V],(ing)[N|V.])[N]
disconteringsbank	(((disconteer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bank)[N])[N]
discontinuïteit	((dis)[N|.N],((continu)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
discontobank	((disconto)[N],(bank)[N])[N]
discontovoet	((disconto)[N],(voet)[N])[N]
discountprijs	((discount)[N],(prijs)[N])[N]
discountzaak	((discount)[N],(zaak)[N])[N]
discretie	((discreet)[A],(ie)[N|A.])[N]
discriminatie	((discrimineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
disculpatie	((disculpeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
discussiant	((discussieer)[V],(ant)[N|V.])[N]
discussieavond	((discussie)[N],(avond)[N])[N]
discussiebijdrage	((discussie)[N],(bijdrage)[N])[N]
discussiebijeenkomst	((discussie)[N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
discussiegroep	((discussie)[N],(groep)[N])[N]
discussiemateriaal	((discussie)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
discussiemethode	((discussie)[N],(methode)[N])[N]
discussienota	((discussie)[N],(nota)[N])[N]
discussiepunt	((discussie)[N],(punt)[N])[N]
discussietechniek	((discussie)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
discuswerpen	((discus)[N],(werp)[V])[V]
discuswerper	(((discus)[N],(werp)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
discuswerpster	((discus)[N],(werp)[V],(ster)[N|NV.])[N]
discutabel	((discuteer)[V],(abel)[A|V.])[A]
disfunctie	((dys)[N|.N],(functie)[N])[N]
disgenoot	((dis)[N],(genoot)[N])[N]
disgenote	(((dis)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
disharmonie	((dis)[N|.N],((harmonisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
disharmoniëren	((dis)[V|.V],(harmonieer)[V])[V]
disjunctie	((disjunct)[A],(ie)[N|A.])[N]
disjunctief	(((disjunct)[A],(ie)[N|A.])[N],(ief)[A|N.])[A]
disk	(disk)[N]
diskdrive	((disk)[N],(drive)[N])[N]
diskfilm	((disk)[N],(film)[N])[N]
diskrediet	((dis)[N|.N],(krediet)[N])[N]
diskwalificatie	(((dis)[V|.V],(kwalificeer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
diskwalificeren	((dis)[V|.V],(kwalificeer)[V])[V]
dislocatie	((disloqueer)[V],(atie)[N|V.])[N]
dispariteit	((dis)[N|.N],((paar)[N],(iteit)[N|N.])[N])[N]
dispensatie	((dispenseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
dispersief	((dispersie)[N],(ief)[A|N.])[A]
displezier	((dis)[N|.N],(plezier)[N])[N]
disponibel	((disponeer)[V],(ibel)[A|V.])[A]
disponibiliteit	(((disponeer)[V],(ibel)[A|V.])[A],(biliteit)[N|A.])[N]
disproportie	((dis)[N|.N],(proportie)[N])[N]
disproportioneel	(((dis)[N|.N],(proportie)[N])[N],(ioneel)[A|N.])[A]
disputatie	(((dispuut)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
disputeren	((dispuut)[N],(eer)[V|N.])[V]
dispuutgezelschap	((dispuut)[N],((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
dissectie	((dis)[N|.N],(sectie)[N])[N]
disselboom	((dissel)[N],(boom)[N])[N]
dissidente	((dissident)[N],(e)[N|N.])[N]
dissonantie	((dissonant)[A],(ie)[N|A.])[N]
dissonantiereductie	(((dissonant)[A],(ie)[N|A.])[N],(reductie)[N])[N]
dissonantietheorie	(((dissonant)[A],(ie)[N|A.])[N],(theorie)[N])[N]
dissymmetrie	((dis)[N|.N],((symmetrisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
distantiëring	((distantieer)[V],(ing)[N|V.])[N]
distel	(distel)[N]
distelvink	((distel)[N],(vink)[N])[N]
distillaat	((distilleer)[V],(aat)[N|V.])[N]
distillateur	((distilleer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
distillatie	((distilleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
distilleerder	((distilleer)[V],(der)[N|V.])[N]
distilleerderij	((distilleer)[V],(derij)[N|V.])[N]
distilleerketel	((distilleer)[V],(ketel)[N])[N]
distilleerkolf	((distilleer)[V],(kolf)[N])[N]
distillering	((distilleer)[V],(ing)[N|V.])[N]
distinctiedrift	((distinctie)[N],(drift)[N])[N]
distinctief	((distinctie)[N],(ief)[N|N.])[N]
distributie	((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N]
distributie-planologisch	(((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(planologisch)[A])[A]
distributieapparaat	(((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(apparaat)[N])[N]
distributiebedrijf	(((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(bedrijf)[N])[N]
distributiebeleid	(((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(beleid)[N])[N]
distributiebescheiden	(((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(bescheid)[N])[N]
distributiebon	(((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(bon)[N])[N]
distributiecentrum	(((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(centrum)[N])[N]
distributiedienst	(((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
distributief	(((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
distributiekanaal	(((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(kanaal)[N])[N]
distributiekantoor	(((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(kantoor)[N])[N]
distributiepakket	(((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(pakket)[N])[N]
distributieproces	(((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
distributiesector	(((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(sector)[N])[N]
distributiestelsel	(((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
distributiesysteem	(((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(systeem)[N])[N]
districtenstelsel	((district)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
districtsbureau	((district)[N],(s)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
districtscommandant	((district)[N],(s)[N|N.N],((commandeer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
districtscommissaris	((district)[N],(s)[N|N.N],(commissaris)[N])[N]
districtshoofd	((district)[N],(s)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
districtshoofdstad	((district)[N],(s)[N|N.N],((hoofd)[N],(stad)[N])[N])[N]
districtsklasse	((district)[N],(s)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
districtsvergadering	((district)[N],(s)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
districtswedstrijd	((district)[N],(s)[N|N.N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
divanbed	((divan)[N],(bed)[N])[N]
divergent	((divergeer)[V],(ent)[A|V.])[A]
divergentie	(((divergeer)[V],(ent)[A|V.])[A],(ie)[N|A.])[N]
diversificatie	((diversifieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
dividendbelasting	((dividend)[N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dividendbewijs	((dividend)[N],(bewijs)[N])[N]
dividendreserve	((dividend)[N],(reserve)[N])[N]
dividendstop	((dividend)[N],(stop)[N])[N]
dividenduitkering	((dividend)[N],((uitkeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
diviniteit	((divien)[A],(iteit)[N|A.])[N]
divisiecommandant	((divisie)[N],(commandeer)[V],(ant)[N|NV.])[N]
divisiestructuur	((divisie)[N],(structuur)[N])[N]
dixielandmuziek	((dixieland)[N],(muziek)[N])[N]
diëtetiek	((diëtetisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
diëtiek	(((dieet)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
diëtisch	((dieet)[N],(isch)[A|N.])[A]
diëtist	((dieet)[N],(ist)[N|N.])[N]
diëtiste	(((dieet)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
djahé	(djahé)[N]
djami	(djami)[N]
djati	(djati)[N]
djatihout	((djati)[N],(hout)[N])[N]
do	(do)[N]
dobbelaar	((dobbel)[V],(aar)[N|V.])[N]
dobbelaarster	(((dobbel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
dobbelarij	((dobbel)[V],(arij)[N|V.])[N]
dobbelbeker	((dobbel)[V],(beker)[N])[N]
dobbelspel	((dobbel)[V],(spel)[N])[N]
doceermethode	((doceer)[V],(methode)[N])[N]
docent	((doceer)[V],(ent)[N|V.])[N]
docente	(((doceer)[V],(ent)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
docentencorps	(((doceer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(corps)[N])[N]
docentenkamer	(((doceer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
docentenkorps	(((doceer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(korps)[N])[N]
docentenvergadering	(((doceer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
docentschap	(((doceer)[V],(ent)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
docht	(docht)[N]
dochter	(dochter)[N]
dochterbedrijf	((dochter)[N],(bedrijf)[N])[N]
dochtercel	((dochter)[N],(cel)[N])[N]
dochtergezwel	((dochter)[N],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
dochterlief	((dochter)[N],(lief)[A])[N]
dochtermaatschappij	((dochter)[N],(maatschappij)[N])[N]
dochteronderneming	((dochter)[N],((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dochterskind	((dochter)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
dochtertaal	((dochter)[N],(taal)[N])[N]
dociliteit	((dociel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
doctoraalexamen	((doctoraal)[N],(examen)[N])[N]
doctoraalfase	((doctoraal)[A],(fase)[N])[N]
doctoraalscriptie	((doctoraal)[A],(scriptie)[N])[N]
doctoraalstudent	((doctoraal)[A],((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
doctoraat	((doctoreer)[V],(aat)[N|V.])[N]
doctoraatsthesis	(((doctoreer)[V],(aat)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(thesis)[N])[N]
doctores	((doctor)[N],(es)[N|N.])[N]
doctorsbul	((doctor)[N],(s)[N|N.N],(bul)[N])[N]
doctorsgraad	((doctor)[N],(s)[N|N.N],(graad)[N])[N]
doctorstitel	((doctor)[N],(s)[N|N.N],(titel)[N])[N]
doctrinair	((doctrine)[N],(air)[N|N.])[N]
document	(document)[N]
documentatie	(((document)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
documentatiebureau	((((document)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(bureau)[N])[N]
documentatiecentrum	((((document)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(centrum)[N])[N]
documentatiedienst	((((document)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
documentatiefunctie	((((document)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(functie)[N])[N]
documentatiemap	((((document)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(map)[N])[N]
documentatiemateriaal	((((document)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
documentatiesysteem	((((document)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(systeem)[N])[N]
documentenkoffer	((document)[N],(en)[N|N.N],(koffer)[N])[N]
documenteren	((document)[N],(eer)[V|N.])[V]
dodehoekspiegel	((dood)[A],(e)[N|A.NN],(hoek)[N],(spiegel)[N])[N]
dodelijk	((dood)[N],(elijk)[A|N.])[A]
dodelijkheid	(((dood)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
dodeman	((dood)[A],(e)[N|A.N],(man)[N])[N]
doden	(dood)[V]
dodenaantal	((dode)[N],(en)[N|N.N],((aan)[P],(tal)[N])[N])[N]
dodenakker	((dode)[N],(en)[N|N.N],(akker)[N])[N]
dodencel	((dood)[N],(en)[N|N.N],(cel)[N])[N]
dodencijfer	((dode)[N],(en)[N|N.N],(cijfer)[N])[N]
dodencultus	((dood)[N],(en)[N|N.N],(cultus)[N])[N]
dodendans	((dode)[N],(en)[N|N.N],(dans)[N])[N]
dodenherdenking	((dode)[N],(en)[N|N.Vx],((her)[V|.V],(denk)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
dodenkapel	((dood)[N],(en)[N|N.N],(kapel)[N])[N]
dodenklacht	((dood)[N],(en)[N|N.N],(klacht)[N])[N]
dodenmars	((dode)[N],(en)[N|N.N],(mars)[N])[N]
dodenmasker	((dode)[N],(en)[N|N.N],(masker)[N])[N]
dodenmis	((dode)[N],(en)[N|N.N],(mis)[N])[N]
dodenrijk	((dode)[N],(en)[N|N.N],(rijk)[N])[N]
dodenrit	((dode)[N],(en)[N|N.N],(rit)[N])[N]
dodenschip	((dood)[N],(en)[N|N.N],(schip)[N])[N]
dodensprong	((dode)[N],(en)[N|N.N],(sprong)[N])[N]
dodenstad	((dode)[N],(en)[N|N.N],(stad)[N])[N]
dodental	((dode)[N],(en)[N|N.N],(tal)[N])[N]
dodenverering	((dode)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(eer)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
dodenwake	((dood)[N],(en)[N|N.N],(wake)[N])[N]
dodenzang	((dood)[N],(en)[N|N.N],(zang)[N])[N]
doding	((dood)[V],(ing)[N|V.])[N]
doe-al	((doe)[V],(al)[B])[N]
doedel	(doedel)[N]
doedelen	(doedel)[V]
doedelzak	((doedel)[V],(zak)[N])[N]
doedelzakspeler	(((doedel)[V],(zak)[N])[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
doek	(doek)[N]
doekspeld	((doek)[N],(speld)[N])[N]
doel	(doel)[N]
doelbewust	((doel)[N],(bewust)[A])[A]
doelen	(doel)[V]
doelgebied	((doel)[N],(gebied)[N])[N]
doelgemiddelde	((doel)[N],(gemiddelde)[N])[N]
doelgericht	((doel)[N],(gericht)[A])[A]
doelgroep	((doel)[N],(groep)[N])[N]
doellat	((doel)[N],(lat)[N])[N]
doellijn	((doel)[N],(lijn)[N])[N]
doelloos	((doel)[N],(loos)[A|N.])[A]
doelman	((doel)[N],(man)[N])[N]
doelmatig	((doel)[N],(matig)[A|N.])[A]
doelmatigheid	(((doel)[N],(matig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
doelmatigheidsreden	((((doel)[N],(matig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(reden)[N])[N]
doelmond	((doel)[N],(mond)[N])[N]
doelnet	((doel)[N],(net)[N])[N]
doelpaal	((doel)[N],(paal)[N])[N]
doelpunt	((doel)[N],(punt)[N])[N]
doelrijp	((doel)[N],(rijp)[A])[A]
doelsaldo	((doel)[N],(saldo)[N])[N]
doelsatelliet	((doel)[N],(satelliet)[N])[N]
doelschieting	((doel)[N],(schiet)[V],(ing)[N|NV.])[N]
doelschop	((doel)[N],(schop)[N])[N]
doelstelling	((doel)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
doelstellingenanalyse	(((doel)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N],(en)[N|N.N],(analyse)[N])[N]
doelstellingennota	(((doel)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N],(en)[N|N.N],(nota)[N])[N]
doelstellingenstructuur	(((doel)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N],(en)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
doelstellingensysteem	(((doel)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N],(en)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
doelstellingsfunctie	(((doel)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
doeltaal	((doel)[N],(taal)[N])[N]
doeltrap	((doel)[N],(trap)[N])[N]
doeltreffend	((doel)[N],(tref)[V],(end)[A|NV.])[A]
doeltreffendheid	(((doel)[N],(tref)[V],(end)[A|NV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
doelverdediger	((doel)[N],(verdedig)[V],(er)[N|NV.])[N]
doelvlak	((doel)[N],(vlak)[N])[N]
doelwachter	((doel)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
doelwit	((doel)[N],(wit)[N])[N]
doem	(doem)[N]
doemdenken	((doem)[N],(denk)[V])[V]
doemdenker	(((doem)[N],(denk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
doemen	(doem)[V]
doemsdag	((doem)[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
doemvonnis	((doem)[V],(vonnis)[N])[N]
doemwaardig	((doem)[N],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
doen	(doe)[V]
doenbaar	((doe)[V],(baar)[A|V.])[A]
doener	((doen)[N],(er)[N|N.])[N]
doeniet	((doe)[V],(niet)[B])[N]
doenlijk	((doen)[N],(lijk)[A|N.])[A]
does	(does)[N]
doevakantie	((doe)[V],(vakantie)[N])[N]
doezel	(doezel)[N]
doezelaar	((doezel)[V],(aar)[N|V.])[N]
doezelen	(doezel)[V]
doezelig	((doezel)[V],(ig)[A|V.])[A]
doezeligheid	(((doezel)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
dof	(dof)[N]
doffen	(dof)[V]
doffig	((dof)[A],(ig)[A|A.])[A]
dofgroen	((dof)[A],(groen)[A])[A]
dofheid	((dof)[A],(heid)[N|A.])[N]
doft	(doft)[N]
dog	(dog)[N]
doge	(doge)[N]
dogmageschiedenis	((dogma)[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
dogmatiek	((dogma)[N],(iek)[N|N.])[N]
dogmatisch	((dogma)[N],(atisch)[A|N.])[A]
dogmatiseren	((dogma)[N],(iseer)[V|N.])[V]
dogmatisering	(((dogma)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
dok	(dok)[N]
doka	((donker)[A],(kamer)[N])[N]
dokgelegenheid	((dok)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
dokhaven	((dok)[N],(haven)[N])[N]
dokken	(dok)[V]
dokmeester	((dok)[N],(meester)[N])[N]
dokteres	((dokter)[N],(es)[N|N.])[N]
doktersadvies	((dokter)[N],(s)[N|N.N],(advies)[N])[N]
doktersassistente	((dokter)[N],(s)[N|N.N],(((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N])[N]
doktersattest	((dokter)[N],(s)[N|N.N],(attest)[N])[N]
doktersbehandeling	((dokter)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
doktersbriefje	((dokter)[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
doktersgang	((dokter)[N],(s)[N|N.N],(gang)[N])[N]
doktershulp	((dokter)[N],(s)[N|N.N],(hulp)[N])[N]
doktersjas	((dokter)[N],(s)[N|N.N],(jas)[N])[N]
dokterspraktijk	((dokter)[N],(s)[N|N.N],(praktijk)[N])[N]
doktersrecept	((dokter)[N],(s)[N|N.N],(recept)[N])[N]
doktersrekening	((dokter)[N],(s)[N|N.N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
doktersroman	((dokter)[N],(s)[N|N.N],(roman)[N])[N]
dokterstelefoon	((dokter)[N],(s)[N|N.N],(telefoon)[N])[N]
doktersvisite	((dokter)[N],(s)[N|N.N],(visite)[N])[N]
doktersvoorschrift	((dokter)[N],(s)[N|N.N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
doktersvrouw	((dokter)[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
dokterszoon	((dokter)[N],(s)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
dokwerker	((dok)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
dol	(dol)[N]
dolaard	((dool)[V],(aard)[N|V.])[N]
dolblij	((dol)[A],(blij)[A])[A]
dolboord	((dol)[N],(boord)[N])[N]
doldraaien	((dol)[A],(draai)[V])[V]
doldriest	((dol)[A],(driest)[A])[A]
doldriftig	((dol)[A],((drift)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
dolen	(dool)[V]
doler	((dool)[V],(er)[N|V.])[N]
doleren	((dool)[N],(eer)[V|N.])[V]
dolfijnslag	((dolfijn)[N],(slag)[N])[N]
dolgat	((dol)[N],(gat)[N])[N]
dolgelukkig	((dol)[A],(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
dolhamer	((dol)[V],(hamer)[N])[N]
dolheid	((dol)[A],(heid)[N|A.])[N]
doling	((dool)[V],(ing)[N|V.])[N]
dolk	(dolk)[N]
dolkmes	((dolk)[N],(mes)[N])[N]
dolkomisch	((dol)[A],(komisch)[A])[A]
dolkop	((dol)[A],(kop)[N])[N]
dolkruid	((dol)[A],(kruid)[N])[N]
dolksteek	((dolk)[N],(steek)[N])[N]
dolkstoot	((dolk)[N],(stoot)[N])[N]
dollar	(dollar)[N]
dollarbiljet	((dollar)[N],(biljet)[N])[N]
dollarcent	((dollar)[N],(cent)[N])[N]
dollargebied	((dollar)[N],(gebied)[N])[N]
dollarkoers	((dollar)[N],(koers)[N])[N]
dollarprinses	((dollar)[N],((prins)[N],(es)[N|N.])[N])[N]
dollehondsbeet	((dol)[A],(e)[N|A.NxN],(hond)[N],(s)[N|AxN.N],(beet)[N])[N]
dollekervel	((dol)[A],(e)[N|A.N],(kervel)[N])[N]
dolleman	((dol)[A],(e)[N|A.N],(man)[N])[N]
dollemanspraat	(((dol)[A],(e)[N|A.N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(praat)[N])[N]
dollemansrit	(((dol)[A],(e)[N|A.N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(rit)[N])[N]
dollemansstreek	(((dol)[A],(e)[N|A.N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(streek)[N])[N]
dollen	(dol)[V]
dollepraat	((dol)[A],(e)[N|A.N],(praat)[N])[N]
dolligheid	((dol)[A],(igheid)[N|A.])[N]
dolzinnig	((dol)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A]
dolzinnigheid	(((dol)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
dom	(dom)[N]
domdeken	((dom)[N],(deken)[N])[N]
domeingrond	((domein)[N],(grond)[N])[N]
domen	(doom)[V]
domesticatie	((domesticeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
domesticatieverschijnsel	(((domesticeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
domheer	((dom)[N],(heer)[N])[N]
domheid	((dom)[A],(heid)[N|A.])[N]
domig	((doom)[N],(ig)[A|N.])[A]
dominant	((domineer)[V],(ant)[N|V.])[N]
dominantie	((domineer)[V],(antie)[N|V.])[N]
domineesbriefje	((dominee)[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
domineese	((dominee)[N],(se)[N|N.])[N]
domineesfamilie	((dominee)[N],(s)[N|N.N],(familie)[N])[N]
domineesland	((dominee)[N],(s)[N|N.N],(land)[N])[N]
domineesstuk	((dominee)[N],(s)[N|N.N],(stuk)[N])[N]
domineestoon	((dominee)[N],(s)[N|N.N],(toon)[N])[N]
domineesvrouw	((dominee)[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
domineeszoon	((dominee)[N],(s)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
dominicaans	((dominicaan)[N],(s)[A|N.])[A]
dominicanenklooster	((dominicaan)[N],(en)[N|N.N],(klooster)[N])[N]
dominicaner	((dominicaan)[N],(er)[A|N.])[A]
dominicanerklooster	(((dominicaan)[N],(er)[A|N.])[A],(klooster)[N])[N]
dominicanes	((dominicaan)[N],(es)[N|N.])[N]
domino	(domino)[N]
dominospel	((domino)[N],(spel)[N])[N]
dominosteen	((domino)[N],(steen)[N])[N]
dominoën	(domino)[V]
domkapittel	((dom)[N],(kapittel)[N])[N]
domkerk	((dom)[N],(kerk)[N])[N]
domkop	((dom)[A],(kop)[N])[N]
dommekracht	((dom)[N],(e)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
dommel	(dommel)[N]
dommelen	(dommel)[V]
dommelig	((dommel)[V],(ig)[A|V.])[A]
dommeling	((dommel)[V],(ing)[N|V.])[N]
dommerik	((dom)[A],(erik)[N|A.])[N]
dommigheid	((dom)[A],(igheid)[N|A.])[N]
dompelaar	((dompel)[V],(aar)[N|V.])[N]
dompelbad	((dompel)[V],(bad)[N])[N]
dompen	(domp)[V]
domper	((domp)[V],(er)[N|V.])[N]
domproost	((dom)[N],(proost)[N])[N]
domstad	((dom)[N],(stad)[N])[N]
domtoren	((dom)[N],(toren)[N])[N]
don	(don)[N]
donaat	((doneer)[V],(aat)[N|V.])[N]
donateur	((doneer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
donatie	((doneer)[V],(atie)[N|V.])[N]
donder	(donder)[N]
donderaal	((donder)[V],(aal)[N])[N]
donderaar	((donder)[V],(aar)[N|V.])[N]
donderachtig	((donder)[N],(achtig)[A|N.])[A]
donderbeestje	((donder)[V],(beest)[N])[N]
donderbui	((donder)[V],(bui)[N])[N]
donderbus	((donder)[V],(bus)[N])[N]
donderdagavond	((donderdag)[N],(avond)[N])[N]
donderdagmiddag	((donderdag)[N],(middag)[N])[N]
donderdagnacht	((donderdag)[N],(nacht)[N])[N]
donderdagnamiddag	((donderdag)[N],((na)[P],(middag)[N])[N])[N]
donderdagochtend	((donderdag)[N],(ochtend)[N])[N]
donderdags	((donderdag)[N],(s)[A|N.])[A]
donderen	(donder)[V]
dondergod	((donder)[N],(god)[N])[N]
donderjool	((donder)[V],(jool)[N])[N]
donderkop	((donder)[V],(kop)[N])[N]
donderpreek	((donder)[V],(preek)[N])[N]
donderroede	((donder)[V],(roede)[N])[N]
donders	((donder)[N],(s)[A|N.])[A]
donderslag	((donder)[N],(slag)[N])[N]
donderspeech	((donder)[V],(speech)[N])[N]
dondersteen	((donder)[V],(steen)[N])[N]
donderstem	((donder)[V],(stem)[N])[N]
dondertoren	((donder)[V],(toren)[N])[N]
dondervlaag	((donder)[V],(vlaag)[N])[N]
donderwolk	((donder)[V],(wolk)[N])[N]
donk	(donk)[N]
donker	(donker)[N]
donkerachtig	((donker)[A],(achtig)[A|A.])[A]
donkerblauw	((donker)[A],(blauw)[A])[A]
donkerblond	((donker)[A],(blond)[A])[A]
donkerbruin	((donker)[A],(bruin)[A])[A]
donkeren	(donker)[V]
donkergeel	((donker)[A],(geel)[A])[A]
donkergouden	((donker)[N],((goud)[N],(en)[A|N.])[A])[A]
donkergrijs	((donker)[A],(grijs)[A])[A]
donkergroen	((donker)[A],(groen)[A])[A]
donkerheid	((donker)[A],(heid)[N|A.])[N]
donkerrood	((donker)[A],(rood)[A])[A]
donkerte	((donker)[A],(te)[N|A.])[N]
donkeyman	((donkey)[N],(man)[N])[N]
donorcodicil	((donor)[N],(codicil)[N])[N]
donorinseminatie	((donor)[N],((insemineer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
donorland	((donor)[N],(land)[N])[N]
donormoeder	((donor)[N],(moeder)[N])[N]
dons	(dons)[N]
donsachtig	((dons)[N],(achtig)[A|N.])[A]
donsbed	((dons)[N],(bed)[N])[N]
donsdeken	((dons)[N],(deken)[N])[N]
donshaar	((dons)[N],(haar)[N])[N]
donsje	(dons)[N]
donsvlinder	((dons)[N],(vlinder)[N])[N]
donzen	((dons)[N],(en)[A|N.])[A]
donzig	((dons)[N],(ig)[A|N.])[A]
dood	(dood)[N]
doodaf	((dood)[A],(af)[A])[A]
doodarm	((dood)[A],(arm)[A])[A]
doodbedaard	((dood)[A],(bedaard)[A])[A]
doodbidder	((dood)[N],((bid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
doodbijten	((dood)[A],(bijt)[V])[V]
doodblijven	((dood)[A],(blijf)[V])[V]
doodbloeden	((dood)[A],(bloed)[V])[V]
dooddelen	((dood)[A],(deel)[V])[V]
dooddoen	((dood)[A],(doe)[V])[V]
dooddoener	((dood)[A],(doen)[N],(er)[N|AN.])[N]
dooddrukken	((dood)[A],(druk)[V])[V]
doodeenvoudig	((dood)[A],((eenvoud)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
doodeerlijk	((dood)[A],((eer)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
doodeng	((dood)[A],(eng)[A])[A]
doodenkel	((dood)[A],(enkel)[A])[A]
doodergeren	((dood)[A],(erger)[V])[V]
doodernstig	((dood)[A],((ernst)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
doodeter	((dood)[A],(eet)[V],(er)[N|AV.])[N]
doodgaan	((dood)[A],(ga)[V])[V]
doodgeboren	((dood)[A],(gewoon)[A])[A]
doodgeboren	((dood)[A],(geboren)[A])[A]
doodgemakkelijk	((dood)[A],((gemak)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
doodgemoedereerd	((dood)[A],(gemoedereerd)[A])[A]
doodgoed	((dood)[A],(goed)[A])[A]
doodgooien	((dood)[A],(gooi)[V])[V]
doodgraver	((dood)[N],((graaf)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
doodhongeren	((dood)[A],(honger)[V])[V]
doodjammer	((dood)[A],(jammer)[A])[A]
doodkalm	((dood)[A],(kalm)[A])[A]
doodklap	((dood)[A],(klap)[N])[N]
doodkloppertje	((dood)[N],(klop)[V],(er)[N|NV.])[N]
doodknijpen	((dood)[A],(knijp)[V])[V]
doodknuppelen	((dood)[A],(knuppel)[V])[V]
doodlachen	((dood)[A],(lach)[V])[V]
doodleuk	((dood)[A],(leuk)[A])[A]
doodliggen	((dood)[A],(lig)[V])[V]
doodlopen	((dood)[A],(loop)[V])[V]
doodmaken	((dood)[A],(maak)[V])[V]
doodmartelen	((dood)[A],(martel)[V])[V]
doodmoe	((dood)[A],(moe)[A])[A]
doodmoede	((dood)[A],(moede)[A])[A]
doodnormaal	((dood)[A],((norm)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
doodnuchter	((dood)[A],(nuchter)[A])[A]
doodongelukkig	((dood)[A],((on)[A|.A],(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(ig)[A|N.])[A])[A])[A]
doodonschuldig	((dood)[A],((on)[A|.A],((schuld)[N],(ig)[A|N.])[A])[A])[A]
doodop	((dood)[A],(op)[A])[A]
doodpraten	((dood)[A],(praat)[V])[V]
doodranselen	((dood)[A],(ransel)[V])[V]
doodrijden	((dood)[A],(rijd)[V])[V]
doodrijder	((dood)[N],((rijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
doods	((dood)[N],(s)[A|N.])[A]
doodsakte	((dood)[N],(s)[N|N.N],(akte)[N])[N]
doodsangst	((dood)[N],(s)[N|N.N],(angst)[N])[N]
doodsbang	((dood)[N],(s)[A|N.A],(bang)[A])[A]
doodsbed	((dood)[N],(s)[N|N.N],(bed)[N])[N]
doodsbeenderen	((dood)[N],(s)[N|N.N],(been)[N])[N]
doodsbenauwd	((dood)[N],(s)[A|N.A],(benauwd)[A])[A]
doodsbericht	((dood)[N],(s)[N|N.N],(bericht)[N])[N]
doodsbleek	((dood)[N],(s)[A|N.A],(bleek)[A])[A]
doodsbrief	((dood)[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
doodschamen	((dood)[A],(schaam)[V])[V]
doodschieten	((dood)[A],(schiet)[V])[V]
doodschop	((dood)[A],(schop)[N])[N]
doodschoppen	((dood)[A],(schop)[V])[V]
doodschuld	((dood)[N],(schuld)[N])[N]
doodserieus	((dood)[A],(serieus)[A])[A]
doodseskader	((dood)[N],(s)[N|N.N],(eskader)[N])[N]
doodsgedachte	((dood)[N],(s)[N|N.N],(gedachte)[N])[N]
doodsgevaar	((dood)[N],(s)[N|N.N],(gevaar)[N])[N]
doodsgevaarlijk	(((dood)[N],(s)[A|N.])[A],((gevaar)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
doodsgewaad	((dood)[N],(s)[N|N.N],(gewaad)[N])[N]
doodsheid	(((dood)[N],(s)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
doodshemd	((dood)[N],(s)[N|N.N],(hemd)[N])[N]
doodshoofd	((dood)[N],(s)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
doodshoofdvlinder	(((dood)[N],(s)[N|N.N],(hoofd)[N])[N],(vlinder)[N])[N]
doodsimpel	((dood)[A],(simpel)[A])[A]
doodskist	((dood)[N],(s)[N|N.N],(kist)[N])[N]
doodskleed	((dood)[N],(s)[N|N.N],(kleed)[N])[N]
doodskleur	((dood)[N],(s)[N|N.N],(kleur)[N])[N]
doodsklok	((dood)[N],(s)[N|N.N],(klok)[N])[N]
doodskloppertje	((dood)[N],(s)[N|N.Vx],(klop)[V],(er)[N|NxV.])[N]
doodskop	((dood)[N],(s)[N|N.N],(kop)[N])[N]
doodskopwezen	(((dood)[N],(s)[N|N.N],(kop)[N])[N],(wezen)[N])[N]
doodskramp	((dood)[N],(s)[N|N.N],(kramp)[N])[N]
doodskreet	((dood)[N],(s)[N|N.N],(kreet)[N])[N]
doodslaan	((dood)[A],(sla)[V])[V]
doodslag	((dood)[V],(slag)[N])[N]
doodsmak	((dood)[N],(smak)[N])[N]
doodsmare	((dood)[N],(s)[N|N.N],(mare)[N])[N]
doodsnood	((dood)[N],(s)[N|N.N],(nood)[N])[N]
doodsoorzaak	((dood)[N],(s)[N|N.N],(oorzaak)[N])[N]
doodspelen	((dood)[A],(speel)[V])[V]
doodsprentje	((dood)[N],(s)[N|N.N],(prent)[N])[N]
doodspuiten	((dood)[A],(spuit)[V])[V]
doodsschouw	((dood)[N],(s)[N|N.N],(schouw)[N])[N]
doodsschrik	((dood)[N],(s)[N|N.N],(schrik)[N])[N]
doodsslaap	((dood)[N],(s)[N|N.N],(slaap)[N])[N]
doodssnik	((dood)[N],(s)[N|N.N],(snik)[N])[N]
doodsstond	((dood)[N],(s)[N|N.N],(stond)[N])[N]
doodsstonde	((dood)[N],(s)[N|N.N],(stonde)[N])[N]
doodsstrijd	((dood)[N],(s)[N|N.N],(strijd)[N])[N]
doodsstuip	((dood)[N],(s)[N|N.N],(stuip)[N])[N]
doodsteek	((dood)[A],(steek)[N])[N]
doodsteken	((dood)[A],(steek)[V])[V]
doodstil	((dood)[A],(stil)[A])[A]
doodstraf	((dood)[N],(straf)[N])[N]
doodstrijd	((dood)[N],(strijd)[N])[N]
doodstroom	((dood)[A],(stroom)[N])[N]
doodsuur	((dood)[N],(s)[N|N.N],(uur)[N])[N]
doodsverachting	((dood)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(acht)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
doodsverlangen	((dood)[N],(s)[N|N.N],(verlangen)[N])[N]
doodsvijand	((dood)[N],(s)[N|N.N],(vijand)[N])[N]
doodswade	((dood)[N],(s)[N|N.N],(wade)[N])[N]
doodszweet	((dood)[N],(s)[N|N.N],(zweet)[N])[N]
doodtij	((dood)[A],(tij)[N])[N]
doodtrappen	((dood)[A],(trap)[V])[V]
doodvallen	((dood)[A],(val)[V])[V]
doodvechten	((dood)[A],(vecht)[V])[V]
doodverf	((dood)[A],(verf)[N])[N]
doodverklaren	((dood)[A],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V])[V]
doodvermoeid	((dood)[A],(vermoeid)[A])[A]
doodvermoeiend	((dood)[A],(vermoeiend)[A])[A]
doodverven	((dood)[A],(verf)[V])[V]
doodvonnis	((dood)[N],(vonnis)[N])[N]
doodvreter	((dood)[A],(vreet)[V],(er)[N|AV.])[N]
doodvriezen	((dood)[A],(vries)[V])[V]
doodwerken	((dood)[A],(werk)[V])[V]
doodwond	((dood)[N],(wond)[N])[N]
doodwonde	((dood)[N],(wonde)[N])[N]
doodziek	((dood)[N],(ziek)[A])[A]
doodzonde	((dood)[N],(zonde)[N])[N]
doodzwak	((dood)[A],(zwak)[A])[A]
doodzwijgen	((dood)[A],(zwijg)[V])[V]
doofheid	((doof)[A],(heid)[N|A.])[N]
doofpot	((doof)[V],(pot)[N])[N]
doofstom	((doof)[A],(stom)[A])[A]
doofstommenalfabet	((doofstomme)[N],(en)[N|N.N],(alfabet)[N])[N]
doofstommeninstituut	((doofstomme)[N],(en)[N|N.N],(instituut)[N])[N]
doofstommenonderwijs	((doofstomme)[N],(en)[N|N.N],(onderwijs)[N])[N]
dooi	(dooi)[N]
dooien	(dooi)[V]
dooiermateriaal	((dooier)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
dooievisjesvreter	((dood)[A],(e)[N|A.NxVx],(visje)[N],(s)[N|AxN.Vx],(vreet)[V],(er)[N|AxNxV.])[N]
dooiwater	((dooi)[V],(water)[N])[N]
dooiweder	((dooi)[V],(weder)[N])[N]
dooiweer	((dooi)[V],(weer)[N])[N]
dook	(dook)[N]
dookbout	((dook)[N],(bout)[N])[N]
dool	(dool)[N]
doolhof	((dool)[V],(hof)[N])[N]
doolhofachtig	(((dool)[V],(hof)[N])[N],(achtig)[A|N.])[A]
doolweg	((dool)[V],(weg)[N])[N]
doom	(doom)[N]
doop	(doop)[N]
doopakte	((doop)[V],(akte)[N])[N]
doopattest	((doop)[V],(attest)[N])[N]
doopattestatie	((doop)[V],(((attest)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
doopbekken	((doop)[V],(bekken)[N])[N]
doopbelofte	((doop)[V],(belofte)[N])[N]
doopbewijs	((doop)[V],(bewijs)[N])[N]
doopboek	((doop)[V],(boek)[N])[N]
doopbriefje	((doop)[V],(brief)[N])[N]
doopceel	((doop)[V],(ceel)[N])[N]
doopfeest	((doop)[V],(feest)[N])[N]
doopformule	((doop)[V],(formule)[N])[N]
doopformulier	((doop)[V],(formulier)[N])[N]
doopgelofte	((doop)[V],(gelofte)[N])[N]
doopgetuige	((doop)[V],(getuige)[N])[N]
doopgoed	((doop)[V],(goed)[N])[N]
doopheffer	((doop)[N],(hef)[V],(er)[N|NV.])[N]
doophefster	((doop)[N],(hef)[V],(ster)[N|NV.])[N]
doophek	((doop)[V],(hek)[N])[N]
doopjurk	((doop)[V],(jurk)[N])[N]
doopkaars	((doop)[V],(kaars)[N])[N]
doopkapel	((doop)[V],(kapel)[N])[N]
doopkind	((doop)[V],(kind)[N])[N]
doopkleed	((doop)[V],(kleed)[N])[N]
doopleerling	((doop)[V],((leer)[V],(ling)[N|V.])[N])[N]
doopleerlinge	(((doop)[V],((leer)[V],(ling)[N|V.])[N])[N],(e)[N|N.])[N]
dooplid	((doop)[V],(lid)[N])[N]
doopmaal	((doop)[V],(maal)[N])[N]
doopnaam	((doop)[V],(naam)[N])[N]
doopplechtigheid	((doop)[V],((plechtig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
doopregister	((doop)[V],(register)[N])[N]
doopsel	((doop)[V],(sel)[N|V.])[N]
doopsgezind	((doop)[N],(s)[A|N.A],(gezind)[A])[A]
doopsuiker	((doop)[N],(suiker)[N])[N]
doopvont	((doop)[V],(vont)[N])[N]
doopwater	((doop)[V],(water)[N])[N]
doorademen	((door)[B],(adem)[V])[V]
dooraderen	((door)[B],(ader)[V])[V]
doorbakken	((door)[P],(gebakken)[V])[A]
doorbellen	((door)[B],(bel)[V])[V]
doorberekenen	((door)[B],((be)[V|.V],(reken)[V])[V])[V]
doorbetalen	((door)[B],(betaal)[V])[V]
doorbijten	((door)[B],(bijt)[V])[V]
doorbijter	(((door)[B],(bijt)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
doorbijtster	(((door)[B],(bijt)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
doorbladeren	((door)[B],(blader)[V])[V]
doorblazen	((door)[B],(blaas)[V])[V]
doorbloeden	((door)[B],(bloed)[V])[V]
doorbloeien	((door)[B],(bloei)[V])[V]
doorborduren	((door)[B],(borduur)[V])[V]
doorboren	((door)[B],(boor)[V])[V]
doorboring	(((door)[B],(boor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
doorbraaf	((door)[B],(braaf)[A])[A]
doorbraakpartij	((doorbraak)[N],(partij)[N])[N]
doorbraaksocialisme	((doorbraak)[N],(socialisme)[N])[N]
doorbraden	((door)[B],(gebraden)[V])[A]
doorbranden	((door)[B],(brand)[V])[V]
doorbreken	((door)[B],(breek)[V])[V]
doorbrengen	((door)[B],(breng)[V])[V]
doorbrenger	(((door)[B],(breng)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
doorbrieven	((door)[B],(brief)[N])[V]
doorbuigen	((door)[B],(buig)[V])[V]
doorcognossement	((door)[B],(cognossement)[N])[N]
doorconnossement	((door)[B],(connossement)[N])[N]
doordachtheid	((doordacht)[A],(heid)[N|A.])[N]
doordenken	((door)[B],(denk)[V])[V]
doordenker	(((door)[B],(denk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
doordoen	((door)[B],(doe)[V])[V]
doordouwen	((door)[B],(douw)[V])[V]
doordouwer	(((door)[B],(douw)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
doordouwster	(((door)[B],(douw)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
doordraaien	((door)[B],(draai)[V])[V]
doordraaier	(((door)[B],(draai)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
doordrammen	((door)[B],(dram)[V])[V]
doordrammer	(((door)[B],(dram)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
doordrammerig	(((door)[B],(dram)[V])[V],(erig)[A|V.])[A]
doordramster	(((door)[B],(dram)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
doordraven	((door)[B],(draaf)[V])[V]
doordraver	(((door)[B],(draaf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
doordraverij	(((door)[B],(draaf)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
doordrenken	((door)[B],(drenk)[V])[V]
doordrijven	((door)[B],(drijf)[V])[V]
doordrijver	(((door)[B],(drijf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
doordrijverij	(((door)[B],(drijf)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
doordringbaar	(((door)[B],(dring)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
doordringbaarheid	((((door)[B],(dring)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
doordringen	((door)[B],(dring)[V])[V]
doordruipen	((door)[B],(druip)[V])[V]
doordrukken	((door)[B],(druk)[V])[V]
doordrukstrip	(((door)[B],(druk)[V])[V],(strip)[N])[N]
doordrukverpakking	(((door)[B],(druk)[V])[V],(((ver)[V|.N],(pak)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dooreengooien	((dooreen)[B],(gooi)[V])[V]
dooreengroeien	((dooreen)[B],(groei)[V])[V]
dooreenhaspelen	((dooreen)[B],(haspel)[V])[V]
dooreenjagen	((dooreen)[B],(jaag)[V])[V]
dooreenlopen	((dooreen)[B],(loop)[V])[V]
dooreenmengen	((dooreen)[B],(meng)[V])[V]
dooreenroeren	((dooreen)[B],(roer)[V])[V]
dooreenschudden	((dooreen)[B],(schud)[V])[V]
dooreenslaan	((dooreen)[B],(sla)[V])[V]
dooreensmijten	((dooreen)[B],(smijt)[V])[V]
dooreenwarren	((dooreen)[B],(war)[V])[V]
dooreenwerken	((dooreen)[B],(werk)[V])[V]
dooreenwerpen	((dooreen)[B],(werp)[V])[V]
dooreten	((door)[B],(eet)[V])[V]
doorfietsen	((door)[B],(fiets)[V])[V]
doorgaan	((door)[B],(ga)[V])[V]
doorgangsfase	((doorgang)[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
doorgangshoogte	((doorgang)[N],(s)[N|N.N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
doorgangshuis	((doorgang)[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
doorgangsstadium	((doorgang)[N],(s)[N|N.N],(stadium)[N])[N]
doorgeefluik	(((door)[B],(geef)[V])[V],(luik)[N])[N]
doorgefourneerd	((door)[B],(gefourneerd)[V])[A]
doorgetript	((door)[B],(getript)[V])[A]
doorgeven	((door)[B],(geef)[V])[V]
doorgoed	((door)[B],(goed)[A])[A]
doorgraven	((door)[B],(graaf)[V])[V]
doorgraving	(((door)[B],(graaf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
doorgroeien	((door)[B],(groei)[V])[V]
doorgrondelijk	(((door)[B],(grond)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
doorgronden	((door)[B],(grond)[V])[V]
doorhakken	((door)[B],(hak)[V])[V]
doorhalen	((door)[B],(haal)[V])[V]
doorhaling	(((door)[B],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
doorhangen	((door)[B],(hang)[V])[V]
doorhebben	((door)[B],(heb)[V])[V]
doorhelpen	((door)[B],(help)[V])[V]
doorhollen	((door)[B],(hol)[V])[V]
doorjagen	((door)[B],(jaag)[V])[V]
doorjager	(((door)[B],(jaag)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
doorkabbelen	((door)[B],(kabbel)[V])[V]
doorkerven	((door)[B],(kerf)[V])[V]
doorkiesnummer	(((door)[B],(kies)[V])[V],(nummer)[N])[N]
doorkiessysteem	(((door)[B],(kies)[V])[V],(systeem)[N])[N]
doorkiezen	((door)[B],(kies)[V])[V]
doorkijkblouse	(((door)[B],(kijk)[V])[V],(blouse)[N])[N]
doorkijken	((door)[B],(kijk)[V])[V]
doorkijkjurk	(((door)[B],(kijk)[V])[V],(jurk)[N])[N]
doorklieven	((door)[B],(klief)[V])[V]
doorklinken	((door)[B],(klink)[V])[V]
doorknagen	((door)[B],(knaag)[V])[V]
doorknippen	((door)[B],(knip)[V])[V]
doorknoopjurk	((door)[P],(knoop)[V],(jurk)[N])[N]
doorknooprok	((door)[P],(knoop)[V],(rok)[N])[N]
doorkoken	((door)[B],(kook)[V])[V]
doorkomen	((door)[B],(kom)[V])[V]
doorkomst	(((door)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N]
doorkoud	((door)[B],(koud)[A])[A]
doorkrabben	((door)[B],(krab)[V])[V]
doorkrassen	((door)[B],(kras)[V])[V]
doorkruiden	((door)[B],(kruid)[V])[V]
doorkruisen	((door)[B],(kruis)[V])[V]
doorkruising	(((door)[B],(kruis)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
doorlaat	((door)[B],(laat)[V])[N]
doorlaatbaar	(((door)[B],(laat)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
doorlaatbaarheid	((((door)[B],(laat)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
doorlaatpost	(((door)[B],(laat)[V])[V],(post)[N])[N]
doorlappen	((door)[B],(lap)[V])[V]
doorlaten	((door)[B],(laat)[V])[V]
doorlatendheid	((doorlatend)[V],(heid)[N|V.])[N]
doorlekken	((door)[B],(lek)[V])[V]
doorlelijk	((door)[B],(lelijk)[A])[A]
doorleren	((door)[B],(leer)[V])[V]
doorleven	((door)[B],(leef)[V])[V]
doorleving	(((door)[B],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
doorlezen	((door)[B],(lees)[V])[V]
doorlezing	(((door)[B],(lees)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
doorlichten	((door)[B],(licht)[V])[V]
doorlichting	(((door)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
doorliggen	((door)[B],(lig)[V])[V]
doorloodsen	((door)[B],(loods)[V])[V]
doorloop	((door)[P],(loop)[V])[N]
doorlopen	((door)[B],(loop)[V])[V]
doorloper	(((door)[B],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
doorluchtig	((doorlucht)[A],(ig)[A|A.])[A]
doorluchtigheid	(((doorlucht)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
doormager	((door)[B],(mager)[A])[A]
doormaken	((door)[B],(maak)[V])[V]
doormarche	((door)[B],(marche)[N])[N]
doormarcheren	((door)[B],(marcheer)[V])[V]
doormars	((door)[B],(mars)[N])[N]
doormengen	((door)[B],(meng)[V])[V]
doormeten	((door)[B],(meet)[V])[V]
doormodderen	((door)[B],(modder)[V])[V]
doorn	(doorn)[N]
doornachtig	((doorn)[N],(achtig)[A|N.])[A]
doornagelen	((door)[B],(nagel)[V])[V]
doornappel	((doorn)[N],(appel)[N])[N]
doornat	((door)[B],(nat)[A])[A]
doornbes	((doorn)[N],(bes)[N])[N]
doornboom	((doorn)[N],(boom)[N])[N]
doornbos	((doorn)[N],(bos)[N])[N]
doornemen	((door)[B],(neem)[V])[V]
doornen	((doorn)[N],(en)[A|N.])[A]
doornenkroon	((doorn)[N],(en)[N|N.N],(kroon)[N])[N]
doornhaag	((doorn)[N],(haag)[N])[N]
doornhaai	((doorn)[N],(haai)[N])[N]
doornheg	((doorn)[N],(heg)[N])[N]
doornig	((doorn)[N],(ig)[A|N.])[A]
doornstruik	((doorn)[N],(struik)[N])[N]
doornummeren	((door)[B],(nummer)[V])[V]
doorpassen	((door)[B],(pass)[V])[V]
doorploegen	((door)[B],(ploeg)[V])[V]
doorpluizen	((door)[B],(pluis)[V])[V]
doorpraten	((door)[B],(praat)[V])[V]
doorprikken	((door)[B],(prik)[V])[V]
doorpsychologiseren	((door)[B],(psychologiseer)[V])[V]
doorredeneren	((door)[B],((reden)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
doorregenen	((door)[B],(regen)[V])[V]
doorreis	((door)[B],(reis)[N])[N]
doorreizen	((door)[B],(reis)[V])[V]
doorrennen	((door)[B],(ren)[V])[V]
doorrij	(((door)[B],(rijd)[V])[V])[N]
doorrijden	((door)[B],(rijd)[V])[V]
doorrijhoogte	(((door)[B],(rijd)[V])[V],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
doorrit	((door)[B],(rit)[N])[N]
doorroeren	((door)[B],(roer)[V])[V]
doorroesten	((door)[B],(roest)[V])[V]
doorroken	((door)[B],(rook)[V])[V]
doorroker	(((door)[B],(rook)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
doorschemeren	((door)[B],(schemer)[V])[V]
doorscheuren	((door)[B],(scheur)[V])[V]
doorschieten	((door)[B],(schiet)[V])[V]
doorschijnen	((door)[B],(schijn)[V])[V]
doorschouwen	((door)[B],(schouw)[V])[V]
doorschrappen	((door)[B],(schrap)[V])[V]
doorschrapping	(((door)[B],(schrap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
doorschrijfsysteem	(((door)[B],(schrijf)[V])[V],(systeem)[N])[N]
doorschrijven	((door)[B],(schrijf)[V])[V]
doorschudden	((door)[B],(schud)[V])[V]
doorschuiven	((door)[B],(schuif)[V])[V]
doorseinen	((door)[B],(sein)[V])[V]
doorsijpelen	((door)[B],(sijpel)[V])[V]
doorslaan	((door)[B],(sla)[V])[V]
doorslaggevend	((doorslag)[N],(geef)[V],(end)[A|NV.])[A]
doorslapen	((door)[B],(slaap)[V])[V]
doorslecht	((door)[B],(slecht)[A])[A]
doorslenteren	((door)[B],(slenter)[V])[V]
doorslepen	((door)[B],(geslepen)[V])[A]
doorslijten	((door)[B],(slijt)[V])[V]
doorslikken	((door)[B],(slik)[V])[V]
doorslippen	((door)[B],(slip)[V])[V]
doorsmeerbeurt	(((door)[B],(smeer)[V])[V],(beurt)[N])[N]
doorsmeerstation	(((door)[B],(smeer)[V])[V],(station)[N])[N]
doorsmeren	((door)[B],(smeer)[V])[V]
doorsmeulen	((door)[B],(smeul)[V])[V]
doorsmokkelen	((door)[B],(smokkel)[V])[V]
doorsnee-Amerikaan	((doorsnee)[N],(Amerikaan)[N])[N]
doorsnijden	((door)[B],(snijd)[V])[V]
doorsnijding	(((door)[B],(snijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
doorsnijdingspunt	((((door)[B],(snijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
doorsnuffelen	((door)[B],(snuffel)[V])[V]
doorspekken	((door)[B],(spek)[V])[V]
doorspelen	((door)[B],(speel)[V])[V]
doorspeuren	((door)[B],(speur)[V])[V]
doorspoelen	((door)[B],(spoel)[V])[V]
doorspreken	((door)[B],(spreek)[V])[V]
doorstaan	((door)[B],(sta)[V])[V]
doorstappen	((door)[B],(stap)[V])[V]
doorsteken	((door)[B],(steek)[V])[V]
doorsteker	(((door)[B],(steek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
doorsteking	(((door)[B],(steek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
doorstikken	((door)[B],(stik)[V])[V]
doorstomen	((door)[B],(stoom)[V])[V]
doorstoten	((door)[B],(stoot)[V])[V]
doorstrepen	((door)[B],(streep)[V])[V]
doorstromen	((door)[B],(stroom)[V])[V]
doorstromer	(((door)[B],(stroom)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
doorstroming	(((door)[B],(stroom)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
doorstromingsmogelijkheid	((((door)[B],(stroom)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
doorstuderen	((door)[B],(studeer)[V])[V]
doorsturen	((door)[B],(stuur)[V])[V]
doorsukkelen	((door)[B],(sukkel)[V])[V]
doortasten	((door)[B],(tast)[V])[V]
doortellen	((door)[B],(tel)[V])[V]
doortimmerd	((door)[P],(getimmerd)[V])[A]
doortintelen	((door)[B],(tintel)[V])[V]
doortocht	((door)[B],(tocht)[N])[N]
doortochten	((door)[B],(tocht)[V])[V]
doortrappen	((door)[B],(trap)[V])[V]
doortrapper	(((door)[B],(trap)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
doortraptheid	((doortrapt)[A],(heid)[N|A.])[N]
doortrek	((door)[P],(trek)[N])[N]
doortrekken	((door)[B],(trek)[V])[V]
doorvaart	((door)[B],(vaart)[N])[N]
doorvaarthoogte	(((door)[B],(vaart)[N])[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
doorvaartwijdte	(((door)[B],(vaart)[N])[N],((wijd)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
doorvaren	((door)[B],(vaar)[V])[V]
doorvechten	((door)[B],(vecht)[V])[V]
doorvegen	((door)[B],(veeg)[V])[V]
doorverbinden	((door)[B],((ver)[V|.V],(bind)[V])[V])[V]
doorverkopen	((door)[B],((ver)[V|.V],(koop)[V])[V])[V]
doorverwijzen	((door)[B],((ver)[V|.V],(wijs)[V])[V])[V]
doorvlechten	((door)[B],(vlecht)[V])[V]
doorvlijmen	((door)[B],(vlijm)[V])[V]
doorvoed	((door)[P],(voed)[V])[A]
doorvoelen	((door)[B],(voel)[V])[V]
doorvoeren	((door)[B],(voer)[V])[V]
doorvoerhandel	(((door)[B],(voer)[V])[V],(handel)[N])[N]
doorvoerhaven	(((door)[B],(voer)[V])[V],(haven)[N])[N]
doorvoerrecht	(((door)[B],(voer)[V])[V],(recht)[N])[N]
doorvorsen	((door)[B],(vors)[V])[V]
doorvragen	((door)[B],(vraag)[V])[V]
doorvreten	((door)[B],(vreet)[V])[V]
doorwaadbaar	(((door)[B],(waad)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
doorwaaien	((door)[B],(waai)[V])[V]
doorwaden	((door)[B],(waad)[V])[V]
doorwandelen	((door)[B],(wandel)[V])[V]
doorwarm	((door)[B],(warm)[A])[A]
doorwarmen	((door)[B],(warm)[V])[V]
doorwasemen	((door)[B],(wasem)[V])[V]
doorweken	((door)[B],(week)[V])[V]
doorwerken	((door)[B],(werk)[V])[V]
doorwerking	(((door)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
doorwerkpak	(((door)[B],(werk)[V])[V],(pak)[N])[N]
doorwerkproject	(((door)[B],(werk)[V])[V],(project)[N])[N]
doorweven	((door)[B],(weef)[V])[V]
doorwinteren	((door)[B],(winter)[V])[V]
doorwoelen	((door)[B],(woel)[V])[V]
doorworstelen	((door)[B],(worstel)[V])[V]
doorzagen	((door)[B],(zaag)[V])[V]
doorzakken	((door)[B],(zak)[V])[V]
doorzakking	(((door)[B],(zak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
doorzenden	((door)[B],(zend)[V])[V]
doorzetster	(((door)[B],(zet)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
doorzetten	((door)[B],(zet)[V])[V]
doorzetter	(((door)[B],(zet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
doorzettingsvermogen	((doorzetting)[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
doorzeuren	((door)[B],(zeur)[V])[V]
doorzeven	((door)[B],(zeef)[V])[V]
doorzichtig	(((door)[B],(zie)[V])[V],(ig)[A|V.])[A]
doorzichtigheid	((((door)[B],(zie)[V])[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
doorzichtkunde	((doorzicht)[N],(kunde)[N])[N]
doorziek	((door)[B],(ziek)[A])[A]
doorzieken	((door)[B],(ziek)[V])[V]
doorzien	((door)[B],(zie)[V])[V]
doorzijgen	((door)[B],(zijg)[V])[V]
doorzijpelen	((door)[B],(zijpel)[V])[V]
doorzitten	((door)[B],(zit)[V])[V]
doorzoeken	((door)[B],(zoek)[V])[V]
doorzonkamer	((door)[P],(zon)[N],(kamer)[N])[N]
doorzonwoning	((door)[P],(zon)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
doorzult	((door)[B],(zult)[N])[A]
doorzwelgen	((door)[B],(zwelg)[V])[V]
doorzweten	((door)[B],(zweet)[V])[V]
doorzwikken	((door)[B],(zwik)[V])[V]
doos	(doos)[N]
doosvrucht	((doos)[N],(vrucht)[N])[N]
dop	(dop)[N]
dope	(dope)[N]
dopeling	((doop)[V],(eling)[N|V.])[N]
dopelinge	(((doop)[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
dopen	(doop)[V]
doper	((doop)[V],(er)[N|V.])[N]
dopers	(((doop)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[A|N.])[A]
doperwt	((dop)[V],(erwt)[N])[N]
dophei	((dop)[N],(hei)[N])[N]
dopheide	((dop)[N],(heide)[N])[N]
dophoed	((dop)[N],(hoed)[N])[N]
dopingcontrole	((doping)[N],(controle)[N])[N]
dopinglijst	((doping)[N],(lijst)[N])[N]
dopingtest	((doping)[N],(test)[N])[N]
dopjesspel	((dopje)[N],(s)[N|N.N],(spel)[N])[N]
dopluis	((dop)[N],(luis)[N])[N]
doppen	(dop)[V]
dopper	((dop)[V],(er)[N|V.])[N]
dopsleutel	((dop)[N],(sleutel)[N])[N]
dopvrucht	((dop)[N],(vrucht)[N])[N]
dor	(dor)[A]
doren	(doren)[N]
dorheid	((dor)[A],(heid)[N|A.])[N]
dorp	(dorp)[N]
dorpachtig	((dorp)[N],(achtig)[A|N.])[A]
dorpeling	((dorp)[N],(eling)[N|N.])[N]
dorpelinge	(((dorp)[N],(eling)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
dorperheid	((dorper)[N],(heid)[N|N.])[N]
dorps	((dorp)[N],(s)[A|N.])[A]
dorpsbestuur	((dorp)[N],(s)[N|N.N],(bestuur)[N])[N]
dorpsbewoner	((dorp)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
dorpsbewoonster	((dorp)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(ster)[N|NxV.])[N]
dorpscentrum	((dorp)[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
dorpsgek	((dorp)[N],(s)[N|N.N],(gek)[N])[N]
dorpsgezicht	((dorp)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
dorpsherberg	((dorp)[N],(s)[N|N.N],(herberg)[N])[N]
dorpshuis	((dorp)[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
dorpskerk	((dorp)[N],(s)[N|N.N],(kerk)[N])[N]
dorpskom	((dorp)[N],(s)[N|N.N],(kom)[N])[N]
dorpsleven	((dorp)[N],(s)[N|N.N],(leven)[N])[N]
dorpspastoor	((dorp)[N],(s)[N|N.N],(pastoor)[N])[N]
dorpsplein	((dorp)[N],(s)[N|N.N],(plein)[N])[N]
dorpsschool	((dorp)[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
dorpsschoolmeester	((dorp)[N],(s)[N|N.N],((school)[N],(meester)[N])[N])[N]
dorpsstraat	((dorp)[N],(s)[N|N.N],(straat)[N])[N]
dorpstoren	((dorp)[N],(s)[N|N.N],(toren)[N])[N]
dorren	(dor)[V]
dors	(dors)[N]
dorsdeel	((dors)[V],(deel)[N])[N]
dorsen	(dors)[V]
dorser	((dors)[V],(er)[N|V.])[N]
dorsgarnituur	((dors)[V],(garnituur)[N])[N]
dorsmachine	((dors)[V],(machine)[N])[N]
dorsmolen	((dors)[V],(molen)[N])[N]
dorsschuur	((dors)[V],(schuur)[N])[N]
dorst	(dorst)[N]
dorsten	(dorst)[V]
dorstig	((dorst)[N],(ig)[A|N.])[A]
dorstlessend	((dorst)[N],(les)[V],(end)[A|NV.])[A]
dorstlesser	((dorst)[N],(les)[V],(er)[N|NV.])[N]
dorststillend	((dorst)[N],(stil)[V],(end)[A|NV.])[A]
dorsvlegel	((dors)[V],(vlegel)[N])[N]
dorsvloer	((dors)[V],(vloer)[N])[N]
dos	(dos)[N]
doseren	((dosis)[N],(eer)[V|N.])[V]
dosering	(((dosis)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
doseringsschema	((((dosis)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schema)[N])[N]
dosismeter	((dosis)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
dossen	(dos)[V]
dossierdiploma	((dossier)[N],(diploma)[N])[N]
dossiermap	((dossier)[N],(map)[N])[N]
dot	(dot)[N]
dotatie	((doteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
douane	(douane)[N]
douaneambtenaar	((douane)[N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
douanebeambte	((douane)[N],(beambte)[N])[N]
douaneformaliteiten	((douane)[N],((formeel)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
douanekantoor	((douane)[N],(kantoor)[N])[N]
douaneonderzoek	((douane)[N],(onderzoek)[N])[N]
douanepapieren	((douane)[N],(papier)[N])[N]
douanepolitiek	((douane)[N],(politiek)[N])[N]
douanier	((douane)[N],(ier)[N|N.])[N]
double	(double)[N]
doubleur	((doubleer)[V],(eur)[N|V.])[N]
doublé	(doublé)[N]
douche	(douche)[N]
douchecabine	((douche)[N],(cabine)[N])[N]
douchecel	((douche)[N],(cel)[N])[N]
douchegelegenheid	((douche)[N],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
douchegordijn	((douche)[N],(gordijn)[N])[N]
douchen	(douch)[V]
doucheruimte	((douche)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
douw	(douw)[N]
douwen	(douw)[V]
doveman	((doof)[A],(e)[N|A.N],(man)[N])[N]
doven	(doof)[V]
doveninstituut	((dove)[N],(en)[N|N.N],(instituut)[N])[N]
doverik	((doof)[A],(erik)[N|A.])[N]
dovig	((doof)[A],(ig)[A|A.])[A]
dovigheid	(((doof)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
downs	(downs)[X]
downslag	((down)[A],(slag)[N])[N]
downstemming	((down)[A],((stem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dozenfabriek	((doos)[N],(en)[N|N.N],(fabriek)[N])[N]
dozijn	(dozijn)[N]
draad	(draad)[N]
draadachtig	((draad)[N],(achtig)[A|N.])[A]
draadbekleding	((draad)[N],(((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
draadbericht	((draad)[N],(bericht)[N])[N]
draadbeugel	((draad)[N],(beugel)[N])[N]
draadbreuk	((draad)[N],(breuk)[N])[N]
draadijzer	((draad)[N],(ijzer)[N])[N]
draadloos	((draad)[N],(loos)[A|N.])[A]
draadnagel	((draad)[N],(nagel)[N])[N]
draadpaal	((draad)[N],(paal)[N])[N]
draadplastiek	((draad)[N],((plastisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
draadschaar	((draad)[N],(schaar)[N])[N]
draadspoel	((draad)[N],(spoel)[N])[N]
draadstripper	((draad)[N],(strip)[V],(er)[N|NV.])[N]
draadteller	((draad)[N],(tel)[V],(er)[N|NV.])[N]
draadtrekken	((draad)[N],(trek)[V])[V]
draadversperring	((draad)[N],(((ver)[V|.V],(sper)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
draadvormig	((draad)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
draadworm	((draad)[N],(worm)[N])[N]
draadzaag	((draad)[N],(zaag)[N])[N]
draadzwam	((draad)[N],(zwam)[N])[N]
draagaltaar	((draag)[V],(altaar)[N])[N]
draagas	((draag)[V],(as)[N])[N]
draagbaar	((draag)[V],(baar)[N])[N]
draagbaar	((draag)[V],(baar)[A|V.])[A]
draagbal	((draag)[V],(bal)[N])[N]
draagbalk	((draag)[V],(balk)[N])[N]
draagband	((draag)[V],(band)[N])[N]
draagberrie	((draag)[V],(berrie)[N])[N]
draagdoek	((draag)[V],(doek)[N])[N]
draaghemel	((draag)[V],(hemel)[N])[N]
draagkarton	((draag)[V],(karton)[N])[N]
draagketting	((draag)[V],(ketting)[N])[N]
draagklamp	((draag)[V],(klamp)[N])[N]
draagkoets	((draag)[V],(koets)[N])[N]
draagkorf	((draag)[V],(korf)[N])[N]
draagkracht	((draag)[V],(kracht)[N])[N]
draagkrachtbeginsel	(((draag)[V],(kracht)[N])[N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
draagkrachtig	(((draag)[V],(kracht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
draagkussen	((draag)[V],(kussen)[N])[N]
draaglijk	((draag)[V],(lijk)[A|V.])[A]
draagloon	((draag)[V],(loon)[N])[N]
draaglus	((draag)[V],(lus)[N])[N]
draagmoeder	((draag)[V],(moeder)[N])[N]
draagraket	((draag)[V],(raket)[N])[N]
draagriem	((draag)[V],(riem)[N])[N]
draagspeld	((draag)[V],(speld)[N])[N]
draagsteen	((draag)[V],(steen)[N])[N]
draagster	((draag)[V],(ster)[N|V.])[N]
draagstoel	((draag)[V],(stoel)[N])[N]
draagstok	((draag)[V],(stok)[N])[N]
draagtas	((draag)[V],(tas)[N])[N]
draagtijd	((draag)[V],(tijd)[N])[N]
draagverband	((draag)[V],(verband)[N])[N]
draagvermogen	((draag)[V],(vermogen)[N])[N]
draagvlak	((draag)[V],(vlak)[N])[N]
draagvleugelboot	((draag)[V],(vleugel)[N],(boot)[N])[N]
draagwijdte	((draag)[V],((wijd)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
draagzak	((draag)[V],(zak)[N])[N]
draagzeel	((draag)[V],(zeel)[N])[N]
draai	(draai)[N]
draaibaar	((draai)[V],(baar)[A|V.])[A]
draaibank	((draai)[V],(bank)[N])[N]
draaibeitel	((draai)[V],(beitel)[N])[N]
draaiboek	((draai)[V],(boek)[N])[N]
draaiboom	((draai)[V],(boom)[N])[N]
draaibord	((draai)[V],(bord)[N])[N]
draaibrug	((draai)[V],(brug)[N])[N]
draaicirkel	((draai)[V],(cirkel)[N])[N]
draaideur	((draai)[V],(deur)[N])[N]
draaien	(draai)[V]
draaier	((draai)[V],(er)[N|V.])[N]
draaierig	((draai)[V],(erig)[A|V.])[A]
draaierigheid	(((draai)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
draaierij	((draai)[V],(erij)[N|V.])[N]
draaigewricht	((draai)[V],(gewricht)[N])[N]
draaihek	((draai)[V],(hek)[N])[N]
draaiing	((draai)[V],(ing)[N|V.])[N]
draaikap	((draai)[V],(kap)[N])[N]
draaikever	((draai)[V],(kever)[N])[N]
draaikolk	((draai)[V],(kolk)[N])[N]
draaikont	((draai)[V],(kont)[N])[N]
draaikooi	((draai)[V],(kooi)[N])[N]
draaikruis	((draai)[V],(kruis)[N])[N]
draaikruk	((draai)[V],(kruk)[N])[N]
draailicht	((draai)[V],(licht)[N])[N]
draaimolen	((draai)[V],(molen)[N])[N]
draaiorgel	((draai)[V],(orgel)[N])[N]
draaipunt	((draai)[V],(punt)[N])[N]
draaischijf	((draai)[V],(schijf)[N])[N]
draaispil	((draai)[V],(spil)[N])[N]
draaispit	((draai)[V],(spit)[N])[N]
draaistel	((draai)[V],(stel)[N])[N]
draaister	((draai)[V],(ster)[N|V.])[N]
draaistoel	((draai)[V],(stoel)[N])[N]
draaistroom	((draai)[V],(stroom)[N])[N]
draaitafel	((draai)[V],(tafel)[N])[N]
draaitoestel	((draai)[V],(toestel)[N])[N]
draaitol	((draai)[V],(tol)[N])[N]
draaitoneel	((draai)[V],(toneel)[N])[N]
draaitopstofzuiger	((draai)[V],(top)[N],(((stof)[N],(zuig)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
draaitrap	((draai)[V],(trap)[N])[N]
draaiwerk	((draai)[V],(werk)[N])[N]
draaiziekte	((draai)[V],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
draak	(draak)[N]
draakachtig	((draak)[N],(achtig)[A|N.])[A]
drab	(drab)[N]
drabbig	((drab)[N],(ig)[A|N.])[A]
drabbigheid	(((drab)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
drachttijd	((dracht)[N],(tijd)[N])[N]
draderig	((draad)[N],(erig)[A|N.])[A]
draderigheid	(((draad)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
dradig	((draad)[N],(ig)[A|N.])[A]
draf	(draf)[N]
drafsport	((draf)[N],(sport)[N])[N]
dragelijk	((draag)[V],(lijk)[A|V.])[A]
dragen	(draag)[V]
drager	((draag)[V],(er)[N|V.])[N]
dragonazijn	((dragon)[N],(azijn)[N])[N]
drain	(drain)[N]
drainage	(((drain)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N]
draineerbuis	(((drain)[N],(eer)[V|N.])[V],(buis)[N])[N]
draineerploeg	(((drain)[N],(eer)[V|N.])[V],(ploeg)[N])[N]
draineren	((drain)[N],(eer)[V|N.])[V]
drainering	(((drain)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
drakekruid	((draak)[N],(e)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
drakenbloed	((draak)[N],(e)[N|N.N],(bloed)[N])[N]
drakenbloedboom	(((draak)[N],(e)[N|N.N],(bloed)[N])[N],(boom)[N])[N]
drakenkop	((draak)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
drakenmuil	((draak)[N],(e)[N|N.N],(muil)[N])[N]
drakentong	((draak)[N],(en)[N|N.N],(tong)[N])[N]
drakerig	((draak)[N],(erig)[A|N.])[A]
dralen	(draal)[V]
draler	((draal)[V],(er)[N|V.])[N]
dramatiek	(((drama)[N],(atisch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
dramatisch	((drama)[N],(atisch)[A|N.])[A]
dramatiseren	((drama)[N],(iseer)[V|N.])[V]
dramatisering	(((drama)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
dramaturgisch	((dramaturg)[N],(isch)[A|N.])[A]
drammen	(dram)[V]
drammer	((dram)[V],(er)[N|V.])[N]
drammerig	((dram)[V],(erig)[A|V.])[A]
drang	(drang)[N]
dranghek	((drang)[N],(hek)[N])[N]
drangperiode	((drang)[N],(periode)[N])[N]
drangwater	((drang)[N],(water)[N])[N]
drank	(drank)[N]
drankaccijns	((drank)[N],(accijns)[N])[N]
drankautomaat	((drank)[N],(automaat)[N])[N]
drankbestrijder	((drank)[N],((be)[V|.V],(strijd)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
drankbestrijding	((drank)[N],((be)[V|.V],(strijd)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
drankduivel	((drank)[N],(duivel)[N])[N]
drankenconcern	((drank)[N],(en)[N|N.N],(concern)[N])[N]
drankflacon	((drank)[N],(flacon)[N])[N]
drankfles	((drank)[N],(fles)[N])[N]
drankgebruik	((drank)[N],(gebruik)[N])[N]
drankgelegenheid	((drank)[N],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
dranklucht	((drank)[N],(lucht)[N])[N]
drankmeter	((drank)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
drankmisbruik	((drank)[N],(misbruik)[N])[N]
drankorgel	((drank)[N],(orgel)[N])[N]
drankorgie	((drank)[N],(orgie)[N])[N]
drankprobleem	((drank)[N],(probleem)[N])[N]
drankverbod	((drank)[N],(verbod)[N])[N]
drankverbruik	((drank)[N],(verbruik)[N])[N]
drankvergunning	((drank)[N],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
drankvoorraad	((drank)[N],(voorraad)[N])[N]
drankwet	((drank)[N],(wet)[N])[N]
drankwinkel	((drank)[N],(winkel)[N])[N]
drankzaak	((drank)[N],(zaak)[N])[N]
drankzucht	((drank)[N],(zucht)[N])[N]
drankzuchtig	((drank)[N],(zucht)[N],(ig)[A|NN.])[A]
drapering	((drapeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
dras	(dras)[N]
drasland	((dras)[N],(land)[N])[N]
drassig	((dras)[N],(ig)[A|N.])[A]
drassigheid	(((dras)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
draven	(draaf)[V]
draver	((draaf)[V],(er)[N|V.])[N]
draverij	((draaf)[V],(erij)[N|V.])[N]
draw	(draw)[N]
dreef	(dreef)[N]
dreg	(dreg)[N]
dregge	(dregge)[N]
dreggen	(dreg)[V]
dreigbrief	((dreig)[V],(brief)[N])[N]
dreigement	((dreig)[V],(ement)[N|V.])[N]
dreigen	(dreig)[V]
dreiggedrag	((dreig)[V],(gedrag)[N])[N]
dreighouding	((dreig)[V],(houding)[N])[N]
dreiging	((dreig)[V],(ing)[N|V.])[N]
drein	(drein)[N]
dreinen	(drein)[V]
dreinerig	((drein)[V],(erig)[A|V.])[A]
drek	(drek)[N]
drekhoop	((drek)[N],(hoop)[N])[N]
drekkerig	((drek)[N],(erig)[A|N.])[A]
drekkig	((drek)[N],(ig)[A|N.])[A]
drekvlieg	((drek)[N],(vlieg)[N])[N]
drempel	(drempel)[N]
drempelverlagend	((drempel)[N],((ver)[V|.A],(laag)[A])[V],(end)[A|NV.])[A]
drempelverlaging	((drempel)[N],((ver)[V|.A],(laag)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
drempelvrees	((drempel)[N],(vrees)[N])[N]
drenkbak	((drenk)[V],(bak)[N])[N]
drenkelinge	((drenkeling)[N],(e)[N|N.])[N]
drenken	(drenk)[V]
drenkplaats	((drenk)[V],(plaats)[N])[N]
drenktrog	((drenk)[V],(trog)[N])[N]
drentelaar	((drentel)[V],(aar)[N|V.])[N]
drentelaarster	(((drentel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
drentelen	(drentel)[V]
drenzen	(drens)[V]
drenzer	((drens)[V],(er)[N|V.])[N]
drenzerig	((drens)[V],(erig)[A|V.])[A]
dresseerder	((dresseer)[V],(der)[N|V.])[N]
dresseerster	((dresseer)[V],(ster)[N|V.])[N]
dressuur	((dresseer)[V],(uur)[N|V.])[N]
dressuursport	(((dresseer)[V],(uur)[N|V.])[N],(sport)[N])[N]
dretsen	(drets)[V]
dreun	(dreun)[N]
dreunen	(dreun)[V]
dreutel	(dreutel)[N]
dreutelaar	((dreutel)[V],(aar)[N|V.])[N]
dreutelen	(dreutel)[V]
drevelgat	((drevel)[N],(gat)[N])[N]
dribbel	(dribbel)[N]
dribbelaar	((dribbel)[V],(aar)[N|V.])[N]
dribbelaarster	(((dribbel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
dribbelen	(dribbel)[V]
drie	(drie)[Q]
drie-eenheid	((drie)[Q],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
drie-enig	((drie)[Q],(één)[Q],(ig)[A|QQ.])[A]
driearmig	((drie)[Q],(arm)[N],(ig)[A|QN.])[A]
driebaansweg	((drie)[Q],(baan)[N],(s)[N|QN.N],(weg)[N])[N]
driebandenspel	((drie)[Q],(band)[N],(en)[N|QN.N],(spel)[N])[N]
driebandentoernooi	((drie)[Q],(band)[N],(en)[N|QN.N],(toernooi)[N])[N]
driebenig	((drie)[Q],(been)[N],(ig)[A|QN.])[A]
drieblad	((drie)[Q],(blad)[N])[N]
driedaags	((drie)[Q],(dag)[N],(s)[A|QN.])[A]
driedekker	((drie)[Q],(dek)[N],(er)[N|QN.])[N]
driedelig	((drie)[Q],(deel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
driedeursauto	((drie)[Q],(deur)[N],(s)[N|QN.N],(auto)[N])[N]
driedik	((drie)[Q],(dik)[A])[A]
driedimensionaal	((drie)[Q],((dimensie)[N],(ionaal)[A|N.])[A])[A]
driedistel	((drie)[Q],(distel)[N])[N]
driedraad	((drie)[Q],(draad)[N])[N]
driedraads	(((drie)[Q],(draad)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
driedubbel	((drie)[Q],(dubbel)[A])[A]
drieduizend	((drie)[Q],(duizend)[Q])[Q]
driegdraad	((drieg)[V],(draad)[N])[N]
driegen	(drieg)[V]
driegsteek	((drieg)[V],(steek)[N])[N]
driehoek	((drie)[Q],(hoek)[N])[N]
driehoekig	((drie)[Q],(hoek)[N],(ig)[A|QN.])[A]
driehoekschakeling	(((drie)[Q],(hoek)[N])[N],((schakel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
driehoeksformatie	(((drie)[Q],(hoek)[N])[N],(s)[N|N.N],((formeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
driehoeksmeting	(((drie)[Q],(hoek)[N])[N],(s)[N|N.N],((meet)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
driehoeksoverleg	(((drie)[Q],(hoek)[N])[N],(s)[N|N.N],(overleg)[N])[N]
driehoeksrelatie	(((drie)[Q],(hoek)[N])[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
driehoeksverhouding	(((drie)[Q],(hoek)[N])[N],(s)[N|N.N],((verhoud)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
driehonderd	((drie)[Q],(honderd)[Q])[Q]
driehonderdduizend	((((drie)[Q],(honderd)[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
driehoofdig	((drie)[Q],(hoofd)[N],(ig)[A|QN.])[A]
driehoog	((drie)[Q],(hoog)[A])[B]
driejaarlijks	((drie)[Q],(jaar)[N],(lijks)[A|QN.])[A]
driejarig	((drie)[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
driekamerflat	((drie)[Q],(kamer)[N],(flat)[N])[N]
driekamerwoning	((drie)[Q],(kamer)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
driekant	((drie)[Q],(kant)[N])[A]
driekantig	((drie)[Q],(kant)[N],(ig)[A|QN.])[A]
drieklank	((drie)[N],(klank)[N])[N]
driekleur	((drie)[Q],(kleur)[N])[N]
driekleurendruk	((drie)[Q],(kleur)[N],(en)[N|QN.N],(druk)[N])[N]
driekleurig	((drie)[Q],(kleur)[N],(ig)[A|QN.])[A]
driekoningenbrood	((Driekoningen)[N],(brood)[N])[N]
driekoningenkaars	((Driekoningen)[N],(kaars)[N])[N]
driekoningenkoek	((Driekoningen)[N],(koek)[N])[N]
driekoningenlied	((Driekoningen)[N],(lied)[N])[N]
driekoningenster	((Driekoningen)[N],(ster)[N])[N]
driekoppig	((drie)[Q],(kop)[N],(ig)[A|QN.])[A]
driekroon	((drie)[Q],(kroon)[N])[N]
driekwart	((drie)[Q],(kwart)[N])[A]
driekwartjas	(((drie)[Q],(kwart)[N])[A],(jas)[N])[N]
driekwartmantel	(((drie)[Q],(kwart)[N])[A],(mantel)[N])[N]
driekwartsmaat	((drie)[Q],(kwart)[N],(s)[N|QN.N],(maat)[N])[N]
driekwartviool	(((drie)[Q],(kwart)[N])[A],(viool)[N])[N]
drielandenpunt	((drie)[Q],(land)[N],(en)[N|QN.N],(punt)[N])[N]
drieledig	((drie)[Q],(lid)[N],(ig)[A|QN.])[A]
drielettergrepig	((drie)[Q],(lettergreep)[N],(ig)[A|QN.])[A]
drieletterwoord	((drie)[Q],(letter)[N],(woord)[N])[N]
drieling	((drie)[N],(ling)[N|N.])[N]
drielingkaars	(((drie)[N],(ling)[N|N.])[N],(kaars)[N])[N]
drieloop	((drie)[Q],(loop)[N])[N]
drieluik	((drie)[Q],(luik)[N])[N]
driemaal	((drie)[Q],(maal)[N])[B]
driemaandelijks	((drie)[Q],(maand)[N],(elijks)[A|QN.])[A]
driemaands	((drie)[Q],(maand)[N],(s)[A|QN.])[A]
driemachtenleer	((drie)[Q],(macht)[N],(en)[N|QN.N],(leer)[N])[N]
driemalig	((drie)[Q],(maal)[N],(ig)[A|QN.])[A]
drieman	((drie)[Q],(man)[N])[N]
driemanschap	(((drie)[Q],(man)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
driemaster	((drie)[Q],(mast)[N],(er)[N|QN.])[N]
driemijlengrens	((drie)[Q],(mijl)[N],(en)[N|QN.N],(grens)[N])[N]
driemijlenzone	((drie)[Q],(mijl)[N],(en)[N|QN.N],(zone)[N])[N]
driemijlsgrens	((drie)[Q],(mijl)[N],(s)[N|QN.N],(grens)[N])[N]
driemijlszone	((drie)[Q],(mijl)[N],(s)[N|QN.N],(zone)[N])[N]
driemotorig	((drie)[Q],(motor)[N],(ig)[A|QN.])[A]
drieogig	((drie)[Q],(oog)[N],(ig)[A|QN.])[A]
driepikkel	((drie)[Q],(pikkel)[N])[N]
driepits	((drie)[Q],(pit)[N],(s)[N|QN.])[N]
driepitsstel	((drie)[Q],(pit)[N],(s)[N|QN.N],(stel)[N])[N]
drieploegenstelsel	((drie)[Q],(ploeg)[N],(en)[N|QN.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
driepoot	((drie)[Q],(poot)[N])[N]
driepuntig	((drie)[Q],(punt)[N],(ig)[A|QN.])[A]
driepuntsgordel	((drie)[Q],(punt)[N],(s)[N|QN.N],(gordel)[N])[N]
drieregelig	((drie)[Q],(regel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
dries	(dries)[N]
drieslag	((drie)[Q],(slag)[N])[N]
drieslagstelsel	((drie)[Q],(slag)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
driespan	((drie)[Q],(span)[N])[N]
driesprong	((drie)[Q],(sprong)[N])[N]
driest	(driest)[A]
driestaafs	((drie)[Q],(staaf)[N],(s)[A|QN.])[A]
driestal	((drie)[Q],(stal)[N])[N]
driestemmig	((drie)[Q],(stem)[N],(ig)[A|QN.])[A]
driesterrenhotel	((drie)[Q],(ster)[N],(en)[N|QN.N],(hotel)[N])[N]
driesterrenrestaurant	((drie)[Q],(ster)[N],(en)[N|QN.N],((restaureer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
driestheid	((driest)[A],(heid)[N|A.])[N]
drietal	((drie)[Q],(tal)[N])[N]
drietalig	((drie)[Q],(taal)[N],(ig)[A|QN.])[A]
drietand	((drie)[Q],(tand)[N])[N]
drietonner	((drie)[Q],(ton)[N],(er)[N|QN.])[N]
drietrapsraket	((drie)[Q],(trap)[N],(s)[N|QN.N],(raket)[N])[N]
drieversnellingsnaaf	((drie)[Q],(((ver)[V|.A],(snel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|QN.N],(naaf)[N])[N]
drievingerig	((drie)[Q],(vinger)[N],(ig)[A|QN.])[A]
drievlak	((drie)[Q],(vlak)[N])[N]
drievoet	((drie)[N],(voet)[N])[N]
drievoetig	((drie)[Q],(voet)[N],(ig)[A|QN.])[A]
drievoudig	((drievoud)[N],(ig)[A|N.])[A]
drievoudigheid	(((drievoud)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
drievuldigheid	((drievuldig)[A],(heid)[N|A.])[N]
driewaardig	((drie)[Q],(waarde)[N],(ig)[A|QN.])[A]
driewegbox	((drie)[Q],(weg)[N],(box)[N])[N]
driewegkraan	((drie)[Q],(weg)[N],(kraan)[N])[N]
driewegsteker	((drie)[Q],(weg)[N],((steek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
driewegstekker	((drie)[Q],(weg)[N],(stekker)[N])[N]
driewegsysteem	((drie)[Q],(weg)[N],(systeem)[N])[N]
driewekelijks	((drie)[Q],(week)[N],(elijks)[A|QN.])[A]
driewieler	((drie)[Q],(wiel)[N],(er)[N|QN.])[N]
driewielig	((drie)[Q],(wiel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
driezijdig	((drie)[Q],(zijde)[N],(ig)[A|QN.])[A]
driezitsbank	((drie)[Q],(zit)[N],(s)[N|QN.N],(bank)[N])[N]
drieëndertig	(((drie)[Q],(en)[C],((drie)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
drieëntwintig	(((drie)[Q],(en)[C],((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
drieëntwintigduizend	(((drie)[Q],(en)[C],((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q]
driftbevrediging	((drift)[N],(((be)[V|.A],((vrede)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
driftbui	((drift)[N],(bui)[N])[N]
driftenergie	((drift)[N],(energie)[N])[N]
driftig	((drift)[N],(ig)[A|N.])[A]
driftigheid	(((drift)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
driftimpuls	((drift)[N],(impuls)[N])[N]
driftkikker	((drift)[N],(kikker)[N])[N]
driftkop	((drift)[N],(kop)[N])[N]
drijfanker	((drijf)[V],(anker)[N])[N]
drijfas	((drijf)[V],(as)[N])[N]
drijfbeitel	((drijf)[V],(beitel)[N])[N]
drijfgas	((drijf)[V],(gas)[N])[N]
drijfhamer	((drijf)[V],(hamer)[N])[N]
drijfhout	((drijf)[V],(hout)[N])[N]
drijfijs	((drijf)[V],(ijs)[N])[N]
drijfijzer	((drijf)[V],(ijzer)[N])[N]
drijfjacht	((drijf)[V],(jacht)[N])[N]
drijfkracht	((drijf)[V],(kracht)[N])[N]
drijfkunst	((drijf)[V],(kunst)[N])[N]
drijfmest	((drijf)[V],(mest)[N])[N]
drijfmestput	(((drijf)[V],(mest)[N])[N],(put)[N])[N]
drijfnat	((drijf)[V],(nat)[A])[A]
drijfnet	((drijf)[V],(net)[N])[N]
drijfriem	((drijf)[V],(riem)[N])[N]
drijfstang	((drijf)[V],(stang)[N])[N]
drijfsteen	((drijf)[V],(steen)[N])[N]
drijftil	((drijf)[V],(til)[N])[N]
drijftol	((drijf)[V],(tol)[N])[N]
drijfton	((drijf)[V],(ton)[N])[N]
drijfveer	((drijf)[V],(veer)[N])[N]
drijfvermogen	((drijf)[V],(vermogen)[N])[N]
drijfwant	((drijf)[V],(want)[N])[N]
drijfwerk	((drijf)[V],(werk)[N])[N]
drijfwiel	((drijf)[V],(wiel)[N])[N]
drijfzand	((drijf)[V],(zand)[N])[N]
drijven	(drijf)[V]
drijver	((drijf)[V],(er)[N|V.])[N]
drijverij	((drijf)[V],(erij)[N|V.])[N]
dril	(dril)[N]
drilboor	((dril)[V],(boor)[N])[N]
drilgat	((dril)[V],(gat)[N])[N]
drilkunst	((dril)[V],(kunst)[N])[N]
drillen	(dril)[V]
drilling	((dril)[V],(ing)[N|V.])[N]
drilmeester	((dril)[V],(meester)[N])[N]
drilschool	((dril)[V],(school)[N])[N]
dringen	(dring)[V]
drinkbaar	((drink)[V],(baar)[A|V.])[A]
drinkbak	((drink)[V],(bak)[N])[N]
drinkbeker	((drink)[V],(beker)[N])[N]
drinkbus	((drink)[V],(bus)[N])[N]
drinkebroer	((drink)[V],(e)[N|V.N],(broer)[N])[N]
drinken	(drink)[V]
drinker	((drink)[V],(er)[N|V.])[N]
drinkerij	((drink)[V],(erij)[N|V.])[N]
drinkgedrag	((drink)[V],(gedrag)[N])[N]
drinkgelag	((drink)[V],(gelag)[N])[N]
drinkgeld	((drink)[V],(geld)[N])[N]
drinkgerei	((drink)[V],(gerei)[N])[N]
drinkgewoonte	((drink)[V],((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
drinkglas	((drink)[V],(glas)[N])[N]
drinkkan	((drink)[V],(kan)[N])[N]
drinklied	((drink)[V],(lied)[N])[N]
drinkpartij	((drink)[V],(partij)[N])[N]
drinkplaats	((drink)[V],(plaats)[N])[N]
drinkschaal	((drink)[V],(schaal)[N])[N]
drinkster	((drink)[V],(ster)[N|V.])[N]
drinkwater	((drink)[V],(water)[N])[N]
drinkwaterleiding	(((drink)[V],(water)[N])[N],((leid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
drinkwaterverbruik	(((drink)[V],(water)[N])[N],(verbruik)[N])[N]
drinkwatervoorziening	(((drink)[V],(water)[N])[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
drinkwaterzuivering	(((drink)[V],(water)[N])[N],((zuiver)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
drinkwijn	((drink)[V],(wijn)[N])[N]
drive	(drive)[N]
drive-inwoning	((drive-in)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
droedelen	(droedel)[V]
droef	(droef)[A]
droefenis	((droef)[A],(enis)[N|A.])[N]
droefgeestig	((droef)[A],(geest)[N],(ig)[A|AN.])[A]
droefgeestigheid	(((droef)[A],(geest)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
droefheid	((droef)[A],(heid)[N|A.])[N]
droes	(droes)[N]
droesem	(droesem)[N]
droesemig	((droesem)[N],(ig)[A|N.])[A]
droevig	((droef)[A],(ig)[A|A.])[A]
droezig	((droes)[N],(ig)[A|N.])[A]
drogen	(droog)[V]
drogenaaldprent	((droog)[A],(e)[N|A.NN],(naald)[N],(prent)[N])[N]
droger	((droog)[V],(er)[N|V.])[N]
drogerij	((droog)[V],(erij)[N|V.])[N]
droging	((droog)[V],(ing)[N|V.])[N]
drogistenwinkel	((drogist)[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
drogisterij	((drogist)[N],(erij)[N|N.])[N]
drogisterijartikel	(((drogist)[N],(erij)[N|N.])[N],(artikel)[N])[N]
drol	(drol)[N]
drolbaars	((drol)[N],(baars)[N])[N]
drollenvanger	((drol)[N],(en)[N|N.Vx],(vang)[V],(er)[N|NxV.])[N]
drolligheid	((drollig)[A],(heid)[N|A.])[N]
drom	(drom)[N]
dromedaris	(dromedaris)[N]
dromen	(droom)[V]
dromenland	((droom)[N],(en)[N|N.N],(land)[N])[N]
dromenrijk	((droom)[N],(en)[N|N.N],(rijk)[N])[N]
dromer	((droom)[V],(er)[N|V.])[N]
dromerig	((droom)[V],(erig)[A|V.])[A]
dromerigheid	(((droom)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
dromerij	((droom)[V],(erij)[N|V.])[N]
drommel	(drommel)[N]
drommen	(drom)[V]
dronk	(dronk)[N]
dronkaard	((dronk)[N],(aard)[N|N.])[N]
dronkeman	((dronk)[N],(e)[N|N.N],(man)[N])[N]
dronkemanscel	(((dronk)[N],(e)[N|N.N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(cel)[N])[N]
dronkemansgebed	(((dronk)[N],(e)[N|N.N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(gebed)[N])[N]
dronkemanspartij	(((dronk)[N],(e)[N|N.N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(partij)[N])[N]
dronkemanspraat	(((dronk)[N],(e)[N|N.N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(praat)[N])[N]
dronkemanstaal	(((dronk)[N],(e)[N|N.N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(taal)[N])[N]
dronkemanstrap	(((dronk)[N],(e)[N|N.N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(trap)[N])[N]
dronkenschap	((dronken)[A],(schap)[N|A.])[N]
droog	(droog)[A]
droogautomaat	((droog)[V],(automaat)[N])[N]
droogbloeier	((droog)[A],(bloei)[V],(er)[N|AV.])[N]
droogbloem	((droog)[V],(bloem)[N])[N]
droogboeket	((droog)[V],(boeket)[N])[N]
droogdoek	((droog)[V],(doek)[N])[N]
droogdok	((droog)[A],(dok)[N])[N]
droogdokmaatschappij	(((droog)[A],(dok)[N])[N],(maatschappij)[N])[N]
droogheid	((droog)[A],(heid)[N|A.])[N]
drooghekje	((droog)[V],(hek)[N])[N]
droogje	((droog)[A],(je)[N|A.])[N]
droogkamer	((droog)[V],(kamer)[N])[N]
droogkap	((droog)[V],(kap)[N])[N]
droogkloot	((droog)[A],(kloot)[N])[N]
droogkokend	((droog)[A],(kook)[V],(end)[A|AV.])[A]
droogkomiek	((droog)[A],((komisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
droogkomiek	((droog)[A],(komiek)[A])[A]
droogkoord	((droog)[V],(koord)[N])[N]
drooglat	((droog)[V],(lat)[N])[N]
droogleggen	((droog)[A],(leg)[V])[V]
drooglegging	(((droog)[A],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
drooglijn	((droog)[V],(lijn)[N])[N]
drooglopen	((droog)[A],(loop)[V])[V]
droogmachine	((droog)[V],(machine)[N])[N]
droogmaken	((droog)[A],(maak)[V])[V]
droogmakerij	(((droog)[A],(maak)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
droogmaking	(((droog)[A],(maak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
droogmalen	((droog)[A],(maal)[V])[V]
droogmaling	(((droog)[A],(maal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
droogmolen	((droog)[V],(molen)[N])[N]
droogoven	((droog)[V],(oven)[N])[N]
droogparasol	((droog)[V],(parasol)[N])[N]
droogplaats	((droog)[V],(plaats)[N])[N]
droogpruim	((droog)[A],(pruim)[N])[N]
droogpruimen	((droog)[A],(pruim)[V])[V]
droogpruimer	(((droog)[A],(pruim)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
droograam	((droog)[V],(raam)[N])[N]
droogrek	((droog)[V],(rek)[N])[N]
droogren	((droog)[V],(ren)[N])[N]
droogscheerapparaat	((droog)[A],(scheer)[V],(apparaat)[N])[N]
droogscheerder	(((droog)[A],(scheer)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
droogscheren	((droog)[A],(scheer)[V])[V]
droogscheur	((droog)[V],(scheur)[N])[N]
droogschuur	((droog)[V],(schuur)[N])[N]
droogsel	((droog)[V],(sel)[N|V.])[N]
droogshampoo	((droog)[A],(shampoo)[N])[N]
droogstaan	((droog)[A],(sta)[V])[V]
droogstappen	((droog)[A],(stap)[V])[V]
droogstempel	((droog)[A],(stempel)[N])[N]
droogstok	((droog)[V],(stok)[N])[N]
droogstoken	((droog)[A],(stook)[V])[V]
droogstoof	((droog)[V],(stoof)[N])[N]
droogstoppel	((droog)[A],(stoppel)[N])[N]
droogte	((droog)[A],(te)[N|A.])[N]
droogteperiode	(((droog)[A],(te)[N|A.])[N],(periode)[N])[N]
droogtouw	((droog)[V],(touw)[N])[N]
droogtrommel	((droog)[V],(trommel)[N])[N]
droogtunnel	((droog)[V],(tunnel)[N])[N]
droogvallen	((droog)[A],(val)[V])[V]
droogvloer	((droog)[V],(vloer)[N])[N]
droogwrijven	((droog)[A],(wrijf)[V])[V]
droogzak	((droog)[A],(zak)[N])[N]
droogzetten	((droog)[A],(zet)[V])[V]
droogzolder	((droog)[V],(zolder)[N])[N]
droogzwemmen	((droog)[A],(zwem)[V])[V]
droogzwierder	((droog)[A],(zwier)[V],(der)[N|AV.])[N]
droom	(droom)[N]
droombeeld	((droom)[V],(beeld)[N])[N]
droombewustzijn	((droom)[N],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
droomboek	((droom)[V],(boek)[N])[N]
droomfabriek	((droom)[V],(fabriek)[N])[N]
droomgedachte	((droom)[N],(gedachte)[N])[N]
droomgezicht	((droom)[V],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
droomhuis	((droom)[V],(huis)[N])[N]
droomland	((droom)[V],(land)[N])[N]
droomreis	((droom)[V],(reis)[N])[N]
droomster	((droom)[V],(ster)[N|V.])[N]
droomtoestand	((droom)[V],(toestand)[N])[N]
droomuitlegger	((droom)[N],((uit)[P],(leg)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
droomuitlegging	((droom)[N],((uit)[P],(leg)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
droomwereld	((droom)[V],(wereld)[N])[N]
droop	(droop)[N]
drop	(drop)[N]
droppelsgewijs	((droppel)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
droppen	(drop)[V]
dropping	((drop)[V],(ing)[N|V.])[N]
drops	(drop)[N]
dropwater	((drop)[N],(water)[N])[N]
drossen	(dros)[V]
drost	(drost)[N]
drostambt	((drost)[N],(ambt)[N])[N]
droste-effect	((Droste)[N],(effect)[N])[N]
drostendienst	((drost)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
drostschap	((drost)[N],(schap)[N|N.])[N]
drozen	(droos)[V]
drug	(drug)[N]
drugaddict	((drug)[N],(addict)[N])[N]
drugbeleid	((drug)[N],(beleid)[N])[N]
drugbrigade	((drug)[N],(brigade)[N])[N]
druggebruik	((drug)[N],(gebruik)[N])[N]
druggebruiker	((drug)[N],(gebruik)[V],(er)[N|NV.])[N]
druggebruikster	((drug)[N],(gebruik)[V],(ster)[N|NV.])[N]
drughond	((drug)[N],(hond)[N])[N]
drughulpverlening	((drug)[N],((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
druglijn	((drug)[N],(lijn)[N])[N]
drugprobleem	((drug)[N],(probleem)[N])[N]
drugscene	((drug)[N],(scene)[N])[N]
drugsprobleem	((drug)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
drugteam	((drug)[N],(team)[N])[N]
drugverslaafde	((drug)[N],(verslaafde)[N])[N]
drugzaak	((drug)[N],(zaak)[N])[N]
druif	(druif)[N]
druifhyacint	((druif)[N],(hyacint)[N])[N]
druifluis	((druif)[N],(luis)[N])[N]
druifvormig	((druif)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
druil	(druil)[N]
druilen	(druil)[V]
druiler	((druil)[V],(er)[N|V.])[N]
druilerig	((druil)[V],(erig)[A|V.])[A]
druilig	((druil)[N],(ig)[A|N.])[A]
druilorig	((druiloor)[N],(ig)[A|N.])[A]
druilregen	((druil)[V],(regen)[N])[N]
druipbad	((druip)[V],(bad)[N])[N]
druipen	(druip)[V]
druiper	((druip)[V],(er)[N|V.])[N]
druiperig	((druip)[V],(erig)[A|V.])[A]
druipkaars	((druip)[V],(kaars)[N])[N]
druipletter	((druip)[V],(letter)[N])[N]
druiplijst	((druip)[V],(lijst)[N])[N]
druipnat	((druip)[V],(nat)[A])[A]
druipneus	((druip)[V],(neus)[N])[N]
druipoog	((druip)[V],(oog)[N])[N]
druiprek	((druip)[V],(rek)[N])[N]
druipsteen	((druip)[V],(steen)[N])[N]
druipsteengrot	(((druip)[V],(steen)[N])[N],(grot)[N])[N]
druisen	(druis)[V]
druivelaar	((druif)[N],(elaar)[N|N.])[N]
druivenblad	((druif)[N],(e)[N|N.N],(blad)[N])[N]
druivenjaar	((druif)[N],(en)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
druivenkas	((druif)[N],(en)[N|N.N],(kas)[N])[N]
druivenkuur	((druif)[N],(en)[N|N.N],(kuur)[N])[N]
druivenlezen	((druif)[N],(en)[V|N.V],(lees)[V])[V]
druivenlezer	(((druif)[N],(en)[V|N.V],(lees)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
druivennat	((druif)[N],(e)[N|N.N],(nat)[N])[N]
druivenoogst	((druif)[N],(en)[N|N.N],(oogst)[N])[N]
druivenpers	((druif)[N],(en)[N|N.N],(pers)[N])[N]
druivenpit	((druif)[N],(e)[N|N.N],(pit)[N])[N]
druivenrank	((druif)[N],(e)[N|N.N],(rank)[N])[N]
druivensap	((druif)[N],(e)[N|N.N],(sap)[N])[N]
druivenschil	((druif)[N],(e)[N|N.N],(schil)[N])[N]
druivensuiker	((druif)[N],(e)[N|N.N],(suiker)[N])[N]
druiventreden	((druif)[N],(en)[V|N.V],(treed)[V])[V]
druiventros	((druif)[N],(en)[N|N.N],(tros)[N])[N]
druivenziekte	((druif)[N],(e)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
druk	(druk)[N]
drukautomaat	((druk)[V],(automaat)[N])[N]
drukcabine	((druk)[N],(cabine)[N])[N]
drukcontact	((druk)[V],(contact)[N])[N]
drukdoenerij	((druk)[A],(doe)[V],(erij)[N|AV.])[N]
drukfeil	((druk)[V],(feil)[N])[N]
drukfout	((druk)[V],(fout)[N])[N]
drukfoutduiveltje	(((druk)[V],(fout)[N])[N],(duivel)[N])[N]
drukgang	((druk)[V],(gang)[N])[N]
drukhoogte	((druk)[V],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
drukhouder	((druk)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
drukinkt	((druk)[V],(inkt)[N])[N]
drukken	(druk)[V]
drukker	((druk)[V],(er)[N|V.])[N]
drukkerij	((druk)[V],(erij)[N|V.])[N]
drukkersambacht	(((druk)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ambacht)[N])[N]
drukkersjongen	(((druk)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
drukkersmerk	(((druk)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(merk)[N])[N]
drukkerstroost	(((druk)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(troost)[N])[N]
drukkersvak	(((druk)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vak)[N])[N]
drukkerswereld	(((druk)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
drukketel	((druk)[N],(ketel)[N])[N]
drukking	((druk)[V],(ing)[N|V.])[N]
drukknoop	((druk)[V],(knoop)[N])[N]
drukknop	((druk)[V],(knop)[N])[N]
drukkosten	((druk)[V],(kost)[N])[N]
drukkunst	((druk)[V],(kunst)[N])[N]
drukletter	((druk)[V],(letter)[N])[N]
drukmediaan	((druk)[V],(mediaan)[N])[N]
drukmeter	((druk)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
drukmiddel	((druk)[N],(middel)[N])[N]
drukmijn	((druk)[N],(mijn)[N])[N]
druknaad	((druk)[V],(naad)[N])[N]
drukpan	((druk)[N],(pan)[N])[N]
drukpapier	((druk)[V],(papier)[N])[N]
drukpatroon	((druk)[V],(patroon)[N])[N]
drukpers	((druk)[V],(pers)[N])[N]
drukpersdelict	(((druk)[V],(pers)[N])[N],(delict)[N])[N]
drukplaat	((druk)[V],(plaat)[N])[N]
drukproef	((druk)[V],(proef)[N])[N]
drukpunt	((druk)[N],(punt)[N])[N]
drukpuntmassage	(((druk)[N],(punt)[N])[N],((masseer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
drukraam	((druk)[N],(raam)[N])[N]
drukring	((druk)[V],(ring)[N])[N]
drukrol	((druk)[V],(rol)[N])[N]
drukschakelaar	((druk)[V],((schakel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
drukschrift	((druk)[V],(schrift)[N])[N]
druksel	((druk)[V],(sel)[N|V.])[N]
drukspiegel	((druk)[V],(spiegel)[N])[N]
druktank	((druk)[N],(tank)[N])[N]
drukte	((druk)[A],(te)[N|A.])[N]
druktechniek	((druk)[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
druktechnisch	((druk)[V],(technisch)[A])[A]
druktemaakster	(((druk)[A],(te)[N|A.])[N],(maak)[V],(ster)[N|NV.])[N]
druktemaker	(((druk)[A],(te)[N|A.])[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
drukteschopper	(((druk)[A],(te)[N|A.])[N],(schop)[V],(er)[N|NV.])[N]
drukteschopster	(((druk)[A],(te)[N|A.])[N],(schop)[V],(ster)[N|NV.])[N]
druktoestel	((druk)[V],(toestel)[N])[N]
druktoets	((druk)[V],(toets)[N])[N]
druktoetstelefoon	(((druk)[V],(toets)[N])[N],(telefoon)[N])[N]
drukverband	((druk)[V],(verband)[N])[N]
drukverbod	((druk)[V],(verbod)[N])[N]
drukvorm	((druk)[V],(vorm)[N])[N]
drukvulling	((druk)[N],(vul)[V],(ing)[N|NV.])[N]
drukwal	((druk)[N],(wal)[N])[N]
drukweerstand	((druk)[N],(weerstand)[N])[N]
drukwerk	((druk)[V],(werk)[N])[N]
drukzin	((druk)[N],(zin)[N])[N]
drum	(drum)[N]
drumband	((drum)[N],(band)[N])[N]
drummachine	((drum)[V],(machine)[N])[N]
drummen	(drum)[V]
drummer	((drum)[V],(er)[N|V.])[N]
drumstel	((drum)[N],(stel)[N])[N]
drumster	((drum)[V],(ster)[N|V.])[N]
drup	(drup)[N]
druppelfles	((druppel)[V],(fles)[N])[N]
druppelinfuus	((druppel)[V],(infuus)[N])[N]
druppelpipet	((druppel)[V],(pipet)[N])[N]
druppelreactie	((druppel)[N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
druppelsgewijs	((druppel)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
druppelteller	((druppel)[N],(tel)[V],(er)[N|NV.])[N]
druppelvanger	((druppel)[N],(vang)[V],(er)[N|NV.])[N]
druppelvorm	((druppel)[N],(vorm)[N])[N]
druppen	(drup)[V]
druïde	(druïde)[N]
druïdendienst	((druïde)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
druïdentempel	((druïde)[N],(en)[N|N.N],(tempel)[N])[N]
dry	(dry)[A]
dub	(dub)[N]
dubbel	(dubbel)[N]
dubbelagent	((dubbel)[A],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
dubbelalbum	((dubbel)[A],(album)[N])[N]
dubbelbesluit	((dubbel)[A],(besluit)[N])[N]
dubbelblank	((dubbel)[A],(blank)[A])[N]
dubbelboek	((dubbel)[A],(boek)[N])[N]
dubbelbol	((dubbel)[A],(bol)[A])[A]
dubbelbreed	((dubbel)[A],(breed)[A])[A]
dubbelbrekend	((dubbel)[A],(breek)[V],(end)[A|AV.])[A]
dubbeldakstent	((dubbel)[A],(dak)[N],(s)[N|AN.N],(tent)[N])[N]
dubbeldekker	((dubbel)[A],(dek)[N],(er)[N|AN.])[N]
dubbeldeks	((dubbel)[A],(dek)[N],(s)[A|AN.])[A]
dubbeldik	((dubbel)[A],(dik)[A])[A]
dubbeldraads	((dubbel)[A],(draad)[N],(s)[A|AN.])[A]
dubbelelpee	((dubbel)[A],(elpee)[N])[N]
dubbelen	(dubbel)[V]
dubbelepunt	((dubbel)[A],(e)[N|A.N],(punt)[N])[N]
dubbelfocusbril	((dubbel)[A],(focus)[N],(bril)[N])[N]
dubbelfout	((dubbel)[A],(fout)[N])[N]
dubbelfunctie	((dubbel)[A],(functie)[N])[N]
dubbelgangster	((dubbel)[A],(ga)[V],(ster)[N|AV.])[N]
dubbelgebeid	((dubbel)[A],(gebeid)[A])[A]
dubbelgehandicapt	((dubbel)[A],(gehandicapt)[A])[A]
dubbelgeleed	((dubbel)[A],(geleed)[A])[A]
dubbelgreep	((dubbel)[A],(greep)[N])[N]
dubbelhartig	((dubbel)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
dubbelhartigheid	(((dubbel)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
dubbelhol	((dubbel)[A],(hol)[A])[A]
dubbelkromme	((dubbel)[A],(kromme)[N])[N]
dubbelkruis	((dubbel)[A],(kruis)[N])[N]
dubbelkwartet	((dubbel)[A],(kwartet)[N])[N]
dubbelloof	((dubbel)[A],(loof)[N])[N]
dubbelloop	((dubbel)[A],(loop)[N])[N]
dubbelloopsgeweer	((dubbel)[A],(loop)[N],(s)[N|AN.N],(geweer)[N])[N]
dubbelmol	((dubbel)[A],(mol)[N])[N]
dubbelnummer	((dubbel)[A],(nummer)[N])[N]
dubbelparkeerder	((dubbel)[A],((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(der)[N|AV.])[N]
dubbelportret	((dubbel)[A],(portret)[N])[N]
dubbelpunt	((dubbel)[A],(punt)[N])[N]
dubbelrijm	((dubbel)[A],(rijm)[N])[N]
dubbelrol	((dubbel)[A],(rol)[N])[N]
dubbelschalig	((dubbel)[A],(schaal)[N],(ig)[A|AN.])[A]
dubbelslaan	((dubbel)[A],(sla)[V])[V]
dubbelspel	((dubbel)[A],(spel)[N])[N]
dubbelspion	((dubbel)[A],(spion)[N])[N]
dubbelspoor	((dubbel)[A],(spoor)[N])[N]
dubbelsprong	((dubbel)[A],(sprong)[N])[N]
dubbelstekker	((dubbel)[A],(stekker)[N])[N]
dubbelster	((dubbel)[A],(ster)[N])[N]
dubbeltal	((dubbel)[A],(tal)[N])[N]
dubbeltje	((dubbel)[A],(tje)[N|A.])[N]
dubbeltjeskwestie	(((dubbel)[A],(tje)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(kwestie)[N])[N]
dubbeltong	((dubbel)[A],(tong)[N])[N]
dubbeltongig	((dubbel)[A],(tong)[N],(ig)[A|AN.])[A]
dubbelverhouding	((dubbel)[N],((verhoud)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dubbelvouwen	((dubbel)[A],(vouw)[V])[V]
dubbelwandig	((dubbel)[A],(wand)[N],(ig)[A|AN.])[A]
dubbelwerkend	((dubbel)[A],(werk)[V],(end)[A|AV.])[A]
dubbelzes	((dubbel)[A],(zes)[N])[N]
dubbelzien	((dubbel)[A],(zie)[V])[V]
dubbelzijdig	((dubbel)[A],(zijde)[N],(ig)[A|AN.])[A]
dubbelzinnig	((dubbel)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A]
dubbelzinnigheid	(((dubbel)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
dubbelzout	((dubbel)[A],(zout)[N])[N]
dubben	(dub)[V]
duce	(duce)[N]
duchten	(ducht)[V]
duelleerpistool	(((duel)[N],(eer)[V|N.])[V],(pistool)[N])[N]
duelleren	((duel)[N],(eer)[V|N.])[V]
duellist	((duel)[N],(ist)[N|N.])[N]
duf	(duf)[A]
duffig	((duf)[A],(ig)[A|A.])[A]
dufheid	((duf)[A],(heid)[N|A.])[N]
duidelijk	((duid)[V],(elijk)[A|V.])[A]
duidelijkheid	(((duid)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
duiden	(duid)[V]
duider	((duid)[V],(er)[N|V.])[N]
duiding	((duid)[V],(ing)[N|V.])[N]
duif	(duif)[N]
duig	(duig)[N]
duighout	((duig)[N],(hout)[N])[N]
duik	(duik)[N]
duikadres	((duik)[V],(adres)[N])[N]
duikbommenwerper	((duik)[V],((bom)[N],(en)[N|N.Vx],(werp)[V],(er)[N|NxV.])[N])[N]
duikboot	((duik)[V],(boot)[N])[N]
duikbootbasis	(((duik)[V],(boot)[N])[N],(basis)[N])[N]
duikbootcommandant	(((duik)[V],(boot)[N])[N],((commandeer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
duikbootjager	(((duik)[V],(boot)[N])[N],(jaag)[V],(er)[N|NV.])[N]
duikbootnet	(((duik)[V],(boot)[N])[N],(net)[N])[N]
duikbootoorlog	(((duik)[V],(boot)[N])[N],(oorlog)[N])[N]
duikbootval	(((duik)[V],(boot)[N])[N],(val)[N])[N]
duikbril	((duik)[V],(bril)[N])[N]
duikelaar	((duikel)[V],(aar)[N|V.])[N]
duikeling	((duikel)[V],(ing)[N|V.])[N]
duiken	(duik)[V]
duiker	((duik)[V],(er)[N|V.])[N]
duikerhelm	(((duik)[V],(er)[N|V.])[N],(helm)[N])[N]
duikerklok	(((duik)[V],(er)[N|V.])[N],(klok)[N])[N]
duikerpak	(((duik)[V],(er)[N|V.])[N],(pak)[N])[N]
duikersluis	(((duik)[V],(er)[N|V.])[N],(sluis)[N])[N]
duikersziekte	(((duik)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
duikertoestel	(((duik)[V],(er)[N|V.])[N],(toestel)[N])[N]
duiking	((duik)[V],(ing)[N|V.])[N]
duikmasker	((duik)[V],(masker)[N])[N]
duikmuts	((duik)[V],(muts)[N])[N]
duikplank	((duik)[V],(plank)[N])[N]
duikroer	((duik)[V],(roer)[N])[N]
duiksport	((duik)[V],(sport)[N])[N]
duiksprong	((duik)[V],(sprong)[N])[N]
duiktoren	((duik)[V],(toren)[N])[N]
duikuitrusting	((duik)[N],((uit)[P],(rust)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
duikvlucht	((duik)[V],(vlucht)[N])[N]
duikvogel	((duik)[V],(vogel)[N])[N]
duim	(duim)[N]
duimbreed	((duim)[N],(breed)[A])[N]
duimdik	((duim)[N],(dik)[A])[A]
duimen	(duim)[V]
duimendik	((duim)[N],(en)[A|N.A],(dik)[A])[A]
duimendraaien	((duim)[N],(en)[V|N.V],(draai)[V])[V]
duimgreep	((duim)[N],(greep)[N])[N]
duimkruid	((duim)[N],(kruid)[N])[N]
duimplectrum	((duim)[N],(plectrum)[N])[N]
duimschroef	((duim)[N],(schroef)[N])[N]
duimshout	((duim)[N],(s)[N|N.N],(hout)[N])[N]
duimspijker	((duim)[N],(spijker)[N])[N]
duimstok	((duim)[N],(stok)[N])[N]
duimzuigen	((duim)[N],(zuig)[V])[V]
duimzuiger	(((duim)[N],(zuig)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
duimzuigerij	(((duim)[N],(zuig)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
duimzuigster	(((duim)[N],(zuig)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
duin	(duin)[N]
duinaardappel	((duin)[N],((aarde)[N],(appel)[N])[N])[N]
duinachtig	((duin)[N],(achtig)[A|N.])[A]
duinafslag	((duin)[N],((af)[P],(slag)[N])[N])[N]
duinbeplanting	((duin)[N],((be)[V|.N],(plant)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
duindistel	((duin)[N],(distel)[N])[N]
duindoorn	((duin)[N],(doorn)[N])[N]
duindoren	((duin)[N],(doren)[N])[N]
duinenreeks	((duin)[N],(en)[N|N.N],(reeks)[N])[N]
duinenrij	((duin)[N],(en)[N|N.N],(rij)[N])[N]
duinflora	((duin)[N],(flora)[N])[N]
duingrond	((duin)[N],(grond)[N])[N]
duinhagedis	((duin)[N],(hagedis)[N])[N]
duinkonijn	((duin)[N],(konijn)[N])[N]
duinlandschap	((duin)[N],((land)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
duinmeer	((duin)[N],(meer)[N])[N]
duinovergang	((duin)[N],(overgang)[N])[N]
duinpan	((duin)[N],(pan)[N])[N]
duinpieper	((duin)[N],((piep)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
duinreservaat	((duin)[N],((reserveer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
duinroos	((duin)[N],(roos)[N])[N]
duinslag	((duin)[N],(slag)[N])[N]
duinstreek	((duin)[N],(streek)[N])[N]
duintop	((duin)[N],(top)[N])[N]
duinwater	((duin)[N],(water)[N])[N]
duinwaterleiding	((duin)[N],((water)[N],(leid)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
duinzand	((duin)[N],(zand)[N])[N]
duist	(duist)[N]
duister	(duister)[N]
duisteren	(duister)[V]
duisterheid	((duister)[A],(heid)[N|A.])[N]
duisterling	((duister)[A],(ling)[N|A.])[N]
duisternis	((duister)[A],(nis)[N|A.])[N]
duit	(duit)[N]
duitblad	((duit)[N],(blad)[N])[N]
duitendief	((duit)[N],(en)[N|N.N],(dief)[N])[N]
duiveboon	((duif)[N],(e)[N|N.N],(boon)[N])[N]
duivekervel	((duif)[N],(e)[N|N.N],(kervel)[N])[N]
duivel	(duivel)[N]
duivelachtig	((duivel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
duivelarij	((duivel)[V],(arij)[N|V.])[N]
duivelbanner	((duivel)[N],(ban)[V],(er)[N|NV.])[N]
duivelbezweerder	((duivel)[N],((be)[V|.V],(zweer)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
duivelen	(duivel)[V]
duivelin	((duivel)[N],(in)[N|N.])[N]
duiveljager	((duivel)[N],(jaag)[V],(er)[N|NV.])[N]
duivelkamer	((duivel)[N],(kamer)[N])[N]
duivels	((duivel)[N],(s)[A|N.])[A]
duivelsadvocaat	((duivel)[N],(s)[N|N.N],(advocaat)[N])[N]
duivelsbeeld	(((duivel)[N],(s)[A|N.])[A],(beeld)[N])[N]
duivelsbeet	((duivel)[N],(s)[N|N.N],(beet)[N])[N]
duivelsdienaar	(((duivel)[N],(s)[A|N.])[A],((dien)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
duivelsdrek	((duivel)[N],(s)[N|N.N],(drek)[N])[N]
duivelshaar	((duivel)[N],(s)[N|N.N],(haar)[N])[N]
duivelskermis	((duivel)[N],(s)[N|N.N],(kermis)[N])[N]
duivelskers	((duivel)[N],(s)[N|N.N],(kers)[N])[N]
duivelskind	((duivel)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
duivelsklauw	((duivel)[N],(s)[N|N.N],(klauw)[N])[N]
duivelskop	((duivel)[N],(s)[N|N.N],(kop)[N])[N]
duivelskunst	((duivel)[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
duivelskunstenaar	((duivel)[N],(s)[N|N.N],((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
duivelskunstenares	(((duivel)[N],(s)[N|N.N],((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N],(es)[N|N.])[N]
duivelskunstenarij	(((duivel)[N],(s)[N|N.N],((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N],(ij)[N|N.])[N]
duivelsmelk	((duivel)[N],(s)[N|N.N],(melk)[N])[N]
duivelsnaaigaren	((duivel)[N],(s)[N|N.N],((naai)[V],(garen)[N])[N])[N]
duivelsoog	((duivel)[N],(s)[N|N.N],(oog)[N])[N]
duivelsrit	((duivel)[N],(s)[N|N.N],(rit)[N])[N]
duivelsstreek	((duivel)[N],(s)[N|N.N],(streek)[N])[N]
duivelswerk	((duivel)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
duiveluitbanner	((duivel)[N],((uit)[P],(ban)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
duivenconcours	((duif)[N],(en)[N|N.N],(concours)[N])[N]
duivendom	((duif)[N],(endom)[N|N.])[N]
duivendrek	((duif)[N],(e)[N|N.N],(drek)[N])[N]
duivenei	((duif)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
duivenhok	((duif)[N],(en)[N|N.N],(hok)[N])[N]
duivenkijker	((duif)[N],(en)[N|N.N],((kijk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
duivenklok	((duif)[N],(en)[N|N.N],(klok)[N])[N]
duivenkot	((duif)[N],(en)[N|N.N],(kot)[N])[N]
duivenmelk	((duif)[N],(e)[N|N.N],(melk)[N])[N]
duivenmelker	((duif)[N],(en)[N|N.N],((melk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
duivenmelkster	((duif)[N],(en)[N|N.Vx],(melk)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
duivenpan	((duif)[N],(en)[N|N.N],(pan)[N])[N]
duivenplat	((duif)[N],(en)[N|N.N],(plat)[N])[N]
duivenpost	((duif)[N],(en)[N|N.N],(post)[N])[N]
duivenslag	((duif)[N],(en)[N|N.N],(slag)[N])[N]
duivensport	((duif)[N],(en)[N|N.N],(sport)[N])[N]
duiventil	((duif)[N],(en)[N|N.N],(til)[N])[N]
duivenvlucht	((duif)[N],(en)[N|N.N],(vlucht)[N])[N]
duivenwedstrijd	((duif)[N],(en)[N|N.N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
duivin	((duif)[N],(in)[N|N.])[N]
duizelen	(duizel)[V]
duizelig	((duizel)[V],(ig)[A|V.])[A]
duizeligheid	(((duizel)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
duizeling	((duizel)[V],(ing)[N|V.])[N]
duizelingwekkend	(((duizel)[V],(ing)[N|V.])[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
duizend	((duizend)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
duizend-en-een-nacht	((duizend)[Q],(en)[C],(één)[Q],(nacht)[N])[N]
duizendblad	((duizend)[Q],(blad)[N])[N]
duizendguldenkruid	((duizend)[Q],(gulden)[N],(kruid)[N])[N]
duizendjarig	((duizend)[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
duizendje	((duizend)[N],(je)[N|N.])[N]
duizendknoop	((duizend)[Q],(knoop)[N])[N]
duizendkoppig	((duizend)[Q],(kop)[N],(ig)[A|QN.])[A]
duizendkunstenaar	((duizend)[Q],((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
duizendmaal	((duizend)[Q],(maal)[N])[B]
duizendpoot	((duizend)[Q],(poot)[N])[N]
duizendtal	((duizend)[Q],(tal)[N])[N]
dukatengoud	((dukaat)[N],(en)[N|N.N],(goud)[N])[N]
duldbaar	((duld)[V],(baar)[A|V.])[A]
duldeloos	((duld)[V],(eloos)[A|V.])[A]
dulden	(duld)[V]
duldzaam	((duld)[V],(zaam)[A|V.])[A]
dump	(dump)[N]
dumpen	(dump)[V]
dumpgoederen	((dump)[N],(goed)[N])[N]
dumping	((dump)[V],(ing)[N|V.])[N]
dumpprijs	((dump)[V],(prijs)[N])[N]
dumpschip	((dump)[V],(schip)[N])[N]
dumpzaak	((dump)[N],(zaak)[N])[N]
dun	(dun)[N]
dunbevolkt	((dun)[A],(bevolkt)[A])[A]
dundoek	((dun)[A],(doek)[N])[N]
dundruk	((dun)[A],(druk)[N])[N]
dundrukpapier	((dun)[A],((druk)[V],(papier)[N])[N])[N]
dundrukuitgave	(((dun)[A],(druk)[N])[N],(uitgave)[N])[N]
dunharig	((dun)[A],(haar)[N],(ig)[A|AN.])[A]
dunheid	((dun)[A],(heid)[N|A.])[N]
dunk	(dunk)[N]
dunken	(dunk)[V]
dunlijvig	((dun)[A],(lijf)[N],(ig)[A|AN.])[A]
dunnen	(dun)[V]
dunnigheid	((dun)[A],(igheid)[N|A.])[N]
dunschiller	((dun)[N],(schil)[V],(er)[N|NV.])[N]
dunsel	((dun)[V],(sel)[N|V.])[N]
dunte	((dun)[A],(te)[N|A.])[N]
duo	(duo)[N]
duobaan	((duo)[N],(baan)[N])[N]
duoblok	((duo)[N],(blok)[N])[N]
duopassagier	((duo)[N],(passagier)[N])[N]
duorijder	((duo)[N],(rijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
duozadel	((duo)[N],(zadel)[N])[N]
duozitting	((duo)[N],((zit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dupe	(dupe)[N]
duplexwoning	((duplex)[N|.N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
duplicaat	((dupliceer)[V],(aat)[N|V.])[N]
duplicator	((dupliceer)[V],(ator)[N|V.])[N]
duplicering	((dupliceer)[V],(ing)[N|V.])[N]
duplolamp	((duplo)[N],(lamp)[N])[N]
duren	(duur)[V]
durf	(durf)[N]
durfal	((durf)[V],(al)[O])[N]
durfniet	((durf)[V],(niet)[B])[N]
durven	(durf)[V]
dusgenaamd	((dus)[B],(genaamd)[A])[A]
dut	(dut)[N]
duts	(duts)[N]
dutsachtig	((duts)[N],(achtig)[A|N.])[A]
dutten	(dut)[V]
duur	(duur)[N]
duurrecord	((duur)[N],(record)[N])[N]
duurte	((duur)[A],(te)[N|A.])[N]
duurtebijslag	(((duur)[A],(te)[N|A.])[N],(bijslag)[N])[N]
duurtetoeslag	(((duur)[A],(te)[N|A.])[N],((toe)[B],(slag)[N])[N])[N]
duurzaam	((duur)[V],(zaam)[A|V.])[A]
duurzaamheid	(((duur)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
duvel	(duvel)[N]
duvelen	(duvel)[V]
duveljagen	((duvel)[N],(jaag)[V])[V]
duvels	((duvel)[N],(s)[A|N.])[A]
duw	(duw)[N]
duwbak	((duw)[V],(bak)[N])[N]
duwboot	((duw)[V],(boot)[N])[N]
duweenheid	((duw)[V],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
duwen	(duw)[V]
duwfout	((duw)[V],(fout)[N])[N]
duwvaart	((duw)[V],(vaart)[N])[N]
dwaal	(dwaal)[N]
dwaalbegrip	((dwaal)[V],(begrip)[N])[N]
dwaalgast	((dwaal)[V],(gast)[N])[N]
dwaalgeest	((dwaal)[V],(geest)[N])[N]
dwaalleer	((dwaal)[V],(leer)[N])[N]
dwaallicht	((dwaal)[V],(licht)[N])[N]
dwaalpad	((dwaal)[V],(pad)[N])[N]
dwaalspoor	((dwaal)[V],(spoor)[N])[N]
dwaalstar	((dwaal)[V],(star)[N])[N]
dwaalster	((dwaal)[V],(ster)[N])[N]
dwaaltocht	((dwaal)[V],(tocht)[N])[N]
dwaalweg	((dwaal)[V],(weg)[N])[N]
dwaas	(dwaas)[N]
dwaasheid	((dwaas)[A],(heid)[N|A.])[N]
dwaashoofd	((dwaas)[A],(hoofd)[N])[N]
dwaaskop	((dwaas)[A],(kop)[N])[N]
dwalen	(dwaal)[V]
dwaling	((dwaal)[V],(ing)[N|V.])[N]
dwang	(dwang)[N]
dwangapparaat	((dwang)[N],(apparaat)[N])[N]
dwangarbeid	((dwang)[N],(arbeid)[N])[N]
dwangarbeider	((dwang)[N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
dwangbeeld	((dwang)[N],(beeld)[N])[N]
dwangbehandeling	((dwang)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dwangbevel	((dwang)[N],(bevel)[N])[N]
dwangbeweging	((dwang)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dwangbuis	((dwang)[N],(buis)[N])[N]
dwangburcht	((dwang)[N],(burcht)[N])[N]
dwanggedachte	((dwang)[N],(gedachte)[N])[N]
dwanghandeling	((dwang)[N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dwanglicentie	((dwang)[N],(licentie)[N])[N]
dwangligging	((dwang)[N],((lig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dwangmaatregel	((dwang)[N],(maatregel)[N])[N]
dwangmatig	((dwang)[N],(matig)[A|N.])[A]
dwangmatigheid	(((dwang)[N],(matig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
dwangmechanisme	((dwang)[N],(mechanisme)[N])[N]
dwangmedicatie	((dwang)[N],(medicatie)[N])[N]
dwangmiddel	((dwang)[N],(middel)[N])[N]
dwangnagel	((dwang)[N],(nagel)[N])[N]
dwangneuroot	((dwang)[N],(neuroot)[N])[N]
dwangneurose	((dwang)[N],(neurose)[N])[N]
dwangneuroticus	((dwang)[N],(neuroticus)[N])[N]
dwangneurotisch	((dwang)[N],((neurose)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
dwangopname	((dwang)[N],(opname)[N])[N]
dwangpositie	((dwang)[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
dwangrail	((dwang)[N],(rail)[N])[N]
dwangregime	((dwang)[N],(regime)[N])[N]
dwangsituatie	((dwang)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
dwangsom	((dwang)[N],(som)[N])[N]
dwangstelsel	((dwang)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
dwangsysteem	((dwang)[N],(systeem)[N])[N]
dwangverpleging	((dwang)[N],((verpleeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dwangvoorstelling	((dwang)[N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dwarrelen	(dwarrel)[V]
dwarreling	((dwarrel)[V],(ing)[N|V.])[N]
dwarrelwind	((dwarrel)[V],(wind)[N])[N]
dwars	(dwars)[A]
dwarsarm	((dwars)[A],(arm)[N])[N]
dwarsbalk	((dwars)[A],(balk)[N])[N]
dwarsbeuk	((dwars)[A],(beuk)[N])[N]
dwarsbomen	((dwars)[A],(boom)[N])[V]
dwarsdoorsnede	((dwars)[A],(doorsnede)[N])[N]
dwarsdoorsnee	((dwars)[A],(doorsnee)[N])[N]
dwarsdraads	((dwars)[A],(draad)[N],(s)[A|AN.])[A]
dwarsdrijven	((dwars)[A],(drijf)[V])[V]
dwarsdrijver	(((dwars)[A],(drijf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
dwarsdrijverij	(((dwars)[A],(drijf)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
dwarsfluit	((dwars)[A],(fluit)[N])[N]
dwarsgestreept	((dwars)[A],((ge)[A|.Nx],(streep)[N],(t)[A|xN.])[A])[A]
dwarsheid	((dwars)[A],(heid)[N|A.])[N]
dwarshelling	((dwars)[A],((hel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dwarshoofd	((dwars)[A],(hoofd)[N])[N]
dwarshout	((dwars)[A],(hout)[N])[N]
dwarskijker	((dwars)[A],(kijk)[V],(er)[N|AV.])[N]
dwarskijkerij	((dwars)[A],(kijk)[V],(erij)[N|AV.])[N]
dwarsklamp	((dwars)[A],(klamp)[N])[N]
dwarskoers	((dwars)[A],(koers)[N])[N]
dwarskop	((dwars)[A],(kop)[N])[N]
dwarskrachtcompensatie	((dwars)[A],(kracht)[N],((compenseer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
dwarslaesie	((dwars)[A],(laesie)[N])[N]
dwarsliggen	((dwars)[A],(lig)[V])[V]
dwarsligger	(((dwars)[A],(lig)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
dwarsligging	((dwars)[A],((lig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
dwarsprofiel	((dwars)[A],(profiel)[N])[N]
dwarsscheeps	((dwars)[A],(schip)[N],(s)[A|AN.])[A]
dwarsschip	((dwars)[A],(schip)[N])[N]
dwarsslede	((dwars)[A],(slede)[N])[N]
dwarsslee	((dwars)[A],(slee)[N])[N]
dwarsstraat	((dwars)[A],(straat)[N])[N]
dwarsstrooms	((dwars)[A],(stroom)[N],(s)[A|AN.])[A]
dwarste	((dwars)[A],(te)[N|A.])[N]
dwarsverband	((dwars)[A],(verband)[N])[N]
dwarsvleugel	((dwars)[A],(vleugel)[N])[N]
dwarsweg	((dwars)[A],(weg)[N])[N]
dwarszee	((dwars)[A],(zee)[N])[N]
dwazerik	((dwaas)[A],(erik)[N|A.])[N]
dweepachtig	((dweep)[V],(achtig)[A|V.])[A]
dweepster	((dweep)[V],(ster)[N|V.])[N]
dweepziek	((dweep)[V],(ziek)[A])[A]
dweepzucht	((dweep)[V],(zucht)[N])[N]
dweepzuchtig	((dweep)[V],(zucht)[N],(ig)[A|VN.])[A]
dweil	(dweil)[N]
dweilen	(dweil)[V]
dweilpauze	((dweil)[V],(pauze)[N])[N]
dweilwagen	((dweil)[V],(wagen)[N])[N]
dwepen	(dweep)[V]
dweper	((dweep)[V],(er)[N|V.])[N]
dweperig	((dweep)[V],(erig)[A|V.])[A]
dweperij	((dweep)[V],(erij)[N|V.])[N]
dwerg	(dwerg)[N]
dwergachtig	((dwerg)[N],(achtig)[A|N.])[A]
dwergberk	((dwerg)[N],(berk)[N])[N]
dwergeik	((dwerg)[N],(eik)[N])[N]
dwergengestalte	((dwerg)[N],(en)[N|N.N],(gestalte)[N])[N]
dwerghert	((dwerg)[N],(hert)[N])[N]
dwergkees	((dwerg)[N],(kees)[N])[N]
dwergkwartel	((dwerg)[N],(kwartel)[N])[N]
dwergpartij	((dwerg)[N],(partij)[N])[N]
dwergpincher	((dwerg)[N],(pincher)[N])[N]
dwergpoedel	((dwerg)[N],(poedel)[N])[N]
dwergras	((dwerg)[N],(ras)[N])[N]
dwergspitsmuis	((dwerg)[N],((spits)[A],(muis)[N])[N])[N]
dwergster	((dwerg)[N],(ster)[N])[N]
dwergtong	((dwerg)[N],(tong)[N])[N]
dwergvlas	((dwerg)[N],(vlas)[N])[N]
dwergvleermuis	((dwerg)[N],(vleermuis)[N])[N]
dwergvolk	((dwerg)[N],(volk)[N])[N]
dwingelandij	((dwingeland)[N],(ij)[N|N.])[N]
dwingen	(dwing)[V]
dwinger	((dwing)[V],(er)[N|V.])[N]
dwingerig	((dwing)[V],(erig)[A|V.])[A]
dwingerij	((dwing)[V],(erij)[N|V.])[N]
dwingster	((dwing)[V],(ster)[N|V.])[N]
dynamiek	((dynamisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
dynamietaanslag	((dynamiet)[N],(aanslag)[N])[N]
dynamietbom	((dynamiet)[N],(bom)[N])[N]
dynamietpatroon	((dynamiet)[N],(patroon)[N])[N]
dynamometer	((dynamo)[N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
dynastie	((dynast)[N],(ie)[N|N.])[N]
dynastisch	((dynast)[N],(isch)[A|N.])[A]
dystrofie	((dystrofisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
e	(e)[N]
eau	(eau)[X]
eb	(eb)[N]
ebbe	(ebbe)[N]
ebben	(eb)[V]
ebbenhouten	((ebbehout)[N],(en)[A|N.])[A]
ebdeur	((eb)[N],(deur)[N])[N]
ebonieten	((eboniet)[N],(en)[A|N.])[A]
ebstand	((eb)[N],(stand)[N])[N]
ebstroom	((eb)[N],(stroom)[N])[N]
ecclesia	(ecclesia)[N]
echelon	(echelon)[N]
echelonneren	((echelon)[N],(eer)[V|N.])[V]
echo	(echo)[N]
echo-effect	((echo)[N],(effect)[N])[N]
echobeeld	((echo)[N],(beeld)[N])[N]
echofoon	((echo)[N],(foon)[N|N.])[N]
echogedicht	((echo)[N],((ge)[N|.N],(dicht)[N])[N])[N]
echogewelf	((echo)[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
echografie	((echo)[N],((grafisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
echolood	((echo)[N],(lood)[N])[N]
echopeiling	((echo)[N],(peil)[V],(ing)[N|NV.])[N]
echoput	((echo)[N],(put)[N])[N]
echowerk	((echo)[N],(werk)[N])[N]
echoën	(echo)[V]
echt	(echt)[N]
echtbreekster	(((echt)[N],(breek)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
echtbreken	((echt)[N],(breek)[V])[V]
echtbreker	(((echt)[N],(breek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
echtbreuk	((echt)[N],(breuk)[N])[N]
echtelieden	((echt)[N],(e)[N|N.N],(man)[N])[N]
echtelijk	((echt)[N],(elijk)[A|N.])[A]
echteloos	((echt)[N],(eloos)[A|N.])[A]
echten	(echt)[V]
echtgenoot	((echt)[N],(genoot)[N])[N]
echtgenote	(((echt)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
echtheid	((echt)[A],(heid)[N|A.])[N]
echtheidsgarantie	(((echt)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((garant)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
echtpaar	((echt)[N],(paar)[N])[N]
echtpaartherapie	(((echt)[N],(paar)[N])[N],(therapie)[N])[N]
echtscheiding	((echt)[N],(scheid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
echtscheidingscijfer	(((echt)[N],(scheid)[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(cijfer)[N])[N]
echtscheidingsprocedure	(((echt)[N],(scheid)[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
echtscheidingsproces	(((echt)[N],(scheid)[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
echtschennis	((echt)[N],(schennis)[N])[N]
echtverbintenis	((echt)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
echtvereniging	((echt)[N],(verenig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
eclipseren	((eclips)[N],(eer)[V|N.])[V]
ecologie	((ecologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
econometrist	((econometrie)[N],(ist)[N|N.])[N]
economie	((economisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
economisch-politiek	((economisch)[A],(politiek)[A])[A]
economiseren	(((economisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(iseer)[V|N.])[V]
economisering	((((economisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
economist	(((economisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(ist)[N|N.])[N]
ectopie	((ectopisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
edel	(edel)[A]
edelaardig	((edel)[A],(aard)[N],(ig)[A|AN.])[A]
edelachtbaar	((edel)[A],((acht)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
edeleer	((edel)[A],(eer)[N])[N]
edelgas	((edel)[A],(gas)[N])[N]
edelgeboren	((edel)[A],(geboren)[A])[A]
edelgermaan	((edel)[A],(Germaan)[N])[N]
edelgesteente	((edel)[A],((ge)[N|.Nx],(steen)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
edelgestreng	((edel)[A],(gestreng)[A])[A]
edelgrootachtbaar	((edel)[A],((groot)[A],((acht)[V],(baar)[A|V.])[A])[A])[A]
edelheid	((edel)[A],(heid)[N|A.])[N]
edelhert	((edel)[A],(hert)[N])[N]
edelhoogachtbaar	((edel)[A],(((hoog)[A],(acht)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
edeling	((eed)[N],(eling)[N|N.])[N]
edelknaap	((edel)[A],(knaap)[N])[N]
edelman	((edel)[A],(man)[N])[N]
edelmarter	((edel)[A],(marter)[N])[N]
edelmoedig	((edel)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
edelmoedigheid	(((edel)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
edelsmeedkunst	((edel)[A],(smeed)[V],(kunst)[N])[N]
edelsmeedwerk	((edel)[A],((smeed)[V],(werk)[N])[N])[N]
edelsmid	((edel)[A],(smid)[N])[N]
edelsteen	((edel)[A],(steen)[N])[N]
edelvalk	((edel)[A],(valk)[N])[N]
edelvrouw	((edel)[A],(vrouw)[N])[N]
edelwacht	((edel)[A],(wacht)[N])[N]
educatief	((educatie)[N],(ief)[A|N.])[A]
eed	(eed)[N]
eedaflegging	((eed)[N],((af)[P],(leg)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
eedbreuk	((eed)[N],(breuk)[N])[N]
eedformule	((eed)[N],(formule)[N])[N]
eedformulier	((eed)[N],(formulier)[N])[N]
eedgenoot	((eed)[N],(genoot)[N])[N]
eedgenootschap	(((eed)[N],(genoot)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
eedhelper	((eed)[N],(help)[V],(er)[N|NV.])[N]
eedplichtig	((eed)[N],(plicht)[N],(ig)[A|NN.])[A]
eedsaflegging	((eed)[N],(s)[N|N.Vx],((af)[P],(leg)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
eedsformule	((eed)[N],(s)[N|N.N],(formule)[N])[N]
eedsformulier	((eed)[N],(s)[N|N.N],(formulier)[N])[N]
eedverbond	((eed)[N],(verbond)[N])[N]
eek	(eek)[N]
eekhoorntjesbrood	((eekhoorntje)[N],(s)[N|N.N],(brood)[N])[N]
eekhoren	(eekhoren)[N]
eekschillen	((eek)[N],(schil)[V])[V]
eekschiller	(((eek)[N],(schil)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
eelt	(eelt)[N]
eeltachtig	((eelt)[N],(achtig)[A|N.])[A]
eelterig	((eelt)[N],(erig)[A|N.])[A]
eeltig	((eelt)[N],(ig)[A|N.])[A]
eeltknobbel	((eelt)[N],(knobbel)[N])[N]
eeltlaag	((eelt)[N],(laag)[N])[N]
een	(een)[N]
een-meifeest	((één)[Q],(mei)[N],(feest)[N])[N]
een-tweetje	((één)[Q],(twee)[Q])[N]
eenaderig	((één)[Q],(ader)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenakter	((één)[Q],(akte)[N],(er)[N|QN.])[N]
eenarm	((één)[Q],(arm)[N])[N]
eenarmig	((één)[Q],(arm)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenbaansweg	((één)[Q],(baan)[N],(s)[N|QN.N],(weg)[N])[N]
eenbenig	((één)[Q],(been)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenbenigheid	(((één)[Q],(been)[N],(ig)[A|QN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eenbladig	((één)[Q],(blad)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eencellig	((één)[Q],(cel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eend	(eend)[N]
eendaags	((één)[Q],(dag)[N],(s)[A|QN.])[A]
eendachtig	((eend)[N],(achtig)[A|N.])[A]
eendagskuiken	((één)[Q],(dag)[N],(s)[N|QN.N],(kuiken)[N])[N]
eendagsvlieg	((één)[Q],(dag)[N],(s)[N|QN.N],(vlieg)[N])[N]
eendekker	((één)[Q],(dek)[N],(er)[N|QN.])[N]
eendekroos	((eend)[N],(e)[N|N.N],(kroos)[N])[N]
eendelig	((één)[Q],(deel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eendenbek	((eend)[N],(e)[N|N.N],(bek)[N])[N]
eendenbijt	((eend)[N],(en)[N|N.N],(bijt)[N])[N]
eendenbout	((eend)[N],(e)[N|N.N],(bout)[N])[N]
eendenei	((eend)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
eendenjacht	((eend)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
eendenkom	((eend)[N],(en)[N|N.N],(kom)[N])[N]
eendenkooi	((eend)[N],(en)[N|N.N],(kooi)[N])[N]
eendenkuiken	((eend)[N],(e)[N|N.N],(kuiken)[N])[N]
eendenmossel	((eend)[N],(e)[N|N.N],(mossel)[N])[N]
eendennest	((eend)[N],(e)[N|N.N],(nest)[N])[N]
eendenpastei	((eend)[N],(e)[N|N.N],(pastei)[N])[N]
eendensnavel	((eend)[N],(e)[N|N.N],(snavel)[N])[N]
eendenvijver	((eend)[N],(en)[N|N.N],(vijver)[N])[N]
eendracht	((één)[Q],(dracht)[N])[N]
eendrachtelijk	(((één)[Q],(dracht)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
eendrachtigheid	((eendrachtig)[A],(heid)[N|A.])[N]
eendrachtiglijk	((eendrachtig)[A],(lijk)[A|A.])[A]
eenduidig	((één)[Q],(duid)[V],(ig)[A|QV.])[A]
eenduidigheid	(((één)[Q],(duid)[V],(ig)[A|QV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eendvogel	((eend)[N],(vogel)[N])[N]
eeneiig	((één)[Q],(ei)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenendertig	(((één)[Q],(en)[C],((drie)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
eenentwintig	(((één)[Q],(en)[C],((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
eenentwintigduizend	(((één)[Q],(en)[C],((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q]
eengeboren	((één)[Q],(geboren)[A])[A]
eengezinswoning	((één)[Q],(gezin)[N],(s)[N|QN.N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
eenhandig	((één)[Q],(hand)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenhandszaag	((één)[Q],(hand)[N],(s)[N|QN.N],(zaag)[N])[N]
eenheid	((een)[A],(heid)[N|A.])[N]
eenheidsbeginsel	(((een)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
eenheidsbegrip	(((een)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(begrip)[N])[N]
eenheidscultuur	(((een)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(cultuur)[N])[N]
eenheidsfront	(((een)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(front)[N])[N]
eenheidsideologie	(((een)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((ideologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
eenheidskarakter	(((een)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(karakter)[N])[N]
eenheidslijst	(((een)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
eenheidspartij	(((een)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(partij)[N])[N]
eenheidsprijs	(((een)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(prijs)[N])[N]
eenheidsprincipe	(((een)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(principe)[N])[N]
eenheidsschool	(((een)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
eenheidsstaat	(((een)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(staat)[N])[N]
eenheidsstructuur	(((een)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
eenheidstijd	(((een)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
eenheidsvakbond	(((een)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((vak)[N],(bond)[N])[N])[N]
eenheidsvakcentrale	(((een)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((vak)[N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N])[N]
eenheidsvisie	(((een)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(visie)[N])[N]
eenheidsworst	(((een)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(worst)[N])[N]
eenhelmig	((één)[Q],(helm)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenhoevig	((één)[Q],(hoef)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenhokkig	((één)[Q],(hok)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenhoofdig	((één)[Q],(hoofd)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenhoorn	((één)[Q],(hoorn)[N])[N]
eenhoren	((één)[Q],(horen)[N])[N]
eenhuizig	((één)[Q],(huis)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenjarig	((één)[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenkamerwoning	((één)[Q],(kamer)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
eenkennig	((één)[Q],(ken)[V],(ig)[A|QV.])[A]
eenkennigheid	(((één)[Q],(ken)[V],(ig)[A|QV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eenkleurig	((één)[Q],(kleur)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenlettergrepig	((één)[Q],(lettergreep)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenling	((een)[N],(ling)[N|N.])[N]
eenlobbig	((één)[Q],(lob)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenmaal	((één)[Q],(maal)[N])[B]
eenmalig	((één)[Q],(maal)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenmaligheid	(((één)[Q],(maal)[N],(ig)[A|QN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eenmansorkest	((één)[Q],(man)[N],(s)[N|QN.N],(orkest)[N])[N]
eenmanswagen	((één)[Q],(man)[N],(s)[N|QN.N],(wagen)[N])[N]
eenmanszaak	((één)[Q],(man)[N],(s)[N|QN.N],(zaak)[N])[N]
eennervig	((één)[Q],(nerf)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenogig	((één)[Q],(oog)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenoog	((één)[Q],(oog)[N])[N]
eenoudergezin	((één)[Q],(ouder)[N],(gezin)[N])[N]
eenpansmaaltijd	((één)[Q],(pan)[N],(s)[N|QN.N],((maal)[N],(tijd)[N])[N])[N]
eenparigheid	((eenparig)[A],(heid)[N|A.])[N]
eenpersoonsbed	((één)[Q],(persoon)[N],(s)[N|QN.N],(bed)[N])[N]
eenpersoonsdeken	((één)[Q],(persoon)[N],(s)[N|QN.N],(deken)[N])[N]
eenpersoonskamer	((één)[Q],(persoon)[N],(s)[N|QN.N],(kamer)[N])[N]
eenpitsstel	((één)[Q],(pit)[N],(s)[N|QN.N],(stel)[N])[N]
eenponder	((één)[Q],(pond)[N],(er)[N|QN.])[N]
eenpoter	((één)[Q],(poot)[N],(er)[N|QN.])[N]
eenrichtingsverkeer	((één)[Q],((richt)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|QN.N],(verkeer)[N])[N]
eenrichtingverkeer	((één)[Q],((richt)[V],(ing)[N|V.])[N],(verkeer)[N])[N]
eenruiter	((één)[Q],(ruit)[N],(er)[N|QN.])[N]
eens	((één)[Q],(s)[A|Q.])[A]
eenscharig	((één)[Q],(schaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eensdenkend	(((één)[Q],(s)[A|Q.])[A],(denk)[V],(end)[A|AV.])[A]
eensgezindheid	((eensgezind)[A],(heid)[N|A.])[N]
eensluidend	(((één)[Q],(s)[A|Q.])[A],(luid)[V],(end)[A|AV.])[A]
eensluidendheid	((((één)[Q],(s)[A|Q.])[A],(luid)[V],(end)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eenspan	((één)[Q],(span)[N])[N]
eensporig	((één)[Q],(spoor)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eensteensmuur	((één)[Q],(steen)[N],(s)[N|QN.N],(muur)[N])[N]
eenstemmig	((één)[Q],(stem)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenstemmigheid	(((één)[Q],(stem)[N],(ig)[A|QN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eentalig	((één)[Q],(taal)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eentaligheid	(((één)[Q],(taal)[N],(ig)[A|QN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eenterm	((één)[Q],(term)[N])[N]
eentonig	((één)[Q],(toon)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eentonigheid	(((één)[Q],(toon)[N],(ig)[A|QN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eenverdiener	((één)[Q],(verdien)[V],(er)[N|QV.])[N]
eenvormig	((één)[Q],(vorm)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenvormigheid	(((één)[Q],(vorm)[N],(ig)[A|QN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eenvoudig	((eenvoud)[N],(ig)[A|N.])[A]
eenvoudigheid	(((eenvoud)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eenwaardig	((één)[Q],(waarde)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenwinter	((één)[Q],(winter)[N])[N]
eenwording	((een)[A],(word)[V],(ing)[N|AV.])[N]
eenwordingsproces	(((een)[A],(word)[V],(ing)[N|AV.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
eenzaadlobbig	((één)[Q],((zaad)[N],(lob)[N])[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenzaam	((één)[Q],(zaam)[A|Q.])[A]
eenzaamheid	(((één)[Q],(zaam)[A|Q.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eenzaamheidsgevoelen	((((één)[Q],(zaam)[A|Q.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(gevoelen)[N])[N]
eenzelvig	((één)[Q],(zelf)[O],(ig)[A|QO.])[A]
eenzelvigheid	(((één)[Q],(zelf)[O],(ig)[A|QO.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eenzijdig	((één)[Q],(zijde)[N],(ig)[A|QN.])[A]
eenzijdigheid	(((één)[Q],(zijde)[N],(ig)[A|QN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eerbaar	((eer)[V],(baar)[A|V.])[A]
eerbaarheid	(((eer)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eerbejag	((eer)[N],(bejag)[N])[N]
eerbetoon	((eer)[N],(betoon)[N])[N]
eerbewijs	((eer)[N],(bewijs)[N])[N]
eerbiedigheid	(((eerbied)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eerbiediging	((eerbiedig)[V],(ing)[N|V.])[N]
eerbiedsbetuiging	((eerbied)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(tuig)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
eerbiedwaardig	((eerbied)[N],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
eerbiedwekkend	((eerbied)[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
eergevoel	((eer)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
eergierig	((eer)[N],(gierig)[A])[A]
eergierigheid	(((eer)[N],(gierig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
eerherstel	((eer)[B],(herstel)[N])[N]
eerlijk	((eer)[N],(lijk)[A|N.])[A]
eerlijkheid	(((eer)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eerloos	((eer)[N],(loos)[A|N.])[A]
eerloosheid	(((eer)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eermetaal	((eer)[N],(metaal)[N])[N]
eerroof	((eer)[N],(roof)[N])[N]
eerrover	((eer)[N],(roof)[V],(er)[N|NV.])[N]
eerstaanwezend	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(aanwezend)[A])[A]
eerstbeginnende	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(beginnend)[V],(e)[N|QV.])[N]
eerstecommunicant	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],((communiceer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
eerstecommunicante	((((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],((communiceer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N],(e)[N|N.])[N]
eerstegraads	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(graad)[N],(s)[A|QN.])[A]
eerstegrader	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(graad)[N],(er)[N|QN.])[N]
eerstehands	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(hand)[N],(s)[A|QN.])[A]
eerstehulpverlening	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|QNV.])[N]
eerstejaars	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(jaar)[N],(s)[N|QN.])[N]
eerstejaarsclub	((((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(jaar)[N],(s)[N|QN.])[N],(club)[N])[N]
eersteklas	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(klas)[N])[A]
eersteklascoupé	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(klas)[N],(coupé)[N])[N]
eersteklasrijtuig	((((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(klas)[N])[A],((rijd)[V],(tuig)[N])[N])[N]
eersteklasser	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(klas)[N],(er)[N|QN.])[N]
eerstelijns	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(lijn)[N],(s)[A|QN.])[A]
eerstelijnsgeneeskunde	((((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(lijn)[N],(s)[A|QN.])[A],((genees)[V],(kunde)[N])[N])[N]
eerstelijnsgezondheidszorg	((((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(lijn)[N],(s)[A|QN.])[A],(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(zorg)[N])[N])[N]
eerstelijnshulpverlening	((((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(lijn)[N],(s)[A|QN.])[A],((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
eerstelijnsteam	((((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(lijn)[N],(s)[A|QN.])[A],(team)[N])[N]
eersteling	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(eling)[N|Q.])[N]
eerstelinge	((((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(eling)[N|Q.])[N],(e)[N|N.])[N]
eersterangs	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(rang)[N],(s)[A|QN.])[A]
eerstesteenlegging	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(steen)[N],(leg)[V],(ing)[N|QNV.])[N]
eerstgeboorte	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(geboorte)[N])[N]
eerstgeboorterecht	((((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(geboorte)[N])[N],(recht)[N])[N]
eerstgeboren	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(geboren)[A])[A]
eerstgenoemd	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(genoemd)[A])[A]
eerstgeroepene	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(geroepene)[N])[N]
eerstkomend	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(komend)[A])[A]
eerstverantwoordelijk	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],((verantwoord)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
eerstvolgend	(((één)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q],(volgend)[A])[A]
eervergeten	((eer)[N],(vergeten)[A])[A]
eerverleden	((eer)[B],(verleden)[A])[A]
eervol	((eer)[N],(vol)[A])[A]
eervorig	((eer)[B],(vorig)[A])[A]
eerwaard	((eer)[N],(waard)[A])[A]
eerwaardig	((eer)[N],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
eerwaardigheid	(((eer)[N],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
eerzaam	((eer)[V],(zaam)[A|V.])[A]
eerzaamheid	(((eer)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eerzucht	((eer)[N],(zucht)[N])[N]
eerzuchtig	(((eer)[N],(zucht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
eest	(eest)[N]
eesten	(eest)[V]
eestoven	((eest)[V],(oven)[N])[N]
eetaardappel	((eet)[V],((aarde)[N],(appel)[N])[N])[N]
eetbaar	((eet)[V],(baar)[A|V.])[A]
eetbaarheid	(((eet)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eetbarak	((eet)[V],(barak)[N])[N]
eetbord	((eet)[V],(bord)[N])[N]
eetcafé	((eet)[V],(café)[N])[N]
eetdrift	((eet)[V],(drift)[N])[N]
eetfestijn	((eet)[V],(festijn)[N])[N]
eetgedrag	((eet)[V],(gedrag)[N])[N]
eetgelegenheid	((eet)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
eetgeluid	((eet)[V],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
eetgerei	((eet)[V],(gerei)[N])[N]
eetgewoonte	((eet)[V],((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
eethoek	((eet)[V],(hoek)[N])[N]
eethuis	((eet)[V],(huis)[N])[N]
eetkamer	((eet)[V],(kamer)[N])[N]
eetkamerameublement	(((eet)[V],(kamer)[N])[N],(ameublement)[N])[N]
eetketel	((eet)[V],(ketel)[N])[N]
eetkeuken	((eet)[V],(keuken)[N])[N]
eetlepel	((eet)[V],(lepel)[N])[N]
eetlust	((eet)[V],(lust)[N])[N]
eetmaal	((eet)[V],(maal)[N])[N]
eetpartij	((eet)[V],(partij)[N])[N]
eetplaats	((eet)[V],(plaats)[N])[N]
eetprobleem	((eet)[V],(probleem)[N])[N]
eetruimte	((eet)[V],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
eetsalon	((eet)[V],(salon)[N])[N]
eetservies	((eet)[V],(servies)[N])[N]
eetster	((eet)[V],(ster)[N|V.])[N]
eetstokje	((eet)[V],(stok)[N])[N]
eettafel	((eet)[V],(tafel)[N])[N]
eettempo	((eet)[V],(tempo)[N])[N]
eettent	((eet)[V],(tent)[N])[N]
eetwaar	((eet)[V],(waar)[N])[N]
eetwoede	((eet)[V],(woede)[N])[N]
eetzaal	((eet)[V],(zaal)[N])[N]
eeuw	(eeuw)[N]
eeuwenheugend	((eeuw)[N],(en)[A|N.Vx],(heug)[V],(end)[A|NxV.])[A]
eeuwenlang	((eeuw)[N],(en)[A|N.A],(lang)[A])[A]
eeuwenoud	((eeuw)[N],(en)[A|N.A],(oud)[A])[A]
eeuwfeest	((eeuw)[N],(feest)[N])[N]
eeuwgetij	((eeuw)[N],(getij)[N])[N]
eeuwig	((eeuw)[N],(ig)[A|N.])[A]
eeuwigdurend	(((eeuw)[N],(ig)[A|N.])[A],(duur)[V],(end)[A|AV.])[A]
eeuwigheid	(((eeuw)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eeuwwisseling	((eeuw)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
efendi	(efendi)[N]
effectbal	((effect)[N],(bal)[N])[N]
effectbejag	((effect)[N],(bejag)[N])[N]
effectenbank	((effect)[N],(en)[N|N.N],(bank)[N])[N]
effectenbeurs	((effect)[N],(en)[N|N.N],(beurs)[N])[N]
effectenhandel	((effect)[N],(en)[N|N.N],(handel)[N])[N]
effectenhoek	((effect)[N],(en)[N|N.N],(hoek)[N])[N]
effectenmakelaar	((effect)[N],(en)[N|N.N],((makel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
effectenmarkt	((effect)[N],(en)[N|N.N],(markt)[N])[N]
effectenportefeuille	((effect)[N],(en)[N|N.N],(portefeuille)[N])[N]
effectentrommel	((effect)[N],(en)[N|N.N],(trommel)[N])[N]
effectueren	((effect)[N],(ueer)[V|N.])[V]
effectuering	(((effect)[N],(ueer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
effectvol	((effect)[N],(vol)[A])[A]
effen	(effen)[A]
effenen	(effen)[V]
effenheid	((effen)[A],(heid)[N|A.])[N]
effening	((effen)[V],(ing)[N|V.])[N]
efficiencyargument	((efficiency)[N],(argument)[N])[N]
efficiencybeurs	((efficiency)[N],(beurs)[N])[N]
efficiëntie	((efficiënt)[A],(ie)[N|A.])[N]
eg	(eg)[N]
egalisatie	(((egaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
egalisatiefonds	((((egaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(fonds)[N])[N]
egalisatiereserve	((((egaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(reserve)[N])[N]
egaliseren	((egaal)[A],(iseer)[V|A.])[V]
egalisering	(((egaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
egel	(egel)[N]
egelantier	(egelantier)[N]
egelantierstruik	((egelantier)[N],(struik)[N])[N]
egelgras	((egel)[N],(gras)[N])[N]
egelskop	((egel)[N],(s)[N|N.N],(kop)[N])[N]
egelstelling	((egel)[N],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
egelsvoet	((egel)[N],(s)[N|N.N],(voet)[N])[N]
egelvis	((egel)[N],(vis)[N])[N]
egelvoet	((egel)[N],(voet)[N])[N]
egge	(egge)[N]
eggen	(eg)[V]
eggentand	((egge)[N],(tand)[N])[N]
eglantier	(eglantier)[N]
ego	(ego)[N]
ego-integriteit	((ego)[N],((integer)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
egobegrip	((ego)[N],(begrip)[N])[N]
egocentrisme	((egocentrisch)[A],(isme)[N|A.])[N]
egofunctie	((ego)[N],(functie)[N])[N]
egokracht	((ego)[N],(kracht)[N])[N]
egoproces	((ego)[N],(proces)[N])[N]
egopsychologie	((ego)[N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
egopsycholoog	((ego)[N],(psycholoog)[N])[N]
egotistisch	((egotist)[N],(isch)[A|N.])[A]
egotrip	((ego)[N],(trip)[N])[N]
egotripper	((egotrip)[V],(er)[N|V.])[N]
egoïste	((egoïst)[N],(e)[N|N.])[N]
egoïstisch	((egoïst)[N],(isch)[A|N.])[A]
egslede	((eg)[N],(slede)[N])[N]
egslee	((eg)[N],(slee)[N])[N]
egtand	((eg)[N],(tand)[N])[N]
ei	(ei)[N]
eibernest	((eiber)[N],(nest)[N])[N]
eicel	((ei)[N],(cel)[N])[N]
eideling	((ei)[N],(deel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
eiderdons	((eidereend)[N],(dons)[N])[N]
eidetiek	((eidetisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
eidooier	((ei)[N],(dooier)[N])[N]
eierboer	((ei)[N],(boer)[N])[N]
eierbriket	((ei)[N],(briket)[N])[N]
eierdans	((ei)[N],(dans)[N])[N]
eierdooier	((ei)[N],(dooier)[N])[N]
eierdop	((ei)[N],(dop)[N])[N]
eiereneten	((ei)[N],(eet)[V])[V]
eierhandel	((ei)[N],(handel)[N])[N]
eierkoek	((ei)[N],(koek)[N])[N]
eierkolen	((ei)[N],(kool)[N])[N]
eierkorf	((ei)[N],(korf)[N])[N]
eierkrans	((ei)[N],(krans)[N])[N]
eierlepel	((ei)[N],(lepel)[N])[N]
eierlevendbarend	((ei)[N],((levend)[A],(baar)[V],(end)[A|AV.])[A])[A]
eierlijst	((ei)[N],(lijst)[N])[N]
eiermijn	((ei)[N],(mijn)[N])[N]
eiernet	((ei)[N],(net)[N])[N]
eierpoeder	((ei)[N],(poeder)[N])[N]
eierpoeier	((ei)[N],(poeier)[N])[N]
eierpruim	((ei)[N],(pruim)[N])[N]
eierrek	((ei)[N],(rek)[N])[N]
eiersaus	((ei)[N],(saus)[N])[N]
eierschaal	((ei)[N],(schaal)[N])[N]
eierschelp	((ei)[N],(schelp)[N])[N]
eiersnijder	((ei)[N],(snijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
eierstok	((ei)[N],(stok)[N])[N]
eierstruif	((ei)[N],(struif)[N])[N]
eiertikken	((ei)[N],(tik)[V])[V]
eierveiling	((ei)[N],((veil)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
eierwarmer	((ei)[N],((warm)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
eierwekker	((ei)[N],((wek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
eigeel	((ei)[N],(geel)[N])[N]
eigen	(eigen)[N]
eigenaardig	((eigen)[A],(aard)[N],(ig)[A|AN.])[A]
eigenaardigheid	(((eigen)[A],(aard)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eigenares	((eigenaar)[N],(es)[N|N.])[N]
eigenbaat	((eigen)[A],(baat)[N])[N]
eigenbelang	((eigen)[A],(belang)[N])[N]
eigendom	((eigen)[N],(dom)[N|N.])[N]
eigendomsbeperking	((eigendom)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(perk)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
eigendomsbewijs	(((eigen)[N],(dom)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(bewijs)[N])[N]
eigendomsoverdracht	(((eigen)[N],(dom)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(overdracht)[N])[N]
eigendomsrecht	(((eigen)[N],(dom)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
eigendunk	((eigen)[A],(dunk)[N])[N]
eigendunkelijk	(((eigen)[A],(dunk)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
eigendunkelijkheid	((((eigen)[A],(dunk)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eigengebakken	((eigen)[A],(gebakken)[V])[A]
eigengeldje	((eigen)[A],(geld)[N])[N]
eigengemaakt	((eigen)[A],(gemaakt)[V])[A]
eigengerechtig	((eigen)[A],(gerecht)[N],(ig)[A|AN.])[A]
eigengerechtigheid	(((eigen)[A],(gerecht)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eigengereidheid	((eigengereid)[A],(heid)[N|A.])[N]
eigengeërfd	((eigen)[A],(geërfd)[V])[A]
eigenhandig	((eigen)[A],(hand)[N],(ig)[A|AN.])[A]
eigenheid	((eigen)[A],(heid)[N|A.])[N]
eigenliefde	((eigen)[A],(liefde)[N])[N]
eigenlijk	((eigen)[N],(lijk)[A|N.])[A]
eigenmachtig	((eigen)[A],(macht)[N],(ig)[A|AN.])[A]
eigenmachtigheid	(((eigen)[A],(macht)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eigennaam	((eigen)[A],(naam)[N])[N]
eigenrichting	((eigen)[A],((richt)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
eigenroem	((eigen)[A],(roem)[N])[N]
eigenschap	((eigen)[A],(schap)[N|A.])[N]
eigensoortig	((eigen)[A],(soort)[N],(ig)[A|AN.])[A]
eigentijds	((eigen)[A],(tijd)[N],(s)[A|AN.])[A]
eigentijdsheid	(((eigen)[A],(tijd)[N],(s)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eigenwaan	((eigen)[A],(waan)[N])[N]
eigenwaarde	((eigen)[A],(waarde)[N])[N]
eigenwijs	((eigen)[A],(wijs)[A])[A]
eigenwijsheid	(((eigen)[A],(wijs)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
eigenwillig	((eigen)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A]
eigenzinnig	((eigen)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A]
eigenzinnigheid	(((eigen)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eiglans	((ei)[N],(glans)[N])[N]
eihoofd	((ei)[N],(hoofd)[N])[N]
eik	(eik)[N]
eikel	((eik)[N],(el)[N|N.])[N]
eikelaar	((eik)[N],(elaar)[N|N.])[N]
eikelaren	(((eik)[N],(elaar)[N|N.])[N],(en)[A|N.])[A]
eikelcacao	(((eik)[N],(el)[N|N.])[N],(cacao)[N])[N]
eikelchocola	(((eik)[N],(el)[N|N.])[N],(chocola)[N])[N]
eikelchocolade	(((eik)[N],(el)[N|N.])[N],(chocolade)[N])[N]
eikelkoffie	(((eik)[N],(el)[N|N.])[N],(koffie)[N])[N]
eikelvormig	(((eik)[N],(el)[N|N.])[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
eiken	((eik)[N],(en)[A|N.])[A]
eikenbast	((eik)[N],(e)[N|N.N],(bast)[N])[N]
eikenblad	((eik)[N],(e)[N|N.N],(blad)[N])[N]
eikenbladroller	((eik)[N],(e)[N|N.N],((blad)[N],(rol)[V],(er)[N|NV.])[N])[N]
eikenboktor	((eik)[N],(e)[N|N.N],((bok)[N],(tor)[N])[N])[N]
eikenboom	((eik)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
eikenbos	((eik)[N],(en)[N|N.N],(bos)[N])[N]
eikendreef	((eik)[N],(en)[N|N.N],(dreef)[N])[N]
eikengalwesp	((eik)[N],(e)[N|N.N],((gal)[N],(wesp)[N])[N])[N]
eikenhakhout	((eik)[N],(e)[N|N.N],((hak)[V],(hout)[N])[N])[N]
eikenhout	((eik)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
eikenhouten	(((eik)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
eikenkrans	((eik)[N],(e)[N|N.N],(krans)[N])[N]
eikenkroon	((eik)[N],(e)[N|N.N],(kroon)[N])[N]
eikenlaan	((eik)[N],(en)[N|N.N],(laan)[N])[N]
eikenloof	((eik)[N],(e)[N|N.N],(loof)[N])[N]
eikenschors	((eik)[N],(e)[N|N.N],(schors)[N])[N]
eikenstam	((eik)[N],(e)[N|N.N],(stam)[N])[N]
eikenstronk	((eik)[N],(e)[N|N.N],(stronk)[N])[N]
eikentak	((eik)[N],(e)[N|N.N],(tak)[N])[N]
eikenwoud	((eik)[N],(en)[N|N.N],(woud)[N])[N]
eikschillen	((eik)[N],(schil)[V])[V]
eikschiller	(((eik)[N],(schil)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
eilandbewoner	((eiland)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
eilandengroep	((eiland)[N],(en)[N|N.N],(groep)[N])[N]
eilandenrijk	((eiland)[N],(en)[N|N.N],(rijk)[N])[N]
eilandenzee	((eiland)[N],(en)[N|N.N],(zee)[N])[N]
eilander	((eiland)[N],(er)[N|N.])[N]
eilandgebied	((eiland)[N],(gebied)[N])[N]
eilandpositie	((eiland)[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
eilandsituatie	((eiland)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
eilandstation	((eiland)[N],(station)[N])[N]
eileider	((ei)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
eiloof	((ei)[N],(loof)[N])[N]
eind	(eind)[N]
eindaccent	((eind)[N],(accent)[N])[N]
eindbedrag	((eind)[N],(bedrag)[N])[N]
eindbeslissing	((eind)[N],((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
eindcijfer	((eind)[N],(cijfer)[N])[N]
eindconclusie	((eind)[N],(conclusie)[N])[N]
einddiploma	((eind)[N],(diploma)[N])[N]
einddoel	((eind)[N],(doel)[N])[N]
einde	(einde)[N]
eindelijk	((eind)[N],(elijk)[A|N.])[A]
eindeloos	((eind)[N],(eloos)[A|N.])[A]
eindeloosheid	(((eind)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
einden	(eind)[V]
einder	((eind)[N],(er)[N|N.])[N]
eindexamen	((eind)[N],(examen)[N])[N]
eindexamencijfer	(((eind)[N],(examen)[N])[N],(cijfer)[N])[N]
eindexamenkandidaat	(((eind)[N],(examen)[N])[N],((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
eindexamenklas	(((eind)[N],(examen)[N])[N],(klas)[N])[N]
eindexamenklasse	(((eind)[N],(examen)[N])[N],(klasse)[N])[N]
eindexamenpakket	(((eind)[N],(examen)[N])[N],(pakket)[N])[N]
eindfactuur	((eind)[N],(factuur)[N])[N]
eindfase	((eind)[N],(fase)[N])[N]
eindig	((eind)[N],(ig)[A|N.])[A]
eindigheid	(((eind)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
eindindruk	((eind)[N],((in)[P],(druk)[N])[N])[N]
eindklank	((eind)[N],(klank)[N])[N]
eindklassement	((eind)[N],(((klas)[N],(eer)[V|N.])[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
eindletter	((eind)[N],(letter)[N])[N]
eindlijst	((eind)[N],(lijst)[N])[N]
eindnotering	((eind)[N],(((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
eindonderwijs	((eind)[N],(onderwijs)[N])[N]
eindoordeel	((eind)[N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[N]
eindoorzaak	((eind)[N],(oorzaak)[N])[N]
eindoverwinning	((eind)[N],(((over)[P],(win)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
eindpaal	((eind)[N],(paal)[N])[N]
eindproduct	((eind)[N],(product)[N])[N]
eindpunt	((eind)[N],(punt)[N])[N]
eindrapport	((eind)[N],(rapport)[N])[N]
eindredactie	((eind)[N],(redactie)[N])[N]
eindregel	((eind)[N],(regel)[N])[N]
eindresultaat	((eind)[N],((resulteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
eindrijm	((eind)[N],(rijm)[N])[N]
eindronde	((eind)[N],(ronde)[N])[N]
eindscore	((eind)[N],(score)[N])[N]
eindsignaal	((eind)[N],(signaal)[N])[N]
eindsnelheid	((eind)[N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
eindspel	((eind)[N],(spel)[N])[N]
eindsprint	((eind)[N],(sprint)[N])[N]
eindspurt	((eind)[N],(spurt)[N])[N]
eindstadium	((eind)[N],(stadium)[N])[N]
eindstand	((eind)[N],(stand)[N])[N]
eindstation	((eind)[N],(station)[N])[N]
eindstemming	((eind)[N],((stem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
eindstreep	((eind)[N],(streep)[N])[N]
eindstrijd	((eind)[N],(strijd)[N])[N]
eindtermijn	((eind)[N],(termijn)[N])[N]
einduitslag	((eind)[N],((uit)[P],(slag)[N])[N])[N]
eindverslag	((eind)[N],(verslag)[N])[N]
eindvonnis	((eind)[N],(vonnis)[N])[N]
eins	(eins)[N]
eipoeder	((ei)[N],(poeder)[N])[N]
eipoeier	((ei)[N],(poeier)[N])[N]
eiproductie	((ei)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
eirond	((ei)[N],(rond)[A])[A]
eis	(eis)[N]
eisen	(eis)[V]
eisenpakket	((eis)[N],(en)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
eiser	((eis)[V],(er)[N|V.])[N]
eiseres	(((eis)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
eisprong	((ei)[N],(sprong)[N])[N]
eistadium	((ei)[N],(stadium)[N])[N]
eitand	((ei)[N],(tand)[N])[N]
eivlies	((ei)[N],(vlies)[N])[N]
eivol	((ei)[N],(vol)[A])[A]
eivorm	((ei)[N],(vorm)[N])[N]
eivormig	((ei)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
eiwit	((ei)[N],(wit)[N])[N]
eiwitarm	(((ei)[N],(wit)[N])[N],(arm)[A])[A]
eiwitbehoefte	(((ei)[N],(wit)[N])[N],(behoefte)[N])[N]
eiwitbron	(((ei)[N],(wit)[N])[N],(bron)[N])[N]
eiwitdeficiëntie	(((ei)[N],(wit)[N])[N],((deficiënt)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
eiwitgehalte	(((ei)[N],(wit)[N])[N],(gehalte)[N])[N]
eiwitmolecule	(((ei)[N],(wit)[N])[N],(molecule)[N])[N]
eiwitondervoeding	(((ei)[N],(wit)[N])[N],((onder)[P],((voed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
eiwitopname	(((ei)[N],(wit)[N])[N],(opname)[N])[N]
eiwitrijk	(((ei)[N],(wit)[N])[N],(rijk)[A])[A]
eiwitstof	(((ei)[N],(wit)[N])[N],(stof)[N])[N]
eiwitsynthese	(((ei)[N],(wit)[N])[N],(synthese)[N])[N]
ejaculaat	((ejaculeer)[V],(aat)[N|V.])[N]
ejaculatie	((ejaculeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
eken	((eek)[N],(en)[A|N.])[A]
ekster	(ekster)[N]
eksternest	((ekster)[N],(nest)[N])[N]
eksteroog	((ekster)[N],(oog)[N])[N]
eksteroogpleister	(((ekster)[N],(oog)[N])[N],(pleister)[N])[N]
eksteroogzalf	(((ekster)[N],(oog)[N])[N],(zalf)[N])[N]
el	(el)[N]
eland	(eland)[N]
elasticiteit	((elastisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N]
elasticiteitsgrens	(((elastisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(grens)[N])[N]
elastiek	((elastisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
elastieken	(((elastisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(en)[A|N.])[A]
eldorado	(eldorado)[N]
elegant	(elegant)[A]
elegantie	((elegant)[A],(ie)[N|A.])[N]
elegie	((elegisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
elektriciteit	((elektrisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N]
elektriciteitsbedrijf	(((elektrisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
elektriciteitscentrale	(((elektrisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
elektriciteitsdraad	(((elektrisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(draad)[N])[N]
elektriciteitsfabriek	(((elektrisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(fabriek)[N])[N]
elektriciteitskabel	(((elektrisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(kabel)[N])[N]
elektriciteitsleer	(((elektrisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
elektriciteitsmaatschappij	(((elektrisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
elektriciteitsmeter	(((elektrisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],(meet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
elektriciteitsproductie	(((elektrisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
elektriciteitsrekening	(((elektrisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
elektriciteitstarief	(((elektrisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(tarief)[N])[N]
elektriciteitsvoorziening	(((elektrisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
elektriek	((elektrisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
elektrificatie	((elektrificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
elektriseermachine	((elektriseer)[V],(machine)[N])[N]
elektrisering	((elektriseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
elektro-encefalografisch	((elektro-encefalograaf)[N],(isch)[A|N.])[A]
elektro-encefalogram	((elektro)[N|.N],(encefalogram)[N])[N]
elektroanalyse	((elektro)[N|.N],(analyse)[N])[N]
elektrocardiografie	((elektro)[N|.N],(cardiografie)[N])[N]
elektrocardiogram	((elektro)[N|.N],(cardiogram)[N])[N]
elektrochemie	((elektro)[N|.N],((chemisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
elektrocoagulatie	((elektro)[N|.N],((coaguleer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
elektrocutie	((elektrocuteer)[V],(tie)[N|V.])[N]
elektrodialyse	((elektro)[N|.N],(dialyse)[N])[N]
elektrodynamica	((elektro)[N|.N],(dynamica)[N])[N]
elektrodynamisch	((elektro)[A|.A],(dynamisch)[A])[A]
elektrokinetisch	((elektro)[A|.A],(kinetisch)[A])[A]
elektrolyseren	((elektrolyse)[N],(eer)[V|N.])[V]
elektrolytenbalans	((elektrolyt)[N],(en)[N|N.N],(balans)[N])[N]
elektrolytisch	((elektrolyse)[N],(isch)[A|N.])[A]
elektromagneet	((elektro)[N|.N],(magneet)[N])[N]
elektromagnetisch	(((elektro)[N|.N],(magneet)[N])[N],(isch)[A|N.])[A]
elektromagnetisme	((elektro)[N|.N],(magnetisme)[N])[N]
elektrometer	((elektro)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
elektromobiel	((elektro)[N|.N],(mobiel)[N])[N]
elektromonteur	((elektro)[N|.N],((monteer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
elektromotor	((elektro)[N|.N],(motor)[N])[N]
elektromotorisch	((elektro)[A|.A],((motor)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
elektromyografie	((elektromyograaf)[N],(ie)[N|N.])[N]
elektronenbuis	((elektron)[N],(en)[N|N.N],(buis)[N])[N]
elektronenflitser	((elektron)[N],(en)[N|N.N],((flits)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
elektronenkanon	((elektron)[N],(en)[N|N.N],(kanon)[N])[N]
elektronenmicroscoop	((elektron)[N],(en)[N|N.N],(microscoop)[N])[N]
elektronenmicroscopisch	(((elektron)[N],(en)[N|N.N],(microscoop)[N])[N],(isch)[A|N.])[A]
elektronentheorie	((elektron)[N],(en)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
elektronenversneller	((elektron)[N],(en)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(snel)[A])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
elektronicafabrikant	((elektronica)[N],(((fabriek)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
elektronicasector	((elektronica)[N],(sector)[N])[N]
elektronisch	((elektron)[N],(isch)[A|N.])[A]
elektroplastiek	((elektro)[N|.N],(plastiek)[N])[N]
elektroshock	((elektro)[N|.N],(shock)[N])[N]
elektrostatica	((elektro)[N|.N],(statica)[N])[N]
elektrostatisch	((elektro)[A|.A],(statisch)[A])[A]
elektrotechnicus	((elektro)[N|.N],(technicus)[N])[N]
elektrotechniek	((elektro)[N|.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
elektrotechnisch	((elektro)[A|.A],(technisch)[A])[A]
elektrotherapie	((elektro)[N|.N],(therapie)[N])[N]
elektrotypie	(((elektro)[A|.A],((type)[N],(isch)[A|N.])[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
elektrotypisch	((elektro)[A|.A],((type)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
element	(element)[N]
elevatiehoek	((elevatie)[N],(hoek)[N])[N]
elf	(elf)[Q]
elfduizend	((elf)[Q],(duizend)[Q])[Q]
elfenbankje	((elf)[N],(en)[N|N.N],(bank)[N])[N]
elfendans	((elf)[N],(en)[N|N.N],(dans)[N])[N]
elfengestalte	((elf)[N],(en)[N|N.N],(gestalte)[N])[N]
elfenkoningin	((elf)[N],(en)[N|N.N],((koning)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
elfensprookje	((elf)[N],(en)[N|N.N],(sprook)[N])[N]
elfhonderd	((elf)[Q],(honderd)[Q])[Q]
elfmeter	((elf)[Q],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
elfproef	((elf)[Q],(proef)[N])[N]
elfstedentocht	((elf)[Q],(stad)[N],(en)[N|QN.N],(tocht)[N])[N]
elft	(elft)[N]
elftal	((elf)[N],(tal)[N])[N]
elfuurtje	((elf)[Q],(uurtje)[N])[N]
eliminatie	((elimineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
eliminatieproces	(((elimineer)[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
eliminering	((elimineer)[V],(ing)[N|V.])[N]
elite	(elite)[N]
elite-eenheid	((elite)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
elitecorps	((elite)[N],(corps)[N])[N]
elitecultuur	((elite)[N],(cultuur)[N])[N]
elitekarakter	((elite)[N],(karakter)[N])[N]
elitekorps	((elite)[N],(korps)[N])[N]
elitesysteem	((elite)[N],(systeem)[N])[N]
elitetheorie	((elite)[N],(theorie)[N])[N]
elitetroep	((elite)[N],(troep)[N])[N]
elitevraagstuk	((elite)[N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
elixer	(elixer)[N]
elixir	(elixir)[N]
ellebooggewricht	((elleboog)[N],(gewricht)[N])[N]
elleboogslengte	((elleboog)[N],(s)[N|N.N],(lengte)[N])[N]
elleboogsmouw	((elleboog)[N],(s)[N|N.N],(mouw)[N])[N]
elleboogstuk	((elleboog)[N],(stuk)[N])[N]
ellende	(ellende)[N]
ellendeling	((ellende)[N],(ling)[N|N.])[N]
ellendig	((ellende)[N],(ig)[A|N.])[A]
ellendigheid	(((ellende)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ellengoed	((el)[N],(e)[N|N.N],(goed)[N])[N]
ellengoedwinkel	(((el)[N],(e)[N|N.N],(goed)[N])[N],(winkel)[N])[N]
ellenlang	((el)[N],(en)[A|N.A],(lang)[A])[A]
ellenmaat	((el)[N],(e)[N|N.N],(maat)[N])[N]
ellenstok	((el)[N],(e)[N|N.N],(stok)[N])[N]
ellenwaar	((el)[N],(e)[N|N.N],(waar)[N])[N]
ellenwinkel	((el)[N],(e)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
ellepijp	((el)[N],(e)[N|N.N],(pijp)[N])[N]
ellipsvormig	((ellips)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
elliptisch	((ellips)[N],(isch)[A|N.])[A]
elmsvuur	((Elmus)[N],(vuur)[V])[N]
eloquentie	((eloquent)[A],(ie)[N|A.])[N]
elp	(elp)[N]
elpen	((elp)[N],(en)[A|N.])[A]
elpenbenen	((elpenbeen)[N],(en)[A|N.])[A]
els	(els)[N]
elzen	((els)[N],(en)[A|N.])[A]
elzenbast	((els)[N],(e)[N|N.N],(bast)[N])[N]
elzenblad	((els)[N],(e)[N|N.N],(blad)[N])[N]
elzenboom	((els)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
elzenbos	(((els)[N],(en)[A|N.])[A],(bos)[N])[N]
elzenhaag	(((els)[N],(en)[A|N.])[A],(haag)[N])[N]
elzenhout	((els)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
elzenhouten	(((els)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
elzenkatje	((els)[N],(e)[N|N.N],(kat)[N])[N]
elzenlaan	(((els)[N],(en)[A|N.])[A],(laan)[N])[N]
elzenprop	((els)[N],(e)[N|N.N],(prop)[N])[N]
elzenschors	((els)[N],(e)[N|N.N],(schors)[N])[N]
elzenstruik	((els)[N],(e)[N|N.N],(struik)[N])[N]
elzentak	((els)[N],(e)[N|N.N],(tak)[N])[N]
emaillak	((email)[N],(lak)[N])[N]
emailleeroven	(((email)[N],(eer)[V|N.])[V],(oven)[N])[N]
emailleren	((email)[N],(eer)[V|N.])[V]
emailleur	(((email)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
emanatie	((emaneer)[V],(atie)[N|V.])[N]
emanatietheorie	(((emaneer)[V],(atie)[N|V.])[N],(theorie)[N])[N]
emancipatie	((emancipeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
emancipatiebeginsel	(((emancipeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
emancipatiebeleid	(((emancipeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(beleid)[N])[N]
emancipatiebeweging	(((emancipeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
emancipatiegeluid	(((emancipeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
emancipatiepartij	(((emancipeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(partij)[N])[N]
emancipatieprobleem	(((emancipeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(probleem)[N])[N]
emancipatieproces	(((emancipeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
emancipatieproject	(((emancipeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(project)[N])[N]
emancipatiezaken	(((emancipeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(zaak)[N])[N]
emancipatorisch	((emancipatoir)[A],(isch)[A|A.])[A]
emballage	((emballeer)[V],(age)[N|V.])[N]
emballeur	((emballeer)[V],(eur)[N|V.])[N]
embargo	(embargo)[N]
embleem	(embleem)[N]
emblematabundel	((emblemata)[N],(bundel)[N])[N]
emblematisch	((emblema)[N],(atisch)[A|N.])[A]
embryo	(embryo)[N]
embryologisch	((embryo)[N],(logisch)[A])[A]
embryonaal	((embryo)[N],(onaal)[A|N.])[A]
emendatie	((emendeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
emerald	(emerald)[N]
emeritaat	((emeritus)[N],(aat)[N|N.])[N]
emeritus-hoogleraar	((emeritus)[N],((hoog)[A],(leraar)[N])[N])[N]
emfase	(emfase)[N]
emfatisch	((emfase)[N],(tisch)[A|N.])[A]
emigrant	((emigreer)[V],(ant)[N|V.])[N]
emigrante	(((emigreer)[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
emigrantenregering	(((emigreer)[V],(ant)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
emigratie	((emigreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
emigratie-expert	(((emigreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(expert)[N])[N]
emigratiebureau	(((emigreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(bureau)[N])[N]
emigratiegolf	(((emigreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(golf)[N])[N]
emigratiekoorts	(((emigreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(koorts)[N])[N]
eminent	(eminent)[A]
eminentie	((eminent)[A],(ie)[N|A.])[N]
emir	(emir)[N]
emiraat	((emir)[N],(aat)[N|N.])[N]
emissiebank	((emissie)[N],(bank)[N])[N]
emissiekoers	((emissie)[N],(koers)[N])[N]
emissietheorie	((emissie)[N],(theorie)[N])[N]
emittent	((emitteer)[V],(ent)[N|V.])[N]
emmer	(emmer)[N]
emmerbaggermolen	((emmer)[N],((bagger)[V],(molen)[N])[N])[N]
emmeren	(emmer)[V]
emmerladder	((emmer)[N],(ladder)[N])[N]
emmetropie	((emmetroop)[A],(ie)[N|A.])[N]
emoe	(emoe)[N]
emotieloos	((emotie)[N],(loos)[A|N.])[A]
emotionaliteit	(((emotie)[N],(ioneel)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
emotioneel	((emotie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
empire	(empire)[N]
empirestijl	((empire)[N],(stijl)[N])[N]
empirie	((empirisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
empiristisch	((empirist)[N],(isch)[A|N.])[A]
employee	((employé)[N],(e)[N|N.])[N]
employé	(employé)[N]
emserzout	((Ems)[N],(zout)[A])[N]
emulgator	((emulgeer)[V],(ator)[N|V.])[N]
emulsielaag	((emulsie)[N],(laag)[N])[N]
encadreerband	((encadreer)[V],(band)[N])[N]
encadrering	((encadreer)[V],(ing)[N|V.])[N]
encyclopedie	((encyclopedisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
encyclopedist	(((encyclopedisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(ist)[N|N.])[N]
end	(end)[N]
ende	(ende)[N]
endemie	((endemisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
enden	(end)[V]
endocardiaal	((endocardium)[N],(aal)[A|N.])[A]
endoparasiet	((endo)[N|.N],(parasiet)[N])[N]
endoscopie	((endoscoop)[N],(ie)[N|N.])[N]
endoscopisch	((endoscoop)[N],(isch)[A|N.])[A]
endossabel	((endosseer)[V],(abel)[A|V.])[A]
endossant	((endosseer)[V],(ant)[N|V.])[N]
endossement	((endosseer)[V],(ement)[N|V.])[N]
endossering	((endosseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
endotoxine	((endo)[N|.N],(toxine)[N])[N]
energie	(energie)[N]
energie-eenheid	((energie)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
energie-intensief	((energie)[N],(intensief)[A])[A]
energieafgifte	((energie)[N],(afgifte)[N])[N]
energiearm	((energie)[N],(arm)[A])[A]
energiebalans	((energie)[N],(balans)[N])[N]
energiebasis	((energie)[N],(basis)[N])[N]
energiebedrijf	((energie)[N],(bedrijf)[N])[N]
energiebehoefte	((energie)[N],(behoefte)[N])[N]
energiebeleid	((energie)[N],(beleid)[N])[N]
energiebesparend	((energie)[N],((be)[V|.V],(spaar)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
energiebesparing	((energie)[N],((be)[V|.V],(spaar)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
energiebron	((energie)[N],(bron)[N])[N]
energiecentrale	((energie)[N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
energiecentrum	((energie)[N],(centrum)[N])[N]
energieconsumptie	((energie)[N],(consumptie)[N])[N]
energiecrisis	((energie)[N],(crisis)[N])[N]
energiekeling	(((energie)[N],(iek)[A|N.])[A],(eling)[N|A.])[N]
energieleverancier	((energie)[N],(leverancier)[N])[N]
energielevering	((energie)[N],((lever)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
energieloos	((energie)[N],(loos)[A|N.])[A]
energieniveau	((energie)[N],(niveau)[N])[N]
energienota	((energie)[N],(nota)[N])[N]
energiepakket	((energie)[N],(pakket)[N])[N]
energiepolitiek	((energie)[N],(politiek)[N])[N]
energieprobleem	((energie)[N],(probleem)[N])[N]
energieproductie	((energie)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
energiereserve	((energie)[N],(reserve)[N])[N]
energieschaarste	((energie)[N],((schaars)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
energiesector	((energie)[N],(sector)[N])[N]
energiesituatie	((energie)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
energietekort	((energie)[N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
energietoeslag	((energie)[N],((toe)[B],(slag)[N])[N])[N]
energieveld	((energie)[N],(veld)[N])[N]
energieverslindend	((energie)[N],(verslind)[V],(end)[A|NV.])[A]
energievoorraad	((energie)[N],(voorraad)[N])[N]
energievoorziening	((energie)[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
energievraagstuk	((energie)[N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
energievretend	((energie)[N],(vreet)[V],(end)[A|NV.])[A]
energievreter	((energie)[N],(vreet)[V],(er)[N|NV.])[N]
energiezaak	((energie)[N],(zaak)[N])[N]
eng	(eng)[A]
engagement	((engageer)[V],(ement)[N|V.])[N]
engagementsring	(((engageer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ring)[N])[N]
engel	(engel)[N]
engelachtig	((engel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
engelachtigheid	(((engel)[N],(achtig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
engelbewaarder	((engel)[N],(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(der)[N|V.])[N])[N]
engelenbak	((engel)[N],(en)[N|N.N],(bak)[N])[N]
engelendom	((engel)[N],(endom)[N|N.])[N]
engelengeduld	((engel)[N],(en)[N|N.N],(geduld)[N])[N]
engelenhaar	((engel)[N],(en)[N|N.N],(haar)[N])[N]
engelenkoor	((engel)[N],(en)[N|N.N],(koor)[N])[N]
engelenmis	((engel)[N],(en)[N|N.N],(mis)[N])[N]
engelenrei	((engel)[N],(en)[N|N.N],(rei)[N])[N]
engelenschaar	((engel)[N],(en)[N|N.N],(schaar)[N])[N]
engelenzang	((engel)[N],(en)[N|N.N],(zang)[N])[N]
engelin	((engel)[N],(in)[N|N.])[N]
engeltjesmaakster	((engeltje)[N],(s)[N|N.Vx],(maak)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
engelwortel	((engel)[N],(wortel)[N])[N]
engerd	((eng)[A],(erd)[N|A.])[N]
enggeestig	((eng)[A],(geest)[N],(ig)[A|AN.])[A]
enghartig	((eng)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
enghartigheid	(((eng)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
engheid	((eng)[A],(heid)[N|A.])[N]
engte	((eng)[A],(te)[N|A.])[N]
engtevrees	(((eng)[A],(te)[N|A.])[N],(vrees)[N])[N]
eniggeboren	((enig)[Q],(geboren)[A])[A]
enigheid	((enig)[A],(heid)[N|A.])[N]
enigma	(enigma)[N]
enigmatisch	((enigma)[N],(atisch)[A|N.])[A]
enk	(enk)[N]
enkel	(enkel)[N]
enkelbaans	((enkel)[Q],(baan)[N],(s)[A|QN.])[A]
enkelband	((enkel)[N],(band)[N])[N]
enkelbloemig	((enkel)[Q],(bloem)[N],(ig)[A|QN.])[A]
enkeldaks	((enkel)[Q],(dak)[N],(s)[A|QN.])[A]
enkelgewricht	((enkel)[N],(gewricht)[N])[N]
enkeling	((enkel)[Q],(ling)[N|Q.])[N]
enkelkous	((enkel)[N],(kous)[N])[N]
enkelspel	((enkel)[Q],(spel)[N])[N]
enkelspoor	((enkel)[Q],(spoor)[N])[N]
enkelsporig	((enkel)[Q],(spoor)[N],(ig)[A|QN.])[A]
enkelvoudig	((enkelvoud)[N],(ig)[A|N.])[A]
enkelvoudigheid	(((enkelvoud)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
enkelzijdig	((enkel)[Q],(zijde)[N],(ig)[A|QN.])[A]
ennetje	(en)[N]
enorm	(enorm)[A]
enormiteit	((enorm)[A],(iteit)[N|A.])[N]
enquêtecommissie	((enquête)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
enquêteformulier	((enquête)[N],(formulier)[N])[N]
enquêtemateriaal	((enquête)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
enquêteur	((enquêteer)[V],(eur)[N|V.])[N]
enscenering	((ensceneer)[V],(ing)[N|V.])[N]
ensemble	(ensemble)[N]
ent	(ent)[N]
enten	(ent)[V]
enter	((ent)[V],(er)[N|V.])[N]
enterbijl	((enter)[V],(bijl)[N])[N]
enterdreg	((enter)[V],(dreg)[N])[N]
enteren	(enter)[V]
enterhaak	((enter)[V],(haak)[N])[N]
entering	((enter)[V],(ing)[N|V.])[N]
enternet	((enter)[V],(net)[N])[N]
entertainen	(entertain)[V]
entertainer	((entertain)[V],(er)[N|V.])[N]
enthousiast	(enthousiast)[N]
enthousiasteling	((enthousiast)[A],(eling)[N|A.])[N]
enting	((ent)[V],(ing)[N|V.])[N]
entmes	((ent)[V],(mes)[N])[N]
entomografie	((entomograaf)[N],(ie)[N|N.])[N]
entomologe	((entomoloog)[N],(e)[N|N.])[N]
entomologie	((entomologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
entreebiljet	((entree)[N],(biljet)[N])[N]
entreegeld	((entree)[N],(geld)[N])[N]
entreekaart	((entree)[N],(kaart)[N])[N]
entreeprijs	((entree)[N],(prijs)[N])[N]
entrefilettist	((entrefilet)[N],(ist)[N|N.])[N]
entrijs	((ent)[V],(rijs)[N])[N]
entstof	((ent)[V],(stof)[N])[N]
entwas	((ent)[V],(was)[N])[N]
enumeratief	((enumeratie)[N],(ief)[A|N.])[A]
envelop	(envelop)[N]
enveloppe	(enveloppe)[N]
enzymdeficiëntie	((enzym)[N],((deficiënt)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
enzymologie	((enzymoloog)[N],(ie)[N|N.])[N]
enzymreactie	((enzym)[N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
enzymstoornis	((enzym)[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
enzymsysteem	((enzym)[N],(systeem)[N])[N]
enzymtherapie	((enzym)[N],(therapie)[N])[N]
epicuristisch	((epicurist)[N],(isch)[A|N.])[A]
epidemie	((epidemisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
epidemiologie	((epidemiologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
epiek	(((epos)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
epifytisch	((epifyt)[N],(isch)[A|N.])[A]
epigrafie	(((epigraaf)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
epigrafisch	((epigraaf)[N],(isch)[A|N.])[A]
epigrammatisch	((epigram)[N],(atisch)[A|N.])[A]
epilatie	((epileer)[V],(atie)[N|V.])[N]
episch	((epos)[N],(isch)[A|N.])[A]
episcopie	((episcoop)[N],(ie)[N|N.])[N]
episodisch	((episode)[N],(isch)[A|N.])[A]
epos	(epos)[N]
epoxyhars	((epoxy)[N],(hars)[N])[N]
epsilon	(epsilon)[N]
equilibrist	((equilibre)[N],(ist)[N|N.])[N]
equilibriste	(((equilibre)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
equinoctiaal	((equinox)[N],(iaal)[A|N.])[A]
equipage	((equipeer)[V],(age)[N|V.])[N]
equipagemeester	(((equipeer)[V],(age)[N|V.])[N],(meester)[N])[N]
equipement	((equipeer)[V],(ement)[N|V.])[N]
equipier	((equipe)[N],(ier)[N|N.])[N]
era	(era)[N]
erachten	((er)[B],(acht)[V])[V]
erbarmelijk	((erbarm)[V],(elijk)[A|V.])[A]
erbarming	((erbarm)[V],(ing)[N|V.])[N]
ereambt	((ere)[N],(ambt)[N])[N]
erebaantje	((ere)[N],(baan)[N])[N]
ereblijk	((ere)[N],(blijk)[N])[N]
ereboete	((ere)[N],(boete)[N])[N]
ereboog	((ere)[N],(boog)[N])[N]
ereburger	((ere)[N],(burger)[N])[N]
ereburgerschap	(((ere)[N],(burger)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
erecode	((ere)[N],(code)[N])[N]
erecomité	((ere)[N],(comité)[N])[N]
erectiecapaciteit	((erectie)[N],(capaciteit)[N])[N]
erectieprobleem	((erectie)[N],(probleem)[N])[N]
erectieweefsel	((erectie)[N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
eredame	((ere)[N],(dame)[N])[N]
eredegen	((ere)[N],(degen)[N])[N]
eredienst	((ere)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
erediploma	((ere)[N],(diploma)[N])[N]
eredivisie	((ere)[N],(divisie)[N])[N]
eredoctor	((ere)[N],(doctor)[N])[N]
eredoctoraat	((ere)[N],((doctoreer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
eregast	((ere)[N],(gast)[N])[N]
erekrans	((ere)[N],(krans)[N])[N]
erekruis	((ere)[N],(kruis)[N])[N]
erelid	((ere)[N],(lid)[N])[N]
erelidmaatschap	((ere)[N],(((lid)[N],(maat)[N])[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
erelint	((ere)[N],(lint)[N])[N]
ereloon	((ere)[N],(loon)[N])[N]
eremetaal	((ere)[N],(metaal)[N])[N]
eren	(eer)[V]
erenaam	((ere)[N],(naam)[N])[N]
erepalm	((ere)[N],(palm)[N])[N]
ereplaats	((ere)[N],(plaats)[N])[N]
erepodium	((ere)[N],(podium)[N])[N]
erepoort	((ere)[N],(poort)[N])[N]
erepost	((ere)[N],(post)[N])[N]
ereprijs	((ere)[N],(prijs)[N])[N]
ereronde	((ere)[N],(ronde)[N])[N]
eresabel	((ere)[N],(sabel)[N])[N]
eresaluut	((ere)[N],(saluut)[N])[N]
ereschuld	((ere)[N],(schuld)[N])[N]
ereteken	((ere)[N],(teken)[N])[N]
eretitel	((ere)[N],(titel)[N])[N]
eretribune	((ere)[N],(tribune)[N])[N]
ereveld	((ere)[N],(veld)[N])[N]
erevoorzitter	((ere)[N],(((voor)[B],(zit)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
erewacht	((ere)[N],(wacht)[N])[N]
erewijn	((ere)[N],(wijn)[N])[N]
erewoord	((ere)[N],(woord)[N])[N]
erezaak	((ere)[N],(zaak)[N])[N]
erezuil	((ere)[N],(zuil)[N])[N]
erf	(erf)[N]
erfbeplanting	((erf)[N],((be)[V|.N],(plant)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
erfdeel	((erf)[V],(deel)[N])[N]
erfdienstbaarheid	((erf)[N],((dienstbaar)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
erfdochter	((erf)[V],(dochter)[N])[N]
erfelijk	((erf)[V],(elijk)[A|V.])[A]
erfelijkheid	(((erf)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
erfelijkheidsadvies	((((erf)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(advies)[N])[N]
erfelijkheidsdrager	((((erf)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],(draag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
erfelijkheidsleer	((((erf)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
erfelijkheidsmateriaal	((((erf)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
erfelijkheidsmechanisme	((((erf)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
erfelijkheidstheorie	((((erf)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
erfelijkheidsverschijnsel	((((erf)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
erfenis	((erf)[V],(enis)[N|V.])[N]
erfeniskwestie	(((erf)[V],(enis)[N|V.])[N],(kwestie)[N])[N]
erffactor	((erf)[V],(factor)[N])[N]
erfgename	((erfgenaam)[N],(e)[N|N.])[N]
erfgerechtigd	((erf)[V],(gerechtigd)[A])[A]
erfgoed	((erf)[V],(goed)[N])[N]
erfgrond	((erf)[V],(grond)[N])[N]
erfhuis	((erf)[V],(huis)[N])[N]
erflaatster	((erf)[N],(laat)[V],(ster)[N|NV.])[N]
erfland	((erf)[V],(land)[N])[N]
erflater	((erf)[N],(laat)[V],(er)[N|NV.])[N]
erflating	((erf)[N],(laat)[V],(ing)[N|NV.])[N]
erfleen	((erf)[V],(leen)[N])[N]
erfleengoed	((erf)[V],((leen)[N],(goed)[N])[N])[N]
erfoom	((erf)[V],(oom)[N])[N]
erfopvolger	((erf)[V],(((op)[P],(volg)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
erfopvolging	((erf)[N],((op)[P],(volg)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
erfpacht	((erf)[V],(pacht)[N])[N]
erfpachtcanon	(((erf)[V],(pacht)[N])[N],(canon)[N])[N]
erfpachter	((erf)[V],((pacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
erfprins	((erf)[V],(prins)[N])[N]
erfprinses	(((erf)[V],(prins)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
erfrecht	((erf)[V],(recht)[N])[N]
erfrechtelijk	(((erf)[V],(recht)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
erfrente	((erf)[V],(rente)[N])[N]
erfschuld	((erf)[V],(schuld)[N])[N]
erfsmet	((erf)[V],(smet)[N])[N]
erfstadhouder	((erf)[V],((stad)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N])[N]
erfstelling	((erf)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
erfstuk	((erf)[V],(stuk)[N])[N]
erftante	((erf)[V],(tante)[N])[N]
erfvijand	((erf)[V],(vijand)[N])[N]
erfvijandschap	(((erf)[V],(vijand)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
erfvorst	((erf)[V],(vorst)[N])[N]
erfvredebreuk	((erf)[N],((vrede)[N],(breuk)[N])[N])[N]
erfwet	((erf)[V],(wet)[N])[N]
erfzonde	((erf)[V],(zonde)[N])[N]
erg	(erg)[N]
ergdenkend	((erg)[N],(denk)[V],(end)[A|NV.])[A]
ergerlijk	((erger)[V],(lijk)[A|V.])[A]
ergerlijkheid	(((erger)[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ergernis	((erger)[V],(nis)[N|V.])[N]
ergo	(ergo)[B]
ergonomie	((ergonomisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
erica	(erica)[N]
erkenbaar	((erken)[V],(baar)[A|V.])[A]
erkenning	((erken)[V],(ing)[N|V.])[N]
erkentelijkheid	((erkentelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
erker	(erker)[N]
erkerraam	((erker)[N],(raam)[N])[N]
erlenmeyer	(erlenmeyer)[N]
ernst	(ernst)[N]
ernstig	((ernst)[N],(ig)[A|N.])[A]
eroscentrum	((Eros)[N],(centrum)[N])[N]
erosiemateriaal	((erosie)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
erosieproces	((erosie)[N],(proces)[N])[N]
erosieverschijnsel	((erosie)[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
erotiek	((erotisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
error	(error)[N]
ersatzkoffie	((ersatz)[N],(koffie)[N])[N]
erts	(erts)[N]
ertsader	((erts)[N],(ader)[N])[N]
ertsgebergte	((erts)[N],((ge)[N|.Nx],(berg)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
ertsgroef	((erts)[N],(groef)[N])[N]
ertsgroeve	((erts)[N],(groeve)[N])[N]
ertslaag	((erts)[N],(laag)[N])[N]
ertsmolen	((erts)[N],(molen)[N])[N]
ertstanker	((erts)[N],((tank)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
eruditie	((erudiet)[N],(ie)[N|N.])[N]
eruitzien	(((er)[B],(uit)[B])[B],(zie)[V])[V]
eruptief	((eruptie)[N],(ief)[A|N.])[A]
ervaren	((er)[B],(vaar)[V])[V]
ervarenheid	((ervaren)[A],(heid)[N|A.])[N]
ervaring	(((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ervaringseenheid	((((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ervaringsfeit	((((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(feit)[N])[N]
ervaringsgegeven	((((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gegeven)[N])[N]
ervaringshorizon	((((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(horizon)[N])[N]
ervaringsinvloed	((((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(invloed)[N])[N]
ervaringsleer	((((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
ervaringsmateriaal	((((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
ervaringsmogelijkheid	((((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ervaringsmoment	((((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(moment)[N])[N]
ervaringsniveau	((((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
ervaringsproces	((((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
ervaringsregel	((((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
ervaringssfeer	((((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
ervaringsveld	((((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
ervaringswereld	((((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
ervaringswerkelijkheid	((((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((werkelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ervaringswetenschap	((((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
ervaringswetenschappelijk	((((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
erven	(erf)[V]
erwt	(erwt)[N]
erwtenbed	((erwt)[N],(en)[N|N.N],(bed)[N])[N]
erwtenblazer	((erwt)[N],(en)[N|N.Vx],(blaas)[V],(er)[N|NxV.])[N]
erwtenboon	((erwt)[N],(e)[N|N.N],(boon)[N])[N]
erwtenkever	((erwt)[N],(e)[N|N.N],(kever)[N])[N]
erwtenpeul	((erwt)[N],(e)[N|N.N],(peul)[N])[N]
erwtenplant	((erwt)[N],(e)[N|N.N],(plant)[N])[N]
erwtenrijs	((erwt)[N],(e)[N|N.N],(rijs)[N])[N]
erwtensoep	((erwt)[N],(en)[N|N.N],(soep)[N])[N]
erwtenteller	((erwt)[N],(en)[N|N.Vx],(tel)[V],(er)[N|NxV.])[N]
es	(es)[N]
escadrilleoefening	((escadrille)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
escalatie	((escaleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
escamoteur	((escamoteer)[V],(eur)[N|V.])[N]
escargots	(escargot)[N]
eschatologie	((eschatologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
escorte	(escorte)[N]
escorteren	((escort)[N],(eer)[V|N.])[V]
escortevaartuig	((escorte)[N],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
escudo	(escudo)[N]
esculaap	(esculaap)[N]
esdoornachtigen	((esdoorn)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
esdoornblad	((esdoorn)[N],(blad)[N])[N]
eskader	(eskader)[N]
eskadercommandant	((eskader)[N],((commandeer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
eskadron	(eskadron)[N]
eskadronscommandant	((eskadron)[N],(s)[N|N.N],((commandeer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
eskimocultuur	((eskimo)[N],(cultuur)[N])[N]
eskimohond	((eskimo)[N],(hond)[N])[N]
esmerald	(esmerald)[N]
esmeraud	(esmeraud)[N]
esp	(esp)[N]
esparto	(esparto)[N]
espartogras	((esparto)[N],(gras)[N])[N]
espen	((esp)[N],(en)[A|N.])[A]
espenblad	((esp)[N],(e)[N|N.N],(blad)[N])[N]
espenboom	((esp)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
espenhout	((esp)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
espenhouten	(((esp)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
espenloof	((esp)[N],(e)[N|N.N],(loof)[N])[N]
esperantist	((Esperanto)[N],(ist)[N|N.])[N]
esplanade	(esplanade)[N]
espresso	(espresso)[N]
espressokoffie	((espresso)[N],(koffie)[N])[N]
essaaieren	((essaai)[N],(eer)[V|N.])[V]
essaaikantoor	((essaai)[N],(kantoor)[N])[N]
essay	(essay)[N]
essaybundel	((essay)[N],(bundel)[N])[N]
essayeur	((essayeer)[V],(eur)[N|V.])[N]
essayist	((essay)[N],(ist)[N|N.])[N]
essayistisch	(((essay)[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A]
essenblad	((es)[N],(e)[N|N.N],(blad)[N])[N]
essenboom	((es)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
essenbos	((es)[N],(en)[N|N.N],(bos)[N])[N]
essenhout	((es)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
essenhouten	(((es)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
essenlaan	((es)[N],(en)[N|N.N],(laan)[N])[N]
essentak	((es)[N],(e)[N|N.N],(tak)[N])[N]
essentie	(essentie)[N]
essentieel	((essentie)[N],(ieel)[A|N.])[A]
estafette	(estafette)[N]
estafetteloop	((estafette)[N],(loop)[N])[N]
estafettendienst	((estafette)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
esthetiek	(((estheet)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
esthetisch	((estheet)[N],(isch)[A|N.])[A]
estouffade	(estouffade)[N]
etablissement	((etablisseer)[V],(ement)[N|V.])[N]
etage	(etage)[N]
etagebed	((etage)[N],(bed)[N])[N]
etagekelner	((etage)[N],(kelner)[N])[N]
etagenummer	((etage)[N],(nummer)[N])[N]
etagewoning	((etage)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
etalage	((etaleer)[V],(age)[N|V.])[N]
etalagemateriaal	(((etaleer)[V],(age)[N|V.])[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
etalagepop	(((etaleer)[V],(age)[N|V.])[N],(pop)[N])[N]
etalagewedstrijd	(((etaleer)[V],(age)[N|V.])[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
etaleur	((etaleer)[V],(eur)[N|V.])[N]
etaleur-decorateur	(((etaleer)[V],(eur)[N|V.])[N],((decoreer)[V],(ateur)[N|V.])[N])[N]
etappe	(etappe)[N]
etappedienst	((etappe)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
etappegebied	((etappe)[N],(gebied)[N])[N]
etappewedstrijd	((etappe)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
etappezege	((etappe)[N],(zege)[N])[N]
eten	(eet)[V]
etensbord	((eten)[N],(s)[N|N.N],(bord)[N])[N]
etensgerei	((eten)[N],(s)[N|N.N],(gerei)[N])[N]
etenskast	((eten)[N],(s)[N|N.N],(kast)[N])[N]
etensketel	((eten)[N],(s)[N|N.N],(ketel)[N])[N]
etensresten	((eet)[V],(s)[N|V.N],(rest)[N])[N]
etensschuiver	((eten)[N],(s)[N|N.Vx],(schuif)[V],(er)[N|NxV.])[N]
etenstijd	((eten)[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
etensuur	((eten)[N],(s)[N|N.N],(uur)[N])[N]
etenswaar	((eten)[N],(s)[N|N.N],(waar)[N])[N]
eter	((eet)[V],(er)[N|V.])[N]
eterij	((eet)[V],(erij)[N|V.])[N]
eternieten	((eterniet)[N],(en)[A|N.])[A]
etherisch	((ether)[N],(isch)[A|N.])[A]
etherkapje	((ether)[N],(kap)[N])[N]
etherpiraat	((ether)[N],(piraat)[N])[N]
etherreclame	((ether)[N],(reclame)[N])[N]
ethervervuiling	((ether)[N],((ver)[V|.A],(vuil)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
ethiek	((ethisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
ethylacetaat	((ethyl)[N],(acetaat)[N])[N]
ethylalcohol	((ethyl)[N],(alcohol)[N])[N]
etiket	(etiket)[N]
etiketteren	((etiket)[N],(eer)[V|N.])[V]
etnografie	((etnografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
etnolinguïstiek	((etno)[N|.N],((linguïstisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
etnologie	((etnologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
ets	(ets)[N]
etsdruk	((ets)[N],(druk)[N])[N]
etsen	(ets)[V]
etser	((ets)[V],(er)[N|V.])[N]
etsgrond	((ets)[V],(grond)[N])[N]
etsijzer	((ets)[V],(ijzer)[N])[N]
etskunst	((ets)[V],(kunst)[N])[N]
etsnaald	((ets)[V],(naald)[N])[N]
etsplaat	((ets)[V],(plaat)[N])[N]
etswerk	((ets)[V],(werk)[N])[N]
etten	(et)[V]
etter	(etter)[N]
etterachtig	((etter)[N],(achtig)[A|N.])[A]
etterbak	((etter)[V],(bak)[N])[N]
etterbuil	((etter)[V],(buil)[N])[N]
etteren	(etter)[V]
ettergezwel	((etter)[V],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
etterig	((etter)[N],(ig)[A|N.])[A]
ettering	((etter)[V],(ing)[N|V.])[N]
etterzak	((etter)[V],(zak)[N])[N]
etude	(etude)[N]
etui	(etui)[N]
etymologie	((etymologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
etymologiseren	(((etymologisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(iseer)[V|N.])[V]
eucalypten	(eucalypt)[N]
eucalyptusolie	((eucalyptus)[N],(olie)[N])[N]
eucharistie	((eucharistisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
eucharistieviering	(((eucharistisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(vier)[V],(ing)[N|NV.])[N]
eufonie	((eufonisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
eugenetiek	((eugenetisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
eurocheque	((Europa)[N],(cheque)[N])[N]
eurocommissie	((Europa)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
eurocommunisme	((Europa)[N],(communisme)[N])[N]
eurofles	((Europa)[N],(fles)[N])[N]
europarlement	((Europa)[N],(parlement)[N])[N]
europeanisatie	(((Europeaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
europeaniseren	((Europeaan)[N],(iseer)[V|N.])[V]
euroverpakking	((Europa)[N],(((ver)[V|.N],(pak)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
euthanasievraagstuk	((euthanasie)[N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
eutrofie	((eutroof)[A],(ie)[N|A.])[N]
euvel	(euvel)[N]
euveldaad	((euvel)[N],(daad)[N])[N]
euvelmoed	((euvel)[A],(moed)[N])[N]
eva	(eva)[N]
evacuatie	((evacueer)[V],(atie)[N|V.])[N]
evacuatiebevel	(((evacueer)[V],(atie)[N|V.])[N],(bevel)[N])[N]
evacuatiegebied	(((evacueer)[V],(atie)[N|V.])[N],(gebied)[N])[N]
evacuee	((evacue)[N],(e)[N|N.])[N]
evakostuum	((Eva)[N],(kostuum)[N])[N]
evaluatie	((evalueer)[V],(atie)[N|V.])[N]
evaluatie-instrument	(((evalueer)[V],(atie)[N|V.])[N],(instrument)[N])[N]
evaluatiefase	(((evalueer)[V],(atie)[N|V.])[N],(fase)[N])[N]
evaluatiegesprek	(((evalueer)[V],(atie)[N|V.])[N],(gesprek)[N])[N]
evaluatiemethode	(((evalueer)[V],(atie)[N|V.])[N],(methode)[N])[N]
evaluatienota	(((evalueer)[V],(atie)[N|V.])[N],(nota)[N])[N]
evaluatieproces	(((evalueer)[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
evaluatierapport	(((evalueer)[V],(atie)[N|V.])[N],(rapport)[N])[N]
evaluatieresultaat	(((evalueer)[V],(atie)[N|V.])[N],((resulteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
evaluatiestudie	(((evalueer)[V],(atie)[N|V.])[N],(studie)[N])[N]
evaluatietechniek	(((evalueer)[V],(atie)[N|V.])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
evangeliebediening	((evangelie)[N],((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
evangelieboek	((evangelie)[N],(boek)[N])[N]
evangeliedienaar	((evangelie)[N],((dien)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
evangelieprediker	((evangelie)[N],(predik)[V],(er)[N|NV.])[N]
evangelieprediking	((evangelie)[N],((predik)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
evangelietaal	((evangelie)[N],(taal)[N])[N]
evangelietekst	((evangelie)[N],(tekst)[N])[N]
evangelieverkondiger	((evangelie)[N],((verkondig)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
evangelieverkondiging	((evangelie)[N],((verkondig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
evangeliewoord	((evangelie)[N],(woord)[N])[N]
evangelisatie	(((evangelie)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
evangelisatievereniging	((((evangelie)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(verenig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
evangelisch	((evangelie)[N],(isch)[A|N.])[A]
evangeliseren	((evangelie)[N],(iseer)[V|N.])[V]
evangelist	((evangelie)[N],(ist)[N|N.])[N]
evangeliënharmonie	((evangelie)[N],(en)[N|N.N],((harmonisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
evaporatie	((evaporeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
evasief	((evasie)[N],(ief)[A|N.])[A]
evenbeeld	((even)[A],(beeld)[N])[N]
evenementenhal	((evenement)[N],(en)[N|N.N],(hal)[N])[N]
evenhoevig	((even)[A],(hoef)[N],(ig)[A|AN.])[A]
evenknie	((even)[A],(knie)[N])[N]
evenmatig	((even)[A],(maat)[N],(ig)[A|AN.])[A]
evenmens	((even)[A],(mens)[N])[N]
evennaaste	((even)[A],(naaste)[N])[N]
evenredigheid	((evenredig)[A],(heid)[N|A.])[N]
evenredigheidsbeginsel	(((evenredig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
eventualiteit	((eventueel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
evenveeltje	(((even)[A],(veel)[Q])[Q],(tje)[N|Q.])[N]
evenvingerig	((even)[A],(vinger)[N],(ig)[A|AN.])[A]
evenwicht	((even)[A],(wicht)[N])[N]
evenwichtig	(((even)[A],(wicht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
evenwichtsbalk	(((even)[A],(wicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(balk)[N])[N]
evenwichtsbeginsel	(((even)[A],(wicht)[N])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
evenwichtsboom	(((even)[A],(wicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(boom)[N])[N]
evenwichtsleer	(((even)[A],(wicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
evenwichtsmechanisme	(((even)[A],(wicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
evenwichtsmodel	(((even)[A],(wicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(model)[N])[N]
evenwichtsniveau	(((even)[A],(wicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
evenwichtsoefening	(((even)[A],(wicht)[N])[N],(s)[N|N.N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
evenwichtsorgaan	(((even)[A],(wicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
evenwichtsrelatie	(((even)[A],(wicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
evenwichtssituatie	(((even)[A],(wicht)[N])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
evenwichtsstoornis	(((even)[A],(wicht)[N])[N],(s)[N|N.N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
evenwichtssysteem	(((even)[A],(wicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
evenwichtstheorie	(((even)[A],(wicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
evenwichtstoestand	(((even)[A],(wicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
evenwichtszin	(((even)[A],(wicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(zin)[N])[N]
evenwijdig	((even)[A],(wijd)[A],(ig)[A|AA.])[A]
evenwijdigheid	(((even)[A],(wijd)[A],(ig)[A|AA.])[A],(heid)[N|A.])[N]
evenzoveel	(((even)[A],(zo)[B])[B],(veel)[Q])[A]
ever	(ever)[N]
everzwijn	((ever)[N],(zwijn)[N])[N]
evident	(evident)[A]
evidentie	((evident)[A],(ie)[N|A.])[N]
evocatief	((evocatie)[N],(ief)[A|N.])[A]
evolutie	((evolueer)[V],(tie)[N|V.])[N]
evolutiebiologie	(((evolueer)[V],(tie)[N|V.])[N],((biologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
evolutiegeschiedenis	(((evolueer)[V],(tie)[N|V.])[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
evolutiehypothese	(((evolueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(hypothese)[N])[N]
evolutieleer	(((evolueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(leer)[N])[N]
evolutiemechanisme	(((evolueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(mechanisme)[N])[N]
evolutieproces	(((evolueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
evolutieproduct	(((evolueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(product)[N])[N]
evolutiestadium	(((evolueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(stadium)[N])[N]
evolutietheorie	(((evolueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(theorie)[N])[N]
evolutiewetenschap	(((evolueer)[V],(tie)[N|V.])[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
evolutionistisch	((evolutionist)[N],(isch)[A|N.])[A]
ex	(ex)[N]
ex-burgemeester	((ex)[N|.N],((burg)[N],(e)[N|N.N],(meester)[N])[N])[N]
ex-minister	((ex)[N|.N],(minister)[N])[N]
exactheid	((exact)[A],(heid)[N|A.])[N]
exaltatie	((exalteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
examen	(examen)[N]
examenbevoegdheid	((examen)[N],((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
examencijfer	((examen)[N],(cijfer)[N])[N]
examencommissie	((examen)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
examengeld	((examen)[N],(geld)[N])[N]
examenklas	((examen)[N],(klas)[N])[N]
examenkoorts	((examen)[N],(koorts)[N])[N]
examenopgave	((examen)[N],(opgave)[N])[N]
examenpakket	((examen)[N],(pakket)[N])[N]
examenregeling	((examen)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
examenreglement	((examen)[N],(reglement)[N])[N]
examensituatie	((examen)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
examenstof	((examen)[N],(stof)[N])[N]
examensysteem	((examen)[N],(systeem)[N])[N]
examentijd	((examen)[N],(tijd)[N])[N]
examenvak	((examen)[N],(vak)[N])[N]
examenvrees	((examen)[N],(vrees)[N])[N]
examinator	((examineer)[V],(ator)[N|V.])[N]
exarchaat	((exarch)[N],(aat)[N|N.])[N]
excellent	((excelleer)[V],(ent)[A|V.])[A]
excellentie	((excelleer)[V],(entie)[N|V.])[N]
excentriciteit	((excentrisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N]
excentriek	((excentrisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
excentriekeling	((excentriek)[A],(eling)[N|A.])[N]
exceptief	((exceptie)[N],(ief)[A|N.])[A]
exceptioneel	((exceptie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
excessief	((exces)[N],(ief)[A|N.])[A]
exchange	((ex)[P],(change)[N])[N]
excitatie	((exciteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
exclamatie	((exclameer)[V],(atie)[N|V.])[N]
exclusief	((exclusie)[N],(ief)[A|N.])[A]
exclusiviteit	(((exclusie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
excommunicatie	(((ex)[V|.V],(communiceer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
excommuniceren	((ex)[V|.V],(communiceer)[V])[V]
excretie	((excreet)[N],(ie)[N|N.])[N]
excusabel	(((excuus)[N],(eer)[V|N.])[V],(abel)[A|V.])[A]
excuseren	((excuus)[N],(eer)[V|N.])[V]
executant	((executeer)[V],(ant)[N|V.])[N]
executeur	((executeer)[V],(eur)[N|V.])[N]
executeur-testamentair	(((executeer)[V],(eur)[N|V.])[N],((testament)[N],(air)[A|N.])[A])[N]
executie	((executeer)[V],(ie)[N|V.])[N]
executief	(((executeer)[V],(ie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
executiepeloton	(((executeer)[V],(ie)[N|V.])[N],(peloton)[N])[N]
executieterrein	(((executeer)[V],(ie)[N|V.])[N],(terrein)[N])[N]
executiewaarde	(((executeer)[V],(ie)[N|V.])[N],(waarde)[N])[N]
executoriaal	((executoor)[A],(iaal)[A|A.])[A]
exegetisch	((exegese)[N],(isch)[A|N.])[A]
exempel	(exempel)[N]
exemplaar	(exemplaar)[N]
exequaturprocedure	((exequatur)[N],(procedure)[N])[N]
exercitie	((exerceer)[V],(itie)[N|V.])[N]
exercitieplein	(((exerceer)[V],(itie)[N|V.])[N],(plein)[N])[N]
exercitieterrein	(((exerceer)[V],(itie)[N|V.])[N],(terrein)[N])[N]
exercitieveld	(((exerceer)[V],(itie)[N|V.])[N],(veld)[N])[N]
exhalatie	((exhaleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
exhibitie	((exhibeer)[V],(itie)[N|V.])[N]
exhibitionisme	(((exhibeer)[V],(itie)[N|V.])[N],(ionisme)[N|N.])[N]
exhibitionistisch	((exhibitionist)[N],(isch)[A|N.])[A]
existent	((existeer)[V],(ent)[A|V.])[A]
existentialistisch	((existentialist)[N],(isch)[A|N.])[A]
existentie	((existeer)[V],(entie)[N|V.])[N]
existentieel	(((existeer)[V],(entie)[N|V.])[N],(ieel)[A|N.])[A]
existentiefilosofie	(((existeer)[V],(entie)[N|V.])[N],((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
existentiefilosoof	(((existeer)[V],(entie)[N|V.])[N],(filosoof)[N])[N]
exobioloog	((exo)[N|.N],(bioloog)[N])[N]
exodus-motief	((exodus)[N],(motief)[N])[N]
expansiebusje	((expansie)[N],(bus)[N])[N]
expansiedrang	((expansie)[N],(drang)[N])[N]
expansiedrift	((expansie)[N],(drift)[N])[N]
expansief	((expansie)[N],(ief)[A|N.])[A]
expansiekracht	((expansie)[N],(kracht)[N])[N]
expansiemogelijkheid	((expansie)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
expansiepolitiek	((expansie)[N],(politiek)[N])[N]
expansievat	((expansie)[N],(vat)[N])[N]
expansionisme	((expansie)[N],(ionisme)[N|N.])[N]
expediteursfirma	((expediteur)[N],(s)[N|N.N],(firma)[N])[N]
expeditie	((expedieer)[V],(tie)[N|V.])[N]
expeditiekantoor	(((expedieer)[V],(tie)[N|V.])[N],(kantoor)[N])[N]
expeditiekorps	(((expedieer)[V],(tie)[N|V.])[N],(korps)[N])[N]
expeditielid	(((expedieer)[V],(tie)[N|V.])[N],(lid)[N])[N]
expeditiestraat	(((expedieer)[V],(tie)[N|V.])[N],(straat)[N])[N]
expediënt	((expedieer)[V],(ent)[N|V.])[N]
experimenteel	((experiment)[N],(eel)[A|N.])[A]
experimenteerperiode	(((experiment)[N],(eer)[V|N.])[V],(periode)[N])[N]
experimenteerruimte	(((experiment)[N],(eer)[V|N.])[V],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
experimentenprogramma	((experiment)[N],(en)[N|N.N],(programma)[N])[N]
experimenteren	((experiment)[N],(eer)[V|N.])[V]
expiratie	((expireer)[V],(atie)[N|V.])[N]
expletief	((expletie)[N],(ief)[A|N.])[A]
explicatie	((expliceer)[V],(atie)[N|V.])[N]
explicitatie	(((expliciet)[A],(eer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
expliciteren	((expliciet)[A],(eer)[V|A.])[V]
explicitering	(((expliciet)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
exploitabel	((exploiteer)[V],(abel)[A|V.])[A]
exploitant	((exploiteer)[V],(ant)[N|V.])[N]
exploitante	(((exploiteer)[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
exploitatie	((exploiteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
exploitatiebudget	(((exploiteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(budget)[N])[N]
exploitatiekosten	(((exploiteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kost)[N])[N]
exploitatiemogelijkheid	(((exploiteer)[V],(atie)[N|V.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
exploitatierekening	(((exploiteer)[V],(atie)[N|V.])[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
exploitatieresultaat	(((exploiteer)[V],(atie)[N|V.])[N],((resulteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
exploitatietekort	(((exploiteer)[V],(atie)[N|V.])[N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
exploiteerbaar	((exploiteer)[V],(baar)[A|V.])[A]
exploratie	((exploreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
exploratiedrang	(((exploreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(drang)[N])[N]
exploratiedrift	(((exploreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(drift)[N])[N]
explosief	((explosie)[N],(ief)[A|N.])[A]
explosiegevaar	((explosie)[N],(gevaar)[N])[N]
explosiemotor	((explosie)[N],(motor)[N])[N]
expo	(((exposeer)[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
exponent	((exponeer)[V],(ent)[N|V.])[N]
exponentieel	(((exponeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(ieel)[A|N.])[A]
exportartikel	((export)[N],(artikel)[N])[N]
exportbeleid	((export)[N],(beleid)[N])[N]
exportbevordering	((export)[N],(((be)[V|.V],(vorder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
exportcentrum	((export)[N],(centrum)[N])[N]
exporteren	((export)[N],(eer)[V|N.])[V]
exporteur	(((export)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
exportfirma	((export)[N],(firma)[N])[N]
exportgewas	((export)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
exporthandel	((export)[N],(handel)[N])[N]
exportinkomst	((export)[N],(((in)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
exportmaatregel	((export)[N],(maatregel)[N])[N]
exportmogelijkheid	((export)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
exportopbrengst	((export)[N],(((op)[P],(breng)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
exportorder	((export)[N],(order)[N])[N]
exportpakket	((export)[N],(pakket)[N])[N]
exportpositie	((export)[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
exportproduct	((export)[N],(product)[N])[N]
exportstructuur	((export)[N],(structuur)[N])[N]
exportvergunning	((export)[N],((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
exposant	((exposeer)[V],(ant)[N|V.])[N]
expositie	((exposeer)[V],(itie)[N|V.])[N]
expositieruimte	(((exposeer)[V],(itie)[N|V.])[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
expositiezaal	(((exposeer)[V],(itie)[N|V.])[N],(zaal)[N])[N]
expresbrief	((expresse)[N],(brief)[N])[N]
expresgoed	((expresse)[N],(goed)[N])[N]
expressief	((expressie)[N],(ief)[A|N.])[A]
expressiemogelijkheid	((expressie)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
expressievak	((expressie)[N],(vak)[N])[N]
expressionisme	((expressie)[N],(ionisme)[N|N.])[N]
expressionistisch	((expressionist)[N],(isch)[A|N.])[A]
expressiviteit	(((expressie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
exprestrein	((expresse)[N],(trein)[N])[N]
expulsiegebied	((expulsie)[N],(gebied)[N])[N]
extatisch	((extase)[N],(isch)[A|N.])[A]
extensief	((extensie)[N],(ief)[A|N.])[A]
extensiveren	(((extensie)[N],(ief)[A|N.])[A],(eer)[V|A.])[V]
extensivering	((((extensie)[N],(ief)[A|N.])[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
externaat	((extern)[A],(aat)[N|A.])[N]
exterritoriaal	((ex)[P],((territorium)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
exterritorialiteit	(((ex)[P],((territorium)[N],(aal)[A|N.])[A])[A],(iteit)[N|A.])[N]
extinctief	((extinctie)[N],(ief)[A|N.])[A]
extirpateur	((extirpeer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
extirpatie	((extirpeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
extirpator	((extirpeer)[V],(ator)[N|V.])[N]
extra-ordinair	((extra)[A],(ordinair)[A])[A]
extrablad	((extra)[N|.N],(blad)[N])[N]
extracorrectie	((extra)[N|.N],((correct)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
extractie	((extract)[N],(ie)[N|N.])[N]
extractief	(((extract)[N],(ie)[N|N.])[N],(ief)[A|N.])[A]
extrajudicieel	((extra)[A],(judicieel)[A])[A]
extramuraal	((extra)[A|.Nx],(muur)[N],(aal)[A|xN.])[A]
extraparlementair	((extra)[A],((parlement)[N],(air)[A|N.])[A])[A]
extrapolatie	(((extra)[A],(poleer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
extrapoleren	((extra)[A],(poleer)[V])[V]
extrapositie	((extra)[N|.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
extrasystole	((extra)[N|.N],(systole)[N])[N]
extravagantie	((extravagant)[A],(ie)[N|A.])[N]
extremiteit	((extreem)[A],(iteit)[N|A.])[N]
ezel	(ezel)[N]
ezel-proces	((ezel)[N],(proces)[N])[N]
ezelachtig	((ezel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
ezelachtigheid	(((ezel)[N],(achtig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ezelarij	((ezel)[N],(arij)[N|N.])[N]
ezeldrijver	((ezel)[N],(drijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
ezelen	(ezel)[V]
ezelin	((ezel)[N],(in)[N|N.])[N]
ezelinnenmelk	(((ezel)[N],(in)[N|N.])[N],(e)[N|N.N],(melk)[N])[N]
ezelsbank	((ezel)[N],(s)[N|N.N],(bank)[N])[N]
ezelsbord	((ezel)[N],(s)[N|N.N],(bord)[N])[N]
ezelsbrug	((ezel)[N],(s)[N|N.N],(brug)[N])[N]
ezelsdom	((ezel)[N],(s)[A|N.A],(dom)[A])[A]
ezelshoofd	((ezel)[N],(s)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
ezelskinnebak	((ezel)[N],(s)[N|N.N],((kin)[N],(e)[N|N.N],(bak)[N])[N])[N]
ezelskop	((ezel)[N],(s)[N|N.N],(kop)[N])[N]
ezelskruis	((ezel)[N],(s)[N|N.N],(kruis)[N])[N]
ezelsoor	((ezel)[N],(s)[N|N.N],(oor)[N])[N]
ezelsrug	((ezel)[N],(s)[N|N.N],(rug)[N])[N]
ezelsvel	((ezel)[N],(s)[N|N.N],(vel)[N])[N]
ezelsveulen	((ezel)[N],(s)[N|N.N],(veulen)[N])[N]
ezelswagen	((ezel)[N],(s)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
ezelwagen	((ezel)[N],(wagen)[N])[N]
f	(f)[N]
fa	(fa)[N]
faal	(faal)[N]
faalangst	((faal)[V],(angst)[N])[N]
faam	(faam)[N]
faas	(faas)[N]
fabel	(fabel)[N]
fabelachtig	((fabel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
fabeldichter	((fabel)[N],(dicht)[V],(er)[N|NV.])[N]
fabeldier	((fabel)[N],(dier)[N])[N]
fabelen	(fabel)[V]
fabelleer	((fabel)[N],(leer)[N])[N]
fabricage	((fabriceer)[V],(age)[N|V.])[N]
fabricagemethode	(((fabriceer)[V],(age)[N|V.])[N],(methode)[N])[N]
fabricageproces	(((fabriceer)[V],(age)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
fabricagetechniek	(((fabriceer)[V],(age)[N|V.])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
fabricatie	((fabriceer)[V],(atie)[N|V.])[N]
fabricering	((fabriceer)[V],(ing)[N|V.])[N]
fabrieksaardappel	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],((aarde)[N],(appel)[N])[N])[N]
fabrieksarbeid	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(arbeid)[N])[N]
fabrieksarbeider	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
fabrieksarbeidster	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],((arbeid)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
fabriekscomplex	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(complex)[N])[N]
fabrieksdirecteur	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(directeur)[N])[N]
fabrieksfout	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(fout)[N])[N]
fabrieksgebouw	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
fabrieksgeheim	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(geheim)[N])[N]
fabrieksgoed	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(goed)[N])[N]
fabriekshal	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(hal)[N])[N]
fabrieksinstallatie	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
fabriekskantine	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(kantine)[N])[N]
fabriekskantoor	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
fabriekskind	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
fabrieksmeisje	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(meisje)[N])[N]
fabrieksmerk	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(merk)[N])[N]
fabrieksmuur	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(muur)[N])[N]
fabrieksnijverheid	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],((nijver)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
fabriekspoort	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(poort)[N])[N]
fabrieksprijs	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(prijs)[N])[N]
fabrieksproduct	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(product)[N])[N]
fabrieksproletariaat	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],((proletarier)[N],(aat)[N|N.])[N])[N]
fabrieksrijder	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],((rijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
fabrieksruimte	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
fabrieksschip	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(schip)[N])[N]
fabrieksschoorsteen	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],((schoor)[V],(steen)[N])[N])[N]
fabriekssirene	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(sirene)[N])[N]
fabrieksstad	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(stad)[N])[N]
fabrieksstreek	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(streek)[N])[N]
fabrieksterrein	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(terrein)[N])[N]
fabrieksversie	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(versie)[N])[N]
fabrieksvolk	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(volk)[N])[N]
fabrieksvoorlichter	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(voorlichter)[N])[N]
fabrieksvoorlichtster	((fabriek)[N],(s)[N|N.Vx],((voor)[B],(licht)[V])[V],(ster)[N|NxV.])[N]
fabriekswaar	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(waar)[N])[N]
fabriekswerk	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
fabriekswet	((fabriek)[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
fabrikaat	(((fabriek)[N],(eer)[V|N.])[V],(aat)[N|V.])[N]
fabrikant	(((fabriek)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N]
fabrikantenzoon	((((fabriek)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
fabrikeren	((fabriek)[N],(eer)[V|N.])[V]
facetbeleid	((facet)[N],(beleid)[N])[N]
facetnota	((facet)[N],(nota)[N])[N]
facetoog	((facet)[N],(oog)[N])[N]
facetplanning	((facet)[N],(plan)[V],(ing)[N|NV.])[N]
facettenoog	((facet)[N],(en)[N|N.N],(oog)[N])[N]
faciaal	((facie)[N],(aal)[A|N.])[A]
factoranalyse	((factor)[N],(analyse)[N])[N]
factorij	((factoor)[N],(ij)[N|N.])[N]
factorijhandel	(((factoor)[N],(ij)[N|N.])[N],(handel)[N])[N]
factorkrediet	((factor)[N],(krediet)[N])[N]
factureermachine	(((factuur)[N],(eer)[V|N.])[V],(machine)[N])[N]
factureren	((factuur)[N],(eer)[V|N.])[V]
facturist	((factuur)[N],(ist)[N|N.])[N]
facturiste	(((factuur)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
factuurboek	((factuur)[N],(boek)[N])[N]
faculteitsgebouw	((faculteit)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
faculteitskleur	((faculteit)[N],(s)[N|N.N],(kleur)[N])[N]
faculteitsraad	((faculteit)[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
faculteitsvereniging	((faculteit)[N],(s)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
faculteitsvergadering	((faculteit)[N],(s)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
faden	(fade)[V]
fader	((fade)[V],(er)[N|V.])[N]
fading	((fade)[V],(ing)[N|V.])[N]
fagen	(faag)[N]
fagot	(fagot)[N]
fagottist	((fagot)[N],(ist)[N|N.])[N]
faillietverklaring	((failliet)[N],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
faillissementswet	((faillissement)[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
fair	(fair)[A]
fairheid	((fair)[A],(heid)[N|A.])[N]
fake	(fake)[N]
faken	(fake)[V]
fakir	(fakir)[N]
fakkel	(fakkel)[N]
fakkeldans	((fakkel)[N],(dans)[N])[N]
fakkeldraagster	((fakkel)[N],(draag)[V],(ster)[N|NV.])[N]
fakkeldrager	((fakkel)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
fakkellicht	((fakkel)[N],(licht)[N])[N]
fakkeloptocht	((fakkel)[N],(optocht)[N])[N]
fakkeltocht	((fakkel)[N],(tocht)[N])[N]
falen	(faal)[V]
fallisch	((fallus)[N],(isch)[A|N.])[A]
fallussymbool	((fallus)[N],(symbool)[N])[N]
falsetstem	((falset)[B],(stem)[N])[N]
falsificatie	((falsificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
falsificatieprincipe	(((falsificeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(principe)[N])[N]
falsifieerbaarheid	((falsifieerbaar)[A],(heid)[N|A.])[N]
falsifiëring	((falsifieer)[V],(ing)[N|V.])[N]
familiaal	((familie)[N],(aal)[A|N.])[A]
familiariteit	((familiaar)[A],(iteit)[N|A.])[N]
familie	(familie)[N]
familie-erfstuk	((familie)[N],((erf)[V],(stuk)[N])[N])[N]
familieaangelegenheid	((familie)[N],((aangelegen)[V],(heid)[N|V.])[N])[N]
familiealbum	((familie)[N],(album)[N])[N]
familieanamnese	((familie)[N],(anamnese)[N])[N]
familieband	((familie)[N],(band)[N])[N]
familiebedrijf	((familie)[N],(bedrijf)[N])[N]
familiebericht	((familie)[N],(bericht)[N])[N]
familiebescheiden	((familie)[N],(bescheid)[N])[N]
familiebetrekking	((familie)[N],(((be)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
familiebijeenkomst	((familie)[N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
familieblad	((familie)[N],(blad)[N])[N]
familieboerderij	((familie)[N],((boer)[V],(derij)[N|V.])[N])[N]
familieboom	((familie)[N],(boom)[N])[N]
familiebrief	((familie)[N],(brief)[N])[N]
familieclan	((familie)[N],(clan)[N])[N]
familieconnectie	((familie)[N],(connectie)[N])[N]
familiediner	((familie)[N],(diner)[N])[N]
familiedrama	((familie)[N],(drama)[N])[N]
familiefeest	((familie)[N],(feest)[N])[N]
familiefirma	((familie)[N],(firma)[N])[N]
familiefoto	((familie)[N],(foto)[N])[N]
familiegebrek	((familie)[N],(gebrek)[N])[N]
familiegeheim	((familie)[N],(geheim)[N])[N]
familiegelijkenis	((familie)[N],((gelijk)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
familiegemeenschap	((familie)[N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
familiegeschiedenis	((familie)[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
familiegevoelen	((familie)[N],(gevoelen)[N])[N]
familiegoed	((familie)[N],(goed)[N])[N]
familiegraf	((familie)[N],(graf)[N])[N]
familiehoeve	((familie)[N],(hoeve)[N])[N]
familiehoofd	((familie)[N],(hoofd)[N])[N]
familiehotel	((familie)[N],(hotel)[N])[N]
familiejuweel	((familie)[N],(juweel)[N])[N]
familiekring	((familie)[N],(kring)[N])[N]
familiekroniek	((familie)[N],((kronisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
familiekwaal	((familie)[N],(kwaal)[N])[N]
familiekwestie	((familie)[N],(kwestie)[N])[N]
familielandgoed	((familie)[N],((land)[N],(goed)[N])[N])[N]
familieleven	((familie)[N],(leven)[N])[N]
familielid	((familie)[N],(lid)[N])[N]
familienaam	((familie)[N],(naam)[N])[N]
familienieuws	((familie)[N],(nieuws)[N])[N]
familieomstandigheden	((familie)[N],((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
familieoudste	((familie)[N],(oudste)[N])[N]
familieoverlevering	((familie)[N],(((over)[P],(lever)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
familiepension	((familie)[N],(pension)[N])[N]
familieplicht	((familie)[N],(plicht)[N])[N]
familieportret	((familie)[N],(portret)[N])[N]
familieprobleem	((familie)[N],(probleem)[N])[N]
familieraad	((familie)[N],(raad)[N])[N]
familierecept	((familie)[N],(recept)[N])[N]
familierechtelijk	((familie)[N],((recht)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
familieregering	((familie)[N],((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
familierelatie	((familie)[N],(relatie)[N])[N]
familiereünie	((familie)[N],(reünie)[N])[N]
familieroman	((familie)[N],(roman)[N])[N]
familieserie	((familie)[N],(serie)[N])[N]
familiesfeer	((familie)[N],(sfeer)[N])[N]
familiestructuur	((familie)[N],(structuur)[N])[N]
familiestuk	((familie)[N],(stuk)[N])[N]
familiesysteem	((familie)[N],(systeem)[N])[N]
familieteelt	((familie)[N],(teelt)[N])[N]
familietraditie	((familie)[N],(traditie)[N])[N]
familietragedie	((familie)[N],(tragedie)[N])[N]
familietrek	((familie)[N],(trek)[N])[N]
familietwist	((familie)[N],(twist)[N])[N]
familieverband	((familie)[N],(verband)[N])[N]
familieverwantschap	((familie)[N],((verwant)[A],(schap)[N|A.])[N])[N]
familievete	((familie)[N],(vete)[N])[N]
familievriend	((familie)[N],(vriend)[N])[N]
familiewapen	((familie)[N],(wapen)[N])[N]
familiezaak	((familie)[N],(zaak)[N])[N]
familieziek	((familie)[N],(ziek)[A])[A]
familiezilver	((familie)[N],(zilver)[N])[N]
familiezwak	((familie)[N],(zwak)[N])[N]
fan	(fan)[N]
fanatiekeling	((fanatiek)[A],(eling)[N|A.])[N]
fanatisch	((fanaat)[N],(isch)[A|N.])[A]
fanclub	((fan)[N],(club)[N])[N]
fanfare	(fanfare)[N]
fanfarecorps	((fanfare)[N],(corps)[N])[N]
fanfarekorps	((fanfare)[N],(korps)[N])[N]
fanfaremuziek	((fanfare)[N],(muziek)[N])[N]
fanmail	((fan)[N],(mail)[N])[N]
fantasia	(fantasia)[N]
fantasieartikel	((fantasie)[N],(artikel)[N])[N]
fantasiebeeld	((fantasie)[N],(beeld)[N])[N]
fantasiedier	((fantasie)[N],(dier)[N])[N]
fantasiehoed	((fantasie)[N],(hoed)[N])[N]
fantasiekostuum	((fantasie)[N],(kostuum)[N])[N]
fantasieloos	((fantasie)[N],(loos)[A|N.])[A]
fantasienaam	((fantasie)[N],(naam)[N])[N]
fantasieoefening	((fantasie)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
fantasiepak	((fantasie)[N],(pak)[N])[N]
fantasiepapier	((fantasie)[N],(papier)[N])[N]
fantasieproduct	((fantasie)[N],(product)[N])[N]
fantasierijk	((fantasie)[N],(rijk)[A])[A]
fantasiestof	((fantasie)[N],(stof)[N])[N]
fantasievest	((fantasie)[N],(vest)[N])[N]
fantasievol	((fantasie)[N],(vol)[A])[A]
fantasiewereld	((fantasie)[N],(wereld)[N])[N]
fantasmagorie	((fantasmagorisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
fantaste	((fantast)[N],(e)[N|N.])[N]
fantoompijn	((fantoom)[N],(pijn)[N])[N]
fantoomwerk	((fantoom)[N],(werk)[N])[N]
farao	(farao)[N]
farceur	((farce)[N],(eur)[N|N.])[N]
farizeïsch	((farizeeër)[N],(isch)[A|N.])[A]
farm	(farm)[N]
farmacologie	((farmacologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
farmer	((farm)[N],(er)[N|N.])[N]
faryngaal	((farynx)[N],(aal)[N|N.])[N]
fascinatie	((fascineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
fasciste	((fascist)[N],(e)[N|N.])[N]
fase	(fase)[N]
faseren	((fase)[N],(eer)[V|N.])[V]
fasering	(((fase)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
faseringsmogelijkheid	((((fase)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
fat	(fat)[N]
fataal	((fatum)[N],(aal)[A|N.])[A]
fataliste	((fatalist)[N],(e)[N|N.])[N]
fataliteit	(((fatum)[N],(aal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
fats	(fats)[N]
fatsoen	(fatsoen)[N]
fatsoeneerder	(((fatsoen)[N],(eer)[V|N.])[V],(der)[N|V.])[N]
fatsoeneerster	(((fatsoen)[N],(eer)[V|N.])[V],(ster)[N|V.])[N]
fatsoeneren	((fatsoen)[N],(eer)[V|N.])[V]
fatsoenering	(((fatsoen)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
fatsoenlijk	((fatsoen)[N],(lijk)[A|N.])[A]
fatsoenlijkheid	(((fatsoen)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
fatsoensnorm	((fatsoen)[N],(s)[N|N.N],(norm)[N])[N]
fatsoensregel	((fatsoen)[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
fatterig	((fat)[N],(erig)[A|N.])[A]
fatterigheid	(((fat)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
fattig	((fat)[N],(ig)[A|N.])[A]
faun	(faun)[N]
fauna	(fauna)[N]
faussetstem	((fausset)[B],(stem)[N])[N]
fauteuil	(fauteuil)[N]
fauteuilstel	((fauteuil)[N],(stel)[N])[N]
favoriete	((favoriet)[N],(e)[N|N.])[N]
favusschimmel	((favus)[N],(schimmel)[N])[N]
faxen	(fax)[V]
faxpost	((fax)[V],(post)[N])[N]
fazant	(fazant)[N]
fazantenei	((fazant)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
fazantenhaan	((fazant)[N],(e)[N|N.N],(haan)[N])[N]
fazantenhen	((fazant)[N],(e)[N|N.N],(hen)[N])[N]
fazantenhok	((fazant)[N],(e)[N|N.N],(hok)[N])[N]
fazantenjacht	((fazant)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
fazantennest	((fazant)[N],(e)[N|N.N],(nest)[N])[N]
fazantenveer	((fazant)[N],(e)[N|N.N],(veer)[N])[N]
façade	(façade)[N]
februariavond	((februari)[N],(avond)[N])[N]
februarimaand	((februari)[N],(maand)[N])[N]
februarinacht	((februari)[N],(nacht)[N])[N]
februarirevolutie	((februari)[N],(revolutie)[N])[N]
fecaal	((feces)[N],(aal)[A|N.])[A]
federaliseren	((federaal)[A],(iseer)[V|A.])[V]
federalisering	(((federaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
federatie	((federeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
federatief	(((federeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
fee	(fee)[N]
feeachtig	((fee)[N],(achtig)[A|N.])[A]
feedbackmechanisme	((feed-back)[N],(mechanisme)[N])[N]
feeks	(feeks)[N]
feeksig	((feeks)[N],(ig)[A|N.])[A]
feest	(feest)[N]
feestartikel	((feest)[N],(artikel)[N])[N]
feestavond	((feest)[N],(avond)[N])[N]
feestbanket	((feest)[N],(banket)[N])[N]
feestboek	((feest)[N],(boek)[N])[N]
feestbundel	((feest)[N],(bundel)[N])[N]
feestcomité	((feest)[N],(comité)[N])[N]
feestcommissie	((feest)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
feestdag	((feest)[N],(dag)[N])[N]
feestdiner	((feest)[N],(diner)[N])[N]
feestdis	((feest)[N],(dis)[N])[N]
feestdos	((feest)[N],(dos)[N])[N]
feestdronk	((feest)[N],(dronk)[N])[N]
feestelijk	((feest)[N],(elijk)[A|N.])[A]
feestelijkheid	(((feest)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
feesteling	((feest)[N],(eling)[N|N.])[N]
feestelinge	(((feest)[N],(eling)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
feesten	(feest)[V]
feestfiguur	((feest)[N],(figuur)[N])[N]
feestganger	((feest)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N]
feestgebouw	((feest)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
feestgedruis	((feest)[N],((ge)[N|.V],(druis)[V])[N])[N]
feestgenoot	((feest)[N],(genoot)[N])[N]
feestgenote	(((feest)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
feestgeschenk	((feest)[N],((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N])[N]
feestgewaad	((feest)[N],(gewaad)[N])[N]
feestgewoel	((feest)[N],((ge)[N|.V],(woel)[V])[N])[N]
feestlied	((feest)[N],(lied)[N])[N]
feestmaal	((feest)[N],(maal)[N])[N]
feestmaaltijd	((feest)[N],((maal)[N],(tijd)[N])[N])[N]
feestmarche	((feest)[N],(marche)[N])[N]
feestmars	((feest)[N],(mars)[N])[N]
feestneus	((feest)[N],(neus)[N])[N]
feestnummer	((feest)[N],(nummer)[N])[N]
feestprogramma	((feest)[N],(programma)[N])[N]
feestrede	((feest)[N],(rede)[N])[N]
feestredenaar	((feest)[N],((rede)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
feestroes	((feest)[N],(roes)[N])[N]
feestterrein	((feest)[N],(terrein)[N])[N]
feestvarken	((feest)[N],(varken)[N])[N]
feestvergadering	((feest)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
feestverlichting	((feest)[N],(((ver)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
feestvierder	(((feest)[N],(vier)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
feestvieren	((feest)[N],(vier)[V])[V]
feestviering	(((feest)[N],(vier)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
feestvierster	(((feest)[N],(vier)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
feestvreugd	((feest)[N],(vreugd)[N])[N]
feestvreugde	((feest)[V],(vreugde)[N])[N]
feestweek	((feest)[N],(week)[N])[N]
feestzaal	((feest)[N],(zaal)[N])[N]
feeëngedaante	((fee)[N],(en)[N|N.N],(gedaante)[N])[N]
feeënhand	((fee)[N],(en)[N|N.N],(hand)[N])[N]
feeënkoningin	((fee)[N],(en)[N|N.N],((koning)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
feeënland	((fee)[N],(en)[N|N.N],(land)[N])[N]
feeërie	((fee)[N],(erie)[N|N.])[N]
feil	(feil)[N]
feilbaarheid	((feilbaar)[A],(heid)[N|A.])[N]
feilen	(feil)[V]
feilloos	((feil)[N],(loos)[A|N.])[A]
feilloosheid	(((feil)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
feit	(feit)[N]
feitelijk	((feit)[N],(elijk)[A|N.])[A]
feitelijkheid	(((feit)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
feitenbasis	((feit)[N],(en)[N|N.N],(basis)[N])[N]
feitenkennis	((feit)[N],(en)[N|N.N],(kennis)[N])[N]
feitenmateriaal	((feit)[N],(en)[N|N.N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
fel	(fel)[A]
felblauw	((fel)[A],(blauw)[A])[A]
felgeel	((fel)[A],(geel)[A])[A]
felheid	((fel)[A],(heid)[N|A.])[N]
felicitatie	((feliciteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
felicitatiebrief	(((feliciteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(brief)[N])[N]
felicitatiedienst	(((feliciteer)[V],(atie)[N|V.])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
felicitatieregister	(((feliciteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(register)[N])[N]
felomstreden	((fel)[A],(omstreden)[A])[A]
fels	(fels)[N]
felsen	(fels)[V]
felser	((fels)[V],(er)[N|V.])[N]
felsijzer	((fels)[V],(ijzer)[N])[N]
felsmachine	((fels)[V],(machine)[N])[N]
femelaar	((femel)[V],(aar)[N|V.])[N]
femelaarster	(((femel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
femelachtig	((femel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
femelarij	((femel)[V],(arij)[N|V.])[N]
feministe	((feminist)[N],(e)[N|N.])[N]
fenogenetiek	((fenogenetisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
fenoloplossing	((fenol)[N],(((op)[P],(los)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
fenolverfstof	((fenol)[N],((verf)[V],(stof)[N])[N])[N]
fenolvergiftiging	((fenol)[N],(((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
fenomenaal	((fenomeen)[N],(aal)[A|N.])[A]
fenomenologie	((fenomenologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
feodaliteit	((feodaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
fep	(fep)[N]
feppen	(fep)[V]
ferm	(ferm)[A]
fermentatie	(((ferment)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
fermentatieketel	((((ferment)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(ketel)[N])[N]
fermentatieproces	((((ferment)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
fermenteerschuur	(((ferment)[N],(eer)[V|N.])[V],(schuur)[N])[N]
fermenteren	((ferment)[N],(eer)[V|N.])[V]
fermentolie	((ferment)[N],(olie)[N])[N]
fermeteit	((ferm)[A],(eteit)[N|A.])[N]
fermiteit	((ferm)[A],(iteit)[N|A.])[N]
ferrochroomband	((ferro)[N|.N],(chroomband)[N])[N]
fertiliteit	((fertiel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
ferventie	((fervent)[A],(ie)[N|A.])[N]
fes	(fes)[N]
festival	(festival)[N]
festonneersteek	(((feston)[N],(eer)[V|N.])[V],(steek)[N])[N]
festonneren	((feston)[N],(eer)[V|N.])[V]
fetisjdienst	((fetisj)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
fetisjist	((fetisj)[N],(ist)[N|N.])[N]
fetisjkarakter	((fetisj)[N],(karakter)[N])[N]
feudaliteit	((feudaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
feuilleteedeeg	((feuilletee)[N],(deeg)[N])[N]
feuilletonist	((feuilleton)[N],(ist)[N|N.])[N]
feuilletonroman	((feuilleton)[N],(roman)[N])[N]
feuilletonschrijver	((feuilleton)[N],(schrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
feut	(feut)[N]
fez	(fez)[N]
fiasco	(fiasco)[N]
fiatteren	((fiat)[N],(eer)[V|N.])[V]
fiattering	(((fiat)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
fiatteur	(((fiat)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
fiber	(fiber)[N]
fiberglas	((fiber)[N],(glas)[N])[N]
fiberscoop	((fiber)[N],(scoop)[N])[N]
fibrillatie	(((fibril)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
fibrilleren	((fibril)[N],(eer)[V|N.])[V]
fibula	(fibula)[N]
fiche	(fiche)[N]
fichesdoos	((fiche)[N],(s)[N|N.N],(doos)[N])[N]
fictief	((fictie)[N],(ief)[A|N.])[A]
fictionaliteit	(((fictie)[N],(ioneel)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
fictioneel	((fictie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
fideliteit	((fideel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
fielden	(field)[V]
fielder	((field)[V],(er)[N|V.])[N]
fielt	(fielt)[N]
fieltachtig	((fielt)[N],(achtig)[A|N.])[A]
fieltenstreek	((fielt)[N],(en)[N|N.N],(streek)[N])[N]
fielterig	((fielt)[N],(erig)[A|N.])[A]
fielterigheid	(((fielt)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
fielterij	((fielt)[N],(erij)[N|N.])[N]
fieltig	((fielt)[N],(ig)[A|N.])[A]
fier	(fier)[A]
fierheid	((fier)[A],(heid)[N|A.])[N]
fieselemie	(fieselemie)[N]
fieteldans	((Vitus)[N],(dans)[N])[N]
fiets	(fiets)[N]
fietsagent	((fiets)[N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
fietsband	((fiets)[N],(band)[N])[N]
fietsbel	((fiets)[N],(bel)[N])[N]
fietsblok	((fiets)[N],(blok)[N])[N]
fietsclub	((fiets)[V],(club)[N])[N]
fietsen	(fiets)[V]
fietsendief	((fiets)[N],(en)[N|N.N],(dief)[N])[N]
fietsenhok	((fiets)[N],(en)[N|N.N],(hok)[N])[N]
fietsenmaakster	((fiets)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
fietsenmaker	((fiets)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
fietsenrek	((fiets)[N],(en)[N|N.N],(rek)[N])[N]
fietsenstalling	((fiets)[N],(en)[N|N.N],((stal)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
fietser	((fiets)[V],(er)[N|V.])[N]
fietsergometer	((fiets)[N],(ergometer)[N])[N]
fietshok	((fiets)[N],(hok)[N])[N]
fietsjongen	((fiets)[N],(jongen)[N])[N]
fietskar	((fiets)[N],(kar)[N])[N]
fietsketting	((fiets)[N],(ketting)[N])[N]
fietsklem	((fiets)[N],(klem)[N])[N]
fietspet	((fiets)[V],(pet)[N])[N]
fietspomp	((fiets)[N],(pomp)[N])[N]
fietsrek	((fiets)[N],(rek)[N])[N]
fietsroute	((fiets)[V],(route)[N])[N]
fietssleutel	((fiets)[N],(sleutel)[N])[N]
fietsslot	((fiets)[N],(slot)[N])[N]
fietsslotpaal	(((fiets)[N],(slot)[N])[N],(paal)[N])[N]
fietsster	((fiets)[V],(ster)[N|V.])[N]
fietsstrook	((fiets)[V],(strook)[N])[N]
fietstas	((fiets)[N],(tas)[N])[N]
fietstaxi	((fiets)[N],(taxi)[N])[N]
fietstocht	((fiets)[V],(tocht)[N])[N]
fietsvakantie	((fiets)[V],(vakantie)[N])[N]
fietswiel	((fiets)[N],(wiel)[N])[N]
fietszadel	((fiets)[N],(zadel)[N])[N]
figaro	(figaro)[N]
figuraal	((figuur)[N],(aal)[A|N.])[A]
figurant	(((figuur)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N]
figurante	((((figuur)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
figurantenrol	((((figuur)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(rol)[N])[N]
figuratie	(((figuur)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
figuratief	((((figuur)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
figureren	((figuur)[N],(eer)[V|N.])[V]
figurist	((figuur)[N],(ist)[N|N.])[N]
figuur	(figuur)[N]
figuurdans	((figuur)[N],(dans)[N])[N]
figuurlijk	((figuur)[N],(lijk)[A|N.])[A]
figuurnaad	((figuur)[N],(naad)[N])[N]
figuuroefening	((figuur)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
figuurraadsel	((figuur)[N],((raad)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
figuurrijden	((figuur)[N],(rijd)[V])[V]
figuurstudie	((figuur)[N],(studie)[N])[N]
figuurzaag	((figuur)[N],(zaag)[N])[N]
figuurzagen	((figuur)[N],(zaag)[V])[V]
figuurzwemmen	((figuur)[N],(zwem)[V])[V]
fijn	(fijn)[A]
fijnaard	((fijn)[A],(aard)[N|A.])[N]
fijnbankwerker	((fijn)[A],((bank)[N],(werk)[V])[V],(er)[N|AV.])[N]
fijnbankwerkster	((fijn)[A],((bank)[N],(werk)[V])[V],(ster)[N|AV.])[N]
fijnbesnaard	((fijn)[A],(besnaard)[A])[A]
fijndradig	((fijn)[A],(draad)[N],(ig)[A|AN.])[A]
fijngevoelig	((fijn)[A],(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
fijngevoeligheid	(((fijn)[A],(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
fijngoed	((fijn)[A],(goed)[N])[N]
fijnhakken	((fijn)[A],(hak)[V])[V]
fijnheid	((fijn)[A],(heid)[N|A.])[N]
fijnhoutfineer	((fijn)[A],(hout)[N],(fineer)[N])[N]
fijnigheid	((fijn)[A],(igheid)[N|A.])[N]
fijnkauwen	((fijn)[A],(kauw)[V])[V]
fijnknijpen	((fijn)[A],(knijp)[V])[V]
fijnkorrelig	((fijn)[A],((korrel)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
fijnmaken	((fijn)[A],(maak)[V])[V]
fijnmalen	((fijn)[A],(maal)[V])[V]
fijnmazigheid	(((fijn)[A],(maas)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
fijnmechanicus	((fijn)[A],(mechanicus)[N])[N]
fijnolie	((fijn)[A],(olie)[N])[N]
fijnproefster	((fijn)[A],(proef)[V],(ster)[N|AV.])[N]
fijnproever	((fijn)[A],(proef)[V],(er)[N|AV.])[N]
fijnregeling	((fijn)[A],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
fijnregelkraan	((fijn)[A],(regel)[V],(kraan)[N])[N]
fijnschrijver	((fijn)[A],(schrijf)[V],(er)[N|AV.])[N]
fijnslaan	((fijn)[A],(sla)[V])[V]
fijnsnijden	((fijn)[A],(snijd)[V])[V]
fijnspar	((fijn)[A],(spar)[N])[N]
fijnspinmachine	((fijn)[A],(spin)[V],(machine)[N])[N]
fijnstampen	((fijn)[A],(stamp)[V])[V]
fijnstoffelijk	((fijn)[A],((stof)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
fijnstoten	((fijn)[A],(stoot)[V])[V]
fijnte	((fijn)[A],(te)[N|A.])[N]
fijntrappen	((fijn)[A],(trap)[V])[V]
fijnvoelend	((fijn)[A],(voel)[V],(end)[A|AV.])[A]
fijnwrijven	((fijn)[A],(wrijf)[V])[V]
fijnzinnig	((fijn)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A]
fijt	(fijt)[N]
fik	(fik)[N]
fikfakkerij	((fikfak)[V],(erij)[N|V.])[N]
fikhond	((fik)[N],(hond)[N])[N]
fikken	(fik)[V]
fiks	(fiks)[A]
fiksen	(fiks)[V]
fiksheid	((fiks)[A],(heid)[N|A.])[N]
filantropie	((filantropisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
filatelist	((filatelie)[N],(ist)[N|N.])[N]
file	(file)[N]
fileerder	((fileer)[V],(der)[N|V.])[N]
fileerster	((fileer)[V],(ster)[N|V.])[N]
filevorming	((file)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
filiaalbank	((filiaal)[A],(bank)[N])[N]
filiaalbedrijf	((filiaal)[A],(bedrijf)[N])[N]
filiaalchef	((filiaal)[A],(chef)[N])[N]
filiaalcheffin	(((filiaal)[A],(chef)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
filiaalhouder	((filiaal)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
filiaalhoudster	((filiaal)[N],(houd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
filisterdom	((filister)[N],(dom)[N|N.])[N]
filisterij	((filister)[N],(ij)[N|N.])[N]
film	(film)[N]
filmacademie	((film)[N],((academisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
filmachtig	((film)[N],(achtig)[A|N.])[A]
filmacteur	((film)[N],(acteer)[V],(eur)[N|NV.])[N]
filmactrice	((film)[N],(actrice)[N])[N]
filmapparatuur	((film)[V],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
filmarchief	((film)[N],(archief)[N])[N]
filmartiest	((film)[N],(artiest)[N])[N]
filmartieste	(((film)[N],(artiest)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
filmbedrijf	((film)[V],(bedrijf)[N])[N]
filmbeeld	((film)[N],(beeld)[N])[N]
filmbewerking	((film)[N],((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
filmbreedte	((film)[N],((breed)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
filmcamera	((film)[V],(camera)[N])[N]
filmcensuur	((film)[N],((censeer)[V],(uur)[N|V.])[N])[N]
filmdiva	((film)[N],(diva)[N])[N]
filmdoek	((film)[V],(doek)[N])[N]
filmdroger	((film)[N],(droog)[V],(er)[N|NV.])[N]
filmdruk	((film)[N],(druk)[N])[N]
filmeditie	((film)[N],(editie)[N])[N]
filmen	(film)[V]
filmer	((film)[V],(er)[N|V.])[N]
filmfestival	((film)[N],(festival)[N])[N]
filmformaat	((film)[N],((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
filmheld	((film)[N],(held)[N])[N]
filmhuis	((film)[N],(huis)[N])[N]
filmindustrie	((film)[V],(industrie)[N])[N]
filmisch	((film)[N],(isch)[A|N.])[A]
filmjournaal	((film)[V],(journaal)[N])[N]
filmjournalist	((film)[N],((journaal)[N],(ist)[N|N.])[N])[N]
filmkeuring	((film)[N],(keur)[V],(ing)[N|NV.])[N]
filmkritiek	((film)[N],((kritisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
filmkunst	((film)[V],(kunst)[N])[N]
filmlas	((film)[N],(las)[N])[N]
filmliga	((film)[N],(liga)[N])[N]
filmmaakster	((film)[N],(maak)[V],(ster)[N|NV.])[N]
filmmaker	((film)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
filmmuziek	((film)[N],(muziek)[N])[N]
filmoperateur	((film)[N],((opereer)[V],(ateur)[N|V.])[N])[N]
filmopname	((film)[N],(opname)[N])[N]
filmopneming	((film)[N],((op)[P],(neem)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
filmpers	((film)[N],(pers)[N])[N]
filmploeg	((film)[V],(ploeg)[N])[N]
filmprojector	((film)[N],(projector)[N])[N]
filmrechten	((film)[N],(recht)[N])[N]
filmregisseur	((film)[N],(regisseer)[V],(eur)[N|NV.])[N]
filmregisseuse	((film)[N],(regisseuse)[N])[N]
filmrol	((film)[N],(rol)[N])[N]
filmscenario	((film)[N],(scenario)[N])[N]
filmster	((film)[N],(ster)[N])[N]
filmster	((film)[V],(ster)[N|V.])[N]
filmstrip	((film)[N],(strip)[N])[N]
filmstrook	((film)[N],(strook)[N])[N]
filmstrookprojector	(((film)[N],(strook)[N])[N],(projector)[N])[N]
filmstudio	((film)[V],(studio)[N])[N]
filmtape	((film)[N],(tape)[N])[N]
filmtheater	((film)[N],(theater)[N])[N]
filmtijdschrift	((film)[N],((tijd)[N],(schrift)[N])[N])[N]
filmtoestel	((film)[V],(toestel)[N])[N]
filmtrommel	((film)[N],(trommel)[N])[N]
filmversie	((film)[N],(versie)[N])[N]
filmviewer	((film)[N],(viewer)[N])[N]
filmvoorstelling	((film)[N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
filmzon	((film)[N],(zon)[N])[N]
filologie	((filologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
filosoferen	(((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(eer)[V|N.])[V]
filosofie	((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
filosofiebeoefening	(((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(((be)[V|.V],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
filosofiestudie	(((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(studie)[N])[N]
filosoof-theoloog	((filosoof)[N],(theoloog)[N])[N]
filter	(filter)[N]
filterdoek	((filter)[V],(doek)[N])[N]
filteren	(filter)[V]
filterkaars	((filter)[V],(kaars)[N])[N]
filterkoffie	((filter)[V],(koffie)[N])[N]
filterpot	((filter)[V],(pot)[N])[N]
filtersigaret	((filter)[N],(sigaret)[N])[N]
filtertank	((filter)[V],(tank)[N])[N]
filterzakje	((filter)[N],(zak)[N])[N]
filtraat	((filtreer)[V],(aat)[N|V.])[N]
filtratie	((filtreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
filtreerbaar	((filtreer)[V],(baar)[A|V.])[A]
filtreerbeker	((filtreer)[V],(beker)[N])[N]
filtreerdoek	((filtreer)[V],(doek)[N])[N]
filtreerkan	((filtreer)[V],(kan)[N])[N]
filtreerkolf	((filtreer)[V],(kolf)[N])[N]
filtreerpapier	((filtreer)[V],(papier)[N])[N]
filtreersteen	((filtreer)[V],(steen)[N])[N]
filtreertoestel	((filtreer)[V],(toestel)[N])[N]
finalist	((finale)[N],(ist)[N|N.])[N]
finalistisch	(((finale)[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A]
finaliteit	((finaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
financieel	((financie)[N],(ieel)[A|N.])[A]
financieel-economisch	(((financie)[N],(ieel)[A|N.])[A],(economisch)[A])[A]
financiering	((financier)[V],(ing)[N|V.])[N]
financieringsaangelegenheid	(((financier)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((aangelegen)[V],(heid)[N|V.])[N])[N]
financieringsbank	(((financier)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bank)[N])[N]
financieringsbehoefte	(((financier)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(behoefte)[N])[N]
financieringsbeleid	(((financier)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
financieringsbron	(((financier)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bron)[N])[N]
financieringsmaatschappij	(((financier)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
financieringsmethode	(((financier)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
financieringsmogelijkheid	(((financier)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
financieringsprobleem	(((financier)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
financieringsregeling	(((financier)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
financieringssaldo	(((financier)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(saldo)[N])[N]
financieringsstelsel	(((financier)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
financieringsstructuur	(((financier)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
financieringssysteem	(((financier)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
financieringstekort	(((financier)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
fine	(fine)[N]
fineerblad	((fineer)[V],(blad)[N])[N]
fineerplaat	((fineer)[V],(plaat)[N])[N]
fineerzaag	((fineer)[N],(zaag)[N])[N]
finishdraad	((finish)[N],(draad)[N])[N]
finishfoto	((finish)[V],(foto)[N])[N]
fint	(fint)[N]
firmacontract	((firma)[N],(contract)[N])[N]
firmament	(firmament)[N]
firmanaam	((firma)[N],(naam)[N])[N]
firmante	((firmant)[N],(e)[N|N.])[N]
firn	(firn)[N]
firnveld	((firn)[N],(veld)[N])[N]
fis	(fis)[N]
fiscaal	((fiscus)[N],(aal)[A|N.])[A]
fiscaliteit	(((fiscus)[N],(aal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
fit	(fit)[N]
fithaak	((fit)[V],(haak)[N])[N]
fits	(fits)[N]
fitster	((fit)[V],(ster)[N|V.])[N]
fitten	(fit)[V]
fitter	((fit)[V],(er)[N|V.])[N]
fitterij	((fit)[V],(erij)[N|V.])[N]
fitting	((fit)[V],(ing)[N|V.])[N]
fix	(fix)[N]
fixatie	((fixeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
fixatief	(((fixeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[N|N.])[N]
fixeerbad	((fixeer)[V],(bad)[N])[N]
fixeerspuitje	((fixeer)[V],(spuit)[N])[N]
fixeerstang	((fixeer)[V],(stang)[N])[N]
fixeerzout	((fixeer)[V],(zout)[N])[N]
fixering	((fixeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
fjord	(fjord)[N]
fjordenkust	((fjord)[N],(en)[N|N.N],(kust)[N])[N]
fjordwand	((fjord)[N],(wand)[N])[N]
flab	(flab)[N]
flacon	(flacon)[N]
fladderen	(fladder)[V]
flagellant	((flagelleer)[V],(ant)[N|V.])[N]
flagellatie	((flagelleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
flageolet	(flageolet)[N]
flageolettist	((flageolet)[N],(ist)[N|N.])[N]
flageolettoon	((flageolet)[N],(toon)[N])[N]
flair	(flair)[N]
flakkeren	(flakker)[V]
flambeerpan	((flambeer)[V],(pan)[N])[N]
flamenco	(flamenco)[N]
flamingante	((flamingant)[N],(e)[N|N.])[N]
flamingantisch	((flamingant)[N],(isch)[A|N.])[A]
flamingo	(flamingo)[N]
flamingoplant	((flamingo)[N],(plant)[N])[N]
flan	(flan)[N]
flanelbord	((flanel)[N],(bord)[N])[N]
flanellen	((flanel)[N],(en)[A|N.])[A]
flanelsteek	((flanel)[N],(steek)[N])[N]
flaneur	((flaneer)[V],(eur)[N|V.])[N]
flank	(flank)[N]
flankaanval	((flank)[N],(aanval)[N])[N]
flankeren	((flank)[N],(eer)[V|N.])[V]
flankering	(((flank)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
flankeur	(((flank)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
flankvuur	((flank)[N],(vuur)[N])[N]
flansen	(flans)[V]
flap	(flap)[N]
flapdrol	((flap)[V],(drol)[N])[N]
flaphoed	((flap)[N],(hoed)[N])[N]
flapkan	((flap)[N],(kan)[N])[N]
flapoor	((flap)[V],(oor)[N])[N]
flapoperatie	((flap)[N],((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
flappen	(flap)[V]
flapper	((flap)[V],(er)[N|V.])[N]
flaptekst	((flap)[N],(tekst)[N])[N]
flapuit	((flap)[V],(uit)[B])[N]
flard	(flard)[N]
flash	(flash)[N]
flat	(flat)[N]
flatcomité	((flat)[N],(comité)[N])[N]
flatdeur	((flat)[N],(deur)[N])[N]
flater	(flater)[N]
flatgebouw	((flat)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
flatneurose	((flat)[N],(neurose)[N])[N]
flatwoning	((flat)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
flauw	(flauw)[A]
flauwekul	((flauw)[A],(e)[N|A.N],(kul)[N])[N]
flauwerd	((flauw)[A],(erd)[N|A.])[N]
flauwerik	((flauw)[A],(erik)[N|A.])[N]
flauwhartig	((flauw)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
flauwhartigheid	(((flauw)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
flauwheid	((flauw)[A],(heid)[N|A.])[N]
flauwigheid	((flauw)[A],(igheid)[N|A.])[N]
flauwiteit	((flauw)[A],(iteit)[N|A.])[N]
flauwte	((flauw)[A],(te)[N|A.])[N]
flauwvallen	((flauw)[A],(val)[V])[V]
fleemkous	((fleem)[V],(kous)[N])[N]
fleemster	((fleem)[V],(ster)[N|V.])[N]
fleemtaal	((fleem)[V],(taal)[N])[N]
fleemtong	((fleem)[V],(tong)[N])[N]
fleer	(fleer)[N]
flegmatisch	((flegma)[N],(atisch)[A|N.])[A]
flemen	(fleem)[V]
flemer	((fleem)[V],(er)[N|V.])[N]
flemerig	((fleem)[V],(erig)[A|V.])[A]
flemerij	((fleem)[V],(erij)[N|V.])[N]
flens	(flens)[N]
flensen	(flens)[V]
flensstuk	((flens)[N],(stuk)[N])[N]
flenzen	(flens)[V]
fleppen	(flep)[V]
fleren	(fleer)[V]
fles	(fles)[N]
flesjeswaterpas	((flesje)[N],(s)[N|N.N],((water)[N],(pas)[N])[N])[N]
fleskind	((fles)[N],(kind)[N])[N]
flesopener	((fles)[N],((open)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
flessen	(fles)[V]
flessenbakje	((fles)[N],(e)[N|N.N],(bak)[N])[N]
flessenbier	((fles)[N],(e)[N|N.N],(bier)[N])[N]
flessenblazer	((fles)[N],(en)[N|N.Vx],(blaas)[V],(er)[N|NxV.])[N]
flessenbodem	((fles)[N],(e)[N|N.N],(bodem)[N])[N]
flessenborstel	((fles)[N],(e)[N|N.N],(borstel)[N])[N]
flessenbrief	((fles)[N],(e)[N|N.N],(brief)[N])[N]
flessendrager	((fles)[N],(en)[N|N.Vx],(draag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
flesseneiland	((fles)[N],(en)[N|N.N],(eiland)[N])[N]
flessengas	((fles)[N],(e)[N|N.N],(gas)[N])[N]
flessenglas	((fles)[N],(en)[N|N.N],(glas)[N])[N]
flessenhals	((fles)[N],(e)[N|N.N],(hals)[N])[N]
flessenkind	((fles)[N],(e)[N|N.N],(kind)[N])[N]
flessenmaker	((fles)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
flessenmand	((fles)[N],(en)[N|N.N],(mand)[N])[N]
flessenmelk	((fles)[N],(e)[N|N.N],(melk)[N])[N]
flessenpost	((fles)[N],(en)[N|N.N],(post)[N])[N]
flessenrek	((fles)[N],(en)[N|N.N],(rek)[N])[N]
flessenspoelmachine	((fles)[N],(en)[N|N.N],((spoel)[V],(machine)[N])[N])[N]
flessentrekker	((fles)[N],(en)[N|N.Vx],(trek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
flessentrekkerij	((fles)[N],(en)[N|N.Vx],(trek)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
flessenvoorraad	((fles)[N],(en)[N|N.N],(voorraad)[N])[N]
flessenwarmer	((fles)[N],(e)[N|N.Vx],(warm)[V],(er)[N|NxV.])[N]
flesvoeding	((fles)[N],((voed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
flets	(flets)[A]
fletsblauw	((flets)[A],(blauw)[A])[A]
fletsheid	((flets)[A],(heid)[N|A.])[N]
fleur	(fleur)[N]
fleuren	(fleur)[V]
fleurigheid	(((fleur)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
flexibiliteit	((flexibel)[A],(biliteit)[N|A.])[N]
flexiecirkel	((flexie)[N],(cirkel)[N])[N]
flexiemorfeem	((flexie)[N],(morfeem)[N])[N]
flexiestraal	((flexie)[N],(straal)[N])[N]
flierefluiter	((flierefluit)[V],(er)[N|V.])[N]
flik	(flik)[N]
flikflooier	((flikflooi)[V],(er)[N|V.])[N]
flikflooierij	((flikflooi)[V],(erij)[N|V.])[N]
flikflooister	((flikflooi)[V],(ster)[N|V.])[N]
flikken	(flik)[V]
flikker	((flik)[V],(er)[N|V.])[N]
flikkerbuis	((flikker)[V],(buis)[N])[N]
flikkercultuur	(((flik)[V],(er)[N|V.])[N],(cultuur)[N])[N]
flikkeren	(flikker)[V]
flikkerglans	((flikker)[V],(glans)[N])[N]
flikkerij	((flik)[V],(erij)[N|V.])[N]
flikkering	((flikker)[V],(ing)[N|V.])[N]
flikkerlicht	((flikker)[V],(licht)[N])[N]
flink	(flink)[A]
flinkerd	((flink)[A],(erd)[N|A.])[N]
flinkheid	((flink)[A],(heid)[N|A.])[N]
flinkigheid	((flink)[A],(igheid)[N|A.])[N]
flinterdun	((flinter)[N],(dun)[A])[A]
flinterig	((flinter)[N],(ig)[A|N.])[A]
flip	(flip)[N]
flippen	(flip)[V]
flipperautomaat	((flipper)[N],(automaat)[N])[N]
flipperkast	((flipper)[V],(kast)[N])[N]
flipteam	((flip)[V],(team)[N])[N]
fliptelefoon	((flip)[V],(telefoon)[N])[N]
flirt	(flirt)[N]
flirten	(flirt)[V]
flit	(flit)[N]
flits	(flits)[N]
flitsaccumulator	((flits)[N],((accumuleer)[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
flitsblokje	((flits)[V],(blok)[N])[N]
flitsen	(flits)[V]
flitser	((flits)[V],(er)[N|V.])[N]
flitsfotografie	((flits)[N],((fotografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
flitslamp	((flits)[V],(lamp)[N])[N]
flitslicht	((flits)[V],(licht)[N])[N]
flitstijd	((flits)[V],(tijd)[N])[N]
flitstoestel	((flits)[V],(toestel)[N])[N]
flobertgeweer	((flobert)[N],(geweer)[N])[N]
flocculator	((flocculeer)[V],(ator)[N|V.])[N]
flodder	(flodder)[N]
flodderaar	((flodder)[V],(aar)[N|V.])[N]
flodderaarster	(((flodder)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
flodderboks	((flodder)[V],(boks)[N])[N]
flodderbroek	((flodder)[V],(broek)[N])[N]
flodderen	(flodder)[V]
floddergoed	((flodder)[V],(goed)[N])[N]
flodderig	((flodder)[V],(ig)[A|V.])[A]
flodderjurk	((flodder)[V],(jurk)[N])[N]
flodderkous	((flodder)[V],(kous)[N])[N]
floddermadam	((flodder)[V],(madam)[N])[N]
floddermijn	((flodder)[N],(mijn)[N])[N]
floddermuts	((flodder)[V],(muts)[N])[N]
flodderwerk	((flodder)[V],(werk)[N])[N]
floep	(floep)[N]
floepen	(floep)[V]
floer	(floer)[N]
floeren	((floer)[N],(en)[A|N.])[A]
flonkeren	(flonker)[V]
flonkering	((flonker)[V],(ing)[N|V.])[N]
flonkerlicht	((flonker)[V],(licht)[N])[N]
flop	(flop)[N]
flopgoal	((flop)[V],(goal)[N])[N]
floppen	(flop)[V]
flora	(flora)[N]
florentine	(florentine)[N]
floretten	((floret)[N],(en)[A|N.])[A]
florettist	((floret)[N],(ist)[N|N.])[N]
floretzij	((floret)[N],(zij)[N])[N]
floretzijde	((floret)[N],(zijde)[N])[N]
floristiek	((floristisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
flossen	(flos)[V]
flossig	((flos)[V],(ig)[A|V.])[A]
floszij	((flos)[V],(zij)[N])[N]
floszijde	((flos)[V],(zijde)[N])[N]
flotatie	((floteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
flotteerdraden	((flotteer)[V],(draad)[N])[N]
flottielje	(flottielje)[N]
flottieljevaartuig	((flottielje)[N],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
flou	(flou)[A]
flous	(flous)[N]
flouw	(flouw)[N]
flox	(flox)[N]
fluctuatie	((fluctueer)[V],(atie)[N|V.])[N]
fluim	(fluim)[N]
fluimen	(fluim)[V]
fluisteraar	((fluister)[V],(aar)[N|V.])[N]
fluisteraarster	(((fluister)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
fluistercampagne	((fluister)[V],(campagne)[N])[N]
fluisteren	(fluister)[V]
fluistergewelf	((fluister)[V],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
fluistering	((fluister)[V],(ing)[N|V.])[N]
fluisterstem	((fluister)[V],(stem)[N])[N]
fluisterwal	((fluister)[V],(wal)[N])[N]
fluit	(fluit)[N]
fluitaria	((fluit)[N],(aria)[N])[N]
fluitconcert	((fluit)[N],(concert)[N])[N]
fluiteend	((fluit)[V],(eend)[N])[N]
fluiten	(fluit)[V]
fluitenkruid	((fluit)[N],(en)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
fluitenmaker	((fluit)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
fluiter	((fluit)[V],(er)[N|V.])[N]
fluitglas	((fluit)[N],(glas)[N])[N]
fluithout	((fluit)[N],(hout)[N])[N]
fluitist	((fluit)[N],(ist)[N|N.])[N]
fluitjeshout	((fluit)[N],(s)[N|N.N],(hout)[N])[N]
fluitketel	((fluit)[V],(ketel)[N])[N]
fluitmuziek	((fluit)[N],(muziek)[N])[N]
fluitpartij	((fluit)[N],(partij)[N])[N]
fluitregister	((fluit)[N],(register)[N])[N]
fluitschip	((fluit)[N],(schip)[N])[N]
fluitspeelster	((fluit)[N],(speel)[V],(ster)[N|NV.])[N]
fluitspel	((fluit)[N],(spel)[N])[N]
fluitspeler	((fluit)[N],(speel)[V],(er)[N|NV.])[N]
fluittoon	((fluit)[N],(toon)[N])[N]
fluitwerk	((fluit)[N],(werk)[N])[N]
fluks	(fluks)[A]
fluorescent	((fluoresceer)[V],(ent)[A|V.])[A]
fluorescentie	((fluoresceer)[V],(entie)[N|V.])[N]
fluorhoudend	((fluor)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
fluorideren	((fluoride)[N],(eer)[V|N.])[V]
fluoridering	(((fluoride)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
fluortablet	((fluor)[N],(tablet)[N])[N]
fluorwaterstof	((fluor)[N],((water)[N],(stof)[N])[N])[N]
flut	(flut)[N]
fluviometer	((fluvio)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
fluweel	(fluweel)[N]
fluweelachtig	((fluweel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
fluweelweverij	((fluweel)[N],(weef)[V],(erij)[N|NV.])[N]
fluweelzacht	((fluweel)[N],(zacht)[A])[A]
fluweelzwart	((fluweel)[N],(zwart)[A])[A]
fluwelen	((fluweel)[N],(en)[A|N.])[A]
flux	(flux)[N]
fluxmeter	((flux)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
fluïdiseren	((fluïde)[N],(iseer)[V|N.])[V]
fluïditeit	((fluïde)[A],(iteit)[N|A.])[N]
flûte	(flûte)[N]
fnazel	(fnazel)[N]
fnuiken	(fnuik)[V]
fobie	((fobisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
focusseren	((focus)[N],(eer)[V|N.])[V]
foef	(foef)[N]
foelieolie	((foelie)[N],(olie)[N])[N]
foeliesel	((foelie)[V],(sel)[N|V.])[N]
foerage	(foerage)[N]
foeragemeester	((foerage)[N],(meester)[N])[N]
foerageur	((foerageer)[V],(eur)[N|V.])[N]
foetaal	((foetus)[N],(aal)[A|N.])[A]
foeteren	(foeter)[V]
foetsie	(foetsie)[N]
foezel	(foezel)[N]
foezelen	(foezel)[V]
foezelig	((foezel)[V],(ig)[A|V.])[A]
foezelolie	((foezel)[N],(olie)[N])[N]
fok	(fok)[N]
fokdier	((fok)[V],(dier)[N])[N]
fokhengst	((fok)[V],(hengst)[N])[N]
fokken	(fok)[V]
fokkenhals	((fok)[N],(e)[N|N.N],(hals)[N])[N]
fokkenmaat	((fok)[N],(e)[N|N.N],(maat)[N])[N]
fokkenmast	((fok)[N],(e)[N|N.N],(mast)[N])[N]
fokkenra	((fok)[N],(e)[N|N.N],(ra)[N])[N]
fokkenrust	((fok)[N],(e)[N|N.N],(rust)[N])[N]
fokkenwant	((fok)[N],(e)[N|N.N],(want)[N])[N]
fokker	((fok)[V],(er)[N|V.])[N]
fokkerij	((fok)[V],(erij)[N|V.])[N]
fokkerskring	(((fok)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kring)[N])[N]
fokpaard	((fok)[V],(paard)[N])[N]
fokpremie	((fok)[V],(premie)[N])[N]
foksia	(foksia)[N]
fokstag	((fok)[N],(stag)[N])[N]
fokstation	((fok)[V],(station)[N])[N]
fokster	((fok)[V],(ster)[N|V.])[N]
fokstier	((fok)[V],(stier)[N])[N]
fokvee	((fok)[V],(vee)[N])[N]
fokzeil	((fok)[N],(zeil)[N])[N]
foldermateriaal	((folder)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
folio	(folio)[N]
folk	(folk)[N]
folklorist	((folklore)[N],(ist)[N|N.])[N]
folkmuziek	((folk)[N],(muziek)[N])[N]
folteraar	((folter)[V],(aar)[N|V.])[N]
folteraarster	(((folter)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
folterbank	((folter)[V],(bank)[N])[N]
folteren	(folter)[V]
foltering	((folter)[V],(ing)[N|V.])[N]
folterkamer	((folter)[V],(kamer)[N])[N]
folterkelder	((folter)[V],(kelder)[N])[N]
folterkoord	((folter)[V],(koord)[N])[N]
folterpaal	((folter)[V],(paal)[N])[N]
foltertuig	((folter)[V],(tuig)[N])[N]
folterwerktuig	((folter)[V],((werk)[V],(tuig)[N])[N])[N]
fond	(fond)[N]
fondement	((fondeer)[V],(ement)[N|V.])[N]
fondering	((fondeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
fonds	(fonds)[N]
fondsartikel	((fonds)[N],(artikel)[N])[N]
fondsbril	((fonds)[N],(bril)[N])[N]
fondscatalogus	((fonds)[N],(catalogus)[N])[N]
fondsdokter	((fonds)[N],(dokter)[N])[N]
fondsenbeurs	((fonds)[N],(en)[N|N.N],(beurs)[N])[N]
fondsenblad	((fonds)[N],(en)[N|N.N],(blad)[N])[N]
fondsenhouder	((fonds)[N],(en)[N|N.Vx],(houd)[V],(er)[N|NxV.])[N]
fondsenlijst	((fonds)[N],(en)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
fondsenveiling	((fonds)[N],(en)[N|N.Vx],(veil)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
fondsgelden	((fonds)[N],(geld)[N])[N]
fondslid	((fonds)[N],(lid)[N])[N]
fondslijst	((fonds)[N],(lijst)[N])[N]
fondspatiënt	((fonds)[N],(patiënt)[N])[N]
fondspraktijk	((fonds)[N],(praktijk)[N])[N]
fondsspreekuur	((fonds)[N],((spreek)[V],(uur)[N])[N])[N]
fondstitel	((fonds)[N],(titel)[N])[N]
fondsveiling	((fonds)[N],(veil)[V],(ing)[N|NV.])[N]
fonduepan	((fondue)[N],(pan)[N])[N]
fondueset	((fondue)[N],(set)[N])[N]
fonduestel	((fondue)[N],(stel)[N])[N]
fonduevork	((fondue)[V],(vork)[N])[N]
fonematisch	((foneem)[N],(atisch)[A|N.])[A]
fonetiek	((fonetisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
fonkelen	(fonkel)[V]
fonkeling	((fonkel)[V],(ing)[N|V.])[N]
fonkelnieuw	((fonkel)[V],(nieuw)[A])[A]
fonofotografie	((fono)[N|.N],((fotografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
fonografie	(((fonograaf)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
fonografisch	((fonograaf)[N],(isch)[A|N.])[A]
fonologie	((fonologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
fonometer	((fono)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
fonotypist	((fono)[N|.N],(typist)[N])[N]
fonotypiste	(((fono)[N|.N],(typist)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
fontein	(fontein)[N]
fonteinkruid	((fontein)[N],(kruid)[N])[N]
fonteinwater	((fontein)[N],(water)[N])[N]
fooi	(fooi)[N]
fooienpot	((fooi)[N],(en)[N|N.N],(pot)[N])[N]
fooienstelsel	((fooi)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
foor	(foor)[N]
foorkramer	((foor)[N],((kraam)[N],(er)[N|N.])[N])[N]
foorwagen	((foor)[N],(wagen)[N])[N]
fop	(fop)[N]
fopbeen	((fop)[V],(been)[N])[N]
fopbot	((fop)[V],(bot)[N])[N]
fopmiddel	((fop)[V],(middel)[N])[N]
foppen	(fop)[V]
fopperij	((fop)[V],(erij)[N|V.])[N]
fopsigaar	((fop)[V],(sigaar)[N])[N]
fopspeen	((fop)[V],(speen)[N])[N]
fopzwam	((fop)[V],(zwam)[N])[N]
force	(force)[N]
ford-transit	((ford)[N],(transit)[N])[N]
forel	(forel)[N]
forellenvangst	((forel)[N],(e)[N|N.N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
forelschimmel	((forel)[N],(schimmel)[N])[N]
forens	(forens)[N]
forensenbelasting	((forens)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
forensendorp	((forens)[N],(en)[N|N.N],(dorp)[N])[N]
forenzen	(forens)[V]
forenzenbelasting	((forens)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
formaat	((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N]
formaatvel	(((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N],(vel)[N])[N]
formaatzegel	(((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N],(zegel)[N])[N]
formaliseren	((formeel)[A],(iseer)[V|A.])[V]
formalisering	(((formeel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
formaliteit	((formeel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
formant	((formeer)[V],(ant)[N|V.])[N]
formateur	((formeer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
formatie	((formeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
formatieonderhandeling	(((formeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(((onder)[P],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
formatieopdracht	(((formeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(opdracht)[N])[N]
formatieperiode	(((formeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(periode)[N])[N]
formatieplaats	(((formeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(plaats)[N])[N]
formatiepoging	(((formeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(poog)[V],(ing)[N|NV.])[N]
formatievliegen	(((formeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(vlieg)[V])[V]
formeel-democratisch	((formeel)[N],((democraat)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
formeerder	((formeer)[V],(der)[N|V.])[N]
formering	((formeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
formica	(formica)[N]
formulair	((formule)[N],(air)[A|N.])[A]
formule	(formule)[N]
formulering	((formuleer)[V],(ing)[N|V.])[N]
formulewagen	((formule)[N],(wagen)[N])[N]
formulier	(formulier)[N]
formuliergebed	((formulier)[N],(gebed)[N])[N]
fornuis	(fornuis)[N]
fors	(fors)[A]
forsgebouwd	((fors)[A],(gebouwd)[A])[A]
forsheid	((fors)[A],(heid)[N|A.])[N]
forsig	((fors)[A],(ig)[A|A.])[A]
forsythia	(forsythia)[N]
fort	(fort)[N]
forte	(forte)[X]
fortengordel	((fort)[N],(en)[N|N.N],(gordel)[N])[N]
fortenlinie	((fort)[N],(en)[N|N.N],(linie)[N])[N]
fortificatie	((fortificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
fortuin	(fortuin)[N]
fortuinlijk	((fortuin)[N],(lijk)[A|N.])[A]
fortuinzoeker	((fortuin)[N],(zoek)[V],(er)[N|NV.])[N]
fortuinzoekster	((fortuin)[N],(zoek)[V],(ster)[N|NV.])[N]
forumdiscussie	((forum)[N],(discussie)[N])[N]
forumfunctie	((forum)[N],(functie)[N])[N]
forumgeneratie	((forum)[N],((genereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
forumtijd	((forum)[N],(tijd)[N])[N]
fosfaatgehalte	((fosfaat)[N],(gehalte)[N])[N]
fosfaatmijn	((fosfaat)[N],(mijn)[N])[N]
fosfaatreiniging	((fosfaat)[N],(reinig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
fosfaatvrij	((fosfaat)[N],(vrij)[A])[A]
fosforbom	((fosfor)[N],(bom)[N])[N]
fosforescentie	((fosforesceer)[V],(entie)[N|V.])[N]
fosforhoudend	((fosfor)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
fosforisch	((fosfor)[N],(isch)[A|N.])[A]
fosforvergiftiging	((fosfor)[N],(((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
fosforzout	((fosfor)[N],(zout)[N])[N]
fosforzuur	((fosfor)[N],(zuur)[N])[N]
fossielenjaagster	((fossiel)[N],(en)[N|N.Vx],(jaag)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
fossielenjager	((fossiel)[N],(en)[N|N.Vx],(jaag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
fossilisatie	(((fossiel)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
fossiliseren	((fossiel)[N],(iseer)[V|N.])[V]
fot	(fot)[N]
foto	(foto)[N]
foto-onderschrift	((foto)[N],((onder)[P],(schrift)[N])[N])[N]
fotoalbum	((foto)[N],(album)[N])[N]
fotoapparatuur	((foto)[N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
fotoarchief	((foto)[N],(archief)[N])[N]
fotoartikel	((foto)[N],(artikel)[N])[N]
fotoatelier	((foto)[N],(atelier)[N])[N]
fotoautomaat	((foto)[N],(automaat)[N])[N]
fotobiografie	((foto)[N],((biografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
fotoboek	((foto)[N],(boek)[N])[N]
fotobureau	((foto)[N],(bureau)[N])[N]
fotocamera	((foto)[N],(camera)[N])[N]
fotochemie	((fotochemisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
fotoclub	((foto)[N],(club)[N])[N]
fotocollage	((foto)[N],(collage)[N])[N]
fotodienst	((foto)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
fotofinish	((foto)[N],(finish)[N])[N]
fotogalvanografie	((foto)[N],(galvanografie)[N])[N]
fotogeologie	((foto)[N],((geologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
fotogeoloog	((foto)[N],(geoloog)[N])[N]
fotogoniometer	((foto)[N],(goniometer)[N])[N]
fotografe	((fotograaf)[N],(e)[N|N.])[N]
fotografentruc	((fotograaf)[N],(en)[N|N.N],(truc)[N])[N]
fotografie	((fotografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
fotografiek	((fotografisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
fotogrammetrie	((fotogrammetrisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
fotogravure	((foto)[N],(gravure)[N])[N]
fotohandel	((foto)[N],(handel)[N])[N]
fotohandelaar	((foto)[N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
fotohobby	((foto)[N],(hobby)[N])[N]
fotohoekje	((foto)[N],(hoek)[N])[N]
fotojournalist	((foto)[N],((journaal)[N],(ist)[N|N.])[N])[N]
fotokaart	((foto)[N],(kaart)[N])[N]
fotokopieermachine	(((foto)[N],(kopieer)[V])[V],(machine)[N])[N]
fotokopiëren	((foto)[N],(kopieer)[V])[V]
fotolaboratorium	((foto)[N],(laboratorium)[N])[N]
fotolamp	((foto)[N],(lamp)[N])[N]
fotomateriaal	((foto)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
fotomechanisch	((foto)[N],(mechanisch)[A])[A]
fotometeoren	((foto)[N|.N],(meteoor)[N])[N]
fotomodel	((foto)[N],(model)[N])[N]
fotomontage	((foto)[N],((monteer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
fotonegatief	((foto)[N],(((negeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
fotopaal	((foto)[N],(paal)[N])[N]
fotopapier	((foto)[N],(papier)[N])[N]
fotopersbureau	((foto)[N],((pers)[N],(bureau)[N])[N])[N]
fotoredactie	((foto)[N],(redactie)[N])[N]
fotoreportage	((foto)[N],(reportage)[N])[N]
fotosafari	((foto)[N],(safari)[N])[N]
fotoserie	((foto)[N],(serie)[N])[N]
fotosessie	((foto)[N],(sessie)[N])[N]
fotostencil	((foto)[N],(stencil)[N])[N]
fotostudio	((foto)[N],(studio)[N])[N]
fotosynthetisch	((foto)[N],((synthese)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
fototelegrafie	((foto)[N],(((telegraaf)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
fototoestel	((foto)[N],(toestel)[N])[N]
fototropie	((fototroop)[A],(ie)[N|A.])[N]
fotoverkenning	((foto)[N],(verken)[V],(ing)[N|NV.])[N]
fotowedstrijd	((foto)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
fotozaak	((foto)[N],(zaak)[N])[N]
fotozetten	((foto)[N],(zet)[V])[V]
fotozetter	(((foto)[N],(zet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
fouillering	((fouilleer)[V],(ing)[N|V.])[N]
fourniturenzaak	((fournituur)[N],(en)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
fout	(fout)[A]
foutenmarge	((fout)[N],(en)[N|N.N],(marge)[N])[N]
foutief	((fout)[N],(ief)[A|N.])[A]
foutlijn	((fout)[N],(lijn)[N])[N]
foutloos	((fout)[N],(loos)[A|N.])[A]
foutparkeren	((fout)[A],((park)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
foutslag	((fout)[A],(slag)[N])[N]
fox	(fox)[N]
foxterriër	((fox)[N],(terriër)[N])[N]
fraai	(fraai)[A]
fraaiheid	((fraai)[A],(heid)[N|A.])[N]
fraaiigheid	((fraai)[A],(igheid)[N|A.])[N]
fractieberaad	((fractie)[N],(beraad)[N])[N]
fractiecommissie	((fractie)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
fractiegenoot	((fractie)[N],(genoot)[N])[N]
fractiegenote	(((fractie)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
fractieleider	((fractie)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
fractievergadering	((fractie)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
fractievoorzitster	((fractie)[N],((voor)[B],(zit)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
fractievoorzitter	((fractie)[N],((voor)[B],(zit)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
fractioneel	((fractie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
fractioneren	((fractie)[N],(ioneer)[V|N.])[V]
fractionering	(((fractie)[N],(ioneer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
fragiliteit	((fragiel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
fragmentair	((fragment)[N],(air)[N|N.])[N]
fragmentatie	((fragmentariseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
fragmentatiebom	(((fragmentariseer)[V],(atie)[N|V.])[N],(bom)[N])[N]
frak	(frak)[N]
framboos	(framboos)[N]
frambozenazijn	((framboos)[N],(en)[N|N.N],(azijn)[N])[N]
frambozenboom	((framboos)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
frambozengelei	((framboos)[N],(en)[N|N.N],(gelei)[N])[N]
frambozenlimonade	((framboos)[N],(en)[N|N.N],(limonade)[N])[N]
frambozenrood	((framboos)[N],(e)[N|N.N],(rood)[N])[N]
frambozenstroop	((framboos)[N],(en)[N|N.N],(stroop)[N])[N]
frambozenstruik	((framboos)[N],(e)[N|N.N],(struik)[N])[N]
frame	(frame)[N]
franciscaans	((franciscaan)[N],(s)[A|N.])[A]
franciscanenklooster	((franciscaan)[N],(en)[N|N.N],(klooster)[N])[N]
franciscanenorde	((franciscaan)[N],(en)[N|N.N],(orde)[N])[N]
franciscaner	((franciscaan)[N],(er)[A|N.])[A]
franciscanes	((franciscaan)[N],(es)[N|N.])[N]
franco	(franco)[A]
francofonie	((francofoon)[A],(ie)[N|A.])[N]
francoprijs	((franco)[A],(prijs)[N])[N]
franje	(franje)[N]
franjeachtig	((franje)[N],(achtig)[A|N.])[A]
franjevleugeligen	((franje)[N],(vleugel)[N],(ig)[N|NN.x],(e)[N|NNx.])[N]
frank	(frank)[N]
frankeerkosten	((frankeer)[V],(kost)[N])[N]
frankeermachine	((frankeer)[V],(machine)[N])[N]
frankeerstempel	((frankeer)[V],(stempel)[N])[N]
frankeerzegel	((frankeer)[V],(zegel)[N])[N]
frankering	((frankeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
fransdol	((Frans)[A],(dol)[A])[A]
fransen	(frans)[V]
fransje	(frans)[N]
franskiljons	((franskiljon)[N],(s)[A|N.])[A]
fransman	((Frans)[A],(man)[N])[N]
frappant	((frappeer)[V],(ant)[A|V.])[A]
frase	(frase)[N]
frasering	((fraseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
frater	(frater)[N]
fraterschool	((frater)[N],(school)[N])[N]
fratertje	(frater)[N]
frats	(frats)[N]
fratsel	(fratsel)[N]
fratsenmaker	((frats)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
fraude	(fraude)[N]
fraudeur	((fraudeer)[V],(eur)[N|V.])[N]
freak	(freak)[N]
freelancer	((free-lance)[A],(er)[N|A.])[N]
frees	(frees)[N]
fregat	(fregat)[N]
fregatschip	((fregat)[N],(schip)[N])[N]
fregatvogel	((fregat)[N],(vogel)[N])[N]
frenologie	((frenologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
frequenteren	((frequent)[A],(eer)[V|A.])[V]
frequentie	((frequent)[A],(ie)[N|A.])[N]
frequentieband	(((frequent)[A],(ie)[N|A.])[N],(band)[N])[N]
frequentiecijfer	(((frequent)[A],(ie)[N|A.])[N],(cijfer)[N])[N]
frequentielijst	(((frequent)[A],(ie)[N|A.])[N],(lijst)[N])[N]
frequentiemeter	(((frequent)[A],(ie)[N|A.])[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
frequentiemodulatie	(((frequent)[A],(ie)[N|A.])[N],((moduul)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|NV.])[N]
frescoschilder	((fresco)[N],(schilder)[N])[N]
frescoschilderen	((fresco)[N],(schilder)[V])[V]
fresia	(fresia)[N]
fret	(fret)[N]
fretloos	((fret)[N],(loos)[A|N.])[A]
fretten	(fret)[V]
frettenjacht	((fret)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
fretzaag	((fret)[N],(zaag)[N])[N]
freule	(freule)[N]
frezen	(frees)[V]
fricandeau	(fricandeau)[N]
frictiekoppeling	((frictie)[N],((koppel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
frictieplaat	((frictie)[N],(plaat)[N])[N]
frictiewerkeloosheid	((frictie)[N],(((werk)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
frictiewerkloosheid	((frictie)[N],(((werk)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
frictioneren	((frictie)[N],(ioneer)[V|N.])[V]
friemelen	(friemel)[V]
fries	(fries)[N]
friet	(friet)[N]
frietkraam	((friet)[N],(kraam)[N])[N]
friettent	((friet)[N],(tent)[N])[N]
frigiditeit	((frigide)[A],(iteit)[N|A.])[N]
frijnen	(frijn)[V]
frik	(frik)[N]
frikkerig	((frik)[N],(erig)[A|N.])[A]
fris	(fris)[N]
frisbee	(frisbee)[N]
frisdrank	((fris)[A],(drank)[N])[N]
friseerijzer	((friseer)[V],(ijzer)[N])[N]
friseertang	((friseer)[V],(tang)[N])[N]
frisheid	((fris)[A],(heid)[N|A.])[N]
frisist	((Fries)[N],(ist)[N|N.])[N]
friste	((fris)[A],(te)[N|A.])[N]
frisuur	((friseer)[V],(uur)[N|V.])[N]
frite	(frite)[N]
frituurmand	((frituur)[V],(mand)[N])[N]
frituurpan	((frituur)[V],(pan)[N])[N]
frituurvet	((frituur)[V],(vet)[N])[N]
frivoliteit	((frivool)[A],(iteit)[N|A.])[N]
frok	(frok)[N]
frommel	(frommel)[N]
frommelen	(frommel)[V]
frommelig	((frommel)[N],(ig)[A|N.])[A]
frons	(frons)[N]
fronsen	(frons)[V]
front	(front)[N]
frontaal	((front)[N],(aal)[A|N.])[A]
frontaanval	((front)[N],(aanval)[N])[N]
frontaanzicht	((front)[N],(aanzicht)[N])[N]
frontbalkon	((front)[N],(balkon)[N])[N]
frontbui	((front)[N],(bui)[N])[N]
frontcorrectie	((front)[N],((correct)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
frontdienst	((front)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
frontkameraad	((front)[N],(kameraad)[N])[N]
frontlijn	((front)[N],(lijn)[N])[N]
frontlijnstaat	(((front)[N],(lijn)[N])[N],(staat)[N])[N]
frontlinie	((front)[N],(linie)[N])[N]
frontloge	((front)[N],(loge)[N])[N]
frontmentaliteit	((front)[N],((mentaal)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
frontmuur	((front)[N],(muur)[N])[N]
frontpagina	((front)[N],(pagina)[N])[N]
frontpassage	((front)[N],((passeer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
frontpijp	((front)[N],(pijp)[N])[N]
frontplaat	((front)[N],(plaat)[N])[N]
frontpositie	((front)[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
frontsector	((front)[N],(sector)[N])[N]
frontsituatie	((front)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
frontsoldaat	((front)[N],(soldaat)[N])[N]
frontspoiler	((front)[N],(spoiler)[N])[N]
frontstad	((front)[N],(stad)[N])[N]
frontstuk	((front)[N],(stuk)[N])[N]
frontstuurcabine	((front)[N],((stuur)[V],(cabine)[N])[N])[N]
frontverandering	((front)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
frontverlofganger	((front)[N],((verlof)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N])[N]
frontvorming	((front)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
frotten	(frot)[V]
frottégaren	((frotté)[N],(garen)[N])[N]
frottéweefsel	((frotté)[N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
fructosegehalte	((fructose)[N],(gehalte)[N])[N]
frugaliteit	((frugaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
fruit	(fruit)[N]
fruitareaal	((fruit)[N],(areaal)[N])[N]
fruitautomaat	((fruit)[N],(automaat)[N])[N]
fruitboom	((fruit)[N],(boom)[N])[N]
fruitcorso	((fruit)[N],(corso)[N])[N]
fruiten	(fruit)[V]
fruitenier	((fruit)[N],(enier)[N|N.])[N]
fruitig	((fruit)[N],(ig)[A|N.])[A]
fruitigheid	(((fruit)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
fruitjaar	((fruit)[N],(jaar)[N])[N]
fruitmes	((fruit)[N],(mes)[N])[N]
fruitpan	((fruit)[V],(pan)[N])[N]
fruitsalade	((fruit)[N],(salade)[N])[N]
fruitschaal	((fruit)[N],(schaal)[N])[N]
fruitteelt	((fruit)[N],(teelt)[N])[N]
fruitvrouw	((fruit)[N],(vrouw)[N])[N]
fruitwinkel	((fruit)[N],(winkel)[N])[N]
frul	(frul)[N]
frullen	(frul)[V]
frunniken	(frunnik)[V]
frustratie	((frustreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
frustratiegevoelen	(((frustreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(gevoelen)[N])[N]
frustratietolerantie	(((frustreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(((tolereer)[V],(ant)[A|V.])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
frutje	(frut)[N]
frutsel	(frutsel)[N]
frutselaar	((frutsel)[V],(aar)[N|V.])[N]
frutselen	(frutsel)[V]
frutselwerk	((frutsel)[V],(werk)[N])[N]
frêle	(frêle)[A]
fröbelen	(fröbel)[V]
fröbelonderwijs	((fröbel)[V],(onderwijs)[N])[N]
fröbelschool	((fröbel)[V],(school)[N])[N]
fuchsia	(fuchsia)[N]
fuga	(fuga)[N]
fugatisch	((fuga)[N],(atisch)[A|N.])[A]
fuif	(fuif)[N]
fuifnummer	((fuif)[V],(nummer)[N])[N]
fuifroeien	((fuif)[V],(roei)[V])[V]
fuik	(fuik)[N]
fuiven	(fuif)[V]
fulminant	((fulmineer)[V],(ant)[A|V.])[A]
fulp	(fulp)[N]
fulpen	((fulp)[N],(en)[A|N.])[A]
fumarole	(fumarole)[N]
fumigatie	((fumigeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
functie-uitoefening	((functie)[N],(((uit)[P],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
functieanalyse	((functie)[N],(analyse)[N])[N]
functiebegrip	((functie)[N],(begrip)[N])[N]
functiebenadering	((functie)[N],(((be)[V|.V],(nader)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
functiebenaming	((functie)[N],((benaam)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
functiebeoordeling	((functie)[N],((be)[V|.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
functiebeschrijving	((functie)[N],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
functiecategorie	((functie)[N],(categorie)[N])[N]
functieleer	((functie)[N],(leer)[N])[N]
functieloon	((functie)[N],(loon)[N])[N]
functieniveau	((functie)[N],(niveau)[N])[N]
functieontwikkeling	((functie)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
functieprofiel	((functie)[N],(profiel)[N])[N]
functiepsychologie	((functie)[N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
functiestoornis	((functie)[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
functietheorie	((functie)[N],(theorie)[N])[N]
functietoets	((functie)[N],(toets)[N])[N]
functieverandering	((functie)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
functionaliteit	(((functie)[N],(ioneel)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
functioneel	((functie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
functioneren	((functie)[N],(ioneer)[V|N.])[V]
functionering	(((functie)[N],(ioneer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
fund	(fund)[N]
fundamentalistisch	((fundamentalist)[N],(isch)[A|N.])[A]
fundamenteel	((fundament)[N],(eel)[A|N.])[A]
fundatie	((fundeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
fundering	((fundeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
funderingsput	(((fundeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(put)[N])[N]
funderingswerker	(((fundeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],(werk)[V],(er)[N|NxV.])[N]
fungibiliteit	((fungibel)[A],(biliteit)[N|A.])[N]
funk	(funk)[N]
funkritme	((funk)[N],(ritme)[N])[N]
furiositeit	((furieus)[A],(iteit)[N|A.])[N]
furore	(furore)[N]
fuselage	(fuselage)[N]
fusering	((fuseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
fusiecontrole	((fusie)[N],(controle)[N])[N]
fusiepartner	((fusie)[N],(partner)[N])[N]
fusieproces	((fusie)[N],(proces)[N])[N]
fusillade	((fusilleer)[V],(ade)[N|V.])[N]
fusillering	((fusilleer)[V],(ing)[N|V.])[N]
fusioneren	((fusie)[N],(ioneer)[V|N.])[V]
fust	(fust)[N]
fut	(fut)[N]
futiliteit	((futiel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
futloos	((fut)[N],(loos)[A|N.])[A]
futloosheid	(((fut)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
futselaar	((futsel)[V],(aar)[N|V.])[N]
futselaarster	(((futsel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
futselarij	((futsel)[V],(arij)[N|V.])[N]
futselen	(futsel)[V]
futselwerk	((futsel)[V],(werk)[N])[N]
futuristisch	((futurist)[N],(isch)[A|N.])[A]
futurologie	((futurologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
fuut	(fuut)[N]
fysiatrie	((fysiatrisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
fysiek	((fysisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
fysiocratie	((fysiocratisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
fysiologe	((fysioloog)[N],(e)[N|N.])[N]
fysiologie	((fysiologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
fysionomist	((fysionomie)[N],(ist)[N|N.])[N]
fysioplastisch	((fysio)[A|.A],(plastisch)[A])[A]
fysiotechnicus	((fysio)[N|.N],(technicus)[N])[N]
fysiotherapeut	((fysio)[N|.N],(therapeut)[N])[N]
fysiotherapeutisch	(((fysio)[N|.N],(therapeut)[N])[N],(isch)[A|N.])[A]
fysiotherapie	((fysio)[N|.N],(therapie)[N])[N]
fytochemie	((fyto)[N|.N],((chemisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
fytogeografie	((fyto)[N|.N],((geografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
fytopathologie	((fytopathologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
föhn	(föhn)[N]
föhnen	(föhn)[V]
g	(g)[N]
gaaf	(gaaf)[N]
gaafheid	((gaaf)[A],(heid)[N|A.])[N]
gaafrandig	((gaaf)[A],(rand)[N],(ig)[A|AN.])[A]
gaai	(gaai)[N]
gaaibolder	((gaai)[N],(bolder)[N])[N]
gaaibollen	((gaai)[N],(bol)[V])[V]
gaaibolling	(((gaai)[N],(bol)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
gaaipers	((gaai)[N],(pers)[N])[N]
gaaischieten	((gaai)[N],(schiet)[V])[V]
gaaischieter	(((gaai)[N],(schiet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
gaaischieting	(((gaai)[N],(schiet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
gaal	(gaal)[N]
gaan	(ga)[V]
gaap	(gaap)[N]
gaapschelp	((gaap)[V],(schelp)[N])[N]
gaapster	((gaap)[V],(ster)[N|V.])[N]
gaar	(gaar)[A]
gaarbak	((gaar)[V],(bak)[N])[N]
gaard	(gaard)[N]
gaardenier	((gaard)[N],(enier)[N|N.])[N]
gaarder	((gaar)[V],(der)[N|V.])[N]
gaarheid	((gaar)[A],(heid)[N|A.])[N]
gaarkeuken	((gaar)[V],(keuken)[N])[N]
gaarton	((gaar)[V],(ton)[N])[N]
gaarvat	((gaar)[V],(vat)[N])[N]
gaas	(gaas)[N]
gaasachtig	((gaas)[N],(achtig)[A|N.])[A]
gaasdeur	((gaas)[N],(deur)[N])[N]
gaashor	((gaas)[N],(hor)[N])[N]
gaasje	(gaas)[N]
gaaslinnen	((gaas)[N],(linnen)[N])[N]
gaasvleugeligen	((gaas)[N],(vleugel)[N],(ig)[N|NN.x],(e)[N|NNx.])[N]
gaasvlieg	((gaas)[N],(vlieg)[N])[N]
gaasweefsel	((gaas)[N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
gaatels	((gaat)[V],(els)[N])[N]
gaatjeszwam	((gaatje)[N],(s)[N|N.N],(zwam)[N])[N]
gaatring	((gaat)[V],(ring)[N])[N]
gaatschijf	((gaat)[V],(schijf)[N])[N]
gaatstempel	((gaat)[V],(stempel)[N])[N]
gabardine	(gabardine)[N]
gabber	(gabber)[N]
gade	(gade)[N]
gadeloos	((gade)[N],(loos)[A|N.])[A]
gaffel	(gaffel)[N]
gaffelbok	((gaffel)[N],(bok)[N])[N]
gaffeldissel	((gaffel)[N],(dissel)[N])[N]
gaffelen	(gaffel)[V]
gaffeler	((gaffel)[N],(er)[N|N.])[N]
gaffelhert	((gaffel)[N],(hert)[N])[N]
gaffelkruis	((gaffel)[N],(kruis)[N])[N]
gaffelschoener	((gaffel)[N],(schoener)[N])[N]
gaffeltuig	((gaffel)[N],(tuig)[N])[N]
gaffelval	((gaffel)[N],(val)[N])[N]
gaffelverbinding	((gaffel)[N],((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
gaffelvormig	((gaffel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
gaffelzeil	((gaffel)[N],(zeil)[N])[N]
gag	(gag)[N]
gage	(gage)[N]
gajes	(gajes)[N]
gakken	(gak)[V]
gal	(gal)[N]
gala	(gala)[N]
gala-avond	((gala)[N],(avond)[N])[N]
gala-uniform	((gala)[N],(uniform)[N])[N]
galabal	((gala)[N],(bal)[N])[N]
galachtig	((gal)[N],(achtig)[A|N.])[A]
galadegen	((gala)[N],(degen)[N])[N]
galadiner	((gala)[N],(diner)[N])[N]
galafeest	((gala)[N],(feest)[N])[N]
galafscheiding	((gal)[N],((af)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
galakleding	((gala)[N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
galakoets	((gala)[N],(koets)[N])[N]
galakostuum	((gala)[N],(kostuum)[N])[N]
galanterie	((galant)[A],(erie)[N|A.])[N]
galanteriewinkel	(((galant)[A],(erie)[N|A.])[N],(winkel)[N])[N]
galanterieënwinkel	(((galant)[A],(erie)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
galappel	((gal)[N],(appel)[N])[N]
galapremière	((gala)[N],(première)[N])[N]
galarijtuig	((gala)[N],((rijd)[V],(tuig)[N])[N])[N]
galarok	((gala)[N],(rok)[N])[N]
galavoorstelling	((gala)[N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
galbeker	((gal)[N],(beker)[N])[N]
galblaas	((gal)[N],(blaas)[N])[N]
galblaasklacht	(((gal)[N],(blaas)[N])[N],(klacht)[N])[N]
galbult	((gal)[N],(bult)[N])[N]
galei	(galei)[N]
galeiboef	((galei)[N],(boef)[N])[N]
galeislaaf	((galei)[N],(slaaf)[N])[N]
galeistraf	((galei)[N],(straf)[N])[N]
galerie	(galerie)[N]
galeriehouder	((galerie)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
galeriehoudster	((galerie)[N],(houd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
galerij	(galerij)[N]
galerijflat	((galerij)[N],(flat)[N])[N]
galerijwoning	((galerij)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
galg	(galg)[N]
galgenaas	((galg)[N],(e)[N|N.N],(aas)[N])[N]
galgenbrok	((galg)[N],(e)[N|N.N],(brok)[N])[N]
galgenhumor	((galg)[N],(en)[N|N.N],(humor)[N])[N]
galgenmaal	((galg)[N],(en)[N|N.N],(maal)[N])[N]
galgenstrop	((galg)[N],(e)[N|N.N],(strop)[N])[N]
galgentronie	((galg)[N],(e)[N|N.N],(tronie)[N])[N]
galgenveld	((galg)[N],(e)[N|N.N],(veld)[N])[N]
galig	((gaal)[N],(ig)[A|N.])[A]
galigaangras	((galigaan)[N],(gras)[N])[N]
galkanaal	((gal)[N],(kanaal)[N])[N]
galkoliek	((gal)[N],(koliek)[N])[N]
galkoorts	((gal)[N],(koorts)[N])[N]
gallen	(gal)[V]
gallicaans	((gallicaan)[N],(s)[A|N.])[A]
galligheid	((gallig)[A],(heid)[N|A.])[N]
gallomanie	((gallomaan)[N],(ie)[N|N.])[N]
gallon	(gallon)[N]
galm	(galm)[N]
galmbord	((galm)[N],(bord)[N])[N]
galmen	(galm)[V]
galmgat	((galm)[V],(gat)[N])[N]
galmijt	((gal)[N],(mijt)[N])[N]
galmug	((gal)[N],(mug)[N])[N]
galnotenboom	((galnoot)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
galnotenzuur	((galnoot)[N],(e)[N|N.N],(zuur)[N])[N]
galoche	(galoche)[N]
galonneren	((galon)[N],(eer)[V|N.])[V]
galonwever	((galon)[N],(weef)[V],(er)[N|NV.])[N]
galop	(galop)[N]
galoppade	(((galop)[N],(eer)[V|N.])[V],(ade)[N|V.])[N]
galoppas	((galop)[N],(pas)[N])[N]
galopperen	((galop)[N],(eer)[V|N.])[V]
galspat	((gal)[N],(spat)[N])[N]
galsteen	((gal)[N],(steen)[N])[N]
galsteenkoliek	(((gal)[N],(steen)[N])[N],(koliek)[N])[N]
galvanisatie	((galvaniseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
galvanometer	((galvano)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
galvanoplastiek	(((galvano)[A|.A],(plastisch)[A])[A],(iek)[N|A.])[N]
galvanoplastisch	((galvano)[A|.A],(plastisch)[A])[A]
galvanotechniek	((galvano)[N|.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
galvanotherapie	((galvano)[N|.N],(therapie)[N])[N]
galvanotropisme	((galvano)[N|.N],(tropisme)[N])[N]
galvet	((gal)[N],(vet)[N])[N]
galvlieg	((gal)[N],(vlieg)[N])[N]
galvocht	((gal)[N],(vocht)[N])[N]
galwesp	((gal)[N],(wesp)[N])[N]
galzeep	((gal)[N],(zeep)[N])[N]
galziekte	((gal)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
galzucht	((gal)[N],(zucht)[N])[N]
galzuur	((gal)[N],(zuur)[N])[N]
gamander	(gamander)[N]
gamba	(gamba)[N]
gambe	(gambe)[N]
game	(game)[N]
gamelan	(gamelan)[N]
gamelanorkest	((gamelan)[N],(orkest)[N])[N]
gamma	(gamma)[N]
gammastralen	((gamma)[N],(straal)[N])[N]
gammawetenschappen	((gamma)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
gammel	(gammel)[A]
gang	(gang)[N]
gangbaarheid	((gangbaar)[A],(heid)[N|A.])[N]
gangboord	((gang)[N],(boord)[N])[N]
gangdeur	((gang)[N],(deur)[N])[N]
gangenstelsel	((gang)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
gangkast	((gang)[N],(kast)[N])[N]
gangklok	((gang)[N],(klok)[N])[N]
gangkruk	((gang)[N],(kruk)[N])[N]
ganglioncel	((ganglion)[N],(cel)[N])[N]
gangloper	((gang)[N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
gangmaakster	((gang)[N],(maak)[V],(ster)[N|NV.])[N]
gangmaker	((gang)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
gangmat	((gang)[N],(mat)[N])[N]
gangpad	((gang)[N],(pad)[N])[N]
gangreneus	((gangreen)[N],(eus)[A|N.])[A]
gangspil	((gang)[N],(spil)[N])[N]
gangsterbende	((gangster)[N],(bende)[N])[N]
gangsterfilm	((gangster)[N],(film)[N])[N]
gangstermeisje	((gangster)[N],(meisje)[N])[N]
gangstermethode	((gangster)[N],(methode)[N])[N]
gangwerk	((gang)[N],(werk)[N])[N]
gangwissel	((gang)[N],(wissel)[N])[N]
gans	(gans)[N]
gansknuppelen	((gans)[N],(knuppel)[V])[V]
gansrijden	((gans)[N],(rijd)[V])[V]
gansslaan	((gans)[N],(sla)[V])[V]
ganstrekken	((gans)[N],(trek)[V])[V]
gansvogel	((gans)[N],(vogel)[N])[N]
ganzebloem	((gans)[N],(e)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
ganzenbek	((gans)[N],(e)[N|N.N],(bek)[N])[N]
ganzenbord	((gans)[N],(en)[N|N.N],(bord)[N])[N]
ganzenbout	((gans)[N],(e)[N|N.N],(bout)[N])[N]
ganzendons	((gans)[N],(e)[N|N.N],(dons)[N])[N]
ganzenei	((gans)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
ganzengat	((gans)[N],(e)[N|N.N],(gat)[N])[N]
ganzenhagel	((gans)[N],(en)[N|N.N],(hagel)[N])[N]
ganzenhoedster	((gans)[N],(en)[N|N.Vx],(hoed)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
ganzenjacht	((gans)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
ganzenlever	((gans)[N],(e)[N|N.N],(lever)[N])[N]
ganzenleverpaté	(((gans)[N],(en)[N|N.N],(lever)[N])[N],(paté)[N])[N]
ganzenmars	((gans)[N],(en)[N|N.N],(mars)[N])[N]
ganzenoog	((gans)[N],(e)[N|N.N],(oog)[N])[N]
ganzenpastei	((gans)[N],(e)[N|N.N],(pastei)[N])[N]
ganzenpen	((gans)[N],(e)[N|N.N],(pen)[N])[N]
ganzenpoot	((gans)[N],(e)[N|N.N],(poot)[N])[N]
ganzenroer	((gans)[N],(en)[N|N.N],(roer)[N])[N]
ganzenspel	((gans)[N],(en)[N|N.N],(spel)[N])[N]
ganzentong	((gans)[N],(e)[N|N.N],(tong)[N])[N]
ganzenveder	((gans)[N],(e)[N|N.N],(veder)[N])[N]
ganzenveer	((gans)[N],(e)[N|N.N],(veer)[N])[N]
ganzenvoet	((gans)[N],(e)[N|N.N],(voet)[N])[N]
ganzerik	((gans)[N],(erik)[N|N.])[N]
gapen	(gaap)[V]
gaper	((gaap)[V],(er)[N|V.])[N]
gaperig	((gaap)[V],(erig)[A|V.])[A]
gaping	((gaap)[V],(ing)[N|V.])[N]
gapkoers	((gap)[V],(koers)[N])[N]
gappen	(gap)[V]
gapper	((gap)[V],(er)[N|V.])[N]
garage	(garage)[N]
garage-inrit	((garage)[N],(inrit)[N])[N]
garagedeur	((garage)[N],(deur)[N])[N]
garagegebouw	((garage)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
garagehouder	((garage)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
garagehoudster	((garage)[N],(houd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
garagepoort	((garage)[N],(poort)[N])[N]
garageruimte	((garage)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
garandering	((garandeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
garantie	((garant)[N],(ie)[N|N.])[N]
garantieaandeel	(((garant)[N],(ie)[N|N.])[N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
garantiebewijs	(((garant)[N],(ie)[N|N.])[N],(bewijs)[N])[N]
garantiefonds	(((garant)[N],(ie)[N|N.])[N],(fonds)[N])[N]
garantiekrediet	(((garant)[N],(ie)[N|N.])[N],(krediet)[N])[N]
garantieperiode	(((garant)[N],(ie)[N|N.])[N],(periode)[N])[N]
garantieregeling	(((garant)[N],(ie)[N|N.])[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
garantietermijn	(((garant)[N],(ie)[N|N.])[N],(termijn)[N])[N]
garantieverdrag	(((garant)[N],(ie)[N|N.])[N],(verdrag)[N])[N]
gard	(gard)[N]
garde	(garde)[N]
gardebataljon	((garde)[N],(bataljon)[N])[N]
gardenia	(gardenia)[N]
gardeofficier	((garde)[N],(officier)[N])[N]
garderobejuffrouw	((garderobe)[N],(juffrouw)[N])[N]
garderobemeisje	((garderobe)[N],(meisje)[N])[N]
gardist	((garde)[N],(ist)[N|N.])[N]
gareelmaker	((gareel)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
garen	(gaar)[V]
garen	(garen)[N]
garenklos	((garen)[N],(klos)[N])[N]
garenknoop	((garen)[N],(knoop)[N])[N]
garennummer	((garen)[N],(nummer)[N])[N]
garenspinnerij	((garen)[N],(spin)[V],(erij)[N|NV.])[N]
garf	(garf)[N]
garfboer	((garf)[N],(boer)[N])[N]
garfpacht	((garf)[N],(pacht)[N])[N]
garfplichtig	((garf)[N],(plicht)[N],(ig)[A|NN.])[A]
garnaal	(garnaal)[N]
garnalenbroodje	((garnaal)[N],(en)[N|N.N],(brood)[N])[N]
garnalencocktail	((garnaal)[N],(en)[N|N.N],(cocktail)[N])[N]
garnalengeheugen	((garnaal)[N],(e)[N|N.N],(geheugen)[N])[N]
garnalenkroket	((garnaal)[N],(en)[N|N.N],(kroket)[N])[N]
garnalenpasteitje	((garnaal)[N],(en)[N|N.N],(pastei)[N])[N]
garnalenvangst	((garnaal)[N],(en)[N|N.N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
garnalenverstand	((garnaal)[N],(e)[N|N.N],(verstand)[N])[N]
garnalenvingertje	((garnaal)[N],(e)[N|N.N],(vinger)[N])[N]
garnalenvloot	((garnaal)[N],(en)[N|N.N],(vloot)[N])[N]
garnaleplant	((garnaal)[N],(en)[N|N.N],(plant)[N])[N]
garneersel	((garneer)[V],(sel)[N|V.])[N]
garneerspuit	((garneer)[V],(spuit)[N])[N]
garnering	((garneer)[V],(ing)[N|V.])[N]
garnizoen	(garnizoen)[N]
garnizoensarts	((garnizoen)[N],(s)[N|N.N],(arts)[N])[N]
garnizoenscommandant	((garnizoen)[N],(s)[N|N.Vx],(commandeer)[V],(ant)[N|NxV.])[N]
garnizoenscommando	((garnizoen)[N],(s)[N|N.N],(commando)[N])[N]
garnizoensdienst	((garnizoen)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
garnizoenshospitaal	((garnizoen)[N],(s)[N|N.N],(hospitaal)[N])[N]
garnizoensplaats	((garnizoen)[N],(s)[N|N.N],(plaats)[N])[N]
garnizoensstad	((garnizoen)[N],(s)[N|N.N],(stad)[N])[N]
garoeda	(garoeda)[N]
garstigheid	((garstig)[A],(heid)[N|A.])[N]
garven	(garf)[V]
garvenbinder	((garve)[N],(en)[N|N.Vx],(bind)[V],(er)[N|NxV.])[N]
garvenbindster	((garve)[N],(en)[N|N.Vx],(bind)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
garçon	(garçon)[N]
gas	(gas)[N]
gasaanleg	((gas)[N],(aanleg)[N])[N]
gasaansteker	((gas)[N],(((aan)[P],(steek)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
gasaanval	((gas)[N],(aanval)[N])[N]
gasaarde	((gas)[N],(aarde)[N])[N]
gasachtig	((gas)[N],(achtig)[A|N.])[A]
gasanalyse	((gas)[N],(analyse)[N])[N]
gasarm	((gas)[N],(arm)[A])[A]
gasautomaat	((gas)[N],(automaat)[N])[N]
gasbalans	((gas)[N],(balans)[N])[N]
gasballon	((gas)[N],(ballon)[N])[N]
gasbedrijf	((gas)[N],(bedrijf)[N])[N]
gasbek	((gas)[N],(bek)[N])[N]
gasbel	((gas)[N],(bel)[N])[N]
gasbenzine	((gas)[N],(benzine)[N])[N]
gasbeton	((gas)[N],(beton)[N])[N]
gasboei	((gas)[N],(boei)[N])[N]
gasbom	((gas)[N],(bom)[N])[N]
gasbrander	((gas)[N],(brand)[V],(er)[N|NV.])[N]
gasbron	((gas)[N],(bron)[N])[N]
gasbuis	((gas)[N],(buis)[N])[N]
gascokes	((gas)[N],(cokes)[N])[N]
gasconstante	((gas)[N],(constante)[N])[N]
gasconvector	((gas)[N],(convector)[N])[N]
gasdeeltje	((gas)[N],(deel)[N])[N]
gasdetector	((gas)[N],(detector)[N])[N]
gasdicht	((gas)[N],(dicht)[A])[A]
gasdiffusie	((gas)[N],((diffuus)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
gasdistributie	((gas)[N],((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
gasdruk	((gas)[N],(druk)[N])[N]
gaseruptie	((gas)[N],(eruptie)[N])[N]
gasexplosie	((gas)[N],(explosie)[N])[N]
gasfabriek	((gas)[N],(fabriek)[N])[N]
gasfitster	((gas)[N],(fit)[V],(ster)[N|NV.])[N]
gasfitter	((gas)[N],((fit)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
gasfles	((gas)[N],(fles)[N])[N]
gasfornuis	((gas)[N],(fornuis)[N])[N]
gasgeiser	((gas)[N],(geiser)[N])[N]
gasgenerator	((gas)[N],(genereer)[V],(ator)[N|NV.])[N]
gasgloeilamp	((gas)[N],((gloei)[V],(lamp)[N])[N])[N]
gasgranaat	((gas)[N],(granaat)[N])[N]
gashaard	((gas)[N],(haard)[N])[N]
gashendel	((gas)[N],(hendel)[N])[N]
gashond	((gas)[N],(hond)[N])[N]
gashouder	((gas)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
gasinstallatie	((gas)[N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
gaskachel	((gas)[N],(kachel)[N])[N]
gaskamer	((gas)[N],(kamer)[N])[N]
gasketel	((gas)[N],(ketel)[N])[N]
gaskomfoor	((gas)[N],(komfoor)[N])[N]
gaskool	((gas)[N],(kool)[N])[N]
gaskraan	((gas)[N],(kraan)[N])[N]
gaskroon	((gas)[N],(kroon)[N])[N]
gaslamp	((gas)[N],(lamp)[N])[N]
gaslantaarn	((gas)[N],(lantaarn)[N])[N]
gaslantaren	((gas)[N],(lantaren)[N])[N]
gasleiding	((gas)[N],(leid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
gaslek	((gas)[N],(lek)[N])[N]
gaslicht	((gas)[N],(licht)[N])[N]
gaslucht	((gas)[N],(lucht)[N])[N]
gasman	((gas)[N],(man)[N])[N]
gasmasker	((gas)[N],(masker)[N])[N]
gasmeter	((gas)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
gasmotor	((gas)[N],(motor)[N])[N]
gasnet	((gas)[N],(net)[N])[N]
gasolie	((gas)[N],(olie)[N])[N]
gasontlading	((gas)[N],((ont)[V|.V],(laad)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
gasontploffing	((gas)[N],((ont)[V|.V],(plof)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
gasoorlog	((gas)[N],(oorlog)[N])[N]
gasopnemer	((gas)[N],((op)[P],(neem)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
gasoven	((gas)[N],(oven)[N])[N]
gaspatroon	((gas)[N],(patroon)[N])[N]
gaspedaal	((gas)[N],(pedaal)[N])[N]
gaspenning	((gas)[N],(penning)[N])[N]
gaspijp	((gas)[N],(pijp)[N])[N]
gaspit	((gas)[N],(pit)[N])[N]
gaspook	((gas)[N],(pook)[N])[N]
gasprijs	((gas)[N],(prijs)[N])[N]
gasradiator	((gas)[N],(radiator)[N])[N]
gasregulateur	((gas)[N],((regel)[N],(eer)[V|N.])[V],(ateur)[N|NV.])[N]
gasreserve	((gas)[N],(reserve)[N])[N]
gasretort	((gas)[N],(retort)[N])[N]
gasreuk	((gas)[N],(reuk)[N])[N]
gassen	(gas)[V]
gasslang	((gas)[N],(slang)[N])[N]
gasstel	((gas)[N],(stel)[N])[N]
gast	(gast)[N]
gastank	((gas)[N],(tank)[N])[N]
gastanker	((gas)[N],((tank)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
gastarbeid	((gast)[N],(arbeid)[N])[N]
gastarbeider	((gast)[N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
gastarbeidersgezin	(((gast)[N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(gezin)[N])[N]
gastarief	((gas)[N],(tarief)[N])[N]
gastcollege	((gast)[N],(college)[N])[N]
gastdirigent	((gast)[N],((dirigeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
gastdocent	((gast)[N],((doceer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
gasteler	((gas)[N],((teel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
gastenbarak	((gast)[N],(en)[N|N.N],(barak)[N])[N]
gastenboek	((gast)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
gastendoekje	((gast)[N],(en)[N|N.N],(doek)[N])[N]
gastenkamer	((gast)[N],(en)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
gastenkwartier	((gast)[N],(en)[N|N.N],((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
gastentoilet	((gast)[N],(en)[N|N.N],(toilet)[N])[N]
gastenverblijf	((gast)[N],(en)[N|N.N],(verblijf)[N])[N]
gasteren	((gast)[N],(eer)[V|N.])[V]
gastgemeente	((gast)[N],(gemeente)[N])[N]
gastgezin	((gast)[N],(gezin)[N])[N]
gastheer	((gast)[N],(heer)[N])[N]
gastheorie	((gas)[N],(theorie)[N])[N]
gasthermometer	((gas)[N],((thermo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
gasthoogleraar	((gast)[N],((hoog)[A],(leraar)[N])[N])[N]
gasthoogleraarschap	(((gast)[N],((hoog)[A],(leraar)[N])[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
gasthuis	((gast)[N],(huis)[N])[N]
gasthuisnon	(((gast)[N],(huis)[N])[N],(non)[N])[N]
gasthuiszuster	(((gast)[N],(huis)[N])[N],(zuster)[N])[N]
gastland	((gast)[N],(land)[N])[N]
gastmaal	((gast)[N],(maal)[N])[N]
gastoestel	((gas)[N],(toestel)[N])[N]
gastplant	((gast)[N],(plant)[N])[N]
gastrol	((gast)[N],(rol)[N])[N]
gastrologie	((gastroloog)[N],(ie)[N|N.])[N]
gastromanie	((gastro)[N|.N],((manisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
gastronome	((gastronoom)[N],(e)[N|N.])[N]
gastronomie	(((gastronoom)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
gastronomisch	((gastronoom)[N],(isch)[A|N.])[A]
gastroscopie	((gastroscoop)[N],(ie)[N|N.])[N]
gastroscopisch	((gastroscoop)[N],(isch)[A|N.])[A]
gastspreekster	((gast)[N],(s)[N|N.Vx],(preek)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
gastspreker	((gast)[N],((spreek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
gasturbine	((gas)[N],(turbine)[N])[N]
gastvriend	((gast)[N],(vriend)[N])[N]
gastvrij	((gast)[N],(vrij)[A])[A]
gastvrijheid	(((gast)[N],(vrij)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
gastvrouw	((gast)[N],(vrouw)[N])[N]
gasuitlaat	((gas)[N],((uit)[P],(laat)[N])[N])[N]
gasveer	((gas)[N],(veer)[N])[N]
gasveld	((gas)[N],(veld)[N])[N]
gasverbruik	((gas)[N],(verbruik)[N])[N]
gasverbruiker	((gas)[N],(verbruik)[V],(er)[N|NV.])[N]
gasvering	((gas)[N],((veer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gasverstikking	((gas)[N],(((ver)[V|.V],(stik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gasvlam	((gas)[N],(vlam)[N])[N]
gasvondst	((gas)[N],(vondst)[N])[N]
gasvormig	((gas)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
gasvrij	((gas)[N],(vrij)[A])[A]
gasvulling	((gas)[N],(vul)[V],(ing)[N|NV.])[N]
gasvuur	((gas)[N],(vuur)[N])[N]
gaswolk	((gas)[N],(wolk)[N])[N]
gat	(gat)[N]
gaten	(gaat)[V]
gatenplant	((gat)[N],(en)[N|N.N],(plant)[N])[N]
gatenplateel	((gat)[N],(en)[N|N.N],(plateel)[N])[N]
gatenteil	((gat)[N],(en)[N|N.N],(teil)[N])[N]
gatenzaag	((gat)[N],(en)[N|N.N],(zaag)[N])[N]
gaterig	((gat)[N],(erig)[A|N.])[A]
gatlikken	((gat)[N],(lik)[V])[V]
gatlikker	(((gat)[N],(lik)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
gatlikkerij	(((gat)[N],(lik)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
gatstopper	((gat)[N],(stop)[V],(er)[N|NV.])[N]
gaucho	(gaucho)[N]
gaullistisch	((gaullist)[N],(isch)[A|N.])[A]
gauw	(gauw)[A]
gauwdief	((gauw)[A],(dief)[N])[N]
gauwdieverij	(((gauw)[A],(dief)[N])[N],(erij)[N|N.])[N]
gauwerd	((gauw)[A],(erd)[N|A.])[N]
gauwgauw	((gauw)[A],(gauw)[A])[A]
gauwigheid	((gauw)[A],(igheid)[N|A.])[N]
gauwte	((gauw)[A],(te)[N|A.])[N]
gay	(gay)[N]
gazelle	(gazelle)[N]
gazellenoog	((gazelle)[N],(oog)[N])[N]
gazen	((gaas)[N],(en)[A|N.])[A]
gazon	(gazon)[N]
gazonsproeier	((gazon)[N],(sproei)[V],(er)[N|NV.])[N]
geaai	((ge)[N|.V],(aai)[V])[N]
geaardheid	((geaard)[A],(heid)[N|A.])[N]
geaarzel	((ge)[N|.V],(aarzel)[V])[N]
geadem	((ge)[N|.V],(adem)[V])[N]
geamuseerdheid	((geamuseerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geappeld	((ge)[A|.Nx],(appel)[N],(d)[A|xN.])[A]
gearmd	((ge)[A|.Nx],(arm)[N],(d)[A|xN.])[A]
gebabbel	((ge)[N|.V],(babbel)[V])[N]
gebak	((ge)[N|.V],(bak)[V])[N]
gebakbodem	(((ge)[N|.V],(bak)[V])[N],(bodem)[N])[N]
gebakdoos	(((ge)[N|.V],(bak)[V])[N],(doos)[N])[N]
gebakschaal	(((ge)[N|.V],(bak)[V])[N],(schaal)[N])[N]
gebakschoteltje	(((ge)[N|.V],(bak)[V])[N],(schotel)[N])[N]
gebaksdoos	(((ge)[N|.V],(bak)[V])[N],(s)[N|N.N],(doos)[N])[N]
gebakstel	(((ge)[N|.V],(bak)[V])[N],(stel)[N])[N]
gebalk	((ge)[N|.V],(balk)[V])[N]
gebarenkunst	((gebaar)[N],(en)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
gebarenspel	((gebaar)[N],(en)[N|N.N],(spel)[N])[N]
gebarentaal	((gebaar)[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
gebazel	((ge)[N|.V],(bazel)[V])[N]
gebbe	(gebbe)[N]
gebbetje	(gebbe)[N]
gebedel	((ge)[N|.V],(bedel)[V])[N]
gebedenboek	((gebed)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
gebedsbijeenkomst	((gebed)[N],(s)[N|N.N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
gebedsdienst	((gebed)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
gebedsgenezer	((gebed)[N],(s)[N|N.Vx],(genees)[V],(er)[N|NxV.])[N]
gebedsgenezing	((gebed)[N],(s)[N|N.N],((genees)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gebedshouding	((gebed)[N],(s)[N|N.N],(houding)[N])[N]
gebedsmolen	((gebed)[N],(s)[N|N.N],(molen)[N])[N]
gebedsruimte	((gebed)[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
gebedsverhoring	((gebed)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(hoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gebeente	((ge)[N|.Nx],(been)[N],(te)[N|xN.])[N]
gebeier	((ge)[N|.V],(beier)[V])[N]
gebekt	((ge)[A|.Nx],(bek)[N],(t)[A|xN.])[A]
gebel	((ge)[N|.V],(bel)[V])[N]
gebelgdheid	((gebelgd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gebeneficieerde	((gebeneficieerd)[V],(e)[N|V.])[N]
gebergte	((ge)[N|.Nx],(berg)[N],(te)[N|xN.])[N]
gebeuk	((ge)[N|.V],(beuk)[V])[N]
gebeurlijk	((gebeur)[V],(lijk)[A|V.])[A]
gebeurlijkheid	(((gebeur)[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gebeurtenis	((gebeur)[V],(tenis)[N|V.])[N]
gebeuzel	((ge)[N|.V],(beuzel)[V])[N]
gebibber	((ge)[N|.V],(bibber)[V])[N]
gebieder	((gebied)[V],(er)[N|V.])[N]
gebiedsaanduiding	((gebied)[N],(s)[N|N.Vx],((aan)[P],(duid)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
gebiedsafbakening	((gebied)[N],(s)[N|N.N],(((af)[P],(baken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gebiedsdeel	((gebied)[N],(s)[N|N.N],(deel)[N])[N]
gebiedster	((gebied)[V],(ster)[N|V.])[N]
gebiedsuitbreiding	((gebied)[N],(s)[N|N.Vx],(uitbreid)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
gebiets	((ge)[N|.V],(biets)[V])[N]
gebintbalk	((gebint)[N],(balk)[N])[N]
gebitplaat	((gebit)[N],(plaat)[N])[N]
gebitsbeschermer	((gebit)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(er)[N|NxV.])[N]
gebitselement	((gebit)[N],(s)[N|N.N],(element)[N])[N]
gebitshygiëne	((gebit)[N],(s)[N|N.N],(hygiëne)[N])[N]
gebitsregulatie	((gebit)[N],(s)[N|N.Vx],((regel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|NxV.])[N]
gebitsverzorging	((gebit)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
geblaas	((ge)[N|.V],(blaas)[V])[N]
geblaat	((ge)[N|.V],(blaat)[V])[N]
geblader	((ge)[N|.V],(blader)[V])[N]
geblaf	((ge)[N|.V],(blaf)[V])[N]
geblaseerdheid	((geblaseerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gebliksem	((ge)[N|.V],(bliksem)[V])[N]
gebloemd	((ge)[A|.Nx],(bloem)[N],(d)[A|xN.])[A]
gebloemte	((ge)[N|.Nx],(bloem)[N],(te)[N|xN.])[N]
geblokletterd	((ge)[A|.Nx],((blok)[N],(letter)[N])[N],(d)[A|xN.])[A]
geblokt	((ge)[A|.Nx],(blok)[N],(t)[A|xN.])[A]
gebluf	((ge)[N|.V],(bluf)[V])[N]
geblèr	((ge)[N|.V],(blèr)[V])[N]
gebocheld	((ge)[A|.Nx],(bochel)[N],(d)[A|xN.])[A]
gebodsbepaling	((gebod)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
gebodsbord	((gebod)[N],(s)[N|N.N],(bord)[N])[N]
geboefte	((ge)[N|.Nx],(boef)[N],(te)[N|xN.])[N]
geboegd	((ge)[A|.Nx],(boeg)[N],(d)[A|xN.])[A]
gebogenheid	((gebogen)[A],(heid)[N|A.])[N]
gebolder	((ge)[N|.V],(bolder)[V])[N]
gebondenheid	((gebonden)[A],(heid)[N|A.])[N]
gebonk	((ge)[N|.V],(bonk)[V])[N]
gebons	((ge)[N|.V],(bons)[V])[N]
geboomte	((ge)[N|.Nx],(boom)[N],(te)[N|xN.])[N]
geboorte-eiland	((geboorte)[N],(eiland)[N])[N]
geboorte-uur	((geboorte)[N],(uur)[N])[N]
geboorteaangifte	((geboorte)[N],(aangifte)[N])[N]
geboorteakte	((geboorte)[N],(akte)[N])[N]
geboortebeperking	((geboorte)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(perk)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
geboortebewijs	((geboorte)[N],(bewijs)[N])[N]
geboortecijfer	((geboorte)[N],(cijfer)[N])[N]
geboortedag	((geboorte)[N],(dag)[N])[N]
geboortedatum	((geboorte)[N],(datum)[N])[N]
geboortedorp	((geboorte)[N],(dorp)[N])[N]
geboortegegeven	((geboorte)[N],(gegeven)[N])[N]
geboortegewicht	((geboorte)[N],(gewicht)[N])[N]
geboortegolf	((geboorte)[N],(en)[N|N.N],(golf)[N])[N]
geboortegrond	((geboorte)[N],(grond)[N])[N]
geboorteheilige	((geboorte)[N],(heilige)[N])[N]
geboortehoroscoop	((geboorte)[N],(horoscoop)[N])[N]
geboortehuis	((geboorte)[N],(huis)[N])[N]
geboortejaar	((geboorte)[N],(jaar)[N])[N]
geboortekaartje	((geboorte)[N],(kaart)[N])[N]
geboortekanaal	((geboorte)[N],(kanaal)[N])[N]
geboortelaesie	((geboorte)[N],(laesie)[N])[N]
geboorteland	((geboorte)[N],(land)[N])[N]
geboortenacht	((geboorte)[N],(nacht)[N])[N]
geboorteoverschot	((geboorte)[N],(overschot)[N])[N]
geboorteplaats	((geboorte)[N],(plaats)[N])[N]
geboorteproces	((geboorte)[N],(proces)[N])[N]
geboorteprovincie	((geboorte)[N],(provincie)[N])[N]
geboorterecht	((geboorte)[N],(recht)[N])[N]
geboorteregeling	((geboorte)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
geboorteregister	((geboorte)[N],(register)[N])[N]
geboortestad	((geboorte)[N],(stad)[N])[N]
geboortestraat	((geboorte)[N],(straat)[N])[N]
geboortetegel	((geboorte)[N],(tegel)[N])[N]
geboortetrauma	((geboorte)[N],(trauma)[N])[N]
geboortevlies	((geboorte)[N],(vlies)[N])[N]
geborgenheid	((geborgen)[A],(heid)[N|A.])[N]
geborneerdheid	((geborneerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geborrel	((ge)[N|.V],(borrel)[V])[N]
gebouw	((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N]
gebouwencomplex	(((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N],(en)[N|N.N],(complex)[N])[N]
gebouwenvoorraad	(((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N],(en)[N|N.N],(voorraad)[N])[N]
gebraad	((ge)[N|.V],(braad)[V])[N]
gebrabbel	((ge)[N|.V],(brabbel)[V])[N]
gebral	((ge)[N|.V],(bral)[V])[N]
gebrekkelijk	((gebrek)[N],(elijk)[A|N.])[A]
gebrekkelijkheid	(((gebrek)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gebrekkig	((gebrek)[N],(ig)[A|N.])[A]
gebrekkigheid	(((gebrek)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gebrekziekte	((gebrek)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
gebrild	((ge)[A|.Nx],(bril)[N],(d)[A|xN.])[A]
gebroddel	((ge)[N|.V],(broddel)[V])[N]
gebroed	((ge)[N|.V],(broed)[V])[N]
gebroeders	((ge)[N|.N],(broeders)[N])[N]
gebroekt	((ge)[A|.Nx],(broek)[N],(t)[A|xN.])[A]
gebrokenheid	((gebroken)[A],(heid)[N|A.])[N]
gebrom	((ge)[N|.V],(brom)[V])[N]
gebruikelijk	((gebruik)[N],(elijk)[A|N.])[A]
gebruikelijkheid	(((gebruik)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gebruiker	((gebruik)[V],(er)[N|V.])[N]
gebruikerscategorie	(((gebruik)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(categorie)[N])[N]
gebruikersfout	(((gebruik)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fout)[N])[N]
gebruikersinterface	(((gebruik)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(interface)[N])[N]
gebruikersorganisatie	(((gebruik)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
gebruikersparticipatie	(((gebruik)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((participeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
gebruikersvriendelijk	(((gebruik)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],((vriend)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
gebruikmaking	((gebruik)[N],(maak)[V],(ing)[N|NV.])[N]
gebruiksaanwijzing	((gebruik)[N],(s)[N|N.Vx],((aan)[P],(wijs)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
gebruiksartikel	((gebruik)[N],(s)[N|N.N],(artikel)[N])[N]
gebruiksdoeleinde	((gebruik)[N],(s)[N|N.N],(doeleinde)[N])[N]
gebruiksfunctie	((gebruik)[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
gebruiksgoederen	((gebruik)[N],(s)[N|N.N],(goed)[N])[N]
gebruiksgraad	((gebruik)[N],(s)[N|N.N],(graad)[N])[N]
gebruiksklaar	((gebruik)[N],(s)[A|N.A],(klaar)[A])[A]
gebruiksmogelijkheid	((gebruik)[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
gebruiksrecht	((gebruik)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
gebruiksregel	((gebruik)[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
gebruikssfeer	((gebruik)[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
gebruikster	((gebruik)[V],(ster)[N|V.])[N]
gebruiksverbod	((gebruik)[N],(s)[N|N.N],(verbod)[N])[N]
gebruiksvoorschrift	((gebruik)[N],(s)[N|N.N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
gebruiksvoorwerp	((gebruik)[N],(s)[N|N.N],(voorwerp)[N])[N]
gebruiksvriendelijk	((gebruik)[N],(s)[A|N.A],((vriend)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
gebruikswaarde	((gebruik)[N],(s)[N|N.N],(waarde)[N])[N]
gebruis	((ge)[N|.V],(bruis)[V])[N]
gebrul	((ge)[N|.V],(brul)[V])[N]
gebuikt	((ge)[A|.Nx],(buik)[N],(t)[A|xN.])[A]
gebuitel	((ge)[N|.V],(buitel)[V])[N]
gebulder	((ge)[N|.V],(bulder)[V])[N]
gebulk	((ge)[N|.V],(bulk)[V])[N]
gebuurte	((ge)[N|.Nx],(buur)[N],(te)[N|xN.])[N]
gechicaneer	((ge)[N|.V],((chicane)[N],(eer)[V|N.])[V])[N]
gecijfer	((ge)[N|.V],(cijfer)[V])[N]
gecompliceerdheid	((gecompliceerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geconcentreerdheid	((geconcentreerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geconditioneerdheid	((geconditioneerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geconfedereerden	((geconfedereerd)[V],(e)[N|V.])[N]
gedaanteverandering	((gedaante)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gedaanteverwisseling	((gedaante)[N],(((ver)[V|.V],(wissel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gedaantewisseling	((gedaante)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gedaas	((ge)[N|.V],(daas)[V])[N]
gedachteassociatie	((gedachte)[N],((associeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
gedachtebeeld	((gedachte)[N],(beeld)[N])[N]
gedachtebepaling	((gedachte)[N],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
gedachteflits	((gedachte)[N],(flits)[N])[N]
gedachtegang	((gedachte)[N],(gang)[N])[N]
gedachtekring	((gedachte)[N],(kring)[N])[N]
gedachteleven	((gedachte)[N],(leven)[N])[N]
gedachtelezen	((gedachte)[N],(lees)[V])[V]
gedachtelezer	(((gedachte)[N],(lees)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
gedachteloop	((gedachte)[N],(loop)[N])[N]
gedachteloos	((gedachte)[N],(loos)[A|N.])[A]
gedachteloosheid	(((gedachte)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gedachtenisrede	((gedachtenis)[N],(rede)[N])[N]
gedachteovergang	((gedachte)[N],(overgang)[N])[N]
gedachtereeks	((gedachte)[N],(reeks)[N])[N]
gedachtesprong	((gedachte)[N],(sprong)[N])[N]
gedachtestreep	((gedachte)[N],(streep)[N])[N]
gedachtestroom	((gedachte)[N],(stroom)[N])[N]
gedachtevlucht	((gedachte)[N],(vlucht)[N])[N]
gedachtewending	((gedachte)[N],(wend)[V],(ing)[N|NV.])[N]
gedachtewereld	((gedachte)[N],(wereld)[N])[N]
gedachtewisseling	((gedachte)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gedag	((goed)[A],(dag)[N])[N]
gedans	((ge)[N|.V],(dans)[V])[N]
gedarmte	((ge)[N|.Nx],(darm)[N],(te)[N|xN.])[N]
gedartel	((ge)[N|.V],(dartel)[V])[N]
gedaver	((ge)[N|.V],(daver)[V])[N]
gedecideerdheid	((gedecideerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gedeelte	((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N]
gedeeltelijk	(((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N],(lijk)[A|N.])[A]
gedegenheid	((gedegen)[A],(heid)[N|A.])[N]
gedein	((ge)[N|.V],(dein)[V])[N]
gedelibereer	((ge)[N|.V],(delibereer)[V])[N]
gedender	((ge)[N|.V],(dender)[V])[N]
gedenkblad	((gedenk)[V],(blad)[N])[N]
gedenkboek	((gedenk)[V],(boek)[N])[N]
gedenkbord	((gedenk)[V],(bord)[N])[N]
gedenkdag	((gedenk)[V],(dag)[N])[N]
gedenkenis	((gedenk)[V],(enis)[N|V.])[N]
gedenkjaar	((gedenk)[V],(jaar)[N])[N]
gedenknaald	((gedenk)[V],(naald)[N])[N]
gedenkoffer	((gedenk)[V],(offer)[N])[N]
gedenkpenning	((gedenk)[V],(penning)[N])[N]
gedenkplaat	((gedenk)[V],(plaat)[N])[N]
gedenkraam	((gedenk)[V],(raam)[N])[N]
gedenkrede	((gedenk)[V],(rede)[N])[N]
gedenkrol	((gedenk)[V],(rol)[N])[N]
gedenkschrift	((gedenk)[V],(schrift)[N])[N]
gedenkspreuk	((gedenk)[V],(spreuk)[N])[N]
gedenksteen	((gedenk)[V],(steen)[N])[N]
gedenkstuk	((gedenk)[V],(stuk)[N])[N]
gedenktafel	((gedenk)[V],(tafel)[N])[N]
gedenkteken	((gedenk)[V],(teken)[N])[N]
gedenkwaardig	((gedenk)[V],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
gedenkwaardigheid	(((gedenk)[V],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
gedenkzuil	((gedenk)[V],(zuil)[N])[N]
gedeprimeerdheid	((gedeprimeerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gedesinteresseerdheid	((gedesinteresseerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gedesoriënteerdheid	((gedesoriënteerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gedetailleerdheid	((gedetailleerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gedetermineerdheid	((gedetermineerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gedicht	((ge)[N|.N],(dicht)[N])[N]
gedichtenbundel	(((ge)[N|.N],(dicht)[N])[N],(en)[N|N.N],(bundel)[N])[N]
gedichtencyclus	(((ge)[N|.N],(dicht)[N])[N],(en)[N|N.N],(cyclus)[N])[N]
gedienstigheid	((gedienstig)[A],(heid)[N|A.])[N]
gedierte	((ge)[N|.Nx],(dier)[N],(te)[N|xN.])[N]
gedifferentieerdheid	((gedifferentieerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gedistilleerd	((gedistilleerd)[A])[N]
gedoe	((ge)[N|.V],(doe)[V])[N]
gedol	((ge)[N|.V],(dol)[V])[N]
gedommel	((ge)[N|.V],(dommel)[V])[N]
gedonder	((ge)[N|.V],(donder)[V])[N]
gedonderjaag	((ge)[N|.V],(donderjaag)[V])[N]
gedoogplicht	((gedoog)[V],(plicht)[N])[N]
gedraaf	((ge)[N|.V],(draaf)[V])[N]
gedraai	((ge)[N|.V],(draai)[V])[N]
gedraging	((gedraag)[V],(ing)[N|V.])[N]
gedragsalternatief	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(((alterneer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[N|N.])[N])[N]
gedragsanalyse	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(analyse)[N])[N]
gedragsaspect	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
gedragsbasis	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(basis)[N])[N]
gedragsbenadering	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(nader)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gedragscategorie	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(categorie)[N])[N]
gedragscijfer	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(cijfer)[N])[N]
gedragscode	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(code)[N])[N]
gedragsdeskundige	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(deskundige)[N])[N]
gedragsdeterminant	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],((determineer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
gedragsdimensie	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(dimensie)[N])[N]
gedragseffect	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(effect)[N])[N]
gedragseigenaardigheid	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(((eigen)[A],(aard)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
gedragseigenschap	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],((eigen)[A],(schap)[N|A.])[N])[N]
gedragselement	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(element)[N])[N]
gedragsfunctie	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
gedragsgegeven	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(gegeven)[N])[N]
gedragsgenetica	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(genetica)[N])[N]
gedragsgeneticus	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(geneticus)[N])[N]
gedragsgewoonte	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
gedragshandeling	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gedragsinvloed	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(invloed)[N])[N]
gedragsleer	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
gedragslijn	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(lijn)[N])[N]
gedragsmechanisme	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
gedragsmodificatie	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],((modificeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
gedragsmoeilijkheid	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
gedragsmogelijkheid	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
gedragsniveau	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
gedragsnorm	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(norm)[N])[N]
gedragsobservatie	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],((observeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
gedragsontwikkeling	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gedragspatroon	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(patroon)[N])[N]
gedragsprincipe	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(principe)[N])[N]
gedragsprobleem	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
gedragsproces	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
gedragspsychologie	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
gedragspsycholoog	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(psycholoog)[N])[N]
gedragsregel	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
gedragsrepertoire	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(repertoire)[N])[N]
gedragsstijl	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(stijl)[N])[N]
gedragsstoornis	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
gedragsstructuur	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
gedragsstudie	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(studie)[N])[N]
gedragssysteem	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
gedragstechnologie	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],((technologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
gedragstheoretisch	((gedrag)[N],(s)[A|N.A],((theorie)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
gedragstheorie	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
gedragstherapeut	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(therapeut)[N])[N]
gedragstherapeutisch	((gedrag)[N],(s)[A|N.A],(therapeutisch)[A])[A]
gedragstherapie	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(therapie)[N])[N]
gedragsverandering	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gedragsverschijnsel	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
gedragsvoorschrift	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
gedragsvoorwaarde	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],(voorwaarde)[N])[N]
gedragswetenschap	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
gedragswetenschappelijk	((gedrag)[N],(s)[A|N.A],(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
gedragswijziging	((gedrag)[N],(s)[N|N.N],((wijzig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gedram	((ge)[N|.V],(dram)[V])[N]
gedreig	((ge)[N|.V],(dreig)[V])[N]
gedrein	((ge)[N|.V],(drein)[V])[N]
gedrens	((ge)[N|.V],(drens)[V])[N]
gedrentel	((ge)[N|.V],(drentel)[V])[N]
gedreun	((ge)[N|.V],(dreun)[V])[N]
gedrevenheid	((gedreven)[A],(heid)[N|A.])[N]
gedribbel	((ge)[N|.V],(dribbel)[V])[N]
gedril	((ge)[N|.V],(dril)[V])[N]
gedrink	((ge)[N|.V],(drink)[V])[N]
gedrochtelijk	((gedrocht)[N],(elijk)[A|N.])[A]
gedrochtelijkheid	(((gedrocht)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gedrongenheid	((gedrongen)[A],(heid)[N|A.])[N]
gedroom	((ge)[N|.V],(droom)[V])[N]
gedruis	((ge)[N|.V],(druis)[V])[N]
gedruktheid	((gedrukt)[A],(heid)[N|A.])[N]
gedrum	((ge)[N|.V],(drum)[V])[N]
gedrup	((ge)[N|.V],(drup)[V])[N]
gedruppel	((ge)[N|.V],(druppel)[V])[N]
geduchtheid	((geducht)[A],(heid)[N|A.])[N]
geduikel	((ge)[N|.V],(duikel)[V])[N]
geduivel	((ge)[N|.V],(duivel)[V])[N]
geduldig	((geduld)[N],(ig)[A|N.])[A]
geduldoefening	((geduld)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
geduldspelletje	((geduld)[N],(spel)[N])[N]
geduldwerk	((geduld)[N],(werk)[N])[N]
gedurfdheid	((gedurfd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gedurig	((ge)[A|.Vx],(duur)[V],(ig)[A|xV.])[A]
geduw	((ge)[N|.V],(duw)[V])[N]
gedwarrel	((ge)[N|.V],(dwarrel)[V])[N]
gedweeheid	((gedwee)[A],(heid)[N|A.])[N]
gedweep	((ge)[N|.V],(dweep)[V])[N]
gedwongenheid	((gedwongen)[A],(heid)[N|A.])[N]
geef	(geef)[N]
geefachtig	((geef)[V],(achtig)[A|V.])[A]
geefster	((geef)[V],(ster)[N|V.])[N]
geel	(geel)[N]
geelachtig	((geel)[A],(achtig)[A|A.])[A]
geelbek	((geel)[A],(bek)[N])[N]
geelblond	((geel)[A],(blond)[A])[A]
geelboek	((geel)[A],(boek)[N])[N]
geelborstje	((geel)[A],(borst)[N])[N]
geelbruin	((geel)[A],(bruin)[A])[A]
geelbuikje	((geel)[A],(buik)[N])[N]
geelfilter	((geel)[A],(filter)[N])[N]
geelgieten	((geel)[A],(giet)[V])[V]
geelgieter	(((geel)[A],(giet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
geelgieterij	(((geel)[A],(giet)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
geelgors	((geel)[A],(gors)[N])[N]
geelgroen	((geel)[A],(groen)[A])[A]
geelhart	((geel)[A],(hart)[N])[N]
geelijzersteen	((geel)[A],((ijzer)[N],(steen)[N])[N])[N]
geelkoper	((geel)[A],(koper)[N])[N]
geelkoperen	(((geel)[A],(koper)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
geelkruid	((geel)[A],(kruid)[N])[N]
geelrood	((geel)[A],(rood)[A])[A]
geelsel	((geel)[V],(sel)[N|V.])[N]
geelslang	((geel)[A],(slang)[N])[N]
geelster	((geel)[A],(ster)[N])[N]
geeltje	((geel)[A],(tje)[N|A.])[N]
geelvink	((geel)[A],(vink)[N])[N]
geelwortel	((geel)[A],(wortel)[N])[N]
geelzucht	((geel)[A],(zucht)[N])[N]
geelzuchtinfectie	(((geel)[A],(zucht)[N])[N],((infect)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
geep	(geep)[N]
geepachtig	((geep)[N],(achtig)[A|N.])[A]
geeps	(geeps)[A]
geer	(geer)[N]
geervalk	((geer)[N],(valk)[N])[N]
geest	(geest)[N]
geestdodend	((geest)[N],(dood)[V],(end)[A|NV.])[A]
geestdodendheid	(((geest)[N],(dood)[V],(end)[A|NV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
geestdrift	((geest)[N],(drift)[N])[N]
geestdriftig	(((geest)[N],(drift)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
geestdrijver	((geest)[N],(drijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
geestdrijverij	((geest)[N],(drijf)[V],(erij)[N|NV.])[N]
geestelijk	((geest)[N],(elijk)[A|N.])[A]
geestelijkheid	(((geest)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
geesteloos	((geest)[N],(eloos)[A|N.])[A]
geesteloosheid	(((geest)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
geestenbanner	((geest)[N],(en)[N|N.Vx],(ban)[V],(er)[N|NxV.])[N]
geestenbannerij	((geest)[N],(en)[N|N.Vx],(ban)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
geestenbezweerder	((geest)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(zweer)[V])[V],(der)[N|NxV.])[N]
geestenbezweerster	((geest)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(zweer)[V])[V],(ster)[N|NxV.])[N]
geestenbezwering	((geest)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(zweer)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
geestendom	((geest)[N],(endom)[N|N.])[N]
geestenleer	((geest)[N],(en)[N|N.N],(leer)[N])[N]
geestenrijk	((geest)[N],(en)[N|N.N],(rijk)[N])[N]
geestenuur	((geest)[N],(en)[N|N.N],(uur)[N])[N]
geestenwereld	((geest)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
geestenziener	((geest)[N],(en)[N|N.N],((zie)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
geestesarbeid	((geestes)[N],(arbeid)[N])[N]
geestesarbeider	(((geestes)[N],(arbeid)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
geestesbeschaving	((geestes)[N],(((be)[V|.N],(schaaf)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
geestesgaven	((geestes)[N],(gave)[N])[N]
geestesgesteldheid	((geestes)[N],((gesteld)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
geesteshouding	((geestes)[N],(houding)[N])[N]
geesteskind	((geestes)[N],(kind)[N])[N]
geestesleven	((geestes)[N],(leven)[N])[N]
geestesoog	((geestes)[N],(oog)[N])[N]
geestesproduct	((geestes)[N],(product)[N])[N]
geestesrichting	((geestes)[N],((richt)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
geestestoestand	((geestes)[N],(toestand)[N])[N]
geesteswetenschappen	((geestes)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
geestesziek	((geestes)[N],(ziek)[A])[A]
geestesziekte	((geestes)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
geesteszwakte	((geestes)[N],((zwak)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
geestgrond	((geest)[N],(grond)[N])[N]
geestig	((geest)[N],(ig)[A|N.])[A]
geestigaard	(((geest)[N],(ig)[A|N.])[A],(aard)[N|A.])[N]
geestigheid	(((geest)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
geestkracht	((geest)[N],(kracht)[N])[N]
geestkrachtig	((geest)[N],((kracht)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
geestland	((geest)[N],(land)[N])[N]
geestrijk	((geest)[N],(rijk)[A])[A]
geestverheffend	((geest)[N],((ver)[V|.V],(hef)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
geestverheffing	((geest)[N],((ver)[V|.V],(hef)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
geestvermogen	((geest)[N],(vermogen)[N])[N]
geestverruimend	((geest)[N],((ver)[V|.A],(ruim)[A])[V],(end)[A|NV.])[A]
geestverruimer	((geest)[N],((ver)[V|.A],(ruim)[A])[V],(er)[N|NV.])[N]
geestverrukking	((geest)[N],((ver)[V|.V],(ruk)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
geestverschijning	((geest)[N],(verschijn)[V],(ing)[N|NV.])[N]
geestvervoerend	((geest)[N],((ver)[V|.V],(voer)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
geestvervoering	((geest)[N],((ver)[V|.V],(voer)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
geestverwant	((geest)[N],(verwant)[N])[N]
geestverwante	(((geest)[N],(verwant)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
geestverwantschap	(((geest)[N],(verwant)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
geestverwarring	((geest)[N],((ver)[V|.V],(war)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
geestverzwakking	((geest)[N],((ver)[V|.A],(zwak)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
geeuw	(geeuw)[N]
geeuwen	(geeuw)[V]
geeuwerig	((geeuw)[V],(erig)[A|V.])[A]
geeuwhonger	((geeuw)[V],(honger)[N])[N]
gefaasd	((ge)[A|.Nx],(faas)[N],(d)[A|xN.])[A]
gefantaseer	((ge)[N|.V],(fantaseer)[V])[N]
gefemel	((ge)[N|.V],(femel)[V])[N]
gefiedel	((ge)[N|.V],(fiedel)[V])[N]
gefiguurzaagd	((ge)[A|.Nx],((figuur)[N],(zaag)[N])[N],(d)[A|xN.])[A]
gefilosofeer	((ge)[N|.V],(((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(eer)[V|N.])[V])[N]
gefladder	((ge)[N|.V],(fladder)[V])[N]
geflakker	((ge)[N|.V],(flakker)[V])[N]
gefleem	((ge)[N|.V],(fleem)[V])[N]
geflikflooi	((ge)[N|.V],(flikflooi)[V])[N]
geflikker	((ge)[N|.V],(flikker)[V])[N]
geflonker	((ge)[N|.V],(flonker)[V])[N]
gefluister	((ge)[N|.V],(fluister)[V])[N]
gefluit	((ge)[N|.V],(fluit)[V])[N]
gefoeter	((ge)[N|.V],(foeter)[V])[N]
gefoezel	((ge)[N|.V],(foezel)[V])[N]
gefonkel	((ge)[N|.V],(fonkel)[V])[N]
gefrazel	((ge)[N|.V],(frazel)[V])[N]
gefriemel	((ge)[N|.V],(friemel)[V])[N]
gefrons	((ge)[N|.V],(frons)[V])[N]
gefrunnik	((ge)[N|.V],(frunnik)[V])[N]
gefrustreerdheid	((gefrustreerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gefrutsel	((ge)[N|.V],(frutsel)[V])[N]
gegaap	((ge)[N|.V],(gaap)[V])[N]
gegak	((ge)[N|.V],(gak)[V])[N]
gegalm	((ge)[N|.V],(galm)[V])[N]
gegap	((ge)[N|.V],(gap)[V])[N]
gegeerd	((ge)[A|.Nx],(geer)[N],(d)[A|xN.])[A]
gegeeuw	((ge)[N|.V],(geeuw)[V])[N]
gegeneerdheid	((gegeneerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gegevensbank	((gegeven)[N],(s)[N|N.N],(bank)[N])[N]
gegevensbestand	((gegeven)[N],(s)[N|N.N],(bestand)[N])[N]
gegevenselement	((gegeven)[N],(s)[N|N.N],(element)[N])[N]
gegevensopslag	((gegeven)[N],(s)[N|N.N],(opslag)[N])[N]
gegevensstructuur	((gegeven)[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
gegevensuitwisseling	((gegeven)[N],(s)[N|N.N],(((uit)[P],(wissel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gegevensvastlegging	((gegeven)[N],(s)[N|N.Vx],((vast)[A],(leg)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
gegevensverwerkend	((gegeven)[N],(s)[A|N.Vx],((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(end)[A|NxV.])[A]
gegevensverzameling	((gegeven)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gegiechel	((ge)[N|.V],(giechel)[V])[N]
gegier	((ge)[N|.V],(gier)[V])[N]
gegil	((ge)[N|.V],(gil)[V])[N]
geginnegap	((ge)[N|.V],(ginnegap)[V])[N]
gegleufd	((ge)[A|.Nx],(gleuf)[N],(d)[A|xN.])[A]
geglimlach	((ge)[N|.V],((glim)[V],(lach)[V])[V])[N]
geglinster	((ge)[N|.V],(glinster)[V])[N]
gegloei	((ge)[N|.V],(gloei)[V])[N]
gegluur	((ge)[N|.V],(gluur)[V])[N]
gegniffel	((ge)[N|.V],(gniffel)[V])[N]
gegoedheid	((gegoed)[A],(heid)[N|A.])[N]
gegons	((ge)[N|.V],(gons)[V])[N]
gegoochel	((ge)[N|.V],(goochel)[V])[N]
gegooi	((ge)[N|.V],(gooi)[V])[N]
gegorgel	((ge)[N|.V],(gorgel)[V])[N]
gegraai	((ge)[N|.V],(graai)[V])[N]
gegriefdheid	((gegriefd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gegrien	((ge)[N|.V],(grien)[V])[N]
gegrijns	((ge)[N|.V],(grijns)[V])[N]
gegrild	((ge)[A|.Nx],(grill)[N],(d)[A|xN.])[A]
gegrinnik	((ge)[N|.V],(grinnik)[V])[N]
gegrol	((ge)[N|.V],(grol)[V])[N]
gegrom	((ge)[N|.V],(grom)[V])[N]
gegrondheid	((gegrond)[A],(heid)[N|A.])[N]
gehaal	((ge)[N|.V],(haal)[V])[N]
gehaast	((ge)[N|.V],(haast)[V])[N]
gehak	((ge)[N|.V],(hak)[V])[N]
gehakkel	((ge)[N|.V],(hakkel)[V])[N]
gehakketak	((ge)[N|.V],(hakketak)[V])[N]
gehaktbal	((gehakt)[N],(bal)[N])[N]
gehaktmolen	((gehakt)[N],(molen)[N])[N]
gehamer	((ge)[N|.V],(hamer)[V])[N]
gehandschoend	((ge)[A|.Nx],((hand)[N],(schoen)[N])[N],(d)[A|xN.])[A]
gehang	((ge)[N|.V],(hang)[V])[N]
gehannes	((ge)[N|.V],(hannes)[V])[N]
gehardheid	((gehard)[A],(heid)[N|A.])[N]
geharrewar	((ge)[N|.V],(harrewar)[V])[N]
gehaspel	((ge)[N|.V],(haspel)[V])[N]
gehechtheid	((gehecht)[A],(heid)[N|A.])[N]
geheel	((ge)[N|.A],(heel)[A])[N]
geheelonthouder	((geheel)[A],(onthoud)[V],(er)[N|AV.])[N]
geheelonthoudersvereniging	(((geheel)[A],(onthoud)[V],(er)[N|AV.])[N],(s)[N|N.Vx],(verenig)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
geheelonthouding	((geheel)[A],(onthoud)[V],(ing)[N|AV.])[N]
geheelonthoudster	((geheel)[A],(onthoud)[V],(ster)[N|AV.])[N]
geheimenis	((geheim)[A],(enis)[N|A.])[N]
geheimhouden	((geheim)[A],(houd)[V])[V]
geheimhouding	(((geheim)[A],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
geheimhoudingsplicht	((((geheim)[A],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plicht)[N])[N]
geheimschrift	((geheim)[A],(schrift)[N])[N]
geheimschrijver	((geheim)[N],(schrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
geheimtaal	((geheim)[A],(taal)[N])[N]
geheimzinnigdoenerij	(((geheim)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A],(doe)[V],(erij)[N|AV.])[N]
geheimzinnigheid	(((geheim)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gehelmd	((ge)[A|.Nx],(helm)[N],(d)[A|xN.])[A]
gehemelte	((ge)[N|.Nx],(hemel)[N],(te)[N|xN.])[N]
gehend	((ge)[A|.Nx],(hen)[N],(d)[A|xN.])[A]
geheugencapaciteit	((geheugen)[N],(capaciteit)[N])[N]
geheugenchip	((geheugen)[N],(chip)[N])[N]
geheugengrootte	((geheugen)[N],((groot)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
geheugenkennis	((geheugen)[N],(kennis)[N])[N]
geheugenkunst	((geheugen)[N],(kunst)[N])[N]
geheugenleer	((geheugen)[N],(leer)[N])[N]
geheugenloos	((geheugen)[N],(loos)[A|N.])[A]
geheugenoefening	((geheugen)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
geheugenprestatie	((geheugen)[N],((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
geheugenproces	((geheugen)[N],(proces)[N])[N]
geheugenruimte	((geheugen)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
geheugenspel	((geheugen)[N],(spel)[N])[N]
geheugensteuntje	((geheugen)[N],(steun)[N])[N]
geheugenstoornis	((geheugen)[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
geheugenvak	((geheugen)[N],(vak)[N])[N]
geheugenverlies	((geheugen)[N],(verlies)[N])[N]
geheugenwerk	((geheugen)[N],(werk)[N])[N]
geheupwieg	((ge)[N|.V],((heup)[N],(wieg)[V])[V])[N]
gehijg	((ge)[N|.V],(hijg)[V])[N]
gehink	((ge)[N|.V],(hink)[V])[N]
gehinnik	((ge)[N|.V],(hinnik)[V])[N]
gehobbel	((ge)[N|.V],(hobbel)[V])[N]
gehol	((ge)[N|.V],(hol)[V])[N]
gehoon	((ge)[N|.V],(hoon)[V])[N]
gehoorafstand	((gehoor)[N],(afstand)[N])[N]
gehoorapparaat	((gehoor)[N],(apparaat)[N])[N]
gehoorbeen	((gehoor)[N],(been)[N])[N]
gehoorbuis	((gehoor)[N],(buis)[N])[N]
gehoordrempel	((gehoor)[N],(drempel)[N])[N]
gehoorgang	((gehoor)[N],(gang)[N])[N]
gehoorgestoord	((gehoor)[N],(gestoord)[A])[A]
gehoorgrens	((gehoor)[N],(grens)[N])[N]
gehoormeting	((gehoor)[N],(meet)[V],(ing)[N|NV.])[N]
gehoornd	((ge)[A|.Nx],(hoorn)[N],(d)[A|xN.])[A]
gehooropening	((gehoor)[N],((open)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gehoororgaan	((gehoor)[N],(orgaan)[N])[N]
gehoorsafstand	((gehoor)[N],(s)[N|N.N],(afstand)[N])[N]
gehoorschelp	((gehoor)[N],(schelp)[N])[N]
gehoorstoornis	((gehoor)[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
gehoortrechter	((gehoor)[N],(trechter)[N])[N]
gehoorvlies	((gehoor)[N],(vlies)[N])[N]
gehoorweg	((gehoor)[N],(weg)[N])[N]
gehoorzaal	((gehoor)[N],(zaal)[N])[N]
gehoorzaamheid	((gehoorzaam)[A],(heid)[N|A.])[N]
gehoorzaamheidsoefening	(((gehoorzaam)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gehoorzenuw	((gehoor)[N],(zenuw)[N])[N]
gehoorzintuig	((gehoor)[N],((zin)[N],(tuig)[N])[N])[N]
gehorigheid	((gehorig)[A],(heid)[N|A.])[N]
gehos	((ge)[N|.V],(hos)[V])[N]
gehots	((ge)[N|.V],(hots)[V])[N]
gehoudenheid	((gehouden)[A],(heid)[N|A.])[N]
gehuichel	((ge)[N|.V],(huichel)[V])[N]
gehuil	((ge)[N|.V],(huil)[V])[N]
gehumeurd	((ge)[A|.Nx],(humeur)[N],(d)[A|xN.])[A]
gehunker	((ge)[N|.V],(hunker)[V])[N]
gehuppel	((ge)[N|.V],(huppel)[V])[N]
gei	(gei)[N]
geiblok	((gei)[N],(blok)[N])[N]
geijsbeer	((ge)[N|.V],(ijsbeer)[V])[N]
geil	(geil)[N]
geilaard	((geil)[A],(aard)[N|A.])[N]
geilen	(geil)[V]
geilheid	((geil)[A],(heid)[N|A.])[N]
geiligheid	((geil)[A],(igheid)[N|A.])[N]
gein	(gein)[N]
geinig	((gein)[N],(ig)[A|N.])[A]
geinlijn	((gein)[N],(lijn)[N])[N]
geinponem	((gein)[N],(ponem)[N])[N]
geiser	(geiser)[N]
geisha	(geisha)[N]
geit	(geit)[N]
geitachtig	((geit)[N],(achtig)[A|N.])[A]
geiteblad	((geit)[N],(e)[N|N.N],(blad)[N])[N]
geitenbaard	((geit)[N],(e)[N|N.N],(baard)[N])[N]
geitenbok	((geit)[N],(e)[N|N.N],(bok)[N])[N]
geitenbond	((geit)[N],(en)[N|N.N],(bond)[N])[N]
geitenhaar	((geit)[N],(e)[N|N.N],(haar)[N])[N]
geitenharen	(((geit)[N],(e)[N|N.N],(haar)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
geitenkaas	((geit)[N],(e)[N|N.N],(kaas)[N])[N]
geitenkeuring	((geit)[N],(en)[N|N.Vx],(keur)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
geitenleder	((geit)[N],(e)[N|N.N],(leder)[N])[N]
geitenleer	((geit)[N],(e)[N|N.N],(leer)[N])[N]
geitenleren	(((geit)[N],(e)[N|N.N],(leer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
geitenmelker	((geit)[N],(en)[N|N.Vx],(melk)[V],(er)[N|NxV.])[N]
geitenoog	((geit)[N],(e)[N|N.N],(oog)[N])[N]
geitenpoot	((geit)[N],(e)[N|N.N],(poot)[N])[N]
geitenstal	((geit)[N],(e)[N|N.N],(stal)[N])[N]
geitenteelt	((geit)[N],(en)[N|N.N],(teelt)[N])[N]
geitenvel	((geit)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
geitenvlees	((geit)[N],(e)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
geitenwol	((geit)[N],(e)[N|N.N],(wol)[N])[N]
geitouw	((gei)[V],(touw)[N])[N]
geitouwblok	(((gei)[V],(touw)[N])[N],(blok)[N])[N]
gejaag	((ge)[N|.V],(jaag)[V])[N]
gejaagdheid	((gejaagd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gejakker	((ge)[N|.V],(jakker)[V])[N]
gejammer	((ge)[N|.V],(jammer)[V])[N]
gejank	((ge)[N|.V],(jank)[V])[N]
gejengel	((ge)[N|.V],(jengel)[V])[N]
gejeremieer	((ge)[N|.V],(jeremieer)[V])[N]
gejij	((ge)[N|.V],(jij)[V])[N]
gejodel	((ge)[N|.V],(jodel)[V])[N]
gejoel	((ge)[N|.V],(joel)[V])[N]
gejou	((ge)[N|.V],(jou)[V])[N]
gejouw	((ge)[N|.V],(jouw)[V])[N]
gejubel	((ge)[N|.V],(jubel)[V])[N]
gejuich	((ge)[N|.V],(juich)[V])[N]
gek	(gek)[N]
gekabbel	((ge)[N|.V],(kabbel)[V])[N]
gekakel	((ge)[N|.V],(kakel)[V])[N]
gekamd	((ge)[A|.Nx],(kam)[N],(d)[A|xN.])[A]
gekanker	((ge)[N|.V],(kanker)[V])[N]
gekanteeld	((ge)[A|.Nx],(kanteel)[N],(d)[A|xN.])[A]
gekapt	((gekapt)[A])[N]
gekef	((ge)[N|.V],(kef)[V])[N]
gekerm	((ge)[N|.V],(kerm)[V])[N]
gekeutel	((ge)[N|.V],(keutel)[V])[N]
gekheid	((gek)[A],(heid)[N|A.])[N]
gekibbel	((ge)[N|.V],(kibbel)[V])[N]
gekietel	((ge)[N|.V],(kietel)[V])[N]
gekijf	((ge)[N|.V],(kijf)[V])[N]
gekir	((ge)[N|.V],(kir)[V])[N]
gekissebis	((ge)[N|.V],(kissebis)[V])[N]
gekkemanswerk	((gek)[A],(e)[N|A.NxN],(man)[N],(s)[N|AxN.N],(werk)[N])[N]
gekken	(gek)[V]
gekkendag	((gek)[N],(en)[N|N.N],(dag)[N])[N]
gekkengetal	((gek)[N],(en)[N|N.N],(getal)[N])[N]
gekkenhuis	((gek)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
gekkenhuisadministratie	(((gek)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
gekkenkrant	((gek)[N],(en)[N|N.N],(krant)[N])[N]
gekkennummer	((gek)[N],(en)[N|N.N],(nummer)[N])[N]
gekkenpraat	((gek)[N],(en)[N|N.N],(praat)[N])[N]
gekkentaal	((gek)[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
gekkenwerk	((gek)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
gekkerd	((gek)[A],(erd)[N|A.])[N]
gekkernij	((gek)[A],(ernij)[N|A.])[N]
gekkigheid	((gek)[A],(igheid)[N|A.])[N]
gekkin	((gek)[N],(in)[N|N.])[N]
gekko	(gekko)[N]
geklaag	((ge)[N|.V],(klaag)[V])[N]
geklap	((ge)[N|.V],(klap)[V])[N]
geklauter	((ge)[N|.V],(klauter)[V])[N]
geklets	((ge)[N|.V],(klets)[V])[N]
gekleurdheid	((gekleurd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geklikklak	((ge)[N|.V],((klik)[V],(klak)[V])[V])[N]
geklingel	((ge)[N|.V],(klingel)[V])[N]
geklooi	((ge)[N|.V],(klooi)[V])[N]
gekloond	((ge)[A|.Nx],(clone)[N],(d)[A|xN.])[A]
gekloot	((ge)[N|.V],(kloot)[V])[N]
geklop	((ge)[N|.V],(klop)[V])[N]
geklots	((ge)[N|.V],(klots)[V])[N]
geklungel	((ge)[N|.V],(klungel)[V])[N]
geknaag	((ge)[N|.V],(knaag)[V])[N]
geknabbel	((ge)[N|.V],(knabbel)[V])[N]
geknal	((ge)[N|.V],(knal)[V])[N]
geknars	((ge)[N|.V],(knars)[V])[N]
geknerp	((ge)[N|.V],(knerp)[V])[N]
geknisper	((ge)[N|.V],(knisper)[V])[N]
geknister	((ge)[N|.V],(knister)[V])[N]
geknoei	((ge)[N|.V],(knoei)[V])[N]
geknuffel	((ge)[N|.V],(knuffel)[V])[N]
geknutsel	((ge)[N|.V],(knutsel)[V])[N]
gekoekeloer	((ge)[N|.V],(koekeloer)[V])[N]
gekoepeld	((ge)[A|.Nx],(koepel)[N],(d)[A|xN.])[A]
gekokhals	((ge)[N|.V],(kokhals)[V])[N]
gekolk	((ge)[N|.V],(kolk)[V])[N]
gekonkel	((ge)[N|.V],(konkel)[V])[N]
gekonkelfoes	((ge)[N|.V],(konkelfoes)[V])[N]
gekraagd	((ge)[A|.Nx],(kraag)[N],(d)[A|xN.])[A]
gekrab	((ge)[N|.V],(krab)[V])[N]
gekrabbel	((ge)[N|.V],(krabbel)[V])[N]
gekrakeel	((ge)[N|.V],(krakeel)[V])[N]
gekras	((ge)[N|.V],(kras)[V])[N]
gekrenktheid	((gekrenkt)[A],(heid)[N|A.])[N]
gekreun	((ge)[N|.V],(kreun)[V])[N]
gekriebel	((ge)[N|.V],(kriebel)[V])[N]
gekrijs	((ge)[N|.V],(krijs)[V])[N]
gekrioel	((ge)[N|.V],(krioel)[V])[N]
gekroel	((ge)[N|.V],(kroel)[V])[N]
gekronkel	((ge)[N|.V],(kronkel)[V])[N]
gekruip	((ge)[N|.V],(kruip)[V])[N]
gekscheerder	((gekscheer)[V],(der)[N|V.])[N]
gekskap	((gek)[N],(s)[N|N.N],(kap)[N])[N]
gekskolf	((gek)[N],(s)[N|N.N],(kolf)[N])[N]
geksstok	((gek)[N],(s)[N|N.N],(stok)[N])[N]
gekte	((gek)[A],(te)[N|A.])[N]
gekuch	((ge)[N|.V],(kuch)[V])[N]
gekuip	((ge)[N|.V],(kuip)[V])[N]
gekunsteldheid	((gekunsteld)[A],(heid)[N|A.])[N]
gekus	((ge)[N|.V],(kus)[V])[N]
gekwartierd	((ge)[A|.Nx],((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N],(d)[A|xN.])[A]
gekwebbel	((ge)[N|.V],(kwebbel)[V])[N]
gekweel	((ge)[N|.V],(kweel)[V])[N]
gekweldheid	((gekweld)[A],(heid)[N|A.])[N]
gekwetstheid	((gekwetst)[A],(heid)[N|A.])[N]
gekwinkeleer	((ge)[N|.V],(kwinkeleer)[V])[N]
gel	(gel)[N]
gelaagdheid	((gelaagd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gelaarsd	((ge)[A|.Nx],(laars)[N],(d)[A|xN.])[A]
gelaatkunde	((gelaat)[N],(kunde)[N])[N]
gelaatkundige	(((gelaat)[N],(kunde)[N])[N],(ig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
gelaatsexpressie	((gelaat)[N],(s)[N|N.N],(expressie)[N])[N]
gelaatshelft	((gelaat)[N],(s)[N|N.N],(helft)[N])[N]
gelaatshoek	((gelaat)[N],(s)[N|N.N],(hoek)[N])[N]
gelaatsindex	((gelaat)[N],(s)[N|N.N],(index)[N])[N]
gelaatskleur	((gelaat)[N],(s)[N|N.N],(kleur)[N])[N]
gelaatsnet	((gelaat)[N],(s)[N|N.N],(net)[N])[N]
gelaatsspier	((gelaat)[N],(s)[N|N.N],(spier)[N])[N]
gelaatstint	((gelaat)[N],(s)[N|N.N],(tint)[N])[N]
gelaatstrek	((gelaat)[N],(s)[N|N.N],(trek)[N])[N]
gelaatstype	((gelaat)[N],(s)[N|N.N],(type)[N])[N]
gelaatsuitdrukking	((gelaat)[N],(s)[N|N.Vx],((uit)[P],(druk)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
gelaatszenuw	((gelaat)[N],(s)[N|N.N],(zenuw)[N])[N]
gelach	((ge)[N|.V],(lach)[V])[N]
geladenheid	((geladen)[A],(heid)[N|A.])[N]
gelagerd	((ge)[A|.Nx],(lager)[N],(d)[A|xN.])[A]
gelagkamer	((gelag)[N],(kamer)[N])[N]
gelagzaal	((gelag)[N],(zaal)[N])[N]
gelamenteer	((ge)[N|.V],(lamenteer)[V])[N]
gelasten	((ge)[V|.V],(last)[V])[V]
gelatenheid	((gelaten)[A],(heid)[N|A.])[N]
gelatineachtig	((gelatine)[N],(achtig)[A|N.])[A]
gelatinepudding	((gelatine)[N],(pudding)[N])[N]
gelazer	((ge)[N|.V],(lazer)[V])[N]
geld	(geld)[N]
geldadel	((geld)[N],(adel)[N])[N]
geldafpersing	((geld)[N],((af)[P],(pers)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
geldaristocratie	((geld)[N],(((aristocraat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
geldautomaat	((geld)[N],(automaat)[N])[N]
geldbelegging	((geld)[N],((be)[V|.V],(leg)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
geldbeugel	((geld)[N],(beugel)[N])[N]
geldbeurs	((geld)[N],(beurs)[N])[N]
geldboete	((geld)[N],(boete)[N])[N]
geldbuidel	((geld)[N],(buidel)[N])[N]
geldcirculatie	((geld)[N],((cirkel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|NV.])[N]
geldcrisis	((geld)[N],(crisis)[N])[N]
gelddorst	((geld)[N],(dorst)[N])[N]
gelddrager	((geld)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
geldduivel	((geld)[N],(duivel)[N])[N]
geldeenheid	((geld)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
geldelijk	((geld)[N],(elijk)[A|N.])[A]
gelden	(geld)[V]
geldgebrek	((geld)[N],(gebrek)[N])[N]
geldgeefster	((geld)[N],(geef)[V],(ster)[N|NV.])[N]
geldgever	((geld)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N]
geldgierig	((geld)[N],(gierig)[A])[A]
geldgierigheid	(((geld)[N],(gierig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
geldgod	((geld)[N],(god)[N])[N]
geldhandel	((geld)[N],(handel)[N])[N]
geldhandelaar	((geld)[N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
geldhark	((geld)[N],(hark)[N])[N]
geldheffing	((geld)[N],(hef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
geldhervorming	((geld)[N],((her)[V|.V],(vorm)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
geldigheid	((geldig)[A],(heid)[N|A.])[N]
geldigheidsduur	(((geldig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(duur)[N])[N]
geldigverklaring	((geldig)[A],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|AV.])[N]
gelding	((geld)[V],(ing)[N|V.])[N]
geldingsdrang	(((geld)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
geldingsdrift	(((geld)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drift)[N])[N]
geldingskracht	(((geld)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
geldjaagster	((geld)[N],(jaag)[V],(ster)[N|NV.])[N]
geldjager	((geld)[N],(jaag)[V],(er)[N|NV.])[N]
geldkas	((geld)[N],(kas)[N])[N]
geldkast	((geld)[N],(kast)[N])[N]
geldkist	((geld)[N],(kist)[N])[N]
geldklopperij	((geld)[N],(klop)[V],(erij)[N|NV.])[N]
geldkoers	((geld)[N],(koers)[N])[N]
geldkraan	((geld)[N],(kraan)[N])[N]
geldkwestie	((geld)[N],(kwestie)[N])[N]
geldla	((geld)[N],(la)[N])[N]
geldlade	((geld)[N],(lade)[N])[N]
geldlening	((geld)[N],(leen)[V],(ing)[N|NV.])[N]
geldloper	((geld)[N],(loop)[V],(er)[N|NV.])[N]
geldmagnaat	((geld)[N],(magnaat)[N])[N]
geldmakerij	((geld)[N],(maak)[V],(erij)[N|NV.])[N]
geldmarkt	((geld)[N],(markt)[N])[N]
geldmiddelen	((geld)[N],(middel)[N])[N]
geldmunt	((geld)[N],(munt)[N])[N]
geldnemer	((geld)[N],(neem)[V],(er)[N|NV.])[N]
geldnood	((geld)[N],(nood)[N])[N]
geldomloop	((geld)[N],((om)[P],(loop)[N])[N])[N]
geldontwaarding	((geld)[N],((ontwaard)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
geldpolitiek	((geld)[N],(politiek)[N])[N]
geldprijs	((geld)[N],(prijs)[N])[N]
geldruimte	((geld)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
geldsanering	((geld)[N],(saneer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
geldschaarste	((geld)[N],((schaars)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
geldschepping	((geld)[N],(schep)[V],(ing)[N|NV.])[N]
geldschieter	((geld)[N],(schiet)[V],(er)[N|NV.])[N]
geldschietster	((geld)[N],(schiet)[V],(ster)[N|NV.])[N]
geldsom	((geld)[N],(som)[N])[N]
geldsomloop	((geld)[N],(s)[N|N.N],((om)[P],(loop)[N])[N])[N]
geldspecie	((geld)[N],(specie)[N])[N]
geldstandaard	((geld)[N],(standaard)[N])[N]
geldstraf	((geld)[N],(straf)[N])[N]
geldstroom	((geld)[N],(stroom)[N])[N]
geldstuk	((geld)[N],(stuk)[N])[N]
geldswaarde	((geld)[N],(s)[N|N.N],(waarde)[N])[N]
geldswaardig	((geld)[N],(s)[A|N.Nx],(waarde)[N],(ig)[A|NxN.])[A]
geldtas	((geld)[N],(tas)[N])[N]
geldtrommel	((geld)[N],(trommel)[N])[N]
gelduitgifteautomaat	((geld)[N],(uitgifte)[N],(automaat)[N])[N]
gelduitvoer	((geld)[N],(uitvoer)[N])[N]
geldverdiener	((geld)[N],(verdien)[V],(er)[N|NV.])[N]
geldverkeer	((geld)[N],(verkeer)[N])[N]
geldverlegenheid	((geld)[N],((verlegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
geldverlies	((geld)[N],(verlies)[N])[N]
geldvernietiging	((geld)[N],((ver)[V|.A],(nietig)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
geldverspilling	((geld)[N],((ver)[V|.V],(spil)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
geldvraag	((geld)[N],(vraag)[N])[N]
geldwereld	((geld)[N],(wereld)[N])[N]
geldwezen	((geld)[N],(wezen)[N])[N]
geldwinning	((geld)[N],(win)[V],(ing)[N|NV.])[N]
geldwisselaar	((geld)[N],((wissel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
geldwolf	((geld)[N],(wolf)[N])[N]
geldzaak	((geld)[N],(zaak)[N])[N]
geldzak	((geld)[N],(zak)[N])[N]
geldzending	((geld)[N],(zend)[V],(ing)[N|NV.])[N]
geldzorg	((geld)[N],(zorg)[N])[N]
geldzucht	((geld)[N],(zucht)[N])[N]
geldzuchtig	(((geld)[N],(zucht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
geldzuivering	((geld)[N],((zuiver)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gelebber	((ge)[N|.V],(lebber)[V])[N]
gelee	(gelee)[N]
geleedpotig	((geleed)[A],(poot)[N],(ig)[A|AN.])[A]
geleedpotigen	((geleed)[A],(poot)[N],(ig)[N|AN.x],(e)[N|ANx.])[N]
geleerdheid	((geleerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gelegenheid	((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N]
gelegenheidsaanbieding	(((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((aan)[P],(bied)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gelegenheidsdichter	(((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((dicht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
gelegenheidsdief	(((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(dief)[N])[N]
gelegenheidsdrinker	(((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((drink)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
gelegenheidsdrinkster	(((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((drink)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
gelegenheidsgedicht	(((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.N],(dicht)[N])[N])[N]
gelegenheidsgeschrift	(((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.N],(schrift)[N])[N])[N]
gelegenheidsgesprek	(((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(gesprek)[N])[N]
gelegenheidsgezicht	(((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
gelegenheidskleding	(((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gelegenheidspoëzie	(((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(poëzie)[N])[N]
gelegenheidspreek	(((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(preek)[N])[N]
gelegenheidsstuk	(((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(stuk)[N])[N]
gelegenheidstoespraak	(((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((toe)[B],(spraak)[N])[N])[N]
gelegenheidsvers	(((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(vers)[N])[N]
gelegenheidswetgeving	(((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
gelegenheidszegel	(((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(zegel)[N])[N]
gelei	(gelei)[N]
geleiachtig	((gelei)[N],(achtig)[A|N.])[A]
geleibrief	(((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(brief)[N])[N]
geleidebiljet	((geleide)[N],(biljet)[N])[N]
geleidebrief	((geleide)[N],(brief)[N])[N]
geleidehond	((geleide)[N],(hond)[N])[N]
geleidelijk	(((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
geleidelijkheid	((((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
geleiden	((ge)[V|.V],(leid)[V])[V]
geleider	(((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
geleiding	(((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
geleidingscoëfficiënt	((((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(coëfficiënt)[N])[N]
geleidingshek	((((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hek)[N])[N]
geleidingssnelheid	((((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
geleidingssysteem	((((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
geleidingsvermogen	((((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
geleidraad	(((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(draad)[N])[N]
geleidster	(((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
geleigeest	(((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(geest)[N])[N]
geleipot	((gelei)[N],(pot)[N])[N]
geleischoen	(((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(schoen)[N])[N]
geleitaart	((gelei)[N],(taart)[N])[N]
gelen	(geel)[V]
gelering	((geleer)[V],(ing)[N|V.])[N]
geletterdheid	((geletterd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geleuter	((ge)[N|.V],(leuter)[V])[N]
gelidbeentje	((gelid)[N],(been)[N])[N]
gelidknoop	((gelid)[N],(knoop)[N])[N]
gelieg	((ge)[N|.V],(lieg)[V])[N]
gelig	((geel)[A],(ig)[A|A.])[A]
gelijk	((ge)[N|.V],(lijk)[V])[N]
gelijkaardig	((gelijk)[A],(aard)[N],(ig)[A|AN.])[A]
gelijkbenig	((gelijk)[A],(been)[N],(ig)[A|AN.])[A]
gelijkbetekenend	((gelijk)[A],(betekenend)[V])[A]
gelijkbreien	((gelijk)[A],(brei)[V])[V]
gelijkdraads	((gelijk)[A],(draad)[N],(s)[A|AN.])[A]
gelijkdradig	((gelijk)[A],(draad)[N],(ig)[A|AN.])[A]
gelijkenis	((gelijk)[V],(enis)[N|V.])[N]
gelijkgaan	((gelijk)[A],(ga)[V])[V]
gelijkgerechtigd	((gelijk)[A],(gerechtigd)[A])[A]
gelijkgezind	((gelijk)[A],(gezind)[A])[A]
gelijkheid	((gelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
gelijkheidsbeginsel	(((gelijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
gelijkheidsprincipe	(((gelijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(principe)[N])[N]
gelijkheidsproject	(((gelijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(project)[N])[N]
gelijkhoekig	((gelijk)[A],(hoek)[N],(ig)[A|AN.])[A]
gelijkklinkend	((gelijk)[A],(klink)[V],(end)[A|AV.])[A]
gelijkkloppen	((gelijk)[A],(klop)[V])[V]
gelijkknippen	((gelijk)[A],(knip)[V])[V]
gelijkkomen	((gelijk)[A],(kom)[V])[V]
gelijkliggen	((gelijk)[A],(lig)[V])[V]
gelijklopen	((gelijk)[A],(loop)[V])[V]
gelijkluidend	((gelijk)[A],(luid)[V],(end)[A|AV.])[A]
gelijkluidendheid	(((gelijk)[A],(luid)[V],(end)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gelijkmaken	((gelijk)[A],(maak)[V])[V]
gelijkmaker	(((gelijk)[A],(maak)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
gelijkmaking	(((gelijk)[A],(maak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
gelijkmatig	(((ge)[N|.V],(lijk)[V])[N],(matig)[A|N.])[A]
gelijkmatigheid	((((ge)[N|.V],(lijk)[V])[N],(matig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gelijkmoedig	((gelijk)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
gelijkmoedigheid	(((gelijk)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gelijknamig	((gelijk)[A],(naam)[N],(ig)[A|AN.])[A]
gelijknamigheid	(((gelijk)[A],(naam)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gelijkrichten	((gelijk)[A],(richt)[V])[V]
gelijkrichter	(((gelijk)[A],(richt)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
gelijkschakelen	((gelijk)[A],(schakel)[V])[V]
gelijkschakeling	(((gelijk)[A],(schakel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
gelijkslachtigheid	((gelijkslachtig)[A],(heid)[N|A.])[N]
gelijksoortig	((gelijk)[A],(soort)[N],(ig)[A|AN.])[A]
gelijksoortigheid	(((gelijk)[A],(soort)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gelijkspel	((gelijk)[A],(spel)[N])[N]
gelijkspelen	((gelijk)[A],(speel)[V])[V]
gelijkstaan	((gelijk)[A],(sta)[V])[V]
gelijkstandig	((gelijk)[A],(stand)[N],(ig)[A|AN.])[A]
gelijkstellen	((gelijk)[A],(stel)[V])[V]
gelijkstelling	(((gelijk)[A],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
gelijkstemmen	((gelijk)[A],(stem)[V])[V]
gelijkstraats	((gelijk)[A],(straat)[N],(s)[A|AN.])[A]
gelijkstroom	((gelijk)[A],(stroom)[N])[N]
gelijkteken	((gelijk)[A],(teken)[N])[N]
gelijktijdig	((gelijk)[A],(tijd)[N],(ig)[A|AN.])[A]
gelijktijdigheid	(((gelijk)[A],(tijd)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gelijktrekken	((gelijk)[A],(trek)[V])[V]
gelijkvlakkig	((gelijk)[A],(vlak)[N],(ig)[A|AN.])[A]
gelijkvleugelig	((gelijk)[A],(vleugel)[N],(ig)[A|AN.])[A]
gelijkvloers	((gelijk)[A],(vloer)[N],(s)[N|AN.])[N]
gelijkvormig	((gelijk)[A],(vorm)[N],(ig)[A|AN.])[A]
gelijkvormigheid	(((gelijk)[A],(vorm)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gelijkwaardig	((gelijk)[A],(waarde)[N],(ig)[A|AN.])[A]
gelijkwaardigheid	(((gelijk)[A],(waarde)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gelijkwerken	((gelijk)[A],(werk)[V])[V]
gelijkzetten	((gelijk)[A],(zet)[V])[V]
gelijkzijdig	((gelijk)[A],(zijde)[N],(ig)[A|AN.])[A]
gelijkzijdigheid	(((gelijk)[A],(zijde)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gelik	((ge)[N|.V],(lik)[V])[N]
geliktheid	((gelikt)[A],(heid)[N|A.])[N]
gelispel	((ge)[N|.V],(lispel)[V])[N]
gelittekend	((ge)[A|.Nx],(litteken)[N],(d)[A|xN.])[A]
gelobby	((ge)[N|.V],(lobby)[V])[N]
gelobd	((ge)[A|.Nx],(lob)[N],(d)[A|xN.])[A]
geloei	((ge)[N|.V],(loei)[V])[N]
geloftefeest	((gelofte)[N],(feest)[N])[N]
gelonk	((ge)[N|.V],(lonk)[V])[N]
geloofbaar	((geloof)[V],(baar)[A|V.])[A]
geloofbaarheid	(((geloof)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
geloofsartikel	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(artikel)[N])[N]
geloofsbekentenis	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(bekentenis)[N])[N]
geloofsbelijdenis	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(lijd)[V])[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
geloofsbeproeving	((geloof)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(proef)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
geloofsbrief	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
geloofscrisis	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(crisis)[N])[N]
geloofsdaad	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(daad)[N])[N]
geloofsdogma	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(dogma)[N])[N]
geloofsdwang	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(dwang)[N])[N]
geloofseenheid	((geloof)[N],(s)[N|N.N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
geloofselement	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(element)[N])[N]
geloofsformulier	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(formulier)[N])[N]
geloofsgedrag	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
geloofsgegeven	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(gegeven)[N])[N]
geloofsgeheim	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(geheim)[N])[N]
geloofsgehoorzaamheid	((geloof)[N],(s)[N|N.N],((gehoorzaam)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
geloofsgemeenschap	((geloof)[N],(s)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
geloofsgenoot	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(genoot)[N])[N]
geloofsgenote	(((geloof)[N],(s)[N|N.N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
geloofsgeschil	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(geschil)[N])[N]
geloofsgetuige	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(getuige)[N])[N]
geloofsgrond	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(grond)[N])[N]
geloofshaat	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(haat)[N])[N]
geloofsheld	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(held)[N])[N]
geloofsijver	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(ijver)[N])[N]
geloofsinzicht	((geloof)[N],(s)[N|N.N],((in)[P],(zicht)[N])[N])[N]
geloofskeuze	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(keuze)[N])[N]
geloofskracht	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
geloofskwestie	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(kwestie)[N])[N]
geloofsleer	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
geloofsleven	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(leven)[N])[N]
geloofsobject	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(object)[N])[N]
geloofsonderzoek	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(onderzoek)[N])[N]
geloofsoriëntatie	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
geloofsovertuiging	((geloof)[N],(s)[N|N.Vx],(overtuig)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
geloofsplicht	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(plicht)[N])[N]
geloofspraktijk	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(praktijk)[N])[N]
geloofsprediker	((geloof)[N],(s)[N|N.Vx],(predik)[V],(er)[N|NxV.])[N]
geloofsprobleem	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
geloofspunt	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
geloofsrechter	((geloof)[N],(s)[N|N.N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
geloofsregel	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
geloofsstandpunt	((geloof)[N],(s)[N|N.N],((stand)[N],(punt)[N])[N])[N]
geloofsstuk	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(stuk)[N])[N]
geloofssysteem	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
geloofstraditie	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(traditie)[N])[N]
geloofsuitspraak	((geloof)[N],(s)[N|N.N],((uit)[P],(spraak)[N])[N])[N]
geloofsverdediging	((geloof)[N],(s)[N|N.Vx],(verdedig)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
geloofsverdeeldheid	((geloof)[N],(s)[N|N.N],((verdeeld)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
geloofsverkondiger	((geloof)[N],(s)[N|N.Vx],(verkondig)[V],(er)[N|NxV.])[N]
geloofsverkondiging	((geloof)[N],(s)[N|N.Vx],(verkondig)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
geloofsvervolging	((geloof)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(volg)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
geloofsverzaker	((geloof)[N],(s)[N|N.Vx],(verzaak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
geloofsverzaking	((geloof)[N],(s)[N|N.Vx],(verzaak)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
geloofsvisie	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(visie)[N])[N]
geloofsvraag	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(vraag)[N])[N]
geloofsvrijheid	((geloof)[N],(s)[N|N.N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
geloofswaarheid	((geloof)[N],(s)[N|N.N],((waar)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
geloofswereld	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
geloofszaak	((geloof)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
geloofszekerheid	((geloof)[N],(s)[N|N.N],((zeker)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
geloofwaardig	((geloof)[N],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
geloofwaardigheid	(((geloof)[N],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
geloop	((ge)[N|.V],(loop)[V])[N]
gelovig	((geloof)[N],(ig)[A|N.])[A]
gelovigheid	(((geloof)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gelui	((ge)[N|.V],(luid)[V])[N]
geluid	((ge)[N|.V],(luid)[V])[N]
geluiddempend	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(demp)[V],(end)[A|NV.])[A]
geluiddemper	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(demp)[V],(er)[N|NV.])[N]
geluiddicht	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(dicht)[A])[A]
geluidgevend	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(geef)[V],(end)[A|NV.])[A]
geluidkunst	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(kunst)[N])[N]
geluidloos	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(loos)[A|N.])[A]
geluidmixer	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(mix)[V],(er)[N|NV.])[N]
geluidmontage	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],((monteer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
geluidnabootser	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],((na)[P],(boots)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
geluidsachtergrond	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],((achter)[B],(grond)[N])[N])[N]
geluidsapparatuur	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
geluidsarchief	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(archief)[N])[N]
geluidsband	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(band)[N])[N]
geluidsbarrière	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(barrière)[N])[N]
geluidsbox	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(box)[N])[N]
geluidsbron	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(bron)[N])[N]
geluidscamera	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(camera)[N])[N]
geluidscapaciteit	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(capaciteit)[N])[N]
geluidscassette	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(cassette)[N])[N]
geluidsdecor	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(decor)[N])[N]
geluidsdemper	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.Vx],(demp)[V],(er)[N|NxV.])[N]
geluidsdiagram	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(diagram)[N])[N]
geluidsdicht	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[A|N.A],(dicht)[A])[A]
geluidsdrager	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.Vx],(draag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
geluidseffect	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(effect)[N])[N]
geluidsfilm	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(film)[N])[N]
geluidsfrequentie	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],((frequent)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
geluidsgolf	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(golf)[N])[N]
geluidshinder	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(hinder)[N])[N]
geluidsindruk	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],((in)[P],(druk)[N])[N])[N]
geluidsinstallatie	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
geluidsisolatie	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],((isoleer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
geluidskop	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(kop)[N])[N]
geluidskwaliteit	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(kwaliteit)[N])[N]
geluidsleer	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
geluidsmateriaal	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
geluidsmontage	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],((monteer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
geluidsniveau	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
geluidsopname	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(opname)[N])[N]
geluidsprikkel	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(prikkel)[N])[N]
geluidsproductie	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
geluidsreclame	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(reclame)[N])[N]
geluidsschaduw	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(schaduw)[N])[N]
geluidsscherm	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(scherm)[N])[N]
geluidssignaal	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(signaal)[N])[N]
geluidssnelheid	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
geluidsspectrum	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(spectrum)[N])[N]
geluidsspoor	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(spoor)[N])[N]
geluidssterkte	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],((sterk)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
geluidstechnicus	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(technicus)[N])[N]
geluidstechniek	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
geluidstoren	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(toren)[N])[N]
geluidstrechter	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(trechter)[N])[N]
geluidstrilling	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.Vx],(tril)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
geluidsvermogen	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
geluidsversterker	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(sterk)[A])[V],(er)[N|NxV.])[N]
geluidsvolume	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(volume)[N])[N]
geluidswagen	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
geluidswal	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(wal)[N])[N]
geluidsweergave	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(weergave)[N])[N]
geluidswereld	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
geluidversterker	(((ge)[N|.V],(luid)[V])[N],((ver)[V|.A],(sterk)[A])[V],(er)[N|NV.])[N]
geluier	((ge)[N|.V],(luier)[V])[N]
geluimd	((ge)[A|.Nx],(luim)[N],(d)[A|xN.])[A]
geluister	((ge)[N|.V],(luister)[V])[N]
geluk	((ge)[N|.V],(luk)[V])[N]
gelukaanbrenger	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],((aan)[P],(breng)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
gelukkig	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(ig)[A|N.])[A]
geluksbode	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(bode)[N])[N]
geluksdag	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
geluksgetal	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(getal)[N])[N]
geluksgevoelen	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(gevoelen)[N])[N]
geluksgodin	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],((god)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
gelukskans	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(kans)[N])[N]
gelukskind	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
geluksmoment	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(moment)[N])[N]
geluksmoraal	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(moraal)[N])[N]
geluksnummer	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(nummer)[N])[N]
gelukspop	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(pop)[N])[N]
geluksroes	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(roes)[N])[N]
geluksspel	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(spel)[N])[N]
geluksstaat	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(staat)[N])[N]
geluksster	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(ster)[N])[N]
geluksteken	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
gelukstelegram	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(telegram)[N])[N]
gelukstoestand	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
gelukstreffer	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],((tref)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
geluksverlangen	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(verlangen)[N])[N]
geluksvogel	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(vogel)[N])[N]
gelukszon	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(s)[N|N.N],(zon)[N])[N]
gelukwens	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(wens)[N])[N]
gelukwensen	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(wens)[V])[V]
gelukzak	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(zak)[N])[N]
gelukzaligheid	((gelukzalig)[A],(heid)[N|A.])[N]
gelukzoeker	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(zoek)[V],(er)[N|NV.])[N]
gelukzoekster	(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(zoek)[V],(ster)[N|NV.])[N]
gelul	((ge)[N|.V],(lul)[V])[N]
gem	(gem)[N]
gemaaktheid	((gemaakt)[A],(heid)[N|A.])[N]
gemaal	((ge)[N|.V],(maal)[V])[N]
gemakkelijk	((gemak)[N],(elijk)[A|N.])[A]
gemakkelijkheid	(((gemak)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gemakzucht	((gemak)[N],(zucht)[N])[N]
gemakzuchtig	((gemak)[N],(zucht)[N],(ig)[A|NN.])[A]
gemalied	((ge)[A|.Nx],(malie)[N],(d)[A|xN.])[A]
gemalin	((gemaal)[N],(in)[N|N.])[N]
gemanierd	((ge)[A|.Nx],(manier)[N],(d)[A|xN.])[A]
gemanierdheid	(((ge)[A|.Nx],(manier)[N],(d)[A|xN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gemanipuleer	((ge)[N|.V],(manipuleer)[V])[N]
gemaniëreerdheid	((gemaniëreerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gemanoeuvreer	((ge)[N|.V],(manoeuvreer)[V])[N]
gemarcheer	((ge)[N|.V],(marcheer)[V])[N]
gemartel	((ge)[N|.V],(martel)[V])[N]
gematigdheid	((gematigd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gember	(gember)[N]
gemberbier	((gember)[N],(bier)[N])[N]
gemberkoek	((gember)[N],(koek)[N])[N]
gemeen	(gemeen)[N]
gemeengoed	((gemeen)[A],(goed)[N])[N]
gemeenheid	((gemeen)[A],(heid)[N|A.])[N]
gemeenlijk	((gemeen)[A],(lijk)[A|A.])[A]
gemeenmaking	((gemeen)[N],(maak)[V],(ing)[N|NV.])[N]
gemeenplaats	((gemeen)[A],(plaats)[N])[N]
gemeenschap	((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N]
gemeenschappelijk	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A]
gemeenschapsbeleid	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
gemeenschapsbetrekking	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gemeenschapscentrum	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
gemeenschapsdienst	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
gemeenschapsfunctie	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
gemeenschapsgebouw	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
gemeenschapsgeest	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(geest)[N])[N]
gemeenschapsgeld	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(geld)[N])[N]
gemeenschapsgevoel	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
gemeenschapshuis	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
gemeenschapskunst	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
gemeenschapsleven	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(leven)[N])[N]
gemeenschapslid	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(lid)[N])[N]
gemeenschapsmens	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(mens)[N])[N]
gemeenschapsniveau	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
gemeenschapsorgaan	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
gemeenschapsorganisatie	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
gemeenschapsruimte	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
gemeenschapsverband	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(verband)[N])[N]
gemeenschapsvoorziening	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gemeenschapszaak	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
gemeenschapszaal	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(zaal)[N])[N]
gemeenschapszin	(((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(zin)[N])[N]
gemeenteadministratie	((gemeente)[N],((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
gemeenteambtenaar	((gemeente)[N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
gemeentearchief	((gemeente)[N],(archief)[N])[N]
gemeentearchivaris	((gemeente)[N],(archivaris)[N])[N]
gemeentearts	((gemeente)[N],(arts)[N])[N]
gemeentebedrijf	((gemeente)[N],(bedrijf)[N])[N]
gemeentebegroting	((gemeente)[N],(((be)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gemeentebeheer	((gemeente)[N],(beheer)[N])[N]
gemeentebelasting	((gemeente)[N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gemeentebeleid	((gemeente)[N],(beleid)[N])[N]
gemeentebestuur	((gemeente)[N],(bestuur)[N])[N]
gemeentedienst	((gemeente)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
gemeentefinanciën	((gemeente)[N],(financie)[N])[N]
gemeentefonds	((gemeente)[N],(fonds)[N])[N]
gemeentegrond	((gemeente)[N],(grond)[N])[N]
gemeentehuis	((gemeente)[N],(huis)[N])[N]
gemeentekas	((gemeente)[N],(kas)[N])[N]
gemeenteleven	((gemeente)[N],(leven)[N])[N]
gemeentelid	((gemeente)[N],(lid)[N])[N]
gemeentelijk	((gemeente)[N],(lijk)[A|N.])[A]
gemeentemuseum	((gemeente)[N],(museum)[N])[N]
gemeentenaam	((gemeente)[N],(naam)[N])[N]
gemeentenaar	((gemeente)[N],(enaar)[N|N.])[N]
gemeenteontvanger	((gemeente)[N],((ontvang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
gemeentepark	((gemeente)[N],(park)[N])[N]
gemeentepils	((gemeente)[N],(pils)[N])[N]
gemeentepolitie	((gemeente)[N],(politie)[N])[N]
gemeenteraad	((gemeente)[N],(raad)[N])[N]
gemeenteraadslid	(((gemeente)[N],(raad)[N])[N],(s)[N|N.N],(lid)[N])[N]
gemeenteraadsvergadering	(((gemeente)[N],(raad)[N])[N],(s)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gemeenterecht	((gemeente)[N],(recht)[N])[N]
gemeentereiniging	((gemeente)[N],(reinig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
gemeentereinigingsdienst	((gemeente)[N],(((reinig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
gemeenterekening	((gemeente)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gemeenteschool	((gemeente)[N],(school)[N])[N]
gemeentesecretarie	((gemeente)[N],(secretarie)[N])[N]
gemeentesecretaris	((gemeente)[N],(secretaris)[N])[N]
gemeenteverordening	((gemeente)[N],(((ver)[V|.V],(orden)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gemeentewapen	((gemeente)[N],(wapen)[N])[N]
gemeentewerken	((gemeente)[N],(werk)[N])[N]
gemeentewerkman	((gemeente)[N],((werk)[V],(man)[N])[N])[N]
gemeentewet	((gemeente)[N],(wet)[N])[N]
gemeentewijn	((gemeente)[N],(wijn)[N])[N]
gemeentezaak	((gemeente)[N],(zaak)[N])[N]
gemeenteziekenhuis	((gemeente)[N],((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N])[N]
gemeenzaam	((gemeen)[A],(zaam)[A|A.])[A]
gemeenzaamheid	(((gemeen)[A],(zaam)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gemeier	((ge)[N|.V],(meier)[V])[N]
gemekker	((ge)[N|.V],(mekker)[V])[N]
gemelijkheid	((gemelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
gemelk	((ge)[N|.V],(melk)[V])[N]
gemenebest	((gemeen)[N],(e)[N|N.N],(best)[N])[N]
gemenebestland	(((gemeen)[N],(e)[N|N.N],(best)[N])[N],(land)[N])[N]
gemenerd	((gemeen)[A],(erd)[N|A.])[N]
gemenerik	((gemeen)[A],(erik)[N|A.])[N]
gemenigheid	((gemeen)[A],(igheid)[N|A.])[N]
gemerktekend	((ge)[A|.Nx],((merk)[V],(teken)[N])[N],(d)[A|xN.])[A]
gemiauw	((ge)[N|.V],(miauw)[V])[N]
gemier	((ge)[N|.V],(mier)[V])[N]
gemieter	((ge)[N|.V],(mieter)[V])[N]
gemijmer	((ge)[N|.V],(mijmer)[V])[N]
gemis	((ge)[N|.V],(mis)[V])[N]
gemme	(gemme)[N]
gemodder	((ge)[N|.V],(modder)[V])[N]
gemoedelijk	((gemoed)[N],(elijk)[A|N.])[A]
gemoedelijkheid	(((gemoed)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gemoedsaandoening	((gemoed)[N],(s)[N|N.N],(((aan)[P],(doe)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gemoedsaard	((gemoed)[N],(s)[N|N.N],(aard)[N])[N]
gemoedsbeschaving	((gemoed)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.N],(schaaf)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gemoedsbeweging	((gemoed)[N],(s)[N|N.N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gemoedsbezwaar	((gemoed)[N],(s)[N|N.N],(bezwaar)[N])[N]
gemoedsdrift	((gemoed)[N],(s)[N|N.N],(drift)[N])[N]
gemoedsgesteldheid	((gemoed)[N],(s)[N|N.N],((gesteld)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
gemoedsgesteltenis	((gemoed)[N],(s)[N|N.N],(gesteltenis)[N])[N]
gemoedsleven	((gemoed)[N],(s)[N|N.N],(leven)[N])[N]
gemoedsrust	((gemoed)[N],(s)[N|N.N],(rust)[N])[N]
gemoedsschommeling	((gemoed)[N],(s)[N|N.N],((schommel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gemoedsstemming	((gemoed)[N],(s)[N|N.N],((stem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gemoedstoestand	((gemoed)[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
gemoedsuitstorting	((gemoed)[N],(s)[N|N.N],(((uit)[P],(stort)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gemok	((ge)[N|.V],(mok)[V])[N]
gemompel	((ge)[N|.V],(mompel)[V])[N]
gemor	((ge)[N|.V],(mor)[V])[N]
gemoraliseer	((ge)[N|.V],((moraal)[N],(iseer)[V|N.])[V])[N]
gemors	((ge)[N|.V],(mors)[V])[N]
gemotiveerdheid	((gemotiveerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gems	(gems)[N]
gemsbok	((gems)[N],(bok)[N])[N]
gemsleder	((gems)[N],(leder)[N])[N]
gemsleer	((gems)[N],(leer)[N])[N]
gemsleren	(((gems)[N],(leer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
gemummel	((ge)[N|.V],(mummel)[V])[N]
gemurmel	((ge)[N|.V],(murmel)[V])[N]
gemurmureer	((ge)[N|.V],(murmureer)[V])[N]
gemusiceer	((ge)[N|.V],(musiceer)[V])[N]
gemutst	((ge)[A|.Nx],(muts)[N],(t)[A|xN.])[A]
gemzenhaar	((gems)[N],(e)[N|N.N],(haar)[N])[N]
gemzenjacht	((gems)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
gemzenleder	((gems)[N],(e)[N|N.N],(leder)[N])[N]
gemzenleer	((gems)[N],(e)[N|N.N],(leer)[N])[N]
gemzenleren	(((gems)[N],(e)[N|N.N],(leer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
gen	(gen)[N]
genaai	((ge)[N|.V],(naai)[V])[N]
genaakbaar	((genaak)[V],(baar)[A|V.])[A]
genade	(genade)[N]
genadebeeld	((genade)[N],(beeld)[N])[N]
genadebrood	((genade)[N],(brood)[N])[N]
genadegift	((genade)[N],(gift)[N])[N]
genadeleer	((genade)[N],(leer)[N])[N]
genadeloos	((genade)[N],(loos)[A|N.])[A]
genademiddel	((genade)[N],(middel)[N])[N]
genadeoord	((genade)[N],(oord)[N])[N]
genadeschot	((genade)[N],(schot)[N])[N]
genadeslag	((genade)[N],(slag)[N])[N]
genadestoot	((genade)[N],(stoot)[N])[N]
genadetroon	((genade)[N],(troon)[N])[N]
genadeverbond	((genade)[N],(verbond)[N])[N]
genadevol	((genade)[N],(vol)[A])[A]
genadig	((genade)[N],(ig)[A|N.])[A]
genadigheid	(((genade)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gendarme	(gendarme)[N]
gendarmerie	((gendarme)[N],(erie)[N|N.])[N]
genealogie	((genealogisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
geneesbaar	((genees)[V],(baar)[A|V.])[A]
geneesheer	((genees)[V],(heer)[N])[N]
geneesheer-directeur	(((genees)[V],(heer)[N])[N],(directeur)[N])[N]
geneeskracht	((genees)[V],(kracht)[N])[N]
geneeskrachtig	(((genees)[V],(kracht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
geneeskruid	((genees)[V],(kruid)[N])[N]
geneeskunde	((genees)[V],(kunde)[N])[N]
geneeskundig	(((genees)[V],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
geneeskunst	((genees)[V],(kunst)[N])[N]
geneeslijk	((genees)[V],(lijk)[A|V.])[A]
geneesmethode	((genees)[V],(methode)[N])[N]
geneesmiddel	((genees)[V],(middel)[N])[N]
geneesmiddelenleer	(((genees)[V],(middel)[N])[N],(en)[N|N.N],(leer)[N])[N]
geneesvlees	((genees)[V],(vlees)[N])[N]
geneeswijs	((genees)[V],(wijs)[N])[N]
geneeswijze	((genees)[V],(wijze)[N])[N]
genegenheid	((genegen)[A],(heid)[N|A.])[N]
geneigdheid	((geneigd)[A],(heid)[N|A.])[N]
genenbank	((gen)[N],(en)[N|N.N],(bank)[N])[N]
generaal	(generaal)[N]
generaal-majoor	((generaal)[N],(majoor)[N])[N]
generaal-veldmaarschalk	((generaal)[N],((veld)[N],(maarschalk)[N])[N])[N]
generaalsbewind	((generaal)[N],(s)[N|N.N],(bewind)[N])[N]
generaalschap	((generaal)[N],(schap)[N|N.])[N]
generaalsepaulet	((generaal)[N],(s)[N|N.N],(epaulet)[N])[N]
generaalsrang	((generaal)[N],(s)[N|N.N],(rang)[N])[N]
generaalsstaf	((generaal)[N],(s)[N|N.N],(staf)[N])[N]
generaalsuniform	((generaal)[N],(s)[N|N.N],(uniform)[N])[N]
generalaat	((generaal)[N],(aat)[N|N.])[N]
generalisatie	(((generaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
generaliseren	((generaal)[A],(iseer)[V|A.])[V]
generalisering	(((generaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
generaliteit	((generaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
generatie	((genereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
generatieconflict	(((genereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(conflict)[N])[N]
generatief	(((genereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
generatiegenoot	(((genereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(genoot)[N])[N]
generatiekloof	(((genereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kloof)[N])[N]
generatielang	(((genereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(lang)[A])[A]
generatieverschijnsel	(((genereer)[V],(atie)[N|V.])[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
generatiewisseling	(((genereer)[V],(atie)[N|V.])[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
generator	((genereer)[V],(ator)[N|V.])[N]
generfd	((ge)[A|.Nx],(nerf)[N],(d)[A|xN.])[A]
generositeit	((genereus)[A],(iteit)[N|A.])[N]
geneselijk	((genees)[V],(elijk)[A|V.])[A]
genetisch	((genese)[N],(isch)[A|N.])[A]
genetkat	((genet)[N],(kat)[N])[N]
geneuk	((ge)[N|.V],(neuk)[V])[N]
geneurie	((ge)[N|.V],(neurie)[V])[N]
geneuzel	((ge)[N|.V],(neuzel)[V])[N]
genezer	((genees)[V],(er)[N|V.])[N]
genezeres	((genees)[V],(eres)[N|V.])[N]
genezing	((genees)[V],(ing)[N|V.])[N]
genezingskans	(((genees)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kans)[N])[N]
genezingskracht	(((genees)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
genezingsmethode	(((genees)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
genezingsmogelijkheid	(((genees)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
genezingspercentage	(((genees)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(percentage)[N])[N]
genezingsproces	(((genees)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
genfrequentie	((gen)[N],((frequent)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
geniaal	((genie)[N],(aal)[A|N.])[A]
genialiteit	(((genie)[N],(aal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
genieofficier	((genie)[N],(officier)[N])[N]
geniep	(geniep)[N]
geniepark	((genie)[N],(park)[N])[N]
genieperig	((geniep)[N],(erig)[A|N.])[A]
geniepig	((geniep)[N],(ig)[A|N.])[A]
geniepigerd	(((geniep)[N],(ig)[A|N.])[A],(erd)[N|A.])[N]
geniepigheid	(((geniep)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
geniesoldaat	((genie)[N],(soldaat)[N])[N]
genietbaar	((geniet)[V],(baar)[A|V.])[A]
genieting	((geniet)[V],(ing)[N|V.])[N]
genietroepen	((genie)[N],(troep)[N])[N]
genist	((genie)[N],(ist)[N|N.])[N]
genoegdoening	((genoegen)[N],(doe)[V],(ing)[N|NV.])[N]
genoeglijk	((genoeg)[V],(lijk)[A|V.])[A]
genoeglijkheid	(((genoeg)[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
genoegzaam	((genoeg)[V],(zaam)[A|V.])[A]
genoegzaamheid	(((genoeg)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
genologie	((genologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
genootschap	((genoot)[N],(schap)[N|N.])[N]
genootschappelijk	(((genoot)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A]
genopt	((ge)[A|.Nx],(nop)[N],(t)[A|xN.])[A]
genotartikel	((genot)[N],(artikel)[N])[N]
genotmiddel	((genot)[N],(middel)[N])[N]
genotrijk	((genot)[N],(rijk)[A])[A]
genotteren	((genot)[N],(er)[V|N.])[V]
genotvol	((genot)[N],(vol)[A])[A]
genotypisch	((genotype)[N],(isch)[A|N.])[A]
genotziek	((genot)[N],(ziek)[A])[A]
genotzoeker	((genot)[N],(zoek)[V],(er)[N|NV.])[N]
genotzoekster	((genot)[N],(zoek)[V],(ster)[N|NV.])[N]
genotzucht	((genot)[N],(zucht)[N])[N]
genotzuchtig	((genot)[N],(zucht)[N],(ig)[A|NN.])[A]
genre	(genre)[N]
genrekunst	((genre)[N],(kunst)[N])[N]
genreschilder	((genre)[N],(schilder)[N])[N]
genreschilderes	(((genre)[N],(schilder)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
genreschilderij	((genre)[N],(schilderij)[N])[N]
genrestuk	((genre)[N],(stuk)[N])[N]
genst	(genst)[N]
gent	(gent)[N]
gentiaan	(gentiaan)[N]
gentiaanachtigen	((gentiaan)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
genuanceerdheid	((genuanceerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
genuskoop	((genus)[N],(koop)[N])[N]
genusnaam	((genus)[N],(naam)[N])[N]
geobotanie	((geo)[N|.N],((botanisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
geocentrisch	((geo)[A|.A],((centrum)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
geochemie	((geo)[N|.N],((chemisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
geocyclisch	((geo)[A|.A],((cyclus)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
geoefendheid	((geoefend)[A],(heid)[N|A.])[N]
geofysica	((geo)[N|.N],(fysica)[N])[N]
geofysicus	((geo)[N|.N],(fysicus)[N])[N]
geofysisch	((geo)[A|.A],(fysisch)[A])[A]
geografie	((geografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
geologie	((geologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
geomagnetisch	((geo)[A|.A],((magneet)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
geomagnetisme	((geo)[N|.N],(magnetisme)[N])[N]
geomantiek	((geo)[N|.N],(mantiek)[N])[N]
geometrie	(((geo)[A|.A],((metrum)[N],(isch)[A|N.])[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
geometrisch	((geo)[A|.A],((metrum)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
geomorfologie	((geo)[N|.N],((morfologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
geoogd	((ge)[A|.Nx],(oog)[N],(d)[A|xN.])[A]
geoord	((ge)[A|.Nx],(oor)[N],(d)[A|xN.])[A]
geoorloofdheid	((geoorloofd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geoplastiek	((geo)[N|.N],((plastisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
geopolitiek	((geo)[N|.N],(politiek)[N])[N]
geordendheid	((geordend)[A],(heid)[N|A.])[N]
georeer	((ge)[N|.V],(oreer)[V])[N]
georganiseer	((ge)[N|.V],((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V])[N]
georganiseerdheid	((georganiseerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
georiënteerdheid	((georiënteerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geostatica	((geo)[N|.N],(statica)[N])[N]
geostationair	((geo)[A|.A],(stationair)[A])[A]
geosynclinale	((geo)[N|.N],(synclinale)[N])[N]
geotechniek	((geo)[N|.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
geotektoniek	((geo)[N|.N],((tektonisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
geothermie	(((geo)[A|.A],(thermisch)[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
geothermisch	((geo)[A|.A],(thermisch)[A])[A]
geothermometer	((geo)[N|.N],((thermo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
geotropie	((geotropisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
geotropisme	((geo)[N|.N],(tropisme)[N])[N]
geouwehoer	((ge)[N|.V],((oud)[A],(e)[V|A.N],(hoer)[N])[V])[N]
geowetenschappen	((geo)[N|.N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
gepas	((ge)[N|.V],(pas)[V])[N]
gepassioneerdheid	((gepassioneerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gepastheid	((gepast)[A],(heid)[N|A.])[N]
gepeins	((ge)[N|.V],(peins)[V])[N]
gepelsd	((ge)[A|.Nx],(pels)[N],(d)[A|xN.])[A]
gepeuter	((ge)[N|.V],(peuter)[V])[N]
gepieker	((ge)[N|.V],(pieker)[V])[N]
gepiel	((ge)[N|.V],(piel)[V])[N]
gepiep	((ge)[N|.V],(piep)[V])[N]
gepingel	((ge)[N|.V],(pingel)[V])[N]
geplaag	((ge)[N|.V],(plaag)[V])[N]
geplaats	((ge)[N|.V],(plaats)[V])[N]
geplak	((ge)[N|.V],(plak)[V])[N]
geplas	((ge)[N|.V],(plas)[V])[N]
geplekt	((ge)[A|.Nx],(plek)[N],(t)[A|xN.])[A]
geploeter	((ge)[N|.V],(ploeter)[V])[N]
geplof	((ge)[N|.V],(plof)[V])[N]
geplons	((ge)[N|.V],(plons)[V])[N]
gepluimd	((ge)[A|.Nx],(pluim)[N],(d)[A|xN.])[A]
gepluimte	((ge)[N|.Nx],(pluim)[N],(te)[N|xN.])[N]
gepluk	((ge)[N|.V],(pluk)[V])[N]
gepoch	((ge)[N|.V],(poch)[V])[N]
gepomp	((ge)[N|.V],(pomp)[V])[N]
gepopel	((ge)[N|.V],(popel)[V])[N]
geporteerde	((geporteerd)[A],(e)[N|A.])[N]
gepraal	((ge)[N|.V],(praal)[V])[N]
gepraat	((ge)[N|.V],(praat)[V])[N]
gepreek	((ge)[N|.V],(preek)[V])[N]
gepreoccupeerdheid	((gepreoccupeerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geprevel	((ge)[N|.V],(prevel)[V])[N]
gepriegel	((ge)[N|.V],(priegel)[V])[N]
geprikkeldheid	((geprikkeld)[A],(heid)[N|A.])[N]
geprononceerdheid	((geprononceerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geprop	((ge)[N|.V],(prop)[V])[N]
gepruikt	((ge)[A|.Nx],(pruik)[N],(t)[A|xN.])[A]
gepruts	((ge)[N|.V],(pruts)[V])[N]
gepruttel	((ge)[N|.V],(pruttel)[V])[N]
gepsychologiseer	((ge)[N|.V],(psychologiseer)[V])[N]
gepuf	((ge)[N|.V],(puf)[V])[N]
gepunt	((ge)[A|.N],(punt)[N])[A]
gepuzzel	((ge)[N|.V],(puzzel)[V])[N]
geraaktheid	((geraakt)[A],(heid)[N|A.])[N]
geraas	((ge)[N|.V],(raas)[V])[N]
geraaskal	((ge)[N|.V],((raas)[V],(kal)[V])[V])[N]
gerace	((ge)[N|.V],(race)[V])[N]
geraffel	((ge)[N|.V],(raffel)[V])[N]
geraffineerdheid	((geraffineerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geram	((ge)[N|.V],(ram)[V])[N]
gerammel	((ge)[N|.V],(rammel)[V])[N]
gerand	((ge)[A|.N],(rand)[N])[A]
geraniumachtigen	((geranium)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
geraniumplant	((geranium)[N],(plant)[N])[N]
gerant	(gerant)[N]
gerasp	((ge)[N|.V],(rasp)[V])[N]
geratel	((ge)[N|.V],(ratel)[V])[N]
gerbera	(gerbera)[N]
gerechtelijk	((gerecht)[N],(elijk)[A|N.])[A]
gerechtigdheid	((gerechtigd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gerechtigheid	((gerecht)[A],(igheid)[N|A.])[N]
gerechtsauditeur	((gerecht)[N],(s)[N|N.N],(auditeur)[N])[N]
gerechtsbode	((gerecht)[N],(s)[N|N.N],(bode)[N])[N]
gerechtsdag	((gerecht)[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
gerechtsdeurwaarder	((gerecht)[N],(s)[N|N.N],(deurwaarder)[N])[N]
gerechtsdienaar	((gerecht)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
gerechtsgebouw	((gerecht)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
gerechtshof	((gerecht)[N],(s)[N|N.N],(hof)[N])[N]
gerechtskosten	((gerecht)[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
gerechtsoefening	((gerecht)[N],(s)[N|N.N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gerechtsplaats	((gerecht)[N],(s)[N|N.N],(plaats)[N])[N]
gerechtspsychiater	((gerecht)[N],(s)[N|N.N],(psychiater)[N])[N]
gerechtssecretaris	((gerecht)[N],(s)[N|N.N],(secretaris)[N])[N]
gerechtszaak	((gerecht)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
gerechtszaal	((gerecht)[N],(s)[N|N.N],(zaal)[N])[N]
gerechtvaardigdheid	((gerechtvaardigd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geredekavel	((ge)[N|.V],((rede)[N],(kavel)[V])[V])[N]
geredeneer	((ge)[N|.V],((reden)[N],(eer)[V|N.])[V])[N]
gereedheid	((gereed)[A],(heid)[N|A.])[N]
gereedhouden	((gereed)[A],(houd)[V])[V]
gereedkomen	((gereed)[A],(kom)[V])[V]
gereedleggen	((gereed)[A],(leg)[V])[V]
gereedliggen	((gereed)[A],(lig)[V])[V]
gereedmaken	((gereed)[A],(maak)[V])[V]
gereedschapmolen	((gereedschap)[N],(molen)[N])[N]
gereedschapsstaal	((gereedschap)[N],(s)[N|N.N],(staal)[N])[N]
gereedschapswinkel	((gereedschap)[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
gereedschapszak	((gereedschap)[N],(s)[N|N.N],(zak)[N])[N]
gereedstaan	((gereed)[A],(sta)[V])[V]
gereedzetten	((gereed)[A],(zet)[V])[V]
gereformeerdheid	((gereformeerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geregeldheid	((geregeld)[A],(heid)[N|A.])[N]
gereglementeer	((ge)[N|.V],((reglement)[N],(eer)[V|N.])[V])[N]
gerektheid	((gerekt)[A],(heid)[N|A.])[N]
geremdheid	((geremd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geren	(geer)[V]
geren	((ge)[N|.V],(ren)[V])[N]
gerendeerde	((gerendeerd)[V],(e)[N|V.])[N]
gereserveerdheid	((gereserveerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gereutel	((ge)[N|.V],(reutel)[V])[N]
gergelmes	((gergel)[N],(mes)[N])[N]
geriatrie	((geriatrisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
gerichtheid	((gericht)[A],(heid)[N|A.])[N]
gerichtsdag	((gericht)[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
geriefelijk	((gerief)[N],(elijk)[A|N.])[A]
geriefelijkheid	(((gerief)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gerieflijk	((gerief)[N],(lijk)[A|N.])[A]
gerieflijkheid	(((gerief)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gerij	((ge)[N|.V],(rij)[V])[N]
gerijm	((ge)[N|.V],(rijm)[V])[N]
gerijmel	((ge)[N|.V],(rijmel)[V])[N]
gerikketik	((ge)[N|.V],(rikketik)[V])[N]
gering	(gering)[A]
geringachten	((gering)[A],(acht)[V])[V]
geringheid	((gering)[A],(heid)[N|A.])[N]
geringschatten	((gering)[A],(schat)[V])[V]
geringschatting	(((gering)[A],(schat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
gerinkel	((ge)[N|.V],(rinkel)[V])[N]
geritsel	((ge)[N|.V],(ritsel)[V])[N]
germaniseren	((Germaan)[N],(iseer)[V|N.])[V]
germanisering	(((Germaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
germanistiek	((germanistisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
gerochel	((ge)[N|.V],(rochel)[V])[N]
geroddel	((ge)[N|.V],(roddel)[V])[N]
geroep	((ge)[N|.V],(roep)[V])[N]
geroer	((ge)[N|.V],(roer)[V])[N]
geroes	((ge)[N|.V],(roes)[V])[N]
geroezemoes	((ge)[N|.V],(roezemoes)[V])[N]
geroffel	((ge)[N|.V],(roffel)[V])[N]
gerol	((ge)[N|.V],(rol)[V])[N]
gerommel	((ge)[N|.V],(rommel)[V])[N]
geronk	((ge)[N|.V],(ronk)[V])[N]
gerontologie	((gerontologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
gerook	((ge)[N|.V],(rook)[V])[N]
gerotzooi	((ge)[N|.V],(rotzooi)[V])[N]
gerst	(gerst)[N]
gerstakker	((gerst)[N],(akker)[N])[N]
gerstebier	((gerst)[N],(e)[N|N.N],(bier)[N])[N]
gerstebrood	((gerst)[N],(e)[N|N.N],(brood)[N])[N]
gerstedrank	((gerst)[N],(e)[N|N.N],(drank)[N])[N]
gerstekorrel	((gerst)[N],(e)[N|N.N],(korrel)[N])[N]
gerstemeel	((gerst)[N],(e)[N|N.N],(meel)[N])[N]
gerstenat	((gerst)[N],(e)[N|N.N],(nat)[N])[N]
gerstepap	((gerst)[N],(e)[N|N.N],(pap)[N])[N]
gerstewater	((gerst)[N],(e)[N|N.N],(water)[N])[N]
gerstkorrel	((gerst)[N],(korrel)[N])[N]
gerstpellerij	((gerst)[N],(pel)[V],(erij)[N|NV.])[N]
gerubberd	((ge)[A|.Nx],(rubber)[N],(d)[A|xN.])[A]
geruchtencircuit	((gerucht)[N],(en)[N|N.N],(circuit)[N])[N]
geruchtenmachine	((gerucht)[N],(en)[N|N.N],(machine)[N])[N]
geruchtmakend	((gerucht)[N],(maak)[V],(end)[A|NV.])[A]
gerugd	((ge)[A|.Nx],(rug)[N],(d)[A|xN.])[A]
geruis	((ge)[N|.V],(ruis)[V])[N]
geruisarm	(((ge)[N|.V],(ruis)[V])[N],(arm)[A])[A]
geruisklank	(((ge)[N|.V],(ruis)[V])[N],(klank)[N])[N]
geruisloos	(((ge)[N|.V],(ruis)[V])[N],(loos)[A|N.])[A]
geruisloosheid	((((ge)[N|.V],(ruis)[V])[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
geruk	((ge)[N|.V],(ruk)[V])[N]
gerumoer	((ge)[N|.V],(rumoer)[V])[N]
gerustheid	((gerust)[A],(heid)[N|A.])[N]
geruststellen	((gerust)[A],(stel)[V])[V]
geruststelling	(((gerust)[A],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
geruzie	((ge)[N|.V],(ruzie)[V])[N]
ges	(ges)[N]
gesabbel	((ge)[N|.V],(sabbel)[V])[N]
gesabber	((ge)[N|.V],(sabber)[V])[N]
gesakker	((ge)[N|.V],(sakker)[V])[N]
gesar	((ge)[N|.V],(sar)[V])[N]
geschakeerdheid	((geschakeerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geschal	((ge)[N|.V],(schal)[V])[N]
geschapenheid	((geschapen)[A],(heid)[N|A.])[N]
gescharrel	((ge)[N|.V],(scharrel)[V])[N]
geschater	((ge)[N|.V],(schater)[V])[N]
gescheidenheid	((gescheiden)[A],(heid)[N|A.])[N]
geschelpt	((ge)[A|.Nx],(schelp)[N],(t)[A|xN.])[A]
geschenk	((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N]
geschenkbon	(((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N],(bon)[N])[N]
geschenkpapier	(((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N],(papier)[N])[N]
geschenkverpakking	(((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N],(((ver)[V|.N],(pak)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gescherm	((ge)[N|.V],(scherm)[V])[N]
geschetter	((ge)[N|.V],(schetter)[V])[N]
geschiedbeeld	((geschied)[V],(beeld)[N])[N]
geschiedbeoefening	((geschied)[V],(((be)[V|.V],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
geschiedbeschrijving	((geschied)[V],(((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
geschiedboek	(((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N],(boek)[N])[N]
geschiedbron	(((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N],(bron)[N])[N]
geschiedenis	((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N]
geschiedenisboek	(((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N],(boek)[N])[N]
geschiedenisfilosofie	(((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N],((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
geschiedenisleraar	(((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N],(leraar)[N])[N]
geschiedenisles	(((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N],(les)[N])[N]
geschiedenisvisie	(((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N],(visie)[N])[N]
geschiedeniswetenschap	(((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
geschiedfilosofie	((geschied)[V],((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
geschiedfilosofisch	((geschied)[V],(filosofisch)[A])[A]
geschiedfilosoof	((geschied)[V],(filosoof)[N])[N]
geschiedkunde	(((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N],(kunde)[N])[N]
geschiedkundig	((((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
geschiedopvatting	((geschied)[V],(((op)[P],(vat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
geschiedproces	((geschied)[V],(proces)[N])[N]
geschiedrol	(((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N],(rol)[N])[N]
geschiedschrijver	(((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N],(schrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
geschiedschrijving	(((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N],(schrijf)[V],(ing)[N|NV.])[N]
geschiedverhaal	(((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N],(verhaal)[N])[N]
geschiedvervalsing	(((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N],((ver)[V|.A],(vals)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
geschiedvisie	((geschied)[V],(visie)[N])[N]
geschiedvorser	(((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N],(vors)[V],(er)[N|NV.])[N]
geschiedvorsing	(((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N],(vors)[V],(ing)[N|NV.])[N]
geschiedwerk	(((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N],(werk)[N])[N]
geschiedwetenschap	((geschied)[V],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
geschiedwetenschappelijk	((geschied)[V],(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
geschiedzang	(((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N],(zang)[N])[N]
geschiet	((ge)[N|.V],(schiet)[V])[N]
geschiktheid	((geschikt)[A],(heid)[N|A.])[N]
geschiktmaking	((geschikt)[A],(maak)[V],(ing)[N|AV.])[N]
geschillencommissie	((geschil)[N],(en)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
geschilpunt	((geschil)[N],(punt)[N])[N]
geschimp	((ge)[N|.V],(schimp)[V])[N]
geschitter	((ge)[N|.V],(schitter)[V])[N]
geschoft	((ge)[A|.N],(schoft)[N])[A]
geschok	((ge)[N|.V],(schok)[V])[N]
geschommel	((ge)[N|.V],(schommel)[V])[N]
geschondenheid	((geschonden)[A],(heid)[N|A.])[N]
geschooldheid	((geschoold)[A],(heid)[N|A.])[N]
geschop	((ge)[N|.V],(schop)[V])[N]
geschouderd	((ge)[A|.Nx],(schouder)[N],(d)[A|xN.])[A]
geschraap	((ge)[N|.V],(schraap)[V])[N]
geschrans	((ge)[N|.V],(schrans)[V])[N]
geschreeuw	((ge)[N|.V],(schreeuw)[V])[N]
geschrei	((ge)[N|.V],(schrei)[V])[N]
geschrift	((ge)[N|.N],(schrift)[N])[N]
geschrijf	((ge)[N|.V],(schrijf)[V])[N]
geschrok	((ge)[N|.V],(schrok)[V])[N]
geschubd	((ge)[A|.Nx],(schub)[N],(d)[A|xN.])[A]
geschuier	((ge)[N|.V],(schuier)[V])[N]
geschuif	((ge)[N|.V],(schuif)[V])[N]
geschuifel	((ge)[N|.V],(schuifel)[V])[N]
geschutgieterij	((geschut)[N],(giet)[V],(erij)[N|NV.])[N]
geschutkoepel	((geschut)[N],(koepel)[N])[N]
geschutpark	((geschut)[N],(park)[N])[N]
geschutpoort	((geschut)[N],(poort)[N])[N]
geschutskoepel	((geschut)[N],(s)[N|N.N],(koepel)[N])[N]
geschutstelling	((geschut)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
geschutstoren	((geschut)[N],(s)[N|N.N],(toren)[N])[N]
geschuttap	((geschut)[N],(tap)[N])[N]
geschuttoren	((geschut)[N],(toren)[N])[N]
geschutvuur	((geschut)[N],(vuur)[N])[N]
geschuur	((ge)[N|.V],(schuur)[V])[N]
gesel	(gesel)[N]
geselaar	((gesel)[V],(aar)[N|V.])[N]
geselbroeder	((gesel)[V],(broeder)[N])[N]
geseldiertje	((gesel)[N],(dier)[N])[N]
geselen	(gesel)[V]
geseling	((gesel)[V],(ing)[N|V.])[N]
geselkolom	((gesel)[N],(kolom)[N])[N]
geselkoord	((gesel)[V],(koord)[N])[N]
geselmonnik	((gesel)[V],(monnik)[N])[N]
geselpaal	((gesel)[V],(paal)[N])[N]
geselroede	((gesel)[V],(roede)[N])[N]
geselslag	((gesel)[N],(slag)[N])[N]
geselstraf	((gesel)[N],(straf)[N])[N]
gesidder	((ge)[N|.V],(sidder)[V])[N]
gesijpel	((ge)[N|.V],(sijpel)[V])[N]
gesis	((ge)[N|.V],(sis)[V])[N]
gesjachel	((ge)[N|.V],(sjachel)[V])[N]
gesjacher	((ge)[N|.V],(sjacher)[V])[N]
gesjilp	((ge)[N|.V],(sjilp)[V])[N]
gesjirp	((ge)[N|.V],(sjirp)[V])[N]
gesjoemel	((ge)[N|.V],(sjoemel)[V])[N]
gesjouw	((ge)[N|.V],(sjouw)[V])[N]
geslaagdheid	((geslaagd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geslaap	((ge)[N|.V],(slaap)[V])[N]
geslachtelijk	((geslacht)[N],(elijk)[A|N.])[A]
geslachtelijkheid	(((geslacht)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
geslachtkunde	((geslacht)[N],(kunde)[N])[N]
geslachtkundige	(((geslacht)[N],(kunde)[N])[N],(ig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
geslachtsapparaat	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
geslachtsbepaling	((geslacht)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
geslachtsboom	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(boom)[N])[N]
geslachtscel	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(cel)[N])[N]
geslachtschromosoom	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(chromosoom)[N])[N]
geslachtsdaad	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(daad)[N])[N]
geslachtsdeel	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(deel)[N])[N]
geslachtsdifferentiatie	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],((differentieer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
geslachtsdimorfisme	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(dimorfisme)[N])[N]
geslachtsdrang	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
geslachtsdrift	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(drift)[N])[N]
geslachtsgemeenschap	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
geslachtshaat	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(haat)[N])[N]
geslachtshormon	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(hormon)[N])[N]
geslachtshormoon	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(hormoon)[N])[N]
geslachtsidentiteit	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(identiteit)[N])[N]
geslachtskenmerk	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],((ken)[V],(merk)[N])[N])[N]
geslachtsklier	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(klier)[N])[N]
geslachtskunde	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
geslachtsleven	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(leven)[N])[N]
geslachtsliefde	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(liefde)[N])[N]
geslachtslijst	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
geslachtsloos	((geslacht)[N],(s)[A|N.x],(loos)[A|Nx.])[A]
geslachtsnaam	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(naam)[N])[N]
geslachtsneiging	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],((neig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
geslachtsomgang	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(omgang)[N])[N]
geslachtsonderscheid	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(onderscheid)[N])[N]
geslachtsorgaan	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
geslachtspartner	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(partner)[N])[N]
geslachtsproduct	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(product)[N])[N]
geslachtsregel	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
geslachtsregister	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(register)[N])[N]
geslachtsrijp	((geslacht)[N],(s)[A|N.A],(rijp)[A])[A]
geslachtstest	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(test)[N])[N]
geslachtsverandering	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
geslachtsverhouding	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],((verhoud)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
geslachtsverkeer	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(verkeer)[N])[N]
geslachtswapen	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],(wapen)[N])[N]
geslachtsziekte	((geslacht)[N],(s)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
geslagenheid	((geslagen)[A],(heid)[N|A.])[N]
geslemp	((ge)[N|.V],(slemp)[V])[N]
geslenter	((ge)[N|.V],(slenter)[V])[N]
geslepenheid	((geslepen)[A],(heid)[N|A.])[N]
gesleutel	((ge)[N|.V],(sleutel)[V])[N]
geslotenheid	((gesloten)[A],(heid)[N|A.])[N]
gesluip	((ge)[N|.V],(sluip)[V])[N]
geslurp	((ge)[N|.V],(slurp)[V])[N]
gesmeek	((ge)[N|.V],(smeek)[V])[N]
gesmook	((ge)[N|.V],(smook)[V])[N]
gesnaard	((ge)[A|.Nx],(snaar)[N],(d)[A|xN.])[A]
gesnap	((ge)[N|.V],(snap)[V])[N]
gesnater	((ge)[N|.V],(snater)[V])[N]
gesnauw	((ge)[N|.V],(snauw)[V])[N]
gesnerp	((ge)[N|.V],(snerp)[V])[N]
gesnier	((ges)[N],(nier)[N])[N]
gesnoef	((ge)[N|.V],(snoef)[V])[N]
gesnor	((ge)[N|.V],(snor)[V])[N]
gesnorkel	((ge)[N|.V],(snorkel)[V])[N]
gesnotter	((ge)[N|.V],(snotter)[V])[N]
gesnuffel	((ge)[N|.V],(snuffel)[V])[N]
gesnuif	((ge)[N|.V],(snuif)[V])[N]
gesodemieter	((ge)[N|.V],(sodemieter)[V])[N]
gesoebat	((ge)[N|.V],(soebat)[V])[N]
gesoes	((ge)[N|.V],(soes)[V])[N]
gesol	((ge)[N|.V],(sol)[V])[N]
gesp	(gesp)[N]
gespannenheid	((gespannen)[A],(heid)[N|A.])[N]
gespartel	((ge)[N|.V],(spartel)[V])[N]
gespeel	((ge)[N|.V],(speel)[V])[N]
gespen	(gesp)[V]
gespierdheid	((gespierd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gespiesd	((ge)[A|.Nx],(spies)[N],(d)[A|xN.])[A]
gespin	((ge)[N|.V],(spin)[V])[N]
gespioneer	((ge)[N|.V],((spion)[N],(eer)[V|N.])[V])[N]
gespletenheid	((gespleten)[A],(heid)[N|A.])[N]
gespook	((ge)[N|.V],(spook)[V])[N]
gesprekaanvraag	((gesprek)[N],((aan)[P],(vraag)[N])[N])[N]
gesprekaanvrage	((gesprek)[N],(aanvrage)[N])[N]
gesprekkosten	((gesprek)[N],(kost)[N])[N]
gespreksavond	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(avond)[N])[N]
gespreksbehandeling	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gesprekscentrum	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
gesprekscontact	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(contact)[N])[N]
gespreksflard	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(flard)[N])[N]
gespreksgenoot	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(genoot)[N])[N]
gespreksgroep	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(groep)[N])[N]
gesprekskader	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(kader)[N])[N]
gesprekskring	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(kring)[N])[N]
gespreksmateriaal	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
gespreksniveau	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
gespreksnotitie	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
gesprekspartner	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(partner)[N])[N]
gesprekspauze	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(pauze)[N])[N]
gesprekspunt	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
gesprekssfeer	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
gesprekssituatie	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
gespreksstof	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(stof)[N])[N]
gesprekstarief	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(tarief)[N])[N]
gesprekstechniek	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
gesprekstechnisch	((gesprek)[N],(s)[A|N.A],(technisch)[A])[A]
gespreksthema	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(thema)[N])[N]
gesprekstherapie	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(therapie)[N])[N]
gesprekstraining	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],((train)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gespreksvaardigheid	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
gespreksvorm	((gesprek)[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
gesprekvorm	((gesprek)[N],(vorm)[N])[N]
gespriem	((gesp)[N],(riem)[N])[N]
gesputter	((ge)[N|.V],(sputter)[V])[N]
gestaar	((ge)[N|.V],(staar)[V])[N]
gestadigheid	((gestadig)[A],(heid)[N|A.])[N]
gestaltegeving	((gestalte)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
gestamel	((ge)[N|.V],(stamel)[V])[N]
gestampvoet	((ge)[N|.V],(stampvoet)[V])[N]
geste	(geste)[N]
gesteente	((ge)[N|.Nx],(steen)[N],(te)[N|xN.])[N]
gesteentekunde	(((ge)[N|.Nx],(steen)[N],(te)[N|xN.])[N],(kunde)[N])[N]
gestel	((ge)[N|.N],(stel)[N])[N]
gesteldheid	((gesteld)[A],(heid)[N|A.])[N]
gestemdheid	((gestemd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gesternte	((ge)[N|.Nx],(ster)[N],(te)[N|xN.])[N]
gesteun	((ge)[N|.V],(steun)[V])[N]
gesteunden	(((ge)[N|.V],(steun)[V])[N],(den)[N])[N]
gesticulatie	((gesticuleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
gestoef	((ge)[N|.V],(stoef)[V])[N]
gestoei	((ge)[N|.V],(stoei)[V])[N]
gestoelte	((ge)[N|.Nx],(stoel)[N],(te)[N|xN.])[N]
gestommel	((ge)[N|.V],(stommel)[V])[N]
gestomp	((ge)[N|.V],(stomp)[V])[N]
gestook	((ge)[N|.V],(stook)[V])[N]
gestoordheid	((gestoord)[A],(heid)[N|A.])[N]
gestreel	((ge)[N|.V],(streel)[V])[N]
gestreept	((ge)[A|.Nx],(streep)[N],(t)[A|xN.])[A]
gestrengheid	((gestreng)[A],(heid)[N|A.])[N]
gestrijk	((ge)[N|.V],(strijk)[V])[N]
gestrompel	((ge)[N|.V],(strompel)[V])[N]
gestructureerdheid	((gestructureerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gestruikel	((ge)[N|.V],(struikel)[V])[N]
gestumper	((ge)[N|.V],(stumper)[V])[N]
gestuntel	((ge)[N|.V],(stuntel)[V])[N]
gesuis	((ge)[N|.V],(suis)[V])[N]
gesukkel	((ge)[N|.V],(sukkel)[V])[N]
getabberd	((ge)[A|.N],(tabberd)[N])[A]
getalbegrip	((getal)[N],(begrip)[N])[N]
getalgeheugen	((getal)[N],(geheugen)[N])[N]
getallenleer	((getal)[N],(en)[N|N.N],(leer)[N])[N]
getallenmagie	((getal)[N],(en)[N|N.N],((magisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
getallenreeks	((getal)[N],(en)[N|N.N],(reeks)[N])[N]
getallenstelsel	((getal)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
getallensymboliek	((getal)[N],(en)[N|N.N],(((symbool)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
getallenwaarde	((getal)[N],(en)[N|N.N],(waarde)[N])[N]
getalletter	((getal)[N],(letter)[N])[N]
getalm	((ge)[N|.V],(talm)[V])[N]
getalmerk	((getal)[N],(merk)[N])[N]
getalscriterium	((getal)[N],(s)[N|N.N],(criterium)[N])[N]
getalsnorm	((getal)[N],(s)[N|N.N],(norm)[N])[N]
getalsterkte	((getal)[N],((sterk)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
getalswaarde	((getal)[N],(s)[N|N.N],(waarde)[N])[N]
getalvers	((getal)[N],(vers)[N])[N]
getalwaarde	((getal)[N],(waarde)[N])[N]
getater	((ge)[N|.V],(tater)[V])[N]
geteem	((ge)[N|.V],(teem)[V])[N]
getelefoneer	((ge)[N|.V],((telefoon)[N],(eer)[V|N.])[V])[N]
getetter	((ge)[N|.V],(tetter)[V])[N]
geteut	((ge)[N|.V],(teut)[V])[N]
getheoretiseer	((ge)[N|.V],(theoretiseer)[V])[N]
getier	((ge)[N|.V],(tier)[V])[N]
getierelier	((ge)[N|.V],(tierelier)[V])[N]
getijbal	((getij)[N],(bal)[N])[N]
getijcentrale	((getij)[N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
getijdenbeweging	((getijde)[N],(en)[N|N.N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
getijdenboek	((getijde)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
getijdenenergie	((getijde)[N],(en)[N|N.N],(energie)[N])[N]
getijdenkracht	((getijde)[N],(en)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
getijhaven	((getij)[N],(haven)[N])[N]
getijlicht	((getij)[N],(licht)[N])[N]
getijmeter	((getij)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
getijrivier	((getij)[N],(rivier)[N])[N]
getijstroom	((getij)[N],(stroom)[N])[N]
getijtafel	((getij)[N],(tafel)[N])[N]
getijzone	((getij)[N],(zone)[N])[N]
getik	((ge)[N|.V],(tik)[V])[N]
getimmer	((ge)[N|.V],(timmer)[V])[N]
getingel	((ge)[N|.V],(tingel)[V])[N]
getinkel	((ge)[N|.V],(tinkel)[V])[N]
getintel	((ge)[N|.N],(tintel)[N])[N]
getjilp	((ge)[N|.V],(tjilp)[V])[N]
getjirp	((ge)[N|.V],(tjirp)[V])[N]
getob	((ge)[N|.V],(tob)[V])[N]
getoeter	((ge)[N|.V],(toeter)[V])[N]
getogaad	((ge)[A|.Nx],(toga)[N],(d)[A|xN.])[A]
getok	((ge)[N|.V],(tok)[V])[N]
getokkel	((ge)[N|.V],(tokkel)[V])[N]
getortel	((ge)[N|.V],(tortel)[V])[N]
getouw	((ge)[N|.N],(touw)[N])[N]
getover	((ge)[N|.V],(tover)[V])[N]
getrap	((ge)[N|.V],(trap)[V])[N]
getrappel	((ge)[N|.V],(trappel)[V])[N]
getrapt	((ge)[A|.Nx],(trap)[N],(t)[A|xN.])[A]
getreiter	((ge)[N|.V],(treiter)[V])[N]
getrek	((ge)[N|.V],(trek)[V])[N]
getreuzel	((ge)[N|.V],(treuzel)[V])[N]
getril	((ge)[N|.V],(tril)[V])[N]
getrippel	((ge)[N|.V],(trippel)[V])[N]
getrommel	((ge)[N|.V],(trommel)[V])[N]
getromp	((ge)[N|.V],(tromp)[V])[N]
getrouwheid	((getrouw)[A],(heid)[N|A.])[N]
getsjilp	((ge)[N|.V],(tsjilp)[V])[N]
getsjirp	((ge)[N|.V],(tsjirp)[V])[N]
getto	(getto)[N]
gettopositie	((getto)[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
getuf	((ge)[N|.V],(tuf)[V])[N]
getuig	((ge)[N|.N],(tuig)[N])[N]
getuigenbewijs	((getuige)[N],(en)[N|N.N],(bewijs)[N])[N]
getuigengeld	((getuige)[N],(en)[N|N.N],(geld)[N])[N]
getuigenis	((getuig)[V],(enis)[N|V.])[N]
getuigenispartij	(((getuig)[V],(enis)[N|V.])[N],(partij)[N])[N]
getuigenverhoor	((getuige)[N],(en)[N|N.N],(verhoor)[N])[N]
getuigschrift	((getuig)[V],(schrift)[N])[N]
getulband	((ge)[A|.N],(tulband)[N])[A]
getut	((ge)[N|.V],(tut)[V])[N]
getwijfel	((ge)[N|.V],(twijfel)[V])[N]
getwinkel	((ge)[N|.V],(twinkel)[V])[N]
geul	(geul)[N]
geur	(geur)[N]
geuren	(geur)[V]
geurig	((geur)[N],(ig)[A|N.])[A]
geurigheid	(((geur)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
geurloos	((geur)[N],(loos)[A|N.])[A]
geurmaker	((geur)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
geurstof	((geur)[V],(stof)[N])[N]
geus	(geus)[N]
geut	(geut)[N]
geuzelambiek	((geus)[N],(e)[N|N.N],(lambiek)[N])[N]
geuzenbende	((geus)[N],(en)[N|N.N],(bende)[N])[N]
geuzenlied	((geus)[N],(en)[N|N.N],(lied)[N])[N]
geuzennaam	((geus)[N],(en)[N|N.N],(naam)[N])[N]
geuzenpartij	((geus)[N],(en)[N|N.N],(partij)[N])[N]
geuzenpenning	((geus)[N],(en)[N|N.N],(penning)[N])[N]
geuzenvlag	((geus)[N],(en)[N|N.N],(vlag)[N])[N]
gevaarlijk	((gevaar)[N],(lijk)[A|N.])[A]
gevaarlijkheid	(((gevaar)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gevaarsbord	((gevaar)[N],(s)[N|N.N],(bord)[N])[N]
gevaarsignaal	((gevaar)[N],(signaal)[N])[N]
gevaarszone	((gevaar)[N],(s)[N|N.N],(zone)[N])[N]
gevaarvol	((gevaar)[N],(vol)[A])[A]
gevalsstudie	((geval)[N],(s)[N|N.N],(studie)[N])[N]
gevangenbewaarder	((gevangene)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
gevangenbewaarster	((gevangen)[A],(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
gevangenenkamp	((gevangene)[N],(en)[N|N.N],(kamp)[N])[N]
gevangenhouding	((gevangen)[A],(houd)[V],(ing)[N|AV.])[N]
gevangenisautoriteit	((gevangenis)[N],(autoriteit)[N])[N]
gevangenisbed	((gevangenis)[N],(bed)[N])[N]
gevangenisbibliotheek	((gevangenis)[N],(bibliotheek)[N])[N]
gevangenisboef	((gevangenis)[N],(boef)[N])[N]
gevangeniscel	((gevangenis)[N],(cel)[N])[N]
gevangeniscomplex	((gevangenis)[N],(complex)[N])[N]
gevangenisdeur	((gevangenis)[N],(deur)[N])[N]
gevangenisdirecteur	((gevangenis)[N],(directeur)[N])[N]
gevangenisdirectie	((gevangenis)[N],(directie)[N])[N]
gevangenisgebouw	((gevangenis)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
gevangenishospitaal	((gevangenis)[N],(hospitaal)[N])[N]
gevangenisjurk	((gevangenis)[N],(jurk)[N])[N]
gevangeniskleren	((gevangenis)[N],(kleed)[N])[N]
gevangenismuur	((gevangenis)[N],(muur)[N])[N]
gevangenispak	((gevangenis)[N],(pak)[N])[N]
gevangenisperiode	((gevangenis)[N],(periode)[N])[N]
gevangenisplunje	((gevangenis)[N],(plunje)[N])[N]
gevangenispoort	((gevangenis)[N],(poort)[N])[N]
gevangenispsychiater	((gevangenis)[N],(psychiater)[N])[N]
gevangenisregime	((gevangenis)[N],(regime)[N])[N]
gevangenisstraf	((gevangenis)[N],(straf)[N])[N]
gevangenissysteem	((gevangenis)[N],(systeem)[N])[N]
gevangeniswezen	((gevangenis)[N],(wezen)[N])[N]
gevangenmaken	((gevangen)[A],(maak)[V])[V]
gevangennemen	((gevangen)[A],(neem)[V])[V]
gevangenneming	(((gevangen)[A],(neem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
gevangenschap	((gevangen)[A],(schap)[N|A.])[N]
gevangenwagen	((gevangene)[N],(en)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
gevangenzetten	((gevangen)[A],(zet)[V])[V]
gevangenzetting	(((gevangen)[A],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
gevangenzitten	((gevangen)[A],(zit)[V])[V]
gevarendriehoek	((gevaar)[N],(en)[N|N.N],((drie)[Q],(hoek)[N])[N])[N]
gevarengeld	((gevaar)[N],(en)[N|N.N],(geld)[N])[N]
gevarenklas	((gevaar)[N],(en)[N|N.N],(klas)[N])[N]
gevarenklasse	((gevaar)[N],(en)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
gevarenpremie	((gevaar)[N],(en)[N|N.N],(premie)[N])[N]
gevarenrisico	((gevaar)[N],(en)[N|N.N],(risico)[N])[N]
gevarentoeslag	((gevaar)[N],(en)[N|N.N],((toe)[B],(slag)[N])[N])[N]
gevarenzone	((gevaar)[N],(en)[N|N.N],(zone)[N])[N]
gevarieerdheid	((gevarieerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gevatheid	((gevat)[A],(heid)[N|A.])[N]
gevecht	((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N]
gevechtsactie	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
gevechtsafstand	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(afstand)[N])[N]
gevechtsbommenwerper	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],((bom)[N],(en)[N|N.Vx],(werp)[V],(er)[N|NxV.])[N])[N]
gevechtseenheid	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
gevechtservaring	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gevechtseskader	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(eskader)[N])[N]
gevechtsformatie	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],((formeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
gevechtsgroep	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(groep)[N])[N]
gevechtshandeling	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gevechtshelikopter	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(helikopter)[N])[N]
gevechtsklaar	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[A|N.A],(klaar)[A])[A]
gevechtskracht	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
gevechtslaars	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(laars)[N])[N]
gevechtslinie	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(linie)[N])[N]
gevechtspak	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(pak)[N])[N]
gevechtspauze	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(pauze)[N])[N]
gevechtsstelling	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gevechtssterkte	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],((sterk)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
gevechtstas	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(tas)[N])[N]
gevechtstenue	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(tenue)[N])[N]
gevechtsterrein	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(terrein)[N])[N]
gevechtstoestel	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(toestel)[N])[N]
gevechtstoren	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(toren)[N])[N]
gevechtstroep	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(troep)[N])[N]
gevechtsuitrusting	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(((uit)[P],(rust)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gevechtsvliegtuig	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
gevechtsvoertuig	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],((voer)[V],(tuig)[N])[N])[N]
gevechtswaarde	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(waarde)[N])[N]
gevechtswagen	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
gevechtszone	(((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N],(s)[N|N.N],(zone)[N])[N]
gevederd	((ge)[A|.Nx],(veder)[N],(d)[A|xN.])[A]
gevederte	((ge)[N|.Nx],(veder)[N],(te)[N|xN.])[N]
geveins	((ge)[N|.V],(veins)[V])[N]
geveinsde	((geveinsd)[A],(e)[N|A.])[N]
geveinsdheid	((geveinsd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gevel	(gevel)[N]
gevelbelichting	((gevel)[N],((be)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
gevelbord	((gevel)[N],(bord)[N])[N]
gevelbreedte	((gevel)[N],((breed)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
geveldriehoek	((gevel)[N],((drie)[Q],(hoek)[N])[N])[N]
gevelhaak	((gevel)[N],(haak)[N])[N]
gevelisolatie	((gevel)[N],((isoleer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
gevelkachel	((gevel)[N],(kachel)[N])[N]
gevellijst	((gevel)[N],(lijst)[N])[N]
gevelopschrift	((gevel)[N],((op)[P],(schrift)[N])[N])[N]
gevelplaat	((gevel)[N],(plaat)[N])[N]
gevelspits	((gevel)[N],(spits)[N])[N]
gevelsteen	((gevel)[N],(steen)[N])[N]
geveltoerist	((gevel)[N],((toer)[N],(ist)[N|N.])[N])[N]
geveltop	((gevel)[N],(top)[N])[N]
geveltrap	((gevel)[N],(trap)[N])[N]
gevelveld	((gevel)[N],(veld)[N])[N]
gevelvenster	((gevel)[N],(venster)[N])[N]
gevelwand	((gevel)[N],(wand)[N])[N]
geven	(geef)[V]
gevensgezind	((geef)[V],(s)[A|V.A],(gezind)[A])[A]
gever	((geef)[V],(er)[N|V.])[N]
geverseerdheid	((geverseerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gevind	((ge)[A|.Nx],(vin)[N],(d)[A|xN.])[A]
gevingerd	((ge)[A|.Nx],(vinger)[N],(d)[A|xN.])[A]
gevlag	((ge)[N|.V],(vlag)[V])[N]
gevlamd	((ge)[A|.Nx],(vlam)[N],(d)[A|xN.])[A]
gevleesd	((ge)[A|.Nx],(vlees)[N],(d)[A|xN.])[A]
gevlei	((ge)[N|.V],(vlei)[V])[N]
gevlekt	((ge)[A|.Nx],(vlek)[N],(t)[A|xN.])[A]
gevlerkt	((ge)[A|.Nx],(vlerk)[N],(t)[A|xN.])[A]
gevleugeld	((ge)[A|.Nx],(vleugel)[N],(d)[A|xN.])[A]
gevlieg	((ge)[N|.V],(vlieg)[V])[N]
gevlij	((ge)[N|.V],(vlij)[V])[N]
gevloek	((ge)[N|.V],(vloek)[V])[N]
gevoeglijk	((gevoeg)[N],(lijk)[A|N.])[A]
gevoeglijkheid	(((gevoeg)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gevoel	((ge)[N|.V],(voel)[V])[N]
gevoelig	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|N.])[A]
gevoeligheid	((((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gevoeligheidscoëfficiënt	(((((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(coëfficiënt)[N])[N]
gevoelloos	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(loos)[A|N.])[A]
gevoelloosheid	((((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gevoelloosmaking	((((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(loos)[A|N.])[A],(maak)[V],(ing)[N|AV.])[N]
gevoelsargument	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(argument)[N])[N]
gevoelsarm	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[A|N.A],(arm)[A])[A]
gevoelsarmoede	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(armoede)[N])[N]
gevoelsaspect	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
gevoelsbasis	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(basis)[N])[N]
gevoelscentrum	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
gevoelsconflict	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(conflict)[N])[N]
gevoelscontact	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(contact)[N])[N]
gevoelsdimensie	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(dimensie)[N])[N]
gevoelselement	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(element)[N])[N]
gevoelsgeladenheid	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],((geladen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
gevoelsindruk	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],((in)[P],(druk)[N])[N])[N]
gevoelskwestie	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(kwestie)[N])[N]
gevoelsleven	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(leven)[N])[N]
gevoelsmatig	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[A|N.x],(matig)[A|Nx.])[A]
gevoelsmens	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(mens)[N])[N]
gevoelsmotief	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(motief)[N])[N]
gevoelsnuance	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(nuance)[N])[N]
gevoelsontwikkeling	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gevoelsoverweging	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],((overweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gevoelsprikkel	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(prikkel)[N])[N]
gevoelsreactie	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
gevoelsrelatie	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
gevoelssfeer	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
gevoelssituatie	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
gevoelssnaar	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(snaar)[N])[N]
gevoelsstoornis	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
gevoelsterrein	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(terrein)[N])[N]
gevoelstoestand	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
gevoelstype	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(type)[N])[N]
gevoelswaarde	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(waarde)[N])[N]
gevoelswarmte	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
gevoelswereld	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
gevoelszaak	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
gevoelszenuw	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(zenuw)[N])[N]
gevoelszin	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(s)[N|N.N],(zin)[N])[N]
gevoelvol	(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(vol)[A])[A]
gevogelte	((ge)[N|.Nx],(vogel)[N],(te)[N|xN.])[N]
gevolg	((ge)[N|.V],(volg)[V])[N]
gevolgaanduidend	(((ge)[N|.V],(volg)[V])[N],((aan)[P],(duid)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
gevolgtrekking	(((ge)[N|.V],(volg)[V])[N],(trek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
gevorkt	((ge)[A|.Nx],(vork)[N],(t)[A|xN.])[A]
gevormdheid	((gevormd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gevraag	((ge)[N|.V],(vraag)[V])[N]
gevrij	((ge)[N|.V],(vrij)[V])[N]
gevuldheid	((gevuld)[A],(heid)[N|A.])[N]
gewaagdheid	((gewaagd)[A],(heid)[N|A.])[N]
gewaarwording	((gewaarword)[V],(ing)[N|V.])[N]
gewafeld	((ge)[A|.Nx],(wafel)[N],(d)[A|xN.])[A]
gewapper	((ge)[N|.V],(wapper)[V])[N]
gewas	((ge)[N|.V],(was)[V])[N]
gewauwel	((ge)[N|.V],(wauwel)[V])[N]
geweeklaag	((ge)[N|.V],((wee)[N],(klaag)[V])[V])[N]
geween	((ge)[N|.V],(ween)[V])[N]
geweergrendel	((geweer)[N],(grendel)[N])[N]
geweerhaakt	((ge)[A|.Nx],((weer)[B],(haak)[N])[N],(t)[A|xN.])[A]
geweerhagel	((geweer)[N],(hagel)[N])[N]
geweerkamer	((geweer)[N],(kamer)[N])[N]
geweerkogel	((geweer)[N],(kogel)[N])[N]
geweerkolf	((geweer)[N],(kolf)[N])[N]
geweerlade	((geweer)[N],(lade)[N])[N]
geweerloop	((geweer)[N],(loop)[N])[N]
geweermaker	((geweer)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
geweerpatroon	((geweer)[N],(patroon)[N])[N]
geweerrek	((geweer)[N],(rek)[N])[N]
geweersalvo	((geweer)[N],(salvo)[N])[N]
geweerschot	((geweer)[N],(schot)[N])[N]
geweervet	((geweer)[N],(vet)[N])[N]
geweervuur	((geweer)[N],(vuur)[N])[N]
geweidragend	((gewei)[N],(draag)[V],(end)[A|NV.])[A]
geweldactie	((geweld)[N],(actie)[N])[N]
gewelddaad	((geweld)[N],(daad)[N])[N]
gewelddadig	(((geweld)[N],(daad)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
gewelddadigheid	((((geweld)[N],(daad)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gewelddelict	((geweld)[N],(delict)[N])[N]
geweldenaar	((geweld)[N],(enaar)[N|N.])[N]
geweldenarij	(((geweld)[N],(enaar)[N|N.])[N],(ij)[N|N.])[N]
geweldigaard	((geweldig)[A],(aard)[N|A.])[N]
geweldinstructie	((geweld)[N],(instructie)[N])[N]
geweldloos	((geweld)[N],(loos)[A|N.])[A]
geweldloosheid	(((geweld)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
geweldpleging	((geweld)[N],(pleeg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
geweldscène	((geweld)[N],(scène)[N])[N]
geweldsdelict	((geweld)[N],(s)[N|N.N],(delict)[N])[N]
geweldsmaniak	((geweld)[N],(s)[N|N.N],(maniak)[N])[N]
geweldsuitoefening	((geweld)[N],(s)[N|N.N],(((uit)[P],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gewelf	((ge)[N|.V],(welf)[V])[N]
gewelfboog	(((ge)[N|.V],(welf)[V])[N],(boog)[N])[N]
gewelfsel	(((ge)[N|.V],(welf)[V])[N],(sel)[N|N.])[N]
gewelfvorm	(((ge)[N|.V],(welf)[V])[N],(vorm)[N])[N]
gewemel	((ge)[N|.V],(wemel)[V])[N]
gewenning	((gewen)[V],(ing)[N|V.])[N]
gewenningsperiode	(((gewen)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
gewenningsproces	(((gewen)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
gewestelijk	((gewest)[N],(elijk)[A|N.])[A]
gewesttaal	((gewest)[N],(taal)[N])[N]
gewestvorming	((gewest)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
gewetenloos	((geweten)[N],(loos)[A|N.])[A]
gewetenloosheid	(((geweten)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gewetensangst	((geweten)[N],(s)[N|N.N],(angst)[N])[N]
gewetensbezwaar	((geweten)[N],(s)[N|N.N],(bezwaar)[N])[N]
gewetensbezwaarde	((geweten)[N],(s)[N|N.N],(bezwaarde)[N])[N]
gewetensconflict	((geweten)[N],(s)[N|N.N],(conflict)[N])[N]
gewetensdrang	((geweten)[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
gewetensdwang	((geweten)[N],(s)[N|N.N],(dwang)[N])[N]
gewetensfunctie	((geweten)[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
gewetensgeld	((geweten)[N],(s)[N|N.N],(geld)[N])[N]
gewetenskwestie	((geweten)[N],(s)[N|N.N],(kwestie)[N])[N]
gewetensnood	((geweten)[N],(s)[N|N.N],(nood)[N])[N]
gewetensonderzoek	((geweten)[N],(s)[N|N.N],(onderzoek)[N])[N]
gewetensontwikkeling	((geweten)[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gewetensplicht	((geweten)[N],(s)[N|N.N],(plicht)[N])[N]
gewetensprobleem	((geweten)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
gewetensreden	((geweten)[N],(s)[N|N.N],(reden)[N])[N]
gewetensscrupule	((geweten)[N],(s)[N|N.N],(scrupule)[N])[N]
gewetensvol	((geweten)[N],(s)[A|N.A],(vol)[A])[A]
gewetensvraag	((geweten)[N],(s)[N|N.N],(vraag)[N])[N]
gewetensvrijheid	((geweten)[N],(s)[N|N.N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
gewetenswroeging	((geweten)[N],(s)[N|N.N],((wroeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gewetenszaak	((geweten)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
gewichtheffen	((gewicht)[N],(hef)[V])[V]
gewichtheffer	(((gewicht)[N],(hef)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
gewichthefster	(((gewicht)[N],(hef)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
gewichtig	((gewicht)[N],(ig)[A|N.])[A]
gewichtigdoenerig	(((gewicht)[N],(ig)[A|N.])[A],(doe)[V],(erig)[A|AV.])[A]
gewichtigdoenerij	(((gewicht)[N],(ig)[A|N.])[A],(doe)[V],(erij)[N|AV.])[N]
gewichtigheid	(((gewicht)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gewichtloosheid	((gewicht)[N],(loos)[N|N.x],(heid)[N|Nx.])[N]
gewichtsafname	((gewicht)[N],(s)[N|N.N],(((af)[P],(neem)[V])[V])[N])[N]
gewichtscoëfficiënt	((gewicht)[N],(s)[N|N.N],(coëfficiënt)[N])[N]
gewichtsdeel	((gewicht)[N],(s)[N|N.N],(deel)[N])[N]
gewichtseenheid	((gewicht)[N],(s)[N|N.N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
gewichtshoeveelheid	((gewicht)[N],(s)[N|N.N],(hoeveelheid)[N])[N]
gewichtsklasse	((gewicht)[N],(s)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
gewichtsloosheid	((gewicht)[N],(s)[N|N.N],((loos)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
gewichtsprocent	((gewicht)[N],(s)[N|N.N],(procent)[N])[N]
gewichtstoename	((gewicht)[N],(s)[N|N.N],(toename)[N])[N]
gewichtstuk	((gewicht)[N],(stuk)[N])[N]
gewichtsverandering	((gewicht)[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gewichtsverlies	((gewicht)[N],(s)[N|N.N],(verlies)[N])[N]
gewichtsvermindering	((gewicht)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(minder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gewiebel	((ge)[N|.V],(wiebel)[V])[N]
gewieg	((ge)[N|.V],(wieg)[V])[N]
gewiegel	((ge)[N|.V],(wiegel)[V])[N]
gewiekstheid	((gewiekst)[A],(heid)[N|A.])[N]
gewiekt	((ge)[A|.Nx],(wiek)[N],(t)[A|xN.])[A]
gewildheid	((gewild)[A],(heid)[N|A.])[N]
gewilligheid	((gewillig)[A],(heid)[N|A.])[N]
gewimpeld	((ge)[A|.Nx],(wimpel)[N],(d)[A|xN.])[A]
gewimperd	((ge)[A|.Nx],(wimper)[N],(d)[A|xN.])[A]
gewin	((ge)[N|.V],(win)[V])[N]
gewinziek	(((ge)[N|.V],(win)[V])[N],(ziek)[A])[A]
gewinzoeker	(((ge)[N|.V],(win)[V])[N],(zoek)[V],(er)[N|NV.])[N]
gewinzucht	(((ge)[N|.V],(win)[V])[N],(zucht)[N])[N]
gewip	((ge)[N|.V],(wip)[V])[N]
gewirwar	((ge)[N|.N],(wirwar)[N])[N]
gewisheid	((gewis)[A],(heid)[N|A.])[N]
gewissel	((ge)[N|.V],(wissel)[V])[N]
gewoeker	((ge)[N|.V],(woeker)[V])[N]
gewoel	((ge)[N|.V],(woel)[V])[N]
gewold	((ge)[A|.Nx],(wol)[N],(d)[A|xN.])[A]
gewolkt	((ge)[A|.Nx],(wolk)[N],(t)[A|xN.])[A]
gewondentransport	((gewonde)[N],(en)[N|N.N],(transport)[N])[N]
gewoon	(gewoon)[A]
gewoonheid	((gewoon)[A],(heid)[N|A.])[N]
gewoonte	((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N]
gewoontedier	(((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N],(dier)[N])[N]
gewoontedrinker	(((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N],((drink)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
gewoontedrinkster	(((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N],((drink)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
gewoontegetrouw	(((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N],(getrouw)[A])[A]
gewoontehandeling	(((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gewoontemisdadiger	(((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N],(misdadiger)[N])[N]
gewoonterecht	(((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N],(recht)[N])[N]
gewoonteregel	(((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N],(regel)[N])[N]
gewoontevorming	(((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
gewormte	((ge)[N|.Nx],(worm)[N],(te)[N|xN.])[N]
geworstel	((ge)[N|.V],(worstel)[V])[N]
gewrichtsaandoening	((gewricht)[N],(s)[N|N.N],(((aan)[P],(doe)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gewrichtsband	((gewricht)[N],(s)[N|N.N],(band)[N])[N]
gewrichtsholte	((gewricht)[N],(s)[N|N.N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
gewrichtskapsel	((gewricht)[N],(s)[N|N.N],((kap)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
gewrichtsklacht	((gewricht)[N],(s)[N|N.N],(klacht)[N])[N]
gewrichtsknobbel	((gewricht)[N],(s)[N|N.N],(knobbel)[N])[N]
gewrichtsmuis	((gewricht)[N],(s)[N|N.N],(muis)[N])[N]
gewrichtsneurose	((gewricht)[N],(s)[N|N.N],(neurose)[N])[N]
gewrichtsreuma	((gewricht)[N],(s)[N|N.N],(reuma)[N])[N]
gewrichtsreumatiek	((gewricht)[N],(s)[N|N.N],(((reuma)[N],(atisch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
gewrichtsverandering	((gewricht)[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gewrichtsverstijving	((gewricht)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(stijf)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
gewrichtsvlies	((gewricht)[N],(s)[N|N.N],(vlies)[N])[N]
gewrichtsziekte	((gewricht)[N],(s)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
gewriemel	((ge)[N|.V],(wriemel)[V])[N]
gewrijf	((ge)[N|.V],(wrijf)[V])[N]
gewrik	((ge)[N|.V],(wrik)[V])[N]
gewrocht	((ge)[N|.V],(wrocht)[V])[N]
gewroet	((ge)[N|.V],(wroet)[V])[N]
gewrongenheid	((gewrongen)[A],(heid)[N|A.])[N]
gewuif	((ge)[N|.V],(wuif)[V])[N]
gewurm	((ge)[N|.V],(wurm)[V])[N]
gezaag	((ge)[N|.V],(zaag)[V])[N]
gezabbel	((ge)[N|.V],(zabbel)[V])[N]
gezabber	((ge)[N|.V],(zabber)[V])[N]
gezagdraagster	((gezag)[N],(draag)[V],(ster)[N|NV.])[N]
gezagdrager	((gezag)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
gezaghebbend	((gezag)[N],(heb)[V],(end)[A|NV.])[A]
gezaghebber	((gezag)[N],(heb)[V],(er)[N|NV.])[N]
gezagloosheid	((gezag)[N],((loos)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
gezagsapparaat	((gezag)[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
gezagsargument	((gezag)[N],(s)[N|N.N],(argument)[N])[N]
gezagsaspect	((gezag)[N],(s)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
gezagsbevoegdheid	((gezag)[N],(s)[N|N.N],((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
gezagscrisis	((gezag)[N],(s)[N|N.N],(crisis)[N])[N]
gezagscultuur	((gezag)[N],(s)[N|N.N],(cultuur)[N])[N]
gezagsgetrouw	((gezag)[N],(s)[A|N.A],(getrouw)[A])[A]
gezagsinstantie	((gezag)[N],(s)[N|N.N],(instantie)[N])[N]
gezagsoefening	((gezag)[N],(s)[N|N.N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gezagsorgaan	((gezag)[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
gezagspatroon	((gezag)[N],(s)[N|N.N],(patroon)[N])[N]
gezagspiramide	((gezag)[N],(s)[N|N.N],(piramide)[N])[N]
gezagspositie	((gezag)[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
gezagsstructuur	((gezag)[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
gezagstroep	((gezag)[N],(s)[N|N.N],(troep)[N])[N]
gezagsuitoefening	((gezag)[N],(s)[N|N.N],(((uit)[P],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gezagsvacuüm	((gezag)[N],(s)[N|N.N],(vacuüm)[N])[N]
gezagsverhouding	((gezag)[N],(s)[N|N.N],((verhoud)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gezagvoerder	((gezag)[N],(voer)[V],(der)[N|NV.])[N]
gezagvoerster	((gezag)[N],(voer)[V],(ster)[N|NV.])[N]
gezagvol	((gezag)[N],(vol)[A])[A]
gezamenlijkheid	((gezamenlijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
gezang	((ge)[N|.N],(zang)[N])[N]
gezangboek	(((ge)[N|.N],(zang)[N])[N],(boek)[N])[N]
gezangbord	(((ge)[N|.N],(zang)[N])[N],(bord)[N])[N]
gezangbundel	(((ge)[N|.N],(zang)[N])[N],(bundel)[N])[N]
gezangenbundel	(((ge)[N|.N],(zang)[N])[N],(en)[N|N.N],(bundel)[N])[N]
gezanik	((ge)[N|.V],(zanik)[V])[N]
gezante	((gezant)[N],(e)[N|N.])[N]
gezantschap	((gezant)[N],(schap)[N|N.])[N]
gezantschapsattaché	(((gezant)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(attaché)[N])[N]
gezantschapshotel	(((gezant)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(hotel)[N])[N]
gezantschapsraad	(((gezant)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
gezantschapssecretaris	(((gezant)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(secretaris)[N])[N]
gezapigheid	((gezapig)[A],(heid)[N|A.])[N]
gezeglijk	((gezeg)[V],(lijk)[A|V.])[A]
gezeglijkheid	(((gezeg)[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gezeik	((ge)[N|.V],(zeik)[V])[N]
gezelligheid	((gezellig)[A],(heid)[N|A.])[N]
gezelligheidsdier	(((gezellig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(dier)[N])[N]
gezelligheidsfunctie	(((gezellig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
gezelligheidskarakter	(((gezellig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(karakter)[N])[N]
gezelligheidsmens	(((gezellig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(mens)[N])[N]
gezelligheidsvereniging	(((gezellig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gezellin	((gezel)[N],(in)[N|N.])[N]
gezelschap	((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N]
gezelschapsbiljet	(((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(biljet)[N])[N]
gezelschapsdame	(((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(dame)[N])[N]
gezelschapsjuffrouw	(((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(juffrouw)[N])[N]
gezelschapslied	(((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(lied)[N])[N]
gezelschapsreis	(((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(reis)[N])[N]
gezelschapsspel	(((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(spel)[N])[N]
gezemel	((ge)[N|.V],(zemel)[V])[N]
gezetheid	((gezet)[A],(heid)[N|A.])[N]
gezeul	((ge)[N|.V],(zeul)[V])[N]
gezeur	((ge)[N|.V],(zeur)[V])[N]
gezever	((ge)[N|.V],(zever)[V])[N]
gezicht	((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N]
gezichtsafstand	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(afstand)[N])[N]
gezichtsas	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(as)[N])[N]
gezichtsbedrog	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(bedrog)[N])[N]
gezichtsbepalend	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[A|N.Vx],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(end)[A|NxV.])[A]
gezichtscel	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(cel)[N])[N]
gezichtscentrum	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
gezichtseinder	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],((eind)[N],(er)[N|N.])[N])[N]
gezichtshaar	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(haar)[N])[N]
gezichtshelft	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(helft)[N])[N]
gezichtshoek	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(hoek)[N])[N]
gezichtshuid	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(huid)[N])[N]
gezichtsindruk	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],((in)[P],(druk)[N])[N])[N]
gezichtskring	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(kring)[N])[N]
gezichtslijn	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(lijn)[N])[N]
gezichtsmasker	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(masker)[N])[N]
gezichtsmassage	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],((masseer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
gezichtsmeter	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
gezichtsorgaan	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
gezichtspunt	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
gezichtsscherpte	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],((scherp)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
gezichtsstoornis	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
gezichtsveld	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
gezichtsverlies	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(verlies)[N])[N]
gezichtsvermogen	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
gezichtsvorm	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
gezichtszenuw	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],(zenuw)[N])[N]
gezichtszintuig	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],((zin)[N],(tuig)[N])[N])[N]
gezichtszwakte	(((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N],(s)[N|N.N],((zwak)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
gezindheid	((gezind)[A],(heid)[N|A.])[N]
gezindte	((gezind)[A],(te)[N|A.])[N]
gezinsachtergrond	((gezin)[N],(s)[N|N.N],((achter)[B],(grond)[N])[N])[N]
gezinsarts	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(arts)[N])[N]
gezinsauto	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(auto)[N])[N]
gezinsbedrijf	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
gezinsbehandeling	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gezinsbeperking	((gezin)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(perk)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
gezinsbijstand	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(bijstand)[N])[N]
gezinsbudget	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(budget)[N])[N]
gezinsconflict	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(conflict)[N])[N]
gezinsconstellatie	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(constellatie)[N])[N]
gezinsconsumptie	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(consumptie)[N])[N]
gezinsevenwicht	((gezin)[N],(s)[N|N.N],((even)[A],(wicht)[N])[N])[N]
gezinsfase	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
gezinsfinanciën	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(financie)[N])[N]
gezinsfles	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(fles)[N])[N]
gezinsfunctie	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
gezinsgeneeskunde	((gezin)[N],(s)[N|N.N],((genees)[V],(kunde)[N])[N])[N]
gezinsgesprek	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(gesprek)[N])[N]
gezinsgrootte	((gezin)[N],(s)[N|N.N],((groot)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
gezinshelpster	((gezin)[N],(s)[N|N.Vx],(help)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
gezinshereniging	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(((her)[V|.A],(enig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gezinshoofd	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
gezinshuishouden	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(huishouden)[N])[N]
gezinshulp	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(hulp)[N])[N]
gezinsinkomen	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(inkomen)[N])[N]
gezinsinteractie	((gezin)[N],(s)[N|N.N],((inter)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
gezinskaart	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
gezinskind	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
gezinsklimaat	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(klimaat)[N])[N]
gezinskrediet	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(krediet)[N])[N]
gezinsleven	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(leven)[N])[N]
gezinslid	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(lid)[N])[N]
gezinsloon	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(loon)[N])[N]
gezinsmaaltijd	((gezin)[N],(s)[N|N.N],((maal)[N],(tijd)[N])[N])[N]
gezinsmaatschappelijk	((gezin)[N],(s)[A|N.A],(((maat)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
gezinsmilieu	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(milieu)[N])[N]
gezinsmoeilijkheden	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
gezinsomstandigheid	((gezin)[N],(s)[N|N.N],((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
gezinsontwikkeling	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gezinspak	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(pak)[N])[N]
gezinsplanning	((gezin)[N],(s)[N|N.Vx],(plan)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
gezinsprobleem	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
gezinsreactie	((gezin)[N],(s)[N|N.N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
gezinsrelatie	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
gezinssfeer	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
gezinssituatie	((gezin)[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
gezinssociologie	((gezin)[N],(s)[N|N.N],((sociologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
gezinssociologisch	((gezin)[N],(s)[A|N.A],(sociologisch)[A])[A]
gezinssocioloog	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(socioloog)[N])[N]
gezinsstructuur	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
gezinssysteem	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
gezinstherapeut	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(therapeut)[N])[N]
gezinstherapie	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(therapie)[N])[N]
gezinstoelage	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(toelage)[N])[N]
gezinstype	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(type)[N])[N]
gezinsvader	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(vader)[N])[N]
gezinsverband	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(verband)[N])[N]
gezinsverpakking	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.N],(pak)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gezinsverpleging	((gezin)[N],(s)[N|N.N],((verpleeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gezinsvervangend	((gezin)[N],(s)[A|N.Vx],(vervang)[V],(end)[A|NxV.])[A]
gezinsverzorging	((gezin)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
gezinsverzorgster	((gezin)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ster)[N|NxV.])[N]
gezinsvoogd	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(voogd)[N])[N]
gezinsvoogdes	(((gezin)[N],(s)[N|N.N],(voogd)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
gezinsvoogdij	((gezin)[N],(s)[N|N.N],((voogd)[N],(ij)[N|N.])[N])[N]
gezinsvoogdijvereniging	(((gezin)[N],(s)[N|N.N],((voogd)[N],(ij)[N|N.])[N])[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gezinswagen	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
gezinswandeling	((gezin)[N],(s)[N|N.N],((wandel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gezinszaak	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
gezinszorg	((gezin)[N],(s)[N|N.N],(zorg)[N])[N]
gezochtheid	((gezocht)[A],(heid)[N|A.])[N]
gezoef	((ge)[N|.V],(zoef)[V])[N]
gezoek	((ge)[N|.V],(zoek)[V])[N]
gezoem	((ge)[N|.V],(zoem)[V])[N]
gezoen	((ge)[N|.V],(zoen)[V])[N]
gezondheid	((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N]
gezondheidsaspect	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
gezondheidsattest	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(attest)[N])[N]
gezondheidsbegrip	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(begrip)[N])[N]
gezondheidsbeleid	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
gezondheidscentrum	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
gezondheidsclaim	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(claim)[N])[N]
gezondheidscommissie	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
gezondheidsdienst	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
gezondheidsfreak	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(freak)[N])[N]
gezondheidskolonie	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(kolonie)[N])[N]
gezondheidskunde	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
gezondheidsleer	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
gezondheidsmaatregel	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
gezondheidsorganisatie	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
gezondheidspas	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(pas)[N])[N]
gezondheidspolitie	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],(poleer)[V],(itie)[N|NxV.])[N]
gezondheidsprobleem	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
gezondheidsredenen	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(reden)[N])[N]
gezondheidsregel	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
gezondheidsrisico	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(risico)[N])[N]
gezondheidssandaal	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(sandaal)[N])[N]
gezondheidssector	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(sector)[N])[N]
gezondheidssituatie	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
gezondheidsstatistiek	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((statistisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
gezondheidssysteem	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
gezondheidstoestand	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
gezondheidsverklaring	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
gezondheidsvoorziening	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gezondheidswetgeving	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
gezondheidswinkel	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
gezondheidszorg	(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(zorg)[N])[N]
gezondheidszorgsysteem	((((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(zorg)[N])[N],(systeem)[N])[N]
gezondheidszorgvoorziening	((((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(zorg)[N])[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gezondmakertje	((gezond)[A],(maak)[V],(er)[N|AV.])[N]
gezondmaking	((gezond)[A],(maak)[V],(ing)[N|AV.])[N]
gezucht	((ge)[N|.V],(zucht)[V])[N]
gezuig	((ge)[N|.V],(zuig)[V])[N]
gezuip	((ge)[N|.V],(zuip)[V])[N]
gezusters	((ge)[N|.N],(zusters)[N])[N]
gezwaai	((ge)[N|.V],(zwaai)[V])[N]
gezwam	((ge)[N|.V],(zwam)[V])[N]
gezwatel	((ge)[N|.V],(zwatel)[V])[N]
gezwel	((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N]
gezwelvorm	(((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N],(vorm)[N])[N]
gezwendel	((ge)[N|.V],(zwendel)[V])[N]
gezwerf	((ge)[N|.V],(zwerf)[V])[N]
gezwets	((ge)[N|.V],(zwets)[V])[N]
gezwiep	((ge)[N|.V],(zwiep)[V])[N]
gezwier	((ge)[N|.V],(zwier)[V])[N]
gezwindheid	((gezwind)[A],(heid)[N|A.])[N]
gezwoeg	((ge)[N|.V],(zwoeg)[V])[N]
gezwollenheid	((gezwollen)[A],(heid)[N|A.])[N]
geëmmer	((ge)[N|.V],(emmer)[V])[N]
geëmotioneerdheid	((geëmotioneerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geëngageerdheid	((geëngageerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geërfde	((geërfd)[V],(e)[N|V.])[N]
geëtter	((ge)[N|.V],(etter)[V])[N]
geëvenredigd	((ge)[A|.Ax],(evenredig)[A],(d)[A|xA.])[A]
geëxperimenteer	((ge)[N|.V],((experiment)[N],(eer)[V|N.])[V])[N]
geïmponeerdheid	((geïmponeerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geïnteresseerdheid	((geïnteresseerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geïntimeerde	((geïntimeerd)[V],(e)[N|V.])[N]
geïnverteerde	((geïnverteerd)[V],(e)[N|V.])[N]
geïnvolveerdheid	((geïnvolveerd)[V],(heid)[N|V.])[N]
geïrriteerdheid	((geïrriteerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
geürm	((ge)[N|.V],(urm)[V])[N]
gibbon	(gibbon)[N]
gids	(gids)[N]
gidsartikel	((gids)[N],(artikel)[N])[N]
gidsen	(gids)[V]
gidsfossiel	((gids)[N],(fossiel)[N])[N]
gidsland	((gids)[N],(land)[N])[N]
giebel	(giebel)[N]
giebelen	(giebel)[V]
giechel	(giechel)[N]
giechelen	(giechel)[V]
giek	(giek)[N]
gier	(gier)[N]
gieraal	((gier)[N],(aal)[N])[N]
gierbak	((gier)[N],(bak)[N])[N]
gierbrug	((gier)[V],(brug)[N])[N]
gieren	(gier)[V]
gierenhals	((gier)[N],(e)[N|N.N],(hals)[N])[N]
gierennest	((gier)[N],(e)[N|N.N],(nest)[N])[N]
gierenoog	((gier)[N],(e)[N|N.N],(oog)[N])[N]
gierigaard	((gierig)[A],(aard)[N|A.])[N]
gierigheid	((gierig)[A],(heid)[N|A.])[N]
giering	((gier)[V],(ing)[N|V.])[N]
gierkabel	((gier)[V],(kabel)[N])[N]
gierkar	((gier)[N],(kar)[N])[N]
gierketting	((gier)[V],(ketting)[N])[N]
gierkuil	((gier)[N],(kuil)[N])[N]
gierpomp	((gier)[N],(pomp)[N])[N]
gierpont	((gier)[V],(pont)[N])[N]
gierst	(gierst)[N]
gierstgras	((gierst)[N],(gras)[N])[N]
gierstkorrel	((gierst)[N],(korrel)[N])[N]
gierstroom	((gier)[V],(stroom)[N])[N]
giertank	((gier)[N],(tank)[N])[N]
giertij	((gier)[V],(tij)[N])[N]
giertouw	((gier)[V],(touw)[N])[N]
giervalk	((gier)[N],(valk)[N])[N]
gierwagen	((gier)[N],(wagen)[N])[N]
gierzwaluw	((gier)[V],(zwaluw)[N])[N]
gietbeton	((giet)[V],(beton)[N])[N]
gietbouw	((giet)[V],(bouw)[N])[N]
gietbui	((giet)[V],(bui)[N])[N]
gietcokes	((giet)[V],(cokes)[N])[N]
gieteling	((giet)[V],(eling)[N|V.])[N]
gieten	(giet)[V]
gieter	((giet)[V],(er)[N|V.])[N]
gieterij	((giet)[V],(erij)[N|V.])[N]
gietgat	((giet)[V],(gat)[N])[N]
gietgleuf	((giet)[V],(gleuf)[N])[N]
gietijzer	((giet)[V],(ijzer)[N])[N]
gietijzeren	(((giet)[V],(ijzer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
gieting	((giet)[V],(ing)[N|V.])[N]
gietkanaal	((giet)[V],(kanaal)[N])[N]
gietlegering	((giet)[V],((leger)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gietlepel	((giet)[V],(lepel)[N])[N]
gietlood	((giet)[V],(lood)[N])[N]
gietloop	((giet)[V],(loop)[N])[N]
gietnaad	((giet)[V],(naad)[N])[N]
gietsel	((giet)[V],(sel)[N|V.])[N]
gietstaal	((giet)[V],(staal)[N])[N]
gietstuk	((giet)[V],(stuk)[N])[N]
giettrechter	((giet)[V],(trechter)[N])[N]
gietvorm	((giet)[V],(vorm)[N])[N]
gietwerk	((giet)[V],(werk)[N])[N]
gif	(gif)[N]
gifangel	((gif)[N],(angel)[N])[N]
gifatlas	((gif)[N],(atlas)[N])[N]
gifbeker	((gif)[N],(beker)[N])[N]
gifbelt	((gif)[N],(belt)[N])[N]
gifblaas	((gif)[N],(blaas)[N])[N]
gifcapsule	((gif)[N],(capsule)[N])[N]
gifdrank	((gif)[N],(drank)[N])[N]
gifgas	((gif)[N],(gas)[N])[N]
gifgeel	((gif)[N],(geel)[A])[A]
gifgehalte	((gif)[N],(gehalte)[N])[N]
gifgrond	((gif)[N],(grond)[N])[N]
gifkalender	((gif)[N],(kalender)[N])[N]
gifkikker	((gif)[N],(kikker)[N])[N]
gifklier	((gif)[N],(klier)[N])[N]
giflozing	((gif)[N],(loos)[V],(ing)[N|NV.])[N]
gifmenger	((gif)[N],(meng)[V],(er)[N|NV.])[N]
gifmengster	((gif)[N],(meng)[V],(ster)[N|NV.])[N]
gifpijl	((gif)[N],(pijl)[N])[N]
gifplant	((gif)[N],(plant)[N])[N]
gifschandaal	((gif)[N],(schandaal)[N])[N]
gifslang	((gif)[N],(slang)[N])[N]
gifstorting	((gif)[N],(stort)[V],(ing)[N|NV.])[N]
gift	(gift)[N]
giftand	((gif)[N],(tand)[N])[N]
giftandigen	((gif)[N],(tand)[N],(ig)[N|NN.x],(e)[N|NNx.])[N]
giftangel	((gift)[N],(angel)[N])[N]
giftatlas	((gift)[N],(atlas)[N])[N]
giftbeker	((gift)[N],(beker)[N])[N]
giftbelt	((gift)[N],(belt)[N])[N]
giftblaas	((gift)[N],(blaas)[N])[N]
giftbrief	((gift)[N],(brief)[N])[N]
giftgas	((gift)[N],(gas)[N])[N]
giftgrond	((gift)[N],(grond)[N])[N]
giftig	((gift)[N],(ig)[A|N.])[A]
giftigheid	(((gift)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
giftkalender	((gift)[N],(kalender)[N])[N]
giftklier	((gift)[N],(klier)[N])[N]
giftlozing	((gift)[N],(loos)[V],(ing)[N|NV.])[N]
giftmenger	((gift)[N],(meng)[V],(er)[N|NV.])[N]
giftmengster	((gift)[N],(meng)[V],(ster)[N|NV.])[N]
giftplant	((gift)[N],(plant)[N])[N]
giftschandaal	((gift)[N],(schandaal)[N])[N]
giftslang	((gift)[N],(slang)[N])[N]
giftstorting	((gift)[N],(stort)[V],(ing)[N|NV.])[N]
gifttand	((gift)[N],(tand)[N])[N]
giftvrij	((gift)[N],(vrij)[A])[A]
giftwerend	((gift)[N],(weer)[V],(end)[A|NV.])[A]
giftwijk	((gift)[N],(wijk)[N])[N]
giftwolk	((gift)[N],(wolk)[N])[N]
giftzuiger	((gift)[N],(zuig)[V],(er)[N|NV.])[N]
gifvrij	((gif)[N],(vrij)[A])[A]
gifwerend	((gif)[N],(weer)[V],(end)[A|NV.])[A]
gifwijk	((gif)[N],(wijk)[N])[N]
gifwolk	((gif)[N],(wolk)[N])[N]
gifzuiger	((gif)[N],(zuig)[V],(er)[N|NV.])[N]
gig	(gig)[N]
gigant	(gigant)[N]
gigantesk	((gigant)[N],(esk)[A|N.])[A]
gigantisch	((gigant)[N],(isch)[A|N.])[A]
gigantisme	((gigant)[N],(isme)[N|N.])[N]
gigawatt	((giga)[N|.N],(watt)[N])[N]
gigolo	(gigolo)[N]
gigue	(gigue)[N]
gijk	(gijk)[N]
gijl	(gijl)[N]
gijlbier	((gijl)[V],(bier)[N])[N]
gijlen	(gijl)[V]
gijlkuip	((gijl)[V],(kuip)[N])[N]
gijn	(gijn)[N]
gijnbalk	((gijn)[N],(balk)[N])[N]
gijnblok	((gijn)[N],(blok)[N])[N]
gijnloper	((gijn)[N],(loop)[V],(er)[N|NV.])[N]
gijpen	(gijp)[V]
gijzelaar	((gijzel)[V],(aar)[N|V.])[N]
gijzelaarster	(((gijzel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
gijzelen	(gijzel)[V]
gijzelhouder	((gijzel)[V],((houd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
gijzeling	((gijzel)[V],(ing)[N|V.])[N]
gijzelingsactie	(((gijzel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
gijzelingsaffaire	(((gijzel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(affaire)[N])[N]
gijzelingssituatie	(((gijzel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
gijzelrecht	((gijzel)[V],(recht)[N])[N]
gil	(gil)[N]
gild	(gild)[N]
gildenboek	((gilde)[N],(boek)[N])[N]
gildenbrief	((gilde)[N],(brief)[N])[N]
gildenbroeder	((gilde)[N],(broeder)[N])[N]
gildenbroederschap	(((gilde)[N],(broeder)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
gildendeken	((gilde)[N],(deken)[N])[N]
gildendwang	((gilde)[N],(dwang)[N])[N]
gildenhuis	((gilde)[N],(huis)[N])[N]
gildenkamer	((gilde)[N],(kamer)[N])[N]
gildenkeur	((gilde)[N],(keur)[N])[N]
gildenmeester	((gilde)[N],(meester)[N])[N]
gildenpatroon	((gilde)[N],(patroon)[N])[N]
gildenpenning	((gilde)[N],(penning)[N])[N]
gildenproef	((gilde)[N],(proef)[N])[N]
gildenrecht	((gilde)[N],(recht)[N])[N]
gildenwezen	((gilde)[N],(wezen)[N])[N]
gildos	((gild)[N],(os)[N])[N]
gildoverman	((gild)[N],((over)[P],(man)[N])[N])[N]
gillen	(gil)[V]
giller	((gil)[V],(er)[N|V.])[N]
gillerig	((gil)[V],(erig)[A|V.])[A]
gilling	((gil)[V],(ing)[N|V.])[N]
gin	(gin)[N]
gin-tonic	((gin)[N],(tonic)[N])[N]
ginseng	(ginseng)[N]
ginst	(ginst)[N]
gips	(gips)[N]
gipsaarde	((gips)[N],(aarde)[N])[N]
gipsafgietsel	((gips)[N],(((af)[P],(giet)[V])[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
gipsbed	((gips)[N],(bed)[N])[N]
gipsbeeld	((gips)[N],(beeld)[N])[N]
gipsbeen	((gips)[N],(been)[N])[N]
gipsbroeder	((gips)[V],(broeder)[N])[N]
gipsen	((gips)[N],(en)[A|N.])[A]
gipsen	(gips)[V]
gipskalk	((gips)[N],(kalk)[N])[N]
gipskamer	((gips)[V],(kamer)[N])[N]
gipskruid	((gips)[N],(kruid)[N])[N]
gipsmasker	((gips)[N],(masker)[N])[N]
gipsmodel	((gips)[N],(model)[N])[N]
gipsplaat	((gips)[N],(plaat)[N])[N]
gipsverband	((gips)[N],(verband)[N])[N]
gipsvorm	((gips)[N],(vorm)[N])[N]
giraf	(giraf)[N]
giraffe	(giraffe)[N]
giraffehals	((giraffe)[N],(hals)[N])[N]
giraffenek	((giraffe)[N],(nek)[N])[N]
girandole	(girandole)[N]
girant	((gireer)[V],(ant)[N|V.])[N]
giro	(giro)[N]
giro-envelop	((giro)[N],(envelop)[N])[N]
giro-enveloppe	((giro)[N],(enveloppe)[N])[N]
giroadministratie	((giro)[N],((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
giroafrekening	((giro)[N],(((af)[P],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
girobank	((giro)[N],(bank)[N])[N]
girobetaalkaart	((giro)[N],((betaal)[V],(kaart)[N])[N])[N]
girobiljet	((giro)[N],(biljet)[N])[N]
giroboekje	((giro)[N],(boek)[N])[N]
girocheque	((giro)[N],(cheque)[N])[N]
girodienst	((giro)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
giroffel	(giroffel)[N]
girokaart	((giro)[N],(kaart)[N])[N]
girokantoor	((giro)[N],(kantoor)[N])[N]
gironummer	((giro)[N],(nummer)[N])[N]
giropas	((giro)[N],(pas)[N])[N]
girorekening	((giro)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
girosaldo	((giro)[N],(saldo)[N])[N]
giroverkeer	((giro)[N],(verkeer)[N])[N]
girowissel	((giro)[N],(wissel)[N])[N]
gis	(gis)[N]
gispen	(gisp)[V]
gisping	((gisp)[V],(ing)[N|V.])[N]
gissen	(gis)[V]
gissing	((gis)[V],(ing)[N|V.])[N]
gist	(gist)[N]
gisten	(gist)[V]
gisterennamiddag	((gisteren)[B],((na)[P],(middag)[N])[N])[N]
gisting	((gist)[V],(ing)[N|V.])[N]
gistingsbacteriën	(((gist)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bacterie)[N])[N]
gistingsproces	(((gist)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
gistingsverschijnsel	(((gist)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
gistkuip	((gist)[V],(kuip)[N])[N]
gistmeter	((gist)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
gistpoeder	((gist)[V],(poeder)[N])[N]
gistpoeier	((gist)[V],(poeier)[N])[N]
gistvlokken	((gist)[N],(vlok)[N])[N]
gistzwam	((gist)[N],(zwam)[N])[N]
giswerk	((gis)[V],(werk)[N])[N]
git	(git)[N]
gitaar	(gitaar)[N]
gitaargetokkel	((gitaar)[N],((ge)[N|.V],(tokkel)[V])[N])[N]
gitaarklank	((gitaar)[N],(klank)[N])[N]
gitaarmuziek	((gitaar)[N],(muziek)[N])[N]
gitaarspel	((gitaar)[N],(spel)[N])[N]
gitaarspeler	((gitaar)[N],(speel)[V],(er)[N|NV.])[N]
gitarist	((gitaar)[N],(ist)[N|N.])[N]
gitten	((git)[N],(en)[A|N.])[A]
gitzwart	((git)[N],(zwart)[A])[A]
glacisweg	((glacis)[N],(weg)[N])[N]
glacé	(glacé)[N]
glacéhandschoen	((glacé)[N],((hand)[N],(schoen)[N])[N])[N]
glacéleer	((glacé)[N],(leer)[N])[N]
glacépapier	((glaceer)[V],(papier)[N])[N]
glad	(glad)[A]
gladachtig	((glad)[A],(achtig)[A|A.])[A]
gladboenen	((glad)[A],(boen)[V])[V]
gladden	(glad)[V]
gladdig	((glad)[A],(ig)[A|A.])[A]
gladdigheid	((glad)[A],(igheid)[N|A.])[N]
gladharig	((glad)[A],(haar)[N],(ig)[A|AN.])[A]
gladharigheid	(((glad)[A],(haar)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gladheid	((glad)[A],(heid)[N|A.])[N]
gladhout	((glad)[A],(hout)[N])[N]
gladhouten	(((glad)[A],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
gladiool	(gladiool)[N]
gladkammen	((glad)[A],(kam)[V])[V]
gladmachine	((glad)[V],(machine)[N])[N]
gladmaken	((glad)[A],(maak)[V])[V]
gladschaaf	((glad)[A],(schaaf)[N])[N]
gladschaven	((glad)[A],(schaaf)[V])[V]
gladscheren	((glad)[A],(scheer)[V])[V]
gladschuren	((glad)[A],(schuur)[V])[V]
gladslaan	((glad)[A],(sla)[V])[V]
gladslijpen	((glad)[A],(slijp)[V])[V]
gladstrijken	((glad)[A],(strijk)[V])[V]
gladvijl	((glad)[A],(vijl)[N])[N]
gladvijlen	((glad)[A],(vijl)[V])[V]
gladwrijven	((glad)[A],(wrijf)[V])[V]
glans	(glans)[N]
glansapparaat	((glans)[V],(apparaat)[N])[N]
glansborstel	((glans)[V],(borstel)[N])[N]
glansijzer	((glans)[V],(ijzer)[N])[N]
glansloos	((glans)[N],(loos)[A|N.])[A]
glansmachine	((glans)[V],(machine)[N])[N]
glansmiddel	((glans)[V],(middel)[N])[N]
glanspapier	((glans)[N],(papier)[N])[N]
glansperiode	((glans)[N],(periode)[N])[N]
glanspunt	((glans)[N],(punt)[N])[N]
glansrijk	((glans)[N],(rijk)[A])[A]
glansrijkheid	(((glans)[N],(rijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
glansrol	((glans)[N],(rol)[N])[N]
glanssteen	((glans)[V],(steen)[N])[N]
glansstijfsel	((glans)[N],((stijf)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
glansverf	((glans)[N],(verf)[N])[N]
glansvernis	((glans)[N],(vernis)[N])[N]
glanzen	(glans)[V]
glanzer	((glans)[N],(er)[N|N.])[N]
glanzig	((glans)[N],(ig)[A|N.])[A]
glanzigheid	(((glans)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
glanzing	((glans)[V],(ing)[N|V.])[N]
glarieogen	((glarie)[V],(oog)[V])[V]
glas	(glas)[N]
glasaal	((glas)[N],(aal)[N])[N]
glasachtig	((glas)[N],(achtig)[A|N.])[A]
glasareaal	((glas)[N],(areaal)[N])[N]
glasbak	((glas)[N],(bak)[N])[N]
glasblazen	((glas)[N],(blaas)[V])[V]
glasblazer	(((glas)[N],(blaas)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
glasblazerij	(((glas)[N],(blaas)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
glasblazerspijp	((((glas)[N],(blaas)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(pijp)[N])[N]
glasceramiek	((glas)[N],((ceramisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
glascontainer	((glas)[N],(container)[N])[N]
glascultuur	((glas)[N],(cultuur)[N])[N]
glasdiamant	((glas)[N],(diamant)[N])[N]
glasdicht	((glas)[N],(dicht)[A])[A]
glasdraad	((glas)[N],(draad)[N])[N]
glaselektrode	((glas)[N],(elektrode)[N])[N]
glaserts	((glas)[N],(erts)[N])[N]
glasfabricage	((glas)[N],((fabriceer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
glasfabriek	((glas)[N],(fabriek)[N])[N]
glasfiber	((glas)[N],(fiber)[N])[N]
glasgerinkel	((glas)[N],((ge)[N|.V],(rinkel)[V])[N])[N]
glasgordijn	((glas)[N],(gordijn)[N])[N]
glashandel	((glas)[N],(handel)[N])[N]
glashard	((glas)[N],(hard)[A])[A]
glasharmonica	((glas)[N],(harmonica)[N])[N]
glashelder	((glas)[N],(helder)[A])[A]
glaskeramiek	((glas)[N],((keramisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
glaskruid	((glas)[N],(kruid)[N])[N]
glaslichaam	((glas)[N],(lichaam)[N])[N]
glasmozaïek	((glas)[N],(mozaïek)[N])[N]
glasoog	((glas)[N],(oog)[N])[N]
glasoppervlak	((glas)[N],((opper)[N|.N],(vlak)[N])[N])[N]
glasopstand	((glas)[N],(opstand)[N])[N]
glasoven	((glas)[N],(oven)[N])[N]
glaspaneel	((glas)[N],(paneel)[N])[N]
glaspapier	((glas)[N],(papier)[N])[N]
glasparel	((glas)[N],(parel)[N])[N]
glasplaat	((glas)[N],(plaat)[N])[N]
glasraam	((glas)[N],(raam)[N])[N]
glasroede	((glas)[N],(roede)[N])[N]
glasruit	((glas)[N],(ruit)[N])[N]
glasschade	((glas)[N],(schade)[N])[N]
glasscherf	((glas)[N],(scherf)[N])[N]
glasschijf	((glas)[N],(schijf)[N])[N]
glasschilder	((glas)[N],(schilder)[N])[N]
glasschilderij	((glas)[N],(schilderij)[N])[N]
glasschildering	((glas)[N],((schilder)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
glasservies	((glas)[N],(servies)[N])[N]
glasslijper	((glas)[N],(slijp)[V],(er)[N|NV.])[N]
glassnijder	((glas)[N],(snijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
glasteelt	((glas)[N],(teelt)[N])[N]
glastoestand	((glas)[N],(toestand)[N])[N]
glastuinbouw	((glas)[N],((tuin)[N],(bouw)[N])[N])[N]
glastuinder	((glas)[N],((tuin)[N],(der)[N|N.])[N])[N]
glasverf	((glas)[N],(verf)[N])[N]
glasverzekering	((glas)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
glasvezel	((glas)[N],(vezel)[N])[N]
glasvezelkabel	(((glas)[N],(vezel)[N])[N],(kabel)[N])[N]
glasvezeltechniek	(((glas)[N],(vezel)[N])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
glaswand	((glas)[N],(wand)[N])[N]
glaswaren	((glas)[N],(waar)[N])[N]
glaswerk	((glas)[N],(werk)[N])[N]
glaswinkel	((glas)[N],(winkel)[N])[N]
glaswol	((glas)[N],(wol)[N])[N]
glaszuiver	((glas)[N],(zuiver)[A])[A]
glazen	((glas)[N],(en)[A|N.])[A]
glazendoek	((glas)[N],(en)[N|N.N],(doek)[N])[N]
glazenier	((glas)[N],(e)[N|N.N],(nier)[N])[N]
glazenierster	(((glas)[N],(e)[N|N.N],(nier)[N])[N],(ster)[N|N.])[N]
glazenkast	((glas)[N],(en)[N|N.N],(kast)[N])[N]
glazenloder	((glas)[N],(en)[N|N.Vx],(lood)[V],(er)[N|NxV.])[N]
glazenmaken	((glas)[N],(en)[V|N.V],(maak)[V])[V]
glazenmaker	(((glas)[N],(en)[V|N.V],(maak)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
glazenspoeler	((glas)[N],(en)[N|N.Vx],(spoel)[V],(er)[N|NxV.])[N]
glazenspuit	((glas)[N],(en)[N|N.N],(spuit)[N])[N]
glazenwasser	((glas)[N],(en)[N|N.Vx],(was)[V],(er)[N|NxV.])[N]
glazenwasserij	(((glas)[N],(en)[A|N.])[A],(was)[V],(erij)[N|AV.])[N]
glazig	((glas)[N],(ig)[A|N.])[A]
glazigheid	(((glas)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
glazuurlaag	((glazuur)[N],(laag)[N])[N]
glazuursel	((glazuur)[V],(sel)[N|V.])[N]
glee	(glee)[N]
glei	(glei)[N]
gleis	(gleis)[N]
gleiswerk	((gleis)[N],(werk)[N])[N]
gleizen	((gleis)[N],(en)[A|N.])[A]
gletsjerachtig	((gletsjer)[N],(achtig)[A|N.])[A]
gletsjerbaan	((gletsjer)[N],(baan)[N])[N]
gletsjerbeek	((gletsjer)[N],(beek)[N])[N]
gletsjerdal	((gletsjer)[N],(dal)[N])[N]
gletsjerijs	((gletsjer)[N],(ijs)[N])[N]
gletsjerpoort	((gletsjer)[N],(poort)[N])[N]
gletsjerrivier	((gletsjer)[N],(rivier)[N])[N]
gletsjertafel	((gletsjer)[N],(tafel)[N])[N]
gletsjertong	((gletsjer)[N],(tong)[N])[N]
gletsjervlo	((gletsjer)[N],(vlo)[N])[N]
gleuf	(gleuf)[N]
glibberen	(glibber)[V]
glibberig	((glibber)[V],(ig)[A|V.])[A]
glibberigheid	(((glibber)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
glijbaan	((glijd)[V],(baan)[N])[N]
glijbank	((glijd)[V],(bank)[N])[N]
glijboot	((glijd)[V],(boot)[N])[N]
glijbouw	((glijd)[V],(bouw)[N])[N]
glijcontact	((glijd)[V],(contact)[N])[N]
glijden	(glijd)[V]
glijder	((glijd)[V],(er)[N|V.])[N]
glijgoot	((glijd)[V],(goot)[N])[N]
glijkoker	((glijd)[V],(koker)[N])[N]
glijladder	((glijd)[V],(ladder)[N])[N]
glijmiddel	((glijd)[V],(middel)[N])[N]
glijpasta	((glijd)[V],(pasta)[N])[N]
glijvlak	((glijd)[V],(vlak)[N])[N]
glijvliegtuig	((glijd)[V],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
glijvlucht	((glijd)[V],(vlucht)[N])[N]
glimhout	((glim)[V],(hout)[N])[N]
glimkever	((glim)[V],(kever)[N])[N]
glimlachen	((glim)[V],(lach)[V])[V]
glimmen	(glim)[V]
glimmer	((glim)[V],(er)[N|V.])[N]
glimmeraarde	(((glim)[V],(er)[N|V.])[N],(aarde)[N])[N]
glimmerblad	(((glim)[V],(er)[N|V.])[N],(blad)[N])[N]
glimp	(glimp)[N]
glimworm	((glim)[V],(worm)[N])[N]
glinster	(glinster)[N]
glinsteren	(glinster)[V]
glinstering	((glinster)[V],(ing)[N|V.])[N]
glip	(glip)[N]
glippen	(glip)[V]
glipper	((glip)[V],(er)[N|V.])[N]
glissen	(glis)[V]
glit	(glit)[N]
glitter	(glitter)[N]
glitterjurk	((glitter)[N],(jurk)[N])[N]
glitterrock	((glitter)[N],(rock)[N])[N]
globe	(globe)[N]
gloed	(gloed)[N]
gloednieuw	((gloed)[N],(nieuw)[A])[A]
gloedvol	((gloed)[N],(vol)[A])[A]
gloedwolk	((gloed)[N],(wolk)[N])[N]
gloeibuisje	((gloei)[V],(buis)[N])[N]
gloeidraad	((gloei)[V],(draad)[N])[N]
gloeien	(gloei)[V]
gloeiendheet	((gloeiend)[A],(heet)[A])[A]
gloeierig	((gloei)[V],(erig)[A|V.])[A]
gloeihitte	((gloei)[V],(hitte)[N])[N]
gloeiing	((gloei)[V],(ing)[N|V.])[N]
gloeikathode	((gloei)[V],(kathode)[N])[N]
gloeikous	((gloei)[V],(kous)[N])[N]
gloeilamp	((gloei)[V],(lamp)[N])[N]
gloeilichaam	((gloei)[V],(lichaam)[N])[N]
gloeilicht	((gloei)[V],(licht)[N])[N]
gloeioven	((gloei)[V],(oven)[N])[N]
glooien	(glooi)[V]
glooiing	((glooi)[V],(ing)[N|V.])[N]
glooiingshoek	(((glooi)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hoek)[N])[N]
gloop	(gloop)[N]
gloor	(gloor)[N]
glop	(glop)[N]
gloren	(gloor)[V]
gloria	(gloria)[N]
gloriedronken	((glorie)[N],(dronken)[A])[A]
gloriejaar	((glorie)[N],(jaar)[N])[N]
gloriekroon	((glorie)[N],(kroon)[N])[N]
glorierijk	((glorie)[N],(rijk)[A])[A]
glorietijd	((glorie)[N],(tijd)[N])[N]
glorievol	((glorie)[N],(vol)[A])[A]
glos	(glos)[N]
glosse	(glosse)[N]
glosseren	((glos)[N],(eer)[V|N.])[V]
glottisslag	((glottis)[N],(slag)[N])[N]
gloxinia	(gloxinia)[N]
glucosegehalte	((glucose)[N],(gehalte)[N])[N]
glui	(glui)[N]
gluipen	(gluip)[V]
gluiper	((gluip)[V],(er)[N|V.])[N]
gluiperd	((gluip)[V],(erd)[N|V.])[N]
gluiperig	((gluip)[V],(erig)[A|V.])[A]
gluiperigheid	(((gluip)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gluips	(gluips)[A]
glunder	(glunder)[A]
glunderen	(glunder)[V]
glunderheid	((glunder)[A],(heid)[N|A.])[N]
gluren	(gluur)[V]
glutenbrood	((gluten)[N],(brood)[N])[N]
gluurder	((gluur)[V],(der)[N|V.])[N]
gluurogen	((gluur)[V],(oog)[V])[V]
glycerinezalf	((glycerine)[N],(zalf)[N])[N]
glycerinezeep	((glycerine)[N],(zeep)[N])[N]
gneis	(gneis)[N]
gnoe	(gnoe)[N]
gnome	(gnome)[N]
gnomisch	((gnome)[N],(isch)[A|N.])[A]
gnoom	(gnoom)[N]
gnuiven	(gnuif)[V]
goal	(goal)[N]
goalbal	((goal)[N],(bal)[N])[N]
goalkeeper	((goal)[N],(keeper)[N])[N]
goaltjesdief	((goaltje)[N],(s)[N|N.N],(dief)[N])[N]
gobelin	(gobelin)[N]
god	(god)[N]
goddelijk	((god)[N],(elijk)[A|N.])[A]
goddelijkheid	(((god)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
goddeloos	((god)[N],(eloos)[A|N.])[A]
goddeloosheid	(((god)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
godegelijk	((god)[N],(e)[A|N.A],(gelijk)[A])[A]
godenbeeld	((god)[N],(en)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
godendienst	((god)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
godendrank	((god)[N],(en)[N|N.N],(drank)[N])[N]
godenleer	((god)[N],(en)[N|N.N],(leer)[N])[N]
godenmaal	((god)[N],(en)[N|N.N],(maal)[N])[N]
godenschemering	((god)[N],(en)[N|N.N],((schemer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
godenspijs	((god)[N],(en)[N|N.N],(spijs)[N])[N]
godentelg	((god)[N],(en)[N|N.N],(telg)[N])[N]
godenzoon	((god)[N],(en)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
godgans	((God)[N],(gans)[A])[A]
godgeklaagd	((god)[N],(geklaagd)[V])[A]
godgeleerd	((God)[N],(geleerd)[A])[A]
godgeleerdheid	(((God)[N],(geleerd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
godgelijk	((god)[N],(gelijk)[A])[A]
godgevloekt	((god)[N],(gevloekt)[V])[A]
godgewijd	((God)[N],(gewijd)[A])[A]
godheid	((god)[N],(heid)[N|N.])[N]
godin	((god)[N],(in)[N|N.])[N]
godlasterend	((god)[N],(lasterend)[V])[A]
godlievend	((God)[N],(lievend)[V])[A]
godloochenaar	((God)[N],(loochen)[V],(aar)[N|NV.])[N]
godloochenares	(((God)[N],(loochen)[V],(aar)[N|NV.])[N],(es)[N|N.])[N]
godloochening	((God)[N],((loochen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
godloos	((God)[N],(loos)[A|N.])[A]
godminnend	((God)[N],(min)[V],(end)[A|NV.])[A]
godonterend	((God)[N],((ont)[V|.N],(eer)[N])[V],(end)[A|NV.])[A]
godsaanschouwing	((god)[N],(s)[N|N.Vx],((aan)[P],(schouw)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
godsadvocaat	((God)[N],(s)[N|N.N],(advocaat)[N])[N]
godsakker	((God)[N],(s)[N|N.N],(akker)[N])[N]
godsbeeld	((God)[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
godsbegrip	((God)[N],(s)[N|N.N],(begrip)[N])[N]
godsbelofte	((God)[N],(s)[N|N.N],(belofte)[N])[N]
godsbesef	((God)[N],(s)[N|N.N],(besef)[N])[N]
godsbestaan	((God)[N],(s)[N|N.N],(bestaan)[N])[N]
godsbestel	((God)[N],(s)[N|N.N],(bestel)[N])[N]
godsbestuur	((God)[N],(s)[N|N.N],(bestuur)[N])[N]
godsbetrouwen	((God)[N],(s)[N|N.V],(betrouwen)[V])[N]
godsbewijs	((God)[N],(s)[N|N.N],(bewijs)[N])[N]
godsbewustzijn	((God)[N],(s)[N|N.N],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
godsbode	((God)[N],(s)[N|N.N],(bode)[N])[N]
godsdienst	((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
godsdienstbeoefening	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(((be)[V|.V],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
godsdienstfilosofie	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
godsdienstfilosoof	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(filosoof)[N])[N]
godsdienstgebruik	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(gebruik)[N])[N]
godsdienstgeschiedenis	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
godsdienstgeschil	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(geschil)[N])[N]
godsdiensthaat	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(haat)[N])[N]
godsdiensthistoricus	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(historicus)[N])[N]
godsdiensthistorie	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
godsdiensthistorisch	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(historisch)[A])[A]
godsdienstig	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
godsdienstigheid	((((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
godsdienstijver	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(ijver)[N])[N]
godsdienstkwestie	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(kwestie)[N])[N]
godsdienstleer	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(leer)[N])[N]
godsdienstleraar	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(leraar)[N])[N]
godsdienstloos	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(loos)[A|N.])[A]
godsdienstmaniak	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(maniak)[N])[N]
godsdienstoefening	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
godsdienstonderwijs	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(onderwijs)[N])[N]
godsdienstonderwijzer	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
godsdienstoorlog	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(oorlog)[N])[N]
godsdienstpedagogiek	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],((pedagogisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
godsdienstplechtigheid	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],((plechtig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
godsdienstplicht	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(plicht)[N])[N]
godsdienstpraktijk	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(praktijk)[N])[N]
godsdienstpsychologie	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
godsdienstpsycholoog	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(psycholoog)[N])[N]
godsdienstsociologie	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],((sociologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
godsdienstsociologisch	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(sociologisch)[A])[A]
godsdienstsocioloog	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(socioloog)[N])[N]
godsdiensttwist	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(twist)[N])[N]
godsdienstvorm	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(vorm)[N])[N]
godsdienstvraag	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(vraag)[N])[N]
godsdienstvrede	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(vrede)[N])[N]
godsdienstvrijheid	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
godsdienstwaanzin	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],((waan)[N],(zin)[N])[N])[N]
godsdienstwetenschap	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
godsdienstwijsbegeerte	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],((wijs)[A],(begeerte)[N])[N])[N]
godsdienstzaak	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(zaak)[N])[N]
godsdienstzin	(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(zin)[N])[N]
godsgebouw	((God)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
godsgeloof	((God)[N],(s)[N|N.N],(geloof)[N])[N]
godsgemeenschap	((God)[N],(s)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
godsgemeente	((God)[N],(s)[N|N.N],(gemeente)[N])[N]
godsgenadig	((God)[N],(s)[A|N.A],((genade)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
godsgericht	((god)[N],(s)[N|N.N],(gericht)[N])[N]
godsgeschenk	((god)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N])[N]
godsgetuige	((God)[N],(s)[N|N.N],(getuige)[N])[N]
godsgruwelijk	((God)[N],(s)[A|N.A],((gruw)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
godshuis	((God)[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
godsjammerlijk	((God)[N],(s)[A|N.A],((jammer)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
godslam	((God)[N],(s)[N|N.N],(lam)[N])[N]
godslamp	((God)[N],(s)[N|N.N],(lamp)[N])[N]
godslasteraar	((God)[N],(s)[N|N.Vx],(laster)[V],(aar)[N|NxV.])[N]
godslastering	((God)[N],(s)[N|N.N],((laster)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
godslasterlijk	((God)[N],(s)[A|N.A],((laster)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
godsliederlijk	((God)[N],(s)[A|N.A],(liederlijk)[A])[A]
godsmogelijk	((God)[N],(s)[A|N.A],(mogelijk)[A])[A]
godsonmogelijk	((God)[N],(s)[A|N.A],((on)[A|.A],(mogelijk)[A])[A])[A]
godsoordeel	((god)[N],(s)[N|N.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[N]
godsopenbaring	((God)[N],(s)[N|N.Vx],(openbaar)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
godspenning	((god)[N],(s)[N|N.N],(penning)[N])[N]
godsschildering	((grot)[N],((schilder)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
godsspraak	((god)[N],(s)[N|N.N],(spraak)[N])[N]
godsstad	((God)[N],(s)[N|N.N],(stad)[N])[N]
godsverering	((god)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(eer)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
godsvertrouwen	((God)[N],(s)[N|N.N],(vertrouwen)[N])[N]
godsvolk	((God)[N],(s)[N|N.N],(volk)[N])[N]
godsvoorstelling	((god)[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
godsvrede	((God)[N],(s)[N|N.N],(vrede)[N])[N]
godsvrucht	((God)[N],(s)[N|N.N],(vrucht)[N])[N]
godswonder	((God)[N],(s)[N|N.N],(wonder)[N])[N]
godswoord	((God)[N],(s)[N|N.N],(woord)[N])[N]
godtergend	((God)[N],(terg)[V],(end)[A|NV.])[A]
godvergeten	((God)[N],(vergeten)[A])[A]
godverheerlijkend	((God)[N],((ver)[V|.A],((heer)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V],(end)[A|NV.])[A]
godverlaten	((God)[N],(verlaten)[A])[A]
godvrezend	((God)[N],(vrees)[V],(end)[A|NV.])[A]
godvrezendheid	(((God)[N],(vrees)[V],(end)[A|NV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
godvruchtigheid	((godvruchtig)[A],(heid)[N|A.])[N]
godzaligheid	((godzalig)[A],(heid)[N|A.])[N]
goed	(goed)[N]
goedaardig	((goed)[A],(aarde)[N],(ig)[A|AN.])[A]
goedaardigheid	(((goed)[A],(aarde)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
goedachten	((goed)[A],(acht)[V])[V]
goedbloed	((goed)[A],(bloed)[N])[N]
goeddoen	((goed)[A],(doe)[V])[V]
goeddunken	((goed)[A],(dunk)[V])[V]
goedemannen	((goed)[A],(e)[N|A.N],(man)[N])[N]
goedemannenraad	(((goed)[A],(e)[N|A.N],(man)[N])[N],(en)[N|N.N],(raad)[N])[N]
goederenafgifte	((goed)[N],(en)[N|N.N],(afgifte)[N])[N]
goederenbiljet	((goed)[N],(en)[N|N.N],(biljet)[N])[N]
goederenbureau	((goed)[N],(en)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
goederendepot	((goed)[N],(en)[N|N.N],(depot)[N])[N]
goederenemplacement	((goed)[N],(en)[N|N.N],(emplacement)[N])[N]
goederenhandel	((goed)[N],(en)[N|N.N],(handel)[N])[N]
goederenkantoor	((goed)[N],(en)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
goederenkrediet	((goed)[N],(en)[N|N.N],(krediet)[N])[N]
goederenloods	((goed)[N],(en)[N|N.N],(loods)[N])[N]
goederentrein	((goed)[N],(en)[N|N.N],(trein)[N])[N]
goederenverkeer	((goed)[N],(en)[N|N.N],(verkeer)[N])[N]
goederenvervoer	((goed)[N],(en)[N|N.N],(vervoer)[N])[N]
goederenwagen	((goed)[N],(e)[N|N.N],((ren)[V],(wagen)[N])[N])[N]
goedertierenheid	((goedertieren)[A],(heid)[N|A.])[N]
goedgebouwd	((goed)[A],(gebouwd)[A])[A]
goedgeefs	((goed)[A],(geef)[V],(s)[A|AV.])[A]
goedgeefsheid	(((goed)[A],(geef)[V],(s)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
goedgehumeurd	((goed)[A],((ge)[A|.Nx],(humeur)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
goedgehumeurdheid	(((goed)[A],((ge)[A|.Nx],(humeur)[N],(d)[A|xN.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
goedgelovig	((goed)[A],((geloof)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
goedgelovigheid	(((goed)[A],((geloof)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
goedgemutst	((goed)[A],((ge)[A|.Nx],(muts)[N],(t)[A|xN.])[A])[A]
goedgeschreven	((goed)[A],(geschreven)[V])[A]
goedgevormd	((goed)[A],(gevormd)[A])[A]
goedgezind	((goed)[A],(gezind)[A])[A]
goedgunstig	((goed)[A],((gun)[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|AN.])[A]
goedgunstigheid	(((goed)[A],((gun)[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
goedhartig	((goed)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
goedhartigheid	(((goed)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
goedheid	((goed)[A],(heid)[N|A.])[N]
goedheilig	((goed)[A],(heilig)[A])[A]
goedhouden	((goed)[A],(houd)[V])[V]
goedig	((goed)[A],(ig)[A|A.])[A]
goedigheid	(((goed)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
goedkeuren	((goed)[A],(keur)[V])[V]
goedkeuring	(((goed)[A],(keur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
goedkeuringsbeleid	((((goed)[A],(keur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
goedkeuringsprocedure	((((goed)[A],(keur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
goedkeuringstermijn	((((goed)[A],(keur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(termijn)[N])[N]
goedkoop	((goed)[A],(koop)[N])[N]
goedkoopheid	((goedkoop)[A],(heid)[N|A.])[N]
goedkoopte	((goedkoop)[A],(te)[N|A.])[N]
goedlachs	((goed)[A],(lach)[V],(s)[A|AV.])[A]
goedleers	((goed)[A],(leer)[V],(s)[A|AV.])[A]
goedleggen	((goed)[A],(leg)[V])[V]
goedleven	((goed)[A],(leven)[N])[A]
goedmaken	((goed)[A],(maak)[V])[V]
goedmaking	(((goed)[A],(maak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
goedmoedig	((goed)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
goedmoedigheid	(((goed)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
goedpraten	((goed)[A],(praat)[V])[V]
goedpraterij	(((goed)[A],(praat)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
goedrond	((goed)[A],(rond)[A])[A]
goedspreken	((goed)[A],(spreek)[V])[V]
goedvinden	((goed)[A],(vind)[V])[V]
goedwillend	((goed)[A],(wil)[V],(end)[A|AV.])[A]
goedwillendheid	(((goed)[A],(wil)[V],(end)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
goedwillig	((goed)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A]
goedwilligheid	(((goed)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
goedzakkig	((goedzak)[N],(ig)[A|N.])[A]
goeierd	((goed)[A],(erd)[N|A.])[N]
goeiig	((goed)[A],(ig)[A|A.])[A]
goeiigheid	(((goed)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
goelijk	((goed)[A],(lijk)[A|A.])[A]
goeroe	(goeroe)[N]
goj	(goj)[N]
gojim	(gojim)[N]
gojims	((gojim)[N],(s)[A|N.])[A]
gojs	((goj)[N],(s)[A|N.])[A]
gok	(gok)[N]
gokautomaat	((gok)[N],(automaat)[N])[N]
gokkast	((gok)[V],(kast)[N])[N]
gokken	(gok)[V]
gokker	((gok)[V],(er)[N|V.])[N]
goklust	((gok)[V],(lust)[N])[N]
goklustig	(((gok)[V],(lust)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
gokspel	((gok)[V],(spel)[N])[N]
gokster	((gok)[V],(ster)[N|V.])[N]
golem	(golem)[N]
golf	(golf)[N]
golfachtig	((golf)[N],(achtig)[A|N.])[A]
golfagaat	((golf)[N],(agaat)[N])[N]
golfbaan	((golf)[V],(baan)[N])[N]
golfbad	((golf)[N],(bad)[N])[N]
golfbereik	((golf)[N],(bereik)[N])[N]
golfberg	((golf)[N],(berg)[N])[N]
golfbeweging	((golf)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
golfbreker	((golf)[N],(breek)[V],(er)[N|NV.])[N]
golfbroek	((golf)[V],(broek)[N])[N]
golfcentrum	((golf)[N],(centrum)[N])[N]
golfclub	((golf)[V],(club)[N])[N]
golfcourse	((golf)[N],(course)[N])[N]
golfdal	((golf)[N],(dal)[N])[N]
golfen	(golf)[V]
golfijzer	((golf)[N],(ijzer)[N])[N]
golfkarton	((golf)[N],(karton)[N])[N]
golflengte	((golf)[N],(lengte)[N])[N]
golflijn	((golf)[N],(lijn)[N])[N]
golflinks	((golf)[N],(link)[N])[N]
golfplaat	((golf)[N],(plaat)[N])[N]
golfsgewijs	((golf)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
golfslag	((golf)[N],(slag)[N])[N]
golfslagbad	(((golf)[N],(slag)[N])[N],(bad)[N])[N]
golfspel	((golf)[V],(spel)[N])[N]
golfspeler	((golf)[N],(speel)[V],(er)[N|NV.])[N]
golfstaat	((golf)[N],(staat)[N])[N]
golfstok	((golf)[N],(stok)[N])[N]
golfstoring	((golf)[N],((stoor)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
golfstroom	((golf)[N],(stroom)[N])[N]
golfswijs	((golf)[N],(s)[A|N.x],(wijs)[A|Nx.])[A]
golfterrein	((golf)[N],(terrein)[N])[N]
golftheorie	((golf)[N],(theorie)[N])[N]
golftop	((golf)[N],(top)[N])[N]
golfveld	((golf)[V],(veld)[N])[N]
golven	(golf)[V]
golving	((golf)[V],(ing)[N|V.])[N]
gom	(gom)[N]
gomachtig	((gom)[N],(achtig)[A|N.])[A]
gombal	((gom)[N],(bal)[N])[N]
gombo	(gombo)[N]
gomboom	((gom)[N],(boom)[N])[N]
gomelastiek	((gom)[N],((elastisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
gomhars	((gom)[N],(hars)[N])[N]
gomkwast	((gom)[V],(kwast)[N])[N]
gommen	(gom)[V]
gompapier	((gom)[N],(papier)[N])[N]
gomziekte	((gom)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
gondel	(gondel)[N]
gondelen	(gondel)[V]
gondelier	((gondel)[N],(ier)[N|N.])[N]
gondellied	((gondel)[N],(lied)[N])[N]
gondellift	((gondel)[N],(lift)[N])[N]
gondelstad	((gondel)[N],(stad)[N])[N]
gondola	(gondola)[N]
gong	(gong)[N]
gongslag	((gong)[N],(slag)[N])[N]
goniometrie	((goniometrisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
gonjezak	((gonje)[N],(zak)[N])[N]
gons	(gons)[N]
gonzen	(gons)[V]
goochelaar	((goochel)[V],(aar)[N|V.])[N]
goochelaarskunst	(((goochel)[V],(aar)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
goochelaarstruc	(((goochel)[V],(aar)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(truc)[N])[N]
goochelarij	((goochel)[V],(arij)[N|V.])[N]
goochelbeker	((goochel)[V],(beker)[N])[N]
goocheldoos	((goochel)[V],(doos)[N])[N]
goochelen	(goochel)[V]
goochelkunst	((goochel)[V],(kunst)[N])[N]
goochelspel	((goochel)[V],(spel)[N])[N]
goochelstuk	((goochel)[V],(stuk)[N])[N]
goocheltas	((goochel)[V],(tas)[N])[N]
goocheltoer	((goochel)[V],(toer)[N])[N]
goocheltruc	((goochel)[V],(truc)[N])[N]
goochem	(goochem)[A]
goochemerd	((goochem)[A],(erd)[N|A.])[N]
goodwillreis	((goodwill)[N],(reis)[N])[N]
goog	(goog)[N]
gooi	(gooi)[N]
gooien	(gooi)[V]
goor	(goor)[A]
goorachtig	((goor)[A],(achtig)[A|A.])[A]
goorheid	((goor)[A],(heid)[N|A.])[N]
goot	(goot)[N]
gootgat	((goot)[N],(gat)[N])[N]
gootlijst	((goot)[N],(lijst)[N])[N]
gootpijp	((goot)[N],(pijp)[N])[N]
gootplank	((goot)[N],(plank)[N])[N]
gootsteen	((goot)[N],(steen)[N])[N]
gootsteenvergiet	(((goot)[N],(steen)[N])[N],(vergiet)[N])[N]
gootvormig	((goot)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
gootwater	((goot)[N],(water)[N])[N]
gordel	(gordel)[N]
gordelband	((gordel)[N],(band)[N])[N]
gordeldier	((gordel)[N],(dier)[N])[N]
gordeldoek	((gordel)[N],(doek)[N])[N]
gordelriem	((gordel)[N],(riem)[N])[N]
gordelrif	((gordel)[N],(rif)[N])[N]
gordelroos	((gordel)[N],(roos)[N])[N]
gordelwervel	((gordel)[N],(wervel)[N])[N]
gorden	(gord)[V]
gordijn	(gordijn)[N]
gordijnachtig	((gordijn)[N],(achtig)[A|N.])[A]
gordijnfranje	((gordijn)[N],(franje)[N])[N]
gordijnkoord	((gordijn)[N],(koord)[N])[N]
gordijnlat	((gordijn)[N],(lat)[N])[N]
gordijnopening	((gordijn)[N],((open)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gordijnrail	((gordijn)[N],(rail)[N])[N]
gordijnring	((gordijn)[N],(ring)[N])[N]
gordijnroe	((gordijn)[N],(roe)[N])[N]
gordijnroede	((gordijn)[N],(roede)[N])[N]
gordijnstof	((gordijn)[N],(stof)[N])[N]
gordijnvuur	((gordijn)[N],(vuur)[N])[N]
gording	((gord)[V],(ing)[N|V.])[N]
gorgel	(gorgel)[N]
gorgeldrank	((gorgel)[V],(drank)[N])[N]
gorgelen	(gorgel)[V]
gorig	((goor)[A],(ig)[A|A.])[A]
gorigheid	(((goor)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gorilla	(gorilla)[N]
gorren	(gor)[V]
gors	(gors)[N]
gorsdijk	((gors)[N],(dijk)[N])[N]
gorsland	((gors)[N],(land)[N])[N]
gort	(gort)[N]
gortdroog	((gort)[N],(droog)[A])[A]
gortenbrij	((gort)[N],(e)[N|N.N],(brij)[N])[N]
gortenpap	((gort)[N],(e)[N|N.N],(pap)[N])[N]
gortenteller	((gort)[N],(en)[N|N.Vx],(tel)[V],(er)[N|NxV.])[N]
gortenwater	((gort)[N],(e)[N|N.N],(water)[N])[N]
gorterij	((gort)[N],(erij)[N|N.])[N]
gortig	((gort)[N],(ig)[A|N.])[A]
gortigheid	(((gort)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gortmolen	((gort)[N],(molen)[N])[N]
gortwater	((gort)[N],(water)[N])[N]
gospelsong	((gospel)[N],(song)[N])[N]
gossipblad	((gossip)[N],(blad)[N])[N]
gotiek	((gotisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
gouache	(gouache)[N]
goud	(goud)[N]
goudachtig	((goud)[A],(achtig)[A|A.])[A]
goudader	((goud)[N],(ader)[N])[N]
goudagio	((goud)[N],(agio)[N])[N]
goudamalgaam	((goud)[N],(amalgaam)[N])[N]
goudamalgama	((goud)[N],(amalgama)[N])[N]
goudarend	((goud)[N],(arend)[N])[N]
goudbaar	((goud)[N],(baar)[N])[N]
goudbad	((goud)[N],(bad)[N])[N]
goudberg	((goud)[N],(berg)[N])[N]
goudbeurs	((goud)[N],(beurs)[N])[N]
goudblad	((goud)[N],(blad)[N])[N]
goudblond	((goud)[N],(blond)[A])[A]
goudboekje	((goud)[N],(boek)[N])[N]
goudbrokaat	((goud)[N],(brokaat)[N])[N]
goudbrons	((goud)[N],(brons)[N])[N]
goudbruin	((goud)[N],(bruin)[N])[N]
goudclausule	((goud)[N],(clausule)[N])[N]
gouddekking	((goud)[N],((dek)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gouddelver	((goud)[N],(delf)[V],(er)[N|NV.])[N]
gouddorst	((goud)[N],(dorst)[N])[N]
gouddraad	((goud)[N],(draad)[N])[N]
gouddruk	((goud)[N],(druk)[N])[N]
goudeerlijk	((goud)[N],((eer)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
gouden	((goud)[N],(en)[A|N.])[A]
goudenregen	(((goud)[N],(en)[A|N.])[A],(regen)[N])[N]
gouderts	((goud)[N],(erts)[N])[N]
goudessaai	((goud)[N],(essaai)[N])[N]
goudfazant	((goud)[N],(fazant)[N])[N]
goudforel	((goud)[N],(forel)[N])[N]
goudfrank	((goud)[N],(frank)[N])[N]
goudgeel	((goud)[N],(geel)[A])[A]
goudgehalte	((goud)[N],(gehalte)[N])[N]
goudgeld	((goud)[N],(geld)[N])[N]
goudgewicht	((goud)[N],(gewicht)[N])[N]
goudglans	((goud)[N],(glans)[N])[N]
goudgraver	((goud)[N],(graaf)[V],(er)[N|NV.])[N]
goudgroef	((goud)[N],(groef)[N])[N]
goudgroeve	((goud)[N],(groeve)[N])[N]
goudgulden	((goud)[N],(gulden)[N])[N]
goudhaantje	((goud)[N],(haan)[N])[N]
goudhamster	((goud)[N],(hamster)[N])[N]
goudharig	((goud)[A],(haar)[N],(ig)[A|AN.])[A]
goudkarper	((goud)[N],(karper)[N])[N]
goudkleur	((goud)[N],(kleur)[N])[N]
goudkleurig	((goud)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
goudklomp	((goud)[N],(klomp)[N])[N]
goudkoord	((goud)[N],(koord)[N])[N]
goudkoorts	((goud)[N],(koorts)[N])[N]
goudkorrel	((goud)[N],(korrel)[N])[N]
goudkust	((goud)[N],(kust)[N])[N]
goudlaag	((goud)[N],(laag)[N])[N]
goudlak	((goud)[N],(lak)[N])[N]
goudlaken	((goud)[N],(laken)[N])[N]
goudlakens	((goud)[N],(lakens)[A])[A]
goudland	((goud)[N],(land)[N])[N]
goudleder	((goud)[A],(leder)[N])[N]
goudleer	((goud)[N],(leer)[N])[N]
goudlegering	((goud)[N],(legeer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
goudlelie	((goud)[N],(lelie)[N])[N]
goudlening	((goud)[N],(leen)[V],(ing)[N|NV.])[N]
goudleren	(((goud)[N],(leer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
goudlijn	((goud)[N],(lijn)[N])[N]
goudlokkig	((goud)[A],(lok)[N],(ig)[A|AN.])[A]
goudmaker	((goud)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
goudmarkt	((goud)[N],(markt)[N])[N]
goudmerel	((goud)[N],(merel)[N])[N]
goudmijn	((goud)[N],(mijn)[N])[N]
goudpapier	((goud)[N],(papier)[N])[N]
goudpeld	((goud)[A],(pel)[N],(d)[A|AN.])[A]
goudpoeder	((goud)[N],(poeder)[N])[N]
goudpoeier	((goud)[N],(poeier)[N])[N]
goudpurper	((goud)[N],(purper)[N])[N]
goudreinet	((goud)[N],(reinet)[N])[N]
goudrenet	((goud)[N],(renet)[N])[N]
goudrente	((goud)[N],(rente)[N])[N]
goudreserve	((goud)[N],(reserve)[N])[N]
goudsbloem	((goud)[N],(s)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
goudschaal	((goud)[N],(schaal)[N])[N]
goudschuim	((goud)[N],(schuim)[N])[N]
goudsmederij	((goud)[N],(smeed)[V],(erij)[N|NV.])[N]
goudsmid	((goud)[N],(smid)[N])[N]
goudstuk	((goud)[N],(stuk)[N])[N]
goudveld	((goud)[N],(veld)[N])[N]
goudverf	((goud)[N],(verf)[N])[N]
goudvernis	((goud)[N],(vernis)[N])[N]
goudvink	((goud)[N],(vink)[N])[N]
goudvis	((goud)[N],(vis)[N])[N]
goudviskom	(((goud)[N],(vis)[N])[N],(kom)[N])[N]
goudvisvijver	(((goud)[N],(vis)[N])[N],(vijver)[N])[N]
goudvlieg	((goud)[N],(vlieg)[N])[N]
goudvlies	((goud)[N],(vlies)[N])[N]
goudvoorraad	((goud)[N],(voorraad)[N])[N]
goudvos	((goud)[N],(vos)[N])[N]
goudwaarde	((goud)[N],(waarde)[N])[N]
goudwerk	((goud)[N],(werk)[N])[N]
goudzand	((goud)[N],(zand)[N])[N]
goudzoeker	((goud)[N],(zoek)[V],(er)[N|NV.])[N]
goudzoekster	((goud)[N],(zoek)[V],(ster)[N|NV.])[N]
goudzucht	((goud)[N],(zucht)[N])[N]
goulash	(goulash)[N]
gourmetstel	((gourmet)[V],(stel)[N])[N]
gout	(gout)[N]
gouteren	((gout)[N],(eer)[V|N.])[V]
gouvernement	((gouverneer)[V],(ement)[N|V.])[N]
gouvernementeel	(((gouverneer)[V],(ement)[N|V.])[N],(eel)[A|N.])[A]
gouvernementsambtenaar	(((gouverneer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
gouvernementsapparaat	(((gouverneer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
gouvernementsarts	(((gouverneer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(arts)[N])[N]
gouvernementsdienst	(((gouverneer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
gouvernementsgebouw	(((gouverneer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
gouvernementskantoor	(((gouverneer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
gouvernementsland	(((gouverneer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(land)[N])[N]
gouvernementsvaartuig	(((gouverneer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
gouverneur	((gouverneer)[V],(eur)[N|V.])[N]
gouverneur-generaal	(((gouverneer)[V],(eur)[N|V.])[N],(generaal)[N])[N]
gouverneurschap	(((gouverneer)[V],(eur)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
gouverneurspaleis	(((gouverneer)[V],(eur)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(paleis)[N])[N]
gouverneursplaats	(((gouverneer)[V],(eur)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plaats)[N])[N]
gouw	(gouw)[N]
gouwbond	((gouw)[N],(bond)[N])[N]
gouwdag	((gouw)[N],(dag)[N])[N]
gouwgraaf	((gouw)[N],(graaf)[N])[N]
gozer	(gozer)[N]
graad	(graad)[N]
graadboek	((graad)[N],(boek)[N])[N]
graadboog	((graad)[N],(boog)[N])[N]
graadmeter	((graad)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
graadmeting	((graad)[N],((meet)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
graadverdeling	((graad)[N],(((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
graaf	(graaf)[N]
graafarm	((graaf)[V],(arm)[N])[N]
graaflijk	((graaf)[N],(lijk)[A|N.])[A]
graaflijkheid	(((graaf)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
graafmachine	((graaf)[V],(machine)[N])[N]
graafschap	((graaf)[N],(schap)[N|N.])[N]
graafwerk	((graaf)[V],(werk)[N])[N]
graafwerktuig	((graaf)[V],((werk)[V],(tuig)[N])[N])[N]
graafwesp	((graaf)[V],(wesp)[N])[N]
graag	(graag)[A]
graagheid	((graag)[A],(heid)[N|A.])[N]
graagte	((graag)[A],(te)[N|A.])[N]
graai	(graai)[N]
graaien	(graai)[V]
graailoon	((graai)[V],(loon)[N])[N]
graal	(graal)[N]
graalburcht	((graal)[N],(burcht)[N])[N]
graalkoning	((graal)[N],(koning)[N])[N]
graalliteratuur	((graal)[N],(literatuur)[N])[N]
graalqueeste	((graal)[N],(queeste)[N])[N]
graalridder	((graal)[N],(ridder)[N])[N]
graalroman	((graal)[N],(roman)[N])[N]
graalsage	((graal)[N],(sage)[N])[N]
graaltraditie	((graal)[N],(traditie)[N])[N]
graan	(graan)[N]
graanakker	((graan)[N],(akker)[N])[N]
graanbeurs	((graan)[N],(beurs)[N])[N]
graanbouw	((graan)[N],(bouw)[N])[N]
graanelevator	((graan)[N],(elevator)[N])[N]
graanembargo	((graan)[N],(embargo)[N])[N]
graanfactoor	((graan)[N],(factoor)[N])[N]
graanfactor	((graan)[N],(factor)[N])[N]
graangewas	((graan)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
graanhandel	((graan)[N],(handel)[N])[N]
graanhandelaar	((graan)[N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
graanjenever	((graan)[N],(jenever)[N])[N]
graankoper	((graan)[N],(koop)[V],(er)[N|NV.])[N]
graankorrel	((graan)[N],(korrel)[N])[N]
graanmarkt	((graan)[N],(markt)[N])[N]
graanoogst	((graan)[N],(oogst)[N])[N]
graanpakhuis	((graan)[N],((pak)[V],(huis)[N])[N])[N]
graanprijs	((graan)[N],(prijs)[N])[N]
graanproductie	((graan)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
graanschuur	((graan)[N],(schuur)[N])[N]
graansilo	((graan)[N],(silo)[N])[N]
graansoort	((graan)[N],(soort)[N])[N]
graanzolder	((graan)[N],(zolder)[N])[N]
graanzuiger	((graan)[N],(zuig)[V],(er)[N|NV.])[N]
graanzuiveringsmachine	((graan)[N],((zuiver)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|NN.N],(machine)[N])[N]
graat	(graat)[N]
graatachtig	((graat)[N],(achtig)[A|N.])[A]
graatboog	((graat)[N],(boog)[N])[N]
graatmager	((graat)[N],(mager)[A])[A]
graatvormig	((graat)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
grabbelaar	((grabbel)[V],(aar)[N|V.])[N]
grabbelaarster	(((grabbel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
grabbelen	(grabbel)[V]
grabbelton	((grabbel)[V],(ton)[N])[N]
gracht	(gracht)[N]
grachtengordel	((gracht)[N],(en)[N|N.N],(gordel)[N])[N]
grachtenhuis	((gracht)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
grachtenpand	((gracht)[N],(en)[N|N.N],(pand)[N])[N]
grachtgezicht	((gracht)[N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
grachtwater	((gracht)[N],(water)[N])[N]
gracieus	((gratie)[N],(eus)[A|N.])[A]
gradatie	(((graad)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
gradeermachine	(((graad)[N],(eer)[V|N.])[V],(machine)[N])[N]
gradeerwerk	(((graad)[N],(eer)[V|N.])[V],(werk)[N])[N]
gradenboog	((graad)[N],(en)[N|N.N],(boog)[N])[N]
gradennet	((graad)[N],(en)[N|N.N],(net)[N])[N]
graderen	((graad)[N],(eer)[V|N.])[V]
gradering	(((graad)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
graduatie	(((graad)[N],(ueer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
gradueel	((graad)[N],(ueel)[A|N.])[A]
gradueren	((graad)[N],(ueer)[V|N.])[V]
graecomanie	((graecomaan)[N],(ie)[N|N.])[N]
graf	(graf)[N]
grafbeeldje	((graf)[N],(beeld)[N])[N]
grafbloem	((graf)[N],(bloem)[N])[N]
grafbruiloft	((graf)[N],(bruiloft)[N])[N]
grafdelver	((graf)[N],(delf)[V],(er)[N|NV.])[N]
grafdicht	((graf)[N],(dicht)[N])[N]
grafelijk	((graaf)[N],(elijk)[A|N.])[A]
grafelijkheid	(((graaf)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
grafepigram	((graf)[N],(epigram)[N])[N]
grafgewelf	((graf)[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
grafheuvel	((graf)[N],(heuvel)[N])[N]
grafie	((grafisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
grafiek	((grafisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
grafietpotlood	((grafiet)[N],((pot)[N],(lood)[N])[N])[N]
grafkamer	((graf)[N],(kamer)[N])[N]
grafkanker	((graf)[N],(kanker)[N])[N]
grafkapel	((graf)[N],(kapel)[N])[N]
grafkelder	((graf)[N],(kelder)[N])[N]
grafkrans	((graf)[N],(krans)[N])[N]
grafkuil	((graf)[N],(kuil)[N])[N]
graflegging	((graf)[N],(leg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
graflift	((graf)[N],(lift)[N])[N]
graflucht	((graf)[N],(lucht)[N])[N]
grafmaker	((graf)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
grafmonument	((graf)[N],(monument)[N])[N]
grafnis	((graf)[N],(nis)[N])[N]
grafologisch	((grafoloog)[N],(isch)[A|N.])[A]
grafplaat	((graf)[N],(plaat)[N])[N]
grafrede	((graf)[N],(rede)[N])[N]
grafschender	((graf)[N],(schend)[V],(er)[N|NV.])[N]
grafschendster	((graf)[N],(schend)[V],(ster)[N|NV.])[N]
grafschenner	((graf)[N],(schend)[V],(er)[N|NV.])[N]
grafschennis	((graf)[N],(schennis)[N])[N]
grafsteen	((graf)[N],(steen)[N])[N]
grafstem	((graf)[N],(stem)[N])[N]
grafteken	((graf)[N],(teken)[N])[N]
graftempel	((graf)[N],(tempel)[N])[N]
grafterp	((graf)[N],(terp)[N])[N]
graftombe	((graf)[N],(tombe)[N])[N]
grafurn	((graf)[N],(urn)[N])[N]
grafurne	((graf)[N],(urne)[N])[N]
grafvaas	((graf)[N],(vaas)[N])[N]
grafwerk	((graf)[N],(werk)[N])[N]
grafzerk	((graf)[N],(zerk)[N])[N]
grafzuil	((graf)[N],(zuil)[N])[N]
gram	(gram)[N]
gramatoom	((gram)[N],(atoom)[N])[N]
gramcalorie	((gram)[N],(calorie)[N])[N]
gramequivalent	((gram)[N],(equivalent)[N])[N]
grammaticaal	((grammatica)[N],(aal)[A|N.])[A]
grammaticaregel	((grammatica)[N],(regel)[N])[N]
grammatisch	((grammatica)[N],(isch)[A|N.])[A]
grammofoonmuziek	((grammofoon)[N],(muziek)[N])[N]
grammofoonnaald	((grammofoon)[N],(naald)[N])[N]
grammofoonplaat	((grammofoon)[N],(plaat)[N])[N]
grammofoonplatenconcert	(((grammofoon)[N],(plaat)[N])[N],(en)[N|N.N],(concert)[N])[N]
grammofoonplatenverzameling	(((grammofoon)[N],(plaat)[N])[N],(en)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
grammofoonplatenwinkel	(((grammofoon)[N],(plaat)[N])[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
grammolecule	((gram)[N],(molecule)[N])[N]
gramschap	((gram)[N],(schap)[N|N.])[N]
gramstorigheid	((gramstorig)[A],(heid)[N|A.])[N]
granaat	(granaat)[N]
granaatappel	((granaat)[N],(appel)[N])[N]
granaatappelboom	(((granaat)[N],(appel)[N])[N],(boom)[N])[N]
granaatboom	((granaat)[N],(boom)[N])[N]
granaatkartets	((granaat)[N],(kartets)[N])[N]
granaatscherf	((granaat)[N],(scherf)[N])[N]
granaatsplinter	((granaat)[N],(splinter)[N])[N]
granaattrechter	((granaat)[N],(trechter)[N])[N]
granaatvrij	((granaat)[N],(vrij)[A])[A]
granaatvuur	((granaat)[N],(vuur)[N])[N]
granaatwerper	((granaat)[N],(werp)[V],(er)[N|NV.])[N]
granaten	((granaat)[N],(en)[A|N.])[A]
granatenbaan	((granaat)[N],(en)[N|N.N],(baan)[N])[N]
grande	(grande)[N]
granen	(graan)[V]
granietachtig	((graniet)[N],(achtig)[A|N.])[A]
granietblok	((graniet)[N],(blok)[N])[N]
granieten	((graniet)[N],(en)[A|N.])[A]
granietmarmer	((graniet)[N],(marmer)[N])[N]
granietrots	((graniet)[N],(rots)[N])[N]
granietsteen	((graniet)[N],(steen)[N])[N]
granulaat	((granuleer)[V],(aat)[N|V.])[N]
granulatie	((granuleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
grap	(grap)[N]
grapefruitsap	((grapefruit)[N],(sap)[N])[N]
grapjas	((grap)[N],(jas)[N])[N]
grapjasserij	((grapjas)[V],(erij)[N|V.])[N]
grappen	(grap)[V]
grappenmaakster	((grap)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
grappenmaker	((grap)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
grappenmakerij	((grap)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
grappigheid	((grappig)[A],(heid)[N|A.])[N]
gras	(gras)[N]
grasachtig	((gras)[N],(achtig)[A|N.])[A]
grasbaan	((gras)[N],(baan)[N])[N]
grasband	((gras)[N],(band)[N])[N]
grasbehang	((gras)[N],(behang)[N])[N]
grasberm	((gras)[N],(berm)[N])[N]
grasbloem	((gras)[N],(bloem)[N])[N]
grasboter	((gras)[N],(boter)[N])[N]
grasbouw	((gras)[N],(bouw)[N])[N]
grasbuik	((gras)[N],(buik)[N])[N]
grasdroger	((gras)[N],(droog)[V],(er)[N|NV.])[N]
grasduiker	((gras)[N],(duik)[V],(er)[N|NV.])[N]
grasduinen	((gras)[N],(duin)[N])[N]
grasetend	((gras)[N],(eet)[V],(end)[A|NV.])[A]
grasgazon	((gras)[N],(gazon)[N])[N]
grasgewas	((gras)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
grasgroen	((gras)[N],(groen)[A])[A]
grasgrond	((gras)[N],(grond)[N])[N]
grasharing	((gras)[N],(haring)[N])[N]
grasheuvel	((gras)[N],(heuvel)[N])[N]
grashooi	((gras)[N],(hooi)[N])[N]
grasjaar	((gras)[N],(jaar)[N])[N]
graskaas	((gras)[N],(kaas)[N])[N]
graskalf	((gras)[N],(kalf)[N])[N]
graskamp	((gras)[N],(kamp)[N])[N]
graskant	((gras)[N],(kant)[N])[N]
grasklokje	((gras)[N],(klok)[N])[N]
grasland	((gras)[N],(land)[N])[N]
graslinnen	((gras)[N],(linnen)[N])[N]
graslook	((gras)[N],(look)[N])[N]
grasmaaien	((gras)[N],(maai)[V])[V]
grasmaaier	(((gras)[N],(maai)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
grasmaaimachine	((gras)[N],((maai)[V],(machine)[N])[N])[N]
grasmaand	((gras)[N],(maand)[N])[N]
grasmachine	((gras)[N],(machine)[N])[N]
grasmat	((gras)[N],(mat)[N])[N]
grasmus	((gras)[N],(mus)[N])[N]
grasoogst	((gras)[N],(oogst)[N])[N]
grasparkiet	((gras)[N],(parkiet)[N])[N]
grasperceel	((gras)[N],(perceel)[N])[N]
grasperk	((gras)[N],(perk)[N])[N]
graspieper	((gras)[N],(piep)[V],(er)[N|NV.])[N]
grasplant	((gras)[N],(plant)[N])[N]
grasplein	((gras)[N],(plein)[N])[N]
graspol	((gras)[N],(pol)[N])[N]
grasrijk	((gras)[N],(rijk)[A])[A]
grasrol	((gras)[N],(rol)[N])[N]
grasroller	((gras)[N],((rol)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
grassavanne	((gras)[N],(savanne)[N])[N]
grasschaar	((gras)[N],(schaar)[N])[N]
grasscheut	((gras)[N],(scheut)[N])[N]
grasseren	((gras)[N],(eer)[V|N.])[V]
grassnijmachine	((gras)[N],((snijd)[V],(machine)[N])[N])[N]
grassoort	((gras)[N],(soort)[N])[N]
grasspriet	((gras)[N],(spriet)[N])[N]
grassproeier	((gras)[N],((sproei)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
grasstengel	((gras)[N],(stengel)[N])[N]
grassteppe	((gras)[N],(steppe)[N])[N]
grastapijt	((gras)[N],(tapijt)[N])[N]
grastetanie	((gras)[N],(tetanie)[N])[N]
grasveld	((gras)[N],(veld)[N])[N]
grasvilt	((gras)[N],(vilt)[N])[N]
grasvink	((gras)[N],(vink)[N])[N]
grasvlakte	((gras)[N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
grasweduwe	((gras)[N],(weduwe)[N])[N]
grasweefsel	((gras)[N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
grasweer	((gras)[N],(weer)[N])[N]
graswortel	((gras)[N],(wortel)[N])[N]
graszaad	((gras)[N],(zaad)[N])[N]
graszode	((gras)[N],(zode)[N])[N]
graterig	((graat)[N],(erig)[A|N.])[A]
gratiebeleid	((gratie)[N],(beleid)[N])[N]
gratieverzoek	((gratie)[N],(verzoek)[N])[N]
gratificatie	((gratificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
gratig	((graat)[N],(ig)[A|N.])[A]
grauw	(grauw)[N]
grauwachtig	((grauw)[A],(achtig)[A|A.])[A]
grauwbruin	((grauw)[A],(bruin)[A])[A]
grauwen	(grauw)[V]
grauwerig	((grauw)[V],(erig)[A|V.])[A]
grauwgeel	((grauw)[A],(geel)[A])[A]
grauwgors	((grauw)[A],(gors)[N])[N]
grauwgrijs	((grauw)[A],(grijs)[A])[A]
grauwheid	((grauw)[A],(heid)[N|A.])[N]
grauwig	((grauw)[A],(ig)[A|A.])[A]
grauwschildering	((grauw)[A],((schilder)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
grauwschimmel	((grauw)[A],(schimmel)[N])[N]
grauwsluier	((grauw)[A],(sluier)[N])[N]
grauwspecht	((grauw)[A],(specht)[N])[N]
grauwvuur	((grauw)[A],(vuur)[N])[N]
grauwwit	((grauw)[A],(wit)[A])[A]
grauwzwart	((grauw)[A],(zwart)[A])[A]
grave	(grave)[N]
graveelsteen	((graveel)[N],(steen)[N])[N]
graveelzand	((graveel)[N],(zand)[N])[N]
graveerder	((graveer)[V],(der)[N|V.])[N]
graveerijzer	((graveer)[V],(ijzer)[N])[N]
graveerkunst	((graveer)[V],(kunst)[N])[N]
graveermes	((graveer)[V],(mes)[N])[N]
graveernaald	((graveer)[V],(naald)[N])[N]
graveersel	((graveer)[V],(sel)[N|V.])[N]
graveerstaal	((graveer)[V],(staal)[N])[N]
graveerster	((graveer)[V],(ster)[N|V.])[N]
graveerstift	((graveer)[V],(stift)[N])[N]
graven	(graaf)[V]
gravendienst	((graaf)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
gravenhoed	((graaf)[N],(en)[N|N.N],(hoed)[N])[N]
gravenhuis	((graaf)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
gravenkroon	((graaf)[N],(en)[N|N.N],(kroon)[N])[N]
graver	((graaf)[V],(er)[N|V.])[N]
graverij	((graaf)[V],(erij)[N|V.])[N]
gravering	((graveer)[V],(ing)[N|V.])[N]
graveur	((graveer)[V],(eur)[N|V.])[N]
gravin	((graaf)[N],(in)[N|N.])[N]
gravinnenkruid	(((graaf)[N],(in)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
gravinnentooi	(((graaf)[N],(in)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(tooi)[N])[N]
gravitatie	((graviteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
gravitatiecentrum	(((graviteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(centrum)[N])[N]
gravitatiekracht	(((graviteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kracht)[N])[N]
gravitatietheorie	(((graviteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(theorie)[N])[N]
gravitatieveld	(((graviteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(veld)[N])[N]
grazen	(graas)[V]
grazig	((gras)[N],(ig)[A|N.])[A]
greb	(greb)[N]
grebbe	(grebbe)[N]
grebbelinie	((grebbe)[N],(linie)[N])[N]
green	(green)[N]
greep	(greep)[N]
greepplank	((greep)[N],(plank)[N])[N]
greepschroef	((greep)[N],(schroef)[N])[N]
grein	(grein)[N]
greinen	(grein)[V]
greinen	((grein)[N],(en)[A|N.])[A]
greineren	((grein)[N],(eer)[V|N.])[V]
greinig	((grein)[N],(ig)[A|N.])[A]
grenadiersmuts	((grenadier)[N],(s)[N|N.N],(muts)[N])[N]
grenadine	(grenadine)[N]
grendel	(grendel)[N]
grendelen	(grendel)[V]
grendelslot	((grendel)[N],(slot)[N])[N]
grendelsteen	((grendel)[N],(steen)[N])[N]
grenen	((green)[N],(en)[A|N.])[A]
grenenboom	((green)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
grenenhout	((green)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
grenenhouten	(((green)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
grens	(grens)[N]
grensarbeider	((grens)[N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
grensbedrijf	((grens)[N],(bedrijf)[N])[N]
grensbewaker	((grens)[N],((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
grensbewoner	((grens)[N],(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
grensconflict	((grens)[N],(conflict)[N])[N]
grenscorrectie	((grens)[N],((correct)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
grensdorp	((grens)[N],(dorp)[N])[N]
grensgebied	((grens)[N],(gebied)[N])[N]
grensgemeente	((grens)[N],(gemeente)[N])[N]
grensgeval	((grens)[N],(geval)[N])[N]
grensincident	((grens)[N],(incident)[N])[N]
grenskantoor	((grens)[N],(kantoor)[N])[N]
grenslijn	((grens)[N],(lijn)[N])[N]
grenslinie	((grens)[N],(linie)[N])[N]
grensovergang	((grens)[N],(overgang)[N])[N]
grensoverschrijder	((grens)[N],((over)[P],(schrijd)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
grenspaal	((grens)[N],(paal)[N])[N]
grensplaats	((grens)[N],(plaats)[N])[N]
grensplat	((grens)[N],(plat)[N])[N]
grenspost	((grens)[N],(post)[N])[N]
grenspunt	((grens)[N],(punt)[N])[N]
grensrechter	((grens)[N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
grensregeling	((grens)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
grensrivier	((grens)[N],(rivier)[N])[N]
grensscheiding	((grens)[N],((scheid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
grensstation	((grens)[N],(station)[N])[N]
grenssteen	((grens)[N],(steen)[N])[N]
grensverandering	((grens)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
grensverleggend	((grens)[N],((ver)[V|.V],(leg)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
grensvervaging	((grens)[N],((ver)[V|.A],(vaag)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
grensvesting	((grens)[N],((vest)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
grenswacht	((grens)[N],(wacht)[N])[N]
grenswachter	((grens)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
grenzeloos	((grens)[N],(eloos)[A|N.])[A]
grenzen	(grens)[V]
greppel	(greppel)[N]
greppelen	(greppel)[V]
greppelploeg	((greppel)[N],(ploeg)[N])[N]
gres	(gres)[N]
gresbuis	((gres)[N],(buis)[N])[N]
greskei	((gres)[N],(kei)[N])[N]
gretigheid	((gretig)[A],(heid)[N|A.])[N]
grief	(grief)[N]
griel	(griel)[N]
griend	(griend)[N]
griendbaas	((griend)[N],(baas)[N])[N]
griendhout	((griend)[N],(hout)[N])[N]
griendkade	((griend)[N],(kade)[N])[N]
griendland	((griend)[N],(land)[N])[N]
griendwaard	((griend)[N],(waard)[N])[N]
grienebalk	((grien)[V],(e)[N|V.V],(balk)[V])[N]
grienen	(grien)[V]
griener	((grien)[V],(er)[N|V.])[N]
grienerig	((grien)[V],(erig)[A|V.])[A]
grienig	((grien)[V],(ig)[A|V.])[A]
griep	(griep)[N]
griepachtig	((griep)[N],(achtig)[A|N.])[A]
griepepidemie	((griep)[N],((epidemisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
grieperig	((griep)[N],(erig)[A|N.])[A]
griepinjectie	((griep)[N],(injectie)[N])[N]
grieppatiënt	((griep)[N],(patiënt)[N])[N]
griepprik	((griep)[N],(prik)[N])[N]
griepvaccin	((griep)[N],(vaccin)[N])[N]
griepvirus	((griep)[N],(virus)[N])[N]
gries	(gries)[N]
griesmeel	((gries)[N],(meel)[N])[N]
griesmeelpudding	(((gries)[N],(meel)[N])[N],(pudding)[N])[N]
griet	(griet)[N]
grietje	(griet)[N]
grieven	(grief)[V]
griezel	(griezel)[N]
griezelen	(griezel)[V]
griezelfilm	((griezel)[V],(film)[N])[N]
griezelig	((griezel)[V],(ig)[A|V.])[A]
griezeligheid	(((griezel)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
griezeling	((griezel)[V],(ing)[N|V.])[N]
griezelverhaal	((griezel)[V],(verhaal)[N])[N]
grif	(grif)[A]
griffeling	((griffel)[V],(ing)[N|V.])[N]
griffelkoker	((griffel)[N],(koker)[N])[N]
griffelmes	((griffel)[N],(mes)[N])[N]
griffen	(grif)[V]
griffier	((griffie)[N],(ier)[N|N.])[N]
griffierecht	((griffie)[N],(recht)[N])[N]
griffierschap	(((griffie)[N],(ier)[N|N.])[N],(schap)[N|N.])[N]
griffioen	(griffioen)[N]
grifheid	((grif)[A],(heid)[N|A.])[N]
grift	(grift)[N]
grijnen	(grijn)[V]
grijns	(grijns)[N]
grijnslach	((grijns)[N],(lach)[N])[N]
grijnslachen	((grijns)[V],(lach)[V])[V]
grijnzaard	((grijns)[V],(aard)[N|V.])[N]
grijnzen	(grijns)[V]
grijp	(grijp)[N]
grijpachtig	((grijp)[V],(achtig)[A|V.])[A]
grijparm	((grijp)[V],(arm)[N])[N]
grijpbaar	((grijp)[V],(baar)[A|V.])[A]
grijpemmer	((grijp)[V],(emmer)[N])[N]
grijpen	(grijp)[V]
grijper	((grijp)[V],(er)[N|V.])[N]
grijpgraag	((grijp)[V],(graag)[A])[A]
grijpstaart	((grijp)[V],(staart)[N])[N]
grijpstuiver	((grijp)[V],(stuiver)[N])[N]
grijptengel	((grijp)[V],(tengel)[N])[N]
grijpvinger	((grijp)[V],(vinger)[N])[N]
grijpvogel	((grijp)[V],(vogel)[N])[N]
grijs	(grijs)[N]
grijsaard	((grijs)[A],(aard)[N|A.])[N]
grijsachtig	((grijs)[A],(achtig)[A|A.])[A]
grijsblauw	((grijs)[A],(blauw)[A])[A]
grijsboek	((grijs)[A],(boek)[N])[N]
grijsbont	((grijs)[A],(bont)[A])[A]
grijsbruin	((grijs)[A],(bruin)[A])[A]
grijsgroen	((grijs)[A],(groen)[A])[A]
grijsharig	((grijs)[A],(haar)[N],(ig)[A|AN.])[A]
grijsheid	((grijs)[A],(heid)[N|A.])[N]
grijskop	((grijs)[A],(kop)[N])[N]
grijsrijden	((grijs)[A],(rijd)[V])[V]
grijsrijder	(((grijs)[A],(rijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
grijsrijdster	(((grijs)[A],(rijd)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
grijswit	((grijs)[A],(wit)[A])[A]
grijzen	(grijs)[V]
grijzig	((grijs)[A],(ig)[A|A.])[A]
grijzigheid	((grijs)[A],(igheid)[N|A.])[N]
gril	(gril)[N]
grill	(grill)[N]
grillen	(gril)[V]
grillerig	((gril)[N],(erig)[A|N.])[A]
grillig	((gril)[N],(ig)[A|N.])[A]
grilligheid	(((gril)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
grilling	((gril)[V],(ing)[N|V.])[N]
grillroom	((grill)[N],(room)[N])[N]
grim	(grim)[N]
grimas	(grimas)[N]
grimassen	(grimas)[V]
grimassenmaker	((grimas)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
grime	(grime)[N]
grimeur	((grimeer)[V],(eur)[N|V.])[N]
grimlach	((grim)[N],(lach)[N])[N]
grimlachen	((grim)[N],(lach)[V])[V]
grimmen	(grim)[V]
grimmig	((grim)[N],(ig)[A|N.])[A]
grimmigheid	(((grim)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
grind	(grind)[N]
grindbaan	((grind)[N],(baan)[N])[N]
grindbank	((grind)[N],(bank)[N])[N]
grinden	(grind)[V]
grinderij	((grind)[V],(erij)[N|V.])[N]
grindfilter	((grind)[N],(filter)[N])[N]
grindgrond	((grind)[N],(grond)[N])[N]
grindhor	((grind)[N],(hor)[N])[N]
grindhorde	((grind)[N],(horde)[N])[N]
grindhoudend	((grind)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
grindlaag	((grind)[N],(laag)[N])[N]
grindweg	((grind)[N],(weg)[N])[N]
grindzand	((grind)[N],(zand)[N])[N]
grinniken	(grinnik)[V]
grinnikerd	((grinnik)[V],(erd)[N|V.])[N]
grinten	(grint)[V]
grinterij	((grint)[V],(erij)[N|V.])[N]
grip	(grip)[N]
grissen	(gris)[V]
grit	(grit)[N]
groef	(groef)[N]
groefbeitel	((groef)[V],(beitel)[N])[N]
groefrail	((groef)[N],(rail)[N])[N]
groefschaaf	((groef)[N],(schaaf)[N])[N]
groei	(groei)[N]
groei-economie	((groei)[N],((economisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
groeiaandeel	((groei)[V],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
groeiachterstand	((groei)[N],((achter)[B],(stand)[N])[N])[N]
groeiboek	((groei)[V],(boek)[N])[N]
groeicurve	((groei)[V],(curve)[N])[N]
groeien	(groei)[V]
groeifactor	((groei)[N],(factor)[N])[N]
groeifonds	((groei)[V],(fonds)[N])[N]
groeigroep	((groei)[V],(groep)[N])[N]
groeihormon	((groei)[V],(hormon)[N])[N]
groeihormoon	((groei)[V],(hormoon)[N])[N]
groeihypotheek	((groei)[V],(hypotheek)[N])[N]
groeiimpuls	((groei)[N],(impuls)[N])[N]
groeikern	((groei)[V],(kern)[N])[N]
groeikracht	((groei)[V],(kracht)[N])[N]
groeilaag	((groei)[V],(laag)[N])[N]
groeimarkt	((groei)[V],(markt)[N])[N]
groeimiddel	((groei)[V],(middel)[N])[N]
groeiomstandigheid	((groei)[N],((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
groeipercentage	((groei)[V],(percentage)[N])[N]
groeipunt	((groei)[V],(punt)[N])[N]
groeischijf	((groei)[V],(schijf)[N])[N]
groeisector	((groei)[V],(sector)[N])[N]
groeisel	((groei)[V],(sel)[N|V.])[N]
groeistad	((groei)[V],(stad)[N])[N]
groeistof	((groei)[V],(stof)[N])[N]
groeistuip	((groei)[V],(stuip)[N])[N]
groeitaak	((groei)[V],(taak)[N])[N]
groeitijd	((groei)[V],(tijd)[N])[N]
groeitop	((groei)[V],(top)[N])[N]
groeizaam	((groei)[V],(zaam)[A|V.])[A]
groeizaamheid	(((groei)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
groen	(groen)[N]
groenachtig	((groen)[A],(achtig)[A|A.])[A]
groenbedrijf	((groen)[N],(bedrijf)[N])[N]
groenbemesting	((groen)[N],((be)[V|.N],(mest)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
groenblauw	((groen)[A],(blauw)[A])[A]
groenblijvend	((groen)[A],(blijf)[V],(end)[A|AV.])[A]
groenboer	((groen)[N],(boer)[N])[N]
groenen	(groen)[V]
groengebied	((groen)[N],(gebied)[N])[N]
groengordel	((groen)[N],(gordel)[N])[N]
groengrond	((groen)[A],(grond)[N])[N]
groenharing	((groen)[A],(haring)[N])[N]
groenheid	((groen)[A],(heid)[N|A.])[N]
groenhout	((groen)[A],(hout)[N])[N]
groenig	((groen)[A],(ig)[A|A.])[A]
groenigheid	((groen)[A],(igheid)[N|A.])[N]
groenland	((groen)[A],(land)[N])[N]
groenling	((groen)[A],(ling)[N|A.])[N]
groenlopen	((groen)[N],(loop)[V])[V]
groenmarkt	((groen)[N],(markt)[N])[N]
groensel	((groen)[V],(sel)[N|V.])[N]
groenspecht	((groen)[A],(specht)[N])[N]
groensteen	((groen)[A],(steen)[N])[N]
groenstrook	((groen)[N],(strook)[N])[N]
groente	((groen)[A],(te)[N|A.])[N]
groentebed	(((groen)[A],(te)[N|A.])[N],(bed)[N])[N]
groenteboer	(((groen)[A],(te)[N|A.])[N],(boer)[N])[N]
groentedrogerij	(((groen)[A],(te)[N|A.])[N],(droog)[V],(erij)[N|NV.])[N]
groentehal	(((groen)[A],(te)[N|A.])[N],(hal)[N])[N]
groentekar	(((groen)[A],(te)[N|A.])[N],(kar)[N])[N]
groentekraam	(((groen)[A],(te)[N|A.])[N],(kraam)[N])[N]
groentekweker	(((groen)[A],(te)[N|A.])[N],(kweek)[V],(er)[N|NV.])[N]
groenteman	(((groen)[A],(te)[N|A.])[N],(man)[N])[N]
groentesalade	(((groen)[A],(te)[N|A.])[N],(salade)[N])[N]
groentesap	(((groen)[A],(te)[N|A.])[N],(sap)[N])[N]
groenteschotel	(((groen)[A],(te)[N|A.])[N],(schotel)[N])[N]
groentesoep	(((groen)[A],(te)[N|A.])[N],(soep)[N])[N]
groentetaart	(((groen)[A],(te)[N|A.])[N],(taart)[N])[N]
groenteveiling	(((groen)[A],(te)[N|A.])[N],(veil)[V],(ing)[N|NV.])[N]
groentevrouw	(((groen)[A],(te)[N|A.])[N],(vrouw)[N])[N]
groentewinkel	(((groen)[A],(te)[N|A.])[N],(winkel)[N])[N]
groentijd	((groen)[N],(tijd)[N])[N]
groentje	((groen)[A],(tje)[N|A.])[N]
groenvink	((groen)[A],(vink)[N])[N]
groenvoeder	((groen)[A],(voeder)[N])[N]
groenvoer	((groen)[A],(voer)[N])[N]
groenvoorziening	((groen)[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
groenwerker	((groen)[N],(werk)[V],(er)[N|NV.])[N]
groenzand	((groen)[A],(zand)[N])[N]
groep	(groep)[N]
groepage	(((groep)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N]
groepagedienst	((((groep)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
groepen	(groep)[V]
groeperen	((groep)[N],(eer)[V|N.])[V]
groepering	(((groep)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
groepfoto	((groep)[N],(foto)[N])[N]
groepkiezer	((groep)[N],(kies)[V],(er)[N|NV.])[N]
groepsactie	((groep)[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
groepsactiviteit	((groep)[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
groepsaspect	((groep)[N],(s)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
groepsatmosfeer	((groep)[N],(s)[N|N.N],(atmosfeer)[N])[N]
groepsbelang	((groep)[N],(s)[N|N.N],(belang)[N])[N]
groepsbenadering	((groep)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(nader)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
groepsbewustzijn	((groep)[N],(s)[N|N.N],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
groepsbezigheid	((groep)[N],(s)[N|N.N],((bezig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
groepsbijeenkomst	((groep)[N],(s)[N|N.N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
groepscode	((groep)[N],(s)[N|N.N],(code)[N])[N]
groepscohesie	((groep)[N],(s)[N|N.N],(cohesie)[N])[N]
groepscommandant	((groep)[N],(s)[N|N.Vx],(commandeer)[V],(ant)[N|NxV.])[N]
groepsconflict	((groep)[N],(s)[N|N.N],(conflict)[N])[N]
groepscontrole	((groep)[N],(s)[N|N.N],(controle)[N])[N]
groepsdier	((groep)[N],(s)[N|N.N],(dier)[N])[N]
groepsdiscussie	((groep)[N],(s)[N|N.N],(discussie)[N])[N]
groepsdoeleinde	((groep)[N],(s)[N|N.N],(doeleinde)[N])[N]
groepsdwang	((groep)[N],(s)[N|N.N],(dwang)[N])[N]
groepsdynamica	((groep)[N],(s)[N|N.N],(dynamica)[N])[N]
groepsdynamiek	((groep)[N],(s)[N|N.N],((dynamisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
groepsdynamisch	((groep)[N],(s)[A|N.A],(dynamisch)[A])[A]
groepselement	((groep)[N],(s)[N|N.N],(element)[N])[N]
groepsexperiment	((groep)[N],(s)[N|N.N],(experiment)[N])[N]
groepsformatie	((groep)[N],(s)[N|N.Vx],(formeer)[V],(atie)[N|NxV.])[N]
groepsfoto	((groep)[N],(s)[N|N.N],(foto)[N])[N]
groepsfunctie	((groep)[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
groepsgedrag	((groep)[N],(s)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
groepsgeest	((groep)[N],(s)[N|N.N],(geest)[N])[N]
groepsgesprek	((groep)[N],(s)[N|N.N],(gesprek)[N])[N]
groepsgevoel	((groep)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
groepsgevoeligheid	((groep)[N],(s)[N|N.N],((((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
groepsgewijs	((groep)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
groepsgrootte	((groep)[N],(s)[N|N.N],((groot)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
groepshuwelijk	((groep)[N],(s)[N|N.N],(huwelijk)[N])[N]
groepsidentiteit	((groep)[N],(s)[N|N.N],(identiteit)[N])[N]
groepsinteractie	((groep)[N],(s)[N|N.N],((inter)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
groepskarakter	((groep)[N],(s)[N|N.N],(karakter)[N])[N]
groepsklimaat	((groep)[N],(s)[N|N.N],(klimaat)[N])[N]
groepsleider	((groep)[N],(s)[N|N.Vx],(leid)[V],(er)[N|NxV.])[N]
groepslid	((groep)[N],(s)[N|N.N],(lid)[N])[N]
groepslidmaatschap	((groep)[N],(s)[N|N.N],(((lid)[N],(maat)[N])[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
groepslokaal	((groep)[N],(s)[N|N.N],(lokaal)[N])[N]
groepsmechanisme	((groep)[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
groepsmethode	((groep)[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
groepsmoraal	((groep)[N],(s)[N|N.N],(moraal)[N])[N]
groepsniveau	((groep)[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
groepsnorm	((groep)[N],(s)[N|N.N],(norm)[N])[N]
groepsnummer	((groep)[N],(s)[N|N.N],(nummer)[N])[N]
groepsontwikkeling	((groep)[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
groepsorgie	((groep)[N],(s)[N|N.N],(orgie)[N])[N]
groepsportret	((groep)[N],(s)[N|N.N],(portret)[N])[N]
groepspraktijk	((groep)[N],(s)[N|N.N],(praktijk)[N])[N]
groepsproces	((groep)[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
groepspsychologie	((groep)[N],(s)[N|N.N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
groepspsychotherapie	((groep)[N],(s)[N|N.N],((psycho)[N|.N],(therapie)[N])[N])[N]
groepsregel	((groep)[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
groepsreis	((groep)[N],(s)[N|N.N],(reis)[N])[N]
groepsrelatie	((groep)[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
groepsruimte	((groep)[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
groepssaamhorigheid	((groep)[N],(s)[N|N.N],((saamhorig)[B],(heid)[N|B.])[N])[N]
groepsseks	((groep)[N],(s)[N|N.N],(seks)[N])[N]
groepssfeer	((groep)[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
groepssituatie	((groep)[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
groepssolidariteit	((groep)[N],(s)[N|N.N],((solidair)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
groepsstructuur	((groep)[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
groepssupervisie	((groep)[N],(s)[N|N.N],((super)[N|.N],(visie)[N])[N])[N]
groepstaal	((groep)[N],(s)[N|N.N],(taal)[N])[N]
groepstarief	((groep)[N],(s)[N|N.N],(tarief)[N])[N]
groepstechniek	((groep)[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
groepsterritorium	((groep)[N],(s)[N|N.N],(territorium)[N])[N]
groepstherapeut	((groep)[N],(s)[N|N.N],(therapeut)[N])[N]
groepstherapie	((groep)[N],(s)[N|N.N],(therapie)[N])[N]
groepstoestand	((groep)[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
groepstrainer	((groep)[N],(s)[N|N.N],((train)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
groepstraining	((groep)[N],(s)[N|N.N],((train)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
groepsverandering	((groep)[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
groepsverband	((groep)[N],(s)[N|N.N],(verband)[N])[N]
groepsvergadering	((groep)[N],(s)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
groepsverschijnsel	((groep)[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
groepswerk	((groep)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
groepswerking	((groep)[N],(s)[N|N.N],((werk)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
groeptaal	((groep)[N],(taal)[N])[N]
groepvorming	((groep)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
groes	(groes)[N]
groet	(groet)[N]
groeten	(groet)[V]
groetenis	((groet)[V],(enis)[N|V.])[N]
groetplicht	((groet)[V],(plicht)[N])[N]
groeven	(groef)[V]
groezeligheid	((groezelig)[A],(heid)[N|A.])[N]
grof	(grof)[A]
grofdradig	((grof)[A],(draad)[N],(ig)[A|AN.])[A]
grofgebouwd	((grof)[A],(gebouwd)[A])[A]
grofgespierd	((grof)[A],(gespierd)[A])[A]
grofheid	((grof)[A],(heid)[N|A.])[N]
grofkorrelig	((grof)[A],((korrel)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
grofmaterieel	((grof)[A],((materie)[N],(ieel)[A|N.])[A])[A]
grofmazig	((grof)[A],(maas)[N],(ig)[A|AN.])[A]
grofmeel	((grof)[A],(meel)[N])[N]
grofsmederij	((grof)[A],(smeed)[V],(erij)[N|AV.])[N]
grofsmid	((grof)[A],(smid)[N])[N]
grofstoffelijk	((grof)[A],((stof)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
grofte	((grof)[A],(te)[N|A.])[N]
grofwerk	((grof)[A],(werk)[N])[N]
grofwerker	((grof)[A],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
grofwild	((grof)[A],(wild)[N])[N]
grofzand	((grof)[A],(zand)[N])[N]
grofzee	((grof)[A],(zee)[N])[N]
grog	(grog)[N]
grogstem	((grog)[N],(stem)[N])[N]
grol	(grol)[N]
grollen	(grol)[V]
grolpot	((grol)[N],(pot)[N])[N]
grom	(grom)[N]
grombaard	((grom)[N],(baard)[N])[N]
grommelaar	((grommel)[V],(aar)[N|V.])[N]
grommelen	(grommel)[V]
grommen	(grom)[V]
grommer	((grom)[V],(er)[N|V.])[N]
grommig	((grom)[V],(ig)[A|V.])[A]
grommigheid	(((grom)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
grompartij	((grom)[N],(partij)[N])[N]
grompot	((grom)[N],(pot)[N])[N]
grond	(grond)[N]
grondaanwinning	((grond)[N],((aan)[P],(win)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
grondachtig	((grond)[N],(achtig)[A|N.])[A]
grondakkoord	((grond)[N],(akkoord)[N])[N]
grondbedrijf	((grond)[N],(bedrijf)[N])[N]
grondbegin	((grond)[N],(begin)[N])[N]
grondbeginsel	((grond)[N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
grondbegrip	((grond)[N],(begrip)[N])[N]
grondbelasting	((grond)[N],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
grondbestanddeel	((grond)[N],((bestand)[N],(deel)[N])[N])[N]
grondbetekenis	((grond)[N],(betekenis)[N])[N]
grondbezit	((grond)[N],(bezit)[N])[N]
grondbezitster	((grond)[N],((be)[V|.V],(zit)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
grondbezitter	((grond)[N],((be)[V|.V],(zit)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
grondbezittersklasse	(((grond)[N],((be)[V|.V],(zit)[V])[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
grondbezitting	((grond)[N],(((be)[V|.V],(zit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
grondboor	((grond)[N],(boor)[N])[N]
grondboring	((grond)[N],((boor)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gronddenkbeeld	((grond)[N],((denk)[V],(beeld)[N])[N])[N]
gronddienst	((grond)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
grondduiker	((grond)[N],(duik)[V],(er)[N|NV.])[N]
grondeigenaar	((grond)[N],(eigenaar)[N])[N]
grondeigenares	(((grond)[N],(eigenaar)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
grondeigendom	((grond)[N],((eigen)[N],(dom)[N|N.])[N])[N]
grondeigendom	((grond)[N],(eigendom)[N])[N]
grondeigenschap	((grond)[N],((eigen)[A],(schap)[N|A.])[N])[N]
grondel	(grondel)[N]
grondeloos	((grond)[N],(eloos)[A|N.])[A]
grondeloosheid	(((grond)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gronden	(grond)[V]
gronderig	((grond)[N],(erig)[A|N.])[A]
gronderigheid	(((grond)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
grondexploitatie	((grond)[N],(exploiteer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
grondgebied	((grond)[N],(gebied)[N])[N]
grondgebruik	((grond)[N],(gebruik)[N])[N]
grondgedachte	((grond)[N],(gedachte)[N])[N]
grondgesteldheid	((grond)[N],((gesteld)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
grondhouding	((grond)[N],(houding)[N])[N]
grondhout	((grond)[N],(hout)[N])[N]
grondig	((grond)[N],(ig)[A|N.])[A]
grondigheid	(((grond)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
grondijs	((grond)[N],(ijs)[N])[N]
gronding	((grond)[V],(ing)[N|V.])[N]
grondkabel	((grond)[N],(kabel)[N])[N]
grondkamer	((grond)[N],(kamer)[N])[N]
grondkapitaal	((grond)[N],(kapitaal)[N])[N]
grondkleur	((grond)[V],(kleur)[N])[N]
grondkrediet	((grond)[N],(krediet)[N])[N]
grondlaag	((grond)[V],(laag)[N])[N]
grondlak	((grond)[V],(lak)[N])[N]
grondlasten	((grond)[N],(last)[N])[N]
grondlegger	((grond)[N],(leg)[V],(er)[N|NV.])[N]
grondlegging	((grond)[N],(leg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
grondlegster	((grond)[N],(leg)[V],(ster)[N|NV.])[N]
grondleiding	((grond)[N],((leid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
grondlijn	((grond)[N],(lijn)[N])[N]
grondmarkt	((grond)[N],(markt)[N])[N]
grondmonster	((grond)[N],(monster)[N])[N]
grondnoot	((grond)[N],(noot)[N])[N]
grondoefening	((grond)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
grondonderzoek	((grond)[N],(onderzoek)[N])[N]
grondoorzaak	((grond)[N],(oorzaak)[N])[N]
grondorganisatie	((grond)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
grondpacht	((grond)[N],(pacht)[N])[N]
grondpapier	((grond)[V],(papier)[N])[N]
grondpass	((grond)[N],(pass)[N])[N]
grondpersoneel	((grond)[N],(personeel)[N])[N]
grondpijler	((grond)[N],(pijler)[N])[N]
grondpilaar	((grond)[N],(pilaar)[N])[N]
grondplan	((grond)[N],(plan)[N])[N]
grondpolitiek	((grond)[N],(politiek)[N])[N]
grondprijs	((grond)[N],(prijs)[N])[N]
grondprincipe	((grond)[N],(principe)[N])[N]
grondprobleem	((grond)[N],(probleem)[N])[N]
grondrecht	((grond)[N],(recht)[N])[N]
grondregel	((grond)[N],(regel)[N])[N]
grondrente	((grond)[N],(rente)[N])[N]
grondscheiding	((grond)[N],(scheid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
grondsoort	((grond)[N],(soort)[N])[N]
grondsop	((grond)[N],(sop)[N])[N]
grondspeculant	((grond)[N],(speculeer)[V],(ant)[N|NV.])[N]
grondspeculatie	((grond)[N],(speculeer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
grondstation	((grond)[N],(station)[N])[N]
grondsteen	((grond)[N],(steen)[N])[N]
grondstelling	((grond)[N],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
grondstem	((grond)[N],(stem)[N])[N]
grondstewardess	((grond)[N],((steward)[N],(ess)[N|N.])[N])[N]
grondstof	((grond)[N],(stof)[N])[N]
grondstoffenleverancier	(((grond)[N],(stof)[N])[N],(en)[N|N.N],(leverancier)[N])[N]
grondstoffenproducent	(((grond)[N],(stof)[N])[N],(en)[N|N.N],((produceer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
grondstoffenvoorraad	(((grond)[N],(stof)[N])[N],(en)[N|N.N],(voorraad)[N])[N]
grondstoffenvoorziening	(((grond)[N],(stof)[N])[N],(en)[N|N.N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
grondstofvoorraad	(((grond)[N],(stof)[N])[N],(voorraad)[N])[N]
grondstofwisseling	((grond)[N],((stof)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
grondstrijdkrachten	((grond)[N],((strijd)[N],(kracht)[N])[N])[N]
grondstroom	((grond)[N],(stroom)[N])[N]
grondtaal	((grond)[N],(taal)[N])[N]
grondtekening	((grond)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
grondtekst	((grond)[N],(tekst)[N])[N]
grondtoon	((grond)[N],(toon)[N])[N]
grondtrek	((grond)[N],(trek)[N])[N]
grondtroepen	((grond)[N],(troep)[N])[N]
grondvast	((grond)[N],(vast)[A])[A]
grondverbetering	((grond)[N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
grondverf	((grond)[V],(verf)[N])[N]
grondvergadering	((grond)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
grondverklikker	((grond)[N],(((ver)[V|.V],(klik)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
grondverschuiving	((grond)[N],(((ver)[V|.V],(schuif)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
grondverven	((grond)[V],(verf)[V])[V]
grondverzakking	((grond)[N],(((ver)[V|.V],(zak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
grondverzetmachine	((grond)[N],((ver)[V|.V],(zet)[V])[V],(machine)[N])[N]
grondvest	((grond)[N],(vest)[N])[N]
grondvesten	((grond)[N],(vest)[V])[V]
grondvester	(((grond)[N],(vest)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
grondvesting	(((grond)[N],(vest)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
grondvlak	((grond)[N],(vlak)[N])[N]
grondvoorwaarde	((grond)[N],(voorwaarde)[N])[N]
grondvorm	((grond)[N],(vorm)[N])[N]
grondwaarheid	((grond)[N],((waar)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
grondwater	((grond)[N],(water)[N])[N]
grondwaterniveau	(((grond)[N],(water)[N])[N],(niveau)[N])[N]
grondwaterpeil	(((grond)[N],(water)[N])[N],(peil)[N])[N]
grondwaterspiegel	(((grond)[N],(water)[N])[N],(spiegel)[N])[N]
grondwaterstand	(((grond)[N],(water)[N])[N],(stand)[N])[N]
grondwerk	((grond)[N],(werk)[N])[N]
grondwerker	((grond)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
grondwerktuigkundige	((grond)[N],(werktuigkundige)[N])[N]
grondwet	((grond)[N],(wet)[N])[N]
grondwetgever	(((grond)[N],(wet)[N])[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N]
grondwetherziening	(((grond)[N],(wet)[N])[N],((herzie)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
grondwetsartikel	(((grond)[N],(wet)[N])[N],(s)[N|N.N],(artikel)[N])[N]
grondwetsherziening	(((grond)[N],(wet)[N])[N],(s)[N|N.N],((herzie)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
grondwetsschennis	(((grond)[N],(wet)[N])[N],(s)[N|N.N],(schennis)[N])[N]
grondwettelijk	(((grond)[N],(wet)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
grondwettig	(((grond)[N],(wet)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
grondwettigheid	((((grond)[N],(wet)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
grondwoord	((grond)[N],(woord)[N])[N]
grondzaak	((grond)[N],(zaak)[N])[N]
grondzee	((grond)[N],(zee)[N])[N]
grondzeil	((grond)[N],(zeil)[N])[N]
grondzuil	((grond)[N],(zuil)[N])[N]
groot	(groot)[N]
grootachtbaar	((groot)[A],((acht)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
grootachtbaarheid	(((groot)[A],((acht)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
grootbedrijf	((groot)[A],(bedrijf)[N])[N]
grootbeeld	((groot)[A],(beeld)[N])[N]
grootbek	((groot)[A],(bek)[N])[N]
grootbladig	((groot)[A],((blad)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
grootboek	((groot)[A],(boek)[N])[N]
grootboekrekening	(((groot)[A],(boek)[N])[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
grootbrengen	((groot)[A],(breng)[V])[V]
grootdoen	((groot)[A],(doe)[V])[V]
grootdoener	((groot)[A],(doen)[N],(er)[N|AN.])[N]
grootdoenerij	((groot)[A],(doe)[V],(erij)[N|AV.])[N]
grootedelachtbaar	((groot)[A],((edel)[A],((acht)[V],(baar)[A|V.])[A])[A])[A]
grootfamilie	((groot)[A],(familie)[N])[N]
grootgrondbezit	((groot)[A],((grond)[N],(bezit)[N])[N])[N]
grootgrondbezitster	((groot)[A],((grond)[N],((be)[V|.V],(zit)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N])[N]
grootgrondbezitter	((groot)[A],(grond)[N],((be)[V|.V],(zit)[V])[V],(er)[N|ANV.])[N]
groothandel	((groot)[A],(handel)[N])[N]
groothandelaar	((groot)[A],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
groothandelprijs	(((groot)[A],(handel)[N])[N],(prijs)[N])[N]
groothandelsfirma	(((groot)[A],(handel)[N])[N],(s)[N|N.N],(firma)[N])[N]
groothandelsprijs	(((groot)[A],(handel)[N])[N],(s)[N|N.N],(prijs)[N])[N]
groothartig	((groot)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
groothartigheid	(((groot)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
grootheid	((groot)[A],(heid)[N|A.])[N]
grootheidsfantasie	(((groot)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(fantasie)[N])[N]
grootheidswaan	(((groot)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(waan)[N])[N]
grootheidswaanzin	(((groot)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((waan)[N],(zin)[N])[N])[N]
groothertog	((groot)[A],(hertog)[N])[N]
groothertogdom	(((groot)[A],(hertog)[N])[N],(dom)[N|N.])[N]
groothertogelijk	(((groot)[A],(hertog)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
groothertogin	((groot)[A],((hertog)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
groothoeklens	((groot)[A],(hoek)[N],(lens)[N])[N]
groothouden	((groot)[A],(houd)[V])[V]
grootindustrie	((groot)[A],(industrie)[N])[N]
grootindustrieel	(((groot)[A],(industrie)[N])[N],(ieel)[N|N.])[N]
grootinquisiteur	((groot)[A],(inquisiteur)[N])[N]
grootje	((groot)[A],(je)[N|A.])[N]
grootkanselier	((groot)[A],(kanselier)[N])[N]
grootkapitaal	((groot)[A],(kapitaal)[N])[N]
grootkorrelig	((groot)[A],((korrel)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
grootkruis	((groot)[A],(kruis)[N])[N]
grootma	((groot)[A],(ma)[N])[N]
grootmachtig	((groot)[A],((macht)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
grootmajoor	((groot)[A],(majoor)[N])[N]
grootmaken	((groot)[A],(maak)[V])[V]
grootmaking	(((groot)[A],(maak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
grootmama	((groot)[A],(mama)[N])[N]
grootmediaan	((groot)[A],(mediaan)[N])[N]
grootmeester	((groot)[A],(meester)[N])[N]
grootmeesteres	(((groot)[A],(meester)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
grootmeesterschap	(((groot)[A],(meester)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
grootmetaal	((groot)[A],(metaal)[N])[N]
grootmoe	((groot)[A],(moe)[N])[N]
grootmoeder	((groot)[A],(moeder)[N])[N]
grootmoederfiguur	(((groot)[A],(moeder)[N])[N],(figuur)[N])[N]
grootmoederlijk	(((groot)[A],(moeder)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A]
grootmoederschap	(((groot)[A],(moeder)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
grootmoedig	((groot)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
grootmoedigheid	(((groot)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
grootmogol	((groot)[A],(mogol)[N])[N]
grootofficier	((groot)[A],(officier)[N])[N]
grootogig	((groot)[A],(oog)[N],(ig)[A|AN.])[A]
grootouderlijk	((grootouder)[N],(lijk)[A|N.])[A]
grootpa	((groot)[A],(pa)[N])[N]
grootpapa	((groot)[A],(papa)[N])[N]
groots	((groot)[A],(s)[A|A.])[A]
grootschalig	((groot)[A],(schaal)[N],(ig)[A|AN.])[A]
grootschaligheid	(((groot)[A],(schaal)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
grootschrift	((groot)[A],(schrift)[N])[N]
grootsheid	(((groot)[A],(s)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
grootsig	(((groot)[A],(s)[A|A.])[A],(ig)[A|A.])[A]
grootsigaard	((((groot)[A],(s)[A|A.])[A],(ig)[A|A.])[A],(aard)[N|A.])[N]
grootsigheid	((((groot)[A],(s)[A|A.])[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
grootspraak	((groot)[A],(spraak)[N])[N]
grootsprakerig	(((groot)[A],(spraak)[N])[N],(erig)[A|N.])[A]
grootsprakig	(((groot)[A],(spraak)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
grootspreekster	(((groot)[A],(spreek)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
grootspreken	((groot)[A],(spreek)[V])[V]
grootspreker	(((groot)[A],(spreek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
grootsprekerij	(((groot)[A],(spreek)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
grootstedelijk	((groot)[A],((stede)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
grootsteeds	((groot)[A],(steeds)[A])[A]
grootte	((groot)[A],(te)[N|A.])[N]
grootteconstantie	(((groot)[A],(te)[N|A.])[N],((constant)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
grootteklasse	(((groot)[A],(te)[N|A.])[N],(klasse)[N])[N]
grootteorde	(((groot)[A],(te)[N|A.])[N],(orde)[N])[N]
grootvader	((groot)[A],(vader)[N])[N]
grootvaderlijk	(((groot)[A],(vader)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A]
grootvaderschap	(((groot)[A],(vader)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
grootvee	((groot)[A],(vee)[N])[N]
grootverbruik	((groot)[A],(verbruik)[N])[N]
grootvisserij	((groot)[A],(vis)[V],(erij)[N|AV.])[N]
grootvizier	((groot)[A],(vizier)[N])[N]
grootvorst	((groot)[A],(vorst)[N])[N]
grootvorstendom	(((groot)[A],(vorst)[N])[N],(endom)[N|N.])[N]
grootvorstin	(((groot)[A],(vorst)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
grootwaardigheidsbekleder	((groot)[A],((((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(er)[N|NxV.])[N])[N]
grootwaterschap	((groot)[A],((water)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
grootwinkelbedrijf	((groot)[A],((winkel)[N],(bedrijf)[N])[N])[N]
grootzegel	((groot)[A],(zegel)[N])[N]
grootzegelbewaarder	(((groot)[A],(zegel)[N])[N],((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
grootzeil	((groot)[A],(zeil)[N])[N]
gros	(gros)[N]
groslijst	((gros)[N],(lijst)[N])[N]
grosprijs	((gros)[N],(prijs)[N])[N]
grosseren	((grosse)[N],(eer)[V|N.])[V]
grossierderij	((grossier)[N],(derij)[N|N.])[N]
grossierskantoor	((grossier)[N],(s)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
grossiersprijs	((grossier)[N],(s)[N|N.N],(prijs)[N])[N]
grossierszaak	((grossier)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
grot	(grot)[N]
grotachtig	((grot)[N],(achtig)[A|N.])[A]
grotbewoner	((grot)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
grotbewoonster	((grot)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
grotelui	((groot)[A],(e)[N|A.N],(man)[N])[N]
groteluiskind	((grotelui)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
grotemensachtig	((groot)[A],(e)[A|A.Nx],(mens)[N],(achtig)[A|AxN.])[A]
grotemensenwerk	((groot)[A],(e)[N|A.NxN],(mens)[N],(en)[N|AxN.N],(werk)[N])[N]
grotendeels	((groot)[A],(en)[A|A.Nx],(deel)[N],(s)[A|AxN.])[A]
grotwerk	((grot)[N],(werk)[N])[N]
grotwoning	((grot)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gruis	(gruis)[N]
gruisbak	((gruis)[N],(bak)[N])[N]
gruisijzer	((gruis)[N],(ijzer)[N])[N]
gruiskolen	((gruis)[V],(kool)[N])[N]
gruisthee	((gruis)[V],(thee)[N])[N]
gruizen	(gruis)[V]
gruizig	((gruis)[N],(ig)[A|N.])[A]
grut	(grut)[N]
grutje	(grut)[N]
grutmolen	((grut)[V],(molen)[N])[N]
grutten	(grut)[V]
gruttenbrij	((grut)[N],(en)[N|N.N],(brij)[N])[N]
gruttenmeel	((grut)[N],(en)[N|N.N],(meel)[N])[N]
grutter	((grut)[V],(er)[N|V.])[N]
grutterij	((grut)[V],(erij)[N|V.])[N]
grutterskar	(((grut)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kar)[N])[N]
gruttersmolen	(((grut)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(molen)[N])[N]
grutterswaren	(((grut)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(waar)[N])[N]
grutterswinkel	(((grut)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
grutto	(grutto)[N]
gruweldaad	((gruwel)[V],(daad)[N])[N]
gruwelijk	((gruw)[V],(elijk)[A|V.])[A]
gruwelijkheid	(((gruw)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gruwelkamer	((gruwel)[V],(kamer)[N])[N]
gruwelpropaganda	((gruwel)[V],(propaganda)[N])[N]
gruwelstuk	((gruwel)[V],(stuk)[N])[N]
gruwen	(gruw)[V]
gruwzaam	((gruw)[V],(zaam)[A|V.])[A]
gruwzaamheid	(((gruw)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gruyèrekaas	((gruyère)[N],(kaas)[N])[N]
guano	(guano)[N]
guerrillaoorlog	((guerrilla)[N],(oorlog)[N])[N]
guerrillaoperatie	((guerrilla)[N],((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
guerrillaorganisatie	((guerrilla)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
guerrillastrijder	((guerrilla)[N],((strijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
guerrillastrijdster	((guerrilla)[N],((strijd)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
guerrillatroepen	((guerrilla)[N],(troep)[N])[N]
guirlande	(guirlande)[N]
guit	(guit)[N]
guitachtig	((guit)[N],(achtig)[A|N.])[A]
guitenstreek	((guit)[N],(en)[N|N.N],(streek)[N])[N]
guiterij	((guit)[N],(erij)[N|N.])[N]
guitigheid	((guitig)[A],(heid)[N|A.])[N]
gul	(gul)[N]
guldeling	((gulden)[N],(ling)[N|N.])[N]
guldenboek	((gulden)[A],(boek)[N])[N]
guldengetal	((gulden)[A],(getal)[N])[N]
guldenjaar	((gulden)[A],(jaar)[N])[N]
guldenroede	((gulden)[A],(roede)[N])[N]
guldensbazaar	((gulden)[N],(s)[N|N.N],(bazaar)[N])[N]
guldenseditie	((gulden)[N],(s)[N|N.N],(editie)[N])[N]
guldenteken	((gulden)[N],(teken)[N])[N]
gulgauw	((gul)[A],(gauw)[A])[A]
gulhartig	((gul)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
gulhartigheid	(((gul)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gulheid	((gul)[A],(heid)[N|A.])[N]
gulp	(gulp)[N]
gulpen	(gulp)[V]
gulpsluiting	((gulp)[N],(sluit)[V],(ing)[N|NV.])[N]
gulzigaard	((gulzig)[A],(aard)[N|A.])[N]
gulzigheid	((gulzig)[A],(heid)[N|A.])[N]
gum	(gum)[N]
gummiartikelen	((gummi)[N],(artikel)[N])[N]
gummibal	((gummi)[N],(bal)[N])[N]
gummiband	((gummi)[N],(band)[N])[N]
gummihak	((gummi)[N],(hak)[N])[N]
gummihandschoen	((gummi)[N],((hand)[N],(schoen)[N])[N])[N]
gummiknuppel	((gummi)[N],(knuppel)[N])[N]
gummilaars	((gummi)[N],(laars)[N])[N]
gummioverschoen	((gummi)[N],((over)[P],(schoen)[N])[N])[N]
gummipop	((gummi)[N],(pop)[N])[N]
gummiring	((gummi)[N],(ring)[N])[N]
gummislang	((gummi)[N],(slang)[N])[N]
gummistok	((gummi)[N],(stok)[N])[N]
gummizool	((gummi)[N],(zool)[N])[N]
gunnen	(gun)[V]
gunning	((gun)[V],(ing)[N|V.])[N]
gunst	((gun)[V],(st)[N|V.])[N]
gunstbejag	(((gun)[V],(st)[N|V.])[N],(bejag)[N])[N]
gunstbetoning	(((gun)[V],(st)[N|V.])[N],((be)[V|.V],(toon)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
gunstbetoon	(((gun)[V],(st)[N|V.])[N],((be)[V|.V],(toon)[V])[V])[N]
gunstbeurt	(((gun)[V],(st)[N|V.])[N],(beurt)[N])[N]
gunstbewijs	(((gun)[V],(st)[N|V.])[N],(bewijs)[N])[N]
gunsteling	(((gun)[V],(st)[N|V.])[N],(eling)[N|N.])[N]
gunstelinge	((((gun)[V],(st)[N|V.])[N],(eling)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
gunstig	(((gun)[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A]
gunstigheid	((((gun)[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
gunstkoopje	(((gun)[V],(st)[N|V.])[N],(koop)[N])[N]
gup	(gup)[N]
gust	(gust)[A]
guts	(guts)[N]
gutsen	(guts)[V]
guur	(guur)[A]
guurheid	((guur)[A],(heid)[N|A.])[N]
gym	(gym)[N]
gymmen	(gym)[V]
gymnasiaal	((gymnasium)[N],(aal)[A|N.])[A]
gymnasiaste	((gymnasiast)[N],(e)[N|N.])[N]
gymnasiumdiploma	((gymnasium)[N],(diploma)[N])[N]
gymnasiumgang	((gymnasium)[N],(gang)[N])[N]
gymnasiumjaar	((gymnasium)[N],(jaar)[N])[N]
gymnasiumtijd	((gymnasium)[N],(tijd)[N])[N]
gymnastiek	((gymnastisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
gymnastiekjuffrouw	(((gymnastisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(juffrouw)[N])[N]
gymnastiekles	(((gymnastisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(les)[N])[N]
gymnastieklokaal	(((gymnastisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(lokaal)[N])[N]
gymnastiekmeester	(((gymnastisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(meester)[N])[N]
gymnastiekoefening	(((gymnastisch)[A],(iek)[N|A.])[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gymnastiekonderwijs	(((gymnastisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(onderwijs)[N])[N]
gymnastiekschoen	(((gymnastisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(schoen)[N])[N]
gymnastiektoestel	(((gymnastisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(toestel)[N])[N]
gymnastiekvereniging	(((gymnastisch)[A],(iek)[N|A.])[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
gymnastiekwerktuig	(((gymnastisch)[A],(iek)[N|A.])[N],((werk)[V],(tuig)[N])[N])[N]
gymnastiekzaal	(((gymnastisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(zaal)[N])[N]
gymnastiseren	((gymnast)[N],(iseer)[V|N.])[V]
gympje	(gymp)[N]
gynaecologie	((gynaecologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
gyroscopisch	((gyroscoop)[N],(isch)[A|N.])[A]
gênant	((geneer)[V],(ant)[A|V.])[A]
gêne	(gêne)[N]
h	(h)[N]
haaf	(haaf)[N]
haag	(haag)[N]
haagappel	((haag)[N],(appel)[N])[N]
haagbeuk	((haag)[N],(beuk)[N])[N]
haagbeuken	(((haag)[N],(beuk)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
haagbos	((haag)[N],(bos)[N])[N]
haagboterbloem	((haag)[N],((boter)[N],(bloem)[N])[N])[N]
haagdoorn	((haag)[N],(doorn)[N])[N]
haagdoornvlinder	(((haag)[N],(doorn)[N])[N],(vlinder)[N])[N]
haagdoren	((haag)[N],(doren)[N])[N]
haageik	((haag)[N],(eik)[N])[N]
haagloper	((haag)[N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
haagmus	((haag)[N],(mus)[N])[N]
haagroos	((haag)[N],(roos)[N])[N]
haagschaar	((haag)[N],(schaar)[N])[N]
haagschool	((haag)[N],(school)[N])[N]
haagvors	((haag)[N],(vors)[N])[N]
haagwinde	((haag)[N],(winde)[N])[N]
haai	(haai)[N]
haaiachtig	((haai)[N],(achtig)[A|N.])[A]
haaien	(haai)[V]
haaienbek	((haai)[N],(e)[N|N.N],(bek)[N])[N]
haaientand	((haai)[N],(e)[N|N.N],(tand)[N])[N]
haaienvel	((haai)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
haaienvin	((haai)[N],(e)[N|N.N],(vin)[N])[N]
haaienvinnensoep	(((haai)[N],(e)[N|N.N],(vin)[N])[N],(en)[N|N.N],(soep)[N])[N]
haaienvlees	((haai)[N],(e)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
haaiig	((haai)[N],(ig)[A|N.])[A]
haailuis	((haai)[N],(luis)[N])[N]
haairog	((haai)[N],(rog)[N])[N]
haaivissen	((haai)[N],(vis)[N])[N]
haak	(haak)[N]
haakanker	((haak)[N],(anker)[N])[N]
haakbeentje	((haak)[N],(been)[N])[N]
haakbek	((haak)[N],(bek)[N])[N]
haakbout	((haak)[N],(bout)[N])[N]
haakgaren	((haak)[V],(garen)[N])[N]
haakhang	((haak)[V],(hang)[V])[N]
haakkruis	((haak)[N],(kruis)[N])[N]
haakladder	((haak)[V],(ladder)[N])[N]
haaklas	((haak)[N],(las)[N])[N]
haaknaald	((haak)[V],(naald)[N])[N]
haaknagel	((haak)[N],(nagel)[N])[N]
haakneus	((haak)[N],(neus)[N])[N]
haakpatroon	((haak)[V],(patroon)[N])[N]
haakpen	((haak)[V],(pen)[N])[N]
haakploeg	((haak)[N],(ploeg)[N])[N]
haaks	((haak)[N],(s)[A|N.])[A]
haakschreef	((haak)[N],(schreef)[N])[N]
haakschroef	((haak)[N],(schroef)[N])[N]
haaksleutel	((haak)[N],(sleutel)[N])[N]
haaksluiting	((haak)[N],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
haakspijker	((haak)[N],(spijker)[N])[N]
haaksteek	((haak)[V],(steek)[N])[N]
haaksteker	((haak)[N],((steek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
haakster	((haak)[V],(ster)[N|V.])[N]
haaktand	((haak)[N],(tand)[N])[N]
haakvormig	((haak)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
haakwerk	((haak)[V],(werk)[N])[N]
haakworm	((haak)[N],(worm)[N])[N]
haakzij	((haak)[V],(zij)[N])[N]
haakzijde	((haak)[V],(zijde)[N])[N]
haal	(haal)[N]
haalbaar	((haal)[V],(baar)[A|V.])[A]
haalbaarheid	(((haal)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
haalbij	((haal)[V],(bij)[N])[N]
haalboom	((haal)[N],(boom)[N])[N]
haalketting	((haal)[N],(ketting)[N])[N]
haalmes	((haal)[V],(mes)[N])[N]
haaltouw	((haal)[V],(touw)[N])[N]
haam	(haam)[N]
haamhout	((haam)[N],(hout)[N])[N]
haan	(haan)[N]
haantjesgedrag	((haantje)[N],(s)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
haar	(haar)[N]
haarachtig	((haar)[N],(achtig)[A|N.])[A]
haarbal	((haar)[N],(bal)[N])[N]
haarband	((haar)[N],(band)[N])[N]
haarborstel	((haar)[N],(borstel)[N])[N]
haarbos	((haar)[N],(bos)[N])[N]
haarbreed	((haar)[N],(breed)[A])[N]
haarbuisje	((haar)[N],(buis)[N])[N]
haarcilinder	((haar)[N],(cilinder)[N])[N]
haarcrème	((haar)[N],(crème)[N])[N]
haard	(haard)[N]
haardijzer	((haard)[N],(ijzer)[N])[N]
haardinfectie	((haard)[N],((infect)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
haardkleedje	((haard)[N],(kleed)[N])[N]
haardos	((haar)[N],(dos)[N])[N]
haardot	((haar)[N],(dot)[N])[N]
haardpartij	((haard)[N],(partij)[N])[N]
haardplaat	((haard)[N],(plaat)[N])[N]
haardracht	((haar)[N],(dracht)[N])[N]
haardroger	((haar)[N],(droog)[V],(er)[N|NV.])[N]
haardroogkap	((haar)[N],((droog)[V],(kap)[N])[N])[N]
haardscherm	((haard)[N],(scherm)[N])[N]
haardstede	((haard)[N],(stede)[N])[N]
haardstel	((haard)[N],(stel)[N])[N]
haardvuur	((haard)[N],(vuur)[N])[N]
haarfijn	((haar)[N],(fijn)[A])[A]
haarföhn	((haar)[N],(föhn)[N])[N]
haargolf	((haar)[N],(golf)[N])[N]
haargolven	((haar)[N],(golf)[V])[V]
haargolving	(((haar)[N],(golf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
haargroei	((haar)[N],(groei)[N])[N]
haargroeimiddel	(((haar)[N],(groei)[N])[N],(middel)[N])[N]
haarhamer	((haar)[N],(hamer)[N])[N]
haarhygrometer	((haar)[N],(hygrometer)[N])[N]
haarijzer	((haar)[N],(ijzer)[N])[N]
haarinplant	((haar)[N],(inplant)[N])[N]
haarkam	((haar)[N],(kam)[N])[N]
haarkiem	((haar)[N],(kiem)[N])[N]
haarkleurmiddel	((haar)[N],((kleur)[V],(middel)[N])[N])[N]
haarkleursel	((haar)[N],((kleur)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
haarklieven	((haar)[N],(klief)[V])[V]
haarkliever	(((haar)[N],(klief)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
haarklieverij	(((haar)[N],(klief)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
haarkloven	((haar)[N],(kloof)[V])[V]
haarklover	(((haar)[N],(kloof)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
haarkloverij	(((haar)[N],(kloof)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
haarknippen	((haar)[N],(knip)[V])[V]
haarkrans	((haar)[N],(krans)[N])[N]
haarkroon	((haar)[N],(kroon)[N])[N]
haarkrul	((haar)[N],(krul)[N])[N]
haarkruller	((haar)[N],(krul)[V],(er)[N|NV.])[N]
haarkwal	((haar)[N],(kwal)[N])[N]
haarlak	((haar)[N],(lak)[N])[N]
haarlijn	((haar)[N],(lijn)[N])[N]
haarlint	((haar)[N],(lint)[N])[N]
haarlok	((haar)[N],(lok)[N])[N]
haarloos	((haar)[N],(loos)[A|N.])[A]
haarmiddel	((haar)[N],(middel)[N])[N]
haarmode	((haar)[N],(mode)[N])[N]
haarnaald	((haar)[N],(naald)[N])[N]
haarnetje	((haar)[N],(net)[N])[N]
haarolie	((haar)[N],(olie)[N])[N]
haarpapil	((haar)[N],(papil)[N])[N]
haarpijl	((haar)[N],(pijl)[N])[N]
haarpijn	((haar)[N],(pijn)[N])[N]
haarpluis	((haar)[N],(pluis)[N])[N]
haarplukken	((haar)[N],(pluk)[V])[V]
haarplukkerij	(((haar)[N],(pluk)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
haarroller	((haar)[N],((rol)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
haarscheiding	((haar)[N],(scheid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
haarscherp	((haar)[N],(scherp)[A])[A]
haarscheur	((haar)[N],(scheur)[N])[N]
haarschimmel	((haar)[N],(schimmel)[N])[N]
haarschuier	((haar)[N],(schuier)[N])[N]
haarsnijden	((haar)[N],(snijd)[V])[V]
haarsnit	((haar)[N],(snit)[N])[N]
haarspeld	((haar)[N],(speld)[N])[N]
haarspeldbocht	(((haar)[N],(speld)[N])[N],(bocht)[N])[N]
haarspijker	((haar)[V],(spijker)[N])[N]
haarspit	((haar)[V],(spit)[N])[N]
haarspleet	((haar)[N],(spleet)[N])[N]
haarspray	((haar)[N],(spray)[N])[N]
haarstilist	((haar)[N],((stijl)[N],(ist)[N|N.])[N])[N]
haarstreng	((haar)[N],(streng)[N])[N]
haarstudio	((haar)[N],(studio)[N])[N]
haarstukje	((haar)[N],(stuk)[N])[N]
haartekening	((haar)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
haartooi	((haar)[N],(tooi)[N])[N]
haaruitval	((haar)[N],(uitval)[N])[N]
haarvat	((haar)[N],(vat)[N])[N]
haarvatennet	(((haar)[N],(vat)[N])[N],(en)[N|N.N],(net)[N])[N]
haarvatenstelsel	(((haar)[N],(vat)[N])[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
haarverf	((haar)[N],(verf)[N])[N]
haarversteviger	((haar)[N],((ver)[V|.A],(stevig)[A])[V],(er)[N|NV.])[N]
haarverzorging	((haar)[N],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
haarvezel	((haar)[N],(vezel)[N])[N]
haarvilt	((haar)[N],(vilt)[N])[N]
haarvlecht	((haar)[N],(vlecht)[N])[N]
haarvleugeligen	((haar)[N],(vleugel)[N],(ig)[N|NN.x],(e)[N|NNx.])[N]
haarwasmiddel	((haar)[N],((was)[V],(middel)[N])[N])[N]
haarwassing	((haar)[N],(was)[V],(ing)[N|NV.])[N]
haarwater	((haar)[N],(water)[N])[N]
haarworm	((haar)[N],(worm)[N])[N]
haarwortel	((haar)[N],(wortel)[N])[N]
haarwrong	((haar)[N],(wrong)[N])[N]
haarzak	((haar)[N],(zak)[N])[N]
haarzeef	((haar)[N],(zeef)[N])[N]
haarziekte	((haar)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
haarzwam	((haar)[N],(zwam)[N])[N]
haas	(haas)[N]
haasachtig	((haas)[N],(achtig)[A|N.])[A]
haasachtigen	((haas)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
haaskarbonade	((haas)[N],(karbonade)[N])[N]
haast	(haast)[N]
haasten	(haast)[V]
haastig	((haast)[N],(ig)[A|N.])[A]
haastigaard	(((haast)[N],(ig)[A|N.])[A],(aard)[N|A.])[N]
haastigheid	(((haast)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
haastklus	((haast)[N],(klus)[N])[N]
haastwerk	((haast)[V],(werk)[N])[N]
haasvreter	((haas)[N],(vreet)[V],(er)[N|NV.])[N]
haat	(haat)[N]
haat-liefdeverhouding	((haat)[N],(liefde)[N],((verhoud)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
haatdragend	((haat)[N],(draag)[V],(end)[A|NV.])[A]
haatdragendheid	(((haat)[N],(draag)[V],(end)[A|NV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
haatgevoel	((haat)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
haatster	((haat)[V],(ster)[N|V.])[N]
habilitatie	((habiliteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
habiliteit	((habiel)[A],(biliteit)[N|A.])[N]
hachelijkheid	((hachelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
haciënda	(haciënda)[N]
hadj	(hadj)[N]
hadji	(hadji)[N]
hadzj	(hadzj)[N]
hadzji	(hadzji)[N]
haf	(haf)[N]
hafnium	(hafnium)[N]
haft	(haft)[N]
hagedis	(hagedis)[N]
hagedissenstaart	((hagedis)[N],(e)[N|N.N],(staart)[N])[N]
hagel	(hagel)[N]
hagelblank	((hagel)[N],(blank)[A])[A]
hagelbui	((hagel)[V],(bui)[N])[N]
hagelen	(hagel)[V]
hagelkorrel	((hagel)[N],(korrel)[N])[N]
hagellucht	((hagel)[V],(lucht)[N])[N]
hagelnieuw	((hagel)[N],(nieuw)[A])[A]
hagelpatroon	((hagel)[N],(patroon)[N])[N]
hagelschade	((hagel)[V],(schade)[N])[N]
hagelschot	((hagel)[N],(schot)[N])[N]
hagelslag	((hagel)[N],(slag)[N])[N]
hagelsnoer	((hagel)[N],(snoer)[N])[N]
hagelsteen	((hagel)[N],(steen)[N])[N]
hagelstorm	((hagel)[V],(storm)[N])[N]
hageltas	((hagel)[N],(tas)[N])[N]
hagelverzekering	((hagel)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hagelvlaag	((hagel)[V],(vlaag)[N])[N]
hagelwit	((hagel)[N],(wit)[A])[A]
hagen	(haag)[V]
hagenbeuk	((haag)[N],(e)[N|N.N],(beuk)[N])[N]
hagendoorn	((haag)[N],(e)[N|N.N],(doorn)[N])[N]
hagendoren	((haag)[N],(e)[N|N.N],(doren)[N])[N]
hagenprediker	((haag)[N],(e)[N|N.N],((predik)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hagenpreek	((haag)[N],(e)[N|N.N],(preek)[N])[N]
hagenroos	((haag)[N],(e)[N|N.N],(roos)[N])[N]
hagenspraak	((haag)[N],(e)[N|N.N],(spraak)[N])[N]
hagiografie	((hagiografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
hak	(hak)[N]
hakbaar	((hak)[V],(baar)[A|V.])[A]
hakband	((hak)[N],(band)[N])[N]
hakbank	((hak)[V],(bank)[N])[N]
hakbeitel	((hak)[V],(beitel)[N])[N]
hakbeschermer	((hak)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
hakbijl	((hak)[V],(bijl)[N])[N]
hakblok	((hak)[V],(blok)[N])[N]
hakbord	((hak)[V],(bord)[N])[N]
hakbos	((hak)[V],(bos)[N])[N]
hakbouw	((hak)[V],(bouw)[N])[N]
haken	(haak)[V]
hakenkruis	((haak)[N],(en)[N|N.N],(kruis)[N])[N]
hakerig	((haak)[N],(erig)[A|N.])[A]
hakfreesmachine	((hak)[N],(frees)[N],(machine)[N])[N]
hakgeld	((hak)[V],(geld)[N])[N]
hakguts	((hak)[V],(guts)[N])[N]
hakhout	((hak)[V],(hout)[N])[N]
hakig	((haak)[N],(ig)[A|N.])[A]
hakijzer	((hak)[V],(ijzer)[N])[N]
hakkebord	((hak)[N],(e)[N|N.N],(bord)[N])[N]
hakkel	(hakkel)[N]
hakkelaar	((hakkel)[V],(aar)[N|V.])[N]
hakkelaarster	(((hakkel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
hakkelarij	((hakkel)[V],(arij)[N|V.])[N]
hakkelbout	((hakkel)[N],(bout)[N])[N]
hakkelen	(hakkel)[V]
hakkelig	((hakkel)[V],(ig)[A|V.])[A]
hakken	(hak)[V]
hakkenbar	((hak)[N],(en)[N|N.N],(bar)[N])[N]
hakker	((hak)[V],(er)[N|V.])[N]
hakketakkerij	((hakketak)[V],(erij)[N|V.])[N]
hakleer	((hak)[N],(leer)[N])[N]
hakmachine	((hak)[V],(machine)[N])[N]
hakmes	((hak)[V],(mes)[N])[N]
hakmoes	((hak)[V],(moes)[N])[N]
hakploeg	((hak)[V],(ploeg)[N])[N]
hakrijp	((hak)[V],(rijp)[A])[A]
haksel	((hak)[V],(sel)[N|V.])[N]
hakselaar	((haksel)[V],(aar)[N|V.])[N]
hakselbank	((haksel)[V],(bank)[N])[N]
hakstro	((hak)[V],(stro)[N])[N]
hakstuk	((hak)[N],(stuk)[N])[N]
haktijd	((hak)[V],(tijd)[N])[N]
hakvlees	((hak)[V],(vlees)[N])[N]
hakvoet	((hak)[N],(voet)[N])[N]
hakvrucht	((hak)[V],(vrucht)[N])[N]
hakzenuw	((hak)[N],(zenuw)[N])[N]
hal	(hal)[N]
halcyon	(halcyon)[N]
halcyoon	(halcyoon)[N]
haldeur	((hal)[N],(deur)[N])[N]
halen	(haal)[V]
half	(half)[N]
halfaap	((half)[A],(aap)[N])[N]
halfambtelijk	((half)[A],((ambt)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
halfanalfabeet	((half)[A],(analfabeet)[N])[N]
halfautomaat	((half)[A],(automaat)[N])[N]
halfback	((half)[A],(back)[N])[N]
halfbakken	((half)[A],(gebakken)[V])[A]
halfbal	((half)[A],(bal)[N])[N]
halfbegrepen	((half)[A],(begrepen)[V])[A]
halfblind	((half)[A],(blind)[A])[A]
halfbloed	((half)[A],(bloed)[N])[N]
halfbriljant	((half)[A],(briljant)[N])[N]
halfbroeder	((half)[A],(broeder)[N])[N]
halfbroer	((half)[A],(broer)[N])[N]
halfdek	((half)[A],(dek)[N])[N]
halfdonker	((half)[A],(donker)[N])[N]
halfdood	((half)[A],(dood)[A])[A]
halfdronken	((half)[A],(dronken)[A])[A]
halfduister	((half)[A],(duister)[N])[N]
halfedel	((half)[A],(edel)[A])[A]
halfedelsteen	((half)[A],((edel)[A],(steen)[N])[N])[N]
halfelfje	((half)[A],(elf)[Q],(je)[N|AQ.])[N]
halfezel	((half)[A],(ezel)[N])[N]
halffabrikaat	((half)[A],(((fabriek)[N],(eer)[V|N.])[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
halfgaar	((half)[A],(gaar)[A])[A]
halfgek	((half)[A],(gek)[A])[A]
halfgeleider	((half)[A],(((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
halfgeleidertechnologie	(((half)[A],(((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N],((technologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
halfgeopend	((half)[A],(geopend)[A])[A]
halfgesloten	((half)[A],(gesloten)[A])[A]
halfgod	((half)[A],(god)[N])[N]
halfhartig	((half)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
halfheid	((half)[A],(heid)[N|A.])[N]
halfhemd	((half)[A],(hemd)[N])[N]
halfhoevigen	((half)[A],(hoef)[N],(ig)[N|AN.x],(e)[N|ANx.])[N]
halfhonderd	((half)[A],(honderd)[N])[N]
halfhoog	((half)[A],(hoog)[A])[A]
halfhout	((half)[A],(hout)[N])[N]
halfhouts	((half)[A],(hout)[N],(s)[A|AN.])[A]
halfjaar	((half)[A],(jaar)[N])[N]
halfjaarlijks	((half)[A],((jaar)[N],(lijks)[A|N.])[A])[A]
halfjarig	((half)[A],(jaar)[N],(ig)[A|AN.])[A]
halfklinker	((half)[A],((klink)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
halfkristal	((half)[A],(kristal)[N])[N]
halfkristallijn	((half)[A],(kristallijn)[A])[A]
halflaken	((half)[A],(laken)[N])[N]
halflang	((half)[A],(lang)[A])[A]
halfleeg	((half)[A],(leeg)[A])[A]
halfleren	((half)[A],((leer)[N],(en)[A|N.])[A])[A]
halflinie	((half)[A],(linie)[N])[N]
halflinnen	((half)[A],(linnen)[N])[N]
halfluid	((half)[A],(luid)[A])[A]
halfmaandelijks	((half)[A],((maand)[N],(elijks)[A|N.])[A])[A]
halfnaakt	((half)[A],(naakt)[A])[A]
halfnomaden	((half)[A],(nomade)[N])[N]
halfonderstandig	((half)[A],(onderstandig)[A])[A]
halfoogst	((half)[A],(oogst)[N])[N]
halfopen	((half)[A],(open)[A])[A]
halfpijler	((half)[A],(pijler)[N])[N]
halfpond	((half)[A],(pond)[N])[N]
halfporselein	((half)[A],(porselein)[N])[N]
halfproduct	((half)[A],(product)[N])[N]
halfreliëf	((half)[A],(reliëf)[N])[N]
halfrijm	((half)[A],(rijm)[N])[N]
halfrijp	((half)[A],(rijp)[A])[A]
halfrond	((half)[A],(rond)[A])[N]
halfschaduw	((half)[A],(schaduw)[N])[N]
halfschild	((half)[A],(schild)[N])[N]
halfslachtigheid	((halfslachtig)[A],(heid)[N|A.])[N]
halfslag	((half)[A],(slag)[N])[N]
halfsleets	((half)[A],((slijt)[V],(s)[A|V.])[A])[A]
halfsleten	((half)[A],(versleten)[A])[A]
halfsluiten	((half)[A],(sluit)[V])[V]
halfsnik	((half)[A],(snik)[A])[A]
halfspeelster	((half)[N],(speel)[V],(ster)[N|NV.])[N]
halfspeler	((half)[A],(speel)[V],(er)[N|AV.])[N]
halfstam	((half)[A],(stam)[N])[N]
halfsteek	((half)[A],(steek)[N])[N]
halfsteens	((half)[A],(steen)[N],(s)[A|AN.])[A]
halfsteensmuur	((half)[A],(steen)[N],(s)[N|AN.N],(muur)[N])[N]
halfsteensverband	((half)[A],(steen)[N],(s)[N|AN.N],(verband)[N])[N]
halftij	((half)[A],(tij)[N])[N]
halftint	((half)[A],(tint)[N])[N]
halfuur	((half)[A],(uur)[N])[N]
halfuursglas	(((half)[A],(uur)[N])[N],(s)[N|N.N],(glas)[N])[N]
halfvasten	((half)[A],(vasten)[N])[N]
halfvergeten	((half)[A],(vergeten)[A])[A]
halfverheven	((half)[A],(verheven)[A])[A]
halfvers	((half)[A],(vers)[N])[N]
halfvet	((half)[A],(vet)[A])[A]
halfvleugelig	((half)[A],(vleugel)[N],(ig)[A|AN.])[A]
halfvocaal	((half)[A],(vocaal)[N])[N]
halfvol	((half)[A],(vol)[A])[A]
halfvolley	((half)[A],(volley)[N])[N]
halfvolwassen	((half)[A],(volwassen)[A])[A]
halfwas	((half)[A],(was)[N])[N]
halfwassen	((half)[A],(gewassen)[A])[A]
halfwijs	((half)[A],(wijs)[A])[A]
halfwind	((half)[A],(wind)[N])[N]
halfwinder	(((half)[A],(wind)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
halfwinds	((half)[A],(wind)[N],(s)[A|AN.])[A]
halfwoekerplant	((half)[A],((woeker)[V],(plant)[N])[N])[N]
halfwollen	((half)[A],((wol)[N],(en)[A|N.])[A])[A]
halfzacht	((half)[A],(zacht)[A])[A]
halfzij	((half)[A],(zij)[N])[N]
halfzijde	((half)[A],(zijde)[N])[N]
halfzijden	((half)[A],((zijde)[N],(en)[A|N.])[A])[A]
halfzuil	((half)[A],(zuil)[N])[N]
halfzuster	((half)[A],(zuster)[N])[N]
halfzwaargewicht	((half)[A],((zwaar)[A],(gewicht)[N])[N])[N]
hall	(hall)[N]
halleluja	(halleluja)[N]
hallelujahoed	((halleluja)[N],(hoed)[N])[N]
hallelujatenen	((halleluja)[N],(teen)[N])[N]
hallelujazus	((halleluja)[N],(zus)[N])[N]
hallenkerk	((hal)[N],(en)[N|N.N],(kerk)[N])[N]
hallentoren	((hal)[N],(e)[N|N.N],(toren)[N])[N]
hallo	(hallo)[N]
hallogeroep	((hallo)[I],((ge)[N|.V],(roep)[V])[N])[N]
hallucinant	((hallucineer)[V],(ant)[N|V.])[N]
hallucinante	(((hallucineer)[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
hallucinatie	((hallucineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
halm	(halm)[N]
halma	(halma)[N]
halmaspel	((halma)[N],(spel)[N])[N]
halmeester	((hal)[N],(meester)[N])[N]
halmknoop	((halm)[N],(knoop)[N])[N]
halmstengel	((halm)[N],(s)[N|N.N],(tengel)[N])[N]
halmstro	((halm)[N],(stro)[N])[N]
halmvliegen	((halm)[N],(vlieg)[N])[N]
halo	(halo)[N]
halo-effect	((halo)[N],(effect)[N])[N]
halogeenlamp	((halogeen)[N],(lamp)[N])[N]
halogeenschijnwerper	((halogeen)[N],((schijn)[N],(werp)[V],(er)[N|NV.])[N])[N]
halogeneren	((halogeen)[N],(eer)[V|N.])[V]
hals	(hals)[N]
halsader	((hals)[N],(ader)[N])[N]
halsadergroef	(((hals)[N],(ader)[N])[N],(groef)[N])[N]
halsband	((hals)[N],(band)[N])[N]
halsbel	((hals)[N],(bel)[N])[N]
halsboei	((hals)[N],(boei)[N])[N]
halsboord	((hals)[N],(boord)[N])[N]
halsbrekend	((hals)[N],(breek)[V],(end)[A|NV.])[A]
halsbrekerij	((hals)[N],(breek)[V],(erij)[N|NV.])[N]
halsdoek	((hals)[N],(doek)[N])[N]
halsgat	((hals)[N],(gat)[N])[N]
halsgerecht	((hals)[N],(gerecht)[N])[N]
halsgevel	((hals)[N],(gevel)[N])[N]
halsgewricht	((hals)[N],(gewricht)[N])[N]
halsgezwel	((hals)[N],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
halsjuk	((hals)[N],(juk)[N])[N]
halsketen	((hals)[N],(keten)[N])[N]
halsketting	((hals)[N],(ketting)[N])[N]
halskevers	((hals)[N],(kever)[N])[N]
halskraag	((hals)[N],(kraag)[N])[N]
halskruid	((hals)[N],(kruid)[N])[N]
halskruis	((hals)[N],(kruis)[N])[N]
halskwab	((hals)[N],(kwab)[N])[N]
halskwabbe	((hals)[N],(kwabbe)[N])[N]
halslengte	((hals)[N],(lengte)[N])[N]
halslijn	((hals)[N],(lijn)[N])[N]
halsmisdaad	((hals)[N],((mis)[A],(daad)[N])[N])[N]
halsopening	((hals)[N],((open)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
halsrecht	((hals)[N],(recht)[N])[N]
halsriem	((hals)[N],(riem)[N])[N]
halssieraad	((hals)[N],(sieraad)[N])[N]
halsslagader	((hals)[N],((slag)[N],(ader)[N])[N])[N]
halssnoer	((hals)[N],(snoer)[N])[N]
halsstarrig	((hals)[N],(star)[A],(ig)[A|NA.])[A]
halsstarrigheid	(((hals)[N],(star)[A],(ig)[A|NA.])[A],(heid)[N|A.])[N]
halsstuk	((hals)[N],(stuk)[N])[N]
halstertouw	((halster)[N],(touw)[N])[N]
halstouw	((hals)[N],(touw)[N])[N]
halsuitsnijding	((hals)[N],((uit)[P],(snijd)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
halsvlecht	((hals)[N],(vlecht)[N])[N]
halswervel	((hals)[N],(wervel)[N])[N]
halswijdte	((hals)[N],((wijd)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
halszaak	((hals)[N],(zaak)[N])[N]
halszenuw	((hals)[N],(zenuw)[N])[N]
halt	(halt)[N]
haltepaal	((halte)[N],(paal)[N])[N]
halterconceptie	((halter)[N],((concept)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
haltertruitje	((halter)[N],(trui)[N])[N]
haltesein	((halte)[N],(sein)[N])[N]
haltsnede	((halt)[N],(snede)[N])[N]
halvaproduct	((halva)[N|.N],(product)[N])[N]
halvefrank	((half)[A],(e)[N|A.N],(frank)[N])[N]
halvemaan	((half)[A],(e)[N|A.N],(maan)[N])[N]
halvemaanvormig	(((half)[A],(e)[N|A.N],(maan)[N])[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
halveren	((half)[A],(eer)[V|A.])[V]
halverhoogte	((half)[A],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
halvering	(((half)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
halveringstijd	((((half)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
halzen	(hals)[V]
halzerig	((hals)[V],(erig)[A|V.])[A]
ham	(ham)[N]
hamburgerkoning	((hamburger)[N],(koning)[N])[N]
hameibalk	((hamei)[N],(balk)[N])[N]
hameibrug	((hamei)[N],(brug)[N])[N]
hameigebint	((hamei)[N],(gebint)[N])[N]
hamel	(hamel)[N]
hamelbout	((hamel)[N],(bout)[N])[N]
hamelvlees	((hamel)[N],(vlees)[N])[N]
hamer	(hamer)[N]
hamerbaan	((hamer)[N],(baan)[N])[N]
hamerbaar	((hamer)[V],(baar)[A|V.])[A]
hamerbijl	((hamer)[N],(bijl)[N])[N]
hamerbol	((hamer)[N],(bol)[N])[N]
hamerbout	((hamer)[N],(bout)[N])[N]
hameren	(hamer)[V]
hamergravure	((hamer)[N],(gravure)[N])[N]
hamering	((hamer)[V],(ing)[N|V.])[N]
hamerkop	((hamer)[N],(kop)[N])[N]
hamermossel	((hamer)[N],(mossel)[N])[N]
hamerplug	((hamer)[N],(plug)[N])[N]
hamerslag	((hamer)[N],(slag)[N])[N]
hamerslingeren	((hamer)[N],(slinger)[V])[V]
hamerspie	((hamer)[N],(spie)[N])[N]
hamersteel	((hamer)[N],(steel)[N])[N]
hamerteen	((hamer)[N],(teen)[N])[N]
hamerwerpen	((hamer)[N],(werp)[V])[V]
hamhouder	((ham)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
hamlap	((ham)[N],(lap)[N])[N]
hammenbeen	((ham)[N],(e)[N|N.N],(been)[N])[N]
hammenvet	((ham)[N],(e)[N|N.N],(vet)[N])[N]
hampijp	((ham)[N],(pijp)[N])[N]
hamschijf	((ham)[N],(schijf)[N])[N]
hamspek	((ham)[N],(spek)[N])[N]
hamster	(hamster)[N]
hamsteraar	((hamster)[V],(aar)[N|V.])[N]
hamsteraarster	(((hamster)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
hamsteren	(hamster)[V]
hamstervoorraad	((hamster)[V],(voorraad)[N])[N]
hamworst	((ham)[N],(worst)[N])[N]
hand	(hand)[N]
handaambeeld	((hand)[N],(aambeeld)[N])[N]
handaanbeeld	((hand)[N],(aanbeeld)[N])[N]
handappel	((hand)[N],(appel)[N])[N]
handarbeid	((hand)[N],(arbeid)[N])[N]
handarbeider	((hand)[N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
handarbeidster	((hand)[N],((arbeid)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
handbagage	((hand)[N],(bagage)[N])[N]
handbal	((hand)[N],(bal)[N])[N]
handballen	((hand)[N],(bal)[V])[V]
handbediening	((hand)[N],(((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
handbeen	((hand)[N],(been)[N])[N]
handbeitel	((hand)[N],(beitel)[N])[N]
handbel	((hand)[N],(bel)[N])[N]
handbereik	((hand)[N],(bereik)[N])[N]
handbeschermer	((hand)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
handbeugel	((hand)[N],(beugel)[N])[N]
handbeweging	((hand)[N],(beweeg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
handbibliotheek	((hand)[N],(bibliotheek)[N])[N]
handbijbel	((hand)[N],(bijbel)[N])[N]
handbijl	((hand)[N],(bijl)[N])[N]
handblei	((hand)[N],(blei)[N])[N]
handblusapparaat	((hand)[N],((blus)[V],(apparaat)[N])[N])[N]
handblusser	((hand)[N],((blus)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
handboei	((hand)[N],(boei)[N])[N]
handboek	((hand)[N],(boek)[N])[N]
handboog	((hand)[N],(boog)[N])[N]
handboogschutter	(((hand)[N],(boog)[N])[N],((schiet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
handboogschutteres	((((hand)[N],(boog)[N])[N],((schiet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(es)[N|N.])[N]
handboor	((hand)[N],(boor)[N])[N]
handboord	((hand)[N],(boord)[N])[N]
handboormachine	((hand)[N],((boor)[V],(machine)[N])[N])[N]
handboring	((hand)[N],((boor)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
handborstel	((hand)[N],(borstel)[N])[N]
handbrandspuit	((hand)[N],((brand)[V],(spuit)[N])[N])[N]
handbreed	((hand)[N],(breed)[A])[N]
handbreedte	((hand)[N],((breed)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
handbuiger	((hand)[N],(buig)[V],(er)[N|NV.])[N]
handcamera	((hand)[N],(camera)[N])[N]
handcrème	((hand)[N],(crème)[N])[N]
handdadig	((hand)[N],(daad)[N],(ig)[A|NN.])[A]
handdelig	((hand)[N],(deel)[N],(ig)[A|NN.])[A]
handdienst	((hand)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
handdik	((hand)[N],(dik)[N])[N]
handdoek	((hand)[N],(doek)[N])[N]
handdoekenrek	(((hand)[N],(doek)[N])[N],(en)[N|N.N],(rek)[N])[N]
handdoekenstof	(((hand)[N],(doek)[N])[N],(en)[N|N.N],(stof)[N])[N]
handdoekrekje	(((hand)[N],(doek)[N])[N],(rek)[N])[N]
handdouche	((hand)[N],(douche)[N])[N]
handdraaier	((hand)[N],((draai)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
handdraaister	((hand)[N],((draai)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
handdroog	((hand)[N],(droog)[A])[A]
handdruk	((hand)[N],(druk)[N])[N]
handdrukking	((hand)[N],((druk)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
handdynamo	((hand)[N],(dynamo)[N])[N]
handeg	((hand)[N],(eg)[N])[N]
handegge	((hand)[N],(egge)[N])[N]
handel	(handel)[N]
handelaar	((handel)[V],(aar)[N|V.])[N]
handelaarster	(((handel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
handelbaar	((handel)[V],(baar)[A|V.])[A]
handeldrijven	((handel)[N],(drijf)[V])[V]
handelen	(handel)[V]
handeling	((handel)[V],(ing)[N|V.])[N]
handelingsalternatief	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((alterneer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[N|N.])[N])[N]
handelingsbekwaam	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(bekwaam)[A])[A]
handelingsbekwaamheid	((((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(bekwaam)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
handelingsdwang	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dwang)[N])[N]
handelingsimpuls	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(impuls)[N])[N]
handelingskader	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kader)[N])[N]
handelingskarakter	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(karakter)[N])[N]
handelingsmogelijkheid	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
handelingsmoment	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(moment)[N])[N]
handelingsmotief	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(motief)[N])[N]
handelingsniveau	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
handelingsonbekwaam	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],((on)[A|.A],(bekwaam)[A])[A])[A]
handelingsonbekwaamheid	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((on)[A|.A],(bekwaam)[A])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
handelingspraktijk	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(praktijk)[N])[N]
handelingsproces	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
handelingsregel	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
handelingsruimte	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
handelingssituatie	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
handelingsstructuur	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
handelingstheoretisch	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],((theorie)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
handelingstheorie	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
handelingsveld	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
handelingsvoorschrift	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
handelingsvoorwaarde	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(voorwaarde)[N])[N]
handelingsvrijheid	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
handelingszekerheid	(((handel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((zeker)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
handelmaatschappij	((handel)[N],(maatschappij)[N])[N]
handelsaangelegenheid	((handel)[N],(s)[N|N.N],((aangelegen)[V],(heid)[N|V.])[N])[N]
handelsaardrijkskunde	((handel)[N],(s)[N|N.N],(((aarde)[N],(rijk)[N])[N],(s)[N|N.N],(kunde)[N])[N])[N]
handelsagent	((handel)[N],(s)[N|N.N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
handelsakkoord	((handel)[N],(s)[N|N.N],(akkoord)[N])[N]
handelsartikel	((handel)[N],(s)[N|N.N],(artikel)[N])[N]
handelsattaché	((handel)[N],(s)[N|N.N],(attaché)[N])[N]
handelsbalans	((handel)[N],(s)[N|N.N],(balans)[N])[N]
handelsbank	((handel)[N],(s)[N|N.N],(bank)[N])[N]
handelsbarrière	((handel)[N],(s)[N|N.N],(barrière)[N])[N]
handelsbediende	((handel)[N],(s)[N|N.N],(bediende)[N])[N]
handelsbelang	((handel)[N],(s)[N|N.N],(belang)[N])[N]
handelsbetrekkingen	((handel)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
handelsbeurs	((handel)[N],(s)[N|N.N],(beurs)[N])[N]
handelsbrief	((handel)[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
handelsbureau	((handel)[N],(s)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
handelscentrum	((handel)[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
handelscompagnie	((handel)[N],(s)[N|N.N],(compagnie)[N])[N]
handelscorrespondent	((handel)[N],(s)[N|N.N],((correspondeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
handelscorrespondentie	((handel)[N],(s)[N|N.N],((correspondeer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
handelscrisis	((handel)[N],(s)[N|N.N],(crisis)[N])[N]
handelscursus	((handel)[N],(s)[N|N.N],(cursus)[N])[N]
handelsdelegatie	((handel)[N],(s)[N|N.N],((delegeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
handelseditie	((handel)[N],(s)[N|N.N],(editie)[N])[N]
handelseffect	((handel)[N],(s)[N|N.N],(effect)[N])[N]
handelsfactorij	((handel)[N],(s)[N|N.N],((factoor)[N],(ij)[N|N.])[N])[N]
handelsfirma	((handel)[N],(s)[N|N.N],(firma)[N])[N]
handelsgeest	((handel)[N],(s)[N|N.N],(geest)[N])[N]
handelshogeschool	((handel)[N],(s)[N|N.N],((hoog)[A],(e)[N|A.N],(school)[N])[N])[N]
handelshuis	((handel)[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
handelsjargon	((handel)[N],(s)[N|N.N],(jargon)[N])[N]
handelskamer	((handel)[N],(s)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
handelskantoor	((handel)[N],(s)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
handelskapitaal	((handel)[N],(s)[N|N.N],(kapitaal)[N])[N]
handelskapitalisme	((handel)[N],(s)[N|N.N],(kapitalisme)[N])[N]
handelskennis	((handel)[N],(s)[N|N.N],(kennis)[N])[N]
handelskrediet	((handel)[N],(s)[N|N.N],(krediet)[N])[N]
handelskringen	((handel)[N],(s)[N|N.N],(kring)[N])[N]
handelsluchtvaart	((handel)[N],(s)[N|N.N],((lucht)[N],(vaart)[N])[N])[N]
handelsmaat	((handel)[N],(s)[N|N.N],(maat)[N])[N]
handelsmaatschappij	((handel)[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
handelsmacht	((handel)[N],(s)[N|N.N],(macht)[N])[N]
handelsmagnaat	((handel)[N],(s)[N|N.N],(magnaat)[N])[N]
handelsman	((handel)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N]
handelsmerk	((handel)[N],(s)[N|N.N],(merk)[N])[N]
handelsmissie	((handel)[N],(s)[N|N.N],(missie)[N])[N]
handelsmonopolie	((handel)[N],(s)[N|N.N],(monopolie)[N])[N]
handelsnaam	((handel)[N],(s)[N|N.N],(naam)[N])[N]
handelsonderneming	((handel)[N],(s)[N|N.Vx],(onderneem)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
handelsonderwijs	((handel)[N],(s)[N|N.N],(onderwijs)[N])[N]
handelsovereenkomst	((handel)[N],(s)[N|N.N],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
handelspapier	((handel)[N],(s)[N|N.N],(papier)[N])[N]
handelspolitiek	((handel)[N],(s)[N|N.N],(politiek)[N])[N]
handelsproduct	((handel)[N],(s)[N|N.N],(product)[N])[N]
handelsrecht	((handel)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
handelsrechtbank	((handel)[N],(s)[N|N.N],((recht)[N],(bank)[N])[N])[N]
handelsregister	((handel)[N],(s)[N|N.N],(register)[N])[N]
handelsreiziger	((handel)[N],(s)[N|N.N],(reiziger)[N])[N]
handelsrekenen	((handel)[N],(s)[N|N.V],(rekenen)[V])[N]
handelsrelatie	((handel)[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
handelsschool	((handel)[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
handelsstad	((handel)[N],(s)[N|N.N],(stad)[N])[N]
handelsstatistiek	((handel)[N],(s)[N|N.N],((statistisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
handelstaal	((handel)[N],(s)[N|N.N],(taal)[N])[N]
handelsterm	((handel)[N],(s)[N|N.N],(term)[N])[N]
handelstraktaat	((handel)[N],(s)[N|N.N],((trakteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
handelsusance	((handel)[N],(s)[N|N.N],(usance)[N])[N]
handelsvennootschap	((handel)[N],(s)[N|N.N],((vennoot)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
handelsverdrag	((handel)[N],(s)[N|N.N],(verdrag)[N])[N]
handelsvereniging	((handel)[N],(s)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
handelsverkeer	((handel)[N],(s)[N|N.N],(verkeer)[N])[N]
handelsvlag	((handel)[N],(s)[N|N.N],(vlag)[N])[N]
handelsvloot	((handel)[N],(s)[N|N.N],(vloot)[N])[N]
handelsvolk	((handel)[N],(s)[N|N.N],(volk)[N])[N]
handelsvrijheid	((handel)[N],(s)[N|N.N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
handelswaar	((handel)[N],(s)[N|N.N],(waar)[N])[N]
handelswaarde	((handel)[N],(s)[N|N.N],(waarde)[N])[N]
handelsweg	((handel)[N],(s)[N|N.N],(weg)[N])[N]
handelswereld	((handel)[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
handelswetenschap	((handel)[N],(s)[N|N.N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
handelswetgeving	((handel)[N],(s)[N|N.N],((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
handelszaak	((handel)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
handelwijs	((handel)[V],(wijs)[N])[N]
handelwijze	((handel)[V],(wijze)[N])[N]
handen	(hand)[V]
handenarbeid	((hand)[N],(en)[N|N.N],(arbeid)[N])[N]
handenbinder	((hand)[N],(en)[N|N.Vx],(bind)[V],(er)[N|NxV.])[N]
handengeklap	((hand)[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.V],(klap)[V])[N])[N]
handenloos	((hand)[N],(enloos)[A|N.])[A]
handenwerk	((hand)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
handenwringen	((hand)[N],(en)[V|N.V],(wring)[V])[V]
handexemplaar	((hand)[N],(exemplaar)[N])[N]
handgaren	((hand)[N],(garen)[N])[N]
handgebaar	((hand)[N],(gebaar)[N])[N]
handgeklap	((hand)[N],((ge)[N|.V],(klap)[V])[N])[N]
handgeld	((hand)[N],(geld)[N])[N]
handgemeen	((hand)[N],(gemeen)[N])[N]
handgereedschap	((hand)[N],(gereedschap)[N])[N]
handgeschakeld	((hand)[N],(geschakeld)[V])[A]
handgevormd	((hand)[N],(gevormd)[A])[A]
handgewricht	((hand)[N],(gewricht)[N])[N]
handgift	((hand)[N],(gift)[N])[N]
handgranaat	((hand)[N],(granaat)[N])[N]
handgreep	((hand)[N],(greep)[N])[N]
handhaafster	((handhaaf)[V],(ster)[N|V.])[N]
handhaver	((handhaaf)[V],(er)[N|V.])[N]
handhaving	((handhaaf)[V],(ing)[N|V.])[N]
handicap	(handicap)[N]
handicappen	(handicap)[V]
handicaprace	((handicap)[N],(race)[N])[N]
handig	((hand)[N],(ig)[A|N.])[A]
handigheid	(((hand)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
handjegauw	((hand)[N],(je)[N|N.A],(gauw)[A])[N]
handjeklap	((handje)[N],(klap)[V])[N]
handjeplak	((handje)[N],(plak)[V])[N]
handjevol	((handje)[N],(vol)[A])[N]
handkaart	((hand)[N],(kaart)[N])[N]
handkar	((hand)[N],(kar)[N])[N]
handklavier	((hand)[N],(klavier)[N])[N]
handkleppers	((hand)[N],((klep)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
handkoffer	((hand)[N],(koffer)[N])[N]
handkoud	((hand)[N],(koud)[A])[A]
handkracht	((hand)[N],(kracht)[N])[N]
handkus	((hand)[N],(kus)[N])[N]
handlanger	((hand)[N],(lang)[V],(er)[N|NV.])[N]
handlangersdienst	(((hand)[N],(lang)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
handlangster	((hand)[N],(lang)[V],(ster)[N|NV.])[N]
handlezen	((hand)[N],(lees)[V])[V]
handlezer	(((hand)[N],(lees)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
handlezeres	((hand)[N],(((lees)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N])[N]
handlier	((hand)[N],(lier)[N])[N]
handlijn	((hand)[N],(lijn)[N])[N]
handlijnkunde	(((hand)[N],(lijn)[N])[N],(kunde)[N])[N]
handlijst	((hand)[N],(lijst)[N])[N]
handlobbig	((hand)[N],(lob)[N],(ig)[A|NN.])[A]
handloep	((hand)[N],(loep)[N])[N]
handmixer	((hand)[N],((mix)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
handmof	((hand)[N],(mof)[N])[N]
handmolen	((hand)[N],(molen)[N])[N]
handnervig	((hand)[N],(nerf)[N],(ig)[A|NN.])[A]
handomdraai	((hand)[N],((om)[P],(draai)[N])[N])[N]
handoplegger	((hand)[N],((op)[P],(leg)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
handoplegging	((hand)[N],((op)[P],(leg)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
handoplegster	((hand)[N],((op)[P],(leg)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
handopsteken	((hand)[N],((op)[P],(steek)[V])[V])[V]
handpalm	((hand)[N],(palm)[N])[N]
handpeer	((hand)[N],(peer)[N])[N]
handpenning	((hand)[N],(penning)[N])[N]
handpers	((hand)[N],(pers)[N])[N]
handpomp	((hand)[N],(pomp)[N])[N]
handrasp	((hand)[N],(rasp)[N])[N]
handreiking	((hand)[N],(reik)[V],(ing)[N|NV.])[N]
handrem	((hand)[N],(rem)[N])[N]
handrug	((hand)[N],(rug)[N])[N]
hands	((hand)[N],(s)[A|N.])[A]
handschaaf	((hand)[N],(schaaf)[N])[N]
handschakelaar	((hand)[N],((schakel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
handscherm	((hand)[N],(scherm)[N])[N]
handschoen	((hand)[N],(schoen)[N])[N]
handschoendoos	(((hand)[N],(schoen)[N])[N],(doos)[N])[N]
handschoenendoos	(((hand)[N],(schoen)[N])[N],(en)[N|N.N],(doos)[N])[N]
handschoenenkastje	(((hand)[N],(schoen)[N])[N],(en)[N|N.N],(kast)[N])[N]
handschoenenrekker	(((hand)[N],(schoen)[N])[N],(e)[N|N.Vx],(rek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
handschoenenvak	(((hand)[N],(schoen)[N])[N],(en)[N|N.N],(vak)[N])[N]
handschoenenwinkel	(((hand)[N],(schoen)[N])[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
handschoenkastje	(((hand)[N],(schoen)[N])[N],(kast)[N])[N]
handschoenrekker	(((hand)[N],(schoen)[N])[N],(rek)[V],(er)[N|NV.])[N]
handschoenwinkel	(((hand)[N],(schoen)[N])[N],(winkel)[N])[N]
handschrift	((hand)[N],(schrift)[N])[N]
handschriftenafdeling	(((hand)[N],(schrift)[N])[N],(en)[N|N.N],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
handschriftenverzameling	(((hand)[N],(schrift)[N])[N],(en)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
handschriftkunde	(((hand)[N],(schrift)[N])[N],(kunde)[N])[N]
handslag	((hand)[N],(slag)[N])[N]
handslede	((hand)[N],(slede)[N])[N]
handslee	((hand)[N],(slee)[N])[N]
handsmeden	((hand)[N],(smeed)[V])[V]
handspaak	((hand)[N],(spaak)[N])[N]
handspier	((hand)[N],(spier)[N])[N]
handspletig	((hand)[N],(spleet)[N],(ig)[A|NN.])[A]
handspuit	((hand)[N],(spuit)[N])[N]
handstand	((hand)[N],(stand)[N])[N]
handstoffer	((hand)[N],((stof)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
handstrekker	((hand)[N],(strek)[V],(er)[N|NV.])[N]
handtam	((hand)[N],(tam)[A])[A]
handtas	((hand)[N],(tas)[N])[N]
handtastelijk	((hand)[N],(tast)[V],(elijk)[A|NV.])[A]
handtastelijkheid	(((hand)[N],(tast)[V],(elijk)[A|NV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
handtekenen	((hand)[N],(teken)[V])[V]
handtekening	(((hand)[N],(teken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
handtekeningenactie	((((hand)[N],(teken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(actie)[N])[N]
handvaardig	((hand)[N],(vaardig)[A])[A]
handvaardigheid	(((hand)[N],(vaardig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
handvat	((hand)[N],(vat)[N])[N]
handvatsel	(((hand)[N],(vat)[N])[N],(sel)[N|N.])[N]
handveger	((hand)[N],((veeg)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
handvergroting	((hand)[N],(((ver)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
handvleugelig	((hand)[N],(vleugel)[N],(ig)[A|NN.])[A]
handvol	((hand)[N],(vol)[A])[N]
handvormer	((hand)[N],((vorm)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
handvormig	((hand)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
handvuurwapen	((hand)[N],((vuur)[V],(wapen)[N])[N])[N]
handwagen	((hand)[N],(wagen)[N])[N]
handwapen	((hand)[N],(wapen)[N])[N]
handwarm	((hand)[N],(warm)[A])[A]
handwas	((hand)[N],(was)[N])[N]
handwassing	((hand)[N],((was)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
handwater	((hand)[N],(water)[N])[N]
handweefstof	((hand)[N],(weef)[V],(stof)[N])[N]
handwerk	((hand)[N],(werk)[N])[N]
handwerken	((hand)[N],(werk)[V])[V]
handwerker	((hand)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
handwerksgezel	(((hand)[N],(werk)[N])[N],(s)[N|N.N],(gezel)[N])[N]
handwerksman	(((hand)[N],(werk)[N])[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N]
handwerkster	((hand)[N],((werk)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
handwever	((hand)[N],((weef)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
handwijzer	((hand)[N],((wijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
handwissel	((hand)[N],(wissel)[N])[N]
handwoordenboek	((hand)[N],((woord)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N])[N]
handwortel	((hand)[N],(wortel)[N])[N]
handwortelbeentje	(((hand)[N],(wortel)[N])[N],(been)[N])[N]
handzaag	((hand)[N],(zaag)[N])[N]
handzaam	((hand)[V],(zaam)[A|V.])[A]
handzaamheid	(((hand)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
handzetten	((hand)[N],(zet)[V])[V]
handzetter	((hand)[N],((zet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
handzij	((hand)[N],(zij)[N])[N]
handzijde	((hand)[N],(zijde)[N])[N]
hanenei	((haan)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
hanengekraai	((haan)[N],(e)[N|N.N],(gekraai)[N])[N]
hanengevecht	((haan)[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N])[N]
hanengewicht	((haan)[N],(e)[N|N.N],(gewicht)[N])[N]
hanenkam	((haan)[N],(e)[N|N.N],(kam)[N])[N]
hanenkot	((haan)[N],(e)[N|N.N],(kot)[N])[N]
hanenmat	((haan)[N],(en)[N|N.N],(mat)[N])[N]
hanenpoot	((haan)[N],(e)[N|N.N],(poot)[N])[N]
hanenschree	((haan)[N],(e)[N|N.N],(schrede)[N])[N]
hanenspoor	((haan)[N],(e)[N|N.N],(spoor)[N])[N]
hanentred	((haan)[N],(e)[N|N.N],(tred)[N])[N]
hanentrede	((haan)[N],(e)[N|N.N],(trede)[N])[N]
hanentree	((haan)[N],(e)[N|N.N],(tree)[N])[N]
hanenveer	((haan)[N],(e)[N|N.N],(veer)[N])[N]
hanenvoet	((haan)[N],(e)[N|N.N],(voet)[N])[N]
hang	(hang)[N]
hang-legkast	((hang)[V],(leg)[V],(kast)[N])[N]
hangborst	((hang)[V],(borst)[N])[N]
hangbrug	((hang)[V],(brug)[N])[N]
hangbuik	((hang)[V],(buik)[N])[N]
hangconstructie	((hang)[N],(constructie)[N])[N]
hangen	(hang)[V]
hanger	((hang)[V],(er)[N|V.])[N]
hangerig	((hang)[V],(erig)[A|V.])[A]
hangerigheid	(((hang)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hanggeranium	((hang)[V],(geranium)[N])[N]
hangijzer	((hang)[N],(ijzer)[N])[N]
hangkamer	((hang)[V],(kamer)[N])[N]
hangkast	((hang)[V],(kast)[N])[N]
hangketting	((hang)[V],(ketting)[N])[N]
hangklok	((hang)[V],(klok)[N])[N]
hangkompas	((hang)[V],(kompas)[N])[N]
hangladder	((hang)[V],(ladder)[N])[N]
hanglamp	((hang)[V],(lamp)[N])[N]
hanglip	((hang)[V],(lip)[N])[N]
hangmap	((hang)[N],(map)[N])[N]
hangmat	((hang)[V],(mat)[N])[N]
hangoor	((hang)[V],(oor)[N])[N]
hangoortafel	(((hang)[V],(oor)[N])[N],(tafel)[N])[N]
hangplant	((hang)[V],(plant)[N])[N]
hangslot	((hang)[V],(slot)[N])[N]
hangsnor	((hang)[V],(snor)[N])[N]
hangspoor	((hang)[V],(spoor)[N])[N]
hangstelling	((hang)[V],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hangwang	((hang)[V],(wang)[N])[N]
hangwerk	((hang)[V],(werk)[N])[N]
hangwieg	((hang)[V],(wieg)[N])[N]
hanig	((haan)[N],(ig)[A|N.])[A]
hans	(hans)[N]
hansworstenpak	((hansworst)[N],(en)[N|N.N],(pak)[N])[N]
hansworsterij	((hansworst)[N],(erij)[N|N.])[N]
hanteerbaar	((hanteer)[V],(baar)[A|V.])[A]
hanteerbaarheid	(((hanteer)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hanteerder	((hanteer)[V],(der)[N|V.])[N]
hantering	((hanteer)[V],(ing)[N|V.])[N]
hap	(hap)[N]
haperen	(haper)[V]
hapering	((haper)[V],(ing)[N|V.])[N]
hapklaar	((hap)[V],(klaar)[A])[A]
happen	(hap)[V]
happig	((hap)[V],(ig)[A|V.])[A]
happigheid	(((hap)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hapvogel	((hap)[V],(vogel)[N])[N]
har	(har)[N]
hard	(hard)[A]
hardachtig	((hard)[A],(achtig)[A|A.])[A]
hardblauw	((hard)[A],(blauw)[A])[A]
hardboard	((hard)[A],(board)[N])[N]
hardboardplaat	(((hard)[A],(board)[N])[N],(plaat)[N])[N]
harddraven	((hard)[A],(draaf)[V])[V]
harddraver	(((hard)[A],(draaf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
harddraverij	(((hard)[A],(draaf)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
harden	(hard)[V]
harder	((hard)[V],(er)[N|V.])[N]
hardgebakken	((hard)[A],(gebakken)[V])[A]
hardgeel	((hard)[A],(geel)[A])[A]
hardgekookt	((hard)[A],(gekookt)[V])[A]
hardglas	((hard)[A],(glas)[N])[N]
hardgroen	((hard)[A],(groen)[A])[A]
hardhandigheid	(((hard)[A],(hand)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hardheid	((hard)[A],(heid)[N|A.])[N]
hardheidsgraad	(((hard)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(graad)[N])[N]
hardhoofdig	((hard)[A],(hoofd)[N],(ig)[A|AN.])[A]
hardhorend	((hard)[A],(hoor)[V],(end)[A|AV.])[A]
hardhorendheid	(((hard)[A],(hoor)[V],(end)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hardhorig	((hard)[A],(horig)[A])[A]
hardhorigheid	(((hard)[A],(horig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
hardhout	((hard)[A],(hout)[N])[N]
hardhouten	(((hard)[A],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
hardigheid	((hard)[A],(igheid)[N|A.])[N]
harding	((hard)[V],(ing)[N|V.])[N]
hardingsproces	(((hard)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
hardleers	((hard)[A],(leer)[V],(s)[A|AV.])[A]
hardleersheid	(((hard)[A],(leer)[V],(s)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hardlijvig	((hard)[A],(lijf)[N],(ig)[A|AN.])[A]
hardlijvigheid	(((hard)[A],(lijf)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hardloopster	((hard)[A],((loop)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
hardloopwedstrijd	(((hard)[A],(loop)[V])[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
hardlopen	((hard)[A],(loop)[V])[V]
hardloper	(((hard)[A],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
hardloperij	(((hard)[A],(loop)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
hardmaken	((hard)[A],(maak)[V])[V]
hardmetaal	((hard)[A],(metaal)[N])[N]
hardnekkigheid	(((hard)[A],(nek)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hardporno	((hard)[A],(porno)[N])[N]
hardrijden	((hard)[A],(rijd)[V])[V]
hardrijder	(((hard)[A],(rijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
hardrijderij	(((hard)[A],(rijd)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
hardrijdster	((hard)[A],((rijd)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
hardrood	((hard)[A],(rood)[A])[A]
hardsteen	((hard)[A],(steen)[N])[N]
hardstenen	(((hard)[A],(steen)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
hardvallen	((hard)[A],(val)[V])[V]
hardvochtigheid	((hardvochtig)[A],(heid)[N|A.])[N]
hardvoer	((hard)[A],(voer)[N])[N]
hardzeilen	((hard)[A],(zeil)[V])[V]
hardzeiler	(((hard)[A],(zeil)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
hardzeilerij	(((hard)[A],(zeil)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
harem	(harem)[N]
harembroek	((harem)[N],(broek)[N])[N]
haremschoonheid	((harem)[N],((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
haremvrouw	((harem)[N],(vrouw)[N])[N]
haremwachter	((harem)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
haren	(haar)[V]
haren	((haar)[N],(en)[A|N.])[A]
harig	((haar)[N],(ig)[A|N.])[A]
harigheid	(((haar)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
haring	(haring)[N]
haringachtig	((haring)[N],(achtig)[A|N.])[A]
haringbuis	((haring)[N],(buis)[N])[N]
haringgrond	((haring)[N],(grond)[N])[N]
haringhaai	((haring)[N],(haai)[N])[N]
haringjager	((haring)[N],((jaag)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
haringkaken	((haring)[N],(kaak)[V])[V]
haringkaker	(((haring)[N],(kaak)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
haringkoning	((haring)[N],(koning)[N])[N]
haringlogger	((haring)[N],((log)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
haringnet	((haring)[N],(net)[N])[N]
haringoorlog	((haring)[N],(oorlog)[N])[N]
haringpakker	((haring)[N],(pak)[V],(er)[N|NV.])[N]
haringpakkerij	((haring)[N],(pak)[V],(erij)[N|NV.])[N]
haringquote	((haring)[N],(quote)[N])[N]
haringrace	((haring)[N],(race)[N])[N]
haringrokerij	((haring)[N],(rook)[V],(erij)[N|NV.])[N]
haringsalade	((haring)[N],(salade)[N])[N]
haringschool	((haring)[N],(school)[N])[N]
haringsla	((haring)[N],(sla)[N])[N]
haringspeetje	((haring)[N],(speet)[N])[N]
haringspeten	((haring)[N],(speet)[V])[V]
haringteelt	((haring)[N],(teelt)[N])[N]
haringtijd	((haring)[N],(tijd)[N])[N]
harington	((haring)[N],(ton)[N])[N]
haringvaart	((haring)[N],(vaart)[N])[N]
haringvangst	((haring)[N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
haringvisserij	((haring)[N],(vis)[V],(erij)[N|NV.])[N]
haringvleet	((haring)[N],(vleet)[N])[N]
haringvloot	((haring)[N],(vloot)[N])[N]
haringwormziekte	((haring)[N],((worm)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N])[N]
hark	(hark)[N]
harken	(hark)[V]
harkerig	((hark)[N],(erig)[A|N.])[A]
harksel	((hark)[V],(sel)[N|V.])[N]
harlekijn	(harlekijn)[N]
harlekijngarnaal	((harlekijn)[N],(garnaal)[N])[N]
harlekijnpak	((harlekijn)[N],(pak)[N])[N]
harlekijnspak	((harlekijn)[N],(s)[N|N.N],(pak)[N])[N]
harlekinade	((harlekijn)[N],(ade)[N|N.])[N]
harmonicabed	((harmonica)[N],(bed)[N])[N]
harmonicabus	((harmonica)[N],(bus)[N])[N]
harmonicadeur	((harmonica)[N],(deur)[N])[N]
harmonicagaas	((harmonica)[N],(gaas)[N])[N]
harmonicamuziek	((harmonica)[N],(muziek)[N])[N]
harmonicaplooi	((harmonica)[N],(plooi)[N])[N]
harmonicaspeelster	((harmonica)[N],(speel)[V],(ster)[N|NV.])[N]
harmonicaspel	((harmonica)[N],(spel)[N])[N]
harmonicaspeler	((harmonica)[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
harmonicawand	((harmonica)[N],(wand)[N])[N]
harmonie	((harmonisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
harmonieconcours	(((harmonisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(concours)[N])[N]
harmoniegezelschap	(((harmonisch)[A],(ie)[N|A.])[N],((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
harmoniekapel	(((harmonisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(kapel)[N])[N]
harmonieleer	(((harmonisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(leer)[N])[N]
harmoniemodel	(((harmonisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(model)[N])[N]
harmoniemuziek	(((harmonisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(muziek)[N])[N]
harmonieorkest	(((harmonisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(orkest)[N])[N]
harmonieus	(((harmonisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(eus)[A|N.])[A]
harmonisatie	((((harmonisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
harmoniseren	(((harmonisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(iseer)[V|N.])[V]
harmonisering	((((harmonisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
harnas	(harnas)[N]
harnassen	(harnas)[V]
harp	(harp)[N]
harpconcert	((harp)[N],(concert)[N])[N]
harpen	(harp)[V]
harpenaar	((harp)[N],(enaar)[N|N.])[N]
harpeniste	((harpenist)[N],(e)[N|N.])[N]
harpgezang	((harp)[N],((ge)[N|.N],(zang)[N])[N])[N]
harpinstrument	((harp)[N],(instrument)[N])[N]
harpist	((harp)[N],(ist)[N|N.])[N]
harpiste	(((harp)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
harpluis	((har)[N],(pluis)[N])[N]
harpoeneren	((harpoen)[N],(eer)[V|N.])[V]
harpoengeweer	((harpoen)[N],(geweer)[N])[N]
harpoenier	((harpoen)[N],(ier)[N|N.])[N]
harpoenwerper	((harpoen)[N],(werp)[V],(er)[N|NV.])[N]
harpspeelster	((harp)[N],(speel)[V],(ster)[N|NV.])[N]
harpspel	((harp)[N],(spel)[N])[N]
harpspeler	((harp)[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
harre	(harre)[N]
harrel	(harrel)[N]
hars	(hars)[N]
harsachtig	((hars)[N],(achtig)[A|N.])[A]
harsbehandeling	((hars)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
harsboom	((hars)[N],(boom)[N])[N]
harsgom	((hars)[N],(gom)[N])[N]
harshoudend	((hars)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
harsig	((hars)[N],(ig)[A|N.])[A]
harslak	((hars)[N],(lak)[N])[N]
harsolie	((hars)[N],(olie)[N])[N]
harspleister	((hars)[N],(pleister)[N])[N]
harst	(harst)[N]
harsvloed	((hars)[N],(vloed)[N])[N]
harszwam	((hars)[N],(zwam)[N])[N]
hart	(hart)[N]
hart-longmachine	((hart)[N],(long)[N],(machine)[N])[N]
hartaandoening	((hart)[N],(((aan)[P],(doe)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hartaanval	((hart)[N],(aanval)[N])[N]
hartactie	((hart)[N],(actie)[N])[N]
hartader	((hart)[N],(ader)[N])[N]
hartafwijking	((hart)[N],(((af)[P],(wijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hartambulance	((hart)[N],((ambulant)[A],(nce)[N|A.])[N])[N]
hartbeeld	((hart)[N],(beeld)[N])[N]
hartbeklemming	((hart)[N],((be)[V|.V],(klem)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
hartbeschadiging	((hart)[N],((beschadig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hartbewaking	((hart)[N],((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
hartblok	((hart)[N],(blok)[N])[N]
hartboezem	((hart)[N],(boezem)[N])[N]
hartbrekend	((hart)[N],(breek)[V],(end)[A|NV.])[A]
hartbreuk	((hart)[N],(breuk)[N])[N]
hartcentrum	((hart)[N],(centrum)[N])[N]
hartchirurg	((hart)[N],(chirurg)[N])[N]
hartchirurgie	((hart)[N],((chirurgisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
hartcrisis	((hart)[N],(crisis)[N])[N]
hartdood	((hart)[N],(dood)[N])[N]
hartelijk	((hart)[N],(elijk)[A|N.])[A]
hartelijkheid	(((hart)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
harteloos	((hart)[N],(eloos)[A|N.])[A]
harteloosheid	(((hart)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hartelust	((hart)[N],(e)[N|N.N],(lust)[N])[N]
hartenaas	((harten)[N],(aas)[N])[N]
hartenacht	((harten)[N],(acht)[N])[N]
hartenbloed	((hart)[N],(e)[N|N.N],(bloed)[N])[N]
hartenboer	((harten)[N],(boer)[N])[N]
hartenbreekster	((harten)[N],(breek)[V],(ster)[N|NV.])[N]
hartenbreker	((hart)[N],(en)[N|N.Vx],(breek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
hartendief	((hart)[N],(e)[N|N.N],(dief)[N])[N]
hartendrie	((harten)[N],(drie)[N])[N]
hartenjagen	((harten)[N],(jaag)[V])[V]
hartenklop	((hart)[N],(e)[N|N.N],(klop)[N])[N]
hartenkreet	((hart)[N],(e)[N|N.N],(kreet)[N])[N]
hartenleed	((hart)[N],(e)[N|N.N],(leed)[N])[N]
hartenliefje	((hart)[N],(e)[N|N.N],(lief)[N])[N]
hartenpijn	((hart)[N],(e)[N|N.N],(pijn)[N])[N]
hartenvreter	((hart)[N],(e)[N|N.Vx],(vreet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
hartenwens	((hart)[N],(e)[N|N.N],(wens)[N])[N]
hartfilmpje	((hart)[N],(film)[N])[N]
hartfrequentie	((hart)[N],((frequent)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
hartfunctie	((hart)[N],(functie)[N])[N]
hartgebrek	((hart)[N],(gebrek)[N])[N]
hartgeruis	((hart)[N],((ge)[N|.V],(ruis)[V])[N])[N]
hartgrondig	((hart)[N],(grond)[N],(ig)[A|NN.])[A]
harthout	((hart)[N],(hout)[N])[N]
hartigheid	((hartig)[A],(heid)[N|A.])[N]
hartinfarct	((hart)[N],(infarct)[N])[N]
hartkamer	((hart)[N],(kamer)[N])[N]
hartkatheter	((hart)[N],(katheter)[N])[N]
hartklacht	((hart)[N],(klacht)[N])[N]
hartklep	((hart)[N],(klep)[N])[N]
hartklop	((hart)[N],(klop)[N])[N]
hartklopping	((hart)[N],((klop)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hartknaging	((hart)[N],((knaag)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hartkramp	((hart)[N],(kramp)[N])[N]
hartkuiltje	((hart)[N],(kuil)[N])[N]
hartkwaal	((hart)[N],(kwaal)[N])[N]
hartlijder	((hart)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
hartlijderes	(((hart)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N],(es)[N|N.])[N]
hartlijn	((hart)[N],(lijn)[N])[N]
hartmassage	((hart)[N],((masseer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
hartminuutvolume	((hart)[N],(minuut)[N],(volume)[N])[N]
hartneurose	((hart)[N],(neurose)[N])[N]
hartonregelmatigheid	((hart)[N],(((on)[A|.A],((regel)[N],(matig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
hartoor	((hart)[N],(oor)[N])[N]
hartoperatie	((hart)[N],(opereer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
hartpaal	((hart)[N],(paal)[N])[N]
hartpatiënt	((hart)[N],(patiënt)[N])[N]
hartprobleem	((hart)[N],(probleem)[N])[N]
hartpunctie	((hart)[N],(punctie)[N])[N]
hartpunt	((hart)[N],(punt)[N])[N]
hartritme	((hart)[N],(ritme)[N])[N]
hartroerend	((hart)[N],(roerend)[A])[A]
hartrot	((hart)[N],(rot)[N])[N]
hartruis	((hart)[N],(ruis)[N])[N]
hartsaangelegenheid	((hart)[N],(s)[N|N.N],((aangelegen)[V],(heid)[N|V.])[N])[N]
hartschelp	((hart)[N],(schelp)[N])[N]
hartscheur	((hart)[N],(scheur)[N])[N]
hartsgeheim	((hart)[N],(s)[N|N.N],(geheim)[N])[N]
hartslag	((hart)[N],(slag)[N])[N]
hartslagfrequentie	(((hart)[N],(slag)[N])[N],((frequent)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
hartslagritme	(((hart)[N],(slag)[N])[N],(ritme)[N])[N]
hartspecialist	((hart)[N],(specialist)[N])[N]
hartspier	((hart)[N],(spier)[N])[N]
hartsterkend	((hart)[N],(sterk)[V],(end)[A|NV.])[A]
hartsterking	((hart)[N],(sterk)[V],(ing)[N|NV.])[N]
hartstilstand	((hart)[N],((stil)[A],(stand)[N])[N])[N]
hartstimulator	((hart)[N],(stimuleer)[V],(ator)[N|NV.])[N]
hartstocht	((hart)[N],(s)[N|N.N],(tocht)[N])[N]
hartstochtelijk	(((hart)[N],(s)[N|N.N],(tocht)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
hartstochtelijkheid	((((hart)[N],(s)[N|N.N],(tocht)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hartstoornis	((hart)[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
hartstreek	((hart)[N],(streek)[N])[N]
hartsvanger	((hart)[N],(s)[N|N.Vx],(vang)[V],(er)[N|NxV.])[N]
hartsverlangen	((hart)[N],(s)[N|N.N],(verlangen)[N])[N]
hartsvriend	((hart)[N],(s)[N|N.N],(vriend)[N])[N]
hartsvriendin	(((hart)[N],(s)[N|N.N],(vriend)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
harttoon	((hart)[N],(toon)[N])[N]
harttransplantatie	((hart)[N],(transplanteer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
hartvang	((hart)[N],(vang)[N])[N]
hartvergroting	((hart)[N],((ver)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
hartverheffend	((hart)[N],(verheffend)[A])[A]
hartverlamming	((hart)[N],((ver)[V|.A],(lam)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
hartveroverend	((hart)[N],(veroverend)[V])[A]
hartverscheurend	((hart)[N],((ver)[V|.V],(scheur)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
hartversterkend	((hart)[N],(versterkend)[A])[A]
hartversterking	((hart)[N],((ver)[V|.A],(sterk)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
hartvervetting	((hart)[N],((ver)[V|.N],(vet)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
hartverwarmend	((hart)[N],(verwarmend)[V])[A]
hartverwijding	((hart)[N],((ver)[V|.A],(wijd)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
hartvlies	((hart)[N],(vlies)[N])[N]
hartvormig	((hart)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
hartwater	((hart)[N],(water)[N])[N]
hartwerking	((hart)[N],((werk)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hartzakje	((hart)[N],(zak)[N])[N]
hartzeer	((hart)[N],(zeer)[N])[N]
hartziekte	((hart)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
hartzwakte	((hart)[N],((zwak)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
hasj	(hasj)[N]
hasjhond	((hasj)[N],(hond)[N])[N]
hasjroker	((hasj)[N],(rook)[V],(er)[N|NV.])[N]
hasjrookster	((hasj)[N],(rook)[V],(ster)[N|NV.])[N]
haspel	(haspel)[N]
haspelaar	((haspel)[V],(aar)[N|V.])[N]
haspelarij	((haspel)[V],(arij)[N|V.])[N]
haspelen	(haspel)[V]
haspelraam	((haspel)[V],(raam)[N])[N]
haspelwerk	((haspel)[N],(werk)[N])[N]
hassebasserij	((hassebas)[V],(erij)[N|V.])[N]
hat-eenheid	((HAT)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
hatelijk	((haat)[V],(elijk)[A|V.])[A]
hatelijkheid	(((haat)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
haten	(haat)[V]
hater	((haat)[V],(er)[N|V.])[N]
hausse	(hausse)[N]
haussier	((hausse)[N],(ier)[N|N.])[N]
hauw	(hauw)[N]
havannakleurig	((havanna)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
havannasigaar	((havanna)[N],(sigaar)[N])[N]
havannatabak	((havanna)[N],(tabak)[N])[N]
haveloos	((have)[N],(loos)[A|N.])[A]
haveloosheid	(((have)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
haven	(haven)[N]
havenaanleg	((haven)[N],(aanleg)[N])[N]
havenaccommodatie	((haven)[N],(accommodeer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
havenanker	((haven)[N],(anker)[N])[N]
havenarbeider	((haven)[N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
havenbeambte	((haven)[N],(beambte)[N])[N]
havenbekken	((haven)[N],(bekken)[N])[N]
havenbootje	((haven)[N],(boot)[N])[N]
havendam	((haven)[N],(dam)[N])[N]
havendienst	((haven)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
havenen	(haven)[V]
havenfaciliteiten	((haven)[N],(faciliteit)[N])[N]
havengebouw	((haven)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
havengeld	((haven)[N],(geld)[N])[N]
havenhoofd	((haven)[N],(hoofd)[N])[N]
havenkant	((haven)[N],(kant)[N])[N]
havenkantoor	((haven)[N],(kantoor)[N])[N]
havenkosten	((haven)[N],(kost)[N])[N]
havenkraan	((haven)[N],(kraan)[N])[N]
havenkwartier	((haven)[N],((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
havenlicht	((haven)[N],(licht)[N])[N]
havenmeester	((haven)[N],(meester)[N])[N]
havenmond	((haven)[N],(mond)[N])[N]
havennavigatie	((haven)[N],((navigeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
havenpakhuis	((haven)[N],((pak)[V],(huis)[N])[N])[N]
havenplaats	((haven)[N],(plaats)[N])[N]
havenpolitie	((haven)[N],(politie)[N])[N]
havenradar	((haven)[N],(radar)[N])[N]
havenrecht	((haven)[N],(recht)[N])[N]
havenreglement	((haven)[N],(reglement)[N])[N]
havenschap	((haven)[N],(schap)[N|N.])[N]
havenstad	((haven)[N],(stad)[N])[N]
havenstaking	((haven)[N],((staak)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
havenwerken	((haven)[N],(werk)[N])[N]
havenwerker	((haven)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
havenwijk	((haven)[N],(wijk)[N])[N]
haver	(haver)[N]
haveraaltje	((haver)[N],(aal)[N])[N]
haverdegort	((haver)[N],(de)[N|N.N],(gort)[N])[N]
havergort	((haver)[N],(gort)[N])[N]
havergras	((haver)[N],(gras)[N])[N]
haverkist	((haver)[N],(kist)[N])[N]
haverklap	((haver)[N],(klap)[N])[N]
haverkorrel	((haver)[N],(korrel)[N])[N]
haverland	((haver)[N],(land)[N])[N]
havermeel	((haver)[N],(meel)[N])[N]
havermout	((haver)[N],(mout)[N])[N]
haverpluim	((haver)[N],(pluim)[N])[N]
haverstro	((haver)[N],(stro)[N])[N]
haverveld	((haver)[N],(veld)[N])[N]
havervlokken	((haver)[N],(vlok)[N])[N]
haverzak	((haver)[N],(zak)[N])[N]
havezate	(havezate)[N]
havik	(havik)[N]
havikachtigen	((havik)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
haviksbek	((havik)[N],(s)[N|N.N],(bek)[N])[N]
haviksborst	((havik)[N],(s)[N|N.N],(borst)[N])[N]
haviksklauw	((havik)[N],(s)[N|N.N],(klauw)[N])[N]
havikskruid	((havik)[N],(s)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
haviksneus	((havik)[N],(s)[N|N.N],(neus)[N])[N]
haviksoog	((havik)[N],(s)[N|N.N],(oog)[N])[N]
hazardspel	((hazard)[N],(spel)[N])[N]
hazedistel	((haas)[N],(e)[N|N.N],(distel)[N])[N]
hazelaarsbos	((hazelaar)[N],(s)[N|N.N],(bos)[N])[N]
hazelaarshout	((hazelaar)[N],(s)[N|N.N],(hout)[N])[N]
hazelaren	((hazelaar)[N],(en)[A|N.])[A]
hazelnootreep	((hazelnoot)[N],(reep)[N])[N]
hazelnotenboom	((hazelnoot)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
hazelnotenstruik	((hazelnoot)[N],(e)[N|N.N],(struik)[N])[N]
hazenbloed	((haas)[N],(e)[N|N.N],(bloed)[N])[N]
hazenhart	((haas)[N],(e)[N|N.N],(hart)[N])[N]
hazenjacht	((haas)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
hazenkop	((haas)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
hazenleger	((haas)[N],(e)[N|N.N],(leger)[N])[N]
hazenlip	((haas)[N],(e)[N|N.N],(lip)[N])[N]
hazenoog	((haas)[N],(e)[N|N.N],(oog)[N])[N]
hazenoor	((haas)[N],(e)[N|N.N],(oor)[N])[N]
hazenpad	((haas)[N],(e)[N|N.N],(pad)[N])[N]
hazenpastei	((haas)[N],(e)[N|N.N],(pastei)[N])[N]
hazenpluim	((haas)[N],(e)[N|N.N],(pluim)[N])[N]
hazenpoot	((haas)[N],(e)[N|N.N],(poot)[N])[N]
hazenprent	((haas)[N],(e)[N|N.N],(prent)[N])[N]
hazenrug	((haas)[N],(e)[N|N.N],(rug)[N])[N]
hazenslaap	((haas)[N],(e)[N|N.N],(slaap)[N])[N]
hazensprong	((haas)[N],(e)[N|N.N],(sprong)[N])[N]
hazenstaart	((haas)[N],(e)[N|N.N],(staart)[N])[N]
hazenstrik	((haas)[N],(e)[N|N.N],(strik)[N])[N]
hazenstrop	((haas)[N],(e)[N|N.N],(strop)[N])[N]
hazenvel	((haas)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
hazenvlees	((haas)[N],(e)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
hazewindhond	((hazewind)[N],(hond)[N])[N]
heat	(heat)[N]
heb	(heb)[N]
hebbeding	((heb)[V],(e)[N|V.N],(ding)[N])[N]
hebbelijk	((heb)[V],(elijk)[A|V.])[A]
hebbelijkheid	(((heb)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hebben	(heb)[V]
hebber	((heb)[V],(er)[N|V.])[N]
hebberd	((heb)[V],(erd)[N|V.])[N]
hebberig	((heb)[V],(erig)[A|V.])[A]
hebberigheid	(((heb)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hebzucht	((heb)[V],(zucht)[N])[N]
hebzuchtig	(((heb)[V],(zucht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
hecht	(hecht)[N]
hechtdraad	((hecht)[V],(draad)[N])[N]
hechten	(hecht)[V]
hechtenis	((hecht)[V],(enis)[N|V.])[N]
hechtheid	((hecht)[A],(heid)[N|A.])[N]
hechthout	((hecht)[A],(hout)[N])[N]
hechting	((hecht)[V],(ing)[N|V.])[N]
hechtkram	((hecht)[V],(kram)[N])[N]
hechtmiddel	((hecht)[V],(middel)[N])[N]
hechtnaald	((hecht)[V],(naald)[N])[N]
hechtpleister	((hecht)[V],(pleister)[N])[N]
hechtrankje	((hecht)[V],(rank)[N])[N]
hechtsel	((hecht)[V],(sel)[N|V.])[N]
hechtvezel	((hecht)[V],(vezel)[N])[N]
hechtwortel	((hecht)[V],(wortel)[N])[N]
hectograferen	((hectograaf)[N],(eer)[V|N.])[V]
hectografisch	((hectograaf)[N],(isch)[A|N.])[A]
hectogram	((hecto)[N|.N],(gram)[N])[N]
hectoliter	((hecto)[N|.N],(liter)[N])[N]
hectolitergewicht	(((hecto)[N|.N],(liter)[N])[N],(gewicht)[N])[N]
hectometer	((hecto)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hectometerpaal	(((hecto)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(paal)[N])[N]
hectowatt	((hecto)[N|.N],(watt)[N])[N]
heden	(heden)[N]
hedendaags	((heden)[B],((dag)[N],(s)[A|N.])[A])[A]
hedoniste	((hedonist)[N],(e)[N|N.])[N]
heef	(heef)[N]
heeft	(heeft)[N]
heel	(heel)[A]
heelal	((heel)[B],(al)[N])[N]
heelbaar	((heel)[V],(baar)[A|V.])[A]
heelheid	((heel)[A],(heid)[N|A.])[N]
heelkracht	((heel)[V],(kracht)[N])[N]
heelkruid	((heel)[V],(kruid)[N])[N]
heelkunde	((heel)[V],(kunde)[N])[N]
heelkundig	(((heel)[V],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
heelkunst	((heel)[V],(kunst)[N])[N]
heelmeester	((heel)[V],(meester)[N])[N]
heelster	((heel)[V],(ster)[N|V.])[N]
heelvlees	((heel)[V],(vlees)[N])[N]
heem	(heem)[N]
heemhond	((heem)[N],(hond)[N])[N]
heemkunde	((heem)[N],(kunde)[N])[N]
heemkundig	(((heem)[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
heempark	((heem)[N],(park)[N])[N]
heemraad	((heem)[N],(raad)[N])[N]
heemraadschap	(((heem)[N],(raad)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
heemst	(heemst)[N]
heemtuin	((heem)[N],(tuin)[N])[N]
heen-en-weerdienst	((heen-en-weer)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
heengaan	((heen)[B],(ga)[V])[V]
heenkomen	((heen)[B],(komen)[V])[N]
heenleiden	((heen)[B],(leid)[V])[V]
heenlopen	((heen)[B],(loop)[V])[V]
heenreis	((heen)[B],(reis)[N])[N]
heenrennen	((heen)[B],(ren)[V])[V]
heenrijden	((heen)[B],(rijd)[V])[V]
heenrit	((heen)[B],(rit)[N])[N]
heensnellen	((heen)[B],(snel)[V])[V]
heenstappen	((heen)[B],(stap)[V])[V]
heentrekken	((heen)[B],(trek)[V])[V]
heenvlieden	((heen)[B],(vlied)[V])[V]
heenvoeren	((heen)[B],(voer)[V])[V]
heenweg	((heen)[B],(weg)[N])[N]
heenzenden	((heen)[B],(zend)[V])[V]
heep	(heep)[N]
heer	(heer)[N]
heerachtig	((heer)[N],(achtig)[A|N.])[A]
heerbaan	((heer)[N],(baan)[N])[N]
heerban	((heer)[N],(ban)[N])[N]
heerbroer	((heer)[N],(broer)[N])[N]
heerkracht	((heer)[N],(kracht)[N])[N]
heerlijk	((heer)[N],(lijk)[A|N.])[A]
heerlijkheid	(((heer)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
heerneef	((heer)[N],(neef)[N])[N]
heeroom	((heer)[N],(oom)[N])[N]
heerschaar	((heer)[N],(schaar)[N])[N]
heerschap	((heer)[N],(schap)[N|N.])[N]
heerschappij	(((heer)[N],(schap)[N|N.])[N],(ij)[N|N.])[N]
heersen	(heers)[V]
heerser	((heers)[V],(er)[N|V.])[N]
heerseres	(((heers)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
heerserig	((heers)[V],(erig)[A|V.])[A]
heersersblik	(((heers)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(blik)[N])[N]
heersersfamilie	(((heers)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(familie)[N])[N]
heerszucht	((heers)[V],(zucht)[N])[N]
heerszuchtig	(((heers)[V],(zucht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
heerweg	((heer)[N],(weg)[N])[N]
hees	(hees)[A]
heesheid	((hees)[A],(heid)[N|A.])[N]
heester	(heester)[N]
heesterachtig	((heester)[N],(achtig)[A|N.])[A]
heesterhout	((heester)[N],(hout)[N])[N]
heetbloedig	((heet)[A],(bloed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
heetgebakerd	((heet)[A],(gebakerd)[V])[A]
heetheid	((heet)[A],(heid)[N|A.])[N]
heethoofd	((heet)[A],(hoofd)[N])[N]
heethoofdig	((heet)[A],(hoofd)[N],(ig)[A|AN.])[A]
heethoofdigheid	(((heet)[A],(hoofd)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
heetlopen	((heet)[A],(loop)[V])[V]
heetwaterketel	((heet)[A],(water)[N],(ketel)[N])[N]
heetwaterproef	((heet)[A],((water)[N],(proef)[N])[N])[N]
heetwatertoestel	((heet)[A],(water)[N],(toestel)[N])[N]
heetwaterverwarming	((heet)[A],(water)[N],(((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hef	(hef)[N]
hefboom	((hef)[V],(boom)[N])[N]
hefboomeffect	(((hef)[V],(boom)[N])[N],(effect)[N])[N]
hefboomfunctie	(((hef)[V],(boom)[N])[N],(functie)[N])[N]
hefboomsarm	(((hef)[V],(boom)[N])[N],(s)[N|N.N],(arm)[N])[N]
hefbrug	((hef)[V],(brug)[N])[N]
hefeiland	((hef)[V],(eiland)[N])[N]
heffen	(hef)[V]
heffer	((hef)[V],(er)[N|V.])[N]
heffing	((hef)[V],(ing)[N|V.])[N]
heffingenstelsel	(((hef)[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
heffingsgrondslag	(((hef)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(grondslag)[N])[N]
hefhoogte	((hef)[V],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
hefmagneet	((hef)[V],(magneet)[N])[N]
hefoffer	((hef)[V],(offer)[N])[N]
hefschroef	((hef)[V],(schroef)[N])[N]
hefschroefvliegtuig	(((hef)[V],(schroef)[N])[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
hefspier	((hef)[V],(spier)[N])[N]
heft	(heft)[N]
heftang	((hef)[V],(tang)[N])[N]
heftigheid	((heftig)[A],(heid)[N|A.])[N]
heftoren	((hef)[V],(toren)[N])[N]
heftruck	((hef)[V],(truck)[N])[N]
hefvermogen	((hef)[V],(vermogen)[N])[N]
hefvloer	((hef)[V],(vloer)[N])[N]
hefwagen	((hef)[V],(wagen)[N])[N]
hefwerktuig	((hef)[N],((werk)[V],(tuig)[N])[N])[N]
heg	(heg)[N]
hegge	(hegge)[N]
heggekruid	((hegge)[N],(kruid)[N])[N]
heggenmus	((hegge)[N],(mus)[N])[N]
heggenrank	((hegge)[N],(rank)[N])[N]
heggenschaar	((hegge)[N],(schaar)[N])[N]
hegschaar	((heg)[N],(schaar)[N])[N]
hei	(hei)[N]
heibaan	((hei)[N],(baan)[N])[N]
heibaas	((hei)[N],(baas)[N])[N]
heibel	(heibel)[N]
heibezem	((hei)[N],(bezem)[N])[N]
heibloem	((hei)[N],(bloem)[N])[N]
heiblok	((hei)[N],(blok)[N])[N]
heiboender	((hei)[N],(boender)[N])[N]
heiboer	((hei)[N],(boer)[N])[N]
heibrand	((hei)[N],(brand)[N])[N]
heibrem	((hei)[N],(brem)[N])[N]
heidamp	((hei)[N],(damp)[N])[N]
heide	(heide)[N]
heideachtig	((heide)[N],(achtig)[A|N.])[A]
heidebloem	((heide)[N],(bloem)[N])[N]
heidebrand	((heide)[N],(brand)[N])[N]
heidegrond	((heide)[N],(grond)[N])[N]
heidehonig	((heide)[N],(honig)[N])[N]
heidehoning	((heide)[N],(honing)[N])[N]
heidekever	((heide)[N],(kever)[N])[N]
heidekruid	((heide)[N],(kruid)[N])[N]
heidelandschap	((heide)[N],((land)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
heidemaatschappij	((heide)[N],(maatschappij)[N])[N]
heiden	(heiden)[N]
heidenapostel	((heiden)[N],(apostel)[N])[N]
heidendom	((heiden)[N],(dom)[N|N.])[N]
heidens	((heiden)[N],(s)[A|N.])[A]
heidenwereld	((heiden)[N],(wereld)[N])[N]
heideontginning	((heide)[N],(ontgin)[V],(ing)[N|NV.])[N]
heidereservaat	((heide)[N],((reserveer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
heideschaap	((heide)[N],(schaap)[N])[N]
heideslak	((heide)[N],(slak)[N])[N]
heidestruik	((heide)[N],(struik)[N])[N]
heideterrein	((heide)[N],(terrein)[N])[N]
heidetuin	((heide)[N],(tuin)[N])[N]
heidevegetatie	((heide)[N],((vegeteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
heideveld	((heide)[N],(veld)[N])[N]
heideviooltje	((heide)[N],(viool)[N])[N]
heien	(hei)[V]
heier	((hei)[V],(er)[N|V.])[N]
heigrond	((hei)[N],(grond)[N])[N]
heihaantje	((hei)[N],(haan)[N])[N]
heihaas	((hei)[N],(haas)[N])[N]
heiigheid	((heiig)[A],(heid)[N|A.])[N]
heikeuter	((hei)[N],(keuter)[N])[N]
heikneuter	((hei)[N],(kneuter)[N])[N]
heikraan	((hei)[V],(kraan)[N])[N]
heikruid	((hei)[N],(kruid)[N])[N]
heil	(heil)[N]
heilbede	((heil)[N],(bede)[N])[N]
heilbot	((heil)[N],(bot)[N])[N]
heilbrengend	((heil)[N],(breng)[V],(end)[A|NV.])[A]
heildronk	((heil)[N],(dronk)[N])[N]
heilgymnast	((heil)[N],(gymnast)[N])[N]
heilgymnastiek	((heil)[N],((gymnastisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
heilicht	((hei)[N],(licht)[N])[N]
heiligavond	((heilig)[A],(avond)[N])[N]
heiligbeen	((heilig)[A],(been)[N])[N]
heiligbeenwervel	(((heilig)[A],(been)[N])[N],(wervel)[N])[N]
heiligdag	((heilig)[A],(dag)[N])[N]
heiligdom	((heilig)[A],(dom)[N|A.])[N]
heiligdomskamer	(((heilig)[A],(dom)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
heiligdomsvaart	(((heilig)[A],(dom)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(vaart)[N])[N]
heiligedag	((heilige)[N],(dag)[N])[N]
heiligenbeeld	((heilige)[N],(en)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
heiligendag	((heilige)[N],(en)[N|N.N],(dag)[N])[N]
heiligengraf	((heilige)[N],(en)[N|N.N],(graf)[N])[N]
heiligenleven	((heilige)[N],(en)[N|N.N],(leven)[N])[N]
heiligennaam	((heilige)[N],(en)[N|N.N],(naam)[N])[N]
heiligheid	((heilig)[A],(heid)[N|A.])[N]
heiliging	((heilig)[V],(ing)[N|V.])[N]
heiligmakend	((heilig)[A],(maak)[V],(end)[A|AV.])[A]
heiligmaker	((heilig)[A],(maak)[V],(er)[N|AV.])[N]
heiligmaking	((heilig)[A],(maak)[V],(ing)[N|AV.])[N]
heiligschendend	((heilig)[A],(schend)[V],(end)[A|AV.])[A]
heiligschennend	((heilig)[A],(schennend)[V])[A]
heiligschenner	((heilig)[A],(schen)[V],(er)[N|AV.])[N]
heiligschennis	((heilig)[A],(schennis)[N])[N]
heiligverklaring	((heilig)[A],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|AV.])[N]
heilloos	((heil)[N],(loos)[A|N.])[A]
heilrijk	((heil)[N],(rijk)[A])[A]
heilsbelofte	((heil)[N],(s)[N|N.N],(belofte)[N])[N]
heilsdaad	((heil)[N],(s)[N|N.N],(daad)[N])[N]
heilsfeit	((heil)[N],(s)[N|N.N],(feit)[N])[N]
heilsgebeuren	((heil)[N],(s)[N|N.N],(gebeuren)[N])[N]
heilsgeschiedenis	((heil)[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
heilshistorie	((heil)[N],(s)[N|N.N],((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
heilshistorisch	((heil)[N],(s)[A|N.A],(historisch)[A])[A]
heilsofficier	((heil)[N],(s)[N|N.N],(officier)[N])[N]
heilsoldaat	((heil)[N],(soldaat)[N])[N]
heilsoldate	(((heil)[N],(soldaat)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
heilsorde	((heil)[N],(s)[N|N.N],(orde)[N])[N]
heilsprofetie	((heil)[N],(s)[N|N.N],((profeet)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
heilssoldaat	((heil)[N],(s)[N|N.N],(soldaat)[N])[N]
heilssoldate	(((heil)[N],(s)[N|N.N],(soldaat)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
heilstaat	((heil)[N],(staat)[N])[N]
heilsverwachting	((heil)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(wacht)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
heilswaarheid	((heil)[N],(s)[N|N.N],((waar)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
heilszekerheid	((heil)[N],(s)[N|N.N],((zeker)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
heilvol	((heil)[N],(vol)[A])[A]
heilwens	((heil)[N],(wens)[N])[N]
heilzaamheid	((heilzaam)[A],(heid)[N|A.])[N]
heim	(heim)[N]
heimachine	((hei)[V],(machine)[N])[N]
heimast	((hei)[V],(mast)[N])[N]
heimelijkheid	((heimelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
heimwee	((heim)[N],(wee)[N])[N]
heimweegevoelen	(((heim)[N],(wee)[N])[N],(gevoelen)[N])[N]
heiningdraad	((heining)[N],(draad)[N])[N]
heiningpaal	((heining)[N],(paal)[N])[N]
heipaal	((hei)[V],(paal)[N])[N]
heiplan	((hei)[V],(plan)[N])[N]
heiploeg	((hei)[V],(ploeg)[N])[N]
heireservaat	((hei)[N],((reserveer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
heirook	((hei)[N],(rook)[N])[N]
heislak	((hei)[N],(slak)[N])[N]
heistelling	((hei)[V],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
heitoestel	((hei)[V],(toestel)[N])[N]
heiveld	((hei)[N],(veld)[N])[N]
heiviooltje	((hei)[N],(viool)[N])[N]
heiwerk	((hei)[V],(werk)[N])[N]
hek	(hek)[N]
hekanker	((hek)[N],(anker)[N])[N]
hekel	(hekel)[N]
hekelaar	((hekel)[V],(aar)[N|V.])[N]
hekelachtig	((hekel)[V],(achtig)[A|V.])[A]
hekeldicht	((hekel)[V],(dicht)[N])[N]
hekeldichter	((hekel)[V],((dicht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hekeldichteres	(((hekel)[V],((dicht)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(es)[N|N.])[N]
hekelen	(hekel)[V]
hekeling	((hekel)[V],(ing)[N|V.])[N]
hekelrijm	((hekel)[V],(rijm)[N])[N]
hekelschrift	((hekel)[V],(schrift)[N])[N]
hekelvers	((hekel)[V],(vers)[N])[N]
hekelzucht	((hekel)[V],(zucht)[N])[N]
hekgolf	((hek)[N],(golf)[N])[N]
hekkensluiter	((hek)[N],(e)[N|N.Vx],(sluit)[V],(er)[N|NxV.])[N]
hekkenspringer	((hek)[N],(e)[N|N.Vx],(spring)[V],(er)[N|NxV.])[N]
heklicht	((hek)[N],(licht)[N])[N]
hekmotor	((hek)[N],(motor)[N])[N]
hekpaal	((hek)[N],(paal)[N])[N]
heks	(heks)[N]
heksen	(heks)[V]
heksenbezem	((heks)[N],(en)[N|N.N],(bezem)[N])[N]
heksendans	((heks)[N],(en)[N|N.N],(dans)[N])[N]
heksengeloof	((heks)[N],(en)[N|N.N],(geloof)[N])[N]
heksenjacht	((heks)[N],(en)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
heksenketel	((heks)[N],(en)[N|N.N],(ketel)[N])[N]
heksenkrans	((heks)[N],(en)[N|N.N],(krans)[N])[N]
heksenkring	((heks)[N],(en)[N|N.N],(kring)[N])[N]
heksenkruid	((heks)[N],(en)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
heksenkunst	((heks)[N],(en)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
heksenmeester	((heks)[N],(en)[N|N.N],(meester)[N])[N]
heksenmelk	((heks)[N],(en)[N|N.N],(melk)[N])[N]
heksenproces	((heks)[N],(en)[N|N.N],(proces)[N])[N]
heksenproef	((heks)[N],(en)[N|N.N],(proef)[N])[N]
heksensabbat	((heks)[N],(en)[N|N.N],(sabbat)[N])[N]
heksensteek	((heks)[N],(en)[N|N.N],(steek)[N])[N]
heksentoer	((heks)[N],(en)[N|N.N],(toer)[N])[N]
heksenwaag	((heks)[N],(en)[N|N.N],(waag)[N])[N]
heksenwerk	((heks)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
hekserij	((heks)[V],(erij)[N|V.])[N]
heksloep	((hek)[N],(sloep)[N])[N]
heksluiter	((hek)[N],(sluit)[V],(er)[N|NV.])[N]
hektreiler	((hek)[N],((treil)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hekwerk	((hek)[N],(werk)[N])[N]
hekwieler	((hek)[N],(wiel)[N],(er)[N|NN.])[N]
hel	(hel)[N]
helblauw	((hel)[A],(blauw)[A])[A]
held	(held)[N]
heldenbegrafenis	((held)[N],(en)[N|N.N],(((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
heldenbloed	((held)[N],(en)[N|N.N],(bloed)[N])[N]
heldenboek	((held)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
heldencultus	((held)[N],(en)[N|N.N],(cultus)[N])[N]
heldendaad	((held)[N],(en)[N|N.N],(daad)[N])[N]
heldendeugd	((held)[N],(en)[N|N.N],(deugd)[N])[N]
heldendicht	((held)[N],(en)[N|N.N],(dicht)[N])[N]
heldendichter	((held)[N],(en)[N|N.N],((dicht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
heldendood	((held)[N],(en)[N|N.N],(dood)[N])[N]
heldendrama	((held)[N],(en)[N|N.N],(drama)[N])[N]
heldenepos	((held)[N],(en)[N|N.N],(epos)[N])[N]
heldenfeit	((held)[N],(en)[N|N.N],(feit)[N])[N]
heldenfiguur	((held)[N],(en)[N|N.N],(figuur)[N])[N]
heldengedrag	((held)[N],(en)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
heldenmoed	((held)[N],(en)[N|N.N],(moed)[N])[N]
heldenrol	((held)[N],(en)[N|N.N],(rol)[N])[N]
heldensage	((held)[N],(en)[N|N.N],(sage)[N])[N]
heldenschaar	((held)[N],(en)[N|N.N],(schaar)[N])[N]
heldentenor	((held)[N],(en)[N|N.N],(tenor)[N])[N]
heldentijd	((held)[N],(en)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
heldenzang	((held)[N],(en)[N|N.N],(zang)[N])[N]
helder	(helder)[A]
helderblauw	((helder)[A],(blauw)[A])[A]
heldergeel	((helder)[A],(geel)[A])[A]
helderheid	((helder)[A],(heid)[N|A.])[N]
helderziendheid	((helderziend)[A],(heid)[N|A.])[N]
heldhaftig	((held)[N],(haftig)[A|N.])[A]
heldhaftigheid	(((held)[N],(haftig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
heldin	((held)[N],(in)[N|N.])[N]
helen	(heel)[V]
heler	((heel)[V],(er)[N|V.])[N]
helhond	((hel)[N],(hond)[N])[N]
helikopterdek	((helikopter)[N],(dek)[N])[N]
helikopterdekschip	(((helikopter)[N],(dek)[N])[N],(schip)[N])[N]
helikopterpiloot	((helikopter)[N],(piloot)[N])[N]
heling	((heel)[V],(ing)[N|V.])[N]
heliograferen	((heliograaf)[N],(eer)[V|N.])[V]
heliografie	((heliograaf)[N],(ie)[N|N.])[N]
heliotropisch	((heliotroop)[N],(isch)[A|N.])[A]
helium	(helium)[N]
heliumatoom	((helium)[N],(atoom)[N])[N]
heliumkern	((helium)[N],(kern)[N])[N]
hellebaardier	((hellebaard)[N],(ier)[N|N.])[N]
helledonker	((hel)[N],(e)[A|N.A],(donker)[A])[A]
hellegeest	((hel)[N],(e)[N|N.N],(geest)[N])[N]
hellehond	((hel)[N],(e)[N|N.N],(hond)[N])[N]
hellekind	((hel)[N],(e)[N|N.N],(kind)[N])[N]
hellekrocht	((hel)[N],(e)[N|N.N],(krocht)[N])[N]
hellen	(hel)[V]
helleniseren	((Helleen)[N],(iseer)[V|N.])[V]
hellepijn	((hel)[N],(e)[N|N.N],(pijn)[N])[N]
hellepoort	((hel)[N],(e)[N|N.N],(poort)[N])[N]
hellestank	((hel)[N],(e)[N|N.N],(stank)[N])[N]
hellestraf	((hel)[N],(e)[N|N.N],(straf)[N])[N]
hellevaart	((hel)[N],(e)[N|N.N],(vaart)[N])[N]
hellevorst	((hel)[N],(e)[N|N.N],(vorst)[N])[N]
hellewicht	((hel)[N],(e)[N|N.N],(wicht)[N])[N]
helling	((hel)[V],(ing)[N|V.])[N]
hellingmeter	(((hel)[V],(ing)[N|V.])[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
hellingproef	(((hel)[V],(ing)[N|V.])[N],(proef)[N])[N]
hellingshoek	(((hel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hoek)[N])[N]
hellingspercentage	(((hel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(percentage)[N])[N]
helm	(helm)[N]
helmbeplanting	((helm)[N],((be)[V|.N],(plant)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
helmbindsel	((helm)[N],((bind)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
helmbloem	((helm)[N],(bloem)[N])[N]
helmdak	((helm)[N],(dak)[N])[N]
helmdraad	((helm)[N],(draad)[N])[N]
helmduiker	((helm)[N],((duik)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
helmgras	((helm)[N],(gras)[N])[N]
helmhoed	((helm)[N],(hoed)[N])[N]
helmknop	((helm)[N],(knop)[N])[N]
helmkruid	((helm)[N],(kruid)[N])[N]
helmnet	((helm)[N],(net)[N])[N]
helmplant	((helm)[N],(plant)[N])[N]
helmriet	((helm)[N],(riet)[N])[N]
helmslak	((helm)[N],(slak)[N])[N]
helmstijligen	((helm)[N],(stijl)[N],(ig)[N|NN.x],(e)[N|NNx.])[N]
helmstijltje	((helm)[N],(stijl)[N])[N]
helmteken	((helm)[N],(teken)[N])[N]
helpen	(help)[V]
helper	((help)[V],(er)[N|V.])[N]
helpster	((help)[V],(ster)[N|V.])[N]
helpzeel	((help)[V],(zeel)[N])[N]
hels	((hel)[N],(s)[A|N.])[A]
hem	(hem)[N]
hematologie	((hematologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
hemd	(hemd)[N]
hemdenkatoen	((hemd)[N],(en)[N|N.N],(katoen)[N])[N]
hemdenlinnen	((hemd)[N],(en)[N|N.N],(linnen)[N])[N]
hemdennaaister	((hemd)[N],(en)[N|N.Vx],(naai)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
hemdijk	((hem)[N],(dijk)[N])[N]
hemdjurk	((hemd)[N],(jurk)[N])[N]
hemdkraag	((hemd)[N],(kraag)[N])[N]
hemdrok	((hemd)[N],(rok)[N])[N]
hemdsboord	((hemd)[N],(s)[N|N.N],(boord)[N])[N]
hemdsknoop	((hemd)[N],(s)[N|N.N],(knoop)[N])[N]
hemdskraag	((hemd)[N],(s)[N|N.N],(kraag)[N])[N]
hemdsmouw	((hemd)[N],(s)[N|N.N],(mouw)[N])[N]
hemdsslip	((hemd)[N],(s)[N|N.N],(slip)[N])[N]
hemel	(hemel)[N]
hemelas	((hemel)[N],(as)[N])[N]
hemelbed	((hemel)[N],(bed)[N])[N]
hemelbestormer	((hemel)[N],((be)[V|.V],(storm)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
hemelbewoner	((hemel)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
hemelbewoonster	((hemel)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
hemelblauw	((hemel)[N],(blauw)[N])[N]
hemelbol	((hemel)[N],(bol)[N])[N]
hemelboog	((hemel)[N],(boog)[N])[N]
hemelbruidje	((hemel)[N],(bruid)[N])[N]
hemeldak	((hemel)[N],(dak)[N])[N]
hemelen	(hemel)[V]
hemelfotografie	((hemel)[N],((fotografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
hemelgewelf	((hemel)[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
hemelglobe	((hemel)[N],(globe)[N])[N]
hemelgod	((hemel)[N],(god)[N])[N]
hemelgodin	((hemel)[N],((god)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
hemelhoog	((hemel)[N],(hoog)[A])[A]
hemeling	((hemel)[N],(ling)[N|N.])[N]
hemelkaart	((hemel)[N],(kaart)[N])[N]
hemellichaam	((hemel)[N],(lichaam)[N])[N]
hemellicht	((hemel)[N],(licht)[N])[N]
hemelpool	((hemel)[N],(pool)[N])[N]
hemelpoort	((hemel)[N],(poort)[N])[N]
hemelrijk	((hemel)[N],(rijk)[N])[N]
hemelruim	((hemel)[N],(ruim)[N])[N]
hemels	((hemel)[N],(s)[A|N.])[A]
hemelsblauw	(((hemel)[N],(s)[A|N.])[A],(blauw)[N])[N]
hemelsbreed	(((hemel)[N],(s)[A|N.])[A],(breed)[A])[A]
hemelsbreedte	((((hemel)[N],(s)[A|N.])[A],(breed)[A])[A],(te)[N|A.])[N]
hemelsgezind	(((hemel)[N],(s)[A|N.])[A],(gezind)[A])[A]
hemelstand	((hemel)[N],(stand)[N])[N]
hemelstreek	((hemel)[N],(streek)[N])[N]
hemelteken	((hemel)[N],(teken)[N])[N]
hemeltergend	((hemel)[N],(terg)[V],(end)[A|NV.])[A]
hemelvreugde	((hemel)[N],(vreugde)[N])[N]
hemelvuur	((hemel)[N],(vuur)[N])[N]
hemelwaarts	((hemel)[N],(waarts)[A|N.])[A]
hemelwater	((hemel)[N],(water)[N])[N]
hemicyclus	((hemi)[N|.N],(cyclus)[N])[N]
hemiplegie	((hemi)[N|.N],(plegie)[N])[N]
hemisfeer	((hemi)[N|.N],(sfeer)[N])[N]
hemisferisch	(((hemi)[N|.N],(sfeer)[N])[N],(isch)[A|N.])[A]
hemmen	(hem)[V]
hemoglobinegehalte	((hemoglobine)[N],(gehalte)[N])[N]
hemoglobinemeter	((hemoglobine)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
hen	(hen)[N]
heng	(heng)[N]
hengel	(hengel)[N]
hengelaar	((hengel)[V],(aar)[N|V.])[N]
hengelaarster	(((hengel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
hengelen	(hengel)[V]
hengelmand	((hengel)[N],(mand)[N])[N]
hengelroe	((hengel)[N],(roe)[N])[N]
hengelroede	((hengel)[N],(roede)[N])[N]
hengelsnoer	((hengel)[N],(snoer)[N])[N]
hengelsport	((hengel)[N],(sport)[N])[N]
hengelstok	((hengel)[N],(stok)[N])[N]
hengselmand	((hengsel)[N],(mand)[N])[N]
hengst	(hengst)[N]
hengsten	(hengst)[V]
hengstenbal	((hengst)[N],(en)[N|N.N],(bal)[N])[N]
hengstenkeuring	((hengst)[N],(en)[N|N.Vx],(keur)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
hengstig	((hengst)[N],(ig)[A|N.])[A]
hengstveulen	((hengst)[N],(veulen)[N])[N]
hennenei	((hen)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
hennepbraak	((hennep)[N],(braak)[N])[N]
hennepen	((hennep)[N],(en)[A|N.])[A]
hennepgaren	((hennep)[N],(garen)[N])[N]
hennepgras	((hennep)[N],(gras)[N])[N]
henneplinnen	((hennep)[N],(linnen)[N])[N]
hennepnetel	((hennep)[N],(netel)[N])[N]
hennepolie	((hennep)[N],(olie)[N])[N]
hennepplant	((hennep)[N],(plant)[N])[N]
hennepplantage	((hennep)[N],((plant)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
hennepproduct	((hennep)[N],(product)[N])[N]
hennepteelt	((hennep)[N],(teelt)[N])[N]
hennepvezel	((hennep)[N],(vezel)[N])[N]
hennepzaad	((hennep)[N],(zaad)[N])[N]
hennepzeel	((hennep)[N],(zeel)[N])[N]
hens	(hens)[N]
her	(her)[N]
herademen	((her)[V|.V],(adem)[V])[V]
heraldiek	((heraldisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
herassurantie	((her)[N|.N],((assureer)[V],(antie)[N|V.])[N])[N]
herautsstaf	((heraut)[N],(s)[N|N.N],(staf)[N])[N]
herbebossen	((her)[V|.V],((be)[V|.N],(bos)[N])[V])[V]
herbebossing	(((her)[V|.V],((be)[V|.N],(bos)[N])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herbeginnen	((her)[V|.V],(begin)[V])[V]
herbelening	((her)[N|.N],(((be)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
herbenoembaar	(((her)[V|.V],((be)[V|.V],(noem)[V])[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
herbenoemen	((her)[V|.V],((be)[V|.V],(noem)[V])[V])[V]
herbenoeming	(((her)[V|.V],((be)[V|.V],(noem)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herbergbezoek	((herberg)[N],(bezoek)[N])[N]
herbergier	((herberg)[N],(ier)[N|N.])[N]
herbergierster	(((herberg)[N],(ier)[N|N.])[N],(ster)[N|N.])[N]
herbergkamer	((herberg)[N],(kamer)[N])[N]
herbergklant	((herberg)[N],(klant)[N])[N]
herbergmeid	((herberg)[N],(meid)[N])[N]
herbergzaam	((herberg)[V],(zaam)[A|V.])[A]
herbergzaamheid	(((herberg)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
herbewapenen	((her)[V|.V],((be)[V|.N],(wapen)[N])[V])[V]
herbewapening	(((her)[V|.V],((be)[V|.N],(wapen)[N])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herbezinning	((her)[N|.N],(((be)[V|.V],(zin)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
herbouw	((her)[N|.N],(bouw)[N])[N]
herbouwen	((her)[V|.V],(bouw)[V])[V]
herbouwverzekering	(((her)[N|.N],(bouw)[N])[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hercirculatie	((her)[N|.N],(((cirkel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
herculesarbeid	((hercules)[N],(arbeid)[N])[N]
herculeskever	((hercules)[N],(kever)[N])[N]
herculeswerk	((hercules)[N],(werk)[N])[N]
herculisch	((hercules)[N],(isch)[A|N.])[A]
herdenken	((her)[V|.V],(denk)[V])[V]
herdenking	(((her)[V|.V],(denk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herdenkingsartikel	((((her)[V|.V],(denk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(artikel)[N])[N]
herdenkingsdag	((((her)[V|.V],(denk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
herdenkingsdienst	((((her)[V|.V],(denk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
herdenkingsfeest	((((her)[V|.V],(denk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(feest)[N])[N]
herdenkingsjaar	((((her)[V|.V],(denk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
herdenkingsplechtigheid	((((her)[V|.V],(denk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((plechtig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
herdenkingszegel	((((her)[V|.V],(denk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zegel)[N])[N]
herderin	((herder)[N],(in)[N|N.])[N]
herderinnenhoed	(((herder)[N],(in)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(hoed)[N])[N]
herderlijk	((herder)[N],(lijk)[A|N.])[A]
herdersambt	((herder)[N],(s)[N|N.N],(ambt)[N])[N]
herdersdicht	((herder)[N],(s)[N|N.N],(dicht)[N])[N]
herdersfluit	((herder)[N],(s)[N|N.N],(fluit)[N])[N]
herdershond	((herder)[N],(s)[N|N.N],(hond)[N])[N]
herdershut	((herder)[N],(s)[N|N.N],(hut)[N])[N]
herdersknaap	((herder)[N],(s)[N|N.N],(knaap)[N])[N]
herdersleven	((herder)[N],(s)[N|N.N],(leven)[N])[N]
herderslied	((herder)[N],(s)[N|N.N],(lied)[N])[N]
herdersmat	((herder)[N],(s)[N|N.A],(mat)[A])[N]
herderspoëzie	((herder)[N],(s)[N|N.N],(poëzie)[N])[N]
herdersspel	((herder)[N],(s)[N|N.N],(spel)[N])[N]
herdersstaf	((herder)[N],(s)[N|N.N],(staf)[N])[N]
herderstasje	((herder)[N],(s)[N|N.N],(tas)[N])[N]
herdersverhaal	((herder)[N],(s)[N|N.N],(verhaal)[N])[N]
herdersvolk	((herder)[N],(s)[N|N.N],(volk)[N])[N]
herderszang	((herder)[N],(s)[N|N.N],(zang)[N])[N]
herdoen	((her)[V|.V],(doe)[V])[V]
herdoop	((her)[N|.N],(doop)[N])[N]
herdopen	((her)[V|.V],(doop)[V])[V]
herdruk	((her)[N|.N],(druk)[N])[N]
herdrukken	((her)[V|.V],(druk)[V])[V]
hereditie	((her)[N|.N],(editie)[N])[N]
heremietkreeft	((heremiet)[N],(kreeft)[N])[N]
herenakkoord	((heer)[N],(en)[N|N.N],(akkoord)[N])[N]
herenboer	((heer)[N],(e)[N|N.N],(boer)[N])[N]
herendienst	((heer)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
herendubbel	((heer)[N],(en)[N|N.N],(dubbel)[N])[N]
herenen	((her)[V|.A],(een)[A])[V]
herenenkelspel	((heer)[N],(en)[N|N.N],((enkel)[Q],(spel)[N])[N])[N]
herenfiets	((heer)[N],(en)[N|N.N],(fiets)[N])[N]
herenhuis	((heer)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
herenigen	((her)[V|.A],(enig)[A])[V]
hereniging	(((her)[V|.A],(enig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
herenkleding	((heer)[N],(en)[N|N.N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
herenknecht	((heer)[N],(en)[N|N.N],(knecht)[N])[N]
herenleven	((heer)[N],(en)[N|N.N],(leven)[N])[N]
herenmode	((heer)[N],(en)[N|N.N],(mode)[N])[N]
herensalon	((heer)[N],(en)[N|N.N],(salon)[N])[N]
herentoilet	((heer)[N],(en)[N|N.N],(toilet)[N])[N]
herenvlieger	((heer)[N],(en)[N|N.N],((vlieg)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
herenwoning	((heer)[N],(en)[N|N.N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
herexamen	((her)[N|.N],(examen)[N])[N]
herexamineren	((her)[V|.V],(examineer)[V])[V]
herformuleren	((her)[V|.V],(formuleer)[V])[V]
herfst	(herfst)[N]
herfstachtig	((herfst)[N],(achtig)[A|N.])[A]
herfstaster	((herfst)[N],(aster)[N])[N]
herfstavond	((herfst)[N],(avond)[N])[N]
herfstblad	((herfst)[N],(blad)[N])[N]
herfstbloei	((herfst)[N],(bloei)[N])[N]
herfstbloem	((herfst)[N],(bloem)[N])[N]
herfstbos	((herfst)[N],(bos)[N])[N]
herfstcollectie	((herfst)[N],(collectie)[N])[N]
herfstdag	((herfst)[N],(dag)[N])[N]
herfstdraad	((herfst)[N],(draad)[N])[N]
herfstig	((herfst)[N],(ig)[A|N.])[A]
herfstkampioen	((herfst)[N],(kampioen)[N])[N]
herfstkleur	((herfst)[N],(kleur)[N])[N]
herfstkleurig	(((herfst)[N],(kleur)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
herfstkou	((herfst)[N],(kou)[N])[N]
herfstlandschap	((herfst)[N],((land)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
herfstmaand	((herfst)[N],(maand)[N])[N]
herfstmiddag	((herfst)[N],(middag)[N])[N]
herfstmode	((herfst)[N],(mode)[N])[N]
herfstnacht	((herfst)[N],(nacht)[N])[N]
herfstnachtevening	((herfst)[N],(nachtevening)[N])[N]
herfstochtend	((herfst)[N],(ochtend)[N])[N]
herfstpunt	((herfst)[N],(punt)[N])[N]
herfstregen	((herfst)[N],(regen)[N])[N]
herfstsering	((herfst)[N],(sering)[N])[N]
herfstsonate	((herfst)[N],(sonate)[N])[N]
herfststilte	((herfst)[N],((stil)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
herfsttij	((herfst)[N],(tij)[N])[N]
herfsttijd	((herfst)[N],(tijd)[N])[N]
herfsttijloos	((herfst)[N],((tijd)[N],(loos)[N|N.])[N])[N]
herfsttint	((herfst)[N],(tint)[N])[N]
herfsttitel	((herfst)[N],(titel)[N])[N]
herfstvakantie	((herfst)[N],(vakantie)[N])[N]
herfstvlaag	((herfst)[N],(vlaag)[N])[N]
herfstwandeling	((herfst)[N],((wandel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
herfstweder	((herfst)[N],(weder)[N])[N]
herfstweer	((herfst)[N],(weer)[N])[N]
hergeboorte	((her)[N|.N],(geboorte)[N])[N]
hergebruik	((her)[N|.N],(gebruik)[N])[N]
hergeven	((her)[V|.V],(geef)[V])[V]
hergroeperen	((her)[V|.V],((groep)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
hergroepering	(((her)[V|.V],((groep)[N],(eer)[V|N.])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herhaalbaar	((herhaal)[V],(baar)[A|V.])[A]
herhaalbaarheid	(((herhaal)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
herhaling	((herhaal)[V],(ing)[N|V.])[N]
herhalingsconsult	(((herhaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(consult)[N])[N]
herhalingscursus	(((herhaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cursus)[N])[N]
herhalingsgetal	(((herhaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(getal)[N])[N]
herhalingsles	(((herhaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(les)[N])[N]
herhalingsoefening	(((herhaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
herhalingsonderwijs	(((herhaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(onderwijs)[N])[N]
herhalingsrecept	(((herhaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(recept)[N])[N]
herhalingsteken	(((herhaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
herhalingsweigeraar	(((herhaal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((weiger)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
herig	((heer)[N],(ig)[A|N.])[A]
herijk	((her)[N|.N],(ijk)[N])[N]
herijken	((her)[V|.V],(ijk)[V])[V]
herijking	(((her)[V|.V],(ijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herindelen	((her)[V|.V],((in)[P],(deel)[V])[V])[V]
herindeling	(((her)[V|.V],((in)[P],(deel)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herinnering	((herinner)[V],(ing)[N|V.])[N]
herinneringsbeeld	(((herinner)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
herinneringsvermogen	(((herinner)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
herinneringswereld	(((herinner)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
herinterpretatie	(((her)[V|.V],(interpreteer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
herinterpreteren	((her)[V|.V],(interpreteer)[V])[V]
herinventarisatie	((her)[N|.N],(((inventaris)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
herinvestering	((her)[N|.N],((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
herinvoering	((her)[N|.N],(((in)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
herkansen	((her)[V|.N],(kans)[N])[V]
herkansing	(((her)[V|.N],(kans)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
herkansingswedstrijd	((((her)[V|.N],(kans)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
herkapitalisatie	(((her)[V|.V],((kapitaal)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
herkapitaliseren	((her)[V|.V],((kapitaal)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V]
herkauwen	((her)[V|.V],(kauw)[V])[V]
herkauwer	(((her)[V|.V],(kauw)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
herkauwing	(((her)[V|.V],(kauw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herkenbaar	(((her)[V|.V],(ken)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
herkennen	((her)[V|.V],(ken)[V])[V]
herkenning	(((her)[V|.V],(ken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herkenningsdienst	((((her)[V|.V],(ken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
herkenningsmelodie	((((her)[V|.V],(ken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((melodisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
herkenningssignaal	((((her)[V|.V],(ken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(signaal)[N])[N]
herkenningsteken	((((her)[V|.V],(ken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
herkeuren	((her)[V|.V],(keur)[V])[V]
herkeuring	(((her)[V|.V],(keur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herkiesbaar	(((her)[V|.V],(kies)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
herkiesbaarheid	((((her)[V|.V],(kies)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
herkiezen	((her)[V|.V],(kies)[V])[V]
herkiezing	(((her)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herkomst	((her)[N|.Vx],(kom)[V],(st)[N|xV.])[N]
herkomstbenaming	(((her)[N|.Vx],(kom)[V],(st)[N|xV.])[N],((benaam)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
herkomstig	(((her)[N|.Vx],(kom)[V],(st)[N|xV.])[N],(ig)[A|N.])[A]
herkoop	((her)[N|.N],(koop)[N])[N]
herkrijgen	((her)[V|.V],(krijg)[V])[V]
herkrijging	(((her)[V|.V],(krijg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herladen	((her)[V|.V],(laad)[V])[V]
herleidbaar	((herleid)[V],(baar)[A|V.])[A]
herleiding	((herleid)[V],(ing)[N|V.])[N]
herleven	((her)[V|.V],(leef)[V])[V]
herleving	(((her)[V|.V],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herlezen	((her)[V|.V],(lees)[V])[V]
herlezing	(((her)[V|.V],(lees)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
hermandad	(hermandad)[N]
hermelijn	(hermelijn)[N]
hermelijnen	((hermelijn)[N],(en)[A|N.])[A]
hermelijnvlinder	((hermelijn)[N],(vlinder)[N])[N]
hermeneutiek	((hermeneutisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
hermesstaf	((Hermes)[N],(staf)[N])[N]
hermitage-museum	((hermitage)[N],(museum)[N])[N]
hermunten	((her)[V|.V],(munt)[V])[V]
hernemen	((her)[V|.V],(neem)[V])[V]
herneming	(((her)[V|.V],(neem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
hernia	(hernia)[N]
hernieuwen	((her)[V|.A],(nieuw)[A])[V]
hernieuwing	(((her)[V|.A],(nieuw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
herontginnen	((her)[V|.V],(ontgin)[V])[V]
heropenen	((her)[V|.A],(open)[A])[V]
heropening	(((her)[V|.A],(open)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
heropvoeding	((her)[N|.N],(((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
heroveren	((her)[V|.A],(over)[A])[V]
herovering	(((her)[V|.A],(over)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
heroverwegen	((her)[V|.V],((over)[P],(weeg)[V])[V])[V]
heroverweging	(((her)[V|.V],((over)[P],(weeg)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
heroverwegingsoperatie	((((her)[V|.V],((over)[P],(weeg)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
heroïek	((heroïsch)[A],(iek)[N|A.])[N]
heroïnedealer	((heroïne)[N],((deal)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
heroïnegif	((heroïne)[N],(gif)[N])[N]
heroïnehandel	((heroïne)[N],(handel)[N])[N]
heroïnehoer	((heroïne)[N],(hoer)[N])[N]
heroïnehond	((heroïne)[N],(hond)[N])[N]
heroïnejunkie	((heroïne)[N],(junkie)[N])[N]
heroïneprobleem	((heroïne)[N],(probleem)[N])[N]
herpakken	((her)[V|.V],(pak)[V])[V]
herpesinfectie	((herpes)[N],((infect)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
herpesvirus	((herpes)[N],(virus)[N])[N]
herplaatsen	((her)[V|.V],(plaats)[V])[V]
herplaatsing	(((her)[V|.V],(plaats)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herrekenen	((her)[V|.V],(reken)[V])[V]
herrekening	(((her)[V|.V],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herriemaker	((herrie)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
herrieschopper	((herrie)[N],(schop)[V],(er)[N|NV.])[N]
herrijzen	((her)[V|.V],(rijs)[V])[V]
herrijzenis	(((her)[V|.V],(rijs)[V])[V],(enis)[N|V.])[N]
herroepbaar	(((her)[V|.V],(roep)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
herroepelijk	(((her)[V|.V],(roep)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
herroepen	((her)[V|.V],(roep)[V])[V]
herroeping	(((her)[V|.V],(roep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herschatten	((her)[V|.V],(schat)[V])[V]
herschatting	(((her)[V|.V],(schat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herscheppen	((her)[V|.V],(schep)[V])[V]
herschepping	(((her)[V|.V],(schep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herschikken	((her)[V|.V],(schik)[V])[V]
herschikking	(((her)[V|.V],(schik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herscholen	((her)[V|.V],(school)[V])[V]
herscholing	(((her)[V|.V],(school)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herscholingsprogramma	((((her)[V|.V],(school)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
herschrijven	((her)[V|.V],(schrijf)[V])[V]
herschrijving	(((her)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
hersenaanhangsel	((hersen)[N],(((aan)[P],(hang)[V])[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
hersenarbeid	((hersen)[N],(arbeid)[N])[N]
hersenbloeding	((hersen)[N],((bloed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hersenbreker	((hersen)[N],(breek)[V],(er)[N|NV.])[N]
hersenbreuk	((hersen)[N],(breuk)[N])[N]
hersendood	((hersen)[N],(dood)[N])[N]
hersendruk	((hersen)[N],(druk)[N])[N]
hersenembolie	((hersen)[N],(embolie)[N])[N]
hersenemigratie	((hersen)[N],((emigreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
hersenen	(hersen)[N]
hersenfunctie	((hersen)[N],(functie)[N])[N]
hersenfunctiestoornis	(((hersen)[N],(functie)[N])[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
hersengebied	((hersen)[N],(gebied)[N])[N]
hersengroef	((hersen)[N],(groef)[N])[N]
hersengymnastiek	((hersen)[N],((gymnastisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
hersenhelft	((hersen)[N],(helft)[N])[N]
hersenholte	((hersen)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
hersenkamer	((hersen)[N],(kamer)[N])[N]
hersenklier	((hersen)[N],(klier)[N])[N]
hersenkronkel	((hersen)[N],(kronkel)[N])[N]
hersenkwab	((hersen)[N],(kwab)[N])[N]
hersenloos	((hersen)[N],(loos)[A|N.])[A]
hersenoedeem	((hersen)[N],(oedeem)[N])[N]
hersenontsteking	((hersen)[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
hersenpan	((hersen)[N],(pan)[N])[N]
hersens	(hersen)[N]
hersenschim	((hersen)[N],(schim)[N])[N]
hersenschimmig	(((hersen)[N],(schim)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
hersenschors	((hersen)[N],(schors)[N])[N]
hersenschudding	((hersen)[N],(schud)[V],(ing)[N|NV.])[N]
hersensclerose	((hersen)[N],(sclerose)[N])[N]
hersenspinsel	((hersen)[N],((spin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
hersenspoelen	((hersen)[N],(spoel)[V])[V]
hersenspoeling	(((hersen)[N],(spoel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
hersenspook	((hersen)[N],(spook)[N])[N]
hersenstam	((hersen)[N],(stam)[N])[N]
hersentumor	((hersen)[N],(tumor)[N])[N]
hersenvat	((hersen)[N],(vat)[N])[N]
hersenverweking	((hersen)[N],((ver)[V|.A],(week)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
hersenvlies	((hersen)[N],(vlies)[N])[N]
hersenvliesontsteking	(((hersen)[N],(vlies)[N])[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
hersenwaterzucht	((hersen)[N],((water)[N],(zucht)[N])[N])[N]
hersenwerk	((hersen)[N],(werk)[N])[N]
hersenwinding	((hersen)[N],((wind)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hersenzenuw	((hersen)[N],(zenuw)[N])[N]
hersenziekte	((hersen)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
hersmeden	((her)[V|.V],(smeed)[V])[V]
herspellen	((her)[V|.V],(spel)[V])[V]
herstelbaar	((herstel)[V],(baar)[A|V.])[A]
herstelbetaling	((herstel)[V],((betaal)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
herstelgarnituur	((herstel)[V],(garnituur)[N])[N]
hersteller	((herstel)[V],(er)[N|V.])[N]
herstelling	((herstel)[V],(ing)[N|V.])[N]
herstellingsoord	(((herstel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(oord)[N])[N]
herstellingsteken	(((herstel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
herstellingsvermogen	(((herstel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
herstellingswerk	(((herstel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
herstelplan	((herstel)[N],(plan)[N])[N]
herstelprogramma	((herstel)[N],(programma)[N])[N]
herstelwerkzaamheden	((herstel)[V],(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
herstemmen	((her)[V|.V],(stem)[V])[V]
herstemming	(((her)[V|.V],(stem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herstructureren	((her)[V|.V],((structuur)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
herstructurering	(((her)[V|.V],((structuur)[N],(eer)[V|N.])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
hert	(hert)[N]
hertaxatie	((her)[N|.N],((taxeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
herteleer	((hert)[N],(e)[N|N.N],(leer)[N])[N]
hertellen	((her)[V|.V],(tel)[V])[V]
hertenbeest	((hert)[N],(e)[N|N.N],(beest)[N])[N]
hertenbout	((hert)[N],(e)[N|N.N],(bout)[N])[N]
hertengewei	((hert)[N],(e)[N|N.N],(gewei)[N])[N]
hertenhuid	((hert)[N],(e)[N|N.N],(huid)[N])[N]
hertenjacht	((hert)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
hertenkamp	((hert)[N],(en)[N|N.N],(kamp)[N])[N]
hertenkop	((hert)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
hertenleder	((hert)[N],(e)[N|N.N],(leder)[N])[N]
hertenpaard	((hert)[N],(e)[N|N.N],(paard)[N])[N]
hertenpad	((hert)[N],(e)[N|N.N],(pad)[N])[N]
hertenpastei	((hert)[N],(e)[N|N.N],(pastei)[N])[N]
hertenvlees	((hert)[N],(e)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
hertetruffel	((hert)[N],(e)[N|N.N],(truffel)[N])[N]
hertezwam	((hert)[N],(e)[N|N.N],(zwam)[N])[N]
hertog	(hertog)[N]
hertogdom	((hertog)[N],(dom)[N|N.])[N]
hertogelijk	((hertog)[N],(elijk)[A|N.])[A]
hertogin	((hertog)[N],(in)[N|N.])[N]
hertoginnenkroon	(((hertog)[N],(in)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(kroon)[N])[N]
hertogskroon	((hertog)[N],(s)[N|N.N],(kroon)[N])[N]
hertrouw	((her)[N|.N],(trouw)[N])[N]
hertrouwen	((her)[V|.A],(trouw)[A])[V]
hertshooi	((hert)[N],(s)[N|N.N],(hooi)[N])[N]
hertshoorn	((hert)[N],(s)[N|N.N],(hoorn)[N])[N]
hertshoornen	(((hert)[N],(s)[N|N.N],(hoorn)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
hertshoornvaren	(((hert)[N],(s)[N|N.N],(hoorn)[N])[N],(varen)[N])[N]
hertshoornweegbree	(((hert)[N],(s)[N|N.N],(hoorn)[N])[N],(weegbree)[N])[N]
hertshoren	((hert)[N],(s)[N|N.N],(horen)[N])[N]
hertsleder	((hert)[N],(s)[N|N.N],(leder)[N])[N]
hertsleer	((hert)[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
hertsleren	(((hert)[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
hertstong	((hert)[N],(s)[N|N.N],(tong)[N])[N]
hertz	(hertz)[N]
hertzgolf	((hertz)[N],(golf)[N])[N]
hertzwijn	((hert)[N],(zwijn)[N])[N]
heruitbrengen	((her)[V|.V],((uit)[P],(breng)[V])[V])[V]
heruitgave	((her)[N|.N],(uitgave)[N])[N]
heruitrusting	((her)[N|.N],(((uit)[P],(rust)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
heruitvoer	((her)[N|.N],(uitvoer)[N])[N]
heruitvoering	((her)[N|.N],(((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
heruitzenden	((her)[V|.V],((uit)[P],(zend)[V])[V])[V]
heruitzending	(((her)[V|.V],((uit)[P],(zend)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
hervaccinatie	((her)[N|.N],(((vaccin)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
hervallen	((her)[V|.V],(val)[V])[V]
hervatten	((her)[V|.V],(vat)[V])[V]
hervatting	(((her)[V|.V],(vat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herverdeling	((her)[N|.N],(((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
herverdelingsproces	(((her)[N|.N],(((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
herverfransing	((her)[N|.N],(((ver)[V|.A],(Frans)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
herverkavelen	((her)[V|.V],((ver)[V|.V],(kavel)[V])[V])[V]
herverkaveling	(((her)[V|.V],((ver)[V|.V],(kavel)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herverkoop	((her)[N|.N],(verkoop)[N])[N]
herverzekeren	((her)[V|.V],((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V])[V]
herverzekering	(((her)[V|.V],((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herverzekeringsmaatschappij	((((her)[V|.V],((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
herverzekeringspremie	((((her)[V|.V],((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(premie)[N])[N]
hervinden	((her)[V|.V],(vind)[V])[V]
hervormen	((her)[V|.V],(vorm)[V])[V]
hervormer	(((her)[V|.V],(vorm)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
hervorming	(((her)[V|.V],(vorm)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
hervormingsbeweging	((((her)[V|.V],(vorm)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hervormingsgezind	((((her)[V|.V],(vorm)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(gezind)[A])[A]
hervormingsmaatregel	((((her)[V|.V],(vorm)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
hervormingspartij	((((her)[V|.V],(vorm)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(partij)[N])[N]
hervormingsplan	((((her)[V|.V],(vorm)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plan)[N])[N]
hervormingstijd	((((her)[V|.V],(vorm)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
hervormingszin	((((her)[V|.V],(vorm)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zin)[N])[N]
herwaarderen	((her)[V|.V],((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
herwaardering	(((her)[V|.V],((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
herweging	((her)[N|.N],((weeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
herwinnen	((her)[V|.V],(win)[V])[V]
herwissel	((her)[N|.N],(wissel)[N])[N]
herzeggen	((her)[V|.V],(zeg)[V])[V]
herziening	((herzie)[V],(ing)[N|V.])[N]
herzieningscommissie	(((herzie)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
hes	(hes)[N]
hesp	(hesp)[N]
hespenbeen	((hesp)[N],(e)[N|N.N],(been)[N])[N]
het-woord	((het)[D],(woord)[N])[N]
heteluchtballon	((heet)[A],(e)[N|A.N],((lucht)[N],(ballon)[N])[N])[N]
heteluchtkachel	((heet)[A],(e)[N|A.NN],(lucht)[N],(kachel)[N])[N]
heteluchtkanon	((heet)[A],(e)[N|A.NN],(lucht)[N],(kanon)[N])[N]
heteluchtmotor	((heet)[A],(e)[N|A.NN],(lucht)[N],(motor)[N])[N]
heteluchtoven	((heet)[A],(e)[N|A.NN],(lucht)[N],(oven)[N])[N]
heteluchtverwarming	((heet)[A],(e)[N|A.NN],(lucht)[N],(((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
heten	(heet)[V]
heteroagressie	((hetero)[N],(agressie)[N])[N]
heterodoxie	((heterodox)[A],(ie)[N|A.])[N]
heterofilie	((heterofiel)[A],(ie)[N|A.])[N]
heterogenesis	((hetero)[N|.N],(genesis)[N])[N]
heterogeniteit	((heterogeen)[A],(iteit)[N|A.])[N]
heteronomie	((heteronoom)[A],(ie)[N|A.])[N]
heteroseksualiteit	((hetero)[N|.N],(((seks)[N],(ueel)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
heteroseksueel	((hetero)[A|.A],((seks)[N],(ueel)[A|N.])[A])[A]
heterosyllabisch	((hetero)[A|.A],((syllabe)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
hetze	(hetze)[N]
heug	(heug)[N]
heugelhaak	((heugel)[N],(haak)[N])[N]
heugen	(heug)[V]
heugenis	((heug)[V],(enis)[N|V.])[N]
heuglijk	((heug)[V],(lijk)[A|V.])[A]
heul	(heul)[N]
heulbol	((heul)[N],(bol)[N])[N]
heulen	(heul)[V]
heulsap	((heul)[N],(sap)[N])[N]
heulzaad	((heul)[N],(zaad)[N])[N]
heup	(heup)[N]
heupbeen	((heup)[N],(been)[N])[N]
heupbroek	((heup)[N],(broek)[N])[N]
heupdysplasie	((heup)[N],(dysplasie)[N])[N]
heupflacon	((heup)[N],(flacon)[N])[N]
heupfles	((heup)[N],(fles)[N])[N]
heupfractuur	((heup)[N],(fractuur)[N])[N]
heupgewricht	((heup)[N],(gewricht)[N])[N]
heupgordel	((heup)[N],(gordel)[N])[N]
heuphoogte	((heup)[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
heupjicht	((heup)[N],(jicht)[N])[N]
heupwiegen	((heup)[N],(wieg)[V])[V]
heupwijdte	((heup)[N],((wijd)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
heupzenuw	((heup)[N],(zenuw)[N])[N]
heupzwaai	((heup)[N],(zwaai)[N])[N]
heuristiek	((heuristisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
heus	(heus)[A]
heusheid	((heus)[A],(heid)[N|A.])[N]
heuvel	(heuvel)[N]
heuvelachtig	((heuvel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
heuvelafwaarts	((heuvel)[N],((af)[P],(waarts)[A|P.])[A])[A]
heuvelig	((heuvel)[N],(ig)[A|N.])[A]
heuvelkam	((heuvel)[N],(kam)[N])[N]
heuvelland	((heuvel)[N],(land)[N])[N]
heuvelopwaarts	((heuvel)[N],((op)[P],(waarts)[A|P.])[A])[A]
heuvelrand	((heuvel)[N],(rand)[N])[N]
heuvelrug	((heuvel)[N],(rug)[N])[N]
heuveltop	((heuvel)[N],(top)[N])[N]
hevea	(hevea)[N]
hevearubber	((hevea)[N],(rubber)[N])[N]
hevel	(hevel)[N]
hevelbarometer	((hevel)[N],((baro)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
hevelen	(hevel)[V]
hevelpomp	((hevel)[V],(pomp)[N])[N]
hevigheid	((hevig)[A],(heid)[N|A.])[N]
hexagonaal	((hexagoon)[N],(aal)[A|N.])[A]
hidalgo	(hidalgo)[N]
hiel	(hiel)[N]
hielband	((hiel)[N],(band)[N])[N]
hielbeen	((hiel)[N],(been)[N])[N]
hielen	(hiel)[V]
hielenlikker	((hiel)[N],(en)[N|N.Vx],(lik)[V],(er)[N|NxV.])[N]
hielenlikster	((hiel)[N],(en)[N|N.Vx],(lik)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
hielingplaat	((hieling)[N],(plaat)[N])[N]
hielriem	((hiel)[N],(riem)[N])[N]
hierzijn	((hier)[B],(zijn)[N])[N]
hieuwen	(hieuw)[V]
hifi-installatie	((hi-fi)[A],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
high	(high)[A]
hij	(hij)[N]
hij-figuur	((hij)[N],(figuur)[N])[N]
hijgen	(hijg)[V]
hijger	((hijg)[V],(er)[N|V.])[N]
hijgerig	((hijg)[V],(erig)[A|V.])[A]
hijglijn	((hijg)[V],(lijn)[N])[N]
hijs	(hijs)[N]
hijsbalk	((hijs)[V],(balk)[N])[N]
hijsblok	((hijs)[V],(blok)[N])[N]
hijscapaciteit	((hijs)[V],(capaciteit)[N])[N]
hijsen	(hijs)[V]
hijskraan	((hijs)[V],(kraan)[N])[N]
hijslier	((hijs)[V],(lier)[N])[N]
hijstoestel	((hijs)[V],(toestel)[N])[N]
hijstouw	((hijs)[V],(touw)[N])[N]
hijsvermogen	((hijs)[V],(vermogen)[N])[N]
hijsvloer	((hijs)[V],(vloer)[N])[N]
hijswerktuig	((hijs)[V],((werk)[V],(tuig)[N])[N])[N]
hik	(hik)[N]
hikken	(hik)[V]
hikkerig	((hik)[V],(erig)[A|V.])[A]
hinde	(hinde)[N]
hindenkalf	((hinde)[N],(kalf)[N])[N]
hinder	(hinder)[N]
hinderen	(hinder)[V]
hinderlijk	((hinder)[V],(lijk)[A|V.])[A]
hinderlijkheid	(((hinder)[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hindernis	((hinder)[V],(nis)[N|V.])[N]
hindernisbaan	(((hinder)[V],(nis)[N|V.])[N],(baan)[N])[N]
hindernisloop	(((hinder)[V],(nis)[N|V.])[N],(loop)[N])[N]
hinderpaal	((hinder)[V],(paal)[N])[N]
hinderwet	((hinder)[N],(wet)[N])[N]
hindoe	(hindoe)[N]
hinkbaan	((hink)[V],(baan)[N])[N]
hinkebaan	((hink)[V],(e)[N|V.N],(baan)[N])[N]
hinkelaar	((hinkel)[V],(aar)[N|V.])[N]
hinkelaarster	(((hinkel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
hinkelbaan	((hinkel)[V],(baan)[N])[N]
hinkelberd	((hinkel)[V],(berd)[N])[N]
hinkelblokje	((hinkel)[V],(blok)[N])[N]
hinkeldepink	((hinkel)[V],(de)[N|V.N],(pink)[N])[N]
hinkelen	(hinkel)[V]
hinkelepink	((hinkel)[V],(e)[N|V.N],(pink)[N])[N]
hinkelspel	((hinkel)[V],(spel)[N])[N]
hinken	(hink)[V]
hinkepink	((hink)[V],(e)[N|V.N],(pink)[N])[N]
hinkepoot	((hink)[V],(e)[N|V.N],(poot)[N])[N]
hinkperk	((hink)[V],(perk)[N])[N]
hinkspel	((hink)[V],(spel)[N])[N]
hinniken	(hinnik)[V]
hint	(hint)[N]
hinten	(hint)[V]
hip	(hip)[N]
hippel	(hippel)[N]
hippelen	(hippel)[V]
hippen	(hip)[V]
histodiagnose	((histo)[N|.N],(diagnose)[N])[N]
histodiagnosis	((histo)[N|.N],(diagnosis)[N])[N]
histologie	((histologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
histopathologie	((histo)[N|.N],((pathologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
historiciteit	((historisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N]
historie	((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
historiebeeld	(((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(beeld)[N])[N]
historiebijbel	(((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(bijbel)[N])[N]
historieprent	(((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(prent)[N])[N]
historieschilder	(((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(schilder)[N])[N]
historieschrijver	(((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(schrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
historiestuk	(((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(stuk)[N])[N]
historiografie	((historiografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
historiseren	(((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(iseer)[V|N.])[V]
hit	(hit)[N]
hitgevoelig	((hit)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|NN.])[A]
hitsen	(hits)[V]
hitsigheid	((hitsig)[A],(heid)[N|A.])[N]
hittebarrière	((hitte)[N],(barrière)[N])[N]
hitteberoerte	((hitte)[N],(beroerte)[N])[N]
hittebestendig	((hitte)[N],(bestendig)[A])[A]
hittebron	((hitte)[N],(bron)[N])[N]
hittedag	((hitte)[N],(dag)[N])[N]
hittedraadmeter	((hitte)[N],(draad)[N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hittegolf	((hitte)[N],(golf)[N])[N]
hittepuistjes	((hitte)[N],(puist)[N])[N]
hitteschild	((hitte)[N],(schild)[N])[N]
hittestraling	((hitte)[N],((straal)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hittewagen	((hitte)[N],(wagen)[N])[N]
hiërarchie	((hiërarchisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
hiëroglifisch	((hiëroglief)[N],(isch)[A|N.])[A]
hiëroglyfisch	((hiëroglyfe)[N],(isch)[A|N.])[A]
hobbel	(hobbel)[N]
hobbelaar	((hobbel)[V],(aar)[N|V.])[N]
hobbelaarster	(((hobbel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
hobbelachtig	((hobbel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
hobbelen	(hobbel)[V]
hobbelig	((hobbel)[N],(ig)[A|N.])[A]
hobbeligheid	(((hobbel)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hobbeling	((hobbel)[V],(ing)[N|V.])[N]
hobbelpaard	((hobbel)[V],(paard)[N])[N]
hobbelschuit	((hobbel)[V],(schuit)[N])[N]
hobbelstoel	((hobbel)[V],(stoel)[N])[N]
hobbelweg	((hobbel)[N],(weg)[N])[N]
hobbezakjurk	((hobbezak)[N],(jurk)[N])[N]
hobbezakkerig	((hobbezak)[N],(erig)[A|N.])[A]
hobbezakkig	((hobbezak)[N],(ig)[A|N.])[A]
hobbyblad	((hobby)[N],(blad)[N])[N]
hobbycomputer	((hobby)[N],(computer)[N])[N]
hobbyist	((hobby)[N],(ist)[N|N.])[N]
hobbyruimte	((hobby)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
hobo	(hobo)[N]
hoboïst	((hobo)[N],(ist)[N|N.])[N]
hockeybal	((hockey)[N],(bal)[N])[N]
hockeyclub	((hockey)[N],(club)[N])[N]
hockeyelftal	((hockey)[N],((elf)[N],(tal)[N])[N])[N]
hockeyer	((hockey)[V],(er)[N|V.])[N]
hockeyspel	((hockey)[N],(spel)[N])[N]
hockeyster	((hockey)[V],(ster)[N|V.])[N]
hockeystick	((hockey)[V],(stick)[N])[N]
hockeywedstrijd	((hockey)[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
hoed	(hoed)[N]
hoedanigheid	((hoedanig)[O],(heid)[N|O.])[N]
hoeden	(hoed)[V]
hoedenatelier	((hoed)[N],(en)[N|N.N],(atelier)[N])[N]
hoedenbol	((hoed)[N],(en)[N|N.N],(bol)[N])[N]
hoedenborstel	((hoed)[N],(en)[N|N.N],(borstel)[N])[N]
hoedendoos	((hoed)[N],(en)[N|N.N],(doos)[N])[N]
hoedenfabriek	((hoed)[N],(en)[N|N.N],(fabriek)[N])[N]
hoedenlint	((hoed)[N],(en)[N|N.N],(lint)[N])[N]
hoedenmaakster	((hoed)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
hoedenmaker	((hoed)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
hoedenpen	((hoed)[N],(en)[N|N.N],(pen)[N])[N]
hoedenplank	((hoed)[N],(en)[N|N.N],(plank)[N])[N]
hoedenspeld	((hoed)[N],(en)[N|N.N],(speld)[N])[N]
hoedenvilt	((hoed)[N],(en)[N|N.N],(vilt)[N])[N]
hoedenwinkel	((hoed)[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
hoeder	((hoed)[V],(er)[N|V.])[N]
hoedkwal	((hoed)[N],(kwal)[N])[N]
hoedslak	((hoed)[N],(slak)[N])[N]
hoedslang	((hoed)[N],(slang)[N])[N]
hoedster	((hoed)[V],(ster)[N|V.])[N]
hoef	(hoef)[N]
hoefachtig	((hoef)[N],(achtig)[A|N.])[A]
hoefbeen	((hoef)[N],(been)[N])[N]
hoefbeslag	((hoef)[N],(beslag)[N])[N]
hoefblad	((hoef)[N],(blad)[N])[N]
hoefbuffer	((hoef)[N],(buffer)[N])[N]
hoefdier	((hoef)[N],(dier)[N])[N]
hoefgetrappel	((hoef)[N],((ge)[N|.V],(trappel)[V])[N])[N]
hoefhamer	((hoef)[N],(hamer)[N])[N]
hoefijzer	((hoef)[N],(ijzer)[N])[N]
hoefijzermagneet	(((hoef)[N],(ijzer)[N])[N],(magneet)[N])[N]
hoefijzernier	(((hoef)[N],(ijzer)[N])[N],(nier)[N])[N]
hoefijzervormig	(((hoef)[N],(ijzer)[N])[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
hoefkanker	((hoef)[N],(kanker)[N])[N]
hoefkrabber	((hoef)[N],(krab)[V],(er)[N|NV.])[N]
hoefkruid	((hoef)[N],(kruid)[N])[N]
hoefmagneet	((hoef)[N],(magneet)[N])[N]
hoefmes	((hoef)[N],(mes)[N])[N]
hoefnagel	((hoef)[N],(nagel)[N])[N]
hoefslag	((hoef)[N],(slag)[N])[N]
hoefsmederij	((hoef)[N],(smeed)[V],(erij)[N|NV.])[N]
hoefsmid	((hoef)[N],(smid)[N])[N]
hoefstal	((hoef)[N],(stal)[N])[N]
hoefstempel	((hoef)[N],(stempel)[N])[N]
hoeftang	((hoef)[N],(tang)[N])[N]
hoefzool	((hoef)[N],(zool)[N])[N]
hoegrootheid	((hoe)[B],((groot)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
hoek	(hoek)[N]
hoekbal	((hoek)[N],(bal)[N])[N]
hoekbalk	((hoek)[N],(balk)[N])[N]
hoekband	((hoek)[N],(band)[N])[N]
hoekbank	((hoek)[N],(bank)[N])[N]
hoekbeschermer	((hoek)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
hoekbeslag	((hoek)[N],(beslag)[N])[N]
hoekboor	((hoek)[N],(boor)[N])[N]
hoekboot	((hoek)[N],(boot)[N])[N]
hoekbuffet	((hoek)[N],(buffet)[N])[N]
hoekdeel	((hoek)[N],(deel)[N])[N]
hoekdeellijn	((hoek)[N],((deel)[V],(lijn)[N])[N])[N]
hoekdek	((hoek)[N],(dek)[N])[N]
hoeken	(hoek)[V]
hoeker	((hoek)[N],(er)[N|N.])[N]
hoekerker	((hoek)[N],(erker)[N])[N]
hoekfrequentie	((hoek)[N],((frequent)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
hoekgraad	((hoek)[N],(graad)[N])[N]
hoekhaard	((hoek)[N],(haard)[N])[N]
hoekhuis	((hoek)[N],(huis)[N])[N]
hoekig	((hoek)[N],(ig)[A|N.])[A]
hoekigheid	(((hoek)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hoekijzer	((hoek)[N],(ijzer)[N])[N]
hoekkamer	((hoek)[N],(kamer)[N])[N]
hoekkast	((hoek)[N],(kast)[N])[N]
hoekkeper	((hoek)[N],(keper)[N])[N]
hoekkeperspant	(((hoek)[N],(keper)[N])[N],(spant)[N])[N]
hoeklijn	((hoek)[N],(lijn)[N])[N]
hoekman	((hoek)[N],(man)[N])[N]
hoekmeetinstrument	((hoek)[N],(meet)[V],(instrument)[N])[N]
hoekmeter	((hoek)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
hoekmeting	((hoek)[N],(meet)[V],(ing)[N|NV.])[N]
hoekmuur	((hoek)[N],(muur)[N])[N]
hoeknaad	((hoek)[N],(naad)[N])[N]
hoeknippel	((hoek)[N],(nippel)[N])[N]
hoekpaal	((hoek)[N],(paal)[N])[N]
hoekpand	((hoek)[N],(pand)[N])[N]
hoekpilaar	((hoek)[N],(pilaar)[N])[N]
hoekplaat	((hoek)[N],(plaat)[N])[N]
hoekplaats	((hoek)[N],(plaats)[N])[N]
hoekpost	((hoek)[N],(post)[N])[N]
hoekprisma	((hoek)[N],(prisma)[N])[N]
hoekprofiel	((hoek)[N],(profiel)[N])[N]
hoekpunt	((hoek)[N],(punt)[N])[N]
hoeks	((hoek)[N],(s)[A|N.])[A]
hoekschoorsteen	((hoek)[N],((schoor)[V],(steen)[N])[N])[N]
hoekschop	((hoek)[N],(schop)[N])[N]
hoeksein	((hoek)[N],(sein)[N])[N]
hoeksgewijs	((hoek)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
hoekslag	((hoek)[N],(slag)[N])[N]
hoeksnelheid	((hoek)[N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
hoeksofa	((hoek)[N],(sofa)[N])[N]
hoekspiegel	((hoek)[N],(spiegel)[N])[N]
hoekstaal	((hoek)[N],(staal)[N])[N]
hoeksteek	((hoek)[N],(steek)[N])[N]
hoeksteen	((hoek)[N],(steen)[N])[N]
hoeksteun	((hoek)[N],(steun)[N])[N]
hoekstijl	((hoek)[N],(stijl)[N])[N]
hoekstoel	((hoek)[N],(stoel)[N])[N]
hoekstoot	((hoek)[N],(stoot)[N])[N]
hoekstop	((hoek)[N],(stop)[N])[N]
hoektand	((hoek)[N],(tand)[N])[N]
hoektoren	((hoek)[N],(toren)[N])[N]
hoektransporteur	((hoek)[N],((transport)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|NV.])[N]
hoekverbinding	((hoek)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hoekversnelling	((hoek)[N],(((ver)[V|.A],(snel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hoekvisserij	((hoek)[V],((vis)[V],(erij)[N|V.])[N])[N]
hoekvlag	((hoek)[N],(vlag)[N])[N]
hoekwant	((hoek)[N],(want)[N])[N]
hoekwoning	((hoek)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hoekworp	((hoek)[N],(worp)[N])[N]
hoekzak	((hoek)[N],(zak)[N])[N]
hoelahoep	((hoela)[N],(hoep)[N])[N]
hoelameisje	((hoela)[N],(meisje)[N])[N]
hoempamuziek	((hoempa)[N],(muziek)[N])[N]
hoempaorkest	((hoempa)[N],(orkest)[N])[N]
hoen	(hoen)[N]
hoenderachtig	((hoender)[N],(achtig)[A|N.])[A]
hoenderachtigen	((hoen)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
hoenderbeet	((hoender)[N],(beet)[N])[N]
hoenderdief	((hoender)[N],(dief)[N])[N]
hoenderei	((hoender)[N],(ei)[N])[N]
hoenderfokkerij	((hoender)[N],(fok)[V],(erij)[N|NV.])[N]
hoenderhof	((hoender)[N],(hof)[N])[N]
hoenderhok	((hoender)[N],(hok)[N])[N]
hoenderhond	((hoender)[N],(hond)[N])[N]
hoenderkwekerij	((hoender)[N],(kweek)[V],(erij)[N|NV.])[N]
hoendermaag	((hoender)[N],(maag)[N])[N]
hoendermarkt	((hoender)[N],(markt)[N])[N]
hoendermelk	((hoender)[N],(melk)[N])[N]
hoendermelker	((hoender)[N],((melk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hoendermelkster	((hoen)[N],(der)[N|N.Vx],(melk)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
hoendermest	((hoender)[N],(mest)[N])[N]
hoenderpark	((hoender)[N],(park)[N])[N]
hoenderpest	((hoender)[N],(pest)[N])[N]
hoenderras	((hoender)[N],(ras)[N])[N]
hoenderrek	((hoender)[N],(rek)[N])[N]
hoenderstok	((hoender)[N],(stok)[N])[N]
hoenderteelt	((hoender)[N],(teelt)[N])[N]
hoep	(hoep)[N]
hoepel	(hoepel)[N]
hoepelbenen	((hoepel)[N],(been)[N])[N]
hoepelen	(hoepel)[V]
hoepelhout	((hoepel)[N],(hout)[N])[N]
hoepelmaker	((hoepel)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
hoepelmakerij	((hoepel)[N],(maak)[V],(erij)[N|NV.])[N]
hoepelrok	((hoepel)[N],(rok)[N])[N]
hoepelstok	((hoepel)[V],(stok)[N])[N]
hoephout	((hoep)[N],(hout)[N])[N]
hoepmaker	((hoep)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
hoepmakerij	(((hoep)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N],(ij)[N])[N]
hoepnet	((hoep)[N],(net)[N])[N]
hoepring	((hoep)[N],(ring)[N])[N]
hoer	(hoer)[N]
hoerachtig	((hoer)[N],(achtig)[A|N.])[A]
hoerageroep	((hoera)[I],((ge)[N|.V],(roep)[V])[N])[N]
hoerastemming	((hoera)[N],((stem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hoeratenen	((hoera)[N],(teen)[N])[N]
hoereerder	(((hoer)[N],(eer)[V|N.])[V],(der)[N|V.])[N]
hoeren	(hoer)[V]
hoerenbaas	((hoer)[N],(en)[N|N.N],(baas)[N])[N]
hoerenboel	((hoer)[N],(en)[N|N.N],(boel)[N])[N]
hoerendochter	((hoer)[N],(en)[N|N.N],(dochter)[N])[N]
hoerenhuis	((hoer)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
hoerenjager	((hoer)[N],(en)[N|N.Vx],(jaag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
hoerenjong	((hoer)[N],(en)[N|N.N],(jong)[N])[N]
hoerenkast	((hoer)[N],(en)[N|N.N],(kast)[N])[N]
hoerenkind	((hoer)[N],(en)[N|N.N],(kind)[N])[N]
hoerenkot	((hoer)[N],(en)[N|N.N],(kot)[N])[N]
hoerenloon	((hoer)[N],(en)[N|N.N],(loon)[N])[N]
hoerenloper	((hoer)[N],(en)[N|N.Vx],(loop)[V],(er)[N|NxV.])[N]
hoerenmadam	((hoer)[N],(en)[N|N.N],(madam)[N])[N]
hoerentent	((hoer)[N],(en)[N|N.N],(tent)[N])[N]
hoerenwaard	((hoer)[N],(en)[N|N.N],(waard)[N])[N]
hoerenwaardin	(((hoer)[N],(en)[N|N.N],(waard)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
hoerenzoon	((hoer)[N],(en)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
hoereren	((hoer)[N],(eer)[V|N.])[V]
hoererij	((hoer)[N],(erij)[N|N.])[N]
hoerig	((hoer)[N],(ig)[A|N.])[A]
hoerigheid	(((hoer)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hoes	(hoes)[N]
hoeslaken	((hoes)[N],(laken)[N])[N]
hoest	(hoest)[N]
hoestballetje	((hoest)[N],(bal)[N])[N]
hoestbonbon	((hoest)[N],(bonbon)[N])[N]
hoestbui	((hoest)[N],(bui)[N])[N]
hoestdrank	((hoest)[N],(drank)[N])[N]
hoestdruppels	((hoest)[V],(druppel)[N])[N]
hoestekst	((hoes)[N],(tekst)[N])[N]
hoesten	(hoest)[V]
hoestmiddel	((hoest)[N],(middel)[N])[N]
hoestpastille	((hoest)[N],(pastille)[N])[N]
hoestpoeder	((hoest)[V],(poeder)[N])[N]
hoestpoeier	((hoest)[V],(poeier)[N])[N]
hoestprikkel	((hoest)[V],(prikkel)[N])[N]
hoeststillend	((hoest)[N],(stil)[V],(end)[A|NV.])[A]
hoesttablet	((hoest)[N],(tablet)[N])[N]
hoetelaar	((hoetel)[V],(aar)[N|V.])[N]
hoeveel	((hoeveel)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
hoeven	(hoef)[V]
hof	(hof)[N]
hofambt	((hof)[N],(ambt)[N])[N]
hofarts	((hof)[N],(arts)[N])[N]
hofauto	((hof)[N],(auto)[N])[N]
hofbal	((hof)[N],(bal)[N])[N]
hofceremonieel	((hof)[N],((ceremonie)[N],(ieel)[N|N.])[N])[N]
hofdame	((hof)[N],(dame)[N])[N]
hofdignitaris	((hof)[N],(dignitaris)[N])[N]
hofetiquette	((hof)[N],(etiquette)[N])[N]
hoffelijk	((hof)[N],(elijk)[A|N.])[A]
hoffelijkheid	(((hof)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hofgebruik	((hof)[N],(gebruik)[N])[N]
hofhond	((hof)[N],(hond)[N])[N]
hofhorig	((hof)[N],(horig)[A])[A]
hofhorigheid	(((hof)[N],(horig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
hofjachtmeester	((hof)[N],(jacht)[N],(meester)[N])[N]
hofjesjuffrouw	((hof)[N],(s)[N|N.N],(juffrouw)[N])[N]
hofjonker	((hof)[N],(jonker)[N])[N]
hofkapel	((hof)[N],(kapel)[N])[N]
hofkapelaan	((hof)[N],(kapelaan)[N])[N]
hofkoets	((hof)[N],(koets)[N])[N]
hofkomijn	((hof)[N],(komijn)[N])[N]
hofkring	((hof)[N],(kring)[N])[N]
hofkroniek	((hof)[N],((kronisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
hofleven	((hof)[N],(leven)[N])[N]
hofleverancier	((hof)[N],(leverancier)[N])[N]
hofmaarschalk	((hof)[N],(maarschalk)[N])[N]
hofmeester	((hof)[N],(meester)[N])[N]
hofmeesteres	(((hof)[N],(meester)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
hofmeier	((hof)[N],(meier)[N])[N]
hofnar	((hof)[N],(nar)[N])[N]
hofpartij	((hof)[N],(partij)[N])[N]
hofprediker	((hof)[N],((predik)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hofrijtuig	((hof)[N],((rijd)[V],(tuig)[N])[N])[N]
hofrouw	((hof)[N],(rouw)[N])[N]
hofstad	((hof)[N],(stad)[N])[N]
hofstede	((hof)[N],(stede)[N])[N]
hofstee	((hof)[N],(stee)[N])[N]
hofstijl	((hof)[N],(stijl)[N])[N]
hofstippel	((hof)[N],((stip)[N],(el)[N|N.])[N])[N]
hofstoet	((hof)[N],(stoet)[N])[N]
hoftaal	((hof)[N],(taal)[N])[N]
hofwereld	((hof)[N],(wereld)[N])[N]
hogedrukcilinder	((hoog)[A],(e)[N|A.NN],(druk)[N],(cilinder)[N])[N]
hogedrukgebied	((hoog)[A],(e)[N|A.NN],(druk)[N],(gebied)[N])[N]
hogedrukpan	((hoog)[A],(e)[N|A.NN],(druk)[N],(pan)[N])[N]
hogedrukspuit	((hoog)[A],(e)[N|A.NN],(druk)[N],(spuit)[N])[N]
hogen	(hoog)[V]
hogepriester	((hoog)[A],(e)[N|A.N],(priester)[N])[N]
hogepriesterlijk	(((hoog)[A],(e)[N|A.N],(priester)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A]
hogepriesterschap	(((hoog)[A],(e)[N|A.N],(priester)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
hogereburgerschool	((hoger)[A],(e)[N|A.NN],(burger)[N],(school)[N])[N]
hogereind	((hoger)[A],(eind)[N])[N]
hogereinde	((hoger)[A],(einde)[N])[N]
hogeremachtsvergelijking	((hoger)[A],(e)[N|A.NxN],(macht)[N],(s)[N|AxN.N],(((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hogerhand	((hoger)[A],(hand)[N])[N]
hogerwal	((hoger)[A],(wal)[N])[N]
hogeschool	((hoog)[A],(e)[N|A.N],(school)[N])[N]
hogeschoolraad	(((hoog)[A],(e)[N|A.N],(school)[N])[N],(raad)[N])[N]
hogeschoolrijden	(((hoog)[A],(e)[N|A.N],(school)[N])[N],(rijd)[V])[V]
hoging	((hoog)[V],(ing)[N|V.])[N]
hokduif	((hok)[N],(duif)[N])[N]
hokjesgeest	((hokje)[N],(s)[N|N.N],(geest)[N])[N]
hokjesmentaliteit	((hokje)[N],(s)[N|N.N],((mentaal)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
hokjespeul	((hokje)[N],(s)[N|N.N],(peul)[N])[N]
hokkeling	((hok)[N],(eling)[N|N.])[N]
hokken	(hok)[V]
hokkerig	((hok)[N],(erig)[A|N.])[A]
hokkig	((hok)[N],(ig)[A|N.])[A]
hokschaap	((hok)[N],(schaap)[N])[N]
hokvast	((hok)[N],(vast)[A])[A]
hol	(hol)[N]
holbank	((hol)[N],(bank)[N])[N]
holbeitel	((hol)[A],(beitel)[N])[N]
holbewoner	((hol)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
holbewoonster	((hol)[A],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(ster)[N|AV.])[N]
holbol	((hol)[A],(bol)[A])[A]
holbroeder	((hol)[N],(broed)[V],(er)[N|NV.])[N]
holdingmaatschappij	((holding)[N],(maatschappij)[N])[N]
holduif	((hol)[N],(duif)[N])[N]
hole	(hole)[N]
holenbeer	((hol)[N],(e)[N|N.N],(beer)[N])[N]
holenbroeder	((hol)[N],(en)[N|N.Vx],(broed)[V],(er)[N|NxV.])[N]
holenkunde	((hol)[N],(en)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
holenkundig	(((hol)[N],(en)[N|N.N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
holenkunst	((hol)[N],(en)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
holenmens	((hol)[N],(e)[N|N.N],(mens)[N])[N]
holglas	((hol)[A],(glas)[N])[N]
holheid	((hol)[A],(heid)[N|A.])[N]
holhoornig	((hol)[A],(hoorn)[N],(ig)[A|AN.])[A]
holijzer	((hol)[V],(ijzer)[N])[N]
holleblok	((hol)[N],(e)[N|N.N],(blok)[N])[N]
hollen	(hol)[V]
holligheid	((hol)[A],(igheid)[N|A.])[N]
hollijst	((hol)[A],(lijst)[N])[N]
holmium	(holmium)[N]
holmunt	((hol)[A],(munt)[N])[N]
hologig	((hol)[A],(oog)[N],(ig)[A|AN.])[A]
holografie	((holografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
holpasser	((hol)[A],(pas)[V],(er)[N|AV.])[N]
holpenning	((hol)[A],(penning)[N])[N]
holpijp	((hol)[A],(pijp)[N])[N]
holpijptang	(((hol)[A],(pijp)[N])[N],(tang)[N])[N]
holrond	((hol)[A],(rond)[A])[A]
holrug	((hol)[A],(rug)[N])[N]
holsblok	((hol)[N],(s)[N|N.N],(blok)[N])[N]
holschaaf	((hol)[A],(schaaf)[N])[N]
holspaat	((hol)[A],(spaat)[N])[N]
holstaand	((hol)[A],(staand)[A])[A]
holster	(holster)[N]
holte	((hol)[A],(te)[N|A.])[N]
holtedier	(((hol)[A],(te)[N|A.])[N],(dier)[N])[N]
holwangig	((hol)[A],(wang)[N],(ig)[A|AN.])[A]
holwortel	((hol)[A],(wortel)[N])[N]
hom	(hom)[N]
hombaars	((hom)[N],(baars)[N])[N]
home	(home)[N]
homecomputer	((home)[N],(computer)[N])[N]
homeopathie	((homeopathisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
homerun	((home)[N],(run)[N])[N]
hometeam	((home)[N],(team)[N])[N]
hometrainer	((home)[N],(train)[V],(er)[N|NV.])[N]
homiletiek	((homiletisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
hommel	(hommel)[N]
hommelbij	((hommel)[N],(bij)[N])[N]
hommelkoningin	((hommel)[N],((koning)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
homo-erotiek	((homo)[N],((erotisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
homo-erotisch	((homo)[N],(erotisch)[A])[A]
homocultuur	((homo)[N],(cultuur)[N])[N]
homofilie	((homofiel)[A],(ie)[N|A.])[N]
homofonie	((homofoon)[A],(ie)[N|A.])[N]
homogamie	((homogaam)[A],(ie)[N|A.])[N]
homogenisator	(((homogeen)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ator)[N|V.])[N]
homogeniseren	((homogeen)[A],(iseer)[V|A.])[V]
homogenisering	(((homogeen)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
homogeniteit	((homogeen)[A],(iteit)[N|A.])[N]
homogeschiedenis	((homo)[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
homokinetisch	((homo)[A|.A],(kinetisch)[A])[A]
homologatie	(((homoloog)[A],(eer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
homologeren	((homoloog)[A],(eer)[V|A.])[V]
homologie	((homoloog)[A],(ie)[N|A.])[N]
homoscene	((homo)[N|.N],(scene)[N])[N]
homoseksualiteit	((homo)[N|.N],(((seks)[N],(ueel)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
homoseksueel	((homo)[N|.A],((seks)[N],(ueel)[A|N.])[A])[N]
homosfeer	((homo)[N|.N],(sfeer)[N])[N]
homp	(homp)[N]
hompelaar	((hompel)[V],(aar)[N|V.])[N]
hompelaarster	(((hompel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
hompelvoet	((hompel)[V],(voet)[N])[N]
homvis	((hom)[N],(vis)[N])[N]
homziek	((hom)[N],(ziek)[A])[A]
hond	(hond)[N]
hondachtig	((hond)[N],(achtig)[A|N.])[A]
hondachtigen	((hond)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
hondenasiel	((hond)[N],(en)[N|N.N],(asiel)[N])[N]
hondenbeest	((hond)[N],(en)[N|N.N],(beest)[N])[N]
hondenbelasting	((hond)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
hondenbrood	((hond)[N],(en)[N|N.N],(brood)[N])[N]
hondendokter	((hond)[N],(en)[N|N.N],(dokter)[N])[N]
hondendrek	((hond)[N],(en)[N|N.N],(drek)[N])[N]
hondendressuur	((hond)[N],(en)[N|N.N],((dresseer)[V],(uur)[N|V.])[N])[N]
hondendrol	((hond)[N],(en)[N|N.N],(drol)[N])[N]
hondenfluitje	((hond)[N],(en)[N|N.N],(fluit)[N])[N]
hondengeblaf	((hond)[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.V],(blaf)[V])[N])[N]
hondenhaar	((hond)[N],(en)[N|N.N],(haar)[N])[N]
hondenhalsband	((hond)[N],(en)[N|N.N],((hals)[N],(band)[N])[N])[N]
hondenhok	((hond)[N],(en)[N|N.N],(hok)[N])[N]
hondenjong	((hond)[N],(en)[N|N.N],(jong)[N])[N]
hondenkar	((hond)[N],(en)[N|N.N],(kar)[N])[N]
hondenkennel	((hond)[N],(en)[N|N.N],(kennel)[N])[N]
hondenkenner	((hond)[N],(en)[N|N.Vx],(ken)[V],(er)[N|NxV.])[N]
hondenkeutel	((hond)[N],(en)[N|N.N],(keutel)[N])[N]
hondenkind	((hond)[N],(en)[N|N.N],(kind)[N])[N]
hondenkop	((hond)[N],(en)[N|N.N],(kop)[N])[N]
hondenkost	((hond)[N],(en)[N|N.N],(kost)[N])[N]
hondenkot	((hond)[N],(en)[N|N.N],(kot)[N])[N]
hondenleven	((hond)[N],(en)[N|N.N],(leven)[N])[N]
hondenlichaam	((hond)[N],(en)[N|N.N],(lichaam)[N])[N]
hondenlijf	((hond)[N],(en)[N|N.N],(lijf)[N])[N]
hondenlijn	((hond)[N],(en)[N|N.N],(lijn)[N])[N]
hondenlul	((hond)[N],(en)[N|N.N],(lul)[N])[N]
hondenmand	((hond)[N],(en)[N|N.N],(mand)[N])[N]
hondenneus	((hond)[N],(en)[N|N.N],(neus)[N])[N]
hondenoog	((hond)[N],(en)[N|N.N],(oog)[N])[N]
hondenpenning	((hond)[N],(en)[N|N.N],(penning)[N])[N]
hondenpistool	((hond)[N],(en)[N|N.N],(pistool)[N])[N]
hondenpoep	((hond)[N],(en)[N|N.N],(poep)[N])[N]
hondenras	((hond)[N],(en)[N|N.N],(ras)[N])[N]
hondenren	((hond)[N],(en)[N|N.N],(ren)[N])[N]
hondenroep	((hond)[N],(en)[N|N.N],(roep)[N])[N]
hondenscheerder	((hond)[N],(en)[N|N.Vx],(scheer)[V],(der)[N|NxV.])[N]
hondenstamboek	((hond)[N],(en)[N|N.N],((stam)[N],(boek)[N])[N])[N]
hondenstiel	((hond)[N],(e)[N|N.N],(stiel)[N])[N]
hondenstront	((hond)[N],(e)[N|N.N],(stront)[N])[N]
hondenteek	((hond)[N],(e)[N|N.N],(teek)[N])[N]
hondententoonstelling	((hond)[N],(en)[N|N.Vx],(tentoonstel)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
hondentong	((hond)[N],(e)[N|N.N],(tong)[N])[N]
hondentrimmer	((hond)[N],(en)[N|N.Vx],(trim)[V],(er)[N|NxV.])[N]
hondentrimster	((hond)[N],(en)[N|N.Vx],(trim)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
hondentrouw	((hond)[N],(e)[N|N.N],(trouw)[N])[N]
hondenveen	((hond)[N],(e)[N|N.N],(veen)[N])[N]
hondenvel	((hond)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
hondenvlees	((hond)[N],(e)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
hondenvlo	((hond)[N],(e)[N|N.N],(vlo)[N])[N]
hondenvriend	((hond)[N],(en)[N|N.N],(vriend)[N])[N]
hondenwacht	((hond)[N],(e)[N|N.N],(wacht)[N])[N]
hondenweer	((hond)[N],(e)[N|N.N],(weer)[N])[N]
hondenwerk	((hond)[N],(e)[N|N.N],(werk)[N])[N]
hondenziekte	((hond)[N],(e)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
hondenzweep	((hond)[N],(e)[N|N.N],(zweep)[N])[N]
honderddelig	((honderd)[Q],(deel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
honderdduizendtal	(((honderd)[Q],(duizend)[Q])[Q],(tal)[N])[N]
honderdjarig	((honderd)[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
honderdje	((honderd)[N],(je)[N|N.])[N]
honderdmaal	((honderd)[Q],(maal)[N])[B]
honderdman	((honderd)[Q],(man)[N])[N]
honderdtal	((honderd)[Q],(tal)[N])[N]
honderdvoudig	((honderdvoud)[N],(ig)[A|N.])[A]
honds	((hond)[N],(s)[A|N.])[A]
hondsbloem	((hond)[N],(s)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
hondsbrutaal	(((hond)[N],(s)[A|N.])[A],((bruut)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
hondsdol	(((hond)[N],(s)[A|N.])[A],(dol)[A])[A]
hondsdolheid	((((hond)[N],(s)[A|N.])[A],(dol)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
hondsdraf	((hond)[N],(s)[N|N.N],(draf)[N])[N]
hondsheid	(((hond)[N],(s)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hondskers	((hond)[N],(s)[N|N.N],(kers)[N])[N]
hondskruid	((hond)[N],(s)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
hondsmoe	(((hond)[N],(s)[A|N.])[A],(moe)[A])[A]
hondsmoeilijk	(((hond)[N],(s)[A|N.])[A],((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
hondspeterselie	((hond)[N],(s)[N|N.N],(peterselie)[N])[N]
hondsroos	((hond)[N],(s)[N|N.N],(roos)[N])[N]
hondstong	((hond)[N],(s)[N|N.N],(tong)[N])[N]
hondsviooltje	((hond)[N],(s)[N|N.N],(viool)[N])[N]
hondsvlieg	((hond)[N],(s)[N|N.N],(vlieg)[N])[N]
honen	(hoon)[V]
honger	(honger)[N]
hongerbaantje	((honger)[N],(baan)[N])[N]
hongerblokkade	((honger)[N],(((blok)[N],(eer)[V|N.])[V],(ade)[N|V.])[N])[N]
hongerdood	((honger)[N],(dood)[N])[N]
hongeren	(honger)[V]
hongerig	((honger)[N],(ig)[A|N.])[A]
hongerkunstenaar	((honger)[N],((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
hongerkuur	((honger)[N],(kuur)[N])[N]
hongerlap	((honger)[N],(lap)[N])[N]
hongerlijder	((honger)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
hongerlijdster	((honger)[N],(lijd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
hongerloon	((honger)[V],(loon)[N])[N]
hongeroedeem	((honger)[N],(oedeem)[N])[N]
hongeroproer	((honger)[N],(oproer)[N])[N]
hongerpijn	((honger)[N],(pijn)[N])[N]
hongersnood	((honger)[N],(s)[N|N.N],(nood)[N])[N]
hongerstaker	((honger)[N],((staak)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hongerstaking	((honger)[V],((staak)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hongerstiller	((honger)[N],(stil)[V],(er)[N|NV.])[N]
hongerwinter	((honger)[N],(winter)[N])[N]
hongerwinterkind	(((honger)[N],(winter)[N])[N],(kind)[N])[N]
honig	(honig)[N]
honigachtig	((honig)[N],(achtig)[A|N.])[A]
honigbakje	((honig)[N],(bak)[N])[N]
honigbeer	((honig)[N],(beer)[N])[N]
honigbij	((honig)[N],(bij)[N])[N]
honigbloem	((honig)[N],(bloem)[N])[N]
honigblond	((honig)[N],(blond)[A])[A]
honigcel	((honig)[N],(cel)[N])[N]
honigdauw	((honig)[N],(dauw)[N])[N]
honigdrank	((honig)[N],(drank)[N])[N]
honiggeel	((honig)[N],(geel)[A])[A]
honiggras	((honig)[N],(gras)[N])[N]
honighei	((honig)[N],(hei)[N])[N]
honigheide	((honig)[N],(heide)[N])[N]
honigkelk	((honig)[N],(kelk)[N])[N]
honigklaver	((honig)[N],(klaver)[N])[N]
honigkleur	((honig)[N],(kleur)[N])[N]
honigkliertje	((honig)[N],(klier)[N])[N]
honigkoek	((honig)[N],(koek)[N])[N]
honigmerk	((honig)[N],(merk)[N])[N]
honigpers	((honig)[N],(pers)[N])[N]
honigraat	((honig)[N],(raat)[N])[N]
honigraatmotief	(((honig)[N],(raat)[N])[N],(motief)[N])[N]
honigschijf	((honig)[N],(schijf)[N])[N]
honigschubje	((honig)[N],(schub)[N])[N]
honigslinger	((honig)[N],(slinger)[N])[N]
honigsmaak	((honig)[N],(smaak)[N])[N]
honigsuiker	((honig)[N],(suiker)[N])[N]
honigtijd	((honig)[N],(tijd)[N])[N]
honigzeem	((honig)[N],(zeem)[N])[N]
honigzoet	((honig)[N],(zoet)[N])[N]
honigzuiger	((honig)[N],(zuig)[V],(er)[N|NV.])[N]
honing	(honing)[N]
honingachtig	((honing)[N],(achtig)[A|N.])[A]
honingbakje	((honing)[N],(bak)[N])[N]
honingbeer	((honing)[N],(beer)[N])[N]
honingbij	((honing)[N],(bij)[N])[N]
honingbloem	((honing)[N],(bloem)[N])[N]
honingblond	((honing)[N],(blond)[A])[A]
honingcel	((honing)[N],(cel)[N])[N]
honingdauw	((honing)[N],(dauw)[N])[N]
honingdrank	((honing)[N],(drank)[N])[N]
honinggeel	((honing)[N],(geel)[A])[A]
honinggras	((honing)[N],(gras)[N])[N]
honinghei	((honing)[N],(hei)[N])[N]
honingheide	((honing)[N],(heide)[N])[N]
honingkelk	((honing)[N],(kelk)[N])[N]
honingklaver	((honing)[N],(klaver)[N])[N]
honingkleur	((honing)[N],(kleur)[N])[N]
honingkliertje	((honing)[N],(klier)[N])[N]
honingkoek	((honing)[N],(koek)[N])[N]
honingmerk	((honing)[N],(merk)[N])[N]
honingpers	((honing)[N],(pers)[N])[N]
honingraat	((honing)[N],(raat)[N])[N]
honingraatmotief	(((honing)[N],(raat)[N])[N],(motief)[N])[N]
honingraatstructuur	(((honing)[N],(raat)[N])[N],(structuur)[N])[N]
honingschijf	((honing)[N],(schijf)[N])[N]
honingschubje	((honing)[N],(schub)[N])[N]
honingslinger	((honing)[N],(slinger)[N])[N]
honingsmaak	((honing)[N],(smaak)[N])[N]
honingsuiker	((honing)[N],(suiker)[N])[N]
honingtijd	((honing)[N],(tijd)[N])[N]
honingwijn	((honing)[N],(wijn)[N])[N]
honingzeem	((honing)[N],(zeem)[N])[N]
honingzoet	((honing)[N],(zoet)[N])[N]
honingzuiger	((honing)[N],(zuig)[V],(er)[N|NV.])[N]
honk	(honk)[N]
honkbal	((honk)[N],(bal)[N])[N]
honkballer	((honkbal)[V],(er)[N|V.])[N]
honkbalspel	(((honk)[N],(bal)[N])[N],(spel)[N])[N]
honken	(honk)[V]
honkloopster	((honk)[N],((loop)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
honklopen	((honk)[N],(loop)[V])[V]
honkloper	(((honk)[N],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
honkman	((honk)[N],(man)[N])[N]
honkslag	((honk)[N],(slag)[N])[N]
honkvast	((honk)[N],(vast)[A])[A]
honneponnig	((honnepon)[N],(ig)[A|N.])[A]
honorabel	((honoreer)[V],(abel)[A|V.])[A]
honorering	((honoreer)[V],(ing)[N|V.])[N]
honoreringsstelsel	(((honoreer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
hoofd	(hoofd)[N]
hoofdaanlegger	((hoofd)[N],(((aan)[P],(leg)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hoofdaccent	((hoofd)[N],(accent)[N])[N]
hoofdaccountant	((hoofd)[N],(accountant)[N])[N]
hoofdacteur	((hoofd)[N],((acteer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
hoofdactiviteit	((hoofd)[N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
hoofdader	((hoofd)[N],(ader)[N])[N]
hoofdadministrateur	((hoofd)[N],((administreer)[V],(ateur)[N|V.])[N])[N]
hoofdadministratie	((hoofd)[N],((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
hoofdafdeling	((hoofd)[N],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hoofdafmeting	((hoofd)[N],(((af)[P],(meet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hoofdagent	((hoofd)[N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
hoofdagent-rechercheur	(((hoofd)[N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N],(rechercheur)[N])[N]
hoofdagentschap	(((hoofd)[N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
hoofdakte	((hoofd)[N],(akte)[N])[N]
hoofdaltaar	((hoofd)[N],(altaar)[N])[N]
hoofdambtenaar	((hoofd)[N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
hoofdarbeid	((hoofd)[N],(arbeid)[N])[N]
hoofdarbeider	((hoofd)[N],(arbeid)[V],(er)[N|NV.])[N]
hoofdarbeidster	((hoofd)[N],((arbeid)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
hoofdargument	((hoofd)[N],(argument)[N])[N]
hoofdartikel	((hoofd)[N],(artikel)[N])[N]
hoofdas	((hoofd)[N],(as)[N])[N]
hoofdaspect	((hoofd)[N],(aspect)[N])[N]
hoofdassistent	((hoofd)[N],((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
hoofdbalans	((hoofd)[N],(balans)[N])[N]
hoofdbalie	((hoofd)[N],(balie)[N])[N]
hoofdband	((hoofd)[N],(band)[N])[N]
hoofdbank	((hoofd)[N],(bank)[N])[N]
hoofdbedrijf	((hoofd)[N],(bedrijf)[N])[N]
hoofdbedrijfschap	(((hoofd)[N],(bedrijf)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
hoofdbeginsel	((hoofd)[N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
hoofdbegrip	((hoofd)[N],(begrip)[N])[N]
hoofdbekommernis	((hoofd)[N],(((be)[V|.N],(kommer)[N])[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
hoofdberoep	((hoofd)[N],(beroep)[N])[N]
hoofdbestanddeel	((hoofd)[N],((bestand)[N],(deel)[N])[N])[N]
hoofdbestuur	((hoofd)[N],(bestuur)[N])[N]
hoofdbetrekking	((hoofd)[N],(((be)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hoofdbewerker	((hoofd)[N],(((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hoofdbewerking	((hoofd)[N],(((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hoofdbewoner	((hoofd)[N],(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hoofdbewoonster	((hoofd)[N],(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
hoofdbezigheid	((hoofd)[N],((bezig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
hoofdbreken	((hoofd)[N],(breek)[V])[V]
hoofdbrekend	(((hoofd)[N],(breek)[V])[V],(end)[A|V.])[A]
hoofdbureau	((hoofd)[N],(bureau)[N])[N]
hoofdcategorie	((hoofd)[N],(categorie)[N])[N]
hoofdchirurg	((hoofd)[N],(chirurg)[N])[N]
hoofdcijfer	((hoofd)[N],(cijfer)[N])[N]
hoofdcommandant	((hoofd)[N],((commandeer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
hoofdcommies	((hoofd)[N],(commies)[N])[N]
hoofdcommissaris	((hoofd)[N],(commissaris)[N])[N]
hoofdcommissie	((hoofd)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
hoofdcomponent	((hoofd)[N],((componeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
hoofdconducteur	((hoofd)[N],(conducteur)[N])[N]
hoofddader	((hoofd)[N],(dader)[N])[N]
hoofddeksel	((hoofd)[N],((dek)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
hoofddeugd	((hoofd)[N],(deugd)[N])[N]
hoofddeur	((hoofd)[N],(deur)[N])[N]
hoofddienst	((hoofd)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
hoofddirecteur	((hoofd)[N],(directeur)[N])[N]
hoofddirectie	((hoofd)[N],(directie)[N])[N]
hoofddirectoraat	((hoofd)[N],((directeur)[N],(aat)[N|N.])[N])[N]
hoofddocent	((hoofd)[N],((doceer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
hoofddoek	((hoofd)[N],(doek)[N])[N]
hoofddoel	((hoofd)[N],(doel)[N])[N]
hoofddorp	((hoofd)[N],(dorp)[N])[N]
hoofddracht	((hoofd)[N],(dracht)[N])[N]
hoofdeigenschap	((hoofd)[N],((eigen)[A],(schap)[N|A.])[N])[N]
hoofdeiland	((hoofd)[N],(eiland)[N])[N]
hoofdeind	((hoofd)[N],(eind)[N])[N]
hoofdeinde	((hoofd)[N],(einde)[N])[N]
hoofdelement	((hoofd)[N],(element)[N])[N]
hoofdelijk	((hoofd)[N],(elijk)[A|N.])[A]
hoofdeloos	((hoofd)[N],(eloos)[A|N.])[A]
hoofdenzee	((hoofd)[N],(en)[N|N.N],(zee)[N])[N]
hoofdfase	((hoofd)[N],(fase)[N])[N]
hoofdfeit	((hoofd)[N],(feit)[N])[N]
hoofdfiguur	((hoofd)[N],(figuur)[N])[N]
hoofdfilm	((hoofd)[N],(film)[N])[N]
hoofdfunctie	((hoofd)[N],(functie)[N])[N]
hoofdgeboorte	((hoofd)[N],(geboorte)[N])[N]
hoofdgebouw	((hoofd)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
hoofdgedachte	((hoofd)[N],(gedachte)[N])[N]
hoofdgedeelte	((hoofd)[N],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
hoofdgeld	((hoofd)[N],(geld)[N])[N]
hoofdgerecht	((hoofd)[N],(gerecht)[N])[N]
hoofdgetal	((hoofd)[N],(getal)[N])[N]
hoofdgevel	((hoofd)[N],(gevel)[N])[N]
hoofdgroep	((hoofd)[N],(groep)[N])[N]
hoofdhaar	((hoofd)[N],(haar)[N])[N]
hoofdhandeling	((hoofd)[N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hoofdhoogte	((hoofd)[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
hoofdhuid	((hoofd)[N],(huid)[N])[N]
hoofdig	((hoofd)[N],(ig)[A|N.])[A]
hoofdigheid	(((hoofd)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hoofdijzer	((hoofd)[N],(ijzer)[N])[N]
hoofdingang	((hoofd)[N],(ingang)[N])[N]
hoofdingeland	((hoofd)[N],(ingeland)[N])[N]
hoofdingenieur	((hoofd)[N],(ingenieur)[N])[N]
hoofdinhoud	((hoofd)[N],(inhoud)[N])[N]
hoofdinspecteur	((hoofd)[N],((inspecteer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
hoofdinspectie	((hoofd)[N],(inspectie)[N])[N]
hoofdinspectrice	((hoofd)[N],(inspectrice)[N])[N]
hoofdkaas	((hoofd)[N],(kaas)[N])[N]
hoofdkabel	((hoofd)[N],(kabel)[N])[N]
hoofdkanaal	((hoofd)[N],(kanaal)[N])[N]
hoofdkantoor	((hoofd)[N],(kantoor)[N])[N]
hoofdkelner	((hoofd)[N],(kelner)[N])[N]
hoofdkenmerk	((hoofd)[N],((ken)[V],(merk)[N])[N])[N]
hoofdkerk	((hoofd)[N],(kerk)[N])[N]
hoofdkern	((hoofd)[N],(kern)[N])[N]
hoofdklasse	((hoofd)[N],(klasse)[N])[N]
hoofdkleur	((hoofd)[N],(kleur)[N])[N]
hoofdknik	((hoofd)[N],(knik)[N])[N]
hoofdkraan	((hoofd)[N],(kraan)[N])[N]
hoofdkromming	((hoofd)[N],((krom)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hoofdkussen	((hoofd)[N],(kussen)[N])[N]
hoofdkwaal	((hoofd)[N],(kwaal)[N])[N]
hoofdkwartier	((hoofd)[N],((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
hoofdlading	((hoofd)[N],((laad)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hoofdleider	((hoofd)[N],((leid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hoofdleiding	((hoofd)[N],((leid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hoofdleidster	((hoofd)[N],((leid)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
hoofdlengte	((hoofd)[N],(lengte)[N])[N]
hoofdletsel	((hoofd)[N],((let)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
hoofdletter	((hoofd)[N],(letter)[N])[N]
hoofdligger	((hoofd)[N],((lig)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hoofdligging	((hoofd)[N],(lig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
hoofdlijn	((hoofd)[N],(lijn)[N])[N]
hoofdluis	((hoofd)[N],(luis)[N])[N]
hoofdmaaltijd	((hoofd)[N],((maal)[N],(tijd)[N])[N])[N]
hoofdmachinist	((hoofd)[N],((machine)[N],(ist)[N|N.])[N])[N]
hoofdmacht	((hoofd)[N],(macht)[N])[N]
hoofdman	((hoofd)[N],(man)[N])[N]
hoofdmast	((hoofd)[N],(mast)[N])[N]
hoofdmechanisme	((hoofd)[N],(mechanisme)[N])[N]
hoofdmedewerker	((hoofd)[N],(((mede)[B],(werk)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hoofdmedewerkster	((hoofd)[N],(((mede)[B],(werk)[V])[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
hoofdmelodie	((hoofd)[N],((melodisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
hoofdmethode	((hoofd)[N],(methode)[N])[N]
hoofdmeting	((hoofd)[N],(meet)[V],(ing)[N|NV.])[N]
hoofdmiddel	((hoofd)[N],(middel)[N])[N]
hoofdmodel	((hoofd)[N],(model)[N])[N]
hoofdmoment	((hoofd)[N],(moment)[N])[N]
hoofdmoot	((hoofd)[N],(moot)[N])[N]
hoofdmotief	((hoofd)[N],(motief)[N])[N]
hoofdnerf	((hoofd)[N],(nerf)[N])[N]
hoofdofficier	((hoofd)[N],(officier)[N])[N]
hoofdonderdeel	((hoofd)[N],((onder)[P],(deel)[N])[N])[N]
hoofdonderwerp	((hoofd)[N],(onderwerp)[N])[N]
hoofdonderwijzer	((hoofd)[N],((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hoofdonderwijzeres	(((hoofd)[N],((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(es)[N|N.])[N]
hoofdoorzaak	((hoofd)[N],(oorzaak)[N])[N]
hoofdopzichter	((hoofd)[N],((op)[P],(zie)[V],(er)[N|PV.])[N])[N]
hoofdorgaan	((hoofd)[N],(orgaan)[N])[N]
hoofdpad	((hoofd)[N],(pad)[N])[N]
hoofdpaviljoen	((hoofd)[N],(paviljoen)[N])[N]
hoofdpeluw	((hoofd)[N],(peluw)[N])[N]
hoofdpersonage	((hoofd)[N],(personage)[N])[N]
hoofdpersoon	((hoofd)[N],(persoon)[N])[N]
hoofdpijn	((hoofd)[N],(pijn)[N])[N]
hoofdpijnpatiënt	(((hoofd)[N],(pijn)[N])[N],(patiënt)[N])[N]
hoofdpijnpoeder	(((hoofd)[N],(pijn)[N])[N],(poeder)[N])[N]
hoofdpijnpoeier	(((hoofd)[N],(pijn)[N])[N],(poeier)[N])[N]
hoofdplaat	((hoofd)[N],(plaat)[N])[N]
hoofdplaats	((hoofd)[N],(plaats)[N])[N]
hoofdpoort	((hoofd)[N],(poort)[N])[N]
hoofdportaal	((hoofd)[N],(portaal)[N])[N]
hoofdpostkantoor	((hoofd)[N],((post)[N],(kantoor)[N])[N])[N]
hoofdprijs	((hoofd)[N],(prijs)[N])[N]
hoofdprincipe	((hoofd)[N],(principe)[N])[N]
hoofdprobleem	((hoofd)[N],(probleem)[N])[N]
hoofdproduct	((hoofd)[N],(product)[N])[N]
hoofdpunt	((hoofd)[N],(punt)[N])[N]
hoofdraadsman	((hoofd)[N],((raad)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N])[N]
hoofdrechercheur	((hoofd)[N],(rechercheur)[N])[N]
hoofdredacteur	((hoofd)[N],(redacteur)[N])[N]
hoofdredactie	((hoofd)[N],(redactie)[N])[N]
hoofdredactrice	((hoofd)[N],(redactrice)[N])[N]
hoofdreden	((hoofd)[N],(reden)[N])[N]
hoofdreeks	((hoofd)[N],(reeks)[N])[N]
hoofdregel	((hoofd)[N],(regel)[N])[N]
hoofdregister	((hoofd)[N],(register)[N])[N]
hoofdrekenen	((hoofd)[N],(reken)[V])[V]
hoofdriool	((hoofd)[N],(riool)[N])[N]
hoofdrivier	((hoofd)[N],(rivier)[N])[N]
hoofdrol	((hoofd)[N],(rol)[N])[N]
hoofdrolspeelster	(((hoofd)[N],(rol)[N])[N],(speel)[V],(ster)[N|NV.])[N]
hoofdrolspeler	(((hoofd)[N],(rol)[N])[N],(speel)[V],(er)[N|NV.])[N]
hoofdroos	((hoofd)[N],(roos)[N])[N]
hoofdroute	((hoofd)[N],(route)[N])[N]
hoofdruimte	((hoofd)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
hoofdschakelaar	((hoofd)[N],((schakel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
hoofdschotel	((hoofd)[N],(schotel)[N])[N]
hoofdschudden	((hoofd)[N],(schud)[V])[V]
hoofdschuddend	(((hoofd)[N],(schud)[V])[V],(end)[A|V.])[A]
hoofdschuld	((hoofd)[N],(schuld)[N])[N]
hoofdschuldenaar	((hoofd)[N],((schuld)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
hoofdschuldenares	((hoofd)[N],((schuld)[N],(enares)[N|N.])[N])[N]
hoofdschuldige	((hoofd)[N],(schuldige)[N])[N]
hoofdseinpaal	((hoofd)[N],((sein)[V],(paal)[N])[N])[N]
hoofdseinvlak	((hoofd)[N],(sein)[N],(vlak)[N])[N]
hoofdseizoen	((hoofd)[N],(seizoen)[N])[N]
hoofdsieraad	((hoofd)[N],(sieraad)[N])[N]
hoofdslaapkamer	((hoofd)[N],((slaap)[V],(kamer)[N])[N])[N]
hoofdslagader	((hoofd)[N],((slag)[N],(ader)[N])[N])[N]
hoofdsom	((hoofd)[N],(som)[N])[N]
hoofdspil	((hoofd)[N],(spil)[N])[N]
hoofdspoor	((hoofd)[N],(spoor)[N])[N]
hoofdstad	((hoofd)[N],(stad)[N])[N]
hoofdstartbaan	((hoofd)[N],((start)[V],(baan)[N])[N])[N]
hoofdstation	((hoofd)[N],(station)[N])[N]
hoofdstedelijk	(((hoofd)[N],(stad)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
hoofdstel	((hoofd)[N],(stel)[N])[N]
hoofdstelling	((hoofd)[N],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hoofdstembureau	((hoofd)[N],((stem)[V],(bureau)[N])[N])[N]
hoofdsteun	((hoofd)[N],(steun)[N])[N]
hoofdstraat	((hoofd)[N],(straat)[N])[N]
hoofdstraf	((hoofd)[N],(straf)[N])[N]
hoofdstreek	((hoofd)[N],(streek)[N])[N]
hoofdstructuur	((hoofd)[N],(structuur)[N])[N]
hoofdstudie	((hoofd)[N],(studie)[N])[N]
hoofdsysteem	((hoofd)[N],(systeem)[N])[N]
hoofdtaak	((hoofd)[N],(taak)[N])[N]
hoofdtak	((hoofd)[N],(tak)[N])[N]
hoofdtekst	((hoofd)[N],(tekst)[N])[N]
hoofdtelefoon	((hoofd)[N],(telefoon)[N])[N]
hoofdtelwoord	((hoofd)[N],((tel)[V],(woord)[N])[N])[N]
hoofdthema	((hoofd)[N],(thema)[N])[N]
hoofdtijd	((hoofd)[N],(tijd)[N])[N]
hoofdtijdvak	((hoofd)[N],((tijd)[N],(vak)[N])[N])[N]
hoofdtitel	((hoofd)[N],(titel)[N])[N]
hoofdtooi	((hoofd)[N],(tooi)[N])[N]
hoofdtoon	((hoofd)[N],(toon)[N])[N]
hoofdtoonsoort	((hoofd)[N],((toon)[N],(soort)[N])[N])[N]
hoofdtrap	((hoofd)[N],(trap)[N])[N]
hoofdtrek	((hoofd)[N],(trek)[N])[N]
hoofdtribune	((hoofd)[N],(tribune)[N])[N]
hoofdtype	((hoofd)[N],(type)[N])[N]
hoofduitgang	((hoofd)[N],((uit)[P],(gang)[N])[N])[N]
hoofdvak	((hoofd)[N],(vak)[N])[N]
hoofdverantwoordelijkheid	((hoofd)[N],(((verantwoord)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
hoofdverband	((hoofd)[N],(verband)[N])[N]
hoofdverdachte	((hoofd)[N],(verdachte)[N])[N]
hoofdverdienste	((hoofd)[N],((verdien)[V],(ste)[N|V.])[N])[N]
hoofdverkeersweg	((hoofd)[N],((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(weg)[N])[N])[N]
hoofdverpleegkundige	((hoofd)[N],(verpleegkundige)[N])[N]
hoofdverpleegster	((hoofd)[N],((verpleeg)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
hoofdverpleger	((hoofd)[N],((verpleeg)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hoofdvertegenwoordiger	((hoofd)[N],((vertegenwoordig)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hoofdvestiging	((hoofd)[N],((vestig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hoofdvleugel	((hoofd)[N],(vleugel)[N])[N]
hoofdvlies	((hoofd)[N],(vlies)[N])[N]
hoofdvoedsel	((hoofd)[N],((voed)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
hoofdvogel	((hoofd)[N],(vogel)[N])[N]
hoofdvoorwaarde	((hoofd)[N],(voorwaarde)[N])[N]
hoofdwaarheid	((hoofd)[N],((waar)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
hoofdwacht	((hoofd)[N],(wacht)[N])[N]
hoofdwapen	((hoofd)[N],(wapen)[N])[N]
hoofdwas	((hoofd)[N],(was)[N])[N]
hoofdwassing	((hoofd)[N],(was)[V],(ing)[N|NV.])[N]
hoofdwater	((hoofd)[N],(water)[N])[N]
hoofdweg	((hoofd)[N],(weg)[N])[N]
hoofdwerk	((hoofd)[N],(werk)[N])[N]
hoofdwerking	((hoofd)[N],((werk)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hoofdwerkzaamheid	((hoofd)[N],(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
hoofdwijkverpleegkundige	((hoofd)[N],((wijk)[N],(verpleegkundige)[N])[N])[N]
hoofdwond	((hoofd)[N],(wond)[N])[N]
hoofdwonde	((hoofd)[N],(wonde)[N])[N]
hoofdwoord	((hoofd)[N],(woord)[N])[N]
hoofdzaak	((hoofd)[N],(zaak)[N])[N]
hoofdzaal	((hoofd)[N],(zaal)[N])[N]
hoofdzakelijk	(((hoofd)[N],(zaak)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
hoofdzeer	((hoofd)[N],(zeer)[N])[N]
hoofdzeil	((hoofd)[N],(zeil)[N])[N]
hoofdzenuw	((hoofd)[N],(zenuw)[N])[N]
hoofdzetel	((hoofd)[N],(zetel)[N])[N]
hoofdzin	((hoofd)[N],(zin)[N])[N]
hoofdzonde	((hoofd)[N],(zonde)[N])[N]
hoofdzuster	((hoofd)[N],(zuster)[N])[N]
hoofs	(hoofs)[A]
hoofsheid	((hoofs)[A],(heid)[N|A.])[N]
hoog	(hoog)[A]
hoogachtbaar	(((hoog)[A],(acht)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
hoogachten	((hoog)[A],(acht)[V])[V]
hoogachting	(((hoog)[A],(acht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
hoogaltaar	((hoog)[A],(altaar)[N])[N]
hoogbedaagd	((hoog)[A],(bedaagd)[A])[A]
hoogbejaard	((hoog)[A],(bejaard)[A])[A]
hoogblond	((hoog)[A],(blond)[A])[A]
hoogbouw	((hoog)[A],(bouw)[N])[N]
hoogconjunctuur	((hoog)[A],(conjunctuur)[N])[N]
hoogdag	((hoog)[A],(dag)[N])[N]
hoogdekker	((hoog)[A],(dek)[N],(er)[N|AN.])[N]
hoogdienst	((hoog)[A],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
hoogdravend	((hoog)[A],(draaf)[V],(end)[A|AV.])[A]
hoogdravendheid	(((hoog)[A],(draaf)[V],(end)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hoogdruk	((hoog)[A],(druk)[N])[N]
hoogedel	((hoog)[A],(edel)[A])[A]
hoogedelachtbaar	((hoog)[A],((edel)[A],((acht)[V],(baar)[A|V.])[A])[A])[A]
hoogedelgestreng	(((hoog)[A],(edel)[A])[A],(gestreng)[A])[A]
hoogeerwaard	((hoog)[A],((eer)[N],(waard)[A])[A])[A]
hoogfeest	((hoog)[A],(feest)[N])[N]
hoogfrequent	((hoog)[A],(frequent)[A])[A]
hoogfrequentie	(((hoog)[A],(frequent)[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
hooggaand	((hoog)[A],(gaand)[V])[A]
hooggebergte	((hoog)[A],((ge)[N|.Nx],(berg)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
hooggebergteklimaat	(((hoog)[A],((ge)[N|.Nx],(berg)[N],(te)[N|xN.])[N])[N],(klimaat)[N])[N]
hooggeboren	((hoog)[A],(geboren)[A])[A]
hooggeleerd	((hoog)[A],(geleerd)[A])[A]
hooggeplaatst	((hoog)[A],(geplaatst)[A])[A]
hooggespannen	((hoog)[A],(gespannen)[A])[A]
hooggestemd	((hoog)[A],(gestemd)[A])[A]
hooggestreng	((hoog)[A],(gestreng)[A])[A]
hooggewaardeerd	((hoog)[A],(gewaardeerd)[V])[A]
hooggeëerd	((hoog)[A],(geëerd)[A])[A]
hoogglanslak	((hoog)[A],(glans)[N],(lak)[N])[N]
hooghartig	((hoog)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
hooghartigheid	(((hoog)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hoogheemraad	((hoog)[A],((heem)[N],(raad)[N])[N])[N]
hoogheemraadschap	(((hoog)[A],((heem)[N],(raad)[N])[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
hoogheid	((hoog)[A],(heid)[N|A.])[N]
hoogkoor	((hoog)[A],(koor)[N])[N]
hoogland	((hoog)[A],(land)[N])[N]
hooglander	(((hoog)[A],(land)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
hooglands	(((hoog)[A],(land)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
hoogleraar	((hoog)[A],(leraar)[N])[N]
hoogleraar-directeur	(((hoog)[A],(leraar)[N])[N],(directeur)[N])[N]
hoogleraarschap	(((hoog)[A],(leraar)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
hooglerarencorps	(((hoog)[A],(leraar)[N])[N],(en)[N|N.N],(corps)[N])[N]
hooglijk	((hoog)[A],(lijk)[A|A.])[A]
hooglopend	((hoog)[A],(loop)[V],(end)[A|AV.])[A]
hoogmis	((hoog)[A],(mis)[N])[N]
hoogmoed	((hoog)[A],(moed)[N])[N]
hoogmoedig	(((hoog)[A],(moed)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
hoogmoedigheid	((((hoog)[A],(moed)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hoogmoedswaan	(((hoog)[A],(moed)[N])[N],(s)[N|N.N],(waan)[N])[N]
hoogmoedswaanzin	(((hoog)[A],(moed)[N])[N],(s)[N|N.N],((waan)[N],(zin)[N])[N])[N]
hoogmoleculair	((hoog)[A],(moleculair)[A])[A]
hoognodig	((hoog)[A],(nodig)[A])[A]
hoogoven	((hoog)[A],(oven)[N])[N]
hoogovenbedrijf	(((hoog)[A],(oven)[N])[N],(bedrijf)[N])[N]
hoogovenslakken	(((hoog)[A],(oven)[N])[N],(slak)[N])[N]
hoogpolig	((hoog)[A],(pool)[N],(ig)[A|AN.])[A]
hoogrood	((hoog)[A],(rood)[A])[A]
hoogschatten	((hoog)[A],(schat)[V])[V]
hoogschatting	(((hoog)[A],(schat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
hoogseizoen	((hoog)[A],(seizoen)[N])[N]
hoogslaper	((hoog)[A],(slaap)[N],(er)[N|AN.])[N]
hoogspanning	((hoog)[A],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hoogspanningsdraad	(((hoog)[A],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(draad)[N])[N]
hoogspanningskabel	(((hoog)[A],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(kabel)[N])[N]
hoogspanningsnet	(((hoog)[A],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(net)[N])[N]
hoogspringen	((hoog)[A],(spring)[V])[V]
hoogspringster	((hoog)[A],(spring)[V],(ster)[N|AV.])[N]
hoogstaand	((hoog)[A],(staand)[A])[A]
hoogstaangeslagenen	((hoogst)[A],(aangeslagen)[A],(e)[N|AA.])[N]
hoogstam	((hoog)[A],(stam)[N])[N]
hoogstammig	((hoog)[A],(stam)[N],(ig)[A|AN.])[A]
hoogstbiedende	((hoogst)[A],(biedend)[V],(e)[N|AV.])[N]
hoogsteigen	((hoogst)[B],(eigen)[A])[A]
hoogstonschuldig	((hoogst)[B],((on)[A|.A],((schuld)[N],(ig)[A|N.])[A])[A])[A]
hoogstudent	((hoog)[A],((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
hoogstwaarschijnlijk	((hoogst)[B],(waarschijnlijk)[A])[A]
hoogte	((hoog)[A],(te)[N|A.])[N]
hoogtecirkel	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(cirkel)[N])[N]
hoogtedruk	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(druk)[N])[N]
hoogtefront	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(front)[N])[N]
hoogtefrontvlak	((((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(front)[N])[N],(vlak)[N])[N]
hoogtegraad	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(graad)[N])[N]
hoogtegrens	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(grens)[N])[N]
hoogtekaart	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(kaart)[N])[N]
hoogtelat	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(lat)[N])[N]
hoogtelijn	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(lijn)[N])[N]
hoogtemerk	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(merk)[N])[N]
hoogtemeter	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
hoogtemeting	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(meet)[V],(ing)[N|NV.])[N]
hoogteparallel	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(parallel)[N])[N]
hoogtepunt	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(punt)[N])[N]
hoogterecord	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(record)[N])[N]
hoogteroer	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(roer)[N])[N]
hoogtestation	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(station)[N])[N]
hoogtestraling	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],((straal)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hoogteverschil	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(verschil)[N])[N]
hoogtevlucht	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(vlucht)[N])[N]
hoogtevrees	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(vrees)[N])[N]
hoogteziekte	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
hoogtezon	(((hoog)[A],(te)[N|A.])[N],(zon)[N])[N]
hoogtij	((hoog)[A],(tij)[N])[N]
hoogtijd	((hoog)[A],(tijd)[N])[N]
hoogtijdag	(((hoog)[A],(tij)[N])[N],(dag)[N])[N]
hoogveen	((hoog)[A],(veen)[N])[N]
hoogverheven	((hoog)[A],(verheven)[A])[A]
hoogverraad	((hoog)[A],(verraad)[N])[N]
hoogvlakte	((hoog)[A],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
hoogvliegend	((hoog)[A],(vlieg)[V],(end)[A|AV.])[A]
hoogvlieger	((hoog)[A],(vlieg)[V],(er)[N|AV.])[N]
hoogvogel	((hoog)[A],(vogel)[N])[N]
hoogwaardig	((hoog)[A],(waarde)[N],(ig)[A|AN.])[A]
hoogwaardigheid	(((hoog)[A],(waarde)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hoogwaardigheidsbekleder	((((hoog)[A],(waarde)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(er)[N|NxV.])[N]
hoogwater	((hoog)[A],(water)[N])[N]
hoogwaterlijn	(((hoog)[A],(water)[N])[N],(lijn)[N])[N]
hoogwaterstand	(((hoog)[A],(water)[N])[N],(stand)[N])[N]
hoogwatervluchtplaats	(((hoog)[A],(water)[N])[N],((vlucht)[V],(plaats)[N])[N])[N]
hoogwelgeboren	((hoog)[A],((wel)[A],(geboren)[A])[A])[A]
hoogwerker	((hoog)[A],(werk)[N],(er)[N|AN.])[N]
hoogzwanger	((hoog)[A],(zwanger)[A])[A]
hooi	(hooi)[N]
hooibeest	((hooi)[N],(beest)[N])[N]
hooiberg	((hooi)[N],(berg)[N])[N]
hooiblazer	((hooi)[N],(blaas)[V],(er)[N|NV.])[N]
hooiboer	((hooi)[N],(boer)[N])[N]
hooiboter	((hooi)[N],(boter)[N])[N]
hooibouw	((hooi)[N],(bouw)[N])[N]
hooibroei	((hooi)[N],(broei)[N])[N]
hooien	(hooi)[V]
hooier	((hooi)[V],(er)[N|V.])[N]
hooigaffel	((hooi)[N],(gaffel)[N])[N]
hooigras	((hooi)[N],(gras)[N])[N]
hooihaak	((hooi)[N],(haak)[N])[N]
hooihark	((hooi)[N],(hark)[N])[N]
hooikaas	((hooi)[N],(kaas)[N])[N]
hooikist	((hooi)[N],(kist)[N])[N]
hooiklamp	((hooi)[N],(klamp)[N])[N]
hooikoorts	((hooi)[N],(koorts)[N])[N]
hooiland	((hooi)[N],(land)[N])[N]
hooimaand	((hooi)[V],(maand)[N])[N]
hooimachine	((hooi)[V],(machine)[N])[N]
hooimijt	((hooi)[N],(mijt)[N])[N]
hooioogst	((hooi)[N],(oogst)[N])[N]
hooiopper	((hooi)[N],(opper)[N])[N]
hooipers	((hooi)[N],(pers)[N])[N]
hooiraam	((hooi)[N],(raam)[N])[N]
hooirook	((hooi)[N],(rook)[N])[N]
hooiruiter	((hooi)[V],(ruiter)[N])[N]
hooischelf	((hooi)[N],(schelf)[N])[N]
hooischudder	((hooi)[N],(schud)[V],(er)[N|NV.])[N]
hooischuur	((hooi)[N],(schuur)[N])[N]
hooister	((hooi)[V],(ster)[N|V.])[N]
hooitas	((hooi)[N],(tas)[N])[N]
hooitijd	((hooi)[V],(tijd)[N])[N]
hooivlinder	((hooi)[N],(vlinder)[N])[N]
hooivork	((hooi)[N],(vork)[N])[N]
hooiwagen	((hooi)[N],(wagen)[N])[N]
hooiweer	((hooi)[V],(weer)[N])[N]
hooizolder	((hooi)[N],(zolder)[N])[N]
hoon	(hoon)[N]
hoongelach	((hoon)[N],((ge)[N|.V],(lach)[V])[N])[N]
hoonlach	((hoon)[V],(lach)[N])[N]
hoop	(hoop)[N]
hoopgevend	((hoop)[N],(geef)[V],(end)[A|NV.])[A]
hoopsgewijs	((hoop)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
hoopvol	((hoop)[N],(vol)[A])[A]
hoorapparaat	((hoor)[V],(apparaat)[N])[N]
hoorbaar	((hoor)[V],(baar)[A|V.])[A]
hoorbaarheid	(((hoor)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hoorbuis	((hoor)[V],(buis)[N])[N]
hoorcollege	((hoor)[V],(college)[N])[N]
hoorcommissie	((hoor)[V],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
hoorder	((hoor)[V],(der)[N|V.])[N]
hoorderes	(((hoor)[V],(der)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
hoorn	(hoorn)[N]
hoornachtig	((hoorn)[N],(achtig)[A|N.])[A]
hoornbeest	((hoorn)[N],(beest)[N])[N]
hoornblad	((hoorn)[N],(blad)[N])[N]
hoornblazer	((hoorn)[N],((blaas)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hoornbloem	((hoorn)[N],(bloem)[N])[N]
hoorndol	((hoorn)[N],(dol)[A])[A]
hoorndrager	((hoorn)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
hoornen	((hoorn)[N],(en)[A|N.])[A]
hoorngeschal	((hoorn)[N],((ge)[N|.V],(schal)[V])[N])[N]
hoornig	((hoorn)[N],(ig)[A|N.])[A]
hoornist	((hoorn)[N],(ist)[N|N.])[N]
hoornklaver	((hoorn)[N],(klaver)[N])[N]
hoornlaag	((hoorn)[N],(laag)[N])[N]
hoornmuziek	((hoorn)[N],(muziek)[N])[N]
hoornsignaal	((hoorn)[N],(signaal)[N])[N]
hoornslang	((hoorn)[N],(slang)[N])[N]
hoornsteek	((hoorn)[N],(steek)[N])[N]
hoornuil	((hoorn)[N],(uil)[N])[N]
hoornvee	((hoorn)[N],(vee)[N])[N]
hoornvlies	((hoorn)[N],(vlies)[N])[N]
hoornvliescentrum	(((hoorn)[N],(vlies)[N])[N],(centrum)[N])[N]
hoornvliestransplantatie	(((hoorn)[N],(vlies)[N])[N],((transplanteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
hoornweefsel	((hoorn)[N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
hoorspel	((hoor)[V],(spel)[N])[N]
hoorspelserie	(((hoor)[V],(spel)[N])[N],(serie)[N])[N]
hoorster	((hoor)[V],(ster)[N|V.])[N]
hoortoestel	((hoor)[V],(toestel)[N])[N]
hoortraining	((hoor)[V],((train)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hoorzitting	((hoor)[V],((zit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hoos	(hoos)[N]
hoosbak	((hoos)[V],(bak)[N])[N]
hoosbui	((hoos)[V],(bui)[N])[N]
hoosgat	((hoos)[V],(gat)[N])[N]
hoosplaat	((hoos)[N],(plaat)[N])[N]
hoosvat	((hoos)[V],(vat)[N])[N]
hop	(hop)[N]
hopachtig	((hop)[N],(achtig)[A|N.])[A]
hopakker	((hop)[N],(akker)[N])[N]
hopbel	((hop)[N],(bel)[N])[N]
hopbouw	((hop)[N],(bouw)[N])[N]
hopelijk	((hoop)[V],(elijk)[A|V.])[A]
hopeloos	((hoop)[N],(eloos)[A|N.])[A]
hopen	(hoop)[V]
hopje	(hop)[N]
hopjesvla	((hopje)[N],(s)[N|N.N],(vla)[N])[N]
hopklaver	((hop)[N],(klaver)[N])[N]
hopkorrel	((hop)[N],(korrel)[N])[N]
hopland	((hop)[N],(land)[N])[N]
hopoogst	((hop)[N],(oogst)[N])[N]
hoppebel	((hoppe)[N],(bel)[N])[N]
hoppebouw	((hoppe)[N],(bouw)[N])[N]
hoppen	(hop)[V]
hopperank	((hoppe)[N],(rank)[N])[N]
hopperzuiger	((hopper)[N],((zuig)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hopplant	((hop)[N],(plant)[N])[N]
hoprank	((hop)[N],(rank)[N])[N]
hopsen	(hops)[V]
hopspruit	((hop)[N],(spruit)[N])[N]
hopstaak	((hop)[N],(staak)[N])[N]
hopteelt	((hop)[N],(teelt)[N])[N]
hor	(hor)[N]
horde	(horde)[N]
hordeloop	((horde)[N],(e)[N|N.N],(loop)[N])[N]
hordeloopster	((horde)[N],(e)[N|N.Vx],(loop)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
hordelopen	((horde)[N],(e)[V|N.V],(loop)[V])[V]
hordeloper	(((horde)[N],(e)[V|N.V],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
horden	(hord)[V]
hordeur	((hor)[N],(deur)[N])[N]
hordevlechter	((horde)[N],(e)[N|N.Vx],(vlecht)[V],(er)[N|NxV.])[N]
horecabedrijf	((horeca)[N],(bedrijf)[N])[N]
horecasector	((horeca)[N],(sector)[N])[N]
horen	(horen)[N]
horen	(hoor)[V]
horenbeest	((horen)[N],(beest)[N])[N]
horenblazer	((horen)[N],((blaas)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
horendol	((horen)[N],(dol)[A])[A]
horendrager	((horen)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
horengeschal	((horen)[N],((ge)[N|.V],(schal)[V])[N])[N]
horenklaver	((horen)[N],(klaver)[N])[N]
horenmuziek	((horen)[N],(muziek)[N])[N]
horensignaal	((horen)[N],(signaal)[N])[N]
horenslang	((horen)[N],(slang)[N])[N]
horensteek	((horen)[N],(steek)[N])[N]
horenswaard	((horen)[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
horenswaardig	(((horen)[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A],(ig)[A|A.])[A]
horenvee	((horen)[N],(vee)[N])[N]
horigheid	((horig)[A],(heid)[N|A.])[N]
horizon	(horizon)[N]
horizont	(horizont)[N]
horizontaal	((horizont)[N],(aal)[A|N.])[A]
horizonvervuiling	((horizon)[N],((ver)[V|.A],(vuil)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
hork	(hork)[N]
horloge	(horloge)[N]
horlogearmband	((horloge)[N],((arm)[N],(band)[N])[N])[N]
horlogebandje	((horloge)[N],(band)[N])[N]
horlogeglas	((horloge)[N],(glas)[N])[N]
horlogekast	((horloge)[N],(kast)[N])[N]
horlogeketting	((horloge)[N],(ketting)[N])[N]
horlogemaker	((horloge)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
horlogerie	((horloge)[N],(erie)[N|N.])[N]
horlogesleutel	((horloge)[N],(sleutel)[N])[N]
horlogestander	((horloge)[N],((sta)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
horlogeveer	((horloge)[N],(veer)[N])[N]
horlogewijzer	((horloge)[N],((wijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hormachine	((hor)[N],(machine)[N])[N]
hormonaal	((hormoon)[N],(aal)[A|N.])[A]
hormonenbehandeling	((hormoon)[N],(en)[N|N.N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hormoonachtig	((hormoon)[N],(achtig)[A|N.])[A]
hormoonbalans	((hormoon)[N],(balans)[N])[N]
hormoonbehandeling	((hormoon)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hormoonpreparaat	((hormoon)[N],((prepareer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
hormoonproductie	((hormoon)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
hormoonspiegel	((hormoon)[N],(spiegel)[N])[N]
horoscooptrekker	((horoscoop)[N],(trek)[V],(er)[N|NV.])[N]
horoscopisch	((horoscoop)[N],(isch)[A|N.])[A]
horrengaas	((hor)[N],(e)[N|N.N],(gaas)[N])[N]
horrorfilm	((horror)[N],(film)[N])[N]
hors	(hors)[N]
horse	(horse)[N]
horst	(horst)[N]
hort	(hort)[N]
horten	(hort)[V]
hortensia	(hortensia)[N]
horticultuur	((horti)[N|.N],(cultuur)[N])[N]
horzel	(horzel)[N]
horzelfunctie	((horzel)[N],(functie)[N])[N]
hosanna	(hosanna)[N]
hospartij	((hos)[V],(partij)[N])[N]
hospitaalbed	((hospitaal)[N],(bed)[N])[N]
hospitaaldienst	((hospitaal)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
hospitaalkerkschip	((hospitaal)[N],((kerk)[N],(schip)[N])[N])[N]
hospitaallinnen	((hospitaal)[N],(linnen)[N])[N]
hospitaalridder	((hospitaal)[N],(ridder)[N])[N]
hospitaalschip	((hospitaal)[N],(schip)[N])[N]
hospitaalsoldaat	((hospitaal)[N],(soldaat)[N])[N]
hospitalisatie	(((hospitaal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
hospitaliseren	((hospitaal)[N],(iseer)[V|N.])[V]
hospitant	((hospiteer)[V],(ant)[N|V.])[N]
hospitante	(((hospiteer)[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
hossen	(hos)[V]
hostiekelk	((hostie)[N],(kelk)[N])[N]
hostieschoteltje	((hostie)[N],(schotel)[N])[N]
hostiliteit	((hostiel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
hot	(hot)[N]
hotel	(hotel)[N]
hotel-restaurant	((hotel)[N],((restaureer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
hotelaccommodatie	((hotel)[N],((accommodeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
hotelbalie	((hotel)[N],(balie)[N])[N]
hotelbed	((hotel)[N],(bed)[N])[N]
hotelcapaciteit	((hotel)[N],(capaciteit)[N])[N]
hoteldetective	((hotel)[N],(detective)[N])[N]
hoteldirecteur	((hotel)[N],(directeur)[N])[N]
hoteldirectie	((hotel)[N],(directie)[N])[N]
hoteldorp	((hotel)[N],(dorp)[N])[N]
hotelfunctie	((hotel)[N],(functie)[N])[N]
hotelgang	((hotel)[N],(gang)[N])[N]
hotelgast	((hotel)[N],(gast)[N])[N]
hotelgebouw	((hotel)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
hotelgroep	((hotel)[N],(groep)[N])[N]
hotelhouder	((hotel)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
hotelhoudster	((hotel)[N],(houd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
hotelingang	((hotel)[N],(ingang)[N])[N]
hotelkamer	((hotel)[N],(kamer)[N])[N]
hotelketen	((hotel)[N],(keten)[N])[N]
hotelkeuken	((hotel)[N],(keuken)[N])[N]
hotellerie	((hotel)[N],(erie)[N|N.])[N]
hotellinnen	((hotel)[N],(linnen)[N])[N]
hotellounge	((hotel)[N],(lounge)[N])[N]
hotelportier	((hotel)[N],(portier)[N])[N]
hotelprijs	((hotel)[N],(prijs)[N])[N]
hotelrat	((hotel)[N],(rat)[N])[N]
hotelreceptie	((hotel)[N],(receptie)[N])[N]
hotelregister	((hotel)[N],(register)[N])[N]
hotelrekening	((hotel)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hotelreservering	((hotel)[N],(reserveer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
hotelruimte	((hotel)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
hotelschakeling	((hotel)[N],((schakel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hotelschool	((hotel)[N],(school)[N])[N]
hotelsluiting	((hotel)[N],(sluit)[V],(ing)[N|NV.])[N]
hotelsuite	((hotel)[N],(suite)[N])[N]
hotelterras	((hotel)[N],(terras)[N])[N]
hotelvak	((hotel)[N],(vak)[N])[N]
hotelwinkel	((hotel)[N],(winkel)[N])[N]
hotelzilver	((hotel)[N],(zilver)[N])[N]
hotsen	(hots)[V]
hotten	(hot)[V]
houdbaar	((houd)[V],(baar)[A|V.])[A]
houdbaarheid	(((houd)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
houder	((houd)[V],(er)[N|V.])[N]
houderes	(((houd)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
houderschap	(((houd)[V],(er)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
houdgreep	((houd)[V],(greep)[N])[N]
houdingsoefening	((houding)[N],(s)[N|N.N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
houdingsverandering	((houding)[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
houdster	((houd)[V],(ster)[N|V.])[N]
houdstermaatschappij	(((houd)[V],(ster)[N|V.])[N],(maatschappij)[N])[N]
hout	(hout)[N]
houtaankap	((hout)[N],(aankap)[N])[N]
houtachtig	((hout)[N],(achtig)[A|N.])[A]
houtakker	((hout)[N],(akker)[N])[N]
houtarm	((hout)[N],(arm)[A])[A]
houtazijn	((hout)[N],(azijn)[N])[N]
houtbeeldhouwer	((hout)[N],(((beeld)[N],(houw)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
houtbestrating	((hout)[N],(((be)[V|.N],(straat)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
houtbeurs	((hout)[N],(beurs)[N])[N]
houtbewerker	((hout)[N],((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
houtbewerking	((hout)[N],((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
houtbij	((hout)[N],(bij)[N])[N]
houtboard	((hout)[N],(board)[N])[N]
houtbok	((hout)[N],(bok)[N])[N]
houtboor	((hout)[N],(boor)[N])[N]
houtbouw	((hout)[N],(bouw)[N])[N]
houtbranden	((hout)[N],(brand)[V])[V]
houtcel	((hout)[N],(cel)[N])[N]
houtcellulose	((hout)[N],(cellulose)[N])[N]
houtconstructie	((hout)[N],(constructie)[N])[N]
houtdeeg	((hout)[N],(deeg)[N])[N]
houtdraaier	((hout)[N],(draai)[V],(er)[N|NV.])[N]
houtdruk	((hout)[N],(druk)[N])[N]
houtduif	((hout)[N],(duif)[N])[N]
houtekster	((hout)[N],(ekster)[N])[N]
houten	((hout)[N],(en)[A|N.])[A]
houterig	((hout)[N],(erig)[A|N.])[A]
houterigheid	(((hout)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
houtfretje	((hout)[N],(fret)[N])[N]
houtgas	((hout)[N],(gas)[N])[N]
houtgeest	((hout)[N],(geest)[N])[N]
houtgewas	((hout)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
houtgraveerkunst	((hout)[N],((graveer)[V],(kunst)[N])[N])[N]
houtgraveur	((hout)[N],(graveer)[V],(eur)[N|NV.])[N]
houtgravure	((hout)[N],(gravure)[N])[N]
houthakken	((hout)[N],(hak)[V])[V]
houthakker	(((hout)[N],(hak)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
houthakkershemd	((((hout)[N],(hak)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hemd)[N])[N]
houthandel	((hout)[N],(handel)[N])[N]
houthandelaar	((hout)[N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
houthaven	((hout)[N],(haven)[N])[N]
houthoudend	((hout)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
houtig	((hout)[N],(ig)[A|N.])[A]
houtindustrie	((hout)[N],(industrie)[N])[N]
houtje-touwtje	((hout)[N],(touwtje)[N])[N]
houtje-touwtjejas	(((hout)[N],(touwtje)[N])[N],(jas)[N])[N]
houtkachel	((hout)[N],(kachel)[N])[N]
houtkever	((hout)[N],(kever)[N])[N]
houtkit	((hout)[N],(kit)[N])[N]
houtkoper	((hout)[N],(koop)[V],(er)[N|NV.])[N]
houtlading	((hout)[N],(laad)[V],(ing)[N|NV.])[N]
houtlijm	((hout)[N],(lijm)[N])[N]
houtluis	((hout)[N],(luis)[N])[N]
houtmaat	((hout)[N],(maat)[N])[N]
houtmade	((hout)[N],(made)[N])[N]
houtmarkt	((hout)[N],(markt)[N])[N]
houtmeel	((hout)[N],(meel)[N])[N]
houtmeetkunde	((hout)[N],((meet)[V],(kunde)[N])[N])[N]
houtmijt	((hout)[N],(mijt)[N])[N]
houtmolm	((hout)[N],(molm)[N])[N]
houtnerf	((hout)[N],(nerf)[N])[N]
houtopstand	((hout)[N],(opstand)[N])[N]
houtpapier	((hout)[N],(papier)[N])[N]
houtpulp	((hout)[N],(pulp)[N])[N]
houtrasp	((hout)[N],(rasp)[N])[N]
houtrijk	((hout)[N],(rijk)[A])[A]
houtring	((hout)[N],(ring)[N])[N]
houtschroef	((hout)[N],(schroef)[N])[N]
houtsculptuur	((hout)[N],(sculptuur)[N])[N]
houtsingel	((hout)[N],(singel)[N])[N]
houtskelet	((hout)[N],(skelet)[N])[N]
houtskool	((hout)[N],(s)[N|N.N],(kool)[N])[N]
houtskoolbriket	(((hout)[N],(s)[N|N.N],(kool)[N])[N],(briket)[N])[N]
houtskoolgrill	(((hout)[N],(s)[N|N.N],(kool)[N])[N],(grill)[N])[N]
houtslijp	((hout)[N],(slijp)[N])[N]
houtsnede	((hout)[N],(snede)[N])[N]
houtsnee	((hout)[N],(snee)[N])[N]
houtsneeprent	(((hout)[N],(snee)[N])[N],(prent)[N])[N]
houtsnijder	((hout)[N],(snijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
houtsnijkunst	((hout)[N],(snijd)[V],(kunst)[N])[N]
houtsnijwerk	((hout)[N],(snijd)[V],(werk)[N])[N]
houtsnip	((hout)[N],(snip)[N])[N]
houtsoort	((hout)[N],(soort)[N])[N]
houtspaan	((hout)[N],(spaan)[N])[N]
houtspaander	((hout)[N],(spaander)[N])[N]
houtstand	((hout)[N],(stand)[N])[N]
houtstapel	((hout)[N],(stapel)[N])[N]
houtsteen	((hout)[N],(steen)[N])[N]
houtstof	((hout)[N],(stof)[N])[N]
houtteelt	((hout)[N],(teelt)[N])[N]
houtteer	((hout)[N],(teer)[N])[N]
houttuin	((hout)[N],(tuin)[N])[N]
houtverband	((hout)[N],(verband)[N])[N]
houtveredeling	((hout)[N],(((ver)[V|.A],(edel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
houtvezel	((hout)[N],(vezel)[N])[N]
houtvezelplaat	(((hout)[N],(vezel)[N])[N],(plaat)[N])[N]
houtvijl	((hout)[N],(vijl)[N])[N]
houtvim	((hout)[N],(vim)[N])[N]
houtvlot	((hout)[N],(vlot)[N])[N]
houtvlotter	((houtvlot)[V],(er)[N|V.])[N]
houtvrij	((hout)[N],(vrij)[A])[A]
houtwal	((hout)[N],(wal)[N])[N]
houtwaren	((hout)[N],(waar)[N])[N]
houtweefsel	((hout)[N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
houtwerf	((hout)[N],(werf)[N])[N]
houtwerk	((hout)[N],(werk)[N])[N]
houtwerker	((hout)[N],(werk)[V],(er)[N|NV.])[N]
houtwesp	((hout)[N],(wesp)[N])[N]
houtwol	((hout)[N],(wol)[N])[N]
houtwolplaat	(((hout)[N],(wol)[N])[N],(plaat)[N])[N]
houtworm	((hout)[N],(worm)[N])[N]
houtzaag	((hout)[N],(zaag)[N])[N]
houtzaagmolen	((hout)[N],(zaag)[V],(molen)[N])[N]
houtzager	((hout)[N],(zaag)[V],(er)[N|NV.])[N]
houtzagerij	((hout)[N],(zaag)[V],(erij)[N|NV.])[N]
houw	(houw)[N]
houwbijl	((houw)[V],(bijl)[N])[N]
houwdegen	((houw)[V],(degen)[N])[N]
houwen	(houw)[V]
houwer	((houw)[V],(er)[N|V.])[N]
houwhamer	((houw)[V],(hamer)[N])[N]
houwmes	((houw)[V],(mes)[N])[N]
houzee	((hou)[A],(zee)[N])[N]
hovaardigheid	((hovaardig)[A],(heid)[N|A.])[N]
hoveling	((hof)[N],(eling)[N|N.])[N]
hoven	(hoof)[V]
hovenier	((hof)[N],(enier)[N|N.])[N]
hovenierskunst	(((hof)[N],(enier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
hoving	((hoof)[V],(ing)[N|V.])[N]
hozen	(hoos)[V]
hufter	(hufter)[N]
hui	(hui)[N]
huichelaar	((huichel)[V],(aar)[N|V.])[N]
huichelaarster	(((huichel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
huichelachtig	((huichel)[V],(achtig)[A|V.])[A]
huichelachtigheid	(((huichel)[V],(achtig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
huichelarij	((huichel)[V],(arij)[N|V.])[N]
huichelen	(huichel)[V]
huid	(huid)[N]
huidaandoening	((huid)[N],(((aan)[P],(doe)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
huidademhaling	((huid)[N],(((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
huidarts	((huid)[N],(arts)[N])[N]
huidcel	((huid)[N],(cel)[N])[N]
huidcrème	((huid)[N],(crème)[N])[N]
huidenkoper	((huid)[N],(en)[N|N.N],((koop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
huidgedeelte	((huid)[N],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
huidinfectie	((huid)[N],((infect)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
huidirritatie	((huid)[N],((irriteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
huidkanker	((huid)[N],(kanker)[N])[N]
huidkleur	((huid)[N],(kleur)[N])[N]
huidletsel	((huid)[N],((let)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
huidmondje	((huid)[N],(mond)[N])[N]
huidoppervlak	((huid)[N],((opper)[N|.N],(vlak)[N])[N])[N]
huidoppervlakte	((huid)[N],((opper)[N|.N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N])[N]
huidplaat	((huid)[N],(plaat)[N])[N]
huidporie	((huid)[N],(porie)[N])[N]
huidreactie	((huid)[N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
huidschilfer	((huid)[N],(schilfer)[N])[N]
huidsensatie	((huid)[N],(sensatie)[N])[N]
huidsmeer	((huid)[N],(smeer)[N])[N]
huidspecialist	((huid)[N],(specialist)[N])[N]
huidtransplantatie	((huid)[N],(transplanteer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
huidtype	((huid)[N],(type)[N])[N]
huiduitslag	((huid)[N],((uit)[P],(slag)[N])[N])[N]
huidverzorging	((huid)[N],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
huidvetten	((huid)[N],(vet)[V])[V]
huidvetter	(((huid)[N],(vet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
huidvetterij	(((huid)[N],(vet)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
huidweerstand	((huid)[N],(weerstand)[N])[N]
huidworm	((huid)[N],(worm)[N])[N]
huidziekte	((huid)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
huif	(huif)[N]
huifkar	((huif)[N],(kar)[N])[N]
huifschip	((huif)[N],(schip)[N])[N]
huifwagen	((huif)[N],(wagen)[N])[N]
huig	(huig)[N]
huig-r	((huig)[N],(r)[N])[N]
huik	(huik)[N]
huilbui	((huil)[V],(bui)[N])[N]
huilebalk	((huil)[V],(e)[N|V.V],(balk)[V])[N]
huilen	(huil)[V]
huiler	((huil)[V],(er)[N|V.])[N]
huilerig	((huil)[V],(erig)[A|V.])[A]
huilerigheid	(((huil)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
huilkramp	((huil)[V],(kramp)[N])[N]
huilpartij	((huil)[V],(partij)[N])[N]
huiltoon	((huil)[V],(toon)[N])[N]
huis	(huis)[N]
huisaansluiting	((huis)[N],((aan)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
huisadres	((huis)[N],(adres)[N])[N]
huisafval	((huis)[N],(afval)[N])[N]
huisakte	((huis)[N],(akte)[N])[N]
huisaltaar	((huis)[N],(altaar)[N])[N]
huisanker	((huis)[N],(anker)[N])[N]
huisapotheek	((huis)[N],(apotheek)[N])[N]
huisarchief	((huis)[N],(archief)[N])[N]
huisarrest	((huis)[N],(arrest)[N])[N]
huisarts	((huis)[N],(arts)[N])[N]
huisarts-specialist	(((huis)[N],(arts)[N])[N],(specialist)[N])[N]
huisartsengeneeskunde	(((huis)[N],(arts)[N])[N],(en)[N|N.N],((genees)[V],(kunde)[N])[N])[N]
huisartsenpraktijk	(((huis)[N],(arts)[N])[N],(en)[N|N.N],(praktijk)[N])[N]
huisartsgeneeskunde	(((huis)[N],(arts)[N])[N],((genees)[V],(kunde)[N])[N])[N]
huisartspraktijk	(((huis)[N],(arts)[N])[N],(praktijk)[N])[N]
huisbaas	((huis)[N],(baas)[N])[N]
huisbakken	((huis)[N],(gebakken)[V])[A]
huisbar	((huis)[N],(bar)[N])[N]
huisbediende	((huis)[N],(bediende)[N])[N]
huisbel	((huis)[N],(bel)[N])[N]
huisbewaarder	((huis)[N],((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
huisbewaarster	((huis)[N],((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
huisbezoek	((huis)[N],(bezoek)[N])[N]
huisbijbel	((huis)[N],(bijbel)[N])[N]
huisbioscoop	((huis)[N],(bioscoop)[N])[N]
huisbraak	((huis)[N],(braak)[N])[N]
huisbrand	((huis)[N],(brand)[N])[N]
huisbuis	((huis)[N],(buis)[N])[N]
huiscollecte	((huis)[N],(collecte)[N])[N]
huiscomputer	((huis)[N],(computer)[N])[N]
huiscorrectie	((huis)[N],((correct)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
huisdealer	((huis)[N],((deal)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
huisdeur	((huis)[N],(deur)[N])[N]
huisdier	((huis)[N],(dier)[N])[N]
huisdierras	(((huis)[N],(dier)[N])[N],(ras)[N])[N]
huisdokter	((huis)[N],(dokter)[N])[N]
huisduif	((huis)[N],(duif)[N])[N]
huisduivel	((huis)[N],(duivel)[N])[N]
huiseigenaar	((huis)[N],(eigenaar)[N])[N]
huiselijk	((huis)[N],(elijk)[A|N.])[A]
huiselijkheid	(((huis)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
huisgeit	((huis)[N],(geit)[N])[N]
huisgemeente	((huis)[N],(gemeente)[N])[N]
huisgenoot	((huis)[N],(genoot)[N])[N]
huisgenote	(((huis)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
huisgerief	((huis)[N],(gerief)[N])[N]
huisgewaad	((huis)[N],(gewaad)[N])[N]
huisgezin	((huis)[N],(gezin)[N])[N]
huisgod	((huis)[N],(god)[N])[N]
huishaan	((huis)[N],(haan)[N])[N]
huisheer	((huis)[N],(heer)[N])[N]
huishoudapparaat	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(apparaat)[N])[N]
huishoudapparatuur	(((huis)[N],(houd)[V])[V],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
huishoudbacterie	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(bacterie)[N])[N]
huishoudbeurs	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(beurs)[N])[N]
huishoudboek	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(boek)[N])[N]
huishoudbudget	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(budget)[N])[N]
huishoudelijk	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
huishoudelijkheid	((((huis)[N],(houd)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
huishouden	((huis)[N],(houd)[V])[V]
huishoudfolie	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(folie)[N])[N]
huishoudgeld	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(geld)[N])[N]
huishoudhulp	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(hulp)[N])[N]
huishouding	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
huishoudjam	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(jam)[N])[N]
huishoudkunde	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(kunde)[N])[N]
huishoudonderwijs	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(onderwijs)[N])[N]
huishoudportemonnee	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(portemonnee)[N])[N]
huishoudschaal	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(schaal)[N])[N]
huishoudschool	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(school)[N])[N]
huishoudster	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
huishoudstroop	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(stroop)[N])[N]
huishoudtrap	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(trap)[N])[N]
huishoudweegschaal	(((huis)[N],(houd)[V])[V],((weeg)[V],(schaal)[N])[N])[N]
huishoudwetenschappen	(((huis)[N],(houd)[V])[V],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
huishoudzeep	(((huis)[N],(houd)[V])[V],(zeep)[N])[N]
huishuur	((huis)[N],(huur)[N])[N]
huishuurwet	(((huis)[N],(huur)[N])[N],(wet)[N])[N]
huisindustrie	((huis)[N],(industrie)[N])[N]
huisjapon	((huis)[N],(japon)[N])[N]
huisjas	((huis)[N],(jas)[N])[N]
huisjesmelker	((huis)[N],(s)[N|N.N],((melk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
huisjesslak	((huis)[N],(s)[N|N.N],(slak)[N])[N]
huisjongen	((huis)[N],(jongen)[N])[N]
huiskamer	((huis)[N],(kamer)[N])[N]
huiskamerbijeenkomst	(((huis)[N],(kamer)[N])[N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
huiskamerlamp	(((huis)[N],(kamer)[N])[N],(lamp)[N])[N]
huiskapel	((huis)[N],(kapel)[N])[N]
huiskapelaan	((huis)[N],(kapelaan)[N])[N]
huiskat	((huis)[N],(kat)[N])[N]
huiskleur	((huis)[N],(kleur)[N])[N]
huisknecht	((huis)[N],(knecht)[N])[N]
huiskrekel	((huis)[N],(krekel)[N])[N]
huiskruis	((huis)[N],(kruis)[N])[N]
huislijk	((huis)[N],(lijk)[A|N.])[A]
huislijkheid	(((huis)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
huislook	((huis)[N],(look)[N])[N]
huisman	((huis)[N],(man)[N])[N]
huismarter	((huis)[N],(marter)[N])[N]
huismeester	((huis)[N],(meester)[N])[N]
huismerk	((huis)[V],(merk)[N])[N]
huismiddel	((huis)[N],(middel)[N])[N]
huismijt	((huis)[N],(mijt)[N])[N]
huismoeder	((huis)[N],(moeder)[N])[N]
huismuis	((huis)[N],(muis)[N])[N]
huismus	((huis)[N],(mus)[N])[N]
huismuziek	((huis)[N],(muziek)[N])[N]
huisnijverheid	((huis)[N],((nijver)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
huisnummer	((huis)[N],(nummer)[N])[N]
huisonderwijs	((huis)[N],(onderwijs)[N])[N]
huisonderwijzer	((huis)[N],((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
huisorde	((huis)[N],(orde)[N])[N]
huisorgaan	((huis)[N],(orgaan)[N])[N]
huisorgel	((huis)[N],(orgel)[N])[N]
huisorkest	((huis)[N],(orkest)[N])[N]
huisplaag	((huis)[N],(plaag)[N])[N]
huispostille	((huis)[N],(postille)[N])[N]
huispraktijk	((huis)[N],(praktijk)[N])[N]
huisprelaat	((huis)[N],(prelaat)[N])[N]
huisrat	((huis)[N],(rat)[N])[N]
huisrecht	((huis)[N],(recht)[N])[N]
huisregels	((huis)[N],(regel)[N])[N]
huisschilder	((huis)[N],(schilder)[N])[N]
huisslacht	((huis)[N],(slacht)[N])[N]
huisslachting	((huis)[N],((slacht)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
huissleutel	((huis)[N],(sleutel)[N])[N]
huissloof	((huis)[N],(sloof)[N])[N]
huisspin	((huis)[N],(spin)[N])[N]
huisstijl	((huis)[N],(stijl)[N])[N]
huisstof	((huis)[N],(stof)[N])[N]
huistelefoon	((huis)[N],(telefoon)[N])[N]
huistiran	((huis)[N],(tiran)[N])[N]
huisvader	((huis)[N],(vader)[N])[N]
huisvergadering	((huis)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
huisvesten	((huis)[N],(vest)[V])[V]
huisvesting	(((huis)[N],(vest)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
huisvestingsaangelegenheid	((((huis)[N],(vest)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((aangelegen)[V],(heid)[N|V.])[N])[N]
huisvestingsbeleid	((((huis)[N],(vest)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
huisvestingsbureau	((((huis)[N],(vest)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
huisvestingscommissie	((((huis)[N],(vest)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
huisvestingsinstantie	((((huis)[N],(vest)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instantie)[N])[N]
huisvestingsmogelijkheid	((((huis)[N],(vest)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
huisvestingsprobleem	((((huis)[N],(vest)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
huisvestingsproject	((((huis)[N],(vest)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(project)[N])[N]
huisvestingssituatie	((((huis)[N],(vest)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
huisvlieg	((huis)[N],(vlieg)[N])[N]
huisvlijt	((huis)[N],(vlijt)[N])[N]
huisvrede	((huis)[N],(vrede)[N])[N]
huisvredebreuk	(((huis)[N],(vrede)[N])[N],(breuk)[N])[N]
huisvriend	((huis)[N],(vriend)[N])[N]
huisvriendin	(((huis)[N],(vriend)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
huisvrouw	((huis)[N],(vrouw)[N])[N]
huisvuil	((huis)[N],(vuil)[N])[N]
huisvuilscheiding	(((huis)[N],(vuil)[N])[N],(scheid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
huisvuilzak	(((huis)[N],(vuil)[N])[N],(zak)[N])[N]
huiswerk	((huis)[N],(werk)[N])[N]
huiszittend	((huis)[N],(zit)[V],(end)[A|NV.])[A]
huiszoeking	((huis)[N],(zoek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
huiszoekingsbevel	(((huis)[N],(zoek)[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(bevel)[N])[N]
huiszwaluw	((huis)[N],(zwaluw)[N])[N]
huiven	(huif)[V]
huiverachtig	((huiver)[V],(achtig)[A|V.])[A]
huiveren	(huiver)[V]
huiverig	((huiver)[V],(ig)[A|V.])[A]
huiverigheid	(((huiver)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
huivering	((huiver)[V],(ing)[N|V.])[N]
huiveringwekkend	(((huiver)[V],(ing)[N|V.])[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
huizen	(huis)[V]
huizenbezit	((huis)[N],(en)[N|N.N],(bezit)[N])[N]
huizenblok	((huis)[N],(en)[N|N.N],(blok)[N])[N]
huizenbouw	((huis)[N],(en)[N|N.N],(bouw)[N])[N]
huizenbouwer	((huis)[N],(en)[N|N.Vx],(bouw)[V],(er)[N|NxV.])[N]
huizendak	((huis)[N],(en)[N|N.N],(dak)[N])[N]
huizenhoog	((huis)[N],(e)[A|N.A],(hoog)[A])[A]
huizenkant	((huis)[N],(en)[N|N.N],(kant)[N])[N]
huizenmassa	((huis)[N],(en)[N|N.N],(massa)[N])[N]
huizenzee	((huis)[N],(en)[N|N.N],(zee)[N])[N]
huizing	((huis)[V],(ing)[N|V.])[N]
hukken	(huk)[V]
hul	(hul)[N]
huldebetoon	((hulde)[N],(betoon)[N])[N]
huldeblijk	((hulde)[N],(blijk)[N])[N]
huldiging	((huldig)[V],(ing)[N|V.])[N]
hulk	(hulk)[N]
hullen	(hul)[V]
hulp	(hulp)[N]
hulp-ego	((hulp)[N],(ego)[N])[N]
hulpaanbod	((hulp)[N],(aanbod)[N])[N]
hulpactie	((hulp)[N],(actie)[N])[N]
hulpaggregaat	((hulp)[N],((aggregeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
hulpapparaat	((hulp)[N],(apparaat)[N])[N]
hulpapparatuur	((hulp)[N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
hulpbank	((hulp)[N],(bank)[N])[N]
hulpbedrag	((hulp)[N],(bedrag)[N])[N]
hulpbegrip	((hulp)[N],(begrip)[N])[N]
hulpbehoefte	((hulp)[N],(behoefte)[N])[N]
hulpbehoevend	((hulp)[N],((be)[V|.V],(hoef)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
hulpbehoevendheid	(((hulp)[N],((be)[V|.V],(hoef)[V])[V],(end)[A|NV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hulpbereidheid	((hulp)[N],((bereid)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
hulpbetoon	((hulp)[N],(betoon)[N])[N]
hulpbisschop	((hulp)[N],(bisschop)[N])[N]
hulpboek	((hulp)[N],(boek)[N])[N]
hulpbron	((hulp)[N],(bron)[N])[N]
hulpbrug	((hulp)[N],(brug)[N])[N]
hulpcentrum	((hulp)[N],(centrum)[N])[N]
hulpcomité	((hulp)[N],(comité)[N])[N]
hulpconstructie	((hulp)[N],(constructie)[N])[N]
hulpdienst	((hulp)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
hulpeloos	((hulp)[N],(eloos)[A|N.])[A]
hulpeloosheid	(((hulp)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
hulpexpeditie	((hulp)[N],((expedieer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
hulpfonds	((hulp)[N],(fonds)[N])[N]
hulpgeroep	((hulp)[N],((ge)[N|.V],(roep)[V])[N])[N]
hulphypothese	((hulp)[N],(hypothese)[N])[N]
hulpinstantie	((hulp)[N],(instantie)[N])[N]
hulpinstrument	((hulp)[N],(instrument)[N])[N]
hulpkantoor	((hulp)[N],(kantoor)[N])[N]
hulpkorps	((hulp)[N],(korps)[N])[N]
hulpkracht	((hulp)[N],(kracht)[N])[N]
hulpkreet	((hulp)[N],(kreet)[N])[N]
hulplijn	((hulp)[N],(lijn)[N])[N]
hulpmaatregel	((hulp)[N],(maatregel)[N])[N]
hulpmateriaal	((hulp)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
hulpmiddel	((hulp)[N],(middel)[N])[N]
hulpmilitie	((hulp)[N],(militie)[N])[N]
hulpmogelijkheid	((hulp)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
hulpmotor	((hulp)[N],(motor)[N])[N]
hulpofficier	((hulp)[N],(officier)[N])[N]
hulponderwijzer	((hulp)[N],((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hulponderwijzeres	(((hulp)[N],((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(es)[N|N.])[N]
hulporgaan	((hulp)[N],(orgaan)[N])[N]
hulporganisatie	((hulp)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
hulporganist	((hulp)[N],(organist)[N])[N]
hulppersoneel	((hulp)[N],(personeel)[N])[N]
hulppost	((hulp)[N],(post)[N])[N]
hulppredikant	((hulp)[N],((predik)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
hulpprogram	((hulp)[N],(program)[N])[N]
hulpprogramma	((hulp)[N],(programma)[N])[N]
hulpproject	((hulp)[N],(project)[N])[N]
hulprelatie	((hulp)[N],(relatie)[N])[N]
hulpsignaal	((hulp)[N],(signaal)[N])[N]
hulpstelling	((hulp)[N],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hulpstof	((hulp)[N],(stof)[N])[N]
hulpstuk	((hulp)[N],(stuk)[N])[N]
hulpsysteem	((hulp)[N],(systeem)[N])[N]
hulptaal	((hulp)[N],(taal)[N])[N]
hulptabel	((hulp)[N],(tabel)[N])[N]
hulptoestel	((hulp)[N],(toestel)[N])[N]
hulptroepen	((hulp)[N],(troep)[N])[N]
hulpvaardig	((hulp)[N],(vaardig)[A])[A]
hulpvaardigheid	(((hulp)[N],(vaardig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
hulpverleenster	((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
hulpverlener	((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
hulpverlening	((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
hulpverleningsaanbod	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(aanbod)[N])[N]
hulpverleningsactiviteit	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
hulpverleningsbeleid	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
hulpverleningscentrum	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
hulpverleningsfilosofie	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
hulpverleningsideologie	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((ideologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
hulpverleningsinstantie	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(instantie)[N])[N]
hulpverleningsinstituut	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(instituut)[N])[N]
hulpverleningsmethode	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
hulpverleningsmogelijkheid	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
hulpverleningsorganisatie	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
hulpverleningsproces	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
hulpverleningsprogramma	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
hulpverleningsproject	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(project)[N])[N]
hulpverleningsrelatie	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
hulpverleningssituatie	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
hulpverleningssysteem	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
hulpverleningsteam	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(team)[N])[N]
hulpverleningstechniek	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
hulpverleningsvoorziening	(((hulp)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hulpvermogen	((hulp)[N],(vermogen)[N])[N]
hulpwerktuig	((hulp)[N],((werk)[V],(tuig)[N])[N])[N]
hulpwerkwoord	((hulp)[N],((werk)[V],(woord)[N])[N])[N]
hulpwetenschap	((hulp)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
hulpzeel	((hulp)[N],(zeel)[N])[N]
hulpziekenhuis	((hulp)[N],((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N])[N]
huls	(huls)[N]
hulsel	((hul)[V],(sel)[N|V.])[N]
hulst	(hulst)[N]
hulstbes	((hulst)[N],(bes)[N])[N]
hulstbos	((hulst)[N],(bos)[N])[N]
hum	(hum)[N]
humaniseren	((humaan)[A],(iseer)[V|A.])[V]
humanisering	(((humaan)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
humanistisch	((humanist)[N],(isch)[A|N.])[A]
humaniteit	((humaan)[A],(iteit)[N|A.])[N]
humeurig	((humeur)[N],(ig)[A|N.])[A]
humeurigheid	(((humeur)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
humiliant	((humilieer)[V],(ant)[A|V.])[A]
humiliatie	((humilieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
hummel	(hummel)[N]
hummen	(hum)[V]
humor	(humor)[N]
humorist	((humor)[N],(ist)[N|N.])[N]
humoristisch	(((humor)[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A]
humorloos	((humor)[N],(loos)[A|N.])[A]
humorvol	((humor)[N],(vol)[A])[A]
humusgesteente	((humus)[N],((ge)[N|.Nx],(steen)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
humusgrond	((humus)[N],(grond)[N])[N]
humuslaag	((humus)[N],(laag)[N])[N]
humusrijk	((humus)[N],(rijk)[A])[A]
humusvorming	((humus)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
humuszuur	((humus)[N],(zuur)[N])[N]
hunebed	((Hun)[N],(e)[N|N.N],(bed)[N])[N]
hunebedbouwers	(((Hun)[N],(e)[N|N.N],(bed)[N])[N],(bouw)[V],(er)[N|NV.])[N]
hunkeren	(hunker)[V]
hunkering	((hunker)[V],(ing)[N|V.])[N]
hup	(hup)[N]
huppelen	(huppel)[V]
huppelwater	((huppel)[V],(water)[N])[N]
huppen	(hup)[V]
hups	(hups)[A]
hupsheid	((hups)[A],(heid)[N|A.])[N]
huren	(huur)[V]
hurken	(hurk)[V]
hurken	(hurken)[N]
hurkhouding	((hurk)[V],(houding)[N])[N]
hurkpositie	((hurk)[V],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
hurksprong	((hurk)[V],(sprong)[N])[N]
hurktoilet	((hurk)[V],(toilet)[N])[N]
husselen	(hussel)[V]
hut	(hut)[N]
hutachtig	((hut)[N],(achtig)[A|N.])[A]
hutbagage	((hut)[N],(bagage)[N])[N]
hutbewoner	((hut)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
hutbewoonster	((hut)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
hutjongen	((hut)[N],(jongen)[N])[N]
hutkoffer	((hut)[N],(koffer)[N])[N]
hutselbeker	((hutsel)[V],(beker)[N])[N]
hutselen	(hutsel)[V]
hutsen	(huts)[V]
hutsepot	((huts)[V],(e)[N|V.N],(pot)[N])[N]
hutspot	((huts)[V],(pot)[N])[N]
huttenplan	((hut)[N],(en)[N|N.N],(plan)[N])[N]
huur	(huur)[N]
huurachterstand	((huur)[N],((achter)[B],(stand)[N])[N])[N]
huuradviescommissie	((huur)[N],((advies)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N])[N]
huurakte	((huur)[V],(akte)[N])[N]
huurauto	((huur)[V],(auto)[N])[N]
huurbeding	((huur)[V],(beding)[N])[N]
huurbeleid	((huur)[N],(beleid)[N])[N]
huurbescherming	((huur)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
huurbevriezing	((huur)[N],((be)[V|.V],(vries)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
huurblokkering	((huur)[N],((blok)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|NV.])[N]
huurceel	((huur)[V],(ceel)[N])[N]
huurcommissie	((huur)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
huurcompensatie	((huur)[N],(compenseer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
huurconditie	((huur)[V],(conditie)[N])[N]
huurcontract	((huur)[V],(contract)[N])[N]
huurcorrectie	((huur)[N],((correct)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
huurder	((huur)[V],(der)[N|V.])[N]
huurderving	((huur)[N],(derf)[V],(ing)[N|NV.])[N]
huurgewenning	((huur)[N],(gewen)[V],(ing)[N|NV.])[N]
huurharmonisatie	((huur)[N],(((harmonisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|NV.])[N]
huurhuis	((huur)[V],(huis)[N])[N]
huurindexering	((huur)[N],((index)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|NV.])[N]
huurkazerne	((huur)[V],(kazerne)[N])[N]
huurkoetsier	((huur)[V],((koets)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
huurkoop	((huur)[V],(koop)[N])[N]
huurlast	((huur)[N],(last)[N])[N]
huurleger	((huur)[N],(leger)[N])[N]
huurling	((huur)[V],(ling)[N|V.])[N]
huurmoord	((huur)[V],(moord)[N])[N]
huurmoordenaar	((huur)[V],((moord)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
huurmoordenares	((huur)[V],((moord)[N],(enares)[N|N.])[N])[N]
huurovereenkomst	((huur)[V],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
huurpeil	((huur)[N],(peil)[N])[N]
huurpenning	((huur)[V],(penning)[N])[N]
huurpolitiek	((huur)[N],(politiek)[N])[N]
huurprijs	((huur)[V],(prijs)[N])[N]
huurquote	((huur)[N],(quote)[N])[N]
huurrecht	((huur)[V],(recht)[N])[N]
huurrendement	((huur)[N],((rendeer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
huurrijtuig	((huur)[V],((rijd)[V],(tuig)[N])[N])[N]
huurronde	((huur)[N],(ronde)[N])[N]
huurschade	((huur)[V],(schade)[N])[N]
huurschuld	((huur)[N],(schuld)[N])[N]
huursoldaat	((huur)[V],(soldaat)[N])[N]
huursom	((huur)[N],(som)[N])[N]
huurstaker	((huur)[N],(staak)[V],(er)[N|NV.])[N]
huurstaking	((huur)[V],((staak)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
huurster	((huur)[V],(ster)[N|V.])[N]
huursubsidie	((huur)[N],(subsidie)[N])[N]
huurverbreking	((huur)[V],(((ver)[V|.V],(breek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
huurwaarde	((huur)[V],(waarde)[N])[N]
huurwagen	((huur)[V],(wagen)[N])[N]
huurwet	((huur)[V],(wet)[N])[N]
huwbaar	((huw)[V],(baar)[A|V.])[A]
huwbaarheid	(((huw)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
huwelijk	((huw)[V],(elijk)[A|V.])[A]
huwelijks	((huwelijk)[N],(s)[A|N.])[A]
huwelijksaangifte	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(aangifte)[N])[N]
huwelijksaankondiging	(((huwelijk)[N],(s)[A|N.])[A],((aan)[P],(kond)[A],(ig)[V|PA.])[V],(ing)[N|AV.])[N]
huwelijksaanzoek	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(aanzoek)[N])[N]
huwelijksadvertentie	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
huwelijksafkondiging	(((huwelijk)[N],(s)[A|N.])[A],((af)[P],(kond)[A],(ig)[V|PA.])[V],(ing)[N|AV.])[N]
huwelijksakte	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(akte)[N])[N]
huwelijksband	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(band)[N])[N]
huwelijksbed	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(bed)[N])[N]
huwelijksbeletsel	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(let)[V])[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
huwelijksbelofte	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(belofte)[N])[N]
huwelijksbemiddeling	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(middel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
huwelijksbericht	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(bericht)[N])[N]
huwelijksbootje	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(boot)[N])[N]
huwelijksbureau	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
huwelijkscadeau	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(cadeau)[N])[N]
huwelijkscontract	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(contract)[N])[N]
huwelijksgebod	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(gebod)[N])[N]
huwelijksgebruik	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(gebruik)[N])[N]
huwelijksgemeenschap	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
huwelijksgeschenk	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N])[N]
huwelijksgift	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(gift)[N])[N]
huwelijksgoed	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(goed)[N])[N]
huwelijksinzegening	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(((in)[P],(zegen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
huwelijkskandidaat	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
huwelijkskantoor	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
huwelijksleven	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(leven)[N])[N]
huwelijksmakelaar	(((huwelijk)[N],(s)[A|N.])[A],((makel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
huwelijksmis	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(mis)[N])[N]
huwelijksmoeilijkheden	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
huwelijksmoraal	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(moraal)[N])[N]
huwelijksnacht	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(nacht)[N])[N]
huwelijksovereenkomst	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
huwelijkspand	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(pand)[N])[N]
huwelijksplicht	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(plicht)[N])[N]
huwelijksrecht	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
huwelijksregister	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(register)[N])[N]
huwelijksreis	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(reis)[N])[N]
huwelijkstrouw	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(trouw)[N])[N]
huwelijksuitzet	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(uitzet)[N])[N]
huwelijksvoltrekking	(((huwelijk)[N],(s)[A|N.])[A],((vol)[A],(trek)[V])[V],(ing)[N|AV.])[N]
huwelijksvoorwaarden	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(voorwaarde)[N])[N]
huwelijkszaken	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
huwelijkszegen	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(zegen)[N])[N]
huwelijkszwendel	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],(zwendel)[N])[N]
huwelijkszwendelaar	((huwelijk)[N],(s)[N|N.N],((zwendel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
huwen	(huw)[V]
huzarenmantel	((huzaar)[N],(en)[N|N.N],(mantel)[N])[N]
huzarenmuts	((huzaar)[N],(en)[N|N.N],(muts)[N])[N]
huzarensla	((huzaar)[N],(en)[N|N.N],(sla)[N])[N]
huzarenstukje	((huzaar)[N],(en)[N|N.N],(stuk)[N])[N]
hyacint	(hyacint)[N]
hyacintenbed	((hyacint)[N],(en)[N|N.N],(bed)[N])[N]
hyacintenbol	((hyacint)[N],(e)[N|N.N],(bol)[N])[N]
hyacintenglas	((hyacint)[N],(e)[N|N.N],(glas)[N])[N]
hyacintenkweker	((hyacint)[N],(en)[N|N.Vx],(kweek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
hyacintenziekte	((hyacint)[N],(en)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
hyalietglas	((hyaliet)[N],(glas)[N])[N]
hybridisatie	(((hybride)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
hybridiseren	((hybride)[N],(iseer)[V|N.])[V]
hydraat	((hydreer)[V],(aat)[N|V.])[N]
hydraatwater	(((hydreer)[V],(aat)[N|V.])[N],(water)[N])[N]
hydrant	((hydreer)[V],(ant)[N|V.])[N]
hydrateren	(((hydreer)[V],(aat)[N|V.])[N],(eer)[V|N.])[V]
hydrauliciteit	((hydraulisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N]
hydro-elektrisch	((hydro)[A|.A],(elektrisch)[A])[A]
hydrobiologie	((hydro)[N|.N],((biologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
hydrobiologisch	((hydro)[A|.A],(biologisch)[A])[A]
hydrodynamica	((hydro)[N|.N],(dynamica)[N])[N]
hydrodynamisch	((hydro)[A|.A],(dynamisch)[A])[A]
hydrofobie	((hydro)[N|.N],((fobisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
hydrogeologie	((hydro)[N|.N],((geologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
hydrografie	((hydrografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
hydrologisch	((hydroloog)[N],(isch)[A|N.])[A]
hydrolytisch	((hydrolyse)[N],(isch)[A|N.])[A]
hydromechanica	((hydro)[N|.N],(mechanica)[N])[N]
hydromechanisch	((hydro)[A|.A],(mechanisch)[A])[A]
hydrometer	((hydro)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
hydropneumatisch	((hydro)[A|.A],(pneumatisch)[A])[A]
hydrosfeer	((hydro)[N|.N],(sfeer)[N])[N]
hydrosol	((hydro)[N|.N],(sol)[N])[N]
hydrostatica	((hydro)[N|.N],(statica)[N])[N]
hydrostatisch	((hydro)[A|.A],(statisch)[A])[A]
hydrotechniek	((hydro)[N|.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
hydrotherapie	((hydro)[N|.N],(therapie)[N])[N]
hydrothermaal	((hydro)[A|.A],(thermaal)[A])[A]
hydrothorax	((hydro)[N|.N],(thorax)[N])[N]
hydrotropisme	((hydro)[N|.N],(tropisme)[N])[N]
hyena	(hyena)[N]
hyena-achtig	((hyena)[N],(achtig)[A|N.])[A]
hyenahond	((hyena)[N],(hond)[N])[N]
hygiëne	(hygiëne)[N]
hygiënisch	((hygiëne)[N],(isch)[A|N.])[A]
hygiënist	((hygiëne)[N],(ist)[N|N.])[N]
hygroscopisch	((hygroscoop)[N],(isch)[A|N.])[A]
hymnisch	((hymne)[N],(isch)[A|N.])[A]
hyperactief	((hyper)[A|.A],((actie)[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
hyperactiviteit	((hyper)[N|.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
hyperbolisch	((hyperbool)[N],(isch)[A|N.])[A]
hyperboliseren	((hyperbool)[N],(iseer)[V|N.])[V]
hyperbolisering	(((hyperbool)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
hypercorrect	((hyper)[A|.A],(correct)[A])[A]
hypercorrectie	((hyper)[N|.N],((correct)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
hypergevoelig	((hyper)[A|.A],(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
hyperinflatie	((hyper)[N|.N],(inflatie)[N])[N]
hyperkritiek	((hyper)[N|.N],((kritisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
hyperkritisch	((hyper)[A|.A],(kritisch)[A])[A]
hyperluxueus	((hyper)[A|.A],(luxueus)[A])[A]
hypermetamorfose	((hyper)[N|.N],(metamorfose)[N])[N]
hypermetropie	((hypermetroop)[A],(ie)[N|A.])[N]
hypermodern	((hyper)[A|.A],(modern)[A])[A]
hypernerveus	((hyper)[A|.A],(nerveus)[A])[A]
hyperreflectie	((hyper)[N|.N],(reflectie)[N])[N]
hypersegmentatie	((hyper)[N|.N],(((segment)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
hypersensitief	((hyper)[A|.A],(sensitief)[A])[A]
hyperslank	((hyper)[A|.A],(slank)[A])[A]
hypertensie	((hyper)[N|.N],(tensie)[N])[N]
hypertonisch	((hyper)[A|.A],((tonus)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
hypertrofie	((hypertrofisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
hyperventilant	((hyperventileer)[V],(ant)[N|V.])[N]
hyperventilatie	((hyperventileer)[V],(atie)[N|V.])[N]
hyperventilatiesyndroom	(((hyperventileer)[V],(atie)[N|V.])[N],(syndroom)[N])[N]
hypnotisch	((hypnose)[N],(isch)[A|N.])[A]
hypnotiseren	((hypnose)[N],(iseer)[V|N.])[V]
hypnotiseur	(((hypnose)[N],(iseer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
hypochondrie	((hypochondrisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
hypochondrist	(((hypochondrisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(ist)[N|N.])[N]
hypocritisch	((hypocriet)[A],(isch)[A|A.])[A]
hyposensibilisatie	((hypo)[N|.N],((sensibiliseer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
hypotheekakte	((hypotheek)[N],(akte)[N])[N]
hypotheekbank	((hypotheek)[N],(bank)[N])[N]
hypotheekbewaarder	((hypotheek)[N],((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
hypotheekgever	((hypotheek)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N]
hypotheekhouder	((hypotheek)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
hypotheekkantoor	((hypotheek)[N],(kantoor)[N])[N]
hypotheeknemer	((hypotheek)[N],(neem)[V],(er)[N|NV.])[N]
hypotheekrecht	((hypotheek)[N],(recht)[N])[N]
hypotheekregister	((hypotheek)[N],(register)[N])[N]
hypotheekrente	((hypotheek)[N],(rente)[N])[N]
hypotheekverklaring	((hypotheek)[N],(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hypotheekverzekering	((hypotheek)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
hypothekeren	((hypotheek)[N],(eer)[V|N.])[V]
hypothetisch	((hypothese)[N],(isch)[A|N.])[A]
hypoventilatie	((hypo)[N],((ventileer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
hysterie	((hysterisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
i	(i)[N]
iaën	(ia)[V]
icon	(icon)[N]
iconisch	((icoon)[N],(isch)[A|N.])[A]
icoon	(icoon)[N]
ideaal	((idee)[N],(aal)[A|N.])[A]
ideaal-ik	((ideaal)[N],(ik)[N])[N]
ideaalbeeld	(((idee)[N],(aal)[A|N.])[A],(beeld)[N])[N]
ideaaltypisch	((ideaal)[N],((type)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
idealiseren	(((idee)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V]
idealisering	((((idee)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
idealist	((ideaal)[N],(ist)[N|N.])[N]
idealiste	(((ideaal)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
idealistisch	(((ideaal)[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A]
idealiteit	(((idee)[N],(aal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
idee	(idee)[N]
ideeënbus	((idee)[N],(en)[N|N.N],(bus)[N])[N]
ideeënleer	((idee)[N],(en)[N|N.N],(leer)[N])[N]
ideeënroman	((idee)[N],(en)[N|N.N],(roman)[N])[N]
identificateur	((identificeer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
identificatie	((identificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
identificatiecode	(((identificeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(code)[N])[N]
identificatiemodel	(((identificeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(model)[N])[N]
identificatiemogelijkheid	(((identificeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
identificatieproces	(((identificeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
identificering	((identificeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
identiteitsbewijs	((identiteit)[N],(s)[N|N.N],(bewijs)[N])[N]
identiteitscontrole	((identiteit)[N],(s)[N|N.N],(controle)[N])[N]
identiteitscrisis	((identiteit)[N],(s)[N|N.N],(crisis)[N])[N]
identiteitsgegeven	((identiteit)[N],(s)[N|N.N],(gegeven)[N])[N]
identiteitskaart	((identiteit)[N],(s)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
identiteitsontwikkeling	((identiteit)[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
identiteitspapier	((identiteit)[N],(s)[N|N.N],(papier)[N])[N]
identiteitsplaatje	((identiteit)[N],(s)[N|N.N],(plaat)[N])[N]
identiteitsprobleem	((identiteit)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
identiteitsverlies	((identiteit)[N],(s)[N|N.N],(verlies)[N])[N]
ideologie	((ideologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
ideologiebegrip	(((ideologisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(begrip)[N])[N]
ideologiekritisch	(((ideologisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(kritisch)[A])[A]
ideologietheorie	(((ideologisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(theorie)[N])[N]
ideologiseren	(((ideologisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(iseer)[V|N.])[V]
ideologisering	((((ideologisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
idiomatisch	((idioom)[N],(atisch)[A|N.])[A]
idioot	(idioot)[N]
idiosyncratisch	((idiosyncrasie)[N],(isch)[A|N.])[A]
idioterie	((idioot)[N],(erie)[N|N.])[N]
idiotie	((idioot)[A],(ie)[N|A.])[N]
idylle	(idylle)[N]
idyllendichter	((idylle)[N],(en)[N|N.Vx],(dicht)[V],(er)[N|NxV.])[N]
idyllisch	((idylle)[N],(isch)[A|N.])[A]
iel	(iel)[A]
iemker	(iemker)[N]
iep	(iep)[N]
iepen	((iep)[N],(en)[A|N.])[A]
iepenboom	((iep)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
iepenbos	((iep)[N],(en)[N|N.N],(bos)[N])[N]
iepenhout	((iep)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
iepenhouten	(((iep)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
iepenlaan	((iep)[N],(en)[N|N.N],(laan)[N])[N]
iepenloof	((iep)[N],(e)[N|N.N],(loof)[N])[N]
iepenzwam	((iep)[N],(e)[N|N.N],(zwam)[N])[N]
iepziekte	((iep)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
iets	(iets)[N]
ietsepietsie	((iets)[O],(e)[N|O.N],(pietsie)[N])[N]
iezegrim	(iezegrim)[N]
iglo	(iglo)[N]
ignorant	((ignoreer)[V],(ant)[N|V.])[N]
ignorantie	((ignoreer)[V],(antie)[N|V.])[N]
ij	(ij)[N]
ij-tunnel	((ij)[N],(tunnel)[N])[N]
ijbokking	((ij)[N],(bokking)[N])[N]
ijdel	(ijdel)[A]
ijdelheid	((ijdel)[A],(heid)[N|A.])[N]
ijdeltuit	((ijdel)[A],(tuit)[N])[N]
ijdeltuiterij	(((ijdel)[A],(tuit)[N])[N],(erij)[N|N.])[N]
ijk	(ijk)[N]
ijken	(ijk)[V]
ijker	((ijk)[V],(er)[N|V.])[N]
ijkgeld	((ijk)[V],(geld)[N])[N]
ijkijzer	((ijk)[N],(ijzer)[N])[N]
ijking	((ijk)[V],(ing)[N|V.])[N]
ijkkantoor	((ijk)[V],(kantoor)[N])[N]
ijkmaat	((ijk)[V],(maat)[N])[N]
ijkmeester	((ijk)[V],(meester)[N])[N]
ijkmerk	((ijk)[V],(merk)[N])[N]
ijkwezen	((ijk)[V],(wezen)[N])[N]
ijl	(ijl)[A]
ijlbode	((ijl)[V],(bode)[N])[N]
ijlen	(ijl)[V]
ijlgoed	((ijl)[V],(goed)[N])[N]
ijlheid	((ijl)[A],(heid)[N|A.])[N]
ijlhoofd	((ijl)[A],(hoofd)[N])[N]
ijlhoofdig	((ijl)[A],(hoofd)[N],(ig)[A|AN.])[A]
ijlhoofdigheid	(((ijl)[A],(hoofd)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ijlkoorts	((ijl)[V],(koorts)[N])[N]
ijltempo	((ijl)[V],(tempo)[N])[N]
ijs	(ijs)[N]
ijsaanzetting	((ijs)[N],((aan)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
ijsafzetting	((ijs)[N],((af)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
ijsbaan	((ijs)[N],(baan)[N])[N]
ijsbal	((ijs)[N],(bal)[N])[N]
ijsbank	((ijs)[N],(bank)[N])[N]
ijsbeen	((ijs)[N],(been)[N])[N]
ijsbeer	((ijs)[N],(beer)[N])[N]
ijsberg	((ijs)[N],(berg)[N])[N]
ijsbergsla	(((ijs)[N],(berg)[N])[N],(sla)[N])[N]
ijsbericht	((ijs)[N],(bericht)[N])[N]
ijsbloemen	((ijs)[N],(bloem)[N])[N]
ijsblokje	((ijs)[N],(blok)[N])[N]
ijsbreker	((ijs)[N],(breek)[V],(er)[N|NV.])[N]
ijsclub	((ijs)[N],(club)[N])[N]
ijsclubterrein	(((ijs)[N],(club)[N])[N],(terrein)[N])[N]
ijscokar	((ijsco)[N],(kar)[N])[N]
ijscoman	((ijsco)[N],(man)[N])[N]
ijselijk	((ijs)[N],(elijk)[A|N.])[A]
ijselijkheid	(((ijs)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ijsemmer	((ijs)[N],(emmer)[N])[N]
ijsfabriek	((ijs)[N],(fabriek)[N])[N]
ijsgang	((ijs)[N],(gang)[N])[N]
ijshanden	((ijs)[N],(hand)[N])[N]
ijsheilige	((ijs)[N],(heilige)[N])[N]
ijshockey	((ijs)[N],(hockey)[N])[N]
ijshut	((ijs)[N],(hut)[N])[N]
ijsje	(ijs)[N]
ijskap	((ijs)[N],(kap)[N])[N]
ijskar	((ijs)[N],(kar)[N])[N]
ijskast	((ijs)[N],(kast)[N])[N]
ijskegel	((ijs)[N],(kegel)[N])[N]
ijskelder	((ijs)[N],(kelder)[N])[N]
ijskist	((ijs)[N],(kist)[N])[N]
ijsklomp	((ijs)[N],(klomp)[N])[N]
ijskoud	((ijs)[N],(koud)[A])[A]
ijskristal	((ijs)[N],(kristal)[N])[N]
ijslaag	((ijs)[N],(laag)[N])[N]
ijslepeltje	((ijs)[N],(lepel)[N])[N]
ijslolly	((ijs)[N],(lolly)[N])[N]
ijsmachine	((ijs)[N],(machine)[N])[N]
ijsmuts	((ijs)[N],(muts)[N])[N]
ijspegel	((ijs)[N],(pegel)[N])[N]
ijsploeg	((ijs)[N],(ploeg)[N])[N]
ijspret	((ijs)[N],(pret)[N])[N]
ijsregen	((ijs)[N],(regen)[N])[N]
ijsrevue	((ijs)[N],(revue)[N])[N]
ijssalon	((ijs)[N],(salon)[N])[N]
ijsschol	((ijs)[N],(schol)[N])[N]
ijsschots	((ijs)[N],(schots)[N])[N]
ijsschuit	((ijs)[N],(schuit)[N])[N]
ijssla	((ijs)[N],(sla)[N])[N]
ijsslede	((ijs)[N],(slede)[N])[N]
ijsslee	((ijs)[N],(slee)[N])[N]
ijssport	((ijs)[N],(sport)[N])[N]
ijsstadion	((ijs)[N],(stadion)[N])[N]
ijssteen	((ijs)[N],(steen)[N])[N]
ijsstoel	((ijs)[N],(stoel)[N])[N]
ijssurfen	((ijs)[N],(surf)[V])[V]
ijstaart	((ijs)[N],(taart)[N])[N]
ijstang	((ijs)[N],(tang)[N])[N]
ijstent	((ijs)[N],(tent)[N])[N]
ijstijd	((ijs)[V],(tijd)[N])[N]
ijsveld	((ijs)[V],(veld)[N])[N]
ijsventer	((ijs)[N],(vent)[V],(er)[N|NV.])[N]
ijsvermaak	((ijs)[V],(vermaak)[N])[N]
ijsvlakte	((ijs)[V],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
ijsvogel	((ijs)[V],(vogel)[N])[N]
ijsvorming	((ijs)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
ijsvrij	((ijs)[V],(vrij)[A])[A]
ijswafel	((ijs)[V],(wafel)[N])[N]
ijswater	((ijs)[V],(water)[N])[N]
ijswijn	((ijs)[V],(wijn)[N])[N]
ijswinter	((ijs)[V],(winter)[N])[N]
ijszak	((ijs)[V],(zak)[N])[N]
ijszee	((ijs)[V],(zee)[N])[N]
ijszeilen	((ijs)[N],(zeilen)[V])[N]
ijver	(ijver)[N]
ijveraar	((ijver)[V],(aar)[N|V.])[N]
ijveraarster	(((ijver)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
ijveren	(ijver)[V]
ijverig	((ijver)[N],(ig)[A|N.])[A]
ijverzucht	((ijver)[N],(zucht)[N])[N]
ijverzuchtig	(((ijver)[N],(zucht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
ijzen	(ijs)[V]
ijzer	(ijzer)[N]
ijzeraarde	((ijzer)[N],(aarde)[N])[N]
ijzerachtig	((ijzer)[N],(achtig)[A|N.])[A]
ijzerbeslag	((ijzer)[N],(beslag)[N])[N]
ijzerbijter	((ijzer)[N],(bijt)[V],(er)[N|NV.])[N]
ijzerboor	((ijzer)[N],(boor)[N])[N]
ijzerchloride	((ijzer)[N],(chloride)[N])[N]
ijzerconstructie	((ijzer)[N],(constructie)[N])[N]
ijzerdraad	((ijzer)[N],(draad)[N])[N]
ijzeren	((ijzer)[N],(en)[A|N.])[A]
ijzererts	((ijzer)[N],(erts)[N])[N]
ijzergaas	((ijzer)[N],(gaas)[N])[N]
ijzergaren	((ijzer)[N],(garen)[N])[N]
ijzergebrek	((ijzer)[N],(gebrek)[N])[N]
ijzergehalte	((ijzer)[N],(gehalte)[N])[N]
ijzergieter	((ijzer)[N],(giet)[V],(er)[N|NV.])[N]
ijzergieterij	((ijzer)[N],(giet)[V],(erij)[N|NV.])[N]
ijzerglans	((ijzer)[N],(glans)[N])[N]
ijzerhandel	((ijzer)[N],(handel)[N])[N]
ijzerhard	((ijzer)[N],(hard)[A])[A]
ijzerhoudend	((ijzer)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
ijzerhout	((ijzer)[N],(hout)[N])[N]
ijzerindustrie	((ijzer)[N],(industrie)[N])[N]
ijzermijn	((ijzer)[N],(mijn)[N])[N]
ijzeroer	((ijzer)[N],(oer)[N])[N]
ijzeroxide	((ijzer)[N],(oxide)[N])[N]
ijzerplaat	((ijzer)[N],(plaat)[N])[N]
ijzerpreparaat	((ijzer)[N],((prepareer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
ijzerroest	((ijzer)[N],(roest)[N])[N]
ijzerslakken	((ijzer)[N],(slak)[N])[N]
ijzersmaak	((ijzer)[N],(smaak)[N])[N]
ijzersmelterij	((ijzer)[N],(smelt)[V],(erij)[N|NV.])[N]
ijzerspaat	((ijzer)[N],(spaat)[N])[N]
ijzersteen	((ijzer)[N],(steen)[N])[N]
ijzersterk	((ijzer)[N],(sterk)[A])[A]
ijzertablet	((ijzer)[N],(tablet)[N])[N]
ijzertekort	((ijzer)[N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
ijzertijd	((ijzer)[N],(tijd)[N])[N]
ijzertijdperk	((ijzer)[N],((tijd)[N],(perk)[N])[N])[N]
ijzervijl	((ijzer)[N],(vijl)[N])[N]
ijzervijlsel	((ijzer)[N],((vijl)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
ijzervlechter	((ijzer)[N],(vlecht)[V],(er)[N|NV.])[N]
ijzervoorraad	((ijzer)[N],(voorraad)[N])[N]
ijzervreter	((ijzer)[N],(vreet)[V],(er)[N|NV.])[N]
ijzerwaren	((ijzer)[N],(waar)[N])[N]
ijzerwarenhandel	((ijzer)[N],((waar)[N],(en)[N|N.N],(handel)[N])[N])[N]
ijzerwinkel	((ijzer)[N],(winkel)[N])[N]
ijzerzaag	((ijzer)[N],(zaag)[N])[N]
ijzerzout	((ijzer)[N],(zout)[N])[N]
ijzig	((ijs)[N],(ig)[A|N.])[A]
ijzigheid	(((ijs)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ijzing	((ijs)[V],(ing)[N|V.])[N]
ijzingwekkend	(((ijs)[V],(ing)[N|V.])[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
ik	(ik)[N]
ik-activiteit	((ik)[N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
ik-besef	((ik)[O],(besef)[N])[N]
ik-betrokkenheid	((ik)[N],((betrokken)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ik-drift	((ik)[N],(drift)[N])[N]
ik-figuur	((ik)[O],(figuur)[N])[N]
ik-kracht	((ik)[N],(kracht)[N])[N]
ik-persoon	((ik)[N],(persoon)[N])[N]
ik-roman	((ik)[O],(roman)[N])[N]
ik-stijl	((ik)[N],(stijl)[N])[N]
ik-structuur	((ik)[N],(structuur)[N])[N]
ik-tijdperk	((ik)[O],((tijd)[N],(perk)[N])[N])[N]
ik-vorm	((ik)[O],(vorm)[N])[N]
ik-zucht	((ik)[O],(zucht)[N])[N]
ik-zuchtig	(((ik)[O],(zucht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
ik-zwakte	((ik)[N],((zwak)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
ikebana	(ikebana)[N]
ikheid	((ik)[N],(heid)[N|N.])[N]
illegaal	((il)[N|.A],(legaal)[A])[N]
illegaliteit	(((il)[A|.A],(legaal)[A])[A],(iteit)[N|A.])[N]
illegitiem	((il)[A|.A],(legitiem)[A])[A]
illuminatie	((illumineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
illuminator	((illumineer)[V],(ator)[N|V.])[N]
illumineerglaasje	((illumineer)[V],(glas)[N])[N]
illusionair	((illusie)[N],(ionair)[A|N.])[A]
illusioneren	((illusie)[N],(ioneer)[V|N.])[V]
illusionisme	((illusie)[N],(ionisme)[N|N.])[N]
illustratie	((illustreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
illustratief	(((illustreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
illustratiemateriaal	(((illustreer)[V],(atie)[N|V.])[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
illustrator	((illustreer)[V],(ator)[N|V.])[N]
illustrering	((illustreer)[V],(ing)[N|V.])[N]
image	(image)[N]
imageverbetering	((image)[N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
imaginatie	((imagineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
imago	(imago)[N]
imam	(imam)[N]
imbeciliteit	((imbeciel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
imitatie	((imiteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
imitatie-effect	(((imiteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(effect)[N])[N]
imitatiedrift	(((imiteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(drift)[N])[N]
imitator	((imiteer)[V],(ator)[N|V.])[N]
imker	(imker)[N]
imkeren	(imker)[V]
imkerij	((imker)[N],(ij)[N|N.])[N]
immanentie	((immanent)[A],(ie)[N|A.])[N]
immaterialisme	((im)[N|.N],(materialisme)[N])[N]
immaterieel	((im)[A|.A],((materie)[N],(ieel)[A|N.])[A])[A]
immaturiteit	((immatuur)[A],(iteit)[N|A.])[N]
immensiteit	((immens)[A],(iteit)[N|A.])[N]
immigrant	((immigreer)[V],(ant)[N|V.])[N]
immigrante	(((immigreer)[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
immigrantengemeenschap	(((immigreer)[V],(ant)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
immigrantenkind	(((immigreer)[V],(ant)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(kind)[N])[N]
immigratie	((immigreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
immigratiedienst	(((immigreer)[V],(atie)[N|V.])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
immissiewaarde	((immissie)[N],(waarde)[N])[N]
immobiel	((im)[A|.A],(mobiel)[A])[A]
immobiliseren	(((im)[A|.A],(mobiel)[A])[A],(iseer)[V|A.])[V]
immobiliteit	(((im)[A|.A],(mobiel)[A])[A],(biliteit)[N|A.])[N]
immoralisme	((im)[N|.N],(moralisme)[N])[N]
immoraliteit	(((im)[A|.A],(moreel)[A])[A],(iteit)[N|A.])[N]
immoreel	((im)[A|.A],(moreel)[A])[A]
immortaliteit	((im)[N|.N],(mortaliteit)[N])[N]
immortellenkrans	((immortelle)[N],(en)[N|N.N],(krans)[N])[N]
immuniseren	((immuun)[A],(iseer)[V|A.])[V]
immunisering	(((immuun)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
immuniteit	((immuun)[A],(iteit)[N|A.])[N]
immuniteitsleer	(((immuun)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
immuniteitsreactie	(((immuun)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
immunologisch	((immunoloog)[N],(isch)[A|N.])[A]
immuunrespons	((immuun)[A],(respons)[N])[N]
immuunsysteem	((immuun)[A],(systeem)[N])[N]
immuuntherapie	((immuun)[A],(therapie)[N])[N]
impala	(impala)[N]
impenetrabel	((im)[A|.Vx],(penetreer)[V],(abel)[A|xV.])[A]
imperfect	((im)[N|.N],(perfect)[N])[N]
imperfectie	(((im)[A|.A],(perfect)[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
imperfectum	((im)[N|.N],(perfectum)[N])[N]
imperiaal	((imperium)[N],(aal)[A|N.])[A]
impertinentie	((impertinent)[A],(ie)[N|A.])[N]
implantaat	((implanteer)[V],(aat)[N|V.])[N]
implantatie	((implanteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
implementering	((implementeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
implicatie	((impliceer)[V],(atie)[N|V.])[N]
impopulair	((im)[A|.A],(populair)[A])[A]
impopulariteit	(((im)[A|.A],(populair)[A])[A],(iteit)[N|A.])[N]
important	(((import)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[A|V.])[A]
importantie	((((import)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[A|V.])[A],(ie)[N|A.])[N]
importartikel	((import)[N],(artikel)[N])[N]
importbier	((import)[N],(bier)[N])[N]
importeren	((import)[N],(eer)[V|N.])[V]
importeur	(((import)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
importfirma	((import)[N],(firma)[N])[N]
importkrediet	((import)[N],(krediet)[N])[N]
importniveau	((import)[N],(niveau)[N])[N]
importproduct	((import)[N],(product)[N])[N]
importquote	((import)[N],(quote)[N])[N]
importrekening	((import)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
importsigaar	((import)[N],(sigaar)[N])[N]
importuniteit	((importuun)[A],(iteit)[N|A.])[N]
importwijn	((import)[N],(wijn)[N])[N]
impotent	((im)[A|.A],(potent)[A])[A]
impotentie	(((im)[A|.A],(potent)[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
impregnatie	((impregneer)[V],(atie)[N|V.])[N]
impresariaat	((impresario)[N],(aat)[N|N.])[N]
impressief	((impressie)[N],(ief)[A|N.])[A]
impressionisme	((impressie)[N],(ionisme)[N|N.])[N]
impressionistisch	((impressionist)[N],(isch)[A|N.])[A]
improductief	((im)[A|.A],(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
improductiviteit	(((im)[A|.A],(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A])[A],(iteit)[N|A.])[N]
improvisatie	((improviseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
improvisatietalent	(((improviseer)[V],(atie)[N|V.])[N],(talent)[N])[N]
improvisator	((improviseer)[V],(ator)[N|V.])[N]
impulsie	((impuls)[N],(ie)[N|N.])[N]
impulsiviteit	((((impuls)[N],(ie)[N|N.])[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
imputatie	((imputeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
inacceptabel	((in)[A|.A],(((accept)[N],(eer)[V|N.])[V],(abel)[A|V.])[A])[A]
inaccessibel	((in)[A|.A],(accessibel)[A])[A]
inaccuraat	((in)[A|.A],(accuraat)[A])[A]
inachtneming	((in)[P],(acht)[N],(neem)[V],(ing)[N|PNV.])[N]
inactief	((in)[A|.A],((actie)[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
inactiveren	(((in)[A|.A],((actie)[N],(ief)[A|N.])[A])[A],(eer)[V|A.])[V]
inactiviteit	((in)[N|.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
inademen	((in)[P],(adem)[V])[V]
inademing	(((in)[P],(adem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inadequaat	((in)[A|.A],(adequaat)[A])[A]
inauguratie	((inaugureer)[V],(atie)[N|V.])[N]
inbaar	((in)[V],(baar)[A|V.])[A]
inbakeren	((in)[P],(baker)[V])[V]
inbakken	((in)[P],(bak)[V])[V]
inbedden	((in)[P],(bed)[N])[V]
inbedroefd	((in)[A|.A],(bedroefd)[A])[A]
inbeelden	((in)[P],(beeld)[N])[V]
inbeelding	(((in)[P],(beeld)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
inbegrepen	((in)[P],(begrepen)[V])[A]
inberekenen	((in)[P],((be)[V|.V],(reken)[V])[V])[V]
inbeschuldigingstelling	((in)[P],(((be)[V|.A],((schuld)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(stel)[V],(ing)[N|PNV.])[N]
inbeslagneming	((in)[P],(beslag)[N],(neem)[V],(ing)[N|PNV.])[N]
inbeuken	((in)[P],(beuk)[V])[V]
inbewaringgeving	((in)[P],(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(geef)[V],(ing)[N|PNV.])[N]
inbewaringstelling	((in)[P],(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(stel)[V],(ing)[N|PNV.])[N]
inbezithouding	((in)[P],(bezit)[N],(houd)[V],(ing)[N|PNV.])[N]
inbezitneming	((in)[P],(bezit)[N],(neem)[V],(ing)[N|PNV.])[N]
inbezitstelling	((in)[P],(bezit)[N],(stel)[V],(ing)[N|PNV.])[N]
inbezittreding	((in)[P],(bezit)[N],(treed)[V],(ing)[N|PNV.])[N]
inbijten	((in)[P],(bijt)[V])[V]
inbinden	((in)[P],(bind)[V])[V]
inblazen	((in)[P],(blaas)[V])[V]
inblazing	(((in)[P],(blaas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inblij	((in)[A|.A],(blij)[A])[A]
inblijde	((in)[A|.A],(blijde)[A])[A]
inblikken	((in)[P],(blik)[V])[V]
inbliksemen	((in)[P],(bliksem)[V])[V]
inboedel	((in)[P],(boedel)[N])[N]
inboeken	((in)[P],(boek)[V])[V]
inboeren	((in)[P],(boer)[V])[V]
inboeten	((in)[P],(boet)[V])[V]
inboezemen	((in)[P],(boezem)[N])[V]
inboezeming	(((in)[P],(boezem)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
inboorlinge	((inboorling)[N],(e)[N|N.])[N]
inboren	((in)[P],(boor)[V])[V]
inborst	((in)[P],(borst)[N])[N]
inbouwen	((in)[P],(bouw)[V])[V]
inbouwpakket	(((in)[P],(bouw)[V])[V],(pakket)[N])[N]
inbraakalarm	((inbraak)[N],(alarm)[N])[N]
inbraakbeveiliging	((inbraak)[N],(((be)[V|.A],(veilig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
inbraakpreventie	((inbraak)[N],(preventie)[N])[N]
inbraakvrij	((inbraak)[N],(vrij)[A])[A]
inbranden	((in)[P],(brand)[V])[V]
inbranding	(((in)[P],(brand)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inbreekster	(((in)[P],(breek)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
inbreien	((in)[P],(brei)[V])[V]
inbreken	((in)[P],(breek)[V])[V]
inbreker	(((in)[P],(breek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
inbrekerspad	((((in)[P],(breek)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(pad)[N])[N]
inbrekerswerktuig	((((in)[P],(breek)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((werk)[V],(tuig)[N])[N])[N]
inbreking	(((in)[P],(breek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inbrengen	((in)[P],(breng)[V])[V]
inbrenger	(((in)[P],(breng)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
inbrenghuls	(((in)[P],(breng)[V])[V],(huls)[N])[N]
inbrenging	(((in)[P],(breng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inbrengst	(((in)[P],(breng)[V])[V],(st)[N|V.])[N]
inbrokkelen	((in)[P],(brokkel)[V])[V]
inbuigen	((in)[P],(buig)[V])[V]
inbuiging	(((in)[P],(buig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inburgeren	((in)[P],(burger)[N])[V]
inbusselen	((in)[P],(bussel)[V])[V]
incalculeren	((in)[P],(calculeer)[V])[V]
incapabel	((in)[A|.A],(capabel)[A])[A]
incarnatie	((incarneer)[V],(atie)[N|V.])[N]
incassatie	((incasseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
incasseerder	((incasseer)[V],(der)[N|V.])[N]
incassering	((incasseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
incasseringsvermogen	(((incasseer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
incassobank	((incasso)[N],(bank)[N])[N]
incassobureau	((incasso)[N],(bureau)[N])[N]
incestueus	((incest)[N],(ueus)[A|N.])[A]
incestverbod	((incest)[N],(verbod)[N])[N]
inch	(inch)[N]
incheckbalie	(((in)[P],(check)[V])[V],(balie)[N])[N]
inchecken	((in)[P],(check)[V])[V]
inclinatie	((inclineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
inclinatiekompas	(((inclineer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kompas)[N])[N]
inclusie	((includeer)[V],(sie)[N|V.])[N]
inclusief	(((includeer)[V],(sie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
incoherent	((in)[A|.A],(coherent)[A])[A]
incoherentie	(((in)[A|.A],(coherent)[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
incompatibel	((in)[A|.A],(compatibel)[A])[A]
incompatibiliteit	(((in)[A|.A],(compatibel)[A])[A],(biliteit)[N|A.])[N]
incompetent	((in)[A|.A],((competeer)[V],(ent)[A|V.])[A])[A]
incompetentie	(((in)[A|.A],((competeer)[V],(ent)[A|V.])[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
incompleet	((in)[A|.A],(compleet)[A])[A]
incompleetheid	(((in)[A|.A],(compleet)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
incongruent	((in)[A|.A],((congrueer)[V],(ent)[A|V.])[A])[A]
incongruentie	(((in)[A|.A],((congrueer)[V],(ent)[A|V.])[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
inconsequent	((in)[A|.A],(consequent)[A])[A]
inconsequentheid	(((in)[A|.A],(consequent)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
inconsequentie	(((in)[A|.A],(consequent)[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
inconsistentie	((in)[N|.Ax],(consistent)[A],(ie)[N|xA.])[N]
inconstitutioneel	((in)[A|.A],(((constitueer)[V],(tie)[N|V.])[N],(ioneel)[A|N.])[A])[A]
incontinent	((in)[A|.A],(continent)[A])[A]
incontinentie	(((in)[A|.A],(continent)[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
inconveniënt	(((in)[V|.V],(convenieer)[V])[V],(ent)[N|V.])[N]
inconveniëren	((in)[V|.V],(convenieer)[V])[V]
incorporatie	((incorporeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
incorrect	((in)[A|.A],(correct)[A])[A]
incorrectheid	(((in)[A|.A],(correct)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
incourant	((in)[A|.A],(courant)[A])[A]
incrustatie	((incrusteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
incubatieperiode	((incubatie)[N],(periode)[N])[N]
incubatietijd	((incubatie)[N],(tijd)[N])[N]
incunabelist	((incunabel)[N],(ist)[N|N.])[N]
indagen	((in)[P],(daag)[V])[V]
indaging	(((in)[P],(daag)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
indalen	((in)[P],(daal)[V])[V]
indammen	((in)[P],(dam)[V])[V]
indamming	(((in)[P],(dam)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
indampen	((in)[P],(damp)[V])[V]
indecent	((in)[A|.A],(decent)[A])[A]
indecentie	(((in)[A|.A],(decent)[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
indeclinabel	((in)[A|.Vx],(declineer)[V],(abel)[A|xV.])[A]
indekken	((in)[P],(dek)[V])[V]
indelen	((in)[P],(deel)[V])[V]
indelicaat	((in)[A|.A],(delicaat)[A])[A]
indeling	(((in)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
indelingscriterium	((((in)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(criterium)[N])[N]
indelingsmethode	((((in)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
indelingsprincipe	((((in)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(principe)[N])[N]
indelingsraad	((((in)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
indemnisatie	((indemniseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
indemniteitswet	((indemniteit)[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
indenken	((in)[P],(denk)[V])[V]
independentie	((independent)[A],(ie)[N|A.])[N]
indeuken	((in)[P],(deuk)[V])[V]
indeuking	(((in)[P],(deuk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
indexatie	(((index)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
indexcijfer	((index)[N],(cijfer)[N])[N]
indexeren	((index)[N],(eer)[V|N.])[V]
indexering	(((index)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
indexeringsclausule	((((index)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(clausule)[N])[N]
indexeringsmechanisme	((((index)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
indexlening	((index)[N],((leen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
indexloon	((index)[N],(loon)[N])[N]
indexpolis	((index)[N],(polis)[N])[N]
indexregister	((index)[N],(register)[N])[N]
indianenboek	((Indiaan)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
indianendorp	((Indiaan)[N],(en)[N|N.N],(dorp)[N])[N]
indianengehuil	((Indiaan)[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.V],(huil)[V])[N])[N]
indianenkind	((Indiaan)[N],(en)[N|N.N],(kind)[N])[N]
indianenreservaat	((Indiaan)[N],(en)[N|N.N],((reserveer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
indianenverhaal	((Indiaan)[N],(en)[N|N.N],(verhaal)[N])[N]
indianenvriend	((Indiaan)[N],(en)[N|N.N],(vriend)[N])[N]
indianenvrouw	((Indiaan)[N],(en)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
indicateur	((indiceer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
indicatie	((indiceer)[V],(atie)[N|V.])[N]
indicatief	(((indiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
indicering	((indiceer)[V],(ing)[N|V.])[N]
indienen	((in)[P],(dien)[V])[V]
indiener	(((in)[P],(dien)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
indiening	(((in)[P],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
indiensttreding	((in)[P],((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(treed)[V],(ing)[N|PNV.])[N]
indifferent	((in)[A|.A],(different)[A])[A]
indigo	(indigo)[N]
indigoblauw	((indigo)[N],(blauw)[A])[A]
indijken	((in)[P],(dijk)[V])[V]
indijking	(((in)[P],(dijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
indikken	((in)[P],(dik)[V])[V]
indirect	((in)[A|.A],(direct)[A])[A]
indiscreet	((in)[A|.A],(discreet)[A])[A]
indiscretie	(((in)[A|.A],(discreet)[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
indiscutabel	((in)[A|.A],((discuteer)[V],(abel)[A|V.])[A])[A]
indisponibel	((in)[A|.A],((disponeer)[V],(ibel)[A|V.])[A])[A]
indium	(indium)[N]
individu	(individu)[N]
individualiseren	(((individu)[N],(eel)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V]
individualisering	((((individu)[N],(eel)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
individualiseringsproces	(((((individu)[N],(eel)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
individualiste	((individualist)[N],(e)[N|N.])[N]
individualistisch	((individualist)[N],(isch)[A|N.])[A]
individualiteit	(((individu)[N],(eel)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
individuatieproces	((individuatie)[N],(proces)[N])[N]
individueel	((individu)[N],(eel)[A|N.])[A]
indoctrinatie	((indoctrineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
indoen	((in)[P],(doe)[V])[V]
indolentie	((indolent)[A],(ie)[N|A.])[N]
indologie	((indologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
indom	((in)[A|.A],(dom)[A])[A]
indommelen	((in)[P],(dommel)[V])[V]
indompelen	((in)[P],(dompel)[V])[V]
indompeling	(((in)[P],(dompel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
indonderen	((in)[P],(donder)[V])[V]
indopen	((in)[P],(doop)[V])[V]
indoping	((indo)[N|.N],(ping)[N])[N]
indossabel	((indosseer)[V],(abel)[A|V.])[A]
indossant	((indosseer)[V],(ant)[N|V.])[N]
indossement	((indosseer)[V],(ement)[N|V.])[N]
indossering	((indosseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
indraaien	((in)[P],(draai)[V])[V]
indragen	((in)[P],(draag)[V])[V]
indrammen	((in)[P],(dram)[V])[V]
indraven	((in)[P],(draaf)[V])[V]
indrijven	((in)[P],(drijf)[V])[V]
indringen	((in)[P],(dring)[V])[V]
indringer	(((in)[P],(dring)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
indringerig	(((in)[P],(dring)[V])[V],(erig)[A|V.])[A]
indringerigheid	((((in)[P],(dring)[V])[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
indringing	(((in)[P],(dring)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
indringster	(((in)[P],(dring)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
indrinken	((in)[P],(drink)[V])[V]
indroevig	((in)[A|.A],((droef)[A],(ig)[A|A.])[A])[A]
indrogen	((in)[P],(droog)[V])[V]
indroging	(((in)[P],(droog)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
indroppelen	((in)[P],(droppel)[V])[V]
indroppen	((in)[P],(drop)[V])[V]
indruisen	((in)[P],(druis)[V])[V]
indruk	((in)[P],(druk)[N])[N]
indrukken	((in)[P],(druk)[V])[V]
indrukking	(((in)[P],(druk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
indrukmakend	(((in)[P],(druk)[N])[N],(maak)[V],(end)[A|NV.])[A]
indruksel	(((in)[P],(druk)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
indrukwekkend	(((in)[P],(druk)[N])[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
indrukwekkendheid	((((in)[P],(druk)[N])[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
indruppelen	((in)[P],(druppel)[V])[V]
indruppen	((in)[P],(drup)[V])[V]
indubben	((in)[P],(dub)[V])[V]
inductief	((inductie)[N],(ief)[A|N.])[A]
inductieklos	((inductie)[N],(klos)[N])[N]
inductiemeter	((inductie)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
inductiemotor	((inductie)[N],(motor)[N])[N]
inductieproces	((inductie)[N],(proces)[N])[N]
inductiespoel	((inductie)[N],(s)[N|N.N],(poel)[N])[N]
inductiestroom	((inductie)[N],(stroom)[N])[N]
inductieverschijnsel	((inductie)[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
induffelen	((in)[P],(duffel)[N])[V]
induiken	((in)[P],(duik)[V])[V]
indulgentie	((indulgent)[A],(ie)[N|A.])[N]
industrialisatie	((((industrie)[N],(ieel)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
industrialisatiebeleid	(((((industrie)[N],(ieel)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(beleid)[N])[N]
industrialisatieproces	(((((industrie)[N],(ieel)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
industrialisatieproject	(((((industrie)[N],(ieel)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(project)[N])[N]
industrialiseren	(((industrie)[N],(ieel)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V]
industrialisering	((((industrie)[N],(ieel)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
industrialiseringsproces	(((((industrie)[N],(ieel)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
industrie	(industrie)[N]
industriebeleid	((industrie)[N],(beleid)[N])[N]
industriebond	((industrie)[N],(bond)[N])[N]
industriecomplex	((industrie)[N],(complex)[N])[N]
industriediamant	((industrie)[N],(diamant)[N])[N]
industrieel	((industrie)[N],(ieel)[N|N.])[N]
industriegebied	((industrie)[N],(gebied)[N])[N]
industriehaven	((industrie)[N],(haven)[N])[N]
industrieland	((industrie)[N],(land)[N])[N]
industriepark	((industrie)[N],(park)[N])[N]
industriepolitiek	((industrie)[N],(politiek)[N])[N]
industrieproduct	((industrie)[N],(product)[N])[N]
industrieschap	((industrie)[N],(schap)[N])[N]
industrieschool	((industrie)[N],(school)[N])[N]
industriespreiding	((industrie)[N],(spreid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
industriestad	((industrie)[N],(stad)[N])[N]
industrietak	((industrie)[N],(tak)[N])[N]
industrieterrein	((industrie)[N],(terrein)[N])[N]
indutten	((in)[P],(dut)[V])[V]
induwen	((in)[P],(duw)[V])[V]
ineendraaien	((ineen)[B],(draai)[V])[V]
ineenfrommelen	((ineen)[B],(frommel)[V])[V]
ineengedoken	((ineen)[B],(gedoken)[V])[A]
ineengedrongen	((ineen)[B],(gedrongen)[A])[A]
ineengrijpen	((ineen)[B],(grijp)[V])[V]
ineenkrimpen	((ineen)[B],(krimp)[V])[V]
ineenlopen	((ineen)[B],(loop)[V])[V]
ineenschrompelen	((ineen)[B],(schrompel)[V])[V]
ineenslaan	((ineen)[B],(sla)[V])[V]
ineensmelten	((ineen)[B],(smelt)[V])[V]
ineenstorten	((ineen)[B],(stort)[V])[V]
ineenstorting	(((ineen)[B],(stort)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ineenstrengeling	((ineen)[B],((strengel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ineenvloeiing	((ineen)[B],((vloei)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ineenzakken	((ineen)[B],(zak)[V])[V]
ineenzetten	((ineen)[B],(zet)[V])[V]
ineffectief	((in)[A|.A],(effectief)[A])[A]
inefficiënt	((in)[A|.A],(efficiënt)[A])[A]
inenten	((in)[P],(ent)[V])[V]
inenting	(((in)[P],(ent)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inentingsbewijs	((((in)[P],(ent)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bewijs)[N])[N]
inentingsbriefje	((((in)[P],(ent)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
ineptie	((inept)[A],(ie)[N|A.])[N]
inertie	((inert)[A],(ie)[N|A.])[N]
inetsen	((in)[P],(ets)[V])[V]
inexact	((in)[A|.A],(exact)[A])[A]
inexplicabel	((in)[A|.Vx],(expliceer)[V],(abel)[A|xV.])[A]
infante	((infant)[N],(e)[N|N.])[N]
infanteriecompagnie	((infanterie)[N],(compagnie)[N])[N]
infanteriedivisie	((infanterie)[N],(divisie)[N])[N]
infanteriekazerne	((infanterie)[N],(kazerne)[N])[N]
infanterieregiment	((infanterie)[N],(regiment)[N])[N]
infanteriesoldaat	((infanterie)[N],(soldaat)[N])[N]
infanterist	((infanterie)[N],(ist)[N|N.])[N]
infantiliseren	((infantiel)[A],(iseer)[V|A.])[V]
infantilisering	(((infantiel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
infantiliteit	((infantiel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
infatsoenlijk	((in)[A|.A],((fatsoen)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
infecteren	((infect)[A],(eer)[V|A.])[V]
infectie	((infect)[A],(ie)[N|A.])[N]
infectiebron	(((infect)[A],(ie)[N|A.])[N],(bron)[N])[N]
infectiegevaar	(((infect)[A],(ie)[N|A.])[N],(gevaar)[N])[N]
infectiehaard	(((infect)[A],(ie)[N|A.])[N],(haard)[N])[N]
infectieziekte	(((infect)[A],(ie)[N|A.])[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
inferioriteit	((inferieur)[A],(iteit)[N|A.])[N]
inferno	(inferno)[N]
infertiliteit	((in)[N|.N],((fertiel)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
infideel	((in)[A|.A],(fideel)[A])[A]
infiltraat	(((in)[P],(filtreer)[V])[V],(aat)[N|V.])[N]
infiltrant	(((in)[P],(filtreer)[V])[V],(ant)[N|V.])[N]
infiltratie	(((in)[P],(filtreer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
infiltratietechniek	((((in)[P],(filtreer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
infiltreren	((in)[P],(filtreer)[V])[V]
inflatiecijfer	((inflatie)[N],(cijfer)[N])[N]
inflatiecorrectie	((inflatie)[N],((correct)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
inflatieneutraal	((inflatie)[N],(neutraal)[A])[A]
inflatiepercentage	((inflatie)[N],(percentage)[N])[N]
inflatieproces	((inflatie)[N],(proces)[N])[N]
inflatiespiraal	((inflatie)[N],(spiraal)[N])[N]
inflatietempo	((inflatie)[N],(tempo)[N])[N]
inflexibel	((in)[A|.A],(flexibel)[A])[A]
influenza-epidemie	((influenza)[N],((epidemisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
influenzalijder	((influenza)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
influenzavirus	((influenza)[N],(virus)[N])[N]
influisteren	((in)[P],(fluister)[V])[V]
influistering	(((in)[P],(fluister)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
infobox	((info)[N],(box)[N])[N]
informant	((informeer)[V],(ant)[N|V.])[N]
informateur	((informeer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
informatie	((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
informatie-eenheid	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
informatie-explosie	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(explosie)[N])[N]
informatie-industrie	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(industrie)[N])[N]
informatie-uitwisseling	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(((uit)[P],(wissel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
informatieaanbod	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(aanbod)[N])[N]
informatieanalist	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(analist)[N])[N]
informatieanalyse	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(analyse)[N])[N]
informatiebalie	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(balie)[N])[N]
informatiebank	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(bank)[N])[N]
informatiebasis	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(basis)[N])[N]
informatiebehoefte	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(behoefte)[N])[N]
informatiebeleid	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(beleid)[N])[N]
informatieblad	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(blad)[N])[N]
informatiebombardement	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((bombardeer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
informatiebron	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(bron)[N])[N]
informatiebulletin	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(bulletin)[N])[N]
informatiebureau	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(bureau)[N])[N]
informatiecentrum	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(centrum)[N])[N]
informatiecommunicatie	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
informatiedienst	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
informatiedrager	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
informatief	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
informatiefolder	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(folder)[N])[N]
informatiefunctie	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(functie)[N])[N]
informatiegegeven	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(gegeven)[N])[N]
informatiekanaal	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kanaal)[N])[N]
informatiemaatschappij	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(maatschappij)[N])[N]
informatiemap	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(map)[N])[N]
informatiemarkt	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(markt)[N])[N]
informatiemateriaal	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
informatiemechanica	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(mechanica)[N])[N]
informatieopslag	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(opslag)[N])[N]
informatieorgaan	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(orgaan)[N])[N]
informatieoverdracht	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(overdracht)[N])[N]
informatiepakket	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(pakket)[N])[N]
informatieperiode	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(periode)[N])[N]
informatieplicht	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(plicht)[N])[N]
informatieproces	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
informatieproductie	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
informatiereductie	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(reductie)[N])[N]
informatiesector	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(sector)[N])[N]
informatiestroom	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(stroom)[N])[N]
informatiesysteem	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(systeem)[N])[N]
informatietechniek	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
informatietechnologie	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((technologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
informatietheoreticus	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(theoreticus)[N])[N]
informatietheoretisch	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((theorie)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
informatietheorie	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(theorie)[N])[N]
informatietijdperk	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((tijd)[N],(perk)[N])[N])[N]
informatietoon	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(toon)[N])[N]
informatietransport	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(transport)[N])[N]
informatieverschaffer	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((ver)[V|.V],(schaf)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
informatieverstrekker	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((ver)[V|.V],(strek)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
informatieverwerker	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
informatieverwerking	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
informatieverwerkingsproces	((((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
informatieverzameling	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
informatievloedgolf	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((vloed)[N],(golf)[N])[N])[N]
informatievoorziening	(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
informeel	((in)[A|.A],(formeel)[A])[A]
infraroodcamera	((infrarood)[A],(camera)[N])[N]
infraroodtelescoop	((infrarood)[A],(telescoop)[N])[N]
infrastructureel	((infrastructuur)[N],(eel)[A|N.])[A]
infrastructuurbeleid	((infrastructuur)[N],(beleid)[N])[N]
infusie	((infuus)[N],(ie)[N|N.])[N]
infusiediertje	(((infuus)[N],(ie)[N|N.])[N],(dier)[N])[N]
infuusnaald	((infuus)[N],(naald)[N])[N]
infuusvloeistof	((infuus)[N],((vloei)[V],(stof)[N])[N])[N]
ingaan	((in)[P],(ga)[V])[V]
ingangsdatum	((ingang)[N],(s)[N|N.N],(datum)[N])[N]
ingangsdeur	((ingang)[N],(s)[N|N.N],(deur)[N])[N]
ingebeeldheid	((ingebeeld)[A],(heid)[N|A.])[N]
ingebruikneming	((in)[P],(gebruik)[N],(neem)[V],(ing)[N|PNV.])[N]
ingekeerdheid	((ingekeerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
ingelukkig	((in)[A|.A],(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
ingemeen	((in)[A|.A],(gemeen)[A])[A]
ingenieur	(ingenieur)[N]
ingenieursbureau	((ingenieur)[N],(s)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
ingenieursdiploma	((ingenieur)[N],(s)[N|N.N],(diploma)[N])[N]
ingenieursexamen	((ingenieur)[N],(s)[N|N.N],(examen)[N])[N]
ingenieursstudie	((ingenieur)[N],(s)[N|N.N],(studie)[N])[N]
ingenomenheid	((ingenomen)[A],(heid)[N|A.])[N]
ingeschapen	((in)[P],(geschapen)[A])[A]
ingetogenheid	((ingetogen)[A],(heid)[N|A.])[N]
ingeven	((in)[P],(geef)[V])[V]
ingeving	(((in)[P],(geef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ingewandsaandoening	((ingewand)[N],(s)[N|N.N],(((aan)[P],(doe)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ingewandskwaal	((ingewand)[N],(s)[N|N.N],(kwaal)[N])[N]
ingewandsstoornis	((ingewand)[N],(s)[N|N.N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
ingewandswormen	((ingewand)[N],(s)[N|N.N],(worm)[N])[N]
ingewandsziekte	((ingewand)[N],(s)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
ingewikkeldheid	((ingewikkeld)[A],(heid)[N|A.])[N]
ingieten	((in)[P],(giet)[V])[V]
inglijden	((in)[P],(glijd)[V])[V]
ingoed	((in)[A|.A],(goed)[A])[A]
ingooien	((in)[P],(gooi)[V])[V]
ingraven	((in)[P],(graaf)[V])[V]
ingraveren	((in)[P],(graveer)[V])[V]
ingreep	(((in)[P],(grijp)[V])[V])[N]
ingriffen	((in)[P],(grif)[V])[V]
ingrijpen	((in)[P],(grijp)[V])[V]
ingroeien	((in)[P],(groei)[V])[V]
ingroeven	((in)[P],(groef)[V])[V]
inhaaldag	(((in)[P],(haal)[V])[V],(dag)[N])[N]
inhaaleffect	(((in)[P],(haal)[V])[V],(effect)[N])[N]
inhaalmanoeuvre	(((in)[P],(haal)[V])[V],(manoeuvre)[N])[N]
inhaalstrook	(((in)[P],(haal)[V])[V],(strook)[N])[N]
inhaalverbod	(((in)[P],(haal)[V])[V],(verbod)[N])[N]
inhaalwedstrijd	(((in)[P],(haal)[V])[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
inhaken	((in)[P],(haak)[V])[V]
inhakken	((in)[P],(hak)[V])[V]
inhalatie	((inhaleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
inhalatieapparaat	(((inhaleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(apparaat)[N])[N]
inhalatietoestel	(((inhaleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(toestel)[N])[N]
inhalen	((in)[P],(haal)[V])[V]
inhaler	(((in)[P],(haal)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
inhalig	(((in)[P],(haal)[V])[V],(ig)[A|V.])[A]
inhaligheid	((((in)[P],(haal)[V])[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
inhaling	(((in)[P],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inhebben	((in)[P],(heb)[V])[V]
inhechtenisneming	((in)[P],((hecht)[V],(enis)[N|V.])[N],(neem)[V],(ing)[N|PNV.])[N]
inheems	((in)[P],(heem)[N],(s)[A|PN.])[A]
inheien	((in)[P],(hei)[V])[V]
inherentie	((inherent)[A],(ie)[N|A.])[N]
inhibitie	((inhibeer)[V],(itie)[N|V.])[N]
inhoudelijk	((inhoud)[N],(elijk)[A|N.])[A]
inhoudelijkheid	(((inhoud)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
inhouding	(((in)[P],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inhoudsanalyse	((inhoud)[N],(s)[N|N.N],(analyse)[N])[N]
inhoudsbepaling	((inhoud)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
inhoudsmaat	((inhoud)[N],(s)[N|N.N],(maat)[N])[N]
inhoudsopgaaf	((inhoud)[N],(s)[N|N.N],(opgaaf)[N])[N]
inhoudsopgave	((inhoud)[N],(s)[N|N.N],(opgave)[N])[N]
inhoudstafel	((inhoud)[N],(s)[N|N.N],(tafel)[N])[N]
inhoudsvol	((inhoud)[N],(s)[A|N.A],(vol)[A])[A]
inhout	((in)[P],(hout)[N])[N]
inhouwen	((in)[P],(houw)[V])[V]
inhuldigen	((in)[P],(huldig)[V])[V]
inhuldiging	(((in)[P],(huldig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inhuldigingsfeest	((((in)[P],(huldig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(feest)[N])[N]
inhullen	((in)[P],(hul)[V])[V]
inhumaan	((in)[A|.A],(humaan)[A])[A]
inhuren	((in)[P],(huur)[V])[V]
inhuwen	((in)[P],(huw)[V])[V]
initiaalwoord	((initiaal)[N],(woord)[N])[N]
initiatie	((initieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
initiatiefneemster	((initiatief)[N],(neem)[V],(ster)[N|NV.])[N]
initiatiefnemer	((initiatief)[N],(neem)[V],(er)[N|NV.])[N]
initiatiefrecht	((initiatief)[N],(recht)[N])[N]
initiatiefvoorstel	((initiatief)[N],((voor)[B],(stel)[N])[N])[N]
initiatiefwet	((initiatief)[N],(wet)[N])[N]
initiatierite	(((initieer)[V],(atie)[N|V.])[N],(rite)[N])[N]
initiatieritueel	(((initieer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ritueel)[N])[N]
initiator	((initieer)[V],(ator)[N|V.])[N]
injagen	((in)[P],(jaag)[V])[V]
injectiegeweer	((injectie)[N],(geweer)[N])[N]
injectienaald	((injectie)[N],(naald)[N])[N]
injectienaaldtheorie	(((injectie)[N],(naald)[N])[N],(theorie)[N])[N]
injectiespuit	((injectie)[N],(spuit)[N])[N]
inkalven	((in)[P],(kalf)[V])[V]
inkankeren	((in)[P],(kanker)[V])[V]
inkankering	(((in)[P],(kanker)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inkappen	((in)[P],(kap)[V])[V]
inkapselen	((in)[P],((kap)[V],(sel)[N|V.])[N])[V]
inkarnaten	((inkarnaat)[N],(en)[A|N.])[A]
inkassen	((in)[P],(kas)[V])[V]
inkeep	((in)[P],(keep)[N])[N]
inkelderen	((in)[P],(kelder)[V])[V]
inkepen	((in)[P],(keep)[V])[V]
inkeping	(((in)[P],(keep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inkeren	((in)[P],(keer)[V])[V]
inkerven	((in)[P],(kerf)[V])[V]
inkerving	(((in)[P],(kerf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inkiesnummer	((in)[P],(kies)[V],(nummer)[N])[N]
inkiessysteem	((in)[P],(kies)[V],(systeem)[N])[N]
inkijken	((in)[P],(kijk)[V])[V]
inklappen	((in)[P],(klap)[V])[V]
inklaren	((in)[P],(klaar)[V])[V]
inklaring	(((in)[P],(klaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inkleden	((in)[P],(kleed)[V])[V]
inkleding	(((in)[P],(kleed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inklemmen	((in)[P],(klem)[V])[V]
inkleuren	((in)[P],(kleur)[V])[V]
inklimmen	((in)[P],(klim)[V])[V]
inklimming	(((in)[P],(klim)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inklinken	((in)[A],(klink)[V])[V]
inklinking	(((in)[A],(klink)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inkloppen	((in)[P],(klop)[V])[V]
inkoken	((in)[P],(kook)[V])[V]
inkomen	((in)[P],(kom)[V])[V]
inkomensafhankelijk	((inkomen)[N],(s)[A|N.A],(((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
inkomensaftrek	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],(aftrek)[N])[N]
inkomensbeleid	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
inkomensbestanddeel	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],((bestand)[N],(deel)[N])[N])[N]
inkomensbron	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],(bron)[N])[N]
inkomenscategorie	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],(categorie)[N])[N]
inkomenseffect	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],(effect)[N])[N]
inkomenselasticiteit	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],((elastisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N])[N]
inkomensgarantie	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],((garant)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
inkomensgrens	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],(grens)[N])[N]
inkomensherverdeling	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],((her)[N|.N],(((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
inkomenshoogte	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
inkomensklasse	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
inkomensmatiging	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],((matig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
inkomensniveau	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
inkomensnivellering	((inkomen)[N],(s)[N|N.Vx],(nivelleer)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
inkomensongelijkheid	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],(((on)[A|.A],(gelijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
inkomensontwikkeling	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
inkomensoverdracht	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],(overdracht)[N])[N]
inkomenspolitiek	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],(politiek)[N])[N]
inkomenspositie	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
inkomenssfeer	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
inkomenssituatie	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
inkomensstructuur	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
inkomenstoename	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],(toename)[N])[N]
inkomensverandering	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
inkomensverbetering	((inkomen)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
inkomensverdeling	((inkomen)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
inkomgeld	(((in)[P],(kom)[V])[V],(geld)[N])[N]
inkomst	(((in)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N]
inkomstenbelasting	((((in)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
inkomstenbeleid	((((in)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
inkomstenbron	((((in)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(bron)[N])[N]
inkomstenvermindering	((((in)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(minder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
inkoopboek	(((in)[P],(koop)[V])[V],(boek)[N])[N]
inkoopcombinatie	(((in)[P],(koop)[V])[V],((combineer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
inkoopprijs	(((in)[P],(koop)[V])[V],(prijs)[N])[N]
inkooprekening	(((in)[P],(koop)[V])[V],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
inkoopsom	(((in)[P],(koop)[V])[V],(som)[N])[N]
inkoopsprijs	((inkoop)[N],(s)[N|N.N],(prijs)[N])[N]
inkopen	((in)[P],(koop)[V])[V]
inkoppen	((in)[P],(kop)[V])[V]
inkorten	((in)[P],(kort)[V])[V]
inkorting	(((in)[P],(kort)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inkorven	((in)[P],(korf)[V])[V]
inkorving	(((in)[P],(korf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inkosten	((in)[P],(kost)[V])[V]
inkoud	((in)[A|.A],(koud)[A])[A]
inkrassen	((in)[P],(kras)[V])[V]
inkrijgen	((in)[P],(krijg)[V])[V]
inkrimpen	((in)[P],(krimp)[V])[V]
inkrimping	(((in)[P],(krimp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inkruipen	((in)[P],(kruip)[V])[V]
inkruipsel	(((in)[P],(kruip)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
inkruisen	((in)[P],(kruis)[V])[V]
inkt	(inkt)[N]
inktachtig	((inkt)[N],(achtig)[A|N.])[A]
inkten	(inkt)[V]
inktfles	((inkt)[N],(fles)[N])[N]
inktgom	((inkt)[N],(gom)[N])[N]
inktgummi	((inkt)[N],(gummi)[N])[N]
inktkoelie	((inkt)[N],(koelie)[N])[N]
inktkoker	((inkt)[N],(koker)[N])[N]
inktlap	((inkt)[N],(lap)[N])[N]
inktlint	((inkt)[N],(lint)[N])[N]
inktmop	((inkt)[N],(mop)[N])[N]
inktpatroon	((inkt)[N],(patroon)[N])[N]
inktpot	((inkt)[N],(pot)[N])[N]
inktpotlood	((inkt)[N],((pot)[N],(lood)[N])[N])[N]
inktreservoir	((inkt)[N],(reservoir)[N])[N]
inktrol	((inkt)[N],(rol)[N])[N]
inktstel	((inkt)[N],(stel)[N])[N]
inktvis	((inkt)[N],(vis)[N])[N]
inktvlek	((inkt)[N],(vlek)[N])[N]
inktzwam	((inkt)[N],(zwam)[N])[N]
inktzwart	((inkt)[N],(zwart)[A])[A]
inkuilen	((in)[P],(kuil)[V])[V]
inkuipen	((in)[P],(kuip)[V])[V]
inkwakken	((in)[P],(kwak)[V])[V]
inkwartieren	((in)[P],((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N])[V]
inkwartiering	(((in)[P],((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
inkwartieringsbiljet	((((in)[P],((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(biljet)[N])[N]
inlaatduiker	(((in)[P],(laat)[V])[V],((duik)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
inlaatklep	(((in)[P],(laat)[V])[V],(klep)[N])[N]
inlaatsluis	(((in)[P],(laat)[V])[V],(sluis)[N])[N]
inladen	((in)[P],(laad)[V])[V]
inlander	((in)[P],(land)[N],(er)[N|PN.])[N]
inlands	((in)[P],(land)[N],(s)[A|PN.])[A]
inlandse	(((in)[P],(land)[N],(s)[A|PN.])[A],(e)[N|A.])[N]
inlappen	((in)[P],(lap)[V])[V]
inlassen	((in)[P],(las)[V])[V]
inlassing	(((in)[P],(las)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inlaten	((in)[P],(laat)[V])[V]
inlegblad	(((in)[P],(leg)[V])[V],(blad)[N])[N]
inlegeren	((in)[P],(leger)[V])[V]
inlegering	(((in)[P],(leger)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inleggeld	(((in)[P],(leg)[V])[V],(geld)[N])[N]
inleggen	((in)[P],(leg)[V])[V]
inlegger	(((in)[P],(leg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
inlegkruisje	(((in)[P],(leg)[V])[V],(kruis)[N])[N]
inlegluier	(((in)[P],(leg)[V])[V],(luier)[N])[N]
inlegsommen	(((in)[P],(leg)[V])[V],(som)[N])[N]
inlegvel	(((in)[P],(leg)[V])[V],(vel)[N])[N]
inlegwerk	(((in)[P],(leg)[V])[V],(werk)[N])[N]
inlegzool	(((in)[P],(leg)[V])[V],(zool)[N])[N]
inleiden	((in)[P],(leid)[V])[V]
inleider	(((in)[P],(leid)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
inleiding	(((in)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inleidster	(((in)[P],(leid)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
inlelijk	((in)[A|.A],(lelijk)[A])[A]
inleven	((in)[P],(leef)[V])[V]
inleveren	((in)[P],(lever)[V])[V]
inlevering	(((in)[P],(lever)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inleving	(((in)[P],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inlevingsvermogen	((((in)[P],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
inlezen	((in)[P],(lees)[V])[V]
inlichten	((in)[P],(licht)[N])[V]
inlichting	(((in)[P],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
inlichtingenbron	((((in)[P],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(bron)[N])[N]
inlichtingenbureau	((((in)[P],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
inlichtingencentrum	((((in)[P],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
inlichtingendienst	((((in)[P],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
inlichtingenorganisatie	((((in)[P],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
inlichtingenrapport	((((in)[P],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(rapport)[N])[N]
inlichtingsdienst	((((in)[P],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
inliggend	((in)[P],(liggend)[A])[A]
inlijsten	((in)[P],(lijst)[V])[V]
inlijven	((in)[P],(lijf)[N])[V]
inlijving	(((in)[P],(lijf)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
inlijvingsdecreet	((((in)[P],(lijf)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(decreet)[N])[N]
inloodsen	((in)[P],(loods)[V])[V]
inlooptijd	(((in)[P],(loop)[V])[V],(tijd)[N])[N]
inloopzaak	(((in)[P],(loop)[V])[V],(zaak)[N])[N]
inlopen	((in)[P],(loop)[V])[V]
inlossen	((in)[P],(los)[V])[V]
inlossing	(((in)[P],(los)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inloten	((in)[P],(loot)[V])[V]
inlui	((in)[A|.A],(lui)[A])[A]
inluiden	((in)[P],(luid)[V])[V]
inluizen	((in)[P],(luis)[V])[V]
inmaakazijn	(((in)[P],(maak)[V])[V],(azijn)[N])[N]
inmaakbrandewijn	(((in)[P],(maak)[V])[V],((brand)[N],(e)[N|N.N],(wijn)[N])[N])[N]
inmaakbus	(((in)[P],(maak)[V])[V],(bus)[N])[N]
inmaakfles	(((in)[P],(maak)[V])[V],(fles)[N])[N]
inmaakglas	(((in)[P],(maak)[V])[V],(glas)[N])[N]
inmaakgroente	(((in)[P],(maak)[V])[V],((groen)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
inmaakpot	(((in)[P],(maak)[V])[V],(pot)[N])[N]
inmaaktijd	(((in)[P],(maak)[V])[V],(tijd)[N])[N]
inmaken	((in)[P],(maak)[V])[V]
inmengen	((in)[P],(meng)[V])[V]
inmenging	(((in)[P],(meng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inmeten	((in)[P],(meet)[V])[V]
inmetselen	((in)[P],(metsel)[V])[V]
inmetsen	((in)[P],(mets)[V])[V]
inmijnen	((in)[P],(mijn)[V])[V]
inmijning	(((in)[P],(mijn)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inmoffelen	((in)[P],(moffel)[V])[V]
inmooi	((in)[A|.A],(mooi)[A])[A]
innaaien	((in)[P],(naai)[V])[V]
innemen	((in)[P],(neem)[V])[V]
innemendheid	((innemend)[A],(heid)[N|A.])[N]
inneming	(((in)[P],(neem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
innen	(in)[V]
innestelen	((in)[P],(nestel)[V])[V]
innigheid	((innig)[A],(heid)[N|A.])[N]
inning	((in)[V],(ing)[N|V.])[N]
innovatie	((innoveer)[V],(atie)[N|V.])[N]
innovatiebeleid	(((innoveer)[V],(atie)[N|V.])[N],(beleid)[N])[N]
innovatiebereidheid	(((innoveer)[V],(atie)[N|V.])[N],((bereid)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
innovatiecommissie	(((innoveer)[V],(atie)[N|V.])[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
innovatief	(((innoveer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
innovatieproces	(((innoveer)[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
innovatieprogramma	(((innoveer)[V],(atie)[N|V.])[N],(programma)[N])[N]
innovatieproject	(((innoveer)[V],(atie)[N|V.])[N],(project)[N])[N]
innovatiestrategie	(((innoveer)[V],(atie)[N|V.])[N],((strategisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
inoculatie	((inoculeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
inoefenen	((in)[P],(oefen)[V])[V]
inofficieel	((in)[A|.A],((officie)[N],(ieel)[A|N.])[A])[A]
inontvangstneming	((in)[P],((ontvang)[V],(st)[N|V.])[N],(neem)[V],(ing)[N|PNV.])[N]
inoogsten	((in)[P],(oogst)[V])[V]
inopportuun	((in)[A|.A],(opportuun)[A])[A]
inpakken	((in)[P],(pak)[V])[V]
inpalmen	((in)[P],(palm)[V])[V]
inpandig	((in)[P],(pand)[N],(ig)[A|PN.])[A]
inpassen	((in)[P],(pas)[V])[V]
inpekelen	((in)[P],(pekel)[V])[V]
inpekken	((in)[P],(pek)[V])[V]
inpennen	((in)[P],(pen)[V])[V]
inpeperen	((in)[P],(peper)[V])[V]
inperken	((in)[P],(perk)[V])[V]
inperking	(((in)[P],(perk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inpersen	((in)[P],(pers)[V])[V]
inpikken	((in)[P],(pik)[V])[V]
inplakken	((in)[P],(plak)[V])[V]
inplannen	((in)[P],(plan)[V])[V]
inplanten	((in)[P],(plant)[V])[V]
inplanting	(((in)[P],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inploegen	((in)[P],(ploeg)[V])[V]
inplooien	((in)[P],(plooi)[V])[V]
inpluggen	((in)[P],(plug)[V])[V]
inpolderen	((in)[P],(polder)[N])[V]
inpoldering	(((in)[P],(polder)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
inpompen	((in)[P],(pomp)[V])[V]
inponsen	((in)[P],(pons)[V])[V]
inpraten	((in)[P],(praat)[V])[V]
inprenten	((in)[P],(prent)[V])[V]
inprenting	(((in)[P],(prent)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inprikken	((in)[P],(prik)[V])[V]
inproppen	((in)[P],(prop)[V])[V]
inpunt	((in)[P],(punt)[N])[N]
inranselen	((in)[P],(ransel)[V])[V]
inregenen	((in)[P],(regen)[V])[V]
inrekenen	((in)[P],(reken)[V])[V]
inrekening	(((in)[P],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inrichten	((in)[P],(richt)[V])[V]
inrichter	(((in)[P],(richt)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
inrichting	(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inrichtingsassistent	((((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
inrichtingsbehandeling	((((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
inrichtingsbeleid	((((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
inrichtingspsychiatrie	((((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((psychiatrisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
inrichtingssituatie	((((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
inrichtingsvrijheid	((((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
inrichtingswerk	((((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
inrichtingswerker	((((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
inrichtingswerkster	((((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((werk)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
inrij	(((in)[P],(rijd)[V])[V])[N]
inrijden	((in)[P],(rijd)[V])[V]
inrijgen	((in)[P],(rijg)[V])[V]
inrijperiode	((((in)[P],(rijd)[V])[V])[N],(periode)[N])[N]
inrijpoort	((((in)[P],(rijd)[V])[V])[N],(poort)[N])[N]
inroepen	((in)[P],(roep)[V])[V]
inroeping	(((in)[P],(roep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inroesten	((in)[P],(roest)[V])[V]
inrollen	((in)[P],(rol)[V])[V]
inroosteren	((in)[P],(rooster)[V])[V]
inruilauto	(((in)[P],(ruil)[V])[V],(auto)[N])[N]
inruilen	((in)[P],(ruil)[V])[V]
inruiling	(((in)[P],(ruil)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inruilpremie	(((in)[P],(ruil)[V])[V],(premie)[N])[N]
inruilprijs	(((in)[P],(ruil)[V])[V],(prijs)[N])[N]
inruilwaarde	(((in)[P],(ruil)[V])[V],(waarde)[N])[N]
inruilwagen	(((in)[P],(ruil)[V])[V],(wagen)[N])[N]
inruimen	((in)[P],(ruim)[V])[V]
inruiming	(((in)[P],(ruim)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inrukken	((in)[P],(ruk)[V])[V]
inschakelen	((in)[P],(schakel)[V])[V]
inschakeling	(((in)[P],(schakel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inschalen	((in)[P],(schaal)[V])[V]
inschaling	(((in)[P],(schaal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inscharen	((in)[P],(schaar)[V])[V]
inschatten	((in)[P],(schat)[V])[V]
inschenken	((in)[P],(schenk)[V])[V]
inschepen	((in)[P],(scheep)[V])[V]
inscheping	(((in)[P],(scheep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inscheppen	((in)[P],(schep)[V])[V]
inscherpen	((in)[P],(scherp)[V])[V]
inscherping	(((in)[P],(scherp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inscheuren	((in)[P],(scheur)[V])[V]
inscheuring	(((in)[P],(scheur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inschieten	((in)[P],(schiet)[V])[V]
inschijnen	((in)[P],(schijn)[V])[V]
inschikkelijk	(((in)[P],(schik)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
inschikkelijkheid	((((in)[P],(schik)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
inschikken	((in)[P],(schik)[V])[V]
inschoppen	((in)[P],(schop)[V])[V]
inschrijfformulier	(((in)[P],(schrijf)[V])[V],(formulier)[N])[N]
inschrijfgeld	(((in)[P],(schrijf)[V])[V],(geld)[N])[N]
inschrijven	((in)[P],(schrijf)[V])[V]
inschrijver	(((in)[P],(schrijf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
inschrijving	(((in)[P],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inschrijvingsbiljet	((((in)[P],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(biljet)[N])[N]
inschrijvingsformulier	((((in)[P],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(formulier)[N])[N]
inschrijvingsgeld	((((in)[P],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(geld)[N])[N]
inschrijvingslijst	((((in)[P],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
inschroeven	((in)[P],(schroef)[V])[V]
inschuifbaar	(((in)[P],(schuif)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
inschuifladder	(((in)[P],(schuif)[V])[V],(ladder)[N])[N]
inschuiftafel	(((in)[P],(schuif)[V])[V],(tafel)[N])[N]
inschuiven	((in)[P],(schuif)[V])[V]
inschuld	((in)[P],(schuld)[N])[N]
insect	(insect)[N]
insectenbestrijdingsmiddel	((insect)[N],(en)[N|N.N],((((be)[V|.V],(strijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N])[N]
insectenbloem	((insect)[N],(en)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
insectenbloemig	(((insect)[N],(en)[N|N.N],(bloem)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
insectendoders	((insect)[N],(en)[N|N.Vx],(dood)[V],(er)[N|NxV.])[N]
insectenetend	((insect)[N],(en)[A|N.Vx],(eet)[V],(end)[A|NxV.])[A]
insecteneter	((insect)[N],(en)[N|N.Vx],(eet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
insectenkenner	((insect)[N],(en)[N|N.Vx],(ken)[V],(er)[N|NxV.])[N]
insectenkunde	((insect)[N],(en)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
insectenlarf	((insect)[N],(e)[N|N.N],(larf)[N])[N]
insectenlarve	((insect)[N],(e)[N|N.N],(larve)[N])[N]
insectenpoeder	((insect)[N],(en)[N|N.N],(poeder)[N])[N]
insectenpoeier	((insect)[N],(en)[N|N.N],(poeier)[N])[N]
insectenspeld	((insect)[N],(e)[N|N.N],(speld)[N])[N]
insectenvangst	((insect)[N],(en)[N|N.N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
insectenverdelger	((insect)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(delg)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
insectenvleugel	((insect)[N],(e)[N|N.N],(vleugel)[N])[N]
insectenwereld	((insect)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
inseinen	((in)[P],(sein)[V])[V]
inseminatie	((insemineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
inseraat	((insereer)[V],(aat)[N|V.])[N]
insigne	(insigne)[N]
insijpelen	((in)[P],(sijpel)[V])[V]
insinuatie	((insinueer)[V],(atie)[N|V.])[N]
inslaan	((in)[P],(sla)[V])[V]
inslaapmiddel	(((in)[P],(slaap)[V])[V],(middel)[N])[N]
inslachten	((in)[P],(slacht)[V])[V]
inslapen	((in)[P],(slaap)[V])[V]
inslapertje	(((in)[P],(slaap)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
inslecht	((in)[A|.A],(slecht)[A])[A]
inslenteren	((in)[P],(slenter)[V])[V]
inslijpen	((in)[P],(slijp)[V])[V]
inslikken	((in)[P],(slik)[V])[V]
inslokken	((in)[P],(slok)[V])[V]
inslorpen	((in)[P],(slorp)[V])[V]
insluimeren	((in)[P],(sluimer)[V])[V]
insluipen	((in)[P],(sluip)[V])[V]
insluiper	(((in)[P],(sluip)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
insluiping	(((in)[P],(sluip)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
insluipsel	(((in)[P],(sluip)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
insluiten	((in)[P],(sluit)[V])[V]
insluithaven	(((in)[P],(sluit)[V])[V],(haven)[N])[N]
insluiting	(((in)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
insluitsel	(((in)[P],(sluit)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
insluizen	((in)[P],(sluis)[V])[V]
inslurpen	((in)[P],(slurp)[V])[V]
insmelten	((in)[P],(smelt)[V])[V]
insmeren	((in)[P],(smeer)[V])[V]
insmijten	((in)[P],(smijt)[V])[V]
insneeuwen	((in)[P],(sneeuw)[V])[V]
insnijden	((in)[P],(snijd)[V])[V]
insnijding	(((in)[P],(snijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
insnoeren	((in)[P],(snoer)[V])[V]
insnoering	(((in)[P],(snoer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
insnuiven	((in)[P],(snuif)[V])[V]
insolentie	((insolent)[A],(ie)[N|A.])[N]
insolide	((in)[A|.A],(solide)[A])[A]
insolied	((in)[A|.A],(solied)[A])[A]
insolvabel	((in)[A|.A],((solveer)[V],(abel)[A|V.])[A])[A]
insolvabiliteit	(((in)[A|.A],((solveer)[V],(abel)[A|V.])[A])[A],(biliteit)[N|A.])[N]
insolvent	((in)[A|.A],((solveer)[V],(ent)[A|V.])[A])[A]
insolventie	(((in)[A|.A],((solveer)[V],(ent)[A|V.])[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
insolventverklaring	(((in)[A|.A],((solveer)[V],(ent)[A|V.])[A])[A],(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
insoppen	((in)[P],(sop)[V])[V]
inspannen	((in)[P],(span)[V])[V]
inspanning	(((in)[P],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inspecteur	((inspecteer)[V],(eur)[N|V.])[N]
inspecteur-generaal	(((inspecteer)[V],(eur)[N|V.])[N],(generaal)[N])[N]
inspectiedienst	((inspectie)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
inspectiereis	((inspectie)[N],(reis)[N])[N]
inspectoraat	(((inspecteer)[V],(eur)[N|V.])[N],(aat)[N|N.])[N]
inspelden	((in)[P],(speld)[V])[V]
inspelen	((in)[P],(speel)[V])[V]
inspijkeren	((in)[P],(spijker)[V])[V]
inspinnen	((in)[P],(spin)[V])[V]
inspiratie	((inspireer)[V],(atie)[N|V.])[N]
inspiratiebron	(((inspireer)[V],(atie)[N|V.])[N],(bron)[N])[N]
inspirator	((inspireer)[V],(ator)[N|V.])[N]
inspitten	((in)[P],(spit)[V])[V]
inspraak	((in)[P],(spraak)[N])[N]
inspraakavond	(((in)[P],(spraak)[N])[N],(avond)[N])[N]
inspraakbegeleider	(((in)[P],(spraak)[N])[N],(((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
inspraakbegeleidster	(((in)[P],(spraak)[N])[N],((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
inspraakbelofte	(((in)[P],(spraak)[N])[N],(belofte)[N])[N]
inspraakgegeven	(((in)[P],(spraak)[N])[N],(gegeven)[N])[N]
inspraakmogelijkheid	(((in)[P],(spraak)[N])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
inspraakprocedure	(((in)[P],(spraak)[N])[N],(procedure)[N])[N]
inspraakregeling	(((in)[P],(spraak)[N])[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
inspreken	((in)[P],(spreek)[V])[V]
inspringen	((in)[P],(spring)[V])[V]
insprong	((in)[P],(sprong)[N])[N]
inspuiten	((in)[P],(spuit)[V])[V]
inspuiting	(((in)[P],(spuit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
instaan	((in)[P],(sta)[V])[V]
instabiel	((in)[A|.A],(stabiel)[A])[A]
installateur	((installeer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
installatie	((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
installatiebureau	(((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(bureau)[N])[N]
installatiekosten	(((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kost)[N])[N]
installering	((installeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
instampen	((in)[P],(stamp)[V])[V]
instandhouding	((in)[P],(stand)[N],(houd)[V],(ing)[N|PNV.])[N]
instantkoffie	((instant)[A],(koffie)[N])[N]
instapkaart	(((in)[P],(stap)[V])[V],(kaart)[N])[N]
instappen	((in)[P],(stap)[V])[V]
instaptoets	(((in)[P],(stap)[V])[V],(toets)[N])[N]
insteekblad	(((in)[P],(steek)[V])[V],(blad)[N])[N]
insteekhaard	(((in)[P],(steek)[V])[V],(haard)[N])[N]
insteekhaven	(((in)[P],(steek)[V])[V],(haven)[N])[N]
insteekkamer	(((in)[P],(steek)[V])[V],(kamer)[N])[N]
insteken	((in)[P],(steek)[V])[V]
instelbaar	(((in)[P],(stel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
instellen	((in)[P],(stel)[V])[V]
instelling	(((in)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
instellingsbeleid	((((in)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
instellingsfunctie	((((in)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
instelschaal	(((in)[P],(stel)[V])[V],(schaal)[N])[N]
instemmen	((in)[P],(stem)[N])[V]
instemming	(((in)[P],(stem)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
instigatie	((instigeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
instijgen	((in)[P],(stijg)[V])[V]
instikken	((in)[P],(stik)[V])[V]
instinctenpakket	((instinct)[N],(en)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
instincthandeling	((instinct)[N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
instinctief	((instinct)[N],(ief)[A|N.])[A]
instinctmatig	((instinct)[N],(matig)[A|N.])[A]
instinken	((in)[P],(stink)[V])[V]
institutie	((instituut)[N],(ie)[N|N.])[N]
institutionaliseren	((((instituut)[N],(ie)[N|N.])[N],(ioneel)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V]
institutionalisering	(((((instituut)[N],(ie)[N|N.])[N],(ioneel)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
institutioneel	(((instituut)[N],(ie)[N|N.])[N],(ioneel)[A|N.])[A]
instituutsbibliotheek	((instituut)[N],(s)[N|N.N],(bibliotheek)[N])[N]
instomen	((in)[P],(stoom)[V])[V]
instoppen	((in)[P],(stop)[V])[V]
instormen	((in)[P],(storm)[V])[V]
instorten	((in)[P],(stort)[V])[V]
instorting	(((in)[P],(stort)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
instortingsaardbeving	((((in)[P],(stort)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((aarde)[N],((beef)[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
instortingsgevaar	((((in)[P],(stort)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gevaar)[N])[N]
instoten	((in)[P],(stoot)[V])[V]
instouwen	((in)[P],(stouw)[V])[V]
instrijken	((in)[P],(strijk)[V])[V]
instromen	((in)[P],(stroom)[V])[V]
instroom	((in)[P],(stroom)[N])[N]
instructiebad	((instructie)[N],(bad)[N])[N]
instructiebataljon	((instructie)[N],(bataljon)[N])[N]
instructief	((instructie)[N],(ief)[A|N.])[A]
instructiefilm	((instructie)[N],(film)[N])[N]
instructiemateriaal	((instructie)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
instructieverpleegkundige	((instructie)[N],(verpleegkundige)[N])[N]
instructievlucht	((instructie)[N],(vlucht)[N])[N]
instrument	(instrument)[N]
instrumentaal	((instrument)[N],(aal)[A|N.])[A]
instrumentalistisch	((instrumentalist)[N],(isch)[A|N.])[A]
instrumentatie	(((instrument)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
instrumentenbord	((instrument)[N],(en)[N|N.N],(bord)[N])[N]
instrumentenlanding	((instrument)[N],(en)[N|N.N],((land)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
instrumentenmaakster	((instrument)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
instrumentenpaneel	((instrument)[N],(en)[N|N.N],(paneel)[N])[N]
instrumenteren	((instrument)[N],(eer)[V|N.])[V]
instrumentist	((instrument)[N],(ist)[N|N.])[N]
instrumentmaker	((instrument)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
instuderen	((in)[P],(studeer)[V])[V]
instudering	(((in)[P],(studeer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
instuiven	((in)[P],(stuif)[V])[V]
instulpen	((in)[P],(stulp)[V])[V]
instulping	(((in)[P],(stulp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
insturen	((in)[P],(stuur)[V])[V]
instuwen	((in)[P],(stuw)[V])[V]
insubordinatie	((in)[N|.N],(((sub)[P],(ordineer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
insuffen	((in)[P],(suf)[V])[V]
insufficiënt	((in)[A|.A],(sufficiënt)[A])[A]
insufficiëntie	(((in)[A|.A],(sufficiënt)[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
insufficiëntiegevoelen	((((in)[A|.A],(sufficiënt)[A])[A],(ie)[N|A.])[N],(gevoelen)[N])[N]
insuline-injectie	((insuline)[N],(injectie)[N])[N]
insultatie	(((insult)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
insulteren	((insult)[N],(eer)[V|N.])[V]
intakegesprek	((intake)[N],(gesprek)[N])[N]
intanden	((in)[P],(tand)[V])[V]
intapen	((in)[P],(tape)[N])[V]
inteelt	((in)[P],(teelt)[N])[N]
integraalband	((integraal)[A],(band)[N])[N]
integraalhelm	((integraal)[A],(helm)[N])[N]
integraalrekening	((integraal)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
integrant	((integreer)[V],(ant)[N|V.])[N]
integratie	((integreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
integratiebeleid	(((integreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(beleid)[N])[N]
integratiefase	(((integreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(fase)[N])[N]
integratiekader	(((integreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kader)[N])[N]
integratieproces	(((integreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
integratieverschijnsel	(((integreer)[V],(atie)[N|V.])[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
integrator	((integreer)[V],(ator)[N|V.])[N]
integrering	((integreer)[V],(ing)[N|V.])[N]
integriteit	((integer)[A],(iteit)[N|A.])[N]
intekenaar	(((in)[P],(teken)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
intekenbiljet	(((in)[P],(teken)[V])[V],(biljet)[N])[N]
intekenen	((in)[P],(teken)[V])[V]
intekening	(((in)[P],(teken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
intekeningslijst	((((in)[P],(teken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
intekeningsprijs	((((in)[P],(teken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(prijs)[N])[N]
intekenlijst	(((in)[P],(teken)[V])[V],(lijst)[N])[N]
intekenprijs	(((in)[P],(teken)[V])[V],(prijs)[N])[N]
intellect	(intellect)[N]
intellectueel	((intellect)[N],(ueel)[N|N.])[N]
intellectuelenklasse	(((intellect)[N],(ueel)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
intelligentie	((intelligent)[A],(ie)[N|A.])[N]
intelligentie-eigenschap	(((intelligent)[A],(ie)[N|A.])[N],((eigen)[A],(schap)[N|A.])[N])[N]
intelligentieniveau	(((intelligent)[A],(ie)[N|A.])[N],(niveau)[N])[N]
intelligentiequotiënt	(((intelligent)[A],(ie)[N|A.])[N],(quotiënt)[N])[N]
intelligentietest	(((intelligent)[A],(ie)[N|A.])[N],(test)[N])[N]
intendance	(((intendeer)[V],(ant)[N|V.])[N],(nce)[N|N.])[N]
intendant	((intendeer)[V],(ant)[N|V.])[N]
intensiteit	((intens)[A],(iteit)[N|A.])[N]
intensiveren	((intensief)[A],(eer)[V|A.])[V]
intensivering	(((intensief)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
intentietremor	((intentie)[N],(tremor)[N])[N]
intentieverklaring	((intentie)[N],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
intentionaliteit	(((intentie)[N],(ioneel)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
intentioneel	((intentie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
inter-Europees	((inter)[A|.A],(Europees)[A])[A]
interacademiaal	((inter)[A|.Nx],((academisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(iaal)[A|xN.])[A]
interactie	((inter)[N|.N],(actie)[N])[N]
interactie-effect	(((inter)[N|.N],(actie)[N])[N],(effect)[N])[N]
interactief	(((inter)[N|.N],(actie)[N])[N],(ief)[A|N.])[A]
interactiemethode	(((inter)[N|.N],(actie)[N])[N],(methode)[N])[N]
interactiemogelijkheid	(((inter)[N|.N],(actie)[N])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
interactieproces	(((inter)[N|.N],(actie)[N])[N],(proces)[N])[N]
interactiesituatie	(((inter)[N|.N],(actie)[N])[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
interactietraining	(((inter)[N|.N],(actie)[N])[N],((train)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
intercedent	((intercedeer)[V],(ent)[N|V.])[N]
intercellulair	((inter)[A|.A],(cellulair)[A])[A]
interceptiemiddel	((interceptie)[N],(middel)[N])[N]
intercity	((inter)[N|.N],(city)[N])[N]
intercitylijn	(((inter)[N|.N],(city)[N])[N],(lijn)[N])[N]
intercitynet	(((inter)[N|.N],(city)[N])[N],(net)[N])[N]
intercitytrein	(((inter)[N|.N],(city)[N])[N],(trein)[N])[N]
intercommunaal	((inter)[A|.A],((commune)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
intercommunie	((inter)[N|.N],(communie)[N])[N]
intercomsysteem	((intercom)[N],(systeem)[N])[N]
interconfessioneel	((inter)[A|.A],((confessie)[N],(ioneel)[A|N.])[A])[A]
intercontinentaal	((inter)[A|.A],((continent)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
interdepartementaal	((inter)[A|.A],((departement)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
interdependentie	((inter)[N|.N],(dependentie)[N])[N]
interdictie	((interdict)[N],(ie)[N|N.])[N]
interdiocesaan	((inter)[A|.A],(diocesaan)[A])[A]
interdisciplinair	((inter)[A|.A],((discipline)[N],(air)[A|N.])[A])[A]
interen	((in)[P],(teer)[V])[V]
interessant	((interesseer)[V],(ant)[A|V.])[A]
interesse	(interesse)[N]
interessesfeer	((interesse)[N],(sfeer)[N])[N]
interesseveld	((interesse)[N],(veld)[N])[N]
interestrekening	((interest)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
interfacultair	((inter)[A|.Nx],(faculteit)[N],(air)[A|xN.])[A]
interfaculteit	((inter)[N|.N],(faculteit)[N])[N]
interfase	((inter)[N|.N],(fase)[N])[N]
interferentie	((interfereer)[V],(entie)[N|V.])[N]
intergalactisch	((inter)[A|.A],(galactisch)[A])[A]
intergemeentelijk	((inter)[A|.A],((gemeente)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
interglaciaal	((inter)[N|.A],(glaciaal)[A])[N]
interieurverzorger	((interieur)[N],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
interieurverzorgster	((interieur)[N],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
interieurzaak	((interieur)[N],(zaak)[N])[N]
interim-aandeel	((interim)[N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
interim-advies	((interim)[N],(advies)[N])[N]
interim-bestuur	((interim)[N],(bestuur)[N])[N]
interim-dividend	((interim)[N],(dividend)[N])[N]
interim-rapport	((interim)[N],(rapport)[N])[N]
interim-regeling	((interim)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
interim-regering	((interim)[N],((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
interinsulair	((inter)[A|.A],(insulair)[A])[A]
interkerkelijk	((inter)[A|.Nx],(kerk)[N],(elijk)[A|xN.])[A]
interlandwedstrijd	((interland)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
interlinguïstiek	((inter)[N|.N],((linguïstisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
interlinie	((inter)[N|.N],(linie)[N])[N]
interlokaal	((inter)[A|.A],(lokaal)[A])[A]
internaat	(((intern)[A],(eer)[V|A.])[V],(aat)[N|V.])[N]
internaatssituatie	((((intern)[A],(eer)[V|A.])[V],(aat)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
internaatsverband	((((intern)[A],(eer)[V|A.])[V],(aat)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(verband)[N])[N]
internalisering	((internaliseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
internationaal	((inter)[A|.A],((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A])[A]
internationalisatie	((((inter)[A|.A],((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A])[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
internationaliseren	(((inter)[A|.A],((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A])[A],(iseer)[V|A.])[V]
internationalisering	((((inter)[A|.A],((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A])[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
interneren	((intern)[A],(eer)[V|A.])[V]
internering	(((intern)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
interneringskamp	((((intern)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kamp)[N])[N]
internistisch	((internist)[N],(isch)[A|N.])[A]
internodiaal	((internodium)[N],(aal)[A|N.])[A]
internuntiatuur	((inter)[N|.N],(nuntiatuur)[N])[N]
internuntius	((inter)[N|.N],(nuntius)[N])[N]
interoceanisch	((inter)[A|.A],((oceaan)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
interparlementair	((inter)[A|.A],((parlement)[N],(air)[A|N.])[A])[A]
interpellant	((interpelleer)[V],(ant)[N|V.])[N]
interpellante	(((interpelleer)[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
interpellatie	((interpelleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
interplanetair	((inter)[A|.A],((planeet)[N],(air)[A|N.])[A])[A]
interpolatie	((interpoleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
interpolitiek	((inter)[A|.A],(politiek)[A])[A]
interpretabel	((interpreteer)[V],(abel)[A|V.])[A]
interpretatie	((interpreteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
interpretatiekader	(((interpreteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kader)[N])[N]
interpretatiekunst	(((interpreteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kunst)[N])[N]
interpretatiemethode	(((interpreteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(methode)[N])[N]
interpretatiemogelijkheid	(((interpreteer)[V],(atie)[N|V.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
interpretatieprobleem	(((interpreteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(probleem)[N])[N]
interpretatieschema	(((interpreteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(schema)[N])[N]
interpretering	((interpreteer)[V],(ing)[N|V.])[N]
interprovinciaal	((inter)[A|.A],((provincie)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
interpunctie	((inter)[N|.N],(punctie)[N])[N]
interpunctieteken	(((inter)[N|.N],(punctie)[N])[N],(teken)[N])[N]
interrogatie	((interrogeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
interrogatief	(((interrogeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[N|N.])[N]
interruptiemicrofoon	((interruptie)[N],(microfoon)[N])[N]
intersectie	((inter)[N|.N],(sectie)[N])[N]
interseks	((inter)[N|.N],(seks)[N])[N]
interseksualiteit	((inter)[N|.N],(((seks)[N],(ueel)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
interstellair	((inter)[A|.A],(stellair)[A])[A]
intersubjectief	((inter)[A|.A],((subject)[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
intersubjectiviteit	((inter)[N|.N],(((subject)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
interuniversitair	((inter)[A|.A],(universitair)[A])[A]
intervaltraining	((interval)[N],((train)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
interventieprijs	((interventie)[N],(prijs)[N])[N]
interventionisme	((interventie)[N],(ionisme)[N|N.])[N]
interviewer	((interview)[V],(er)[N|V.])[N]
interviewster	((interview)[V],(ster)[N|V.])[N]
interviewtechniek	((interview)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
interzonaal	((inter)[A|.A],((zone)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
intiemspray	((intiem)[A],(spray)[N])[N]
intikken	((in)[P],(tik)[V])[V]
intimidatie	((intimideer)[V],(atie)[N|V.])[N]
intimiteit	((intiem)[A],(iteit)[N|A.])[N]
intimmeren	((in)[P],(timmer)[V])[V]
intolerabel	((in)[A|.A],((tolereer)[V],(abel)[A|V.])[A])[A]
intolerant	((in)[A|.A],((tolereer)[V],(ant)[A|V.])[A])[A]
intolerantie	(((in)[A|.A],((tolereer)[V],(ant)[A|V.])[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
intomen	((in)[P],(toom)[V])[V]
intoming	(((in)[P],(toom)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
intonatie	((intoneer)[V],(atie)[N|V.])[N]
intoneur	((intoneer)[V],(eur)[N|V.])[N]
intoxicatie	((intoxiceer)[V],(atie)[N|V.])[N]
intoxicatieverschijnsel	(((intoxiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
intracellulair	((intra)[A|.A],(cellulair)[A])[A]
intralumbaal	((intra)[A|.A],(lumbaal)[A])[A]
intramuraal	((intra)[A|.Nx],(muur)[N],(aal)[A|xN.])[A]
intramusculair	((intra)[A|.A],(musculair)[A])[A]
intransitief	((in)[N|.A],((transitie)[N],(ief)[A|N.])[A])[N]
intrappen	((in)[P],(trap)[V])[V]
intrapsychisch	((intra)[P],(psychisch)[A])[A]
intraspecifiek	((intra)[P],(specifiek)[A])[A]
intraveneus	((intra)[A|.A],(veneus)[A])[A]
intreden	((in)[P],(treed)[V])[V]
intreegeld	((intree)[N],(geld)[N])[N]
intreepreek	((intree)[N],(preek)[N])[N]
intreerede	((intree)[N],(rede)[N])[N]
intrekken	((in)[P],(trek)[V])[V]
intrekking	(((in)[P],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
intrestrekening	((intrest)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
intresttarief	((intrest)[N],(tarief)[N])[N]
intrigant	((intrigeer)[V],(ant)[N|V.])[N]
intrigante	(((intrigeer)[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
intrige	(intrige)[N]
intrigestuk	((intrige)[N],(stuk)[N])[N]
introducee	((introduce)[N],(e)[N|N.])[N]
introductiebrief	((introductie)[N],(brief)[N])[N]
introductiecursus	((introductie)[N],(cursus)[N])[N]
introductiefase	((introductie)[N],(fase)[N])[N]
introductiekaart	((introductie)[N],(kaart)[N])[N]
introeven	((in)[P],(troef)[V])[V]
introspectief	((introspectie)[N],(ief)[A|N.])[A]
introuwen	((in)[P],(trouw)[V])[V]
intrusiegesteente	((intrusie)[N],((ge)[N|.Nx],(steen)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
intuinen	((in)[P],(tuin)[V])[V]
intuïtief	((intuïtie)[N],(ief)[A|N.])[A]
inundatie	((inundeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
invaart	((in)[P],(vaart)[N])[N]
invalidatie	((invalideer)[V],(atie)[N|V.])[N]
invalide	((in)[A|.A],(valide)[A])[A]
invalidenhuis	((invalide)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
invalidenwagen	((invalide)[N],(en)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
invalidenwoning	((invalide)[N],(en)[N|N.N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
invaliditeitspensioen	((invaliditeit)[N],(s)[N|N.N],(pensioen)[N])[N]
invaliditeitsrente	((invaliditeit)[N],(s)[N|N.N],(rente)[N])[N]
invaliditeitsverzekering	((invaliditeit)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
invaliditeitswet	((invaliditeit)[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
invallen	((in)[P],(val)[V])[V]
invaller	(((in)[P],(val)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
invalshoek	((inval)[N],(s)[N|N.N],(hoek)[N])[N]
invalspoort	((inval)[N],(s)[N|N.N],(poort)[N])[N]
invalster	(((in)[P],(val)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
invalsweg	((inval)[N],(s)[N|N.N],(weg)[N])[N]
invaren	((in)[P],(vaar)[V])[V]
invariabel	((in)[A|.A],((varieer)[V],(abel)[A|V.])[A])[A]
invariant	((in)[A|.N],((varieer)[V],(ant)[N|V.])[N])[A]
invasiemacht	((invasie)[N],(macht)[N])[N]
invasietroep	((invasie)[N],(troep)[N])[N]
invechten	((in)[P],(vecht)[V])[V]
invegen	((in)[P],(veeg)[V])[V]
inventarisatie	(((inventaris)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
inventariseren	((inventaris)[N],(eer)[V|N.])[V]
inventarisering	(((inventaris)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
inventiviteit	(((inventie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
inverdienen	((in)[P],(verdien)[V])[V]
inversie	((invers)[A],(ie)[N|A.])[N]
inversielaag	(((invers)[A],(ie)[N|A.])[N],(laag)[N])[N]
inverzekeringstelling	((in)[P],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(stel)[V],(ing)[N|PNV.])[N]
investeerder	((investeer)[V],(der)[N|V.])[N]
investering	((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
investeringsactiviteit	(((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
investeringsbedrag	(((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bedrag)[N])[N]
investeringsbeleid	(((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
investeringsbereidheid	(((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((bereid)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
investeringsbijdrage	(((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bijdrage)[N])[N]
investeringsfonds	(((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
investeringsgedrag	(((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
investeringsklimaat	(((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klimaat)[N])[N]
investeringsmaatschappij	(((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
investeringsmogelijkheid	(((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
investeringsniveau	(((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
investeringspremie	(((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(premie)[N])[N]
investeringsprogramma	(((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
investeringsproject	(((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(project)[N])[N]
investeringsregeling	(((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
investeringsrekening	(((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
investeringssubsidie	(((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(subsidie)[N])[N]
investituurstrijd	((investituur)[N],(strijd)[N])[N]
invetten	((in)[P],(vet)[V])[V]
invijzen	((in)[P],(vijs)[V])[V]
invitatie	((inviteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
invitee	((invite)[N],(e)[N|N.])[N]
invlechten	((in)[P],(vlecht)[V])[V]
invliegen	((in)[P],(vlieg)[V])[V]
invlieger	(((in)[P],(vlieg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
invloedrijk	((invloed)[N],(rijk)[A])[A]
invloedsfeer	((invloed)[N],(sfeer)[N])[N]
invloedsmogelijkheid	((invloed)[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
invloedspositie	((invloed)[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
invloedsrelatie	((invloed)[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
invloedssfeer	((invloed)[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
invloedsuitoefening	((invloed)[N],(s)[N|N.N],(((uit)[P],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
invloeduitoefening	((invloed)[N],(((uit)[P],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
invloeien	((in)[P],(vloei)[V])[V]
invloeier	(((in)[P],(vloei)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
invluchten	((in)[P],(vlucht)[V])[V]
invochten	((in)[P],(vocht)[V])[V]
invoegen	((in)[P],(voeg)[V])[V]
invoeging	(((in)[P],(voeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
invoegsel	(((in)[P],(voeg)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
invoegstrook	(((in)[P],(voeg)[V])[V],(strook)[N])[N]
invoelbaar	(((in)[P],(voel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
invoelen	((in)[P],(voel)[V])[V]
invoerbelasting	((invoer)[N],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
invoerder	(((in)[P],(voer)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
invoeren	((in)[P],(voer)[V])[V]
invoerhandel	(((in)[P],(voer)[V])[V],(handel)[N])[N]
invoerhaven	(((in)[P],(voer)[V])[V],(haven)[N])[N]
invoering	(((in)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
invoeringsdatum	((((in)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(datum)[N])[N]
invoeringsfase	((((in)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
invoerrecht	(((in)[P],(voer)[V])[V],(recht)[N])[N]
involgen	((in)[P],(volg)[V])[V]
invorderaar	(((in)[P],(vorder)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
invorderbaar	(((in)[P],(vorder)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
invorderbaarheid	((((in)[P],(vorder)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
invorderen	((in)[P],(vorder)[V])[V]
invordering	(((in)[P],(vorder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
invorderingskosten	((((in)[P],(vorder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
invouwen	((in)[P],(vouw)[V])[V]
invreten	((in)[P],(vreet)[V])[V]
invriezen	((in)[P],(vries)[V])[V]
invrijheidstelling	((in)[P],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(stel)[V],(ing)[N|PNV.])[N]
invulformulier	(((in)[P],(vul)[V])[V],(formulier)[N])[N]
invullen	((in)[P],(vul)[V])[V]
invulling	(((in)[P],(vul)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
invuloefening	(((in)[P],(vul)[V])[V],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
inwaaien	((in)[P],(waai)[V])[V]
inwaarts	((in)[P],(waarts)[A|P.])[A]
inwachten	((in)[P],(wacht)[V])[V]
inwalsen	((in)[P],(wals)[V])[V]
inwandelen	((in)[P],(wandel)[V])[V]
inwassen	((in)[P],(was)[V])[V]
inwateren	((in)[P],(water)[V])[V]
inwegen	((in)[P],(weeg)[V])[V]
inweken	((in)[P],(week)[V])[V]
inwerken	((in)[P],(werk)[V])[V]
inwerking	(((in)[P],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inwerkingtreding	((in)[P],((werk)[V],(ing)[N|V.])[N],(treed)[V],(ing)[N|PNV.])[N]
inwerkperiode	(((in)[P],(werk)[V])[V],(periode)[N])[N]
inwerktijd	(((in)[P],(werk)[V])[V],(tijd)[N])[N]
inwerpen	((in)[P],(werp)[V])[V]
inwerper	(((in)[P],(werp)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
inweven	((in)[P],(weef)[V])[V]
inwijden	((in)[P],(wijd)[V])[V]
inwijding	(((in)[P],(wijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inwijdingsceremonie	((((in)[P],(wijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ceremonie)[N])[N]
inwijdingsfeest	((((in)[P],(wijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(feest)[N])[N]
inwijdingsmysterie	((((in)[P],(wijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(mysterie)[N])[N]
inwijdingsrede	((((in)[P],(wijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(rede)[N])[N]
inwijdingsrite	((((in)[P],(wijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(rite)[N])[N]
inwijdingsritueel	((((in)[P],(wijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ritueel)[N])[N]
inwijdingssymboliek	((((in)[P],(wijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((symbool)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
inwijkeling	(((in)[P],(wijk)[V])[V],(eling)[N|V.])[N]
inwijken	((in)[P],(wijk)[V])[V]
inwijking	(((in)[P],(wijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inwikkelen	((in)[P],(wikkel)[V])[V]
inwilligen	((in)[P],(willig)[V])[V]
inwilliging	(((in)[P],(willig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inwinnen	((in)[P],(win)[V])[V]
inwippen	((in)[P],(wip)[V])[V]
inwisselbaar	(((in)[P],(wissel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
inwisselbaarheid	((((in)[P],(wissel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
inwisselen	((in)[P],(wissel)[V])[V]
inwisseling	(((in)[P],(wissel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inwit	((in)[A|.A],(wit)[A])[A]
inwoekeren	((in)[P],(woeker)[V])[V]
inwonen	((in)[P],(woon)[V])[V]
inwoner	(((in)[P],(woon)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
inwoneraantal	((((in)[P],(woon)[V])[V],(er)[N|V.])[N],((aan)[P],(tal)[N])[N])[N]
inwonersaantal	((((in)[P],(woon)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((aan)[P],(tal)[N])[N])[N]
inwonertal	((((in)[P],(woon)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(tal)[N])[N]
inwoning	(((in)[P],(woon)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inwoon	((in)[P],(woon)[V])[N]
inwoonster	(((in)[P],(woon)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
inworp	((in)[P],(worp)[N])[N]
inwortelen	((in)[P],(wortel)[V])[V]
inwrijven	((in)[P],(wrijf)[V])[V]
inwroeten	((in)[P],(wroet)[V])[V]
inzaaien	((in)[P],(zaai)[V])[V]
inzagelegging	((inzage)[N],(leg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
inzagen	((in)[P],(zaag)[V])[V]
inzakken	((in)[P],(zak)[V])[V]
inzakking	(((in)[P],(zak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inzamelaar	(((in)[P],(zamel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
inzamelen	((in)[P],(zamel)[V])[V]
inzameling	(((in)[P],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inzamelingsactie	((((in)[P],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
inzegenen	((in)[P],(zegen)[V])[V]
inzegening	(((in)[P],(zegen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inzeilen	((in)[P],(zeil)[V])[V]
inzenden	((in)[P],(zend)[V])[V]
inzender	(((in)[P],(zend)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
inzending	(((in)[P],(zend)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inzendster	(((in)[P],(zend)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
inzepen	((in)[P],(zeep)[V])[V]
inzetbaar	(((in)[P],(zet)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
inzetbaarheid	((((in)[P],(zet)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
inzetgeld	(((in)[P],(zet)[V])[V],(geld)[N])[N]
inzetsel	(((in)[P],(zet)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
inzetstuk	(((in)[P],(zet)[V])[V],(stuk)[N])[N]
inzetten	((in)[P],(zet)[V])[V]
inzetter	(((in)[P],(zet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
inzetting	(((in)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inzicht	((in)[P],(zicht)[N])[N]
inzichtelijk	(((in)[P],(zicht)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
inzichtelijkheid	((((in)[P],(zicht)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
inzien	((in)[P],(zie)[V])[V]
inzinken	((in)[P],(zink)[V])[V]
inzinking	(((in)[P],(zink)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
inzitten	((in)[P],(zit)[V])[V]
inzoet	((in)[A|.A],(zoet)[A])[A]
inzoomen	((in)[P],(zoom)[V])[V]
inzouten	((in)[P],(zout)[V])[V]
inzuigen	((in)[P],(zuig)[V])[V]
inzulten	((in)[P],(zult)[V])[V]
inzwelgen	((in)[P],(zwelg)[V])[V]
inzwemmen	((in)[P],(zwem)[V])[V]
ionenbuis	((ion)[N],(en)[N|N.N],(buis)[N])[N]
ionenpomp	((ion)[N],(en)[N|N.N],(pomp)[N])[N]
ionenraket	((ion)[N],(en)[N|N.N],(raket)[N])[N]
ionentheorie	((ion)[N],(en)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
ionisatie	(((ion)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
ionisator	(((ion)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ator)[N|V.])[N]
ioniseren	((ion)[N],(iseer)[V|N.])[V]
iriscopist	((iriscopie)[N],(ist)[N|N.])[N]
irisdiafragma	((iris)[N],(diafragma)[N])[N]
iriseren	((iris)[N],(eer)[V|N.])[V]
ironie	((ironisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
irrationaal	((ir)[A|.A],(rationaal)[A])[A]
irrationaliteit	(((ir)[A|.A],((ratio)[N],(oneel)[A|N.])[A])[A],(iteit)[N|A.])[N]
irrationeel	((ir)[A|.A],((ratio)[N],(oneel)[A|N.])[A])[A]
irrealiteit	(((ir)[A|.A],(reëel)[A])[A],(iteit)[N|A.])[N]
irregulariteit	(((ir)[A|.A],(regulier)[A])[A],(iteit)[N|A.])[N]
irregulier	((ir)[A|.A],(regulier)[A])[A]
irrelevant	((ir)[A|.A],(relevant)[A])[A]
irreversibel	((ir)[A|.A],(reversibel)[A])[A]
irreëel	((ir)[A|.A],(reëel)[A])[A]
irrigatie	((irrigeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
irrigatiekanaal	(((irrigeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kanaal)[N])[N]
irrigatieproject	(((irrigeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(project)[N])[N]
irrigatiesluis	(((irrigeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(sluis)[N])[N]
irrigatiestelsel	(((irrigeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
irrigatiesysteem	(((irrigeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(systeem)[N])[N]
irrigatiewerk	(((irrigeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(werk)[N])[N]
irrigator	((irrigeer)[V],(ator)[N|V.])[N]
irritant	((irriteer)[V],(ant)[A|V.])[A]
irritatie	((irriteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
irritatiegrens	(((irriteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(grens)[N])[N]
isgelijkteken	((is)[V],(gelijk)[A],(teken)[N])[N]
islamiseren	((islam)[N],(iseer)[V|N.])[V]
islamisering	(((islam)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
isme	(isme)[N]
isobarometrisch	((iso)[A|.A],(((baro)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
isochromatisch	((iso)[A|.A],((chroma)[N],(atisch)[A|N.])[A])[A]
isochronie	((isochroon)[A],(ie)[N|A.])[N]
isoglosse	((iso)[N|.N],(glosse)[N])[N]
isogonaal	((isogoon)[N],(aal)[A|N.])[A]
isogonisch	((isogoon)[N],(isch)[A|N.])[A]
isolatie	((isoleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
isolatieband	(((isoleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(band)[N])[N]
isolatiecel	(((isoleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(cel)[N])[N]
isolatielaag	(((isoleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(laag)[N])[N]
isolatielint	(((isoleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(lint)[N])[N]
isolatiemateriaal	(((isoleer)[V],(atie)[N|V.])[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
isolationisme	(((isoleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ionisme)[N|N.])[N]
isolator	((isoleer)[V],(ator)[N|V.])[N]
isoleerbankje	((isoleer)[V],(bank)[N])[N]
isoleercel	((isoleer)[V],(cel)[N])[N]
isoleerkamer	((isoleer)[V],(kamer)[N])[N]
isoleerkan	((isoleer)[V],(kan)[N])[N]
isolement	((isoleer)[V],(ement)[N|V.])[N]
isolementspositie	(((isoleer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
isolering	((isoleer)[V],(ing)[N|V.])[N]
isomeriseren	((isomeer)[N],(iseer)[V|N.])[V]
isometrie	(((iso)[A|.A],((metrum)[N],(isch)[A|N.])[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
isometrisch	((iso)[A|.A],((metrum)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
item	(item)[N]
iteratie	((itereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
iteratief	(((itereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[N|N.])[N]
ivoor	(ivoor)[N]
ivoordraaier	((ivoor)[N],(draai)[V],(er)[N|NV.])[N]
ivoorkarton	((ivoor)[N],(karton)[N])[N]
ivoorkleurig	((ivoor)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
ivoorpapier	((ivoor)[N],(papier)[N])[N]
ivoorzwart	((ivoor)[N],(zwart)[N])[N]
ivoren	((ivoor)[N],(en)[A|N.])[A]
ixia	(ixia)[N]
izabel	(izabel)[N]
izabelkleur	((izabel)[N],(kleur)[N])[N]
izabelkleurig	((izabel)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
j	(j)[N]
ja	(ja)[N]
jaaglijn	((jaag)[V],(lijn)[N])[N]
jaagpaard	((jaag)[V],(paard)[N])[N]
jaagpad	((jaag)[V],(pad)[N])[N]
jaagschuit	((jaag)[V],(schuit)[N])[N]
jaap	(jaap)[N]
jaar	(jaar)[N]
jaarabonnement	((jaar)[N],((abonneer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
jaarbasis	((jaar)[N],(basis)[N])[N]
jaarbericht	((jaar)[N],(bericht)[N])[N]
jaarbeurs	((jaar)[N],(beurs)[N])[N]
jaarbeursgebouw	(((jaar)[N],(beurs)[N])[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
jaarboek	((jaar)[N],(boek)[N])[N]
jaarbudget	((jaar)[N],(budget)[N])[N]
jaarcijfer	((jaar)[N],(cijfer)[N])[N]
jaarclub	((jaar)[N],(club)[N])[N]
jaarcongres	((jaar)[N],(congres)[N])[N]
jaarcontract	((jaar)[N],(contract)[N])[N]
jaarcyclus	((jaar)[N],(cyclus)[N])[N]
jaardag	((jaar)[N],(dag)[N])[N]
jaardicht	((jaar)[N],(dicht)[N])[N]
jaardienst	((jaar)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
jaarfeest	((jaar)[N],(feest)[N])[N]
jaargang	((jaar)[N],(gang)[N])[N]
jaargeld	((jaar)[N],(geld)[N])[N]
jaargemiddelde	((jaar)[N],(gemiddelde)[N])[N]
jaargenoot	((jaar)[N],(genoot)[N])[N]
jaargenote	(((jaar)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
jaargetij	((jaar)[N],(getij)[N])[N]
jaargetijde	((jaar)[N],(getijde)[N])[N]
jaarinkomen	((jaar)[N],(inkomen)[N])[N]
jaarinkomsten	((jaar)[N],(((in)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
jaarkaart	((jaar)[N],(kaart)[N])[N]
jaarkalender	((jaar)[N],(kalender)[N])[N]
jaarkilometrage	((jaar)[N],((kilo)[N|.N],(metrage)[N])[N])[N]
jaarklasse	((jaar)[N],(klasse)[N])[N]
jaarkring	((jaar)[N],(kring)[N])[N]
jaarlied	((jaar)[N],(lied)[N])[N]
jaarlijks	((jaar)[N],(lijks)[A|N.])[A]
jaarling	((jaar)[N],(ling)[N|N.])[N]
jaarloon	((jaar)[N],(loon)[N])[N]
jaarmarkt	((jaar)[N],(markt)[N])[N]
jaarmis	((jaar)[N],(mis)[N])[N]
jaaropening	((jaar)[N],((open)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
jaaropgaaf	((jaar)[N],(opgaaf)[N])[N]
jaaropgave	((jaar)[N],(opgave)[N])[N]
jaaroverzicht	((jaar)[N],(overzicht)[N])[N]
jaarproductie	((jaar)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
jaarprogramma	((jaar)[N],(programma)[N])[N]
jaarrapport	((jaar)[N],(rapport)[N])[N]
jaarrekening	((jaar)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
jaarrente	((jaar)[N],(rente)[N])[N]
jaarring	((jaar)[N],(ring)[N])[N]
jaarritme	((jaar)[N],(ritme)[N])[N]
jaarsalaris	((jaar)[N],(salaris)[N])[N]
jaarstukken	((jaar)[N],(stuk)[N])[N]
jaartal	((jaar)[N],(tal)[N])[N]
jaartallenboekje	(((jaar)[N],(tal)[N])[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
jaartalvers	(((jaar)[N],(tal)[N])[N],(vers)[N])[N]
jaartelling	((jaar)[N],(tel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
jaartijd	((jaar)[N],(tijd)[N])[N]
jaartijdlicht	((jaar)[N],(tijd)[N],(licht)[N])[N]
jaarvergadering	((jaar)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
jaarverslag	((jaar)[N],(verslag)[N])[N]
jaarwedde	((jaar)[N],(wedde)[N])[N]
jaarwinst	((jaar)[N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
jaarwisseling	((jaar)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
jabroer	((ja)[N],(broer)[N])[N]
jacht	(jacht)[N]
jachtakte	((jacht)[N],(akte)[N])[N]
jachtartikel	((jacht)[N],(artikel)[N])[N]
jachtavontuur	((jacht)[N],(avontuur)[N])[N]
jachtbedrijf	((jacht)[N],(bedrijf)[N])[N]
jachtbewijs	((jacht)[N],(bewijs)[N])[N]
jachtbommenwerper	((jacht)[N],((bom)[N],(en)[N|N.Vx],(werp)[V],(er)[N|NxV.])[N])[N]
jachtclub	((jacht)[N],(club)[N])[N]
jachtdelict	((jacht)[N],(delict)[N])[N]
jachten	(jacht)[V]
jachteskader	((jacht)[N],(eskader)[N])[N]
jachtgebied	((jacht)[N],(gebied)[N])[N]
jachtgenot	((jacht)[N],(genot)[N])[N]
jachtgeweer	((jacht)[N],(geweer)[N])[N]
jachtgodin	((jacht)[N],((god)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
jachtgoed	((jacht)[N],(goed)[N])[N]
jachtgrond	((jacht)[N],(grond)[N])[N]
jachthaven	((jacht)[N],(haven)[N])[N]
jachthond	((jacht)[N],(hond)[N])[N]
jachthoorn	((jacht)[N],(hoorn)[N])[N]
jachthoren	((jacht)[N],(horen)[N])[N]
jachthuis	((jacht)[N],(huis)[N])[N]
jachtigheid	((jachtig)[A],(heid)[N|A.])[N]
jachtlak	((jacht)[N],(lak)[N])[N]
jachtluipaard	((jacht)[N],(luipaard)[N])[N]
jachtmakerij	((jacht)[N],(maak)[V],(erij)[N|NV.])[N]
jachtmes	((jacht)[N],(mes)[N])[N]
jachtmisdrijf	((jacht)[N],(misdrijf)[N])[N]
jachtopzichter	((jacht)[N],((op)[P],(zie)[V],(er)[N|PV.])[N])[N]
jachtopziener	((jacht)[N],((op)[P],(zie)[V],(er)[N|PV.])[N])[N]
jachtpaard	((jacht)[N],(paard)[N])[N]
jachtpartij	((jacht)[N],(partij)[N])[N]
jachtrecht	((jacht)[N],(recht)[N])[N]
jachtrevier	((jacht)[N],(revier)[N])[N]
jachtsaus	((jacht)[N],(saus)[N])[N]
jachtschotel	((jacht)[N],(schotel)[N])[N]
jachtseizoen	((jacht)[N],(seizoen)[N])[N]
jachtslot	((jacht)[N],(slot)[N])[N]
jachtsneeuw	((jacht)[V],(sneeuw)[N])[N]
jachtspin	((jacht)[N],(spin)[N])[N]
jachtspriet	((jacht)[N],(spriet)[N])[N]
jachtstoet	((jacht)[N],(stoet)[N])[N]
jachttafereel	((jacht)[N],(tafereel)[N])[N]
jachtterrein	((jacht)[N],(terrein)[N])[N]
jachttijd	((jacht)[N],(tijd)[N])[N]
jachtveld	((jacht)[N],(veld)[N])[N]
jachtvermaak	((jacht)[N],(vermaak)[N])[N]
jachtvlieger	((jacht)[N],((vlieg)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
jachtvliegtuig	((jacht)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
jachtwachter	((jacht)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
jachtwagen	((jacht)[N],(wagen)[N])[N]
jachtwater	((jacht)[N],(water)[N])[N]
jachtweide	((jacht)[N],(weide)[N])[N]
jachtwet	((jacht)[N],(wet)[N])[N]
jachtwiel	((jacht)[V],(wiel)[N])[N]
jack	(jack)[N]
jacketkroon	((jacket)[N],(kroon)[N])[N]
jacquardmachine	((jacquard)[N],(machine)[N])[N]
jade	(jade)[N]
jaegerondergoed	((jaeger)[N],((onder)[P],(goed)[N])[N])[N]
jagen	(jaag)[V]
jager	((jaag)[V],(er)[N|V.])[N]
jageres	(((jaag)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
jagerij	((jaag)[V],(erij)[N|V.])[N]
jagermeester	(((jaag)[V],(er)[N|V.])[N],(meester)[N])[N]
jagersbuis	(((jaag)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(buis)[N])[N]
jagerscultuur	(((jaag)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cultuur)[N])[N]
jagershoed	(((jaag)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hoed)[N])[N]
jagershond	(((jaag)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hond)[N])[N]
jagershut	(((jaag)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hut)[N])[N]
jagersinstinct	(((jaag)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instinct)[N])[N]
jagersjas	(((jaag)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(jas)[N])[N]
jagerskostuum	(((jaag)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kostuum)[N])[N]
jagerslatijn	(((jaag)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(Latijn)[N])[N]
jagerstaal	(((jaag)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(taal)[N])[N]
jagerstas	(((jaag)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tas)[N])[N]
jagersterm	(((jaag)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(term)[N])[N]
jagersvereniging	(((jaag)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
jagersvolk	(((jaag)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(volk)[N])[N]
jaguar	(jaguar)[N]
jajem	(jajem)[N]
jak	(jak)[N]
jakkeren	(jakker)[V]
jaknikken	((ja)[N],(knik)[V])[V]
jaknikker	(((ja)[N],(knik)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
jakobakannetje	((Jakoba)[N],(kan)[N])[N]
jakobijnenmuts	((jakobijn)[N],(en)[N|N.N],(muts)[N])[N]
jakobijns	((jakobijn)[N],(s)[A|N.])[A]
jakobsladder	((Jakob)[N],(s)[N|N.N],(ladder)[N])[N]
jakobsmantel	((Jakob)[N],(s)[N|N.N],(mantel)[N])[N]
jakobsschelp	((Jakob)[N],(s)[N|N.N],(schelp)[N])[N]
jakobsstaf	((Jakob)[N],(s)[N|N.N],(staf)[N])[N]
jakobsvlinder	((Jakob)[N],(s)[N|N.N],(vlinder)[N])[N]
jakobszalm	((Jakob)[N],(s)[N|N.N],(zalm)[N])[N]
jalappe	(jalappe)[N]
jalappenhars	((jalappe)[N],(hars)[N])[N]
jalappenwortel	((jalappe)[N],(wortel)[N])[N]
jalapwortel	((jalap)[N],(wortel)[N])[N]
jaloers	(jaloers)[A]
jaloersheid	((jaloers)[A],(heid)[N|A.])[N]
jaloezie	(jaloezie)[N]
jaloeziedeur	((jaloezie)[N],(deur)[N])[N]
jaloeziegevoelen	((jaloezie)[N],(gevoelen)[N])[N]
jaloezielat	((jaloezie)[N],(lat)[N])[N]
jaloeziesluiting	((jaloezie)[N],(sluit)[V],(ing)[N|NV.])[N]
jalonneren	((jalon)[N],(eer)[V|N.])[V]
jam	(jam)[N]
jambe	(jambe)[N]
jambisch	((jambe)[N],(isch)[A|N.])[A]
jamboree	(jamboree)[N]
jammen	(jam)[V]
jammer	(jammer)[N]
jammeren	(jammer)[V]
jammerhout	((jammer)[V],(hout)[N])[N]
jammerklacht	((jammer)[V],(klacht)[N])[N]
jammerlijk	((jammer)[V],(lijk)[A|V.])[A]
jammertoon	((jammer)[V],(toon)[N])[N]
jampot	((jam)[N],(pot)[N])[N]
jan	(jan)[N]
janhagel	((jan)[N],(hagel)[N])[N]
janhen	((jan)[N],(hen)[N])[N]
janken	(jank)[V]
janker	((jank)[V],(er)[N|V.])[N]
jankerd	((jank)[V],(erd)[N|V.])[N]
jankerig	((jank)[V],(erig)[A|V.])[A]
jankgeluid	((jank)[V],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
janklaassenspel	((janklaassen)[N],(spel)[N])[N]
janmaat	((jan)[N],(maat)[N])[N]
janoom	((jan)[N],(oom)[N])[N]
janplezier	((Jan)[N],(plezier)[N])[N]
jansalie	((Jan)[N],(salie)[N])[N]
jansalieachtig	(((Jan)[N],(salie)[N])[N],(achtig)[A|N.])[A]
jansaliegeest	(((Jan)[N],(salie)[N])[N],(geest)[N])[N]
jansenistenkerk	((jansenist)[N],(en)[N|N.N],(kerk)[N])[N]
janskerkhof	((jan)[N],(s)[N|N.N],((kerk)[N],(hof)[N])[N])[N]
janslot	((jan)[N],(s)[N|N.N],(lot)[N])[N]
januarimaand	((januari)[N],(maand)[N])[N]
januarimiddag	((januari)[N],(middag)[N])[N]
januarinacht	((januari)[N],(nacht)[N])[N]
januskop	((janus)[N],(kop)[N])[N]
jap	(Jap)[N]
japen	(jaap)[V]
japon	(japon)[N]
japonstof	((japon)[N],(stof)[N])[N]
jarenlang	((jaar)[N],(en)[A|N.A],(lang)[A])[A]
jargon	(jargon)[N]
jarig	((jaar)[N],(ig)[A|N.])[A]
jarretel	(jarretel)[N]
jarretelgordel	((jarretel)[N],(gordel)[N])[N]
jarretelle	(jarretelle)[N]
jarretellegordel	((jarretelle)[N],(gordel)[N])[N]
jas	(jas)[N]
jasbeschermer	((jas)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
jaskaarten	((jas)[V],(kaart)[N])[N]
jasmijn	(jasmijn)[N]
jasmijngeur	((jasmijn)[N],(geur)[N])[N]
jasmijnstruik	((jasmijn)[N],(struik)[N])[N]
jasschort	((jas)[N],(schort)[N])[N]
jassen	(jas)[V]
jassenhanger	((jas)[N],(e)[N|N.Vx],(hang)[V],(er)[N|NxV.])[N]
jassenkamer	((jas)[N],(en)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
jasspel	((jas)[N],(spel)[N])[N]
jaszak	((jas)[N],(zak)[N])[N]
jat	(jat)[N]
jatagan	(jatagan)[N]
jatten	(jat)[V]
javakoffie	((Java)[N],(koffie)[N])[N]
javasuiker	((Java)[N],(suiker)[N])[N]
jawoord	((ja)[N],(woord)[N])[N]
jazz	(jazz)[N]
jazzballet	((jazz)[N],(ballet)[N])[N]
jazzband	((jazz)[N],(band)[N])[N]
jazzfestival	((jazz)[N],(festival)[N])[N]
jazzklarinettist	((jazz)[N],((klarinet)[N],(ist)[N|N.])[N])[N]
jazzmusicus	((jazz)[N],(musicus)[N])[N]
jazzmuziek	((jazz)[N],(muziek)[N])[N]
jazzmuzikant	((jazz)[N],(muzikant)[N])[N]
jazzorkest	((jazz)[N],(orkest)[N])[N]
jazzpianist	((jazz)[N],((piano)[N],(ist)[N|N.])[N])[N]
jazzplaat	((jazz)[N],(plaat)[N])[N]
jazzrock	((jazz)[N],(rock)[N])[N]
jeansbroek	((jeans)[N],(broek)[N])[N]
jeep	(jeep)[N]
jein	(jein)[N]
jeinen	(jein)[V]
jekker	(jekker)[N]
jen	(jen)[N]
jenever	(jenever)[N]
jenever-nadorstig	((jenever)[N],((na)[P],(dorst)[N])[N],(ig)[A|NN.])[A]
jeneverachtig	((jenever)[N],(achtig)[A|N.])[A]
jeneverbes	((jenever)[N],(bes)[N])[N]
jeneverbesstruik	(((jenever)[N],(bes)[N])[N],(struik)[N])[N]
jeneverbranderij	((jenever)[N],(brand)[V],(erij)[N|NV.])[N]
jeneverfles	((jenever)[N],(fles)[N])[N]
jeneverglas	((jenever)[N],(glas)[N])[N]
jeneverkruik	((jenever)[N],(kruik)[N])[N]
jeneverlucht	((jenever)[N],(lucht)[N])[N]
jeneverneus	((jenever)[N],(neus)[N])[N]
jeneversmaak	((jenever)[N],(smaak)[N])[N]
jeneverstoker	((jenever)[N],(stook)[V],(er)[N|NV.])[N]
jeneverstokerij	((jenever)[N],(stook)[V],(erij)[N|NV.])[N]
jeneverstruik	((jenever)[N],(struik)[N])[N]
jengel	(jengel)[N]
jengelen	(jengel)[V]
jennen	(jen)[V]
jenoffel	(jenoffel)[N]
jenzen	(jens)[V]
jeremiade	((jeremieer)[V],(ade)[N|V.])[N]
jeruzalemmer	((Jeruzalem)[N],(er)[N|N.])[N]
jet	(jet)[N]
jetmotor	((jet)[N],(motor)[N])[N]
jetvliegtuig	((jet)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
jeu	(jeu)[N]
jeugd	(jeugd)[N]
jeugdafdeling	((jeugd)[N],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
jeugdbeleid	((jeugd)[N],(beleid)[N])[N]
jeugdbende	((jeugd)[N],(bende)[N])[N]
jeugdbeweger	((jeugd)[N],(beweeg)[V],(er)[N|NV.])[N]
jeugdbeweging	((jeugd)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
jeugdblad	((jeugd)[N],(blad)[N])[N]
jeugdboek	((jeugd)[N],(boek)[N])[N]
jeugdcentrum	((jeugd)[N],(centrum)[N])[N]
jeugdcommissie	((jeugd)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
jeugdcongres	((jeugd)[N],(congres)[N])[N]
jeugdcriminaliteit	((jeugd)[N],((crimineel)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
jeugdcultuur	((jeugd)[N],(cultuur)[N])[N]
jeugdellende	((jeugd)[N],(ellende)[N])[N]
jeugdessay	((jeugd)[N],(essay)[N])[N]
jeugdfase	((jeugd)[N],(fase)[N])[N]
jeugdfoto	((jeugd)[N],(foto)[N])[N]
jeugdfrustratie	((jeugd)[N],((frustreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
jeugdgedicht	((jeugd)[N],((ge)[N|.N],(dicht)[N])[N])[N]
jeugdgedrag	((jeugd)[N],(gedrag)[N])[N]
jeugdgeschrift	((jeugd)[N],((ge)[N|.N],(schrift)[N])[N])[N]
jeugdgevangenis	((jeugd)[N],(gevangenis)[N])[N]
jeugdgezondheidszorg	((jeugd)[N],(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(zorg)[N])[N])[N]
jeugdgroep	((jeugd)[N],(groep)[N])[N]
jeugdherberg	((jeugd)[N],(herberg)[N])[N]
jeugdherinnering	((jeugd)[N],((herinner)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
jeugdig	((jeugd)[N],(ig)[A|N.])[A]
jeugdigheid	(((jeugd)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
jeugdimpressie	((jeugd)[N],(impressie)[N])[N]
jeugdindruk	((jeugd)[N],((in)[P],(druk)[N])[N])[N]
jeugdjaren	((jeugd)[N],(jaar)[N])[N]
jeugdjournaal	((jeugd)[N],(journaal)[N])[N]
jeugdkampioen	((jeugd)[N],(kampioen)[N])[N]
jeugdlectuur	((jeugd)[N],(lectuur)[N])[N]
jeugdleider	((jeugd)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
jeugdleidster	((jeugd)[N],(leid)[V],(ster)[N|NV.])[N]
jeugdlied	((jeugd)[N],(lied)[N])[N]
jeugdliefde	((jeugd)[N],(liefde)[N])[N]
jeugdloon	((jeugd)[N],(loon)[N])[N]
jeugdmilieu	((jeugd)[N],(milieu)[N])[N]
jeugdontwikkeling	((jeugd)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
jeugdorganisatie	((jeugd)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
jeugdpaspoort	((jeugd)[N],(paspoort)[N])[N]
jeugdperiode	((jeugd)[N],(periode)[N])[N]
jeugdportret	((jeugd)[N],(portret)[N])[N]
jeugdprogramma	((jeugd)[N],(programma)[N])[N]
jeugdpsychiater	((jeugd)[N],(psychiater)[N])[N]
jeugdpsychiatrisch	((jeugd)[N],(psychiatrisch)[A])[A]
jeugdpuistjes	((jeugd)[N],(puist)[N])[N]
jeugdrechtbank	((jeugd)[N],((recht)[N],(bank)[N])[N])[N]
jeugdreligie	((jeugd)[N],(religie)[N])[N]
jeugdroman	((jeugd)[N],(roman)[N])[N]
jeugdsentiment	((jeugd)[N],(sentiment)[N])[N]
jeugdstad	((jeugd)[N],(stad)[N])[N]
jeugdstadium	((jeugd)[N],(stadium)[N])[N]
jeugdtehuis	((jeugd)[N],((te)[P],(huis)[N])[N])[N]
jeugdtijd	((jeugd)[N],(tijd)[N])[N]
jeugdtrauma	((jeugd)[N],(trauma)[N])[N]
jeugdvereniging	((jeugd)[N],(verenig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
jeugdvers	((jeugd)[N],(vers)[N])[N]
jeugdvriend	((jeugd)[N],(vriend)[N])[N]
jeugdvriendin	(((jeugd)[N],(vriend)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
jeugdwelzijnswerk	((jeugd)[N],(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N])[N]
jeugdwerk	((jeugd)[N],(werk)[N])[N]
jeugdwerker	((jeugd)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
jeugdwerkster	((jeugd)[N],((werk)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
jeugdzaken	((jeugd)[N],(zaak)[N])[N]
jeugdzonde	((jeugd)[N],(zonde)[N])[N]
jeugdzorg	((jeugd)[N],(zorg)[N])[N]
jeuk	(jeuk)[N]
jeuken	(jeuk)[V]
jeukerig	((jeuk)[V],(erig)[A|V.])[A]
jeuking	((jeuk)[V],(ing)[N|V.])[N]
jeukpoeder	((jeuk)[V],(poeder)[N])[N]
jeukpoeier	((jeuk)[V],(poeier)[N])[N]
jeuksel	((jeuk)[V],(sel)[N|V.])[N]
jeukte	((jeuk)[N],(te)[N|N.])[N]
jeukziekte	((jeuk)[V],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
jeuïg	((jeu)[N],(ig)[A|N.])[A]
jezuïetencollege	((jezuïet)[N],(en)[N|N.N],(college)[N])[N]
jezuïetenkerk	((jezuïet)[N],(en)[N|N.N],(kerk)[N])[N]
jezuïetenklooster	((jezuïet)[N],(en)[N|N.N],(klooster)[N])[N]
jezuïetenorde	((jezuïet)[N],(en)[N|N.N],(orde)[N])[N]
jezuïetenpater	((jezuïet)[N],(en)[N|N.N],(pater)[N])[N]
jezuïetenstijl	((jezuïet)[N],(en)[N|N.N],(stijl)[N])[N]
jezuïetenstreek	((jezuïet)[N],(en)[N|N.N],(streek)[N])[N]
jicht	(jicht)[N]
jichtaanval	((jicht)[N],(aanval)[N])[N]
jichtig	((jicht)[N],(ig)[A|N.])[A]
jichtigheid	(((jicht)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
jichtknobbel	((jicht)[N],(knobbel)[N])[N]
jichtlijder	((jicht)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
jichtpijn	((jicht)[N],(pijn)[N])[N]
jijen	(jij)[V]
jingle	(jingle)[N]
jingo	(jingo)[N]
jingoblad	((jingo)[N],(blad)[N])[N]
job	(job)[N]
jobber	(jobber)[N]
jobsbode	((Job)[N],(s)[N|N.N],(bode)[N])[N]
jobsgeduld	((Job)[N],(s)[N|N.N],(geduld)[N])[N]
jobstijding	((Job)[N],(s)[N|N.N],(tijding)[N])[N]
joch	(joch)[N]
jockeypet	((jockey)[N],(pet)[N])[N]
jodelaar	((jodel)[V],(aar)[N])[N]
jodelaarster	(((jodel)[V],(aar)[N])[N],(ster)[N|N.])[N]
jodelen	(jodel)[V]
jodenbaard	((jood)[N],(en)[N|N.N],(baard)[N])[N]
jodenbuurt	((jood)[N],(en)[N|N.N],(buurt)[N])[N]
jodendom	((jood)[N],(endom)[N|N.])[N]
jodenfooi	((jood)[N],(en)[N|N.N],(fooi)[N])[N]
jodenhaat	((jood)[N],(en)[N|N.N],(haat)[N])[N]
jodenhater	((jood)[N],(en)[N|N.Vx],(haat)[V],(er)[N|NxV.])[N]
jodenkerk	((jood)[N],(en)[N|N.N],(kerk)[N])[N]
jodenkerkhof	((jood)[N],(en)[N|N.N],((kerk)[N],(hof)[N])[N])[N]
jodenkers	((jood)[N],(en)[N|N.N],(kers)[N])[N]
jodenkind	((jood)[N],(en)[N|N.N],(kind)[N])[N]
jodenkoek	((jood)[N],(en)[N|N.N],(koek)[N])[N]
jodenkost	((jood)[N],(en)[N|N.N],(kost)[N])[N]
jodenkriek	((jood)[N],(en)[N|N.N],(kriek)[N])[N]
jodenlijm	((jood)[N],(en)[N|N.N],(lijm)[N])[N]
jodenneus	((jood)[N],(en)[N|N.N],(neus)[N])[N]
jodenpaasbrood	((jood)[N],(en)[N|N.N],((Pasen)[N],(brood)[N])[N])[N]
jodenster	((jood)[N],(en)[N|N.N],(ster)[N])[N]
jodenstreek	((jood)[N],(en)[N|N.N],(streek)[N])[N]
jodentaal	((jood)[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
jodenvervolging	((jood)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(volg)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
jodin	((jood)[N],(in)[N|N.])[N]
jodium	(jodium)[N]
jodiumtekort	((jodium)[N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
jodiumtinctuur	((jodium)[N],(tinctuur)[N])[N]
jodoformgaas	((jodoform)[N],(gaas)[N])[N]
jodoformwatten	((jodoform)[N],(wat)[N])[N]
joekel	(joekel)[N]
joelen	(joel)[V]
joeltijd	((joel)[V],(tijd)[N])[N]
joepen	(joep)[V]
jofel	(jofel)[A]
joggelen	(joggel)[V]
joggen	(jog)[V]
jogger	((jog)[V],(er)[N|V.])[N]
jogging	((jog)[V],(ing)[N|V.])[N]
johannesbloem	((Johannes)[N],(bloem)[N])[N]
johannesbrood	((Johannes)[N],(brood)[N])[N]
johanneskever	((Johannes)[N],(kever)[N])[N]
johanneswormpje	((Johannes)[N],(worm)[N])[N]
joint	(joint)[N]
jok	(jok)[N]
joke	(joke)[N]
joken	(jook)[V]
joker	(joker)[N]
jokeren	(joker)[V]
jokkebrok	((jok)[N],(e)[N|N.N],(brok)[N])[N]
jokken	(jok)[V]
jokkernij	((jok)[V],(ernij)[N|V.])[N]
jol	(jol)[N]
jolen	(jool)[V]
jolig	((jool)[N],(ig)[A|N.])[A]
joligheid	(((jool)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
jolijt	(jolijt)[N]
jollen	(jol)[V]
jollenman	((jol)[N],(e)[N|N.N],(man)[N])[N]
jonashaai	((Jonas)[N],(haai)[N])[N]
jong	(jong)[N]
jongedame	((jong)[A],(e)[N|A.N],(dame)[N])[N]
jongedochter	((jong)[A],(e)[N|A.N],(dochter)[N])[N]
jongeheer	((jong)[A],(e)[N|A.N],(heer)[N])[N]
jongejuffrouw	((jong)[A],(e)[N|A.N],(juffrouw)[N])[N]
jongeling	((jong)[A],(eling)[N|A.])[N]
jongelingschap	(((jong)[A],(eling)[N|A.])[N],(schap)[N|N.])[N]
jongelingsdroom	(((jong)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(droom)[N])[N]
jongelingsjaren	(((jong)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
jongelingsvereniging	(((jong)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],(verenig)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
jongeman	((jong)[A],(e)[N|A.N],(man)[N])[N]
jongemannenvereniging	(((jong)[A],(e)[N|A.N],(man)[N])[N],(en)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
jongemeisje	((jong)[N],(e)[N|N.N],(meisje)[N])[N]
jongen	(jong)[V]
jongensachtig	((jongen)[N],(s)[A|N.x],(achtig)[A|Nx.])[A]
jongensachtigheid	(((jongen)[N],(s)[A|N.x],(achtig)[A|Nx.])[A],(heid)[N|A.])[N]
jongensafdeling	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
jongensboek	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(boek)[N])[N]
jongensbroek	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(broek)[N])[N]
jongensfiets	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(fiets)[N])[N]
jongensgek	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(gek)[N])[N]
jongensgezicht	((jongen)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
jongensgrap	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(grap)[N])[N]
jongenshart	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(hart)[N])[N]
jongenshoofd	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
jongensinternaat	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(((intern)[A],(eer)[V|A.])[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
jongensjaren	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
jongenskamer	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
jongenskapsel	((jongen)[N],(s)[N|N.N],((kap)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
jongenskiel	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(kiel)[N])[N]
jongensklas	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(klas)[N])[N]
jongenskoning	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(koning)[N])[N]
jongenskont	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(kont)[N])[N]
jongenskoor	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(koor)[N])[N]
jongenskop	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(kop)[N])[N]
jongenslaboratorium	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(laboratorium)[N])[N]
jongenslichaam	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(lichaam)[N])[N]
jongensliefde	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(liefde)[N])[N]
jongenslijf	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(lijf)[N])[N]
jongensliteratuur	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(literatuur)[N])[N]
jongensmuisjes	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(muis)[N])[N]
jongensnaam	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(naam)[N])[N]
jongenspak	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(pak)[N])[N]
jongenspensionaat	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(pensionaat)[N])[N]
jongensspel	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(spel)[N])[N]
jongensstad	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(stad)[N])[N]
jongensstreek	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(streek)[N])[N]
jongenstehuis	((jongen)[N],(s)[N|N.N],((te)[P],(huis)[N])[N])[N]
jongenstijd	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
jongensuur	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(uur)[N])[N]
jongensvriend	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(vriend)[N])[N]
jongenswereld	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
jongenswerk	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
jongensziel	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(ziel)[N])[N]
jongenszot	((jongen)[N],(s)[N|N.N],(zot)[N])[N]
jongerejaars	((jonger)[A],(e)[N|A.Nx],(jaar)[N],(s)[N|AxN.])[N]
jongerenwerk	((jongere)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
jongerenwerker	((jongere)[N],(en)[N|N.N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
jongerenwerkster	((jongere)[N],(en)[N|N.N],((werk)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
jonggeboren	((jong)[A],(geboren)[A])[A]
jonggehuwd	((jong)[A],(gehuwd)[A])[A]
jonggestorven	((jong)[A],(gestorven)[V])[A]
jonggetrouwd	((jong)[A],(getrouwd)[A])[A]
jonggezel	((jong)[A],(gezel)[N])[N]
jongleerder	((jongleer)[V],(der)[N|V.])[N]
jongleur	((jongleer)[V],(eur)[N|V.])[N]
jongmaatje	((jong)[A],(maat)[N])[N]
jongmens	((jong)[A],(mens)[N])[N]
jongvee	((jong)[A],(vee)[N])[N]
jongvolwassen	((jong)[A],(volwassen)[A])[A]
jonk	(jonk)[N]
jonkervis	((jonker)[N],(vis)[N])[N]
jonkheer	((jong)[A],(heer)[N])[N]
jonkheerstitel	(((jong)[A],(heer)[N])[N],(s)[N|N.N],(titel)[N])[N]
jonkheid	((jong)[A],(heid)[N|A.])[N]
jonkman	((jong)[A],(man)[N])[N]
jonkvrouw	((jong)[A],(vrouw)[N])[N]
jonkvrouwelijk	(((jong)[A],(vrouw)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
jood	(jood)[N]
joods	((jood)[N],(s)[A|N.])[A]
jool	(jool)[N]
joon	(joon)[N]
joop	(joop)[N]
jota	(jota)[N]
jouen	(jou)[V]
joule	(joule)[N]
jour	(jour)[N]
journaalbeeld	((journaal)[N],(beeld)[N])[N]
journalist	((journaal)[N],(ist)[N|N.])[N]
journaliste	(((journaal)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
journalistencafé	(((journaal)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(café)[N])[N]
journalistenforum	(((journaal)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(forum)[N])[N]
journalistenkring	(((journaal)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(kring)[N])[N]
journalistentaal	(((journaal)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
journalistiek	((((journaal)[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
journalistisch	(((journaal)[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A]
jouwen	(jouw)[V]
jovialiteit	((joviaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
joyrider	((joy-rid)[V],(er)[N|V.])[N]
joyriding	((joy-rid)[V],(ing)[N|V.])[N]
jubel	(jubel)[N]
jubelen	(jubel)[V]
jubelfeest	((jubel)[N],(feest)[N])[N]
jubeljaar	((jubel)[N],(jaar)[N])[N]
jubelkreet	((jubel)[V],(kreet)[N])[N]
jubelstemming	((jubel)[V],((stem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
jubeltenen	((jubel)[V],(teen)[N])[N]
jubeltoon	((jubel)[V],(toon)[N])[N]
jubelzang	((jubel)[V],(zang)[N])[N]
jubilaresse	((jubilaris)[N],(e)[N|N.])[N]
jubilee	(jubilee)[N]
jubileumjaar	((jubileum)[N],(jaar)[N])[N]
jubileumpostzegel	((jubileum)[N],((post)[N],(zegel)[N])[N])[N]
jubileumzegel	((jubileum)[N],(zegel)[N])[N]
juchtleren	((juchtleer)[N],(en)[A|N.])[A]
judasgeld	((judas)[N],(geld)[N])[N]
judashaar	((judas)[N],(haar)[N])[N]
judaskus	((judas)[N],(kus)[N])[N]
judaslach	((judas)[N],(lach)[N])[N]
judasloon	((judas)[N],(loon)[N])[N]
judaspenning	((judas)[N],(penning)[N])[N]
judasrol	((judas)[N],(rol)[N])[N]
judasserij	((judas)[V],(erij)[N|V.])[N]
judasstreek	((judas)[N],(streek)[N])[N]
judicatuur	((judiceer)[V],(atuur)[N|V.])[N]
judo	(judo)[N]
judoband	((judo)[N],(band)[N])[N]
judoën	(judo)[V]
juf	(juf)[N]
jufferachtig	((juffer)[N],(achtig)[A|N.])[A]
jufferschap	((juffer)[N],(schap)[N|N.])[N]
juffershondje	((juffer)[N],(s)[N|N.N],(hond)[N])[N]
juichen	(juich)[V]
juichkreet	((juich)[V],(kreet)[N])[N]
juichstemming	((juich)[V],((stem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
juichtoon	((juich)[V],(toon)[N])[N]
juist	(juist)[A]
juistheid	((juist)[A],(heid)[N|A.])[N]
jujube	(jujube)[N]
juk	(juk)[N]
jukbeen	((juk)[N],(been)[N])[N]
jukboog	((juk)[N],(boog)[N])[N]
jukdragend	((juk)[N],(draag)[V],(end)[A|NV.])[A]
jukken	(juk)[V]
jukos	((juk)[N],(os)[N])[N]
julidag	((juli)[N],(dag)[N])[N]
juliennesoep	((julienne)[N],(soep)[N])[N]
julikever	((juli)[N],(kever)[N])[N]
julimaand	((juli)[N],(maand)[N])[N]
jumbo	(jumbo)[N]
jumbojet	((jumbo)[N],(jet)[N])[N]
jungle	(jungle)[N]
junglehoed	((jungle)[N],(hoed)[N])[N]
junglemes	((jungle)[N],(mes)[N])[N]
jungleoorlog	((jungle)[N],(oorlog)[N])[N]
juniavond	((juni)[N],(avond)[N])[N]
junibes	((juni)[N],(bes)[N])[N]
junihitte	((juni)[N],(hitte)[N])[N]
junikever	((juni)[N],(kever)[N])[N]
junimaand	((juni)[N],(maand)[N])[N]
juninacht	((juni)[N],(nacht)[N])[N]
junioorlog	((juni)[N],(oorlog)[N])[N]
junior	(junior)[N]
juniormanager	((junior)[N],(manager)[N])[N]
junk	(junk)[N]
junkieliteratuur	((junkie)[N],(literatuur)[N])[N]
junta	(junta)[N]
jurakalk	((Jura)[N],(kalk)[N])[N]
jurering	((jureer)[V],(ing)[N|V.])[N]
jurisdictiegeschil	((jurisdictie)[N],(geschil)[N])[N]
juriste	((jurist)[N],(e)[N|N.])[N]
juristenblad	((jurist)[N],(en)[N|N.N],(blad)[N])[N]
juristenvereniging	((jurist)[N],(en)[N|N.Vx],(verenig)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
juristenvergadering	((jurist)[N],(en)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
juristenwereld	((jurist)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
juristerij	((jurist)[N],(erij)[N|N.])[N]
jurk	(jurk)[N]
jurkangst	((jurk)[N],(angst)[N])[N]
jurylid	((jury)[N],(lid)[N])[N]
juryrechtspraak	((jury)[N],((recht)[N],(spraak)[N])[N])[N]
jus	(jus)[N]
jusblokje	((jus)[N],(blok)[N])[N]
juskom	((jus)[N],(kom)[N])[N]
juslepel	((jus)[N],(lepel)[N])[N]
justeerder	((justeer)[V],(der)[N|V.])[N]
justificatie	((justificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
justificeerbaar	((justificeer)[V],(baar)[A|V.])[A]
justitieel	((justitie)[N],(ieel)[A|N.])[A]
justitiepaleis	((justitie)[N],(paleis)[N])[N]
jut	(jut)[N]
jute	(jute)[N]
jutegaren	((jute)[N],(garen)[N])[N]
jutespinnerij	((jute)[N],(spin)[V],(erij)[N|NV.])[N]
jutezak	((jute)[N],(zak)[N])[N]
jutten	(jut)[V]
juttenpeer	((jut)[N],(e)[N|N.N],(peer)[N])[N]
jutter	((jut)[V],(er)[N|V.])[N]
juut	(juut)[N]
juweel	(juweel)[N]
juweelkever	((juweel)[N],(kever)[N])[N]
juweeltor	((juweel)[N],(tor)[N])[N]
juwelen	((juweel)[N],(en)[A|N.])[A]
juwelendoosje	((juweel)[N],(en)[N|N.N],(doos)[N])[N]
juwelenkistje	((juweel)[N],(en)[N|N.N],(kist)[N])[N]
juwelier	((juweel)[N],(ier)[N|N.])[N]
juweliersloep	(((juweel)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(loep)[N])[N]
juwelierster	(((juweel)[N],(ier)[N|N.])[N],(ster)[N|N.])[N]
juweliersvak	(((juweel)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(vak)[N])[N]
juwelierswinkel	(((juweel)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
juwelierszaak	(((juweel)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
juwelig	((juweel)[N],(ig)[A|N.])[A]
k	(k)[N]
ka	(ka)[N]
kaag	(kaag)[N]
kaageiland	((kaag)[N],(eiland)[N])[N]
kaai	(kaai)[N]
kaaidraaien	((kaai)[N],(draai)[V])[V]
kaaien	(kaai)[V]
kaaier	((kaai)[N],(er)[N|N.])[N]
kaaigeld	((kaai)[N],(geld)[N])[N]
kaailoper	((kaai)[N],(loop)[V],(er)[N|NV.])[N]
kaaimuur	((kaai)[N],(muur)[N])[N]
kaaischuimer	((kaai)[N],((schuim)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kaaiwerker	((kaai)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kaak	(kaak)[N]
kaakbeen	((kaak)[N],(been)[N])[N]
kaakchirurg	((kaak)[N],(chirurg)[N])[N]
kaakchirurgie	((kaak)[N],((chirurgisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
kaakfractuur	((kaak)[N],(fractuur)[N])[N]
kaakgewricht	((kaak)[N],(gewricht)[N])[N]
kaakholte	((kaak)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kaakje	(kaak)[N]
kaakklem	((kaak)[N],(klem)[N])[N]
kaakkramp	((kaak)[N],(kramp)[N])[N]
kaakmes	((kaak)[N],(mes)[N])[N]
kaakontsteking	((kaak)[N],((ontsteek)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kaaksbeen	((kaak)[N],(s)[N|N.N],(been)[N])[N]
kaakslag	((kaak)[N],(slag)[N])[N]
kaakspier	((kaak)[N],(spier)[N])[N]
kaakstomp	((kaak)[N],(stomp)[N])[N]
kaakstoot	((kaak)[N],(stoot)[N])[N]
kaakton	((kaak)[N],(ton)[N])[N]
kaakvormig	((kaak)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kaal	(kaal)[A]
kaalheid	((kaal)[A],(heid)[N|A.])[N]
kaalhoofdig	((kaal)[A],(hoofd)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kaalhoofdigheid	(((kaal)[A],(hoofd)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kaalknippen	((kaal)[A],(knip)[V])[V]
kaalkop	((kaal)[A],(kop)[N])[N]
kaalscheren	((kaal)[A],(scheer)[V])[V]
kaalslaan	((kaal)[A],(sla)[V])[V]
kaalte	((kaal)[A],(te)[N|A.])[N]
kaam	(kaam)[N]
kaamsel	((kaam)[V],(sel)[N|V.])[N]
kaan	(kaan)[N]
kaankoek	((kaan)[N],(koek)[N])[N]
kaap	(kaap)[N]
kaapschip	((kaap)[V],(schip)[N])[N]
kaapstander	((kaap)[N],((sta)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kaapvaarder	((kaap)[N],(vaar)[V],(der)[N|NV.])[N]
kaapvaart	((kaap)[V],(vaart)[N])[N]
kaard	(kaard)[N]
kaarden	(kaard)[V]
kaardenbol	((kaarde)[N],(bol)[N])[N]
kaardendistel	((kaarde)[N],(distel)[N])[N]
kaardenmaker	((kaarde)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kaarder	((kaard)[V],(er)[N|V.])[N]
kaardmachine	((kaard)[V],(machine)[N])[N]
kaardster	((kaard)[V],(ster)[N|V.])[N]
kaardwol	((kaard)[V],(wol)[N])[N]
kaars	(kaars)[N]
kaarsdrager	((kaars)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
kaarsenbak	((kaars)[N],(en)[N|N.N],(bak)[N])[N]
kaarsenfabriek	((kaars)[N],(en)[N|N.N],(fabriek)[N])[N]
kaarsenkatoen	((kaars)[N],(en)[N|N.N],(katoen)[N])[N]
kaarsenmaker	((kaars)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kaarsenpan	((kaars)[N],(e)[N|N.N],(pan)[N])[N]
kaarsenpit	((kaars)[N],(e)[N|N.N],(pit)[N])[N]
kaarsensnuiter	((kaars)[N],(e)[N|N.Vx],(snuit)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kaarsenstandaard	((kaars)[N],(en)[N|N.N],(standaard)[N])[N]
kaarslantaarn	((kaars)[N],(lantaarn)[N])[N]
kaarslantaren	((kaars)[N],(lantaren)[N])[N]
kaarslicht	((kaars)[N],(licht)[N])[N]
kaarsrecht	((kaars)[N],(recht)[A])[A]
kaarsroet	((kaars)[N],(roet)[N])[N]
kaarssnuiter	((kaars)[N],(snuit)[V],(er)[N|NV.])[N]
kaarsvet	((kaars)[N],(vet)[N])[N]
kaarswijding	((kaars)[N],(wijd)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kaart	(kaart)[N]
kaartavondje	((kaart)[V],(avond)[N])[N]
kaartbrief	((kaart)[N],(brief)[N])[N]
kaartclub	((kaart)[V],(club)[N])[N]
kaarten	(kaart)[V]
kaartenbak	((kaart)[N],(en)[N|N.N],(bak)[N])[N]
kaartenblad	((kaart)[N],(e)[N|N.N],(blad)[N])[N]
kaartenhouder	((kaart)[N],(en)[N|N.Vx],(houd)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kaartenhuis	((kaart)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
kaartenkamer	((kaart)[N],(en)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
kaarter	((kaart)[V],(er)[N|V.])[N]
kaarthouder	((kaart)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
kaartjesknipper	((kaartje)[N],(s)[N|N.Vx],(knip)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kaartleggen	((kaart)[N],(leg)[V])[V]
kaartlegster	(((kaart)[N],(leg)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
kaartlezen	((kaart)[N],(lees)[V])[V]
kaartlezer	(((kaart)[N],(lees)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
kaartlopen	((kaart)[N],(loop)[V])[V]
kaartponser	((kaart)[N],(pons)[V],(er)[N|NV.])[N]
kaartprojectie	((kaart)[N],(((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N])[N]
kaartregister	((kaart)[N],(register)[N])[N]
kaartspeelster	(((kaart)[N],(speel)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
kaartspel	((kaart)[N],(spel)[N])[N]
kaartspelen	((kaart)[N],(speel)[V])[V]
kaartspeler	(((kaart)[N],(speel)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
kaartster	((kaart)[V],(ster)[N|V.])[N]
kaartsysteem	((kaart)[N],(systeem)[N])[N]
kaarttelegram	((kaart)[N],(telegram)[N])[N]
kaartverkoop	((kaart)[N],(verkoop)[N])[N]
kaas	(kaas)[N]
kaasbereiding	((kaas)[N],(bereid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kaasboer	((kaas)[N],(boer)[N])[N]
kaasbol	((kaas)[N],(bol)[N])[N]
kaasboor	((kaas)[N],(boor)[N])[N]
kaasbroodje	((kaas)[N],(brood)[N])[N]
kaascracker	((kaas)[N],(cracker)[N])[N]
kaasdoek	((kaas)[N],(doek)[N])[N]
kaasdrager	((kaas)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
kaasfondue	((kaas)[N],(fondue)[N])[N]
kaasgerecht	((kaas)[N],(gerecht)[N])[N]
kaashandel	((kaas)[N],(handel)[N])[N]
kaasjeskruid	((kaasje)[N],(s)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
kaasjeskruidachtig	(((kaasje)[N],(s)[N|N.N],(kruid)[N])[N],(achtig)[A|N.])[A]
kaaskamer	((kaas)[N],(kamer)[N])[N]
kaaskleursel	((kaas)[N],((kleur)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
kaaskoekje	((kaas)[N],(koek)[N])[N]
kaaskop	((kaas)[N],(kop)[N])[N]
kaaskoper	((kaas)[N],(koop)[V],(er)[N|NV.])[N]
kaasmaker	((kaas)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
kaasmarkt	((kaas)[N],(markt)[N])[N]
kaasmes	((kaas)[N],(mes)[N])[N]
kaasmijt	((kaas)[N],(mijt)[N])[N]
kaaspers	((kaas)[N],(pers)[N])[N]
kaasplank	((kaas)[N],(plank)[N])[N]
kaasplateau	((kaas)[N],(plateau)[N])[N]
kaassaus	((kaas)[N],(saus)[N])[N]
kaasschaaf	((kaas)[N],(schaaf)[N])[N]
kaasschotel	((kaas)[N],(schotel)[N])[N]
kaassoufflé	((kaas)[N],(soufflé)[N])[N]
kaasstof	((kaas)[N],(stof)[N])[N]
kaasstolp	((kaas)[N],(stolp)[N])[N]
kaasstremsel	((kaas)[N],((strem)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
kaastaart	((kaas)[N],(taart)[N])[N]
kaasvat	((kaas)[N],(vat)[N])[N]
kaasvorm	((kaas)[N],(vorm)[N])[N]
kaaswaag	((kaas)[N],(waag)[N])[N]
kaats	(kaats)[N]
kaatsbaan	((kaats)[V],(baan)[N])[N]
kaatsbal	((kaats)[V],(bal)[N])[N]
kaatsclub	((kaats)[V],(club)[N])[N]
kaatsen	(kaats)[V]
kaatser	((kaats)[V],(er)[N|V.])[N]
kaatsspel	((kaats)[V],(spel)[N])[N]
kaatsster	((kaats)[V],(ster)[N|V.])[N]
kaatswedstrijd	((kaats)[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
kabaalmaker	((kabaal)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
kabaja	(kabaja)[N]
kabbala	(kabbala)[N]
kabbalist	((kabbala)[N],(ist)[N|N.])[N]
kabbelen	(kabbel)[V]
kabel	(kabel)[N]
kabelabonnee	((kabel)[N],(abonnee)[N])[N]
kabelabonnement	((kabel)[N],(abonneer)[V],(ement)[N|NV.])[N]
kabelbaan	((kabel)[N],(baan)[N])[N]
kabelballon	((kabel)[N],(ballon)[N])[N]
kabelbericht	((kabel)[N],(bericht)[N])[N]
kabelbrug	((kabel)[N],(brug)[N])[N]
kabeldraad	((kabel)[N],(draad)[N])[N]
kabelen	(kabel)[V]
kabelexploitant	((kabel)[N],(exploiteer)[V],(ant)[N|NV.])[N]
kabelfabriek	((kabel)[N],(fabriek)[N])[N]
kabelgast	((kabel)[N],(gast)[N])[N]
kabelgat	((kabel)[N],(gat)[N])[N]
kabeljauwshom	((kabeljauw)[N],(s)[N|N.N],(hom)[N])[N]
kabeljauwskelder	((kabeljauw)[N],(s)[N|N.N],(kelder)[N])[N]
kabeljauwvangst	((kabeljauw)[N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
kabeljauwvisserij	((kabeljauw)[N],(vis)[V],(erij)[N|NV.])[N]
kabelkrant	((kabel)[N],(krant)[N])[N]
kabellas	((kabel)[N],(las)[N])[N]
kabelleiding	((kabel)[N],(leid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kabellengte	((kabel)[N],(lengte)[N])[N]
kabelnet	((kabel)[N],(net)[N])[N]
kabelnota	((kabel)[N],(nota)[N])[N]
kabelomroep	((kabel)[N],(omroep)[N])[N]
kabelpont	((kabel)[N],(pont)[N])[N]
kabelproject	((kabel)[N],(project)[N])[N]
kabelschoen	((kabel)[N],(schoen)[N])[N]
kabelslot	((kabel)[N],(slot)[N])[N]
kabelspoor	((kabel)[N],(spoor)[N])[N]
kabelspoorweg	((kabel)[N],((spoor)[N],(weg)[N])[N])[N]
kabelsteek	((kabel)[N],(steek)[N])[N]
kabelstreng	((kabel)[N],(streng)[N])[N]
kabeltelegram	((kabel)[N],(telegram)[N])[N]
kabeltelevisie	((kabel)[N],(televisie)[N])[N]
kabeltouw	((kabel)[N],(touw)[N])[N]
kabelvoering	((kabel)[N],((voer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kabinet	(kabinet)[N]
kabinetformaat	((kabinet)[N],((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
kabinetsbeleid	((kabinet)[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
kabinetsberaad	((kabinet)[N],(s)[N|N.N],(beraad)[N])[N]
kabinetsbeslissing	((kabinet)[N],(s)[N|N.N],((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kabinetschef	((kabinet)[N],(s)[N|N.N],(chef)[N])[N]
kabinetscrisis	((kabinet)[N],(s)[N|N.N],(crisis)[N])[N]
kabinetsformateur	((kabinet)[N],(s)[N|N.Vx],(formeer)[V],(ateur)[N|NxV.])[N]
kabinetsformatie	((kabinet)[N],(s)[N|N.Vx],(formeer)[V],(atie)[N|NxV.])[N]
kabinetskwestie	((kabinet)[N],(s)[N|N.N],(kwestie)[N])[N]
kabinetsorder	((kabinet)[N],(s)[N|N.N],(order)[N])[N]
kabinetsperiode	((kabinet)[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
kabinetsraad	((kabinet)[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
kabinetsschrijven	((kabinet)[N],(s)[N|N.N],(schrijven)[N])[N]
kabinetsstuk	((kabinet)[N],(s)[N|N.N],(stuk)[N])[N]
kabinetstuk	((kabinet)[N],(stuk)[N])[N]
kabinetsvergadering	((kabinet)[N],(s)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kabinetswisseling	((kabinet)[N],(s)[N|N.N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kabinetwerk	((kabinet)[N],(werk)[N])[N]
kabinetwerker	((kabinet)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kabouter	(kabouter)[N]
kabouterachtig	((kabouter)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kabouterlied	((kabouter)[N],(lied)[N])[N]
kaboutermannetje	((kabouter)[N],(man)[N])[N]
kabouterstad	((kabouter)[N],(stad)[N])[N]
kachel	(kachel)[N]
kachelbuis	((kachel)[N],(buis)[N])[N]
kachelglans	((kachel)[N],(glans)[N])[N]
kachelhout	((kachel)[N],(hout)[N])[N]
kachelpijp	((kachel)[N],(pijp)[N])[N]
kachelplaat	((kachel)[N],(plaat)[N])[N]
kachelsmid	((kachel)[N],(smid)[N])[N]
kachelwarmte	((kachel)[N],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kadaster	(kadaster)[N]
kadastraal	((kadaster)[N],(aal)[A|N.])[A]
kadastrering	((kadastreer)[V],(ing)[N|V.])[N]
kadaver	(kadaver)[N]
kadaverachtig	((kadaver)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kadaverdiscipline	((kadaver)[N],(discipline)[N])[N]
kade	(kade)[N]
kadegeld	((kade)[N],(geld)[N])[N]
kademuur	((kade)[N],(muur)[N])[N]
kader	(kader)[N]
kaderblad	((kader)[N],(blad)[N])[N]
kadercursus	((kader)[N],(cursus)[N])[N]
kaderlid	((kader)[N],(lid)[N])[N]
kaderplicht	((kader)[N],(plicht)[N])[N]
kaderschool	((kader)[N],(school)[N])[N]
kaderspel	((kader)[N],(spel)[N])[N]
kadertraining	((kader)[N],((train)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kaderwet	((kader)[N],(wet)[N])[N]
kadetje	(kadet)[N]
kadewerker	((kade)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kadraaien	((ka)[N],(draai)[V])[V]
kadraaier	(((ka)[N],(draai)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
kadukig	((kaduuk)[A],(ig)[A|A.])[A]
kaf	(kaf)[N]
kaffer	(kaffer)[N]
kafferen	(kaffer)[V]
kafmolen	((kaf)[N],(molen)[N])[N]
kaft	(kaft)[N]
kaftan	(kaftan)[N]
kaften	(kaft)[V]
kafzak	((kaf)[N],(zak)[N])[N]
kajak	(kajak)[N]
kajuit	(kajuit)[N]
kajuitdeur	((kajuit)[N],(deur)[N])[N]
kajuitsjongen	((kajuit)[N],(s)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
kajuitspoort	((kajuit)[N],(s)[N|N.N],(poort)[N])[N]
kajuitsraam	((kajuit)[N],(s)[N|N.N],(raam)[N])[N]
kajuitswachter	((kajuit)[N],(s)[N|N.N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kak	(kak)[N]
kakadoris	(kakadoris)[N]
kakebeen	((kaak)[N],(e)[N|N.N],(been)[N])[N]
kakel	(kakel)[N]
kakelaar	((kakel)[V],(aar)[N|V.])[N]
kakelaarster	(((kakel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
kakelbont	((kakel)[V],(bont)[A])[A]
kakelen	(kakel)[V]
kakelvers	((kakel)[V],(vers)[A])[A]
kakemono	(kakemono)[N]
kaken	(kaak)[V]
kaker	((kaak)[V],(er)[N|V.])[N]
kaketoe	(kaketoe)[N]
kaki	(kaki)[N]
kakikleur	((kaki)[N],(kleur)[N])[N]
kakikleurig	((kaki)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kakiuniform	((kaki)[N],(uniform)[N])[N]
kakivrucht	((kaki)[N],(vrucht)[N])[N]
kakkebroek	((kak)[N],(e)[N|N.N],(broek)[N])[N]
kakken	(kak)[V]
kakker	((kak)[V],(er)[N|V.])[N]
kakkerd	((kak)[V],(erd)[N|V.])[N]
kakkerij	((kak)[V],(erij)[N|V.])[N]
kakkerlak	(kakkerlak)[N]
kakmadam	((kak)[N],(madam)[N])[N]
kakschool	((kak)[N],(school)[N])[N]
kakster	((kak)[V],(ster)[N|V.])[N]
kakstoel	((kak)[V],(stoel)[N])[N]
kalamijnsteen	((kalamijn)[N],(steen)[N])[N]
kalaminken	((kalamink)[N],(en)[A|N.])[A]
kalander	(kalander)[N]
kalanderen	(kalander)[V]
kalanderij	((kalander)[V],(ij)[N|V.])[N]
kalandermolen	((kalander)[N],(molen)[N])[N]
kalbasboom	((kalbas)[N],(boom)[N])[N]
kalbasfles	((kalbas)[N],(fles)[N])[N]
kalebas	(kalebas)[N]
kalebasboom	((kalebas)[N],(boom)[N])[N]
kalebasfles	((kalebas)[N],(fles)[N])[N]
kalefateren	(kalefater)[V]
kalen	(kaal)[V]
kalender	(kalender)[N]
kalenderblad	((kalender)[N],(blad)[N])[N]
kalenderblok	((kalender)[N],(blok)[N])[N]
kalenderjaar	((kalender)[N],(jaar)[N])[N]
kalenderleeftijd	((kalender)[N],((leef)[V],(tijd)[N])[N])[N]
kalendermaand	((kalender)[N],(maand)[N])[N]
kalendermethode	((kalender)[N],(methode)[N])[N]
kalenderspreuk	((kalender)[N],(spreuk)[N])[N]
kalendersysteem	((kalender)[N],(systeem)[N])[N]
kalf	(kalf)[N]
kalfaatdok	((kalfaat)[V],(dok)[N])[N]
kalfaathamer	((kalfaat)[V],(hamer)[N])[N]
kalfaatijzer	((kalfaat)[V],(ijzer)[N])[N]
kalfaatwerk	((kalfaat)[V],(werk)[N])[N]
kalfachtig	((kalf)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kalfatering	((kalfater)[V],(ing)[N|V.])[N]
kalfkoe	((kalf)[N],(koe)[N])[N]
kalfsbiefstuk	((kalf)[N],(s)[N|N.N],(biefstuk)[N])[N]
kalfsborst	((kalf)[N],(s)[N|N.N],(borst)[N])[N]
kalfsgehakt	((kalf)[N],(s)[N|N.N],(gehakt)[N])[N]
kalfskop	((kalf)[N],(s)[N|N.N],(kop)[N])[N]
kalfskotelet	((kalf)[N],(s)[N|N.N],(kotelet)[N])[N]
kalfslapje	((kalf)[N],(s)[N|N.N],(lap)[N])[N]
kalfsleder	((kalf)[N],(s)[N|N.N],(leder)[N])[N]
kalfsleer	((kalf)[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
kalfsleren	(((kalf)[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
kalfslever	((kalf)[N],(s)[N|N.N],(lever)[N])[N]
kalfsmedaillon	((kalf)[N],(s)[N|N.N],(medaillon)[N])[N]
kalfsoester	((kalf)[N],(s)[N|N.N],(oester)[N])[N]
kalfsoog	((kalf)[N],(s)[N|N.N],(oog)[N])[N]
kalfspoelet	((kalf)[N],(s)[N|N.N],(poelet)[N])[N]
kalfsschenkel	((kalf)[N],(s)[N|N.N],(schenkel)[N])[N]
kalfsschijf	((kalf)[N],(s)[N|N.N],(schijf)[N])[N]
kalfstong	((kalf)[N],(s)[N|N.N],(tong)[N])[N]
kalfsvel	((kalf)[N],(s)[N|N.N],(vel)[N])[N]
kalfsvlees	((kalf)[N],(s)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
kalfszwezerik	((kalf)[N],(s)[N|N.N],(zwezerik)[N])[N]
kalfvaars	((kalf)[N],(vaars)[N])[N]
kaliber	(kaliber)[N]
kalief	(kalief)[N]
kalifaat	((kalief)[N],(aat)[N|N.])[N]
kalimest	((kali)[N],(mest)[N])[N]
kalisalpeter	((kali)[N],(salpeter)[N])[N]
kalissehout	((kalisse)[N],(hout)[N])[N]
kalissestok	((kalisse)[N],(stok)[N])[N]
kalissewater	((kalisse)[N],(water)[N])[N]
kalium	(kalium)[N]
kaliumcarbonaat	((kalium)[N],(carbonaat)[N])[N]
kaliumtekort	((kalium)[N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
kaliumverbinding	((kalium)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kalizout	((kali)[N],(zout)[N])[N]
kalk	(kalk)[N]
kalkaanslag	((kalk)[N],(aanslag)[N])[N]
kalkaarde	((kalk)[N],(aarde)[N])[N]
kalkachtig	((kalk)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kalkarm	((kalk)[N],(arm)[A])[A]
kalkbak	((kalk)[N],(bak)[N])[N]
kalkbemesting	((kalk)[N],(((be)[V|.N],(mest)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kalkbranderij	((kalk)[N],(brand)[V],(erij)[N|NV.])[N]
kalkei	((kalk)[N],(ei)[N])[N]
kalken	(kalk)[V]
kalken	((kalk)[N],(en)[A|N.])[A]
kalkgebergte	((kalk)[N],((ge)[N|.Nx],(berg)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
kalkgroef	((kalk)[N],(groef)[N])[N]
kalkgroeve	((kalk)[N],(groeve)[N])[N]
kalkgrond	((kalk)[N],(grond)[N])[N]
kalkhoudend	((kalk)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
kalkkloet	((kalk)[N],(kloet)[N])[N]
kalklaag	((kalk)[N],(laag)[N])[N]
kalklicht	((kalk)[N],(licht)[N])[N]
kalkmelk	((kalk)[N],(melk)[N])[N]
kalkmergel	((kalk)[N],(mergel)[N])[N]
kalkmortel	((kalk)[N],(mortel)[N])[N]
kalkmouw	((kalk)[N],(mouw)[N])[N]
kalkoen	(kalkoen)[N]
kalkoenenei	((kalkoen)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
kalkoenenvet	((kalkoen)[N],(e)[N|N.N],(vet)[N])[N]
kalkoenenvlees	((kalkoen)[N],(e)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
kalkoenhen	((kalkoen)[N],(hen)[N])[N]
kalkoenkuiken	((kalkoen)[N],(kuiken)[N])[N]
kalkoens	((kalkoen)[N],(s)[A|N.])[A]
kalkoentje	(kalkoen)[N]
kalkoven	((kalk)[N],(oven)[N])[N]
kalkpoot	((kalk)[N],(poot)[N])[N]
kalkput	((kalk)[N],(put)[N])[N]
kalkrijk	((kalk)[N],(rijk)[A])[A]
kalkrots	((kalk)[N],(rots)[N])[N]
kalksalpeter	((kalk)[N],(salpeter)[N])[N]
kalksteen	((kalk)[N],(steen)[N])[N]
kalkwater	((kalk)[N],(water)[N])[N]
kalkzandsteen	((kalk)[N],((zand)[N],(steen)[N])[N])[N]
kallen	(kal)[V]
kalligraferen	((kalligraaf)[N],(eer)[V|N.])[V]
kalligrafie	(((kalligraaf)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
kalligrafisch	((kalligraaf)[N],(isch)[A|N.])[A]
kalm	(kalm)[A]
kalmeren	((kalm)[A],(eer)[V|A.])[V]
kalmering	(((kalm)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
kalmeringsmiddel	((((kalm)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
kalminken	((kalmink)[N],(en)[A|N.])[A]
kalmoesolie	((kalmoes)[N],(olie)[N])[N]
kalmte	((kalm)[A],(te)[N|A.])[N]
kalot	(kalot)[N]
kalven	(kalf)[V]
kalverachtig	((kalf)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kalverbox	((kalf)[N],(box)[N])[N]
kalverig	((kalf)[N],(erig)[A|N.])[A]
kalverliefde	((kalf)[N],(liefde)[N])[N]
kalverschets	((kalf)[N],(schets)[N])[N]
kalverziekte	((kalf)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kam	(kam)[N]
kamdragend	((kam)[N],(draag)[V],(end)[A|NV.])[A]
kameel	(kameel)[N]
kameeldrijver	((kameel)[N],(drijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
kameelhaar	((kameel)[N],(haar)[N])[N]
kameelharen	(((kameel)[N],(haar)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
kameelruiter	((kameel)[N],(ruiter)[N])[N]
kameelzadel	((kameel)[N],(zadel)[N])[N]
kamelenmaag	((kameel)[N],(e)[N|N.N],(maag)[N])[N]
kamelenrug	((kameel)[N],(e)[N|N.N],(rug)[N])[N]
kameleon	(kameleon)[N]
kameleontisch	((kameleon)[N],(tisch)[A|N.])[A]
kamelotten	((kamelot)[N],(en)[A|N.])[A]
kamen	(kaam)[V]
kamenierster	((kamenier)[N],(ster)[N|N.])[N]
kamer	(kamer)[N]
kameraad	(kameraad)[N]
kameraadschap	((kameraad)[N],(schap)[N|N.])[N]
kameraadschappelijk	(((kameraad)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A]
kamerantenne	((kamer)[N],(antenne)[N])[N]
kamerarrest	((kamer)[N],(arrest)[N])[N]
kamerbewaarder	((kamer)[N],((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
kamerbewoner	((kamer)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
kamerbewoonster	((kamer)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
kamerbreed	((kamer)[N],(breed)[A])[A]
kamerden	((kamer)[N],(den)[N])[N]
kamerdeur	((kamer)[N],(deur)[N])[N]
kamerdienaar	((kamer)[N],((dien)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
kamerdoek	((Kamerijk)[N],(doek)[N])[N]
kamerfiets	((kamer)[N],(fiets)[N])[N]
kamergeleerde	((kamer)[N],(geleerde)[N])[N]
kamergeleerdheid	((kamer)[N],((geleerd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
kamergymnastiek	((kamer)[N],((gymnastisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
kamerheer	((kamer)[N],(heer)[N])[N]
kamerhuur	((kamer)[N],(huur)[N])[N]
kamerinrichting	((kamer)[N],((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kamerjapon	((kamer)[N],(japon)[N])[N]
kamerjas	((kamer)[N],(jas)[N])[N]
kamerkoor	((kamer)[N],(koor)[N])[N]
kamerlinde	((kamer)[N],(linde)[N])[N]
kamerling	((kamer)[N],(ling)[N|N.])[N]
kamermeid	((kamer)[N],(meid)[N])[N]
kamermeisje	((kamer)[N],(meisje)[N])[N]
kamermuur	((kamer)[N],(muur)[N])[N]
kamermuziek	((kamer)[N],(muziek)[N])[N]
kamermuziekavond	(((kamer)[N],(muziek)[N])[N],(avond)[N])[N]
kamernummer	((kamer)[N],(nummer)[N])[N]
kamerolifant	((kamer)[N],(olifant)[N])[N]
kamerorgel	((kamer)[N],(orgel)[N])[N]
kamerorkest	((kamer)[N],(orkest)[N])[N]
kameroverzicht	((kamer)[N],(overzicht)[N])[N]
kamerplant	((kamer)[N],(plant)[N])[N]
kamerplantencultuur	(((kamer)[N],(plant)[N])[N],(en)[N|N.N],(cultuur)[N])[N]
kamerrok	((kamer)[N],(rok)[N])[N]
kamerscherm	((kamer)[N],(scherm)[N])[N]
kamerschut	((kamer)[N],(schut)[N])[N]
kamerservice	((kamer)[N],(service)[N])[N]
kamertemperatuur	((kamer)[N],(temperatuur)[N])[N]
kamerthermostaat	((kamer)[N],(thermostaat)[N])[N]
kamervenster	((kamer)[N],(venster)[N])[N]
kamerverhuurbureau	((kamer)[N],(verhuur)[N],(bureau)[N])[N]
kamerverhuurder	((kamer)[N],((ver)[V|.V],(huur)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
kamerverhuurster	((kamer)[N],((ver)[V|.V],(huur)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
kamerwacht	((kamer)[N],(wacht)[N])[N]
kamerwand	((kamer)[N],(wand)[N])[N]
kamfer	(kamfer)[N]
kamferachtig	((kamfer)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kamferballetje	((kamfer)[N],(bal)[N])[N]
kamferboom	((kamfer)[N],(boom)[N])[N]
kamferkist	((kamfer)[N],(kist)[N])[N]
kamferlucht	((kamfer)[N],(lucht)[N])[N]
kamferolie	((kamfer)[N],(olie)[N])[N]
kamferspiritus	((kamfer)[N],(spiritus)[N])[N]
kamfervaseline	((kamfer)[N],(vaseline)[N])[N]
kamgaren	((kam)[N],(garen)[N])[N]
kamgras	((kam)[N],(gras)[N])[N]
kamhout	((kam)[N],(hout)[N])[N]
kamig	((kaam)[N],(ig)[A|N.])[A]
kamikaze	(kamikaze)[N]
kamikazeactie	((kamikaze)[N],(actie)[N])[N]
kamikazepiloot	((kamikaze)[N],(piloot)[N])[N]
kamille	(kamille)[N]
kamillebloem	((kamille)[N],(bloem)[N])[N]
kamilleolie	((kamille)[N],(olie)[N])[N]
kamillethee	((kamille)[N],(thee)[N])[N]
kamizool	(kamizool)[N]
kammachine	((kam)[V],(machine)[N])[N]
kammeling	((kam)[N],(eling)[N|N.])[N]
kammen	(kam)[V]
kamneus	((kam)[N],(neus)[N])[N]
kamp	(kamp)[N]
kampanje	(kampanje)[N]
kampbeheerder	((kamp)[N],(beheer)[V],(der)[N|NV.])[N]
kampbeheerster	((kamp)[N],(beheer)[V],(ster)[N|NV.])[N]
kampbeul	((kamp)[A],(beul)[N])[N]
kampcommandant	((kamp)[N],(commandeer)[V],(ant)[N|NV.])[N]
kampeerauto	(((kamp)[N],(eer)[V|N.])[V],(auto)[N])[N]
kampeerbed	(((kamp)[N],(eer)[V|N.])[V],(bed)[N])[N]
kampeerbestek	(((kamp)[N],(eer)[V|N.])[V],(bestek)[N])[N]
kampeerbus	(((kamp)[N],(eer)[V|N.])[V],(bus)[N])[N]
kampeerder	(((kamp)[N],(eer)[V|N.])[V],(der)[N|V.])[N]
kampeergelegenheid	(((kamp)[N],(eer)[V|N.])[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
kampeermateriaal	(((kamp)[N],(eer)[V|N.])[V],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
kampeermatras	(((kamp)[N],(eer)[V|N.])[V],(matras)[N])[N]
kampeerplaats	(((kamp)[N],(eer)[V|N.])[V],(plaats)[N])[N]
kampeerspul	(((kamp)[N],(eer)[V|N.])[V],(spul)[N])[N]
kampeerster	(((kamp)[N],(eer)[V|N.])[V],(ster)[N|V.])[N]
kampeertafel	(((kamp)[N],(eer)[V|N.])[V],(tafel)[N])[N]
kampeertent	(((kamp)[N],(eer)[V|N.])[V],(tent)[N])[N]
kampeerterrein	(((kamp)[N],(eer)[V|N.])[V],(terrein)[N])[N]
kampeeruitrusting	(((kamp)[N],(eer)[V|N.])[V],(((uit)[P],(rust)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kampeerverordening	(((kamp)[N],(eer)[V|N.])[V],(((ver)[V|.V],(orden)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kampeerwagen	(((kamp)[N],(eer)[V|N.])[V],(wagen)[N])[N]
kampement	(((kamp)[N],(eer)[V|N.])[V],(ement)[N|V.])[N]
kampen	(kamp)[V]
kamper	((kamp)[V],(er)[N|V.])[N]
kamperen	((kamp)[N],(eer)[V|N.])[V]
kamperfoelie	(kamperfoelie)[N]
kampernoelie	(kampernoelie)[N]
kampernoelje	(kampernoelje)[N]
kamphuis	((kamp)[N],(huis)[N])[N]
kampioen	(kampioen)[N]
kampioene	((kampioen)[N],(e)[N|N.])[N]
kampioenschap	((kampioen)[N],(schap)[N|N.])[N]
kampioensprijs	((kampioen)[N],(s)[N|N.N],(prijs)[N])[N]
kampioenstitel	((kampioen)[N],(s)[N|N.N],(titel)[N])[N]
kampkaart	((kamp)[N],(kaart)[N])[N]
kamplaat	((kam)[N],(plaat)[N])[N]
kampleider	((kamp)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
kampleiding	((kamp)[N],(leid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kampleidster	((kamp)[A],(leid)[V],(ster)[N|AV.])[N]
kamplied	((kamp)[N],(lied)[N])[N]
kamplust	((kamp)[V],(lust)[N])[N]
kampongbewoner	((kampong)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
kamponghoofd	((kampong)[N],(hoofd)[N])[N]
kampplaats	((kamp)[V],(plaats)[N])[N]
kamprechter	((kamp)[N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kampstrijd	((kamp)[V],(strijd)[N])[N]
kampvechter	((kamp)[N],(vecht)[V],(er)[N|NV.])[N]
kampvuur	((kamp)[N],(vuur)[N])[N]
kampwinkel	((kamp)[N],(winkel)[N])[N]
kamrad	((kam)[N],(rad)[N])[N]
kamvormig	((kam)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kamwiel	((kam)[N],(wiel)[N])[N]
kamwol	((kam)[V],(wol)[N])[N]
kan	(kan)[N]
kanaal	(kanaal)[N]
kanaalbrug	((kanaal)[N],(brug)[N])[N]
kanaaldijk	((kanaal)[N],(dijk)[N])[N]
kanaaleiland	((kanaal)[N],(eiland)[N])[N]
kanaalkiezer	((kanaal)[N],(kies)[V],(er)[N|NV.])[N]
kanaalpand	((kanaal)[N],(pand)[N])[N]
kanaalsluis	((kanaal)[N],(sluis)[N])[N]
kanaaltol	((kanaal)[N],(tol)[N])[N]
kanaaltunnel	((kanaal)[N],(tunnel)[N])[N]
kanaalvak	((kanaal)[N],(vak)[N])[N]
kanaalverbinding	((kanaal)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kanaalzone	((kanaal)[N],(zone)[N])[N]
kanaat	((kan)[N],(aat)[N|N.])[N]
kanaleneiland	((kanaal)[N],(en)[N|N.N],(eiland)[N])[N]
kanalenkiezer	((kanaal)[N],(en)[N|N.Vx],(kies)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kanalennet	((kanaal)[N],(en)[N|N.N],(net)[N])[N]
kanalenstelsel	((kanaal)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
kanalensysteem	((kanaal)[N],(en)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
kanalisatie	(((kanaal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
kanaliseren	((kanaal)[N],(iseer)[V|N.])[V]
kanalisering	(((kanaal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
kanarie	(kanarie)[N]
kanarieboom	((kanarie)[N],(boom)[N])[N]
kanariegeel	((kanarie)[N],(geel)[A])[A]
kanariekooi	((kanarie)[N],(kooi)[N])[N]
kanariepietje	((kanarie)[N],(Piet)[N])[N]
kanarieslag	((kanarie)[N],(slag)[N])[N]
kanarievogel	((kanarie)[N],(vogel)[N])[N]
kanariezaad	((kanarie)[N],(zaad)[N])[N]
kanaster	(kanaster)[N]
kandeelmaal	((kandeel)[N],(maal)[N])[N]
kandelaar	(kandelaar)[N]
kandelaber	(kandelaber)[N]
kandelaberen	(kandelaber)[V]
kandelaren	(kandelaar)[V]
kandidaat	((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N]
kandidaat-assistent	(((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N],((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
kandidaat-notaris	(((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N],(notaris)[N])[N]
kandidaats	((((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(examen)[N])[N])[N]
kandidaatschap	(((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
kandidaatsexamen	(((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(examen)[N])[N]
kandidaatstelling	(((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kandidate	(((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
kandidatenlijst	(((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
kandidatentoernooi	(((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(toernooi)[N])[N]
kandidatuur	(((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N],(uur)[N|N.])[N]
kandijklontje	((kandij)[N],(klont)[N])[N]
kandijstroop	((kandij)[N],(stroop)[N])[N]
kandijsuiker	((kandij)[N],(suiker)[N])[N]
kaneel	(kaneel)[N]
kaneelappel	((kaneel)[N],(appel)[N])[N]
kaneelbast	((kaneel)[N],(bast)[N])[N]
kaneelbeschuitje	((kaneel)[N],(beschuit)[N])[N]
kaneelboom	((kaneel)[N],(boom)[N])[N]
kaneelgeur	((kaneel)[N],(geur)[N])[N]
kaneelhout	((kaneel)[N],(hout)[N])[N]
kaneelkleurig	((kaneel)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kaneelpijp	((kaneel)[N],(pijp)[N])[N]
kaneelstok	((kaneel)[N],(stok)[N])[N]
kaneelwater	((kaneel)[N],(water)[N])[N]
kanelig	((kaneel)[N],(ig)[A|N.])[A]
kanen	(kaan)[V]
kangoeroe	(kangoeroe)[N]
kangoeroebal	((kangoeroe)[N],(bal)[N])[N]
kangoeroeschip	((kangoeroe)[N],(schip)[N])[N]
kanjer	(kanjer)[N]
kanker	(kanker)[N]
kankeraar	((kanker)[V],(aar)[N|V.])[N]
kankerachtig	((kanker)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kankerblaren	((kanker)[N],(blaar)[N])[N]
kankeren	(kanker)[V]
kankergezwel	((kanker)[N],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
kankerinstituut	((kanker)[N],(instituut)[N])[N]
kankerlijer	((kanker)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
kankerneurose	((kanker)[N],(neurose)[N])[N]
kankerpit	((kanker)[V],(pit)[N])[N]
kankerstok	((kanker)[N],(stok)[N])[N]
kankerverwekkend	((kanker)[N],((ver)[V|.V],(wek)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
kannenbuis	((kan)[N],(e)[N|N.N],(buis)[N])[N]
kannenkijker	((kan)[N],(e)[N|N.Vx],(kijk)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kannenwasser	((kan)[N],(e)[N|N.Vx],(was)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kannetjeskruid	((kannetje)[N],(s)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
kannibaals	((kannibaal)[N],(s)[A|N.])[A]
kano	(kano)[N]
kanon	(kanon)[N]
kanonduel	((kanon)[N],(duel)[N])[N]
kanongebulder	((kanon)[N],((ge)[N|.V],(bulder)[V])[N])[N]
kanonloop	((kanon)[N],(loop)[N])[N]
kanonnade	(((kanon)[N],(eer)[V|N.])[V],(ade)[N|V.])[N]
kanonneerboot	(((kanon)[N],(eer)[V|N.])[V],(boot)[N])[N]
kanonnenkoorts	((kanon)[N],(e)[N|N.N],(koorts)[N])[N]
kanonnenvlees	((kanon)[N],(e)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
kanonnenvoer	((kanon)[N],(e)[N|N.N],(voer)[N])[N]
kanonneren	((kanon)[N],(eer)[V|N.])[V]
kanonnier	((kanon)[N],(ier)[N|N.])[N]
kanonschot	((kanon)[N],(schot)[N])[N]
kanonskogel	((kanon)[N],(s)[N|N.N],(kogel)[N])[N]
kanonslag	((kanon)[N],(slag)[N])[N]
kanonvuur	((kanon)[N],(vuur)[N])[N]
kanosport	((kano)[V],(sport)[N])[N]
kanovaarder	(((kano)[N],(vaar)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
kanovaarster	(((kano)[N],(vaar)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
kanovaren	((kano)[N],(vaar)[V])[V]
kanoën	(kano)[V]
kans	(kans)[N]
kansarm	((kans)[N],(arm)[A])[A]
kansberekening	((kans)[N],(((be)[V|.V],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kansel	(kansel)[N]
kanselarijstijl	((kanselarij)[N],(stijl)[N])[N]
kanselarijtaal	((kanselarij)[N],(taal)[N])[N]
kanselrede	((kansel)[N],(rede)[N])[N]
kanselredenaar	((kansel)[N],((rede)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
kanselstijl	((kansel)[N],(stijl)[N])[N]
kanselwelsprekendheid	((kansel)[N],(((wel)[A],(spreek)[V],(end)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
kansengelijkheid	((kans)[N],(en)[N|N.N],((gelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
kanshebber	((kans)[N],(heb)[V],(er)[N|NV.])[N]
kansloos	((kans)[N],(loos)[A|N.])[A]
kansmogelijkheid	((kans)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
kansovereenkomst	((kans)[N],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
kansrekening	((kans)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kansrijk	((kans)[N],(rijk)[A])[A]
kansspel	((kans)[N],(spel)[N])[N]
kansspelbelasting	(((kans)[N],(spel)[N])[N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kansverdeling	((kans)[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kant	(kant)[N]
kanteel	(kanteel)[N]
kantelbed	((kantel)[V],(bed)[N])[N]
kanteldeur	((kantel)[V],(deur)[N])[N]
kanteldoel	((kantel)[V],(doel)[N])[N]
kantelen	(kantel)[V]
kanteling	((kantel)[V],(ing)[N|V.])[N]
kantelraam	((kantel)[V],(raam)[N])[N]
kanten	(kant)[V]
kanten	((kant)[N],(en)[A|N.])[A]
kantengrip	((kant)[N],(en)[N|N.N],(grip)[N])[N]
kantgaren	((kant)[N],(garen)[N])[N]
kanthout	((kant)[N],(hout)[N])[N]
kanthouwen	((kant)[N],(houw)[V])[V]
kantig	((kant)[N],(ig)[A|N.])[A]
kantindustrie	((kant)[N],(industrie)[N])[N]
kantine	(kantine)[N]
kantinehouder	((kantine)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
kantinewagen	((kantine)[N],(wagen)[N])[N]
kantjesharing	((kant)[N],(s)[N|N.N],(haring)[N])[N]
kantklossen	((kant)[N],(klos)[V])[V]
kantkoek	((kant)[N],(koek)[N])[N]
kantkussen	((kant)[V],(kussen)[N])[N]
kantlaag	((kant)[N],(laag)[N])[N]
kantlid	((kant)[N],(lid)[N])[N]
kantlijn	((kant)[N],(lijn)[N])[N]
kantnaald	((kant)[V],(naald)[N])[N]
kanton	(kanton)[N]
kantongerecht	((kanton)[N],(gerecht)[N])[N]
kantonnaal	((kanton)[N],(aal)[A|N.])[A]
kantonnement	(((kanton)[N],(eer)[V|N.])[V],(ement)[N|V.])[N]
kantonneren	((kanton)[N],(eer)[V|N.])[V]
kantonnering	(((kanton)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
kantonnier	((kanton)[N],(ier)[N|N.])[N]
kantonrechter	((kanton)[N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kantoor	(kantoor)[N]
kantooradres	((kantoor)[N],(adres)[N])[N]
kantooragenda	((kantoor)[N],(agenda)[N])[N]
kantooralmanak	((kantoor)[N],(almanak)[N])[N]
kantoorartikel	((kantoor)[N],(artikel)[N])[N]
kantoorautomatisering	((kantoor)[N],((automaat)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kantoorbaan	((kantoor)[N],(baan)[N])[N]
kantoorbediende	((kantoor)[N],(bediende)[N])[N]
kantoorbehoeften	((kantoor)[N],(behoefte)[N])[N]
kantoorbenodigdheden	((kantoor)[N],(((be)[A|.Ax],(nodig)[A],(d)[A|xA.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
kantoorboek	((kantoor)[N],(boek)[N])[N]
kantoorboekhandel	((kantoor)[N],((boek)[N],(handel)[N])[N])[N]
kantoorcomputer	((kantoor)[N],(computer)[N])[N]
kantoordeur	((kantoor)[N],(deur)[N])[N]
kantoorervaring	((kantoor)[N],(((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kantoorfaciliteit	((kantoor)[N],(faciliteit)[N])[N]
kantoorflat	((kantoor)[N],(flat)[N])[N]
kantoorfunctie	((kantoor)[N],(functie)[N])[N]
kantoorgebouw	((kantoor)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
kantoorjas	((kantoor)[N],(jas)[N])[N]
kantoorjongen	((kantoor)[N],(jongen)[N])[N]
kantoorjuffrouw	((kantoor)[N],(juffrouw)[N])[N]
kantoorklerk	((kantoor)[N],(klerk)[N])[N]
kantoorkruk	((kantoor)[N],(kruk)[N])[N]
kantoorlessenaar	((kantoor)[N],(lessenaar)[N])[N]
kantoorlokaal	((kantoor)[N],(lokaal)[N])[N]
kantoorloper	((kantoor)[N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kantoormachine	((kantoor)[N],(machine)[N])[N]
kantoormeisje	((kantoor)[N],(meisje)[N])[N]
kantoorpaleis	((kantoor)[N],(paleis)[N])[N]
kantoorpand	((kantoor)[N],(pand)[N])[N]
kantoorpik	((kantoor)[N],(pik)[N])[N]
kantoorruimte	((kantoor)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kantoorschrijver	((kantoor)[N],((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kantoorsector	((kantoor)[N],(sector)[N])[N]
kantoortijd	((kantoor)[N],(tijd)[N])[N]
kantoortuin	((kantoor)[N],(tuin)[N])[N]
kantooruren	((kantoor)[N],(uur)[N])[N]
kantoorwand	((kantoor)[N],(wand)[N])[N]
kantoorwerk	((kantoor)[N],(werk)[N])[N]
kantoorwerkzaamheid	((kantoor)[N],(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
kantrechten	((kant)[N],(recht)[V])[V]
kantschool	((kant)[V],(school)[N])[N]
kantsteek	((kant)[V],(steek)[N])[N]
kantsteen	((kant)[N],(steen)[N])[N]
kanttekening	((kant)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kantvisserij	((kant)[N],((vis)[V],(erij)[N|V.])[N])[N]
kantwerk	((kant)[N],(werk)[N])[N]
kantwerken	((kant)[N],(werk)[V])[V]
kantwerkschool	(((kant)[N],(werk)[V])[V],(school)[N])[N]
kantwerkster	((kant)[A],((werk)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
kanunnikenbank	((kanunnik)[N],(en)[N|N.N],(bank)[N])[N]
kap	(kap)[N]
kapbalk	((kap)[V],(balk)[N])[N]
kapbeitel	((kap)[V],(beitel)[N])[N]
kapblok	((kap)[V],(blok)[N])[N]
kapbord	((kap)[V],(bord)[N])[N]
kapconstructie	((kap)[N],(constructie)[N])[N]
kapdoos	((kap)[V],(doos)[N])[N]
kapel	(kapel)[N]
kapelanie	((kapelaan)[N],(ie)[N|N.])[N]
kapelanij	((kapelaan)[N],(ij)[N|N.])[N]
kapelmeester	((kapel)[N],(meester)[N])[N]
kapen	(kaap)[V]
kaper	((kaap)[V],(er)[N|V.])[N]
kaperbrief	(((kaap)[V],(er)[N|V.])[N],(brief)[N])[N]
kaperij	((kaap)[V],(erij)[N|V.])[N]
kaperkapitein	(((kaap)[V],(er)[N|V.])[N],(kapitein)[N])[N]
kaperschip	(((kaap)[V],(er)[N|V.])[N],(schip)[N])[N]
kapersnest	(((kaap)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(nest)[N])[N]
kapersschip	(((kaap)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schip)[N])[N]
kapgebint	((kap)[N],(gebint)[N])[N]
kapgewelf	((kap)[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
kaphamer	((kap)[V],(hamer)[N])[N]
kaping	((kaap)[V],(ing)[N|V.])[N]
kapitaal	(kapitaal)[N]
kapitaalarm	((kapitaal)[N],(arm)[A])[A]
kapitaalbelegging	((kapitaal)[N],((be)[V|.V],(leg)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kapitaalgoederen	((kapitaal)[N],(goed)[N])[N]
kapitaalintensief	((kapitaal)[N],(intensief)[A])[A]
kapitaalkrachtig	((kapitaal)[N],((kracht)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
kapitaalkrediet	((kapitaal)[N],(krediet)[N])[N]
kapitaalmarkt	((kapitaal)[N],(markt)[N])[N]
kapitaalrente	((kapitaal)[N],(rente)[N])[N]
kapitaalschaarste	((kapitaal)[N],((schaars)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kapitaalstroom	((kapitaal)[N],(stroom)[N])[N]
kapitaalverhoging	((kapitaal)[N],((ver)[V|.A],(hoog)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kapitaalvlucht	((kapitaal)[N],(vlucht)[N])[N]
kapitaalvorming	((kapitaal)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kapitalisatie	(((kapitaal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
kapitaliseren	((kapitaal)[N],(iseer)[V|N.])[V]
kapitalist	((kapitaal)[N],(ist)[N|N.])[N]
kapitalistenklasse	(((kapitaal)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
kapitalistisch	(((kapitaal)[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A]
kapiteel	(kapiteel)[N]
kapitein	(kapitein)[N]
kapitein-adjudant	((kapitein)[N],(adjudant)[N])[N]
kapitein-commandant	((kapitein)[N],((commandeer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
kapitein-generaal	((kapitein)[N],(generaal)[N])[N]
kapitein-ingenieur	((kapitein)[N],(ingenieur)[N])[N]
kapitein-kwartiermeester	((kapitein)[N],(((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N],(meester)[N])[N])[N]
kapitein-luitenant	((kapitein)[N],(luitenant)[N])[N]
kapitein-luitenant-ter-zee	((kapitein)[N],(luitenant-ter-zee)[N])[N]
kapitein-vlieger	((kapitein)[N],((vlieg)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kapiteinschap	((kapitein)[N],(schap)[N|N.])[N]
kapiteinshut	((kapitein)[N],(s)[N|N.N],(hut)[N])[N]
kapiteinsplaats	((kapitein)[N],(s)[N|N.N],(plaats)[N])[N]
kapiteinsrang	((kapitein)[N],(s)[N|N.N],(rang)[N])[N]
kapiteinssterren	((kapitein)[N],(s)[N|N.N],(ster)[N])[N]
kapiteinsuniform	((kapitein)[N],(s)[N|N.N],(uniform)[N])[N]
kapittel	(kapittel)[N]
kapittelbank	((kapittel)[N],(bank)[N])[N]
kapitteldag	((kapittel)[N],(dag)[N])[N]
kapittelen	(kapittel)[V]
kapittelheer	((kapittel)[N],(heer)[N])[N]
kapittelkamer	((kapittel)[N],(kamer)[N])[N]
kapittelkerk	((kapittel)[N],(kerk)[N])[N]
kapittelschool	((kapittel)[N],(school)[N])[N]
kapittelsgewijs	((kapittel)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
kapittelstokje	((kapittel)[N],(stok)[N])[N]
kapittelzaal	((kapittel)[N],(zaal)[N])[N]
kapjaar	((kap)[V],(jaar)[N])[N]
kapkar	((kap)[N],(kar)[N])[N]
kaplaars	((kap)[N],(laars)[N])[N]
kaplaken	((kap)[N],(laken)[N])[N]
kapmantel	((kap)[N],(mantel)[N])[N]
kapmeeuw	((kap)[N],(meeuw)[N])[N]
kapmes	((kap)[V],(mes)[N])[N]
kapnaad	((kap)[V],(naad)[N])[N]
kapoen	(kapoen)[N]
kapoeres	(kapoeres)[A]
kapoetsmuts	((kapoets)[N],(muts)[N])[N]
kapok	(kapok)[N]
kapokbed	((kapok)[N],(bed)[N])[N]
kapokboom	((kapok)[N],(boom)[N])[N]
kapokken	((kapok)[N],(en)[A|N.])[A]
kapokkussen	((kapok)[N],(kussen)[N])[N]
kapokmatras	((kapok)[N],(matras)[N])[N]
kapokolie	((kapok)[N],(olie)[N])[N]
kapot	(kapot)[A]
kapotgaan	((kapot)[A],(ga)[V])[V]
kapotmaken	((kapot)[A],(maak)[V])[V]
kapotslaan	((kapot)[A],(sla)[V])[V]
kappen	(kap)[V]
kapper	((kap)[V],(er)[N|V.])[N]
kappersaus	((kapper)[N],(saus)[N])[N]
kappersbediende	(((kap)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bediende)[N])[N]
kapperssalon	(((kap)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(salon)[N])[N]
kappersvak	(((kap)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vak)[N])[N]
kapperswinkel	(((kap)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
kapperszaak	(((kap)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
kappertje	(kapper)[N]
kappertjeskool	((kappertjes)[N],(kool)[N])[N]
kappertjessaus	((kappertjes)[N],(saus)[N])[N]
kapping	((kap)[V],(ing)[N|V.])[N]
kaprijp	((kap)[V],(rijp)[A])[A]
kapsalon	((kap)[V],(salon)[N])[N]
kapsel	((kap)[V],(sel)[N|V.])[N]
kapsones	(kapsones)[N]
kapspant	((kap)[N],(spant)[N])[N]
kapspeld	((kap)[N],(speld)[N])[N]
kapspiegel	((kap)[V],(spiegel)[N])[N]
kapster	((kap)[V],(ster)[N|V.])[N]
kapstokhaak	((kapstok)[N],(haak)[N])[N]
kaptafel	((kap)[V],(tafel)[N])[N]
kapucijn	(kapucijn)[N]
kapucijnaap	((kapucijn)[N],(aap)[N])[N]
kapucijnenklooster	((kapucijn)[N],(en)[N|N.N],(klooster)[N])[N]
kapucijnenorde	((kapucijn)[N],(en)[N|N.N],(orde)[N])[N]
kapucines	(kapucines)[N]
kapverbod	((kap)[V],(verbod)[N])[N]
kapzaag	((kap)[V],(zaag)[N])[N]
kar	(kar)[N]
karabijn	(karabijn)[N]
karabinier	((karabijn)[N],(ier)[N|N.])[N]
karaf	(karaf)[N]
karafwijn	((karaf)[N],(wijn)[N])[N]
karakter	(karakter)[N]
karakteranalyse	((karakter)[N],(analyse)[N])[N]
karakterdans	((karakter)[N],(dans)[N])[N]
karaktereigenschap	((karakter)[N],((eigen)[A],(schap)[N|A.])[N])[N]
karakterfout	((karakter)[N],(fout)[N])[N]
karaktergebrek	((karakter)[N],(gebrek)[N])[N]
karaktergenerator	((karakter)[N],(genereer)[V],(ator)[N|NV.])[N]
karakterieel	((karakter)[N],(ieel)[A|N.])[A]
karakteriseren	((karakter)[N],(iseer)[V|N.])[V]
karakterisering	(((karakter)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
karakterkennis	((karakter)[N],(kennis)[N])[N]
karakterkunde	((karakter)[N],(kunde)[N])[N]
karakterloos	((karakter)[N],(loos)[A|N.])[A]
karakterloosheid	(((karakter)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
karakterontwikkeling	((karakter)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
karakterrol	((karakter)[N],(rol)[N])[N]
karakterroman	((karakter)[N],(roman)[N])[N]
karakterschets	((karakter)[N],(schets)[N])[N]
karakterschildering	((karakter)[N],((schilder)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
karakterspeelster	((karakter)[N],(speel)[V],(ster)[N|NV.])[N]
karakterspeler	((karakter)[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
karaktersterkte	((karakter)[N],((sterk)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
karakterstoornis	((karakter)[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
karakterstructuur	((karakter)[N],(structuur)[N])[N]
karakterstudie	((karakter)[N],(studie)[N])[N]
karakterstuk	((karakter)[N],(stuk)[N])[N]
karakterteken	((karakter)[N],(teken)[N])[N]
karaktertekening	((karakter)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
karaktertrek	((karakter)[N],(trek)[N])[N]
karaktertype	((karakter)[N],(type)[N])[N]
karaktervast	((karakter)[N],(vast)[A])[A]
karaktervastheid	((karakter)[N],((vast)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
karakterverandering	((karakter)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
karaktervol	((karakter)[N],(vol)[A])[A]
karaktervormend	((karakter)[N],(vorm)[V],(end)[A|NV.])[A]
karaktervorming	((karakter)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
karakterzwakheid	((karakter)[N],((zwak)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
karakterzwakte	((karakter)[N],((zwak)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
karamel	(karamel)[N]
karamellevers	((karamel)[N],(e)[N|N.N],(vers)[N])[N]
karamelpudding	((karamel)[N],(pudding)[N])[N]
karamelvers	((karamel)[N],(vers)[N])[N]
karamelvla	((karamel)[N],(vla)[N])[N]
karate	(karate)[N]
karateoefening	((karate)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
karavaan	(karavaan)[N]
karavaanhandel	((karavaan)[N],(handel)[N])[N]
karavaansgewijs	((karavaan)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
karavaanthee	((karavaan)[N],(thee)[N])[N]
karavaanweg	((karavaan)[N],(weg)[N])[N]
karbonade	(karbonade)[N]
karbonkel	(karbonkel)[N]
karbonkelneus	((karbonkel)[N],(neus)[N])[N]
karbonkelsteen	((karbonkel)[N],(steen)[N])[N]
kardemom	(kardemom)[N]
kardinaal	(kardinaal)[N]
kardinaal-bisschop	((kardinaal)[N],(bisschop)[N])[N]
kardinaal-deken	((kardinaal)[N],(deken)[N])[N]
kardinaal-diaken	((kardinaal)[N],(diaken)[N])[N]
kardinaal-priester	((kardinaal)[N],(priester)[N])[N]
kardinaalrood	((kardinaal)[N],(rood)[N])[N]
kardinaalsbloem	((kardinaal)[N],(s)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
kardinaalschap	((kardinaal)[N],(schap)[N|N.])[N]
kardinaalshoed	((kardinaal)[N],(s)[N|N.N],(hoed)[N])[N]
kardinaalsmantel	((kardinaal)[N],(s)[N|N.N],(mantel)[N])[N]
kardinaalsmuts	((kardinaal)[N],(s)[N|N.N],(muts)[N])[N]
kardinaalvogel	((kardinaal)[N],(vogel)[N])[N]
kardoespapier	((kardoes)[N],(papier)[N])[N]
kareelbakker	((kareel)[N],(bak)[V],(er)[N|NV.])[N]
kareelbakkerij	((kareel)[N],(bak)[V],(erij)[N|NV.])[N]
kareelsteen	((kareel)[N],(steen)[N])[N]
karekiet	(karekiet)[N]
karetschildpad	((karet)[N],((schild)[N],(pad)[N])[N])[N]
karhengst	((kar)[N],(hengst)[N])[N]
karhuis	((kar)[N],(huis)[N])[N]
kariboe	(kariboe)[N]
karigheid	((karig)[A],(heid)[N|A.])[N]
karikaturaal	((karikatuur)[N],(aal)[A|N.])[A]
karikaturiseren	((karikatuur)[N],(iseer)[V|N.])[V]
karikaturist	((karikatuur)[N],(ist)[N|N.])[N]
karikatuurtekenaar	((karikatuur)[N],((teken)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
karma	(karma)[N]
karmelietenklooster	((karmeliet)[N],(en)[N|N.N],(klooster)[N])[N]
karmelietenmonnik	((karmeliet)[N],(en)[N|N.N],(monnik)[N])[N]
karmelietenorde	((karmeliet)[N],(en)[N|N.N],(orde)[N])[N]
karmelieter	(karmelieter)[A]
karmelietes	((karmeliet)[N],(es)[N|N.])[N]
karmelietessenklooster	(((karmeliet)[N],(es)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(klooster)[N])[N]
karmijn	(karmijn)[N]
karmijnen	((karmijn)[N],(en)[A|N.])[A]
karmijninkt	((karmijn)[N],(inkt)[N])[N]
karmijnrood	((karmijn)[N],(rood)[N])[N]
karmozijnen	((karmozijn)[N],(en)[A|N.])[A]
karmozijnrood	((karmozijn)[N],(rood)[N])[N]
karn	(karn)[N]
karnemelk	((karn)[V],(melk)[N])[N]
karnemelkpap	(((karn)[V],(melk)[N])[N],(pap)[N])[N]
karnemelks	(((karn)[V],(melk)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
karnemelkspap	(((karn)[V],(melk)[N])[N],(s)[N|N.N],(pap)[N])[N]
karnen	(karn)[V]
karnhond	((karn)[V],(hond)[N])[N]
karnmolen	((karn)[V],(molen)[N])[N]
karnoffelen	(karnoffel)[V]
karnpols	((karn)[V],(pols)[N])[N]
karnstok	((karn)[V],(stok)[N])[N]
karnton	((karn)[V],(ton)[N])[N]
karonje	(karonje)[N]
karot	(karot)[N]
karottenfabriek	((karot)[N],(en)[N|N.N],(fabriek)[N])[N]
karottentouw	((karot)[N],(e)[N|N.N],(touw)[N])[N]
karottentrekker	((karot)[N],(en)[N|N.Vx],(trek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
karper	(karper)[N]
karperachtigen	((karper)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
karpersprong	((karper)[N],(sprong)[N])[N]
karpet	(karpet)[N]
karrad	((kar)[N],(rad)[N])[N]
karren	(kar)[V]
karrenman	((kar)[N],(e)[N|N.N],(man)[N])[N]
karrenpaard	((kar)[N],(e)[N|N.N],(paard)[N])[N]
karrenspoor	((kar)[N],(e)[N|N.N],(spoor)[N])[N]
karrenverhuurder	((kar)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(huur)[V])[V],(der)[N|NxV.])[N]
karrenvoerder	((kar)[N],(e)[N|N.Vx],(voer)[V],(der)[N|NxV.])[N]
karrenvracht	((kar)[N],(e)[N|N.N],(vracht)[N])[N]
karrenwiel	((kar)[N],(e)[N|N.N],(wiel)[N])[N]
karspoor	((kar)[N],(spoor)[N])[N]
kart	(kart)[N]
kartel	(kartel)[N]
kartelafspraak	((kartel)[N],(afspraak)[N])[N]
kartelbesluit	((kartel)[N],(besluit)[N])[N]
karteldarm	((kartel)[V],(darm)[N])[N]
kartelen	(kartel)[V]
kartelig	((kartel)[N],(ig)[A|N.])[A]
karteling	((kartel)[V],(ing)[N|V.])[N]
kartelmachine	((kartel)[V],(machine)[N])[N]
kartelmes	((kartel)[V],(mes)[N])[N]
kartelrand	((kartel)[V],(rand)[N])[N]
kartelschaar	((kartel)[V],(schaar)[N])[N]
kartelsnede	((kartel)[V],(snede)[N])[N]
kartelvorming	((kartel)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kartering	((karteer)[V],(ing)[N|V.])[N]
karteringsdienst	(((karteer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
karteringsvliegtuig	(((karteer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
karteringsvlucht	(((karteer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vlucht)[N])[N]
kartetskogel	((kartets)[N],(kogel)[N])[N]
kartetsvuur	((kartets)[N],(vuur)[N])[N]
karting	((kart)[N],(ing)[N|N.])[N]
karton	(karton)[N]
kartonnage	(((karton)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N]
kartonnagefabriek	((((karton)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N],(fabriek)[N])[N]
kartonnagewerk	((((karton)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N],(werk)[N])[N]
kartonnen	((karton)[N],(en)[A|N.])[A]
kartonneren	((karton)[N],(eer)[V|N.])[V]
kartonnering	(((karton)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
kartonpapier	((karton)[N],(papier)[N])[N]
kartonwerker	((karton)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kartuizerin	((kartuizer)[N],(in)[N|N.])[N]
kartuizersorde	((kartuizer)[N],(s)[N|N.N],(orde)[N])[N]
karveelbouw	((karveel)[N],(bouw)[N])[N]
karveelwerk	((karveel)[N],(werk)[N])[N]
karwats	(karwats)[N]
karwei	(karwei)[N]
karweien	(karwei)[V]
karwiel	((kar)[N],(wiel)[N])[N]
karwijmot	((karwij)[N],(mot)[N])[N]
karwijzaad	((karwij)[N],(zaad)[N])[N]
kas	(kas)[N]
kasaantekening	((kas)[N],(((aan)[P],(teken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kasbescheiden	((kas)[N],(bescheid)[N])[N]
kasbiljet	((kas)[N],(biljet)[N])[N]
kasbloem	((kas)[N],(bloem)[N])[N]
kasboek	((kas)[N],(boek)[N])[N]
kascheque	((kas)[N],(cheque)[N])[N]
kascommissie	((kas)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
kascontrole	((kas)[N],(controle)[N])[N]
kasdruif	((kas)[N],(druif)[N])[N]
kasfruit	((kas)[N],(fruit)[N])[N]
kasgeld	((kas)[N],(geld)[N])[N]
kasgroente	((kas)[N],((groen)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kashouder	((kas)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
kasjmieren	((kasjmier)[N],(en)[A|N.])[A]
kasjmierwol	((kasjmier)[N],(wol)[N])[N]
kasklimaat	((kas)[N],(klimaat)[N])[N]
kaskraker	((kas)[N],(kraak)[V],(er)[N|NV.])[N]
kasloper	((kas)[N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kasmiddelen	((kas)[N],(middel)[N])[N]
kasnotitie	((kas)[N],(((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
kasobligatie	((kas)[N],((obligeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
kasplant	((kas)[N],(plant)[N])[N]
kaspositie	((kas)[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
kasregister	((kas)[N],(register)[N])[N]
kasrekening	((kas)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kassabank	((kassa)[N],(bank)[N])[N]
kassabon	((kassa)[N],(bon)[N])[N]
kassajuffrouw	((kassa)[N],(juffrouw)[N])[N]
kassakoopje	((kassa)[N],(koop)[N])[N]
kassaldo	((kas)[N],(saldo)[N])[N]
kassei	(kassei)[N]
kasseien	(kassei)[V]
kasseier	((kassei)[V],(er)[N|V.])[N]
kasseilegger	((kassei)[N],(leg)[V],(er)[N|NV.])[N]
kasseistamper	((kassei)[N],(stamp)[V],(er)[N|NV.])[N]
kasseisteen	((kassei)[N],(steen)[N])[N]
kasseiweg	((kassei)[N],(weg)[N])[N]
kassen	(kas)[V]
kassier	((kas)[N],(ier)[N|N.])[N]
kassiersboek	(((kas)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(boek)[N])[N]
kassiersbriefje	(((kas)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
kassierskantoor	(((kas)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
kassierster	(((kas)[N],(ier)[N|N.])[N],(ster)[N|N.])[N]
kassière	((kassier)[N],(e)[N|N.])[N]
kasstelsel	((kas)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
kasstroom	((kas)[N],(stroom)[N])[N]
kasstuk	((kas)[N],(stuk)[N])[N]
kassucces	((kas)[N],(succes)[N])[N]
kast	(kast)[N]
kastanje	(kastanje)[N]
kastanjeachtig	((kastanje)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kastanjebolster	((kastanje)[N],(bolster)[N])[N]
kastanjeboom	((kastanje)[N],(boom)[N])[N]
kastanjebruin	((kastanje)[N],(bruin)[N])[N]
kastanjekleurig	((kastanje)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kastanjelaan	((kastanje)[N],(laan)[N])[N]
kastdeur	((kast)[N],(deur)[N])[N]
kasteel	(kasteel)[N]
kasteelachtig	((kasteel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kasteeldreef	((kasteel)[N],(dreef)[N])[N]
kasteelheer	((kasteel)[N],(heer)[N])[N]
kasteelhoeve	((kasteel)[N],(hoeve)[N])[N]
kasteelplein	((kasteel)[N],(plein)[N])[N]
kasteelroman	((kasteel)[N],(roman)[N])[N]
kasteelruïne	((kasteel)[N],(ruïne)[N])[N]
kasteelstraat	((kasteel)[N],(straat)[N])[N]
kasteeltoren	((kasteel)[N],(toren)[N])[N]
kasteelvrouw	((kasteel)[N],(vrouw)[N])[N]
kastekort	((kas)[N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
kastelein	(kastelein)[N]
kasteleines	((kastelein)[N],(es)[N|N.])[N]
kasteleinsbrief	((kastelein)[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
kasteleinse	((kastelein)[N],(se)[N|N.])[N]
kasteloos	((kaste)[N],(loos)[A|N.])[A]
kastengeest	((kaste)[N],(geest)[N])[N]
kastenmaatschappij	((kaste)[N],(maatschappij)[N])[N]
kastenmaker	((kast)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kastenstelsel	((kaste)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
kastenwand	((kast)[N],(en)[N|N.N],(wand)[N])[N]
kastenwezen	((kaste)[N],(en)[N|N.N],(wezen)[N])[N]
kastie	(kastie)[N]
kastiespel	((kastie)[N],(spel)[N])[N]
kastijden	(kastijd)[V]
kastijding	((kastijd)[V],(ing)[N|V.])[N]
kastkoffer	((kast)[N],(koffer)[N])[N]
kastoren	((kastoor)[N],(en)[A|N.])[A]
kastpapier	((kast)[N],(papier)[N])[N]
kastplank	((kast)[N],(plank)[N])[N]
kastrandje	((kast)[N],(rand)[N])[N]
kastruimte	((kast)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kastslot	((kast)[N],(slot)[N])[N]
kastuinder	((kas)[N],((tuin)[N],(der)[N|N.])[N])[N]
kasuaris	(kasuaris)[N]
kasuitgave	((kas)[N],(uitgave)[N])[N]
kasvoorraad	((kas)[N],(voorraad)[N])[N]
kasvoorschot	((kas)[N],((voor)[B],(schot)[N])[N])[N]
kat	(kat)[N]
kataal	((kat)[N],(aal)[N])[N]
kataas	((kat)[N],(aas)[N])[N]
katabolie	((katabool)[A],(ie)[N|A.])[N]
katachtig	((kat)[N],(achtig)[A|N.])[A]
katalysator	(((katalyse)[N],(eer)[V|N.])[V],(ator)[N|V.])[N]
katalyseren	((katalyse)[N],(eer)[V|N.])[V]
katalytisch	((katalyse)[N],(isch)[A|N.])[A]
katanker	((kat)[N],(anker)[N])[N]
katapult	(katapult)[N]
katapultvliegtuig	((katapult)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
kater	(kater)[N]
katern	(katern)[N]
kathedraalglas	((kathedraal)[N],(glas)[N])[N]
katheteriseren	((katheter)[N],(iseer)[V|N.])[V]
kathodestraalbuis	(((kathode)[N],(straal)[N])[N],(buis)[N])[N]
kathodestralen	((kathode)[N],(straal)[N])[N]
katholiciteit	((katholiek)[A],(iciteit)[N|A.])[N]
katholiek	(katholiek)[N]
katholiekendag	((katholiek)[N],(en)[N|N.N],(dag)[N])[N]
katjang	(katjang)[N]
katjesdragend	((kat)[N],(s)[A|N.Vx],(draag)[V],(end)[A|NxV.])[A]
katjesdrop	((kat)[N],(s)[N|N.N],(drop)[N])[N]
katjesspel	((kat)[N],(s)[N|N.N],(spel)[N])[N]
katknuppelen	((kat)[N],(knuppel)[V])[V]
katoen	(katoen)[N]
katoenachtig	((katoen)[N],(achtig)[A|N.])[A]
katoenbaal	((katoen)[N],(baal)[N])[N]
katoenbaron	((katoen)[N],(baron)[N])[N]
katoenbatist	((katoen)[N],(batist)[N])[N]
katoenblekerij	((katoen)[N],(bleek)[V],(erij)[N|NV.])[N]
katoenboom	((katoen)[N],(boom)[N])[N]
katoenbouw	((katoen)[N],(bouw)[N])[N]
katoencultuur	((katoen)[N],(cultuur)[N])[N]
katoendraad	((katoen)[N],(draad)[N])[N]
katoendruk	((katoen)[N],(druk)[N])[N]
katoendrukkerij	((katoen)[N],(druk)[V],(erij)[N|NV.])[N]
katoenen	((katoen)[N],(en)[A|N.])[A]
katoenfabriek	((katoen)[N],(fabriek)[N])[N]
katoenflanel	((katoen)[N],(flanel)[N])[N]
katoenfluweel	((katoen)[N],(fluweel)[N])[N]
katoenindustrie	((katoen)[N],(industrie)[N])[N]
katoenplant	((katoen)[N],(plant)[N])[N]
katoenplantage	((katoen)[N],((plant)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
katoenpluis	((katoen)[N],(pluis)[N])[N]
katoenspinnerij	((katoen)[N],(spin)[V],(erij)[N|NV.])[N]
katoenstruik	((katoen)[N],(struik)[N])[N]
katoenweverij	((katoen)[N],(weef)[V],(erij)[N|NV.])[N]
katoog	((kat)[N],(oog)[N])[N]
katrolschijf	((katrol)[N],(schijf)[N])[N]
kattebelletje	((kat)[N],(e)[N|N.N],(bel)[N])[N]
kattedoorn	((kat)[N],(e)[N|N.N],(doorn)[N])[N]
kattedoren	((kat)[N],(e)[N|N.N],(doren)[N])[N]
kattekruid	((kat)[N],(e)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
katten	(kat)[V]
kattenbak	((kat)[N],(e)[N|N.N],(bak)[N])[N]
kattenbrood	((kat)[N],(e)[N|N.N],(brood)[N])[N]
kattendarm	((kat)[N],(e)[N|N.N],(darm)[N])[N]
kattendrek	((kat)[N],(e)[N|N.N],(drek)[N])[N]
kattengat	((kat)[N],(e)[N|N.N],(gat)[N])[N]
kattengejammer	((kat)[N],(e)[N|N.N],((ge)[N|.V],(jammer)[V])[N])[N]
kattengejank	((kat)[N],(e)[N|N.N],((ge)[N|.V],(jank)[V])[N])[N]
kattengeslacht	((kat)[N],(en)[N|N.N],(geslacht)[N])[N]
kattengespin	((kat)[N],(e)[N|N.N],((ge)[N|.V],(spin)[V])[N])[N]
kattengoud	((kat)[N],(e)[N|N.N],(goud)[N])[N]
kattenhaar	((kat)[N],(e)[N|N.N],(haar)[N])[N]
kattenklauw	((kat)[N],(e)[N|N.N],(klauw)[N])[N]
kattenkop	((kat)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
kattenkwaad	((kat)[N],(e)[N|N.N],(kwaad)[N])[N]
kattenluik	((kat)[N],(e)[N|N.N],(luik)[N])[N]
kattenmepper	((kat)[N],(en)[N|N.Vx],(mep)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kattenmuziek	((kat)[N],(e)[N|N.N],(muziek)[N])[N]
kattennagel	((kat)[N],(e)[N|N.N],(nagel)[N])[N]
kattenoog	((kat)[N],(e)[N|N.N],(oog)[N])[N]
kattenpis	((kat)[N],(e)[N|N.N],(pis)[N])[N]
kattenpoot	((kat)[N],(e)[N|N.N],(poot)[N])[N]
kattenpul	(kattenpul)[N]
kattenras	((kat)[N],(e)[N|N.N],(ras)[N])[N]
kattenrug	((kat)[N],(e)[N|N.N],(rug)[N])[N]
kattensnaar	((kat)[N],(e)[N|N.N],(snaar)[N])[N]
kattensprong	((kat)[N],(e)[N|N.N],(sprong)[N])[N]
kattenstaart	((kat)[N],(e)[N|N.N],(staart)[N])[N]
kattentong	((kat)[N],(e)[N|N.N],(tong)[N])[N]
kattenvel	((kat)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
kattenwasje	((kat)[N],(e)[N|N.N],(was)[N])[N]
kattenwereld	((kat)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
kattenzilver	((kat)[N],(e)[N|N.N],(zilver)[N])[N]
katterigheid	((katterig)[A],(heid)[N|A.])[N]
kattig	((kat)[N],(ig)[A|N.])[A]
kattigheid	(((kat)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kattin	((kat)[N],(in)[N|N.])[N]
katuil	((kat)[N],(uil)[N])[N]
katvis	((kat)[N],(vis)[N])[N]
katwilg	((kat)[N],(wilg)[N])[N]
kauw	(kauw)[N]
kauwbeweging	((kauw)[V],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kauwen	(kauw)[V]
kauwgom	((kauw)[V],(gom)[N])[N]
kauwgomdraad	(((kauw)[V],(gom)[N])[N],(draad)[N])[N]
kauwgum	((kauw)[V],(gum)[N])[N]
kauwmaag	((kauw)[V],(maag)[N])[N]
kauwoerde	(kauwoerde)[N]
kauwspier	((kauw)[V],(spier)[N])[N]
kavalje	(kavalje)[N]
kavel	(kavel)[N]
kavelen	(kavel)[V]
kavelindeling	((kavel)[N],((in)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kaveling	((kavel)[V],(ing)[N|V.])[N]
kavelsloot	((kavel)[N],(sloot)[N])[N]
kaviaar	(kaviaar)[N]
kazakdraaierij	((kazakdraai)[V],(erij)[N|V.])[N]
kazakkeerder	((kazak)[N],(keer)[V],(der)[N|NV.])[N]
kazemat	(kazemat)[N]
kazen	(kaas)[V]
kazer	((kaas)[V],(er)[N|V.])[N]
kazerne	(kazerne)[N]
kazerneachtig	((kazerne)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kazernecommandant	((kazerne)[N],((commandeer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
kazernegebouw	((kazerne)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
kazerneleven	((kazerne)[N],(leven)[N])[N]
kazernement	((kazerneer)[V],(ement)[N|V.])[N]
kazerneplein	((kazerne)[N],(plein)[N])[N]
kazernepoort	((kazerne)[N],(poort)[N])[N]
kazernering	((kazerneer)[V],(ing)[N|V.])[N]
kazernetaal	((kazerne)[N],(taal)[N])[N]
kazerneterrein	((kazerne)[N],(terrein)[N])[N]
kazernewoning	((kazerne)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kebab	(kebab)[N]
kedive	(kedive)[N]
keel	(keel)[N]
keelarts	((keel)[N],(arts)[N])[N]
keelband	((keel)[N],(band)[N])[N]
keelgat	((keel)[N],(gat)[N])[N]
keelgeluid	((keel)[N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
keelholte	((keel)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
keelkanker	((keel)[N],(kanker)[N])[N]
keelklank	((keel)[N],(klank)[N])[N]
keelontsteking	((keel)[N],((ontsteek)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
keelpijn	((keel)[N],(pijn)[N])[N]
keelspiegel	((keel)[N],(spiegel)[N])[N]
keelstem	((keel)[N],(stem)[N])[N]
keen	(keen)[N]
keep	(keep)[N]
keepen	(keep)[V]
keeplat	((keep)[N],(lat)[N])[N]
keer	(keer)[N]
keerboei	((keer)[V],(boei)[N])[N]
keerdam	((keer)[V],(dam)[N])[N]
keerdicht	((keer)[V],(dicht)[N])[N]
keerkoppeling	((keer)[V],((koppel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
keerkring	((keer)[V],(kring)[N])[N]
keerkringsgordel	(((keer)[V],(kring)[N])[N],(s)[N|N.N],(gordel)[N])[N]
keerkringsjaar	(((keer)[V],(kring)[N])[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
keerkringsland	(((keer)[V],(kring)[N])[N],(s)[N|N.N],(land)[N])[N]
keerkringswarmte	(((keer)[V],(kring)[N])[N],(s)[N|N.N],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
keerkromme	((keer)[V],(kromme)[N])[N]
keerlus	((keer)[V],(lus)[N])[N]
keermuur	((keer)[V],(muur)[N])[N]
keerpunt	((keer)[V],(punt)[N])[N]
keersluis	((keer)[V],(sluis)[N])[N]
keerteen	((keer)[V],(teen)[N])[N]
keervers	((keer)[V],(vers)[N])[N]
keerwand	((keer)[V],(wand)[N])[N]
keerweg	((keer)[V],(weg)[N])[N]
keerzang	((keer)[V],(zang)[N])[N]
keerzij	((keer)[V],(zij)[N])[N]
keerzijde	((keer)[V],(zijde)[N])[N]
kees	(kees)[N]
keest	(keest)[N]
keesten	(keest)[V]
keet	(keet)[N]
keffen	(kef)[V]
keffer	((kef)[V],(er)[N|V.])[N]
keg	(keg)[N]
kegel	(kegel)[N]
kegelaar	((kegel)[V],(aar)[N|V.])[N]
kegelas	((kegel)[N],(as)[N])[N]
kegelbaan	((kegel)[V],(baan)[N])[N]
kegelbal	((kegel)[V],(bal)[N])[N]
kegelclub	((kegel)[V],(club)[N])[N]
kegeldragend	((kegel)[N],(draag)[V],(end)[A|NV.])[A]
kegeldragenden	((kegel)[N],(dragend)[V],(e)[N|NV.])[N]
kegelen	(kegel)[V]
kegeljongen	((kegel)[V],(jongen)[N])[N]
kegelmantel	((kegel)[N],(mantel)[N])[N]
kegelplank	((kegel)[V],(plank)[N])[N]
kegelslak	((kegel)[N],(slak)[N])[N]
kegelsnede	((kegel)[N],(snede)[N])[N]
kegelspel	((kegel)[V],(spel)[N])[N]
kegelvlak	((kegel)[N],(vlak)[N])[N]
kegelvormig	((kegel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kegelvrucht	((kegel)[N],(vrucht)[N])[N]
kegelwedstrijd	((kegel)[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
kegge	(kegge)[N]
kei	(kei)[N]
kei-eiland	((kei)[N],(eiland)[N])[N]
keiachtig	((kei)[N],(achtig)[A|N.])[A]
keibestrating	((kei)[N],(((be)[V|.N],(straat)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
keiengroef	((kei)[N],(en)[N|N.N],(groef)[N])[N]
keiengroeve	((kei)[N],(en)[N|N.N],(groeve)[N])[N]
keienstraat	((kei)[N],(en)[N|N.N],(straat)[N])[N]
keihard	((kei)[N],(hard)[A])[A]
keiig	((kei)[N],(ig)[A|N.])[A]
keikop	((kei)[N],(kop)[N])[N]
keil	(keil)[N]
keilbout	((keil)[N],(bout)[N])[N]
keileem	((kei)[N],(leem)[N])[N]
keilen	(keil)[V]
keiler	((keil)[V],(er)[N|V.])[N]
keilsteen	((keil)[V],(steen)[N])[N]
keisteen	((kei)[N],(steen)[N])[N]
keizand	((kei)[N],(zand)[N])[N]
keizer	(keizer)[N]
keizercultus	((keizer)[N],(cultus)[N])[N]
keizerin	((keizer)[N],(in)[N|N.])[N]
keizerlijk	((keizer)[N],(lijk)[A|N.])[A]
keizerrijk	((keizer)[N],(rijk)[N])[N]
keizerschap	((keizer)[N],(schap)[N|N.])[N]
keizershuis	((keizer)[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
keizerskroon	((keizer)[N],(s)[N|N.N],(kroon)[N])[N]
keizersmantel	((keizer)[N],(s)[N|N.N],(mantel)[N])[N]
keizersnede	((keizer)[N],(snede)[N])[N]
keizersnee	((keizer)[N],(snee)[N])[N]
keizerstad	((keizer)[N],(stad)[N])[N]
keizerstitel	((keizer)[N],(s)[N|N.N],(titel)[N])[N]
keizerthee	((keizer)[N],(thee)[N])[N]
keizertijd	((keizer)[N],(tijd)[N])[N]
kek	(kek)[A]
kelder	(kelder)[N]
kelderachtig	((kelder)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kelderdeur	((kelder)[N],(deur)[N])[N]
kelderen	(kelder)[V]
kelderfles	((kelder)[N],(fles)[N])[N]
keldergat	((kelder)[N],(gat)[N])[N]
kelderhals	((kelder)[N],(hals)[N])[N]
kelderkamer	((kelder)[N],(kamer)[N])[N]
kelderkast	((kelder)[N],(kast)[N])[N]
kelderkeuken	((kelder)[N],(keuken)[N])[N]
kelderlucht	((kelder)[N],(lucht)[N])[N]
kelderluik	((kelder)[N],(luik)[N])[N]
keldermeester	((kelder)[N],(meester)[N])[N]
keldermot	((kelder)[N],(mot)[N])[N]
kelderraam	((kelder)[N],(raam)[N])[N]
kelderspin	((kelder)[N],(spin)[N])[N]
keldertrap	((kelder)[N],(trap)[N])[N]
keldervenster	((kelder)[N],(venster)[N])[N]
kelderverdieping	((kelder)[N],(((ver)[V|.A],(diep)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kelderwoning	((kelder)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kelen	((keel)[N],(en)[A|N.])[A]
kelen	(keel)[V]
kelerelijer	((kelere)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
kelerezooi	((kelere)[N],(zooi)[N])[N]
kelk	(kelk)[N]
kelkblad	((kelk)[N],(blad)[N])[N]
kelkdoekje	((kelk)[N],(doek)[N])[N]
kelkstandig	((kelk)[N],(stand)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kelkvormig	((kelk)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kelner	(kelner)[N]
kelnerin	((kelner)[N],(in)[N|N.])[N]
kelp	(kelp)[N]
kemelgeit	((kemel)[N],(geit)[N])[N]
kemelsgaren	((kemel)[N],(s)[N|N.N],(garen)[N])[N]
kemelshaar	((kemel)[N],(s)[N|N.N],(haar)[N])[N]
kemelsharen	(((kemel)[N],(s)[N|N.N],(haar)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
kemp	(kemp)[N]
kempo	(kempo)[N]
kempstok	((kemp)[N],(stok)[N])[N]
kenau	(kenau)[N]
kenbaarheid	((kenbaar)[A],(heid)[N|A.])[N]
kenbron	((ken)[V],(bron)[N])[N]
kencijfer	((ken)[V],(cijfer)[N])[N]
kenen	(keen)[V]
kengetal	((ken)[V],(getal)[N])[N]
kenleer	((ken)[V],(leer)[N])[N]
kenletter	((ken)[V],(letter)[N])[N]
kenmerk	((ken)[V],(merk)[N])[N]
kennel	(kennel)[N]
kennelhoest	((kennel)[N],(hoest)[N])[N]
kennen	(ken)[V]
kenner	((ken)[V],(er)[N|V.])[N]
kennersblik	(((ken)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(blik)[N])[N]
kennersoog	(((ken)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(oog)[N])[N]
kennisbank	((kennis)[N],(bank)[N])[N]
kennisbron	((kennis)[N],(bron)[N])[N]
kennisgeving	((kennis)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kennisleer	((kennis)[N],(leer)[N])[N]
kennismaken	((kennis)[N],(maak)[V])[V]
kennismaking	(((kennis)[N],(maak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
kennismakingsbijeenkomst	((((kennis)[N],(maak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
kennismakingsgesprek	((((kennis)[N],(maak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gesprek)[N])[N]
kennismakingsperiode	((((kennis)[N],(maak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
kennisneming	((kennis)[N],(neem)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kennisniveau	((kennis)[N],(niveau)[N])[N]
kennisoverdracht	((kennis)[N],(overdracht)[N])[N]
kennissenkring	((kennis)[N],(en)[N|N.N],(kring)[N])[N]
kennistheorie	((kennis)[N],(theorie)[N])[N]
kenobject	((ken)[V],(object)[N])[N]
kenproces	((ken)[V],(proces)[N])[N]
kenschetsing	((kenschets)[V],(ing)[N|V.])[N]
kenspreuk	((ken)[V],(spreuk)[N])[N]
kenteken	((ken)[V],(teken)[N])[N]
kentekenbewijs	(((ken)[V],(teken)[N])[N],(bewijs)[N])[N]
kentekenplaat	(((ken)[V],(teken)[N])[N],(plaat)[N])[N]
kentering	((kenter)[V],(ing)[N|V.])[N]
kentheoretisch	((ken)[V],((theorie)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
kentheorie	((ken)[V],(theorie)[N])[N]
kenvermogen	((ken)[V],(vermogen)[N])[N]
kepen	(keep)[V]
keperband	((keper)[N],(band)[N])[N]
keperflanel	((keper)[N],(flanel)[N])[N]
kepering	((keper)[V],(ing)[N|V.])[N]
keperlijn	((keper)[N],(lijn)[N])[N]
keramiek	((keramisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
keramiekoven	(((keramisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(oven)[N])[N]
kerel	(kerel)[N]
keren	(keer)[V]
kerf	(kerf)[N]
kerfbank	((kerf)[V],(bank)[N])[N]
kerfbijl	((kerf)[V],(bijl)[N])[N]
kerfmes	((kerf)[V],(mes)[N])[N]
kerfstok	((kerf)[V],(stok)[N])[N]
kering	((keer)[V],(ing)[N|V.])[N]
kerk	(kerk)[N]
kerkbaljuw	((kerk)[N],(baljuw)[N])[N]
kerkban	((kerk)[N],(ban)[N])[N]
kerkbank	((kerk)[N],(bank)[N])[N]
kerkbestuur	((kerk)[N],(bestuur)[N])[N]
kerkbezoek	((kerk)[N],(bezoek)[N])[N]
kerkbijbel	((kerk)[N],(bijbel)[N])[N]
kerkblad	((kerk)[N],(blad)[N])[N]
kerkbode	((kerk)[N],(bode)[N])[N]
kerkboek	((kerk)[N],(boek)[N])[N]
kerkbord	((kerk)[N],(bord)[N])[N]
kerkcent	((kerk)[N],(cent)[N])[N]
kerkdag	((kerk)[N],(dag)[N])[N]
kerkdief	((kerk)[N],(dief)[N])[N]
kerkdienaar	((kerk)[N],((dien)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
kerkdienst	((kerk)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
kerkdorp	((kerk)[N],(dorp)[N])[N]
kerkelijk	((kerk)[N],(elijk)[A|N.])[A]
kerkelijkheid	(((kerk)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kerken	(kerk)[V]
kerkenkas	((kerk)[N],(e)[N|N.N],(kas)[N])[N]
kerkenraad	((kerk)[N],(e)[N|N.N],(raad)[N])[N]
kerkenrechten	((kerk)[N],(e)[N|N.N],(recht)[N])[N]
kerkenwerk	((kerk)[N],(e)[N|N.N],(werk)[N])[N]
kerkenzakje	((kerk)[N],(e)[N|N.N],(zak)[N])[N]
kerker	(kerker)[N]
kerkeren	(kerker)[V]
kerkerhol	((kerker)[N],(hol)[N])[N]
kerkering	((kerker)[V],(ing)[N|V.])[N]
kerkerkot	((kerker)[N],(kot)[N])[N]
kerkerlucht	((kerker)[N],(lucht)[N])[N]
kerkerstraf	((kerker)[N],(straf)[N])[N]
kerkfabriek	((kerk)[N],(fabriek)[N])[N]
kerkgang	((kerk)[N],(gang)[N])[N]
kerkganger	((kerk)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N]
kerkgangster	((kerk)[N],(ga)[V],(ster)[N|NV.])[N]
kerkgebouw	((kerk)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
kerkgenootschap	((kerk)[N],((genoot)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
kerkgeschiedenis	((kerk)[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
kerkgewaad	((kerk)[N],(gewaad)[N])[N]
kerkgezang	((kerk)[N],((ge)[N|.N],(zang)[N])[N])[N]
kerkgoed	((kerk)[N],(goed)[N])[N]
kerkhervormer	((kerk)[N],((her)[V|.V],(vorm)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
kerkhervorming	((kerk)[N],((her)[V|.V],(vorm)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kerkhistoricus	((kerk)[N],(historicus)[N])[N]
kerkhistorisch	((kerk)[N],(historisch)[A])[A]
kerkhof	((kerk)[N],(hof)[N])[N]
kerkkauw	((kerk)[N],(kauw)[N])[N]
kerkklok	((kerk)[N],(klok)[N])[N]
kerkkoor	((kerk)[N],(koor)[N])[N]
kerklatijn	((kerk)[N],(Latijn)[N])[N]
kerkleer	((kerk)[N],(leer)[N])[N]
kerkleraar	((kerk)[N],(leraar)[N])[N]
kerkmarokkaan	((kerk)[N],(Marokkaan)[N])[N]
kerkmeester	((kerk)[N],(meester)[N])[N]
kerkmuziek	((kerk)[N],(muziek)[N])[N]
kerknieuws	((kerk)[N],(nieuws)[N])[N]
kerkorde	((kerk)[N],(orde)[N])[N]
kerkorgel	((kerk)[N],(orgel)[N])[N]
kerkpad	((kerk)[N],(pad)[N])[N]
kerkpatrones	(((kerk)[N],(patroon)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
kerkpatroon	((kerk)[N],(patroon)[N])[N]
kerkpilaar	((kerk)[N],(pilaar)[N])[N]
kerkplechtigheid	((kerk)[N],((plechtig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
kerkplein	((kerk)[N],(plein)[N])[N]
kerkportaal	((kerk)[N],(portaal)[N])[N]
kerkprovincie	((kerk)[N],(provincie)[N])[N]
kerkraam	((kerk)[N],(raam)[N])[N]
kerkrat	((kerk)[N],(rat)[N])[N]
kerkrecht	((kerk)[N],(recht)[N])[N]
kerkrechtelijk	(((kerk)[N],(recht)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
kerkroof	((kerk)[N],(roof)[N])[N]
kerks	((kerk)[N],(s)[A|N.])[A]
kerkschender	((kerk)[N],(schend)[V],(er)[N|NV.])[N]
kerkscheuring	((kerk)[N],(scheur)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kerkschip	((kerk)[N],(schip)[N])[N]
kerksgezind	(((kerk)[N],(s)[A|N.])[A],(gezind)[A])[A]
kerksgezindheid	((((kerk)[N],(s)[A|N.])[A],(gezind)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
kerksheid	(((kerk)[N],(s)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kerksieraad	((kerk)[N],(sieraad)[N])[N]
kerkstijl	((kerk)[N],(stijl)[N])[N]
kerkstoel	((kerk)[N],(stoel)[N])[N]
kerktelefoon	((kerk)[N],(telefoon)[N])[N]
kerktijd	((kerk)[N],(tijd)[N])[N]
kerktoren	((kerk)[N],(toren)[N])[N]
kerkuil	((kerk)[N],(uil)[N])[N]
kerkvader	((kerk)[N],(vader)[N])[N]
kerkvergadering	((kerk)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kerkvervolging	((kerk)[N],(((ver)[V|.V],(volg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kerkvisitatie	((kerk)[N],(visiteer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
kerkvisitator	((kerk)[N],(visiteer)[V],(ator)[N|NV.])[N]
kerkvolk	((kerk)[V],(volk)[N])[N]
kerkvoogd	((kerk)[N],(voogd)[N])[N]
kerkvoogdij	(((kerk)[N],(voogd)[N])[N],(ij)[N|N.])[N]
kerkvorst	((kerk)[N],(vorst)[N])[N]
kerkweg	((kerk)[N],(weg)[N])[N]
kerkwet	((kerk)[N],(wet)[N])[N]
kerkwijding	((kerk)[N],(wijd)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kerkwimpel	((kerk)[N],(wimpel)[N])[N]
kerkzakje	((kerk)[N],(zak)[N])[N]
kerkzang	((kerk)[N],(zang)[N])[N]
kerkzanger	((kerk)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kermen	(kerm)[V]
kermer	((kerm)[V],(er)[N|V.])[N]
kermis	(kermis)[N]
kermisachtig	((kermis)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kermisattractie	((kermis)[N],(attractie)[N])[N]
kermisbed	((kermis)[N],(bed)[N])[N]
kermisbezoek	((kermis)[N],(bezoek)[N])[N]
kermisbier	((kermis)[N],(bier)[N])[N]
kermisdrukte	((kermis)[N],((druk)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kermisexploitant	((kermis)[N],(exploiteer)[V],(ant)[N|NV.])[N]
kermisfooi	((kermis)[N],(fooi)[N])[N]
kermisgast	((kermis)[N],(gast)[N])[N]
kermisgeld	((kermis)[N],(geld)[N])[N]
kermisklant	((kermis)[N],(klant)[N])[N]
kermiskoek	((kermis)[N],(koek)[N])[N]
kermiskraam	((kermis)[N],(kraam)[N])[N]
kermislief	((kermis)[N],(lief)[N])[N]
kermispop	((kermis)[N],(pop)[N])[N]
kermissen	(kermis)[V]
kermisspel	((kermis)[N],(spel)[N])[N]
kermistent	((kermis)[N],(tent)[N])[N]
kermisvogel	((kermis)[N],(vogel)[N])[N]
kermisvolk	((kermis)[N],(volk)[N])[N]
kermisvrijer	((kermis)[N],((vrij)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kermiswagen	((kermis)[N],(wagen)[N])[N]
kermisweek	((kermis)[N],(week)[N])[N]
kermiszanger	((kermis)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kern	(kern)[N]
kernaandrijving	((kern)[N],(((aan)[P],(drijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kernachtig	((kern)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kernachtigheid	(((kern)[N],(achtig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kernafval	((kern)[N],(afval)[N])[N]
kernaspect	((kern)[N],(aspect)[N])[N]
kernbegrip	((kern)[N],(begrip)[N])[N]
kernbetekenis	((kern)[N],(betekenis)[N])[N]
kernbewapening	((kern)[N],(((be)[V|.N],(wapen)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kernbom	((kern)[N],(bom)[N])[N]
kernbrandstof	((kern)[N],((brand)[V],(stof)[N])[N])[N]
kerncentrale	((kern)[N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
kernchemie	((kern)[N],((chemisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
kernconcept	((kern)[N],(concept)[N])[N]
kernconflict	((kern)[N],(conflict)[N])[N]
kerndeling	((kern)[N],(deel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kernelement	((kern)[N],(element)[N])[N]
kernenergie	((kern)[N],(energie)[N])[N]
kernenergiecentrale	(((kern)[N],(energie)[N])[N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
kernenergieprogramma	(((kern)[N],(energie)[N])[N],(programma)[N])[N]
kernengeheugen	((kern)[N],(en)[N|N.N],(geheugen)[N])[N]
kernexplosie	((kern)[N],(explosie)[N])[N]
kernfamilie	((kern)[N],(familie)[N])[N]
kernfunctie	((kern)[N],(functie)[N])[N]
kernfusie	((kern)[N],(fusie)[N])[N]
kernfysica	((kern)[N],(fysica)[N])[N]
kernfysicus	((kern)[N],(fysicus)[N])[N]
kernfysisch	((kern)[N],(fysisch)[A])[A]
kerngedachte	((kern)[N],(gedachte)[N])[N]
kerngegeven	((kern)[N],(gegeven)[N])[N]
kerngetal	((kern)[N],(getal)[N])[N]
kerngezin	((kern)[N],(gezin)[N])[N]
kerngezond	((kern)[N],(gezond)[A])[A]
kernhout	((kern)[N],(hout)[N])[N]
kernidee	((kern)[N],(idee)[N])[N]
kernkabinet	((kern)[N],(kabinet)[N])[N]
kernkop	((kern)[N],(kop)[N])[N]
kernkracht	((kern)[N],(kracht)[N])[N]
kernlading	((kern)[N],((laad)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kernlichaampje	((kern)[N],(lichaam)[N])[N]
kernmacht	((kern)[N],(macht)[N])[N]
kernminister	((kern)[N],(minister)[N])[N]
kernmogendheid	((kern)[N],(mogendheid)[N])[N]
kernmotief	((kern)[N],(motief)[N])[N]
kernobject	((kern)[N],(object)[N])[N]
kernonderzeeër	((kern)[N],((onder)[P],(zee)[N],(er)[N|PN.])[N])[N]
kernonderzoek	((kern)[N],(onderzoek)[N])[N]
kernontwapening	((kern)[N],(((ont)[V|.N],(wapen)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kernooft	((kern)[N],(ooft)[N])[N]
kernoorlog	((kern)[N],(oorlog)[N])[N]
kernploeg	((kern)[N],(ploeg)[N])[N]
kernprincipe	((kern)[N],(principe)[N])[N]
kernprobleem	((kern)[N],(probleem)[N])[N]
kernproef	((kern)[N],(proef)[N])[N]
kernpunt	((kern)[N],(punt)[N])[N]
kernraket	((kern)[N],(raket)[N])[N]
kernramp	((kern)[N],(ramp)[N])[N]
kernreactie	((kern)[N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
kernreactor	((kern)[N],(reactor)[N])[N]
kernschaduw	((kern)[N],(schaduw)[N])[N]
kernsmelting	((kern)[N],(smelt)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kernsplijting	((kern)[N],(splijt)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kernsplitsing	((kern)[N],(splits)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kernspreuk	((kern)[N],(spreuk)[N])[N]
kernstop	((kern)[N],(stop)[N])[N]
kernstrijdmacht	((kern)[N],((strijd)[V],(macht)[N])[N])[N]
kerntaak	((kern)[N],(taak)[N])[N]
kernvak	((kern)[N],(vak)[N])[N]
kernvraag	((kern)[N],(vraag)[N])[N]
kernvrucht	((kern)[N],(vrucht)[N])[N]
kernwaarheid	((kern)[N],((waar)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
kernwapen	((kern)[N],(wapen)[N])[N]
kernwapenvrij	(((kern)[N],(wapen)[N])[N],(vrij)[A])[A]
kernwetenschap	((kern)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
kernzaak	((kern)[N],(zaak)[N])[N]
kerrie	(kerrie)[N]
kerriepoeder	((kerrie)[N],(poeder)[N])[N]
kers	(kers)[N]
kersappel	((kers)[N],(appel)[N])[N]
kerselaar	((kers)[N],(elaar)[N|N.])[N]
kersenbloei	((kers)[N],(e)[N|N.N],(bloei)[N])[N]
kersenbloesem	((kers)[N],(e)[N|N.N],(bloesem)[N])[N]
kersenbomenhout	(((kers)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
kersenbonbon	((kers)[N],(e)[N|N.N],(bonbon)[N])[N]
kersenboom	((kers)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
kersenboomgaard	((kers)[N],(e)[N|N.N],((boom)[N],(gaard)[N])[N])[N]
kersenbrandewijn	((kers)[N],(en)[N|N.N],((brand)[N],(e)[N|N.N],(wijn)[N])[N])[N]
kersenhout	((kers)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
kersenhouten	(((kers)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
kersenjam	((kers)[N],(en)[N|N.N],(jam)[N])[N]
kersenmand	((kers)[N],(en)[N|N.N],(mand)[N])[N]
kersenpit	((kers)[N],(e)[N|N.N],(pit)[N])[N]
kersenpluk	((kers)[N],(en)[N|N.N],(pluk)[N])[N]
kersensteel	((kers)[N],(e)[N|N.N],(steel)[N])[N]
kersentaart	((kers)[N],(en)[N|N.N],(taart)[N])[N]
kersentijd	((kers)[N],(en)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
kersenvla	((kers)[N],(en)[N|N.N],(vla)[N])[N]
kersontpitter	((kers)[N],((ont)[V|.N],(pit)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
kersrood	((kers)[N],(rood)[A])[A]
kerst	(kerst)[N]
kerstavond	((kerst)[N],(avond)[N])[N]
kerstbal	((kerst)[N],(bal)[N])[N]
kerstblok	((kerst)[N],(blok)[N])[N]
kerstboek	((kerst)[N],(boek)[N])[N]
kerstboodschap	((kerst)[N],(boodschap)[N])[N]
kerstboom	((kerst)[N],(boom)[N])[N]
kerstboter	((kerst)[N],(boter)[N])[N]
kerstbrood	((kerst)[N],(brood)[N])[N]
kerstcadeau	((kerst)[N],(cadeau)[N])[N]
kerstcongres	((kerst)[N],(congres)[N])[N]
kerstdag	((kerst)[N],(dag)[N])[N]
kerstdienst	((kerst)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
kerstekind	((kerst)[N],(e)[N|N.N],(kind)[N])[N]
kerstening	((kersten)[V],(ing)[N|V.])[N]
kerstevangelie	((kerst)[N],(evangelie)[N])[N]
kerstfeest	((kerst)[N],(feest)[N])[N]
kerstgebak	((kerst)[N],((ge)[N|.V],(bak)[V])[N])[N]
kerstgeschenk	((kerst)[N],((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N])[N]
kerstgezang	((kerst)[N],((ge)[N|.N],(zang)[N])[N])[N]
kerstgratificatie	((kerst)[N],((gratificeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
kerstkaart	((kerst)[N],(kaart)[N])[N]
kerstkalkoen	((kerst)[N],(kalkoen)[N])[N]
kerstklok	((kerst)[N],(klok)[N])[N]
kerstkrans	((kerst)[N],(krans)[N])[N]
kerstkribbe	((kerst)[N],(kribbe)[N])[N]
kerstlied	((kerst)[N],(lied)[N])[N]
kerstman	((kerst)[N],(man)[N])[N]
kerstmenu	((kerst)[N],(menu)[N])[N]
kerstmis	((kerst)[N],(mis)[N])[N]
kerstmuziek	((kerst)[N],(muziek)[N])[N]
kerstnacht	((kerst)[N],(nacht)[N])[N]
kerstnachtmis	(((kerst)[N],(nacht)[N])[N],(mis)[N])[N]
kerstnummer	((kerst)[N],(nummer)[N])[N]
kerstpakket	((kerst)[N],(pakket)[N])[N]
kerstpot	((kerst)[N],(pot)[N])[N]
kerstrapport	((kerst)[N],(rapport)[N])[N]
kerstreces	((kerst)[N],(reces)[N])[N]
kerstroos	((kerst)[N],(roos)[N])[N]
kerstsfeer	((kerst)[N],(sfeer)[N])[N]
kerstspel	((kerst)[N],(spel)[N])[N]
kerststaaf	((kerst)[N],(staaf)[N])[N]
kerststal	((kerst)[N],(stal)[N])[N]
kerststemming	((kerst)[N],((stem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kerstster	((kerst)[N],(ster)[N])[N]
kerststukje	((kerst)[N],(stuk)[N])[N]
kersttekening	((kerst)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kersttijd	((kerst)[N],(tijd)[N])[N]
kerstvakantie	((kerst)[N],(vakantie)[N])[N]
kerstverhaal	((kerst)[N],(verhaal)[N])[N]
kerstversiering	((kerst)[N],(((ver)[V|.V],(sier)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kerstversiersel	((kerst)[N],(((ver)[V|.V],(sier)[V])[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
kerstvertelling	((kerst)[N],(((ver)[V|.V],(tel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kerstweek	((kerst)[N],(week)[N])[N]
kerstzang	((kerst)[N],(zang)[N])[N]
kervel	(kervel)[N]
kervelsoep	((kervel)[N],(soep)[N])[N]
kerven	(kerf)[V]
kerving	((kerf)[V],(ing)[N|V.])[N]
kesp	(kesp)[N]
ketel	(ketel)[N]
ketelaar	((ketel)[N],(aar)[N|N.])[N]
ketelbikker	((ketel)[N],(bik)[N],(er)[N|NN.])[N]
ketelbink	((ketel)[N],(bink)[N])[N]
ketelboeter	((ketel)[N],(boet)[V],(er)[N|NV.])[N]
keteldruk	((ketel)[N],(druk)[N])[N]
ketelhuis	((ketel)[N],(huis)[N])[N]
ketelkoek	((ketel)[N],(koek)[N])[N]
ketellapper	((ketel)[N],(lap)[V],(er)[N|NV.])[N]
ketellapperswerk	(((ketel)[N],(lap)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
ketelmuziek	((ketel)[N],(muziek)[N])[N]
ketelruim	((ketel)[N],(ruim)[N])[N]
ketelsteen	((ketel)[N],(steen)[N])[N]
keteltrom	((ketel)[N],(trom)[N])[N]
keteltrommel	((ketel)[N],(trommel)[N])[N]
keten	(keten)[N]
keten	(keet)[V]
ketenaansprakelijkheid	((keten)[N],((((aan)[P],(spreek)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ketendicht	((keten)[N],(dicht)[N])[N]
ketenen	(keten)[V]
ketengebergte	((keten)[N],((ge)[N|.Nx],(berg)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
ketjap	(ketjap)[N]
ketje	(ket)[N]
kets	(kets)[N]
ketsen	(kets)[V]
ketsschot	((kets)[V],(schot)[N])[N]
ketter	(ketter)[N]
ketteren	(ketter)[V]
kettergericht	((ketter)[N],(gericht)[N])[N]
ketterij	((ketter)[N],(ij)[N|N.])[N]
ketterjacht	((ketter)[N],(jacht)[N])[N]
ketterjager	((ketter)[N],(jaag)[V],(er)[N|NV.])[N]
ketters	((ketter)[N],(s)[A|N.])[A]
kettervervolging	((ketter)[N],((ver)[V|.V],(volg)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kettingbeding	((ketting)[N],(beding)[N])[N]
kettingbotsing	((ketting)[N],((bots)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kettingbreuk	((ketting)[N],(breuk)[N])[N]
kettingbrief	((ketting)[N],(brief)[N])[N]
kettingbrug	((ketting)[N],(brug)[N])[N]
kettingdraad	((ketting)[N],(draad)[N])[N]
kettingformulier	((ketting)[N],(formulier)[N])[N]
kettingganger	((ketting)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N]
kettinggaren	((ketting)[N],(garen)[N])[N]
kettinghandel	((ketting)[N],(handel)[N])[N]
kettinghond	((ketting)[N],(hond)[N])[N]
kettingkast	((ketting)[N],(kast)[N])[N]
kettingkogel	((ketting)[N],(kogel)[N])[N]
kettingloos	((ketting)[N],(loos)[A|N.])[A]
kettingmolen	((ketting)[N],(molen)[N])[N]
kettingrad	((ketting)[N],(rad)[N])[N]
kettingreactie	((ketting)[N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
kettingregel	((ketting)[N],(regel)[N])[N]
kettingrijm	((ketting)[N],(rijm)[N])[N]
kettingroker	((ketting)[N],((rook)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kettingrookster	((ketting)[N],((rook)[V],(ster)[N])[N])[N]
kettingslot	((ketting)[N],(slot)[N])[N]
kettingspanner	((ketting)[N],(span)[V],(er)[N|NV.])[N]
kettingsteek	((ketting)[N],(steek)[N])[N]
kettingvanger	((ketting)[N],(vang)[V],(er)[N|NV.])[N]
kettingzaag	((ketting)[N],(zaag)[N])[N]
kettingzij	((ketting)[N],(zij)[N])[N]
kettingzijde	((ketting)[N],(zijde)[N])[N]
keu	(keu)[N]
keuen	(keu)[V]
keuenrek	((keu)[N],(en)[N|N.N],(rek)[N])[N]
keuken	(keuken)[N]
keukenafval	((keuken)[N],(afval)[N])[N]
keukenapparatuur	((keuken)[N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
keukenbarak	((keuken)[N],(barak)[N])[N]
keukenbenodigdheden	((keuken)[N],(((be)[A|.Ax],(nodig)[A],(d)[A|xA.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
keukenblok	((keuken)[N],(blok)[N])[N]
keukenbuffet	((keuken)[N],(buffet)[N])[N]
keukenchef	((keuken)[N],(chef)[N])[N]
keukencorvee	((keuken)[N],(corvee)[N])[N]
keukendeur	((keuken)[N],(deur)[N])[N]
keukendoek	((keuken)[N],(doek)[N])[N]
keukendomein	((keuken)[N],(domein)[N])[N]
keukendrempel	((keuken)[N],(drempel)[N])[N]
keukenfornuis	((keuken)[N],(fornuis)[N])[N]
keukengebouw	((keuken)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
keukengeheim	((keuken)[N],(geheim)[N])[N]
keukengereedschap	((keuken)[N],(gereedschap)[N])[N]
keukengerei	((keuken)[N],(gerei)[N])[N]
keukengerief	((keuken)[N],(gerief)[N])[N]
keukengordijn	((keuken)[N],(gordijn)[N])[N]
keukenhanddoek	((keuken)[N],((hand)[N],(doek)[N])[N])[N]
keukenhulp	((keuken)[N],(hulp)[N])[N]
keukeningang	((keuken)[N],(ingang)[N])[N]
keukenjongen	((keuken)[N],(jongen)[N])[N]
keukenkast	((keuken)[N],(kast)[N])[N]
keukenlade	((keuken)[N],(lade)[N])[N]
keukenlamp	((keuken)[N],(lamp)[N])[N]
keukenlatijn	((keuken)[N],(Latijn)[N])[N]
keukenmachine	((keuken)[N],(machine)[N])[N]
keukenmeester	((keuken)[N],(meester)[N])[N]
keukenmeid	((keuken)[N],(meid)[N])[N]
keukenmeidenroman	(((keuken)[N],(meid)[N])[N],(en)[N|N.N],(roman)[N])[N]
keukenmeisje	((keuken)[N],(meisje)[N])[N]
keukenmes	((keuken)[N],(mes)[N])[N]
keukenmeubel	((keuken)[N],(meubel)[N])[N]
keukenmixer	((keuken)[N],((mix)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
keukenpapier	((keuken)[N],(papier)[N])[N]
keukenpiet	((keuken)[N],(piet)[N])[N]
keukenplank	((keuken)[N],(plank)[N])[N]
keukenprinses	((keuken)[N],((prins)[N],(es)[N|N.])[N])[N]
keukenrol	((keuken)[N],(rol)[N])[N]
keukensnufje	((keuken)[N],(snuf)[N])[N]
keukenstoel	((keuken)[N],(stoel)[N])[N]
keukentafel	((keuken)[N],(tafel)[N])[N]
keukentrap	((keuken)[N],(trap)[N])[N]
keukenvenster	((keuken)[N],(venster)[N])[N]
keukenwagen	((keuken)[N],(wagen)[N])[N]
keukenweegschaal	((keuken)[N],((weeg)[V],(schaal)[N])[N])[N]
keukenwerk	((keuken)[N],(werk)[N])[N]
keukenzout	((keuken)[N],(zout)[N])[N]
keur	(keur)[N]
keurbende	((keur)[N],(bende)[N])[N]
keurboek	((keur)[N],(boek)[N])[N]
keurboekerij	((keur)[N],((boek)[N],(erij)[N|N.])[N])[N]
keurcollectie	((keur)[N],(collectie)[N])[N]
keurder	((keur)[V],(der)[N|V.])[N]
keuren	(keur)[V]
keurig	((keur)[N],(ig)[A|N.])[A]
keurigheid	(((keur)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
keurijzer	((keur)[N],(ijzer)[N])[N]
keuring	((keur)[V],(ing)[N|V.])[N]
keuringsarts	(((keur)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(arts)[N])[N]
keuringscommissie	(((keur)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
keuringsdienst	(((keur)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
keurkamer	((keur)[V],(kamer)[N])[N]
keurkorps	((keur)[N],(korps)[N])[N]
keurling	((keur)[N],(ling)[N|N.])[N]
keurmeester	((keur)[V],(meester)[N])[N]
keurmerk	((keur)[V],(merk)[N])[N]
keurprins	((keur)[N],(prins)[N])[N]
keurprinses	(((keur)[N],(prins)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
keurs	(keurs)[N]
keurschaal	((keur)[V],(schaal)[N])[N]
keurslijf	((keurs)[N],(lijf)[N])[N]
keursoldaat	((keur)[N],(soldaat)[N])[N]
keurteken	((keur)[V],(teken)[N])[N]
keurtroepen	((keur)[V],(troep)[N])[N]
keurvorst	((keur)[V],(vorst)[N])[N]
keurvorstelijk	(((keur)[V],(vorst)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
keurvorstendom	(((keur)[V],(vorst)[N])[N],(endom)[N|N.])[N]
keurvorstin	(((keur)[V],(vorst)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
keus	(keus)[N]
keutel	(keutel)[N]
keutelaar	((keutel)[V],(aar)[N|V.])[N]
keutelaarster	(((keutel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
keutelachtig	((keutel)[V],(achtig)[A|V.])[A]
keutelarij	((keutel)[V],(arij)[N|V.])[N]
keutelen	(keutel)[V]
keutelig	((keutel)[N],(ig)[A|N.])[A]
keuteljacht	((keutel)[N],(jacht)[N])[N]
keutelwerk	((keutel)[N],(werk)[N])[N]
keuter	(keuter)[N]
keuterboer	((keuter)[N],(boer)[N])[N]
keuteren	(keuter)[V]
keuterij	((keuter)[N],(ij)[N|N.])[N]
keuvel	(keuvel)[N]
keuvelaar	((keuvel)[V],(aar)[N|V.])[N]
keuvelaarster	(((keuvel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
keuvelarij	((keuvel)[V],(arij)[N|V.])[N]
keuvelen	(keuvel)[V]
keuzealternatief	((keuze)[N],(((alterneer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[N|N.])[N])[N]
keuzecommissie	((keuze)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
keuzegedrag	((keuze)[N],(gedrag)[N])[N]
keuzehandeling	((keuze)[N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
keuzemenu	((keuze)[N],(menu)[N])[N]
keuzemogelijkheid	((keuze)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
keuzemoment	((keuze)[N],(moment)[N])[N]
keuzepakket	((keuze)[N],(pakket)[N])[N]
keuzeprobleem	((keuze)[N],(probleem)[N])[N]
keuzeproces	((keuze)[N],(proces)[N])[N]
keuzeschakelaar	((keuze)[N],((schakel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
keuzesituatie	((keuze)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
keuzevak	((keuze)[N],(vak)[N])[N]
keuzevraagstuk	((keuze)[N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
keuzevrijheid	((keuze)[N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
kevel	(kevel)[N]
kever	(kever)[N]
keveren	(kever)[V]
keverlarf	((kever)[N],(larf)[N])[N]
keverlarve	((kever)[N],(larve)[N])[N]
kezen	(kees)[V]
kibbelaar	((kibbel)[V],(aar)[N|V.])[N]
kibbelaarster	(((kibbel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
kibbelachtig	((kibbel)[V],(achtig)[A|V.])[A]
kibbelarij	((kibbel)[V],(arij)[N|V.])[N]
kibbelen	(kibbel)[V]
kibbeling	((kibbel)[V],(ing)[N|V.])[N]
kibbelpartij	((kibbel)[V],(partij)[N])[N]
kibbels	(kibbel)[N]
kibbelziek	((kibbel)[V],(ziek)[A])[A]
kibbelzucht	((kibbel)[V],(zucht)[N])[N]
kick	(kick)[N]
kicken	(kick)[V]
kid	(kid)[N]
kidnapper	((kidnap)[V],(er)[N|V.])[N]
kidnapping	((kidnap)[V],(ing)[N|V.])[N]
kief	(kief)[N]
kiek	(kiek)[N]
kieken	(kiek)[V]
kiekenborst	((kieken)[N],(borst)[N])[N]
kiekendief	((kieken)[N],(dief)[N])[N]
kiekenvlees	((kieken)[N],(vlees)[N])[N]
kiektoestel	((kiek)[V],(toestel)[N])[N]
kiel	(kiel)[N]
kielbalk	((kiel)[N],(balk)[N])[N]
kielen	(kiel)[V]
kielhalen	((kiel)[N],(haal)[V])[V]
kieljacht	((kiel)[N],(jacht)[N])[N]
kielspit	((kiel)[N],(spit)[N])[N]
kieltuin	((kiel)[N],(tuin)[N])[N]
kielvlak	((kiel)[N],(vlak)[N])[N]
kielwater	((kiel)[N],(water)[N])[N]
kielzog	((kiel)[N],(zog)[N])[N]
kiem	(kiem)[N]
kiembak	((kiem)[V],(bak)[N])[N]
kiemblaadje	((kiem)[N],(blad)[N])[N]
kiemcel	((kiem)[V],(cel)[N])[N]
kiemen	(kiem)[V]
kieming	((kiem)[V],(ing)[N|V.])[N]
kiemingsproces	(((kiem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
kiemkracht	((kiem)[V],(kracht)[N])[N]
kiemkrachtig	((kiem)[V],((kracht)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
kiemplantje	((kiem)[N],(plant)[N])[N]
kiemvorming	((kiem)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kiemvrij	((kiem)[N],(vrij)[A])[A]
kiemwit	((kiem)[N],(wit)[N])[N]
kien	(kien)[N]
kiendop	((kien)[V],(dop)[N])[N]
kienen	(kien)[V]
kienkaart	((kien)[V],(kaart)[N])[N]
kienspaan	((kien)[N],(spaan)[N])[N]
kienspel	((kien)[V],(spel)[N])[N]
kiep	(kiep)[N]
kiepauto	((kiep)[V],(auto)[N])[N]
kiepbak	((kiep)[V],(bak)[N])[N]
kiepen	(kiep)[V]
kieper	((kiep)[V],(er)[N|V.])[N]
kieperen	(kieper)[V]
kiepkar	((kiep)[V],(kar)[N])[N]
kiepwagen	((kiep)[V],(wagen)[N])[N]
kier	(kier)[N]
kieren	(kier)[V]
kierewieterig	((kierewiet)[A],(erig)[A|A.])[A]
kies	(kies)[N]
kiesbaar	((kies)[V],(baar)[A|V.])[A]
kiesbaarheid	(((kies)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kiesbevoegd	((kies)[V],(bevoegd)[A])[A]
kiesbevoegdheid	(((kies)[V],(bevoegd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
kiesbrief	((kies)[V],(brief)[N])[N]
kiescollege	((kies)[V],(college)[N])[N]
kiesdeler	((kies)[V],((deel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kiesdistrict	((kies)[V],(district)[N])[N]
kiesdrempel	((kies)[V],(drempel)[N])[N]
kiesgerechtigd	((kies)[V],(gerechtigd)[A])[A]
kiesheid	((kies)[A],(heid)[N|A.])[N]
kieskauw	((kies)[N],(kauw)[N])[N]
kieskauwen	((kies)[N],(kauw)[V])[V]
kieskauwer	(((kies)[N],(kauw)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
kieskauwster	(((kies)[N],(kauw)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
kieskeurigheid	((kieskeurig)[A],(heid)[N|A.])[N]
kieskring	((kies)[V],(kring)[N])[N]
kiesman	((kies)[V],(man)[N])[N]
kiesmatrix	((kies)[V],(matrix)[N])[N]
kiesnummer	((kies)[V],(nummer)[N])[N]
kiespijn	((kies)[N],(pijn)[N])[N]
kiesplicht	((kies)[V],(plicht)[N])[N]
kiesquotiënt	((kies)[V],(quotiënt)[N])[N]
kiesraad	((kies)[V],(raad)[N])[N]
kiesrecht	((kies)[V],(recht)[N])[N]
kiesrechtkwestie	(((kies)[V],(recht)[N])[N],(kwestie)[N])[N]
kiesschijf	((kies)[V],(schijf)[N])[N]
kiesstelsel	((kies)[V],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
kiessysteem	((kies)[V],(systeem)[N])[N]
kiestoon	((kies)[V],(toon)[N])[N]
kiesvereniging	((kies)[V],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kiesvergadering	((kies)[V],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kieswet	((kies)[V],(wet)[N])[N]
kietelaar	((kietel)[V],(aar)[N|V.])[N]
kietelen	(kietel)[V]
kieuw	(kieuw)[N]
kieuwdeksel	((kieuw)[N],((dek)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
kieuwdragend	((kieuw)[N],(draag)[V],(end)[A|NV.])[A]
kieuwholte	((kieuw)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kieuwpotig	((kieuw)[N],(poot)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kieuwspleet	((kieuw)[N],(spleet)[N])[N]
kieviet	(kieviet)[N]
kievietsbloem	((kieviet)[N],(s)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
kievietsei	((kieviet)[N],(s)[N|N.N],(ei)[N])[N]
kievietsnest	((kieviet)[N],(s)[N|N.N],(nest)[N])[N]
kievit	(kievit)[N]
kievitsbloem	((kievit)[N],(s)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
kievitsei	((kievit)[N],(s)[N|N.N],(ei)[N])[N]
kievitsnest	((kievit)[N],(s)[N|N.N],(nest)[N])[N]
kiezelaarde	((kiezel)[N],(aarde)[N])[N]
kiezelachtig	((kiezel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kiezelbank	((kiezel)[N],(bank)[N])[N]
kiezelbed	((kiezel)[N],(bed)[N])[N]
kiezelgesteente	((kiezel)[N],((ge)[N|.Nx],(steen)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
kiezelhoudend	((kiezel)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
kiezelpad	((kiezel)[N],(pad)[N])[N]
kiezelsteen	((kiezel)[N],(steen)[N])[N]
kiezelweg	((kiezel)[N],(weg)[N])[N]
kiezelzand	((kiezel)[N],(zand)[N])[N]
kiezelzuur	((kiezel)[N],(zuur)[N])[N]
kiezen	(kies)[V]
kiezentrekker	((kies)[N],(en)[N|N.Vx],(trek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kiezer	((kies)[V],(er)[N|V.])[N]
kiezeres	(((kies)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
kiezersbedrog	(((kies)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bedrog)[N])[N]
kiezerscorps	(((kies)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(corps)[N])[N]
kiezersdemocratie	(((kies)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((democraat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
kiezersgunst	(((kies)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((gun)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
kiezersinvloed	(((kies)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(invloed)[N])[N]
kiezerskorps	(((kies)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(korps)[N])[N]
kiezerslijst	(((kies)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
kiezersmassa	(((kies)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(massa)[N])[N]
kiezersvolk	(((kies)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(volk)[N])[N]
kif	(kif)[N]
kift	(kift)[N]
kiften	(kift)[V]
kijfachtig	((kijf)[V],(achtig)[A|V.])[A]
kijflust	((kijf)[V],(lust)[N])[N]
kijfster	((kijf)[V],(ster)[N|V.])[N]
kijfziek	((kijf)[V],(ziek)[A])[A]
kijfzuchtig	((kijf)[V],((zucht)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
kijk	(kijk)[N]
kijkbuis	((kijk)[V],(buis)[N])[N]
kijkcijfer	((kijk)[V],(cijfer)[N])[N]
kijkdag	((kijk)[V],(dag)[N])[N]
kijkdichtheid	((kijk)[V],((dicht)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
kijkdoos	((kijk)[V],(doos)[N])[N]
kijken	(kijk)[V]
kijker	((kijk)[V],(er)[N|V.])[N]
kijkerd	((kijk)[V],(erd)[N|V.])[N]
kijkgat	((kijk)[V],(gat)[N])[N]
kijkgedrag	((kijk)[V],(gedrag)[N])[N]
kijkgeld	((kijk)[V],(geld)[N])[N]
kijkgierig	((kijk)[V],(gierig)[A])[A]
kijkglas	((kijk)[V],(glas)[N])[N]
kijkgraag	((kijk)[V],(graag)[A])[A]
kijkkast	((kijk)[V],(kast)[N])[N]
kijklustig	((kijk)[V],(lust)[N],(ig)[A|VN.])[A]
kijkonderzoek	((kijk)[V],(onderzoek)[N])[N]
kijkrichting	((kijk)[V],((richt)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kijkspel	((kijk)[V],(spel)[N])[N]
kijkster	((kijk)[V],(ster)[N|V.])[N]
kijktoestel	((kijk)[V],(toestel)[N])[N]
kijkuit	((kijk)[V],(uit)[P])[N]
kijkvenster	((kijk)[V],(venster)[N])[N]
kijkvergunning	((kijk)[V],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kijvage	((kijf)[V],(age)[N|V.])[N]
kijven	(kijf)[V]
kijver	((kijf)[V],(er)[N|V.])[N]
kijverij	((kijf)[V],(erij)[N|V.])[N]
kik	(kik)[N]
kikken	(kik)[V]
kikker	(kikker)[N]
kikkerbad	((kikker)[N],(bad)[N])[N]
kikkerbil	((kikker)[N],(bil)[N])[N]
kikkerbloed	((kikker)[N],(bloed)[N])[N]
kikkeren	(kikker)[V]
kikkerhart	((kikker)[N],(hart)[N])[N]
kikkerland	((kikker)[N],(land)[N])[N]
kikkerpoel	((kikker)[N],(poel)[N])[N]
kikkerproef	((kikker)[N],(proef)[N])[N]
kikkerrit	((kikker)[N],(rit)[N])[N]
kikkerspog	((kikker)[N],(spog)[N])[N]
kikkervisje	((kikker)[N],(vis)[N])[N]
kikvorsachtig	((kikvors)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kikvorsachtigen	((kikvors)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
kikvorsenland	((kikvors)[N],(en)[N|N.N],(land)[N])[N]
kikvorsman	((kikvors)[N],(man)[N])[N]
kikvorspak	((kikvors)[N],(pak)[N])[N]
kil	(kil)[N]
kilheid	((kil)[A],(heid)[N|A.])[N]
kilkoud	((kil)[A],(koud)[A])[A]
killen	(kil)[V]
killersatelliet	((killer)[N],(satelliet)[N])[N]
killersmentaliteit	((killer)[N],(s)[N|N.N],((mentaal)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
killig	((kil)[A],(ig)[A|A.])[A]
kilo	(kilo)[N]
kilobyte	((kilo)[N],(byte)[N])[N]
kilocalorie	((kilo)[N|.N],(calorie)[N])[N]
kilogram	((kilo)[N|.N],(gram)[N])[N]
kilogrammeter	(((kilo)[N|.N],(gram)[N])[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
kilohertz	((kilo)[N|.N],(hertz)[N])[N]
kilojoule	((kilo)[N|.N],(joule)[N])[N]
kiloliter	((kilo)[N|.N],(liter)[N])[N]
kilometer	((kilo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kilometerpaal	(((kilo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(paal)[N])[N]
kilometerprijs	(((kilo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(prijs)[N])[N]
kilometerraai	(((kilo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(raai)[N])[N]
kilometerslang	(((kilo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(s)[A|N.A],(lang)[A])[A]
kilometerstand	(((kilo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(stand)[N])[N]
kilometerteller	(((kilo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(tel)[V],(er)[N|NV.])[N]
kilometervergoeding	(((kilo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],((ver)[V|.A],(goed)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kilometervreter	(((kilo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(vreet)[V],(er)[N|NV.])[N]
kilometrage	((kilo)[N|.N],(metrage)[N])[N]
kiloprijs	((kilo)[N|.N],(prijs)[N])[N]
kilostère	((kilo)[N|.N],(stère)[N])[N]
kilovolt	((kilo)[N|.N],(volt)[N])[N]
kilowatt	((kilo)[N|.N],(watt)[N])[N]
kilowattuur	((kilo)[N|.N],((watt)[N],(uur)[N])[N])[N]
kilt	(kilt)[N]
kilte	((kil)[A],(te)[N|A.])[N]
kim	(kim)[N]
kimduiking	((kim)[N],((duik)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kimkiel	((kim)[N],(kiel)[N])[N]
kimmen	(kim)[V]
kimono	(kimono)[N]
kin	(kin)[N]
kinabast	((kina)[N],(bast)[N])[N]
kinabitter	((kina)[N],(bitter)[N])[N]
kinaboom	((kina)[N],(boom)[N])[N]
kinacultuur	((kina)[N],(cultuur)[N])[N]
kinaplantage	((kina)[N],((plant)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
kinawijn	((kina)[N],(wijn)[N])[N]
kinband	((kin)[N],(band)[N])[N]
kinbesturing	((kin)[N],(((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kind	(kind)[N]
kindbeeld	((kind)[N],(beeld)[N])[N]
kinderachtig	((kind)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kinderachtigheid	(((kind)[N],(achtig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kinderafdeling	((kind)[N],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kinderaftrek	((kind)[N],(aftrek)[N])[N]
kinderangst	((kind)[N],(angst)[N])[N]
kinderarbeid	((kind)[N],(arbeid)[N])[N]
kinderarts	((kind)[N],(arts)[N])[N]
kinderbad	((kind)[N],(bad)[N])[N]
kinderbal	((kind)[N],(bal)[N])[N]
kinderbalk	((kind)[N],(balk)[N])[N]
kinderbed	((kind)[N],(bed)[N])[N]
kinderbedtijd	((kind)[N],((bed)[N],(tijd)[N])[N])[N]
kinderbescherming	((kind)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kinderbeschermingsmaatregel	(((kind)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
kinderbeul	((kind)[N],(beul)[N])[N]
kinderbewaarplaats	((kind)[N],(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(plaats)[N])[N])[N]
kinderbijbel	((kind)[N],(bijbel)[N])[N]
kinderbijslag	((kind)[N],(bijslag)[N])[N]
kinderboek	((kind)[N],(boek)[N])[N]
kinderboekenweek	(((kind)[N],(boek)[N])[N],(en)[N|N.N],(week)[N])[N]
kinderboerderij	((kind)[N],((boer)[V],(derij)[N|V.])[N])[N]
kinderdagen	((kind)[N],(dag)[N])[N]
kinderdagverblijf	((kind)[N],((dag)[N],(verblijf)[N])[N])[N]
kinderdichter	((kind)[N],((dicht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kinderdienst	((kind)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
kinderdoek	((kind)[N],(doek)[N])[N]
kinderdokter	((kind)[N],(dokter)[N])[N]
kinderdoop	((kind)[N],(doop)[N])[N]
kinderdorp	((kind)[N],(dorp)[N])[N]
kinderfeest	((kind)[N],(feest)[N])[N]
kinderfiets	((kind)[N],(fiets)[N])[N]
kindergek	((kind)[N],(gek)[N])[N]
kindergeld	((kind)[N],(geld)[N])[N]
kindergeneeskunde	((kind)[N],((genees)[V],(kunde)[N])[N])[N]
kindergoed	((kind)[N],(goed)[N])[N]
kinderhand	((kind)[N],(hand)[N])[N]
kinderhart	((kind)[N],(hart)[N])[N]
kinderhoofd	((kind)[N],(hoofd)[N])[N]
kinderhuwelijk	((kind)[N],(huwelijk)[N])[N]
kinderjaren	((kind)[N],(jaar)[N])[N]
kinderjuf	((kind)[N],(juf)[N])[N]
kinderjuffrouw	((kind)[N],(juffrouw)[N])[N]
kinderkaart	((kind)[N],(kaart)[N])[N]
kinderkamer	((kind)[N],(kamer)[N])[N]
kinderkanaal	((kind)[N],(kanaal)[N])[N]
kinderkerk	((kind)[N],(kerk)[N])[N]
kinderkleren	((kind)[N],(kleed)[N])[N]
kinderkolonie	((kind)[N],(kolonie)[N])[N]
kinderkoor	((kind)[N],(koor)[N])[N]
kinderkorting	((kind)[N],((kort)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kinderkost	((kind)[N],(kost)[N])[N]
kinderkribbe	((kind)[N],(kribbe)[N])[N]
kinderkruistocht	((kind)[N],((kruis)[N],(tocht)[N])[N])[N]
kinderlied	((kind)[N],(lied)[N])[N]
kinderliefde	((kind)[N],(liefde)[N])[N]
kinderlijk	((kind)[N],(lijk)[A|N.])[A]
kinderlijkheid	(((kind)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kinderliteratuur	((kind)[N],(literatuur)[N])[N]
kinderlitteratuur	((kind)[N],(litteratuur)[N])[N]
kinderlokker	((kind)[N],(lok)[V],(er)[N|NV.])[N]
kinderloos	((kind)[N],(loos)[A|N.])[A]
kinderloosheid	(((kind)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kindermaat	((kind)[N],(maat)[N])[N]
kindermeel	((kind)[N],(meel)[N])[N]
kindermeid	((kind)[N],(meid)[N])[N]
kindermenu	((kind)[N],(menu)[N])[N]
kindermishandeling	((kind)[N],((mis)[A],(handel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kindermond	((kind)[N],(mond)[N])[N]
kindermoord	((kind)[N],(moord)[N])[N]
kindernevendienst	((kind)[N],((neven)[P],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
kinderoppas	((kind)[N],(oppas)[N])[N]
kinderopvang	((kind)[N],(opvang)[N])[N]
kinderpartij	((kind)[N],(partij)[N])[N]
kinderplaag	((kind)[N],(plaag)[N])[N]
kinderpokken	((kind)[N],(pok)[N])[N]
kinderpolitie	((kind)[N],(politie)[N])[N]
kinderpostzegel	((kind)[N],((post)[N],(zegel)[N])[N])[N]
kinderpraat	((kind)[N],(praat)[N])[N]
kinderprogramma	((kind)[N],(programma)[N])[N]
kinderpsychologie	((kind)[N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
kinderpsycholoog	((kind)[N],(psycholoog)[N])[N]
kinderrecht	((kind)[N],(recht)[N])[N]
kinderrechter	((kind)[N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kinderrijk	((kind)[N],(rijk)[A])[A]
kinderrijm	((kind)[N],(rijm)[N])[N]
kinderroof	((kind)[N],(roof)[N])[N]
kinderrubriek	((kind)[N],(rubriek)[N])[N]
kinderschaar	((kind)[N],(schaar)[N])[N]
kinderschaats	((kind)[N],(schaats)[N])[N]
kinderschoen	((kind)[N],(schoen)[N])[N]
kinderslot	((kind)[N],(slot)[N])[N]
kinderspeelgoed	((kind)[N],((speel)[V],(goed)[N])[N])[N]
kinderspel	((kind)[N],(spel)[N])[N]
kindersterfte	((kind)[N],((sterf)[V],(te)[N|V.])[N])[N]
kinderstoel	((kind)[N],(stoel)[N])[N]
kindertaal	((kind)[N],(taal)[N])[N]
kindertal	((kind)[N],(tal)[N])[N]
kindertehuis	((kind)[N],((te)[P],(huis)[N])[N])[N]
kindertelefoon	((kind)[N],(telefoon)[N])[N]
kindertijd	((kind)[N],(tijd)[N])[N]
kindertijdschrift	(((kind)[N],(tijd)[N])[N],(schrift)[N])[N]
kindertoelage	((kind)[N],(toelage)[N])[N]
kindertoeslag	((kind)[N],((toe)[B],(slag)[N])[N])[N]
kindertuigje	((kind)[N],(tuig)[N])[N]
kindertuin	((kind)[N],(tuin)[N])[N]
kinderuurtje	((kind)[N],(uur)[N])[N]
kinderverlamming	((kind)[N],(((ver)[V|.A],(lam)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kinderverzorging	((kind)[N],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kinderverzorgster	((kind)[N],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
kindervoeding	((kind)[N],(voed)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kindervriend	((kind)[N],(vriend)[N])[N]
kinderwagen	((kind)[N],(wagen)[N])[N]
kinderwereld	((kind)[N],(wereld)[N])[N]
kinderwerk	((kind)[N],(werk)[N])[N]
kinderwet	((kind)[N],(wet)[N])[N]
kinderwoord	((kind)[N],(woord)[N])[N]
kinderzegel	((kind)[N],(zegel)[N])[N]
kinderzegen	((kind)[N],(zegen)[N])[N]
kinderziekte	((kind)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kinderzin	((kind)[N],(zin)[N])[N]
kinderzitje	((kind)[N],(zit)[N])[N]
kinderzorg	((kind)[N],(zorg)[N])[N]
kindgericht	((kind)[N],(gericht)[A])[A]
kindheid	((kind)[N],(heid)[N|N.])[N]
kindlief	((kind)[N],(lief)[A])[N]
kindoekje	((kin)[N],(doek)[N])[N]
kinds	((kind)[N],(s)[A|N.])[A]
kindsdeel	((kind)[N],(s)[N|N.N],(deel)[N])[N]
kindsgedeelte	((kind)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
kindsheid	(((kind)[N],(s)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kindskind	((kind)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
kindskorf	((kind)[N],(s)[N|N.N],(korf)[N])[N]
kindvriendelijk	((kind)[N],((vriend)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
kindvrouw	((kind)[N],(vrouw)[N])[N]
kinemaorgel	((kinema)[N],(orgel)[N])[N]
kinematografie	((kinematograaf)[N],(ie)[N|N.])[N]
kinemavoorstelling	((kinema)[N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kinesthetisch	((kin)[N],((estheet)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
kininepoeder	((kinine)[N],(poeder)[N])[N]
kininepoeier	((kinine)[N],(poeier)[N])[N]
kink	(kink)[N]
kinkel	(kinkel)[N]
kinkelachtig	((kinkel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kinkelen	(kinkel)[V]
kinken	(kink)[V]
kinketting	((kin)[N],(ketting)[N])[N]
kinkhoest	((kink)[N],(hoest)[N])[N]
kinkhoorn	((kink)[N],(hoorn)[N])[N]
kinkhoren	((kink)[N],(horen)[N])[N]
kinnebak	((kin)[N],(e)[N|N.N],(bak)[N])[N]
kinnetje	(kin)[N]
kiosk	(kiosk)[N]
kip	(kip)[N]
kipauto	((kip)[V],(auto)[N])[N]
kipbak	((kip)[V],(bak)[N])[N]
kipfilet	((kip)[N],(filet)[N])[N]
kipkar	((kip)[V],(kar)[N])[N]
kiplekker	((kip)[N],(lekker)[A])[A]
kippegerst	((kip)[N],(e)[N|N.N],(gerst)[N])[N]
kippen	(kip)[V]
kippenboer	((kip)[N],(en)[N|N.N],(boer)[N])[N]
kippenborst	((kip)[N],(e)[N|N.N],(borst)[N])[N]
kippenboutje	((kip)[N],(e)[N|N.N],(bout)[N])[N]
kippendief	((kip)[N],(en)[N|N.N],(dief)[N])[N]
kippendraf	((kip)[N],(e)[N|N.N],(draf)[N])[N]
kippendrift	((kip)[N],(e)[N|N.N],(drift)[N])[N]
kippenei	((kip)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
kippeneind	((kip)[N],(e)[N|N.N],(eind)[N])[N]
kippenfokkerij	((kip)[N],(en)[N|N.Vx],(fok)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
kippengaas	((kip)[N],(e)[N|N.N],(gaas)[N])[N]
kippenhok	((kip)[N],(en)[N|N.N],(hok)[N])[N]
kippenkoorts	((kip)[N],(e)[N|N.N],(koorts)[N])[N]
kippenkuur	((kip)[N],(e)[N|N.N],(kuur)[N])[N]
kippenladder	((kip)[N],(en)[N|N.N],(ladder)[N])[N]
kippenlever	((kip)[N],(e)[N|N.N],(lever)[N])[N]
kippenloop	((kip)[N],(en)[N|N.N],(loop)[N])[N]
kippenpastei	((kip)[N],(e)[N|N.N],(pastei)[N])[N]
kippenren	((kip)[N],(en)[N|N.N],(ren)[N])[N]
kippensoep	((kip)[N],(e)[N|N.N],(soep)[N])[N]
kippenstap	((kip)[N],(e)[N|N.N],(stap)[N])[N]
kippentrapje	((kip)[N],(en)[N|N.N],(trap)[N])[N]
kippenvel	((kip)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
kippenvlees	((kip)[N],(e)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
kippenvoer	((kip)[N],(e)[N|N.N],(voer)[N])[N]
kipper	((kip)[V],(er)[N|V.])[N]
kippetjeskermis	((kippetje)[N],(s)[N|N.N],(kermis)[N])[N]
kippetjeskost	((kippetje)[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
kippig	((kip)[N],(ig)[A|N.])[A]
kippigheid	(((kip)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kipschnitzel	((kip)[N],(schnitzel)[N])[N]
kipsel	((kip)[V],(sel)[N|V.])[N]
kiptakel	((kip)[V],(takel)[N])[N]
kipwagen	((kip)[V],(wagen)[N])[N]
kirren	(kir)[V]
kirsch	(kirsch)[N]
kissen	(kis)[V]
kist	(kist)[N]
kistbalk	((kist)[N],(balk)[N])[N]
kistdam	((kist)[N],(dam)[N])[N]
kisten	(kist)[V]
kistenhout	((kist)[N],(en)[N|N.N],(hout)[N])[N]
kistenmaker	((kist)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kisting	((kist)[V],(ing)[N|V.])[N]
kistkalf	((kist)[N],(kalf)[N])[N]
kistwerk	((kist)[N],(werk)[N])[N]
kit	(kit)[N]
kitlijm	((kit)[V],(lijm)[N])[N]
kitmiddel	((kit)[V],(middel)[N])[N]
kits	(kits)[N]
kitsch	(kitsch)[N]
kitscherig	((kitsch)[N],(erig)[A|N.])[A]
kitsen	(kits)[V]
kittelaar	((kittel)[V],(aar)[N|V.])[N]
kittelachtig	((kittel)[V],(achtig)[A|V.])[A]
kittelachtigheid	(((kittel)[V],(achtig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kittelen	(kittel)[V]
kittelig	((kittel)[V],(ig)[A|V.])[A]
kitteligheid	(((kittel)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kitteling	((kittel)[V],(ing)[N|V.])[N]
kittelorigheid	((kittelorig)[A],(heid)[N|A.])[N]
kitten	(kit)[V]
kitter	((kit)[V],(er)[N|V.])[N]
kiwi	(kiwi)[N]
klaaf	(klaaf)[N]
klaagdicht	((klaag)[V],(dicht)[N])[N]
klaaggedrag	((klaag)[V],(gedrag)[N])[N]
klaaghuis	((klaag)[V],(huis)[N])[N]
klaaglied	((klaag)[V],(lied)[N])[N]
klaaglijk	((klaag)[V],(lijk)[A|V.])[A]
klaaglitanie	((klaag)[V],(litanie)[N])[N]
klaagmuur	((klaag)[V],(muur)[N])[N]
klaagpsalm	((klaag)[V],(psalm)[N])[N]
klaagschrift	((klaag)[V],(schrift)[N])[N]
klaagstem	((klaag)[V],(stem)[N])[N]
klaagster	((klaag)[V],(ster)[N|V.])[N]
klaagtoon	((klaag)[V],(toon)[N])[N]
klaagvrouw	((klaag)[V],(vrouw)[N])[N]
klaagzang	((klaag)[V],(zang)[N])[N]
klaar	(klaar)[N]
klaar-over	((klaar)[A],(over)[P])[N]
klaarbak	((klaar)[V],(bak)[N])[N]
klaarbassin	((klaar)[V],(bassin)[N])[N]
klaarblijkelijk	((klaar)[A],(blijk)[V],(elijk)[A|AV.])[A]
klaarblijkelijkheid	(((klaar)[A],(blijk)[V],(elijk)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
klaarblijkend	((klaar)[A],(blijk)[V],(end)[A|AV.])[A]
klaarheid	((klaar)[A],(heid)[N|A.])[N]
klaarkomen	((klaar)[A],(kom)[V])[V]
klaarkrijgen	((klaar)[A],(krijg)[V])[V]
klaarleggen	((klaar)[A],(leg)[V])[V]
klaarlicht	((klaar)[A],(licht)[A])[A]
klaarliggen	((klaar)[A],(lig)[V])[V]
klaarmaken	((klaar)[A],(maak)[V])[V]
klaarsel	((klaar)[V],(sel)[N|V.])[N]
klaarspelen	((klaar)[A],(speel)[V])[V]
klaarstaan	((klaar)[A],(sta)[V])[V]
klaarstomen	((klaar)[A],(stoom)[V])[V]
klaarte	((klaar)[A],(te)[N|A.])[N]
klaarwakker	((klaar)[A],(wakker)[A])[A]
klaarzetten	((klaar)[A],(zet)[V])[V]
klaarziend	((klaar)[A],(ziend)[V])[A]
klaas	(klaas)[N]
klacht	(klacht)[N]
klachtdelict	((klacht)[N],(delict)[N])[N]
klachtenbeeld	((klacht)[N],(en)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
klachtenboek	((klacht)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
klachtenbureau	((klacht)[N],(en)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
klachtenbus	((klacht)[N],(en)[N|N.N],(bus)[N])[N]
klachtencommissie	((klacht)[N],(en)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
klachtenprocedure	((klacht)[N],(en)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
klachtenregeling	((klacht)[N],(en)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
klachtensyndroom	((klacht)[N],(en)[N|N.N],(syndroom)[N])[N]
klachtrecht	((klacht)[N],(recht)[N])[N]
klad	(klad)[N]
kladblaadje	((klad)[N],(blad)[N])[N]
kladblok	((klad)[N],(blok)[N])[N]
kladboek	((klad)[N],(boek)[N])[N]
kladbrief	((klad)[N],(brief)[N])[N]
kladden	(klad)[V]
kladder	((klad)[V],(er)[N|V.])[N]
kladderaar	((kladder)[V],(aar)[N|V.])[N]
kladderen	(kladder)[V]
kladderig	((klad)[V],(erig)[A|V.])[A]
kladderij	((klad)[V],(erij)[N|V.])[N]
kladdig	((klad)[N],(ig)[A|N.])[A]
kladpapier	((klad)[N],(papier)[N])[N]
kladschilder	((klad)[V],(schilder)[N])[N]
kladschilderen	((klad)[V],(schilder)[V])[V]
kladschilderes	(((klad)[V],(schilder)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
kladschrift	((klad)[V],(schrift)[N])[N]
kladschrijfster	((klad)[N],((schrijf)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
kladschrijver	((klad)[V],((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kladsel	((klad)[V],(sel)[N|V.])[N]
kladwerk	((klad)[V],(werk)[N])[N]
klagelijk	((klaag)[V],(elijk)[A|V.])[A]
klagen	(klaag)[V]
klager	((klaag)[V],(er)[N|V.])[N]
klagerig	((klaag)[V],(erig)[A|V.])[A]
klak	(klak)[N]
klakhoed	((klak)[N],(hoed)[N])[N]
klakken	(klak)[V]
klamaai-ijzer	((klamaai)[N],(ijzer)[N])[N]
klamachtig	((klam)[A],(achtig)[A|A.])[A]
klamboe	(klamboe)[N]
klamheid	((klam)[A],(heid)[N|A.])[N]
klammerig	((klam)[A],(erig)[A|A.])[A]
klammig	((klam)[A],(ig)[A|A.])[A]
klammigheid	((klam)[A],(igheid)[N|A.])[N]
klamp	(klamp)[N]
klampen	(klamp)[V]
klamplaag	((klamp)[V],(laag)[N])[N]
klamplat	((klamp)[V],(lat)[N])[N]
klampnagel	((klamp)[V],(nagel)[N])[N]
klampspijker	((klamp)[N],(spijker)[N])[N]
klampvogel	((klamp)[V],(vogel)[N])[N]
klank	(klank)[N]
klankanalyse	((klank)[N],(analyse)[N])[N]
klankassociatie	((klank)[N],(associeer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
klankbeeld	((klank)[N],(beeld)[N])[N]
klankbodem	((klank)[N],(bodem)[N])[N]
klankbord	((klank)[N],(bord)[N])[N]
klankcel	((klank)[N],(cel)[N])[N]
klankcombinatie	((klank)[N],((combineer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
klankdemper	((klank)[N],(demp)[V],(er)[N|NV.])[N]
klankenreeks	((klank)[N],(en)[N|N.N],(reeks)[N])[N]
klankenrijkdom	((klank)[N],(en)[N|N.N],((rijk)[A],(dom)[N|A.])[N])[N]
klankexpressie	((klank)[N],(expressie)[N])[N]
klankfiguur	((klank)[N],(figuur)[N])[N]
klankfilm	((klank)[N],(film)[N])[N]
klankgat	((klank)[N],(gat)[N])[N]
klankgeheugen	((klank)[N],(geheugen)[N])[N]
klankgevoel	((klank)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
klankkast	((klank)[N],(kast)[N])[N]
klankkleur	((klank)[N],(kleur)[N])[N]
klankkwaliteit	((klank)[N],(kwaliteit)[N])[N]
klankladder	((klank)[N],(ladder)[N])[N]
klankleer	((klank)[N],(leer)[N])[N]
klankloos	((klank)[N],(loos)[A|N.])[A]
klankmateriaal	((klank)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
klankmeter	((klank)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
klankmethode	((klank)[N],(methode)[N])[N]
klanknabootsend	((klank)[N],((na)[P],(boots)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
klanknabootsing	((klank)[N],((na)[P],(boots)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
klankovereenkomst	((klank)[N],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
klankregisseur	((klank)[N],(regisseer)[V],(eur)[N|NV.])[N]
klankregisseuse	((klank)[N],(regisseuse)[N])[N]
klankrijk	((klank)[N],(rijk)[A])[A]
klankschildering	((klank)[N],((schilder)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
klankschoonheid	((klank)[N],((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
klankschrift	((klank)[N],(schrift)[N])[N]
klankstelsel	((klank)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
klanksymboliek	((klank)[N],(((symbool)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
klanksysteem	((klank)[N],(systeem)[N])[N]
klankteken	((klank)[N],(teken)[N])[N]
klanktrap	((klank)[N],(trap)[N])[N]
klankverandering	((klank)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
klankverschuiving	((klank)[N],(((ver)[V|.V],(schuif)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
klankverwantschap	((klank)[N],((verwant)[A],(schap)[N|A.])[N])[N]
klankvol	((klank)[N],(vol)[A])[A]
klankvolume	((klank)[N],(volume)[N])[N]
klankwaarde	((klank)[N],(waarde)[N])[N]
klankwet	((klank)[N],(wet)[N])[N]
klankwettig	(((klank)[N],(wet)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
klankwijziging	((klank)[N],((wijzig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
klankwisseling	((klank)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
klankwolk	((klank)[N],(wolk)[N])[N]
klant	(klant)[N]
klantenbinding	((klant)[N],(en)[N|N.N],((bind)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
klantencontact	((klant)[N],(en)[N|N.N],(contact)[N])[N]
klantenkaart	((klant)[N],(en)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
klantenkring	((klant)[N],(en)[N|N.N],(kring)[N])[N]
klantenservice	((klant)[N],(en)[N|N.N],(service)[N])[N]
klap	(klap)[N]
klapachtig	((klap)[V],(achtig)[A|V.])[A]
klapband	((klap)[V],(band)[N])[N]
klapbank	((klap)[V],(bank)[N])[N]
klapbes	((klap)[V],(bes)[N])[N]
klapbessenstruik	(((klap)[V],(bes)[N])[N],(e)[N|N.N],(struik)[N])[N]
klapbrug	((klap)[V],(brug)[N])[N]
klapdeksel	((klap)[V],((dek)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
klapdeur	((klap)[V],(deur)[N])[N]
klapekster	((klap)[V],(ekster)[N])[N]
klaphek	((klap)[V],(hek)[N])[N]
klapkauwgom	((klap)[V],((kauw)[V],(gom)[N])[N])[N]
klaplong	((klap)[V],(long)[N])[N]
klaploopster	((klaploop)[V],(ster)[N])[N]
klaploper	((klaploop)[V],(er)[N|V.])[N]
klaploperij	((klaploop)[V],(erij)[N|V.])[N]
klapmand	((klap)[V],(mand)[N])[N]
klapmuts	((klap)[V],(muts)[N])[N]
klappen	(klap)[V]
klapper	((klap)[V],(er)[N|V.])[N]
klapperboom	(((klap)[V],(er)[N|V.])[N],(boom)[N])[N]
klapperdop	(((klap)[V],(er)[N|V.])[N],(dop)[N])[N]
klappereend	((klapper)[V],(eend)[N])[N]
klapperkruid	((klapper)[V],(kruid)[N])[N]
klapperman	((klapper)[V],(man)[N])[N]
klappermelk	(((klap)[V],(er)[N|V.])[N],(melk)[N])[N]
klappermolen	((klapper)[V],(molen)[N])[N]
klappernoot	(((klap)[V],(er)[N|V.])[N],(noot)[N])[N]
klapperolie	(((klap)[V],(er)[N|V.])[N],(olie)[N])[N]
klapperpistool	((klapper)[V],(pistool)[N])[N]
klapperrat	(((klap)[V],(er)[N|V.])[N],(rat)[N])[N]
klappertanden	((klapper)[V],(tand)[V])[V]
klappertjespistool	((klappertje)[N],(s)[N|N.N],(pistool)[N])[N]
klappertuin	(((klap)[V],(er)[N|V.])[N],(tuin)[N])[N]
klapraam	((klap)[V],(raam)[N])[N]
klaproos	((klap)[V],(roos)[N])[N]
klapsigaar	((klap)[V],(sigaar)[N])[N]
klapstoel	((klap)[V],(stoel)[N])[N]
klapstuk	((klap)[V],(stuk)[N])[N]
klaptafel	((klap)[V],(tafel)[N])[N]
klapvlies	((klap)[N],(vlies)[N])[N]
klapwieken	((klap)[V],(wiek)[V])[V]
klapzitting	((klap)[V],((zit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
klapzoen	((klap)[V],(zoen)[N])[N]
klare	((klaar)[A],(e)[N|A.])[N]
klaren	(klaar)[V]
klarigheid	((klaar)[A],(igheid)[N|A.])[N]
klarinet	(klarinet)[N]
klarinetkwintet	((klarinet)[N],(kwintet)[N])[N]
klarinetspeler	((klarinet)[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
klarinettist	((klarinet)[N],(ist)[N|N.])[N]
klaring	((klaar)[V],(ing)[N|V.])[N]
klaringsvaartuig	(((klaar)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
klaroen	(klaroen)[N]
klaroenblazer	((klaroen)[N],((blaas)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
klaroengeschal	((klaroen)[N],((ge)[N|.V],(schal)[V])[N])[N]
klaroenstoot	((klaroen)[N],(stoot)[N])[N]
klasboek	((klas)[N],(boek)[N])[N]
klasdeler	((klas)[N],((deel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
klasgenoot	((klas)[N],(genoot)[N])[N]
klasgenote	(((klas)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
klasleraar	((klas)[N],(leraar)[N])[N]
klaslerares	(((klas)[N],(leraar)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
klaslokaal	((klas)[N],(lokaal)[N])[N]
klasonderwijzer	((klas)[N],((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
klasonderwijzeres	(((klas)[N],((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(es)[N|N.])[N]
klaspatiënt	((klas)[N],(patiënt)[N])[N]
klaspatiënte	(((klas)[N],(patiënt)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
klasse	(klasse)[N]
klasseermap	(((klas)[N],(eer)[V|N.])[V],(map)[N])[N]
klassement	(((klas)[N],(eer)[V|N.])[V],(ement)[N|V.])[N]
klassenanalyse	((klas)[N],(en)[N|N.N],(analyse)[N])[N]
klassenauto	((klasse)[N],(auto)[N])[N]
klassenavond	((klasse)[N],(avond)[N])[N]
klassenbegrip	((klasse)[N],(begrip)[N])[N]
klassenbewust	((klasse)[N],(bewust)[A])[A]
klassenbewustzijn	((klasse)[N],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
klassenboek	((klasse)[N],(boek)[N])[N]
klassenbreedte	((klasse)[N],((breed)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
klassenconflict	((klas)[N],(en)[N|N.N],(conflict)[N])[N]
klassendeler	((klasse)[N],((deel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
klassendictatuur	((klasse)[N],((dicteer)[V],(atuur)[N|V.])[N])[N]
klassengeest	((klasse)[N],(geest)[N])[N]
klassengenoot	((klasse)[N],(genoot)[N])[N]
klassengenote	(((klasse)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
klassengesprek	((klasse)[N],(gesprek)[N])[N]
klassengrens	((klasse)[N],(grens)[N])[N]
klassengrootte	((klasse)[N],((groot)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
klassenhaat	((klasse)[N],(en)[N|N.N],(haat)[N])[N]
klassenheerschappij	((klasse)[N],(((heer)[N],(schap)[N|N.])[N],(ij)[N|N.])[N])[N]
klassenjustitie	((klasse)[N],(justitie)[N])[N]
klassenkarakter	((klas)[N],(en)[N|N.N],(karakter)[N])[N]
klassenleraar	((klasse)[N],(leraar)[N])[N]
klassenlerares	(((klasse)[N],(leraar)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
klassenlokaal	((klasse)[N],(lokaal)[N])[N]
klassenloos	((klas)[N],(enloos)[A|N.])[A]
klassenmaatschappij	((klasse)[N],(en)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
klassenmidden	((klasse)[N],(midden)[N])[N]
klassenmoraal	((klasse)[N],(moraal)[N])[N]
klassenonderwijzer	((klasse)[N],((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
klassenonderwijzeres	(((klasse)[N],((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(es)[N|N.])[N]
klassenpartij	((klasse)[N],(partij)[N])[N]
klassenpatiënt	((klasse)[N],(patiënt)[N])[N]
klassenpatiënte	(((klasse)[N],(patiënt)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
klassenprivilege	((klasse)[N],(privilege)[N])[N]
klassensituatie	((klasse)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
klassensolidariteit	((klasse)[N],((solidair)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
klassenstelsel	((klasse)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
klassenstrijd	((klasse)[N],(en)[N|N.N],(strijd)[N])[N]
klassenstructuur	((klas)[N],(en)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
klassensysteem	((klas)[N],(en)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
klassentegenstelling	((klasse)[N],(en)[N|N.N],((tegen)[B],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
klassentheorie	((klas)[N],(en)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
klassenverband	((klasse)[N],(verband)[N])[N]
klassenverdeling	((klasse)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
klassenverschil	((klasse)[N],(verschil)[N])[N]
klassenvertegenwoordiger	((klasse)[N],(vertegenwoordig)[V],(er)[N|NV.])[N]
klassenvertegenwoordigster	((klasse)[N],(vertegenwoordig)[V],(ster)[N|NV.])[N]
klassenvijand	((klasse)[N],(vijand)[N])[N]
klassenwagen	((klasse)[N],(wagen)[N])[N]
klassenwijn	((klasse)[N],(wijn)[N])[N]
klasseren	((klas)[N],(eer)[V|N.])[V]
klassering	(((klas)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
klassewerk	((klasse)[N],(werk)[N])[N]
klassieker	((klassiek)[A],(er)[N|A.])[N]
klasverband	((klas)[N],(verband)[N])[N]
klaterabeel	((klater)[V],(abeel)[N])[N]
klateren	(klater)[V]
klatergoud	((klater)[V],(goud)[N])[N]
klaternieuw	((klater)[V],(nieuw)[A])[A]
klauter	(klauter)[N]
klauteraar	((klauter)[V],(aar)[N|V.])[N]
klauteraarster	(((klauter)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
klauteren	(klauter)[V]
klauterijzer	((klauter)[V],(ijzer)[N])[N]
klauterpaal	((klauter)[V],(paal)[N])[N]
klauterpartij	((klauter)[V],(partij)[N])[N]
klautervis	((klauter)[V],(vis)[N])[N]
klauw	(klauw)[N]
klauwanker	((klauw)[N],(anker)[N])[N]
klauwen	(klauw)[V]
klauwer	((klauw)[V],(er)[N|V.])[N]
klauwhamer	((klauw)[N],(hamer)[N])[N]
klauwhand	((klauw)[N],(hand)[N])[N]
klauwier	((klauw)[N],(ier)[N|N.])[N]
klauwijzer	((klauw)[N],(ijzer)[N])[N]
klauwplaat	((klauw)[N],(plaat)[N])[N]
klauwvormig	((klauw)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
klauwzeer	((klauw)[N],(zeer)[N])[N]
klavecimbelmuziek	((klavecimbel)[N],(muziek)[N])[N]
klaver	(klaver)[N]
klaveraas	((klaver)[N],(aas)[N])[N]
klaveracht	((klaver)[N],(acht)[N])[N]
klaverachtigen	((klaver)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
klaverblad	((klaver)[N],(blad)[N])[N]
klaverbloem	((klaver)[N],(bloem)[N])[N]
klaverboer	((klaver)[N],(boer)[N])[N]
klaverbouw	((klaver)[N],(bouw)[N])[N]
klaverdrie	((klaver)[N],(drie)[N])[N]
klaverenaas	((klaveren)[N],(aas)[N])[N]
klaverenacht	((klaveren)[N],(acht)[N])[N]
klaverenboer	((klaveren)[N],(boer)[N])[N]
klaverendrie	((klaveren)[N],(drie)[N])[N]
klavergewas	((klaver)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
klaverhonig	((klaver)[N],(honig)[N])[N]
klaverhoning	((klaver)[N],(honing)[N])[N]
klaverhooi	((klaver)[N],(hooi)[N])[N]
klaverjassen	((klaver)[N],(jas)[V])[V]
klaverjasser	(((klaver)[N],(jas)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
klaverjaster	(((klaver)[N],(jas)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
klaverkaart	((klaver)[N],(kaart)[N])[N]
klaverrijk	((klaver)[N],(rijk)[A])[A]
klavertijd	((klaver)[N],(tijd)[N])[N]
klavertjevier	((klavertje)[N],(vier)[Q])[N]
klaverveld	((klaver)[N],(veld)[N])[N]
klavervier	((klaver)[N],(vier)[N])[N]
klaverwei	((klaver)[N],(wei)[N])[N]
klaverweide	((klaver)[N],(weide)[N])[N]
klaverzuring	((klaver)[N],(zuring)[N])[N]
klavier	(klavier)[N]
klavierinstrument	((klavier)[N],(instrument)[N])[N]
klavierslot	((klavier)[N],(slot)[N])[N]
klavierspeelster	((klavier)[N],(speel)[V],(ster)[N|NV.])[N]
klavierspeler	((klavier)[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kledder	(kledder)[N]
kledderen	(kledder)[V]
kledderig	((kledder)[N],(ig)[A|N.])[A]
kleddernat	((kledder)[A],(nat)[A])[A]
kleden	(kleed)[V]
klederdracht	((kleed)[N],(dracht)[N])[N]
kledij	((kleed)[V],(ij)[N|V.])[N]
kleding	((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N]
kledingboetiek	(((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N],(boetiek)[N])[N]
kledingmagazijn	(((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N],(magazijn)[N])[N]
kledingstuk	(((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N],(stuk)[N])[N]
kledingsvoorschrift	(((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
kledingtoelage	(((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N],(toelage)[N])[N]
kledingverhuur	(((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N],(verhuur)[N])[N]
kledingzaak	(((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N],(zaak)[N])[N]
kleed	(kleed)[N]
kleedcabine	((kleed)[V],(cabine)[N])[N]
kleedgeld	((kleed)[V],(geld)[N])[N]
kleedhokje	((kleed)[V],(hok)[N])[N]
kleedkamer	((kleed)[V],(kamer)[N])[N]
kleedlokaal	((kleed)[V],(lokaal)[N])[N]
kleedsel	((kleed)[V],(sel)[N|V.])[N]
kleedster	((kleed)[V],(ster)[N|V.])[N]
kleef	(kleef)[N]
kleefband	((kleef)[V],(band)[N])[N]
kleefgaren	((kleef)[V],(garen)[N])[N]
kleefkracht	((kleef)[V],(kracht)[N])[N]
kleefkruid	((kleef)[V],(kruid)[N])[N]
kleefmiddel	((kleef)[V],(middel)[N])[N]
kleefmijn	((kleef)[V],(mijn)[N])[N]
kleefpasta	((kleef)[V],(pasta)[N])[N]
kleefpleister	((kleef)[V],(pleister)[N])[N]
kleefspecie	((kleef)[V],(specie)[N])[N]
kleefstof	((kleef)[V],(stof)[N])[N]
kleerborstel	((kleed)[N],(borstel)[N])[N]
kleerhaak	((kleed)[N],(haak)[N])[N]
kleerhanger	((kleed)[N],((hang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kleerkast	((kleed)[N],(kast)[N])[N]
kleerkist	((kleed)[N],(kist)[N])[N]
kleerkoop	((kleed)[N],(koop)[N])[N]
kleerkoper	((kleed)[N],(koop)[V],(er)[N|NV.])[N]
kleerluis	((kleed)[N],(luis)[N])[N]
kleermaakster	((kleed)[N],(maak)[V],(ster)[N|NV.])[N]
kleermaken	((kleed)[N],(maak)[V])[V]
kleermaker	((kleed)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
kleermakerij	(((kleed)[N],(maak)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
kleermakerskrijt	(((kleed)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(krijt)[N])[N]
kleermakersvak	(((kleed)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(vak)[N])[N]
kleermakerswinkel	(((kleed)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
kleermakerszit	(((kleed)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(zit)[N])[N]
kleermot	((kleed)[N],(mot)[N])[N]
kleerscheuren	((kleed)[N],(scheur)[N])[N]
kleerwinkel	((kleed)[N],(winkel)[N])[N]
klef	(klef)[A]
klefferig	((klef)[A],(erig)[A|A.])[A]
kleffig	((klef)[A],(ig)[A|A.])[A]
klefheid	((klef)[A],(heid)[N|A.])[N]
klei	(klei)[N]
klei-industrie	((klei)[N],(industrie)[N])[N]
kleiaardappel	((klei)[N],((aarde)[N],(appel)[N])[N])[N]
kleiaarde	((klei)[N],(aarde)[N])[N]
kleiachtig	((klei)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kleiboer	((klei)[N],(boer)[N])[N]
kleidelven	((klei)[N],(delf)[V])[V]
kleiduif	((klei)[N],(duif)[N])[N]
kleien	(klei)[V]
kleien	((klei)[N],(en)[A|N.])[A]
kleigebied	((klei)[N],(gebied)[N])[N]
kleigroef	((klei)[N],(groef)[N])[N]
kleigroeve	((klei)[N],(groeve)[N])[N]
kleigrond	((klei)[N],(grond)[N])[N]
kleihaas	((klei)[N],(haas)[N])[N]
kleiig	((klei)[N],(ig)[A|N.])[A]
kleikist	((klei)[N],(kist)[N])[N]
kleilaag	((klei)[N],(laag)[N])[N]
kleiland	((klei)[N],(land)[N])[N]
kleimasker	((klei)[N],(masker)[N])[N]
klein	(klein)[A]
kleinachten	((klein)[A],(acht)[V])[V]
kleinbedrijf	((klein)[A],(bedrijf)[N])[N]
kleinbeeldcamera	((klein)[A],(beeld)[N],(camera)[N])[N]
kleinbehuisd	((klein)[A],((be)[A|.Nx],(huis)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
kleinburgerlijk	((klein)[A],((burger)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
kleindenkend	((klein)[A],(denk)[V],(end)[A|AV.])[A]
kleinduimpje	((klein)[A],(duim)[N])[N]
kleineren	((klein)[A],(eer)[V|A.])[V]
kleinering	(((klein)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
kleingeestig	((klein)[A],(geest)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kleingeestigheid	(((klein)[A],(geest)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kleingeld	((klein)[A],(geld)[N])[N]
kleingelovig	((klein)[A],(geloof)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kleingelovigheid	(((klein)[A],(geloof)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kleingoed	((klein)[A],(goed)[N])[N]
kleinhandel	((klein)[A],(handel)[N])[N]
kleinhandelaar	((klein)[A],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
kleinhandelsprijs	(((klein)[A],(handel)[N])[N],(s)[N|N.N],(prijs)[N])[N]
kleinhartig	((klein)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kleinhartigheid	(((klein)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kleinheid	((klein)[A],(heid)[N|A.])[N]
kleinhoofdig	((klein)[A],(hoofd)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kleinigheid	((klein)[A],(igheid)[N|A.])[N]
kleinindustrie	((klein)[A],(industrie)[N])[N]
kleinkrijgen	((klein)[A],(krijg)[V])[V]
kleinkunst	((klein)[A],(kunst)[N])[N]
kleinmaken	((klein)[A],(maak)[V])[V]
kleinmenselijk	((klein)[A],((mens)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
kleinmetaalindustrie	((klein)[A],((metaal)[N],(industrie)[N])[N])[N]
kleinmoedig	((klein)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kleinmoedigheid	(((klein)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kleinschalig	((klein)[A],(schaal)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kleinschaligheid	(((klein)[A],(schaal)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kleinschaligheidstoeslag	((((klein)[A],(schaal)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((toe)[B],(slag)[N])[N])[N]
kleinschrift	((klein)[A],(schrift)[N])[N]
kleinslaan	((klein)[A],(sla)[V])[V]
kleinsmid	((klein)[A],(smid)[N])[N]
kleinsnijden	((klein)[A],(snijd)[V])[V]
kleinstedeling	((klein)[A],((stad)[N],(eling)[N|N.])[N])[N]
kleinsteeds	((klein)[A],(steeds)[A])[A]
kleinsteedsheid	(((klein)[A],(steeds)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
kleinte	((klein)[A],(te)[N|A.])[N]
kleinvee	((klein)[A],(vee)[N])[N]
kleinverlofganger	((klein)[A],((verlof)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N])[N]
kleinzagen	((klein)[A],(zaag)[V])[V]
kleinzerig	((klein)[A],(zeer)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kleinzerigheid	(((klein)[A],(zeer)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kleinzielig	((klein)[A],(ziel)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kleinzieligheid	(((klein)[A],(ziel)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kleioker	((klei)[N],(oker)[N])[N]
kleiplastiek	((klei)[V],((plastisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
kleipolder	((klei)[N],(polder)[N])[N]
kleisteen	((klei)[N],(steen)[N])[N]
kleistreek	((klei)[N],(streek)[N])[N]
kleitablet	((klei)[N],(tablet)[N])[N]
kleiweg	((klei)[N],(weg)[N])[N]
klem	(klem)[N]
klemband	((klem)[V],(band)[N])[N]
klembeugel	((klem)[V],(beugel)[N])[N]
klemblaar	((klem)[V],(blaar)[N])[N]
klemhaak	((klem)[V],(haak)[N])[N]
klemmap	((klem)[V],(map)[N])[N]
klemmen	(klem)[V]
klemming	((klem)[V],(ing)[N|V.])[N]
klemschroef	((klem)[V],(schroef)[N])[N]
klemschroevendraaier	((klem)[V],((schroef)[N],(e)[N|N.Vx],(draai)[V],(er)[N|NxV.])[N])[N]
klemspanning	((klem)[N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
klemtoon	((klem)[N],(toon)[N])[N]
klemtoonteken	(((klem)[N],(toon)[N])[N],(teken)[N])[N]
klemvast	((klem)[V],(vast)[A])[A]
klemvoet	((klem)[V],(voet)[N])[N]
klep	(klep)[N]
klepafsluiter	((klep)[N],(((af)[P],(sluit)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
klepboor	((klep)[N],(boor)[N])[N]
klepbroek	((klep)[N],(broek)[N])[N]
klepbrug	((klep)[V],(brug)[N])[N]
klepdeur	((klep)[V],(deur)[N])[N]
klepel	(klepel)[N]
klepelen	(klepel)[V]
klephoorn	((klep)[N],(hoorn)[N])[N]
klephoren	((klep)[N],(horen)[N])[N]
klepmand	((klep)[V],(mand)[N])[N]
kleppen	(klep)[V]
kleppendeksel	((klep)[N],(en)[N|N.N],((dek)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
klepper	((klep)[V],(er)[N|V.])[N]
klepperen	(klepper)[V]
klepperman	((klepper)[V],(man)[N])[N]
kleppermanspoëzie	(((klepper)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(poëzie)[N])[N]
kleppermolen	((klepper)[V],(molen)[N])[N]
kleppet	((klep)[N],(pet)[N])[N]
kleptomanie	((kleptomaan)[N],(ie)[N|N.])[N]
klerelijer	((klere)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
klerenborstel	((kleren)[N],(borstel)[N])[N]
klerengek	((kleren)[N],(gek)[N])[N]
klerengeld	((kleren)[N],(geld)[N])[N]
klerenhaak	((kleren)[N],(haak)[N])[N]
klerenhanger	((kleren)[N],(hang)[V],(er)[N|NV.])[N]
klerenkast	((kleren)[N],(kast)[N])[N]
klerenkoop	((kleren)[N],(koop)[N])[N]
klerenkoper	((kleren)[N],(koop)[V],(er)[N|NV.])[N]
klerenstandaard	((kleren)[N],(standaard)[N])[N]
klerenwinkel	((kleren)[N],(winkel)[N])[N]
klerenzaak	((kleren)[N],(zaak)[N])[N]
klerewijf	((klere)[N],(wijf)[N])[N]
klerezooi	((klere)[N],(zooi)[N])[N]
klerk	(klerk)[N]
klerkambt	((klerk)[N],(ambt)[N])[N]
klerkenambt	((klerk)[N],(en)[N|N.N],(ambt)[N])[N]
klerkenbaantje	((klerk)[N],(en)[N|N.N],(baan)[N])[N]
klerkenwerk	((klerk)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
klets	(klets)[N]
kletsbui	((klets)[N],(bui)[N])[N]
kletscollege	((klets)[V],(college)[N])[N]
kletsen	(klets)[V]
kletser	((klets)[V],(er)[N|V.])[N]
kletserig	((klets)[V],(erig)[A|V.])[A]
kletserij	((klets)[V],(erij)[N|V.])[N]
kletskoek	((klets)[V],(koek)[N])[N]
kletskop	((klets)[V],(kop)[N])[N]
kletskous	((klets)[V],(kous)[N])[N]
kletsmajoor	((klets)[V],(majoor)[N])[N]
kletsmeier	((klets)[V],(meier)[N])[N]
kletsmeieren	((klets)[V],(meier)[V])[V]
kletsnat	((klets)[N],(nat)[A])[A]
kletspraat	((klets)[V],(praat)[N])[N]
kletsster	((klets)[V],(ster)[N|V.])[N]
kletstafel	((klets)[V],(tafel)[N])[N]
kletstante	((klets)[V],(tante)[N])[N]
kletsverhaal	((klets)[N],(verhaal)[N])[N]
kletteraarster	((kletteraar)[N],(ster)[N|N.])[N]
kletteren	(kletter)[V]
kleumen	(kleum)[V]
kleumer	((kleum)[V],(er)[N|V.])[N]
kleumerig	((kleum)[V],(erig)[A|V.])[A]
kleumig	((kleum)[V],(ig)[A|V.])[A]
kleumster	((kleum)[V],(ster)[N|V.])[N]
kleun	(kleun)[N]
kleunen	(kleun)[V]
kleur	(kleur)[N]
kleuraanpassing	((kleur)[N],(((aan)[P],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kleuradaptatie	((kleur)[N],(adapteer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
kleurbad	((kleur)[V],(bad)[N])[N]
kleurboek	((kleur)[V],(boek)[N])[N]
kleurbreking	((kleur)[N],(breek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kleurcombinatie	((kleur)[N],(combineer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
kleurcontrast	((kleur)[N],(contrast)[N])[N]
kleurdoos	((kleur)[V],(doos)[N])[N]
kleurdragers	((kleur)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
kleurecht	((kleur)[N],(echt)[A])[A]
kleuren	(kleur)[V]
kleurenadviseur	((kleur)[N],(en)[N|N.Vx],((advies)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|NxV.])[N]
kleurenafdruk	((kleur)[N],(en)[N|N.N],((af)[P],(druk)[N])[N])[N]
kleurenbeeld	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
kleurenblind	((kleur)[N],(en)[A|N.A],(blind)[A])[A]
kleurenblindheid	(((kleur)[N],(en)[A|N.A],(blind)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
kleurencirkel	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(cirkel)[N])[N]
kleurencombinatie	((kleur)[N],(en)[N|N.Vx],(combineer)[V],(atie)[N|NxV.])[N]
kleurencompositie	((kleur)[N],(en)[N|N.N],((composiet)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
kleurencontrast	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(contrast)[N])[N]
kleurendia	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(dia)[N])[N]
kleurendriehoek	((kleur)[N],(en)[N|N.N],((drie)[Q],(hoek)[N])[N])[N]
kleurendruk	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(druk)[N])[N]
kleurenfilm	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(film)[N])[N]
kleurenfilter	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(filter)[N])[N]
kleurenfoto	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(foto)[N])[N]
kleurenfotografie	((kleur)[N],(en)[N|N.N],((fotografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
kleurengamma	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(gamma)[N])[N]
kleurenharmonie	((kleur)[N],(en)[N|N.N],((harmonisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
kleurenholografie	((kleur)[N],(en)[N|N.N],((holografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
kleurenleer	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(leer)[N])[N]
kleurennegatief	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(negatief)[N])[N]
kleurenontvanger	((kleur)[N],(en)[N|N.N],((ontvang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kleurenopname	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(opname)[N])[N]
kleurenplaat	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(plaat)[N])[N]
kleurenpracht	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(pracht)[N])[N]
kleurenpsychologie	((kleur)[N],(en)[N|N.N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
kleurenreproductie	((kleur)[N],(en)[N|N.N],((re)[N|.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N])[N]
kleurenrijkdom	((kleur)[N],(en)[N|N.N],((rijk)[A],(dom)[N|A.])[N])[N]
kleurenscala	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(scala)[N])[N]
kleurenschema	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(schema)[N])[N]
kleurenschijf	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(schijf)[N])[N]
kleurenspectrum	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(spectrum)[N])[N]
kleurenspel	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(spel)[N])[N]
kleurensymboliek	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(((symbool)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
kleurenteevee	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(teevee)[N])[N]
kleurentekening	((kleur)[N],(en)[N|N.N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kleurentelevisie	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(televisie)[N])[N]
kleurentoestel	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(toestel)[N])[N]
kleurenvideorecorder	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(videorecorder)[N])[N]
kleurenvrees	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(vrees)[N])[N]
kleurenweelde	((kleur)[N],(en)[N|N.N],(weelde)[N])[N]
kleurfilter	((kleur)[V],(filter)[N])[N]
kleurfixeerbad	((kleur)[V],((fixeer)[V],(bad)[N])[N])[N]
kleurfout	((kleur)[N],(fout)[N])[N]
kleurgevoel	((kleur)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
kleurgevoelig	((kleur)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|NN.])[A]
kleurgevoeligheid	(((kleur)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|NN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kleurgewaarwording	((kleur)[N],(gewaarword)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kleurhoudend	((kleur)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
kleurig	((kleur)[N],(ig)[A|N.])[A]
kleurigheid	(((kleur)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kleurindex	((kleur)[N],(index)[N])[N]
kleurindruk	((kleur)[N],((in)[P],(druk)[N])[N])[N]
kleuring	((kleur)[V],(ing)[N|V.])[N]
kleurkaart	((kleur)[N],(kaart)[N])[N]
kleurkrijt	((kleur)[V],(krijt)[N])[N]
kleurling	((kleur)[N],(ling)[N|N.])[N]
kleurlinge	(((kleur)[N],(ling)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
kleurlingenvraagstuk	(((kleur)[N],(ling)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
kleurloos	((kleur)[N],(loos)[A|N.])[A]
kleurloosheid	(((kleur)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kleurmenging	((kleur)[N],(meng)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kleurmiddel	((kleur)[V],(middel)[N])[N]
kleurontwikkelaar	((kleur)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
kleurplaat	((kleur)[V],(plaat)[N])[N]
kleurpotlood	((kleur)[V],((pot)[N],(lood)[N])[N])[N]
kleurrijk	((kleur)[N],(rijk)[A])[A]
kleurschakering	((kleur)[N],((schaak)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kleurschifting	((kleur)[N],(schift)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kleursel	((kleur)[V],(sel)[N|V.])[N]
kleurshampoo	((kleur)[V],(shampoo)[N])[N]
kleurspoeling	((kleur)[N],((spoel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kleurstelling	((kleur)[N],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kleurstof	((kleur)[V],(stof)[N])[N]
kleurtemperatuur	((kleur)[N],(temperatuur)[N])[N]
kleurvariëteit	((kleur)[N],(variëteit)[N])[N]
kleurvast	((kleur)[N],(vast)[A])[A]
kleurvel	((kleur)[N],(vel)[N])[N]
kleurverandering	((kleur)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kleurvernis	((kleur)[N],(vernis)[N])[N]
kleurversteviger	((kleur)[N],((ver)[V|.A],(stevig)[A])[V],(er)[N|NV.])[N]
kleurvlak	((kleur)[N],(vlak)[N])[N]
kleurwas	((kleur)[N],(was)[N])[N]
kleurwerking	((kleur)[N],((werk)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kleurwisseling	((kleur)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kleurzin	((kleur)[N],(zin)[N])[N]
kleuter	(kleuter)[N]
kleuterbad	((kleuter)[N],(bad)[N])[N]
kleutercursus	((kleuter)[N],(cursus)[N])[N]
kleuteren	(kleuter)[V]
kleuterklas	((kleuter)[N],(klas)[N])[N]
kleuterklasse	((kleuter)[N],(klasse)[N])[N]
kleuterkweekschool	((kleuter)[N],((kweek)[V],(school)[N])[N])[N]
kleuterleeftijd	((kleuter)[N],((leef)[V],(tijd)[N])[N])[N]
kleuterleidster	((kleuter)[N],(leid)[V],(ster)[N|NV.])[N]
kleuterperiode	((kleuter)[N],(periode)[N])[N]
kleuterschool	((kleuter)[N],(school)[N])[N]
kleven	(kleef)[V]
klever	((kleef)[V],(er)[N|V.])[N]
kleverig	((kleef)[V],(erig)[A|V.])[A]
kleverigheid	(((kleef)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
klewang	(klewang)[N]
klieder	(klieder)[N]
kliederboel	((klieder)[V],(boel)[N])[N]
kliederen	(klieder)[V]
kliefbeitel	((klief)[V],(beitel)[N])[N]
kliefblok	((klief)[V],(blok)[N])[N]
kliefhamer	((klief)[V],(hamer)[N])[N]
kliek	(kliek)[N]
klieken	(kliek)[V]
kliekenmaal	((kliek)[N],(en)[N|N.N],(maal)[N])[N]
kliekgeest	((kliek)[V],(geest)[N])[N]
kliekjesdag	((kliekje)[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
klier	(klier)[N]
klierachtig	((klier)[N],(achtig)[A|N.])[A]
klierdragend	((klier)[N],(draag)[V],(end)[A|NV.])[A]
klieren	(klier)[V]
kliergezwel	((klier)[N],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
klierig	((klier)[N],(ig)[A|N.])[A]
klierkoorts	((klier)[N],(koorts)[N])[N]
kliermaag	((klier)[N],(maag)[N])[N]
klierontsteking	((klier)[N],((ontsteek)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
klierverharding	((klier)[N],(((ver)[V|.A],(hard)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kliervormig	((klier)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
klierziekte	((klier)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
klieven	(klief)[V]
klieving	((klief)[V],(ing)[N|V.])[N]
klif	(klif)[N]
klik	(klik)[N]
klikken	(klik)[V]
klikker	((klik)[V],(er)[N|V.])[N]
klikklakken	((klik)[V],(klak)[V])[V]
klikster	((klik)[V],(ster)[N|V.])[N]
klim	(klim)[N]
klimaat	(klimaat)[N]
klimaatbeeld	((klimaat)[N],(beeld)[N])[N]
klimaatgordel	((klimaat)[N],(gordel)[N])[N]
klimaatkamer	((klimaat)[N],(kamer)[N])[N]
klimaatomstandigheid	((klimaat)[N],((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
klimaatregelaar	((klimaat)[N],((regel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
klimaatregeling	((klimaat)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
klimaatschieten	((klimaat)[N],(schiet)[V])[V]
klimaatschommeling	((klimaat)[N],((schommel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
klimaatsomstandigheid	((klimaat)[N],(s)[N|N.N],((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
klimaatsverandering	((klimaat)[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
klimaatsverbetering	((klimaat)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
klimaatswijziging	((klimaat)[N],(s)[N|N.N],((wijzig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
klimaatswisseling	((klimaat)[N],(s)[N|N.N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
klimaatverandering	((klimaat)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
klimaatzone	((klimaat)[N],(zone)[N])[N]
klimatologie	((klimatologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
klimbaars	((klim)[V],(baars)[N])[N]
klimboon	((klim)[V],(boon)[N])[N]
klimerwt	((klim)[V],(erwt)[N])[N]
klimgordel	((klim)[V],(gordel)[N])[N]
klimhaak	((klim)[V],(haak)[N])[N]
klimijzer	((klim)[V],(ijzer)[N])[N]
klimkoord	((klim)[V],(koord)[N])[N]
klimmast	((klim)[V],(mast)[N])[N]
klimmen	(klim)[V]
klimmer	((klim)[V],(er)[N|V.])[N]
klimmersbaas	(((klim)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(baas)[N])[N]
klimming	((klim)[V],(ing)[N|V.])[N]
klimnet	((klim)[V],(net)[N])[N]
klimoefening	((klim)[V],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
klimop	((klim)[V],(op)[P])[N]
klimopachtig	(((klim)[V],(op)[P])[N],(achtig)[A|N.])[A]
klimopachtigen	(((klim)[V],(op)[P])[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
klimopblad	(((klim)[V],(op)[P])[N],(blad)[N])[N]
klimopstaf	(((klim)[V],(op)[P])[N],(staf)[N])[N]
klimpaal	((klim)[V],(paal)[N])[N]
klimpartij	((klim)[V],(partij)[N])[N]
klimplant	((klim)[V],(plant)[N])[N]
klimpoot	((klim)[N],(poot)[N])[N]
klimrek	((klim)[V],(rek)[N])[N]
klimroos	((klim)[V],(roos)[N])[N]
klimschoen	((klim)[V],(schoen)[N])[N]
klimspoor	((klim)[V],(spoor)[N])[N]
klimstok	((klim)[V],(stok)[N])[N]
klimtijdrijder	((klim)[V],((tijd)[N],((rijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
klimtijdrit	((klim)[V],((tijd)[N],(rit)[N])[N])[N]
klimtol	((klim)[V],(tol)[N])[N]
klimtouw	((klim)[V],(touw)[N])[N]
klimvaren	((klim)[V],(varen)[N])[N]
klimvis	((klim)[V],(vis)[N])[N]
klimvoet	((klim)[V],(voet)[N])[N]
klimvogel	((klim)[V],(vogel)[N])[N]
klimwortel	((klim)[N],(wortel)[N])[N]
kling	(kling)[N]
klingel	(klingel)[N]
klingelen	(klingel)[V]
kliniek	((klinisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
klinischchemisch	((klinisch)[A],(chemisch)[A])[A]
klink	(klink)[N]
klinkaard	((klink)[N],(aard)[N|N.])[N]
klinkbout	((klink)[V],(bout)[N])[N]
klinkdicht	((klink)[V],(dicht)[N])[N]
klinken	(klink)[V]
klinker	((klink)[V],(er)[N|V.])[N]
klinkerboot	(((klink)[V],(er)[N|V.])[N],(boot)[N])[N]
klinkerpad	(((klink)[V],(er)[N|V.])[N],(pad)[N])[N]
klinkerplaat	(((klink)[V],(er)[N|V.])[N],(plaat)[N])[N]
klinkerrijm	(((klink)[V],(er)[N|V.])[N],(rijm)[N])[N]
klinkersteen	(((klink)[V],(er)[N|V.])[N],(steen)[N])[N]
klinkerweg	(((klink)[V],(er)[N|V.])[N],(weg)[N])[N]
klinkerwisseling	(((klink)[V],(er)[N|V.])[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
klinkhamer	((klink)[V],(hamer)[N])[N]
klinkklaar	((klink)[V],(klaar)[A])[A]
klinkklank	((klink)[V],(klank)[N])[N]
klinknaad	((klink)[V],(naad)[N])[N]
klinknagel	((klink)[V],(nagel)[N])[N]
klinksnoer	((klink)[N],(snoer)[N])[N]
klinkwerk	((klink)[V],(werk)[N])[N]
klip	(klip)[N]
klipachtig	((klip)[N],(achtig)[A|N.])[A]
klipdas	((klip)[N],(das)[N])[N]
klipgeit	((klip)[N],(geit)[N])[N]
klippenkust	((klip)[N],(en)[N|N.N],(kust)[N])[N]
klippig	((klip)[N],(ig)[A|N.])[A]
klipsteen	((klip)[N],(steen)[N])[N]
klipvis	((klip)[N],(vis)[N])[N]
klipzout	((klip)[N],(zout)[N])[N]
klipzwaluw	((klip)[N],(zwaluw)[N])[N]
klis	(klis)[N]
kliskruid	((klis)[N],(kruid)[N])[N]
klissen	(klis)[V]
klissenkruid	((klis)[N],(e)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
klisteerspuit	((klisteer)[V],(spuit)[N])[N]
klit	(klit)[N]
klitband	((klit)[V],(band)[N])[N]
klitten	(klit)[V]
klittenband	((klit)[N],(e)[N|N.N],(band)[N])[N]
klitvrucht	((klit)[V],(vrucht)[N])[N]
klitwortel	((klit)[N],(wortel)[N])[N]
klodder	(klodder)[N]
klodderaar	((klodder)[V],(aar)[N|V.])[N]
klodderen	(klodder)[V]
kloef	(kloef)[N]
kloek	(kloek)[N]
kloekgebouwd	((kloek)[A],(gebouwd)[A])[A]
kloekhartig	((kloek)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kloekhartigheid	(((kloek)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kloekheid	((kloek)[A],(heid)[N|A.])[N]
kloekmoedig	((kloek)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kloekmoedigheid	(((kloek)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kloekzinnig	((kloek)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kloekzinnigheid	(((kloek)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kloet	(kloet)[N]
kloeten	(kloet)[V]
kloetstok	((kloet)[N],(stok)[N])[N]
klojo	(klojo)[N]
klok	(klok)[N]
klokbeker	((klok)[N],(beker)[N])[N]
klokbekercultuur	(((klok)[N],(beker)[N])[N],(cultuur)[N])[N]
klokbloem	((klok)[N],(bloem)[N])[N]
klokbloemig	((klok)[N],(bloem)[N],(ig)[A|NN.])[A]
klokdiertje	((klok)[N],(dier)[N])[N]
klokgaaf	((klok)[N],(gaaf)[A])[A]
klokgelui	((klok)[N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
klokgevel	((klok)[N],(gevel)[N])[N]
klokgieten	((klok)[N],(giet)[V])[V]
klokhen	((klok)[V],(hen)[N])[N]
klokhuis	((klok)[N],(huis)[N])[N]
klokjesachtig	((klok)[N],(s)[A|N.x],(achtig)[A|Nx.])[A]
klokjesachtigen	((klokje)[N],(s)[N|N.xx],(achtig)[N|Nx.x],(e)[N|Nxx.])[N]
klokjesgentiaan	((klok)[N],(s)[N|N.N],(gentiaan)[N])[N]
klokkaart	((klok)[V],(kaart)[N])[N]
klokken	(klok)[V]
klokkengalg	((klok)[N],(e)[N|N.N],(galg)[N])[N]
klokkengieten	((klok)[N],(en)[V|N.V],(giet)[V])[V]
klokkengieter	(((klok)[N],(en)[V|N.V],(giet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
klokkengieterij	(((klok)[N],(en)[V|N.V],(giet)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
klokkenist	((klok)[N],(enist)[N|N.])[N]
klokkenkast	((klok)[N],(e)[N|N.N],(kast)[N])[N]
klokkenklank	((klok)[N],(e)[N|N.N],(klank)[N])[N]
klokkenluider	((klok)[N],(e)[N|N.Vx],(luid)[V],(er)[N|NxV.])[N]
klokkenmaker	((klok)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
klokkenspel	((klok)[N],(en)[N|N.N],(spel)[N])[N]
klokkenspeler	((klok)[N],(en)[N|N.Vx],(speel)[V],(er)[N|NxV.])[N]
klokkenstoel	((klok)[N],(e)[N|N.N],(stoel)[N])[N]
klokkentoren	((klok)[N],(e)[N|N.N],(toren)[N])[N]
klokkentouw	((klok)[N],(e)[N|N.N],(touw)[N])[N]
klokluider	((klok)[N],(luid)[V],(er)[N|NV.])[N]
klokmeter	((klok)[N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
klokmodel	((klok)[N],(model)[N])[N]
klokradio	((klok)[N],(radio)[N])[N]
klokrok	((klok)[N],(rok)[N])[N]
kloksein	((klok)[N],(sein)[N])[N]
kloksignaal	((klok)[N],(signaal)[N])[N]
klokslag	((klok)[N],(slag)[N])[N]
klokslot	((klok)[N],(slot)[N])[N]
klokspijs	((klok)[N],(spijs)[N])[N]
klokurn	((klok)[N],(urn)[N])[N]
klokuur	((klok)[N],(uur)[N])[N]
klokvorm	((klok)[N],(vorm)[N])[N]
klokvormig	((klok)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
klokwinde	((klok)[N],(winde)[N])[N]
klokzeel	((klok)[N],(zeel)[N])[N]
klomp	(klomp)[N]
klompachtig	((klomp)[N],(achtig)[A|N.])[A]
klompenbal	((klomp)[N],(en)[N|N.N],(bal)[N])[N]
klompendans	((klomp)[N],(en)[N|N.N],(dans)[N])[N]
klompenhout	((klomp)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
klompenmaker	((klomp)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
klompenmakerij	((klomp)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
klompenschool	((klomp)[N],(en)[N|N.N],(school)[N])[N]
klompenvolk	((klomp)[N],(en)[N|N.N],(volk)[N])[N]
klompenwinkel	((klomp)[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
klomphand	((klomp)[N],(hand)[N])[N]
klomplaars	((klomp)[N],(laars)[N])[N]
klompleer	((klomp)[N],(leer)[N])[N]
klompschoen	((klomp)[N],(schoen)[N])[N]
klompspijker	((klomp)[N],(spijker)[N])[N]
klompvis	((klomp)[N],(vis)[N])[N]
klompvoet	((klomp)[N],(voet)[N])[N]
klompvormig	((klomp)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
klonen	(kloon)[V]
klont	(klont)[N]
klonterig	((klonter)[V],(ig)[A|V.])[A]
klontjespot	((klont)[N],(s)[N|N.N],(pot)[N])[N]
klontjessuiker	((klont)[N],(s)[N|N.N],(suiker)[N])[N]
klontjestang	((klont)[N],(s)[N|N.N],(tang)[N])[N]
kloof	(kloof)[N]
kloofbaar	((kloof)[V],(baar)[A|V.])[A]
kloofbeitel	((kloof)[V],(beitel)[N])[N]
kloofbijl	((kloof)[V],(bijl)[N])[N]
kloofhamer	((kloof)[V],(hamer)[N])[N]
kloofhout	((kloof)[V],(hout)[N])[N]
kloofmes	((kloof)[V],(mes)[N])[N]
kloofstok	((kloof)[V],(stok)[N])[N]
kloofvlak	((kloof)[V],(vlak)[N])[N]
klooi	(klooi)[N]
klooien	(klooi)[V]
klooster	(klooster)[N]
kloosterachtig	((klooster)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kloosterbeschaving	((klooster)[N],(((be)[V|.N],(schaaf)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kloosterbibliotheek	((klooster)[N],(bibliotheek)[N])[N]
kloosterbier	((klooster)[N],(bier)[N])[N]
kloosterbroeder	((klooster)[N],(broeder)[N])[N]
kloostercel	((klooster)[N],(cel)[N])[N]
kloostercongregatie	((klooster)[N],(congregatie)[N])[N]
kloosterfeest	((klooster)[N],(feest)[N])[N]
kloostergang	((klooster)[N],(gang)[N])[N]
kloostergebouw	((klooster)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
kloostergelofte	((klooster)[N],(gelofte)[N])[N]
kloostergemeenschap	((klooster)[N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
kloostergemeente	((klooster)[N],(gemeente)[N])[N]
kloostergewaad	((klooster)[N],(gewaad)[N])[N]
kloostergewelf	((klooster)[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
kloostergoed	((klooster)[N],(goed)[N])[N]
kloostergrond	((klooster)[N],(grond)[N])[N]
kloosterkapel	((klooster)[N],(kapel)[N])[N]
kloosterkerk	((klooster)[N],(kerk)[N])[N]
kloosterkleed	((klooster)[N],(kleed)[N])[N]
kloosterlatijn	((klooster)[N],(Latijn)[N])[N]
kloosterleven	((klooster)[N],(leven)[N])[N]
kloosterlijk	((klooster)[N],(lijk)[A|N.])[A]
kloosterling	((klooster)[N],(ling)[N|N.])[N]
kloosterlinge	(((klooster)[N],(ling)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
kloostermoeder	((klooster)[N],(moeder)[N])[N]
kloostermop	((klooster)[N],(mop)[N])[N]
kloostermuur	((klooster)[N],(muur)[N])[N]
kloosternaam	((klooster)[N],(naam)[N])[N]
kloosterorde	((klooster)[N],(orde)[N])[N]
kloosteroverste	((klooster)[N],(overste)[N])[N]
kloosterpoort	((klooster)[N],(poort)[N])[N]
kloosterregel	((klooster)[N],(regel)[N])[N]
kloosterroeping	((klooster)[N],((roep)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kloosterschool	((klooster)[N],(school)[N])[N]
kloostersteen	((klooster)[N],(steen)[N])[N]
kloostertafel	((klooster)[N],(tafel)[N])[N]
kloosterterrein	((klooster)[N],(terrein)[N])[N]
kloostertucht	((klooster)[N],(tucht)[N])[N]
kloostertuin	((klooster)[N],(tuin)[N])[N]
kloostervader	((klooster)[N],(vader)[N])[N]
kloosterwet	((klooster)[N],(wet)[N])[N]
kloosterwezen	((klooster)[N],(wezen)[N])[N]
kloosterzuster	((klooster)[N],(zuster)[N])[N]
kloot	(kloot)[N]
kloothannesen	((kloot)[V],(hannes)[V])[V]
kloothommel	((kloot)[V],(hommel)[N])[N]
klootjesvolk	((klootje)[N],(s)[N|N.N],(volk)[N])[N]
klootschieten	((kloot)[N],(schiet)[V])[V]
klootzak	((kloot)[N],(zak)[N])[N]
klop	(klop)[N]
klopboor	((klop)[V],(boor)[N])[N]
klopgeest	((klop)[V],(geest)[N])[N]
klophamer	((klop)[V],(hamer)[N])[N]
klophengst	((klop)[V],(hengst)[N])[N]
klophout	((klop)[V],(hout)[N])[N]
klopjacht	((klop)[V],(jacht)[N])[N]
klopkever	((klop)[V],(kever)[N])[N]
klopmassage	((klop)[V],((masseer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
klopmolen	((klop)[V],(molen)[N])[N]
kloppartij	((klop)[N],(partij)[N])[N]
kloppen	(klop)[V]
klopper	((klop)[V],(er)[N|V.])[N]
klopping	((klop)[V],(ing)[N|V.])[N]
klopsignaal	((klop)[V],(signaal)[N])[N]
klopster	((klop)[V],(ster)[N|V.])[N]
kloptor	((klop)[V],(tor)[N])[N]
klopvast	((klop)[V],(vast)[A])[A]
klopvastheid	(((klop)[V],(vast)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
klopzee	((klop)[V],(zee)[N])[N]
klos	(klos)[N]
kloskant	((klos)[V],(kant)[N])[N]
klossen	(klos)[V]
klosspel	((klos)[V],(spel)[N])[N]
kloten	(kloot)[V]
kloterig	((kloot)[V],(erig)[A|V.])[A]
kloterij	((kloot)[V],(erij)[N|V.])[N]
klotetroep	((klote)[A],(troep)[N])[N]
klotezooi	((klote)[A],(zooi)[N])[N]
klots	(klots)[N]
klotsen	(klots)[V]
kloven	(kloof)[V]
kloveniersdoelen	((klovenier)[N],(s)[N|N.N],(doelen)[N])[N]
klover	((kloof)[V],(er)[N|V.])[N]
kloving	((kloof)[V],(ing)[N|V.])[N]
klucht	(klucht)[N]
kluchtfiguur	((klucht)[N],(figuur)[N])[N]
kluchtfilm	((klucht)[N],(film)[N])[N]
kluchtig	((klucht)[N],(ig)[A|N.])[A]
kluchtigheid	(((klucht)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kluchtspel	((klucht)[N],(spel)[N])[N]
kluft	(kluft)[N]
kluif	(kluif)[N]
kluifbeentje	((kluif)[V],(been)[N])[N]
kluis	(kluis)[N]
kluisbeheerder	((kluis)[N],(beheer)[V],(der)[N|NV.])[N]
kluisdeur	((kluis)[N],(deur)[N])[N]
kluisgat	((kluis)[N],(gat)[N])[N]
kluisplaat	((kluis)[N],(plaat)[N])[N]
kluister	(kluister)[N]
kluisteren	(kluister)[V]
kluistering	((kluister)[V],(ing)[N|V.])[N]
kluit	(kluit)[N]
kluitden	((kluit)[N],(den)[N])[N]
kluitenbreker	((kluit)[N],(en)[N|N.Vx],(breek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kluiterig	((kluit)[N],(erig)[A|N.])[A]
kluithoudend	((kluit)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
kluitig	((kluit)[N],(ig)[A|N.])[A]
kluitkalk	((kluit)[N],(kalk)[N])[N]
kluitplant	((kluit)[N],(plant)[N])[N]
kluiven	(kluif)[V]
kluiver	((kluif)[V],(er)[N|V.])[N]
kluiverboom	(((kluif)[V],(er)[N|V.])[N],(boom)[N])[N]
kluizen	(kluis)[V]
kluizenaar	((kluis)[N],(enaar)[N|N.])[N]
kluizenaarsbestaan	(((kluis)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(bestaan)[N])[N]
kluizenaarshut	(((kluis)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(hut)[N])[N]
kluizenaarsleven	(((kluis)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(leven)[N])[N]
kluizenaarster	(((kluis)[N],(enaar)[N|N.])[N],(ster)[N|N.])[N]
klungel	(klungel)[N]
klungelaar	((klungel)[V],(aar)[N|V.])[N]
klungelaarster	(((klungel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
klungelen	(klungel)[V]
klungelig	((klungel)[N],(ig)[A|N.])[A]
klungelwerk	((klungel)[V],(werk)[N])[N]
kluns	(kluns)[N]
klunzen	(kluns)[V]
klunzerig	((kluns)[N],(erig)[A|N.])[A]
klunzig	((kluns)[N],(ig)[A|N.])[A]
kluppel	(kluppel)[N]
kluppelen	(kluppel)[V]
klus	(klus)[N]
klusjesman	((klusje)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N]
klussen	(klus)[V]
klussenbus	((klus)[N],(en)[N|N.N],(bus)[N])[N]
klussencollectief	((klus)[N],(en)[N|N.N],(collectief)[N])[N]
kluts	(kluts)[N]
klutsei	((kluts)[N],(ei)[N])[N]
klutsen	(kluts)[V]
kluut	(kluut)[N]
kluwen	(kluwen)[N]
kluwenen	(kluwen)[V]
knaagdier	((knaag)[V],(dier)[N])[N]
knaagtand	((knaag)[V],(tand)[N])[N]
knaak	(knaak)[N]
knaap	(knaap)[N]
knabbel	(knabbel)[N]
knabbelaar	((knabbel)[V],(aar)[N|V.])[N]
knabbelen	(knabbel)[V]
knagen	(knaag)[V]
knager	((knaag)[V],(er)[N|V.])[N]
knaging	((knaag)[V],(ing)[N|V.])[N]
knak	(knak)[N]
knakenkaart	((knaak)[N],(en)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
knakenpijp	((knaak)[N],(en)[N|N.N],(pijp)[N])[N]
knakken	(knak)[V]
knakker	(knakker)[N]
knakmodel	((knak)[N],(model)[N])[N]
knaksigaar	((knak)[N],(sigaar)[N])[N]
knakworst	((knak)[V],(worst)[N])[N]
knal	(knal)[N]
knalbonbon	((knal)[V],(bonbon)[N])[N]
knaldemper	((knal)[N],(demp)[V],(er)[N|NV.])[N]
knaleffect	((knal)[V],(effect)[N])[N]
knalfuif	((knal)[A],(fuif)[N])[N]
knalgas	((knal)[V],(gas)[N])[N]
knalgasbrander	(((knal)[V],(gas)[N])[N],(brand)[V],(er)[N|NV.])[N]
knalgasvlam	(((knal)[V],(gas)[N])[N],(vlam)[N])[N]
knalgeel	((knal)[V],(geel)[A])[A]
knalgoud	((knal)[V],(goud)[N])[N]
knalkoopje	((knal)[N],(koop)[N])[N]
knalkurk	((knal)[V],(kurk)[N])[N]
knalkwik	((knal)[V],(kwik)[N])[N]
knallen	(knal)[V]
knaller	((knal)[V],(er)[N|V.])[N]
knalpot	((knal)[V],(pot)[N])[N]
knalprijs	((knal)[N],(prijs)[N])[N]
knalrood	((knal)[N],(rood)[A])[A]
knalsein	((knal)[V],(sein)[N])[N]
knalsignaal	((knal)[V],(signaal)[N])[N]
knap	(knap)[N]
knapenjaar	((knaap)[N],(en)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
knapenleeftijd	((knaap)[N],(en)[N|N.N],((leef)[V],(tijd)[N])[N])[N]
knapenliefde	((knaap)[N],(en)[N|N.N],(liefde)[N])[N]
knapenlijf	((knaap)[N],(en)[N|N.N],(lijf)[N])[N]
knapenvereniging	((knaap)[N],(en)[N|N.Vx],(verenig)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
knaphandig	((knap)[A],(hand)[N],(ig)[A|AN.])[A]
knaphandigheid	(((knap)[A],(hand)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
knapheid	((knap)[A],(heid)[N|A.])[N]
knapkoek	((knap)[V],(koek)[N])[N]
knappen	(knap)[V]
knapper	((knap)[V],(er)[N|V.])[N]
knapperd	((knap)[A],(erd)[N|A.])[N]
knapperen	(knapper)[V]
knar	(knar)[N]
knarpen	(knarp)[V]
knarsen	(knars)[V]
knarsing	((knars)[V],(ing)[N|V.])[N]
knauw	(knauw)[N]
knauwen	(knauw)[V]
knecht	(knecht)[N]
knechten	(knecht)[V]
knechting	((knecht)[V],(ing)[N|V.])[N]
knechtschap	((knecht)[N],(schap)[N|N.])[N]
knechtsdienst	((knecht)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
knechtslivrei	((knecht)[N],(s)[N|N.N],(livrei)[N])[N]
knechtswerk	((knecht)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
kneden	(kneed)[V]
kneder	((kneed)[V],(er)[N|V.])[N]
kneedbaar	((kneed)[V],(baar)[A|V.])[A]
kneedbaarheid	(((kneed)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kneedbom	((kneed)[V],(bom)[N])[N]
kneedhaak	((kneed)[V],(haak)[N])[N]
kneedmachine	((kneed)[V],(machine)[N])[N]
kneedmassage	((kneed)[V],((masseer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
kneep	(kneep)[N]
knekel	(knekel)[N]
knekelhuis	((knekel)[N],(huis)[N])[N]
knekelveld	((knekel)[N],(veld)[N])[N]
knel	(knel)[N]
knellen	(knel)[V]
knelling	((knel)[V],(ing)[N|V.])[N]
knelpunt	((knel)[N],(punt)[N])[N]
knelpuntennota	(((knel)[N],(punt)[N])[N],(en)[N|N.N],(nota)[N])[N]
knerpen	(knerp)[V]
knersen	(kners)[V]
knetter	(knetter)[A]
knetteren	(knetter)[V]
knettergek	((knetter)[A],(gek)[A])[A]
knetterslag	((knetter)[V],(slag)[N])[N]
kneu	(kneu)[N]
kneukel	(kneukel)[N]
kneukelen	(kneukel)[V]
kneukelijzer	((kneukel)[N],(ijzer)[N])[N]
kneukelvast	((kneukel)[N],(vast)[A])[A]
kneus	(kneus)[N]
kneuswond	((kneus)[V],(wond)[N])[N]
kneuswonde	((kneus)[V],(wonde)[N])[N]
kneuter	(kneuter)[N]
kneuteraar	((kneuter)[V],(aar)[N|V.])[N]
kneuteren	(kneuter)[V]
kneuterig	((kneuter)[N],(ig)[A|N.])[A]
kneuterigheid	(((kneuter)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kneuzen	(kneus)[V]
kneuzing	((kneus)[V],(ing)[N|V.])[N]
knevel	(knevel)[N]
knevelaar	((knevel)[V],(aar)[N|V.])[N]
knevelarij	((knevel)[V],(arij)[N|V.])[N]
knevelbaard	((knevel)[N],(baard)[N])[N]
knevelen	(knevel)[V]
kneveling	((knevel)[V],(ing)[N|V.])[N]
knibbelaar	((knibbel)[V],(aar)[N|V.])[N]
knibbelaarster	(((knibbel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
knibbelarij	((knibbel)[V],(arij)[N|V.])[N]
knibbelen	(knibbel)[V]
knibbelspel	((knibbel)[V],(spel)[N])[N]
knie	(knie)[N]
knieband	((knie)[N],(band)[N])[N]
kniebeschermer	((knie)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
kniebocht	((knie)[N],(bocht)[N])[N]
knieboog	((knie)[N],(boog)[N])[N]
kniebroek	((knie)[N],(broek)[N])[N]
kniebuiging	((knie)[N],(buig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kniedicht	((knie)[N],(dicht)[N])[N]
kniediep	((knie)[N],(diep)[A])[A]
kniegebed	((knie)[N],(gebed)[N])[N]
kniegeboorte	((knie)[N],(geboorte)[N])[N]
kniegewricht	((knie)[N],(gewricht)[N])[N]
kniegezwel	((knie)[N],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
kniehals	((knie)[N],(hals)[N])[N]
kniehefboom	((knie)[N],((hef)[V],(boom)[N])[N])[N]
knieholte	((knie)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kniehoog	((knie)[N],(hoog)[A])[A]
kniehoogte	((knie)[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kniekap	((knie)[N],(kap)[N])[N]
kniekous	((knie)[N],(kous)[N])[N]
knielaars	((knie)[N],(laars)[N])[N]
knielap	((knie)[N],(lap)[N])[N]
knielbank	((kniel)[V],(bank)[N])[N]
knielbus	((kniel)[V],(bus)[N])[N]
knielen	(kniel)[V]
knielengte	((knie)[N],(lengte)[N])[N]
knieling	((kniel)[V],(ing)[N|V.])[N]
knielkussen	((kniel)[V],(kussen)[N])[N]
kniepedaal	((knie)[N],(pedaal)[N])[N]
knier	(knier)[N]
kniereflex	((knie)[N],(reflex)[N])[N]
knieruimte	((knie)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
knieschaar	((knie)[N],(schaar)[N])[N]
knieschijf	((knie)[N],(schijf)[N])[N]
kniesster	((knies)[V],(ster)[N|V.])[N]
kniestuk	((knie)[N],(stuk)[N])[N]
knieval	((knie)[N],(val)[N])[N]
knievers	((knie)[N],(vers)[N])[N]
knieviool	((knie)[N],(viool)[N])[N]
knievormig	((knie)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kniewarmer	((knie)[N],(warm)[V],(er)[N|NV.])[N]
kniewater	((knie)[N],(water)[N])[N]
kniezen	(knies)[V]
kniezer	((knies)[V],(er)[N|V.])[N]
kniezerig	((knies)[V],(erig)[A|V.])[A]
kniezerigheid	(((knies)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kniezerij	((knies)[V],(erij)[N|V.])[N]
kniezig	((knies)[V],(ig)[A|V.])[A]
knijp	(knijp)[N]
knijpbril	((knijp)[V],(bril)[N])[N]
knijpdynamo	((knijp)[V],(dynamo)[N])[N]
knijpen	(knijp)[V]
knijper	((knijp)[V],(er)[N|V.])[N]
knijperig	((knijp)[V],(erig)[A|V.])[A]
knijperigheid	(((knijp)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
knijpfles	((knijp)[V],(fles)[N])[N]
knijpkat	((knijp)[V],(kat)[N])[N]
knijpkut	((knijp)[V],(kut)[N])[N]
knijplamp	((knijp)[V],(lamp)[N])[N]
knijprem	((knijp)[V],(rem)[N])[N]
knijpstuk	((knijp)[V],(stuk)[N])[N]
knijptang	((knijp)[V],(tang)[N])[N]
knik	(knik)[N]
knikkebenen	((knik)[N],(e)[V|N.V],(been)[V])[V]
knikken	(knik)[V]
knikker	((knik)[V],(er)[N|V.])[N]
knikkerbaan	((knikker)[V],(baan)[N])[N]
knikkeren	(knikker)[V]
knikkerspel	(((knik)[V],(er)[N|V.])[N],(spel)[N])[N]
knikkertijd	((knikker)[V],(tijd)[N])[N]
knikkerzak	(((knik)[V],(er)[N|V.])[N],(zak)[N])[N]
knikpan	((knik)[N],(pan)[N])[N]
knikplooi	((knik)[N],(plooi)[N])[N]
knikstag	((knik)[N],(stag)[N])[N]
knip	(knip)[N]
knipbeugel	((knip)[N],(beugel)[N])[N]
knipbeurs	((knip)[N],(beurs)[N])[N]
knipbrood	((knip)[N],(brood)[N])[N]
knipbuigtang	((knip)[V],(buig)[V],(tang)[N])[N]
knipgaatje	((knip)[V],(gat)[N])[N]
knipkaart	((knip)[V],(kaart)[N])[N]
knipkamer	((knip)[V],(kamer)[N])[N]
knipkunst	((knip)[V],(kunst)[N])[N]
kniples	((knip)[V],(les)[N])[N]
knipmachine	((knip)[V],(machine)[N])[N]
knipmes	((knip)[N],(mes)[N])[N]
knipnagel	((knip)[V],(nagel)[N])[N]
knipogen	((knip)[V],(oog)[V])[V]
knipoog	((knip)[V],(oog)[N])[N]
knippatroon	((knip)[V],(patroon)[N])[N]
knippen	(knip)[V]
knipper	((knip)[V],(er)[N|V.])[N]
knipperbol	((knipper)[V],(bol)[N])[N]
knipperen	(knipper)[V]
knipperlamp	((knipper)[V],(lamp)[N])[N]
knipperlicht	((knipper)[V],(licht)[N])[N]
knipplaat	((knip)[V],(plaat)[N])[N]
knipschaar	((knip)[V],(schaar)[N])[N]
knipsel	((knip)[V],(sel)[N|V.])[N]
knipselalbum	(((knip)[V],(sel)[N|V.])[N],(album)[N])[N]
knipselarchief	(((knip)[V],(sel)[N|V.])[N],(archief)[N])[N]
knipselbureau	(((knip)[V],(sel)[N|V.])[N],(bureau)[N])[N]
knipseldienst	(((knip)[V],(sel)[N|V.])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
knipselkrant	(((knip)[V],(sel)[N|V.])[N],(krant)[N])[N]
knipslot	((knip)[N],(slot)[N])[N]
knipsluiting	((knip)[N],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
knipster	((knip)[V],(ster)[N|V.])[N]
kniptang	((knip)[V],(tang)[N])[N]
knipvlies	((knip)[V],(vlies)[N])[N]
knipwerk	((knip)[V],(werk)[N])[N]
knisperen	(knisper)[V]
knisteren	(knister)[V]
knobbel	(knobbel)[N]
knobbelachtig	((knobbel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
knobbeleend	((knobbel)[N],(eend)[N])[N]
knobbelen	(knobbel)[V]
knobbelgans	((knobbel)[N],(gans)[N])[N]
knobbelig	((knobbel)[N],(ig)[A|N.])[A]
knobbeligheid	(((knobbel)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
knobbeljicht	((knobbel)[N],(jicht)[N])[N]
knobbelspits	((knobbel)[N],(spits)[N])[N]
knobbeluitwas	((knobbel)[N],(uitwas)[N])[N]
knobbelvormig	((knobbel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
knobbelziekte	((knobbel)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
knobbelzwaan	((knobbel)[N],(zwaan)[N])[N]
knobbelzwijn	((knobbel)[N],(zwijn)[N])[N]
knobelen	(knobel)[V]
knoedel	(knoedel)[N]
knoedelmajoor	((knoedel)[N],(majoor)[N])[N]
knoei	(knoei)[N]
knoeiboel	((knoei)[N],(boel)[N])[N]
knoeien	(knoei)[V]
knoeier	((knoei)[V],(er)[N|V.])[N]
knoeierig	((knoei)[V],(erig)[A|V.])[A]
knoeierij	((knoei)[V],(erij)[N|V.])[N]
knoeister	((knoei)[V],(ster)[N|V.])[N]
knoeiwerk	((knoei)[V],(werk)[N])[N]
knoeper	(knoeper)[N]
knoert	(knoert)[N]
knoerthard	((knoert)[N],(hard)[A])[A]
knoest	(knoest)[N]
knoesterig	((knoest)[N],(erig)[A|N.])[A]
knoestig	((knoest)[N],(ig)[A|N.])[A]
knoestigheid	(((knoest)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
knoet	(knoet)[N]
knoetslag	((knoet)[N],(slag)[N])[N]
knoflookboter	((knoflook)[N],(boter)[N])[N]
knoflookbrood	((knoflook)[N],(brood)[N])[N]
knoflookgeur	((knoflook)[N],(geur)[N])[N]
knoflookkruid	((knoflook)[N],(kruid)[N])[N]
knoflooklucht	((knoflook)[N],(lucht)[N])[N]
knoflookpers	((knoflook)[N],(pers)[N])[N]
knoflooksap	((knoflook)[N],(sap)[N])[N]
knoflooksaus	((knoflook)[N],(saus)[N])[N]
knoflooksoep	((knoflook)[N],(soep)[N])[N]
knoflookworst	((knoflook)[N],(worst)[N])[N]
knok	(knok)[N]
knokig	((knook)[N],(ig)[A|N.])[A]
knokkel	(knokkel)[N]
knokkelachtig	((knokkel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
knokkelig	((knokkel)[N],(ig)[A|N.])[A]
knokkeljicht	((knokkel)[N],(jicht)[N])[N]
knokkelkoorts	((knokkel)[N],(koorts)[N])[N]
knokken	(knok)[V]
knokker	((knok)[V],(er)[N|V.])[N]
knokpartij	((knok)[V],(partij)[N])[N]
knokploeg	((knok)[V],(ploeg)[N])[N]
knol	(knol)[N]
knolachtig	((knol)[N],(achtig)[A|N.])[A]
knolbegonia	((knol)[N],(begonia)[N])[N]
knoldragend	((knol)[N],(draag)[V],(end)[A|NV.])[A]
knolgewas	((knol)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
knolknop	((knol)[N],(knop)[N])[N]
knolkwal	((knol)[N],(kwal)[N])[N]
knollenakker	((knol)[N],(en)[N|N.N],(akker)[N])[N]
knollenland	((knol)[N],(en)[N|N.N],(land)[N])[N]
knollenschil	((knol)[N],(e)[N|N.N],(schil)[N])[N]
knollentuin	((knol)[N],(en)[N|N.N],(tuin)[N])[N]
knolraap	((knol)[N],(raap)[N])[N]
knolradijs	((knol)[N],(radijs)[N])[N]
knolrond	((knol)[N],(rond)[A])[A]
knolselderie	((knol)[N],(selderie)[N])[N]
knolselderij	((knol)[N],(selderij)[N])[N]
knolvenkel	((knol)[N],(venkel)[N])[N]
knolvoet	((knol)[N],(voet)[N])[N]
knolvormig	((knol)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
knolvrucht	((knol)[N],(vrucht)[N])[N]
knolzaad	((knol)[N],(zaad)[N])[N]
knolzwam	((knol)[N],(zwam)[N])[N]
knook	(knook)[N]
knoop	(knoop)[N]
knoopband	((knoop)[V],(band)[N])[N]
knoopbloemig	((knoop)[N],(bloem)[N],(ig)[A|NN.])[A]
knoopgras	((knoop)[N],(gras)[N])[N]
knoopjesdrop	((knoopje)[N],(s)[N|N.N],(drop)[N])[N]
knoopkoord	((knoop)[V],(koord)[N])[N]
knoopkromme	((knoop)[N],(kromme)[N])[N]
knoopkruid	((knoop)[N],(kruid)[N])[N]
knooplaars	((knoop)[V],(laars)[N])[N]
knooplijn	((knoop)[N],(lijn)[N])[N]
knoopmier	((knoop)[N],(mier)[N])[N]
knooppunt	((knoop)[N],(punt)[N])[N]
knoopschoen	((knoop)[V],(schoen)[N])[N]
knoopsgat	((knoop)[N],(s)[N|N.N],(gat)[N])[N]
knoopsgatenelastiek	(((knoop)[N],(s)[N|N.N],(gat)[N])[N],(en)[N|N.N],((elastisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
knoopsgatenschaar	(((knoop)[N],(s)[N|N.N],(gat)[N])[N],(en)[N|N.N],(schaar)[N])[N]
knoopsgatensteek	(((knoop)[N],(s)[N|N.N],(gat)[N])[N],(en)[N|N.N],(steek)[N])[N]
knoopsgatversiersel	(((knoop)[N],(s)[N|N.N],(gat)[N])[N],(((ver)[V|.V],(sier)[V])[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
knoopsluiting	((knoop)[N],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
knoopster	((knoop)[V],(ster)[N|V.])[N]
knooptechniek	((knoop)[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
knoopwerk	((knoop)[V],(werk)[N])[N]
knop	(knop)[N]
knopas	((knop)[N],(as)[N])[N]
knopen	(knoop)[V]
knopendoos	((knoop)[N],(en)[N|N.N],(doos)[N])[N]
knopendraaier	((knoop)[N],(en)[N|N.Vx],(draai)[V],(er)[N|NxV.])[N]
knopendraaierij	((knoop)[N],(en)[N|N.Vx],(draai)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
knopenfabriek	((knoop)[N],(en)[N|N.N],(fabriek)[N])[N]
knopenhaak	((knoop)[N],(e)[N|N.N],(haak)[N])[N]
knopenschaar	((knoop)[N],(e)[N|N.N],(schaar)[N])[N]
knopenschrift	((knoop)[N],(en)[N|N.N],(schrift)[N])[N]
knopentrekker	((knoop)[N],(e)[N|N.Vx],(trek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
knopig	((knoop)[N],(ig)[A|N.])[A]
knopkruid	((knop)[N],(kruid)[N])[N]
knopkruis	((knop)[N],(kruis)[N])[N]
knopligging	((knop)[N],((lig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
knopoor	((knop)[N],(oor)[N])[N]
knoppen	(knop)[V]
knoppenbord	((knop)[N],(en)[N|N.N],(bord)[N])[N]
knoppenkapiteel	((knop)[N],(en)[N|N.N],(kapiteel)[N])[N]
knopschakelaar	((knop)[N],((schakel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
knopschub	((knop)[N],(schub)[N])[N]
knopspeld	((knop)[N],(speld)[N])[N]
knopstoel	((knop)[N],(stoel)[N])[N]
knopvariatie	((knop)[N],(varieer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
knopvormig	((knop)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
knopvorming	((knop)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
knor	(knor)[N]
knorachtig	((knor)[N],(achtig)[A|N.])[A]
knorbeen	((knor)[N],(been)[N])[N]
knorf	(knorf)[N]
knorhaan	((knor)[V],(haan)[N])[N]
knorren	(knor)[V]
knorrig	((knor)[V],(ig)[A|V.])[A]
knorrigheid	(((knor)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
knorvlees	((knor)[N],(vlees)[N])[N]
knot	(knot)[N]
knots	(knots)[N]
knotsdrager	((knots)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
knotsgek	((knots)[A],(gek)[A])[A]
knotsoefening	((knots)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
knotsslag	((knots)[N],(slag)[N])[N]
knotsvormig	((knots)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
knotszwaaien	((knots)[N],(zwaai)[V])[V]
knotten	(knot)[V]
knotwilg	((knot)[N],(wilg)[N])[N]
knudde	(knudde)[A]
knuffel	(knuffel)[N]
knuffelaar	((knuffel)[V],(aar)[N|V.])[N]
knuffelbeest	((knuffel)[V],(beest)[N])[N]
knuffeldier	((knuffel)[V],(dier)[N])[N]
knuffeldrift	((knuffel)[V],(drift)[N])[N]
knuffelen	(knuffel)[V]
knuffeling	((knuffel)[V],(ing)[N|V.])[N]
knuffelmuur	((knuffel)[V],(muur)[N])[N]
knuist	(knuist)[N]
knul	(knul)[N]
knullig	((knul)[N],(ig)[A|N.])[A]
knulligheid	(((knul)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
knuppel	(knuppel)[N]
knuppeldam	((knuppel)[N],(dam)[N])[N]
knuppelen	(knuppel)[V]
knuppelhout	((knuppel)[N],(hout)[N])[N]
knuppelstok	((knuppel)[N],(stok)[N])[N]
knuppelvers	((knuppel)[N],(vers)[N])[N]
knurf	(knurf)[N]
knurft	(knurft)[N]
knus	(knus)[A]
knusheid	((knus)[A],(heid)[N|A.])[N]
knutselaar	((knutsel)[V],(aar)[N|V.])[N]
knutselarij	((knutsel)[V],(arij)[N|V.])[N]
knutselen	(knutsel)[V]
knutselig	((knutsel)[V],(ig)[A|V.])[A]
knutselruimte	((knutsel)[V],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
knutselwerk	((knutsel)[V],(werk)[N])[N]
knuttel	(knuttel)[N]
koala	(koala)[N]
kobalt	(kobalt)[N]
kobaltblauw	((kobalt)[N],(blauw)[N])[N]
kobaltbom	((kobalt)[N],(bom)[N])[N]
kobalterts	((kobalt)[N],(erts)[N])[N]
kobaltglans	((kobalt)[N],(glans)[N])[N]
kobaltglas	((kobalt)[N],(glas)[N])[N]
kobaltstraal	((kobalt)[N],(straal)[N])[N]
kobbennet	((kobbe)[N],(net)[N])[N]
koddigheid	((koddig)[A],(heid)[N|A.])[N]
koe	(koe)[N]
koe-uier	((koe)[N],(uier)[N])[N]
koebeest	((koe)[N],(beest)[N])[N]
koebel	((koe)[N],(bel)[N])[N]
koebloempje	((koe)[N],(bloem)[N])[N]
koeboer	((koe)[N],(boer)[N])[N]
koebrug	((koe)[N],(brug)[N])[N]
koebrugdek	(((koe)[N],(brug)[N])[N],(dek)[N])[N]
koedek	((koe)[N],(dek)[N])[N]
koefje	(koef)[N]
koehaar	((koe)[N],(haar)[N])[N]
koehandel	((koe)[N],(handel)[N])[N]
koeherder	((koe)[N],(herder)[N])[N]
koehoorn	((koe)[N],(hoorn)[N])[N]
koehoren	((koe)[N],(horen)[N])[N]
koehuid	((koe)[N],(huid)[N])[N]
koeiendief	((koe)[N],(en)[N|N.N],(dief)[N])[N]
koeiendrek	((koe)[N],(e)[N|N.N],(drek)[N])[N]
koeienhuid	((koe)[N],(e)[N|N.N],(huid)[N])[N]
koeienkop	((koe)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
koeienletter	((koe)[N],(e)[N|N.N],(letter)[N])[N]
koeienmarkt	((koe)[N],(en)[N|N.N],(markt)[N])[N]
koeienmest	((koe)[N],(e)[N|N.N],(mest)[N])[N]
koeienoog	((koe)[N],(e)[N|N.N],(oog)[N])[N]
koeienpistool	((koe)[N],(e)[N|N.N],(pistool)[N])[N]
koeienplak	((koe)[N],(e)[N|N.N],(plak)[N])[N]
koeienpoep	((koe)[N],(e)[N|N.N],(poep)[N])[N]
koeienpoot	((koe)[N],(e)[N|N.N],(poot)[N])[N]
koeienstaart	((koe)[N],(e)[N|N.N],(staart)[N])[N]
koeienstal	((koe)[N],(e)[N|N.N],(stal)[N])[N]
koeientong	((koe)[N],(e)[N|N.N],(tong)[N])[N]
koeienuier	((koe)[N],(e)[N|N.N],(uier)[N])[N]
koeienvlaai	((koe)[N],(e)[N|N.N],(vlaai)[N])[N]
koeier	((koe)[N],(er)[N|N.])[N]
koek	(koek)[N]
koekalf	((koe)[N],(kalf)[N])[N]
koekbakker	((koek)[N],(bak)[V],(er)[N|NV.])[N]
koekbakkerij	((koek)[N],(bak)[V],(erij)[N|NV.])[N]
koekdeeg	((koek)[N],(deeg)[N])[N]
koeken	(koek)[V]
koekenaas	((koeken)[N],(aas)[N])[N]
koekenacht	((koeken)[N],(acht)[N])[N]
koekenbak	((koek)[N],(e)[N|N.N],(bak)[N])[N]
koekenbakker	((koek)[N],(en)[N|N.Vx],(bak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
koekenbakkerij	((koek)[N],(en)[N|N.Vx],(bak)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
koekenboer	((koeken)[N],(boer)[N])[N]
koekenbrood	((koek)[N],(e)[N|N.N],(brood)[N])[N]
koekendrie	((koeken)[N],(drie)[N])[N]
koekenpan	((koek)[N],(e)[N|N.N],(pan)[N])[N]
koeketel	((koe)[N],(ketel)[N])[N]
koeketer	((koek)[N],(eet)[V],(er)[N|NV.])[N]
koekfabriek	((koek)[N],(fabriek)[N])[N]
koekhakken	((koek)[N],(hak)[V])[V]
koekhappen	((koek)[N],(hap)[V])[V]
koekjestrommel	((koek)[N],(s)[N|N.N],(trommel)[N])[N]
koekkappen	((koek)[N],(kap)[V])[V]
koekkraam	((koek)[N],(kraam)[N])[N]
koekkruiden	((koek)[N],(kruid)[N])[N]
koeklauw	((koe)[N],(klauw)[N])[N]
koekoek	(koekoek)[N]
koekoeksbeen	((koekoek)[N],(s)[N|N.N],(been)[N])[N]
koekoeksbij	((koekoek)[N],(s)[N|N.N],(bij)[N])[N]
koekoeksbloem	((koekoek)[N],(s)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
koekoeksbrood	((koekoek)[N],(s)[N|N.N],(brood)[N])[N]
koekoeksei	((koekoek)[N],(s)[N|N.N],(ei)[N])[N]
koekoeksjong	((koekoek)[N],(s)[N|N.N],(jong)[N])[N]
koekoeksklok	((koekoek)[N],(s)[N|N.N],(klok)[N])[N]
koekoeksnest	((koekoek)[N],(s)[N|N.N],(nest)[N])[N]
koekoeksspeeksel	((koekoek)[N],(s)[N|N.N],((speek)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
koekoeksspog	((koekoek)[N],(s)[N|N.N],(spog)[N])[N]
koekoekswesp	((koekoek)[N],(s)[N|N.N],(wesp)[N])[N]
koekoekszang	((koekoek)[N],(s)[N|N.N],(zang)[N])[N]
koekoekvogels	((koekoek)[N],(vogel)[N])[N]
koekplank	((koek)[N],(plank)[N])[N]
koekprent	((koek)[N],(prent)[N])[N]
koektrommel	((koek)[N],(trommel)[N])[N]
koekvorm	((koek)[N],(vorm)[N])[N]
koekwinkel	((koek)[N],(winkel)[N])[N]
koel	(koel)[A]
koelak	(koelak)[N]
koelapparaat	((koel)[V],(apparaat)[N])[N]
koelauto	((koel)[V],(auto)[N])[N]
koelbak	((koel)[V],(bak)[N])[N]
koelbalk	((koel)[V],(balk)[N])[N]
koelbassin	((koel)[V],(bassin)[N])[N]
koelbloedig	((koel)[A],(bloed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
koelbloedigheid	(((koel)[A],(bloed)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
koelbox	((koel)[V],(box)[N])[N]
koelcel	((koel)[V],(cel)[N])[N]
koeldoos	((koel)[V],(doos)[N])[N]
koelen	(koel)[V]
koeler	((koel)[V],(er)[N|V.])[N]
koelheid	((koel)[A],(heid)[N|A.])[N]
koelhuis	((koel)[V],(huis)[N])[N]
koelhuisboter	(((koel)[V],(huis)[N])[N],(boter)[N])[N]
koelie	(koelie)[N]
koeliedienst	((koelie)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
koeliewerk	((koelie)[N],(werk)[N])[N]
koeling	((koel)[V],(ing)[N|V.])[N]
koelinrichting	((koel)[V],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
koelkamer	((koel)[V],(kamer)[N])[N]
koelkast	((koel)[V],(kast)[N])[N]
koelkelder	((koel)[V],(kelder)[N])[N]
koelkieuw	((koel)[V],(kieuw)[N])[N]
koelkruik	((koel)[V],(kruik)[N])[N]
koellading	((koel)[A],((laad)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
koellucht	((koel)[V],(lucht)[N])[N]
koelmachine	((koel)[V],(machine)[N])[N]
koelmantel	((koel)[V],(mantel)[N])[N]
koeloven	((koel)[V],(oven)[N])[N]
koelpakhuis	((koel)[V],((pak)[V],(huis)[N])[N])[N]
koelpan	((koel)[V],(pan)[N])[N]
koelrib	((koel)[V],(rib)[N])[N]
koelruim	((koel)[V],(ruim)[N])[N]
koelschip	((koel)[V],(schip)[N])[N]
koelsysteem	((koel)[V],(systeem)[N])[N]
koeltank	((koel)[V],(tank)[N])[N]
koeltas	((koel)[V],(tas)[N])[N]
koelte	((koel)[A],(te)[N|A.])[N]
koeltechnicus	((koel)[V],(technicus)[N])[N]
koeltechniek	((koel)[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
koeltje	((koel)[A],(tje)[N|A.])[N]
koeltoren	((koel)[V],(toren)[N])[N]
koeltransport	((koel)[V],(transport)[N])[N]
koelvak	((koel)[V],(vak)[N])[N]
koelvat	((koel)[V],(vat)[N])[N]
koelvloeistof	((koel)[V],((vloei)[V],(stof)[N])[N])[N]
koelwagen	((koel)[V],(wagen)[N])[N]
koelwater	((koel)[V],(water)[N])[N]
koemarkt	((koe)[N],(markt)[N])[N]
koemelk	((koe)[N],(melk)[N])[N]
koemest	((koe)[N],(mest)[N])[N]
koempel	(koempel)[N]
koen	(koen)[A]
koenheid	((koen)[A],(heid)[N|A.])[N]
koenig	((koen)[A],(ig)[A|A.])[A]
koeoog	((koe)[N],(oog)[N])[N]
koepaard	((koe)[N],(paard)[N])[N]
koepeen	((koe)[N],(peen)[N])[N]
koepel	(koepel)[N]
koepelberg	((koepel)[N],(berg)[N])[N]
koepelbouw	((koepel)[N],(bouw)[N])[N]
koepeldak	((koepel)[N],(dak)[N])[N]
koepelgewelf	((koepel)[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
koepelgraf	((koepel)[N],(graf)[N])[N]
koepelkamer	((koepel)[N],(kamer)[N])[N]
koepelkerk	((koepel)[N],(kerk)[N])[N]
koepelorganisatie	((koepel)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
koepeloven	((koepel)[N],(oven)[N])[N]
koepelraam	((koepel)[N],(raam)[N])[N]
koepeltent	((koepel)[N],(tent)[N])[N]
koepeltoren	((koepel)[N],(toren)[N])[N]
koepelvormig	((koepel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
koepok	((koe)[N],(pok)[N])[N]
koepokinenting	(((koe)[N],(pok)[N])[N],(((in)[P],(ent)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
koepokstof	(((koe)[N],(pok)[N])[N],(stof)[N])[N]
koepolder	((koe)[N],(polder)[N])[N]
koer	(koer)[N]
koereiger	((koe)[N],(reiger)[N])[N]
koeren	(koer)[V]
koeriersdienst	((koerier)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
koeriersmachine	((koerier)[N],(s)[N|N.N],(machine)[N])[N]
koerierster	((koerier)[N],(ster)[N|N.])[N]
koeriersvliegtuig	((koerier)[N],(s)[N|N.N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
koers	(koers)[N]
koersaanwijzer	((koers)[N],((aan)[P],(wijs)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
koersauto	((koers)[V],(auto)[N])[N]
koersbaken	((koers)[N],(baken)[N])[N]
koersbericht	((koers)[N],(bericht)[N])[N]
koersblad	((koers)[N],(blad)[N])[N]
koersbord	((koers)[N],(bord)[N])[N]
koerscorrectie	((koers)[N],((correct)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
koersdruk	((koers)[N],(druk)[N])[N]
koersen	(koers)[V]
koersfluctuatie	((koers)[N],(fluctueer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
koersgemiddelde	((koers)[N],(gemiddelde)[N])[N]
koershebbend	((koers)[N],(heb)[V],(end)[A|NV.])[A]
koershoudend	((koers)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
koerslijn	((koers)[V],(lijn)[N])[N]
koerslijst	((koers)[N],(lijst)[N])[N]
koersnotering	((koers)[N],((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|NV.])[N]
koerspaard	((koers)[N],(paard)[N])[N]
koersreactie	((koers)[N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
koersrekening	((koers)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
koersreserve	((koers)[N],(reserve)[N])[N]
koersrisico	((koers)[N],(risico)[N])[N]
koersschommeling	((koers)[N],((schommel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
koersverhoging	((koers)[N],((ver)[V|.A],(hoog)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
koersverlaging	((koers)[N],((ver)[V|.A],(laag)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
koersverlies	((koers)[N],(verlies)[N])[N]
koersverschil	((koers)[N],(verschil)[N])[N]
koerswaarde	((koers)[N],(waarde)[N])[N]
koeskoes	(koeskoes)[N]
koest	(koest)[A]
koestaart	((koe)[N],(staart)[N])[N]
koestal	((koe)[N],(stal)[N])[N]
koesteren	(koester)[V]
koestering	((koester)[V],(ing)[N|V.])[N]
koestijl	((koe)[N],(stijl)[N])[N]
koestraat	((koe)[N],(straat)[N])[N]
koet	(koet)[N]
koetarwe	((koe)[N],(tarwe)[N])[N]
koeteraar	((koeter)[V],(aar)[N|V.])[N]
koeteraarster	(((koeter)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
koeteren	(koeter)[V]
koeterwaal	((koeter)[V],(Waal)[N])[N]
koeterwaals	(((koeter)[V],(Waal)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
koetong	((koe)[N],(tong)[N])[N]
koets	(koets)[N]
koetsen	(koets)[V]
koetsenmaker	((koets)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
koetser	((koets)[V],(er)[N|V.])[N]
koetshuis	((koets)[N],(huis)[N])[N]
koetsier	((koets)[N],(ier)[N|N.])[N]
koetsiersjas	(((koets)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(jas)[N])[N]
koetsierszweep	(((koets)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(zweep)[N])[N]
koetspaard	((koets)[N],(paard)[N])[N]
koetspers	((koets)[V],(pers)[N])[N]
koetspoort	((koets)[N],(poort)[N])[N]
koetswals	((koets)[V],(wals)[N])[N]
koetswerk	((koets)[N],(werk)[N])[N]
koevoet	((koe)[N],(voet)[N])[N]
koevogel	((koe)[N],(vogel)[N])[N]
koewachter	((koe)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kof	(kof)[N]
koffer	(koffer)[N]
kofferbak	((koffer)[N],(bak)[N])[N]
kofferdekschip	((koffer)[N],(dek)[N],(schip)[N])[N]
kofferdrager	((koffer)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
kofferen	(koffer)[V]
kofferetiket	((koffer)[N],(etiket)[N])[N]
koffergrammofoon	((koffer)[N],(grammofoon)[N])[N]
kofferlabel	((koffer)[N],(label)[N])[N]
kofferorgel	((koffer)[N],(orgel)[N])[N]
kofferruimte	((koffer)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kofferschrijfmachine	((koffer)[N],((schrijf)[V],(machine)[N])[N])[N]
koffervis	((koffer)[N],(vis)[N])[N]
koffie	(koffie)[N]
koffie-extract	((koffie)[N],(extract)[N])[N]
koffie-uur	((koffie)[N],(uur)[N])[N]
koffieapparaat	((koffie)[N],(apparaat)[N])[N]
koffiearoma	((koffie)[N],(aroma)[N])[N]
koffieautomaat	((koffie)[N],(automaat)[N])[N]
koffiebaal	((koffie)[N],(baal)[N])[N]
koffiebar	((koffie)[N],(bar)[N])[N]
koffiebeker	((koffie)[N],(beker)[N])[N]
koffiebes	((koffie)[N],(bes)[N])[N]
koffieblad	((koffie)[N],(blad)[N])[N]
koffiebon	((koffie)[N],(bon)[N])[N]
koffieboom	((koffie)[N],(boom)[N])[N]
koffieboon	((koffie)[N],(boon)[N])[N]
koffiebrander	((koffie)[N],(brand)[V],(er)[N|NV.])[N]
koffiebranderij	((koffie)[N],(brand)[V],(erij)[N|NV.])[N]
koffiebroodje	((koffie)[N],(brood)[N])[N]
koffiebuffet	((koffie)[N],(buffet)[N])[N]
koffiebus	((koffie)[N],(bus)[N])[N]
koffieconcert	((koffie)[N],(concert)[N])[N]
koffiecultuur	((koffie)[N],(cultuur)[N])[N]
koffiedik	((koffie)[N],(dik)[N])[N]
koffiedikkijker	(((koffie)[N],(dik)[N])[N],(kijk)[V],(er)[N|NV.])[N]
koffiedikkijkster	(((koffie)[N],(dik)[N])[N],(kijk)[V],(ster)[N|NV.])[N]
koffiedrinken	((koffie)[N],(drink)[V])[V]
koffiedrinker	(((koffie)[N],(drink)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
koffiedrinkster	(((koffie)[N],(drink)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
koffiefilter	((koffie)[N],(filter)[N])[N]
koffiegerei	((koffie)[N],(gerei)[N])[N]
koffiegeur	((koffie)[N],(geur)[N])[N]
koffieheester	((koffie)[N],(heester)[N])[N]
koffiehuis	((koffie)[N],(huis)[N])[N]
koffiejuffrouw	((koffie)[N],(juffrouw)[N])[N]
koffiekamer	((koffie)[N],(kamer)[N])[N]
koffiekan	((koffie)[N],(kan)[N])[N]
koffiekelder	((koffie)[N],(kelder)[N])[N]
koffieketel	((koffie)[N],(ketel)[N])[N]
koffiekeuken	((koffie)[N],(keuken)[N])[N]
koffiekleurig	((koffie)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
koffiekom	((koffie)[N],(kom)[N])[N]
koffiekop	((koffie)[N],(kop)[N])[N]
koffiekrans	((koffie)[N],(krans)[N])[N]
koffieland	((koffie)[N],(land)[N])[N]
koffielepel	((koffie)[N],(lepel)[N])[N]
koffieleut	((koffie)[N],(leut)[N])[N]
koffielezen	((koffie)[N],(lees)[V])[V]
koffielikeur	((koffie)[N],(likeur)[N])[N]
koffieluis	((koffie)[N],(luis)[N])[N]
koffiemaaltijd	((koffie)[N],((maal)[N],(tijd)[N])[N])[N]
koffiemachine	((koffie)[N],(machine)[N])[N]
koffiemeisje	((koffie)[N],(meisje)[N])[N]
koffiemelk	((koffie)[N],(melk)[N])[N]
koffiemolen	((koffie)[N],(molen)[N])[N]
koffiemoor	((koffie)[N],(moor)[N])[N]
koffieonderneming	((koffie)[N],((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
koffieoogst	((koffie)[N],(oogst)[N])[N]
koffieopbrengst	((koffie)[N],(((op)[P],(breng)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
koffiepauze	((koffie)[N],(pauze)[N])[N]
koffieplant	((koffie)[N],(plant)[N])[N]
koffieplantage	((koffie)[N],((plant)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
koffieplanter	((koffie)[N],(plant)[V],(er)[N|NV.])[N]
koffiepluk	((koffie)[N],(pluk)[N])[N]
koffiepoeder	((koffie)[N],(poeder)[N])[N]
koffiepoeier	((koffie)[N],(poeier)[N])[N]
koffiepot	((koffie)[N],(pot)[N])[N]
koffiepraatje	((koffie)[N],(praat)[N])[N]
koffieprijs	((koffie)[N],(prijs)[N])[N]
koffieproductie	((koffie)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
koffieprut	((koffie)[N],(prut)[N])[N]
koffierat	((koffie)[N],(rat)[N])[N]
koffieroom	((koffie)[N],(room)[N])[N]
koffieservies	((koffie)[N],(servies)[N])[N]
koffieshop	((koffie)[N],(shop)[N])[N]
koffiestroop	((koffie)[N],(stroop)[N])[N]
koffiestruik	((koffie)[N],(struik)[N])[N]
koffiesurrogaat	((koffie)[N],(surrogaat)[N])[N]
koffietafel	((koffie)[N],(tafel)[N])[N]
koffietafelen	((koffie)[N],(tafel)[V])[V]
koffieteelt	((koffie)[N],(teelt)[N])[N]
koffietent	((koffie)[N],(tent)[N])[N]
koffietijd	((koffie)[N],(tijd)[N])[N]
koffietrommel	((koffie)[N],(trommel)[N])[N]
koffietuin	((koffie)[N],(tuin)[N])[N]
koffievisite	((koffie)[N],(visite)[N])[N]
koffievla	((koffie)[N],(vla)[N])[N]
koffievlek	((koffie)[N],(vlek)[N])[N]
koffiewagen	((koffie)[N],(wagen)[N])[N]
koffiewater	((koffie)[N],(water)[N])[N]
koffiewijf	((koffie)[N],(wijf)[N])[N]
koffiezak	((koffie)[N],(zak)[N])[N]
koffiezetapparaat	((koffie)[N],(zet)[V],(apparaat)[N])[N]
koffiezetmachine	((koffie)[N],(zet)[V],(machine)[N])[N]
kofschip	((kof)[N],(schip)[N])[N]
kog	(kog)[N]
kogel	(kogel)[N]
kogelafsluiter	((kogel)[N],(((af)[P],(sluit)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kogelas	((kogel)[N],(as)[N])[N]
kogelbaan	((kogel)[N],(baan)[N])[N]
kogelbankschroef	((kogel)[N],((bank)[N],(schroef)[N])[N])[N]
kogelbiefstuk	((kogel)[N],(biefstuk)[N])[N]
kogeldruk	((kogel)[N],(druk)[N])[N]
kogelen	(kogel)[V]
kogelfles	((kogel)[N],(fles)[N])[N]
kogelgat	((kogel)[N],(gat)[N])[N]
kogelgewricht	((kogel)[N],(gewricht)[N])[N]
kogelgieterij	((kogel)[N],(giet)[V],(erij)[N|NV.])[N]
kogelkussen	((kogel)[N],(kussen)[N])[N]
kogellager	((kogel)[N],(lager)[N])[N]
kogelmal	((kogel)[N],(mal)[N])[N]
kogelmolen	((kogel)[N],(molen)[N])[N]
kogelpen	((kogel)[N],(pen)[N])[N]
kogelpunt	((kogel)[N],(punt)[N])[N]
kogelpuntpen	(((kogel)[N],(punt)[N])[N],(pen)[N])[N]
kogelregen	((kogel)[N],(regen)[N])[N]
kogelrond	((kogel)[N],(rond)[A])[A]
kogelscharnier	((kogel)[N],(scharnier)[N])[N]
kogelslingeren	((kogel)[N],(slinger)[V])[V]
kogelspin	((kogel)[N],(spin)[N])[N]
kogelstapel	((kogel)[N],(stapel)[N])[N]
kogelstoten	((kogel)[N],(stoot)[V])[V]
kogeltafel	((kogel)[N],(tafel)[N])[N]
kogelvanger	((kogel)[N],(vang)[V],(er)[N|NV.])[N]
kogelvis	((kogel)[N],(vis)[N])[N]
kogelvorm	((kogel)[N],(vorm)[N])[N]
kogelvormig	(((kogel)[N],(vorm)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
kogelvrij	((kogel)[N],(vrij)[A])[A]
kogelwond	((kogel)[N],(wond)[N])[N]
kohierbelasting	((kohier)[N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kok	(kok)[N]
kokarde	(kokarde)[N]
kokardebloem	((kokarde)[N],(bloem)[N])[N]
koken	(kook)[V]
kokendheet	((kokend)[A],(heet)[A])[A]
koker	((kook)[V],(er)[N|V.])[N]
koker	(koker)[N]
kokerbromelia	((koker)[N],(bromelia)[N])[N]
kokerbrug	((koker)[N],(brug)[N])[N]
kokergat	((koker)[N],(gat)[N])[N]
kokerij	((kook)[V],(erij)[N|V.])[N]
kokerjuffer	((koker)[N],(juffer)[N])[N]
kokerpaal	((koker)[N],(paal)[N])[N]
kokersluis	((koker)[N],(sluis)[N])[N]
kokervrucht	((koker)[N],(vrucht)[N])[N]
kokerworm	((koker)[N],(worm)[N])[N]
koketteren	((koket)[A],(eer)[V|A.])[V]
koketterie	((koket)[A],(erie)[N|A.])[N]
koking	((kook)[V],(ing)[N|V.])[N]
kokinje	(kokinje)[N]
kokkel	(kokkel)[N]
kokkelen	(kokkel)[V]
kokkelkorrels	((kokkel)[N],(korrel)[N])[N]
kokkelzaden	((kokkel)[N],(zaad)[N])[N]
kokken	(kok)[N]
kokker	(kokker)[N]
kokkeren	(kokker)[V]
kokkin	((kok)[N],(in)[N|N.])[N]
kokmeeuw	((kok)[N],(meeuw)[N])[N]
kokos	(kokos)[N]
kokosbast	((kokos)[N],(bast)[N])[N]
kokosboom	((kokos)[N],(boom)[N])[N]
kokosboter	((kokos)[N],(boter)[N])[N]
kokosbrood	((kokos)[N],(brood)[N])[N]
kokosgaren	((kokos)[N],(garen)[N])[N]
kokoskleed	((kokos)[N],(kleed)[N])[N]
kokoskoek	((kokos)[N],(koek)[N])[N]
kokosmakaron	((kokos)[N],(makaron)[N])[N]
kokosmakron	((kokos)[N],(makron)[N])[N]
kokosmakroon	((kokos)[N],(makroon)[N])[N]
kokosmat	((kokos)[N],(mat)[N])[N]
kokosmelk	((kokos)[N],(melk)[N])[N]
kokosnoot	((kokos)[N],(noot)[N])[N]
kokosnootboom	(((kokos)[N],(noot)[N])[N],(boom)[N])[N]
kokosolie	((kokos)[N],(olie)[N])[N]
kokospalm	((kokos)[N],(palm)[N])[N]
kokossuiker	((kokos)[N],(suiker)[N])[N]
kokostouw	((kokos)[N],(touw)[N])[N]
kokosvet	((kokos)[N],(vet)[N])[N]
kokosvezel	((kokos)[N],(vezel)[N])[N]
kokosvlees	((kokos)[N],(vlees)[N])[N]
kokosvrucht	((kokos)[N],(vrucht)[N])[N]
kokoswater	((kokos)[N],(water)[N])[N]
kokoszeep	((kokos)[N],(zeep)[N])[N]
koksbuis	((kok)[N],(s)[N|N.N],(buis)[N])[N]
koksgast	((kok)[N],(s)[N|N.N],(gast)[N])[N]
koksjongen	((kok)[N],(s)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
kokskruiden	((kok)[N],(s)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
koksmaat	((kok)[N],(s)[N|N.N],(maat)[N])[N]
koksmuts	((kok)[N],(s)[N|N.N],(muts)[N])[N]
koksschool	((kok)[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
kol	(kol)[N]
kola	(kola)[N]
kola-extract	((kola)[N],(extract)[N])[N]
kolanoot	((kola)[N],(noot)[N])[N]
kolbijl	((kol)[V],(bijl)[N])[N]
kolchoz	(kolchoz)[N]
kolder	(kolder)[N]
kolderen	(kolder)[V]
kolderfilm	((kolder)[N],(film)[N])[N]
kolderig	((kolder)[N],(ig)[A|N.])[A]
kolderpoëzie	((kolder)[N],(poëzie)[N])[N]
kolderstok	((kolder)[N],(stok)[N])[N]
kolderstuk	((kolder)[N],(stuk)[N])[N]
koldervers	((kolder)[N],(vers)[N])[N]
kolderziekte	((kolder)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kolenaak	((kool)[N],(en)[N|N.N],(aak)[N])[N]
kolenader	((kool)[N],(en)[N|N.N],(ader)[N])[N]
kolenbak	((kool)[N],(en)[N|N.N],(bak)[N])[N]
kolenbekken	((kool)[N],(en)[N|N.N],(bekken)[N])[N]
kolenboer	((kool)[N],(en)[N|N.N],(boer)[N])[N]
kolenbrander	((kool)[N],(en)[N|N.Vx],(brand)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kolenbranderij	((kool)[N],(en)[N|N.Vx],(brand)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
kolenbunker	((kool)[N],(en)[N|N.N],(bunker)[N])[N]
kolencentrale	((kool)[N],(en)[N|N.N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
kolendamp	((kool)[N],(en)[N|N.N],(damp)[N])[N]
kolendampvergiftiging	(((kool)[N],(en)[N|N.N],(damp)[N])[N],(((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kolendrager	((kool)[N],(en)[N|N.Vx],(draag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kolenemmer	((kool)[N],(en)[N|N.N],(emmer)[N])[N]
kolenfornuis	((kool)[N],(en)[N|N.N],(fornuis)[N])[N]
kolengas	((kool)[N],(en)[N|N.N],(gas)[N])[N]
kolengebied	((kool)[N],(en)[N|N.N],(gebied)[N])[N]
kolengebrek	((kool)[N],(en)[N|N.N],(gebrek)[N])[N]
kolengloed	((kool)[N],(en)[N|N.N],(gloed)[N])[N]
kolengruis	((kool)[N],(en)[N|N.N],(gruis)[N])[N]
kolenhaard	((kool)[N],(en)[N|N.N],(haard)[N])[N]
kolenhak	((kool)[N],(en)[N|N.N],(hak)[N])[N]
kolenhandelaar	((kool)[N],(en)[N|N.N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
kolenhok	((kool)[N],(en)[N|N.N],(hok)[N])[N]
kolenkachel	((kool)[N],(en)[N|N.N],(kachel)[N])[N]
kolenkalk	((kool)[N],(en)[N|N.N],(kalk)[N])[N]
kolenkalksteen	((kool)[N],(en)[N|N.N],((kalk)[N],(steen)[N])[N])[N]
kolenkelder	((kool)[N],(en)[N|N.N],(kelder)[N])[N]
kolenkit	((kool)[N],(en)[N|N.N],(kit)[N])[N]
kolenkot	((kool)[N],(en)[N|N.N],(kot)[N])[N]
kolenlaag	((kool)[N],(en)[N|N.N],(laag)[N])[N]
kolenman	((kool)[N],(en)[N|N.N],(man)[N])[N]
kolenmijn	((kool)[N],(en)[N|N.N],(mijn)[N])[N]
kolenmoker	((kool)[N],(en)[N|N.N],(moker)[N])[N]
kolennood	((kool)[N],(en)[N|N.N],(nood)[N])[N]
kolenpijler	((kool)[N],(en)[N|N.N],(pijler)[N])[N]
kolenproductie	((kool)[N],(en)[N|N.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
kolenschep	((kool)[N],(en)[N|N.N],(schep)[N])[N]
kolenschip	((kool)[N],(en)[N|N.N],(schip)[N])[N]
kolenschop	((kool)[N],(en)[N|N.N],(schop)[N])[N]
kolenschuur	((kool)[N],(en)[N|N.N],(schuur)[N])[N]
kolenslakken	((kool)[N],(en)[N|N.N],(slak)[N])[N]
kolenslik	((kool)[N],(en)[N|N.N],(slik)[N])[N]
kolenstation	((kool)[N],(en)[N|N.N],(station)[N])[N]
kolentang	((kool)[N],(en)[N|N.N],(tang)[N])[N]
kolentip	((kool)[N],(en)[N|N.N],(tip)[N])[N]
kolentransport	((kool)[N],(en)[N|N.N],(transport)[N])[N]
kolentransporteur	((kool)[N],(en)[N|N.Vx],((transport)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|NxV.])[N]
kolentremmer	((kool)[N],(en)[N|N.N],((trem)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kolenvoorraad	((kool)[N],(en)[N|N.N],(voorraad)[N])[N]
kolenwagen	((kool)[N],(en)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
kolenzaag	((kool)[N],(en)[N|N.N],(zaag)[N])[N]
kolenzak	((kool)[N],(en)[N|N.N],(zak)[N])[N]
kolenzandsteen	((kool)[N],(en)[N|N.N],((zand)[N],(steen)[N])[N])[N]
kolenzeef	((kool)[N],(en)[N|N.N],(zeef)[N])[N]
kolenzwart	((kool)[N],(en)[N|N.N],(zwart)[N])[N]
kolerelijer	((kolere)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
kolerewijf	((kolere)[N],(wijf)[N])[N]
kolerezooi	((kolere)[N],(zooi)[N])[N]
kolf	(kolf)[N]
kolfbaan	((kolf)[V],(baan)[N])[N]
kolfbal	((kolf)[V],(bal)[N])[N]
kolffles	((kolf)[N],(fles)[N])[N]
kolfhout	((kolf)[V],(hout)[N])[N]
kolfpaal	((kolf)[V],(paal)[N])[N]
kolfplaat	((kolf)[N],(plaat)[N])[N]
kolfspel	((kolf)[N],(spel)[N])[N]
kolfstok	((kolf)[V],(stok)[N])[N]
kolfvormig	((kolf)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kolgans	((kol)[N],(gans)[N])[N]
kolhamer	((kol)[V],(hamer)[N])[N]
kolharing	((kol)[V],(haring)[N])[N]
kolibrie	(kolibrie)[N]
kolibrievlinder	((kolibrie)[N],(vlinder)[N])[N]
koliekachtig	((koliek)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kolk	(kolk)[N]
kolkdijk	((kolk)[N],(dijk)[N])[N]
kolken	(kolk)[V]
kolkenzuiger	((kolk)[N],(en)[N|N.Vx],(zuig)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kolkgat	((kolk)[V],(gat)[N])[N]
kolking	((kolk)[V],(ing)[N|V.])[N]
kolkmuur	((kolk)[N],(muur)[N])[N]
kolksloot	((kolk)[N],(sloot)[N])[N]
kolksluis	((kolk)[N],(sluis)[N])[N]
kollen	(kol)[V]
kollenbloem	((kol)[N],(e)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
kolom	(kolom)[N]
kolomapparaat	((kolom)[N],(apparaat)[N])[N]
kolombekisting	((kolom)[N],((be)[V|.N],(kist)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kolomboormachine	((kolom)[N],((boor)[V],(machine)[N])[N])[N]
kolomhoofd	((kolom)[N],(hoofd)[N])[N]
kolomkachel	((kolom)[N],(kachel)[N])[N]
kolomkast	((kolom)[N],(kast)[N])[N]
kolomlift	((kolom)[N],(lift)[N])[N]
kolomlijn	((kolom)[N],(lijn)[N])[N]
kolommenbalans	((kolom)[N],(en)[N|N.N],(balans)[N])[N]
kolompoot	((kolom)[N],(poot)[N])[N]
kolomradiator	((kolom)[N],(radiator)[N])[N]
kolomschroef	((kolom)[N],(schroef)[N])[N]
kolomtafel	((kolom)[N],(tafel)[N])[N]
kolomtitel	((kolom)[N],(titel)[N])[N]
kolomtoets	((kolom)[N],(toets)[N])[N]
kolonel	(kolonel)[N]
kolonel-arts	((kolonel)[N],(arts)[N])[N]
kolonelsbewind	((kolonel)[N],(s)[N|N.N],(bewind)[N])[N]
kolonelschap	((kolonel)[N],(schap)[N|N.])[N]
kolonelsdictatuur	((kolonel)[N],(s)[N|N.N],((dicteer)[V],(atuur)[N|V.])[N])[N]
kolonelsregime	((kolonel)[N],(s)[N|N.N],(regime)[N])[N]
koloniaal	((kolonie)[N],(aal)[N|N.])[N]
kolonie	(kolonie)[N]
koloniehuis	((kolonie)[N],(huis)[N])[N]
kolonievogel	((kolonie)[N],(vogel)[N])[N]
kolonisatie	(((kolonie)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
kolonisatiebeleid	((((kolonie)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(beleid)[N])[N]
kolonisatieplan	((((kolonie)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(plan)[N])[N]
kolonisator	(((kolonie)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ator)[N|V.])[N]
koloniseren	((kolonie)[N],(iseer)[V|N.])[V]
kolonisering	(((kolonie)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
kolonist	((kolonie)[N],(ist)[N|N.])[N]
kolos	(kolos)[N]
kolossaal	((kolos)[N],(aal)[A|N.])[A]
kolrijdster	((kol)[N],(rijd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
kolven	(kolf)[V]
kolvenier	((kolf)[N],(enier)[N|N.])[N]
kolver	((kolf)[V],(er)[N|V.])[N]
kom	(kom)[N]
komaf	((kom)[V],(af)[P])[N]
komediante	((komediant)[N],(e)[N|N.])[N]
komediegebouw	((komedie)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
komediespeelster	((komedie)[N],(speel)[V],(ster)[N|NV.])[N]
komediespel	((komedie)[N],(spel)[N])[N]
komediespelen	((komedie)[N],(speel)[V])[V]
komediespeler	(((komedie)[N],(speel)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
komediestuk	((komedie)[N],(stuk)[N])[N]
komeetachtig	((komeet)[N],(achtig)[A|N.])[A]
komeetkern	((komeet)[N],(kern)[N])[N]
komen	(kom)[V]
komenijswinkel	((komenij)[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
kometenbaan	((komeet)[N],(e)[N|N.N],(baan)[N])[N]
kometenstaart	((komeet)[N],(e)[N|N.N],(staart)[N])[N]
kometenvrees	((komeet)[N],(e)[N|N.N],(vrees)[N])[N]
kometenwolk	((komeet)[N],(en)[N|N.N],(wolk)[N])[N]
kometenzoeker	((komeet)[N],(e)[N|N.Vx],(zoek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
komgrond	((kom)[N],(grond)[N])[N]
komiek	((komisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
komiekeling	((komiek)[A],(eling)[N|A.])[N]
komiekerig	(((komisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(erig)[A|N.])[A]
komijnekaas	((komijn)[N],(e)[N|N.N],(kaas)[N])[N]
komijnolie	((komijn)[N],(olie)[N])[N]
komijnplant	((komijn)[N],(plant)[N])[N]
komijnzaad	((komijn)[N],(zaad)[N])[N]
komklei	((kom)[N],(klei)[N])[N]
komkommer	(komkommer)[N]
komkommerachtig	((komkommer)[N],(achtig)[A|N.])[A]
komkommerachtigen	((komkommer)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
komkommerplant	((komkommer)[N],(plant)[N])[N]
komkommerpraatje	((komkommer)[N],(praat)[N])[N]
komkommersalade	((komkommer)[N],(salade)[N])[N]
komkommerschaaf	((komkommer)[N],(schaaf)[N])[N]
komkommersoep	((komkommer)[N],(soep)[N])[N]
komkommertijd	((komkommer)[N],(tijd)[N])[N]
komkommervrucht	((komkommer)[N],(vrucht)[N])[N]
komma	(komma)[N]
kommabacil	((komma)[N],(bacil)[N])[N]
kommaneuker	((komma)[N],(neuk)[V],(er)[N|NV.])[N]
kommapunt	((komma)[N],(punt)[N])[N]
kommavormig	((komma)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kommer	(kommer)[N]
kommerlijk	((kommer)[N],(lijk)[A|N.])[A]
kommerloos	((kommer)[N],(loos)[A|N.])[A]
kommervol	((kommer)[N],(vol)[A])[A]
kompas	(kompas)[N]
kompasbeugel	((kompas)[N],(beugel)[N])[N]
kompasdoos	((kompas)[N],(doos)[N])[N]
kompasfout	((kompas)[N],(fout)[N])[N]
kompashuisje	((kompas)[N],(huis)[N])[N]
kompaskaart	((kompas)[N],(kaart)[N])[N]
kompasketel	((kompas)[N],(ketel)[N])[N]
kompasnaald	((kompas)[N],(naald)[N])[N]
kompaspatroon	((kompas)[N],(patroon)[N])[N]
kompaspeiling	((kompas)[N],((peil)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kompaspen	((kompas)[N],(pen)[N])[N]
kompasrichting	((kompas)[N],((richt)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kompasroos	((kompas)[N],(roos)[N])[N]
kompasstreek	((kompas)[N],(streek)[N])[N]
kompel	(kompel)[N]
komst	((kom)[V],(st)[N|V.])[N]
komveen	((kom)[N],(veen)[N])[N]
komvisserij	((kom)[N],(vis)[V],(erij)[N|NV.])[N]
komvorm	((kom)[N],(vorm)[N])[N]
komvormig	(((kom)[N],(vorm)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
kond	(kond)[A]
kondschap	((kond)[A],(schap)[N|A.])[N]
kondschapper	((kondschap)[V],(er)[N|V.])[N]
kongsi	(kongsi)[N]
kongsie	(kongsie)[N]
konijn	(konijn)[N]
konijnachtig	((konijn)[N],(achtig)[A|N.])[A]
konijneblad	((konijn)[N],(e)[N|N.N],(blad)[N])[N]
konijnenberg	((konijn)[N],(en)[N|N.N],(berg)[N])[N]
konijnenbont	((konijn)[N],(e)[N|N.N],(bont)[N])[N]
konijnenburg	((konijn)[N],(en)[N|N.N],(burg)[N])[N]
konijnenfokkerij	((konijn)[N],(en)[N|N.Vx],(fok)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
konijnenhaar	((konijn)[N],(e)[N|N.N],(haar)[N])[N]
konijnenhok	((konijn)[N],(e)[N|N.N],(hok)[N])[N]
konijnenhol	((konijn)[N],(e)[N|N.N],(hol)[N])[N]
konijnenhuid	((konijn)[N],(e)[N|N.N],(huid)[N])[N]
konijnenjacht	((konijn)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
konijnenkeutel	((konijn)[N],(e)[N|N.N],(keutel)[N])[N]
konijnenkot	((konijn)[N],(e)[N|N.N],(kot)[N])[N]
konijnennest	((konijn)[N],(e)[N|N.N],(nest)[N])[N]
konijnenpijp	((konijn)[N],(e)[N|N.N],(pijp)[N])[N]
konijnenpluim	((konijn)[N],(e)[N|N.N],(pluim)[N])[N]
konijnenpoot	((konijn)[N],(e)[N|N.N],(poot)[N])[N]
konijnenras	((konijn)[N],(e)[N|N.N],(ras)[N])[N]
konijnenstand	((konijn)[N],(en)[N|N.N],(stand)[N])[N]
konijnenstrik	((konijn)[N],(e)[N|N.N],(strik)[N])[N]
konijnenstrop	((konijn)[N],(e)[N|N.N],(strop)[N])[N]
konijnenteelt	((konijn)[N],(en)[N|N.N],(teelt)[N])[N]
konijnenvangst	((konijn)[N],(e)[N|N.N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
konijnenvel	((konijn)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
konijnenvlees	((konijn)[N],(e)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
konijnenvoer	((konijn)[N],(e)[N|N.N],(voer)[N])[N]
konijnenziekte	((konijn)[N],(e)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
koning	(koning)[N]
koning-keizer	((koning)[N],(keizer)[N])[N]
koning-stadhouder	((koning)[N],((stad)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N])[N]
koningin	((koning)[N],(in)[N|N.])[N]
koningin-moeder	(((koning)[N],(in)[N|N.])[N],(moeder)[N])[N]
koningin-regentes	(((koning)[N],(in)[N|N.])[N],(((regeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N])[N]
koningin-weduwe	(((koning)[N],(in)[N|N.])[N],(weduwe)[N])[N]
koninginnedag	(((koning)[N],(in)[N|N.])[N],(e)[N|N.N],(dag)[N])[N]
koninginneharing	(((koning)[N],(in)[N|N.])[N],(e)[N|N.N],(haring)[N])[N]
koninginnenbrood	(((koning)[N],(in)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(brood)[N])[N]
koninginnencel	(((koning)[N],(in)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(cel)[N])[N]
koninginnenkroon	(((koning)[N],(in)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(kroon)[N])[N]
koninginnenmantel	(((koning)[N],(in)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(mantel)[N])[N]
koninginnenpage	(((koning)[N],(in)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(page)[N])[N]
koninginnepage	(((koning)[N],(in)[N|N.])[N],(e)[N|N.N],(page)[N])[N]
koninginnesoep	(((koning)[N],(in)[N|N.])[N],(e)[N|N.N],(soep)[N])[N]
koninginnesteek	(((koning)[N],(in)[N|N.])[N],(e)[N|N.N],(steek)[N])[N]
koningsadelaar	((koning)[N],(s)[N|N.N],(adelaar)[N])[N]
koningsader	((koning)[N],(s)[N|N.N],(ader)[N])[N]
koningsappel	((koning)[N],(s)[N|N.N],(appel)[N])[N]
koningsarend	((koning)[N],(s)[N|N.N],(arend)[N])[N]
koningsbeeld	((koning)[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
koningsblauw	((koning)[N],(s)[N|N.N],(blauw)[N])[N]
koningsburcht	((koning)[N],(s)[N|N.N],(burcht)[N])[N]
koningschap	((koning)[N],(schap)[N|N.])[N]
koningsdag	((koning)[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
koningsdochter	((koning)[N],(s)[N|N.N],(dochter)[N])[N]
koningsdrama	((koning)[N],(s)[N|N.N],(drama)[N])[N]
koningsgeel	((koning)[N],(s)[N|N.N],(geel)[N])[N]
koningsgezind	((koning)[N],(s)[A|N.A],(gezind)[A])[A]
koningsgezindheid	(((koning)[N],(s)[A|N.A],(gezind)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
koningsgier	((koning)[N],(s)[N|N.N],(gier)[N])[N]
koningsgraf	((koning)[N],(s)[N|N.N],(graf)[N])[N]
koningshof	((koning)[N],(s)[N|N.N],(hof)[N])[N]
koningshuis	((koning)[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
koningskaars	((koning)[N],(s)[N|N.N],(kaars)[N])[N]
koningskind	((koning)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
koningskleur	((koning)[N],(s)[N|N.N],(kleur)[N])[N]
koningskraag	((koning)[N],(s)[N|N.N],(kraag)[N])[N]
koningskroon	((koning)[N],(s)[N|N.N],(kroon)[N])[N]
koningskruid	((koning)[N],(s)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
koningskwestie	((koning)[N],(s)[N|N.N],(kwestie)[N])[N]
koningslelie	((koning)[N],(s)[N|N.N],(lelie)[N])[N]
koningsliefde	((koning)[N],(s)[N|N.N],(liefde)[N])[N]
koningsmaaltijd	((koning)[N],(s)[N|N.N],((maal)[N],(tijd)[N])[N])[N]
koningsmantel	((koning)[N],(s)[N|N.N],(mantel)[N])[N]
koningsmoord	((koning)[N],(s)[N|N.N],(moord)[N])[N]
koningsnaam	((koning)[N],(s)[N|N.N],(naam)[N])[N]
koningspage	((koning)[N],(s)[N|N.N],(page)[N])[N]
koningspark	((koning)[N],(s)[N|N.N],(park)[N])[N]
koningsslang	((koning)[N],(s)[N|N.N],(slang)[N])[N]
koningsstaf	((koning)[N],(s)[N|N.N],(staf)[N])[N]
koningstelg	((koning)[N],(s)[N|N.N],(telg)[N])[N]
koningstijger	((koning)[N],(s)[N|N.N],(tijger)[N])[N]
koningstitel	((koning)[N],(s)[N|N.N],(titel)[N])[N]
koningstroon	((koning)[N],(s)[N|N.N],(troon)[N])[N]
koningsvaren	((koning)[N],(s)[N|N.N],(varen)[N])[N]
koningsvleugel	((koning)[N],(s)[N|N.N],(vleugel)[N])[N]
koningswater	((koning)[N],(s)[N|N.N],(water)[N])[N]
koningszaal	((koning)[N],(s)[N|N.N],(zaal)[N])[N]
koningszeer	((koning)[N],(s)[N|N.N],(zeer)[N])[N]
koningszoon	((koning)[N],(s)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
koninklijk	((koning)[N],(lijk)[A|N.])[A]
koninklijkheid	(((koning)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
koninkrijk	((koning)[N],(rijk)[N])[N]
konkel	(konkel)[N]
konkelaar	((konkel)[V],(aar)[N|V.])[N]
konkelaarster	(((konkel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
konkelachtig	((konkel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
konkelarij	((konkel)[V],(arij)[N|V.])[N]
konkelboel	((konkel)[V],(boel)[N])[N]
konkelen	(konkel)[V]
konkelfoezerij	((konkelfoes)[V],(erij)[N|V.])[N]
konkelpot	((konkel)[N],(pot)[N])[N]
konstabel	(konstabel)[N]
konstabelskamer	((konstabel)[N],(s)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
konstabelsmaat	((konstabel)[N],(s)[N|N.N],(maat)[N])[N]
kont	(kont)[N]
konterfeitsel	((konterfeit)[V],(sel)[N|V.])[N]
kontjongetje	((kont)[N],(jongen)[N])[N]
kontkruiper	((kont)[N],((kruip)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kontlikken	((kont)[N],(lik)[V])[V]
kontlikker	(((kont)[N],(lik)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
kontlikster	((kont)[N],(lik)[V],(ster)[N|NV.])[N]
kontneuken	((kont)[N],(neuk)[V])[V]
kontwachter	((kont)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kontzak	((kont)[N],(zak)[N])[N]
konvooieerder	(((konvooi)[N],(eer)[V|N.])[V],(der)[N|V.])[N]
konvooier	(((konvooi)[N],(eer)[V|N.])[V],(er)[N|V.])[N]
konvooieren	((konvooi)[N],(eer)[V|N.])[V]
konvooiering	(((konvooi)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
konvooilinie	((konvooi)[N],(linie)[N])[N]
konvooiloper	((konvooi)[N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
konvooiorde	((konvooi)[N],(orde)[N])[N]
konvooischip	((konvooi)[N],(schip)[N])[N]
koof	(koof)[N]
koog	(koog)[N]
kooi	(kooi)[N]
kooibeugel	((kooi)[N],(beugel)[N])[N]
kooiconstructie	((kooi)[N],(constructie)[N])[N]
kooieend	((kooi)[N],(eend)[N])[N]
kooien	(kooi)[V]
kooier	((kooi)[N],(er)[N|N.])[N]
kooihondje	((kooi)[N],(hond)[N])[N]
kooiman	((kooi)[N],(man)[N])[N]
kooisysteem	((kooi)[N],(systeem)[N])[N]
kooiverbinding	((kooi)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kooivogel	((kooi)[N],(vogel)[N])[N]
kook	(kook)[N]
kookboek	((kook)[V],(boek)[N])[N]
kookcursus	((kook)[V],(cursus)[N])[N]
kookdeeg	((kook)[V],(deeg)[N])[N]
kookeiland	((kook)[V],(eiland)[N])[N]
kookfornuis	((kook)[V],(fornuis)[N])[N]
kookgelegenheid	((kook)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
kookgerei	((kook)[V],(gerei)[N])[N]
kookhitte	((kook)[V],(hitte)[N])[N]
kookhuis	((kook)[V],(huis)[N])[N]
kookkachel	((kook)[V],(kachel)[N])[N]
kookketel	((kook)[V],(ketel)[N])[N]
kookkolf	((kook)[V],(kolf)[N])[N]
kookkunst	((kook)[V],(kunst)[N])[N]
kooklucht	((kook)[V],(lucht)[N])[N]
kookpan	((kook)[V],(pan)[N])[N]
kookplaat	((kook)[V],(plaat)[N])[N]
kookpunt	((kook)[V],(punt)[N])[N]
kookpuntbepaling	(((kook)[V],(punt)[N])[N],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kookpuntsbepaling	(((kook)[V],(punt)[N])[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
kookschool	((kook)[V],(school)[N])[N]
kooksel	((kook)[V],(sel)[N|V.])[N]
kookstel	((kook)[V],(stel)[N])[N]
kookster	((kook)[V],(ster)[N|V.])[N]
kooktoestel	((kook)[V],(toestel)[N])[N]
kookvrouw	((kook)[V],(vrouw)[N])[N]
kookwas	((kook)[V],(was)[N])[N]
kookwekker	((kook)[V],((wek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kool	(kool)[N]
koolaak	((kool)[N],(aak)[N])[N]
koolaanslag	((kool)[N],(aanslag)[N])[N]
koolachtig	((kool)[N],(achtig)[A|N.])[A]
koolader	((kool)[N],(ader)[N])[N]
koolassimilatie	(((kool)[N],(zuur)[N])[N],((assimileer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
koolbak	((kool)[N],(bak)[N])[N]
koolbekken	((kool)[N],(bekken)[N])[N]
koolblad	((kool)[N],(blad)[N])[N]
koolborstel	((kool)[N],(borstel)[N])[N]
koolbrander	((kool)[N],(brand)[V],(er)[N|NV.])[N]
koolbunker	((kool)[N],(bunker)[N])[N]
kooldamp	((kool)[N],(damp)[N])[N]
kooldraad	((kool)[N],(draad)[N])[N]
kooldrager	((kool)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
kooldruk	((kool)[N],(druk)[N])[N]
koolelement	((kool)[N],(element)[N])[N]
koolemmer	((kool)[N],(emmer)[N])[N]
koolgruis	((kool)[N],(gruis)[N])[N]
koolhaas	((kool)[N],(haas)[N])[N]
koolhandelaar	((kool)[N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
koolhok	((kool)[N],(hok)[N])[N]
koolhydraat	((kool)[N],((hydreer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
koolhydraatketen	(((kool)[N],((hydreer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N],(keten)[N])[N]
koolhydraatstofwisseling	(((kool)[N],((hydreer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N],((stof)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
koolkelder	((kool)[N],(kelder)[N])[N]
koolkit	((kool)[N],(kit)[N])[N]
koollaag	((kool)[N],(laag)[N])[N]
koollong	((kool)[N],(long)[N])[N]
koolmees	((kool)[N],(mees)[N])[N]
koolmijn	((kool)[N],(mijn)[N])[N]
koolmonoxidevergiftiging	((koolmonoxide)[N],(((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kooloxide	((kool)[N],(oxide)[N])[N]
koolplant	((kool)[N],(plant)[N])[N]
koolraap	((kool)[N],(raap)[N])[N]
koolsap	((kool)[N],(sap)[N])[N]
koolschaaf	((kool)[N],(schaaf)[N])[N]
koolschip	((kool)[N],(schip)[N])[N]
koolschop	((kool)[N],(schop)[N])[N]
koolsla	((kool)[N],(sla)[N])[N]
koolslik	((kool)[N],(slik)[N])[N]
koolsoep	((kool)[N],(soep)[N])[N]
koolspits	((kool)[N],(spits)[N])[N]
koolstation	((kool)[N],(station)[N])[N]
koolstof	((kool)[N],(stof)[N])[N]
koolstofatoom	(((kool)[N],(stof)[N])[N],(atoom)[N])[N]
koolstofcyclus	(((kool)[N],(stof)[N])[N],(cyclus)[N])[N]
koolstofverbinding	(((kool)[N],(stof)[N])[N],((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
koolstronk	((kool)[N],(stronk)[N])[N]
koolteer	((kool)[N],(teer)[N])[N]
kooltekening	((kool)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kooltip	((kool)[N],(tip)[N])[N]
kooltje-vuur	((kooltje)[N],(vuur)[N])[N]
kooltremmer	((kool)[N],(trem)[V],(er)[N|NV.])[N]
koolvis	((kool)[N],(vis)[N])[N]
koolvlinder	((kool)[N],(vlinder)[N])[N]
koolwagen	((kool)[N],(wagen)[N])[N]
koolwaterstof	((kool)[N],((water)[N],(stof)[N])[N])[N]
koolweerstand	((kool)[N],(weerstand)[N])[N]
koolwitje	((kool)[N],(wit)[A])[N]
koolzaad	((kool)[N],(zaad)[N])[N]
koolzaadolie	(((kool)[N],(zaad)[N])[N],(olie)[N])[N]
koolzaadstro	(((kool)[N],(zaad)[N])[N],(stro)[N])[N]
koolzaadveld	(((kool)[N],(zaad)[N])[N],(veld)[N])[N]
koolzak	((kool)[N],(zak)[N])[N]
koolzeef	((kool)[N],(zeef)[N])[N]
koolzuur	((kool)[N],(zuur)[N])[N]
koolzuurassimilatie	(((kool)[N],(zuur)[N])[N],(assimileer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
koolzuurgas	(((kool)[N],(zuur)[N])[N],(gas)[N])[N]
koolzuurhoudend	(((kool)[N],(zuur)[N])[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
koolzwart	((kool)[N],(zwart)[N])[N]
koon	(koon)[N]
koop	(koop)[N]
koopakte	((koop)[V],(akte)[N])[N]
koopal	((koop)[V],(al)[O])[N]
koopavond	((koop)[V],(avond)[N])[N]
koopbaar	((koop)[V],(baar)[A|V.])[A]
koopbon	((koop)[V],(bon)[N])[N]
koopbrief	((koop)[V],(brief)[N])[N]
koopcontract	((koop)[V],(contract)[N])[N]
koopdag	((koop)[V],(dag)[N])[N]
koopgedrag	((koop)[V],(gedrag)[N])[N]
koopgoed	((koop)[V],(goed)[N])[N]
koopgraag	((koop)[V],(graag)[A])[A]
koophandel	((koop)[V],(handel)[N])[N]
koophuis	((koop)[V],(huis)[N])[N]
koopjesjager	((koop)[N],(s)[N|N.Vx],(jaag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
koopkaart	((koop)[V],(kaart)[N])[N]
koopkracht	((koop)[V],(kracht)[N])[N]
koopkrachtig	((koop)[V],((kracht)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
koopkrachttheorie	(((koop)[V],(kracht)[N])[N],(theorie)[N])[N]
koopkrediet	((koop)[V],(krediet)[N])[N]
kooplust	((koop)[V],(lust)[N])[N]
kooplustig	((koop)[V],(lust)[N],(ig)[A|VN.])[A]
koopman	((koop)[V],(man)[N])[N]
koopmansbeurs	(((koop)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(beurs)[N])[N]
koopmansboek	(((koop)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(boek)[N])[N]
koopmansbrief	(((koop)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
koopmanschap	(((koop)[V],(man)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
koopmansfamilie	(((koop)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(familie)[N])[N]
koopmansgebruik	(((koop)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(gebruik)[N])[N]
koopmansgeest	(((koop)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(geest)[N])[N]
koopmansstad	(((koop)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(stad)[N])[N]
koopmansstijl	(((koop)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(stijl)[N])[N]
koopmanszoon	(((koop)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
koopmonster	((koop)[N],(monster)[N])[N]
kooppenning	((koop)[V],(penning)[N])[N]
koopprijs	((koop)[V],(prijs)[V])[N]
koopsom	((koop)[V],(som)[N])[N]
koopsompolis	(((koop)[V],(som)[N])[N],(polis)[N])[N]
koopstad	((koop)[V],(stad)[N])[N]
koopster	((koop)[V],(ster)[N|V.])[N]
koopvaarder	((koop)[N],(vaar)[V],(der)[N|NV.])[N]
koopvaardijkapitein	((koopvaardij)[N],(kapitein)[N])[N]
koopvaardijschip	((koopvaardij)[N],(schip)[N])[N]
koopvaardijvloot	((koopvaardij)[N],(vloot)[N])[N]
koopvaart	((koop)[V],(vaart)[N])[N]
koopvernietigend	((koop)[N],(vernietigend)[A])[A]
koopvernietiging	((koop)[N],((ver)[V|.A],(nietig)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
koopvrouw	((koop)[V],(vrouw)[N])[N]
koopwaar	((koop)[V],(waar)[N])[N]
koopwaardig	((koop)[V],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
koopwerk	((koop)[N],(werk)[N])[N]
koopwoede	((koop)[V],(woede)[N])[N]
koopwoning	((koop)[V],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
koopziek	((koop)[V],(ziek)[A])[A]
koopzucht	((koop)[V],(zucht)[N])[N]
koor	(koor)[N]
koorafsluiting	((koor)[N],((af)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
koorbank	((koor)[N],(bank)[N])[N]
koord	(koord)[N]
koordans	((koor)[N],(dans)[N])[N]
koorddansen	((koord)[N],(dans)[V])[V]
koorddanser	(((koord)[N],(dans)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
koorddanseres	((((koord)[N],(dans)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
koordeken	((koor)[N],(deken)[N])[N]
koordelastiek	((koord)[N],((elastisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
koorden	((koord)[N],(en)[A|N.])[A]
koordendraaier	((koord)[N],(en)[N|N.Vx],(draai)[V],(er)[N|NxV.])[N]
koordenveelhoek	((koorde)[N],(en)[N|N.N],((veel)[Q],(hoek)[N])[N])[N]
koordfluweel	((koord)[N],(fluweel)[N])[N]
koordienst	((koor)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
koordirigent	((koor)[N],(dirigeer)[V],(ent)[N|NV.])[N]
koordmakerij	((koord)[N],(maak)[V],(erij)[N|NV.])[N]
koordnet	((koord)[N],(net)[N])[N]
koordschrift	((koord)[N],(schrift)[N])[N]
koordveter	((koord)[N],(veter)[N])[N]
koordzeep	((koord)[N],(zeep)[N])[N]
koorfestival	((koor)[N],(festival)[N])[N]
koorgalerij	((koor)[N],(galerij)[N])[N]
koorgebed	((koor)[N],(gebed)[N])[N]
koorgedeelte	((koor)[N],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
koorgestoelte	((koor)[N],((ge)[N|.Nx],(stoel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
koorgewelf	((koor)[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
koorgezang	((koor)[N],((ge)[N|.N],(zang)[N])[N])[N]
koorheer	((koor)[N],(heer)[N])[N]
koorhek	((koor)[N],(hek)[N])[N]
koorhemd	((koor)[N],(hemd)[N])[N]
koorkap	((koor)[N],(kap)[N])[N]
koorkapel	((koor)[N],(kapel)[N])[N]
koorkerk	((koor)[N],(kerk)[N])[N]
koorknaap	((koor)[N],(knaap)[N])[N]
koorleider	((koor)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
koorlessenaar	((koor)[N],(lessenaar)[N])[N]
koorlied	((koor)[N],(lied)[N])[N]
koormaatschappij	((koor)[N],(maatschappij)[N])[N]
koormantel	((koor)[N],(mantel)[N])[N]
koormonnik	((koor)[N],(monnik)[N])[N]
koormuziek	((koor)[N],(muziek)[N])[N]
koornis	((koor)[N],(nis)[N])[N]
koornon	((koor)[N],(non)[N])[N]
kooromgang	((koor)[N],(omgang)[N])[N]
kooropera	((koor)[N],(opera)[N])[N]
koorsluiting	((koor)[N],(sluit)[V],(ing)[N|NV.])[N]
koorstoel	((koor)[N],(stoel)[N])[N]
koorsymfonie	((koor)[N],(symfonie)[N])[N]
koortrans	((koor)[N],(trans)[N])[N]
koorts	(koorts)[N]
koortsaanval	((koorts)[N],(aanval)[N])[N]
koortsachtig	((koorts)[N],(achtig)[A|N.])[A]
koortsachtigheid	(((koorts)[N],(achtig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
koortsdelirium	((koorts)[N],(delirium)[N])[N]
koortsdrankje	((koorts)[N],(drank)[N])[N]
koortsgloed	((koorts)[N],(gloed)[N])[N]
koortsig	((koorts)[N],(ig)[A|N.])[A]
koortsigheid	(((koorts)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
koortskruiden	((koorts)[N],(kruid)[N])[N]
koortslijder	((koorts)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
koortslijderes	(((koorts)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N],(es)[N|N.])[N]
koortsmiddel	((koorts)[N],(middel)[N])[N]
koortsperiode	((koorts)[N],(periode)[N])[N]
koortsstuip	((koorts)[N],(stuip)[N])[N]
koortstabel	((koorts)[N],(tabel)[N])[N]
koortstherapie	((koorts)[N],(therapie)[N])[N]
koortsthermometer	((koorts)[N],((thermo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
koortstoestand	((koorts)[N],(toestand)[N])[N]
koortsuitslag	((koorts)[N],((uit)[P],(slag)[N])[N])[N]
koortsvisioen	((koorts)[N],(visioen)[N])[N]
koortsvrij	((koorts)[N],(vrij)[A])[A]
koortswerend	((koorts)[N],(weer)[V],(end)[A|NV.])[A]
koorvenster	((koor)[N],(venster)[N])[N]
koorvereniging	((koor)[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
koorwerk	((koor)[N],(werk)[N])[N]
koorzang	((koor)[N],(zang)[N])[N]
koorzanger	((koor)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
koorzangeres	(((koor)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(es)[N|N.])[N]
koorzuster	((koor)[N],(zuster)[N])[N]
koosnaam	((koos)[V],(naam)[N])[N]
koot	(koot)[N]
kootbeen	((koot)[N],(been)[N])[N]
kootspel	((koot)[N],(spel)[N])[N]
kop	(kop)[N]
kopallak	((kopal)[N],(lak)[N])[N]
kopbal	((kop)[V],(bal)[N])[N]
kopbout	((kop)[N],(bout)[N])[N]
kopduel	((kop)[V],(duel)[N])[N]
kopeke	(kopeke)[N]
kopen	(koop)[V]
koper	(koper)[N]
koper	((koop)[V],(er)[N|V.])[N]
koperachtig	((koper)[N],(achtig)[A|N.])[A]
koperblazer	((koper)[N],((blaas)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
koperbrons	((koper)[N],(brons)[N])[N]
koperdiepdruk	((koper)[N],(diepdruk)[N])[N]
koperdraad	((koper)[N],(draad)[N])[N]
koperdruk	((koper)[N],(druk)[N])[N]
koperdrukker	((koper)[N],((druk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
koperdrukkerij	((koper)[N],(druk)[V],(erij)[N|NV.])[N]
koperdrukplaat	(((koper)[N],(druk)[N])[N],(plaat)[N])[N]
koperen	(koper)[V]
koperen	(((koop)[V],(er)[N|V.])[N],(en)[A|N.])[A]
kopererts	(((koop)[V],(er)[N|V.])[N],(erts)[N])[N]
koperets	((koper)[N],(ets)[N])[N]
kopergeld	((koper)[N],(geld)[N])[N]
kopergieter	((koper)[N],(giet)[V],(er)[N|NV.])[N]
kopergieterij	((koper)[N],(giet)[V],(erij)[N|NV.])[N]
koperglans	((koper)[N],(glans)[N])[N]
kopergoud	((koper)[N],(goud)[N])[N]
kopergravure	((koper)[N],(gravure)[N])[N]
kopergroen	((koper)[N],(groen)[N])[N]
koperhoudend	((koper)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
koperindustrie	((koper)[N],(industrie)[N])[N]
koperkleurig	((koper)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
koperlazuur	((koper)[N],(lazuur)[N])[N]
kopermijn	((koper)[N],(mijn)[N])[N]
kopermuziek	((koper)[N],(muziek)[N])[N]
koperoxide	((koper)[N],(oxide)[N])[N]
koperpletterij	((koper)[N],(plet)[V],(erij)[N|NV.])[N]
koperpoets	((koper)[N],(poets)[N])[N]
koperrood	((koper)[N],(rood)[N])[N]
koperslager	((koper)[N],(sla)[V],(er)[N|NV.])[N]
koperslagerij	((koper)[N],(sla)[V],(erij)[N|NV.])[N]
kopersmarkt	(((koop)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(markt)[N])[N]
kopersmid	((koper)[N],(smid)[N])[N]
kopersnede	((koper)[N],(snede)[N])[N]
kopersnee	((koper)[N],(snee)[N])[N]
koperstuk	((koper)[N],(stuk)[N])[N]
kopervitriool	((koper)[N],(vitriool)[N])[N]
koperwerk	((koper)[N],(werk)[N])[N]
koperwiek	((koper)[N],(wiek)[N])[N]
koperzout	((koper)[N],(zout)[N])[N]
kopglas	((kop)[N],(glas)[N])[N]
kopgroep	((kop)[N],(groep)[N])[N]
kophout	((kop)[N],(hout)[N])[N]
kopie	(kopie)[N]
kopieboek	((kopie)[N],(boek)[N])[N]
kopieerapparaat	((kopieer)[V],(apparaat)[N])[N]
kopieerboek	((kopieer)[V],(boek)[N])[N]
kopieerder	((kopieer)[V],(der)[N|V.])[N]
kopieerinkt	((kopieer)[V],(inkt)[N])[N]
kopieerinrichting	((kopieer)[V],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kopieermachine	((kopieer)[V],(machine)[N])[N]
kopieerpapier	((kopieer)[V],(papier)[N])[N]
kopieerpers	((kopieer)[V],(pers)[N])[N]
kopieerwerk	((kopieer)[V],(werk)[N])[N]
kopieerwieltje	((kopieer)[V],(wiel)[N])[N]
kopieloon	((kopie)[N],(loon)[N])[N]
kopiist	((kopie)[N],(ist)[N|N.])[N]
kopiiste	(((kopie)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
kopij	(kopij)[N]
kopijpapier	((kopij)[N],(papier)[N])[N]
kopijrecht	((kopij)[N],(recht)[N])[N]
kopjeduikelen	((kop)[N],(duikel)[V])[V]
kopklep	((kop)[N],(klep)[N])[N]
koplaag	((kop)[N],(laag)[N])[N]
koplamp	((kop)[N],(lamp)[N])[N]
koplast	((kop)[N],(last)[N])[N]
koplastig	(((kop)[N],(last)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
koplat	((kop)[N],(lat)[N])[N]
kopletter	((kop)[N],(letter)[N])[N]
koplicht	((kop)[N],(licht)[N])[N]
koploopster	((kop)[N],((loop)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
koploos	((kop)[N],(loos)[A|N.])[A]
koploper	((kop)[N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kopman	((kop)[N],(man)[N])[N]
kopnagel	((kop)[N],(nagel)[N])[N]
koppakking	((kop)[N],((pak)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
koppel	(koppel)[N]
koppelaar	((koppel)[V],(aar)[N|V.])[N]
koppelaarster	(((koppel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
koppelarij	((koppel)[V],(arij)[N|V.])[N]
koppelbaas	((koppel)[V],(baas)[N])[N]
koppelboog	((koppel)[V],(boog)[N])[N]
koppelbout	((koppel)[V],(bout)[N])[N]
koppelen	(koppel)[V]
koppeling	((koppel)[V],(ing)[N|V.])[N]
koppelingspedaal	(((koppel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(pedaal)[N])[N]
koppelkoers	((koppel)[V],(koers)[N])[N]
koppelletter	((koppel)[V],(letter)[N])[N]
koppelloon	((koppel)[V],(loon)[N])[N]
koppelnet	((koppel)[V],(net)[N])[N]
koppelriem	((koppel)[N],(riem)[N])[N]
koppelstang	((koppel)[V],(stang)[N])[N]
koppelstuk	((koppel)[V],(stuk)[N])[N]
koppelteken	((koppel)[V],(teken)[N])[N]
koppeltjeduikelen	((kop)[N],(duikel)[V])[V]
koppelverkoop	((koppel)[V],(verkoop)[N])[N]
koppelwedstrijd	((koppel)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
koppelwerkwoord	((koppel)[V],((werk)[V],(woord)[N])[N])[N]
koppelwoord	((koppel)[V],(woord)[N])[N]
koppen	(kop)[V]
koppensnellen	((kop)[N],(en)[V|N.V],(snel)[V])[V]
koppensneller	(((kop)[N],(en)[V|N.V],(snel)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
koppentrommel	((kop)[N],(en)[N|N.N],(trommel)[N])[N]
koppig	((kop)[N],(ig)[A|N.])[A]
koppigaard	(((kop)[N],(ig)[A|N.])[A],(aard)[N|A.])[N]
koppigheid	(((kop)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
koppigheidsfase	((((kop)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
koppijn	((kop)[N],(pijn)[N])[N]
koppoter	((kop)[N],(poot)[N],(er)[N|NN.])[N]
koppotig	((kop)[N],(poot)[N],(ig)[A|NN.])[A]
koppotigen	((kop)[N],(poot)[N],(ig)[N|NN.x],(e)[N|NNx.])[N]
kopraolie	((kopra)[N],(olie)[N])[N]
kopregel	((kop)[N],(regel)[N])[N]
kopriem	((kop)[N],(riem)[N])[N]
koprol	((kop)[N],(rol)[N])[N]
koprollen	((kop)[N],(rol)[V])[V]
kops	((kop)[N],(s)[A|N.])[A]
kopschool	((kop)[N],(school)[N])[N]
kopschudden	((kop)[N],(schud)[V])[V]
kopschuw	((kop)[N],(schuw)[A])[A]
kopshout	(((kop)[N],(s)[A|N.])[A],(hout)[N])[N]
kopspiegellamp	((kop)[N],((spiegel)[N],(lamp)[N])[N])[N]
kopspijker	((kop)[N],(spijker)[N])[N]
kopstation	((kop)[N],(station)[N])[N]
kopsteen	((kop)[N],(steen)[N])[N]
kopstem	((kop)[N],(stem)[N])[N]
kopstoot	((kop)[N],(stoot)[N])[N]
kopstudie	((kop)[N],(studie)[N])[N]
kopstuk	((kop)[N],(stuk)[N])[N]
koptelefoon	((kop)[N],(telefoon)[N])[N]
kopwerk	((kop)[N],(werk)[N])[N]
kopwilg	((kop)[N],(wilg)[N])[N]
kopziekte	((kop)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kopzijde	((kop)[N],(zijde)[N])[N]
kopzorg	((kop)[N],(zorg)[N])[N]
kor	(kor)[N]
koraalachtig	((koraal)[N],(achtig)[A|N.])[A]
koraalbank	((koraal)[N],(bank)[N])[N]
koraalboek	((koraal)[N],(boek)[N])[N]
koraaldier	((koraal)[N],(dier)[N])[N]
koraaleiland	((koraal)[N],(eiland)[N])[N]
koraalfuga	((koraal)[N],(fuga)[N])[N]
koraalgezang	((koraal)[N],((ge)[N|.N],(zang)[N])[N])[N]
koraalmos	((koraal)[N],(mos)[N])[N]
koraalmuziek	((koraal)[N],(muziek)[N])[N]
koraalpoliep	((koraal)[N],(poliep)[N])[N]
koraalrif	((koraal)[N],(rif)[N])[N]
koraalrood	((koraal)[N],(rood)[N])[N]
koraalvis	((koraal)[N],(vis)[N])[N]
koraalvisser	((koraal)[N],((vis)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
koraalvisserij	((koraal)[N],(vis)[V],(erij)[N|NV.])[N]
koraalwier	((koraal)[N],(wier)[N])[N]
koralen	((koraal)[N],(en)[A|N.])[A]
koran	(koran)[N]
korantekst	((koran)[N],(tekst)[N])[N]
kordaatheid	((kordaat)[A],(heid)[N|A.])[N]
kordelier	((kordeel)[N],(ier)[N|N.])[N]
koren	(koren)[N]
korenaar	((koren)[N],(aar)[N])[N]
korenakker	((koren)[N],(akker)[N])[N]
korenbeurs	((koren)[N],(beurs)[N])[N]
korenblauw	((koren)[N],(blauw)[N])[N]
korenbloem	((koren)[N],(bloem)[N])[N]
korenbloemblauw	(((koren)[N],(bloem)[N])[N],(blauw)[A])[A]
korenblond	((koren)[N],(blond)[A])[A]
korenbrander	((koren)[N],(brand)[V],(er)[N|NV.])[N]
korengeel	((koren)[N],(geel)[A])[A]
korenhalm	((koren)[N],(halm)[N])[N]
korenland	((koren)[N],(land)[N])[N]
korenmaat	((koren)[N],(maat)[N])[N]
korenmarkt	((koren)[N],(markt)[N])[N]
korenmijt	((koren)[N],(mijt)[N])[N]
korenmolen	((koren)[N],(molen)[N])[N]
korenmolenaar	((koren)[N],((molen)[N],(aar)[N|N.])[N])[N]
korenmot	((koren)[N],(mot)[N])[N]
korenmus	((koren)[N],(mus)[N])[N]
korenoogst	((koren)[N],(oogst)[N])[N]
korenroos	((koren)[N],(roos)[N])[N]
korenschoof	((koren)[N],(schoof)[N])[N]
korenschuur	((koren)[N],(schuur)[N])[N]
korenstoppel	((koren)[N],(stoppel)[N])[N]
korentang	((koren)[N],(tang)[N])[N]
korenveld	((koren)[N],(veld)[N])[N]
korenwan	((koren)[N],(wan)[N])[N]
korenzeef	((koren)[N],(zeef)[N])[N]
korenzolder	((koren)[N],(zolder)[N])[N]
korf	(korf)[N]
korfbal	((korf)[N],(bal)[N])[N]
korfballer	((korfbal)[V],(er)[N|V.])[N]
korfbalspeelster	(((korf)[N],(bal)[N])[N],(speel)[V],(ster)[N|NV.])[N]
korfbalspel	(((korf)[N],(bal)[N])[N],(spel)[N])[N]
korfbalspeler	(((korf)[N],(bal)[N])[N],(speel)[V],(er)[N|NV.])[N]
korfbalster	((korfbal)[V],(ster)[N|V.])[N]
korfbalwedstrijd	(((korf)[N],(bal)[N])[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
korffles	((korf)[N],(fles)[N])[N]
korfvlechter	((korf)[N],(vlecht)[V],(er)[N|NV.])[N]
korhaan	((kor)[V],(haan)[N])[N]
korhoen	((kor)[V],(hoen)[N])[N]
koriander	(koriander)[N]
korianderzaad	((koriander)[N],(zaad)[N])[N]
korist	((koor)[N],(ist)[N|N.])[N]
koriste	((koor)[N],(iste)[N|N.])[N]
kornet	(kornet)[N]
kornet	((kor)[V],(net)[N])[N]
kornetblazer	((kornet)[N],(blaas)[V],(er)[N|NV.])[N]
kornetmuts	((kornet)[N],(muts)[N])[N]
kornoelje	(kornoelje)[N]
kornoeljeboom	((kornoelje)[N],(boom)[N])[N]
kornoeljehout	((kornoelje)[N],(hout)[N])[N]
kornoeljen	(kornoeljen)[A]
kornuit	(kornuit)[N]
koroester	((kor)[V],(oester)[N])[N]
korporaal	(korporaal)[N]
korporaalschap	((korporaal)[N],(schap)[N|N.])[N]
korporaalsstrepen	((korporaal)[N],(s)[N|N.N],(streep)[N])[N]
korpschef	((korps)[N],(chef)[N])[N]
korpscommandant	((korps)[N],(commandeer)[V],(ant)[N|NV.])[N]
korpsgeest	((korps)[N],(geest)[N])[N]
korpsgewijs	((korps)[N],(gewijs)[A|N.])[A]
korpsonderscheidingsteken	((korps)[N],((((onder)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N])[N]
korpssterkte	((korps)[N],((sterk)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
korrel	(korrel)[N]
korrelachtig	((korrel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
korrelen	(korrel)[V]
korrelig	((korrel)[N],(ig)[A|N.])[A]
korreligheid	(((korrel)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
korreling	((korrel)[V],(ing)[N|V.])[N]
korrelmaïs	((korrel)[N],(maïs)[N])[N]
korren	(kor)[V]
korsettenwinkel	((korset)[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
korsetveter	((korset)[N],(veter)[N])[N]
korsetwinkel	((korset)[N],(winkel)[N])[N]
korst	(korst)[N]
korstachtig	((korst)[N],(achtig)[A|N.])[A]
korstdeeg	((korst)[N],(deeg)[N])[N]
korsten	(korst)[V]
korstgebak	((korst)[N],((ge)[N|.V],(bak)[V])[N])[N]
korstig	((korst)[N],(ig)[A|N.])[A]
korstigheid	(((korst)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
korstmos	((korst)[N],(mos)[N])[N]
kort	((te)[B],(kort)[N])[N]
kort	(kort)[N]
kortaangebonden	((kort)[A],(aangebonden)[A])[A]
kortademig	((kort)[A],(adem)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kortademigheid	(((kort)[A],(adem)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kortaf	((kort)[A],(af)[A])[A]
kortarmig	((kort)[A],(arm)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kortbenig	((kort)[A],(been)[N],(ig)[A|AN.])[A]
korteafstandloper	((kort)[A],(e)[N|A.NVx],(afstand)[N],(loop)[V],(er)[N|AxNV.])[N]
kortebaanwedstrijd	((kort)[A],(e)[N|A.NN],(baan)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
kortegolf	((kort)[N],(e)[N|N.N],(golf)[N])[N]
kortegolfontvanger	(((kort)[N],(e)[N|N.N],(golf)[N])[N],(ontvang)[V],(er)[N|NV.])[N]
kortegolfontvangst	(((kort)[N],(e)[N|N.N],(golf)[N])[N],((ontvang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
kortegolfzender	(((kort)[N],(e)[N|N.N],(golf)[N])[N],(zend)[V],(er)[N|NV.])[N]
kortelas	(kortelas)[N]
korteling	((kort)[A],(eling)[N|A.])[N]
kortemaand	((kort)[N],(e)[N|N.N],(maand)[N])[N]
korten	(kort)[V]
kortgerokt	((kort)[A],(gerokt)[A])[A]
kortharig	((kort)[A],(haar)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kortheid	((kort)[A],(heid)[N|A.])[N]
kortijd	((kor)[V],(tijd)[N])[N]
korting	((kort)[V],(ing)[N|V.])[N]
kortingkaart	(((kort)[V],(ing)[N|V.])[N],(kaart)[N])[N]
kortingspercentage	(((kort)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(percentage)[N])[N]
kortingsregeling	(((kort)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kortlopend	((kort)[A],(loop)[V],(end)[A|AV.])[A]
kortoren	((kort)[A],(oor)[N])[V]
kortpapier	((kort)[A],(papier)[N])[N]
kortparkeerder	((kort)[A],((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(der)[N|AV.])[N]
kortschedelig	((kort)[A],(schedel)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kortschrift	((kort)[A],(schrift)[N])[N]
kortsluiten	((kort)[A],(sluit)[V])[V]
kortsluiting	(((kort)[A],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
kortstaart	((kort)[A],(staart)[N])[N]
kortsteel	((kort)[A],(steel)[N])[N]
kortstondig	((kort)[A],(stond)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kortstondigheid	(((kort)[A],(stond)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kortverbander	((kort)[A],(verband)[N],(er)[N|AN.])[N]
kortverbandvrijwilliger	((kort)[A],(verband)[N],(((vrij)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A],(er)[N|A.])[N])[N]
kortvleugelen	((kort)[A],(vleugel)[N])[V]
kortvleugelig	((kort)[A],(vleugel)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kortwieken	((kort)[A],(wiek)[V])[V]
kortwoner	((kort)[A],(woon)[V],(er)[N|AV.])[N]
kortzaag	((kort)[V],(zaag)[N])[N]
kortzicht	((kort)[A],(zicht)[N])[N]
kortzichtig	(((kort)[A],(zicht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
kortzichtigheid	((((kort)[A],(zicht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
korven	(korf)[V]
korzeligheid	((korzelig)[A],(heid)[N|A.])[N]
kosmisch	((kosmos)[N],(isch)[A|N.])[A]
kosmogonie	((kosmogonisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
kosmografie	((kosmografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
kosmologie	((kosmologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
kosmopolitisch	((kosmopoliet)[N],(isch)[A|N.])[A]
kost	(kost)[N]
kostbaarheid	((kostbaar)[A],(heid)[N|A.])[N]
kostbaas	((kost)[N],(baas)[N])[N]
kostderving	((kost)[N],(derf)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kostelijkheid	((kostelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
kosteloos	((kost)[N],(eloos)[A|N.])[A]
kosteloosheid	(((kost)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kosten	(kost)[V]
kostenanalyse	((kost)[N],(en)[N|N.N],(analyse)[N])[N]
kostenaspect	((kost)[N],(en)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
kostenberekening	((kost)[N],(en)[N|N.N],(((be)[V|.V],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kostenbesparend	((kost)[N],(en)[A|N.Vx],((be)[V|.V],(spaar)[V])[V],(end)[A|NxV.])[A]
kostenbewaking	((kost)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
kostenbudget	((kost)[N],(en)[N|N.N],(budget)[N])[N]
kostencalculatie	((kost)[N],(en)[N|N.N],((calculeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
kostencategorie	((kost)[N],(en)[N|N.N],(categorie)[N])[N]
kostencijfer	((kost)[N],(en)[N|N.N],(cijfer)[N])[N]
kostencomponent	((kost)[N],(en)[N|N.N],((componeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
kostenconsequentie	((kost)[N],(en)[N|N.N],((consequent)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
kostencurve	((kost)[N],(en)[N|N.N],(curve)[N])[N]
kostendekkend	((kost)[N],(en)[A|N.Vx],(dek)[V],(end)[A|NxV.])[A]
kostenderving	((kost)[N],(en)[N|N.Vx],(derf)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
kostendrager	((kost)[N],(en)[N|N.Vx],(draag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kostenelement	((kost)[N],(en)[N|N.N],(element)[N])[N]
kostenfunctie	((kost)[N],(en)[N|N.N],(functie)[N])[N]
kostengegeven	((kost)[N],(en)[N|N.N],(gegeven)[N])[N]
kosteninflatie	((kost)[N],(en)[N|N.N],(inflatie)[N])[N]
kostenniveau	((kost)[N],(en)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
kostenontwikkeling	((kost)[N],(en)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kostenoogpunt	((kost)[N],(en)[N|N.N],((oog)[N],(punt)[N])[N])[N]
kostenplaats	((kost)[N],(en)[N|N.N],(plaats)[N])[N]
kostenraming	((kost)[N],(en)[N|N.Vx],(raam)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
kostenregeling	((kost)[N],(en)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kostenstructuur	((kost)[N],(en)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
kostenteller	((kost)[N],(en)[N|N.Vx],(tel)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kostentoename	((kost)[N],(en)[N|N.N],(toename)[N])[N]
kostentoerekening	((kost)[N],(en)[N|N.N],(((toe)[B],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kostenverhogend	((kost)[N],(en)[A|N.Vx],((ver)[V|.A],(hoog)[A])[V],(end)[A|NxV.])[A]
kostenvoordeel	((kost)[N],(en)[N|N.N],((voor)[B],(deel)[N])[N])[N]
kostenvraagstuk	((kost)[N],(en)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
koster	(koster)[N]
kosteres	((koster)[N],(es)[N|N.])[N]
kosterij	((koster)[N],(ij)[N|N.])[N]
kostersambt	((koster)[N],(s)[N|N.N],(ambt)[N])[N]
kosterschap	((koster)[N],(schap)[N|N.])[N]
kostershuis	((koster)[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
kostgangster	((kost)[N],(ga)[V],(ster)[N|NV.])[N]
kostgast	((kost)[N],(gast)[N])[N]
kostgeld	((kost)[N],(geld)[N])[N]
kosthuis	((kost)[N],(huis)[N])[N]
kostjongen	((kost)[N],(jongen)[N])[N]
kostjuffrouw	((kost)[N],(juffrouw)[N])[N]
kostkind	((kost)[N],(kind)[N])[N]
kostleerling	((kost)[N],((leer)[V],(ling)[N|V.])[N])[N]
kostleerlinge	(((kost)[N],((leer)[V],(ling)[N|V.])[N])[N],(e)[N|N.])[N]
kostprijs	((kost)[V],(prijs)[N])[N]
kostschool	((kost)[N],(school)[N])[N]
kostschoolbed	(((kost)[N],(school)[N])[N],(bed)[N])[N]
kostschoolhouder	(((kost)[N],(school)[N])[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
kostschoolhoudster	(((kost)[N],(school)[N])[N],(houd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
kostschoolleerling	(((kost)[N],(school)[N])[N],((leer)[V],(ling)[N|V.])[N])[N]
kostschoolmeisje	(((kost)[N],(school)[N])[N],(meisje)[N])[N]
kostumeren	((kostuum)[N],(eer)[V|N.])[V]
kostuum	(kostuum)[N]
kostuumgeschiedenis	((kostuum)[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
kostuumknippen	((kostuum)[N],(knip)[V])[V]
kostuummuseum	((kostuum)[N],(museum)[N])[N]
kostuumnaaien	((kostuum)[N],(naai)[V])[V]
kostuumnaaister	((kostuum)[N],(naai)[V],(ster)[N|NV.])[N]
kostvrouw	((kost)[N],(vrouw)[N])[N]
kostwinner	((kost)[N],(win)[V],(er)[N|NV.])[N]
kostwinnersbeginsel	(((kost)[N],(win)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
kostwinnerschap	(((kost)[N],(win)[V],(er)[N|NV.])[N],(schap)[N|N.])[N]
kostwinnersprincipe	(((kost)[N],(win)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(principe)[N])[N]
kostwinnersvergoeding	(((kost)[N],(win)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(goed)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kostwinning	((kost)[N],(win)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kostwinster	((kost)[N],(win)[V],(ster)[N|NV.])[N]
kot	(kot)[N]
koten	(koot)[V]
koter	(koter)[N]
koteraar	((koter)[V],(aar)[N|V.])[N]
koteren	(koter)[V]
koterhaak	((koter)[V],(haak)[N])[N]
koterij	((koot)[V],(erij)[N|V.])[N]
kots	(kots)[N]
kotsen	(kots)[V]
kotsmisselijk	((kots)[A],(misselijk)[A])[A]
kotter	(kotter)[N]
kotteraar	((kotter)[V],(aar)[N|V.])[N]
kotterbank	((kotter)[V],(bank)[N])[N]
kotteren	(kotter)[V]
kotterjacht	((kotter)[N],(jacht)[N])[N]
kou	(kou)[N]
koubeitel	((kou)[N],(beitel)[N])[N]
koubenen	((kou)[N],(been)[N])[N]
koubulten	((kou)[N],(bult)[N])[N]
koud	(koud)[A]
koudbewerking	((koud)[A],(((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
koudbloed	((koud)[A],(bloed)[N])[N]
koudbloedig	((koud)[A],(bloed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
koudbloedpaard	(((koud)[A],(bloed)[N])[N],(paard)[N])[N]
koudbloedras	(((koud)[A],(bloed)[N])[N],(ras)[N])[N]
koude	(koude)[N]
koudefront	((koude)[N],(front)[N])[N]
koudegolf	((koude)[N],(golf)[N])[N]
koudegrondtuinder	((koud)[A],(e)[N|A.NN],(grond)[N],((tuin)[N],(der)[N|N.])[N])[N]
koudetechniek	((koude)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
koudetherapie	((koude)[N],(therapie)[N])[N]
koudheid	((koud)[A],(heid)[N|A.])[N]
koudlichtspiegel	((koud)[A],(licht)[N],(spiegel)[N])[N]
koudmakend	((koud)[A],(maak)[V],(end)[A|AV.])[A]
koudslachter	((koud)[A],(slacht)[V],(er)[N|AV.])[N]
koudsmeden	((koud)[A],(smeed)[V])[V]
koudvuur	((koud)[A],(vuur)[N])[N]
koudwaterbad	((koud)[A],(water)[N],(bad)[N])[N]
koudwaterinrichting	((koud)[A],(water)[N],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
koudwaterkuur	((koud)[A],(water)[N],(kuur)[N])[N]
koudwatervrees	((koud)[A],(water)[N],(vrees)[N])[N]
koufront	((kou)[N],(front)[N])[N]
kougolf	((kou)[N],(golf)[N])[N]
koukleumen	((kou)[N],(kleum)[V])[V]
kous	(kous)[N]
kousbroek	((kous)[N],(broek)[N])[N]
kousenband	((kous)[N],(e)[N|N.N],(band)[N])[N]
kousenbeen	((kous)[N],(e)[N|N.N],(been)[N])[N]
kousenkoper	((kous)[N],(en)[N|N.Vx],(koop)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kousenvoet	((kous)[N],(en)[N|N.N],(voet)[N])[N]
kousenweverij	((kous)[N],(en)[N|N.Vx],(weef)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
kousenwinkel	((kous)[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
kousophouder	((kous)[N],((op)[P],(houd)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
kout	(kout)[N]
kouten	(kout)[V]
kouvatten	((kou)[N],(vat)[V])[V]
kouwelijk	((koud)[A],(elijk)[A|A.])[A]
kouwelijkheid	(((koud)[A],(elijk)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kozak	(kozak)[N]
kozakkendans	((kozak)[N],(en)[N|N.N],(dans)[N])[N]
kozakkenhoofdman	((kozak)[N],(en)[N|N.N],((hoofd)[N],(man)[N])[N])[N]
kozakkenkoor	((kozak)[N],(en)[N|N.N],(koor)[N])[N]
kozakkenmuts	((kozak)[N],(en)[N|N.N],(muts)[N])[N]
kozakkenregiment	((kozak)[N],(en)[N|N.N],(regiment)[N])[N]
kozen	(koos)[V]
kozerij	((koos)[V],(erij)[N|V.])[N]
kozijn	(kozijn)[N]
kozijnhout	((kozijn)[N],(hout)[N])[N]
kraag	(kraag)[N]
kraagbeer	((kraag)[N],(beer)[N])[N]
kraageend	((kraag)[N],(eend)[N])[N]
kraagjas	((kraag)[N],(jas)[N])[N]
kraagmantel	((kraag)[N],(mantel)[N])[N]
kraagmerel	((kraag)[N],(merel)[N])[N]
kraagsteen	((kraag)[N],(steen)[N])[N]
kraagstuk	((kraag)[N],(stuk)[N])[N]
kraagveer	((kraag)[N],(veer)[N])[N]
kraai	(kraai)[N]
kraaien	(kraai)[V]
kraaienbek	((kraai)[N],(e)[N|N.N],(bek)[N])[N]
kraaienkap	((kraai)[N],(en)[N|N.N],(kap)[N])[N]
kraaienmars	((kraai)[N],(en)[N|N.N],(mars)[N])[N]
kraaiennest	((kraai)[N],(en)[N|N.N],(nest)[N])[N]
kraaienoog	((kraai)[N],(e)[N|N.N],(oog)[N])[N]
kraaienpoot	((kraai)[N],(e)[N|N.N],(poot)[N])[N]
kraaienwip	((kraai)[N],(e)[N|N.N],(wip)[N])[N]
kraaier	((kraai)[V],(er)[N|V.])[N]
kraaierig	((kraai)[V],(erig)[A|V.])[A]
kraak	(kraak)[N]
kraakactie	((kraak)[V],(actie)[N])[N]
kraakamandel	((kraak)[V],(amandel)[N])[N]
kraakbeen	((kraak)[V],(been)[N])[N]
kraakbeenachtig	(((kraak)[V],(been)[N])[N],(achtig)[A|N.])[A]
kraakbenzine	((kraak)[V],(benzine)[N])[N]
kraakbeweging	((kraak)[V],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kraakgas	((kraak)[V],(gas)[N])[N]
kraakijs	((kraak)[V],(ijs)[N])[N]
kraakinstallatie	((kraak)[V],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
kraakpand	((kraak)[V],(pand)[N])[N]
kraakporselein	((kraak)[V],(porselein)[N])[N]
kraakschoen	((kraak)[V],(schoen)[N])[N]
kraakstem	((kraak)[V],(stem)[N])[N]
kraakwagen	((kraak)[V],(wagen)[N])[N]
kraal	(kraal)[N]
kraaldelen	((kraal)[N],(deel)[N])[N]
kraallijn	((kraal)[N],(lijn)[N])[N]
kraaloog	((kraal)[N],(oog)[N])[N]
kraam	(kraam)[N]
kraamaantekening	((kraam)[V],(((aan)[P],(teken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kraambed	((kraam)[V],(bed)[N])[N]
kraambedperiode	(((kraam)[V],(bed)[N])[N],(periode)[N])[N]
kraambedpsychose	(((kraam)[V],(bed)[N])[N],(psychose)[N])[N]
kraambeen	((kraam)[V],(been)[N])[N]
kraambezoek	((kraam)[V],(bezoek)[N])[N]
kraamheer	((kraam)[N],(heer)[N])[N]
kraamhulp	((kraam)[V],(hulp)[N])[N]
kraaminrichting	((kraam)[N],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kraamkamer	((kraam)[V],(kamer)[N])[N]
kraamkind	((kraam)[V],(kind)[N])[N]
kraamkliniek	((kraam)[V],((klinisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
kraamverband	((kraam)[V],(verband)[N])[N]
kraamverpleegster	((kraam)[N],((verpleeg)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
kraamverpleger	((kraam)[N],((verpleeg)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kraamverpleging	((kraam)[N],((verpleeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kraamverzorgster	((kraam)[N],(((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
kraamvisite	((kraam)[V],(visite)[N])[N]
kraamvrouw	((kraam)[V],(vrouw)[N])[N]
kraamvrouwendag	(((kraam)[V],(vrouw)[N])[N],(en)[N|N.N],(dag)[N])[N]
kraamvrouwenkoorts	(((kraam)[V],(vrouw)[N])[N],(en)[N|N.N],(koorts)[N])[N]
kraamzorg	((kraam)[V],(zorg)[N])[N]
kraan	(kraan)[N]
kraanarm	((kraan)[N],(arm)[N])[N]
kraanauto	((kraan)[N],(auto)[N])[N]
kraanbaan	((kraan)[N],(baan)[N])[N]
kraanbalk	((kraan)[N],(balk)[N])[N]
kraanbestuurder	((kraan)[N],((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
kraanboom	((kraan)[N],(boom)[N])[N]
kraanboor	((kraan)[N],(boor)[N])[N]
kraanbrug	((kraan)[N],(brug)[N])[N]
kraandrijver	((kraan)[N],((drijf)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kraaneiland	((kraan)[N],(eiland)[N])[N]
kraangeld	((kraan)[N],(geld)[N])[N]
kraanhals	((kraan)[N],(hals)[N])[N]
kraanhuis	((kraan)[N],(huis)[N])[N]
kraankabel	((kraan)[N],(kabel)[N])[N]
kraanleertje	((kraan)[N],(leer)[N])[N]
kraanluchtpomp	((kraan)[N],((lucht)[N],(pomp)[N])[N])[N]
kraansleutel	((kraan)[N],(sleutel)[N])[N]
kraanspoor	((kraan)[N],(spoor)[N])[N]
kraantjelek	((kraantje)[N],(lek)[N])[N]
kraantjeskan	((kraantje)[N],(s)[N|N.N],(kan)[N])[N]
kraanvogel	((kraan)[N],(vogel)[N])[N]
kraanwagen	((kraan)[N],(wagen)[N])[N]
kraanwater	((kraan)[N],(water)[N])[N]
krab	(krab)[N]
krabbe	(krabbe)[N]
krabbedieverij	((krabbedief)[V],(erij)[N|V.])[N]
krabbekat	((krab)[V],(e)[N|V.N],(kat)[N])[N]
krabbelaar	((krabbel)[V],(aar)[N|V.])[N]
krabbelarij	((krabbel)[V],(arij)[N|V.])[N]
krabbelbaan	((krabbel)[V],(baan)[N])[N]
krabbelig	((krabbel)[V],(ig)[A|V.])[A]
krabbeling	((krabbel)[V],(ing)[N|V.])[N]
krabbelschrift	((krabbel)[V],(schrift)[N])[N]
krabben	(krab)[V]
krabbeneter	((krab)[N],(en)[N|N.Vx],(eet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
krabbengang	((krabbe)[N],(gang)[N])[N]
krabber	((krab)[V],(er)[N|V.])[N]
krabcocktail	((krab)[N],(cocktail)[N])[N]
krabijzer	((krab)[V],(ijzer)[N])[N]
krabpaal	((krab)[V],(paal)[N])[N]
krabsel	((krab)[V],(sel)[N|V.])[N]
krach	(krach)[N]
kracht	(kracht)[N]
krachtbron	((kracht)[N],(bron)[N])[N]
krachtcentrale	((kracht)[N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
krachtcentrum	((kracht)[N],(centrum)[N])[N]
krachtdadig	((kracht)[N],(daad)[N],(ig)[A|NN.])[A]
krachtdadigheid	(((kracht)[N],(daad)[N],(ig)[A|NN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
krachteloos	((kracht)[N],(eloos)[A|N.])[A]
krachteloosheid	(((kracht)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
krachtendiagram	((kracht)[N],(en)[N|N.N],(diagram)[N])[N]
krachtendriehoek	((kracht)[N],(en)[N|N.N],((drie)[Q],(hoek)[N])[N])[N]
krachtenleer	((kracht)[N],(en)[N|N.N],(leer)[N])[N]
krachtenspel	((kracht)[N],(en)[N|N.N],(spel)[N])[N]
krachtenveld	((kracht)[N],(en)[N|N.N],(veld)[N])[N]
krachtfiguur	((kracht)[N],(figuur)[N])[N]
krachtig	((kracht)[N],(ig)[A|N.])[A]
krachtlijn	((kracht)[N],(lijn)[N])[N]
krachtmens	((kracht)[N],(mens)[N])[N]
krachtmeter	((kracht)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
krachtmeting	((kracht)[N],(meet)[V],(ing)[N|NV.])[N]
krachtoverbrenging	((kracht)[N],((over)[P],(breng)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
krachtpatser	((kracht)[N],((pats)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
krachtpatserij	((kracht)[N],(pats)[V],(erij)[N|NV.])[N]
krachtpee	((kracht)[N],(pee)[N])[N]
krachtproef	((kracht)[N],(proef)[N])[N]
krachtseenheid	((kracht)[N],(s)[N|N.N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
krachtsexplosie	((kracht)[N],(s)[N|N.N],(explosie)[N])[N]
krachtsinspanning	((kracht)[N],(s)[N|N.Vx],((in)[P],(span)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
krachtsport	((kracht)[N],(sport)[N])[N]
krachtstation	((kracht)[N],(station)[N])[N]
krachtstroom	((kracht)[N],(stroom)[N])[N]
krachtsvermindering	((kracht)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(minder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
krachtsverschil	((kracht)[N],(s)[N|N.N],(verschil)[N])[N]
krachtterm	((kracht)[N],(term)[N])[N]
krachttoer	((kracht)[N],(toer)[N])[N]
krachtveld	((kracht)[N],(veld)[N])[N]
krachtvoeder	((kracht)[N],(voeder)[N])[N]
krachtvoer	((kracht)[N],(voer)[N])[N]
krachtwoord	((kracht)[N],(woord)[N])[N]
krag	(krag)[N]
krak	(krak)[N]
krakeelster	((krakeel)[V],(ster)[N|V.])[N]
krakeelziek	((krakeel)[V],(ziek)[A])[A]
krakeelzucht	((krakeel)[V],(zucht)[N])[N]
krakeler	((krakeel)[V],(er)[N|V.])[N]
krakeling	((kraak)[V],(eling)[N|V.])[N]
kraken	(kraak)[V]
kraker	((kraak)[V],(er)[N|V.])[N]
krakerig	((kraak)[V],(erig)[A|V.])[A]
krakkemikkigheid	((krakkemikkig)[A],(heid)[N|A.])[N]
krakken	(krak)[V]
kralen	((kraal)[N],(en)[A|N.])[A]
kralen	(kraal)[V]
kralengordijn	(((kraal)[N],(en)[A|N.])[A],(gordijn)[N])[N]
kralenketting	(((kraal)[N],(en)[A|N.])[A],(ketting)[N])[N]
kram	(kram)[N]
kramen	(kraam)[V]
kramer	((kraam)[N],(er)[N|N.])[N]
kramerij	((kraam)[V],(erij)[N|V.])[N]
kramerslatijn	(((kraam)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(Latijn)[N])[N]
kramersvolk	(((kraam)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(volk)[N])[N]
kramgaren	((kram)[N],(garen)[N])[N]
kramgat	((kram)[N],(gat)[N])[N]
krammen	(kram)[V]
krammer	((kram)[V],(er)[N|V.])[N]
kramming	((kram)[V],(ing)[N|V.])[N]
kramp	(kramp)[N]
krampaanval	((kramp)[N],(aanval)[N])[N]
krampachtig	((kramp)[N],(achtig)[A|N.])[A]
krampcentrum	((kramp)[N],(centrum)[N])[N]
kramphoest	((kramp)[N],(hoest)[N])[N]
krampmiddel	((kramp)[N],(middel)[N])[N]
kramppijn	((kramp)[N],(pijn)[N])[N]
krampstillend	((kramp)[N],(stil)[V],(end)[A|NV.])[A]
kramptoestand	((kramp)[N],(toestand)[N])[N]
krampverschijnsel	((kramp)[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
krampwerend	((kramp)[N],(weer)[V],(end)[A|NV.])[A]
kramwerk	((kram)[N],(werk)[N])[N]
kranig	((kraan)[N],(ig)[A|N.])[A]
kranigheid	(((kraan)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
krank	(krank)[A]
krankheid	((krank)[A],(heid)[N|A.])[N]
krankzinnig	((krank)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A]
krankzinnigengesticht	((krankzinnige)[N],(en)[N|N.N],(gesticht)[N])[N]
krankzinnigenverpleging	((krankzinnige)[N],(en)[N|N.Vx],(verpleeg)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
krankzinnigheid	(((krank)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
krankzinnigverklaring	(((krank)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|AV.])[N]
kransen	(krans)[V]
kranslegging	((krans)[N],(leg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kransslagader	((krans)[N],((slag)[N],(ader)[N])[N])[N]
kransstandig	((krans)[N],(stand)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kransvat	((krans)[N],(vat)[N])[N]
krant	(krant)[N]
krantenbericht	((krant)[N],(e)[N|N.N],(bericht)[N])[N]
krantenbezorger	((krant)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(zorg)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
krantenbezorgster	((krant)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ster)[N|NxV.])[N]
krantencommentaar	((krant)[N],(en)[N|N.N],(commentaar)[N])[N]
krantenconcern	((krant)[N],(en)[N|N.N],(concern)[N])[N]
krantendrukkerij	((krant)[N],(en)[N|N.Vx],(druk)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
krantenfoto	((krant)[N],(e)[N|N.N],(foto)[N])[N]
krantenhanger	((krant)[N],(en)[N|N.N],((hang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kranteninterview	((krant)[N],(en)[N|N.N],(interview)[N])[N]
krantenjongen	((krant)[N],(en)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
krantenkiosk	((krant)[N],(en)[N|N.N],(kiosk)[N])[N]
krantenknipsel	((krant)[N],(e)[N|N.N],((knip)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
krantenkolom	((krant)[N],(e)[N|N.N],(kolom)[N])[N]
krantenkop	((krant)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
krantenlezer	((krant)[N],(e)[N|N.Vx],(lees)[V],(er)[N|NxV.])[N]
krantenloper	((krant)[N],(en)[N|N.N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
krantenmagnaat	((krant)[N],(en)[N|N.N],(magnaat)[N])[N]
krantenman	((krant)[N],(en)[N|N.N],(man)[N])[N]
krantenmand	((krant)[N],(en)[N|N.N],(mand)[N])[N]
krantennieuws	((krant)[N],(e)[N|N.N],(nieuws)[N])[N]
krantenpagina	((krant)[N],(e)[N|N.N],(pagina)[N])[N]
krantenpapier	((krant)[N],(e)[N|N.N],(papier)[N])[N]
krantenpublicatie	((krant)[N],(en)[N|N.N],((publiceer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
krantenredactie	((krant)[N],(en)[N|N.N],(redactie)[N])[N]
krantenschrijver	((krant)[N],(e)[N|N.Vx],(schrijf)[V],(er)[N|NxV.])[N]
krantenstijl	((krant)[N],(e)[N|N.N],(stijl)[N])[N]
krantenstuk	((krant)[N],(e)[N|N.N],(stuk)[N])[N]
krantenvak	((krant)[N],(en)[N|N.N],(vak)[N])[N]
krantenvrouw	((krant)[N],(en)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
krantenwereld	((krant)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
krantenwijk	((krant)[N],(en)[N|N.N],(wijk)[N])[N]
krap	(krap)[N]
krapte	((krap)[A],(te)[N|A.])[N]
krapwortel	((krap)[N],(wortel)[N])[N]
kras	(kras)[N]
krasheid	((kras)[A],(heid)[N|A.])[N]
krassen	(kras)[V]
krasser	((kras)[V],(er)[N|V.])[N]
krasserig	((kras)[V],(erig)[A|V.])[A]
krat	(krat)[N]
krater	(krater)[N]
kraterachtig	((krater)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kratermeer	((krater)[N],(meer)[N])[N]
kratermond	((krater)[N],(mond)[N])[N]
kraterpijp	((krater)[N],(pijp)[N])[N]
kraterrand	((krater)[N],(rand)[N])[N]
kratervormig	((krater)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
krats	(krats)[N]
kratwagen	((krat)[N],(wagen)[N])[N]
krauw	(krauw)[N]
krauwel	(krauwel)[N]
krauwen	(krauw)[V]
kredietbank	((krediet)[N],(bank)[N])[N]
kredietbeperking	((krediet)[N],((be)[V|.N],(perk)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kredietbewaker	((krediet)[N],((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
kredietbewaking	((krediet)[N],((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kredietbrief	((krediet)[N],(brief)[N])[N]
kredietexpansie	((krediet)[N],(expansie)[N])[N]
kredietfaciliteit	((krediet)[N],(faciliteit)[N])[N]
kredietgarantie	((krediet)[N],((garant)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
krediethypotheek	((krediet)[N],(hypotheek)[N])[N]
kredietinstelling	((krediet)[N],(((in)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kredietkaart	((krediet)[N],(kaart)[N])[N]
kredietlimiet	((krediet)[N],(limiet)[N])[N]
kredietmarkt	((krediet)[N],(markt)[N])[N]
kredietmogelijkheid	((krediet)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
kredietpand	((krediet)[N],(pand)[N])[N]
kredietplafond	((krediet)[N],(plafond)[N])[N]
kredietrapport	((krediet)[N],(rapport)[N])[N]
kredietsysteem	((krediet)[N],(systeem)[N])[N]
krediettermijn	((krediet)[N],(termijn)[N])[N]
kredietvereniging	((krediet)[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kredietverlener	((krediet)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
kredietverlening	((krediet)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kredietverschaffer	((krediet)[N],((ver)[V|.V],(schaf)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
kredietverzekering	((krediet)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kredietvoorwaarde	((krediet)[N],(voorwaarde)[N])[N]
kredietwaardig	((krediet)[N],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
kredietwaardigheid	(((krediet)[N],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
kredietwet	((krediet)[N],(wet)[N])[N]
kredietwezen	((krediet)[N],(wezen)[N])[N]
kreeft	(kreeft)[N]
kreeftachtig	((kreeft)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kreeftcanon	((kreeft)[N],(canon)[N])[N]
kreeftcocktail	((kreeft)[N],(cocktail)[N])[N]
kreeftdicht	((kreeft)[N],(dicht)[N])[N]
kreeftengang	((kreeft)[N],(e)[N|N.N],(gang)[N])[N]
kreeftenschaar	((kreeft)[N],(e)[N|N.N],(schaar)[N])[N]
kreeftensla	((kreeft)[N],(e)[N|N.N],(sla)[N])[N]
kreeftensoep	((kreeft)[N],(e)[N|N.N],(soep)[N])[N]
kreeftenvangst	((kreeft)[N],(en)[N|N.N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
kreeftenvisser	((kreeft)[N],(en)[N|N.Vx],(vis)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kreeftsbloem	((kreeft)[N],(s)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
kreeftskeerkring	((kreeft)[N],(s)[N|N.N],((keer)[V],(kring)[N])[N])[N]
kreeftsoog	((kreeft)[N],(s)[N|N.N],(oog)[N])[N]
kreek	(kreek)[N]
kreet	(kreet)[N]
kregel	(kregel)[A]
kregelheid	((kregel)[A],(heid)[N|A.])[N]
kregelig	((kregel)[A],(ig)[A|A.])[A]
kregeligheid	(((kregel)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
krekel	(krekel)[N]
krekelrietzanger	((krekel)[N],((riet)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
krekelzang	((krekel)[N],(zang)[N])[N]
kreng	(kreng)[N]
krengen	(kreng)[V]
krengerig	((kreng)[N],(erig)[A|N.])[A]
krenken	(krenk)[V]
krenking	((krenk)[V],(ing)[N|V.])[N]
krent	(krent)[N]
krenten	(krent)[V]
krentenbaard	((krent)[N],(en)[N|N.N],(baard)[N])[N]
krentenbol	((krent)[N],(en)[N|N.N],(bol)[N])[N]
krentenboterham	((krent)[N],(en)[N|N.N],(boterham)[N])[N]
krentenbrood	((krent)[N],(en)[N|N.N],(brood)[N])[N]
krentenkakker	((krent)[N],(en)[N|N.Vx],(kak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
krentenkakkerig	(((krent)[N],(en)[N|N.Vx],(kak)[V],(er)[N|NxV.])[N],(ig)[A|N.])[A]
krentenkoek	((krent)[N],(en)[N|N.N],(koek)[N])[N]
krentenmik	((krent)[N],(en)[N|N.N],(mik)[N])[N]
krentenpikker	((krent)[N],(en)[N|N.Vx],(pik)[V],(er)[N|NxV.])[N]
krentenslof	((krent)[N],(en)[N|N.N],(slof)[N])[N]
krentenweger	((krent)[N],(en)[N|N.Vx],(weeg)[V],(er)[N|NxV.])[N]
krenterig	((krent)[N],(erig)[A|N.])[A]
krenterigheid	(((krent)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
krepijzer	((krep)[V],(ijzer)[N])[N]
kreppen	(krep)[V]
kressen	(kres)[V]
kreuk	(kreuk)[N]
kreukecht	((kreuk)[V],(echt)[A])[A]
kreukelig	((kreukel)[V],(ig)[A|V.])[A]
kreukellak	((kreukel)[V],(lak)[N])[N]
kreukelzone	((kreukel)[V],(zone)[N])[N]
kreuken	(kreuk)[V]
kreukherstellend	((kreuk)[N],(herstel)[V],(end)[A|NV.])[A]
kreuking	((kreuk)[V],(ing)[N|V.])[N]
kreukloos	((kreuk)[N],(loos)[A|N.])[A]
kreukvrij	((kreuk)[V],(vrij)[A])[A]
kreunen	(kreun)[V]
kreungeluid	((kreun)[V],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
kreupel	(kreupel)[A]
kreupelbos	((kreupel)[A],(bos)[N])[N]
kreupeldicht	((kreupel)[A],(dicht)[N])[N]
kreupelen	(kreupel)[V]
kreupelheid	((kreupel)[A],(heid)[N|A.])[N]
kreupelhout	((kreupel)[A],(hout)[N])[N]
kreupelrijm	((kreupel)[A],(rijm)[N])[N]
kreveling	((krevel)[V],(ing)[N|V.])[N]
krib	(krib)[N]
kribbe	(kribbe)[N]
kribbelaar	((kribbel)[V],(aar)[N|V.])[N]
kribbelschrift	((kribbel)[V],(schrift)[N])[N]
kribben	(krib)[V]
kribbenbijten	((kribbe)[N],(bijt)[V])[V]
kribbenbijter	(((kribbe)[N],(bijt)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
kribbenbijtster	(((kribbe)[N],(bijt)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
kribbig	((krib)[N],(ig)[A|N.])[A]
kribbigheid	(((krib)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kribwerk	((krib)[N],(werk)[N])[N]
kriebel	(kriebel)[N]
kriebelen	(kriebel)[V]
kriebelhoest	((kriebel)[V],(hoest)[N])[N]
kriebelig	((kriebel)[V],(ig)[A|V.])[A]
kriebeligheid	(((kriebel)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kriebeling	((kriebel)[V],(ing)[N|V.])[N]
kriebelschrift	((kriebel)[V],(schrift)[N])[N]
kriebelziekte	((kriebel)[V],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kriegel	(kriegel)[A]
kriek	(kriek)[N]
kriekappel	((kriek)[N],(appel)[N])[N]
kriekelaar	((kriek)[N],(elaar)[N|N.])[N]
krieken	(kriek)[V]
kriekenboom	((kriek)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
kriekenlambiek	((kriek)[N],(en)[N|N.N],(lambiek)[N])[N]
kriekenpit	((kriek)[N],(e)[N|N.N],(pit)[N])[N]
kriekensteen	((kriek)[N],(e)[N|N.N],(steen)[N])[N]
kriel	(kriel)[N]
krielaardappel	((kriel)[N],((aarde)[N],(appel)[N])[N])[N]
krielei	((kriel)[N],(ei)[N])[N]
krielen	(kriel)[V]
krielhaan	((kriel)[N],(haan)[N])[N]
krielhen	((kriel)[N],(hen)[N])[N]
krielkip	((kriel)[N],(kip)[N])[N]
kriem	(kriem)[N]
krieuwelig	((krieuwel)[V],(ig)[A|V.])[A]
krieuweligheid	(((krieuwel)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
krieuweling	((krieuwel)[V],(ing)[N|V.])[N]
krieuwen	(krieuw)[V]
krijg	(krijg)[N]
krijgen	(krijg)[V]
krijger	((krijg)[N],(er)[N|N.])[N]
krijgsartikelen	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(artikel)[N])[N]
krijgsauditeur	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(auditeur)[N])[N]
krijgsbanier	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(banier)[N])[N]
krijgsbende	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(bende)[N])[N]
krijgsbijl	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(bijl)[N])[N]
krijgsdaad	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(daad)[N])[N]
krijgsdans	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(dans)[N])[N]
krijgsdienst	((krijg)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
krijgseer	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(eer)[N])[N]
krijgsgeest	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(geest)[N])[N]
krijgsgehuil	((krijg)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(huil)[V])[N])[N]
krijgsgeschiedenis	((krijg)[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
krijgsgevangen	((krijg)[N],(s)[A|N.A],(gevangen)[A])[A]
krijgsgevangenschap	(((krijg)[N],(s)[A|N.A],(gevangen)[A])[A],(schap)[N|A.])[N]
krijgsgeweld	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(geweld)[N])[N]
krijgsgewoel	((krijg)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(woel)[V])[N])[N]
krijgsgod	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(god)[N])[N]
krijgsgodin	((krijg)[N],(s)[N|N.N],((god)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
krijgshaftig	((krijg)[N],(s)[A|N.x],(haftig)[A|Nx.])[A]
krijgshaftigheid	(((krijg)[N],(s)[A|N.x],(haftig)[A|Nx.])[A],(heid)[N|A.])[N]
krijgshandeling	((krijg)[N],(s)[N|N.N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
krijgsheld	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(held)[N])[N]
krijgsheldin	(((krijg)[N],(s)[N|N.N],(held)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
krijgshistoricus	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(historicus)[N])[N]
krijgskans	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(kans)[N])[N]
krijgsknecht	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(knecht)[N])[N]
krijgskunde	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
krijgskundig	(((krijg)[N],(s)[N|N.N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
krijgskunst	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
krijgslied	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(lied)[N])[N]
krijgslist	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(list)[N])[N]
krijgsmacht	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(macht)[N])[N]
krijgsmakker	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(makker)[N])[N]
krijgsman	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N]
krijgsmanseer	(((krijg)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(eer)[N])[N]
krijgsmansstand	(((krijg)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(stand)[N])[N]
krijgsoverste	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(overste)[N])[N]
krijgsplicht	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(plicht)[N])[N]
krijgsraad	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
krijgsrecht	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
krijgsroem	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(roem)[N])[N]
krijgsrumoer	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(rumoer)[N])[N]
krijgsschool	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
krijgstocht	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(tocht)[N])[N]
krijgstoneel	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(toneel)[N])[N]
krijgstrompet	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(trompet)[N])[N]
krijgstucht	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(tucht)[N])[N]
krijgsverraad	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(verraad)[N])[N]
krijgsverrichting	((krijg)[N],(s)[N|N.N],((verricht)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
krijgsvolk	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(volk)[N])[N]
krijgswet	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
krijgswetenschap	((krijg)[N],(s)[N|N.N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
krijgswezen	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(wezen)[N])[N]
krijgszaak	((krijg)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
krijgszuchtig	((krijg)[N],(s)[A|N.Nx],(zucht)[N],(ig)[A|NxN.])[A]
krijn	(krijn)[N]
krijs	(krijs)[N]
krijsen	(krijs)[V]
krijt	(krijt)[N]
krijtaarde	((krijt)[N],(aarde)[N])[N]
krijtachtig	((krijt)[N],(achtig)[A|N.])[A]
krijtbakje	((krijt)[N],(bak)[N])[N]
krijtberg	((krijt)[N],(berg)[N])[N]
krijten	(krijt)[V]
krijter	((krijt)[V],(er)[N|V.])[N]
krijtformatie	((krijt)[N],(formeer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
krijtgebergte	((krijt)[N],((ge)[N|.Nx],(berg)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
krijtgrond	((krijt)[N],(grond)[N])[N]
krijthoudend	((krijt)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
krijtje	(krijt)[N]
krijtlijn	((krijt)[N],(lijn)[N])[N]
krijtmergel	((krijt)[N],(mergel)[N])[N]
krijtperiode	((krijt)[N],(periode)[N])[N]
krijtrots	((krijt)[N],(rots)[N])[N]
krijtstrand	((krijt)[N],(strand)[N])[N]
krijtstreep	((krijt)[N],(streep)[N])[N]
krijttechniek	((krijt)[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
krijttekening	((krijt)[V],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
krijttijd	((krijt)[N],(tijd)[N])[N]
krijtwit	((krijt)[N],(wit)[N])[N]
krik	(krik)[N]
krikkemikkig	((krikkemik)[N],(ig)[A|N.])[A]
krikken	(krik)[V]
krikkrakken	((krik)[V],(krak)[V])[V]
krill	(krill)[N]
krimp	(krimp)[N]
krimpcapsule	((krimp)[V],(capsule)[N])[N]
krimpen	(krimp)[V]
krimper	((krimp)[V],(er)[N|V.])[N]
krimperd	((krimp)[V],(erd)[N|V.])[N]
krimpfolie	((krimp)[V],(folie)[N])[N]
krimping	((krimp)[V],(ing)[N|V.])[N]
krimpkabeljauw	((krimp)[A],(kabeljauw)[N])[N]
krimpkous	((krimp)[V],(kous)[N])[N]
krimpmaat	((krimp)[V],(maat)[N])[N]
krimpnaad	((krimp)[V],(naad)[N])[N]
krimpring	((krimp)[V],(ring)[N])[N]
krimpschol	((krimp)[A],(schol)[N])[N]
krimpverbinding	((krimp)[V],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
krimpvis	((krimp)[A],(vis)[N])[N]
krimpvrij	((krimp)[V],(vrij)[A])[A]
krimpwals	((krimp)[V],(wals)[N])[N]
krimpzalm	((krimp)[A],(zalm)[N])[N]
kring	(kring)[N]
kringbeweging	((kring)[N],(beweeg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kringgesprek	((kring)[N],(gesprek)[N])[N]
kringloop	((kring)[N],(loop)[N])[N]
kringlooppapier	(((kring)[N],(loop)[N])[N],(papier)[N])[N]
kringloopproces	(((kring)[N],(loop)[N])[N],(proces)[N])[N]
kringloopwinkel	(((kring)[N],(loop)[N])[N],(winkel)[N])[N]
kringproces	((kring)[N],(proces)[N])[N]
kringsgewijs	((kring)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
kringsluiter	((kring)[N],(sluit)[V],(er)[N|NV.])[N]
kringspier	((kring)[N],(spier)[N])[N]
kringtaal	((kring)[N],(taal)[N])[N]
kringvormig	((kring)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
krinkeling	((krinkel)[V],(ing)[N|V.])[N]
krioelen	(krioel)[V]
krip	(krip)[N]
kripfloers	((krip)[N],(floers)[N])[N]
krippen	((krip)[N],(en)[A|N.])[A]
kris	(kris)[N]
krissen	(kris)[V]
kristal	(kristal)[N]
kristalachtig	((kristal)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kristalchemie	((kristal)[N],((chemisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
kristaldetector	((kristal)[N],(detector)[N])[N]
kristalelektriciteit	((kristal)[N],((elektrisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N])[N]
kristalfabriek	((kristal)[N],(fabriek)[N])[N]
kristalgeometrie	((kristal)[N],(((geo)[A|.A],((metrum)[N],(isch)[A|N.])[A])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
kristalglas	((kristal)[N],(glas)[N])[N]
kristalglazuur	((kristal)[N],(glazuur)[N])[N]
kristalgrot	((kristal)[N],(grot)[N])[N]
kristalhelder	((kristal)[N],(helder)[A])[A]
kristalklasse	((kristal)[N],(klasse)[N])[N]
kristalkunde	((kristal)[N],(kunde)[N])[N]
kristallen	((kristal)[N],(en)[A|N.])[A]
kristallens	((kristal)[N],(lens)[N])[N]
kristallig	((kristal)[N],(ig)[A|N.])[A]
kristallijnen	((kristallijn)[N],(en)[A|N.])[A]
kristallisatie	(((kristal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
kristallisatiekern	((((kristal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(kern)[N])[N]
kristallisatiepunt	((((kristal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(punt)[N])[N]
kristalliseerbaar	(((kristal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(baar)[A|V.])[A]
kristalliseerschaal	(((kristal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(schaal)[N])[N]
kristalliseren	((kristal)[N],(iseer)[V|N.])[V]
kristallisering	(((kristal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
kristalmicrofoon	((kristal)[N],(microfoon)[N])[N]
kristalnaald	((kristal)[N],(naald)[N])[N]
kristalontvanger	((kristal)[N],((ontvang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kristalsoda	((kristal)[N],(soda)[N])[N]
kristalstelsel	((kristal)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
kristalstructuur	((kristal)[N],(structuur)[N])[N]
kristalsuiker	((kristal)[N],(suiker)[N])[N]
kristalversterker	((kristal)[N],(((ver)[V|.A],(sterk)[A])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kristalvorm	((kristal)[N],(vorm)[N])[N]
kristalvormig	(((kristal)[N],(vorm)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
kristalwerk	((kristal)[N],(werk)[N])[N]
kristalwieren	((kristal)[N],(wier)[N])[N]
kristalzuiver	((kristal)[N],(zuiver)[A])[A]
kritiek	((kritisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
kritiekloos	(((kritisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(loos)[A|N.])[A]
krocht	(krocht)[N]
kroeg	(kroeg)[N]
kroegbaas	((kroeg)[N],(baas)[N])[N]
kroegbazin	(((kroeg)[N],(baas)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
kroegentocht	((kroeg)[N],(en)[N|N.N],(tocht)[N])[N]
kroeghouder	((kroeg)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
kroegjool	((kroeg)[N],(jool)[N])[N]
kroeglopen	((kroeg)[N],(loop)[V])[V]
kroegloper	(((kroeg)[N],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
kroegvriend	((kroeg)[N],(vriend)[N])[N]
kroelen	(kroel)[V]
kroep	(kroep)[N]
kroeperig	((kroep)[N],(erig)[A|N.])[A]
kroephoest	((kroep)[N],(hoest)[N])[N]
kroepoek	(kroepoek)[N]
kroes	(kroes)[N]
kroeshaar	((kroes)[A],(haar)[N])[N]
kroesharig	(((kroes)[A],(haar)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
kroeskop	((kroes)[A],(kop)[N])[N]
kroesziekte	((kroes)[A],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kroet	(kroet)[N]
kroezelhaar	((kroezel)[V],(haar)[N])[N]
kroezelig	((kroezel)[V],(ig)[A|V.])[A]
kroezelkop	((kroezel)[V],(kop)[N])[N]
kroezen	(kroes)[V]
kroezig	((kroes)[A],(ig)[A|A.])[A]
krok	(krok)[N]
kroken	(krook)[V]
krokodil	(krokodil)[N]
krokodillenbek	((krokodil)[N],(e)[N|N.N],(bek)[N])[N]
krokodillenei	((krokodil)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
krokodillenjacht	((krokodil)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
krokodillenklem	((krokodil)[N],(e)[N|N.N],(klem)[N])[N]
krokodillenleder	((krokodil)[N],(e)[N|N.N],(leder)[N])[N]
krokodillenleer	((krokodil)[N],(e)[N|N.N],(leer)[N])[N]
krokodillentranen	((krokodil)[N],(e)[N|N.N],(traan)[N])[N]
krokodillenvel	((krokodil)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
krokusvakantie	((krokus)[N],(vakantie)[N])[N]
krol	(krol)[N]
krollen	(krol)[V]
krols	(krols)[A]
krolsheid	((krols)[A],(heid)[N|A.])[N]
krolsteen	((krol)[N],(steen)[N])[N]
krolziek	((krol)[V],(ziek)[A])[A]
krom	(krom)[A]
krombaangeschut	((krom)[A],(baan)[N],(geschut)[N])[N]
krombeen	((krom)[A],(been)[N])[N]
krombeenpasser	((krom)[A],(been)[N],(passer)[N])[N]
krombek	((krom)[A],(bek)[N])[N]
krombenig	((krom)[A],(been)[N],(ig)[A|AN.])[A]
krombladig	((krom)[A],((blad)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
krombuigen	((krom)[A],(buig)[V])[V]
kromdradig	((krom)[A],(draad)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kromgroeien	((krom)[A],(groei)[V])[V]
kromhals	((krom)[A],(hals)[N])[N]
kromheid	((krom)[A],(heid)[N|A.])[N]
kromhoorn	((krom)[A],(hoorn)[N])[N]
kromhoren	((krom)[A],(horen)[N])[N]
kromhout	((krom)[A],(hout)[N])[N]
kromliggen	((krom)[A],(lig)[V])[V]
kromlijnig	((krom)[A],(lijn)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kromlopen	((krom)[A],(loop)[V])[V]
krommen	(krom)[V]
krommes	((krom)[A],(mes)[N])[N]
kromming	((krom)[V],(ing)[N|V.])[N]
kromnervig	((krom)[A],(nerf)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kromneus	((krom)[A],(neus)[N])[N]
krompasser	((krom)[A],(passer)[N])[N]
krompraten	((krom)[A],(praat)[V])[V]
kromsluiten	((krom)[A],(sluit)[V])[V]
kromspraak	((krom)[A],(spraak)[N])[N]
kromstaart	((krom)[A],(staart)[N])[N]
kromstaf	((krom)[A],(staf)[N])[N]
kromstelig	((krom)[A],(steel)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kromstengelig	((krom)[A],(stengel)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kromsteven	((krom)[A],(steven)[N])[N]
kromtaal	((krom)[A],(taal)[N])[N]
kromte	((krom)[A],(te)[N|A.])[N]
kromtong	((krom)[A],(tong)[N])[N]
kromtongig	(((krom)[A],(tong)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
kromtrekken	((krom)[A],(trek)[V])[V]
kromzaag	((krom)[A],(zaag)[N])[N]
kromzwaard	((krom)[A],(zwaard)[N])[N]
kronen	(kroon)[V]
kroniek	((kronisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
kroniekschrijfster	(((kronisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(schrijf)[V],(ster)[N|NV.])[N]
kroniekschrijver	(((kronisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(schrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
kroniekstijl	(((kronisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(stijl)[N])[N]
kroning	((kroon)[V],(ing)[N|V.])[N]
kroningseed	(((kroon)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(eed)[N])[N]
kroningsfeest	(((kroon)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(feest)[N])[N]
kroningsmantel	(((kroon)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(mantel)[N])[N]
kroningsplechtigheid	(((kroon)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((plechtig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
kronkel	(kronkel)[N]
kronkelachtig	((kronkel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kronkeldarm	((kronkel)[V],(darm)[N])[N]
kronkelen	(kronkel)[V]
kronkelig	((kronkel)[V],(ig)[A|V.])[A]
kronkeling	((kronkel)[V],(ing)[N|V.])[N]
kronkellijn	((kronkel)[V],(lijn)[N])[N]
kronkelpad	((kronkel)[V],(pad)[N])[N]
kronkelredenering	((kronkel)[N],(((reden)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kronkelweg	((kronkel)[V],(weg)[N])[N]
krontjongmuziek	((krontjong)[N],(muziek)[N])[N]
kroon	(kroon)[N]
kroonbalk	((kroon)[N],(balk)[N])[N]
kroonblad	((kroon)[N],(blad)[N])[N]
kroonbloemig	((kroon)[N],(bloem)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kroondocent	((kroon)[N],(doceer)[V],(ent)[N|NV.])[N]
kroondomein	((kroon)[N],(domein)[N])[N]
kroonduif	((kroon)[V],(duif)[N])[N]
krooneend	((kroon)[N],(eend)[N])[N]
kroongetuige	((kroon)[N],(getuige)[N])[N]
kroonglas	((kroon)[N],(glas)[N])[N]
kroongoed	((kroon)[N],(goed)[N])[N]
kroonjaar	((kroon)[N],(jaar)[N])[N]
kroonjuweel	((kroon)[N],(juweel)[N])[N]
kroonkever	((kroon)[N],(kever)[N])[N]
kroonkolonie	((kroon)[N],(kolonie)[N])[N]
kroonkurk	((kroon)[N],(kurk)[N])[N]
kroonlamp	((kroon)[N],(lamp)[N])[N]
kroonlid	((kroon)[N],(lid)[N])[N]
kroonlijst	((kroon)[N],(lijst)[N])[N]
kroonluchter	((kroon)[N],(luchter)[N])[N]
kroonorde	((kroon)[N],(orde)[N])[N]
kroonpretendent	((kroon)[N],(pretendeer)[V],(ent)[N|NV.])[N]
kroonprins	((kroon)[N],(prins)[N])[N]
kroonprinselijk	(((kroon)[N],(prins)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
kroonprinses	(((kroon)[N],(prins)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
kroonraad	((kroon)[N],(raad)[N])[N]
kroonrad	((kroon)[N],(rad)[N])[N]
kroonrand	((kroon)[N],(rand)[N])[N]
kroonschakelaar	((kroon)[N],((schakel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
kroonsieraad	((kroon)[N],(sieraad)[N])[N]
kroonslagader	((kroon)[N],((slag)[N],(ader)[N])[N])[N]
kroonsnede	((kroon)[N],(snede)[N])[N]
kroonsteentje	((kroon)[N],(steen)[N])[N]
kroontjeskruid	((kroontje)[N],(s)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
kroontjespen	((kroontje)[N],(s)[N|N.N],(pen)[N])[N]
kroonui	((kroon)[N],(ui)[N])[N]
kroonvogel	((kroon)[N],(vogel)[N])[N]
kroonvormig	((kroon)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kroonwerk	((kroon)[N],(werk)[N])[N]
kroonzaag	((kroon)[N],(zaag)[N])[N]
kroos	(kroos)[N]
kroosplant	((kroos)[N],(plant)[N])[N]
kroosschouw	((kroos)[V],(schouw)[N])[N]
kroost	(kroost)[N]
kroostrijk	((kroost)[N],(rijk)[A])[A]
kroosvlindertje	((kroos)[N],(vlinder)[N])[N]
kroot	(kroot)[N]
krop	(krop)[N]
kropaar	((krop)[N],(aar)[N])[N]
kropachtig	((krop)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kropader	((krop)[N],(ader)[N])[N]
kropandijvie	((krop)[N],(andijvie)[N])[N]
kropbrood	((krop)[N],(brood)[N])[N]
kropduif	((krop)[N],(duif)[N])[N]
kropgans	((krop)[N],(gans)[N])[N]
kropgezwel	((krop)[N],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
kropglas	((krop)[N],(glas)[N])[N]
krophals	((krop)[N],(hals)[N])[N]
kropkool	((krop)[N],(kool)[N])[N]
kroppen	(krop)[V]
kropper	((krop)[N],(er)[N|N.])[N]
kropperd	((krop)[N],(erd)[N|N.])[N]
kroppig	((krop)[N],(ig)[A|N.])[A]
kropsalade	((krop)[N],(salade)[N])[N]
kropsla	((krop)[N],(sla)[N])[N]
kropvogel	((krop)[N],(vogel)[N])[N]
kropziekte	((krop)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
krot	(krot)[N]
krotensuiker	((kroot)[N],(en)[N|N.N],(suiker)[N])[N]
krotopruiming	((krot)[N],((op)[P],(ruim)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
krottenbuurt	((krot)[N],(en)[N|N.N],(buurt)[N])[N]
krottenwijk	((krot)[N],(en)[N|N.N],(wijk)[N])[N]
krotter	((krot)[N],(er)[N|N.])[N]
krottig	((krot)[N],(ig)[A|N.])[A]
krotwoning	((krot)[N],(woon)[V],(ing)[N|NV.])[N]
krozen	(kroos)[V]
krozig	((kroos)[N],(ig)[A|N.])[A]
kruchen	(kruch)[V]
krucher	((kruch)[V],(er)[N|V.])[N]
kruias	((krui)[V],(as)[N])[N]
kruid	(kruid)[N]
kruidachtig	((kruid)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kruidboek	((kruid)[N],(boek)[N])[N]
kruiddoos	((kruid)[N],(doos)[N])[N]
kruiden	(kruid)[V]
kruidenaftreksel	((kruid)[N],(en)[N|N.N],(((af)[P],(trek)[V])[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
kruidenazijn	((kruid)[N],(en)[N|N.N],(azijn)[N])[N]
kruidenbier	((kruid)[N],(en)[N|N.N],(bier)[N])[N]
kruidenbitter	((kruid)[N],(en)[N|N.N],(bitter)[N])[N]
kruidenboek	((kruid)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
kruidenboter	((kruid)[N],(en)[N|N.N],(boter)[N])[N]
kruidenbuiltje	((kruid)[N],(en)[N|N.N],(buil)[N])[N]
kruidendokter	((kruid)[N],(en)[N|N.N],(dokter)[N])[N]
kruidendrank	((kruid)[N],(en)[N|N.N],(drank)[N])[N]
kruidenextract	((kruid)[N],(en)[N|N.N],(extract)[N])[N]
kruidenflora	((kruid)[N],(en)[N|N.N],(flora)[N])[N]
kruidengeneeskunde	((kruid)[N],(en)[N|N.N],((genees)[V],(kunde)[N])[N])[N]
kruidenier	((kruid)[N],(enier)[N|N.])[N]
kruideniersgeest	(((kruid)[N],(enier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(geest)[N])[N]
kruideniersmentaliteit	(((kruid)[N],(enier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((mentaal)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
kruidenierspolitiek	(((kruid)[N],(enier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(politiek)[N])[N]
kruidenierster	(((kruid)[N],(enier)[N|N.])[N],(ster)[N|N.])[N]
kruideniersvrouw	(((kruid)[N],(enier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
kruidenierswaren	(((kruid)[N],(enier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(waar)[N])[N]
kruidenierswijn	(((kruid)[N],(enier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(wijn)[N])[N]
kruidenierswinkel	(((kruid)[N],(enier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
kruidenierszaak	(((kruid)[N],(enier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
kruidenkaas	((kruid)[N],(en)[N|N.N],(kaas)[N])[N]
kruidenkenner	((kruid)[N],(en)[N|N.Vx],(ken)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kruidenlezer	((kruid)[N],(en)[N|N.Vx],(lees)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kruidenlikeur	((kruid)[N],(en)[N|N.N],(likeur)[N])[N]
kruidenmengsel	((kruid)[N],(en)[N|N.N],((meng)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
kruidenrekje	((kruid)[N],(en)[N|N.N],(rek)[N])[N]
kruidenshampoo	((kruid)[N],(en)[N|N.N],(shampoo)[N])[N]
kruidensoep	((kruid)[N],(en)[N|N.N],(soep)[N])[N]
kruidenthee	((kruid)[N],(en)[N|N.N],(thee)[N])[N]
kruidentuin	((kruid)[N],(en)[N|N.N],(tuin)[N])[N]
kruidenwijn	((kruid)[N],(en)[N|N.N],(wijn)[N])[N]
kruidenwijzer	((kruid)[N],(en)[N|N.Vx],(wijs)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kruiderij	((kruid)[V],(erij)[N|V.])[N]
kruidig	((kruid)[N],(ig)[A|N.])[A]
kruidigheid	(((kruid)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kruidkaas	((kruid)[N],(kaas)[N])[N]
kruidkers	((kruid)[N],(kers)[N])[N]
kruidkoek	((kruid)[N],(koek)[N])[N]
kruidkunde	((kruid)[N],(kunde)[N])[N]
kruidkundige	(((kruid)[N],(kunde)[N])[N],(ig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
kruidnagel	((kruid)[N],(nagel)[N])[N]
kruidnagelboom	(((kruid)[N],(nagel)[N])[N],(boom)[N])[N]
kruidnoot	((kruid)[N],(noot)[N])[N]
kruidtuin	((kruid)[N],(tuin)[N])[N]
kruien	(krui)[V]
kruier	((krui)[V],(er)[N|V.])[N]
kruiersloon	(((krui)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(loon)[N])[N]
kruierswerk	(((krui)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
kruiing	((krui)[V],(ing)[N|V.])[N]
kruik	(kruik)[N]
kruiloon	((krui)[V],(loon)[N])[N]
kruim	(kruim)[N]
kruimel	(kruimel)[N]
kruimelaar	((kruimel)[V],(aar)[N|V.])[N]
kruimelarij	((kruimel)[V],(arij)[N|V.])[N]
kruimeldeeg	((kruimel)[V],(deeg)[N])[N]
kruimeldief	((kruimel)[N],(dief)[N])[N]
kruimeldiefstal	((kruimel)[N],(diefstal)[N])[N]
kruimelen	(kruimel)[V]
kruimelfraude	((kruimel)[N],(fraude)[N])[N]
kruimelig	((kruimel)[N],(ig)[A|N.])[A]
kruimeling	((kruimel)[V],(ing)[N|V.])[N]
kruimelveger	((kruimel)[N],(veeg)[V],(er)[N|NV.])[N]
kruimelvlaai	((kruimel)[N],(vlaai)[N])[N]
kruimelwerk	((kruimel)[N],(werk)[N])[N]
kruimen	(kruim)[V]
kruimig	((kruim)[N],(ig)[A|N.])[A]
kruin	(kruin)[N]
kruinbreedte	((kruin)[N],((breed)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kruinpand	((kruin)[N],(pand)[N])[N]
kruinpunt	((kruin)[N],(punt)[N])[N]
kruinschering	((kruin)[N],(scheer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kruipauto	((kruip)[V],(auto)[N])[N]
kruipbeweging	((kruip)[V],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kruipdier	((kruip)[V],(dier)[N])[N]
kruipen	(kruip)[V]
kruiper	((kruip)[V],(er)[N|V.])[N]
kruiperig	((kruip)[V],(erig)[A|V.])[A]
kruiperigheid	(((kruip)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kruiperij	((kruip)[V],(erij)[N|V.])[N]
kruiperwt	((kruip)[V],(erwt)[N])[N]
kruiphouding	((kruip)[V],(houding)[N])[N]
kruipolie	((kruip)[V],(olie)[N])[N]
kruippakje	((kruip)[V],(pak)[N])[N]
kruipruimte	((kruip)[V],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kruipspoor	((kruip)[V],(spoor)[N])[N]
kruipstadium	((kruip)[V],(stadium)[N])[N]
kruipstrook	((kruip)[V],(strook)[N])[N]
kruipwilg	((kruip)[V],(wilg)[N])[N]
kruiriem	((krui)[V],(riem)[N])[N]
kruis	(kruis)[N]
kruisafdoening	((kruis)[N],((afdoen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kruisafneming	((kruis)[N],(((af)[P],(neem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kruisallergie	((kruis)[V],((allergisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
kruisarm	((kruis)[N],(arm)[N])[N]
kruisbalk	((kruis)[N],(balk)[N])[N]
kruisband	((kruis)[N],(band)[N])[N]
kruisbanier	((kruis)[N],(banier)[N])[N]
kruisbeeld	((kruis)[N],(beeld)[N])[N]
kruisbek	((kruis)[N],(bek)[N])[N]
kruisbes	((kruis)[N],(bes)[N])[N]
kruisbesmetting	((kruis)[V],(((be)[V|.N],(smet)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kruisbessenboom	(((kruis)[N],(bes)[N])[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
kruisbessenstruik	(((kruis)[N],(bes)[N])[N],(e)[N|N.N],(struik)[N])[N]
kruisbestuiving	((kruis)[V],(((be)[V|.V],(stuif)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kruisbeuk	((kruis)[N],(beuk)[N])[N]
kruisbloem	((kruis)[N],(bloem)[N])[N]
kruisbloemig	((kruis)[N],(bloem)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kruisboog	((kruis)[N],(boog)[N])[N]
kruisboom	((kruis)[N],(boom)[N])[N]
kruisdagen	((kruis)[N],(dag)[N])[N]
kruisdak	((kruis)[N],(dak)[N])[N]
kruisdood	((kruis)[N],(dood)[N])[N]
kruisdrager	((kruis)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
kruisdraging	((kruis)[N],(draag)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kruisen	(kruis)[V]
kruiser	((kruis)[V],(er)[N|V.])[N]
kruisgang	((kruis)[N],(gang)[N])[N]
kruisgebed	((kruis)[N],(gebed)[N])[N]
kruisgewelf	((kruis)[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
kruisgewijs	((kruis)[N],(gewijs)[A|N.])[A]
kruisgezant	((kruis)[N],(gezant)[N])[N]
kruisharing	((kruis)[N],(haring)[N])[N]
kruisheer	((kruis)[N],(heer)[N])[N]
kruishout	((kruis)[N],(hout)[N])[N]
kruisiging	((kruisig)[V],(ing)[N|V.])[N]
kruisinfectie	((kruis)[V],((infect)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
kruising	((kruis)[V],(ing)[N|V.])[N]
kruisingsexperiment	(((kruis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(experiment)[N])[N]
kruisingsmethode	(((kruis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
kruisjesdag	((kruis)[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
kruiskerk	((kruis)[N],(kerk)[N])[N]
kruiskolom	((kruis)[N],(kolom)[N])[N]
kruiskop	((kruis)[N],(kop)[N])[N]
kruiskoppeling	((kruis)[N],((koppel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kruiskopschroef	(((kruis)[N],(kop)[N])[N],(schroef)[N])[N]
kruiskopschroevendraaier	(((kruis)[N],(kop)[N])[N],((schroef)[N],(e)[N|N.Vx],(draai)[V],(er)[N|NxV.])[N])[N]
kruiskozijn	((kruis)[N],(kozijn)[N])[N]
kruiskruid	((kruis)[V],(kruid)[N])[N]
kruislegende	((kruis)[N],(legende)[N])[N]
kruisleger	((kruis)[N],(leger)[N])[N]
kruislieveheer	((kruis)[N],(Lieveheer)[N])[N]
kruismes	((kruis)[N],(mes)[N])[N]
kruismonogram	((kruis)[N],(monogram)[N])[N]
kruisnet	((kruis)[N],(net)[N])[N]
kruisoffer	((kruis)[N],(offer)[N])[N]
kruisorganisatie	((kruis)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
kruisovergevoeligheid	((kruis)[V],(((over)[A|.A],(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
kruispaal	((kruis)[N],(paal)[N])[N]
kruispand	((kruis)[N],(pand)[N])[N]
kruispeiling	((kruis)[V],((peil)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kruisproef	((kruis)[N],(proef)[N])[N]
kruispunt	((kruis)[V],(punt)[N])[N]
kruisra	((kruis)[N],(ra)[N])[N]
kruisraam	((kruis)[N],(raam)[N])[N]
kruisrelatie	((kruis)[V],(relatie)[N])[N]
kruisridder	((kruis)[N],(ridder)[N])[N]
kruisrijm	((kruis)[V],(rijm)[N])[N]
kruisschroevendraaier	((kruis)[N],((schroef)[N],(e)[N|N.Vx],(draai)[V],(er)[N|NxV.])[N])[N]
kruissleutel	((kruis)[N],(sleutel)[N])[N]
kruissnarig	((kruis)[N],(snaar)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kruisspin	((kruis)[N],(spin)[N])[N]
kruisstaf	((kruis)[N],(staf)[N])[N]
kruissteek	((kruis)[N],(steek)[N])[N]
kruisstraat	((kruis)[N],(straat)[N])[N]
kruistafel	((kruis)[N],(tafel)[N])[N]
kruisteken	((kruis)[N],(teken)[N])[N]
kruistocht	((kruis)[N],(tocht)[N])[N]
kruisvaan	((kruis)[N],(vaan)[N])[N]
kruisvaarder	(((kruis)[N],(vaart)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
kruisvaart	((kruis)[N],(vaart)[N])[N]
kruisverband	((kruis)[N],(verband)[N])[N]
kruisvereniging	((kruis)[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kruisverhoor	((kruis)[V],(verhoor)[N])[N]
kruisverwijzing	((kruis)[V],(((ver)[V|.V],(wijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kruisvormig	((kruis)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kruisvuur	((kruis)[V],(vuur)[N])[N]
kruisweg	((kruis)[N],(weg)[N])[N]
kruiswegstatie	(((kruis)[N],(weg)[N])[N],(statie)[N])[N]
kruiswerk	((kruis)[N],(werk)[N])[N]
kruiswoord	((kruis)[V],(woord)[N])[N]
kruiswoordpuzzel	(((kruis)[V],(woord)[N])[N],(puzzel)[N])[N]
kruiswoordraadsel	(((kruis)[V],(woord)[N])[N],((raad)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
kruiszeel	((kruis)[N],(zeel)[N])[N]
kruiszeil	((kruis)[N],(zeil)[N])[N]
kruiszijde	((kruis)[N],(zijde)[N])[N]
kruit	(kruit)[N]
kruitdamp	((kruit)[N],(damp)[N])[N]
kruitfabriek	((kruit)[N],(fabriek)[N])[N]
kruithoorn	((kruit)[N],(hoorn)[N])[N]
kruithoren	((kruit)[N],(horen)[N])[N]
kruitkamer	((kruit)[N],(kamer)[N])[N]
kruitlucht	((kruit)[N],(lucht)[N])[N]
kruitmagazijn	((kruit)[N],(magazijn)[N])[N]
kruitslijm	((kruit)[N],(slijm)[N])[N]
kruittoren	((kruit)[N],(toren)[N])[N]
kruitvat	((kruit)[N],(vat)[N])[N]
kruiven	(kruif)[V]
kruiwagen	((krui)[V],(wagen)[N])[N]
kruizeel	((krui)[V],(zeel)[N])[N]
kruizemuntkruid	((kruizemunt)[N],(kruid)[N])[N]
kruizemuntolie	((kruizemunt)[N],(olie)[N])[N]
kruk	(kruk)[N]
krukas	((kruk)[N],(as)[N])[N]
krukboor	((kruk)[N],(boor)[N])[N]
krukken	(kruk)[V]
krukkig	((kruk)[N],(ig)[A|N.])[A]
krukmechanisme	((kruk)[N],(mechanisme)[N])[N]
krukstang	((kruk)[N],(stang)[N])[N]
krul	(krul)[N]
krulandijvie	((krul)[V],(andijvie)[N])[N]
kruldistel	((krul)[V],(distel)[N])[N]
krulhaar	((krul)[V],(haar)[N])[N]
krulijzer	((krul)[V],(ijzer)[N])[N]
krullen	(krul)[V]
krullenbol	((krul)[N],(e)[N|N.N],(bol)[N])[N]
krullenjongen	((krul)[N],(en)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
krullenkop	((krul)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
krullenmand	((krul)[N],(en)[N|N.N],(mand)[N])[N]
krullenpruik	((krul)[N],(en)[N|N.N],(pruik)[N])[N]
kruller	((krul)[V],(er)[N|V.])[N]
krulletter	((krul)[N],(letter)[N])[N]
krullig	((krul)[N],(ig)[A|N.])[A]
krulling	((krul)[V],(ing)[N|V.])[N]
krulpen	((krul)[V],(pen)[N])[N]
krulsalade	((krul)[V],(salade)[N])[N]
krulset	((krul)[V],(set)[N])[N]
krulsla	((krul)[V],(sla)[N])[N]
krulspeld	((krul)[V],(speld)[N])[N]
krulstaart	((krul)[V],(staart)[N])[N]
krultabak	((krul)[V],(tabak)[N])[N]
krultang	((krul)[V],(tang)[N])[N]
krulziekte	((krul)[V],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kub	(kub)[N]
kubboot	((kub)[N],(boot)[N])[N]
kubiek	((kubisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
kubiekgetal	((kubiek)[A],(getal)[N])[N]
kubiekwortel	((kubiek)[A],(wortel)[N])[N]
kubusvormig	((kubus)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kuch	(kuch)[N]
kuchen	(kuch)[V]
kuchhoest	((kuch)[V],(hoest)[N])[N]
kudde	(kudde)[N]
kudde-instinct	((kudde)[N],(instinct)[N])[N]
kuddedier	((kudde)[N],(dier)[N])[N]
kuddegeest	((kudde)[N],(geest)[N])[N]
kuddemens	((kudde)[N],(mens)[N])[N]
kuier	(kuier)[N]
kuieren	(kuier)[V]
kuierlatten	((kuier)[V],(lat)[N])[N]
kuif	(kuif)[N]
kuifaap	((kuif)[N],(aap)[N])[N]
kuifarend	((kuif)[N],(arend)[N])[N]
kuifbal	((kuif)[N],(bal)[N])[N]
kuifeend	((kuif)[N],(eend)[N])[N]
kuiffazant	((kuif)[N],(fazant)[N])[N]
kuifgevel	((kuif)[N],(gevel)[N])[N]
kuifhen	((kuif)[N],(hen)[N])[N]
kuifleeuwerik	((kuif)[N],(leeuwerik)[N])[N]
kuifmees	((kuif)[N],(mees)[N])[N]
kuifpotigen	((kuif)[N],(poot)[N],(ig)[N|NN.x],(e)[N|NNx.])[N]
kuiken	(kuiken)[N]
kuikenbroeder	((kuiken)[N],(broed)[N],(er)[N|NN.])[N]
kuikenbroedster	((kuiken)[N],(broed)[V],(ster)[N|NV.])[N]
kuikensekser	((kuiken)[N],(seks)[N],(er)[N|NN.])[N]
kuikensekster	((kuiken)[N],(s)[N|N.N],(ekster)[N])[N]
kuil	(kuil)[N]
kuildek	((kuil)[N],(dek)[N])[N]
kuilen	(kuil)[V]
kuiler	((kuil)[V],(er)[N|V.])[N]
kuilgras	((kuil)[V],(gras)[N])[N]
kuilharing	((kuil)[N],(haring)[N])[N]
kuilkorvet	((kuil)[N],(korvet)[N])[N]
kuilnet	((kuil)[V],(net)[N])[N]
kuilvisser	((kuil)[N],((vis)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kuilvisserij	((kuil)[N],(vis)[V],(erij)[N|NV.])[N]
kuilvoer	((kuil)[V],(voer)[N])[N]
kuilvormig	((kuil)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
kuip	(kuip)[N]
kuipbad	((kuip)[N],(bad)[N])[N]
kuipen	(kuip)[V]
kuiper	((kuip)[V],(er)[N|V.])[N]
kuiperij	((kuip)[V],(erij)[N|V.])[N]
kuipersambacht	(((kuip)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ambacht)[N])[N]
kuipersgereedschap	(((kuip)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gereedschap)[N])[N]
kuiperswinkel	(((kuip)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
kuiphout	((kuip)[V],(hout)[N])[N]
kuippers	((kuip)[N],(pers)[N])[N]
kuipplank	((kuip)[N],(plank)[N])[N]
kuipplant	((kuip)[N],(plant)[N])[N]
kuipstoel	((kuip)[N],(stoel)[N])[N]
kuipververij	((kuip)[N],(verf)[V],(erij)[N|NV.])[N]
kuis	(kuis)[N]
kuisen	(kuis)[V]
kuisheid	((kuis)[A],(heid)[N|A.])[N]
kuisheidsgordel	(((kuis)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(gordel)[N])[N]
kuiskalf	((kuis)[N],(kalf)[N])[N]
kuisvrouw	((kuis)[V],(vrouw)[N])[N]
kuit	(kuit)[N]
kuitader	((kuit)[N],(ader)[N])[N]
kuitbeen	((kuit)[N],(been)[N])[N]
kuitbeenspier	(((kuit)[N],(been)[N])[N],(spier)[N])[N]
kuitbroek	((kuit)[N],(broek)[N])[N]
kuitendekker	((kuit)[N],(en)[N|N.Vx],(dek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kuitenflikker	((kuit)[N],(en)[N|N.N],((flik)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kuiter	((kuit)[N],(er)[N|N.])[N]
kuitgesp	((kuit)[N],(gesp)[N])[N]
kuitharing	((kuit)[N],(haring)[N])[N]
kuitkramp	((kuit)[N],(kramp)[N])[N]
kuitlaars	((kuit)[N],(laars)[N])[N]
kuitschieten	((kuit)[N],(schiet)[V])[V]
kuitspier	((kuit)[N],(spier)[N])[N]
kuitvis	((kuit)[N],(vis)[N])[N]
kuitzak	((kuit)[N],(zak)[N])[N]
kuitziek	((kuit)[N],(ziek)[A])[A]
kuiven	(kuif)[V]
kukelen	(kukel)[V]
kul	(kul)[N]
kulkoek	((kul)[N],(koek)[N])[N]
kullage	((kul)[V],(age)[N|V.])[N]
kullen	(kul)[V]
kullerij	((kul)[V],(erij)[N|V.])[N]
kummel	(kummel)[N]
kummelolie	((kummel)[N],(olie)[N])[N]
kundig	((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A]
kundigheid	(((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kungfu	(kungfu)[N]
kunnen	(kan)[V]
kunstaas	((kunst)[N],(aas)[N])[N]
kunstacademie	((kunst)[N],((academisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
kunstambacht	((kunst)[N],(ambacht)[N])[N]
kunstantiquariaat	((kunst)[N],(antiquariaat)[N])[N]
kunstarm	((kunst)[N],(arm)[N])[N]
kunstavond	((kunst)[N],(avond)[N])[N]
kunstazijn	((kunst)[N],(azijn)[N])[N]
kunstbeen	((kunst)[N],(been)[N])[N]
kunstbegrip	((kunst)[N],(begrip)[N])[N]
kunstbeleid	((kunst)[N],(beleid)[N])[N]
kunstbemesting	((kunst)[N],(((be)[V|.N],(mest)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kunstbeoefening	((kunst)[N],(((be)[V|.V],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kunstbeschouwing	((kunst)[N],((be)[V|.V],(schouw)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kunstbezit	((kunst)[N],(bezit)[N])[N]
kunstbloem	((kunst)[N],(bloem)[N])[N]
kunstboek	((kunst)[N],(boek)[N])[N]
kunstbont	((kunst)[N],(bont)[N])[N]
kunstboter	((kunst)[N],(boter)[N])[N]
kunstbroeder	((kunst)[N],(broeder)[N])[N]
kunstcentrum	((kunst)[N],(centrum)[N])[N]
kunstcollectie	((kunst)[N],(collectie)[N])[N]
kunstcritica	((kunst)[N],(criticus)[N],(ica)[N|NN.])[N]
kunstcriticus	((kunst)[N],(criticus)[N])[N]
kunstdarm	((kunst)[N],(darm)[N])[N]
kunstdruk	((kunst)[N],(druk)[N])[N]
kunstdrukpapier	(((kunst)[N],(druk)[N])[N],(papier)[N])[N]
kunsteigendom	((kunst)[N],((eigen)[N],(dom)[N|N.])[N])[N]
kunsteloos	((kunst)[N],(eloos)[A|N.])[A]
kunstenaar	((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N]
kunstenaarscafé	(((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(café)[N])[N]
kunstenaarschap	(((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N],(schap)[N|N.])[N]
kunstenaarsfamilie	(((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(familie)[N])[N]
kunstenaarshand	(((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(hand)[N])[N]
kunstenaarskolonie	(((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(kolonie)[N])[N]
kunstenaarskring	(((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(kring)[N])[N]
kunstenaarsnaam	(((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(naam)[N])[N]
kunstenaarsorganisatie	(((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
kunstenaarssociëteit	(((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(sociëteit)[N])[N]
kunstenaarswereld	(((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
kunstenaarsziel	(((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(ziel)[N])[N]
kunstenares	((kunst)[N],(enares)[N|N.])[N]
kunstenmaker	((kunst)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kunstenmakerij	((kunst)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
kunstfilosofie	((kunst)[N],((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
kunstfoto	((kunst)[N],(foto)[N])[N]
kunstfotografie	((kunst)[N],((fotografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
kunstgalerie	((kunst)[N],(galerie)[N])[N]
kunstgalerij	((kunst)[N],(galerij)[N])[N]
kunstgebit	((kunst)[N],(gebit)[N])[N]
kunstgenootschap	((kunst)[N],((genoot)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
kunstgenot	((kunst)[N],(genot)[N])[N]
kunstgenre	((kunst)[N],(genre)[N])[N]
kunstgeschiedenis	((kunst)[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
kunstgevoel	((kunst)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
kunstgevoelig	((kunst)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|NN.])[A]
kunstgewrocht	((kunst)[N],((ge)[N|.V],(wrocht)[V])[N])[N]
kunstgieterij	((kunst)[N],(giet)[V],(erij)[N|NV.])[N]
kunstglas	((kunst)[N],(glas)[N])[N]
kunstgras	((kunst)[N],(gras)[N])[N]
kunstgreep	((kunst)[N],(greep)[N])[N]
kunsthandel	((kunst)[N],(handel)[N])[N]
kunsthandelaar	((kunst)[N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
kunsthandelaarster	(((kunst)[N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N],(ster)[N|N.])[N]
kunsthars	((kunst)[N],(hars)[N])[N]
kunsthart	((kunst)[N],(hart)[N])[N]
kunsthistorica	((kunst)[N],(historicus)[N],(ica)[N|NN.])[N]
kunsthistoricus	((kunst)[N],(historicus)[N])[N]
kunsthistorie	((kunst)[N],((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
kunsthistorisch	((kunst)[N],(historisch)[A])[A]
kunsthonig	((kunst)[N],(honig)[N])[N]
kunsthoning	((kunst)[N],(honing)[N])[N]
kunsthoorn	((kunst)[N],(hoorn)[N])[N]
kunsthoren	((kunst)[N],(horen)[N])[N]
kunstig	((kunst)[N],(ig)[A|N.])[A]
kunstigheid	(((kunst)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kunstijs	((kunst)[N],(ijs)[N])[N]
kunstijsbaan	(((kunst)[N],(ijs)[N])[N],(baan)[N])[N]
kunstijsmachine	(((kunst)[N],(ijs)[N])[N],(machine)[N])[N]
kunstindustrie	((kunst)[N],(industrie)[N])[N]
kunstivoor	((kunst)[N],(ivoor)[N])[N]
kunstkabinet	((kunst)[N],(kabinet)[N])[N]
kunstkalender	((kunst)[N],(kalender)[N])[N]
kunstkenner	((kunst)[N],(ken)[V],(er)[N|NV.])[N]
kunstkennis	((kunst)[N],(kennis)[N])[N]
kunstkoe	((kunst)[N],(koe)[N])[N]
kunstkop	((kunst)[N],(kop)[N])[N]
kunstkoper	((kunst)[N],(koop)[V],(er)[N|NV.])[N]
kunstkring	((kunst)[N],(kring)[N])[N]
kunstkritiek	((kunst)[N],((kritisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
kunstkroniek	((kunst)[N],((kronisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
kunstledematen	((kunst)[N],((lid)[N],(maat)[N])[N])[N]
kunstleder	((kunst)[N],(leder)[N])[N]
kunstlederen	(((kunst)[N],(leder)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
kunstleer	((kunst)[N],(leer)[N])[N]
kunstleren	(((kunst)[N],(leer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
kunstlicht	((kunst)[N],(licht)[N])[N]
kunstlied	((kunst)[N],(lied)[N])[N]
kunstliefhebber	((kunst)[N],((lief)[A],(heb)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
kunstliefhebster	((kunst)[N],((lief)[A],(heb)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
kunstlievend	((kunst)[N],(lievend)[V])[A]
kunstlijm	((kunst)[N],(lijm)[N])[N]
kunstlong	((kunst)[N],(long)[N])[N]
kunstmaan	((kunst)[N],(maan)[N])[N]
kunstmagneet	((kunst)[N],(magneet)[N])[N]
kunstmanifestatie	((kunst)[N],(((manifest)[A],(eer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
kunstmarkt	((kunst)[N],(markt)[N])[N]
kunstmarmer	((kunst)[N],(marmer)[N])[N]
kunstmateriaal	((kunst)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
kunstmatig	((kunst)[N],(matig)[A|N.])[A]
kunstmatigheid	(((kunst)[N],(matig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kunstmest	((kunst)[N],(mest)[N])[N]
kunstmeststof	(((kunst)[N],(mest)[N])[N],(stof)[N])[N]
kunstmeststrooier	(((kunst)[N],(mest)[N])[N],(strooi)[V],(er)[N|NV.])[N]
kunstmiddel	((kunst)[N],(middel)[N])[N]
kunstminnaar	((kunst)[N],((min)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
kunstminnend	((kunst)[N],(min)[V],(end)[A|NV.])[A]
kunstmoeder	((kunst)[N],(moeder)[N])[N]
kunstnaaldwerk	((kunst)[N],((naald)[N],(werk)[N])[N])[N]
kunstnest	((kunst)[N],(nest)[N])[N]
kunstnier	((kunst)[N],(nier)[N])[N]
kunstnijverheid	((kunst)[N],((nijver)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
kunstnota	((kunst)[N],(nota)[N])[N]
kunstobject	((kunst)[N],(object)[N])[N]
kunstoog	((kunst)[N],(oog)[N])[N]
kunstopvatting	((kunst)[N],(((op)[P],(vat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kunstpagina	((kunst)[N],(pagina)[N])[N]
kunstpaleis	((kunst)[N],(paleis)[N])[N]
kunstparel	((kunst)[N],(parel)[N])[N]
kunstpaus	((kunst)[N],(paus)[N])[N]
kunstpenis	((kunst)[N],(penis)[N])[N]
kunstpok	((kunst)[N],(pok)[N])[N]
kunstpoëzie	((kunst)[N],(poëzie)[N])[N]
kunstproduct	((kunst)[N],(product)[N])[N]
kunstproductie	((kunst)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
kunstproza	((kunst)[N],(proza)[N])[N]
kunstraad	((kunst)[N],(raad)[N])[N]
kunstredacteur	((kunst)[N],(redacteur)[N])[N]
kunstredactie	((kunst)[N],(redactie)[N])[N]
kunstrichting	((kunst)[N],((richt)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kunstrijden	((kunst)[N],(rijd)[V])[V]
kunstrijder	((kunst)[N],((rijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kunstrijdster	(((kunst)[N],(rijd)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
kunstroos	((kunst)[N],(roos)[N])[N]
kunstrubber	((kunst)[N],(rubber)[N])[N]
kunstrubriek	((kunst)[N],(rubriek)[N])[N]
kunstsatelliet	((kunst)[N],(satelliet)[N])[N]
kunstschaats	((kunst)[N],(schaats)[N])[N]
kunstschat	((kunst)[N],(schat)[N])[N]
kunstschilder	((kunst)[N],(schilder)[N])[N]
kunstschilderes	(((kunst)[N],(schilder)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
kunstschool	((kunst)[N],(school)[N])[N]
kunstseizoen	((kunst)[N],(seizoen)[N])[N]
kunstsmeedwerk	((kunst)[N],((smeed)[V],(werk)[N])[N])[N]
kunstsmid	((kunst)[N],(smid)[N])[N]
kunstsneeuw	((kunst)[N],(sneeuw)[N])[N]
kunststijl	((kunst)[N],(stijl)[N])[N]
kunststof	((kunst)[N],(stof)[N])[N]
kunststoot	((kunst)[N],(stoot)[N])[N]
kunststoten	((kunst)[N],(stoot)[V])[V]
kunststroming	((kunst)[N],((stroom)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kunststuk	((kunst)[N],(stuk)[N])[N]
kunstsubsidie	((kunst)[N],(subsidie)[N])[N]
kunsttaal	((kunst)[N],(taal)[N])[N]
kunsttand	((kunst)[N],(tand)[N])[N]
kunsttempel	((kunst)[N],(tempel)[N])[N]
kunstterm	((kunst)[N],(term)[N])[N]
kunsttheorie	((kunst)[N],(theorie)[N])[N]
kunsttraditie	((kunst)[N],(traditie)[N])[N]
kunstuiting	((kunst)[N],(uit)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kunstuitleen	((kunst)[N],(uitleen)[N])[N]
kunstvaardig	((kunst)[N],(vaardig)[A])[A]
kunstvaardigheid	(((kunst)[N],(vaardig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
kunstveiling	((kunst)[N],(veil)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kunstverlichting	((kunst)[N],(((ver)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kunstverlossing	((kunst)[N],(((ver)[V|.A],(los)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kunstverzamelaar	((kunst)[N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
kunstverzameling	((kunst)[N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kunstvezel	((kunst)[N],(vezel)[N])[N]
kunstvlees	((kunst)[N],(vlees)[N])[N]
kunstvlieg	((kunst)[N],(vlieg)[N])[N]
kunstvliegen	((kunst)[N],(vlieg)[V])[V]
kunstvlieger	(((kunst)[N],(vlieg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
kunstvlucht	((kunst)[N],(vlucht)[N])[N]
kunstvoeding	((kunst)[N],((voed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kunstvoer	((kunst)[N],(voer)[N])[N]
kunstvoortbrengsel	((kunst)[N],(((voort)[B],(breng)[V])[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
kunstvoorwerp	((kunst)[N],(voorwerp)[N])[N]
kunstvorm	((kunst)[N],(vorm)[N])[N]
kunstvriend	((kunst)[N],(vriend)[N])[N]
kunstvriendin	(((kunst)[N],(vriend)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
kunstvuurwerk	((kunst)[N],((vuur)[N],(werk)[N])[N])[N]
kunstwaarde	((kunst)[N],(waarde)[N])[N]
kunstwereld	((kunst)[N],(wereld)[N])[N]
kunstwerk	((kunst)[N],(werk)[N])[N]
kunstwimper	((kunst)[N],(wimper)[N])[N]
kunstwol	((kunst)[N],(wol)[N])[N]
kunstwollen	(((kunst)[N],(wol)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
kunstwoord	((kunst)[N],(woord)[N])[N]
kunstwoordenboek	((kunst)[N],((woord)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N])[N]
kunstzaak	((kunst)[N],(zaak)[N])[N]
kunstzaal	((kunst)[N],(zaal)[N])[N]
kunstzij	((kunst)[N],(zij)[N])[N]
kunstzijde	((kunst)[N],(zijde)[N])[N]
kunstzijden	((kunst)[N],((zijde)[N],(en)[A|N.])[A])[A]
kunstzin	((kunst)[N],(zin)[N])[N]
kunstzinnig	(((kunst)[N],(zin)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
kunstzwemmen	((kunst)[N],(zwem)[V])[V]
kurassier	((kuras)[N],(ier)[N|N.])[N]
kurassiershelm	(((kuras)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(helm)[N])[N]
kuren	(kuur)[V]
kurk	(kurk)[N]
kurkboom	((kurk)[N],(boom)[N])[N]
kurkboor	((kurk)[N],(boor)[N])[N]
kurkdroog	((kurk)[N],(droog)[A])[A]
kurkeik	((kurk)[N],(eik)[N])[N]
kurken	(kurk)[V]
kurken	((kurk)[N],(en)[A|N.])[A]
kurkenmand	((kurk)[N],(en)[N|N.N],(mand)[N])[N]
kurkentrekker	((kurk)[N],(e)[N|N.Nx],(trek)[N],(er)[N|NxN.])[N]
kurkenzak	((kurk)[N],(en)[N|N.N],(zak)[N])[N]
kurkhout	((kurk)[N],(hout)[N])[N]
kurkiep	((kurk)[N],(iep)[N])[N]
kurkolm	((kurk)[N],(olm)[N])[N]
kurkpapier	((kurk)[N],(papier)[N])[N]
kurkplaat	((kurk)[N],(plaat)[N])[N]
kurkschroef	((kurk)[N],(schroef)[N])[N]
kurksteen	((kurk)[N],(steen)[N])[N]
kurkstof	((kurk)[N],(stof)[N])[N]
kurkuma	(kurkuma)[N]
kurkvijl	((kurk)[N],(vijl)[N])[N]
kurkzeil	((kurk)[N],(zeil)[N])[N]
kurkzuur	((kurk)[N],(zuur)[N])[N]
kus	(kus)[N]
kushand	((kus)[N],(hand)[N])[N]
kussen	(kus)[V]
kussen	(kussen)[N]
kussenbankje	((kussen)[N],(bank)[N])[N]
kussenblok	((kussen)[N],(blok)[N])[N]
kussengevecht	((kussen)[N],((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N])[N]
kussenkast	((kussen)[N],(kast)[N])[N]
kussenovertrek	((kussen)[N],(overtrek)[N])[N]
kussensloop	((kussen)[N],(sloop)[N])[N]
kussenstoel	((kussen)[N],(stoel)[N])[N]
kussentijk	((kussen)[N],(tijk)[N])[N]
kust	(kust)[N]
kustafslag	((kust)[N],((af)[P],(slag)[N])[N])[N]
kustafzetting	((kust)[N],(((af)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kustbatterij	((kust)[N],(batterij)[N])[N]
kustbewoner	((kust)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
kustbewoonster	((kust)[N],(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
kustboot	((kust)[N],(boot)[N])[N]
kusteiland	((kust)[N],(eiland)[N])[N]
kuster	((kust)[N],(er)[N|N.])[N]
kustformatie	((kust)[N],(formeer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
kustgebergte	((kust)[N],((ge)[N|.Nx],(berg)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
kusthaven	((kust)[N],(haven)[N])[N]
kustkaart	((kust)[N],(kaart)[N])[N]
kustlicht	((kust)[N],(licht)[N])[N]
kustlichtwachter	(((kust)[N],(licht)[N])[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kustlijn	((kust)[N],(lijn)[N])[N]
kustmeer	((kust)[N],(meer)[N])[N]
kustontwikkeling	((kust)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kustprovincie	((kust)[N],(provincie)[N])[N]
kustrif	((kust)[N],(rif)[N])[N]
kustrivier	((kust)[N],(rivier)[N])[N]
kustschip	((kust)[N],(schip)[N])[N]
kuststaat	((kust)[N],(staat)[N])[N]
kuststation	((kust)[N],(station)[N])[N]
kuststreek	((kust)[N],(streek)[N])[N]
kuststroom	((kust)[N],(stroom)[N])[N]
kustvaarder	((kust)[N],(vaar)[V],(der)[N|NV.])[N]
kustvaart	((kust)[N],(vaart)[N])[N]
kustvaartuig	((kust)[N],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
kustverdediging	((kust)[N],(verdedig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
kustverkorting	((kust)[N],((ver)[V|.A],(kort)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kustverlichting	((kust)[N],((ver)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kustversterking	((kust)[N],((ver)[V|.A],(sterk)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
kustvisserij	((kust)[N],(vis)[V],(erij)[N|NV.])[N]
kustvlakte	((kust)[N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kustwacht	((kust)[N],(wacht)[N])[N]
kustwachter	((kust)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kustwateren	((kust)[N],(water)[N])[N]
kut	(kut)[N]
kutlikken	((kut)[N],(lik)[V])[V]
kutsap	((kut)[N],(sap)[N])[N]
kutsmoes	((kut)[N],(smoes)[N])[N]
kutwijf	((kut)[N],(wijf)[N])[N]
kutzwager	((kut)[N],(zwager)[N])[N]
kuub	(kuub)[N]
kuur	(kuur)[N]
kuuroord	((kuur)[V],(oord)[N])[N]
kwaad	(kwaad)[N]
kwaadaardig	((kwaad)[A],(aard)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kwaadaardigheid	(((kwaad)[A],(aard)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kwaaddenkend	((kwaad)[A],(denk)[V],(end)[A|AV.])[A]
kwaaddoend	((kwaad)[N],(doend)[V])[A]
kwaaddoener	((kwaad)[N],(doe)[V],(er)[N|NV.])[N]
kwaadgezind	((kwaad)[A],(gezind)[A])[A]
kwaadheid	((kwaad)[A],(heid)[N|A.])[N]
kwaadspreekster	(((kwaad)[A],(spreek)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
kwaadspreken	((kwaad)[A],(spreek)[V])[V]
kwaadsprekendheid	((kwaadsprekend)[A],(heid)[N|A.])[N]
kwaadspreker	(((kwaad)[A],(spreek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
kwaadsprekerij	(((kwaad)[A],(spreek)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
kwaadwillig	((kwaad)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A]
kwaadwilligheid	(((kwaad)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kwaakgeluid	((kwaak)[V],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
kwaakspraak	((kwaak)[V],(spraak)[N])[N]
kwaal	(kwaal)[N]
kwab	(kwab)[N]
kwabaal	((kwab)[N],(aal)[N])[N]
kwabbe	(kwabbe)[N]
kwabbig	((kwab)[N],(ig)[A|N.])[A]
kwabwang	((kwab)[N],(wang)[N])[N]
kwadraat	((kwadreer)[V],(aat)[N|V.])[N]
kwadraatcijfers	(((kwadreer)[V],(aat)[N|V.])[N],(cijfer)[N])[N]
kwadraatgetal	(((kwadreer)[V],(aat)[N|V.])[N],(getal)[N])[N]
kwadraatschrift	(((kwadreer)[V],(aat)[N|V.])[N],(schrift)[N])[N]
kwadraatsvergelijking	(((kwadreer)[V],(aat)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
kwadraatwortel	(((kwadreer)[V],(aat)[N|V.])[N],(wortel)[N])[N]
kwadrateren	(((kwadreer)[V],(aat)[N|V.])[N],(eer)[V|N.])[V]
kwadratisch	(((kwadreer)[V],(aat)[N|V.])[N],(isch)[A|N.])[A]
kwadratuur	((kwadreer)[V],(atuur)[N|V.])[N]
kwajongen	((kwaad)[A],(jongen)[N])[N]
kwajongensachtig	(((kwaad)[A],(jongen)[N])[N],(s)[A|N.x],(achtig)[A|Nx.])[A]
kwajongensstreek	(((kwaad)[A],(jongen)[N])[N],(s)[N|N.N],(streek)[N])[N]
kwak	(kwak)[N]
kwakbol	((kwak)[I],(bol)[N])[N]
kwaken	(kwaak)[V]
kwakkel	(kwakkel)[N]
kwakkelaar	((kwakkel)[V],(aar)[N|V.])[N]
kwakkelaarster	(((kwakkel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
kwakkelen	(kwakkel)[V]
kwakkelig	((kwakkel)[V],(ig)[A|V.])[A]
kwakkeljacht	((kwakkel)[N],(jacht)[N])[N]
kwakkelweer	((kwakkel)[V],(weer)[N])[N]
kwakkelwinter	((kwakkel)[V],(winter)[N])[N]
kwakkelziekte	((kwakkel)[V],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
kwakken	(kwak)[V]
kwakkuil	((kwak)[N],(kuil)[N])[N]
kwakzalver	((kwakzalf)[V],(er)[N|V.])[N]
kwakzalverij	((kwakzalf)[V],(erij)[N|V.])[N]
kwakzalversmiddel	(((kwakzalf)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
kwal	(kwal)[N]
kwalificatie	((kwalificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
kwalificatieniveau	(((kwalificeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(niveau)[N])[N]
kwalificatietoernooi	(((kwalificeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(toernooi)[N])[N]
kwalificering	((kwalificeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
kwalijkheid	((kwalijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
kwaliteitsartikel	((kwaliteit)[N],(s)[N|N.N],(artikel)[N])[N]
kwaliteitsaspect	((kwaliteit)[N],(s)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
kwaliteitsbevordering	((kwaliteit)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(vorder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kwaliteitsbewust	((kwaliteit)[N],(s)[A|N.A],(bewust)[A])[A]
kwaliteitscategorie	((kwaliteit)[N],(s)[N|N.N],(categorie)[N])[N]
kwaliteitscirkels	((kwaliteit)[N],(s)[N|N.N],(cirkel)[N])[N]
kwaliteitscontrole	((kwaliteit)[N],(s)[N|N.N],(controle)[N])[N]
kwaliteitseis	((kwaliteit)[N],(s)[N|N.N],(eis)[N])[N]
kwaliteitselement	((kwaliteit)[N],(s)[N|N.N],(element)[N])[N]
kwaliteitsgarantie	((kwaliteit)[N],(s)[N|N.N],((garant)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
kwaliteitsklasse	((kwaliteit)[N],(s)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
kwaliteitskrant	((kwaliteit)[N],(s)[N|N.N],(krant)[N])[N]
kwaliteitskringen	((kwaliteit)[N],(s)[N|N.N],(kring)[N])[N]
kwaliteitsniveau	((kwaliteit)[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
kwaliteitsnorm	((kwaliteit)[N],(s)[N|N.N],(norm)[N])[N]
kwaliteitsproduct	((kwaliteit)[N],(s)[N|N.N],(product)[N])[N]
kwaliteitsverandering	((kwaliteit)[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kwaliteitsverbetering	((kwaliteit)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kwaliteitswijn	((kwaliteit)[N],(s)[N|N.N],(wijn)[N])[N]
kwaliteitszetel	((kwaliteit)[N],(s)[N|N.N],(zetel)[N])[N]
kwallenbeet	((kwal)[N],(e)[N|N.N],(beet)[N])[N]
kwallig	((kwal)[N],(ig)[A|N.])[A]
kwalm	(kwalm)[N]
kwalmen	(kwalm)[V]
kwalpoliep	((kwal)[N],(poliep)[N])[N]
kwanselaar	((kwansel)[V],(aar)[N|V.])[N]
kwanselaarster	(((kwansel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
kwanselarij	((kwansel)[V],(arij)[N|V.])[N]
kwanselen	(kwansel)[V]
kwant	(kwant)[N]
kwantificeerbaar	((kwantificeer)[V],(baar)[A|V.])[A]
kwantificeerbaarheid	(((kwantificeer)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kwantificering	((kwantificeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
kwantiteitstheorie	((kwantiteit)[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
kwantumbaan	((kwantum)[N],(baan)[N])[N]
kwantumchemie	((kwantum)[N],((chemisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
kwantumelektronica	((kwantum)[N],(elektronica)[N])[N]
kwantumkorting	((kwantum)[N],((kort)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
kwantummechanica	((kwantum)[N],(mechanica)[N])[N]
kwantumsprong	((kwantum)[N],(sprong)[N])[N]
kwantumtheorie	((kwantum)[N],(theorie)[N])[N]
kwar	(kwar)[N]
kwark	(kwark)[N]
kwarktaart	((kwark)[N],(taart)[N])[N]
kwarrelig	((kwarrel)[N],(ig)[A|N.])[A]
kwart	(kwart)[N]
kwartaalbericht	((kwartaal)[N],(bericht)[N])[N]
kwartaalblad	((kwartaal)[N],(blad)[N])[N]
kwartaalcijfer	((kwartaal)[N],(cijfer)[N])[N]
kwartaaldrinker	((kwartaal)[N],((drink)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kwartaalrapport	((kwartaal)[N],(rapport)[N])[N]
kwartaalstaat	((kwartaal)[N],(staat)[N])[N]
kwartanker	((kwart)[N],(anker)[N])[N]
kwartcirkel	((kwart)[N],(cirkel)[N])[N]
kwartel	(kwartel)[N]
kwartelen	(kwartel)[V]
kwartelkoning	((kwartel)[N],(koning)[N])[N]
kwartelslag	((kwartel)[N],(slag)[N])[N]
kwartetmuziek	((kwartet)[N],(muziek)[N])[N]
kwartetspel	((kwartet)[N],(spel)[N])[N]
kwartfinale	((kwart)[N],(finale)[N])[N]
kwartfles	((kwart)[N],(fles)[N])[N]
kwartfluit	((kwart)[N],(fluit)[N])[N]
kwartgulden	((kwart)[N],(gulden)[N])[N]
kwartier	((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N]
kwartierarrest	(((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N],(arrest)[N])[N]
kwartierdrager	(((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
kwartierlijst	(((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N],(lijst)[N])[N]
kwartiermaker	(((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
kwartiermeester	(((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N],(meester)[N])[N]
kwartiermeester-generaal	((((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N],(meester)[N])[N],(generaal)[N])[N]
kwartiermuts	(((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N],(muts)[N])[N]
kwartierrol	(((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N],(rol)[N])[N]
kwartierstanden	(((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N],(stand)[N])[N]
kwartiervolk	(((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N],(volk)[N])[N]
kwartierwapen	(((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N],(wapen)[N])[N]
kwartierziek	(((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N],(ziek)[A])[A]
kwartjesblad	((kwart)[N],(s)[N|N.N],(blad)[N])[N]
kwartjesplant	((kwart)[N],(s)[N|N.N],(plant)[N])[N]
kwartjesvinder	((kwart)[N],(s)[N|N.Vx],(vind)[V],(er)[N|NxV.])[N]
kwartnoot	((kwart)[N],(noot)[N])[N]
kwartoformaat	((kwarto)[N],((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
kwartrond	((kwart)[N],(rond)[A])[N]
kwartrust	((kwart)[N],(rust)[N])[N]
kwartsachtig	((kwarts)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kwartsbrander	((kwarts)[N],((brand)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kwartsglas	((kwarts)[N],(glas)[N])[N]
kwartshorloge	((kwarts)[N],(horloge)[N])[N]
kwartsklok	((kwarts)[N],(klok)[N])[N]
kwartslag	((kwart)[N],(slag)[N])[N]
kwartslamp	((kwarts)[N],(lamp)[N])[N]
kwartsporfier	((kwarts)[N],(porfier)[N])[N]
kwartszand	((kwarts)[N],(zand)[N])[N]
kwarttoon	((kwart)[N],(toon)[N])[N]
kwartviool	((kwart)[N],(viool)[N])[N]
kwassieboom	((kwassie)[N],(boom)[N])[N]
kwassiehout	((kwassie)[N],(hout)[N])[N]
kwast	(kwast)[N]
kwasterig	((kwast)[N],(erig)[A|N.])[A]
kwasterigheid	(((kwast)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kwasterij	((kwast)[N],(erij)[N|N.])[N]
kwastgras	((kwast)[N],(gras)[N])[N]
kwastig	((kwast)[N],(ig)[A|N.])[A]
kwastigheid	(((kwast)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kwatong	((kwaad)[A],(tong)[N])[N]
kwats	(kwats)[N]
kwebbel	(kwebbel)[N]
kwebbelen	(kwebbel)[V]
kwee	(kwee)[N]
kweeappel	((kwee)[N],(appel)[N])[N]
kweek	(kweek)[N]
kweekbak	((kweek)[V],(bak)[N])[N]
kweekbed	((kweek)[V],(bed)[N])[N]
kweekgras	((kweek)[N],(gras)[N])[N]
kweekkamer	((kweek)[V],(kamer)[N])[N]
kweekkas	((kweek)[V],(kas)[N])[N]
kweekmerrie	((kweek)[V],(merrie)[N])[N]
kweekplaats	((kweek)[V],(plaats)[N])[N]
kweekplant	((kweek)[V],(plant)[N])[N]
kweekproef	((kweek)[V],(proef)[N])[N]
kweekreactor	((kweek)[V],(reactor)[N])[N]
kweekschool	((kweek)[V],(school)[N])[N]
kweekschooldirecteur	(((kweek)[V],(school)[N])[N],(directeur)[N])[N]
kweeksel	((kweek)[V],(sel)[N|V.])[N]
kweekster	((kweek)[V],(ster)[N|V.])[N]
kweektuin	((kweek)[V],(tuin)[N])[N]
kweekvijver	((kweek)[V],(vijver)[N])[N]
kween	(kween)[N]
kweepeer	((kwee)[N],(peer)[N])[N]
kweestroop	((kwee)[N],(stroop)[N])[N]
kwek	(kwek)[N]
kwekeling	((kweek)[V],(eling)[N|V.])[N]
kwekelinge	(((kweek)[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
kweken	(kweek)[V]
kweker	((kweek)[V],(er)[N|V.])[N]
kwekerij	((kweek)[V],(erij)[N|V.])[N]
kwekersrecht	(((kweek)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
kweking	((kweek)[V],(ing)[N|V.])[N]
kwekken	(kwek)[V]
kwel	(kwel)[N]
kweldam	((kwel)[N],(dam)[N])[N]
kwelder	(kwelder)[N]
kwelderboer	((kwelder)[N],(boer)[N])[N]
kweldergras	((kwelder)[N],(gras)[N])[N]
kweldergrond	((kwelder)[N],(grond)[N])[N]
kwelderland	((kwelder)[N],(land)[N])[N]
kwelderschaap	((kwelder)[N],(schaap)[N])[N]
kweldijk	((kwel)[N],(dijk)[N])[N]
kwelduivel	((kwel)[V],(duivel)[N])[N]
kwelen	(kweel)[V]
kwelgeest	((kwel)[V],(geest)[N])[N]
kwellage	((kwel)[V],(age)[N|V.])[N]
kwellen	(kwel)[V]
kweller	((kwel)[V],(er)[N|V.])[N]
kwellerij	((kwel)[V],(erij)[N|V.])[N]
kwelling	((kwel)[V],(ing)[N|V.])[N]
kwelm	(kwelm)[N]
kwelmen	(kwelm)[V]
kwelspreuk	((kwel)[V],(spreuk)[N])[N]
kwelster	((kwel)[V],(ster)[N|V.])[N]
kwelwater	((kwel)[N],(water)[N])[N]
kwelziek	((kwel)[V],(ziek)[A])[A]
kwelzucht	((kwel)[V],(zucht)[N])[N]
kwets	(kwets)[N]
kwetsbaar	((kwets)[V],(baar)[A|V.])[A]
kwetsbaarheid	(((kwets)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
kwetsen	(kwets)[V]
kwetsing	((kwets)[V],(ing)[N|V.])[N]
kwetsuur	((kwets)[V],(uur)[N|V.])[N]
kwetteraar	((kwetter)[V],(aar)[N|V.])[N]
kwetteren	(kwetter)[V]
kwezel	(kwezel)[N]
kwezelaar	((kwezel)[V],(aar)[N|V.])[N]
kwezelaarster	(((kwezel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
kwezelachtig	((kwezel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kwezelarij	((kwezel)[V],(arij)[N|V.])[N]
kwezelen	(kwezel)[V]
kwiek	(kwiek)[A]
kwiekheid	((kwiek)[A],(heid)[N|A.])[N]
kwijl	(kwijl)[N]
kwijlbaard	((kwijl)[V],(baard)[N])[N]
kwijlen	(kwijl)[V]
kwijllap	((kwijl)[V],(lap)[N])[N]
kwijnen	(kwijn)[V]
kwijning	((kwijn)[V],(ing)[N|V.])[N]
kwijt	(kwijt)[A]
kwijtbrief	((kwijt)[V],(brief)[N])[N]
kwijten	(kwijt)[V]
kwijting	((kwijt)[V],(ing)[N|V.])[N]
kwijtraken	((kwijt)[A],(raak)[V])[V]
kwijtschelden	((kwijt)[A],(scheld)[V])[V]
kwijtschelding	(((kwijt)[A],(scheld)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
kwijtschrift	((kwijt)[V],(schrift)[N])[N]
kwijtspelen	((kwijt)[A],(speel)[V])[V]
kwik	(kwik)[N]
kwikachtig	((kwik)[N],(achtig)[A|N.])[A]
kwikbad	((kwik)[N],(bad)[N])[N]
kwikbak	((kwik)[N],(bak)[N])[N]
kwikbarometer	((kwik)[N],((baro)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
kwikboog	((kwik)[N],(boog)[N])[N]
kwikdampgelijkrichter	((kwikdamp)[N],(((gelijk)[A],(richt)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kwikdamplamp	((kwikdamp)[N],(lamp)[N])[N]
kwikdruk	((kwik)[N],(druk)[N])[N]
kwikkolom	((kwik)[N],(kolom)[N])[N]
kwikkuur	((kwik)[N],(uur)[N|N.])[N]
kwiklamp	((kwik)[N],(lamp)[N])[N]
kwikoxide	((kwik)[N],(oxide)[N])[N]
kwikstaart	((kwik)[A],(staart)[N])[N]
kwikthermometer	((kwik)[N],((thermo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
kwikzalf	((kwik)[N],(zalf)[N])[N]
kwikzilver	((kwik)[N],(zilver)[N])[N]
kwikzilverachtig	(((kwik)[N],(zilver)[N])[N],(achtig)[A|N.])[A]
kwikzuil	((kwik)[N],(zuil)[N])[N]
kwint	(kwint)[N]
kwintakkoord	((kwint)[N],(akkoord)[N])[N]
kwintencirkel	((kwint)[N],(en)[N|N.N],(cirkel)[N])[N]
kwips	(kwips)[A]
kwispel	(kwispel)[N]
kwispelen	(kwispel)[V]
kwispeling	((kwispel)[V],(ing)[N|V.])[N]
kwistigheid	((kwistig)[A],(heid)[N|A.])[N]
kwitantie	((kwiteer)[V],(antie)[N|V.])[N]
kwitantieboekje	(((kwiteer)[V],(antie)[N|V.])[N],(boek)[N])[N]
kwitantieloper	(((kwiteer)[V],(antie)[N|V.])[N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
kwitantiezegel	(((kwiteer)[V],(antie)[N|V.])[N],(zegel)[N])[N]
kynologie	((kynologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
kz-syndroom	((KZ)[N],(syndroom)[N])[N]
l	(l)[N]
la	(la)[N]
laadbak	((laad)[V],(bak)[N])[N]
laadband	((laad)[V],(band)[N])[N]
laadblok	((laad)[V],(blok)[N])[N]
laadboom	((laad)[V],(boom)[N])[N]
laadbord	((laad)[V],(bord)[N])[N]
laadbrief	((laad)[V],(brief)[N])[N]
laadbrug	((laad)[V],(brug)[N])[N]
laadcapaciteit	((laad)[V],(capaciteit)[N])[N]
laadhoofd	((laad)[V],(hoofd)[N])[N]
laadkist	((laad)[V],(kist)[N])[N]
laadklep	((laad)[V],(klep)[N])[N]
laadkraan	((laad)[V],(kraan)[N])[N]
laadlijn	((laad)[V],(lijn)[N])[N]
laadperron	((laad)[V],(perron)[N])[N]
laadplaats	((laad)[V],(plaats)[N])[N]
laadplatform	((laad)[V],(platform)[N])[N]
laadpoort	((laad)[V],(poort)[N])[N]
laadruim	((laad)[V],(ruim)[N])[N]
laadruimte	((laad)[V],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
laadspanning	((laad)[V],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
laadstation	((laad)[V],(station)[N])[N]
laadstok	((laad)[V],(stok)[N])[N]
laadstroom	((laad)[V],(stroom)[N])[N]
laadvermogen	((laad)[V],(vermogen)[N])[N]
laaf	(laaf)[N]
laag	(laag)[N]
laagbouw	((laag)[A],(bouw)[N])[N]
laagdrempelig	((laag)[A],(drempel)[N],(ig)[A|AN.])[A]
laagfrequent	((laag)[A],(frequent)[A])[A]
laaggetakt	((laag)[A],(getakt)[A])[A]
laaghangend	((laag)[A],(hang)[V],(end)[A|AV.])[A]
laaghartig	((laag)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
laaghartigheid	(((laag)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
laagheid	((laag)[A],(heid)[N|A.])[N]
laagland	((laag)[A],(land)[N])[N]
laagseizoen	((laag)[A],(seizoen)[N])[N]
laagsgewijs	((laag)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
laagspanning	((laag)[A],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
laagspanningsnet	(((laag)[A],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(net)[N])[N]
laagstaand	((laag)[A],(staand)[A])[A]
laagstam	((laag)[A],(stam)[N])[N]
laagstammig	((laag)[A],(stam)[N],(ig)[A|AN.])[A]
laagstok	((laag)[N],(stok)[N])[N]
laagte	((laag)[A],(te)[N|A.])[N]
laagterras	((laag)[N],(terras)[N])[N]
laagtij	((laag)[A],(tij)[N])[N]
laagveen	((laag)[A],(veen)[N])[N]
laagveengebied	(((laag)[A],(veen)[N])[N],(gebied)[N])[N]
laagverdeler	((laag)[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
laagvlak	((laag)[N],(vlak)[N])[N]
laagvlakte	((laag)[A],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
laagvormig	((laag)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
laagwater	((laag)[A],(water)[N])[N]
laagwaterlijn	(((laag)[A],(water)[N])[N],(lijn)[N])[N]
laagwolk	((laag)[N],(wolk)[N])[N]
laai	(laai)[N]
laaien	(laai)[V]
laakbaar	((laak)[V],(baar)[A|V.])[A]
laakbaarheid	(((laak)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
laan	(laan)[N]
laar	(laar)[N]
laars	(laars)[N]
laarzenkap	((laars)[N],(e)[N|N.N],(kap)[N])[N]
laarzenknecht	((laars)[N],(e)[N|N.N],(knecht)[N])[N]
laarzenmaker	((laars)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
laarzenschacht	((laars)[N],(e)[N|N.N],(schacht)[N])[N]
laarzenspanner	((laars)[N],(en)[N|N.Vx],(span)[V],(er)[N|NxV.])[N]
laarzenstrop	((laars)[N],(e)[N|N.N],(strop)[N])[N]
laarzentrekker	((laars)[N],(e)[N|N.Vx],(trek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
laat	(laat)[N]
laatantiek	((laat)[A],(antiek)[A])[A]
laatbekken	((laat)[V],(bekken)[N])[N]
laatbloeiend	((laat)[A],(bloei)[V],(end)[A|AV.])[A]
laatbloeier	((laat)[A],(bloei)[V],(er)[N|AV.])[N]
laatdunkendheid	((laatdunkend)[A],(heid)[N|A.])[N]
laatijzer	((laat)[V],(ijzer)[N])[N]
laatkoers	((laat)[V],(koers)[N])[N]
laatkomer	((laat)[A],(kom)[V],(er)[N|AV.])[N]
laatkop	((laat)[V],(kop)[N])[N]
laatmes	((laat)[V],(mes)[N])[N]
laatmis	((laat)[A],(mis)[N])[N]
laatprijs	((laat)[V],(prijs)[N])[N]
laatstejaars	((laatst)[A],(e)[N|A.Nx],(jaar)[N],(s)[N|AxN.])[N]
laatstelijk	((laatst)[A],(elijk)[A|A.])[A]
laatstgeboren	((laatst)[A],(geboren)[A])[A]
laatstgenoemd	((laatst)[A],(genoemd)[A])[A]
laattijdig	((laat)[A],(tijd)[N],(ig)[A|AN.])[A]
laatvlijm	((laat)[V],(vlijm)[N])[N]
lab	(lab)[N]
labbekakkerig	((labbekak)[N],(erig)[A|N.])[A]
labberen	(labber)[V]
labberlottig	((labberlot)[N],(ig)[A|N.])[A]
label	(label)[N]
labelen	(label)[V]
labeurgrond	((labeur)[V],(grond)[N])[N]
labeurpaard	((labeur)[V],(paard)[N])[N]
labiaalpijp	((labiaal)[N],(pijp)[N])[N]
labiliteit	((labiel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
laboratoriumanalyse	((laboratorium)[N],(analyse)[N])[N]
laboratoriumapparatuur	((laboratorium)[N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
laboratoriumdier	((laboratorium)[N],(dier)[N])[N]
laboratoriumexperiment	((laboratorium)[N],(experiment)[N])[N]
laboratoriumfase	((laboratorium)[N],(fase)[N])[N]
laboratoriumgegeven	((laboratorium)[N],(gegeven)[N])[N]
laboratoriumgemeenschap	((laboratorium)[N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
laboratoriumjas	((laboratorium)[N],(jas)[N])[N]
laboratoriummethode	((laboratorium)[N],(methode)[N])[N]
laboratoriumomstandigheid	((laboratorium)[N],((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
laboratoriumsituatie	((laboratorium)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
laboratoriumtechnicus	((laboratorium)[N],(technicus)[N])[N]
laboratoriumtest	((laboratorium)[N],(test)[N])[N]
laboratoriumtraining	((laboratorium)[N],((train)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
labourregering	((Labour)[N],((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
labyrint	(labyrint)[N]
labyrintisch	((labyrint)[N],(isch)[A|N.])[A]
labyrintspin	((labyrint)[N],(spin)[N])[N]
labyrintvissen	((labyrint)[N],(vis)[N])[N]
lacetwerk	((lacet)[N],(werk)[N])[N]
lach	(lach)[N]
lachbek	((lach)[V],(bek)[N])[N]
lachbui	((lach)[V],(bui)[N])[N]
lachduif	((lach)[V],(duif)[N])[N]
lachebek	((lach)[V],(e)[N|V.N],(bek)[N])[N]
lachedingen	((lach)[V],(e)[N|V.N],(ding)[N])[N]
lachen	(lach)[V]
lacher	((lach)[V],(er)[N|V.])[N]
lacherig	((lach)[V],(erig)[A|V.])[A]
lachfilm	((lach)[V],(film)[N])[N]
lachgas	((lach)[V],(gas)[N])[N]
lachkramp	((lach)[V],(kramp)[N])[N]
lachlust	((lach)[V],(lust)[N])[N]
lachsalvo	((lach)[V],(salvo)[N])[N]
lachspel	((lach)[V],(spel)[N])[N]
lachspiegel	((lach)[V],(spiegel)[N])[N]
lachspier	((lach)[V],(spier)[N])[N]
lachstuip	((lach)[V],(stuip)[N])[N]
lachsucces	((lach)[V],(succes)[N])[N]
lachvogel	((lach)[V],(vogel)[N])[N]
lachwekkend	((lach)[N],(wekkend)[V])[A]
lachzak	((lach)[V],(zak)[N])[N]
lachziek	((lach)[V],(ziek)[A])[A]
lactasedeficiëntie	((lactase)[N],((deficiënt)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
lactatie	((lactaat)[N],(ie)[N|N.])[N]
lactatieperiode	(((lactaat)[N],(ie)[N|N.])[N],(periode)[N])[N]
lacune	(lacune)[N]
ladder	(ladder)[N]
ladderauto	((ladder)[N],(auto)[N])[N]
ladderboom	((ladder)[N],(boom)[N])[N]
laddereigen	((ladder)[N],(eigen)[A])[A]
ladderen	(ladder)[V]
ladderhaak	((ladder)[N],(haak)[N])[N]
ladderrecht	((ladder)[N],(recht)[N])[N]
ladderschoen	((ladder)[N],(schoen)[N])[N]
laddersport	((ladder)[N],(sport)[N])[N]
laddersteun	((ladder)[N],(steun)[N])[N]
ladderstoel	((ladder)[N],(stoel)[N])[N]
laddertrap	((ladder)[N],(trap)[N])[N]
laddervormig	((ladder)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
laddervreemd	((ladder)[N],(vreemd)[A])[A]
laddervrij	((ladder)[V],(vrij)[A])[A]
ladderwagen	((ladder)[N],(wagen)[N])[N]
ladderzat	((ladder)[N],(zat)[A])[A]
lade	(lade)[N]
laden	(laad)[V]
ladenkast	((lade)[N],(en)[N|N.N],(kast)[N])[N]
ladenlichter	((lade)[N],(en)[N|N.Vx],(licht)[V],(er)[N|NxV.])[N]
lader	((laad)[V],(er)[N|V.])[N]
ladeslot	((lade)[N],(slot)[N])[N]
ladewerk	((lade)[N],(werk)[N])[N]
lading	((laad)[V],(ing)[N|V.])[N]
ladingboek	(((laad)[V],(ing)[N|V.])[N],(boek)[N])[N]
ladingcontroleur	(((laad)[V],(ing)[N|V.])[N],(controleer)[V],(eur)[N|NV.])[N]
ladingdichtheid	(((laad)[V],(ing)[N|V.])[N],((dicht)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ladingdrager	(((laad)[V],(ing)[N|V.])[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
ladingmeester	(((laad)[V],(ing)[N|V.])[N],(meester)[N])[N]
ladingsbrief	(((laad)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
ladingscertificaat	(((laad)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((certificeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
ladingschrijver	(((laad)[V],(ing)[N|V.])[N],(schrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
ladingskromme	(((laad)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kromme)[N])[N]
ladingsplaats	(((laad)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plaats)[N])[N]
ladingsprofiel	(((laad)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(profiel)[N])[N]
ladingsteken	(((laad)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
laf	(laf)[N]
lafaard	((laf)[A],(aard)[N|A.])[N]
lafbek	((laf)[A],(bek)[N])[N]
lafenis	((laaf)[V],(enis)[N|V.])[N]
lafhartig	((laf)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
lafhartigheid	(((laf)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
lafheid	((laf)[A],(heid)[N|A.])[N]
lagedrukgebied	((laag)[A],(e)[N|A.NN],(druk)[N],(gebied)[N])[N]
lagen	(laag)[V]
lagenhout	((laag)[N],(en)[N|N.N],(hout)[N])[N]
lagenmaat	((laag)[N],(en)[N|N.N],(maat)[N])[N]
lager	(lager)[N]
lagerwal	((lager)[A],(wal)[N])[N]
lagune	(lagune)[N]
lagunenkust	((lagune)[N],(en)[N|N.N],(kust)[N])[N]
lak	(lak)[N]
lakachtig	((lak)[N],(achtig)[A|N.])[A]
lakafdruk	((lak)[N],((af)[P],(druk)[N])[N])[N]
lakanthurium	((lak)[N],(anthurium)[N])[N]
lakbeits	((lak)[N],(beits)[N])[N]
lakbenzine	((lak)[N],(benzine)[N])[N]
lakboom	((lak)[N],(boom)[N])[N]
lakceintuur	((lak)[N],(ceintuur)[N])[N]
lakecht	((lak)[V],(echt)[A])[A]
lakei	(lakei)[N]
laken	(laken)[N]
laken	(laak)[V]
lakenachtig	((laken)[N],(achtig)[A|N.])[A]
lakenbereider	((laken)[N],(bereid)[V],(er)[N|NV.])[N]
lakenfabriek	((laken)[N],(fabriek)[N])[N]
lakengaren	((laken)[N],(garen)[N])[N]
lakenhal	((laken)[N],(hal)[N])[N]
lakenindustrie	((laken)[N],(industrie)[N])[N]
lakenkoper	((laken)[N],(koop)[V],(er)[N|NV.])[N]
lakennijverheid	((laken)[N],((nijver)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
lakenpers	((laken)[N],(pers)[N])[N]
lakenververij	((laken)[N],(verf)[V],(erij)[N|NV.])[N]
lakenvoller	((laken)[N],(vol)[V],(er)[N|NV.])[N]
lakenwever	((laken)[N],(weef)[V],(er)[N|NV.])[N]
lakenweverij	((laken)[N],(weef)[V],(erij)[N|NV.])[N]
lakenzak	((laken)[N],(zak)[N])[N]
lakfilm	((lak)[N],(film)[N])[N]
lakhars	((lak)[V],(hars)[N])[N]
lakinkt	((lak)[N],(inkt)[N])[N]
lakjas	((lak)[N],(jas)[N])[N]
lakken	(lak)[V]
lakkerij	((lak)[V],(erij)[N|V.])[N]
laklaag	((lak)[N],(laag)[N])[N]
lakleder	((lak)[N],(leder)[N])[N]
lakleer	((lak)[N],(leer)[N])[N]
lakleren	(((lak)[N],(leer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
lakmoespapier	((lakmoes)[N],(papier)[N])[N]
lakmoestinctuur	((lakmoes)[N],(tinctuur)[N])[N]
lakprofiel	((lak)[V],(profiel)[N])[N]
laks	(laks)[A]
lakschoen	((lak)[N],(schoen)[N])[N]
lakschurft	((lak)[N],(schurft)[N])[N]
laksel	((lak)[V],(sel)[N|V.])[N]
laksheid	((laks)[A],(heid)[N|A.])[N]
lakspuit	((lak)[N],(spuit)[N])[N]
lakstaaf	((lak)[N],(staaf)[N])[N]
laksteeltje	((lak)[V],(steel)[N])[N]
lakstempel	((lak)[N],(stempel)[N])[N]
lakstraat	((lak)[V],(straat)[N])[N]
lakverf	((lak)[N],(verf)[N])[N]
lakvernis	((lak)[V],(vernis)[N])[N]
lakwerk	((lak)[V],(werk)[N])[N]
lakzegel	((lak)[N],(zegel)[N])[N]
lakzwam	((lak)[N],(zwam)[N])[N]
lallen	(lal)[V]
lam	(lam)[N]
lama	(lama)[N]
lambertsnoot	((lambert)[N],(s)[N|N.N],(noot)[N])[N]
lambrisering	((lambriseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
lamel	(lamel)[N]
lamelle	(lamelle)[N]
lamellenband	((lamelle)[N],(en)[N|N.N],(band)[N])[N]
lamelleren	((lamel)[N],(eer)[V|N.])[V]
lamelvloer	((lamel)[N],(vloer)[N])[N]
lamentabel	((lamenteer)[V],(abel)[A|V.])[A]
lamentatie	((lamenteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
lamgat	((lam)[A],(gat)[N])[N]
lamheid	((lam)[A],(heid)[N|A.])[N]
lamleggen	((lam)[A],(leg)[V])[V]
lamlendigheid	((lamlendig)[A],(heid)[N|A.])[N]
lammeling	((lam)[A],(eling)[N|A.])[N]
lammelottig	((lammelot)[N],(ig)[A|N.])[A]
lammen	(lam)[V]
lammergang	((lam)[N],(gang)[N])[N]
lammetjespap	((lammetje)[N],(s)[N|N.N],(pap)[N])[N]
lammig	((lam)[A],(ig)[A|A.])[A]
lammigheid	(((lam)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
lamp	(lamp)[N]
lamparm	((lamp)[N],(arm)[N])[N]
lampenglas	((lamp)[N],(e)[N|N.N],(glas)[N])[N]
lampenhok	((lamp)[N],(en)[N|N.N],(hok)[N])[N]
lampenkap	((lamp)[N],(e)[N|N.N],(kap)[N])[N]
lampenkooi	((lamp)[N],(e)[N|N.N],(kooi)[N])[N]
lampenkoorts	((lamp)[N],(en)[N|N.N],(koorts)[N])[N]
lampenpit	((lamp)[N],(e)[N|N.N],(pit)[N])[N]
lampenpoetser	((lamp)[N],(en)[N|N.Vx],(poets)[V],(er)[N|NxV.])[N]
lampetkan	((lampet)[N],(kan)[N])[N]
lampetkom	((lampet)[N],(kom)[N])[N]
lampfitting	((lamp)[N],((fit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lamphouder	((lamp)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
lampion	(lampion)[N]
lampionplant	((lampion)[N],(plant)[N])[N]
lampionvrucht	((lampion)[N],(vrucht)[N])[N]
lampist	((lamp)[N],(ist)[N|N.])[N]
lampisterij	(((lamp)[N],(ist)[N|N.])[N],(erij)[N|N.])[N]
lamplicht	((lamp)[N],(licht)[N])[N]
lampolie	((lamp)[N],(olie)[N])[N]
lampoot	((lam)[A],(poot)[N])[N]
lampschijnsel	((lamp)[N],((schijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
lampzwart	((lamp)[N],(zwart)[N])[N]
lamsbout	((lam)[N],(s)[N|N.N],(bout)[N])[N]
lamskotelet	((lam)[N],(s)[N|N.N],(kotelet)[N])[N]
lamslaan	((lam)[A],(sla)[V])[V]
lamsoor	((lam)[N],(s)[N|N.N],(oor)[N])[N]
lamspoot	((lam)[N],(s)[N|N.N],(poot)[N])[N]
lamsribstuk	((lam)[N],(s)[N|N.N],((rib)[N],(stuk)[N])[N])[N]
lamsrug	((lam)[N],(s)[N|N.N],(rug)[N])[N]
lamstong	((lam)[N],(s)[N|N.N],(tong)[N])[N]
lamstraal	((lam)[A],(straal)[N])[N]
lamsvacht	((lam)[N],(s)[N|N.N],(vacht)[N])[N]
lamsvel	((lam)[N],(s)[N|N.N],(vel)[N])[N]
lamsvlees	((lam)[N],(s)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
lamsvlies	((lam)[N],(s)[N|N.N],(vlies)[N])[N]
lamsvocht	((lam)[N],(s)[N|N.N],(vocht)[N])[N]
lamswol	((lam)[N],(s)[N|N.N],(wol)[N])[N]
lamswollen	(((lam)[N],(s)[N|N.N],(wol)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
lamzak	((lam)[A],(zak)[N])[N]
lamzakkig	(((lam)[A],(zak)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
lanceerbasis	((lanceer)[V],(basis)[N])[N]
lanceerbuis	((lanceer)[V],(buis)[N])[N]
lanceerfase	((lanceer)[V],(fase)[N])[N]
lanceerinrichting	((lanceer)[V],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lanceerinstallatie	((lanceer)[V],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
lanceerplatform	((lanceer)[V],(platform)[N])[N]
lanceerraket	((lanceer)[V],(raket)[N])[N]
lanceersysteem	((lanceer)[V],(systeem)[N])[N]
lanceervenster	((lanceer)[V],(venster)[N])[N]
lancering	((lanceer)[V],(ing)[N|V.])[N]
lancetbladig	((lancet)[N],(blad)[N],(ig)[A|NN.])[A]
lancetboog	((lancet)[N],(boog)[N])[N]
lancetdrager	((lancet)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
lancetstijl	((lancet)[N],(stijl)[N])[N]
lancetvisje	((lancet)[N],(vis)[N])[N]
lancetvormig	((lancet)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
land	(land)[N]
landaanwinning	((land)[N],((aan)[P],(win)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
landaanwinst	((land)[N],(((aan)[P],(win)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
landaard	((land)[N],(aard)[N])[N]
landadel	((land)[N],(adel)[N])[N]
landanker	((land)[N],(anker)[N])[N]
landarbeid	((land)[N],(arbeid)[N])[N]
landarbeider	((land)[N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
landbeer	((land)[N],(beer)[N])[N]
landbeschrijving	((land)[N],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
landbouw	((land)[N],(bouw)[N])[N]
landbouwakte	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(akte)[N])[N]
landbouwalaam	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(alaam)[N])[N]
landbouwarbeidswet	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(arbeid)[N],(s)[N|NN.N],(wet)[N])[N]
landbouwareaal	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(areaal)[N])[N]
landbouwbank	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(bank)[N])[N]
landbouwbedrijf	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(bedrijf)[N])[N]
landbouwbeleid	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(beleid)[N])[N]
landbouwbeurs	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(beurs)[N])[N]
landbouwcommune	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(commune)[N])[N]
landbouwconsulent	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(consulent)[N])[N]
landbouwcoöperatie	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(((co)[V|.V],(opereer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
landbouwdeskundige	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(deskundige)[N])[N]
landbouwdoeleinde	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(doeleinde)[N])[N]
landbouweconomie	(((land)[N],(bouw)[N])[N],((economisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
landbouwer	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
landbouwersgezin	((((land)[N],(bouw)[N])[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(gezin)[N])[N]
landbouwersstand	((((land)[N],(bouw)[N])[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(stand)[N])[N]
landbouwerwten	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(erwt)[N])[N]
landbouwfront	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(front)[N])[N]
landbouwgebied	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(gebied)[N])[N]
landbouwgemeenschap	(((land)[N],(bouw)[N])[N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
landbouwgereedschap	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(gereedschap)[N])[N]
landbouwgewas	(((land)[N],(bouw)[N])[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
landbouwgif	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(gif)[N])[N]
landbouwgrond	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(grond)[N])[N]
landbouwhogeschool	(((land)[N],(bouw)[N])[N],((hoog)[A],(e)[N|A.N],(school)[N])[N])[N]
landbouwhuishoudkunde	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(((huis)[N],(houd)[V])[V],(kunde)[N])[N])[N]
landbouwhuishoudonderwijs	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(((huis)[N],(houd)[V])[V],(onderwijs)[N])[N])[N]
landbouwhuishoudschool	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(((huis)[N],(houd)[V])[V],(school)[N])[N])[N]
landbouwindustrie	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(industrie)[N])[N]
landbouwingenieur	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(ingenieur)[N])[N]
landbouwinkomen	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(inkomen)[N])[N]
landbouwkalk	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(kalk)[N])[N]
landbouwkolonie	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(kolonie)[N])[N]
landbouwkrediet	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(krediet)[N])[N]
landbouwkredietwezen	((((land)[N],(bouw)[N])[N],(krediet)[N])[N],(wezen)[N])[N]
landbouwkunde	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(kunde)[N])[N]
landbouwkundig	((((land)[N],(bouw)[N])[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
landbouwleraar	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(leraar)[N])[N]
landbouwmaatschappij	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(maatschappij)[N])[N]
landbouwmachine	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(machine)[N])[N]
landbouwmethode	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(methode)[N])[N]
landbouwminister	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(minister)[N])[N]
landbouwonderwijs	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(onderwijs)[N])[N]
landbouworganisatie	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
landbouwoverschot	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(overschot)[N])[N]
landbouwproduct	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(product)[N])[N]
landbouwproductie	(((land)[N],(bouw)[N])[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
landbouwproefstation	(((land)[N],(bouw)[N])[N],((proef)[N],(station)[N])[N])[N]
landbouwproject	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(project)[N])[N]
landbouwschap	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
landbouwscheikunde	(((land)[N],(bouw)[N])[N],((scheid)[V],(kunde)[N])[N])[N]
landbouwschool	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(school)[N])[N]
landbouwsector	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(sector)[N])[N]
landbouwspecialist	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(specialist)[N])[N]
landbouwstaat	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(staat)[N])[N]
landbouwstation	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(station)[N])[N]
landbouwsubsidie	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(subsidie)[N])[N]
landbouwsysteem	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(systeem)[N])[N]
landbouwtechniek	(((land)[N],(bouw)[N])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
landbouwtechnologie	(((land)[N],(bouw)[N])[N],((technologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
landbouwtrekker	(((land)[N],(bouw)[N])[N],((trek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
landbouwvereniging	(((land)[N],(bouw)[N])[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
landbouwvergift	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(vergift)[N])[N]
landbouwvolk	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(volk)[N])[N]
landbouwweg	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(weg)[N])[N]
landbouwwerktuig	(((land)[N],(bouw)[N])[N],((werk)[V],(tuig)[N])[N])[N]
landbouwwintercursus	(((land)[N],(bouw)[N])[N],((winter)[N],(cursus)[N])[N])[N]
landbouwzout	(((land)[N],(bouw)[N])[N],(zout)[N])[N]
landdag	((land)[N],(dag)[N])[N]
landdienst	((land)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
landdrost	((land)[N],(drost)[N])[N]
landduin	((land)[N],(duin)[N])[N]
landedelman	((land)[V],((edel)[A],(man)[N])[N])[N]
landeigenaar	((land)[N],(eigenaar)[N])[N]
landelijk	((land)[N],(elijk)[A|N.])[A]
landelijkheid	(((land)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
landen	(land)[V]
landengte	((land)[N],((eng)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
landenklassement	((land)[N],(en)[N|N.N],(((klas)[N],(eer)[V|N.])[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
landentoernooi	((land)[N],(en)[N|N.N],(toernooi)[N])[N]
landentornooi	((land)[N],(en)[N|N.N],(tornooi)[N])[N]
landenwedstrijd	((land)[N],(en)[N|N.N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
landerig	((land)[N],(erig)[A|N.])[A]
landerigheid	(((land)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
landgenoot	((land)[N],(genoot)[N])[N]
landgenote	(((land)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
landgoed	((land)[N],(goed)[N])[N]
landgraaf	((land)[N],(graaf)[N])[N]
landgrens	((land)[N],(grens)[N])[N]
landheer	((land)[N],(heer)[N])[N]
landhervorming	((land)[N],((her)[V|.V],(vorm)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
landhonger	((land)[N],(honger)[N])[N]
landhoofd	((land)[N],(hoofd)[N])[N]
landhuis	((land)[N],(huis)[N])[N]
landhuishoudkunde	((land)[N],(((huis)[N],(houd)[V])[V],(kunde)[N])[N])[N]
landhuishoudkundig	(((land)[N],(((huis)[N],(houd)[V])[V],(kunde)[N])[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
landhuur	((land)[N],(huur)[N])[N]
landijs	((land)[N],(ijs)[N])[N]
landing	((land)[V],(ing)[N|V.])[N]
landingsbaan	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(baan)[N])[N]
landingsbaken	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(baken)[N])[N]
landingsboot	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(boot)[N])[N]
landingsbrug	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(brug)[N])[N]
landingsdivisie	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(divisie)[N])[N]
landingsgestel	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.N],(stel)[N])[N])[N]
landingsleger	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leger)[N])[N]
landingslicht	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(licht)[N])[N]
landingsofficier	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(officier)[N])[N]
landingsonderstel	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((onder)[P],(stel)[N])[N])[N]
landingspatroon	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(patroon)[N])[N]
landingsplaats	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plaats)[N])[N]
landingsplatform	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(platform)[N])[N]
landingsrecht	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
landingsschip	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schip)[N])[N]
landingsstrip	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(strip)[N])[N]
landingsstrook	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(strook)[N])[N]
landingsterrein	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(terrein)[N])[N]
landingstrap	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(trap)[N])[N]
landingstroepen	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(troep)[N])[N]
landingsvaartuig	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
landingsvloot	(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vloot)[N])[N]
landinrichting	((land)[N],((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
landjepik	((land)[N],(pik)[N])[N]
landjonker	((land)[N],(jonker)[N])[N]
landjuffer	((land)[N],(juffer)[N])[N]
landjuweel	((land)[N],(juweel)[N])[N]
landkaart	((land)[N],(kaart)[N])[N]
landkabel	((land)[N],(kabel)[N])[N]
landkikvors	((land)[N],(kikvors)[N])[N]
landklimaat	((land)[N],(klimaat)[N])[N]
landkrab	((land)[N],(krab)[N])[N]
landkunde	((land)[N],(kunde)[N])[N]
landleger	((land)[N],(leger)[N])[N]
landleven	((land)[N],(leven)[N])[N]
landlijn	((land)[N],(lijn)[N])[N]
landlopen	((land)[N],(loop)[V])[V]
landloper	(((land)[N],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
landloperij	(((land)[N],(loop)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
landlucht	((land)[N],(lucht)[N])[N]
landmaat	((land)[N],(maat)[N])[N]
landmacht	((land)[N],(macht)[N])[N]
landman	((land)[N],(man)[N])[N]
landmeetkunde	(((land)[N],(meet)[V])[V],(kunde)[N])[N]
landmeetkunst	(((land)[N],(meet)[V])[V],(kunst)[N])[N]
landmerk	((land)[N],(merk)[N])[N]
landmeten	((land)[N],(meet)[V])[V]
landmeter	(((land)[N],(meet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
landmijl	((land)[N],(mijl)[N])[N]
landmijn	((land)[N],(mijn)[N])[N]
landmilitie	((land)[N],(militie)[N])[N]
landmuis	((land)[N],(muis)[N])[N]
landnummer	((land)[N],(nummer)[N])[N]
landontginning	((land)[N],(ontgin)[V],(ing)[N|NV.])[N]
landoorlog	((land)[N],(oorlog)[N])[N]
landoorlogreglement	(((land)[N],(oorlog)[N])[N],(reglement)[N])[N]
landpaal	((land)[N],(paal)[N])[N]
landpacht	((land)[N],(pacht)[N])[N]
landpijler	((land)[N],(pijler)[N])[N]
landpost	((land)[N],(post)[N])[N]
landpunt	((land)[N],(punt)[N])[N]
landraad	((land)[N],(raad)[N])[N]
landras	((land)[N],(ras)[N])[N]
landrat	((land)[N],(rat)[N])[N]
landrecht	((land)[N],(recht)[N])[N]
landrechter	((land)[N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
landrente	((land)[N],(rente)[N])[N]
landrentestelsel	(((land)[N],(rente)[N])[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
landrol	((land)[N],(rol)[N])[N]
landrot	((land)[N],(rot)[N])[N]
landrug	((land)[N],(rug)[N])[N]
landsadvocaat	((land)[N],(s)[N|N.N],(advocaat)[N])[N]
landsalamander	((land)[N],(salamander)[N])[N]
landsbelang	((land)[N],(s)[N|N.N],(belang)[N])[N]
landsbestuur	((land)[N],(s)[N|N.N],(bestuur)[N])[N]
landschap	((land)[N],(schap)[N|N.])[N]
landschappelijk	(((land)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A]
landschapsarchitect	(((land)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(architect)[N])[N]
landschapsarchitectuur	(((land)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(architectuur)[N])[N]
landschapsbeeld	(((land)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
landschapsbeschrijving	(((land)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
landschapschilder	(((land)[N],(schap)[N|N.])[N],(schilder)[N])[N]
landschapselement	(((land)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(element)[N])[N]
landschapsgeografie	(((land)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((geografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
landschapskunst	(((land)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
landschapsontsiering	(((land)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.Vx],((ont)[V|.N],(sier)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
landschapspark	(((land)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(park)[N])[N]
landschapsplan	(((land)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(plan)[N])[N]
landschapsschildering	(((land)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((schilder)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
landschapsschoon	(((land)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(schoon)[N])[N]
landschapsstijl	(((land)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(stijl)[N])[N]
landschapstijl	(((land)[N],(schap)[N|N.])[N],(stijl)[N])[N]
landschapsverzorging	(((land)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
landscheiding	((land)[N],(scheid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
landschildpad	((land)[N],((schild)[N],(pad)[N])[N])[N]
landsdienaar	((land)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
landsdrukkerij	((land)[N],(s)[N|N.Vx],(druk)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
landsfinanciën	((land)[N],(s)[N|N.N],(financie)[N])[N]
landsgebouw	((land)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
landsgedeelte	((land)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
landsgrens	((land)[N],(s)[N|N.N],(grens)[N])[N]
landsheer	((land)[N],(s)[N|N.N],(heer)[N])[N]
landsheerlijk	(((land)[N],(s)[N|N.N],(heer)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A]
landshut	((land)[N],(s)[N|N.N],(hut)[N])[N]
landskampioen	((land)[N],(s)[N|N.N],(kampioen)[N])[N]
landskind	((land)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
landsknecht	((land)[N],(s)[N|N.N],(knecht)[N])[N]
landslak	((land)[N],(slak)[N])[N]
landsman	((land)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N]
landsregering	((land)[N],(s)[N|N.Vx],(regeer)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
landstaal	((land)[N],(s)[N|N.N],(taal)[N])[N]
landstad	((land)[N],(stad)[N])[N]
landstorm	((land)[N],(storm)[N])[N]
landstormverband	(((land)[N],(storm)[N])[N],(verband)[N])[N]
landstreek	((land)[N],(streek)[N])[N]
landstrijdkrachten	((land)[N],((strijd)[N],(kracht)[N])[N])[N]
landsverdediger	((land)[N],(s)[N|N.Vx],(verdedig)[V],(er)[N|NxV.])[N]
landsverdediging	((land)[N],(s)[N|N.Vx],(verdedig)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
landsvorst	((land)[N],(s)[N|N.N],(vorst)[N])[N]
landsvrouwe	((land)[N],(s)[N|N.N],(vrouwe)[N])[N]
landszaak	((land)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
landtong	((land)[N],(tong)[N])[N]
landvarken	((land)[N],(varken)[N])[N]
landvast	((land)[N],(vast)[A])[N]
landverhuizer	((land)[N],((verhuis)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
landverhuizing	((land)[N],((verhuis)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
landverkenning	((land)[N],(verken)[V],(ing)[N|NV.])[N]
landverraad	((land)[N],(verraad)[N])[N]
landverrader	((land)[N],(verraad)[V],(er)[N|NV.])[N]
landvolk	((land)[N],(volk)[N])[N]
landvoogd	((land)[N],(voogd)[N])[N]
landvoogdes	(((land)[N],(voogd)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
landvoogdij	(((land)[N],(voogd)[N])[N],(ij)[N|N.])[N]
landvorm	((land)[N],(vorm)[N])[N]
landvrucht	((land)[N],(vrucht)[N])[N]
landwants	((land)[N],(wants)[N])[N]
landweer	((land)[N],(weer)[N])[N]
landweerman	(((land)[N],(weer)[N])[N],(man)[N])[N]
landweg	((land)[N],(weg)[N])[N]
landwijn	((land)[N],(wijn)[N])[N]
landwind	((land)[N],(wind)[N])[N]
landwinning	((land)[N],(win)[V],(ing)[N|NV.])[N]
landziek	((land)[N],(ziek)[A])[A]
landziekte	((land)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
landzij	((land)[N],(zij)[N])[N]
landzijde	((land)[N],(zijde)[N])[N]
lang	(lang)[A]
langademig	((lang)[A],(adem)[N],(ig)[A|AN.])[A]
langarm	((lang)[A],(arm)[N])[N]
langarmapen	((lang)[A],(arm)[N],(aap)[N])[N]
langarmig	((lang)[A],(arm)[N],(ig)[A|AN.])[A]
langbeen	((lang)[A],(been)[N])[N]
langbekken	((lang)[A],(bek)[N])[N]
langbenig	((lang)[A],(been)[N],(ig)[A|AN.])[A]
langbladerig	((lang)[A],(blad)[N],(erig)[A|AN.])[A]
langbladig	((lang)[A],(blad)[N],(ig)[A|AN.])[A]
langbloem	((lang)[A],(bloem)[N])[N]
langdradig	((lang)[A],(draad)[N],(ig)[A|AN.])[A]
langdradigheid	(((lang)[A],(draad)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
langdurig	((lang)[A],(duur)[V],(ig)[A|AV.])[A]
langdurigheid	(((lang)[A],(duur)[V],(ig)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
langeafstandloopster	((lang)[A],(e)[N|A.NVx],(afstand)[N],(loop)[V],(ster)[N|AxNV.])[N]
langeafstandloper	((lang)[A],(e)[N|A.NVx],(afstand)[N],(loop)[V],(er)[N|AxNV.])[N]
langeafstandsmars	((lang)[A],(e)[N|A.NxN],(afstand)[N],(s)[N|AxN.N],(mars)[N])[N]
langeafstandsvlucht	((lang)[A],(e)[N|A.NxN],(afstand)[N],(s)[N|AxN.N],(vlucht)[N])[N]
langebaanrijder	((lang)[A],(e)[N|A.NVx],(baan)[N],(rijd)[V],(er)[N|AxNV.])[N]
langebaanrijdster	((lang)[A],(e)[N|A.NVx],(baan)[N],(rijd)[V],(ster)[N|AxNV.])[N]
langebaanwedstrijd	((lang)[A],(e)[N|A.NN],(baan)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
langen	(lang)[V]
langgaren	((lang)[A],(garen)[N])[N]
langgerekt	((lang)[A],(gerekt)[A])[A]
langgewenst	((lang)[A],(gewenst)[V])[A]
langgras	((lang)[A],(gras)[N])[N]
langhals	((lang)[A],(hals)[N])[N]
langhalzig	((lang)[A],(hals)[N],(ig)[A|AN.])[A]
langharig	((lang)[A],(haar)[N],(ig)[A|AN.])[A]
langhoofdig	((lang)[A],(hoofd)[N],(ig)[A|AN.])[A]
langjarig	((lang)[A],(jaar)[N],(ig)[A|AN.])[A]
langlijvig	((lang)[A],(lijf)[N],(ig)[A|AN.])[A]
langlip	((lang)[A],(lip)[N])[N]
langlopend	((lang)[A],(loop)[V],(end)[A|AV.])[A]
langneus	((lang)[A],(neus)[N])[N]
langoest	(langoest)[N]
langoor	((lang)[A],(oor)[N])[N]
langparkeerder	((lang)[A],((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(der)[N|AV.])[N]
langpoot	((lang)[A],(poot)[N])[N]
langpootmug	(((lang)[A],(poot)[N])[N],(mug)[N])[N]
langsbrengen	((langs)[B],(breng)[V])[V]
langsbreuk	((langs)[B],(breuk)[N])[N]
langschedelig	((lang)[A],(schedel)[N],(ig)[A|AN.])[A]
langschip	((lang)[A],(schip)[N])[N]
langsdennen	((langs)[P],(den)[N])[N]
langsdoorsnede	((langs)[B],(doorsnede)[N])[N]
langsdoorsnee	((langs)[B],(doorsnee)[N])[N]
langsdrager	((langs)[P],((draag)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
langsgaan	((langs)[B],(ga)[V])[V]
langshelling	((langs)[B],((hel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
langshout	((langs)[B],(hout)[N])[N]
langskomen	((langs)[B],(kom)[V])[V]
langslaapster	((lang)[A],((slaap)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
langslaper	((lang)[A],((slaap)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
langsligger	((langs)[P],((lig)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
langslopen	((langs)[B],(loop)[V])[V]
langsnavel	((lang)[A],(snavel)[N])[N]
langsnaveligen	((lang)[A],(snavel)[N],(ig)[N|AN.x],(e)[N|ANx.])[N]
langsnuitdolfijn	((lang)[A],(snuit)[N],(dolfijn)[N])[N]
langsnuitkever	((lang)[A],(snuit)[N],(kever)[N])[N]
langspeelband	((lang)[A],(speel)[V],(band)[N])[N]
langspeelplaat	((lang)[A],(speel)[V],(plaat)[N])[N]
langspeler	((lang)[A],(speel)[V],(er)[N|AV.])[N]
langsprieten	((lang)[A],(spriet)[N])[N]
langsrijden	((langs)[B],(rijd)[V])[V]
langsscheeps	((langs)[P],(schip)[N],(s)[A|PN.])[A]
langsslag	((langs)[B],(slag)[N])[N]
langstaart	((lang)[A],(staart)[N])[N]
langstaartapen	((lang)[A],(staart)[N],(aap)[N])[N]
langstaarteend	((lang)[A],(staart)[N],(eend)[N])[N]
langstaartig	((lang)[A],(staart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
langstaartmotor	((lang)[A],(staart)[N],(motor)[N])[N]
langsteel	((lang)[A],(steel)[N])[N]
langstijlig	((lang)[A],(stijl)[N],(ig)[A|AN.])[A]
langstrekken	((langs)[B],(trek)[V])[V]
langsverband	((langs)[B],(verband)[N])[N]
langsvoeg	((langs)[B],(voeg)[N])[N]
langtand	((lang)[A],(tand)[N])[N]
langtong	((lang)[A],(tong)[N])[N]
langtongig	((lang)[A],(tong)[N],(ig)[A|AN.])[A]
langvers	((lang)[A],(vers)[N])[N]
langverwacht	((lang)[A],(verwacht)[V])[A]
langvleugelig	((lang)[A],(vleugel)[N],(ig)[A|AN.])[A]
langvleugeltapuit	((lang)[A],(vleugel)[N],(tapuit)[N])[N]
langvoer	((lang)[A],(voer)[N])[N]
langvoet	((lang)[A],(voet)[N])[N]
langvoetig	((lang)[A],(voet)[N],(ig)[A|AN.])[A]
langwagen	((lang)[A],(wagen)[N])[N]
langwerpigheid	((langwerpig)[A],(heid)[N|A.])[N]
langwijlig	((lang)[A],(wijl)[N],(ig)[A|AN.])[A]
langzaamheid	((langzaam)[A],(heid)[N|A.])[N]
langzichtwissel	((langzicht)[B],(wissel)[N])[N]
lankmoedigheid	((lankmoedig)[A],(heid)[N|A.])[N]
lanolinezalf	((lanoline)[N],(zalf)[N])[N]
lans	(lans)[N]
lansegel	((lans)[N],(egel)[N])[N]
lansier	((lans)[N],(ier)[N|N.])[N]
lansknecht	((lans)[N],(knecht)[N])[N]
lansslang	((lans)[N],(slang)[N])[N]
lanssteek	((lans)[N],(steek)[N])[N]
lansvis	((lans)[N],(vis)[N])[N]
lansvormig	((lans)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
lantaarnachtig	((lantaarn)[N],(achtig)[A|N.])[A]
lantaarnboei	((lantaarn)[N],(boei)[N])[N]
lantaarndrager	((lantaarn)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
lantaarnman	((lantaarn)[N],(man)[N])[N]
lantaarnopsteker	((lantaarn)[N],((op)[P],(steek)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
lantaarnpaal	((lantaarn)[N],(paal)[N])[N]
lantaarnplaatje	((lantaarn)[N],(plaat)[N])[N]
lantaarnvis	((lantaarn)[N],(vis)[N])[N]
lantaren	(lantaren)[N]
lantarenboei	((lantaren)[N],(boei)[N])[N]
lantarendrager	((lantaren)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
lantarenman	((lantaren)[N],(man)[N])[N]
lantarenopsteker	((lantaren)[N],((op)[P],(steek)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
lantarenpaal	((lantaren)[N],(paal)[N])[N]
lantarenplaatje	((lantaren)[N],(plaat)[N])[N]
lantarenvis	((lantaren)[N],(vis)[N])[N]
lanterfanter	((lanterfant)[V],(er)[N|V.])[N]
lanterfanterij	((lanterfant)[V],(erij)[N|V.])[N]
lanthaanreeks	((lanthaan)[N],(reeks)[N])[N]
lanthaniumreeks	((lanthanium)[N],(reeks)[N])[N]
lap	(lap)[N]
laparoscopisch	((laparoscoop)[N],(isch)[A|N.])[A]
lapje	(lap)[N]
lapjeskat	((lap)[N],(s)[N|N.N],(kat)[N])[N]
lapjesproef	((lap)[N],(s)[N|N.N],(proef)[N])[N]
lapjeswerk	((lap)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
lapmiddel	((lap)[V],(middel)[N])[N]
lapnaad	((lap)[V],(naad)[N])[N]
lapnaam	((lap)[V],(naam)[N])[N]
lappen	(lap)[V]
lappendag	((lap)[N],(en)[N|N.N],(dag)[N])[N]
lappendeken	((lap)[N],(en)[N|N.N],(deken)[N])[N]
lappendief	((lap)[N],(en)[N|N.N],(dief)[N])[N]
lappenmand	((lap)[N],(en)[N|N.N],(mand)[N])[N]
lappenmarkt	((lap)[N],(en)[N|N.N],(markt)[N])[N]
lappenpop	((lap)[N],(en)[N|N.N],(pop)[N])[N]
lapper	((lap)[V],(er)[N|V.])[N]
lapperij	((lap)[V],(erij)[N|V.])[N]
lapwerk	((lap)[V],(werk)[N])[N]
lapzak	((lap)[N],(zak)[N])[N]
lapzalf	((lap)[V],(zalf)[N])[N]
lapzalver	((lapzalf)[V],(er)[N|V.])[N]
lapzalverij	((lapzalf)[V],(erij)[N|V.])[N]
lar	(lar)[N]
lardeerpriem	((lardeer)[V],(priem)[N])[N]
lardeersel	((lardeer)[V],(sel)[N|V.])[N]
lardeerspek	((lardeer)[V],(spek)[N])[N]
laren	(laar)[N]
larf	(larf)[N]
largo	(largo)[X]
larie	(larie)[N]
lariekoek	((larie)[N],(koek)[N])[N]
lariks	(lariks)[N]
lariksboleet	((lariks)[N],(boleet)[N])[N]
lariksboom	((lariks)[N],(boom)[N])[N]
lariksbos	((lariks)[N],(bos)[N])[N]
larikskanker	((lariks)[N],(kanker)[N])[N]
larikskegel	((lariks)[N],(kegel)[N])[N]
larikszwam	((lariks)[N],(zwam)[N])[N]
lark	(lark)[N]
larve	(larve)[N]
larvenstadium	((larve)[N],(stadium)[N])[N]
laryngaal	((larynx)[N],(aal)[N|N.])[N]
larynx	(larynx)[N]
las	(las)[N]
lasaggregaat	((las)[V],((aggregeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
lasapparaat	((las)[V],(apparaat)[N])[N]
lasband	((las)[V],(band)[N])[N]
lasbrander	((las)[V],((brand)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
lasbril	((las)[V],(bril)[N])[N]
lasdoos	((las)[V],(doos)[N])[N]
lasdop	((las)[V],(dop)[N])[N]
lasdraad	((las)[V],(draad)[N])[N]
laserbundel	((laser)[N],(bundel)[N])[N]
lasergyroscoop	((laser)[N],(gyroscoop)[N])[N]
laserkanon	((laser)[N],(kanon)[N])[N]
laserlicht	((laser)[N],(licht)[N])[N]
laserradar	((laser)[N],(radar)[N])[N]
laservisie	((laser)[N],(visie)[N])[N]
lashuls	((las)[V],(huls)[N])[N]
lasijzer	((las)[V],(ijzer)[N])[N]
lasnaad	((las)[V],(naad)[N])[N]
lasogen	((las)[V],(oog)[N])[N]
laspistool	((las)[V],(pistool)[N])[N]
lasplaat	((las)[V],(plaat)[N])[N]
laspleister	((las)[V],(pleister)[N])[N]
lasrups	((las)[V],(rups)[N])[N]
lassen	(las)[V]
lasser	((las)[V],(er)[N|V.])[N]
lassing	((las)[V],(ing)[N|V.])[N]
lasso	(lasso)[N]
lasstaaf	((las)[V],(staaf)[N])[N]
last	(last)[N]
lastarm	((last)[N],(arm)[N])[N]
lastbrief	((last)[V],(brief)[N])[N]
lastdier	((last)[N],(dier)[N])[N]
lastdrager	((last)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
lasten	(last)[V]
lastendruk	((last)[N],(en)[N|N.N],(druk)[N])[N]
lastenkohier	((last)[N],(en)[N|N.N],(kohier)[N])[N]
lastenverzwaring	((last)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(zwaar)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
lasteraar	((laster)[V],(aar)[N|V.])[N]
lasteraarster	(((laster)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
lasterachtig	((laster)[N],(achtig)[A|N.])[A]
lastercampagne	((laster)[N],(campagne)[N])[N]
lastering	((laster)[V],(ing)[N|V.])[N]
lasterlijk	((laster)[N],(lijk)[A|N.])[A]
lasterpraat	((laster)[N],(praat)[N])[N]
lasterschrift	((laster)[N],(schrift)[N])[N]
lastertaal	((laster)[N],(taal)[N])[N]
lastertong	((laster)[N],(tong)[N])[N]
lastezel	((last)[N],(ezel)[N])[N]
lastgeefster	((last)[N],((geef)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
lastgeld	((last)[N],(geld)[N])[N]
lastgever	((last)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N]
lastgeving	((last)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
lasthebber	((last)[N],(heb)[V],(er)[N|NV.])[N]
lastig	((last)[N],(ig)[A|N.])[A]
lastigaard	(((last)[N],(ig)[A|N.])[A],(aard)[N|A.])[N]
lastigheid	(((last)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
lastlijn	((last)[N],(lijn)[N])[N]
lastransformator	((las)[V],((transformeer)[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
lastrem	((last)[N],(rem)[N])[N]
lastsleper	((last)[N],(sleep)[V],(er)[N|NV.])[N]
lastvrij	((last)[N],(vrij)[A])[A]
lastwagen	((last)[N],(wagen)[N])[N]
lat	(lat)[N]
lat-relatie	((lat)[N],(relatie)[N])[N]
latafel	((la)[N],(tafel)[N])[N]
lateihout	((latei)[N],(hout)[N])[N]
laten	(laat)[V]
latentie	((latent)[A],(ie)[N|A.])[N]
latentiefase	(((latent)[A],(ie)[N|A.])[N],(fase)[N])[N]
latentieperiode	(((latent)[A],(ie)[N|A.])[N],(periode)[N])[N]
latentietijd	(((latent)[A],(ie)[N|A.])[N],(tijd)[N])[N]
lateraliteit	((lateraal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
latertje	((laat)[A],(ertje)[N|A.])[N]
latexcement	((latex)[N],(cement)[N])[N]
latexverf	((latex)[N],(verf)[N])[N]
lathyrus	(lathyrus)[N]
lating	((laat)[V],(ing)[N|V.])[N]
latiniteit	((Latijn)[N],(iteit)[N|N.])[N]
latmodel	((lat)[N],(model)[N])[N]
latnagel	((lat)[N],(nagel)[N])[N]
latrine	(latrine)[N]
latspijker	((lat)[N],(spijker)[N])[N]
latten	(lat)[V]
latten	((lat)[N],(en)[A|N.])[A]
latwerk	((lat)[N],(werk)[N])[N]
laudanum	(laudanum)[N]
lauden	(laud)[N]
laudes	(laud)[N]
laurier	(laurier)[N]
laurierachtigen	((laurier)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
laurierbes	((laurier)[N],(bes)[N])[N]
laurierblad	((laurier)[N],(blad)[N])[N]
laurierboom	((laurier)[N],(boom)[N])[N]
laurierdrop	((laurier)[N],(drop)[N])[N]
laurierkers	((laurier)[N],(kers)[N])[N]
laurierolie	((laurier)[N],(olie)[N])[N]
laurierroos	((laurier)[N],(roos)[N])[N]
laurierstruik	((laurier)[N],(struik)[N])[N]
laurierwater	((laurier)[N],(water)[N])[N]
laurierwilg	((laurier)[N],(wilg)[N])[N]
lauw	(lauw)[A]
lauwer	(lauwer)[N]
lauweren	(lauwer)[V]
lauwerkrans	((lauwer)[N],(krans)[N])[N]
lauwerkroon	((lauwer)[N],(kroon)[N])[N]
lauwertak	((lauwer)[N],(tak)[N])[N]
lauwhartig	((lauw)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
lauwheid	((lauw)[A],(heid)[N|A.])[N]
lauwte	((lauw)[A],(te)[N|A.])[N]
lauwwarm	((lauw)[A],(warm)[A])[A]
lava	(lava)[N]
lavabeton	((lava)[N],(beton)[N])[N]
lavabogarnituur	((lavabo)[N],(garnituur)[N])[N]
lavaglas	((lava)[N],(glas)[N])[N]
lavalaag	((lava)[N],(laag)[N])[N]
lavastroom	((lava)[N],(stroom)[N])[N]
lavementspuit	((lavement)[N],(spuit)[N])[N]
laven	(laaf)[V]
lavendelblauw	((lavendel)[N],(blauw)[A])[A]
lavendelgeur	((lavendel)[N],(geur)[N])[N]
lavendelheide	((lavendel)[N],(heide)[N])[N]
lavendelolie	((lavendel)[N],(olie)[N])[N]
lavendelwater	((lavendel)[N],(water)[N])[N]
laving	((laaf)[V],(ing)[N|V.])[N]
lawaai	(lawaai)[N]
lawaaidoofheid	((lawaai)[N],((doof)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
lawaaien	(lawaai)[V]
lawaaierig	((lawaai)[N],(erig)[A|N.])[A]
lawaaierigheid	(((lawaai)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
lawaaiig	((lawaai)[N],(ig)[A|N.])[A]
lawaaimaker	((lawaai)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
lawaaioverlast	((lawaai)[N],((over)[N|.N],(last)[N])[N])[N]
lawaaisaus	((lawaai)[N],(saus)[N])[N]
lawaaischopper	((lawaai)[N],(schop)[V],(er)[N|NV.])[N]
lawaaisoep	((lawaai)[N],(soep)[N])[N]
lawine	(lawine)[N]
lawinegang	((lawine)[N],(gang)[N])[N]
lawinegevaar	((lawine)[N],(gevaar)[N])[N]
lawinehond	((lawine)[N],(hond)[N])[N]
lawinereactie	((lawine)[N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
lawinetunnel	((lawine)[N],(tunnel)[N])[N]
lawineus	((lawine)[N],(eus)[A|N.])[A]
lawinewering	((lawine)[N],(weer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
laxeermiddel	((laxeer)[V],(middel)[N])[N]
lazaretschip	((lazaret)[N],(schip)[N])[N]
lazarusklep	((lazarus)[N],(klep)[N])[N]
lazer	(lazer)[N]
lazeren	(lazer)[V]
lazerij	((lazer)[N],(ij)[N|N.])[N]
lazerkruid	((lazer)[N],(kruid)[N])[N]
lazersteen	((lazer)[V],(steen)[N])[N]
lazerstraal	((lazer)[V],(straal)[N])[N]
lazerstralen	((lazer)[V],(straal)[V])[V]
lazuren	((lazuur)[N],(en)[A|N.])[A]
lazuurblauw	((lazuur)[N],(blauw)[A])[A]
lazuurkleur	((lazuur)[N],(kleur)[N])[N]
lazuursteek	((lazuur)[N],(steek)[N])[N]
lazuursteen	((lazuur)[N],(steen)[N])[N]
laïcisering	((laïciseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
league	(league)[N]
lease	(lease)[N]
lease-overeenkomst	((lease)[N],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
leasebedrijf	((lease)[N],(bedrijf)[N])[N]
leasen	(lease)[V]
leb	(leb)[N]
lebaal	((leb)[N],(aal)[N])[N]
lebbig	((leb)[N],(ig)[A|N.])[A]
lebferment	((leb)[N],(ferment)[N])[N]
lebklier	((leb)[N],(klier)[N])[N]
leblam	((leb)[N],(lam)[N])[N]
lebmaag	((leb)[N],(maag)[N])[N]
lectoraat	((lector)[N],(aat)[N|N.])[N]
lectorencollege	((lector)[N],(en)[N|N.N],(college)[N])[N]
lectuuraanbod	((lectuur)[N],(aanbod)[N])[N]
lectuurbak	((lectuur)[N],(bak)[N])[N]
lectuurgids	((lectuur)[N],(gids)[N])[N]
lectuurlijst	((lectuur)[N],(lijst)[N])[N]
lectuurrepertorium	((lectuur)[N],(repertorium)[N])[N]
ledenlijst	((lid)[N],(en)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
ledenman	((lid)[N],(en)[N|N.N],(man)[N])[N]
ledenpop	((lid)[N],(en)[N|N.N],(pop)[N])[N]
ledenradiator	((lid)[N],(en)[N|N.N],(radiator)[N])[N]
ledenstop	((lid)[N],(en)[N|N.N],(stop)[N])[N]
ledental	((lid)[N],(en)[N|N.N],(tal)[N])[N]
ledenverlies	((lid)[N],(en)[N|N.N],(verlies)[N])[N]
ledenwerving	((lid)[N],(en)[N|N.Vx],(werf)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
leder	(leder)[N]
lederachtig	((leder)[N],(achtig)[A|N.])[A]
lederboom	((leder)[N],(boom)[N])[N]
lederdoek	((leder)[N],(doek)[N])[N]
lederen	((leder)[N],(en)[A|N.])[A]
ledergoed	((leder)[N],(goed)[N])[N]
lederhout	((leder)[N],(hout)[N])[N]
lederhuid	((leder)[N],(huid)[N])[N]
lederkarper	((leder)[N],(karper)[N])[N]
lederschildpad	((leder)[N],((schild)[N],(pad)[N])[N])[N]
lederwaren	((leder)[N],(waar)[N])[N]
lederwerk	((leder)[N],(werk)[N])[N]
ledigaard	((ledig)[A],(aard)[N|A.])[N]
lediggaan	((ledig)[A],(ga)[V])[V]
lediggang	((ledig)[A],(gang)[N])[N]
ledigganger	(((ledig)[A],(gang)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
ledigheid	((ledig)[A],(heid)[N|A.])[N]
lediging	((ledig)[V],(ing)[N|V.])[N]
ledikant	(ledikant)[N]
lee	(lee)[N]
leed	(leed)[N]
leedgevoel	((leed)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
leedvermaak	((leed)[N],(vermaak)[N])[N]
leedwezen	((leed)[N],(wezen)[N])[N]
leefbaar	((leef)[V],(baar)[A|V.])[A]
leefbaarheid	(((leef)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
leefdomein	((leef)[V],(domein)[N])[N]
leefeenheid	((leef)[V],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
leefgemeenschap	((leef)[V],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
leefgewoonte	((leef)[V],((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
leefgroep	((leef)[V],(groep)[N])[N]
leefhoek	((leef)[V],(hoek)[N])[N]
leefklimaat	((leef)[V],(klimaat)[N])[N]
leefkring	((leef)[V],(kring)[N])[N]
leefkuil	((leef)[V],(kuil)[N])[N]
leefmilieu	((leef)[V],(milieu)[N])[N]
leefnet	((leef)[V],(net)[N])[N]
leefomgeving	((leef)[V],((omgeef)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
leefomstandigheid	((leef)[V],((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
leefpatroon	((leef)[V],(patroon)[N])[N]
leefregel	((leef)[V],(regel)[N])[N]
leefruimte	((leef)[V],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
leefschema	((leef)[V],(schema)[N])[N]
leefsfeer	((leef)[V],(sfeer)[N])[N]
leefsituatie	((leef)[V],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
leefstad	((leef)[V],(stad)[N])[N]
leefstijl	((leef)[V],(stijl)[N])[N]
leefsysteem	((leef)[V],(systeem)[N])[N]
leeftijd	((leef)[V],(tijd)[N])[N]
leeftijdgenoot	(((leef)[V],(tijd)[N])[N],(genoot)[N])[N]
leeftijdsadequaat	(((leef)[V],(tijd)[N])[N],(s)[A|N.A],(adequaat)[A])[A]
leeftijdsafhankelijk	(((leef)[V],(tijd)[N])[N],(s)[A|N.A],(((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
leeftijdscategorie	(((leef)[V],(tijd)[N])[N],(s)[N|N.N],(categorie)[N])[N]
leeftijdsfase	(((leef)[V],(tijd)[N])[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
leeftijdsgrens	(((leef)[V],(tijd)[N])[N],(s)[N|N.N],(grens)[N])[N]
leeftijdsgroep	(((leef)[V],(tijd)[N])[N],(s)[N|N.N],(groep)[N])[N]
leeftijdsklasse	(((leef)[V],(tijd)[N])[N],(s)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
leeftijdsniveau	(((leef)[V],(tijd)[N])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
leeftijdsontslag	(((leef)[V],(tijd)[N])[N],(s)[N|N.N],(ontslag)[N])[N]
leeftijdsopbouw	(((leef)[V],(tijd)[N])[N],(s)[N|N.N],(opbouw)[N])[N]
leeftijdsperiode	(((leef)[V],(tijd)[N])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
leeftijdsspecifiek	(((leef)[V],(tijd)[N])[N],(s)[A|N.A],(specifiek)[A])[A]
leeftijdsstructuur	(((leef)[V],(tijd)[N])[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
leeftrant	((leef)[V],(trant)[N])[N]
leefverband	((leef)[V],(verband)[N])[N]
leefwarmte	((leef)[V],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
leefwereld	((leef)[V],(wereld)[N])[N]
leefwijze	((leef)[V],(wijze)[N])[N]
leeg	(leeg)[A]
leegaard	((leeg)[A],(aard)[N|A.])[N]
leegblazen	((leeg)[A],(blaas)[V])[V]
leegbloeden	((leeg)[A],(bloed)[V])[V]
leegdragen	((leeg)[A],(draag)[V])[V]
leegdrinken	((leeg)[A],(drink)[V])[V]
leegeten	((leeg)[A],(eet)[V])[V]
leegganger	((leeg)[A],(gang)[N],(er)[N|AN.])[N]
leeggewicht	((leeg)[A],(gewicht)[N])[N]
leeggieten	((leeg)[A],(giet)[V])[V]
leeggoed	((leeg)[A],(goed)[N])[N]
leeggooien	((leeg)[A],(gooi)[V])[V]
leeghalen	((leeg)[A],(haal)[V])[V]
leegheid	((leeg)[A],(heid)[N|A.])[N]
leeghoofd	((leeg)[A],(hoofd)[N])[N]
leegkopen	((leeg)[A],(koop)[V])[V]
leegloopster	(((leeg)[A],(loop)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
leeglopen	((leeg)[A],(loop)[V])[V]
leegloper	(((leeg)[A],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
leegloperij	(((leeg)[A],(loop)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
leegmaken	((leeg)[A],(maak)[V])[V]
leegmalen	((leeg)[A],(maal)[V])[V]
leegplukken	((leeg)[A],(pluk)[V])[V]
leegplunderen	((leeg)[A],(plunder)[V])[V]
leegpompen	((leeg)[A],(pomp)[V])[V]
leegrijden	((leeg)[A],(rijd)[V])[V]
leegroven	((leeg)[A],(roof)[V])[V]
leegruimen	((leeg)[A],(ruim)[V])[V]
leegschenken	((leeg)[A],(schenk)[V])[V]
leegscheppen	((leeg)[A],(schep)[V])[V]
leegschudden	((leeg)[A],(schud)[V])[V]
leegstaan	((leeg)[A],(sta)[V])[V]
leegstandswet	((leegstand)[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
leegstelen	((leeg)[A],(steel)[V])[V]
leegstorten	((leeg)[A],(stort)[V])[V]
leegte	((leeg)[A],(te)[N|A.])[N]
leegvissen	((leeg)[A],(vis)[V])[V]
leegvlot	((leeg)[A],(vlot)[N])[N]
leegzuigen	((leeg)[A],(zuig)[V])[V]
leek	(leek)[N]
leem	(leem)[N]
leemaarde	((leem)[N],(aarde)[N])[N]
leemachtig	((leem)[N],(achtig)[A|N.])[A]
leeman	((lid)[N],(man)[N])[N]
leemglazuur	((leem)[N],(glazuur)[N])[N]
leemgroef	((leem)[N],(groef)[N])[N]
leemgroeve	((leem)[N],(groeve)[N])[N]
leemgrond	((leem)[N],(grond)[N])[N]
leemhoudend	((leem)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
leemkuil	((leem)[N],(kuil)[N])[N]
leemlaag	((leem)[N],(laag)[N])[N]
leemmergel	((leem)[N],(mergel)[N])[N]
leemmortel	((leem)[N],(mortel)[N])[N]
leemput	((leem)[N],(put)[N])[N]
leemsteen	((leem)[N],(steen)[N])[N]
leen	(leen)[N]
leenbank	((leen)[V],(bank)[N])[N]
leenbreuk	((leen)[N],(breuk)[N])[N]
leenbrief	((leen)[V],(brief)[N])[N]
leendepot	((leen)[V],(depot)[N])[N]
leendienst	((leen)[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
leeneed	((leen)[N],(eed)[N])[N]
leengeld	((leen)[V],(geld)[N])[N]
leengoed	((leen)[N],(goed)[N])[N]
leenheer	((leen)[N],(heer)[N])[N]
leenheerschap	(((leen)[N],(heer)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
leenhulde	((leen)[N],(hulde)[N])[N]
leenman	((leen)[N],(man)[N])[N]
leenmanschap	(((leen)[N],(man)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
leenmoeder	((leen)[N],(moeder)[N])[N]
leenplicht	((leen)[N],(plicht)[N])[N]
leenrecht	((leen)[N],(recht)[N])[N]
leenrechtelijk	(((leen)[N],(recht)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
leenroerigheid	((leenroerig)[A],(heid)[N|A.])[N]
leenspreuk	((leen)[V],(spreuk)[N])[N]
leenspreukig	(((leen)[V],(spreuk)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
leenstaat	((leen)[N],(staat)[N])[N]
leenstelsel	((leen)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
leenverhouding	((leen)[N],((verhoud)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
leenvertaling	((leen)[V],(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
leenvorst	((leen)[N],(vorst)[N])[N]
leenwezen	((leen)[V],(wezen)[N])[N]
leenwoord	((leen)[V],(woord)[N])[N]
leep	(leep)[N]
leepheid	((leep)[A],(heid)[N|A.])[N]
leepoog	((leep)[A],(oog)[N])[N]
leer	(leer)[N]
leerachtig	((leer)[N],(achtig)[A|N.])[A]
leerbegrip	((leer)[N],(begrip)[N])[N]
leerbereider	((leer)[N],(bereid)[V],(er)[N|NV.])[N]
leerboek	((leer)[V],(boek)[N])[N]
leerdicht	((leer)[V],(dicht)[N])[N]
leerdichter	((leer)[V],((dicht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
leerdienst	((leer)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
leerdoek	((leer)[N],(doek)[N])[N]
leergang	((leer)[V],(gang)[N])[N]
leergebied	((leer)[V],(gebied)[N])[N]
leergeld	((leer)[V],(geld)[N])[N]
leergeschil	((leer)[N],(geschil)[N])[N]
leergezag	((leer)[V],(gezag)[N])[N]
leergierig	((leer)[V],(gierig)[A])[A]
leergierigheid	(((leer)[V],(gierig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
leergoed	((leer)[N],(goed)[N])[N]
leergraag	((leer)[V],(graag)[A])[A]
leerhoofd	((leer)[V],(hoofd)[N])[N]
leerhout	((leer)[N],(hout)[N])[N]
leerhuid	((leer)[N],(huid)[N])[N]
leerhuis	((leer)[V],(huis)[N])[N]
leerjaar	((leer)[V],(jaar)[N])[N]
leerjongen	((leer)[V],(jongen)[N])[N]
leerkarper	((leer)[N],(karper)[N])[N]
leerkracht	((leer)[V],(kracht)[N])[N]
leerkring	((leer)[V],(kring)[N])[N]
leerling	((leer)[V],(ling)[N|V.])[N]
leerling-journalist	(((leer)[V],(ling)[N|V.])[N],((journaal)[N],(ist)[N|N.])[N])[N]
leerling-tovenaar	(((leer)[V],(ling)[N|V.])[N],((tover)[V],(enaar)[N|V.])[N])[N]
leerling-verpleegkundige	(((leer)[V],(ling)[N|V.])[N],(verpleegkundige)[N])[N]
leerling-verpleegster	(((leer)[V],(ling)[N|V.])[N],((verpleeg)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
leerling-verpleger	(((leer)[V],(ling)[N|V.])[N],((verpleeg)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
leerling-vlieger	(((leer)[V],(ling)[N|V.])[N],((vlieg)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
leerlinge	(((leer)[V],(ling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
leerlingenaantal	(((leer)[V],(ling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((aan)[P],(tal)[N])[N])[N]
leerlingenadministratie	(((leer)[V],(ling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
leerlingenschaal	(((leer)[V],(ling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(schaal)[N])[N]
leerlingenstelsel	(((leer)[V],(ling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
leerlinggedrag	(((leer)[V],(ling)[N|V.])[N],(gedrag)[N])[N]
leerlingschap	(((leer)[V],(ling)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
leerlingstelsel	(((leer)[V],(ling)[N|V.])[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
leerlingwezen	(((leer)[V],(ling)[N|V.])[N],(wezen)[N])[N]
leerlooien	((leer)[N],(looi)[V])[V]
leerlooier	(((leer)[N],(looi)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
leerlooierij	(((leer)[N],(looi)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
leerlust	((leer)[V],(lust)[N])[N]
leermeester	((leer)[V],(meester)[N])[N]
leermeesteres	(((leer)[V],(meester)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
leermeisje	((leer)[V],(meisje)[N])[N]
leermiddel	((leer)[V],(middel)[N])[N]
leermos	((leer)[N],(mos)[N])[N]
leeropdracht	((leer)[V],(opdracht)[N])[N]
leerovereenkomst	((leer)[V],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
leerpakket	((leer)[V],(pakket)[N])[N]
leerplan	((leer)[V],(plan)[N])[N]
leerplanontwikkeling	(((leer)[V],(plan)[N])[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
leerplantheorie	(((leer)[V],(plan)[N])[N],(theorie)[N])[N]
leerplicht	((leer)[V],(plicht)[N])[N]
leerplichtig	((leer)[V],(plicht)[N],(ig)[A|VN.])[A]
leerplichtwet	(((leer)[V],(plicht)[N])[N],(wet)[N])[N]
leerproces	((leer)[V],(proces)[N])[N]
leerpsychologie	((leer)[V],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
leerpsycholoog	((leer)[V],(psycholoog)[N])[N]
leerrede	((leer)[V],(rede)[N])[N]
leerregel	((leer)[N],(regel)[N])[N]
leerrijk	((leer)[V],(rijk)[A])[A]
leerschildpad	((leer)[N],((schild)[N],(pad)[N])[N])[N]
leerschool	((leer)[V],(school)[N])[N]
leerstelligheid	((leerstellig)[A],(heid)[N|A.])[N]
leerstelling	((leer)[N],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
leerstelsel	((leer)[V],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
leerstoel	((leer)[V],(stoel)[N])[N]
leerstof	((leer)[V],(stof)[N])[N]
leerstofeenheid	(((leer)[V],(stof)[N])[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
leerstofjaarklassensysteem	(((leer)[V],(stof)[N])[N],(jaar)[N],(klas)[N],(en)[N|NNN.N],(systeem)[N])[N]
leerstofkeuze	(((leer)[V],(stof)[N])[N],(keuze)[N])[N]
leerstofpakket	(((leer)[V],(stof)[N])[N],(pakket)[N])[N]
leerstuk	((leer)[V],(stuk)[N])[N]
leertijd	((leer)[V],(tijd)[N])[N]
leertouwen	((leer)[N],(touw)[V])[V]
leertouwer	(((leer)[N],(touw)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
leertouwerij	(((leer)[N],(touw)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
leertrant	((leer)[V],(trant)[N])[N]
leertucht	((leer)[N],(tucht)[N])[N]
leervak	((leer)[V],(vak)[N])[N]
leervrijheid	((leer)[N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
leerwaren	((leer)[N],(waar)[N])[N]
leerwerk	((leer)[N],(werk)[N])[N]
leerwijze	((leer)[V],(wijze)[N])[N]
leerzaam	((leer)[V],(zaam)[A|V.])[A]
leerzaamheid	(((leer)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
leerzucht	((leer)[V],(zucht)[N])[N]
leesapparaat	((lees)[V],(apparaat)[N])[N]
leesavond	((lees)[V],(avond)[N])[N]
leesbaarheid	(((lees)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
leesbehoefte	((lees)[V],(behoefte)[N])[N]
leesbeurt	((lees)[V],(beurt)[N])[N]
leesbibliotheek	((lees)[V],(bibliotheek)[N])[N]
leesblind	((lees)[V],(blind)[A])[A]
leesblindheid	(((lees)[V],(blind)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
leesboek	((lees)[V],(boek)[N])[N]
leesbril	((lees)[V],(bril)[N])[N]
leescentrum	((lees)[V],(centrum)[N])[N]
leesdienst	((lees)[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
leesdrama	((lees)[V],(drama)[N])[N]
leesdrift	((lees)[V],(drift)[N])[N]
leeservaring	((lees)[V],(((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
leesfunctie	((lees)[V],(functie)[N])[N]
leesgedrag	((lees)[V],(gedrag)[N])[N]
leesgemak	((lees)[V],(gemak)[N])[N]
leesgenot	((lees)[V],(genot)[N])[N]
leesgewoonte	((lees)[V],((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
leesgezelschap	((lees)[V],((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
leesglas	((lees)[V],(glas)[N])[N]
leesgraag	((lees)[V],(graag)[A])[A]
leesgroep	((lees)[V],(groep)[N])[N]
leeshonger	((lees)[V],(honger)[N])[N]
leeshouding	((lees)[V],(houding)[N])[N]
leesinrichting	((lees)[V],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
leeskabinet	((lees)[V],(kabinet)[N])[N]
leeskamer	((lees)[V],(kamer)[N])[N]
leeskerk	((lees)[V],(kerk)[N])[N]
leeskop	((lees)[V],(kop)[N])[N]
leeskring	((lees)[V],(kring)[N])[N]
leeskunst	((lees)[V],(kunst)[N])[N]
leeslamp	((lees)[V],(lamp)[N])[N]
leesles	((lees)[V],(les)[N])[N]
leeslint	((lees)[V],(lint)[N])[N]
leeslust	((lees)[V],(lust)[N])[N]
leesmachine	((lees)[V],(machine)[N])[N]
leesmateriaal	((lees)[V],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
leesmethode	((lees)[V],(methode)[N])[N]
leesmoeder	((lees)[V],(moeder)[N])[N]
leesmoeilijkheid	((lees)[V],(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
leesoefening	((lees)[V],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
leesonderwijs	((lees)[V],(onderwijs)[N])[N]
leesplank	((lees)[V],(plank)[N])[N]
leesplezier	((lees)[V],(plezier)[N])[N]
leesportefeuille	((lees)[V],(portefeuille)[N])[N]
leesprogramma	((lees)[V],(programma)[N])[N]
leessnelheid	((lees)[V],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
leesstof	((lees)[V],(stof)[N])[N]
leesstuk	((lees)[V],(stuk)[N])[N]
leest	(leest)[N]
leestafel	((lees)[V],(tafel)[N])[N]
leestechniek	((lees)[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
leesteken	((lees)[V],(teken)[N])[N]
leestenhout	((leest)[N],(en)[N|N.N],(hout)[N])[N]
leestijd	((lees)[V],(tijd)[N])[N]
leestmaat	((leest)[N],(maat)[N])[N]
leestoestel	((lees)[V],(toestel)[N])[N]
leestoon	((lees)[V],(toon)[N])[N]
leestrant	((lees)[V],(trant)[N])[N]
leestrommel	((lees)[V],(trommel)[N])[N]
leesuur	((lees)[V],(uur)[N])[N]
leesvaardigheid	((lees)[V],((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
leesvenster	((lees)[V],(venster)[N])[N]
leesvloer	((lees)[V],(vloer)[N])[N]
leesvoer	((lees)[V],(voer)[N])[N]
leeswijze	((lees)[V],(wijze)[N])[N]
leeswijzer	((lees)[V],((wijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
leeswoede	((lees)[V],(woede)[N])[N]
leeszaal	((lees)[V],(zaal)[N])[N]
leeszwakte	((lees)[V],((zwak)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
leeuw	(leeuw)[N]
leeuwachtig	((leeuw)[N],(achtig)[A|N.])[A]
leeuwenaandeel	((leeuw)[N],(e)[N|N.N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
leeuwenbek	((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(bek)[N])[N]
leeuwenbekachtigen	(((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(bek)[N])[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
leeuwendeel	((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(deel)[N])[N]
leeuwenhart	((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(hart)[N])[N]
leeuwenhoekhuis	((leeuw)[N],(en)[N|N.N],((hoek)[N],(huis)[N])[N])[N]
leeuwenhok	((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(hok)[N])[N]
leeuwenhol	((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(hol)[N])[N]
leeuwenhuid	((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(huid)[N])[N]
leeuwenjacht	((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
leeuwenjong	((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(jong)[N])[N]
leeuwenklauw	((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(klauw)[N])[N]
leeuwenkooi	((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(kooi)[N])[N]
leeuwenkop	((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
leeuwenkuil	((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(kuil)[N])[N]
leeuwenmanen	((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(maan)[N])[N]
leeuwenmoed	((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(moed)[N])[N]
leeuwenmuil	((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(muil)[N])[N]
leeuwenpoort	((leeuw)[N],(en)[N|N.N],(poort)[N])[N]
leeuwentand	((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(tand)[N])[N]
leeuwentemmer	((leeuw)[N],(en)[N|N.Vx],(tem)[V],(er)[N|NxV.])[N]
leeuwenvlag	((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(vlag)[N])[N]
leeuwenwelp	((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(welp)[N])[N]
leeuwerik	(leeuwerik)[N]
leeuweriksnest	((leeuwerik)[N],(s)[N|N.N],(nest)[N])[N]
leeuwerikszang	((leeuwerik)[N],(s)[N|N.N],(zang)[N])[N]
leeuwhondje	((leeuw)[N],(hond)[N])[N]
leeuwin	((leeuw)[N],(in)[N|N.])[N]
leewater	((lee)[N],(water)[N])[N]
lef	(lef)[N]
lefdoekje	((lef)[N],(doek)[N])[N]
lefgozer	((lef)[N],(gozer)[N])[N]
lefhebber	((lef)[N],(heb)[V],(er)[N|NV.])[N]
lefmaker	((lef)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
lefschopper	((lef)[N],(schop)[V],(er)[N|NV.])[N]
leg	(leg)[N]
legalisatie	(((legaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
legalisatiekosten	((((legaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(kost)[N])[N]
legaliseren	((legaal)[A],(iseer)[V|A.])[V]
legalisering	(((legaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
legaliteit	((legaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
legaliteitsbeginsel	(((legaal)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
legataris	(legataris)[N]
legateren	((legaat)[N],(eer)[V|N.])[V]
legatie	((legaat)[N],(ie)[N|N.])[N]
legatieraad	(((legaat)[N],(ie)[N|N.])[N],(raad)[N])[N]
legatiesecretaris	(((legaat)[N],(ie)[N|N.])[N],(secretaris)[N])[N]
legbalk	((leg)[V],(balk)[N])[N]
legbatterij	((leg)[N],(batterij)[N])[N]
legboor	((leg)[V],(boor)[N])[N]
legbuis	((leg)[V],(buis)[N])[N]
legen	(leeg)[V]
legendendichter	((legende)[N],(en)[N|N.Vx],(dicht)[V],(er)[N|NxV.])[N]
legendevorming	((legende)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
leger	(leger)[N]
legeraalmoezenier	((leger)[N],((aalmoes)[N],(enier)[N|N.])[N])[N]
legeraanvoerder	((leger)[N],((aan)[P],(voer)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
legerafdeling	((leger)[N],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
legerauto	((leger)[N],(auto)[N])[N]
legerbende	((leger)[N],(bende)[N])[N]
legerbericht	((leger)[N],(bericht)[N])[N]
legercommandant	((leger)[N],(commandeer)[V],(ant)[N|NV.])[N]
legerdienst	((leger)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
legereenheid	((leger)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
legeren	(leger)[V]
legerformatie	((leger)[N],(formeer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
legergroen	((leger)[N],(groen)[A])[A]
legerhond	((leger)[N],(hond)[N])[N]
legerhoofd	((leger)[N],(hoofd)[N])[N]
legering	((legeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
legering	((leger)[V],(ing)[N|V.])[N]
legerkamp	((leger)[N],(kamp)[N])[N]
legerkorps	((leger)[N],(korps)[N])[N]
legerleiding	((leger)[N],(leid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
legermacht	((leger)[N],(macht)[N])[N]
legernummer	((leger)[N],(nummer)[N])[N]
legerorder	((leger)[N],(order)[N])[N]
legerplaats	((leger)[N],(plaats)[N])[N]
legerpredikant	((leger)[N],((predik)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
legerschaar	((leger)[N],(schaar)[N])[N]
legerstede	((leger)[N],(stede)[N])[N]
legersterkte	((leger)[N],((sterk)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
legertent	((leger)[N],(tent)[N])[N]
legertrein	((leger)[N],(trein)[N])[N]
legertros	((leger)[N],(tros)[N])[N]
legervoeg	((leger)[N],(voeg)[N])[N]
legervoorlichtingsdienst	((leger)[N],((((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
leggen	(leg)[V]
legger	((leg)[V],(er)[N|V.])[N]
leggerbalk	(((leg)[V],(er)[N|V.])[N],(balk)[N])[N]
leggoed	((leg)[V],(goed)[N])[N]
leghaak	((leg)[V],(haak)[N])[N]
leghen	((leg)[V],(hen)[N])[N]
leging	((leeg)[V],(ing)[N|V.])[N]
legio	(legio)[A]
legioen	(legioen)[N]
legioensoldaat	((legioen)[N],(soldaat)[N])[N]
legionairsziekte	((legionair)[N],(s)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
legitimatie	(((legitiem)[A],(eer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
legitimatiebewijs	((((legitiem)[A],(eer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(bewijs)[N])[N]
legitimatiefunctie	((((legitiem)[A],(eer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(functie)[N])[N]
legitimatiekaart	((((legitiem)[A],(eer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(kaart)[N])[N]
legitimatieprobleem	((((legitiem)[A],(eer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(probleem)[N])[N]
legitimeren	((legitiem)[A],(eer)[V|A.])[V]
legitimering	(((legitiem)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
legitimiteit	((legitiem)[A],(iteit)[N|A.])[N]
legkaart	((leg)[V],(kaart)[N])[N]
legkast	((leg)[V],(kast)[N])[N]
legkip	((leg)[V],(kip)[N])[N]
legmeel	((leg)[V],(meel)[N])[N]
legnest	((leg)[V],(nest)[N])[N]
legnood	((leg)[V],(nood)[N])[N]
legorder	((leg)[V],(order)[N])[N]
legpenning	((leg)[V],(penning)[N])[N]
legprent	((leg)[V],(prent)[N])[N]
legpuzzel	((leg)[V],(puzzel)[N])[N]
legras	((leg)[V],(ras)[N])[N]
legsel	((leg)[V],(sel)[N|V.])[N]
legster	((leg)[V],(ster)[N|V.])[N]
legtijd	((leg)[V],(tijd)[N])[N]
leguaan	(leguaan)[N]
legwerk	((leg)[V],(werk)[N])[N]
lei	(lei)[N]
leiband	((leid)[V],(band)[N])[N]
leiboom	((leid)[V],(boom)[N])[N]
leidam	((leid)[V],(dam)[N])[N]
leidekker	((lei)[N],((dek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
leiden	(leid)[V]
leider	((leid)[V],(er)[N|V.])[N]
leidersbeginsel	(((leid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
leiderscapaciteit	(((leid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(capaciteit)[N])[N]
leiderschap	(((leid)[V],(er)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
leiderschapsfunctie	((((leid)[V],(er)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
leiderschapsgedrag	((((leid)[V],(er)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
leiderschapsstijl	((((leid)[V],(er)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(stijl)[N])[N]
leidersfiguur	(((leid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(figuur)[N])[N]
leiderskwaliteit	(((leid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kwaliteit)[N])[N]
leidersplaats	(((leid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plaats)[N])[N]
leiderspositie	(((leid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
leidersprincipe	(((leid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(principe)[N])[N]
leiderstrui	(((leid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(trui)[N])[N]
leiderstype	(((leid)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(type)[N])[N]
leiding	((leid)[V],(ing)[N|V.])[N]
leidingbuis	(((leid)[V],(ing)[N|V.])[N],(buis)[N])[N]
leidingdraad	(((leid)[V],(ing)[N|V.])[N],(draad)[N])[N]
leidingdruk	(((leid)[V],(ing)[N|V.])[N],(druk)[N])[N]
leidinggevend	(((leid)[V],(ing)[N|V.])[N],(geef)[V],(end)[A|NV.])[A]
leidingnet	(((leid)[V],(ing)[N|V.])[N],(net)[N])[N]
leidingwater	(((leid)[V],(ing)[N|V.])[N],(water)[N])[N]
leidmotief	((leid)[V],(motief)[N])[N]
leidraad	((leid)[V],(draad)[N])[N]
leidsel	((leid)[V],(sel)[N|V.])[N]
leidsman	((leid)[V],(s)[N|V.N],(man)[N])[N]
leidstar	((leid)[V],(star)[N])[N]
leidster	((leid)[V],(ster)[N])[N]
leidster	((leid)[V],(ster)[N|V.])[N]
leidsvrouw	((leid)[V],(s)[N|V.N],(vrouw)[N])[N]
leidtoon	((leid)[V],(toon)[N])[N]
leien	((lei)[N],(en)[A|N.])[A]
leiendak	(((lei)[N],(en)[A|N.])[A],(dak)[N])[N]
leigrijs	((lei)[N],(grijs)[N])[N]
leigroef	((lei)[N],(groef)[N])[N]
leigroeve	((lei)[N],(groeve)[N])[N]
leihond	((leid)[V],(hond)[N])[N]
leikleur	((lei)[N],(kleur)[N])[N]
leikleurig	((lei)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
leiplaat	((leid)[V],(plaat)[N])[N]
leiplant	((leid)[V],(plant)[N])[N]
leireep	((leid)[V],(reep)[N])[N]
leiriem	((leid)[V],(riem)[N])[N]
leis	(leis)[N]
leisel	((leid)[V],(sel)[N|V.])[N]
leistang	((leid)[V],(stang)[N])[N]
leisteen	((lei)[N],(steen)[N])[N]
leisteenolie	(((lei)[N],(steen)[N])[N],(olie)[N])[N]
leivleugel	((leid)[V],(vleugel)[N])[N]
leiwagen	((leid)[V],(wagen)[N])[N]
lek	(lek)[N]
lekbak	((lek)[V],(bak)[N])[N]
lekbier	((lek)[V],(bier)[N])[N]
lekdicht	((lek)[V],(dicht)[A])[A]
lekdorpel	((lek)[V],(dorpel)[N])[N]
lekdrempel	((lek)[V],(drempel)[N])[N]
leken	(leek)[V]
lekenapostolaat	((leek)[N],(en)[N|N.N],((apostel)[N],(aat)[N|N.])[N])[N]
lekenbijbel	((leek)[N],(en)[N|N.N],(bijbel)[N])[N]
lekenbrevier	((leek)[N],(en)[N|N.N],(brevier)[N])[N]
lekenbroeder	((leek)[N],(e)[N|N.N],(broeder)[N])[N]
lekenbroederschap	((leek)[N],(en)[N|N.N],((broeder)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
lekendicht	((leek)[N],(e)[N|N.N],(dicht)[N])[N]
lekenkarakter	((leek)[N],(en)[N|N.N],(karakter)[N])[N]
lekenkelk	((leek)[N],(en)[N|N.N],(kelk)[N])[N]
lekenkerk	((leek)[N],(en)[N|N.N],(kerk)[N])[N]
lekenkoor	((leek)[N],(en)[N|N.N],(koor)[N])[N]
lekenmanier	((leek)[N],(en)[N|N.N],(manier)[N])[N]
lekenmoraal	((leek)[N],(en)[N|N.N],(moraal)[N])[N]
lekenoordeel	((leek)[N],(en)[N|N.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[N]
lekenorde	((leek)[N],(en)[N|N.N],(orde)[N])[N]
lekenpriester	((leek)[N],(e)[N|N.N],(priester)[N])[N]
lekenrechtspraak	((leek)[N],(en)[N|N.N],((recht)[N],(spraak)[N])[N])[N]
lekenreligie	((leek)[N],(en)[N|N.N],(religie)[N])[N]
lekenspel	((leek)[N],(e)[N|N.N],(spel)[N])[N]
lekenstand	((leek)[N],(en)[N|N.N],(stand)[N])[N]
lekenwereld	((leek)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
lekenzuster	((leek)[N],(e)[N|N.N],(zuster)[N])[N]
lekgat	((lek)[V],(gat)[N])[N]
lekhonig	((lek)[V],(honig)[N])[N]
lekhoning	((lek)[V],(honing)[N])[N]
lekkage	((lek)[V],(age)[N|V.])[N]
lekken	(lek)[V]
lekker	(lekker)[A]
lekkerbeetje	((lekker)[A],(beet)[N])[N]
lekkerbek	((lekker)[A],(bek)[N])[N]
lekkerbekkerij	((lekkerbek)[V],(erij)[N|V.])[N]
lekkernij	((lekker)[A],(nij)[N|A.])[N]
lekkertand	((lekker)[A],(tand)[N])[N]
lekkertje	((lekker)[A],(tje)[N|A.])[N]
lekspanning	((lek)[N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lekspeen	((lek)[V],(speen)[N])[N]
leksteen	((lek)[V],(steen)[N])[N]
lekstralen	((lek)[V],(straal)[N])[N]
lekstroom	((lek)[V],(stroom)[N])[N]
lekveld	((lek)[V],(veld)[N])[N]
lekvrij	((lek)[V],(vrij)[A])[A]
lekwater	((lek)[V],(water)[N])[N]
lekweerstand	((lek)[V],(weerstand)[N])[N]
lekzucht	((lek)[V],(zucht)[N])[N]
lel	(lel)[N]
leliaard	((lelie)[N],(aard)[N|N.])[N]
lelie	(lelie)[N]
lelieachtig	((lelie)[N],(achtig)[A|N.])[A]
lelieachtigen	((lelie)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
leliebes	((lelie)[N],(bes)[N])[N]
lelieblad	((lelie)[N],(blad)[N])[N]
lelieblank	((lelie)[N],(blank)[A])[A]
leliebol	((lelie)[N],(bol)[N])[N]
leliekruis	((lelie)[N],(kruis)[N])[N]
lelievaandel	((lelie)[N],(vaandel)[N])[N]
leliewasplaat	((lelie)[N],(wasplaat)[N])[N]
leliewit	((lelie)[N],(wit)[N])[N]
lelijk	(lelijk)[A]
lelijkaard	((lelijk)[A],(aard)[N|A.])[N]
lelijkerd	((lelijk)[A],(erd)[N|A.])[N]
lelijkheid	((lelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
leliënbed	((lelie)[N],(en)[N|N.N],(bed)[N])[N]
leliënolie	((lelie)[N],(en)[N|N.N],(olie)[N])[N]
lellen	(lel)[V]
lemen	(leem)[V]
lemen	((leem)[N],(en)[A|N.])[A]
lemma	(lemma)[N]
lemmer	(lemmer)[N]
lemmet	(lemmet)[N]
lemming	(lemming)[N]
lende	(lende)[N]
lendenberoerte	((lende)[N],(beroerte)[N])[N]
lendenbiefstuk	((lende)[N],(biefstuk)[N])[N]
lendenbreuk	((lende)[N],(breuk)[N])[N]
lendendoek	((lende)[N],(en)[N|N.N],(doek)[N])[N]
lendenheiligbeen	((lende)[N],((heilig)[A],(been)[N])[N])[N]
lendenkussen	((lende)[N],(en)[N|N.N],(kussen)[N])[N]
lendenlam	((lende)[N],(lam)[A])[A]
lendenrib	((lende)[N],(rib)[N])[N]
lendenstuk	((lende)[N],(stuk)[N])[N]
lendenwervel	((lende)[N],(wervel)[N])[N]
lenen	(leen)[V]
lener	((leen)[V],(er)[N|V.])[N]
leng	(leng)[N]
lengen	(leng)[V]
lengsel	((leng)[V],(sel)[N|V.])[N]
lengteas	((lengte)[N],(as)[N])[N]
lengtecirkel	((lengte)[N],(cirkel)[N])[N]
lengtedal	((lengte)[N],(dal)[N])[N]
lengtedraad	((lengte)[N],(draad)[N])[N]
lengteduinen	((lengte)[N],(duin)[N])[N]
lengtegraad	((lengte)[N],(graad)[N])[N]
lengtemaat	((lengte)[N],(maat)[N])[N]
lengtemeting	((lengte)[N],(meet)[V],(ing)[N|NV.])[N]
lengteprofiel	((lengte)[N],(profiel)[N])[N]
lengtepunt	((lengte)[N],(punt)[N])[N]
lengterichting	((lengte)[N],((richt)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lenigheid	((lenig)[A],(heid)[N|A.])[N]
leniging	((lenig)[V],(ing)[N|V.])[N]
lening	((leen)[V],(ing)[N|V.])[N]
leningkapitaal	(((leen)[V],(ing)[N|V.])[N],(kapitaal)[N])[N]
leningsfonds	(((leen)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
leningsvoorwaarde	(((leen)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(voorwaarde)[N])[N]
leninistisch	((leninist)[N],(isch)[A|N.])[A]
lens	(lens)[N]
lensafsluiter	((lens)[N],((af)[P],(sluit)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
lensband	((lens)[N],(band)[N])[N]
lensbeursje	((lens)[N],(beurs)[N])[N]
lensinrichting	((lens)[A],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lenskap	((lens)[N],(kap)[N])[N]
lenskern	((lens)[N],(kern)[N])[N]
lensklep	((lens)[N],(klep)[N])[N]
lenskop	((lens)[N],(kop)[N])[N]
lensopening	((lens)[N],((open)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lenspapier	((lens)[N],(papier)[N])[N]
lenspomp	((lens)[V],(pomp)[N])[N]
lenspoort	((lens)[V],(poort)[N])[N]
lensvorm	((lens)[N],(vorm)[N])[N]
lensvormig	((lens)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
lenswater	((lens)[V],(water)[N])[N]
lente	(lente)[N]
lenteachtig	((lente)[N],(achtig)[A|N.])[A]
lenteavond	((lente)[N],(avond)[N])[N]
lentebloem	((lente)[N],(bloem)[N])[N]
lentebloesem	((lente)[N],(bloesem)[N])[N]
lentebode	((lente)[N],(bode)[N])[N]
lenteboter	((lente)[N],(boter)[N])[N]
lentedag	((lente)[N],(dag)[N])[N]
lentefeest	((lente)[N],(feest)[N])[N]
lentegroen	((lente)[N],(groen)[N])[N]
lenteklokje	((lente)[N],(klok)[N])[N]
lentelandschap	((lente)[N],((land)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
lentelied	((lente)[N],(lied)[N])[N]
lentelucht	((lente)[N],(lucht)[N])[N]
lentemaand	((lente)[N],(maand)[N])[N]
lentemiddag	((lente)[N],(middag)[N])[N]
lentenacht	((lente)[N],(nacht)[N])[N]
lenteochtend	((lente)[N],(ochtend)[N])[N]
lentepunt	((lente)[N],(punt)[N])[N]
lenteroos	((lente)[N],(roos)[N])[N]
lenteteken	((lente)[N],(teken)[N])[N]
lentetijd	((lente)[N],(tijd)[N])[N]
lentewarmte	((lente)[N],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
lenteweder	((lente)[N],(weder)[N])[N]
lenteweer	((lente)[N],(weer)[N])[N]
lentezon	((lente)[N],(zon)[N])[N]
lento	(lento)[N]
lenzen	(lens)[V]
lenzenstelsel	((lens)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
lepel	(lepel)[N]
lepelaanduiding	((lepel)[N],(((aan)[P],(duid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lepelaar	((lepel)[N],(aar)[N|N.])[N]
lepelbak	((lepel)[N],(bak)[N])[N]
lepelblad	((lepel)[N],(blad)[N])[N]
lepelboom	((lepel)[N],(boom)[N])[N]
lepelboor	((lepel)[N],(boor)[N])[N]
lepeldoosje	((lepel)[N],(doos)[N])[N]
lepeleend	((lepel)[N],(eend)[N])[N]
lepelen	(lepel)[V]
lepelexcavateur	((lepel)[N],(excavateur)[N])[N]
lepelgieter	((lepel)[N],(giet)[V],(er)[N|NV.])[N]
lepelhaak	((lepel)[N],(haak)[N])[N]
lepelhaas	((lepel)[N],(haas)[N])[N]
lepelkost	((lepel)[N],(kost)[N])[N]
lepelkruid	((lepel)[N],(kruid)[N])[N]
lepelrek	((lepel)[N],(rek)[N])[N]
lepelslang	((lepel)[N],(slang)[N])[N]
lepelsteur	((lepel)[N],(steur)[N])[N]
lepelstruik	((lepel)[N],(struik)[N])[N]
lepeltjesheide	((lepeltje)[N],(s)[N|N.N],(heide)[N])[N]
lepeltjeshouding	((lepeltje)[N],(s)[N|N.N],(houding)[N])[N]
lepelvaasje	((lepel)[N],(vaas)[N])[N]
lepelvormig	((lepel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
lepelzucht	((lepel)[V],(zucht)[N])[N]
leperd	((leep)[A],(erd)[N|A.])[N]
leporello	(leporello)[N]
leporelloalbum	((leporello)[N],(album)[N])[N]
leporelloboek	((leporello)[N],(boek)[N])[N]
leppen	(lep)[V]
lepperen	(lepper)[V]
lepra	(lepra)[N]
lepralijder	((lepra)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
lepralijdster	((lepra)[N],(lijd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
leproos	((lepra)[N],(oos)[N|N.])[N]
leprozenhuis	(((lepra)[N],(oos)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
leprozenkolonie	(((lepra)[N],(oos)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(kolonie)[N])[N]
leprozerie	(((lepra)[N],(oos)[N|N.])[N],(erie)[N|N.])[N]
leraarsambt	((leraar)[N],(s)[N|N.N],(ambt)[N])[N]
leraarsbetrekking	((leraar)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
leraarschap	((leraar)[N],(schap)[N|N.])[N]
leraarskamer	((leraar)[N],(s)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
leraarskorps	((leraar)[N],(s)[N|N.N],(korps)[N])[N]
leraarsopleiding	((leraar)[N],(s)[N|N.Vx],((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
leraarsvergadering	((leraar)[N],(s)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lerarencorps	((leraar)[N],(en)[N|N.N],(corps)[N])[N]
lerarenkamer	((leraar)[N],(en)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
lerarenkorps	((leraar)[N],(en)[N|N.N],(korps)[N])[N]
lerarenopleiding	((leraar)[N],(en)[N|N.Vx],((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
lerarensalaris	((leraar)[N],(en)[N|N.N],(salaris)[N])[N]
lerarenvariant	((leraar)[N],(en)[N|N.N],((varieer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
lerarenvereniging	((leraar)[N],(en)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lerarenvergadering	((leraar)[N],(en)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lerares	((leraar)[N],(es)[N|N.])[N]
leren	((leer)[N],(en)[A|N.])[A]
leren	(leer)[V]
lering	((leer)[V],(ing)[N|V.])[N]
les	(les)[N]
lesauto	((les)[V],(auto)[N])[N]
lesboek	((les)[N],(boek)[N])[N]
lesboer	((les)[N],(boer)[N])[N]
lesgeefster	(((les)[N],(geef)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
lesgeld	((les)[N],(geld)[N])[N]
lesgeven	((les)[N],(geef)[V])[V]
lesgever	(((les)[N],(geef)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
leskeuken	((les)[N],(keuken)[N])[N]
leslokaal	((les)[N],(lokaal)[N])[N]
lesrooster	((les)[N],(rooster)[N])[N]
lessen	(les)[V]
lessenpakket	((les)[N],(en)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
lessenrooster	((les)[N],(en)[N|N.N],(rooster)[N])[N]
lessentabel	((les)[N],(en)[N|N.N],(tabel)[N])[N]
lessing	((les)[V],(ing)[N|V.])[N]
lest	(lest)[A]
lestoestel	((les)[N],(toestel)[N])[N]
lesuur	((les)[N],(uur)[N])[N]
lesvliegtuig	((les)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
lesvlucht	((les)[N],(vlucht)[N])[N]
leswagen	((les)[V],(wagen)[N])[N]
let	(let)[N]
letaliteit	((letaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
lethargie	((lethargisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
letsel	((let)[V],(sel)[N|V.])[N]
letselschade	(((let)[V],(sel)[N|V.])[N],(schade)[N])[N]
letten	(let)[V]
letter	(letter)[N]
letterbak	((letter)[N],(bak)[N])[N]
letterband	((letter)[N],(band)[N])[N]
letterbanket	((letter)[N],(banket)[N])[N]
letterblokje	((letter)[N],(blok)[N])[N]
lettercorrectie	((letter)[N],((correct)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
letterdief	((letter)[N],(dief)[N])[N]
letterdieverij	((letter)[N],(dief)[V],(erij)[N|NV.])[N]
letterdoek	((letter)[V],(doek)[N])[N]
letterdoos	((letter)[N],(doos)[N])[N]
letterdruk	((letter)[N],(druk)[N])[N]
letteren	(letter)[V]
lettergieten	((letter)[N],(giet)[V])[V]
lettergieter	(((letter)[N],(giet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
lettergieterij	(((letter)[N],(giet)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
lettergreepraadsel	((lettergreep)[N],((raad)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
lettergreepschrift	((lettergreep)[N],(schrift)[N])[N]
letterhaak	((letter)[N],(haak)[N])[N]
letterhout	((letter)[N],(hout)[N])[N]
letterkast	((letter)[N],(kast)[N])[N]
letterkeer	((letter)[N],(keer)[N])[N]
letterknecht	((letter)[N],(knecht)[N])[N]
letterknechterij	(((letter)[N],(knecht)[N])[N],(erij)[N|N.])[N]
letterkorps	((letter)[N],(korps)[N])[N]
letterkunde	((letter)[V],(kunde)[N])[N]
letterkundig	(((letter)[V],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
letterlap	((letter)[V],(lap)[N])[N]
letterlievend	((letter)[N],(lievend)[V])[A]
letterlijk	((letter)[N],(lijk)[A|N.])[A]
letterlijkheid	(((letter)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
letterlijn	((letter)[N],(lijn)[N])[N]
letteromzetting	((letter)[N],((om)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
letterplaat	((letter)[N],(plaat)[N])[N]
letterplank	((letter)[N],(plank)[N])[N]
letterproef	((letter)[N],(proef)[N])[N]
letterraadsel	((letter)[N],((raad)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
letterrevolver	((letter)[N],(revolver)[N])[N]
letterrijm	((letter)[N],(rijm)[N])[N]
letterroof	((letter)[N],(roof)[N])[N]
letterschilder	((letter)[N],(schilder)[N])[N]
letterschrift	((letter)[N],(schrift)[N])[N]
letterserie	((letter)[N],(serie)[N])[N]
lettersjablone	((letter)[N],(sjablone)[N])[N]
lettersjabloon	((letter)[N],(sjabloon)[N])[N]
letterslot	((letter)[N],(slot)[N])[N]
lettersnijder	((letter)[N],(snijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
lettersoort	((letter)[N],(soort)[N])[N]
letterspecie	((letter)[N],(specie)[N])[N]
letterspijs	((letter)[N],(spijs)[N])[N]
letterstaafje	((letter)[N],(staaf)[N])[N]
lettersteker	((letter)[N],(steek)[V],(er)[N|NV.])[N]
lettertang	((letter)[N],(tang)[N])[N]
letterteken	((letter)[N],(teken)[N])[N]
lettertekenaar	((letter)[N],((teken)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
lettertype	((letter)[N],(type)[N])[N]
lettervast	((letter)[N],(vast)[A])[A]
lettervers	((letter)[N],(vers)[N])[N]
letterverwisseling	((letter)[N],(((ver)[V|.V],(wissel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lettervreter	((letter)[N],(vreet)[V],(er)[N|NV.])[N]
lettervrucht	((letter)[N],(vrucht)[N])[N]
letterwijs	((letter)[N],(wijs)[A])[A]
letterwoord	((letter)[N],(woord)[N])[N]
letterzetmachine	((letter)[N],((zet)[V],(machine)[N])[N])[N]
letterzetten	((letter)[N],(zet)[V])[V]
letterzetter	(((letter)[N],(zet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
letterzetterij	(((letter)[N],(zet)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
letterziften	((letter)[N],(zift)[V])[V]
letterzifter	(((letter)[N],(zift)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
letterzifterij	(((letter)[N],(zift)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
leugenaar	((leugen)[N],(aar)[N|N.])[N]
leugenaarster	(((leugen)[N],(aar)[N|N.])[N],(ster)[N|N.])[N]
leugenachtig	((leugen)[N],(achtig)[A|N.])[A]
leugenachtigheid	(((leugen)[N],(achtig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
leugenbeest	((leugen)[N],(beest)[N])[N]
leugencampagne	((leugen)[N],(campagne)[N])[N]
leugendetector	((leugen)[N],(detector)[N])[N]
leugendicht	((leugen)[N],(dicht)[N])[N]
leugengeest	((leugen)[N],(geest)[N])[N]
leugenontdekker	((leugen)[N],((ont)[V|.V],(dek)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
leugenprofeet	((leugen)[N],(profeet)[N])[N]
leugentaal	((leugen)[N],(taal)[N])[N]
leugenverhaal	((leugen)[N],(verhaal)[N])[N]
leugenverklikker	((leugen)[N],((ver)[V|.V],(klik)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
leugenzak	((leugen)[N],(zak)[N])[N]
leuk	(leuk)[A]
leukemiecel	((leukemie)[N],(cel)[N])[N]
leukerd	((leuk)[A],(erd)[N|A.])[N]
leukheid	((leuk)[A],(heid)[N|A.])[N]
leunen	(leun)[V]
leuning	((leun)[V],(ing)[N|V.])[N]
leuningstoel	(((leun)[V],(ing)[N|V.])[N],(stoel)[N])[N]
leunspaan	((leun)[V],(spaan)[N])[N]
leunstoel	((leun)[V],(stoel)[N])[N]
leur	(leur)[N]
leurder	((leur)[V],(der)[N|V.])[N]
leuren	(leur)[V]
leurkoop	((leur)[V],(koop)[N])[N]
leus	(leus)[N]
leut	(leut)[N]
leuter	(leuter)[N]
leuteraar	((leuter)[V],(aar)[N|V.])[N]
leuteren	(leuter)[V]
leuterig	((leuter)[V],(ig)[A|V.])[A]
leuterkoek	((leuter)[V],(koek)[N])[N]
leuterkous	((leuter)[V],(kous)[N])[N]
leuterpraat	((leuter)[V],(praat)[N])[N]
leuterwerk	((leuter)[V],(werk)[N])[N]
leutig	((leut)[N],(ig)[A|N.])[A]
leutigheid	(((leut)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
leven	(leef)[V]
levendbarend	((levend)[A],(baar)[V],(end)[A|AV.])[A]
levendig	((levend)[A],(ig)[A|A.])[A]
levendigheid	(((levend)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
levendmakend	((levend)[A],(maak)[V],(end)[A|AV.])[A]
levenloos	((leven)[N],(loos)[A|N.])[A]
levenmaker	((leven)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
levensactiviteit	((leven)[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
levensader	((leven)[N],(s)[N|N.N],(ader)[N])[N]
levensangst	((leven)[N],(s)[N|N.N],(angst)[N])[N]
levensaspect	((leven)[N],(s)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
levensavond	((leven)[N],(s)[N|N.N],(avond)[N])[N]
levensbaan	((leven)[N],(s)[N|N.N],(baan)[N])[N]
levensbalans	((leven)[N],(s)[N|N.N],(balans)[N])[N]
levensbalsem	((leven)[N],(s)[N|N.N],(balsem)[N])[N]
levensbasis	((leven)[N],(s)[N|N.N],(basis)[N])[N]
levensbeeld	((leven)[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
levensbeginsel	((leven)[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
levensbehoefte	((leven)[N],(s)[N|N.N],(behoefte)[N])[N]
levensbehoud	((leven)[N],(s)[N|N.N],(behoud)[N])[N]
levensbelang	((leven)[N],(s)[N|N.N],(belang)[N])[N]
levensbenadering	((leven)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(nader)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
levensbenodigdheden	((leven)[N],(s)[N|N.N],(((be)[A|.Ax],(nodig)[A],(d)[A|xA.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
levensbericht	((leven)[N],(s)[N|N.N],(bericht)[N])[N]
levensbeschouwelijk	((leven)[N],(s)[A|N.A],(((be)[V|.V],(schouw)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
levensbeschouwing	((leven)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(schouw)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
levensbeschrijving	((leven)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
levensbewustzijn	((leven)[N],(s)[N|N.N],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
levensbeëindiging	((leven)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(eindig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
levensblij	((leven)[N],(s)[A|N.A],(blij)[A])[A]
levensblijheid	(((leven)[N],(s)[A|N.A],(blij)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
levensboom	((leven)[N],(s)[N|N.N],(boom)[N])[N]
levensbron	((leven)[N],(s)[N|N.N],(bron)[N])[N]
levensbrug	((leven)[N],(s)[N|N.N],(brug)[N])[N]
levenscentrum	((leven)[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
levensconditie	((leven)[N],(s)[N|N.N],(conditie)[N])[N]
levenscrisis	((leven)[N],(s)[N|N.N],(crisis)[N])[N]
levenscyclus	((leven)[N],(s)[N|N.N],(cyclus)[N])[N]
levensdag	((leven)[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
levensdelict	((leven)[N],(s)[N|N.N],(delict)[N])[N]
levensdevies	((leven)[N],(s)[N|N.N],(devies)[N])[N]
levensdimensie	((leven)[N],(s)[N|N.N],(dimensie)[N])[N]
levensdoel	((leven)[N],(s)[N|N.N],(doel)[N])[N]
levensdomein	((leven)[N],(s)[N|N.N],(domein)[N])[N]
levensdraad	((leven)[N],(s)[N|N.N],(draad)[N])[N]
levensdrama	((leven)[N],(s)[N|N.N],(drama)[N])[N]
levensdrang	((leven)[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
levensdrift	((leven)[N],(s)[N|N.N],(drift)[N])[N]
levensduur	((leven)[N],(s)[N|N.N],(duur)[N])[N]
levensduurte	((leven)[N],(s)[N|N.N],((duur)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
levenseenheid	((leven)[N],(s)[N|N.N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
levenseinde	((leven)[N],(s)[N|N.N],(einde)[N])[N]
levenselement	((leven)[N],(s)[N|N.N],(element)[N])[N]
levenselixer	((leven)[N],(s)[N|N.N],(elixer)[N])[N]
levenselixir	((leven)[N],(s)[N|N.N],(elixir)[N])[N]
levensenergie	((leven)[N],(s)[N|N.N],(energie)[N])[N]
levensepisode	((leven)[N],(s)[N|N.N],(episode)[N])[N]
levensernst	((leven)[N],(s)[N|N.N],(ernst)[N])[N]
levenservaring	((leven)[N],(s)[N|N.Vx],((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
levensexperiment	((leven)[N],(s)[N|N.N],(experiment)[N])[N]
levensfase	((leven)[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
levensfeit	((leven)[N],(s)[N|N.N],(feit)[N])[N]
levensfenomeen	((leven)[N],(s)[N|N.N],(fenomeen)[N])[N]
levensfilosofie	((leven)[N],(s)[N|N.N],((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
levensfilosoof	((leven)[N],(s)[N|N.N],(filosoof)[N])[N]
levensfunctie	((leven)[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
levensgang	((leven)[N],(s)[N|N.N],(gang)[N])[N]
levensgedrag	((leven)[N],(s)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
levensgeest	((leven)[N],(s)[N|N.N],(geest)[N])[N]
levensgeheim	((leven)[N],(s)[N|N.N],(geheim)[N])[N]
levensgeluk	((leven)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(luk)[V])[N])[N]
levensgemeenschap	((leven)[N],(s)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
levensgenieter	((leven)[N],(s)[N|N.Vx],(geniet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
levensgenot	((leven)[N],(s)[N|N.N],(genot)[N])[N]
levensgeschiedenis	((leven)[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
levensgetrouw	((leven)[N],(s)[A|N.A],(getrouw)[A])[A]
levensgevaar	((leven)[N],(s)[N|N.N],(gevaar)[N])[N]
levensgevaarlijk	((leven)[N],(s)[A|N.A],((gevaar)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
levensgevoel	((leven)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
levensgewoonte	((leven)[N],(s)[N|N.N],((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
levensgezel	((leven)[N],(s)[N|N.N],(gezel)[N])[N]
levensgezellin	(((leven)[N],(s)[N|N.N],(gezel)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
levensgoed	((leven)[N],(s)[N|N.N],(goed)[N])[N]
levensgroot	((leven)[N],(s)[A|N.A],(groot)[A])[A]
levensgrootte	(((leven)[N],(s)[A|N.A],(groot)[A])[A],(te)[N|A.])[N]
levenshelft	((leven)[N],(s)[N|N.N],(helft)[N])[N]
levensherinnering	((leven)[N],(s)[N|N.N],((herinner)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
levenshistorie	((leven)[N],(s)[N|N.N],((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
levenshistorisch	((leven)[N],(s)[A|N.A],(historisch)[A])[A]
levenshouding	((leven)[N],(s)[N|N.N],(houding)[N])[N]
levensinstinct	((leven)[N],(s)[N|N.N],(instinct)[N])[N]
levensintensiteit	((leven)[N],(s)[N|N.N],((intens)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
levensinzicht	((leven)[N],(s)[N|N.N],((in)[P],(zicht)[N])[N])[N]
levensjaar	((leven)[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
levenskameraad	((leven)[N],(s)[N|N.N],(kameraad)[N])[N]
levenskans	((leven)[N],(s)[N|N.N],(kans)[N])[N]
levenskern	((leven)[N],(s)[N|N.N],(kern)[N])[N]
levenskeus	((leven)[N],(s)[N|N.N],(keus)[N])[N]
levenskeuze	((leven)[N],(s)[N|N.N],(keuze)[N])[N]
levenskracht	((leven)[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
levenskrachtig	(((leven)[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
levenskring	((leven)[N],(s)[N|N.N],(kring)[N])[N]
levenskroniek	((leven)[N],(s)[N|N.N],((kronisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
levenskunst	((leven)[N],(s)[A|N.N],(kunst)[N])[A]
levenskunstenaar	((leven)[N],(s)[N|N.N],((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
levenskunstenares	(((leven)[N],(s)[N|N.N],((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N],(es)[N|N.])[N]
levenskwaliteit	((leven)[N],(s)[N|N.N],(kwaliteit)[N])[N]
levenskwestie	((leven)[N],(s)[N|N.N],(kwestie)[N])[N]
levenslang	((leven)[N],(s)[A|N.A],(lang)[A])[A]
levensleer	((leven)[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
levenslicht	((leven)[N],(s)[N|N.N],(licht)[N])[N]
levenslied	((leven)[N],(s)[N|N.N],(lied)[N])[N]
levensliefde	((leven)[N],(s)[N|N.N],(liefde)[N])[N]
levenslijn	((leven)[N],(s)[N|N.N],(lijn)[N])[N]
levensloop	((leven)[N],(s)[N|N.N],(loop)[N])[N]
levenslust	((leven)[N],(s)[N|N.N],(lust)[N])[N]
levenslustig	((leven)[N],(s)[A|N.Nx],(lust)[N],(ig)[A|NxN.])[A]
levensmaand	((leven)[N],(s)[N|N.N],(maand)[N])[N]
levensmechanisme	((leven)[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
levensmiddelen	((leven)[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
levensmiddelenbedrijf	(((leven)[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N],(en)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
levensmiddelenschaarste	(((leven)[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N],(en)[N|N.N],((schaars)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
levensmiddelenvoorziening	(((leven)[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N],(en)[N|N.N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
levensmilieu	((leven)[N],(s)[N|N.N],(milieu)[N])[N]
levensminimum	((leven)[N],(s)[N|N.N],(minimum)[N])[N]
levensmoe	((leven)[N],(s)[A|N.A],(moe)[A])[A]
levensmoed	((leven)[N],(s)[N|N.N],(moed)[N])[N]
levensmoede	((leven)[N],(s)[A|N.A],(moede)[A])[A]
levensmoeheid	(((leven)[N],(s)[A|N.A],(moe)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
levensmoeilijkheid	((leven)[N],(s)[N|N.N],(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
levensmogelijkheid	((leven)[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
levensmoment	((leven)[N],(s)[N|N.N],(moment)[N])[N]
levensmysterie	((leven)[N],(s)[N|N.N],(mysterie)[N])[N]
levensnoodzakelijk	((leven)[N],(s)[A|N.A],(((nood)[N],(zaak)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
levensnoodzakelijkheid	((leven)[N],(s)[N|N.N],((((nood)[N],(zaak)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
levensnorm	((leven)[N],(s)[N|N.N],(norm)[N])[N]
levensomstandigheden	((leven)[N],(s)[N|N.N],((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
levensonderhoud	((leven)[N],(s)[N|N.N],(onderhoud)[N])[N]
levensonlust	((leven)[N],(s)[N|N.N],((on)[N|.N],(lust)[N])[N])[N]
levensopdracht	((leven)[N],(s)[N|N.N],(opdracht)[N])[N]
levensoptimisme	((leven)[N],(s)[N|N.N],(optimisme)[N])[N]
levensopvatting	((leven)[N],(s)[N|N.Vx],((op)[P],(vat)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
levensorde	((leven)[N],(s)[N|N.N],(orde)[N])[N]
levensorganisme	((leven)[N],(s)[N|N.N],(organisme)[N])[N]
levensoriëntatie	((leven)[N],(s)[N|N.N],(((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
levensovertuiging	((leven)[N],(s)[N|N.N],((overtuig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
levenspad	((leven)[N],(s)[N|N.N],(pad)[N])[N]
levenspartner	((leven)[N],(s)[N|N.N],(partner)[N])[N]
levenspatroon	((leven)[N],(s)[N|N.N],(patroon)[N])[N]
levenspeil	((leven)[N],(s)[N|N.N],(peil)[N])[N]
levensperiode	((leven)[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
levenspessimisme	((leven)[N],(s)[N|N.N],(pessimisme)[N])[N]
levenspositie	((leven)[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
levenspraktijk	((leven)[N],(s)[N|N.N],(praktijk)[N])[N]
levensprincipe	((leven)[N],(s)[N|N.N],(principe)[N])[N]
levensprobleem	((leven)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
levensproces	((leven)[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
levensprogramma	((leven)[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
levensproject	((leven)[N],(s)[N|N.N],(project)[N])[N]
levensraadsel	((leven)[N],(s)[N|N.N],((raad)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
levensrealiteit	((leven)[N],(s)[N|N.N],((reëel)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
levensregel	((leven)[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
levensrelaas	((leven)[N],(s)[N|N.N],(relaas)[N])[N]
levensritme	((leven)[N],(s)[N|N.N],(ritme)[N])[N]
levensroman	((leven)[N],(s)[N|N.N],(roman)[N])[N]
levensruimte	((leven)[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
levenssap	((leven)[N],(s)[N|N.N],(sap)[N])[N]
levensschema	((leven)[N],(s)[N|N.N],(schema)[N])[N]
levensschets	((leven)[N],(s)[N|N.N],(schets)[N])[N]
levensschool	((leven)[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
levenssfeer	((leven)[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
levenssituatie	((leven)[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
levensspanne	((leven)[N],(s)[N|N.N],(spanne)[N])[N]
levensstadium	((leven)[N],(s)[N|N.N],(stadium)[N])[N]
levensstandaard	((leven)[N],(s)[N|N.N],(standaard)[N])[N]
levensstijl	((leven)[N],(s)[N|N.N],(stijl)[N])[N]
levenstaak	((leven)[N],(s)[N|N.N],(taak)[N])[N]
levensteken	((leven)[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
levenstempo	((leven)[N],(s)[N|N.N],(tempo)[N])[N]
levensterrein	((leven)[N],(s)[N|N.N],(terrein)[N])[N]
levenstestament	((leven)[N],(s)[N|N.N],(testament)[N])[N]
levenstijd	((leven)[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
levenstijdperk	((leven)[N],(s)[N|N.N],((tijd)[N],(perk)[N])[N])[N]
levenstotaliteit	((leven)[N],(s)[N|N.N],((totaal)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
levenstrant	((leven)[N],(s)[N|N.N],(trant)[N])[N]
levenstucht	((leven)[N],(s)[N|N.N],(tucht)[N])[N]
levensuur	((leven)[N],(s)[N|N.N],(uur)[N])[N]
levensvatbaar	((leven)[N],(s)[A|N.A],((vaat)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
levensvatbaarheid	(((leven)[N],(s)[A|N.A],((vaat)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
levensveld	((leven)[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
levensverandering	((leven)[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
levensverband	((leven)[N],(s)[N|N.N],(verband)[N])[N]
levensverhaal	((leven)[N],(s)[N|N.N],(verhaal)[N])[N]
levensverlangen	((leven)[N],(s)[N|N.N],(verlangen)[N])[N]
levensverrichting	((leven)[N],(s)[N|N.N],((verricht)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
levensverschijnsel	((leven)[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
levensvervulling	((leven)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(vul)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
levensverwachting	((leven)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(wacht)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
levensverzekering	((leven)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
levensverzekeringmaatschappij	(((leven)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(maatschappij)[N])[N]
levensverzekeringsmaatschappij	(((leven)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
levensverzekeringsovereenkomst	(((leven)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
levensverzekeringswiskunde	(((leven)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(wiskunde)[N])[N]
levensverzekeringswiskundige	(((leven)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(wiskundige)[N])[N]
levensverzekeringwiskunde	(((leven)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(wiskunde)[N])[N]
levensverzekeringwiskundige	(((leven)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(wiskundige)[N])[N]
levensvisie	((leven)[N],(s)[N|N.N],(visie)[N])[N]
levensvol	((leven)[N],(s)[A|N.A],(vol)[A])[A]
levensvoldoening	((leven)[N],(s)[N|N.N],(((vol)[A],(doe)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
levensvolheid	((leven)[N],(s)[N|N.N],((vol)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
levensvoorwaarde	((leven)[N],(s)[N|N.N],(voorwaarde)[N])[N]
levensvorm	((leven)[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
levensvraag	((leven)[N],(s)[N|N.N],(vraag)[N])[N]
levensvraagstuk	((leven)[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
levensvreemdheid	((leven)[N],(s)[N|N.N],((vreemd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
levensvreugd	((leven)[N],(s)[N|N.N],(vreugd)[N])[N]
levensvreugde	((leven)[N],(s)[N|N.N],(vreugde)[N])[N]
levenswaarde	((leven)[N],(s)[N|N.N],(waarde)[N])[N]
levenswaarheid	((leven)[N],(s)[N|N.N],((waar)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
levenswandel	((leven)[N],(s)[N|N.N],(wandel)[N])[N]
levenswarmte	((leven)[N],(s)[N|N.N],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
levensweg	((leven)[N],(s)[N|N.N],(weg)[N])[N]
levenswereld	((leven)[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
levenswerk	((leven)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
levenswerkelijkheid	((leven)[N],(s)[N|N.N],((werkelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
levenswijs	((leven)[N],(s)[A|N.A],(wijs)[A])[A]
levenswijsheid	(((leven)[N],(s)[A|N.A],(wijs)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
levenswijze	((leven)[N],(s)[N|N.N],(wijze)[N])[N]
levenszaak	((leven)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
levenszat	((leven)[N],(s)[A|N.A],(zat)[A])[A]
levenszee	((leven)[N],(s)[N|N.N],(zee)[N])[N]
levenszekerheid	((leven)[N],(s)[N|N.N],((zeker)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
levenwekkend	((leven)[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
lever	(lever)[N]
leveraandoening	((lever)[N],(((aan)[P],(doe)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
leverader	((lever)[N],(ader)[N])[N]
leverancierskeuze	((leverancier)[N],(s)[N|N.N],(keuze)[N])[N]
leverancierskrediet	((leverancier)[N],(s)[N|N.N],(krediet)[N])[N]
leverantiecontract	((leverantie)[N],(contract)[N])[N]
leverbaar	((lever)[V],(baar)[A|V.])[A]
leverbot	((lever)[N],(bot)[N])[N]
leverbotziekte	(((lever)[N],(bot)[N])[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
levercarcinoom	((lever)[N],(carcinoom)[N])[N]
leveren	(lever)[V]
leverextract	((lever)[N],(extract)[N])[N]
levergezwel	((lever)[N],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
levering	((lever)[V],(ing)[N|V.])[N]
leveringsbetrouwbaarheid	(((lever)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((((be)[V|.V],(trouw)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
leveringscondities	(((lever)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(conditie)[N])[N]
leveringscontract	(((lever)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(contract)[N])[N]
leveringsprijs	(((lever)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(prijs)[N])[N]
leveringstermijn	(((lever)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(termijn)[N])[N]
leveringstijd	(((lever)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
leveringsvoorwaarde	(((lever)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(voorwaarde)[N])[N]
leverkaas	((lever)[N],(kaas)[N])[N]
leverkleur	((lever)[N],(kleur)[N])[N]
leverkleurig	((lever)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
leverkruid	((lever)[N],(kruid)[N])[N]
leverkwaal	((lever)[N],(kwaal)[N])[N]
leverpastei	((lever)[N],(pastei)[N])[N]
leverpatiënt	((lever)[N],(patiënt)[N])[N]
leverpaté	((lever)[N],(paté)[N])[N]
leversteen	((lever)[N],(steen)[N])[N]
levertijd	((lever)[V],(tijd)[N])[N]
levertraan	((lever)[N],(traan)[N])[N]
levervlek	((lever)[N],(vlek)[N])[N]
leverworst	((lever)[N],(worst)[N])[N]
leverziekte	((lever)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
levitisch	((leviet)[N],(isch)[A|N.])[A]
lexicografie	((lexicografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
lexicologie	((lexicologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
lexicostatistiek	((lexico)[N|.N],((statistisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
lezen	(lees)[V]
lezenaar	((lees)[V],(enaar)[N|V.])[N]
lezenswaard	((lees)[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
lezenswaardig	(((lees)[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A],(ig)[A|A.])[A]
lezer	((lees)[V],(er)[N|V.])[N]
lezeres	(((lees)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
lezersbrief	(((lees)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
lezerskring	(((lees)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kring)[N])[N]
lezersreactie	(((lees)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
lezersrubriek	(((lees)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(rubriek)[N])[N]
lezerstype	(((lees)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(type)[N])[N]
lezersvolk	(((lees)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(volk)[N])[N]
lezing	((lees)[V],(ing)[N|V.])[N]
lezingenserie	(((lees)[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(serie)[N])[N]
lezingentournee	(((lees)[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(tournee)[N])[N]
li	(li)[N]
liaan	(liaan)[N]
liaison	(liaison)[N]
liane	(liane)[N]
liashaak	((lias)[N],(haak)[N])[N]
liaspen	((lias)[N],(pen)[N])[N]
liasseren	((lias)[N],(eer)[V|N.])[V]
libel	(libel)[N]
liberalisatie	(((liberaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
liberaliseren	((liberaal)[A],(iseer)[V|A.])[V]
liberalisering	(((liberaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
liberaliteit	((liberaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
libertijns	((libertijn)[N],(s)[A|N.])[A]
libido	(libido)[N]
libidotheorie	((libido)[N],(theorie)[N])[N]
libidovermindering	((libido)[N],(((ver)[V|.V],(minder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
librettist	((libretto)[N],(ist)[N|N.])[N]
licentiehouder	((licentie)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
licentiehoudster	((licentie)[N],(houd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
licentieovereenkomst	((licentie)[N],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
lichaam	(lichaam)[N]
lichaamsactiviteit	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
lichaamsarbeid	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(arbeid)[N])[N]
lichaamsbeeld	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
lichaamsbeharing	((lichaam)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(haar)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
lichaamsbehoefte	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(behoefte)[N])[N]
lichaamsbeweging	((lichaam)[N],(s)[N|N.Vx],(beweeg)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
lichaamsbewustzijn	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
lichaamsbouw	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(bouw)[N])[N]
lichaamscel	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(cel)[N])[N]
lichaamscomponent	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],((componeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
lichaamsconditie	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(conditie)[N])[N]
lichaamscontact	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(contact)[N])[N]
lichaamscultus	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(cultus)[N])[N]
lichaamscultuur	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(cultuur)[N])[N]
lichaamsdeel	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(deel)[N])[N]
lichaamseiwit	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],((ei)[N],(wit)[N])[N])[N]
lichaamsenergie	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(energie)[N])[N]
lichaamsevenwicht	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],((even)[A],(wicht)[N])[N])[N]
lichaamsfunctie	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
lichaamsgebrek	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(gebrek)[N])[N]
lichaamsgeluid	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
lichaamsgestel	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.N],(stel)[N])[N])[N]
lichaamsgesteldheid	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],((gesteld)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
lichaamsgewicht	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(gewicht)[N])[N]
lichaamsgrootte	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],((groot)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
lichaamshelft	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(helft)[N])[N]
lichaamsholte	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
lichaamshygiëne	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(hygiëne)[N])[N]
lichaamskracht	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
lichaamslauw	((lichaam)[N],(s)[A|N.A],(lauw)[A])[A]
lichaamslengte	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(lengte)[N])[N]
lichaamsmassage	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],((masseer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
lichaamsoefening	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lichaamsopening	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],((open)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lichaamsoppervlak	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],((opper)[N|.N],(vlak)[N])[N])[N]
lichaamsorgaan	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
lichaamsproces	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
lichaamsproduct	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(product)[N])[N]
lichaamsproportie	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(proportie)[N])[N]
lichaamsreactie	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
lichaamsschema	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(schema)[N])[N]
lichaamsstraf	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(straf)[N])[N]
lichaamsstructuur	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
lichaamssubstantie	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(substantie)[N])[N]
lichaamssysteem	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
lichaamstechniek	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
lichaamsvloeistof	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],((vloei)[V],(stof)[N])[N])[N]
lichaamsvolume	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(volume)[N])[N]
lichaamsvriendelijk	((lichaam)[N],(s)[A|N.A],((vriend)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
lichaamswand	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(wand)[N])[N]
lichaamswarmte	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
lichaamsweefsel	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
lichaamszone	((lichaam)[N],(s)[N|N.N],(zone)[N])[N]
lichamelijk	((lichaam)[N],(elijk)[A|N.])[A]
lichamelijkheid	(((lichaam)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
licht	(licht)[N]
lichtaansluiting	((licht)[N],((aan)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
lichtbad	((licht)[N],(bad)[N])[N]
lichtbak	((licht)[N],(bak)[N])[N]
lichtbaken	((licht)[N],(baken)[N])[N]
lichtband	((licht)[A],(band)[N])[N]
lichtbeeld	((licht)[N],(beeld)[N])[N]
lichtbeneming	((licht)[N],((be)[V|.V],(neem)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
lichtbeuk	((licht)[V],(beuk)[N])[N]
lichtblauw	((licht)[A],(blauw)[A])[A]
lichtblond	((licht)[A],(blond)[A])[A]
lichtboei	((licht)[N],(boei)[N])[N]
lichtbrekend	((licht)[N],(breek)[V],(end)[A|NV.])[A]
lichtbron	((licht)[N],(bron)[N])[N]
lichtbruin	((licht)[A],(bruin)[A])[A]
lichtbrulboei	((licht)[N],((brul)[V],(boei)[N])[N])[N]
lichtbuis	((licht)[N],(buis)[N])[N]
lichtbundel	((licht)[N],(bundel)[N])[N]
lichtcel	((licht)[N],(cel)[N])[N]
lichtdicht	((licht)[N],(dicht)[A])[A]
lichtdruk	((licht)[N],(druk)[N])[N]
lichtdrukmachine	(((licht)[N],(druk)[N])[N],(machine)[N])[N]
lichtdrukpapier	(((licht)[N],(druk)[N])[N],(papier)[N])[N]
lichtecht	((licht)[N],(echt)[A])[A]
lichtechtheid	(((licht)[N],(echt)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
lichteenheid	((licht)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
lichteeuw	((licht)[N],(eeuw)[N])[N]
lichteffect	((licht)[N],(effect)[N])[N]
lichtekooi	((licht)[N],(e)[N|N.N],(kooi)[N])[N]
lichten	(licht)[V]
lichter	((licht)[N],(er)[N|N.])[N]
lichtfabriek	((licht)[N],(fabriek)[N])[N]
lichtfilter	((licht)[N],(filter)[N])[N]
lichtgas	((licht)[N],(gas)[N])[N]
lichtgebouwd	((licht)[A],(gebouwd)[A])[A]
lichtgeel	((licht)[A],(geel)[A])[A]
lichtgelovig	((licht)[A],(geloof)[N],(ig)[A|AN.])[A]
lichtgelovigheid	(((licht)[A],(geloof)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
lichtgeraakt	((licht)[A],(geraakt)[A])[A]
lichtgeraaktheid	(((licht)[A],(geraakt)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
lichtgevend	((licht)[N],(geef)[V],(end)[A|NV.])[A]
lichtgevoelig	((licht)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|NN.])[A]
lichtgewapend	((licht)[A],(gewapend)[A])[A]
lichtgewicht	((licht)[A],(gewicht)[N])[N]
lichtgolf	((licht)[N],(golf)[N])[N]
lichtgranaat	((licht)[N],(granaat)[N])[N]
lichtgrijs	((licht)[A],(grijs)[A])[A]
lichtgroen	((licht)[A],(groen)[A])[A]
lichthal	((licht)[N],(hal)[N])[N]
lichtharig	((licht)[A],(haar)[N],(ig)[A|AN.])[A]
lichthart	((licht)[A],(hart)[N])[N]
lichthartig	((licht)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
lichtheid	((licht)[A],(heid)[N|A.])[N]
lichting	((licht)[V],(ing)[N|V.])[N]
lichtingstijd	(((licht)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
lichtinstallatie	((licht)[N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
lichtinval	((licht)[N],(inval)[N])[N]
lichtjaar	((licht)[N],(jaar)[N])[N]
lichtkabel	((licht)[N],(kabel)[N])[N]
lichtkegel	((licht)[N],(kegel)[N])[N]
lichtkever	((licht)[N],(kever)[N])[N]
lichtkoepel	((licht)[N],(koepel)[N])[N]
lichtkogel	((licht)[N],(kogel)[N])[N]
lichtkoker	((licht)[N],(koker)[N])[N]
lichtkracht	((licht)[N],(kracht)[N])[N]
lichtkrans	((licht)[N],(krans)[N])[N]
lichtkrant	((licht)[N],(krant)[N])[N]
lichtkring	((licht)[N],(kring)[N])[N]
lichtkroon	((licht)[N],(kroon)[N])[N]
lichtleiding	((licht)[N],(leid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
lichtloep	((licht)[N],(loep)[N])[N]
lichtmast	((licht)[N],(mast)[N])[N]
lichtmatroos	((licht)[A],(matroos)[N])[N]
lichtmetaal	((licht)[A],(metaal)[N])[N]
lichtmetalen	(((licht)[A],(metaal)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
lichtmeter	((licht)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
lichtminuut	((licht)[N],(minuut)[N])[N]
lichtmot	((licht)[N],(mot)[N])[N]
lichtnet	((licht)[N],(net)[N])[N]
lichtopstand	((licht)[N],(opstand)[N])[N]
lichtpan	((licht)[N],(pan)[N])[N]
lichtpen	((licht)[N],(pen)[N])[N]
lichtpistool	((licht)[V],(pistool)[N])[N]
lichtpunt	((licht)[N],(punt)[N])[N]
lichtquant	((licht)[N],(quant)[N])[N]
lichtraket	((licht)[N],(raket)[N])[N]
lichtreactie	((licht)[N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
lichtreclame	((licht)[N],(reclame)[N])[N]
lichtrood	((licht)[A],(rood)[A])[A]
lichtrooster	((licht)[N],(rooster)[N])[N]
lichtschakering	((licht)[N],((schaak)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|NV.])[N]
lichtscherm	((licht)[N],(scherm)[N])[N]
lichtschip	((licht)[N],(schip)[N])[N]
lichtschuw	((licht)[N],(schuw)[A])[A]
lichtschuwheid	(((licht)[N],(schuw)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
lichtsein	((licht)[N],(sein)[N])[N]
lichtsignaal	((licht)[N],(signaal)[N])[N]
lichtsluis	((licht)[N],(sluis)[N])[N]
lichtsnelheid	((licht)[N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
lichtspoormunitie	((licht)[N],(spoor)[N],(munitie)[N])[N]
lichtstad	((licht)[N],(stad)[N])[N]
lichtsterk	((licht)[N],(sterk)[A])[A]
lichtsterkte	(((licht)[N],(sterk)[A])[A],(te)[N|A.])[N]
lichtstraal	((licht)[N],(straal)[N])[N]
lichtstraat	((licht)[N],(straat)[N])[N]
lichtstroom	((licht)[N],(stroom)[N])[N]
lichttechniek	((licht)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
lichttherapie	((licht)[N],(therapie)[N])[N]
lichttijd	((licht)[N],(tijd)[N])[N]
lichttoren	((licht)[N],(toren)[N])[N]
lichtvaardigheid	((lichtvaardig)[A],(heid)[N|A.])[N]
lichtval	((licht)[N],(val)[N])[N]
lichtvisje	((licht)[N],(vis)[N])[N]
lichtvoetig	((licht)[A],(voet)[N],(ig)[A|AN.])[A]
lichtvoetigheid	(((licht)[A],(voet)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
lichtwachter	((licht)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
lichtwaterreactor	((licht)[A],(water)[N],(reactor)[N])[N]
lichtwedstrijd	((licht)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
lichtwerking	((licht)[N],(werk)[V],(ing)[N|NV.])[N]
lichtzetmachine	((licht)[N],((zet)[V],(machine)[N])[N])[N]
lichtzijde	((licht)[N],(zijde)[N])[N]
lichtzinnig	((licht)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A]
lichtzinnigheid	(((licht)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
lichtzwak	((licht)[N],(zwak)[A])[A]
lick	(lick)[N]
lictorenbundel	((lictor)[N],(en)[N|N.N],(bundel)[N])[N]
lid	(lid)[N]
lidcactus	((lid)[N],(cactus)[N])[N]
lidkaart	((lid)[N],(kaart)[N])[N]
lidmaat	((lid)[N],(maat)[N])[N]
lidmaatschap	(((lid)[N],(maat)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
lido	(lido)[N]
lidstaat	((lid)[N],(staat)[N])[N]
lidsteng	((lid)[N],(steng)[N])[N]
lidteken	((lid)[N],(teken)[N])[N]
lidwoord	((lid)[N],(woord)[N])[N]
lied	(lied)[N]
liedboek	((lied)[N],(boek)[N])[N]
liederavond	((lied)[N],(avond)[N])[N]
liederboek	((lied)[N],(boek)[N])[N]
liederdichter	((lied)[N],(dicht)[V],(er)[N|NV.])[N]
liederlijkheid	((liederlijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
liedjeszanger	((liedje)[N],(s)[N|N.N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
liedjeszangster	((liedje)[N],(s)[N|N.N],((zing)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
liedkunst	((lied)[N],(kunst)[N])[N]
liedtekst	((lied)[N],(tekst)[N])[N]
liedvorm	((lied)[N],(vorm)[N])[N]
lief	(lief)[N]
liefdadig	((lief)[A],(daad)[N],(ig)[A|AN.])[A]
liefdadigheid	(((lief)[A],(daad)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
liefdadigheidsactie	((((lief)[A],(daad)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
liefdadigheidsbazaar	((((lief)[A],(daad)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(bazaar)[N])[N]
liefdadigheidsgesticht	((((lief)[A],(daad)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(gesticht)[N])[N]
liefdadigheidsorganisatie	((((lief)[A],(daad)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
liefdeband	((liefde)[N],(band)[N])[N]
liefdebetrekking	((liefde)[N],((be)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
liefdebetuiging	((liefde)[N],((be)[V|.V],(tuig)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
liefdebeurt	((liefde)[N],(beurt)[N])[N]
liefdeblijk	((liefde)[N],(blijk)[N])[N]
liefdebrief	((liefde)[N],(brief)[N])[N]
liefdedaad	((liefde)[N],(daad)[N])[N]
liefdedienst	((liefde)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
liefdedrift	((liefde)[N],(drift)[N])[N]
liefdegave	((liefde)[N],(gave)[N])[N]
liefdegebod	((liefde)[N],(gebod)[N])[N]
liefdegeschiedenis	((liefde)[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
liefdegesticht	((liefde)[N],(gesticht)[N])[N]
liefdegevoelen	((liefde)[N],(gevoelen)[N])[N]
liefdegift	((liefde)[N],(gift)[N])[N]
liefdegloed	((liefde)[N],(gloed)[N])[N]
liefdegod	((liefde)[N],(god)[N])[N]
liefdegras	((liefde)[N],(gras)[N])[N]
liefdeleven	((liefde)[N],(leven)[N])[N]
liefdeloos	((liefde)[N],(loos)[A|N.])[A]
liefdeloosheid	(((liefde)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
liefdemaal	((liefde)[N],(maal)[N])[N]
liefderijk	((liefde)[N],(rijk)[A])[A]
liefdesaangelegenheid	((liefde)[N],(s)[N|N.N],((aangelegen)[V],(heid)[N|V.])[N])[N]
liefdesaffaire	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(affaire)[N])[N]
liefdesappel	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(appel)[N])[N]
liefdesavontuur	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(avontuur)[N])[N]
liefdesbekentenis	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(bekentenis)[N])[N]
liefdesbetrekking	((liefde)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
liefdesbetuiging	((liefde)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(tuig)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
liefdesbrief	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
liefdesdaad	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(daad)[N])[N]
liefdesdrama	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(drama)[N])[N]
liefdesdrank	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(drank)[N])[N]
liefdeselixir	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(elixir)[N])[N]
liefdesfilm	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(film)[N])[N]
liefdesgedicht	((liefde)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.N],(dicht)[N])[N])[N]
liefdesgefluister	((liefde)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(fluister)[V])[N])[N]
liefdesgemeenschap	((liefde)[N],(s)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
liefdesgenot	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(genot)[N])[N]
liefdesgeschiedenis	((liefde)[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
liefdesgevoelen	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(gevoelen)[N])[N]
liefdesgrot	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(grot)[N])[N]
liefdeskind	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
liefdesklacht	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(klacht)[N])[N]
liefdeskunst	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
liefdeslied	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(lied)[N])[N]
liefdeslyriek	((liefde)[N],(s)[N|N.N],((lyrisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
liefdesmart	((liefde)[N],(smart)[N])[N]
liefdesnacht	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(nacht)[N])[N]
liefdesnest	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(nest)[N])[N]
liefdesobject	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(object)[N])[N]
liefdespartner	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(partner)[N])[N]
liefdespel	((liefde)[N],(spel)[N])[N]
liefdesperikel	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(perikel)[N])[N]
liefdespoëzie	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(poëzie)[N])[N]
liefdesrelatie	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
liefdesroman	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(roman)[N])[N]
liefdessap	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(sap)[N])[N]
liefdesscène	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(scène)[N])[N]
liefdesverbintenis	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
liefdesverdriet	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(verdriet)[N])[N]
liefdesverhouding	((liefde)[N],(s)[N|N.N],((verhoud)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
liefdesverklaring	((liefde)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
liefdeszaak	((liefde)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
liefdeverklaring	((liefde)[N],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
liefdevol	((liefde)[N],(vol)[A])[A]
liefdewerk	((liefde)[N],(werk)[N])[N]
liefdezuster	((liefde)[N],(zuster)[N])[N]
liefdoenerij	((lief)[A],(doe)[V],(erij)[N|AV.])[N]
liefelijk	((lief)[N],(elijk)[A|N.])[A]
liefelijkheid	(((lief)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
liefhebben	((lief)[A],(heb)[V])[V]
liefhebber	(((lief)[A],(heb)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
liefhebberij	(((lief)[A],(heb)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
liefhebberijtoneel	((((lief)[A],(heb)[V])[V],(erij)[N|V.])[N],(toneel)[N])[N]
liefhebberijwerk	((((lief)[A],(heb)[V])[V],(erij)[N|V.])[N],(werk)[N])[N]
liefhebberstoneel	((((lief)[A],(heb)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toneel)[N])[N]
liefhebberswerk	((((lief)[A],(heb)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
liefhebster	(((lief)[A],(heb)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
liefheid	((lief)[A],(heid)[N|A.])[N]
liefkozen	((lief)[A],(koos)[V])[V]
liefkozerij	(((lief)[A],(koos)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
liefkozing	(((lief)[A],(koos)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
lieflijk	((lief)[N],(lijk)[A|N.])[A]
lieflijkheid	(((lief)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
lieftalligheid	((lieftallig)[A],(heid)[N|A.])[N]
liegbeest	((lieg)[V],(beest)[N])[N]
liegen	(lieg)[V]
lier	(lier)[N]
lierdicht	((lier)[N],(dicht)[N])[N]
lierdichter	((lier)[N],((dicht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
lierenman	((lier)[N],(e)[N|N.N],(man)[N])[N]
liertrommel	((lier)[N],(trommel)[N])[N]
liervis	((lier)[N],(vis)[N])[N]
liervogel	((lier)[N],(vogel)[N])[N]
liervormig	((lier)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
lierzang	((lier)[N],(zang)[N])[N]
lies	(lies)[N]
liesbreuk	((lies)[N],(breuk)[N])[N]
liesje	(lies)[N]
lieskanaal	((lies)[N],(kanaal)[N])[N]
lieslaars	((lies)[N],(laars)[N])[N]
liesstreek	((lies)[N],(streek)[N])[N]
lieveheer	((lief)[A],(e)[N|A.N],(heer)[N])[N]
lieveheersbeestje	((lief)[A],(e)[N|A.NxN],(heer)[N],(s)[N|AxN.N],(beest)[N])[N]
lieveheershaantje	((lief)[A],(e)[N|A.NxN],(heer)[N],(s)[N|AxN.N],(haan)[N])[N]
lieveling	((lief)[A],(eling)[N|A.])[N]
lievelingsauteur	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(auteur)[N])[N]
lievelingsbezigheid	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((bezig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
lievelingsboek	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(boek)[N])[N]
lievelingsbroer	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(broer)[N])[N]
lievelingscitaat	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((citeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
lievelingscomponist	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(componist)[N])[N]
lievelingsdichter	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((dicht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
lievelingsdier	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(dier)[N])[N]
lievelingsdrank	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(drank)[N])[N]
lievelingsgerecht	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(gerecht)[N])[N]
lievelingshond	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(hond)[N])[N]
lievelingsjurk	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(jurk)[N])[N]
lievelingskind	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
lievelingskost	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
lievelingskostuum	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(kostuum)[N])[N]
lievelingslectuur	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(lectuur)[N])[N]
lievelingslied	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(lied)[N])[N]
lievelingsmelodie	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((melodisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
lievelingsmerrie	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(merrie)[N])[N]
lievelingsmuziek	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(muziek)[N])[N]
lievelingsnummer	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(nummer)[N])[N]
lievelingsoom	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(oom)[N])[N]
lievelingspaard	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(paard)[N])[N]
lievelingsplaat	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(plaat)[N])[N]
lievelingsplekje	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(plek)[N])[N]
lievelingsproject	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(project)[N])[N]
lievelingsschrijver	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
lievelingssoep	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(soep)[N])[N]
lievelingsspeelgoed	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((speel)[V],(goed)[N])[N])[N]
lievelingsstuk	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(stuk)[N])[N]
lievelingstante	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(tante)[N])[N]
lievelingsuitdrukking	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((uit)[P],(druk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lievelingsvak	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(vak)[N])[N]
lievelingsvrouw	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
lievelingszoon	(((lief)[A],(eling)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
lievemoederen	((lief)[A],(e)[V|A.N],(moeder)[N])[V]
lieven	(lief)[V]
lieverd	((lief)[A],(erd)[N|A.])[N]
lieverkoekjes	((liever)[B],(koek)[N])[N]
lievevrouw	((lief)[A],(e)[N|A.N],(vrouw)[N])[N]
lievevrouwebedstro	((Lievevrouw)[N],(e)[N|N.NN],(bed)[N],(stro)[N])[N]
lievevrouwebeestje	((Lievevrouw)[N],(e)[N|N.N],(beest)[N])[N]
lievevrouwebloem	((Lievevrouw)[N],(e)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
lievig	((lief)[A],(ig)[A|A.])[A]
lievigheid	(((lief)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
liflaf	(liflaf)[N]
liflaffen	(liflaf)[V]
liflafferij	((liflaf)[V],(erij)[N|V.])[N]
lift	(lift)[N]
liftboy	((lift)[N],(boy)[N])[N]
liften	(lift)[V]
liftenfabrikant	((lift)[N],(en)[N|N.N],(((fabriek)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
lifter	((lift)[V],(er)[N|V.])[N]
liftjongen	((lift)[N],(jongen)[N])[N]
liftkoker	((lift)[N],(koker)[N])[N]
liftschacht	((lift)[N],(schacht)[N])[N]
liftster	((lift)[V],(ster)[N|V.])[N]
liga	(liga)[N]
ligbad	((lig)[V],(bad)[N])[N]
ligbank	((lig)[V],(bank)[N])[N]
ligbed	((lig)[V],(bed)[N])[N]
ligbox	((lig)[V],(box)[N])[N]
ligdag	((lig)[V],(dag)[N])[N]
ligfiets	((lig)[V],(fiets)[N])[N]
liggeld	((lig)[V],(geld)[N])[N]
liggen	(lig)[V]
ligger	((lig)[V],(er)[N|V.])[N]
ligging	((lig)[V],(ing)[N|V.])[N]
lighal	((lig)[V],(hal)[N])[N]
lighouding	((lig)[V],(houding)[N])[N]
ligkuur	((lig)[V],(kuur)[N])[N]
ligplaats	((lig)[V],(plaats)[N])[N]
ligstoel	((lig)[V],(stoel)[N])[N]
ligtijd	((lig)[V],(tijd)[N])[N]
liguster	(liguster)[N]
ligusterheg	((liguster)[N],(heg)[N])[N]
ligusterpijlstaart	((liguster)[N],((pijl)[N],(staart)[N])[N])[N]
ligweide	((lig)[V],(weide)[N])[N]
lij	(lij)[N]
lijboord	((lij)[N],(boord)[N])[N]
lijdelijk	((lijd)[V],(elijk)[A|V.])[A]
lijdelijkheid	(((lijd)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
lijden	(lijd)[V]
lijdend-voorwerpszin	((lijdend)[A],(voorwerp)[N],(s)[N|AN.N],(zin)[N])[N]
lijdensbeker	((lijden)[N],(s)[N|N.N],(beker)[N])[N]
lijdensgeschiedenis	((lijden)[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
lijdenskelk	((lijden)[N],(s)[N|N.N],(kelk)[N])[N]
lijdenspreek	((lijden)[N],(s)[N|N.N],(preek)[N])[N]
lijdenssituatie	((lijden)[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
lijdenstekst	((lijden)[N],(s)[N|N.N],(tekst)[N])[N]
lijdensverhaal	((lijden)[N],(s)[N|N.N],(verhaal)[N])[N]
lijdensweek	((lijden)[N],(s)[N|N.N],(week)[N])[N]
lijdensweg	((lijden)[N],(s)[N|N.N],(weg)[N])[N]
lijder	((lijd)[V],(er)[N|V.])[N]
lijderes	(((lijd)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
lijdzaam	((lijd)[V],(zaam)[A|V.])[A]
lijdzaamheid	(((lijd)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
lijf	(lijf)[N]
lijfarts	((lijf)[N],(arts)[N])[N]
lijfbieden	((lijf)[N],(bieden)[V])[N]
lijfblad	((lijf)[N],(blad)[N])[N]
lijfeigenschap	((lijfeigen)[A],(schap)[N|A.])[N]
lijfelijk	((lijf)[N],(elijk)[A|N.])[A]
lijfelijkheid	(((lijf)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
lijfgarde	((lijf)[N],(garde)[N])[N]
lijfgoed	((lijf)[N],(goed)[N])[N]
lijfknecht	((lijf)[N],(knecht)[N])[N]
lijflied	((lijf)[N],(lied)[N])[N]
lijfrente	((lijf)[N],(rente)[N])[N]
lijfrentekas	(((lijf)[N],(rente)[N])[N],(kas)[N])[N]
lijfreuk	((lijf)[N],(reuk)[N])[N]
lijfsbehoud	((lijf)[N],(s)[N|N.N],(behoud)[N])[N]
lijfsdwang	((lijf)[N],(s)[N|N.N],(dwang)[N])[N]
lijfsgemeenschap	((lijf)[N],(s)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
lijfsgevaar	((lijf)[N],(s)[N|N.N],(gevaar)[N])[N]
lijfsieraad	((lijf)[N],(sieraad)[N])[N]
lijfspreuk	((lijf)[N],(spreuk)[N])[N]
lijfstoet	((lijf)[N],(stoet)[N])[N]
lijfstraf	((lijf)[N],(straf)[N])[N]
lijfstraffelijk	(((lijf)[N],(straf)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
lijfstuk	((lijf)[N],(stuk)[N])[N]
lijftocht	((lijf)[N],(tocht)[N])[N]
lijfwacht	((lijf)[N],(wacht)[N])[N]
lijk	(lijk)[N]
lijkant	((lij)[N],(kant)[N])[N]
lijkauto	((lijk)[N],(auto)[N])[N]
lijkbaar	((lijk)[N],(baar)[N])[N]
lijkbezorger	((lijk)[N],((be)[V|.V],(zorg)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
lijkbidder	((lijk)[N],((bid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
lijkbleek	((lijk)[N],(bleek)[A])[A]
lijkbus	((lijk)[N],(bus)[N])[N]
lijkdicht	((lijk)[N],(dicht)[N])[N]
lijkdienst	((lijk)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
lijkdrager	((lijk)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
lijken	(lijk)[V]
lijkengif	((lijk)[N],(e)[N|N.N],(gif)[N])[N]
lijkengift	((lijk)[N],(e)[N|N.N],(gift)[N])[N]
lijkenhuis	((lijk)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
lijkenlucht	((lijk)[N],(en)[N|N.N],(lucht)[N])[N]
lijkenpikker	((lijk)[N],(en)[N|N.Vx],(pik)[V],(er)[N|NxV.])[N]
lijkenroof	((lijk)[N],(e)[N|N.N],(roof)[N])[N]
lijkenvet	((lijk)[N],(e)[N|N.N],(vet)[N])[N]
lijkfeest	((lijk)[N],(feest)[N])[N]
lijkgaren	((lijk)[N],(garen)[N])[N]
lijkhuis	((lijk)[N],(huis)[N])[N]
lijkkist	((lijk)[N],(kist)[N])[N]
lijkkleed	((lijk)[N],(kleed)[N])[N]
lijkkleur	((lijk)[N],(kleur)[N])[N]
lijkkleurig	((lijk)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
lijkkoets	((lijk)[N],(koets)[N])[N]
lijkkrans	((lijk)[N],(krans)[N])[N]
lijklucht	((lijk)[N],(lucht)[N])[N]
lijkmaal	((lijk)[N],(maal)[N])[N]
lijkmis	((lijk)[N],(mis)[N])[N]
lijkoffer	((lijk)[N],(offer)[N])[N]
lijkopening	((lijk)[N],((open)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lijkoven	((lijk)[N],(oven)[N])[N]
lijkplechtigheid	((lijk)[N],((plechtig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
lijkrede	((lijk)[N],(rede)[N])[N]
lijkroof	((lijk)[N],(roof)[N])[N]
lijkschennis	((lijk)[N],(schennis)[N])[N]
lijkschouwer	((lijk)[N],(schouw)[V],(er)[N|NV.])[N]
lijkschouwing	((lijk)[N],(schouw)[V],(ing)[N|NV.])[N]
lijkstaatsie	((lijk)[N],(staatsie)[N])[N]
lijkstijfheid	((lijk)[N],((stijf)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
lijkstoet	((lijk)[N],(stoet)[N])[N]
lijktuberkel	((lijk)[N],(tuberkel)[N])[N]
lijkverbranding	((lijk)[N],((ver)[V|.V],(brand)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
lijkvlek	((lijk)[N],(vlek)[N])[N]
lijkwa	((lijk)[N],(wade)[N])[N]
lijkwade	((lijk)[N],(wade)[N])[N]
lijkwagen	((lijk)[N],(wagen)[N])[N]
lijkwit	((lijk)[N],(wit)[A])[A]
lijm	(lijm)[N]
lijmband	((lijm)[N],(band)[N])[N]
lijmen	(lijm)[V]
lijmer	((lijm)[V],(er)[N|V.])[N]
lijmerig	((lijm)[N],(erig)[A|N.])[A]
lijmerigheid	(((lijm)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
lijmig	((lijm)[N],(ig)[A|N.])[A]
lijmkam	((lijm)[V],(kam)[N])[N]
lijmketel	((lijm)[N],(ketel)[N])[N]
lijmklem	((lijm)[V],(klem)[N])[N]
lijmknecht	((lijm)[V],(knecht)[N])[N]
lijmkwast	((lijm)[N],(kwast)[N])[N]
lijmnaad	((lijm)[V],(naad)[N])[N]
lijmpers	((lijm)[V],(pers)[N])[N]
lijmpot	((lijm)[N],(pot)[N])[N]
lijmschroef	((lijm)[V],(schroef)[N])[N]
lijmstang	((lijm)[N],(stang)[N])[N]
lijmstof	((lijm)[N],(stof)[N])[N]
lijmstok	((lijm)[N],(stok)[N])[N]
lijmsuiker	((lijm)[N],(suiker)[N])[N]
lijmtang	((lijm)[V],(tang)[N])[N]
lijmverf	((lijm)[N],(verf)[N])[N]
lijn	(lijn)[N]
lijnbaan	((lijn)[N],(baan)[N])[N]
lijnboot	((lijn)[N],(boot)[N])[N]
lijncliché	((lijn)[N],(cliché)[N])[N]
lijndiagram	((lijn)[N],(diagram)[N])[N]
lijndienst	((lijn)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
lijndraaier	((lijn)[N],(draai)[V],(er)[N|NV.])[N]
lijnen	(lijn)[V]
lijnenspel	((lijn)[N],(en)[N|N.N],(spel)[N])[N]
lijnfunctie	((lijn)[N],(functie)[N])[N]
lijnfunctionaris	((lijn)[N],(functionaris)[N])[N]
lijngravure	((lijn)[N],(gravure)[N])[N]
lijningang	((lijn)[N],(ingang)[N])[N]
lijnkiezer	((lijn)[N],(kies)[V],(er)[N|NV.])[N]
lijnkoek	((lijn)[N],(koek)[N])[N]
lijnmeel	((lijn)[N],(meel)[N])[N]
lijnmotor	((lijn)[N],(motor)[N])[N]
lijnolie	((lijn)[N],(olie)[N])[N]
lijnopzichter	((lijn)[N],((op)[P],(zie)[V],(er)[N|PV.])[N])[N]
lijnorganisatie	((lijn)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
lijnrecht	((lijn)[N],(recht)[A])[A]
lijnrechter	((lijn)[N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
lijnrederij	((lijn)[N],((reed)[V],(erij)[N|V.])[N])[N]
lijnscheepvaart	((lijn)[N],((schip)[N],(vaart)[N])[N])[N]
lijnschip	((lijn)[N],(schip)[N])[N]
lijnsignaal	((lijn)[N],(signaal)[N])[N]
lijnslager	((lijn)[N],(sla)[V],(er)[N|NV.])[N]
lijnslagerij	(((lijn)[N],(sla)[V],(er)[N|NV.])[N],(ij)[N|N.])[N]
lijnstoring	((lijn)[N],(stoor)[V],(ing)[N|NV.])[N]
lijntaxi	((lijn)[N],(taxi)[N])[N]
lijntekenen	((lijn)[N],(teken)[V])[V]
lijntekening	((lijn)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lijntoestel	((lijn)[N],(toestel)[N])[N]
lijntrekken	((lijn)[N],(trek)[V])[V]
lijntrekker	(((lijn)[N],(trek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
lijntrekster	(((lijn)[N],(trek)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
lijnuitgang	((lijn)[N],((uit)[P],(gang)[N])[N])[N]
lijnvaart	((lijn)[N],(vaart)[N])[N]
lijnvliegtuig	((lijn)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
lijnvlucht	((lijn)[N],(vlucht)[N])[N]
lijnvormig	((lijn)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
lijnwachter	((lijn)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
lijnwerker	((lijn)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
lijnworp	((lijn)[N],(worp)[N])[N]
lijnzaad	((lijn)[N],(zaad)[N])[N]
lijnzaadkoek	(((lijn)[N],(zaad)[N])[N],(koek)[N])[N]
lijnzaadmeel	(((lijn)[N],(zaad)[N])[N],(meel)[N])[N]
lijnzaadolie	(((lijn)[N],(zaad)[N])[N],(olie)[N])[N]
lijnzoeker	((lijn)[N],(zoek)[V],(er)[N|NV.])[N]
lijp	(lijp)[N]
lijpkikker	((lijp)[A],(kikker)[N])[N]
lijs	(lijs)[N]
lijst	(lijst)[N]
lijstaanvoerder	((lijst)[N],((aan)[P],(voer)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
lijsten	(lijst)[V]
lijstenklem	((lijst)[N],(e)[N|N.N],(klem)[N])[N]
lijstenmaker	((lijst)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
lijster	(lijster)[N]
lijsterachtigen	((lijster)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
lijsterbes	((lijster)[N],(bes)[N])[N]
lijsterbessenboom	(((lijster)[N],(bes)[N])[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
lijsterboog	((lijster)[N],(boog)[N])[N]
lijsternest	((lijster)[N],(nest)[N])[N]
lijsterstrik	((lijster)[N],(strik)[N])[N]
lijstkiesdeler	((lijst)[N],((kies)[V],((deel)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
lijstladder	((lijst)[N],(ladder)[N])[N]
lijsttrekker	((lijst)[N],((trek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
lijstverbinding	((lijst)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lijstverhaal	((lijst)[N],(verhaal)[N])[N]
lijstwerk	((lijst)[N],(werk)[N])[N]
lijvig	((lijf)[N],(ig)[A|N.])[A]
lijvigheid	(((lijf)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
lijzeil	((lij)[N],(zeil)[N])[N]
lijzeilsra	(((lij)[N],(zeil)[N])[N],(s)[N|N.N],(ra)[N])[N]
lijzen	(lijs)[V]
lijzig	((lijs)[N],(ig)[A|N.])[A]
lijzigheid	(((lijs)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
lijzij	((lij)[N],(zij)[N])[N]
lijzijde	((lij)[N],(zijde)[N])[N]
lik	(lik)[N]
likdoorn	((lik)[N],(doorn)[N])[N]
likdoornsnijder	(((lik)[N],(doorn)[N])[N],(snijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
likdoornzalf	(((lik)[N],(doorn)[N])[N],(zalf)[N])[N]
likdoren	((lik)[N],(doren)[N])[N]
likdorensnijder	(((lik)[N],(doren)[N])[N],(snijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
likdorenzalf	(((lik)[N],(doren)[N])[N],(zalf)[N])[N]
likeur	(likeur)[N]
likeurachtig	((likeur)[N],(achtig)[A|N.])[A]
likeurbonbon	((likeur)[N],(bonbon)[N])[N]
likeurfles	((likeur)[N],(fles)[N])[N]
likeurglas	((likeur)[N],(glas)[N])[N]
likeurstel	((likeur)[N],(stel)[N])[N]
likeurstoker	((likeur)[N],(stook)[V],(er)[N|NV.])[N]
likeurstokerij	((likeur)[N],(stook)[V],(erij)[N|NV.])[N]
likeurstroop	((likeur)[N],(stroop)[N])[N]
likeurwijn	((likeur)[N],(wijn)[N])[N]
likhout	((lik)[V],(hout)[N])[N]
likken	(lik)[V]
likkepot	((lik)[V],(e)[N|V.N],(pot)[N])[N]
likker	((lik)[V],(er)[N|V.])[N]
liksteen	((lik)[V],(steen)[N])[N]
likstok	((lik)[V],(stok)[N])[N]
likzout	((lik)[V],(zout)[N])[N]
lil	(lil)[N]
lila	(lila)[N]
lila-achtig	((lila)[A],(achtig)[A|A.])[A]
lilachtig	((lil)[N],(achtig)[A|N.])[A]
lillen	(lil)[V]
lillig	((lil)[N],(ig)[A|N.])[A]
limbisch	((limbus)[N],(isch)[A|N.])[A]
limbo	(limbo)[N]
limiet	(limiet)[N]
limietbegrip	((limiet)[N],(begrip)[N])[N]
limietpaal	((limiet)[N],(paal)[N])[N]
limietverzekering	((limiet)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
limit	(limit)[N]
limitatie	(((limiet)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
limitatief	((((limiet)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
limiteren	((limiet)[N],(eer)[V|N.])[V]
limitering	(((limiet)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
limoen	(limoen)[N]
limoenkruid	((limoen)[N],(kruid)[N])[N]
limoensap	((limoen)[N],(sap)[N])[N]
limonade	(limonade)[N]
limonadeglas	((limonade)[N],(glas)[N])[N]
limonadesiroop	((limonade)[N],(siroop)[N])[N]
limousine	(limousine)[N]
linde	(linde)[N]
lindeblad	((linde)[N],(blad)[N])[N]
lindebloesem	((linde)[N],(bloesem)[N])[N]
lindebloesemthee	(((linde)[N],(bloesem)[N])[N],(thee)[N])[N]
lindeboom	((linde)[N],(boom)[N])[N]
lindehout	((linde)[N],(hout)[N])[N]
lindehouten	(((linde)[N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
linden	((linde)[N],(en)[A|N.])[A]
lindenlaan	((linde)[N],(en)[N|N.N],(laan)[N])[N]
lindepijlstaart	((linde)[N],((pijl)[N],(staart)[N])[N])[N]
lindethee	((linde)[N],(thee)[N])[N]
lingerie	(lingerie)[N]
lingeriewinkel	((lingerie)[N],(winkel)[N])[N]
lingeriezaak	((lingerie)[N],(zaak)[N])[N]
linguïstiek	((linguïstisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
liniaal	((linie)[N],(aal)[N|N.])[N]
liniatuur	((linieer)[V],(atuur)[N|V.])[N]
linieermachine	((linieer)[V],(machine)[N])[N]
linieerpen	((linieer)[V],(pen)[N])[N]
linieregiment	((linie)[N],(regiment)[N])[N]
linieschip	((linie)[N],(schip)[N])[N]
linietroepen	((linie)[N],(troep)[N])[N]
link	(link)[N]
linker	(linker)[N]
linker	(links)[A]
linkerarm	((linker)[A],(arm)[N])[N]
linkerbeen	((linker)[A],(been)[N])[N]
linkerd	((link)[A],(erd)[N|A.])[N]
linkerhand	((linker)[A],(hand)[N])[N]
linkerkant	((linker)[A],(kant)[N])[N]
linkeroever	((linker)[A],(oever)[N])[N]
linkeroog	((linker)[A],(oog)[N])[N]
linkeroor	((linker)[A],(oor)[N])[N]
linkerschouder	((linker)[A],(schouder)[N])[N]
linkervleugel	((linker)[A],(vleugel)[N])[N]
linkervoet	((linker)[A],(voet)[N])[N]
linkerzij	((linker)[A],(zij)[N])[N]
linkerzijde	((linker)[A],(zijde)[N])[N]
links	(link)[N]
links-radicaal	((links)[A],(radicaal)[A])[A]
linksback	((links)[A],(back)[N])[N]
linksbinnen	((links)[A],(binnen)[P])[N]
linksbuiten	((links)[A],(buiten)[P])[N]
linksdraaiend	((links)[A],(draai)[V],(end)[A|AV.])[A]
linksdragend	((links)[A],(draag)[V],(end)[A|AV.])[A]
linkshandig	((links)[A],(hand)[N],(ig)[A|AN.])[A]
linksheid	((links)[A],(heid)[N|A.])[N]
linksigheid	((links)[A],(igheid)[N|A.])[N]
linksvoetig	((links)[A],(voet)[N],(ig)[A|AN.])[A]
linksvoor	((links)[A],(voor)[B])[N]
linktrainer	((link)[N],((train)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
linnen	(linnen)[N]
linnenbleek	((linnen)[N],(bleek)[N])[N]
linnengoed	((linnen)[N],(goed)[N])[N]
linnenjuffrouw	((linnen)[N],(juffrouw)[N])[N]
linnenkamer	((linnen)[N],(kamer)[N])[N]
linnenkast	((linnen)[N],(kast)[N])[N]
linnennaaister	((linnen)[N],(naai)[V],(ster)[N|NV.])[N]
linnenpapier	((linnen)[N],(papier)[N])[N]
linnenpers	((linnen)[N],(pers)[N])[N]
linnenwever	((linnen)[N],(weef)[V],(er)[N|NV.])[N]
linoleumdruk	((linoleum)[N],(druk)[N])[N]
linoleumsnede	((linoleum)[N],(snede)[N])[N]
lint	(lint)[N]
lintaal	((lint)[N],(aal)[N])[N]
lintbebouwing	((lint)[N],(((be)[V|.V],(bouw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lintcassette	((lint)[N],(cassette)[N])[N]
lintgras	((lint)[N],(gras)[N])[N]
lintjesjager	((lint)[N],(s)[N|N.Vx],(jaag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
lintjesregen	((lint)[N],(s)[N|N.N],(regen)[N])[N]
lintomschakelaar	((lint)[N],((om)[P],((schakel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N])[N]
lintvis	((lint)[N],(vis)[N])[N]
lintvoeg	((lint)[N],(voeg)[N])[N]
lintvormig	((lint)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
lintworm	((lint)[N],(worm)[N])[N]
lintzaag	((lint)[N],(zaag)[N])[N]
linze	(linze)[N]
linzenkooksel	((linze)[N],(en)[N|N.N],((kook)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
linzenmoes	((linze)[N],(en)[N|N.N],(moes)[N])[N]
linzensoep	((linze)[N],(en)[N|N.N],(soep)[N])[N]
lip	(lip)[N]
lipbloem	((lip)[N],(bloem)[N])[N]
lipbloemig	(((lip)[N],(bloem)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
lipklank	((lip)[N],(klank)[N])[N]
liplas	((lip)[N],(las)[N])[N]
liplezen	((lip)[N],(lees)[V])[V]
lipmedeklinker	((lip)[N],(medeklinker)[N])[N]
lipogrammatisch	((lipogram)[N],(atisch)[A|N.])[A]
lippen	(lip)[V]
lippendienst	((lip)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
lippenpommade	((lip)[N],(en)[N|N.N],(pommade)[N])[N]
lippenpotlood	((lip)[N],(en)[N|N.N],((pot)[N],(lood)[N])[N])[N]
lippenrouge	((lip)[N],(en)[N|N.N],(rouge)[N])[N]
lippenstift	((lip)[N],(en)[N|N.N],(stift)[N])[N]
lippenzalf	((lip)[N],(en)[N|N.N],(zalf)[N])[N]
lippig	((lip)[N],(ig)[A|N.])[A]
lippijp	((lip)[N],(pijp)[N])[N]
lipstick	((lip)[N],(stick)[N])[N]
lipsynchroon	((lip)[N],(synchroon)[A])[A]
lipvis	((lip)[N],(vis)[N])[N]
lipvormig	((lip)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
liquidateur	((liquideer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
liquidatie	((liquideer)[V],(atie)[N|V.])[N]
liquidatie-uitverkoop	(((liquideer)[V],(atie)[N|V.])[N],(uitverkoop)[N])[N]
liquidatiekas	(((liquideer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kas)[N])[N]
liquidatiewinst	(((liquideer)[V],(atie)[N|V.])[N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
liquiditeit	((liquide)[A],(iteit)[N|A.])[N]
liquiditeitenmassa	(((liquide)[A],(iteit)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(massa)[N])[N]
liquiditeitsmoeilijkheden	(((liquide)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
liquiditeitspositie	(((liquide)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
liquiditeitsquote	(((liquide)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(quote)[N])[N]
lire	(lire)[N]
lis	(lis)[N]
lisachtig	((lis)[N],(achtig)[A|N.])[A]
lisbloem	((lis)[N],(bloem)[N])[N]
lisene	(lisene)[N]
lispen	(lisp)[V]
list	(list)[N]
listig	((list)[N],(ig)[A|N.])[A]
listigaard	(((list)[N],(ig)[A|N.])[A],(aard)[N|A.])[N]
listigheid	(((list)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
liter	(liter)[N]
literair-historicus	((literair)[A],(historicus)[N])[N]
literair-historisch	((literair)[A],(historisch)[A])[A]
literatuurbeschouwing	((literatuur)[N],((be)[V|.V],(schouw)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
literatuurcriticus	((literatuur)[N],(criticus)[N])[N]
literatuurdocent	((literatuur)[N],((doceer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
literatuurexegeet	((literatuur)[N],(exegeet)[N])[N]
literatuurgegeven	((literatuur)[N],(gegeven)[N])[N]
literatuurgeschiedenis	((literatuur)[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
literatuurhistoricus	((literatuur)[N],(historicus)[N])[N]
literatuurhistorie	((literatuur)[N],((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
literatuurlijst	((literatuur)[N],(lijst)[N])[N]
literatuuronderzoek	((literatuur)[N],(onderzoek)[N])[N]
literatuuropgave	((literatuur)[N],(opgave)[N])[N]
literatuuroverzicht	((literatuur)[N],(overzicht)[N])[N]
literatuurpagina	((literatuur)[N],(pagina)[N])[N]
literatuurprijs	((literatuur)[N],(prijs)[N])[N]
literatuurreferentie	((literatuur)[N],((refereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
literatuursociologie	((literatuur)[N],((sociologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
literatuurstudie	((literatuur)[N],(studie)[N])[N]
literatuurtaal	((literatuur)[N],(taal)[N])[N]
literatuurtheoreticus	((literatuur)[N],(theoreticus)[N])[N]
literatuurtheorie	((literatuur)[N],(theorie)[N])[N]
literatuurverwijzing	((literatuur)[N],((ver)[V|.V],(wijs)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
literatuurvriend	((literatuur)[N],(vriend)[N])[N]
literatuurwereld	((literatuur)[N],(wereld)[N])[N]
literatuurwetenschap	((literatuur)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
literfles	((liter)[N],(fles)[N])[N]
literglas	((liter)[N],(glas)[N])[N]
literkruik	((liter)[N],(kruik)[N])[N]
litermaat	((liter)[N],(maat)[N])[N]
litervermogen	((liter)[N],(vermogen)[N])[N]
lithium	(lithium)[N]
lithografie	((lithografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
lithologie	((lithologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
littekenbreuk	((litteken)[N],(breuk)[N])[N]
littekenweefsel	((litteken)[N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
litterair-historicus	((litterair)[A],(historicus)[N])[N]
litterair-historisch	((litterair)[A],(historisch)[A])[A]
litteratuurbeschouwing	((litteratuur)[N],((be)[V|.V],(schouw)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
litteratuurgeschiedenis	((litteratuur)[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
litteratuurlijst	((litteratuur)[N],(lijst)[N])[N]
litteratuuronderzoek	((litteratuur)[N],(onderzoek)[N])[N]
litteratuuropgave	((litteratuur)[N],(opgave)[N])[N]
litteratuuroverzicht	((litteratuur)[N],(overzicht)[N])[N]
litteratuurprijs	((litteratuur)[N],(prijs)[N])[N]
litteratuurstudie	((litteratuur)[N],(studie)[N])[N]
litteratuurtaal	((litteratuur)[N],(taal)[N])[N]
litteratuurverwijzing	((litteratuur)[N],((ver)[V|.V],(wijs)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
litteratuurwetenschap	((litteratuur)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
liturgie	((liturgisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
liturgiek	((liturgisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
live	(live)[A]
livreibediende	((livrei)[N],(bediende)[N])[N]
livreiknecht	((livrei)[N],(knecht)[N])[N]
livreirok	((livrei)[N],(rok)[N])[N]
lob	(lob)[N]
lobberig	((lobber)[V],(ig)[A|V.])[A]
lobbesachtig	((lobbes)[N],(achtig)[A|N.])[A]
lobbig	((lob)[N],(ig)[A|N.])[A]
lobbyist	((lobby)[N],(ist)[N|N.])[N]
lobelia	(lobelia)[N]
loboor	((lob)[N],(oor)[N])[N]
loborig	((lob)[N],(oor)[N],(ig)[A|NN.])[A]
lobvoet	((lob)[N],(voet)[N])[N]
loc	(loc)[N]
locatief	((locatie)[N],(ief)[N|N.])[N]
locatiekaart	((locatie)[N],(kaart)[N])[N]
locatiekeuze	((locatie)[N],(keuze)[N])[N]
loco-burgemeester	((loco)[N|.N],((burg)[N],(e)[N|N.N],(meester)[N])[N])[N]
locohandel	((loco)[N|.N],(handel)[N])[N]
locomotiefbestuurder	((locomotief)[N],((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
locoprijs	((loco)[N],(prijs)[N])[N]
lodderachtig	((lodder)[N],(achtig)[A|N.])[A]
lodderig	((lodder)[V],(ig)[A|V.])[A]
lodderogen	((lodder)[V],(oog)[N])[V]
lodderoog	((lodder)[V],(oog)[N])[N]
loden	(lood)[V]
loden	((lood)[N],(en)[A|N.])[A]
loding	((lood)[V],(ing)[N|V.])[N]
loeder	(loeder)[N]
loederachtig	((loeder)[N],(achtig)[A|N.])[A]
loef	(loef)[N]
loefbalk	((loef)[N],(balk)[N])[N]
loefbijter	((loef)[N],(bijt)[V],(er)[N|NV.])[N]
loefboom	((loef)[N],(boom)[N])[N]
loefgierig	((loef)[V],(gierig)[A])[A]
loefhouder	((loef)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
loefzij	((loef)[N],(zij)[N])[N]
loefzijde	((loef)[N],(zijde)[N])[N]
loei	(loei)[N]
loeien	(loei)[V]
loeigoed	((loei)[V],(goed)[A])[A]
loeihard	((loei)[V],(hard)[A])[A]
loempia	(loempia)[N]
loens	(loens)[A]
loensen	(loens)[V]
loep	(loep)[N]
loepzuiver	((loep)[N],(zuiver)[A])[A]
loer	(loer)[N]
loerder	((loer)[V],(der)[N|V.])[N]
loeren	(loer)[V]
loerogen	((loer)[V],(oog)[N])[V]
loerplaats	((loer)[V],(plaats)[N])[N]
loervogel	((loer)[N],(vogel)[N])[N]
loet	(loet)[N]
loeven	(loef)[V]
lof	(lof)[N]
lofbazuin	((lof)[N],(bazuin)[N])[N]
lofdicht	((lof)[N],(dicht)[N])[N]
loffelijk	((lof)[N],(elijk)[A|N.])[A]
lofgezang	((lof)[N],((ge)[N|.N],(zang)[N])[N])[N]
loflied	((lof)[N],(lied)[N])[N]
lofprijzing	((lof)[N],(prijs)[V],(ing)[N|NV.])[N]
lofpsalm	((lof)[N],(psalm)[N])[N]
lofrede	((lof)[N],(rede)[N])[N]
lofredenaar	((lof)[N],((rede)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
lofspraak	((lof)[N],(spraak)[N])[N]
loftrompet	((lof)[N],(trompet)[N])[N]
loftuiting	((lof)[N],(tuit)[V],(ing)[N|NV.])[N]
lofwaardig	((lof)[N],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
lofwerk	((lof)[N],(werk)[N])[N]
lofzang	((lof)[N],(zang)[N])[N]
lofzanger	((lof)[N],(zing)[V],(er)[N|NV.])[N]
log	(log)[N]
logaritme	(logaritme)[N]
logaritmestelsel	((logaritme)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
logaritmetabel	((logaritme)[N],(tabel)[N])[N]
logaritmetafel	((logaritme)[N],(en)[N|N.N],(tafel)[N])[N]
logaritmewijzer	((logaritme)[N],((wijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
logaritmisch	((logaritme)[N],(isch)[A|N.])[A]
logboek	((log)[N],(boek)[N])[N]
logee	((loge)[N],(e)[N|N.])[N]
logeeradres	((logeer)[V],(adres)[N])[N]
logeerbed	((logeer)[V],(bed)[N])[N]
logeergast	((logeer)[V],(gast)[N])[N]
logeergelegenheid	((logeer)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
logeerkamer	((logeer)[V],(kamer)[N])[N]
logeerpartij	((logeer)[V],(partij)[N])[N]
logement	((logeer)[V],(ement)[N|V.])[N]
logementhouder	(((logeer)[V],(ement)[N|V.])[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
logen	(loog)[V]
logenstraffing	((logenstraf)[V],(ing)[N|V.])[N]
loggen	(log)[V]
logger	((log)[V],(er)[N|V.])[N]
loggia	(loggia)[N]
logglas	((log)[N],(glas)[N])[N]
logheid	((log)[A],(heid)[N|A.])[N]
logiesgelegenheid	((logies)[N],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
loglijn	((log)[N],(lijn)[N])[N]
logopedie	((logopedisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
logopedist	(((logopedisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(ist)[N|N.])[N]
logotherapie	((logo)[N],(therapie)[N])[N]
logplankje	((log)[N],(plank)[N])[N]
lok	(lok)[N]
lokaaldienst	((lokaal)[A],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
lokaalspoorweg	((lokaal)[A],((spoor)[N],(weg)[N])[N])[N]
lokaaltrein	((lokaal)[A],(trein)[N])[N]
lokaalverkeer	((lokaal)[A],(verkeer)[N])[N]
lokaalvredebreuk	((lokaal)[N],((vrede)[N],(breuk)[N])[N])[N]
lokaas	((lok)[V],(aas)[N])[N]
lokalisatie	((lokaliseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
lokalisering	((lokaliseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
lokaliteit	((lokaal)[N],(iteit)[N|N.])[N]
lokartikel	((lok)[V],(artikel)[N])[N]
lokduif	((lok)[V],(duif)[N])[N]
lokeend	((lok)[V],(eend)[N])[N]
loketambtenaar	((loket)[N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
loketbeambte	((loket)[N],(beambte)[N])[N]
loketdeur	((loket)[N],(deur)[N])[N]
loketglas	((loket)[N],(glas)[N])[N]
lokethuur	((loket)[N],(huur)[N])[N]
loketkast	((loket)[N],(kast)[N])[N]
loketmachine	((loket)[N],(machine)[N])[N]
lokettenzaal	((loket)[N],(en)[N|N.N],(zaal)[N])[N]
lokettist	((loket)[N],(ist)[N|N.])[N]
lokettiste	(((loket)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
lokfluitje	((lok)[V],(fluit)[N])[N]
lokharig	((lok)[N],(haar)[N],(ig)[A|NN.])[A]
lokken	(lok)[V]
lokker	((lok)[V],(er)[N|V.])[N]
lokkig	((lok)[N],(ig)[A|N.])[A]
lokmiddel	((lok)[V],(middel)[N])[N]
lokroep	((lok)[V],(roep)[N])[N]
lokspijs	((lok)[V],(spijs)[N])[N]
lokstem	((lok)[V],(stem)[N])[N]
lokster	((lok)[V],(ster)[N|V.])[N]
lokstof	((lok)[V],(stof)[N])[N]
lokvink	((lok)[V],(vink)[N])[N]
lokvogel	((lok)[V],(vogel)[N])[N]
lokzet	((lok)[V],(zet)[N])[N]
lol	(lol)[N]
lolbroek	((lol)[N],(broek)[N])[N]
lolbroekerij	(((lol)[N],(broek)[N])[N],(erij)[N|N.])[N]
lollen	(lol)[V]
lollepot	((lol)[N],(e)[N|N.N],(pot)[N])[N]
lollig	((lol)[N],(ig)[A|N.])[A]
lolmaker	((lol)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
lom	(lom)[N]
lomig	((loom)[A],(ig)[A|A.])[A]
lommerdbriefje	((lommerd)[N],(brief)[N])[N]
lommerdhouder	((lommerd)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
lommerhuisje	((lommer)[N],(huis)[N])[N]
lommerig	((lommer)[N],(ig)[A|N.])[A]
lommerrijk	((lommer)[N],(rijk)[A])[A]
lomp	(lomp)[N]
lompen	(lomp)[V]
lompengaarder	((lomp)[N],(en)[N|N.Vx],(gaar)[V],(der)[N|NxV.])[N]
lompenhandelaar	((lomp)[N],(en)[N|N.N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
lompenkoopman	((lomp)[N],(en)[N|N.N],((koop)[V],(man)[N])[N])[N]
lompenpakhuis	((lomp)[N],(en)[N|N.N],((pak)[V],(huis)[N])[N])[N]
lompenpapier	((lomp)[N],(en)[N|N.N],(papier)[N])[N]
lompenproletariaat	((lomp)[N],(en)[N|N.N],((proletarier)[N],(aat)[N|N.])[N])[N]
lompenzak	((lomp)[N],(en)[N|N.N],(zak)[N])[N]
lomperd	((lomp)[A],(erd)[N|A.])[N]
lomperik	((lomp)[A],(erik)[N|A.])[N]
lompheid	((lomp)[A],(heid)[N|A.])[N]
lompigheid	((lomp)[A],(igheid)[N|A.])[N]
lonen	(loon)[V]
long	(long)[N]
longaandoening	((long)[N],(((aan)[P],(doe)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
longabces	((long)[N],(abces)[N])[N]
longader	((long)[N],(ader)[N])[N]
longarts	((long)[N],(arts)[N])[N]
longautomaat	((long)[N],(automaat)[N])[N]
longblaasje	((long)[N],(blaas)[N])[N]
longbloeding	((long)[N],(bloed)[V],(ing)[N|NV.])[N]
longcapaciteit	((long)[N],(capaciteit)[N])[N]
longcarcinoom	((long)[N],(carcinoom)[N])[N]
longcirculatie	((long)[N],((cirkel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|NV.])[N]
longembolie	((long)[N],(embolie)[N])[N]
longemfyseem	((long)[N],(emfyseem)[N])[N]
longengymnastiek	((long)[N],(en)[N|N.N],((gymnastisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
longfoto	((long)[N],(foto)[N])[N]
longfunctie	((long)[N],(functie)[N])[N]
longgezwel	((long)[N],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
longkanker	((long)[N],(kanker)[N])[N]
longknobbel	((long)[N],(knobbel)[N])[N]
longkruid	((long)[N],(kruid)[N])[N]
longkwab	((long)[N],(kwab)[N])[N]
longoedeem	((long)[N],(oedeem)[N])[N]
longontsteking	((long)[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
longoperatie	((long)[N],((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
longpatiënt	((long)[N],(patiënt)[N])[N]
longpijp	((long)[N],(pijp)[N])[N]
longproef	((long)[N],(proef)[N])[N]
longslagader	((long)[N],((slag)[N],(ader)[N])[N])[N]
longslak	((long)[N],(slak)[N])[N]
longspecialist	((long)[N],(specialist)[N])[N]
longstuwing	((long)[N],((stuw)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
longtering	((long)[N],((teer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
longtop	((long)[N],(top)[N])[N]
longtrechter	((long)[N],(trechter)[N])[N]
longtuberculose	((long)[N],(tuberculose)[N])[N]
longvaten	((long)[N],(vat)[N])[N]
longvis	((long)[N],(vis)[N])[N]
longvlies	((long)[N],(vlies)[N])[N]
longweefsel	((long)[N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
longziekte	((long)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
lonk	(lonk)[N]
lonken	(lonk)[V]
lont	(lont)[N]
loochenaar	((loochen)[V],(aar)[N|V.])[N]
loochenen	(loochen)[V]
loochening	((loochen)[V],(ing)[N|V.])[N]
lood	(lood)[N]
loodaccumulator	((lood)[N],((accumuleer)[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
loodacetaat	((lood)[N],(acetaat)[N])[N]
loodachtig	((lood)[N],(achtig)[A|N.])[A]
loodarm	((lood)[N],(arm)[A])[A]
loodas	((lood)[N],(as)[N])[N]
loodazijn	((lood)[N],(azijn)[N])[N]
loodband	((lood)[N],(band)[N])[N]
loodblauw	((lood)[N],(blauw)[A])[A]
loodboom	((lood)[N],(boom)[N])[N]
loodcarbonaat	((lood)[N],(carbonaat)[N])[N]
loodchloride	((lood)[N],(chloride)[N])[N]
looddamp	((lood)[N],(damp)[N])[N]
looddekker	((lood)[N],((dek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
looderts	((lood)[N],(erts)[N])[N]
loodfoelie	((lood)[N],(foelie)[N])[N]
loodgehalte	((lood)[N],(gehalte)[N])[N]
loodgieter	((lood)[N],(giet)[V],(er)[N|NV.])[N]
loodgieterij	((lood)[N],(giet)[V],(erij)[N|NV.])[N]
loodglans	((lood)[N],(glans)[N])[N]
loodglit	((lood)[N],(glit)[N])[N]
loodgrijs	((lood)[N],(grijs)[N])[N]
loodhagel	((lood)[N],(hagel)[N])[N]
loodhoudend	((lood)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
loodjicht	((lood)[N],(jicht)[N])[N]
loodkabel	((lood)[N],(kabel)[N])[N]
loodkleur	((lood)[N],(kleur)[N])[N]
loodkleurig	((lood)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
loodkoliek	((lood)[N],(koliek)[N])[N]
loodkoord	((lood)[N],(koord)[N])[N]
loodlepel	((lood)[N],(lepel)[N])[N]
loodlijn	((lood)[N],(lijn)[N])[N]
loodmantel	((lood)[N],(mantel)[N])[N]
loodmenie	((lood)[N],(menie)[N])[N]
loodmes	((lood)[N],(mes)[N])[N]
loodmetaal	((lood)[N],(metaal)[N])[N]
loodmijn	((lood)[N],(mijn)[N])[N]
loodoxide	((lood)[N],(oxide)[N])[N]
loodpapier	((lood)[N],(papier)[N])[N]
loodproef	((lood)[N],(proef)[N])[N]
loodrecht	((lood)[N],(recht)[A])[A]
loods	(loods)[N]
loodsauto	((loods)[V],(auto)[N])[N]
loodsbaas	((loods)[N],(baas)[N])[N]
loodsboot	((loods)[V],(boot)[N])[N]
loodsbriefje	((loods)[V],(brief)[N])[N]
loodschort	((lood)[N],(schort)[N])[N]
loodsdienst	((loods)[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
loodsdwang	((loods)[V],(dwang)[N])[N]
loodsen	(loods)[V]
loodsgeld	((loods)[V],(geld)[N])[N]
loodskantoor	((loods)[V],(kantoor)[N])[N]
loodskotter	((loods)[N],(kotter)[N])[N]
loodslab	((lood)[N],(slab)[N])[N]
loodslicht	((loods)[V],(licht)[N])[N]
loodsman	((loods)[V],(man)[N])[N]
loodsmerk	((loods)[V],(merk)[N])[N]
loodsoldeer	((lood)[N],(soldeer)[N])[N]
loodspaat	((lood)[N],(spaat)[N])[N]
loodsplicht	((loods)[V],(plicht)[N])[N]
loodsreglement	((loods)[V],(reglement)[N])[N]
loodsschuit	((loods)[V],(schuit)[N])[N]
loodssignaal	((loods)[V],(signaal)[N])[N]
loodstaaf	((lood)[N],(staaf)[N])[N]
loodsuiker	((lood)[N],(suiker)[N])[N]
loodsulfaat	((lood)[N],(sulfaat)[N])[N]
loodsvaartuig	((loods)[V],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
loodsvaarwater	((loods)[V],((vaar)[V],(water)[N])[N])[N]
loodsvlag	((loods)[V],(vlag)[N])[N]
loodswet	((loods)[V],(wet)[N])[N]
loodswezen	((loods)[V],(wezen)[N])[N]
loodtang	((lood)[N],(tang)[N])[N]
loodverbinding	((lood)[N],((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
loodverf	((lood)[N],(verf)[N])[N]
loodvergiftiging	((lood)[N],(((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
loodveter	((lood)[N],(veter)[N])[N]
loodvrij	((lood)[N],(vrij)[A])[A]
loodwit	((lood)[N],(wit)[N])[N]
loodwitfabriek	(((lood)[N],(wit)[N])[N],(fabriek)[N])[N]
loodwitvrij	(((lood)[N],(wit)[N])[N],(vrij)[A])[A]
loodwol	((lood)[N],(wol)[N])[N]
loodzalf	((lood)[N],(zalf)[N])[N]
loodziekte	((lood)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
loodzout	((lood)[N],(zout)[N])[N]
loodzwaar	((lood)[N],(zwaar)[A])[A]
loof	(loof)[N]
loofachtig	((loof)[N],(achtig)[A|N.])[A]
loofboom	((loof)[N],(boom)[N])[N]
loofbos	((loof)[N],(bos)[N])[N]
loofdak	((loof)[N],(dak)[N])[N]
loofhout	((loof)[N],(hout)[N])[N]
loofhut	((loof)[N],(hut)[N])[N]
loofklapper	((loof)[N],(klap)[V],(er)[N|NV.])[N]
loofrijk	((loof)[N],(rijk)[A])[A]
loofwerk	((loof)[N],(werk)[N])[N]
loog	(loog)[N]
loogachtig	((loog)[N],(achtig)[A|N.])[A]
loogbad	((loog)[N],(bad)[N])[N]
loogbak	((loog)[N],(bak)[N])[N]
loogdoek	((loog)[N],(doek)[N])[N]
loogkuip	((loog)[N],(kuip)[N])[N]
loogvast	((loog)[N],(vast)[A])[A]
loogwater	((loog)[N],(water)[N])[N]
loogzout	((loog)[N],(zout)[N])[N]
looi	(looi)[N]
looien	(looi)[V]
looier	((looi)[V],(er)[N|V.])[N]
looierij	((looi)[V],(erij)[N|V.])[N]
looiersmes	(((looi)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(mes)[N])[N]
looikuip	((looi)[V],(kuip)[N])[N]
looischors	((looi)[V],(schors)[N])[N]
looistof	((looi)[V],(stof)[N])[N]
looizuur	((looi)[V],(zuur)[N])[N]
look	(look)[N]
lookbed	((look)[N],(bed)[N])[N]
looksaus	((look)[N],(saus)[N])[N]
looksmaak	((look)[N],(smaak)[N])[N]
loom	(loom)[A]
loomheid	((loom)[A],(heid)[N|A.])[N]
loomte	((loom)[A],(te)[N|A.])[N]
loon	(loon)[N]
loonaandeel	((loon)[N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
loonactie	((loon)[N],(actie)[N])[N]
loonadministrateur	((loon)[N],(administreer)[V],(ateur)[N|NV.])[N]
loonadministratie	((loon)[N],(administreer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
loonakkoord	((loon)[N],(akkoord)[N])[N]
loonarbeid	((loon)[N],(arbeid)[N])[N]
loonarbeider	((loon)[N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
loonbederver	((loon)[N],((be)[V|.V],(derf)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
loonbedrijf	((loon)[N],(bedrijf)[N])[N]
loonbeheersing	((loon)[N],((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
loonbelasting	((loon)[N],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
loonbeleid	((loon)[N],(beleid)[N])[N]
loonbeweging	((loon)[V],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
loonboek	((loon)[N],(boek)[N])[N]
loonbriefje	((loon)[N],(brief)[N])[N]
loonconfectiebedrijf	((loon)[N],(confectie)[N],(bedrijf)[N])[N]
loonconflict	((loon)[N],(conflict)[N])[N]
looncontroledienst	((loon)[N],(controle)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
loondienst	((loon)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
loondorser	((loon)[N],((dors)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
loondruk	((loon)[N],(druk)[N])[N]
looneis	((loon)[N],(eis)[N])[N]
loonfront	((loon)[N],(front)[N])[N]
loongeschil	((loon)[N],(geschil)[N])[N]
loongrens	((loon)[N],(grens)[N])[N]
loongroep	((loon)[N],(groep)[N])[N]
loonindexering	((loon)[N],((index)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|NV.])[N]
loonintensief	((loon)[N],(intensief)[A])[A]
loonkaart	((loon)[N],(kaart)[N])[N]
loonklasse	((loon)[N],(klasse)[N])[N]
loonkosten	((loon)[N],(kost)[N])[N]
loonlasten	((loon)[N],(last)[N])[N]
loonlijst	((loon)[N],(lijst)[N])[N]
loonmaaier	((loon)[N],((maai)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
loonmaatregel	((loon)[N],(maatregel)[N])[N]
loonmatiging	((loon)[N],(matig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
loononderhandeling	((loon)[N],(((onder)[P],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
loonontwikkeling	((loon)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
loonovertreding	((loon)[N],((over)[P],(treed)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
loonpauze	((loon)[N],(pauze)[N])[N]
loonpeil	((loon)[N],(peil)[N])[N]
loonplafond	((loon)[N],(plafond)[N])[N]
loonpolitiek	((loon)[N],(politiek)[N])[N]
loonpost	((loon)[N],(post)[N])[N]
loonregeling	((loon)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
loonronde	((loon)[N],(ronde)[N])[N]
loonschaal	((loon)[N],(schaal)[N])[N]
loonslaaf	((loon)[N],(slaaf)[N])[N]
loonslip	((loon)[N],(slip)[N])[N]
loonsom	((loon)[N],(som)[N])[N]
loonspecificatie	((loon)[N],(specificeer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
loonstaat	((loon)[N],(staat)[N])[N]
loonstaking	((loon)[N],((staak)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
loonstamkaart	((loon)[N],((stam)[N],(kaart)[N])[N])[N]
loonstandaard	((loon)[N],(standaard)[N])[N]
loonstelsel	((loon)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
loonstop	((loon)[N],(stop)[N])[N]
loonstrijd	((loon)[N],(strijd)[N])[N]
loonstrookje	((loon)[N],(strook)[N])[N]
loonsverbetering	((loon)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
loonsverhoging	((loon)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(hoog)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
loonsverlaging	((loon)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(laag)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
loontoeslag	((loon)[N],((toe)[B],(slag)[N])[N])[N]
loontrekkend	((loon)[N],(trek)[V],(end)[A|NV.])[A]
loontrekker	((loon)[N],(trek)[V],(er)[N|NV.])[N]
loonvloer	((loon)[N],(vloer)[N])[N]
loonvoet	((loon)[N],(voet)[N])[N]
loonvoorschrift	((loon)[N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
loonvorming	((loon)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
loonwerker	((loon)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
loonwet	((loon)[N],(wet)[N])[N]
loonzakje	((loon)[N],(zak)[N])[N]
loonzetterij	((loon)[N],(zet)[V],(erij)[N|NV.])[N]
loop	(loop)[N]
loopafstand	((loop)[V],(afstand)[N])[N]
loopas	((loop)[V],(as)[N])[N]
loopbaan	((loop)[V],(baan)[N])[N]
loopbaanplan	(((loop)[V],(baan)[N])[N],(plan)[N])[N]
loopbaanplanning	(((loop)[V],(baan)[N])[N],((plan)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
loopbeen	((loop)[V],(been)[N])[N]
loopbrug	((loop)[V],(brug)[N])[N]
loopeend	((loop)[V],(eend)[N])[N]
loopfiets	((loop)[V],(fiets)[N])[N]
loopgips	((loop)[V],(gips)[N])[N]
loopgordel	((loop)[V],(gordel)[N])[N]
loopgraaf	((loop)[V],(graaf)[N])[N]
loopgraafwacht	(((loop)[V],(graaf)[N])[N],(wacht)[N])[N]
loopgravenkoorts	(((loop)[V],(graaf)[N])[N],(en)[N|N.N],(koorts)[N])[N]
loopgravenoorlog	(((loop)[V],(graaf)[N])[N],(en)[N|N.N],(oorlog)[N])[N]
loopgravenstelling	(((loop)[V],(graaf)[N])[N],(en)[N|N.Vx],(stel)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
loopgravenstelsel	(((loop)[V],(graaf)[N])[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
loophek	((loop)[V],(hek)[N])[N]
loophengel	((loop)[V],(hengel)[N])[N]
loopijzer	((loop)[V],(ijzer)[N])[N]
loopjongen	((loop)[V],(jongen)[N])[N]
loopkabel	((loop)[V],(kabel)[N])[N]
loopkat	((loop)[V],(kat)[N])[N]
loopkever	((loop)[V],(kever)[N])[N]
loopknecht	((loop)[V],(knecht)[N])[N]
loopkraan	((loop)[V],(kraan)[N])[N]
looplamp	((loop)[V],(lamp)[N])[N]
looplijn	((loop)[V],(lijn)[N])[N]
loopmaar	((loop)[V],(maar)[N])[N]
loopmand	((loop)[V],(mand)[N])[N]
loopmare	((loop)[V],(mare)[N])[N]
loopmeisje	((loop)[V],(meisje)[N])[N]
loopneus	((loop)[V],(neus)[N])[N]
loopoor	((loop)[V],(oor)[N])[N]
looppad	((loop)[V],(pad)[N])[N]
looppas	((loop)[V],(pas)[N])[N]
loopplank	((loop)[V],(plank)[N])[N]
looppop	((loop)[V],(pop)[N])[N]
looprail	((loop)[V],(rail)[N])[N]
looprek	((loop)[V],(rek)[N])[N]
looprichting	((loop)[V],((richt)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
loopring	((loop)[V],(ring)[N])[N]
loopschacht	((loop)[V],(schacht)[N])[N]
loopsheid	((loops)[A],(heid)[N|A.])[N]
loopstal	((loop)[V],(stal)[N])[N]
loopster	((loop)[V],(ster)[N|V.])[N]
looptechniek	((loop)[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
looptijd	((loop)[V],(tijd)[N])[N]
loopvlak	((loop)[V],(vlak)[N])[N]
loopvoet	((loop)[V],(voet)[N])[N]
loopvogel	((loop)[V],(vogel)[N])[N]
loopvuur	((loop)[V],(vuur)[N])[N]
loopwerk	((loop)[V],(werk)[N])[N]
loopwiel	((loop)[V],(wiel)[N])[N]
loopzand	((loop)[V],(zand)[N])[N]
loos	(loos)[A]
loosgat	((loos)[V],(gat)[N])[N]
loosheid	((loos)[A],(heid)[N|A.])[N]
loospijp	((loos)[V],(pijp)[N])[N]
loot	(loot)[N]
lopen	(loop)[V]
loper	((loop)[V],(er)[N|V.])[N]
loperig	((loop)[V],(erig)[A|V.])[A]
loperij	((loop)[V],(erij)[N|V.])[N]
lor	(lor)[N]
lord	(lord)[N]
lord-kanselier	((lord)[N],(kanselier)[N])[N]
lordschap	((lord)[N],(schap)[N|N.])[N]
lork	(lork)[N]
lorkenboom	((lork)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
lorkenhout	((lork)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
lorkenlaan	((lork)[N],(en)[N|N.N],(laan)[N])[N]
lorregoed	((lor)[N],(e)[N|N.N],(goed)[N])[N]
lorren	(lor)[V]
lorrenboer	((lor)[N],(en)[N|N.N],(boer)[N])[N]
lorrendraaien	((lor)[N],(en)[V|N.V],(draai)[V])[V]
lorrendraaier	(((lor)[N],(en)[V|N.V],(draai)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
lorrendraaierij	(((lor)[N],(en)[V|N.V],(draai)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
lorrenkraam	((lor)[N],(en)[N|N.N],(kraam)[N])[N]
lorrenman	((lor)[N],(en)[N|N.N],(man)[N])[N]
lorrenmand	((lor)[N],(en)[N|N.N],(mand)[N])[N]
lorrenwerk	((lor)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
lorrewerk	((lor)[N],(e)[N|N.N],(werk)[N])[N]
lorrig	((lor)[N],(ig)[A|N.])[A]
los	(los)[N]
los-vast	((los)[N],(vast)[A])[A]
losarm	((los)[V],(arm)[N])[N]
losbaar	((los)[V],(baar)[A|V.])[A]
losbandig	((los)[A],(band)[N],(ig)[A|AN.])[A]
losbandigheid	(((los)[A],(band)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
losbarsten	((los)[A],(barst)[V])[V]
losbarsting	(((los)[A],(barst)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
losbeitelen	((los)[A],(beitel)[V])[V]
losbeuken	((los)[A],(beuk)[V])[V]
losbijten	((los)[A],(bijt)[V])[V]
losbinden	((los)[A],(bind)[V])[V]
losbladig	((los)[A],(blad)[N],(ig)[A|AN.])[A]
losbol	((los)[A],(bol)[N])[N]
losbollig	(((los)[A],(bol)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
losbolligheid	((((los)[A],(bol)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
losbranden	((los)[A],(brand)[V])[V]
losbranding	(((los)[A],(brand)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
losbreken	((los)[A],(breek)[V])[V]
loscedel	((los)[V],(cedel)[N])[N]
losceel	((los)[V],(ceel)[N])[N]
losdag	((los)[V],(dag)[N])[N]
losdoen	((los)[A],(doe)[V])[V]
losdraaien	((los)[A],(draai)[V])[V]
losdrukken	((los)[A],(druk)[V])[V]
losgaan	((los)[A],(ga)[V])[V]
losgeld	((los)[V],(geld)[N])[N]
losgelegenheid	((los)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
losgespen	((los)[A],(gesp)[V])[V]
losgooien	((los)[A],(gooi)[V])[V]
losgraven	((los)[A],(graaf)[V])[V]
loshaken	((los)[A],(haak)[V])[V]
loshangen	((los)[A],(hang)[V])[V]
losharken	((los)[A],(hark)[V])[V]
losheid	((los)[A],(heid)[N|A.])[N]
loshoofd	((los)[A],(hoofd)[N])[N]
loshoofdig	((los)[A],(hoofd)[N],(ig)[A|AN.])[A]
loskaai	((los)[V],(kaai)[N])[N]
loskade	((los)[V],(kade)[N])[N]
loskloppen	((los)[A],(klop)[V])[V]
losknippen	((los)[A],(knip)[V])[V]
losknopen	((los)[A],(knoop)[V])[V]
loskomen	((los)[A],(kom)[V])[V]
loskopen	((los)[A],(koop)[V])[V]
loskoppelen	((los)[A],(koppel)[V])[V]
loskrijgen	((los)[A],(krijg)[V])[V]
loslaten	((los)[A],(laat)[V])[V]
losliggend	((los)[A],(lig)[V],(end)[A|AV.])[A]
loslippig	((los)[A],(lip)[N],(ig)[A|AN.])[A]
loslippigheid	(((los)[A],(lip)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
loslopen	((los)[A],(loop)[V])[V]
losmaken	((los)[A],(maak)[V])[V]
losmaking	(((los)[A],(maak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
losmiddel	((los)[V],(middel)[N])[N]
losnemen	((los)[A],(neem)[V])[V]
lospeuteren	((los)[A],(peuter)[V])[V]
lospier	((los)[V],(pier)[N])[N]
lospikken	((los)[A],(pik)[V])[V]
losplaats	((los)[V],(plaats)[N])[N]
lospraten	((los)[A],(praat)[V])[V]
losprijs	((los)[V],(prijs)[N])[N]
losraken	((los)[A],(raak)[V])[V]
losrijden	((los)[A],(rijd)[V])[V]
losrukken	((los)[A],(ruk)[V])[V]
losscheuren	((los)[A],(scheur)[V])[V]
losschieten	((los)[A],(schiet)[V])[V]
losschroeven	((los)[A],(schroef)[V])[V]
losschudden	((los)[A],(schud)[V])[V]
lossebandstoot	((los)[A],(e)[N|A.NN],(band)[N],(stoot)[N])[N]
lossen	(los)[V]
losser	((los)[V],(er)[N|V.])[N]
lossigheid	((los)[A],(igheid)[N|A.])[N]
lossing	((los)[V],(ing)[N|V.])[N]
losslaan	((los)[A],(sla)[V])[V]
losspringen	((los)[A],(spring)[V])[V]
losstaan	((los)[A],(sta)[V])[V]
lossteiger	((los)[V],(steiger)[N])[N]
losstormen	((los)[A],(storm)[V])[V]
lostornen	((los)[A],(torn)[V])[V]
lostrekken	((los)[A],(trek)[V])[V]
losvliegen	((los)[A],(vlieg)[V])[V]
loswaaien	((los)[A],(waai)[V])[V]
losweken	((los)[A],(week)[V])[V]
loswerken	((los)[A],(werk)[V])[V]
loswinden	((los)[A],(wind)[V])[V]
loswrikken	((los)[A],(wrik)[V])[V]
loswringen	((los)[A],(wring)[V])[V]
loswroeten	((los)[A],(wroet)[V])[V]
loszagen	((los)[A],(zaag)[V])[V]
loszinnig	((los)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A]
loszinnigheid	(((los)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
loszitten	((los)[A],(zit)[V])[V]
lot	(lot)[N]
loteling	((loot)[V],(eling)[N|V.])[N]
loten	(loot)[V]
lotenlening	((lot)[N],(en)[N|N.N],((leen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
loterij	((loot)[V],(erij)[N|V.])[N]
loterijbelasting	(((loot)[V],(erij)[N|V.])[N],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
loterijbiljet	(((loot)[V],(erij)[N|V.])[N],(biljet)[N])[N]
loterijbriefje	(((loot)[V],(erij)[N|V.])[N],(brief)[N])[N]
loterijkantoor	(((loot)[V],(erij)[N|V.])[N],(kantoor)[N])[N]
loterijlijst	(((loot)[V],(erij)[N|V.])[N],(lijst)[N])[N]
loterijspel	(((loot)[V],(erij)[N|V.])[N],(spel)[N])[N]
loterijwet	(((loot)[V],(erij)[N|V.])[N],(wet)[N])[N]
lotgenoot	((lot)[N],(genoot)[N])[N]
lotgenote	(((lot)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
lotgeval	((lot)[N],(geval)[N])[N]
loting	((loot)[V],(ing)[N|V.])[N]
lotsbedeling	((lot)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.N],(deel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lotsbestel	((lot)[N],(s)[N|N.N],(bestel)[N])[N]
lotsbestemming	((lot)[N],(s)[N|N.N],((bestem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lotsgemeenschap	((lot)[N],(s)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
lotsverandering	((lot)[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lotsverbetering	((lot)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lotsverbondenheid	((lot)[N],(s)[N|N.N],((verbonden)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
lotswisseling	((lot)[N],(s)[N|N.N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lottoballetje	((lotto)[N],(bal)[N])[N]
lottokaart	((lotto)[N],(kaart)[N])[N]
lottospel	((lotto)[N],(spel)[N])[N]
lotusbloem	((lotus)[N],(bloem)[N])[N]
lotusboom	((lotus)[N],(boom)[N])[N]
lotuseter	((lotus)[N],(eet)[V],(er)[N|NV.])[N]
lotushouding	((lotus)[N],(houding)[N])[N]
lotuszuil	((lotus)[N],(zuil)[N])[N]
louche	(louche)[A]
lounge	(lounge)[N]
louter	(louter)[A]
louteraar	((louter)[V],(aar)[N|V.])[N]
louteren	(louter)[V]
louterheid	((louter)[A],(heid)[N|A.])[N]
loutering	((louter)[V],(ing)[N|V.])[N]
louteringsberg	(((louter)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(berg)[N])[N]
louteringsproces	(((louter)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
louw	(louw)[N]
loven	(loof)[V]
lovenswaardig	((loof)[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
loverdak	((lover)[N],(dak)[N])[N]
loverwerk	((lover)[N],(werk)[N])[N]
loyaliteit	((loyaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
lozen	(loos)[V]
lozing	((loos)[V],(ing)[N|V.])[N]
lozingskanaal	(((loos)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kanaal)[N])[N]
lozingsrecht	(((loos)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
lub	(lub)[N]
lubben	(lub)[V]
lubberig	((lubber)[V],(ig)[A|V.])[A]
lucht	(lucht)[N]
luchtaanjager	((lucht)[N],((aan)[P],(jaag)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
luchtaanval	((lucht)[N],(aanval)[N])[N]
luchtacrobaat	((lucht)[N],(acrobaat)[N])[N]
luchtafweer	((lucht)[N],(afweer)[N])[N]
luchtafweergeschut	((lucht)[N],(((af)[P],(weer)[V])[V],(geschut)[N])[N])[N]
luchtalarm	((lucht)[N],(alarm)[N])[N]
luchtalarmsirene	(((lucht)[N],(alarm)[N])[N],(sirene)[N])[N]
luchtanalyse	((lucht)[N],(analyse)[N])[N]
luchtbad	((lucht)[N],(bad)[N])[N]
luchtballon	((lucht)[N],(ballon)[N])[N]
luchtband	((lucht)[N],(band)[N])[N]
luchtbasis	((lucht)[N],(basis)[N])[N]
luchtbed	((lucht)[N],(bed)[N])[N]
luchtbel	((lucht)[N],(bel)[N])[N]
luchtbelwaterpas	(((lucht)[N],(bel)[N])[N],((water)[N],(pas)[N])[N])[N]
luchtbescherming	((lucht)[N],(((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
luchtbeschermingsdienst	(((lucht)[N],(((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
luchtbeschermingsoefening	(((lucht)[N],(((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
luchtbevochtiger	((lucht)[N],((be)[V|.A],((vocht)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(er)[N|NV.])[N]
luchtbeweging	((lucht)[N],(beweeg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
luchtbombardement	((lucht)[N],((bombardeer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
luchtboot	((lucht)[N],(boot)[N])[N]
luchtborst	((lucht)[N],(borst)[N])[N]
luchtbrug	((lucht)[N],(brug)[N])[N]
luchtbuis	((lucht)[N],(buis)[N])[N]
luchtbuks	((lucht)[N],(buks)[N])[N]
luchtbus	((lucht)[N],(bus)[N])[N]
luchtcamera	((lucht)[N],(camera)[N])[N]
luchtcel	((lucht)[N],(cel)[N])[N]
luchtcirculatie	((lucht)[N],((cirkel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|NV.])[N]
luchtcorridor	((lucht)[N],(corridor)[N])[N]
luchtdeeltje	((lucht)[N],(deel)[N])[N]
luchtdemping	((lucht)[N],((demp)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
luchtdeur	((lucht)[N],(deur)[N])[N]
luchtdicht	((lucht)[N],(dicht)[A])[A]
luchtdienst	((lucht)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
luchtdoelartillerie	((luchtdoel)[N],(artillerie)[N])[N]
luchtdoelgeschut	((luchtdoel)[N],(geschut)[N])[N]
luchtdoelraket	((luchtdoel)[N],(raket)[N])[N]
luchtdoop	((lucht)[N],(doop)[N])[N]
luchtdruk	((lucht)[N],(druk)[N])[N]
luchtembolie	((lucht)[N],(embolie)[N])[N]
luchten	(lucht)[V]
luchteskader	((lucht)[N],(eskader)[N])[N]
luchtfietser	((lucht)[N],((fiets)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
luchtfilter	((lucht)[N],(filter)[N])[N]
luchtfoto	((lucht)[N],(foto)[N])[N]
luchtfotograaf	((lucht)[N],(fotograaf)[N])[N]
luchtgat	((lucht)[N],(gat)[N])[N]
luchtgeest	((lucht)[N],(geest)[N])[N]
luchtgekoeld	((lucht)[N],(gekoeld)[V])[A]
luchtgeleiding	((lucht)[N],(((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
luchtgesteldheid	((lucht)[N],((gesteld)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
luchtgevaar	((lucht)[N],(gevaar)[N])[N]
luchtgevecht	((lucht)[N],((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N])[N]
luchtgolf	((lucht)[N],(golf)[N])[N]
luchthamer	((lucht)[N],(hamer)[N])[N]
luchthart	((lucht)[N],(hart)[N])[N]
luchthartig	((lucht)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
luchthartigheid	(((lucht)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
luchthaven	((lucht)[N],(haven)[N])[N]
luchtig	((lucht)[N],(ig)[A|N.])[A]
luchtigheid	(((lucht)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
luchtinfanterie	((lucht)[N],(infanterie)[N])[N]
luchtinfectie	((lucht)[N],((infect)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
luchtinlaat	((lucht)[N],(inlaat)[N])[N]
luchtkamer	((lucht)[N],(kamer)[N])[N]
luchtkanaal	((lucht)[N],(kanaal)[N])[N]
luchtkartering	((lucht)[N],((karteer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
luchtkasteel	((lucht)[N],(kasteel)[N])[N]
luchtklep	((lucht)[N],(klep)[N])[N]
luchtkoeling	((lucht)[N],((koel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
luchtkoker	((lucht)[N],(koker)[N])[N]
luchtkolom	((lucht)[N],(kolom)[N])[N]
luchtkussen	((lucht)[N],(kussen)[N])[N]
luchtkussenboot	(((lucht)[N],(kussen)[N])[N],(boot)[N])[N]
luchtkussentrein	(((lucht)[N],(kussen)[N])[N],(trein)[N])[N]
luchtkussenvaartuig	(((lucht)[N],(kussen)[N])[N],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
luchtkuur	((lucht)[N],(kuur)[N])[N]
luchtlaag	((lucht)[N],(laag)[N])[N]
luchtlanding	((lucht)[N],((land)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
luchtlandingstroepen	((lucht)[N],(((land)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(troep)[N])[N])[N]
luchtledig	((lucht)[N],(ledig)[A])[N]
luchtleiding	((lucht)[N],((leid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
luchtlek	((lucht)[N],(lek)[N])[N]
luchtlijn	((lucht)[N],(lijn)[N])[N]
luchtmacht	((lucht)[N],(macht)[N])[N]
luchtmachtbasis	(((lucht)[N],(macht)[N])[N],(basis)[N])[N]
luchtmachtpiloot	(((lucht)[N],(macht)[N])[N],(piloot)[N])[N]
luchtmonster	((lucht)[N],(monster)[N])[N]
luchtnet	((lucht)[N],(net)[N])[N]
luchtoffensief	((lucht)[N],(offensief)[N])[N]
luchtoorlog	((lucht)[N],(oorlog)[N])[N]
luchtopname	((lucht)[N],(opname)[N])[N]
luchtperspomp	((lucht)[N],((pers)[V],(pomp)[N])[N])[N]
luchtpijp	((lucht)[N],(pijp)[N])[N]
luchtpiraat	((lucht)[N],(piraat)[N])[N]
luchtpiraterij	(((lucht)[N],(piraat)[N])[N],(erij)[N|N.])[N]
luchtplankton	((lucht)[N],(plankton)[N])[N]
luchtpomp	((lucht)[N],(pomp)[N])[N]
luchtpost	((lucht)[N],(post)[N])[N]
luchtpostblad	(((lucht)[N],(post)[N])[N],(blad)[N])[N]
luchtpostbrief	(((lucht)[N],(post)[N])[N],(brief)[N])[N]
luchtpostdienst	(((lucht)[N],(post)[N])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
luchtpostpapier	(((lucht)[N],(post)[N])[N],(papier)[N])[N]
luchtposttarief	(((lucht)[N],(post)[N])[N],(tarief)[N])[N]
luchtpostverkeer	(((lucht)[N],(post)[N])[N],(verkeer)[N])[N]
luchtpostzegel	(((lucht)[N],(post)[N])[N],(zegel)[N])[N]
luchtraid	((lucht)[N],(raid)[N])[N]
luchtrecht	((lucht)[N],(recht)[N])[N]
luchtreclame	((lucht)[N],(reclame)[N])[N]
luchtregeling	((lucht)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
luchtreis	((lucht)[N],(reis)[N])[N]
luchtreiziger	((lucht)[N],(reiziger)[N])[N]
luchtrooster	((lucht)[N],(rooster)[N])[N]
luchtroute	((lucht)[N],(route)[N])[N]
luchtruim	((lucht)[N],(ruim)[N])[N]
luchtschip	((lucht)[N],(schip)[N])[N]
luchtschipper	((lucht)[N],((schip)[N],(er)[N|N.])[N])[N]
luchtschommel	((lucht)[N],(schommel)[N])[N]
luchtschrift	((lucht)[N],(schrift)[N])[N]
luchtschroef	((lucht)[N],(schroef)[N])[N]
luchtschuif	((lucht)[N],(schuif)[N])[N]
luchtslag	((lucht)[N],(slag)[N])[N]
luchtslang	((lucht)[N],(slang)[N])[N]
luchtsluis	((lucht)[N],(sluis)[N])[N]
luchtspiegeling	((lucht)[N],((spiegel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
luchtspion	((lucht)[N],(spion)[N])[N]
luchtspoorweg	((lucht)[N],((spoor)[N],(weg)[N])[N])[N]
luchtsprong	((lucht)[N],(sprong)[N])[N]
luchtsteward	((lucht)[N],(steward)[N])[N]
luchtstewardess	((lucht)[N],((steward)[N],(ess)[N|N.])[N])[N]
luchtstoring	((lucht)[N],((stoor)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
luchtstreek	((lucht)[N],(streek)[N])[N]
luchtstrijdkrachten	((lucht)[N],((strijd)[N],(kracht)[N])[N])[N]
luchtstroom	((lucht)[N],(stroom)[N])[N]
luchttoren	((lucht)[N],(toren)[N])[N]
luchttorpedo	((lucht)[N],(torpedo)[N])[N]
luchttransport	((lucht)[N],(transport)[N])[N]
luchttrilling	((lucht)[N],(tril)[V],(ing)[N|NV.])[N]
luchttunnel	((lucht)[N],(tunnel)[N])[N]
luchtvaarder	((lucht)[N],(vaar)[V],(der)[N|NV.])[N]
luchtvaart	((lucht)[N],(vaart)[N])[N]
luchtvaartgebouw	(((lucht)[N],(vaart)[N])[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
luchtvaartlijn	(((lucht)[N],(vaart)[N])[N],(lijn)[N])[N]
luchtvaartmaatschappij	(((lucht)[N],(vaart)[N])[N],(maatschappij)[N])[N]
luchtvaartstation	(((lucht)[N],(vaart)[N])[N],(station)[N])[N]
luchtvaartterrein	(((lucht)[N],(vaart)[N])[N],(terrein)[N])[N]
luchtvaartuig	((lucht)[N],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
luchtvaartverdrag	(((lucht)[N],(vaart)[N])[N],(verdrag)[N])[N]
luchtverbinding	((lucht)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
luchtverdediging	((lucht)[N],((verdedig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
luchtverdeling	((lucht)[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
luchtverfrisser	((lucht)[N],((ver)[V|.A],(fris)[A])[V],(er)[N|NV.])[N]
luchtvering	((lucht)[N],(veer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
luchtverkeer	((lucht)[N],(verkeer)[N])[N]
luchtverkeersleider	(((lucht)[N],(verkeer)[N])[N],(s)[N|N.Vx],(leid)[V],(er)[N|NxV.])[N]
luchtverkenning	((lucht)[N],(verken)[V],(ing)[N|NV.])[N]
luchtverontreiniging	((lucht)[N],(verontreinig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
luchtverschijnsel	((lucht)[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
luchtververser	((lucht)[N],((ver)[V|.A],(vers)[A])[V],(er)[N|NV.])[N]
luchtverversing	((lucht)[N],((ver)[V|.A],(vers)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
luchtverversingssysteem	(((lucht)[N],((ver)[V|.A],(vers)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
luchtvervoer	((lucht)[N],(vervoer)[N])[N]
luchtvervuiling	((lucht)[N],((ver)[V|.A],(vuil)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
luchtverwarming	((lucht)[N],((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
luchtvloot	((lucht)[N],(vloot)[N])[N]
luchtvochtigheid	((lucht)[N],(((vocht)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
luchtvoertuig	((lucht)[N],((voer)[V],(tuig)[N])[N])[N]
luchtvracht	((lucht)[N],(vracht)[N])[N]
luchtvrachtbrief	(((lucht)[N],(vracht)[N])[N],(brief)[N])[N]
luchtwaardig	((lucht)[N],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
luchtwaardigheidsbewijs	((luchtwaardigheid)[N],(s)[N|N.N],(bewijs)[N])[N]
luchtwacht	((lucht)[N],(wacht)[N])[N]
luchtwachtdienst	(((lucht)[N],(wacht)[N])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
luchtwapen	((lucht)[N],(wapen)[N])[N]
luchtweerstand	((lucht)[N],(weerstand)[N])[N]
luchtweg	((lucht)[N],(weg)[N])[N]
luchtwegaandoening	(((lucht)[N],(weg)[N])[N],(((aan)[P],(doe)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
luchtweginfectie	(((lucht)[N],(weg)[N])[N],((infect)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
luchtwortel	((lucht)[N],(wortel)[N])[N]
luchtwortelboom	(((lucht)[N],(wortel)[N])[N],(boom)[N])[N]
luchtzak	((lucht)[N],(zak)[N])[N]
luchtziek	((lucht)[N],(ziek)[A])[A]
luchtziekte	(((lucht)[N],(ziek)[A])[A],(te)[N|A.])[N]
luchtzuiger	((lucht)[N],(zuig)[V],(er)[N|NV.])[N]
luchtzuiverend	((lucht)[N],(zuiverend)[V])[A]
luchtzuivering	((lucht)[N],((zuiver)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
luciditeit	((lucide)[A],(iteit)[N|A.])[N]
lucifer	(lucifer)[N]
luciferdoosje	((lucifer)[N],(doos)[N])[N]
luciferhouder	((lucifer)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
luciferhout	((lucifer)[N],(hout)[N])[N]
luciferkop	((lucifer)[N],(kop)[N])[N]
lucifermerk	((lucifer)[N],(merk)[N])[N]
luciferplant	((lucifer)[N],(plant)[N])[N]
lucifersdoosje	((lucifer)[N],(s)[N|N.N],(doos)[N])[N]
lucifersfabriek	((lucifer)[N],(s)[N|N.N],(fabriek)[N])[N]
lucifershouder	((lucifer)[N],(s)[N|N.Vx],(houd)[V],(er)[N|NxV.])[N]
lucifershout	((lucifer)[N],(s)[N|N.N],(hout)[N])[N]
luciferskop	((lucifer)[N],(s)[N|N.N],(kop)[N])[N]
lucifersmerk	((lucifer)[N],(s)[N|N.N],(merk)[N])[N]
lucifersstokje	((lucifer)[N],(s)[N|N.N],(stok)[N])[N]
luciferstokje	((lucifer)[N],(stok)[N])[N]
lucullusmaal	((lucullus)[N],(maal)[N])[N]
luetisch	((lues)[N],(isch)[A|N.])[A]
luguber	(luguber)[A]
lui	(lui)[A]
luiaard	((lui)[A],(aard)[N|A.])[N]
luiaardij	(((lui)[A],(aard)[N|A.])[N],(ij)[N|N.])[N]
luid	(luid)[N]
luiden	(luid)[V]
luidheid	((luid)[A],(heid)[N|A.])[N]
luidruchtigheid	((luidruchtig)[A],(heid)[N|A.])[N]
luidsprekend	((luid)[A],(spreek)[V],(end)[A|AV.])[A]
luidspreker	((luid)[A],(spreek)[V],(er)[N|AV.])[N]
luidsprekerbox	(((luid)[A],(spreek)[V],(er)[N|AV.])[N],(box)[N])[N]
luidsprekerinstallatie	(((luid)[A],(spreek)[V],(er)[N|AV.])[N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
luidsprekersysteem	(((luid)[A],(spreek)[V],(er)[N|AV.])[N],(systeem)[N])[N]
luien	(lui)[V]
luierbroekje	((luier)[N],(broek)[N])[N]
luiergoed	((luier)[N],(goed)[N])[N]
luierik	((lui)[A],(erik)[N|A.])[N]
luiermand	((luier)[N],(mand)[N])[N]
luierstoel	((luier)[V],(stoel)[N])[N]
luierstof	((luier)[N],(stof)[N])[N]
luierwas	((luier)[N],(was)[N])[N]
luifel	(luifel)[N]
luifeldak	((luifel)[N],(dak)[N])[N]
luifelhoed	((luifel)[N],(hoed)[N])[N]
luifelstok	((luifel)[N],(stok)[N])[N]
luiheid	((lui)[A],(heid)[N|A.])[N]
luiigheid	((lui)[A],(igheid)[N|A.])[N]
luik	(luik)[N]
luiken	(luik)[V]
luikgat	((luik)[N],(gat)[N])[N]
luikring	((lui)[A],(kring)[N])[N]
luilakbol	((luilak)[N],(bol)[N])[N]
luilakviering	((luilak)[N],(vier)[V],(ing)[N|NV.])[N]
luim	(luim)[N]
luimen	(luim)[V]
luimig	((luim)[N],(ig)[A|N.])[A]
luimigheid	(((luim)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
luipaard	(luipaard)[N]
luipaardhaai	((luipaard)[N],(haai)[N])[N]
luis	(luis)[N]
luishond	((luis)[N],(hond)[N])[N]
luiskop	((luis)[N],(kop)[N])[N]
luismijt	((luis)[N],(mijt)[N])[N]
luister	(luister)[N]
luisteraar	((luister)[V],(aar)[N|V.])[N]
luisteraarster	(((luister)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
luisterapparaat	((luister)[V],(apparaat)[N])[N]
luisterbijdrage	((luister)[V],(bijdrage)[N])[N]
luistercabine	((luister)[V],(cabine)[N])[N]
luistercel	((luister)[V],(cel)[N])[N]
luisterdichtheid	((luister)[V],((dicht)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
luisteren	(luister)[V]
luistergeld	((luister)[V],(geld)[N])[N]
luisterlied	((luister)[V],(lied)[N])[N]
luisteronderzoek	((luister)[V],(onderzoek)[N])[N]
luisterpost	((luister)[V],(post)[N])[N]
luisterrijk	((luister)[N],(rijk)[A])[A]
luisterscherp	((luister)[V],(scherp)[A])[A]
luisterspel	((luister)[V],(spel)[N])[N]
luistertoets	((luister)[V],(toets)[N])[N]
luistervaardigheid	((luister)[V],((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
luistervergunning	((luister)[V],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
luistervink	((luister)[V],(vink)[N])[N]
luistervoorbeeld	((luister)[V],((voor)[B],(beeld)[N])[N])[N]
luisterzitting	((luister)[V],((zit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
luiszak	((luis)[N],(zak)[N])[N]
luit	(luit)[N]
luitenant-adjudant	((luitenant)[N],(adjudant)[N])[N]
luitenant-admiraal	((luitenant)[N],(admiraal)[N])[N]
luitenant-generaal	((luitenant)[N],(generaal)[N])[N]
luitenant-gouverneur-generaal	((luitenant)[N],(((gouverneer)[V],(eur)[N|V.])[N],(generaal)[N])[N])[N]
luitenant-ingenieur	((luitenant)[N],(ingenieur)[N])[N]
luitenant-kolonel	((luitenant)[N],(kolonel)[N])[N]
luitenant-kwartiermeester	((luitenant)[N],(((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N],(meester)[N])[N])[N]
luitenantsuniform	((luitenant)[N],(s)[N|N.N],(uniform)[N])[N]
luitouw	((lui)[V],(touw)[N])[N]
luitspel	((luit)[N],(spel)[N])[N]
luitspeler	((luit)[N],(speel)[V],(er)[N|NV.])[N]
luizen	(luis)[V]
luizenbaan	((luis)[N],(en)[N|N.N],(baan)[N])[N]
luizenbos	((luis)[N],(en)[N|N.N],(bos)[N])[N]
luizenei	((luis)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
luizenjacht	((luis)[N],(en)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
luizenkam	((luis)[N],(en)[N|N.N],(kam)[N])[N]
luizenkop	((luis)[N],(en)[N|N.N],(kop)[N])[N]
luizenleven	((luis)[N],(en)[N|N.N],(leven)[N])[N]
luizenmarkt	((luis)[N],(en)[N|N.N],(markt)[N])[N]
luizenpaadje	((luis)[N],(en)[N|N.N],(pad)[N])[N]
luizenstreek	((luis)[N],(e)[N|N.N],(streek)[N])[N]
luizenvolk	((luis)[N],(e)[N|N.N],(volk)[N])[N]
luizenzalf	((luis)[N],(en)[N|N.N],(zalf)[N])[N]
luizig	((luis)[N],(ig)[A|N.])[A]
luk	(luk)[N]
lukken	(luk)[V]
lul	(lul)[N]
lulbehanger	((lul)[N],(((be)[V|.V],(hang)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
lulkoek	((lul)[N],(koek)[N])[N]
lulleman	((lul)[N],(e)[N|N.N],(man)[N])[N]
lullen	(lul)[V]
lullensmid	((lul)[N],(en)[N|N.N],(smid)[N])[N]
lullig	((lul)[N],(ig)[A|N.])[A]
lulligheid	(((lul)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
lulmeier	((lul)[V],(meier)[N])[N]
lumbaalpunctie	((lumbaal)[A],(punctie)[N])[N]
lumen	(lumen)[N]
lumenseconde	((lumen)[N],(seconde)[N])[N]
luminescentie	((luminescent)[A],(ie)[N|A.])[N]
lummel	(lummel)[N]
lummelachtig	((lummel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
lummelachtigheid	(((lummel)[N],(achtig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
lummelen	(lummel)[V]
lummelig	((lummel)[N],(ig)[A|N.])[A]
lunch	(lunch)[N]
lunchbespreking	((lunch)[V],(((be)[V|.V],(spreek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lunchconcert	((lunch)[V],(concert)[N])[N]
lunchen	(lunch)[V]
lunchpakket	((lunch)[V],(pakket)[N])[N]
lunchpauze	((lunch)[V],(pauze)[N])[N]
lunchroom	((lunch)[V],(room)[N])[N]
lunchtijd	((lunch)[V],(tijd)[N])[N]
lunchtrommel	((lunch)[V],(trommel)[N])[N]
lunchuur	((lunch)[N],(uur)[N])[N]
lunchzakje	((lunch)[N],(zak)[N])[N]
luns	(luns)[N]
lunzen	(luns)[V]
lupine	(lupine)[N]
lupinevlieg	((lupine)[N],(vlieg)[N])[N]
lupus	(lupus)[N]
lurk	(lurk)[N]
lurken	(lurk)[V]
lurven	(lurf)[N]
lus	(lus)[N]
lusfilm	((lus)[N],(film)[N])[N]
lust	(lust)[N]
lustbevrediging	((lust)[N],((be)[V|.A],((vrede)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
lusteloos	((lust)[N],(eloos)[A|N.])[A]
lusteloosheid	(((lust)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
lusten	(lust)[V]
lustgevoel	((lust)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
lusthof	((lust)[N],(hof)[N])[N]
lustig	((lust)[N],(ig)[A|N.])[A]
lustigheid	(((lust)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
lustmoord	((lust)[N],(moord)[N])[N]
lustmoordenaar	((lust)[N],((moord)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
lustobject	((lust)[N],(object)[N])[N]
lustoord	((lust)[N],(oord)[N])[N]
lustprieel	((lust)[N],(prieel)[N])[N]
lustrumfeest	((lustrum)[N],(feest)[N])[N]
lustrumjaar	((lustrum)[N],(jaar)[N])[N]
lustwarande	((lust)[N],(warande)[N])[N]
luswikkeling	((lus)[N],((wikkel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
lutheraans	((lutheraan)[N],(s)[A|N.])[A]
lutje	(lut)[N]
luttel	(luttel)[A]
luur	(luur)[N]
luw	(luw)[N]
luwen	(luw)[V]
luwte	((luw)[A],(te)[N|A.])[N]
lux	(lux)[N]
luxe	(luxe)[N]
luxe-editie	((luxe)[A],(editie)[N])[N]
luxe-exemplaar	((luxe)[N],(exemplaar)[N])[N]
luxe-industrie	((luxe)[N],(industrie)[N])[N]
luxe-uitgave	((luxe)[N],(uitgave)[N])[N]
luxeartikel	((luxe)[A],(artikel)[N])[N]
luxeauto	((luxe)[A],(auto)[N])[N]
luxeband	((luxe)[A],(band)[N])[N]
luxebrood	((luxe)[A],(brood)[N])[N]
luxehotel	((luxe)[N],(hotel)[N])[N]
luxehut	((luxe)[A],(hut)[N])[N]
luxekarakter	((luxe)[N],(karakter)[N])[N]
luxepaard	((luxe)[A],(paard)[N])[N]
luxeproduct	((luxe)[N],(product)[N])[N]
luxetrein	((luxe)[A],(trein)[N])[N]
luxewagen	((luxe)[A],(wagen)[N])[N]
luxezaak	((luxe)[A],(zaak)[N])[N]
luxmeter	((lux)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
luzerne	(luzerne)[N]
luzernevlinder	((luzerne)[N],(vlinder)[N])[N]
lyceum	(lyceum)[N]
lymf	(lymf)[N]
lymfatisch	((lymfe)[N],(atisch)[A|N.])[A]
lymfe	(lymfe)[N]
lymfeklier	((lymfe)[N],(klier)[N])[N]
lymfeknobbel	((lymfe)[N],(knobbel)[N])[N]
lymfelichaampje	((lymfe)[N],(lichaam)[N])[N]
lymfespleet	((lymfe)[N],(spleet)[N])[N]
lymfestelsel	((lymfe)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
lymfesysteem	((lymfe)[N],(systeem)[N])[N]
lymfevat	((lymfe)[N],(vat)[N])[N]
lymfklier	((lymf)[N],(klier)[N])[N]
lymflichaampje	((lymf)[N],(lichaam)[N])[N]
lymfspleet	((lymf)[N],(spleet)[N])[N]
lymfvat	((lymf)[N],(vat)[N])[N]
lynchen	(lynch)[V]
lynchgerecht	((lynch)[V],(gerecht)[N])[N]
lynchpartij	((lynch)[V],(partij)[N])[N]
lynchwet	((lynch)[V],(wet)[N])[N]
lynx	(lynx)[N]
lynxoog	((lynx)[N],(oog)[N])[N]
lyofilisatie	((lyofiliseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
lyriek	((lyrisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
löss	(löss)[N]
lössbodem	((löss)[N],(bodem)[N])[N]
lössgrond	((löss)[N],(grond)[N])[N]
lösshoudend	((löss)[N],(houdend)[A])[A]
m	(m)[N]
ma	(ma)[N]
maag	(maag)[N]
maagaandoening	((maag)[N],(((aan)[P],(doe)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
maagbitter	((maag)[N],(bitter)[N])[N]
maagbloeding	((maag)[N],(bloed)[V],(ing)[N|NV.])[N]
maagd	(maagd)[N]
maagdarmcatarre	((maag)[N],(darm)[N],(catarre)[N])[N]
maagdarmkanaal	((maag)[N],(darm)[N],(kanaal)[N])[N]
maagdelijk	((maagd)[N],(elijk)[A|N.])[A]
maagdelijkheid	(((maagd)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
maagdenhonig	((maagd)[N],(en)[N|N.N],(honig)[N])[N]
maagdenhoning	((maagd)[N],(en)[N|N.N],(honing)[N])[N]
maagdenpalm	((maagd)[N],(en)[N|N.N],(palm)[N])[N]
maagdenpeer	((maagd)[N],(en)[N|N.N],(peer)[N])[N]
maagdenvlies	((maagd)[N],(en)[N|N.N],(vlies)[N])[N]
maagdom	((maagd)[N],(dom)[N|N.])[N]
maagelixer	((maag)[N],(elixer)[N])[N]
maagelixir	((maag)[N],(elixir)[N])[N]
maagfistel	((maag)[N],(fistel)[N])[N]
maaghevel	((maag)[N],(hevel)[N])[N]
maagholte	((maag)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
maaghorzel	((maag)[N],(horzel)[N])[N]
maagkanker	((maag)[N],(kanker)[N])[N]
maagkatheter	((maag)[N],(katheter)[N])[N]
maagklacht	((maag)[N],(klacht)[N])[N]
maagkramp	((maag)[N],(kramp)[N])[N]
maagkwaal	((maag)[N],(kwaal)[N])[N]
maaglijder	((maag)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
maaglijdster	((maag)[N],(lijd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
maagmond	((maag)[N],(mond)[N])[N]
maagonderzoek	((maag)[N],(onderzoek)[N])[N]
maagontsteking	((maag)[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
maagoperatie	((maag)[N],(opereer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
maagpatiënt	((maag)[N],(patiënt)[N])[N]
maagperforatie	((maag)[N],(perforeer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
maagpijn	((maag)[N],(pijn)[N])[N]
maagpomp	((maag)[N],(pomp)[N])[N]
maagpoort	((maag)[N],(poort)[N])[N]
maagresectie	((maag)[N],(resectie)[N])[N]
maagsap	((maag)[N],(sap)[N])[N]
maagschap	((maag)[N],(schap)[N|N.])[N]
maagslang	((maag)[N],(slang)[N])[N]
maagsonde	((maag)[N],(sonde)[N])[N]
maagstoornis	((maag)[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
maagstoot	((maag)[N],(stoot)[N])[N]
maagstreek	((maag)[N],(streek)[N])[N]
maagverharding	((maag)[N],((ver)[V|.A],(hard)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
maagvlies	((maag)[N],(vlies)[N])[N]
maagvulling	((maag)[N],(vul)[V],(ing)[N|NV.])[N]
maagwand	((maag)[N],(wand)[N])[N]
maagzout	((maag)[N],(zout)[N])[N]
maagzuur	((maag)[N],(zuur)[N])[N]
maagzuurproductie	(((maag)[N],(zuur)[N])[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
maagzuursecretie	(((maag)[N],(zuur)[N])[N],((secreet)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
maagzweer	((maag)[N],(zweer)[N])[N]
maai	(maai)[N]
maaibenen	((maai)[V],(been)[N])[V]
maaibinder	((maai)[V],(bind)[V],(er)[N|VV.])[N]
maaidorsen	((maai)[V],(dors)[V])[V]
maaidorsmachine	((maai)[V],(dors)[V],(machine)[N])[N]
maaien	(maai)[V]
maaier	((maai)[V],(er)[N|V.])[N]
maaikneuzer	((maai)[V],(kneus)[V],(er)[N|VV.])[N]
maailand	((maai)[V],(land)[N])[N]
maaimachine	((maai)[V],(machine)[N])[N]
maaimeers	((maai)[V],(meers)[N])[N]
maaister	((maai)[V],(ster)[N|V.])[N]
maaitijd	((maai)[V],(tijd)[N])[N]
maaiveld	((maai)[V],(veld)[N])[N]
maaivoet	((maai)[V],(voet)[N])[N]
maakbaar	((maak)[V],(baar)[A|V.])[A]
maakbaarheid	(((maak)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
maakloon	((maak)[V],(loon)[N])[N]
maaksel	((maak)[V],(sel)[N|V.])[N]
maakster	((maak)[V],(ster)[N|V.])[N]
maakwerk	((maak)[V],(werk)[N])[N]
maal	(maal)[N]
maalboezem	((maal)[V],(boezem)[N])[N]
maalderij	((maal)[V],(derij)[N|V.])[N]
maalfeest	((maal)[V],(feest)[N])[N]
maalkruis	((maal)[N],(kruis)[N])[N]
maalloon	((maal)[V],(loon)[N])[N]
maalpeil	((maal)[V],(peil)[N])[N]
maalsel	((maal)[V],(sel)[N|V.])[N]
maalsteen	((maal)[V],(steen)[N])[N]
maalster	((maal)[V],(ster)[N|V.])[N]
maalstroom	((maal)[V],(stroom)[N])[N]
maaltand	((maal)[V],(tand)[N])[N]
maalteken	((maal)[N],(teken)[N])[N]
maaltijd	((maal)[N],(tijd)[N])[N]
maaltijdsoep	(((maal)[N],(tijd)[N])[N],(soep)[N])[N]
maalvlakte	((maal)[V],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
maalzolder	((maal)[V],(zolder)[N])[N]
maan	(maan)[N]
maanatlas	((maan)[N],(atlas)[N])[N]
maanbaan	((maan)[N],(baan)[N])[N]
maanberg	((maan)[N],(berg)[N])[N]
maanbeschrijving	((maan)[N],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
maanbeving	((maan)[N],((beef)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
maanblind	((maan)[N],(blind)[A])[A]
maanbrief	((maan)[V],(brief)[N])[N]
maancirkel	((maan)[N],(cirkel)[N])[N]
maancyclus	((maan)[N],(cyclus)[N])[N]
maand	(maand)[N]
maandabonnement	((maand)[N],((abonneer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
maandagavond	((maandag)[N],(avond)[N])[N]
maandaghouder	((maandag)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
maandagkrant	((maandag)[N],(krant)[N])[N]
maandagmiddag	((maandag)[N],(middag)[N])[N]
maandagmorgenexemplaar	((maandagmorgen)[N],(exemplaar)[N])[N]
maandagnacht	((maandag)[N],(nacht)[N])[N]
maandagochtend	((maandag)[N],(ochtend)[N])[N]
maandags	((maandag)[N],(s)[A|N.])[A]
maandagziekte	((maandag)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
maandbalans	((maand)[N],(balans)[N])[N]
maandbericht	((maand)[N],(bericht)[N])[N]
maandblad	((maand)[N],(blad)[N])[N]
maandbloeding	((maand)[N],((bloed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
maandbloeier	((maand)[N],((bloei)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
maandcijfers	((maand)[N],(cijfer)[N])[N]
maandcyclus	((maand)[N],(cyclus)[N])[N]
maandelijks	((maand)[N],(elijks)[A|N.])[A]
maandenlang	((maand)[N],(en)[A|N.A],(lang)[A])[A]
maandgeld	((maand)[N],(geld)[N])[N]
maandkaart	((maand)[N],(kaart)[N])[N]
maandkalender	((maand)[N],(kalender)[N])[N]
maandlasten	((maand)[N],(last)[N])[N]
maandloon	((maand)[N],(loon)[N])[N]
maandoverzicht	((maand)[N],(overzicht)[N])[N]
maandrapport	((maand)[N],(rapport)[N])[N]
maandroos	((maand)[N],(roos)[N])[N]
maandsalaris	((maand)[N],(salaris)[N])[N]
maandschrift	((maand)[N],(schrift)[N])[N]
maandstaat	((maand)[N],(staat)[N])[N]
maandsteen	((maand)[N],(steen)[N])[N]
maandstond	((maand)[N],(stond)[N])[N]
maandtabel	((maand)[N],(tabel)[N])[N]
maandverband	((maand)[N],(verband)[N])[N]
maandverslag	((maand)[N],(verslag)[N])[N]
maaneclips	((maan)[N],(eclips)[N])[N]
maaneffect	((maan)[N],(effect)[N])[N]
maanfase	((maan)[N],(fase)[N])[N]
maanfoto	((maan)[N],(foto)[N])[N]
maangestalte	((maan)[N],(gestalte)[N])[N]
maangodin	((maan)[N],((god)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
maanjaar	((maan)[N],(jaar)[N])[N]
maankaart	((maan)[N],(kaart)[N])[N]
maankalender	((maan)[N],(kalender)[N])[N]
maankop	((maan)[N],(kop)[N])[N]
maankrans	((maan)[N],(krans)[N])[N]
maankrater	((maan)[N],(krater)[N])[N]
maanlander	((maan)[N],(land)[V],(er)[N|NV.])[N]
maanlanding	((maan)[N],((land)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
maanlandschap	((maan)[N],((land)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
maanlicht	((maan)[N],(licht)[N])[N]
maanloop	((maan)[N],(loop)[N])[N]
maanloos	((maan)[N],(loos)[A|N.])[A]
maanmonster	((maan)[N],(monster)[N])[N]
maanolie	((maan)[N],(olie)[N])[N]
maanraket	((maan)[N],(raket)[N])[N]
maanreiziger	((maan)[N],(reiziger)[N])[N]
maanreizigster	((maan)[N],(reizigster)[N])[N]
maanring	((maan)[N],(ring)[N])[N]
maansafstand	((maan)[N],(s)[N|N.N],(afstand)[N])[N]
maansatelliet	((maan)[N],(satelliet)[N])[N]
maanschijf	((maan)[N],(schijf)[N])[N]
maansikkel	((maan)[N],(sikkel)[N])[N]
maansloep	((maan)[N],(sloep)[N])[N]
maanstand	((maan)[N],(stand)[N])[N]
maansteen	((maan)[N],(steen)[N])[N]
maanstraal	((maan)[N],(straal)[N])[N]
maansverduistering	((maan)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(duister)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
maansvereffening	((maan)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(effen)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
maantijd	((maan)[N],(tijd)[N])[N]
maanvaarder	((maan)[N],(vaar)[V],(der)[N|NV.])[N]
maanvis	((maan)[N],(vis)[N])[N]
maanvlek	((maan)[N],(vlek)[N])[N]
maanvormig	((maan)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
maanwaarts	((maan)[N],(waarts)[A|N.])[A]
maanwandeling	((maan)[N],((wandel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
maanzaad	((maan)[N],(zaad)[N])[N]
maanzaadbrood	(((maan)[N],(zaad)[N])[N],(brood)[N])[N]
maanziek	((maan)[N],(ziek)[A])[A]
maanziekte	(((maan)[N],(ziek)[A])[A],(te)[N|A.])[N]
maar	(maar)[N]
maarschalk	(maarschalk)[N]
maarschalksstaf	((maarschalk)[N],(s)[N|N.N],(staf)[N])[N]
maarts	((maart)[N],(s)[A|N.])[A]
maas	(maas)[N]
maasbal	((maas)[N],(bal)[N])[N]
maashagedis	((maas)[N],(hagedis)[N])[N]
maasknoop	((maas)[V],(knoop)[N])[N]
maasnaald	((maas)[V],(naald)[N])[N]
maassteek	((maas)[V],(steek)[N])[N]
maaswerk	((maas)[V],(werk)[N])[N]
maaswijdte	((maas)[N],((wijd)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
maaswol	((maas)[V],(wol)[N])[N]
maat	(maat)[N]
maatanalyse	((maat)[N],(analyse)[N])[N]
maatbak	((maat)[N],(bak)[N])[N]
maatbeker	((maat)[N],(beker)[N])[N]
maatbuis	((maat)[N],(buis)[N])[N]
maatcijfer	((maat)[N],(cijfer)[N])[N]
maatcilinder	((maat)[N],(cilinder)[N])[N]
maatcontrole	((maat)[N],(controle)[N])[N]
maatdeel	((maat)[N],(deel)[N])[N]
maatdop	((maat)[N],(dop)[N])[N]
maateenheid	((maat)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
maatgevend	((maat)[N],(geef)[V],(end)[A|NV.])[A]
maatgevoel	((maat)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
maatglas	((maat)[N],(glas)[N])[N]
maatgoed	((maat)[N],(goed)[N])[N]
maathouden	((maat)[N],(houd)[V])[V]
maatjesharing	((maat)[N],(s)[N|N.N],(haring)[N])[N]
maatjespeer	((Maarten)[N],(s)[N|N.N],(peer)[N])[N]
maatkan	((maat)[N],(kan)[N])[N]
maatkleding	((maat)[N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
maatkolf	((maat)[N],(kolf)[N])[N]
maatkostuum	((maat)[N],(kostuum)[N])[N]
maatlat	((maat)[N],(lat)[N])[N]
maatlijn	((maat)[N],(lijn)[N])[N]
maatlint	((maat)[N],(lint)[N])[N]
maatloos	((maat)[N],(loos)[A|N.])[A]
maatmeter	((maat)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
maatring	((maat)[N],(ring)[N])[N]
maatschap	((maat)[N],(schap)[N|N.])[N]
maatschappelijk	(((maat)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A]
maatschappelijkcultureel	((((maat)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A],((cultuur)[N],(eel)[A|N.])[A])[A]
maatschappijanalyse	((maatschappij)[N],(analyse)[N])[N]
maatschappijbeeld	((maatschappij)[N],(beeld)[N])[N]
maatschappijconceptie	((maatschappij)[N],((concept)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
maatschappijcriticus	((maatschappij)[N],(criticus)[N])[N]
maatschappijformatie	((maatschappij)[N],((formeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
maatschappijhervormer	((maatschappij)[N],((her)[V|.V],(vorm)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
maatschappijkritiek	((maatschappij)[N],((kritisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
maatschappijkritisch	((maatschappij)[N],(kritisch)[A])[A]
maatschappijleer	((maatschappij)[N],(leer)[N])[N]
maatschappijontwikkeling	((maatschappij)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
maatschappijordening	((maatschappij)[N],((orden)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
maatschappijpolitiek	((maatschappij)[N],(politiek)[A])[A]
maatschappijstructuur	((maatschappij)[N],(structuur)[N])[N]
maatschappijtheoretisch	((maatschappij)[N],((theorie)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
maatschappijtheorie	((maatschappij)[N],(theorie)[N])[N]
maatschappijtype	((maatschappij)[N],(type)[N])[N]
maatschappijverandering	((maatschappij)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
maatschappijverbetering	((maatschappij)[N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
maatschappijvisie	((maatschappij)[N],(visie)[N])[N]
maatschappijvlag	((maatschappij)[N],(vlag)[N])[N]
maatschappijvorm	((maatschappij)[N],(vorm)[N])[N]
maatschappijvorming	((maatschappij)[N],((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
maatschappijwetenschap	((maatschappij)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
maatschets	((maat)[N],(schets)[N])[N]
maatslaan	((maat)[N],(sla)[V])[V]
maatslag	((maat)[N],(slag)[N])[N]
maatsoort	((maat)[N],(soort)[N])[N]
maatstaf	((maat)[N],(staf)[N])[N]
maatstelsel	((maat)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
maatstok	((maat)[N],(stok)[N])[N]
maatstreep	((maat)[N],(streep)[N])[N]
maatteken	((maat)[N],(teken)[N])[N]
maatvast	((maat)[N],(vast)[A])[A]
maatverdeling	((maat)[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
maatvis	((maat)[N],(vis)[N])[N]
maatvloeistof	((maat)[N],((vloei)[V],(stof)[N])[N])[N]
maatvoerder	((maat)[N],(voer)[V],(der)[N|NV.])[N]
maatvoering	((maat)[N],(voer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
maatvracht	((maat)[N],(vracht)[N])[N]
maatwerk	((maat)[N],(werk)[N])[N]
macaber	(macaber)[A]
macadamiseren	((macadam)[N],(iseer)[V|N.])[V]
macadamweg	((macadam)[N],(weg)[N])[N]
macaroni	(macaroni)[N]
macaronisch	((macaroni)[N],(isch)[A|N.])[A]
maceratie	((macereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
mach	(mach)[N]
machete	(machete)[N]
machinatie	((machineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
machine	(machine)[N]
machineaggregaat	((machine)[N],((aggregeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
machineas	((machine)[N],(as)[N])[N]
machinebankwerker	((machine)[N],((bank)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
machinegaren	((machine)[N],(garen)[N])[N]
machinegeweer	((machine)[N],(geweer)[N])[N]
machinekamer	((machine)[N],(kamer)[N])[N]
machinekracht	((machine)[N],(kracht)[N])[N]
machinenaald	((machine)[N],(naald)[N])[N]
machineolie	((machine)[N],(olie)[N])[N]
machineonderdeel	((machine)[N],((onder)[P],(deel)[N])[N])[N]
machinepapier	((machine)[N],(papier)[N])[N]
machinepark	((machine)[N],(park)[N])[N]
machinepistool	((machine)[N],(pistool)[N])[N]
machinerie	((machine)[N],(erie)[N|N.])[N]
machineschrift	((machine)[N],(schrift)[N])[N]
machineschrijven	((machine)[N],(schrijf)[V])[V]
machinestad	((machine)[N],(stad)[N])[N]
machinestraat	((machine)[N],(straat)[N])[N]
machinetaal	((machine)[N],(taal)[N])[N]
machinetekenaar	((machine)[N],((teken)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
machinetijd	((machine)[N],(tijd)[N])[N]
machinevermogen	((machine)[N],(vermogen)[N])[N]
machinevoerder	((machine)[N],(voer)[V],(der)[N|NV.])[N]
machinezetsel	((machine)[N],((zet)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
machinezetter	((machine)[N],((zet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
machinezijde	((machine)[N],(zijde)[N])[N]
machinist	((machine)[N],(ist)[N|N.])[N]
machmeter	((mach)[N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
machokerel	((macho)[N],(kerel)[N])[N]
macht	(macht)[N]
machteloos	((macht)[N],(eloos)[A|N.])[A]
machteloosheid	(((macht)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
machtenscheiding	((macht)[N],(en)[N|N.Vx],(scheid)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
machthebbend	((macht)[N],(heb)[V],(end)[A|NV.])[A]
machthebber	((macht)[N],(heb)[V],(er)[N|NV.])[N]
machtig	((macht)[N],(ig)[A|N.])[A]
machtigheid	(((macht)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
machtiging	((machtig)[V],(ing)[N|V.])[N]
machtigingsnummer	(((machtig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(nummer)[N])[N]
machtigingswet	(((machtig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
machtlijn	((macht)[N],(lijn)[N])[N]
machtpositie	((macht)[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
machtpunt	((macht)[N],(punt)[N])[N]
machtreeks	((macht)[N],(reeks)[N])[N]
machtsaanmatiging	((macht)[N],(s)[N|N.N],(((aan)[P],(matig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
machtsaanwijzer	((macht)[N],(s)[N|N.Vx],((aan)[P],(wijs)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
machtsapparaat	((macht)[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
machtsbasis	((macht)[N],(s)[N|N.N],(basis)[N])[N]
machtsbegeerte	((macht)[N],(s)[N|N.N],(begeerte)[N])[N]
machtsbegrip	((macht)[N],(s)[N|N.N],(begrip)[N])[N]
machtsbelust	((macht)[N],(s)[A|N.A],((be)[A|.N],(lust)[N])[A])[A]
machtsbetekenis	((macht)[N],(s)[N|N.N],(betekenis)[N])[N]
machtsbetoon	((macht)[N],(s)[N|N.N],(betoon)[N])[N]
machtsbewustzijn	((macht)[N],(s)[N|N.N],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
machtsblok	((macht)[N],(s)[N|N.N],(blok)[N])[N]
machtsbron	((macht)[N],(s)[N|N.N],(bron)[N])[N]
machtscentrum	((macht)[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
machtscircuit	((macht)[N],(s)[N|N.N],(circuit)[N])[N]
machtsconcentratie	((macht)[N],(s)[N|N.Vx],(concentreer)[V],(atie)[N|NxV.])[N]
machtsconflict	((macht)[N],(s)[N|N.N],(conflict)[N])[N]
machtsconstellatie	((macht)[N],(s)[N|N.N],(constellatie)[N])[N]
machtsdaad	((macht)[N],(s)[N|N.N],(daad)[N])[N]
machtsdenken	((macht)[N],(s)[N|N.V],(denken)[V])[N]
machtsdrang	((macht)[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
machtsdrift	((macht)[N],(s)[N|N.N],(drift)[N])[N]
machtsegalisatie	((macht)[N],(s)[N|N.N],(((egaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
machtselement	((macht)[N],(s)[N|N.N],(element)[N])[N]
machtselite	((macht)[N],(s)[N|N.N],(elite)[N])[N]
machtsevenwicht	((macht)[N],(s)[N|N.N],((even)[A],(wicht)[N])[N])[N]
machtsgebied	((macht)[N],(s)[N|N.N],(gebied)[N])[N]
machtsgevoel	((macht)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
machtsgevoelen	((macht)[N],(s)[N|N.N],(gevoelen)[N])[N]
machtshiërarchie	((macht)[N],(s)[N|N.N],((hiërarchisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
machtsinsignes	((macht)[N],(s)[N|N.N],(insigne)[N])[N]
machtsinstrument	((macht)[N],(s)[N|N.N],(instrument)[N])[N]
machtsinvloed	((macht)[N],(s)[N|N.N],(invloed)[N])[N]
machtsmiddel	((macht)[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
machtsmisbruik	((macht)[N],(s)[N|N.N],(misbruik)[N])[N]
machtsmotief	((macht)[N],(s)[N|N.N],(motief)[N])[N]
machtsoefening	((macht)[N],(s)[N|N.N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
machtsongelijkheid	((macht)[N],(s)[N|N.N],(((on)[A|.A],(gelijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
machtsontwikkeling	((macht)[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
machtsorganisatie	((macht)[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
machtsoverdracht	((macht)[N],(s)[N|N.N],(overdracht)[N])[N]
machtsovername	((macht)[N],(s)[N|N.N],(overname)[N])[N]
machtsoverwicht	((macht)[N],(s)[N|N.N],((over)[N|.N],(wicht)[N])[N])[N]
machtspolitiek	((macht)[N],(s)[N|N.N],(politiek)[N])[N]
machtspositie	((macht)[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
machtspreuk	((macht)[N],(spreuk)[N])[N]
machtsprobleem	((macht)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
machtsproces	((macht)[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
machtsrelatie	((macht)[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
machtssfeer	((macht)[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
machtssituatie	((macht)[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
machtsspreuk	((macht)[N],(s)[N|N.N],(spreuk)[N])[N]
machtsstreving	((macht)[N],(s)[N|N.Vx],(streef)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
machtsstrijd	((macht)[N],(s)[N|N.N],(strijd)[N])[N]
machtsstructuur	((macht)[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
machtssysteem	((macht)[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
machtstaat	((macht)[N],(staat)[N])[N]
machtstegenstelling	((macht)[N],(s)[N|N.N],((tegen)[B],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
machtstoename	((macht)[N],(s)[N|N.N],(toename)[N])[N]
machtsuitoefening	((macht)[N],(s)[N|N.N],(((uit)[P],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
machtsusurpatie	((macht)[N],(s)[N|N.N],((usurpeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
machtsvacuüm	((macht)[N],(s)[N|N.N],(vacuüm)[N])[N]
machtsverheffing	((macht)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(hef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
machtsverhouding	((macht)[N],(s)[N|N.N],((verhoud)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
machtsverschijnsel	((macht)[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
machtsvertoon	((macht)[N],(s)[N|N.N],(vertoon)[N])[N]
machtsvolkomenheid	((macht)[N],(s)[N|N.N],((volkomen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
machtsvraagstuk	((macht)[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
machtswellust	((macht)[N],(s)[N|N.N],((wel)[A],(lust)[N])[N])[N]
machtswellusteling	(((macht)[N],(s)[N|N.N],((wel)[A],(lust)[N])[N])[N],(eling)[N|N.])[N]
machtswisseling	((macht)[N],(s)[N|N.N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
machtwoord	((macht)[N],(woord)[N])[N]
macisolie	((macis)[N],(olie)[N])[N]
macramé	(macramé)[N]
macro-economie	((macro)[N|.N],((economisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
macro-evolutie	((macro)[N|.N],((evolueer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
macro-organisme	((macro)[N|.N],(organisme)[N])[N]
macrobestanddeel	((macro)[N|.N],((bestand)[N],(deel)[N])[N])[N]
macrobiotiek	((macrobiotisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
macrofotografie	((macro)[N|.N],((fotografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
macrohistorie	((macro)[N|.N],((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
macrokosmos	((macro)[N|.N],(kosmos)[N])[N]
macrokristallijn	((macro)[A|.A],(kristallijn)[A])[A]
macromoleculair	((macro)[A|.A],(moleculair)[A])[A]
macromolecule	((macro)[N|.N],(molecule)[N])[N]
macroparasiet	((macro)[N|.N],(parasiet)[N])[N]
macroscopie	((macroscopisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
macrosociologie	((macro)[N|.N],((sociologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
macrostructuur	((macro)[N|.N],(structuur)[N])[N]
madam	(madam)[N]
madame	(madame)[N]
made	(made)[N]
madehaak	((made)[N],(haak)[N])[N]
madelief	(madelief)[N]
maderasaus	((madeira)[N],(saus)[N])[N]
madeworm	((made)[N],(worm)[N])[N]
madonnabeeld	((madonna)[N],(beeld)[N])[N]
madonnagezicht	((madonna)[N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
maduro	(maduro)[A]
maestro	(maestro)[N]
maf	(maf)[N]
maffen	(maf)[V]
maffer	((maf)[V],(er)[N|V.])[N]
maffia	(maffia)[N]
maffiafamilie	((maffia)[N],(familie)[N])[N]
mafje	(maf)[N]
mafketel	((maf)[A],(ketel)[N])[N]
mafkikker	((maf)[A],(kikker)[N])[N]
mafkont	((maf)[A],(kont)[N])[N]
magazijn	(magazijn)[N]
magazijnadministratie	((magazijn)[N],((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
magazijnbediende	((magazijn)[N],(bediende)[N])[N]
magazijngoederen	((magazijn)[N],(goed)[N])[N]
magazijnhouder	((magazijn)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
magazijnier	((magazijn)[N],(ier)[N|N.])[N]
magazijnmeester	((magazijn)[N],(meester)[N])[N]
magazijnruimte	((magazijn)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
magazine	(magazine)[N]
mager	(mager)[A]
magerheid	((mager)[A],(heid)[N|A.])[N]
magerte	((mager)[A],(te)[N|A.])[N]
magerzucht	((mager)[A],(zucht)[N])[N]
maggi	(maggi)[N]
maggiplant	((maggi)[N],(plant)[N])[N]
magie	((magisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
magirusladder	((Magirus)[N],(ladder)[N])[N]
magistraal	((magister)[N],(aal)[A|N.])[A]
magistraat	((magister)[N],(aat)[N|N.])[N]
magistraatschap	(((magister)[N],(aat)[N|N.])[N],(schap)[N|N.])[N]
magistraatspersoon	(((magister)[N],(aat)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(persoon)[N])[N]
magistratuur	(((magister)[N],(aat)[N|N.])[N],(uur)[N|N.])[N]
magiër	(((magisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(er)[N|N.])[N]
magneetanker	((magneet)[N],(anker)[N])[N]
magneetband	((magneet)[N],(band)[N])[N]
magneetbandschrijver	(((magneet)[N],(band)[N])[N],(schrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
magneetijzer	((magneet)[N],(ijzer)[N])[N]
magneetijzersteen	((magneet)[N],((ijzer)[N],(steen)[N])[N])[N]
magneetinductie	((magneet)[N],(inductie)[N])[N]
magneetkaart	((magneet)[N],(kaart)[N])[N]
magneetkern	((magneet)[N],(kern)[N])[N]
magneetkraan	((magneet)[N],(kraan)[N])[N]
magneetkracht	((magneet)[N],(kracht)[N])[N]
magneetkussen	((magneet)[N],(kussen)[N])[N]
magneetlamp	((magneet)[N],(lamp)[N])[N]
magneetnaald	((magneet)[N],(naald)[N])[N]
magneetpleister	((magneet)[N],(pleister)[N])[N]
magneetpool	((magneet)[N],(pool)[N])[N]
magneetrem	((magneet)[N],(rem)[N])[N]
magneetschijf	((magneet)[N],(schijf)[N])[N]
magneetschijfgeheugen	(((magneet)[N],(schijf)[N])[N],(geheugen)[N])[N]
magneetsluiting	((magneet)[N],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
magneetspoel	((magneet)[N],(spoel)[N])[N]
magneetstaaf	((magneet)[N],(staaf)[N])[N]
magneetsteen	((magneet)[N],(steen)[N])[N]
magneetstrip	((magneet)[N],(strip)[N])[N]
magneetveld	((magneet)[N],(veld)[N])[N]
magnesiumgehalte	((magnesium)[N],(gehalte)[N])[N]
magnesiumlamp	((magnesium)[N],(lamp)[N])[N]
magnesiumlicht	((magnesium)[N],(licht)[N])[N]
magnesiumoxide	((magnesium)[N],(oxide)[N])[N]
magnesiumpoeder	((magnesium)[N],(poeder)[N])[N]
magnesiumpoeier	((magnesium)[N],(poeier)[N])[N]
magnesiumsilicaat	((magnesium)[N],(silicaat)[N])[N]
magnesiumsulfaat	((magnesium)[N],(sulfaat)[N])[N]
magnetisch	((magneet)[N],(isch)[A|N.])[A]
magnetiseerbaar	(((magneet)[N],(iseer)[V|N.])[V],(baar)[A|V.])[A]
magnetiseerder	(((magneet)[N],(iseer)[V|N.])[V],(der)[N|V.])[N]
magnetiseren	((magneet)[N],(iseer)[V|N.])[V]
magnetiseur	(((magneet)[N],(iseer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
magneto-elektriciteit	((magneto-elektrisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N]
magnetronoven	((magnetron)[N],(oven)[N])[N]
magnolia	(magnolia)[N]
maharadja	(maharadja)[N]
maharishi	(maharishi)[N]
mahjong	(mahjong)[N]
mahonie	(mahonie)[N]
mahonieboom	((mahonie)[N],(boom)[N])[N]
mahoniehout	((mahonie)[N],(hout)[N])[N]
mahoniehouten	(((mahonie)[N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
mahonielak	((mahonie)[A],(lak)[N])[N]
mail	(mail)[N]
mailboot	((mail)[V],(boot)[N])[N]
mailbrief	((mail)[V],(brief)[N])[N]
mailbureau	((mail)[V],(bureau)[N])[N]
maildienst	((mail)[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
mailen	(mail)[V]
mailing	((mail)[V],(ing)[N|V.])[N]
mailpapier	((mail)[V],(papier)[N])[N]
mailtrein	((mail)[N],(trein)[N])[N]
mailzak	((mail)[N],(zak)[N])[N]
majem	(majem)[N]
majesteit	(majesteit)[N]
majesteitelijk	((majesteit)[N],(elijk)[A|N.])[A]
majesteitsmeervoud	((majesteit)[N],(s)[N|N.N],(meervoud)[N])[N]
majesteitsschennis	((majesteit)[N],(s)[N|N.N],(schennis)[N])[N]
majolica	(majolica)[N]
majolicategel	((majolica)[N],(tegel)[N])[N]
majoor	(majoor)[N]
majoor-ingenieur	((majoor)[N],(ingenieur)[N])[N]
majoorse	((majoor)[N],(se)[N|N.])[N]
major	(major)[N]
majoraan	(majoraan)[N]
majuskel	(majuskel)[N]
mak	(mak)[A]
makaron	(makaron)[N]
makassarolie	((Makassar)[N],(olie)[N])[N]
makelaar	((makel)[V],(aar)[N|V.])[N]
makelaardij	(((makel)[V],(aar)[N|V.])[N],(dij)[N|N.])[N]
makelaarsadvies	(((makel)[V],(aar)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(advies)[N])[N]
makelaarsbriefje	(((makel)[V],(aar)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
makelaarschap	(((makel)[V],(aar)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
makelaarskantoor	(((makel)[V],(aar)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
makelaarsloon	(((makel)[V],(aar)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(loon)[N])[N]
makelaarsprovisie	(((makel)[V],(aar)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(provisie)[N])[N]
makelaarster	(((makel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
makelarij	((makel)[V],(arij)[N|V.])[N]
makelen	(makel)[V]
makelloon	((makel)[V],(loon)[N])[N]
maken	(maak)[V]
maker	((maak)[V],(er)[N|V.])[N]
makerij	((maak)[V],(erij)[N|V.])[N]
makheid	((mak)[A],(heid)[N|A.])[N]
maki	(maki)[N]
makke	((mak)[A],(e)[N|A.])[N]
makkelijk	(((mak)[A],(e)[N|A.])[N],(lijk)[A|N.])[A]
makken	(mak)[V]
makker	(makker)[N]
makreel	(makreel)[N]
makreelachtigen	((makreel)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
makreelnet	((makreel)[N],(net)[N])[N]
makroon	(makroon)[N]
mal	(mal)[N]
mala	(mala)[N]
malachiet	(malachiet)[N]
malachietgroen	((malachiet)[N],(groen)[N])[N]
malagawijn	((malaga)[N],(wijn)[N])[N]
malaria-epidemie	((malaria)[N],((epidemisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
malariabacil	((malaria)[N],(bacil)[N])[N]
malariamug	((malaria)[N],(mug)[N])[N]
malariaparasiet	((malaria)[N],(parasiet)[N])[N]
malariatherapie	((malaria)[N],(therapie)[N])[N]
malen	(maal)[V]
maler	((maal)[V],(er)[N|V.])[N]
malerij	((maal)[V],(erij)[N|V.])[N]
malheid	((mal)[A],(heid)[N|A.])[N]
maliebaan	((malie)[N],(baan)[N])[N]
malieveld	((malie)[N],(veld)[N])[N]
maligniteit	((maligne)[A],(iteit)[N|A.])[N]
maling	((maal)[V],(ing)[N|V.])[N]
maliënkolder	((malie)[N],(en)[N|N.N],(kolder)[N])[N]
mallejan	((mal)[N],(e)[N|N.N],(jan)[N])[N]
mallen	(mal)[V]
mallepraat	((mal)[N],(e)[N|N.N],(praat)[N])[N]
malligheid	((mal)[A],(igheid)[N|A.])[N]
malloterig	((malloot)[N],(erig)[A|N.])[A]
malloterigheid	(((malloot)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
mallotig	((malloot)[N],(ig)[A|N.])[A]
mallotigheid	(((malloot)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
mals	(mals)[A]
malsheid	((mals)[A],(heid)[N|A.])[N]
maltentigheid	((maltentig)[A],(heid)[N|A.])[N]
maltezerhond	((Maltezer)[A],(hond)[N])[N]
maluwachtig	((maluwe)[N],(achtig)[A|N.])[A]
maluwachtigen	((maluwe)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
maluwe	(maluwe)[N]
malveachtig	((malve)[N],(achtig)[A|N.])[A]
malveachtigen	((malve)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
mam	(mam)[N]
mama	(mama)[N]
mamma	(mamma)[N]
mamma-amputatie	((mamma)[N],(amputeer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
mammasparend	((mamma)[N],(spaar)[V],(end)[A|NV.])[A]
mammoet	(mammoet)[N]
mammoetconcern	((mammoet)[N],(concern)[N])[N]
mammoetstand	((mammoet)[N],(s)[N|N.N],(tand)[N])[N]
mammoettand	((mammoet)[N],(tand)[N])[N]
mammoettank	((mammoet)[N],(tank)[N])[N]
mammoettanker	((mammoet)[N],((tank)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
mammon	(mammon)[N]
man	(man)[N]
manachtig	((man)[N],(achtig)[A|N.])[A]
management-informatiesysteem	((management)[N],(((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(systeem)[N])[N])[N]
managementfunctie	((management)[N],(functie)[N])[N]
managementteam	((management)[N],(team)[N])[N]
managen	(manage)[V]
managersfunctie	((manager)[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
managerziekte	((manager)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
manbaarheid	((manbaar)[A],(heid)[N|A.])[N]
manchetknoop	((manchet)[N],(knoop)[N])[N]
mancolijst	((manco)[N],(lijst)[N])[N]
mand	(mand)[N]
mandaatgebied	((mandaat)[N],(gebied)[N])[N]
mandag	((man)[N],(dag)[N])[N]
mandala	(mandala)[N]
mandarijn	(mandarijn)[N]
mandarijns	((mandarijn)[N],(s)[A|N.])[A]
mandateren	((mandaat)[N],(eer)[V|N.])[V]
mandekking	((man)[N],(dek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
mandenfles	((mand)[N],(e)[N|N.N],(fles)[N])[N]
mandenmaker	((mand)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
mandenmakerij	((mand)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
mandenwagen	((mand)[N],(e)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
mandenwerk	((mand)[N],(e)[N|N.N],(werk)[N])[N]
mandenwerker	((mand)[N],(e)[N|N.N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
mandfles	((mand)[N],(fles)[N])[N]
mandjeskoop	((mandje)[N],(s)[N|N.N],(koop)[N])[N]
mandola	(mandola)[N]
mandoline	(mandoline)[N]
mandragora	(mandragora)[N]
mandril	(mandril)[N]
mandvol	((mand)[N],(vol)[A])[N]
manege	(manege)[N]
manegebeweging	((manege)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
manegehouder	((manege)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
manegehoudster	((manege)[N],(houd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
manegepaard	((manege)[N],(paard)[N])[N]
manegeziekte	((manege)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
manen	(maan)[V]
manenkam	((maan)[N],(en)[N|N.N],(kam)[N])[N]
manenrob	((maan)[N],(en)[N|N.N],(rob)[N])[N]
manenschaap	((maan)[N],(en)[N|N.N],(schaap)[N])[N]
manenwolf	((maan)[N],(en)[N|N.N],(wolf)[N])[N]
manenzwijn	((maan)[N],(en)[N|N.N],(zwijn)[N])[N]
maner	((maan)[V],(er)[N|V.])[N]
maneschijn	((maan)[N],(e)[N|N.N],(schijn)[N])[N]
mangaanerts	((mangaan)[N],(erts)[N])[N]
mangaanknol	((mangaan)[N],(knol)[N])[N]
mangaanstaal	((mangaan)[N],(staal)[N])[N]
mangat	((man)[N],(gat)[N])[N]
mangel	(mangel)[N]
mangelen	(mangel)[V]
mangelgoed	((mangel)[V],(goed)[N])[N]
mangelkamer	((mangel)[V],(kamer)[N])[N]
mangelrol	((mangel)[V],(rol)[N])[N]
mangelwortel	((mangel)[N],(wortel)[N])[N]
mangistan	(mangistan)[N]
mango	(mango)[N]
mangoeste	(mangoeste)[N]
mangosap	((mango)[N],(sap)[N])[N]
mangrove	(mangrove)[N]
manhaftig	((man)[N],(haftig)[A|N.])[A]
manhaftigheid	(((man)[N],(haftig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
maniakaal	((maniak)[N],(aal)[A|N.])[A]
manie	((manisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
manier	(manier)[N]
manifestant	(((manifest)[A],(eer)[V|A.])[V],(ant)[N|V.])[N]
manifestatie	(((manifest)[A],(eer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
manifesteren	((manifest)[A],(eer)[V|A.])[V]
manillahennep	((manilla)[N],(hennep)[N])[N]
manillasigaar	((manilla)[N],(sigaar)[N])[N]
manillatabak	((manilla)[N],(tabak)[N])[N]
manillatouw	((manilla)[N],(touw)[N])[N]
manillatouwwerk	((manilla)[N],((touw)[N],(werk)[N])[N])[N]
maning	((maan)[V],(ing)[N|V.])[N]
maniokmeel	((maniok)[N],(meel)[N])[N]
maniokwortel	((maniok)[N],(wortel)[N])[N]
manipulatie	((manipuleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
manipulatiekunst	(((manipuleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kunst)[N])[N]
manipulatietechniek	(((manipuleer)[V],(atie)[N|V.])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
manipulator	((manipuleer)[V],(ator)[N|V.])[N]
manisch-depressief	((manisch)[A],((depressie)[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
maniëristisch	((maniërist)[N],(isch)[A|N.])[A]
manjaar	((man)[N],(jaar)[N])[N]
mank	(mank)[A]
mankement	(((mank)[A],(eer)[V|A.])[V],(ement)[N|V.])[N]
manken	(mank)[V]
mankepoot	((mank)[A],(e)[N|A.N],(poot)[N])[N]
mankeren	((mank)[A],(eer)[V|A.])[V]
mankheid	((mank)[A],(heid)[N|A.])[N]
mankpoot	((mank)[A],(poot)[N])[N]
mankracht	((man)[N],(kracht)[N])[N]
manlief	((man)[N],(lief)[A])[N]
manlijk	((man)[N],(lijk)[A|N.])[A]
manlijkheid	(((man)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
manloos	((man)[N],(loos)[A|N.])[A]
manmoedig	((man)[N],(moed)[N],(ig)[A|NN.])[A]
manmoedigheid	(((man)[N],(moed)[N],(ig)[A|NN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
mannelijk	((man)[N],(elijk)[A|N.])[A]
mannelijkheid	(((man)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
mannen	(man)[V]
mannenaangelegenheid	((man)[N],(en)[N|N.N],((aangelegen)[V],(heid)[N|V.])[N])[N]
mannenbeweging	((man)[N],(en)[N|N.N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
mannenbroeders	((man)[N],(en)[N|N.N],(broeder)[N])[N]
mannencultuur	((man)[N],(en)[N|N.N],(cultuur)[N])[N]
mannenfiguur	((man)[N],(en)[N|N.N],(figuur)[N])[N]
mannengek	((man)[N],(en)[N|N.N],(gek)[N])[N]
mannengemeenschap	((man)[N],(en)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
mannengestalte	((man)[N],(en)[N|N.N],(gestalte)[N])[N]
mannengewauwel	((man)[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.V],(wauwel)[V])[N])[N]
mannengezelschap	((man)[N],(en)[N|N.N],((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
mannenhand	((man)[N],(en)[N|N.N],(hand)[N])[N]
mannenheerschappij	((man)[N],(en)[N|N.N],(((heer)[N],(schap)[N|N.])[N],(ij)[N|N.])[N])[N]
mannenhemd	((man)[N],(en)[N|N.N],(hemd)[N])[N]
mannenhoofd	((man)[N],(en)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
mannenhuis	((man)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
mannenjaar	((man)[N],(en)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
mannenklooster	((man)[N],(en)[N|N.N],(klooster)[N])[N]
mannenkoor	((man)[N],(en)[N|N.N],(koor)[N])[N]
mannenkracht	((man)[N],(en)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
mannenlaars	((man)[N],(en)[N|N.N],(laars)[N])[N]
mannenlichaam	((man)[N],(en)[N|N.N],(lichaam)[N])[N]
mannenlijf	((man)[N],(en)[N|N.N],(lijf)[N])[N]
mannenlogica	((man)[N],(en)[N|N.N],(logica)[N])[N]
mannenmaatschappij	((man)[N],(en)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
mannenmacht	((man)[N],(en)[N|N.N],(macht)[N])[N]
mannenmanier	((man)[N],(en)[N|N.N],(manier)[N])[N]
mannenmoed	((man)[N],(en)[N|N.N],(moed)[N])[N]
mannenorde	((man)[N],(en)[N|N.N],(orde)[N])[N]
mannenorganisatie	((man)[N],(en)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
mannenoverhemd	((man)[N],(en)[N|N.N],((over)[P],(hemd)[N])[N])[N]
mannenparfum	((man)[N],(en)[N|N.N],(parfum)[N])[N]
mannenschoen	((man)[N],(en)[N|N.N],(schoen)[N])[N]
mannenstem	((man)[N],(en)[N|N.N],(stem)[N])[N]
mannentaal	((man)[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
mannentype	((man)[N],(en)[N|N.N],(type)[N])[N]
mannenverslindster	((man)[N],(en)[N|N.Vx],(verslind)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
mannenvinger	((man)[N],(en)[N|N.N],(vinger)[N])[N]
mannenvolk	((man)[N],(en)[N|N.N],(volk)[N])[N]
mannenvriendschap	((man)[N],(en)[N|N.N],((vriend)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
mannenwereld	((man)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
mannenwerk	((man)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
mannenzaak	((man)[N],(en)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
mannenzaal	((man)[N],(en)[N|N.N],(zaal)[N])[N]
mannequinachtig	((mannequin)[N],(achtig)[A|N.])[A]
mannetjesarend	((mannetje)[N],(s)[N|N.N],(arend)[N])[N]
mannetjesboon	((mannetje)[N],(s)[N|N.N],(boon)[N])[N]
mannetjeseend	((mannetje)[N],(s)[N|N.N],(eend)[N])[N]
mannetjeshennep	((mannetje)[N],(s)[N|N.N],(hennep)[N])[N]
mannetjeskerel	((mannetje)[N],(s)[N|N.N],(kerel)[N])[N]
mannetjesmakerij	((mannetje)[N],(s)[N|N.Vx],(maak)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
mannetjesmus	((mannetje)[N],(s)[N|N.N],(mus)[N])[N]
mannetjesnoot	((mannetje)[N],(s)[N|N.N],(noot)[N])[N]
mannetjesplant	((mannetje)[N],(s)[N|N.N],(plant)[N])[N]
mannetjesputter	((mannetje)[N],(s)[N|N.N],((put)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
mannin	((man)[N],(in)[N|N.])[N]
manoeuvre	(manoeuvre)[N]
manoeuvreerbaar	((manoeuvreer)[V],(baar)[A|V.])[A]
manoeuvreerruimte	((manoeuvreer)[V],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
manoeuvreerstand	((manoeuvreer)[V],(stand)[N])[N]
mans	((man)[N],(s)[A|N.])[A]
mans	(mans)[N]
mansardedak	((mansarde)[N],(dak)[N])[N]
mansbakje	((mans)[N],(bak)[N])[N]
mansbroek	((man)[N],(s)[N|N.N],(broek)[N])[N]
manschap	((man)[N],(schap)[N|N.])[N]
manschappenwagen	((manschap)[N],(en)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
mansdik	((man)[N],(s)[A|N.A],(dik)[A])[A]
manshemd	((man)[N],(s)[N|N.N],(hemd)[N])[N]
manshoed	((man)[N],(s)[N|N.N],(hoed)[N])[N]
manshoog	((man)[N],(s)[A|N.A],(hoog)[A])[A]
manshoogte	(((man)[N],(s)[A|N.A],(hoog)[A])[A],(te)[N|A.])[N]
manskerel	((man)[N],(s)[N|N.N],(kerel)[N])[N]
manskleding	((man)[N],(s)[N|N.N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
manskleren	((man)[N],(s)[N|N.N],(kleed)[N])[N]
manslag	((man)[N],(slag)[N])[N]
manslengte	((man)[N],(s)[N|N.N],(lengte)[N])[N]
mansmoeder	((man)[N],(s)[N|N.N],(moeder)[N])[N]
mansnaam	((man)[N],(s)[N|N.N],(naam)[N])[N]
mansoor	((man)[N],(s)[N|N.N],(oor)[N])[N]
manspersoon	((man)[N],(s)[N|N.N],(persoon)[N])[N]
mansvolk	((man)[N],(s)[N|N.N],(volk)[N])[N]
mantel	(mantel)[N]
mantelbaviaan	((mantel)[N],(baviaan)[N])[N]
manteldieren	((mantel)[N],(dier)[N])[N]
mantelholte	((mantel)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
manteljas	((mantel)[N],(jas)[N])[N]
mantelkostuum	((mantel)[N],(kostuum)[N])[N]
mantelkraag	((mantel)[N],(kraag)[N])[N]
mantelmeeuw	((mantel)[N],(meeuw)[N])[N]
mantelorganisatie	((mantel)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
mantelpak	((mantel)[N],(pak)[N])[N]
mantelstof	((mantel)[N],(stof)[N])[N]
mantelzorg	((mantel)[N],(zorg)[N])[N]
mantilla	(mantilla)[N]
mantille	(mantille)[N]
mantisse	(mantisse)[N]
manufacturenwinkel	((manufactuur)[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
manufactuurwinkel	((manufactuur)[N],(winkel)[N])[N]
manuur	((man)[N],(uur)[N])[N]
manvolk	((man)[N],(volk)[N])[N]
manwijf	((man)[N],(wijf)[N])[N]
manziek	((man)[N],(ziek)[A])[A]
map	(map)[N]
maquillage	((maquilleer)[V],(age)[N|V.])[N]
maraboe	(maraboe)[N]
maraboet	(maraboet)[N]
maraskijn	(maraskijn)[N]
marasquin	(marasquin)[N]
marathon	(marathon)[N]
marathonloop	((marathon)[N],(loop)[N])[N]
marche	(marche)[N]
marchebevel	((marche)[N],(bevel)[N])[N]
marchecolonne	((marche)[N],(colonne)[N])[N]
marcheklaar	((marche)[N],(klaar)[A])[A]
marchemuziek	((marche)[N],(muziek)[N])[N]
marcheorde	((marche)[N],(orde)[N])[N]
marcheorder	((marche)[N],(order)[N])[N]
marcheroute	((marche)[N],(route)[N])[N]
marchetempo	((marche)[N],(tempo)[N])[N]
marchetenue	((marche)[N],(tenue)[N])[N]
marchevaardig	((marche)[N],(vaardig)[A])[A]
mare	(mare)[N]
maren	(maar)[V]
margarineboter	((margarine)[N],(boter)[N])[N]
margarinedoos	((margarine)[N],(doos)[N])[N]
marge	(marge)[N]
margriet	(margriet)[N]
margrietachtig	((margriet)[N],(achtig)[A|N.])[A]
marimba	(marimba)[N]
marinade	((marineer)[V],(ade)[N|V.])[N]
marine	(marine)[N]
marine-eenheid	((marine)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
marine-inlichtingendienst	((marine)[N],((((in)[P],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
marineattaché	((marine)[N],(attaché)[N])[N]
marinebasis	((marine)[N],(basis)[N])[N]
marineblauw	((marine)[N],(blauw)[N])[N]
marinehaven	((marine)[N],(haven)[N])[N]
marineluchtvaartdienst	((marine)[N],((lucht)[N],(vaart)[N])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
marineman	((marine)[N],(man)[N])[N]
marineofficier	((marine)[N],(officier)[N])[N]
marinepatrouille	((marine)[N],(patrouille)[N])[N]
marineschilder	((marine)[N],(schilder)[N])[N]
marinestaf	((marine)[N],(staf)[N])[N]
marinevliegtuig	((marine)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
marinewerf	((marine)[N],(werf)[N])[N]
marinewezen	((marine)[N],(wezen)[N])[N]
marinier	((marine)[N],(ier)[N|N.])[N]
marinierskapel	(((marine)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(kapel)[N])[N]
marinierskazerne	(((marine)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(kazerne)[N])[N]
marionet	(marionet)[N]
marionettenregering	((marionet)[N],(en)[N|N.N],((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
marionettenspel	((marionet)[N],(en)[N|N.N],(spel)[N])[N]
marionettentheater	((marionet)[N],(en)[N|N.N],(theater)[N])[N]
marjolein	(marjolein)[N]
mark	(mark)[N]
markeerder	(((mark)[N],(eer)[V|N.])[V],(der)[N|V.])[N]
markengrond	((mark)[N],(e)[N|N.N],(grond)[N])[N]
markeren	((mark)[N],(eer)[V|N.])[V]
markering	(((mark)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
markeringsboei	((((mark)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(boei)[N])[N]
marketingbeleid	((marketing)[N],(beleid)[N])[N]
marketingdeskundige	((marketing)[N],(deskundige)[N])[N]
marketingstrategie	((marketing)[N],((strategisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
marketingtechniek	((marketing)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
markgenoot	((mark)[N],(genoot)[N])[N]
markgenootschap	(((mark)[N],(genoot)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
markgraaf	((mark)[N],(graaf)[N])[N]
markgraafschap	(((mark)[N],(graaf)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
markgravin	(((mark)[N],(graaf)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
markgrond	((mark)[N],(grond)[N])[N]
markieslinnen	((markies)[N],(linnen)[N])[N]
markiezin	((markies)[N],(in)[N|N.])[N]
markizaat	((markies)[N],(aat)[N|N.])[N]
markt	(markt)[N]
marktaandeel	((markt)[N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
marktanalyse	((markt)[N],(analyse)[N])[N]
marktbericht	((markt)[N],(bericht)[N])[N]
marktdag	((markt)[N],(dag)[N])[N]
markten	(markt)[V]
marktganger	((markt)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N]
marktgeld	((markt)[N],(geld)[N])[N]
marktgeschreeuw	((markt)[N],((ge)[N|.V],(schreeuw)[V])[N])[N]
marktgevoelig	((markt)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|NN.])[A]
markthal	((markt)[N],(hal)[N])[N]
markthandel	((markt)[N],(handel)[N])[N]
marktinvloed	((markt)[N],(invloed)[N])[N]
marktkoers	((markt)[N],(koers)[N])[N]
marktkoopman	((markt)[N],((koop)[V],(man)[N])[N])[N]
marktkraam	((markt)[N],(kraam)[N])[N]
marktkramer	((markt)[N],((kraam)[N],(er)[N|N.])[N])[N]
marktmechanisme	((markt)[N],(mechanisme)[N])[N]
marktmeester	((markt)[N],(meester)[N])[N]
marktnotering	((markt)[N],((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|NV.])[N]
marktonderzoek	((markt)[N],(onderzoek)[N])[N]
marktplaats	((markt)[N],(plaats)[N])[N]
marktplein	((markt)[N],(plein)[N])[N]
marktpolitie	((markt)[N],(politie)[N])[N]
marktprijs	((markt)[N],(prijs)[N])[N]
marktproductie	((markt)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
marktprognose	((markt)[N],(prognose)[N])[N]
marktrecht	((markt)[N],(recht)[N])[N]
marktrente	((markt)[N],(rente)[N])[N]
marktsegment	((markt)[N],(segment)[N])[N]
marktsegmentatie	((markt)[N],((segment)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|NV.])[N]
marktsituatie	((markt)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
marktstrategie	((markt)[N],((strategisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
marktstructuur	((markt)[N],(structuur)[N])[N]
markttrend	((markt)[N],(trend)[N])[N]
marktvergunning	((markt)[N],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
marktverkenning	((markt)[N],(verken)[V],(ing)[N|NV.])[N]
marktvrouw	((markt)[N],(vrouw)[N])[N]
marktwaar	((markt)[N],(waar)[N])[N]
marktwaarde	((markt)[N],(waarde)[N])[N]
marktwezen	((markt)[N],(wezen)[N])[N]
marlen	(marl)[V]
marling	((marl)[V],(ing)[N|V.])[N]
marlpriem	((marl)[V],(priem)[N])[N]
marlreep	((marl)[V],(reep)[N])[N]
marltouw	((marl)[V],(touw)[N])[N]
marmel	(marmel)[N]
marmelade	(marmelade)[N]
marmelen	(marmel)[V]
marmer	(marmer)[N]
marmerachtig	((marmer)[N],(achtig)[A|N.])[A]
marmerader	((marmer)[N],(ader)[N])[N]
marmerbeeld	((marmer)[N],(beeld)[N])[N]
marmeren	((marmer)[N],(en)[A|N.])[A]
marmeren	(marmer)[V]
marmergroef	((marmer)[N],(groef)[N])[N]
marmergroeve	((marmer)[N],(groeve)[N])[N]
marmergruis	((marmer)[N],(gruis)[N])[N]
marmerkat	((marmer)[N],(kat)[N])[N]
marmerpapier	((marmer)[N],(papier)[N])[N]
marmerslag	((marmer)[N],(slag)[N])[N]
marmerslijp	((marmer)[N],(slijp)[N])[N]
marmerzaag	((marmer)[N],(zaag)[N])[N]
marmot	(marmot)[N]
marmottenhok	((marmot)[N],(e)[N|N.N],(hok)[N])[N]
marmottenslaap	((marmot)[N],(e)[N|N.N],(slaap)[N])[N]
marmottenvel	((marmot)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
marodeur	((marodeer)[V],(eur)[N|V.])[N]
marokijnen	((marokijn)[N],(en)[A|N.])[A]
marokijnleder	((marokijn)[N],(leder)[N])[N]
marokijnleer	((marokijn)[N],(leer)[N])[N]
mars	(mars)[N]
marsbevel	((mars)[N],(bevel)[N])[N]
marscolonne	((mars)[N],(colonne)[N])[N]
marsdrager	((mars)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
marsepein	(marsepein)[N]
marsepeinen	((marsepein)[N],(en)[A|N.])[A]
marsfractuur	((mars)[N],(fractuur)[N])[N]
marsgrond	((mars)[N],(grond)[N])[N]
marsklaar	((mars)[N],(klaar)[A])[A]
marskramer	((mars)[N],((kraam)[N],(er)[N|N.])[N])[N]
marsland	((mars)[N],(land)[N])[N]
marsmuziek	((mars)[N],(muziek)[N])[N]
marsorde	((mars)[N],(orde)[N])[N]
marsorder	((mars)[N],(order)[N])[N]
marsroute	((mars)[N],(route)[N])[N]
marssteng	((mars)[N],(steng)[N])[N]
marstempo	((mars)[N],(tempo)[N])[N]
marstenue	((mars)[N],(tenue)[N])[N]
marsvaardig	((mars)[N],(vaardig)[A])[A]
marszeil	((mars)[N],(zeil)[N])[N]
martelaar	((martel)[V],(aar)[N|V.])[N]
martelaarsboek	(((martel)[V],(aar)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(boek)[N])[N]
martelaarschap	(((martel)[V],(aar)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
martelaarsgezicht	(((martel)[V],(aar)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
martelaarsgracht	(((martel)[V],(aar)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gracht)[N])[N]
martelaarskroon	(((martel)[V],(aar)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kroon)[N])[N]
martelares	(((martel)[V],(aar)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
martelarij	((martel)[V],(arij)[N|V.])[N]
marteldood	((martel)[V],(dood)[N])[N]
martelen	(martel)[V]
martelgang	((martel)[V],(gang)[N])[N]
marteling	((martel)[V],(ing)[N|V.])[N]
martelinstituut	((martel)[V],(instituut)[N])[N]
martelkamer	((martel)[V],(kamer)[N])[N]
martelmethode	((martel)[V],(methode)[N])[N]
martelpaal	((martel)[V],(paal)[N])[N]
martelpraktijk	((martel)[V],(praktijk)[N])[N]
marteltuig	((martel)[V],(tuig)[N])[N]
martelwerktuig	((martel)[V],((werk)[V],(tuig)[N])[N])[N]
marter	(marter)[N]
marterachtig	((marter)[N],(achtig)[A|N.])[A]
marterachtigen	((marter)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
marterbont	((marter)[N],(bont)[N])[N]
marterharen	((marter)[N],((haar)[N],(en)[A|N.])[A])[A]
martervel	((marter)[N],(vel)[N])[N]
marxisme-leninisme	((marxisme)[N],(leninisme)[N])[N]
marxist-leninist	((marxist)[N],(leninist)[N])[N]
marxiste	((marxist)[N],(e)[N|N.])[N]
maskage	((maskeer)[V],(age)[N|V.])[N]
masker	(masker)[N]
maskeradefeest	((maskerade)[N],(feest)[N])[N]
maskeradepak	((maskerade)[N],(pak)[N])[N]
maskeren	(masker)[V]
maskerspel	((masker)[N],(spel)[N])[N]
masochiste	((masochist)[N],(e)[N|N.])[N]
masochistisch	((masochist)[N],(isch)[A|N.])[A]
massa	(massa)[N]
massa-actie	((massa)[N],(actie)[N])[N]
massa-artikel	((massa)[N],(artikel)[N])[N]
massa-energie	((massa)[N],(energie)[N])[N]
massa-executie	((massa)[N],((executeer)[V],(ie)[N|V.])[N])[N]
massa-informatie	((massa)[N],((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
massaal	((massa)[N],(aal)[A|N.])[A]
massabeweging	((massa)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
massabijeenkomst	((massa)[N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
massacommunicatie	((massa)[N],((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
massacommunicatief	((massa)[N],(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
massacommunicatiemiddel	((massa)[N],(((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(middel)[N])[N])[N]
massacommunicatiewetenschap	(((massa)[N],((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
massaconcentratie	((massa)[N],((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
massaconsumptie	((massa)[N],(consumptie)[N])[N]
massacultuur	((massa)[N],(cultuur)[N])[N]
massademonstratie	((massa)[N],((demonstreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
massadeportatie	((massa)[N],((deporteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
massadistributie	((massa)[N],((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
massafabricage	((massa)[N],((fabriceer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
massage	((masseer)[V],(age)[N|V.])[N]
massage-instituut	(((masseer)[V],(age)[N|V.])[N],(instituut)[N])[N]
massageapparaat	(((masseer)[V],(age)[N|V.])[N],(apparaat)[N])[N]
massagedrag	((massa)[N],(gedrag)[N])[N]
massageheugen	((massa)[N],(geheugen)[N])[N]
massagetal	((massa)[N],(getal)[N])[N]
massagetherapie	(((masseer)[V],(age)[N|V.])[N],(therapie)[N])[N]
massagoed	((massa)[N],(goed)[N])[N]
massagraf	((massa)[N],(graf)[N])[N]
massahypnose	((massa)[N],(hypnose)[N])[N]
massahysterie	((massa)[N],((hysterisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
massajeugd	((massa)[N],(jeugd)[N])[N]
massakarakter	((massa)[N],(karakter)[N])[N]
massalectuur	((massa)[N],(lectuur)[N])[N]
massaliteit	(((massa)[N],(aal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
massamaatschappij	((massa)[N],(maatschappij)[N])[N]
massamediabeleid	((massa)[N],((media)[N],(beleid)[N])[N])[N]
massamedium	((massa)[N],(medium)[N])[N]
massamens	((massa)[N],(mens)[N])[N]
massamoord	((massa)[N],(moord)[N])[N]
massamoordenaar	((massa)[N],((moord)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
massaorganisatie	((massa)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
massapartij	((massa)[N],(partij)[N])[N]
massaproducent	((massa)[N],((produceer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
massaproduct	((massa)[N],(product)[N])[N]
massaproductie	((massa)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
massapsychologie	((massa)[N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
massapsychose	((massa)[N],(psychose)[N])[N]
massarecreatie	((massa)[N],(((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
massaregie	((massa)[N],(regie)[N])[N]
massascreening	((massa)[N],(screen)[V],(ing)[N|NV.])[N]
massascène	((massa)[N],(scène)[N])[N]
massaspectrograaf	((massa)[N],(spectrograaf)[N])[N]
massaspectrografie	((massa)[N],((spectrograaf)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
massaspectrometer	((massa)[N],(spectrometer)[N])[N]
massaspel	((massa)[N],(spel)[N])[N]
massasprint	((massa)[N],(sprint)[N])[N]
massaspurt	((massa)[N],(spurt)[N])[N]
massatoerisme	((massa)[N],(toerisme)[N])[N]
massatransport	((massa)[N],(transport)[N])[N]
massavergadering	((massa)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
massavernietiging	((massa)[N],(((ver)[V|.A],(nietig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
massaverschijnsel	((massa)[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
massawerkeloosheid	((massa)[N],(((werk)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
massawerkloosheid	((massa)[N],(((werk)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
masseertoestel	((masseer)[V],(toestel)[N])[N]
masseur	((masseer)[V],(eur)[N|V.])[N]
massificatie	((massificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
massificering	((massificeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
mast	(mast)[N]
mastbank	((mast)[N],(bank)[N])[N]
mastbeuk	((mast)[N],(beuk)[N])[N]
mastboom	((mast)[N],(boom)[N])[N]
mastbos	((mast)[N],(bos)[N])[N]
masteluinbrood	((masteluin)[N],(brood)[N])[N]
masteluinen	((masteluin)[N],(en)[A|N.])[A]
masten	(mast)[V]
mastentop	((mast)[N],(e)[N|N.N],(top)[N])[N]
mastgat	((mast)[N],(gat)[N])[N]
mastiekbedekking	((mastiek)[N],(((be)[V|.V],(dek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
mastieken	((mastiek)[N],(en)[A|N.])[A]
mastklimmen	((mast)[N],(klim)[V])[V]
mastklimmer	(((mast)[N],(klim)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
mastkoker	((mast)[N],(koker)[N])[N]
mastkorf	((mast)[N],(korf)[N])[N]
mastkraag	((mast)[N],(kraag)[N])[N]
mastodontisch	((mastodont)[N],(isch)[A|N.])[A]
maststoel	((mast)[N],(stoel)[N])[N]
maststut	((mast)[N],(stut)[N])[N]
masturbatie	((masturbeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
mastworp	((mast)[N],(worp)[N])[N]
mat	(mat)[N]
matador	(matador)[N]
matadorspel	((matador)[N],(spel)[N])[N]
matbeitel	((mat)[A],(beitel)[N])[N]
matbranden	((mat)[A],(brand)[V])[V]
match	(match)[N]
matchpoint	((match)[N],(point)[N])[N]
matdreiging	((mat)[A],((dreig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
matdruk	((mat)[A],(druk)[N])[N]
matelassé	(matelassé)[N]
mateloos	((maat)[N],(eloos)[A|N.])[A]
matennaaier	((maat)[N],(en)[N|N.Vx],(naai)[V],(er)[N|NxV.])[N]
mater	(mater)[N]
materiaal	((materie)[N],(aal)[N|N.])[N]
materiaalbehandeling	(((materie)[N],(aal)[N|N.])[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
materiaalfout	(((materie)[N],(aal)[N|N.])[N],(fout)[N])[N]
materiaalgevoel	(((materie)[N],(aal)[N|N.])[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
materiaalleer	(((materie)[N],(aal)[N|N.])[N],(leer)[N])[N]
materiaalmoeheid	(((materie)[N],(aal)[N|N.])[N],((moe)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
materiaalonderzoek	(((materie)[N],(aal)[N|N.])[N],(onderzoek)[N])[N]
materiaalspanning	(((materie)[N],(aal)[N|N.])[N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
materiaaltoepassing	(((materie)[N],(aal)[N|N.])[N],((toe)[B],(pas)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
materiaalvermoeidheid	(((materie)[N],(aal)[N|N.])[N],((vermoeid)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
materiaalverzameling	(((materie)[N],(aal)[N|N.])[N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
materiaalwagen	(((materie)[N],(aal)[N|N.])[N],(wagen)[N])[N]
materialisatie	((((materie)[N],(aal)[N|N.])[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
materialiseren	(((materie)[N],(aal)[N|N.])[N],(iseer)[V|N.])[V]
materialist	(((materie)[N],(aal)[N|N.])[N],(ist)[N|N.])[N]
materialiste	((((materie)[N],(aal)[N|N.])[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
materialistisch	((((materie)[N],(aal)[N|N.])[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A]
materie	(materie)[N]
materieel	((materie)[N],(ieel)[A|N.])[A]
materiegolf	((materie)[N],(golf)[N])[N]
matgeel	((mat)[A],(geel)[A])[A]
matglanzend	((mat)[A],(glanzend)[V])[A]
matglas	((mat)[A],(glas)[N])[N]
matglazen	((mat)[A],((glas)[N],(en)[A|N.])[A])[A]
matheid	((mat)[A],(heid)[N|A.])[N]
mathematiek	((mathematisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
mathematisering	((mathematiseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
matig	((maat)[N],(ig)[A|N.])[A]
matigheid	(((maat)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
matigheidsbond	((((maat)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(bond)[N])[N]
matigheidsgenootschap	((((maat)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((genoot)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
matiging	((matig)[V],(ing)[N|V.])[N]
matigingsbeleid	(((matig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
matjesvijgen	((matje)[N],(s)[N|N.N],(vijg)[N])[N]
matras	(matras)[N]
matrasbeschermer	((matras)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
matrasdek	((matras)[N],(dek)[N])[N]
matrassenklopper	((matras)[N],(en)[N|N.Vx],(klop)[V],(er)[N|NxV.])[N]
matrassenmaker	((matras)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
matrijs	(matrijs)[N]
matrimoniaal	((matrimonium)[N],(aal)[A|N.])[A]
matrix	(matrix)[N]
matrixbord	((matrix)[N],(bord)[N])[N]
matrixorganisatie	((matrix)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
matrixprinter	((matrix)[N],(print)[V],(er)[N|NV.])[N]
matroos	(matroos)[N]
matrozenbak	((matroos)[N],(en)[N|N.N],(bak)[N])[N]
matrozenbroek	((matroos)[N],(en)[N|N.N],(broek)[N])[N]
matrozendracht	((matroos)[N],(en)[N|N.N],(dracht)[N])[N]
matrozenherberg	((matroos)[N],(en)[N|N.N],(herberg)[N])[N]
matrozenhoed	((matroos)[N],(en)[N|N.N],(hoed)[N])[N]
matrozenkist	((matroos)[N],(en)[N|N.N],(kist)[N])[N]
matrozenkraag	((matroos)[N],(en)[N|N.N],(kraag)[N])[N]
matrozenkroeg	((matroos)[N],(en)[N|N.N],(kroeg)[N])[N]
matrozenlied	((matroos)[N],(en)[N|N.N],(lied)[N])[N]
matrozenmuts	((matroos)[N],(en)[N|N.N],(muts)[N])[N]
matrozenpak	((matroos)[N],(en)[N|N.N],(pak)[N])[N]
matrozenvak	((matroos)[N],(en)[N|N.N],(vak)[N])[N]
matsen	(mats)[V]
matslijpen	((mat)[A],(slijp)[V])[V]
matten	((mat)[N],(en)[A|N.])[A]
matten	(mat)[V]
mattenbies	((mat)[N],(en)[N|N.N],(bies)[N])[N]
mattenbouwer	((mat)[N],(en)[N|N.Vx],(bouw)[V],(er)[N|NxV.])[N]
mattenklopper	((mat)[N],(e)[N|N.Vx],(klop)[V],(er)[N|NxV.])[N]
mattenmaker	((mat)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
mattenvlechter	((mat)[N],(en)[N|N.Vx],(vlecht)[V],(er)[N|NxV.])[N]
matteren	((mat)[A],(eer)[V|A.])[V]
mattering	(((mat)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
mattig	((mat)[A],(ig)[A|A.])[A]
matting	((mat)[V],(ing)[N|V.])[N]
matverf	((mat)[A],(verf)[N])[N]
matvernis	((mat)[A],(vernis)[N])[N]
matvoering	((mat)[A],(voer)[V],(ing)[N|AV.])[N]
matwerk	((mat)[N],(werk)[N])[N]
maté	(maté)[N]
mauve	(mauve)[A]
mauwen	(mauw)[V]
maximaal	((maximum)[N],(aal)[A|N.])[A]
maximaliseren	(((maximum)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V]
maximalisering	((((maximum)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
maximumaantal	((maximum)[N],((aan)[P],(tal)[N])[N])[N]
maximumbedrag	((maximum)[N],(bedrag)[N])[N]
maximumprijs	((maximum)[N],(prijs)[N])[N]
maximumsalaris	((maximum)[N],(salaris)[N])[N]
maximumsnelheid	((maximum)[N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
maximumstelsel	((maximum)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
maximumthermometer	((maximum)[N],((thermo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
mayonaise	(mayonaise)[N]
mazelen	(mazel)[V]
mazen	(maas)[V]
mazenhaakje	((maas)[N],(en)[N|N.N],(haak)[N])[N]
mazenwerk	((maas)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
mazurka	(mazurka)[N]
mazzel	(mazzel)[N]
mazzelaar	((mazzel)[V],(aar)[N|V.])[N]
mazzelen	(mazzel)[V]
maïs	(maïs)[N]
maïskleur	((maïs)[N],(kleur)[N])[N]
maïskoek	((maïs)[N],(koek)[N])[N]
maïskolf	((maïs)[N],(kolf)[N])[N]
maïskorrel	((maïs)[N],(korrel)[N])[N]
maïsmeel	((maïs)[N],(meel)[N])[N]
maïsolie	((maïs)[N],(olie)[N])[N]
maïsoogst	((maïs)[N],(oogst)[N])[N]
maïzena	(maïzena)[N]
maïzenapap	((maïzena)[N],(pap)[N])[N]
meander	(meander)[N]
meanderen	(meander)[V]
meandrisch	((meander)[N],(isch)[A|N.])[A]
mecenaat	((mecenas)[N],(aat)[N|N.])[N]
mecenas	(mecenas)[N]
mechaniek	((mechanisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
mechanisatie	((mechaniseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
mechanisering	((mechaniseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
medailleur	((medaille)[N],(eur)[N|N.])[N]
medaillewinnaar	((medaille)[N],((win)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
medaillist	((medaille)[N],(ist)[N|N.])[N]
mede	(mede)[N]
mede-eigenaar	((mede)[B],(eigenaar)[N])[N]
mede-eigenares	(((mede)[B],(eigenaar)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
mede-eigendom	((mede)[N|.N],(eigendom)[N])[N]
mede-erfgenaam	((mede)[N|.N],(erfgenaam)[N])[N]
mede-erfgename	(((mede)[N|.N],(erfgenaam)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
mede-eter	((mede)[N|.N],((eet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
mede-indiener	((mede)[N],((in)[P],(dien)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
mede-ingezetene	((mede)[N|.N],(ingezetene)[N])[N]
medeaansprakelijk	((mede)[B],(((aan)[P],(spreek)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
medeafgevaardigde	((mede)[N|.N],(afgevaardigde)[N])[N]
medearbeider	((mede)[N|.N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
medebepalend	((mede)[B],(bepalend)[A])[A]
medebeslissingsrecht	((mede)[N|.NxN],((beslis)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|xN.N],(recht)[N])[N]
medebestuurder	((mede)[N|.N],(((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(der)[N|V.])[N])[N]
medebewoner	((mede)[N|.N],(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
medebewoonster	((mede)[N|.N],(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
medebrengen	((mede)[B],(breng)[V])[V]
medebroeder	((mede)[N|.N],(broeder)[N])[N]
medeburger	((mede)[N|.N],(burger)[N])[N]
medechristen	((mede)[N|.N],(christen)[N])[N]
mededader	((mede)[N|.N],(dader)[N])[N]
mededaderes	(((mede)[N|.N],(dader)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
mededeelbaar	(((mede)[B],(deel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
mededeelzaam	(((mede)[B],(deel)[V])[V],(zaam)[A|V.])[A]
mededeelzaamheid	((((mede)[B],(deel)[V])[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
mededelen	((mede)[B],(deel)[V])[V]
mededeling	(((mede)[B],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
mededelingenblad	((((mede)[B],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(blad)[N])[N]
mededelingenbord	((((mede)[B],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(bord)[N])[N]
mededelingsplicht	((((mede)[B],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plicht)[N])[N]
mededingen	((mede)[B],(ding)[V])[V]
mededinger	(((mede)[B],(ding)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
mededinging	(((mede)[B],(ding)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
mededingingsbeleid	((((mede)[B],(ding)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
mededingingsregeling	((((mede)[B],(ding)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
mededingster	(((mede)[B],(ding)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
mededirecteur	((mede)[N|.N],(directeur)[N])[N]
mededirectrice	((mede)[N|.N],(directrice)[N])[N]
medegaan	((mede)[B],(ga)[V])[V]
medegebruik	((mede)[N|.N],(gebruik)[N])[N]
medegevangene	((mede)[N|.N],(gevangene)[N])[N]
medegevoel	((mede)[N|.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
medehelper	((mede)[N|.N],((help)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
medehelpster	((mede)[N|.N],((help)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
medehuurder	((mede)[N|.N],((huur)[V],(der)[N|V.])[N])[N]
medelander	((mede)[N],(land)[N],(er)[N|NN.])[N]
medeleerling	((mede)[N|.N],((leer)[V],(ling)[N|V.])[N])[N]
medeleerlinge	(((mede)[N|.N],((leer)[V],(ling)[N|V.])[N])[N],(e)[N|N.])[N]
medeleven	((mede)[B],(leef)[V])[V]
medelid	((mede)[N|.N],(lid)[N])[N]
medelijden	((mede)[B],(lijd)[V])[V]
medelijdenswaard	((medelijden)[N],(s)[A|N.A],(waard)[A])[A]
medelijdenswaardig	((medelijden)[N],(s)[A|N.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
medemens	((mede)[N|.N],(mens)[N])[N]
medemenselijk	(((mede)[N|.N],(mens)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
medemenselijkheid	((((mede)[N|.N],(mens)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
medeminnaar	((mede)[N|.N],((min)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
medeminnares	(((mede)[N|.N],((min)[V],(aar)[N|V.])[N])[N],(es)[N|N.])[N]
medeneming	((mede)[N],(neem)[V],(ing)[N|NV.])[N]
medeondertekenaar	((mede)[B],(((onder)[P],(teken)[V])[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
medeondertekenen	((mede)[B],((onder)[P],(teken)[V])[V])[V]
medeondertekening	(((mede)[B],((onder)[P],(teken)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
medeoorzaak	((mede)[N|.N],(oorzaak)[N])[N]
medeoprichter	((mede)[B],(((op)[P],(richt)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
medeplegen	((mede)[B],(pleeg)[V])[V]
medeplichtig	((mede)[N],(plicht)[N],(ig)[A|NN.])[A]
medeplichtigheid	(((mede)[N],(plicht)[N],(ig)[A|NN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
mederedacteur	((mede)[N|.N],(redacteur)[N])[N]
mederegeren	((mede)[B],(regeer)[V])[V]
medereiziger	((mede)[N|.N],(reiziger)[N])[N]
medereizigster	((mede)[N|.N],(reizigster)[N])[N]
medeschepsel	((mede)[N|.N],((schep)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
medeschuldig	((mede)[B],((schuld)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
medeslepen	((mede)[B],(sleep)[V])[V]
medespeelster	((mede)[N|.N],((speel)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
medespeler	((mede)[N|.N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
medestander	((mede)[B],(sta)[V],(der)[N|BV.])[N]
medestrever	((mede)[B],(streef)[V],(er)[N|BV.])[N]
medestrijden	((mede)[B],(strijd)[V])[V]
medestrijder	((mede)[N|.N],((strijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
medestrijdster	((mede)[N|.N],((strijd)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
medestudent	((mede)[N|.N],((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
medeverantwoordelijk	((mede)[B],((verantwoord)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
medeverantwoordelijkheidsheffing	((mede)[N|.NxN],(((verantwoord)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|xN.N],((hef)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
medeverdachte	((mede)[N|.N],(verdachte)[N])[N]
medevrijer	((mede)[N|.N],((vrij)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
medewerken	((mede)[B],(werk)[V])[V]
medewerker	(((mede)[B],(werk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
medewerking	(((mede)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
medewerkster	(((mede)[B],(werk)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
medeweten	((mede)[N|.N],(weten)[N])[N]
medezeggenschap	((mede)[N|.N],((zeggen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
medezeggenschapsraad	(((mede)[N|.N],((zeggen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
medezuster	((mede)[N|.N],(zuster)[N])[N]
media-aanbod	((media)[N],(aanbod)[N])[N]
mediaal	((medium)[N],(aal)[A|N.])[A]
mediaanlijn	((mediaan)[N],(lijn)[N])[N]
mediaanpapier	((mediaan)[N],(papier)[N])[N]
mediaanvlak	((mediaan)[N],(vlak)[N])[N]
mediabeleid	((media)[N],(beleid)[N])[N]
mediabestel	((media)[N],(bestel)[N])[N]
mediaconsument	((media)[N],((consumeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
mediacultuur	((media)[N],(cultuur)[N])[N]
mediadeskundige	((media)[N],(deskundige)[N])[N]
mediakunde	((media)[N],(kunde)[N])[N]
mediakundige	(((media)[N],(kunde)[N])[N],(ig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
medialandschap	((media)[N],((land)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
medianota	((media)[N],(nota)[N])[N]
mediaplanner	((media)[N],(plan)[V],(er)[N|NV.])[N]
mediaplanning	((media)[N],(plan)[V],(ing)[N|NV.])[N]
mediasocioloog	((media)[N],(socioloog)[N])[N]
mediatief	((mediatie)[N],(ief)[A|N.])[A]
mediawereld	((media)[N],(wereld)[N])[N]
medicijnenstudie	((medicijn)[N],(en)[N|N.N],(studie)[N])[N]
medicijnfles	((medicijn)[N],(fles)[N])[N]
medicijnkastje	((medicijn)[N],(kast)[N])[N]
medicijnman	((medicijn)[N],(man)[N])[N]
medicinering	((medicineer)[V],(ing)[N|V.])[N]
mediocriteit	((mediocre)[A],(iteit)[N|A.])[N]
mediothecaresse	((mediothecaris)[N],(e)[N|N.])[N]
meditatie	((mediteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
meditatiecentrum	(((mediteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(centrum)[N])[N]
meditatief	(((mediteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
meditatiemethode	(((mediteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(methode)[N])[N]
meditatieoefening	(((mediteer)[V],(atie)[N|V.])[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
meditatietechniek	(((mediteer)[V],(atie)[N|V.])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
mediumbereik	((medium)[N],(bereik)[N])[N]
mediëvistiek	((mediëvistisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
mee-eten	((mee)[B],(eet)[V])[V]
mee-eter	((mee)[B],((eet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
meebidden	((mee)[B],(bid)[V])[V]
meeblazen	((mee)[B],(blaas)[V])[V]
meebrengen	((mee)[B],(breng)[V])[V]
meedelen	((mee)[B],(deel)[V])[V]
meedenken	((mee)[B],(denk)[V])[V]
meedingen	((mee)[B],(ding)[V])[V]
meedoen	((mee)[B],(doe)[V])[V]
meedogendheid	((meedogend)[A],(heid)[N|A.])[N]
meedogenloosheid	((meedogenloos)[A],(heid)[N|A.])[N]
meedraaien	((mee)[B],(draai)[V])[V]
meedragen	((mee)[B],(draag)[V])[V]
meedrijven	((mee)[B],(drijf)[V])[V]
meedrinken	((mee)[B],(drink)[V])[V]
meegaan	((mee)[B],(ga)[V])[V]
meegaandheid	((meegaand)[A],(heid)[N|A.])[N]
meegeven	((mee)[B],(geef)[V])[V]
meegevoel	((mee)[B],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
meegillen	((mee)[B],(gil)[V])[V]
meehelpen	((mee)[B],(help)[V])[V]
meekomen	((mee)[B],(kom)[V])[V]
meekrapplant	((meekrap)[N],(plant)[N])[N]
meekrapteelt	((meekrap)[N],(teelt)[N])[N]
meekrapverf	((meekrap)[N],(verf)[N])[N]
meekrapwortel	((meekrap)[N],(wortel)[N])[N]
meekrijgen	((mee)[B],(krijg)[V])[V]
meel	(meel)[N]
meelachtig	((meel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
meeldauw	((meel)[N],(dauw)[N])[N]
meeldraad	((meel)[N],(draad)[N])[N]
meeleven	((mee)[B],(leef)[V])[V]
meelezen	((mee)[B],(lees)[V])[V]
meelfabriek	((meel)[N],(fabriek)[N])[N]
meelhandelaar	((meel)[N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
meeliften	((mee)[B],(lift)[V])[V]
meeligger	((mee)[B],(lig)[V],(er)[N|BV.])[N]
meelij	((mee)[B],(lijd)[V])[N]
meelijden	((mee)[B],(lijd)[V])[V]
meelijwekkend	(((mee)[B],(lijd)[V])[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
meelkalk	((meel)[N],(kalk)[N])[N]
meelkever	((meel)[N],(kever)[N])[N]
meelkist	((meel)[N],(kist)[N])[N]
meelkost	((meel)[N],(kost)[N])[N]
meellijm	((meel)[N],(lijm)[N])[N]
meelmolen	((meel)[N],(molen)[N])[N]
meelokken	((mee)[B],(lok)[V])[V]
meeloopster	(((mee)[B],(loop)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
meelopen	((mee)[B],(loop)[V])[V]
meeloper	(((mee)[B],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
meelpap	((meel)[N],(pap)[N])[N]
meelpeer	((meel)[N],(peer)[N])[N]
meelspijs	((meel)[N],(spijs)[N])[N]
meelton	((meel)[N],(ton)[N])[N]
meeltor	((meel)[N],(tor)[N])[N]
meeluisteren	((mee)[B],(luister)[V])[V]
meelvat	((meel)[N],(vat)[N])[N]
meelworm	((meel)[N],(worm)[N])[N]
meelzak	((meel)[N],(zak)[N])[N]
meemaken	((mee)[B],(maak)[V])[V]
meemoeder	((mee)[B],(moeder)[N])[N]
meeneemfiets	(((mee)[B],(neem)[V])[V],(fiets)[N])[N]
meeneemplaat	(((mee)[B],(neem)[V])[V],(plaat)[N])[N]
meeneemrestaurant	(((mee)[B],(neem)[V])[V],((restaureer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
meenemen	((mee)[B],(neem)[V])[V]
meenemer	(((mee)[B],(neem)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
meent	(meent)[N]
meeondertekenen	((mee)[B],((onder)[P],(teken)[V])[V])[V]
meepakken	((mee)[B],(pak)[V])[V]
meepikken	((mee)[B],(pik)[V])[V]
meepraatster	(((mee)[B],(praat)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
meepraten	((mee)[B],(praat)[V])[V]
meeprater	(((mee)[B],(praat)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
meer	(meer)[N]
meeraal	((meer)[N],(aal)[N])[N]
meeraderig	((meer)[Q],((ader)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
meerarbeid	((meer)[A],(arbeid)[N])[N]
meerbasisch	((meer)[Q],((base)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
meerboei	((meer)[N],(boei)[N])[N]
meerboezem	((meer)[N],(boezem)[N])[N]
meerbolder	((meer)[V],(bolder)[N])[N]
meercellig	((meer)[Q],(cel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
meerdaags	((meer)[Q],((dag)[N],(s)[A|N.])[A])[A]
meerdelig	((meer)[Q],(deel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
meerderheid	((meerder)[A],(heid)[N|A.])[N]
meerderheidsbeginsel	(((meerder)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
meerderheidsbelang	(((meerder)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(belang)[N])[N]
meerderheidscoalitie	(((meerder)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(coalitie)[N])[N]
meerderheidscollege	(((meerder)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(college)[N])[N]
meerderheidskabinet	(((meerder)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(kabinet)[N])[N]
meerderheidspakket	(((meerder)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
meerderheidspartij	(((meerder)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(partij)[N])[N]
meerderheidspositie	(((meerder)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
meerderheidsstandpunt	(((meerder)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((stand)[N],(punt)[N])[N])[N]
meerderheidsstelsel	(((meerder)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
meerderjarig	((meerder)[A],(jaar)[N],(ig)[A|AN.])[A]
meerderjarigheid	(((meerder)[A],(jaar)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
meerderjarigheidsleeftijd	((((meerder)[A],(jaar)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((leef)[V],(tijd)[N])[N])[N]
meerderjarigheidsverklaring	((((meerder)[A],(jaar)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
meerderjarigverklaring	(((meerder)[A],(jaar)[N],(ig)[A|AN.])[A],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|AV.])[N]
meerderwaardigheidsgevoel	((meerder)[A],(((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|AN.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
meerdimensionaal	((meer)[Q],((dimensie)[N],(ionaal)[A|N.])[A])[A]
meerduidig	((meer)[Q],(duid)[V],(ig)[A|QV.])[A]
meerduidigheid	(((meer)[Q],(duid)[V],(ig)[A|QV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
meeregeren	((mee)[B],(regeer)[V])[V]
meereizen	((mee)[B],(reis)[V])[V]
meerekenen	((mee)[B],(reken)[V])[V]
meergeld	((meer)[V],(geld)[N])[N]
meergemeld	((meer)[A],(gemeld)[A])[A]
meergenoemd	((meer)[A],(genoemd)[A])[A]
meergevorderd	((meer)[A],(gevorderd)[A])[A]
meergezinshuis	((meer)[Q],(gezin)[N],(s)[N|QN.N],(huis)[N])[N]
meerhoofdig	((meer)[Q],(hoofd)[N],(ig)[A|QN.])[A]
meerijden	((mee)[B],(rijd)[V])[V]
meerjarenplan	((meer)[Q],(jaar)[N],(en)[N|QN.N],(plan)[N])[N]
meerjarenraming	((meer)[Q],(jaar)[N],(en)[N|QN.N],((raam)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
meerjarig	((meer)[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
meerkabel	((meer)[V],(kabel)[N])[N]
meerketting	((meer)[V],(ketting)[N])[N]
meerkeuzetoets	((meer)[Q],(keuze)[N],(toets)[N])[N]
meerkeuzevraag	((meer)[Q],(keuze)[N],(vraag)[N])[N]
meerkleurendruk	((meer)[Q],(kleur)[N],(en)[N|QN.N],(druk)[N])[N]
meerkoet	((meer)[N],(koet)[N])[N]
meerkosten	((meer)[A],(kost)[N])[N]
meerledig	((meer)[Q],(leed)[N],(ig)[A|QN.])[A]
meerlettergrepig	((meer)[Q],(lettergreep)[N],(ig)[A|QN.])[A]
meerling	((meer)[Q],(ling)[N|Q.])[N]
meerman	((meer)[N],(man)[N])[N]
meermanskaart	((meer)[Q],(man)[N],(s)[N|QN.N],(kaart)[N])[N]
meermast	((meer)[V],(mast)[N])[N]
meermotorig	((meer)[Q],(motor)[N],(ig)[A|QN.])[A]
meernimf	((meer)[N],(nimf)[N])[N]
meeropbrengst	((meer)[Q],(((op)[P],(breng)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
meerpaal	((meer)[V],(paal)[N])[N]
meerpartijenstelsel	((meer)[Q],(partij)[N],(en)[N|QN.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
meerpolder	((meer)[N],(polder)[N])[N]
meerpolig	((meer)[Q],(pool)[N],(ig)[A|QN.])[A]
meerring	((meer)[V],(ring)[N])[N]
meers	(meers)[N]
meerschuimen	((meerschuim)[N],(en)[A|N.])[A]
meerslag	((meer)[Q],(slag)[N])[N]
meerstemmig	((meer)[Q],(stem)[N],(ig)[A|QN.])[A]
meerstoel	((meer)[V],(stoel)[N])[N]
meertalig	((meer)[Q],(taal)[N],(ig)[A|QN.])[A]
meertaligheid	(((meer)[Q],(taal)[N],(ig)[A|QN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
meertouw	((meer)[V],(touw)[N])[N]
meertrapsraket	((meer)[Q],(trap)[N],(s)[N|QN.N],(raket)[N])[N]
meertros	((meer)[V],(tros)[N])[N]
meerval	((meer)[N],(val)[N])[N]
meervoudig	((meervoud)[N],(ig)[A|N.])[A]
meervoudigheid	(((meervoud)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
meervoudsuitgang	((meervoud)[N],(s)[N|N.N],((uit)[P],(gang)[N])[N])[N]
meervoudsvorm	((meervoud)[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
meervoudsvorming	((meervoud)[N],(s)[N|N.N],((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
meerwaarde	((meer)[Q],(waarde)[N])[N]
meerwaardetheorie	(((meer)[Q],(waarde)[N])[N],(theorie)[N])[N]
meerwaardevoet	(((meer)[Q],(waarde)[N])[N],(voet)[N])[N]
meerwaardigheidsgevoel	((meer)[Q],(((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|QN.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
meerzijdig	((meer)[Q],(zijde)[N],(ig)[A|QN.])[A]
mees	(mees)[N]
meeschreeuwen	((mee)[B],(schreeuw)[V])[V]
meesjouwen	((mee)[B],(sjouw)[V])[V]
meeslepen	((mee)[B],(sleep)[V])[V]
meespelen	((mee)[B],(speel)[V])[V]
meespreken	((mee)[B],(spreek)[V])[V]
meestamper	((mee)[B],(stamp)[V],(er)[N|BV.])[N]
meestbegaafd	((meest)[A],((be)[A|.Nx],(gaaf)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
meestbegunstigd	((meest)[A],(begunstigd)[V])[A]
meestbegunstigingsclausule	((meest)[A],(((be)[V|.A],(((gun)[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|AN.N],(clausule)[N])[N]
meestbiedende	((meest)[A],(biedend)[V],(e)[N|AV.])[N]
meestemmen	((mee)[B],(stem)[V])[V]
meester	(meester)[N]
meesterachtig	((meester)[N],(achtig)[A|N.])[A]
meesterachtigheid	(((meester)[N],(achtig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
meesterbrein	((meester)[N],(brein)[N])[N]
meesteren	(meester)[V]
meesteres	((meester)[N],(es)[N|N.])[N]
meestergast	((meester)[N],(gast)[N])[N]
meestergraad	((meester)[N],(graad)[N])[N]
meesterhand	((meester)[N],(hand)[N])[N]
meesterknecht	((meester)[N],(knecht)[N])[N]
meesterkok	((meester)[N],(kok)[N])[N]
meesterlijk	((meester)[N],(lijk)[A|N.])[A]
meesterschap	((meester)[N],(schap)[N|N.])[N]
meesterspion	((meester)[N],(spion)[N])[N]
meesterstitel	((meester)[N],(s)[N|N.N],(titel)[N])[N]
meesterstuk	((meester)[N],(stuk)[N])[N]
meesterteken	((meester)[N],(teken)[N])[N]
meesterwerk	((meester)[N],(werk)[N])[N]
meesterwortel	((meester)[V],(wortel)[N])[N]
meestoof	((mee)[N],(stoof)[N])[N]
meestrijden	((mee)[B],(strijd)[V])[V]
meet	(meet)[N]
meetapparaat	((meet)[V],(apparaat)[N])[N]
meetapparatuur	((meet)[V],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
meetbaar	((meet)[V],(baar)[A|V.])[A]
meetbaarheid	(((meet)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
meetbak	((meet)[V],(bak)[N])[N]
meetband	((meet)[V],(band)[N])[N]
meetbank	((meet)[V],(bank)[N])[N]
meetbereik	((meet)[V],(bereik)[N])[N]
meetboot	((meet)[V],(boot)[N])[N]
meetbrief	((meet)[V],(brief)[N])[N]
meetbrug	((meet)[V],(brug)[N])[N]
meetbuis	((meet)[V],(buis)[N])[N]
meetcilinder	((meet)[V],(cilinder)[N])[N]
meetdraad	((meet)[V],(draad)[N])[N]
meetellen	((mee)[B],(tel)[V])[V]
meetflens	((meet)[V],(flens)[N])[N]
meetillen	((mee)[B],(til)[V])[V]
meetinstallatie	((meet)[V],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
meetinstrument	((meet)[V],(instrument)[N])[N]
meetkan	((meet)[V],(kan)[N])[N]
meetketting	((meet)[V],(ketting)[N])[N]
meetklokje	((meet)[V],(klok)[N])[N]
meetkunde	((meet)[V],(kunde)[N])[N]
meetkundig	(((meet)[V],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
meetlat	((meet)[V],(lat)[N])[N]
meetlijn	((meet)[V],(lijn)[N])[N]
meetlint	((meet)[V],(lint)[N])[N]
meetlood	((meet)[V],(lood)[N])[N]
meetpasser	((meet)[V],(passer)[N])[N]
meetrekken	((mee)[B],(trek)[V])[V]
meetrillen	((mee)[B],(tril)[V])[V]
meetring	((meet)[V],(ring)[N])[N]
meetroede	((meet)[V],(roede)[N])[N]
meetronen	((mee)[B],(troon)[V])[V]
meetschip	((meet)[V],(schip)[N])[N]
meetschot	((meet)[V],(schot)[N])[N]
meetsignaal	((meet)[V],(signaal)[N])[N]
meetsnoer	((meet)[V],(snoer)[N])[N]
meetspanning	((meet)[V],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
meetstation	((meet)[V],(station)[N])[N]
meetstok	((meet)[V],(stok)[N])[N]
meettafel	((meet)[V],(tafel)[N])[N]
meettechniek	((meet)[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
meetteken	((meet)[V],(teken)[N])[N]
meetuitrusting	((meet)[V],(((uit)[P],(rust)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
meetvaart	((meet)[V],(vaart)[N])[N]
meetveer	((meet)[V],(veer)[N])[N]
meetvermogen	((meet)[V],(vermogen)[N])[N]
meetwaarde	((meet)[V],(waarde)[N])[N]
meetwagen	((meet)[V],(wagen)[N])[N]
meeuw	(meeuw)[N]
meeuwenei	((meeuw)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
meeuwenkolonie	((meeuw)[N],(en)[N|N.N],(kolonie)[N])[N]
meeuwennest	((meeuw)[N],(e)[N|N.N],(nest)[N])[N]
meeuwenveer	((meeuw)[N],(e)[N|N.N],(veer)[N])[N]
meevallen	((mee)[B],(val)[V])[V]
meevaller	(((mee)[B],(val)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
meevaren	((mee)[B],(vaar)[V])[V]
meevat	((mee)[N],(vat)[N])[N]
meeverdiener	((mee)[B],(verdien)[V],(er)[N|BV.])[N]
meeverdienster	((mee)[B],(verdien)[V],(ster)[N|BV.])[N]
meeverf	((mee)[N],(verf)[N])[N]
meevoelen	((mee)[B],(voel)[V])[V]
meevoeren	((mee)[B],(voer)[V])[V]
meevragen	((mee)[B],(vraag)[V])[V]
meewandelen	((mee)[B],(wandel)[V])[V]
meewarigheid	((meewarig)[A],(heid)[N|A.])[N]
meewerken	((mee)[B],(werk)[V])[V]
meewillen	((mee)[B],(wil)[V])[V]
meewind	((mee)[B],(wind)[N])[N]
meezeulen	((mee)[B],(zeul)[V])[V]
meezingen	((mee)[B],(zing)[V])[V]
meezinger	(((mee)[B],(zing)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
meezitten	((mee)[B],(zit)[V])[V]
megabyte	((mega)[N|.N],(byte)[N])[N]
megafonist	((megafoon)[N],(ist)[N|N.])[N]
megahertz	((mega)[N|.N],(hertz)[N])[N]
megajoule	((mega)[N|.N],(joule)[N])[N]
megalithisch	((megaliet)[N],(isch)[A|N.])[A]
megalomanie	((megalomaan)[A],(ie)[N|A.])[N]
megameter	((mega)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
megaton	((mega)[N|.N],(ton)[N])[N]
megawatt	((mega)[N|.N],(watt)[N])[N]
megohm	((mega)[N|.N],(ohm)[N])[N]
mehari	(mehari)[N]
meharist	((mehari)[N],(ist)[N|N.])[N]
meiavond	((mei)[N],(avond)[N])[N]
meibetoging	((mei)[N],((betoog)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
meibeweging	((mei)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
meibloempje	((mei)[N],(bloem)[N])[N]
meiboom	((mei)[N],(boom)[N])[N]
meiboter	((mei)[N],(boter)[N])[N]
meid	(meid)[N]
meidag	((mei)[N],(dag)[N])[N]
meidans	((mei)[N],(dans)[N])[N]
meidengedoe	((meid)[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.V],(doe)[V])[N])[N]
meidengroep	((meid)[N],(en)[N|N.N],(groep)[N])[N]
meidenkamer	((meid)[N],(en)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
meidenloon	((meid)[N],(en)[N|N.N],(loon)[N])[N]
meidenpraatje	((meid)[N],(en)[N|N.N],(praat)[N])[N]
meidenwerk	((meid)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
meidoorn	((mei)[N],(doorn)[N])[N]
meidoren	((mei)[N],(doren)[N])[N]
meidrank	((mei)[N],(drank)[N])[N]
meifeest	((mei)[N],(feest)[N])[N]
meigedicht	((mei)[N],((ge)[N|.N],(dicht)[N])[N])[N]
meikaas	((mei)[N],(kaas)[N])[N]
meikers	((mei)[N],(kers)[N])[N]
meikever	((mei)[N],(kever)[N])[N]
meikoningin	((mei)[N],((koning)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
meikrans	((mei)[N],(krans)[N])[N]
meilied	((mei)[N],(lied)[N])[N]
meimaand	((mei)[N],(maand)[N])[N]
meinacht	((mei)[N],(nacht)[N])[N]
meinedig	((meineed)[N],(ig)[A|N.])[A]
meiochtend	((mei)[N],(ochtend)[N])[N]
meiraap	((mei)[N],(raap)[N])[N]
meirevolte	((mei)[N],(revolte)[N])[N]
meirevolutie	((mei)[N],(revolutie)[N])[N]
meisjesachtig	((meisje)[N],(s)[A|N.x],(achtig)[A|Nx.])[A]
meisjesbaby	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(baby)[N])[N]
meisjesbed	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(bed)[N])[N]
meisjesblouse	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(blouse)[N])[N]
meisjesboek	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(boek)[N])[N]
meisjesbuik	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(buik)[N])[N]
meisjesdagboek	((meisje)[N],(s)[N|N.N],((dag)[N],(boek)[N])[N])[N]
meisjesfiguur	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(figuur)[N])[N]
meisjesgek	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(gek)[N])[N]
meisjesgestalte	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(gestalte)[N])[N]
meisjesgezicht	((meisje)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
meisjeshand	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(hand)[N])[N]
meisjeshart	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(hart)[N])[N]
meisjesheup	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(heup)[N])[N]
meisjeshoofd	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
meisjesinternaat	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(((intern)[A],(eer)[V|A.])[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
meisjesjaar	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
meisjeskleding	((meisje)[N],(s)[N|N.Vx],(kleed)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
meisjeskleedkamer	((meisje)[N],(s)[N|N.N],((kleed)[V],(kamer)[N])[N])[N]
meisjeskleren	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(kleed)[N])[N]
meisjeslichaam	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(lichaam)[N])[N]
meisjeslyceum	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(lyceum)[N])[N]
meisjesmuisjes	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(muis)[N])[N]
meisjesmummie	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(mummie)[N])[N]
meisjesnaam	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(naam)[N])[N]
meisjesondergoed	((meisje)[N],(s)[N|N.N],((onder)[P],(goed)[N])[N])[N]
meisjesoor	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(oor)[N])[N]
meisjespensionaat	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(pensionaat)[N])[N]
meisjesschool	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
meisjesslaapzaal	((meisje)[N],(s)[N|N.N],((slaap)[V],(zaal)[N])[N])[N]
meisjesstem	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(stem)[N])[N]
meisjesstudent	((meisje)[N],(s)[N|N.N],((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
meisjestijd	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
meisjesvereniging	((meisje)[N],(s)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
meisjeswerk	((meisje)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
meitak	((mei)[N],(tak)[N])[N]
meiveld	((mei)[N],(veld)[N])[N]
meivis	((mei)[N],(vis)[N])[N]
meivuur	((mei)[N],(vuur)[N])[N]
meiwijn	((mei)[N],(wijn)[N])[N]
meizoentje	((mei)[N],(zoen)[N])[N]
meizoetje	((mei)[N],(zoet)[N])[N]
mekanieker	((mekaniek)[N],(er)[N|N.])[N]
mekken	(mek)[V]
mekkeren	(mekker)[V]
melaatsheid	((melaats)[A],(heid)[N|A.])[N]
melancholie	((melancholisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
melange	(melange)[N]
melasse	(melasse)[N]
melassesuiker	((melasse)[N],(suiker)[N])[N]
melden	(meld)[V]
meldenswaard	((meld)[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
meldenswaardig	(((meld)[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A],(ig)[A|A.])[A]
melder	((meld)[V],(er)[N|V.])[N]
melding	((meld)[V],(ing)[N|V.])[N]
meldingsplicht	(((meld)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plicht)[N])[N]
meldingssysteem	(((meld)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
meldkamer	((meld)[V],(kamer)[N])[N]
melen	(meel)[V]
melig	((meel)[N],(ig)[A|N.])[A]
meligheid	(((meel)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
melisse	(melisse)[N]
melisseblad	((melisse)[N],(blad)[N])[N]
melissekruid	((melisse)[N],(kruid)[N])[N]
melisseolie	((melisse)[N],(olie)[N])[N]
melissuiker	((melis)[N],(suiker)[N])[N]
melk	(melk)[N]
melkachtig	((melk)[N],(achtig)[A|N.])[A]
melkafromer	((melk)[N],((af)[P],(room)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
melkalbast	((melk)[N],(albast)[N])[N]
melkapparaat	((melk)[V],(apparaat)[N])[N]
melkauto	((melk)[N],(auto)[N])[N]
melkbaard	((melk)[N],(baard)[N])[N]
melkboer	((melk)[N],(boer)[N])[N]
melkboerenhondenhaar	(((melk)[N],(boer)[N])[N],(en)[N|N.N],((hond)[N],(e)[N|N.N],(haar)[N])[N])[N]
melkboerin	(((melk)[N],(boer)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
melkbrood	((melk)[N],(brood)[N])[N]
melkbus	((melk)[N],(bus)[N])[N]
melkchocola	((melk)[N],(chocola)[N])[N]
melkchocolade	((melk)[N],(chocolade)[N])[N]
melkcontroleur	((melk)[N],(controleer)[V],(eur)[N|NV.])[N]
melkdieet	((melk)[N],(dieet)[N])[N]
melkdistel	((melk)[N],(distel)[N])[N]
melkemmer	((melk)[N],(emmer)[N])[N]
melken	(melk)[V]
melkenstijd	((melk)[V],(s)[N|V.N],(tijd)[N])[N]
melkeppe	((melk)[N],(eppe)[N])[N]
melker	((melk)[V],(er)[N|V.])[N]
melkerij	((melk)[V],(erij)[N|V.])[N]
melkfabriek	((melk)[N],(fabriek)[N])[N]
melkfles	((melk)[N],(fles)[N])[N]
melkgebit	((melk)[N],(gebit)[N])[N]
melkgevend	((melk)[N],(geef)[V],(end)[A|NV.])[A]
melkgift	((melk)[N],(gift)[N])[N]
melkglas	((melk)[N],(glas)[N])[N]
melkhaar	((melk)[N],(haar)[N])[N]
melkhuis	((melk)[V],(huis)[N])[N]
melkinrichting	((melk)[N],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
melkkan	((melk)[N],(kan)[N])[N]
melkkar	((melk)[N],(kar)[N])[N]
melkkies	((melk)[N],(kies)[N])[N]
melkkleur	((melk)[N],(kleur)[N])[N]
melkklier	((melk)[N],(klier)[N])[N]
melkkoe	((melk)[V],(koe)[N])[N]
melkkoeler	((melk)[N],(koel)[V],(er)[N|NV.])[N]
melkkoeltank	((melk)[N],((koel)[V],(tank)[N])[N])[N]
melkkoker	((melk)[N],(kook)[V],(er)[N|NV.])[N]
melkkoorts	((melk)[N],(koorts)[N])[N]
melkkrat	((melk)[N],(krat)[N])[N]
melkkruid	((melk)[N],(kruid)[N])[N]
melkkruik	((melk)[N],(kruik)[N])[N]
melkkuur	((melk)[N],(kuur)[N])[N]
melkkwarts	((melk)[N],(kwarts)[N])[N]
melkleverantie	((melk)[N],(leverantie)[N])[N]
melklijst	((melk)[N],(lijst)[N])[N]
melkmachine	((melk)[V],(machine)[N])[N]
melkman	((melk)[N],(man)[N])[N]
melkmeisje	((melk)[N],(meisje)[N])[N]
melkmuil	((melk)[N],(muil)[N])[N]
melkontromer	((melk)[N],((ont)[V|.N],(room)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
melkontvangst	((melk)[N],((ontvang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
melkopaal	((melk)[N],(opaal)[N])[N]
melkopbrengst	((melk)[V],(((op)[P],(breng)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
melkpap	((melk)[N],(pap)[N])[N]
melkplant	((melk)[N],(plant)[N])[N]
melkplas	((melk)[N],(plas)[N])[N]
melkpoeder	((melk)[N],(poeder)[N])[N]
melkpoeier	((melk)[N],(poeier)[N])[N]
melkpot	((melk)[N],(pot)[N])[N]
melkproduct	((melk)[N],(product)[N])[N]
melkproductie	((melk)[N],(produceer)[V],(tie)[N|NV.])[N]
melkput	((melk)[N],(put)[N])[N]
melkras	((melk)[N],(ras)[N])[N]
melkreep	((melk)[N],(reep)[N])[N]
melkrijder	((melk)[N],(rijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
melkrijk	((melk)[N],(rijk)[A])[A]
melkrijp	((melk)[N],(rijp)[A])[A]
melkrijpheid	(((melk)[N],(rijp)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
melksalon	((melk)[N],(salon)[N])[N]
melksap	((melk)[N],(sap)[N])[N]
melkseparator	((melk)[N],(separeer)[V],(ator)[N|NV.])[N]
melkserum	((melk)[N],(serum)[N])[N]
melkslijter	((melk)[N],(slijt)[V],(er)[N|NV.])[N]
melkspiegel	((melk)[N],(spiegel)[N])[N]
melkspijs	((melk)[N],(spijs)[N])[N]
melkstal	((melk)[V],(stal)[N])[N]
melksteen	((melk)[N],(steen)[N])[N]
melkster	((melk)[V],(ster)[N|V.])[N]
melkstoeltje	((melk)[V],(stoel)[N])[N]
melksuiker	((melk)[N],(suiker)[N])[N]
melktand	((melk)[N],(tand)[N])[N]
melktank	((melk)[N],(tank)[N])[N]
melktijd	((melk)[V],(tijd)[N])[N]
melktype	((melk)[N],(type)[N])[N]
melkuur	((melk)[V],(uur)[N])[N]
melkvaars	((melk)[V],(vaars)[N])[N]
melkvee	((melk)[V],(vee)[N])[N]
melkveestapel	(((melk)[V],(vee)[N])[N],(stapel)[N])[N]
melkwagen	((melk)[N],(wagen)[N])[N]
melkweg	((melk)[N],(weg)[N])[N]
melkweger	((melk)[N],(weeg)[V],(er)[N|NV.])[N]
melkwegstelsel	(((melk)[N],(weg)[N])[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
melkwei	((melk)[N],(wei)[N])[N]
melkwinkel	((melk)[N],(winkel)[N])[N]
melkwit	((melk)[N],(wit)[A])[A]
melkwol	((melk)[N],(wol)[N])[N]
melkzeep	((melk)[N],(zeep)[N])[N]
melkzuur	((melk)[N],(zuur)[N])[N]
melkzuurbacterie	(((melk)[N],(zuur)[N])[N],(bacterie)[N])[N]
melkzuurgisting	(((melk)[N],(zuur)[N])[N],((gist)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
melkzwam	((melk)[N],(zwam)[N])[N]
melodie	((melodisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
melodiek	((melodisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
melodieus	(((melodisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(eus)[A|N.])[A]
melodieusheid	((((melodisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(eus)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
meloen	(meloen)[N]
meloenboom	((meloen)[N],(boom)[N])[N]
meloengewelf	((meloen)[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
meloenvormig	((meloen)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
meloenzaad	((meloen)[N],(zaad)[N])[N]
melomanie	((melomaan)[N],(ie)[N|N.])[N]
mem	(mem)[N]
membraan	(membraan)[N]
membraanevenwicht	((membraan)[N],((even)[A],(wicht)[N])[N])[N]
membraanfilter	((membraan)[N],(filter)[N])[N]
membraanmanometer	((membraan)[N],(manometer)[N])[N]
memelig	((memel)[N],(ig)[A|N.])[A]
memmetjeskruid	((memmetje)[N],(s)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
memobedrijf	((memo)[N],(bedrijf)[N])[N]
memoblok	((memo)[N],(blok)[N])[N]
memoformaat	((memo)[N],((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
memorabel	((memoreer)[V],(abel)[A|V.])[A]
memoriaal	((memoreer)[V],(iaal)[N|V.])[N]
memoriaalpost	(((memoreer)[V],(iaal)[N|V.])[N],(post)[N])[N]
memorie	(memorie)[N]
memoriepost	((memorie)[N],(post)[N])[N]
memoriewerk	((memorie)[N],(werk)[N])[N]
memorisatie	((memoriseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
men	(men)[N]
menage	(menage)[N]
menageketel	((menage)[N],(ketel)[N])[N]
menageklep	((menage)[N],(klep)[N])[N]
menagemeester	((menage)[N],(meester)[N])[N]
menen	(meen)[V]
menens	((meen)[V],(s)[A|V.])[A]
menestreel	(menestreel)[N]
mengbaar	((meng)[V],(baar)[A|V.])[A]
mengbak	((meng)[V],(bak)[N])[N]
mengbevolking	((meng)[V],(((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
mengcel	((meng)[V],(cel)[N])[N]
mengcondensor	((meng)[V],(condensor)[N])[N]
mengeldichten	((mengel)[V],(dicht)[N])[N]
mengeling	((mengel)[V],(ing)[N|V.])[N]
mengelklomp	((mengel)[V],(klomp)[N])[N]
mengelmoes	((mengel)[V],(moes)[N])[N]
mengelwerk	((mengel)[V],(werk)[N])[N]
mengen	(meng)[V]
menginfectie	((meng)[V],((infect)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
menging	((meng)[V],(ing)[N|V.])[N]
mengingscalorimeter	(((meng)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((calorie)[N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
mengkamer	((meng)[V],(kamer)[N])[N]
mengkleur	((meng)[V],(kleur)[N])[N]
mengkoren	((meng)[V],(koren)[N])[N]
mengkraan	((meng)[V],(kraan)[N])[N]
mengkristal	((meng)[V],(kristal)[N])[N]
mengmachine	((meng)[V],(machine)[N])[N]
mengmest	((meng)[V],(mest)[N])[N]
mengpaneel	((meng)[V],(paneel)[N])[N]
mengproduct	((meng)[V],(product)[N])[N]
mengras	((meng)[V],(ras)[N])[N]
mengsel	((meng)[V],(sel)[N|V.])[N]
mengsmering	((meng)[V],((smeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
mengsysteem	((meng)[V],(systeem)[N])[N]
mengtaal	((meng)[V],(taal)[N])[N]
mengtechniek	((meng)[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
mengtype	((meng)[V],(type)[N])[N]
mengverhouding	((meng)[V],((verhoud)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
mengvloeistof	((meng)[V],((vloei)[V],(stof)[N])[N])[N]
mengvoeder	((meng)[V],(voeder)[N])[N]
mengvoer	((meng)[V],(voer)[N])[N]
mengvorm	((meng)[V],(vorm)[N])[N]
mengwarmte	((meng)[V],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
mengwijn	((meng)[V],(wijn)[N])[N]
mengwit	((meng)[V],(wit)[N])[N]
mengzaad	((meng)[V],(zaad)[N])[N]
menhir	(menhir)[N]
menie	(menie)[N]
menieverf	((menie)[N],(verf)[N])[N]
menievogel	((menie)[A],(vogel)[N])[N]
menigvuldigheid	((menigvuldig)[A],(heid)[N|A.])[N]
mening	((meen)[V],(ing)[N|V.])[N]
meningsuiting	(((meen)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],(uit)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
meningsverandering	(((meen)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
meningsverschil	(((meen)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(verschil)[N])[N]
meningsvorming	(((meen)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],(vorm)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
menistenblauw	((menist)[N],(en)[A|N.A],(blauw)[A])[A]
menistenboterham	((menist)[N],(en)[N|N.N],(boterham)[N])[N]
menistenbruiloft	((menist)[N],(en)[N|N.N],(bruiloft)[N])[N]
menistenhemel	((menist)[N],(en)[N|N.N],(hemel)[N])[N]
menistenleugentje	((menist)[N],(en)[N|N.N],(leugen)[N])[N]
menistenzusje	((menist)[N],(en)[N|N.N],(zus)[N])[N]
meniën	(menie)[V]
mennen	(men)[V]
menner	((men)[V],(er)[N|V.])[N]
mens	(mens)[N]
mensa	(mensa)[N]
mensaap	((mens)[N],(aap)[N])[N]
mensachtig	((mens)[N],(achtig)[A|N.])[A]
mensachtigen	((mens)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
mensbeeld	((mens)[N],(beeld)[N])[N]
mensbeschouwing	((mens)[N],((be)[V|.V],(schouw)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
mensdom	((mens)[N],(dom)[N|N.])[N]
menselijk	((mens)[N],(elijk)[A|N.])[A]
menselijkheid	(((mens)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
mensendrom	((mens)[N],(en)[N|N.N],(drom)[N])[N]
menseneter	((mens)[N],(en)[N|N.Vx],(eet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
mensengedaante	((mens)[N],(en)[N|N.N],(gedaante)[N])[N]
mensengeslacht	((mens)[N],(en)[N|N.N],(geslacht)[N])[N]
mensengroep	((mens)[N],(en)[N|N.N],(groep)[N])[N]
mensenhaai	((mens)[N],(en)[N|N.N],(haai)[N])[N]
mensenhaat	((mens)[N],(en)[N|N.N],(haat)[N])[N]
mensenhand	((mens)[N],(en)[N|N.N],(hand)[N])[N]
mensenhater	((mens)[N],(en)[N|N.Vx],(haat)[V],(er)[N|NxV.])[N]
mensenheugenis	((mens)[N],(en)[N|N.N],((heug)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
mensenkenner	((mens)[N],(en)[N|N.Vx],(ken)[V],(er)[N|NxV.])[N]
mensenkennis	((mens)[N],(en)[N|N.N],(kennis)[N])[N]
mensenkind	((mens)[N],(en)[N|N.N],(kind)[N])[N]
mensenkluwen	((mens)[N],(en)[N|N.N],(kluwen)[N])[N]
mensenkracht	((mens)[N],(en)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
mensenleeftijd	((mens)[N],(en)[N|N.N],((leef)[V],(tijd)[N])[N])[N]
mensenleven	((mens)[N],(en)[N|N.N],(leven)[N])[N]
mensenliefde	((mens)[N],(en)[N|N.N],(liefde)[N])[N]
mensenmassa	((mens)[N],(en)[N|N.N],(massa)[N])[N]
mensenmateriaal	((mens)[N],(en)[N|N.N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
mensenoffer	((mens)[N],(en)[N|N.N],(offer)[N])[N]
mensenpaar	((mens)[N],(en)[N|N.N],(paar)[N])[N]
mensenplicht	((mens)[N],(en)[N|N.N],(plicht)[N])[N]
mensenras	((mens)[N],(en)[N|N.N],(ras)[N])[N]
mensenrechten	((mens)[N],(en)[N|N.N],(recht)[N])[N]
mensenroof	((mens)[N],(en)[N|N.N],(roof)[N])[N]
mensenschuw	((mens)[N],(en)[A|N.A],(schuw)[A])[A]
mensenschuwheid	(((mens)[N],(en)[A|N.A],(schuw)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
mensensmokkel	((mens)[N],(en)[N|N.N],(smokkel)[N])[N]
mensenstem	((mens)[N],(en)[N|N.N],(stem)[N])[N]
mensenstroom	((mens)[N],(en)[N|N.N],(stroom)[N])[N]
mensentaal	((mens)[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
mensentype	((mens)[N],(en)[N|N.N],(type)[N])[N]
mensenverstand	((mens)[N],(en)[N|N.N],(verstand)[N])[N]
mensenvlees	((mens)[N],(en)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
mensenvlo	((mens)[N],(en)[N|N.N],(vlo)[N])[N]
mensenvrees	((mens)[N],(en)[N|N.N],(vrees)[N])[N]
mensenvriend	((mens)[N],(en)[N|N.N],(vriend)[N])[N]
mensenwereld	((mens)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
mensenwerk	((mens)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
mensenwijsheid	((mens)[N],(en)[N|N.N],((wijs)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
mensenzee	((mens)[N],(en)[N|N.N],(zee)[N])[N]
mensenziel	((mens)[N],(en)[N|N.N],(ziel)[N])[N]
mensenzoon	((mens)[N],(en)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
mensheid	((mens)[N],(heid)[N|N.])[N]
mensheidsgeschiedenis	(((mens)[N],(heid)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
mensheidsideaal	(((mens)[N],(heid)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(ideaal)[N])[N]
mensjaar	((mens)[N],(jaar)[N])[N]
menskunde	((mens)[N],(kunde)[N])[N]
menskundig	(((mens)[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
menslief	((mens)[N],(lief)[N])[N]
menslievend	((mens)[N],(lievend)[V])[A]
menslievendheid	(((mens)[N],(lievend)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
mensonterend	((mens)[N],((ont)[V|.N],(eer)[N])[V],(end)[A|NV.])[A]
mensonwaardig	((mens)[N],((on)[A|.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A])[A]
menspaard	((mens)[N],(paard)[N])[N]
menstruatie	((menstrueer)[V],(atie)[N|V.])[N]
menstruatiecyclus	(((menstrueer)[V],(atie)[N|V.])[N],(cyclus)[N])[N]
menstruatieklacht	(((menstrueer)[V],(atie)[N|V.])[N],(klacht)[N])[N]
menstruatiepijn	(((menstrueer)[V],(atie)[N|V.])[N],(pijn)[N])[N]
menstruatiestoornis	(((menstrueer)[V],(atie)[N|V.])[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
mensuraal	((mensuur)[N],(aal)[A|N.])[A]
mensvormig	((mens)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
mensvriendelijk	((mens)[N],((vriend)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
menswaardig	((mens)[N],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
menswetenschappen	((mens)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
menswording	((mens)[N],(word)[V],(ing)[N|NV.])[N]
menszijn	((mens)[N],(zijn)[N])[N]
mentaliteit	((mentaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
mentaliteitsgeschiedenis	(((mentaal)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
mentaliteitskwestie	(((mentaal)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(kwestie)[N])[N]
mentaliteitsontwikkeling	(((mentaal)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
mentaliteitsverandering	(((mentaal)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
mentaliteitswijziging	(((mentaal)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((wijzig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
menthol	(menthol)[N]
mentholsigaret	((menthol)[N],(sigaret)[N])[N]
mentoraat	((mentor)[N],(aat)[N|N.])[N]
menu	(menu)[N]
menuet	(menuet)[N]
menukaart	((menu)[N],(kaart)[N])[N]
menukeuze	((menu)[N],(keuze)[N])[N]
mep	(mep)[N]
meppen	(mep)[V]
mepper	((mep)[V],(er)[N|V.])[N]
mercatorprojectie	((mercator)[N],(((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N])[N]
merel	(merel)[N]
meren	(meer)[V]
merg	(merg)[N]
mergbeen	((merg)[N],(been)[N])[N]
mergcel	((merg)[N],(cel)[N])[N]
mergel	(mergel)[N]
mergelaarde	((mergel)[N],(aarde)[N])[N]
mergelachtig	((mergel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
mergelen	(mergel)[V]
mergelgroef	((mergel)[N],(groef)[N])[N]
mergelgroeve	((mergel)[N],(groeve)[N])[N]
mergelkalk	((mergel)[N],(kalk)[N])[N]
mergelput	((mergel)[N],(put)[N])[N]
mergelsteen	((mergel)[N],(steen)[N])[N]
mergholte	((merg)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
merglepel	((merg)[N],(lepel)[N])[N]
mergpijp	((merg)[N],(pijp)[N])[N]
mergvlies	((merg)[N],(vlies)[N])[N]
meridiaancirkel	((meridiaan)[N],(cirkel)[N])[N]
meridiaankijker	((meridiaan)[N],((kijk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
meridiaanshoogte	((meridiaan)[N],(s)[N|N.N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
merinosgaren	((merinos)[N],(garen)[N])[N]
merinosschaap	((merinos)[N],(schaap)[N])[N]
merinoswol	((merinos)[N],(wol)[N])[N]
merite	(merite)[N]
merk	(merk)[N]
merkartikel	((merk)[N],(artikel)[N])[N]
merkbaar	((merk)[V],(baar)[A|V.])[A]
merkcijfer	((merk)[N],(cijfer)[N])[N]
merkdoek	((merk)[V],(doek)[N])[N]
merkel	(merkel)[N]
merkelijk	((merk)[V],(elijk)[A|V.])[A]
merken	(merk)[V]
merkenbureau	((merk)[N],(en)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
merkengemachtigde	((merk)[N],(en)[N|N.N],(gemachtigde)[N])[N]
merkenwet	((merk)[N],(en)[N|N.N],(wet)[N])[N]
merker	((merk)[V],(er)[N|V.])[N]
merkgaren	((merk)[V],(garen)[N])[N]
merkinkt	((merk)[V],(inkt)[N])[N]
merkkatoen	((merk)[V],(katoen)[N])[N]
merklap	((merk)[V],(lap)[N])[N]
merklat	((merk)[V],(lat)[N])[N]
merkletter	((merk)[V],(letter)[N])[N]
merknaam	((merk)[N],(naam)[N])[N]
merksteen	((merk)[V],(steen)[N])[N]
merkteken	((merk)[V],(teken)[N])[N]
merkvast	((merk)[N],(vast)[A])[A]
merkwaardig	((merk)[V],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
merkwaardigheid	(((merk)[V],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
merrie	(merrie)[N]
merriepaard	((merrie)[N],(paard)[N])[N]
merrieveulen	((merrie)[N],(veulen)[N])[N]
mes	(mes)[N]
mesdicht	((mes)[N],(dicht)[A])[A]
mesenchymaal	((mesenchym)[N],(aal)[A|N.])[A]
meskant	((mes)[N],(kant)[A])[A]
mespunt	((mes)[N],(punt)[N])[N]
mess	(mess)[N]
messchede	((mes)[N],(schede)[N])[N]
messcherp	((mes)[N],(scherp)[A])[A]
messenbak	((mes)[N],(en)[N|N.N],(bak)[N])[N]
messenhandel	((mes)[N],(en)[N|N.N],(handel)[N])[N]
messenhecht	((mes)[N],(e)[N|N.N],(hecht)[N])[N]
messenheft	((mes)[N],(e)[N|N.N],(heft)[N])[N]
messenkoker	((mes)[N],(e)[N|N.N],(koker)[N])[N]
messenla	((mes)[N],(en)[N|N.N],(la)[N])[N]
messenlade	((mes)[N],(en)[N|N.N],(lade)[N])[N]
messenlegger	((mes)[N],(e)[N|N.Vx],(leg)[V],(er)[N|NxV.])[N]
messenlemmet	((mes)[N],(e)[N|N.N],(lemmet)[N])[N]
messenmaker	((mes)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
messenschede	((mes)[N],(e)[N|N.N],(schede)[N])[N]
messenslijper	((mes)[N],(en)[N|N.Vx],(slijp)[V],(er)[N|NxV.])[N]
messentrekker	((mes)[N],(e)[N|N.Vx],(trek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
messentrekkerij	((mes)[N],(en)[N|N.Vx],(trek)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
messingploeg	((messing)[N],(ploeg)[N])[N]
messnede	((mes)[N],(snede)[N])[N]
messnee	((mes)[N],(snee)[N])[N]
messteek	((mes)[N],(steek)[N])[N]
mest	(mest)[N]
mestbank	((mest)[N],(bank)[N])[N]
mestbedrijf	((mest)[N],(bedrijf)[N])[N]
mestbeest	((mest)[V],(beest)[N])[N]
mestbelt	((mest)[N],(belt)[N])[N]
mesten	(mest)[V]
mestgang	((mest)[N],(gang)[N])[N]
mestgier	((mest)[N],(gier)[N])[N]
mestgreep	((mest)[N],(greep)[N])[N]
mesthaak	((mest)[N],(haak)[N])[N]
mesthoen	((mest)[V],(hoen)[N])[N]
mesthoop	((mest)[N],(hoop)[N])[N]
mesting	((mest)[V],(ing)[N|V.])[N]
mestkalf	((mest)[V],(kalf)[N])[N]
mestkar	((mest)[N],(kar)[N])[N]
mestkever	((mest)[N],(kever)[N])[N]
mestkoe	((mest)[V],(koe)[N])[N]
mestkuil	((mest)[N],(kuil)[N])[N]
mestkuur	((mest)[V],(kuur)[N])[N]
mestput	((mest)[N],(put)[N])[N]
mestriek	((mest)[N],(riek)[N])[N]
mestspreider	((mest)[N],(spreid)[V],(er)[N|NV.])[N]
meststal	((mest)[V],(stal)[N])[N]
meststof	((mest)[V],(stof)[N])[N]
mesttor	((mest)[N],(tor)[N])[N]
mestvaalt	((mest)[N],(vaalt)[N])[N]
mestvarken	((mest)[V],(varken)[N])[N]
mestvee	((mest)[V],(vee)[N])[N]
mestvergister	((mest)[N],((ver)[V|.V],(gist)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
mestverspreider	((mest)[N],((ver)[V|.V],(spreid)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
mestvocht	((mest)[N],(vocht)[N])[N]
mestvoeder	((mest)[V],(voeder)[N])[N]
mestvoer	((mest)[V],(voer)[N])[N]
mestvork	((mest)[N],(vork)[N])[N]
mestwagen	((mest)[N],(wagen)[N])[N]
mesvierkant	((mes)[N],((vier)[Q],(kant)[A])[A])[A]
mesvijl	((mes)[N],(vijl)[N])[N]
mesvis	((mes)[N],(vis)[N])[N]
meta-affaire	((meta)[N|.N],(affaire)[N])[N]
metaal	(metaal)[N]
metaalachtig	((metaal)[N],(achtig)[A|N.])[A]
metaalader	((metaal)[N],(ader)[N])[N]
metaalarbeider	((metaal)[N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
metaalbeits	((metaal)[N],(beits)[N])[N]
metaalbewerker	((metaal)[N],((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
metaaldeeg	((metaal)[N],(deeg)[N])[N]
metaaldekking	((metaal)[N],((dek)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
metaaldraad	((metaal)[N],(draad)[N])[N]
metaaleffect	((metaal)[N],(effect)[N])[N]
metaalgeld	((metaal)[N],(geld)[N])[N]
metaalgieter	((metaal)[N],(giet)[V],(er)[N|NV.])[N]
metaalgieterij	((metaal)[N],(giet)[V],(erij)[N|NV.])[N]
metaalglans	((metaal)[N],(glans)[N])[N]
metaalindustrie	((metaal)[N],(industrie)[N])[N]
metaalklank	((metaal)[N],(klank)[N])[N]
metaalkunde	((metaal)[N],(kunde)[N])[N]
metaalkundig	(((metaal)[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
metaallegering	((metaal)[N],(legeer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
metaalmoeheid	((metaal)[N],((moe)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
metaalnijverheid	((metaal)[N],((nijver)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
metaaloxide	((metaal)[N],(oxide)[N])[N]
metaalschroef	((metaal)[N],(schroef)[N])[N]
metaalslak	((metaal)[N],(slak)[N])[N]
metaalsnede	((metaal)[N],(snede)[N])[N]
metaalspuiten	((metaal)[N],(spuit)[V])[V]
metaalspuiter	(((metaal)[N],(spuit)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
metaalthermometer	((metaal)[N],((thermo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
metaalverf	((metaal)[N],(verf)[N])[N]
metaalwaarde	((metaal)[N],(waarde)[N])[N]
metaalwals	((metaal)[N],(wals)[N])[N]
metaalwaren	((metaal)[N],(waar)[N])[N]
metaalzaag	((metaal)[N],(zaag)[N])[N]
metaalzaagblad	(((metaal)[N],(zaag)[N])[N],(blad)[N])[N]
metaalzout	((metaal)[N],(zout)[N])[N]
metacentrum	((meta)[N|.N],(centrum)[N])[N]
metafase	((meta)[N|.N],(fase)[N])[N]
metaforisch	((metafoor)[N],(isch)[A|N.])[A]
metafrase	((meta)[N|.N],(frase)[N])[N]
metafysica	((meta)[N|.N],(fysica)[N])[N]
metafysisch	((meta)[A|.A],(fysisch)[A])[A]
metagenesis	((meta)[N|.N],(genesis)[N])[N]
metalen	((metaal)[N],(en)[A|N.])[A]
metallisatie	(((metaal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
metallisch	((metaal)[N],(isch)[A|N.])[A]
metalliseren	((metaal)[N],(iseer)[V|N.])[V]
metalogica	((meta)[N|.N],(logica)[N])[N]
metamorfologie	((meta)[N|.N],((morfologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
metastasering	((metastaseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
metataal	((meta)[N|.N],(taal)[N])[N]
metathese	((meta)[N|.N],(these)[N])[N]
metathesis	((meta)[N|.N],(thesis)[N])[N]
meten	(meet)[V]
meteoorkrater	((meteoor)[N],(krater)[N])[N]
meteoorregen	((meteoor)[N],(regen)[N])[N]
meteoorsteen	((meteoor)[N],(steen)[N])[N]
meteorietinslag	((meteoriet)[N],(inslag)[N])[N]
meteorologie	((meteorologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
meter	((meet)[V],(er)[N|V.])[N]
meter	(meter)[N]
meterconstante	(((meet)[V],(er)[N|V.])[N],(constante)[N])[N]
meterhuur	(((meet)[V],(er)[N|V.])[N],(huur)[N])[N]
meterkast	(((meet)[V],(er)[N|V.])[N],(kast)[N])[N]
meterlens	(((meet)[V],(er)[N|V.])[N],(lens)[N])[N]
meteropnemer	(((meet)[V],(er)[N|V.])[N],((op)[P],(neem)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
meteropneming	(((meet)[V],(er)[N|V.])[N],((op)[P],(neem)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
meterschap	((meter)[N],(schap)[N|N.])[N]
meterstand	(((meet)[V],(er)[N|V.])[N],(stand)[N])[N]
metertarief	(((meet)[V],(er)[N|V.])[N],(tarief)[N])[N]
metgezel	((met)[B],(gezel)[N])[N]
metgezelle	(((met)[B],(gezel)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
metgezellin	(((met)[B],(gezel)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
methaanvergisting	((methaan)[N],(((ver)[V|.V],(gist)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
methaanzuur	((methaan)[N],(zuur)[N])[N]
methadonbus	((methadon)[N],(bus)[N])[N]
methadonprogramma	((methadon)[N],(programma)[N])[N]
methode	(methode)[N]
methodiek	(((methode)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
methodisch	((methode)[N],(isch)[A|N.])[A]
methodist	((methode)[N],(ist)[N|N.])[N]
methodistisch	(((methode)[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A]
methodologisch	((methodoloog)[N],(isch)[A|N.])[A]
methylalcohol	((methyl)[N],(alcohol)[N])[N]
methylbromide	((methyl)[N],(bromide)[N])[N]
meting	((meet)[V],(ing)[N|V.])[N]
metonymie	(((metonymia)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
metonymisch	((metonymia)[N],(isch)[A|N.])[A]
metriek	(((metrum)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
metriek	(((meet)[V],(er)[N|V.])[N],(iek)[A|N.])[A]
metrisch	((metrum)[N],(isch)[A|N.])[A]
metro	(metro)[N]
metrometer	((metro)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
metronomisch	((metronoom)[N],(isch)[A|N.])[A]
metropolitaans	((metropoliet)[N],(aans)[A|N.])[A]
metrostation	((metro)[N],(station)[N])[N]
metrotunnel	((metro)[N],(tunnel)[N])[N]
metrum	(metrum)[N]
metselaar	((metsel)[V],(aar)[N|V.])[N]
metselaarsbaas	(((metsel)[V],(aar)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(baas)[N])[N]
metselaarsknecht	(((metsel)[V],(aar)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(knecht)[N])[N]
metselaarswerk	(((metsel)[V],(aar)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
metselbij	((metsel)[V],(bij)[N])[N]
metselen	(metsel)[V]
metselhamer	((metsel)[V],(hamer)[N])[N]
metselkalk	((metsel)[V],(kalk)[N])[N]
metselspecie	((metsel)[V],(specie)[N])[N]
metselsteen	((metsel)[V],(steen)[N])[N]
metselverband	((metsel)[V],(verband)[N])[N]
metselwerk	((metsel)[V],(werk)[N])[N]
metselwesp	((metsel)[V],(wesp)[N])[N]
metselzand	((metsel)[V],(zand)[N])[N]
metsen	(mets)[V]
metser	((mets)[V],(er)[N|V.])[N]
metserdiender	(((mets)[V],(er)[N|V.])[N],((dien)[V],(der)[N|V.])[N])[N]
metsersbaas	(((mets)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(baas)[N])[N]
metten	(met)[N]
metworst	((met)[N],(worst)[N])[N]
meubel	(meubel)[N]
meubelbeurs	((meubel)[N],(beurs)[N])[N]
meubelen	(meubel)[V]
meubelhout	((meubel)[N],(hout)[N])[N]
meubelindustrie	((meubel)[N],(industrie)[N])[N]
meubelmagazijn	((meubel)[N],(magazijn)[N])[N]
meubelmaker	((meubel)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
meubelplaat	((meubel)[N],(plaat)[N])[N]
meubelstof	((meubel)[N],(stof)[N])[N]
meubelstoffeerder	((meubel)[N],((stof)[N],(eer)[V|N.])[V],(der)[N|NV.])[N]
meubelstuk	((meubel)[N],(stuk)[N])[N]
meubelwas	((meubel)[N],(was)[N])[N]
meubilering	((meubileer)[V],(ing)[N|V.])[N]
meug	(meug)[N]
meuk	(meuk)[N]
meuken	(meuk)[V]
meun	(meun)[N]
meuren	(meur)[V]
meute	(meute)[N]
mevrouwschap	((mevrouw)[N],(schap)[N|N.])[N]
mezenknip	((mees)[N],(en)[N|N.N],(knip)[N])[N]
mezza	(mezza)[A]
mezzo	(mezzo)[A]
mezzosopraan	((mezzo)[N|.N],(sopraan)[N])[N]
mi	(mi)[N]
miasma	(miasma)[N]
miasme	(miasme)[N]
miauwen	(miauw)[V]
mica	(mica)[N]
micaglas	((mica)[N],(glas)[N])[N]
micaruit	((mica)[N],(ruit)[N])[N]
micro-economie	((micro)[N|.N],((economisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
micro-elektronica	((micro)[N|.N],(elektronica)[N])[N]
micro-elektronisch	((micro)[A|.A],((elektron)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
micro-element	((micro)[N|.N],(element)[N])[N]
micro-organisme	((micro)[N|.N],(organisme)[N])[N]
microarchief	((micro)[N|.N],(archief)[N])[N]
microbalans	((micro)[N|.N],(balans)[N])[N]
microbarometer	((micro)[N|.N],((baro)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
microbieel	((microbe)[N],(ieel)[A|N.])[A]
microbiologie	((micro)[N|.N],((biologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
microcefalie	((microcefaal)[A],(ie)[N|A.])[N]
microcentrum	((micro)[N|.N],(centrum)[N])[N]
microchemie	((micro)[N|.N],((chemisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
microchirurgie	((micro)[N|.N],((chirurgisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
microcomputer	((micro)[N|.N],(computer)[N])[N]
microdocumentatie	((micro)[N|.N],(((document)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
microfauna	((micro)[N|.N],(fauna)[N])[N]
microfiche	((micro)[N|.N],(fiche)[N])[N]
microfilm	((micro)[N|.N],(film)[N])[N]
microflora	((micro)[N|.N],(flora)[N])[N]
microfonie	((microfoon)[N],(ie)[N|N.])[N]
microfoonhengel	((microfoon)[N],(hengel)[N])[N]
microfoonkoorts	((microfoon)[N],(koorts)[N])[N]
microfoonvrees	((microfoon)[N],(vrees)[N])[N]
microfoto	((micro)[N|.N],(foto)[N])[N]
microfotografie	((micro)[N|.N],((fotografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
microfotometer	((micro)[N|.N],(fotometer)[N])[N]
microfysica	((micro)[N|.N],(fysica)[N])[N]
microgolf	((micro)[N|.N],(golf)[N])[N]
microgram	((micro)[N|.N],(gram)[N])[N]
microkaart	((micro)[N|.N],(kaart)[N])[N]
microkaartsysteem	((micro)[N|.N],((kaart)[N],(systeem)[N])[N])[N]
microkopie	((micro)[N|.N],(kopie)[N])[N]
microkorfbal	((micro)[N|.N],((korf)[N],(bal)[N])[N])[N]
microkosmos	((micro)[N|.N],(kosmos)[N])[N]
microlithisch	((microliet)[N],(isch)[A|N.])[A]
micromanie	((micro)[N|.N],((manisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
micrometer	((micro)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
micromorfologie	((micro)[N|.N],((morfologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
micromorfologisch	((micro)[A|.A],(morfologisch)[A])[A]
microprocessor	((micro)[N|.N],(processor)[N])[N]
microprojectie	((micro)[N|.N],(((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N])[N]
microreproductie	((micro)[N|.N],((re)[N|.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N])[N]
microschakeling	((micro)[N|.N],((schakel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
microschroef	((micro)[N|.N],(schroef)[N])[N]
microscopisch	((microscoop)[N],(isch)[A|N.])[A]
microseconde	((micro)[N|.N],(seconde)[N])[N]
microsociologie	((micro)[N|.N],((sociologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
microstructuur	((micro)[N|.N],(structuur)[N])[N]
microtechniek	((micro)[N|.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
microtheater	((micro)[N|.N],(theater)[N])[N]
microtomie	((microtoom)[N],(ie)[N|N.])[N]
microtoon	((micro)[N|.N],(toon)[N])[N]
microvolt	((micro)[N|.N],(volt)[N])[N]
middagbeurt	((middag)[N],(beurt)[N])[N]
middagbijeenkomst	((middag)[N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
middagboterham	((middag)[N],(boterham)[N])[N]
middagbrood	((middag)[N],(brood)[N])[N]
middagcirkel	((middag)[N],(cirkel)[N])[N]
middagdienst	((middag)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
middagdutje	((middag)[N],(dut)[N])[N]
middageditie	((middag)[N],(editie)[N])[N]
middageten	((middag)[N],(eten)[N])[N]
middaghitte	((middag)[N],(hitte)[N])[N]
middaghoogte	((middag)[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
middagjapon	((middag)[N],(japon)[N])[N]
middagkerk	((middag)[N],(kerk)[N])[N]
middagklant	((middag)[N],(klant)[N])[N]
middagkoffie	((middag)[N],(koffie)[N])[N]
middaglijn	((middag)[N],(lijn)[N])[N]
middagmaal	((middag)[N],(maal)[N])[N]
middagmaaltijd	((middag)[N],((maal)[N],(tijd)[N])[N])[N]
middagmalen	((middag)[N],(maal)[N])[V]
middagpauze	((middag)[N],(pauze)[N])[N]
middagploeg	((middag)[N],(ploeg)[N])[N]
middagschaft	((middag)[N],(schaft)[N])[N]
middagschoft	((middag)[N],(schoft)[N])[N]
middagsiësta	((middag)[N],(siësta)[N])[N]
middagslaapje	((middag)[N],(slaap)[N])[N]
middagsluiting	((middag)[N],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
middagtrein	((middag)[N],(trein)[N])[N]
middaguur	((middag)[N],(uur)[N])[N]
middagvergadering	((middag)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
middagvoorstelling	((middag)[N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
middagwacht	((middag)[N],(wacht)[N])[N]
middagwandeling	((middag)[N],((wandel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
middagwarmte	((middag)[N],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
middagzon	((middag)[N],(zon)[N])[N]
middel	(middel)[N]
middelaar	((middel)[V],(aar)[N|V.])[N]
middelaarschap	(((middel)[V],(aar)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
middelares	(((middel)[V],(aar)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
middeleeuwer	(((middel)[A],(eeuw)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
middeleeuws	(((middel)[A],(eeuw)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
middelen	(middel)[V]
middelenwet	((middel)[N],(en)[N|N.N],(wet)[N])[N]
middelevenredig	((middel)[A],(evenredig)[A])[A]
middelfijn	((middel)[A],(fijn)[A])[A]
middelgebergte	((middel)[A],((ge)[N|.Nx],(berg)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
middelgewicht	((middel)[A],(gewicht)[N])[N]
middelgroot	((middel)[A],(groot)[A])[A]
middelhand	((middel)[A],(hand)[N])[N]
middelhandsbeen	(((middel)[A],(hand)[N])[N],(s)[N|N.N],(been)[N])[N]
middeling	((middel)[V],(ing)[N|V.])[N]
middelkleur	((middel)[A],(kleur)[N])[N]
middellands	((middel)[A],(land)[N],(s)[A|AN.])[A]
middellang	((middel)[A],(lang)[A])[A]
middellijk	((middel)[V],(lijk)[A|V.])[A]
middellijn	((middel)[A],(lijn)[N])[N]
middelloodlijn	((middel)[A],((lood)[N],(lijn)[N])[N])[N]
middelmaat	((middel)[A],(maat)[N])[N]
middelmater	(((middel)[A],(maat)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
middelmatig	(((middel)[A],(maat)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
middelmatigheid	((((middel)[A],(maat)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
middelmoot	((middel)[A],(moot)[N])[N]
middelpunt	((middel)[A],(punt)[N])[N]
middelpuntskrachten	(((middel)[A],(punt)[N])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
middelpuntvliedend	(((middel)[A],(punt)[N])[N],(vlied)[V],(end)[A|NV.])[A]
middelpuntzoekend	(((middel)[A],(punt)[N])[N],(zoek)[V],(end)[A|NV.])[A]
middelschot	((middel)[A],(schot)[N])[N]
middelsoort	((middel)[A],(soort)[N])[N]
middelstem	((middel)[A],(stem)[N])[N]
middelstuk	((middel)[A],(stuk)[N])[N]
middelvinger	((middel)[A],(vinger)[N])[N]
middelvoet	((middel)[A],(voet)[N])[N]
middelvoetsbeen	(((middel)[A],(voet)[N])[N],(s)[N|N.N],(been)[N])[N]
midden	(midden)[N]
middenas	((midden)[B],(as)[N])[N]
middenbaan	((midden)[B],(baan)[N])[N]
middenbedrijf	((midden)[B],(bedrijf)[N])[N]
middenberm	((midden)[B],(berm)[N])[N]
middenbermbeveiliging	(((midden)[B],(berm)[N])[N],((be)[V|.A],(veilig)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
middenbeuk	((midden)[B],(beuk)[N])[N]
middenblad	((midden)[B],(blad)[N])[N]
middencijfer	((midden)[B],(cijfer)[N])[N]
middencirkel	((midden)[B],(cirkel)[N])[N]
middending	((midden)[B],(ding)[N])[N]
middenevenredig	((midden)[B],(evenredig)[A])[A]
middengewicht	((midden)[B],(gewicht)[N])[N]
middengolf	((midden)[B],(golf)[N])[N]
middengroep	((midden)[B],(groep)[N])[N]
middenhand	((midden)[B],(hand)[N])[N]
middenhandsbeen	(((midden)[B],(hand)[N])[N],(s)[N|N.N],(been)[N])[N]
middenhersenen	((midden)[B],(hersen)[N])[N]
middenkader	((midden)[B],(kader)[N])[N]
middenklas	((midden)[B],(klas)[N])[N]
middenklasse	((midden)[B],(klasse)[N])[N]
middenklasser	(((midden)[B],(klas)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
middenkleur	((midden)[B],(kleur)[N])[N]
middenkoers	((midden)[B],(koers)[N])[N]
middenlijn	((midden)[B],(lijn)[N])[N]
middenlinie	((midden)[B],(linie)[N])[N]
middenman	((midden)[B],(man)[N])[N]
middenmater	((middenmaat)[N],(er)[N|N.])[N]
middenmoot	((midden)[B],(moot)[N])[N]
middenoor	((midden)[B],(oor)[N])[N]
middenpad	((midden)[B],(pad)[N])[N]
middenprijs	((midden)[B],(prijs)[N])[N]
middenrif	((midden)[B],(rif)[N])[N]
middenrifademhaling	(((midden)[B],(rif)[N])[N],(((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
middenrijm	((midden)[B],(rijm)[N])[N]
middenschip	((midden)[B],(schip)[N])[N]
middenschool	((midden)[B],(school)[N])[N]
middenschoolexperiment	(((midden)[B],(school)[N])[N],(experiment)[N])[N]
middenschoolontwikkeling	(((midden)[B],(school)[N])[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
middenschot	((midden)[B],(schot)[N])[N]
middensoort	((midden)[B],(soort)[N])[N]
middenspel	((midden)[B],(spel)[N])[N]
middenspeler	((midden)[B],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
middenstand	((midden)[B],(stand)[N])[N]
middenstander	(((midden)[B],(stand)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
middenstandersgezin	((((midden)[B],(stand)[N])[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(gezin)[N])[N]
middenstandsdiploma	(((midden)[B],(stand)[N])[N],(s)[N|N.N],(diploma)[N])[N]
middenstandsexamen	(((midden)[B],(stand)[N])[N],(s)[N|N.N],(examen)[N])[N]
middenstandsgezin	(((midden)[B],(stand)[N])[N],(s)[N|N.N],(gezin)[N])[N]
middenstandsorganisatie	(((midden)[B],(stand)[N])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
middenstandspolitiek	(((midden)[B],(stand)[N])[N],(s)[N|N.N],(politiek)[N])[N]
middensteentijd	((midden)[B],((steen)[N],(tijd)[N])[N])[N]
middenstem	((midden)[B],(stem)[N])[N]
middenstip	((midden)[N],(s)[N|N.N],(tip)[N])[N]
middenstof	((midden)[N],(stof)[N])[N]
middenstreep	((midden)[B],(streep)[N])[N]
middenstrook	((midden)[B],(strook)[N])[N]
middenstuk	((midden)[B],(stuk)[N])[N]
middenterm	((midden)[B],(term)[N])[N]
middenvak	((midden)[B],(vak)[N])[N]
middenvakspel	(((midden)[B],(vak)[N])[N],(spel)[N])[N]
middenveld	((midden)[B],(veld)[N])[N]
middenvelder	(((midden)[B],(veld)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
middenvinger	((midden)[B],(vinger)[N])[N]
middenvoet	((midden)[B],(voet)[N])[N]
middenvoetsbeen	(((midden)[B],(voet)[N])[N],(s)[N|N.N],(been)[N])[N]
middenvoor	((midden)[B],(voor)[B])[N]
middenweg	((midden)[B],(weg)[N])[N]
middernachtelijk	((middernacht)[N],(elijk)[A|N.])[A]
middernachtmis	((middernacht)[N],(mis)[N])[N]
middernachtsmis	((middernacht)[N],(s)[N|N.N],(mis)[N])[N]
middernachtsuur	((middernacht)[N],(s)[N|N.N],(uur)[N])[N]
middernachtzendeling	((middernacht)[N],((zend)[V],(eling)[N|V.])[N])[N]
middernachtzending	((middernacht)[N],((zend)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
middernachtzon	((middernacht)[N],(zon)[N])[N]
midscheeps	((midden)[B],(schip)[N],(s)[A|BN.])[A]
midweeks	((mid-week)[N],(s)[A|N.])[A]
midwinter	((midden)[B],(winter)[N])[N]
midwinterblazen	(((midden)[B],(winter)[N])[N],(blaas)[V])[V]
midwinterhoorn	(((midden)[B],(winter)[N])[N],(hoorn)[N])[N]
midwinterhoren	(((midden)[B],(winter)[N])[N],(horen)[N])[N]
midzomer	((midden)[B],(zomer)[N])[N]
midzomernacht	(((midden)[B],(zomer)[N])[N],(nacht)[N])[N]
midzomerzonnewende	(((midden)[B],(zomer)[N])[N],(zonnewende)[N])[N]
mie	(mie)[N]
mier	(mier)[N]
mieren	(mier)[V]
mierenegel	((mier)[N],(en)[N|N.N],(egel)[N])[N]
mierenei	((mier)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
miereneter	((mier)[N],(en)[N|N.Vx],(eet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
mierengast	((mier)[N],(en)[N|N.N],(gast)[N])[N]
mierenhonig	((mier)[N],(en)[N|N.N],(honig)[N])[N]
mierenhoning	((mier)[N],(en)[N|N.N],(honing)[N])[N]
mierenhoop	((mier)[N],(en)[N|N.N],(hoop)[N])[N]
mierenjager	((mier)[N],(en)[N|N.Vx],(jaag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
mierenkaravaan	((mier)[N],(en)[N|N.N],(karavaan)[N])[N]
mierenleeuw	((mier)[N],(en)[N|N.N],(leeuw)[N])[N]
mierennest	((mier)[N],(en)[N|N.N],(nest)[N])[N]
mierenneuker	((mier)[N],(e)[N|N.Vx],(neuk)[V],(er)[N|NxV.])[N]
mierenstaat	((mier)[N],(en)[N|N.N],(staat)[N])[N]
mierenvolk	((mier)[N],(en)[N|N.N],(volk)[N])[N]
mierenzuur	((mier)[N],(e)[N|N.N],(zuur)[N])[N]
mierik	(mierik)[N]
mierikswortel	((mierik)[N],(s)[N|N.N],(wortel)[N])[N]
mierikwortel	((mierik)[N],(wortel)[N])[N]
miers	((mier)[N],(s)[A|N.])[A]
mierzoet	((mier)[N],(zoet)[A])[A]
mies	(mies)[A]
mieter	(mieter)[N]
mieteren	(mieter)[V]
mieters	((mieter)[N],(s)[A|N.])[A]
mietje	(miet)[N]
miezel	(miezel)[N]
miezelen	(miezel)[V]
miezelregen	((miezel)[N],(regen)[N])[N]
miezeren	(miezer)[V]
miezerig	((miezer)[V],(ig)[A|V.])[A]
migraine	(migraine)[N]
migrant	((migreer)[V],(ant)[N|V.])[N]
migrantenraad	(((migreer)[V],(ant)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(raad)[N])[N]
migratie	((migreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
migratiegeschiedenis	(((migreer)[V],(atie)[N|V.])[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
migratieoverschot	(((migreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(overschot)[N])[N]
migratieproces	(((migreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
migratiesaldo	(((migreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(saldo)[N])[N]
migratiesurplus	(((migreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(surplus)[N])[N]
migratietheorie	(((migreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(theorie)[N])[N]
mihoen	(mihoen)[N]
mijden	(mijd)[V]
mijding	((mijd)[V],(ing)[N|V.])[N]
mijl	(mijl)[N]
mijlenlang	((mijl)[N],(en)[A|N.A],(lang)[A])[A]
mijlenver	((mijl)[N],(en)[A|N.A],(ver)[A])[A]
mijlpaal	((mijl)[N],(paal)[N])[N]
mijlschaal	((mijl)[N],(schaal)[N])[N]
mijlsteen	((mijl)[N],(steen)[N])[N]
mijmeraar	((mijmer)[V],(aar)[N|V.])[N]
mijmeren	(mijmer)[V]
mijmerij	((mijmer)[V],(ij)[N|V.])[N]
mijmering	((mijmer)[V],(ing)[N|V.])[N]
mijn	(mijn)[N]
mijnader	((mijn)[N],(ader)[N])[N]
mijnbedding	((mijn)[N],(bedding)[N])[N]
mijnbom	((mijn)[N],(bom)[N])[N]
mijnbouw	((mijn)[N],(bouw)[N])[N]
mijnbouwkunde	(((mijn)[N],(bouw)[N])[N],(kunde)[N])[N]
mijnbouwkundig	((((mijn)[N],(bouw)[N])[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
mijnconcessie	((mijn)[V],(concessie)[N])[N]
mijndetector	((mijn)[N],(detector)[N])[N]
mijndirectie	((mijn)[N],(directie)[N])[N]
mijndistrict	((mijn)[N],(district)[N])[N]
mijnen	(mijn)[V]
mijnendetector	((mijn)[N],(en)[N|N.N],(detector)[N])[N]
mijnendienst	((mijn)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
mijnenlegger	((mijn)[N],(en)[N|N.Vx],(leg)[V],(er)[N|NxV.])[N]
mijnenveger	((mijn)[N],(en)[N|N.Vx],(veeg)[V],(er)[N|NxV.])[N]
mijnenveld	((mijn)[N],(en)[N|N.N],(veld)[N])[N]
mijngalerij	((mijn)[N],(galerij)[N])[N]
mijngang	((mijn)[N],(gang)[N])[N]
mijngas	((mijn)[N],(gas)[N])[N]
mijngranaat	((mijn)[N],(granaat)[N])[N]
mijnheer	((mijn)[O],(heer)[N])[N]
mijnhout	((mijn)[N],(hout)[N])[N]
mijnindustrie	((mijn)[N],(industrie)[N])[N]
mijningenieur	((mijn)[N],(ingenieur)[N])[N]
mijnlamp	((mijn)[N],(lamp)[N])[N]
mijnontginning	((mijn)[N],(ontgin)[V],(ing)[N|NV.])[N]
mijnoorlog	((mijn)[N],(oorlog)[N])[N]
mijnopruimingsdienst	((mijn)[N],(opruimingsdienst)[N])[N]
mijnraad	((mijn)[N],(raad)[N])[N]
mijnramp	((mijn)[N],(ramp)[N])[N]
mijnrecht	((mijn)[V],(recht)[N])[N]
mijnschacht	((mijn)[N],(schacht)[N])[N]
mijnstreek	((mijn)[N],(streek)[N])[N]
mijntoestel	((mijn)[N],(toestel)[N])[N]
mijntrechter	((mijn)[N],(trechter)[N])[N]
mijnwater	((mijn)[N],(water)[N])[N]
mijnwerker	((mijn)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
mijnwerkersbond	(((mijn)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(bond)[N])[N]
mijnwerkerslamp	(((mijn)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(lamp)[N])[N]
mijnwerkersvrouw	(((mijn)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
mijnwerper	((mijn)[N],(werp)[V],(er)[N|NV.])[N]
mijnwet	((mijn)[N],(wet)[N])[N]
mijnwezen	((mijn)[N],(wezen)[N])[N]
mijnworm	((mijn)[N],(worm)[N])[N]
mijnwormziekte	(((mijn)[N],(worm)[N])[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
mijnziekte	((mijn)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
mijt	(mijt)[N]
mijten	(mijt)[V]
mijter	(mijter)[N]
mijterdrager	((mijter)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
mijteren	(mijter)[V]
mijterig	((mijt)[N],(erig)[A|N.])[A]
mijterstad	((mijter)[N],(stad)[N])[N]
mik	(mik)[N]
mikado	(mikado)[N]
mikken	(mik)[V]
mikmak	(mikmak)[N]
mikpunt	((mik)[V],(punt)[N])[N]
mild	(mild)[A]
milddadig	((mild)[A],(daad)[N],(ig)[A|AN.])[A]
milddadigheid	(((mild)[A],(daad)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
mildheid	((mild)[A],(heid)[N|A.])[N]
milicien-korporaal	((milicien)[N],(korporaal)[N])[N]
milieu	(milieu)[N]
milieu-invloed	((milieu)[N],(invloed)[N])[N]
milieuactie	((milieu)[N],(actie)[N])[N]
milieuactiegroep	((milieu)[N],((actie)[N],(groep)[N])[N])[N]
milieuactivist	((milieu)[N],(activist)[N])[N]
milieuaspect	((milieu)[N],(aspect)[N])[N]
milieubederf	((milieu)[N],(bederf)[N])[N]
milieubeheer	((milieu)[N],(beheer)[N])[N]
milieubelasting	((milieu)[N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
milieubeleid	((milieu)[N],(beleid)[N])[N]
milieubescherming	((milieu)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
milieubewust	((milieu)[N],(bewust)[A])[A]
milieubiologie	((milieu)[N],((biologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
milieuconferentie	((milieu)[N],((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
milieucrisis	((milieu)[N],(crisis)[N])[N]
milieudefensie	((milieu)[N],(defensie)[N])[N]
milieudeskundige	((milieu)[N],(deskundige)[N])[N]
milieudifferentiatie	((milieu)[N],((differentieer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
milieudoelstelling	((milieu)[N],((doel)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
milieudynamiek	((milieu)[N],((dynamisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
milieueffect	((milieu)[N],(effect)[N])[N]
milieuerosie	((milieu)[N],(erosie)[N])[N]
milieufederatie	((milieu)[N],((federeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
milieufreak	((milieu)[N],(freak)[N])[N]
milieugevaarlijk	((milieu)[N],((gevaar)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
milieugroep	((milieu)[N],(groep)[N])[N]
milieuheffing	((milieu)[N],((hef)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
milieuhinderlijk	((milieu)[N],((hinder)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
milieuhygiëne	((milieu)[N],(hygiëne)[N])[N]
milieuhygiënewetgeving	(((milieu)[N],(hygiëne)[N])[N],((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
milieuhygiënisch	((milieu)[N],((hygiëne)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
milieukunde	((milieu)[N],(kunde)[N])[N]
milieukundig	((milieu)[N],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
milieukwaliteit	((milieu)[N],(kwaliteit)[N])[N]
milieukwestie	((milieu)[N],(kwestie)[N])[N]
milieuomstandigheid	((milieu)[N],((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
milieuontwikkeling	((milieu)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
milieuorganisatie	((milieu)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
milieuplanning	((milieu)[N],(plan)[V],(ing)[N|NV.])[N]
milieupolitie	((milieu)[N],(politie)[N])[N]
milieuprobleem	((milieu)[N],(probleem)[N])[N]
milieuramp	((milieu)[N],(ramp)[N])[N]
milieuschandaal	((milieu)[N],(schandaal)[N])[N]
milieusituatie	((milieu)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
milieutaal	((milieu)[N],(taal)[N])[N]
milieutherapie	((milieu)[N],(therapie)[N])[N]
milieutoeslag	((milieu)[N],((toe)[B],(slag)[N])[N])[N]
milieuverandering	((milieu)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
milieuverbetering	((milieu)[N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
milieuverloedering	((milieu)[N],(((ver)[V|.N],(loeder)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
milieuverontreiniging	((milieu)[N],(verontreinig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
milieuvervuiling	((milieu)[N],((ver)[V|.A],(vuil)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
milieuvraagstuk	((milieu)[N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
milieuvriendelijk	((milieu)[N],((vriend)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
milieuwachter	((milieu)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
milieuwerker	((milieu)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
milieuwetgeving	((milieu)[N],((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
milieuzaak	((milieu)[N],(zaak)[N])[N]
militantisme	((militant)[A],(isme)[N])[N]
militariseren	((militair)[N],(iseer)[V|N.])[V]
militarisering	(((militair)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
militieplicht	((militie)[N],(plicht)[N])[N]
militieraad	((militie)[N],(raad)[N])[N]
miljard	(miljard)[N]
miljard	((miljard)[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
miljardennota	((miljard)[N],(en)[N|N.N],(nota)[N])[N]
miljoenenbedrijf	((miljoen)[N],(en)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
miljoenenerfenis	((miljoen)[N],(en)[N|N.N],((erf)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
miljoenenmassa	((miljoen)[N],(en)[N|N.N],(massa)[N])[N]
miljoenennota	((miljoen)[N],(en)[N|N.N],(nota)[N])[N]
miljoenenoplage	((miljoen)[N],(en)[N|N.N],(oplage)[N])[N]
miljoenenorder	((miljoen)[N],(en)[N|N.N],(order)[N])[N]
miljoenenschade	((miljoen)[N],(en)[N|N.N],(schade)[N])[N]
miljoenenstad	((miljoen)[N],(en)[N|N.N],(stad)[N])[N]
miljoenentransactie	((miljoen)[N],(en)[N|N.N],(transactie)[N])[N]
miljoenenverlies	((miljoen)[N],(en)[N|N.N],(verlies)[N])[N]
miljoenenvisje	((miljoen)[N],(en)[N|N.N],(vis)[N])[N]
miljoenenwinst	((miljoen)[N],(en)[N|N.N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
miljoenenzwendel	((miljoen)[N],(en)[N|N.N],(zwendel)[N])[N]
miljoenmaal	((miljoen)[Q],(maal)[N])[B]
miljoenvisje	((miljoen)[Q],(vis)[N])[N]
miljonairszoon	((miljonair)[N],(s)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
mille	(mille)[N]
milliampère	((milli)[N|.N],(ampère)[N])[N]
millibar	((milli)[N|.N],(bar)[N])[N]
millicurie	((milli)[N|.N],(curie)[N])[N]
milligram	((milli)[N|.N],(gram)[N])[N]
milliliter	((milli)[N|.N],(liter)[N])[N]
millimeter	((milli)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
millimeterpapier	(((milli)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(papier)[N])[N]
millimeterwerk	(((milli)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(werk)[N])[N]
milliseconde	((milli)[N|.N],(seconde)[N])[N]
millivolt	((milli)[N|.N],(volt)[N])[N]
milliwatt	((milli)[N|.N],(watt)[N])[N]
milt	(milt)[N]
miltpijn	((milt)[N],(pijn)[N])[N]
miltvuur	((milt)[N],(vuur)[N])[N]
miltvuurbacterie	(((milt)[N],(vuur)[N])[N],(bacterie)[N])[N]
miltzucht	((milt)[N],(zucht)[N])[N]
mime	(mime)[N]
mimegroep	((mime)[N],(groep)[N])[N]
mimen	(mime)[V]
mimespeelster	((mime)[N],(speel)[V],(ster)[N|NV.])[N]
mimespel	((mime)[N],(spel)[N])[N]
mimespeler	((mime)[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
mimetheater	((mime)[N],(theater)[N])[N]
mimiek	(((mime)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
mimisch	((mime)[N],(isch)[A|N.])[A]
mimiset	((mimi)[N],(set)[N])[N]
mimitafeltje	((mimi)[N],(tafel)[N])[N]
mimosa	(mimosa)[N]
min	(min)[N]
minachten	((min)[P],(acht)[V])[V]
minachting	(((min)[P],(acht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
minaret	(minaret)[N]
minderbegaafd	((minder)[Q],((be)[A|.Nx],(gaaf)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
minderbroeder	((minder)[Q],(broeder)[N])[N]
minderhedenbeleid	(((minder)[Q],(heid)[N|Q.])[N],(en)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
minderhedenvraagstuk	(((minder)[Q],(heid)[N|Q.])[N],(en)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
minderheid	((minder)[Q],(heid)[N|Q.])[N]
minderheidsfront	(((minder)[Q],(heid)[N|Q.])[N],(s)[N|N.N],(front)[N])[N]
minderheidsgroepering	(((minder)[Q],(heid)[N|Q.])[N],(s)[N|N.N],(((groep)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
minderheidskabinet	(((minder)[Q],(heid)[N|Q.])[N],(s)[N|N.N],(kabinet)[N])[N]
minderheidsnota	(((minder)[Q],(heid)[N|Q.])[N],(s)[N|N.N],(nota)[N])[N]
minderheidspartij	(((minder)[Q],(heid)[N|Q.])[N],(s)[N|N.N],(partij)[N])[N]
minderheidspositie	(((minder)[Q],(heid)[N|Q.])[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
minderheidsregering	(((minder)[Q],(heid)[N|Q.])[N],(s)[N|N.N],((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
minderheidsstandpunt	(((minder)[Q],(heid)[N|Q.])[N],(s)[N|N.N],((stand)[N],(punt)[N])[N])[N]
mindering	((minder)[V],(ing)[N|V.])[N]
minderjarig	((minder)[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
minderjarigheid	(((minder)[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
mindervalide	((minder)[Q],(valide)[A])[A]
mindervalidenzorg	((minder-valide)[N],(en)[N|N.N],(zorg)[N])[N]
minderwaardig	((minder)[Q],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
minderwaardigheid	(((minder)[Q],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
minderwaardigheidsbesef	((((minder)[Q],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(besef)[N])[N]
minderwaardigheidscomplex	((((minder)[Q],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(complex)[N])[N]
minderwaardigheidsgevoel	((((minder)[Q],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
minderwaardigheidsgevoelen	((((minder)[Q],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(gevoelen)[N])[N]
mineraal	(mineraal)[N]
mineraalchemie	((mineraal)[N],((chemisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
mineraalwater	((mineraal)[A],(water)[N])[N]
mineralisatie	(((mineraal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
mineraliseren	((mineraal)[N],(iseer)[V|N.])[V]
mineralogie	((mineralogisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
minestrone	(minestrone)[N]
mineur	((mineer)[V],(eur)[N|V.])[N]
mineurstemming	((mineur)[N],((stem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
minheid	((min)[A],(heid)[N|A.])[N]
mini	(mini)[N]
mini-jurk	((mini)[N],(jurk)[N])[N]
miniaturist	((miniatuur)[N],(ist)[N|N.])[N]
miniatuurformaat	((miniatuur)[N],((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
miniatuurportret	((miniatuur)[N],(portret)[N])[N]
miniatuurridder	((miniatuur)[N],(ridder)[N])[N]
miniatuurschilder	((miniatuur)[N],(schilder)[N])[N]
miniatuurschilderes	(((miniatuur)[N],(schilder)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
miniatuurvolwassene	((miniatuur)[N],(volwassene)[N])[N]
miniatuurwereld	((miniatuur)[N],(wereld)[N])[N]
minicomputer	((mini)[N|.N],(computer)[N])[N]
miniformaat	((mini)[N|.N],((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
minigolf	((mini)[N|.N],(golf)[N])[N]
minimaal	((minimum)[N],(aal)[A|N.])[A]
minimaliseren	(((minimum)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V]
minimalisering	((((minimum)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
minimalist	(((minimum)[N],(aal)[A|N.])[A],(ist)[N|A.])[N]
minimalistisch	((((minimum)[N],(aal)[A|N.])[A],(ist)[N|A.])[N],(isch)[A|N.])[A]
minimode	((mini)[N|.N],(mode)[N])[N]
minimumaantal	((minimum)[N],((aan)[P],(tal)[N])[N])[N]
minimumeis	((minimum)[N],(eis)[N])[N]
minimumgewicht	((minimum)[N],(gewicht)[N])[N]
minimuminkomen	((minimum)[N],(inkomen)[N])[N]
minimumjeugdloon	((minimum)[N],((jeugd)[N],(loon)[N])[N])[N]
minimumleeftijd	((minimum)[N],((leef)[V],(tijd)[N])[N])[N]
minimumlijder	((minimum)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
minimumloner	(((minimum)[N],(loon)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
minimumloon	((minimum)[N],(loon)[N])[N]
minimumniveau	((minimum)[N],(niveau)[N])[N]
minimumpakket	((minimum)[N],(pakket)[N])[N]
minimumprestatie	((minimum)[N],((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
minimumprijs	((minimum)[N],(prijs)[N])[N]
minimumprogram	((minimum)[N],(program)[N])[N]
minimumprogramma	((minimum)[N],(programma)[N])[N]
minimumsnelheid	((minimum)[N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
minimumthermometer	((minimum)[N],((thermo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
minimumuitkering	((minimum)[N],((uitkeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
minimumvoorwaarde	((minimum)[N],(voorwaarde)[N])[N]
minipil	((mini)[N|.N],(pil)[N])[N]
minirok	((mini)[N|.N],(rok)[N])[N]
miniset	((mini)[N],(set)[N])[N]
minishort	((mini)[N|.N],(short)[N])[N]
minister	(minister)[N]
minister-president	((minister)[N],((presideer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
minister-resident	((minister)[N],((resideer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
ministercomité	((minister)[N],(comité)[N])[N]
ministerconferentie	((minister)[N],((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
ministerie	((minister)[N],(ie)[N|N.])[N]
ministerieel	(((minister)[N],(ie)[N|N.])[N],(ieel)[A|N.])[A]
ministerpapier	((minister)[N],(papier)[N])[N]
ministerportefeuille	((minister)[N],(portefeuille)[N])[N]
ministerraad	((minister)[N],(raad)[N])[N]
ministersalaris	((minister)[N],(salaris)[N])[N]
ministerschap	((minister)[N],(schap)[N|N.])[N]
ministersconferentie	((minister)[N],(s)[N|N.N],((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
ministerscrisis	((minister)[N],(s)[N|N.N],(crisis)[N])[N]
ministersperiode	((minister)[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
ministersportefeuille	((minister)[N],(s)[N|N.N],(portefeuille)[N])[N]
ministerspost	((minister)[N],(s)[N|N.N],(post)[N])[N]
ministersvrouw	((minister)[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
ministerszetel	((minister)[N],(s)[N|N.N],(zetel)[N])[N]
minitrip	((mini)[N|.N],(trip)[N])[N]
minivoetbal	((mini)[N|.N],((voet)[N],(bal)[N])[N])[N]
miniwereld	((mini)[N],(wereld)[N])[N]
mink	(mink)[N]
minnaar	((min)[V],(aar)[N|V.])[N]
minnares	(((min)[V],(aar)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
minnarij	((min)[V],(arij)[N|V.])[N]
minne	(minne)[N]
minnebrief	((minne)[N],(brief)[N])[N]
minnedicht	((minne)[N],(dicht)[N])[N]
minnedichter	((minne)[N],((dicht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
minnedrank	((minne)[N],(drank)[N])[N]
minnegod	((minne)[N],(god)[N])[N]
minnehandel	((minne)[N],(handel)[N])[N]
minnekozen	((minne)[N],(koos)[V])[V]
minnekozerij	(((minne)[N],(koos)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
minnekunst	((minne)[N],(kunst)[N])[N]
minnelied	((minne)[N],(lied)[N])[N]
minnelijk	((min)[V],(elijk)[A|V.])[A]
minnelijkheid	(((min)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
minnelyriek	((minne)[N],((lyrisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
minnen	(min)[V]
minnenijd	((minne)[N],(nijd)[N])[N]
minnenswaard	((min)[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
minnenswaardig	(((min)[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A],(ig)[A|A.])[A]
minnepijn	((minne)[N],(pijn)[N])[N]
minnespel	((minne)[N],(spel)[N])[N]
minnezang	((minne)[N],(zang)[N])[N]
minnezanger	((minne)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
minor	(minor)[N]
minoriteit	((minor)[N],(iteit)[N|N.])[N]
minpunt	((min)[N],(punt)[N])[N]
minteken	((min)[N],(teken)[N])[N]
minus	(minus)[N]
minuspool	((minus)[N],(pool)[N])[N]
minusteken	((minus)[N],(teken)[N])[N]
minuut	(minuut)[N]
minuutwijzer	((minuut)[N],(wijs)[V],(er)[N|NV.])[N]
minvermogend	((min)[P],(vermogend)[A])[A]
minzaam	((min)[V],(zaam)[A|V.])[A]
minzaamheid	(((min)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
minziek	((min)[V],(ziek)[A])[A]
mirabel	(mirabel)[N]
miraculeus	((mirakel)[N],(eus)[A|N.])[A]
mirakel	(mirakel)[N]
mirakels	((mirakel)[N],(s)[A|N.])[A]
mirakelspel	((mirakel)[N],(spel)[N])[N]
mirliton	(mirliton)[N]
mirre	(mirre)[N]
mirreboom	((mirre)[N],(boom)[N])[N]
mirt	(mirt)[N]
mirte	(mirte)[N]
mirtenblad	((mirte)[N],(blad)[N])[N]
mirtenboom	((mirte)[N],(boom)[N])[N]
mirtenkrans	((mirte)[N],(krans)[N])[N]
mirtenolie	((mirte)[N],(olie)[N])[N]
mirtenstruik	((mirte)[N],(struik)[N])[N]
mis	(mis)[N]
misachten	((mis)[A],(acht)[V])[V]
misantropie	((misantropisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
misbaar	((mis)[V],(baar)[A|V.])[A]
misbak	((mis)[A],(bak)[N])[N]
misbakken	((mis)[A],(gebakken)[V])[A]
misbaksel	((mis)[A],((bak)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
misboek	((mis)[N],(boek)[N])[N]
misdaad	((mis)[A],(daad)[N])[N]
misdaadfilm	(((mis)[A],(daad)[N])[N],(film)[N])[N]
misdaadliteratuur	(((mis)[A],(daad)[N])[N],(literatuur)[N])[N]
misdaadroman	(((mis)[A],(daad)[N])[N],(roman)[N])[N]
misdadig	(((mis)[A],(daad)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
misdadigersbende	((misdadiger)[N],(s)[N|N.N],(bende)[N])[N]
misdadigersvolk	((misdadiger)[N],(s)[N|N.N],(volk)[N])[N]
misdadigheid	((((mis)[A],(daad)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
misdadigster	((((mis)[A],(daad)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(ster)[N|A.])[N]
misdeeldheid	((misdeeld)[A],(heid)[N|A.])[N]
misdienaar	((mis)[N],((dien)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
misdienen	((mis)[N],(dien)[V])[V]
misdoen	((mis)[A],(doe)[V])[V]
misdraging	((misdraag)[V],(ing)[N|V.])[N]
misdruk	((mis)[A],(druk)[N])[N]
misduiden	((mis)[A],(duid)[V])[V]
miserabel	((misere)[N],(abel)[A|N.])[A]
miserere	(miserere)[N]
misgaan	((mis)[A],(ga)[V])[V]
misgebed	((mis)[N],(gebed)[N])[N]
misgeboorte	((mis)[A],(geboorte)[N])[N]
misgewaad	((mis)[N],(gewaad)[N])[N]
misgewas	((mis)[A],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
misgokken	((mis)[A],(gok)[V])[V]
misgooien	((mis)[A],(gooi)[V])[V]
misgreep	((mis)[A],(greep)[N])[N]
misgrijpen	((mis)[A],(grijp)[V])[V]
misgrijpen	((mis)[V|.V],(grijp)[V])[V]
misgunnen	((mis)[A],(gun)[V])[V]
mishagen	((mis)[A],(haag)[V])[V]
mishandelen	((mis)[A],(handel)[V])[V]
mishandeling	(((mis)[A],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
mishoren	((mis)[A],(hoor)[V])[V]
misintentie	((mis)[A],(intentie)[N])[N]
miskelk	((mis)[N],(kelk)[N])[N]
miskennen	((mis)[A],(ken)[V])[V]
miskenning	(((mis)[A],(ken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
miskijken	((mis)[A],(kijk)[V])[V]
miskleed	((mis)[A],(kleed)[N])[N]
miskleun	((mis)[A],(kleun)[N])[N]
miskleunen	((mis)[A],(kleun)[V])[V]
miskleur	((mis)[A],(kleur)[N])[N]
miskomen	((mis)[A],(kom)[V])[V]
miskoop	((mis)[A],(koop)[N])[N]
miskopen	((mis)[A],(koop)[V])[V]
miskraam	((mis)[A],(kraam)[N])[N]
misleiden	((mis)[A],(leid)[V])[V]
misleider	(((mis)[A],(leid)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
misleiding	(((mis)[A],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
mislezen	((mis)[A],(lees)[V])[V]
mislopen	((mis)[A],(loop)[V])[V]
mislukkeling	(((mis)[A],(luk)[V])[V],(eling)[N|V.])[N]
mislukken	((mis)[A],(luk)[V])[V]
mislukking	(((mis)[A],(luk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
mismaaktheid	((mismaakt)[A],(heid)[N|A.])[N]
mismaken	((mis)[A],(maak)[V])[V]
mismanagement	((mis)[A],(management)[N])[N]
mismeesteren	((mis)[A],(meester)[V])[V]
mismoedig	((mis)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
mismoedigheid	(((mis)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
misnoegdheid	((misnoegd)[A],(heid)[N|A.])[N]
misoffer	((mis)[N],(offer)[N])[N]
misoogst	((mis)[A],(oogst)[N])[N]
mispakken	((mis)[A],(pak)[V])[V]
mispas	((mis)[A],(pas)[N])[N]
mispelaar	((mispel)[N],(aar)[N|N.])[N]
mispelaren	(((mispel)[N],(aar)[N|N.])[N],(en)[A|N.])[A]
mispelboom	((mispel)[N],(boom)[N])[N]
mispelhout	((mispel)[N],(hout)[N])[N]
mispeuteren	((mis)[A],(peuter)[V])[V]
misplaatst	((mis)[A],(geplaatst)[V])[A]
misplaatstheid	(((mis)[A],(geplaatst)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
misprijzen	((mis)[A],(prijs)[V])[V]
misprijzing	(((mis)[A],(prijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
mispunt	((mis)[A],(punt)[N])[N]
misraden	((mis)[A],(raad)[V])[V]
misraden	((mis)[V|.V],(raad)[V])[V]
misrekenen	((mis)[A],(reken)[V])[V]
misrekening	((mis)[A],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
misrijden	((mis)[A],(rijd)[V])[V]
miss	(miss)[N]
missa	(missa)[N]
misschieten	((mis)[A],(schiet)[V])[V]
misschot	((mis)[A],(schot)[N])[N]
misselijkheid	((misselijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
missen	(mis)[V]
misser	((mis)[V],(er)[N|V.])[N]
missiebisschop	((missie)[N],(bisschop)[N])[N]
missiehuis	((missie)[N],(huis)[N])[N]
missiekruis	((missie)[N],(kruis)[N])[N]
missieland	((missie)[N],(land)[N])[N]
missiepater	((missie)[N],(pater)[N])[N]
missiepost	((missie)[N],(post)[N])[N]
missiepriester	((missie)[N],(priester)[N])[N]
missieven	((missie)[N],(ven)[N])[N]
missiewerk	((missie)[N],(werk)[N])[N]
missiezuster	((missie)[N],(zuster)[N])[N]
missing	((mis)[V],(ing)[N|V.])[N]
missionair	((missie)[N],(ionair)[A|N.])[A]
missionarispositie	((missionaris)[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
missioneren	((missie)[N],(ioneer)[V|N.])[V]
missionering	(((missie)[N],(ioneer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
misslaan	((mis)[V],(sla)[V])[V]
misslag	((mis)[N|.N],(slag)[N])[N]
misspreken	((mis)[A],(spreek)[V])[V]
misspringen	((mis)[A],(spring)[V])[V]
missprong	((mis)[A],(sprong)[N])[N]
misstaan	((mis)[V],(sta)[V])[V]
misstand	((mis)[N|.N],(stand)[N])[N]
misstap	((mis)[A],(stap)[N])[N]
misstappen	((miss)[N],(tap)[V])[V]
misstoot	((mis)[N|.N],(stoot)[N])[N]
missverkiezing	((miss)[N],(((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
mist	(mist)[N]
mistachterlicht	((mist)[N],((achter)[B],(licht)[N])[N])[N]
mistasten	((mis)[A],(tast)[V])[V]
mistbank	((mist)[N],(bank)[N])[N]
mistel	((mis)[A],(tel)[N])[N]
mistelboom	(((mis)[A],(tel)[N])[N],(boom)[N])[N]
mistellen	((mis)[V|.V],(tel)[V])[V]
mistellen	((mis)[A],(tel)[V])[V]
mistelstruik	(((mis)[A],(tel)[N])[N],(struik)[N])[N]
misteltak	(((mis)[A],(tel)[N])[N],(tak)[N])[N]
misten	(mist)[V]
mistflard	((mist)[N],(flard)[N])[N]
misthoorn	((mist)[N],(hoorn)[N])[N]
misthoren	((mist)[N],(horen)[N])[N]
mistig	((mist)[N],(ig)[A|N.])[A]
mistigheid	(((mist)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
mistlamp	((mist)[N],(lamp)[N])[N]
mistlicht	((mist)[N],(licht)[N])[N]
mistred	((mis)[A],(tred)[N])[N]
mistroostig	((mis)[A],(troost)[N],(ig)[A|AN.])[A]
mistroostigheid	(((mis)[A],(troost)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
mistrouwen	((mis)[A],(trouw)[V])[V]
mistrouwig	(((mis)[A],(trouw)[V])[V],(ig)[A|V.])[A]
mistsein	((mist)[N],(sein)[N])[N]
mistsliert	((mist)[N],(sliert)[N])[N]
mistveld	((mist)[N],(veld)[N])[N]
mistwedstrijd	((mist)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
misvallen	((mis)[V|.V],(val)[V])[V]
misvatten	((mis)[A],(vat)[V])[V]
misvatting	(((mis)[A],(vat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
misverstaan	((mis)[A],(versta)[V])[V]
misvormen	((mis)[A],(vorm)[V])[V]
misvorming	(((mis)[A],(vorm)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
miswas	((mis)[A],(was)[N])[N]
miswijn	((mis)[N],(wijn)[N])[N]
miswijzen	((mis)[A],(wijs)[V])[V]
miswijzing	(((mis)[A],(wijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
miszeggen	((mis)[A],(zeg)[V])[V]
miszien	((mis)[A],(zie)[V])[V]
miszitten	((mis)[A],(zit)[V])[V]
mitella	(mitella)[N]
mitigatie	((mitigeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
mitotisch	((mitose)[N],(isch)[A|N.])[A]
mitrailleur	((mitrailleer)[V],(eur)[N|V.])[N]
mitrailleurband	(((mitrailleer)[V],(eur)[N|V.])[N],(band)[N])[N]
mitrailleurkogel	(((mitrailleer)[V],(eur)[N|V.])[N],(kogel)[N])[N]
mitrailleurnest	(((mitrailleer)[V],(eur)[N|V.])[N],(nest)[N])[N]
mitrailleurpistool	(((mitrailleer)[V],(eur)[N|V.])[N],(pistool)[N])[N]
mitrailleursalvo	(((mitrailleer)[V],(eur)[N|V.])[N],(salvo)[N])[N]
mitrailleursnest	(((mitrailleer)[V],(eur)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(nest)[N])[N]
mitrailleurvuur	(((mitrailleer)[V],(eur)[N|V.])[N],(vuur)[N])[N]
mits	(mits)[N]
mitsen	(mits)[V]
mix	(mix)[N]
mixage	((mix)[V],(age)[N|V.])[N]
mixen	(mix)[V]
mixer	((mix)[V],(er)[N|V.])[N]
mnemoniek	((mnemonisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
mnemotechniek	((mnemotechnisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
moa	(moa)[N]
mobiel	(mobiel)[N]
mobilisatie	(((mobiel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
mobilisatiejaar	((((mobiel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(jaar)[N])[N]
mobilisatieplan	((((mobiel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(plan)[N])[N]
mobilisatietijd	((((mobiel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(tijd)[N])[N]
mobiliseerbaar	(((mobiel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(baar)[A|V.])[A]
mobiliseren	((mobiel)[A],(iseer)[V|A.])[V]
mobilisering	(((mobiel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
mobiliteit	((mobiel)[A],(biliteit)[N|A.])[N]
mobiliteitsbehoefte	(((mobiel)[A],(biliteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(behoefte)[N])[N]
mobilofonisch	((mobilofoon)[N],(isch)[A|N.])[A]
mobilofoonabonnee	((mobilofoon)[N],(abonnee)[N])[N]
mobilofoonnet	((mobilofoon)[N],(net)[N])[N]
mocassin	(mocassin)[N]
modaal	((modus)[N],(aal)[A|N.])[A]
modaliteit	(((modus)[N],(aal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
modder	(modder)[N]
modderaar	((modder)[V],(aar)[N|V.])[N]
modderaarster	(((modder)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
modderachtig	((modder)[N],(achtig)[A|N.])[A]
modderbad	((modder)[N],(bad)[N])[N]
modderen	(modder)[V]
modderfiguur	((modder)[N],(figuur)[N])[N]
modderig	((modder)[N],(ig)[A|N.])[A]
modderigheid	(((modder)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
modderkruiper	((modder)[N],(kruip)[V],(er)[N|NV.])[N]
modderkuil	((modder)[N],(kuil)[N])[N]
moddermolen	((modder)[N],(molen)[N])[N]
modderpoel	((modder)[N],(poel)[N])[N]
modderschuit	((modder)[N],(schuit)[N])[N]
moddersloot	((modder)[N],(sloot)[N])[N]
moddervet	((modder)[N],(vet)[A])[A]
modderworstelen	((modder)[N],(worstel)[V])[V]
mode	(mode)[N]
modeartikel	((mode)[N],(artikel)[N])[N]
modebeeld	((mode)[N],(beeld)[N])[N]
modebewust	((mode)[N],(bewust)[A])[A]
modeblad	((mode)[N],(blad)[N])[N]
modefoto	((mode)[N],(foto)[N])[N]
modefotograaf	((mode)[N],(fotograaf)[N])[N]
modegek	((mode)[N],(gek)[N])[N]
modegevoelig	((mode)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|NN.])[A]
modegril	((mode)[N],(gril)[N])[N]
modehuis	((mode)[N],(huis)[N])[N]
modejournaal	((mode)[N],(journaal)[N])[N]
modekleur	((mode)[N],(kleur)[N])[N]
modekwaal	((mode)[N],(kwaal)[N])[N]
model	(model)[N]
model-bouwverordening	((model)[N],((bouw)[V],(((ver)[V|.V],(orden)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
modelactie	((model)[A],(actie)[N])[N]
modelambtenaar	((model)[N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
modelboerderij	((model)[A],((boer)[V],(derij)[N|V.])[N])[N]
modelbouwen	((model)[N],(bouw)[V])[V]
modelhoeve	((model)[A],(hoeve)[N])[N]
modeljas	((model)[A],(jas)[N])[N]
modelkamer	((model)[N],(kamer)[N])[N]
modelkleding	((model)[N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
modelleerhoutje	(((model)[N],(eer)[V|N.])[V],(hout)[N])[N]
modellenbureau	((model)[N],(en)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
modelleren	((model)[N],(eer)[V|N.])[V]
modelleur	(((model)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
modelnaaister	((model)[N],(naai)[V],(ster)[N|NV.])[N]
modelschijf	((model)[A],(schijf)[N])[N]
modelschool	((model)[A],(school)[N])[N]
modelspoorbaan	((model)[A],((spoor)[N],(baan)[N])[N])[N]
modelstudie	((model)[N],(studie)[N])[N]
modeltekenen	((model)[N],(teken)[V])[V]
modeltheorie	((model)[N],(theorie)[N])[N]
modelwoning	((model)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
modelzaal	((model)[A],(zaal)[N])[N]
modem	(modem)[N]
modemaakster	((mode)[N],(maak)[V],(ster)[N|NV.])[N]
modemagazijn	((mode)[N],(magazijn)[N])[N]
modeplaat	((mode)[N],(plaat)[N])[N]
modepop	((mode)[N],(pop)[N])[N]
modeprent	((mode)[N],(prent)[N])[N]
moderateur	((modereer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
moderatie	((modereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
moderator	((modereer)[V],(ator)[N|V.])[N]
modern	(modern)[A]
moderniseren	((modern)[A],(iseer)[V|A.])[V]
modernisering	(((modern)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
moderniseringsproces	((((modern)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
moderniteit	((modern)[A],(iteit)[N|A.])[N]
modeshow	((mode)[N],(show)[N])[N]
modesnufje	((mode)[N],(snuf)[N])[N]
modetaal	((mode)[N],(taal)[N])[N]
modetijdschrift	((mode)[N],((tijd)[N],(schrift)[N])[N])[N]
modetrend	((mode)[N],(trend)[N])[N]
modevak	((mode)[N],(vak)[N])[N]
modevakschool	((mode)[N],((vak)[N],(school)[N])[N])[N]
modeverschijnsel	((mode)[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
modewereld	((mode)[N],(wereld)[N])[N]
modewinkel	((mode)[N],(winkel)[N])[N]
modewoord	((mode)[N],(woord)[N])[N]
modezaak	((mode)[N],(zaak)[N])[N]
modezucht	((mode)[N],(zucht)[N])[N]
modificatie	((modificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
modiste	((modist)[N],(e)[N|N.])[N]
modulatie	(((moduul)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
modulator	(((moduul)[N],(eer)[V|N.])[V],(ator)[N|V.])[N]
module	(module)[N]
moduleren	((moduul)[N],(eer)[V|N.])[V]
moe	(moe)[N]
moed	(moed)[N]
moede	(moede)[A]
moedeloos	((moed)[N],(eloos)[A|N.])[A]
moedeloosheid	(((moed)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
moeder	(moeder)[N]
moeder-MAVO	((moeder)[N],(mavo)[N])[N]
moeder-overste	((moeder)[N],(overste)[N])[N]
moederband	((moeder)[N],(band)[N])[N]
moederbedrijf	((moeder)[N],(bedrijf)[N])[N]
moederbij	((moeder)[N],(bij)[N])[N]
moederbinding	((moeder)[N],((bind)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
moederblad	((moeder)[N],(blad)[N])[N]
moederborst	((moeder)[N],(borst)[N])[N]
moederbrigade	((moeder)[N],(brigade)[N])[N]
moedercel	((moeder)[N],(cel)[N])[N]
moedercomplex	((moeder)[N],(complex)[N])[N]
moedercursus	((moeder)[N],(cursus)[N])[N]
moederdag	((moeder)[N],(dag)[N])[N]
moederdier	((moeder)[N],(dier)[N])[N]
moederen	(moeder)[V]
moederfabriek	((moeder)[N],(fabriek)[N])[N]
moedergeluk	((moeder)[N],((ge)[N|.V],(luk)[V])[N])[N]
moedergodin	((moeder)[N],((god)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
moederhand	((moeder)[N],(hand)[N])[N]
moederhart	((moeder)[N],(hart)[N])[N]
moederhuis	((moeder)[N],(huis)[N])[N]
moederinstinct	((moeder)[N],(instinct)[N])[N]
moederkerk	((moeder)[N],(kerk)[N])[N]
moederklok	((moeder)[N],(klok)[N])[N]
moederklooster	((moeder)[N],(klooster)[N])[N]
moederkoek	((moeder)[N],(koek)[N])[N]
moederkoren	((moeder)[N],(koren)[N])[N]
moederland	((moeder)[N],(land)[N])[N]
moederlands	(((moeder)[N],(land)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
moederlief	((moeder)[N],(lief)[A])[N]
moederliefde	((moeder)[N],(liefde)[N])[N]
moederlijk	((moeder)[N],(lijk)[A|N.])[A]
moederlijkheid	(((moeder)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
moederloog	((moeder)[N],(loog)[N])[N]
moederloos	((moeder)[N],(loos)[A|N.])[A]
moedermaatschappij	((moeder)[N],(maatschappij)[N])[N]
moedermelk	((moeder)[N],(melk)[N])[N]
moedernaakt	((moeder)[N],(naakt)[A])[A]
moederplant	((moeder)[N],(plant)[N])[N]
moederschap	((moeder)[N],(schap)[N|N.])[N]
moederschip	((moeder)[N],(schip)[N])[N]
moederschoot	((moeder)[N],(schoot)[N])[N]
moedersgek	((moeder)[N],(s)[N|N.N],(gek)[N])[N]
moederskind	((moeder)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
moedersleutel	((moeder)[N],(sleutel)[N])[N]
moedersmoeder	((moeder)[N],(s)[N|N.N],(moeder)[N])[N]
moederspraak	((moeder)[N],(spraak)[N])[N]
moedersvader	((moeder)[N],(s)[N|N.N],(vader)[N])[N]
moederszoon	((moeder)[N],(s)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
moedertaal	((moeder)[N],(taal)[N])[N]
moedertasjes	((moeder)[N],(tas)[N])[N]
moedervel	((moeder)[N],(vel)[N])[N]
moedervlek	((moeder)[N],(vlek)[N])[N]
moedervorm	((moeder)[N],(vorm)[N])[N]
moedervreugde	((moeder)[N],(vreugde)[N])[N]
moederweelde	((moeder)[N],(weelde)[N])[N]
moederwol	((moeder)[N],(wol)[N])[N]
moederzegen	((moeder)[N],(zegen)[N])[N]
moederzorg	((moeder)[N],(zorg)[N])[N]
moedig	((moed)[N],(ig)[A|N.])[A]
moedwillig	((moedwil)[N],(ig)[A|N.])[A]
moedwilligheid	(((moedwil)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
moeflon	(moeflon)[N]
moefti	(moefti)[N]
moegestreden	((moe)[A],(gestreden)[V])[A]
moeheid	((moe)[A],(heid)[N|A.])[N]
moei	(moei)[N]
moeial	((moei)[V],(al)[B])[N]
moeien	(moei)[V]
moeilijk	((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A]
moeilijkheid	(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
moeilijkheidsgraad	((((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(graad)[N])[N]
moeiteloos	((moeite)[N],(loos)[A|N.])[A]
moeitevol	((moeite)[N],(vol)[A])[A]
moeizaamheid	((moeizaam)[A],(heid)[N|A.])[N]
moel	(moel)[N]
moer	(moer)[N]
moeraal	((moer)[N],(aal)[N])[N]
moeras	(moeras)[N]
moerasachtig	((moeras)[N],(achtig)[A|N.])[A]
moerasdelta	((moeras)[N],(delta)[N])[N]
moerasgas	((moeras)[N],(gas)[N])[N]
moerasgeest	((moeras)[N],(geest)[N])[N]
moerasgrond	((moeras)[N],(grond)[N])[N]
moerashoornslak	((moeras)[N],(hoorn)[N],(slak)[N])[N]
moerashorenslak	((moeras)[N],(horen)[N],(slak)[N])[N]
moeraskers	((moeras)[N],(kers)[N])[N]
moeraskoorts	((moeras)[N],(koorts)[N])[N]
moeraslandschap	((moeras)[N],((land)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
moeraslucht	((moeras)[N],(lucht)[N])[N]
moerasplant	((moeras)[N],(plant)[N])[N]
moerasschildpad	((moeras)[N],((schild)[N],(pad)[N])[N])[N]
moerassig	((moeras)[N],(ig)[A|N.])[A]
moerassigheid	(((moeras)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
moerasslak	((moeras)[N],(slak)[N])[N]
moerasspirea	((moeras)[N],(spirea)[N])[N]
moerasveen	((moeras)[N],(veen)[N])[N]
moerasviooltje	((moeras)[N],(viool)[N])[N]
moerasvogel	((moeras)[N],(vogel)[N])[N]
moerbalk	((moer)[N],(balk)[N])[N]
moerbei	((moer)[N],(bei)[N])[N]
moerbeiblad	(((moer)[N],(bei)[N])[N],(blad)[N])[N]
moerbeiboom	(((moer)[N],(bei)[N])[N],(boom)[N])[N]
moerbeisap	(((moer)[N],(bei)[N])[N],(sap)[N])[N]
moerbeistadium	(((moer)[N],(bei)[N])[N],(stadium)[N])[N]
moerbeivlinder	(((moer)[N],(bei)[N])[N],(vlinder)[N])[N]
moerbeizij	(((moer)[N],(bei)[N])[N],(zij)[N])[N]
moerbeizijde	(((moer)[N],(bei)[N])[N],(zijde)[N])[N]
moerbes	((moer)[N],(bes)[N])[N]
moerbint	((moer)[N],(bint)[N])[N]
moerbout	((moer)[N],(bout)[N])[N]
moerdijk	((moer)[V],(dijk)[N])[N]
moerdraad	((moer)[N],(draad)[N])[N]
moeren	(moer)[V]
moergrond	((moer)[N],(grond)[N])[N]
moerig	((moer)[N],(ig)[A|N.])[A]
moerkonijn	((moer)[N],(konijn)[N])[N]
moerplaatje	((moer)[N],(plaat)[N])[N]
moerschroef	((moer)[N],(schroef)[N])[N]
moersleutel	((moer)[N],(sleutel)[N])[N]
moerstaal	((moer)[N],(s)[N|N.N],(taal)[N])[N]
moervos	((moer)[N],(vos)[N])[N]
moerwesp	((moer)[N],(wesp)[N])[N]
moes	(moes)[N]
moesappel	((moes)[N],(appel)[N])[N]
moeselien	(moeselien)[N]
moeselienen	((moeselien)[N],(en)[A|N.])[A]
moesgroente	((moes)[N],((groen)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
moesgrond	((moes)[N],(grond)[N])[N]
moeshof	((moes)[N],(hof)[N])[N]
moeskruid	((moes)[N],(kruid)[N])[N]
moesson	(moesson)[N]
moessonregen	((moesson)[N],(regen)[N])[N]
moessontijd	((moesson)[N],(tijd)[N])[N]
moestuin	((moes)[N],(tuin)[N])[N]
moet	(moet)[N]
moeten	(moet)[V]
moezel	(moezel)[N]
moezelwijn	((moezel)[N],(wijn)[N])[N]
moezerij	((moes)[N],(erij)[N|N.])[N]
moezjiek	(moezjiek)[N]
mof	(mof)[N]
moffel	(moffel)[N]
moffelen	(moffel)[V]
moffeloven	((moffel)[V],(oven)[N])[N]
moffelsleutel	((moffel)[N],(sleutel)[N])[N]
moffenpijp	((mof)[N],(en)[N|N.N],(pijp)[N])[N]
moffin	((mof)[N],(in)[N|N.])[N]
mogelijkheid	((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
mogelijkheidsvoorwaarde	(((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(voorwaarde)[N])[N]
mogen	(mag)[V]
mogol	(mogol)[N]
mogol-keizer	((mogol)[N],(keizer)[N])[N]
mohair	(mohair)[N]
mohairen	((mohair)[N],(en)[A|N.])[A]
mohammedaans	((mohammedaan)[N],(s)[A|N.])[A]
mohammedaanse	((mohammedaan)[N],(se)[N|N.])[N]
moiré	(moiré)[N]
mok	(mok)[N]
moker	(moker)[N]
mokerbeitel	((moker)[N],(beitel)[N])[N]
mokeren	(moker)[V]
mokerslag	((moker)[N],(slag)[N])[N]
mokka	(mokka)[N]
mokkaboon	((mokka)[N],(boon)[N])[N]
mokkakoffie	((mokka)[N],(koffie)[N])[N]
mokkakopje	((mokka)[N],(kop)[N])[N]
mokkapunt	((mokka)[N],(punt)[N])[N]
mokkataart	((mokka)[N],(taart)[N])[N]
mokkel	(mokkel)[N]
mokkelen	(mokkel)[V]
mokken	(mok)[V]
mol	(mol)[N]
molariteit	((molair)[A],(iteit)[N|A.])[N]
molasse	(molasse)[N]
molboon	((mol)[N],(boon)[N])[N]
moleculairgewicht	((moleculair)[A],(gewicht)[N])[N]
moleculariteit	((moleculair)[A],(iteit)[N|A.])[N]
molecule	(molecule)[N]
moleculengewicht	((molecule)[N],(gewicht)[N])[N]
moleculenspectrum	((molecule)[N],(spectrum)[N])[N]
molen	(molen)[N]
molenaar	((molen)[N],(aar)[N|N.])[N]
molenaarsknecht	(((molen)[N],(aar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(knecht)[N])[N]
molenaarster	(((molen)[N],(aar)[N|N.])[N],(ster)[N|N.])[N]
molenaarsvrouw	(((molen)[N],(aar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
molenaarszoon	(((molen)[N],(aar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
molenarin	(((molen)[N],(aar)[N|N.])[N],(in)[N|N.])[N]
molenas	((molen)[N],(as)[N])[N]
molenbaas	((molen)[N],(baas)[N])[N]
molenbeek	((molen)[N],(beek)[N])[N]
molenbord	((molen)[N],(bord)[N])[N]
molenkap	((molen)[N],(kap)[N])[N]
molenlasten	((molen)[N],(last)[N])[N]
molenmeester	((molen)[N],(meester)[N])[N]
molenpaard	((molen)[N],(paard)[N])[N]
molenpolder	((molen)[N],(polder)[N])[N]
molenrad	((molen)[N],(rad)[N])[N]
molenroede	((molen)[N],(roede)[N])[N]
molensluis	((molen)[N],(sluis)[N])[N]
molenstander	((molen)[N],((sta)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
molensteen	((molen)[N],(steen)[N])[N]
molentocht	((molen)[N],(tocht)[N])[N]
molentrechter	((molen)[N],(trechter)[N])[N]
molenvang	((molen)[N],(vang)[N])[N]
molenwerf	((molen)[N],(werf)[N])[N]
molenwiek	((molen)[N],(wiek)[N])[N]
molenzeil	((molen)[N],(zeil)[N])[N]
molestassurantie	((molest)[N],((assureer)[V],(antie)[N|V.])[N])[N]
molestatie	(((molest)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
molestclausule	((molest)[N],(clausule)[N])[N]
molesteren	((molest)[N],(eer)[V|N.])[V]
molestpremie	((molest)[N],(premie)[N])[N]
molestverzekering	((molest)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
molière	(molière)[N]
molkleurig	((mol)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
molleboon	((mol)[N],(e)[N|N.N],(boon)[N])[N]
mollekruid	((mol)[N],(e)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
mollen	(mol)[V]
mollengang	((mol)[N],(e)[N|N.N],(gang)[N])[N]
mollengat	((mol)[N],(e)[N|N.N],(gat)[N])[N]
mollenknip	((mol)[N],(e)[N|N.N],(knip)[N])[N]
mollenpoot	((mol)[N],(e)[N|N.N],(poot)[N])[N]
mollenrit	((mol)[N],(e)[N|N.N],(rit)[N])[N]
mollenval	((mol)[N],(e)[N|N.N],(val)[N])[N]
mollenvel	((mol)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
mollenwerk	((mol)[N],(e)[N|N.N],(werk)[N])[N]
molligheid	((mollig)[A],(heid)[N|A.])[N]
molm	(molm)[N]
molmachtig	((molm)[N],(achtig)[A|N.])[A]
molmbeer	((molm)[N],(beer)[N])[N]
molmen	(molm)[V]
molmgrond	((molm)[N],(grond)[N])[N]
molmig	((molm)[N],(ig)[A|N.])[A]
molotovcocktail	((Molotow)[N],(cocktail)[N])[N]
molsalade	((mol)[N],(salade)[N])[N]
molsgang	((mol)[N],(s)[N|N.N],(gang)[N])[N]
molsgat	((mol)[N],(s)[N|N.N],(gat)[N])[N]
molshoop	((mol)[N],(s)[N|N.N],(hoop)[N])[N]
molsla	((mol)[N],(sla)[N])[N]
molteken	((mol)[N],(teken)[N])[N]
moltonnen	((molton)[N],(en)[A|N.])[A]
moltoonschaal	((mol)[N],((toon)[N],(schaal)[N])[N])[N]
moltoonsoort	((mol)[N],((toon)[N],(soort)[N])[N])[N]
molybdeen	(molybdeen)[N]
mom	(mom)[N]
momber	(momber)[N]
momberschap	((momber)[N],(schap)[N|N.])[N]
momboorschap	((momboor)[N],(schap)[N|N.])[N]
moment	(moment)[N]
momenteel	((moment)[N],(eel)[A|N.])[A]
momentenstelling	((moment)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
momentopname	((moment)[N],(opname)[N])[N]
momentsluiter	((moment)[N],((sluit)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
mommen	(mom)[V]
mommerij	((mom)[V],(erij)[N|V.])[N]
mompelen	(mompel)[V]
monarchaal	((monarch)[N],(aal)[A|N.])[A]
monarchistisch	((monarchist)[N],(isch)[A|N.])[A]
mond	(mond)[N]
mond-keelholte	((mond)[N],((keel)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N])[N]
mondbeademing	((mond)[N],(((be)[V|.V],(adem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
mondbehoeften	((mond)[N],(behoefte)[N])[N]
mondbeschermer	((mond)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
monddelen	((mond)[N],(deel)[N])[N]
monddood	((mond)[N],(dood)[A])[A]
monddouche	((mond)[N],(douche)[N])[N]
monden	(mond)[V]
mondgemeen	((mond)[N],(gemeen)[A])[A]
mondharmonica	((mond)[N],(harmonica)[N])[N]
mondharp	((mond)[N],(harp)[N])[N]
mondheelkunde	((mond)[N],((heel)[V],(kunde)[N])[N])[N]
mondhoek	((mond)[N],(hoek)[N])[N]
mondholte	((mond)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
mondhygiëne	((mond)[N],(hygiëne)[N])[N]
mondig	((mond)[N],(ig)[A|N.])[A]
mondigheid	(((mond)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
mondigheidsverklaring	((((mond)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
monding	((mond)[V],(ing)[N|V.])[N]
mondjegauw	((mond)[N],(je)[N|N.A],(gauw)[A])[N]
mondjesmaat	((mondje)[N],(s)[N|N.N],(maat)[N])[N]
mondjevol	((mondje)[N],(vol)[A])[N]
mondklem	((mond)[N],(klem)[N])[N]
mondkost	((mond)[N],(kost)[N])[N]
mondlijm	((mond)[N],(lijm)[N])[N]
mondlijn	((mond)[N],(lijn)[N])[N]
mondmasker	((mond)[N],(masker)[N])[N]
mondopening	((mond)[N],((open)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
mondorgel	((mond)[N],(orgel)[N])[N]
mondriet	((mond)[N],(riet)[N])[N]
mondspleet	((mond)[N],(spleet)[N])[N]
mondspoeling	((mond)[N],(spoel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
mondstopper	((mond)[N],(stop)[V],(er)[N|NV.])[N]
mondstuk	((mond)[N],(stuk)[N])[N]
mondvol	((mond)[N],(vol)[A])[N]
mondvoorraad	((mond)[N],(voorraad)[N])[N]
mondwater	((mond)[N],(water)[N])[N]
mondzuiverend	((mond)[N],(zuiverend)[V])[A]
mongolenplooi	((Mongool)[N],(en)[N|N.N],(plooi)[N])[N]
monierstelsel	((Monier)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
monkellach	((monkel)[V],(lach)[N])[N]
monken	(monk)[V]
monnik	(monnik)[N]
monnikachtig	((monnik)[N],(achtig)[A|N.])[A]
monnikengewaad	((monnik)[N],(en)[N|N.N],(gewaad)[N])[N]
monnikenklooster	((monnik)[N],(en)[N|N.N],(klooster)[N])[N]
monnikenlatijn	((monnik)[N],(en)[N|N.N],(Latijn)[N])[N]
monnikenorde	((monnik)[N],(en)[N|N.N],(orde)[N])[N]
monnikenschrift	((monnik)[N],(en)[N|N.N],(schrift)[N])[N]
monnikenwerk	((monnik)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
monnikenwezen	((monnik)[N],(en)[N|N.N],(wezen)[N])[N]
monnikskap	((monnik)[N],(s)[N|N.N],(kap)[N])[N]
monniksorde	((monnik)[N],(s)[N|N.N],(orde)[N])[N]
monnikspij	((monnik)[N],(s)[N|N.N],(pij)[N])[N]
monnikssteen	((monnik)[N],(s)[N|N.N],(steen)[N])[N]
monocausaal	((mono)[B],(causaal)[A])[A]
monocausaliteit	((mono)[B],((causaal)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
monochromatisch	((mono)[A|.A],((chroma)[N],(atisch)[A|N.])[A])[A]
monochromie	((monochroom)[A],(ie)[N|A.])[N]
monocultuur	((mono)[N|.N],(cultuur)[N])[N]
monodisciplinair	((mono)[B],((discipline)[N],(air)[A|N.])[A])[A]
monodrama	((mono)[N|.N],(drama)[N])[N]
monofonematisch	((mono)[A|.A],((foneem)[N],(atisch)[A|N.])[A])[A]
monoftongeren	((monoftong)[N],(eer)[V|N.])[V]
monoftongering	(((monoftong)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
monofunctioneel	((mono)[B],((functie)[N],(ioneel)[A|N.])[A])[A]
monogamie	((monogaam)[A],(ie)[N|A.])[N]
monografie	(((mono)[A|.A],(grafisch)[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
monografisch	((mono)[A|.A],(grafisch)[A])[A]
monoklonaal	((mono)[A|.Nx],(clone)[N],(aal)[A|xN.])[A]
monokristal	((mono)[N|.N],(kristal)[N])[N]
monolietbouw	((monoliet)[N],(bouw)[N])[N]
monolithisch	((monoliet)[N],(isch)[A|N.])[A]
monomanie	((monomaan)[A],(ie)[N|A.])[N]
monomoleculair	((mono)[A|.A],(moleculair)[A])[A]
mononucleair	((mono)[A|.A],(nucleair)[A])[A]
monopoliepositie	((monopolie)[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
monopolieprijs	((monopolie)[N],(prijs)[N])[N]
monopoliseren	((monopolie)[N],(iseer)[V|N.])[V]
monopolisering	(((monopolie)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
monopolistisch	((monopolist)[N],(isch)[A|N.])[A]
monorail	((mono)[N|.N],(rail)[N])[N]
monosacharide	((mono)[N|.N],(sacharide)[N])[N]
monostrofisch	((mono)[A|.A],((strofe)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
monosyllabe	((mono)[N|.N],(syllabe)[N])[N]
monosyllabisch	((mono)[A|.A],((syllabe)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
monothematisch	((mono)[A|.A],((thema)[N],(atisch)[A|N.])[A])[A]
monotheïsme	((mono)[N|.N],(theïsme)[N])[N]
monotheïst	((mono)[N|.N],(theïst)[N])[N]
monotheïstisch	((mono)[A|.A],(theïstisch)[A])[A]
monotonie	(((mono)[A|.A],((tonus)[N],(isch)[A|N.])[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
monotonisch	((mono)[A|.A],((tonus)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
monotropie	((mono)[N|.N],(tropie)[N])[N]
monotype	((mono)[N|.N],(type)[N])[N]
monster	(monster)[N]
monsterachtig	((monster)[N],(achtig)[A|N.])[A]
monsterachtigheid	(((monster)[N],(achtig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
monsterbedrijf	((monster)[N],(bedrijf)[N])[N]
monsterbeurs	((monster)[N],(beurs)[N])[N]
monsterboekje	((monster)[V],(boek)[N])[N]
monsterboor	((monster)[N],(boor)[N])[N]
monsterdoos	((monster)[N],(doos)[N])[N]
monsteren	(monster)[V]
monstering	((monster)[V],(ing)[N|V.])[N]
monsterkaart	((monster)[N],(kaart)[N])[N]
monsterlijk	((monster)[N],(lijk)[A|N.])[A]
monsterneming	((monster)[N],(neem)[V],(ing)[N|NV.])[N]
monsterplaat	((monster)[N],(plaat)[N])[N]
monsterproces	((monster)[N],(proces)[N])[N]
monsterrol	((monster)[V],(rol)[N])[N]
monsterscore	((monster)[N],(score)[N])[N]
monsterverbond	((monster)[N],(verbond)[N])[N]
monstervergadering	((monster)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
monsterzege	((monster)[N],(zege)[N])[N]
monsterzitting	((monster)[N],((zit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
monstrum	(monstrum)[N]
monstruositeit	((monstrueus)[A],(iteit)[N|A.])[N]
montaanwas	((montaan)[A],(was)[N])[N]
montaanzuur	((montaan)[A],(zuur)[N])[N]
montage	((monteer)[V],(age)[N|V.])[N]
montageatelier	(((monteer)[V],(age)[N|V.])[N],(atelier)[N])[N]
montagebalk	(((monteer)[V],(age)[N|V.])[N],(balk)[N])[N]
montageband	(((monteer)[V],(age)[N|V.])[N],(band)[N])[N]
montagebouw	(((monteer)[V],(age)[N|V.])[N],(bouw)[N])[N]
montagedraad	(((monteer)[V],(age)[N|V.])[N],(draad)[N])[N]
montagefabriek	(((monteer)[V],(age)[N|V.])[N],(fabriek)[N])[N]
montagefoto	(((monteer)[V],(age)[N|V.])[N],(foto)[N])[N]
montagehal	(((monteer)[V],(age)[N|V.])[N],(hal)[N])[N]
montagemeubel	(((monteer)[V],(age)[N|V.])[N],(meubel)[N])[N]
montageprincipe	(((monteer)[V],(age)[N|V.])[N],(principe)[N])[N]
montagerubber	(((monteer)[V],(age)[N|V.])[N],(rubber)[N])[N]
montageruit	(((monteer)[V],(age)[N|V.])[N],(ruit)[N])[N]
montagetheorie	(((monteer)[V],(age)[N|V.])[N],(theorie)[N])[N]
montagevloer	(((monteer)[V],(age)[N|V.])[N],(vloer)[N])[N]
montagewagen	(((monteer)[V],(age)[N|V.])[N],(wagen)[N])[N]
montagewoning	(((monteer)[V],(age)[N|V.])[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
monter	(monter)[A]
monteren	(monteer)[V]
monterheid	((monter)[A],(heid)[N|A.])[N]
montering	((monteer)[V],(ing)[N|V.])[N]
montessorionderwijs	((Montessori)[N],(onderwijs)[N])[N]
montessorischool	((Montessori)[N],(school)[V])[N]
monteur	((monteer)[V],(eur)[N|V.])[N]
montuur	((monteer)[V],(uur)[N|V.])[N]
monument	(monument)[N]
monumentaal	((monument)[N],(aal)[A|N.])[A]
monumentenlijst	((monument)[N],(en)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
monumentenwet	((monument)[N],(en)[N|N.N],(wet)[N])[N]
monumentenzorg	((monument)[N],(en)[N|N.N],(zorg)[N])[N]
mooi	(mooi)[A]
mooidoener	((mooi)[A],(doen)[N],(er)[N|AN.])[N]
mooidoenerij	((mooi)[A],(doe)[V],(erij)[N|AV.])[N]
mooiheid	((mooi)[A],(heid)[N|A.])[N]
mooiigheid	((mooi)[A],(igheid)[N|A.])[N]
mooiklinkend	((mooi)[A],(klink)[V],(end)[A|AV.])[A]
mooimakerij	((mooi)[A],(maak)[V],(erij)[N|AV.])[N]
mooipraten	((mooi)[A],(praat)[V])[V]
mooiprater	(((mooi)[A],(praat)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
mooischrijverij	((mooi)[A],(schrijf)[V],(erij)[N|AV.])[N]
mooizitten	((mooi)[A],(zit)[V])[V]
moor	(moor)[N]
moord	(moord)[N]
moordaanslag	((moord)[V],(aanslag)[N])[N]
moorddadig	((moord)[N],(daad)[N],(ig)[A|NN.])[A]
moorddadigheid	(((moord)[N],(daad)[N],(ig)[A|NN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
moorden	(moord)[V]
moordenaar	((moord)[N],(enaar)[N|N.])[N]
moordenaarsbende	(((moord)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(bende)[N])[N]
moordenaarshand	(((moord)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(hand)[N])[N]
moordenaarshol	(((moord)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(hol)[N])[N]
moordenares	((moord)[N],(enares)[N|N.])[N]
moorderij	((moord)[V],(erij)[N|V.])[N]
moordgeschreeuw	((moord)[N],((ge)[N|.V],(schreeuw)[V])[N])[N]
moordkuil	((moord)[N],(kuil)[N])[N]
moordlust	((moord)[V],(lust)[N])[N]
moordpartij	((moord)[V],(partij)[N])[N]
moordplan	((moord)[V],(plan)[N])[N]
moordtoneel	((moord)[N],(toneel)[N])[N]
moordtuig	((moord)[V],(tuig)[N])[N]
moordwapen	((moord)[V],(wapen)[N])[N]
moordzaak	((moord)[N],(zaak)[N])[N]
moorzwart	((Moor)[N],(zwart)[A])[A]
moot	(moot)[N]
mop	(mop)[N]
mopmuts	((mop)[N],(muts)[N])[N]
mopneus	((mop)[N],(neus)[N])[N]
moppenblad	((mop)[N],(en)[N|N.N],(blad)[N])[N]
moppentapper	((mop)[N],(en)[N|N.Vx],(tap)[V],(er)[N|NxV.])[N]
moppentapster	((mop)[N],(en)[N|N.Vx],(tap)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
moppentrommel	((mop)[N],(en)[N|N.N],(trommel)[N])[N]
mopperaar	((mopper)[V],(aar)[N|V.])[N]
mopperaarster	(((mopper)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
mopperen	(mopper)[V]
mopperig	((mopper)[V],(ig)[A|V.])[A]
mopperkont	((mopper)[V],(kont)[N])[N]
moppertoon	((mopper)[V],(toon)[N])[N]
moppig	((mop)[N],(ig)[A|N.])[A]
moppigheid	(((mop)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
mops	(mops)[N]
mopshond	((mops)[N],(hond)[N])[N]
mopsneus	((mops)[N],(neus)[N])[N]
mopsteen	((mop)[N],(steen)[N])[N]
moraal-theologisch	((moraal)[N],(theologisch)[A])[A]
moraalfilosofie	((moraal)[N],((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
moraalfilosoof	((moraal)[N],(filosoof)[N])[N]
moraalregel	((moraal)[N],(regel)[N])[N]
moraalridder	((moraal)[N],(ridder)[N])[N]
moraalsysteem	((moraal)[N],(systeem)[N])[N]
moraaltheologie	((moraal)[N],((theologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
moraaltheoloog	((moraal)[N],(theoloog)[N])[N]
moraaltheorie	((moraal)[N],(theorie)[N])[N]
moralisatie	(((moraal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
moraliseren	((moraal)[N],(iseer)[V|N.])[V]
moralisering	(((moraal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
moralist	((moraal)[N],(ist)[N|N.])[N]
moraliteit	((moreel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
moraliteitsbeginsel	(((moreel)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
morbiditeit	((morbide)[A],(iteit)[N|A.])[N]
morel	(morel)[N]
morellenboom	((morel)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
morellenwijn	((morel)[N],(en)[N|N.N],(wijn)[N])[N]
morene	(morene)[N]
morfine-injectie	((morfine)[N],(injectie)[N])[N]
morfinespuitje	((morfine)[N],(spuit)[N])[N]
morfinevergiftiging	((morfine)[N],(((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
morfinist	((morfine)[N],(ist)[N|N.])[N]
morfologie	((morfologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
morgen	(morgen)[N]
morgenafstand	((morgen)[N],(afstand)[N])[N]
morgenblad	((morgen)[N],(blad)[N])[N]
morgendienst	((morgen)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
morgendrank	((morgen)[N],(drank)[N])[N]
morgeneditie	((morgen)[B],(editie)[N])[N]
morgengave	((morgen)[N],(gave)[N])[N]
morgengebed	((morgen)[N],(gebed)[N])[N]
morgenjapon	((morgen)[N],(japon)[N])[N]
morgenkerk	((morgen)[N],(kerk)[N])[N]
morgenkoffie	((morgen)[N],(koffie)[N])[N]
morgenkrieken	((morgen)[N],(krieken)[N])[N]
morgenland	((morgen)[N],(land)[N])[N]
morgenlicht	((morgen)[N],(licht)[N])[N]
morgenlied	((morgen)[N],(lied)[N])[N]
morgenlucht	((morgen)[N],(lucht)[N])[N]
morgenpost	((morgen)[B],(post)[N])[N]
morgenrood	((morgen)[N],(rood)[N])[N]
morgenschemering	((morgen)[N],((schemer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
morgenster	((morgen)[N],(ster)[N])[N]
morgenstond	((morgen)[N],(stond)[N])[N]
morgenuur	((morgen)[N],(uur)[N])[N]
morgenwacht	((morgen)[N],(wacht)[N])[N]
morgenwake	((morgen)[N],(wake)[N])[N]
morgenwandeling	((morgen)[N],((wandel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
morgenwijding	((morgen)[N],((wijd)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
morgenwijn	((morgen)[N],(wijn)[N])[N]
morgenzon	((morgen)[N],(zon)[N])[N]
mormel	(mormel)[N]
mormoons	((mormoon)[N],(s)[A|N.])[A]
morrelen	(morrel)[V]
morren	(mor)[V]
morrig	((mor)[V],(ig)[A|V.])[A]
morsdoek	((mors)[V],(doek)[N])[N]
morse	(morse)[N]
morsealfabet	((morse)[N],(alfabet)[N])[N]
morsecode	((morse)[N],(code)[N])[N]
morselamp	((morse)[N],(lamp)[N])[N]
morsen	(mors)[V]
morserij	((mors)[V],(erij)[N|V.])[N]
morseschrift	((morse)[N],(schrift)[N])[N]
morsesleutel	((morse)[N],(sleutel)[N])[N]
morseteken	((morse)[N],(teken)[N])[N]
morsig	((mors)[V],(ig)[A|V.])[A]
morsigheid	(((mors)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
morsjurk	((mors)[V],(jurk)[N])[N]
morskiel	((mors)[V],(kiel)[N])[N]
morsmouw	((mors)[V],(mouw)[N])[N]
morspartij	((mors)[V],(partij)[N])[N]
morspot	((mors)[V],(pot)[N])[N]
morsring	((mors)[V],(ring)[N])[N]
mortaliteitscoëfficiënt	((mortaliteit)[N],(s)[N|N.N],(coëfficiënt)[N])[N]
mortel	(mortel)[N]
mortelbak	((mortel)[N],(bak)[N])[N]
mortelen	(mortel)[V]
mortelig	((mortel)[N],(ig)[A|N.])[A]
mortelkalk	((mortel)[N],(kalk)[N])[N]
mortelmolen	((mortel)[N],(molen)[N])[N]
mortierbatterij	((mortier)[N],(batterij)[N])[N]
mortierstamper	((mortier)[N],((stamp)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
mortificatie	((mortificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
morzel	(morzel)[N]
morzelen	(morzel)[V]
morzeling	((morzel)[V],(ing)[N|V.])[N]
mos	(mos)[N]
mosachtig	((mos)[N],(achtig)[A|N.])[A]
mosbloempje	((mos)[N],(bloem)[N])[N]
mosdiertjes	((mos)[N],(dier)[N])[N]
mosgroen	((mos)[N],(groen)[N])[N]
moslaag	((mos)[N],(laag)[N])[N]
moslems	((moslem)[N],(s)[A|N.])[A]
moslimheiligdom	((moslim)[N],((heilig)[A],(dom)[N|A.])[N])[N]
moslims	((moslim)[N],(s)[A|N.])[A]
mosplant	((mos)[N],(plant)[N])[N]
mosroos	((mos)[N],(roos)[N])[N]
mossel	(mossel)[N]
mosselachtigen	((mossel)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
mosselbank	((mossel)[N],(bank)[N])[N]
mosselkraam	((mossel)[N],(kraam)[N])[N]
mosselkrabber	((mossel)[N],(krab)[V],(er)[N|NV.])[N]
mosselkrabbetje	((mossel)[N],(krab)[N])[N]
mosselkreeft	((mossel)[N],(kreeft)[N])[N]
mosselkreek	((mossel)[N],(kreek)[N])[N]
mosselkweker	((mossel)[N],(kweek)[V],(er)[N|NV.])[N]
mosselman	((mossel)[N],(man)[N])[N]
mosselparasiet	((mossel)[N],(parasiet)[N])[N]
mosselpellerij	((mossel)[N],(pel)[V],(erij)[N|NV.])[N]
mosselplaat	((mossel)[N],(plaat)[N])[N]
mosselput	((mossel)[N],(put)[N])[N]
mosselschelp	((mossel)[N],(schelp)[N])[N]
mosselseizoen	((mossel)[N],(seizoen)[N])[N]
mosselsoep	((mossel)[N],(soep)[N])[N]
mosselvergiftiging	((mossel)[N],(((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
mosselvloot	((mossel)[N],(vloot)[N])[N]
mosselwagen	((mossel)[N],(wagen)[N])[N]
mosselwijf	((mossel)[N],(wijf)[N])[N]
mosselzaad	((mossel)[N],(zaad)[N])[N]
mosselzijde	((mossel)[N],(zijde)[N])[N]
mossig	((mos)[N],(ig)[A|N.])[A]
mossnoek	((mos)[N],(snoek)[N])[N]
most	(most)[N]
mostapijt	((mos)[N],(tapijt)[N])[N]
mosterdbad	((mosterd)[N],(bad)[N])[N]
mosterdgas	((mosterd)[N],(gas)[N])[N]
mosterdgeel	((mosterd)[N],(geel)[A])[A]
mosterdjongen	((mosterd)[N],(jongen)[N])[N]
mosterdlepeltje	((mosterd)[N],(lepel)[N])[N]
mosterdmolen	((mosterd)[N],(molen)[N])[N]
mosterdolie	((mosterd)[N],(olie)[N])[N]
mosterdpleister	((mosterd)[N],(pleister)[N])[N]
mosterdpot	((mosterd)[N],(pot)[N])[N]
mosterdsaus	((mosterd)[N],(saus)[N])[N]
mosterdstad	((mosterd)[N],(stad)[N])[N]
mosterdzaad	((mosterd)[N],(zaad)[N])[N]
mosterdzwam	((mosterd)[N],(zwam)[N])[N]
mostfruit	((most)[N],(fruit)[N])[N]
mostgewicht	((most)[N],(gewicht)[N])[N]
mot	(mot)[N]
motbestrijding	((mot)[N],((be)[V|.V],(strijd)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
motdistel	((mot)[N],(distel)[N])[N]
motecht	((mot)[N],(echt)[A])[A]
motel	(motel)[N]
motgaatje	((mot)[N],(gat)[N])[N]
motivatie	(((motief)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
motivatieprobleem	((((motief)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(probleem)[N])[N]
motivatietheorie	((((motief)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(theorie)[N])[N]
motiveren	((motief)[N],(eer)[V|N.])[V]
motivering	(((motief)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
motiveringsbeginsel	((((motief)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
motje	(mot)[N]
motmugje	((mot)[N],(mug)[N])[N]
motor	(motor)[N]
motoragent	((motor)[N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
motorblok	((motor)[N],(blok)[N])[N]
motorboot	((motor)[N],(boot)[N])[N]
motorbrigade	((motor)[N],(brigade)[N])[N]
motorbril	((motor)[N],(bril)[N])[N]
motorclub	((motor)[N],(club)[N])[N]
motorcoureur	((motor)[N],(coureur)[N])[N]
motorcross	((motor)[N],(cross)[N])[N]
motorcrosser	((motor)[N],((cross)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
motordefect	((motor)[N],(defect)[N])[N]
motordumper	((motor)[N],(dump)[V],(er)[N|NV.])[N]
motorfiets	((motor)[N],(fiets)[N])[N]
motorhelm	((motor)[N],(helm)[N])[N]
motorhuis	((motor)[N],(huis)[N])[N]
motoriek	(((motor)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
motorisch	((motor)[N],(isch)[A|N.])[A]
motoriseren	((motor)[N],(iseer)[V|N.])[V]
motorisering	(((motor)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
motorist	((motor)[N],(ist)[N|N.])[N]
motorjacht	((motor)[N],(jacht)[N])[N]
motorkap	((motor)[N],(kap)[N])[N]
motorolie	((motor)[N],(olie)[N])[N]
motorongeluk	((motor)[N],((on)[N|.N],((ge)[N|.V],(luk)[V])[N])[N])[N]
motorpanne	((motor)[N],(panne)[N])[N]
motorrace	((motor)[N],(race)[N])[N]
motorrem	((motor)[N],(rem)[N])[N]
motorren	(motor)[V]
motorrennen	((motor)[N],(ren)[V])[N]
motorrenner	((motor)[N],((ren)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
motorrijder	((motor)[N],(rijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
motorrijdster	((motor)[N],(rijd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
motorrijtuig	((motor)[N],((rijd)[V],(tuig)[N])[N])[N]
motorrijtuigenbelasting	(((motor)[N],((rijd)[V],(tuig)[N])[N])[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
motorrijwiel	((motor)[N],((rijd)[V],(wiel)[N])[N])[N]
motorsport	((motor)[N],(sport)[N])[N]
motorstoring	((motor)[N],(stoor)[V],(ing)[N|NV.])[N]
motorterreinwedstrijd	((motor)[N],(terrein)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
motortractie	((motor)[N],(tractie)[N])[N]
motortrekker	((motor)[N],((trek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
motorvoertuig	((motor)[N],((voer)[V],(tuig)[N])[N])[N]
motorwagen	((motor)[N],(wagen)[N])[N]
motorwedstrijd	((motor)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
motorzeiler	((motor)[N],((zeil)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
motorzijspan	((motor)[N],((zij)[N],(span)[N])[N])[N]
motregen	((mot)[V],(regen)[N])[N]
motregenen	((mot)[V],(regen)[V])[V]
mots	(mots)[N]
motschildluis	((mot)[N],((schild)[N],(luis)[N])[N])[N]
motsen	(mots)[V]
motsneeuw	((mot)[V],(sneeuw)[N])[N]
motten	(mot)[V]
mottenbal	((mot)[N],(e)[N|N.N],(bal)[N])[N]
mottenzak	((mot)[N],(en)[N|N.N],(zak)[N])[N]
motterig	((mot)[N],(erig)[A|N.])[A]
mottig	((mot)[N],(ig)[A|N.])[A]
mottigheid	(((mot)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
motvlinder	((mot)[N],(vlinder)[N])[N]
motvrij	((mot)[N],(vrij)[A])[A]
mousse	(mousse)[N]
mousselinen	((mousseline)[N],(en)[A|N.])[A]
mout	(mout)[N]
moutazijn	((mout)[N],(azijn)[N])[N]
moutbrood	((mout)[N],(brood)[N])[N]
mouteest	((mout)[N],(eest)[N])[N]
mouten	(mout)[V]
mouter	((mout)[V],(er)[N|V.])[N]
mouterij	((mout)[V],(erij)[N|V.])[N]
moutextract	((mout)[N],(extract)[N])[N]
moutjenever	((mout)[N],(jenever)[N])[N]
moutkoffie	((mout)[N],(koffie)[N])[N]
moutkuip	((mout)[V],(kuip)[N])[N]
moutmeel	((mout)[N],(meel)[N])[N]
moutsuiker	((mout)[N],(suiker)[N])[N]
moutvloer	((mout)[N],(vloer)[N])[N]
moutwijn	((mout)[N],(wijn)[N])[N]
mouw	(mouw)[N]
mouwband	((mouw)[N],(band)[N])[N]
mouwgat	((mouw)[N],(gat)[N])[N]
mouwloos	((mouw)[N],(loos)[A|N.])[A]
mouwophouder	((mouw)[N],((op)[P],(houd)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
mouwplank	((mouw)[N],(plank)[N])[N]
mouwschort	((mouw)[N],(schort)[N])[N]
mouwslab	((mouw)[N],(slab)[N])[N]
mouwslabbe	((mouw)[N],(slabbe)[N])[N]
mouwstreep	((mouw)[N],(streep)[N])[N]
mouwstrijker	((mouw)[N],(strijk)[V],(er)[N|NV.])[N]
mouwstrijkerij	((mouw)[N],(strijk)[V],(erij)[N|NV.])[N]
mouwveger	((mouw)[N],(veeg)[V],(er)[N|NV.])[N]
mouwvegerij	((mouw)[N],(veeg)[V],(erij)[N|NV.])[N]
mouwvest	((mouw)[N],(vest)[N])[N]
move	(move)[N]
moven	(move)[V]
moyenne	(moyenne)[N]
mozaïektegel	((mozaïek)[N],(tegel)[N])[N]
mozaïekvloer	((mozaïek)[N],(vloer)[N])[N]
mud	(mud)[N]
mudvol	((mud)[N],(vol)[A])[A]
mudzak	((mud)[N],(zak)[N])[N]
muf	(muf)[A]
muffen	(muf)[V]
muffig	((muf)[A],(ig)[A|A.])[A]
muffigheid	((muf)[A],(igheid)[N|A.])[N]
mufheid	((muf)[A],(heid)[N|A.])[N]
mug	(mug)[N]
muggenbeet	((mug)[N],(e)[N|N.N],(beet)[N])[N]
muggenbult	((mug)[N],(e)[N|N.N],(bult)[N])[N]
muggendoek	((mug)[N],(en)[N|N.N],(doek)[N])[N]
muggengaas	((mug)[N],(en)[N|N.N],(gaas)[N])[N]
muggengordijn	((mug)[N],(en)[N|N.N],(gordijn)[N])[N]
muggennet	((mug)[N],(en)[N|N.N],(net)[N])[N]
muggenolie	((mug)[N],(en)[N|N.N],(olie)[N])[N]
muggenorchis	((mug)[N],(e)[N|N.N],(orchis)[N])[N]
muggenpoot	((mug)[N],(e)[N|N.N],(poot)[N])[N]
muggensteek	((mug)[N],(e)[N|N.N],(steek)[N])[N]
muggenziften	((mug)[N],(e)[V|N.V],(zift)[V])[V]
muggenzifter	(((mug)[N],(e)[V|N.V],(zift)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
muggenzifterig	(((mug)[N],(e)[V|N.V],(zift)[V])[V],(erig)[A|V.])[A]
muggenzifterij	((mug)[N],(e)[N|N.N],((zift)[V],(erij)[N|V.])[N])[N]
mui	(mui)[N]
muiken	(muik)[V]
muil	(muil)[N]
muilband	((muil)[N],(band)[N])[N]
muildier	((muil)[N],(dier)[N])[N]
muilezel	((muil)[N],(ezel)[N])[N]
muilezelkaravaan	(((muil)[N],(ezel)[N])[N],(karavaan)[N])[N]
muilkorf	((muil)[N],(korf)[N])[N]
muilkorven	((muil)[N],(korf)[V])[V]
muilpeer	((muil)[N],(peer)[N])[N]
muilplaag	((muil)[N],(plaag)[N])[N]
muis	(muis)[N]
muisachtigen	((muis)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
muisgrijs	((muis)[N],(grijs)[N])[N]
muishond	((muis)[N],(hond)[N])[N]
muiskat	((muis)[N],(kat)[N])[N]
muiskleur	((muis)[N],(kleur)[N])[N]
muiskleurig	((muis)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
muisstil	((muis)[V],(stil)[A])[A]
muit	(muit)[N]
muiteling	((muit)[V],(eling)[N|V.])[N]
muiten	(muit)[V]
muiter	((muit)[V],(er)[N|V.])[N]
muiterij	((muit)[V],(erij)[N|V.])[N]
muitziek	((muit)[V],(ziek)[A])[A]
muitzucht	((muit)[V],(zucht)[N])[N]
muizegerst	((muis)[N],(e)[N|N.N],(gerst)[N])[N]
muizen	(muis)[V]
muizenbeetje	((muis)[N],(e)[N|N.N],((beet)[N],(je)[N|N.])[N])[N]
muizendrek	((muis)[N],(e)[N|N.N],(drek)[N])[N]
muizengat	((muis)[N],(e)[N|N.N],(gat)[N])[N]
muizengezicht	((muis)[N],(e)[N|N.N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
muizengif	((muis)[N],(en)[N|N.N],(gif)[N])[N]
muizengift	((muis)[N],(en)[N|N.N],(gift)[N])[N]
muizenhaver	((muis)[N],(e)[N|N.N],(haver)[N])[N]
muizenhol	((muis)[N],(e)[N|N.N],(hol)[N])[N]
muizenkeutel	((muis)[N],(e)[N|N.N],(keutel)[N])[N]
muizenmaaltijd	((muis)[N],(e)[N|N.N],((maal)[N],(tijd)[N])[N])[N]
muizennest	((muis)[N],(e)[N|N.N],(nest)[N])[N]
muizenstaart	((muis)[N],(e)[N|N.N],(staart)[N])[N]
muizentarwe	((muis)[N],(en)[N|N.N],(tarwe)[N])[N]
muizentrapje	((muis)[N],(e)[N|N.N],(trap)[N])[N]
muizenval	((muis)[N],(e)[N|N.N],(val)[N])[N]
muizenvalk	((muis)[N],(en)[N|N.N],(valk)[N])[N]
muizenvanger	((muis)[N],(en)[N|N.Vx],(vang)[V],(er)[N|NxV.])[N]
muizenvel	((muis)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
mul	(mul)[N]
mulattin	((mulat)[N],(in)[N|N.])[N]
mulflora	((mul)[N],(flora)[N])[N]
mulgrond	((mul)[N],(grond)[N])[N]
mulheid	((mul)[A],(heid)[N|A.])[N]
mullig	((mul)[N],(ig)[A|N.])[A]
mulligheid	(((mul)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
multicultureel	((multi)[A|.A],((cultuur)[N],(eel)[A|N.])[A])[A]
multidisciplinair	((multi)[A|.A],((discipline)[N],(air)[A|N.])[A])[A]
multifunctioneel	((multi)[A|.A],((functie)[N],(ioneel)[A|N.])[A])[A]
multilateraal	((multi)[A|.A],(lateraal)[A])[A]
multimiljonair	((multi)[N|.N],(miljonair)[N])[N]
multinationaal	((multi)[A|.A],((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A])[A]
multiplicatie	((multipliceer)[V],(atie)[N|V.])[N]
multiplicator	((multipliceer)[V],(ator)[N|V.])[N]
multiraciaal	((multi)[A|.A],((ras)[N],(iaal)[A|N.])[A])[A]
multisysteem	((multi)[N|.N],(systeem)[N])[N]
multitest	((multi)[N|.N],(test)[N])[N]
multivariabel	((multi)[A|.A],((varieer)[V],(abel)[A|V.])[A])[A]
mum	(mum)[N]
mummelaar	((mummel)[V],(aar)[N|V.])[N]
mummelen	(mummel)[V]
mummelmond	((mummel)[V],(mond)[N])[N]
mummie	(mummie)[N]
mummieachtig	((mummie)[N],(achtig)[A|N.])[A]
mummiekist	((mummie)[N],(kist)[N])[N]
mummificatie	((mummificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
mummificering	((mummificeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
municipaliteit	((municipaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
munitie	(munitie)[N]
munitiedepot	((munitie)[N],(depot)[N])[N]
munitiefabriek	((munitie)[N],(fabriek)[N])[N]
munitiemagazijn	((munitie)[N],(magazijn)[N])[N]
munitietransport	((munitie)[N],(transport)[N])[N]
munitievoorraad	((munitie)[N],(voorraad)[N])[N]
munitiewagen	((munitie)[N],(wagen)[N])[N]
munsterkerk	((munster)[N],(kerk)[N])[N]
munt	(munt)[N]
muntbiljet	((munt)[N],(biljet)[N])[N]
muntcollege	((munt)[N],(college)[N])[N]
munteenheid	((munt)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
munten	(munt)[V]
muntenkabinet	((munt)[N],(en)[N|N.N],(kabinet)[N])[N]
muntenverzameling	((munt)[N],(en)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
munter	((munt)[V],(er)[N|V.])[N]
munterij	((munt)[V],(erij)[N|V.])[N]
muntgas	((munt)[N],(gas)[N])[N]
muntgasmeter	((munt)[N],((gas)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N])[N]
muntgehalte	((munt)[N],(gehalte)[N])[N]
muntgeld	((munt)[N],(geld)[N])[N]
muntinworp	((munt)[N],((in)[P],(worp)[N])[N])[N]
muntloon	((munt)[N],(loon)[N])[N]
muntmeester	((munt)[N],(meester)[N])[N]
muntmetaal	((munt)[N],(metaal)[N])[N]
muntmeter	((munt)[N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
muntpariteit	((munt)[N],((paar)[N],(iteit)[N|N.])[N])[N]
muntrecht	((munt)[V],(recht)[N])[N]
muntslag	((munt)[N],(slag)[N])[N]
muntslang	((munt)[N],(slang)[N])[N]
muntslot	((munt)[N],(slot)[N])[N]
muntsorteerder	((munt)[N],(sorteer)[V],(der)[N|NV.])[N]
muntspecie	((munt)[N],(specie)[N])[N]
muntstelsel	((munt)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
muntstempel	((munt)[V],(stempel)[N])[N]
muntstuk	((munt)[N],(stuk)[N])[N]
muntteken	((munt)[N],(teken)[N])[N]
muntvervalser	((munt)[N],((ver)[V|.A],(vals)[A])[V],(er)[N|NV.])[N]
muntvervalsing	((munt)[N],((ver)[V|.A],(vals)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
muntvoet	((munt)[N],(voet)[N])[N]
muntvoorraad	((munt)[N],(voorraad)[N])[N]
muntwet	((munt)[N],(wet)[N])[N]
muntwezen	((munt)[V],(wezen)[N])[N]
muntzijde	((munt)[N],(zijde)[N])[N]
murmelen	(murmel)[V]
murw	(murw)[A]
murwen	(murw)[V]
murwheid	((murw)[A],(heid)[N|A.])[N]
mus	(mus)[N]
museaal	((museum)[N],(aal)[A|N.])[A]
musetteorkest	((musette)[N],(orkest)[N])[N]
museum	(museum)[N]
museumarchief	((museum)[N],(archief)[N])[N]
museumconservator	((museum)[N],((conserveer)[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
museumdirecteur	((museum)[N],(directeur)[N])[N]
museumdirectie	((museum)[N],(directie)[N])[N]
museumgevel	((museum)[N],(gevel)[N])[N]
museumplein	((museum)[N],(plein)[N])[N]
museumstuk	((museum)[N],(stuk)[N])[N]
musicologisch	((musicoloog)[N],(isch)[A|N.])[A]
muskaatboom	((muskaat)[N],(boom)[N])[N]
muskaatdruif	((muskaat)[N],(druif)[N])[N]
muskaatnoot	((muskaat)[N],(noot)[N])[N]
muskaatrasp	((muskaat)[N],(rasp)[N])[N]
muskaatwijn	((muskaat)[N],(wijn)[N])[N]
muskadel	(muskadel)[N]
muskadellenwijn	((muskadel)[N],(en)[N|N.N],(wijn)[N])[N]
muskadelwijn	((muskadel)[N],(wijn)[N])[N]
musketier	((musket)[N],(ier)[N|N.])[N]
muskietengaas	((muskiet)[N],(en)[N|N.N],(gaas)[N])[N]
muskietennet	((muskiet)[N],(en)[N|N.N],(net)[N])[N]
muskietenplaag	((muskiet)[N],(en)[N|N.N],(plaag)[N])[N]
muskusachtig	((muskus)[N],(achtig)[A|N.])[A]
muskusdier	((muskus)[N],(dier)[N])[N]
muskushert	((muskus)[N],(hert)[N])[N]
muskuskruid	((muskus)[N],(kruid)[N])[N]
muskusos	((muskus)[N],(os)[N])[N]
muskusplant	((muskus)[N],(plant)[N])[N]
muskusrat	((muskus)[N],(rat)[N])[N]
muskusreuk	((muskus)[N],(reuk)[N])[N]
mussenei	((mus)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
mussennest	((mus)[N],(e)[N|N.N],(nest)[N])[N]
mussenveer	((mus)[N],(e)[N|N.N],(veer)[N])[N]
mussenverschrikker	((mus)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(schrik)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
must	(must)[N]
mustang	(mustang)[N]
mutabel	((muteer)[V],(abel)[A|V.])[A]
mutabiliteit	(((muteer)[V],(abel)[A|V.])[A],(biliteit)[N|A.])[N]
mutant	((muteer)[V],(ant)[N|V.])[N]
mutatie	((muteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
mutatiebeleid	(((muteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(beleid)[N])[N]
mutatief	(((muteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[N|N.])[N]
mutatieproces	(((muteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
mutatierecht	(((muteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(recht)[N])[N]
mutatietheorie	(((muteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(theorie)[N])[N]
mutator	((muteer)[V],(ator)[N|V.])[N]
mutilatie	((mutileer)[V],(atie)[N|V.])[N]
muts	(muts)[N]
mutsenmaakster	((muts)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
mutsje	(muts)[N]
mutualiteit	((mutueel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
muur	(muur)[N]
muuranker	((muur)[N],(anker)[N])[N]
muurbeschot	((muur)[N],(beschot)[N])[N]
muurbloem	((muur)[N],(bloem)[N])[N]
muurhaak	((muur)[N],(haak)[N])[N]
muurhagedis	((muur)[N],(hagedis)[N])[N]
muurkalk	((muur)[N],(kalk)[N])[N]
muurkanker	((muur)[N],(kanker)[N])[N]
muurkluis	((muur)[N],(kluis)[N])[N]
muurkrant	((muur)[N],(krant)[N])[N]
muurlamp	((muur)[N],(lamp)[N])[N]
muurpeper	((muur)[N],(peper)[N])[N]
muurpijler	((muur)[N],(pijler)[N])[N]
muurplaat	((muur)[N],(plaat)[N])[N]
muurreclame	((muur)[N],(reclame)[N])[N]
muursafe	((muur)[N],(safe)[N])[N]
muurschildering	((muur)[N],((schilder)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
muurvaren	((muur)[N],(varen)[N])[N]
muurvast	((muur)[N],(vast)[A])[A]
muurverf	((muur)[N],(verf)[N])[N]
muurverwarming	((muur)[N],(((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
muze	(muze)[N]
muzenberg	((muze)[N],(en)[N|N.N],(berg)[N])[N]
muzentempel	((muze)[N],(en)[N|N.N],(tempel)[N])[N]
muzenzoon	((muze)[N],(en)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
muziekacademie	((muziek)[N],((academisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
muziekalbum	((muziek)[N],(album)[N])[N]
muziekavondje	((muziek)[N],(avond)[N])[N]
muziekbehang	((muziek)[N],(behang)[N])[N]
muziekbeoefening	((muziek)[N],(((be)[V|.V],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
muziekbibliotheek	((muziek)[N],(bibliotheek)[N])[N]
muziekblad	((muziek)[N],(blad)[N])[N]
muziekboek	((muziek)[N],(boek)[N])[N]
muziekcassette	((muziek)[N],(cassette)[N])[N]
muziekcentrum	((muziek)[N],(centrum)[N])[N]
muziekcorps	((muziek)[N],(corps)[N])[N]
muziekcriticus	((muziek)[N],(criticus)[N])[N]
muziekcultuur	((muziek)[N],(cultuur)[N])[N]
muziekdirecteur	((muziek)[N],(directeur)[N])[N]
muziekdoos	((muziek)[N],(doos)[N])[N]
muziekdrama	((muziek)[N],(drama)[N])[N]
muziekdramatisch	((muziek)[N],((drama)[N],(atisch)[A|N.])[A])[A]
muziekfeest	((muziek)[N],(feest)[N])[N]
muziekfestival	((muziek)[N],(festival)[N])[N]
muziekflard	((muziek)[N],(flard)[N])[N]
muziekgebouw	((muziek)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
muziekgenot	((muziek)[N],(genot)[N])[N]
muziekgeschiedenis	((muziek)[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
muziekgezelschap	((muziek)[N],((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
muziekhistoricus	((muziek)[N],(historicus)[N])[N]
muziekinstallatie	((muziek)[N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
muziekinstrument	((muziek)[N],(instrument)[N])[N]
muziekjongen	((muziek)[N],(jongen)[N])[N]
muziekkapel	((muziek)[N],(kapel)[N])[N]
muziekkiosk	((muziek)[N],(kiosk)[N])[N]
muziekklank	((muziek)[N],(klank)[N])[N]
muziekkoepel	((muziek)[N],(koepel)[N])[N]
muziekkorps	((muziek)[N],(korps)[N])[N]
muziekkritiek	((muziek)[N],((kritisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
muziekkritisch	((muziek)[N],(kritisch)[A])[A]
muziekleer	((muziek)[N],(leer)[N])[N]
muziekleraar	((muziek)[N],(leraar)[N])[N]
muziekles	((muziek)[N],(les)[N])[N]
muzieklessenaar	((muziek)[N],(lessenaar)[N])[N]
muziekleven	((muziek)[N],(leven)[N])[N]
muziekliefhebber	((muziek)[N],((lief)[A],(heb)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
muziekliefhebster	((muziek)[N],((lief)[A],(heb)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
muziekliteratuur	((muziek)[N],(literatuur)[N])[N]
muzieklyceum	((muziek)[N],(lyceum)[N])[N]
muziekmaatschappij	((muziek)[N],(maatschappij)[N])[N]
muziekmachine	((muziek)[N],(machine)[N])[N]
muziekmeester	((muziek)[N],(meester)[N])[N]
muzieknoot	((muziek)[N],(noot)[N])[N]
muzieknotatie	((muziek)[N],(((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
muzieknummer	((muziek)[N],(nummer)[N])[N]
muziekorganisatie	((muziek)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
muziekpapier	((muziek)[N],(papier)[N])[N]
muziekpaviljoen	((muziek)[N],(paviljoen)[N])[N]
muziekpedagogiek	((muziek)[N],((pedagogisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
muziekpraktijk	((muziek)[N],(praktijk)[N])[N]
muziekprogramma	((muziek)[N],(programma)[N])[N]
muziekrecensent	((muziek)[N],((recenseer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
muziekrecensie	((muziek)[N],(recensie)[N])[N]
muziekredacteur	((muziek)[N],(redacteur)[N])[N]
muziekroman	((muziek)[N],(roman)[N])[N]
muzieksalon	((muziek)[N],(salon)[N])[N]
muziekschool	((muziek)[N],(school)[N])[N]
muziekschrift	((muziek)[N],(schrift)[N])[N]
muzieksleutel	((muziek)[N],(sleutel)[N])[N]
muziekstandaard	((muziek)[N],(standaard)[N])[N]
muziekstudent	((muziek)[N],((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
muziekstudie	((muziek)[N],(studie)[N])[N]
muziekstuk	((muziek)[N],(stuk)[N])[N]
muziektent	((muziek)[N],(tent)[N])[N]
muziekterm	((muziek)[N],(term)[N])[N]
muziektheoreticus	((muziek)[N],(theoreticus)[N])[N]
muziektheoretisch	((muziek)[N],((theorie)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
muziektheorie	((muziek)[N],(theorie)[N])[N]
muziektherapeut	((muziek)[N],(therapeut)[N])[N]
muziektherapie	((muziek)[N],(therapie)[N])[N]
muziekuitvoering	((muziek)[N],((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
muziekvereniging	((muziek)[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
muziekvermogen	((muziek)[N],(vermogen)[N])[N]
muziekvriend	((muziek)[N],(vriend)[N])[N]
muziekwereld	((muziek)[N],(wereld)[N])[N]
muziekwetenschap	((muziek)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
muziekzaal	((muziek)[N],(zaal)[N])[N]
muzikaal	((muziek)[N],(aal)[A|N.])[A]
muzikaliteit	(((muziek)[N],(aal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
muzikante	((muzikant)[N],(e)[N|N.])[N]
mycologie	((mycologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
mysteriedienst	((mysterie)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
mysteriegodsdienst	((mysterie)[N],((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
mysteriespel	((mysterie)[N],(spel)[N])[N]
mystiekerig	((mystiek)[N],(erig)[A|N.])[A]
mystificatie	((mystificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
mythisch	((mythe)[N],(isch)[A|N.])[A]
mythiseren	((mythe)[N],(iseer)[V|N.])[V]
mythologie	((mythologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
mytylschool	((Mytyl)[N],(school)[V])[N]
mêleren	(mêleer)[V]
n	(n)[N]
na-aapster	(((na)[P],(aap)[N])[V],(ster)[N|V.])[N]
na-apen	((na)[P],(aap)[N])[V]
na-aper	(((na)[P],(aap)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
na-aperij	((na)[P],((aap)[N],(erij)[N|N.])[N])[N]
na-eten	((na)[P],(eet)[V])[V]
naad	(naad)[N]
naadloos	((naad)[N],(loos)[A|N.])[A]
naadverbinding	((naad)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
naaf	(naaf)[N]
naafband	((naaf)[N],(band)[N])[N]
naaiatelier	((naai)[V],(atelier)[N])[N]
naaicursus	((naai)[V],(cursus)[N])[N]
naaidoos	((naai)[V],(doos)[N])[N]
naaien	(naai)[V]
naaigaren	((naai)[V],(garen)[N])[N]
naaigarnituur	((naai)[V],(garnituur)[N])[N]
naaigerei	((naai)[V],(gerei)[N])[N]
naaikamer	((naai)[V],(kamer)[N])[N]
naaikistje	((naai)[V],(kist)[N])[N]
naaikransje	((naai)[V],(krans)[N])[N]
naaikussen	((naai)[V],(kussen)[N])[N]
naailes	((naai)[V],(les)[N])[N]
naaimachine	((naai)[V],(machine)[N])[N]
naaimand	((naai)[V],(mand)[N])[N]
naaimeisje	((naai)[V],(meisje)[N])[N]
naainaald	((naai)[V],(naald)[N])[N]
naaischool	((naai)[V],(school)[N])[N]
naaister	((naai)[V],(ster)[N|V.])[N]
naaistiel	((naai)[V],(stiel)[N])[N]
naaiwerk	((naai)[V],(werk)[N])[N]
naakt	(naakt)[N]
naaktbloeier	((naakt)[A],((bloei)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
naaktcultuur	((naakt)[N],(cultuur)[N])[N]
naaktfiguur	((naakt)[N],(figuur)[N])[N]
naaktfoto	((naakt)[N],(foto)[N])[N]
naaktfotografie	((naakt)[N],((fotografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
naaktheid	((naakt)[A],(heid)[N|A.])[N]
naaktloopster	((naakt)[A],((loop)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
naaktloper	((naakt)[A],(loop)[V],(er)[N|AV.])[N]
naaktloperij	((naakt)[N],(loop)[V],(erij)[N|NV.])[N]
naaktschilder	((naakt)[N],(schilder)[V])[N]
naaktschilderij	((naakt)[N],(schilderij)[N])[N]
naaktshow	((naakt)[N],(show)[N])[N]
naaktstrand	((naakt)[N],(strand)[N])[N]
naaktstudie	((naakt)[N],(studie)[N])[N]
naaktzadig	((naakt)[A],(zaad)[N],(ig)[A|AN.])[A]
naald	(naald)[N]
naaldachtig	((naald)[N],(achtig)[A|N.])[A]
naaldboom	((naald)[N],(boom)[N])[N]
naaldbos	((naald)[N],(bos)[N])[N]
naaldenboekje	((naald)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
naaldendak	((naald)[N],(en)[N|N.N],(dak)[N])[N]
naaldenkoker	((naald)[N],(en)[N|N.N],(koker)[N])[N]
naaldenoog	((naald)[N],(e)[N|N.N],(oog)[N])[N]
naaldenprik	((naald)[N],(e)[N|N.N],(prik)[N])[N]
naaldenwerk	((naald)[N],(e)[N|N.N],(werk)[N])[N]
naaldgeruis	((naald)[N],((ge)[N|.V],(ruis)[V])[N])[N]
naaldhak	((naald)[N],(hak)[N])[N]
naaldhout	((naald)[N],(hout)[N])[N]
naaldkunst	((naald)[N],(kunst)[N])[N]
naaldscherp	((naald)[N],(scherp)[A])[A]
naaldvakken	((naald)[N],(vak)[N])[N]
naaldvormig	((naald)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
naaldwerk	((naald)[N],(werk)[N])[N]
naaldwoud	((naald)[N],(woud)[N])[N]
naam	(naam)[N]
naamafroeping	((naam)[N],((af)[P],(roep)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
naambord	((naam)[N],(bord)[N])[N]
naamchristen	((naam)[N],(christen)[N])[N]
naamcijfer	((naam)[N],(cijfer)[N])[N]
naamdag	((naam)[N],(dag)[N])[N]
naamdicht	((naam)[N],(dicht)[N])[N]
naamfeest	((naam)[N],(feest)[N])[N]
naamgenoot	((naam)[N],(genoot)[N])[N]
naamgenote	(((naam)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
naamgeving	((naam)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
naamkaartje	((naam)[N],(kaart)[N])[N]
naamkeuze	((naam)[N],(keuze)[N])[N]
naamkunde	((naam)[N],(kunde)[N])[N]
naamlijst	((naam)[N],(lijst)[N])[N]
naamloos	((naam)[N],(loos)[A|N.])[A]
naamloosheid	(((naam)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
naamplaat	((naam)[N],(plaat)[N])[N]
naamsverandering	((naam)[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
naamsverbastering	((naam)[N],(s)[N|N.N],((verbaster)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
naamsverwarring	((naam)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(war)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
naamsverwisseling	((naam)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(wissel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
naamswijziging	((naam)[N],(s)[N|N.N],((wijzig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
naamvalssuffix	((naamval)[N],(s)[N|N.N],(suffix)[N])[N]
naamvalsuitgang	((naamval)[N],(s)[N|N.N],((uit)[P],(gang)[N])[N])[N]
naamvalsvorm	((naamval)[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
naamverandering	((naam)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
naamwisseling	((naam)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
naamwoord	((naam)[N],(woord)[N])[N]
naamwoordelijk	(((naam)[N],(woord)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
naar	(naar)[A]
naargeestig	((naar)[A],(geest)[N],(ig)[A|AN.])[A]
naargeestigheid	(((naar)[A],(geest)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
naarheid	((naar)[A],(heid)[N|A.])[N]
naarling	((naar)[A],(ling)[N|A.])[N]
naarstigheid	((naarstig)[A],(heid)[N|A.])[N]
naastbestaande	((naast)[P],(bestaand)[V],(e)[N|PV.])[N]
naasten	(naast)[V]
naastenliefde	((naaste)[N],(en)[N|N.N],(liefde)[N])[N]
naastgelegen	((naast)[P],(gelegen)[A])[A]
naasting	((naast)[V],(ing)[N|V.])[N]
naastvolgend	((naast)[A],(volg)[V],(end)[A|AV.])[A]
nababbelen	((na)[P],(babbel)[V])[V]
nabauwen	((na)[P],(bauw)[V])[V]
nabehandeling	((na)[P],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nabericht	((na)[P],(bericht)[N])[N]
naberouw	((na)[P],(berouw)[N])[N]
nabeschouwing	((na)[A],(((be)[V|.V],(schouw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nabespreken	((na)[P],((be)[V|.V],(spreek)[V])[V])[V]
nabespreking	(((na)[P],((be)[V|.V],(spreek)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
nabestaande	((na)[P],(bestaand)[V],(e)[N|PV.])[N]
nabestellen	((na)[P],(bestel)[V])[V]
nabestelling	(((na)[P],(bestel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
nabetrachting	((na)[A],(((be)[V|.V],(tracht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nabeurs	((na)[P],(beurs)[N])[N]
nabewerking	((na)[A],(((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nabezorgen	((na)[P],((be)[V|.V],(zorg)[V])[V])[V]
nabiecht	((na)[P],(biecht)[N])[N]
nabijheid	((nabij)[A],(heid)[N|A.])[N]
nabijkomen	((nabij)[P],(kom)[V])[V]
nablaffen	((na)[P],(blaf)[V])[V]
nablijven	((na)[P],(blijf)[V])[V]
nablijver	(((na)[P],(blijf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
nabloeden	((na)[P],(bloed)[V])[V]
nabloeding	(((na)[P],(bloed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
nabloei	((na)[P],(bloei)[N])[N]
nabloeien	((na)[P],(bloei)[V])[V]
nabloeier	(((na)[P],(bloei)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
nablussen	((na)[P],(blus)[V])[V]
nabootsen	((na)[P],(boots)[V])[V]
nabootser	(((na)[P],(boots)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
nabootsing	(((na)[P],(boots)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
naborduren	((na)[P],(borduur)[V])[V]
nabouw	((na)[P],(bouw)[N])[N]
nabranden	((na)[P],(brand)[V])[V]
nabrander	(((na)[P],(brand)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
nabrengen	((na)[P],(breng)[V])[V]
nabronst	((na)[P],(bronst)[N])[N]
nabroodje	((na)[P],(brood)[N])[N]
naburig	(((na)[P],(buur)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
nabuur	((na)[P],(buur)[N])[N]
nabuurschap	(((na)[P],(buur)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
nacalculatie	((na)[P],((calculeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
nachecken	((na)[P],(check)[V])[V]
nacht	(nacht)[N]
nachtarbeid	((nacht)[N],(arbeid)[N])[N]
nachtasiel	((nacht)[N],(asiel)[N])[N]
nachtbel	((nacht)[N],(bel)[N])[N]
nachtblauw	((nacht)[N],(blauw)[A])[A]
nachtblind	((nacht)[N],(blind)[A])[A]
nachtblindheid	(((nacht)[N],(blind)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
nachtbloem	((nacht)[N],(bloem)[N])[N]
nachtboog	((nacht)[N],(boog)[N])[N]
nachtboot	((nacht)[N],(boot)[N])[N]
nachtbraken	((nacht)[N],(braak)[V])[V]
nachtbraker	(((nacht)[N],(braak)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
nachtbrakerij	(((nacht)[N],(braak)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
nachtcafé	((nacht)[N],(café)[N])[N]
nachtclub	((nacht)[N],(club)[N])[N]
nachtclubzangeres	(((nacht)[N],(club)[N])[N],(((zing)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N])[N]
nachtcrème	((nacht)[N],(crème)[N])[N]
nachtdienst	((nacht)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
nachtdier	((nacht)[N],(dier)[N])[N]
nachtdonker	((nacht)[N],(donker)[A])[A]
nachtegaalsslag	((nachtegaal)[N],(s)[N|N.N],(slag)[N])[N]
nachtelijk	((nacht)[N],(elijk)[A|N.])[A]
nachtenlang	((nacht)[N],(en)[A|N.A],(lang)[A])[A]
nachteveningspunt	((nachtevening)[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
nachtgebed	((nacht)[N],(gebed)[N])[N]
nachtgeest	((nacht)[N],(geest)[N])[N]
nachtgelegenheid	((nacht)[N],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
nachtgeluid	((nacht)[N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
nachtgewaad	((nacht)[N],(gewaad)[N])[N]
nachtgoed	((nacht)[N],(goed)[N])[N]
nachthemd	((nacht)[N],(hemd)[N])[N]
nachthemel	((nacht)[N],(hemel)[N])[N]
nachthok	((nacht)[N],(hok)[N])[N]
nachthoofd	((nacht)[N],(hoofd)[N])[N]
nachthulp	((nacht)[N],(hulp)[N])[N]
nachtjager	((nacht)[N],((jaag)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
nachtjapon	((nacht)[N],(japon)[N])[N]
nachtjurk	((nacht)[N],(jurk)[N])[N]
nachtkaars	((nacht)[N],(kaars)[N])[N]
nachtkastje	((nacht)[N],(kast)[N])[N]
nachtkijker	((nacht)[N],((kijk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
nachtkluis	((nacht)[N],(kluis)[N])[N]
nachtknip	((nacht)[N],(knip)[N])[N]
nachtkou	((nacht)[N],(kou)[N])[N]
nachtkroeg	((nacht)[N],(kroeg)[N])[N]
nachtkus	((nacht)[N],(kus)[N])[N]
nachtkwartier	((nacht)[N],((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
nachtlamp	((nacht)[N],(lamp)[N])[N]
nachtleger	((nacht)[N],(leger)[N])[N]
nachtleven	((nacht)[N],(leven)[N])[N]
nachtlicht	((nacht)[N],(licht)[N])[N]
nachtlied	((nacht)[N],(lied)[N])[N]
nachtlogies	((nacht)[N],(logies)[N])[N]
nachtlokaal	((nacht)[N],(lokaal)[N])[N]
nachtlucht	((nacht)[N],(lucht)[N])[N]
nachtmens	((nacht)[N],(mens)[N])[N]
nachtmerrieachtig	((nachtmerrie)[N],(achtig)[A|N.])[A]
nachtmis	((nacht)[N],(mis)[N])[N]
nachtmuziek	((nacht)[N],(muziek)[N])[N]
nachtoefening	((nacht)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nachtopname	((nacht)[N],(opname)[N])[N]
nachtorder	((nacht)[N],(order)[N])[N]
nachtpauwoog	((nacht)[N],((pauw)[N],(oog)[N])[N])[N]
nachtpermissie	((nacht)[N],(permissie)[N])[N]
nachtpit	((nacht)[N],(pit)[N])[N]
nachtploeg	((nacht)[N],(ploeg)[N])[N]
nachtpon	((nacht)[N],(pon)[N])[N]
nachtportier	((nacht)[N],(portier)[N])[N]
nachtpost	((nacht)[N],(post)[N])[N]
nachtraaf	((nacht)[N],(raaf)[N])[N]
nachtredacteur	((nacht)[N],(redacteur)[N])[N]
nachtritme	((nacht)[N],(ritme)[N])[N]
nachtronde	((nacht)[N],(ronde)[N])[N]
nachtrust	((nacht)[N],(rust)[N])[N]
nachtschade	((nacht)[N],(schade)[N])[N]
nachtschijnsel	((nacht)[N],((schijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
nachtschuit	((nacht)[N],(schuit)[N])[N]
nachtslot	((nacht)[N],(slot)[N])[N]
nachtsociëteit	((nacht)[N],(sociëteit)[N])[N]
nachtspiegel	((nacht)[N],(spiegel)[N])[N]
nachtstilte	((nacht)[N],((stil)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
nachtstroom	((nacht)[N],(stroom)[N])[N]
nachttafeltje	((nacht)[N],(tafel)[N])[N]
nachttarief	((nacht)[N],(tarief)[N])[N]
nachttrein	((nacht)[N],(trein)[N])[N]
nachtuil	((nacht)[N],(uil)[N])[N]
nachtveiligheidsdienst	((nacht)[N],(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
nachtverblijf	((nacht)[N],(verblijf)[N])[N]
nachtvergadering	((nacht)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nachtvergunning	((nacht)[N],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nachtverpleegster	((nacht)[N],((verpleeg)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
nachtvliegen	((nacht)[N],(vlieg)[V])[V]
nachtvlinder	((nacht)[N],(vlinder)[N])[N]
nachtvlucht	((nacht)[N],(vlucht)[N])[N]
nachtvoeding	((nacht)[N],(voed)[V],(ing)[N|NV.])[N]
nachtvogel	((nacht)[N],(vogel)[N])[N]
nachtvolk	((nacht)[N],(volk)[N])[N]
nachtvoorstelling	((nacht)[N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nachtvorst	((nacht)[N],(vorst)[N])[N]
nachtwaak	((nacht)[N],(waak)[N])[N]
nachtwacht	((nacht)[N],(wacht)[N])[N]
nachtwake	((nacht)[N],(wake)[N])[N]
nachtwaker	((nacht)[N],((waak)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
nachtwandelaar	((nacht)[N],((wandel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
nachtwandeling	((nacht)[N],((wandel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nachtwerk	((nacht)[N],(werk)[N])[N]
nachtwezen	((nacht)[N],(wezen)[N])[N]
nachtwind	((nacht)[N],(wind)[N])[N]
nachtwolken	((nacht)[N],(wolk)[N])[N]
nachtzee	((nacht)[N],(zee)[N])[N]
nachtzijde	((nacht)[N],(zijde)[N])[N]
nachtzitting	((nacht)[N],((zit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nachtzoen	((nacht)[N],(zoen)[N])[N]
nachtzuster	((nacht)[N],(zuster)[N])[N]
nachtzwaluw	((nacht)[N],(zwaluw)[N])[N]
nacijferen	((na)[P],(cijfer)[V])[V]
nadagen	((na)[P],(dag)[N])[N]
nadelig	((nadeel)[N],(ig)[A|N.])[A]
nadenken	((na)[P],(denk)[V])[V]
nadering	((nader)[V],(ing)[N|V.])[N]
naderingswerk	(((nader)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
nadoen	((na)[P],(doe)[V])[V]
nadoenerij	(((na)[P],(doe)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
nadorst	((na)[P],(dorst)[N])[N]
nadreunen	((na)[P],(dreun)[V])[V]
nadruk	((na)[P],(druk)[N])[N]
nadrukkelijkheid	((((na)[P],(druk)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
nadrukken	((na)[P],(druk)[V])[V]
nadruppelen	((na)[P],(druppel)[V])[V]
naduiken	((na)[P],(duik)[V])[V]
nafase	((na)[P],(fase)[N])[N]
nafeest	((na)[P],(feest)[N])[N]
nafluiten	((na)[P],(fluit)[V])[V]
naft	(naft)[N]
nagaan	((na)[P],(ga)[V])[V]
nagalm	((na)[P],(galm)[N])[N]
nagalmen	((na)[P],(galm)[V])[V]
nagapen	((na)[P],(gaap)[V])[V]
nageboorte	((na)[P],(geboorte)[N])[N]
nagedachtenis	((na)[P],(gedachtenis)[N])[N]
nagel	(nagel)[N]
nagelbak	((nagel)[N],(bak)[N])[N]
nagelbed	((nagel)[N],(bed)[N])[N]
nagelbijten	((nagel)[N],(bijt)[V])[V]
nagelbijter	(((nagel)[N],(bijt)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
nagelbijtster	(((nagel)[N],(bijt)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
nagelborstel	((nagel)[N],(borstel)[N])[N]
nagelbreed	((nagel)[N],(breed)[A])[N]
nagelen	(nagel)[V]
nagelgarnituur	((nagel)[N],(garnituur)[N])[N]
nagelijzer	((nagel)[N],(ijzer)[N])[N]
nagelkaas	((nagel)[N],(kaas)[N])[N]
nagelknipper	((nagel)[N],(knip)[V],(er)[N|NV.])[N]
nagellak	((nagel)[N],(lak)[N])[N]
nagellakken	((nagel)[N],(lak)[V])[V]
nagelriem	((nagel)[N],(riem)[N])[N]
nagelschaar	((nagel)[N],(schaar)[N])[N]
nageltang	((nagel)[N],(tang)[N])[N]
nagelvast	((nagel)[N],(vast)[A])[A]
nagelvijl	((nagel)[N],(vijl)[N])[N]
nagelvormig	((nagel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
nagenieten	((na)[P],(geniet)[V])[V]
nagenoemd	((na)[P],(genoemd)[A])[A]
nagerecht	((na)[P],(gerecht)[N])[N]
nageslacht	((na)[P],(geslacht)[N])[N]
nageven	((na)[P],(geef)[V])[V]
nagewas	((na)[P],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
nagisting	((na)[A],((gist)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
naglans	((na)[P],(glans)[N])[N]
nagloeien	((na)[P],(gloei)[V])[V]
nagluren	((na)[P],(gluur)[V])[V]
nagras	((na)[P],(gras)[N])[N]
naheffing	((na)[A],((hef)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
naherfst	((na)[P],(herfst)[N])[N]
nahollen	((na)[P],(hol)[V])[V]
nahooi	((na)[P],(hooi)[N])[N]
nahouden	((na)[P],(houd)[V])[V]
naijlen	((na)[P],(ijl)[V])[V]
naijling	(((na)[P],(ijl)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
naijver	((na)[P],(ijver)[N])[N]
naijverig	(((na)[P],(ijver)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
najaar	((na)[P],(jaar)[N])[N]
najaarsbeurs	(((na)[P],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(beurs)[N])[N]
najaarsbloem	(((na)[P],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
najaarscollectie	(((na)[P],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(collectie)[N])[N]
najaarsmode	(((na)[P],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(mode)[N])[N]
najaarsnacht	(((na)[P],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(nacht)[N])[N]
najaarsopruiming	(((na)[P],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(((op)[P],(ruim)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
najaarsstorm	(((na)[P],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(storm)[N])[N]
najaarstinten	(((na)[P],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(tint)[N])[N]
najaarstrek	(((na)[P],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(trek)[N])[N]
najaarsveiling	(((na)[P],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],((veil)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
najaarsvergadering	(((na)[P],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
najaarsweder	(((na)[P],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(weder)[N])[N]
najaarsweer	(((na)[P],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(weer)[N])[N]
najaarszon	(((na)[P],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(zon)[N])[N]
najade	(najade)[N]
najagen	((na)[P],(jaag)[V])[V]
najouwen	((na)[P],(jouw)[V])[V]
nakaarten	((na)[P],(kaart)[V])[V]
nakaarterij	(((na)[P],(kaart)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
nakauwen	((na)[P],(kauw)[V])[V]
naken	(naak)[V]
nakermis	((na)[P],(kermis)[N])[N]
nakeuring	((na)[A],((keur)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nakijken	((na)[P],(kijk)[V])[V]
nakind	((na)[P],(kind)[N])[N]
naklank	((na)[P],(klank)[N])[N]
naklinken	((na)[P],(klink)[V])[V]
nakomeling	(((na)[P],(kom)[V])[V],(eling)[N|V.])[N]
nakomelinge	((((na)[P],(kom)[V])[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
nakomelingschap	((((na)[P],(kom)[V])[V],(eling)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
nakomen	((na)[P],(kom)[V])[V]
nakomertje	(((na)[P],(kom)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
nakroost	((na)[P],(kroost)[N])[N]
nalaten	((na)[P],(laat)[V])[V]
nalatenschap	(((na)[P],(laat)[V])[V],(schap)[N|V.])[N]
nalatig	(((na)[P],(laat)[V])[V],(ig)[A|V.])[A]
nalatigheid	((((na)[P],(laat)[V])[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
naleven	((na)[P],(leef)[V])[V]
naleving	(((na)[P],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
nalezen	((na)[P],(lees)[V])[V]
nalezing	(((na)[P],(lees)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
naloop	((na)[P],(loop)[N])[N]
nalopen	((na)[P],(loop)[V])[V]
naloper	(((na)[P],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
namaak	((na)[P],(maak)[N])[N]
namaaksel	(((na)[P],(maak)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
namaken	((na)[P],(maak)[V])[V]
namaker	(((na)[P],(maak)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
namaking	(((na)[P],(maak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
namelk	((na)[P],(melk)[N])[N]
nameloos	((naam)[N],(eloos)[A|N.])[A]
nameten	((na)[P],(meet)[V])[V]
nameting	(((na)[P],(meet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
namiddag	((na)[P],(middag)[N])[N]
namiddagpreek	(((na)[P],(middag)[N])[N],(preek)[N])[N]
namiddaguur	(((na)[P],(middag)[N])[N],(uur)[N])[N]
nanacht	((na)[P],(nacht)[N])[N]
naneef	((na)[P],(neef)[N])[N]
nanoen	((na)[P],(noen)[N])[N]
nanoseconde	((nano)[N|.N],(seconde)[N])[N]
naogen	((na)[P],(oog)[V])[V]
naontsteking	((na)[A],((ontsteek)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
naoogst	((na)[P],(oogst)[N])[N]
naoorlogs	((na)[P],(oorlog)[N],(s)[A|PN.])[A]
nap	(nap)[N]
napalmbom	((napalm)[N],(bom)[N])[N]
napalmbombardement	((napalm)[N],((bombardeer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
napeinzen	((na)[P],(peins)[V])[V]
napijn	((na)[P],(pijn)[N])[N]
napluizen	((na)[P],(pluis)[V])[V]
napluizer	(((na)[P],(pluis)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
napluk	((na)[P],(pluk)[N])[N]
nappa	(nappa)[N]
nappaleder	((nappa)[A],(leder)[N])[N]
nappaleer	((nappa)[N],(leer)[N])[N]
napperon	(napperon)[N]
napraat	((na)[P],(praat)[N])[N]
napraten	((na)[P],(praat)[V])[V]
napret	((na)[P],(pret)[N])[N]
nar	(nar)[N]
narcis	(narcis)[N]
narcissenbed	((narcis)[N],(en)[N|N.N],(bed)[N])[N]
narcissenbol	((narcis)[N],(e)[N|N.N],(bol)[N])[N]
narcoseleer	((narcose)[N],(leer)[N])[N]
narcoticabrigade	((narcotica)[N],(brigade)[N])[N]
narcotiseren	((narcose)[N],(iseer)[V|N.])[V]
narcotiseur	(((narcose)[N],(iseer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
nardusgeur	((nardus)[N],(geur)[N])[N]
narede	((na)[P],(rede)[N])[N]
nareizen	((na)[P],(reis)[V])[V]
narekenen	((na)[P],(reken)[V])[V]
narennen	((na)[P],(ren)[V])[V]
narigheid	((naar)[A],(igheid)[N|A.])[N]
narijden	((na)[P],(rijd)[V])[V]
narijs	((na)[P],(rijs)[V])[N]
naroepen	((na)[P],(roep)[V])[V]
narommelen	((na)[P],(rommel)[V])[V]
narren	(nar)[V]
narrenbel	((nar)[N],(en)[N|N.N],(bel)[N])[N]
narrenkap	((nar)[N],(en)[N|N.N],(kap)[N])[N]
narrenmat	((nar)[N],(en)[N|N.A],(mat)[A])[N]
narrenpak	((nar)[N],(en)[N|N.N],(pak)[N])[N]
narrenschip	((nar)[N],(en)[N|N.N],(schip)[N])[N]
narrenstok	((nar)[N],(en)[N|N.N],(stok)[N])[N]
narrig	((nar)[N],(ig)[A|N.])[A]
nasaleren	((nasaal)[A],(eer)[V|A.])[V]
nasalering	(((nasaal)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
naschilderen	((na)[P],(schilder)[V])[V]
nascholen	((na)[P],(school)[V])[V]
nascholing	(((na)[P],(school)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
nascholingsaanbod	((((na)[P],(school)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(aanbod)[N])[N]
nascholingsactiviteit	((((na)[P],(school)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
nascholingsprogramma	((((na)[P],(school)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
naschouw	((na)[P],(schouw)[N])[N]
naschreeuwen	((na)[P],(schreeuw)[V])[V]
naschrift	((na)[P],(schrift)[N])[N]
naschrijven	((na)[P],(schrijf)[V])[V]
naschrijver	(((na)[P],(schrijf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
naseizoen	((na)[P],(seizoen)[N])[N]
nasi	(nasi)[N]
nasibal	((nasi)[N],(bal)[N])[N]
naslaan	((na)[P],(sla)[V])[V]
naslag	((na)[P],(slag)[N])[N]
nasleep	((na)[P],(sleep)[N])[N]
nasluipen	((na)[P],(sluip)[V])[V]
nasmaak	((na)[P],(smaak)[N])[N]
nasnede	((na)[P],(snede)[N])[N]
nasnikken	((na)[P],(snik)[V])[V]
nasnuffelen	((na)[P],(snuffel)[V])[V]
naspel	((na)[P],(spel)[N])[N]
naspelen	((na)[P],(speel)[V])[V]
naspeuren	((na)[P],(speur)[V])[V]
naspeuring	(((na)[P],(speur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
naspeurlijk	(((na)[P],(speur)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A]
naspoelen	((na)[P],(spoel)[V])[V]
nasporen	((na)[P],(spoor)[V])[V]
nasporing	(((na)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
nastaren	((na)[P],(staar)[V])[V]
nastoot	((na)[P],(stoot)[N])[N]
nastreven	((na)[P],(streef)[V])[V]
nastromen	((na)[P],(stroom)[V])[V]
nastuk	((na)[P],(stuk)[N])[N]
nasturen	((na)[P],(stuur)[V])[V]
nasukkelen	((na)[P],(sukkel)[V])[V]
nasynchronisatie	(((na)[P],((synchroon)[A],(iseer)[V|A.])[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
nasynchroniseren	((na)[P],((synchroon)[A],(iseer)[V|A.])[V])[V]
nat	(nat)[N]
natachtig	((nat)[A],(achtig)[A|A.])[A]
natafelen	((na)[P],(tafel)[V])[V]
nataliteit	((nataal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
nateelt	((na)[P],(teelt)[N])[N]
natekenen	((na)[P],(teken)[V])[V]
natellen	((na)[P],(tel)[V])[V]
nathals	((nat)[A],(hals)[N])[N]
natheid	((nat)[A],(heid)[N|A.])[N]
natiebaas	((natie)[N],(baas)[N])[N]
natiepaard	((natie)[N],(paard)[N])[N]
natievlag	((natie)[N],(vlag)[N])[N]
natiewagen	((natie)[N],(wagen)[N])[N]
natijd	((na)[P],(tijd)[N])[N]
nationaal	((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A]
nationaal-socialisme	(((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialisme)[N])[N]
nationaal-socialist	(((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N]
nationaal-socialistisch	((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N],(isch)[A|N.])[A]
nationalisatie	((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
nationaliseren	(((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V]
nationalisering	((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
nationaliteit	(((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
nationaliteitsbeginsel	((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
nationaliteitsbewijs	((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(bewijs)[N])[N]
nationaliteitsgevoel	((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
natmaken	((nat)[A],(maak)[V])[V]
natrappen	((na)[P],(trap)[V])[V]
natregenen	((nat)[A],(regen)[V])[V]
natrekken	((na)[P],(trek)[V])[V]
natrekking	(((na)[P],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
natrekpapier	(((na)[P],(trek)[V])[V],(papier)[N])[N]
natrillen	((na)[P],(tril)[V])[V]
natrium	(natrium)[N]
natriumbicarbonaat	((natrium)[N],((bi)[N|.N],(carbonaat)[N])[N])[N]
natriumbromide	((natrium)[N],(bromide)[N])[N]
natriumcarbonaat	((natrium)[N],(carbonaat)[N])[N]
natriumchloride	((natrium)[N],(chloride)[N])[N]
natriumfluoride	((natrium)[N],(fluoride)[N])[N]
natriumgehalte	((natrium)[N],(gehalte)[N])[N]
natriumlamp	((natrium)[N],(lamp)[N])[N]
natriumsulfaat	((natrium)[N],(sulfaat)[N])[N]
natronloog	((natron)[N],(loog)[N])[N]
natronzout	((natron)[N],(zout)[N])[N]
natspuiten	((nat)[A],(spuit)[V])[V]
natten	(nat)[V]
nattig	((nat)[A],(ig)[A|A.])[A]
nattigheid	(((nat)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
naturalisatie	((naturaliseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
naturellenkwestie	((naturel)[N],(en)[N|N.N],(kwestie)[N])[N]
naturen	((na)[P],(tuur)[V])[V]
naturistencamping	((naturist)[N],(en)[N|N.N],(camping)[N])[N]
naturistenvereniging	((naturist)[N],(en)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
natuurazijn	((natuur)[N],(azijn)[N])[N]
natuurbad	((natuur)[N],(bad)[N])[N]
natuurbehoud	((natuur)[N],(behoud)[N])[N]
natuurbeschermer	((natuur)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
natuurbescherming	((natuur)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
natuurbeschermingsgebied	(((natuur)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(gebied)[N])[N]
natuurbeschermingsorganisatie	(((natuur)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
natuurbeschermster	((natuur)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ster)[N|NV.])[N]
natuurbeschrijving	((natuur)[N],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
natuurbos	((natuur)[N],(bos)[N])[N]
natuurboter	((natuur)[N],(boter)[N])[N]
natuurbouw	((natuur)[N],(bouw)[N])[N]
natuurconstante	((natuur)[N],(constante)[N])[N]
natuurdienst	((natuur)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
natuurdrift	((natuur)[N],(drift)[N])[N]
natuurfilm	((natuur)[N],(film)[N])[N]
natuurfilosofie	((natuur)[N],((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
natuurfilosofisch	((natuur)[N],(filosofisch)[A])[A]
natuurgebied	((natuur)[N],(gebied)[N])[N]
natuurgeneeskunde	((natuur)[N],((genees)[V],(kunde)[N])[N])[N]
natuurgeneeswijze	((natuur)[N],((genees)[V],(wijze)[N])[N])[N]
natuurgenezer	((natuur)[N],(genees)[V],(er)[N|NV.])[N]
natuurgetrouw	((natuur)[N],(getrouw)[A])[A]
natuurgevoel	((natuur)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
natuurgodsdienst	((natuur)[N],((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
natuurhistorisch	((natuur)[N],(historisch)[A])[A]
natuurkenner	((natuur)[N],(ken)[V],(er)[N|NV.])[N]
natuurkennis	((natuur)[N],(kennis)[N])[N]
natuurkind	((natuur)[N],(kind)[N])[N]
natuurkracht	((natuur)[N],(kracht)[N])[N]
natuurkunde	((natuur)[N],(kunde)[N])[N]
natuurkundelokaal	(((natuur)[N],(kunde)[N])[N],(lokaal)[N])[N]
natuurkundig	(((natuur)[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
natuurlijk	((natuur)[N],(lijk)[A|N.])[A]
natuurlijkheid	(((natuur)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
natuurmens	((natuur)[N],(mens)[N])[N]
natuurmonument	((natuur)[N],(monument)[N])[N]
natuurnoodzakelijk	((natuur)[N],(((nood)[N],(zaak)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
natuuronderwijs	((natuur)[N],(onderwijs)[N])[N]
natuuronderzoek	((natuur)[N],(onderzoek)[N])[N]
natuuronderzoeker	((natuur)[N],((onder)[P],(zoek)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
natuurproduct	((natuur)[N],(product)[N])[N]
natuurramp	((natuur)[N],(ramp)[N])[N]
natuurrecht	((natuur)[N],(recht)[N])[N]
natuurreservaat	((natuur)[N],((reserveer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
natuurrubber	((natuur)[N],(rubber)[N])[N]
natuurschoon	((natuur)[N],(schoon)[N])[N]
natuurstaat	((natuur)[N],(staat)[N])[N]
natuursteen	((natuur)[N],(steen)[N])[N]
natuurstudie	((natuur)[N],(studie)[N])[N]
natuurtalent	((natuur)[N],(talent)[N])[N]
natuurverschijnsel	((natuur)[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
natuurvoeding	((natuur)[N],((voed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
natuurvoedingswinkel	(((natuur)[N],((voed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
natuurvolk	((natuur)[N],(volk)[N])[N]
natuurvorser	((natuur)[N],(vors)[V],(er)[N|NV.])[N]
natuurvriend	((natuur)[N],(vriend)[N])[N]
natuurwerking	((natuur)[N],((werk)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
natuurwet	((natuur)[N],(wet)[N])[N]
natuurwetenschap	((natuur)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
natuurwol	((natuur)[N],(wol)[N])[N]
natuurwonder	((natuur)[N],(wonder)[N])[N]
natuurzij	((natuur)[N],(zij)[N])[N]
natuurzijde	((natuur)[N],(zijde)[N])[N]
nautiek	((nautisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
nauw	(nauw)[N]
nauwgezet	((nauw)[A],(gezet)[A])[A]
nauwgezetheid	(((nauw)[A],(gezet)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
nauwheid	((nauw)[A],(heid)[N|A.])[N]
nauwkeurigheid	((nauwkeurig)[A],(heid)[N|A.])[N]
nauwlettend	((nauw)[A],(let)[V],(end)[A|AV.])[A]
nauwlettendheid	(((nauw)[A],(let)[V],(end)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
nauwnemend	((nauw)[A],(neem)[V],(end)[A|AV.])[A]
nauwsluitend	((nauw)[A],(sluit)[V],(end)[A|AV.])[A]
nauwte	((nauw)[A],(te)[N|A.])[N]
nauwziend	((nauw)[A],(ziend)[V])[A]
navel	(navel)[N]
navelappel	((navel)[N],(appel)[N])[N]
navelband	((navel)[N],(band)[N])[N]
navelbreuk	((navel)[N],(breuk)[N])[N]
navelholte	((navel)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
navelhoogte	((navel)[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
navelkijkerij	((navel)[N],(kijk)[V],(erij)[N|NV.])[N]
navelsinaasappel	((navel)[N],(sinaasappel)[N])[N]
navelstaarder	(((navel)[N],(staar)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
navelstaarderij	(((navel)[N],(staar)[V])[V],(derij)[N|V.])[N]
navelstaren	((navel)[N],(staar)[V])[V]
navelstreek	((navel)[N],(streek)[N])[N]
navelstreng	((navel)[N],(streng)[N])[N]
naverbrander	((na)[A],((ver)[V|.V],(brand)[V])[V],(er)[N|AV.])[N]
navertellen	((na)[P],((ver)[V|.V],(tel)[V])[V])[V]
naverwant	((na)[P],(verwant)[N])[N]
naverwante	(((na)[P],(verwant)[A])[A],(e)[N|A.])[N]
naverwantschap	(((na)[P],(verwant)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
navigabel	((navigeer)[V],(abel)[A|V.])[A]
navigatie	((navigeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
navigatie-instrument	(((navigeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(instrument)[N])[N]
navigatieapparatuur	(((navigeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
navigatiebrug	(((navigeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(brug)[N])[N]
navigatiehut	(((navigeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(hut)[N])[N]
navigatielicht	(((navigeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(licht)[N])[N]
navigatieprobleem	(((navigeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(probleem)[N])[N]
navigator	((navigeer)[V],(ator)[N|V.])[N]
navloeien	((na)[P],(vloei)[V])[V]
navlooien	((na)[P],(vlooi)[V])[V]
navoelbaar	(((na)[P],(voel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
navoelen	((na)[P],(voel)[V])[V]
navolgbaar	(((na)[P],(volg)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
navolgen	((na)[P],(volg)[V])[V]
navolgenswaard	(((na)[P],(volg)[V])[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
navolgenswaardig	((((na)[P],(volg)[V])[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A],(ig)[A|A.])[A]
navolger	(((na)[P],(volg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
navolging	(((na)[P],(volg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
navorderen	((na)[P],(vorder)[V])[V]
navordering	(((na)[P],(vorder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
navorsen	((na)[P],(vors)[V])[V]
navorser	(((na)[P],(vors)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
navorsing	(((na)[P],(vors)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
navraag	((na)[P],(vraag)[N])[N]
navragen	((na)[P],(vraag)[V])[V]
navullen	((na)[P],(vul)[V])[V]
nawee	((na)[P],(wee)[N])[N]
nawegen	((na)[P],(weeg)[V])[V]
nawerk	((na)[P],(werk)[N])[N]
nawerken	((na)[P],(werk)[V])[V]
nawerking	(((na)[P],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
nawerpen	((na)[P],(werp)[V])[V]
nawijzen	((na)[P],(wijs)[V])[V]
nawinter	((na)[P],(winter)[N])[N]
nawoord	((na)[P],(woord)[N])[N]
nawroeten	((na)[P],(wroet)[V])[V]
nawuiven	((na)[P],(wuif)[V])[V]
nazakken	((na)[P],(zak)[V])[V]
nazang	((na)[P],(zang)[N])[N]
nazeggen	((na)[P],(zeg)[V])[V]
nazeilen	((na)[P],(zeil)[V])[V]
nazenden	((na)[P],(zend)[V])[V]
nazetten	((na)[P],(zet)[V])[V]
nazi	((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N]
nazi-Europa	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],(Europa)[N])[N]
nazi-beest	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],(beest)[N])[N]
nazi-bewind	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],(bewind)[N])[N]
nazi-concentratiekamp	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],(((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kamp)[N])[N])[N]
nazi-dictatuur	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],((dicteer)[V],(atuur)[N|V.])[N])[N]
nazi-diplomaat	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],(diplomaat)[N])[N]
nazi-gespuis	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],(gespuis)[N])[N]
nazi-gezind	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],(gezind)[A])[A]
nazi-hymne	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],(hymne)[N])[N]
nazi-krant	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],(krant)[N])[N]
nazi-kring	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],(kring)[N])[N]
nazi-misdadiger	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],(misdadiger)[N])[N]
nazi-oorlogsmisdadiger	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(misdadiger)[N])[N])[N]
nazi-partij	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],(partij)[N])[N]
nazi-propaganda	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],(propaganda)[N])[N]
nazi-regime	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],(regime)[N])[N]
nazi-systeem	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],(systeem)[N])[N]
nazi-terreur	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],(terreur)[N])[N]
nazi-tijd	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],(tijd)[N])[N]
nazi-troep	(((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N],(troep)[N])[N]
nazichtwissel	((na)[P],(zicht)[N],(wissel)[N])[N]
nazien	((na)[P],(zie)[V])[V]
nazin	((na)[P],(zin)[N])[N]
nazingen	((na)[P],(zing)[V])[V]
nazitten	((na)[P],(zit)[V])[V]
nazoeken	((na)[P],(zoek)[V])[V]
nazomer	((na)[P],(zomer)[N])[N]
nazorg	((na)[P],(zorg)[N])[N]
nazorgteam	(((na)[P],(zorg)[N])[N],(team)[N])[N]
nazwaaien	((na)[P],(zwaai)[V])[V]
nazweren	((na)[P],(zweer)[V])[V]
nazwerm	((na)[P],(zwerm)[N])[N]
naïefheid	((naïef)[A],(heid)[N|A.])[N]
naïeveling	((naïef)[A],(eling)[N|A.])[N]
naïveteit	((naïef)[A],(eteit)[N|A.])[N]
naïviteit	((naïef)[A],(iteit)[N|A.])[N]
neb	(neb)[N]
nebbeling	((neb)[N],(eling)[N|N.])[N]
necrofilie	((necrofiel)[A],(ie)[N|A.])[N]
necrologie	((necrologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
necrotisch	((necrose)[N],(isch)[A|N.])[A]
nederdalen	((neder)[B],(daal)[V])[V]
nederigheid	((nederig)[A],(heid)[N|A.])[N]
nederwaarts	((neder)[B],(waarts)[A|B.])[A]
nederzetten	((neder)[B],(zet)[V])[V]
nederzetting	(((neder)[B],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
nee	(nee)[N]
neef	(neef)[N]
neefschap	((neef)[N],(schap)[N|N.])[N]
neembaar	((neem)[V],(baar)[A|V.])[A]
neen	(neen)[N]
neep	(neep)[N]
neepjesmuts	((neep)[N],(s)[N|N.N],(muts)[N])[N]
neer	(neer)[N]
neerbliksemen	((neer)[B],(bliksem)[V])[V]
neerbuigen	((neer)[B],(buig)[V])[V]
neerdalen	((neer)[B],(daal)[V])[V]
neerdaling	(((neer)[B],(daal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
neerdoen	((neer)[B],(doe)[V])[V]
neerdompelen	((neer)[B],(dompel)[V])[V]
neerdonderen	((neer)[B],(donder)[V])[V]
neerdrukken	((neer)[B],(druk)[V])[V]
neerduwen	((neer)[B],(duw)[V])[V]
neerdwarrelen	((neer)[B],(dwarrel)[V])[V]
neergaan	((neer)[B],(ga)[V])[V]
neergang	((neer)[B],(gang)[N])[N]
neergooien	((neer)[B],(gooi)[V])[V]
neerhaal	((neer)[B],(haal)[N])[N]
neerhalen	((neer)[B],(haal)[V])[V]
neerhangen	((neer)[B],(hang)[V])[V]
neerhof	((neer)[B],(hof)[N])[N]
neerhofdier	(((neer)[B],(hof)[N])[N],(dier)[N])[N]
neerhurken	((neer)[B],(hurk)[V])[V]
neerkijken	((neer)[B],(kijk)[V])[V]
neerkladden	((neer)[B],(klad)[V])[V]
neerkletteren	((neer)[B],(kletter)[V])[V]
neerklimmen	((neer)[B],(klim)[V])[V]
neerknallen	((neer)[B],(knal)[V])[V]
neerknielen	((neer)[B],(kniel)[V])[V]
neerkomen	((neer)[B],(kom)[V])[V]
neerkrabbelen	((neer)[B],(krabbel)[V])[V]
neerkwakken	((neer)[B],(kwak)[V])[V]
neerlaten	((neer)[B],(laat)[V])[V]
neerleggen	((neer)[B],(leg)[V])[V]
neerlegging	(((neer)[B],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
neerliggen	((neer)[B],(lig)[V])[V]
neerlopen	((neer)[B],(loop)[V])[V]
neerpennen	((neer)[B],(pen)[V])[V]
neerplenzen	((neer)[B],(plens)[V])[V]
neerpletsen	((neer)[B],(plets)[V])[V]
neerploffen	((neer)[B],(plof)[V])[V]
neerpoten	((neer)[B],(poot)[V])[V]
neerrollen	((neer)[B],(rol)[V])[V]
neersabelen	((neer)[B],(sabel)[V])[V]
neerschieten	((neer)[B],(schiet)[V])[V]
neerschijnen	((neer)[B],(schijn)[V])[V]
neerschrijven	((neer)[B],(schrijf)[V])[V]
neerschuiven	((neer)[B],(schuif)[V])[V]
neersijpelen	((neer)[B],(sijpel)[V])[V]
neerslaan	((neer)[B],(sla)[V])[V]
neerslachtigheid	((neerslachtig)[A],(heid)[N|A.])[N]
neerslag	((neer)[B],(slag)[N])[N]
neerslaggebied	(((neer)[B],(slag)[N])[N],(gebied)[N])[N]
neerslagvlaag	(((neer)[B],(slag)[N])[N],(vlaag)[N])[N]
neerslagzone	(((neer)[B],(slag)[N])[N],(zone)[N])[N]
neersmakken	((neer)[B],(smak)[V])[V]
neersmijten	((neer)[B],(smijt)[V])[V]
neersteken	((neer)[B],(steek)[V])[V]
neerstorten	((neer)[B],(stort)[V])[V]
neerstoten	((neer)[B],(stoot)[V])[V]
neerstrijken	((neer)[B],(strijk)[V])[V]
neerstromen	((neer)[B],(stroom)[V])[V]
neerstroming	(((neer)[B],(stroom)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
neerstrooien	((neer)[B],(strooi)[V])[V]
neertellen	((neer)[B],(tel)[V])[V]
neertrappen	((neer)[B],(trap)[V])[V]
neertrekken	((neer)[B],(trek)[V])[V]
neervallen	((neer)[B],(val)[V])[V]
neervellen	((neer)[B],(vel)[V])[V]
neervlijen	((neer)[B],(vlij)[V])[V]
neerwaarts	((neer)[B],(waarts)[A|B.])[A]
neerwerpen	((neer)[B],(werp)[V])[V]
neerzakken	((neer)[B],(zak)[V])[V]
neerzetten	((neer)[B],(zet)[V])[V]
neerzien	((neer)[B],(zie)[V])[V]
neerzijgen	((neer)[B],(zijg)[V])[V]
neerzinken	((neer)[B],(zink)[V])[V]
neerzitten	((neer)[B],(zit)[V])[V]
neet	(neet)[N]
neetorig	((neetoor)[N],(ig)[A|N.])[A]
neg	(neg)[N]
negatie	((negeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
negatief	(((negeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
negatiefdruk	((negatief)[N],(druk)[N])[N]
negativistisch	((negativist)[N],(isch)[A|N.])[A]
negen	(negen)[Q]
negenbladig	((negen)[Q],(blad)[N],(ig)[A|QN.])[A]
negendaags	((negen)[Q],(dag)[N],(s)[A|QN.])[A]
negenduizend	((negen)[Q],(duizend)[Q])[Q]
negenendertig	((negen)[Q],(en)[C],((drie)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q]
negenentwintig	((negen)[Q],(en)[C],((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q]
negenentwintigduizend	(((negen)[Q],(en)[C],((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q]
negenhoek	((negen)[Q],(hoek)[N])[N]
negenhoekig	((negen)[Q],(hoek)[N],(ig)[A|QN.])[A]
negenhonderd	((negen)[Q],(honderd)[Q])[Q]
negenhonderdduizend	((((negen)[Q],(honderd)[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
negenjarig	((negen)[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
negenmaal	((negen)[Q],(maal)[N])[B]
negenmaands	((negen)[Q],(maand)[N],(s)[A|QN.])[A]
negenoog	((negen)[Q],(oog)[N])[N]
negenponder	((negen)[Q],(pond)[N],(er)[N|QN.])[N]
negenproef	((negen)[Q],(proef)[N])[N]
negenpunt	((negen)[Q],(punt)[N])[N]
negenpuntscirkel	(((negen)[Q],(punt)[N])[N],(s)[N|N.N],(cirkel)[N])[N]
negenrest	((negen)[Q],(rest)[N])[N]
negental	((negen)[Q],(tal)[N])[N]
negentallig	((negen)[Q],(tal)[N],(ig)[A|QN.])[A]
negentien	((negen)[Q],(tien)[Q])[Q]
negentiende-eeuwer	((((negen)[Q],(tien)[Q])[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(eeuw)[N],(er)[N|QN.])[N]
negentiende-eeuws	((((negen)[Q],(tien)[Q])[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(eeuw)[N],(s)[A|QN.])[A]
negentienduizend	(((negen)[Q],(tien)[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q]
negentienhonderd	(((negen)[Q],(tien)[Q])[Q],(honderd)[Q])[Q]
negentienjarig	(((negen)[Q],(tien)[Q])[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
negentig	((negen)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q]
negentigduizend	(((negen)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(duizend)[Q])[Q]
negentiger	(((negen)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(er)[N|Q.])[N]
negentigjarig	(((negen)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
negentigtal	(((negen)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(tal)[N])[N]
negenurig	((negen)[Q],(uur)[N],(ig)[A|QN.])[A]
negenvlak	((negen)[Q],(vlak)[N])[N]
negenvoudig	((negenvoud)[N],(ig)[A|N.])[A]
negenweker	((negen)[Q],(week)[N],(er)[N|QN.])[N]
negenzijdig	((negen)[Q],(zijde)[N],(ig)[A|QN.])[A]
neger	(neger)[N]
negerbevolking	((neger)[N],(((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
negerdans	((neger)[N],(dans)[N])[N]
negeren	(negeer)[V]
negeren	(neger)[V]
negerhut	((neger)[N],(hut)[N])[N]
negerin	((neger)[N],(in)[N|N.])[N]
negering	((negeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
negermop	((neger)[N],(mop)[N])[N]
negermuziek	((neger)[N],(muziek)[N])[N]
negerprobleem	((neger)[N],(probleem)[N])[N]
negerras	((neger)[N],(ras)[N])[N]
negerslaaf	((neger)[N],(slaaf)[N])[N]
negerstaat	((neger)[N],(staat)[N])[N]
negervraagstuk	((neger)[N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
negerwijk	((neger)[N],(wijk)[N])[N]
negerzanger	((neger)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
negerzangeres	((neger)[N],(((zing)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N])[N]
negerzoen	((neger)[N],(zoen)[N])[N]
negge	(negge)[N]
neggenlat	((negge)[N],(lat)[N])[N]
negligent	((negligeer)[V],(ent)[A|V.])[A]
negligentie	((negligeer)[V],(entie)[N|V.])[N]
negligé	(negligé)[N]
negotiepenning	((negotie)[N],(penning)[N])[N]
negritisch	((negrito)[N],(isch)[A|N.])[A]
neigen	(neig)[V]
neiging	((neig)[V],(ing)[N|V.])[N]
nek	(nek)[N]
nekbuil	((nek)[N],(buil)[N])[N]
nekhaar	((nek)[N],(haar)[N])[N]
nekken	(nek)[V]
nekkramp	((nek)[N],(kramp)[N])[N]
nekrol	((nek)[N],(rol)[N])[N]
nekschot	((nek)[N],(schot)[N])[N]
nekslag	((nek)[N],(slag)[N])[N]
nekspier	((nek)[N],(spier)[N])[N]
nekstijfheid	((nek)[N],((stijf)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
nekstuk	((nek)[N],(stuk)[N])[N]
nekvel	((nek)[N],(vel)[N])[N]
nel	(nel)[N]
nemen	(neem)[V]
nemer	((neem)[V],(er)[N|V.])[N]
neming	((neem)[V],(ing)[N|V.])[N]
nenia	(nenia)[N]
neobarok	((neo)[N|.N],(barok)[N])[N]
neocalvinisme	((neo)[N|.N],(calvinisme)[N])[N]
neoclassicisme	((neo)[N|.N],(classicisme)[N])[N]
neocorporatisme	((neo)[N|.N],(corporatisme)[N])[N]
neodarwinisme	((neo)[N|.N],(darwinisme)[N])[N]
neofascisme	((neo)[N|.N],(fascisme)[N])[N]
neofascist	((neo)[N|.N],(fascist)[N])[N]
neofiguratief	((neo)[A|.A],((((figuur)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
neogotiek	((neo)[N|.N],((gotisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
neogotisch	((neo)[A|.A],(gotisch)[A])[A]
neografie	((neo)[N|.N],((grafisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
neohumanisme	((neo)[N|.N],(humanisme)[N])[N]
neokantianisme	((neo)[N|.N],(kantianisme)[N])[N]
neokapitalisme	((neo)[N|.N],(kapitalisme)[N])[N]
neoklassiek	((neo)[A|.A],(klassiek)[A])[A]
neokolonialisme	((neo)[N|.N],(kolonialisme)[N])[N]
neoliberaal	((neo)[N|.N],(liberaal)[N])[N]
neolithisch	((Neolithicum)[N],(isch)[A|N.])[A]
neomalthusianisme	((neo)[N|.N],(malthusianisme)[N])[N]
neomarxisme	((neo)[N|.N],(marxisme)[N])[N]
neomarxist	((neo)[N|.N],(marxist)[N])[N]
neonazi	((neo)[N|.N],((((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A],(socialist)[N])[N])[N])[N]
neonazisme	((neo)[N|.N],(nazisme)[N])[N]
neonbak	((neon)[N],(bak)[N])[N]
neonbuis	((neon)[N],(buis)[N])[N]
neonlamp	((neon)[N],(lamp)[N])[N]
neonlicht	((neon)[N],(licht)[N])[N]
neonreclame	((neon)[N],(reclame)[N])[N]
neonverlichting	((neon)[N],(((ver)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
neoplasma	((neo)[N|.N],(plasma)[N])[N]
neoplastisch	(((neo)[N|.N],(plasma)[N])[N],(isch)[A|N.])[A]
neopositivisme	((neo)[N|.N],(positivisme)[N])[N]
neopositivist	((neo)[N|.N],(positivist)[N])[N]
neorealisme	((neo)[N|.N],(realisme)[N])[N]
neorenaissance	((neo)[N|.N],(renaissance)[N])[N]
neoromantiek	((neo)[N|.N],((romantisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
neoscholastiek	((neo)[N|.N],((scholastisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
neostijl	((neo)[N|.N],(stijl)[N])[N]
neotenie	((neoteen)[A],(ie)[N|A.])[N]
neothomisme	((neo)[N|.N],(thomisme)[N])[N]
nep	(nep)[N]
neppen	(nep)[V]
nepper	((nep)[V],(er)[N|V.])[N]
neptunuspost	((Neptunus)[N],(post)[N])[N]
neptunusvork	((Neptunus)[N],(vork)[N])[N]
nepzaak	((nep)[V],(zaak)[N])[N]
nerf	(nerf)[N]
neringdoende	((nering)[N],(doend)[V],(e)[N|NV.])[N]
neringdoener	((nering)[N],(doen)[N],(er)[N|NN.])[N]
neringziek	((nering)[N],(ziek)[A])[A]
nerts	(nerts)[N]
nertsmantel	((nerts)[N],(mantel)[N])[N]
nervaal	((nerf)[N],(aal)[A|N.])[A]
nerveusheid	((nerveus)[A],(heid)[N|A.])[N]
nervig	((nerf)[N],(ig)[A|N.])[A]
nervositeit	((nerveus)[A],(iteit)[N|A.])[N]
nes	(nes)[N]
nest	(nest)[N]
nestbeschermer	((nest)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
nestblijver	((nest)[N],(blijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
nestbromelia	((nest)[N],(bromelia)[N])[N]
nestei	((nest)[N],(ei)[N])[N]
nesteldrift	((nestel)[V],(drift)[N])[N]
nestelgat	((nestel)[N],(gat)[N])[N]
nesteling	((nestel)[V],(ing)[N|V.])[N]
nesteling	((nest)[N],(eling)[N|N.])[N]
nestellakei	((nestel)[N],(lakei)[N])[N]
nesterig	((nest)[N],(erig)[A|N.])[A]
nesterij	((nest)[N],(erij)[N|N.])[N]
nesthaar	((nest)[N],(haar)[N])[N]
nestholte	((nest)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
nestigheid	((nestig)[A],(heid)[N|A.])[N]
nestkastje	((nest)[N],(kast)[N])[N]
nestkeus	((nest)[N],(keus)[N])[N]
nestkeuze	((nest)[N],(keuze)[N])[N]
nestkleed	((nest)[N],(kleed)[N])[N]
nestkorf	((nest)[N],(korf)[N])[N]
nestkuiken	((nest)[N],(kuiken)[N])[N]
nestmateriaal	((nest)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
nestparasiet	((nest)[N],(parasiet)[N])[N]
nestplaats	((nest)[N],(plaats)[N])[N]
nestschaal	((nest)[N],(schaal)[N])[N]
nestvaren	((nest)[N],(varen)[N])[N]
nestveren	((nest)[N],(veer)[N])[N]
nestvlieder	((nest)[N],(vlied)[V],(er)[N|NV.])[N]
nestvlooien	((nest)[N],(vlo)[N])[N]
nestwarmte	((nest)[N],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
nestzitter	((nest)[N],(zit)[V],(er)[N|NV.])[N]
net	(net)[N]
netaderig	((net)[N],((ader)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
netband	((net)[A],(band)[N])[N]
netbreuk	((net)[N],(breuk)[N])[N]
netdraad	((net)[A],(draad)[N])[N]
netel	(netel)[N]
netelachtigen	((netel)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
netelcel	((netel)[N],(cel)[N])[N]
neteldier	((netel)[N],(dier)[N])[N]
neteldoek	((netel)[N],(doek)[N])[N]
neteldoeks	(((netel)[N],(doek)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
netelen	(netel)[V]
netelhennep	((netel)[N],(hennep)[N])[N]
neteligheid	((netelig)[A],(heid)[N|A.])[N]
netelkoorts	((netel)[N],(koorts)[N])[N]
netelorgaan	((netel)[N],(orgaan)[N])[N]
netelplant	((netel)[N],(plant)[N])[N]
netelroos	((netel)[V],(roos)[N])[N]
netenkam	((neet)[N],(en)[N|N.N],(kam)[N])[N]
netenkop	((neet)[N],(en)[N|N.N],(kop)[N])[N]
netfilter	((net)[N],(filter)[N])[N]
netfrequentie	((net)[N],((frequent)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
netgaren	((net)[N],(garen)[N])[N]
netheid	((net)[A],(heid)[N|A.])[N]
netkaart	((net)[N],(kaart)[N])[N]
netkous	((net)[N],(kous)[N])[N]
netmaag	((net)[N],(maag)[N])[N]
netnummer	((net)[N],(nummer)[N])[N]
netpaal	((net)[N],(paal)[N])[N]
netpositie	((net)[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
netpython	((net)[N],(python)[N])[N]
netrechter	((net)[N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
netruim	((net)[N],(ruim)[N])[N]
netschakelaar	((net)[N],((schakel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
netschrift	((net)[A],(schrift)[N])[N]
netservice	((net)[N],(service)[N])[N]
netspanning	((net)[N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
netspel	((net)[N],(spel)[N])[N]
netstok	((net)[N],(stok)[N])[N]
netstroom	((net)[N],(stroom)[N])[N]
netten	(net)[V]
nettenboeter	((net)[N],(en)[N|N.Vx],(boet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
nettenboetster	((net)[N],(en)[N|N.Vx],(boet)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
nettenknoopster	((net)[N],(en)[N|N.Vx],(knoop)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
nettenknoper	((net)[N],(en)[N|N.Vx],(knoop)[V],(er)[N|NxV.])[N]
nettenmaakster	((net)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
nettenmaker	((net)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
nettigheid	((net)[A],(igheid)[N|A.])[N]
netto	(netto)[A]
netto-effect	((netto)[N|.N],(effect)[N])[N]
netto-importeur	((netto)[N|.N],(((import)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
netto-inkomen	((netto)[N|.N],(inkomen)[N])[N]
netto-inkomst	((netto)[N|.N],(((in)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
netto-nettokoppeling	((netto)[A],(netto)[A],((koppel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
netto-omzet	((netto)[N|.N],(omzet)[N])[N]
netto-opbrengst	((netto)[A],(((op)[P],(breng)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
nettobedrag	((netto)[A],(bedrag)[N])[N]
nettogewicht	((netto)[A],(gewicht)[N])[N]
nettoloon	((netto)[A],(loon)[N])[N]
nettominimumloon	((netto)[N|.N],((minimum)[N],(loon)[N])[N])[N]
nettoresultaat	((netto)[N|.N],((resulteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
nettosalaris	((netto)[A],(salaris)[N])[N]
nettotarra	((netto)[A],(tarra)[N])[N]
nettotonnage	((netto)[A],((ton)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
nettowinst	((netto)[A],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
netversperring	((net)[N],(((ver)[V|.V],(sper)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
netvleugelig	((net)[N],(vleugel)[N],(ig)[A|NN.])[A]
netvlies	((net)[N],(vlies)[N])[N]
netvliesloslating	(((net)[N],(vlies)[N])[N],((los)[A],(laat)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
netvliesontsteking	(((net)[N],(vlies)[N])[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
netvoeding	((net)[N],((voed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
netvork	((net)[N],(vork)[N])[N]
netvormig	((net)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
netwerk	((net)[N],(werk)[N])[N]
netwerkstructuur	(((net)[N],(werk)[N])[N],(structuur)[N])[N]
neuken	(neuk)[V]
neuker	((neuk)[V],(er)[N|V.])[N]
neukerig	((neuk)[V],(erig)[A|V.])[A]
neukpartij	((neuk)[V],(partij)[N])[N]
neuralgie	((neuralgisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
neurasthenie	((neurasthenisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
neuriën	(neurie)[V]
neurobiologie	((neuro)[N|.N],((biologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
neurochirurg	((neuro)[N|.N],(chirurg)[N])[N]
neurochirurgie	((neuro)[N|.N],((chirurgisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
neurochirurgisch	(((neuro)[N|.N],(chirurg)[N])[N],(isch)[A|N.])[A]
neurocybernetica	((neuro)[N|.N],(cybernetica)[N])[N]
neurofysiologie	((neuro)[N|.N],((fysiologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
neurologie	((neurologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
neuronaal	((neuron)[N],(aal)[A|N.])[A]
neuropathologie	((neuro)[N|.N],((pathologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
neuropsychologie	((neuro)[N|.N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
neurosekliniek	((neurose)[N],((klinisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
neuroseleer	((neurose)[N],(en)[N|N.N],(leer)[N])[N]
neurotisch	((neurose)[N],(isch)[A|N.])[A]
neurotiseren	((neurose)[N],(iseer)[V|N.])[V]
neurotisering	(((neurose)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
neurotoxine	((neuro)[N|.N],(toxine)[N])[N]
neurotransmitter	((neuro)[N|.N],(transmitter)[N])[N]
neus	(neus)[N]
neus-keelholte	((neus)[N],((keel)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N])[N]
neusademhaling	((neus)[N],(((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
neusamandel	((neus)[N],(amandel)[N])[N]
neusarts	((neus)[N],(arts)[N])[N]
neusbeen	((neus)[N],(been)[N])[N]
neusbloeding	((neus)[N],(bloed)[V],(ing)[N|NV.])[N]
neuscatarre	((neus)[N],(catarre)[N])[N]
neusdier	((neus)[N],(dier)[N])[N]
neusdoek	((neus)[N],(doek)[N])[N]
neusdruppels	((neus)[N],(druppel)[N])[N]
neusgang	((neus)[N],(gang)[N])[N]
neusgat	((neus)[N],(gat)[N])[N]
neusgeluid	((neus)[N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
neusgezwel	((neus)[N],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
neushaai	((neus)[N],(haai)[N])[N]
neushaar	((neus)[N],(haar)[N])[N]
neusholte	((neus)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
neushoorn	((neus)[N],(hoorn)[N])[N]
neushoornkever	(((neus)[N],(hoorn)[N])[N],(kever)[N])[N]
neushoornvogel	(((neus)[N],(hoorn)[N])[N],(vogel)[N])[N]
neushoren	((neus)[N],(horen)[N])[N]
neushorenkever	(((neus)[N],(horen)[N])[N],(kever)[N])[N]
neushorenvogel	(((neus)[N],(horen)[N])[N],(vogel)[N])[N]
neushorzel	((neus)[N],(horzel)[N])[N]
neuskegel	((neus)[N],(kegel)[N])[N]
neuskijker	((neus)[N],((kijk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
neusklank	((neus)[N],(klank)[N])[N]
neusklier	((neus)[N],(klier)[N])[N]
neusknijper	((neus)[N],(knijp)[V],(er)[N|NV.])[N]
neuskoepel	((neus)[N],(koepel)[N])[N]
neuskouter	((neus)[N],(kouter)[N])[N]
neuskus	((neus)[N],(kus)[N])[N]
neuslengte	((neus)[N],(lengte)[N])[N]
neuslijn	((neus)[N],(lijn)[N])[N]
neusnijper	((neus)[N],(nijp)[V],(er)[N|NV.])[N]
neuspeuteren	((neus)[N],(peuter)[V])[V]
neuspoliep	((neus)[N],(poliep)[N])[N]
neuspulker	((neus)[N],(pulk)[V],(er)[N|NV.])[N]
neuspulkster	((neus)[N],(pulk)[V],(ster)[N|NV.])[N]
neusriem	((neus)[N],(riem)[N])[N]
neusring	((neus)[N],(ring)[N])[N]
neusrug	((neus)[N],(rug)[N])[N]
neusschelp	((neus)[N],(schelp)[N])[N]
neusspiegel	((neus)[N],(spiegel)[N])[N]
neusspraak	((neus)[N],(spraak)[N])[N]
neusstem	((neus)[N],(stem)[N])[N]
neusstuk	((neus)[N],(stuk)[N])[N]
neustoon	((neus)[N],(toon)[N])[N]
neustussenschot	((neus)[N],((tussen)[P],(schot)[N])[N])[N]
neusverkouden	((neus)[N],(verkouden)[A])[A]
neusverkoudheid	((neus)[N],(verkoudheid)[N])[N]
neusvleugel	((neus)[N],(vleugel)[N])[N]
neusvlies	((neus)[N],(vlies)[N])[N]
neusvocht	((neus)[N],(vocht)[N])[N]
neusvol	((neus)[N],(vol)[A])[N]
neuswarmer	((neus)[N],(warm)[V],(er)[N|NV.])[N]
neuswijs	((neus)[N],(wijs)[A])[A]
neuswijsheid	(((neus)[N],(wijs)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
neuswortel	((neus)[N],(wortel)[N])[N]
neut	(neut)[N]
neutralen	((neutraal)[A],(e)[N|A.])[N]
neutralisatie	(((neutraal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
neutraliseren	((neutraal)[A],(iseer)[V|A.])[V]
neutralisering	(((neutraal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
neutraliteit	((neutraal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
neutraliteitsverklaring	(((neutraal)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
neutronenbom	((neutron)[N],(en)[N|N.N],(bom)[N])[N]
neutronenbundel	((neutron)[N],(en)[N|N.N],(bundel)[N])[N]
neutronenfysica	((neutron)[N],(en)[N|N.N],(fysica)[N])[N]
neutronengranaat	((neutron)[N],(en)[N|N.N],(granaat)[N])[N]
neutronenster	((neutron)[N],(en)[N|N.N],(ster)[N])[N]
neutronenstraal	((neutron)[N],(en)[N|N.N],(straal)[N])[N]
neuzelaar	((neuzel)[V],(aar)[N|V.])[N]
neuzen	(neus)[V]
nevel	(nevel)[N]
nevelachtig	((nevel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
nevelbank	((nevel)[N],(bank)[N])[N]
nevelbeeld	((nevel)[N],(beeld)[N])[N]
nevelblusser	((nevel)[N],((blus)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
nevelbom	((nevel)[N],(bom)[N])[N]
nevelen	(nevel)[V]
nevelfilter	((nevel)[N],(filter)[N])[N]
nevelgordijn	((nevel)[N],(gordijn)[N])[N]
nevelhypothese	((nevel)[N],(hypothese)[N])[N]
nevelig	((nevel)[N],(ig)[A|N.])[A]
neveligheid	(((nevel)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
nevelkamer	((nevel)[V],(kamer)[N])[N]
nevelkap	((nevel)[N],(kap)[N])[N]
nevelmaand	((nevel)[N],(maand)[N])[N]
nevelspuit	((nevel)[N],(spuit)[N])[N]
nevelsteen	((nevel)[N],(steen)[N])[N]
nevelster	((nevel)[N],(ster)[N])[N]
nevelvat	((nevel)[N],(vat)[N])[N]
nevelvlek	((nevel)[N],(vlek)[N])[N]
nevelvormer	((nevel)[N],(vorm)[V],(er)[N|NV.])[N]
nevelvorming	((nevel)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
nevendienst	((neven)[P],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
neveneffect	((neven)[P],(effect)[N])[N]
nevenfunctie	((neven)[P],(functie)[N])[N]
nevengeschikt	((neven)[P],(geschikt)[A])[A]
nevengesteente	((neven)[P],((ge)[N|.Nx],(steen)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
nevenhoek	((neven)[P],(hoek)[N])[N]
neveninkomsten	((neven)[P],(((in)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
nevenkamer	((neven)[P],(kamer)[N])[N]
nevenliggend	((neven)[P],(liggend)[A])[A]
nevenman	((neven)[P],(man)[N])[N]
nevenoplossing	((neven)[P],(((op)[P],(los)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nevenschikkend	((neven)[P],(schikkend)[V])[A]
nevenschikking	((neven)[P],(schik)[V],(ing)[N|PV.])[N]
nevenstaand	((neven)[P],(staand)[A])[A]
nevenwerkzaamheden	((neven)[P],(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
nicht	(nicht)[N]
nichtenbar	((nicht)[N],(en)[N|N.N],(bar)[N])[N]
nichtenkit	((nicht)[N],(en)[N|N.N],(kit)[N])[N]
nichtenrock	((nicht)[N],(en)[N|N.N],(rock)[N])[N]
nichterig	((nicht)[N],(erig)[A|N.])[A]
nicotinearm	((nicotine)[N],(arm)[A])[A]
nicotinevergiftiging	((nicotine)[N],(((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nicotinevlek	((nicotine)[N],(vlek)[N])[N]
nicotinevrij	((nicotine)[N],(vrij)[A])[A]
nicotinezuur	((nicotine)[N],(zuur)[N])[N]
nidatio	(nidatio)[N]
niemandsland	((niemand)[O],(s)[N|O.N],(land)[N])[N]
niemandsvriend	((niemand)[O],(s)[N|O.N],(vriend)[N])[N]
nier	(nier)[N]
nieraandoening	((nier)[N],(((aan)[P],(doe)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nierbed	((nier)[N],(bed)[N])[N]
nierbekken	((nier)[N],(bekken)[N])[N]
nierbekkenontsteking	(((nier)[N],(bekken)[N])[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
nierbeschadiging	((nier)[N],((beschadig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nierbrood	((nier)[N],(brood)[N])[N]
nierbuisje	((nier)[N],(buis)[N])[N]
nierdialyse	((nier)[N],(dialyse)[N])[N]
nierdrempel	((nier)[N],(drempel)[N])[N]
nierfunctie	((nier)[N],(functie)[N])[N]
niergordel	((nier)[N],(gordel)[N])[N]
niergruis	((nier)[N],(gruis)[N])[N]
nierinsufficiëntie	((nier)[N],(((in)[A|.A],(sufficiënt)[A])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
nierkanker	((nier)[N],(kanker)[N])[N]
nierkapsel	((nier)[N],((kap)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
nierkelk	((nier)[N],(kelk)[N])[N]
nierklacht	((nier)[N],(klacht)[N])[N]
nierkoliek	((nier)[N],(koliek)[N])[N]
nierkwaal	((nier)[N],(kwaal)[N])[N]
niermerg	((nier)[N],(merg)[N])[N]
nierontsteking	((nier)[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
nierpapil	((nier)[N],(papil)[N])[N]
nierpatiënt	((nier)[N],(patiënt)[N])[N]
nierprobleem	((nier)[N],(probleem)[N])[N]
nierschors	((nier)[N],(schors)[N])[N]
nierslagader	((nier)[N],((slag)[N],(ader)[N])[N])[N]
nierspecialist	((nier)[N],(specialist)[N])[N]
niersteen	((nier)[N],(steen)[N])[N]
niersteenkoliek	(((nier)[N],(steen)[N])[N],(koliek)[N])[N]
nierstoot	((nier)[N],(stoot)[N])[N]
nierstuk	((nier)[N],(stuk)[N])[N]
niertransplantatie	((nier)[N],(transplanteer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
niervergiftiging	((nier)[N],((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
niervet	((nier)[N],(vet)[N])[N]
niervormig	((nier)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
nierzand	((nier)[N],(zand)[N])[N]
nierziekte	((nier)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
nies	(nies)[N]
niesbui	((nies)[V],(bui)[N])[N]
niesen	(nies)[V]
nieskruid	((nies)[V],(kruid)[N])[N]
niespoeder	((nies)[V],(poeder)[N])[N]
niespoeier	((nies)[V],(poeier)[N])[N]
niesziekte	((nies)[V],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
niet	(niet)[N]
niet-aanvalsverdrag	((niet)[B],(aanval)[N],(s)[N|BN.N],(verdrag)[N])[N]
niet-ambtelijk	((niet)[A|.A],((ambt)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
niet-commercieel	((niet)[A|.A],((commercie)[N],(ieel)[A|N.])[A])[A]
niet-gebonden	((niet)[A|.A],(gebonden)[A])[A]
niet-geleider	((niet)[B],(((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
niet-ijzermetalen	((niet)[B],(ijzer)[N],(metaal)[N])[N]
niet-ingezetene	((niet)[N|.N],(ingezetene)[N])[N]
niet-inwonend	((niet)[A|.A],(inwonend)[A])[A]
niet-joodverklaring	((niet)[B],(jood)[N],(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
niet-nakomen	((niet)[B],(nakomen)[V])[N]
niet-nakoming	((niet)[B],((na)[P],(kom)[V])[V],(ing)[N|BV.])[N]
niet-officieel	((niet)[A|.A],((officie)[N],(ieel)[A|N.])[A])[A]
niet-ontvankelijk	((niet)[A|.A],((ontvang)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
niet-ontvankelijkheid	(((niet)[A|.A],((ontvang)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
niet-roken	((niet)[B],(roken)[V])[A]
niet-roker	((niet)[B],((rook)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
niet-verbindend	((niet)[B],(verbindend)[V])[A]
niet-zijn	((niet)[N],(zijn)[N])[N]
nietapparaat	((niet)[V],(apparaat)[N])[N]
nieteling	((niet)[B],(eling)[N|B.])[N]
nieten	(niet)[V]
nieter	((niet)[V],(er)[N|V.])[N]
niethamer	((niet)[V],(hamer)[N])[N]
nietigheid	((nietig)[A],(heid)[N|A.])[N]
nietigheidsactie	(((nietig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
nietigverklaring	((nietig)[A],(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nietmachine	((niet)[V],(machine)[N])[N]
nietpistool	((niet)[V],(pistool)[N])[N]
nietsbetekenend	((niets)[O],(betekenend)[V])[A]
nietsdoen	((niets)[B],(doen)[N])[N]
nietsdoener	((niets)[O],(doe)[V],(er)[N|OV.])[N]
nietsnut	((niets)[B],(nut)[N])[N]
nietsnutten	((niets)[B],(nut)[V])[V]
nietsnutter	(((niets)[B],(nut)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
nietsvermoedend	((niets)[B],(vermoed)[V],(end)[A|BV.])[A]
nietswaardig	((niets)[O],(waarde)[N],(ig)[A|ON.])[A]
nietszeggend	((niets)[B],(zeg)[V],(end)[A|BV.])[A]
nietszeggendheid	(((niets)[B],(zeg)[V],(end)[A|BV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
nieuw	(nieuw)[N]
nieuwbakken	((nieuw)[A],(gebakken)[V])[A]
nieuwbouw	((nieuw)[A],(bouw)[N])[N]
nieuwbouwhuis	(((nieuw)[A],(bouw)[N])[N],(huis)[N])[N]
nieuwbouwproject	(((nieuw)[A],(bouw)[N])[N],(project)[N])[N]
nieuwbouwstraat	(((nieuw)[A],(bouw)[N])[N],(straat)[N])[N]
nieuwbouwwijk	(((nieuw)[A],(bouw)[N])[N],(wijk)[N])[N]
nieuwbouwwoning	(((nieuw)[A],(bouw)[N])[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nieuweling	((nieuw)[A],(eling)[N|A.])[N]
nieuwelinge	(((nieuw)[A],(eling)[N|A.])[N],(e)[N|N.])[N]
nieuwemaan	((nieuw)[A],(e)[N|A.N],(maan)[N])[N]
nieuwgeboren	((nieuw)[A],(geboren)[A])[A]
nieuwgevormd	((nieuw)[A],(gevormd)[A])[A]
nieuwheid	((nieuw)[A],(heid)[N|A.])[N]
nieuwigheid	((nieuw)[A],(igheid)[N|A.])[N]
nieuwjaar	((nieuw)[A],(jaar)[N])[N]
nieuwjaarsbezoek	(((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(bezoek)[N])[N]
nieuwjaarsboodschap	(((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(boodschap)[N])[N]
nieuwjaarsbrief	(((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
nieuwjaarscadeau	(((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(cadeau)[N])[N]
nieuwjaarsconcert	(((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(concert)[N])[N]
nieuwjaarsdag	(((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
nieuwjaarsfooi	(((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(fooi)[N])[N]
nieuwjaarsgeschenk	(((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N])[N]
nieuwjaarsgroet	(((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(groet)[N])[N]
nieuwjaarskaart	(((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
nieuwjaarsmaand	(((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(maand)[N])[N]
nieuwjaarsmorgen	(((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(morgen)[N])[N]
nieuwjaarsnacht	(((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(nacht)[N])[N]
nieuwjaarsreceptie	(((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(receptie)[N])[N]
nieuwjaarsrekening	(((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nieuwjaarstoespraak	(((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],((toe)[B],(spraak)[N])[N])[N]
nieuwjaarsvisite	(((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(visite)[N])[N]
nieuwjaarswens	(((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(wens)[N])[N]
nieuwjaarwensen	(((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(wens)[V])[V]
nieuwjaarwenser	((((nieuw)[A],(jaar)[N])[N],(wens)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
nieuwkomer	((nieuw)[A],(kom)[V],(er)[N|AV.])[N]
nieuwkoop	((nieuw)[A],(koop)[N])[N]
nieuwlands	((nieuw)[A],(land)[N],(s)[A|AN.])[A]
nieuwlichter	((nieuw)[A],(licht)[N],(er)[N|AN.])[N]
nieuwmelks	((nieuw)[A],(melk)[N],(s)[A|AN.])[A]
nieuwmelkt	((nieuw)[A],(melk)[N],(t)[A|AN.])[A]
nieuwmodisch	((nieuw)[A],(mode)[N],(isch)[A|AN.])[A]
nieuwprijs	((nieuw)[A],(prijs)[N])[N]
nieuwsaanbod	((nieuws)[N],(aanbod)[N])[N]
nieuwsagentschap	((nieuws)[N],(((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
nieuwsaspect	((nieuws)[N],(aspect)[N])[N]
nieuwsbericht	((nieuws)[N],(bericht)[N])[N]
nieuwsblad	((nieuws)[N],(blad)[N])[N]
nieuwsbrief	((nieuws)[N],(brief)[N])[N]
nieuwsbron	((nieuws)[N],(bron)[N])[N]
nieuwsbulletin	((nieuws)[N],(bulletin)[N])[N]
nieuwsdienst	((nieuws)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
nieuwsfeit	((nieuws)[N],(feit)[N])[N]
nieuwsfilm	((nieuws)[N],(film)[N])[N]
nieuwsgaarder	((nieuws)[N],(gaar)[V],(der)[N|NV.])[N]
nieuwsgaring	((nieuws)[N],(gaar)[V],(ing)[N|NV.])[N]
nieuwsgeving	((nieuws)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
nieuwsgierig	((nieuws)[N],(gierig)[A])[A]
nieuwsgierigheid	(((nieuws)[N],(gierig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
nieuwshonger	((nieuws)[N],(honger)[N])[N]
nieuwsjager	((nieuws)[N],(jaag)[V],(er)[N|NV.])[N]
nieuwsjournaal	((nieuws)[N],(journaal)[N])[N]
nieuwslezer	((nieuws)[N],(lees)[V],(er)[N|NV.])[N]
nieuwspraak	((nieuw)[A],(spraak)[N])[N]
nieuwstijding	((nieuws)[N],(tijding)[N])[N]
nieuwsvoorziening	((nieuws)[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nieuwswaarde	((nieuws)[N],(waarde)[N])[N]
nieuwtestamentisch	((nieuw)[A],(testament)[N],(isch)[A|AN.])[A]
nieuwtjesjager	((nieuw)[N],(s)[N|N.Vx],(jaag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
nieuwvorming	((nieuw)[A],((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nieuwwaarde	((nieuw)[A],(waarde)[N])[N]
nieuwzilver	((nieuw)[A],(zilver)[N])[N]
niezen	(nies)[V]
nihil	(nihil)[X]
nihiliste	((nihilist)[N],(e)[N|N.])[N]
nihilistisch	((nihilist)[N],(isch)[A|N.])[A]
nijd	(nijd)[N]
nijdasserig	((nijdas)[N],(erig)[A|N.])[A]
nijdassig	((nijdas)[N],(ig)[A|N.])[A]
nijdig	((nijd)[N],(ig)[A|N.])[A]
nijdigaard	(((nijd)[N],(ig)[A|N.])[A],(aard)[N|A.])[N]
nijdigheid	(((nijd)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
nijgen	(nijg)[V]
nijging	((nijg)[V],(ing)[N|V.])[N]
nijlpaard	((Nijl)[N],(paard)[N])[N]
nijlreiger	((Nijl)[N],(reiger)[N])[N]
nijpen	(nijp)[V]
nijper	((nijp)[V],(er)[N|V.])[N]
nijptang	((nijp)[V],(tang)[N])[N]
nijpverhoor	((nijp)[V],(verhoor)[N])[N]
nijveraar	((nijver)[A],(aar)[N|A.])[N]
nijverheid	((nijver)[A],(heid)[N|A.])[N]
nijverheidsakte	(((nijver)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(akte)[N])[N]
nijverheidsberoep	(((nijver)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(beroep)[N])[N]
nijverheidsconsulent	(((nijver)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(consulent)[N])[N]
nijverheidsgewas	(((nijver)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
nijverheidsonderneming	(((nijver)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nijverheidsonderwijs	(((nijver)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(onderwijs)[N])[N]
nijverheidsproduct	(((nijver)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(product)[N])[N]
nijverheidsraad	(((nijver)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
nijverheidsschool	(((nijver)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
nijverheidssector	(((nijver)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(sector)[N])[N]
nijverig	((nijver)[A],(ig)[A|A.])[A]
nikkel	(nikkel)[N]
nikkelbad	((nikkel)[N],(bad)[N])[N]
nikkelblik	((nikkel)[N],(blik)[N])[N]
nikkeldraad	((nikkel)[N],(draad)[N])[N]
nikkelen	((nikkel)[N],(en)[A|N.])[A]
nikkelerts	((nikkel)[N],(erts)[N])[N]
nikkelhoudend	((nikkel)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
nikkelijzer	((nikkel)[N],(ijzer)[N])[N]
nikkelkies	((nikkel)[N],(kies)[N])[N]
nikkelkoper	((nikkel)[N],(koper)[N])[N]
nikkelmessing	((nikkel)[N],(messing)[N])[N]
nikkelstaal	((nikkel)[N],(staal)[N])[N]
nikkelstuk	((nikkel)[N],(stuk)[N])[N]
nikkeltje	(nikkel)[N]
nikkelzilver	((nikkel)[N],(zilver)[N])[N]
nikken	(nik)[V]
nikker	(nikker)[N]
niksen	(niks)[V]
niksje	(niks)[N]
niksnut	((niks)[B],(nut)[N])[N]
nimf	(nimf)[N]
nimfachtig	((nimf)[N],(achtig)[A|N.])[A]
nimfenstoet	((nimf)[N],(en)[N|N.N],(stoet)[N])[N]
nipa	(nipa)[N]
nipapalm	((nipa)[N],(palm)[N])[N]
nipje	(nip)[N]
nippel	(nippel)[N]
nippeldraad	((nippel)[N],(draad)[N])[N]
nippen	(nip)[V]
nipt	(nipt)[A]
nirvana	(nirvana)[N]
nirwana	(nirwana)[N]
nis	(nis)[N]
nisbus	((nis)[N],(bus)[N])[N]
nisdop	((nis)[N],(dop)[N])[N]
nitraat	((nitreer)[V],(aat)[N|V.])[N]
nitraatmeststof	(((nitreer)[V],(aat)[N|V.])[N],((mest)[V],(stof)[N])[N])[N]
nitraatreductie	(((nitreer)[V],(aat)[N|V.])[N],(reductie)[N])[N]
nitratie	(((nitreer)[V],(aat)[N|V.])[N],(ie)[N|N.])[N]
nitreerzuur	((nitreer)[V],(zuur)[N])[N]
nitroverbinding	((nitro)[N|.N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
niveau	(niveau)[N]
niveauverandering	((niveau)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
niveauverschil	((niveau)[N],(verschil)[N])[N]
niveauvlak	((niveau)[N],(vlak)[N])[N]
nivellering	((nivelleer)[V],(ing)[N|V.])[N]
nivelleringsproces	(((nivelleer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
nix	(nix)[N]
nixe	((nix)[N],(e)[N|N.])[N]
niëllo	(niëllo)[N]
nobel	(nobel)[A]
nobelheid	((nobel)[A],(heid)[N|A.])[N]
nobiliteit	((nobel)[A],(biliteit)[N|A.])[N]
nodeloos	((nood)[N],(eloos)[A|N.])[A]
noden	(nood)[V]
nodiger	((nodig)[V],(er)[N|V.])[N]
noedels	(noedel)[N]
noembaar	((noem)[V],(baar)[A|V.])[A]
noemen	(noem)[V]
noemenswaard	((noem)[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
noemenswaardig	(((noem)[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A],(ig)[A|A.])[A]
noen	(noen)[N]
noenmaal	((noen)[N],(maal)[N])[N]
noenslaap	((noen)[N],(slaap)[N])[N]
noenstond	((noen)[N],(stond)[N])[N]
noenuur	((noen)[N],(uur)[N])[N]
noenzaal	((noen)[N],(zaal)[N])[N]
noest	(noest)[N]
noesterig	((noest)[N],(erig)[A|N.])[A]
noestig	((noest)[N],(ig)[A|N.])[A]
noga	(noga)[N]
nogablok	((noga)[N],(blok)[N])[N]
nogakraam	((noga)[N],(kraam)[N])[N]
nogataart	((noga)[N],(taart)[N])[N]
nok	(nok)[N]
nokbalk	((nok)[N],(balk)[N])[N]
nokbint	((nok)[N],(bint)[N])[N]
nokken	(nok)[V]
nokkenas	((nok)[N],(en)[N|N.N],(as)[N])[N]
noklijn	((nok)[N],(lijn)[N])[N]
nokstok	((nok)[N],(stok)[N])[N]
nol	(nol)[N]
nomade	(nomade)[N]
nomadenleven	((nomade)[N],(en)[N|N.N],(leven)[N])[N]
nomadenstam	((nomade)[N],(en)[N|N.N],(stam)[N])[N]
nomadisch	((nomade)[N],(isch)[A|N.])[A]
nomen	(nomen)[N]
nominaal	((nomen)[N],(aal)[A|N.])[A]
nominalistisch	((nominalist)[N],(isch)[A|N.])[A]
nominatief	((nominatie)[N],(ief)[A|N.])[A]
non-actief	((non)[A|.A],((actie)[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
non-actief	((non)[N|.N],(actief)[N])[N]
non-activiteit	((non)[N|.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
non-activiteitsregeling	(((non)[N|.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
non-activiteitstraktement	(((non)[N|.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.N],((trakteer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
non-agressiepact	((non)[N|.NN],(agressie)[N],(pact)[N])[N]
non-combattant	((non)[N|.N],(combattant)[N])[N]
non-conform	((non)[A|.A],(conform)[A])[A]
non-conformisme	((non)[N|.N],(conformisme)[N])[N]
non-conformist	((non)[N|.N],(conformist)[N])[N]
non-ferrometaal	((non)[N|.xN],(ferro)[N|x.N],(metaal)[N])[N]
non-figuratief	((non)[A|.A],((((figuur)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
non-interventie	((non)[N|.N],(interventie)[N])[N]
non-profitsector	((non-profit)[A],(sector)[N])[N]
non-proliferatie	((non)[N|.N],(proliferatie)[N])[N]
non-proliferatieverdrag	(((non)[N|.N],(proliferatie)[N])[N],(verdrag)[N])[N]
non-stopprogramma	((non-stop)[A],(programma)[N])[N]
non-stopvlucht	((non-stop)[A],(vlucht)[N])[N]
non-verbaal	((non)[A|.A],((verbum)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
nonchalance	((nonchalant)[A],(nce)[N|A.])[N]
none	(none)[N]
nonnenconvent	((non)[N],(en)[N|N.N],(convent)[N])[N]
nonnenfortje	((non)[N],(en)[N|N.N],(fort)[N])[N]
nonnenkleed	((non)[N],(en)[N|N.N],(kleed)[N])[N]
nonnenklooster	((non)[N],(en)[N|N.N],(klooster)[N])[N]
nonnenkoor	((non)[N],(en)[N|N.N],(koor)[N])[N]
nonnenorde	((non)[N],(en)[N|N.N],(orde)[N])[N]
nonnenschool	((non)[N],(en)[N|N.N],(school)[N])[N]
nonnensluier	((non)[N],(en)[N|N.N],(sluier)[N])[N]
nonsens	(nonsens)[N]
nonsensgedicht	((nonsens)[N],((ge)[N|.N],(dicht)[N])[N])[N]
nonsenspoëzie	((nonsens)[N],(poëzie)[N])[N]
nonsensverhaal	((nonsens)[N],(verhaal)[N])[N]
nonvlinder	((non)[N],(vlinder)[N])[N]
nood	(nood)[N]
noodaansluiting	((nood)[N],(((aan)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
noodadres	((nood)[N],(adres)[N])[N]
noodaggregaat	((nood)[N],((aggregeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
noodanker	((nood)[N],(anker)[N])[N]
noodbrug	((nood)[N],(brug)[N])[N]
nooddoop	((nood)[N],(doop)[N])[N]
nooddrang	((nood)[N],(drang)[N])[N]
nooddruftig	((nooddruft)[N],(ig)[A|N.])[A]
nooddwang	((nood)[N],(dwang)[N])[N]
noodfonds	((nood)[N],(fonds)[N])[N]
noodgang	((nood)[N],(gang)[N])[N]
noodgebied	((nood)[N],(gebied)[N])[N]
noodgebouw	((nood)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
noodgeld	((nood)[N],(geld)[N])[N]
noodgeval	((nood)[N],(geval)[N])[N]
noodhaven	((nood)[N],(haven)[N])[N]
noodhulp	((nood)[N],(hulp)[N])[N]
noodinstallatie	((nood)[N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
noodjaar	((nood)[N],(jaar)[N])[N]
noodkachel	((nood)[N],(kachel)[N])[N]
noodkering	((nood)[N],((keer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
noodkerk	((nood)[N],(kerk)[N])[N]
noodklok	((nood)[N],(klok)[N])[N]
noodkrediet	((nood)[N],(krediet)[N])[N]
noodkreet	((nood)[N],(kreet)[N])[N]
noodkreetgedrag	(((nood)[N],(kreet)[N])[N],(gedrag)[N])[N]
noodlamp	((nood)[N],(lamp)[N])[N]
noodlanding	((nood)[N],((land)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
noodleiding	((nood)[N],((leid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
noodlijdend	((nood)[N],(lijd)[V],(end)[A|NV.])[A]
noodlot	((nood)[N],(lot)[N])[N]
noodlotsdrama	(((nood)[N],(lot)[N])[N],(s)[N|N.N],(drama)[N])[N]
noodlotssfeer	(((nood)[N],(lot)[N])[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
noodlotstijding	(((nood)[N],(lot)[N])[N],(s)[N|N.N],(tijding)[N])[N]
noodlotstragedie	(((nood)[N],(lot)[N])[N],(s)[N|N.N],(tragedie)[N])[N]
noodlottig	(((nood)[N],(lot)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
noodlottigheid	((((nood)[N],(lot)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
noodlotzwanger	(((nood)[N],(lot)[N])[N],(zwanger)[A])[A]
noodluik	((nood)[N],(luik)[N])[N]
noodmaatregel	((nood)[N],(maatregel)[N])[N]
noodmaterialen	((nood)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
noodmunt	((nood)[N],(munt)[N])[N]
noodoplossing	((nood)[N],(((op)[P],(los)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
noodpeil	((nood)[N],(peil)[N])[N]
noodplan	((nood)[N],(plan)[N])[N]
noodrantsoen	((nood)[N],(rantsoen)[N])[N]
noodrecht	((nood)[N],(recht)[N])[N]
noodrem	((nood)[N],(rem)[N])[N]
noodreparatie	((nood)[N],((repareer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
noodrijm	((nood)[N],(rijm)[N])[N]
noodroer	((nood)[N],(roer)[N])[N]
noodschool	((nood)[N],(school)[N])[N]
noodschot	((nood)[N],(schot)[N])[N]
noodsein	((nood)[N],(sein)[N])[N]
noodsignaal	((nood)[N],(signaal)[N])[N]
noodsituatie	((nood)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
noodslachting	((nood)[N],((slacht)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
noodsprong	((nood)[N],(sprong)[N])[N]
noodstal	((nood)[N],(stal)[N])[N]
noodstop	((nood)[N],(stop)[N])[N]
noodteken	((nood)[N],(teken)[N])[N]
noodtij	((nood)[N],(tij)[N])[N]
noodtoestand	((nood)[N],(toestand)[N])[N]
nooduitgang	((nood)[N],((uit)[P],(gang)[N])[N])[N]
noodvaart	((nood)[N],(vaart)[N])[N]
noodverband	((nood)[N],(verband)[N])[N]
noodverkoop	((nood)[N],(verkoop)[N])[N]
noodverlichting	((nood)[N],(((ver)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
noodvoorziening	((nood)[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
noodvulling	((nood)[N],((vul)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
noodweer	((nood)[N],(weer)[N])[N]
noodwendigheid	((noodwendig)[A],(heid)[N|A.])[N]
noodwet	((nood)[N],(wet)[N])[N]
noodwetgeving	((nood)[N],((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
noodwinkel	((nood)[N],(winkel)[N])[N]
noodwoning	((nood)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
noodzaak	((nood)[N],(zaak)[N])[N]
noodzakelijk	(((nood)[N],(zaak)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
noodzakelijkheid	((((nood)[N],(zaak)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
noodzender	((nood)[N],((zend)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
noord	(noord)[N]
noordeling	((noord)[A],(eling)[N|A.])[N]
noordenwind	((noorden)[N],(wind)[N])[N]
noorderbreedte	((noord)[A],((breed)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
noorderbuur	((noord)[A],(buur)[N])[N]
noordergrens	((noord)[A],(grens)[N])[N]
noorderkeerkring	((noord)[A],((keer)[V],(kring)[N])[N])[N]
noorderkim	((noord)[A],(kim)[N])[N]
noorderkwartier	((noord)[A],((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
noorderlicht	((noord)[A],(licht)[N])[N]
noorderling	((noord)[A],(ling)[N|A.])[N]
noorderzon	((noord)[A],(zon)[N])[N]
noordflank	((noord)[A],(flank)[N])[N]
noordfront	((noord)[A],(front)[N])[N]
noordgrens	((noord)[A],(grens)[N])[N]
noordkant	((noord)[A],(kant)[N])[N]
noordkriek	((noord)[A],(kriek)[N])[N]
noordkust	((noord)[A],(kust)[N])[N]
noordnoordoost	((noord)[A],((noord)[A],(oost)[A])[A])[A]
noordnoordoosten	((noord)[A],((noord)[A],(oosten)[N])[N])[N]
noordnoordwesten	((noord)[A],((noord)[A],(westen)[N])[N])[N]
noordoost	((noord)[A],(oost)[A])[A]
noordoostelijk	(((noord)[A],(oosten)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
noordoosten	((noord)[A],(oosten)[N])[N]
noordoostenwind	(((noord)[A],(oosten)[N])[N],(wind)[N])[N]
noordooster	(((noord)[A],(oost)[A])[A],(er)[N|A.])[N]
noordoosteren	(((noord)[A],(oost)[A])[A],(er)[V|A.])[V]
noordoostpassaat	(((noord)[A],(oost)[A])[A],(passaat)[N])[N]
noordpijl	((noord)[A],(pijl)[N])[N]
noordpool	((noord)[A],(pool)[N])[N]
noordpoolcirkel	(((noord)[A],(pool)[N])[N],(cirkel)[N])[N]
noordpoolexpeditie	(((noord)[A],(pool)[N])[N],((expedieer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
noordpoolgebied	(((noord)[A],(pool)[N])[N],(gebied)[N])[N]
noordpoolreis	(((noord)[A],(pool)[N])[N],(reis)[N])[N]
noordpoolreiziger	(((noord)[A],(pool)[N])[N],(reiziger)[N])[N]
noordpooltocht	(((noord)[A],(pool)[N])[N],(tocht)[N])[N]
noordpunt	((noord)[A],(punt)[N])[N]
noordstation	((noord)[A],(station)[N])[N]
noordster	((noord)[A],(ster)[N])[N]
noordtij	((noord)[A],(tij)[N])[N]
noordvaart	((noord)[A],(vaart)[N])[N]
noordwand	((noord)[A],(wand)[N])[N]
noordwest	((noord)[A],(west)[A])[A]
noordwestelijk	(((noord)[A],(westen)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
noordwesten	((noord)[A],(westen)[N])[N]
noordwestenwind	(((noord)[A],(westen)[N])[N],(wind)[N])[N]
noordwester	(((noord)[A],(west)[A])[A],(er)[N|A.])[N]
noordzij	((noord)[A],(zij)[N])[N]
noordzijde	((noord)[A],(zijde)[N])[N]
noot	(noot)[N]
nootachtig	((noot)[N],(achtig)[A|N.])[A]
nootdragend	((noot)[N],(draag)[V],(end)[A|NV.])[A]
nootgewricht	((noot)[N],(gewricht)[N])[N]
nootmuskaat	((noot)[N],(muskaat)[N])[N]
nootolie	((noot)[N],(olie)[N])[N]
nootteken	((noot)[N],(teken)[N])[N]
nootvormig	((noot)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
nop	(nop)[N]
nopen	(noop)[V]
nopijzer	((nop)[V],(ijzer)[N])[N]
nopjesgoed	((nopje)[N],(s)[N|N.N],(goed)[N])[N]
nopjesplaat	((nopje)[N],(s)[N|N.N],(plaat)[N])[N]
noppen	(nop)[V]
noppenfolie	((nop)[N],(en)[N|N.N],(folie)[N])[N]
noppenzool	((nop)[N],(en)[N|N.N],(zool)[N])[N]
nopperij	((nop)[V],(erij)[N|V.])[N]
noppig	((nop)[N],(ig)[A|N.])[A]
nopschaar	((nop)[N],(schaar)[N])[N]
nor	(nor)[N]
norbertijnenklooster	((norbertijn)[N],(en)[N|N.N],(klooster)[N])[N]
norbertijner	((norbertijn)[N],(er)[A|N.])[A]
norm	(norm)[N]
normaal	((norm)[N],(aal)[A|N.])[A]
normaalelement	((normaal)[N],(element)[N])[N]
normaalfilm	(((norm)[N],(aal)[A|N.])[A],(film)[N])[N]
normaalformaat	(((norm)[N],(aal)[A|N.])[A],((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
normaalgewicht	(((norm)[N],(aal)[A|N.])[A],(gewicht)[N])[N]
normaalglas	(((norm)[N],(aal)[A|N.])[A],(glas)[N])[N]
normaalonderwijs	(((norm)[N],(aal)[A|N.])[A],(onderwijs)[N])[N]
normaaloplossing	(((norm)[N],(aal)[A|N.])[A],(((op)[P],(los)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
normaalprofiel	(((norm)[N],(aal)[A|N.])[A],(profiel)[N])[N]
normaalschool	(((norm)[N],(aal)[A|N.])[A],(school)[N])[N]
normaalspanning	(((norm)[N],(aal)[A|N.])[A],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
normaalspoor	(((norm)[N],(aal)[A|N.])[A],(spoor)[N])[N]
normaaltoon	(((norm)[N],(aal)[A|N.])[A],(toon)[N])[N]
normaalvlak	(((norm)[N],(aal)[A|N.])[A],(vlak)[N])[N]
normalisatie	((((norm)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
normalisatieprincipe	(((((norm)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(principe)[N])[N]
normaliseren	(((norm)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V]
normalisering	((((norm)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
normaliste	((normalist)[N],(e)[N|N.])[N]
normaliteit	(((norm)[N],(aal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
normbesef	((norm)[N],(besef)[N])[N]
normenkader	((norm)[N],(en)[N|N.N],(kader)[N])[N]
normenpakket	((norm)[N],(en)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
normenstelsel	((norm)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
normensysteem	((norm)[N],(en)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
normeren	((norm)[N],(eer)[V|N.])[V]
normering	(((norm)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
normgeving	((norm)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
normhuurquote	((norm)[N],((huur)[N],(quote)[N])[N])[N]
normstelling	((norm)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
normstelsel	((norm)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
normverandering	((norm)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nors	(nors)[A]
norsheid	((nors)[A],(heid)[N|A.])[N]
nostalgie	((nostalgisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
nota	(nota)[N]
notabel	(notabel)[A]
notaboek	((nota)[N],(boek)[N])[N]
notariaat	((notaris)[N],(aat)[N|N.])[N]
notarieel	((notaris)[N],(eel)[A|N.])[A]
notarisambt	((notaris)[N],(ambt)[N])[N]
notarisassistent	((notaris)[N],(assisteer)[V],(ent)[N|NV.])[N]
notariskantoor	((notaris)[N],(kantoor)[N])[N]
notarisklerk	((notaris)[N],(klerk)[N])[N]
notarisvrouw	((notaris)[N],(vrouw)[N])[N]
notariszak	((notaris)[N],(zak)[N])[N]
notatie	(((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
notatiesysteem	((((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(systeem)[N])[N]
notawisseling	((nota)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
notelaar	((noot)[N],(elaar)[N|N.])[N]
notelaren	(((noot)[N],(elaar)[N|N.])[N],(en)[A|N.])[A]
noten	((noot)[N],(en)[A|N.])[A]
notenapparaat	((noot)[N],(en)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
notenbalk	((noot)[N],(en)[N|N.N],(balk)[N])[N]
notenbar	((noot)[N],(en)[N|N.N],(bar)[N])[N]
notenbeeld	(((noot)[N],(en)[A|N.])[A],(beeld)[N])[N]
notenboek	((noot)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
notenbomen	(((noot)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
notenbomenhout	(((noot)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
notenboom	((noot)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
notenbrood	((noot)[N],(en)[N|N.N],(brood)[N])[N]
notendop	((noot)[N],(e)[N|N.N],(dop)[N])[N]
notendruk	((noot)[N],(en)[N|N.N],(druk)[N])[N]
notenhout	((noot)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
notenhouten	(((noot)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
notenkaas	((noot)[N],(en)[N|N.N],(kaas)[N])[N]
notenkraker	((noot)[N],(e)[N|N.Vx],(kraak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
notenmoes	((noot)[N],(en)[N|N.N],(moes)[N])[N]
notenmuskaat	((noot)[N],(e)[N|N.N],(muskaat)[N])[N]
notenolie	((noot)[N],(e)[N|N.N],(olie)[N])[N]
notenpapier	((noot)[N],(en)[N|N.N],(papier)[N])[N]
notenpasta	((noot)[N],(en)[N|N.N],(pasta)[N])[N]
notenrasp	((noot)[N],(e)[N|N.N],(rasp)[N])[N]
notenschelp	((noot)[N],(e)[N|N.N],(schelp)[N])[N]
notenschrift	((noot)[N],(en)[N|N.N],(schrift)[N])[N]
noteren	((noot)[N],(eer)[V|N.])[V]
notering	(((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
notie	(notie)[N]
notificatie	((notificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
notitie	(((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N]
notitieboekje	((((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N],(boek)[N])[N]
notoriteit	((notoir)[A],(iteit)[N|A.])[N]
notoriëteit	((notoir)[A],(eteit)[N|A.])[N]
notulant	((notuleer)[V],(ant)[N|V.])[N]
notulenboek	((notuul)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
notulering	((notuleer)[V],(ing)[N|V.])[N]
notulist	((notuul)[N],(ist)[N|N.])[N]
novatie	((noveer)[V],(atie)[N|V.])[N]
novellenbundel	((novelle)[N],(en)[N|N.N],(bundel)[N])[N]
novellenschrijver	((novelle)[N],(en)[N|N.Vx],(schrijf)[V],(er)[N|NxV.])[N]
novellist	((novelle)[N],(ist)[N|N.])[N]
novellistisch	(((novelle)[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A]
novemberavond	((november)[N],(avond)[N])[N]
novembermaand	((november)[N],(maand)[N])[N]
novembermiddag	((november)[N],(middag)[N])[N]
novembernacht	((november)[N],(nacht)[N])[N]
novemberochtend	((november)[N],(ochtend)[N])[N]
novemberregen	((november)[N],(regen)[N])[N]
novemberrevolutie	((november)[N],(revolutie)[N])[N]
novicemeester	((novice)[N],(en)[N|N.N],(meester)[N])[N]
novicemeesteres	(((novice)[N],(en)[N|N.N],(meester)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
noviciaat	((novice)[N],(iaat)[N|N.])[N]
novitiaat	((novitius)[N],(aat)[N|N.])[N]
nozem	(nozem)[N]
nu	(nu)[N]
nuance	(nuance)[N]
nuancering	((nuanceer)[V],(ing)[N|V.])[N]
nuanceverschil	((nuance)[N],(verschil)[N])[N]
nuchter	(nuchter)[A]
nuchterheid	((nuchter)[A],(heid)[N|A.])[N]
nuchterling	((nuchter)[A],(ling)[N|A.])[N]
nucleïnezuur	((nucleïne)[N],(zuur)[N])[N]
nudiste	((nudist)[N],(e)[N|N.])[N]
nudistencamping	((nudist)[N],(en)[N|N.N],(camping)[N])[N]
nuf	(nuf)[N]
nuffig	((nuf)[N],(ig)[A|N.])[A]
nuffigheid	(((nuf)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
nuit	(nuit)[N]
nuk	(nuk)[N]
nukkig	((nuk)[N],(ig)[A|N.])[A]
nukkigheid	(((nuk)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
nul	(nul)[Q]
nulgroei	((nul)[Q],(groei)[N])[N]
nulhypothese	((nul)[Q],(hypothese)[N])[N]
nullijn	((nul)[Q],(lijn)[N])[N]
nulliteit	((nul)[Q],(iteit)[N|Q.])[N]
nulmeridiaan	((nul)[N],(meridiaan)[N])[N]
nulnummer	((nul)[Q],(nummer)[N])[N]
nuloptie	((nul)[Q],(optie)[N])[N]
nulpunt	((nul)[Q],(punt)[N])[N]
nulstand	((nul)[Q],(stand)[N])[N]
nultrap	((nul)[Q],(trap)[N])[N]
nulvlak	((nul)[Q],(vlak)[N])[N]
nulwaardig	((nul)[Q],(waarde)[N],(ig)[A|QN.])[A]
numeriek	((nummer)[N],(iek)[A|N.])[A]
numeroteur	((numeroteer)[V],(eur)[N|V.])[N]
numismatiek	((numismatisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
nummer	(nummer)[N]
nummerbewijs	((nummer)[N],(bewijs)[N])[N]
nummerbord	((nummer)[N],(bord)[N])[N]
nummeren	(nummer)[V]
nummering	((nummer)[V],(ing)[N|V.])[N]
nummerpaaltje	((nummer)[N],(paal)[N])[N]
nummerplaat	((nummer)[N],(plaat)[N])[N]
nummerschijf	((nummer)[N],(schijf)[N])[N]
nummerslot	((nummer)[N],(slot)[N])[N]
nummersysteem	((nummer)[N],(systeem)[N])[N]
nummerteken	((nummer)[N],(teken)[N])[N]
nurk	(nurk)[N]
nurks	((nurk)[N],(s)[N|N.])[N]
nurksheid	(((nurk)[N],(s)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
nut	(nut)[N]
nutria	(nutria)[N]
nutsbedrijf	((nut)[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
nutsfactor	((nut)[N],(s)[N|N.N],(factor)[N])[N]
nutsmaximalisering	((nut)[N],(s)[N|N.Vx],(((maximum)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
nutsseminarium	((nut)[N],(s)[N|N.N],(seminarium)[N])[N]
nutsspaarbank	((nut)[N],(s)[N|N.N],((spaar)[V],(bank)[N])[N])[N]
nutsvoorziening	((nut)[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
nutteloos	((nut)[N],(eloos)[A|N.])[A]
nutteloosheid	(((nut)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
nutten	(nut)[V]
nuttig	((nut)[N],(ig)[A|N.])[A]
nuttigheid	(((nut)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
nuttigheidsbeginsel	((((nut)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
nuttigheidscoëfficiënt	((((nut)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(coëfficiënt)[N])[N]
nuttiging	((nuttig)[V],(ing)[N|V.])[N]
nylonkous	((nylon)[N],(kous)[N])[N]
nylonweefsel	((nylon)[N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
nymfomanie	((nimfomaan)[A],(ie)[N|A.])[N]
o	(o)[N]
o-benen	((o)[N],(been)[N])[N]
oase	(oase)[N]
oasis	(oasis)[N]
obelisk	(obelisk)[N]
ober	(ober)[N]
oberkelner	((ober)[N],(kelner)[N])[N]
objectglas	((object)[N],(glas)[N])[N]
objectiefprisma	((objectief)[N],(prisma)[N])[N]
objectiveerbaar	(((objectief)[A],(eer)[V|A.])[V],(baar)[A|V.])[A]
objectiveren	((objectief)[A],(eer)[V|A.])[V]
objectivering	(((objectief)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
objectiviteit	((objectief)[A],(iteit)[N|A.])[N]
objectrelatie	((object)[N],(relatie)[N])[N]
objecttaal	((object)[N],(taal)[N])[N]
objecttafel	((object)[N],(tafel)[N])[N]
oblate	((oblaat)[N],(e)[N|N.])[N]
oblie-ijzer	((oblie)[N],(ijzer)[N])[N]
obligaat	((obligeer)[V],(aat)[N|V.])[N]
obligaatpartij	(((obligeer)[V],(aat)[N|V.])[N],(partij)[N])[N]
obligaatstem	(((obligeer)[V],(aat)[N|V.])[N],(stem)[N])[N]
obligatie	((obligeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
obligatiegulden	(((obligeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(gulden)[N])[N]
obligatiehouder	(((obligeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
obligatielening	(((obligeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((leen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
obligatist	(((obligeer)[V],(aat)[N|V.])[N],(ist)[N|N.])[N]
obligatorisch	((obligatoir)[A],(isch)[A|A.])[A]
obsceniteit	((obsceen)[A],(iteit)[N|A.])[N]
obscuriteit	((obscuur)[A],(iteit)[N|A.])[N]
observant	((observeer)[V],(ant)[N|V.])[N]
observantie	((observeer)[V],(antie)[N|V.])[N]
observatie	((observeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
observatieafdeling	(((observeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
observatiegegeven	(((observeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(gegeven)[N])[N]
observatiehuis	(((observeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(huis)[N])[N]
observatiekliniek	(((observeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((klinisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
observatiemethode	(((observeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(methode)[N])[N]
observatieoefening	(((observeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
observatieperiode	(((observeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(periode)[N])[N]
observatiepost	(((observeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(post)[N])[N]
observatietechniek	(((observeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
observatieverslag	(((observeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(verslag)[N])[N]
observator	((observeer)[V],(ator)[N|V.])[N]
observatorium	((observeer)[V],(atorium)[N|V.])[N]
observeerder	((observeer)[V],(der)[N|V.])[N]
obstakellicht	((obstakel)[N],(licht)[N])[N]
obstetrie	((obstetrisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
obstinaatheid	((obstinaat)[A],(heid)[N|A.])[N]
obstructief	((obstructie)[N],(ief)[A|N.])[A]
obstructionisme	((obstructie)[N],(ionisme)[N|N.])[N]
ocarina	(ocarina)[N]
ocarinist	((ocarina)[N],(ist)[N|N.])[N]
occasioneel	((occasie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
occidentaal	((occident)[N],(aal)[A|N.])[A]
occlusief	((occlusie)[N],(ief)[A|N.])[A]
occultiste	((occultist)[N],(e)[N|N.])[N]
occultistisch	((occultist)[N],(isch)[A|N.])[A]
occupatie	((occupeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
oceaan	(oceaan)[N]
oceaandepressie	((oceaan)[N],(depressie)[N])[N]
oceaanfront	((oceaan)[N],(front)[N])[N]
oceaanhaven	((oceaan)[N],(haven)[N])[N]
oceaanlucht	((oceaan)[N],(lucht)[N])[N]
oceaanreus	((oceaan)[N],(reus)[N])[N]
oceaansleper	((oceaan)[N],((sleep)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
oceaanstomer	((oceaan)[N],((stoom)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
oceaanvlieger	((oceaan)[N],((vlieg)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
oceaanvlucht	((oceaan)[N],(vlucht)[N])[N]
oceaanwijd	((oceaan)[N],(wijd)[A])[A]
oceaanwoestijn	((oceaan)[N],(woestijn)[N])[N]
oceanisch	((oceaan)[N],(isch)[A|N.])[A]
oceanografie	((oceanografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
och	(och)[N]
ochtend	(ochtend)[N]
ochtendbeurt	((ochtend)[N],(beurt)[N])[N]
ochtendbezigheid	((ochtend)[N],((bezig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ochtendblad	((ochtend)[N],(blad)[N])[N]
ochtendboterham	((ochtend)[N],(boterham)[N])[N]
ochtendbrood	((ochtend)[N],(brood)[N])[N]
ochtendconcert	((ochtend)[N],(concert)[N])[N]
ochtenddienst	((ochtend)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
ochtendeditie	((ochtend)[N],(editie)[N])[N]
ochtenderectie	((ochtend)[N],(erectie)[N])[N]
ochtendgebed	((ochtend)[N],(gebed)[N])[N]
ochtendgeluid	((ochtend)[N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
ochtendgloren	((ochtend)[N],(gloren)[V])[N]
ochtendgymnastiek	((ochtend)[N],((gymnastisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
ochtendhoest	((ochtend)[N],(hoest)[N])[N]
ochtendhumeur	((ochtend)[N],(humeur)[N])[N]
ochtendjapon	((ochtend)[N],(japon)[N])[N]
ochtendjas	((ochtend)[N],(jas)[N])[N]
ochtendkilte	((ochtend)[N],((kil)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
ochtendkoelte	((ochtend)[N],((koel)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
ochtendkoffie	((ochtend)[N],(koffie)[N])[N]
ochtendkou	((ochtend)[N],(kou)[N])[N]
ochtendkrant	((ochtend)[N],(krant)[N])[N]
ochtendkrieken	((ochtend)[N],(krieken)[N])[N]
ochtendlijk	((ochtend)[N],(lijk)[A|N.])[A]
ochtendmaaltijd	((ochtend)[N],((maal)[N],(tijd)[N])[N])[N]
ochtendmelk	((ochtend)[N],(melk)[N])[N]
ochtendmens	((ochtend)[N],(mens)[N])[N]
ochtendmisselijkheid	((ochtend)[N],((misselijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ochtendnevel	((ochtend)[N],(nevel)[N])[N]
ochtendnieuws	((ochtend)[N],(nieuws)[N])[N]
ochtendpauze	((ochtend)[N],(pauze)[N])[N]
ochtendploeg	((ochtend)[N],(ploeg)[N])[N]
ochtendpost	((ochtend)[N],(post)[N])[N]
ochtendrapport	((ochtend)[N],(rapport)[N])[N]
ochtendschemering	((ochtend)[N],((schemer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ochtendsfeer	((ochtend)[N],(sfeer)[N])[N]
ochtendsigaret	((ochtend)[N],(sigaret)[N])[N]
ochtendspits	((ochtend)[N],(spits)[N])[N]
ochtendspitsuur	((ochtend)[N],((spits)[N],(uur)[N])[N])[N]
ochtendstilte	((ochtend)[N],((stil)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
ochtendstond	((ochtend)[N],(stond)[N])[N]
ochtendtoilet	((ochtend)[N],(toilet)[N])[N]
ochtendtrein	((ochtend)[N],(trein)[N])[N]
ochtendurine	((ochtend)[N],(urine)[N])[N]
ochtenduur	((ochtend)[N],(uur)[N])[N]
ochtendvergadering	((ochtend)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ochtendvoer	((ochtend)[N],(voer)[N])[N]
ochtendwandeling	((ochtend)[N],((wandel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ochtendwijding	((ochtend)[N],((wijd)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ochtendziek	((ochtend)[N],(ziek)[A])[A]
ochtendzon	((ochtend)[N],(zon)[N])[N]
octaangehalte	((octaan)[N],(gehalte)[N])[N]
octaangetal	((octaan)[N],(getal)[N])[N]
octaanwaarde	((octaan)[N],(waarde)[N])[N]
octavo-uitgave	((octavo)[N],(uitgave)[N])[N]
octogonaal	((octogoon)[N],(aal)[A|N.])[A]
octrooibrief	((octrooi)[N],(brief)[N])[N]
octrooibureau	((octrooi)[N],(bureau)[N])[N]
octrooieren	((octrooi)[N],(eer)[V|N.])[V]
octrooigemachtigde	((octrooi)[N],(gemachtigde)[N])[N]
octrooihouder	((octrooi)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
octrooihoudster	((octrooi)[N],(houd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
octrooirecht	((octrooi)[N],(recht)[N])[N]
octrooirechtelijk	(((octrooi)[N],(recht)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
octrooiwet	((octrooi)[N],(wet)[N])[N]
oculairlens	((oculair)[N],(lens)[N])[N]
oculatie	((oculeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
oculeermes	((oculeer)[V],(mes)[N])[N]
odalisk	(odalisk)[N]
odaliske	(odaliske)[N]
ode	(ode)[N]
odeur	(odeur)[N]
odeurflesje	((odeur)[N],(fles)[N])[N]
odium	(odium)[N]
odyssee	(odyssee)[N]
oecumene	(oecumene)[N]
oecumenisch	((oecumene)[N],(isch)[A|N.])[A]
oedipuscomplex	((Oedipus)[N],(complex)[A])[N]
oef	(oef)[N]
oefenaar	((oefen)[V],(aar)[N|V.])[N]
oefenaarster	((oefen)[V],(aarster)[N|V.])[N]
oefenavond	((oefen)[V],(avond)[N])[N]
oefenbak	((oefen)[V],(bak)[N])[N]
oefenbal	((oefen)[V],(bal)[N])[N]
oefenboek	((oefen)[V],(boek)[N])[N]
oefendag	((oefen)[V],(dag)[N])[N]
oefenen	(oefen)[V]
oefengranaat	((oefen)[V],(granaat)[N])[N]
oefening	((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N]
oefeningstherapie	(((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(therapie)[N])[N]
oefenkamp	((oefen)[V],(kamp)[N])[N]
oefenmateriaal	((oefen)[V],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
oefenmeester	((oefen)[V],(meester)[N])[N]
oefenperk	((oefen)[V],(perk)[N])[N]
oefenpop	((oefen)[V],(pop)[N])[N]
oefenproces	((oefen)[V],(proces)[N])[N]
oefenprogramma	((oefen)[V],(programma)[N])[N]
oefenschema	((oefen)[V],(schema)[N])[N]
oefenschool	((oefen)[V],(school)[N])[N]
oefensituatie	((oefen)[V],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
oefenstof	((oefen)[V],(stof)[N])[N]
oefenterrein	((oefen)[V],(terrein)[N])[N]
oefentherapeut	((oefen)[V],(therapeut)[N])[N]
oefentherapie	((oefen)[V],(therapie)[N])[N]
oefentijd	((oefen)[V],(tijd)[N])[N]
oefenwedstrijd	((oefen)[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
oefenzaal	((oefen)[V],(zaal)[N])[N]
oehoe	(oehoe)[N]
oekaze	(oekaze)[N]
oekelele	(oekelele)[N]
oelama	(oelama)[N]
oelema	(oelema)[N]
oempa	(oempa)[N]
oen	(oen)[N]
oenig	((oen)[N],(ig)[A|N.])[A]
oer	(oer)[N]
oerachtig	((oer)[N],(achtig)[A|N.])[A]
oerbank	((oer)[N],(bank)[N])[N]
oerbeeld	((oer)[N|.N],(beeld)[N])[N]
oerbeginsel	((oer)[N|.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
oerbewoner	((oer)[N],(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
oerbewoonster	((oer)[N],(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
oerbos	((oer)[N|.N],(bos)[N])[N]
oerbron	((oer)[N|.N],(bron)[N])[N]
oerdegelijk	((oer)[A|.A],(degelijk)[A])[A]
oerdier	((oer)[N|.N],(dier)[N])[N]
oerdonker	((oer)[N|.N],(donker)[N])[N]
oerdrift	((oer)[N|.N],(drift)[N])[N]
oerexplosie	((oer)[N|.N],(explosie)[N])[N]
oergesteente	((oer)[N|.N],((ge)[N|.Nx],(steen)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
oergezellig	((oer)[A|.A],(gezellig)[A])[A]
oergezond	((oer)[A|.A],(gezond)[A])[A]
oergrond	((oer)[N],(grond)[N])[N]
oerknal	((oer)[N|.N],(knal)[N])[N]
oerkomisch	((oer)[A|.A],(komisch)[A])[A]
oerkreet	((oer)[N|.N],(kreet)[N])[N]
oerlaag	((oer)[N],(laag)[N])[N]
oermens	((oer)[N|.N],(mens)[N])[N]
oeros	((oer)[N|.N],(os)[N])[N]
oeroud	((oer)[A|.A],(oud)[A])[A]
oerprincipe	((oer)[N|.N],(principe)[N])[N]
oerschreeuw	((oer)[N|.N],(schreeuw)[N])[N]
oerstaat	((oer)[N|.N],(staat)[N])[N]
oersterk	((oer)[A|.A],(sterk)[A])[A]
oerstof	((oer)[N|.N],(stof)[N])[N]
oertaal	((oer)[N|.N],(taal)[N])[N]
oertekst	((oer)[N|.N],(tekst)[N])[N]
oertijd	((oer)[N|.N],(tijd)[N])[N]
oervervelend	((oer)[A|.A],(vervelend)[A])[A]
oervolk	((oer)[N|.N],(volk)[N])[N]
oervorm	((oer)[N|.N],(vorm)[N])[N]
oerwoud	((oer)[N|.N],(woud)[N])[N]
oerwoudachtig	(((oer)[N|.N],(woud)[N])[N],(achtig)[A|N.])[A]
oerwoudmeisje	(((oer)[N|.N],(woud)[N])[N],(meisje)[N])[N]
oester	(oester)[N]
oesterbaard	((oester)[N],(baard)[N])[N]
oesterbank	((oester)[N],(bank)[N])[N]
oesterbed	((oester)[N],(bed)[N])[N]
oestercultuur	((oester)[N],(cultuur)[N])[N]
oesterkwekerij	((oester)[N],(kweek)[V],(erij)[N|NV.])[N]
oestermesje	((oester)[N],(mes)[N])[N]
oesterpan	((oester)[N],(pan)[N])[N]
oesterparel	((oester)[N],(parel)[N])[N]
oesterput	((oester)[N],(put)[N])[N]
oesterschelp	((oester)[N],(schelp)[N])[N]
oesterteelt	((oester)[N],(teelt)[N])[N]
oestervisserij	((oester)[N],(vis)[V],(erij)[N|NV.])[N]
oesterzaad	((oester)[N],(zaad)[N])[N]
oeuvre	(oeuvre)[N]
oever	(oever)[N]
oeverafslag	((oever)[N],((af)[P],(slag)[N])[N])[N]
oeveraquarium	((oever)[N],(aquarium)[N])[N]
oeverbekleding	((oever)[N],((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
oevergras	((oever)[N],(gras)[N])[N]
oeverkruid	((oever)[N],(kruid)[N])[N]
oeverloos	((oever)[N],(loos)[A|N.])[A]
oeverloper	((oever)[N],(loop)[V],(er)[N|NV.])[N]
oeverplant	((oever)[N],(plant)[N])[N]
oeverriet	((oever)[N],(riet)[N])[N]
oeverstaat	((oever)[N],(staat)[N])[N]
oeverval	((oever)[N],(val)[N])[N]
oevervegetatie	((oever)[N],((vegeteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
oeververbinding	((oever)[N],((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
oeververdediging	((oever)[N],(verdedig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
oevervoorziening	((oever)[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
oeverzone	((oever)[N],(zone)[N])[N]
oeverzwaluw	((oever)[N],(zwaluw)[N])[N]
offer	(offer)[N]
offeraar	((offer)[V],(aar)[N|V.])[N]
offeraltaar	((offer)[V],(altaar)[N])[N]
offerblok	((offer)[V],(blok)[N])[N]
offerbus	((offer)[V],(bus)[N])[N]
offerdier	((offer)[V],(dier)[N])[N]
offerdood	((offer)[N],(dood)[N])[N]
offeren	(offer)[V]
offergave	((offer)[V],(gave)[N])[N]
offergezindheid	((offer)[V],((gezind)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
offerkaars	((offer)[V],(kaars)[N])[N]
offerlam	((offer)[V],(lam)[N])[N]
offerplechtigheid	((offer)[V],((plechtig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
offerpriester	((offer)[V],(priester)[N])[N]
offerschaal	((offer)[V],(schaal)[N])[N]
offersteen	((offer)[V],(steen)[N])[N]
offertecalculator	((offerte)[N],(calculeer)[V],(ator)[N|NV.])[N]
offervaardig	((offer)[V],(vaardig)[A])[A]
offervaardigheid	(((offer)[V],(vaardig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
officiaal	((officie)[N],(aal)[N|N.])[N]
officiant	((officieer)[V],(ant)[N|V.])[N]
officieel	((officie)[N],(ieel)[A|N.])[A]
officier	(officier)[N]
officierenkorps	((officier)[N],(en)[N|N.N],(korps)[N])[N]
officierscorps	((officier)[N],(s)[N|N.N],(corps)[N])[N]
officiersdegen	((officier)[N],(s)[N|N.N],(degen)[N])[N]
officiersmess	((officier)[N],(s)[N|N.N],(mess)[N])[N]
officiersrang	((officier)[N],(s)[N|N.N],(rang)[N])[N]
officierstafel	((officier)[N],(s)[N|N.N],(tafel)[N])[N]
officierstraktement	((officier)[N],(s)[N|N.N],((trakteer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
officiersuniform	((officier)[N],(s)[N|N.N],(uniform)[N])[N]
offsetdruk	((offset)[N],(druk)[N])[N]
offsetpapier	((offset)[N],(papier)[N])[N]
offsetpers	((offset)[N],(pers)[N])[N]
ogen	(oog)[V]
ogenblik	((oog)[N],(en)[N|N.N],(blik)[N])[N]
ogenblikkelijk	(((oog)[N],(en)[N|N.N],(blik)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
ogencontact	((oog)[N],(en)[N|N.N],(contact)[N])[N]
ogendienaar	((oog)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
ogendienst	((oog)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
ogenpotlood	((oog)[N],(en)[N|N.N],((pot)[N],(lood)[N])[N])[N]
ogentaal	((oog)[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
ogentroost	((oog)[N],(en)[N|N.N],(troost)[N])[N]
ogenzwart	((oog)[N],(en)[N|N.N],(zwart)[N])[N]
ogiefboog	((ogief)[N],(boog)[N])[N]
ohaën	(oha)[V]
ohm	(ohm)[N]
oir	(oir)[N]
okapi	(okapi)[N]
oker	(oker)[N]
okerachtig	((oker)[N],(achtig)[A|N.])[A]
okergeel	((oker)[N],(geel)[A])[A]
okerkleurig	((oker)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
okkernotenboom	((okkernoot)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
oksel	(oksel)[N]
okselholte	((oksel)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
okselknol	((oksel)[N],(knol)[N])[N]
okselstandig	((oksel)[N],(stand)[N],(ig)[A|NN.])[A]
okselstuk	((oksel)[N],(stuk)[N])[N]
oktoberavond	((oktober)[N],(avond)[N])[N]
oktobermaand	((oktober)[N],(maand)[N])[N]
oktobernacht	((oktober)[N],(nacht)[N])[N]
oktoberoorlog	((oktober)[N],(oorlog)[N])[N]
oktoberparade	((oktober)[N],((pareer)[V],(ade)[N|V.])[N])[N]
oktoberweer	((oktober)[N],(weer)[N])[N]
oleander	(oleander)[N]
oleanderstruik	((oleander)[N],(struik)[N])[N]
oleum	(oleum)[N]
olie	(olie)[N]
olie-embargo	((olie)[N],(embargo)[N])[N]
olie-export	((olie)[N],(export)[N])[N]
olie-import	((olie)[N],(import)[N])[N]
olie-industrie	((olie)[N],(industrie)[N])[N]
olie-inkomst	((olie)[N],(((in)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
olie-installatie	((olie)[N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
olieaandeel	((olie)[N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
olieachtig	((olie)[N],(achtig)[A|N.])[A]
oliebad	((olie)[N],(bad)[N])[N]
oliebestrijding	((olie)[N],((be)[V|.V],(strijd)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
olieboer	((olie)[N],(boer)[N])[N]
oliebol	((olie)[N],(bol)[N])[N]
oliebollenkraam	(((olie)[N],(bol)[N])[N],(en)[N|N.N],(kraam)[N])[N]
olieboot	((olie)[N],(boot)[N])[N]
olieboring	((olie)[N],(boor)[V],(ing)[N|NV.])[N]
olieboycot	((olie)[N],(boycot)[N])[N]
oliebrander	((olie)[N],(brand)[V],(er)[N|NV.])[N]
oliebroek	((olie)[N],(broek)[N])[N]
oliebron	((olie)[N],(bron)[N])[N]
oliebunker	((olie)[N],(bunker)[N])[N]
oliecarter	((olie)[N],(carter)[N])[N]
olieconcern	((olie)[N],(concern)[N])[N]
oliecrisis	((olie)[N],(crisis)[N])[N]
oliedollar	((olie)[N],(dollar)[N])[N]
oliedom	((olie)[N],(dom)[A])[A]
oliedruk	((olie)[N],(druk)[N])[N]
oliedrum	((olie)[N],(drum)[N])[N]
oliefilm	((olie)[N],(film)[N])[N]
oliefilter	((olie)[N],(filter)[N])[N]
oliefles	((olie)[N],(fles)[N])[N]
oliegas	((olie)[N],(gas)[N])[N]
oliehaard	((olie)[N],(haard)[N])[N]
oliehaven	((olie)[N],(haven)[N])[N]
oliehoudend	((olie)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
oliejas	((olie)[N],(jas)[N])[N]
oliekachel	((olie)[N],(kachel)[N])[N]
oliekan	((olie)[N],(kan)[N])[N]
oliekoek	((olie)[N],(koek)[N])[N]
oliekop	((olie)[N],(kop)[N])[N]
oliekraan	((olie)[N],(kraan)[N])[N]
oliekruik	((olie)[N],(kruik)[N])[N]
olielamp	((olie)[N],(lamp)[N])[N]
olieland	((olie)[N],(land)[N])[N]
olieleiding	((olie)[N],(leid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
oliemaatschappij	((olie)[N],(maatschappij)[N])[N]
olieman	((olie)[N],(man)[N])[N]
oliemeter	((olie)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
olieminister	((olie)[N],(minister)[N])[N]
oliemolen	((olie)[N],(molen)[N])[N]
oliemotor	((olie)[N],(motor)[N])[N]
olienoot	((olie)[N],(noot)[N])[N]
olieopbrengst	((olie)[N],(((op)[P],(breng)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
olieopslagtank	((olie)[N],((opslag)[N],(tank)[N])[N])[N]
oliepak	((olie)[N],(pak)[N])[N]
oliepalm	((olie)[N],(palm)[N])[N]
oliepijpleiding	((olie)[N],((pijp)[N],((leid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
olieplak	((olie)[N],(plak)[N])[N]
olieproducent	((olie)[N],(produceer)[V],(ent)[N|NV.])[N]
olieproduct	((olie)[N],(product)[N])[N]
olieraffinaderij	((olie)[N],(raffinaderij)[N])[N]
olierijk	((olie)[N],(rijk)[A])[A]
oliescherm	((olie)[N],(scherm)[N])[N]
oliesel	((olie)[V],(sel)[N|V.])[N]
oliesjeik	((olie)[N],(sjeik)[N])[N]
olieslager	((olie)[N],(sla)[V],(er)[N|NV.])[N]
olieslagerij	((olie)[N],(sla)[V],(erij)[N|NV.])[N]
oliespuit	((olie)[N],(spuit)[N])[N]
oliespuiter	((olie)[N],(spuit)[V],(er)[N|NV.])[N]
oliestaat	((olie)[N],(staat)[N])[N]
oliesteen	((olie)[N],(steen)[N])[N]
oliestook	((olie)[N],(stook)[V])[N]
oliestookinrichting	(((olie)[N],(stook)[V])[N],((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
olietank	((olie)[N],(tank)[N])[N]
olietanker	((olie)[N],((tank)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
olietankwagen	((olie)[N],((tank)[N],(wagen)[N])[N])[N]
olievat	((olie)[N],(vat)[N])[N]
olieveger	((olie)[N],(veeg)[V],(er)[N|NV.])[N]
olieveld	((olie)[N],(veld)[N])[N]
olieverf	((olie)[N],(verf)[N])[N]
olieverfportret	(((olie)[N],(verf)[N])[N],(portret)[N])[N]
olieverfschilderij	(((olie)[N],(verf)[N])[N],(schilderij)[N])[N]
olieverfschildering	(((olie)[N],(verf)[N])[N],((schilder)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
olieverwarming	((olie)[N],(((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
olievlek	((olie)[N],(vlek)[N])[N]
oliezaad	((olie)[N],(zaad)[N])[N]
olifant	(olifant)[N]
olifantachtig	((olifant)[N],(achtig)[A|N.])[A]
olifantengeheugen	((olifant)[N],(e)[N|N.N],(geheugen)[N])[N]
olifantenjacht	((olifant)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
olifantenkraal	((olifant)[N],(en)[N|N.N],(kraal)[N])[N]
olifantenslurf	((olifant)[N],(en)[N|N.N],(slurf)[N])[N]
olifantsdracht	((olifant)[N],(s)[N|N.N],(dracht)[N])[N]
olifantshuid	((olifant)[N],(s)[N|N.N],(huid)[N])[N]
olifantsmens	((olifant)[N],(s)[N|N.N],(mens)[N])[N]
olifantsorde	((olifant)[N],(s)[N|N.N],(orde)[N])[N]
olifantspapier	((olifant)[N],(s)[N|N.N],(papier)[N])[N]
olifantsrivier	((olifant)[N],(s)[N|N.N],(rivier)[N])[N]
olifantssnuit	((olifant)[N],(s)[N|N.N],(snuit)[N])[N]
olifantstand	((olifant)[N],(s)[N|N.N],(tand)[N])[N]
olifantstromp	((olifant)[N],(s)[N|N.N],(tromp)[N])[N]
olifantsvoet	((olifant)[N],(s)[N|N.N],(voet)[N])[N]
olifantsziekte	((olifant)[N],(s)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
oligarchie	((oligarchisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
olijf	(olijf)[N]
olijfachtig	((olijf)[N],(achtig)[A|N.])[A]
olijfboom	((olijf)[N],(boom)[N])[N]
olijfbos	((olijf)[N],(bos)[N])[N]
olijfgroen	((olijf)[N],(groen)[N])[N]
olijfhof	((olijf)[N],(hof)[N])[N]
olijfhout	((olijf)[N],(hout)[N])[N]
olijfkleur	((olijf)[N],(kleur)[N])[N]
olijfkleurig	((olijf)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
olijfkrans	((olijf)[N],(krans)[N])[N]
olijfolie	((olijf)[N],(olie)[N])[N]
olijftak	((olijf)[N],(tak)[N])[N]
olijftwijg	((olijf)[N],(twijg)[N])[N]
olijkerd	((olijk)[A],(erd)[N|A.])[N]
olijkheid	((olijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
olijvenbos	((olijf)[N],(en)[N|N.N],(bos)[N])[N]
olijvenhout	((olijf)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
olijvenoogst	((olijf)[N],(en)[N|N.N],(oogst)[N])[N]
olijvenpers	((olijf)[N],(en)[N|N.N],(pers)[N])[N]
oliën	(olie)[V]
olm	(olm)[N]
olmen	((olm)[N],(en)[A|N.])[A]
olmenboom	((olm)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
olmenbos	((olm)[N],(en)[N|N.N],(bos)[N])[N]
olmenhout	((olm)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
olmenloof	((olm)[N],(e)[N|N.N],(loof)[N])[N]
oma	(oma)[N]
omarming	((omarm)[V],(ing)[N|V.])[N]
omber	(omber)[N]
omberen	(omber)[V]
omberkaarten	((omber)[N],(kaart)[N])[N]
omberkleurig	((omber)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
omberspel	((omber)[N],(spel)[N])[N]
ombertafel	((omber)[V],(tafel)[N])[N]
ombervis	((omber)[N],(vis)[N])[N]
ombinden	((om)[P],(bind)[V])[V]
omblad	((om)[P],(blad)[N])[N]
ombladeren	((om)[P],(blader)[V])[V]
omblazen	((om)[P],(blaas)[V])[V]
omboeken	((om)[P],(boek)[V])[V]
omboorden	((om)[P],(boord)[V])[V]
omboordsel	(((om)[P],(boord)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
ombouw	((om)[P],(bouw)[N])[N]
ombouwen	((om)[P],(bouw)[V])[V]
ombouwset	(((om)[P],(bouw)[V])[V],(set)[N])[N]
ombrassen	((om)[P],(bras)[V])[V]
ombrengen	((om)[P],(breng)[V])[V]
ombrenger	(((om)[P],(breng)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
ombudsmanfunctie	((ombudsman)[N],(functie)[N])[N]
ombuigen	((om)[P],(buig)[V])[V]
ombuiging	(((om)[P],(buig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ombuigingsbeleid	((((om)[P],(buig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
ombuigingsoperatie	((((om)[P],(buig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
omcirkelen	((om)[P],(cirkel)[V])[V]
omdamming	((om)[A],(dam)[V],(ing)[N|AV.])[N]
omdijken	((om)[P],(dijk)[V])[V]
omdijking	(((om)[P],(dijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omdoen	((om)[P],(doe)[V])[V]
omdolen	((om)[P],(dool)[V])[V]
omdonderen	((om)[P],(donder)[V])[V]
omdopen	((om)[P],(doop)[V])[V]
omdraai	((om)[P],(draai)[N])[N]
omdraaien	((om)[P],(draai)[V])[V]
omdraaiing	(((om)[P],(draai)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omdragen	((om)[P],(draag)[V])[V]
omdrentelen	((om)[P],(drentel)[V])[V]
omdrijven	((om)[P],(drijf)[V])[V]
omduikelen	((om)[P],(duikel)[V])[V]
omduwen	((om)[P],(duw)[V])[V]
omdwalen	((om)[P],(dwaal)[V])[V]
ome	(ome)[N]
omega	(omega)[N]
omeggen	((om)[P],(eg)[V])[V]
omelet	(omelet)[N]
omelet-soufflé	((omelet)[N],(soufflé)[N])[N]
omen	(omen)[N]
omflikkeren	((om)[P],(flikker)[V])[V]
omgaan	((om)[P],(ga)[V])[V]
omgangskunde	((omgang)[N],(s)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
omgangsnorm	((omgang)[N],(s)[N|N.N],(norm)[N])[N]
omgangsrecht	((omgang)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
omgangsregel	((omgang)[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
omgangsregeling	((omgang)[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
omgangsrelatie	((omgang)[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
omgangsstijl	((omgang)[N],(s)[N|N.N],(stijl)[N])[N]
omgangstaal	((omgang)[N],(s)[N|N.N],(taal)[N])[N]
omgangsvormen	((omgang)[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
omgekruld	((om)[P],(gekruld)[A])[A]
omgespen	((om)[P],(gesp)[V])[V]
omgeven	((om)[P],(geef)[V])[V]
omgeving	((omgeef)[V],(ing)[N|V.])[N]
omgevingsaspect	(((omgeef)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
omgevingseigenschap	(((omgeef)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((eigen)[A],(schap)[N|A.])[N])[N]
omgevingsinvloed	(((omgeef)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(invloed)[N])[N]
omgevingsomstandigheid	(((omgeef)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
omgevingsvariabele	(((omgeef)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(variabele)[N])[N]
omgevingsveld	(((omgeef)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
omgevingsverandering	(((omgeef)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
omgevingsvoorwaarde	(((omgeef)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(voorwaarde)[N])[N]
omgluren	((om)[P],(gluur)[V])[V]
omgooien	((om)[P],(gooi)[V])[V]
omgorden	((om)[P],(gord)[V])[V]
omgraven	((om)[P],(graaf)[V])[V]
omgrenzen	((om)[P],(grens)[V])[V]
omgrenzing	(((om)[P],(grens)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omgroeien	((om)[P],(groei)[V])[V]
omhaal	((om)[P],(haal)[N])[N]
omhaken	((om)[P],(haak)[V])[V]
omhakken	((om)[P],(hak)[V])[V]
omhalen	((om)[P],(haal)[V])[V]
omhaling	(((om)[P],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omhangen	((om)[P],(hang)[V])[V]
omhangsel	(((om)[A],(hang)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
omheiing	((om)[A],(hei)[V],(ing)[N|AV.])[N]
omheining	((omhein)[V],(ing)[N|V.])[N]
omhelzing	((omhels)[V],(ing)[N|V.])[N]
omhoogblazen	((omhoog)[B],(blaas)[V])[V]
omhoogdrijven	((omhoog)[B],(drijf)[V])[V]
omhoogduwen	((omhoog)[B],(duw)[V])[V]
omhooggaan	((omhoog)[B],(ga)[V])[V]
omhooghalen	((omhoog)[B],(haal)[V])[V]
omhooghouden	((omhoog)[B],(houd)[V])[V]
omhoogkomen	((omhoog)[B],(kom)[V])[V]
omhoogkruipen	((omhoog)[B],(kruip)[V])[V]
omhooglopen	((omhoog)[B],(loop)[V])[V]
omhoogschieten	((omhoog)[B],(schiet)[V])[V]
omhoogslaan	((omhoog)[B],(sla)[V])[V]
omhoogsteken	((omhoog)[B],(steek)[V])[V]
omhoogtillen	((omhoog)[B],(til)[V])[V]
omhoogtrekken	((omhoog)[B],(trek)[V])[V]
omhoogvallen	((omhoog)[B],(val)[V])[V]
omhoogvliegen	((omhoog)[B],(vlieg)[V])[V]
omhoogvoeren	((omhoog)[B],(voer)[V])[V]
omhoogzitten	((omhoog)[B],(zit)[V])[V]
omhouwen	((om)[P],(houw)[V])[V]
omhullen	((om)[P],(hul)[V])[V]
omhulling	(((om)[P],(hul)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omhulsel	(((om)[P],(hul)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
omissiedelict	((omissie)[N],(delict)[N])[N]
omkading	((omkaad)[V],(ing)[N|V.])[N]
omkantelen	((om)[P],(kantel)[V])[V]
omkanten	((om)[P],(kant)[V])[V]
omkappen	((om)[P],(kap)[V])[V]
omkeer	((om)[P],(keer)[N])[N]
omkeerbaar	(((om)[P],(keer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
omkeerbaarheid	((((om)[P],(keer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
omkeerfilm	(((om)[P],(keer)[V])[V],(film)[N])[N]
omkeerkoppeling	(((om)[P],(keer)[V])[V],((koppel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
omkeerprisma	(((om)[P],(keer)[V])[V],(prisma)[N])[N]
omkeerproces	(((om)[P],(keer)[V])[V],(proces)[N])[N]
omkeerprocédé	(((om)[P],(keer)[V])[V],(procédé)[N])[N]
omkeerschakelaar	(((om)[P],(keer)[V])[V],((schakel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
omkegelen	((om)[P],(kegel)[V])[V]
omkeilen	((om)[P],(keil)[V])[V]
omkeren	((om)[P],(keer)[V])[V]
omkering	(((om)[P],(keer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omkiepen	((om)[P],(kiep)[V])[V]
omkieperen	((om)[P],(kieper)[V])[V]
omkijken	((om)[P],(kijk)[V])[V]
omkippen	((om)[P],(kip)[V])[V]
omklappen	((om)[P],(klap)[V])[V]
omkleden	((om)[P],(kleed)[V])[V]
omkleding	(((om)[P],(kleed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omkleedsel	(((om)[P],(kleed)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
omklemmen	((om)[P],(klem)[V])[V]
omklinken	((om)[P],(klink)[V])[V]
omkloppen	((om)[P],(klop)[V])[V]
omknellen	((om)[P],(knel)[V])[V]
omknikkeren	((om)[P],(knikker)[V])[V]
omkomen	((om)[P],(kom)[V])[V]
omkoopbaar	(((om)[P],(koop)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
omkoopbaarheid	((((om)[P],(koop)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
omkooppoging	(((om)[P],(koop)[V])[V],((poog)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
omkopen	((om)[P],(koop)[V])[V]
omkoper	(((om)[P],(koop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
omkoperij	(((om)[P],(koop)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
omkoping	(((om)[P],(koop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omkopingsschandaal	((((om)[P],(koop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schandaal)[N])[N]
omkransen	((om)[P],(krans)[V])[V]
omkruipen	((om)[P],(kruip)[V])[V]
omkuieren	((om)[P],(kuier)[V])[V]
omkukelen	((om)[P],(kukel)[V])[V]
omkwakken	((om)[P],(kwak)[V])[V]
omlaaghalen	((omlaag)[B],(haal)[V])[V]
omladen	((om)[P],(laad)[V])[V]
omleggen	((om)[P],(leg)[V])[V]
omlegging	(((om)[P],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omlegkalender	(((om)[P],(leg)[V])[V],(kalender)[N])[N]
omleiden	((om)[P],(leid)[V])[V]
omleiding	(((om)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omliggen	((om)[P],(lig)[V])[V]
omlijnen	((om)[P],(lijn)[V])[V]
omlijning	(((om)[P],(lijn)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omlijsten	((om)[P],(lijst)[V])[V]
omlijsting	(((om)[P],(lijst)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omloop	((om)[P],(loop)[N])[N]
omloopbaan	(((om)[P],(loop)[V])[V],(baan)[N])[N]
omloopdijk	(((om)[P],(loop)[V])[V],(dijk)[N])[N]
omloopsnelheid	(((om)[P],(loop)[V])[V],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
omloopstijd	(((om)[P],(loop)[N])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
omlooptijd	(((om)[P],(loop)[V])[V],(tijd)[N])[N]
omlopen	((om)[P],(loop)[V])[V]
omloper	(((om)[P],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
ommegang	(((om)[P],(ga)[V])[V])[N]
ommekant	((omme)[P],(kant)[A])[N]
ommestaand	((omme)[P],(staand)[A])[A]
ommetje	((om)[P],(etje)[N|P.])[N]
ommezwaai	((omme)[P],(zwaai)[N])[N]
ommuring	((ommuur)[V],(ing)[N|V.])[N]
omnaaien	((om)[P],(naai)[V])[V]
omnevelen	((om)[P],(nevel)[V])[V]
omneveling	(((om)[P],(nevel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omnibusdienst	((omnibus)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
omnipotentie	((omnipotent)[A],(ie)[N|A.])[N]
omniumverzekering	((omnium)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
omnummeren	((om)[P],(nummer)[V])[V]
omnummering	((om)[P],((nummer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ompakken	((om)[P],(pak)[V])[V]
ompalen	((om)[P],(paal)[V])[V]
ompaling	(((om)[P],(paal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ompantseren	((om)[P],(pantser)[V])[V]
omplanten	((om)[P],(plant)[V])[V]
omplanting	(((om)[P],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omploegen	((om)[P],(ploeg)[V])[V]
omplooien	((om)[P],(plooi)[V])[V]
ompoling	((om)[A],(pool)[V],(ing)[N|AV.])[N]
ompoten	((om)[P],(poot)[V])[V]
omprangen	((om)[P],(prang)[V])[V]
ompraten	((om)[P],(praat)[V])[V]
omprogrammeren	((om)[P],((program)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
omranden	((om)[P],(rand)[V])[V]
omranken	((om)[P],(rank)[V])[V]
omrasteren	((om)[P],(raster)[V])[V]
omrastering	(((om)[P],(raster)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omreizen	((om)[P],(reis)[V])[V]
omrekenen	((om)[P],(reken)[V])[V]
omrekeningsgetal	(((om)[P],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.xN],(s)[N|Vx.N],(getal)[N])[N]
omrekeningskoers	(((om)[P],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.xN],(s)[N|Vx.N],(koers)[N])[N]
omrekentabel	(((om)[P],(reken)[V])[V],(tabel)[N])[N]
omrijden	((om)[P],(rijd)[V])[V]
omringen	((om)[P],(ring)[V])[V]
omrit	((om)[P],(rit)[N])[N]
omroepbestel	((omroep)[N],(bestel)[N])[N]
omroepbijdrage	((omroep)[N],(bijdrage)[N])[N]
omroepbons	((omroep)[N],(bons)[N])[N]
omroepbonze	((omroep)[N],(bonze)[N])[N]
omroepen	((om)[P],(roep)[V])[V]
omroeper	(((om)[P],(roep)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
omroepgids	((omroep)[N],(gids)[N])[N]
omroepinstallatie	(((om)[P],(roep)[V])[V],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
omroepkoor	((omroep)[N],(koor)[N])[N]
omroepland	((omroep)[N],(land)[N])[N]
omroeporganisatie	((omroep)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
omroeporkest	((omroep)[N],(orkest)[N])[N]
omroepraad	((omroep)[N],(raad)[N])[N]
omroepsatelliet	(((om)[P],(roep)[V])[V],(satelliet)[N])[N]
omroepstation	(((om)[P],(roep)[V])[V],(station)[N])[N]
omroepster	(((om)[P],(roep)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
omroepvereniging	((omroep)[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
omroepwet	((omroep)[N],(wet)[N])[N]
omroeren	((om)[P],(roer)[V])[V]
omrollen	((om)[P],(rol)[V])[V]
omroller	(((om)[P],(rol)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
omruil	((om)[P],(ruil)[N])[N]
omruilen	((om)[P],(ruil)[V])[V]
omruiling	(((om)[P],(ruil)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omrukken	((om)[P],(ruk)[V])[V]
omschakelaar	((om)[P],((schakel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
omschakelen	((om)[P],(schakel)[V])[V]
omschansing	((omschans)[V],(ing)[N|V.])[N]
omschenken	((om)[P],(schenk)[V])[V]
omscheppen	((om)[P],(schep)[V])[V]
omschieten	((om)[P],(schiet)[V])[V]
omscholen	((om)[P],(school)[V])[V]
omscholing	(((om)[P],(school)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omscholingscursus	((((om)[P],(school)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cursus)[N])[N]
omschoppen	((om)[P],(schop)[V])[V]
omschrift	((om)[P],(schrift)[N])[N]
omschrijven	((om)[P],(schrijf)[V])[V]
omschrijving	(((om)[P],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omschudden	((om)[P],(schud)[V])[V]
omsingelen	((om)[P],(singel)[V])[V]
omsingeling	(((om)[P],(singel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omsingelingsmanoeuvre	((((om)[P],(singel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(manoeuvre)[N])[N]
omsingelingspolitiek	((((om)[P],(singel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(politiek)[N])[N]
omslaan	((om)[P],(sla)[V])[V]
omslachtigheid	((omslachtig)[A],(heid)[N|A.])[N]
omslag	((om)[P],(slag)[N])[N]
omslagartikel	(((om)[P],(slag)[N])[N],(artikel)[N])[N]
omslagdoek	(((om)[P],(slag)[N])[N],(doek)[N])[N]
omslagtekening	(((om)[P],(slag)[N])[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
omslagtitel	(((om)[P],(slag)[N])[N],(titel)[N])[N]
omslagverhaal	(((om)[P],(slag)[N])[N],(verhaal)[N])[N]
omslepen	((om)[P],(sleep)[V])[V]
omslingeren	((om)[P],(slinger)[V])[V]
omsluieren	((om)[P],(sluier)[V])[V]
omsluiering	(((om)[P],(sluier)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omsluiten	((om)[P],(sluit)[V])[V]
omsluiting	(((om)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omsmakken	((om)[P],(smak)[V])[V]
omsmeden	((om)[P],(smeed)[V])[V]
omsmelten	((om)[P],(smelt)[V])[V]
omsmijten	((om)[P],(smijt)[V])[V]
omsnoeren	((om)[P],(snoer)[V])[V]
omspannen	((om)[P],(span)[V])[V]
omspelden	((om)[P],(speld)[V])[V]
omspelen	((om)[P],(speel)[V])[V]
omspellen	((om)[P],(spel)[V])[V]
omspinnen	((om)[P],(spin)[V])[V]
omspitten	((om)[P],(spit)[V])[V]
omspoelen	((om)[P],(spoel)[V])[V]
omspoken	((om)[P],(spook)[V])[V]
omspringen	((om)[P],(spring)[V])[V]
omstaan	((om)[P],(sta)[V])[V]
omstander	((om)[P],(sta)[V],(der)[N|PV.])[N]
omstandigheid	((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N]
omstikken	((om)[P],(stik)[V])[V]
omstoeien	((om)[P],(stoei)[V])[V]
omstorten	((om)[P],(stort)[V])[V]
omstoten	((om)[P],(stoot)[V])[V]
omstralen	((om)[P],(straal)[V])[V]
omstreek	((om)[P],(streek)[N])[N]
omstrengelen	((om)[P],(strengel)[V])[V]
omstrengeling	(((om)[P],(strengel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omstuiven	((om)[P],(stuif)[V])[V]
omstulpen	((om)[P],(stulp)[V])[V]
omstulping	(((om)[P],(stulp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omstuwen	((om)[P],(stuw)[V])[V]
omsuizen	((om)[P],(suis)[V])[V]
omtollen	((om)[P],(tol)[V])[V]
omtoveren	((om)[P],(tover)[V])[V]
omtrappen	((om)[P],(trap)[V])[V]
omtrekken	((om)[P],(trek)[V])[V]
omtrekking	(((om)[P],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omtreklijn	((omtrek)[N],(lijn)[N])[N]
omtrekshoek	((omtrek)[N],(s)[N|N.N],(hoek)[N])[N]
omtreksnelheid	((omtrek)[N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
omtrektekening	((omtrek)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
omtrekvorm	((omtrek)[N],(vorm)[N])[N]
omtuimelen	((om)[P],(tuimel)[V])[V]
omtuinen	((om)[P],(tuin)[V])[V]
omtuining	(((om)[P],(tuin)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omvaart	((om)[P],(vaart)[N])[N]
omvademen	((om)[P],(vadem)[V])[V]
omvademing	(((om)[P],(vadem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omvallen	((om)[P],(val)[V])[V]
omvamen	((om)[P],(vaam)[V])[V]
omvangen	((om)[P],(vang)[V])[V]
omvangrijk	((omvang)[N],(rijk)[A])[A]
omvangrijkheid	(((omvang)[N],(rijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
omvaren	((om)[P],(vaar)[V])[V]
omvatbaar	(((om)[P],(vat)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
omvatten	((om)[P],(vat)[V])[V]
omvattendheid	((omvattend)[V],(heid)[N|V.])[N]
omvatting	(((om)[P],(vat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omverblazen	((omver)[B],(blaas)[V])[V]
omverduwen	((omver)[B],(duw)[V])[V]
omvergooien	((omver)[B],(gooi)[V])[V]
omverhalen	((omver)[B],(haal)[V])[V]
omverkantelen	((omver)[B],(kantel)[V])[V]
omverkegelen	((omver)[B],(kegel)[V])[V]
omverliggen	((omver)[B],(lig)[V])[V]
omverlopen	((omver)[B],(loop)[V])[V]
omverpraten	((omver)[B],(praat)[V])[V]
omverrennen	((omver)[B],(ren)[V])[V]
omverrijden	((omver)[B],(rijd)[V])[V]
omverrukken	((omver)[B],(ruk)[V])[V]
omverschieten	((omver)[B],(schiet)[V])[V]
omverslaan	((omver)[B],(sla)[V])[V]
omvertrekken	((omver)[B],(trek)[V])[V]
omvertuimelen	((omver)[B],(tuimel)[V])[V]
omvervallen	((omver)[B],(val)[V])[V]
omverwaaien	((omver)[B],(waai)[V])[V]
omverwerpen	((omver)[B],(werp)[V])[V]
omverwerping	(((omver)[B],(werp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omvliegen	((om)[P],(vlieg)[V])[V]
omvormen	((om)[P],(vorm)[V])[V]
omvormer	(((om)[P],(vorm)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
omvorming	(((om)[P],(vorm)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omvormingsregel	((((om)[P],(vorm)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
omvouwen	((om)[P],(vouw)[V])[V]
omvraag	((om)[P],(vraag)[N])[N]
omvragen	((om)[P],(vraag)[V])[V]
omwaaien	((om)[P],(waai)[V])[V]
omwallen	((om)[P],(wal)[V])[V]
omwalling	(((om)[P],(wal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omwalmen	((om)[P],(walm)[V])[V]
omwandelen	((om)[P],(wandel)[V])[V]
omwandeling	(((om)[P],(wandel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omwaren	((om)[P],(waar)[V])[V]
omwassen	((om)[P],(was)[V])[V]
omweg	((om)[P],(weg)[N])[N]
omweiden	((om)[P],(weid)[V])[V]
omwenden	((om)[P],(wend)[V])[V]
omwentelen	((om)[P],(wentel)[V])[V]
omwenteling	(((om)[P],(wentel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omwentelingsas	((((om)[P],(wentel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(as)[N])[N]
omwentelingscilinder	((((om)[P],(wentel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cilinder)[N])[N]
omwentelingsgeest	((((om)[P],(wentel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(geest)[N])[N]
omwentelingsgezind	((((om)[P],(wentel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(gezind)[A])[A]
omwentelingskegel	((((om)[P],(wentel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kegel)[N])[N]
omwentelingslichaam	((((om)[P],(wentel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lichaam)[N])[N]
omwentelingsperiode	((((om)[P],(wentel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
omwentelingssnelheid	((((om)[P],(wentel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
omwentelingstijd	((((om)[P],(wentel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
omwentelingsverhouding	((((om)[P],(wentel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verhoud)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
omwentelingsvlak	((((om)[P],(wentel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vlak)[N])[N]
omwerken	((om)[P],(werk)[V])[V]
omwerking	(((om)[P],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omwerpen	((om)[P],(werp)[V])[V]
omwikkelen	((om)[P],(wikkel)[V])[V]
omwikkeling	(((om)[P],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omwinden	((om)[P],(wind)[V])[V]
omwindsel	(((om)[P],(wind)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
omwippen	((om)[P],(wip)[V])[V]
omwisselen	((om)[P],(wissel)[V])[V]
omwisseling	(((om)[P],(wissel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omwoelen	((om)[P],(woel)[V])[V]
omwoeling	(((om)[P],(woel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omwonend	((om)[P],(wonend)[V])[A]
omwoners	((om)[P],(woon)[V],(er)[N|PV.])[N]
omwrikken	((om)[P],(wrik)[V])[V]
omwringen	((om)[P],(wring)[V])[V]
omwroeten	((om)[P],(wroet)[V])[V]
omzadelen	((om)[P],(zadel)[V])[V]
omzagen	((om)[P],(zaag)[V])[V]
omzakken	((om)[P],(zak)[V])[V]
omzeggen	((om)[P],(zeg)[V])[V]
omzegging	(((om)[P],(zeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omzeilen	((om)[P],(zeil)[V])[V]
omzendbrief	((omzend)[V],(brief)[N])[N]
omzetbelasting	((omzet)[N],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
omzetcijfer	((omzet)[N],(cijfer)[N])[N]
omzetijzer	(((om)[P],(zet)[V])[V],(ijzer)[N])[N]
omzetpremie	((omzet)[N],(premie)[N])[N]
omzetprovisie	((omzet)[N],(provisie)[N])[N]
omzetsel	((omzet)[V],(sel)[N|V.])[N]
omzetsnelheid	(((om)[P],(zet)[V])[V],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
omzetten	((om)[P],(zet)[V])[V]
omzetting	(((om)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omzettingssnelheid	((((om)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
omzichtigheid	((omzichtig)[A],(heid)[N|A.])[N]
omzien	((om)[P],(zie)[V])[V]
omzitten	((om)[P],(zit)[V])[V]
omzomen	((om)[P],(zoom)[V])[V]
omzoming	(((om)[P],(zoom)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omzwaai	((om)[P],(zwaai)[N])[N]
omzwaaien	((om)[P],(zwaai)[V])[V]
omzwaaier	(((om)[P],(zwaai)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
omzwachtelen	((om)[P],(zwachtel)[V])[V]
omzwachteling	(((om)[P],(zwachtel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omzwalken	((om)[P],(zwalk)[V])[V]
omzwalpen	((om)[P],(zwalp)[V])[V]
omzwenken	((om)[P],(zwenk)[V])[V]
omzwermen	((om)[P],(zwerm)[V])[V]
omzwerven	((om)[P],(zwerf)[V])[V]
omzwerving	(((om)[P],(zwerf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
omzweven	((om)[P],(zweef)[V])[V]
omzwiepen	((om)[P],(zwiep)[V])[V]
omzwikken	((om)[P],(zwik)[V])[V]
on-Engels	((on)[A|.A],(engels)[A])[A]
on-Frans	((on)[A|.A],(Frans)[A])[A]
on-Hollands	((on)[A|.A],(Hollands)[A])[A]
on-Nederlands	((on)[A|.A],(Nederlands)[A])[A]
onaandachtig	((on)[A|.A],(aandachtig)[A])[A]
onaandoenlijk	((on)[A|.A],(((aan)[P],(doe)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
onaandoenlijkheid	(((on)[A|.A],(((aan)[P],(doe)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onaangebroken	((on)[A|.V],(aangebroken)[V])[A]
onaangedaan	((on)[A|.A],(aangedaan)[A])[A]
onaangediend	((on)[A|.V],(aangediend)[V])[A]
onaangekleed	((on)[A|.A],(aangekleed)[A])[A]
onaangekondigd	((on)[A|.V],(aangekondigd)[V])[A]
onaangemeld	((on)[A|.V],(aangemeld)[V])[A]
onaangenaam	((on)[A|.A],(aangenaam)[A])[A]
onaangenaamheid	(((on)[A|.A],(aangenaam)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onaangepast	((on)[A|.A],(aangepast)[A])[A]
onaangepastheid	(((on)[A|.A],(aangepast)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onaangeraakt	((on)[A|.V],(aangeraakt)[V])[A]
onaangeroerd	((on)[A|.V],(aangeroerd)[V])[A]
onaangesproken	((on)[A|.V],(aangesproken)[V])[A]
onaangestoken	((on)[A|.A],(aangestoken)[A])[A]
onaangetast	((on)[A|.V],(aangetast)[V])[A]
onaangevochten	((on)[A|.V],(aangevochten)[V])[A]
onaanlokkelijk	((on)[A|.A],(((aan)[P],(lok)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onaannemelijk	((on)[A|.A],(((aan)[P],(neem)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onaannemelijkheid	(((on)[A|.A],(((aan)[P],(neem)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onaanschouwelijk	((on)[A|.A],(((aan)[P],(schouw)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onaansprakelijk	((on)[A|.A],(((aan)[P],(spreek)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onaanspreekbaar	((on)[A|.A],(((aan)[P],(spreek)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onaantastbaar	((on)[A|.Vx],((aan)[P],(tast)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onaantastbaarheid	(((on)[A|.Vx],((aan)[P],(tast)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onaantrekkelijk	((on)[A|.A],(((aan)[P],(trek)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onaanvaard	((on)[A|.V],(aanvaard)[V])[A]
onaanvaardbaar	((on)[A|.A],((aanvaard)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onaanvechtbaar	((on)[A|.A],(((aan)[P],(vecht)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onaanzienlijk	((on)[A|.A],((aanzien)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
onaanzienlijkheid	(((on)[A|.A],((aanzien)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onaardig	((on)[A|.A],(aardig)[A])[A]
onaardigheid	(((on)[A|.A],(aardig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onaards	((on)[A|.A],((aarde)[N],(s)[A|N.])[A])[A]
onacceptabel	((on)[A|.A],(((accept)[N],(eer)[V|N.])[V],(abel)[A|V.])[A])[A]
onachterhaalbaar	((on)[A|.A],(((achter)[B],(haal)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onachtzaam	((on)[A|.Vx],(acht)[V],(zaam)[A|xV.])[A]
onachtzaamheid	(((on)[A|.Vx],(acht)[V],(zaam)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onaf	((on)[A|.A],(af)[A])[A]
onafbetaald	((on)[A|.V],(afbetaald)[V])[A]
onafgebouwd	((on)[A|.V],(afgebouwd)[V])[A]
onafgebroken	((on)[A|.A],(afgebroken)[A])[A]
onafgedaan	((on)[A|.A],(afgedaan)[A])[A]
onafgehaald	((on)[A|.V],(afgehaald)[V])[A]
onafgelost	((on)[A|.V],(afgelost)[V])[A]
onafgewend	((on)[A|.A],(afgewend)[A])[A]
onafgewerkt	((on)[A|.A],(afgewerkt)[A])[A]
onafhankelijk	((on)[A|.A],(((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onafhankelijkheid	(((on)[A|.A],(((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onafhankelijkheidsbeweging	((((on)[A|.A],(((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
onafhankelijkheidsoorlog	((((on)[A|.A],(((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(oorlog)[N])[N]
onafhankelijkheidsstreven	((((on)[A|.A],(((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(streven)[N])[N]
onafhankelijkheidsverklaring	((((on)[A|.A],(((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
onafheid	(((on)[A|.A],(af)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onafkeerbaar	((on)[A|.Vx],((af)[P],(keer)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onafkoopbaar	((on)[A|.A],(((af)[P],(koop)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onafleidbaar	((on)[A|.A],(((af)[P],(leid)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onaflosbaar	((on)[A|.A],(((af)[P],(los)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onafscheidbaar	((on)[A|.A],(((af)[P],(scheid)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onafscheidelijk	((on)[A|.Vx],((af)[P],(scheid)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A]
onafscheidelijkheid	(((on)[A|.Vx],((af)[P],(scheid)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onafweerbaar	((on)[A|.A],(((af)[P],(weer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onafwendbaar	((on)[A|.Vx],((af)[P],(wend)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onafwendbaarheid	(((on)[A|.Vx],((af)[P],(wend)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onafwijsbaar	((on)[A|.Vx],((af)[P],(wijs)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onafwisbaar	((on)[A|.Vx],((af)[P],(wis)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onafzetbaar	((on)[A|.A],(((af)[P],(zet)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onafzetbaarheid	(((on)[A|.A],(((af)[P],(zet)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onafzettelijk	((on)[A|.Vx],((af)[P],(zet)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A]
onafzienbaar	((on)[A|.A],(((af)[P],(zie)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onafzienlijk	((on)[A|.Vx],((af)[P],(zie)[V])[V],(lijk)[A|xV.])[A]
onager	(onager)[N]
onalledaags	((on)[A|.A],((alle)[Q],((dag)[N],(s)[A|N.])[A])[A])[A]
onanist	((onanie)[N],(ist)[N|N.])[N]
onappetijtelijk	((on)[A|.A],((appetijt)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onartistiek	((on)[A|.A],(artistiek)[A])[A]
onattent	((on)[A|.A],(attent)[A])[A]
onbaatzuchtig	((on)[A|.A],((baat)[N],(zucht)[N],(ig)[A|NN.])[A])[A]
onbaatzuchtigheid	(((on)[A|.A],((baat)[N],(zucht)[N],(ig)[A|NN.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbalans	((on)[N|.N],(balans)[N])[N]
onbarmhartig	((on)[A|.A],(barmhartig)[A])[A]
onbarmhartigheid	(((on)[A|.A],(barmhartig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbebouwd	((on)[A|.A],(bebouwd)[A])[A]
onbedaarlijk	((on)[A|.Vx],(bedaar)[V],(lijk)[A|xV.])[A]
onbedacht	((on)[A|.A],(bedacht)[A])[A]
onbedachtheid	(((on)[A|.A],(bedacht)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbedachtzaam	((on)[A|.A],((bedacht)[A],(zaam)[A|A.])[A])[A]
onbedachtzaamheid	((on)[N|.N],(((bedacht)[A],(zaam)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
onbedeeld	((on)[A|.V],(bedeeld)[V])[A]
onbedeesd	((on)[A|.A],(bedeesd)[A])[A]
onbedekt	((on)[A|.A],(bedekt)[A])[A]
onbedenkelijk	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(denk)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onbederfelijk	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(derf)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onbediend	((on)[A|.A],(bediend)[A])[A]
onbedijkt	((on)[A|.V],(bedijkt)[V])[A]
onbedorven	((on)[A|.A],(bedorven)[A])[A]
onbedorvenheid	(((on)[A|.A],(bedorven)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbedreven	((on)[A|.A],(bedreven)[A])[A]
onbedrevenheid	(((on)[A|.A],(bedreven)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbedrieglijk	((on)[A|.A],((bedrieg)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
onbedrukt	((on)[A|.A],(bedrukt)[A])[A]
onbeduidend	((on)[A|.A],(beduidend)[A])[A]
onbeduidendheid	(((on)[A|.A],(beduidend)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbedwingbaar	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(dwing)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onbedwongen	((on)[A|.V],(bedwongen)[V])[A]
onbegaafd	((on)[A|.A],((be)[A|.Nx],(gaaf)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
onbegaan	((on)[A|.V],(begaan)[V])[A]
onbegaanbaar	((on)[A|.A],((begaan)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onbegeerd	((on)[A|.V],(begeerd)[V])[A]
onbegeerlijk	((on)[A|.A],(((be)[V|.N],(geer)[N])[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
onbegeleid	((on)[A|.V],(begeleid)[V])[A]
onbegonnen	((on)[A|.V],(begonnen)[V])[A]
onbegrensbaar	((on)[A|.Vx],((be)[V|.N],(grens)[N])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onbegrensd	((on)[A|.A],(begrensd)[A])[A]
onbegrensdheid	(((on)[A|.A],(begrensd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbegrepen	((on)[A|.V],(begrepen)[V])[A]
onbegrijpelijk	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(grijp)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onbegrijpelijkheid	(((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(grijp)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbegrijpend	((on)[A|.A],(begrijpend)[A])[A]
onbegrip	((on)[N|.N],(begrip)[N])[N]
onbegroeid	((on)[A|.A],(begroeid)[A])[A]
onbegroot	((on)[A|.V],(begroot)[V])[A]
onbehaaglijk	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(haag)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
onbehaaglijkheid	(((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(haag)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbehaard	((on)[A|.A],(behaard)[A])[A]
onbehagen	((on)[N|.N],(behagen)[N])[N]
onbehandelbaar	((on)[A|.Vx],((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onbehangen	((on)[A|.V],(behangen)[V])[A]
onbeheerd	((on)[A|.V],(beheerd)[V])[A]
onbeheerst	((on)[A|.A],(beheerst)[A])[A]
onbehendig	((on)[A|.A],(behendig)[A])[A]
onbehoedzaam	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(hoed)[V])[V],(zaam)[A|V.])[A])[A]
onbeholpenheid	(((on)[A|.V],(beholpen)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbehoorlijk	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(hoor)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
onbehoorlijkheid	(((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(hoor)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbehouwen	((on)[A|.V],(behouwen)[V])[A]
onbehouwenheid	(((on)[A|.V],(behouwen)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbehuisd	((on)[A|.A],((be)[A|.Nx],(huis)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
onbehulpzaam	((on)[A|.A],(behulpzaam)[A])[A]
onbekeerd	((on)[A|.A],(bekeerd)[A])[A]
onbekend	((on)[A|.A],(bekend)[A])[A]
onbekendheid	(((on)[A|.A],(bekend)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbekleed	((on)[A|.A],(bekleed)[A])[A]
onbeklimbaar	((on)[A|.Vx],((be)[V|.V],(klim)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onbekommerd	((on)[A|.A],(bekommerd)[A])[A]
onbekookt	((on)[A|.V],(bekookt)[V])[A]
onbekooktheid	(((on)[A|.V],(bekookt)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbekoorlijk	((on)[A|.A],((bekoor)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
onbekrachtigd	((on)[A|.V],(bekrachtigd)[V])[A]
onbekrompen	((on)[A|.A],(bekrompen)[A])[A]
onbekrompenheid	(((on)[A|.A],(bekrompen)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbekwaam	((on)[A|.A],(bekwaam)[A])[A]
onbekwaamheid	(((on)[A|.A],(bekwaam)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbeladen	((on)[A|.V],(beladen)[V])[A]
onbelangrijk	((on)[A|.A],((belang)[N],(rijk)[A|N.])[A])[A]
onbelangrijkheid	(((on)[A|.A],((belang)[N],(rijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbelast	((on)[A|.A],(belast)[A])[A]
onbelastbaar	((on)[A|.A],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onbeleefd	((on)[A|.A],(beleefd)[A])[A]
onbeleefderik	(((on)[A|.A],(beleefd)[A])[A],(erik)[N|A.])[N]
onbeleefdheid	(((on)[A|.A],(beleefd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbelegd	((on)[A|.V],(belegd)[V])[A]
onbelegen	((on)[A|.A],(belegen)[A])[A]
onbelemmerd	((on)[A|.V],(belemmerd)[V])[A]
onbelezenheid	((on)[N|.N],((belezen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
onbemand	((on)[A|.V],(bemand)[V])[A]
onbemerkt	((on)[A|.V],(bemerkt)[V])[A]
onbemiddeld	((on)[A|.A],((be)[A|.Nx],(middel)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
onbemiddeldheid	(((on)[A|.A],((be)[A|.Nx],(middel)[N],(d)[A|xN.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbemind	((on)[A|.A],(bemind)[A])[A]
onbeminnelijk	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(min)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onbenoembaar	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(noem)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onbenoemd	((on)[A|.V],(benoemd)[V])[A]
onbenullig	((onbenul)[N],(ig)[A|N.])[A]
onbenulligheid	(((onbenul)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbeoordeeld	((on)[A|.V],(beoordeeld)[V])[A]
onbepaald	((on)[A|.A],(bepaald)[A])[A]
onbepaaldheid	(((on)[A|.A],(bepaald)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbeperkt	((on)[A|.A],(beperkt)[A])[A]
onbeperktheid	(((on)[A|.A],(beperkt)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbeplant	((on)[A|.V],(beplant)[V])[A]
onbeproefd	((on)[A|.A],(beproefd)[A])[A]
onberaden	((on)[A|.A],(beraden)[A])[A]
onberadenheid	(((on)[A|.A],(beraden)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onberecht	((on)[A|.V],(berecht)[V])[A]
onbereden	((on)[A|.A],(bereden)[A])[A]
onberedeneerbaar	((on)[A|.Vx],((be)[V|.V],((reden)[N],(eer)[V|N.])[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onberedeneerd	((on)[A|.A],(beredeneerd)[A])[A]
onberedeneerdheid	(((on)[A|.A],(beredeneerd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbereid	((on)[A|.A],(bereid)[A])[A]
onbereidheid	((on)[N|.N],((bereid)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
onbereikbaar	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(reik)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onbereikbaarheid	(((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(reik)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbereisd	((on)[A|.A],(bereisd)[A])[A]
onberekenbaar	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(reken)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onberekenbaarheid	(((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(reken)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onberekend	((on)[A|.A],(berekend)[A])[A]
onberijdbaar	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(rijd)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onberijmd	((on)[A|.V],(berijmd)[V])[A]
onberispelijk	((on)[A|.A],((berisp)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onberispelijkheid	(((on)[A|.A],((berisp)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onberispt	((on)[A|.V],(berispt)[V])[A]
onberoemd	((on)[A|.A],(beroemd)[A])[A]
onberoerd	((on)[A|.A],(beroerd)[A])[A]
onberouwd	((on)[A|.V],(berouwd)[V])[A]
onbeschaafd	((on)[A|.A],(beschaafd)[A])[A]
onbeschaafdheid	(((on)[A|.A],(beschaafd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbeschaamd	((on)[A|.A],(beschaamd)[A])[A]
onbeschaamdheid	(((on)[A|.A],(beschaamd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbeschadigd	((on)[A|.A],(beschadigd)[A])[A]
onbescheiden	((on)[A|.A],(bescheiden)[A])[A]
onbescheidenheid	(((on)[A|.A],(bescheiden)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbeschermd	((on)[A|.V],(beschermd)[V])[A]
onbeschofterik	((onbeschoft)[A],(erik)[N|A.])[N]
onbeschoftheid	((onbeschoft)[A],(heid)[N|A.])[N]
onbeschreven	((on)[A|.V],(beschreven)[V])[A]
onbeschrijfbaar	((on)[A|.Vx],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onbeschrijfelijk	((on)[A|.Vx],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A]
onbeschrijflijk	((on)[A|.Vx],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(lijk)[A|xV.])[A]
onbeschroomd	((on)[A|.A],((be)[A|.Nx],(schroom)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
onbeschroomdheid	(((on)[A|.A],((be)[A|.Nx],(schroom)[N],(d)[A|xN.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbeschut	((on)[A|.A],(beschut)[A])[A]
onbeslagen	((on)[A|.A],(beslagen)[A])[A]
onbeslapen	((on)[A|.V],(beslapen)[V])[A]
onbeslecht	((on)[A|.V],(beslecht)[V])[A]
onbeslist	((on)[A|.A],(beslist)[A])[A]
onbeslistheid	(((on)[A|.A],(beslist)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbesmet	((on)[A|.A],(besmet)[A])[A]
onbesmuikt	((on)[A|.A],(besmuikt)[A])[A]
onbesneden	((on)[A|.A],(besneden)[A])[A]
onbespoten	((on)[A|.V],(bespoten)[V])[A]
onbespraakt	((on)[A|.A],((be)[A|.Nx],(spraak)[N],(t)[A|xN.])[A])[A]
onbespreekbaar	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(spreek)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onbesproken	((on)[A|.V],(besproken)[V])[A]
onbestaanbaar	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(sta)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onbestaanbaarheid	(((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(sta)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbestaand	((on)[A|.A],(bestaand)[A])[A]
onbesteed	((on)[A|.V],(besteed)[V])[A]
onbestelbaar	((on)[A|.Vx],(bestel)[V],(baar)[A|xV.])[A]
onbestemd	((on)[A|.V],(bestemd)[V])[A]
onbestemdheid	(((on)[A|.V],(bestemd)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbestendig	((on)[A|.A],(bestendig)[A])[A]
onbestendigheid	(((on)[A|.A],(bestendig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbestorven	((on)[A|.A],(bestorven)[A])[A]
onbestraat	((on)[A|.V],(bestraat)[V])[A]
onbestreden	((on)[A|.V],(bestreden)[V])[A]
onbestuurbaar	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onbesuisdheid	((onbesuisd)[A],(heid)[N|A.])[N]
onbetaalbaar	((on)[A|.A],((betaal)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onbetaald	((on)[A|.A],(betaald)[A])[A]
onbetamelijk	((on)[A|.A],((betaam)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onbetamelijkheid	(((on)[A|.A],((betaam)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbetekenend	((on)[A|.V],(betekenend)[V])[A]
onbeteugeld	((on)[A|.V],(beteugeld)[V])[A]
onbetreden	((on)[A|.V],(betreden)[V])[A]
onbetrouwbaar	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(trouw)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onbetrouwbaarheid	(((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(trouw)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbetrouwbaarheidsdrempel	((((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(trouw)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(drempel)[N])[N]
onbetuigd	((on)[A|.V],(betuigd)[V])[A]
onbetwijfelbaar	((on)[A|.Vx],((be)[V|.V],(twijfel)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onbetwijfelbaarheid	(((on)[A|.Vx],((be)[V|.V],(twijfel)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbetwistbaar	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(twist)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onbetwistbaarheid	(((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(twist)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbevaarbaar	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(vaar)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onbevallig	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(val)[V])[V],(ig)[A|V.])[A])[A]
onbevangen	((on)[A|.A],(bevangen)[A])[A]
onbevangenheid	(((on)[A|.A],(bevangen)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbevaren	((on)[A|.A],(bevaren)[A])[A]
onbevattelijk	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(vat)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onbevattelijkheid	(((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(vat)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbeveiligd	((on)[A|.V],(beveiligd)[V])[A]
onbevestigd	((on)[A|.V],(bevestigd)[V])[A]
onbevlekt	((on)[A|.V],(bevlekt)[V])[A]
onbevlektheid	(((on)[A|.V],(bevlekt)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbevoegd	((on)[A|.A],(bevoegd)[A])[A]
onbevoegdheid	(((on)[A|.A],(bevoegd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbevolkt	((on)[A|.A],(bevolkt)[A])[A]
onbevooroordeeld	((on)[A|.A],((be)[A|.Nx],((voor)[B],((oor)[N],(deel)[N])[N])[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
onbevredigd	((on)[A|.V],(bevredigd)[V])[A]
onbevredigdheid	(((on)[A|.V],(bevredigd)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbevredigend	((on)[A|.A],(bevredigend)[A])[A]
onbevreesd	((on)[A|.A],((be)[A|.Nx],(vrees)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
onbevroren	((on)[A|.A],(bevroren)[A])[A]
onbevrucht	((on)[A|.V],(bevrucht)[V])[A]
onbewaakt	((on)[A|.V],(bewaakt)[V])[A]
onbewassen	((on)[A|.A],(bewassen)[A])[A]
onbeweegbaar	((on)[A|.A],((beweeg)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onbeweegbaarheid	(((on)[A|.A],((beweeg)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbeweeglijk	((on)[A|.A],((beweeg)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
onbeweeglijkheid	(((on)[A|.A],((beweeg)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbewerkt	((on)[A|.V],(bewerkt)[V])[A]
onbewerktuigd	((on)[A|.A],((be)[A|.Nx],((werk)[V],(tuig)[N])[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
onbewezen	((on)[A|.V],(bewezen)[V])[A]
onbewijsbaar	((on)[A|.A],((bewijs)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onbewimpeld	((on)[A|.V],(bewimpeld)[V])[A]
onbewogen	((on)[A|.A],(bewogen)[A])[A]
onbewogenheid	(((on)[A|.A],(bewogen)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbewolkt	((on)[A|.A],(bewolkt)[A])[A]
onbewoonbaar	((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onbewoonbaarheid	(((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbewoonbaarheidsverklaring	((((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
onbewoonbaarverklaring	(((on)[A|.A],(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|AV.])[N]
onbewust	((on)[A|.A],(bewust)[A])[A]
onbewustheid	(((on)[A|.A],(bewust)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbezaaid	((on)[A|.V],(bezaaid)[V])[A]
onbezet	((on)[A|.A],(bezet)[A])[A]
onbezield	((on)[A|.A],(bezield)[A])[A]
onbezien	((on)[A|.V],(bezien)[V])[A]
onbezocht	((on)[A|.A],(bezocht)[A])[A]
onbezoedeld	((on)[A|.V],(bezoedeld)[V])[A]
onbezoldigd	((on)[A|.V],(bezoldigd)[V])[A]
onbezonnenheid	(((on)[A|.A],(bezonnen)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbezorgd	((on)[A|.A],((be)[A|.Nx],(zorg)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
onbezorgdheid	(((on)[A|.A],((be)[A|.Nx],(zorg)[N],(d)[A|xN.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbezwaard	((on)[A|.A],(bezwaard)[A])[A]
onbezweken	((on)[A|.V],(bezweken)[V])[A]
onbeëdigd	((on)[A|.A],(beëdigd)[A])[A]
onbijbels	((on)[A|.A],((bijbel)[N],(s)[A|N.])[A])[A]
onbillijk	((on)[A|.A],(billijk)[A])[A]
onbillijkheid	(((on)[A|.A],(billijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbloedig	((on)[A|.A],((bloed)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onblusbaar	((on)[A|.A],((blus)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onboetvaardig	((on)[A|.A],((boete)[N],(vaardig)[A])[A])[A]
onboetvaardigheid	((on)[N|.N],(((boete)[N],(vaardig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
onbrandbaar	((on)[A|.A],((brand)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onbrandbaarheid	(((on)[A|.A],((brand)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbreekbaar	((on)[A|.A],((breek)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onbreekbaarheid	(((on)[A|.A],((breek)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbruik	((on)[N|.N],(gebruik)[N])[N]
onbruikbaar	((on)[A|.A],((gebruik)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onbruikbaarheid	(((on)[A|.A],((gebruik)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onbuigbaar	((on)[A|.A],((buig)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onbuigzaam	((on)[A|.A],((buig)[V],(zaam)[A|V.])[A])[A]
onburgerlijk	((on)[A|.A],((burger)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
onchristelijk	((on)[A|.A],((christen)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onchristelijkheid	(((on)[A|.A],((christen)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
oncollegiaal	((on)[A|.A],((collega)[N],(iaal)[A|N.])[A])[A]
oncologisch	((oncoloog)[N],(isch)[A|N.])[A]
oncomfortabel	((on)[A|.A],(comfortabel)[A])[A]
oncontroleerbaar	((on)[A|.A],((controleer)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
oncontroleerbaarheid	(((on)[A|.A],((controleer)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onconventioneel	((on)[A|.A],((conventie)[N],(ioneel)[A|N.])[A])[A]
oncreatief	((on)[A|.A],(((creëer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
ondank	((on)[N|.N],(dank)[N])[N]
ondankbaar	((on)[A|.A],(dankbaar)[A])[A]
ondankbaarheid	(((on)[A|.A],(dankbaar)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ondeeg	((on)[N|.N],(deeg)[N])[N]
ondeelbaar	((on)[A|.A],((deel)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
ondeelbaarheid	(((on)[A|.A],((deel)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ondefinieerbaar	((on)[A|.Vx],(definieer)[V],(baar)[A|xV.])[A]
ondegelijk	((on)[A|.A],(degelijk)[A])[A]
ondelicaat	((on)[A|.A],(delicaat)[A])[A]
ondemocratisch	((on)[A|.A],((democraat)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
ondenkbaar	((on)[A|.A],((denk)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
ondenkbeeldig	((on)[A|.A],(((denk)[V],(beeld)[N])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onderaanbesteding	((onder)[P],(((aan)[P],(besteed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
onderaannemer	((onder)[B],(((aan)[P],(neem)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
onderaanzicht	((onder)[P],(aanzicht)[N])[N]
onderaards	((onder)[P],(aarde)[N],(s)[A|PN.])[A]
onderafdeling	((onder)[P],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
onderarm	((onder)[P],(arm)[N])[N]
onderarms	((onder)[P],(arm)[N],(s)[A|PN.])[A]
onderbaas	((onder)[P],(baas)[N])[N]
onderbed	((onder)[P],(bed)[N])[N]
onderbeen	((onder)[B],(been)[N])[N]
onderbeet	((onder)[B],(beet)[N])[N]
onderbelichten	((onder)[P],((be)[V|.N],(licht)[N])[V])[V]
onderbelichting	(((onder)[P],((be)[V|.N],(licht)[N])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderbenutting	((onder)[B],((be)[V|.N],(nut)[N])[V],(ing)[N|BV.])[N]
onderberm	((onder)[P],(berm)[N])[N]
onderbesteding	((onder)[P],((besteed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
onderbetalen	((onder)[P],(betaal)[V])[V]
onderbevelhebber	((onder)[P],((bevel)[N],(heb)[V],(er)[N|NV.])[N])[N]
onderbevolking	((onder)[P],(((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
onderbevrachten	((onder)[P],((be)[V|.N],(vracht)[N])[V])[V]
onderbewust	((onder)[P],(bewust)[A])[A]
onderbewustzijn	((onder)[P],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
onderbezet	((onder)[P],(bezet)[A])[A]
onderbezetting	((onder)[P],(((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
onderbibliothecaris	((onder)[P],(bibliothecaris)[N])[N]
onderbieden	((onder)[P],(bied)[V])[V]
onderbinden	((onder)[P],(bind)[V])[V]
onderblad	((onder)[P],(blad)[N])[N]
onderblijfsel	(((onder)[P],(blijf)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
onderblijven	((onder)[P],(blijf)[V])[V]
onderblouse	((onder)[P],(blouse)[N])[N]
onderbootsman	((onder)[P],((boot)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N])[N]
onderbouw	((onder)[P],(bouw)[N])[N]
onderbouwen	((onder)[P],(bouw)[V])[V]
onderbouwing	(((onder)[P],(bouw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderbreken	((onder)[P],(breek)[V])[V]
onderbreker	(((onder)[P],(breek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
onderbreking	(((onder)[P],(breek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderbrekingsbad	((((onder)[P],(breek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bad)[N])[N]
onderbrengen	((onder)[P],(breng)[V])[V]
onderbrenging	(((onder)[P],(breng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderbroek	((onder)[P],(broek)[N])[N]
onderbroekenlol	(((onder)[P],(broek)[N])[N],(e)[N|N.N],(lol)[N])[N]
onderbuik	((onder)[P],(buik)[N])[N]
onderbuiksziekte	(((onder)[P],(buik)[N])[N],(s)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
onderbuur	((onder)[P],(buur)[N])[N]
onderbuurman	((onder)[P],((buur)[N],(man)[N])[N])[N]
onderbuurvrouw	((onder)[P],((buur)[N],(vrouw)[N])[N])[N]
ondercommandeur	((onder)[P],((commandeer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
ondercommissaris	((onder)[P],(commissaris)[N])[N]
onderdak	((onder)[P],(dak)[N])[N]
onderdanig	((onderdaan)[N],(ig)[A|N.])[A]
onderdanigheid	(((onderdaan)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onderdeel	((onder)[P],(deel)[N])[N]
onderdek	((onder)[P],(dek)[N])[N]
onderdeken	((onder)[P],(deken)[N])[N]
onderdekken	((onder)[P],(dek)[V])[V]
onderdelenmagazijn	(((onder)[P],(deel)[N])[N],(en)[N|N.N],(magazijn)[N])[N]
onderdeur	((onder)[P],(deur)[N])[N]
onderdijk	((onder)[P],(dijk)[N])[N]
onderdirecteur	((onder)[P],(directeur)[N])[N]
onderdoen	((onder)[P],(doe)[V])[V]
onderdompelen	((onder)[P],(dompel)[V])[V]
onderdompeling	(((onder)[P],(dompel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderdoorgang	((onder)[P],(doorgang)[N])[N]
onderdoorspelen	(((onder)[B],(door)[B])[B],(speel)[V])[V]
onderdorpel	((onder)[P],(dorpel)[N])[N]
onderdruk	((onder)[P],(druk)[N])[N]
onderdrukken	((onder)[P],(druk)[V])[V]
onderdrukker	(((onder)[P],(druk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
onderdrukking	(((onder)[P],(druk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderdrukkingsapparaat	((((onder)[P],(druk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
onderdrukkingsmaatregel	((((onder)[P],(druk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
onderdrukkingsmechanisme	((((onder)[P],(druk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
onderduikadres	(((onder)[P],(duik)[V])[V],(adres)[N])[N]
onderduiken	((onder)[P],(duik)[V])[V]
onderduiker	(((onder)[P],(duik)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
onderduikperiode	(((onder)[P],(duik)[V])[V],(periode)[N])[N]
onderduims	((onder)[P],(duim)[N],(s)[A|PN.])[A]
onderduwen	((onder)[P],(duw)[V])[V]
ondereggen	((onder)[P],(eg)[V])[V]
ondereind	((onder)[P],(eind)[N])[N]
ondereinde	((onder)[B],(einde)[N])[N]
ondergaan	((onder)[P],(ga)[V])[V]
ondergang	((onder)[P],(gang)[N])[N]
ondergangsgloed	(((onder)[P],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(gloed)[N])[N]
ondergebit	((onder)[P],(gebit)[N])[N]
ondergedeelte	((onder)[P],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
ondergeschikt	((onder)[P],(geschikt)[A])[A]
ondergeschiktheid	(((onder)[P],(geschikt)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ondergetekende	((onder)[P],(getekende)[N])[N]
ondergevel	((onder)[P],(gevel)[N])[N]
ondergewicht	((onder)[P],(gewicht)[N])[N]
ondergieten	((onder)[P],(giet)[V])[V]
ondergist	((onder)[P],(gist)[N])[N]
ondergoed	((onder)[P],(goed)[N])[N]
ondergooien	((onder)[P],(gooi)[V])[V]
ondergraven	((onder)[P],(graaf)[V])[V]
ondergraving	(((onder)[P],(graaf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ondergreep	((onder)[P],(greep)[N])[N]
ondergrens	((onder)[P],(grens)[N])[N]
ondergroei	((onder)[P],(groei)[N])[N]
ondergronds	((onder)[P],(grond)[N],(s)[A|PN.])[A]
ondergrondse	(((onder)[P],(grond)[N],(s)[A|PN.])[A],(e)[N|A.])[N]
onderhaar	((onder)[P],(haar)[N])[N]
onderhand	((onder)[P],(hand)[N])[N]
onderhandelaar	(((onder)[P],(handel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
onderhandelaarster	((((onder)[P],(handel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
onderhandelen	((onder)[P],(handel)[V])[V]
onderhandeling	(((onder)[P],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderhandelingsdelegatie	((((onder)[P],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((delegeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
onderhandelingsobject	((((onder)[P],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(object)[N])[N]
onderhandelingspartner	((((onder)[P],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(partner)[N])[N]
onderhandelingspositie	((((onder)[P],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
onderhandelingsprocedure	((((onder)[P],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
onderhandelingsproces	((((onder)[P],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
onderhandelingsresultaat	((((onder)[P],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((resulteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
onderhandelingssituatie	((((onder)[P],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
onderhandelingsstrategie	((((onder)[P],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((strategisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
onderhandelingstactiek	((((onder)[P],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((tact)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
onderhandelingstafel	((((onder)[P],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tafel)[N])[N]
onderhandelingstechniek	((((onder)[P],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
onderhandelingsvrijheid	((((onder)[P],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
onderhands	((onder)[B],(hand)[N],(s)[A|BN.])[A]
onderhebbend	((onder)[B],(hebbend)[V])[A]
onderhemd	((onder)[P],(hemd)[N])[N]
onderhorig	((onder)[P],(horig)[A])[A]
onderhorigheid	(((onder)[P],(horig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onderhouden	((onder)[P],(houd)[V])[V]
onderhouder	((onderhoud)[V],(er)[N|V.])[N]
onderhoudplicht	((onderhoud)[V],(plicht)[N])[N]
onderhoudplichtig	(((onderhoud)[V],(plicht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
onderhoudsabonnement	((onderhoud)[N],(s)[N|N.Vx],(abonneer)[V],(ement)[N|NxV.])[N]
onderhoudsbeurt	((onderhoud)[N],(s)[N|N.N],(beurt)[N])[N]
onderhoudsdienst	((onderhoud)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
onderhoudsdosis	((onderhoud)[N],(s)[N|N.N],(dosis)[N])[N]
onderhoudskosten	((onderhoud)[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
onderhoudsmonteur	((onderhoud)[N],(s)[N|N.N],((monteer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
onderhoudsplicht	((onderhoud)[N],(s)[N|N.N],(plicht)[N])[N]
onderhoudsplichtig	(((onderhoud)[N],(s)[N|N.N],(plicht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
onderhoudsrecht	((onderhoud)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
onderhoudsregeling	((onderhoud)[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
onderhoudsschema	((onderhoud)[N],(s)[N|N.N],(schema)[N])[N]
onderhoudssubsidie	((onderhoud)[N],(s)[N|N.N],(subsidie)[N])[N]
onderhoudstermijn	((onderhoud)[N],(s)[N|N.N],(termijn)[N])[N]
onderhoudstherapie	((onderhoud)[N],(s)[N|N.N],(therapie)[N])[N]
onderhoudstoestand	((onderhoud)[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
onderhoudswerkzaamheden	((onderhoud)[N],(s)[N|N.N],(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
onderhout	((onder)[P],(hout)[N])[N]
onderhuid	((onder)[P],(huid)[N])[N]
onderhuids	((onder)[B],(huid)[N],(s)[A|BN.])[A]
onderhuis	((onder)[P],(huis)[N])[N]
onderhuren	((onder)[P],(huur)[V])[V]
onderhuur	((onder)[P],(huur)[N])[N]
onderhuurder	(((onder)[P],(huur)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
onderhuurster	(((onder)[P],(huur)[V])[V],(ster)[N])[N]
onderinspecteur	((onder)[P],((inspecteer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
onderjurk	((onder)[P],(jurk)[N])[N]
onderkaak	((onder)[P],(kaak)[N])[N]
onderkam	((onder)[P],(kam)[N])[N]
onderkanselier	((onder)[P],(kanselier)[N])[N]
onderkant	((onder)[P],(kant)[N])[N]
onderkapitalisatie	((onder)[P],(((kapitaal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
onderkast	((onder)[P],(kast)[N])[N]
onderkastletter	(((onder)[P],(kast)[N])[N],(letter)[N])[N]
onderkennen	((onder)[P],(ken)[V])[V]
onderkenning	(((onder)[P],(ken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderkerk	((onder)[P],(kerk)[N])[N]
onderkies	((onder)[P],(kies)[N])[N]
onderkin	((onder)[P],(kin)[N])[N]
onderklas	((onder)[P],(klas)[N])[N]
onderklasse	((onder)[B],(klasse)[N])[N]
onderklauw	((onder)[P],(klauw)[N])[N]
onderkleding	((onder)[P],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
onderkleed	((onder)[P],(kleed)[N])[N]
onderkleren	((onder)[P],(kleed)[N])[N]
onderkoelen	((onder)[P],(koel)[V])[V]
onderkoeling	(((onder)[P],(koel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderkok	((onder)[P],(kok)[N])[N]
onderkokkin	(((onder)[P],(kok)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
onderkomeling	(((onder)[P],(kom)[V])[V],(eling)[N|V.])[N]
onderkomen	((onder)[P],(kom)[V])[V]
onderkoning	((onder)[P],(koning)[N])[N]
onderkoningschap	(((onder)[P],(koning)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
onderkopen	((onder)[P],(koop)[V])[V]
onderkruier	((onder)[B],(krui)[V],(er)[N|BV.])[N]
onderkruipen	((onder)[P],(kruip)[V])[V]
onderkruiper	(((onder)[P],(kruip)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
onderkruiperij	(((onder)[P],(kruip)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
onderkruiping	(((onder)[P],(kruip)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderkruipsel	(((onder)[P],(kruip)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
onderla	((onder)[P],(la)[N])[N]
onderlaag	((onder)[P],(laag)[N])[N]
onderlade	((onder)[P],(lade)[N])[N]
onderlaken	((onder)[P],(laken)[N])[N]
onderlast	((onder)[P],(last)[N])[N]
onderleen	((onder)[P],(leen)[N])[N]
onderleenheer	((onder)[P],((leen)[N],(heer)[N])[N])[N]
onderleenman	((onder)[P],((leen)[N],(man)[N])[N])[N]
onderlegdheid	((onderlegd)[A],(heid)[N|A.])[N]
onderleggen	((onder)[P],(leg)[V])[V]
onderlegger	(((onder)[P],(leg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
onderlichaam	((onder)[P],(lichaam)[N])[N]
onderliggen	((onder)[P],(lig)[V])[V]
onderligger	(((onder)[P],(lig)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
onderlijf	((onder)[P],(lijf)[N])[N]
onderlijn	((onder)[P],(lijn)[N])[N]
onderlijnen	((onder)[P],(lijn)[V])[V]
onderlinnen	((onder)[P],(linnen)[N])[N]
onderlip	((onder)[P],(lip)[N])[N]
onderlopen	((onder)[P],(loop)[V])[V]
onderlosser	((onder)[B],(los)[V],(er)[N|BV.])[N]
onderlossing	((onder)[P],((los)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
onderluitenant	((onder)[P],(luitenant)[N])[N]
ondermaans	((onder)[P],(maan)[N],(s)[A|PN.])[A]
ondermaat	((onder)[P],(maat)[N])[N]
ondermaats	((onder)[P],(maat)[N],(s)[A|PN.])[A]
ondermeester	((onder)[P],(meester)[N])[N]
ondermelk	((onder)[P],(melk)[N])[N]
ondermengen	((onder)[P],(meng)[V])[V]
ondermijnen	((onder)[P],(mijn)[V])[V]
ondermijner	(((onder)[P],(mijn)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
ondermijning	(((onder)[P],(mijn)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ondermijningsgevaar	((((onder)[P],(mijn)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gevaar)[N])[N]
onderminister	((onder)[P],(minister)[N])[N]
onderneemster	((onderneem)[V],(ster)[N|V.])[N]
ondernemer	((onderneem)[V],(er)[N|V.])[N]
ondernemersactiviteit	(((onderneem)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
ondernemersbeleid	(((onderneem)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
ondernemersgedrag	(((onderneem)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
ondernemersgeest	(((onderneem)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(geest)[N])[N]
ondernemersinitiatief	(((onderneem)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(initiatief)[N])[N]
ondernemersklasse	(((onderneem)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
ondernemersklimaat	(((onderneem)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klimaat)[N])[N]
ondernemerskwaliteit	(((onderneem)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kwaliteit)[N])[N]
ondernemersorganisatie	(((onderneem)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
ondernemersregeling	(((onderneem)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ondernemersrisico	(((onderneem)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(risico)[N])[N]
ondernemerstalent	(((onderneem)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(talent)[N])[N]
ondernemersvrijheid	(((onderneem)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ondernemerswereld	(((onderneem)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
onderneming	((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N]
ondernemingsactiviteit	(((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
ondernemingsbeleid	(((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
ondernemingsdoelstelling	(((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((doel)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
ondernemingsgeest	(((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(geest)[N])[N]
ondernemingsgrootte	(((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((groot)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
ondernemingsklimaat	(((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klimaat)[N])[N]
ondernemingsniveau	(((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
ondernemingsorganisatie	(((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
ondernemingspensioenfonds	(((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((pensioen)[N],(fonds)[N])[N])[N]
ondernemingsraad	(((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
ondernemingsrisico	(((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(risico)[N])[N]
ondernemingsstructuur	(((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
ondernemingsvrijheid	(((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
onderofficier	((onder)[P],(officier)[N])[N]
onderofficierskamer	(((onder)[P],(officier)[N])[N],(s)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
onderofficiersstrepen	(((onder)[P],(officier)[N])[N],(s)[N|N.N],(streep)[N])[N]
onderonsje	((onder)[P],(ons)[O],(je)[N|PO.])[N]
onderontwikkeld	((onder)[P],(ontwikkeld)[A])[A]
onderontwikkeldheid	(((onder)[P],(ontwikkeld)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onderoverste	((onder)[P],(overste)[N])[N]
onderpacht	((onder)[P],(pacht)[N])[N]
onderpand	((onder)[P],(pand)[N])[N]
onderpastoor	((onder)[P],(pastoor)[N])[N]
onderploegen	((onder)[P],(ploeg)[V])[V]
onderpresteerder	((onder)[B],(presteer)[V],(der)[N|BV.])[N]
onderproductie	((onder)[P],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
onderpui	((onder)[P],(pui)[N])[N]
onderra	((onder)[P],(ra)[N])[N]
onderrand	((onder)[P],(rand)[N])[N]
onderrichting	((onderricht)[V],(ing)[N|V.])[N]
onderrok	((onder)[P],(rok)[N])[N]
onderruim	((onder)[P],(ruim)[N])[N]
onderschatten	((onder)[P],(schat)[V])[V]
onderscheiden	((onder)[P],(scheid)[V])[V]
onderscheidenheid	((onderscheiden)[A],(heid)[N|A.])[N]
onderscheiding	(((onder)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderscheidingscriterium	((((onder)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(criterium)[N])[N]
onderscheidingsdrang	((((onder)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
onderscheidingsteken	((((onder)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
onderscheidingsvermogen	((((onder)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
onderscheidingsvlag	((((onder)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vlag)[N])[N]
onderschikken	((onder)[P],(schik)[V])[V]
onderschikking	(((onder)[P],(schik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderschip	((onder)[P],(schip)[N])[N]
onderschoren	((onder)[P],(schoor)[V])[V]
onderschoring	(((onder)[P],(schoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderschragen	((onder)[P],(schraag)[V])[V]
onderschrift	((onder)[P],(schrift)[N])[N]
onderschrijden	((onder)[P],(schrijd)[V])[V]
onderschrijven	((onder)[P],(schrijf)[V])[V]
onderschrijving	(((onder)[P],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderschuiven	((onder)[P],(schuif)[V])[V]
onderschuiving	(((onder)[P],(schuif)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ondersim	((onder)[P],(sim)[N])[N]
onderslag	((onder)[P],(slag)[N])[N]
onderslagbalk	(((onder)[P],(slag)[N])[N],(balk)[N])[N]
onderslagmolen	(((onder)[P],(slag)[N])[N],(molen)[N])[N]
ondersneeuwen	((onder)[P],(sneeuw)[V])[V]
ondersoort	((onder)[P],(soort)[N])[N]
onderspannen	((onder)[P],(span)[V])[V]
onderspanning	((onder)[B],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
onderspitten	((onder)[P],(spit)[V])[V]
onderspoelen	((onder)[P],(spoel)[V])[V]
onderspuiten	((onder)[P],(spuit)[V])[V]
onderstaan	((onder)[P],(sta)[V])[V]
onderstaand	((onder)[P],(staand)[A])[A]
onderstam	((onder)[P],(stam)[N])[N]
onderstand	((onder)[P],(stand)[N])[N]
onderstation	((onder)[P],(station)[N])[N]
ondersteek	((onder)[P],(steek)[N])[N]
ondersteekbekken	(((onder)[P],(steek)[N])[N],(bekken)[N])[N]
ondersteken	((onder)[P],(steek)[V])[V]
onderstel	((onder)[P],(stel)[N])[N]
onderstellen	((onder)[P],(stel)[V])[V]
onderstelling	(((onder)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ondersteunen	((onder)[P],(steun)[V])[V]
ondersteuner	(((onder)[P],(steun)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
ondersteuning	(((onder)[P],(steun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ondersteuningsactiviteit	((((onder)[P],(steun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
ondersteuningsfonds	((((onder)[P],(steun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
ondersteuningsinstantie	((((onder)[P],(steun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instantie)[N])[N]
ondersteuningsmogelijkheid	((((onder)[P],(steun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ondersteuningspunt	((((onder)[P],(steun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
ondersteuningsvlak	((((onder)[P],(steun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vlak)[N])[N]
onderstoppen	((onder)[P],(stop)[V])[V]
onderstrepen	((onder)[P],(streep)[V])[V]
onderstreping	(((onder)[P],(streep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderstromen	((onder)[P],(stroom)[V])[V]
onderstroming	(((onder)[P],(stroom)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderstroom	((onder)[P],(stroom)[N])[N]
onderstuiven	((onder)[P],(stuif)[V])[V]
onderstuk	((onder)[P],(stuk)[N])[N]
onderstutten	((onder)[P],(stut)[V])[V]
onderstuurman	((onder)[P],((stuur)[V],(man)[N])[N])[N]
ondertand	((onder)[P],(tand)[N])[N]
ondertapijt	((onder)[P],(tapijt)[N])[N]
onderteelt	((onder)[P],(teelt)[N])[N]
ondertekenaar	(((onder)[P],(teken)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
ondertekenen	((onder)[P],(teken)[V])[V]
ondertekening	(((onder)[P],(teken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ondertitel	((onder)[P],(titel)[N])[N]
ondertitelen	((onder)[P],(titel)[V])[V]
ondertiteling	(((onder)[P],(titel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ondertoezichtstelling	((onder)[B],((toe)[B],(zicht)[N])[N],(stel)[V],(ing)[N|BNV.])[N]
ondertoon	((onder)[P],(toon)[N])[N]
ondertroeven	((onder)[B],(troef)[V])[V]
ondertrouw	((onder)[P],(trouw)[N])[N]
ondertrouwen	((onder)[B],(trouw)[V])[V]
ondertunneling	((onder)[B],(tunnel)[N],(ing)[N|BN.])[N]
onderuitgaan	(((onder)[P],(uit)[B])[B],(ga)[V])[V]
onderuitglijden	(((onder)[P],(uit)[B])[B],(glijd)[V])[V]
onderuithalen	(((onder)[P],(uit)[B])[B],(haal)[V])[V]
onderuitzakken	(((onder)[P],(uit)[B])[B],(zak)[V])[V]
ondervangen	((onder)[P],(vang)[V])[V]
onderverdelen	((onder)[P],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V])[V]
onderverdeling	(((onder)[P],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderverhuren	((onder)[B],((ver)[V|.V],(huur)[V])[V])[V]
onderverzekerd	((onder)[P],(verzekerd)[A])[A]
onderverzekering	((onder)[P],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ondervinden	((onder)[P],(vind)[V])[V]
ondervinding	(((onder)[P],(vind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ondervloer	((onder)[P],(vloer)[N])[N]
ondervoed	((onder)[P],(gevoed)[V])[A]
ondervoeding	((onder)[P],((voed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ondervoorzitter	((onder)[B],(((voor)[B],(zit)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
ondervragen	((onder)[P],(vraag)[V])[V]
ondervrager	(((onder)[P],(vraag)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
ondervraging	(((onder)[P],(vraag)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ondervragingsmethode	((((onder)[P],(vraag)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
ondervragingstechniek	((((onder)[P],(vraag)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
ondervrucht	((onder)[P],(vrucht)[N])[N]
onderwaarderen	((onder)[B],((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
onderwaardering	(((onder)[B],((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderwaterarcheologie	((onder)[P],(water)[N],((archeologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
onderwatercamera	((onder)[P],(water)[N],(camera)[N])[N]
onderwaterfotografie	((onder)[P],(water)[N],((fotografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
onderwatergedeelte	((onder)[P],(water)[N],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
onderwaterklok	((onder)[P],(water)[N],(klok)[N])[N]
onderwatermicrofoon	((onder)[P],(water)[N],(microfoon)[N])[N]
onderwateropname	((onder)[P],(water)[N],(opname)[N])[N]
onderwatersport	((onder)[P],(water)[N],(sport)[N])[N]
onderwaterzetting	((onder)[P],(water)[N],(zet)[V],(ing)[N|PNV.])[N]
onderwereld	((onder)[P],(wereld)[N])[N]
onderwereldfiguur	(((onder)[P],(wereld)[N])[N],(figuur)[N])[N]
onderwerk	((onder)[P],(werk)[N])[N]
onderwerpelijk	((onderwerp)[N],(elijk)[A|N.])[A]
onderwerpen	((onder)[P],(werp)[V])[V]
onderwerping	(((onder)[P],(werp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderwerpszin	((onderwerp)[N],(s)[N|N.N],(zin)[N])[N]
onderwicht	((onder)[B],(wicht)[N])[N]
onderwijsaanbod	((onderwijs)[N],(aanbod)[N])[N]
onderwijsadviescentrum	((onderwijs)[N],(advies)[N],(centrum)[N])[N]
onderwijsbeleid	((onderwijs)[N],(beleid)[N])[N]
onderwijsbevoegdheid	((onderwijs)[V],((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
onderwijsconcept	((onderwijs)[N],(concept)[N])[N]
onderwijsgevende	((onderwijs)[N],(gevend)[V],(e)[N|NV.])[N]
onderwijsinhoudelijk	((onderwijs)[N],((inhoud)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onderwijsinrichting	((onderwijs)[N],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
onderwijsinspectie	((onderwijs)[N],(inspectie)[N])[N]
onderwijsinstelling	((onderwijs)[N],(((in)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
onderwijskracht	((onderwijs)[V],(kracht)[N])[N]
onderwijskunde	((onderwijs)[N],(kunde)[N])[N]
onderwijskundig	(((onderwijs)[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
onderwijskwestie	((onderwijs)[N],(kwestie)[N])[N]
onderwijsleer	((onderwijs)[V],(leer)[N])[N]
onderwijsleerplan	((onderwijs)[N],((leer)[V],(plan)[N])[N])[N]
onderwijsman	((onderwijs)[N],(man)[N])[N]
onderwijsmensen	((onderwijs)[N],(mens)[N])[N]
onderwijsmethode	((onderwijs)[N],(methode)[N])[N]
onderwijsmethodiek	((onderwijs)[N],(((methode)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
onderwijsraad	((onderwijs)[N],(raad)[N])[N]
onderwijstechnologie	((onderwijs)[N],((technologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
onderwijsveld	((onderwijs)[V],(veld)[N])[N]
onderwijsvoorrangsbeleid	((onderwijs)[N],((voor)[B],(rang)[N])[N],(s)[N|NN.N],(beleid)[N])[N]
onderwijswet	((onderwijs)[N],(wet)[N])[N]
onderwijswinkel	((onderwijs)[N],(winkel)[N])[N]
onderwijszaken	((onderwijs)[N],(zaak)[N])[N]
onderwijzer	((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N]
onderwijzeres	(((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
onderwijzersakte	(((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(akte)[N])[N]
onderwijzersbond	(((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bond)[N])[N]
onderwijzerscursus	(((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cursus)[N])[N]
onderwijzersdiploma	(((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(diploma)[N])[N]
onderwijzersexamen	(((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(examen)[N])[N]
onderwijzersgenootschap	(((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((genoot)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
onderwijzerskorps	(((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(korps)[N])[N]
onderwijzersloopbaan	(((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((loop)[V],(baan)[N])[N])[N]
onderwijzerssalaris	(((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(salaris)[N])[N]
onderwijzing	((onderwijs)[V],(ing)[N|V.])[N]
onderwind	((onder)[P],(wind)[N])[N]
onderwinden	((onder)[P],(wind)[V])[V]
onderworpeling	((onderworpen)[A],(eling)[N|A.])[N]
onderworpenheid	((onderworpen)[A],(heid)[N|A.])[N]
onderzeeboot	((onder)[P],(zee)[N],(boot)[N])[N]
onderzeebootkapitein	(((onder)[P],(zee)[N],(boot)[N])[N],(kapitein)[N])[N]
onderzees	((onder)[P],(zee)[N],(s)[A|PN.])[A]
onderzeeër	((onder)[P],(zee)[N],(er)[N|PN.])[N]
onderzeil	((onder)[P],(zeil)[N])[N]
onderzetten	((onder)[P],(zet)[V])[V]
onderzetter	((onder)[B],(zet)[V],(er)[N|BV.])[N]
onderzetting	(((onder)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderzij	((onder)[P],(zij)[N])[N]
onderzijde	((onder)[P],(zijde)[N])[N]
onderzinken	((onder)[P],(zink)[V])[V]
onderzoeken	((onder)[P],(zoek)[V])[V]
onderzoeker	(((onder)[P],(zoek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
onderzoeking	(((onder)[P],(zoek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onderzoekingsdrift	((((onder)[P],(zoek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drift)[N])[N]
onderzoekingsmethode	((((onder)[P],(zoek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
onderzoekingsterrein	((((onder)[P],(zoek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(terrein)[N])[N]
onderzoekingstocht	((((onder)[P],(zoek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tocht)[N])[N]
onderzoeksactiviteit	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
onderzoeksbeleid	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
onderzoeksbureau	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
onderzoekscentrum	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
onderzoekscommissie	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
onderzoeksdesign	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(design)[N])[N]
onderzoeksdoeleinde	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(doeleinde)[N])[N]
onderzoekseenheid	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
onderzoeksfase	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
onderzoeksfunctie	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
onderzoeksgegeven	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(gegeven)[N])[N]
onderzoekshypothese	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(hypothese)[N])[N]
onderzoeksinstituut	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(instituut)[N])[N]
onderzoeksinstrument	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(instrument)[N])[N]
onderzoekslaboratorium	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(laboratorium)[N])[N]
onderzoeksliteratuur	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(literatuur)[N])[N]
onderzoeksmateriaal	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
onderzoeksmethode	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
onderzoeksmethodiek	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(((methode)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
onderzoeksmethodisch	((onderzoek)[N],(s)[A|N.A],((methode)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
onderzoeksmethodologie	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(methodologie)[N])[N]
onderzoeksmogelijkheid	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
onderzoeksnota	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(nota)[N])[N]
onderzoeksobject	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(object)[N])[N]
onderzoeksperiode	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
onderzoekspopulatie	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(populatie)[N])[N]
onderzoekspraktijk	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(praktijk)[N])[N]
onderzoekspraktisch	((onderzoek)[N],(s)[A|N.A],(praktisch)[A])[A]
onderzoeksprobleem	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
onderzoeksproces	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
onderzoeksprogramma	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
onderzoeksproject	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(project)[N])[N]
onderzoeksrapport	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(rapport)[N])[N]
onderzoeksrechter	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
onderzoeksresultaat	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],((resulteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
onderzoekssituatie	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
onderzoeksstrategie	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],((strategisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
onderzoeksteam	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(team)[N])[N]
onderzoekstechniek	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
onderzoekstechnisch	((onderzoek)[N],(s)[A|N.A],(technisch)[A])[A]
onderzoekstraditie	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(traditie)[N])[N]
onderzoeksuitkomst	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(((uit)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
onderzoeksveld	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
onderzoeksverslag	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],(verslag)[N])[N]
onderzoeksvraagstelling	((onderzoek)[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
onderzoektafel	(((onder)[P],(zoek)[V])[V],(tafel)[N])[N]
ondeskundig	((on)[A|.A],((des)[B],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A])[A]
ondeugd	((on)[N|.N],(deugd)[N])[N]
ondeugdelijk	(((on)[N|.N],(deugd)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
ondeugdelijkheid	((((on)[N|.N],(deugd)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ondeugdzaam	((on)[A|.A],((deugd)[N],(zaam)[A|N.])[A])[A]
ondeugendheid	((ondeugend)[A],(heid)[N|A.])[N]
ondicht	((on)[N|.N],(dicht)[N])[N]
ondichterlijk	((on)[A|.A],(((dicht)[V],(er)[N|V.])[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
ondienst	((on)[N|.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
ondienstig	((on)[A|.A],(((dien)[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
ondiep	((on)[N|.N],(diep)[N])[N]
ondiepte	(((on)[A|.A],(diep)[A])[A],(te)[N|A.])[N]
ondier	((on)[N|.N],(dier)[N])[N]
onding	((on)[N|.N],(ding)[N])[N]
ondisciplinair	((on)[A|.A],((discipline)[N],(air)[A|N.])[A])[A]
ondiscutabel	((on)[A|.A],((discuteer)[V],(abel)[A|V.])[A])[A]
ondoelmatig	((on)[A|.A],((doel)[N],(matig)[A|N.])[A])[A]
ondoelmatigheid	(((on)[A|.A],((doel)[N],(matig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ondoeltreffend	((on)[A|.A],((doel)[N],(tref)[V],(end)[A|NV.])[A])[A]
ondoenlijk	((on)[A|.A],((doen)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
ondogmatisch	((on)[A|.A],((dogma)[N],(atisch)[A|N.])[A])[A]
ondoofbaar	((on)[A|.Vx],(doof)[V],(baar)[A|xV.])[A]
ondoordacht	((on)[A|.A],(doordacht)[A])[A]
ondoordachtheid	(((on)[A|.A],(doordacht)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ondoordringbaar	((on)[A|.A],(((door)[B],(dring)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
ondoordringbaarheid	(((on)[A|.A],(((door)[B],(dring)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ondoorgrond	((on)[A|.V],(doorgrond)[V])[A]
ondoorgrondelijk	((on)[A|.Vx],((door)[B],(grond)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A]
ondoorgrondelijkheid	(((on)[A|.Vx],((door)[B],(grond)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ondoorlatend	((on)[A|.V],(doorlatend)[V])[A]
ondoorschijnend	((on)[A|.A],(doorschijnend)[A])[A]
ondoorwaadbaar	((on)[A|.A],(((door)[B],(waad)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
ondoorzichtig	((on)[A|.A],(((door)[B],(zie)[V])[V],(ig)[A|V.])[A])[A]
ondraagbaar	((on)[A|.A],((draag)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
ondraaglijk	((on)[A|.A],((draag)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
ondraaglijkheid	(((on)[A|.A],((draag)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ondrinkbaar	((on)[A|.A],((drink)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
ondubbelzinnig	((on)[A|.A],((dubbel)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A])[A]
ondubbelzinnigheid	(((on)[A|.A],((dubbel)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onduidelijk	((on)[A|.A],((duid)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onduidelijkheid	(((on)[A|.A],((duid)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onduister	((on)[A|.A],(duister)[A])[A]
ondulatie	((onduleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
ondulatietheorie	(((onduleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(theorie)[N])[N]
ondulator	((onduleer)[V],(ator)[N|V.])[N]
onduldbaar	((on)[A|.A],((duld)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onduleerijzer	((onduleer)[V],(ijzer)[N])[N]
onecht	((on)[N|.N],(echt)[N])[N]
onechtelijk	((on)[A|.A],((echt)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onechtheid	(((on)[A|.A],(echt)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
oneconomisch	((on)[A|.A],(economisch)[A])[A]
onedel	((on)[A|.A],(edel)[A])[A]
onedelmoedig	((on)[A|.A],((edel)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A])[A]
oneens	((on)[A|.A],((één)[Q],(s)[A|Q.])[A])[A]
oneensgezind	((on)[A|.A],(eensgezind)[A])[A]
oneensheid	(((on)[A|.A],((één)[Q],(s)[A|Q.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
oneer	((on)[N|.N],(eer)[N])[N]
oneerbaar	((on)[A|.A],((eer)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
oneerbaarheid	(((on)[A|.A],((eer)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
oneerbiedig	((on)[A|.A],((eerbied)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
oneerlijk	((on)[A|.A],((eer)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
oneerlijkheid	(((on)[A|.A],((eer)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
oneervol	((on)[A|.A],((eer)[N],(vol)[A])[A])[A]
oneerzuchtig	((on)[A|.A],(((eer)[N],(zucht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
oneetbaar	((on)[A|.A],((eet)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
oneffen	((on)[A|.A],(effen)[A])[A]
oneffenheid	(((on)[A|.A],(effen)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
oneigenlijk	((on)[A|.A],((eigen)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
oneigenlijkheid	(((on)[A|.A],((eigen)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
oneindig	((on)[A|.A],((eind)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
oneindigheid	(((on)[A|.A],((eind)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
oneindigheidsteken	((((on)[A|.A],((eind)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
onelastisch	((on)[A|.A],(elastisch)[A])[A]
onelegant	((on)[A|.A],(elegant)[A])[A]
onenigheid	((onenig)[A],(heid)[N|A.])[N]
onerkentelijk	((on)[A|.A],(erkentelijk)[A])[A]
onernst	((on)[N|.N],(ernst)[N])[N]
onervaren	((on)[A|.A],(ervaren)[A])[A]
onervarenheid	(((on)[A|.A],(ervaren)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onesthetisch	((on)[A|.A],((estheet)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
onethisch	((on)[A|.A],(ethisch)[A])[A]
onevangelisch	((on)[A|.A],((evangelie)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
oneven	((on)[A|.A],(even)[A])[A]
onevenredig	((on)[A|.A],(evenredig)[A])[A]
onevenwichtig	((on)[A|.A],(((even)[A],(wicht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onevenwichtigheid	(((on)[A|.A],(((even)[A],(wicht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onexact	((on)[A|.A],(exact)[A])[A]
onexactheid	((on)[N|.N],((exact)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
onfatsoen	((on)[N|.N],(fatsoen)[N])[N]
onfatsoenlijk	((on)[A|.A],((fatsoen)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
onfatsoenlijkheid	(((on)[A|.A],((fatsoen)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onfeilbaar	((on)[A|.A],(feilbaar)[A])[A]
onfeilbaarheid	(((on)[A|.A],(feilbaar)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onflatteus	((on)[A|.A],(flatteus)[A])[A]
onfortuinlijk	((on)[A|.A],((fortuin)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
onfraai	((on)[A|.A],(fraai)[A])[A]
onfris	((on)[A|.A],(fris)[A])[A]
ongaar	((on)[A|.A],(gaar)[A])[A]
ongangbaar	((on)[A|.A],(gangbaar)[A])[A]
ongans	((on)[A|.A],(gans)[A])[A]
ongastvrij	((on)[A|.A],((gast)[N],(vrij)[A])[A])[A]
ongeacht	((on)[A|.V],(geacht)[V])[A]
ongeadresseerd	((on)[A|.V],(geadresseerd)[V])[A]
ongeanimeerd	((on)[A|.A],(geanimeerd)[A])[A]
ongearticuleerd	((on)[A|.A],(gearticuleerd)[A])[A]
ongeautoriseerd	((on)[A|.A],(geautoriseerd)[A])[A]
ongebaand	((on)[A|.A],(gebaand)[A])[A]
ongebakken	((on)[A|.V],(gebakken)[V])[A]
ongebleekt	((on)[A|.V],(gebleekt)[V])[A]
ongebloemd	((on)[A|.A],((ge)[A|.Nx],(bloem)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
ongeblust	((on)[A|.A],(geblust)[A])[A]
ongeboeid	((on)[A|.V],(geboeid)[V])[A]
ongeboekt	((on)[A|.V],(geboekt)[V])[A]
ongebogen	((on)[A|.A],(gebogen)[A])[A]
ongebonden	((on)[A|.A],(gebonden)[A])[A]
ongebondenheid	(((on)[A|.A],(gebonden)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongeboren	((on)[A|.A],(geboren)[A])[A]
ongebouwd	((on)[A|.A],(gebouwd)[A])[A]
ongebrand	((on)[A|.A],(gebrand)[A])[A]
ongebroken	((on)[A|.A],(gebroken)[A])[A]
ongebrokenheid	(((on)[A|.A],(gebroken)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongebruikelijk	((on)[A|.A],((gebruik)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
ongebruikt	((on)[A|.V],(gebruikt)[V])[A]
ongebuild	((on)[A|.A],(gebuild)[A])[A]
ongebukt	((on)[A|.A],(gebukt)[A])[A]
ongebundeld	((on)[A|.V],(gebundeld)[V])[A]
ongeciviliseerd	((on)[A|.A],(geciviliseerd)[A])[A]
ongeclausuleerd	((on)[A|.A],(geclausuleerd)[A])[A]
ongecompliceerd	((on)[A|.A],(gecompliceerd)[A])[A]
ongeconditioneerd	((on)[A|.A],(geconditioneerd)[A])[A]
ongeconfirmeerd	((on)[A|.A],(geconfirmeerd)[A])[A]
ongeconjugeerd	((on)[A|.A],(geconjugeerd)[A])[A]
ongecontroleerd	((on)[A|.V],(gecontroleerd)[V])[A]
ongecontroleerdheid	(((on)[A|.V],(gecontroleerd)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongecoördineerd	((on)[A|.V],(gecoördineerd)[V])[A]
ongecultiveerd	((on)[A|.A],(gecultiveerd)[A])[A]
ongedaan	((on)[A|.A],(gedaan)[A])[A]
ongedacht	((on)[A|.V],(gedacht)[V])[A]
ongedateerd	((on)[A|.V],(gedateerd)[V])[A]
ongedeeld	((on)[A|.A],(gedeeld)[A])[A]
ongedeeldheid	(((on)[A|.A],(gedeeld)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongedeerd	((on)[A|.V],(gedeerd)[V])[A]
ongedekt	((on)[A|.A],(gedekt)[A])[A]
ongedesemd	((on)[A|.V],(gedesemd)[V])[A]
ongedetermineerd	((on)[A|.A],(gedetermineerd)[A])[A]
ongedierte	((on)[N|.N],((ge)[N|.Nx],(dier)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
ongedifferentieerd	((on)[A|.A],(gedifferentieerd)[A])[A]
ongediplomeerd	((on)[A|.A],(gediplomeerd)[A])[A]
ongedisciplineerd	((on)[A|.A],(gedisciplineerd)[A])[A]
ongedisciplineerdheid	(((on)[A|.A],(gedisciplineerd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongedistingeerd	((on)[A|.A],(gedistingeerd)[A])[A]
ongedoopt	((on)[A|.V],(gedoopt)[V])[A]
ongeduld	((on)[N|.N],(geduld)[N])[N]
ongeduldig	((on)[A|.A],((geduld)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
ongeduldigheid	(((on)[A|.A],((geduld)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongedurigheid	((ongedurig)[A],(heid)[N|A.])[N]
ongedwongen	((on)[A|.A],(gedwongen)[A])[A]
ongedwongenheid	(((on)[A|.A],(gedwongen)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongeestig	((on)[A|.A],((geest)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
ongeflatteerd	((on)[A|.A],(geflatteerd)[A])[A]
ongefrankeerd	((on)[A|.A],(gefrankeerd)[A])[A]
ongefrustreerd	((on)[A|.A],(gefrustreerd)[A])[A]
ongefundeerd	((on)[A|.A],(gefundeerd)[A])[A]
ongegeneerd	((on)[A|.A],(gegeneerd)[A])[A]
ongegeneerdheid	(((on)[A|.A],(gegeneerd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongegist	((on)[A|.V],(gegist)[V])[A]
ongeglazuurd	((on)[A|.A],(geglazuurd)[A])[A]
ongegomd	((on)[A|.A],(gegomd)[A])[A]
ongegrendeld	((on)[A|.V],(gegrendeld)[V])[A]
ongegrond	((on)[A|.A],(gegrond)[A])[A]
ongegrondheid	(((on)[A|.A],(gegrond)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongegund	((on)[A|.V],(gegund)[V])[A]
ongehaast	((on)[A|.A],(gehaast)[A])[A]
ongehard	((on)[A|.A],(gehard)[A])[A]
ongehavend	((on)[A|.A],(gehavend)[A])[A]
ongeheveld	((on)[A|.V],(geheveld)[V])[A]
ongehinderd	((on)[A|.V],(gehinderd)[V])[A]
ongehoord	((on)[A|.V],(gehoord)[V])[A]
ongehoornd	((on)[A|.A],((ge)[A|.Nx],(hoorn)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
ongehoorzaam	((on)[A|.A],(gehoorzaam)[A])[A]
ongehoorzaamheid	(((on)[A|.A],(gehoorzaam)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongehuicheld	((on)[A|.A],(gehuicheld)[A])[A]
ongehuwd	((on)[A|.A],(gehuwd)[A])[A]
ongein	((on)[N|.N],(gein)[N])[N]
ongekamd	((on)[A|.A],((ge)[A|.Nx],(kam)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
ongekapt	((on)[A|.A],(gekapt)[A])[A]
ongekend	((on)[A|.V],(gekend)[V])[A]
ongekerstend	((on)[A|.V],(gekerstend)[V])[A]
ongekeurd	((on)[A|.V],(gekeurd)[V])[A]
ongekleed	((on)[A|.A],(gekleed)[A])[A]
ongekleurd	((on)[A|.A],(gekleurd)[A])[A]
ongeknakt	((on)[A|.V],(geknakt)[V])[A]
ongeknipt	((on)[A|.A],(geknipt)[A])[A]
ongekookt	((on)[A|.V],(gekookt)[V])[A]
ongekrenkt	((on)[A|.A],(gekrenkt)[A])[A]
ongekreukt	((on)[A|.A],(gekreukt)[A])[A]
ongekroond	((on)[A|.A],(gekroond)[A])[A]
ongekruid	((on)[A|.A],(gekruid)[A])[A]
ongekruist	((on)[A|.A],(gekruist)[A])[A]
ongekuist	((on)[A|.A],(gekuist)[A])[A]
ongekunsteld	((on)[A|.A],(gekunsteld)[A])[A]
ongekunsteldheid	(((on)[A|.A],(gekunsteld)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongekwalificeerd	((on)[A|.A],(gekwalificeerd)[A])[A]
ongel	(ongel)[N]
ongelaagd	((on)[A|.A],(gelaagd)[A])[A]
ongeladen	((on)[A|.A],(geladen)[A])[A]
ongeldig	((on)[A|.A],(geldig)[A])[A]
ongeldigheid	(((on)[A|.A],(geldig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongeledigd	((on)[A|.V],(geledigd)[V])[A]
ongeleed	((on)[A|.A],(geleed)[A])[A]
ongeleegd	((on)[A|.V],(geleegd)[V])[A]
ongeleerd	((on)[A|.A],(geleerd)[A])[A]
ongelegen	((on)[A|.A],(gelegen)[A])[A]
ongelegenheid	(((on)[A|.A],(gelegen)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongelest	((on)[A|.V],(gelest)[V])[A]
ongeletterd	((on)[A|.A],(geletterd)[A])[A]
ongeletterdheid	(((on)[A|.A],(geletterd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongelezen	((on)[A|.A],(gelezen)[A])[A]
ongelijk	((on)[A|.A],(gelijk)[A])[A]
ongelijk	((on)[N|.N],((ge)[N|.V],(lijk)[V])[N])[N]
ongelijkbenig	((on)[A|.A],((gelijk)[A],(been)[N],(ig)[A|AN.])[A])[A]
ongelijkheid	(((on)[A|.A],(gelijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongelijkmatig	(((on)[A|.A],(gelijk)[A])[A],(maat)[N],(ig)[A|AN.])[A]
ongelijkmatigheid	((((on)[A|.A],(gelijk)[A])[A],(maat)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongelijknamig	((on)[A|.A],((gelijk)[A],(naam)[N],(ig)[A|AN.])[A])[A]
ongelijkslachtig	((on)[A|.A],(gelijkslachtig)[A])[A]
ongelijksoortig	((on)[A|.A],((gelijk)[A],(soort)[N],(ig)[A|AN.])[A])[A]
ongelijkvloers	(((on)[A|.A],(gelijk)[A])[A],(vloer)[N],(s)[A|AN.])[A]
ongelijkvormig	((on)[A|.A],((gelijk)[A],(vorm)[N],(ig)[A|AN.])[A])[A]
ongelijkwaardig	((on)[A|.A],((gelijk)[A],(waarde)[N],(ig)[A|AN.])[A])[A]
ongelijkzijdig	((on)[A|.A],((gelijk)[A],(zijde)[N],(ig)[A|AN.])[A])[A]
ongelijmd	((on)[A|.V],(gelijmd)[V])[A]
ongelijnd	((on)[A|.A],(gelijnd)[A])[A]
ongelikt	((on)[A|.V],(gelikt)[V])[A]
ongeliktheid	(((on)[A|.V],(gelikt)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongelimiteerd	((on)[A|.V],(gelimiteerd)[V])[A]
ongelinieerd	((on)[A|.A],(gelinieerd)[A])[A]
ongelobd	((on)[A|.A],((ge)[A|.Nx],(lob)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
ongelofelijk	((on)[A|.Vx],(geloof)[V],(elijk)[A|xV.])[A]
ongelogen	((on)[A|.V],(gelogen)[V])[A]
ongeloof	((on)[N|.N],(geloof)[N])[N]
ongelooflijk	(((on)[N|.N],(geloof)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A]
ongeloofwaardig	((on)[A|.A],((geloof)[N],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A])[A]
ongeloofwaardigheid	(((on)[A|.A],((geloof)[N],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongelouterd	((on)[A|.V],(gelouterd)[V])[A]
ongelovig	((on)[A|.A],((geloof)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
ongelovigheid	(((on)[A|.A],((geloof)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongelucht	((on)[A|.V],(gelucht)[V])[A]
ongeluk	((on)[N|.N],((ge)[N|.V],(luk)[V])[N])[N]
ongelukkig	((on)[A|.A],(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
ongelukkigheid	(((on)[A|.A],(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongeluksbode	(((on)[N|.N],((ge)[N|.V],(luk)[V])[N])[N],(s)[N|N.N],(bode)[N])[N]
ongeluksdag	(((on)[N|.N],((ge)[N|.V],(luk)[V])[N])[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
ongeluksgetal	(((on)[N|.N],((ge)[N|.V],(luk)[V])[N])[N],(s)[N|N.N],(getal)[N])[N]
ongeluksjaar	(((on)[N|.N],((ge)[N|.V],(luk)[V])[N])[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
ongelukskind	(((on)[N|.N],((ge)[N|.V],(luk)[V])[N])[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
ongeluksprofeet	(((on)[N|.N],((ge)[N|.V],(luk)[V])[N])[N],(s)[N|N.N],(profeet)[N])[N]
ongelukstijding	(((on)[N|.N],((ge)[N|.V],(luk)[V])[N])[N],(s)[N|N.N],(tijding)[N])[N]
ongeluksvogel	(((on)[N|.N],((ge)[N|.V],(luk)[V])[N])[N],(s)[N|N.N],(vogel)[N])[N]
ongemaakt	((on)[A|.A],(gemaakt)[A])[A]
ongemak	((on)[N|.N],(gemak)[N])[N]
ongemakkelijk	((on)[A|.A],((gemak)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
ongemakkelijkheid	(((on)[A|.A],((gemak)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongemalen	((on)[A|.V],(gemalen)[V])[A]
ongemanierd	((on)[A|.A],((ge)[A|.Nx],(manier)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
ongemanierdheid	(((on)[A|.A],((ge)[A|.Nx],(manier)[N],(d)[A|xN.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongemaskerd	((on)[A|.A],(gemaskerd)[A])[A]
ongematteerd	((on)[A|.A],(gematteerd)[A])[A]
ongemeen	((on)[A|.A],(gemeen)[A])[A]
ongemeend	((on)[A|.A],(gemeend)[A])[A]
ongemeenheid	(((on)[A|.A],(gemeen)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongemengd	((on)[A|.A],(gemengd)[A])[A]
ongemerkt	((on)[A|.V],(gemerkt)[V])[A]
ongemeten	((on)[A|.V],(gemeten)[V])[A]
ongemeubileerd	((on)[A|.A],(gemeubileerd)[A])[A]
ongemoeid	((on)[A|.A],(gemoeid)[A])[A]
ongemotiveerd	((on)[A|.A],(gemotiveerd)[A])[A]
ongemunt	((on)[A|.V],(gemunt)[V])[A]
ongenaakbaar	((on)[A|.A],((genaak)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
ongenaakbaarheid	(((on)[A|.A],((genaak)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongenade	((on)[N|.N],(genade)[N])[N]
ongenadig	((on)[A|.A],((genade)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
ongeneesbaar	((on)[A|.A],((genees)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
ongeneeslijk	((on)[A|.A],((genees)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
ongeneeslijkheid	(((on)[A|.A],((genees)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongenegen	((on)[A|.A],(genegen)[A])[A]
ongenegenheid	(((on)[A|.A],(genegen)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongeneigd	((on)[A|.A],(geneigd)[A])[A]
ongeneigdheid	(((on)[A|.A],(geneigd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongeneselijk	((on)[A|.A],((genees)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
ongeneselijkheid	(((on)[A|.A],((genees)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongenietbaar	((on)[A|.A],((geniet)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
ongenodigd	((on)[A|.V],(genodigd)[V])[A]
ongenoegen	((on)[N|.N],(genoegen)[N])[N]
ongenoeglijk	((on)[A|.A],((genoeg)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
ongenoeglijkheid	(((on)[A|.A],((genoeg)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongenoegzaam	((on)[A|.A],((genoeg)[V],(zaam)[A|V.])[A])[A]
ongenoegzaamheid	(((on)[A|.A],((genoeg)[V],(zaam)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongenoemd	((on)[A|.A],(genoemd)[A])[A]
ongenood	((on)[A|.V],(genood)[V])[A]
ongenuanceerd	((on)[A|.A],(genuanceerd)[A])[A]
ongenummerd	((on)[A|.V],(genummerd)[V])[A]
ongeoefend	((on)[A|.A],(geoefend)[A])[A]
ongeoefendheid	(((on)[A|.A],(geoefend)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongeolied	((on)[A|.A],(geolied)[A])[A]
ongeoorloofd	((on)[A|.A],(geoorloofd)[A])[A]
ongeoorloofdheid	(((on)[A|.A],(geoorloofd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongeopend	((on)[A|.A],(geopend)[A])[A]
ongeordend	((on)[A|.A],(geordend)[A])[A]
ongeordendheid	(((on)[A|.A],(geordend)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongeorganiseerd	((on)[A|.A],(georganiseerd)[A])[A]
ongepaard	((on)[A|.A],(gepaard)[A])[A]
ongepantserd	((on)[A|.A],(gepantserd)[A])[A]
ongepast	((on)[A|.A],(gepast)[A])[A]
ongepastheid	(((on)[A|.A],(gepast)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongepeild	((on)[A|.V],(gepeild)[V])[A]
ongepeld	((on)[A|.A],(gepeld)[A])[A]
ongepermitteerd	((on)[A|.A],(gepermitteerd)[A])[A]
ongepijnd	((on)[A|.V],(gepijnd)[V])[A]
ongeplaveid	((on)[A|.A],(geplaveid)[A])[A]
ongeprogrammeerd	((on)[A|.A],(geprogrammeerd)[A])[A]
ongeproportioneerd	((on)[A|.A],(geproportioneerd)[A])[A]
ongeraden	((on)[A|.A],(geraden)[A])[A]
ongeraffineerd	((on)[A|.A],(geraffineerd)[A])[A]
ongerechtigheid	((on)[N|.N],((gerecht)[A],(igheid)[N|A.])[N])[N]
ongerechtvaardigd	((on)[A|.A],(gerechtvaardigd)[A])[A]
ongeredderd	((on)[A|.V],(geredderd)[V])[A]
ongeregeld	((on)[A|.A],(geregeld)[A])[A]
ongeregeldheid	(((on)[A|.A],(geregeld)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongereglementeerd	((on)[A|.A],(gereglementeerd)[A])[A]
ongeremd	((on)[A|.A],(geremd)[A])[A]
ongeremdheid	(((on)[A|.A],(geremd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongerept	((on)[A|.V],(gerept)[V])[A]
ongereptheid	(((on)[A|.V],(gerept)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongericht	((on)[A|.A],(gericht)[A])[A]
ongerichtheid	((on)[N|.N],((gericht)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ongerief	((on)[N|.N],(gerief)[N])[N]
ongeriefelijk	((on)[A|.A],((gerief)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
ongeriefelijkheid	(((on)[A|.A],((gerief)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongerieflijk	((on)[A|.A],((gerief)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
ongerieflijkheid	(((on)[A|.A],((gerief)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongerijmd	((on)[A|.V],(gerijmd)[V])[A]
ongerijmdheid	(((on)[A|.V],(gerijmd)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongerimpeld	((on)[A|.A],(gerimpeld)[A])[A]
ongeroepen	((on)[A|.A],(geroepen)[A])[A]
ongeroerd	((on)[A|.V],(geroerd)[V])[A]
ongerust	((on)[A|.A],(gerust)[A])[A]
ongerustheid	(((on)[A|.A],(gerust)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongesausd	((on)[A|.A],(gesausd)[A])[A]
ongeschakeerd	((on)[A|.A],(geschakeerd)[A])[A]
ongeschapen	((on)[A|.A],(geschapen)[A])[A]
ongescheiden	((on)[A|.A],(gescheiden)[A])[A]
ongeschikt	((on)[A|.A],(geschikt)[A])[A]
ongeschiktheid	(((on)[A|.A],(geschikt)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongeschoeid	((on)[A|.A],(geschoeid)[A])[A]
ongeschokt	((on)[A|.V],(geschokt)[V])[A]
ongeschondenheid	(((on)[A|.A],(geschonden)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongeschoold	((on)[A|.A],(geschoold)[A])[A]
ongeschoond	((on)[A|.V],(geschoond)[V])[A]
ongeschoren	((on)[A|.A],(geschoren)[A])[A]
ongeschreven	((on)[A|.V],(geschreven)[V])[A]
ongesigneerd	((on)[A|.V],(gesigneerd)[V])[A]
ongeslaagd	((on)[A|.A],(geslaagd)[A])[A]
ongeslachtelijk	((on)[A|.A],((geslacht)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
ongeslagen	((on)[A|.A],(geslagen)[A])[A]
ongeslepen	((on)[A|.V],(geslepen)[V])[A]
ongesluierd	((on)[A|.A],(gesluierd)[A])[A]
ongesorteerd	((on)[A|.A],(gesorteerd)[A])[A]
ongespannen	((on)[A|.A],(gespannen)[A])[A]
ongespecialiseerd	((on)[A|.A],(gespecialiseerd)[A])[A]
ongestadig	((on)[A|.A],(gestadig)[A])[A]
ongestadigheid	(((on)[A|.A],(gestadig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongesteeld	((on)[A|.A],(gesteeld)[A])[A]
ongesteldheid	((ongesteld)[A],(heid)[N|A.])[N]
ongestempeld	((on)[A|.V],(gestempeld)[V])[A]
ongestoffeerd	((on)[A|.A],(gestoffeerd)[A])[A]
ongestoord	((on)[A|.A],(gestoord)[A])[A]
ongestoordheid	(((on)[A|.A],(gestoord)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongestraft	((on)[A|.V],(gestraft)[V])[A]
ongestructureerd	((on)[A|.A],(gestructureerd)[A])[A]
ongestudeerd	((on)[A|.A],(gestudeerd)[A])[A]
ongesubsidieerd	((on)[A|.V],(gesubsidieerd)[V])[A]
ongesuikerd	((on)[A|.A],(gesuikerd)[A])[A]
ongetekend	((on)[A|.A],(getekend)[A])[A]
ongeteld	((on)[A|.V],(geteld)[V])[A]
ongetemd	((on)[A|.V],(getemd)[V])[A]
ongetemperd	((on)[A|.A],(getemperd)[A])[A]
ongetraind	((on)[A|.A],(getraind)[A])[A]
ongetroost	((on)[A|.A],(getroost)[A])[A]
ongetrouwd	((on)[A|.A],(getrouwd)[A])[A]
ongeuit	((on)[A|.V],(geuit)[V])[A]
ongevaarlijk	((on)[A|.A],((gevaar)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
ongeval	((on)[N|.N],(geval)[N])[N]
ongevallenpolis	(((on)[N|.N],(geval)[N])[N],(en)[N|N.N],(polis)[N])[N]
ongevallenrisico	(((on)[N|.N],(geval)[N])[N],(en)[N|N.N],(risico)[N])[N]
ongevallenverzekering	(((on)[N|.N],(geval)[N])[N],(en)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ongevallenwet	(((on)[N|.N],(geval)[N])[N],(en)[N|N.N],(wet)[N])[N]
ongevalligheid	((ongevallig)[A],(heid)[N|A.])[N]
ongeveinsd	((on)[A|.A],(geveinsd)[A])[A]
ongeverfd	((on)[A|.V],(geverfd)[V])[A]
ongevlekt	((on)[A|.A],((ge)[A|.Nx],(vlek)[N],(t)[A|xN.])[A])[A]
ongevleugeld	((on)[A|.A],((ge)[A|.Nx],(vleugel)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
ongevoeglijk	((on)[A|.A],((gevoeg)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
ongevoelig	((on)[A|.A],(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
ongevoeligheid	(((on)[A|.A],(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongevoerd	((on)[A|.A],(gevoerd)[A])[A]
ongevormd	((on)[A|.A],(gevormd)[A])[A]
ongevuld	((on)[A|.A],(gevuld)[A])[A]
ongewapend	((on)[A|.A],(gewapend)[A])[A]
ongewassen	((on)[A|.A],(gewassen)[A])[A]
ongewend	((on)[A|.A],(gewend)[A])[A]
ongewenst	((on)[A|.V],(gewenst)[V])[A]
ongewerveld	((on)[A|.A],(gewerveld)[A])[A]
ongeweten	((on)[A|.V],(geweten)[V])[A]
ongewettigd	((on)[A|.A],(gewettigd)[A])[A]
ongewijd	((on)[A|.A],(gewijd)[A])[A]
ongewijzigd	((on)[A|.A],(gewijzigd)[A])[A]
ongewild	((on)[A|.A],(gewild)[A])[A]
ongewillig	((on)[A|.A],(gewillig)[A])[A]
ongewis	((on)[A|.A],(gewis)[A])[A]
ongewisheid	(((on)[A|.A],(gewis)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongewogen	((on)[A|.A],(gewogen)[A])[A]
ongewoon	((on)[A|.A],(gewoon)[A])[A]
ongewoonheid	(((on)[A|.A],(gewoon)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongewoonte	(((on)[A|.A],(gewoon)[A])[A],(te)[N|A.])[N]
ongewroken	((on)[A|.V],(gewroken)[V])[A]
ongezegd	((on)[A|.A],(gezegd)[A])[A]
ongezegeld	((on)[A|.A],(gezegeld)[A])[A]
ongezeglijk	((on)[A|.A],((gezeg)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
ongezeglijkheid	(((on)[A|.A],((gezeg)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongezellig	((on)[A|.A],(gezellig)[A])[A]
ongezelligheid	(((on)[A|.A],(gezellig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongezet	((on)[A|.A],(gezet)[A])[A]
ongezien	((on)[A|.A],(gezien)[A])[A]
ongezind	((on)[A|.A],(gezind)[A])[A]
ongezocht	((on)[A|.A],(gezocht)[A])[A]
ongezochtheid	(((on)[A|.A],(gezocht)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongezoet	((on)[A|.V],(gezoet)[V])[A]
ongezond	((on)[A|.A],(gezond)[A])[A]
ongezondheid	(((on)[A|.A],(gezond)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongezouten	((on)[A|.A],(gezouten)[A])[A]
ongezuiverd	((on)[A|.V],(gezuiverd)[V])[A]
ongezuurd	((on)[A|.V],(gezuurd)[V])[A]
ongeëmancipeerd	((on)[A|.A],(geëmancipeerd)[A])[A]
ongeëmotioneerd	((on)[A|.A],(geëmotioneerd)[A])[A]
ongeëvenaard	((on)[A|.V],(geëvenaard)[V])[A]
ongeëvenaardheid	(((on)[A|.V],(geëvenaard)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongeïllustreerd	((on)[A|.A],(geïllustreerd)[A])[A]
ongeïnspireerd	((on)[A|.A],(geïnspireerd)[A])[A]
ongeïntegreerd	((on)[A|.A],(geïntegreerd)[A])[A]
ongeïnteresseerdheid	(((on)[A|.A],(geïnteresseerd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongoddelijk	((on)[A|.A],((god)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
ongodisterij	((ongodist)[N],(erij)[N|N.])[N]
ongodsdienstig	((on)[A|.A],(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
ongodsdienstigheid	(((on)[A|.A],(((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongrammaticaal	((on)[A|.A],((grammatica)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
ongrijpbaar	((on)[A|.A],((grijp)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
ongrijpbaarheid	(((on)[A|.A],((grijp)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongrondwettelijk	((on)[A|.A],(((grond)[N],(wet)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
ongrondwettig	((on)[A|.A],(((grond)[N],(wet)[N])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
ongrondwettigheid	(((on)[A|.A],(((grond)[N],(wet)[N])[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ongunst	((on)[N|.N],((gun)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
ongunstig	((on)[A|.A],(((gun)[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
ongunstigheid	(((on)[A|.A],(((gun)[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onguurheid	((onguur)[A],(heid)[N|A.])[N]
onhaalbaar	((on)[A|.A],((haal)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onhaalbaarheid	(((on)[A|.A],((haal)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onhandelbaar	((on)[A|.A],((handel)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onhandelbaarheid	(((on)[A|.A],((handel)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onhandig	((on)[A|.A],((hand)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onhandigheid	(((on)[A|.A],((hand)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onhandzaam	((on)[A|.A],((hand)[V],(zaam)[A|V.])[A])[A]
onhanteerbaar	((on)[A|.A],((hanteer)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onharmonisch	((on)[A|.A],(harmonisch)[A])[A]
onhartelijk	((on)[A|.A],((hart)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onhebbelijk	((on)[A|.A],((heb)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onhebbelijkheid	(((on)[A|.A],((heb)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onheelbaar	((on)[A|.A],((heel)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onheil	((on)[N|.N],(heil)[N])[N]
onheilbrengend	(((on)[N|.N],(heil)[N])[N],(breng)[V],(end)[A|NV.])[A]
onheilig	((on)[A|.A],(heilig)[A])[A]
onheiligheid	(((on)[A|.A],(heilig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onheilsbode	(((on)[N|.N],(heil)[N])[N],(s)[N|N.N],(bode)[N])[N]
onheilsdag	(((on)[N|.N],(heil)[N])[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
onheilsdonker	(((on)[N|.N],(heil)[N])[N],(s)[A|N.A],(donker)[A])[A]
onheilsgevoelen	(((on)[N|.N],(heil)[N])[N],(s)[N|N.N],(gevoelen)[N])[N]
onheilspellend	(((on)[N|.N],(heil)[N])[N],(spel)[V],(end)[A|NV.])[A]
onheilsprofeet	(((on)[N|.N],(heil)[N])[N],(s)[N|N.N],(profeet)[N])[N]
onheilsprofetie	(((on)[N|.N],(heil)[N])[N],(s)[N|N.N],((profeet)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
onheilstijding	(((on)[N|.N],(heil)[N])[N],(s)[N|N.N],(tijding)[N])[N]
onhelder	((on)[A|.A],(helder)[A])[A]
onhelderheid	((on)[N|.N],((helder)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
onherbergzaam	((on)[A|.A],((herberg)[V],(zaam)[A|V.])[A])[A]
onherbergzaamheid	(((on)[A|.A],((herberg)[V],(zaam)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onherhaalbaar	((on)[A|.A],((herhaal)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onherhaalbaarheid	(((on)[A|.A],((herhaal)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onherkenbaar	((on)[A|.A],(((her)[V|.V],(ken)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onherkenbaarheid	(((on)[A|.A],(((her)[V|.V],(ken)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onherleidbaar	((on)[A|.A],((herleid)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onherleidbaarheid	(((on)[A|.A],((herleid)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onherroepelijk	((on)[A|.A],(((her)[V|.V],(roep)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onherroepelijkheid	(((on)[A|.A],(((her)[V|.V],(roep)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onherstelbaar	((on)[A|.A],((herstel)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onheuglijk	((on)[A|.A],((heug)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
onheus	((on)[A|.A],(heus)[A])[A]
onheusheid	(((on)[A|.A],(heus)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onhistorisch	((on)[A|.A],(historisch)[A])[A]
onhoffelijk	((on)[A|.A],((hof)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onhoorbaar	((on)[A|.A],((hoor)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onhoudbaar	((on)[A|.A],((houd)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onhoudbaarheid	(((on)[A|.A],((houd)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onhuiselijk	((on)[A|.A],((huis)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onhuiselijkheid	(((on)[A|.A],((huis)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onhuislijk	((on)[A|.A],((huis)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
onhuislijkheid	(((on)[A|.A],((huis)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onhygiënisch	((on)[A|.A],((hygiëne)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
onideologisch	((on)[A|.A],(ideologisch)[A])[A]
oninbaar	((on)[A|.A],((in)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
oningevuld	((on)[A|.V],(ingevuld)[V])[A]
oningewijd	((on)[A|.V],(ingewijd)[V])[A]
onintelligent	((on)[A|.A],(intelligent)[A])[A]
oninteressant	((on)[A|.A],((interesseer)[V],(ant)[A|V.])[A])[A]
oninvoelbaar	((on)[A|.A],(((in)[P],(voel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onjoods	((on)[A|.A],((jood)[N],(s)[A|N.])[A])[A]
onjuist	((on)[A|.A],(juist)[A])[A]
onjuistheid	(((on)[A|.A],(juist)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onkenbaar	((on)[A|.A],(kenbaar)[A])[A]
onkennelijk	((on)[A|.A],(kennelijk)[A])[A]
onkerkelijk	((on)[A|.A],((kerk)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onkerks	((on)[A|.A],((kerk)[N],(s)[A|N.])[A])[A]
onkerksheid	(((on)[A|.A],((kerk)[N],(s)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onkies	((on)[A|.A],(kies)[A])[A]
onkiesheid	(((on)[A|.A],(kies)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onkinderlijk	((on)[A|.A],((kind)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
onklaar	((on)[A|.A],(klaar)[A])[A]
onknap	((on)[A|.A],(knap)[A])[A]
onkostendeclaratie	((onkost)[N],(en)[N|N.Vx],(declareer)[V],(atie)[N|NxV.])[N]
onkostenrekening	((onkost)[N],(en)[N|N.N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
onkostenvergoeding	((onkost)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(goed)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
onkreukbaar	((on)[A|.Vx],(kreuk)[V],(baar)[A|xV.])[A]
onkreukbaarheid	(((on)[A|.Vx],(kreuk)[V],(baar)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onkritisch	((on)[A|.A],(kritisch)[A])[A]
onkruid	((on)[N|.N],(kruid)[N])[N]
onkruidbestrijdingsmiddel	(((on)[N|.N],(kruid)[N])[N],((((be)[V|.V],(strijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N])[N]
onkruidverdelger	(((on)[N|.N],(kruid)[N])[N],((ver)[V|.V],(delg)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
onkruidverdelgingsmiddel	(((on)[N|.N],(kruid)[N])[N],(((ver)[V|.V],(delg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|NN.N],(middel)[N])[N]
onkruidzaad	(((on)[N|.N],(kruid)[N])[N],(zaad)[N])[N]
onkuis	((on)[A|.A],(kuis)[A])[A]
onkuisheid	(((on)[A|.A],(kuis)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onkunde	((on)[N|.N],(kunde)[N])[N]
onkundig	((on)[A|.A],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onkunstzinnig	((on)[A|.A],(((kunst)[N],(zin)[N])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onkwetsbaar	((on)[A|.A],((kwets)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onkwetsbaarheid	(((on)[A|.A],((kwets)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onland	((on)[N|.N],(land)[N])[N]
onledig	((on)[A|.A],(ledig)[A])[A]
onleefbaar	((on)[A|.A],((leef)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onleesbaar	((on)[A|.A],((lees)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onleesbaarheid	(((on)[A|.A],((lees)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onlekker	((on)[A|.A],(lekker)[A])[A]
onlesbaar	((on)[A|.Vx],(les)[V],(baar)[A|xV.])[A]
onliberaal	((on)[A|.A],(liberaal)[A])[A]
onlichamelijk	((on)[A|.A],((lichaam)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onlijdbaar	((on)[A|.Vx],(lijd)[V],(baar)[A|xV.])[A]
onlijdelijk	((on)[A|.A],((lijd)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onlijdzaam	((on)[A|.A],((lijd)[V],(zaam)[A|V.])[A])[A]
onliterair	((on)[A|.A],(literair)[A])[A]
onlitterair	((on)[A|.A],(litterair)[A])[A]
onlogica	((on)[N|.N],(logica)[N])[N]
onlogisch	((on)[A|.A],(logisch)[A])[A]
onloochenbaar	((on)[A|.Vx],(loochen)[V],(baar)[A|xV.])[A]
onlosbaar	((on)[A|.A],((los)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onlosmakelijk	((on)[A|.Vx],((los)[A],(maak)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A]
onlosmakelijkheid	(((on)[A|.Vx],((los)[A],(maak)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onlust	((on)[N|.N],(lust)[N])[N]
onmaatschappelijk	((on)[A|.A],(((maat)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onmaatschappelijkheid	(((on)[A|.A],(((maat)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onmacht	((on)[N|.N],(macht)[N])[N]
onmachtgevoelen	(((on)[N|.N],(macht)[N])[N],(gevoelen)[N])[N]
onmachtig	((on)[A|.A],((macht)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onmachtsgevoelen	(((on)[N|.N],(macht)[N])[N],(s)[N|N.N],(gevoelen)[N])[N]
onmanlijk	((on)[A|.A],((man)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
onmannelijk	((on)[A|.A],((man)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onmanoeuvreerbaar	((on)[A|.A],((manoeuvreer)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onmarxistisch	((on)[A|.A],(marxistisch)[A])[A]
onmatig	((on)[A|.A],((maat)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onmatigheid	(((on)[A|.A],((maat)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onmededeelbaar	((on)[A|.A],(((mede)[B],(deel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onmededeelzaam	((on)[A|.A],(((mede)[B],(deel)[V])[V],(zaam)[A|V.])[A])[A]
onmeedogend	((on)[A|.A],(meedogend)[A])[A]
onmeedogendheid	(((on)[A|.A],(meedogend)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onmeetbaar	((on)[A|.A],((meet)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onmeetbaarheid	(((on)[A|.A],((meet)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onmelodieus	((on)[A|.A],(((melodisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(eus)[A|N.])[A])[A]
onmens	((on)[N|.N],(mens)[N])[N]
onmenselijk	((on)[A|.A],((mens)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onmenselijkheid	(((on)[A|.A],((mens)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onmenslievend	((on)[A|.A],((mens)[N],(lievend)[V])[A])[A]
onmerkbaar	((on)[A|.A],((merk)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onmetelijk	((on)[A|.Vx],(meet)[V],(elijk)[A|xV.])[A]
onmetelijkheid	(((on)[A|.Vx],(meet)[V],(elijk)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onmiddellijk	((on)[A|.A],((middel)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
onmiddellijkheid	(((on)[A|.A],((middel)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onmilitair	((on)[A|.A],(militair)[A])[A]
onmin	((on)[N|.N],(min)[N])[N]
onmisbaarheid	(((on)[A|.A],((mis)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onmiskenbaar	((on)[A|.Vx],((mis)[A],(ken)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onmogelijk	((on)[A|.A],(mogelijk)[A])[A]
onmogelijkheid	(((on)[A|.A],(mogelijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onmogelijkheidsbewijs	((((on)[A|.A],(mogelijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(bewijs)[N])[N]
onmondig	((on)[A|.A],((mond)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onmondigheid	(((on)[A|.A],((mond)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onmuzikaal	((on)[A|.A],((muziek)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
onnadenkend	((on)[A|.A],(nadenkend)[A])[A]
onnadenkendheid	(((on)[A|.A],(nadenkend)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onnadrukkelijk	((on)[A|.A],(((na)[P],(druk)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onnadrukkelijkheid	(((on)[A|.A],(((na)[P],(druk)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onnaspeurbaar	((on)[A|.Vx],((na)[P],(speur)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onnaspeurlijk	((on)[A|.A],(((na)[P],(speur)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
onnaspeurlijkheid	(((on)[A|.A],(((na)[P],(speur)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onnatuur	((on)[N|.N],(natuur)[N])[N]
onnatuurlijk	((on)[A|.A],((natuur)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
onnatuurlijkheid	(((on)[A|.A],((natuur)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onnauwkeurig	((on)[A|.A],(nauwkeurig)[A])[A]
onnauwkeurigheid	(((on)[A|.A],(nauwkeurig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onnavolgbaarheid	(((on)[A|.A],(((na)[P],(volg)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onneembaar	((on)[A|.A],((neem)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onnet	((on)[A|.A],(net)[A])[A]
onnodig	((on)[A|.A],(nodig)[A])[A]
onnoembaar	((on)[A|.A],((noem)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onnoemelijk	((on)[A|.Vx],(noem)[V],(elijk)[A|xV.])[A]
onnoemlijk	((on)[A|.Vx],(noem)[V],(lijk)[A|xV.])[A]
onnozel	(onnozel)[A]
onnozelaar	((onnozel)[A],(aar)[N|A.])[N]
onnozelheid	((onnozel)[A],(heid)[N|A.])[N]
onnut	((on)[N|.N],(nut)[N])[N]
onofficieel	((on)[A|.A],((officie)[N],(ieel)[A|N.])[A])[A]
onomastiek	((onomastisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
onomatopoëtisch	((onomatopoësis)[N],(isch)[A|N.])[A]
onomkeerbaar	((on)[A|.A],(((om)[P],(keer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onomkeerbaarheid	(((on)[A|.A],(((om)[P],(keer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onomkoopbaar	((on)[A|.A],(((om)[P],(koop)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onomschreven	((on)[A|.V],(omschreven)[V])[A]
onomstootbaar	((on)[A|.A],(omstootbaar)[A])[A]
onomstotelijk	((on)[A|.Vx],((om)[P],(stoot)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A]
onomstotelijkheid	(((on)[A|.Vx],((om)[P],(stoot)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onomstreden	((on)[A|.A],(omstreden)[A])[A]
onomwonden	((on)[A|.V],(omwonden)[V])[A]
ononderbroken	((on)[A|.A],(onderbroken)[A])[A]
ononderscheiden	((on)[A|.A],(onderscheiden)[A])[A]
onontbeerlijk	((on)[A|.Vx],(ontbeer)[V],(lijk)[A|xV.])[A]
onontbeerlijkheid	(((on)[A|.Vx],(ontbeer)[V],(lijk)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onontbindbaar	((on)[A|.A],(((ont)[V|.V],(bind)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onontbindbaarheid	(((on)[A|.A],(((ont)[V|.V],(bind)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onontkoombaarheid	(((on)[A|.Vx],((ont)[V|.V],(kom)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onontvankelijk	((on)[A|.A],((ontvang)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onontvreemdbaar	((on)[A|.Vx],(ontvreemd)[V],(baar)[A|xV.])[A]
onontwijkbaar	((on)[A|.Vx],((ont)[V|.V],(wijk)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onontwikkeld	((on)[A|.A],(ontwikkeld)[A])[A]
onooglijk	((on)[A|.A],((oog)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
onooglijkheid	(((on)[A|.A],((oog)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onoorbaar	((on)[A|.A],(oorbaar)[A])[A]
onoordeelkundig	((on)[A|.A],((oordeel)[V],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A])[A]
onoorspronkelijk	((on)[A|.A],((oorsprong)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onopeisbaar	((on)[A|.A],(((op)[P],(eis)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onopgehelderd	((on)[A|.V],(opgehelderd)[V])[A]
onopgelost	((on)[A|.V],(opgelost)[V])[A]
onopgemaakt	((on)[A|.A],(opgemaakt)[A])[A]
onopgemerkt	((on)[A|.V],(opgemerkt)[V])[A]
onopgeruimd	((on)[A|.A],(opgeruimd)[A])[A]
onopgesmukt	((on)[A|.A],(opgesmukt)[A])[A]
onopgevoed	((on)[A|.V],(opgevoed)[V])[A]
onophoudelijk	((on)[A|.Vx],((op)[P],(houd)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A]
onoplettend	((on)[A|.A],(oplettend)[A])[A]
onoplettendheid	(((on)[A|.A],(oplettend)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onopmerkzaam	((on)[A|.A],(((op)[P],(merk)[V])[V],(zaam)[A|V.])[A])[A]
onoprecht	((on)[A|.A],(oprecht)[A])[A]
onopvallend	((on)[A|.A],(opvallend)[A])[A]
onopvallendheid	(((on)[A|.A],(opvallend)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onopzegbaar	((on)[A|.A],(((op)[P],(zeg)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onopzettelijk	((on)[A|.A],((opzet)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onopzettelijkheid	(((on)[A|.A],((opzet)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onordelijk	((on)[A|.A],((orde)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
onordentelijk	((on)[A|.A],(ordentelijk)[A])[A]
onoriginaliteit	((on)[N|.N],(((origine)[N],(eel)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
onorthodox	((on)[A|.A],(orthodox)[A])[A]
onoverbrugbaar	((on)[A|.Vx],(overbrug)[V],(baar)[A|xV.])[A]
onoverdacht	((on)[A|.V],(overdacht)[V])[A]
onoverdekt	((on)[A|.A],(overdekt)[A])[A]
onovergankelijk	((on)[A|.A],(overgankelijk)[A])[A]
onoverlegd	((on)[A|.V],(overlegd)[V])[A]
onovertrefbaar	((on)[A|.Vx],((over)[P],(tref)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onovertroffen	((on)[A|.V],(overtroffen)[V])[A]
onoverwinbaar	((on)[A|.Vx],((over)[P],(win)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onoverwinlijk	((on)[A|.Vx],((over)[P],(win)[V])[V],(lijk)[A|xV.])[A]
onoverwinlijkheid	(((on)[A|.Vx],((over)[P],(win)[V])[V],(lijk)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onoverwinnelijk	((on)[A|.Vx],((over)[P],(win)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A]
onoverwinnelijkheid	(((on)[A|.Vx],((over)[P],(win)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onoverwonnen	((on)[A|.A],(overwonnen)[A])[A]
onoverzichtelijk	((on)[A|.A],((overzicht)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onoverzienbaar	((on)[A|.A],(((over)[P],(zie)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onpaar	((on)[A|.A],(paar)[A])[A]
onparlementair	((on)[A|.A],((parlement)[N],(air)[A|N.])[A])[A]
onpartijdig	((on)[A|.A],(partijdig)[A])[A]
onpartijdigheid	(((on)[A|.A],(partijdig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onpasselijkheid	((onpasselijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
onpedagogisch	((on)[A|.A],(pedagogisch)[A])[A]
onpeilbaar	((on)[A|.A],((peil)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onpersoon	((on)[N|.N],(persoon)[N])[N]
onpersoonlijk	((on)[A|.A],((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
onplezierig	((on)[A|.A],((plezier)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onplezierigheid	(((on)[A|.A],((plezier)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onpolitiek	((on)[A|.A],(politiek)[A])[A]
onpopulair	((on)[A|.A],(populair)[A])[A]
onpraktisch	((on)[A|.A],(praktisch)[A])[A]
onprecies	((on)[A|.A],(precies)[A])[A]
onprettig	((on)[A|.A],((pret)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onprincipieel	((on)[A|.A],((principe)[N],(ieel)[A|N.])[A])[A]
onproblematisch	((on)[A|.A],((probleem)[N],(atisch)[A|N.])[A])[A]
onproductief	((on)[A|.A],(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
onprofessioneel	((on)[A|.A],(professioneel)[A])[A]
onprotocollair	((on)[A|.A],((protocol)[N],(air)[A|N.])[A])[A]
onpsychologisch	((on)[A|.A],(psychologisch)[A])[A]
onraadzaam	((on)[A|.A],((raad)[V],(zaam)[A|V.])[A])[A]
onrealiseerbaar	((on)[A|.A],((realiseer)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onrealistisch	((on)[A|.A],(realistisch)[A])[A]
onrecht	((on)[N|.N],(recht)[N])[N]
onrechtmatig	(((on)[N|.N],(recht)[N])[N],(matig)[A|N.])[A]
onrechtmatigheid	((((on)[N|.N],(recht)[N])[N],(matig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onrechtstreeks	((on)[A|.A],((recht)[A],(streek)[N],(s)[A|AN.])[A])[A]
onrechtvaardig	((on)[A|.A],(rechtvaardig)[A])[A]
onrechtvaardigheid	(((on)[A|.A],(rechtvaardig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onrechtzinnig	((on)[A|.A],((recht)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A])[A]
onredelijk	((on)[A|.A],((rede)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
onredelijkheid	(((on)[A|.A],((rede)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onregeerbaar	((on)[A|.A],((regeer)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onregelmatig	((on)[A|.A],((regel)[N],(matig)[A|N.])[A])[A]
onregelmatigheid	(((on)[A|.A],((regel)[N],(matig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onregelmatigheidstoeslag	((((on)[A|.A],((regel)[N],(matig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((toe)[B],(slag)[N])[N])[N]
onreglementair	((on)[A|.A],((reglement)[N],(air)[A|N.])[A])[A]
onrein	((on)[A|.A],(rein)[A])[A]
onreinheid	(((on)[A|.A],(rein)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onrekbaar	((on)[A|.A],((rek)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onrendabel	((on)[A|.A],((rendeer)[V],(abel)[A|V.])[A])[A]
onridderlijk	((on)[A|.A],((ridder)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
onrijm	((on)[N|.N],(rijm)[N])[N]
onrijp	((on)[A|.A],(rijp)[A])[A]
onrijpheid	(((on)[A|.A],(rijp)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onroerend	((on)[A|.A],(roerend)[A])[A]
onromantisch	((on)[A|.A],(romantisch)[A])[A]
onrooms	((on)[A|.A],(rooms)[A])[A]
onruimtelijk	((on)[A|.A],(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
onrust	((on)[N|.N],(rust)[N])[N]
onrustbarend	(((on)[N|.N],(rust)[N])[N],(baar)[V],(end)[A|NV.])[A]
onrustgevoelen	(((on)[N|.N],(rust)[N])[N],(gevoelen)[N])[N]
onrustig	((on)[A|.A],((rust)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onrustigheid	(((on)[A|.A],((rust)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onruststoker	(((on)[N|.N],(rust)[N])[N],(stook)[V],(er)[N|NV.])[N]
onrustzaad	(((on)[N|.N],(rust)[N])[N],(zaad)[N])[N]
onrustzaaier	(((on)[N|.N],(rust)[N])[N],(zaai)[V],(er)[N|NV.])[N]
ons	(ons)[N]
onsamendrukbaar	((on)[A|.A],(((samen)[B],(druk)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onsamenhangend	((on)[A|.A],(samenhangend)[A])[A]
onsamenhangendheid	(((on)[A|.A],(samenhangend)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onschadelijk	((on)[A|.A],((schaad)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onschadelijkheid	(((on)[A|.A],((schaad)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onschadelijkmaking	(((on)[A|.A],((schaad)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(maak)[V],(ing)[N|AV.])[N]
onschatbaar	((on)[A|.A],((schat)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onscheidbaar	((on)[A|.A],((scheid)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onscheidbaarheid	(((on)[A|.A],((scheid)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onschendbaar	((on)[A|.Vx],(schend)[V],(baar)[A|xV.])[A]
onschendbaarheid	(((on)[A|.Vx],(schend)[V],(baar)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onscherp	((on)[A|.A],(scherp)[A])[A]
onschoon	((on)[A|.A],(schoon)[A])[A]
onschriftuurlijk	((on)[A|.A],(((schrift)[N],(uur)[N|N.])[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
onschuld	((on)[N|.N],(schuld)[N])[N]
onschuldig	((on)[A|.A],((schuld)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onscrupuleus	((on)[A|.A],((scrupule)[N],(eus)[A|N.])[A])[A]
onsentimenteel	((on)[A|.A],((sentiment)[N],(eel)[A|N.])[A])[A]
onserieus	((on)[A|.A],(serieus)[A])[A]
onslijtbaar	((on)[A|.Vx],(slijt)[V],(baar)[A|xV.])[A]
onsmakelijk	((on)[A|.A],((smaak)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onsmakelijkheid	(((on)[A|.A],((smaak)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onsociaal	((on)[A|.A],(sociaal)[A])[A]
onsocialistisch	((on)[A|.A],((socialist)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
onsolidair	((on)[A|.A],(solidair)[A])[A]
onsolide	((on)[A|.A],(solide)[A])[A]
onspecifiek	((on)[A|.A],(specifiek)[A])[A]
onspeelbaar	((on)[A|.A],((speel)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onsplinterbaar	((on)[A|.Vx],(splinter)[V],(baar)[A|xV.])[A]
onsplitsbaar	((on)[A|.A],((splits)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onspontaan	((on)[A|.A],(spontaan)[A])[A]
onsportief	((on)[A|.A],((sport)[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
onsportiviteit	((on)[N|.N],(((sport)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
onstabiel	((on)[A|.A],(stabiel)[A])[A]
onstabiliteit	((on)[N|.N],((stabiel)[A],(biliteit)[N|A.])[N])[N]
onstandvastig	((on)[A|.A],(standvastig)[A])[A]
onsterfelijkheid	(((on)[A|.A],((sterf)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onsterflijkheid	((on)[N|.N],(((sterf)[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
onsterk	((on)[A|.A],(sterk)[A])[A]
onstichtelijk	((on)[A|.A],((sticht)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onstichtelijkheid	(((on)[A|.A],((sticht)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onstilbaar	((on)[A|.Vx],(stil)[V],(baar)[A|xV.])[A]
onstoffelijk	((on)[A|.A],((stof)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onstoffelijkheid	(((on)[A|.A],((stof)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onstuimigheid	((onstuimig)[A],(heid)[N|A.])[N]
onstuitbaar	((on)[A|.Vx],(stuit)[V],(baar)[A|xV.])[A]
onsuccesvol	((on)[A|.A],((succes)[N],(vol)[A])[A])[A]
onsympathiek	((on)[A|.A],(sympathiek)[A])[A]
onsystematisch	((on)[A|.A],((systeem)[N],(atisch)[A|N.])[A])[A]
ontaalkundig	((on)[A|.A],(((taal)[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
ontaarden	((ont)[V|.N],(aard)[N])[V]
ontaardheid	((ontaard)[A],(heid)[N|A.])[N]
ontaarding	(((ont)[V|.N],(aard)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontaardingsverschijnsel	((((ont)[V|.N],(aard)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
ontactisch	((on)[A|.A],((tact)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
ontactvol	((on)[A|.A],((tact)[N],(vol)[A])[A])[A]
ontadelen	((ont)[V|.N],(adel)[N])[V]
ontastbaar	((on)[A|.A],((tast)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
ontbering	((ontbeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
ontbieding	((ontbied)[V],(ing)[N|V.])[N]
ontbijtbordje	((ontbijt)[V],(bord)[N])[N]
ontbijtgoed	((ontbijt)[V],(goed)[N])[N]
ontbijtkoek	((ontbijt)[V],(koek)[N])[N]
ontbijtlaken	((ontbijt)[N],(laken)[N])[N]
ontbijtservies	((ontbijt)[V],(servies)[N])[N]
ontbijtshow	((ontbijt)[N],(show)[N])[N]
ontbijtspek	((ontbijt)[N],(spek)[N])[N]
ontbijtstel	((ontbijt)[N],(stel)[N])[N]
ontbijttafel	((ontbijt)[V],(tafel)[N])[N]
ontbindbaar	(((ont)[V|.V],(bind)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
ontbinden	((ont)[V|.V],(bind)[V])[V]
ontbinding	(((ont)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontbindingsbesluit	((((ont)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(besluit)[N])[N]
ontbindingsproces	((((ont)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
ontbindingsrecht	((((ont)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
ontbindingsverschijnsel	((((ont)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
ontbindingsverzoek	((((ont)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(verzoek)[N])[N]
ontbladeren	((ont)[V|.V],(blader)[V])[V]
ontbladeringsmiddel	((ontbladering)[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
ontbloten	((ont)[V|.A],(bloot)[A])[V]
ontbloting	(((ont)[V|.A],(bloot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontboezemen	((ont)[V|.N],(boezem)[N])[V]
ontboezeming	(((ont)[V|.N],(boezem)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontbolsteren	((ont)[V|.V],(bolster)[V])[V]
ontbossen	((ont)[V|.N],(bos)[N])[V]
ontbossing	(((ont)[V|.N],(bos)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontbrandbaar	(((ont)[V|.N],(brand)[N])[V],(baar)[A|V.])[A]
ontbranden	((ont)[V|.N],(brand)[N])[V]
ontbranding	(((ont)[V|.N],(brand)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontbrandingstemperatuur	((((ont)[V|.N],(brand)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(temperatuur)[N])[N]
ontcijferen	((ont)[V|.V],(cijfer)[V])[V]
ontcijfering	(((ont)[V|.V],(cijfer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontdaanheid	((ontdaan)[A],(heid)[N|A.])[N]
ontdekken	((ont)[V|.V],(dek)[V])[V]
ontdekker	(((ont)[V|.V],(dek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
ontdekking	(((ont)[V|.V],(dek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontdekkingscontext	((((ont)[V|.V],(dek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(context)[N])[N]
ontdekkingsdrift	((((ont)[V|.V],(dek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drift)[N])[N]
ontdekkingsproces	((((ont)[V|.V],(dek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
ontdekkingsreis	((((ont)[V|.V],(dek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(reis)[N])[N]
ontdekkingsreiziger	((((ont)[V|.V],(dek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(reiziger)[N])[N]
ontdekkingstocht	((((ont)[V|.V],(dek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tocht)[N])[N]
ontdoen	((ont)[V|.V],(doe)[V])[V]
ontdooien	((ont)[V|.V],(dooi)[V])[V]
ontdooiing	(((ont)[V|.V],(dooi)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontduiken	((ont)[V|.V],(duik)[V])[V]
ontduiking	(((ont)[V|.V],(duik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontechnisch	((on)[A|.A],(technisch)[A])[A]
ontegensprekelijk	((on)[A|.A],(((tegen)[B],(spreek)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
ontegenzeglijk	((on)[A|.Vx],(tegenzeg)[V],(lijk)[A|xV.])[A]
onteigenen	((ont)[V|.A],(eigen)[A])[V]
onteigening	(((ont)[V|.A],(eigen)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
onteigeningsprocedure	((((ont)[V|.A],(eigen)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
onteigeningswet	((((ont)[V|.A],(eigen)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
ontelbaar	((on)[A|.A],((tel)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
ontembaar	((on)[A|.A],((tem)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
ontembaarheid	(((on)[A|.A],((tem)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onterecht	((on)[A|.A],((te)[B],(recht)[A])[A])[A]
onteren	((ont)[V|.N],(eer)[N])[V]
ontering	(((ont)[V|.N],(eer)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
onterven	((ont)[V|.V],(erf)[V])[V]
onterving	(((ont)[V|.V],(erf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontevreden	((on)[A|.A],(tevreden)[A])[A]
ontevredenheid	(((on)[A|.A],(tevreden)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ontevredenheidsgevoelen	((((on)[A|.A],(tevreden)[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(gevoelen)[N])[N]
ontferming	((ontferm)[V],(ing)[N|V.])[N]
ontfronsen	((ont)[V|.V],(frons)[V])[V]
ontfutselen	((ont)[V|.V],(futsel)[V])[V]
ontgaan	((ont)[V|.V],(ga)[V])[V]
ontgassen	((ont)[V|.N],(gas)[N])[V]
ontgeven	((ont)[V|.V],(geef)[V])[V]
ontginbaar	((ontgin)[V],(baar)[A|V.])[A]
ontginner	((ontgin)[V],(er)[N|V.])[N]
ontginning	((ontgin)[V],(ing)[N|V.])[N]
ontginningswerkzaamheid	(((ontgin)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ontglijden	((ont)[V|.V],(glijd)[V])[V]
ontglippen	((ont)[V|.V],(glip)[V])[V]
ontgloeien	((ont)[V|.V],(gloei)[V])[V]
ontgoochelen	((ont)[V|.V],(goochel)[V])[V]
ontgoocheling	(((ont)[V|.V],(goochel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontgraven	((ont)[V|.V],(graaf)[V])[V]
ontgraving	(((ont)[V|.V],(graaf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontgrendelen	((ont)[V|.N],(grendel)[N])[V]
ontgroeien	((ont)[V|.V],(groei)[V])[V]
ontgroenen	((ont)[V|.A],(groen)[A])[V]
ontgroening	(((ont)[V|.A],(groen)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontgronden	((ont)[V|.N],(grond)[N])[V]
ontgronding	(((ont)[V|.N],(grond)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
onthalen	((ont)[V|.V],(haal)[V])[V]
onthalzen	((ont)[V|.N],(hals)[N])[V]
onthand	((ont)[A|.N],(hand)[N])[A]
ontharden	((ont)[V|.A],(hard)[A])[V]
ontharder	(((ont)[V|.A],(hard)[A])[V],(er)[N|V.])[N]
ontharen	((ont)[V|.N],(haar)[N])[V]
ontharing	(((ont)[V|.N],(haar)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontharingscrème	((((ont)[V|.N],(haar)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(crème)[N])[N]
ontharingsmiddel	((((ont)[V|.N],(haar)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
ontharsen	((ont)[V|.N],(hars)[N])[V]
onthechten	((ont)[V|.V],(hecht)[V])[V]
ontheffing	((onthef)[V],(ing)[N|V.])[N]
ontheiligen	((ont)[V|.A],(heilig)[A])[V]
ontheiliging	(((ont)[V|.A],(heilig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
onthoofden	((ont)[V|.N],(hoofd)[N])[V]
onthoofding	(((ont)[V|.N],(hoofd)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
onthouder	((onthoud)[V],(er)[N|V.])[N]
onthoudersbeweging	(((onthoud)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
onthouding	((onthoud)[V],(ing)[N|V.])[N]
onthoudingsdag	(((onthoud)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
onthoudingsverschijnselen	(((onthoud)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
onthullen	((ont)[V|.V],(hul)[V])[V]
onthuller	(((ont)[V|.V],(hul)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
onthulling	(((ont)[V|.V],(hul)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onthutsen	((ont)[V|.V],(huts)[V])[V]
onthutsing	(((ont)[V|.V],(huts)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontijde	((on)[N|.N],(tij)[N])[N]
ontijdig	((on)[A|.A],((tijd)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
ontijdigheid	(((on)[A|.A],((tijd)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ontilbaar	((on)[A|.A],((til)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
ontinkten	((ont)[V|.V],(inkt)[V])[V]
ontkalken	((ont)[V|.N],(kalk)[N])[V]
ontkalking	(((ont)[V|.N],(kalk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontkapen	((ont)[V|.V],(kaap)[V])[V]
ontkennen	((ont)[V|.V],(ken)[V])[V]
ontkenning	(((ont)[V|.V],(ken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontkenningswoord	((((ont)[V|.V],(ken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(woord)[N])[N]
ontkerkelijking	((ont)[N|.Ax],((kerk)[N],(elijk)[A|N.])[A],(ing)[N|xA.])[N]
ontkerstenen	((ont)[V|.V],(kersten)[V])[V]
ontkerstening	(((ont)[V|.V],(kersten)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontketenen	((ont)[V|.V],(keten)[V])[V]
ontkiemen	((ont)[V|.V],(kiem)[V])[V]
ontkleden	((ont)[V|.V],(kleed)[V])[V]
ontkleding	(((ont)[V|.V],(kleed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontkleuren	((ont)[V|.V],(kleur)[V])[V]
ontkleuring	(((ont)[V|.V],(kleur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontknopen	((ont)[V|.V],(knoop)[V])[V]
ontknoping	(((ont)[V|.V],(knoop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontkolen	((ont)[V|.N],(kool)[N])[V]
ontkomen	((ont)[V|.V],(kom)[V])[V]
ontkoppelen	((ont)[V|.V],(koppel)[V])[V]
ontkoppeling	(((ont)[V|.V],(koppel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontkoppelingspedaal	((((ont)[V|.V],(koppel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(pedaal)[N])[N]
ontkrachten	((ont)[V|.N],(kracht)[N])[V]
ontkrachting	(((ont)[V|.N],(kracht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontkurken	((ont)[V|.V],(kurk)[V])[V]
ontlaadspanning	(((ont)[V|.V],(laad)[V])[V],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ontlaadtang	(((ont)[V|.V],(laad)[V])[V],(tang)[N])[N]
ontladen	((ont)[V|.V],(laad)[V])[V]
ontlader	(((ont)[V|.V],(laad)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
ontlading	(((ont)[V|.V],(laad)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontladingsbuis	((((ont)[V|.V],(laad)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(buis)[N])[N]
ontladingsvertraging	((((ont)[V|.V],(laad)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(traag)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
ontlasten	((ont)[V|.N],(last)[N])[V]
ontlasting	(((ont)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontlastingsritme	((((ont)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ritme)[N])[N]
ontlastpijp	(((ont)[V|.N],(last)[N])[V],(pijp)[N])[N]
ontlastsluis	(((ont)[V|.N],(last)[N])[V],(sluis)[N])[N]
ontlaten	((ont)[V|.V],(laat)[V])[V]
ontlating	(((ont)[V|.V],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontleder	((ontleed)[V],(er)[N|V.])[N]
ontleding	((ontleed)[V],(ing)[N|V.])[N]
ontledingsspanning	(((ontleed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ontledingstemperatuur	(((ontleed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(temperatuur)[N])[N]
ontleedbaar	((ontleed)[V],(baar)[A|V.])[A]
ontleedkamer	((ontleed)[V],(kamer)[N])[N]
ontleedkunde	((ontleed)[V],(kunde)[N])[N]
ontleedkundig	((ontleed)[V],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
ontleedmes	((ontleed)[V],(mes)[N])[N]
ontleedtafel	((ontleed)[V],(tafel)[N])[N]
ontlenen	((ont)[V|.V],(leen)[V])[V]
ontlener	(((ont)[V|.V],(leen)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
ontlening	(((ont)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontleren	((ont)[V|.V],(leer)[V])[V]
ontlokken	((ont)[V|.V],(lok)[V])[V]
ontlopen	((ont)[V|.V],(loop)[V])[V]
ontluchten	((ont)[V|.N],(lucht)[N])[V]
ontluchting	(((ont)[V|.N],(lucht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontluiken	((ont)[V|.V],(luik)[V])[V]
ontluiking	(((ont)[V|.V],(luik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontluisteren	((ont)[V|.N],(luister)[N])[V]
ontluistering	(((ont)[V|.N],(luister)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontluizen	((ont)[V|.N],(luis)[N])[V]
ontluizing	(((ont)[V|.N],(luis)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontmaagden	((ont)[V|.N],(maagd)[N])[V]
ontmaagding	(((ont)[V|.N],(maagd)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontmagnetiseren	((ont)[V|.V],((magneet)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V]
ontmannen	((ont)[V|.N],(man)[N])[V]
ontmanning	(((ont)[V|.N],(man)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontmantelen	((ont)[V|.N],(mantel)[N])[V]
ontmanteling	(((ont)[V|.N],(mantel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontmaskeren	((ont)[V|.N],(masker)[N])[V]
ontmaskering	(((ont)[V|.N],(masker)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontmasten	((ont)[V|.N],(mast)[N])[V]
ontmenging	((ontmeng)[V],(ing)[N|V.])[N]
ontmenselijken	((ont)[V|.A],((mens)[N],(elijk)[A|N.])[A])[V]
ontmenselijking	(((ont)[V|.A],((mens)[N],(elijk)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontmenst	((ont)[A|.Nx],(mens)[N],(t)[A|xN.])[A]
ontmoedigen	((ont)[V|.A],((moed)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
ontmoediging	(((ont)[V|.A],((moed)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontmoedigingsbeleid	((((ont)[V|.A],((moed)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
ontmoeting	((ontmoet)[V],(ing)[N|V.])[N]
ontmoetingsavond	(((ontmoet)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(avond)[N])[N]
ontmoetingscentrum	(((ontmoet)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
ontmoetingsfunctie	(((ontmoet)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
ontmoetingsplaats	(((ontmoet)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plaats)[N])[N]
ontmoetingsprogramma	(((ontmoet)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
ontmoetingspunt	(((ontmoet)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
ontmoetingsruimte	(((ontmoet)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
ontmoetingsstoot	(((ontmoet)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(stoot)[N])[N]
ontmoetingsveld	(((ontmoet)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
ontmuggen	((ont)[V|.N],(mug)[N])[V]
ontmunten	((ont)[V|.N],(munt)[N])[V]
ontmythologisering	((ontmythologiseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
ontnemen	((ont)[V|.V],(neem)[V])[V]
ontnuchteren	((ont)[V|.A],(nuchter)[A])[V]
ontnuchtering	(((ont)[V|.A],(nuchter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontoegankelijk	((on)[A|.A],(((toe)[B],(gang)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
ontoegankelijkheid	(((on)[A|.A],(((toe)[B],(gang)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ontoegeeflijk	((on)[A|.A],(((toe)[B],(geef)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
ontoegefelijk	((on)[A|.A],(((toe)[B],(geef)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
ontoegevend	((on)[A|.A],(toegevend)[A])[A]
ontoelaatbaar	((on)[A|.A],(((toe)[B],(laat)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
ontoepasselijk	((on)[A|.A],(((toe)[B],(pas)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
ontoereikend	((on)[A|.A],(toereikend)[A])[A]
ontoereikendheid	(((on)[A|.A],(toereikend)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ontoerekenbaar	((on)[A|.A],(((toe)[B],(reken)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
ontoerekenbaarheid	(((on)[A|.A],(((toe)[B],(reken)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ontoerekeningsvatbaar	((on)[A|.A],(((toe)[B],(reken)[V])[V],(ing)[A|V.xA],(s)[A|Vx.A],((vaat)[V],(baar)[A|V.])[A])[A])[A]
ontoeschietelijk	((on)[A|.A],(((toe)[B],(schiet)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
ontologie	((ontologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
ontoombaar	((on)[A|.Vx],(toom)[V],(baar)[A|xV.])[A]
ontoonbaar	((on)[A|.A],((toon)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
ontpachten	((ont)[V|.N],(pacht)[N])[V]
ontpakken	((ont)[V|.V],(pak)[V])[V]
ontpersen	((ont)[V|.V],(pers)[V])[V]
ontpitten	((ont)[V|.N],(pit)[N])[V]
ontplofbaar	(((ont)[V|.V],(plof)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
ontploffen	((ont)[V|.V],(plof)[V])[V]
ontploffing	(((ont)[V|.V],(plof)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontploffingsgevaar	((((ont)[V|.V],(plof)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gevaar)[N])[N]
ontplooien	((ont)[V|.V],(plooi)[V])[V]
ontplooiing	(((ont)[V|.V],(plooi)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontplooiingskans	((((ont)[V|.V],(plooi)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kans)[N])[N]
ontplooiingsmogelijkheid	((((ont)[V|.V],(plooi)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ontpolderen	((ont)[V|.N],(polder)[N])[V]
ontpoppen	((ont)[V|.V],(pop)[V])[V]
ontraadselen	((ont)[V|.N],((raad)[V],(sel)[N|V.])[N])[V]
ontraadseling	(((ont)[V|.N],((raad)[V],(sel)[N|V.])[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontraden	((ont)[V|.V],(raad)[V])[V]
ontrafelen	((ont)[V|.V],(rafel)[V])[V]
ontratten	((ont)[V|.N],(rat)[N])[V]
ontrefbaar	((on)[A|.A],((tref)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
ontregelen	((ont)[V|.N],(regel)[N])[V]
ontregeling	(((ont)[V|.N],(regel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontroeren	((ont)[V|.V],(roer)[V])[V]
ontroering	(((ont)[V|.V],(roer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontroesten	((ont)[V|.N],(roest)[N])[V]
ontrollen	((ont)[V|.V],(rol)[V])[V]
ontromen	((ont)[V|.N],(room)[N])[V]
ontromer	(((ont)[V|.N],(room)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
ontroming	(((ont)[V|.N],(room)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontromingsmachine	((((ont)[V|.N],(room)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(machine)[N])[N]
ontronding	((ontrond)[V],(ing)[N|V.])[N]
ontroostbaar	((on)[A|.Vx],(troost)[V],(baar)[A|xV.])[A]
ontroostbaarheid	(((on)[A|.Vx],(troost)[V],(baar)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ontrouw	((on)[N|.N],(trouw)[N])[N]
ontroven	((ont)[V|.V],(roof)[V])[V]
ontroving	(((ont)[V|.V],(roof)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontruimen	((ont)[V|.V],(ruim)[V])[V]
ontruiming	(((ont)[V|.V],(ruim)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontruimingsbevel	((((ont)[V|.V],(ruim)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bevel)[N])[N]
ontrukken	((ont)[V|.V],(ruk)[V])[V]
ontrusten	((ont)[V|.N],(rust)[N])[V]
ontschepen	((ont)[V|.V],(scheep)[V])[V]
ontscheping	(((ont)[V|.V],(scheep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontschieten	((ont)[V|.V],(schiet)[V])[V]
ontschoeien	((ont)[V|.V],(schoei)[V])[V]
ontschorsen	((ont)[V|.N],(schors)[N])[V]
ontschorsing	(((ont)[V|.N],(schors)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontsieren	((ont)[V|.N],(sier)[N])[V]
ontsiering	(((ont)[V|.N],(sier)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontslagaanvraag	((ontslag)[N],((aan)[P],(vraag)[N])[N])[N]
ontslagaanvrage	((ontslag)[N],(aanvrage)[N])[N]
ontslagbeleid	((ontslag)[N],(beleid)[N])[N]
ontslagbescherming	((ontslag)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
ontslagbrief	((ontslag)[N],(brief)[N])[N]
ontslagdatum	((ontslag)[N],(datum)[N])[N]
ontslagnemer	((ontslag)[N],(neem)[V],(er)[N|NV.])[N]
ontslagneming	((ontslag)[N],(neem)[V],(ing)[N|NV.])[N]
ontslagprocedure	((ontslag)[N],(procedure)[N])[N]
ontslagrecht	((ontslag)[N],(recht)[N])[N]
ontslaken	((ont)[V|.V],(slaak)[V])[V]
ontslapen	((ont)[V|.V],(slaap)[V])[V]
ontslippen	((ont)[V|.V],(slip)[V])[V]
ontsluieren	((ont)[V|.N],(sluier)[N])[V]
ontsluiering	(((ont)[V|.N],(sluier)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontsluimeren	((ont)[V|.V],(sluimer)[V])[V]
ontsluipen	((ont)[V|.V],(sluip)[V])[V]
ontsluiten	((ont)[V|.V],(sluit)[V])[V]
ontsluiting	(((ont)[V|.V],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontsluitingsproces	((((ont)[V|.V],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
ontsmetten	((ont)[V|.N],(smet)[N])[V]
ontsmetting	(((ont)[V|.N],(smet)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontsmettingsdienst	((((ont)[V|.N],(smet)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
ontsmettingsmiddel	((((ont)[V|.N],(smet)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
ontsmettingsoven	((((ont)[V|.N],(smet)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(oven)[N])[N]
ontsnaard	((ont)[A|.Nx],(snaar)[N],(d)[A|xN.])[A]
ontsnappen	((ont)[V|.V],(snap)[V])[V]
ontsnapping	(((ont)[V|.V],(snap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontsnappingsclausule	((((ont)[V|.V],(snap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(clausule)[N])[N]
ontsnappingskans	((((ont)[V|.V],(snap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kans)[N])[N]
ontsnappingsmechanisme	((((ont)[V|.V],(snap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
ontsnappingsmiddel	((((ont)[V|.V],(snap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
ontsnappingsmogelijkheid	((((ont)[V|.V],(snap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ontsnappingspoging	((((ont)[V|.V],(snap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],(poog)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
ontsnappingsroute	((((ont)[V|.V],(snap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(route)[N])[N]
ontsnappingssnelheid	((((ont)[V|.V],(snap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ontsnavelen	((ont)[V|.N],(snavel)[N])[V]
ontspannen	((ont)[V|.V],(span)[V])[V]
ontspannenheid	((ontspannen)[A],(heid)[N|A.])[N]
ontspanner	(((ont)[V|.V],(span)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
ontspanning	(((ont)[V|.V],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontspanningsactiviteit	((((ont)[V|.V],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
ontspanningsboek	((((ont)[V|.V],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(boek)[N])[N]
ontspanningscentrum	((((ont)[V|.V],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
ontspanningskraan	((((ont)[V|.V],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kraan)[N])[N]
ontspanningslectuur	((((ont)[V|.V],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lectuur)[N])[N]
ontspanningsliteratuur	((((ont)[V|.V],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(literatuur)[N])[N]
ontspanningsmethode	((((ont)[V|.V],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
ontspanningsmogelijkheid	((((ont)[V|.V],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ontspanningsmuziek	((((ont)[V|.V],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(muziek)[N])[N]
ontspanningsoefening	((((ont)[V|.V],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ontspanningspolitiek	((((ont)[V|.V],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(politiek)[N])[N]
ontspanningsprogramma	((((ont)[V|.V],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
ontspanningsruimte	((((ont)[V|.V],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
ontspanningssysteem	((((ont)[V|.V],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
ontspanningstechniek	((((ont)[V|.V],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
ontspanningszaal	((((ont)[V|.V],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zaal)[N])[N]
ontsparen	((ont)[V|.V],(spaar)[V])[V]
ontspiegelen	((ont)[V|.N],(spiegel)[N])[V]
ontspinnen	((ont)[V|.V],(spin)[V])[V]
ontsporen	((ont)[V|.N],(spoor)[N])[V]
ontsporing	(((ont)[V|.N],(spoor)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontspringen	((ont)[V|.V],(spring)[V])[V]
ontspruiten	((ont)[V|.V],(spruit)[V])[V]
ontstaan	((ont)[V|.V],(sta)[V])[V]
ontstaansgeschiedenis	(((ont)[V|.V],(sta)[V])[V],(s)[N|V.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
ontstedelijking	((ont)[N|.Ax],((stede)[N],(lijk)[A|N.])[A],(ing)[N|xA.])[N]
ontsteker	((ontsteek)[V],(er)[N|V.])[N]
ontsteking	((ontsteek)[V],(ing)[N|V.])[N]
ontstekingachtig	(((ontsteek)[V],(ing)[N|V.])[N],(achtig)[A|N.])[A]
ontstekingskoorts	(((ontsteek)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(koorts)[N])[N]
ontstekingsmechanisme	(((ontsteek)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
ontstekingsmiddel	(((ontsteek)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
ontstekingsproces	(((ontsteek)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
ontstekingsreactie	(((ontsteek)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
ontstekingsverschijnsel	(((ontsteek)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
ontstelen	((ont)[V|.V],(steel)[V])[V]
ontstellen	((ont)[V|.V],(stel)[V])[V]
ontstemdheid	((ontstemd)[A],(heid)[N|A.])[N]
ontstemmen	((ont)[V|.V],(stem)[V])[V]
ontstemming	(((ont)[V|.V],(stem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontstichten	((ont)[V|.V],(sticht)[V])[V]
ontstichting	(((ont)[V|.V],(sticht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontstijgen	((ont)[V|.V],(stijg)[V])[V]
ontstoppen	((ont)[V|.V],(stop)[V])[V]
ontstopper	(((ont)[V|.V],(stop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
ontstoppingsmiddel	((ontstopping)[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
ontstoppingsveer	((ontstopping)[N],(s)[N|N.N],(veer)[N])[N]
ontstoren	((ont)[V|.V],(stoor)[V])[V]
ontstrijden	((ont)[V|.V],(strijd)[V])[V]
ontstrikken	((ont)[V|.N],(strik)[N])[V]
onttakelen	((ont)[V|.V],(takel)[V])[V]
onttakeling	(((ont)[V|.V],(takel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onttoveren	((ont)[V|.V],(tover)[V])[V]
onttrekken	((ont)[V|.V],(trek)[V])[V]
onttrekking	(((ont)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onttronen	((ont)[V|.V],(troon)[V])[V]
onttroning	(((ont)[V|.V],(troon)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
onttuigen	((ont)[V|.N],(tuig)[N])[V]
ontucht	((on)[N|.N],(tucht)[N])[N]
ontuchtig	(((on)[N|.N],(tucht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
ontuchtigheid	((((on)[N|.N],(tucht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ontvallen	((ont)[V|.V],(val)[V])[V]
ontvangantenne	((ontvang)[V],(antenne)[N])[N]
ontvangbak	((ontvang)[N],(bak)[N])[N]
ontvangbewijs	((ontvang)[N],(bewijs)[N])[N]
ontvangbuis	((ontvang)[V],(buis)[N])[N]
ontvangcedel	((ontvang)[N],(cedel)[N])[N]
ontvangceel	((ontvang)[N],(ceel)[N])[N]
ontvangdag	((ontvang)[N],(dag)[N])[N]
ontvangenis	((ontvang)[V],(enis)[N|V.])[N]
ontvanger	((ontvang)[V],(er)[N|V.])[N]
ontvangerskantoor	(((ontvang)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
ontvanginstallatie	((ontvang)[V],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
ontvangkamer	((ontvang)[N],(kamer)[N])[N]
ontvanglamp	((ontvang)[N],(lamp)[N])[N]
ontvangst	((ontvang)[V],(st)[N|V.])[N]
ontvangstapparatuur	(((ontvang)[V],(st)[N|V.])[N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
ontvangstation	((ontvang)[N],(station)[N])[N]
ontvangstbevestiging	(((ontvang)[V],(st)[N|V.])[N],(((be)[V|.V],(vestig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ontvangstbewijs	(((ontvang)[V],(st)[N|V.])[N],(bewijs)[N])[N]
ontvangstcomité	(((ontvang)[V],(st)[N|V.])[N],(comité)[N])[N]
ontvangstgebouw	(((ontvang)[V],(st)[N|V.])[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
ontvangsthal	(((ontvang)[V],(st)[N|V.])[N],(hal)[N])[N]
ontvangstmogelijkheid	(((ontvang)[V],(st)[N|V.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ontvangstruimte	(((ontvang)[V],(st)[N|V.])[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
ontvangstsalon	(((ontvang)[V],(st)[N|V.])[N],(salon)[N])[N]
ontvangststation	(((ontvang)[V],(st)[N|V.])[N],(station)[N])[N]
ontvangstzaal	(((ontvang)[V],(st)[N|V.])[N],(zaal)[N])[N]
ontvangtijd	((ontvang)[V],(tijd)[N])[N]
ontvangtoestel	((ontvang)[V],(toestel)[N])[N]
ontvankelijk	((ontvang)[V],(elijk)[A|V.])[A]
ontvankelijkheid	(((ontvang)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ontvaren	((ont)[V|.V],(vaar)[V])[V]
ontveinzen	((ont)[V|.V],(veins)[V])[V]
ontvellen	((ont)[V|.N],(vel)[N])[V]
ontvelling	(((ont)[V|.N],(vel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontvetten	((ont)[V|.N],(vet)[N])[V]
ontvlambaar	(((ont)[V|.V],(vlam)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
ontvlambaarheid	((((ont)[V|.V],(vlam)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ontvlammen	((ont)[V|.V],(vlam)[V])[V]
ontvlamming	(((ont)[V|.V],(vlam)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontvlekken	((ont)[V|.N],(vlek)[N])[V]
ontvlezen	((ont)[V|.N],(vlees)[N])[V]
ontvlezing	(((ont)[V|.N],(vlees)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontvlieden	((ont)[V|.V],(vlied)[V])[V]
ontvliegen	((ont)[V|.V],(vlieg)[V])[V]
ontvloeien	((ont)[V|.V],(vloei)[V])[V]
ontvlokken	((ont)[V|.N],(vlok)[N])[V]
ontvluchten	((ont)[V|.V],(vlucht)[V])[V]
ontvluchting	(((ont)[V|.V],(vlucht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontvoerder	((ontvoer)[V],(der)[N|V.])[N]
ontvoering	((ontvoer)[V],(ing)[N|V.])[N]
ontvolken	((ont)[V|.N],(volk)[N])[V]
ontvolking	(((ont)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontvonken	((ont)[V|.V],(vonk)[V])[V]
ontvoogden	((ont)[V|.N],(voogd)[N])[V]
ontvoogding	(((ont)[V|.N],(voogd)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontvoogdingsproces	((((ont)[V|.N],(voogd)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
ontvouwen	((ont)[V|.V],(vouw)[V])[V]
ontvouwing	(((ont)[V|.V],(vouw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontvreemding	((ontvreemd)[V],(ing)[N|V.])[N]
ontwaarding	((ontwaard)[V],(ing)[N|V.])[N]
ontwaken	((ont)[V|.V],(waak)[V])[V]
ontwaking	(((ont)[V|.V],(waak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontwapenen	((ont)[V|.N],(wapen)[N])[V]
ontwapening	(((ont)[V|.N],(wapen)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontwapeningscommissie	((((ont)[V|.N],(wapen)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
ontwapeningsconferentie	((((ont)[V|.N],(wapen)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
ontwapeningsproces	((((ont)[V|.N],(wapen)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
ontwaren	((ont)[V|.V],(waar)[V])[V]
ontwarren	((ont)[V|.V],(war)[V])[V]
ontwarring	(((ont)[V|.V],(war)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontwassen	((ont)[V|.V],(was)[V])[V]
ontwateren	((ont)[V|.N],(water)[N])[V]
ontwatering	(((ont)[V|.N],(water)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontweien	((ont)[V|.N],(wei)[N])[V]
ontwellen	((ont)[V|.V],(wel)[V])[V]
ontwennen	((ont)[V|.V],(wen)[V])[V]
ontwenning	(((ont)[V|.V],(wen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontwenningskliniek	((((ont)[V|.V],(wen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((klinisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
ontwenningskuur	((((ont)[V|.V],(wen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kuur)[N])[N]
ontwenningsperiode	((((ont)[V|.V],(wen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
ontwenningsproces	((((ont)[V|.V],(wen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
ontwenningsverschijnselen	((((ont)[V|.V],(wen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
ontwerkelijking	((ont)[N|.Ax],(werkelijk)[A],(ing)[N|xA.])[N]
ontwerp-algemeen	((ontwerp)[N],((al)[Q],(gemeen)[A])[A])[A]
ontwerpbestemmingsplan	((ontwerp)[N],(((bestem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plan)[N])[N])[N]
ontwerpcontract	((ontwerp)[N],(contract)[N])[N]
ontwerper	((ontwerp)[V],(er)[N|V.])[N]
ontwerpkaderwet	((ontwerp)[N],((kader)[N],(wet)[N])[N])[N]
ontwerpregeling	((ontwerp)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ontwerpresolutie	((ontwerp)[N],((resolveer)[V],(utie)[N|V.])[N])[N]
ontwerprichtlijn	((ontwerp)[N],((richt)[V],(lijn)[N])[N])[N]
ontwerpster	((ontwerp)[V],(ster)[N|V.])[N]
ontwerptekening	((ontwerp)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ontwerptekst	((ontwerp)[N],(tekst)[N])[N]
ontwerpverdrag	((ontwerp)[N],(verdrag)[N])[N]
ontwerpverordening	((ontwerp)[N],(((ver)[V|.V],(orden)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ontwijden	((ont)[V|.V],(wijd)[V])[V]
ontwijding	(((ont)[V|.V],(wijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontwijfelbaar	((on)[A|.Vx],(twijfel)[V],(baar)[A|xV.])[A]
ontwijken	((ont)[V|.V],(wijk)[V])[V]
ontwijking	(((ont)[V|.V],(wijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontwijkmogelijkheid	(((ont)[V|.V],(wijk)[V])[V],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ontwikkelaar	(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
ontwikkelbaar	(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
ontwikkelbak	(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(bak)[N])[N]
ontwikkelcentrale	(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
ontwikkeldoos	(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(doos)[N])[N]
ontwikkelen	((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V]
ontwikkeling	(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontwikkelingsachterstand	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((achter)[B],(stand)[N])[N])[N]
ontwikkelingsactiviteit	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
ontwikkelingsaspect	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
ontwikkelingsbad	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bad)[N])[N]
ontwikkelingsbank	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bank)[N])[N]
ontwikkelingsbeeld	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
ontwikkelingsbehoefte	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(behoefte)[N])[N]
ontwikkelingsbeleid	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
ontwikkelingsbenadering	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(nader)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ontwikkelingscentrum	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
ontwikkelingscrisis	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(crisis)[N])[N]
ontwikkelingscyclus	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cyclus)[N])[N]
ontwikkelingsdecennium	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(decennium)[N])[N]
ontwikkelingsdeskundige	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(deskundige)[N])[N]
ontwikkelingsdrang	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
ontwikkelingseffect	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(effect)[N])[N]
ontwikkelingsfase	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
ontwikkelingsfonds	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
ontwikkelingsfunctie	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
ontwikkelingsgang	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gang)[N])[N]
ontwikkelingsgebied	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gebied)[N])[N]
ontwikkelingsgeschiedenis	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
ontwikkelingsgraad	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(graad)[N])[N]
ontwikkelingsgroep	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(groep)[N])[N]
ontwikkelingshulp	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hulp)[N])[N]
ontwikkelingshulpbeleid	(((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hulp)[N])[N],(beleid)[N])[N]
ontwikkelingsinstituut	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instituut)[N])[N]
ontwikkelingsjaar	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
ontwikkelingskans	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kans)[N])[N]
ontwikkelingskosten	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
ontwikkelingsland	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(land)[N])[N]
ontwikkelingsleer	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
ontwikkelingsmaatschappij	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
ontwikkelingsmateriaal	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
ontwikkelingsmechanica	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(mechanica)[N])[N]
ontwikkelingsmodel	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(model)[N])[N]
ontwikkelingsmoeilijkheid	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ontwikkelingsmogelijkheid	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ontwikkelingsmoment	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(moment)[N])[N]
ontwikkelingsniveau	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
ontwikkelingsorgaan	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
ontwikkelingsperiode	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
ontwikkelingsperspectief	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(perspectief)[N])[N]
ontwikkelingsprincipe	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(principe)[N])[N]
ontwikkelingsprobleem	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
ontwikkelingsproces	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
ontwikkelingsprofiel	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(profiel)[N])[N]
ontwikkelingsprogram	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(program)[N])[N]
ontwikkelingsprogramma	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
ontwikkelingsproject	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(project)[N])[N]
ontwikkelingspsychologie	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
ontwikkelingspsychologisch	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(psychologisch)[A])[A]
ontwikkelingspsycholoog	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(psycholoog)[N])[N]
ontwikkelingsreeks	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(reeks)[N])[N]
ontwikkelingsroman	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(roman)[N])[N]
ontwikkelingssamenwerking	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((samen)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ontwikkelingsschema	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schema)[N])[N]
ontwikkelingsstadium	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(stadium)[N])[N]
ontwikkelingsstoornis	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
ontwikkelingsstrategie	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((strategisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
ontwikkelingsteam	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(team)[N])[N]
ontwikkelingstempo	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tempo)[N])[N]
ontwikkelingstendens	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tendens)[N])[N]
ontwikkelingstendentie	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((tendeer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
ontwikkelingstheorie	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
ontwikkelingstijd	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
ontwikkelingstijdperk	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((tijd)[N],(perk)[N])[N])[N]
ontwikkelingstraining	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((train)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ontwikkelingsverschijnsel	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
ontwikkelingsvraagstuk	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
ontwikkelingswerk	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
ontwikkelingswerker	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
ontwikkelingswerkster	((((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((werk)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
ontwikkelpapier	(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(papier)[N])[N]
ontwikkelproces	(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(proces)[N])[N]
ontwikkelstof	(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(stof)[N])[N]
ontwikkeltank	(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(tank)[N])[N]
ontwinden	((ont)[V|.V],(wind)[V])[V]
ontwoekeren	((ont)[V|.V],(woeker)[V])[V]
ontwormen	((ont)[V|.N],(worm)[N])[V]
ontworstelen	((ont)[V|.V],(worstel)[V])[V]
ontwortelen	((ont)[V|.N],(wortel)[N])[V]
ontwrichting	((ontwricht)[V],(ing)[N|V.])[N]
ontwringen	((ont)[V|.V],(wring)[V])[V]
ontzadelen	((ont)[V|.N],(zadel)[N])[V]
ontzaglijk	((ontzag)[N],(lijk)[A|N.])[A]
ontzaglijkheid	(((ontzag)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ontzagwekkend	((ontzag)[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
ontzegelen	((ont)[V|.N],(zegel)[N])[V]
ontzegeling	(((ont)[V|.N],(zegel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontzeggen	((ont)[V|.V],(zeg)[V])[V]
ontzegging	(((ont)[V|.V],(zeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontzeilen	((ont)[V|.N],(zeil)[N])[V]
ontzenuwen	((ont)[V|.N],(zenuw)[N])[V]
ontzenuwing	(((ont)[V|.N],(zenuw)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontzetten	((ont)[V|.V],(zet)[V])[V]
ontzetter	(((ont)[V|.V],(zet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
ontzetting	(((ont)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontzettingsleger	((((ont)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leger)[N])[N]
ontzielen	((ont)[V|.N],(ziel)[N])[V]
ontzilten	((ont)[V|.N],(zilt)[N])[V]
ontzilting	(((ont)[V|.N],(zilt)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontzinken	((ont)[V|.V],(zink)[V])[V]
ontzinnen	((ont)[V|.N],(zin)[N])[V]
ontzouten	((ont)[V|.N],(zout)[N])[V]
ontzuilen	((ont)[V|.N],(zuil)[N])[V]
ontzuiling	(((ont)[V|.N],(zuil)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
ontzuren	((ont)[V|.N],(zuur)[N])[V]
ontzwachtelen	((ont)[V|.N],(zwachtel)[N])[V]
ontzwellen	((ont)[V|.V],(zwel)[V])[V]
onuitblusbaar	((on)[A|.Vx],((uit)[P],(blus)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onuitgegeven	((on)[A|.V],(uitgegeven)[V])[A]
onuitgemaakt	((on)[A|.A],(uitgemaakt)[A])[A]
onuitgeslapen	((on)[A|.A],(uitgeslapen)[A])[A]
onuitgevoerd	((on)[A|.V],(uitgevoerd)[V])[A]
onuitgewerkt	((on)[A|.A],(uitgewerkt)[A])[A]
onuitgezocht	((on)[A|.A],(uitgezocht)[A])[A]
onuitputbaar	((on)[A|.Vx],((uit)[P],(put)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onuitputtelijk	((on)[A|.Vx],((uit)[P],(put)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A]
onuitputtelijkheid	(((on)[A|.Vx],((uit)[P],(put)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onuitroeibaar	((on)[A|.Vx],((uit)[P],(roei)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onuitroeibaarheid	(((on)[A|.Vx],((uit)[P],(roei)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onuitspreekbaar	((on)[A|.A],(((uit)[P],(spreek)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onuitsprekelijk	((on)[A|.Vx],((uit)[P],(spreek)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A]
onuitstaanbaar	((on)[A|.Vx],((uit)[P],(sta)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onuitstaanbaarheid	(((on)[A|.Vx],((uit)[P],(sta)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onuitvoerbaar	((on)[A|.A],(((uit)[P],(voer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onuitvoerbaarheid	(((on)[A|.A],(((uit)[P],(voer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onuitwisbaar	((on)[A|.A],(((uit)[P],(wis)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onuitwisbaarheid	(((on)[A|.A],(((uit)[P],(wis)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvaderlands	((on)[A|.A],(((vader)[N],(land)[N])[N],(s)[A|N.])[A])[A]
onvaderlandslievend	((on)[A|.A],(((vader)[N],(land)[N])[N],(s)[A|N.V],(lievend)[V])[A])[A]
onvakkundig	((on)[A|.A],((vak)[N],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A])[A]
onvast	((on)[A|.A],(vast)[A])[A]
onvastheid	(((on)[A|.A],(vast)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvatbaar	((on)[A|.A],((vaat)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onvatbaarheid	(((on)[A|.A],((vaat)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onveilig	((on)[A|.A],(veilig)[A])[A]
onveiligheid	(((on)[A|.A],(veilig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onveranderbaar	((on)[A|.Vx],(verander)[V],(baar)[A|xV.])[A]
onveranderd	((on)[A|.V],(veranderd)[V])[A]
onveranderlijk	((on)[A|.A],((verander)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
onveranderlijkheid	(((on)[A|.A],((verander)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverantwoord	((on)[A|.A],(verantwoord)[A])[A]
onverantwoordelijk	((on)[A|.A],((verantwoord)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onverantwoordelijkheid	(((on)[A|.A],((verantwoord)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverbasterd	((on)[A|.V],(verbasterd)[V])[A]
onverbeterbaar	((on)[A|.Vx],((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onverbeterd	((on)[A|.V],(verbeterd)[V])[A]
onverbeterlijk	((on)[A|.Vx],((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(lijk)[A|xV.])[A]
onverbeterlijkheid	(((on)[A|.Vx],((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(lijk)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverbiddelijk	((on)[A|.Vx],((ver)[V|.V],(bid)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A]
onverbiddelijkheid	(((on)[A|.Vx],((ver)[V|.V],(bid)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverbindend	((on)[A|.V],(verbindend)[V])[A]
onverbloemd	((on)[A|.A],(verbloemd)[A])[A]
onverbogen	((on)[A|.V],(verbogen)[V])[A]
onverbrandbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(brand)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onverbreekbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(breek)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onverbreekbaarheid	(((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(breek)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverbrekelijk	((on)[A|.Vx],((ver)[V|.V],(breek)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A]
onverbrekelijkheid	(((on)[A|.Vx],((ver)[V|.V],(breek)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverbuigbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(buig)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onverbuigbaarheid	(((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(buig)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverdacht	((on)[A|.A],(verdacht)[A])[A]
onverdedigbaar	((on)[A|.A],((verdedig)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onverdedigbaarheid	(((on)[A|.A],((verdedig)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverdedigd	((on)[A|.V],(verdedigd)[V])[A]
onverdeelbaar	((on)[A|.Vx],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onverdeeld	((on)[A|.A],(verdeeld)[A])[A]
onverdeeldheid	(((on)[A|.A],(verdeeld)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverderfelijk	((on)[A|.A],((verderf)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onverdiend	((on)[A|.A],(verdiend)[A])[A]
onverdienstelijk	((on)[A|.A],(((verdien)[V],(ste)[N|V.])[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
onverdorven	((on)[A|.A],(verdorven)[A])[A]
onverdorvenheid	(((on)[A|.A],(verdorven)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverdraaglijk	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(draag)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
onverdraaglijkheid	(((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(draag)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverdraagzaam	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(draag)[V])[V],(zaam)[A|V.])[A])[A]
onverdraagzaamheid	(((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(draag)[V])[V],(zaam)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverdroten	((on)[A|.V],(verdroten)[V])[A]
onverdund	((on)[A|.V],(verdund)[V])[A]
onverenigbaar	((on)[A|.A],((verenig)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onverenigbaarheid	(((on)[A|.A],((verenig)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverflauwd	((on)[A|.V],(verflauwd)[V])[A]
onvergankelijk	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(ga)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onvergankelijkheid	(((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(ga)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvergeeflijk	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(geef)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
onvergefelijk	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(geef)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onvergelijkbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onvergelijkbaarheid	(((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvergelijkelijk	((on)[A|.Vx],((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A]
onvergetelijk	((on)[A|.A],((vergeet)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onverglaasd	((on)[A|.V],(verglaasd)[V])[A]
onvergolden	((on)[A|.V],(vergolden)[V])[A]
onverhaalbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(haal)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onverhard	((on)[A|.A],(verhard)[A])[A]
onverheeld	((on)[A|.V],(verheeld)[V])[A]
onverhinderd	((on)[A|.V],(verhinderd)[V])[A]
onverholen	((on)[A|.A],(verholen)[A])[A]
onverhoopt	((on)[A|.V],(verhoopt)[V])[A]
onverhoord	((on)[A|.V],(verhoord)[V])[A]
onverifieerbaar	((on)[A|.A],((verifieer)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onverkapt	((on)[A|.A],(verkapt)[A])[A]
onverkiesbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onverkiesbaarheid	(((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverkieselijk	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onverkieslijk	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
onverklaarbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onverklaarbaarheid	(((on)[A|.A],(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverklaard	((on)[A|.A],(verklaard)[A])[A]
onverkleinbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.A],(klein)[A])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onverkoopbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onverkort	((on)[A|.A],(verkort)[A])[A]
onverkwikkelijk	((on)[A|.A],(((ver)[V|.N],(kwik)[N])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onverlaat	((on)[N|.N],(verlaat)[N])[N]
onverlet	((on)[A|.V],(verlet)[V])[A]
onverlicht	((on)[A|.A],(verlicht)[A])[A]
onvermakelijk	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(maak)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onvermeld	((on)[A|.V],(vermeld)[V])[A]
onvermengd	((on)[A|.V],(vermengd)[V])[A]
onvermijdbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(mijd)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onvermijdelijk	((on)[A|.Vx],((ver)[V|.V],(mijd)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A]
onvermijdelijkheid	(((on)[A|.Vx],((ver)[V|.V],(mijd)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverminderd	((on)[A|.B],(verminderd)[B])[A]
onvermoed	((on)[A|.V],(vermoed)[V])[A]
onvermoeibaarheid	(((on)[A|.Vx],((ver)[V|.A],(moe)[A])[V],(baar)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvermoeid	((on)[A|.A],(vermoeid)[A])[A]
onvermogen	((on)[N|.N],(vermogen)[N])[N]
onvermogend	((on)[A|.A],(vermogend)[A])[A]
onvermurwbaar	((on)[A|.Vx],((ver)[V|.A],(murw)[A])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onvermurwbaarheid	(((on)[A|.Vx],((ver)[V|.A],(murw)[A])[V],(baar)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvernietigbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.A],(nietig)[A])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onverplicht	((on)[A|.A],(verplicht)[A])[A]
onverpoosd	((on)[A|.V],(verpoosd)[V])[A]
onverrast	((on)[A|.A],(verrast)[A])[A]
onverricht	((on)[A|.V],(verricht)[V])[A]
onversaagd	((on)[A|.V],(versaagd)[V])[A]
onversaagdheid	(((on)[A|.V],(versaagd)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverschilligheid	((onverschillig)[A],(heid)[N|A.])[N]
onverschoonbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.A],(schoon)[A])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onverschrokken	((on)[A|.V],(verschrokken)[V])[A]
onverschrokkenheid	(((on)[A|.V],(verschrokken)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverschuifbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(schuif)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onverschuldigd	((on)[A|.A],(verschuldigd)[A])[A]
onverslijtbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(slijt)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onversneden	((on)[A|.V],(versneden)[V])[A]
onverstaanbaar	((on)[A|.A],((versta)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onverstaanbaarheid	(((on)[A|.A],((versta)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverstand	((on)[N|.N],(verstand)[N])[N]
onverstandig	((on)[A|.A],((verstand)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onverstandigheid	(((on)[A|.A],((verstand)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverstoorbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(stoor)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onverstoorbaarheid	(((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(stoor)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverstoord	((on)[A|.A],(verstoord)[A])[A]
onverstorven	((on)[A|.A],(verstorven)[A])[A]
onvertaalbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onvertaalbaarheid	(((on)[A|.A],(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvertaald	((on)[A|.V],(vertaald)[V])[A]
onvertakt	((on)[A|.A],(vertakt)[A])[A]
onverteerbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(teer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onverteerbaarheid	(((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(teer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverteerd	((on)[A|.V],(verteerd)[V])[A]
onvertekend	((on)[A|.A],(vertekend)[A])[A]
onvertraagd	((on)[A|.A],(vertraagd)[A])[A]
onvervaard	((on)[A|.A],(vervaard)[A])[A]
onvervaardheid	(((on)[A|.A],(vervaard)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvervalst	((on)[A|.V],(vervalst)[V])[A]
onvervangbaar	((on)[A|.A],((vervang)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onvervangbaarheid	(((on)[A|.A],((vervang)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvervoerbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(voer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onvervreemdbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.A],(vreemd)[A])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onvervreemdbaarheid	(((on)[A|.A],(((ver)[V|.A],(vreemd)[A])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvervulbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(vul)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onvervulbaarheid	(((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(vul)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvervuld	((on)[A|.V],(vervuld)[V])[A]
onverwacht	((on)[A|.V],(verwacht)[V])[A]
onverwachtheid	(((on)[A|.V],(verwacht)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverwachts	((on)[A|.Vx],((ver)[V|.V],(wacht)[V])[V],(s)[A|xV.])[A]
onverwelkbaar	((on)[A|.Vx],((ver)[V|.V],(welk)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onverwelkelijk	((on)[A|.Vx],((ver)[V|.V],(welk)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A]
onverwelkt	((on)[A|.V],(verwelkt)[V])[A]
onverwinbaar	((on)[A|.A],(verwinbaar)[A])[A]
onverwinbaarheid	(((on)[A|.A],(verwinbaar)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverwinlijk	((on)[A|.Vx],((ver)[V|.V],(win)[V])[V],(lijk)[A|xV.])[A]
onverwinlijkheid	(((on)[A|.Vx],((ver)[V|.V],(win)[V])[V],(lijk)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverwinnelijk	((on)[A|.Vx],((ver)[V|.V],(win)[V])[V],(lijk)[A|xV.])[A]
onverwinnelijkheid	(((on)[A|.Vx],((ver)[V|.V],(win)[V])[V],(lijk)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverwisselbaar	((on)[A|.A],(((ver)[V|.V],(wissel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onverwoestbaar	((on)[A|.Vx],((ver)[V|.A],(woest)[A])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onverwoestbaarheid	(((on)[A|.Vx],((ver)[V|.A],(woest)[A])[V],(baar)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverwonnen	((on)[A|.V],(verwonnen)[V])[A]
onverwrikbaar	((on)[A|.Vx],((ver)[V|.V],(wrik)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onverwrikt	((on)[A|.V],(verwrikt)[V])[A]
onverzaadbaar	((on)[A|.A],(verzaadbaar)[A])[A]
onverzadelijk	((on)[A|.A],(verzadelijk)[A])[A]
onverzadelijkheid	(((on)[A|.A],(verzadelijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverzadigbaar	((on)[A|.A],((verzadig)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onverzadigbaarheid	(((on)[A|.A],((verzadig)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverzadigd	((on)[A|.A],(verzadigd)[A])[A]
onverzekerd	((on)[A|.A],(verzekerd)[A])[A]
onverzeld	((on)[A|.V],(verzeld)[V])[A]
onverzetbaar	((on)[A|.Vx],((ver)[V|.V],(zet)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onverzettelijk	((on)[A|.Vx],((ver)[V|.V],(zet)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A]
onverzettelijkheid	(((on)[A|.Vx],((ver)[V|.V],(zet)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverzoenlijk	((on)[A|.Vx],(verzoen)[V],(lijk)[A|xV.])[A]
onverzoenlijkheid	(((on)[A|.Vx],(verzoen)[V],(lijk)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onverzorgd	((on)[A|.A],(verzorgd)[A])[A]
onverzwakt	((on)[A|.V],(verzwakt)[V])[A]
onvindbaar	((on)[A|.A],((vind)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onvindbaarheid	(((on)[A|.A],((vind)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvoeglijk	((on)[A|.Vx],(voeg)[V],(lijk)[A|xV.])[A]
onvoegzaam	((on)[A|.A],((voeg)[V],(zaam)[A|V.])[A])[A]
onvoegzaamheid	(((on)[A|.A],((voeg)[V],(zaam)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvoldaan	((on)[A|.A],(voldaan)[A])[A]
onvoldaanheid	(((on)[A|.A],(voldaan)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvoldoend	((on)[A|.A],(voldoend)[A])[A]
onvoldragen	((on)[A|.A],((vol)[A],(gedragen)[V])[A])[A]
onvoleind	((on)[A|.V],(voleind)[V])[A]
onvoleindigd	((on)[A|.V],(voleindigd)[V])[A]
onvolgroeid	((on)[A|.A],(volgroeid)[A])[A]
onvolkomen	((on)[A|.A],(volkomen)[A])[A]
onvolkomenheid	(((on)[A|.A],(volkomen)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvolledig	((on)[A|.A],((vol)[A],(ledig)[A])[A])[A]
onvolledigheid	(((on)[A|.A],((vol)[A],(ledig)[A])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvolmaakt	((on)[A|.A],(volmaakt)[A])[A]
onvolmaaktheid	(((on)[A|.A],(volmaakt)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvolprezen	((on)[A|.A],(volprezen)[A])[A]
onvoltooid	((on)[A|.A],(voltooid)[A])[A]
onvoltooidheid	(((on)[A|.A],(voltooid)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvolwaardig	((on)[A|.A],((vol)[A],(waarde)[N],(ig)[A|AN.])[A])[A]
onvolwaardigheid	(((on)[A|.A],((vol)[A],(waarde)[N],(ig)[A|AN.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvoorbedacht	((on)[A|.A],((voor)[B],(bedacht)[A])[A])[A]
onvoorbedachtheid	(((on)[A|.A],((voor)[B],(bedacht)[A])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvoorbereid	((on)[A|.V],(voorbereid)[V])[A]
onvoordelig	((on)[A|.A],(((voor)[B],(deel)[N])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onvooringenomen	((on)[A|.A],((voor)[B],(ingenomen)[A])[A])[A]
onvoorspelbaar	((on)[A|.A],(((voor)[B],(spel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onvoorstelbaar	((on)[A|.A],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onvoorstelbaarheid	(((on)[A|.A],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvoorwaardelijk	((on)[A|.A],((voorwaarde)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
onvoorzichtigheid	(((on)[A|.A],(voorzichtig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvrede	((on)[N|.N],(vrede)[N])[N]
onvree	((on)[N|.N],(vree)[N])[N]
onvriendelijk	((on)[A|.A],((vriend)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onvriendelijkheid	(((on)[A|.A],((vriend)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvriendschappelijk	((on)[A|.A],(((vriend)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onvrij	((on)[A|.A],(vrij)[A])[A]
onvrijheid	(((on)[A|.A],(vrij)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onvrijwillig	((on)[A|.A],((vrij)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A])[A]
onvrolijk	((on)[A|.A],(vrolijk)[A])[A]
onvrouwelijk	((on)[A|.A],((vrouw)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onvruchtbaar	((on)[A|.A],((vrucht)[N],(baar)[A])[A])[A]
onvruchtbaarheid	(((on)[A|.A],((vrucht)[N],(baar)[A])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onwaar	((on)[A|.A],(waar)[A])[A]
onwaarachtig	((on)[A|.A],((waar)[A],(achtig)[A|A.])[A])[A]
onwaarachtigheid	(((on)[A|.A],((waar)[A],(achtig)[A|A.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onwaard	((on)[A|.A],(waard)[A])[A]
onwaarde	((on)[N|.N],(waarde)[N])[N]
onwaardeerbaar	((on)[A|.A],(((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onwaardig	((on)[A|.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onwaardigheid	(((on)[A|.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onwaarheid	(((on)[A|.A],(waar)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onwaarneembaar	((on)[A|.A],((waarneem)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onwaarschijnlijk	((on)[A|.A],(waarschijnlijk)[A])[A]
onwaarschijnlijkheid	(((on)[A|.A],(waarschijnlijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onwankelbaar	((on)[A|.A],((wankel)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onwankelbaarheid	(((on)[A|.A],((wankel)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onweder	((on)[N|.N],(weder)[N])[N]
onweegbaar	((on)[A|.A],((weeg)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onweer	((on)[N|.N],(weer)[N])[N]
onweerachtig	(((on)[N|.N],(weer)[N])[N],(achtig)[A|N.])[A]
onweerlegbaar	((on)[A|.A],(((weer)[B],(leg)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onweerlegbaarheid	(((on)[A|.A],(((weer)[B],(leg)[V])[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onweersachtig	(((on)[N|.N],(weer)[N])[N],(s)[A|N.x],(achtig)[A|Nx.])[A]
onweersbeestje	(((on)[N|.N],(weer)[N])[N],(s)[N|N.N],(beest)[N])[N]
onweersbui	(((on)[N|.N],(weer)[N])[N],(s)[N|N.N],(bui)[N])[N]
onweerschade	(((on)[N|.N],(weer)[N])[N],(schade)[N])[N]
onweersfront	(((on)[N|.N],(weer)[N])[N],(s)[N|N.N],(front)[N])[N]
onweerslucht	(((on)[N|.N],(weer)[N])[N],(s)[N|N.N],(lucht)[N])[N]
onweersprekelijk	((on)[A|.Vx],((weer)[B],(spreek)[V])[V],(elijk)[A|xV.])[A]
onweersproken	((on)[A|.V],(weersproken)[V])[A]
onweerstaanbaar	((on)[A|.Vx],((weer)[B],(sta)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A]
onweerstaanbaarheid	(((on)[A|.Vx],((weer)[B],(sta)[V])[V],(baar)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onweersvlaag	(((on)[N|.N],(weer)[N])[N],(s)[N|N.N],(vlaag)[N])[N]
onweerswolk	(((on)[N|.N],(weer)[N])[N],(s)[N|N.N],(wolk)[N])[N]
onwel	((on)[A|.A],(wel)[A])[A]
onwelgevallig	((on)[A|.A],(((wel)[A],(geval)[V])[V],(ig)[A|V.])[A])[A]
onwelkom	((on)[A|.A],(welkom)[A])[A]
onwellevend	((on)[A|.A],((wel)[A],(leef)[V],(end)[A|AV.])[A])[A]
onwellevendheid	(((on)[A|.A],((wel)[A],(leef)[V],(end)[A|AV.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onwelluidend	((on)[A|.A],((wel)[A],(luid)[V],(end)[A|AV.])[A])[A]
onwelluidendheid	(((on)[A|.A],((wel)[A],(luid)[V],(end)[A|AV.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onwelriekend	((on)[A|.A],((wel)[A],(riek)[V],(end)[A|AV.])[A])[A]
onwelvoeglijk	((on)[A|.A],((wel)[A],(voeg)[V],(lijk)[A|AV.])[A])[A]
onwelvoeglijkheid	(((on)[A|.A],((wel)[A],(voeg)[V],(lijk)[A|AV.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onwelwillend	((on)[A|.A],((wel)[A],(wil)[V],(end)[A|AV.])[A])[A]
onwennig	((on)[A|.Vx],(wen)[V],(ig)[A|xV.])[A]
onwennigheid	(((on)[A|.Vx],(wen)[V],(ig)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
onwenselijk	((on)[A|.A],((wens)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
onwerelds	((on)[A|.A],((wereld)[N],(s)[A|N.])[A])[A]
onwerkbaar	((on)[A|.A],((werk)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onwerkelijk	((on)[A|.A],(werkelijk)[A])[A]
onwerkzaam	((on)[A|.A],((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A])[A]
onwetend	((on)[A|.A],(wetend)[A])[A]
onwetendheid	(((on)[A|.A],(wetend)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onwetenschappelijk	((on)[A|.A],(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onwetenschappelijkheid	(((on)[A|.A],(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onwetmatig	((on)[A|.A],((wet)[N],(matig)[A|N.])[A])[A]
onwettelijk	((on)[A|.A],((wet)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onwettelijkheid	(((on)[A|.A],((wet)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onwettig	((on)[A|.A],((wet)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onwettigheid	(((on)[A|.A],((wet)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onwezenlijk	((on)[A|.A],((wezen)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
onwijs	((on)[A|.A],(wijs)[A])[A]
onwijsheid	(((on)[A|.A],(wijs)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onwil	((on)[N|.N],(wil)[N])[N]
onwillekeurig	((on)[A|.A],((willekeur)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onwillig	((on)[A|.A],((wil)[V],(ig)[A|V.])[A])[A]
onwilligheid	(((on)[A|.A],((wil)[V],(ig)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onwinters	((on)[A|.A],((winter)[N],(s)[A|N.])[A])[A]
onwis	((on)[A|.A],(wis)[A])[A]
onwoord	((on)[N|.N],(woord)[N])[N]
onwraakbaar	((on)[A|.A],((wraak)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
onwraakbaarheid	(((on)[A|.A],((wraak)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onwrikbaarheid	(((on)[A|.A],((wrik)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onyxmarmer	((onyx)[N],(marmer)[N])[N]
onyxvaas	((onyx)[N],(vaas)[N])[N]
onzacht	((on)[A|.A],(zacht)[A])[A]
onzakelijk	((on)[A|.A],((zaak)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onzalig	((on)[A|.A],(zalig)[A])[A]
onzedelijk	((on)[A|.A],((zede)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
onzedelijkheid	(((on)[A|.A],((zede)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onzedig	((on)[A|.A],((zede)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onzedigheid	(((on)[A|.A],((zede)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onzeewaardig	((on)[A|.A],((zee)[N],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A])[A]
onzegbaar	((on)[A|.Vx],(zeg)[V],(baar)[A|xV.])[A]
onzeglijk	((on)[A|.Vx],(zeg)[V],(lijk)[A|xV.])[A]
onzeker	((on)[A|.A],(zeker)[A])[A]
onzekerheid	(((on)[A|.A],(zeker)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onzekerheidsgevoelen	((((on)[A|.A],(zeker)[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(gevoelen)[N])[N]
onzekerheidsmarge	((((on)[A|.A],(zeker)[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(marge)[N])[N]
onzekerheidsrelatie	((((on)[A|.A],(zeker)[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
onzelfstandig	((on)[A|.A],(zelfstandig)[A])[A]
onzelfstandigheid	(((on)[A|.A],(zelfstandig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onzelfzuchtig	((on)[A|.A],((zelf)[O],(zucht)[N],(ig)[A|ON.])[A])[A]
onzelfzuchtigheid	(((on)[A|.A],((zelf)[O],(zucht)[N],(ig)[A|ON.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onzelieveheersbeestje	((Onze-Lieve-Heer)[N],(s)[N|N.N],(beest)[N])[N]
onzelievevrouwebedstro	((Onze-Lieve-Vrouw)[N],(e)[N|N.NN],(bed)[N],(stro)[N])[N]
onzevader	((ons)[O],(e)[N|O.N],(vader)[N])[N]
onzichtbaar	((on)[A|.A],(zichtbaar)[A])[A]
onzichtbaarheid	(((on)[A|.A],(zichtbaar)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onzienlijk	((on)[A|.A],((zie)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
onzienlijkheid	(((on)[A|.A],((zie)[V],(lijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onzijdigheid	((onzijdig)[A],(heid)[N|A.])[N]
onzin	((on)[N|.N],(zin)[N])[N]
onzindelijk	((on)[A|.A],(zindelijk)[A])[A]
onzindelijkheid	(((on)[A|.A],(zindelijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onzinnelijk	((on)[A|.A],((zin)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
onzinnig	((on)[A|.A],((zin)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
onzinnigheid	(((on)[A|.A],((zin)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
onzorgvuldig	((on)[A|.A],(zorgvuldig)[A])[A]
onzuinig	((on)[A|.A],(zuinig)[A])[A]
onzuiver	((on)[A|.A],(zuiver)[A])[A]
onzuiverheid	(((on)[A|.A],(zuiver)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
ooft	(ooft)[N]
ooftboom	((ooft)[N],(boom)[N])[N]
ooftbouw	((ooft)[N],(bouw)[N])[N]
ooftkelder	((ooft)[N],(kelder)[N])[N]
oog	(oog)[N]
oogarts	((oog)[N],(arts)[N])[N]
oogbad	((oog)[N],(bad)[N])[N]
oogbal	((oog)[N],(bal)[N])[N]
oogbol	((oog)[N],(bol)[N])[N]
oogbuis	((oog)[N],(buis)[N])[N]
oogcontact	((oog)[N],(contact)[N])[N]
oogdruppels	((oog)[N],(druppel)[N])[N]
oogenting	((oog)[N],((ent)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ooggetuige	((oog)[N],(getuige)[N])[N]
ooggetuigenverslag	(((oog)[N],(getuige)[N])[N],(verslag)[N])[N]
oogglas	((oog)[N],(glas)[N])[N]
ooghaar	((oog)[N],(haar)[N])[N]
oogheelkunde	((oog)[N],((heel)[V],(kunde)[N])[N])[N]
oogheelkundig	((oog)[N],(((heel)[V],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
ooghoek	((oog)[N],(hoek)[N])[N]
oogholte	((oog)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
ooghoogte	((oog)[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
oogjesgoed	((oog)[N],(s)[N|N.N],(goed)[N])[N]
oogkamer	((oog)[N],(kamer)[N])[N]
oogkas	((oog)[N],(kas)[N])[N]
oogklep	((oog)[N],(klep)[N])[N]
ooglap	((oog)[N],(lap)[N])[N]
ooglens	((oog)[N],(lens)[N])[N]
ooglid	((oog)[N],(lid)[N])[N]
ooglijder	((oog)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
ooglijdersinstituut	(((oog)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(instituut)[N])[N]
ooglijderskliniek	(((oog)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((klinisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
ooglijk	((oog)[V],(lijk)[A|V.])[A]
oogluiking	((oog)[N],(luik)[V],(ing)[N|NV.])[N]
oogmeester	((oog)[N],(meester)[N])[N]
oogmeetkunde	((oog)[N],((meet)[V],(kunde)[N])[N])[N]
oogmeting	((oog)[N],(meet)[V],(ing)[N|NV.])[N]
oogontsteking	((oog)[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
oogoperatie	((oog)[N],(opereer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
oogopslag	((oog)[N],(opslag)[N])[N]
oogprothese	((oog)[N],(prothese)[N])[N]
oogpunt	((oog)[N],(punt)[N])[N]
oogrand	((oog)[N],(rand)[N])[N]
oogschaduw	((oog)[N],(schaduw)[N])[N]
oogschelp	((oog)[N],(schelp)[N])[N]
oogscherm	((oog)[N],(scherm)[N])[N]
oogschroef	((oog)[N],(schroef)[N])[N]
oogspiegel	((oog)[N],(spiegel)[N])[N]
oogspier	((oog)[N],(spier)[N])[N]
oogst	(oogst)[N]
oogstappel	((oogst)[N],(appel)[N])[N]
oogstbericht	((oogst)[N],(bericht)[N])[N]
oogsten	(oogst)[V]
oogster	((oogst)[V],(er)[N|V.])[N]
oogstfeest	((oogst)[N],(feest)[N])[N]
oogsthulp	((oogst)[V],(hulp)[N])[N]
oogstjaar	((oogst)[N],(jaar)[N])[N]
oogstlied	((oogst)[N],(lied)[N])[N]
oogstmaand	((oogst)[N],(maand)[N])[N]
oogstmijt	((oogst)[N],(mijt)[N])[N]
oogstrijp	((oogst)[V],(rijp)[A])[A]
oogstster	((oogst)[N],(ster)[N])[N]
oogsttijd	((oogst)[V],(tijd)[N])[N]
oogstverlof	((oogst)[V],(verlof)[N])[N]
oogstweer	((oogst)[N],(weer)[N])[N]
oogtand	((oog)[N],(tand)[N])[N]
oogtransplantatie	((oog)[N],(transplanteer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
oogverblindend	((oog)[N],((ver)[V|.A],(blind)[A])[V],(end)[A|NV.])[A]
oogverblinding	((oog)[N],((ver)[V|.A],(blind)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
oogvijs	((oog)[N],(vijs)[N])[N]
oogvlies	((oog)[N],(vlies)[N])[N]
oogvocht	((oog)[N],(vocht)[N])[N]
oogvoeler	((oog)[N],((voel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
oogwater	((oog)[N],(water)[N])[N]
oogwenk	((oog)[N],(wenk)[N])[N]
oogwimper	((oog)[N],(wimper)[N])[N]
oogwit	((oog)[N],(wit)[N])[N]
oogzak	((oog)[N],(zak)[N])[N]
oogzalf	((oog)[N],(zalf)[N])[N]
oogzenuw	((oog)[N],(zenuw)[N])[N]
oogziekte	((oog)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
ooi	(ooi)[N]
ooievaar	(ooievaar)[N]
ooievaarsbeen	((ooievaar)[N],(s)[N|N.N],(been)[N])[N]
ooievaarsbek	((ooievaar)[N],(s)[N|N.N],(bek)[N])[N]
ooievaarsbloem	((ooievaar)[N],(s)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
ooievaarshals	((ooievaar)[N],(s)[N|N.N],(hals)[N])[N]
ooievaarsnest	((ooievaar)[N],(s)[N|N.N],(nest)[N])[N]
ooievaarsvogels	((ooievaar)[N],(s)[N|N.N],(vogel)[N])[N]
ooilam	((ooi)[N],(lam)[N])[N]
oom	(oom)[N]
oomachtig	((oom)[N],(achtig)[A|N.])[A]
oomschap	((oom)[N],(schap)[N|N.])[N]
oomzegger	((oom)[N],(zeg)[V],(er)[N|NV.])[N]
oomzegster	((oom)[N],(zeg)[V],(ster)[N|NV.])[N]
oor	(oor)[N]
oorarts	((oor)[N],(arts)[N])[N]
oorbel	((oor)[N],(bel)[N])[N]
oorbiecht	((oor)[N],(biecht)[N])[N]
oorblazer	((oor)[N],(blaas)[V],(er)[N|NV.])[N]
oorblazerij	((oor)[N],(blaas)[V],(erij)[N|NV.])[N]
oord	(oord)[N]
oordeel	((oor)[N],(deel)[N])[N]
oordeelkunde	((oordeel)[V],(kunde)[N])[N]
oordeelkundig	((oordeel)[V],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
oordeelsdag	(((oor)[N],(deel)[N])[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
oordeelvelling	(((oor)[N],(deel)[N])[N],(vel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
oordelaar	((oordeel)[V],(aar)[N|V.])[N]
oordopje	((oor)[N],(dop)[N])[N]
oorgetuige	((oor)[N],(getuige)[N])[N]
oorhanger	((oor)[N],((hang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
oorheelkunde	((oor)[N],((heel)[V],(kunde)[N])[N])[N]
oorheelkundig	((oor)[N],(((heel)[V],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
oorijzer	((oor)[N],(ijzer)[N])[N]
oorklep	((oor)[N],(klep)[N])[N]
oorklier	((oor)[N],(klier)[N])[N]
oorknop	((oor)[N],(knop)[N])[N]
oorkondeboek	((oorkonde)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
oorkondetaal	((oorkonde)[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
oorkussen	((oor)[N],(kussen)[N])[N]
oorlap	((oor)[N],(lap)[N])[N]
oorlel	((oor)[N],(lel)[N])[N]
oorlijder	((oor)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
oorlog	(oorlog)[N]
oorlogsangst	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(angst)[N])[N]
oorlogsapparaat	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
oorlogsbedrijf	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
oorlogsbeelden	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
oorlogsbehoeften	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(behoefte)[N])[N]
oorlogsbelasting	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
oorlogsbodem	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(bodem)[N])[N]
oorlogsbrood	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(brood)[N])[N]
oorlogsbuit	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(buit)[N])[N]
oorlogscontrabande	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(contrabande)[N])[N]
oorlogscorrespondent	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((correspondeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
oorlogscrisis	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(crisis)[N])[N]
oorlogsdaad	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(daad)[N])[N]
oorlogsdag	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
oorlogsdocumentatie	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(((document)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
oorlogsdoeleinde	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(doeleinde)[N])[N]
oorlogsdreiging	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((dreig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
oorlogseconomie	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((economisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
oorlogsellende	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(ellende)[N])[N]
oorlogsfakkel	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(fakkel)[N])[N]
oorlogsfilm	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(film)[N])[N]
oorlogsfoto	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(foto)[N])[N]
oorlogsfront	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(front)[N])[N]
oorlogsfunctie	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
oorlogsgebeurtenis	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((gebeur)[V],(tenis)[N|V.])[N])[N]
oorlogsgedenkteken	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((gedenk)[V],(teken)[N])[N])[N]
oorlogsgedrag	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
oorlogsgeestdrift	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((geest)[N],(drift)[N])[N])[N]
oorlogsgerucht	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(gerucht)[N])[N]
oorlogsgeschiedenis	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
oorlogsgevaar	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(gevaar)[N])[N]
oorlogsgevangene	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(gevangene)[N])[N]
oorlogsgeweld	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(geweld)[N])[N]
oorlogsgewoel	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(woel)[V])[N])[N]
oorlogsgezind	((oorlog)[N],(s)[A|N.A],(gezind)[A])[A]
oorlogsgod	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(god)[N])[N]
oorlogshaard	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(haard)[N])[N]
oorlogshandeling	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
oorlogshaven	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(haven)[N])[N]
oorlogsheld	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(held)[N])[N]
oorlogsheldin	(((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(held)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
oorlogsherinnering	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((herinner)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
oorlogshysterie	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((hysterisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
oorlogsindustrie	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(industrie)[N])[N]
oorlogsinvalide	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(invalide)[N])[N]
oorlogsjaar	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
oorlogskabinet	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(kabinet)[N])[N]
oorlogskameraad	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(kameraad)[N])[N]
oorlogskans	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(kans)[N])[N]
oorlogskas	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(kas)[N])[N]
oorlogskind	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
oorlogskrediet	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(krediet)[N])[N]
oorlogslasten	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(last)[N])[N]
oorlogsliteratuur	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(literatuur)[N])[N]
oorlogsmachine	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(machine)[N])[N]
oorlogsmachinerie	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((machine)[N],(erie)[N|N.])[N])[N]
oorlogsmateriaal	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
oorlogsmedaille	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(medaille)[N])[N]
oorlogsmisdaad	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((mis)[A],(daad)[N])[N])[N]
oorlogsmisdadiger	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(misdadiger)[N])[N]
oorlogsmisdadigster	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((((mis)[A],(daad)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(ster)[N|A.])[N])[N]
oorlogsmoeheid	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((moe)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
oorlogsmolest	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(molest)[N])[N]
oorlogsmonument	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(monument)[N])[N]
oorlogsmuseum	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(museum)[N])[N]
oorlogsnacht	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(nacht)[N])[N]
oorlogsnieuws	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(nieuws)[N])[N]
oorlogsomstandigheid	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
oorlogspad	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(pad)[N])[N]
oorlogspapier	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(papier)[N])[N]
oorlogspartij	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(partij)[N])[N]
oorlogspensioen	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(pensioen)[N])[N]
oorlogsperiode	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
oorlogsproduct	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(product)[N])[N]
oorlogsproductie	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
oorlogspropaganda	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(propaganda)[N])[N]
oorlogspsychose	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(psychose)[N])[N]
oorlogsramp	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(ramp)[N])[N]
oorlogsrecht	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
oorlogsreportage	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(reportage)[N])[N]
oorlogsroman	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(roman)[N])[N]
oorlogsruïne	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(ruïne)[N])[N]
oorlogsschaarste	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((schaars)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
oorlogsschade	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(schade)[N])[N]
oorlogsschatting	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((schat)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
oorlogsschip	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(schip)[N])[N]
oorlogsschuld	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(schuld)[N])[N]
oorlogssfeer	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
oorlogssituatie	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
oorlogsslachtoffer	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((slacht)[V],(offer)[N])[N])[N]
oorlogssterkte	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((sterk)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
oorlogsstrafrecht	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((straf)[V],(recht)[N])[N])[N]
oorlogstactiek	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(((tact)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
oorlogstafereel	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(tafereel)[N])[N]
oorlogstechnologie	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((technologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
oorlogsterrein	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(terrein)[N])[N]
oorlogstijd	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
oorlogstoestand	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
oorlogstoneel	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(toneel)[N])[N]
oorlogstribunaal	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(tribunaal)[N])[N]
oorlogstuig	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(tuig)[N])[N]
oorlogsvaan	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(vaan)[N])[N]
oorlogsverklaring	((oorlog)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
oorlogsverleden	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(verleden)[N])[N]
oorlogsverminkte	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(verminkte)[N])[N]
oorlogsveteraan	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(veteraan)[N])[N]
oorlogsvlag	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(vlag)[N])[N]
oorlogsvlieger	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((vlieg)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
oorlogsvliegtuig	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
oorlogsvloot	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(vloot)[N])[N]
oorlogsvrijwilliger	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(((vrij)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A],(er)[N|A.])[N])[N]
oorlogsweduwe	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(weduwe)[N])[N]
oorlogswee	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(wee)[N])[N]
oorlogswees	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(wees)[N])[N]
oorlogswet	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
oorlogswinst	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
oorlogswolk	((oorlog)[N],(s)[N|N.N],(wolk)[N])[N]
oorlogszuchtig	((oorlog)[N],(s)[A|N.Nx],(zucht)[N],(ig)[A|NxN.])[A]
oorlogvoerend	((oorlog)[N],(voer)[V],(end)[A|NV.])[A]
oorlogvoering	((oorlog)[N],(voer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
oormerk	((oor)[N],(merk)[N])[N]
oormerken	((oor)[N],(merk)[V])[V]
oorontsteking	((oor)[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
oorpijn	((oor)[N],(pijn)[N])[N]
oorprop	((oor)[N],(prop)[N])[N]
oorring	((oor)[N],(ring)[N])[N]
oorrob	((oor)[N],(rob)[N])[N]
oorschelp	((oor)[N],(schelp)[N])[N]
oorsieraad	((oor)[N],(sieraad)[N])[N]
oorsmeer	((oor)[N],(smeer)[N])[N]
oorspecialist	((oor)[N],(specialist)[N])[N]
oorspiegel	((oor)[N],(spiegel)[N])[N]
oorspier	((oor)[N],(spier)[N])[N]
oorsprongsgeschiedenis	((oorsprong)[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
oorsprongsmythe	((oorsprong)[N],(s)[N|N.N],(mythe)[N])[N]
oorspronkelijkheid	(((oorsprong)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
oorsteen	((oor)[N],(steen)[N])[N]
oorsuizing	((oor)[N],((suis)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
oortelefoon	((oor)[N],(telefoon)[N])[N]
oortje	(oor)[N]
ooruil	((oor)[N],(uil)[N])[N]
oorveeg	((oor)[N],(veeg)[N])[N]
oorverdovend	((oor)[N],((ver)[V|.A],(doof)[A])[V],(end)[A|NV.])[A]
oorverscheurend	((oor)[N],((ver)[V|.V],(scheur)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
oorvlies	((oor)[N],(vlies)[N])[N]
oorwarmer	((oor)[N],(warm)[V],(er)[N|NV.])[N]
oorworm	((oor)[N],(worm)[N])[N]
oorwurm	((oor)[N],(wurm)[N])[N]
oorzakelijk	((oorzaak)[N],(elijk)[A|N.])[A]
oorziekte	((oor)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
oost	(oost)[N]
oostelijk	((Oost)[N],(elijk)[A|N.])[A]
oostenwind	((oosten)[N],(wind)[N])[N]
oosterburen	((oost)[A],(buur)[N])[N]
oostergrens	((oost)[A],(grens)[N])[N]
oosterkim	((oost)[A],(kim)[N])[N]
oosterkimme	((oost)[A],(kimme)[N])[N]
oosterlengte	((oost)[A],(lengte)[N])[N]
oosterling	((oost)[A],(ling)[N|A.])[N]
oosterzon	((oost)[A],(zon)[N])[N]
oostfront	((oost)[A],(front)[N])[N]
oostfronter	(((oost)[A],(front)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
oostganger	((Oost)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N]
oostgrens	((oost)[A],(grens)[N])[N]
oosthoek	((oost)[A],(hoek)[N])[N]
oostkant	((oost)[A],(kant)[N])[N]
oostkust	((oost)[A],(kust)[N])[N]
oostmoesson	((oost)[A],(moesson)[N])[N]
oostnoordoost	((oost)[A],((noord)[A],(oost)[A])[A])[A]
oostnoordoosten	((oost)[A],((noord)[A],(oosten)[N])[N])[N]
oostpassaat	((oost)[A],(passaat)[N])[N]
oostpunt	((oost)[A],(punt)[N])[N]
oostwaarts	((Oost)[N],(waarts)[A|N.])[A]
oostzij	((oost)[A],(zij)[N])[N]
oostzijde	((oost)[A],(zijde)[N])[N]
oostzuidoost	((oost)[A],((zuid)[A],(oost)[A])[A])[A]
oostzuidoosten	((oost)[A],((zuid)[A],(oosten)[N])[N])[N]
ootmoedig	((ootmoed)[N],(ig)[A|N.])[A]
ootmoedigheid	(((ootmoed)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
opa	(opa)[N]
opaal	(opaal)[N]
opaalblauw	((opaal)[N],(blauw)[N])[N]
opaalglas	((opaal)[N],(glas)[N])[N]
opaalsteen	((opaal)[N],(steen)[N])[N]
opaciteit	((opaak)[A],(iteit)[N|A.])[N]
opalen	((opaal)[N],(en)[A|N.])[A]
opbaggeren	((op)[P],(bagger)[V])[V]
opbakken	((op)[P],(bak)[V])[V]
opbaren	((op)[P],(baar)[V])[V]
opbellen	((op)[P],(bel)[V])[V]
opbeller	(((op)[P],(bel)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opbergen	((op)[P],(berg)[V])[V]
opbergmap	(((op)[P],(berg)[V])[V],(map)[N])[N]
opbergmogelijkheid	(((op)[P],(berg)[V])[V],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
opbergsysteem	(((op)[P],(berg)[V])[V],(systeem)[N])[N]
opbeuren	((op)[P],(beur)[V])[V]
opbeuring	(((op)[P],(beur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opbiechten	((op)[P],(biecht)[V])[V]
opbieden	((op)[P],(bied)[V])[V]
opbieding	(((op)[P],(bied)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opbinden	((op)[P],(bind)[V])[V]
opblaasbaar	(((op)[P],(blaas)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
opblaasboot	(((op)[P],(blaas)[V])[V],(boot)[N])[N]
opblaaspop	(((op)[P],(blaas)[V])[V],(pop)[N])[N]
opblazen	((op)[P],(blaas)[V])[V]
opblazing	(((op)[P],(blaas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opbleken	((op)[P],(bleek)[V])[V]
opblijven	((op)[P],(blijf)[V])[V]
opblinken	((op)[P],(blink)[V])[V]
opbloei	((op)[P],(bloei)[N])[N]
opbloeien	((op)[P],(bloei)[V])[V]
opboeien	((op)[P],(boei)[V])[V]
opboenen	((op)[P],(boen)[V])[V]
opboksen	((op)[P],(boks)[V])[V]
opbollen	((op)[P],(bol)[V])[V]
opbolling	(((op)[P],(bol)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opbomen	((op)[P],(boom)[V])[V]
opboren	((op)[P],(boor)[V])[V]
opborrelen	((op)[P],(borrel)[V])[V]
opborstelen	((op)[P],(borstel)[V])[V]
opbouwdrank	(((op)[P],(bouw)[V])[V],(drank)[N])[N]
opbouwen	((op)[P],(bouw)[V])[V]
opbouworgaan	((opbouw)[N],(orgaan)[N])[N]
opbouwwerk	((opbouw)[N],(werk)[N])[N]
opbouwwerkactiviteit	(((opbouw)[N],(werk)[N])[N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
opbouwwerker	(((op)[P],(bouw)[V])[V],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
opbouwwerkster	((opbouw)[N],((werk)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
opbraden	((op)[P],(braad)[V])[V]
opbranden	((op)[P],(brand)[V])[V]
opbrassen	((op)[P],(bras)[V])[V]
opbreken	((op)[P],(breek)[V])[V]
opbrengen	((op)[P],(breng)[V])[V]
opbrengst	(((op)[P],(breng)[V])[V],(st)[N|V.])[N]
opbruisen	((op)[P],(bruis)[V])[V]
opcommanderen	((op)[P],(commandeer)[V])[V]
opdagen	((op)[P],(daag)[V])[V]
opdekken	((op)[P],(dek)[V])[V]
opdelen	((op)[P],(deel)[V])[V]
opdelven	((op)[P],(delf)[V])[V]
opdelving	(((op)[P],(delf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opdienen	((op)[P],(dien)[V])[V]
opdiepen	((op)[P],(diep)[V])[V]
opdirken	((op)[P],(dirk)[N])[V]
opdissen	((op)[P],(dis)[N])[V]
opdoeken	((op)[P],(doek)[N])[V]
opdoemen	((op)[P],(doem)[V])[V]
opdoeming	(((op)[P],(doem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opdoen	((op)[P],(doe)[V])[V]
opdoffen	((op)[P],(dof)[V])[V]
opdokken	((op)[P],(dok)[V])[V]
opdonder	((op)[P],(donder)[N])[N]
opdonderen	((op)[P],(donder)[V])[V]
opdooi	((op)[P],(dooi)[N])[N]
opdouwen	((op)[P],(douw)[V])[V]
opdraaien	((op)[P],(draai)[V])[V]
opdrachtenpakket	((opdracht)[N],(en)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
opdrachtgeefster	((opdracht)[N],(geef)[V],(ster)[N|NV.])[N]
opdrachtgever	((opdracht)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N]
opdragen	((op)[P],(draag)[V])[V]
opdraven	((op)[P],(draaf)[V])[V]
opdreunen	((op)[P],(dreun)[V])[V]
opdrijven	((op)[P],(drijf)[V])[V]
opdrijving	(((op)[P],(drijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opdringen	((op)[P],(dring)[V])[V]
opdringerigheid	((((op)[P],(dring)[V])[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
opdrinken	((op)[P],(drink)[V])[V]
opdrogen	((op)[P],(droog)[V])[V]
opdruk	((op)[P],(druk)[N])[N]
opdrukken	((op)[P],(druk)[V])[V]
opduikelen	((op)[P],(duikel)[V])[V]
opduiken	((op)[P],(duik)[V])[V]
opduvel	((op)[P],(duvel)[N])[N]
opduvelen	((op)[P],(duvel)[N])[V]
opduwen	((op)[P],(duw)[V])[V]
opduwer	(((op)[P],(duw)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opdwarrelen	((op)[P],(dwarrel)[V])[V]
opdweilen	((op)[P],(dweil)[V])[V]
opeendringen	((opeen)[B],(dring)[V])[V]
opeenhopen	((opeen)[B],(hoop)[V])[V]
opeenhoping	(((opeen)[B],(hoop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opeenpakken	((opeen)[B],(pak)[V])[V]
opeenstapelen	((opeen)[B],(stapel)[V])[V]
opeenstapeling	(((opeen)[B],(stapel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opeenvolgen	((opeen)[B],(volg)[V])[V]
opeenvolging	(((opeen)[B],(volg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opeisbaar	(((op)[P],(eis)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
opeisen	((op)[P],(eis)[V])[V]
opeising	(((op)[P],(eis)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
open	(open)[A]
openbaarheid	((openbaar)[A],(heid)[N|A.])[N]
openbaarmaking	((openbaar)[A],(maak)[V],(ing)[N|AV.])[N]
openbaring	((openbaar)[V],(ing)[N|V.])[N]
openbaringsgehalte	(((openbaar)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gehalte)[N])[N]
openbaringsgeschiedenis	(((openbaar)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
openbaringsleer	(((openbaar)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
openbarsten	((open)[A],(barst)[V])[V]
openblijven	((open)[A],(blijf)[V])[V]
openbreken	((open)[A],(breek)[V])[V]
openbreking	(((open)[A],(breek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
openbuigen	((open)[A],(buig)[V])[V]
opendeurpolitiek	((open)[A],(deur)[N],(politiek)[N])[N]
opendoen	((open)[A],(doe)[V])[V]
opendraaien	((open)[A],(draai)[V])[V]
openen	(open)[V]
opener	((open)[V],(er)[N|V.])[N]
opengaan	((open)[A],(ga)[V])[V]
opengooien	((open)[A],(gooi)[V])[V]
openhalen	((open)[A],(haal)[V])[V]
openhartig	((open)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
openhartigheid	(((open)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
openheid	((open)[A],(heid)[N|A.])[N]
openhouden	((open)[A],(houd)[V])[V]
opening	((open)[V],(ing)[N|V.])[N]
openingsartikel	(((open)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(artikel)[N])[N]
openingsbalans	(((open)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(balans)[N])[N]
openingsbeeld	(((open)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
openingsbod	(((open)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bod)[N])[N]
openingsfase	(((open)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
openingskoers	(((open)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(koers)[N])[N]
openingslied	(((open)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lied)[N])[N]
openingsplechtigheid	(((open)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((plechtig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
openingspositie	(((open)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
openingsrede	(((open)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(rede)[N])[N]
openingstijd	(((open)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
openingstoespraak	(((open)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((toe)[B],(spraak)[N])[N])[N]
openingsuur	(((open)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(uur)[N])[N]
openingswedstrijd	(((open)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
openingswoord	(((open)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(woord)[N])[N]
openingszet	(((open)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zet)[N])[N]
openknijpen	((open)[A],(knip)[V])[V]
openknijpen	((open)[A],(knijp)[V])[V]
openkrabben	((open)[A],(krab)[V])[V]
openlaten	((open)[A],(laat)[V])[V]
openleggen	((open)[A],(leg)[V])[V]
openliggen	((open)[A],(lig)[V])[V]
openlijk	((open)[V],(lijk)[A|V.])[A]
openlijkheid	(((open)[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
openlopen	((open)[A],(loop)[V])[V]
openlucht	((open)[A],(lucht)[N])[N]
openluchtbad	(((open)[A],(lucht)[N])[N],(bad)[N])[N]
openluchtbijeenkomst	(((open)[A],(lucht)[N])[N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
openluchtconcert	(((open)[A],(lucht)[N])[N],(concert)[N])[N]
openluchtmuseum	(((open)[A],(lucht)[N])[N],(museum)[N])[N]
openluchtrecreatie	(((open)[A],(lucht)[N])[N],(((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
openluchtschool	(((open)[A],(lucht)[N])[N],(school)[N])[N]
openluchtspel	(((open)[A],(lucht)[N])[N],(spel)[N])[N]
openluchttheater	(((open)[A],(lucht)[N])[N],(theater)[N])[N]
openluchtvoorstelling	(((open)[A],(lucht)[N])[N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
openluchtzwembad	(((open)[A],(lucht)[N])[N],((zwem)[V],(bad)[N])[N])[N]
openmaken	((open)[A],(maak)[V])[V]
openpeuteren	((open)[A],(peuter)[V])[V]
openpikken	((open)[A],(pik)[V])[V]
openprikken	((open)[A],(prik)[V])[V]
openrijten	((open)[A],(rijt)[V])[V]
openrukken	((open)[A],(ruk)[V])[V]
openscheuren	((open)[A],(scheur)[V])[V]
openschieten	((open)[A],(schiet)[V])[V]
openschoppen	((open)[A],(schop)[V])[V]
openschuiven	((open)[A],(schuif)[V])[V]
openslaan	((open)[A],(sla)[V])[V]
opensluiting	((opensluit)[V],(ing)[N|V.])[N]
opensmijten	((open)[A],(smijt)[V])[V]
openspalken	((open)[A],(spalk)[V])[V]
opensperren	((open)[A],(sper)[V])[V]
opensplijten	((open)[A],(splijt)[V])[V]
openspringen	((open)[A],(spring)[V])[V]
openstaan	((open)[A],(sta)[V])[V]
opensteker	((open)[A],(steek)[V],(er)[N|AV.])[N]
openstellen	((open)[A],(stel)[V])[V]
openstelling	(((open)[A],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opentrappen	((open)[A],(trap)[V])[V]
opentrekken	((open)[A],(trek)[V])[V]
openvallen	((open)[A],(val)[V])[V]
openvijzen	((open)[A],(vijs)[V])[V]
openvliegen	((open)[A],(vlieg)[V])[V]
openvouwen	((open)[A],(vouw)[V])[V]
openwerken	((open)[A],(werk)[V])[V]
openzetten	((open)[A],(zet)[V])[V]
opera	(opera)[N]
operabel	((opereer)[V],(abel)[A|V.])[A]
operacomponist	((opera)[N],(componist)[N])[N]
operadirectie	((opera)[N],(directie)[N])[N]
operagebouw	((opera)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
operagezelschap	((opera)[N],((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
operalibretto	((opera)[N],(libretto)[N])[N]
operamuziek	((opera)[N],(muziek)[N])[N]
operaseizoen	((opera)[N],(seizoen)[N])[N]
operateur	((opereer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
operatheater	((opera)[N],(theater)[N])[N]
operatie	((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
operatiebasis	(((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(basis)[N])[N]
operatiebroeder	(((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(broeder)[N])[N]
operatief	(((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
operatiehandschoen	(((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],((hand)[N],(schoen)[N])[N])[N]
operatiekamer	(((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kamer)[N])[N]
operatiemes	(((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(mes)[N])[N]
operatiemicroscoop	(((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(microscoop)[N])[N]
operatiepatiënt	(((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(patiënt)[N])[N]
operatieschema	(((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(schema)[N])[N]
operatietafel	(((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(tafel)[N])[N]
operatieteam	(((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(team)[N])[N]
operatietechniek	(((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
operatieterrein	(((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(terrein)[N])[N]
operatieveld	(((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(veld)[N])[N]
operatiezaal	(((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(zaal)[N])[N]
operatiezuster	(((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(zuster)[N])[N]
operationaliseren	((((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ioneel)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V]
operationalisering	(((((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ioneel)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
operationeel	(((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ioneel)[A|N.])[A]
operator	((opereer)[V],(ator)[N|V.])[N]
operazanger	((opera)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
operazangeres	(((opera)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(es)[N|N.])[N]
operetteachtig	((operette)[N],(achtig)[A|N.])[A]
operettefiguur	((operette)[N],(figuur)[N])[N]
operettefilm	((operette)[N],(film)[N])[N]
operettegezelschap	((operette)[N],((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
operettemuziek	((operette)[N],(muziek)[N])[N]
opeten	((op)[P],(eet)[V])[V]
opflakkeren	((op)[P],(flakker)[V])[V]
opflakkering	(((op)[P],(flakker)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opfleuren	((op)[P],(fleur)[V])[V]
opfleuring	(((op)[P],(fleur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opflikken	((op)[P],(flik)[V])[V]
opflikkeren	((op)[P],(flikker)[V])[V]
opflikkering	((op)[P],((flikker)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
opfokken	((op)[P],(fok)[V])[V]
opfrissen	((op)[P],(fris)[A])[V]
opfrisser	(((op)[P],(fris)[A])[V],(er)[N|V.])[N]
opfrissing	(((op)[P],(fris)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
opgaan	((op)[P],(ga)[V])[V]
opgang	((op)[P],(gang)[N])[N]
opgeblazenheid	((opgeblazen)[A],(heid)[N|A.])[N]
opgebruiken	((op)[P],(gebruik)[V])[V]
opgeilen	((op)[P],(geil)[V])[V]
opgeld	((op)[P],(geld)[N])[N]
opgeruimdheid	((opgeruimd)[A],(heid)[N|A.])[N]
opgeschroefdheid	((opgeschroefd)[A],(heid)[N|A.])[N]
opgetogenheid	((opgetogen)[A],(heid)[N|A.])[N]
opgeven	((op)[P],(geef)[V])[V]
opgewektheid	((opgewekt)[A],(heid)[N|A.])[N]
opgewondenheid	((opgewonden)[A],(heid)[N|A.])[N]
opgieten	((op)[P],(giet)[V])[V]
opgooien	((op)[P],(gooi)[V])[V]
opgraven	((op)[P],(graaf)[V])[V]
opgraving	(((op)[P],(graaf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opgroeien	((op)[P],(groei)[V])[V]
ophaal	((op)[P],(haal)[N])[N]
ophaalbrug	(((op)[P],(haal)[V])[V],(brug)[N])[N]
ophaaldienst	(((op)[P],(haal)[V])[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
ophaalgordijn	(((op)[P],(haal)[V])[V],(gordijn)[N])[N]
ophaalnet	(((op)[P],(haal)[V])[V],(net)[N])[N]
ophakken	((op)[P],(hak)[V])[V]
ophakker	(((op)[P],(hak)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
ophakkerig	(((op)[P],(hak)[V])[V],(erig)[A|V.])[A]
ophakkerij	(((op)[P],(hak)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
ophalen	((op)[P],(haal)[V])[V]
ophaler	(((op)[P],(haal)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
ophangen	((op)[P],(hang)[V])[V]
ophanging	(((op)[P],(hang)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opharken	((op)[P],(hark)[V])[V]
ophebben	((op)[P],(heb)[V])[V]
opheffen	((op)[P],(hef)[V])[V]
opheffing	(((op)[P],(hef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opheffingsnorm	((((op)[P],(hef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(norm)[N])[N]
opheffingsuitverkoop	((((op)[P],(hef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(uitverkoop)[N])[N]
ophelderen	((op)[P],(helder)[A])[V]
opheldering	(((op)[P],(helder)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
ophelpen	((op)[P],(help)[V])[V]
ophemelarij	(((op)[P],(hemel)[V])[V],(arij)[N|V.])[N]
ophemelen	((op)[P],(hemel)[V])[V]
ophemeling	(((op)[P],(hemel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ophijsen	((op)[P],(hijs)[V])[V]
ophikken	((op)[P],(hik)[V])[V]
ophitsen	((op)[P],(hits)[V])[V]
ophitser	(((op)[P],(hits)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
ophitsing	(((op)[P],(hits)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ophoepelen	((op)[P],(hoepel)[V])[V]
ophoesten	((op)[P],(hoest)[V])[V]
ophogen	((op)[P],(hoog)[V])[V]
ophoging	(((op)[P],(hoog)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ophopen	((op)[P],(hoop)[V])[V]
ophoping	(((op)[P],(hoop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
ophoren	((op)[P],(hoor)[V])[V]
ophouden	((op)[P],(houd)[V])[V]
ophouder	(((op)[P],(houd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
ophout	((op)[P],(hout)[N])[N]
opinie	(opinie)[N]
opinieblad	((opinie)[N],(blad)[N])[N]
opinieklimaat	((opinie)[N],(klimaat)[N])[N]
opinieonderzoek	((opinie)[N],(onderzoek)[N])[N]
opiniepagina	((opinie)[N],(pagina)[N])[N]
opinievorming	((opinie)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
opinieweekblad	((opinie)[N],((week)[N],(blad)[N])[N])[N]
opium	(opium)[N]
opiumballetje	((opium)[N],(bal)[N])[N]
opiumdrank	((opium)[N],(drank)[N])[N]
opiumhandel	((opium)[N],(handel)[N])[N]
opiumkit	((opium)[N],(kit)[N])[N]
opiumpijp	((opium)[N],(pijp)[N])[N]
opiumregie	((opium)[N],(regie)[N])[N]
opiumschuiver	((opium)[N],(schuif)[V],(er)[N|NV.])[N]
opiumtinctuur	((opium)[N],(tinctuur)[N])[N]
opjagen	((op)[P],(jaag)[V])[V]
opjutten	((op)[P],(jut)[V])[V]
opkalefateren	((op)[P],(kalefater)[V])[V]
opkalfateren	((op)[P],(kalfater)[V])[V]
opkalken	((op)[P],(kalk)[V])[V]
opkamer	((op)[P],(kamer)[N])[N]
opkammen	((op)[P],(kam)[V])[V]
opkammerig	(((op)[P],(kam)[V])[V],(erig)[A|V.])[A]
opkammerij	(((op)[P],(kam)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
opkappen	((op)[P],(kap)[V])[V]
opkijken	((op)[P],(kijk)[V])[V]
opkikkeren	((op)[P],(kikker)[V])[V]
opkisten	((op)[P],(kist)[V])[V]
opkisting	(((op)[P],(kist)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opklapbed	(((op)[P],(klap)[V])[V],(bed)[N])[N]
opklappen	((op)[P],(klap)[V])[V]
opklapstoel	(((op)[P],(klap)[V])[V],(stoel)[N])[N]
opklaren	((op)[P],(klaar)[V])[V]
opklaring	(((op)[P],(klaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opklauteren	((op)[P],(klauter)[V])[V]
opkleden	((op)[P],(kleed)[V])[V]
opklimmen	((op)[P],(klim)[V])[V]
opklimming	(((op)[P],(klim)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opkloppen	((op)[P],(klop)[V])[V]
opknapbeurt	(((op)[P],(knap)[V])[V],(beurt)[N])[N]
opknappen	((op)[P],(knap)[V])[V]
opknopen	((op)[P],(knoop)[V])[V]
opknoping	(((op)[P],(knoop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opkoken	((op)[P],(kook)[V])[V]
opkomeling	(((op)[P],(kom)[V])[V],(eling)[N|V.])[N]
opkomen	((op)[P],(kom)[V])[V]
opkomer	(((op)[P],(kom)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opkomst	(((op)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N]
opkomstpercentage	((((op)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(percentage)[N])[N]
opkomstplicht	((((op)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(plicht)[N])[N]
opkooien	((op)[P],(kooi)[V])[V]
opkoopster	(((op)[P],(koop)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
opkopen	((op)[P],(koop)[V])[V]
opkoper	(((op)[P],(koop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opkoping	(((op)[P],(koop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opkorten	((op)[P],(kort)[V])[V]
opkoteren	((op)[P],(koter)[V])[V]
opkrabbelen	((op)[P],(krabbel)[V])[V]
opkramen	((op)[P],(kraam)[V])[V]
opkrikken	((op)[P],(krik)[V])[V]
opkroppen	((op)[P],(krop)[V])[V]
opkropping	(((op)[P],(krop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opkruien	((op)[P],(krui)[V])[V]
opkruipen	((op)[P],(kruip)[V])[V]
opkuisen	((op)[P],(kuis)[V])[V]
opkweken	((op)[P],(kweek)[V])[V]
opkwikken	((op)[P],(kwik)[A])[V]
oplaag	((op)[P],(laag)[N])[N]
oplaagcijfer	(((op)[P],(laag)[N])[N],(cijfer)[N])[N]
oplaaien	((op)[P],(laai)[V])[V]
oplaaiing	(((op)[P],(laai)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opladen	((op)[P],(laad)[V])[V]
oplader	(((op)[P],(laad)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
oplading	(((op)[P],(laad)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
oplagecijfer	((oplage)[N],(cijfer)[N])[N]
oplageontwikkeling	((oplage)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
oplanger	((oplang)[V],(er)[N|V.])[N]
oplappen	((op)[P],(lap)[V])[V]
oplapping	(((op)[P],(lap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
oplaten	((op)[P],(laat)[V])[V]
oplazer	((op)[P],(lazer)[N])[N]
oplazeren	((op)[P],(lazer)[V])[V]
opleggen	((op)[P],(leg)[V])[V]
oplegger	(((op)[P],(leg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
oplegging	(((op)[P],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
oplegsel	(((op)[P],(leg)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
oplegwerk	(((op)[P],(leg)[V])[V],(werk)[N])[N]
opleiden	((op)[P],(leid)[V])[V]
opleider	(((op)[P],(leid)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opleiding	(((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opleidingsbataljon	((((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bataljon)[N])[N]
opleidingsbevoegdheid	((((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
opleidingscapaciteit	((((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(capaciteit)[N])[N]
opleidingscentrum	((((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
opleidingscursus	((((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cursus)[N])[N]
opleidingsgraad	((((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(graad)[N])[N]
opleidingsinstituut	((((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instituut)[N])[N]
opleidingskans	((((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kans)[N])[N]
opleidingsmogelijkheid	((((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
opleidingsniveau	((((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
opleidingspakket	((((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
opleidingsprogramma	((((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
opleidingsschip	((((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schip)[N])[N]
opleidingsschool	((((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
opleidingssituatie	((((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
opleidingssysteem	((((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
opleidingstijd	((((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
opleidingsvraagstuk	((((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
opleidingsziekenhuis	((((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N])[N]
oplepelen	((op)[P],(lepel)[V])[V]
opletten	((op)[P],(let)[V])[V]
oplettendheid	((oplettend)[A],(heid)[N|A.])[N]
opleven	((op)[P],(leef)[V])[V]
opleveren	((op)[P],(lever)[V])[V]
oplevering	(((op)[P],(lever)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opleveringsdatum	((((op)[P],(lever)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(datum)[N])[N]
opleving	(((op)[P],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
oplezen	((op)[P],(lees)[V])[V]
oplichten	((op)[P],(licht)[V])[V]
oplichter	(((op)[P],(licht)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
oplichterij	(((op)[P],(licht)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
oplichting	(((op)[P],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
oplichtster	(((op)[P],(licht)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
oplikken	((op)[P],(lik)[V])[V]
oploeven	((op)[P],(loef)[V])[V]
oploop	((op)[P],(loop)[N])[N]
oplopen	((op)[P],(loop)[V])[V]
oplopendheid	((oplopend)[A],(heid)[N|A.])[N]
oploper	(((op)[P],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
oplosbaar	(((op)[P],(los)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
oplosbaarheid	((((op)[P],(los)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
oploskoffie	(((op)[P],(los)[V])[V],(koffie)[N])[N]
oplosmiddel	(((op)[P],(los)[V])[V],(middel)[N])[N]
oplossen	((op)[P],(los)[V])[V]
oplossing	(((op)[P],(los)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
oplossingscoëfficiënt	((((op)[P],(los)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(coëfficiënt)[N])[N]
oplossingsmethode	((((op)[P],(los)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
oplossingsmogelijkheid	((((op)[P],(los)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
oplossingsproces	((((op)[P],(los)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
oplossingsteken	((((op)[P],(los)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
oploswarmte	(((op)[P],(los)[V])[V],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
opluchten	((op)[P],(lucht)[V])[V]
opluchting	(((op)[P],(lucht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opluiken	((op)[P],(luik)[V])[V]
opluisteren	((op)[P],(luister)[V])[V]
opluistering	(((op)[P],(luister)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opmaakmachine	(((op)[P],(maak)[V])[V],(machine)[N])[N]
opmaakredacteur	(((op)[P],(maak)[V])[V],(redacteur)[N])[N]
opmaakredactrice	(((op)[P],(maak)[V])[V],(redactrice)[N])[N]
opmaakster	(((op)[P],(maak)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
opmaat	((op)[P],(maat)[N])[N]
opmaken	((op)[P],(maak)[V])[V]
opmaker	(((op)[P],(maak)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opmaking	(((op)[P],(maak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opmalen	((op)[P],(maal)[V])[V]
opmaling	(((op)[P],(maal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opmarche	((op)[P],(marche)[N])[N]
opmarchegebied	(((op)[P],(marche)[N])[N],(gebied)[N])[N]
opmarcheren	((op)[P],(marcheer)[V])[V]
opmars	((op)[P],(mars)[N])[N]
opmarsgebied	(((op)[P],(mars)[N])[N],(gebied)[N])[N]
opmerkelijk	(((op)[P],(merk)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
opmerken	((op)[P],(merk)[V])[V]
opmerkenswaard	(((op)[P],(merk)[V])[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
opmerkenswaardig	((((op)[P],(merk)[V])[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A],(ig)[A|A.])[A]
opmerker	(((op)[P],(merk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opmerking	(((op)[P],(merk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opmerkingsgave	((((op)[P],(merk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gave)[N])[N]
opmerkingsgeest	((((op)[P],(merk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(geest)[N])[N]
opmerkzaam	(((op)[P],(merk)[V])[V],(zaam)[A|V.])[A]
opmerkzaamheid	((((op)[P],(merk)[V])[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
opmeten	((op)[P],(meet)[V])[V]
opmeting	(((op)[P],(meet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opmetselen	((op)[P],(metsel)[V])[V]
opmieter	((op)[P],(mieter)[N])[N]
opmieteren	((op)[P],(mieter)[V])[V]
opmonteren	((op)[P],(monter)[A])[V]
opmontering	(((op)[P],(monter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
opnaaien	((op)[P],(naai)[V])[V]
opname-indicatie	((opname)[N],((indiceer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
opnameapparaat	((opname)[N],(apparaat)[N])[N]
opnameapparatuur	((opname)[N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
opnamebeleid	((opname)[N],(beleid)[N])[N]
opnamecapaciteit	((opname)[N],(capaciteit)[N])[N]
opnamelicht	((opname)[N],(licht)[N])[N]
opnamemogelijkheid	((opname)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
opnamestudio	((opname)[N],(studio)[N])[N]
opnametechniek	((opname)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
opneemapparaat	(((op)[P],(neem)[V])[V],(apparaat)[N])[N]
opneemsnelheid	(((op)[P],(neem)[V])[V],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
opneemvod	(((op)[P],(neem)[V])[V],(vod)[N])[N]
opnemen	((op)[P],(neem)[V])[V]
opnemer	(((op)[P],(neem)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opneming	(((op)[P],(neem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opnemingsvaartuig	((((op)[P],(neem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
opneuker	((op)[A],(neuk)[V],(er)[N|AV.])[N]
opnoemen	((op)[P],(noem)[V])[V]
opnoeming	(((op)[P],(noem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opoe	(opoe)[N]
opoefiets	((opoe)[N],(fiets)[N])[N]
opofferen	((op)[P],(offer)[V])[V]
opoffering	(((op)[P],(offer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opofferingsgeest	((((op)[P],(offer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(geest)[N])[N]
opofferingsgezind	((((op)[P],(offer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(gezind)[A])[A]
opofferingsslag	((((op)[P],(offer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(slag)[N])[N]
opontbieden	((op)[P],(ontbied)[V])[V]
opossum	(opossum)[N]
opossummuis	((opossum)[N],(muis)[N])[N]
oppakken	((op)[P],(pak)[V])[V]
oppascentrale	((oppas)[N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
oppassen	((op)[P],(pas)[V])[V]
oppassendheid	((oppassend)[A],(heid)[N|A.])[N]
oppasser	(((op)[P],(pas)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
oppasseres	((((op)[P],(pas)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
oppassing	(((op)[P],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
oppasster	(((op)[P],(pas)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
oppeppen	((op)[P],(pep)[N])[V]
oppepper	(((op)[P],(pep)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
opperarm	((opper)[N|.N],(arm)[N])[N]
opperbest	((opper)[A|.A],(best)[A])[A]
opperbestand	((opper)[N|.N],(bestand)[N])[N]
opperbestuur	((opper)[N|.N],(bestuur)[N])[N]
opperbevel	((opper)[N|.N],(bevel)[N])[N]
opperbevelhebber	(((opper)[N|.N],(bevel)[N])[N],(heb)[V],(er)[N|NV.])[N]
opperbevelhebberschap	((((opper)[N|.N],(bevel)[N])[N],(heb)[V],(er)[N|NV.])[N],(schap)[N|N.])[N]
opperbewind	((opper)[N|.N],(bewind)[N])[N]
oppercommando	((opper)[N|.N],(commando)[N])[N]
opperdek	((opper)[N|.N],(dek)[N])[N]
oppergaai	((opper)[N|.N],(gaai)[N])[N]
oppergerechtshof	((opper)[N|.N],((gerecht)[N],(s)[N|N.N],(hof)[N])[N])[N]
oppergezag	((opper)[N|.N],(gezag)[N])[N]
oppergezaghebber	(((opper)[N|.N],(gezag)[N])[N],(heb)[V],(er)[N|NV.])[N]
opperheer	((opper)[N|.N],(heer)[N])[N]
opperheerschappij	((opper)[N|.N],(((heer)[N],(schap)[N|N.])[N],(ij)[N|N.])[N])[N]
opperherder	((opper)[N|.N],(herder)[N])[N]
opperhoofd	((opper)[N|.N],(hoofd)[N])[N]
opperhout	((opper)[N|.N],(hout)[N])[N]
opperhuid	((opper)[N|.N],(huid)[N])[N]
opperkamerheer	((opper)[N|.N],((kamer)[N],(heer)[N])[N])[N]
opperkleed	((opper)[N|.N],(kleed)[N])[N]
opperlast	((opper)[N|.N],(last)[N])[N]
oppermacht	((opper)[N|.N],(macht)[N])[N]
opperman	((opper)[N|.N],(man)[N])[N]
opperofficier	((opper)[N|.N],(officier)[N])[N]
opperpriester	((opper)[N|.N],(priester)[N])[N]
opperrabbijn	((opper)[N|.N],(rabbijn)[N])[N]
opperrabbinaat	((opper)[N|.N],(rabbinaat)[N])[N]
opperrechter	((opper)[N|.N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
oppersen	((op)[P],(pers)[V])[V]
opperstalmeester	((opper)[N|.N],((stal)[N],(meester)[N])[N])[N]
opperstuurman	((opper)[N|.N],((stuur)[V],(man)[N])[N])[N]
oppertoezicht	((opper)[N|.N],((toe)[B],(zicht)[N])[N])[N]
oppervlak	((opper)[N|.N],(vlak)[N])[N]
oppervlakkig	(((opper)[N|.N],(vlak)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
oppervlakkigheid	((((opper)[N|.N],(vlak)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
oppervlakte	((opper)[N|.N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
oppervlakte-eenheid	(((opper)[N|.N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
oppervlakte-integraal	(((opper)[N|.N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N],(integraal)[N])[N]
oppervlaktebehandeling	(((opper)[N|.N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
oppervlaktedetail	(((opper)[N|.N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N],(detail)[N])[N]
oppervlaktedruk	(((opper)[N|.N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N],(druk)[N])[N]
oppervlaktemaat	(((opper)[N|.N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N],(maat)[N])[N]
oppervlaktespanning	(((opper)[N|.N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
oppervlaktespiegel	(((opper)[N|.N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N],(spiegel)[N])[N]
oppervlaktestructuur	(((opper)[N|.N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N],(structuur)[N])[N]
oppervlakteverschijnsel	(((opper)[N|.N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
oppervlaktevissen	(((opper)[N|.N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N],(vis)[N])[N]
oppervlaktewater	(((opper)[N|.N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N],(water)[N])[N]
oppervogel	((opper)[N|.N],(vogel)[N])[N]
opperwachtmeester	((opper)[N|.N],((wacht)[N],(meester)[N])[N])[N]
opperwal	((opper)[N|.N],(wal)[N])[N]
opperzaal	((opper)[N|.N],(zaal)[N])[N]
oppeuzelen	((op)[P],(peuzel)[V])[V]
oppiepen	((op)[P],(piep)[V])[V]
oppijpen	((op)[P],(pijp)[N])[V]
oppikken	((op)[P],(pik)[V])[V]
opplakken	((op)[P],(plak)[V])[V]
opplassen	((op)[P],(plas)[V])[V]
opploegen	((op)[P],(ploeg)[V])[V]
opplooien	((op)[P],(plooi)[V])[V]
oppoetsen	((op)[P],(poets)[V])[V]
oppoken	((op)[P],(pook)[V])[V]
oppompen	((op)[P],(pomp)[V])[V]
opponent	((opponeer)[V],(ent)[N|V.])[N]
opporren	((op)[P],(por)[V])[V]
opportuniteit	((opportuun)[A],(iteit)[N|A.])[N]
opportuniteitsbeginsel	(((opportuun)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
opportuniteitsreden	(((opportuun)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(reden)[N])[N]
oppositieblad	((oppositie)[N],(blad)[N])[N]
oppositieleider	((oppositie)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
oppositieleidster	((oppositie)[N],(leid)[V],(ster)[N|NV.])[N]
oppositielicht	((oppositie)[N],(licht)[N])[N]
oppositiepartij	((oppositie)[N],(partij)[N])[N]
oppositioneel	((oppositie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
oppotten	((op)[P],(pot)[V])[V]
opprikken	((op)[P],(prik)[V])[V]
opproppen	((op)[P],(prop)[V])[V]
opraapsel	(((op)[P],(raap)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
oprakelen	((op)[P],(rakel)[V])[V]
oprapen	((op)[P],(raap)[V])[V]
oprechtheid	((oprecht)[A],(heid)[N|A.])[N]
opredderen	((op)[P],(redder)[V])[V]
opreddering	(((op)[P],(redder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
oprekken	((op)[P],(rek)[V])[V]
oprennen	((op)[P],(ren)[V])[V]
oprichten	((op)[P],(richt)[V])[V]
oprichter	(((op)[P],(richt)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
oprichtersaandeel	((((op)[P],(richt)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
oprichtersbewijs	((((op)[P],(richt)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bewijs)[N])[N]
oprichting	(((op)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
oprichtingsakte	((((op)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(akte)[N])[N]
oprichtingscongres	((((op)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(congres)[N])[N]
oprichtingsfase	((((op)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
oprichtingskapitaal	((((op)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kapitaal)[N])[N]
oprichtingskosten	((((op)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
oprichtingsvergadering	((((op)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
oprichtster	(((op)[P],(richt)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
oprijden	((op)[P],(rijd)[V])[V]
oprijlaan	(((op)[P],(rijd)[V])[V],(laan)[N])[N]
oprijten	((op)[P],(rijt)[V])[V]
oprijzen	((op)[P],(rijs)[V])[V]
oprisping	((oprisp)[V],(ing)[N|V.])[N]
oprit	((op)[P],(rit)[N])[N]
oproeien	((op)[P],(roei)[V])[V]
oproep	((op)[P],(roep)[N])[N]
oproepen	((op)[P],(roep)[V])[V]
oproeper	(((op)[P],(roep)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
oproeping	(((op)[P],(roep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
oproepingsbrief	((((op)[P],(roep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
oproepingskaart	((((op)[P],(roep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
oproeren	((op)[P],(roer)[V])[V]
oproerig	((oproer)[N],(ig)[A|N.])[A]
oproerigheid	(((oproer)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
oproerkraaier	((oproer)[N],(kraai)[V],(er)[N|NV.])[N]
oproerkraaister	((oproer)[N],(kraai)[V],(ster)[N|NV.])[N]
oproerling	((oproer)[N],(ling)[N|N.])[N]
oproermaker	((oproer)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
oproerpolitie	((oproer)[N],(politie)[N])[N]
oproken	((op)[P],(rook)[V])[V]
oprolbaar	(((op)[P],(rol)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
oprollen	((op)[P],(rol)[V])[V]
oprotpremie	(((op)[P],(rot)[V])[V],(premie)[N])[N]
oprotten	((op)[P],(rot)[V])[V]
opruier	((oprui)[V],(er)[N|V.])[N]
opruiing	((oprui)[V],(ing)[N|V.])[N]
opruimen	((op)[P],(ruim)[V])[V]
opruimer	(((op)[P],(ruim)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opruiming	(((op)[P],(ruim)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opruimingsprijs	((((op)[P],(ruim)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(prijs)[N])[N]
opruimingsuitverkoop	((((op)[P],(ruim)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(uitverkoop)[N])[N]
opruimingswerkzaamheid	((((op)[P],(ruim)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
oprukken	((op)[P],(ruk)[V])[V]
opschakelen	((op)[P],(schakel)[V])[V]
opscharrelen	((op)[P],(scharrel)[V])[V]
opschenken	((op)[P],(schenk)[V])[V]
opschepen	((op)[P],(scheep)[V])[V]
opscheplepel	(((op)[P],(schep)[V])[V],(lepel)[N])[N]
opscheppen	((op)[P],(schep)[V])[V]
opschepper	(((op)[P],(schep)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opschepperig	(((op)[P],(schep)[V])[V],(erig)[A|V.])[A]
opschepperij	(((op)[P],(schep)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
opschepster	(((op)[P],(schep)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
opscherpen	((op)[P],(scherp)[V])[V]
opschieten	((op)[P],(schiet)[V])[V]
opschikken	((op)[P],(schik)[V])[V]
opschilderen	((op)[P],(schilder)[V])[V]
opschoeien	((op)[P],(schoei)[V])[V]
opschommelen	((op)[P],(schommel)[V])[V]
opschonen	((op)[P],(schoon)[V])[V]
opschoppen	((op)[P],(schop)[V])[V]
opschorsen	((op)[P],(schors)[V])[V]
opschorten	((op)[P],(schort)[V])[V]
opschorting	(((op)[P],(schort)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opschransen	((op)[P],(schrans)[V])[V]
opschrift	((op)[P],(schrift)[N])[N]
opschrijfboekje	(((op)[P],(schrijf)[V])[V],(boek)[N])[N]
opschrijven	((op)[P],(schrijf)[V])[V]
opschrikken	((op)[P],(schrik)[V])[V]
opschroeven	((op)[P],(schroef)[V])[V]
opschroeverij	(((op)[P],(schroef)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
opschrokken	((op)[P],(schrok)[V])[V]
opschudden	((op)[P],(schud)[V])[V]
opschudding	(((op)[P],(schud)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opschuifsysteem	(((op)[P],(schuif)[V])[V],(systeem)[N])[N]
opschuiven	((op)[P],(schuif)[V])[V]
opschuiving	(((op)[P],(schuif)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opschuren	((op)[P],(schuur)[V])[V]
opschutten	((op)[P],(schut)[V])[V]
opsieren	((op)[P],(sier)[V])[V]
opsiering	(((op)[P],(sier)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opsiersel	(((op)[P],(sier)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
opsjorren	((op)[P],(sjor)[V])[V]
opsjouwen	((op)[P],(sjouw)[V])[V]
opslaan	((op)[P],(sla)[V])[V]
opslagbedrijf	((opslag)[N],(bedrijf)[N])[N]
opslagcapaciteit	((opslag)[N],(capaciteit)[N])[N]
opslaggeheugen	((opslag)[N],(geheugen)[N])[N]
opslaggelden	((opslag)[N],(geld)[N])[N]
opslagkosten	((opslag)[N],(kost)[N])[N]
opslagloods	((opslag)[N],(loods)[N])[N]
opslagmethode	((opslag)[N],(methode)[N])[N]
opslagmogelijkheid	((opslag)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
opslagplaats	((opslag)[N],(plaats)[N])[N]
opslagprobleem	((opslag)[N],(probleem)[N])[N]
opslagrente	((opslag)[N],(rente)[N])[N]
opslagruimte	((opslag)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
opslagsysteem	((opslag)[N],(systeem)[N])[N]
opslagtank	((opslag)[N],(tank)[N])[N]
opslagterrein	((opslag)[N],(terrein)[N])[N]
opslepen	((op)[P],(sleep)[V])[V]
opsleuren	((op)[P],(sleur)[V])[V]
opslibben	((op)[P],(slib)[V])[V]
opslobberen	((op)[P],(slobber)[V])[V]
opslokken	((op)[P],(slok)[V])[V]
opslorpen	((op)[P],(slorp)[V])[V]
opslorping	(((op)[P],(slorp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opslorpingsvermogen	((((op)[P],(slorp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
opsluiten	((op)[P],(sluit)[V])[V]
opsluiting	(((op)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opslurpen	((op)[P],(slurp)[V])[V]
opslurping	(((op)[P],(slurp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opsmeren	((op)[P],(smeer)[V])[V]
opsmuk	((op)[P],(smuk)[N])[N]
opsmukken	((op)[P],(smuk)[V])[V]
opsmullen	((op)[P],(smul)[V])[V]
opsnijden	((op)[A],(snijd)[V])[V]
opsnijder	(((op)[A],(snijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opsnijderig	(((op)[A],(snijd)[V])[V],(erig)[A|V.])[A]
opsnijderij	(((op)[A],(snijd)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
opsnoepen	((op)[P],(snoep)[V])[V]
opsnorren	((op)[P],(snor)[V])[V]
opsnuffelen	((op)[P],(snuffel)[V])[V]
opsnuiven	((op)[P],(snuif)[V])[V]
opsodemieter	((op)[P],(sodemieter)[N])[N]
opsodemieteren	((op)[P],(sodemieter)[V])[V]
opsommen	((op)[P],(som)[N])[V]
opsomming	(((op)[P],(som)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
opsouperen	((op)[P],(soupeer)[V])[V]
opspannen	((op)[P],(span)[V])[V]
opsparen	((op)[P],(spaar)[V])[V]
opspatten	((op)[P],(spat)[V])[V]
opspelden	((op)[P],(speld)[V])[V]
opspelen	((op)[P],(speel)[V])[V]
opsperren	((op)[P],(sper)[V])[V]
opspeuren	((op)[P],(speur)[V])[V]
opsplitsen	((op)[P],(splits)[V])[V]
opspoelen	((op)[P],(spoel)[V])[V]
opsporen	((op)[P],(spoor)[V])[V]
opsporing	(((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opsporingsactie	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
opsporingsactiviteit	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
opsporingsambtenaar	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
opsporingsapparaat	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
opsporingsapparatuur	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
opsporingsbeleid	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
opsporingsbericht	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bericht)[N])[N]
opsporingsbevel	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bevel)[N])[N]
opsporingsbevoegdheid	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
opsporingsbrigade	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(brigade)[N])[N]
opsporingsdienst	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
opsporingsfase	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
opsporingsfoto	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(foto)[N])[N]
opsporingsinstantie	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instantie)[N])[N]
opsporingsonderzoek	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(onderzoek)[N])[N]
opsporingsorgaan	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
opsporingspatrouille	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(patrouille)[N])[N]
opsporingsregister	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(register)[N])[N]
opsporingstechniek	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
opsporingsvergunning	((((op)[P],(spoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
opspraak	((op)[P],(spraak)[N])[N]
opspreken	((op)[P],(spreek)[V])[V]
opspringen	((op)[P],(spring)[V])[V]
opspuiten	((op)[P],(spuit)[V])[V]
opspuitterrein	(((op)[P],(spuit)[V])[V],(terrein)[N])[N]
opspuwen	((op)[P],(spuw)[V])[V]
opstaan	((op)[P],(sta)[V])[V]
opstaander	(((op)[P],(sta)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
opstaanster	(((op)[P],(sta)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
opstal	((op)[P],(stal)[N])[N]
opstalverzekering	(((op)[P],(stal)[N])[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
opstandeling	((opstand)[N],(eling)[N|N.])[N]
opstandelinge	(((opstand)[N],(eling)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
opstandig	((opstand)[N],(ig)[A|N.])[A]
opstandigheid	(((opstand)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
opstap	((op)[P],(stap)[N])[N]
opstapelen	((op)[P],(stapel)[V])[V]
opstapeling	(((op)[P],(stapel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opstappen	((op)[P],(stap)[V])[V]
opstarten	((op)[P],(start)[V])[V]
opsteekladder	(((op)[P],(steek)[V])[V],(ladder)[N])[N]
opsteken	((op)[P],(steek)[V])[V]
opsteker	(((op)[P],(steek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opstellen	((op)[P],(stel)[V])[V]
opsteller	(((op)[P],(stel)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opstelling	(((op)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opstellingshoek	((((op)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hoek)[N])[N]
opstemmen	((op)[P],(stem)[V])[V]
opstijgen	((op)[P],(stijg)[V])[V]
opstijging	(((op)[P],(stijg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opstijven	((op)[P],(stijf)[V])[V]
opstikken	((op)[P],(stik)[V])[V]
opstoken	((op)[P],(stook)[V])[V]
opstoker	(((op)[P],(stook)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opstokerij	(((op)[P],(stook)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
opstomen	((op)[P],(stoom)[V])[V]
opstoot	((op)[P],(stoot)[N])[N]
opstoppen	((op)[P],(stop)[V])[V]
opstopper	(((op)[P],(stop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opstopping	(((op)[P],(stop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opstormen	((op)[P],(storm)[V])[V]
opstoten	((op)[P],(stoot)[V])[V]
opstoven	((op)[P],(stoof)[V])[V]
opstreek	((op)[P],(streek)[N])[N]
opstrijden	((op)[P],(strijd)[V])[V]
opstrijken	((op)[P],(strijk)[V])[V]
opstrijkmes	(((op)[P],(strijk)[V])[V],(mes)[N])[N]
opstropen	((op)[P],(stroop)[V])[V]
opstuiten	((op)[P],(stuit)[V])[V]
opstuiter	(((op)[P],(stuit)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opstuiven	((op)[P],(stuif)[V])[V]
opsturen	((op)[P],(stuur)[V])[V]
opstutten	((op)[P],(stut)[V])[V]
opstuwen	((op)[P],(stuw)[V])[V]
optakelen	((op)[P],(takel)[V])[V]
optakeling	(((op)[P],(takel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
optanden	((op)[P],(tand)[V])[V]
optant	((opteer)[V],(ant)[N|V.])[N]
optassen	((op)[P],(tas)[V])[V]
optater	((op)[P],(tater)[N])[N]
optatie	((opteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
optatief	(((opteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[N|N.])[N]
optekenen	((op)[P],(teken)[V])[V]
optekening	(((op)[P],(teken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
optelfout	(((op)[P],(tel)[V])[V],(fout)[N])[N]
optellen	((op)[P],(tel)[V])[V]
opteller	(((op)[P],(tel)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
optelling	(((op)[P],(tel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
optelmachine	(((op)[P],(tel)[V])[V],(machine)[N])[N]
optelsom	(((op)[P],(tel)[V])[V],(som)[N])[N]
optelteken	(((op)[P],(tel)[V])[V],(teken)[N])[N]
opteren	((op)[P],(teer)[V])[V]
optiebeurs	((optie)[N],(beurs)[N])[N]
optiebewijs	((optie)[N],(bewijs)[N])[N]
optiehaven	((optie)[N],(haven)[N])[N]
optiejaar	((optie)[N],(jaar)[N])[N]
optiek	((optisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
optiekoop	((optie)[N],(koop)[N])[N]
optierecht	((optie)[N],(recht)[N])[N]
optillen	((op)[P],(til)[V])[V]
optimaal	((optimum)[N],(aal)[A|N.])[A]
optimaliseren	(((optimum)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V]
optimalisering	((((optimum)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
optimistisch	((optimist)[N],(isch)[A|N.])[A]
optimmeren	((op)[P],(timmer)[V])[V]
optioneel	((optie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
optomen	((op)[P],(toom)[V])[V]
optooien	((op)[P],(tooi)[V])[V]
optooisel	(((op)[P],(tooi)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
optornen	((op)[P],(torn)[V])[V]
optransformeren	((op)[P],(transformeer)[V])[V]
optrede	((op)[P],(trede)[N])[N]
optreden	((op)[P],(treed)[V])[V]
optree	((op)[P],(tree)[N])[N]
optrekken	((op)[P],(trek)[V])[V]
optrekkingsvermogen	((optrekking)[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
optrekladder	(((op)[P],(trek)[V])[V],(ladder)[N])[N]
optroeven	((op)[P],(troef)[V])[V]
optrommelen	((op)[P],(trommel)[V])[V]
optuigen	((op)[P],(tuig)[V])[V]
optuiging	(((op)[P],(tuig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
optutten	((op)[P],(tut)[V])[V]
opulent	(opulent)[A]
opulentie	((opulent)[A],(ie)[N|A.])[N]
opvallen	((op)[P],(val)[V])[V]
opvangcentrum	(((op)[P],(vang)[V])[V],(centrum)[N])[N]
opvangen	((op)[P],(vang)[V])[V]
opvanghuis	(((op)[P],(vang)[V])[V],(huis)[N])[N]
opvanging	(((op)[P],(vang)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opvaren	((op)[P],(vaar)[V])[V]
opvarende	((opvarend)[V],(e)[N|V.])[N]
opvatten	((op)[P],(vat)[V])[V]
opvatting	(((op)[P],(vat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opvegen	((op)[P],(veeg)[V])[V]
opveren	((op)[P],(veer)[V])[V]
opverven	((op)[P],(verf)[V])[V]
opvieren	((op)[P],(vier)[V])[V]
opvijlen	((op)[P],(vijl)[V])[V]
opvijzelen	((op)[P],(vijzel)[V])[V]
opvijzeling	(((op)[P],(vijzel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opvijzen	((op)[P],(vijs)[V])[V]
opvissen	((op)[P],(vis)[V])[V]
opvlammen	((op)[P],(vlam)[V])[V]
opvlamming	(((op)[P],(vlam)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opvliegen	((op)[P],(vlieg)[V])[V]
opvliegendheid	((opvliegend)[A],(heid)[N|A.])[N]
opvlieger	(((op)[P],(vlieg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opvlieging	(((op)[P],(vlieg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opvoedbaar	(((op)[P],(voed)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
opvoedbaarheid	((((op)[P],(voed)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
opvoedeling	(((op)[P],(voed)[V])[V],(eling)[N|V.])[N]
opvoeden	((op)[P],(voed)[V])[V]
opvoeder	(((op)[P],(voed)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opvoeding	(((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opvoedingsbeleid	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
opvoedingsconditie	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(conditie)[N])[N]
opvoedingsfilosofie	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
opvoedingsgesticht	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gesticht)[N])[N]
opvoedingshandeling	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
opvoedingshulp	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hulp)[N])[N]
opvoedingsideaal	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ideaal)[N])[N]
opvoedingsinstituut	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instituut)[N])[N]
opvoedingsinvloed	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(invloed)[N])[N]
opvoedingskader	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kader)[N])[N]
opvoedingsklimaat	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klimaat)[N])[N]
opvoedingsmaatregel	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
opvoedingsmethode	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
opvoedingsmilieu	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(milieu)[N])[N]
opvoedingsmoeilijkheid	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
opvoedingsopdracht	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(opdracht)[N])[N]
opvoedingsperiode	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
opvoedingspraktijk	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(praktijk)[N])[N]
opvoedingsprobleem	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
opvoedingsproces	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
opvoedingsrealiteit	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((reëel)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
opvoedingsrelatie	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
opvoedingssituatie	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
opvoedingsstelsel	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
opvoedingsstijl	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(stijl)[N])[N]
opvoedingssysteem	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
opvoedingstehuis	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((te)[P],(huis)[N])[N])[N]
opvoedingstekort	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
opvoedingstraditie	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(traditie)[N])[N]
opvoedingsverantwoordelijkheid	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((verantwoord)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
opvoedingsvoorwaarde	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(voorwaarde)[N])[N]
opvoedingswetenschap	((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
opvoedkunde	(((op)[P],(voed)[V])[V],(kunde)[N])[N]
opvoedkundig	((((op)[P],(voed)[V])[V],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
opvoedster	(((op)[P],(voed)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
opvoegen	((op)[P],(voeg)[V])[V]
opvoeren	((op)[P],(voer)[V])[V]
opvoering	(((op)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opvolgen	((op)[P],(volg)[V])[V]
opvolger	(((op)[P],(volg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opvolging	(((op)[P],(volg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opvolgingsrecht	((((op)[P],(volg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
opvolgster	(((op)[P],(volg)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
opvorderbaar	(((op)[P],(vorder)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
opvorderen	((op)[P],(vorder)[V])[V]
opvordering	(((op)[P],(vorder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opvouwbaar	(((op)[P],(vouw)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
opvouwen	((op)[P],(vouw)[V])[V]
opvragen	((op)[P],(vraag)[V])[V]
opvraging	(((op)[P],(vraag)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opvreten	((op)[P],(vreet)[V])[V]
opvreter	(((op)[P],(vreet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opvriezen	((op)[P],(vries)[V])[V]
opvrijen	((op)[P],(vrij)[V])[V]
opvrolijken	((op)[P],(vrolijk)[A])[V]
opvrolijking	(((op)[P],(vrolijk)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
opvullen	((op)[P],(vul)[V])[V]
opvulling	(((op)[P],(vul)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opvulsel	(((op)[P],(vul)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
opwaaien	((op)[P],(waai)[V])[V]
opwaarderen	((op)[P],((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
opwaardering	(((op)[P],((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opwaarts	((op)[P],(waarts)[A|P.])[A]
opwachten	((op)[P],(wacht)[V])[V]
opwachting	(((op)[P],(wacht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opwandelen	((op)[P],(wandel)[V])[V]
opwarmen	((op)[P],(warm)[V])[V]
opwarmertje	(((op)[P],(warm)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opwassen	((op)[P],(was)[V])[V]
opwegen	((op)[P],(weeg)[V])[V]
opwekken	((op)[P],(wek)[V])[V]
opwekking	(((op)[P],(wek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opwekkingsstroom	((((op)[P],(wek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(stroom)[N])[N]
opwellen	((op)[P],(wel)[V])[V]
opwelling	(((op)[P],(wel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opwelving	((op)[P],((welf)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
opwerken	((op)[P],(werk)[V])[V]
opwerking	(((op)[P],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opwerkingsfabriek	((((op)[P],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fabriek)[N])[N]
opwerpen	((op)[P],(werp)[V])[V]
opwerping	(((op)[P],(werp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opwikkelspoel	((op)[P],(wikkel)[V],(spoel)[N])[N]
opwinden	((op)[P],(wind)[V])[V]
opwinding	(((op)[P],(wind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opwindingstoestand	((((op)[P],(wind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
opwindspoel	(((op)[P],(wind)[V])[V],(spoel)[N])[N]
opwippen	((op)[P],(wip)[V])[V]
opwrijven	((op)[P],(wrijf)[V])[V]
opwroeten	((op)[P],(wroet)[V])[V]
opzadelen	((op)[P],(zadel)[V])[V]
opzakken	((op)[P],(zak)[V])[V]
opzegbaar	(((op)[P],(zeg)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
opzegbaarheid	((((op)[P],(zeg)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
opzeggen	((op)[P],(zeg)[V])[V]
opzegging	(((op)[P],(zeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opzeggingstermijn	((((op)[P],(zeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(termijn)[N])[N]
opzegtermijn	(((op)[P],(zeg)[V])[V],(termijn)[N])[N]
opzenden	((op)[P],(zend)[V])[V]
opzending	(((op)[P],(zend)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opzet	((op)[P],(zet)[N])[N]
opzetkarton	(((op)[P],(zet)[V])[V],(karton)[N])[N]
opzetsteek	(((op)[P],(zet)[V])[V],(steek)[N])[N]
opzetstuk	(((op)[P],(zet)[V])[V],(stuk)[N])[N]
opzettelijk	((opzet)[N],(elijk)[A|N.])[A]
opzettelijkheid	(((opzet)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
opzetten	((op)[P],(zet)[V])[V]
opzetter	(((op)[P],(zet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
opzetting	(((op)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opzicht	((op)[P],(zicht)[N])[N]
opzichter	((op)[P],(zie)[V],(er)[N|PV.])[N]
opzichteres	(((op)[P],(zie)[V],(er)[N|PV.])[N],(es)[N|N.])[N]
opzichtigheid	((opzichtig)[A],(heid)[N|A.])[N]
opzien	((op)[P],(zie)[V])[V]
opzienbarend	((opzien)[N],(baar)[V],(end)[A|NV.])[A]
opziener	((op)[P],(zie)[V],(er)[N|PV.])[N]
opzienersambt	(((op)[P],(zie)[V],(er)[N|PV.])[N],(s)[N|N.N],(ambt)[N])[N]
opzienster	((opzien)[V],(ster)[N|V.])[N]
opzitten	((op)[P],(zit)[V])[V]
opzoeken	((op)[P],(zoek)[V])[V]
opzoeking	(((op)[P],(zoek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opzouten	((op)[P],(zout)[V])[V]
opzuigen	((op)[P],(zuig)[V])[V]
opzuipen	((op)[P],(zuip)[V])[V]
opzuiveren	((op)[P],(zuiver)[V])[V]
opzwellen	((op)[P],(zwel)[V])[V]
opzwelling	(((op)[P],(zwel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
opzwepen	((op)[P],(zweep)[V])[V]
opzwoegen	((op)[P],(zwoeg)[V])[V]
orakel	(orakel)[N]
orakelachtig	((orakel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
orakelen	(orakel)[V]
orakelspreuk	((orakel)[N],(spreuk)[N])[N]
orakeltaal	((orakel)[N],(taal)[N])[N]
oraliteit	((oraal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
orang-oetan	(orang-oetan)[N]
orang-oetang	(orang-oetang)[N]
orangistisch	((orangist)[N],(isch)[A|N.])[A]
oranje	(oranje)[N]
oranjeappel	((oranje)[N],(appel)[N])[N]
oranjebitter	((oranje)[A],(bitter)[N])[N]
oranjebloesem	((oranje)[N],(bloesem)[N])[N]
oranjeboom	((oranje)[N],(boom)[N])[N]
oranjehemd	((oranje)[N],(hemd)[N])[N]
oranjeklant	((oranje)[N],(klant)[N])[N]
oranjekleur	((oranje)[N],(kleur)[N])[N]
oranjelint	((oranje)[N],(lint)[N])[N]
oranjemarmelade	((oranje)[N],(marmelade)[N])[N]
oranjeploeg	((oranje)[N],(ploeg)[N])[N]
oranjeschil	((oranje)[N],(schil)[N])[N]
oranjesnippers	((oranje)[N],(snipper)[N])[N]
oratie	((oreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
orator	((oreer)[V],(ator)[N|V.])[N]
orchidee	(orchidee)[N]
orde	(orde)[N]
ordebewaarder	((orde)[N],((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
ordebroeder	((orde)[N],(broeder)[N])[N]
ordedienst	((orde)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
ordegetal	((orde)[N],(getal)[N])[N]
ordeketen	((orde)[N],(keten)[N])[N]
ordekleed	((orde)[N],(kleed)[N])[N]
ordekruis	((orde)[N],(kruis)[N])[N]
ordelievend	((orde)[N],(lievend)[V])[A]
ordelievendheid	(((orde)[N],(lievend)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
ordelijk	((orde)[N],(lijk)[A|N.])[A]
ordelijkheid	(((orde)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ordelint	((orde)[N],(lint)[N])[N]
ordeloos	((orde)[N],(loos)[A|N.])[A]
ordeloosheid	(((orde)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ordenen	(orden)[V]
ordener	((orden)[V],(er)[N|V.])[N]
ordening	((orden)[V],(ing)[N|V.])[N]
ordeningsbeginsel	(((orden)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
ordeningsbeleid	(((orden)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
ordeningsbevoegdheid	(((orden)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ordeningscriterium	(((orden)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(criterium)[N])[N]
ordeningsdenkbeeld	(((orden)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((denk)[V],(beeld)[N])[N])[N]
ordeningsdoeleinde	(((orden)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(doeleinde)[N])[N]
ordeningsinstrument	(((orden)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instrument)[N])[N]
ordeningsmaatregel	(((orden)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
ordeningsprincipe	(((orden)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(principe)[N])[N]
ordeningsprobleem	(((orden)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
ordeningsproces	(((orden)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
ordeningsschema	(((orden)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schema)[N])[N]
ordeningsvraagstuk	(((orden)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
ordentelijkheid	((ordentelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
ordeoefening	((orde)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ordepolitie	((orde)[N],(politie)[N])[N]
ordeproblemen	((orde)[N],(probleem)[N])[N]
order	(order)[N]
orderbevestiging	((order)[N],((be)[V|.V],(vestig)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
orderbiljet	((order)[N],(biljet)[N])[N]
orderboek	((order)[N],(boek)[N])[N]
orderbrief	((order)[N],(brief)[N])[N]
orderecht	((orde)[N],(recht)[N])[N]
ordernummer	((order)[N],(nummer)[N])[N]
orderpapier	((order)[N],(papier)[N])[N]
orderportefeuille	((order)[N],(portefeuille)[N])[N]
ordesgeestelijke	((orde)[N],(s)[N|N.N],(geestelijke)[N])[N]
ordesrecht	((orde)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
ordestrijdkrachten	((orde)[N],((strijd)[N],(kracht)[N])[N])[N]
ordeteken	((orde)[N],(teken)[N])[N]
ordeverstoorder	((orde)[N],((ver)[V|.V],(stoor)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
ordeverstoring	((orde)[N],((ver)[V|.V],(stoor)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
ordinantie	((ordineer)[V],(antie)[N|V.])[N]
ordonnansofficier	((ordonnans)[N],(officier)[N])[N]
ordonnantie	((ordonneer)[V],(antie)[N|V.])[N]
oreade	(oreade)[N]
oregano	(oregano)[N]
orgaan	(orgaan)[N]
orgaanfunctie	((orgaan)[N],(functie)[N])[N]
orgaanpreparaat	((orgaan)[N],((prepareer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
orgaansysteem	((orgaan)[N],(systeem)[N])[N]
orgaantransplantatie	((orgaan)[N],((transplanteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
organisatie	(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
organisatie-eenheid	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
organisatieadviesbureau	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],((advies)[N],(bureau)[N])[N])[N]
organisatieadviseur	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(((advies)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
organisatiebeginsel	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
organisatiebeleid	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(beleid)[N])[N]
organisatiebureau	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(bureau)[N])[N]
organisatiecomité	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(comité)[N])[N]
organisatiedeskundige	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(deskundige)[N])[N]
organisatiedoeleinde	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(doeleinde)[N])[N]
organisatiefunctie	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(functie)[N])[N]
organisatiegraad	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(graad)[N])[N]
organisatiekunde	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(kunde)[N])[N]
organisatiekundig	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
organisatiemodel	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(model)[N])[N]
organisatieniveau	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(niveau)[N])[N]
organisatieontwikkeling	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
organisatieprincipe	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(principe)[N])[N]
organisatieprobleem	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(probleem)[N])[N]
organisatiepsychologie	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
organisatieschema	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(schema)[N])[N]
organisatiesociologisch	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(sociologisch)[A])[A]
organisatiestructuur	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(structuur)[N])[N]
organisatietalent	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(talent)[N])[N]
organisatietheorie	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(theorie)[N])[N]
organisatietype	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(type)[N])[N]
organisatieverandering	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
organisatievermogen	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(vermogen)[N])[N]
organisatievraagstuk	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
organisatiewijziging	((((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],((wijzig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
organisator	(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ator)[N|V.])[N]
organisch	((orgaan)[N],(isch)[A|N.])[A]
organiseren	((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V]
organistisch	((organist)[N],(isch)[A|N.])[A]
orgasme	(orgasme)[N]
orgasmeprobleem	((orgasme)[N],(probleem)[N])[N]
orgeade	(orgeade)[N]
orgel	(orgel)[N]
orgelboek	((orgel)[N],(boek)[N])[N]
orgelbouwer	((orgel)[N],(bouw)[V],(er)[N|NV.])[N]
orgelconcert	((orgel)[N],(concert)[N])[N]
orgeldraaier	((orgel)[N],(draai)[V],(er)[N|NV.])[N]
orgelen	(orgel)[V]
orgelist	((orgel)[N],(ist)[N|N.])[N]
orgelkast	((orgel)[N],(kast)[N])[N]
orgelmaker	((orgel)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
orgelman	((orgel)[N],(man)[N])[N]
orgelmuziek	((orgel)[N],(muziek)[N])[N]
orgelpijp	((orgel)[N],(pijp)[N])[N]
orgelpunt	((orgel)[N],(punt)[N])[N]
orgelregister	((orgel)[N],(register)[N])[N]
orgelspel	((orgel)[N],(spel)[N])[N]
orgelspeler	((orgel)[N],(speel)[V],(er)[N|NV.])[N]
orgeltoon	((orgel)[N],(toon)[N])[N]
orgeltrapper	((orgel)[N],(trap)[V],(er)[N|NV.])[N]
orgie	(orgie)[N]
oriflamme	(oriflamme)[N]
originaliteit	(((origine)[N],(eel)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
origine	(origine)[N]
origineel	((origine)[N],(eel)[A|N.])[A]
oriëntaal	((Oriënt)[N],(aal)[A|N.])[A]
oriëntaals	(((Oriënt)[N],(aal)[A|N.])[A],(s)[A|A.])[A]
oriëntalistisch	((oriëntalist)[N],(isch)[A|N.])[A]
oriëntatie	(((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
oriëntatiebezoek	((((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(bezoek)[N])[N]
oriëntatiecursus	((((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(cursus)[N])[N]
oriëntatiefase	((((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(fase)[N])[N]
oriëntatiekader	((((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(kader)[N])[N]
oriëntatieloop	((((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(loop)[N])[N]
oriëntatieperiode	((((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(periode)[N])[N]
oriëntatiereis	((((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(reis)[N])[N]
oriëntatievermogen	((((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(vermogen)[N])[N]
oriënteren	((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V]
oriëntering	(((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
oriënteringsbasis	((((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(basis)[N])[N]
oriënteringsfase	((((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
oriënteringsnota	((((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(nota)[N])[N]
oriënteringsvermogen	((((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
orka	(orka)[N]
orkaan	(orkaan)[N]
orkaankracht	((orkaan)[N],(kracht)[N])[N]
orkaanseizoen	((orkaan)[N],(seizoen)[N])[N]
orkest	(orkest)[N]
orkestbak	((orkest)[N],(bak)[N])[N]
orkestklasse	((orkest)[N],(klasse)[N])[N]
orkestleider	((orkest)[N],((leid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
orkestlid	((orkest)[N],(lid)[N])[N]
orkestmeester	((orkest)[N],(meester)[N])[N]
orkestmusicus	((orkest)[N],(musicus)[N])[N]
orkestnummer	((orkest)[N],(nummer)[N])[N]
orkestpartij	((orkest)[N],(partij)[N])[N]
orkestpartituur	((orkest)[N],(partituur)[N])[N]
orkestraal	((orkest)[N],(aal)[A|N.])[A]
orkestratie	((orkestreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
orkestruimte	((orkest)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
orkeststuk	((orkest)[N],(stuk)[N])[N]
ornamentatie	(((ornament)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
ornamenteel	((ornament)[N],(eel)[A|N.])[A]
ornamenteren	((ornament)[N],(eer)[V|N.])[V]
ornementatie	(((ornement)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
ornementeel	((ornement)[N],(eel)[A|N.])[A]
ornementeren	((ornement)[N],(eer)[V|N.])[V]
ornithologie	((ornithologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
orografie	((orografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
orthodidactiek	((ortho)[N|.N],((didactisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
orthodontist	((orthodontie)[N],(ist)[N|N.])[N]
orthodox-christelijk	((orthodox)[A],((christen)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
orthodoxie	((orthodox)[A],(ie)[N|A.])[N]
orthografie	(((ortho)[A|.A],(grafisch)[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
orthografisch	((ortho)[A|.A],(grafisch)[A])[A]
orthopedagogie	((ortho)[N|.N],((pedagogisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
orthopedagogisch	(((ortho)[N|.N],(pedagoog)[N])[N],(isch)[A|N.])[A]
orthopedagoog	((ortho)[N|.N],(pedagoog)[N])[N]
orthopedie	((orthopedisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
orthopedist	(((orthopedisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(ist)[N|N.])[N]
ortolaan	(ortolaan)[N]
os	(os)[N]
oscillatie	((oscilleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
oscillator	((oscilleer)[V],(ator)[N|V.])[N]
osmium	(osmium)[N]
osmiumlamp	((osmium)[N],(lamp)[N])[N]
osmotisch	((osmose)[N],(isch)[A|N.])[A]
ossenbloed	((os)[N],(e)[N|N.N],(bloed)[N])[N]
ossendrijver	((os)[N],(e)[N|N.Vx],(drijf)[V],(er)[N|NxV.])[N]
ossengal	((os)[N],(e)[N|N.N],(gal)[N])[N]
ossengebraad	((os)[N],(e)[N|N.N],((ge)[N|.V],(braad)[V])[N])[N]
ossenhaas	((os)[N],(e)[N|N.N],(haas)[N])[N]
ossenhuid	((os)[N],(e)[N|N.N],(huid)[N])[N]
ossenkar	((os)[N],(e)[N|N.N],(kar)[N])[N]
ossenknieën	((os)[N],(en)[N|N.N],(knie)[N])[N]
ossenkop	((os)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
ossenkoper	((os)[N],(en)[N|N.Vx],(koop)[V],(er)[N|NxV.])[N]
ossenlapje	((os)[N],(e)[N|N.N],(lap)[N])[N]
ossenleder	((os)[N],(e)[N|N.N],(leder)[N])[N]
ossenleer	((os)[N],(e)[N|N.N],(leer)[N])[N]
ossenleren	(((os)[N],(e)[N|N.N],(leer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
ossenmarkt	((os)[N],(en)[N|N.N],(markt)[N])[N]
ossenoog	((os)[N],(e)[N|N.N],(oog)[N])[N]
ossenrib	((os)[N],(e)[N|N.N],(rib)[N])[N]
ossenstaart	((os)[N],(e)[N|N.N],(staart)[N])[N]
ossenstaartsoep	(((os)[N],(e)[N|N.N],(staart)[N])[N],(soep)[N])[N]
ossenstal	((os)[N],(e)[N|N.N],(stal)[N])[N]
ossentong	((os)[N],(e)[N|N.N],(tong)[N])[N]
ossenvlees	((os)[N],(e)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
ossenwagen	((os)[N],(e)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
ossenweider	((os)[N],(en)[N|N.Vx],(weid)[V],(er)[N|NxV.])[N]
ostentatief	((ostentatie)[N],(ief)[A|N.])[A]
otter	(otter)[N]
otterbont	((otter)[N],(bont)[N])[N]
otteren	(otter)[V]
oublieijzer	((oublie)[N],(ijzer)[N])[N]
oubolligheid	((oubollig)[A],(heid)[N|A.])[N]
oud-burgemeester	((oud)[N|.N],((burg)[N],(e)[N|N.N],(meester)[N])[N])[N]
oud-gereformeerd	((oud)[A],(gereformeerd)[A])[A]
oud-international	((oud)[N|.N],(international)[N])[N]
oud-katholiek	((oud)[N|.N],(katholiek)[N])[N]
oud-katholiek	((oud)[A],(katholiek)[A])[A]
oud-leerling	((oud)[N|.N],((leer)[V],(ling)[N|V.])[N])[N]
oud-leerlinge	(((oud)[N|.N],((leer)[V],(ling)[N|V.])[N])[N],(e)[N|N.])[N]
oud-minister	((oud)[N|.N],(minister)[N])[N]
oud-officier	((oud)[N|.N],(officier)[N])[N]
oud-soldaat	((oud)[N|.N],(soldaat)[N])[N]
oud-strijder	((oud)[N|.N],((strijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
oud-strijdersbond	(((oud)[N|.N],((strijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(bond)[N])[N]
oud-vaderlands	((oud)[A],((vader)[N],(land)[N])[N],(s)[A|AN.])[A]
oudachtig	((oud)[A],(achtig)[A|A.])[A]
oudadellijk	((oud)[A],((adel)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
oudbakken	((oud)[A],(gebakken)[V])[A]
oudblauw	((oud)[A],(blauw)[N])[N]
oudchristelijk	((oud)[A],((christen)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
oudedagsreserve	((oud)[A],(e)[N|A.NxN],(dag)[N],(s)[N|AxN.N],(reserve)[N])[N]
oudedagvoorziening	((oud)[A],(e)[N|A.NN],(dag)[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
oudeheer	((oud)[A],(e)[N|A.N],(heer)[N])[N]
oudejaar	((ouder)[A],(e)[N|A.N],(jaar)[N])[N]
oudejaarsavond	(((ouder)[A],(e)[N|A.N],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(avond)[N])[N]
oudejaarsnacht	(((ouder)[A],(e)[N|A.N],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(nacht)[N])[N]
oudelui	((oud)[A],(e)[N|A.N],(man)[N])[N]
oudemannenhuis	((oud)[A],(e)[N|A.NxN],(man)[N],(en)[N|AxN.N],(huis)[N])[N]
oudemannenkwaal	((oud)[A],(e)[N|A.NxN],(man)[N],(en)[N|AxN.N],(kwaal)[N])[N]
ouderavond	((ouder)[N],(avond)[N])[N]
oudercommissie	((ouder)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
ouderdag	((ouder)[N],(dag)[N])[N]
ouderdom	((ouder)[N],(dom)[N|N.])[N]
ouderdomsgebrek	(((ouder)[N],(dom)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(gebrek)[N])[N]
ouderdomsklacht	(((ouder)[N],(dom)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(klacht)[N])[N]
ouderdomskwaal	(((ouder)[N],(dom)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(kwaal)[N])[N]
ouderdomsneerslachtigheid	(((ouder)[N],(dom)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((neerslachtig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ouderdomspensioen	(((ouder)[N],(dom)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(pensioen)[N])[N]
ouderdomsproces	(((ouder)[N],(dom)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
ouderdomsrente	(((ouder)[N],(dom)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(rente)[N])[N]
ouderdomsuitkering	(((ouder)[N],(dom)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((uitkeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ouderdomsverschijnsel	(((ouder)[N],(dom)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
ouderdomsverzekering	(((ouder)[N],(dom)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ouderdomsvoorziening	(((ouder)[N],(dom)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ouderdomswet	(((ouder)[N],(dom)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
ouderejaars	((ouder)[A],(e)[N|A.Nx],(jaar)[N],(s)[N|AxN.])[N]
ouderejaarsstudent	(((ouder)[A],(e)[A|A.Nx],(jaar)[N],(s)[A|AxN.])[A],((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
ouderhart	((ouder)[N],(hart)[N])[N]
ouderhuis	((ouder)[N],(huis)[N])[N]
ouderliefde	((ouder)[N],(liefde)[N])[N]
ouderlijk	((ouder)[N],(lijk)[A|N.])[A]
ouderling	((ouder)[A],(ling)[N|A.])[N]
ouderlingschap	(((ouder)[A],(ling)[N|A.])[N],(schap)[N|N.])[N]
ouderloos	((ouder)[N],(loos)[A|N.])[A]
ouderpaar	((ouder)[N],(paar)[N])[N]
ouderparticipatie	((ouder)[N],((participeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
ouderplicht	((ouder)[N],(plicht)[N])[N]
ouderraad	((ouder)[N],(raad)[N])[N]
ouderschap	((ouder)[N],(schap)[N|N.])[N]
ouderschapsverlof	(((ouder)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(verlof)[N])[N]
oudervereniging	((ouder)[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
oudervreugde	((ouder)[N],(vreugde)[N])[N]
ouderwetsheid	((ouderwets)[A],(heid)[N|A.])[N]
oudewijvenknoop	((oud)[A],(e)[N|A.NxN],(wijf)[N],(en)[N|AxN.N],(knoop)[N])[N]
oudewijvenpraat	((oud)[A],(e)[N|A.NxN],(wijf)[N],(en)[N|AxN.N],(praat)[N])[N]
oudgast	((oud)[N|.N],(gast)[N])[N]
oudgediende	((oud)[N|.N],(gediende)[N])[N]
oudheid	((oud)[A],(heid)[N|A.])[N]
oudheidkamer	(((oud)[A],(heid)[N|A.])[N],(kamer)[N])[N]
oudheidkenner	(((oud)[A],(heid)[N|A.])[N],(ken)[V],(er)[N|NV.])[N]
oudheidkunde	(((oud)[A],(heid)[N|A.])[N],(kunde)[N])[N]
oudheidkundig	((((oud)[A],(heid)[N|A.])[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
oudheidskamer	(((oud)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
oudjaar	((oud)[A],(jaar)[N])[N]
oudje	((oud)[N],(je)[N|N.])[N]
oudmodisch	((oud)[A],(mode)[N],(isch)[A|AN.])[A]
oudoom	((oud)[A],(oom)[N])[N]
oudovergrootmoeder	((oud)[A],(overgrootmoeder)[N])[N]
oudovergrootvader	((oud)[A],((over)[P],((groot)[A],(vader)[N])[N])[N])[N]
oudroest	((oud)[N|.N],(roest)[N])[N]
oudroze	((oud)[A],(roze)[N])[N]
oudtante	((oud)[A],(tante)[N])[N]
oudtestamentisch	((oud)[A],(testament)[N],(isch)[A|AN.])[A]
oudtijds	((oud)[A],(tijd)[N],(s)[A|AN.])[A]
oudvader	((oud)[A],(vader)[N])[N]
oudvaderlijk	(((oud)[A],(vader)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A]
oudwijf	((oud)[A],(wijf)[N])[N]
oudwijfs	(((oud)[A],(wijf)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
ounce	(ounce)[N]
out	(out)[A]
outillage	((outilleer)[V],(age)[N|V.])[N]
ouweheer	((oud)[A],(e)[N|A.N],(heer)[N])[N]
ouwehoer	((oud)[A],(e)[N|A.N],(hoer)[N])[N]
ouwehoeren	((oud)[A],(e)[V|A.N],(hoer)[N])[V]
ouwelijk	((ouwe)[N],(lijk)[A|N.])[A]
ovariaal	((ovarium)[N],(aal)[A|N.])[A]
ovationeel	((ovatie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
oven	(oven)[N]
ovendeur	((oven)[N],(deur)[N])[N]
ovenhitte	((oven)[N],(hitte)[N])[N]
ovenkrabber	((oven)[N],(krab)[V],(er)[N|NV.])[N]
ovenpaal	((oven)[N],(paal)[N])[N]
ovenplaat	((oven)[N],(plaat)[N])[N]
ovenschaal	((oven)[N],(schaal)[N])[N]
ovenschotel	((oven)[N],(schotel)[N])[N]
ovenvast	((oven)[N],(vast)[A])[A]
ovenvenster	((oven)[N],(venster)[N])[N]
ovenvers	((oven)[N],(vers)[A])[A]
ovenwant	((oven)[N],(want)[N])[N]
overaccentuering	((over)[N|.N],(((accent)[N],(ueer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overactief	((over)[A|.A],((actie)[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
overafkoeling	((over)[N|.N],(((af)[P],(koel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overaltegenwoordig	(((over)[A],(al)[B])[B],(tegenwoordig)[A])[A]
overbeet	((over)[P],(beet)[N])[N]
overbekend	((over)[A|.A],(bekend)[A])[A]
overbeladen	((over)[A|.V],(beladen)[V])[A]
overbelasten	((over)[V|.V],((be)[V|.N],(last)[N])[V])[V]
overbelasting	(((over)[V|.V],((be)[V|.N],(last)[N])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overbeleefd	((over)[A|.A],(beleefd)[A])[A]
overbelichten	((over)[V|.V],((be)[V|.N],(licht)[N])[V])[V]
overbeschaafd	((over)[A|.A],(beschaafd)[A])[A]
overbeschaafdheid	(((over)[A|.A],(beschaafd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
overbeschaving	((over)[N|.N],(((be)[V|.N],(schaaf)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overbesteding	((over)[N|.N],((besteed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overbevissing	((over)[N|.N],(bevissing)[N])[N]
overbevolking	((over)[N|.N],(((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overbevolkt	((over)[A|.A],(bevolkt)[A])[A]
overbezet	((over)[A|.A],(bezet)[A])[A]
overbezetting	((over)[N|.N],(((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overbezorgd	((over)[A|.A],((be)[A|.Nx],(zorg)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
overbieden	((over)[P],(bied)[V])[V]
overblazen	((over)[P],(blaas)[V])[V]
overblijflokaal	(((over)[P],(blijf)[V])[V],(lokaal)[N])[N]
overblijfsel	(((over)[P],(blijf)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
overblijven	((over)[P],(blijf)[V])[V]
overblijver	(((over)[P],(blijf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
overbloezen	((over)[P],(bloes)[V])[V]
overbluffen	((over)[P],(bluf)[V])[V]
overbodigheid	((overbodig)[A],(heid)[N|A.])[N]
overboeken	((over)[P],(boek)[V])[V]
overboeking	(((over)[P],(boek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overbrengen	((over)[P],(breng)[V])[V]
overbrenger	((over)[N|.N],((breng)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
overbrenging	(((over)[P],(breng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overbrieven	((over)[P],(brief)[N])[V]
overbriever	(((over)[P],(brief)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
overbrugging	((overbrug)[V],(ing)[N|V.])[N]
overbruggingsfunctie	(((overbrug)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
overbruggingsklas	(((overbrug)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klas)[N])[N]
overbruggingsklasse	(((overbrug)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
overbruggingsperiode	(((overbrug)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
overbuur	((over)[A],(buur)[N])[N]
overbuurman	((over)[A],((buur)[N],(man)[N])[N])[N]
overbuurvrouw	((over)[A],((buur)[N],(vrouw)[N])[N])[N]
overcapaciteit	((over)[N|.N],(capaciteit)[N])[N]
overcompensatie	(((over)[V|.V],(compenseer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
overcompenseren	((over)[V|.V],(compenseer)[V])[V]
overcompleet	((over)[A|.A],(compleet)[A])[A]
overconcentratie	((over)[N|.N],((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
overdadig	((overdaad)[N],(ig)[A|N.])[A]
overdadigheid	(((overdaad)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
overdek	((over)[P],(dek)[N])[N]
overdekken	((over)[P],(dek)[V])[V]
overdekking	(((over)[P],(dek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overdelen	((over)[P],(deel)[V])[V]
overdenken	((over)[P],(denk)[V])[V]
overdenking	(((over)[P],(denk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overdoen	((over)[P],(doe)[V])[V]
overdonderen	((over)[P],(donder)[V])[V]
overdosering	((over)[N|.N],(((dosis)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overdosis	((over)[N|.N],(dosis)[N])[N]
overdraagbaar	(((over)[P],(draag)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
overdraagbaarheid	((((over)[P],(draag)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
overdrachtelijk	((overdracht)[N],(elijk)[A|N.])[A]
overdrachtsbrief	((overdracht)[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
overdrachtsinkomen	((overdracht)[N],(s)[N|N.N],(inkomen)[N])[N]
overdrachtskosten	((overdracht)[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
overdrachtsmethode	((overdracht)[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
overdrachtsreactie	((overdracht)[N],(s)[N|N.N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
overdrachtstechniek	((overdracht)[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
overdrachttaks	((overdracht)[N],(taks)[N])[N]
overdragen	((over)[P],(draag)[V])[V]
overdrager	(((over)[P],(draag)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
overdragerij	(((over)[P],(draag)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
overdraging	(((over)[P],(draag)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overdrevenheid	((overdreven)[A],(heid)[N|A.])[N]
overdrijven	((over)[V|.V],(drijf)[V])[V]
overdrijven	((over)[P],(drijf)[V])[V]
overdrijver	(((over)[V|.V],(drijf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
overdrijving	(((over)[V|.V],(drijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overdruk	((over)[N|.N],(druk)[N])[N]
overdrukken	((over)[P],(druk)[V])[V]
overdrukpapier	(((over)[P],(druk)[V])[V],(papier)[N])[N]
overdubben	((over)[P],(dub)[V])[V]
overduidelijk	((over)[A|.A],((duid)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
overduvelen	((over)[P],(duvel)[V])[V]
overdwars	((over)[P],(dwars)[A])[A]
overeenbrengen	((overeen)[B],(breng)[V])[V]
overeenkomen	((overeen)[B],(kom)[V])[V]
overeenkomst	(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N]
overeenkomstig	((((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A]
overeenkomstigheid	(((((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
overeenstemmen	((overeen)[B],(stem)[V])[V]
overeenstemming	(((overeen)[B],(stem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overenten	((over)[P],(ent)[V])[V]
overerfelijk	(((over)[P],(erf)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
overerven	((over)[P],(erf)[V])[V]
overerving	(((over)[P],(erf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overeten	((over)[V|.V],(eet)[V])[V]
overgaan	((over)[P],(ga)[V])[V]
overgaar	((over)[A|.A],(gaar)[A])[A]
overgangsbepaling	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overgangsexamen	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(examen)[N])[N]
overgangsfase	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
overgangsfiguur	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(figuur)[N])[N]
overgangsjaren	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
overgangskabinet	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(kabinet)[N])[N]
overgangsklacht	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(klacht)[N])[N]
overgangsklimaat	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(klimaat)[N])[N]
overgangsleeftijd	((overgang)[N],(s)[N|N.N],((leef)[V],(tijd)[N])[N])[N]
overgangsmaatregel	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
overgangsmogelijkheid	((overgang)[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
overgangsperiode	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
overgangspositie	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
overgangsprobleem	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
overgangspunt	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
overgangsrapport	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(rapport)[N])[N]
overgangsrecht	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
overgangsregeling	((overgang)[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overgangssituatie	((overgang)[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
overgangsstadium	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(stadium)[N])[N]
overgangsstijl	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(stijl)[N])[N]
overgangstijd	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
overgangstoestand	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
overgangsverschijnsel	((overgang)[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
overgangsvorm	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
overgangszone	((overgang)[N],(s)[N|N.N],(zone)[N])[N]
overgave	(((over)[P],(geef)[V])[V])[N]
overgecultiveerd	((over)[A|.A],(gecultiveerd)[A])[A]
overgedienstig	((over)[A|.A],(gedienstig)[A])[A]
overgelukkig	((over)[A|.A],(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
overgeven	((over)[P],(geef)[V])[V]
overgeving	(((over)[P],(geef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overgevoelig	((over)[A|.A],(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
overgevoeligheid	(((over)[A|.A],(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
overgevoeligheidsreactie	((((over)[A|.A],(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
overgewicht	((over)[N|.N],(gewicht)[N])[N]
overgieten	((over)[P],(giet)[V])[V]
overgooien	((over)[P],(gooi)[V])[V]
overgooier	(((over)[P],(gooi)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
overgroeien	((over)[P],(groei)[V])[V]
overgroot	((over)[A|.A],(groot)[A])[A]
overgrootvader	((over)[P],((groot)[A],(vader)[N])[N])[N]
overhaalschuit	((overhaal)[N],(schuit)[N])[N]
overhaasten	((over)[V|.V],(haast)[V])[V]
overhaastig	((over)[A|.A],((haast)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
overhaasting	(((over)[V|.V],(haast)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overhalen	((over)[P],(haal)[V])[V]
overhaling	(((over)[P],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overhand	((over)[N|.N],(hand)[N])[N]
overhandiging	((overhandig)[V],(ing)[N|V.])[N]
overhands	((over)[P],(hand)[N],(s)[A|PN.])[A]
overhangen	((over)[P],(hang)[V])[V]
overheadkosten	((overhead)[N],(kost)[N])[N]
overhebben	((over)[P],(heb)[V])[V]
overheerlijk	((over)[A],((heer)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
overheersen	((over)[P],(heers)[V])[V]
overheerser	(((over)[P],(heers)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
overheersing	(((over)[P],(heers)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overheidsaandacht	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(aandacht)[N])[N]
overheidsaandeel	((overheid)[N],(s)[N|N.N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
overheidsactiviteit	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
overheidsambt	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(ambt)[N])[N]
overheidsapparaat	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
overheidsbedrijf	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
overheidsbeleid	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
overheidsbemoeienis	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(moei)[V])[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
overheidsbemoeiing	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(moei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overheidsbevoegdheid	((overheid)[N],(s)[N|N.N],((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
overheidsbijdrage	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(bijdrage)[N])[N]
overheidsbudget	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(budget)[N])[N]
overheidsbureaucratie	((overheid)[N],(s)[N|N.N],((bureaucratisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
overheidscommissie	((overheid)[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
overheidsconsumptie	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(consumptie)[N])[N]
overheidscontrole	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(controle)[N])[N]
overheidsdaad	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(daad)[N])[N]
overheidsdienaar	((overheid)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
overheidsdienst	((overheid)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
overheidsdwang	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(dwang)[N])[N]
overheidsfinanciën	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(financie)[N])[N]
overheidsfonds	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
overheidsfunctie	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
overheidsfunctionaris	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(functionaris)[N])[N]
overheidsgarantie	((overheid)[N],(s)[N|N.N],((garant)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
overheidsgebouw	((overheid)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
overheidsgezag	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(gezag)[N])[N]
overheidshulp	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(hulp)[N])[N]
overheidsinitiatief	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(initiatief)[N])[N]
overheidsinkomst	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(((in)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
overheidsinstantie	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(instantie)[N])[N]
overheidsinterventie	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(interventie)[N])[N]
overheidsinvloed	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(invloed)[N])[N]
overheidslaboratorium	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(laboratorium)[N])[N]
overheidslichaam	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(lichaam)[N])[N]
overheidsmaatregel	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
overheidsniveau	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
overheidsnota	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(nota)[N])[N]
overheidsopdracht	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(opdracht)[N])[N]
overheidsorgaan	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
overheidsorganisatie	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
overheidspersoon	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(persoon)[N])[N]
overheidsprestatie	((overheid)[N],(s)[N|N.N],((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
overheidsproductie	((overheid)[N],(s)[N|N.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
overheidspublicatie	((overheid)[N],(s)[N|N.N],((publiceer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
overheidsreactie	((overheid)[N],(s)[N|N.N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
overheidsregel	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
overheidssalaris	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(salaris)[N])[N]
overheidsschuld	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(schuld)[N])[N]
overheidssector	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(sector)[N])[N]
overheidssfeer	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
overheidsstandpunt	((overheid)[N],(s)[N|N.N],((stand)[N],(punt)[N])[N])[N]
overheidsstuk	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(stuk)[N])[N]
overheidssubsidie	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(subsidie)[N])[N]
overheidstekort	((overheid)[N],(s)[N|N.N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
overheidstoezicht	((overheid)[N],(s)[N|N.N],((toe)[B],(zicht)[N])[N])[N]
overheidsuitgave	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(uitgave)[N])[N]
overheidsverantwoordelijkheid	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(((verantwoord)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
overheidsvertegenwoordiger	((overheid)[N],(s)[N|N.N],((vertegenwoordig)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
overheidsvisie	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(visie)[N])[N]
overheidsvoorlichting	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overheidsvoorschrift	((overheid)[N],(s)[N|N.N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
overheidsvoorziening	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overheidszorg	((overheid)[N],(s)[N|N.N],(zorg)[N])[N]
overhellen	((over)[P],(hel)[V])[V]
overhelling	(((over)[P],(hel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overhemd	((over)[P],(hemd)[N])[N]
overhemdblouse	(((over)[P],(hemd)[N])[N],(blouse)[N])[N]
overhemdsknoop	(((over)[P],(hemd)[N])[N],(s)[N|N.N],(knoop)[N])[N]
overhevelen	((over)[P],(hevel)[V])[V]
overhoeks	((over)[P],(hoek)[N],(s)[A|PN.])[A]
overhoopgooien	((overhoop)[B],(gooi)[V])[V]
overhoophalen	((overhoop)[B],(haal)[V])[V]
overhoopliggen	((overhoop)[B],(lig)[V])[V]
overhooplopen	((overhoop)[B],(loop)[V])[V]
overhoopschieten	((overhoop)[B],(schiet)[V])[V]
overhoopsmijten	((overhoop)[B],(smijt)[V])[V]
overhoopsteken	((overhoop)[B],(steek)[V])[V]
overhoren	((over)[P],(hoor)[V])[V]
overhoring	(((over)[P],(hoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overhouden	((over)[P],(houd)[V])[V]
overhouder	(((over)[P],(houd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
overhuiven	((over)[P],(huif)[V])[V]
overhuiving	(((over)[P],(huif)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overig	((over)[A],(ig)[A|A.])[A]
overijlen	((over)[V|.V],(ijl)[V])[V]
overijling	(((over)[V|.V],(ijl)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overijverig	((over)[A|.A],((ijver)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
overinvestering	((over)[N|.N],((investeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overjagen	((over)[V|.V],(jaag)[V])[V]
overjagen	((over)[P],(jaag)[V])[V]
overjarig	((over)[A|.A],((jaar)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
overjas	((over)[P],(jas)[N])[N]
overkant	((over)[P],(kant)[N])[N]
overkapitalisatie	((over)[N|.N],(((kapitaal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
overkapping	((overkap)[V],(ing)[N|V.])[N]
overkijken	((over)[P],(kijk)[V])[V]
overkleding	((over)[P],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overkleed	((over)[P],(kleed)[N])[N]
overkoken	((over)[P],(kook)[V])[V]
overkomelijk	(((over)[P],(kom)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
overkomen	((over)[P],(kom)[V])[V]
overkomst	(((over)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N]
overkraging	((over)[P],(kraag)[N],(ing)[N|PN.])[N]
overkrijgen	((over)[P],(krijg)[V])[V]
overkroppen	((over)[V|.V],(krop)[V])[V]
overlaadhaven	(((over)[P],(laad)[V])[V],(haven)[N])[N]
overlaadstation	(((over)[P],(laad)[V])[V],(station)[N])[N]
overladen	((over)[V|.V],(laad)[V])[V]
overladen	((over)[P],(laad)[V])[V]
overladenheid	((overladen)[A],(heid)[N|A.])[N]
overlading	(((over)[P],(laad)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overladingshaven	((((over)[P],(laad)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(haven)[N])[N]
overlappen	((over)[P],(lap)[V])[V]
overlapping	(((over)[P],(lap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overlast	((over)[N|.N],(last)[N])[N]
overlaten	((over)[P],(laat)[V])[V]
overlating	(((over)[P],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overleder	((over)[A],(leder)[N])[N]
overleer	((over)[P],(leer)[N])[N]
overlegeconomie	(((over)[P],(leg)[V])[V],((economisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
overleggen	((over)[P],(leg)[V])[V]
overlegging	(((over)[P],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overlegorgaan	(((over)[P],(leg)[V])[V],(orgaan)[N])[N]
overlegsituatie	(((over)[P],(leg)[V])[V],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
overlegstructuur	(((over)[P],(leg)[V])[V],(structuur)[N])[N]
overleven	((over)[P],(leef)[V])[V]
overleveren	((over)[P],(lever)[V])[V]
overlevering	(((over)[P],(lever)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overleveringsplan	((((over)[P],(lever)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plan)[N])[N]
overleving	(((over)[P],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overlevingscontract	((((over)[P],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(contract)[N])[N]
overlevingsdrang	((((over)[P],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
overlevingsdrift	((((over)[P],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drift)[N])[N]
overlevingsinstinct	((((over)[P],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instinct)[N])[N]
overlevingskans	((((over)[P],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kans)[N])[N]
overlevingsoperatie	((((over)[P],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
overlevingsprobleem	((((over)[P],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
overlevingsstrategie	((((over)[P],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((strategisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
overlevingstechniek	((((over)[P],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
overlevingstijd	((((over)[P],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
overlezen	((over)[P],(lees)[V])[V]
overlezing	(((over)[P],(lees)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overligdag	(((over)[P],(lig)[V])[V],(dag)[N])[N]
overliggeld	(((over)[P],(lig)[V])[V],(geld)[N])[N]
overliggen	((over)[P],(lig)[V])[V]
overlijden	((over)[P],(lijd)[V])[V]
overlijdensadvertentie	((overlijden)[N],(s)[N|N.N],((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
overlijdensakte	((overlijden)[N],(s)[N|N.N],(akte)[N])[N]
overlijdensattest	((overlijden)[N],(s)[N|N.N],(attest)[N])[N]
overlijdensbericht	((overlijden)[N],(s)[N|N.N],(bericht)[N])[N]
overlijdensrisico	((overlijden)[N],(s)[N|N.N],(risico)[N])[N]
overlijdensverzekering	((overlijden)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overloopbeveiliging	(((over)[P],(loop)[V])[V],(((be)[V|.A],(veilig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overlopen	((over)[P],(loop)[V])[V]
overloper	(((over)[P],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
overloping	(((over)[P],(loop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overluiden	((over)[P],(luid)[V])[V]
overmaat	((over)[N|.N],(maat)[N])[N]
overmacht	((over)[N|.N],(macht)[N])[N]
overmachtig	((over)[A|.A],((macht)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
overmaken	((over)[P],(maak)[V])[V]
overmaking	(((over)[P],(maak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overman	((over)[P],(man)[N])[N]
overmatig	(((over)[N|.N],(maat)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
overmatig	((over)[P],(maat)[N],(ig)[A|PN.])[A]
overmeestering	((overmeester)[V],(ing)[N|V.])[N]
overmoed	((over)[N|.N],(moed)[N])[N]
overmoedig	((over)[A|.A],((moed)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
overmoedigheid	(((over)[A|.A],((moed)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
overmouw	((over)[P],(mouw)[N])[N]
overnaad	((over)[P],(naad)[N])[N]
overnaads	(((over)[P],(naad)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
overnaaien	((over)[P],(naai)[V])[V]
overnachten	((over)[P],(nacht)[N])[V]
overnachting	(((over)[P],(nacht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
overneigen	((over)[P],(neig)[V])[V]
overnemen	((over)[P],(neem)[V])[V]
overneming	(((over)[P],(neem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overoud	((over)[A|.A],(oud)[A])[A]
overpad	((over)[P],(pad)[N])[N]
overpeinzen	((over)[P],(peins)[V])[V]
overpeinzing	(((over)[P],(peins)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overpennen	((over)[P],(pen)[V])[V]
overplaatsen	((over)[P],(plaats)[V])[V]
overplaatsing	(((over)[P],(plaats)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overplaatsingsbevel	((((over)[P],(plaats)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bevel)[N])[N]
overplanten	((over)[P],(plant)[V])[V]
overplanting	(((over)[P],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overpompen	((over)[P],(pomp)[V])[V]
overpond	((over)[N|.N],(pond)[N])[N]
overpoten	((over)[P],(poot)[V])[V]
overpotten	((over)[P],(pot)[V])[V]
overpraten	((over)[P],(praat)[V])[V]
overprikkelen	((over)[V|.V],(prikkel)[V])[V]
overprikkeling	(((over)[V|.V],(prikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overproductie	((over)[N|.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
overreding	((overreed)[V],(ing)[N|V.])[N]
overredingskracht	(((overreed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
overredingskunst	(((overreed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
overredingstechniek	(((overreed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
overreiken	((over)[P],(reik)[V])[V]
overrijden	((over)[P],(rijd)[V])[V]
overrijp	((over)[A|.A],(rijp)[A])[A]
overrompeling	((overrompel)[V],(ing)[N|V.])[N]
overschaduwen	((over)[P],(schaduw)[V])[V]
overschakelen	((over)[P],(schakel)[V])[V]
overschakeling	(((over)[P],(schakel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overschatten	((over)[V|.V],(schat)[V])[V]
overschatten	((over)[P],(schat)[V])[V]
overschatting	(((over)[V|.V],(schat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overschenken	((over)[P],(schenk)[V])[V]
overschepen	((over)[P],(scheep)[V])[V]
overscheping	(((over)[P],(scheep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overscheppen	((over)[P],(schep)[V])[V]
overschieten	((over)[P],(schiet)[V])[V]
overschilderen	((over)[P],(schilder)[V])[V]
overschitteren	((over)[P],(schitter)[V])[V]
overschoen	((over)[P],(schoen)[N])[N]
overscholing	((over)[N|.N],((school)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overschoon	((over)[A|.A],(schoon)[A])[A]
overschort	((over)[P],(schort)[N])[N]
overschouwen	((over)[P],(schouw)[V])[V]
overschreeuwen	((over)[P],(schreeuw)[V])[V]
overschrijden	((over)[P],(schrijd)[V])[V]
overschrijding	(((over)[P],(schrijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overschrijdingskans	((((over)[P],(schrijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kans)[N])[N]
overschrijven	((over)[P],(schrijf)[V])[V]
overschrijver	(((over)[P],(schrijf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
overschrijving	(((over)[P],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overschrijvingskosten	((((over)[P],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
overschuiven	((over)[P],(schuif)[V])[V]
overschuiving	(((over)[P],(schuif)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overseinen	((over)[P],(sein)[V])[V]
oversekst	((over)[P],(seks)[N],(t)[A|PN.])[A]
overslaan	((over)[P],(sla)[V])[V]
oversmokkelen	((over)[P],(smokkel)[V])[V]
overspannen	((over)[P],(span)[V])[V]
overspannenheid	((overspannen)[A],(heid)[N|A.])[N]
overspanning	(((over)[P],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
oversparen	((over)[P],(spaar)[V])[V]
oversparing	(((over)[P],(spaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overspatten	((over)[P],(spat)[V])[V]
overspecialisatie	((over)[N|.N],(((speciaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
overspelen	((over)[P],(speel)[V])[V]
overspeler	((overspel)[N],(er)[N|N.])[N]
overspelig	((overspel)[N],(ig)[A|N.])[A]
overspeligheid	(((overspel)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
overspellen	((over)[P],(spel)[V])[V]
overspoelen	((over)[P],(spoel)[V])[V]
overspringen	((over)[P],(spring)[V])[V]
oversprong	((over)[P],(sprong)[N])[N]
overspuiten	((over)[P],(spuit)[V])[V]
overstaan	((over)[P],(sta)[V])[V]
overstap	((over)[P],(stap)[N])[N]
overstapkaartje	(((over)[P],(stap)[V])[V],(kaart)[N])[N]
overstappen	((over)[P],(stap)[V])[V]
oversteekplaats	(((over)[P],(steek)[V])[V],(plaats)[N])[N]
oversteeksel	(((over)[P],(steek)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
oversteken	((over)[P],(steek)[V])[V]
overstelpen	((over)[P],(stelp)[V])[V]
overstelping	(((over)[P],(stelp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overstemmen	((over)[P],(stem)[V])[V]
overstemming	(((over)[P],(stem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
oversterfte	((over)[N|.N],((sterf)[V],(te)[N|V.])[N])[N]
overstijgen	((over)[P],(stijg)[V])[V]
overstralen	((over)[P],(straal)[V])[V]
overstromen	((over)[P],(stroom)[V])[V]
overstroming	(((over)[P],(stroom)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overstromingsramp	((((over)[P],(stroom)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ramp)[N])[N]
oversturen	((over)[P],(stuur)[V])[V]
overstuur	((over)[P],(stuur)[N])[N]
overtallig	((over)[A|.Nx],(tal)[N],(ig)[A|xN.])[A]
overtappen	((over)[P],(tap)[V])[V]
overtekenen	((over)[P],(teken)[V])[V]
overtelegraferen	((over)[P],((telegraaf)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
overtellen	((over)[P],(tel)[V])[V]
overtijdsbehandeling	((over)[P],(tijd)[N],(s)[N|PN.N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overtijgen	((over)[P],(tijg)[V])[V]
overtikken	((over)[P],(tik)[V])[V]
overtillen	((over)[V|.V],(til)[V])[V]
overtimmeren	((over)[P],(timmer)[V])[V]
overtip	((over)[N|.N],(tip)[N])[N]
overtocht	((over)[P],(tocht)[N])[N]
overtolligheid	((overtollig)[A],(heid)[N|A.])[N]
overtoom	((over)[P],(toom)[N])[N]
overtraind	((over)[A|.V],(getraind)[V])[A]
overtraining	((over)[N|.N],((train)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overtreden	((over)[P],(treed)[V])[V]
overtreder	(((over)[P],(treed)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
overtreding	(((over)[P],(treed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overtreffen	((over)[P],(tref)[V])[V]
overtrekken	((over)[P],(trek)[V])[V]
overtrekpapier	(((over)[P],(trek)[V])[V],(papier)[N])[N]
overtreksel	(((over)[P],(trek)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
overtroeven	((over)[P],(troef)[V])[V]
overtrouwen	((over)[P],(trouw)[V])[V]
overtuigdheid	((overtuigd)[A],(heid)[N|A.])[N]
overtuiging	((overtuig)[V],(ing)[N|V.])[N]
overtuigingskracht	(((overtuig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
overtypen	((over)[P],(typ)[V])[V]
overuur	((over)[P],(uur)[N])[N]
overvaart	((over)[P],(vaart)[N])[N]
overvalcommando	(((over)[P],(val)[V])[V],(commando)[N])[N]
overvallen	((over)[P],(val)[V])[V]
overvaller	(((over)[P],(val)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
overvalwagen	(((over)[P],(val)[V])[V],(wagen)[N])[N]
overvaren	((over)[P],(vaar)[V])[V]
oververfijnd	((over)[A|.V],(verfijnd)[V])[A]
oververfijning	((over)[N|.N],(((ver)[V|.A],(fijn)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
oververhitten	((over)[V|.V],((ver)[V|.N],(hitte)[N])[V])[V]
oververhitting	(((over)[V|.V],((ver)[V|.N],(hitte)[N])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
oververmoeid	((over)[A|.A],(vermoeid)[A])[A]
oververmoeidheid	(((over)[A|.A],(vermoeid)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
oververtegenwoordiging	((over)[N|.N],((vertegenwoordig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
oververtellen	((over)[P],((ver)[V|.V],(tel)[V])[V])[V]
oververven	((over)[P],(verf)[V])[V]
oververzadigd	((over)[A|.A],(verzadigd)[A])[A]
oververzadiging	((over)[N|.N],((verzadig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
oververzekering	((over)[N|.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overvet	((over)[A|.A],(vet)[A])[A]
overvleugeling	((overvleugel)[V],(ing)[N|V.])[N]
overvliegen	((over)[P],(vlieg)[V])[V]
overvlieger	(((over)[P],(vlieg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
overvloed	((over)[P],(vloed)[N])[N]
overvloedig	(((over)[P],(vloed)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
overvloedigheid	((((over)[P],(vloed)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
overvloeien	((over)[P],(vloei)[V])[V]
overvloeier	(((over)[P],(vloei)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
overvoeden	((over)[V|.V],(voed)[V])[V]
overvoeding	(((over)[V|.V],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overvoeren	((over)[V|.V],(voer)[V])[V]
overvoeren	((over)[P],(voer)[V])[V]
overvol	((over)[A|.A],(vol)[A])[A]
overvracht	((over)[P],(vracht)[N])[N]
overvragen	((over)[P],(vraag)[V])[V]
overvragen	((over)[V|.V],(vraag)[V])[V]
overvreten	((over)[V|.V],(vreet)[V])[V]
overvriendelijk	((over)[A|.A],((vriend)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
overwaaien	((over)[P],(waai)[V])[V]
overwaard	((over)[A|.A],(waard)[A])[A]
overwaarde	((over)[P],(waarde)[N])[N]
overwaarderen	((over)[V|.V],((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
overwal	((over)[P],(wal)[N])[N]
overwandelen	((over)[P],(wandel)[V])[V]
overwasemen	((over)[P],(wasem)[V])[V]
overweg	((over)[P],(weg)[N])[N]
overwegbeveiliging	(((over)[P],(weg)[N])[N],((be)[V|.A],(veilig)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
overwegboom	(((over)[P],(weg)[N])[N],(boom)[N])[N]
overwegen	((over)[P],(weeg)[V])[V]
overweging	((overweeg)[V],(ing)[N|V.])[N]
overwegwachter	(((over)[P],(weg)[N])[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
overweldiger	((overweldig)[V],(er)[N|V.])[N]
overweldiging	((overweldig)[V],(ing)[N|V.])[N]
overwelfsel	(((over)[P],(welf)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
overwelven	((over)[P],(welf)[V])[V]
overwelving	(((over)[P],(welf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overwerk	((over)[P],(werk)[N])[N]
overwerken	((over)[V|.V],(werk)[V])[V]
overwerken	((over)[P],(werk)[V])[V]
overwerktheid	((overwerkt)[A],(heid)[N|A.])[N]
overwerkuur	(((over)[P],(werk)[V])[V],(uur)[N])[N]
overwerkvergunning	(((over)[P],(werk)[V])[V],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overwicht	((over)[N|.N],(wicht)[N])[N]
overwichtig	(((over)[N|.N],(wicht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
overwinnaar	(((over)[P],(win)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
overwinnares	((((over)[P],(win)[V])[V],(aar)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
overwinnen	((over)[P],(win)[V])[V]
overwinning	(((over)[P],(win)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overwinningsfeest	((((over)[P],(win)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(feest)[N])[N]
overwinningsgodin	((((over)[P],(win)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((god)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
overwinningslied	((((over)[P],(win)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lied)[N])[N]
overwinningsmuziek	((((over)[P],(win)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(muziek)[N])[N]
overwinningsparade	((((over)[P],(win)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((pareer)[V],(ade)[N|V.])[N])[N]
overwinningsroes	((((over)[P],(win)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(roes)[N])[N]
overwinningsteken	((((over)[P],(win)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
overwinningsvreugde	((((over)[P],(win)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vreugde)[N])[N]
overwinst	((over)[N|.N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
overwinteraar	(((over)[P],(winter)[N])[V],(aar)[N|V.])[N]
overwinteraarster	((((over)[P],(winter)[N])[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
overwinteren	((over)[P],(winter)[N])[V]
overwintering	(((over)[P],(winter)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
overwippen	((over)[P],(wip)[V])[V]
overwoekeren	((over)[P],(woeker)[V])[V]
overwoekering	(((over)[P],(woeker)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overwonneling	((overwonnen)[A],(eling)[N|A.])[N]
overzees	(((over)[P],(zee)[N])[B],(s)[A|B.])[A]
overzeilen	((over)[P],(zeil)[V])[V]
overzenden	((over)[P],(zend)[V])[V]
overzending	(((over)[P],(zend)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overzetboot	(((over)[P],(zet)[V])[V],(boot)[N])[N]
overzetdienst	(((over)[P],(zet)[V])[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
overzetster	(((over)[P],(zet)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
overzetten	((over)[P],(zet)[V])[V]
overzetter	(((over)[P],(zet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
overzetting	(((over)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
overzetveer	(((over)[P],(zet)[V])[V],(veer)[N])[N]
overzichtelijk	((overzicht)[N],(elijk)[A|N.])[A]
overzichtelijkheid	(((overzicht)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
overzichtsartikel	((overzicht)[N],(s)[N|N.N],(artikel)[N])[N]
overzichtsfoto	((overzicht)[N],(s)[N|N.N],(foto)[N])[N]
overzichtskaart	((overzicht)[N],(s)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
overzichtsstudie	((overzicht)[N],(s)[N|N.N],(studie)[N])[N]
overzichtstentoonstelling	((overzicht)[N],(s)[N|N.N],((tentoonstel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
overzieden	((over)[P],(zied)[V])[V]
overzien	((over)[P],(zie)[V])[V]
overzienbaar	(((over)[P],(zie)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
overzij	((over)[P],(zij)[N])[N]
overzijde	((over)[P],(zijde)[N])[N]
overzijds	(((over)[P],(zijde)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
overzitten	((over)[P],(zit)[V])[V]
overzwemmen	((over)[P],(zwem)[V])[V]
ovulatie	((ovuleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
ovulatiestoornis	(((ovuleer)[V],(atie)[N|V.])[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
oxer	(oxer)[N]
oxidatie	((oxideer)[V],(atie)[N|V.])[N]
oxidatief	(((oxideer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
ozon	(ozon)[N]
ozonhoudend	((ozon)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
ozonisatie	(((ozon)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
ozoniseren	((ozon)[N],(iseer)[V|N.])[V]
ozonlaag	((ozon)[N],(laag)[N])[N]
ozonlamp	((ozon)[N],(lamp)[N])[N]
ozonlucht	((ozon)[N],(lucht)[N])[N]
ozonrijk	((ozon)[N],(rijk)[A])[A]
ozonsfeer	((ozon)[N],(sfeer)[N])[N]
ozonwater	((ozon)[N],(water)[N])[N]
p	(p)[N]
p-groep	((p)[N],(groep)[N])[N]
pa	(pa)[N]
paai	(paai)[N]
paaien	(paai)[V]
paaiplaats	((paai)[V],(plaats)[N])[N]
paaitijd	((paai)[V],(tijd)[N])[N]
paaivis	((paai)[V],(vis)[N])[N]
paal	(paal)[N]
paalbalk	((paal)[N],(balk)[N])[N]
paalbeschoeiing	((paal)[N],(((be)[V|.V],(schoei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
paalbewoner	((paal)[N],(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
paaldorp	((paal)[N],(dorp)[N])[N]
paalfundering	((paal)[N],((fundeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
paalgording	((paal)[N],((gord)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
paalhoofd	((paal)[N],(hoofd)[N])[N]
paalstand	((paal)[N],(stand)[N])[N]
paalsteek	((paal)[N],(steek)[N])[N]
paalvast	((paal)[N],(vast)[A])[A]
paalwerk	((paal)[N],(werk)[N])[N]
paalwoning	((paal)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
paalworm	((paal)[N],(worm)[N])[N]
paalzitten	((paal)[N],(zit)[V])[V]
paan	(paan)[N]
paap	(paap)[N]
paaps	((paap)[N],(s)[A|N.])[A]
paapsgezind	(((paap)[N],(s)[A|N.])[A],(gezind)[A])[A]
paapsgezindheid	((((paap)[N],(s)[A|N.])[A],(gezind)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
paar	(paar)[N]
paard	(paard)[N]
paardebloem	((paard)[N],(e)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
paardeboon	((paard)[N],(e)[N|N.N],(boon)[N])[N]
paardekastanje	((paard)[N],(e)[N|N.N],(kastanje)[N])[N]
paardenarts	((paard)[N],(en)[N|N.N],(arts)[N])[N]
paardenbeenhouwer	((paard)[N],(en)[N|N.N],((been)[N],(houw)[V],(er)[N|NV.])[N])[N]
paardenbek	((paard)[N],(e)[N|N.N],(bek)[N])[N]
paardenbeslag	((paard)[N],(e)[N|N.N],(beslag)[N])[N]
paardenbiefstuk	((paard)[N],(e)[N|N.N],(biefstuk)[N])[N]
paardenborstel	((paard)[N],(e)[N|N.N],(borstel)[N])[N]
paardenbox	((paard)[N],(e)[N|N.N],(box)[N])[N]
paardenbrood	((paard)[N],(e)[N|N.N],(brood)[N])[N]
paardendek	((paard)[N],(e)[N|N.N],(dek)[N])[N]
paardendeken	((paard)[N],(e)[N|N.N],(deken)[N])[N]
paardendief	((paard)[N],(en)[N|N.N],(dief)[N])[N]
paardendokter	((paard)[N],(en)[N|N.N],(dokter)[N])[N]
paardendracht	((paard)[N],(e)[N|N.N],(dracht)[N])[N]
paardenfokker	((paard)[N],(en)[N|N.Vx],(fok)[V],(er)[N|NxV.])[N]
paardenfokkerij	((paard)[N],(en)[N|N.Vx],(fok)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
paardengebit	((paard)[N],(e)[N|N.N],(gebit)[N])[N]
paardengetrappel	((paard)[N],(e)[N|N.N],((ge)[N|.V],(trappel)[V])[N])[N]
paardengetuig	((paard)[N],(e)[N|N.N],((ge)[N|.N],(tuig)[N])[N])[N]
paardenhaar	((paard)[N],(e)[N|N.N],(haar)[N])[N]
paardenhals	((paard)[N],(e)[N|N.N],(hals)[N])[N]
paardenhandel	((paard)[N],(en)[N|N.N],(handel)[N])[N]
paardenharen	(((paard)[N],(e)[N|N.N],(haar)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
paardenhoef	((paard)[N],(e)[N|N.N],(hoef)[N])[N]
paardenhoofd	((paard)[N],(e)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
paardenhorzel	((paard)[N],(e)[N|N.N],(horzel)[N])[N]
paardenkadaver	((paard)[N],(e)[N|N.N],(kadaver)[N])[N]
paardenkenner	((paard)[N],(en)[N|N.Vx],(ken)[V],(er)[N|NxV.])[N]
paardenkerkhof	((paard)[N],(en)[N|N.N],((kerk)[N],(hof)[N])[N])[N]
paardenknecht	((paard)[N],(e)[N|N.N],(knecht)[N])[N]
paardenkoopman	((paard)[N],(en)[N|N.N],((koop)[V],(man)[N])[N])[N]
paardenkoorts	((paard)[N],(e)[N|N.N],(koorts)[N])[N]
paardenkop	((paard)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
paardenkoper	((paard)[N],(en)[N|N.Vx],(koop)[V],(er)[N|NxV.])[N]
paardenkracht	((paard)[N],(e)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
paardenleder	((paard)[N],(e)[N|N.N],(leder)[N])[N]
paardenleer	((paard)[N],(e)[N|N.N],(leer)[N])[N]
paardenleren	(((paard)[N],(e)[N|N.N],(leer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
paardenleugen	((paard)[N],(e)[N|N.N],(leugen)[N])[N]
paardenlichaam	((paard)[N],(e)[N|N.N],(lichaam)[N])[N]
paardenliefhebber	((paard)[N],(en)[N|N.Vx],((lief)[A],(heb)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
paardenlijf	((paard)[N],(e)[N|N.N],(lijf)[N])[N]
paardenlucht	((paard)[N],(e)[N|N.N],(lucht)[N])[N]
paardenlul	((paard)[N],(e)[N|N.N],(lul)[N])[N]
paardenmaag	((paard)[N],(e)[N|N.N],(maag)[N])[N]
paardenmarkt	((paard)[N],(en)[N|N.N],(markt)[N])[N]
paardenmest	((paard)[N],(e)[N|N.N],(mest)[N])[N]
paardenmiddel	((paard)[N],(e)[N|N.N],(middel)[N])[N]
paardenmolen	((paard)[N],(en)[N|N.N],(molen)[N])[N]
paardenoog	((paard)[N],(e)[N|N.N],(oog)[N])[N]
paardenpoot	((paard)[N],(e)[N|N.N],(poot)[N])[N]
paardenpost	((paard)[N],(en)[N|N.N],(post)[N])[N]
paardenrace	((paard)[N],(en)[N|N.N],(race)[N])[N]
paardenras	((paard)[N],(e)[N|N.N],(ras)[N])[N]
paardenrazzia	((paard)[N],(en)[N|N.N],(razzia)[N])[N]
paardenrennen	((paard)[N],(en)[N|N.V],(ren)[V])[N]
paardenrookvlees	((paard)[N],(e)[N|N.N],((rook)[V],(vlees)[N])[N])[N]
paardenrug	((paard)[N],(e)[N|N.N],(rug)[N])[N]
paardenschedel	((paard)[N],(e)[N|N.N],(schedel)[N])[N]
paardensla	((paard)[N],(e)[N|N.N],(sla)[N])[N]
paardenslachter	((paard)[N],(en)[N|N.Vx],(slacht)[V],(er)[N|NxV.])[N]
paardenslachterij	((paard)[N],(en)[N|N.Vx],(slacht)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
paardenslager	((paard)[N],(en)[N|N.N],(slager)[N])[N]
paardensmid	((paard)[N],(en)[N|N.N],(smid)[N])[N]
paardenspel	((paard)[N],(en)[N|N.N],(spel)[N])[N]
paardensport	((paard)[N],(e)[N|N.N],(sport)[N])[N]
paardensprong	((paard)[N],(e)[N|N.N],(sprong)[N])[N]
paardenstaart	((paard)[N],(e)[N|N.N],(staart)[N])[N]
paardenstal	((paard)[N],(e)[N|N.N],(stal)[N])[N]
paardenstamboek	((paard)[N],(en)[N|N.N],((stam)[N],(boek)[N])[N])[N]
paardenstoeterij	((paard)[N],(en)[N|N.N],(stoeterij)[N])[N]
paardenstront	((paard)[N],(e)[N|N.N],(stront)[N])[N]
paardenteelt	((paard)[N],(en)[N|N.N],(teelt)[N])[N]
paardentram	((paard)[N],(e)[N|N.N],(tram)[N])[N]
paardentuig	((paard)[N],(e)[N|N.N],(tuig)[N])[N]
paardentuiser	((paard)[N],(en)[N|N.Vx],(tuis)[V],(er)[N|NxV.])[N]
paardenvlees	((paard)[N],(e)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
paardenvlieg	((paard)[N],(e)[N|N.N],(vlieg)[N])[N]
paardenvoet	((paard)[N],(e)[N|N.N],(voet)[N])[N]
paardenvolk	((paard)[N],(en)[N|N.N],(volk)[N])[N]
paardenvracht	((paard)[N],(e)[N|N.N],(vracht)[N])[N]
paardenvriend	((paard)[N],(en)[N|N.N],(vriend)[N])[N]
paardenwereld	((paard)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
paardenwerk	((paard)[N],(e)[N|N.N],(werk)[N])[N]
paardenworst	((paard)[N],(e)[N|N.N],(worst)[N])[N]
paardenzeik	((paard)[N],(e)[N|N.N],(zeik)[N])[N]
paardenziekte	((paard)[N],(e)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
paardevijg	((paard)[N],(e)[N|N.N],(vijg)[N])[N]
paardjerijden	((paardje)[N],(rijd)[V])[V]
paardmens	((paard)[N],(mens)[N])[N]
paardrift	((paar)[V],(drift)[N])[N]
paardrijden	((paard)[N],(rijd)[V])[V]
paardrijder	(((paard)[N],(rijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
paardrijdster	(((paard)[N],(rijd)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
paardslengte	((paard)[N],(s)[N|N.N],(lengte)[N])[N]
paardspringen	((paard)[N],(spring)[V])[V]
paardsprong	((paard)[N],(sprong)[N])[N]
paardvoltigeren	((paard)[N],(voltigeer)[V])[V]
paarlemoeren	((paarlemoer)[N],(en)[A|N.])[A]
paarlemoervlinder	((paarlemoer)[N],(vlinder)[N])[N]
paarlen	((parel)[N],(en)[A|N.])[A]
paarplaats	((paar)[V],(plaats)[N])[N]
paars	(paars)[N]
paarsachtig	((paars)[A],(achtig)[A|A.])[A]
paarsblauw	((paars)[A],(blauw)[N])[N]
paarsgewijs	((paar)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
paarsrood	((paars)[A],(rood)[N])[N]
paartijd	((paar)[V],(tijd)[N])[N]
paarvorming	((paar)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
paasbest	((Pasen)[N],(best)[A])[N]
paasbeurt	((Pasen)[N],(beurt)[N])[N]
paasbiecht	((Pasen)[N],(biecht)[N])[N]
paasbloem	((Pasen)[N],(bloem)[N])[N]
paasbrood	((Pasen)[N],(brood)[N])[N]
paascommunie	((Pasen)[N],(communie)[N])[N]
paasdag	((Pasen)[N],(dag)[N])[N]
paasdienst	((Pasen)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
paasdrukte	((Pasen)[N],((druk)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
paasei	((Pasen)[N],(ei)[N])[N]
paasfeest	((Pasen)[N],(feest)[N])[N]
paasgebruik	((Pasen)[N],(gebruik)[N])[N]
paasgezang	((Pasen)[N],((ge)[N|.N],(zang)[N])[N])[N]
paashaas	((Pasen)[N],(haas)[N])[N]
paaskaars	((Pasen)[N],(kaars)[N])[N]
paaslam	((Pasen)[N],(lam)[N])[N]
paaslied	((Pasen)[N],(lied)[N])[N]
paasmaal	((Pasen)[N],(maal)[N])[N]
paasmandje	((Pasen)[N],(mand)[N])[N]
paasnacht	((Pasen)[N],(nacht)[N])[N]
paasos	((Pasen)[N],(os)[N])[N]
paasplicht	((Pasen)[N],(plicht)[N])[N]
paasspel	((Pasen)[N],(spel)[N])[N]
paastijd	((Pasen)[N],(tijd)[N])[N]
paasvakantie	((Pasen)[N],(vakantie)[N])[N]
paasvuur	((Pasen)[N],(vuur)[N])[N]
paaswake	((Pasen)[N],(wake)[N])[N]
paasweek	((Pasen)[N],(week)[N])[N]
pace	(pace)[N]
pacht	(pacht)[N]
pachtakte	((pacht)[V],(akte)[N])[N]
pachtbesluit	((pacht)[V],(besluit)[N])[N]
pachtboer	((pacht)[V],(boer)[N])[N]
pachtboerderij	((pacht)[V],((boer)[V],(derij)[N|V.])[N])[N]
pachtbrief	((pacht)[V],(brief)[N])[N]
pachtceel	((pacht)[V],(ceel)[N])[N]
pachtcontract	((pacht)[V],(contract)[N])[N]
pachten	(pacht)[V]
pachter	((pacht)[V],(er)[N|V.])[N]
pachteres	(((pacht)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
pachtgebied	((pacht)[N],(gebied)[N])[N]
pachtgeld	((pacht)[N],(geld)[N])[N]
pachtgrond	((pacht)[N],(grond)[N])[N]
pachtheer	((pacht)[N],(heer)[N])[N]
pachthoeve	((pacht)[N],(hoeve)[N])[N]
pachthof	((pacht)[N],(hof)[N])[N]
pachtovereenkomst	((pacht)[N],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
pachtsom	((pacht)[N],(som)[N])[N]
pachtstelsel	((pacht)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
pachtster	((pacht)[V],(ster)[N|V.])[N]
pachttermijn	((pacht)[N],(termijn)[N])[N]
pachttijd	((pacht)[N],(tijd)[N])[N]
pachtvoorwaarde	((pacht)[N],(voorwaarde)[N])[N]
pachtvrij	((pacht)[N],(vrij)[A])[A]
pachtwet	((pacht)[N],(wet)[N])[N]
pacificatie	((pacificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
pacifiste	((pacifist)[N],(e)[N|N.])[N]
pacifistisch	((pacifist)[N],(isch)[A|N.])[A]
pack	(pack)[N]
pact	(pact)[N]
pad	(pad)[N]
paddebloot	((pad)[N],(e)[A|N.A],(bloot)[A])[A]
paddel	(paddel)[N]
paddelen	(paddel)[V]
paddengif	((pad)[N],(e)[N|N.N],(gif)[N])[N]
paddengift	((pad)[N],(e)[N|N.N],(gift)[N])[N]
paddenmoedernaakt	((pad)[N],(e)[A|N.A],((moeder)[N],(naakt)[A])[A])[A]
paddennest	((pad)[N],(e)[N|N.N],(nest)[N])[N]
paddenvergif	((pad)[N],(e)[N|N.N],(vergif)[N])[N]
paddenvergift	((pad)[N],(e)[N|N.N],(vergift)[N])[N]
paddestoelvergiftiging	((paddestoel)[N],(((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
paddestoelvormig	((paddestoel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
paddestoelwolk	((paddestoel)[N],(wolk)[N])[N]
padieoogst	((padie)[N],(oogst)[N])[N]
padvinder	((pad)[N],(vind)[V],(er)[N|NV.])[N]
padvinderij	((pad)[N],(vind)[V],(erij)[N|NV.])[N]
padvindersbelofte	(((pad)[N],(vind)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(belofte)[N])[N]
padvindersbeweging	(((pad)[N],(vind)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
padvindersgroet	(((pad)[N],(vind)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(groet)[N])[N]
padvinderskamp	(((pad)[N],(vind)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(kamp)[N])[N]
padvinderslied	(((pad)[N],(vind)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(lied)[N])[N]
padvindersuniform	(((pad)[N],(vind)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(uniform)[N])[N]
padvindster	((pad)[N],(vind)[V],(ster)[N|NV.])[N]
paella	(paella)[N]
paf	(paf)[N]
paffen	(paf)[V]
paffer	((paf)[V],(er)[N|V.])[N]
pafferig	((paf)[A],(erig)[A|A.])[A]
pafferigheid	(((paf)[A],(erig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
paffig	((paf)[A],(ig)[A|A.])[A]
pagadet	(pagadet)[N]
paganistisch	((paganist)[N],(isch)[A|N.])[A]
page	(page)[N]
pagekapsel	((page)[N],((kap)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
pagekop	((page)[N],(kop)[N])[N]
pagina	(pagina)[N]
paginagroot	((pagina)[N],(groot)[A])[A]
paginanummer	((pagina)[N],(nummer)[N])[N]
paginaruimte	((pagina)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
paginatitel	((pagina)[N],(titel)[N])[N]
paginatuur	((pagineer)[V],(atuur)[N|V.])[N]
paginering	((pagineer)[V],(ing)[N|V.])[N]
pagode	(pagode)[N]
pair	(pair)[N]
pais	(pais)[N]
pak	(pak)[N]
pakaan	((pak)[V],(aan)[P])[N]
pakbon	((pak)[V],(bon)[N])[N]
pakezel	((pak)[V],(ezel)[N])[N]
pakgaren	((pak)[V],(garen)[N])[N]
pakgoed	((pak)[V],(goed)[N])[N]
pakhuis	((pak)[V],(huis)[N])[N]
pakhuisknecht	(((pak)[V],(huis)[N])[N],(knecht)[N])[N]
pakhuismeester	(((pak)[V],(huis)[N])[N],(meester)[N])[N]
pakijs	((pak)[V],(ijs)[N])[N]
pakjesavond	((pak)[N],(s)[N|N.N],(avond)[N])[N]
pakjesdrager	((pak)[N],(s)[N|N.Vx],(draag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
pakkage	((pak)[V],(age)[N|V.])[N]
pakkamer	((pak)[V],(kamer)[N])[N]
pakkans	((pak)[V],(kans)[N])[N]
pakken	(pak)[V]
pakker	((pak)[V],(er)[N|V.])[N]
pakkerd	((pak)[V],(erd)[N|V.])[N]
pakkerij	((pak)[V],(erij)[N|V.])[N]
pakketboot	((pakket)[N],(boot)[N])[N]
pakketpost	((pakket)[N],(post)[N])[N]
pakketvaart	((pakket)[N],(vaart)[N])[N]
pakketweger	((pakket)[N],(weeg)[V],(er)[N|NV.])[N]
pakking	((pak)[V],(ing)[N|V.])[N]
pakkingkraan	(((pak)[V],(ing)[N|V.])[N],(kraan)[N])[N]
pakkingring	(((pak)[V],(ing)[N|V.])[N],(ring)[N])[N]
pakkist	((pak)[V],(kist)[N])[N]
pakknecht	((pak)[V],(knecht)[N])[N]
pakkosten	((pak)[V],(kost)[N])[N]
paklaag	((pak)[V],(laag)[N])[N]
paklijst	((pak)[V],(lijst)[N])[N]
paklinnen	((pak)[V],(linnen)[N])[N]
pakmand	((pak)[V],(mand)[N])[N]
pakmateriaal	((pak)[V],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
paknaald	((pak)[N],(naald)[N])[N]
pakpaard	((pak)[V],(paard)[N])[N]
pakpapier	((pak)[V],(papier)[N])[N]
pakschuit	((pak)[V],(schuit)[N])[N]
pakster	((pak)[V],(ster)[N|V.])[N]
pakstro	((pak)[V],(stro)[N])[N]
paktafel	((pak)[V],(tafel)[N])[N]
paktouw	((pak)[V],(touw)[N])[N]
pakwagen	((pak)[V],(wagen)[N])[N]
pakwerk	((pak)[V],(werk)[N])[N]
pakzadel	((pak)[N],(zadel)[N])[N]
pakzolder	((pak)[V],(zolder)[N])[N]
pal	(pal)[N]
paladijn	(paladijn)[N]
palaestra	(palaestra)[N]
palankijn	(palankijn)[N]
palataal	((palatum)[N],(aal)[A|N.])[A]
palatalisatie	((palataliseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
palatalisering	((palataliseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
palaver	(palaver)[N]
palaveren	(palaver)[V]
paleis	(paleis)[N]
paleisachtig	((paleis)[N],(achtig)[A|N.])[A]
paleispark	((paleis)[N],(park)[N])[N]
paleisrevolutie	((paleis)[N],(revolutie)[N])[N]
paleiswacht	((paleis)[N],(wacht)[N])[N]
paleiszaal	((paleis)[N],(zaal)[N])[N]
palen	(paal)[V]
paleolithisch	((Paleolithicum)[N],(isch)[A|N.])[A]
paleontologie	((paleontologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
palering	((paleer)[V],(ing)[N|V.])[N]
palet	(palet)[N]
paletmes	((palet)[N],(mes)[N])[N]
paletten	(palet)[V]
palfrenier	(palfrenier)[N]
palimpsestie	((palimpsest)[N],(ie)[N|N.])[N]
paling	(paling)[N]
palingboer	((paling)[N],(boer)[N])[N]
palingfuik	((paling)[N],(fuik)[N])[N]
palingoproer	((paling)[N],(oproer)[N])[N]
palingpop	((paling)[N],(pop)[N])[N]
palingsoep	((paling)[N],(soep)[N])[N]
palingsteken	((paling)[N],(steek)[V])[V]
palingtrek	((paling)[N],(trek)[N])[N]
palingtrekken	((paling)[N],(trek)[V])[V]
palingvel	((paling)[N],(vel)[N])[N]
palingworst	((paling)[N],(worst)[N])[N]
palissade	(palissade)[N]
palissadering	((palissadeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
palissander	(palissander)[N]
palissanderhout	((palissander)[N],(hout)[N])[N]
palissanderhouten	(((palissander)[N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
palklamp	((pal)[N],(klamp)[N])[N]
pallet	(pallet)[N]
pallium	(pallium)[N]
palliumwolk	((pallium)[N],(wolk)[N])[N]
palm	(palm)[N]
palmachtig	((palm)[N],(achtig)[A|N.])[A]
palmblad	((palm)[N],(blad)[N])[N]
palmboom	((palm)[N],(boom)[N])[N]
palmboter	((palm)[N],(boter)[N])[N]
palmen	(palm)[V]
palmgewelf	((palm)[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
palmhaag	((palm)[N],(haag)[N])[N]
palmhout	((palm)[N],(hout)[N])[N]
palmhouten	(((palm)[N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
palmmerg	((palm)[N],(merg)[N])[N]
palmolie	((palm)[N],(olie)[N])[N]
palmpaas	((palm)[N],(Pasen)[N])[N]
palmpit	((palm)[N],(pit)[N])[N]
palmpittenolie	(((palm)[N],(pit)[N])[N],(en)[N|N.N],(olie)[N])[N]
palmprocessie	((palm)[N],(processie)[N])[N]
palmslag	((palm)[N],(slag)[N])[N]
palmstruik	((palm)[N],(struik)[N])[N]
palmtak	((palm)[N],(tak)[N])[N]
palmwijding	((palm)[N],((wijd)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
palmwijn	((palm)[N],(wijn)[N])[N]
palpabel	((palpeer)[V],(abel)[A|V.])[A]
palpatie	((palpeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
palpitatie	((palpiteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
palrad	((pal)[N],(rad)[N])[N]
palts	(palts)[N]
paltsgraaf	((palts)[N],(graaf)[N])[N]
paltsgraafschap	(((palts)[N],(graaf)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
pamflet	(pamflet)[N]
pamfletschrijver	((pamflet)[N],(schrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
pamflettenliteratuur	((pamflet)[N],(en)[N|N.N],(literatuur)[N])[N]
pamflettenoorlog	((pamflet)[N],(en)[N|N.N],(oorlog)[N])[N]
pamflettist	((pamflet)[N],(ist)[N|N.])[N]
pampagras	((pampa)[N],(gras)[N])[N]
pampahert	((pampa)[N],(hert)[N])[N]
pan	(pan)[N]
panache	(panache)[N]
panamahoed	((panama)[N],(hoed)[N])[N]
panbrood	((pan)[N],(brood)[N])[N]
panchromatisch	((pan)[A|.A],((chroma)[N],(atisch)[A|N.])[A])[A]
pancreas	(pancreas)[N]
pancreasinsufficiëntie	((pancreas)[N],(((in)[A|.A],(sufficiënt)[A])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
pancreasklier	((pancreas)[N],(klier)[N])[N]
pand	(pand)[N]
panda	(panda)[N]
pandbelener	((pand)[N],((be)[V|.V],(leen)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
pandbeslag	((pand)[N],(beslag)[N])[N]
pandbewijs	((pand)[N],(bewijs)[N])[N]
pandbrief	((pand)[N],(brief)[N])[N]
pandemie	((pandemisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
panden	(pand)[V]
pander	((pand)[V],(er)[N|V.])[N]
pandgever	((pand)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N]
pandgeving	((pand)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
pandgoed	((pand)[N],(goed)[N])[N]
pandhof	((pand)[N],(hof)[N])[N]
pandhouder	((pand)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
pandhuis	((pand)[N],(huis)[N])[N]
panding	((pand)[V],(ing)[N|V.])[N]
pandjesbaas	((pandje)[N],(s)[N|N.N],(baas)[N])[N]
pandjeshuis	((pandje)[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
pandjesjas	((pandje)[N],(s)[N|N.N],(jas)[N])[N]
pandnemer	((pand)[N],(neem)[V],(er)[N|NV.])[N]
pandoering	((pandoer)[V],(ing)[N|V.])[N]
pandovereenkomst	((pand)[N],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
pandrecht	((pand)[N],(recht)[N])[N]
pandverbeuren	((pand)[N],((ver)[V|.V],(beur)[V])[V])[V]
paneel	(paneel)[N]
paneeldeur	((paneel)[N],(deur)[N])[N]
paneelraam	((paneel)[N],(raam)[N])[N]
paneelradiator	((paneel)[N],(radiator)[N])[N]
paneelschilder	((paneel)[N],(schilder)[N])[N]
paneelschildering	((paneel)[N],((schilder)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
paneelwerk	((paneel)[N],(werk)[N])[N]
paneelzager	((paneel)[N],(zaag)[V],(er)[N|NV.])[N]
paneermeel	((paneer)[V],(meel)[N])[N]
panel	(panel)[N]
panellid	((panel)[N],(lid)[N])[N]
paneren	(paneer)[V]
pang	(pang)[N]
panharing	((pan)[N],(haring)[N])[N]
paniek	((panisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
paniekachtig	(((panisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(achtig)[A|N.])[A]
paniekbestendig	(((panisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(bestendig)[A])[A]
paniekerig	(((panisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(erig)[A|N.])[A]
paniekerigheid	((((panisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
paniekgevoelen	(((panisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(gevoelen)[N])[N]
panieklichten	(((panisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(licht)[N])[N]
paniekreactie	(((panisch)[A],(iek)[N|A.])[N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
panieksituatie	(((panisch)[A],(iek)[N|A.])[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
panieksluiting	(((panisch)[A],(iek)[N|A.])[N],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
paniektoestand	(((panisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(toestand)[N])[N]
paniekvoetbal	(((panisch)[A],(iek)[N|A.])[N],((voet)[N],(bal)[N])[N])[N]
paniekzaaier	(((panisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(zaai)[V],(er)[N|NV.])[N]
panklaar	((pan)[N],(klaar)[A])[A]
panlat	((pan)[N],(lat)[N])[N]
panlikken	((pan)[N],(lik)[V])[V]
panlikker	(((pan)[N],(lik)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
panlikkerij	(((pan)[N],(lik)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
panne	(panne)[N]
pannenbakker	((pan)[N],(en)[N|N.Vx],(bak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
pannenbakkerij	((pan)[N],(en)[N|N.Vx],(bak)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
pannenbier	((pan)[N],(e)[N|N.N],(bier)[N])[N]
pannenbrood	((pan)[N],(e)[N|N.N],(brood)[N])[N]
pannendak	((pan)[N],(en)[N|N.N],(dak)[N])[N]
pannendekker	((pan)[N],(en)[N|N.Vx],(dek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
pannendeksel	((pan)[N],(e)[N|N.N],((dek)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
pannengreep	((pan)[N],(e)[N|N.N],(greep)[N])[N]
pannenkoek	((pan)[N],(e)[N|N.N],(koek)[N])[N]
pannenkoekmes	(((pan)[N],(e)[N|N.N],(koek)[N])[N],(mes)[N])[N]
pannenlap	((pan)[N],(e)[N|N.N],(lap)[N])[N]
pannenlikken	((pan)[N],(e)[V|N.V],(lik)[V])[V]
pannenlikker	(((pan)[N],(e)[V|N.V],(lik)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
pannenlikkerij	(((pan)[N],(e)[V|N.V],(lik)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
pannenplank	((pan)[N],(en)[N|N.N],(plank)[N])[N]
pannenspons	((pan)[N],(e)[N|N.N],(spons)[N])[N]
pannenvis	((pan)[N],(e)[N|N.N],(vis)[N])[N]
panoramakijker	((panorama)[N],(kijk)[V],(er)[N|NV.])[N]
panoramisch	((panorama)[N],(isch)[A|N.])[A]
panorthodox	((pan)[A|.A],(orthodox)[A])[A]
pantalon	(pantalon)[N]
panter	(panter)[N]
panterachtig	((panter)[N],(achtig)[A|N.])[A]
panterhaai	((panter)[N],(haai)[N])[N]
panterkat	((panter)[N],(kat)[N])[N]
pantervel	((panter)[N],(vel)[N])[N]
pantheïstisch	((pantheïst)[N],(isch)[A|N.])[A]
pantoffel	(pantoffel)[N]
pantoffeldiertje	((pantoffel)[N],(dier)[N])[N]
pantoffelheld	((pantoffel)[N],(held)[N])[N]
pantoffelparade	((pantoffel)[N],((pareer)[V],(ade)[N|V.])[N])[N]
pantoffelplant	((pantoffel)[N],(plant)[N])[N]
pantoffelslak	((pantoffel)[N],(slak)[N])[N]
pantomimiek	(((pantomime)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
pantomimisch	((pantomime)[N],(isch)[A|N.])[A]
pantser	(pantser)[N]
pantserauto	((pantser)[N],(auto)[N])[N]
pantserbekleding	((pantser)[N],(((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
pantserdek	((pantser)[N],(dek)[N])[N]
pantserdekschip	(((pantser)[N],(dek)[N])[N],(schip)[N])[N]
pantserdier	((pantser)[N],(dier)[N])[N]
pantseren	(pantser)[V]
pantserglas	((pantser)[N],(glas)[N])[N]
pantsergranaat	((pantser)[N],(granaat)[N])[N]
pantserhemd	((pantser)[N],(hemd)[N])[N]
pantsering	((pantser)[V],(ing)[N|V.])[N]
pantserkoepel	((pantser)[N],(koepel)[N])[N]
pantserplaat	((pantser)[N],(plaat)[N])[N]
pantserschip	((pantser)[N],(schip)[N])[N]
pantserstaal	((pantser)[N],(staal)[N])[N]
pantservoertuig	((pantser)[N],((voer)[V],(tuig)[N])[N])[N]
pantservuist	((pantser)[N],(vuist)[N])[N]
pantserwagen	((pantser)[N],(wagen)[N])[N]
pantykous	((panty)[N],(kous)[N])[N]
panvis	((pan)[N],(vis)[N])[N]
pap	(pap)[N]
papa	(papa)[N]
papaal	((paus)[N],(aal)[A|N.])[A]
papaja	(papaja)[N]
papaver	(papaver)[N]
papaverachtig	((papaver)[N],(achtig)[A|N.])[A]
papaverbol	((papaver)[N],(bol)[N])[N]
papavermelk	((papaver)[N],(melk)[N])[N]
papaverolie	((papaver)[N],(olie)[N])[N]
papaverrood	((papaver)[N],(rood)[A])[A]
papaversiroop	((papaver)[N],(siroop)[N])[N]
papaverstroop	((papaver)[N],(stroop)[N])[N]
papaverzaad	((papaver)[N],(zaad)[N])[N]
papaverzuur	((papaver)[N],(zuur)[N])[N]
papborstel	((pap)[V],(borstel)[N])[N]
papbuik	((pap)[N],(buik)[N])[N]
papegaaiachtig	((papegaai)[N],(achtig)[A|N.])[A]
papegaaienbek	((papegaai)[N],(e)[N|N.N],(bek)[N])[N]
papegaaienkooi	((papegaai)[N],(e)[N|N.N],(kooi)[N])[N]
papegaaienneus	((papegaai)[N],(e)[N|N.N],(neus)[N])[N]
papegaaienschommel	((papegaai)[N],(e)[N|N.N],(schommel)[N])[N]
papegaaientong	((papegaai)[N],(e)[N|N.N],(tong)[N])[N]
papegaaienziekte	((papegaai)[N],(e)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
papendom	((paap)[N],(endom)[N|N.])[N]
papenhater	((paap)[N],(en)[N|N.Vx],(haat)[V],(er)[N|NxV.])[N]
papenvreter	((paap)[N],(en)[N|N.Vx],(vreet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
paperassen	(paperas)[N]
paperbackeditie	((paperback)[N],(editie)[N])[N]
papeten	((pap)[N],(eet)[V])[V]
papier	(papier)[N]
papierachtig	((papier)[N],(achtig)[A|N.])[A]
papierbak	((papier)[N],(bak)[N])[N]
papierbinder	((papier)[N],(bind)[V],(er)[N|NV.])[N]
papierboek	((papier)[N],(boek)[N])[N]
papierbrij	((papier)[N],(brij)[N])[N]
papieren	((papier)[N],(en)[A|N.])[A]
papierfabricage	((papier)[N],((fabriceer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
papierfabriek	((papier)[N],(fabriek)[N])[N]
papierfabrikant	((papier)[N],((fabriek)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|NV.])[N]
papierformaat	((papier)[N],((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
papiergeld	((papier)[N],(geld)[N])[N]
papiergeritsel	((papier)[N],((ge)[N|.V],(ritsel)[V])[N])[N]
papiergroothandel	((papier)[N],((groot)[A],(handel)[N])[N])[N]
papierhandel	((papier)[N],(handel)[N])[N]
papierklem	((papier)[N],(klem)[N])[N]
papierknijper	((papier)[N],(knijp)[V],(er)[N|NV.])[N]
papierknipsel	((papier)[N],((knip)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
papierlawine	((papier)[N],(lawine)[N])[N]
papierlinnen	((papier)[N],(linnen)[N])[N]
papiermachine	((papier)[N],(machine)[N])[N]
papiermand	((papier)[N],(mand)[N])[N]
papiermerk	((papier)[N],(merk)[N])[N]
papiermolen	((papier)[N],(molen)[N])[N]
papierplant	((papier)[N],(plant)[N])[N]
papierriet	((papier)[N],(riet)[N])[N]
papierrol	((papier)[N],(rol)[N])[N]
papierschaarste	((papier)[N],((schaars)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
papiersnipper	((papier)[N],(snipper)[N])[N]
papierstrook	((papier)[N],(strook)[N])[N]
papiertekort	((papier)[N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
papiertouw	((papier)[N],(touw)[N])[N]
papiertroep	((papier)[N],(troep)[N])[N]
papiervezel	((papier)[N],(vezel)[N])[N]
papiervoorraad	((papier)[N],(voorraad)[N])[N]
papierwinkel	((papier)[N],(winkel)[N])[N]
papierwol	((papier)[N],(wol)[N])[N]
papil	(papil)[N]
papistisch	((papist)[N],(isch)[A|N.])[A]
papkind	((pap)[N],(kind)[N])[N]
paplam	((pap)[N],(lam)[N])[N]
paplepel	((pap)[N],(lepel)[N])[N]
pappen	(pap)[V]
papperig	((pap)[N],(erig)[A|N.])[A]
papperigheid	(((pap)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
pappig	((pap)[N],(ig)[A|N.])[A]
pappot	((pap)[N],(pot)[N])[N]
paprika	(paprika)[N]
paprikapoeder	((paprika)[N],(poeder)[N])[N]
papschool	((pap)[N],(school)[N])[N]
papyrus	(papyrus)[N]
papyrusplant	((papyrus)[N],(plant)[N])[N]
papyrusriet	((papyrus)[N],(riet)[N])[N]
papyrusrol	((papyrus)[N],(rol)[N])[N]
papyrusstruik	((papyrus)[N],(struik)[N])[N]
papzak	((pap)[N],(zak)[N])[N]
paraatheid	((paraat)[A],(heid)[N|A.])[N]
paraattas	((paraat)[A],(tas)[N])[N]
parabel	(parabel)[N]
parabolisch	((parabool)[N],(isch)[A|N.])[A]
paraboolantenne	((parabool)[N],(antenne)[N])[N]
paracentrisch	((para)[A|.A],((centrum)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
paracentrum	((para)[N],(centrum)[N])[N]
parachutefakkel	((parachute)[N],(fakkel)[N])[N]
parachutespringen	((parachute)[N],(spring)[V])[V]
parachutesprong	((parachute)[N],(sprong)[N])[N]
parachutetroepen	((parachute)[N],(troep)[N])[N]
parachutist	((parachute)[N],(ist)[N|N.])[N]
parachutistenbataljon	(((parachute)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(bataljon)[N])[N]
paraclub	((para)[N],(club)[N])[N]
paracommando	((para)[N],(commando)[N])[N]
parade	((pareer)[V],(ade)[N|V.])[N]
parade-uniform	(((pareer)[V],(ade)[N|V.])[N],(uniform)[N])[N]
paradebed	(((pareer)[V],(ade)[N|V.])[N],(bed)[N])[N]
parademarche	(((pareer)[V],(ade)[N|V.])[N],(marche)[N])[N]
parademars	(((pareer)[V],(ade)[N|V.])[N],(mars)[N])[N]
paradentaal	((para)[A|.A],(dentaal)[A])[A]
paradepaard	(((pareer)[V],(ade)[N|V.])[N],(paard)[N])[N]
paradepas	(((pareer)[V],(ade)[N|V.])[N],(pas)[N])[N]
paradeplaats	(((pareer)[V],(ade)[N|V.])[N],(plaats)[N])[N]
paradeplein	(((pareer)[V],(ade)[N|V.])[N],(plein)[N])[N]
paraderen	(((pareer)[V],(ade)[N|V.])[N],(eer)[V|N.])[V]
paradigmatiek	(((paradigma)[N],(atisch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
paradigmatisch	((paradigma)[N],(atisch)[A|N.])[A]
paradijs	(paradijs)[N]
paradijsachtig	((paradijs)[N],(achtig)[A|N.])[A]
paradijsappel	((paradijs)[N],(appel)[N])[N]
paradijselijk	((paradijs)[N],(elijk)[A|N.])[A]
paradijselijkheid	(((paradijs)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
paradijsgeschiedenis	((paradijs)[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
paradijskostuum	((paradijs)[N],(kostuum)[N])[N]
paradijsslang	((paradijs)[N],(slang)[N])[N]
paradijstoestand	((paradijs)[N],(toestand)[N])[N]
paradijsverhaal	((paradijs)[N],(verhaal)[N])[N]
paradijsvogel	((paradijs)[N],(vogel)[N])[N]
paradox	(paradox)[N]
paradoxaal	((paradox)[N],(aal)[A|N.])[A]
paradoxie	((paradox)[N],(ie)[N|N.])[N]
paraferen	((paraaf)[N],(eer)[V|N.])[V]
paraffinekaars	((paraffine)[N],(kaars)[N])[N]
paraffineolie	((paraffine)[N],(olie)[N])[N]
paraffinepapier	((paraffine)[N],(papier)[N])[N]
parafrase	((para)[N|.N],(frase)[N])[N]
parafysica	((para)[N|.N],(fysica)[N])[N]
paragenese	((para)[N|.N],(genese)[N])[N]
paragogisch	((paragoge)[N],(isch)[A|N.])[A]
paragraafteken	((paragraaf)[N],(teken)[N])[N]
paragraferen	((paragraaf)[N],(eer)[V|N.])[V]
parallactisch	((parallax)[N],(isch)[A|N.])[A]
parallelbeweging	((parallel)[A],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
parallelcirkel	((parallel)[A],(cirkel)[N])[N]
paralleldoorsnede	((parallel)[A],(doorsnede)[N])[N]
parallelimport	((parallel)[A],(import)[N])[N]
parallelklas	((parallel)[A],(klas)[N])[N]
parallelklasse	((parallel)[A],(klasse)[N])[N]
parallellie	((parallel)[A],(ie)[N|A.])[N]
parallellijn	((parallel)[A],(lijn)[N])[N]
parallelplaats	((parallel)[A],(plaats)[N])[N]
parallelprojectie	((parallel)[A],(((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N])[N]
parallelschakeling	((parallel)[A],((schakel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
parallelweg	((parallel)[A],(weg)[N])[N]
paralytisch	((paralyse)[N],(isch)[A|N.])[A]
paramedisch	((para)[A|.A],(medisch)[A])[A]
parament	((pareer)[V],(ament)[N|V.])[N]
parameter	((para)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
parametrisch	(((para)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(isch)[A|N.])[A]
paramilitair	((para)[A|.A],(militair)[A])[A]
paranimf	((para)[N|.N],(nimf)[N])[N]
parapluantenne	((paraplu)[N],(antenne)[N])[N]
paraplubak	((paraplu)[N],(bak)[N])[N]
parapluplant	((paraplu)[N],(plant)[N])[N]
paraplustandaard	((paraplu)[N],(standaard)[N])[N]
paraplustander	((paraplu)[N],((sta)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
paraplusysteem	((paraplu)[N],(systeem)[N])[N]
parapsychologie	((para)[N|.N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
parapsychologisch	((para)[A|.A],(psychologisch)[A])[A]
parasietendrager	((parasiet)[N],(en)[N|N.Vx],(draag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
parasietplant	((parasiet)[N],(plant)[N])[N]
parasiteren	((parasiet)[N],(eer)[V|N.])[V]
parasitisch	((parasiet)[N],(isch)[A|N.])[A]
parasolachtig	((parasol)[N],(achtig)[A|N.])[A]
parasoldekker	((parasol)[N],((één)[Q],(dek)[N],(er)[N|QN.])[N])[N]
parasport	((para)[N],(sport)[N])[N]
parastataal	((para)[A|.Nx],(staat)[N],(aal)[A|xN.])[A]
paratroepen	((para)[N],(troep)[N])[N]
paratuberculose	((para)[N|.N],(tuberculose)[N])[N]
paratyfus	((para)[N|.N],(tyfus)[N])[N]
paravane	(paravane)[N]
paraverbinding	((para)[N|.N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
pardonnabel	(((pardon)[N],(eer)[V|N.])[V],(abel)[A|V.])[A]
pardonneren	((pardon)[N],(eer)[V|N.])[V]
pareerbreuk	((pareer)[V],(breuk)[N])[N]
parel	(parel)[N]
parelachtig	((parel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
parelbank	((parel)[N],(bank)[N])[N]
parelcokes	((parel)[N],(cokes)[N])[N]
parelduiken	((parel)[N],(duik)[V])[V]
parelduiker	(((parel)[N],(duik)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
parelen	(parel)[V]
parelen	((parel)[N],(en)[A|N.])[A]
parelgerst	((parel)[V],(gerst)[N])[N]
parelglans	((parel)[N],(glans)[N])[N]
parelgort	((parel)[V],(gort)[N])[N]
parelgrijs	((parel)[N],(grijs)[N])[N]
parelhoen	((parel)[N],(hoen)[N])[N]
parelkoffie	((parel)[N],(koffie)[N])[N]
parelkroon	((parel)[N],(kroon)[N])[N]
parelkwekerij	((parel)[N],(kweek)[V],(erij)[N|NV.])[N]
parelmoer	((parel)[N],(moer)[N])[N]
parelmoerachtig	(((parel)[N],(moer)[N])[N],(achtig)[A|N.])[A]
parelmoeren	(((parel)[N],(moer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
parelmoervlinder	(((parel)[N],(moer)[N])[N],(vlinder)[N])[N]
parelmossel	((parel)[N],(mossel)[N])[N]
pareloester	((parel)[N],(oester)[N])[N]
parelrand	((parel)[N],(rand)[N])[N]
parelscherm	((parel)[N],(scherm)[N])[N]
parelsnoer	((parel)[N],(snoer)[N])[N]
parelspeld	((parel)[N],(speld)[N])[N]
parelsteen	((parel)[N],(steen)[N])[N]
parelvisser	((parel)[N],(vis)[V],(er)[N|NV.])[N]
parelvisserij	((parel)[N],(vis)[V],(erij)[N|NV.])[N]
parelvormig	((parel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
parelwit	((parel)[N],(wit)[N])[N]
parelziekte	((parel)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
parement	((pareer)[V],(ement)[N|V.])[N]
paren	(paar)[V]
parenchijm	(parenchijm)[N]
paretisch	((parese)[N],(isch)[A|N.])[A]
parfum	(parfum)[N]
parfumachtig	((parfum)[N],(achtig)[A|N.])[A]
parfumerie	((parfum)[N],(erie)[N|N.])[N]
parfumeriezaak	(((parfum)[N],(erie)[N|N.])[N],(zaak)[N])[N]
paria	(paria)[N]
pariahond	((paria)[N],(hond)[N])[N]
parig	((paar)[V],(ig)[A|V.])[A]
parikoers	((pari)[B],(koers)[N])[N]
paring	((paar)[V],(ing)[N|V.])[N]
paringsdaad	(((paar)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(daad)[N])[N]
paringsdrang	(((paar)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
paringsdrift	(((paar)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drift)[N])[N]
paringsgedrag	(((paar)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
paringstijd	(((paar)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
parisappel	((Paris)[N],(appel)[N])[N]
pariteit	((paar)[N],(iteit)[N|N.])[N]
pariteitentabel	(((paar)[N],(iteit)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(tabel)[N])[N]
pariteitentafel	(((paar)[N],(iteit)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(tafel)[N])[N]
parka	(parka)[N]
parkaanleg	((park)[N],(aanleg)[N])[N]
parkachtig	((park)[N],(achtig)[A|N.])[A]
parkeerautomaat	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(automaat)[N])[N]
parkeerbaan	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(baan)[N])[N]
parkeerbeleid	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(beleid)[N])[N]
parkeerbiljet	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(biljet)[N])[N]
parkeerboete	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(boete)[N])[N]
parkeerbon	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(bon)[N])[N]
parkeercapaciteit	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(capaciteit)[N])[N]
parkeerfaciliteit	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(faciliteit)[N])[N]
parkeergarage	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(garage)[N])[N]
parkeergeld	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(geld)[N])[N]
parkeergelegenheid	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
parkeerhaven	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(haven)[N])[N]
parkeerhoes	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(hoes)[N])[N]
parkeerinham	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(inham)[N])[N]
parkeerklem	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(klem)[N])[N]
parkeerlicht	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(licht)[N])[N]
parkeermeester	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(meester)[N])[N]
parkeermeter	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
parkeermogelijkheid	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
parkeerontheffing	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],((onthef)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
parkeerplaats	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(plaats)[N])[N]
parkeerplein	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(plein)[N])[N]
parkeerpolitie	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(politie)[N])[N]
parkeerprobleem	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(probleem)[N])[N]
parkeerruimte	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
parkeerschijf	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(schijf)[N])[N]
parkeerstrook	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(strook)[N])[N]
parkeerstudie	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(studie)[N])[N]
parkeertarief	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(tarief)[N])[N]
parkeertegel	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(tegel)[N])[N]
parkeerterrein	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(terrein)[N])[N]
parkeervak	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(vak)[N])[N]
parkeerverbod	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(verbod)[N])[N]
parkeervergunning	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
parkeervoorziening	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
parkeerwachter	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
parkeerwekker	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],((wek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
parkeerzone	(((park)[N],(eer)[V|N.])[V],(zone)[N])[N]
parkeren	((park)[N],(eer)[V|N.])[V]
parketteren	((parket)[N],(eer)[V|N.])[V]
parketvloer	((parket)[N],(vloer)[N])[N]
parketwacht	((parket)[N],(wacht)[N])[N]
parketwachter	((parket)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
parketwrijver	((parket)[N],(wrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
parkhek	((park)[N],(hek)[N])[N]
parkietenzaad	((parkiet)[N],(en)[N|N.N],(zaad)[N])[N]
parkiettulp	((parkiet)[N],(tulp)[N])[N]
parklandschap	((park)[N],((land)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
parkwachter	((park)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
parlementair	((parlement)[N],(air)[N|N.])[N]
parlementeren	((parlement)[N],(eer)[V|N.])[V]
parlementscommissie	((parlement)[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
parlementsdebat	((parlement)[N],(s)[N|N.N],(debat)[N])[N]
parlementsfractie	((parlement)[N],(s)[N|N.N],(fractie)[N])[N]
parlementsgebouw	((parlement)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
parlementslid	((parlement)[N],(s)[N|N.N],(lid)[N])[N]
parlementsverkiezing	((parlement)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
parlementszitting	((parlement)[N],(s)[N|N.N],((zit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
parlevinker	((parlevink)[V],(er)[N|V.])[N]
parmantig	((parmant)[A],(ig)[A|A.])[A]
parmantigheid	(((parmant)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
parmezaans	((parmezaan)[N],(s)[A|N.])[A]
parochiaal	((parochie)[N],(aal)[A|N.])[A]
parochiaan	((parochie)[N],(aan)[N|N.])[N]
parochie	(parochie)[N]
parochieblad	((parochie)[N],(blad)[N])[N]
parochieel	((parochie)[N],(ieel)[A|N.])[A]
parochiegeestelijke	((parochie)[N],(geestelijke)[N])[N]
parochiehuis	((parochie)[N],(huis)[N])[N]
parochiekerk	((parochie)[N],(kerk)[N])[N]
parochiepastoor	((parochie)[N],(pastoor)[N])[N]
parochiepriester	((parochie)[N],(priester)[N])[N]
parochieschool	((parochie)[N],(school)[N])[N]
parochiestelsel	((parochie)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
parochiezaal	((parochie)[N],(zaal)[N])[N]
parodie	(parodie)[N]
parool	(parool)[N]
pars	(pars)[N]
part	(part)[N]
parterrebouw	((parterre)[N],(bouw)[N])[N]
parterreplaats	((parterre)[N],(plaats)[N])[N]
participant	((participeer)[V],(ant)[N|V.])[N]
participatie	((participeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
participatie-ideologie	(((participeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((ideologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
participatiebevordering	(((participeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(((be)[V|.V],(vorder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
participatiebewijs	(((participeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(bewijs)[N])[N]
participatiedemocratie	(((participeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(((democraat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
participatiedoeleinde	(((participeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(doeleinde)[N])[N]
participatiegraad	(((participeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(graad)[N])[N]
participatiemaatschappij	(((participeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(maatschappij)[N])[N]
participatiemogelijkheid	(((participeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
participatieonderwijs	(((participeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(onderwijs)[N])[N]
participatieproces	(((participeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
participatiestelsel	(((participeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
particulier	(particulier)[N]
particuliere	((particulier)[N],(e)[N|N.])[N]
partij-ideoloog	((partij)[N],(ideoloog)[N])[N]
partij-insigne	((partij)[N],(insigne)[N])[N]
partij-instantie	((partij)[N],(instantie)[N])[N]
partijapparaat	((partij)[N],(apparaat)[N])[N]
partijautonomie	((partij)[N],((autonoom)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
partijbelang	((partij)[N],(belang)[N])[N]
partijbeleid	((partij)[N],(beleid)[N])[N]
partijbestuur	((partij)[N],(bestuur)[N])[N]
partijbijeenkomst	((partij)[N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
partijblad	((partij)[N],(blad)[N])[N]
partijbons	((partij)[N],(bons)[N])[N]
partijbonze	((partij)[N],(bonze)[N])[N]
partijbureau	((partij)[N],(bureau)[N])[N]
partijbureaucratie	((partij)[N],((bureaucratisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
partijcel	((partij)[N],(cel)[N])[N]
partijchef	((partij)[N],(chef)[N])[N]
partijcommissie	((partij)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
partijcommunist	((partij)[N],(communist)[N])[N]
partijconferentie	((partij)[N],((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
partijcongres	((partij)[N],(congres)[N])[N]
partijconvent	((partij)[N],(convent)[N])[N]
partijdag	((partij)[N],(dag)[N])[N]
partijdelegatie	((partij)[N],((delegeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
partijdemocratie	((partij)[N],(((democraat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
partijdictatuur	((partij)[N],((dicteer)[V],(atuur)[N|V.])[N])[N]
partijdigheid	((partijdig)[A],(heid)[N|A.])[N]
partijdiscipline	((partij)[N],(discipline)[N])[N]
partijdwang	((partij)[N],(dwang)[N])[N]
partijendemocratie	((partij)[N],(en)[N|N.N],(((democraat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
partijenstelsel	((partij)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
partijensysteem	((partij)[N],(en)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
partijestablishment	((partij)[N],(establishment)[N])[N]
partijformatie	((partij)[N],((formeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
partijfunctionaris	((partij)[N],(functionaris)[N])[N]
partijganger	((partij)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N]
partijgebonden	((partij)[N],(gebonden)[A])[A]
partijgebouw	((partij)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
partijgedoe	((partij)[N],((ge)[N|.V],(doe)[V])[N])[N]
partijgeest	((partij)[N],(geest)[N])[N]
partijgenoot	((partij)[N],(genoot)[N])[N]
partijgenote	(((partij)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
partijgoed	((partij)[N],(goed)[N])[N]
partijgrondslag	((partij)[N],(grondslag)[N])[N]
partijgrootte	((partij)[N],((groot)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
partijhistorie	((partij)[N],((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
partijhiërarchie	((partij)[N],((hiërarchisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
partijhoofdkwartier	((partij)[N],((hoofd)[N],((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N])[N])[N]
partijkabinet	((partij)[N],(kabinet)[N])[N]
partijkader	((partij)[N],(kader)[N])[N]
partijkameraad	((partij)[N],(kameraad)[N])[N]
partijkandidaat	((partij)[N],((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
partijkeuze	((partij)[N],(keuze)[N])[N]
partijkiezen	((partij)[N],(kies)[V])[V]
partijkrant	((partij)[N],(krant)[N])[N]
partijleider	((partij)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
partijleiding	((partij)[N],(leid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
partijleus	((partij)[N],(leus)[N])[N]
partijleuze	((partij)[N],(leuze)[N])[N]
partijlid	((partij)[N],(lid)[N])[N]
partijlijn	((partij)[N],(lijn)[N])[N]
partijloos	((partij)[N],(loos)[A|N.])[A]
partijloyaliteit	((partij)[N],((loyaal)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
partijmaandschrift	((partij)[N],((maand)[N],(schrift)[N])[N])[N]
partijman	((partij)[N],(man)[N])[N]
partijnaam	((partij)[N],(naam)[N])[N]
partijorgaan	((partij)[N],(orgaan)[N])[N]
partijorganisatie	((partij)[N],((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|NV.])[N]
partijpers	((partij)[N],(pers)[N])[N]
partijpolitiek	((partij)[N],(politiek)[N])[N]
partijprogram	((partij)[N],(program)[N])[N]
partijprogramma	((partij)[N],(programma)[N])[N]
partijpropaganda	((partij)[N],(propaganda)[N])[N]
partijraad	((partij)[N],(raad)[N])[N]
partijschap	((partij)[N],(schap)[N|N.])[N]
partijsecretariaat	((partij)[N],((secretaris)[N],(aat)[N|N.])[N])[N]
partijsecretaris	((partij)[N],(secretaris)[N])[N]
partijstandpunt	((partij)[N],((stand)[N],(punt)[N])[N])[N]
partijstelsel	((partij)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
partijstrijd	((partij)[N],(strijd)[N])[N]
partijstructuur	((partij)[N],(structuur)[N])[N]
partijsysteem	((partij)[N],(systeem)[N])[N]
partijtegenstelling	((partij)[N],((tegen)[B],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
partijtop	((partij)[N],(top)[N])[N]
partijtrekken	((partij)[N],(trek)[V])[V]
partijverband	((partij)[N],(verband)[N])[N]
partijvergadering	((partij)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
partijvoorschrift	((partij)[N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
partijvoorzitterschap	((partij)[N],((((voor)[B],(zit)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
partijvriend	((partij)[N],(vriend)[N])[N]
partijweekblad	((partij)[N],((week)[N],(blad)[N])[N])[N]
partijwezen	((partij)[N],(wezen)[N])[N]
partijzucht	((partij)[N],(zucht)[N])[N]
partituurlezen	((partituur)[N],(lees)[V])[V]
partituurspel	((partituur)[N],(spel)[N])[N]
partizaan	(partizaan)[N]
partizanenstrijd	((partizaan)[N],(en)[N|N.N],(strijd)[N])[N]
partnerkeuze	((partner)[N],(keuze)[N])[N]
partnerrelatie	((partner)[N],(relatie)[N])[N]
partnerruil	((partner)[N],(ruil)[N])[N]
partnerwisseling	((partner)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
paruur	((pareer)[V],(uur)[N|V.])[N]
parvenu	(parvenu)[N]
parvenuachtig	((parvenu)[N],(achtig)[A|N.])[A]
pas	(pas)[N]
pasar	(pasar)[N]
pascontrole	((pas)[N],(controle)[N])[N]
pasfoto	((pas)[N],(foto)[N])[N]
pasgeboren	((pas)[A],(geboren)[A])[A]
pasgeld	((pas)[V],(geld)[N])[N]
pashokje	((pas)[V],(hok)[N])[N]
pashoogte	((pas)[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
pashouder	((pas)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
pashoudster	((pas)[A],(houd)[V],(ster)[N|AV.])[N]
pasja	(pasja)[N]
pasjeswet	((pas)[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
paskaart	((pas)[V],(kaart)[N])[N]
paskamer	((pas)[V],(kamer)[N])[N]
pasklaar	((pas)[V],(klaar)[A])[A]
paslood	((pas)[V],(lood)[N])[N]
pasmodel	((pas)[V],(model)[N])[N]
pasmunt	((pas)[V],(munt)[N])[N]
paspoortcontrole	((paspoort)[N],(controle)[N])[N]
paspoortenbureau	((paspoort)[N],(en)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
paspoorthuwelijk	((paspoort)[N],(huwelijk)[N])[N]
paspop	((pas)[V],(pop)[N])[N]
pass	(pass)[N]
passaatgordel	((passaat)[N],(gordel)[N])[N]
passaatwind	((passaat)[N],(wind)[N])[N]
passabel	((passeer)[V],(abel)[A|V.])[A]
passage	((passeer)[V],(age)[N|V.])[N]
passagebiljet	(((passeer)[V],(age)[N|V.])[N],(biljet)[N])[N]
passagebureau	(((passeer)[V],(age)[N|V.])[N],(bureau)[N])[N]
passagegeld	(((passeer)[V],(age)[N|V.])[N],(geld)[N])[N]
passagekantoor	(((passeer)[V],(age)[N|V.])[N],(kantoor)[N])[N]
passagiere	((passagier)[N],(e)[N|N.])[N]
passagiersaccommodatie	((passagier)[N],(s)[N|N.Vx],(accommodeer)[V],(atie)[N|NxV.])[N]
passagiersboot	((passagier)[N],(s)[N|N.N],(boot)[N])[N]
passagiersdeur	((passagier)[N],(s)[N|N.N],(deur)[N])[N]
passagiersdienst	((passagier)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
passagiershut	((passagier)[N],(s)[N|N.N],(hut)[N])[N]
passagierslijst	((passagier)[N],(s)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
passagiersruimte	((passagier)[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
passagiersschip	((passagier)[N],(s)[N|N.N],(schip)[N])[N]
passagierstrap	((passagier)[N],(s)[N|N.N],(trap)[N])[N]
passagierstrein	((passagier)[N],(s)[N|N.N],(trein)[N])[N]
passagiersvliegtuig	((passagier)[N],(s)[N|N.N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
passagiersvlucht	((passagier)[N],(s)[N|N.N],(vlucht)[N])[N]
passant	((passeer)[V],(ant)[N|V.])[N]
passantenhotel	(((passeer)[V],(ant)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(hotel)[N])[N]
passantenhuis	(((passeer)[V],(ant)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
passeergewicht	((passeer)[V],(gewicht)[N])[N]
passeerslag	((passeer)[V],(slag)[N])[N]
passement	((passeer)[V],(ement)[N|V.])[N]
passementwerker	(((passeer)[V],(ement)[N|V.])[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
passementwinkel	(((passeer)[V],(ement)[N|V.])[N],(winkel)[N])[N]
passen	(pas)[V]
passerdoos	((passer)[N],(doos)[N])[N]
passiebloem	((passie)[N],(bloem)[N])[N]
passieboek	((passie)[N],(boek)[N])[N]
passiemuziek	((passie)[N],(muziek)[N])[N]
passiepreek	((passie)[N],(preek)[N])[N]
passiespel	((passie)[N],(spel)[N])[N]
passietijd	((passie)[N],(tijd)[N])[N]
passievol	((passie)[N],(vol)[A])[A]
passievrucht	((passie)[N],(vrucht)[N])[N]
passieweek	((passie)[N],(week)[N])[N]
passing	((pas)[V],(ing)[N|V.])[N]
passioneren	((passie)[N],(ioneer)[V|N.])[V]
passiviteit	((passief)[A],(iteit)[N|A.])[N]
passpiegel	((pas)[V],(spiegel)[N])[N]
pasta	(pasta)[N]
pasteibakker	((pastei)[N],(bak)[V],(er)[N|NV.])[N]
pasteibakkerij	((pastei)[N],(bak)[V],(erij)[N|NV.])[N]
pastel	(pastel)[N]
pastelkleur	((pastel)[N],(kleur)[N])[N]
pastelschilder	((pastel)[N],(schilder)[N])[N]
pastelschilderen	((pastel)[N],(schilder)[V])[V]
pastelstift	((pastel)[N],(stift)[N])[N]
pasteltekening	((pastel)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
pasteltint	((pastel)[N],(tint)[N])[N]
pasteurisatie	((pasteuriseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
pastinakenbed	((pastinaak)[N],(en)[N|N.N],(bed)[N])[N]
pastinakenzaad	((pastinaak)[N],(e)[N|N.N],(zaad)[N])[N]
pastoor	(pastoor)[N]
pastoorschap	((pastoor)[N],(schap)[N|N.])[N]
pastoorshoed	((pastoor)[N],(s)[N|N.N],(hoed)[N])[N]
pastoorsmeid	((pastoor)[N],(s)[N|N.N],(meid)[N])[N]
pastor	(pastor)[N]
pastoraal	((pastor)[N],(aal)[N|N.])[N]
pastoraal	((pastoor)[N],(aal)[A|N.])[A]
pastoraat	((pastoor)[N],(aat)[N|N.])[N]
pastorale	(((pastoor)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N]
pastorie	((pastoor)[N],(ie)[N|N.])[N]
pastorij	((pastoor)[N],(ij)[N|N.])[N]
pasvorm	((pas)[V],(vorm)[N])[N]
pat	(pat)[N]
patat	(patat)[N]
patatkraam	((patat)[N],(kraam)[N])[N]
patatsnijder	((patat)[N],(snijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
patattent	((patat)[N],(tent)[N])[N]
patatzaak	((patat)[N],(zaak)[N])[N]
patentbloem	((patent)[A],(bloem)[N])[N]
patentbureau	((patent)[N],(bureau)[N])[N]
patenteren	((patent)[N],(eer)[V|N.])[V]
patentgeneesmiddel	((patent)[N],((genees)[V],(middel)[N])[N])[N]
patenthouder	((patent)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
patentmeel	((patent)[A],(meel)[N])[N]
patentplichtig	((patent)[N],(plicht)[N],(ig)[A|NN.])[A]
patentrecht	((patent)[N],(recht)[N])[N]
patentsluiting	((patent)[N],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
pater	(pater)[N]
pater-jezuïet	((pater)[N],(jezuïet)[N])[N]
paternosterbol	((paternoster)[N],(bol)[N])[N]
paternosterkraal	((paternoster)[N],(kraal)[N])[N]
paternosterlift	((paternoster)[N],(lift)[N])[N]
paternosterwerk	((paternoster)[N],(werk)[N])[N]
patersbier	((pater)[N],(s)[N|N.N],(bier)[N])[N]
paterskerk	((pater)[N],(s)[N|N.N],(kerk)[N])[N]
paterstuk	((pater)[N],(stuk)[N])[N]
patersvaatje	((pater)[N],(s)[N|N.N],(vat)[N])[N]
paterzalf	((pater)[N],(zalf)[N])[N]
pathologie	((pathologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
patholoog-anatoom	((patholoog)[N],(anatoom)[N])[N]
patiencespel	((patience)[N],(spel)[N])[N]
patina	(patina)[N]
patio	(patio)[N]
patiobungalow	((patio)[N],(bungalow)[N])[N]
patiowoning	((patio)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
patiënte	((patiënt)[N],(e)[N|N.])[N]
patiëntenadministratie	((patiënt)[N],(en)[N|N.N],((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
patiëntenbeleid	((patiënt)[N],(en)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
patiëntenbijsluiter	((patiënt)[N],(en)[N|N.N],((bij)[A],(sluit)[V],(er)[N|AV.])[N])[N]
patiëntencontact	((patiënt)[N],(en)[N|N.N],(contact)[N])[N]
patiëntendemonstratie	((patiënt)[N],(en)[N|N.Vx],(demonstreer)[V],(atie)[N|NxV.])[N]
patiëntenknaak	((patiënt)[N],(en)[N|N.N],(knaak)[N])[N]
patiëntenpopulatie	((patiënt)[N],(en)[N|N.N],(populatie)[N])[N]
patiëntenstop	((patiënt)[N],(en)[N|N.N],(stop)[N])[N]
patiëntenvereniging	((patiënt)[N],(en)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
patiëntiewerk	((patiëntie)[N],(werk)[N])[N]
patria	(patria)[N]
patriarchaal	((patriarch)[N],(aal)[A|N.])[A]
patriarchaat	((patriarch)[N],(aat)[N|N.])[N]
patriciaat	((patriciër)[N],(aat)[N|N.])[N]
patriciërsfamilie	((patriciër)[N],(s)[N|N.N],(familie)[N])[N]
patriciërshuis	((patriciër)[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
patrijshaan	((patrijs)[N],(haan)[N])[N]
patrijshen	((patrijs)[N],(hen)[N])[N]
patrijshond	((patrijs)[N],(hond)[N])[N]
patrijsleghorn	((patrijs)[N],(leghorn)[N])[N]
patrijzenei	((patrijs)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
patrijzenjacht	((patrijs)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
patrijzennest	((patrijs)[N],(e)[N|N.N],(nest)[N])[N]
patrimoniaal	((patrimonie)[N],(aal)[A|N.])[A]
patriottentijd	((patriot)[N],(en)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
patriottisch	((patriot)[N],(isch)[A|N.])[A]
patristiek	((patristisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
patronaat	(((patroon)[N],(eer)[V|N.])[V],(aat)[N|V.])[N]
patronaatsgebouw	((((patroon)[N],(eer)[V|N.])[V],(aat)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
patronage	(((patroon)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N]
patroneren	((patroon)[N],(eer)[V|N.])[V]
patrones	((patroon)[N],(es)[N|N.])[N]
patroniseren	((patroon)[N],(iseer)[V|N.])[V]
patroon	(patroon)[N]
patroonband	((patroon)[N],(band)[N])[N]
patroongordel	((patroon)[N],(gordel)[N])[N]
patroonheilige	((patroon)[N],(heilige)[N])[N]
patroonhouder	((patroon)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
patroonhuls	((patroon)[N],(huls)[N])[N]
patroonpapier	((patroon)[N],(papier)[N])[N]
patroonriem	((patroon)[N],(riem)[N])[N]
patroonschap	((patroon)[N],(schap)[N|N.])[N]
patroonsfeest	((patroon)[N],(s)[N|N.N],(feest)[N])[N]
patroontas	((patroon)[N],(tas)[N])[N]
patrouille	(patrouille)[N]
patrouilleauto	((patrouille)[N],(auto)[N])[N]
patrouilledienst	((patrouille)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
patrouillevaartuig	((patrouille)[N],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
patrouillewagen	((patrouille)[N],(wagen)[N])[N]
pats	(pats)[N]
patsen	(pats)[V]
patser	((pats)[V],(er)[N|V.])[N]
patserig	(((pats)[V],(er)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A]
patserigheid	((((pats)[V],(er)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
patstelling	((pat)[N],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
paté	(paté)[N]
pauk	(pauk)[N]
pauken	(pauk)[V]
paukenslager	((pauk)[N],(e)[N|N.Vx],(sla)[V],(er)[N|NxV.])[N]
paukslager	((pauk)[N],(sla)[V],(er)[N|NV.])[N]
paus	(paus)[N]
pausdom	((paus)[N],(dom)[N|N.])[N]
pauselijk	((paus)[N],(elijk)[A|N.])[A]
pausgezind	((paus)[N],(gezind)[A])[A]
pauskeuze	((paus)[N],(keuze)[N])[N]
pausmobiel	((paus)[N],(mobiel)[N])[N]
pausschap	((paus)[N],(schap)[N|N.])[N]
pauw	(pauw)[N]
pauwblauw	((pauw)[N],(blauw)[A])[A]
pauwenei	((pauw)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
pauwenoog	((pauw)[N],(e)[N|N.N],(oog)[N])[N]
pauwenstaart	((pauw)[N],(e)[N|N.N],(staart)[N])[N]
pauwenveer	((pauw)[N],(e)[N|N.N],(veer)[N])[N]
pauwig	((pauw)[N],(ig)[A|N.])[A]
pauwin	((pauw)[N],(in)[N|N.])[N]
pauwoog	((pauw)[N],(oog)[N])[N]
pauwstaart	((pauw)[N],(staart)[N])[N]
pauze	(pauze)[N]
pauzeconcert	((pauze)[N],(concert)[N])[N]
pauzefilm	((pauze)[N],(film)[N])[N]
pauzeren	((pauze)[N],(eer)[V|N.])[V]
pauzering	(((pauze)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
pauzeteken	((pauze)[N],(teken)[N])[N]
pauzetoets	((pauze)[N],(toets)[N])[N]
pavane	(pavane)[N]
paviljoen	(paviljoen)[N]
paviljoenachtig	((paviljoen)[N],(achtig)[A|N.])[A]
paviljoenhouder	((paviljoen)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
pax	(pax)[N]
peauter	(peauter)[N]
peccadille	(peccadille)[N]
pech	(pech)[N]
pechlamp	((pech)[N],(lamp)[N])[N]
pechvogel	((pech)[N],(vogel)[N])[N]
pecunia	(pecunia)[N]
pedaal	(pedaal)[N]
pedaalas	((pedaal)[N],(as)[N])[N]
pedaalemmer	((pedaal)[N],(emmer)[N])[N]
pedaalharp	((pedaal)[N],(harp)[N])[N]
pedaalridder	((pedaal)[N],(ridder)[N])[N]
pedagoge	((pedagoog)[N],(e)[N|N.])[N]
pedagogie	((pedagogisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
pedagogiek	((pedagogisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
pedaleren	((pedaal)[N],(eer)[V|N.])[V]
pedaleur	(((pedaal)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
pedanterie	((pedant)[N],(erie)[N|N.])[N]
pedanterik	((pedant)[A],(erik)[N|A.])[N]
peddel	(peddel)[N]
peddelaar	((peddel)[V],(aar)[N|V.])[N]
peddelen	(peddel)[V]
pedel	(pedel)[N]
pedellenkamer	((pedel)[N],(en)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
pedelskamer	((pedel)[N],(s)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
pederastie	((pederast)[N],(ie)[N|N.])[N]
pederastisch	((pederast)[N],(isch)[A|N.])[A]
pedologie	((pedologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
pee	(pee)[N]
peekoffie	((pee)[N],(koffie)[N])[N]
peel	(peel)[N]
peen	(peen)[N]
peengras	((peen)[N],(gras)[N])[N]
peenhaar	((peen)[N],(haar)[N])[N]
peer	(peer)[N]
peervormig	((peer)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
pees	(pees)[N]
peesachtig	((pees)[N],(achtig)[A|N.])[A]
peeshamer	((pees)[N],(hamer)[N])[N]
peeskamertje	((pees)[V],(kamer)[N])[N]
peesschede	((pees)[N],(schede)[N])[N]
peet	(peet)[N]
peetdochter	((peet)[N],(dochter)[N])[N]
peetoom	((peet)[N],(oom)[N])[N]
peetschap	((peet)[N],(schap)[N|N.])[N]
peettante	((peet)[N],(tante)[N])[N]
peetvader	((peet)[N],(vader)[N])[N]
peetzoon	((peet)[N],(zoon)[N])[N]
peg	(peg)[N]
pegel	(pegel)[N]
pegelen	(pegel)[V]
peigeren	(peiger)[V]
peil	(peil)[N]
peilantenne	((peil)[V],(antenne)[N])[N]
peilbaar	((peil)[V],(baar)[A|V.])[A]
peildatum	((peil)[V],(datum)[N])[N]
peilen	(peil)[V]
peilglas	((peil)[V],(glas)[N])[N]
peiling	((peil)[V],(ing)[N|V.])[N]
peilketting	((peil)[V],(ketting)[N])[N]
peillood	((peil)[V],(lood)[N])[N]
peilloos	((peil)[N],(loos)[A|N.])[A]
peilschaal	((peil)[V],(schaal)[N])[N]
peilsignaal	((peil)[V],(signaal)[N])[N]
peilstift	((peil)[V],(stift)[N])[N]
peilstok	((peil)[V],(stok)[N])[N]
peilteken	((peil)[V],(teken)[N])[N]
peinzen	(peins)[V]
peinzer	((peins)[V],(er)[N|V.])[N]
peis	(peis)[N]
pek	(pek)[N]
pekblende	((pek)[N],(blende)[N])[N]
pekdraad	((pek)[N],(draad)[N])[N]
pekel	(pekel)[N]
pekelen	(pekel)[V]
pekelharing	((pekel)[N],(haring)[N])[N]
pekelschade	((pekel)[V],(schade)[N])[N]
pekelspek	((pekel)[N],(spek)[N])[N]
pekelvlees	((pekel)[N],(vlees)[N])[N]
pekelwagen	((pekel)[V],(wagen)[N])[N]
pekelwater	((Pekelharing)[N],(water)[N])[N]
pekelworst	((pekel)[N],(worst)[N])[N]
pekelzonde	((pekel)[N],(zonde)[N])[N]
pekingeend	((Peking)[N],(eend)[N])[N]
pekken	(pek)[V]
pekkig	((pek)[N],(ig)[A|N.])[A]
pekkwast	((pek)[V],(kwast)[N])[N]
peklepel	((pek)[V],(lepel)[N])[N]
pekoven	((pek)[N],(oven)[N])[N]
pekpleister	((pek)[V],(pleister)[N])[N]
pekton	((pek)[V],(ton)[N])[N]
pektoorts	((pek)[V],(toorts)[N])[N]
pekzalf	((pek)[N],(zalf)[N])[N]
pel	(pel)[N]
pelen	(peel)[V]
pelerinemantel	((pelerine)[N],(mantel)[N])[N]
pelgrimage	(((pelgrim)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N]
pelgrimeren	((pelgrim)[N],(eer)[V|N.])[V]
pelgrimshaven	((pelgrim)[N],(s)[N|N.N],(haven)[N])[N]
pelgrimshoed	((pelgrim)[N],(s)[N|N.N],(hoed)[N])[N]
pelgrimskleed	((pelgrim)[N],(s)[N|N.N],(kleed)[N])[N]
pelgrimsmantel	((pelgrim)[N],(s)[N|N.N],(mantel)[N])[N]
pelgrimsreis	((pelgrim)[N],(s)[N|N.N],(reis)[N])[N]
pelgrimsroute	((pelgrim)[N],(s)[N|N.N],(route)[N])[N]
pelgrimsstaf	((pelgrim)[N],(s)[N|N.N],(staf)[N])[N]
pelgrimstocht	((pelgrim)[N],(s)[N|N.N],(tocht)[N])[N]
pelhoen	((pellen)[N],(hoen)[N])[N]
pelikaan	(pelikaan)[N]
pelikaanachtig	((pelikaan)[N],(achtig)[A|N.])[A]
pelikaanachtigen	((pelikaan)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
pelikaanskrop	((pelikaan)[N],(s)[N|N.N],(krop)[N])[N]
pellen	(pel)[V]
pellengoed	((pellen)[A],(goed)[N])[N]
peller	((pel)[V],(er)[N|V.])[N]
pellerij	((pel)[V],(erij)[N|V.])[N]
pelletiseren	((pellet)[N],(iseer)[V|N.])[V]
pellets	(pellet)[N]
pelmeel	((pel)[V],(meel)[N])[N]
pelmolen	((pel)[V],(molen)[N])[N]
pelorisch	((pelorie)[N],(isch)[A|N.])[A]
peloton	(peloton)[N]
pelotonscommandant	((peloton)[N],(s)[N|N.Vx],(commandeer)[V],(ant)[N|NxV.])[N]
pelotonsgewijs	((peloton)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
pelotonsvuur	((peloton)[N],(s)[N|N.N],(vuur)[N])[N]
pelotonvuur	((peloton)[N],(vuur)[N])[N]
pelotte	(pelotte)[N]
pelottebal	((pelotte)[N],(bal)[N])[N]
pelottespel	((pelotte)[N],(spel)[N])[N]
pels	(pels)[N]
pelsbij	((pels)[N],(bij)[N])[N]
pelsdier	((pels)[N],(dier)[N])[N]
pelshandel	((pels)[N],(handel)[N])[N]
pelsjacht	((pels)[N],(jacht)[N])[N]
pelsjager	((pels)[N],((jaag)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
pelsjas	((pels)[N],(jas)[N])[N]
pelskever	((pels)[N],(kever)[N])[N]
pelskraag	((pels)[N],(kraag)[N])[N]
pelsmantel	((pels)[N],(mantel)[N])[N]
pelsmot	((pels)[N],(mot)[N])[N]
pelsmuts	((pels)[N],(muts)[N])[N]
pelsrob	((pels)[N],(rob)[N])[N]
pelster	((pel)[V],(ster)[N|V.])[N]
pelswerk	((pels)[N],(werk)[N])[N]
pelswerker	((pels)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
pelterij	((pels)[N],(erij)[N|N.])[N]
pelterijwinkel	(((pels)[N],(erij)[N|N.])[N],(winkel)[N])[N]
peluw	(peluw)[N]
peluwsloop	((peluw)[N],(sloop)[N])[N]
pelvis	(pelvis)[N]
pelzen	((pels)[N],(en)[A|N.])[A]
pelzig	((pels)[N],(ig)[A|N.])[A]
pemmikan	(pemmikan)[N]
pen	(pen)[N]
penaal	((pene)[N],(aal)[A|N.])[A]
penaliteit	(((pene)[N],(aal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
penalty	(penalty)[N]
penaltystip	((penalty)[N],(stip)[N])[N]
penantkastje	((penant)[N],(kast)[N])[N]
penantspiegel	((penant)[N],(spiegel)[N])[N]
penanttafel	((penant)[N],(tafel)[N])[N]
penbankhamer	((pen)[N],((bank)[N],(hamer)[N])[N])[N]
pendag	((pen)[N],(dag)[N])[N]
pendel	(pendel)[N]
pendelaar	((pendel)[V],(aar)[N|V.])[N]
pendelbus	((pendel)[V],(bus)[N])[N]
pendeldienst	((pendel)[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
pendeldiplomatie	((pendel)[V],((diplomatisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
pendelen	(pendel)[V]
pendeloplegging	((pendel)[V],(((op)[P],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
pendelstijl	((pendel)[V],(stijl)[N])[N]
pendelverkeer	((pendel)[V],(verkeer)[N])[N]
pendelzaag	((pendel)[V],(zaag)[N])[N]
pendule	(pendule)[N]
penetrant	((penetreer)[V],(ant)[A|V.])[A]
penetrantie	(((penetreer)[V],(ant)[A|V.])[A],(ie)[N|A.])[N]
penetratie	((penetreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
penetratiegraad	(((penetreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(graad)[N])[N]
pengat	((pen)[N],(gat)[N])[N]
penhamer	((pen)[N],(hamer)[N])[N]
penhouder	((pen)[N],((houd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
penhoudergreep	(((pen)[N],((houd)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(greep)[N])[N]
penibel	(penibel)[A]
penicilline-injectie	((penicilline)[N],(injectie)[N])[N]
penis	(penis)[N]
peniskoker	((penis)[N],(koker)[N])[N]
penisnijd	((penis)[N],(nijd)[N])[N]
penisvormig	((penis)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
penitentie	((penitent)[N],(ie)[N|N.])[N]
pennen	(pen)[V]
pennenbak	((pen)[N],(en)[N|N.N],(bak)[N])[N]
pennendoos	((pen)[N],(en)[N|N.N],(doos)[N])[N]
pennenhouder	((pen)[N],(e)[N|N.N],((houd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
pennenkoker	((pen)[N],(en)[N|N.N],(koker)[N])[N]
pennenkunst	((pen)[N],(e)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
pennenlikker	((pen)[N],(e)[N|N.Vx],(lik)[V],(er)[N|NxV.])[N]
pennenmes	((pen)[N],(e)[N|N.N],(mes)[N])[N]
pennenschacht	((pen)[N],(e)[N|N.N],(schacht)[N])[N]
pennenstok	((pen)[N],(e)[N|N.N],(stok)[N])[N]
pennenstreek	((pen)[N],(e)[N|N.N],(streek)[N])[N]
pennenstrijd	((pen)[N],(e)[N|N.N],(strijd)[N])[N]
pennentrek	((pen)[N],(e)[N|N.N],(trek)[N])[N]
pennenvrucht	((pen)[N],(e)[N|N.N],(vrucht)[N])[N]
penner	((pen)[V],(er)[N|V.])[N]
penning	((pen)[V],(ing)[N|V.])[N]
penningbord	((penning)[N],(bord)[N])[N]
penningkabinet	((penning)[N],(kabinet)[N])[N]
penningkruid	((penning)[N],(kruid)[N])[N]
penningkunde	((penning)[N],(kunde)[N])[N]
penningkundig	((penning)[N],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
penningkunst	((penning)[N],(kunst)[N])[N]
penningmeester	((penning)[N],(meester)[N])[N]
penningmeesteresse	(((penning)[N],(meester)[N])[N],(esse)[N|N.])[N]
penningplaat	((penning)[N],(plaat)[N])[N]
penningsnijder	((penning)[N],(snijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
penningsteen	((penning)[N],(steen)[N])[N]
penologie	((penologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
penoze	(penoze)[N]
penozejongens	((penoze)[N],(jongen)[N])[N]
penozekring	((penoze)[N],(kring)[N])[N]
pens	(pens)[N]
penschrijver	((pen)[N],((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
penseel	(penseel)[N]
penseelbehandeling	((penseel)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
penseelschimmel	((penseel)[N],(schimmel)[N])[N]
penseelschrijver	((penseel)[N],((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
penseelstreek	((penseel)[N],(streek)[N])[N]
penseeltekening	((penseel)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
penseeltrek	((penseel)[N],(trek)[N])[N]
penseelvoering	((penseel)[N],(voer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
penseelvormig	((penseel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
penselen	(penseel)[V]
pensenjager	((pens)[N],(e)[N|N.N],((jaag)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
penserij	((pens)[N],(erij)[N|N.])[N]
pensgerecht	((pens)[N],(gerecht)[N])[N]
pensioen	(pensioen)[N]
pensioenaanspraak	((pensioen)[N],((aan)[P],(spraak)[N])[N])[N]
pensioenaanvraag	((pensioen)[N],((aan)[P],(vraag)[N])[N])[N]
pensioenaanvrage	((pensioen)[N],(aanvrage)[N])[N]
pensioenbijdrage	((pensioen)[N],(bijdrage)[N])[N]
pensioenbreuk	((pensioen)[N],(breuk)[N])[N]
pensioenfonds	((pensioen)[N],(fonds)[N])[N]
pensioengerechtigd	((pensioen)[N],(gerechtigd)[A])[A]
pensioengrondslag	((pensioen)[N],(grondslag)[N])[N]
pensioenjaar	((pensioen)[N],(jaar)[N])[N]
pensioenkas	((pensioen)[N],(kas)[N])[N]
pensioenkorting	((pensioen)[N],(kort)[V],(ing)[N|NV.])[N]
pensioenleeftijd	((pensioen)[N],((leef)[V],(tijd)[N])[N])[N]
pensioenplicht	((pensioen)[N],(plicht)[N])[N]
pensioenpremie	((pensioen)[N],(premie)[N])[N]
pensioenraad	((pensioen)[N],(raad)[N])[N]
pensioenregeling	((pensioen)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
pensioenreserve	((pensioen)[N],(reserve)[N])[N]
pensioensaanspraak	((pensioen)[N],(s)[N|N.N],((aan)[P],(spraak)[N])[N])[N]
pensioensaanvraag	((pensioen)[N],(s)[N|N.N],((aan)[P],(vraag)[N])[N])[N]
pensioensaanvrage	((pensioen)[N],(s)[N|N.N],(aanvrage)[N])[N]
pensioensbijdrage	((pensioen)[N],(s)[N|N.N],(bijdrage)[N])[N]
pensioensgrondslag	((pensioen)[N],(s)[N|N.N],(grondslag)[N])[N]
pensioenskorting	((pensioen)[N],(s)[N|N.Vx],(kort)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
pensioensregeling	((pensioen)[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
pensioensverzekering	((pensioen)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
pensioentijd	((pensioen)[N],(tijd)[N])[N]
pensioentrekkend	((pensioen)[N],(trek)[V],(end)[A|NV.])[A]
pensioenverhaal	((pensioen)[N],(verhaal)[N])[N]
pensioenverzekering	((pensioen)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
pensioenvoorziening	((pensioen)[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
pensioenwet	((pensioen)[N],(wet)[N])[N]
pension	(pension)[N]
pensionaire	((pensionair)[N],(e)[N|N.])[N]
pensionboerderij	((pension)[N],((boer)[V],(derij)[N|V.])[N])[N]
pensionering	((pensioneer)[V],(ing)[N|V.])[N]
pensioneringsleeftijd	(((pensioneer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((leef)[V],(tijd)[N])[N])[N]
pensiongast	((pension)[N],(gast)[N])[N]
pensionhouder	((pension)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
pensionhoudster	((pension)[N],(houd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
pensionprijs	((pension)[N],(prijs)[N])[N]
pensiontehuis	((pension)[N],((te)[P],(huis)[N])[N])[N]
pensjager	((pens)[N],((jaag)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
pensketel	((pens)[N],(ketel)[N])[N]
penssteek	((pens)[N],(steek)[N])[N]
pentagonaal	((pentagoon)[N],(aal)[A|N.])[A]
pentatoniek	((pentatonisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
pentekening	((pen)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
penterhaak	((penter)[V],(haak)[N])[N]
pentertalie	((penter)[V],(talie)[N])[N]
penurie	(penurie)[N]
penvoerder	((pen)[N],(voer)[V],(der)[N|NV.])[N]
penwortel	((pen)[N],(wortel)[N])[N]
pep	(pep)[N]
peper	(peper)[N]
peperachtigen	((peper)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
peperbes	((peper)[N],(bes)[N])[N]
peperbol	((peper)[N],(bol)[N])[N]
peperboom	((peper)[N],(boom)[N])[N]
peperboompje	((peper)[N],(boom)[N])[N]
peperbus	((peper)[N],(bus)[N])[N]
peperdroog	((peper)[N],(droog)[A])[A]
peperduur	((peper)[N],(duur)[A])[A]
peperen	(peper)[V]
peperhuisje	((peper)[N],(huis)[N])[N]
peperig	((peper)[N],(ig)[A|N.])[A]
peperkoek	((peper)[N],(koek)[N])[N]
peperkoeken	(((peper)[N],(koek)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
peperkorrel	((peper)[N],(korrel)[N])[N]
peperland	((peper)[N],(land)[N])[N]
pepermolen	((peper)[N],(molen)[N])[N]
pepermunt	((peper)[N],(munt)[N])[N]
pepermuntachtig	(((peper)[N],(munt)[N])[N],(achtig)[A|N.])[A]
pepermuntolie	(((peper)[N],(munt)[N])[N],(olie)[N])[N]
pepermuntsmaak	(((peper)[N],(munt)[N])[N],(smaak)[N])[N]
pepermuntspiritus	(((peper)[N],(munt)[N])[N],(spiritus)[N])[N]
pepermuntstok	(((peper)[N],(munt)[N])[N],(stok)[N])[N]
pepermuntstroop	(((peper)[N],(munt)[N])[N],(stroop)[N])[N]
pepermuntsuiker	(((peper)[N],(munt)[N])[N],(suiker)[N])[N]
pepermuntthee	(((peper)[N],(munt)[N])[N],(thee)[N])[N]
pepermuntwater	(((peper)[N],(munt)[N])[N],(water)[N])[N]
pepernoot	((peper)[N],(noot)[N])[N]
peperolie	((peper)[N],(olie)[N])[N]
peperplant	((peper)[N],(plant)[N])[N]
pepersaus	((peper)[N],(saus)[N])[N]
pepersteak	((peper)[N],(steak)[N])[N]
peperstruik	((peper)[N],(struik)[N])[N]
pepertuin	((peper)[N],(tuin)[N])[N]
pepervaatje	((peper)[N],(vat)[N])[N]
pepervreter	((peper)[N],((vreet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
pepervuur	((peper)[N],(vuur)[N])[N]
peperwortel	((peper)[N],(wortel)[N])[N]
pepita	(pepita)[N]
pepmiddel	((pep)[N],(middel)[N])[N]
peppelen	((peppel)[N],(en)[A|N.])[A]
peppil	((pep)[N],(pil)[N])[N]
peptalk	((pep)[N],(talk)[N])[N]
perceelsgewijs	((perceel)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
perceelsgewijze	((perceel)[N],(s)[A|N.x],(gewijze)[A|Nx.])[A]
percentagegewijs	((percentage)[N],(gewijs)[A|N.])[A]
percententafel	((percent)[N],(en)[N|N.N],(tafel)[N])[N]
percentsgewijs	((percent)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
percentsgewijze	((percent)[N],(s)[A|N.x],(gewijze)[A|Nx.])[A]
percentteken	((percent)[N],(teken)[N])[N]
percentvoet	((percent)[N],(voet)[N])[N]
perceptiedoofheid	((perceptie)[N],((doof)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
perceptiekosten	((perceptie)[N],(kost)[N])[N]
perceptievermogen	((perceptie)[N],(vermogen)[N])[N]
percolator	((percoleer)[V],(ator)[N|V.])[N]
percussiedopje	((percussie)[N],(dop)[N])[N]
percussiehamer	((percussie)[N],(hamer)[N])[N]
perelaar	((peer)[N],(elaar)[N|N.])[N]
perenbloesem	((peer)[N],(e)[N|N.N],(bloesem)[N])[N]
perenboom	((peer)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
perenboomhout	(((peer)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N],(hout)[N])[N]
perenhout	((peer)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
perenhouten	(((peer)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
perenjaar	((peer)[N],(en)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
perenmoes	((peer)[N],(en)[N|N.N],(moes)[N])[N]
perenpit	((peer)[N],(e)[N|N.N],(pit)[N])[N]
perensap	((peer)[N],(e)[N|N.N],(sap)[N])[N]
perenschil	((peer)[N],(e)[N|N.N],(schil)[N])[N]
perenstroop	((peer)[N],(en)[N|N.N],(stroop)[N])[N]
perentaart	((peer)[N],(en)[N|N.N],(taart)[N])[N]
perenvuur	((peer)[N],(e)[N|N.N],(vuur)[N])[N]
perfectie	((perfect)[A],(ie)[N|A.])[N]
perfectief	(((perfect)[A],(ie)[N|A.])[N],(ief)[A|N.])[A]
perfectioneren	(((perfect)[A],(ie)[N|A.])[N],(ioneer)[V|N.])[V]
perfectionering	((((perfect)[A],(ie)[N|A.])[N],(ioneer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
perfectionisme	(((perfect)[A],(ie)[N|A.])[N],(ionisme)[N|N.])[N]
perfectionistisch	((perfectionist)[N],(isch)[A|N.])[A]
perforateur	((perforeer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
perforatie	((perforeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
perforator	((perforeer)[V],(ator)[N|V.])[N]
perforeerapparaat	((perforeer)[V],(apparaat)[N])[N]
perforeermachine	((perforeer)[V],(machine)[N])[N]
perforeerstempel	((perforeer)[V],(stempel)[N])[N]
pergola	(pergola)[N]
periferie	((periferisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
periglaciaal	((peri)[A|.A],(glaciaal)[A])[A]
periheliumdoorgang	((perihelium)[N],(doorgang)[N])[N]
periheliumpassage	((perihelium)[N],((passeer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
perikel	(perikel)[N]
periode	(periode)[N]
periodebouw	((periode)[N],(bouw)[N])[N]
periodekampioen	((periode)[N],(kampioen)[N])[N]
periodiciteit	(((periode)[N],(iek)[A|N.])[A],(iciteit)[N|A.])[N]
periodiek	((periode)[N],(iek)[N|N.])[N]
periodiseren	((periode)[N],(iseer)[V|N.])[V]
periodisering	(((periode)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
periscoopdiepte	((periscoop)[N],((diep)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
periscopisch	((periscoop)[N],(isch)[A|N.])[A]
peristaltiek	((peristaltisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
peritoneaal	((peritoneum)[N],(aal)[A|N.])[A]
perk	(perk)[N]
perkamentachtig	((perkament)[N],(achtig)[A|N.])[A]
perkamenten	((perkament)[N],(en)[A|N.])[A]
perkamenteren	((perkament)[N],(eer)[V|N.])[V]
perkamentpapier	((perkament)[N],(papier)[N])[N]
perkamentrol	((perkament)[N],(rol)[N])[N]
perkbloem	((perk)[N],(bloem)[N])[N]
perkeloos	((perk)[N],(eloos)[A|N.])[A]
perken	(perk)[V]
perkoenpaal	((perkoen)[N],(paal)[N])[N]
perlitisch	((perliet)[N],(isch)[A|N.])[A]
permanentie	((permanent)[A],(ie)[N|A.])[N]
permeabiliteit	((permeabel)[A],(biliteit)[N|A.])[N]
permutatie	((per)[P],((muteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
permutator	((per)[P],((muteer)[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
peronistisch	((peronist)[N],(isch)[A|N.])[A]
peroperatief	((per)[P],(((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
peroratie	(((per)[P],(oreer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
peroreren	((per)[P],(oreer)[V])[V]
peroxide	((per)[P],(oxide)[N])[N]
perpendiculariseren	((perpendiculair)[N],(iseer)[V|N.])[V]
perplexiteit	((perplex)[A],(iteit)[N|A.])[N]
perron	(perron)[N]
perronchef	((perron)[N],(chef)[N])[N]
perronkaartje	((perron)[N],(kaart)[N])[N]
perronlift	((perron)[N],(lift)[N])[N]
perronwagen	((perron)[N],(wagen)[N])[N]
pers	(pers)[N]
persafdeling	((pers)[N],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
persagent	((pers)[N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
persagentschap	((pers)[N],(((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
persattaché	((pers)[N],(attaché)[N])[N]
persbaar	((pers)[V],(baar)[A|V.])[A]
persbaggermolen	((pers)[N],((bagger)[V],(molen)[N])[N])[N]
persbericht	((pers)[N],(bericht)[N])[N]
persbijeenkomst	((pers)[N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
persboom	((pers)[V],(boom)[N])[N]
persbreidel	((pers)[N],(breidel)[N])[N]
persbrood	((pers)[N],(brood)[N])[N]
persbuis	((pers)[V],(buis)[N])[N]
persbureau	((pers)[N],(bureau)[N])[N]
perscampagne	((pers)[N],(campagne)[N])[N]
perscentrum	((pers)[N],(centrum)[N])[N]
perschef	((pers)[N],(chef)[N])[N]
perscommentaar	((pers)[N],(commentaar)[N])[N]
perscommuniqué	((pers)[N],(communiqué)[N])[N]
persconferentie	((pers)[N],((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
perscongres	((pers)[N],(congres)[N])[N]
perscorrectie	((pers)[N],((correct)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
persdelict	((pers)[N],(delict)[N])[N]
persdienst	((pers)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
persdruk	((pers)[V],(druk)[N])[N]
persecutie	((persecuteer)[V],(ie)[N|V.])[N]
persen	(pers)[V]
perser	((pers)[V],(er)[N|V.])[N]
perserij	((pers)[V],(erij)[N|V.])[N]
perseveratie	((persevereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
persfilter	((pers)[V],(filter)[N])[N]
persfoto	((pers)[N],(foto)[N])[N]
persfotograaf	((pers)[N],(fotograaf)[N])[N]
persgas	((pers)[V],(gas)[N])[N]
persgeheim	((pers)[N],(geheim)[N])[N]
persgesprek	((pers)[N],(gesprek)[N])[N]
persgist	((pers)[V],(gist)[N])[N]
persglas	((pers)[V],(glas)[N])[N]
pershoning	((pers)[V],(honing)[N])[N]
pershooi	((pers)[V],(hooi)[N])[N]
pershout	((pers)[V],(hout)[N])[N]
persiflage	((persifleer)[V],(age)[N|V.])[N]
persijzer	((pers)[V],(ijzer)[N])[N]
persimoen	(persimoen)[N]
persing	((pers)[V],(ing)[N|V.])[N]
persistent	((persisteer)[V],(ent)[A|V.])[A]
persistentie	((persisteer)[V],(entie)[N|V.])[N]
persjongens	((pers)[N],(jongen)[N])[N]
perskaart	((pers)[N],(kaart)[N])[N]
perskamer	((pers)[N],(kamer)[N])[N]
persklaar	((pers)[N],(klaar)[A])[A]
persklep	((pers)[N],(klep)[N])[N]
perskracht	((pers)[V],(kracht)[N])[N]
persleiding	((pers)[V],((leid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
perslucht	((pers)[V],(lucht)[N])[N]
persluchtmachine	(((pers)[V],(lucht)[N])[N],(machine)[N])[N]
persmachine	((pers)[V],(machine)[N])[N]
persman	((pers)[N],(man)[N])[N]
persmatrijs	((pers)[V],(matrijs)[N])[N]
persmerk	((pers)[V],(merk)[N])[N]
persmisdrijf	((pers)[N],(misdrijf)[N])[N]
persmolen	((pers)[V],(molen)[N])[N]
persmuskiet	((pers)[N],(muskiet)[N])[N]
personaliteitsbeginsel	((personaliteit)[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
personeelsaankoop	((personeel)[N],(s)[N|N.N],((aan)[P],(koop)[N])[N])[N]
personeelsadministratie	((personeel)[N],(s)[N|N.N],((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
personeelsadvertentie	((personeel)[N],(s)[N|N.N],((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
personeelsavond	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(avond)[N])[N]
personeelsbehoefte	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(behoefte)[N])[N]
personeelsbeleid	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
personeelsbestand	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(bestand)[N])[N]
personeelsbezetting	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
personeelsblad	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(blad)[N])[N]
personeelsbureau	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
personeelschef	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(chef)[N])[N]
personeelscheffin	(((personeel)[N],(s)[N|N.N],(chef)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
personeelsdienst	((personeel)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
personeelsdossier	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(dossier)[N])[N]
personeelsformatie	((personeel)[N],(s)[N|N.N],((formeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
personeelsfunctionaris	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(functionaris)[N])[N]
personeelsgebrek	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(gebrek)[N])[N]
personeelsgegeven	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(gegeven)[N])[N]
personeelsingang	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(ingang)[N])[N]
personeelslid	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(lid)[N])[N]
personeelsnorm	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(norm)[N])[N]
personeelsorgaan	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
personeelsprobleem	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
personeelsregister	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(register)[N])[N]
personeelsschaarste	((personeel)[N],(s)[N|N.N],((schaars)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
personeelsselectie	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(selectie)[N])[N]
personeelsstop	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(stop)[N])[N]
personeelstekort	((personeel)[N],(s)[N|N.N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
personeelsuitgang	((personeel)[N],(s)[N|N.N],((uit)[P],(gang)[N])[N])[N]
personeelsvereniging	((personeel)[N],(s)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
personeelsvertegenwoordiger	((personeel)[N],(s)[N|N.N],((vertegenwoordig)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
personeelsvoorziening	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
personeelswerk	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
personeelszaken	((personeel)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
personenauto	((persoon)[N],(en)[N|N.N],(auto)[N])[N]
personenlift	((persoon)[N],(en)[N|N.N],(lift)[N])[N]
personenrecht	((persoon)[N],(en)[N|N.N],(recht)[N])[N]
personenregister	((persoon)[N],(en)[N|N.N],(register)[N])[N]
personentrein	((persoon)[N],(en)[N|N.N],(trein)[N])[N]
personenverkeer	((persoon)[N],(en)[N|N.N],(verkeer)[N])[N]
personenvervoer	((persoon)[N],(en)[N|N.N],(vervoer)[N])[N]
personenverzekering	((persoon)[N],(en)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
personenwagen	((persoon)[N],(en)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
personenwagon	((persoon)[N],(en)[N|N.N],(wagon)[N])[N]
personificatie	((personifieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
persoon	(persoon)[N]
persoonkilometer	((persoon)[N],((kilo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
persoonlijkheid	(((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
persoonlijkheidsaspect	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
persoonlijkheidsbeeld	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
persoonlijkheidscultus	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(cultus)[N])[N]
persoonlijkheidsdimensie	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(dimensie)[N])[N]
persoonlijkheidseigenschap	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((eigen)[A],(schap)[N|A.])[N])[N]
persoonlijkheidsintegratie	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((integreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
persoonlijkheidsleer	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
persoonlijkheidsontwikkeling	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
persoonlijkheidsprobleem	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
persoonlijkheidsprofiel	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(profiel)[N])[N]
persoonlijkheidspsychologie	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
persoonlijkheidspsycholoog	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(psycholoog)[N])[N]
persoonlijkheidsstoornis	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
persoonlijkheidsstructuur	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
persoonlijkheidssysteem	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
persoonlijkheidstest	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(test)[N])[N]
persoonlijkheidstheoreticus	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(theoreticus)[N])[N]
persoonlijkheidstheorie	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
persoonlijkheidstype	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(type)[N])[N]
persoonlijkheidsvariabele	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(variabele)[N])[N]
persoonlijkheidsverandering	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
persoonlijkheidsvragenlijst	((((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(en)[N|N.N],(lijst)[N])[N])[N]
persoonsafhankelijk	((persoon)[N],(s)[A|N.A],(((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
persoonsbegrip	((persoon)[N],(s)[N|N.N],(begrip)[N])[N]
persoonsbeschrijving	((persoon)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
persoonsbewijs	((persoon)[N],(s)[N|N.N],(bewijs)[N])[N]
persoonsgebonden	((persoon)[N],(s)[A|N.A],(gebonden)[A])[A]
persoonsgegeven	((persoon)[N],(s)[N|N.N],(gegeven)[N])[N]
persoonskaart	((persoon)[N],(s)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
persoonsnaam	((persoon)[N],(s)[N|N.N],(naam)[N])[N]
persoonsnummer	((persoon)[N],(s)[N|N.N],(nummer)[N])[N]
persoonsontwikkeling	((persoon)[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
persoonsregister	((persoon)[N],(s)[N|N.N],(register)[N])[N]
persoonsregistratie	((persoon)[N],(s)[N|N.N],((registreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
persoonsverbeelding	((persoon)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.N],(beeld)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
persoonsverdubbeling	((persoon)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(dubbel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
persoonsverheerlijking	((persoon)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],((heer)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
persoonsverwisseling	((persoon)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(wissel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
persoonsvorm	((persoon)[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
persoonsvorming	((persoon)[N],(s)[N|N.N],((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
persorgaan	((pers)[N],(orgaan)[N])[N]
persoverzicht	((pers)[N],(overzicht)[N])[N]
perspectieftekenen	((perspectief)[N],(teken)[V])[V]
perspectieftekening	((perspectief)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
perspectivisch	((perspectief)[N],(isch)[A|N.])[A]
perspectiviteit	((perspectief)[A],(iteit)[N|A.])[N]
perspenning	((pers)[N],(penning)[N])[N]
perspiratie	((perspireer)[V],(atie)[N|V.])[N]
persplank	((pers)[V],(plank)[N])[N]
perspomp	((pers)[V],(pomp)[N])[N]
perspot	((pers)[V],(pot)[N])[N]
persprijs	((pers)[N],(prijs)[N])[N]
perspunt	((pers)[V],(punt)[N])[N]
persraad	((pers)[N],(raad)[N])[N]
persrevisie	((pers)[N],((re)[N|.N],(visie)[N])[N])[N]
perssinaasappel	((pers)[V],(sinaasappel)[N])[N]
persslang	((pers)[V],(slang)[N])[N]
persstem	((pers)[N],(stem)[N])[N]
perstribune	((pers)[N],(tribune)[N])[N]
persuasief	((persuasie)[N],(ief)[A|N.])[A]
persvoeder	((pers)[V],(voeder)[N])[N]
persvoer	((pers)[V],(voer)[N])[N]
persvoorlichter	((pers)[N],((voor)[B],(licht)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
persvoorlichting	((pers)[N],((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
persvoorlichtster	((Pers)[N],((voor)[B],(licht)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
persvoorstelling	((pers)[N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
persvorm	((pers)[V],(vorm)[N])[N]
persvrijheid	((pers)[N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
persweeën	((pers)[V],(wee)[N])[N]
perswet	((pers)[N],(wet)[N])[N]
perswetenschap	((pers)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
perswezen	((pers)[N],(wezen)[N])[N]
perszaken	((pers)[N],(zaak)[N])[N]
pertinentie	((pertinent)[A],(ie)[N|A.])[N]
perubalsem	((Peru)[N],(balsem)[N])[N]
perubalsemboom	(((Peru)[N],(balsem)[N])[N],(boom)[V])[N]
peruzilver	((Peru)[N],(zilver)[N])[N]
perverseling	((pervers)[A],(eling)[N|A.])[N]
perversie	((pervers)[A],(ie)[N|A.])[N]
perversiteit	((pervers)[A],(iteit)[N|A.])[N]
perzik	(perzik)[N]
perzikboom	((perzik)[N],(boom)[N])[N]
perzikenboom	((perzik)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
perzikenpit	((perzik)[N],(e)[N|N.N],(pit)[N])[N]
perzikhuid	((perzik)[N],(huid)[N])[N]
perzikkruid	((perzik)[N],(kruid)[N])[N]
perzikpalm	((perzik)[N],(palm)[N])[N]
perzikpit	((perzik)[N],(pit)[N])[N]
perzikpruim	((perzik)[N],(pruim)[N])[N]
perzikwangen	((perzik)[N],(wang)[N])[N]
peseta	(peseta)[N]
peso	(peso)[N]
pessimiste	((pessimist)[N],(e)[N|N.])[N]
pest	(pest)[N]
pestbacil	((pest)[N],(bacil)[N])[N]
pestbacterie	((pest)[N],(bacterie)[N])[N]
pestblaar	((pest)[N],(blaar)[N])[N]
pestblad	((pest)[N],(blad)[N])[N]
pestbui	((pest)[N],(bui)[N])[N]
pestbuil	((pest)[N],(buil)[N])[N]
pesten	(pest)[V]
pestepidemie	((pest)[N],((epidemisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
pesterig	((pest)[V],(erig)[A|V.])[A]
pesterij	((pest)[V],(erij)[N|V.])[N]
pestgeval	((pest)[N],(geval)[N])[N]
pestgezwel	((pest)[N],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
pesthaard	((pest)[N],(haard)[N])[N]
pesthol	((pest)[N],(hol)[N])[N]
pesthuis	((pest)[N],(huis)[N])[N]
pesthumeur	((pest)[N],(humeur)[N])[N]
pestilentie	((pestilent)[A],(ie)[N|A.])[N]
pestkerel	((pest)[N],(kerel)[N])[N]
pestkoorts	((pest)[N],(koorts)[N])[N]
pestkop	((pest)[V],(kop)[N])[N]
pestkruid	((pest)[N],(kruid)[N])[N]
pestlijder	((pest)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
pestlucht	((pest)[N],(lucht)[N])[N]
pestpokken	((pest)[N],(pok)[N])[N]
peststreek	((pest)[N],(streek)[N])[N]
pestvent	((pest)[N],(vent)[N])[N]
pestvogel	((pest)[N],(vogel)[N])[N]
pestziekte	((pest)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
pet	(pet)[N]
petegift	((peet)[N],(e)[N|N.N],(gift)[N])[N]
petekind	((peet)[N],(e)[N|N.N],(kind)[N])[N]
petemoei	((peet)[N],(e)[N|N.N],(moei)[N])[N]
peter	(peter)[N]
peterschap	((peter)[N],(schap)[N|N.])[N]
peterseliesaus	((peterselie)[N],(saus)[N])[N]
peterseliewortel	((peterselie)[N],(wortel)[N])[N]
peterseliezaad	((peterselie)[N],(zaad)[N])[N]
petieterigheid	((petieterig)[A],(heid)[N|A.])[N]
petillant	((petilleer)[V],(ant)[A|V.])[A]
petitierecht	((petitie)[N],(recht)[N])[N]
petitioneren	((petitie)[N],(ioneer)[V|N.])[V]
petitionering	(((petitie)[N],(ioneer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
petoet	(petoet)[N]
petrificatie	((petrificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
petrochemicaliën	((petroleum)[N],(chemicalie)[N])[N]
petrochemie	((petrochemisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
petrografie	((petrografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
petroleumaandeel	((petroleum)[N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
petroleumblik	((petroleum)[N],(blik)[N])[N]
petroleumboer	((petroleum)[N],(boer)[N])[N]
petroleumbron	((petroleum)[N],(bron)[N])[N]
petroleumdamp	((petroleum)[N],(damp)[N])[N]
petroleumgas	((petroleum)[N],(gas)[N])[N]
petroleumhaven	((petroleum)[N],(haven)[N])[N]
petroleumhoudend	((petroleum)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
petroleumkachel	((petroleum)[N],(kachel)[N])[N]
petroleumkan	((petroleum)[N],(kan)[N])[N]
petroleumlaag	((petroleum)[N],(laag)[N])[N]
petroleumlamp	((petroleum)[N],(lamp)[N])[N]
petroleumleiding	((petroleum)[N],((leid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
petroleumlicht	((petroleum)[N],(licht)[N])[N]
petroleumlucht	((petroleum)[N],(lucht)[N])[N]
petroleummaatschappij	((petroleum)[N],(maatschappij)[N])[N]
petroleummarkt	((petroleum)[N],(markt)[N])[N]
petroleummotor	((petroleum)[N],(motor)[N])[N]
petroleumproduct	((petroleum)[N],(product)[N])[N]
petroleumstel	((petroleum)[N],(stel)[N])[N]
petroleumtank	((petroleum)[N],(tank)[N])[N]
petroleumtanker	((petroleum)[N],((tank)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
petroleumtankschip	((petroleum)[N],((tank)[N],(schip)[N])[N])[N]
petroleumvat	((petroleum)[N],(vat)[N])[N]
petroleumveld	((petroleum)[N],(veld)[N])[N]
petroleumvergasser	((petroleum)[N],((ver)[V|.N],(gas)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
petroleumwaarde	((petroleum)[N],(waarde)[N])[N]
pets	(pets)[N]
petsen	(pets)[V]
pettengoed	((pet)[N],(en)[N|N.N],(goed)[N])[N]
pettenwinkel	((pet)[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
petunia	(petunia)[N]
peuk	(peuk)[N]
peul	(peul)[N]
peuldop	((peul)[N],(dop)[N])[N]
peulen	(peul)[V]
peulenschil	((peul)[N],(e)[N|N.N],(schil)[N])[N]
peulerwt	((peul)[N],(erwt)[N])[N]
peulgewas	((peul)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
peulschil	((peul)[N],(schil)[N])[N]
peulvrucht	((peul)[N],(vrucht)[N])[N]
peur	(peur)[N]
peurder	((peur)[V],(der)[N|V.])[N]
peuren	(peur)[V]
peurstok	((peur)[N],(stok)[N])[N]
peurworm	((peur)[V],(worm)[N])[N]
peut	(peut)[N]
peuter	(peuter)[N]
peuteraar	((peuter)[V],(aar)[N|V.])[N]
peutercrèche	((peuter)[N],(crèche)[N])[N]
peuteren	(peuter)[V]
peuterig	((peuter)[V],(ig)[A|V.])[A]
peuterklas	((peuter)[N],(klas)[N])[N]
peuterleider	((peuter)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
peuterleidster	((peuter)[N],(leid)[V],(ster)[N|NV.])[N]
peuterspeelzaal	((peuter)[N],((speel)[V],(zaal)[N])[N])[N]
peuterwerk	((peuter)[V],(werk)[N])[N]
peuzel	(peuzel)[N]
peuzelaar	((peuzel)[V],(aar)[N|V.])[N]
peuzelaarster	(((peuzel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
peuzelen	(peuzel)[V]
peuzeling	((peuzel)[V],(ing)[N|V.])[N]
peuzelwerk	((peuzel)[V],(werk)[N])[N]
pezen	(pees)[V]
pezewever	((pezeweef)[V],(er)[N|V.])[N]
pezig	((pees)[N],(ig)[A|N.])[A]
pezigheid	(((pees)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
pi	(pi)[N]
pianist	((piano)[N],(ist)[N|N.])[N]
pianist-componist	(((piano)[N],(ist)[N|N.])[N],(componist)[N])[N]
pianiste	(((piano)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
piano	(piano)[N]
piano-orgel	((piano)[N],(orgel)[N])[N]
pianobegeleiding	((piano)[N],(((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
pianobop	((piano)[N],(bop)[N])[N]
pianoconcert	((piano)[N],(concert)[N])[N]
pianoforte	((piano)[B],(forte)[B])[N]
pianohand	((piano)[N],(hand)[N])[N]
pianoklas	((piano)[N],(klas)[N])[N]
pianoklasse	((piano)[N],(klasse)[N])[N]
pianokruk	((piano)[N],(kruk)[N])[N]
pianokwartet	((piano)[N],(kwartet)[N])[N]
pianoleraar	((piano)[N],(leraar)[N])[N]
pianolerares	(((piano)[N],(leraar)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
pianoles	((piano)[N],(les)[N])[N]
pianomuziek	((piano)[N],(muziek)[N])[N]
pianospel	((piano)[N],(spel)[N])[N]
pianospelen	((piano)[N],(speel)[V])[V]
pianospeler	(((piano)[N],(speel)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
pianostemmer	((piano)[N],(stem)[V],(er)[N|NV.])[N]
pianotrio	((piano)[N],(trio)[N])[N]
pianovirtuoos	((piano)[N],(virtuoos)[N])[N]
pias	(pias)[N]
piasserig	((pias)[N],(erig)[A|N.])[A]
piasserij	((pias)[N],(erij)[N|N.])[N]
piassig	((pias)[N],(ig)[A|N.])[A]
piaster	(piaster)[N]
piazza	(piazza)[N]
picador	(picador)[N]
picaro	(picaro)[N]
piccalilly	(piccalilly)[N]
piccolofluit	((piccolo)[N],(fluit)[N])[N]
piccoloïst	((piccolo)[N],(ist)[N|N.])[N]
pick-upaansluiting	((pick-up)[N],((aan)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
picknickmand	((picknick)[V],(mand)[N])[N]
picknickpartij	((picknick)[V],(partij)[N])[N]
pief	(pief)[N]
piefje	(pief)[N]
piek	(piek)[N]
pieken	(piek)[V]
piekeraar	((pieker)[V],(aar)[N|V.])[N]
piekeraarster	(((pieker)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
piekeren	(pieker)[V]
piekerig	((piek)[V],(erig)[A|V.])[A]
piekhaar	((piek)[N],(haar)[N])[N]
pieklast	((piek)[N],(last)[N])[N]
pieklastturbine	(((piek)[N],(last)[N])[N],(turbine)[N])[N]
piekpijp	((piek)[N],(pijp)[N])[N]
piektijd	((piek)[N],(tijd)[N])[N]
piekuur	((piek)[N],(uur)[N])[N]
piekvermogen	((piek)[N],(vermogen)[N])[N]
piel	(piel)[N]
pielen	(piel)[V]
pielepoot	((piel)[N],(e)[N|N.N],(poot)[N])[N]
piemel	(piemel)[N]
piemelen	(piemel)[V]
piemelnaakt	((piemel)[N],(naakt)[A])[A]
pienter	(pienter)[A]
pienterheid	((pienter)[A],(heid)[N|A.])[N]
piep	(piep)[A]
piepdier	((piep)[V],(dier)[N])[N]
piepen	(piep)[V]
pieper	((piep)[V],(er)[N|V.])[N]
pieperig	((piep)[V],(erig)[A|V.])[A]
piepkuiken	((piep)[V],(kuiken)[N])[N]
piepplastic	((piep)[V],(plastic)[N])[N]
piepschuim	((piep)[V],(schuim)[N])[N]
piepstem	((piep)[V],(stem)[N])[N]
pieptoon	((piep)[V],(toon)[N])[N]
pier	(pier)[N]
pierdood	((pier)[N],(dood)[A])[A]
pieren	(pier)[V]
pierenland	((pier)[N],(en)[N|N.N],(land)[N])[N]
pierenverschrikker	((pier)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(schrik)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
pierewaaier	((pierewaai)[V],(er)[N|V.])[N]
pierleider	((pier)[N],((leid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
pies	(pies)[N]
piesbak	((pies)[V],(bak)[N])[N]
piesen	(pies)[V]
piesje	(pies)[N]
piespot	((pies)[V],(pot)[N])[N]
piespotjes	((pies)[N],(pot)[N])[N]
piet	(piet)[N]
pietepeuterigheid	((pietepeuterig)[A],(heid)[N|A.])[N]
pieterig	((piet)[N],(erig)[A|N.])[A]
pieterman	((Pieter)[N],(man)[N])[N]
pietjesneuker	((piet)[N],(s)[N|N.Vx],(neuk)[V],(er)[N|NxV.])[N]
pietluttig	((pietlut)[N],(ig)[A|N.])[A]
pietluttigheid	(((pietlut)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
pigmentbacterie	((pigment)[N],(bacterie)[N])[N]
pigmentcel	((pigment)[N],(cel)[N])[N]
pigmentdruk	((pigment)[N],(druk)[N])[N]
pigmentpapier	((pigment)[N],(papier)[N])[N]
pigmentvlek	((pigment)[N],(vlek)[N])[N]
pigmentvreter	((pigment)[N],((vreet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
pij	(pij)[N]
pijjekker	((pij)[N],(jekker)[N])[N]
pijl	(pijl)[N]
pijlbundel	((pijl)[N],(bundel)[N])[N]
pijlenbundel	((pijl)[N],(en)[N|N.N],(bundel)[N])[N]
pijler	(pijler)[N]
pijlerbasiliek	((pijler)[N],(basiliek)[N])[N]
pijlerbrug	((pijler)[N],(brug)[N])[N]
pijlerdam	((pijler)[N],(dam)[N])[N]
pijlerfundering	((pijler)[N],((fundeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
pijlerverband	((pijler)[N],(verband)[N])[N]
pijlformatie	((pijl)[N],((formeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
pijlgewicht	((pijl)[N],(gewicht)[N])[N]
pijlgif	((pijl)[N],(gif)[N])[N]
pijlgift	((pijl)[N],(gift)[N])[N]
pijlhout	((pijl)[N],(hout)[N])[N]
pijlinktvis	((pijl)[N],((inkt)[N],(vis)[N])[N])[N]
pijlkoker	((pijl)[N],(koker)[N])[N]
pijlkruid	((pijl)[N],(kruid)[N])[N]
pijlnaad	((pijl)[N],(naad)[N])[N]
pijlrecht	((pijl)[N],(recht)[A])[A]
pijlriet	((pijl)[N],(riet)[N])[N]
pijlsnel	((pijl)[N],(snel)[A])[A]
pijlstaart	((pijl)[N],(staart)[N])[N]
pijlstaarteend	(((pijl)[N],(staart)[N])[N],(eend)[N])[N]
pijlstaartrog	(((pijl)[N],(staart)[N])[N],(rog)[N])[N]
pijlstaartvlinder	(((pijl)[N],(staart)[N])[N],(vlinder)[N])[N]
pijlsteen	((pijl)[N],(steen)[N])[N]
pijltongigen	((pijl)[N],(tong)[N],(ig)[N|NN.x],(e)[N|NNx.])[N]
pijlvergif	((pijl)[N],(vergif)[N])[N]
pijlvergift	((pijl)[N],(vergift)[N])[N]
pijlvormig	((pijl)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
pijlwortel	((pijl)[N],(wortel)[N])[N]
pijn	(pijn)[N]
pijnappel	((pijn)[N],(appel)[N])[N]
pijnappelklier	(((pijn)[N],(appel)[N])[N],(klier)[N])[N]
pijnbaan	((pijn)[N],(baan)[N])[N]
pijnbank	((pijn)[N],(bank)[N])[N]
pijnboom	((pijn)[N],(boom)[N])[N]
pijndrempel	((pijn)[N],(drempel)[N])[N]
pijnen	(pijn)[V]
pijngrens	((pijn)[N],(grens)[N])[N]
pijngroen	((pijn)[N],(groen)[N])[N]
pijngroep	((pijn)[N],(groep)[N])[N]
pijnhout	((pijn)[N],(hout)[N])[N]
pijniger	((pijnig)[V],(er)[N|V.])[N]
pijniging	((pijnig)[V],(ing)[N|V.])[N]
pijnlijk	((pijn)[N],(lijk)[A|N.])[A]
pijnlijkheid	(((pijn)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
pijnloos	((pijn)[N],(loos)[A|N.])[A]
pijnprikkel	((pijn)[N],(prikkel)[N])[N]
pijnpunt	((pijn)[N],(punt)[N])[N]
pijnscheut	((pijn)[N],(scheut)[N])[N]
pijnstiller	((pijn)[N],(stil)[V],(er)[N|NV.])[N]
pijnwoud	((pijn)[N],(woud)[N])[N]
pijp	(pijp)[N]
pijpaarde	((pijp)[N],(aarde)[N])[N]
pijpachtig	((pijp)[N],(achtig)[A|N.])[A]
pijpbeen	((pijp)[N],(been)[N])[N]
pijpbloem	((pijp)[N],(bloem)[N])[N]
pijpbloemig	(((pijp)[N],(bloem)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
pijpboor	((pijp)[N],(boor)[N])[N]
pijpdrop	((pijp)[N],(drop)[N])[N]
pijpen	(pijp)[V]
pijpenbakker	((pijp)[N],(en)[N|N.Vx],(bak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
pijpenboor	((pijp)[N],(e)[N|N.N],(boor)[N])[N]
pijpenbord	((pijp)[N],(en)[N|N.N],(bord)[N])[N]
pijpendop	((pijp)[N],(e)[N|N.N],(dop)[N])[N]
pijpenfabriek	((pijp)[N],(en)[N|N.N],(fabriek)[N])[N]
pijpenkop	((pijp)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
pijpenkoter	((pijp)[N],(e)[N|N.N],(koter)[N])[N]
pijpenkrul	((pijp)[N],(e)[N|N.N],(krul)[N])[N]
pijpenla	((pijp)[N],(en)[N|N.N],(la)[N])[N]
pijpenlade	((pijp)[N],(en)[N|N.N],(lade)[N])[N]
pijpenlijn	((pijp)[N],(e)[N|N.N],(lijn)[N])[N]
pijpenpeuter	((pijp)[N],(e)[N|N.N],(peuter)[N])[N]
pijpenplank	((pijp)[N],(en)[N|N.N],(plank)[N])[N]
pijpenrager	((pijp)[N],(e)[N|N.Vx],(raag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
pijpenrek	((pijp)[N],(en)[N|N.N],(rek)[N])[N]
pijpensteel	((pijp)[N],(e)[N|N.N],(steel)[N])[N]
pijpenstopper	((pijp)[N],(e)[N|N.Vx],(stop)[V],(er)[N|NxV.])[N]
pijpenstrootje	((pijp)[N],(e)[N|N.N],(stro)[N])[N]
pijpenzeefje	((pijp)[N],(e)[N|N.N],(zeef)[N])[N]
pijper	((pijp)[V],(er)[N|V.])[N]
pijperkorps	(((pijp)[V],(er)[N|V.])[N],(korps)[N])[N]
pijpfitter	((pijp)[N],(fit)[V],(er)[N|NV.])[N]
pijpfitting	((pijp)[N],((fit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
pijpgast	((pijp)[N],(gast)[N])[N]
pijpgezwel	((pijp)[N],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
pijphout	((pijp)[N],(hout)[N])[N]
pijpijzer	((pijp)[N],(ijzer)[N])[N]
pijpjeskraag	((pijp)[N],(s)[N|N.N],(kraag)[N])[N]
pijpjesmuts	((pijp)[N],(s)[N|N.N],(muts)[N])[N]
pijpkaneel	((pijp)[N],(kaneel)[N])[N]
pijpkruid	((pijp)[N],(kruid)[N])[N]
pijpleiding	((pijp)[N],((leid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
pijplijn	((pijp)[N],(lijn)[N])[N]
pijpmanchet	((pijp)[N],(manchet)[N])[N]
pijporgel	((pijp)[N],(orgel)[N])[N]
pijpplooi	((pijp)[N],(plooi)[N])[N]
pijpriet	((pijp)[V],(riet)[N])[N]
pijproker	((pijp)[N],(rook)[V],(er)[N|NV.])[N]
pijpschoonmaker	((pijp)[N],((schoon)[A],(maak)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
pijpsleutel	((pijp)[N],(sleutel)[N])[N]
pijpslot	((pijp)[N],(slot)[N])[N]
pijpsnijder	((pijp)[N],(snijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
pijptabak	((pijp)[N],(tabak)[N])[N]
pijpvormig	((pijp)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
pijpwerk	((pijp)[N],(werk)[N])[N]
pijpzak	((pijp)[N],(zak)[N])[N]
pijpzwavel	((pijp)[N],(zwavel)[N])[N]
pijpzweer	((pijp)[N],(zweer)[N])[N]
pik	(pik)[N]
pikant	((pikeer)[V],(ant)[A|V.])[A]
pikanterie	(((pikeer)[V],(ant)[A|V.])[A],(erie)[N|A.])[N]
pikantig	(((pikeer)[V],(ant)[A|V.])[A],(ig)[A|A.])[A]
pikbroek	((pik)[V],(broek)[N])[N]
pikdonker	((pik)[N],(donker)[N])[N]
pikdraad	((pik)[V],(draad)[N])[N]
pikeersel	((pikeer)[V],(sel)[N|V.])[N]
pikethamer	((piket)[N],(hamer)[N])[N]
piketpaal	((piket)[N],(paal)[N])[N]
piketspel	((piket)[N],(spel)[N])[N]
piketteren	((piket)[N],(eer)[V|N.])[V]
pikettering	(((piket)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
pikhaak	((pik)[N],(haak)[N])[N]
pikhamer	((pik)[N],(hamer)[N])[N]
pikhouweel	((pik)[N],(houweel)[N])[N]
pikkedonker	((pik)[N],(e)[N|N.N],(donker)[N])[N]
pikkel	(pikkel)[N]
pikkelen	(pikkel)[V]
pikken	(pik)[V]
pikker	((pik)[V],(er)[N|V.])[N]
pikkerig	((pik)[V],(erig)[A|V.])[A]
pikketanis	(pikketanis)[N]
pikkig	((pik)[N],(ig)[A|N.])[A]
pikkwast	((pik)[V],(kwast)[N])[N]
piklepel	((pik)[V],(lepel)[N])[N]
pikmortelmacadam	((pik)[N],(mortel)[N],(macadam)[N])[N]
pikorde	((pik)[V],(orde)[N])[N]
pikoven	((pik)[N],(oven)[N])[N]
pikpleister	((pik)[V],(pleister)[N])[N]
pikslee	((pik)[N],(slee)[N])[N]
pikton	((pik)[N],(ton)[N])[N]
piktoorts	((pik)[N],(toorts)[N])[N]
pikzalf	((pik)[N],(zalf)[N])[N]
pikzwart	((pik)[N],(zwart)[A])[A]
pil	(pil)[N]
pilaar	(pilaar)[N]
pilaarbijter	((pilaar)[N],(bijt)[V],(er)[N|NV.])[N]
pilaarheilige	((pilaar)[N],(heilige)[N])[N]
pileren	((pil)[N],(eer)[V|N.])[V]
pillen	(pil)[V]
pillendeeg	((pil)[N],(en)[N|N.N],(deeg)[N])[N]
pillendoos	((pil)[N],(en)[N|N.N],(doos)[N])[N]
pillendraaier	((pil)[N],(en)[N|N.Vx],(draai)[V],(er)[N|NxV.])[N]
pillenfles	((pil)[N],(en)[N|N.N],(fles)[N])[N]
pillenslikker	((pil)[N],(en)[N|N.Vx],(slik)[V],(er)[N|NxV.])[N]
pilo	(pilo)[N]
piloot	(piloot)[N]
pilotenhulp	((piloot)[N],(en)[N|N.N],(hulp)[N])[N]
pils	(pils)[N]
pimentboom	((piment)[N],(boom)[N])[N]
pimentolie	((piment)[N],(olie)[N])[N]
pimentsaus	((piment)[N],(saus)[N])[N]
pimpel	(pimpel)[N]
pimpelaar	((pimpel)[V],(aar)[N|V.])[N]
pimpelen	(pimpel)[V]
pimpelmees	((pimpel)[N],(mees)[N])[N]
pimpernel	(pimpernel)[N]
pimpernelroos	((pimpernel)[N],(roos)[N])[N]
pin	(pin)[N]
pinakel	(pinakel)[N]
pinang	(pinang)[N]
pinangnoot	((pinang)[N],(noot)[N])[N]
pinangpalm	((pinang)[N],(palm)[N])[N]
pinda	(pinda)[N]
pindachinees	((pinda)[N],(Chinees)[N])[N]
pindakaas	((pinda)[N],(kaas)[N])[N]
pindaman	((pinda)[N],(man)[N])[N]
pindanootje	((pinda)[N],(noot)[N])[N]
pindarotsje	((pinda)[N],(rots)[N])[N]
pineut	(pineut)[N]
ping	(ping)[N]
pingel	(pingel)[N]
pingelaar	((pingel)[V],(aar)[N|V.])[N]
pingelen	(pingel)[V]
pingpongspel	((pingpong)[N],(spel)[N])[N]
pingpongtafel	((pingpong)[V],(tafel)[N])[N]
pinguïn	(pinguïn)[N]
pink	(pink)[N]
pinkel	(pinkel)[N]
pinkelen	(pinkel)[V]
pinken	(pink)[V]
pinker	(pinker)[N]
pinkeren	(pinker)[V]
pinkhaar	((pink)[N],(haar)[N])[N]
pinkleer	((pink)[N],(leer)[N])[N]
pinkmuis	((pink)[N],(muis)[N])[N]
pinkogen	((pink)[V],(oog)[V])[V]
pinkring	((pink)[N],(ring)[N])[N]
pinksteranjelier	((Pinkster)[N],(anjelier)[N])[N]
pinksterappel	((Pinkster)[N],(appel)[N])[N]
pinksterbeweging	((Pinkster)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
pinksterbloem	((Pinkster)[N],(bloem)[N])[N]
pinksterdag	((Pinkster)[N],(dag)[N])[N]
pinksterfeest	((Pinkster)[N],(feest)[N])[N]
pinkstergebruik	((Pinkster)[N],(gebruik)[N])[N]
pinkstergemeente	((Pinkster)[N],(gemeente)[N])[N]
pinksterkroon	((Pinkster)[N],(kroon)[N])[N]
pinkstermaand	((Pinkster)[N],(maand)[N])[N]
pinksterroos	((Pinkster)[N],(roos)[N])[N]
pinkstertijd	((Pinkster)[N],(tijd)[N])[N]
pinkstervakantie	((Pinkster)[N],(vakantie)[N])[N]
pinkstervuur	((Pinkster)[N],(vuur)[N])[N]
pinksterweek	((Pinkster)[N],(week)[N])[N]
pinksterweide	((Pinkster)[N],(weide)[N])[N]
pinksterzaterdag	((Pinkster)[N],(zaterdag)[N])[N]
pinkstier	((pink)[N],(stier)[N])[N]
pinkvaars	((pink)[N],(vaars)[N])[N]
pinkzout	((pink)[N],(zout)[N])[N]
pinmos	((pin)[N],(mos)[N])[N]
pinnen	(pin)[V]
pinner	((pin)[V],(er)[N|V.])[N]
pinnig	((pin)[N],(ig)[A|N.])[A]
pinsbekken	((pinsbek)[N],(en)[A|N.])[A]
pint	(pint)[N]
pioenachtigen	((pioen)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
pioenroos	((pioen)[N],(roos)[N])[N]
pion	(pion)[N]
pionier	(pionier)[N]
pionieren	(pionier)[V]
pioniersfamilie	((pionier)[N],(s)[N|N.N],(familie)[N])[N]
pioniersfase	((pionier)[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
pioniersfunctie	((pionier)[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
pioniersgeest	((pionier)[N],(s)[N|N.N],(geest)[N])[N]
pioniersjaar	((pionier)[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
pioniersstadium	((pionier)[N],(s)[N|N.N],(stadium)[N])[N]
pionierster	((pionier)[N],(ster)[N|N.])[N]
pionierstijd	((pionier)[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
pioniersvegetatie	((pionier)[N],(s)[N|N.N],((vegeteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
pionierswerk	((pionier)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
pip	(pip)[N]
pipetteren	((pipet)[N],(eer)[V|N.])[V]
pipowagen	((Pipo)[N],(wagen)[N])[N]
piqué	(piqué)[N]
piraat	(piraat)[N]
piramidaal	((piramide)[N],(aal)[A|N.])[A]
piramide	(piramide)[N]
piramidebaan	((piramide)[N],(baan)[N])[N]
piramideboom	((piramide)[N],(boom)[N])[N]
piramidebouw	((piramide)[N],(bouw)[N])[N]
piramidecel	((piramide)[N],(cel)[N])[N]
piramideopbouw	((piramide)[N],(opbouw)[N])[N]
piramidetekst	((piramide)[N],(tekst)[N])[N]
piramidevormig	((piramide)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
piranha	(piranha)[N]
pirateneditie	((piraat)[N],(en)[N|N.N],(editie)[N])[N]
piratenhemd	((piraat)[N],(en)[N|N.N],(hemd)[N])[N]
piratennest	((piraat)[N],(en)[N|N.N],(nest)[N])[N]
piratenschip	((piraat)[N],(en)[N|N.N],(schip)[N])[N]
piratenzender	((piraat)[N],(en)[N|N.N],((zend)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
piraterij	((piraat)[N],(erij)[N|N.])[N]
pis	(pis)[N]
pisachtig	((pis)[N],(achtig)[A|N.])[A]
pisafdrijvend	((pis)[N],((af)[P],(drijf)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
pisafscheiding	((pis)[N],((af)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
pisaftapping	((pis)[N],((af)[P],(tap)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
pisang	(pisang)[N]
pisangboom	((pisang)[N],(boom)[N])[N]
pisangplanten	((pisang)[N],(plant)[N])[N]
pisangvogel	((pisang)[N],(vogel)[N])[N]
pisangvreter	((pisang)[N],(vreet)[V],(er)[N|NV.])[N]
pisbak	((pis)[V],(bak)[N])[N]
pisblaas	((pis)[N],(blaas)[N])[N]
pisbloem	((pis)[N],(bloem)[N])[N]
pisbroek	((pis)[V],(broek)[N])[N]
pisbuis	((pis)[N],(buis)[N])[N]
pisbuisvernauwing	(((pis)[N],(buis)[N])[N],((ver)[V|.A],(nauw)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
piscine	(piscine)[N]
pisdoek	((pis)[V],(doek)[N])[N]
pisfles	((pis)[V],(fles)[N])[N]
pisglas	((pis)[V],(glas)[N])[N]
pishoek	((pis)[V],(hoek)[N])[N]
piskijker	((pis)[N],(kijk)[V],(er)[N|NV.])[N]
piskous	((pis)[N],(kous)[N])[N]
pisleider	((pis)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
pislozing	((pis)[N],(loos)[V],(ing)[N|NV.])[N]
pisnijdig	((pis)[N],((nijd)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
pispaal	((pis)[V],(paal)[N])[N]
pispot	((pis)[V],(pot)[N])[N]
pispraatje	((pis)[N],(praat)[N])[N]
pissebed	((pis)[N],(e)[N|N.N],(bed)[N])[N]
pissebloem	((pis)[N],(e)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
pissen	(pis)[V]
pisser	((pis)[V],(er)[N|V.])[N]
pisserig	((pis)[V],(erig)[A|V.])[A]
pissig	((pis)[N],(ig)[A|N.])[A]
pissoir	((pis)[V],(oir)[N|V.])[N]
pissteen	((pis)[N],(steen)[N])[N]
pisstof	((pis)[N],(stof)[N])[N]
pissuiker	((pis)[N],(suiker)[N])[N]
pistache	(pistache)[N]
pistacheboom	((pistache)[N],(boom)[N])[N]
piston	(piston)[N]
pistonblazer	((piston)[N],(blaas)[V],(er)[N|NV.])[N]
pistonist	((piston)[N],(ist)[N|N.])[N]
pistonpen	((piston)[N],(pen)[N])[N]
pistool	(pistool)[N]
pistoolachtig	((pistool)[N],(achtig)[A|N.])[A]
pistoolduel	((pistool)[N],(duel)[N])[N]
pistoolgordel	((pistool)[N],(gordel)[N])[N]
pistoolgreep	((pistool)[N],(greep)[N])[N]
pistoolheft	((pistool)[N],(heft)[N])[N]
pistoolholster	((pistool)[N],(holster)[N])[N]
pistoolmitrailleur	((pistool)[N],((mitrailleer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
pistoolschot	((pistool)[N],(schot)[N])[N]
pisvloed	((pis)[N],(vloed)[N])[N]
pisweg	((pis)[N],(weg)[N])[N]
pit	(pit)[N]
pitgaren	((pit)[N],(garen)[N])[N]
pithouder	((pit)[N],((houd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
pitloos	((pit)[N],(loos)[A|N.])[A]
pitriet	((pit)[N],(riet)[N])[N]
pitrieten	(((pit)[N],(riet)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
pitrietstoel	(((pit)[N],(riet)[N])[N],(stoel)[N])[N]
pitsen	(pits)[V]
pitspoes	((pit)[N],(s)[N|N.N],(poes)[N])[N]
pitstop	((pit)[N],(stop)[N])[N]
pitten	(pit)[V]
pittenbak	((pit)[N],(en)[N|N.N],(bak)[N])[N]
pittig	((pit)[N],(ig)[A|N.])[A]
pittigheid	(((pit)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
pitvrucht	((pit)[N],(vrucht)[N])[N]
pizza	(pizza)[N]
pièce	(pièce)[N]
piëteitsvol	((piëteit)[N],(s)[A|N.A],(vol)[A])[A]
piëtisterij	((piëtist)[N],(erij)[N|N.])[N]
piëtistisch	((piëtist)[N],(isch)[A|N.])[A]
plaag	(plaag)[N]
plaagal	((plaag)[V],(al)[B])[N]
plaaggeest	((plaag)[V],(geest)[N])[N]
plaagstoot	((plaag)[N],(stoot)[N])[N]
plaagziek	((plaag)[V],(ziek)[A])[A]
plaagzucht	((plaag)[V],(zucht)[N])[N]
plaan	(plaan)[N]
plaat	(plaat)[N]
plaatbatterij	((plaat)[N],(batterij)[N])[N]
plaatborstel	((plaat)[N],(borstel)[N])[N]
plaatbrood	((plaat)[N],(brood)[N])[N]
plaatcondensator	((plaat)[N],(((condens)[N],(eer)[V|N.])[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
plaatdruk	((plaat)[N],(druk)[N])[N]
plaatdrukker	((plaat)[N],(druk)[V],(er)[N|NV.])[N]
plaatdrukkerij	(((plaat)[N],(druk)[V],(er)[N|NV.])[N],(ij)[N])[N]
plaatfilter	((plaat)[N],(filter)[N])[N]
plaatfrezer	((plaat)[N],(frees)[V],(er)[N|NV.])[N]
plaatgaas	((plaat)[N],(gaas)[N])[N]
plaatglas	((plaat)[N],(glas)[N])[N]
plaatgraveur	((plaat)[N],(graveer)[V],(eur)[N|NV.])[N]
plaatgrendel	((plaat)[N],(grendel)[N])[N]
plaathaak	((plaat)[N],(haak)[N])[N]
plaathandel	((plaat)[N],(handel)[N])[N]
plaathoes	((plaat)[N],(hoes)[N])[N]
plaatijzer	((plaat)[N],(ijzer)[N])[N]
plaatijzeren	(((plaat)[N],(ijzer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
plaatjesalbum	((plaat)[N],(s)[N|N.N],(album)[N])[N]
plaatjesbarometer	((plaat)[N],(s)[N|N.N],((baro)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
plaatjeshoutzwam	((plaatje)[N],(s)[N|N.N],(houtzwam)[N])[N]
plaatketting	((plaat)[N],(ketting)[N])[N]
plaatkiel	((plaat)[N],(kiel)[N])[N]
plaatkieuwigen	((plaat)[N],(kieuw)[N],(ig)[N|NN.x],(e)[N|NNx.])[N]
plaatklauw	((plaat)[N],(klauw)[N])[N]
plaatklem	((plaat)[N],(klem)[N])[N]
plaatklok	((plaat)[N],(klok)[N])[N]
plaatknipper	((plaat)[N],(knip)[V],(er)[N|NV.])[N]
plaatkoek	((plaat)[N],(koek)[N])[N]
plaatkoper	((plaat)[N],(koper)[N])[N]
plaatkraam	((plaat)[N],(kraam)[N])[N]
plaatlood	((plaat)[N],(lood)[N])[N]
plaatmal	((plaat)[N],(mal)[N])[N]
plaatmetaal	((plaat)[N],(metaal)[N])[N]
plaatnummer	((plaat)[N],(nummer)[N])[N]
plaatopname	((plaat)[N],(opname)[N])[N]
plaatpapier	((plaat)[N],(papier)[N])[N]
plaatpers	((plaat)[N],(pers)[N])[N]
plaatradiator	((plaat)[N],(radiator)[N])[N]
plaats	(plaats)[N]
plaatsaanwijzer	((plaats)[N],((aan)[P],(wijs)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
plaatsaanwijzing	((plaats)[N],((aan)[P],(wijs)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
plaatsbegever	((plaats)[N],((be)[V|.V],(geef)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
plaatsbekledend	((plaats)[N],((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(end)[A|NV.])[A]
plaatsbekleder	((plaats)[N],((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
plaatsbekleding	((plaats)[N],((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
plaatsbepaling	((plaats)[N],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
plaatsbeschrijvend	((plaats)[N],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
plaatsbeschrijving	((plaats)[N],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
plaatsbespreking	((plaats)[N],((be)[V|.V],(spreek)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
plaatsbestemming	((plaats)[N],((bestem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
plaatsbewijs	((plaats)[N],(bewijs)[N])[N]
plaatsbiljet	((plaats)[N],(biljet)[N])[N]
plaatsbriefje	((plaats)[N],(brief)[N])[N]
plaatsbureau	((plaats)[N],(bureau)[N])[N]
plaatschaar	((plaat)[N],(schaar)[N])[N]
plaatschade	((plaat)[N],(schade)[N])[N]
plaatschalmketting	((plaat)[N],((schalm)[N],(ketting)[N])[N])[N]
plaatschuif	((plaat)[N],(schuif)[N])[N]
plaatscommandant	((plaats)[N],((commandeer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
plaatsdekking	((plaats)[N],(dek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
plaatsdeur	((plaats)[N],(deur)[N])[N]
plaatselijk	((plaats)[V],(elijk)[A|V.])[A]
plaatselijkheid	(((plaats)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
plaatsen	(plaats)[V]
plaatsgebrek	((plaats)[N],(gebrek)[N])[N]
plaatsgeheugen	((plaats)[N],(geheugen)[N])[N]
plaatsgeld	((plaats)[N],(geld)[N])[N]
plaatsgesteldheid	((plaats)[N],((gesteld)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
plaatsgrijpen	((plaats)[N],(grijp)[V])[V]
plaatshebben	((plaats)[N],(heb)[V])[V]
plaatshert	((plaats)[N],(hert)[N])[N]
plaatsing	((plaats)[V],(ing)[N|V.])[N]
plaatsingsbeleid	(((plaats)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
plaatsingsbureau	(((plaats)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
plaatsingscommissie	(((plaats)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
plaatsingskosten	(((plaats)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
plaatsingsmogelijkheid	(((plaats)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
plaatskaart	((plaats)[N],(kaart)[N])[N]
plaatslijper	((plaat)[N],(slijp)[V],(er)[N|NV.])[N]
plaatsnaam	((plaats)[N],(naam)[N])[N]
plaatsnaamkunde	(((plaats)[N],(naam)[N])[N],(kunde)[N])[N]
plaatsnaamstudie	(((plaats)[N],(naam)[N])[N],(studie)[N])[N]
plaatsnijden	((plaat)[N],(snijd)[V])[V]
plaatsnijder	(((plaat)[N],(snijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
plaatsnijkunst	(((plaat)[N],(snijd)[V])[V],(kunst)[N])[N]
plaatsopneming	((plaats)[N],((op)[P],(neem)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
plaatspanning	((plaat)[N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
plaatspanningsapparaat	(((plaat)[N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
plaatspasser	((plaats)[N],(passer)[N])[N]
plaatsruimte	((plaats)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
plaatsschouwing	((plaats)[N],(schouw)[V],(ing)[N|NV.])[N]
plaatstaal	((plaat)[N],(staal)[N])[N]
plaatstalen	(((plaat)[N],(staal)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
plaatstrip	((plaat)[N],(strip)[N])[N]
plaatstroom	((plaat)[N],(stroom)[N])[N]
plaatsverandering	((plaats)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
plaatsverlies	((plaats)[N],(verlies)[N])[N]
plaatsverschil	((plaats)[N],(verschil)[N])[N]
plaatsvervangend	((plaats)[N],(vervangend)[V])[A]
plaatsvervanger	((plaats)[N],((vervang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
plaatsvervanging	((plaats)[N],(vervang)[V],(ing)[N|NV.])[N]
plaatsvervangster	((plaats)[N],(vervang)[V],(ster)[N|NV.])[N]
plaatsvervulling	((plaats)[N],((ver)[V|.V],(vul)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
plaatsverwisselend	((plaats)[N],(verwisselend)[V])[A]
plaatsvinden	((plaats)[N],(vind)[V])[V]
plaatsweddenschap	((plaats)[N],((wed)[V],(schap)[N|V.])[N])[N]
plaatswissel	((plaats)[N],(wissel)[N])[N]
plaatszin	((plaats)[V],(zin)[N])[N]
plaattang	((plaat)[N],(tang)[N])[N]
plaatvorm	((plaat)[N],(vorm)[N])[N]
plaatwals	((plaat)[N],(wals)[N])[N]
plaatwerk	((plaat)[N],(werk)[N])[N]
plaatwerker	((plaat)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
plaatwerkerij	(((plaat)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(ij)[N])[N]
plaatwerkster	((plaat)[N],((werk)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
plaatzaag	((plaat)[N],(zaag)[N])[N]
plaatzink	((plaat)[N],(zink)[N])[N]
plaatzwam	((plaat)[N],(zwam)[N])[N]
placebo	(placebo)[N]
placebo-effect	((placebo)[N],(effect)[N])[N]
placentafunctie	((placenta)[N],(functie)[N])[N]
plafon	(plafon)[N]
plafonbetimmering	((plafon)[N],(((be)[V|.V],(timmer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
plafond	(plafond)[N]
plafondbeschildering	((plafond)[N],(((be)[V|.V],(schilder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
plafondbetimmering	((plafond)[N],(((be)[V|.V],(timmer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
plafondengeltje	((plafond)[N],(engel)[N])[N]
plafondhaak	((plafond)[N],(haak)[N])[N]
plafondhanger	((plafond)[N],((hang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
plafondlamp	((plafond)[N],(lamp)[N])[N]
plafondlat	((plafond)[N],(lat)[N])[N]
plafondlicht	((plafond)[N],(licht)[N])[N]
plafondmortel	((plafond)[N],(mortel)[N])[N]
plafondnagel	((plafond)[N],(nagel)[N])[N]
plafondproefvlucht	((plafond)[N],((proef)[N],(vlucht)[N])[N])[N]
plafondschildering	((plafond)[N],((schilder)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
plafondschroot	((plafond)[N],(schroot)[N])[N]
plafondstelsel	((plafond)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
plafondventilator	((plafond)[N],((ventileer)[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
plafonengeltje	((plafon)[N],(engel)[N])[N]
plafonhaak	((plafon)[N],(haak)[N])[N]
plafonhanger	((plafon)[N],((hang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
plafonlamp	((plafon)[N],(lamp)[N])[N]
plafonlat	((plafon)[N],(lat)[N])[N]
plafonlicht	((plafon)[N],(licht)[N])[N]
plafonmortel	((plafon)[N],(mortel)[N])[N]
plafonnagel	((plafon)[N],(nagel)[N])[N]
plafonneerder	(((plafon)[N],(eer)[V|N.])[V],(der)[N|V.])[N]
plafonneersel	(((plafon)[N],(eer)[V|N.])[V],(sel)[N|V.])[N]
plafonneren	((plafon)[N],(eer)[V|N.])[V]
plafonnering	(((plafon)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
plafonneur	(((plafon)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
plafonproefvlucht	((plafon)[N],((proef)[N],(vlucht)[N])[N])[N]
plafonschroot	((plafon)[N],(schroot)[N])[N]
plag	(plag)[N]
plagen	(plaag)[V]
plager	((plaag)[V],(er)[N|V.])[N]
plagerig	((plaag)[V],(erig)[A|V.])[A]
plagerigheid	(((plaag)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
plagerij	((plaag)[V],(erij)[N|V.])[N]
plagge	(plagge)[N]
plaggegrond	((plagge)[N],(grond)[N])[N]
plaggen	(plag)[V]
plaggenhut	((plagge)[N],(en)[N|N.N],(hut)[N])[N]
plaggenmaaier	((plagge)[N],(en)[N|N.Vx],(maai)[V],(er)[N|NxV.])[N]
plaggenmaaister	((plagge)[N],(en)[N|N.Vx],(maai)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
plaggensnijder	((plagge)[N],(en)[N|N.Vx],(snijd)[V],(er)[N|NxV.])[N]
plaggensteker	((plagge)[N],(en)[N|N.Vx],(steek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
plaggenveld	((plagge)[N],(en)[N|N.N],(veld)[N])[N]
plaggenzicht	((plagge)[N],(en)[N|N.N],(zicht)[N])[N]
plagiaat	((plagieer)[V],(aat)[N|V.])[N]
plagiator	((plagieer)[V],(ator)[N|V.])[N]
plaid	(plaid)[N]
plak	(plak)[N]
plakadres	((plak)[V],(adres)[N])[N]
plakalbum	((plak)[V],(album)[N])[N]
plakband	((plak)[V],(band)[N])[N]
plakboek	((plak)[V],(boek)[N])[N]
plakbord	((plak)[V],(bord)[N])[N]
plakbrief	((plak)[V],(brief)[N])[N]
plakhaak	((plak)[V],(haak)[N])[N]
plakhamer	((plak)[V],(hamer)[N])[N]
plakijzer	((plak)[N],(ijzer)[N])[N]
plakkaart	((plak)[V],(kaart)[N])[N]
plakkaatboek	((plakkaat)[N],(boek)[N])[N]
plakkaatschrijver	((plakkaat)[N],(schrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
plakkaatverf	((plakkaat)[N],(verf)[N])[N]
plakken	(plak)[V]
plakker	((plak)[V],(er)[N|V.])[N]
plakkerig	((plak)[V],(erig)[A|V.])[A]
plakkerij	((plak)[V],(erij)[N|V.])[N]
plakletter	((plak)[V],(letter)[N])[N]
plakmiddel	((plak)[V],(middel)[N])[N]
plakmortel	((plak)[V],(mortel)[N])[N]
plakpapier	((plak)[V],(papier)[N])[N]
plakpil	((plak)[V],(pil)[N])[N]
plakplaatje	((plak)[V],(plaat)[N])[N]
plakplastic	((plak)[V],(plastic)[N])[N]
plakpleister	((plak)[V],(pleister)[N])[N]
plakprentje	((plak)[V],(prent)[N])[N]
plaksel	((plak)[V],(sel)[N|V.])[N]
plakspul	((plak)[V],(spul)[N])[N]
plaksteen	((plak)[V],(steen)[N])[N]
plakster	((plak)[V],(ster)[N|V.])[N]
plakstijfsel	((plak)[V],((stijf)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
plaktafel	((plak)[V],(tafel)[N])[N]
plakwerk	((plak)[V],(werk)[N])[N]
plakzegel	((plak)[V],(zegel)[N])[N]
plakzode	((plak)[V],(zode)[N])[N]
plamuurmes	((plamuur)[V],(mes)[N])[N]
plamuursel	((plamuur)[V],(sel)[N|V.])[N]
plamuurspuiter	((plamuur)[N],(spuit)[V],(er)[N|NV.])[N]
plamuurwerk	((plamuur)[V],(werk)[N])[N]
plan	(plan)[N]
planbord	((plan)[N],(bord)[N])[N]
planbureau	((plan)[V],(bureau)[N])[N]
planeconomie	((plan)[V],((economisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
planeerder	((planeer)[V],(der)[N|V.])[N]
planeerhamer	((planeer)[V],(hamer)[N])[N]
planeet	(planeet)[N]
planeetbaan	((planeet)[N],(baan)[N])[N]
planeetboek	((planeet)[N],(boek)[N])[N]
planeetgeest	((planeet)[N],(geest)[N])[N]
planeetjaar	((planeet)[N],(jaar)[N])[N]
planeetnevel	((planeet)[N],(nevel)[N])[N]
planeetoppervlak	((planeet)[N],((opper)[N|.N],(vlak)[N])[N])[N]
planeetrad	((planeet)[N],(rad)[N])[N]
planeetroerder	((planeet)[N],(roer)[V],(der)[N|NV.])[N]
planeetschijf	((planeet)[N],(schijf)[N])[N]
planeetstand	((planeet)[N],(stand)[N])[N]
planeettandwiel	((planeet)[N],((tand)[N],(wiel)[N])[N])[N]
planeetwachter	((planeet)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
planeetwiel	((planeet)[N],(wiel)[N])[N]
planen	(plaan)[V]
planetair	((planeet)[N],(air)[A|N.])[A]
planetenbaan	((planeet)[N],(e)[N|N.N],(baan)[N])[N]
planetenloop	((planeet)[N],(en)[N|N.N],(loop)[N])[N]
planetenstelsel	((planeet)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
planetensysteem	((planeet)[N],(en)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
planetentafel	((planeet)[N],(en)[N|N.N],(tafel)[N])[N]
planhuishouding	((plan)[N],(((huis)[N],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
planindeling	((plan)[N],((in)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
plank	(plank)[N]
planken	((plank)[N],(en)[A|N.])[A]
plankenbeschot	((plank)[N],(en)[N|N.N],(beschot)[N])[N]
plankenkast	((plank)[N],(en)[N|N.N],(kast)[N])[N]
plankenkoorts	((plank)[N],(en)[N|N.N],(koorts)[N])[N]
plankenloods	((plank)[N],(en)[N|N.N],(loods)[N])[N]
plankenvloer	(((plank)[N],(en)[A|N.])[A],(vloer)[N])[N]
plankenvrees	((plank)[N],(en)[N|N.N],(vrees)[N])[N]
plankenweg	((plank)[N],(en)[N|N.N],(weg)[N])[N]
planker	((plank)[N],(er)[N|N.])[N]
plankerig	((plank)[N],(erig)[A|N.])[A]
planketsel	((planket)[N],(sel)[N|N.])[N]
plankgas	((plank)[N],(gas)[N])[N]
plankhard	((plank)[N],(hard)[A])[A]
plankier	((plank)[N],(ier)[N|N.])[N]
plankschaatsen	((plank)[N],(schaats)[V])[V]
planktonbuis	((plankton)[N],(buis)[N])[N]
planktonnet	((plankton)[N],(net)[N])[N]
plankwerk	((plank)[N],(werk)[N])[N]
plankwortel	((plank)[N],(wortel)[N])[N]
plankzeilen	((plank)[N],(zeil)[V])[V]
planloos	((plan)[N],(loos)[A|N.])[A]
planmatig	((plan)[N],(matig)[A|N.])[A]
plannen	(plan)[V]
plannenmaker	((plan)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
plannensmeder	((plan)[N],(en)[N|N.Vx],(smeed)[V],(er)[N|NxV.])[N]
planner	((plan)[V],(er)[N|V.])[N]
planning	((plan)[V],(ing)[N|V.])[N]
planningsactiviteit	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
planningsapparaat	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
planningsbenadering	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(nader)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
planningscommissie	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
planningsconcept	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(concept)[N])[N]
planningsconceptie	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((concept)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
planningscontext	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(context)[N])[N]
planningsdeskundige	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(deskundige)[N])[N]
planningsdoeleinde	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(doeleinde)[N])[N]
planningsfase	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
planningsfunctie	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
planningsfunctionaris	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functionaris)[N])[N]
planningsinstantie	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instantie)[N])[N]
planningsliteratuur	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(literatuur)[N])[N]
planningsmaatregel	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
planningsmethode	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
planningsmodel	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(model)[N])[N]
planningsniveau	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
planningsobject	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(object)[N])[N]
planningsorgaan	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
planningsorganisatie	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
planningspraktijk	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(praktijk)[N])[N]
planningsprobleem	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
planningsprocedure	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
planningsproces	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
planningsstructuur	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
planningssysteem	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
planningstechniek	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
planningstheorie	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
planningsysteem	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(systeem)[N])[N]
planningszaak	(((plan)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
plano	(plano)[N]
plano-uitleg	((plano)[N],(uitleg)[N])[N]
planologie	((planologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
planometer	((plano)[N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
planpapier	((plan)[N],(papier)[N])[N]
planparallel	((plan)[N],(parallel)[A])[A]
planprocedure	((plan)[V],(procedure)[N])[N]
planschade	((plan)[N],(schade)[N])[N]
plansysteem	((plan)[V],(systeem)[N])[N]
plant	(plant)[N]
plantaarde	((plant)[V],(aarde)[N])[N]
plantaardig	((plant)[N],(aard)[N],(ig)[A|NN.])[A]
plantage	((plant)[V],(age)[N|V.])[N]
plantagearbeider	(((plant)[V],(age)[N|V.])[N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
plantagedirecteur	(((plant)[V],(age)[N|V.])[N],(directeur)[N])[N]
plantagelandbouw	(((plant)[V],(age)[N|V.])[N],((land)[N],(bouw)[N])[N])[N]
plantagerubber	(((plant)[V],(age)[N|V.])[N],(rubber)[N])[N]
plantbed	((plant)[N],(bed)[N])[N]
plantboor	((plant)[V],(boor)[N])[N]
planteermachine	((planteer)[V],(machine)[N])[N]
planten	(plant)[V]
plantenaardrijkskunde	((plant)[N],(en)[N|N.N],(((aarde)[N],(rijk)[N])[N],(s)[N|N.N],(kunde)[N])[N])[N]
plantenafdruk	((plant)[N],(e)[N|N.N],((af)[P],(druk)[N])[N])[N]
plantenalbum	((plant)[N],(en)[N|N.N],(album)[N])[N]
plantenatlas	((plant)[N],(en)[N|N.N],(atlas)[N])[N]
plantenbed	((plant)[N],(en)[N|N.N],(bed)[N])[N]
plantenbeschrijving	((plant)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
plantenbestaan	((plant)[N],(e)[N|N.N],(bestaan)[N])[N]
plantenboek	((plant)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
plantenboter	((plant)[N],(e)[N|N.N],(boter)[N])[N]
plantenbus	((plant)[N],(en)[N|N.N],(bus)[N])[N]
plantencel	((plant)[N],(e)[N|N.N],(cel)[N])[N]
plantendeel	((plant)[N],(e)[N|N.N],(deel)[N])[N]
plantenecologie	((plant)[N],(en)[N|N.N],((ecologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
planteneiwit	((plant)[N],(e)[N|N.N],((ei)[N],(wit)[N])[N])[N]
plantenetend	((plant)[N],(en)[A|N.Vx],(eet)[V],(end)[A|NxV.])[A]
planteneter	((plant)[N],(en)[N|N.Vx],(eet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
plantenextract	((plant)[N],(en)[N|N.N],(extract)[N])[N]
plantenfamilie	((plant)[N],(en)[N|N.N],(familie)[N])[N]
plantenfysiologie	((plant)[N],(en)[N|N.N],((fysiologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
plantenfysiologisch	((plant)[N],(en)[A|N.A],(fysiologisch)[A])[A]
plantengemeenschap	((plant)[N],(en)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
plantengeografie	((plant)[N],(en)[N|N.N],((geografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
plantengeografisch	((plant)[N],(en)[A|N.A],(geografisch)[A])[A]
plantengeslacht	((plant)[N],(en)[N|N.N],(geslacht)[N])[N]
plantengeur	((plant)[N],(e)[N|N.N],(geur)[N])[N]
plantengif	((plant)[N],(e)[N|N.N],(gif)[N])[N]
plantengift	((plant)[N],(e)[N|N.N],(gift)[N])[N]
plantengordel	((plant)[N],(en)[N|N.N],(gordel)[N])[N]
plantengroei	((plant)[N],(en)[N|N.N],(groei)[N])[N]
plantenhaar	((plant)[N],(e)[N|N.N],(haar)[N])[N]
plantenhormoon	((plant)[N],(en)[N|N.N],(hormoon)[N])[N]
plantenivoor	((plant)[N],(e)[N|N.N],(ivoor)[N])[N]
plantenkalender	((plant)[N],(en)[N|N.N],(kalender)[N])[N]
plantenkas	((plant)[N],(en)[N|N.N],(kas)[N])[N]
plantenkenner	((plant)[N],(en)[N|N.Vx],(ken)[V],(er)[N|NxV.])[N]
plantenkennis	((plant)[N],(en)[N|N.N],(kennis)[N])[N]
plantenkleed	((plant)[N],(en)[N|N.N],(kleed)[N])[N]
plantenkleurstof	((plant)[N],(e)[N|N.N],((kleur)[V],(stof)[N])[N])[N]
plantenkweker	((plant)[N],(en)[N|N.Vx],(kweek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
plantenkwekerij	((plant)[N],(en)[N|N.Vx],(kweek)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
plantenleer	((plant)[N],(en)[N|N.N],(leer)[N])[N]
plantenleven	((plant)[N],(e)[N|N.N],(leven)[N])[N]
plantenlijm	((plant)[N],(e)[N|N.N],(lijm)[N])[N]
plantenmassa	((plant)[N],(en)[N|N.N],(massa)[N])[N]
plantenmateriaal	((plant)[N],(en)[N|N.N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
plantenmelk	((plant)[N],(e)[N|N.N],(melk)[N])[N]
plantenmorfologie	((plant)[N],(en)[N|N.N],((morfologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
plantennaam	((plant)[N],(e)[N|N.N],(naam)[N])[N]
plantenolie	((plant)[N],(e)[N|N.N],(olie)[N])[N]
plantenprocent	((plant)[N],(en)[N|N.N],(procent)[N])[N]
plantenrijk	((plant)[N],(en)[N|N.N],(rijk)[N])[N]
plantensap	((plant)[N],(e)[N|N.N],(sap)[N])[N]
plantenserre	((plant)[N],(en)[N|N.N],(serre)[N])[N]
plantenslaap	((plant)[N],(e)[N|N.N],(slaap)[N])[N]
plantenslijm	((plant)[N],(e)[N|N.N],(slijm)[N])[N]
plantensociologie	((plant)[N],(en)[N|N.N],((sociologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
plantensoort	((plant)[N],(e)[N|N.N],(soort)[N])[N]
plantenspuit	((plant)[N],(e)[N|N.N],(spuit)[N])[N]
plantensteen	((plant)[N],(e)[N|N.N],(steen)[N])[N]
plantenstek	((plant)[N],(e)[N|N.N],(stek)[N])[N]
plantenstelsel	((plant)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
plantensystematiek	((plant)[N],(en)[N|N.N],(((systeem)[N],(atisch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
plantenteelt	((plant)[N],(en)[N|N.N],(teelt)[N])[N]
plantentuin	((plant)[N],(en)[N|N.N],(tuin)[N])[N]
plantenveredeling	((plant)[N],(en)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(edel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
plantenvet	((plant)[N],(e)[N|N.N],(vet)[N])[N]
plantenvezel	((plant)[N],(e)[N|N.N],(vezel)[N])[N]
plantenvezelstof	((plant)[N],(e)[N|N.N],((vezel)[N],(stof)[N])[N])[N]
plantenvirologie	((plant)[N],(e)[N|N.N],(virologie)[N])[N]
plantenvlo	((plant)[N],(e)[N|N.N],(vlo)[N])[N]
plantenvoeding	((plant)[N],(en)[N|N.N],((voed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
plantenvoedsel	((plant)[N],(e)[N|N.N],((voed)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
plantenvorm	((plant)[N],(e)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
plantenwas	((plant)[N],(e)[N|N.N],(was)[N])[N]
plantenwereld	((plant)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
plantenzaad	((plant)[N],(en)[N|N.N],(zaad)[N])[N]
plantenziekte	((plant)[N],(e)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
plantenziektekunde	(((plant)[N],(e)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N],(en)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
plantenziektekundig	(((plant)[N],(e)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N],(en)[A|N.A],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
plantenziel	((plant)[N],(en)[N|N.N],(ziel)[N])[N]
plantenzijde	((plant)[N],(e)[N|N.N],(zijde)[N])[N]
plantenzout	((plant)[N],(e)[N|N.N],(zout)[N])[N]
plantenzuur	((plant)[N],(e)[N|N.N],(zuur)[N])[N]
planter	((plant)[V],(er)[N|V.])[N]
planterij	((plant)[V],(erij)[N|V.])[N]
planterskolonie	(((plant)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kolonie)[N])[N]
plantersvrouw	(((plant)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
planterswereld	(((plant)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
plantgewas	((plant)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
plantgoed	((plant)[V],(goed)[N])[N]
planting	((plant)[V],(ing)[N|V.])[N]
plantkaart	((plant)[N],(kaart)[N])[N]
plantklaar	((plant)[V],(klaar)[A])[A]
plantkuil	((plant)[V],(kuil)[N])[N]
plantkunde	((plant)[N],(kunde)[N])[N]
plantkundig	((plant)[N],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
plantlijn	((plant)[V],(lijn)[N])[N]
plantluis	((plant)[N],(luis)[N])[N]
plantmachine	((plant)[V],(machine)[N])[N]
plantnaam	((plant)[N],(naam)[N])[N]
plantschop	((plant)[V],(schop)[N])[N]
plantseizoen	((plant)[V],(seizoen)[N])[N]
plantsel	((plant)[V],(sel)[N|V.])[N]
plantsoenaanleg	((plantsoen)[N],(aanleg)[N])[N]
plantsoendienst	((plantsoen)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
plantsoenendienst	((plantsoen)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
plantwijdte	((plant)[N],((wijd)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
plantzaad	((plant)[N],(zaad)[N])[N]
plaque	(plaque)[N]
plas	(plas)[N]
plasberm	((plas)[N],(berm)[N])[N]
plasmabank	((plasma)[N],(bank)[N])[N]
plasmabol	((plasma)[N],(bol)[N])[N]
plasmacel	((plasma)[N],(cel)[N])[N]
plasmaconcentratie	((plasma)[N],((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
plasmafysica	((plasma)[N],(fysica)[N])[N]
plasmamembraan	((plasma)[N],(membraan)[N])[N]
plasmavolume	((plasma)[N],(volume)[N])[N]
plasmolen	((plas)[N],(molen)[N])[N]
plaspauze	((plas)[V],(pauze)[N])[N]
plaspil	((plas)[V],(pil)[N])[N]
plasregen	((plas)[N],(regen)[N])[N]
plasregenen	((plas)[N],(regen)[V])[V]
plassen	(plas)[V]
plasser	((plas)[V],(er)[N|V.])[N]
plasserij	((plas)[V],(erij)[N|V.])[N]
plastic	(plastic)[N]
plasticblazer	((plastic)[N],(blaas)[V],(er)[N|NV.])[N]
plasticbom	((plastic)[N],(bom)[N])[N]
plasticfolie	((plastic)[N],(folie)[N])[N]
plasticiteit	((plastisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N]
plasticmonteur	((plastic)[N],((monteer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
plastiek	((plastisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
plastieken	((plastiek)[N],(en)[A|N.])[A]
plastiekwerker	((plastiek)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
plastificeermachine	((plastificeer)[V],(machine)[N])[N]
plasvervening	((plas)[N],(((ver)[V|.N],(veen)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
plasvijver	((plas)[N],(vijver)[N])[N]
plat	(plat)[N]
plataanachtigen	((plataan)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
platachtig	((plat)[A],(achtig)[A|A.])[A]
platbek	((plat)[A],(bek)[N])[N]
platbodem	((plat)[A],(bodem)[N])[N]
platbodemd	((plat)[A],(bodem)[N],(d)[A|AN.])[A]
platbol	((plat)[A],(bol)[A])[A]
platboomd	((plat)[A],(bodem)[N],(d)[A|AN.])[A]
platbranden	((plat)[A],(brand)[V])[V]
platbuikig	((plat)[A],(buik)[N],(ig)[A|AN.])[A]
platdraad	((plat)[A],(draad)[N])[N]
platdrukken	((plat)[A],(druk)[V])[V]
plateaufase	((plateau)[N],(fase)[N])[N]
plateauladder	((plateau)[N],(ladder)[N])[N]
plateaulift	((plateau)[N],(lift)[N])[N]
plateautrap	((plateau)[N],(trap)[N])[N]
plateauwagen	((plateau)[N],(wagen)[N])[N]
plateauzool	((plateau)[N],(zool)[N])[N]
plateelbakker	((plateel)[N],(bak)[V],(er)[N|NV.])[N]
plateelbakkerij	((plateel)[N],(bak)[V],(erij)[N|NV.])[N]
plateelgoed	((plateel)[N],(goed)[N])[N]
plateeloven	((plateel)[N],(oven)[N])[N]
plateelschilder	((plateel)[N],(schilder)[N])[N]
plateelwerk	((plateel)[N],(werk)[N])[N]
platenalbum	((plaat)[N],(en)[N|N.N],(album)[N])[N]
platenatlas	((plaat)[N],(en)[N|N.N],(atlas)[N])[N]
platenbijbel	((plaat)[N],(en)[N|N.N],(bijbel)[N])[N]
platenboek	((plaat)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
platenboer	((plaat)[N],(en)[N|N.N],(boer)[N])[N]
platenbon	((plaat)[N],(e)[N|N.N],(bon)[N])[N]
platencollectie	((plaat)[N],(en)[N|N.N],(collectie)[N])[N]
platencontract	((plaat)[N],(en)[N|N.N],(contract)[N])[N]
platenhandelaar	((plaat)[N],(en)[N|N.N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
platenhoes	((plaat)[N],(en)[N|N.N],(hoes)[N])[N]
platenindustrie	((plaat)[N],(en)[N|N.N],(industrie)[N])[N]
platenkast	((plaat)[N],(en)[N|N.N],(kast)[N])[N]
platenkist	((plaat)[N],(en)[N|N.N],(kist)[N])[N]
platenkoffer	((plaat)[N],(en)[N|N.N],(koffer)[N])[N]
platenlabel	((plaat)[N],(en)[N|N.N],(label)[N])[N]
platenmaatschappij	((plaat)[N],(en)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
platenmarkt	((plaat)[N],(en)[N|N.N],(markt)[N])[N]
platenperser	((plaat)[N],(en)[N|N.Vx],(pers)[V],(er)[N|NxV.])[N]
platenreiniger	((plaat)[N],(e)[N|N.Vx],(reinig)[V],(er)[N|NxV.])[N]
platenrek	((plaat)[N],(en)[N|N.N],(rek)[N])[N]
platenschaar	((plaat)[N],(en)[N|N.N],(schaar)[N])[N]
platenschijf	((plaat)[N],(e)[N|N.N],(schijf)[N])[N]
platenspeler	((plaat)[N],(en)[N|N.Vx],(speel)[V],(er)[N|NxV.])[N]
platenverzameling	((plaat)[N],(en)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
platenvormer	((plaat)[N],(en)[N|N.Vx],(vorm)[V],(er)[N|NxV.])[N]
platenwisselaar	((plaat)[N],(en)[N|N.N],((wissel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
platenzaak	((plaat)[N],(en)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
platenzetter	((plaat)[N],(en)[N|N.Vx],(zet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
platering	((plateer)[V],(ing)[N|V.])[N]
platgaan	((plat)[A],(ga)[V])[V]
platgat	((plat)[A],(gat)[N])[N]
platglas	((plat)[A],(glas)[N])[N]
platgoed	((plat)[A],(goed)[N])[N]
platgooien	((plat)[A],(gooi)[V])[V]
platgroeiend	((plat)[A],(groei)[V],(end)[A|AV.])[A]
platheid	((plat)[A],(heid)[N|A.])[N]
plathoef	((plat)[A],(hoef)[N])[N]
plathol	((plat)[A],(hol)[A])[A]
platijzer	((plat)[A],(ijzer)[N])[N]
platina	(platina)[N]
platina-asbest	((platina)[N],(asbest)[N])[N]
platina-erts	((platina)[N],(erts)[N])[N]
platinablik	((platina)[N],(blik)[N])[N]
platinablond	((platina)[N],(blond)[A])[A]
platinadraad	((platina)[N],(draad)[N])[N]
platinahaar	((platina)[N],(haar)[N])[N]
platinahoudend	((platina)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
platinakleurig	((platina)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
platinakoper	((platina)[N],(koper)[N])[N]
platinamoor	((platina)[N],(moor)[N])[N]
platinaspons	((platina)[N],(spons)[N])[N]
platinawasserij	((platina)[N],(was)[V],(erij)[N|NV.])[N]
platinazwart	((platina)[N],(zwart)[N])[N]
platje	((plat)[N],(je)[N|N.])[N]
platkloppen	((plat)[A],(klop)[V])[V]
platkop	((plat)[A],(kop)[N])[N]
platkopworm	(((plat)[A],(kop)[N])[N],(worm)[N])[N]
platleggen	((plat)[A],(leg)[V])[V]
platliggen	((plat)[A],(lig)[V])[V]
platlood	((plat)[A],(lood)[N])[N]
platlopen	((plat)[A],(loop)[V])[V]
platluis	((plat)[A],(luis)[N])[N]
platmaken	((plat)[A],(maak)[V])[V]
platneus	((plat)[A],(neus)[N])[N]
platpersen	((plat)[A],(pers)[V])[V]
platribbig	((plat)[A],(rib)[N],(ig)[A|AN.])[A]
platrond	((plat)[A],(rond)[A])[A]
platschaaf	((plat)[A],(schaaf)[N])[N]
platschelp	((plat)[A],(schelp)[N])[N]
platscheren	((plat)[A],(scheer)[V])[V]
platschieten	((plat)[A],(schiet)[V])[V]
platsel	((plat)[V],(sel)[N|V.])[N]
platslaan	((plat)[A],(sla)[V])[V]
platspuiten	((plat)[A],(spuit)[V])[V]
platstaart	((plat)[A],(staart)[N])[N]
platsteekborduursel	((plat)[A],(steek)[N],((borduur)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
platster	((plat)[A],(ster)[N])[N]
platstrijken	((plat)[A],(strijk)[V])[V]
platstuk	((plat)[A],(stuk)[N])[N]
platteband	((plat)[A],(e)[N|A.N],(band)[N])[N]
plattebuiskachel	((plat)[A],(e)[N|A.NN],(buis)[N],(kachel)[N])[N]
platteerwerk	((platteer)[V],(werk)[N])[N]
plattekaas	((plat)[A],(e)[N|A.N],(kaas)[N])[N]
plattelander	((platteland)[N],(er)[N|N.])[N]
plattelands	((platteland)[N],(s)[A|N.])[A]
plattelandsbevolking	((platteland)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
plattelandsgemeente	((platteland)[N],(s)[N|N.N],(gemeente)[N])[N]
plattelandsgeneesheer	((platteland)[N],(s)[N|N.N],((genees)[V],(heer)[N])[N])[N]
platten	(plat)[V]
plattrappen	((plat)[A],(trap)[V])[V]
plattreden	((plat)[A],(treed)[V])[V]
platvierkant	((plat)[A],((vier)[Q],(kant)[N])[N])[N]
platvink	((plat)[A],(vink)[N])[N]
platvis	((plat)[A],(vis)[N])[N]
platvleugeligen	((plat)[A],(vleugel)[N],(ig)[N|AN.x],(e)[N|ANx.])[N]
platvloers	((plat)[A],(vloer)[N],(s)[A|AN.])[A]
platvloersheid	(((plat)[A],(vloer)[N],(s)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
platvoet	((plat)[A],(voet)[N])[N]
platvoetig	((plat)[A],(voet)[N],(ig)[A|AN.])[A]
platvoetwacht	((platvoet)[V],(wacht)[N])[N]
platvoetzool	((plat)[A],((voet)[N],(zool)[N])[N])[N]
platvol	((plat)[A],(vol)[A])[A]
platwalsen	((plat)[A],(wals)[V])[V]
platwerk	((plat)[A],(werk)[N])[N]
platworm	((plat)[A],(worm)[N])[N]
platzaad	((plat)[A],(zaad)[N])[N]
platzak	((plat)[A],(zak)[N])[A]
platzee	((plat)[A],(zee)[N])[N]
platzetter	((plat)[A],(zet)[V],(er)[N|AV.])[N]
plausibel	(plausibel)[A]
plavei	(plavei)[N]
plaveien	(plavei)[V]
plaveiing	((plavei)[V],(ing)[N|V.])[N]
plaveisel	((plavei)[V],(sel)[N|V.])[N]
plaveiselcelcarcinoom	(((plavei)[V],(sel)[N|V.])[N],(cel)[N],(carcinoom)[N])[N]
plaveisteen	((plavei)[N],(steen)[N])[N]
plavuis	(plavuis)[N]
plebs	(plebs)[N]
plecht	(plecht)[N]
plechtanker	((plecht)[N],(anker)[N])[N]
plechtgewaad	((plecht)[N],(gewaad)[N])[N]
plechtigheid	((plechtig)[A],(heid)[N|A.])[N]
plechtstatigheid	((plechtstatig)[A],(heid)[N|A.])[N]
plee	(plee)[N]
pleeborstel	((plee)[N],(borstel)[N])[N]
pleegbroeder	((pleeg)[V],(broeder)[N])[N]
pleegbroer	((pleeg)[V],(broer)[N])[N]
pleegcontract	((pleeg)[V],(contract)[N])[N]
pleegdochter	((pleeg)[V],(dochter)[N])[N]
pleeggezin	((pleeg)[V],(gezin)[N])[N]
pleegkind	((pleeg)[V],(kind)[N])[N]
pleegmoeder	((pleeg)[V],(moeder)[N])[N]
pleegvader	((pleeg)[V],(vader)[N])[N]
pleegvoogdij	((pleeg)[V],((voogd)[N],(ij)[N|N.])[N])[N]
pleegzoon	((pleeg)[V],(zoon)[N])[N]
pleegzuster	((pleeg)[V],(zuster)[N])[N]
pleepapier	((plee)[N],(papier)[N])[N]
pleereiniger	((plee)[N],(reinig)[V],(er)[N|NV.])[N]
pleerol	((plee)[N],(rol)[N])[N]
pleet	(pleet)[N]
pleetwerk	((pleet)[N],(werk)[N])[N]
pleetzilver	((pleet)[N],(zilver)[N])[N]
plegen	(pleeg)[V]
pleger	((pleeg)[V],(er)[N|V.])[N]
plein	(plein)[N]
pleiner	((plein)[N],(er)[N|N.])[N]
pleinvrees	((plein)[N],(vrees)[N])[N]
pleister	(pleister)[N]
pleisteraar	((pleister)[V],(aar)[N|V.])[N]
pleisterachtig	((pleister)[N],(achtig)[A|N.])[A]
pleisterafgietsel	((pleister)[N],(((af)[P],(giet)[V])[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
pleisterbeeld	((pleister)[V],(beeld)[N])[N]
pleisteren	(pleister)[V]
pleisteren	((pleister)[N],(en)[A|N.])[A]
pleistergewelf	((pleister)[V],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
pleistergroeve	((pleister)[N],(groeve)[N])[N]
pleistering	((pleister)[V],(ing)[N|V.])[N]
pleisterkalk	((pleister)[V],(kalk)[N])[N]
pleisterlaag	((pleister)[V],(laag)[N])[N]
pleistermortel	((pleister)[V],(mortel)[N])[N]
pleisterplaats	((pleister)[V],(plaats)[N])[N]
pleisterrekverband	((pleister)[N],((rek)[V],(verband)[N])[N])[N]
pleisterspaan	((pleister)[V],(spaan)[N])[N]
pleisterspatel	((pleister)[N],(spatel)[N])[N]
pleisterspecie	((pleister)[V],(specie)[N])[N]
pleistersteen	((pleister)[V],(steen)[N])[N]
pleisterstrijker	((pleister)[N],(strijk)[V],(er)[N|NV.])[N]
pleistertroffel	((pleister)[V],(troffel)[N])[N]
pleisterwerk	((pleister)[V],(werk)[N])[N]
pleisterwerker	((pleister)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
pleit	(pleit)[N]
pleitbezorger	((pleit)[N],((be)[V|.V],(zorg)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
pleiten	(pleit)[V]
pleiter	((pleit)[V],(er)[N|V.])[N]
pleitkunst	((pleit)[V],(kunst)[N])[N]
pleitnota	((pleit)[V],(nota)[N])[N]
pleitrede	((pleit)[V],(rede)[N])[N]
pleitster	((pleit)[V],(ster)[N|V.])[N]
pleitzaak	((pleit)[V],(zaak)[N])[N]
pleitzaal	((pleit)[V],(zaal)[N])[N]
plek	(plek)[N]
plekken	(plek)[V]
plekkerig	((plek)[N],(erig)[A|N.])[A]
plemp	(plemp)[N]
plempdijk	((plemp)[V],(dijk)[N])[N]
plempen	(plemp)[V]
plengen	(pleng)[V]
plengfeest	((pleng)[V],(feest)[N])[N]
plenging	((pleng)[V],(ing)[N|V.])[N]
plengoffer	((pleng)[V],(offer)[N])[N]
plens	(plens)[N]
plensbui	((plens)[V],(bui)[N])[N]
plensregen	((plens)[V],(regen)[N])[N]
plensregenen	((plens)[N],(regen)[V])[V]
plenzen	(plens)[V]
pleonastisch	((pleonasme)[N],(isch)[A|N.])[A]
pletbaar	((plet)[V],(baar)[A|V.])[A]
pletbord	((plet)[V],(bord)[N])[N]
pleten	((pleet)[N],(en)[A|N.])[A]
plethamer	((plet)[V],(hamer)[N])[N]
pletmolen	((plet)[V],(molen)[N])[N]
pletpers	((plet)[V],(pers)[N])[N]
pletrol	((plet)[V],(rol)[N])[N]
pletsen	(plets)[V]
pletten	(plet)[V]
pletter	((plet)[V],(er)[N|V.])[N]
pletteren	(pletter)[V]
pletterij	((plet)[V],(erij)[N|V.])[N]
pletwerk	((plet)[V],(werk)[N])[N]
pleuraholte	((pleura)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
pleuren	(pleur)[V]
pleurislijder	((pleuris)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
plezier	(plezier)[N]
plezierboot	((plezier)[N],(boot)[N])[N]
plezieren	(plezier)[V]
plezierig	((plezier)[N],(ig)[A|N.])[A]
plezierjacht	((plezier)[N],(jacht)[N])[N]
pleziermaker	((plezier)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
plezierreis	((plezier)[N],(reis)[N])[N]
plezierreiziger	((plezier)[N],(reiziger)[N])[N]
pleziertocht	((plezier)[N],(tocht)[N])[N]
pleziertrein	((plezier)[N],(trein)[N])[N]
pleziervaart	((plezier)[N],(vaart)[N])[N]
pleziervaartuig	((plezier)[N],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
plicht	(plicht)[N]
plichtbesef	((plicht)[N],(besef)[N])[N]
plichtbetrachting	((plicht)[N],((be)[V|.V],(tracht)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
plichtbewust	((plicht)[N],(bewust)[A])[A]
plichtenleer	((plicht)[N],(en)[N|N.N],(leer)[N])[N]
plichtgetrouw	((plicht)[N],(getrouw)[A])[A]
plichtgevoel	((plicht)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
plichtmatig	((plicht)[N],(matig)[A|N.])[A]
plichtpleger	((plicht)[N],(pleeg)[V],(er)[N|NV.])[N]
plichtpleging	((plicht)[N],(pleeg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
plichtsbesef	((plicht)[N],(s)[N|N.N],(besef)[N])[N]
plichtsbetrachting	((plicht)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(tracht)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
plichtsbewust	((plicht)[N],(s)[A|N.A],(bewust)[A])[A]
plichtsgetrouw	((plicht)[N],(s)[A|N.A],(getrouw)[A])[A]
plichtsgevoel	((plicht)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
plichtsvervulling	((plicht)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(vul)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
plichtsverzaker	((plicht)[N],(s)[N|N.Vx],(verzaak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
plichtsverzuim	((plicht)[N],(s)[N|N.N],(verzuim)[N])[N]
plichtvergeten	((plicht)[N],(vergeten)[A])[A]
plichtverzuim	((plicht)[N],(verzuim)[N])[N]
plint	(plint)[N]
plintconvector	((plint)[N],(convector)[N])[N]
plintkast	((plint)[N],(kast)[N])[N]
plinttegel	((plint)[N],(tegel)[N])[N]
plintverwarming	((plint)[N],(((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
plisseerinrichting	((plisseer)[V],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
plisseermachine	((plisseer)[V],(machine)[N])[N]
plisséjurk	((plissé)[N],(jurk)[N])[N]
plissérok	((plissé)[N],(rok)[N])[N]
ploeg	(ploeg)[N]
ploegarbeid	((ploeg)[N],(arbeid)[N])[N]
ploegbaas	((ploeg)[N],(baas)[N])[N]
ploegbalk	((ploeg)[N],(balk)[N])[N]
ploegbeen	((ploeg)[N],(been)[N])[N]
ploegbeitel	((ploeg)[N],(beitel)[N])[N]
ploegboom	((ploeg)[N],(boom)[N])[N]
ploegdienst	((ploeg)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
ploegdrijver	((ploeg)[V],((drijf)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
ploegen	(ploeg)[V]
ploegendienst	((ploeg)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
ploegenstelsel	((ploeg)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
ploegentijdrit	((ploeg)[N],(en)[N|N.N],((tijd)[N],(rit)[N])[N])[N]
ploeger	((ploeg)[V],(er)[N|V.])[N]
ploeggang	((ploeg)[V],(gang)[N])[N]
ploeghout	((ploeg)[N],(hout)[N])[N]
ploegijzer	((ploeg)[V],(ijzer)[N])[N]
ploegkouter	((ploeg)[V],(kouter)[N])[N]
ploegland	((ploeg)[V],(land)[N])[N]
ploegleider	((ploeg)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
ploegloon	((ploeg)[V],(loon)[N])[N]
ploegmaat	((ploeg)[N],(maat)[N])[N]
ploegmachine	((ploeg)[V],(machine)[N])[N]
ploegmakker	((ploeg)[N],(makker)[N])[N]
ploegmes	((ploeg)[N],(mes)[N])[N]
ploegos	((ploeg)[N],(os)[N])[N]
ploegpaard	((ploeg)[N],(paard)[N])[N]
ploegschaaf	((ploeg)[N],(schaaf)[N])[N]
ploegschaar	((ploeg)[V],(schaar)[N])[N]
ploegschaarbeen	(((ploeg)[V],(schaar)[N])[N],(been)[N])[N]
ploegsgewijs	((ploeg)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
ploegsport	((ploeg)[N],(sport)[N])[N]
ploegstaart	((ploeg)[N],(staart)[N])[N]
ploegverband	((ploeg)[N],(verband)[N])[N]
ploert	(ploert)[N]
ploertachtig	((ploert)[N],(achtig)[A|N.])[A]
ploertendoder	((ploert)[N],(en)[N|N.Vx],(dood)[V],(er)[N|NxV.])[N]
ploertendom	((ploert)[N],(endom)[N|N.])[N]
ploertenstreek	((ploert)[N],(en)[N|N.N],(streek)[N])[N]
ploerterig	((ploert)[N],(erig)[A|N.])[A]
ploerterigheid	(((ploert)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ploerterij	((ploert)[N],(erij)[N|N.])[N]
ploertig	((ploert)[N],(ig)[A|N.])[A]
ploertigheid	(((ploert)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ploertin	((ploert)[N],(in)[N|N.])[N]
ploeteraar	((ploeter)[V],(aar)[N|V.])[N]
ploeteren	(ploeter)[V]
plof	(plof)[N]
ploffen	(plof)[V]
ploffer	((plof)[V],(er)[N|V.])[N]
plofklank	((plof)[V],(klank)[N])[N]
plok	(plok)[N]
plokgeld	((plok)[N],(geld)[N])[N]
plokjesjager	((plokje)[N],(s)[N|N.Vx],(jaag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
plokpenning	((plok)[N],(penning)[N])[N]
plokworst	((plok)[N],(worst)[N])[N]
plombeerder	((plombeer)[V],(der)[N|V.])[N]
plombeerlood	((plombeer)[V],(lood)[N])[N]
plombeersel	((plombeer)[V],(sel)[N|V.])[N]
plombeerstempel	((plombeer)[V],(stempel)[N])[N]
plombeertang	((plombeer)[V],(tang)[N])[N]
plombering	((plombeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
plomp	(plomp)[N]
plompen	(plomp)[V]
plompenblad	((plomp)[N],(e)[N|N.N],(blad)[N])[N]
plomperd	((plomp)[A],(erd)[N|A.])[N]
plompheid	((plomp)[A],(heid)[N|A.])[N]
plons	(plons)[N]
plonsstok	((plons)[V],(stok)[N])[N]
plonzen	(plons)[V]
plooi	(plooi)[N]
plooibaar	((plooi)[V],(baar)[A|V.])[A]
plooibaarheid	(((plooi)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
plooidal	((plooi)[V],(dal)[N])[N]
plooien	(plooi)[V]
plooigebergte	((plooi)[V],((ge)[N|.Nx],(berg)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
plooiijzer	((plooi)[V],(ijzer)[N])[N]
plooiing	((plooi)[V],(ing)[N|V.])[N]
plooiingsgebergte	(((plooi)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.Nx],(berg)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
plooikies	((plooi)[N],(kies)[N])[N]
plooikraag	((plooi)[V],(kraag)[N])[N]
plooimug	((plooi)[V],(mug)[N])[N]
plooimuts	((plooi)[V],(muts)[N])[N]
plooirand	((plooi)[V],(rand)[N])[N]
plooischaar	((plooi)[V],(schaar)[N])[N]
plooisel	((plooi)[V],(sel)[N|V.])[N]
plooivast	((plooi)[V],(vast)[A])[A]
plooiwesp	((plooi)[V],(wesp)[N])[N]
ploot	(ploot)[N]
plootwol	((ploot)[V],(wol)[N])[N]
plop	(plop)[N]
plopgeluid	((plop)[N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
plot	(plot)[N]
ploten	(ploot)[V]
ploterij	((ploot)[V],(erij)[N|V.])[N]
plots	(plots)[A]
plotten	(plot)[V]
plotter	((plot)[V],(er)[N|V.])[N]
plu	(plu)[N]
pluche	(pluche)[N]
pluchen	((pluche)[N],(en)[A|N.])[A]
plug	(plug)[N]
plugbeitel	((plug)[V],(beitel)[N])[N]
plugfitting	((plug)[N],((fit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
pluggen	(plug)[V]
plugger	((plug)[V],(er)[N|V.])[N]
plugijzer	((plug)[N],(ijzer)[N])[N]
pluim	(pluim)[N]
pluimaluin	((pluim)[N],(aluin)[N])[N]
pluimasperge	((pluim)[N],(asperge)[N])[N]
pluimbal	((pluim)[N],(bal)[N])[N]
pluimborstel	((pluim)[N],(borstel)[N])[N]
pluimbos	((pluim)[N],(bos)[N])[N]
pluimcelpoliep	((pluim)[N],(cel)[N],(poliep)[N])[N]
pluimdrager	((pluim)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
pluimen	(pluim)[V]
pluimen	((pluim)[N],(en)[A|N.])[A]
pluimgedierte	((pluim)[N],((ge)[N|.Nx],(dier)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
pluimgierst	((pluim)[N],(gierst)[N])[N]
pluimgraaf	((pluim)[N],(graaf)[N])[N]
pluimgras	((pluim)[N],(gras)[N])[N]
pluimhoed	((pluim)[N],(hoed)[N])[N]
pluimig	((pluim)[N],(ig)[A|N.])[A]
pluimontlading	((pluim)[N],(((ont)[V|.V],(laad)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
pluimriet	((pluim)[N],(riet)[N])[N]
pluimstaart	((pluim)[N],(staart)[N])[N]
pluimstaartmos	(((pluim)[N],(staart)[N])[N],(mos)[N])[N]
pluimstrijken	((pluim)[N],(strijk)[V])[V]
pluimstrijker	(((pluim)[N],(strijk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
pluimstrijkerij	(((pluim)[N],(strijk)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
pluimvaren	((pluim)[N],(varen)[N])[N]
pluimvee	((pluim)[N],(vee)[N])[N]
pluimveeconsulent	(((pluim)[N],(vee)[N])[N],(consulent)[N])[N]
pluimveedag	(((pluim)[N],(vee)[N])[N],(dag)[N])[N]
pluimveehouder	(((pluim)[N],(vee)[N])[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
pluimveehouderij	(((pluim)[N],(vee)[N])[N],(houd)[V],(erij)[N|NV.])[N]
pluimveestapel	(((pluim)[N],(vee)[N])[N],(stapel)[N])[N]
pluimveeteelt	(((pluim)[N],(vee)[N])[N],(teelt)[N])[N]
pluimveevoeder	(((pluim)[N],(vee)[N])[N],(voeder)[N])[N]
pluimwit	((pluim)[N],(wit)[N])[N]
pluimzegge	((pluim)[N],(zegge)[N])[N]
pluis	(pluis)[N]
pluisachtig	((pluis)[N],(achtig)[A|N.])[A]
pluishaar	((pluis)[V],(haar)[N])[N]
pluistouw	((pluis)[V],(touw)[N])[N]
pluiswerk	((pluis)[V],(werk)[N])[N]
pluizen	(pluis)[V]
pluizer	((pluis)[V],(er)[N|V.])[N]
pluizerig	((pluis)[V],(erig)[A|V.])[A]
pluizerij	((pluis)[V],(erij)[N|V.])[N]
pluizig	((pluis)[N],(ig)[A|N.])[A]
pluk	(pluk)[N]
plukappel	((pluk)[V],(appel)[N])[N]
plukbaar	((pluk)[V],(baar)[A|V.])[A]
plukgeld	((pluk)[V],(geld)[N])[N]
plukhaak	((pluk)[V],(haak)[N])[N]
plukken	(pluk)[V]
plukker	((pluk)[V],(er)[N|V.])[N]
plukloon	((pluk)[V],(loon)[N])[N]
plukmand	((pluk)[V],(mand)[N])[N]
plukrijp	((pluk)[V],(rijp)[A])[A]
pluksel	((pluk)[V],(sel)[N|V.])[N]
plukstok	((pluk)[V],(stok)[N])[N]
pluktijd	((pluk)[V],(tijd)[N])[N]
plunderaar	((plunder)[V],(aar)[N|V.])[N]
plunderen	(plunder)[V]
plundering	((plunder)[V],(ing)[N|V.])[N]
plundertocht	((plunder)[V],(tocht)[N])[N]
plunderziek	((plunder)[V],(ziek)[A])[A]
plunje	(plunje)[N]
plunjezak	((plunje)[N],(zak)[N])[N]
pluralisvorm	((pluralis)[N],(vorm)[N])[N]
pluriformiteit	((pluriform)[A],(iteit)[N|A.])[N]
pluriformiteitsbeginsel	(((pluriform)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
pluritonaliteit	((pluri)[N|.N],(((toon)[N],(aal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
plurk	(plurk)[N]
plus	(plus)[N]
plusminus	((plus)[B],(minus)[B])[B]
plusminusteken	(((plus)[B],(minus)[B])[B],(teken)[N])[N]
pluspool	((plus)[B],(pool)[N])[N]
pluspunt	((plus)[N],(punt)[N])[N]
plussen	(plus)[V]
plusteken	((plus)[N],(teken)[N])[N]
plutocratie	((plutocratisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
plutonisch	((plutoon)[N],(isch)[A|N.])[A]
pluvierachtigen	((pluvier)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
pneu	(pneu)[N]
pneumatiek	((pneumatisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
po	(po)[N]
pochen	(poch)[V]
pocher	((poch)[V],(er)[N|V.])[N]
pocherig	((poch)[V],(erig)[A|V.])[A]
pocherij	((poch)[V],(erij)[N|V.])[N]
pochhans	((poch)[V],(hans)[N])[N]
pochhanzerij	(((poch)[V],(hans)[N])[N],(erij)[N|N.])[N]
pocketboek	((pocket)[N],(boek)[N])[N]
pocketcamera	((pocket)[N],(camera)[N])[N]
pocketeditie	((pocket)[N],(editie)[N])[N]
pocketuitgave	((pocket)[N],(uitgave)[N])[N]
podagra	(podagra)[N]
podagrist	((podagra)[N],(ist)[N|N.])[N]
podium	(podium)[N]
podsolgrond	((podsol)[N],(grond)[N])[N]
poedel	(poedel)[N]
poedelen	(poedel)[V]
poedelhond	((poedel)[N],(hond)[N])[N]
poedelnaakt	((poedel)[N],(naakt)[A])[A]
poedelprijs	((poedel)[N],(prijs)[N])[N]
poeder	(poeder)[N]
poederblusser	((poeder)[N],((blus)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
poederchocola	((poeder)[N],(chocola)[N])[N]
poederchocolade	((poeder)[N],(chocolade)[N])[N]
poederdons	((poeder)[N],(dons)[N])[N]
poederdoos	((poeder)[N],(doos)[N])[N]
poederen	(poeder)[V]
poederig	((poeder)[N],(ig)[A|N.])[A]
poederkalk	((poeder)[N],(kalk)[N])[N]
poederkoffie	((poeder)[N],(koffie)[N])[N]
poederkwast	((poeder)[V],(kwast)[N])[N]
poedermelk	((poeder)[N],(melk)[N])[N]
poedermetallurgie	((poeder)[N],(metallurgie)[N])[N]
poedersneeuw	((poeder)[N],(sneeuw)[N])[N]
poedersuiker	((poeder)[N],(suiker)[N])[N]
poederverf	((poeder)[N],(verf)[N])[N]
poedervorm	((poeder)[N],(vorm)[N])[N]
poedervormig	((poeder)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
poef	(poef)[N]
poehamaker	((poeha)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
poeier	(poeier)[N]
poeierblusser	((poeier)[N],((blus)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
poeierchocola	((poeier)[N],(chocola)[N])[N]
poeierchocolade	((poeier)[N],(chocolade)[N])[N]
poeierdons	((poeier)[N],(dons)[N])[N]
poeierdoos	((poeier)[N],(doos)[N])[N]
poeieren	(poeier)[V]
poeierig	((poeier)[N],(ig)[A|N.])[A]
poeierkoffie	((poeier)[N],(koffie)[N])[N]
poeierkwast	((poeier)[N],(kwast)[N])[N]
poeiermelk	((poeier)[N],(melk)[N])[N]
poeiermetallurgie	((poeier)[N],(metallurgie)[N])[N]
poeiersneeuw	((poeier)[N],(sneeuw)[N])[N]
poeiersuiker	((poeier)[N],(suiker)[N])[N]
poeierverf	((poeier)[N],(verf)[N])[N]
poeiervorm	((poeier)[N],(vorm)[N])[N]
poeiervormig	((poeier)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
poel	(poel)[N]
poelen	(poel)[V]
poelgrond	((poel)[N],(grond)[N])[N]
poelslak	((poel)[N],(slak)[N])[N]
poelsnip	((poel)[N],(snip)[N])[N]
poelvis	((poel)[N],(vis)[N])[N]
poelvogel	((poel)[N],(vogel)[N])[N]
poema	(poema)[N]
poen	(poen)[N]
poenaal	((poene)[N],(aal)[A|N.])[A]
poenaliteit	(((poene)[N],(aal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
poenerig	((poen)[N],(erig)[A|N.])[A]
poenig	((poen)[N],(ig)[A|N.])[A]
poep	(poep)[N]
poepdoos	((poep)[V],(doos)[N])[N]
poepen	(poep)[V]
poeper	((poep)[V],(er)[N|V.])[N]
poeperd	((poep)[V],(erd)[N|V.])[N]
poeperij	((poep)[V],(erij)[N|V.])[N]
poepgas	((poep)[N],(gas)[N])[N]
poepgat	((poep)[N],(gat)[N])[N]
poer	(poer)[N]
poeren	(poer)[V]
poerimfeest	((Poerim)[N],(feest)[N])[N]
poes	(poes)[N]
poeshaver	((poes)[N],(haver)[N])[N]
poesjenellenkelder	((poesjenel)[N],(en)[N|N.N],(kelder)[N])[N]
poeslief	((poes)[N],(lief)[A])[A]
poesmooi	((poes)[N],(mooi)[A])[A]
poesta	(poesta)[N]
poet	(poet)[N]
poets	(poets)[N]
poetsdoek	((poets)[V],(doek)[N])[N]
poetsdoos	((poets)[V],(doos)[N])[N]
poetsen	(poets)[V]
poetser	((poets)[V],(er)[N|V.])[N]
poetsextract	((poets)[V],(extract)[N])[N]
poetsgarnaal	((poets)[V],(garnaal)[N])[N]
poetsgerei	((poets)[V],(gerei)[N])[N]
poetsgoed	((poets)[V],(goed)[N])[N]
poetsgrondel	((poets)[V],(grondel)[N])[N]
poetskatoen	((poets)[V],(katoen)[N])[N]
poetslap	((poets)[V],(lap)[N])[N]
poetsmiddel	((poets)[V],(middel)[N])[N]
poetsolie	((poets)[V],(olie)[N])[N]
poetspommade	((poets)[V],(pommade)[N])[N]
poetsster	((poets)[V],(ster)[N|V.])[N]
poetssymbiose	((poets)[V],(symbiose)[N])[N]
poetsvis	((poets)[V],(vis)[N])[N]
poetszak	((poets)[V],(zak)[N])[N]
poezeligheid	((poezelig)[A],(heid)[N|A.])[N]
poezenluik	((poes)[N],(e)[N|N.N],(luik)[N])[N]
poezig	((poes)[N],(ig)[A|N.])[A]
pof	(pof)[N]
pofbroek	((pof)[V],(broek)[N])[N]
poffen	(pof)[V]
poffer	((pof)[V],(er)[N|V.])[N]
poffertje	((pof)[V],(er)[N|V.])[N]
poffertjeskraam	(((pof)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kraam)[N])[N]
poffertjespan	(((pof)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(pan)[N])[N]
pofklant	((pof)[V],(klant)[N])[N]
pofmaïs	((pof)[V],(maïs)[N])[N]
pofmouw	((pof)[V],(mouw)[N])[N]
pogen	(poog)[V]
poging	((poog)[V],(ing)[N|V.])[N]
point	(point)[N]
pointe	(pointe)[N]
pointeur	((pointeer)[V],(eur)[N|V.])[N]
pok	(pok)[N]
pokachtig	((pok)[N],(achtig)[A|N.])[A]
poken	(pook)[V]
poker	(poker)[N]
pokerbeker	((poker)[V],(beker)[N])[N]
pokeren	(poker)[V]
pokergezicht	((poker)[V],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
pokerpiste	((poker)[V],(piste)[N])[N]
pokerstenen	((poker)[V],(steen)[N])[N]
pokhout	((pok)[V],(hout)[N])[N]
pokken	(pok)[V]
pokkenbriefje	((pok)[N],(en)[N|N.N],(brief)[N])[N]
pokkenepidemie	((pok)[N],(en)[N|N.N],((epidemisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
pokkeneruptie	((pok)[N],(en)[N|N.N],(eruptie)[N])[N]
pokkenlijder	((pok)[N],(en)[N|N.Vx],(lijd)[V],(er)[N|NxV.])[N]
pokkenprik	((pok)[N],(en)[N|N.N],(prik)[N])[N]
pokkenvaccinatie	((pok)[N],(en)[N|N.N],(((vaccin)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
pokkenvirus	((pok)[N],(en)[N|N.N],(virus)[N])[N]
pokkenweer	((pok)[N],(en)[N|N.N],(weer)[N])[N]
pokkenwerk	((pok)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
pokkerig	((pok)[N],(erig)[A|N.])[A]
pokkig	((pok)[N],(ig)[A|N.])[A]
pokput	((pok)[N],(put)[N])[N]
poksteen	((pok)[V],(steen)[N])[N]
pokstof	((pok)[V],(stof)[N])[N]
pokziekte	((pok)[V],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
pol	(pol)[N]
polarisatie	(((polair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
polarisatiebril	((((polair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(bril)[N])[N]
polarisatiefilter	((((polair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(filter)[N])[N]
polarisatiehoek	((((polair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(hoek)[N])[N]
polarisatiemicroscoop	((((polair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(microscoop)[N])[N]
polarisatiespanning	((((polair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
polarisatiestroom	((((polair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(stroom)[N])[N]
polarisatievlak	((((polair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(vlak)[N])[N]
polarisator	(((polair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ator)[N|V.])[N]
polariseren	((polair)[A],(iseer)[V|A.])[V]
polarisering	(((polair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
polariteit	((polair)[A],(iteit)[N|A.])[N]
polaroidcamera	((polaroid)[N],(camera)[N])[N]
polaroidfoto	((polaroid)[N],(foto)[N])[N]
polder	(polder)[N]
polderbelasting	((polder)[N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
polderbemaling	((polder)[N],((be)[V|.V],(maal)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
polderbestuur	((polder)[N],(bestuur)[N])[N]
polderblindheid	((polder)[N],((blind)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
polderboer	((polder)[N],(boer)[N])[N]
polderboezem	((polder)[N],(boezem)[N])[N]
polderdijk	((polder)[N],(dijk)[N])[N]
polderdistrict	((polder)[N],(district)[N])[N]
polderdorp	((polder)[N],(dorp)[N])[N]
poldereffect	((polder)[N],(effect)[N])[N]
poldergast	((polder)[N],(gast)[N])[N]
poldergemaal	((polder)[N],((ge)[N|.V],(maal)[V])[N])[N]
polderjongen	((polder)[N],(jongen)[N])[N]
polderkerel	((polder)[N],(kerel)[N])[N]
polderkoorts	((polder)[N],(koorts)[N])[N]
polderland	((polder)[N],(land)[N])[N]
polderlandschap	((polder)[N],((land)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
polderlasten	((polder)[N],(last)[N])[N]
poldermeester	((polder)[N],(meester)[N])[N]
poldermolen	((polder)[N],(molen)[N])[N]
polderomslag	((polder)[N],((om)[P],(slag)[N])[N])[N]
polderpeil	((polder)[N],(peil)[N])[N]
polderschouw	((polder)[N],(schouw)[N])[N]
poldersluis	((polder)[N],(sluis)[N])[N]
polderstoel	((polder)[N],(stoel)[N])[N]
polderstreek	((polder)[N],(streek)[N])[N]
polderwater	((polder)[N],(water)[N])[N]
polderwerk	((polder)[N],(werk)[N])[N]
polderwerker	((polder)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
polderwijf	((polder)[N],(wijf)[N])[N]
poleerboor	((poleer)[V],(boor)[N])[N]
poleerrood	((poleer)[V],(rood)[N])[N]
polemiek	((polemisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
polemologie	((polemologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
polenta	(polenta)[N]
polentameel	((polenta)[N],(meel)[N])[N]
poliepkwal	((poliep)[N],(kwal)[N])[N]
polig	((pool)[N],(ig)[A|N.])[A]
polijstaarde	((polijst)[V],(aarde)[N])[N]
polijster	((polijst)[V],(er)[N|V.])[N]
polijstglas	((polijst)[V],(glas)[N])[N]
polijstkalk	((polijst)[V],(kalk)[N])[N]
polijstkop	((polijst)[V],(kop)[N])[N]
polijstkrijt	((polijst)[V],(krijt)[N])[N]
polijstpapier	((polijst)[V],(papier)[N])[N]
polijstpoeder	((polijst)[V],(poeder)[N])[N]
polijstpoeier	((polijst)[V],(poeier)[N])[N]
polijstrood	((polijst)[V],(rood)[N])[N]
polijstschijf	((polijst)[V],(schijf)[N])[N]
polijstsel	((polijst)[V],(sel)[N|V.])[N]
polijststaal	((polijst)[V],(staal)[N])[N]
polijststeen	((polijst)[V],(steen)[N])[N]
polijstwerk	((polijst)[V],(werk)[N])[N]
polikliniek	((poly)[N|.N],((klinisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
poliklinisch	((poli)[N],(klinisch)[A])[A]
polio	(polio)[N]
poliomyelitis	((polio)[N],(myelitis)[N])[N]
poliopatiënt	((polio)[N],(patiënt)[N])[N]
poliovaccin	((polio)[N],(vaccin)[N])[N]
poliovaccinatie	((polio)[N],(((vaccin)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
polishouder	((polis)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
polismantel	((polis)[N],(mantel)[N])[N]
polisvoorwaarden	((polis)[N],(voorwaarde)[N])[N]
poliswaarde	((polis)[N],(waarde)[N])[N]
politicologisch	((politicoloog)[N],(isch)[A|N.])[A]
politie	(politie)[N]
politie-inspecteur	((politie)[N],((inspecteer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
politieacademie	((politie)[N],((academisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
politieafzetting	((politie)[N],(((af)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
politieagent	((politie)[N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
politieapparaat	((politie)[N],(apparaat)[N])[N]
politieauto	((politie)[N],(auto)[N])[N]
politiebericht	((politie)[N],(bericht)[N])[N]
politiebevoegdheid	((politie)[N],((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
politiebewaking	((politie)[N],(((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
politieblad	((politie)[N],(blad)[N])[N]
politiebureau	((politie)[N],(bureau)[N])[N]
politiecommissaris	((politie)[N],(commissaris)[N])[N]
politiedienaar	((politie)[N],((dien)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
politiedienst	((politie)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
politieel	((politie)[N],(ieel)[A|N.])[A]
politiehond	((politie)[N],(hond)[N])[N]
politiekaart	((politie)[N],(kaart)[N])[N]
politiekamer	((politie)[N],(kamer)[N])[N]
politiekordon	((politie)[N],(kordon)[N])[N]
politiemaatregel	((politie)[N],(maatregel)[N])[N]
politiemacht	((politie)[N],(macht)[N])[N]
politieman	((politie)[N],(man)[N])[N]
politiemuts	((politie)[N],(muts)[N])[N]
politieovertreding	((politie)[N],(((over)[P],(treed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
politiepenning	((politie)[N],(penning)[N])[N]
politiepost	((politie)[N],(post)[N])[N]
politierapport	((politie)[N],(rapport)[N])[N]
politierecht	((politie)[N],(recht)[N])[N]
politierechter	((politie)[N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
politiereglement	((politie)[N],(reglement)[N])[N]
politieruiter	((politie)[N],(ruiter)[N])[N]
politieserie	((politie)[N],(serie)[N])[N]
politiespion	((politie)[N],(spion)[N])[N]
politiestaat	((politie)[N],(staat)[N])[N]
politiestraf	((politie)[N],(straf)[N])[N]
politietoezicht	((politie)[N],((toe)[B],(zicht)[N])[N])[N]
politieverordening	((politie)[N],(((ver)[V|.V],(orden)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
politievoorschrift	((politie)[N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
politiewacht	((politie)[N],(wacht)[N])[N]
politiewet	((politie)[N],(wet)[N])[N]
politiewezen	((politie)[N],(wezen)[N])[N]
politiezaak	((politie)[N],(zaak)[N])[N]
politioneel	((politie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
politiseren	((politiek)[N],(eer)[V|N.])[V]
politisering	(((politiek)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
politoer	(politoer)[N]
politoeren	(politoer)[V]
politoersel	((politoer)[V],(sel)[N|V.])[N]
polk	(polk)[N]
polka-mazurka	((polka)[N],(mazurka)[N])[N]
polkahaar	((polka)[N],(haar)[N])[N]
polkakopje	((polka)[N],(kop)[N])[N]
poll	(poll)[N]
pollenkoorts	((pollen)[N],(koorts)[N])[N]
pollepel	((pol)[N],(lepel)[N])[N]
polo	(polo)[N]
polohemd	((polo)[V],(hemd)[N])[N]
poloshirt	((polo)[V],(shirt)[N])[N]
polospel	((polo)[V],(spel)[N])[N]
poloën	(polo)[V]
pols	(pols)[N]
polsader	((pols)[N],(ader)[N])[N]
polsband	((pols)[N],(band)[N])[N]
polsbeschermer	((pols)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
polsdik	((pols)[N],(dik)[A])[A]
polsdrager	((pols)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
polsdruk	((pols)[N],(druk)[N])[N]
polsen	(pols)[V]
polshorloge	((pols)[N],(horloge)[N])[N]
polsriem	((pols)[N],(riem)[N])[N]
polsslag	((pols)[N],(slag)[N])[N]
polsslagader	((pols)[N],((slag)[N],(ader)[N])[N])[N]
polsstilstand	((pols)[N],((stil)[A],(stand)[N])[N])[N]
polsstok	((pols)[N],(stok)[N])[N]
polsstokhoogspringen	(((pols)[N],(stok)[N])[N],((hoog)[A],(spring)[V])[V])[V]
polsstokspringen	(((pols)[N],(stok)[N])[N],(spring)[V])[V]
polsstokverspringen	(((pols)[N],(stok)[N])[N],((ver)[A],(spring)[V])[V])[V]
polstasje	((pols)[N],(tas)[N])[N]
polstelevisie	((pols)[N],(televisie)[N])[N]
polswijdte	((pols)[N],((wijd)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
polychromatisch	((poly)[A|.A],((chroma)[N],(atisch)[A|N.])[A])[A]
polychromeren	((polychroom)[A],(eer)[V|A.])[V]
polychromie	((polychroom)[A],(ie)[N|A.])[N]
polycyclisch	((poly)[A|.A],((cyclus)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
polyester	((poly)[N|.N],(ester)[N])[N]
polyetheen	((poly)[N|.N],(etheen)[N])[N]
polyether	((poly)[N|.N],(ether)[N])[N]
polyethyleen	((poly)[N|.N],(ethyleen)[N])[N]
polyethyleen	((poly)[A|.N],(etheen)[N])[A]
polyfonie	((polyfoon)[A],(ie)[N|A.])[N]
polyform	((poly)[A|.N],(vorm)[N])[A]
polygamie	((polygaam)[A],(ie)[N|A.])[N]
polyglottisch	((polyglot)[N],(isch)[A|N.])[A]
polygonaal	((polygoon)[N],(aal)[A|N.])[A]
polygrafie	((poly)[N|.N],((grafisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
polyinterpretabel	((poly)[A|.A],((interpreteer)[V],(abel)[A|V.])[A])[A]
polyinterpretabiliteit	(((poly)[A|.A],((interpreteer)[V],(abel)[A|V.])[A])[A],(biliteit)[N|A.])[N]
polymerie	((polymeer)[A],(ie)[N|A.])[N]
polymerisatie	(((polymeer)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
polymeriseren	((polymeer)[N],(iseer)[V|N.])[V]
polymetriek	((poly)[N|.N],(((metrum)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
polymorfie	((polymorf)[A],(ie)[N|A.])[N]
polymorfisme	((polymorf)[A],(isme)[N])[N]
polyritmiek	((poly)[N|.N],(((ritme)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
polysemantisch	((poly)[A|.A],(semantisch)[A])[A]
polysyllabisch	((poly)[A|.A],((syllabe)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
polytechniek	((poly)[N|.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
polytechnisch	((poly)[A|.A],(technisch)[A])[A]
polytheen	((poly)[N|.N],(etheen)[N])[N]
polytheïsme	((poly)[N|.N],(theïsme)[N])[N]
polytheïst	((poly)[N|.N],(theïst)[N])[N]
polytheïstisch	(((poly)[N|.N],(theïst)[N])[N],(isch)[A|N.])[A]
polytonaliteit	((poly)[N|.N],(((toon)[N],(aal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
pomerans	(pomerans)[N]
pomeransbitter	((pomerans)[N],(bitter)[N])[N]
pommade	(pommade)[N]
pommadepot	((pommade)[N],(pot)[N])[N]
pomp	(pomp)[N]
pompadoeren	((pompadoer)[N],(en)[A|N.])[A]
pomparm	((pomp)[N],(arm)[N])[N]
pompbak	((pomp)[N],(bak)[N])[N]
pompbediende	((pomp)[N],(bediende)[N])[N]
pompbuis	((pomp)[N],(buis)[N])[N]
pompelmoes	(pompelmoes)[N]
pompemmer	((pomp)[N],(emmer)[N])[N]
pompen	(pomp)[V]
pompeusheid	((pompeus)[A],(heid)[N|A.])[N]
pompgemaal	((pomp)[V],((ge)[N|.V],(maal)[V])[N])[N]
pomphouder	((pomp)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
pompkamer	((pomp)[N],(kamer)[N])[N]
pompondahlia	((pompon)[N],(dahlia)[N])[N]
pompschroevendraaier	((pomp)[N],((schroef)[N],(e)[N|N.Vx],(draai)[V],(er)[N|NxV.])[N])[N]
pompspanjolet	((pomp)[N],(spanjolet)[N])[N]
pompstang	((pomp)[N],(stang)[N])[N]
pompstation	((pomp)[V],(station)[N])[N]
pompwater	((pomp)[V],(water)[N])[N]
pompzuiger	((pomp)[N],((zuig)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
pompzwengel	((pomp)[V],(zwengel)[N])[N]
pon	(pon)[N]
poncho	(poncho)[N]
pond	(pond)[N]
ponderboom	((ponder)[N],(boom)[N])[N]
pondkoek	((pond)[N],(koek)[N])[N]
pondpapier	((pond)[N],(papier)[N])[N]
pondsgewijs	((pond)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
pondteken	((pond)[N],(teken)[N])[N]
ponk	(ponk)[N]
pons	(pons)[N]
ponsband	((pons)[V],(band)[N])[N]
ponsen	(pons)[V]
ponsettia	(ponsettia)[N]
ponsfout	((pons)[V],(fout)[N])[N]
ponsgat	((pons)[V],(gat)[N])[N]
ponskaart	((pons)[V],(kaart)[N])[N]
ponsmachine	((pons)[V],(machine)[N])[N]
ponsstrook	((pons)[V],(strook)[N])[N]
ponstypist	((pons)[N],(typist)[N])[N]
ponstypiste	(((pons)[N],(typist)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
pont	(pont)[N]
pontbrug	((pont)[N],(brug)[N])[N]
ponterstok	((ponder)[N],(stok)[N])[N]
pontgeld	((pont)[N],(geld)[N])[N]
pontificaat	((pontificeer)[V],(aat)[N|V.])[N]
pontklep	((pont)[N],(klep)[N])[N]
pontonbrug	((ponton)[N],(brug)[N])[N]
pontonnier	((ponton)[N],(ier)[N|N.])[N]
pontveer	((pont)[N],(veer)[N])[N]
pontwachter	((pont)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
ponybaan	((pony)[N],(baan)[N])[N]
ponyhaar	((pony)[N],(haar)[N])[N]
ponywagen	((pony)[N],(wagen)[N])[N]
pooien	(pooi)[V]
pooier	((pooi)[V],(er)[N|V.])[N]
pook	(pook)[N]
pool	(pool)[N]
poolas	((pool)[N],(as)[N])[N]
poolbeer	((pool)[N],(beer)[N])[N]
poolcirkel	((pool)[N],(cirkel)[N])[N]
poolcoördinaten	((pool)[N],((coördineer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
poolen	(pool)[V]
poolexpeditie	((pool)[N],((expedieer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
poolfront	((pool)[N],(front)[N])[N]
poolgebied	((pool)[N],(gebied)[N])[N]
poolhond	((pool)[N],(hond)[N])[N]
poolijs	((pool)[N],(ijs)[N])[N]
poolkap	((pool)[N],(kap)[N])[N]
poolketting	((pool)[N],(ketting)[N])[N]
poolklem	((pool)[N],(klem)[N])[N]
poolkring	((pool)[N],(kring)[N])[N]
poollicht	((pool)[N],(licht)[N])[N]
poollucht	((pool)[N],(lucht)[N])[N]
poolnacht	((pool)[N],(nacht)[N])[N]
poolplaats	((pool)[V],(plaats)[N])[N]
poolreiziger	((pool)[N],(reiziger)[N])[N]
poolroute	((pool)[N],(route)[N])[N]
poolschip	((pool)[N],(schip)[N])[N]
poolschoen	((pool)[N],(schoen)[N])[N]
poolschommeling	((pool)[N],((schommel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
poolshoogte	((pool)[N],(s)[N|N.N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
poolspanning	((pool)[N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
poolstation	((pool)[N],(station)[N])[N]
poolster	((pool)[N],(ster)[N])[N]
poolstreek	((pool)[N],(streek)[N])[N]
poolstroom	((pool)[N],(stroom)[N])[N]
poolvast	((pool)[N],(vast)[A])[A]
poolvos	((pool)[N],(vos)[N])[N]
poolweefsel	((pool)[N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
poolwind	((pool)[N],(wind)[N])[N]
poolwisseling	((pool)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
poolzee	((pool)[N],(zee)[N])[N]
poon	(poon)[N]
poort	(poort)[N]
poortader	((poort)[N],(ader)[N])[N]
poortdeur	((poort)[N],(deur)[N])[N]
poorter	((poort)[N],(er)[N|N.])[N]
poorterboek	(((poort)[N],(er)[N|N.])[N],(boek)[N])[N]
poorterrecht	(((poort)[N],(er)[N|N.])[N],(recht)[N])[N]
poorterschap	(((poort)[N],(er)[N|N.])[N],(schap)[N|N.])[N]
poortgebouw	((poort)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
poortgewelf	((poort)[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
poortklok	((poort)[N],(klok)[N])[N]
poortwachter	((poort)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
poos	(poos)[N]
poot	(poot)[N]
pootaardappel	((poot)[V],((aarde)[N],(appel)[N])[N])[N]
pootafstand	((poot)[V],(afstand)[N])[N]
pootgat	((poot)[V],(gat)[N])[N]
pootgoed	((poot)[V],(goed)[N])[N]
pootijzer	((poot)[V],(ijzer)[N])[N]
pootjebaden	((poot)[N],(baad)[V])[V]
pootlijn	((poot)[V],(lijn)[N])[N]
pootmachine	((poot)[V],(machine)[N])[N]
pootui	((poot)[V],(ui)[N])[N]
pootvijver	((poot)[V],(vijver)[N])[N]
pootziekte	((poot)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
pop	(pop)[N]
popachtig	((pop)[N],(achtig)[A|N.])[A]
popartiest	((pop)[N],(artiest)[N])[N]
popblad	((pop)[N],(blad)[N])[N]
popconcert	((pop)[N],(concert)[N])[N]
popcultuur	((pop)[N],(cultuur)[N])[N]
popel	(popel)[N]
popelen	(popel)[V]
popfeest	((pop)[N],(feest)[N])[N]
popfestival	((pop)[N],(festival)[N])[N]
popgroep	((pop)[N],(groep)[N])[N]
popidool	((pop)[N],(idool)[N])[N]
popmooi	((pop)[N],(mooi)[A])[A]
popmusicus	((pop)[N],(musicus)[N])[N]
popmuziek	((pop)[N],(muziek)[N])[N]
popnagel	((pop)[V],(nagel)[N])[N]
popopera	((pop)[N],(opera)[N])[N]
poppen	(pop)[V]
poppendokter	((pop)[N],(en)[N|N.N],(dokter)[N])[N]
poppengezicht	((pop)[N],(e)[N|N.N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
poppengoed	((pop)[N],(e)[N|N.N],(goed)[N])[N]
poppenhuis	((pop)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
poppenjurk	((pop)[N],(e)[N|N.N],(jurk)[N])[N]
poppenkamer	((pop)[N],(en)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
poppenkast	((pop)[N],(en)[N|N.N],(kast)[N])[N]
poppenkasterij	(((pop)[N],(en)[N|N.N],(kast)[N])[N],(erij)[N|N.])[N]
poppenkleren	((pop)[N],(e)[N|N.N],(kleed)[N])[N]
poppenkraam	((pop)[N],(en)[N|N.N],(kraam)[N])[N]
poppenspel	((pop)[N],(en)[N|N.N],(spel)[N])[N]
poppenspeler	((pop)[N],(en)[N|N.N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
poppenstoel	((pop)[N],(e)[N|N.N],(stoel)[N])[N]
poppenstront	((pop)[N],(e)[N|N.N],(stront)[N])[N]
poppentheater	((pop)[N],(en)[N|N.N],(theater)[N])[N]
poppenwagen	((pop)[N],(e)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
popperig	((pop)[N],(erig)[A|N.])[A]
popperigheid	(((pop)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
poppig	((pop)[N],(ig)[A|N.])[A]
poppigheid	(((pop)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
popsong	((pop)[N],(song)[N])[N]
popstation	((pop)[N],(station)[N])[N]
popster	((pop)[N],(ster)[N])[N]
poptang	((pop)[V],(tang)[N])[N]
populair-wetenschappelijk	((populair)[A],(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
populariseren	((populair)[A],(iseer)[V|A.])[V]
popularisering	(((populair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
populariteit	((populair)[A],(iteit)[N|A.])[N]
populariteitspoll	(((populair)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(poll)[N])[N]
populatiebiologie	((populatie)[N],((biologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
populatiebioloog	((populatie)[N],(bioloog)[N])[N]
populatiedichtheid	((populatie)[N],((dicht)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
populatiedynamica	((populatie)[N],(dynamica)[N])[N]
populatiegenetica	((populatie)[N],(genetica)[N])[N]
populatiegrootte	((populatie)[N],((groot)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
populier	(populier)[N]
populieren	((populier)[N],(en)[A|N.])[A]
populierenhout	((populier)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
populistisch	((populist)[N],(isch)[A|N.])[A]
popwereld	((pop)[N],(wereld)[N])[N]
popzanger	((pop)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
popzangeres	((pop)[N],(((zing)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N])[N]
popzender	((pop)[N],(zend)[V],(er)[N|NV.])[N]
por	(por)[N]
porcuskunde	((porcus)[N],(kunde)[N])[N]
porder	((por)[V],(der)[N|V.])[N]
porem	(porem)[N]
poreusheid	((poreus)[A],(heid)[N|A.])[N]
porfieren	((porfier)[N],(en)[A|N.])[A]
porfiertegel	((porfier)[N],(tegel)[N])[N]
porie	(porie)[N]
porno	(porno)[N]
pornobioscoop	((porno)[N],(bioscoop)[N])[N]
pornoblad	((porno)[N],(blad)[N])[N]
pornoboekje	((porno)[N],(boek)[N])[N]
pornofilm	((porno)[N],(film)[N])[N]
pornofoto	((porno)[N],(foto)[N])[N]
pornografie	((pornografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
pornoshow	((porno)[N],(show)[N])[N]
pornotheater	((porno)[N],(theater)[N])[N]
porositeit	((poreus)[A],(iteit)[N|A.])[N]
porren	(por)[V]
porring	((por)[V],(ing)[N|V.])[N]
porselein	(porselein)[N]
porseleinaarde	((porselein)[N],(aarde)[N])[N]
porseleinblauw	((porselein)[N],(blauw)[A])[A]
porseleinen	((porselein)[N],(en)[A|N.])[A]
porseleinkast	((porselein)[N],(kast)[N])[N]
porseleinkleur	((porselein)[N],(kleur)[N])[N]
porseleinlak	((porselein)[N],(lak)[N])[N]
porseleinschilder	((porselein)[N],(schilder)[N])[N]
porseleinwinkel	((porselein)[N],(winkel)[N])[N]
porster	((por)[V],(ster)[N|V.])[N]
port	(port)[N]
portaalhefwagen	((portaal)[N],((hef)[V],(wagen)[N])[N])[N]
portaalkraan	((portaal)[N],(kraan)[N])[N]
portefeuillekwestie	((portefeuille)[N],(kwestie)[N])[N]
portelbier	((portel)[N],(bier)[N])[N]
portglas	((port)[N],(glas)[N])[N]
portiekwoning	((portiek)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
portierraampje	((portier)[N],(raam)[N])[N]
portiershokje	((portier)[N],(s)[N|N.N],(hok)[N])[N]
portiersloge	((portier)[N],(s)[N|N.N],(loge)[N])[N]
portierspet	((portier)[N],(s)[N|N.N],(pet)[N])[N]
portierster	((portier)[N],(ster)[N|N.])[N]
portokosten	((porto)[N],(kost)[N])[N]
portretalbum	((portret)[N],(album)[N])[N]
portretfoto	((portret)[N],(foto)[N])[N]
portretfotografie	((portret)[N],((fotografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
portretgalerij	((portret)[N],(galerij)[N])[N]
portretkunst	((portret)[N],(kunst)[N])[N]
portretlijst	((portret)[N],(lijst)[N])[N]
portretschilder	((portret)[N],(schilder)[N])[N]
portretstudie	((portret)[N],(studie)[N])[N]
portrettengalerij	((portret)[N],(en)[N|N.N],(galerij)[N])[N]
portretteren	((portret)[N],(eer)[V|N.])[V]
portrettist	((portret)[N],(ist)[N|N.])[N]
portvrij	((port)[N],(vrij)[A])[A]
portvrijdom	((port)[N],((vrij)[A],(dom)[N|A.])[N])[N]
portwijn	((port)[N],(wijn)[N])[N]
portzegel	((port)[N],(zegel)[N])[N]
pos	(pos)[N]
pose	(pose)[N]
poseren	((pose)[N],(eer)[V|N.])[V]
poseur	(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
positie	(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N]
positiejurk	((((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N],(jurk)[N])[N]
positiekeuze	((((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N],(keuze)[N])[N]
positiekleding	((((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
positiespel	((((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N],(spel)[N])[N]
positieverandering	((((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
positieverbetering	((((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
possessief	((possessie)[N],(ief)[N|N.])[N]
post	(post)[N]
postaal	((post)[N],(aal)[A|N.])[A]
postabonnement	((post)[N],((abonneer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
postacademiaal	((post)[A|.Nx],((academisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(iaal)[A|xN.])[A]
postacademisch	((post)[P],(academisch)[A])[A]
postadres	((post)[N],(adres)[N])[N]
postagentschap	((post)[N],(((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
postambtenaar	((post)[N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
postauto	((post)[N],(auto)[N])[N]
postbank	((post)[N],(bank)[N])[N]
postbeambte	((post)[N],(beambte)[N])[N]
postbestelling	((post)[N],(bestel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
postbewijs	((post)[N],(bewijs)[N])[N]
postblad	((post)[N],(blad)[N])[N]
postbode	((post)[N],(bode)[N])[N]
postboot	((post)[N],(boot)[N])[N]
postbox	((post)[N],(box)[N])[N]
postbus	((post)[N],(bus)[N])[N]
postcheque	((post)[N],(cheque)[N])[N]
postcode	((post)[N],(code)[N])[N]
postcodeboek	(((post)[N],(code)[N])[N],(boek)[N])[N]
postcommandant	((post)[N],((commandeer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
postconcentratiekampsyndroom	((post)[N|.NN],(((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kamp)[N])[N],(syndroom)[N])[N]
postdateren	((post)[P],(dateer)[V])[V]
postdatum	((post)[N],(datum)[N])[N]
postdienst	((post)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
postdirecteur	((post)[N],(directeur)[N])[N]
postdistrict	((post)[N],(district)[N])[N]
postdoctoraal	((post)[P],(doctoraal)[A])[A]
postduif	((post)[N],(duif)[N])[N]
postduivenvereniging	(((post)[N],(duif)[N])[N],(en)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
postelein	(postelein)[N]
posten	(post)[V]
poster	((post)[V],(er)[N|V.])[N]
posteren	((post)[N],(eer)[V|N.])[V]
posterformaat	((poster)[N],((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
posterioriteit	((posterieur)[A],(iteit)[N|A.])[N]
postexistentie	((post)[P],((existeer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
postformaat	((post)[N],((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
postformulier	((post)[N],(formulier)[N])[N]
postfrontaal	((post)[P],((front)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
postgids	((post)[N],(gids)[N])[N]
postgiro	((post)[N],(giro)[N])[N]
postgirodienst	(((post)[N],(giro)[N])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
postglaciaal	((post)[P],(glaciaal)[A])[A]
posthoorn	((post)[N],(hoorn)[N])[N]
posthoren	((post)[N],(horen)[N])[N]
postincunabel	((post)[P],(incunabel)[N])[N]
postindustrieel	((post)[P],((industrie)[N],(ieel)[A|N.])[A])[A]
postjesjager	((post)[N],(s)[N|N.Vx],(jaag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
postkaart	((post)[N],(kaart)[N])[N]
postkamer	((post)[N],(kamer)[N])[N]
postkandidaat	((post)[P],((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
postkandidaats	((post)[P],((((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(examen)[N])[N])[N])[N]
postkantoor	((post)[N],(kantoor)[N])[N]
postkarretje	((post)[N],(kar)[N])[N]
postkoets	((post)[N],(koets)[N])[N]
postkoloniaal	((post)[P],((kolonie)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
postkwitantie	((post)[N],((kwiteer)[V],(antie)[N|V.])[N])[N]
postlading	((post)[N],((laad)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
postloket	((post)[N],(loket)[N])[N]
postmandaat	((post)[N],(mandaat)[N])[N]
postmeester	((post)[N],(meester)[N])[N]
postmerk	((post)[N],(merk)[N])[N]
postnataal	((post)[P],(nataal)[A])[A]
postnummer	((post)[N],(nummer)[N])[N]
postorder	((post)[N],(order)[N])[N]
postorderbedrijf	(((post)[N],(order)[N])[N],(bedrijf)[N])[N]
postpaard	((post)[N],(paard)[N])[N]
postpak	((post)[N],(pak)[N])[N]
postpakket	((post)[N],(pakket)[N])[N]
postpakketdienst	(((post)[N],(pakket)[N])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
postpakketformulier	(((post)[N],(pakket)[N])[N],(formulier)[N])[N]
postpakkettendienst	(((post)[N],(pakket)[N])[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
postpakketweger	(((post)[N],(pakket)[N])[N],(weeg)[V],(er)[N|NV.])[N]
postpapier	((post)[N],(papier)[N])[N]
postpenning	((post)[N],(penning)[N])[N]
postpositie	((post)[P],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
postreclame	((post)[N],(reclame)[N])[N]
postregister	((post)[N],(register)[N])[N]
postrekening	((post)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
postrijtuig	((post)[N],((rijd)[V],(tuig)[N])[N])[N]
postsecundair	((post)[P],(secundair)[A])[A]
postspaarbank	((post)[N],((spaar)[V],(bank)[N])[N])[N]
postspaarbankboekje	(((post)[N],((spaar)[V],(bank)[N])[N])[N],(boek)[N])[N]
poststempel	((post)[N],(stempel)[N])[N]
poststuk	((post)[N],(stuk)[N])[N]
posttarief	((post)[N],(tarief)[N])[N]
posttrein	((post)[N],(trein)[N])[N]
postulaat	((postuleer)[V],(aat)[N|V.])[N]
postulant	((postuleer)[V],(ant)[N|V.])[N]
postulante	(((postuleer)[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
postunie	((post)[N],(unie)[N])[N]
postuniversitair	((post)[P],(universitair)[A])[A]
postvak	((post)[N],(vak)[N])[N]
postvatten	((post)[N],(vat)[V])[V]
postverbinding	((post)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
postverdrag	((post)[N],(verdrag)[N])[N]
postverkeer	((post)[N],(verkeer)[N])[N]
postverzending	((post)[N],(((ver)[V|.V],(zend)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
postvliegtuig	((post)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
postvlucht	((post)[N],(vlucht)[N])[N]
postvoorschrift	((post)[N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
postwagen	((post)[N],(wagen)[N])[N]
postweg	((post)[N],(weg)[N])[N]
postwet	((post)[N],(wet)[N])[N]
postwezen	((post)[N],(wezen)[N])[N]
postwissel	((post)[N],(wissel)[N])[N]
postwisselformulier	(((post)[N],(wissel)[N])[N],(formulier)[N])[N]
postzak	((post)[N],(zak)[N])[N]
postzegel	((post)[N],(zegel)[N])[N]
postzegelalbum	(((post)[N],(zegel)[N])[N],(album)[N])[N]
postzegelautomaat	(((post)[N],(zegel)[N])[N],(automaat)[N])[N]
postzegelbeurs	(((post)[N],(zegel)[N])[N],(beurs)[N])[N]
postzegelbevochtiger	(((post)[N],(zegel)[N])[N],((be)[V|.A],((vocht)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(er)[N|NV.])[N]
postzegelcatalogus	(((post)[N],(zegel)[N])[N],(catalogus)[N])[N]
postzegelhandel	(((post)[N],(zegel)[N])[N],(handel)[N])[N]
postzegelkunde	(((post)[N],(zegel)[N])[N],(kunde)[N])[N]
postzegelstaatje	(((post)[N],(zegel)[N])[N],(staat)[N])[N]
postzegelverzamelaar	(((post)[N],(zegel)[N])[N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
postzegelverzameling	(((post)[N],(zegel)[N])[N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
postzending	((post)[N],((zend)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
pot	(pot)[N]
potaarde	((pot)[V],(aarde)[N])[N]
potas	((pot)[N],(as)[N])[N]
potbloem	((pot)[N],(bloem)[N])[N]
potcultuur	((pot)[V],(cultuur)[N])[N]
potdeksel	((pot)[N],((dek)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
potdicht	((pot)[N],(dicht)[A])[A]
potdoof	((pot)[N],(doof)[A])[A]
poteling	((poot)[V],(eling)[N|V.])[N]
poten	(poot)[V]
potenrammer	((poot)[N],(en)[N|N.Vx],(ram)[V],(er)[N|NxV.])[N]
potentiaaleenheid	((potentiaal)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
potentiaalfunctie	((potentiaal)[N],(functie)[N])[N]
potentiaalsprong	((potentiaal)[N],(sprong)[N])[N]
potentiaalstroom	((potentiaal)[N],(stroom)[N])[N]
potentie	((potent)[A],(ie)[N|A.])[N]
potentieel	(((potent)[A],(ie)[N|A.])[N],(ieel)[A|N.])[A]
potentieprobleem	(((potent)[A],(ie)[N|A.])[N],(probleem)[N])[N]
potentiestoornis	(((potent)[A],(ie)[N|A.])[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
poter	((poot)[V],(er)[N|V.])[N]
poterne	(poterne)[N]
poterteelt	(((poot)[V],(er)[N|V.])[N],(teelt)[N])[N]
potgeld	((pot)[V],(geld)[N])[N]
potgewas	((pot)[V],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
potgrond	((pot)[V],(grond)[N])[N]
pothoed	((pot)[N],(hoed)[N])[N]
pothuis	((pot)[N],(huis)[N])[N]
potig	((poot)[N],(ig)[A|N.])[A]
potjeslatijn	((potje)[N],(s)[N|N.N],(Latijn)[N])[N]
potjesmarkt	((potje)[N],(s)[N|N.N],(markt)[N])[N]
potkachel	((pot)[N],(kachel)[N])[N]
potkijker	((pot)[N],(kijk)[V],(er)[N|NV.])[N]
potloden	((pot)[N],(lood)[V])[V]
potlood	((pot)[N],(lood)[N])[N]
potloodhouder	(((pot)[N],(lood)[N])[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
potloodpasser	(((pot)[N],(lood)[N])[N],(passer)[N])[N]
potloodscherper	(((pot)[N],(lood)[N])[N],(scherp)[V],(er)[N|NV.])[N]
potloodslijper	(((pot)[N],(lood)[N])[N],(slijp)[V],(er)[N|NV.])[N]
potloodslijpmachine	(((pot)[N],(lood)[N])[N],(slijp)[V],(machine)[N])[N]
potloodstift	(((pot)[N],(lood)[N])[N],(stift)[N])[N]
potloodtekening	(((pot)[N],(lood)[N])[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
potloodventer	(((pot)[N],(lood)[N])[N],(vent)[V],(er)[N|NV.])[N]
potnat	((pot)[N],(nat)[N])[N]
potplant	((pot)[N],(plant)[N])[N]
pots	(pots)[N]
potscherf	((pot)[N],(scherf)[N])[N]
potsenmaker	((pots)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
potsenmakerij	((pots)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
potsig	((pots)[N],(ig)[A|N.])[A]
potspel	((pot)[N],(spel)[N])[N]
potstal	((pot)[N],(stal)[N])[N]
potten	(pot)[V]
pottenbakker	((pot)[N],(en)[N|N.Vx],(bak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
pottenbakkerij	((pot)[N],(en)[N|N.Vx],(bak)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
pottenbakkersklei	(((pot)[N],(en)[N|N.Vx],(bak)[V],(er)[N|NxV.])[N],(s)[N|N.N],(klei)[N])[N]
pottenbakkerskunst	(((pot)[N],(en)[N|N.Vx],(bak)[V],(er)[N|NxV.])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
pottenbakkersoven	((pot)[N],(en)[N|N.N],(((bak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(oven)[N])[N])[N]
pottenbakkersschijf	(((pot)[N],(en)[N|N.Vx],(bak)[V],(er)[N|NxV.])[N],(s)[N|N.N],(schijf)[N])[N]
pottenbakkerswiel	(((pot)[N],(en)[N|N.Vx],(bak)[V],(er)[N|NxV.])[N],(s)[N|N.N],(wiel)[N])[N]
pottenbakster	((pot)[N],(en)[N|N.Vx],(bak)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
pottencultuur	((pot)[N],(en)[N|N.N],(cultuur)[N])[N]
pottenkast	((pot)[N],(en)[N|N.N],(kast)[N])[N]
pottenkijker	((pot)[N],(e)[N|N.Vx],(kijk)[V],(er)[N|NxV.])[N]
pottenmarkt	((pot)[N],(en)[N|N.N],(markt)[N])[N]
pottenwinkel	((pot)[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
potter	((pot)[V],(er)[N|V.])[N]
potverteerder	(((pot)[N],((ver)[V|.V],(teer)[V])[V])[V],(der)[N|V.])[N]
potverteren	((pot)[N],((ver)[V|.V],(teer)[V])[V])[V]
potvis	((pot)[N],(vis)[N])[N]
potvisolie	(((pot)[N],(vis)[N])[N],(olie)[N])[N]
potvormig	((pot)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
pover	(pover)[A]
poverheid	((pover)[A],(heid)[N|A.])[N]
pozen	(poos)[V]
poëma	(poëma)[N]
poëtasterij	((poëtaster)[N],(ij)[N|N.])[N]
poëticaal	((poëtica)[N],(aal)[A|N.])[A]
poëtiek	(((poëet)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
poëtisch	((poëet)[N],(isch)[A|N.])[A]
poëtiseren	(((poëet)[N],(isch)[A|N.])[A],(eer)[V|A.])[V]
poëziealbum	((poëzie)[N],(album)[N])[N]
poëzieavond	((poëzie)[N],(avond)[N])[N]
poëziebloemlezing	((poëzie)[N],((bloem)[N],(lees)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
poëziebundel	((poëzie)[N],(bundel)[N])[N]
poëziegeschiedenis	((poëzie)[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
poëziekrant	((poëzie)[N],(krant)[N])[N]
poëziekroniek	((poëzie)[N],((kronisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
poëzieleer	((poëzie)[N],(leer)[N])[N]
poëzieminnaar	((poëzie)[N],((min)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
praaien	(praai)[V]
praairapport	((praai)[V],(rapport)[N])[N]
praal	(praal)[N]
praalbed	((praal)[V],(bed)[N])[N]
praalgraf	((praal)[V],(graf)[N])[N]
praalhans	((praal)[V],(hans)[N])[N]
praalkoets	((praal)[V],(koets)[N])[N]
praalvertoon	((praal)[V],(vertoon)[N])[N]
praalwagen	((praal)[V],(wagen)[N])[N]
praalziek	((praal)[V],(ziek)[A])[A]
praalzucht	((praal)[V],(zucht)[N])[N]
praam	(praam)[N]
praat	(praat)[N]
praatachtig	((praat)[V],(achtig)[A|V.])[A]
praatal	((praat)[V],(al)[B])[N]
praatavond	((praat)[V],(avond)[N])[N]
praatgraag	((praat)[V],(graag)[B])[N]
praatgroep	((praat)[V],(groep)[N])[N]
praatjesmaker	((praat)[N],(s)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
praatlustig	((praat)[N],(lust)[N],(ig)[A|NN.])[A]
praatpaal	((praat)[V],(paal)[N])[N]
praatprogramma	((praat)[V],(programma)[N])[N]
praatshow	((praat)[V],(show)[N])[N]
praatster	((praat)[V],(ster)[N|V.])[N]
praatstoel	((praat)[V],(stoel)[N])[N]
praatstuk	((praat)[V],(stuk)[N])[N]
praatvaar	((praat)[V],(vaar)[N])[N]
praatziek	((praat)[V],(ziek)[A])[A]
praatzucht	((praat)[V],(zucht)[N])[N]
prachen	(prach)[V]
pracht	(pracht)[N]
prachtband	((pracht)[N],(band)[N])[N]
prachtbeest	((pracht)[N],(beest)[N])[N]
prachteditie	((pracht)[N],(editie)[N])[N]
prachtexemplaar	((pracht)[N],(exemplaar)[N])[N]
prachtfiguur	((pracht)[N],(figuur)[N])[N]
prachtgelegenheid	((pracht)[N],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
prachtig	((pracht)[N],(ig)[A|N.])[A]
prachtkerel	((pracht)[N],(kerel)[N])[N]
prachtkleed	((pracht)[N],(kleed)[N])[N]
prachtkleur	((pracht)[N],(kleur)[N])[N]
prachtlievend	((pracht)[N],(lievend)[V])[A]
prachtmeid	((pracht)[N],(meid)[N])[N]
prachtstuk	((pracht)[N],(stuk)[N])[N]
prachtuitgave	((pracht)[N],(uitgave)[N])[N]
prachtvol	((pracht)[N],(vol)[A])[A]
prachtvrouw	((pracht)[N],(vrouw)[N])[N]
prachtwerk	((pracht)[N],(werk)[N])[N]
prachtwolfsmelk	((pracht)[N],((wolf)[N],(s)[N|N.N],(melk)[N])[N])[N]
prairie	(prairie)[N]
prairie-indiaan	((prairie)[N],(Indiaan)[N])[N]
prairiebrand	((prairie)[N],(brand)[N])[N]
prairiegras	((prairie)[N],(gras)[N])[N]
prairiehond	((prairie)[N],(hond)[N])[N]
prairiepaard	((prairie)[N],(paard)[N])[N]
prairiewolf	((prairie)[N],(wolf)[N])[N]
prak	(prak)[N]
prakijzer	((prak)[V],(ijzer)[N])[N]
prakken	(prak)[V]
prakkiseren	(prakkiseer)[V]
praktijkassistente	((praktijk)[N],(((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N])[N]
praktijkbehoefte	((praktijk)[N],(behoefte)[N])[N]
praktijkbeoefening	((praktijk)[N],(((be)[V|.V],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
praktijkdiploma	((praktijk)[N],(diploma)[N])[N]
praktijkdocent	((praktijk)[N],(doceer)[V],(ent)[N|NV.])[N]
praktijkervaring	((praktijk)[N],(((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
praktijkexamen	((praktijk)[N],(examen)[N])[N]
praktijkgericht	((praktijk)[N],(gericht)[A])[A]
praktijkjaar	((praktijk)[N],(jaar)[N])[N]
praktijklokaal	((praktijk)[N],(lokaal)[N])[N]
praktijkoefening	((praktijk)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
praktijkonderzoek	((praktijk)[N],(onderzoek)[N])[N]
praktijkorganisatie	((praktijk)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
praktijkprobleem	((praktijk)[N],(probleem)[N])[N]
praktijkruimte	((praktijk)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
praktijkscholing	((praktijk)[N],((school)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
praktijkschool	((praktijk)[N],(school)[N])[N]
praktijksituatie	((praktijk)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
praktijktheoretisch	((praktijk)[N],((theorie)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
praktijktheorie	((praktijk)[N],(theorie)[N])[N]
praktijktraining	((praktijk)[N],((train)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
praktijkuitoefening	((praktijk)[N],(((uit)[P],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
praktijkvak	((praktijk)[N],(vak)[N])[N]
praktijkveld	((praktijk)[N],(veld)[N])[N]
praktijkvoorbeeld	((praktijk)[N],((voor)[B],(beeld)[N])[N])[N]
praktijkwerkzaamheid	((praktijk)[N],(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
pralen	(praal)[V]
praler	((praal)[V],(er)[N|V.])[N]
pralerij	((praal)[V],(erij)[N|V.])[N]
praline	(praline)[N]
pram	(pram)[N]
pramen	(praam)[V]
prang	(prang)[N]
prangen	(prang)[V]
pranger	((prang)[V],(er)[N|V.])[N]
prangijzer	((prang)[V],(ijzer)[N])[N]
prat	(prat)[A]
praten	(praat)[V]
prater	((praat)[V],(er)[N|V.])[N]
prauw	(prauw)[N]
prauwenveer	((prauw)[N],(e)[N|N.N],(veer)[N])[N]
prauwvoerder	((prauw)[N],(voer)[V],(der)[N|NV.])[N]
pre	(pre)[N]
preadolescentie	((pre)[N|.N],((adolescent)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
preadvies	((pre)[N|.N],(advies)[N])[N]
preadviseren	(((pre)[N|.N],(advies)[N])[N],(eer)[V|N.])[V]
preanesthesie	((pre)[N|.N],(anesthesie)[N])[N]
preanimisme	((pre)[N|.N],(animisme)[N])[N]
precariobelasting	((precario)[N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
precariorechten	((precario)[N],(recht)[N])[N]
precedent	((precedeer)[V],(ent)[N|V.])[N]
precedentie	((precedeer)[V],(entie)[N|V.])[N]
preceptoraat	((preceptor)[N],(aat)[N|N.])[N]
preciesheid	((precies)[A],(heid)[N|A.])[N]
precieusheid	((precieus)[A],(heid)[N|A.])[N]
precipitatie	((precipiteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
preciseren	((precies)[A],(eer)[V|A.])[V]
precisering	(((precies)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
precisie	((precies)[A],(ie)[N|A.])[N]
precisie-instrument	(((precies)[A],(ie)[N|A.])[N],(instrument)[N])[N]
precisieapparaat	(((precies)[A],(ie)[N|A.])[N],(apparaat)[N])[N]
precisiemeter	(((precies)[A],(ie)[N|A.])[N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
precisieonderdeel	(((precies)[A],(ie)[N|A.])[N],((onder)[P],(deel)[N])[N])[N]
precisieuurwerk	(((precies)[A],(ie)[N|A.])[N],((uur)[N],(werk)[N])[N])[N]
precisiewerk	(((precies)[A],(ie)[N|A.])[N],(werk)[N])[N]
precognitie	((pre)[N|.N],(cognitie)[N])[N]
preconceptie	((pre)[N|.N],((concept)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
predelirium	((pre)[N|.N],(delirium)[N])[N]
predestinatie	(((pre)[V|.V],(destineer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
predestineren	((pre)[V|.V],(destineer)[V])[V]
predeterminatie	((pre)[N|.N],((determineer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
predikaatsadjectief	((predikaat)[N],(s)[N|N.N],(adjectief)[N])[N]
predikaatsnomen	((predikaat)[N],(s)[N|N.N],(nomen)[N])[N]
predikaatswoord	((predikaat)[N],(s)[N|N.N],(woord)[N])[N]
predikambt	((predik)[V],(ambt)[N])[N]
predikant	((predik)[V],(ant)[N|V.])[N]
predikantenconferentie	(((predik)[V],(ant)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
predikantenvereniging	(((predik)[V],(ant)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
predikantsplaats	(((predik)[V],(ant)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plaats)[N])[N]
predikantswoning	(((predik)[V],(ant)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
predikatie	((predik)[V],(atie)[N|V.])[N]
predikatief	((predikaat)[N],(ief)[A|N.])[A]
predikbeurt	((predik)[V],(beurt)[N])[N]
predikbeurtenblad	(((predik)[V],(beurt)[N])[N],(en)[N|N.N],(blad)[N])[N]
prediken	(predik)[V]
prediker	((predik)[V],(er)[N|V.])[N]
predikheer	((predik)[V],(heer)[N])[N]
prediking	((predik)[V],(ing)[N|V.])[N]
predikstoel	((predik)[V],(stoel)[N])[N]
predisponeren	((pre)[V|.V],(disponeer)[V])[V]
predispositie	(((pre)[V|.V],(disponeer)[V])[V],(itie)[N|V.])[N]
predominant	((predomineer)[V],(ant)[A|V.])[A]
predominantie	((predomineer)[V],(antie)[N|V.])[N]
pree	(pree)[N]
preek	(preek)[N]
preekbeurt	((preek)[V],(beurt)[N])[N]
preekheer	((preek)[V],(heer)[N])[N]
preekstijl	((preek)[V],(stijl)[N])[N]
preekstoel	((preek)[V],(stoel)[N])[N]
preektoon	((preek)[V],(toon)[N])[N]
preektrant	((preek)[V],(trant)[N])[N]
preekverbod	((preek)[V],(verbod)[N])[N]
prefab	((geprefabriceerd)[V])[A]
prefabricatie	(((pre)[V|.V],(fabriceer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
prefabriceren	((pre)[V|.V],(fabriceer)[V])[V]
prefectuur	((prefect)[N],(uur)[N|N.])[N]
preferabel	((prefereer)[V],(abel)[A|V.])[A]
preferent	((prefereer)[V],(ent)[A|V.])[A]
preferentie	((prefereer)[V],(entie)[N|V.])[N]
prefigering	((prefigeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
prefiguratie	(((pre)[V|.V],((figuur)[N],(eer)[V|N.])[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
prefigureren	((pre)[V|.V],((figuur)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
prefrontaal	((pre)[A|.Nx],(front)[N],(aal)[A|xN.])[A]
pregewest	((pre)[N|.N],(gewest)[N])[N]
preglaciaal	((pre)[N|.A],(glaciaal)[A])[N]
prehistorie	((pre)[N|.N],((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
prei	(prei)[N]
preibed	((prei)[N],(bed)[N])[N]
preibol	((prei)[N],(bol)[N])[N]
preiplant	((prei)[N],(plant)[N])[N]
preisoep	((prei)[N],(soep)[N])[N]
prejudicieel	((prejudicie)[N],(eel)[A|N.])[A]
prekandidaats	((pre)[N|.N],((((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(examen)[N])[N])[N])[N]
preken	(preek)[V]
preker	((preek)[V],(er)[N|V.])[N]
prekerig	((preek)[V],(erig)[A|V.])[A]
preklinisch	((pre)[A|.A],(klinisch)[A])[A]
prelaatschap	((prelaat)[N],(schap)[N|N.])[N]
prelatuur	((prelaat)[N],(uur)[N|N.])[N]
prematuriteit	((prematuur)[A],(iteit)[N|A.])[N]
premedicatie	((premediceer)[V],(atie)[N|V.])[N]
premeditatie	((premediteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
premenstrueel	((pre)[A|.A],(menstrueel)[A])[A]
premie-inkomen	((premie)[N],(inkomen)[N])[N]
premieaandeel	((premie)[N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
premieberekening	((premie)[N],(((be)[V|.V],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
premiebouw	((premie)[N],(bouw)[N])[N]
premiecontract	((premie)[N],(contract)[N])[N]
premiedruk	((premie)[N],(druk)[N])[N]
premiegrens	((premie)[N],(grens)[N])[N]
premiehandel	((premie)[N],(handel)[N])[N]
premieheffing	((premie)[N],(hef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
premiejager	((premie)[N],(jaag)[V],(er)[N|NV.])[N]
premiekeuring	((premie)[N],((keur)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
premieklasse	((premie)[N],(klasse)[N])[N]
premielening	((premie)[N],((leen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
premieloon	((premie)[N],(loon)[N])[N]
premielot	((premie)[N],(lot)[N])[N]
premieobligatie	((premie)[N],((obligeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
premiepercentage	((premie)[N],(percentage)[N])[N]
premieplichtig	((premie)[N],(plicht)[N],(ig)[A|NN.])[A]
premieregeling	((premie)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
premiereserve	((premie)[N],(reserve)[N])[N]
premierschap	((premier)[N],(schap)[N|N.])[N]
premiespaarplan	((premie)[N],(spaar)[V],(plan)[N])[N]
premiestelsel	((premie)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
premieverzekering	((premie)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
premievrij	((premie)[N],(vrij)[A])[A]
premiewoning	((premie)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
prenataal	((pre)[A|.A],(nataal)[A])[A]
prent	(prent)[N]
prentachtig	((prent)[N],(achtig)[A|N.])[A]
prentbriefkaart	((prent)[N],((brief)[N],(kaart)[N])[N])[N]
prentbriefkaartenalbum	(((prent)[N],((brief)[N],(kaart)[N])[N])[N],(en)[N|N.N],(album)[N])[N]
prenten	(prent)[V]
prentenatlas	((prent)[N],(en)[N|N.N],(atlas)[N])[N]
prentenbijbel	((prent)[N],(en)[N|N.N],(bijbel)[N])[N]
prentenboek	((prent)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
prentenkabinet	((prent)[N],(en)[N|N.N],(kabinet)[N])[N]
prenterig	((prent)[N],(erig)[A|N.])[A]
prentkaart	((prent)[N],(kaart)[N])[N]
prentkunst	((prent)[N],(kunst)[N])[N]
prenumeratie	((prenumereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
prenuptiaal	((pre)[A|.A],(nuptiaal)[A])[A]
preoccupatie	((preoccupeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
preparaat	((prepareer)[V],(aat)[N|V.])[N]
preparateur	(((prepareer)[V],(aat)[N|V.])[N],(eur)[N|N.])[N]
preparatie	(((prepareer)[V],(aat)[N|V.])[N],(ie)[N|N.])[N]
prepareerglaasje	((prepareer)[V],(glas)[N])[N]
prepareermicroscoop	((prepareer)[V],(microscoop)[N])[N]
preponderantie	((preponderant)[A],(ie)[N|A.])[N]
prepositioneel	((prepositie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
prepuberteit	((pre)[N|.N],(puberteit)[N])[N]
presbyteriaans	((presbyteriaan)[N],(s)[A|N.])[A]
presenningreep	((presenning)[N],(reep)[N])[N]
presentabel	((presenteer)[V],(abel)[A|V.])[A]
presentatie	((presenteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
presentatietechnicus	(((presenteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(technicus)[N])[N]
presentator	((presenteer)[V],(ator)[N|V.])[N]
presenteerblad	((presenteer)[V],(blad)[N])[N]
presenteerstel	((presenteer)[V],(stel)[N])[N]
presentexemplaar	((present)[N],(exemplaar)[N])[N]
presentie	((present)[A],(ie)[N|A.])[N]
presentiegeld	(((present)[A],(ie)[N|A.])[N],(geld)[N])[N]
presentieklok	(((present)[A],(ie)[N|A.])[N],(klok)[N])[N]
presentielijst	(((present)[A],(ie)[N|A.])[N],(lijst)[N])[N]
president	((presideer)[V],(ent)[N|V.])[N]
president-armvoogd	(((presideer)[V],(ent)[N|V.])[N],(armvoogd)[N])[N]
president-commissaris	(((presideer)[V],(ent)[N|V.])[N],(commissaris)[N])[N]
president-curator	(((presideer)[V],(ent)[N|V.])[N],((cureer)[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
president-diaken	(((presideer)[V],(ent)[N|V.])[N],(diaken)[N])[N]
president-directeur	(((presideer)[V],(ent)[N|V.])[N],(directeur)[N])[N]
president-kerkvoogd	(((presideer)[V],(ent)[N|V.])[N],((kerk)[N],(voogd)[N])[N])[N]
presidente	(((presideer)[V],(ent)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
presidentieel	(((presideer)[V],(ent)[N|V.])[N],(ieel)[A|N.])[A]
presidentschap	(((presideer)[V],(ent)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
presidentshamer	(((presideer)[V],(ent)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hamer)[N])[N]
presidentskandidaat	(((presideer)[V],(ent)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
presidentsvrouw	(((presideer)[V],(ent)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
presidentszetel	(((presideer)[V],(ent)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zetel)[N])[N]
presidiaal	((presidium)[N],(aal)[A|N.])[A]
preskop	((pres)[V],(kop)[N])[N]
pressant	((presseer)[V],(ant)[A|V.])[A]
pressen	(pres)[V]
pressiegroep	((pressie)[N],(groep)[N])[N]
pressiemiddel	((pressie)[N],(middel)[N])[N]
prestatie	((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
prestatie-eenheid	(((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
prestatiebeginsel	(((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
prestatiebehoefte	(((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(behoefte)[N])[N]
prestatiebeloning	(((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N],((be)[V|.N],(loon)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
prestatiecurve	(((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(curve)[N])[N]
prestatiedrang	(((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(drang)[N])[N]
prestatiedwang	(((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(dwang)[N])[N]
prestatieloon	(((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(loon)[N])[N]
prestatieloop	(((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(loop)[N])[N]
prestatiemaatschappij	(((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(maatschappij)[N])[N]
prestatiemogelijkheid	(((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
prestatiemoraal	(((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(moraal)[N])[N]
prestatiemotivatie	(((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(((motief)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
prestatieniveau	(((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(niveau)[N])[N]
prestatierit	(((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(rit)[N])[N]
prestatiesubsidie	(((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(subsidie)[N])[N]
prestige	(prestige)[N]
prestige-element	((prestige)[N],(element)[N])[N]
prestigekwestie	((prestige)[N],(kwestie)[N])[N]
prestigewinst	((prestige)[N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
presumptief	((presumptie)[N],(ief)[A|N.])[A]
presumtief	((presumtie)[N],(ief)[A|N.])[A]
presuppositie	((pre)[N|.N],(suppositie)[N])[N]
pret	(pret)[N]
pretbederver	((pret)[N],((be)[V|.V],(derf)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
pretendent	((pretendeer)[V],(ent)[N|V.])[N]
pretentieloos	((pretentie)[N],(loos)[A|N.])[A]
pretexteren	((pretext)[N],(eer)[V|N.])[V]
pretfabriek	((pret)[N],(fabriek)[N])[N]
pretmaker	((pret)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
pretogen	((pret)[N],(oog)[N])[N]
pretpakket	((pret)[N],(pakket)[N])[N]
pretpark	((pret)[N],(park)[N])[N]
pretrimpel	((pret)[N],(rimpel)[N])[N]
prettig	((pret)[N],(ig)[A|N.])[A]
preutelaar	((preutel)[V],(aar)[N|V.])[N]
preuts	(preuts)[A]
preutsheid	((preuts)[A],(heid)[N|A.])[N]
prevalent	((prevaleer)[V],(ent)[A|V.])[A]
prevelaar	((prevel)[V],(aar)[N|V.])[N]
prevelen	(prevel)[V]
preventieactiviteit	((preventie)[N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
preventief	((preventie)[N],(ief)[A|N.])[A]
preëminentie	((preëminent)[A],(ie)[N|A.])[N]
preëxistent	((pre)[A|.A],((existeer)[V],(ent)[A|V.])[A])[A]
preëxistentie	(((pre)[A|.A],((existeer)[V],(ent)[A|V.])[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
preïndustrieel	((pre)[A|.A],((industrie)[N],(ieel)[A|N.])[A])[A]
priegelschrift	((priegel)[V],(schrift)[N])[N]
priegelwerk	((priegel)[V],(werk)[N])[N]
priel	(priel)[N]
priem	(priem)[N]
priemen	(priem)[V]
priemvormig	((priem)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
priesnitzverband	((Priessnitz)[N],(verband)[N])[N]
priester	(priester)[N]
priester-arbeider	((priester)[N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
priester-arts	((priester)[N],(arts)[N])[N]
priester-tovenaar	((priester)[N],((tover)[V],(enaar)[N|V.])[N])[N]
priesterambt	((priester)[N],(ambt)[N])[N]
priestercelibaat	((priester)[N],(celibaat)[N])[N]
priesterdom	((priester)[N],(dom)[N|N.])[N]
priesteres	((priester)[N],(es)[N|N.])[N]
priesterfeest	((priester)[N],(feest)[N])[N]
priestergewaad	((priester)[N],(gewaad)[N])[N]
priesterheerschappij	((priester)[N],(((heer)[N],(schap)[N|N.])[N],(ij)[N|N.])[N])[N]
priesterhuwelijk	((priester)[N],(huwelijk)[N])[N]
priesterjubileum	((priester)[N],(jubileum)[N])[N]
priesterkoning	((priester)[N],(koning)[N])[N]
priesterkoor	((priester)[N],(koor)[N])[N]
priesterlijk	((priester)[N],(lijk)[A|N.])[A]
priesterroeping	((priester)[N],((roep)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
priesterschap	((priester)[N],(schap)[N|N.])[N]
priesterschare	((priester)[N],(schare)[N])[N]
priesterseminarie	((priester)[N],(seminarie)[N])[N]
priesterstand	((priester)[N],(stand)[N])[N]
priesterstudent	((priester)[N],((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
priesterwijding	((priester)[N],(wijd)[V],(ing)[N|NV.])[N]
priesterzegen	((priester)[N],(zegen)[N])[N]
prij	(prij)[N]
prijk	(prijk)[N]
prijken	(prijk)[V]
prijs	(prijs)[N]
prijsafbraak	((prijs)[N],((af)[P],(braak)[N])[N])[N]
prijsafslag	((prijs)[N],((af)[P],(slag)[N])[N])[N]
prijsafspraak	((prijs)[N],(afspraak)[N])[N]
prijsbederf	((prijs)[N],(bederf)[N])[N]
prijsbederver	((prijs)[N],((be)[V|.V],(derf)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
prijsbeest	((prijs)[N],(beest)[N])[N]
prijsbeheersing	((prijs)[N],((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
prijsbeleid	((prijs)[N],(beleid)[N])[N]
prijsbemanning	((prijs)[N],(((be)[V|.N],(man)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
prijsbepaling	((prijs)[N],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
prijsberekening	((prijs)[N],(((be)[V|.V],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
prijsbeschikking	((prijs)[N],((be)[V|.V],(schik)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
prijsbeweging	((prijs)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
prijsbewust	((prijs)[N],(bewust)[A])[A]
prijsbinding	((prijs)[N],(bind)[V],(ing)[N|NV.])[N]
prijsboek	((prijs)[N],(boek)[N])[N]
prijsbreker	((prijs)[N],(breek)[V],(er)[N|NV.])[N]
prijscompensatie	((prijs)[N],(compenseer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
prijsconditie	((prijs)[N],(conditie)[N])[N]
prijscontrole	((prijs)[N],(controle)[N])[N]
prijsdaling	((prijs)[N],((daal)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
prijselijk	((prijs)[V],(elijk)[A|V.])[A]
prijsfactor	((prijs)[N],(factor)[N])[N]
prijsfluctuatie	((prijs)[N],((fluctueer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
prijsgeld	((prijs)[N],(geld)[N])[N]
prijsgeven	((prijs)[N],(geef)[V])[V]
prijsgrens	((prijs)[N],(grens)[N])[N]
prijshoudend	((prijs)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
prijsindex	((prijs)[N],(index)[N])[N]
prijskaartje	((prijs)[N],(kaart)[N])[N]
prijskamp	((prijs)[N],(kamp)[N])[N]
prijskartel	((prijs)[N],(kartel)[N])[N]
prijsklas	((prijs)[N],(klas)[N])[N]
prijsklasse	((prijs)[N],(klasse)[N])[N]
prijskraker	((prijs)[N],(kraak)[V],(er)[N|NV.])[N]
prijslijk	((prijs)[V],(lijk)[A|V.])[A]
prijslijst	((prijs)[N],(lijst)[N])[N]
prijsmaatregel	((prijs)[N],(maatregel)[N])[N]
prijsmechanisme	((prijs)[N],(mechanisme)[N])[N]
prijsniveau	((prijs)[N],(niveau)[N])[N]
prijsnotering	((prijs)[N],((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|NV.])[N]
prijsontwikkeling	((prijs)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
prijsopdrijving	((prijs)[N],((op)[P],(drijf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
prijsopgaaf	((prijs)[N],(opgaaf)[N])[N]
prijsopgave	((prijs)[N],(opgave)[N])[N]
prijspeil	((prijs)[N],(peil)[N])[N]
prijspolitiek	((prijs)[N],(politiek)[N])[N]
prijsraadsel	((prijs)[N],((raad)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
prijsrecht	((prijs)[N],(recht)[N])[N]
prijsregeling	((prijs)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
prijsschieten	((prijs)[N],(schiet)[V])[V]
prijsschommeling	((prijs)[N],((schommel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
prijsspiraal	((prijs)[N],(spiraal)[N])[N]
prijsstabilisatie	((prijs)[N],((stabiel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|NV.])[N]
prijsstelling	((prijs)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
prijsstijging	((prijs)[N],((stijg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
prijsstop	((prijs)[N],(stop)[N])[N]
prijssyndicaat	((prijs)[N],(syndicaat)[N])[N]
prijstheorie	((prijs)[N],(theorie)[N])[N]
prijsuitdeling	((prijs)[N],((uit)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
prijsuitreiking	((prijs)[N],((uit)[P],(reik)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
prijsvechter	((prijs)[N],((vecht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
prijsverhoging	((prijs)[N],((ver)[V|.A],(hoog)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
prijsverklaring	((prijs)[N],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
prijsvermindering	((prijs)[N],(((ver)[V|.V],(minder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
prijsvers	((prijs)[N],(vers)[N])[N]
prijsverschil	((prijs)[N],(verschil)[N])[N]
prijsversluiering	((prijs)[N],((ver)[V|.V],(sluier)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
prijsvlucht	((prijs)[N],(vlucht)[N])[N]
prijsvoorschrift	((prijs)[N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
prijsvorming	((prijs)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
prijsvraag	((prijs)[N],(vraag)[N])[N]
prijswinnaar	((prijs)[N],(win)[V],(aar)[N|NV.])[N]
prijswinnares	(((prijs)[N],(win)[V],(aar)[N|NV.])[N],(es)[N|N.])[N]
prijszetting	((prijs)[N],(zet)[V],(ing)[N|NV.])[N]
prijzen	(prijs)[V]
prijzencontrole	((prijs)[N],(en)[N|N.N],(controle)[N])[N]
prijzengeld	((prijs)[N],(en)[N|N.N],(geld)[N])[N]
prijzenkast	((prijs)[N],(en)[N|N.N],(kast)[N])[N]
prijzenoorlog	((prijs)[N],(en)[N|N.N],(oorlog)[N])[N]
prijzenslag	((prijs)[N],(en)[N|N.N],(slag)[N])[N]
prijzenswaard	((prijs)[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
prijzenswaardig	(((prijs)[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A],(ig)[A|A.])[A]
prijzig	((prijs)[N],(ig)[A|N.])[A]
prik	(prik)[N]
prikactie	((prik)[V],(actie)[N])[N]
prikbord	((prik)[V],(bord)[N])[N]
prikkaart	((prik)[V],(kaart)[N])[N]
prikkelbaar	((prikkel)[V],(baar)[A|V.])[A]
prikkelbaarheid	(((prikkel)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
prikkelband	((prikkel)[V],(band)[N])[N]
prikkeldraad	((prikkel)[V],(draad)[N])[N]
prikkeldraadversperring	(((prikkel)[V],(draad)[N])[N],(((ver)[V|.V],(sper)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
prikkeldrempel	((prikkel)[V],(drempel)[N])[N]
prikkelgeleiding	((prikkel)[N],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
prikkelhoest	((prikkel)[V],(hoest)[N])[N]
prikkelhoogte	((prikkel)[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
prikkeling	((prikkel)[V],(ing)[N|V.])[N]
prikkelingstoestand	(((prikkel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
prikkellectuur	((prikkel)[V],(lectuur)[N])[N]
prikkeltherapie	((prikkel)[V],(therapie)[N])[N]
prikken	(prik)[V]
prikker	((prik)[V],(er)[N|V.])[N]
prikklok	((prik)[V],(klok)[N])[N]
priklimonade	((prik)[V],(limonade)[N])[N]
prikpil	((prik)[V],(pil)[N])[N]
prikplank	((prik)[V],(plank)[N])[N]
prikslede	((prik)[V],(slede)[N])[N]
prikslee	((prik)[V],(slee)[N])[N]
prikstaking	((prik)[V],((staak)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
prikstok	((prik)[V],(stok)[N])[N]
priktol	((prik)[N],(tol)[N])[N]
prikvissen	((prik)[N],(vis)[N])[N]
prikwater	((prik)[V],(water)[N])[N]
pril	(pril)[A]
prilheid	((pril)[A],(heid)[N|A.])[N]
primaat	((primeer)[V],(aat)[N|V.])[N]
primaatschap	(((primeer)[V],(aat)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
primeur	((primeer)[V],(eur)[N|V.])[N]
primitiviteit	((primitief)[A],(iteit)[N|A.])[N]
primula	(primula)[N]
principe	(principe)[N]
principebesluit	((principe)[N],(besluit)[N])[N]
principekwestie	((principe)[N],(kwestie)[N])[N]
principeschema	((principe)[N],(schema)[N])[N]
principezaak	((principe)[N],(zaak)[N])[N]
principieel	((principe)[N],(ieel)[A|N.])[A]
prins	(prins)[N]
prins-bisschop	((prins)[N],(bisschop)[N])[N]
prins-gemaal	((prins)[N],(gemaal)[N])[N]
prins-regent	((prins)[N],((regeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
prinsbisdom	((prins)[N],(bisdom)[N])[N]
prinsdom	((prins)[N],(dom)[N|N.])[N]
prinselijk	((prins)[N],(elijk)[A|N.])[A]
prinsenhof	((prins)[N],(en)[N|N.N],(hof)[N])[N]
prinsenkind	((prins)[N],(en)[N|N.N],(kind)[N])[N]
prinsenleven	((prins)[N],(en)[N|N.N],(leven)[N])[N]
prinsenvlag	((prins)[N],(en)[N|N.N],(vlag)[N])[N]
prinses	((prins)[N],(es)[N|N.])[N]
prinses-regentes	(((prins)[N],(es)[N|N.])[N],(((regeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N])[N]
prinsessenbier	(((prins)[N],(es)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(bier)[N])[N]
prinsessenboon	(((prins)[N],(es)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(boon)[N])[N]
prinsgezind	((prins)[N],(gezind)[A])[A]
prinsheerlijk	((prins)[N],((heer)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
prinsjesdag	((prinsje)[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
print	(print)[N]
printen	(print)[V]
printer	((print)[V],(er)[N|V.])[N]
prioraat	((prior)[N],(aat)[N|N.])[N]
prioriteitenschema	((prioriteit)[N],(en)[N|N.N],(schema)[N])[N]
prioriteitsaandeel	((prioriteit)[N],(s)[N|N.N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
prioriteitslening	((prioriteit)[N],(s)[N|N.N],((leen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
prioriteitsobligatie	((prioriteit)[N],(s)[N|N.N],((obligeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
prioriteitsrecht	((prioriteit)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
prioriteitsschuld	((prioriteit)[N],(s)[N|N.N],(schuld)[N])[N]
prioriteitsvraag	((prioriteit)[N],(s)[N|N.N],(vraag)[N])[N]
prioritering	((priori)[B],((teer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
priorschap	((prior)[N],(schap)[N|N.])[N]
prismabed	((prisma)[N],(bed)[N])[N]
prismabeeld	((prisma)[N],(beeld)[N])[N]
prismacamera	((prisma)[N],(camera)[N])[N]
prismakijker	((prisma)[N],((kijk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
prismareeks	((prisma)[N],(reeks)[N])[N]
prismatisch	((prisma)[N],(atisch)[A|N.])[A]
privaatdocent	((privaat)[A],((doceer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
privaatles	((privaat)[A],(les)[N])[N]
privaatonderwijs	((privaat)[A],(onderwijs)[N])[N]
privaatrecht	((privaat)[A],(recht)[N])[N]
privaatrechtelijk	(((privaat)[A],(recht)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
privatiseren	((privaat)[A],(iseer)[V|A.])[V]
privatisering	(((privaat)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
privilege	(privilege)[N]
privé	(privé)[A]
privé-aangelegenheid	((privé)[A],((aangelegen)[V],(heid)[N|V.])[N])[N]
privé-bezit	((privé)[A],(bezit)[N])[N]
privé-bibliotheek	((privé)[A],(bibliotheek)[N])[N]
privé-collectie	((privé)[A],(collectie)[N])[N]
privé-detective	((privé)[A],(detective)[N])[N]
privé-domein	((privé)[A],(domein)[N])[N]
privé-gesprek	((privé)[A],(gesprek)[N])[N]
privé-kantoor	((privé)[A],(kantoor)[N])[N]
privé-kliniek	((privé)[A],((klinisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
privé-kwestie	((privé)[A],(kwestie)[N])[N]
privé-les	((privé)[A],(les)[N])[N]
privé-leven	((privé)[A],(leven)[N])[N]
privé-persoon	((privé)[A],(persoon)[N])[N]
privé-ruimte	((privé)[A],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
privé-secretaris	((privé)[A],(secretaris)[N])[N]
privé-sfeer	((privé)[A],(sfeer)[N])[N]
privé-wereld	((privé)[A],(wereld)[N])[N]
privé-zaak	((privé)[A],(zaak)[N])[N]
pro	(pro)[N]
pro-patriapapier	((pro)[P],(patria)[N],(papier)[N])[N]
probatie	((probeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
probeersel	((probeer)[V],(sel)[N|V.])[N]
proberen	(probeer)[V]
proberenderwijs	((probeer)[V],(enderwijs)[A|V.])[A]
probleem	(probleem)[N]
probleemanalist	((probleem)[N],(analist)[N])[N]
probleemanalyse	((probleem)[N],(analyse)[N])[N]
probleembewust	((probleem)[N],(bewust)[A])[A]
probleemcategorie	((probleem)[N],(categorie)[N])[N]
probleemdefinitie	((probleem)[N],(definitie)[N])[N]
probleemdiagnose	((probleem)[N],(diagnose)[N])[N]
probleemdrinker	((probleem)[N],((drink)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
probleemdrinkster	((probleem)[N],((drink)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
probleemgebied	((probleem)[N],(gebied)[N])[N]
probleemgedrag	((probleem)[N],(gedrag)[N])[N]
probleemgeval	((probleem)[N],(geval)[N])[N]
probleemgezin	((probleem)[N],(gezin)[N])[N]
probleemkind	((probleem)[N],(kind)[N])[N]
probleemloos	((probleem)[N],(loos)[A|N.])[A]
probleemoplosser	((probleem)[N],((op)[P],(los)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
probleemperceptie	((probleem)[N],(perceptie)[N])[N]
probleemruimte	((probleem)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
probleemsituatie	((probleem)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
probleemstelling	((probleem)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
probleemveld	((probleem)[N],(veld)[N])[N]
probleemverheldering	((probleem)[N],(((ver)[V|.A],(helder)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
problematiek	(((probleem)[N],(atisch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
problematisch	((probleem)[N],(atisch)[A|N.])[A]
procedure	(procedure)[N]
procedureel	((procedure)[N],(eel)[A|N.])[A]
procedurefout	((procedure)[N],(fout)[N])[N]
procedurekwestie	((procedure)[N],(kwestie)[N])[N]
procedureregel	((procedure)[N],(regel)[N])[N]
procedurevoorschrift	((procedure)[N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
procentueel	((procent)[N],(ueel)[A|N.])[A]
proces-verbaal	((proces)[N],((verbum)[N],(aal)[A|N.])[A])[N]
procesbegrip	((proces)[N],(begrip)[N])[N]
procesbeheersing	((proces)[N],((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
procesbenadering	((proces)[N],(((be)[V|.V],(nader)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
procesbesturing	((proces)[N],((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
procesbewaking	((proces)[N],((be)[V|.V],(waak)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
procescontrole	((proces)[N],(controle)[N])[N]
procesevaluatie	((proces)[N],((evalueer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
procesgang	((proces)[N],(gang)[N])[N]
procesindustrie	((proces)[N],(industrie)[N])[N]
proceskarakter	((proces)[N],(karakter)[N])[N]
proceskosten	((proces)[N],(kost)[N])[N]
procesoperator	((proces)[N],((opereer)[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
procesorde	((proces)[N],(orde)[N])[N]
procesorganisatie	((proces)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
procesrecht	((proces)[N],(recht)[N])[N]
procesregel	((proces)[N],(regel)[N])[N]
processiegewijs	((processie)[N],(gewijs)[A|N.])[A]
processiekruis	((processie)[N],(kruis)[N])[N]
processievlinder	((processie)[N],(vlinder)[N])[N]
processievrijheid	((processie)[N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
processimulator	((proces)[N],(simuleer)[V],(ator)[N|NV.])[N]
processtuk	((proces)[N],(stuk)[N])[N]
processueel	((proces)[N],(ueel)[A|N.])[A]
procestechniek	((proces)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
procestheorie	((proces)[N],(theorie)[N])[N]
procestijd	((proces)[N],(tijd)[N])[N]
procesvoering	((proces)[N],(voer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
proclamatie	((proclameer)[V],(atie)[N|V.])[N]
proclitisch	((proclisis)[N],(isch)[A|N.])[A]
proconsul	((pro)[N|.N],(consul)[N])[N]
procreatie	((procreëer)[V],(atie)[N|V.])[N]
procreatiemogelijkheid	(((procreëer)[V],(atie)[N|V.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
procuratie	((procureer)[V],(atie)[N|V.])[N]
procuratiehouder	(((procureer)[V],(atie)[N|V.])[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
procurator	((procureer)[V],(ator)[N|V.])[N]
procureur	((procureer)[V],(eur)[N|V.])[N]
procureur-generaal	(((procureer)[V],(eur)[N|V.])[N],(generaal)[N])[N]
procureurschap	(((procureer)[V],(eur)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
procureurskantoor	(((procureer)[V],(eur)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
producent	((produceer)[V],(ent)[N|V.])[N]
producente	(((produceer)[V],(ent)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
producentenmarkt	(((produceer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(markt)[N])[N]
productaansprakelijkheid	((product)[N],((((aan)[P],(spreek)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
productdifferentiatie	((product)[N],(differentieer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
productie	((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N]
productie-eenheid	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
productie-installatie	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
productieactiviteit	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
productieafdeling	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
productieapparaat	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(apparaat)[N])[N]
productieassociatie	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],((associeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
productiecapaciteit	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(capaciteit)[N])[N]
productiecentrum	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(centrum)[N])[N]
productiechef	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(chef)[N])[N]
productiecijfer	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(cijfer)[N])[N]
productiecoöperatie	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(((co)[V|.V],(opereer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
productiedier	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(dier)[N])[N]
productiedoeleinde	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(doeleinde)[N])[N]
productiedoelstelling	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],((doel)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
productief	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
productiefaciliteit	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(faciliteit)[N])[N]
productiefactor	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(factor)[N])[N]
productiefonds	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(fonds)[N])[N]
productiehuishouding	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(((huis)[N],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
productieketen	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(keten)[N])[N]
productiekosten	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(kost)[N])[N]
productiekracht	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(kracht)[N])[N]
productieleider	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
productieleidster	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(leid)[V],(ster)[N|NV.])[N]
productielijn	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(lijn)[N])[N]
productiemaatschappij	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(maatschappij)[N])[N]
productiemachine	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(machine)[N])[N]
productiemethode	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(methode)[N])[N]
productiemiddel	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(middel)[N])[N]
productiemogelijkheid	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
productieniveau	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(niveau)[N])[N]
productieomstandigheid	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
productieorganisatie	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
productieoverschot	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(overschot)[N])[N]
productiepakket	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(pakket)[N])[N]
productieplatform	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(platform)[N])[N]
productiepremie	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(premie)[N])[N]
productieproces	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
productieprogramma	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(programma)[N])[N]
productieresultaat	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],((resulteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
productierobot	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(robot)[N])[N]
productieschema	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(schema)[N])[N]
productiesector	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(sector)[N])[N]
productiesfeer	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(sfeer)[N])[N]
productieslag	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(slag)[N])[N]
productiestadium	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(stadium)[N])[N]
productiestelsel	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
productiestructuur	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(structuur)[N])[N]
productiesurplus	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(surplus)[N])[N]
productiesysteem	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(systeem)[N])[N]
productieteam	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(team)[N])[N]
productietechniek	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
productietechnisch	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(technisch)[A])[A]
productietempo	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(tempo)[N])[N]
productietijd	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(tijd)[N])[N]
productievereniging	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
productievolume	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(volume)[N])[N]
productievoorwaarde	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(voorwaarde)[N])[N]
productiewerkzaamheid	(((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
productinformatie	((product)[N],((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
productinnovatie	((product)[N],((innoveer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
productiviteit	((((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
productiviteitscentrum	(((((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
productiviteitsverbetering	(((((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
productkwaliteit	((product)[N],(kwaliteit)[N])[N]
productontwikkeling	((product)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
productschap	((product)[N],(schap)[N])[N]
productverbetering	((product)[N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
proef	(proef)[N]
proefabonnement	((proef)[N],((abonneer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
proefaflevering	((proef)[N],(((af)[P],(lever)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
proefbaan	((proef)[N],(baan)[N])[N]
proefbalans	((proef)[N],(balans)[N])[N]
proefballon	((proef)[N],(ballon)[N])[N]
proefbedrijf	((proef)[N],(bedrijf)[N])[N]
proefbelasting	((proef)[N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
proefbestelling	((proef)[N],((bestel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
proefblad	((proef)[N],(blad)[N])[N]
proefboerderij	((proef)[N],((boer)[V],(derij)[N|V.])[N])[N]
proefboring	((proef)[N],((boor)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
proefdier	((proef)[N],(dier)[N])[N]
proefdraaien	((proef)[N],(draai)[V])[V]
proefdruk	((proef)[N],(druk)[N])[N]
proefflesje	((proef)[N],(fles)[N])[N]
proefgetal	((proef)[N],(getal)[N])[N]
proefgewicht	((proef)[N],(gewicht)[N])[N]
proefglas	((proef)[N],(glas)[N])[N]
proefhoudend	((proef)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
proefinstallatie	((proef)[N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
proefjaar	((proef)[N],(jaar)[N])[N]
proefkonijn	((proef)[N],(konijn)[N])[N]
proeflapje	((proef)[N],(lap)[N])[N]
proefles	((proef)[N],(les)[N])[N]
proefletter	((proef)[V],(letter)[N])[N]
proeflezer	((proef)[N],(lees)[V],(er)[N|NV.])[N]
proeflokaal	((proef)[V],(lokaal)[N])[N]
proefmeting	((proef)[N],((meet)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
proefmonster	((proef)[N],(monster)[N])[N]
proefnaald	((proef)[N],(naald)[N])[N]
proefneming	((proef)[N],(neem)[V],(ing)[N|NV.])[N]
proefnummer	((proef)[N],(nummer)[N])[N]
proefobject	((proef)[N],(object)[N])[N]
proefondervindelijk	((proef)[N],((onder)[P],(vind)[V])[V],(elijk)[A|NV.])[A]
proeforder	((proef)[N],(order)[N])[N]
proefpark	((proef)[N],(park)[N])[N]
proefperiode	((proef)[N],(periode)[N])[N]
proefpersoon	((proef)[N],(persoon)[N])[N]
proefplaat	((proef)[N],(plaat)[N])[N]
proefpreek	((proef)[N],(preek)[N])[N]
proefproces	((proef)[N],(proces)[N])[N]
proefrit	((proef)[N],(rit)[N])[N]
proefschrift	((proef)[N],(schrift)[N])[N]
proefstadium	((proef)[N],(stadium)[N])[N]
proefstation	((proef)[N],(station)[N])[N]
proefstomen	((proef)[N],(stoom)[V])[V]
proefstrook	((proef)[N],(strook)[N])[N]
proefstuk	((proef)[N],(stuk)[N])[N]
proeftijd	((proef)[N],(tijd)[N])[N]
proeftocht	((proef)[N],(tocht)[N])[N]
proeftuin	((proef)[N],(tuin)[N])[N]
proefvaart	((proef)[N],(vaart)[N])[N]
proefvak	((proef)[N],(vak)[N])[N]
proefvaren	((proef)[N],(vaar)[V])[V]
proefveld	((proef)[N],(veld)[N])[N]
proefverlof	((proef)[N],(verlof)[N])[N]
proefvertaling	((proef)[N],(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
proefvlucht	((proef)[N],(vlucht)[N])[N]
proefwerk	((proef)[N],(werk)[N])[N]
proefzending	((proef)[N],((zend)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
proestbui	((proest)[V],(bui)[N])[N]
proesten	(proest)[V]
proeven	(proef)[V]
proever	((proef)[V],(er)[N|V.])[N]
prof	(prof)[N]
profanatie	(((profaan)[A],(eer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
profaneren	((profaan)[A],(eer)[V|A.])[V]
profclub	((prof)[N],(club)[N])[N]
professiebegrip	((professie)[N],(begrip)[N])[N]
professionaliseren	((professioneel)[A],(iseer)[V|A.])[V]
professionalisering	(((professioneel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
professionaliseringsproces	((((professioneel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
professoraal	((professor)[N],(aal)[A|N.])[A]
professoraat	((professor)[N],(aat)[N|N.])[N]
professorabel	((professor)[N],(abel)[A|N.])[A]
professorstitel	((professor)[N],(s)[N|N.N],(titel)[N])[N]
professorsvrouw	((professor)[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
profetenbroodje	((profeet)[N],(en)[N|N.N],(brood)[N])[N]
profetenmantel	((profeet)[N],(en)[N|N.N],(mantel)[N])[N]
profetenschool	((profeet)[N],(en)[N|N.N],(school)[N])[N]
profetenstaf	((profeet)[N],(en)[N|N.N],(staf)[N])[N]
profetes	((profeet)[N],(es)[N|N.])[N]
profetie	((profeet)[N],(ie)[N|N.])[N]
profetisch	((profeet)[N],(isch)[A|N.])[A]
profieldraad	((profiel)[N],(draad)[N])[N]
profielfrees	((profiel)[N],(frees)[N])[N]
profielschets	((profiel)[N],(schets)[N])[N]
profieltekening	((profiel)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
profielzool	((profiel)[N],(zool)[N])[N]
profijtbeginsel	((profijt)[N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
profijtelijk	((profijt)[N],(elijk)[A|N.])[A]
profileren	((profiel)[N],(eer)[V|N.])[V]
profilering	(((profiel)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
profitabel	((profiteer)[V],(abel)[A|V.])[A]
profiteerder	((profiteer)[V],(der)[N|V.])[N]
profiteur	((profiteer)[V],(eur)[N|V.])[N]
profploeg	((prof)[N],(ploeg)[N])[N]
profspeler	((prof)[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
profstal	((prof)[N],(stal)[N])[N]
profteam	((prof)[N],(team)[N])[N]
profvoetbal	((prof)[N],((voet)[N],(bal)[N])[N])[N]
profylactisch	((profylaxe)[N],(isch)[A|N.])[A]
programcollege	((program)[N],(college)[N])[N]
programcommissie	((program)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
programma	(programma)[N]
programma-aanbod	((programma)[N],(aanbod)[N])[N]
programma-activiteit	((programma)[N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
programmabeleid	((programma)[N],(beleid)[N])[N]
programmabibliotheek	((programma)[N],(bibliotheek)[N])[N]
programmablad	((programma)[N],(blad)[N])[N]
programmaboekje	((programma)[N],(boek)[N])[N]
programmacategorie	((programma)[N],(categorie)[N])[N]
programmadoeleinde	((programma)[N],(doeleinde)[N])[N]
programmagegeven	((programma)[N],(gegeven)[N])[N]
programmagenerator	((programma)[N],((genereer)[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
programmahulp	((programma)[N],(hulp)[N])[N]
programmainstructie	((programma)[N],(instructie)[N])[N]
programmakanaal	((programma)[N],(kanaal)[N])[N]
programmamaker	((programma)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
programmamuziek	((programma)[N],(muziek)[N])[N]
programmaonderdeel	((programma)[N],((onder)[P],(deel)[N])[N])[N]
programmaopdracht	((programma)[N],(opdracht)[N])[N]
programmapakket	((programma)[N],(pakket)[N])[N]
programmapunt	((programma)[N],(punt)[N])[N]
programmaregeling	((programma)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
programmaschijf	((programma)[N],(schijf)[N])[N]
programmastructuur	((programma)[N],(structuur)[N])[N]
programmatuur	(((program)[N],(eer)[V|N.])[V],(atuur)[N|V.])[N]
programmaverkoopster	((programma)[N],((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
programmaverkoper	((programma)[N],((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
programmeertaal	(((program)[N],(eer)[V|N.])[V],(taal)[N])[N]
programmeren	((program)[N],(eer)[V|N.])[V]
programmering	(((program)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
programmeur	(((program)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
progressief	((progressie)[N],(ief)[A|N.])[A]
progressist	((progressie)[N],(ist)[N|N.])[N]
progressiste	(((progressie)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
progressiviteit	(((progressie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
prohibitief	((prohibitie)[N],(ief)[A|N.])[A]
prohibitiestelsel	((prohibitie)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
projectachtig	((project)[N],(achtig)[A|N.])[A]
projectbudget	((project)[N],(budget)[N])[N]
projectbureau	((project)[N],(bureau)[N])[N]
projecteren	((project)[N],(eer)[V|N.])[V]
projectfase	((project)[N],(fase)[N])[N]
projectgewijs	((project)[N],(gewijs)[A|N.])[A]
projectgroep	((project)[N],(groep)[N])[N]
projectie	(((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N]
projectiedoek	((((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N],(doek)[N])[N]
projectief	((((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
projectielamp	((((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N],(lamp)[N])[N]
projectielantaarn	((((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N],(lantaarn)[N])[N]
projectielantaren	((((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N],(lantaren)[N])[N]
projectieleer	((((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N],(leer)[N])[N]
projectieplaatje	((((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N],(plaat)[N])[N]
projectiescherm	((((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N],(scherm)[N])[N]
projectietafel	((((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N],(tafel)[N])[N]
projectietekenen	((((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N],(teken)[V])[V]
projectietekening	(((((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N],(teken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
projectietest	((((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N],(test)[N])[N]
projectietoestel	((((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N],(toestel)[N])[N]
projectievlak	((((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N],(vlak)[N])[N]
projectingenieur	((project)[N],(ingenieur)[N])[N]
projectleider	((project)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
projectleidster	((project)[N],(leid)[V],(ster)[N|NV.])[N]
projectmanagement	((project)[N],(management)[N])[N]
projectmanager	((project)[N],(manager)[N])[N]
projectmatig	((project)[N],(matig)[A|N.])[A]
projectminister	((project)[N],(minister)[N])[N]
projectonderwijs	((project)[N],(onderwijs)[N])[N]
projectontwikkelaar	((project)[N],((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(aar)[N|NV.])[N]
projectontwikkeling	((project)[N],((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
projectopdracht	((project)[N],(opdracht)[N])[N]
projectorganisatie	((project)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
projectresearch	((project)[N],(research)[N])[N]
projectstadium	((project)[N],(stadium)[N])[N]
projectstructuur	((project)[N],(structuur)[N])[N]
projectteam	((project)[N],(team)[N])[N]
prol	(prol)[N]
proleptisch	((prolepsis)[N],(isch)[A|N.])[A]
proletariaat	((proletarier)[N],(aat)[N|N.])[N]
proletarisering	((proletariseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
proleterig	((proleet)[N],(erig)[A|N.])[A]
proletig	((proleet)[N],(ig)[A|N.])[A]
prollig	((prol)[N],(ig)[A|N.])[A]
prolongabel	((prolongeer)[V],(abel)[A|V.])[A]
prolongatie	((prolongeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
prolongatiecontract	(((prolongeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(contract)[N])[N]
prolongatiesysteem	(((prolongeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(systeem)[N])[N]
promenade	(promenade)[N]
promenadeconcert	((promenade)[N],(concert)[N])[N]
promenadedek	((promenade)[N],(dek)[N])[N]
promessedisconto	((promesse)[N],(disconto)[N])[N]
promessekrediet	((promesse)[N],(krediet)[N])[N]
promiscuïteit	((promiscue)[A],(iteit)[N|A.])[N]
promotiebeleid	((promotie)[N],(beleid)[N])[N]
promotiefeest	((promotie)[N],(feest)[N])[N]
promotiefilm	((promotie)[N],(film)[N])[N]
promotiejager	((promotie)[N],(jaag)[V],(er)[N|NV.])[N]
promotiekans	((promotie)[N],(kans)[N])[N]
promotieklasse	((promotie)[N],(klasse)[N])[N]
promotielijn	((promotie)[N],(lijn)[N])[N]
promotielijst	((promotie)[N],(lijst)[N])[N]
promotiemogelijkheid	((promotie)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
promotieonderzoek	((promotie)[N],(onderzoek)[N])[N]
promotiepartij	((promotie)[N],(partij)[N])[N]
promotieplechtigheid	((promotie)[N],((plechtig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
promotieverlof	((promotie)[N],(verlof)[N])[N]
promotiewedstrijd	((promotie)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
promoting	((promoot)[V],(ing)[N|V.])[N]
promotioneel	((promotie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
promotor	((promoot)[V],(otor)[N|V.])[N]
promovenda	((promovendus)[N],(a)[N|N.])[N]
prompt	(prompt)[A]
promptheid	((prompt)[A],(heid)[N|A.])[N]
pronk	(pronk)[N]
pronkappel	((pronk)[V],(appel)[N])[N]
pronkbed	((pronk)[V],(bed)[N])[N]
pronkboon	((pronk)[V],(boon)[N])[N]
pronken	(pronk)[V]
pronker	((pronk)[V],(er)[N|V.])[N]
pronkerig	((pronk)[V],(erig)[A|V.])[A]
pronkerij	((pronk)[V],(erij)[N|V.])[N]
pronkerwt	((pronk)[V],(erwt)[N])[N]
pronkgewaad	((pronk)[V],(gewaad)[N])[N]
pronkjuweel	((pronk)[V],(juweel)[N])[N]
pronkkamer	((pronk)[V],(kamer)[N])[N]
pronkkast	((pronk)[V],(kast)[N])[N]
pronksieraad	((pronk)[V],(sieraad)[N])[N]
pronkster	((pronk)[V],(ster)[N|V.])[N]
pronkstuk	((pronk)[V],(stuk)[N])[N]
pronkvogel	((pronk)[V],(vogel)[N])[N]
pronkziek	((pronk)[V],(ziek)[A])[A]
pronkzucht	((pronk)[V],(zucht)[N])[N]
pronomen	((pro)[N|.N],(nomen)[N])[N]
pronominaal	(((pro)[N|.N],(nomen)[N])[N],(aal)[A|N.])[A]
pront	(pront)[A]
pronuntius	((pro)[N|.N],(nuntius)[N])[N]
prooi	(prooi)[N]
prooidier	((prooi)[N],(dier)[N])[N]
proost	(proost)[N]
proostschap	((proost)[N],(schap)[N|N.])[N]
prop	(prop)[N]
propaganda-actie	((propaganda)[N],(actie)[N])[N]
propaganda-affiche	((propaganda)[N],(affiche)[N])[N]
propaganda-apparaat	((propaganda)[N],(apparaat)[N])[N]
propaganda-avond	((propaganda)[N],(avond)[N])[N]
propagandablad	((propaganda)[N],(blad)[N])[N]
propagandacampagne	((propaganda)[N],(campagne)[N])[N]
propagandacompagnie	((propaganda)[N],(compagnie)[N])[N]
propagandadoeleinde	((propaganda)[N],(doeleinde)[N])[N]
propagandafilm	((propaganda)[N],(film)[N])[N]
propagandageschrift	((propaganda)[N],((ge)[N|.N],(schrift)[N])[N])[N]
propagandakosten	((propaganda)[N],(kost)[N])[N]
propagandaleugen	((propaganda)[N],(leugen)[N])[N]
propagandaliteratuur	((propaganda)[N],(literatuur)[N])[N]
propagandamachine	((propaganda)[N],(machine)[N])[N]
propagandamachinerie	((propaganda)[N],((machine)[N],(erie)[N|N.])[N])[N]
propagandamateriaal	((propaganda)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
propagandaministerie	((propaganda)[N],((minister)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
propagandanummer	((propaganda)[N],(nummer)[N])[N]
propagandaoorlog	((propaganda)[N],(oorlog)[N])[N]
propagandatocht	((propaganda)[N],(tocht)[N])[N]
propagandist	((propaganda)[N],(ist)[N|N.])[N]
propagandiste	(((propaganda)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
propagatie	((propageer)[V],(atie)[N|V.])[N]
propagering	((propageer)[V],(ing)[N|V.])[N]
propedeutisch	((propedeuse)[N],(isch)[A|N.])[A]
propeller	(propeller)[N]
propellervliegtuig	((propeller)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
proper	(proper)[A]
properheid	((proper)[A],(heid)[N|A.])[N]
proponentsplaats	((proponent)[N],(s)[N|N.N],(plaats)[N])[N]
proportionaliteit	(((proportie)[N],(ioneel)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
proportionaliteitsgrens	((((proportie)[N],(ioneel)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(grens)[N])[N]
proportioneel	((proportie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
proportioneren	((proportie)[N],(ioneer)[V|N.])[V]
propositie	((proponeer)[V],(itie)[N|V.])[N]
propositielogica	(((proponeer)[V],(itie)[N|V.])[N],(logica)[N])[N]
proppen	(prop)[V]
proppenschieter	((prop)[N],(e)[N|N.Vx],(schiet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
propperig	((prop)[N],(erig)[A|N.])[A]
propvol	((prop)[V],(vol)[A])[A]
propvorming	((prop)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
prorector	((pro)[N|.N],(rector)[N])[N]
prosecretaris	((pro)[N|.N],(secretaris)[N])[N]
proselietenmaker	((proseliet)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
proselietenmakerij	((proseliet)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
prosodie	((prosodisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
prospectie	((prospecteer)[V],(ie)[N|V.])[N]
prospectief	((prospect)[N],(ief)[A|N.])[A]
prostaatkanker	((prostaat)[N],(kanker)[N])[N]
prostaatoperatie	((prostaat)[N],((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
prostaatvergroting	((prostaat)[N],((ver)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
prostaatweefsel	((prostaat)[N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
prostituee	((prostitue)[N],(e)[N|N.])[N]
prostitutie	((prostitueer)[V],(tie)[N|V.])[N]
protectiehandel	((protectie)[N],(handel)[N])[N]
protectiemaatregel	((protectie)[N],(maatregel)[N])[N]
protectionisme	((protectie)[N],(ionisme)[N|N.])[N]
protectoraat	((protector)[N],(aat)[N|N.])[N]
proteolytisch	((proteolyse)[N],(isch)[A|N.])[A]
protestactie	((protest)[N],(actie)[N])[N]
protestakte	((protest)[N],(akte)[N])[N]
protestant	(((protest)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N]
protestante	((((protest)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
protestantendag	((((protest)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(dag)[N])[N]
protestantisch	((((protest)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N],(isch)[A|N.])[A]
protestants	((((protest)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N],(s)[A|N.])[A]
protestants-christelijk	(((((protest)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N],(s)[A|N.])[A],((christen)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
protestantsgezind	((((protest)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(gezind)[A])[A]
protestbetoging	((protest)[N],((betoog)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
protestbeweging	((protest)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
protestbijeenkomst	((protest)[N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
protestbrief	((protest)[N],(brief)[N])[N]
protestdag	((protest)[N],(dag)[N])[N]
protestdemonstratie	((protest)[N],((demonstreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
protesteerder	(((protest)[N],(eer)[V|N.])[V],(der)[N|V.])[N]
protesteren	((protest)[N],(eer)[V|N.])[V]
protesthouding	((protest)[N],(houding)[N])[N]
protestmanifestatie	((protest)[N],(((manifest)[A],(eer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
protestmars	((protest)[N],(mars)[N])[N]
protestmeeting	((protest)[N],(meeting)[N])[N]
protestnota	((protest)[N],(nota)[N])[N]
protestoptocht	((protest)[N],(optocht)[N])[N]
protestregister	((protest)[N],(register)[N])[N]
protestsong	((protest)[N],(song)[N])[N]
protesttelegram	((protest)[N],(telegram)[N])[N]
protestvergadering	((protest)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
protestwissel	((protest)[N],(wissel)[N])[N]
protestzanger	((protest)[N],(zing)[V],(er)[N|NV.])[N]
protestzangeres	((protest)[N],(((zing)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N])[N]
proteïnegebrek	((proteïne)[N],(gebrek)[N])[N]
proteïnetekort	((proteïne)[N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
protocollair	((protocol)[N],(air)[A|N.])[A]
protocolleren	((protocol)[N],(eer)[V|N.])[V]
protohistoricus	((proto)[N|.N],(historicus)[N])[N]
protohistorie	((proto)[N|.N],((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
protonisch	((pro)[A|.A],((tonus)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
protonotarius	((proto)[N|.N],(notarius)[N])[N]
protoplasma	((proto)[N|.N],(plasma)[N])[N]
prototype	((proto)[N|.N],(type)[N])[N]
prototypesysteem	(((proto)[N|.N],(type)[N])[N],(systeem)[N])[N]
prototypografie	((proto)[N|.N],((typografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
protozoair	((protozo)[N],(air)[A|N.])[A]
protozoïsch	((protozo)[N],(isch)[A|N.])[A]
protsen	(prots)[V]
protser	((prots)[V],(er)[N|V.])[N]
protserig	((prots)[V],(erig)[A|V.])[A]
protserigheid	(((prots)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
protserij	((prots)[V],(erij)[N|V.])[N]
protsig	((prots)[V],(ig)[A|V.])[A]
protten	(prot)[V]
protégee	((protégé)[N],(e)[N|N.])[N]
protégé	(protégé)[N]
proveniershuis	((provenier)[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
proviand	(proviand)[N]
provianderen	((proviand)[N],(eer)[V|N.])[V]
proviandering	(((proviand)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
proviandschip	((proviand)[N],(schip)[N])[N]
proviandwagen	((proviand)[N],(wagen)[N])[N]
providentieel	((providentie)[N],(ieel)[A|N.])[A]
provinciaal	((provincie)[N],(aal)[N|N.])[N]
provincialaat	(((provincie)[N],(aal)[N|N.])[N],(aat)[N|N.])[N]
provincialist	((provincialisme)[N],(ist)[N|N.])[N]
provincie	(provincie)[N]
provincieblad	((provincie)[N],(blad)[N])[N]
provinciefonds	((provincie)[N],(fonds)[N])[N]
provinciegouverneur	((provincie)[N],((gouverneer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
provinciehoofdplaats	((provincie)[N],((hoofd)[N],(plaats)[N])[N])[N]
provinciehoofdstad	((provincie)[N],((hoofd)[N],(stad)[N])[N])[N]
provinciehuis	((provincie)[N],(huis)[N])[N]
provincienest	((provincie)[N],(nest)[N])[N]
provincieplaats	((provincie)[N],(plaats)[N])[N]
provincieraad	((provincie)[N],(raad)[N])[N]
provincierecht	((provincie)[N],(recht)[N])[N]
provincieroos	((provincie)[N],(roos)[N])[N]
provinciestad	((provincie)[N],(stad)[N])[N]
provisiebasis	((provisie)[N],(basis)[N])[N]
provisiekamer	((provisie)[N],(kamer)[N])[N]
provisiekast	((provisie)[N],(kast)[N])[N]
provisiekelder	((provisie)[N],(kelder)[N])[N]
provisioneel	((provisie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
provisoraat	((provisor)[N],(aat)[N|N.])[N]
provisorisch	((provisoir)[A],(isch)[A|A.])[A]
provitamine	((pro)[N|.N],(vitamine)[N])[N]
provocant	((provoceer)[V],(ant)[A|V.])[A]
provocateur	((provoceer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
provocatie	((provoceer)[V],(atie)[N|V.])[N]
provotijd	((provo)[N],(tijd)[N])[N]
prozabewerking	((proza)[N],(((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
prozafragment	((proza)[N],(fragment)[N])[N]
prozamens	((proza)[N],(mens)[N])[N]
prozaroman	((proza)[N],(roman)[N])[N]
prozaschrijver	((proza)[N],(schrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
prozastijl	((proza)[N],(stijl)[N])[N]
prozatekst	((proza)[N],(tekst)[N])[N]
prozawerk	((proza)[N],(werk)[N])[N]
prozaïsch	((proza)[N],(isch)[A|N.])[A]
prozaïst	((proza)[N],(ist)[N|N.])[N]
prudentie	((prudent)[A],(ie)[N|A.])[N]
pruik	(pruik)[N]
pruikdrager	((pruik)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
pruikenbol	((pruik)[N],(e)[N|N.N],(bol)[N])[N]
pruikenboom	((pruik)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
pruikenkop	((pruik)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
pruikenmaker	((pruik)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
pruikenstijl	((pruik)[N],(en)[N|N.N],(stijl)[N])[N]
pruikentijd	((pruik)[N],(en)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
pruikerig	((pruik)[N],(erig)[A|N.])[A]
pruikgewei	((pruik)[N],(gewei)[N])[N]
pruikslaan	((pruik)[N],(sla)[V])[V]
pruikzwam	((pruik)[N],(zwam)[N])[N]
pruilen	(pruil)[V]
pruiler	((pruil)[V],(er)[N|V.])[N]
pruilerig	((pruil)[V],(erig)[A|V.])[A]
pruillip	((pruil)[V],(lip)[N])[N]
pruilmond	((pruil)[V],(mond)[N])[N]
pruilstem	((pruil)[V],(stem)[N])[N]
pruim	(pruim)[N]
pruimelaar	((pruim)[N],(elaar)[N|N.])[N]
pruimen	((pruim)[N],(en)[A|N.])[A]
pruimen	(pruim)[V]
pruimenbomen	(((pruim)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
pruimenbomenhout	(((pruim)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
pruimenboom	((pruim)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
pruimenboomgaard	((pruim)[N],(en)[N|N.N],((boom)[N],(gaard)[N])[N])[N]
pruimenhout	((pruim)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
pruimenjam	((pruim)[N],(en)[N|N.N],(jam)[N])[N]
pruimenmoes	((pruim)[N],(en)[N|N.N],(moes)[N])[N]
pruimenmond	((pruim)[N],(e)[N|N.N],(mond)[N])[N]
pruimenpit	((pruim)[N],(e)[N|N.N],(pit)[N])[N]
pruimensap	((pruim)[N],(e)[N|N.N],(sap)[N])[N]
pruimensteen	((pruim)[N],(e)[N|N.N],(steen)[N])[N]
pruimentaart	((pruim)[N],(en)[N|N.N],(taart)[N])[N]
pruimentijd	((pruim)[N],(en)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
pruimer	((pruim)[V],(er)[N|V.])[N]
pruimerij	((pruim)[V],(erij)[N|V.])[N]
pruimspirea	((pruim)[N],(spirea)[N])[N]
pruimtabak	((pruim)[V],(tabak)[N])[N]
pruisischblauw	((Pruisisch)[A],(blauw)[A])[A]
prul	(prul)[N]
prulachtig	((prul)[N],(achtig)[A|N.])[A]
prulboek	((prul)[N],(boek)[N])[N]
pruldichter	((prul)[N],((dicht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
prulding	((prul)[N],(ding)[N])[N]
prullenbak	((prul)[N],(en)[N|N.N],(bak)[N])[N]
prullenboel	((prul)[N],(e)[N|N.N],(boel)[N])[N]
prullenkast	((prul)[N],(en)[N|N.N],(kast)[N])[N]
prullenkraam	((prul)[N],(en)[N|N.N],(kraam)[N])[N]
prullenman	((prul)[N],(e)[N|N.N],(man)[N])[N]
prullenmand	((prul)[N],(en)[N|N.N],(mand)[N])[N]
prullenvent	((prul)[N],(e)[N|N.N],(vent)[N])[N]
prullenwerk	((prul)[N],(e)[N|N.N],(werk)[N])[N]
prullerig	((prul)[N],(erig)[A|N.])[A]
prullerij	((prul)[N],(erij)[N|N.])[N]
prullig	((prul)[N],(ig)[A|N.])[A]
prulpoëet	((prul)[N],(poëet)[N])[N]
prulschrijver	((prul)[N],((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
prulvent	((prul)[N],(vent)[N])[N]
prulwerk	((prul)[N],(werk)[N])[N]
prut	(prut)[N]
prutboel	((prut)[N],(boel)[N])[N]
prutlip	((prut)[V],(lip)[N])[N]
prutoog	((prut)[V],(oog)[N])[N]
pruts	(pruts)[N]
prutsding	((pruts)[N],(ding)[N])[N]
prutsen	(pruts)[V]
prutser	((pruts)[V],(er)[N|V.])[N]
prutserig	((pruts)[V],(erig)[A|V.])[A]
prutserij	((pruts)[V],(erij)[N|V.])[N]
prutswerk	((pruts)[N],(werk)[N])[N]
pruttelaar	((pruttel)[V],(aar)[N|V.])[N]
pruttelaarster	(((pruttel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
pruttelarij	((pruttel)[V],(arij)[N|V.])[N]
pruttelen	(pruttel)[V]
pruttelig	((pruttel)[V],(ig)[A|V.])[A]
prutten	(prut)[V]
prutterig	((prut)[N],(erig)[A|N.])[A]
psalm	(psalm)[N]
psalmberijming	((psalm)[N],((be)[V|.N],(rijm)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
psalmboek	((psalm)[N],(boek)[N])[N]
psalmbord	((psalm)[N],(bord)[N])[N]
psalmbundel	((psalm)[N],(bundel)[N])[N]
psalmdichter	((psalm)[N],(dicht)[V],(er)[N|NV.])[N]
psalmeren	((psalm)[N],(eer)[V|N.])[V]
psalmgezang	((psalm)[N],((ge)[N|.N],(zang)[N])[N])[N]
psalmist	((psalm)[N],(ist)[N|N.])[N]
psalmlied	((psalm)[N],(lied)[N])[N]
psalmodie	((psalmodisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
psalmvers	((psalm)[N],(vers)[N])[N]
psalmvertaling	((psalm)[N],((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
psalmzingen	((psalm)[N],(zing)[V])[V]
psalmzinger	(((psalm)[N],(zing)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
pseudepigraaf	((pseudo)[N|.N],(epigraaf)[N])[N]
pseudo-arts	((pseudo)[N|.N],(arts)[N])[N]
pseudo-cultuur	((pseudo)[N|.N],(cultuur)[N])[N]
pseudo-gebeurtenis	((pseudo)[N|.N],((gebeur)[V],(tenis)[N|V.])[N])[N]
pseudo-geleerde	((pseudo)[N|.N],(geleerde)[N])[N]
pseudo-kerk	((pseudo)[N|.N],(kerk)[N])[N]
pseudo-kroep	((pseudo)[N|.N],(kroep)[N])[N]
pseudo-probleem	((pseudo)[N|.N],(probleem)[N])[N]
pseudo-profeet	((pseudo)[N|.N],(profeet)[N])[N]
pseudo-religie	((pseudo)[N|.N],(religie)[N])[N]
pseudo-religieuze	((pseudo)[N|.N],(religieuze)[N])[N]
pseudo-vogelpest	((pseudo)[N|.N],((vogel)[N],(pest)[N])[N])[N]
pseudo-wetenschap	((pseudo)[N|.N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
pseudo-wetenschappelijk	((pseudo)[A|.A],(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
pseudo-wetenschapper	((pseudo)[N|.N],(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(er)[N|N.])[N])[N]
pseudo-wetgeving	((pseudo)[N|.N],((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
pseudozuur	((pseudo)[N|.N],(zuur)[N])[N]
psychasthenie	((psychasthenisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
psyche	(psyche)[N]
psychiatrie	((psychiatrisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
psychoanalyse	((psycho)[N|.N],(analyse)[N])[N]
psychoanalyticus	((psycho)[N|.N],(analyticus)[N])[N]
psychoanalytisch	((psycho)[A|.A],((analyse)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
psychobiografie	((psycho)[N|.N],((biografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
psychobiologie	((psycho)[N|.N],((biologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
psychochirurgie	((psycho)[N|.N],((chirurgisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
psychodiagnostiek	((psycho)[N|.N],(((dia)[A|.A],(gnostisch)[A])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
psychodrama	((psycho)[N|.N],(drama)[N])[N]
psychodramatechniek	(((psycho)[N|.N],(drama)[N])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
psychodynamiek	((psycho)[N|.N],((dynamisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
psychodynamisch	((psycho)[A|.A],(dynamisch)[A])[A]
psychofarmacologie	((psycho)[N|.N],((farmacologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
psychofarmacon	((psycho)[N|.N],(farmacon)[N])[N]
psychofysica	((psycho)[N|.N],(fysica)[N])[N]
psychofysiologie	((psycho)[N|.N],((fysiologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
psychofysisch	((psycho)[A|.A],(fysisch)[A])[A]
psychogenese	((psycho)[N|.N],(genese)[N])[N]
psychografie	((psychografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
psychohygiëne	((psycho)[N|.N],(hygiëne)[N])[N]
psychohygiënisch	((psycho)[A|.A],((hygiëne)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
psycholinguïst	((psycho)[N|.N],(linguïst)[N])[N]
psycholinguïstiek	((psycho)[N|.N],((linguïstisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
psychologe	((psycholoog)[N],(e)[N|N.])[N]
psychologenwereld	((psycholoog)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
psychologie	((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
psychologiebeoefening	(((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(((be)[V|.V],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
psychologiestudent	(((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N],((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
psychologiestudie	(((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(studie)[N])[N]
psychologisering	((psychologiseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
psycholytisch	(((psycho)[N|.N],(analyse)[N])[N],(isch)[A|N.])[A]
psychometrist	((psychometrie)[N],(ist)[N|N.])[N]
psychomotorisch	((psycho)[A|.A],((motor)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
psychoneurose	((psycho)[N|.N],(neurose)[N])[N]
psychopatenasiel	((psychopaat)[N],(en)[N|N.N],(asiel)[N])[N]
psychopateninrichting	((psychopaat)[N],(en)[N|N.N],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
psychopathie	((psychopathisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
psychopathologie	((psycho)[N|.N],((pathologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
psychopathologisch	((psycho)[A|.A],(pathologisch)[A])[A]
psychoscopist	((psychoscopie)[N],(ist)[N|N.])[N]
psychosociaal	((psycho)[A|.A],(sociaal)[A])[A]
psychosomatiek	(((psycho)[A|.A],(somatisch)[A])[A],(iek)[N|A.])[N]
psychosomatisch	((psycho)[A|.A],(somatisch)[A])[A]
psychotechnicus	((psycho)[N|.N],(technicus)[N])[N]
psychotechniek	((psycho)[N|.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
psychotechnisch	((psycho)[A|.A],(technisch)[A])[A]
psychotherapeut	((psycho)[N|.N],(therapeut)[N])[N]
psychotherapeute	(((psycho)[N|.N],(therapeut)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
psychotherapeutisch	(((psycho)[N|.N],(therapeut)[N])[N],(isch)[A|N.])[A]
psychotherapie	((psycho)[N|.N],(therapie)[N])[N]
psychotisch	((psychose)[N],(isch)[A|N.])[A]
psychotrauma	((psycho)[N|.N],(trauma)[N])[N]
psyché	(psyché)[N]
pub	(pub)[N]
puber	(puber)[N]
puberaal	((puber)[N],(aal)[A|N.])[A]
puberachtig	((puber)[N],(achtig)[A|N.])[A]
pubermeisje	((puber)[N],(meisje)[N])[N]
puberteitscrisis	((puberteit)[N],(s)[N|N.N],(crisis)[N])[N]
puberteitsfase	((puberteit)[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
puberteitsjaren	((puberteit)[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
puberteitsleeftijd	((puberteit)[N],(s)[N|N.N],((leef)[V],(tijd)[N])[N])[N]
puberteitsprobleem	((puberteit)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
puberteitspsychose	((puberteit)[N],(s)[N|N.N],(psychose)[N])[N]
puberteitsrite	((puberteit)[N],(s)[N|N.N],(rite)[N])[N]
puberteitsverschijnsel	((puberteit)[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
pubertijd	((puber)[N],(tijd)[N])[N]
pubescentie	((pubescent)[A],(ie)[N|A.])[N]
publicatie	((publiceer)[V],(atie)[N|V.])[N]
publicatiebord	(((publiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(bord)[N])[N]
publicatiedrift	(((publiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(drift)[N])[N]
publicatiemogelijkheid	(((publiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
publicatieplicht	(((publiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(plicht)[N])[N]
publicatieverbod	(((publiceer)[V],(atie)[N|V.])[N],(verbod)[N])[N]
publicistiek	(((publicist)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
publicistisch	((publicist)[N],(isch)[A|N.])[A]
publiciteit	((publiek)[A],(iciteit)[N|A.])[N]
publiciteitscampagne	(((publiek)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(campagne)[N])[N]
publiciteitsfoto	(((publiek)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(foto)[N])[N]
publiciteitsgeil	(((publiek)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[A|N.A],(geil)[A])[A]
publiciteitsmedium	(((publiek)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(medium)[N])[N]
publiciteitsorgaan	(((publiek)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
publiciteitsstunt	(((publiek)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(stunt)[N])[N]
publiciteitswaarde	(((publiek)[A],(iciteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(waarde)[N])[N]
publiekelijk	((publiek)[A],(elijk)[A|A.])[A]
publiekfilm	((publiek)[N],(film)[N])[N]
publiekgericht	((publiek)[N],(gericht)[A])[A]
publiekrecht	((publiek)[A],(recht)[N])[N]
publiekrechtelijk	(((publiek)[A],(recht)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
publieksbenadering	((publiek)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(nader)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
publieksblad	((publiek)[N],(s)[N|N.N],(blad)[N])[N]
publieksfilm	((publiek)[N],(s)[N|N.N],(film)[N])[N]
publieksprijs	((publiek)[N],(s)[N|N.N],(prijs)[N])[N]
publiekstijdschrift	((publiek)[N],(s)[N|N.N],((tijd)[N],(schrift)[N])[N])[N]
publiekstrekker	((publiek)[N],(s)[N|N.Vx],(trek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
puck	(puck)[N]
puddelijzer	((puddel)[V],(ijzer)[N])[N]
puddeloven	((puddel)[V],(oven)[N])[N]
puddingachtig	((pudding)[N],(achtig)[A|N.])[A]
puddingbroodje	((pudding)[N],(brood)[N])[N]
puddinglepel	((pudding)[N],(lepel)[N])[N]
puddingpoeder	((pudding)[N],(poeder)[N])[N]
puddingpoeier	((pudding)[N],(poeier)[N])[N]
puddingsaus	((pudding)[N],(saus)[N])[N]
puddingtaart	((pudding)[N],(taart)[N])[N]
puddingvorm	((pudding)[N],(vorm)[N])[N]
puddingzak	((pudding)[N],(zak)[N])[N]
pudiciteit	((pudiek)[A],(iciteit)[N|A.])[N]
pueblo	(pueblo)[N]
pueblo-indiaan	((pueblo)[N],(Indiaan)[N])[N]
pueriliteit	((pueriel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
puf	(puf)[N]
puffen	(puf)[V]
pufferig	((puf)[V],(erig)[A|V.])[A]
pufheet	((puf)[A],(heet)[A])[A]
pui	(pui)[N]
puibalk	((pui)[N],(balk)[N])[N]
puik	(puik)[N]
puikbest	((puik)[A],(best)[A])[A]
puikjuweel	((puik)[N],(juweel)[N])[N]
puikozijn	((pui)[N],(kozijn)[N])[N]
puiksieraad	((puik)[N],(sieraad)[N])[N]
puikstuk	((puik)[N],(stuk)[N])[N]
puilen	(puil)[V]
puilijst	((pui)[N],(lijst)[N])[N]
puiloog	((puil)[V],(oog)[N])[N]
puim	(puim)[N]
puimbeton	((puim)[N],(beton)[N])[N]
puimen	(puim)[V]
puimsteen	((puim)[N],(steen)[N])[N]
puimsteenpoeder	(((puim)[N],(steen)[N])[N],(poeder)[N])[N]
puimsteenpoeier	(((puim)[N],(steen)[N])[N],(poeier)[N])[N]
puin	(puin)[N]
puinachtig	((puin)[N],(achtig)[A|N.])[A]
puinbak	((puin)[N],(bak)[N])[N]
puinbed	((puin)[N],(bed)[N])[N]
puinbestrating	((puin)[N],(((be)[V|.N],(straat)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
puinbeton	((puin)[N],(beton)[N])[N]
puinbrok	((puin)[N],(brok)[N])[N]
puindienst	((puin)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
puindrainering	((puin)[N],(((drain)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
puinfundering	((puin)[N],((fundeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
puingesteente	((puin)[N],((ge)[N|.Nx],(steen)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
puinhoop	((puin)[N],(hoop)[N])[N]
puinkar	((puin)[N],(kar)[N])[N]
puinkegel	((puin)[N],(kegel)[N])[N]
puinklomp	((puin)[N],(klomp)[N])[N]
puinlaag	((puin)[N],(laag)[N])[N]
puinruimer	((puin)[N],(ruim)[V],(er)[N|NV.])[N]
puinruimster	((puin)[N],(ruim)[V],(ster)[N|NV.])[N]
puinsleuf	((puin)[N],(sleuf)[N])[N]
puinwal	((puin)[N],(wal)[N])[N]
puinweg	((puin)[N],(weg)[N])[N]
puinzooi	((puin)[N],(zooi)[N])[N]
puist	(puist)[N]
puistachtig	((puist)[N],(achtig)[A|N.])[A]
puisteen	((pui)[N],(steen)[N])[N]
puistenkop	((puist)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
puisterig	((puist)[N],(erig)[A|N.])[A]
puistig	((puist)[N],(ig)[A|N.])[A]
puistmijt	((puist)[N],(mijt)[N])[N]
puit	(puit)[N]
puitaal	((puit)[N],(aal)[N])[N]
puivulling	((pui)[N],(vul)[V],(ing)[N|NV.])[N]
puk	(puk)[N]
pukkel	(pukkel)[N]
pukkelig	((pukkel)[N],(ig)[A|N.])[A]
pul	(pul)[N]
pulfles	((pul)[N],(fles)[N])[N]
pulken	(pulk)[V]
pull	(pull)[N]
pullmanrijtuig	((pullman)[N],((rijd)[V],(tuig)[N])[N])[N]
pullmantrein	((pullman)[N],(trein)[N])[N]
pullmanwagen	((pullman)[N],(wagen)[N])[N]
pullmanzetel	((pullman)[N],(zetel)[N])[N]
pulp	(pulp)[N]
pulpblad	((pulp)[N],(blad)[N])[N]
pulplectuur	((pulp)[N],(lectuur)[N])[N]
pulppers	((pulp)[N],(pers)[N])[N]
puls	(puls)[N]
pulsatie	(((puls)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
pulsatief	((((puls)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
pulsbuis	((puls)[N],(buis)[N])[N]
pulscode	((puls)[N],(code)[N])[N]
pulsen	(puls)[V]
pulseren	((puls)[N],(eer)[V|N.])[V]
pulspaal	((puls)[V],(paal)[N])[N]
pulsput	((puls)[V],(put)[N])[N]
pulsteller	((puls)[N],(tel)[V],(er)[N|NV.])[N]
pulverachtig	((pulver)[N],(achtig)[A|N.])[A]
pulverdamp	((pulver)[N],(damp)[N])[N]
pulverig	((pulver)[N],(ig)[A|N.])[A]
pulverisator	(((pulver)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ator)[N|V.])[N]
pulveriseren	((pulver)[N],(iseer)[V|N.])[V]
pummel	(pummel)[N]
pummelachtig	((pummel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
pummelig	((pummel)[N],(ig)[A|N.])[A]
pump	(pump)[N]
pumpschoen	((pump)[N],(schoen)[N])[N]
punaise	(punaise)[N]
punch	(punch)[N]
punchbowl	((punch)[N],(bowl)[N])[N]
punchglas	((punch)[N],(glas)[N])[N]
punchgrog	((punch)[N],(grog)[N])[N]
punchkom	((punch)[N],(kom)[N])[N]
punchlepel	((punch)[N],(lepel)[N])[N]
punctualiteit	((punctueel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
punctuur	((puncteer)[V],(uur)[N|V.])[N]
punk	(punk)[N]
punker	((punk)[N],(er)[N|N.])[N]
punkkapsel	((punk)[N],((kap)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
punniken	(punnik)[V]
punt	(punt)[N]
punt-streeplijn	((punt)[N],(streep)[N],(lijn)[N])[N]
puntachtig	((punt)[N],(achtig)[A|N.])[A]
puntagaat	((punt)[N],(agaat)[N])[N]
puntasperge	((punt)[N],(asperge)[N])[N]
puntbaard	((punt)[N],(baard)[N])[N]
puntbeitel	((punt)[N],(beitel)[N])[N]
puntbeschermer	((punt)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
puntbol	((punt)[N],(bol)[N])[N]
puntboog	((punt)[N],(boog)[N])[N]
puntboor	((punt)[N],(boor)[N])[N]
puntbron	((punt)[N],(bron)[N])[N]
puntbroodje	((punt)[N],(brood)[N])[N]
puntbuik	((punt)[N],(buik)[N])[N]
puntcirkel	((punt)[N],(cirkel)[N])[N]
puntcoördinaten	((punt)[N],((coördineer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
puntdak	((punt)[N],(dak)[N])[N]
puntdam	((punt)[N],(dam)[N])[N]
puntdeur	((punt)[N],(deur)[N])[N]
puntdicht	((punt)[N],(dicht)[N])[N]
puntdichter	((punt)[N],((dicht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
puntdichteres	(((punt)[N],((dicht)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(es)[N|N.])[N]
puntdoek	((punt)[N],(doek)[N])[N]
puntdraad	((punt)[N],(draad)[N])[N]
punteerkunst	(((punt)[N],(eer)[V|N.])[V],(kunst)[N])[N]
punteermachine	(((punt)[N],(eer)[V|N.])[V],(machine)[N])[N]
punteermanier	(((punt)[N],(eer)[V|N.])[V],(manier)[N])[N]
punteermethode	(((punt)[N],(eer)[V|N.])[V],(methode)[N])[N]
punteerstaaf	(((punt)[N],(eer)[V|N.])[V],(staaf)[N])[N]
punteerwerk	(((punt)[N],(eer)[V|N.])[V],(werk)[N])[N]
punten	(punt)[V]
puntenberekening	((punt)[N],(en)[N|N.N],(((be)[V|.V],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
puntendeling	((punt)[N],(en)[N|N.Vx],(deel)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
puntenlijst	((punt)[N],(en)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
puntenmaat	((punt)[N],(en)[N|N.N],(maat)[N])[N]
puntenruimte	((punt)[N],(en)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
puntenschaal	((punt)[N],(en)[N|N.N],(schaal)[N])[N]
puntenslijper	((punt)[N],(e)[N|N.Vx],(slijp)[V],(er)[N|NxV.])[N]
puntenstelsel	((punt)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
puntensysteem	((punt)[N],(en)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
puntental	((punt)[N],(en)[N|N.N],(tal)[N])[N]
puntentelling	((punt)[N],(en)[N|N.Vx],(tel)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
puntenveld	((punt)[N],(en)[N|N.N],(veld)[N])[N]
puntenwaarde	((punt)[N],(en)[N|N.N],(waarde)[N])[N]
punter	((punt)[N],(er)[N|N.])[N]
punteren	((punt)[N],(eer)[V|N.])[V]
punterjacht	(((punt)[N],(er)[N|N.])[N],(jacht)[N])[N]
puntertocht	(((punt)[N],(er)[N|N.])[N],(tocht)[N])[N]
puntertuig	(((punt)[N],(er)[N|N.])[N],(tuig)[N])[N]
puntgaaf	((punt)[N],(gaaf)[A])[A]
puntgevel	((punt)[N],(gevel)[N])[N]
puntgewelf	((punt)[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
punthals	((punt)[N],(hals)[N])[N]
punthamer	((punt)[N],(hamer)[N])[N]
punthelm	((punt)[N],(helm)[N])[N]
punthoed	((punt)[N],(hoed)[N])[N]
punthoofd	((punt)[N],(hoofd)[N])[N]
puntig	((punt)[N],(ig)[A|N.])[A]
puntigheid	(((punt)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
puntijzer	((punt)[N],(ijzer)[N])[N]
puntkaart	((punt)[N],(kaart)[N])[N]
puntkap	((punt)[N],(kap)[N])[N]
puntkei	((punt)[N],(kei)[N])[N]
puntkomma	((punt)[N],(komma)[N])[N]
puntlassen	((punt)[N],(las)[V])[V]
puntlijn	((punt)[N],(lijn)[N])[N]
puntlipneushoorn	((punt)[N],(lip)[N],((neus)[N],(hoorn)[N])[N])[N]
puntlipneushoren	((punt)[N],(lip)[N],((neus)[N],(horen)[N])[N])[N]
puntlood	((punt)[N],(lood)[N])[N]
puntmassa	((punt)[N],(massa)[N])[N]
puntmotief	((punt)[N],(motief)[N])[N]
puntmutatie	((punt)[N],((muteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
puntmuts	((punt)[N],(muts)[N])[N]
puntneus	((punt)[N],(neus)[N])[N]
puntoog	((punt)[N],(oog)[N])[N]
puntschaaf	((punt)[N],(schaaf)[N])[N]
puntschoen	((punt)[N],(schoen)[N])[N]
puntschop	((punt)[N],(schop)[N])[N]
puntschrijver	((punt)[N],(schrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
puntsgewijs	((punt)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
puntslag	((punt)[N],(slag)[N])[N]
puntstelsel	((punt)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
puntstijl	((punt)[N],(stijl)[N])[N]
puntstok	((punt)[N],(stok)[N])[N]
puntstoot	((punt)[N],(stoot)[N])[N]
puntstuk	((punt)[N],(stuk)[N])[N]
puntsysteem	((punt)[N],(systeem)[N])[N]
puntteken	((punt)[N],(teken)[N])[N]
punttest	((punt)[N],(test)[N])[N]
punttoren	((punt)[N],(toren)[N])[N]
puntverzameling	((punt)[N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
puntvijl	((punt)[N],(vijl)[N])[N]
puntvlam	((punt)[N],(vlam)[N])[N]
puntvormig	((punt)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
puntwortel	((punt)[N],(wortel)[N])[N]
puntzak	((punt)[N],(zak)[N])[N]
pup	(pup)[N]
pupillenschool	((pupil)[N],(en)[N|N.N],(school)[N])[N]
pupilreflex	((pupil)[N],(reflex)[N])[N]
pupilverandering	((pupil)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
pupilverwijder	((pupil)[N],((ver)[V|.A],(wijd)[A])[V],(er)[N|NV.])[N]
pureestamper	((puree)[N],(stamp)[V],(er)[N|NV.])[N]
puren	(puur)[V]
pureren	((puree)[N],(eer)[V|N.])[V]
purgatie	((purgeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
purgatief	(((purgeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[N|N.])[N]
purgatorium	((purgeer)[V],(atorium)[N|V.])[N]
purgeerdrank	((purgeer)[V],(drank)[N])[N]
purgeerkruid	((purgeer)[V],(kruid)[N])[N]
purgeermiddel	((purgeer)[V],(middel)[N])[N]
purgeerolie	((purgeer)[V],(olie)[N])[N]
purgeerpoeder	((purgeer)[V],(poeder)[N])[N]
purgeerpoeier	((purgeer)[V],(poeier)[N])[N]
purificatie	((purificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
purimfeest	((Purim)[N],(feest)[N])[N]
purimkrant	((Purim)[N],(krant)[N])[N]
purinearm	((purine)[N],(arm)[A])[A]
purinebase	((purine)[N],(base)[N])[N]
purinegehalte	((purine)[N],(gehalte)[N])[N]
puristerij	((purist)[N],(erij)[N|N.])[N]
puristisch	((purist)[N],(isch)[A|N.])[A]
puriteins	((puritein)[N],(s)[A|N.])[A]
purper	(purper)[N]
purperachtig	((purper)[A],(achtig)[A|A.])[A]
purperblauw	((purper)[A],(blauw)[N])[N]
purperbloem	((purper)[A],(bloem)[N])[N]
purperbrons	((purper)[A],(brons)[N])[N]
purperen	(purper)[V]
purperen	((purper)[N],(en)[A|N.])[A]
purpergeel	((purper)[A],(geel)[A])[A]
purperglans	((purper)[A],(glans)[N])[N]
purperhoen	((purper)[A],(hoen)[N])[N]
purperhout	((purper)[A],(hout)[N])[N]
purperkleed	((purper)[A],(kleed)[N])[N]
purperkleurig	((purper)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
purperklier	((purper)[N],(klier)[N])[N]
purperkoet	((purper)[A],(koet)[N])[N]
purperlicht	((purper)[A],(licht)[N])[N]
purperreiger	((purper)[A],(reiger)[N])[N]
purperrood	((purper)[A],(rood)[N])[N]
purperschelp	((purper)[N],(schelp)[N])[N]
purperslak	((purper)[N],(slak)[N])[N]
purpersteeltje	((purper)[A],(steel)[N])[N]
purperverf	((purper)[A],(verf)[N])[N]
purpervlinder	((purper)[A],(vlinder)[N])[N]
purperwilg	((purper)[A],(wilg)[N])[N]
purperwinde	((purper)[A],(winde)[N])[N]
purperzuur	((purper)[A],(zuur)[N])[N]
pus	(pus)[N]
push	(push)[N]
pushen	(push)[V]
pussen	(pus)[V]
putbaas	((put)[V],(baas)[N])[N]
putbalk	((put)[N],(balk)[N])[N]
putboor	((put)[N],(boor)[N])[N]
putdeksel	((put)[N],((dek)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
putemmer	((put)[N],(emmer)[N])[N]
putgalg	((put)[N],(galg)[N])[N]
putgas	((put)[N],(gas)[N])[N]
puthaak	((put)[N],(haak)[N])[N]
putjesschepper	((put)[N],(s)[N|N.Vx],(schep)[V],(er)[N|NxV.])[N]
putketting	((put)[N],(ketting)[N])[N]
putkrans	((put)[N],(krans)[N])[N]
putrad	((put)[N],(rad)[N])[N]
putrand	((put)[N],(rand)[N])[N]
putruimer	((put)[N],(ruim)[V],(er)[N|NV.])[N]
puts	(puts)[N]
putsch	(putsch)[N]
putsen	(puts)[V]
putsteen	((put)[N],(steen)[N])[N]
putten	(put)[V]
puttenfundering	((put)[N],(en)[N|N.N],((fundeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
puttenzuiger	((put)[N],(en)[N|N.Vx],(zuig)[V],(er)[N|NxV.])[N]
putter	((put)[V],(er)[N|V.])[N]
puttig	((put)[N],(ig)[A|N.])[A]
puttingband	((putting)[N],(band)[N])[N]
puttingwant	((putting)[N],(want)[N])[N]
puttouw	((put)[N],(touw)[N])[N]
putwater	((put)[N],(water)[N])[N]
putzwengel	((put)[N],(zwengel)[N])[N]
puur	(puur)[A]
puurheid	((puur)[A],(heid)[N|A.])[N]
puurte	((puur)[A],(te)[N|A.])[N]
puzzel	(puzzel)[N]
puzzelaar	((puzzel)[V],(aar)[N|V.])[N]
puzzelaarster	(((puzzel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
puzzelen	(puzzel)[V]
puzzelkubus	((puzzel)[N],(kubus)[N])[N]
puzzelprijs	((puzzel)[N],(prijs)[N])[N]
puzzelrit	((puzzel)[N],(rit)[N])[N]
puzzeltocht	((puzzel)[N],(tocht)[N])[N]
puzzelvraag	((puzzel)[N],(vraag)[N])[N]
puzzelwoordenboek	((puzzel)[N],((woord)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N])[N]
pvc-buis	((pvc)[N],(buis)[N])[N]
pygmeeënvolk	((pygmee)[N],(en)[N|N.N],(volk)[N])[N]
pyjama	(pyjama)[N]
pyjamabroek	((pyjama)[N],(broek)[N])[N]
pyjamajas	((pyjama)[N],(jas)[N])[N]
pylorusreflex	((pylorus)[N],(reflex)[N])[N]
pyrotechniek	((pyrotechnisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
pépite	(pépite)[N]
q	(q)[N]
quadrafonie	((quadrafonisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
quadrangulair	((quadra)[A|.A],(angulair)[A])[A]
quakershoed	((quaker)[N],(s)[N|N.N],(hoed)[N])[N]
quakerskerk	((quaker)[N],(s)[N|N.N],(kerk)[N])[N]
quant	(quant)[N]
quantabestek	((quanta)[N],(bestek)[N])[N]
quantentheorie	((quant)[N],(en)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
quarantaine-inrichting	((quarantaine)[N],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
quarantainebarak	((quarantaine)[N],(barak)[N])[N]
quarantainemaatregel	((quarantaine)[N],(maatregel)[N])[N]
quarantaineperiode	((quarantaine)[N],(periode)[N])[N]
quarantaineplaats	((quarantaine)[N],(plaats)[N])[N]
quarantainevlag	((quarantaine)[N],(vlag)[N])[N]
quark	(quark)[N]
quasi	(quasi)[A]
quasi-experiment	((quasi)[N|.N],(experiment)[N])[N]
quatertemperdag	((quatertemper)[N],(dag)[N])[N]
quatre-mainsspeler	((quatre-mains)[N],(speel)[V],(er)[N|NV.])[N]
quatsch	(quatsch)[N]
quattrocentist	((quattrocento)[N],(ist)[N|N.])[N]
querulant	((queruleer)[V],(ant)[N|V.])[N]
querulante	(((queruleer)[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
queue	(queue)[N]
quilt	(quilt)[N]
quitte	(quitte)[A]
quiz	(quiz)[N]
quizleider	((quiz)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
quizmaster	((quiz)[N],(master)[N])[N]
quizprogramma	((quiz)[N],(programma)[N])[N]
quiëtistisch	((quiëtist)[N],(isch)[A|N.])[A]
quotatie	((quoteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
quotisatie	(((quota)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
quotiseren	((quota)[N],(iseer)[V|N.])[V]
r	(r)[N]
ra	(ra)[N]
raad	(raad)[N]
raadadviseur	((raad)[N],(((advies)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
raadgeefster	((raad)[N],(geef)[V],(ster)[N|NV.])[N]
raadgevend	((raad)[N],(geef)[V],(end)[A|NV.])[A]
raadgever	((raad)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N]
raadgeving	((raad)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
raadhuis	((raad)[V],(huis)[N])[N]
raadkamer	((raad)[V],(kamer)[N])[N]
raadpensionaris	((raad)[N],(pensionaris)[N])[N]
raadplegen	((raad)[N],(pleeg)[V])[V]
raadpleging	(((raad)[N],(pleeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
raadsbesluit	((raad)[N],(s)[N|N.N],(besluit)[N])[N]
raadscommissie	((raad)[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
raadsel	((raad)[V],(sel)[N|V.])[N]
raadselachtig	(((raad)[V],(sel)[N|V.])[N],(achtig)[A|N.])[A]
raadselachtigheid	((((raad)[V],(sel)[N|V.])[N],(achtig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
raadselboek	(((raad)[V],(sel)[N|V.])[N],(boek)[N])[N]
raadselhoekje	(((raad)[V],(sel)[N|V.])[N],(hoek)[N])[N]
raadselig	(((raad)[V],(sel)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A]
raadselrubriek	(((raad)[V],(sel)[N|V.])[N],(rubriek)[N])[N]
raadselspel	(((raad)[V],(sel)[N|V.])[N],(spel)[N])[N]
raadsfractie	((raad)[N],(s)[N|N.N],(fractie)[N])[N]
raadsheer	((raad)[N],(s)[N|N.N],(heer)[N])[N]
raadskelder	((raad)[N],(s)[N|N.N],(kelder)[N])[N]
raadslag	((raad)[N],(slag)[N])[N]
raadslid	((raad)[N],(s)[N|N.N],(lid)[N])[N]
raadsman	((raad)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N]
raadsnotulen	((raad)[N],(s)[N|N.N],(notuul)[N])[N]
raadspensionaris	((raad)[N],(s)[N|N.N],(pensionaris)[N])[N]
raadsvergadering	((raad)[N],(s)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
raadsverkiezing	((raad)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
raadsverslag	((raad)[N],(s)[N|N.N],(verslag)[N])[N]
raadsvrouw	((raad)[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
raadsvrouwe	((raad)[N],(s)[N|N.N],(vrouwe)[N])[N]
raadszaal	((raad)[N],(s)[N|N.N],(zaal)[N])[N]
raadszetel	((raad)[N],(s)[N|N.N],(zetel)[N])[N]
raadszitting	((raad)[N],(s)[N|N.N],((zit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
raadzaal	((raad)[V],(zaal)[N])[N]
raadzaam	((raad)[V],(zaam)[A|V.])[A]
raadzaamheid	(((raad)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
raaf	(raaf)[N]
raafachtig	((raaf)[N],(achtig)[A|N.])[A]
raafachtigen	((raaf)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
raafeend	((raaf)[N],(eend)[N])[N]
raafvogel	((raaf)[N],(vogel)[N])[N]
raagbol	((raag)[V],(bol)[N])[N]
raai	(raai)[N]
raaien	(raai)[V]
raaigras	((raai)[N],(gras)[N])[N]
raailijn	((raai)[N],(lijn)[N])[N]
raaipaal	((raai)[N],(paal)[N])[N]
raaiwerk	((raai)[N],(werk)[N])[N]
raak	(raak)[A]
raakcirkel	((raak)[V],(cirkel)[N])[N]
raakheid	((raak)[A],(heid)[N|A.])[N]
raakkoorde	((raak)[V],(koorde)[N])[N]
raakkromme	((raak)[V],(kromme)[N])[N]
raaklijn	((raak)[V],(lijn)[N])[N]
raaklijnenoppervlak	(((raak)[V],(lijn)[N])[N],(en)[N|N.N],((opper)[N|.N],(vlak)[N])[N])[N]
raaklijnenvierhoek	(((raak)[V],(lijn)[N])[N],(en)[N|N.N],((vier)[Q],(hoek)[N])[N])[N]
raakpunt	((raak)[V],(punt)[N])[N]
raakschot	((raak)[V],(schot)[N])[N]
raakslaan	((raak)[A],(sla)[V])[V]
raakvlak	((raak)[V],(vlak)[N])[N]
raam	(raam)[N]
raamadvertentie	((raam)[N],((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
raamakkoord	((raam)[N],(akkoord)[N])[N]
raamantenne	((raam)[N],(antenne)[N])[N]
raambeslag	((raam)[N],(beslag)[N])[N]
raambiljet	((raam)[N],(biljet)[N])[N]
raamgordijn	((raam)[N],(gordijn)[N])[N]
raamhandvat	((raam)[N],((hand)[N],(vat)[N])[N])[N]
raamhor	((raam)[N],(hor)[N])[N]
raamhout	((raam)[N],(hout)[N])[N]
raamijzer	((raam)[N],(ijzer)[N])[N]
raamkant	((raam)[N],(kant)[N])[N]
raamkit	((raam)[N],(kit)[N])[N]
raamknop	((raam)[N],(knop)[N])[N]
raamkoord	((raam)[N],(koord)[N])[N]
raamkozijn	((raam)[N],(kozijn)[N])[N]
raamlood	((raam)[N],(lood)[N])[N]
raamluik	((raam)[N],(luik)[N])[N]
raamontvanger	((raam)[N],((ontvang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
raamopening	((raam)[N],((open)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
raampen	((raam)[N],(pen)[N])[N]
raamplan	((raam)[N],(plan)[N])[N]
raampost	((raam)[N],(post)[N])[N]
raamprostitutie	((raam)[N],((prostitueer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
raamsluiting	((raam)[N],(sluit)[V],(ing)[N|NV.])[N]
raamspant	((raam)[N],(spant)[N])[N]
raamsponning	((raam)[N],(sponning)[N])[N]
raamstijl	((raam)[N],(stijl)[N])[N]
raamstok	((raam)[N],(stok)[N])[N]
raamthermometer	((raam)[N],((thermo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
raamventilator	((raam)[N],((ventileer)[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
raamvertelling	((raam)[N],(((ver)[V|.V],(tel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
raamwerk	((raam)[N],(werk)[N])[N]
raamwet	((raam)[N],(wet)[N])[N]
raamzaag	((raam)[N],(zaag)[N])[N]
raap	(raap)[N]
raapachtig	((raap)[N],(achtig)[A|N.])[A]
raapbord	((raap)[V],(bord)[N])[N]
raapknol	((raap)[N],(knol)[N])[N]
raapkoek	((raap)[N],(koek)[N])[N]
raapkool	((raap)[N],(kool)[N])[N]
raapolie	((raap)[N],(olie)[N])[N]
raapselderie	((raap)[N],(selderie)[N])[N]
raapselderij	((raap)[N],(selderij)[N])[N]
raapstelen	((raap)[N],(steel)[N])[N]
raapster	((raap)[V],(ster)[N|V.])[N]
raapveld	((raap)[N],(veld)[N])[N]
raapwerk	((raap)[V],(werk)[N])[N]
raapzaad	((raap)[N],(zaad)[N])[N]
raasbol	((raas)[V],(bol)[N])[N]
raaskallen	((raas)[V],(kal)[V])[V]
raaskallerij	(((raas)[V],(kal)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
raat	(raat)[N]
raathonig	((raat)[N],(honig)[N])[N]
raathoning	((raat)[N],(honing)[N])[N]
rabarber	(rabarber)[N]
rabarberblad	((rabarber)[N],(blad)[N])[N]
rabarbermoes	((rabarber)[N],(moes)[N])[N]
rabarbersteel	((rabarber)[N],(steel)[N])[N]
rabarberstroop	((rabarber)[N],(stroop)[N])[N]
rabat	(rabat)[N]
rabatdelen	((rabat)[N],(deel)[N])[N]
rabatschaaf	((rabat)[N],(schaaf)[N])[N]
rabatten	(rabat)[V]
rabatteren	((rabat)[N],(eer)[V|N.])[V]
rabatwerk	((rabat)[N],(werk)[N])[N]
rabbelaar	((rabbel)[V],(aar)[N|V.])[N]
rabbi	(rabbi)[N]
rabbijn	(rabbijn)[N]
rabbijns	((rabbijn)[N],(s)[A|N.])[A]
rabbinaal	((rabbijn)[N],(aal)[A|N.])[A]
rabiës	(rabiës)[N]
racaille	(racaille)[N]
raccordement	((raccordeer)[V],(ement)[N|V.])[N]
race	(race)[N]
raceauto	((race)[V],(auto)[N])[N]
racebaan	((race)[V],(baan)[N])[N]
raceboot	((race)[V],(boot)[N])[N]
racecircuit	((race)[V],(circuit)[N])[N]
racefiets	((race)[V],(fiets)[N])[N]
racekak	((race)[V],(kak)[N])[N]
racen	(race)[V]
racepaard	((race)[V],(paard)[N])[N]
racer	((race)[V],(er)[N|V.])[N]
racestuur	((race)[V],(stuur)[N])[N]
racewagen	((race)[V],(wagen)[N])[N]
raciaal	((ras)[N],(iaal)[A|N.])[A]
racistisch	((racist)[N],(isch)[A|N.])[A]
rad	(rad)[N]
radar	(radar)[N]
radarantenne	((radar)[N],(antenne)[N])[N]
radarapparaat	((radar)[N],(apparaat)[N])[N]
radarapparatuur	((radar)[N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
radarcontrole	((radar)[N],(controle)[N])[N]
radarfunctie	((radar)[N],(functie)[N])[N]
radarinstallatie	((radar)[N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
radaroppervlak	((radar)[N],((opper)[N|.N],(vlak)[N])[N])[N]
radarscherm	((radar)[N],(scherm)[N])[N]
radarsignaal	((radar)[N],(signaal)[N])[N]
radarstation	((radar)[N],(station)[N])[N]
radartechnicus	((radar)[N],(technicus)[N])[N]
radartoestel	((radar)[N],(toestel)[N])[N]
radartoren	((radar)[N],(toren)[N])[N]
radarverklikker	((radar)[N],((ver)[V|.V],(klik)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
radarwaarnemer	((radar)[N],(waarneem)[V],(er)[N|NV.])[N]
raddigheid	((rad)[A],(igheid)[N|A.])[N]
raddraaier	((rad)[N],(draai)[V],(er)[N|NV.])[N]
raddraaierij	((rad)[A],(draai)[V],(erij)[N|AV.])[N]
radeermesje	((radeer)[V],(mes)[N])[N]
radeernaald	((radeer)[V],(naald)[N])[N]
radeerpenseel	((radeer)[V],(penseel)[N])[N]
radeerpotlood	((radeer)[V],((pot)[N],(lood)[N])[N])[N]
radeerstift	((radeer)[V],(stift)[N])[N]
radeloosheid	((radeloos)[A],(heid)[N|A.])[N]
raden	(raad)[V]
radencommunisme	((raad)[N],(en)[N|N.N],(communisme)[N])[N]
radencommunist	((raden)[N],(communist)[N])[N]
radendemocratie	((raden)[N],(((democraat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
radenrepubliek	((raad)[N],(en)[N|N.N],(republiek)[N])[N]
radensysteem	((raden)[N],(systeem)[N])[N]
radenwet	((raad)[N],(en)[N|N.N],(wet)[N])[N]
raderas	((rad)[N],(as)[N])[N]
raderbaar	((rad)[N],(baar)[N])[N]
raderboot	((rad)[N],(boot)[N])[N]
raderkast	((rad)[N],(kast)[N])[N]
raderwerk	((rad)[N],(werk)[N])[N]
raderwieltje	((rader)[V],(wiel)[N])[N]
radheid	((rad)[A],(heid)[N|A.])[N]
radiaalband	((radiaal)[A],(band)[N])[N]
radiatiegordel	((radiatie)[N],(gordel)[N])[N]
radiatiepunt	((radiatie)[N],(punt)[N])[N]
radiatorenverf	((radiator)[N],(en)[N|N.N],(verf)[N])[N]
radiatorfolie	((radiator)[N],(folie)[N])[N]
radiatorruimte	((radiator)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
radicaal	(radicaal)[N]
radicaliseren	((radicaal)[A],(iseer)[V|A.])[V]
radicalisering	(((radicaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
radicaliteit	((radicaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
radijs	(radijs)[N]
radijszaad	((radijs)[N],(zaad)[N])[N]
radio	(radio)[N]
radio-installatie	((radio)[N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
radio-omroep	((radio)[N],(omroep)[N])[N]
radio-omroeper	((radio)[N],(((om)[P],(roep)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
radio-omroepster	((radio)[N],(((om)[P],(roep)[V])[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
radio-onderdeel	((radio)[N],((onder)[P],(deel)[N])[N])[N]
radio-ontvangst	((radio)[N],((ontvang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
radio-orkest	((radio)[N],(orkest)[N])[N]
radio-uitzending	((radio)[N],(((uit)[P],(zend)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
radioamateur	((radio)[N],(amateur)[N])[N]
radioantenne	((radio)[N],(antenne)[N])[N]
radioapparaat	((radio)[N],(apparaat)[N])[N]
radioapparatuur	((radio)[N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
radiobaken	((radio)[N],(baken)[N])[N]
radiobericht	((radio)[N],(bericht)[N])[N]
radiobestel	((radio)[N],(bestel)[N])[N]
radiobesturing	((radio)[N],(((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
radiobiologie	((radiobiologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
radiobode	((radio)[N],(bode)[N])[N]
radiobouwdoos	((radio)[N],((bouw)[V],(doos)[N])[N])[N]
radiobuis	((radio)[N],(buis)[N])[N]
radiocassetterecorder	((radio)[N],((cassette)[N],(recorder)[N])[N])[N]
radiocentrale	((radio)[N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
radiocommentator	((radio)[N],((commenteer)[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
radiocommunicatie	((radio)[N],((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
radiocomponent	((radio)[N],((componeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
radiocontact	((radio)[N],(contact)[N])[N]
radiocontroledienst	((radio)[N],(controle)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
radiodistributie	((radio)[N],((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
radiogesprek	((radio)[N],(gesprek)[N])[N]
radiogids	((radio)[N],(gids)[N])[N]
radiografie	((radiografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
radiohandelaar	((radio)[N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
radiohut	((radio)[N],(hut)[N])[N]
radiojournaal	((radio)[N],(journaal)[N])[N]
radiojournalist	((radio)[N],((journaal)[N],(ist)[N|N.])[N])[N]
radiokamer	((radio)[N],(kamer)[N])[N]
radiokanaal	((radio)[N],(kanaal)[N])[N]
radiokast	((radio)[N],(kast)[N])[N]
radiokompas	((radio)[N],(kompas)[N])[N]
radiolamp	((radio)[N],(lamp)[N])[N]
radiolezing	((radio)[N],((lees)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
radiologie	((radiologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
radioluisteraar	((radio)[N],((luister)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
radiomast	((radio)[N],(mast)[N])[N]
radiomeubel	((radio)[N],(meubel)[N])[N]
radiomicrofoon	((radio)[N],(microfoon)[N])[N]
radiomonteur	((radio)[N],((monteer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
radiomuziek	((radio)[N],(muziek)[N])[N]
radionieuws	((radio)[N],(nieuws)[N])[N]
radionieuwsdienst	((radio)[N],((nieuws)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
radiopeiler	((radio)[N],(peil)[V],(er)[N|NV.])[N]
radiopeiling	((radio)[N],(peil)[V],(ing)[N|NV.])[N]
radiopeiltoestel	((radio)[N],(peil)[V],(toestel)[N])[N]
radiopositie	((radio)[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
radiopraatje	((radio)[N],(praat)[N])[N]
radioprogramma	((radio)[N],(programma)[N])[N]
radioreclame	((radio)[N],(reclame)[N])[N]
radiorede	((radio)[N],(rede)[N])[N]
radioreportage	((radio)[N],(reportage)[N])[N]
radioreporter	((radio)[N],(reporter)[N])[N]
radiorubriek	((radio)[N],(rubriek)[N])[N]
radioschip	((radio)[N],(schip)[N])[N]
radioscopie	((radioscoop)[N],(ie)[N|N.])[N]
radiosignaal	((radio)[N],(signaal)[N])[N]
radiosonde	((radio)[N],(sonde)[N])[N]
radiospelletje	((radio)[N],(spel)[N])[N]
radiostation	((radio)[N],(station)[N])[N]
radiostilte	((radio)[N],((stil)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
radiostoring	((radio)[N],((stoor)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
radiosysteem	((radio)[N],(systeem)[N])[N]
radiotechnicus	((radio)[N],(technicus)[N])[N]
radiotechniek	((radio)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
radiotelefonie	((radiotelefoon)[N],(ie)[N|N.])[N]
radiotelegrafie	((radiotelegraaf)[N],(ie)[N|N.])[N]
radiotoespraak	((radio)[N],((toe)[B],(spraak)[N])[N])[N]
radiotoestel	((radio)[N],(toestel)[N])[N]
radioverbinding	((radio)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
radioverslag	((radio)[N],(verslag)[N])[N]
radioweerbericht	((radio)[N],((weer)[N],(bericht)[N])[N])[N]
radiowekker	((radio)[N],((wek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
radiozaak	((radio)[N],(zaak)[N])[N]
radiozender	((radio)[N],(zend)[V],(er)[N|NV.])[N]
radiozendinstallatie	((radio)[N],((zend)[V],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N])[N]
radiozendontvanger	((radio)[N],((zend)[V],((ontvang)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
radium	(radium)[N]
radiumbehandeling	((radium)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
radiumstraal	((radium)[N],(straal)[N])[N]
radiumtherapie	((radium)[N],(therapie)[N])[N]
radiumzout	((radium)[N],(zout)[N])[N]
radiësthesist	((radiësthesie)[N],(ist)[N|N.])[N]
radja	(radja)[N]
radkrans	((rad)[N],(krans)[N])[N]
radlijn	((rad)[N],(lijn)[N])[N]
radslag	((rad)[N],(slag)[N])[N]
radstand	((rad)[N],(stand)[N])[N]
radvormig	((rad)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
rafel	(rafel)[N]
rafeldraad	((rafel)[V],(draad)[N])[N]
rafelen	(rafel)[V]
rafelig	((rafel)[N],(ig)[A|N.])[A]
rafeling	((rafel)[V],(ing)[N|V.])[N]
rafelzij	((rafel)[V],(zij)[N])[N]
rafelzijde	((rafel)[V],(zijde)[N])[N]
raffelen	(raffel)[V]
raffia	(raffia)[N]
raffiawerk	((raffia)[N],(werk)[N])[N]
raffinage	((raffineer)[V],(age)[N|V.])[N]
raffinement	((raffineer)[V],(ement)[N|V.])[N]
rag	(rag)[N]
ragdun	((rag)[N],(dun)[A])[A]
rage	(rage)[N]
ragebol	((rag)[N],(e)[N|N.N],(bol)[N])[N]
ragen	(raag)[V]
ragfijn	((rag)[N],(fijn)[A])[A]
raggen	(rag)[V]
raglan	(raglan)[N]
raglanmouw	((raglan)[N],(mouw)[N])[N]
ragout	(ragout)[N]
raid	(raid)[N]
rail	(rail)[N]
railauto	((rail)[N],(auto)[N])[N]
railinfrastructuur	((rail)[N],(infrastructuur)[N])[N]
railsysteem	((rail)[N],(systeem)[N])[N]
railtransport	((rail)[N],(transport)[N])[N]
railvervoer	((rail)[N],(vervoer)[N])[N]
railvoertuig	((rail)[N],((voer)[V],(tuig)[N])[N])[N]
raisonnabel	(((raison)[N],(eer)[V|N.])[V],(abel)[A|V.])[A]
raisonnement	(((raison)[N],(eer)[V|N.])[V],(ement)[N|V.])[N]
raisonneren	((raison)[N],(eer)[V|N.])[V]
raisonneur	(((raison)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
rak	(rak)[N]
rakalje	(rakalje)[N]
rakel	(rakel)[N]
rakelen	(rakel)[V]
rakelijzer	((rakel)[V],(ijzer)[N])[N]
raken	(raak)[V]
raket	(raket)[N]
raketauto	((raket)[N],(auto)[N])[N]
raketbal	((raket)[V],(bal)[N])[N]
raketbasis	((raket)[N],(basis)[N])[N]
raketbladig	((raket)[N],((blad)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
raketbom	((raket)[N],(bom)[N])[N]
raketgeleerde	((raket)[N],(geleerde)[N])[N]
raketinstallatie	((raket)[N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
raketmotor	((raket)[N],(motor)[N])[N]
raketschip	((raket)[N],(schip)[N])[N]
raketspel	((raket)[N],(spel)[N])[N]
raketten	(raket)[V]
rakettrap	((raket)[N],(trap)[N])[N]
raketvliegtuig	((raket)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
rakker	(rakker)[N]
rakkeren	(rakker)[V]
ral	(ral)[N]
ralreiger	((ral)[N],(reiger)[N])[N]
ralvogels	((ral)[N],(vogel)[N])[N]
ram	(ram)[N]
ramadan	(ramadan)[N]
ramadanfeest	((ramadan)[N],(feest)[N])[N]
ramaneffect	((Raman)[N],(effect)[N])[N]
rameeplant	((ramee)[N],(plant)[N])[N]
rameevezel	((ramee)[N],(vezel)[N])[N]
rameeweefsel	((ramee)[N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
ramen	(raam)[V]
raming	((raam)[V],(ing)[N|V.])[N]
ramlam	((ram)[N],(lam)[N])[N]
rammel	(rammel)[N]
rammelaar	((rammel)[V],(aar)[N|V.])[N]
rammelen	(rammel)[V]
rammeling	((rammel)[V],(ing)[N|V.])[N]
rammelkar	((rammel)[V],(kar)[N])[N]
rammelkast	((rammel)[V],(kast)[N])[N]
rammelkous	((rammel)[V],(kous)[N])[N]
rammelschijf	((rammel)[V],(schijf)[N])[N]
rammeltijd	((rammel)[V],(tijd)[N])[N]
rammen	(ram)[V]
rammenas	(rammenas)[N]
rammenasbast	((rammenas)[N],(bast)[N])[N]
rammenassmaak	((rammenas)[N],(smaak)[N])[N]
ramp	(ramp)[N]
rampendienst	((ramp)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
rampenfilm	((ramp)[N],(en)[N|N.N],(film)[N])[N]
rampenfonds	((ramp)[N],(en)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
rampenplan	((ramp)[N],(en)[N|N.N],(plan)[N])[N]
rampgebied	((ramp)[N],(gebied)[N])[N]
rampjaar	((ramp)[N],(jaar)[N])[N]
rampmare	((ramp)[N],(mare)[N])[N]
rampokker	((rampok)[V],(er)[N|V.])[N]
rampsituatie	((ramp)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
rampspoed	((ramp)[N],(spoed)[N])[N]
rampspoedig	(((ramp)[N],(spoed)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
rampzaligheid	((rampzalig)[A],(heid)[N|A.])[N]
ramshoofd	((ram)[N],(s)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
ramshoorn	((ram)[N],(s)[N|N.N],(hoorn)[N])[N]
ramshoren	((ram)[N],(s)[N|N.N],(horen)[N])[N]
ramsj	(ramsj)[N]
ramsjen	(ramsj)[V]
ramsjer	((ramsj)[V],(er)[N|V.])[N]
ramskop	((ram)[N],(s)[N|N.N],(kop)[N])[N]
ramsneus	((ram)[N],(s)[N|N.N],(neus)[N])[N]
ramsteven	((ram)[V],(steven)[N])[N]
ramsvacht	((ram)[N],(s)[N|N.N],(vacht)[N])[N]
ranch	(ranch)[N]
rancher	((ranch)[N],(er)[N|N.])[N]
rancune	(rancune)[N]
rancunegevoelen	((rancune)[N],(gevoelen)[N])[N]
rancuneus	((rancune)[N],(eus)[A|N.])[A]
rand	(rand)[N]
randaarding	((rand)[N],((aard)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
randapparatuur	((rand)[N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
randbloem	((rand)[N],(bloem)[N])[N]
randboom	((rand)[N],(boom)[N])[N]
randdeel	((rand)[N],(deel)[N])[N]
randeffect	((rand)[N],(effect)[N])[N]
randen	(rand)[V]
randerigheid	((randerig)[A],(heid)[N|A.])[N]
randfiguur	((rand)[N],(figuur)[N])[N]
randfunctie	((rand)[N],(functie)[N])[N]
randgebergte	((rand)[N],((ge)[N|.Nx],(berg)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
randgebeuren	((rand)[N],(gebeuren)[N])[N]
randgebied	((rand)[N],(gebied)[N])[N]
randgemeente	((rand)[N],(gemeente)[N])[N]
randgewest	((rand)[N],(gewest)[N])[N]
randglosse	((rand)[N],(glosse)[N])[N]
randgroep	((rand)[N],(groep)[N])[N]
randgroepjongere	(((rand)[N],(groep)[N])[N],(jongere)[N])[N]
randharig	((rand)[N],(haar)[N],(ig)[A|NN.])[A]
randhoek	((rand)[N],(hoek)[N])[N]
randijzer	((rand)[V],(ijzer)[N])[N]
randing	((rand)[V],(ing)[N|V.])[N]
randinzinking	((rand)[N],(((in)[P],(zink)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
randjesbloem	((rand)[N],(s)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
randjesziekte	((rand)[N],(s)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
randkerkelijk	((rand)[N],((kerk)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
randkerkelijkheid	(((rand)[N],((kerk)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
randlettering	((rand)[N],(letter)[V],(ing)[N|NV.])[N]
randlijst	((rand)[N],(lijst)[N])[N]
randmaas	((rand)[N],(maas)[N])[N]
randmeer	((rand)[N],(meer)[N])[N]
randmerengebied	(((rand)[N],(meer)[N])[N],(en)[N|N.N],(gebied)[N])[N]
randnervig	((rand)[N],(nerf)[N],(ig)[A|NN.])[A]
randnulpunt	((rand)[N],((nul)[Q],(punt)[N])[N])[N]
randomisering	((randomiseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
randpion	((rand)[N],(pion)[N])[N]
randplaat	((rand)[N],(plaat)[N])[N]
randprobleem	((rand)[N],(probleem)[N])[N]
randprofiel	((rand)[N],(profiel)[N])[N]
randprovincie	((rand)[N],(provincie)[N])[N]
randschijf	((rand)[N],(schijf)[N])[N]
randschool	((rand)[N],(school)[N])[N]
randschrift	((rand)[N],(schrift)[N])[N]
randspanning	((rand)[N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
randstaaf	((rand)[N],(staaf)[N])[N]
randstaat	((rand)[N],(staat)[N])[N]
randstad	((rand)[N],(stad)[N])[N]
randstadprovincie	(((rand)[N],(stad)[N])[N],(provincie)[N])[N]
randstedelijk	(((rand)[N],(stad)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
randstoring	((rand)[N],((stoor)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
randtegel	((rand)[N],(tegel)[N])[N]
randtekening	((rand)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
randtrog	((rand)[N],(trog)[N])[N]
randveld	((rand)[N],(veld)[N])[N]
randverschijnsel	((rand)[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
randversiering	((rand)[N],(((ver)[V|.V],(sier)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
randvoorwaarde	((rand)[N],(voorwaarde)[N])[N]
randwaarde	((rand)[N],(waarde)[N])[N]
randwal	((rand)[N],(wal)[N])[N]
randweg	((rand)[N],(weg)[N])[N]
randwerk	((rand)[N],(werk)[N])[N]
randzaag	((rand)[V],(zaag)[N])[N]
randzee	((rand)[N],(zee)[N])[N]
rang	(rang)[N]
rangcijfer	((rang)[N],(cijfer)[N])[N]
rangcorrelatiecoëfficiënt	((rang)[N],(((correleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(coëfficiënt)[N])[N])[N]
range	(range)[N]
rangeerder	((rangeer)[V],(der)[N|V.])[N]
rangeeremplacement	((rangeer)[V],(emplacement)[N])[N]
rangeerheuvel	((rangeer)[V],(heuvel)[N])[N]
rangeerlijn	((rangeer)[V],(lijn)[N])[N]
rangeerlocomotief	((rangeer)[V],(locomotief)[N])[N]
rangeermeester	((rangeer)[V],(meester)[N])[N]
rangeerspoor	((rangeer)[V],(spoor)[N])[N]
rangeerstation	((rangeer)[V],(station)[N])[N]
rangeerterrein	((rangeer)[V],(terrein)[N])[N]
rangenstelsel	((rang)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
rangeren	(rangeer)[V]
ranggetal	((rang)[N],(getal)[N])[N]
ranglijst	((rang)[N],(lijst)[N])[N]
rangnummer	((rang)[N],(nummer)[N])[N]
rangorde	((rang)[N],(orde)[N])[N]
rangordecijfer	(((rang)[N],(orde)[N])[N],(cijfer)[N])[N]
rangordening	((rang)[N],((orden)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rangregeling	((rang)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rangschikken	((rang)[N],(schik)[V])[V]
rangschikking	(((rang)[N],(schik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
rangtaal	((rang)[N],(taal)[N])[N]
rangteken	((rang)[N],(teken)[N])[N]
rangtelwoord	((rang)[N],((tel)[V],(woord)[N])[N])[N]
rangverhoging	((rang)[N],((ver)[V|.A],(hoog)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
ranja	(ranja)[N]
rank	(rank)[N]
ranken	(rank)[V]
rankenfries	((rank)[N],(en)[N|N.N],(fries)[N])[N]
rankenkast	((rank)[N],(en)[N|N.N],(kast)[N])[N]
rankenornament	((rank)[N],(en)[N|N.N],(ornament)[N])[N]
rankgebouwd	((rank)[A],(gebouwd)[A])[A]
rankheid	((rank)[A],(heid)[N|A.])[N]
rankpotigen	((rank)[A],(poot)[N],(ig)[N|AN.x],(e)[N|ANx.])[N]
rankversiering	((rank)[N],(((ver)[V|.V],(sier)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rankwerk	((rank)[N],(werk)[N])[N]
ranonkel	(ranonkel)[N]
ranonkelachtig	((ranonkel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
rans	(rans)[A]
ransel	(ransel)[N]
ranselen	(ransel)[V]
ranseling	((ransel)[V],(ing)[N|V.])[N]
ransen	(rans)[V]
ransheid	((rans)[A],(heid)[N|A.])[N]
ransig	((rans)[A],(ig)[A|A.])[A]
ransigheid	(((rans)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rantsoen	(rantsoen)[N]
rantsoenbeweiding	((rantsoen)[N],(((be)[V|.V],(weid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rantsoenbon	((rantsoen)[N],(bon)[N])[N]
rantsoeneren	((rantsoen)[N],(eer)[V|N.])[V]
rantsoenering	(((rantsoen)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
ranzig	((rans)[A],(ig)[A|A.])[A]
ranzigheid	(((rans)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rap	(rap)[N]
rapaille	(rapaille)[N]
rapen	(raap)[V]
raper	((raap)[V],(er)[N|V.])[N]
rapheid	((rap)[A],(heid)[N|A.])[N]
rappelleren	((rappel)[N],(eer)[V|N.])[V]
rappigheid	((rap)[A],(igheid)[N|A.])[N]
rapport	(rapport)[N]
rapportage	(((rapport)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N]
rapportblad	((rapport)[N],(blad)[N])[N]
rapportboekje	((rapport)[N],(boek)[N])[N]
rapportcijfer	((rapport)[N],(cijfer)[N])[N]
rapporteren	((rapport)[N],(eer)[V|N.])[V]
rapporteur	(((rapport)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
rapportontwikkeling	((rapport)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rapsodisch	((rapsodie)[N],(isch)[A|N.])[A]
rapte	((rap)[A],(te)[N|A.])[N]
rapunzel	(rapunzel)[N]
rarig	((raar)[A],(ig)[A|A.])[A]
rarigheid	(((raar)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rariteit	((raar)[A],(iteit)[N|A.])[N]
rariteitenkabinet	(((raar)[A],(iteit)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(kabinet)[N])[N]
rariteitenkamer	(((raar)[A],(iteit)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
rariteitenverzameling	(((raar)[A],(iteit)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ras	(ras)[N]
raschip	((ra)[N],(schip)[N])[N]
rasdier	((ras)[N],(dier)[N])[N]
rasecht	((ras)[N],(echt)[A])[A]
rasegoïst	((ras)[N],(egoïst)[N])[N]
rasgenoot	((ras)[N],(genoot)[N])[N]
rasheid	((ras)[A],(heid)[N|A.])[N]
rashond	((ras)[N],(hond)[N])[N]
raskenmerk	((ras)[N],((ken)[V],(merk)[N])[N])[N]
raskruising	((ras)[N],(kruis)[V],(ing)[N|NV.])[N]
rasp	(rasp)[N]
raspaard	((ras)[N],(paard)[N])[N]
raspen	(rasp)[V]
rasper	((rasp)[V],(er)[N|V.])[N]
rasperig	((rasp)[N],(erig)[A|N.])[A]
rasphuis	((rasp)[V],(huis)[N])[N]
raspig	((rasp)[N],(ig)[A|N.])[A]
rasploert	((ras)[N],(ploert)[N])[N]
raspmolen	((rasp)[V],(molen)[N])[N]
rasproleet	((ras)[N],(proleet)[N])[N]
raspvijl	((rasp)[N],(vijl)[N])[N]
raspzaag	((rasp)[N],(zaag)[N])[N]
rassendiscriminatie	((ras)[N],(en)[N|N.Vx],(discrimineer)[V],(atie)[N|NxV.])[N]
rassengelijkheid	((ras)[N],(en)[N|N.N],((gelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
rassenhaat	((ras)[N],(e)[N|N.N],(haat)[N])[N]
rassenideologie	((ras)[N],(en)[N|N.N],((ideologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
rassenjustitie	((ras)[N],(e)[N|N.N],(justitie)[N])[N]
rassenkunde	((ras)[N],(en)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
rassenkundig	(((ras)[N],(en)[N|N.N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
rassenkwestie	((ras)[N],(en)[N|N.N],(kwestie)[N])[N]
rassenleer	((ras)[N],(en)[N|N.N],(leer)[N])[N]
rassenlijst	((ras)[N],(en)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
rassenonderzoek	((ras)[N],(en)[N|N.N],(onderzoek)[N])[N]
rassenongelijkheid	((ras)[N],(en)[N|N.N],(((on)[A|.A],(gelijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
rassenonlusten	((ras)[N],(en)[N|N.N],((on)[N|.N],(lust)[N])[N])[N]
rassenpolitiek	((ras)[N],(en)[N|N.N],(politiek)[N])[N]
rassenprobleem	((ras)[N],(en)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
rassenrelatie	((ras)[N],(en)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
rassenrelletjes	((ras)[N],(en)[N|N.N],(rel)[N])[N]
rassenscheiding	((ras)[N],(en)[N|N.N],((scheid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rassenstrijd	((ras)[N],(en)[N|N.N],(strijd)[N])[N]
rassentegenstelling	((ras)[N],(en)[N|N.N],((tegen)[B],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
rassentheorie	((ras)[N],(en)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
rassenvermenging	((ras)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(meng)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
rassenverschil	((ras)[N],(en)[N|N.N],(verschil)[N])[N]
rassenvooroordeel	((ras)[N],(en)[N|N.N],((voor)[B],((oor)[N],(deel)[N])[N])[N])[N]
rassenvraagstuk	((ras)[N],(en)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
rassenwaan	((ras)[N],(e)[N|N.N],(waan)[N])[N]
raster	(raster)[N]
rasterbeeld	((raster)[N],(beeld)[N])[N]
rastercliché	((raster)[N],(cliché)[N])[N]
rasterdiepdruk	((raster)[N],(diepdruk)[N])[N]
rasterdraad	((raster)[N],(draad)[N])[N]
rasterdruk	((raster)[N],(druk)[N])[N]
rasterelektronenmicroscoop	((raster)[N],((elektron)[N],(en)[N|N.N],(microscoop)[N])[N])[N]
rasteren	(raster)[V]
rastering	((raster)[V],(ing)[N|V.])[N]
rasterwerk	((raster)[N],(werk)[N])[N]
rasvee	((ras)[N],(vee)[N])[N]
rasverbetering	((ras)[N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rasveredelend	((ras)[N],(veredelend)[V])[A]
rasveredeling	((ras)[N],(((ver)[V|.A],(edel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rasvereniging	((ras)[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rasverschil	((ras)[N],(verschil)[N])[N]
rasvooroordeel	((ras)[N],((voor)[B],((oor)[N],(deel)[N])[N])[N])[N]
raszuiver	((ras)[N],(zuiver)[A])[A]
raszuiverheid	(((ras)[N],(zuiver)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
rat	(rat)[N]
ratel	(ratel)[N]
ratelaar	((ratel)[V],(aar)[N|V.])[N]
ratelboor	((ratel)[V],(boor)[N])[N]
ratelconsonant	((ratel)[V],(consonant)[N])[N]
ratelen	(ratel)[V]
ratelkous	((ratel)[V],(kous)[N])[N]
ratelpopulier	((ratel)[V],(populier)[N])[N]
ratelschroevendraaier	((ratel)[V],((schroef)[N],(e)[N|N.Vx],(draai)[V],(er)[N|NxV.])[N])[N]
ratelslag	((ratel)[N],(slag)[N])[N]
ratelslang	((ratel)[V],(slang)[N])[N]
ratificatie	((ratificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
ratio	(ratio)[N]
rationalisatie	(((rationaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
rationaliseren	((rationaal)[A],(iseer)[V|A.])[V]
rationalisering	(((rationaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
rationaliseringsproces	((((rationaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
rationaliteit	(((ratio)[N],(oneel)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
rationeel	((ratio)[N],(oneel)[A|N.])[A]
rats	(rats)[N]
ratsen	(rats)[V]
rattekruid	((rat)[N],(e)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
ratten	(rat)[V]
rattenbestrijding	((rat)[N],(en)[N|N.N],(((be)[V|.V],(strijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rattengezicht	((rat)[N],(e)[N|N.N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
rattengif	((rat)[N],(en)[N|N.N],(gif)[N])[N]
rattengift	((rat)[N],(en)[N|N.N],(gift)[N])[N]
rattenhol	((rat)[N],(e)[N|N.N],(hol)[N])[N]
rattenklem	((rat)[N],(e)[N|N.N],(klem)[N])[N]
rattenkoning	((rat)[N],(en)[N|N.N],(koning)[N])[N]
rattenkop	((rat)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
rattenkruit	((rat)[N],(en)[N|N.N],(kruit)[N])[N]
rattennest	((rat)[N],(e)[N|N.N],(nest)[N])[N]
rattenplaag	((rat)[N],(en)[N|N.N],(plaag)[N])[N]
rattenprobleem	((rat)[N],(en)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
rattenstaart	((rat)[N],(e)[N|N.N],(staart)[N])[N]
rattenval	((rat)[N],(e)[N|N.N],(val)[N])[N]
rattenvanger	((rat)[N],(en)[N|N.Vx],(vang)[V],(er)[N|NxV.])[N]
rattenvel	((rat)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
rattenverdelger	((rat)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(delg)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
rattenvergif	((rat)[N],(en)[N|N.N],(vergif)[N])[N]
rattenvergift	((rat)[N],(en)[N|N.N],(vergift)[N])[N]
rauw	(rauw)[A]
rauwachtig	((rauw)[A],(achtig)[A|A.])[A]
rauwelijks	((rauw)[A],(elijks)[A|A.])[A]
rauwheid	((rauw)[A],(heid)[N|A.])[N]
rauwig	((rauw)[A],(ig)[A|A.])[A]
rauwigheid	(((rauw)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rauwkost	((rauw)[A],(kost)[N])[N]
rauwkostsalade	(((rauw)[A],(kost)[N])[N],(salade)[N])[N]
rauzen	(raus)[V]
ravage	(ravage)[N]
ravanger	((ra)[N],(vang)[V],(er)[N|NV.])[N]
ravebeksuitsteeksel	(((raaf)[N],(e)[N|N.N],(bek)[N])[N],(s)[N|N.N],(((uit)[P],(steek)[V])[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
ravelijn	(ravelijn)[N]
ravenaas	((raaf)[N],(en)[N|N.N],(aas)[N])[N]
ravenbek	((raaf)[N],(e)[N|N.N],(bek)[N])[N]
ravengekras	((raaf)[N],(e)[N|N.N],((ge)[N|.V],(kras)[V])[N])[N]
ravennest	((raaf)[N],(e)[N|N.N],(nest)[N])[N]
ravenveer	((raaf)[N],(e)[N|N.N],(veer)[N])[N]
ravenzwart	((raaf)[N],(e)[A|N.A],(zwart)[A])[A]
ravijn	(ravijn)[N]
ravijnwand	((ravijn)[N],(wand)[N])[N]
ravioli	(ravioli)[N]
ravitaillering	((ravitailleer)[V],(ing)[N|V.])[N]
ravotten	(ravot)[V]
ravotter	((ravot)[V],(er)[N|V.])[N]
rayon	(rayon)[N]
rayonchef	((rayon)[N],(chef)[N])[N]
rayondirecteur	((rayon)[N],(directeur)[N])[N]
rayonnen	((rayon)[N],(en)[A|N.])[A]
rayonstof	((rayon)[N],(stof)[N])[N]
razeil	((ra)[N],(zeil)[N])[N]
razen	(raas)[V]
razendknap	((razend)[A],(knap)[A])[A]
razendslim	((razend)[A],(slim)[A])[A]
razendsnel	((razend)[A],(snel)[A])[A]
razzia	(razzia)[N]
re	(re)[N]
reactie	((re)[N|.N],(actie)[N])[N]
reactief	(((re)[N|.N],(actie)[N])[N],(ief)[N|N.])[N]
reactiefase	(((re)[N|.N],(actie)[N])[N],(fase)[N])[N]
reactieformatie	(((re)[N|.N],(actie)[N])[N],((formeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
reactiemotor	(((re)[N|.N],(actie)[N])[N],(motor)[N])[N]
reactieproduct	(((re)[N|.N],(actie)[N])[N],(product)[N])[N]
reactiesnelheid	(((re)[N|.N],(actie)[N])[N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
reactietijd	(((re)[N|.N],(actie)[N])[N],(tijd)[N])[N]
reactievat	(((re)[N|.N],(actie)[N])[N],(vat)[N])[N]
reactievermogen	(((re)[N|.N],(actie)[N])[N],(vermogen)[N])[N]
reactiewarmte	(((re)[N|.N],(actie)[N])[N],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
reactionair	(((re)[N|.N],(actie)[N])[N],(ionair)[N|N.])[N]
reactiveren	((re)[V|.V],((actief)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
reactorcentrale	((reactor)[N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
reactorcentrum	((reactor)[N],(centrum)[N])[N]
reactorschip	((reactor)[N],(schip)[N])[N]
reageerbuis	((reageer)[V],(buis)[N])[N]
reageerbuisbaby	(((reageer)[V],(buis)[N])[N],(baby)[N])[N]
reageermiddel	((reageer)[V],(middel)[N])[N]
reagrarisatie	((re)[N|.N],(agrarisatie)[N])[N]
realisatie	((realiseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
realisatiemogelijkheid	(((realiseer)[V],(atie)[N|V.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
realiseerbaar	((realiseer)[V],(baar)[A|V.])[A]
realiseerbaarheid	(((realiseer)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
realisering	((realiseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
realiseringskans	(((realiseer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kans)[N])[N]
realiseringsmogelijkheid	(((realiseer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
realiteit	((reëel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
realiteitsbeginsel	(((reëel)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
realiteitsgehalte	(((reëel)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(gehalte)[N])[N]
realiteitsgevoel	(((reëel)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
realiteitskarakter	(((reëel)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(karakter)[N])[N]
realiteitsoriëntatie	(((reëel)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
realiteitsprincipe	(((reëel)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(principe)[N])[N]
realiteitszin	(((reëel)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(zin)[N])[N]
reanimatie	(((re)[V|.V],(animeer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
reanimatietechniek	((((re)[V|.V],(animeer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
reanimatieverklaring	((((re)[V|.V],(animeer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
reanimeren	((re)[V|.V],(animeer)[V])[V]
reassuradeur	((re)[N|.N],((assureer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
reassurantie	(((re)[V|.V],(assureer)[V])[V],(antie)[N|V.])[N]
reassureren	((re)[V|.V],(assureer)[V])[V]
rebbelen	(rebbel)[V]
rebel	(rebel)[N]
rebelleren	((rebel)[N],(eer)[V|N.])[V]
rebellie	((rebel)[N],(ie)[N|N.])[N]
rebels	((rebel)[N],(s)[A|N.])[A]
rebelsheid	(((rebel)[N],(s)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
reboundeffect	((rebound)[N],(effect)[N])[N]
recapitulatie	((recapituleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
recapitulatietheorie	(((recapituleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(theorie)[N])[N]
recensent	((recenseer)[V],(ent)[N|V.])[N]
recensente	(((recenseer)[V],(ent)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
recensie-exemplaar	((recensie)[N],(exemplaar)[N])[N]
recentheid	((recent)[A],(heid)[N|A.])[N]
receptbriefje	((recept)[N],(brief)[N])[N]
recepteerkunde	(((recept)[N],(eer)[V|N.])[V],(kunde)[N])[N]
recepteerkunst	(((recept)[N],(eer)[V|N.])[V],(kunst)[N])[N]
receptenboek	((recept)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
receptenbus	((recept)[N],(en)[N|N.N],(bus)[N])[N]
receptenleer	((recept)[N],(en)[N|N.N],(leer)[N])[N]
receptenpapier	((recept)[N],(en)[N|N.N],(papier)[N])[N]
recepteren	((recept)[N],(eer)[V|N.])[V]
receptformulier	((recept)[N],(formulier)[N])[N]
receptie-esthetica	((receptie)[N],(esthetica)[N])[N]
receptiealbum	((receptie)[N],(album)[N])[N]
receptieavond	((receptie)[N],(avond)[N])[N]
receptiebalie	((receptie)[N],(balie)[N])[N]
receptieboek	((receptie)[N],(boek)[N])[N]
receptieonderzoek	((receptie)[N],(onderzoek)[N])[N]
receptieruimte	((receptie)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
receptiezaal	((receptie)[N],(zaal)[N])[N]
receptioniste	((receptionist)[N],(e)[N|N.])[N]
receptiviteit	((receptief)[A],(iteit)[N|A.])[N]
receptuur	((recept)[N],(uur)[N|N.])[N]
recette	(recette)[N]
rechercheadjudant	((recherche)[N],(adjudant)[N])[N]
recherchevaartuig	((recherche)[N],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
recht	(recht)[N]
rechtbank	((recht)[N],(bank)[N])[N]
rechtbankverslaggever	(((recht)[N],(bank)[N])[N],((verslag)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N])[N]
rechtbuigen	((recht)[A],(buig)[V])[V]
rechtdraads	((recht)[A],(draad)[N],(s)[A|AN.])[A]
rechtdradig	((recht)[A],(draad)[N],(ig)[A|AN.])[A]
rechtduwen	((recht)[A],(duw)[V])[V]
rechteloos	((recht)[N],(eloos)[A|N.])[A]
rechteloosheid	(((recht)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rechten	(recht)[V]
rechtenfaculteit	((recht)[N],(en)[N|N.N],(faculteit)[N])[N]
rechtenstudent	((recht)[N],(en)[N|N.N],((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
rechtenstudie	((recht)[N],(en)[N|N.N],(studie)[N])[N]
rechter	((recht)[V],(er)[N|V.])[N]
rechter-commissaris	(((recht)[V],(er)[N|V.])[N],(commissaris)[N])[N]
rechter-plaatsvervanger	(((recht)[V],(er)[N|V.])[N],((plaats)[N],((vervang)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
rechterarm	((rechter)[A],(arm)[N])[N]
rechterbeen	((rechter)[A],(been)[N])[N]
rechterhand	((rechter)[A],(hand)[N])[N]
rechterkant	((rechter)[A],(kant)[N])[N]
rechterlijk	(((recht)[V],(er)[N|V.])[N],(lijk)[A|N.])[A]
rechteroever	((rechter)[A],(oever)[N])[N]
rechteroog	((rechter)[A],(oog)[N])[N]
rechteroor	((rechter)[A],(oor)[N])[N]
rechtersambt	(((recht)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ambt)[N])[N]
rechterschap	(((recht)[V],(er)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
rechterschouder	((rechter)[A],(schouder)[N])[N]
rechterstoel	(((recht)[V],(er)[N|V.])[N],(stoel)[N])[N]
rechtervleugel	((rechter)[A],(vleugel)[N])[N]
rechtervoet	((rechter)[A],(voet)[N])[N]
rechterzij	((rechter)[A],(zij)[N])[N]
rechterzijde	((rechter)[A],(zijde)[N])[N]
rechtgeaard	((recht)[A],(geaard)[A])[A]
rechtgelovig	((recht)[A],(geloof)[N],(ig)[A|AN.])[A]
rechtgelovigheid	(((recht)[A],(geloof)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rechtgevend	((recht)[N],(geef)[V],(end)[A|NV.])[A]
rechthebbende	((recht)[N],(hebbend)[V],(e)[N|NV.])[N]
rechtheid	((recht)[A],(heid)[N|A.])[N]
rechthoek	((recht)[A],(hoek)[N])[N]
rechthoekig	(((recht)[A],(hoek)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
rechthoekszijde	(((recht)[A],(hoek)[N])[N],(s)[N|N.N],(zijde)[N])[N]
rechthuis	((recht)[N],(huis)[N])[N]
rechtkantig	((recht)[A],(kant)[N],(ig)[A|AN.])[A]
rechtkomen	((recht)[A],(kom)[V])[V]
rechtlijnig	((recht)[A],(lijn)[N],(ig)[A|AN.])[A]
rechtlijnigheid	(((recht)[A],(lijn)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rechtmaken	((recht)[A],(maak)[V])[V]
rechtmaking	(((recht)[A],(maak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
rechtmatig	((recht)[N],(matig)[A|N.])[A]
rechtmatigheid	(((recht)[N],(matig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rechtopstaand	(((recht)[A],(op)[P])[B],(staand)[A])[A]
rechts	(rechts)[N]
rechtsadviseur	((recht)[N],(s)[N|N.N],(((advies)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
rechtsback	((rechts)[A],(back)[N])[N]
rechtsbedeling	((recht)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(deel)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
rechtsbeginsel	((recht)[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
rechtsbegrip	((recht)[N],(s)[N|N.N],(begrip)[N])[N]
rechtsbenig	((rechts)[A],(been)[N],(ig)[A|AN.])[A]
rechtsbescherming	((recht)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rechtsbetrekking	((recht)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rechtsbevoegd	((recht)[N],(s)[A|N.A],(bevoegd)[A])[A]
rechtsbevoegdheid	(((recht)[N],(s)[A|N.A],(bevoegd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
rechtsbewustzijn	((recht)[N],(s)[N|N.N],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
rechtsbezit	((recht)[N],(s)[N|N.N],(bezit)[N])[N]
rechtsbijstand	((recht)[N],(s)[N|N.N],(bijstand)[N])[N]
rechtsbijstandverzekering	(((recht)[N],(s)[N|N.N],(bijstand)[N])[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rechtsbinnen	((rechts)[A],(binnen)[P])[N]
rechtsbron	((recht)[N],(s)[N|N.N],(bron)[N])[N]
rechtsbuiten	((rechts)[A],((buiten)[B],(speel)[V],(er)[N|BV.])[N])[N]
rechtschapen	((recht)[A],(geschapen)[V])[A]
rechtschapenheid	(((recht)[A],(geschapen)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
rechtscheppend	((recht)[N],(schep)[V],(end)[A|NV.])[A]
rechtscollege	((recht)[N],(s)[N|N.N],(college)[N])[N]
rechtsdelict	((recht)[N],(s)[N|N.N],(delict)[N])[N]
rechtsdraaiend	((rechts)[A],(draai)[V],(end)[A|AV.])[A]
rechtsdwaling	((recht)[N],(s)[N|N.N],((dwaal)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rechtsdwang	((recht)[N],(s)[N|N.N],(dwang)[N])[N]
rechtseffect	((recht)[N],(s)[N|N.N],(effect)[N])[N]
rechtsfeit	((recht)[N],(s)[N|N.N],(feit)[N])[N]
rechtsfiguur	((recht)[N],(s)[N|N.N],(figuur)[N])[N]
rechtsfilosofie	((recht)[N],(s)[N|N.N],((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
rechtsgang	((recht)[N],(s)[N|N.N],(gang)[N])[N]
rechtsgebied	((recht)[N],(s)[N|N.N],(gebied)[N])[N]
rechtsgebouw	((recht)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
rechtsgebruik	((recht)[N],(s)[N|N.N],(gebruik)[N])[N]
rechtsgeding	((recht)[N],(s)[N|N.N],(geding)[N])[N]
rechtsgeldig	((recht)[N],(s)[A|N.A],(geldig)[A])[A]
rechtsgeldigheid	(((recht)[N],(s)[A|N.A],(geldig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
rechtsgeleerd	((recht)[N],(s)[A|N.A],(geleerd)[A])[A]
rechtsgeleerdheid	(((recht)[N],(s)[A|N.A],(geleerd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
rechtsgelijkheid	((recht)[N],(s)[N|N.N],((gelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
rechtsgeschiedenis	((recht)[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
rechtsgeschil	((recht)[N],(s)[N|N.N],(geschil)[N])[N]
rechtsgevoel	((recht)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
rechtsgevolg	((recht)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(volg)[V])[N])[N]
rechtsgezag	((recht)[N],(s)[N|N.N],(gezag)[N])[N]
rechtsgoed	((recht)[N],(s)[N|N.N],(goed)[N])[N]
rechtsgrond	((recht)[N],(s)[N|N.N],(grond)[N])[N]
rechtshandel	((recht)[N],(s)[N|N.N],(handel)[N])[N]
rechtshandeling	((recht)[N],(s)[N|N.N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rechtshandig	((rechts)[A],(hand)[N],(ig)[A|AN.])[A]
rechtshandigheid	(((rechts)[A],(hand)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rechtshantering	((recht)[N],(s)[N|N.Vx],(hanteer)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
rechtsherstel	((recht)[N],(s)[N|N.N],(herstel)[N])[N]
rechtshistoricus	((recht)[N],(s)[N|N.N],(historicus)[N])[N]
rechtshistorie	((recht)[N],(s)[N|N.N],((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
rechtshulp	((recht)[N],(s)[N|N.N],(hulp)[N])[N]
rechtsingang	((recht)[N],(s)[N|N.N],(ingang)[N])[N]
rechtsinstelling	((recht)[N],(s)[N|N.N],(((in)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rechtsinstituut	((recht)[N],(s)[N|N.N],(instituut)[N])[N]
rechtskarakter	((recht)[N],(s)[N|N.N],(karakter)[N])[N]
rechtskennis	((recht)[N],(s)[N|N.N],(kennis)[N])[N]
rechtskosten	((recht)[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
rechtskracht	((recht)[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
rechtskrenking	((recht)[N],(s)[N|N.Vx],(krenk)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
rechtskring	((recht)[N],(s)[N|N.N],(kring)[N])[N]
rechtskundig	((recht)[N],(s)[A|N.A],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
rechtslaan	((recht)[A],(sla)[V])[V]
rechtsleer	((recht)[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
rechtsmacht	((recht)[N],(s)[N|N.N],(macht)[N])[N]
rechtsmiddel	((recht)[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
rechtsmisbruik	((recht)[N],(s)[N|N.N],(misbruik)[N])[N]
rechtsnorm	((recht)[N],(s)[N|N.N],(norm)[N])[N]
rechtsobject	((recht)[N],(s)[N|N.N],(object)[N])[N]
rechtsongelijkheid	((recht)[N],(s)[N|N.N],(((on)[A|.A],(gelijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
rechtsontwikkeling	((recht)[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rechtsonzekerheid	((recht)[N],(s)[N|N.N],(((on)[A|.A],(zeker)[A])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
rechtsopvatting	((recht)[N],(s)[N|N.N],(((op)[P],(vat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rechtsopvolger	((recht)[N],(s)[N|N.N],(((op)[P],(volg)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
rechtsorde	((recht)[N],(s)[N|N.N],(orde)[N])[N]
rechtsoverweging	((recht)[N],(s)[N|N.N],((overweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rechtspantig	((recht)[A],(spant)[N],(ig)[A|AN.])[A]
rechtspersoon	((recht)[N],(s)[N|N.N],(persoon)[N])[N]
rechtspersoonlijkheid	((recht)[N],(s)[N|N.N],(((persoon)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
rechtspleging	((recht)[N],(s)[N|N.Vx],(pleeg)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
rechtsplicht	((recht)[N],(s)[N|N.N],(plicht)[N])[N]
rechtspositie	((recht)[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
rechtspositieregeling	(((recht)[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rechtspositiereglement	(((recht)[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N],(reglement)[N])[N]
rechtspositioneel	(((recht)[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N],(ioneel)[A|N.])[A]
rechtspraak	((recht)[N],(spraak)[N])[N]
rechtspraktijk	((recht)[N],(s)[N|N.N],(praktijk)[N])[N]
rechtspreken	((recht)[N],(spreek)[V])[V]
rechtspreking	(((recht)[N],(spreek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
rechtsprobleem	((recht)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
rechtspunt	((recht)[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
rechtsregel	((recht)[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
rechtsschool	((recht)[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
rechtssfeer	((recht)[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
rechtssociologie	((recht)[N],(s)[N|N.N],((sociologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
rechtssoevereiniteit	((recht)[N],(s)[N|N.N],((soeverein)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
rechtsspreuk	((recht)[N],(s)[N|N.N],(spreuk)[N])[N]
rechtsstaat	((recht)[N],(s)[N|N.N],(staat)[N])[N]
rechtsstelsel	((recht)[N],(s)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
rechtstaal	((recht)[N],(s)[N|N.N],(taal)[N])[N]
rechtstaan	((recht)[A],(sta)[V])[V]
rechtstand	((recht)[A],(stand)[N])[N]
rechtstandig	((recht)[A],(stand)[N],(ig)[A|AN.])[A]
rechtsterm	((recht)[N],(s)[N|N.N],(term)[N])[N]
rechtstitel	((recht)[N],(s)[N|N.N],(titel)[N])[N]
rechtstoestand	((recht)[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
rechtstraditie	((recht)[N],(s)[N|N.N],(traditie)[N])[N]
rechtstreeks	((recht)[A],(streek)[N],(s)[A|AN.])[A]
rechtstreeksheid	(((recht)[A],(streek)[N],(s)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rechtsvacuüm	((recht)[N],(s)[N|N.N],(vacuüm)[N])[N]
rechtsveiligheid	((recht)[N],(s)[N|N.N],((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
rechtsverdraaiing	((recht)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(draai)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
rechtsverfijning	((recht)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(fijn)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
rechtsvergelijking	((recht)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
rechtsverhouding	((recht)[N],(s)[N|N.N],((verhoud)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rechtsverkeer	((recht)[N],(s)[N|N.N],(verkeer)[N])[N]
rechtsverkrachting	((recht)[N],(s)[N|N.Vx],(verkracht)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
rechtsvermoeden	((recht)[N],(s)[N|N.N],(vermoeden)[N])[N]
rechtsvervolging	((recht)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(volg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rechtsverzuim	((recht)[N],(s)[N|N.N],(verzuim)[N])[N]
rechtsvinding	((recht)[N],(s)[N|N.N],((vind)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rechtsvordering	((recht)[N],(s)[N|N.N],((vorder)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rechtsvorm	((recht)[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
rechtsvraag	((recht)[N],(s)[N|N.N],(vraag)[N])[N]
rechtsweigering	((recht)[N],(s)[N|N.N],((weiger)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rechtswetenschap	((recht)[N],(s)[N|N.N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
rechtswezen	((recht)[N],(s)[N|N.N],(wezen)[N])[N]
rechtswinkel	((recht)[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
rechtszaak	((recht)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
rechtszaal	((recht)[N],(s)[N|N.N],(zaal)[N])[N]
rechtszekerheid	((recht)[N],(s)[N|N.N],((zeker)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
rechtszekerheidsbeginsel	(((recht)[N],(s)[N|N.N],((zeker)[A],(heid)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
rechtszitting	((recht)[N],(s)[N|N.N],((zit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rechttrekken	((recht)[A],(trek)[V])[V]
rechtvaardigheid	((rechtvaardig)[A],(heid)[N|A.])[N]
rechtvaardigheidsbeginsel	(((rechtvaardig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
rechtvaardigheidscriterium	(((rechtvaardig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(criterium)[N])[N]
rechtvaardiging	((rechtvaardig)[V],(ing)[N|V.])[N]
rechtvaardigingsfunctie	(((rechtvaardig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
rechtvaardigingsgrond	(((rechtvaardig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(grond)[N])[N]
rechtvaardigingsmogelijkheid	(((rechtvaardig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
rechtvaardigmaking	((rechtvaardig)[A],(maak)[V],(ing)[N|AV.])[N]
rechtverkrijgende	((recht)[N],(verkrijgend)[V],(e)[N|NV.])[N]
rechtvleugelig	((recht)[A],(vleugel)[N],(ig)[A|AN.])[A]
rechtzetten	((recht)[A],(zet)[V])[V]
rechtzetting	(((recht)[A],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
rechtzijdig	((recht)[A],(zijde)[N],(ig)[A|AN.])[A]
rechtzinnig	((recht)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A]
rechtzinnigheid	(((recht)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rechtzitten	((recht)[A],(zit)[V])[V]
rechtzoekende	((recht)[N],(zoekend)[V],(e)[N|NV.])[N]
recidivist	((recidive)[N],(ist)[N|N.])[N]
recipiënt	((recipieer)[V],(ent)[N|V.])[N]
reciprociteit	((reciproque)[A],(iteit)[N|A.])[N]
recirculatie	((re)[N|.N],(((cirkel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
reciteren	((reciet)[N],(eer)[V|N.])[V]
reclamant	((reclameer)[V],(ant)[N|V.])[N]
reclamatie	((reclameer)[V],(atie)[N|V.])[N]
reclame-inkomst	((reclame)[N],(((in)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
reclameaanbieding	((reclame)[N],(((aan)[P],(bied)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
reclameactiviteit	((reclame)[N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
reclameadviseur	((reclame)[N],((advies)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|NV.])[N]
reclameadviseuse	((reclame)[N],((advies)[N],(eer)[V|N.])[V],(euse)[N|NV.])[N]
reclameafdeling	((reclame)[N],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
reclameartikel	((reclame)[N],(artikel)[N])[N]
reclamebiljet	((reclame)[N],(biljet)[N])[N]
reclameblad	((reclame)[N],(blad)[N])[N]
reclameblok	((reclame)[N],(blok)[N])[N]
reclameboodschap	((reclame)[N],(boodschap)[N])[N]
reclamebord	((reclame)[N],(bord)[N])[N]
reclamebranche	((reclame)[N],(branche)[N])[N]
reclamebrief	((reclame)[N],(brief)[N])[N]
reclamebudget	((reclame)[N],(budget)[N])[N]
reclamebureau	((reclame)[N],(bureau)[N])[N]
reclamecampagne	((reclame)[N],(campagne)[N])[N]
reclamechef	((reclame)[N],(chef)[N])[N]
reclamecode	((reclame)[N],(code)[N])[N]
reclamecodecommissie	(((reclame)[N],(code)[N])[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
reclamedeskundige	((reclame)[N],(deskundige)[N])[N]
reclamedoeleinde	((reclame)[N],(doeleinde)[N])[N]
reclamedrukwerk	((reclame)[N],((druk)[V],(werk)[N])[N])[N]
reclamefilm	((reclame)[N],(film)[N])[N]
reclamefolder	((reclame)[N],(folder)[N])[N]
reclamefoto	((reclame)[N],(foto)[N])[N]
reclamejongen	((reclame)[N],(jongen)[N])[N]
reclamemateriaal	((reclame)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
reclamemogelijkheid	((reclame)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
reclameoogpunt	((reclame)[N],((oog)[N],(punt)[N])[N])[N]
reclameopschrift	((reclame)[N],((op)[P],(schrift)[N])[N])[N]
reclameplaat	((reclame)[N],(plaat)[N])[N]
reclamepsychologie	((reclame)[N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
reclameraad	((reclame)[N],(raad)[N])[N]
reclameschildersbedrijf	((reclame)[N],((schilder)[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N])[N]
reclameschoonheid	((reclame)[N],((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
reclameslogan	((reclame)[N],(slogan)[N])[N]
reclamespot	((reclame)[N],(spot)[N])[N]
reclamestunt	((reclame)[N],(stunt)[N])[N]
reclametekenaar	((reclame)[N],((teken)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
reclametekening	((reclame)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
reclametekst	((reclame)[N],(tekst)[N])[N]
reclametijd	((reclame)[N],(tijd)[N])[N]
reclamevak	((reclame)[N],(vak)[N])[N]
reclamevliegtuig	((reclame)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
reclamewagen	((reclame)[N],(wagen)[N])[N]
reclamewereld	((reclame)[N],(wereld)[N])[N]
reclamewezen	((reclame)[N],(wezen)[N])[N]
reclamezendtijd	((reclame)[N],((zend)[V],(tijd)[N])[N])[N]
reclamezuil	((reclame)[N],(zuil)[N])[N]
reclassabel	((reclasseer)[V],(abel)[A|V.])[A]
reclassent	((reclasseer)[V],(ent)[N|V.])[N]
reclassering	((reclasseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
reclasseringsambtenaar	(((reclasseer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
reclasseringsinstelling	(((reclasseer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((in)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
reclasseringsraad	(((reclasseer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
reclasseringsvereniging	(((reclasseer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
recognitiegeld	((recognitie)[N],(geld)[N])[N]
recombinant	(((re)[V|.V],(combineer)[V])[V],(ant)[N|V.])[N]
recombineren	((re)[V|.V],(combineer)[V])[V]
recommandabel	((recommandeer)[V],(abel)[A|V.])[A]
recommandatie	((recommandeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
reconciliatie	(((re)[V|.V],(concilieer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
reconciliëren	((re)[V|.V],(concilieer)[V])[V]
reconstructie	((re)[N|.N],(constructie)[N])[N]
reconstrueren	((re)[V|.V],(construeer)[V])[V]
reconvalescentie	((reconvalescent)[A],(ie)[N|A.])[N]
reconventie	((re)[N|.N],(conventie)[N])[N]
recordaantal	((record)[N],((aan)[P],(tal)[N])[N])[N]
recordcijfer	((record)[N],(cijfer)[N])[N]
recordhouder	((record)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
recordhoudster	((record)[N],(houd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
recordomzet	((record)[N],(omzet)[N])[N]
recordpoging	((record)[N],(poog)[V],(ing)[N|NV.])[N]
recordsnelheid	((record)[N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
recordtijd	((record)[N],(tijd)[N])[N]
recreant	(((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(ant)[N|V.])[N]
recreatie	(((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
recreatiebedrijf	((((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(bedrijf)[N])[N]
recreatiebeleid	((((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(beleid)[N])[N]
recreatiecentrum	((((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(centrum)[N])[N]
recreatief	((((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
recreatiefunctie	((((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(functie)[N])[N]
recreatiegebied	((((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(gebied)[N])[N]
recreatiemilieu	((((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(milieu)[N])[N]
recreatiemogelijkheid	((((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
recreatieobject	((((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(object)[N])[N]
recreatiepark	((((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(park)[N])[N]
recreatieproject	((((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(project)[N])[N]
recreatieruimte	((((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
recreatiesector	((((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(sector)[N])[N]
recreatiesport	((((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(sport)[N])[N]
recreatieterrein	((((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(terrein)[N])[N]
recreatietijd	((((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(tijd)[N])[N]
recreatievoorziening	((((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
recreatiezaal	((((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(zaal)[N])[N]
recreëren	((re)[V|.V],(creëer)[V])[V]
rectaal	((rectum)[N],(aal)[A|N.])[A]
rectificatie	((rectificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
rectoraat	((rector)[N],(aat)[N|N.])[N]
rectoraatsoverdracht	(((rector)[N],(aat)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(overdracht)[N])[N]
rectoscopie	((rectoscoop)[N],(ie)[N|N.])[N]
recuperabel	((recupereer)[V],(abel)[A|V.])[A]
recuperatie	((recupereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
recuperatief	(((recupereer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
recusatie	((recuseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
redacteur-secretaris	((redacteur)[N],(secretaris)[N])[N]
redactieadres	((redactie)[N],(adres)[N])[N]
redactiebeleid	((redactie)[N],(beleid)[N])[N]
redactiebureau	((redactie)[N],(bureau)[N])[N]
redactiechef	((redactie)[N],(chef)[N])[N]
redactiecommissie	((redactie)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
redactiegeheim	((redactie)[N],(geheim)[N])[N]
redactiekantoor	((redactie)[N],(kantoor)[N])[N]
redactiekosten	((redactie)[N],(kost)[N])[N]
redactielid	((redactie)[N],(lid)[N])[N]
redactielokaal	((redactie)[N],(lokaal)[N])[N]
redactiesecretaris	((redactie)[N],(secretaris)[N])[N]
redactiesom	((redactie)[N],(som)[N])[N]
redactiestatuut	((redactie)[N],(statuut)[N])[N]
redactieteam	((redactie)[N],(team)[N])[N]
redactievergadering	((redactie)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
redactioneel	((redactie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
reddeloos	((red)[V],(loos)[A|V.])[A]
reddeloosheid	(((red)[V],(loos)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
redden	(red)[V]
redder	((red)[V],(er)[N|V.])[N]
redderaar	((redder)[V],(aar)[N|V.])[N]
reddering	((redder)[V],(ing)[N|V.])[N]
redding	((red)[V],(ing)[N|V.])[N]
reddingactie	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(actie)[N])[N]
reddingboei	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(boei)[N])[N]
reddingboot	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(boot)[N])[N]
reddingbrigade	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(brigade)[N])[N]
reddingbroek	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(broek)[N])[N]
reddinggordel	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(gordel)[N])[N]
reddingmaatschappij	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(maatschappij)[N])[N]
reddingmiddel	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(middel)[N])[N]
reddingplank	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(plank)[N])[N]
reddingpost	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(post)[N])[N]
reddingsactie	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
reddingsboei	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(boei)[N])[N]
reddingsboot	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(boot)[N])[N]
reddingsbrigade	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(brigade)[N])[N]
reddingsbroek	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(broek)[N])[N]
reddingsdienst	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
reddingsexpeditie	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((expedieer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
reddingsgordel	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gordel)[N])[N]
reddingsloep	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(sloep)[N])[N]
reddingsmaatschappij	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
reddingsmiddel	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
reddingsoperatie	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
reddingsplank	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plank)[N])[N]
reddingspost	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(post)[N])[N]
reddingsprogramma	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
reddingssloep	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(sloep)[N])[N]
reddingsstation	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(station)[N])[N]
reddingstation	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(station)[N])[N]
reddingstoestel	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toestel)[N])[N]
reddingsvest	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vest)[N])[N]
reddingsvlot	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vlot)[N])[N]
reddingswerk	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
reddingtoestel	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(toestel)[N])[N]
reddingvest	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(vest)[N])[N]
reddingvlot	(((red)[V],(ing)[N|V.])[N],(vlot)[N])[N]
rede	(rede)[N]
rededeel	((rede)[N],(deel)[N])[N]
redekavelen	((rede)[N],(kavel)[V])[V]
redekaveling	(((rede)[N],(kavel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
redekunde	((rede)[N],(kunde)[N])[N]
redekundig	(((rede)[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
redekunst	((rede)[N],(kunst)[N])[N]
redekunstig	(((rede)[N],(kunst)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
redelijk	((rede)[N],(lijk)[A|N.])[A]
redelijkheid	(((rede)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
redeloos	((rede)[N],(loos)[A|N.])[A]
redeloosheid	(((rede)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
reden	(reden)[N]
reden	(reed)[V]
redenaar	((rede)[N],(enaar)[N|N.])[N]
redenaarsgave	(((rede)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(gave)[N])[N]
redenaarskunst	(((rede)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
redenaarstalent	(((rede)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(talent)[N])[N]
redenatie	(((reden)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
redeneerfout	(((reden)[N],(eer)[V|N.])[V],(fout)[N])[N]
redeneerkunde	(((reden)[N],(eer)[V|N.])[V],(kunde)[N])[N]
redeneerkunst	(((reden)[N],(eer)[V|N.])[V],(kunst)[N])[N]
redeneermethode	(((reden)[N],(eer)[V|N.])[V],(methode)[N])[N]
redeneerproces	(((reden)[N],(eer)[V|N.])[V],(proces)[N])[N]
redeneertrant	(((reden)[N],(eer)[V|N.])[V],(trant)[N])[N]
redeneervermogen	(((reden)[N],(eer)[V|N.])[V],(vermogen)[N])[N]
redeneren	((reden)[N],(eer)[V|N.])[V]
redenering	(((reden)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
redengevend	((reden)[N],(geef)[V],(end)[A|NV.])[A]
reder	((reed)[V],(er)[N|V.])[N]
rederij	((reed)[V],(erij)[N|V.])[N]
rederijk	((rede)[N],(rijk)[A])[A]
rederijker	(((rede)[N],(rijk)[A])[A],(er)[N|A.])[N]
rederijkerij	((((rede)[N],(rijk)[A])[A],(er)[N|A.])[N],(ij)[N|N.])[N]
rederijkerskamer	((((rede)[N],(rijk)[A])[A],(er)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
rederijkerskunst	((((rede)[N],(rijk)[A])[A],(er)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
rederskantoor	(((reed)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
redersvereniging	(((reed)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
redetwist	((rede)[N],(twist)[N])[N]
redetwisten	((rede)[N],(twist)[V])[V]
redevoeren	((rede)[N],(voer)[V])[V]
redevoering	(((rede)[N],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
redewisseling	((rede)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
redmiddel	((red)[V],(middel)[N])[N]
redoubleren	((re)[V|.V],(doubleer)[V])[V]
redoutezaal	((redoute)[N],(zaal)[N])[N]
redoxreactie	((redox)[N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
redplank	((red)[V],(plank)[N])[N]
redresseren	((redres)[N],(eer)[V|N.])[V]
redster	((red)[V],(ster)[N|V.])[N]
reducering	((reduceer)[V],(ing)[N|V.])[N]
reductiedeling	((reductie)[N],((deel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
reductiegetal	((reductie)[N],(getal)[N])[N]
reductiekaart	((reductie)[N],(kaart)[N])[N]
reductieklinker	((reductie)[N],((klink)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
reductiemethode	((reductie)[N],(methode)[N])[N]
reductieprijs	((reductie)[N],(prijs)[N])[N]
reductietabel	((reductie)[N],(tabel)[N])[N]
redundantie	((redundant)[A],(ie)[N|A.])[N]
reduplicatie	((redupliceer)[V],(atie)[N|V.])[N]
redzaam	((red)[V],(zaam)[A|V.])[A]
redzaamheid	(((red)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
redzeil	((red)[V],(zeil)[N])[N]
ree	(ree)[N]
reebok	((ree)[N],(bok)[N])[N]
reebokantilope	(((ree)[N],(bok)[N])[N],(antilope)[N])[N]
reebout	((ree)[N],(bout)[N])[N]
reef	(reef)[N]
reegeit	((ree)[N],(geit)[N])[N]
reehert	((ree)[N],(hert)[N])[N]
reek	(reek)[N]
reekalf	((ree)[N],(kalf)[N])[N]
reeks	(reeks)[N]
reekswerk	((reeks)[N],(werk)[N])[N]
reel	(reel)[N]
reen	(reen)[N]
reengenoot	((reen)[N],(genoot)[N])[N]
reep	(reep)[N]
reepgast	((reep)[N],(gast)[N])[N]
reephamer	((reep)[V],(hamer)[N])[N]
reephout	((reep)[N],(hout)[N])[N]
reepnet	((reep)[N],(net)[N])[N]
reeppont	((reep)[N],(pont)[N])[N]
reepschieter	((reep)[N],(schiet)[V],(er)[N|NV.])[N]
reepsleutel	((reep)[N],(sleutel)[N])[N]
reerug	((ree)[N],(rug)[N])[N]
reet	(reet)[N]
reeuw	(reeuw)[N]
reeuwen	(reeuw)[V]
reeuws	((reeuw)[N],(s)[A|N.])[A]
reevlees	((ree)[N],(vlees)[N])[N]
reewacht	((ree)[N],(wacht)[N])[N]
referaat	((refereer)[V],(aat)[N|V.])[N]
referee	(referee)[N]
referein	(referein)[N]
referent	((refereer)[V],(ent)[N|V.])[N]
referentie	((refereer)[V],(entie)[N|V.])[N]
referentiegroep	(((refereer)[V],(entie)[N|V.])[N],(groep)[N])[N]
referentiekader	(((refereer)[V],(entie)[N|V.])[N],(kader)[N])[N]
referentiepunt	(((refereer)[V],(entie)[N|V.])[N],(punt)[N])[N]
referentietarief	(((refereer)[V],(entie)[N|V.])[N],(tarief)[N])[N]
referentiewerk	(((refereer)[V],(entie)[N|V.])[N],(werk)[N])[N]
reflectant	((reflecteer)[V],(ant)[N|V.])[N]
reflectiecoëfficiënt	((reflectie)[N],(coëfficiënt)[N])[N]
reflectief	((reflectie)[N],(ief)[A|N.])[A]
reflectiefactor	((reflectie)[N],(factor)[N])[N]
reflectiemethode	((reflectie)[N],(methode)[N])[N]
reflectiepsychologie	((reflectie)[N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
reflectiescherm	((reflectie)[N],(scherm)[N])[N]
reflexbeweging	((reflex)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
reflexboog	((reflex)[N],(boog)[N])[N]
reflexcamera	((reflex)[N],(camera)[N])[N]
reflexhamer	((reflex)[N],(hamer)[N])[N]
reflexhandeling	((reflex)[N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
reflexiviteit	((reflexief)[A],(iteit)[N|A.])[N]
reflexketen	((reflex)[N],(keten)[N])[N]
reflexzoeker	((reflex)[N],((zoek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
reformartikel	((reform)[N],(artikel)[N])[N]
reformateur	(((re)[V|.V],(formeer)[V])[V],(ateur)[N|V.])[N]
reformatie	(((re)[V|.V],(formeer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
reformatietijd	((((re)[V|.V],(formeer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(tijd)[N])[N]
reformator	(((re)[V|.V],(formeer)[V])[V],(ator)[N|V.])[N]
reformbeweging	((reform)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
reformeren	((re)[V|.V],(formeer)[V])[V]
reformhuis	((reform)[N],(huis)[N])[N]
reformistisch	((reformist)[N],(isch)[A|N.])[A]
reformpaard	((reform)[N],(paard)[N])[N]
reformvoeding	((reform)[N],((voed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
reformvoedsel	((reform)[N],((voed)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
reformwinkel	((reform)[N],(winkel)[N])[N]
refractiecoëfficiënt	((refractie)[N],(coëfficiënt)[N])[N]
refractometer	((refracto)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
refractometergetal	(((refracto)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(getal)[N])[N]
refter	(refter)[N]
refuseren	((refuus)[N],(eer)[V|N.])[V]
refutatie	((refuteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
regaleren	((regaal)[N],(eer)[V|N.])[V]
regatta	(regatta)[N]
regeerakkoord	((regeer)[V],(akkoord)[N])[N]
regeerambt	((regeer)[V],(ambt)[N])[N]
regeerbaar	((regeer)[V],(baar)[A|V.])[A]
regeerder	((regeer)[V],(der)[N|V.])[N]
regeerkunst	((regeer)[V],(kunst)[N])[N]
regeermacht	((regeer)[V],(macht)[N])[N]
regeerperiode	((regeer)[V],(periode)[N])[N]
regeersysteem	((regeer)[V],(systeem)[N])[N]
regeerzucht	((regeer)[V],(zucht)[N])[N]
regel	(regel)[N]
regelaar	((regel)[V],(aar)[N|V.])[N]
regelafstand	((regel)[N],(afstand)[N])[N]
regelbaar	((regel)[V],(baar)[A|V.])[A]
regeldrukker	((regel)[N],(druk)[V],(er)[N|NV.])[N]
regelelement	((regel)[N],(element)[N])[N]
regelen	(regel)[V]
regelgeving	((regel)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
regelhoogte	((regel)[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
regeling	((regel)[V],(ing)[N|V.])[N]
regelingscommissie	(((regel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
regelkamer	((regel)[V],(kamer)[N])[N]
regelklep	((regel)[V],(klep)[N])[N]
regelknop	((regel)[V],(knop)[N])[N]
regellengte	((regel)[N],(lengte)[N])[N]
regelloos	((regel)[N],(loos)[A|N.])[A]
regelloosheid	(((regel)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
regelmatig	((regel)[N],(matig)[A|N.])[A]
regelmatigheid	(((regel)[N],(matig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
regelneef	((regel)[V],(neef)[N])[N]
regelrecht	((regel)[N],(recht)[A])[A]
regelstaaf	((regel)[N],(staaf)[N])[N]
regeltafel	((regel)[V],(tafel)[N])[N]
regeltechnicus	((regel)[V],(technicus)[N])[N]
regeltechniek	((regel)[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
regeltransformator	((regel)[V],((transformeer)[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
regelval	((regel)[N],(val)[N])[N]
regelvast	((regel)[N],(vast)[A])[A]
regelversteller	((regel)[N],((ver)[V|.V],(stel)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
regelweerstand	((regel)[V],(weerstand)[N])[N]
regelwijzer	((regel)[N],(wijs)[V],(er)[N|NV.])[N]
regelzucht	((regel)[V],(zucht)[N])[N]
regen	(regen)[N]
regenachtig	((regen)[V],(achtig)[A|V.])[A]
regenarm	((regen)[N],(arm)[A])[A]
regenbak	((regen)[N],(bak)[N])[N]
regenboog	((regen)[V],(boog)[N])[N]
regenboogforel	(((regen)[V],(boog)[N])[N],(forel)[N])[N]
regenboogjacht	(((regen)[V],(boog)[N])[N],(jacht)[N])[N]
regenboogklasse	(((regen)[V],(boog)[N])[N],(klasse)[N])[N]
regenboogtrui	(((regen)[V],(boog)[N])[N],(trui)[N])[N]
regenboogvlies	(((regen)[V],(boog)[N])[N],(vlies)[N])[N]
regenbroek	((regen)[V],(broek)[N])[N]
regenbui	((regen)[V],(bui)[N])[N]
regendag	((regen)[V],(dag)[N])[N]
regendicht	((regen)[V],(dicht)[A])[A]
regendroppel	((regen)[N],(droppel)[N])[N]
regendruppel	((regen)[N],(druppel)[N])[N]
regenen	(regen)[V]
regeneraat	(((re)[V|.V],(genereer)[V])[V],(aat)[N|V.])[N]
regeneratie	(((re)[V|.V],(genereer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
regeneratief	((((re)[V|.V],(genereer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
regeneratieproces	((((re)[V|.V],(genereer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
regenerator	(((re)[V|.V],(genereer)[V])[V],(ator)[N|V.])[N]
regenereren	((re)[V|.V],(genereer)[V])[V]
regenfront	((regen)[V],(front)[N])[N]
regengebied	((regen)[V],(gebied)[N])[N]
regengod	((regen)[N],(god)[N])[N]
regengordel	((regen)[V],(gordel)[N])[N]
regengordijn	((regen)[N],(gordijn)[N])[N]
regenhoed	((regen)[V],(hoed)[N])[N]
regenhoek	((regen)[V],(hoek)[N])[N]
regeninstallatie	((regen)[V],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
regenjas	((regen)[V],(jas)[N])[N]
regenkaart	((regen)[V],(kaart)[N])[N]
regenkap	((regen)[V],(kap)[N])[N]
regenkleding	((regen)[N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
regenlucht	((regen)[V],(lucht)[N])[N]
regenmachine	((regen)[V],(machine)[N])[N]
regenmaker	((regen)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
regenmantel	((regen)[V],(mantel)[N])[N]
regenmeter	((regen)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
regenmoesson	((regen)[V],(moesson)[N])[N]
regenpak	((regen)[V],(pak)[N])[N]
regenperiode	((regen)[V],(periode)[N])[N]
regenpijp	((regen)[V],(pijp)[N])[N]
regenput	((regen)[N],(put)[N])[N]
regenrijk	((regen)[N],(rijk)[A])[A]
regenrivier	((regen)[V],(rivier)[N])[N]
regenschaduw	((regen)[V],(schaduw)[N])[N]
regenscherm	((regen)[V],(scherm)[N])[N]
regenseizoen	((regen)[V],(seizoen)[N])[N]
regent	((regeer)[V],(ent)[N|V.])[N]
regentenfamilie	(((regeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(familie)[N])[N]
regentengeslacht	(((regeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(geslacht)[N])[N]
regentenkamer	(((regeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
regentenkliek	(((regeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(kliek)[N])[N]
regentenmentaliteit	(((regeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((mentaal)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
regentenstuk	(((regeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(stuk)[N])[N]
regententijd	(((regeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
regentenzoon	(((regeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
regentes	(((regeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
regentesk	(((regeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(esk)[A|N.])[A]
regentijd	((regen)[V],(tijd)[N])[N]
regenton	((regen)[V],(ton)[N])[N]
regentraad	(((regeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(raad)[N])[N]
regentschap	(((regeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
regentschapsraad	((((regeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
regentuiter	((regen)[N],(tuiter)[N])[N]
regenval	((regen)[N],(val)[N])[N]
regenverlet	((regen)[V],(verlet)[N])[N]
regenverzekering	((regen)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
regenvlaag	((regen)[V],(vlaag)[N])[N]
regenvogel	((regen)[V],(vogel)[N])[N]
regenvrij	((regen)[N],(vrij)[A])[A]
regenwater	((regen)[V],(water)[N])[N]
regenweer	((regen)[V],(weer)[N])[N]
regenwolk	((regen)[V],(wolk)[N])[N]
regenworm	((regen)[V],(worm)[N])[N]
regenwoud	((regen)[V],(woud)[N])[N]
regenwulp	((regen)[V],(wulp)[N])[N]
regenwurm	((regen)[V],(wurm)[N])[N]
regenzee	((regen)[V],(zee)[N])[N]
regenzone	((regen)[V],(zone)[N])[N]
regenzonnetje	((regen)[V],(zon)[N])[N]
regering	((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
regering-Carter	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(carter)[N])[N]
regeringloos	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(loos)[A|N.])[A]
regeringloosheid	((((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
regeringsaangelegenheid	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((aangelegen)[V],(heid)[N|V.])[N])[N]
regeringsadviseur	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((advies)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
regeringsambtenaar	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
regeringsapparaat	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
regeringsauto	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(auto)[N])[N]
regeringsautoriteit	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(autoriteit)[N])[N]
regeringsbank	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bank)[N])[N]
regeringsbeleid	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
regeringsbesluit	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(besluit)[N])[N]
regeringsbestel	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bestel)[N])[N]
regeringsbevoegdheid	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
regeringsbureau	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
regeringscentrum	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
regeringschef	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(chef)[N])[N]
regeringscoalitie	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(coalitie)[N])[N]
regeringscollege	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(college)[N])[N]
regeringscombinatie	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((combineer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
regeringscommissaris	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(commissaris)[N])[N]
regeringscommissie	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
regeringscrisis	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(crisis)[N])[N]
regeringsdaad	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(daad)[N])[N]
regeringsdeelname	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(deelname)[N])[N]
regeringsdienst	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
regeringsexpert	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(expert)[N])[N]
regeringsformateur	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((formeer)[V],(ateur)[N|V.])[N])[N]
regeringsformatie	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((formeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
regeringsfractie	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fractie)[N])[N]
regeringsfunctie	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
regeringsfunctionaris	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functionaris)[N])[N]
regeringsgebouw	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
regeringsgetrouw	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(getrouw)[A])[A]
regeringsgezind	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(gezind)[A])[A]
regeringsinstantie	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instantie)[N])[N]
regeringsjaar	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
regeringsjubileum	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(jubileum)[N])[N]
regeringskantoor	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
regeringskasteel	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kasteel)[N])[N]
regeringskrant	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(krant)[N])[N]
regeringskringen	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kring)[N])[N]
regeringsleider	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],(leid)[V],(er)[N|NxV.])[N]
regeringslichaam	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lichaam)[N])[N]
regeringsmaatregel	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
regeringsmeerderheid	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((meerder)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
regeringsniveau	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
regeringsnota	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(nota)[N])[N]
regeringsnotitie	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
regeringsontwerp	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ontwerp)[N])[N]
regeringsopdracht	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(opdracht)[N])[N]
regeringsorgaan	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
regeringspaleis	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(paleis)[N])[N]
regeringspartij	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(partij)[N])[N]
regeringspartner	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(partner)[N])[N]
regeringsperiode	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
regeringspersonage	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(personage)[N])[N]
regeringspersoon	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(persoon)[N])[N]
regeringsprogram	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(program)[N])[N]
regeringsprogramma	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
regeringspupil	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(pupil)[N])[N]
regeringsreglement	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(reglement)[N])[N]
regeringssoldaat	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(soldaat)[N])[N]
regeringssolidariteit	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((solidair)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
regeringsstandpunt	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((stand)[N],(punt)[N])[N])[N]
regeringsstelsel	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
regeringssteun	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(steun)[N])[N]
regeringsstuk	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(stuk)[N])[N]
regeringssubsidie	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(subsidie)[N])[N]
regeringssysteem	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
regeringstafel	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tafel)[N])[N]
regeringstekst	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tekst)[N])[N]
regeringstelsel	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
regeringstermijn	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(termijn)[N])[N]
regeringstijd	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
regeringstoezicht	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((toe)[B],(zicht)[N])[N])[N]
regeringstroepen	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(troep)[N])[N]
regeringsuitgave	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(uitgave)[N])[N]
regeringsverantwoordelijkheid	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((verantwoord)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
regeringsverklaring	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
regeringsvertegenwoordiger	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vertegenwoordig)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
regeringsvisie	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(visie)[N])[N]
regeringsvliegtuig	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
regeringsvoorlichtingsdienst	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
regeringsvorm	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
regeringsvorming	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
regeringswisseling	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
regeringszaak	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
regeringszetel	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zetel)[N])[N]
regeringszijde	(((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zijde)[N])[N]
regestenboek	((regest)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
reggen	(reg)[V]
regieaanwijzing	((regie)[N],(((aan)[P],(wijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
regieassistent	((regie)[N],(assisteer)[V],(ent)[N|NV.])[N]
regieassistente	((regie)[N],(((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N])[N]
regiekamer	((regie)[N],(kamer)[N])[N]
regimentscommandant	((regiment)[N],(s)[N|N.Vx],(commandeer)[V],(ant)[N|NxV.])[N]
regimentsdokter	((regiment)[N],(s)[N|N.N],(dokter)[N])[N]
regimentsnummer	((regiment)[N],(s)[N|N.N],(nummer)[N])[N]
regimentsschool	((regiment)[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
regimentsstaf	((regiment)[N],(s)[N|N.N],(staf)[N])[N]
regio	(regio)[N]
regio-etnoloog	((regio)[N],(etnoloog)[N])[N]
regiokorting	((regio)[N],((kort)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
regionaal	((regio)[N],(onaal)[A|N.])[A]
regisseur	((regisseer)[V],(eur)[N|V.])[N]
regisseurstoneel	(((regisseer)[V],(eur)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toneel)[N])[N]
registeraccountant	((register)[N],(accountant)[N])[N]
registeringenieur	((register)[N],(ingenieur)[N])[N]
registerinhoud	((register)[N],(inhoud)[N])[N]
registerkaart	((register)[N],(kaart)[N])[N]
registerknop	((register)[N],(knop)[N])[N]
registerton	((register)[N],(ton)[N])[N]
registratie	((registreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
registratiecomputer	(((registreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(computer)[N])[N]
registratief	(((registreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
registratiegegeven	(((registreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(gegeven)[N])[N]
registratiekamer	(((registreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kamer)[N])[N]
registratiekantoor	(((registreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kantoor)[N])[N]
registratiekosten	(((registreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kost)[N])[N]
registratieletter	(((registreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(letter)[N])[N]
registratienummer	(((registreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(nummer)[N])[N]
registratierecht	(((registreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(recht)[N])[N]
registratiesysteem	(((registreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(systeem)[N])[N]
registratietechniek	(((registreer)[V],(atie)[N|V.])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
registratiewet	(((registreer)[V],(atie)[N|V.])[N],(wet)[N])[N]
registrator	((registreer)[V],(ator)[N|V.])[N]
registratuur	((registreer)[V],(atuur)[N|V.])[N]
registreerapparaat	((registreer)[V],(apparaat)[N])[N]
registreerbaar	((registreer)[V],(baar)[A|V.])[A]
registreerballon	((registreer)[V],(ballon)[N])[N]
registrering	((registreer)[V],(ing)[N|V.])[N]
reglementair	((reglement)[N],(air)[A|N.])[A]
reglementeren	((reglement)[N],(eer)[V|N.])[V]
regresrecht	((regres)[N],(recht)[N])[N]
regressief	((regressie)[N],(ief)[A|N.])[A]
regressievergelijking	((regressie)[N],(((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
regularisatie	(((regulair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
regularisatieslachtoffer	((((regulair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],((slacht)[V],(offer)[N])[N])[N]
regularisatiewet	((((regulair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(wet)[N])[N]
regulariseren	((regulair)[A],(iseer)[V|A.])[V]
regulariteit	((regulair)[A],(iteit)[N|A.])[N]
regulateur	(((regel)[N],(eer)[V|N.])[V],(ateur)[N|V.])[N]
regulatie	(((regel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
regulatief	((((regel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[N|N.])[N]
regulatiemechanisme	((((regel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(mechanisme)[N])[N]
regulatiestof	((((regel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(stof)[N])[N]
regulator	(((regel)[N],(eer)[V|N.])[V],(ator)[N|V.])[N]
reguleren	((regel)[N],(eer)[V|N.])[V]
regulering	(((regel)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
reguleringsdrang	((((regel)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
rehabilitatie	(((re)[V|.V],(habiliteer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
rehabiliteren	((re)[V|.V],(habiliteer)[V])[V]
rei	(rei)[N]
reidans	((rei)[N],(dans)[N])[N]
reidansen	((rei)[N],(dans)[V])[V]
reien	(rei)[V]
reiger	(reiger)[N]
reigerachtig	((reiger)[N],(achtig)[A|N.])[A]
reigerachtigen	((reiger)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
reigerbos	((reiger)[N],(bos)[N])[N]
reigerkolonie	((reiger)[N],(kolonie)[N])[N]
reigernest	((reiger)[N],(nest)[N])[N]
reigersbek	((reiger)[N],(s)[N|N.N],(bek)[N])[N]
reigersnest	((reiger)[N],(s)[N|N.N],(nest)[N])[N]
reigervalk	((reiger)[N],(valk)[N])[N]
reigerveer	((reiger)[N],(veer)[N])[N]
reiken	(reik)[V]
reikhoogte	((reik)[V],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
reikwijdte	((reik)[V],((wijd)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
reilen	(reil)[V]
rein	(rein)[A]
reincultuur	((rein)[A],(cultuur)[N])[N]
reinetappel	((reinet)[N],(appel)[N])[N]
reinheid	((rein)[A],(heid)[N|A.])[N]
reinheidsvoorschrift	(((rein)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
reiniging	((reinig)[V],(ing)[N|V.])[N]
reinigingscrème	(((reinig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(crème)[N])[N]
reinigingsdienst	(((reinig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
reinigingsmiddel	(((reinig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
reinigingsproces	(((reinig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
reinigingsrecht	(((reinig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
reinigingsrite	(((reinig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(rite)[N])[N]
reinigingsvlucht	(((reinig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vlucht)[N])[N]
reinigingswagen	(((reinig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
reis	(reis)[N]
reisagent	((reis)[N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
reisagentschap	(((reis)[N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
reisapotheek	((reis)[V],(apotheek)[N])[N]
reisartikel	((reis)[V],(artikel)[N])[N]
reisavontuur	((reis)[V],(avontuur)[N])[N]
reisbenodigdheden	((reis)[V],(((be)[A|.Ax],(nodig)[A],(d)[A|xA.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
reisbeschrijving	((reis)[N],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
reisbeurs	((reis)[V],(beurs)[N])[N]
reisbevrachting	((reis)[N],(((be)[V|.N],(vracht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
reisbiljet	((reis)[V],(biljet)[N])[N]
reisbureau	((reis)[V],(bureau)[N])[N]
reisbus	((reis)[V],(bus)[N])[N]
reischarter	((reis)[V],(charter)[N])[N]
reischeque	((reis)[V],(cheque)[N])[N]
reisdag	((reis)[V],(dag)[N])[N]
reisdeclaratie	((reis)[N],(declareer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
reisdeken	((reis)[V],(deken)[N])[N]
reisdeviezen	((reis)[N],(devies)[N])[N]
reisdoel	((reis)[V],(doel)[N])[N]
reisduif	((reis)[V],(duif)[N])[N]
reiservaring	((reis)[V],(((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
reisexemplaar	((reis)[V],(exemplaar)[N])[N]
reisgeld	((reis)[V],(geld)[N])[N]
reisgelegenheid	((reis)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
reisgenoot	((reis)[V],(genoot)[N])[N]
reisgenote	(((reis)[V],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
reisgezelschap	((reis)[V],((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
reisgids	((reis)[V],(gids)[N])[N]
reisgoed	((reis)[V],(goed)[N])[N]
reisherinnering	((reis)[V],((herinner)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
reiskoffer	((reis)[V],(koffer)[N])[N]
reiskoorts	((reis)[V],(koorts)[N])[N]
reiskosten	((reis)[N],(kost)[N])[N]
reiskostenvergoeding	(((reis)[N],(kost)[N])[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(goed)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
reiskredietbrief	((reis)[V],((krediet)[N],(brief)[N])[N])[N]
reislectuur	((reis)[V],(lectuur)[N])[N]
reisleider	((reis)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
reisleidster	((reis)[N],(leid)[V],(ster)[N|NV.])[N]
reislust	((reis)[V],(lust)[N])[N]
reislustig	((reis)[V],(lust)[N],(ig)[A|VN.])[A]
reismakker	((reis)[V],(makker)[N])[N]
reismand	((reis)[V],(mand)[N])[N]
reisnecessaire	((reis)[V],(necessaire)[N])[N]
reisorder	((reis)[V],(order)[N])[N]
reisorganisatie	((reis)[N],((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|NV.])[N]
reispas	((reis)[V],(pas)[N])[N]
reisplan	((reis)[V],(plan)[N])[N]
reisseizoen	((reis)[V],(seizoen)[N])[N]
reissom	((reis)[V],(som)[N])[N]
reistas	((reis)[V],(tas)[N])[N]
reistijd	((reis)[V],(tijd)[N])[N]
reisvaardig	((reis)[V],(vaardig)[A])[A]
reisvereniging	((reis)[V],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
reisvergoeding	((reis)[N],((ver)[V|.A],(goed)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
reisverhaal	((reis)[V],(verhaal)[N])[N]
reisverkeer	((reis)[V],(verkeer)[N])[N]
reisverslag	((reis)[V],(verslag)[N])[N]
reisvervrachting	((reis)[N],(((ver)[V|.N],(vracht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
reisverzekering	((reis)[V],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
reiswekker	((reis)[V],((wek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
reiswereld	((reis)[V],(wereld)[N])[N]
reiswezen	((reis)[V],(wezen)[N])[N]
reiswieg	((reis)[V],(wieg)[N])[N]
reiswijzer	((reis)[N],(wijs)[V],(er)[N|NV.])[N]
reiszak	((reis)[V],(zak)[N])[N]
reizen	(reis)[V]
reizigerskilometer	((reiziger)[N],(s)[N|N.N],((kilo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
reizigersprovisie	((reiziger)[N],(s)[N|N.N],(provisie)[N])[N]
reizigersverkeer	((reiziger)[N],(s)[N|N.N],(verkeer)[N])[N]
rek	(rek)[N]
rekbaar	((rek)[V],(baar)[A|V.])[A]
rekbaarheid	(((rek)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rekband	((rek)[V],(band)[N])[N]
rekbank	((rek)[V],(bank)[N])[N]
rekel	(rekel)[N]
rekelachtig	((rekel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
rekenaar	((reken)[V],(aar)[N|V.])[N]
rekenaarster	((reken)[V],(aarster)[N|V.])[N]
rekenapparaat	((reken)[V],(apparaat)[N])[N]
rekenarij	((reken)[V],(arij)[N|V.])[N]
rekenautomaat	((reken)[V],(automaat)[N])[N]
rekenboek	((reken)[V],(boek)[N])[N]
rekenbord	((reken)[V],(bord)[N])[N]
rekencentrum	((reken)[V],(centrum)[N])[N]
rekeneenheid	((reken)[V],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
rekenen	(reken)[V]
rekenfout	((reken)[V],(fout)[N])[N]
rekenhof	((reken)[V],(hof)[N])[N]
rekening	((reken)[V],(ing)[N|V.])[N]
rekening-courant	(((reken)[V],(ing)[N|V.])[N],(courant)[A])[N]
rekening-courantkrediet	((((reken)[V],(ing)[N|V.])[N],(courant)[A])[N],(krediet)[N])[N]
rekeninghouder	(((reken)[V],(ing)[N|V.])[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
rekeningseenheid	(((reken)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
rekeningverhouding	(((reken)[V],(ing)[N|V.])[N],((verhoud)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rekeninstallatie	((reken)[V],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
rekenkamer	((reken)[V],(kamer)[N])[N]
rekenkunde	((reken)[V],(kunde)[N])[N]
rekenkundig	(((reken)[V],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
rekenkunst	((reken)[V],(kunst)[N])[N]
rekenlat	((reken)[V],(lat)[N])[N]
rekenles	((reken)[V],(les)[N])[N]
rekenliniaal	((reken)[V],((linie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
rekenmachine	((reken)[V],(machine)[N])[N]
rekenmeester	((reken)[V],(meester)[N])[N]
rekenmethode	((reken)[V],(methode)[N])[N]
rekenmunt	((reken)[V],(munt)[N])[N]
rekenopgave	((reken)[V],(opgave)[N])[N]
rekenorgaan	((reken)[V],(orgaan)[N])[N]
rekenplichtig	((reken)[V],(plichtig)[A])[A]
rekenplichtigheid	(((reken)[V],(plichtig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
rekenprestatie	((reken)[V],((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
rekenraam	((reken)[V],(raam)[N])[N]
rekenschijf	((reken)[V],(schijf)[N])[N]
rekensom	((reken)[V],(som)[N])[N]
rekensysteem	((reken)[V],(systeem)[N])[N]
rekentaal	((reken)[V],(taal)[N])[N]
rekentabel	((reken)[V],(tabel)[N])[N]
rekentafel	((reken)[V],(tafel)[N])[N]
rekentechniek	((reken)[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
rekentijd	((reken)[V],(tijd)[N])[N]
rekentuig	((reken)[V],(tuig)[N])[N]
rekenvaardigheid	((reken)[V],((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
rekenvoorbeeld	((reken)[V],((voor)[B],(beeld)[N])[N])[N]
rekenwonder	((reken)[V],(wonder)[N])[N]
rekestrant	((rekestreer)[V],(ant)[N|V.])[N]
rekgrens	((rek)[V],(grens)[N])[N]
rekkelijk	((rek)[V],(elijk)[A|V.])[A]
rekkelijkheid	(((rek)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rekken	(rek)[V]
rekker	((rek)[V],(er)[N|V.])[N]
rekkerig	((rek)[V],(erig)[A|V.])[A]
rekking	((rek)[V],(ing)[N|V.])[N]
rekkracht	((rek)[V],(kracht)[N])[N]
rekristallisatie	(((re)[V|.V],((kristal)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
rekristalliseren	((re)[V|.V],((kristal)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V]
rekrutenschool	((rekruut)[N],(en)[N|N.N],(school)[N])[N]
rekruteren	((rekruut)[N],(eer)[V|N.])[V]
rekrutering	(((rekruut)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
rekruteringsfunctie	((((rekruut)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
rekruteringsmogelijkheid	((((rekruut)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
rekruteringsveld	((((rekruut)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
rekspanning	((rek)[V],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rekstok	((rek)[V],(stok)[N])[N]
rekverband	((rek)[V],(verband)[N])[N]
rekwestrant	((rekwestreer)[V],(ant)[N|V.])[N]
rekwirant	((rekwireer)[V],(ant)[N|V.])[N]
rekwirent	((rekwireer)[V],(ent)[N|V.])[N]
rekwisiteur	((rekwisiet)[N],(eur)[N|N.])[N]
rekwisitie	((rekwisiet)[N],(ie)[N|N.])[N]
rekwisitiestelsel	(((rekwisiet)[N],(ie)[N|N.])[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
rel	(rel)[N]
relaiszender	((relais)[N],((zend)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
relatering	((relateer)[V],(ing)[N|V.])[N]
relatie	(relatie)[N]
relatiecapaciteit	((relatie)[N],(capaciteit)[N])[N]
relatiecrisis	((relatie)[N],(crisis)[N])[N]
relatief	((relatie)[N],(ief)[N|N.])[N]
relatiegeschenk	((relatie)[N],((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N])[N]
relatiekring	((relatie)[N],(kring)[N])[N]
relatiemoeilijkheid	((relatie)[N],(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
relatiemogelijkheid	((relatie)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
relatieprobleem	((relatie)[N],(probleem)[N])[N]
relatieschema	((relatie)[N],(schema)[N])[N]
relatiestoornis	((relatie)[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
relatiesysteem	((relatie)[N],(systeem)[N])[N]
relatietherapeut	((relatie)[N],(therapeut)[N])[N]
relatietherapie	((relatie)[N],(therapie)[N])[N]
relatietraining	((relatie)[N],((train)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
relatieveld	((relatie)[N],(veld)[N])[N]
relationisme	((relatie)[N],(ionisme)[N|N.])[N]
relativeren	(((relatie)[N],(ief)[A|N.])[A],(eer)[V|A.])[V]
relativering	((((relatie)[N],(ief)[A|N.])[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
relativiteit	(((relatie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
relativiteitsbeginsel	((((relatie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
relativiteitstheorie	((((relatie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
relegatie	((relegeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
relevantie	((relevant)[A],(ie)[N|A.])[N]
relevantiebegrip	(((relevant)[A],(ie)[N|A.])[N],(begrip)[N])[N]
relevatie	((releveer)[V],(atie)[N|V.])[N]
reliekaltaar	((reliek)[N],(altaar)[N])[N]
reliekhouder	((reliek)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
reliekschrijn	((reliek)[N],(schrijn)[N])[N]
religietwist	((religie)[N],(twist)[N])[N]
religievrede	((religie)[N],(vrede)[N])[N]
religiositeit	((religieus)[A],(iteit)[N|A.])[N]
relikwiekruis	((relikwie)[N],(kruis)[N])[N]
relikwieënkastje	((relikwie)[N],(en)[N|N.N],(kast)[N])[N]
reling	(reling)[N]
reliëf	(reliëf)[N]
reliëfdruk	((reliëf)[N],(druk)[N])[N]
reliëfkaart	((reliëf)[N],(kaart)[N])[N]
reliëfperspectief	((reliëf)[N],(perspectief)[N])[N]
reliëfstip	((reliëf)[N],(stip)[N])[N]
rellen	(rel)[V]
rellenbrigade	((rel)[N],(en)[N|N.N],(brigade)[N])[N]
rellerig	((rel)[N],(erig)[A|N.])[A]
relnicht	((rel)[N],(nicht)[N])[N]
relschopper	((rel)[N],(schop)[V],(er)[N|NV.])[N]
reltrapper	((rel)[N],(trap)[V],(er)[N|NV.])[N]
rem	(rem)[N]
remafstand	((rem)[V],(afstand)[N])[N]
remanentie	((remanent)[A],(ie)[N|A.])[N]
remarquabel	((remarqueer)[V],(abel)[A|V.])[A]
rembekleding	((rem)[N],((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
rembekrachtiging	((rem)[N],((be)[V|.A],((kracht)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
remblok	((rem)[N],(blok)[N])[N]
remboursement	(((rembours)[N],(eer)[V|N.])[V],(ement)[N|V.])[N]
rembourseren	((rembours)[N],(eer)[V|N.])[V]
rembourskosten	((rembours)[N],(kost)[N])[N]
rembourszending	((rembours)[N],((zend)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
remcilinder	((rem)[N],(cilinder)[N])[N]
remcircuit	((rem)[N],(circuit)[N])[N]
remdienst	((rem)[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
remedie	(remedie)[N]
remhokje	((rem)[V],(hok)[N])[N]
remigrant	((re)[N|.N],((migreer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
remigratie	((re)[N|.N],((migreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
remilitarisatie	(((re)[V|.V],((militair)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
remilitariseren	((re)[V|.V],((militair)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V]
reminrichting	((rem)[V],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
remise	(remise)[N]
remiserekening	((remise)[A],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
remiserit	((remise)[N],(rit)[N])[N]
remissie	((remis)[N],(ie)[N|N.])[N]
remittent	((remitteer)[V],(ent)[N|V.])[N]
remkabel	((rem)[N],(kabel)[N])[N]
remketting	((rem)[N],(ketting)[N])[N]
remklep	((rem)[N],(klep)[N])[N]
remlicht	((rem)[V],(licht)[N])[N]
remmechanisme	((rem)[V],(mechanisme)[N])[N]
remmen	(rem)[V]
remmer	((rem)[V],(er)[N|V.])[N]
remming	((rem)[V],(ing)[N|V.])[N]
remmingwerk	(((rem)[V],(ing)[N|V.])[N],(werk)[N])[N]
remmotor	((rem)[V],(motor)[N])[N]
remnaaf	((rem)[N],(naaf)[N])[N]
remodelleren	((re)[V|.V],((model)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
remolie	((rem)[N],(olie)[N])[N]
remonstrant	((remonstreer)[V],(ant)[N|V.])[N]
remonstrantie	((remonstreer)[V],(antie)[N|V.])[N]
remonstrants	(((remonstreer)[V],(ant)[N|V.])[N],(s)[A|N.])[A]
remontepaard	((remonte)[N],(paard)[N])[N]
remparachute	((rem)[V],(parachute)[N])[N]
rempedaal	((rem)[V],(pedaal)[N])[N]
remplaçant	((remplaceer)[V],(ant)[N|V.])[N]
remproef	((rem)[V],(proef)[N])[N]
remraket	((rem)[V],(raket)[N])[N]
remschijf	((rem)[N],(schijf)[N])[N]
remschoen	((rem)[N],(schoen)[N])[N]
remspoor	((rem)[V],(spoor)[N])[N]
remstof	((rem)[V],(stof)[N])[N]
remtoestel	((rem)[V],(toestel)[N])[N]
remuneratie	((remunereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
remvloeistof	((rem)[N],((vloei)[V],(stof)[N])[N])[N]
remvoering	((rem)[N],((voer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
remweg	((rem)[V],(weg)[N])[N]
ren	(ren)[N]
renaissancecultuur	((renaissance)[N],(cultuur)[N])[N]
renaissancegevel	((renaissance)[N],(gevel)[N])[N]
renaissancepaus	((renaissance)[N],(paus)[N])[N]
renaissanceschoonheid	((renaissance)[N],((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
renaissancestijl	((renaissance)[N],(stijl)[N])[N]
renaissancetijd	((renaissance)[N],(tijd)[N])[N]
renbaan	((ren)[V],(baan)[N])[N]
renbode	((ren)[V],(bode)[N])[N]
rendabel	((rendeer)[V],(abel)[A|V.])[A]
rendabiliteit	(((rendeer)[V],(abel)[A|V.])[A],(biliteit)[N|A.])[N]
rendant	((rendeer)[V],(ant)[N|V.])[N]
rendement	((rendeer)[V],(ement)[N|V.])[N]
rendementspositie	(((rendeer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
rendementsverbetering	(((rendeer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rendez-voushuis	((rendez-vous)[N],(huis)[N])[N]
rendierhuid	((rendier)[N],(huid)[N])[N]
rendierjager	((rendier)[N],(jaag)[V],(er)[N|NV.])[N]
rendierleder	((rendier)[N],(leder)[N])[N]
rendierleer	((rendier)[N],(leer)[N])[N]
rendiermos	((rendier)[N],(mos)[N])[N]
rendiervel	((rendier)[N],(vel)[N])[N]
renen	(reen)[V]
renetappel	((renet)[N],(appel)[N])[N]
rengalop	((ren)[V],(galop)[N])[N]
renium	(renium)[N]
renloop	((ren)[V],(loop)[N])[N]
rennen	(ren)[V]
renner	((ren)[V],(er)[N|V.])[N]
rennersveld	(((ren)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
renovatie	(((re)[V|.V],(noveer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
renoveren	((re)[V|.V],(noveer)[V])[V]
renpaard	((ren)[V],(paard)[N])[N]
renperk	((ren)[V],(perk)[N])[N]
rensport	((ren)[V],(sport)[N])[N]
renstal	((ren)[V],(stal)[N])[N]
rentabiliteitsberekening	((rentabiliteit)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rentabiliteitspercentage	((rentabiliteit)[N],(s)[N|N.N],(percentage)[N])[N]
rentabiliteitswaarde	((rentabiliteit)[N],(s)[N|N.N],(waarde)[N])[N]
rente	(rente)[N]
renteaftrek	((rente)[N],(aftrek)[N])[N]
rentearbitrage	((rente)[N],(((arbiter)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N])[N]
rentebank	((rente)[N],(bank)[N])[N]
rentebeleid	((rente)[N],(beleid)[N])[N]
renteberekening	((rente)[N],(((be)[V|.V],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rentebetaling	((rente)[N],(betaal)[V],(ing)[N|NV.])[N]
rentebewijs	((rente)[N],(bewijs)[N])[N]
rentebrief	((rente)[N],(brief)[N])[N]
renteclausule	((rente)[N],(clausule)[N])[N]
rentedag	((rente)[N],(dag)[N])[N]
rentegevend	((rente)[N],(geef)[V],(end)[A|NV.])[A]
rentegever	((rente)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N]
rentekaart	((rente)[N],(kaart)[N])[N]
rentekoers	((rente)[N],(koers)[N])[N]
renteloos	((rente)[N],(loos)[A|N.])[A]
rentemarge	((rente)[N],(marge)[N])[N]
renten	(rent)[V]
rentenier	((rente)[N],(enier)[N|N.])[N]
rentenierster	(((rente)[N],(enier)[N|N.])[N],(ster)[N|N.])[N]
renteniveau	((rente)[N],(niveau)[N])[N]
rentenummer	((rente)[N],(nummer)[N])[N]
rentepeil	((rente)[N],(peil)[N])[N]
rentepercentage	((rente)[N],(percentage)[N])[N]
renteproduct	((rente)[N],(product)[N])[N]
renteschuld	((rente)[N],(schuld)[N])[N]
rentespaarbrief	((rente)[N],((spaar)[V],(brief)[N])[N])[N]
rentestand	((rente)[N],(stand)[N])[N]
rentestandaard	((rente)[N],(standaard)[N])[N]
rentesubsidie	((rente)[N],(subsidie)[N])[N]
rentetarief	((rente)[N],(tarief)[N])[N]
rentetrekker	((rente)[N],(trek)[V],(er)[N|NV.])[N]
renteverbod	((rente)[N],(verbod)[N])[N]
rentevergoeding	((rente)[N],((ver)[V|.A],(goed)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
renteverlies	((rente)[N],(verlies)[N])[N]
renteverzekering	((rente)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rentevoet	((rente)[N],(voet)[N])[N]
rentezegel	((rente)[N],(zegel)[N])[N]
rentmeesterschap	((rentmeester)[N],(schap)[N|N.])[N]
renumeratie	((renumereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
renunciatie	((renuncieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
renvooieren	((renvooi)[N],(eer)[V|N.])[V]
renvooiteken	((renvooi)[N],(teken)[N])[N]
renwagen	((ren)[V],(wagen)[N])[N]
reorganisatie	(((re)[V|.V],((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
reorganiseren	((re)[V|.V],((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V]
reoriënteren	((re)[V|.V],((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
reparabel	((repareer)[V],(abel)[A|V.])[A]
reparateur	((repareer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
reparatie	((repareer)[V],(atie)[N|V.])[N]
reparatiedienst	(((repareer)[V],(atie)[N|V.])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
reparatiedoosje	(((repareer)[V],(atie)[N|V.])[N],(doos)[N])[N]
reparatiehelling	(((repareer)[V],(atie)[N|V.])[N],((hel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
reparatiekosten	(((repareer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kost)[N])[N]
reparatiewerkplaats	(((repareer)[V],(atie)[N|V.])[N],((werk)[V],(plaats)[N])[N])[N]
reparatiewerkzaamheid	(((repareer)[V],(atie)[N|V.])[N],(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
repasseren	((re)[V|.V],(passeer)[V])[V]
repatriant	((repatrieer)[V],(ant)[N|V.])[N]
repatriatie	((repatrieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
repelaar	((repel)[V],(aar)[N|V.])[N]
repen	(reep)[V]
repertoirestuk	((repertoire)[N],(stuk)[N])[N]
repertoiretoneel	((repertoire)[N],(toneel)[N])[N]
repeteergeweer	((repeteer)[V],(geweer)[N])[N]
repeteerkarabijn	((repeteer)[V],(karabijn)[N])[N]
repeteervuur	((repeteer)[V],(vuur)[N])[N]
repeteerwekker	((repeteer)[V],((wek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
repetent	((repeteer)[V],(ent)[N|V.])[N]
repetentie	((repeteer)[V],(entie)[N|V.])[N]
repetitie	((repeteer)[V],(itie)[N|V.])[N]
repetitiecijfer	(((repeteer)[V],(itie)[N|V.])[N],(cijfer)[N])[N]
repetitiegeweer	(((repeteer)[V],(itie)[N|V.])[N],(geweer)[N])[N]
repetitiehorloge	(((repeteer)[V],(itie)[N|V.])[N],(horloge)[N])[N]
repetitieles	(((repeteer)[V],(itie)[N|V.])[N],(les)[N])[N]
repetitiemethode	(((repeteer)[V],(itie)[N|V.])[N],(methode)[N])[N]
repetitieteken	(((repeteer)[V],(itie)[N|V.])[N],(teken)[N])[N]
repetitietijd	(((repeteer)[V],(itie)[N|V.])[N],(tijd)[N])[N]
repetitiewerk	(((repeteer)[V],(itie)[N|V.])[N],(werk)[N])[N]
repetitiezaal	(((repeteer)[V],(itie)[N|V.])[N],(zaal)[N])[N]
repetitor	((repeteer)[V],(itor)[N|V.])[N]
replicatieonderzoek	((repliceer)[V],(atie)[N|V.N],(onderzoek)[N])[N]
reportageroman	((reportage)[N],(roman)[N])[N]
reportagewagen	((reportage)[N],(wagen)[N])[N]
reportersinstinct	((reporter)[N],(s)[N|N.N],(instinct)[N])[N]
reppen	(rep)[V]
represaillemaatregel	((represaille)[N],(maatregel)[N])[N]
representant	((representeer)[V],(ant)[N|V.])[N]
representatie	((representeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
representatief	(((representeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
representatiekosten	(((representeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kost)[N])[N]
representatiesysteem	(((representeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(systeem)[N])[N]
representativiteit	((((representeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
repressief	((repressie)[N],(ief)[A|N.])[A]
reprint	((re)[N|.N],(print)[N])[N]
reprobatie	((reprobeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
reproduceerbaar	(((re)[V|.V],(produceer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
reproduceerbaarheid	((((re)[V|.V],(produceer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
reproducent	(((re)[V|.V],(produceer)[V])[V],(ent)[N|V.])[N]
reproduceren	((re)[V|.V],(produceer)[V])[V]
reproductie	((re)[N|.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
reproductiecamera	(((re)[N|.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N],(camera)[N])[N]
reproductiecijfer	(((re)[N|.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N],(cijfer)[N])[N]
reproductief	(((re)[N|.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N],(ief)[A|N.])[A]
reproductiemechanisme	(((re)[N|.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N],(mechanisme)[N])[N]
reproductiemogelijkheid	(((re)[N|.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
reproductietechniek	(((re)[N|.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
reproductievermogen	(((re)[N|.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N],(vermogen)[N])[N]
reproductiviteit	((re)[N|.N],((((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
reprografie	((reprografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
reptiel	(reptiel)[N]
reptielachtig	((reptiel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
republikeins	((republikein)[N],(s)[A|N.])[A]
repudiatie	((repudieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
repulsie	((repuls)[N],(ie)[N|N.])[N]
repulsief	(((repuls)[N],(ie)[N|N.])[N],(ief)[A|N.])[A]
repulsiemotor	(((repuls)[N],(ie)[N|N.])[N],(motor)[N])[N]
requiem	(requiem)[N]
requiemmis	((requiem)[N],(mis)[N])[N]
rescontredag	((rescontre)[N],(dag)[N])[N]
rescript	((re)[N|.N],(script)[N])[N]
rescriptie	(((re)[N|.N],(script)[N])[N],(ie)[N|N.])[N]
researchcentrum	((research)[N],(centrum)[N])[N]
researchfonds	((research)[N],(fonds)[N])[N]
researchgegeven	((research)[N],(gegeven)[N])[N]
researchinstituut	((research)[N],(instituut)[N])[N]
researchlaboratorium	((research)[N],(laboratorium)[N])[N]
researchprogramma	((research)[N],(programma)[N])[N]
researchstudie	((research)[N],(studie)[N])[N]
researchteam	((research)[N],(team)[N])[N]
reseda	(reseda)[N]
reservaat	((reserveer)[V],(aat)[N|V.])[N]
reservatie	((reserveer)[V],(atie)[N|V.])[N]
reserve-eenheid	((reserve)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
reserve-energie	((reserve)[N],(energie)[N])[N]
reserveband	((reserve)[N],(band)[N])[N]
reservebank	((reserve)[N],(bank)[N])[N]
reservecapaciteit	((reserve)[N],(capaciteit)[N])[N]
reservecircuit	((reserve)[N],(circuit)[N])[N]
reservedruk	((reserve)[N],(druk)[N])[N]
reservefonds	((reserve)[N],(fonds)[N])[N]
reservekader	((reserve)[N],(kader)[N])[N]
reservekapitaal	((reserve)[N],(kapitaal)[N])[N]
reservekapitein	((reserve)[N],(kapitein)[N])[N]
reservelucht	((reserve)[N],(lucht)[N])[N]
reserveofficier	((reserve)[N],(officier)[N])[N]
reserveonderdeel	((reserve)[N],((onder)[P],(deel)[N])[N])[N]
reserveparachute	((reserve)[N],(parachute)[N])[N]
reservespeelster	((reserve)[N],((speel)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
reservespeler	((reserve)[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
reservetank	((reserve)[N],(tank)[N])[N]
reservetroepen	((reserve)[N],(troep)[N])[N]
reservevoedsel	((reserve)[N],((voed)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
reservevoorraad	((reserve)[N],(voorraad)[N])[N]
reservewiel	((reserve)[N],(wiel)[N])[N]
reservist	((reserve)[N],(ist)[N|N.])[N]
reservoirgesteente	((reservoir)[N],((ge)[N|.Nx],(steen)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
reservoirtechniek	((reservoir)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
resident	((resideer)[V],(ent)[N|V.])[N]
residentie	((resideer)[V],(entie)[N|V.])[N]
residentieel	(((resideer)[V],(entie)[N|V.])[N],(ieel)[A|N.])[A]
residentieorkest	(((resideer)[V],(entie)[N|V.])[N],(orkest)[N])[N]
residentiestad	(((resideer)[V],(entie)[N|V.])[N],(stad)[N])[N]
residentschap	(((resideer)[V],(ent)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
residuaal	((residu)[N],(aal)[A|N.])[A]
residueel	((residu)[N],(eel)[A|N.])[A]
residuwaarde	((residu)[N],(waarde)[N])[N]
resignatie	((resigneer)[V],(atie)[N|V.])[N]
resistent	((resisteer)[V],(ent)[A|V.])[A]
resistentie	((resisteer)[V],(entie)[N|V.])[N]
resocialiseren	((re)[V|.V],((sociaal)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V]
resolutie	((resolveer)[V],(utie)[N|V.])[N]
resonansbijeenkomst	((resonans)[N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
resonansbodem	((resonans)[N],(bodem)[N])[N]
resonantie	((resoneer)[V],(antie)[N|V.])[N]
resonantiebodem	(((resoneer)[V],(antie)[N|V.])[N],(bodem)[N])[N]
resonator	((resoneer)[V],(ator)[N|V.])[N]
resorcinol	(resorcinol)[N]
respectabel	(((respect)[N],(eer)[V|N.])[V],(abel)[A|V.])[A]
respectabiliteit	((((respect)[N],(eer)[V|N.])[V],(abel)[A|V.])[A],(biliteit)[N|A.])[N]
respectblad	((respect)[N],(blad)[N])[N]
respectdagen	((respect)[N],(dag)[N])[N]
respecteren	((respect)[N],(eer)[V|N.])[V]
respectvol	((respect)[N],(vol)[A])[A]
respijtdagen	((respijt)[N],(dag)[N])[N]
respiratie	((respireer)[V],(atie)[N|V.])[N]
respiratiecentrum	(((respireer)[V],(atie)[N|V.])[N],(centrum)[N])[N]
respiratietoestel	(((respireer)[V],(atie)[N|V.])[N],(toestel)[N])[N]
respirator	((respireer)[V],(ator)[N|V.])[N]
respiratorisch	((respiratoir)[A],(isch)[A|A.])[A]
respondent	((respondeer)[V],(ent)[N|V.])[N]
responsabiliteit	((responsabel)[A],(biliteit)[N|A.])[N]
responsie	((respons)[N],(ie)[N|N.])[N]
responsiecollege	(((respons)[N],(ie)[N|N.])[N],(college)[N])[N]
ressorteren	((ressort)[N],(eer)[V|N.])[V]
rest	(rest)[N]
restactiviteit	((rest)[N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
restant	(((rest)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N]
restantbewijs	((((rest)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N],(bewijs)[N])[N]
restaurant	((restaureer)[V],(ant)[N|V.])[N]
restaurantkeuken	(((restaureer)[V],(ant)[N|V.])[N],(keuken)[N])[N]
restaurantrekening	(((restaureer)[V],(ant)[N|V.])[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
restaurateur	((restaureer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
restauratie	((restaureer)[V],(atie)[N|V.])[N]
restauratieatelier	(((restaureer)[V],(atie)[N|V.])[N],(atelier)[N])[N]
restauratief	(((restaureer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
restauratiesteen	(((restaureer)[V],(atie)[N|V.])[N],(steen)[N])[N]
restauratiewagen	(((restaureer)[V],(atie)[N|V.])[N],(wagen)[N])[N]
restauratiewerkzaamheid	(((restaureer)[V],(atie)[N|V.])[N],(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
restcategorie	((rest)[N],(categorie)[N])[N]
resten	(rest)[V]
resteren	((rest)[N],(eer)[V|N.])[V]
restgetal	((rest)[N],(getal)[N])[N]
restgroep	((rest)[N],(groep)[N])[N]
restitutie	((restitueer)[V],(tie)[N|V.])[N]
restrictief	((restrictie)[N],(ief)[A|N.])[A]
restzetel	((rest)[N],(zetel)[N])[N]
resultaat	((resulteer)[V],(aat)[N|V.])[N]
resultatenrekening	(((resulteer)[V],(aat)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
resusnegatief	((resusfactor)[N],(((negeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
resuspositief	((resusfactor)[N],(positief)[A])[A]
retardatie	((retardeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
retirade	((retireer)[V],(ade)[N|V.])[N]
retoriek	((retorisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
retortenkool	((retort)[N],(e)[N|N.N],(kool)[N])[N]
retoucheertafel	((retoucheer)[V],(tafel)[N])[N]
retourbiljet	((retour)[B],(biljet)[N])[N]
retouremballage	((retour)[B],((emballeer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
retourenvelop	((retour)[B],(envelop)[N])[N]
retourenveloppe	((retour)[B],(enveloppe)[N])[N]
retourhandel	((retour)[B],(handel)[N])[N]
retourkaartje	((retour)[B],(kaart)[N])[N]
retourlading	((retour)[N],((laad)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
retourleiding	((retour)[N],((leid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
retourschip	((retour)[B],(schip)[N])[N]
retourvlucht	((retour)[B],(vlucht)[N])[N]
retourvracht	((retour)[B],(vracht)[N])[N]
retracteren	((retract)[N],(eer)[V|N.])[V]
retraitant	((retraite)[N],(ant)[N|N.])[N]
retraitante	(((retraite)[N],(ant)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
retraitehuis	((retraite)[N],(huis)[N])[N]
retributie	((retribueer)[V],(tie)[N|V.])[N]
retroacta	((retro)[N|.N],(actum)[N])[N]
retroactief	((retro)[A|.A],((actie)[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
retroactiviteit	((retro)[N|.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
retroflexie	((retro)[N|.N],(flexie)[N])[N]
retrogrademethode	((retrograde)[A],(methode)[N])[N]
returnmatch	((return)[N],(match)[N])[N]
returnwedstrijd	((return)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
reu	(reu)[N]
reuk	(reuk)[N]
reukaltaar	((reuk)[N],(altaar)[N])[N]
reukcentrum	((reuk)[N],(centrum)[N])[N]
reukdier	((reuk)[N],(dier)[N])[N]
reukeloos	((reuk)[N],(eloos)[A|N.])[A]
reukflesje	((reuk)[N],(fles)[N])[N]
reukgras	((reuk)[N],(gras)[N])[N]
reukhout	((reuk)[N],(hout)[N])[N]
reukklier	((reuk)[N],(klier)[N])[N]
reukloos	((reuk)[N],(loos)[A|N.])[A]
reukoffer	((reuk)[N],(offer)[N])[N]
reukorgaan	((reuk)[N],(orgaan)[N])[N]
reukprikkel	((reuk)[N],(prikkel)[N])[N]
reukverdrijver	((reuk)[N],((ver)[V|.V],(drijf)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
reukwater	((reuk)[N],(water)[N])[N]
reukwerk	((reuk)[N],(werk)[N])[N]
reukzeep	((reuk)[N],(zeep)[N])[N]
reukzenuw	((reuk)[N],(zenuw)[N])[N]
reukzin	((reuk)[N],(zin)[N])[N]
reukzout	((reuk)[N],(zout)[N])[N]
reuma	(reuma)[N]
reumatiek	(((reuma)[N],(atisch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
reumatiekolie	((((reuma)[N],(atisch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N],(olie)[N])[N]
reumatisch	((reuma)[N],(atisch)[A|N.])[A]
reumatologie	((reumatologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
reup	(reup)[N]
reus	(reus)[N]
reusachtig	((reus)[N],(achtig)[A|N.])[A]
reusachtigheid	(((reus)[N],(achtig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
reut	(reut)[N]
reutel	(reutel)[N]
reutelaar	((reutel)[V],(aar)[N|V.])[N]
reutelen	(reutel)[V]
reutemeteut	(reutemeteut)[N]
reuter	(reuter)[N]
reuzefijn	((reuze)[A],(fijn)[A])[A]
reuzel	(reuzel)[N]
reuzeleuk	((reuze)[A],(leuk)[A])[A]
reuzenbeeld	((reus)[N],(en)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
reuzenblunder	((reuze)[A],(blunder)[N])[N]
reuzenboom	((reus)[N],(en)[N|N.N],(boom)[N])[N]
reuzencactus	((reus)[N],(en)[N|N.N],(cactus)[N])[N]
reuzenfoetus	((reus)[N],(en)[N|N.N],(foetus)[N])[N]
reuzengestalte	((reus)[N],(en)[N|N.N],(gestalte)[N])[N]
reuzengroei	((reus)[N],(en)[N|N.N],(groei)[N])[N]
reuzenhagedis	((reus)[N],(en)[N|N.N],(hagedis)[N])[N]
reuzenhoofd	((reus)[N],(en)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
reuzeninsect	((reus)[N],(en)[N|N.N],(insect)[N])[N]
reuzenkei	((reus)[N],(en)[N|N.N],(kei)[N])[N]
reuzenkerel	((reuze)[A],(kerel)[N])[N]
reuzenkind	((reus)[N],(en)[N|N.N],(kind)[N])[N]
reuzenkoopje	((reuze)[A],(koop)[N])[N]
reuzenkracht	((reus)[N],(en)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
reuzenkreeft	((reus)[N],(en)[N|N.N],(kreeft)[N])[N]
reuzenkristal	((reus)[N],(en)[N|N.N],(kristal)[N])[N]
reuzenmolecule	((reus)[N],(en)[N|N.N],(molecule)[N])[N]
reuzenmop	((reuze)[A],(mop)[N])[N]
reuzenolifant	((reus)[N],(en)[N|N.N],(olifant)[N])[N]
reuzenplaneet	((reus)[N],(en)[N|N.N],(planeet)[N])[N]
reuzenrad	((reus)[N],(en)[N|N.N],(rad)[N])[N]
reuzensalamander	((reus)[N],(en)[N|N.N],(salamander)[N])[N]
reuzenschelp	((reus)[N],(en)[N|N.N],(schelp)[N])[N]
reuzenschildpad	((reus)[N],(en)[N|N.N],((schild)[N],(pad)[N])[N])[N]
reuzenschrede	((reus)[N],(en)[N|N.N],(schrede)[N])[N]
reuzenslang	((reus)[N],(en)[N|N.N],(slang)[N])[N]
reuzenstap	((reus)[N],(en)[N|N.N],(stap)[N])[N]
reuzenster	((reus)[N],(en)[N|N.N],(ster)[N])[N]
reuzenvaren	((reus)[N],(en)[N|N.N],(varen)[N])[N]
reuzenvuist	((reus)[N],(en)[N|N.N],(vuist)[N])[N]
reuzenwerk	((reus)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
reuzenzwaai	((reus)[N],(en)[N|N.N],(zwaai)[N])[N]
reuzig	((reus)[N],(ig)[A|N.])[A]
reuzin	((reus)[N],(in)[N|N.])[N]
revaccinatie	(((re)[V|.V],((vaccin)[N],(eer)[V|N.])[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
revaccineren	((re)[V|.V],((vaccin)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
revalidatie	(((re)[V|.V],(valideer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
revalidatiearts	((((re)[V|.V],(valideer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(arts)[N])[N]
revalidatiecentrum	((((re)[V|.V],(valideer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(centrum)[N])[N]
revalideerbaar	(((re)[V|.V],(valideer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
revalideren	((re)[V|.V],(valideer)[V])[V]
revalidering	(((re)[V|.V],(valideer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
revalorisatie	(((re)[V|.V],(valoriseer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
revaloriseren	((re)[V|.V],(valoriseer)[V])[V]
revaluatie	((revalueer)[V],(atie)[N|V.])[N]
revanchegedachte	((revanche)[N],(gedachte)[N])[N]
revanchegeest	((revanche)[N],(geest)[N])[N]
revanchepartij	((revanche)[N],(partij)[N])[N]
revelaar	((revel)[V],(aar)[N|V.])[N]
revelatie	((reveleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
reven	(reef)[V]
reversibiliteit	((reversibel)[A],(biliteit)[N|A.])[N]
reversie	((revers)[N],(ie)[N|N.])[N]
revindicatie	(((re)[V|.V],(vindiceer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
revindiceren	((re)[V|.V],(vindiceer)[V])[V]
revisie	((re)[N|.N],(visie)[N])[N]
revisiebedrijf	(((re)[N|.N],(visie)[N])[N],(bedrijf)[N])[N]
revisionisme	(((re)[N|.N],(visie)[N])[N],(ionisme)[N|N.])[N]
revivalist	((revival)[N],(ist)[N|N.])[N]
revocabel	((revoceer)[V],(abel)[A|V.])[A]
revocatie	((revoceer)[V],(atie)[N|V.])[N]
revoltant	((revolteer)[V],(ant)[A|V.])[A]
revolutiebouw	((revolutie)[N],(bouw)[N])[N]
revolutiedrang	((revolutie)[N],(drang)[N])[N]
revolutiegeest	((revolutie)[N],(geest)[N])[N]
revolutiejaar	((revolutie)[N],(jaar)[N])[N]
revolutieproces	((revolutie)[N],(proces)[N])[N]
revolutietijd	((revolutie)[N],(tijd)[N])[N]
revolutioneren	((revolutie)[N],(ioneer)[V|N.])[V]
revolutionering	(((revolutie)[N],(ioneer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
revolver	(revolver)[N]
revolvercamera	((revolver)[N],(camera)[N])[N]
revolvergreep	((revolver)[N],(greep)[N])[N]
revolverheld	((revolver)[N],(held)[N])[N]
revolverjournalist	((revolver)[N],((journaal)[N],(ist)[N|N.])[N])[N]
revolverkogel	((revolver)[N],(kogel)[N])[N]
revolverpers	((revolver)[N],(pers)[N])[N]
revolverschot	((revolver)[N],(schot)[N])[N]
revolverspuit	((revolver)[N],(spuit)[N])[N]
revolvertang	((revolver)[N],(tang)[N])[N]
revolvertas	((revolver)[N],(tas)[N])[N]
revueartiest	((revue)[N],(artiest)[N])[N]
revuedanseres	((revue)[N],(((dans)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N])[N]
revueschrijfster	((revue)[N],(schrijf)[V],(ster)[N|NV.])[N]
revueschrijver	((revue)[N],(schrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
revuester	((revue)[N],(ster)[N])[N]
rex	(rex)[N]
rexist	((rex)[N],(ist)[N|N.])[N]
reëducatie	((re)[N|.N],(educatie)[N])[N]
reëngagement	(((re)[V|.V],(engageer)[V])[V],(ement)[N|V.])[N]
reëngageren	((re)[V|.V],(engageer)[V])[V]
reïncarnatie	(((re)[V|.V],(incarneer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
reïncarnatieleer	((((re)[V|.V],(incarneer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N],(leer)[N])[N]
reïncarneren	((re)[V|.V],(incarneer)[V])[V]
reïntegratie	(((re)[V|.V],(integreer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
reïntegreren	((re)[V|.V],(integreer)[V])[V]
reïnterpretatie	(((re)[V|.V],(interpreteer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
reïnterpreteren	((re)[V|.V],(interpreteer)[V])[V]
reïteratie	((re)[N|.N],((itereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
reïteratief	(((re)[N|.N],((itereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N],(ief)[A|N.])[A]
reünist	((reünie)[N],(ist)[N|N.])[N]
reüssite	(reüssite)[N]
rib	(rib)[N]
ribbel	(ribbel)[N]
ribbelen	(ribbel)[V]
ribbelig	((ribbel)[N],(ig)[A|N.])[A]
ribbeling	((ribbel)[V],(ing)[N|V.])[N]
ribben	(rib)[V]
ribbenademhaling	((rib)[N],(en)[N|N.N],(((adem)[N],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ribbenbreuk	((ribbe)[N],(breuk)[N])[N]
ribbenkast	((rib)[N],(en)[N|N.N],(kast)[N])[N]
ribbenstoot	((ribbe)[N],(stoot)[N])[N]
ribbenstuk	((ribbe)[N],(stuk)[N])[N]
ribbetjesgoed	((ribbetje)[N],(s)[N|N.N],(goed)[N])[N]
ribboog	((rib)[N],(boog)[N])[N]
ribbroek	((rib)[V],(broek)[N])[N]
ribesstruik	((ribes)[N],(struik)[N])[N]
ribfluweel	((rib)[V],(fluweel)[N])[N]
ribfractuur	((rib)[N],(fractuur)[N])[N]
ribgewelf	((rib)[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
ribhout	((rib)[N],(hout)[N])[N]
ribkarbonade	((rib)[N],(karbonade)[N])[N]
ribkotelet	((rib)[N],(kotelet)[N])[N]
ribkwal	((rib)[N],(kwal)[N])[N]
riblap	((rib)[N],(lap)[N])[N]
ribstof	((rib)[V],(stof)[N])[N]
ribstuk	((rib)[N],(stuk)[N])[N]
ribtricot	((rib)[V],(tricot)[N])[N]
ribzaad	((rib)[N],(zaad)[N])[N]
richel	(richel)[N]
richelieuwerk	((Richelieu)[N],(werk)[N])[N]
richtas	((richt)[V],(as)[N])[N]
richtbaak	((richt)[V],(baak)[N])[N]
richten	(richt)[V]
richter	((richt)[V],(er)[N|V.])[N]
richtgetal	((richt)[V],(getal)[N])[N]
richthoek	((richt)[V],(hoek)[N])[N]
richting	((richt)[V],(ing)[N|V.])[N]
richtingaanwijzer	(((richt)[V],(ing)[N|V.])[N],((aan)[P],(wijs)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
richtingblad	(((richt)[V],(ing)[N|V.])[N],(blad)[N])[N]
richtingbord	(((richt)[V],(ing)[N|V.])[N],(bord)[N])[N]
richtinggevend	(((richt)[V],(ing)[N|V.])[N],(geef)[V],(end)[A|NV.])[A]
richtinggevoel	(((richt)[V],(ing)[N|V.])[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
richtingloos	(((richt)[V],(ing)[N|V.])[N],(loos)[A|N.])[A]
richtingsbord	(((richt)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bord)[N])[N]
richtingskarakteristiek	(((richt)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(karakteristiek)[N])[N]
richtingslijn	(((richt)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lijn)[N])[N]
richtingsroer	(((richt)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(roer)[N])[N]
richtingsverandering	(((richt)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
richtingsvraagstuk	(((richt)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
richtingverandering	(((richt)[V],(ing)[N|V.])[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
richtingwijzer	(((richt)[V],(ing)[N|V.])[N],(wijs)[V],(er)[N|NV.])[N]
richtingzoeker	(((richt)[V],(ing)[N|V.])[N],(zoek)[V],(er)[N|NV.])[N]
richtkracht	((richt)[V],(kracht)[N])[N]
richtlat	((richt)[V],(lat)[N])[N]
richtlijn	((richt)[V],(lijn)[N])[N]
richtlood	((richt)[V],(lood)[N])[N]
richtmicrofoon	((richt)[V],(microfoon)[N])[N]
richtprijs	((richt)[V],(prijs)[N])[N]
richtpunt	((richt)[V],(punt)[N])[N]
richtsnoer	((richt)[V],(snoer)[N])[N]
richtvlak	((richt)[V],(vlak)[N])[N]
ricinusboom	((ricinus)[N],(boom)[N])[N]
ricinusolie	((ricinus)[N],(olie)[N])[N]
ricochetschot	((ricochet)[N],(schot)[N])[N]
ridder	(ridder)[N]
ridderdienst	((ridder)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
riddereed	((ridder)[N],(eed)[N])[N]
ridderen	(ridder)[V]
ridderepiek	((ridder)[N],(((epos)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
ridderepos	((ridder)[N],(epos)[N])[N]
ridderforel	((ridder)[N],(forel)[N])[N]
riddergoed	((ridder)[N],(goed)[N])[N]
ridderhofstede	((ridder)[N],((hof)[N],(stede)[N])[N])[N]
ridderkruis	((ridder)[N],(kruis)[N])[N]
ridderlijk	((ridder)[N],(lijk)[A|N.])[A]
ridderlijkheid	(((ridder)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ridderlint	((ridder)[V],(lint)[N])[N]
ridderorde	((ridder)[V],(orde)[N])[N]
ridderroman	((ridder)[N],(roman)[N])[N]
ridderschap	((ridder)[N],(schap)[N|N.])[N]
ridderslag	((ridder)[V],(slag)[N])[N]
ridderspel	((ridder)[N],(spel)[N])[N]
ridderspoor	((ridder)[N],(spoor)[N])[N]
ridderstand	((ridder)[N],(stand)[N])[N]
riddertijd	((ridder)[N],(tijd)[N])[N]
ridderwereld	((ridder)[N],(wereld)[N])[N]
ridderwezen	((ridder)[N],(wezen)[N])[N]
ridderwoord	((ridder)[N],(woord)[N])[N]
ridderzaal	((ridder)[N],(zaal)[N])[N]
ridderzate	((ridder)[N],(zate)[N])[N]
ridiculiseren	((ridicuul)[A],(iseer)[V|A.])[V]
ridiculisering	(((ridicuul)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
riedel	(riedel)[N]
riedelen	(riedel)[V]
riek	(riek)[N]
rieken	(riek)[V]
riem	(riem)[N]
riemblad	((riem)[N],(blad)[N])[N]
riemdol	((riem)[N],(dol)[N])[N]
riemen	(riem)[V]
riemoverbrenging	((riem)[N],(((over)[P],(breng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
riemschijf	((riem)[N],(schijf)[N])[N]
riemslag	((riem)[N],(slag)[N])[N]
riemtransmissie	((riem)[N],(transmissie)[N])[N]
rieslingwijn	((riesling)[N],(wijn)[N])[N]
riet	(riet)[N]
rietachtig	((riet)[N],(achtig)[A|N.])[A]
rietakker	((riet)[N],(akker)[N])[N]
rietareaal	((riet)[N],(areaal)[N])[N]
rietberm	((riet)[N],(berm)[N])[N]
rietbeslag	((riet)[N],(beslag)[N])[N]
rietblad	((riet)[N],(blad)[N])[N]
rietblazer	((riet)[N],(blaas)[V],(er)[N|NV.])[N]
rietdak	((riet)[N],(dak)[N])[N]
rietdekker	((riet)[N],((dek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
rieten	((riet)[N],(en)[A|N.])[A]
rietfluit	((riet)[N],(fluit)[N])[N]
rietgans	((riet)[N],(gans)[N])[N]
rietgewas	((riet)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
rietgors	((riet)[N],(gors)[N])[N]
rietgras	((riet)[N],(gras)[N])[N]
riethalm	((riet)[N],(halm)[N])[N]
riethoen	((riet)[N],(hoen)[N])[N]
rietig	((riet)[N],(ig)[A|N.])[A]
rietkolf	((riet)[N],(kolf)[N])[N]
rietkraag	((riet)[N],(kraag)[N])[N]
rietland	((riet)[N],(land)[N])[N]
rietmat	((riet)[N],(mat)[N])[N]
rietmeubelen	((riet)[N],(meubel)[N])[N]
rietmijt	((riet)[N],(mijt)[N])[N]
rietmoeras	((riet)[N],(moeras)[N])[N]
rietmolen	((riet)[N],(molen)[N])[N]
rietmus	((riet)[N],(mus)[N])[N]
rietpeer	((riet)[N],(peer)[N])[N]
rietpijp	((riet)[N],(pijp)[N])[N]
rietplanter	((riet)[N],(plant)[V],(er)[N|NV.])[N]
rietpluim	((riet)[N],(pluim)[N])[N]
rietpoot	((riet)[N],(poot)[N])[N]
rietschalig	((riet)[N],(schaal)[N],(ig)[A|NN.])[A]
rietscherm	((riet)[N],(scherm)[N])[N]
rietschutting	((riet)[N],((schut)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rietstengel	((riet)[N],(stengel)[N])[N]
rietsuiker	((riet)[N],(suiker)[N])[N]
riettuin	((riet)[N],(tuin)[N])[N]
rietveld	((riet)[N],(veld)[N])[N]
rietvink	((riet)[N],(vink)[N])[N]
rietvoorn	((riet)[N],(voorn)[N])[N]
rietvoren	((riet)[N],(voren)[N])[N]
rietvorst	((riet)[N],(vorst)[N])[N]
rietwaren	((riet)[N],(waar)[N])[N]
rietzanger	((riet)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
rif	(rif)[N]
riff	(riff)[N]
rigiditeit	((rigide)[A],(iteit)[N|A.])[N]
rigorositeit	((rigoureus)[A],(iteit)[N|A.])[N]
rij	(rij)[N]
rij-instructeur	((rijd)[V],(instructeur)[N])[N]
rijbaan	((rijd)[V],(baan)[N])[N]
rijbewijs	((rijd)[V],(bewijs)[N])[N]
rijbroek	((rijd)[V],(broek)[N])[N]
rijdek	((rijd)[V],(dek)[N])[N]
rijden	(rijd)[V]
rijder	((rijd)[V],(er)[N|V.])[N]
rijdier	((rijd)[V],(dier)[N])[N]
rijdster	((rijd)[V],(ster)[N|V.])[N]
rijeigenschap	((rijd)[V],((eigen)[A],(schap)[N|A.])[N])[N]
rijen	(rij)[V]
rijenbouw	((rij)[N],(en)[N|N.N],(bouw)[N])[N]
rijer	((rijd)[V],(er)[N|V.])[N]
rijervaring	((rijd)[V],(((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rijexamen	((rijd)[V],(examen)[N])[N]
rijf	(rijf)[N]
rijgdraad	((rijg)[V],(draad)[N])[N]
rijgen	(rijg)[V]
rijggaren	((rijg)[V],(garen)[N])[N]
rijglaars	((rijg)[V],(laars)[N])[N]
rijglijf	((rijg)[V],(lijf)[N])[N]
rijgnaad	((rijg)[V],(naad)[N])[N]
rijgnaald	((rijg)[V],(naald)[N])[N]
rijgpen	((rijg)[V],(pen)[N])[N]
rijgschoen	((rijg)[V],(schoen)[N])[N]
rijgsluiting	((rijg)[V],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rijgsnoer	((rijg)[V],(snoer)[N])[N]
rijgsteek	((rijg)[V],(steek)[N])[N]
rijgveter	((rijg)[V],(veter)[N])[N]
rijhoogte	((rijd)[V],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
rijinstructrice	((rijd)[V],(instructrice)[N])[N]
rijjool	((rijd)[V],(jool)[N])[N]
rijk	(rijk)[N]
rijkaard	((rijk)[A],(aard)[N|A.])[N]
rijkaart	((rijd)[V],(kaart)[N])[N]
rijkdom	((rijk)[A],(dom)[N|A.])[N]
rijkelijk	((rijk)[A],(elijk)[A|A.])[A]
rijkelui	((rijk)[A],(e)[N|A.N],(man)[N])[N]
rijkeluiskind	((rijkelui)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
rijkheid	((rijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
rijkleding	((rijd)[V],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rijkleed	((rijd)[V],(kleed)[N])[N]
rijkmaker	((rijk)[A],(maak)[V],(er)[N|AV.])[N]
rijknecht	((rijd)[V],(knecht)[N])[N]
rijkostuum	((rijd)[V],(kostuum)[N])[N]
rijksacademie	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((academisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
rijksaccountantsdienst	((rijk)[N],(s)[N|N.NxN],(accountant)[N],(s)[N|NxN.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
rijksadelaar	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(adelaar)[N])[N]
rijksadvocaat	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(advocaat)[N])[N]
rijksambt	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(ambt)[N])[N]
rijksambtenaar	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
rijksappel	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(appel)[N])[N]
rijksarbeidsbureau	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((arbeid)[N],(s)[N|N.N],(bureau)[N])[N])[N]
rijksarchief	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(archief)[N])[N]
rijksarchiefschool	((rijk)[N],(s)[N|N.NN],(archief)[N],(school)[N])[N]
rijksarchivaris	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(archivaris)[N])[N]
rijksasiel	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(asiel)[N])[N]
rijksban	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(ban)[N])[N]
rijksbegroting	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rijksbelasting	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rijksbeleid	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
rijksbemiddelaar	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(middel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
rijksbetrekking	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rijksbeurs	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(beurs)[N])[N]
rijksbijdrage	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(bijdrage)[N])[N]
rijksbijdrageregeling	(((rijk)[N],(s)[N|N.N],(bijdrage)[N])[N],(regel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
rijksbotermerk	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((boter)[N],(merk)[N])[N])[N]
rijksbouwmeester	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((bouw)[V],(meester)[N])[N])[N]
rijksbureau	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
rijkscommissariaat	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((commissaris)[N],(aat)[N|N.])[N])[N]
rijkscommissaris	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(commissaris)[N])[N]
rijkscommissie	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
rijksconferentie	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
rijksconsulent	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(consulent)[N])[N]
rijksdaalder	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(daalder)[N])[N]
rijksdag	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
rijksdeel	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(deel)[N])[N]
rijksdienst	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
rijkseenheid	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
rijksfinanciën	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(financie)[N])[N]
rijksgebied	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(gebied)[N])[N]
rijksgebouw	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
rijksgebouwendienst	(((rijk)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
rijksgenoot	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(genoot)[N])[N]
rijksgeologisch	((rijk)[N],(s)[A|N.A],(geologisch)[A])[A]
rijksgezag	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(gezag)[N])[N]
rijksgouw	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(gouw)[N])[N]
rijksgrens	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(grens)[N])[N]
rijksgrond	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(grond)[N])[N]
rijksgrote	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(grote)[N])[N]
rijkshogereburgerschool	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((hoger)[A],(e)[N|A.NN],(burger)[N],(school)[N])[N])[N]
rijkshogeschool	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((hoog)[A],(e)[N|A.N],(school)[N])[N])[N]
rijkshoofdstad	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((hoofd)[N],(stad)[N])[N])[N]
rijksinkomstenbelasting	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((((in)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N])[N]
rijksinsignes	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(insigne)[N])[N]
rijksinspecteur	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((inspecteer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
rijksinspectie	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(inspectie)[N])[N]
rijksinstantie	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(instantie)[N])[N]
rijksinstelling	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(((in)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rijksinstituut	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(instituut)[N])[N]
rijkskanselarij	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(kanselarij)[N])[N]
rijkskanselier	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(kanselier)[N])[N]
rijkskantoor	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
rijkskas	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(kas)[N])[N]
rijksklerk	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(klerk)[N])[N]
rijkskosten	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
rijkskweekschool	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((kweek)[V],(school)[N])[N])[N]
rijkslandbouwproefstation	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(((land)[N],(bouw)[N])[N],((proef)[N],(station)[N])[N])[N])[N]
rijkslandbouwschool	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(((land)[N],(bouw)[N])[N],(school)[N])[N])[N]
rijksleerschool	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((leer)[V],(school)[N])[N])[N]
rijksluchtvaartdienst	((rijk)[N],(s)[N|N.NN],((lucht)[N],(vaart)[N])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
rijksmaarschalk	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(maarschalk)[N])[N]
rijksmark	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(mark)[N])[N]
rijksmerk	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(merk)[N])[N]
rijksmiddelbaar	((rijk)[N],(s)[A|N.A],(middelbaar)[A])[A]
rijksmiddelbaremeisjesschool	((rijk)[N],(s)[N|N.AxN],(middelbaar)[A],(e)[N|NxA.N],((meisje)[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N])[N]
rijksmiddelbareschool	((rijk)[N],(s)[N|N.AxN],(middelbaar)[A],(e)[N|NxA.N],(school)[N])[N]
rijksmiddelen	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
rijksminister	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(minister)[N])[N]
rijksministerie	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((minister)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
rijksmunt	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(munt)[N])[N]
rijksmuseum	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(museum)[N])[N]
rijksniveau	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
rijksnorm	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(norm)[N])[N]
rijksnormaalschool	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(((norm)[N],(aal)[A|N.])[A],(school)[N])[N])[N]
rijksnota	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(nota)[N])[N]
rijksontvanger	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((ontvang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
rijksopvoedingsgesticht	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((((op)[P],(voed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gesticht)[N])[N])[N]
rijksoverheid	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(overheid)[N])[N]
rijkspensioen	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(pensioen)[N])[N]
rijksplanologisch	((rijk)[N],(s)[A|N.A],(planologisch)[A])[A]
rijkspolitie	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(politie)[N])[N]
rijkspostspaarbank	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((post)[N],((spaar)[V],(bank)[N])[N])[N])[N]
rijksprentenkabinet	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((prent)[N],(en)[N|N.N],(kabinet)[N])[N])[N]
rijkspresident	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((presideer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
rijksprotector	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(protector)[N])[N]
rijksrecherche	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(recherche)[N])[N]
rijksregeling	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rijksrekening	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rijksscepter	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(scepter)[N])[N]
rijksschool	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
rijksstad	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(stad)[N])[N]
rijkssubsidie	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(subsidie)[N])[N]
rijkssubsidieregeling	(((rijk)[N],(s)[N|N.N],(subsidie)[N])[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rijkstelefoon	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(telefoon)[N])[N]
rijkstelegraaf	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(telegraaf)[N])[N]
rijkstoelage	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(toelage)[N])[N]
rijkstuinbouwconsulent	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(((tuin)[N],(bouw)[N])[N],(consulent)[N])[N])[N]
rijksuniversiteit	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(universiteit)[N])[N]
rijksveldwacht	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((veld)[N],(wacht)[N])[N])[N]
rijksveldwachter	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((veld)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
rijksverband	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(verband)[N])[N]
rijksverkeersinspectie	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(inspectie)[N])[N])[N]
rijksverzekeringsbank	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bank)[N])[N])[N]
rijksvoorlichtingsdienst	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
rijksvorst	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(vorst)[N])[N]
rijkswacht	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(wacht)[N])[N]
rijkswachtcomputer	(((rijk)[N],(s)[N|N.N],(wacht)[N])[N],(computer)[N])[N]
rijkswachter	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
rijkswachtkazerne	(((rijk)[N],(s)[N|N.N],(wacht)[N])[N],(kazerne)[N])[N]
rijkswachtkolonel	(((rijk)[N],(s)[N|N.N],(wacht)[N])[N],(kolonel)[N])[N]
rijkswachtmajoor	(((rijk)[N],(s)[N|N.N],(wacht)[N])[N],(majoor)[N])[N]
rijkswapen	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(wapen)[N])[N]
rijkswaterstaat	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((water)[N],(staat)[N])[N])[N]
rijksweg	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(weg)[N])[N]
rijkswegenfonds	((rijk)[N],(s)[N|N.NxN],(weg)[N],(en)[N|NxN.N],(fonds)[N])[N]
rijkswegenplan	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((weg)[N],(en)[N|N.N],(plan)[N])[N])[N]
rijkswerkinrichting	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((werk)[V],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
rijkswet	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
rijkszuivelconsulent	((rijk)[N],(s)[N|N.N],((zuivel)[N],(consulent)[N])[N])[N]
rijkszuivelstation	((rijk)[N],(s)[N|N.NN],(zuivel)[N],(station)[N])[N]
rijkszwaard	((rijk)[N],(s)[N|N.N],(zwaard)[N])[N]
rijkunst	((rijd)[V],(kunst)[N])[N]
rijlaars	((rijd)[V],(laars)[N])[N]
rijles	((rijd)[V],(les)[N])[N]
rijm	(rijm)[N]
rijmbijbel	((rijm)[N],(bijbel)[N])[N]
rijmdwang	((rijm)[N],(dwang)[N])[N]
rijmeester	((rijd)[V],(meester)[N])[N]
rijmelaar	((rijmel)[V],(aar)[N|V.])[N]
rijmelaarster	(((rijmel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
rijmelarij	((rijmel)[V],(arij)[N|V.])[N]
rijmen	(rijm)[V]
rijmer	((rijm)[V],(er)[N|V.])[N]
rijmerij	((rijm)[V],(erij)[N|V.])[N]
rijmklank	((rijm)[N],(klank)[N])[N]
rijmkroniek	((rijm)[N],((kronisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
rijmloos	((rijm)[N],(loos)[A|N.])[A]
rijmpaar	((rijm)[N],(paar)[N])[N]
rijmprent	((rijm)[N],(prent)[N])[N]
rijmschema	((rijm)[N],(schema)[N])[N]
rijmvaardigheid	((rijm)[V],((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
rijmwerk	((rijm)[V],(werk)[N])[N]
rijmwoord	((rijm)[N],(woord)[N])[N]
rijmwoordenboek	((rijm)[N],((woord)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N])[N]
rijn	(rijn)[N]
rijnaak	((Rijn)[N],(aak)[N])[N]
rijnagel	((rij)[N],(nagel)[N])[N]
rijnboot	((Rijn)[N],(boot)[N])[N]
rijnbrug	((rijn)[N],(brug)[N])[N]
rijndelta	((rijn)[N],(delta)[N])[N]
rijnforel	((Rijn)[N],(forel)[N])[N]
rijnprovincie	((rijn)[N],(provincie)[N])[N]
rijns	(rijns)[A]
rijnschip	((Rijn)[N],(schip)[N])[N]
rijnsteen	((Rijn)[N],(steen)[N])[N]
rijnwijn	((Rijn)[N],(wijn)[N])[N]
rijnzalm	((Rijn)[N],(zalm)[N])[N]
rijp	(rijp)[N]
rijpaard	((rijd)[V],(paard)[N])[N]
rijpad	((rijd)[V],(pad)[N])[N]
rijpen	(rijp)[V]
rijpheid	((rijp)[A],(heid)[N|A.])[N]
rijping	((rijp)[V],(ing)[N|V.])[N]
rijpingsjaren	(((rijp)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
rijpingsperiode	(((rijp)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
rijpingsproces	(((rijp)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
rijpingstijd	(((rijp)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
rijplaat	((rijd)[V],(plaat)[N])[N]
rijproef	((rijd)[V],(proef)[N])[N]
rijpwording	((rijp)[A],(word)[V],(ing)[N|AV.])[N]
rijrichting	((rijd)[V],((richt)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rijs	(rijs)[N]
rijsbed	((rijs)[N],(bed)[N])[N]
rijsbedding	((rijs)[N],(bedding)[N])[N]
rijsberm	((rijs)[N],(berm)[N])[N]
rijsbeslag	((rijs)[N],(beslag)[N])[N]
rijsbezem	((rijs)[N],(bezem)[N])[N]
rijsbos	((rijs)[N],(bos)[N])[N]
rijschema	((rijd)[V],(schema)[N])[N]
rijschool	((rijd)[V],(school)[N])[N]
rijsdam	((rijs)[N],(dam)[N])[N]
rijshout	((rijs)[N],(hout)[N])[N]
rijsmiddel	((rijs)[V],(middel)[N])[N]
rijsnelheid	((rijd)[V],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
rijspoor	((rijd)[V],(spoor)[N])[N]
rijsport	((rijd)[V],(sport)[N])[N]
rijst	(rijst)[N]
rijstabilisator	((rij)[N],((stabiel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ator)[N|NV.])[N]
rijstbloem	((rijst)[N],(bloem)[N])[N]
rijstblok	((rijst)[N],(blok)[N])[N]
rijstbouw	((rijst)[N],(bouw)[N])[N]
rijstbrandewijn	((rijst)[N],((brand)[N],(e)[N|N.N],(wijn)[N])[N])[N]
rijstbuik	((rijst)[N],(buik)[N])[N]
rijstcultuur	((rijst)[N],(cultuur)[N])[N]
rijstdiefje	((rijst)[N],(dief)[N])[N]
rijstebloem	((rijst)[N],(e)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
rijstebrij	((rijst)[N],(e)[N|N.N],(brij)[N])[N]
rijstebrijberg	(((rijst)[N],(e)[N|N.N],(brij)[N])[N],(berg)[N])[N]
rijsteiger	((rijd)[V],(steiger)[N])[N]
rijstemeel	((rijst)[N],(e)[N|N.N],(meel)[N])[N]
rijstenat	((rijst)[N],(e)[N|N.N],(nat)[N])[N]
rijstepap	((rijst)[N],(e)[N|N.N],(pap)[N])[N]
rijstesoep	((rijst)[N],(e)[N|N.N],(soep)[N])[N]
rijstevla	((rijst)[N],(e)[N|N.N],(vla)[N])[N]
rijstevlaai	((rijst)[N],(e)[N|N.N],(vlaai)[N])[N]
rijstewater	((rijst)[N],(e)[N|N.N],(water)[N])[N]
rijstgerecht	((rijst)[N],(gerecht)[N])[N]
rijstglas	((rijst)[N],(glas)[N])[N]
rijstijl	((rijd)[V],(stijl)[N])[N]
rijstkalander	((rijst)[N],(kalander)[N])[N]
rijstklander	((rijst)[N],(kalander)[N])[N]
rijstkom	((rijst)[N],(kom)[N])[N]
rijstkorrel	((rijst)[N],(korrel)[N])[N]
rijstmaaltijd	((rijst)[N],((maal)[N],(tijd)[N])[N])[N]
rijstmeel	((rijst)[N],(meel)[N])[N]
rijstoel	((rijd)[V],(stoel)[N])[N]
rijstoogst	((rijst)[N],(oogst)[N])[N]
rijstpap	((rijst)[N],(pap)[N])[N]
rijstpapier	((rijst)[N],(papier)[N])[N]
rijstpellerij	((rijst)[N],(pel)[V],(erij)[N|NV.])[N]
rijstpelmolen	((rijst)[N],((pel)[V],(molen)[N])[N])[N]
rijstproductie	((rijst)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
rijstpudding	((rijst)[N],(pudding)[N])[N]
rijstrand	((rijst)[N],(rand)[N])[N]
rijstrook	((rijd)[V],(strook)[N])[N]
rijstschotel	((rijst)[N],(schotel)[N])[N]
rijstsoep	((rijst)[N],(soep)[N])[N]
rijststomer	((rijst)[N],(stoom)[V],(er)[N|NV.])[N]
rijststro	((rijst)[N],(stro)[N])[N]
rijsttaart	((rijst)[N],(taart)[N])[N]
rijsttafel	((rijst)[N],(tafel)[N])[N]
rijsttafelen	((rijst)[N],(tafel)[V])[V]
rijstteelt	((rijst)[N],(teelt)[N])[N]
rijstveld	((rijst)[N],(veld)[N])[N]
rijstvla	((rijst)[N],(vla)[N])[N]
rijstvlade	((rijst)[N],(vlade)[N])[N]
rijstvogel	((rijst)[N],(vogel)[N])[N]
rijstwater	((rijst)[N],(water)[N])[N]
rijswaard	((rijs)[N],(waard)[N])[N]
rijswerk	((rijs)[N],(werk)[N])[N]
rijteken	((rijd)[V],(teken)[N])[N]
rijten	(rijt)[V]
rijtijd	((rijd)[V],(tijd)[N])[N]
rijtijdenbesluit	(((rijd)[V],(tijd)[N])[N],(en)[N|N.N],(besluit)[N])[N]
rijtijdenboekje	(((rijd)[V],(tijd)[N])[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
rijtijdenwet	(((rijd)[V],(tijd)[N])[N],(en)[N|N.N],(wet)[N])[N]
rijtjeshuis	((rijtje)[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
rijtoer	((rijd)[V],(toer)[N])[N]
rijtuig	((rijd)[V],(tuig)[N])[N]
rijtuigkap	(((rijd)[V],(tuig)[N])[N],(kap)[N])[N]
rijtuigschilder	(((rijd)[V],(tuig)[N])[N],(schilder)[N])[N]
rijtuigverhuurder	(((rijd)[V],(tuig)[N])[N],((ver)[V|.V],(huur)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
rijvaardigheid	((rijd)[V],((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
rijvaardigheidsbewijs	(((rijd)[V],((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.N],(bewijs)[N])[N]
rijven	(rijf)[V]
rijverbod	((rijd)[V],(verbod)[N])[N]
rijvereniging	((rijd)[V],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rijvergunning	((rijd)[V],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rijverkeer	((rijd)[V],(verkeer)[N])[N]
rijvlak	((rijd)[V],(vlak)[N])[N]
rijvloer	((rijd)[V],(vloer)[N])[N]
rijweerstand	((rijd)[V],(weerstand)[N])[N]
rijweg	((rijd)[V],(weg)[N])[N]
rijwiel	((rijd)[V],(wiel)[N])[N]
rijwielband	(((rijd)[V],(wiel)[N])[N],(band)[N])[N]
rijwielbelasting	(((rijd)[V],(wiel)[N])[N],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
rijwielberging	(((rijd)[V],(wiel)[N])[N],(berg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
rijwielbewaarplaats	(((rijd)[V],(wiel)[N])[N],(((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(plaats)[N])[N])[N]
rijwielfabriek	(((rijd)[V],(wiel)[N])[N],(fabriek)[N])[N]
rijwielhandel	(((rijd)[V],(wiel)[N])[N],(handel)[N])[N]
rijwielhandelaar	(((rijd)[V],(wiel)[N])[N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
rijwielhersteller	(((rijd)[V],(wiel)[N])[N],(herstel)[V],(er)[N|NV.])[N]
rijwielkaart	(((rijd)[V],(wiel)[N])[N],(kaart)[N])[N]
rijwielpad	(((rijd)[V],(wiel)[N])[N],(pad)[N])[N]
rijwielplaatje	(((rijd)[V],(wiel)[N])[N],(plaat)[N])[N]
rijwielstalling	(((rijd)[V],(wiel)[N])[N],(stal)[V],(ing)[N|NV.])[N]
rijwielstander	(((rijd)[V],(wiel)[N])[N],((sta)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
rijwielverhuur	(((rijd)[V],(wiel)[N])[N],(verhuur)[N])[N]
rijwielverzekering	(((rijd)[V],(wiel)[N])[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rijzadel	((rijd)[V],(zadel)[N])[N]
rijzen	(rijs)[V]
rijzing	((rijs)[V],(ing)[N|V.])[N]
rijzweep	((rijd)[V],(zweep)[N])[N]
rikken	(rik)[V]
riks	(riks)[N]
riksja	(riksja)[N]
ril	(ril)[N]
rillen	(ril)[V]
rillerig	((ril)[V],(erig)[A|V.])[A]
rillijn	((ril)[V],(lijn)[N])[N]
rilling	((ril)[V],(ing)[N|V.])[N]
rimboe	(rimboe)[N]
rimpel	(rimpel)[N]
rimpelen	(rimpel)[V]
rimpelig	((rimpel)[N],(ig)[A|N.])[A]
rimpeligheid	(((rimpel)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rimpeling	((rimpel)[V],(ing)[N|V.])[N]
rimpelloos	((rimpel)[N],(loos)[A|N.])[A]
ring	(ring)[N]
ringagenda	((ring)[N],(agenda)[N])[N]
ringanker	((ring)[N],(anker)[N])[N]
ringbaan	((ring)[N],(baan)[N])[N]
ringbaard	((ring)[N],(baard)[N])[N]
ringband	((ring)[N],(band)[N])[N]
ringbestuur	((ring)[N],(bestuur)[N])[N]
ringbeurt	((ring)[N],(beurt)[N])[N]
ringbloem	((ring)[N],(bloem)[N])[N]
ringbout	((ring)[N],(bout)[N])[N]
ringbroeder	((ring)[N],(broeder)[N])[N]
ringdeuvel	((ring)[N],(deuvel)[N])[N]
ringdijk	((ring)[N],(dijk)[N])[N]
ringduif	((ring)[N],(duif)[N])[N]
ringen	(ring)[V]
ringenstelsel	((ring)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
ringgewelf	((ring)[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
ringgracht	((ring)[N],(gracht)[N])[N]
ringhagedissen	((ring)[N],(hagedis)[N])[N]
ringhout	((ring)[N],(hout)[N])[N]
ringkaai	((ring)[N],(kaai)[N])[N]
ringkade	((ring)[N],(kade)[N])[N]
ringkraag	((ring)[N],(kraag)[N])[N]
ringkreeften	((ring)[N],(kreeft)[N])[N]
ringlijn	((ring)[N],(lijn)[N])[N]
ringlijster	((ring)[N],(lijster)[N])[N]
ringmus	((ring)[N],(mus)[N])[N]
ringmuur	((ring)[N],(muur)[N])[N]
ringnet	((ring)[N],(net)[N])[N]
ringonderzoek	((ring)[N],(onderzoek)[N])[N]
ringoppervlak	((ring)[N],((opper)[N|.N],(vlak)[N])[N])[N]
ringoven	((ring)[N],(oven)[N])[N]
ringrijden	((ring)[N],(rijd)[V])[V]
ringrijderij	(((ring)[N],(rijd)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
ringrups	((ring)[N],(rups)[N])[N]
ringscheur	((ring)[N],(scheur)[N])[N]
ringslang	((ring)[N],(slang)[N])[N]
ringsleutel	((ring)[N],(sleutel)[N])[N]
ringsloot	((ring)[N],(sloot)[N])[N]
ringspieren	((ring)[N],(spier)[N])[N]
ringsteken	((ring)[N],(steek)[V])[V]
ringstuk	((ring)[N],(stuk)[N])[N]
ringsynagoge	((ring)[N],(synagoge)[N])[N]
ringsynagoog	((ring)[N],(synagoog)[N])[N]
ringvaart	((ring)[N],(vaart)[N])[N]
ringveer	((ring)[N],(veer)[N])[N]
ringvinger	((ring)[N],(vinger)[N])[N]
ringvleugel	((ring)[N],(vleugel)[N])[N]
ringvormig	((ring)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
ringvuur	((ring)[N],(vuur)[N])[N]
ringweg	((ring)[N],(weg)[N])[N]
ringworm	((ring)[N],(worm)[N])[N]
ringziekte	((ring)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
rink	(rink)[N]
rinkel	(rinkel)[N]
rinkelbel	((rinkel)[V],(bel)[N])[N]
rinkelbom	((rinkel)[V],(bom)[N])[N]
rinkelen	(rinkel)[V]
rinkelrooier	((rinkelrooi)[V],(er)[N|V.])[N]
rinkeltoon	((rinkel)[V],(toon)[N])[N]
rinkinken	(rinkink)[V]
rinoceros	(rinoceros)[N]
rins	(rins)[A]
rinsheid	((rins)[A],(heid)[N|A.])[N]
rinzig	((rins)[A],(ig)[A|A.])[A]
riolenstelsel	((riool)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
rioleren	((riool)[N],(eer)[V|N.])[V]
riolering	(((riool)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
rioleringssysteem	((((riool)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
riool	(riool)[N]
rioolbuis	((riool)[N],(buis)[N])[N]
rioolgas	((riool)[N],(gas)[N])[N]
riooljager	((riool)[N],(jaag)[V],(er)[N|NV.])[N]
riooljournalistiek	((riool)[N],((((journaal)[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
rioolkolk	((riool)[N],(kolk)[N])[N]
rioolput	((riool)[N],(put)[N])[N]
rioolrat	((riool)[N],(rat)[N])[N]
rioolrecht	((riool)[N],(recht)[N])[N]
rioolslib	((riool)[N],(slib)[N])[N]
rioolstelsel	((riool)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
rioolwagen	((riool)[N],(wagen)[N])[N]
rioolwater	((riool)[N],(water)[N])[N]
rioolwaterzuivering	(((riool)[N],(water)[N])[N],((zuiver)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rips	(rips)[N]
ripsen	((rips)[N],(en)[A|N.])[A]
ripspapier	((rips)[N],(papier)[N])[N]
ris	(ris)[N]
risico	(risico)[N]
risicodeling	((risico)[N],(deel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
risicofactor	((risico)[N],(factor)[N])[N]
risicogroep	((risico)[N],(groep)[N])[N]
risicokind	((risico)[N],(kind)[N])[N]
risicopremie	((risico)[N],(premie)[N])[N]
risicoverzekering	((risico)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
risicovol	((risico)[N],(vol)[A])[A]
risk	(risk)[N]
riskant	((riskeer)[V],(ant)[A|V.])[A]
risken	(risk)[V]
risotto	(risotto)[N]
rissen	(ris)[V]
rist	(rist)[N]
risten	(rist)[V]
rit	(rit)[N]
rite	(rite)[N]
ritme	(ritme)[N]
ritmebox	((ritme)[N],(box)[N])[N]
ritmeester	((rit)[N],(meester)[N])[N]
ritmeren	((ritme)[N],(eer)[V|N.])[V]
ritmesectie	((ritme)[N],(sectie)[N])[N]
ritmestoornis	((ritme)[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
ritmiek	(((ritme)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
ritmisch	((ritme)[N],(isch)[A|N.])[A]
ritprijs	((rit)[N],(prijs)[N])[N]
rits	(rits)[N]
ritsband	((rits)[N],(band)[N])[N]
ritsbeitel	((rits)[V],(beitel)[N])[N]
ritselaar	((ritsel)[V],(aar)[N|V.])[N]
ritselen	(ritsel)[V]
ritseling	((ritsel)[V],(ing)[N|V.])[N]
ritsen	(rits)[V]
ritser	((rits)[V],(er)[N|V.])[N]
ritshout	((rits)[V],(hout)[N])[N]
ritsigheid	((ritsig)[A],(heid)[N|A.])[N]
ritsijzer	((rits)[V],(ijzer)[N])[N]
ritsmachine	((rits)[V],(machine)[N])[N]
ritssluiting	((rits)[N],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ritten	(rit)[V]
ritualist	((rituaal)[N],(ist)[N|N.])[N]
ritualistisch	(((rituaal)[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A]
ritueel	((rite)[N],(ueel)[A|N.])[A]
ritzege	((rit)[N],(zege)[N])[N]
rivale	((rivaal)[N],(e)[N|N.])[N]
rivaliseren	((rivaal)[N],(iseer)[V|N.])[V]
rivaliteit	((rivaal)[N],(iteit)[N|N.])[N]
rivier	(rivier)[N]
rivieraal	((rivier)[N],(aal)[N])[N]
rivieraaltje	((rivier)[N],(aal)[N])[N]
rivierafzetting	((rivier)[N],(((af)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rivierarm	((rivier)[N],(arm)[N])[N]
rivierbaars	((rivier)[N],(baars)[N])[N]
rivierbed	((rivier)[N],(bed)[N])[N]
rivierbedding	((rivier)[N],(bedding)[N])[N]
rivierbericht	((rivier)[N],(bericht)[N])[N]
rivierblindheid	((rivier)[N],((blind)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
rivierbrasem	((rivier)[N],(brasem)[N])[N]
riviercorrespondentie	((rivier)[N],((correspondeer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
rivierdal	((rivier)[N],(dal)[N])[N]
rivierdelta	((rivier)[N],(delta)[N])[N]
rivierdijk	((rivier)[N],(dijk)[N])[N]
rivierduin	((rivier)[N],(duin)[N])[N]
rivierenrecht	((rivier)[N],(en)[N|N.N],(recht)[N])[N]
rivierforel	((rivier)[N],(forel)[N])[N]
riviergeest	((rivier)[N],(geest)[N])[N]
riviergod	((rivier)[N],(god)[N])[N]
riviergrind	((rivier)[N],(grind)[N])[N]
riviergrondel	((rivier)[N],(grondel)[N])[N]
rivierkaart	((rivier)[N],(kaart)[N])[N]
rivierklei	((rivier)[N],(klei)[N])[N]
rivierkreeft	((rivier)[N],(kreeft)[N])[N]
rivierleem	((rivier)[N],(leem)[N])[N]
riviermeer	((rivier)[N],(meer)[N])[N]
riviermond	((rivier)[N],(mond)[N])[N]
riviermonding	((rivier)[N],((mond)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
riviermossel	((rivier)[N],(mossel)[N])[N]
rivierovergang	((rivier)[N],(overgang)[N])[N]
rivierpaling	((rivier)[N],(paling)[N])[N]
rivierpolitie	((rivier)[N],(politie)[N])[N]
rivierscheepvaart	((rivier)[N],((schip)[N],(vaart)[N])[N])[N]
rivierschildpad	((rivier)[N],((schild)[N],(pad)[N])[N])[N]
rivierschip	((rivier)[N],(schip)[N])[N]
rivierslib	((rivier)[N],(slib)[N])[N]
rivierstand	((rivier)[N],(stand)[N])[N]
rivierstelsel	((rivier)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
rivierstoomboot	((rivier)[N],((stoom)[N],(boot)[N])[N])[N]
riviertak	((rivier)[N],(tak)[N])[N]
riviertunnel	((rivier)[N],(tunnel)[N])[N]
riviervaart	((rivier)[N],(vaart)[N])[N]
riviervak	((rivier)[N],(vak)[N])[N]
riviervis	((rivier)[N],(vis)[N])[N]
riviervisser	((rivier)[N],((vis)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
riviervisserij	((rivier)[N],((vis)[V],(erij)[N|V.])[N])[N]
rivierwater	((rivier)[N],(water)[N])[N]
rivierwerk	((rivier)[N],(werk)[N])[N]
rivierzand	((rivier)[N],(zand)[N])[N]
rivierzwaluw	((rivier)[N],(zwaluw)[N])[N]
rob	(rob)[N]
robbenhuid	((rob)[N],(e)[N|N.N],(huid)[N])[N]
robbenjacht	((rob)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
robbenjager	((rob)[N],(e)[N|N.Vx],(jaag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
robbenschip	((rob)[N],(en)[N|N.N],(schip)[N])[N]
robbenspek	((rob)[N],(e)[N|N.N],(spek)[N])[N]
robbenvaarder	((rob)[N],(en)[N|N.Vx],(vaar)[V],(der)[N|NxV.])[N]
robbenvangst	((rob)[N],(e)[N|N.N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
robbenvel	((rob)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
robber	(robber)[N]
robberen	(robber)[V]
robe	(robe)[N]
robijn	(robijn)[N]
robijnen	((robijn)[N],(en)[A|N.])[A]
robijnglas	((robijn)[N],(glas)[N])[N]
robijnlaser	((robijn)[N],(laser)[N])[N]
robot	(robot)[N]
robotachtig	((robot)[N],(achtig)[A|N.])[A]
robotfoto	((robot)[N],(foto)[N])[N]
robotiseren	((robot)[N],(iseer)[V|N.])[V]
robotisering	(((robot)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
robuustheid	((robuust)[A],(heid)[N|A.])[N]
rocaille	(rocaille)[N]
rochel	(rochel)[N]
rochelaar	((rochel)[V],(aar)[N|V.])[N]
rochelen	(rochel)[V]
rochelpot	((rochel)[N],(pot)[N])[N]
rock	(rock)[N]
rock-'n-roller	((rock-'n-roll)[N],(er)[N|N.])[N]
rocken	(rock)[V]
rocker	((rock)[V],(er)[N|V.])[N]
rockmuziek	((rock)[N],(muziek)[N])[N]
rockopera	((rock)[N],(opera)[N])[N]
rockzanger	((rock)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
rockzangeres	((rock)[N],(((zing)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N])[N]
rococo	(rococo)[N]
rococomeubel	((rococo)[N],(meubel)[N])[N]
rococostijl	((rococo)[N],(stijl)[N])[N]
roddel	(roddel)[N]
roddelaar	((roddel)[V],(aar)[N|V.])[N]
roddelaarster	(((roddel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
roddelblad	((roddel)[V],(blad)[N])[N]
roddelen	(roddel)[V]
roddelpers	((roddel)[V],(pers)[N])[N]
roddelpraat	((roddel)[V],(praat)[N])[N]
roddelrubriek	((roddel)[V],(rubriek)[N])[N]
rodekool	((rood)[A],(e)[N|A.N],(kool)[N])[N]
rodelbaan	((rodel)[V],(baan)[N])[N]
rodelen	(rodel)[V]
rodeloop	((rood)[A],(e)[N|A.N],(loop)[N])[N]
roden	(rood)[V]
rodeo	(rodeo)[N]
rodigheid	((rood)[A],(igheid)[N|A.])[N]
rodium	(rodium)[N]
rododendron	(rododendron)[N]
rododendronstruik	((rododendron)[N],(struik)[N])[N]
rodopsine	(rodopsine)[N]
roe	(roe)[N]
roebel	(roebel)[N]
roede	(roede)[N]
roedehoofd	((roede)[N],(hoofd)[N])[N]
roedel	(roedel)[N]
roedelopen	((roede)[N],(loop)[V])[V]
roedeloper	(((roede)[N],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
roedeschaaf	((roede)[N],(schaaf)[N])[N]
roef	(roef)[N]
roefdek	((roef)[N],(dek)[N])[N]
roefel	(roefel)[N]
roeflat	((roef)[N],(lat)[N])[N]
roefpan	((roef)[N],(pan)[N])[N]
roeibaan	((roei)[V],(baan)[N])[N]
roeibank	((roei)[V],(bank)[N])[N]
roeiboot	((roei)[V],(boot)[N])[N]
roeidol	((roei)[V],(dol)[N])[N]
roeieend	((roei)[V],(eend)[N])[N]
roeien	(roei)[V]
roeier	((roei)[V],(er)[N|V.])[N]
roeiklamp	((roei)[V],(klamp)[N])[N]
roeipen	((roei)[V],(pen)[N])[N]
roeipin	((roei)[V],(pin)[N])[N]
roeipotigen	((roei)[V],(poot)[N],(ig)[N|VN.x],(e)[N|VNx.])[N]
roeiriem	((roei)[V],(riem)[N])[N]
roeischuit	((roei)[V],(schuit)[N])[N]
roeispaan	((roei)[V],(spaan)[N])[N]
roeisport	((roei)[V],(sport)[N])[N]
roeister	((roei)[V],(ster)[N|V.])[N]
roeistrop	((roei)[V],(strop)[N])[N]
roeivereniging	((roei)[V],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
roeivoet	((roei)[V],(voet)[N])[N]
roeivoetig	(((roei)[V],(voet)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
roeivriend	((roei)[V],(vriend)[N])[N]
roeiwedstrijd	((roei)[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
roek	(roek)[N]
roekeloosheid	((roekeloos)[A],(heid)[N|A.])[N]
roem	(roem)[N]
roemen	(roem)[V]
roemkaart	((roem)[N],(kaart)[N])[N]
roemloos	((roem)[N],(loos)[A|N.])[A]
roemrijk	((roem)[N],(rijk)[A])[A]
roemruchtig	((roemrucht)[A],(ig)[A|A.])[A]
roemruchtigheid	(((roemrucht)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
roemvol	((roem)[N],(vol)[A])[A]
roemwaardig	((roem)[V],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
roemzucht	((roem)[N],(zucht)[N])[N]
roemzuchtig	((roem)[V],(zucht)[N],(ig)[A|VN.])[A]
roep	(roep)[N]
roepeend	((roep)[V],(eend)[N])[N]
roepen	(roep)[V]
roeper	((roep)[V],(er)[N|V.])[N]
roepgeld	((roep)[V],(geld)[N])[N]
roepia	(roepia)[N]
roeping	((roep)[V],(ing)[N|V.])[N]
roepletter	((roep)[V],(letter)[N])[N]
roepnaam	((roep)[V],(naam)[N])[N]
roepstem	((roep)[V],(stem)[N])[N]
roepvogel	((roep)[V],(vogel)[N])[N]
roepzaal	((roep)[V],(zaal)[N])[N]
roer	(roer)[N]
roerbak	((roer)[V],(bak)[N])[N]
roerbalans	((roer)[N],(balans)[N])[N]
roerblad	((roer)[N],(blad)[N])[N]
roerder	((roer)[V],(der)[N|V.])[N]
roerei	((roer)[V],(ei)[N])[N]
roeren	(roer)[V]
roerfluit	((roer)[N],(fluit)[N])[N]
roerganger	((roer)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N]
roerhaak	((roer)[N],(haak)[N])[N]
roerhard	((roer)[N],(hard)[A])[A]
roerigheid	((roerig)[A],(heid)[N|A.])[N]
roerijzer	((roer)[V],(ijzer)[N])[N]
roering	((roer)[V],(ing)[N|V.])[N]
roerketting	((roer)[N],(ketting)[N])[N]
roerklamp	((roer)[N],(klamp)[N])[N]
roerklik	((roer)[N],(klik)[N])[N]
roerkoning	((roer)[N],(koning)[N])[N]
roerlepel	((roer)[V],(lepel)[N])[N]
roerlijn	((roer)[N],(lijn)[N])[N]
roerloos	((roer)[N],(loos)[A|N.])[A]
roerloosheid	(((roer)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
roerom	((roer)[V],(om)[P])[N]
roeroven	((roer)[V],(oven)[N])[N]
roerpen	((roer)[N],(pen)[N])[N]
roersel	((roer)[V],(sel)[N|V.])[N]
roerspaan	((roer)[V],(spaan)[N])[N]
roerspil	((roer)[N],(spil)[N])[N]
roerstel	((roer)[N],(stel)[N])[N]
roersteven	((roer)[N],(steven)[N])[N]
roerstok	((roer)[V],(stok)[N])[N]
roertalie	((roer)[N],(talie)[N])[N]
roervink	((roer)[N],(vink)[N])[N]
roervlak	((roer)[N],(vlak)[N])[N]
roervogel	((roer)[N],(vogel)[N])[N]
roerzeef	((roer)[V],(zeef)[N])[N]
roes	(roes)[N]
roest	(roest)[N]
roestbruin	((roest)[N],(bruin)[A])[A]
roesten	(roest)[V]
roesterig	((roest)[V],(erig)[A|V.])[A]
roestig	((roest)[N],(ig)[A|N.])[A]
roestigheid	(((roest)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
roestkleur	((roest)[V],(kleur)[N])[N]
roestkleurig	((roest)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
roestmiddel	((roest)[V],(middel)[N])[N]
roestpapier	((roest)[V],(papier)[N])[N]
roestplaats	((roest)[V],(plaats)[N])[N]
roestpoeder	((roest)[V],(poeder)[N])[N]
roestpoeier	((roest)[V],(poeier)[N])[N]
roeststok	((roest)[V],(stok)[N])[N]
roestvlek	((roest)[V],(vlek)[N])[N]
roestvlekkenpoeder	(((roest)[V],(vlek)[N])[N],(en)[N|N.N],(poeder)[N])[N]
roestvlekkenpoeier	(((roest)[V],(vlek)[N])[N],(en)[N|N.N],(poeier)[N])[N]
roestvrij	((roest)[N],(vrij)[A])[A]
roestwerend	((roest)[N],(weer)[V],(end)[A|NV.])[A]
roet	(roet)[N]
roetaanlading	((roet)[N],((aan)[P],(laad)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
roetachtig	((roet)[N],(achtig)[A|N.])[A]
roetbruin	((roet)[N],(bruin)[N])[N]
roetdauw	((roet)[N],(dauw)[N])[N]
roeten	(roet)[V]
roeterig	((roet)[N],(erig)[A|N.])[A]
roetig	((roet)[N],(ig)[A|N.])[A]
roetkleur	((roet)[N],(kleur)[N])[N]
roetkleurig	((roet)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
roetkolk	((roet)[N],(kolk)[N])[N]
roetkool	((roet)[N],(kool)[N])[N]
roetkuil	((roet)[N],(kuil)[N])[N]
roetmop	((roet)[N],(mop)[N])[N]
roetpluim	((roet)[N],(pluim)[N])[N]
roetsjbaan	((roetsj)[V],(baan)[N])[N]
roetsjen	(roetsj)[V]
roetzwart	((roet)[N],(zwart)[N])[N]
roezemoezerig	((roezemoes)[V],(erig)[A|V.])[A]
roezemoezig	((roezemoes)[N],(ig)[A|N.])[A]
roezen	(roes)[V]
roezig	((roes)[V],(ig)[A|V.])[A]
roffel	(roffel)[N]
roffelaar	((roffel)[V],(aar)[N|V.])[N]
roffelen	(roffel)[V]
roffelig	((roffel)[N],(ig)[A|N.])[A]
roffeling	((roffel)[V],(ing)[N|V.])[N]
roffelschaaf	((roffel)[V],(schaaf)[N])[N]
roffelschaar	((roffel)[V],(schaar)[N])[N]
roffeltrom	((roffel)[V],(trom)[N])[N]
roffelvuur	((roffel)[V],(vuur)[N])[N]
roffelwerk	((roffel)[V],(werk)[N])[N]
roffelzaag	((roffel)[V],(zaag)[N])[N]
rog	(rog)[N]
rogge	(rogge)[N]
roggeaar	((rogge)[N],(aar)[N])[N]
roggebloem	((rogge)[N],(bloem)[N])[N]
roggebrand	((rogge)[N],(brand)[N])[N]
roggebrood	((rogge)[N],(brood)[N])[N]
roggegras	((rogge)[N],(gras)[N])[N]
roggekevertje	((rogge)[N],(kever)[N])[N]
roggekorrel	((rogge)[N],(korrel)[N])[N]
roggemeel	((rogge)[N],(meel)[N])[N]
roggemik	((rogge)[N],(mik)[N])[N]
roggeoogst	((rogge)[N],(oogst)[N])[N]
roggeschoof	((rogge)[N],(schoof)[N])[N]
roggestaart	((rog)[N],(e)[N|N.N],(staart)[N])[N]
roggestro	((rogge)[N],(stro)[N])[N]
roggetje	(rog)[N]
roggevangst	((rog)[N],(e)[N|N.N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
roggevel	((rog)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
roggeveld	((rogge)[N],(veld)[N])[N]
rogvissen	((rog)[N],(vis)[N])[N]
rok	(rok)[N]
rokade	((rokeer)[V],(ade)[N|V.])[N]
rokband	((rok)[N],(band)[N])[N]
rokbeschermer	((rok)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
roken	(rook)[V]
roker	((rook)[V],(er)[N|V.])[N]
rokerig	((rook)[N],(erig)[A|N.])[A]
rokerij	((rook)[V],(erij)[N|V.])[N]
rokershoest	(((rook)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hoest)[N])[N]
rokertje	((rook)[V],(er)[N|V.])[N]
rokhanger	((rok)[N],((hang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
rokjas	((rok)[N],(jas)[N])[N]
rokken	(rok)[V]
rokkenjager	((rok)[N],(en)[N|N.Vx],(jaag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
rokkenspuit	((rok)[N],(en)[N|N.N],(spuit)[N])[N]
rokknoop	((rok)[N],(knoop)[N])[N]
rokkostuum	((rok)[N],(kostuum)[N])[N]
rokmeter	((rok)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
rokpand	((rok)[N],(pand)[N])[N]
rokspand	((rok)[N],(s)[N|N.N],(pand)[N])[N]
rokspanner	((rok)[N],(span)[V],(er)[N|NV.])[N]
roksplit	((rok)[N],(split)[N])[N]
rokvest	((rok)[N],(vest)[N])[N]
rokzadel	((rok)[N],(zadel)[N])[N]
rokzak	((rok)[N],(zak)[N])[N]
rol	(rol)[N]
rolaap	((rol)[V],(aap)[N])[N]
rolbaan	((rol)[V],(baan)[N])[N]
rolbank	((rol)[V],(bank)[N])[N]
rolbasculebrug	((rol)[V],((bascule)[N],(brug)[N])[N])[N]
rolbaskuulbrug	((rol)[V],((baskuul)[N],(brug)[N])[N])[N]
rolberoerte	((rol)[V],(beroerte)[N])[N]
rolbeweging	((rol)[V],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rolbezem	((rol)[V],(bezem)[N])[N]
rolbezetting	((rol)[N],((be)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
rolblind	((rol)[V],(blind)[N])[N]
rolblok	((rol)[V],(blok)[N])[N]
rolborstel	((rol)[V],(borstel)[N])[N]
rolbrug	((rol)[V],(brug)[N])[N]
rolcentimeter	((rol)[V],((centi)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
rolconflict	((rol)[N],(conflict)[N])[N]
roldak	((rol)[V],(dak)[N])[N]
roldeeg	((rol)[V],(deeg)[N])[N]
rolder	((rol)[V],(der)[N|V.])[N]
roldeur	((rol)[V],(deur)[N])[N]
roldoorbrekend	((rol)[N],((door)[B],(breek)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
rolfilm	((rol)[V],(film)[N])[N]
rolgedrag	((rol)[N],(gedrag)[N])[N]
rolgesp	((rol)[N],(gesp)[N])[N]
rolgewricht	((rol)[V],(gewricht)[N])[N]
rolgordijn	((rol)[N],(gordijn)[N])[N]
rolham	((rol)[V],(ham)[N])[N]
rolhanddoek	((rol)[V],((hand)[N],(doek)[N])[N])[N]
rolheuvel	((rol)[N],(heuvel)[N])[N]
rolhockey	((rol)[V],(hockey)[N])[N]
roljaloezie	((rol)[V],(jaloezie)[N])[N]
rolkaart	((rol)[V],(kaart)[N])[N]
rolkast	((rol)[V],(kast)[N])[N]
rolkei	((rol)[V],(kei)[N])[N]
rolklaver	((rol)[V],(klaver)[N])[N]
rolklos	((rol)[V],(klos)[N])[N]
rolkraag	((rol)[V],(kraag)[N])[N]
rolkrans	((rol)[N],(krans)[N])[N]
rolkussen	((rol)[N],(kussen)[N])[N]
rollaag	((rol)[N],(laag)[N])[N]
rolleger	((rol)[V],(leger)[N])[N]
rollen	(rol)[V]
rollenblok	((rol)[N],(en)[N|N.N],(blok)[N])[N]
rollende	((rol)[N],(lende)[N])[N]
rollengieterij	((rol)[N],(en)[N|N.Vx],(giet)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
rollenketting	((rol)[N],(en)[N|N.N],(ketting)[N])[N]
rollenspecie	((rol)[N],(en)[N|N.N],(specie)[N])[N]
rollenspel	((rol)[N],(en)[N|N.N],(spel)[N])[N]
rollenstelsel	((rol)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
rollensysteem	((rol)[N],(en)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
rollepaal	((rol)[N],(e)[N|N.N],(paal)[N])[N]
roller	((rol)[V],(er)[N|V.])[N]
rolleren	((rol)[N],(eer)[V|N.])[V]
rolling	((rol)[V],(ing)[N|V.])[N]
rollood	((rol)[N],(lood)[N])[N]
rolluik	((rol)[V],(luik)[N])[N]
rolmaat	((rol)[N],(maat)[N])[N]
rolmachine	((rol)[V],(machine)[N])[N]
rolmops	((rol)[V],(mops)[N])[N]
rolneut	((rol)[N],(neut)[N])[N]
roloplegging	((rol)[V],(((op)[P],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
roloven	((rol)[N],(oven)[N])[N]
rolpaal	((rol)[V],(paal)[N])[N]
rolpaard	((rol)[V],(paard)[N])[N]
rolpatroon	((rol)[N],(patroon)[N])[N]
rolpens	((rol)[V],(pens)[N])[N]
rolplaat	((rol)[V],(plaat)[N])[N]
rolprent	((rol)[V],(prent)[N])[N]
rolproces	((rol)[N],(proces)[N])[N]
rolroer	((rol)[N],(roer)[N])[N]
rolrond	((rol)[N],(rond)[A])[A]
rolschaats	((rol)[V],(schaats)[N])[N]
rolschaatsbaan	(((rol)[N],(schaats)[V])[V],(baan)[N])[N]
rolschaatsen	((rol)[N],(schaats)[V])[V]
rolschaatsenbaan	(((rol)[N],(schaats)[V])[V],(en)[N|V.N],(baan)[N])[N]
rolschaatser	(((rol)[N],(schaats)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
rolschaatsplank	(((rol)[N],(schaats)[V])[V],(plank)[N])[N]
rolschaatsster	(((rol)[V],(schaats)[N])[N],(ster)[N|N.])[N]
rolschelp	((rol)[V],(schelp)[N])[N]
rolscherm	((rol)[V],(scherm)[N])[N]
rolslag	((rol)[V],(slag)[N])[N]
rolslot	((rol)[V],(slot)[N])[N]
rolsprong	((rol)[V],(sprong)[N])[N]
rolstandaard	((rol)[N],(standaard)[N])[N]
rolsteen	((rol)[V],(steen)[N])[N]
rolstempel	((rol)[N],(stempel)[N])[N]
rolstoel	((rol)[V],(stoel)[N])[N]
rolstoelbus	(((rol)[V],(stoel)[N])[N],(bus)[N])[N]
rolstoelgebruiker	(((rol)[V],(stoel)[N])[N],(gebruik)[V],(er)[N|NV.])[N]
rolstoelgebruikster	(((rol)[V],(stoel)[N])[N],(gebruik)[V],(ster)[N|NV.])[N]
rolstok	((rol)[V],(stok)[N])[N]
roltabak	((rol)[V],(tabak)[N])[N]
roltafel	((rol)[V],(tafel)[N])[N]
roltijd	((rol)[V],(tijd)[N])[N]
roltong	((rol)[V],(tong)[N])[N]
roltrap	((rol)[V],(trap)[N])[N]
rolvast	((rol)[N],(vast)[A])[A]
rolveegmachine	((rol)[N],((veeg)[V],(machine)[N])[N])[N]
rolveger	((rol)[V],((veeg)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
rolverdeling	((rol)[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
rolvlucht	((rol)[V],(vlucht)[N])[N]
rolvorm	((rol)[N],(vorm)[N])[N]
rolvormig	(((rol)[N],(vorm)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
rolwagen	((rol)[V],(wagen)[N])[N]
rolweerstand	((rol)[V],(weerstand)[N])[N]
rolwerk	((rol)[N],(werk)[N])[N]
rolzegel	((rol)[N],(zegel)[N])[N]
rolzitting	((rol)[N],((zit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rolzonnescherm	((rol)[V],((zon)[N],(e)[N|N.N],(scherm)[N])[N])[N]
rolzoom	((rol)[N],(zoom)[N])[N]
roman	(roman)[N]
romanachtig	((roman)[N],(achtig)[A|N.])[A]
romancière	((romancier)[N],(e)[N|N.])[N]
romancyclus	((roman)[N],(cyclus)[N])[N]
romandebuut	((roman)[N],(debuut)[N])[N]
romandrukpapier	((roman)[N],(druk)[N],(papier)[N])[N]
romanesk	((roman)[N],(esk)[A|N.])[A]
romanfiguur	((roman)[N],(figuur)[N])[N]
romanheld	((roman)[N],(held)[N])[N]
romanheldin	(((roman)[N],(held)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
romanindustrie	((roman)[N],(industrie)[N])[N]
romanisering	((romaniseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
romankunst	((roman)[N],(kunst)[N])[N]
romanlectuur	((roman)[N],(lectuur)[N])[N]
romanlezer	((roman)[N],(lees)[V],(er)[N|NV.])[N]
romanliteratuur	((roman)[N],(literatuur)[N])[N]
romanpersonage	((roman)[N],(personage)[N])[N]
romanschrijfster	((roman)[N],(schrijf)[V],(ster)[N|NV.])[N]
romanschrijver	((roman)[N],(schrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
romanstructuur	((roman)[N],(structuur)[N])[N]
romantechniek	((roman)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
romantechnisch	((roman)[N],(technisch)[A])[A]
romantiek	((romantisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
romantiekerig	(((romantisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(erig)[A|N.])[A]
romantisering	((romantiseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
romantraditie	((roman)[N],(traditie)[N])[N]
romanverwikkeling	((roman)[N],(((ver)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
romanvorm	((roman)[N],(vorm)[N])[N]
romanwereld	((roman)[N],(wereld)[N])[N]
romeinletter	((romein)[N],(letter)[N])[N]
romeins	((Romein)[N],(s)[A|N.])[A]
romen	(room)[V]
romig	((room)[N],(ig)[A|N.])[A]
rommel	(rommel)[N]
rommelen	(rommel)[V]
rommelhoek	((rommel)[N],(hoek)[N])[N]
rommelhok	((rommel)[N],(hok)[N])[N]
rommelig	((rommel)[N],(ig)[A|N.])[A]
rommeligheid	(((rommel)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rommeling	((rommel)[V],(ing)[N|V.])[N]
rommelkamer	((rommel)[N],(kamer)[N])[N]
rommelkast	((rommel)[N],(kast)[N])[N]
rommelkot	((rommel)[N],(kot)[N])[N]
rommelmarkt	((rommel)[N],(markt)[N])[N]
rommelpot	((rommel)[V],(pot)[N])[N]
rommelzo	((rommel)[N],(zo)[N])[N]
rommelzolder	((rommel)[N],(zolder)[N])[N]
rommelzooi	((rommel)[N],(zooi)[N])[N]
romp	(romp)[N]
rompbouwer	((romp)[N],(bouw)[V],(er)[N|NV.])[N]
rompgebergte	((romp)[N],((ge)[N|.Nx],(berg)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
rompkabinet	((romp)[N],(kabinet)[N])[N]
rompmusculatuur	((romp)[N],(musculatuur)[N])[N]
rompparlement	((romp)[N],(parlement)[N])[N]
rompschijf	((romp)[N],(schijf)[N])[N]
rompslomp	((romp)[N],(slomp)[N])[N]
rompstand	((romp)[N],(stand)[N])[N]
rompwervel	((romp)[N],(wervel)[N])[N]
rompzin	((romp)[N],(zin)[N])[N]
romulus	(romulus)[N]
rond	(rond)[N]
rondachtig	((rond)[A],(achtig)[A|A.])[A]
rondbabbelen	((rond)[P],(babbel)[V])[V]
rondbanjeren	((rond)[P],(banjer)[V])[V]
rondbazuinen	((rond)[P],(bazuin)[V])[V]
rondbezorgen	((rond)[P],((be)[V|.V],(zorg)[V])[V])[V]
rondblikken	((rond)[P],(blik)[V])[V]
rondbogig	((rond)[A],(boog)[N],(ig)[A|AN.])[A]
rondboog	((rond)[A],(boog)[N])[N]
rondbooggewelf	(((rond)[A],(boog)[N])[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
rondborstig	((rond)[A],(borst)[N],(ig)[A|AN.])[A]
rondborstigheid	(((rond)[A],(borst)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rondbreien	((rond)[P],(brei)[V])[V]
rondbreimachine	(((rond)[P],(brei)[V])[V],(machine)[N])[N]
rondbreipen	(((rond)[P],(brei)[V])[V],(pen)[N])[N]
rondbrengen	((rond)[P],(breng)[V])[V]
rondbrieven	((rond)[P],(brief)[N])[V]
rondcirkelen	((rond)[P],(cirkel)[V])[V]
ronddansen	((rond)[P],(dans)[V])[V]
ronddarren	((rond)[P],(dar)[V])[V]
ronddartelen	((rond)[P],(dartel)[V])[V]
ronddelen	((rond)[P],(deel)[V])[V]
ronddienen	((rond)[P],(dien)[V])[V]
ronddobberen	((rond)[P],(dobber)[V])[V]
ronddolen	((rond)[P],(dool)[V])[V]
ronddollen	((rond)[P],(dol)[V])[V]
ronddraaien	((rond)[P],(draai)[V])[V]
ronddragen	((rond)[P],(draag)[V])[V]
ronddraven	((rond)[P],(draaf)[V])[V]
ronddrentelen	((rond)[P],(drentel)[V])[V]
ronddrijven	((rond)[P],(drijf)[V])[V]
ronddwalen	((rond)[P],(dwaal)[V])[V]
rondedans	((ronde)[N],(dans)[N])[N]
rondegang	((ronde)[N],(gang)[N])[N]
ronden	(rond)[V]
rondetafelconferentie	((rond)[A],(e)[N|A.NN],(tafel)[N],((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
rondetijd	((ronde)[N],(tijd)[N])[N]
rondfietsen	((rond)[P],(fiets)[V])[V]
rondfladderen	((rond)[P],(fladder)[V])[V]
rondgaan	((rond)[P],(ga)[V])[V]
rondgeven	((rond)[P],(geef)[V])[V]
rondgezang	((rond)[P],((ge)[N|.N],(zang)[N])[N])[N]
rondgooien	((rond)[P],(gooi)[V])[V]
rondgraaien	((rond)[P],(graai)[V])[V]
rondhangen	((rond)[P],(hang)[V])[V]
rondheid	((rond)[A],(heid)[N|A.])[N]
rondhout	((rond)[A],(hout)[N])[N]
rondhuppelen	((rond)[P],(huppel)[V])[V]
ronding	((rond)[V],(ing)[N|V.])[N]
rondkijken	((rond)[P],(kijk)[V])[V]
rondklopper	((rond)[A],(klop)[V],(er)[N|AV.])[N]
rondknop	((rond)[A],(knop)[N])[N]
rondkomen	((rond)[P],(kom)[V])[V]
rondkop	((rond)[A],(kop)[N])[N]
rondleiden	((rond)[P],(leid)[V])[V]
rondleiding	(((rond)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
rondleuren	((rond)[P],(leur)[V])[V]
rondlopen	((rond)[P],(loop)[V])[V]
rondlummelen	((rond)[P],(lummel)[V])[V]
rondneuzen	((rond)[P],(neus)[V])[V]
rondpassen	((rond)[P],(pas)[V])[V]
rondploeteren	((rond)[P],(ploeter)[V])[V]
rondreis	((rond)[P],(reis)[V])[N]
rondreisbiljet	(((rond)[P],(reis)[V])[V],(biljet)[N])[N]
rondreizen	((rond)[P],(reis)[V])[V]
rondrijden	((rond)[P],(rijd)[V])[V]
rondrit	((rond)[P],(rit)[N])[N]
rondrommelen	((rond)[P],(rommel)[V])[V]
rondschaaf	((rond)[A],(schaaf)[N])[N]
rondscharrelen	((rond)[P],(scharrel)[V])[V]
rondschenken	((rond)[P],(schenk)[V])[V]
rondschieten	((rond)[P],(schiet)[V])[V]
rondschreeuwen	((rond)[P],(schreeuw)[V])[V]
rondschrift	((rond)[A],(schrift)[N])[N]
rondschriftpen	(((rond)[A],(schrift)[N])[N],(pen)[N])[N]
rondschrijven	((rond)[P],(schrijf)[V])[V]
rondsel	((rond)[V],(sel)[N|V.])[N]
rondsjouwen	((rond)[P],(sjouw)[V])[V]
rondslaan	((rond)[P],(sla)[V])[V]
rondslenteren	((rond)[P],(slenter)[V])[V]
rondslingeren	((rond)[P],(slinger)[V])[V]
rondsloffen	((rond)[P],(slof)[V])[V]
rondsluipen	((rond)[P],(sluip)[V])[V]
rondsmijten	((rond)[P],(smijt)[V])[V]
rondsnuffelen	((rond)[P],(snuffel)[V])[V]
rondspelen	((rond)[P],(speel)[V])[V]
rondspoken	((rond)[P],(spook)[V])[V]
rondspringen	((rond)[P],(spring)[V])[V]
rondstralen	((rond)[P],(straal)[V])[V]
rondstrooien	((rond)[P],(strooi)[V])[V]
rondsturen	((rond)[P],(stuur)[V])[V]
rondtasten	((rond)[P],(tast)[V])[V]
rondte	((rond)[A],(te)[N|A.])[N]
rondtoeren	((rond)[P],(toer)[V])[V]
rondtollen	((rond)[P],(tol)[V])[V]
rondtrekken	((rond)[P],(trek)[V])[V]
rondtrompetten	((rond)[P],(trompet)[V])[V]
rondvaart	((rond)[P],(vaart)[N])[N]
rondvaartboot	(((rond)[P],(vaart)[N])[N],(boot)[N])[N]
rondvaren	((rond)[P],(vaar)[V])[V]
rondventen	((rond)[P],(vent)[V])[V]
rondventer	(((rond)[P],(vent)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
rondvertellen	((rond)[P],((ver)[V|.V],(tel)[V])[V])[V]
rondvliegen	((rond)[P],(vlieg)[V])[V]
rondvlucht	((rond)[P],(vlucht)[N])[N]
rondvraag	((rond)[P],(vraag)[N])[N]
rondvragen	((rond)[P],(vraag)[V])[V]
rondwandelen	((rond)[P],(wandel)[V])[V]
rondwaren	((rond)[P],(waar)[V])[V]
rondweefgetouw	((rond)[A],(weef)[V],((ge)[N|.N],(touw)[N])[N])[N]
rondweg	((rond)[P],(weg)[N])[N]
rondwentelen	((rond)[P],(wentel)[V])[V]
rondzaag	((rond)[A],(zaag)[V])[N]
rondzaaien	((rond)[P],(zaai)[V])[V]
rondzeggen	((rond)[P],(zeg)[V])[V]
rondzeilen	((rond)[P],(zeil)[V])[V]
rondzendbrief	(((rond)[P],(zend)[V])[V],(brief)[N])[N]
rondzenden	((rond)[P],(zend)[V])[V]
rondzien	((rond)[P],(zie)[V])[V]
rondzingen	((rond)[P],(zing)[V])[V]
rondzwalken	((rond)[P],(zwalk)[V])[V]
rondzwerven	((rond)[P],(zwerf)[V])[V]
rondzwerving	(((rond)[P],(zwerf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
rondzwieren	((rond)[P],(zwier)[V])[V]
rong	(rong)[N]
ronken	(ronk)[V]
ronker	((ronk)[V],(er)[N|V.])[N]
ronselaar	((ronsel)[V],(aar)[N|V.])[N]
ronselen	(ronsel)[V]
rood	(rood)[N]
roodaarde	((rood)[A],(aarde)[N])[N]
roodachtig	((rood)[A],(achtig)[A|A.])[A]
roodbaard	((rood)[A],(baard)[N])[N]
roodbaars	((rood)[A],(baars)[N])[N]
roodblaar	((rood)[A],(blaar)[N])[N]
roodbloedig	((rood)[A],(bloed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
roodbont	((rood)[A],(bont)[A])[N]
roodborstje	((rood)[A],(borstje)[N])[N]
roodborsttapuit	((rood)[A],(borst)[N],(tapuit)[N])[N]
roodbruin	((rood)[A],(bruin)[A])[A]
roodfilter	((rood)[N],(filter)[N])[N]
roodforel	((rood)[A],(forel)[N])[N]
roodgeel	((rood)[A],(geel)[N])[N]
roodgieter	((rood)[A],(giet)[V],(er)[N|AV.])[N]
roodgloeiend	((rood)[A],(gloeiend)[A])[A]
roodhalsgans	((rood)[A],(hals)[N],(gans)[N])[N]
roodharig	((rood)[A],(haar)[N],(ig)[A|AN.])[A]
roodheid	((rood)[A],(heid)[N|A.])[N]
roodhuid	((rood)[A],(huid)[N])[N]
roodijzererts	((rood)[A],((ijzer)[N],(erts)[N])[N])[N]
roodijzersteen	((rood)[A],(ijzer)[N],(steen)[N])[N]
roodkapje	((rood)[A],(kapje)[N])[N]
roodkeelduiker	((rood)[A],(keel)[N],((duik)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
roodkleurig	((rood)[A],(kleur)[N],(ig)[A|AN.])[A]
roodkop	((rood)[A],(kop)[N])[N]
roodkoper	((rood)[A],(koper)[N])[N]
roodkoperen	(((rood)[A],(koper)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
roodkopererts	((rood)[A],(((koop)[V],(er)[N|V.])[N],(erts)[N])[N])[N]
roodkoraal	((rood)[A],(koraal)[N])[N]
roodkoralen	(((rood)[A],(koraal)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
roodkorst	((rood)[A],(korst)[N])[N]
roodkrijt	((rood)[A],(krijt)[N])[N]
roodlak	((rood)[A],(lak)[N])[N]
roodlakenvelder	((rood)[A],(lakenvelder)[N])[N]
roodneus	((rood)[A],(neus)[N])[N]
roodolie	((rood)[A],(olie)[N])[N]
roodschimmel	((rood)[A],(schimmel)[N])[N]
roodsel	((rood)[V],(sel)[N|V.])[N]
roodspecht	((rood)[A],(specht)[N])[N]
roodstaart	((rood)[A],(staart)[N])[N]
roodtijger	((rood)[A],(tijger)[N])[N]
roodvalk	((rood)[A],(valk)[N])[N]
roodvonk	((rood)[A],(vonk)[N])[N]
roodvos	((rood)[A],(vos)[N])[N]
roodvuur	((rood)[A],(vuur)[N])[N]
roodwangig	((rood)[A],(wang)[N],(ig)[A|AN.])[A]
roodwaterkoorts	((rood)[A],(water)[N],(koorts)[N])[N]
roodwild	((rood)[A],(wild)[N])[N]
roodzijden	((rood)[A],((zijde)[N],(en)[A|N.])[A])[A]
roof	(roof)[N]
roofachtig	((roof)[V],(achtig)[A|V.])[A]
roofbij	((roof)[V],(bij)[N])[N]
roofbouw	((roof)[V],(bouw)[N])[N]
roofdier	((roof)[V],(dier)[N])[N]
roofdierachtig	(((roof)[V],(dier)[N])[N],(achtig)[A|N.])[A]
roofdierstadium	(((roof)[V],(dier)[N])[N],(stadium)[N])[N]
roofdruk	((roof)[V],(druk)[N])[N]
roofgierig	((roof)[V],(gierig)[A])[A]
roofgierigheid	(((roof)[V],(gierig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
roofgoed	((roof)[V],(goed)[N])[N]
roofhaaien	((roof)[V],(haai)[N])[N]
roofkever	((roof)[V],(kever)[N])[N]
roofmeeuw	((roof)[V],(meeuw)[N])[N]
roofmier	((roof)[V],(mier)[N])[N]
roofmoord	((roof)[V],(moord)[N])[N]
roofnest	((roof)[V],(nest)[N])[N]
roofoverval	((roof)[V],(overval)[N])[N]
roofpoten	((roof)[V],(poot)[N])[N]
roofridder	((roof)[V],(ridder)[N])[N]
roofschip	((roof)[V],(schip)[N])[N]
roofsprinkhaan	((roof)[V],(sprinkhaan)[N])[N]
rooftocht	((roof)[V],(tocht)[N])[N]
roofvogel	((roof)[V],(vogel)[N])[N]
roofziek	((roof)[V],(ziek)[A])[A]
roofzucht	((roof)[V],(zucht)[N])[N]
roofzuchtig	((roof)[V],(zucht)[N],(ig)[A|VN.])[A]
rooi	(rooi)[N]
rooibijl	((rooi)[V],(bijl)[N])[N]
rooien	(rooi)[V]
rooier	((rooi)[V],(er)[N|V.])[N]
rooiing	((rooi)[V],(ing)[N|V.])[N]
rooilat	((rooi)[N],(lat)[N])[N]
rooilijn	((rooi)[N],(lijn)[N])[N]
rooimeester	((rooi)[N],(meester)[N])[N]
rooipaal	((rooi)[N],(paal)[N])[N]
rooitijd	((rooi)[V],(tijd)[N])[N]
rook	(rook)[N]
rookagaat	((rook)[N],(agaat)[N])[N]
rookartikel	((rook)[V],(artikel)[N])[N]
rookbom	((rook)[N],(bom)[N])[N]
rookcoupé	((rook)[V],(coupé)[N])[N]
rookdicht	((rook)[N],(dicht)[A])[A]
rookeest	((rook)[N],(eest)[N])[N]
rookgat	((rook)[N],(gat)[N])[N]
rookgerei	((rook)[V],(gerei)[N])[N]
rookgewoonte	((rook)[V],((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
rookglas	((rook)[N],(glas)[N])[N]
rookgordijn	((rook)[N],(gordijn)[N])[N]
rookgranaat	((rook)[N],(granaat)[N])[N]
rookhelm	((rook)[N],(helm)[N])[N]
rookhok	((rook)[V],(hok)[N])[N]
rookhol	((rook)[V],(hol)[N])[N]
rookkamer	((rook)[V],(kamer)[N])[N]
rookkanaal	((rook)[N],(kanaal)[N])[N]
rookkast	((rook)[N],(kast)[N])[N]
rookkolom	((rook)[N],(kolom)[N])[N]
rookkwarts	((rook)[N],(kwarts)[N])[N]
rookloos	((rook)[N],(loos)[A|N.])[A]
rooklucht	((rook)[N],(lucht)[N])[N]
rookmasker	((rook)[N],(masker)[N])[N]
rookmelder	((rook)[N],(meld)[V],(er)[N|NV.])[N]
rookontwikkeling	((rook)[N],((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
rookpluim	((rook)[N],(pluim)[N])[N]
rooksalon	((rook)[V],(salon)[N])[N]
rookscherm	((rook)[N],(scherm)[N])[N]
rookspek	((rook)[V],(spek)[N])[N]
rookstel	((rook)[V],(stel)[N])[N]
rookster	((rook)[V],(ster)[N])[N]
rookstoel	((rook)[V],(stoel)[N])[N]
rooktabak	((rook)[V],(tabak)[N])[N]
rooktopaas	((rook)[N],(topaas)[N])[N]
rookvang	((rook)[N],(vang)[N])[N]
rookverbod	((rook)[V],(verbod)[N])[N]
rookverdrijver	((rook)[N],((ver)[V|.V],(drijf)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
rookvlees	((rook)[V],(vlees)[N])[N]
rookvrij	((rook)[N],(vrij)[A])[A]
rookwagen	((rook)[V],(wagen)[N])[N]
rookwolk	((rook)[N],(wolk)[N])[N]
rookworst	((rook)[V],(worst)[N])[N]
rookzuil	((rook)[N],(zuil)[N])[N]
rookzwaluw	((rook)[N],(zwaluw)[N])[N]
rookzwam	((rook)[N],(zwam)[N])[N]
room	(room)[N]
roomafscheiding	((room)[N],(((af)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
roomboter	((room)[N],(boter)[N])[N]
roomhoorn	((room)[N],(hoorn)[N])[N]
roomhoren	((room)[N],(horen)[N])[N]
roomijs	((room)[N],(ijs)[N])[N]
roomkaas	((room)[N],(kaas)[N])[N]
roomkleur	((room)[N],(kleur)[N])[N]
roomkleurig	((room)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
roomklopper	((room)[N],(klop)[V],(er)[N|NV.])[N]
roomklutser	((room)[N],(kluts)[V],(er)[N|NV.])[N]
roomkwark	((room)[N],(kwark)[N])[N]
roommeter	((room)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
rooms-katholicisme	((Rooms)[A],(katholicisme)[N])[N]
rooms-katholiek	((Rooms)[A],(katholiek)[N])[N]
roomsaus	((room)[N],(saus)[N])[N]
roomsgezind	((rooms)[A],(gezind)[A])[A]
roomsgezindheid	(((rooms)[A],(gezind)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
roomsoep	((room)[N],(soep)[N])[N]
roomsoes	((room)[N],(soes)[N])[N]
roomstel	((room)[N],(stel)[N])[N]
roomtaart	((room)[N],(taart)[N])[N]
roomvers	((room)[N],(vers)[A])[A]
roomvla	((room)[N],(vla)[N])[N]
roomwit	((room)[N],(wit)[N])[N]
roop	(roop)[N]
roos	(roos)[N]
roosachtig	((roos)[N],(achtig)[A|N.])[A]
roosachtigen	((roos)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
roosbeen	((roos)[N],(been)[N])[N]
roosbout	((roos)[N],(bout)[N])[N]
roosjesslijper	((roosje)[N],(s)[N|N.Vx],(slijp)[V],(er)[N|NxV.])[N]
rooskleurig	((roos)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
roosten	(roost)[V]
rooster	(rooster)[N]
roosteren	(rooster)[V]
roosterfundering	((rooster)[N],((fundeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
roosterijzer	((rooster)[N],(ijzer)[N])[N]
roostering	((rooster)[V],(ing)[N|V.])[N]
roosterkozijn	((rooster)[N],(kozijn)[N])[N]
roostervormig	((rooster)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
roosterwerk	((rooster)[N],(werk)[N])[N]
roosting	((roost)[V],(ing)[N|V.])[N]
roostoven	((roost)[V],(oven)[N])[N]
roosvenster	((roos)[N],(venster)[N])[N]
roosvormig	((roos)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
root	(root)[N]
rootput	((root)[V],(put)[N])[N]
roppen	(rop)[V]
ros	(ros)[N]
rosachtig	((ros)[A],(achtig)[A|A.])[A]
rosbladig	((ros)[A],(blad)[N],(ig)[A|AN.])[A]
rosbruin	((ros)[A],(bruin)[A])[A]
rosgeel	((ros)[A],(geel)[A])[A]
roshaar	((ros)[N],(haar)[N])[N]
rosharig	(((ros)[N],(haar)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
roskam	((ros)[N],(kam)[N])[N]
roskammen	((ros)[N],(kam)[V])[V]
roskamming	(((ros)[N],(kam)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
roskop	((ros)[N],(kop)[N])[N]
rosmarijn	(rosmarijn)[N]
rosmarijnzalf	((rosmarijn)[N],(zalf)[N])[N]
rosmolen	((ros)[A],(molen)[N])[N]
rossen	(ros)[V]
rossig	((ros)[A],(ig)[A|A.])[A]
rossigheid	(((ros)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rossing	((ros)[V],(ing)[N|V.])[N]
rosé	(rosé)[N]
rot	(rot)[N]
rotan	(rotan)[N]
rotanmeubel	((rotan)[N],(meubel)[N])[N]
rotanpalm	((rotan)[N],(palm)[N])[N]
rotanschild	((rotan)[N],(schild)[N])[N]
rotanstoel	((rotan)[N],(stoel)[N])[N]
rotanstok	((rotan)[N],(stok)[N])[N]
rotaryclub	((rotary)[N],(club)[N])[N]
rotatie	((roteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
rotatiedruk	(((roteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(druk)[N])[N]
rotatiemotor	(((roteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(motor)[N])[N]
rotatieperiode	(((roteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(periode)[N])[N]
rotatiepers	(((roteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(pers)[N])[N]
rotatiepomp	(((roteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(pomp)[N])[N]
rotatiesnelheid	(((roteer)[V],(atie)[N|V.])[N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
rotatietijd	(((roteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(tijd)[N])[N]
rotator	((roteer)[V],(ator)[N|V.])[N]
roten	(root)[V]
roterij	((root)[V],(erij)[N|V.])[N]
rotgezel	((rot)[N],(gezel)[N])[N]
rotheid	((rot)[A],(heid)[N|A.])[N]
rotje	((rot)[N],(je)[N|N.])[N]
rotkreupel	((rot)[A],(kreupel)[A])[N]
rotor	(rotor)[N]
rotorblad	((rotor)[N],(blad)[N])[N]
rotorboot	((rotor)[N],(boot)[N])[N]
rots	(rots)[N]
rotsachtig	((rots)[N],(achtig)[A|N.])[A]
rotsbank	((rots)[N],(bank)[N])[N]
rotsbeen	((rots)[N],(been)[N])[N]
rotsbes	((rots)[N],(bes)[N])[N]
rotsblok	((rots)[N],(blok)[N])[N]
rotsbodem	((rots)[N],(bodem)[N])[N]
rotscactus	((rots)[N],(cactus)[N])[N]
rotseiland	((rots)[N],(eiland)[N])[N]
rotsformatie	((rots)[N],((formeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
rotsgebergte	((rots)[N],((ge)[N|.Nx],(berg)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
rotsgesteente	((rots)[N],((ge)[N|.Nx],(steen)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
rotsgevaarte	((rots)[N],(gevaarte)[N])[N]
rotsgrond	((rots)[N],(grond)[N])[N]
rotsheuvel	((rots)[N],(heuvel)[N])[N]
rotsholte	((rots)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
rotsig	((rots)[N],(ig)[A|N.])[A]
rotskei	((rots)[N],(kei)[N])[N]
rotsklomp	((rots)[N],(klomp)[N])[N]
rotskloof	((rots)[N],(kloof)[N])[N]
rotskoepel	((rots)[N],(koepel)[N])[N]
rotskruiper	((rots)[N],(kruip)[V],(er)[N|NV.])[N]
rotsluiter	((rot)[N],((sluit)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
rotsmassa	((rots)[N],(massa)[N])[N]
rotsmispel	((rots)[N],(mispel)[N])[N]
rotsmuur	((rots)[N],(muur)[N])[N]
rotspartij	((rots)[N],(partij)[N])[N]
rotsplant	((rots)[N],(plant)[N])[N]
rotsplateau	((rots)[N],(plateau)[N])[N]
rotspunt	((rots)[N],(punt)[N])[N]
rotsrichel	((rots)[N],(richel)[N])[N]
rotsschildering	((rots)[N],((schilder)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rotsspelonk	((rots)[N],(spelonk)[N])[N]
rotsspleet	((rots)[N],(spleet)[N])[N]
rotstafel	((rots)[N],(tafel)[N])[N]
rotstekening	((rots)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rotstraal	((rot)[A],(straal)[N])[N]
rotstuin	((rots)[N],(tuin)[N])[N]
rotsuitsteeksel	((rots)[N],(((uit)[P],(steek)[V])[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
rotsvalk	((rots)[N],(valk)[N])[N]
rotsvast	((rots)[N],(vast)[A])[A]
rotswand	((rots)[N],(wand)[N])[N]
rotswereld	((rots)[N],(wereld)[N])[N]
rotswilg	((rots)[N],(wilg)[N])[N]
rotswoestijn	((rots)[N],(woestijn)[N])[N]
rotszout	((rots)[N],(zout)[N])[N]
rotten	(rot)[V]
rottengat	((rot)[N],(e)[N|N.N],(gat)[N])[N]
rottenknip	((rot)[N],(e)[N|N.N],(knip)[N])[N]
rottenkop	((rot)[A],(e)[N|A.N],(kop)[N])[N]
rotterd	((rot)[A],(erd)[N|A.])[N]
rottig	((rot)[A],(ig)[A|A.])[A]
rottigheid	(((rot)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rotting	((rot)[V],(ing)[N|V.])[N]
rottingolie	((rotting)[N],(olie)[N])[N]
rottingsproces	(((rot)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
rottingstraf	((rotting)[N],(straf)[N])[N]
rotvis	((rot)[N],(vis)[N])[N]
rotzak	((rot)[A],(zak)[N])[N]
rotzooi	((rot)[A],(zooi)[N])[N]
rouge	(rouge)[N]
roulatie	((rouleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
roulettetafel	((roulette)[N],(tafel)[N])[N]
route	(route)[N]
routebeschrijving	((route)[N],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
routeerder	((routeer)[V],(der)[N|V.])[N]
routekaart	((route)[N],(kaart)[N])[N]
routering	((routeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
routine	(routine)[N]
routine-inspectie	((routine)[N],(inspectie)[N])[N]
routinebehandeling	((routine)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
routinecontrole	((routine)[N],(controle)[N])[N]
routinehandeling	((routine)[N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
routinekarakter	((routine)[N],(karakter)[N])[N]
routinekarwei	((routine)[N],(karwei)[N])[N]
routinekwestie	((routine)[N],(kwestie)[N])[N]
routinemanoeuvre	((routine)[N],(manoeuvre)[N])[N]
routineonderzoek	((routine)[N],(onderzoek)[N])[N]
routinerapport	((routine)[N],(rapport)[N])[N]
routinetest	((routine)[N],(test)[N])[N]
routinewerk	((routine)[N],(werk)[N])[N]
routinezaak	((routine)[N],(zaak)[N])[N]
routinier	((routine)[N],(ier)[N|N.])[N]
rouw	(rouw)[N]
rouwartikel	((rouw)[N],(artikel)[N])[N]
rouwauto	((rouw)[N],(auto)[N])[N]
rouwband	((rouw)[N],(band)[N])[N]
rouwbeklag	((rouw)[N],(beklag)[N])[N]
rouwbrief	((rouw)[N],(brief)[N])[N]
rouwcentrum	((rouw)[V],(centrum)[N])[N]
rouwdienst	((rouw)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
rouwdrager	((rouw)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
rouwen	(rouw)[V]
rouwfloers	((rouw)[N],(floers)[N])[N]
rouwgewaad	((rouw)[N],(gewaad)[N])[N]
rouwgoed	((rouw)[N],(goed)[N])[N]
rouwig	((rouw)[N],(ig)[A|N.])[A]
rouwjaar	((rouw)[V],(jaar)[N])[N]
rouwjapon	((rouw)[N],(japon)[N])[N]
rouwkamer	((rouw)[V],(kamer)[N])[N]
rouwkapel	((rouw)[V],(kapel)[N])[N]
rouwklacht	((rouw)[N],(klacht)[N])[N]
rouwklagen	((rouw)[N],(klaag)[V])[V]
rouwkleding	((rouw)[N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rouwkleed	((rouw)[N],(kleed)[N])[N]
rouwkleur	((rouw)[N],(kleur)[N])[N]
rouwkoets	((rouw)[N],(koets)[N])[N]
rouwkoop	((rouw)[N],(koop)[N])[N]
rouwkwikstaart	((rouw)[N],((kwik)[A],(staart)[N])[N])[N]
rouwlint	((rouw)[N],(lint)[N])[N]
rouwmantel	((rouw)[N],(mantel)[N])[N]
rouwmis	((rouw)[N],(mis)[N])[N]
rouwmoedig	((rouw)[N],(moed)[N],(ig)[A|NN.])[A]
rouwnagels	((rouw)[N],(nagel)[N])[N]
rouwpapier	((rouw)[N],(papier)[N])[N]
rouwrand	((rouw)[N],(rand)[N])[N]
rouwsluier	((rouw)[N],(sluier)[N])[N]
rouwstoet	((rouw)[A],(stoet)[N])[N]
rouwstrik	((rouw)[N],(strik)[N])[N]
rouwtijd	((rouw)[V],(tijd)[N])[N]
rouwvlinder	((rouw)[N],(vlinder)[N])[N]
roux	(roux)[N]
roven	(roof)[V]
rover	((roof)[V],(er)[N|V.])[N]
roverbende	(((roof)[V],(er)[N|V.])[N],(bende)[N])[N]
roverhoofdman	(((roof)[V],(er)[N|V.])[N],((hoofd)[N],(man)[N])[N])[N]
roverij	((roof)[V],(erij)[N|V.])[N]
roverkapitein	(((roof)[V],(er)[N|V.])[N],(kapitein)[N])[N]
roversbende	(((roof)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bende)[N])[N]
rovershol	(((roof)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hol)[N])[N]
rovershoofdman	(((roof)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((hoofd)[N],(man)[N])[N])[N]
roverskapitein	(((roof)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kapitein)[N])[N]
roversnest	(((roof)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(nest)[N])[N]
roverssynode	(((roof)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(synode)[N])[N]
royaalpapier	((royaal)[A],(papier)[N])[N]
royaliteit	((royaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
royeerbaar	((royeer)[V],(baar)[A|V.])[A]
royement	((royeer)[V],(ement)[N|V.])[N]
royementskosten	(((royeer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
royering	((royeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
roze	(roze)[A]
rozelaar	((roos)[N],(elaar)[N|N.])[N]
rozemarijnzalf	((rozemarijn)[N],(zalf)[N])[N]
rozenbed	((roos)[N],(en)[N|N.N],(bed)[N])[N]
rozenbladluis	((roos)[N],(e)[N|N.N],((blad)[N],(luis)[N])[N])[N]
rozenboktor	((roos)[N],(e)[N|N.N],((bok)[N],(tor)[N])[N])[N]
rozenboom	((roos)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
rozenbottel	((roos)[N],(e)[N|N.N],(bottel)[N])[N]
rozenbottelsiroop	(((roos)[N],(e)[N|N.N],(bottel)[N])[N],(siroop)[N])[N]
rozenbout	((roos)[N],(e)[N|N.N],(bout)[N])[N]
rozengaard	((roos)[N],(en)[N|N.N],(gaard)[N])[N]
rozengal	((roos)[N],(e)[N|N.N],(gal)[N])[N]
rozengeranium	((roos)[N],(e)[N|N.N],(geranium)[N])[N]
rozengeur	((roos)[N],(e)[N|N.N],(geur)[N])[N]
rozenhoedje	((roos)[N],(en)[N|N.N],(hoed)[N])[N]
rozenhout	((roos)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
rozenhouten	(((roos)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
rozenkevertje	((roos)[N],(e)[N|N.N],(kever)[N])[N]
rozenkleur	((roos)[N],(e)[N|N.N],(kleur)[N])[N]
rozenknop	((roos)[N],(e)[N|N.N],(knop)[N])[N]
rozenkrans	((roos)[N],(en)[N|N.N],(krans)[N])[N]
rozenkwekerij	((roos)[N],(en)[N|N.Vx],(kweek)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
rozenlikeur	((roos)[N],(en)[N|N.N],(likeur)[N])[N]
rozenmaand	((roos)[N],(en)[N|N.N],(maand)[N])[N]
rozenmond	((roos)[N],(e)[N|N.N],(mond)[N])[N]
rozenolie	((roos)[N],(en)[N|N.N],(olie)[N])[N]
rozenoor	((roos)[N],(e)[N|N.N],(oor)[N])[N]
rozenpark	((roos)[N],(en)[N|N.N],(park)[N])[N]
rozenperk	((roos)[N],(en)[N|N.N],(perk)[N])[N]
rozenprieel	((roos)[N],(en)[N|N.N],(prieel)[N])[N]
rozenrood	((roze)[A],(rood)[A])[A]
rozenstam	((roos)[N],(e)[N|N.N],(stam)[N])[N]
rozenstek	((roos)[N],(e)[N|N.N],(stek)[N])[N]
rozensteker	((roos)[N],(en)[N|N.Vx],(steek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
rozenstruik	((roos)[N],(en)[N|N.N],(struik)[N])[N]
rozentak	((roos)[N],(e)[N|N.N],(tak)[N])[N]
rozentijd	((roos)[N],(en)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
rozentint	((roos)[N],(e)[N|N.N],(tint)[N])[N]
rozentuin	((roos)[N],(en)[N|N.N],(tuin)[N])[N]
rozenvloei	((roos)[N],(en)[N|N.N],(vloei)[N])[N]
rozenvreter	((roos)[N],(en)[N|N.Vx],(vreet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
rozenwater	((roos)[N],(en)[N|N.N],(water)[N])[N]
rozetblad	((rozet)[N],(blad)[N])[N]
rozetvormig	((rozet)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
rozig	((roos)[N],(ig)[A|N.])[A]
rozijn	(rozijn)[N]
rozijnenbaard	((rozijn)[N],(en)[N|N.N],(baard)[N])[N]
rozijnenbrood	((rozijn)[N],(en)[N|N.N],(brood)[N])[N]
rozijnenwijn	((rozijn)[N],(en)[N|N.N],(wijn)[N])[N]
rozijnerwten	((rozijn)[N],(erwt)[N])[N]
rubato	(rubato)[N]
rubber	(rubber)[N]
rubberaandeel	((rubber)[N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
rubberboom	((rubber)[N],(boom)[N])[N]
rubberboot	((rubber)[N],(boot)[N])[N]
rubbercultuur	((rubber)[N],(cultuur)[N])[N]
rubberdruk	((rubber)[N],(druk)[N])[N]
rubberhak	((rubber)[N],(hak)[N])[N]
rubberlaag	((rubber)[N],(laag)[N])[N]
rubberonderneming	((rubber)[N],((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rubberpakking	((rubber)[N],((pak)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rubberplant	((rubber)[N],(plant)[N])[N]
rubberplantage	((rubber)[N],((plant)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
rubberwaarden	((rubber)[N],(waarde)[N])[N]
rubberzool	((rubber)[N],(zool)[N])[N]
rubeola	(rubeola)[N]
rubricator	((rubriceer)[V],(ator)[N|V.])[N]
rubricering	((rubriceer)[V],(ing)[N|V.])[N]
rubriek	(rubriek)[N]
ruchtbaarheid	((ruchtbaar)[A],(heid)[N|A.])[N]
ruchtbaarmaking	((ruchtbaar)[A],(maak)[V],(ing)[N|AV.])[N]
rudimentair	((rudiment)[N],(air)[A|N.])[A]
rufenen	(rufene)[N]
ruften	(ruft)[V]
rug	(rug)[N]
rugbybal	((rugby)[N],(bal)[N])[N]
rugbyteam	((rugby)[N],(team)[N])[N]
rugcrawl	((rug)[N],(crawl)[N])[N]
rugdecolleté	((rug)[N],(decolleté)[N])[N]
rugdekking	((rug)[N],((dek)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ruggengraat	((rug)[N],(e)[N|N.N],(graat)[N])[N]
ruggengraatsverkromming	(((rug)[N],(e)[N|N.N],(graat)[N])[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(krom)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
ruggengraatswervel	(((rug)[N],(e)[N|N.N],(graat)[N])[N],(s)[N|N.N],(wervel)[N])[N]
ruggenmerg	((rug)[N],(e)[N|N.N],(merg)[N])[N]
ruggenmergkanaal	(((rug)[N],(e)[N|N.N],(merg)[N])[N],(kanaal)[N])[N]
ruggenmergpunctie	(((rug)[N],(e)[N|N.N],(merg)[N])[N],(punctie)[N])[N]
ruggenmergsholte	(((rug)[N],(e)[N|N.N],(merg)[N])[N],(s)[N|N.N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
ruggenmergstering	(((rug)[N],(e)[N|N.N],(merg)[N])[N],(s)[N|N.Vx],(teer)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
ruggenmergsvocht	(((rug)[N],(e)[N|N.N],(merg)[N])[N],(s)[N|N.N],(vocht)[N])[N]
ruggenmergszenuw	(((rug)[N],(e)[N|N.N],(merg)[N])[N],(s)[N|N.N],(zenuw)[N])[N]
ruggenprik	((rug)[N],(e)[N|N.N],(prik)[N])[N]
ruggensteun	((rug)[N],(e)[N|N.N],(steun)[N])[N]
ruggensteunen	((rug)[N],(e)[V|N.V],(steun)[V])[V]
ruggenstreng	((rug)[N],(e)[N|N.N],(streng)[N])[N]
ruggenvat	((rug)[N],(e)[N|N.N],(vat)[N])[N]
ruggenwervel	((rug)[N],(e)[N|N.N],(wervel)[N])[N]
ruggespraak	((rug)[N],(e)[N|N.N],(spraak)[N])[N]
ruggordel	((rug)[N],(gordel)[N])[N]
rughuid	((rug)[N],(huid)[N])[N]
rugkant	((rug)[N],(kant)[N])[N]
rugklachten	((rug)[N],(klacht)[N])[N]
rugkleed	((rug)[N],(kleed)[N])[N]
rugklier	((rug)[N],(klier)[N])[N]
rugkorf	((rug)[N],(korf)[N])[N]
rugkrabber	((rug)[N],(krab)[V],(er)[N|NV.])[N]
rugkwaal	((rug)[N],(kwaal)[N])[N]
rugleuning	((rug)[N],((leun)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rugligging	((rug)[N],((lig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rugnummer	((rug)[N],(nummer)[N])[N]
rugpijn	((rug)[N],(pijn)[N])[N]
rugpotig	((rug)[N],(poot)[N],(ig)[A|NN.])[A]
rugschelp	((rug)[N],(schelp)[N])[N]
rugschild	((rug)[N],(schild)[N])[N]
rugschot	((rug)[N],(schot)[N])[N]
rugslag	((rug)[N],(slag)[N])[N]
rugspier	((rug)[N],(spier)[N])[N]
rugsproeier	((rug)[N],((sproei)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
rugsteun	((rug)[N],(steun)[N])[N]
rugsteunen	((rug)[N],(steun)[V])[V]
rugstuk	((rug)[N],(stuk)[N])[N]
rugtitel	((rug)[N],(titel)[N])[N]
rugvin	((rug)[N],(vin)[N])[N]
rugvliegen	((rug)[N],(vlieg)[V])[V]
rugwaarts	((rug)[N],(waarts)[A|N.])[A]
rugwering	((rug)[N],((weer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
rugwervel	((rug)[N],(wervel)[N])[N]
rugzak	((rug)[N],(zak)[N])[N]
rugzenuw	((rug)[N],(zenuw)[N])[N]
rugzijde	((rug)[N],(zijde)[N])[N]
rugzwemmen	((rug)[N],(zwem)[V])[V]
rugzwemmers	((rug)[N],((zwem)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
rui	(rui)[N]
ruien	(rui)[V]
ruif	(ruif)[N]
ruig	(ruig)[N]
ruigaard	((ruig)[A],(aard)[N|A.])[N]
ruigharig	((ruig)[A],(haar)[N],(ig)[A|AN.])[A]
ruigheid	((ruig)[A],(heid)[N|A.])[N]
ruigpoot	((ruig)[A],(poot)[N])[N]
ruigpotig	((ruig)[A],(poot)[N],(ig)[A|AN.])[A]
ruigte	((ruig)[A],(te)[N|A.])[N]
ruikbaar	((ruik)[V],(baar)[A|V.])[A]
ruiken	(ruik)[V]
ruiker	((ruik)[V],(er)[N|V.])[N]
ruil	(ruil)[N]
ruilbaar	((ruil)[V],(baar)[A|V.])[A]
ruilbeurs	((ruil)[V],(beurs)[N])[N]
ruilcontract	((ruil)[V],(contract)[N])[N]
ruilebuiter	((ruilebuit)[V],(er)[N|V.])[N]
ruilen	(ruil)[V]
ruiler	((ruil)[V],(er)[N|V.])[N]
ruilhandel	((ruil)[V],(handel)[N])[N]
ruilhart	((ruil)[V],(hart)[N])[N]
ruiling	((ruil)[V],(ing)[N|V.])[N]
ruilmiddel	((ruil)[V],(middel)[N])[N]
ruilobject	((ruil)[V],(object)[N])[N]
ruilorder	((ruil)[V],(order)[N])[N]
ruilprofessor	((ruil)[V],(professor)[N])[N]
ruilverdrag	((ruil)[V],(verdrag)[N])[N]
ruilverkaveling	((ruil)[V],(((ver)[V|.V],(kavel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ruilverkeer	((ruil)[V],(verkeer)[N])[N]
ruilvoet	((ruil)[V],(voet)[N])[N]
ruilwaarde	((ruil)[V],(waarde)[N])[N]
ruim	(ruim)[N]
ruimdenkend	((ruim)[A],(denk)[V],(end)[A|AV.])[A]
ruimen	(ruim)[V]
ruimer	((ruim)[V],(er)[N|V.])[N]
ruimhartig	((ruim)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
ruimijzer	((ruim)[V],(ijzer)[N])[N]
ruiming	((ruim)[V],(ing)[N|V.])[N]
ruimnaald	((ruim)[V],(naald)[N])[N]
ruimschoots	((ruim)[A],(schoot)[N],(s)[A|AN.])[A]
ruimte	((ruim)[A],(te)[N|A.])[N]
ruimte-eenheid	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ruimtebegrip	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(begrip)[N])[N]
ruimtebeslag	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(beslag)[N])[N]
ruimtebiologie	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],((biologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
ruimtecapsule	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(capsule)[N])[N]
ruimtecommissie	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
ruimtedekking	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],((dek)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ruimtegebrek	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(gebrek)[N])[N]
ruimteheld	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(held)[N])[N]
ruimtehoek	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(hoek)[N])[N]
ruimtekromme	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(kromme)[N])[N]
ruimtelaboratorium	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(laboratorium)[N])[N]
ruimtelijk	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(lijk)[A|N.])[A]
ruimtelijkheid	((((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ruimtemaat	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(maat)[N])[N]
ruimtemodel	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(model)[N])[N]
ruimteonderzoek	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(onderzoek)[N])[N]
ruimtepak	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(pak)[N])[N]
ruimtependel	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(pendel)[N])[N]
ruimteprobleem	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(probleem)[N])[N]
ruimteprogramma	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(programma)[N])[N]
ruimtereis	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(reis)[N])[N]
ruimtereiziger	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(reiziger)[N])[N]
ruimterooster	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(rooster)[N])[N]
ruimtesatelliet	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(satelliet)[N])[N]
ruimteschip	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(schip)[N])[N]
ruimteschroot	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(schroot)[N])[N]
ruimtesonde	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(sonde)[N])[N]
ruimtestation	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(station)[N])[N]
ruimtetijd	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(tijd)[N])[N]
ruimtetijdperk	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],((tijd)[N],(perk)[N])[N])[N]
ruimtetralie	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(tralie)[N])[N]
ruimtevaarder	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(vaar)[V],(der)[N|NV.])[N]
ruimtevaart	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(vaart)[N])[N]
ruimtevaartprogramma	((((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(vaart)[N])[N],(programma)[N])[N]
ruimtevaartproject	((((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(vaart)[N])[N],(project)[N])[N]
ruimtevaarttijdperk	((((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(vaart)[N])[N],((tijd)[N],(perk)[N])[N])[N]
ruimtevaartuig	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
ruimteveer	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(veer)[N])[N]
ruimteverdeling	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
ruimtevlucht	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(vlucht)[N])[N]
ruimtevoertuig	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],((voer)[V],(tuig)[N])[N])[N]
ruimtevorm	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(vorm)[N])[N]
ruimtevrees	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(vrees)[N])[N]
ruimtewandeling	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],((wandel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ruimtewapen	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(wapen)[N])[N]
ruimtewerking	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],((werk)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ruimtewetenschap	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
ruimteziekte	(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
ruin	(ruin)[N]
ruis	(ruis)[N]
ruisbalk	((ruis)[N],(balk)[N])[N]
ruisen	(ruis)[V]
ruisfilter	((ruis)[N],(filter)[N])[N]
ruishoorn	((ruis)[V],(hoorn)[N])[N]
ruishoren	((ruis)[V],(horen)[N])[N]
ruising	((ruis)[V],(ing)[N|V.])[N]
ruiskast	((ruis)[N],(kast)[N])[N]
ruisvoorn	((ruis)[V],(voorn)[N])[N]
ruisvoren	((ruis)[V],(voren)[N])[N]
ruit	(ruit)[N]
ruitachtigen	((ruit)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
ruiten	(ruit)[V]
ruiten	((ruit)[N],(en)[A|N.])[A]
ruitenaas	((ruiten)[N],(aas)[N])[N]
ruitenacht	((ruiten)[N],(acht)[N])[N]
ruitenboer	((ruiten)[N],(boer)[N])[N]
ruitenbreker	((ruiten)[N],(breek)[V],(er)[N|NV.])[N]
ruitendrie	((ruiten)[N],(drie)[N])[N]
ruitenlood	((ruit)[N],(en)[N|N.N],(lood)[N])[N]
ruitensproeier	((ruit)[N],(e)[N|N.Vx],(sproei)[V],(er)[N|NxV.])[N]
ruitenstelsel	((ruit)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
ruitentikken	((ruit)[N],(en)[V|N.V],(tik)[V])[V]
ruitentikker	((ruit)[N],(en)[N|N.Vx],(tik)[V],(er)[N|NxV.])[N]
ruitenveger	((ruit)[N],(e)[N|N.Vx],(veeg)[V],(er)[N|NxV.])[N]
ruitenwisser	((ruit)[N],(e)[N|N.Vx],(wis)[V],(er)[N|NxV.])[N]
ruiterbeeld	((ruiter)[N],(beeld)[N])[N]
ruiterbende	((ruiter)[N],(bende)[N])[N]
ruiterdetachement	((ruiter)[N],((detacheer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
ruiterfeest	((ruiter)[N],(feest)[N])[N]
ruitergevecht	((ruiter)[N],((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N])[N]
ruiterij	((ruiter)[N],(ij)[N|N.])[N]
ruiterlijk	((ruiter)[N],(lijk)[A|N.])[A]
ruiterlijkheid	(((ruiter)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
ruitermantel	((ruiter)[N],(mantel)[N])[N]
ruiterpad	((ruiter)[N],(pad)[N])[N]
ruitersport	((ruiter)[N],(sport)[N])[N]
ruiterstandbeeld	((ruiter)[N],(standbeeld)[N])[N]
ruiterstukje	((ruiter)[N],(stuk)[N])[N]
ruitertroep	((ruiter)[N],(troep)[N])[N]
ruitervolk	((ruiter)[N],(volk)[N])[N]
ruiterweg	((ruiter)[N],(weg)[N])[N]
ruitijd	((rui)[V],(tijd)[N])[N]
ruitjesgoed	((ruitje)[N],(s)[N|N.N],(goed)[N])[N]
ruitjespapier	((ruitje)[N],(s)[N|N.N],(papier)[N])[N]
ruitmicrometer	((ruit)[N],((micro)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
ruitsgewijs	((ruit)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
ruitverwarmer	((ruit)[N],((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(er)[N|NV.])[N]
ruitvormig	((ruit)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
ruitzalf	((ruit)[N],(zalf)[N])[N]
ruiven	(ruif)[V]
ruk	(ruk)[N]
rukken	(ruk)[V]
rukvlaag	((ruk)[V],(vlaag)[N])[N]
rukwind	((ruk)[V],(wind)[N])[N]
rul	(rul)[N]
rulheid	((rul)[A],(heid)[N|A.])[N]
rulijs	((rul)[A],(ijs)[N])[N]
rullig	((rul)[A],(ig)[A|A.])[A]
rum	(rum)[N]
rum-cola	((rum)[N],(cola)[N])[N]
rumba	(rumba)[N]
rumboon	((rum)[N],(boon)[N])[N]
rumfles	((rum)[N],(fles)[N])[N]
rumglas	((rum)[N],(glas)[N])[N]
rumgrog	((rum)[N],(grog)[N])[N]
ruminatie	((rumineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
rumoer	(rumoer)[N]
rumoeren	(rumoer)[V]
rumoerig	((rumoer)[N],(ig)[A|N.])[A]
rumoerigheid	(((rumoer)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rumoermaker	((rumoer)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
rumpudding	((rum)[N],(pudding)[N])[N]
rumpunch	((rum)[N],(punch)[N])[N]
rumtaart	((rum)[N],(taart)[N])[N]
run	(run)[N]
rund	(rund)[N]
runderdaas	((rund)[N],(daas)[N])[N]
rundergehakt	((rund)[N],(gehakt)[N])[N]
runderhaas	((rund)[N],(haas)[N])[N]
runderharst	((rund)[N],(harst)[N])[N]
runderhorzel	((rund)[N],(horzel)[N])[N]
runderlap	((rund)[N],(lap)[N])[N]
runderoog	((rund)[N],(oog)[N])[N]
runderpest	((rund)[N],(pest)[N])[N]
runderrib	((rund)[N],(rib)[N])[N]
runderrollade	((rund)[N],(rollade)[N])[N]
runderstal	((rund)[N],(stal)[N])[N]
runderteelt	((rund)[N],(teelt)[N])[N]
runderziekte	((rund)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
rundleder	((rund)[N],(leder)[N])[N]
rundlederen	((rund)[N],((leder)[N],(en)[A|N.])[A])[A]
rundleer	((rund)[N],(leer)[N])[N]
rundleren	(((rund)[N],(leer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
rundvee	((rund)[N],(vee)[N])[N]
rundveestamboek	(((rund)[N],(vee)[N])[N],((stam)[N],(boek)[N])[N])[N]
rundvet	((rund)[N],(vet)[N])[N]
rundvlees	((rund)[N],(vlees)[N])[N]
rune	(rune)[N]
runenalfabet	((rune)[N],(en)[N|N.N],(alfabet)[N])[N]
runenschrift	((rune)[N],(en)[N|N.N],(schrift)[N])[N]
runenspreuk	((rune)[N],(en)[N|N.N],(spreuk)[N])[N]
runensteen	((rune)[N],(en)[N|N.N],(steen)[N])[N]
runenteken	((rune)[N],(teken)[N])[N]
runkleurig	((run)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
runmolen	((run)[N],(molen)[N])[N]
runnen	(run)[V]
runsel	((run)[V],(sel)[N|V.])[N]
rups	(rups)[N]
rupsauto	((rups)[N],(auto)[N])[N]
rupsband	((rups)[N],(band)[N])[N]
rupsenband	((rups)[N],(en)[N|N.N],(band)[N])[N]
rupsendoder	((rups)[N],(en)[N|N.Vx],(dood)[V],(er)[N|NxV.])[N]
rupsenei	((rups)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
rupsenjacht	((rups)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
rupsennest	((rups)[N],(en)[N|N.N],(nest)[N])[N]
rupsenplaag	((rups)[N],(en)[N|N.N],(plaag)[N])[N]
rupsenschaar	((rups)[N],(e)[N|N.N],(schaar)[N])[N]
rupsensluipwesp	((rups)[N],(en)[N|N.N],((sluip)[V],(wesp)[N])[N])[N]
rupsenspiegel	((rups)[N],(en)[N|N.N],(spiegel)[N])[N]
rupsenvraat	((rups)[N],(en)[N|N.N],(vraat)[N])[N]
rupsklaver	((rups)[N],(klaver)[N])[N]
rupswiel	((rups)[N],(wiel)[N])[N]
rus	(rus)[N]
rush	(rush)[N]
russen	((rus)[N],(en)[A|N.])[A]
russificatie	((russificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
rust	(rust)[N]
rustaltaar	((rust)[V],(altaar)[N])[N]
rustbank	((rust)[V],(bank)[N])[N]
rustbed	((rust)[V],(bed)[N])[N]
rustdag	((rust)[V],(dag)[N])[N]
rusteloos	((rust)[N],(eloos)[A|N.])[A]
rusteloosheid	(((rust)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rusten	(rust)[V]
rustgeld	((rust)[V],(geld)[N])[N]
rustgevend	((rust)[N],(geef)[V],(end)[A|NV.])[A]
rusthuis	((rust)[V],(huis)[N])[N]
rusticiteit	((rustiek)[A],(iciteit)[N|A.])[N]
rustig	((rust)[N],(ig)[A|N.])[A]
rustigheid	(((rust)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
rusting	((rust)[V],(ing)[N|V.])[N]
rustjaar	((rust)[V],(jaar)[N])[N]
rustkamer	((rust)[V],(kamer)[N])[N]
rustkuur	((rust)[V],(kuur)[N])[N]
rustlievend	((rust)[N],(lievend)[V])[A]
rustoord	((rust)[V],(oord)[N])[N]
rustperiode	((rust)[V],(periode)[N])[N]
rustplaats	((rust)[V],(plaats)[N])[N]
rustpunt	((rust)[V],(punt)[N])[N]
ruststadium	((rust)[V],(stadium)[N])[N]
ruststand	((rust)[N],(stand)[N])[N]
ruststoel	((rust)[V],(stoel)[N])[N]
ruststroom	((rust)[N],(stroom)[N])[N]
rustteken	((rust)[N],(teken)[N])[N]
rusttijd	((rust)[V],(tijd)[N])[N]
rustuur	((rust)[V],(uur)[N])[N]
rustverstoorder	((rust)[N],((ver)[V|.V],(stoor)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
rustverstoring	((rust)[N],((ver)[V|.V],(stoor)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
rut	(rut)[A]
ruw	(ruw)[N]
ruwaard	((ruw)[A],(aard)[N|A.])[N]
ruwaardschap	(((ruw)[A],(aard)[N|A.])[N],(schap)[N|N.])[N]
ruwbladig	((ruw)[A],(blad)[N],(ig)[A|AN.])[A]
ruwbouw	((ruw)[A],(bouw)[N])[N]
ruwdoek	((ruw)[A],(doek)[N])[N]
ruwen	(ruw)[V]
ruwglas	((ruw)[A],(glas)[N])[N]
ruwharig	((ruw)[A],(haar)[N],(ig)[A|AN.])[A]
ruwheid	((ruw)[A],(heid)[N|A.])[N]
ruwigheid	((ruw)[A],(igheid)[N|A.])[N]
ruwijzer	((ruw)[A],(ijzer)[N])[N]
ruwkruid	((ruw)[A],(kruid)[N])[N]
ruwkwallen	((ruw)[A],(kwal)[N])[N]
ruwnat	((ruw)[A],(nat)[N])[N]
ruwsap	((ruw)[A],(sap)[N])[N]
ruwstaal	((ruw)[A],(staal)[N])[N]
ruwsteen	((ruw)[A],(steen)[N])[N]
ruwte	((ruw)[A],(te)[N|A.])[N]
ruwvoer	((ruw)[A],(voer)[N])[N]
ruwwerk	((ruw)[A],(werk)[N])[N]
ruwwerker	((ruw)[A],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
ruwzink	((ruw)[A],(zink)[N])[N]
ruzie	(ruzie)[N]
ruzieachtig	((ruzie)[N],(achtig)[A|N.])[A]
ruziemaakster	((ruzie)[N],(maak)[V],(ster)[N|NV.])[N]
ruziemaker	((ruzie)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
ruzietoon	((ruzie)[N],(toon)[N])[N]
ruziezoeker	((ruzie)[N],(zoek)[V],(er)[N|NV.])[N]
ruziezoekster	((ruzie)[N],(zoek)[V],(ster)[N|NV.])[N]
ruziën	(ruzie)[V]
ruïne	(ruïne)[N]
ruïneren	((ruïne)[N],(eer)[V|N.])[V]
ruïnestad	((ruïne)[N],(stad)[N])[N]
röntgen	(röntgen)[N]
röntgenapparaat	((röntgen)[N],(apparaat)[N])[N]
röntgenbuis	((röntgen)[N],(buis)[N])[N]
röntgendiagram	((röntgen)[N],(diagram)[N])[N]
röntgenen	(röntgen)[V]
röntgenfoto	((röntgen)[N],(foto)[N])[N]
röntgenlaborant	((röntgen)[N],(laborant)[N])[N]
röntgenlaborante	(((röntgen)[N],(laborant)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
röntgenologisch	((röntgenoloog)[N],(isch)[A|N.])[A]
röntgenonderzoek	((röntgen)[N],(onderzoek)[N])[N]
röntgenopname	((röntgen)[N],(opname)[N])[N]
röntgenscherm	((röntgen)[N],(scherm)[N])[N]
röntgenspectrum	((röntgen)[N],(spectrum)[N])[N]
röntgenstralen	((röntgen)[N],(straal)[N])[N]
röntgentherapie	((röntgen)[N],(therapie)[N])[N]
s	(s)[N]
saai	(saai)[N]
saaien	((saai)[N],(en)[A|N.])[A]
saaiheid	((saai)[A],(heid)[N|A.])[N]
saamhorigheid	((saamhorig)[B],(heid)[N|B.])[N]
saamhorigheidsgevoel	(((saamhorig)[B],(heid)[N|B.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
sabadilkruidzaad	((sabadilkruid)[N],(zaad)[N])[N]
sabbat	(sabbat)[N]
sabbatdag	((sabbat)[N],(dag)[N])[N]
sabbatfeest	((sabbat)[N],(feest)[N])[N]
sabbatjaar	((sabbat)[N],(jaar)[N])[N]
sabbatlamp	((sabbat)[N],(lamp)[N])[N]
sabbatmaal	((sabbat)[N],(maal)[N])[N]
sabbatreis	((sabbat)[N],(reis)[N])[N]
sabbatrust	((sabbat)[N],(rust)[N])[N]
sabbatschender	((sabbat)[N],(schend)[V],(er)[N|NV.])[N]
sabbatschennis	((sabbat)[N],(schennis)[N])[N]
sabbatsjaar	((sabbat)[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
sabbatslamp	((sabbat)[N],(s)[N|N.N],(lamp)[N])[N]
sabbatsmaal	((sabbat)[N],(s)[N|N.N],(maal)[N])[N]
sabbatsreis	((sabbat)[N],(s)[N|N.N],(reis)[N])[N]
sabbatsrust	((sabbat)[N],(s)[N|N.N],(rust)[N])[N]
sabbatsschender	((sabbat)[N],(s)[N|N.Vx],(schend)[V],(er)[N|NxV.])[N]
sabbatsschennis	((sabbat)[N],(s)[N|N.N],(schennis)[N])[N]
sabbatsvrouw	((sabbat)[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
sabbattist	((sabbat)[N],(ist)[N|N.])[N]
sabbatviering	((sabbat)[N],(vier)[V],(ing)[N|NV.])[N]
sabbatvrouw	((sabbat)[N],(vrouw)[N])[N]
sabbelaar	((sabbel)[V],(aar)[N|V.])[N]
sabbelaarster	(((sabbel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
sabbelen	(sabbel)[V]
sabberen	(sabber)[V]
sabel	(sabel)[N]
sabelantilope	((sabel)[N],(antilope)[N])[N]
sabelbajonet	((sabel)[N],(bajonet)[N])[N]
sabelbont	((sabel)[N],(bont)[N])[N]
sabeldier	((sabel)[N],(dier)[N])[N]
sabelen	(sabel)[V]
sabelgekletter	((sabel)[N],(ge)[N|N.V],(kletter)[V])[N]
sabelhouw	((sabel)[N],(houw)[N])[N]
sabelkling	((sabel)[N],(kling)[N])[N]
sabelkoppel	((sabel)[N],(koppel)[N])[N]
sabelmarter	((sabel)[N],(marter)[N])[N]
sabelmier	((sabel)[N],(mier)[N])[N]
sabelschede	((sabel)[N],(schede)[N])[N]
sabelsprinkhaan	((sabel)[N],(sprinkhaan)[N])[N]
sabotage	((saboteer)[V],(age)[N|V.])[N]
sabotageactie	(((saboteer)[V],(age)[N|V.])[N],(actie)[N])[N]
sabotagedaad	(((saboteer)[V],(age)[N|V.])[N],(daad)[N])[N]
sabotagemateriaal	(((saboteer)[V],(age)[N|V.])[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
saboteur	((saboteer)[V],(eur)[N|V.])[N]
sacherijn	(sacherijn)[N]
sacherijnig	((sacherijn)[N],(ig)[A|N.])[A]
sacramenteel	((sacrament)[N],(eel)[A|N.])[A]
sacramentsaltaar	((sacrament)[N],(s)[N|N.N],(altaar)[N])[N]
sacramentshuisje	((sacrament)[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
sacramentsprocessie	((sacrament)[N],(s)[N|N.N],(processie)[N])[N]
sacristiedeur	((sacristie)[N],(deur)[N])[N]
sadomasochisme	((sadisme)[N],(masochisme)[N])[N]
safari	(safari)[N]
safaripark	((safari)[N],(park)[N])[N]
safaritoerisme	((safari)[N],(toerisme)[N])[N]
safe	(safe)[N]
safeloket	((safe)[N],(loket)[N])[N]
saffiaanleder	((saffiaan)[N],(leder)[N])[N]
saffiaanleer	((saffiaan)[N],(leer)[N])[N]
saffier	(saffier)[N]
saffierblauw	((saffier)[N],(blauw)[A])[A]
saffieren	((saffier)[N],(en)[A|N.])[A]
saffiersteen	((saffier)[N],(steen)[N])[N]
saffraangeel	((saffraan)[N],(geel)[A])[N]
saffraankleur	((saffraan)[N],(kleur)[N])[N]
saffraankleurig	((saffraan)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
saffranen	((saffraan)[N],(en)[A|N.])[A]
saga	(saga)[N]
sage	(sage)[N]
sagenkring	((sage)[N],(en)[N|N.N],(kring)[N])[N]
sagobloem	((sago)[N],(bloem)[N])[N]
sagomeel	((sago)[N],(meel)[N])[N]
sagomelk	((sago)[N],(melk)[N])[N]
sagopalm	((sago)[N],(palm)[N])[N]
sagoweer	(sagoweer)[N]
saguweer	(saguweer)[N]
sajetten	((sajet)[N],(en)[A|N.])[A]
sak	(sak)[N]
sake	(sake)[N]
saki	(saki)[N]
sakkeren	(sakker)[V]
salamander	(salamander)[N]
salamanderhaar	((salamander)[N],(haar)[N])[N]
salamanderkachel	((salamander)[N],(kachel)[N])[N]
salamanders	((salamander)[N],(s)[A|N.])[A]
salami	(salami)[N]
salamipolitiek	((salami)[N],(politiek)[N])[N]
salamitactiek	((salami)[N],(((tact)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
salangaan	(salangaan)[N]
salariaat	((salarieer)[V],(aat)[N|V.])[N]
salaris	(salaris)[N]
salarisadministratie	((salaris)[N],((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
salarisbeleid	((salaris)[N],(beleid)[N])[N]
salarisconsequentie	((salaris)[N],((consequent)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
salarisherziening	((salaris)[N],((herzie)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
salariskwestie	((salaris)[N],(kwestie)[N])[N]
salarisopslag	((salaris)[N],(opslag)[N])[N]
salarispositie	((salaris)[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
salarisregeling	((salaris)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
salarisrekening	((salaris)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
salarisschaal	((salaris)[N],(schaal)[N])[N]
salarisstructuur	((salaris)[N],(structuur)[N])[N]
salarissysteem	((salaris)[N],(systeem)[N])[N]
salarisverhoging	((salaris)[N],((ver)[V|.A],(hoog)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
salarisvermindering	((salaris)[N],(((ver)[V|.V],(minder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
salarisvoorschot	((salaris)[N],((voor)[B],(schot)[N])[N])[N]
salariëring	((salarieer)[V],(ing)[N|V.])[N]
saldibalans	((saldi)[N],(balans)[N])[N]
saldilijst	((saldi)[N],(lijst)[N])[N]
saldo	(saldo)[N]
salepdrank	((salep)[N],(drank)[N])[N]
saletjonker	((salet)[N],(jonker)[N])[N]
salie	(salie)[N]
saliemelk	((salie)[N],(melk)[N])[N]
salieolie	((salie)[N],(olie)[N])[N]
saliestruik	((salie)[N],(struik)[N])[N]
saligenol	(saligenol)[N]
salmiak	(salmiak)[N]
salmiakdrop	((salmiak)[N],(drop)[N])[N]
salmiakpastille	((salmiak)[N],(pastille)[N])[N]
salmonella	(salmonella)[N]
salomonszegel	((Salomon)[N],(s)[N|N.N],(zegel)[N])[N]
salon	(salon)[N]
salonameublement	((salon)[N],(ameublement)[N])[N]
salonbanket	((salon)[N],(banket)[N])[N]
salonboot	((salon)[N],(boot)[N])[N]
saloncommunist	((salon)[N],(communist)[N])[N]
salondeur	((salon)[N],(deur)[N])[N]
salonheld	((salon)[N],(held)[N])[N]
salonmuziek	((salon)[N],(muziek)[N])[N]
salonradio	((salon)[N],(radio)[N])[N]
salonrijtuig	((salon)[N],((rijd)[V],(tuig)[N])[N])[N]
salonroman	((salon)[N],(roman)[N])[N]
salonsocialist	((salon)[N],(socialist)[N])[N]
salonstuk	((salon)[N],(stuk)[N])[N]
salontafel	((salon)[N],(tafel)[N])[N]
salontafelboek	(((salon)[N],(tafel)[N])[N],(boek)[N])[N]
salonwagen	((salon)[N],(wagen)[N])[N]
salpen	(salp)[N]
salpeter	(salpeter)[N]
salpetergeest	((salpeter)[N],(geest)[N])[N]
salpetergrond	((salpeter)[N],(grond)[N])[N]
salpeterigzuur	((salpeter)[N],(ig)[N|N.N],(zuur)[N])[N]
salpeterkoek	((salpeter)[N],(koek)[N])[N]
salpeterlucht	((salpeter)[N],(lucht)[N])[N]
salpetermeel	((salpeter)[N],(meel)[N])[N]
salpeterpapier	((salpeter)[N],(papier)[N])[N]
salpeterplantage	((salpeter)[N],((plant)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
salpetersmaak	((salpeter)[N],(smaak)[N])[N]
salpeterstruik	((salpeter)[N],(struik)[N])[N]
salpeterzout	((salpeter)[N],(zout)[N])[N]
salpeterzuur	((salpeter)[N],(zuur)[N])[N]
salsa	(salsa)[N]
salto	(salto)[N]
saluutkanon	((saluut)[N],(kanon)[N])[N]
saluutschot	((saluut)[N],(schot)[N])[N]
salvia	(salvia)[N]
salvo	(salvo)[N]
salzafij	(salzafij)[N]
samba	(samba)[N]
sambabal	((samba)[N],(bal)[N])[N]
sambal	(sambal)[N]
sambar	(sambar)[N]
sambur	(sambur)[N]
samenballen	((samen)[B],(bal)[V])[V]
samenbinden	((samen)[B],(bind)[V])[V]
samenblazen	((samen)[B],(blaas)[V])[V]
samenblijven	((samen)[B],(blijf)[V])[V]
samenbrengen	((samen)[B],(breng)[V])[V]
samenbuigen	((samen)[B],(buig)[V])[V]
samenbundelen	((samen)[B],(bundel)[V])[V]
samendoen	((samen)[B],(doe)[V])[V]
samendrijven	((samen)[B],(drijf)[V])[V]
samendringen	((samen)[B],(dring)[V])[V]
samendrommen	((samen)[B],(drom)[V])[V]
samendrukbaar	(((samen)[B],(druk)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
samendrukbaarheid	((((samen)[B],(druk)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
samendrukken	((samen)[B],(druk)[V])[V]
samenduwen	((samen)[B],(duw)[V])[V]
samenflansen	((samen)[B],(flans)[V])[V]
samengaan	((samen)[B],(ga)[V])[V]
samengeordend	((samen)[B],(geordend)[A])[A]
samengerechtigd	((samen)[B],(gerechtigd)[A])[A]
samengesteldbloemig	((samengesteld)[A],(bloem)[N],(ig)[A|AN.])[A]
samengroeien	((samen)[B],(groei)[V])[V]
samenhandel	((samen)[B],(handel)[N])[N]
samenhang	((samen)[B],(hang)[N])[N]
samenhangen	((samen)[B],(hang)[V])[V]
samenhelmig	((samen)[B],(helm)[N],(ig)[A|BN.])[A]
samenhokken	((samen)[B],(hok)[V])[V]
samenhorigheid	((samenhorig)[B],(heid)[N|B.])[N]
samenhorigheidsgevoel	(((samenhorig)[B],(heid)[N|B.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
samenhouden	((samen)[B],(houd)[V])[V]
samenklappen	((samen)[B],(klap)[V])[V]
samenklemmen	((samen)[B],(klem)[V])[V]
samenkleven	((samen)[B],(kleef)[V])[V]
samenklinken	((samen)[B],(klink)[V])[V]
samenklonteren	((samen)[B],(klonter)[V])[V]
samenknijpen	((samen)[B],(knijp)[V])[V]
samenknopen	((samen)[B],(knoop)[V])[V]
samenkoeken	((samen)[B],(koek)[V])[V]
samenkomen	((samen)[B],(kom)[V])[V]
samenkomst	(((samen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N]
samenkoppelen	((samen)[B],(koppel)[V])[V]
samenkoppeling	(((samen)[B],(koppel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
samenkrimpen	((samen)[B],(krimp)[V])[V]
samenleven	((samen)[B],(leef)[V])[V]
samenleving	(((samen)[B],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
samenlevingsopbouw	((((samen)[B],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(opbouw)[N])[N]
samenlevingssituatie	((((samen)[B],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
samenlevingsstructuur	((((samen)[B],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
samenlevingssysteem	((((samen)[B],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
samenlevingsverband	((((samen)[B],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(verband)[N])[N]
samenlevingsvorm	((((samen)[B],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
samenlevingsvraagstuk	((((samen)[B],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
samenlopen	((samen)[B],(loop)[V])[V]
samenpakken	((samen)[B],(pak)[V])[V]
samenpersen	((samen)[B],(pers)[V])[V]
samenproppen	((samen)[B],(prop)[V])[V]
samenraapsel	(((samen)[B],(raap)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
samenrapen	((samen)[B],(raap)[V])[V]
samenroepen	((samen)[B],(roep)[V])[V]
samenroeping	(((samen)[B],(roep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
samenrollen	((samen)[B],(rol)[V])[V]
samenrotting	((samenrot)[V],(ing)[N|V.])[N]
samenscholen	((samen)[B],(school)[V])[V]
samenscholing	(((samen)[B],(school)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
samensmelten	((samen)[B],(smelt)[V])[V]
samensmelting	(((samen)[B],(smelt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
samensnoeren	((samen)[B],(snoer)[V])[V]
samensnoering	(((samen)[B],(snoer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
samenspannen	((samen)[B],(span)[V])[V]
samenspanning	(((samen)[B],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
samenspel	((samen)[B],(spel)[N])[N]
samenspelen	((samen)[B],(speel)[V])[V]
samenspraak	((samen)[B],(spraak)[N])[N]
samenstellen	((samen)[B],(stel)[V])[V]
samensteller	(((samen)[B],(stel)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
samenstelling	(((samen)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
samenstelster	(((samen)[B],(stel)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
samenstromen	((samen)[B],(stroom)[V])[V]
samentellen	((samen)[B],(tel)[V])[V]
samentelling	(((samen)[B],(tel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
samentreffen	((samen)[B],(tref)[V])[V]
samentrekken	((samen)[B],(trek)[V])[V]
samentrekker	(((samen)[B],(trek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
samentrekking	(((samen)[B],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
samentrekkingsteken	((((samen)[B],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
samenvallen	((samen)[B],(val)[V])[V]
samenvatten	((samen)[B],(vat)[V])[V]
samenvatting	(((samen)[B],(vat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
samenvlechten	((samen)[B],(vlecht)[V])[V]
samenvloeien	((samen)[B],(vloei)[V])[V]
samenvloeiing	(((samen)[B],(vloei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
samenvoegen	((samen)[B],(voeg)[V])[V]
samenvoeging	(((samen)[B],(voeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
samenvouwen	((samen)[B],(vouw)[V])[V]
samenweefsel	(((samen)[B],(weef)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
samenwerken	((samen)[B],(werk)[V])[V]
samenwerking	(((samen)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
samenwerkingsactiviteit	((((samen)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
samenwerkingsexperiment	((((samen)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(experiment)[N])[N]
samenwerkingsklimaat	((((samen)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klimaat)[N])[N]
samenwerkingslichaam	((((samen)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lichaam)[N])[N]
samenwerkingsmogelijkheid	((((samen)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
samenwerkingsorgaan	((((samen)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
samenwerkingsovereenkomst	((((samen)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
samenwerkingsproces	((((samen)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
samenwerkingsproject	((((samen)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(project)[N])[N]
samenwerkingsrelatie	((((samen)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
samenwerkingsschool	((((samen)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
samenwerkingsstructuur	((((samen)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
samenwerkingsverband	((((samen)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(verband)[N])[N]
samenwerkingsvraagstuk	((((samen)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
samenweven	((samen)[B],(weef)[V])[V]
samenwonen	((samen)[B],(woon)[V])[V]
samenwoning	(((samen)[B],(woon)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
samenzang	((samen)[B],(zang)[N])[N]
samenzijn	((samen)[B],(zijn)[N])[N]
samenzweerder	(((samen)[B],(zweer)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
samenzweerster	(((samen)[B],(zweer)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
samenzweren	((samen)[B],(zweer)[V])[V]
samenzwering	(((samen)[B],(zweer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
samenzweringstheorie	((((samen)[B],(zweer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
sammelaar	((sammel)[V],(aar)[N|V.])[N]
samoerai	(samoerai)[N]
samowaar	(samowaar)[N]
samowar	(samowar)[N]
sampan	(sampan)[N]
sanatorium	((saneer)[V],(atorium)[N|V.])[N]
sanctiebeleid	((sanctie)[N],(beleid)[N])[N]
sanctiebevoegdheid	((sanctie)[N],((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
sanctiemogelijkheid	((sanctie)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
sanctificatie	((sanctificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
sanctioneren	((sanctie)[N],(ioneer)[V|N.])[V]
sanctionering	(((sanctie)[N],(ioneer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
sandaal	(sandaal)[N]
sandelhouten	((sandelhout)[N],(en)[A|N.])[A]
sandwichbord	((sandwich)[N],(bord)[N])[N]
sandwichman	((sandwich)[N],(man)[N])[N]
sanering	((saneer)[V],(ing)[N|V.])[N]
saneringsgebied	(((saneer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gebied)[N])[N]
saneringskaart	(((saneer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
saneringsmaatregel	(((saneer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
saneringsprogramma	(((saneer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
sangria	(sangria)[N]
sanhedrin	(sanhedrin)[N]
sannyasin	(sannyasin)[N]
sant	(sant)[N]
santin	((sant)[N],(in)[N|N.])[N]
santje	((sant)[N],(je)[N|N.])[N]
santoskoffie	((Santos)[N],(koffie)[N])[N]
sap	(sap)[N]
sapcentrifuge	((sap)[N],(centrifuge)[N])[N]
sapgroen	((sap)[N],(groen)[N])[N]
saphouders	((sap)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
saploos	((sap)[N],(loos)[A|N.])[A]
sappel	(sappel)[A]
sappelaar	((sappel)[V],(aar)[N|V.])[N]
sappelen	(sappel)[V]
sapperen	((sappe)[N],(eer)[V|N.])[V]
sappeur	(((sappe)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
sappeursbaard	((((sappe)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(baard)[N])[N]
sappig	((sap)[N],(ig)[A|N.])[A]
sappigheid	(((sap)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
saprijk	((sap)[N],(rijk)[A])[A]
sapring	((sap)[N],(ring)[N])[N]
sapverf	((sap)[N],(verf)[N])[N]
sar	(sar)[N]
sarabande	(sarabande)[N]
sarangi	(sarangi)[N]
sardien	(sardien)[N]
sardienenblikje	((sardien)[N],(en)[N|N.N],(blik)[N])[N]
sardine	(sardine)[N]
sardineblikje	((sardine)[N],(blik)[N])[N]
sardonyx	((Sardinie)[N],(onyx)[N])[N]
sari	(sari)[N]
sarong	(sarong)[N]
sarongachtig	((sarong)[N],(achtig)[A|N.])[A]
sarren	(sar)[V]
sarrig	((sar)[N],(ig)[A|N.])[A]
sas	(sas)[N]
sasbuis	((sas)[N],(buis)[N])[N]
sasdeur	((sas)[N],(deur)[N])[N]
sasmeester	((sas)[N],(meester)[N])[N]
sassafras	(sassafras)[N]
sassen	(sas)[V]
sassenier	((sas)[N],(enier)[N|N.])[N]
sassluis	((sas)[N],(sluis)[N])[N]
satan	(satan)[N]
satanisch	((satan)[N],(isch)[A|N.])[A]
satanisme	((satan)[N],(isme)[N])[N]
satanist	((satan)[N],(ist)[N|N.])[N]
satans	((satan)[N],(s)[A|N.])[A]
satansboleet	((satan)[N],(s)[N|N.N],(boleet)[N])[N]
satansgebroed	((satan)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(broed)[V])[N])[N]
satanskind	((satan)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
satanswerk	((satan)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
satelliet	(satelliet)[N]
satellietbaan	((satelliet)[N],(baan)[N])[N]
satellietcommunicatie	((satelliet)[N],((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
satellietfoto	((satelliet)[N],(foto)[N])[N]
satellietgegeven	((satelliet)[N],(gegeven)[N])[N]
satellietsignaal	((satelliet)[N],(signaal)[N])[N]
satellietstaat	((satelliet)[N],(staat)[N])[N]
satellietstad	((satelliet)[N],(stad)[N])[N]
satellietsysteem	((satelliet)[N],(systeem)[N])[N]
satelliettelevisie	((satelliet)[N],(televisie)[N])[N]
satellietzender	((satelliet)[N],((zend)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
sater	(sater)[N]
saterachtig	((sater)[N],(achtig)[A|N.])[A]
saterdans	((sater)[N],(dans)[N])[N]
saterskop	((sater)[N],(s)[N|N.N],(kop)[N])[N]
satijn	(satijn)[N]
satijnachtig	((satijn)[N],(achtig)[A|N.])[A]
satijnbinding	((satijn)[N],((bind)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
satijnen	((satijn)[N],(en)[A|N.])[A]
satijnhout	((satijn)[N],(hout)[N])[N]
satijnverf	((satijn)[N],(verf)[N])[N]
satijnvlinder	((satijn)[N],(vlinder)[N])[N]
satijnweverij	((satijn)[N],(weef)[V],(erij)[N|NV.])[N]
satijnzacht	((satijn)[N],(zacht)[A])[A]
satijnzwam	((satijn)[N],(zwam)[N])[N]
satiredichter	((satire)[N],(en)[N|N.Vx],(dicht)[V],(er)[N|NxV.])[N]
satiriek	((satire)[N],(iek)[A|N.])[A]
satirisch	((satire)[N],(isch)[A|N.])[A]
satrapie	((satraap)[N],(ie)[N|N.])[N]
saturatie	((satureer)[V],(atie)[N|V.])[N]
saturnisch	((Saturnus)[N],(isch)[A|N.])[A]
satyr	(satyr)[N]
satyrspel	((satyr)[N],(spel)[N])[N]
saté	(saté)[N]
satéstokje	((saté)[N],(stok)[N])[N]
saucijs	(saucijs)[N]
saucijzenbroodje	((saucijs)[N],(e)[N|N.N],(brood)[N])[N]
sauna	(sauna)[N]
sauriër	(sauriër)[N]
saus	(saus)[N]
sausen	(saus)[V]
sauskom	((saus)[N],(kom)[N])[N]
sauslepel	((saus)[N],(lepel)[N])[N]
sauspan	((saus)[N],(pan)[N])[N]
sauswerk	((saus)[V],(werk)[N])[N]
sauzen	(saus)[V]
savanne	(savanne)[N]
savannebos	((savanne)[N],(bos)[N])[N]
savonethorloge	((savonet)[N],(horloge)[N])[N]
savooienkool	((savooi)[N],(e)[N|N.N],(kool)[N])[N]
savooikool	((savooi)[N],(kool)[N])[N]
sawa	(sawa)[N]
sax	(sax)[N]
saxhoorn	((sax)[N],(hoorn)[N])[N]
saxofonist	((saxofoon)[N],(ist)[N|N.])[N]
saxofoonsolo	((saxofoon)[N],(solo)[N])[N]
scabiës	(scabiës)[N]
scala	(scala)[N]
scalp	(scalp)[N]
scalpeermes	(((scalp)[N],(eer)[V|N.])[V],(mes)[N])[N]
scalpel	(scalpel)[N]
scalperen	((scalp)[N],(eer)[V|N.])[V]
scannen	(scan)[V]
scanner	((scan)[V],(er)[N|V.])[N]
scarabee	(scarabee)[N]
scat	(scat)[N]
scatologie	((scatologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
scenario	(scenario)[N]
scenarioschrijver	((scenario)[N],(schrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
scene	(scene)[N]
scenisch	((scène)[N],(isch)[A|N.])[A]
scepter	(scepter)[N]
sceptisch	((scepsis)[N],(isch)[A|N.])[A]
scha	(scha)[N]
schaaf	(schaaf)[N]
schaafbank	((schaaf)[V],(bank)[N])[N]
schaafbeitel	((schaaf)[V],(beitel)[N])[N]
schaafijzer	((schaaf)[V],(ijzer)[N])[N]
schaafkrullen	((schaaf)[V],(krul)[N])[N]
schaafsel	((schaaf)[V],(sel)[N|V.])[N]
schaafwond	((schaaf)[V],(wond)[N])[N]
schaafwonde	((schaaf)[V],(wonde)[N])[N]
schaak	(schaak)[N]
schaakblind	((schaak)[N],(blind)[A])[A]
schaakbord	((schaak)[V],(bord)[N])[N]
schaakcafé	((schaak)[V],(café)[N])[N]
schaakclub	((schaak)[V],(club)[N])[N]
schaakcomputer	((schaak)[V],(computer)[N])[N]
schaakklok	((schaak)[V],(klok)[N])[N]
schaakmat	((schaak)[A],(mat)[A])[A]
schaakmeester	((schaak)[V],(meester)[N])[N]
schaakpartij	((schaak)[V],(partij)[N])[N]
schaakprobleem	((schaak)[V],(probleem)[N])[N]
schaakrubriek	((schaak)[V],(rubriek)[N])[N]
schaakspeelster	((schaak)[N],((speel)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
schaakspel	((schaak)[A],(spel)[N])[N]
schaakspelen	((schaak)[N],(speel)[V])[V]
schaakspeler	((schaak)[N],(speel)[V],(er)[N|NV.])[N]
schaakster	((schaak)[V],(ster)[N|V.])[N]
schaakstuk	((schaak)[V],(stuk)[N])[N]
schaaktoernooi	((schaak)[V],(toernooi)[N])[N]
schaaktornooi	((schaak)[V],(tornooi)[N])[N]
schaakwedstrijd	((schaak)[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
schaakwonder	((schaak)[V],(wonder)[N])[N]
schaakzet	((schaak)[V],(zet)[N])[N]
schaal	(schaal)[N]
schaalamoebe	((schaal)[N],(amoebe)[N])[N]
schaalcollecte	((schaal)[N],(collecte)[N])[N]
schaaldeel	((schaal)[N],(deel)[N])[N]
schaaldier	((schaal)[N],(dier)[N])[N]
schaaleenheid	((schaal)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
schaalmodel	((schaal)[N],(model)[N])[N]
schaalverdeling	((schaal)[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
schaalvergroting	((schaal)[N],((ver)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
schaalverkleining	((schaal)[N],((ver)[V|.A],(klein)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
schaalverlichting	((schaal)[N],((ver)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
schaalvlies	((schaal)[N],(vlies)[N])[N]
schaalvormig	((schaal)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schaalvrucht	((schaal)[N],(vrucht)[N])[N]
schaalwaarde	((schaal)[N],(waarde)[N])[N]
schaamachtig	((schaam)[V],(achtig)[A|V.])[A]
schaambeenboog	((schaambeen)[N],(boog)[N])[N]
schaamrood	((schaam)[V],(rood)[N])[N]
schaamschot	((schaam)[V],(schot)[N])[N]
schaamte	((schaam)[V],(te)[N|V.])[N]
schaamteblos	(((schaam)[V],(te)[N|V.])[N],(blos)[N])[N]
schaamtegevoel	(((schaam)[V],(te)[N|V.])[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
schaamtegevoelen	(((schaam)[V],(te)[N|V.])[N],(gevoelen)[N])[N]
schaamteloos	(((schaam)[V],(te)[N|V.])[N],(loos)[A|N.])[A]
schaamteloosheid	((((schaam)[V],(te)[N|V.])[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schaamtevol	(((schaam)[V],(te)[N|V.])[N],(vol)[A])[A]
schaap	(schaap)[N]
schaapachtig	((schaap)[N],(achtig)[A|N.])[A]
schaapherder	((schaap)[N],(herder)[N])[N]
schaapherderin	(((schaap)[N],(herder)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
schaapjeswolken	((schaapje)[N],(s)[N|N.N],(wolk)[N])[N]
schaapscheerder	((schaap)[N],(scheer)[V],(der)[N|NV.])[N]
schaapshond	((schaap)[N],(s)[N|N.N],(hond)[N])[N]
schaapshoofd	((schaap)[N],(s)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
schaapskleren	((schaap)[N],(s)[N|N.N],(kleed)[N])[N]
schaapskooi	((schaap)[N],(s)[N|N.N],(kooi)[N])[N]
schaapskop	((schaap)[N],(s)[N|N.N],(kop)[N])[N]
schaapskudde	((schaap)[N],(s)[N|N.N],(kudde)[N])[N]
schaapsleder	((schaap)[N],(s)[N|N.N],(leder)[N])[N]
schaapsleer	((schaap)[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
schaapsleren	(((schaap)[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
schaapsvacht	((schaap)[N],(s)[N|N.N],(vacht)[N])[N]
schaar	(schaar)[N]
schaarbeweging	((schaar)[N],(beweeg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
schaarbos	((schaar)[N],(bos)[N])[N]
schaarbrug	((schaar)[V],(brug)[N])[N]
schaard	(schaard)[N]
schaarden	(schaard)[V]
schaardig	((schaard)[N],(ig)[A|N.])[A]
schaardijk	((schaar)[N],(dijk)[N])[N]
schaargebit	((schaar)[N],(gebit)[N])[N]
schaarhout	((schaar)[N],(hout)[N])[N]
schaarkijker	((schaar)[N],((kijk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
schaarkunst	((schaar)[N],(kunst)[N])[N]
schaarlamp	((schaar)[V],(lamp)[N])[N]
schaaroever	((schaar)[V],(oever)[N])[N]
schaars	(schaars)[A]
schaarsheid	((schaars)[A],(heid)[N|A.])[N]
schaarsnede	((schaar)[N],(snede)[N])[N]
schaarsprong	((schaar)[N],(sprong)[N])[N]
schaarste	((schaars)[A],(te)[N|A.])[N]
schaarste-economie	(((schaars)[A],(te)[N|A.])[N],((economisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
schaarsteargument	(((schaars)[A],(te)[N|A.])[N],(argument)[N])[N]
schaartrap	((schaar)[V],(trap)[N])[N]
schaarvormig	((schaar)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schaarweide	((schaar)[N],(weide)[N])[N]
schaats	(schaats)[N]
schaatsbaan	((schaats)[V],(baan)[N])[N]
schaatsband	((schaats)[N],(band)[N])[N]
schaatsbeslag	((schaats)[N],(beslag)[N])[N]
schaatsen	(schaats)[V]
schaatsenbaan	((schaats)[V],(en)[N|V.N],(baan)[N])[N]
schaatsenband	((schaats)[N],(e)[N|N.N],(band)[N])[N]
schaatsenrijden	((schaats)[N],(en)[V|N.V],(rijd)[V])[V]
schaatsenrijder	(((schaats)[N],(en)[V|N.V],(rijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
schaatsenrijdster	((schaats)[N],(en)[N|N.N],((rijd)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
schaatsenslijper	((schaats)[N],(en)[N|N.Vx],(slijp)[V],(er)[N|NxV.])[N]
schaatser	((schaats)[V],(er)[N|V.])[N]
schaatshout	((schaats)[N],(hout)[N])[N]
schaatsijzer	((schaats)[N],(ijzer)[N])[N]
schaatsplank	((schaats)[N],(plank)[N])[N]
schaatsriem	((schaats)[N],(riem)[N])[N]
schaatsschoen	((schaats)[N],(schoen)[N])[N]
schaatsster	((schaats)[V],(ster)[N|V.])[N]
schab	(schab)[N]
schabberig	((schab)[N],(erig)[A|N.])[A]
schabbig	((schab)[N],(ig)[A|N.])[A]
schacht	(schacht)[N]
schachtbalk	((schacht)[N],(balk)[N])[N]
schachtboor	((schacht)[N],(boor)[N])[N]
schachthaar	((schacht)[N],(haar)[N])[N]
schachthalm	((schacht)[N],(halm)[N])[N]
schachthout	((schacht)[N],(hout)[N])[N]
schachtkooi	((schacht)[N],(kooi)[N])[N]
schachtpenseel	((schacht)[N],(penseel)[N])[N]
schachtring	((schacht)[N],(ring)[N])[N]
schachtvormig	((schacht)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schade	(schade)[N]
schadeactie	((schade)[N],(actie)[N])[N]
schadeafdeling	((schade)[N],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schadebedrag	((schade)[N],(bedrag)[N])[N]
schadecertificaat	((schade)[N],((certificeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
schadeclaim	((schade)[N],(claim)[N])[N]
schadecommissaris	((schade)[N],(commissaris)[N])[N]
schadecorrespondent	((schade)[N],(correspondeer)[V],(ent)[N|NV.])[N]
schadefonds	((schade)[N],(fonds)[N])[N]
schadelijk	((schaad)[V],(elijk)[A|V.])[A]
schadelijkheid	(((schaad)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schadeloos	((schade)[N],(loos)[A|N.])[A]
schadeloosstellen	(((schade)[N],(loos)[A|N.])[A],(stel)[V])[V]
schadeloosstelling	((((schade)[N],(loos)[A|N.])[A],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
schaden	(schaad)[V]
schadeopneming	((schade)[N],((op)[P],(neem)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
schadepenningen	((schade)[N],(penning)[N])[N]
schadepercentage	((schade)[N],(percentage)[N])[N]
schadeplichtig	((schade)[N],(plicht)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schadeplichtigheid	(((schade)[N],(plicht)[N],(ig)[A|NN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schadepost	((schade)[N],(post)[N])[N]
schaderapport	((schade)[N],(rapport)[N])[N]
schaderekening	((schade)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schadestaat	((schade)[N],(staat)[N])[N]
schadestatistiek	((schade)[N],((statistisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
schadevergoeding	((schade)[N],((ver)[V|.A],(goed)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
schadevergoedingsactie	(((schade)[N],((ver)[V|.A],(goed)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
schadevergoedingsregeling	(((schade)[N],((ver)[V|.A],(goed)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schadeverhaal	((schade)[N],(verhaal)[N])[N]
schadeverhaling	((schade)[N],(((ver)[V|.V],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schadeverzekering	((schade)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schadevordering	((schade)[N],((vorder)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schadevrij	((schade)[N],(vrij)[A])[A]
schaduw	(schaduw)[N]
schaduwachtig	((schaduw)[N],(achtig)[A|N.])[A]
schaduwarchief	((schaduw)[N],(archief)[N])[N]
schaduwbeeld	((schaduw)[N],(beeld)[N])[N]
schaduwbepaling	((schaduw)[N],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
schaduwboekhouding	((schaduw)[N],(((boek)[N],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schaduwboksen	((schaduw)[N],(boks)[V])[V]
schaduwen	(schaduw)[V]
schaduwfiguur	((schaduw)[N],(figuur)[N])[N]
schaduwgestalte	((schaduw)[N],(gestalte)[N])[N]
schaduwgras	((schaduw)[N],(gras)[N])[N]
schaduwhal	((schaduw)[N],(hal)[N])[N]
schaduwindustrie	((schaduw)[N],(industrie)[N])[N]
schaduwing	((schaduw)[V],(ing)[N|V.])[N]
schaduwkabinet	((schaduw)[N],(kabinet)[N])[N]
schaduwkant	((schaduw)[N],(kant)[N])[N]
schaduwkegel	((schaduw)[N],(kegel)[N])[N]
schaduwletter	((schaduw)[N],(letter)[N])[N]
schaduwloos	((schaduw)[N],(loos)[A|N.])[A]
schaduwminister	((schaduw)[N],(minister)[N])[N]
schaduwomtrek	((schaduw)[N],(omtrek)[N])[N]
schaduwpalm	((schaduw)[N],(palm)[N])[N]
schaduwpartij	((schaduw)[N],(partij)[N])[N]
schaduwpatroon	((schaduw)[N],(patroon)[N])[N]
schaduwperspectief	((schaduw)[N],(perspectief)[N])[N]
schaduwplant	((schaduw)[N],(plant)[N])[N]
schaduwregering	((schaduw)[N],((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schaduwrijk	((schaduw)[N],(rijk)[A])[A]
schaduwschema	((schaduw)[N],(schema)[N])[N]
schaduwspel	((schaduw)[N],(spel)[N])[N]
schaduwverkiezingen	((schaduw)[N],(((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schaduwwerk	((schaduw)[N],(werk)[N])[N]
schaduwwolk	((schaduw)[N],(wolk)[N])[N]
schaduwzijde	((schaduw)[N],(zijde)[N])[N]
schaffen	(schaf)[V]
schaft	(schaft)[N]
schaften	(schaft)[V]
schafthuis	((schaft)[V],(huis)[N])[N]
schaftje	((schaft)[N],(je)[N|N.])[N]
schaftkeet	((schaft)[V],(keet)[N])[N]
schaftklok	((schaft)[N],(klok)[N])[N]
schaftlokaal	((schaft)[V],(lokaal)[N])[N]
schafttijd	((schaft)[V],(tijd)[N])[N]
schaftuur	((schaft)[V],(uur)[N])[N]
schakel	(schakel)[N]
schakelaar	((schakel)[V],(aar)[N|V.])[N]
schakelapparatuur	((schakel)[N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
schakelarmband	((schakel)[N],((arm)[N],(band)[N])[N])[N]
schakelautomaat	((schakel)[V],(automaat)[N])[N]
schakelbaar	((schakel)[V],(baar)[A|V.])[A]
schakelbord	((schakel)[N],(bord)[N])[N]
schakelbungalow	((schakel)[N],(bungalow)[N])[N]
schakelcapaciteit	((schakel)[N],(capaciteit)[N])[N]
schakelcel	((schakel)[N],(cel)[N])[N]
schakelcursus	((schakel)[V],(cursus)[N])[N]
schakelen	(schakel)[V]
schakelhefboom	((schakel)[V],((hef)[V],(boom)[N])[N])[N]
schakelhendel	((schakel)[V],(hendel)[N])[N]
schakelhuisje	((schakel)[N],(huis)[N])[N]
schakeling	((schakel)[V],(ing)[N|V.])[N]
schakelkamer	((schakel)[N],(kamer)[N])[N]
schakelkast	((schakel)[N],(kast)[N])[N]
schakelklas	((schakel)[N],(klas)[N])[N]
schakelklasse	((schakel)[V],(klasse)[N])[N]
schakelklok	((schakel)[V],(klok)[N])[N]
schakelknop	((schakel)[V],(knop)[N])[N]
schakellijm	((schakel)[N],(lijm)[N])[N]
schakelmechanisme	((schakel)[V],(mechanisme)[N])[N]
schakelmeubelen	((schakel)[V],(meubel)[N])[N]
schakelnet	((schakel)[N],(net)[N])[N]
schakelpaneel	((schakel)[V],(paneel)[N])[N]
schakelpauze	((schakel)[V],(pauze)[N])[N]
schakelprogramma	((schakel)[V],(programma)[N])[N]
schakelrad	((schakel)[V],(rad)[N])[N]
schakelschema	((schakel)[N],(schema)[N])[N]
schakelstand	((schakel)[V],(stand)[N])[N]
schakeltafel	((schakel)[V],(tafel)[N])[N]
schakeltijd	((schakel)[V],(tijd)[N])[N]
schakelvilla	((schakel)[V],(villa)[N])[N]
schakelwagen	((schakel)[V],(wagen)[N])[N]
schakelwoning	((schakel)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schaken	(schaak)[V]
schaker	((schaak)[V],(er)[N|V.])[N]
schakeren	((schaak)[N],(eer)[V|N.])[V]
schakering	(((schaak)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
schaking	((schaak)[V],(ing)[N|V.])[N]
schal	(schal)[N]
schalen	(schaal)[V]
schaliedak	((schalie)[N],(dak)[N])[N]
schaliedekker	((schalie)[N],((dek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
schaliëndekker	((schalie)[N],(en)[N|N.Vx],(dek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
schalk	(schalk)[N]
schalkachtig	((schalk)[N],(achtig)[A|N.])[A]
schalks	((schalk)[N],(s)[A|N.])[A]
schalksheid	(((schalk)[N],(s)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schallen	(schal)[V]
schalm	(schalm)[N]
schalmen	(schalm)[V]
schalmgat	((schalm)[N],(gat)[N])[N]
schalmhout	((schalm)[N],(hout)[N])[N]
schalmketting	((schalm)[N],(ketting)[N])[N]
schamel	(schamel)[N]
schamelheid	((schamel)[A],(heid)[N|A.])[N]
schamen	(schaam)[V]
schamp	(schamp)[N]
schampdek	((schamp)[V],(dek)[N])[N]
schampen	(schamp)[V]
schamper	(schamper)[A]
schamperen	(schamper)[V]
schamperheid	((schamper)[A],(heid)[N|A.])[N]
schampig	((schamp)[N],(ig)[A|N.])[A]
schamppaal	((schamp)[V],(paal)[N])[N]
schampschot	((schamp)[V],(schot)[N])[N]
schandaalblad	((schandaal)[N],(blad)[N])[N]
schandaalpers	((schandaal)[N],(pers)[N])[N]
schandaleus	((schandaal)[N],(eus)[A|N.])[A]
schandalig	((schandaal)[N],(ig)[A|N.])[A]
schandaliseren	((schandaal)[N],(iseer)[V|N.])[V]
schandbord	((schande)[N],(bord)[N])[N]
schanddaad	((schande)[N],(daad)[N])[N]
schande	(schande)[N]
schandegeld	((schande)[N],(geld)[N])[N]
schandelijk	((schande)[N],(lijk)[A|N.])[A]
schandelijkheid	(((schande)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schandhout	((schande)[N],(hout)[N])[N]
schandjongen	((schande)[N],(jongen)[N])[N]
schandkleed	((schande)[N],(kleed)[N])[N]
schandknaap	((schande)[N],(knaap)[N])[N]
schandmerk	((schande)[N],(merk)[N])[N]
schandnaam	((schande)[N],(naam)[N])[N]
schandpaal	((schande)[N],(paal)[N])[N]
schandteken	((schande)[N],(teken)[N])[N]
schandvlek	((schande)[N],(vlek)[N])[N]
schans	(schans)[N]
schansgraver	((schans)[N],(graaf)[V],(er)[N|NV.])[N]
schanskorf	((schans)[N],(korf)[N])[N]
schansloper	((schans)[N],(loop)[V],(er)[N|NV.])[N]
schansspringen	((schans)[N],(spring)[V])[V]
schap	(schap)[N]
schapebloem	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
schapegras	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(gras)[N])[N]
schapenboter	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(boter)[N])[N]
schapenbouillon	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(bouillon)[N])[N]
schapenbout	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(bout)[N])[N]
schapendoder	((schaap)[N],(en)[N|N.Vx],(dood)[V],(er)[N|NxV.])[N]
schapendoes	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(does)[N])[N]
schapendrift	((schaap)[N],(en)[N|N.N],(drift)[N])[N]
schapenfarm	((schaap)[N],(en)[N|N.N],(farm)[N])[N]
schapenfokker	((schaap)[N],(en)[N|N.Vx],(fok)[V],(er)[N|NxV.])[N]
schapenfokkerij	((schaap)[N],(en)[N|N.Vx],(fok)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
schapengal	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(gal)[N])[N]
schapenhok	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(hok)[N])[N]
schapenkaas	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(kaas)[N])[N]
schapenkeutel	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(keutel)[N])[N]
schapenkooi	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(kooi)[N])[N]
schapenkop	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
schapenkudde	((schaap)[N],(en)[N|N.N],(kudde)[N])[N]
schapenland	((schaap)[N],(en)[N|N.N],(land)[N])[N]
schapenleder	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(leder)[N])[N]
schapenleer	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(leer)[N])[N]
schapenleren	(((schaap)[N],(e)[N|N.N],(leer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
schapenmarkt	((schaap)[N],(en)[N|N.N],(markt)[N])[N]
schapenmelk	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(melk)[N])[N]
schapenmelker	((schaap)[N],(e)[N|N.N],((melk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
schapenoor	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(oor)[N])[N]
schapenpels	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(pels)[N])[N]
schapenpoot	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(poot)[N])[N]
schapenras	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(ras)[N])[N]
schapenrib	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(rib)[N])[N]
schapenschaar	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(schaar)[N])[N]
schapenscheerder	((schaap)[N],(en)[N|N.Vx],(scheer)[V],(der)[N|NxV.])[N]
schapensmeer	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(smeer)[N])[N]
schapenstal	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(stal)[N])[N]
schapentalk	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(talk)[N])[N]
schapenteelt	((schaap)[N],(en)[N|N.N],(teelt)[N])[N]
schapentong	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(tong)[N])[N]
schapenvacht	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(vacht)[N])[N]
schapenvel	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
schapenvlees	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
schapenvlies	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(vlies)[N])[N]
schapenwei	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(wei)[N])[N]
schapenweide	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(weide)[N])[N]
schapenwol	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(wol)[N])[N]
schapenwolken	((schaap)[N],(e)[N|N.N],(wolk)[N])[N]
schapenwollen	((schaap)[N],(en)[A|N.A],((wol)[N],(en)[A|N.])[A])[A]
schaper	((schaap)[N],(er)[N|N.])[N]
schapershond	(((schaap)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(hond)[N])[N]
schapezuring	((schaap)[N],(e)[N|N.N],((zuur)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schappelijkheid	((schappelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
schar	(schar)[N]
schare	(schare)[N]
scharen	(schaar)[V]
scharenlichter	((schaar)[N],(en)[N|N.N],((licht)[N],(er)[N|N.])[N])[N]
scharenslijper	((schaar)[N],(en)[N|N.Nx],(slijp)[N],(er)[N|NxN.])[N]
scharlakenachtig	((scharlaken)[A],(achtig)[A|A.])[A]
scharlakendoorn	((scharlaken)[A],(doorn)[N])[N]
scharlakendoren	((scharlaken)[A],(doren)[N])[N]
scharlakenkleur	((scharlaken)[N],(kleur)[N])[N]
scharlakenkoorts	((scharlaken)[A],(koorts)[N])[N]
scharlakenluis	((scharlaken)[N],(luis)[N])[N]
scharlakenrood	((scharlaken)[A],(rood)[N])[N]
scharlakens	((scharlaken)[N],(s)[A|N.])[A]
scharnier	(scharnier)[N]
scharnierband	((scharnier)[N],(band)[N])[N]
scharnierblad	((scharnier)[N],(blad)[N])[N]
scharnierbloem	((scharnier)[V],(bloem)[N])[N]
scharnierbout	((scharnier)[N],(bout)[N])[N]
scharnierdeur	((scharnier)[N],(deur)[N])[N]
scharnieren	(scharnier)[V]
scharniergewricht	((scharnier)[V],(gewricht)[N])[N]
scharnierketting	((scharnier)[N],(ketting)[N])[N]
scharnierkoppeling	((scharnier)[N],((koppel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
scharnieroplegging	((scharnier)[V],(((op)[P],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
scharnierpasser	((scharnier)[N],(passer)[N])[N]
scharnierpunt	((scharnier)[V],(punt)[N])[N]
scharrel	(scharrel)[N]
scharrelaar	((scharrel)[V],(aar)[N|V.])[N]
scharrelbenen	((scharrel)[V],(been)[V])[V]
scharrelei	((scharrel)[N],(ei)[N])[N]
scharrelen	(scharrel)[V]
scharrelkip	((scharrel)[V],(kip)[N])[N]
scharrelruimte	((scharrel)[V],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
scharren	(schar)[V]
schartong	((schar)[N],(tong)[N])[N]
schat	(schat)[N]
schatbaar	((schat)[V],(baar)[A|V.])[A]
schatbewaarder	((schat)[N],((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
schatekster	((schat)[N],(ekster)[N])[N]
schateren	(schater)[V]
schatering	((schater)[V],(ing)[N|V.])[N]
schaterlach	((schater)[V],(lach)[N])[N]
schaterlachen	((schater)[V],(lach)[V])[V]
schatgraven	((schat)[N],(graaf)[V])[V]
schatgraver	(((schat)[N],(graaf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
schatkamer	((schat)[N],(kamer)[N])[N]
schatkist	((schat)[N],(kist)[N])[N]
schatkistbiljet	(((schat)[N],(kist)[N])[N],(biljet)[N])[N]
schatkistbon	(((schat)[N],(kist)[N])[N],(bon)[N])[N]
schatkistcertificaat	(((schat)[N],(kist)[N])[N],((certificeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
schatkistpapier	(((schat)[N],(kist)[N])[N],(papier)[N])[N]
schatkistpromesse	(((schat)[N],(kist)[N])[N],(promesse)[N])[N]
schatkistwissel	(((schat)[N],(kist)[N])[N],(wissel)[N])[N]
schatmeester	((schat)[N],(meester)[N])[N]
schatmeesterschap	(((schat)[N],(meester)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
schatplichtig	((schat)[N],(plicht)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schatplichtigheid	(((schat)[N],(plicht)[N],(ig)[A|NN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schatrijk	((schat)[N],(rijk)[A])[A]
schattebout	((schat)[N],(e)[N|N.N],(bout)[N])[N]
schatten	(schat)[V]
schattenkind	((schat)[N],(e)[N|N.N],(kind)[N])[N]
schatter	((schat)[V],(er)[N|V.])[N]
schattig	((schat)[N],(ig)[A|N.])[A]
schatting	((schat)[V],(ing)[N|V.])[N]
schattingseed	(((schat)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(eed)[N])[N]
schattingsinterval	(((schat)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(interval)[N])[N]
schattingskosten	(((schat)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
schattingsresultaat	(((schat)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((resulteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
schatvertrek	((schat)[N],(vertrek)[N])[N]
schavelen	(schaveel)[V]
schaveling	((schaveel)[V],(ing)[N|V.])[N]
schaveling	((schaaf)[V],(eling)[N|V.])[N]
schaven	(schaaf)[V]
schavielen	(schaviel)[V]
schavieling	((schaviel)[V],(ing)[N|V.])[N]
schaving	((schaaf)[V],(ing)[N|V.])[N]
schavot	(schavot)[N]
schavotkleur	((schavot)[N],(kleur)[N])[N]
schavotpaal	((schavot)[N],(paal)[N])[N]
schavuit	(schavuit)[N]
schavuitenstreek	((schavuit)[N],(en)[N|N.N],(streek)[N])[N]
schavuitenstuk	((schavuit)[N],(en)[N|N.N],(stuk)[N])[N]
schede	(schede)[N]
schede-ingang	((schede)[N],(ingang)[N])[N]
schedediertje	((schede)[N],(dier)[N])[N]
schedekramp	((schede)[N],(kramp)[N])[N]
schedel	(schedel)[N]
schedelbasis	((schedel)[N],(basis)[N])[N]
schedelbasisfractuur	(((schedel)[N],(basis)[N])[N],(fractuur)[N])[N]
schedelbeen	((schedel)[N],(been)[N])[N]
schedelboor	((schedel)[N],(boor)[N])[N]
schedelboring	((schedel)[N],((boor)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schedelbreuk	((schedel)[N],(breuk)[N])[N]
schedeldak	((schedel)[N],(dak)[N])[N]
schedeldeformatie	((schedel)[N],((de)[V|.V],(formeer)[V])[V],(atie)[N|NV.])[N]
schedelfissuur	((schedel)[N],(fissuur)[N])[N]
schedelfoto	((schedel)[N],(foto)[N])[N]
schedelfractuur	((schedel)[N],(fractuur)[N])[N]
schedelgeboorte	((schedel)[N],(geboorte)[N])[N]
schedelgroeve	((schedel)[N],(groeve)[N])[N]
schedelholte	((schedel)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
schedelhuid	((schedel)[N],(huid)[N])[N]
schedelinhoud	((schedel)[N],(inhoud)[N])[N]
schedelkap	((schedel)[N],(kap)[N])[N]
schedelleer	((schedel)[N],(leer)[N])[N]
schedelletsel	((schedel)[N],((let)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
schedellichten	((schedel)[N],(licht)[V])[V]
schedelligging	((schedel)[N],((lig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schedellozen	((schedel)[N],(loos)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
schedelmeter	((schedel)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
schedelmeting	((schedel)[N],(meet)[V],(ing)[N|NV.])[N]
schedelmos	((schedel)[N],(mos)[N])[N]
schedelnaad	((schedel)[N],(naad)[N])[N]
schedelpan	((schedel)[N],(pan)[N])[N]
schedelpunt	((schedel)[N],(punt)[N])[N]
schedeltrauma	((schedel)[N],(trauma)[N])[N]
schedelvervorming	((schedel)[N],((ver)[V|.V],(vorm)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
schedelvlies	((schedel)[N],(vlies)[N])[N]
schedelvorm	((schedel)[N],(vorm)[N])[N]
schedelwand	((schedel)[N],(wand)[N])[N]
schedeontsteking	((schede)[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
schedespoeling	((schede)[N],(spoel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
schedewind	((schede)[N],(wind)[N])[N]
schee	(schee)[N]
scheef	(scheef)[N]
scheefbuigen	((scheef)[A],(buig)[V])[V]
scheefgroeien	((scheef)[A],(groei)[V])[V]
scheefhals	((scheef)[A],(hals)[N])[N]
scheefheid	((scheef)[A],(heid)[N|A.])[N]
scheefhoek	((scheef)[A],(hoek)[N])[N]
scheefhoekig	((scheef)[A],(hoek)[N],(ig)[A|AN.])[A]
scheeflopen	((scheef)[A],(loop)[V])[V]
scheefnek	((scheef)[A],(nek)[N])[N]
scheefneus	((scheef)[A],(neus)[N])[N]
scheefogig	((scheef)[A],(oog)[N],(ig)[A|AN.])[A]
scheefte	((scheef)[A],(te)[N|A.])[N]
scheeftrekken	((scheef)[A],(trek)[V])[V]
scheefzeiler	((scheef)[A],(zeil)[V],(er)[N|AV.])[N]
scheegat	((schee)[N],(gat)[N])[N]
scheel	(scheel)[N]
scheelachtig	((scheel)[A],(achtig)[A|A.])[A]
scheelheid	((scheel)[A],(heid)[N|A.])[N]
scheelogen	((scheel)[A],(oog)[V])[V]
scheelogig	((scheel)[A],(oog)[N],(ig)[A|AN.])[A]
scheeloog	((scheel)[A],(oog)[N])[N]
scheelte	((scheel)[A],(te)[N|A.])[N]
scheeltelatjes	(((scheel)[A],(te)[N|A.])[N],(lat)[N])[N]
scheelzien	((scheel)[A],(zie)[V])[V]
scheen	(scheen)[N]
scheenbeen	((scheen)[N],(been)[N])[N]
scheenbeschermer	((scheen)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
scheendekker	((scheen)[N],(dek)[V],(er)[N|NV.])[N]
scheenstuk	((scheen)[N],(stuk)[N])[N]
scheenzadel	((scheen)[N],(zadel)[N])[N]
scheepjesklok	((scheepje)[N],(s)[N|N.N],(klok)[N])[N]
scheepjesschelling	((scheepje)[N],(s)[N|N.N],(schelling)[N])[N]
scheepmaker	((schip)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
scheepsaandeel	((schip)[N],(s)[N|N.N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
scheepsaangelegenheden	((schip)[N],(s)[N|N.N],((aangelegen)[V],(heid)[N|V.])[N])[N]
scheepsaffuit	((schip)[N],(s)[N|N.N],(affuit)[N])[N]
scheepsagent	((schip)[N],(s)[N|N.N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
scheepsagentuur	(((schip)[N],(s)[N|N.N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N],(uur)[N|N.])[N]
scheepsarts	((schip)[N],(s)[N|N.N],(arts)[N])[N]
scheepsbarometer	((schip)[N],(s)[N|N.N],((baro)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
scheepsbehoeften	((schip)[N],(s)[N|N.N],(behoefte)[N])[N]
scheepsbericht	((schip)[N],(s)[N|N.N],(bericht)[N])[N]
scheepsbeschuit	((schip)[N],(s)[N|N.N],(beschuit)[N])[N]
scheepsbevrachter	((schip)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(vracht)[N])[V],(er)[N|NxV.])[N]
scheepsbewijs	((schip)[N],(s)[N|N.N],(bewijs)[N])[N]
scheepsblok	((schip)[N],(s)[N|N.N],(blok)[N])[N]
scheepsboekhouding	((schip)[N],(s)[N|N.N],(((boek)[N],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
scheepsboord	((schip)[N],(s)[N|N.N],(boord)[N])[N]
scheepsbouw	((schip)[N],(s)[N|N.N],(bouw)[N])[N]
scheepsbouwer	((schip)[N],(s)[N|N.Vx],(bouw)[V],(er)[N|NxV.])[N]
scheepsbouwkunde	(((schip)[N],(s)[N|N.N],(bouw)[N])[N],(kunde)[N])[N]
scheepsbouwkundig	((((schip)[N],(s)[N|N.N],(bouw)[N])[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
scheepsbouwmaatschappij	(((schip)[N],(s)[N|N.N],(bouw)[N])[N],(maatschappij)[N])[N]
scheepsbouwmeester	(((schip)[N],(s)[N|N.N],(bouw)[N])[N],(meester)[N])[N]
scheepsbuik	((schip)[N],(s)[N|N.N],(buik)[N])[N]
scheepscharter	((schip)[N],(s)[N|N.N],(charter)[N])[N]
scheepsclassificatie	((schip)[N],(s)[N|N.N],((classificeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
scheepsdagboek	((schip)[N],(s)[N|N.N],((dag)[N],(boek)[N])[N])[N]
scheepsdek	((schip)[N],(s)[N|N.N],(dek)[N])[N]
scheepsdienst	((schip)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
scheepsdokter	((schip)[N],(s)[N|N.N],(dokter)[N])[N]
scheepsgelegenheid	((schip)[N],(s)[N|N.N],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
scheepsgezagvoerder	((schip)[N],(s)[N|N.N],((gezag)[N],(voer)[V],(der)[N|NV.])[N])[N]
scheepshelling	((schip)[N],(s)[N|N.N],((hel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
scheepshuid	((schip)[N],(s)[N|N.N],(huid)[N])[N]
scheepshut	((schip)[N],(s)[N|N.N],(hut)[N])[N]
scheepshypotheek	((schip)[N],(s)[N|N.N],(hypotheek)[N])[N]
scheepsingenieur	((schip)[N],(s)[N|N.N],(ingenieur)[N])[N]
scheepsjongen	((schip)[N],(s)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
scheepsjournaal	((schip)[N],(s)[N|N.N],(journaal)[N])[N]
scheepskameel	((schip)[N],(s)[N|N.N],(kameel)[N])[N]
scheepskapitein	((schip)[N],(s)[N|N.N],(kapitein)[N])[N]
scheepskeuken	((schip)[N],(s)[N|N.N],(keuken)[N])[N]
scheepskiel	((schip)[N],(s)[N|N.N],(kiel)[N])[N]
scheepskist	((schip)[N],(s)[N|N.N],(kist)[N])[N]
scheepsklasse	((schip)[N],(s)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
scheepsklerk	((schip)[N],(s)[N|N.N],(klerk)[N])[N]
scheepskok	((schip)[N],(s)[N|N.N],(kok)[N])[N]
scheepskompas	((schip)[N],(s)[N|N.N],(kompas)[N])[N]
scheepskost	((schip)[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
scheepslading	((schip)[N],(s)[N|N.N],((laad)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
scheepslantaarn	((schip)[N],(s)[N|N.N],(lantaarn)[N])[N]
scheepslantaren	((schip)[N],(s)[N|N.N],(lantaren)[N])[N]
scheepslast	((schip)[N],(s)[N|N.N],(last)[N])[N]
scheepslengte	((schip)[N],(s)[N|N.N],(lengte)[N])[N]
scheepslieden	((schip)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N]
scheepsmaat	((schip)[N],(s)[N|N.N],(maat)[N])[N]
scheepsmacht	((schip)[N],(s)[N|N.N],(macht)[N])[N]
scheepsmakelaar	((schip)[N],(s)[N|N.N],((makel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
scheepsmaker	((schip)[N],(s)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
scheepsmodel	((schip)[N],(s)[N|N.N],(model)[N])[N]
scheepsofficier	((schip)[N],(s)[N|N.N],(officier)[N])[N]
scheepsolie	((schip)[N],(s)[N|N.N],(olie)[N])[N]
scheepsontvanger	((schip)[N],(s)[N|N.N],((ontvang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
scheepspapieren	((schip)[N],(s)[N|N.N],(papier)[N])[N]
scheepsproviand	((schip)[N],(s)[N|N.N],(proviand)[N])[N]
scheepsraad	((schip)[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
scheepsrecht	((schip)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
scheepsregister	((schip)[N],(s)[N|N.N],(register)[N])[N]
scheepsreis	((schip)[N],(s)[N|N.N],(reis)[N])[N]
scheepsroeper	((schip)[N],(s)[N|N.N],((roep)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
scheepsrol	((schip)[N],(s)[N|N.N],(rol)[N])[N]
scheepsromp	((schip)[N],(s)[N|N.N],(romp)[N])[N]
scheepsruim	((schip)[N],(s)[N|N.N],(ruim)[N])[N]
scheepsruimte	((schip)[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
scheepstelefoon	((schip)[N],(s)[N|N.N],(telefoon)[N])[N]
scheepstelegraaf	((schip)[N],(s)[N|N.N],(telegraaf)[N])[N]
scheepsterm	((schip)[N],(s)[N|N.N],(term)[N])[N]
scheepstijd	((schip)[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
scheepstijding	((schip)[N],(s)[N|N.N],(tijding)[N])[N]
scheepstimmerman	((schip)[N],(s)[N|N.N],((timmer)[V],(man)[N])[N])[N]
scheepstimmerwerf	((schip)[N],(s)[N|N.N],((timmer)[V],(werf)[N])[N])[N]
scheepston	((schip)[N],(s)[N|N.N],(ton)[N])[N]
scheepsverklaring	((schip)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
scheepsvolk	((schip)[N],(s)[N|N.N],(volk)[N])[N]
scheepsvracht	((schip)[N],(s)[N|N.N],(vracht)[N])[N]
scheepsvrachtenmarkt	(((schip)[N],(s)[N|N.N],(vracht)[N])[N],(en)[N|N.N],(markt)[N])[N]
scheepswant	((schip)[N],(s)[N|N.N],(want)[N])[N]
scheepswerf	((schip)[N],(s)[N|N.N],(werf)[N])[N]
scheepswerktuigkundige	((schip)[N],(s)[N|N.N],(werktuigkundige)[N])[N]
scheepszender	((schip)[N],(s)[N|N.N],((zend)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
scheepvaart	((schip)[N],(vaart)[N])[N]
scheepvaartakte	(((schip)[N],(vaart)[N])[N],(akte)[N])[N]
scheepvaartbelang	(((schip)[N],(vaart)[N])[N],(belang)[N])[N]
scheepvaartbericht	(((schip)[N],(vaart)[N])[N],(bericht)[N])[N]
scheepvaartinspectie	(((schip)[N],(vaart)[N])[N],(inspectie)[N])[N]
scheepvaartkanaal	(((schip)[N],(vaart)[N])[N],(kanaal)[N])[N]
scheepvaartkantoor	(((schip)[N],(vaart)[N])[N],(kantoor)[N])[N]
scheepvaartkringen	(((schip)[N],(vaart)[N])[N],(kring)[N])[N]
scheepvaartmaatschappij	(((schip)[N],(vaart)[N])[N],(maatschappij)[N])[N]
scheepvaartmuseum	(((schip)[N],(vaart)[N])[N],(museum)[N])[N]
scheepvaartonderneming	(((schip)[N],(vaart)[N])[N],((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
scheepvaartroute	(((schip)[N],(vaart)[N])[N],(route)[N])[N]
scheepvaartsluis	(((schip)[N],(vaart)[N])[N],(sluis)[N])[N]
scheepvaartverkeer	(((schip)[N],(vaart)[N])[N],(verkeer)[N])[N]
scheepvormig	((schip)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
scheer	(scheer)[N]
scheerapparaat	((scheer)[V],(apparaat)[N])[N]
scheerbakje	((scheer)[V],(bak)[N])[N]
scheerbalk	((scheer)[V],(balk)[N])[N]
scheerbekken	((scheer)[V],(bekken)[N])[N]
scheercrème	((scheer)[V],(crème)[N])[N]
scheerder	((scheer)[V],(der)[N|V.])[N]
scheerdoek	((scheer)[V],(doek)[N])[N]
scheerdoos	((scheer)[V],(doos)[N])[N]
scheerdraad	((scheer)[V],(draad)[N])[N]
scheergebint	((scheer)[V],(gebint)[N])[N]
scheergereedschap	((scheer)[V],(gereedschap)[N])[N]
scheergerei	((scheer)[V],(gerei)[N])[N]
scheerhout	((scheer)[V],(hout)[N])[N]
scheerklant	((scheer)[V],(klant)[N])[N]
scheerkop	((scheer)[V],(kop)[N])[N]
scheerkwast	((scheer)[V],(kwast)[N])[N]
scheerlijn	((scheer)[V],(lijn)[N])[N]
scheermes	((scheer)[V],(mes)[N])[N]
scheernet	((scheer)[V],(net)[N])[N]
scheerriem	((scheer)[V],(riem)[N])[N]
scheersalon	((scheer)[V],(salon)[N])[N]
scheerspiegel	((scheer)[V],(spiegel)[N])[N]
scheerstaaf	((scheer)[V],(staaf)[N])[N]
scheersteentje	((scheer)[V],(steen)[N])[N]
scheervlucht	((scheer)[V],(vlucht)[N])[N]
scheerwater	((scheer)[V],(water)[N])[N]
scheerwinkel	((scheer)[V],(winkel)[N])[N]
scheerwol	((scheer)[V],(wol)[N])[N]
scheerzeep	((scheer)[V],(zeep)[N])[N]
scheerzolder	((scheer)[V],(zolder)[N])[N]
scheet	(scheet)[N]
scheg	(scheg)[N]
schegbeeld	((scheg)[N],(beeld)[N])[N]
schegge	(schegge)[N]
scheggenbeeld	((schegge)[N],(beeld)[N])[N]
scheghout	((scheg)[N],(hout)[N])[N]
scheidbaar	((scheid)[V],(baar)[A|V.])[A]
scheidbaarheid	(((scheid)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
scheidbrief	((scheid)[V],(brief)[N])[N]
scheiden	(scheid)[V]
scheiding	((scheid)[V],(ing)[N|V.])[N]
scheidingsangst	(((scheid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(angst)[N])[N]
scheidingsbrief	(((scheid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
scheidingsdal	(((scheid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dal)[N])[N]
scheidingsgebergte	(((scheid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.Nx],(berg)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
scheidingslijn	(((scheid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lijn)[N])[N]
scheidingsmuur	(((scheid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(muur)[N])[N]
scheidingsproces	(((scheid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
scheidingsschakelaar	(((scheid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((schakel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
scheidingstransformator	(((scheid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((transformeer)[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
scheidingswand	(((scheid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wand)[N])[N]
scheidmerk	((scheid)[V],(merk)[N])[N]
scheidpaal	((scheid)[V],(paal)[N])[N]
scheids	(((scheid)[V],(s)[N|V.N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
scheidsgerecht	((scheid)[V],(s)[N|V.N],(gerecht)[N])[N]
scheidslijn	((scheid)[V],(s)[N|V.N],(lijn)[N])[N]
scheidsman	((scheid)[V],(s)[N|V.N],(man)[N])[N]
scheidsmuur	((scheid)[V],(s)[N|V.N],(muur)[N])[N]
scheidsrechter	((scheid)[V],(s)[N|V.N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
scheidsrechterlijk	(((scheid)[V],(s)[N|V.N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(lijk)[A|N.])[A]
scheidsrechtersbal	(((scheid)[V],(s)[N|V.N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(bal)[N])[N]
scheidsrechtersstoel	(((scheid)[V],(s)[N|V.N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(stoel)[N])[N]
scheidswand	((scheid)[V],(s)[N|V.N],(wand)[N])[N]
scheikaas	((scheid)[V],(kaas)[N])[N]
scheikuiken	((scheid)[V],(kuiken)[N])[N]
scheikunde	((scheid)[V],(kunde)[N])[N]
scheikundedoos	(((scheid)[V],(kunde)[N])[N],(doos)[N])[N]
scheikundelaboratorium	(((scheid)[V],(kunde)[N])[N],(laboratorium)[N])[N]
scheikundeset	(((scheid)[V],(kunde)[N])[N],(set)[N])[N]
scheikundestudent	(((scheid)[V],(kunde)[N])[N],((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
scheikundig	(((scheid)[V],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
scheil	(scheil)[N]
scheilijn	((scheid)[V],(lijn)[N])[N]
scheimelk	((scheid)[V],(melk)[N])[N]
scheimuur	((scheid)[V],(muur)[N])[N]
scheisloot	((scheid)[V],(sloot)[N])[N]
scheitrechter	((scheid)[V],(trechter)[N])[N]
scheiwater	((scheid)[V],(water)[N])[N]
scheiweg	((schei)[N],(weg)[N])[N]
schel	(schel)[N]
scheldbrief	((scheld)[V],(brief)[N])[N]
schelden	(scheld)[V]
schelder	((scheld)[V],(er)[N|V.])[N]
scheldkanonnade	((scheld)[V],(((kanon)[N],(eer)[V|N.])[V],(ade)[N|V.])[N])[N]
scheldnaam	((scheld)[V],(naam)[N])[N]
scheldpartij	((scheld)[V],(partij)[N])[N]
scheldsonnet	((scheld)[V],(sonnet)[N])[N]
scheldtirade	((scheld)[V],(tirade)[N])[N]
scheldwoord	((scheld)[V],(woord)[N])[N]
scheleend	((schel)[A],(eend)[N])[N]
schelen	(scheel)[V]
schelf	(schelf)[N]
schelhaakje	((schel)[V],(haak)[N])[N]
schelheid	((schel)[A],(heid)[N|A.])[N]
schelhout	((schel)[V],(hout)[N])[N]
schelinstallatie	((schel)[V],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
schelklinkend	((schel)[A],(klink)[V],(end)[A|AV.])[A]
schelknop	((schel)[V],(knop)[N])[N]
schelkoord	((schel)[V],(koord)[N])[N]
schellak	((schel)[N],(lak)[N])[N]
schellekoord	((schel)[N],(e)[N|N.N],(koord)[N])[N]
schellen	(schel)[V]
schellenrad	((schel)[N],(en)[N|N.N],(rad)[N])[N]
schelm	(schelm)[N]
schelmachtig	((schelm)[N],(achtig)[A|N.])[A]
schelmenpak	((schelm)[N],(en)[N|N.N],(pak)[N])[N]
schelmenroman	((schelm)[N],(en)[N|N.N],(roman)[N])[N]
schelmenstreek	((schelm)[N],(en)[N|N.N],(streek)[N])[N]
schelmenstuk	((schelm)[N],(en)[N|N.N],(stuk)[N])[N]
schelmerij	((schelm)[N],(erij)[N|N.])[N]
schelms	((schelm)[N],(s)[A|N.])[A]
schelmstuk	((schelm)[N],(stuk)[N])[N]
schelp	(schelp)[N]
schelpaarde	((schelp)[N],(aarde)[N])[N]
schelpboog	((schelp)[N],(boog)[N])[N]
schelpcamee	((schelp)[N],(camee)[N])[N]
schelpdier	((schelp)[N],(dier)[N])[N]
schelpenbank	((schelp)[N],(en)[N|N.N],(bank)[N])[N]
schelpenpad	((schelp)[N],(en)[N|N.N],(pad)[N])[N]
schelpenverzameling	((schelp)[N],(en)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schelpenvisser	((schelp)[N],(en)[N|N.Vx],(vis)[V],(er)[N|NxV.])[N]
schelpenwagen	((schelp)[N],(en)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
schelpkalk	((schelp)[N],(kalk)[N])[N]
schelpnet	((schelp)[N],(net)[N])[N]
schelpplaat	((schelp)[N],(plaat)[N])[N]
schelprand	((schelp)[N],(rand)[N])[N]
schelpvis	((schelp)[N],(vis)[N])[N]
schelpvormig	((schelp)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schelpweg	((schelp)[N],(weg)[N])[N]
schelpwit	((schelp)[N],(wit)[N])[N]
schelpzand	((schelp)[N],(zand)[N])[N]
scheluwte	((scheluw)[A],(te)[N|A.])[N]
schelvisachtigen	((schelvis)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
schelvisduivel	((schelvis)[N],(duivel)[N])[N]
schelvisoog	((schelvis)[N],(oog)[N])[N]
schelvisvangst	((schelvis)[N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
schema	(schema)[N]
schematisch	((schema)[N],(atisch)[A|N.])[A]
schematiseren	((schema)[N],(iseer)[V|N.])[V]
schematisering	(((schema)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
schemer	(schemer)[N]
schemerachtig	((schemer)[N],(achtig)[A|N.])[A]
schemeravond	((schemer)[V],(avond)[N])[N]
schemerdonker	((schemer)[V],(donker)[A])[A]
schemerduister	((schemer)[V],(duister)[A])[A]
schemeren	(schemer)[V]
schemergetal	((schemer)[V],(getal)[N])[N]
schemerig	((schemer)[N],(ig)[A|N.])[A]
schemering	((schemer)[V],(ing)[N|V.])[N]
schemeringscirkel	(((schemer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cirkel)[N])[N]
schemeringsgordel	(((schemer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gordel)[N])[N]
schemeringsschakelaar	(((schemer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((schakel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
schemerlamp	((schemer)[V],(lamp)[N])[N]
schemerlicht	((schemer)[N],(licht)[N])[N]
schemerschaduw	((schemer)[V],(schaduw)[N])[N]
schemertijd	((schemer)[V],(tijd)[N])[N]
schemertoestand	((schemer)[V],(toestand)[N])[N]
schemeruur	((schemer)[V],(uur)[N])[N]
schendblad	((schend)[V],(blad)[N])[N]
schendbrief	((schend)[V],(brief)[N])[N]
schenden	(schend)[V]
schender	((schend)[V],(er)[N|V.])[N]
schenderij	((schend)[V],(erij)[N|V.])[N]
schendig	((schend)[V],(ig)[A|V.])[A]
schending	((schend)[V],(ing)[N|V.])[N]
schendster	((schend)[V],(ster)[N|V.])[N]
schendtong	((schend)[V],(tong)[N])[N]
schenk	(schenk)[N]
schenkblad	((schenk)[V],(blad)[N])[N]
schenkbord	((schenk)[V],(bord)[N])[N]
schenkel	(schenkel)[N]
schenkelbeen	((schenkel)[N],(been)[N])[N]
schenkelvlees	((schenkel)[N],(vlees)[N])[N]
schenken	(schenk)[V]
schenker	((schenk)[V],(er)[N|V.])[N]
schenking	((schenk)[V],(ing)[N|V.])[N]
schenkingsakte	(((schenk)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(akte)[N])[N]
schenkingsrecht	(((schenk)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
schenkkan	((schenk)[V],(kan)[N])[N]
schenkketel	((schenk)[V],(ketel)[N])[N]
schenkklep	((schenk)[V],(klep)[N])[N]
schenkkurk	((schenk)[V],(kurk)[N])[N]
schenkmandje	((schenk)[V],(mand)[N])[N]
schenkrand	((schenk)[V],(rand)[N])[N]
schenkster	((schenk)[V],(ster)[N|V.])[N]
schenktafel	((schenk)[V],(tafel)[N])[N]
schenktuit	((schenk)[V],(tuit)[N])[N]
schennen	(schen)[V]
schep	(schep)[N]
scheparm	((schep)[V],(arm)[N])[N]
schepbak	((schep)[V],(bak)[N])[N]
schepbord	((schep)[V],(bord)[N])[N]
schepeling	((schip)[N],(eling)[N|N.])[N]
schepemmer	((schep)[N],(emmer)[N])[N]
schepen	(scheep)[V]
schepenambt	((schepen)[N],(ambt)[N])[N]
schepenbank	((schepen)[N],(bank)[N])[N]
schepenbrief	((schepen)[N],(brief)[N])[N]
schepencollege	((schepen)[N],(college)[N])[N]
schependom	((schepen)[N],(dom)[N|N.])[N]
schepenkamer	((schepen)[N],(kamer)[N])[N]
schepenrecht	((schepen)[N],(recht)[N])[N]
schepenwet	((schepen)[N],(wet)[N])[N]
scheper	((schaap)[N],(er)[N|N.])[N]
schepershond	(((schaap)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(hond)[N])[N]
schepgat	((schep)[V],(gat)[N])[N]
schepijs	((schep)[V],(ijs)[N])[N]
schepkaas	((schep)[V],(kaas)[N])[N]
schepkorf	((schep)[V],(korf)[N])[N]
scheplepel	((schep)[V],(lepel)[N])[N]
schepmelk	((schep)[V],(melk)[N])[N]
schepnet	((schep)[V],(net)[N])[N]
scheppen	(schep)[V]
schepper	((schep)[V],(er)[N|V.])[N]
schepping	((schep)[V],(ing)[N|V.])[N]
scheppingsboek	(((schep)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(boek)[N])[N]
scheppingsdaad	(((schep)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(daad)[N])[N]
scheppingsdag	(((schep)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
scheppingsdrang	(((schep)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
scheppingsdrift	(((schep)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drift)[N])[N]
scheppingsgeschiedenis	(((schep)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
scheppingskracht	(((schep)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
scheppingsmythe	(((schep)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(mythe)[N])[N]
scheppingsorde	(((schep)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(orde)[N])[N]
scheppingsordening	(((schep)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((orden)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
scheppingsproces	(((schep)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
scheppingstheorie	(((schep)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
scheppingsverhaal	(((schep)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(verhaal)[N])[N]
scheppingsvermogen	(((schep)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
scheppingswerk	(((schep)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
scheppingswoord	(((schep)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(woord)[N])[N]
schepput	((schep)[V],(put)[N])[N]
scheprad	((schep)[V],(rad)[N])[N]
scheprand	((schep)[V],(rand)[N])[N]
scheproom	((schep)[V],(room)[N])[N]
schepsel	((schep)[V],(sel)[N|V.])[N]
schepspade	((schep)[V],(spade)[N])[N]
schepvat	((schep)[V],(vat)[N])[N]
scheren	(scheer)[V]
scherenkust	((scheer)[N],(en)[N|N.N],(kust)[N])[N]
scherf	(scherf)[N]
scherfbom	((scherf)[N],(bom)[N])[N]
scherfbord	((scherf)[N],(bord)[N])[N]
scherfgranaat	((scherf)[N],(granaat)[N])[N]
scherfvrij	((scherf)[N],(vrij)[A])[A]
scherfwerking	((scherf)[N],((werk)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
scherfwond	((scherf)[N],(wond)[N])[N]
schering	((scheer)[V],(ing)[N|V.])[N]
scheringdraad	(((scheer)[V],(ing)[N|V.])[N],(draad)[N])[N]
scherm	(scherm)[N]
schermbeeld	((scherm)[N],(beeld)[N])[N]
schermbloem	((scherm)[N],(bloem)[N])[N]
schermbloemig	((scherm)[N],(bloem)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schermbos	((scherm)[V],(bos)[N])[N]
schermclub	((scherm)[V],(club)[N])[N]
schermdegen	((scherm)[V],(degen)[N])[N]
schermdragend	((scherm)[N],(draag)[V],(end)[A|NV.])[A]
schermen	(scherm)[V]
schermer	((scherm)[V],(er)[N|V.])[N]
schermhandschoen	((scherm)[V],((hand)[N],(schoen)[N])[N])[N]
schermkunst	((scherm)[V],(kunst)[N])[N]
schermkwal	((scherm)[N],(kwal)[N])[N]
schermlap	((scherm)[V],(lap)[N])[N]
schermles	((scherm)[V],(les)[N])[N]
schermmasker	((scherm)[V],(masker)[N])[N]
schermmeester	((scherm)[V],(meester)[N])[N]
schermpagina	((scherm)[V],(pagina)[N])[N]
schermplaat	((scherm)[V],(plaat)[N])[N]
schermrooster	((scherm)[N],(rooster)[N])[N]
schermschool	((scherm)[V],(school)[N])[N]
schermster	((scherm)[V],(ster)[N|V.])[N]
schermutseling	((schermutsel)[V],(ing)[N|V.])[N]
schermvereniging	((scherm)[V],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schermvormig	((scherm)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schermzaal	((scherm)[V],(zaal)[N])[N]
scherp	(scherp)[N]
scherpaarde	((scherp)[A],(aarde)[N])[N]
scherpachtig	((scherp)[A],(achtig)[A|A.])[A]
scherpen	(scherp)[V]
scherper	((scherp)[V],(er)[N|V.])[N]
scherpgekant	((scherp)[A],(gekant)[A])[A]
scherpgeneusd	((scherp)[A],(ge)[A|A.Nx],(neus)[N],(d)[A|AxN.])[A]
scherpgepunt	((scherp)[A],((ge)[A|.N],(punt)[N])[A])[A]
scherpgetand	((scherp)[A],(getand)[A])[A]
scherpgras	((scherp)[A],(gras)[N])[N]
scherphamer	((scherp)[V],(hamer)[N])[N]
scherpheid	((scherp)[A],(heid)[N|A.])[N]
scherphelder	((scherp)[A],(helder)[A])[A]
scherphoek	((scherp)[A],(hoek)[N])[N]
scherphoekig	((scherp)[A],(hoek)[N],(ig)[A|AN.])[A]
scherping	((scherp)[V],(ing)[N|V.])[N]
scherpkort	((scherp)[A],(kort)[A])[A]
scherpkruid	((scherp)[A],(kruid)[N])[N]
scherplang	((scherp)[A],(lang)[A])[A]
scherpnagel	((scherp)[A],(nagel)[N])[N]
scherpomlijnd	((scherp)[A],(omlijnd)[V])[A]
scherpriekend	((scherp)[A],(riek)[V],(end)[A|AV.])[A]
scherpschutter	((scherp)[A],(schiet)[V],(er)[N|AV.])[N]
scherpslijper	((scherp)[A],(slijp)[V],(er)[N|AV.])[N]
scherpslijperij	((scherp)[A],(slijp)[V],(erij)[N|AV.])[N]
scherpsnijdend	((scherp)[A],(snijd)[V],(end)[A|AV.])[A]
scherpstelling	((scherp)[A],(stel)[V],(ing)[N|AV.])[N]
scherpte	((scherp)[A],(te)[N|A.])[N]
scherptediepte	(((scherp)[A],(te)[N|A.])[N],((diep)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
scherptediepteschaal	((((scherp)[A],(te)[N|A.])[N],((diep)[A],(te)[N|A.])[N])[N],(schaal)[N])[N]
scherpteregeling	(((scherp)[A],(te)[N|A.])[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
scherpvogel	((scherp)[A],(vogel)[N])[N]
scherpzaag	((scherp)[A],(zaag)[N])[N]
scherpzinnig	((scherp)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A]
scherpzinnigheid	(((scherp)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
scherpzinnigsten	(((scherp)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A],(sten)[N])[N]
scherts	(scherts)[N]
schertsartikel	((scherts)[V],(artikel)[N])[N]
schertsbeeld	((scherts)[V],(beeld)[N])[N]
schertsen	(scherts)[V]
schertser	((scherts)[V],(er)[N|V.])[N]
schertsfiguur	((scherts)[V],(figuur)[N])[N]
schertsproces	((scherts)[V],(proces)[N])[N]
schertsvertoning	((scherts)[N],(((ver)[V|.V],(toon)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
scherven	(scherf)[V]
schervengericht	((scherf)[N],(en)[N|N.N],(gericht)[N])[N]
schervenlaag	((scherf)[N],(en)[N|N.N],(laag)[N])[N]
schervenmateriaal	((scherf)[N],(en)[N|N.N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
schervenpakket	((scherf)[N],(en)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
schets	(schets)[N]
schetsboek	((schets)[V],(boek)[N])[N]
schetsen	(schets)[V]
schetser	((schets)[V],(er)[N|V.])[N]
schetsing	((schets)[V],(ing)[N|V.])[N]
schetskaart	((schets)[V],(kaart)[N])[N]
schetsmatig	((schets)[N],(matig)[A|N.])[A]
schetsontwerp	((schets)[V],(ontwerp)[N])[N]
schetsplaat	((schets)[N],(plaat)[N])[N]
schetsplan	((schets)[N],(plan)[N])[N]
schetsrol	((schets)[V],(rol)[N])[N]
schetstekening	((schets)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schetteraar	((schetter)[V],(aar)[N|V.])[N]
schetteraarster	(((schetter)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
schetterachtig	((schetter)[V],(achtig)[A|V.])[A]
schetteren	(schetter)[V]
schetterig	((schetter)[V],(ig)[A|V.])[A]
schettering	((schetter)[V],(ing)[N|V.])[N]
schetterklank	((schetter)[V],(klank)[N])[N]
schettermuziek	((schetter)[V],(muziek)[N])[N]
schetterstem	((schetter)[V],(stem)[N])[N]
scheuken	(scheuk)[V]
scheukpaal	((scheuk)[V],(paal)[N])[N]
scheur	(scheur)[N]
scheuralmanak	((scheur)[V],(almanak)[N])[N]
scheurbaan	((scheur)[V],(baan)[N])[N]
scheuren	(scheur)[V]
scheurijzer	((scheur)[V],(ijzer)[N])[N]
scheuring	((scheur)[V],(ing)[N|V.])[N]
scheurkaart	((scheur)[V],(kaart)[N])[N]
scheurkalender	((scheur)[V],(kalender)[N])[N]
scheurkerk	((scheur)[V],(kerk)[N])[N]
scheurkies	((scheur)[V],(kies)[N])[N]
scheurklep	((scheur)[N],(klep)[N])[N]
scheurkoord	((scheur)[V],(koord)[N])[N]
scheurland	((scheur)[V],(land)[N])[N]
scheurlengte	((scheur)[V],(lengte)[N])[N]
scheurlinnen	((scheur)[V],(linnen)[N])[N]
scheurmaker	((scheur)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
scheurmand	((scheur)[V],(mand)[N])[N]
scheurpapier	((scheur)[V],(papier)[N])[N]
scheurvorming	((scheur)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
scheurvrij	((scheur)[V],(vrij)[A])[A]
scheurweerstand	((scheur)[V],(weerstand)[N])[N]
scheurwol	((scheur)[V],(wol)[N])[N]
scheurwond	((scheur)[V],(wond)[N])[N]
scheurwonde	((scheur)[V],(wonde)[N])[N]
scheurziek	((scheur)[V],(ziek)[A])[A]
scheut	(scheut)[N]
scheutig	((scheut)[N],(ig)[A|N.])[A]
scheutigheid	(((scheut)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schibbolet	(schibbolet)[N]
schicht	(schicht)[N]
schichtig	((schicht)[N],(ig)[A|N.])[A]
schichtigheid	(((schicht)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schielijkheid	((schielijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
schiemansgaren	((schieman)[N],(s)[N|N.N],(garen)[N])[N]
schiemanswerk	((schieman)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
schier	(schier)[B]
schieraal	((schier)[B],(aal)[N])[N]
schiereiland	((schier)[B],(eiland)[N])[N]
schierpaling	((schier)[B],(paling)[N])[N]
schiervlakte	((schier)[B],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
schierzand	((schier)[B],(zand)[N])[N]
schietbaan	((schiet)[V],(baan)[N])[N]
schietbeitel	((schiet)[V],(beitel)[N])[N]
schietbenodigdheden	((schiet)[V],(((be)[A|.Ax],(nodig)[A],(d)[A|xA.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
schietbond	((schiet)[V],(bond)[N])[N]
schietboog	((schiet)[V],(boog)[N])[N]
schietbout	((schiet)[V],(bout)[N])[N]
schietbuis	((schiet)[V],(buis)[N])[N]
schietbus	((schiet)[V],(bus)[N])[N]
schietcamera	((schiet)[V],(camera)[N])[N]
schietdraad	((schiet)[V],(draad)[N])[N]
schieten	(schiet)[V]
schieter	((schiet)[V],(er)[N|V.])[N]
schietgat	((schiet)[V],(gat)[N])[N]
schietgebed	((schiet)[V],(gebed)[N])[N]
schietgerei	((schiet)[V],(gerei)[N])[N]
schietgerst	((schiet)[V],(gerst)[N])[N]
schietgeweer	((schiet)[V],(geweer)[N])[N]
schietgraag	((schiet)[V],(graag)[A])[A]
schiethamer	((schiet)[V],(hamer)[N])[N]
schiethouding	((schiet)[V],(houding)[N])[N]
schietijzer	((schiet)[V],(ijzer)[N])[N]
schieting	((schiet)[V],(ing)[N|V.])[N]
schietkamp	((schiet)[V],(kamp)[N])[N]
schietkampioen	((schiet)[V],(kampioen)[N])[N]
schietkatoen	((schiet)[V],(katoen)[N])[N]
schietklaar	((schiet)[V],(klaar)[A])[A]
schietkraam	((schiet)[V],(kraam)[N])[N]
schietkunst	((schiet)[V],(kunst)[N])[N]
schietlaag	((schiet)[V],(laag)[N])[N]
schietlap	((schiet)[V],(lap)[N])[N]
schietlijn	((schiet)[V],(lijn)[N])[N]
schietlood	((schiet)[V],(lood)[N])[N]
schietmasker	((schiet)[V],(masker)[N])[N]
schietmot	((schiet)[V],(mot)[N])[N]
schietnet	((schiet)[V],(net)[N])[N]
schietoefening	((schiet)[V],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schietpartij	((schiet)[V],(partij)[N])[N]
schietplooi	((schiet)[V],(plooi)[N])[N]
schietpositie	((schiet)[V],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
schietproef	((schiet)[V],(proef)[N])[N]
schietschijf	((schiet)[V],(schijf)[N])[N]
schietschijfcel	(((schiet)[V],(schijf)[N])[N],(cel)[N])[N]
schietschool	((schiet)[V],(school)[N])[N]
schietschop	((schiet)[V],(schop)[N])[N]
schietschouw	((schiet)[V],(schouw)[N])[N]
schietsleuf	((schiet)[V],(sleuf)[N])[N]
schietspel	((schiet)[V],(spel)[N])[N]
schietspoel	((schiet)[V],(spoel)[N])[N]
schietsport	((schiet)[V],(sport)[N])[N]
schietstoel	((schiet)[V],(stoel)[N])[N]
schietstroom	((schiet)[V],(stroom)[N])[N]
schiettent	((schiet)[V],(tent)[N])[N]
schietterrein	((schiet)[V],(terrein)[N])[N]
schiettuig	((schiet)[V],(tuig)[N])[N]
schietvaardig	((schiet)[V],(vaardig)[A])[A]
schietvaardigheid	(((schiet)[V],(vaardig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
schietvereniging	((schiet)[V],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schietvoorraad	((schiet)[V],(voorraad)[N])[N]
schietvoorschrift	((schiet)[V],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
schietwilg	((schiet)[V],(wilg)[N])[N]
schiften	(schift)[V]
schiftig	((schift)[V],(ig)[A|V.])[A]
schiftijzer	((schift)[V],(ijzer)[N])[N]
schifting	((schift)[V],(ing)[N|V.])[N]
schiftingskamp	(((schift)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kamp)[N])[N]
schiftklamp	((schift)[V],(klamp)[N])[N]
schijf	(schijf)[N]
schijfaandrijving	((schijf)[N],((aan)[P],(drijf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
schijfblad	((schijf)[N],(blad)[N])[N]
schijfbloem	((schijf)[N],(bloem)[N])[N]
schijfboor	((schijf)[N],(boor)[N])[N]
schijfcactus	((schijf)[N],(cactus)[N])[N]
schijfdiertje	((schijf)[N],(dier)[N])[N]
schijffrees	((schijf)[N],(frees)[N])[N]
schijfgat	((schijf)[N],(gat)[N])[N]
schijfgeheugen	((schijf)[N],(geheugen)[N])[N]
schijfhoornslak	((schijf)[N],(hoorn)[N],(slak)[N])[N]
schijfhorenslak	((schijf)[N],(horen)[N],(slak)[N])[N]
schijfjesmos	((schijf)[N],(s)[N|N.N],(mos)[N])[N]
schijfkamille	((schijf)[N],(kamille)[N])[N]
schijfkoppeling	((schijf)[N],((koppel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schijfkwal	((schijf)[N],(kwal)[N])[N]
schijfpeer	((schijf)[N],(peer)[N])[N]
schijfrem	((schijf)[N],(rem)[N])[N]
schijfschieten	((schijf)[N],(schiet)[V])[V]
schijfslak	((schijf)[N],(slak)[N])[N]
schijftaling	((schijf)[N],(taling)[N])[N]
schijftol	((schijf)[N],(tol)[N])[N]
schijfvormig	((schijf)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schijfwiel	((schijf)[N],(wiel)[N])[N]
schijfzwam	((schijf)[N],(zwam)[N])[N]
schijn	(schijn)[N]
schijnaanval	((schijn)[N],(aanval)[N])[N]
schijnaar	((schijn)[N],(aar)[N])[N]
schijnakte	((schijn)[V],(akte)[N])[N]
schijnbedrieger	((schijn)[V],((bedrieg)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
schijnbeeld	((schijn)[V],(beeld)[N])[N]
schijnbeweging	((schijn)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schijnbewijs	((schijn)[V],(bewijs)[N])[N]
schijnbloei	((schijn)[V],(bloei)[N])[N]
schijndeugd	((schijn)[V],(deugd)[N])[N]
schijndood	((schijn)[V],(dood)[N])[N]
schijnen	(schijn)[V]
schijnfossiel	((schijn)[V],(fossiel)[N])[N]
schijngehakt	((schijn)[V],(gehakt)[N])[N]
schijngeleerde	((schijn)[V],(geleerde)[N])[N]
schijngeleerdheid	((schijn)[V],((geleerd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
schijngeluk	((schijn)[V],((ge)[N|.V],(luk)[V])[N])[N]
schijngestalte	((schijn)[V],(gestalte)[N])[N]
schijngevecht	((schijn)[V],((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N])[N]
schijngoed	((schijn)[V],(goed)[N])[N]
schijngrond	((schijn)[V],(grond)[N])[N]
schijnhandeling	((schijn)[V],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schijnheilig	((schijn)[V],(heilig)[A])[A]
schijnheiligheid	(((schijn)[V],(heilig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
schijnhuwelijk	((schijn)[V],(huwelijk)[N])[N]
schijnknol	((schijn)[V],(knol)[N])[N]
schijnkoning	((schijn)[V],(koning)[N])[N]
schijnkoop	((schijn)[V],(koop)[N])[N]
schijnkracht	((schijn)[V],(kracht)[N])[N]
schijnkrans	((schijn)[V],(krans)[N])[N]
schijnkristal	((schijn)[V],(kristal)[N])[N]
schijnlicht	((schijn)[V],(licht)[N])[N]
schijnmanoeuvre	((schijn)[V],(manoeuvre)[N])[N]
schijnmengsel	((schijn)[V],((meng)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
schijnoplossing	((schijn)[N],(((op)[P],(los)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schijnpapaver	((schijn)[V],(papaver)[N])[N]
schijnproces	((schijn)[V],(proces)[N])[N]
schijnraket	((schijn)[V],(raket)[N])[N]
schijnreden	((schijn)[N],(reden)[N])[N]
schijnschoon	((schijn)[V],(schoon)[N])[N]
schijnsel	((schijn)[V],(sel)[N|V.])[N]
schijnslaap	((schijn)[V],(slaap)[N])[N]
schijnspurrie	((schijn)[V],(spurrie)[N])[N]
schijnstoot	((schijn)[N],(stoot)[N])[N]
schijnsucces	((schijn)[V],(succes)[N])[N]
schijntruffel	((schijn)[V],(truffel)[N])[N]
schijnvermaak	((schijn)[V],(vermaak)[N])[N]
schijnvertoning	((schijn)[N],(((ver)[V|.V],(toon)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schijnvrede	((schijn)[V],(vrede)[N])[N]
schijnvreugd	((schijn)[V],(vreugd)[N])[N]
schijnvreugde	((schijn)[V],(vreugde)[N])[N]
schijnvriend	((schijn)[V],(vriend)[N])[N]
schijnvroom	((schijn)[V],(vroom)[A])[A]
schijnvrucht	((schijn)[V],(vrucht)[N])[N]
schijnvuur	((schijn)[V],(vuur)[N])[N]
schijnweerstand	((schijn)[V],(weerstand)[N])[N]
schijnwerper	((schijn)[N],(werp)[V],(er)[N|NV.])[N]
schijnzoet	((schijn)[V],(zoet)[A])[A]
schijnzwanger	((schijn)[V],(zwanger)[A])[A]
schijnzwangerschap	(((schijn)[V],(zwanger)[A])[A],(schap)[N|A.])[N]
schijt	(schijt)[N]
schijtbes	((schijt)[V],(bes)[N])[N]
schijtebroek	((schijt)[N],(e)[N|N.N],(broek)[N])[N]
schijten	(schijt)[V]
schijter	((schijt)[V],(er)[N|V.])[N]
schijterd	((schijt)[V],(erd)[N|V.])[N]
schijterig	((schijt)[V],(erig)[A|V.])[A]
schijterij	((schijt)[V],(erij)[N|V.])[N]
schijtgat	((schijt)[V],(gat)[N])[N]
schijtgeld	((schijt)[V],(geld)[N])[N]
schijthak	((schijt)[N],(hak)[N])[N]
schijthiel	((schijt)[N],(hiel)[N])[N]
schijthuis	((schijt)[V],(huis)[N])[N]
schijtkont	((schijt)[V],(kont)[N])[N]
schijtlaars	((schijt)[V],(laars)[N])[N]
schijtlijster	((schijt)[N],(lijster)[N])[N]
schijtluis	((schijt)[V],(luis)[N])[N]
schijtvink	((schijt)[V],(vink)[N])[N]
schijtwortel	((schijt)[V],(wortel)[N])[N]
schijveneg	((schijf)[N],(en)[N|N.N],(eg)[N])[N]
schijvenegge	((schijf)[N],(en)[N|N.N],(egge)[N])[N]
schijvengeheugen	((schijf)[N],(en)[N|N.N],(geheugen)[N])[N]
schijventarief	((schijf)[N],(en)[N|N.N],(tarief)[N])[N]
schik	(schik)[N]
schikgodin	((schik)[N],((god)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
schikkelijk	((schik)[V],(elijk)[A|V.])[A]
schikkelijkheid	(((schik)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schikken	(schik)[V]
schikking	((schik)[V],(ing)[N|V.])[N]
schil	(schil)[N]
schild	(schild)[N]
schildbeen	((schild)[N],(been)[N])[N]
schildbladig	((schild)[N],((blad)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
schildboog	((schild)[N],(boog)[N])[N]
schildboortig	((schild)[N],(boort)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schildbumper	((schild)[N],(bumper)[N])[N]
schilddak	((schild)[N],(dak)[N])[N]
schilddeel	((schild)[N],(deel)[N])[N]
schilddrager	((schild)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
schildeend	((schild)[N],(eend)[N])[N]
schilder	(schilder)[N]
schilderaar	((schilder)[V],(aar)[N|V.])[N]
schilderacademie	((schilder)[V],((academisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
schilderachtigheid	(((schilder)[V],(achtig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schilderboek	((schilder)[V],(boek)[N])[N]
schilderdoek	((schilder)[V],(doek)[N])[N]
schilderemail	((schilder)[V],(email)[N])[N]
schilderen	(schilder)[V]
schilderes	((schilder)[N],(es)[N|N.])[N]
schildergenie	((schilder)[V],(genie)[N])[N]
schildergerei	((schilder)[V],(gerei)[N])[N]
schilderhuis	((schilder)[V],(huis)[N])[N]
schilderijencollectie	((schilderij)[N],(en)[N|N.N],(collectie)[N])[N]
schilderijengalerij	((schilderij)[N],(en)[N|N.N],(galerij)[N])[N]
schilderijenkabinet	((schilderij)[N],(en)[N|N.N],(kabinet)[N])[N]
schilderijenmuseum	((schilderij)[N],(en)[N|N.N],(museum)[N])[N]
schilderijententoonstelling	((schilderij)[N],(en)[N|N.Vx],(tentoonstel)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
schilderijenverzameling	((schilderij)[N],(en)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schilderijenwinkel	((schilderij)[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
schilderijhaak	((schilderij)[N],(haak)[N])[N]
schilderijkoord	((schilderij)[N],(koord)[N])[N]
schilderijlijst	((schilderij)[N],(lijst)[N])[N]
schildering	((schilder)[V],(ing)[N|V.])[N]
schilderkist	((schilder)[V],(kist)[N])[N]
schilderkunst	((schilder)[V],(kunst)[N])[N]
schilderles	((schilder)[V],(les)[N])[N]
schildermateriaal	((schilder)[V],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
schildermaterieel	((schilder)[V],(materieel)[N])[N]
schildersambacht	((schilder)[N],(s)[N|N.N],(ambacht)[N])[N]
schildersatelier	((schilder)[N],(s)[N|N.N],(atelier)[N])[N]
schildersbedrijf	((schilder)[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
schildersbent	((schilder)[N],(s)[N|N.N],(bent)[N])[N]
schilderschool	((schilder)[V],(school)[N])[N]
schildersezel	((schilder)[N],(s)[N|N.N],(ezel)[N])[N]
schildersgereedschap	((schilder)[N],(s)[N|N.N],(gereedschap)[N])[N]
schilderskam	((schilder)[N],(s)[N|N.N],(kam)[N])[N]
schilderskoliek	((schilder)[N],(s)[N|N.N],(koliek)[N])[N]
schilderskwast	((schilder)[N],(s)[N|N.N],(kwast)[N])[N]
schilderslinnen	((schilder)[N],(s)[N|N.N],(linnen)[N])[N]
schildersmodel	((schilder)[N],(s)[N|N.N],(model)[N])[N]
schildersmossel	((schilder)[N],(s)[N|N.N],(mossel)[N])[N]
schildersperspectief	((schilder)[N],(s)[N|N.N],(perspectief)[N])[N]
schildersspul	((schilder)[N],(s)[N|N.N],(spul)[N])[N]
schilderstuk	((schilder)[V],(stuk)[N])[N]
schildersvak	((schilder)[N],(s)[N|N.N],(vak)[N])[N]
schildersverdriet	((schilder)[N],(s)[N|N.N],(verdriet)[N])[N]
schildersverf	((schilder)[N],(s)[N|N.N],(verf)[N])[N]
schilderswereld	((schilder)[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
schilderswinkel	((schilder)[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
schildertalent	((schilder)[V],(talent)[N])[N]
schildertechniek	((schilder)[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
schildertechnisch	((schilder)[V],(technisch)[A])[A]
schilderwerk	((schilder)[V],(werk)[N])[N]
schildhouder	((schild)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
schildkever	((schild)[N],(kever)[N])[N]
schildklier	((schild)[N],(klier)[N])[N]
schildklierfunctie	(((schild)[N],(klier)[N])[N],(functie)[N])[N]
schildklierhormon	(((schild)[N],(klier)[N])[N],(hormon)[N])[N]
schildklierhormoon	(((schild)[N],(klier)[N])[N],(hormoon)[N])[N]
schildkliertablet	(((schild)[N],(klier)[N])[N],(tablet)[N])[N]
schildknaap	((schild)[N],(knaap)[N])[N]
schildknoop	((schild)[N],(knoop)[N])[N]
schildkraakbeen	((schild)[N],((kraak)[V],(been)[N])[N])[N]
schildkruid	((schild)[N],(kruid)[N])[N]
schildluis	((schild)[N],(luis)[N])[N]
schildmos	((schild)[N],(mos)[N])[N]
schildmot	((schild)[N],(mot)[N])[N]
schildpad	((schild)[N],(pad)[N])[N]
schildpadachtig	(((schild)[N],(pad)[N])[N],(achtig)[A|N.])[A]
schildpadden	(((schild)[N],(pad)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
schildpadpapier	(((schild)[N],(pad)[N])[N],(papier)[N])[N]
schildpadreiger	(((schild)[N],(pad)[N])[N],(reiger)[N])[N]
schildpadsoep	(((schild)[N],(pad)[N])[N],(soep)[N])[N]
schildpadtorretje	(((schild)[N],(pad)[N])[N],(tor)[N])[N]
schildpadverband	(((schild)[N],(pad)[N])[N],(verband)[N])[N]
schildpleister	((schild)[N],(pleister)[N])[N]
schildslak	((schild)[N],(slak)[N])[N]
schildstof	((schild)[N],(stof)[N])[N]
schildvarken	((schild)[N],(varken)[N])[N]
schildvink	((schild)[N],(vink)[N])[N]
schildvis	((schild)[N],(vis)[N])[N]
schildvleugel	((schild)[N],(vleugel)[N])[N]
schildvleugelig	((schild)[N],(vleugel)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schildvormig	((schild)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schildwacht	((schild)[N],(wacht)[N])[N]
schildwachthuisje	(((schild)[N],(wacht)[N])[N],(huis)[N])[N]
schildwangigen	((schild)[N],(wang)[N],(ig)[N|NN.x],(e)[N|NNx.])[N]
schildwants	((schild)[N],(wants)[N])[N]
schildzaad	((schild)[N],(zaad)[N])[N]
schilfer	(schilfer)[N]
schilferachtig	((schilfer)[N],(achtig)[A|N.])[A]
schilferen	(schilfer)[V]
schilferig	((schilfer)[N],(ig)[A|N.])[A]
schilfering	((schilfer)[V],(ing)[N|V.])[N]
schilfersteen	((schilfer)[N],(steen)[N])[N]
schilhout	((schil)[N],(hout)[N])[N]
schilijzer	((schil)[V],(ijzer)[N])[N]
schillen	(schil)[V]
schillenbak	((schil)[N],(en)[N|N.N],(bak)[N])[N]
schillenboer	((schil)[N],(en)[N|N.N],(boer)[N])[N]
schillenmand	((schil)[N],(en)[N|N.N],(mand)[N])[N]
schillenpaard	((schil)[N],(en)[N|N.N],(paard)[N])[N]
schiller	((schil)[V],(er)[N|V.])[N]
schilmachine	((schil)[V],(machine)[N])[N]
schilmes	((schil)[V],(mes)[N])[N]
schilploeg	((schil)[V],(ploeg)[N])[N]
schilster	((schil)[V],(ster)[N|V.])[N]
schim	(schim)[N]
schimachtig	((schim)[N],(achtig)[A|N.])[A]
schimgezicht	((schim)[N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
schimmel	(schimmel)[N]
schimmelachtig	((schimmel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
schimmelantilope	((schimmel)[N],(antilope)[N])[N]
schimmelbles	((schimmel)[N],(bles)[N])[N]
schimmeldodend	((schimmel)[N],(dood)[V],(end)[A|NV.])[A]
schimmeldraad	((schimmel)[N],(draad)[N])[N]
schimmelen	(schimmel)[V]
schimmelgroei	((schimmel)[N],(groei)[N])[N]
schimmelig	((schimmel)[N],(ig)[A|N.])[A]
schimmeling	((schimmel)[V],(ing)[N|V.])[N]
schimmelkaas	((schimmel)[N],(kaas)[N])[N]
schimmelkleur	((schimmel)[N],(kleur)[N])[N]
schimmelkleurig	((schimmel)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schimmelplant	((schimmel)[N],(plant)[N])[N]
schimmelschade	((schimmel)[N],(schade)[N])[N]
schimmelspel	((schimmel)[N],(spel)[N])[N]
schimmelvergiftiging	((schimmel)[N],(((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schimmelvorming	((schimmel)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
schimmelwerend	((schimmel)[N],(weer)[V],(end)[A|NV.])[A]
schimmelziekte	((schimmel)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
schimmenrijk	((schim)[N],(en)[N|N.N],(rijk)[N])[N]
schimmenspel	((schim)[N],(en)[N|N.N],(spel)[N])[N]
schimmenwereld	((schim)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
schimmetje	(schim)[N]
schimmig	((schim)[N],(ig)[A|N.])[A]
schimmigheid	(((schim)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schimp	(schimp)[N]
schimpdicht	((schimp)[V],(dicht)[N])[N]
schimpen	(schimp)[V]
schimperij	((schimp)[V],(erij)[N|V.])[N]
schimpig	((schimp)[N],(ig)[A|N.])[A]
schimping	((schimp)[V],(ing)[N|V.])[N]
schimplach	((schimp)[V],(lach)[N])[N]
schimplied	((schimp)[V],(lied)[N])[N]
schimpnaam	((schimp)[V],(naam)[N])[N]
schimprede	((schimp)[V],(rede)[N])[N]
schimpscheut	((schimp)[V],(scheut)[N])[N]
schimpschrift	((schimp)[V],(schrift)[N])[N]
schimpwoord	((schimp)[V],(woord)[N])[N]
schink	(schink)[N]
schinkelhaak	((schinkel)[N],(haak)[N])[N]
schip	(schip)[N]
schipbreuk	((schip)[N],(breuk)[N])[N]
schipbreukeling	(((schip)[N],(breuk)[N])[N],(eling)[N|N.])[N]
schipbreukelinge	((((schip)[N],(breuk)[N])[N],(eling)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
schipbrug	((schip)[N],(brug)[N])[N]
schipdeur	((schip)[N],(deur)[N])[N]
schipkapel	((schip)[N],(kapel)[N])[N]
schipper	((schip)[N],(er)[N|N.])[N]
schipperij	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(ij)[N|N.])[N]
schippersbaard	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(baard)[N])[N]
schippersbeurs	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(beurs)[N])[N]
schippersboek	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(boek)[N])[N]
schippersboom	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(boom)[N])[N]
schippersbootje	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(boot)[N])[N]
schippersbroek	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(broek)[N])[N]
schipperse	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(se)[N|N.])[N]
schippersgemeente	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(gemeente)[N])[N]
schippershuis	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
schippershut	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(hut)[N])[N]
schippersjongen	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
schipperskind	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
schippersklokje	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(klok)[N])[N]
schippersknecht	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(knecht)[N])[N]
schippersknoop	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(knoop)[N])[N]
schipperskwartier	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
schippersschool	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
schipperssteek	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(steek)[N])[N]
schipperstrui	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(trui)[N])[N]
schippersvrouw	(((schip)[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
schippond	((schip)[N],(pond)[N])[N]
schipsluis	((schip)[N],(sluis)[N])[N]
schisma	(schisma)[N]
schismatiek	((schisma)[N],(iek)[A|N.])[A]
schitteren	(schitter)[V]
schitterglans	((schitter)[V],(glans)[N])[N]
schittering	((schitter)[V],(ing)[N|V.])[N]
schitterlicht	((schitter)[V],(licht)[N])[N]
schizofrenie	((schizofreen)[N],(ie)[N|N.])[N]
schlamm	(schlamm)[N]
schlemiel	(schlemiel)[N]
schlemielig	((schlemiel)[N],(ig)[A|N.])[A]
schmieren	(schmier)[V]
schmink	(schmink)[N]
schminken	(schmink)[V]
schnabbel	(schnabbel)[N]
schnabbelaar	((schnabbel)[V],(aar)[N|V.])[N]
schnabbelen	(schnabbel)[V]
schnaps	(schnaps)[N]
schnorkel	(schnorkel)[N]
schobbejakshoogte	((schobbejak)[N],(s)[N|N.N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
schobben	(schob)[V]
schobber	((schob)[V],(er)[N|V.])[N]
schobberd	((schob)[V],(erd)[N|V.])[N]
schoeien	(schoei)[V]
schoeiing	((schoei)[V],(ing)[N|V.])[N]
schoeiplank	((schoei)[V],(plank)[N])[N]
schoeisel	((schoei)[V],(sel)[N|V.])[N]
schoeljeachtig	((schoelje)[N],(achtig)[A|N.])[A]
schoeljestuk	((schoelje)[N],(stuk)[N])[N]
schoen	(schoen)[N]
schoenaantrekker	((schoen)[N],((aan)[P],(trek)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
schoenbek	((schoen)[N],(bek)[N])[N]
schoenborstel	((schoen)[N],(borstel)[N])[N]
schoencrème	((schoen)[N],(crème)[N])[N]
schoendoos	((schoen)[N],(doos)[N])[N]
schoendop	((schoen)[N],(dop)[N])[N]
schoenendoos	((schoen)[N],(en)[N|N.N],(doos)[N])[N]
schoenenfabriek	((schoen)[N],(en)[N|N.N],(fabriek)[N])[N]
schoenenwinkel	((schoen)[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
schoenenzaak	((schoen)[N],(en)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
schoenerbark	((schoener)[N],(bark)[N])[N]
schoenerzeil	((schoener)[N],(zeil)[N])[N]
schoenfabriek	((schoen)[N],(fabriek)[N])[N]
schoenfabrikant	((schoen)[N],(((fabriek)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
schoengesp	((schoen)[N],(gesp)[N])[N]
schoenhoorn	((schoen)[N],(hoorn)[N])[N]
schoenklomp	((schoen)[N],(klomp)[N])[N]
schoenlak	((schoen)[N],(lak)[N])[N]
schoenlappen	((schoen)[N],(lap)[V])[V]
schoenlapper	(((schoen)[N],(lap)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
schoenleder	((schoen)[N],(leder)[N])[N]
schoenleer	((schoen)[N],(leer)[N])[N]
schoenleest	((schoen)[N],(leest)[N])[N]
schoenlepel	((schoen)[N],(lepel)[N])[N]
schoenmaken	((schoen)[N],(maak)[V])[V]
schoenmaker	(((schoen)[N],(maak)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
schoenmakerij	(((schoen)[N],(maak)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
schoenmakersdriestal	((((schoen)[N],(maak)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((drie)[Q],(stal)[N])[N])[N]
schoenmakersdrievoet	((((schoen)[N],(maak)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((drie)[N],(voet)[N])[N])[N]
schoenmakersels	((((schoen)[N],(maak)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(els)[N])[N]
schoenmakersjongen	((((schoen)[N],(maak)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
schoenmakerskruk	((((schoen)[N],(maak)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kruk)[N])[N]
schoenmakerspothuis	((((schoen)[N],(maak)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((pot)[N],(huis)[N])[N])[N]
schoenmakerswerkplaats	((((schoen)[N],(maak)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((werk)[V],(plaats)[N])[N])[N]
schoenmakerswinkel	((((schoen)[N],(maak)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
schoenmakerszoon	((((schoen)[N],(maak)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
schoenpin	((schoen)[N],(pin)[N])[N]
schoenpoetsautomaat	(((schoen)[N],(poets)[V])[V],(automaat)[N])[N]
schoenpoetsen	((schoen)[N],(poets)[V])[V]
schoenpoetser	(((schoen)[N],(poets)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
schoenriem	((schoen)[N],(riem)[N])[N]
schoenschaats	((schoen)[N],(schaats)[N])[N]
schoensmeer	((schoen)[N],(smeer)[N])[N]
schoenspanner	((schoen)[N],(span)[V],(er)[N|NV.])[N]
schoenspijker	((schoen)[N],(spijker)[N])[N]
schoentrekker	((schoen)[N],(trek)[V],(er)[N|NV.])[N]
schoenveter	((schoen)[N],(veter)[N])[N]
schoenwinkel	((schoen)[N],(winkel)[N])[N]
schoenzaak	((schoen)[N],(zaak)[N])[N]
schoenzool	((schoen)[N],(zool)[N])[N]
schoep	(schoep)[N]
schoepen	(schoep)[V]
schoepenrad	((schoep)[N],(en)[N|N.N],(rad)[N])[N]
schoepenwiel	((schoep)[N],(en)[N|N.N],(wiel)[N])[N]
schoffeerder	((schoffeer)[V],(der)[N|V.])[N]
schoffel	(schoffel)[N]
schoffelaar	((schoffel)[V],(aar)[N|V.])[N]
schoffelaarster	(((schoffel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
schoffelen	(schoffel)[V]
schoffelfrees	((schoffel)[V],(frees)[N])[N]
schoffelgewei	((schoffel)[N],(gewei)[N])[N]
schoffelploeg	((schoffel)[V],(ploeg)[N])[N]
schoffering	((schoffeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
schoft	(schoft)[N]
schoftachtig	((schoft)[N],(achtig)[A|N.])[A]
schoftbuil	((schoft)[N],(buil)[N])[N]
schoften	(schoft)[V]
schoftenstreek	((schoft)[N],(en)[N|N.N],(streek)[N])[N]
schofterig	((schoft)[N],(erig)[A|N.])[A]
schofterigheid	(((schoft)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schofthoogte	((schoft)[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
schofttijd	((schoft)[V],(tijd)[N])[N]
schoftuur	((schoft)[V],(uur)[N])[N]
schoftzadel	((schoft)[N],(zadel)[N])[N]
schok	(schok)[N]
schokabsorberend	((schok)[N],(absorbeer)[V],(end)[A|NV.])[A]
schokbehandeling	((schok)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schokbelasting	((schok)[N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schokbestendig	((schok)[V],(bestendig)[A])[A]
schokbeton	((schok)[V],(beton)[N])[N]
schokbeveiliging	((schok)[N],(((be)[V|.A],(veilig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schokbreker	((schok)[N],(breek)[V],(er)[N|NV.])[N]
schokdemper	((schok)[N],(demp)[V],(er)[N|NV.])[N]
schokeffect	((schok)[V],(effect)[N])[N]
schokgolf	((schok)[V],(golf)[N])[N]
schokgranaat	((schok)[V],(granaat)[N])[N]
schokken	(schok)[V]
schokker	((schok)[V],(er)[N|V.])[N]
schokkerig	((schok)[N],(erig)[A|N.])[A]
schokking	((schok)[V],(ing)[N|V.])[N]
schokproef	((schok)[V],(proef)[N])[N]
schokschouderen	((schok)[V],(schouder)[V])[V]
schoksgewijs	((schok)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
schokstaking	((schok)[N],((staak)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schoktherapie	((schok)[V],(therapie)[N])[N]
schokvast	((schok)[V],(vast)[A])[A]
schokvrij	((schok)[V],(vrij)[A])[A]
schokwerking	((schok)[N],((werk)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schol	(schol)[N]
scholastiek	((scholastisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
scholekster	((schol)[N],(ekster)[N])[N]
scholen	(school)[V]
scholenbouw	((school)[N],(en)[N|N.N],(bouw)[N])[N]
scholencomplex	((school)[N],(en)[N|N.N],(complex)[N])[N]
scholengemeenschap	((school)[N],(en)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
scholenstelsel	((school)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
scholier	((school)[N],(ier)[N|N.])[N]
scholiere	(((school)[N],(ier)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
scholierenabonnement	(((school)[N],(ier)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],((abonneer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
scholierster	(((school)[N],(ier)[N|N.])[N],(ster)[N|N.])[N]
scholing	((school)[V],(ing)[N|V.])[N]
scholingsactiviteit	(((school)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
scholingsavond	(((school)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(avond)[N])[N]
scholingsbeleid	(((school)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
scholingscursus	(((school)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cursus)[N])[N]
scholingsfase	(((school)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
scholingsgraad	(((school)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(graad)[N])[N]
scholingsinspecteur	(((school)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((inspecteer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
scholingsinstituut	(((school)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instituut)[N])[N]
scholingsmogelijkheid	(((school)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
scholingsniveau	(((school)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
scholingsperiode	(((school)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
scholingsprogramma	(((school)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
scholpen	(scholp)[V]
scholspier	((schol)[N],(spier)[N])[N]
scholtijd	((schol)[N],(tijd)[N])[N]
scholver	(scholver)[N]
schommel	(schommel)[N]
schommelaar	((schommel)[V],(aar)[N|V.])[N]
schommelbank	((schommel)[V],(bank)[N])[N]
schommelbeweging	((schommel)[V],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schommelen	(schommel)[V]
schommelgang	((schommel)[V],(gang)[N])[N]
schommelig	((schommel)[N],(ig)[A|N.])[A]
schommeling	((schommel)[V],(ing)[N|V.])[N]
schommelmeisje	((schommel)[V],(meisje)[N])[N]
schommelstoel	((schommel)[V],(stoel)[N])[N]
schonen	(schoon)[V]
schonk	(schonk)[N]
schonkig	((schonk)[N],(ig)[A|N.])[A]
schoof	(schoof)[N]
schooi	(schooi)[N]
schooien	(schooi)[V]
schooier	((schooi)[V],(er)[N|V.])[N]
schooierij	((schooi)[V],(erij)[N|V.])[N]
schooipreek	((schooi)[V],(preek)[N])[N]
schooister	((schooi)[V],(ster)[N|V.])[N]
school	(school)[N]
schooladviesdienst	((school)[N],(advies)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
schoolagenda	((school)[N],(agenda)[N])[N]
schoolakte	((school)[V],(akte)[N])[N]
schoolangst	((school)[N],(angst)[N])[N]
schoolartikelen	((school)[N],(artikel)[N])[N]
schoolarts	((school)[N],(arts)[N])[N]
schoolartsendienst	(((school)[N],(arts)[N])[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
schoolatlas	((school)[V],(atlas)[N])[N]
schoolbad	((school)[N],(bad)[N])[N]
schoolbank	((school)[N],(bank)[N])[N]
schoolbegeleider	((school)[N],((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
schoolbegeleidingsdienst	((school)[N],((((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
schoolbegeleidster	((school)[N],((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
schoolbehoeften	((school)[N],(behoefte)[N])[N]
schoolbel	((school)[N],(bel)[N])[N]
schoolbestuur	((school)[N],(bestuur)[N])[N]
schoolbevolking	((school)[N],(((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schoolbezoek	((school)[N],(bezoek)[N])[N]
schoolbibliotheek	((school)[N],(bibliotheek)[N])[N]
schoolblad	((school)[N],(blad)[N])[N]
schoolblijven	((school)[N],(blijf)[V])[V]
schoolboek	((school)[N],(boek)[N])[N]
schoolboekhandel	((school)[N],((boek)[N],(handel)[N])[N])[N]
schoolbord	((school)[N],(bord)[N])[N]
schoolbrigade	((school)[N],(brigade)[N])[N]
schoolbrigadier	((school)[N],((brigade)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
schoolbus	((school)[V],(bus)[N])[N]
schoolcijfers	((school)[N],(cijfer)[N])[N]
schoolclub	((school)[N],(club)[N])[N]
schoolcommissie	((school)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
schooldag	((school)[N],(dag)[N])[N]
schooldecaan	((school)[N],(decaan)[N])[N]
schooldecanaat	((school)[N],((decaan)[N],(aat)[N|N.])[N])[N]
schooldiploma	((school)[N],(diploma)[N])[N]
schooldokter	((school)[N],(dokter)[N])[N]
schoolduits	((school)[N],(Duits)[N])[N]
schooleditie	((school)[N],(editie)[N])[N]
schoolelftal	((school)[N],((elf)[N],(tal)[N])[N])[N]
schoolengels	((school)[N],(Engels)[N])[N]
schoolexamen	((school)[N],(examen)[N])[N]
schoolfeest	((school)[N],(feest)[N])[N]
schoolfilm	((school)[N],(film)[N])[N]
schoolfonds	((school)[N],(fonds)[N])[N]
schoolfrans	((school)[N],(Frans)[N])[N]
schoolfrik	((school)[N],(frik)[N])[N]
schoolgaan	((school)[N],(ga)[V])[V]
schoolgebied	((school)[N],(gebied)[N])[N]
schoolgebouw	((school)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
schoolgebruik	((school)[N],(gebruik)[N])[N]
schoolgeld	((school)[N],(geld)[N])[N]
schoolgemeenschap	((school)[N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
schoolgezondheidszorg	((school)[N],(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(zorg)[N])[N])[N]
schoolgrammatica	((school)[N],(grammatica)[N])[N]
schoolhoofd	((school)[N],(hoofd)[N])[N]
schoolhouden	((school)[N],(houd)[V])[V]
schoolhuis	((school)[N],(huis)[N])[N]
schoolinspecteur	((school)[N],(inspecteer)[V],(eur)[N|NV.])[N]
schoolinspectie	((school)[N],(inspectie)[N])[N]
schoolinspectrice	((school)[N],(inspectrice)[N])[N]
schooljaar	((school)[N],(jaar)[N])[N]
schooljeugd	((school)[N],(jeugd)[N])[N]
schooljongen	((school)[N],(jongen)[N])[N]
schooljuf	((school)[N],(juf)[N])[N]
schooljuffrouw	((school)[N],(juffrouw)[N])[N]
schoolkaart	((school)[N],(kaart)[N])[N]
schoolkameraad	((school)[N],(kameraad)[N])[N]
schoolkamp	((school)[N],(kamp)[N])[N]
schoolkennis	((school)[N],(kennis)[N])[N]
schoolkind	((school)[N],(kind)[N])[N]
schoolklas	((school)[N],(klas)[N])[N]
schoolklasse	((school)[N],(klasse)[N])[N]
schoolkleuren	((school)[N],(kleur)[N])[N]
schoolkrant	((school)[N],(krant)[N])[N]
schoolkrijt	((school)[N],(krijt)[N])[N]
schoolkwestie	((school)[N],(kwestie)[N])[N]
schoolleider	((school)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
schoolleiding	((school)[N],(leid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
schoolleidster	((school)[N],(leid)[V],(ster)[N|NV.])[N]
schoolleven	((school)[N],(leven)[N])[N]
schoolliggen	((school)[N],(lig)[V])[V]
schoollokaal	((school)[N],(lokaal)[N])[N]
schoolmaatschappelijk	((school)[N],(((maat)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
schoolmakker	((school)[N],(makker)[N])[N]
schoolman	((school)[N],(man)[N])[N]
schoolmeester	((school)[N],(meester)[N])[N]
schoolmeesterachtig	(((school)[N],(meester)[N])[N],(achtig)[A|N.])[A]
schoolmeesterachtigheid	((((school)[N],(meester)[N])[N],(achtig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schoolmeesteren	((school)[N],(meester)[V])[V]
schoolmeesterswijsheid	(((school)[N],(meester)[N])[N],(s)[N|N.N],((wijs)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
schoolmeisje	((school)[N],(meisje)[N])[N]
schoolmelk	((school)[N],(melk)[N])[N]
schoolmeubel	((school)[N],(meubel)[N])[N]
schoolmeubilair	((school)[N],(meubilair)[N])[N]
schoolmuseum	((school)[N],(museum)[N])[N]
schoolmuur	((school)[N],(muur)[N])[N]
schoolmuziek	((school)[N],(muziek)[N])[N]
schoolonderwijs	((school)[N],(onderwijs)[N])[N]
schoolonderzoek	((school)[N],(onderzoek)[N])[N]
schoolopleiding	((school)[N],(((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schoolopziener	((school)[N],((op)[P],(zie)[V],(er)[N|PV.])[N])[N]
schoolorkest	((school)[N],(orkest)[N])[N]
schoolpaard	((school)[N],(paard)[N])[N]
schoolparlement	((school)[N],(parlement)[N])[N]
schoolperiode	((school)[N],(periode)[N])[N]
schoolplein	((school)[N],(plein)[N])[N]
schoolplicht	((school)[N],(plicht)[N])[N]
schoolplichtig	((school)[N],(plicht)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schoolpolitiek	((school)[N],(politiek)[N])[N]
schoolpracticum	((school)[N],(practicum)[N])[N]
schoolprogramma	((school)[N],(programma)[N])[N]
schoolraad	((school)[N],(raad)[N])[N]
schoolradio	((school)[N],(radio)[N])[N]
schoolrapport	((school)[N],(rapport)[N])[N]
schoolreglement	((school)[N],(reglement)[N])[N]
schoolreis	((school)[N],(reis)[N])[N]
schoolrijden	((school)[N],(rijd)[V])[V]
schoolrijp	((school)[N],(rijp)[A])[A]
schools	((school)[N],(s)[A|N.])[A]
schoolschip	((school)[N],(schip)[N])[N]
schoolschrift	((school)[N],(schrift)[N])[N]
schoolsheid	(((school)[N],(s)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schoolslag	((school)[N],(slag)[N])[N]
schoolsparen	((school)[N],(spaar)[V])[V]
schoolsport	((school)[N],(sport)[N])[N]
schoolstof	((school)[N],(stof)[N])[N]
schoolstrijd	((school)[N],(strijd)[N])[N]
schoolstrijdsyndroom	(((school)[N],(strijd)[N])[N],(syndroom)[N])[N]
schooltaal	((school)[N],(taal)[N])[N]
schooltandarts	((school)[N],((tand)[N],(arts)[N])[N])[N]
schooltas	((school)[N],(tas)[N])[N]
schoolteam	((school)[N],(team)[N])[N]
schooltelevisie	((school)[N],(televisie)[N])[N]
schooltijd	((school)[N],(tijd)[N])[N]
schooltoernooi	((school)[N],(toernooi)[N])[N]
schooltoets	((school)[N],(toets)[N])[N]
schooltoezicht	((school)[N],((toe)[B],(zicht)[N])[N])[N]
schooltornooi	((school)[N],(tornooi)[N])[N]
schooltucht	((school)[N],(tucht)[N])[N]
schooltuin	((school)[N],(tuin)[N])[N]
schooluitgaaf	((school)[N],(uitgaaf)[N])[N]
schooluitgave	((school)[N],(uitgave)[N])[N]
schooluitvoering	((school)[N],(((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schooluitzending	((school)[N],(((uit)[P],(zend)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schooluur	((school)[N],(uur)[N])[N]
schoolvakantie	((school)[N],(vakantie)[N])[N]
schoolverband	((school)[N],(verband)[N])[N]
schoolvereniging	((school)[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schoolverlater	((school)[N],((ver)[V|.V],(laat)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
schoolverzekering	((school)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schoolverzuim	((school)[N],(verzuim)[N])[N]
schoolvoeding	((school)[N],((voed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schoolvoorbeeld	((school)[N],((voor)[B],(beeld)[N])[N])[N]
schoolvoorstelling	((school)[N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schoolvorming	((school)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
schoolvos	((school)[N],(vos)[N])[N]
schoolvosserij	(((school)[N],(vos)[N])[N],(erij)[N|N.])[N]
schoolvrees	((school)[N],(vrees)[N])[N]
schoolvriend	((school)[N],(vriend)[N])[N]
schoolvriendin	(((school)[N],(vriend)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
schoolvrij	((school)[N],(vrij)[A])[A]
schoolwandeling	((school)[N],((wandel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schoolwedstrijd	((school)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
schoolwerk	((school)[N],(werk)[N])[N]
schoolwerkplan	((school)[N],((werk)[V],(plan)[N])[N])[N]
schoolwerkplanontwikkeling	(((school)[N],((werk)[V],(plan)[N])[N])[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schoolwet	((school)[N],(wet)[N])[N]
schoolwezen	((school)[N],(wezen)[N])[N]
schoolwijsheid	((school)[N],((wijs)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
schoolwoordenboek	((school)[N],((woord)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N])[N]
schoolziek	((school)[N],(ziek)[A])[A]
schoolziekte	(((school)[N],(ziek)[A])[A],(te)[N|A.])[N]
schoolzwak	((school)[N],(zwak)[A])[A]
schoolzwemmen	((school)[N],(zwem)[V])[V]
schoon	(schoon)[N]
schoonbijten	((schoon)[A],(bijt)[V])[V]
schoonbranden	((schoon)[A],(brand)[V])[V]
schoondruk	((schoon)[A],(druk)[N])[N]
schoonheid	((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N]
schoonheidsartikel	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(artikel)[N])[N]
schoonheidsbehandeling	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schoonheidscommissie	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
schoonheidsfout	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(fout)[N])[N]
schoonheidsgevoel	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
schoonheidsinstituut	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(instituut)[N])[N]
schoonheidskoningin	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((koning)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
schoonheidsleer	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
schoonheidsmasker	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(masker)[N])[N]
schoonheidsmelk	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(melk)[N])[N]
schoonheidsmiddel	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
schoonheidsproduct	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(product)[N])[N]
schoonheidssalon	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(salon)[N])[N]
schoonheidsslaapje	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(slaap)[N])[N]
schoonheidsspecialist	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(specialist)[N])[N]
schoonheidsspecialiste	((((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(specialist)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
schoonheidsverzorging	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
schoonheidsvlekje	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(vlek)[N])[N]
schoonheidswaarde	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(waarde)[N])[N]
schoonheidswedstrijd	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
schoonheidszin	(((schoon)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(zin)[N])[N]
schoonhouden	((schoon)[A],(houd)[V])[V]
schoonklinkend	((schoon)[A],(klink)[V],(end)[A|AV.])[A]
schoonmaakartikelen	(((schoon)[A],(maak)[V])[V],(artikel)[N])[N]
schoonmaakbedrijf	(((schoon)[A],(maak)[V])[V],(bedrijf)[N])[N]
schoonmaakbeurt	(((schoon)[A],(maak)[V])[V],(beurt)[N])[N]
schoonmaakrooster	(((schoon)[A],(maak)[V])[V],(rooster)[N])[N]
schoonmaakster	(((schoon)[A],(maak)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
schoonmaaktijd	(((schoon)[A],(maak)[V])[V],(tijd)[N])[N]
schoonmaakwoede	(((schoon)[A],(maak)[V])[V],(woede)[N])[N]
schoonmaken	((schoon)[A],(maak)[V])[V]
schoonmaker	(((schoon)[A],(maak)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
schoonpoetsen	((schoon)[A],(poets)[V])[V]
schoonpraatster	((schoon)[A],((praat)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
schoonprater	((schoon)[A],(praat)[V],(er)[N|AV.])[N]
schoonrijden	((schoon)[A],(rijd)[V])[V]
schoonschijnend	((schoon)[A],(schijn)[V],(end)[A|AV.])[A]
schoonschrift	((schoon)[A],(schrift)[N])[N]
schoonschrijven	((schoon)[A],(schrijf)[V])[V]
schoonschrijver	(((schoon)[A],(schrijf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
schoonspoelen	((schoon)[A],(spoel)[V])[V]
schoonspringen	((schoon)[A],(spring)[V])[V]
schoonvegen	((schoon)[A],(veeg)[V])[V]
schoonwassen	((schoon)[A],(was)[V])[V]
schoonwrijven	((schoon)[A],(wrijf)[V])[V]
schoonzwemmen	((schoon)[A],(zwem)[V])[V]
schoor	(schoor)[N]
schoorbalk	((schoor)[V],(balk)[N])[N]
schoorbeeld	((schoor)[V],(beeld)[N])[N]
schoorgewelf	((schoor)[V],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
schoorhoek	((schoor)[V],(hoek)[N])[N]
schoormuur	((schoor)[V],(muur)[N])[N]
schoorpaal	((schoor)[V],(paal)[N])[N]
schoorpijler	((schoor)[V],(pijler)[N])[N]
schoorsteen	((schoor)[V],(steen)[N])[N]
schoorsteenbrand	(((schoor)[V],(steen)[N])[N],(brand)[N])[N]
schoorsteenkap	(((schoor)[V],(steen)[N])[N],(kap)[N])[N]
schoorsteenloper	(((schoor)[V],(steen)[N])[N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
schoorsteenmantel	(((schoor)[V],(steen)[N])[N],(mantel)[N])[N]
schoorsteenpijp	(((schoor)[V],(steen)[N])[N],(pijp)[N])[N]
schoorsteenplaat	(((schoor)[V],(steen)[N])[N],(plaat)[N])[N]
schoorsteenstuk	(((schoor)[V],(steen)[N])[N],(stuk)[N])[N]
schoorsteenuren	(((schoor)[V],(steen)[N])[N],(uur)[N])[N]
schoorsteenval	(((schoor)[V],(steen)[N])[N],(val)[N])[N]
schoorsteenvegen	(((schoor)[V],(steen)[N])[N],(veeg)[V])[V]
schoorsteenveger	((((schoor)[V],(steen)[N])[N],(veeg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
schoorstuk	((schoor)[V],(stuk)[N])[N]
schoorwal	((schoor)[V],(wal)[N])[N]
schoorzuil	((schoor)[V],(zuil)[N])[N]
schoot	(schoot)[N]
schootgaan	((schoot)[N],(ga)[V])[V]
schoothond	((schoot)[N],(hond)[N])[N]
schootkind	((schoot)[N],(kind)[N])[N]
schootsafstand	((schot)[N],(s)[N|N.N],(afstand)[N])[N]
schootshoek	((schot)[N],(s)[N|N.N],(hoek)[N])[N]
schootsvel	((schoot)[N],(s)[N|N.N],(vel)[N])[N]
schootsveld	((schot)[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
schootsverheid	((schot)[N],(s)[N|N.N],(verheid)[N])[N]
schootvrij	((schoot)[N],(vrij)[A])[A]
schop	(schop)[N]
schoppen	(schop)[V]
schoppenaas	((schoppen)[N],(aas)[N])[N]
schoppenacht	((schoppen)[N],(acht)[N])[N]
schoppenboer	((schoppen)[N],(boer)[N])[N]
schoppendrie	((schoppen)[N],(drie)[N])[N]
schoppenvrouw	((schoppen)[N],(vrouw)[N])[N]
schopschijf	((schop)[V],(schijf)[N])[N]
schopstoel	((schop)[V],(stoel)[N])[N]
schopvast	((schop)[V],(vast)[A])[A]
schor	(schor)[N]
schorem	(schorem)[N]
schoremer	((schorem)[N],(er)[N|N.])[N]
schoremerd	((schorem)[A],(erd)[N|A.])[N]
schoren	(schoor)[V]
schorheid	((schor)[A],(heid)[N|A.])[N]
schoring	((schoor)[V],(ing)[N|V.])[N]
schorpioen	(schorpioen)[N]
schorpioenkruid	((schorpioen)[N],(kruid)[N])[N]
schorre	((schor)[A],(e)[N|A.])[N]
schors	(schors)[N]
schorsachtig	((schors)[N],(achtig)[A|N.])[A]
schorsen	(schors)[V]
schorseneer	(schorseneer)[N]
schorsing	((schors)[V],(ing)[N|V.])[N]
schorsingsperiode	(((schors)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
schorsmolen	((schors)[N],(molen)[N])[N]
schort	(schort)[N]
schorten	(schort)[V]
schortenband	((schort)[N],(e)[N|N.N],(band)[N])[N]
schot	(schot)[N]
schotbalk	((schot)[N],(balk)[N])[N]
schotel	(schotel)[N]
schotelantenne	((schotel)[N],(antenne)[N])[N]
schoteldoek	((schotel)[N],(doek)[N])[N]
schotelen	(schotel)[V]
schotelhuis	((schotel)[N],(huis)[N])[N]
schotelrek	((schotel)[N],(rek)[N])[N]
schotelvod	((schotel)[N],(vod)[N])[N]
schotelvormig	((schotel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schotelwarmer	((schotel)[N],(warm)[V],(er)[N|NV.])[N]
schotelwasser	((schotel)[N],(was)[V],(er)[N|NV.])[N]
schotelwater	((schotel)[N],(water)[N])[N]
schotjesgeest	((schotje)[N],(s)[N|N.N],(geest)[N])[N]
schotkalf	((schot)[N],(kalf)[N])[N]
schots	(schots)[N]
schotsbont	((Schots)[A],(bont)[A])[A]
schotspijker	((schot)[N],(spijker)[N])[N]
schotvaardig	((schot)[N],(vaardig)[A])[A]
schotvaars	((schot)[N],(vaars)[N])[N]
schotvarken	((schot)[N],(varken)[N])[N]
schotvast	((schot)[N],(vast)[A])[A]
schotvrij	((schot)[N],(vrij)[A])[A]
schotwerk	((schot)[N],(werk)[N])[N]
schotwilg	((schot)[N],(wilg)[N])[N]
schotwond	((schot)[N],(wond)[N])[N]
schotwonde	((schot)[N],(wonde)[N])[N]
schouder	(schouder)[N]
schouderband	((schouder)[N],(band)[N])[N]
schouderbedekking	((schouder)[N],((be)[V|.V],(dek)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
schouderbeweging	((schouder)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schouderblad	((schouder)[N],(blad)[N])[N]
schouderbreedte	((schouder)[N],((breed)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
schouderduw	((schouder)[N],(duw)[N])[N]
schouderen	(schouder)[V]
schoudergewricht	((schouder)[N],(gewricht)[N])[N]
schouderham	((schouder)[N],(ham)[N])[N]
schouderhoogte	((schouder)[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
schouderkarbonade	((schouder)[N],(karbonade)[N])[N]
schouderklopje	((schouder)[N],(klop)[N])[N]
schouderligging	((schouder)[N],((lig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schouderloos	((schouder)[N],(loos)[A|N.])[A]
schoudermantel	((schouder)[N],(mantel)[N])[N]
schouderophalen	((schouder)[N],(ophalen)[V])[N]
schouderophalend	((schouder)[N],((op)[P],(haal)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
schouderophalerij	((schouder)[N],((op)[P],(haal)[V])[V],(erij)[N|NV.])[N]
schouderpassant	((schouder)[N],((passeer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
schoudersluiting	((schouder)[N],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schouderstand	((schouder)[N],(stand)[N])[N]
schouderstuk	((schouder)[N],(stuk)[N])[N]
schoudertas	((schouder)[N],(tas)[N])[N]
schoudervulling	((schouder)[N],(vul)[V],(ing)[N|NV.])[N]
schouderworp	((schouder)[N],(worp)[N])[N]
schout	(schout)[N]
schoutambt	((schout)[N],(ambt)[N])[N]
schoutschap	((schout)[N],(schap)[N|N.])[N]
schoutsdienaar	((schout)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
schouw	(schouw)[N]
schouwbrand	((schouw)[N],(brand)[N])[N]
schouwburgabonnement	((schouwburg)[N],((abonneer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
schouwburgbezoeker	((schouwburg)[N],((be)[V|.V],(zoek)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
schouwburgdirecteur	((schouwburg)[N],(directeur)[N])[N]
schouwburgpubliek	((schouwburg)[N],(publiek)[N])[N]
schouwburgzaal	((schouwburg)[N],(zaal)[N])[N]
schouwen	(schouw)[V]
schouwer	((schouw)[V],(er)[N|V.])[N]
schouwgarnituur	((schouw)[N],(garnituur)[N])[N]
schouwing	((schouw)[V],(ing)[N|V.])[N]
schouwlustig	((schouw)[V],(lust)[N],(ig)[A|VN.])[A]
schouwplaats	((schouw)[V],(plaats)[N])[N]
schouwspel	((schouw)[V],(spel)[N])[N]
schouwtoneel	((schouw)[V],(toneel)[N])[N]
schouwveger	((schouw)[N],(veeg)[V],(er)[N|NV.])[N]
schoven	(schoof)[V]
schovenbinder	((schoof)[N],(en)[N|N.Vx],(bind)[V],(er)[N|NxV.])[N]
schovenbindster	((schoof)[N],(en)[N|N.Vx],(bind)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
schraag	(schraag)[N]
schraagbalk	((schraag)[V],(balk)[N])[N]
schraagbeeld	((schraag)[V],(beeld)[N])[N]
schraagpijler	((schraag)[V],(pijler)[N])[N]
schraagsgewijs	((schraag)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
schraagtafel	((schraag)[V],(tafel)[N])[N]
schraal	(schraal)[A]
schraalheid	((schraal)[A],(heid)[N|A.])[N]
schraalte	((schraal)[A],(te)[N|A.])[N]
schraap	(schraap)[N]
schraapachtig	((schraap)[V],(achtig)[A|V.])[A]
schraapachtigheid	(((schraap)[V],(achtig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schraapijzer	((schraap)[V],(ijzer)[N])[N]
schraapmes	((schraap)[V],(mes)[N])[N]
schraapsel	((schraap)[V],(sel)[N|V.])[N]
schraapstaal	((schraap)[V],(staal)[N])[N]
schraapzucht	((schraap)[V],(zucht)[N])[N]
schraapzuchtig	((schraap)[V],(zucht)[N],(ig)[A|VN.])[A]
schrab	(schrab)[N]
schrabben	(schrab)[V]
schrabber	((schrab)[V],(er)[N|V.])[N]
schrabijzer	((schrab)[V],(ijzer)[N])[N]
schrabmes	((schrab)[V],(mes)[N])[N]
schrabsel	((schrab)[V],(sel)[N|V.])[N]
schrafelaar	((schrafel)[V],(aar)[N|V.])[N]
schragen	(schraag)[V]
schraging	((schraag)[V],(ing)[N|V.])[N]
schralen	(schraal)[V]
schram	(schram)[N]
schrammen	(schram)[V]
schranderheid	((schrander)[A],(heid)[N|A.])[N]
schrank	(schrank)[N]
schranken	(schrank)[V]
schransen	(schrans)[V]
schranser	((schrans)[V],(er)[N|V.])[N]
schranserij	((schrans)[V],(erij)[N|V.])[N]
schranspartij	((schrans)[V],(partij)[N])[N]
schranzen	(schrans)[V]
schranzer	((schrans)[V],(er)[N|V.])[N]
schranzerij	((schrans)[V],(erij)[N|V.])[N]
schrap	(schrap)[N]
schrapen	(schraap)[V]
schraper	((schraap)[V],(er)[N|V.])[N]
schraperig	((schraap)[V],(erig)[A|V.])[A]
schraperigheid	(((schraap)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schrapijzer	((schrap)[V],(ijzer)[N])[N]
schrapmes	((schrap)[V],(mes)[N])[N]
schrappen	(schrap)[V]
schrapper	((schrap)[V],(er)[N|V.])[N]
schrapping	((schrap)[V],(ing)[N|V.])[N]
schrapsel	((schrap)[V],(sel)[N|V.])[N]
schred	(schred)[N]
schrede	(schrede)[N]
schredenteller	((schrede)[N],(en)[N|N.N],((tel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
schreef	(schreef)[N]
schreefloos	((schreef)[N],(loos)[A|N.])[A]
schreeuw	(schreeuw)[N]
schreeuwbek	((schreeuw)[V],(bek)[N])[N]
schreeuwen	(schreeuw)[V]
schreeuwer	((schreeuw)[V],(er)[N|V.])[N]
schreeuwerd	((schreeuw)[V],(erd)[N|V.])[N]
schreeuwerig	((schreeuw)[V],(erig)[A|V.])[A]
schreeuwlelijk	((schreeuw)[V],(lelijk)[A])[N]
schreeuwvogel	((schreeuw)[V],(vogel)[N])[N]
schreien	(schrei)[V]
schreier	((schrei)[V],(er)[N|V.])[N]
schreierig	((schrei)[V],(erig)[A|V.])[A]
schriek	(schriek)[N]
schriel	(schriel)[A]
schrielhannes	((schriel)[A],(hannes)[N])[N]
schrielheid	((schriel)[A],(heid)[N|A.])[N]
schrift	(schrift)[N]
schriftbeeld	((schrift)[N],(beeld)[N])[N]
schriftdrager	((schrift)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
schriftelijk	((schrift)[N],(elijk)[A|N.])[A]
schriftexpertise	((schrift)[N],(expertise)[N])[N]
schriftgedeelte	((Schrift)[N],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
schriftgeleerde	((Schrift)[N],(geleerde)[N])[N]
schriftgezag	((Schrift)[N],(gezag)[N])[N]
schriftkenner	((Schrift)[N],(ken)[V],(er)[N|NV.])[N]
schriftkunde	((schrift)[N],(kunde)[N])[N]
schriftkundige	(((schrift)[N],(kunde)[N])[N],(ig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
schriftplaats	((Schrift)[N],(plaats)[N])[N]
schriftteken	((schrift)[N],(teken)[N])[N]
schriftuitlegger	((Schrift)[N],((uit)[P],(leg)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
schriftuur	((schrift)[N],(uur)[N|N.])[N]
schriftuurlijk	(((schrift)[N],(uur)[N|N.])[N],(lijk)[A|N.])[A]
schriftvervalser	((schrift)[N],((ver)[V|.A],(vals)[A])[V],(er)[N|NV.])[N]
schriftvervalsing	((schrift)[N],((ver)[V|.A],(vals)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
schriftwoord	((Schrift)[N],(woord)[N])[N]
schrijden	(schrijd)[V]
schrijfbehoeften	((schrijf)[V],(behoefte)[N])[N]
schrijfbenodigdheden	((schrijf)[V],(((be)[A|.Ax],(nodig)[A],(d)[A|xA.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
schrijfbeweging	((schrijf)[V],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schrijfblad	((schrijf)[V],(blad)[N])[N]
schrijfblok	((schrijf)[V],(blok)[N])[N]
schrijfboek	((schrijf)[V],(boek)[N])[N]
schrijfbureau	((schrijf)[V],(bureau)[N])[N]
schrijfcentrum	((schrijf)[V],(centrum)[N])[N]
schrijfdrift	((schrijf)[V],(drift)[N])[N]
schrijffout	((schrijf)[V],(fout)[N])[N]
schrijfgereedschap	((schrijf)[V],(gereedschap)[N])[N]
schrijfgerei	((schrijf)[V],(gerei)[N])[N]
schrijfgerief	((schrijf)[V],(gerief)[N])[N]
schrijfhaak	((schrijf)[V],(haak)[N])[N]
schrijfhand	((schrijf)[V],(hand)[N])[N]
schrijfhouding	((schrijf)[V],(houding)[N])[N]
schrijfinkt	((schrijf)[V],(inkt)[N])[N]
schrijfkamer	((schrijf)[V],(kamer)[N])[N]
schrijfkistje	((schrijf)[V],(kist)[N])[N]
schrijfkramp	((schrijf)[V],(kramp)[N])[N]
schrijfkrijt	((schrijf)[V],(krijt)[N])[N]
schrijfkunst	((schrijf)[V],(kunst)[N])[N]
schrijfkunstenaar	((schrijf)[V],((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
schrijfleesmethode	((schrijf)[V],((lees)[V],(methode)[N])[N])[N]
schrijfles	((schrijf)[V],(les)[N])[N]
schrijflessenaar	((schrijf)[V],(lessenaar)[N])[N]
schrijfletter	((schrijf)[V],(letter)[N])[N]
schrijfmachine	((schrijf)[V],(machine)[N])[N]
schrijfmachinelint	(((schrijf)[V],(machine)[N])[N],(lint)[N])[N]
schrijfmap	((schrijf)[V],(map)[N])[N]
schrijfmateriaal	((schrijf)[V],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
schrijfmeester	((schrijf)[V],(meester)[N])[N]
schrijfoefening	((schrijf)[V],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schrijfpapier	((schrijf)[V],(papier)[N])[N]
schrijfpen	((schrijf)[V],(pen)[N])[N]
schrijfproces	((schrijf)[V],(proces)[N])[N]
schrijfproduct	((schrijf)[V],(product)[N])[N]
schrijfrol	((schrijf)[V],(rol)[N])[N]
schrijfsel	((schrijf)[V],(sel)[N|V.])[N]
schrijfsituatie	((schrijf)[V],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
schrijfster	((schrijf)[V],(ster)[N|V.])[N]
schrijfstift	((schrijf)[V],(stift)[N])[N]
schrijfstijl	((schrijf)[V],(stijl)[N])[N]
schrijftaal	((schrijf)[V],(taal)[N])[N]
schrijftafel	((schrijf)[V],(tafel)[N])[N]
schrijftalent	((schrijf)[V],(talent)[N])[N]
schrijftechniek	((schrijf)[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
schrijftrant	((schrijf)[V],(trant)[N])[N]
schrijfvaardig	((schrijf)[V],(vaardig)[A])[A]
schrijfvertrek	((schrijf)[V],(vertrek)[N])[N]
schrijfvlak	((schrijf)[V],(vlak)[N])[N]
schrijfwerk	((schrijf)[V],(werk)[N])[N]
schrijfwijs	((schrijf)[V],(wijs)[N])[N]
schrijfwijze	((schrijf)[V],(wijze)[N])[N]
schrijfwoede	((schrijf)[V],(woede)[N])[N]
schrijn	(schrijn)[N]
schrijnen	(schrijn)[V]
schrijnwerk	((schrijn)[N],(werk)[N])[N]
schrijnwerker	((schrijn)[N],(werk)[V],(er)[N|NV.])[N]
schrijnwerkerij	(((schrijn)[N],(werk)[N])[N],(erij)[N|N.])[N]
schrijnwerkster	((schrijn)[N],((werk)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
schrijvelaar	((schrijf)[V],(elaar)[N|V.])[N]
schrijven	(schrijf)[V]
schrijver	((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N]
schrijverij	((schrijf)[V],(erij)[N|V.])[N]
schrijversbent	(((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bent)[N])[N]
schrijverscafé	(((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(café)[N])[N]
schrijverscarrière	(((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(carrière)[N])[N]
schrijverschap	(((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
schrijversdebuut	(((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(debuut)[N])[N]
schrijversfiguur	(((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(figuur)[N])[N]
schrijversgeneratie	(((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((genereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
schrijversgild	(((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gild)[N])[N]
schrijverskwaliteit	(((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kwaliteit)[N])[N]
schrijversloopbaan	(((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((loop)[V],(baan)[N])[N])[N]
schrijversnaam	(((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(naam)[N])[N]
schrijversprentenboek	(((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((prent)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N])[N]
schrijversproef	(((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proef)[N])[N]
schrijverstalent	(((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(talent)[N])[N]
schrijverstype	(((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(type)[N])[N]
schrijversvereniging	(((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schrijverswereld	(((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
schrik	(schrik)[N]
schrikaanjagend	((schrik)[N],((aan)[P],(jaag)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
schrikaanjaging	((schrik)[N],((aan)[P],(jaag)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
schrikachtig	((schrik)[V],(achtig)[A|V.])[A]
schrikachtigheid	(((schrik)[V],(achtig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schrikbarend	((schrik)[N],(baar)[V],(end)[A|NV.])[A]
schrikbeeld	((schrik)[V],(beeld)[N])[N]
schrikbelevenis	((schrik)[V],(((be)[V|.V],(leef)[V])[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
schrikbewind	((schrik)[V],(bewind)[N])[N]
schrikdraad	((schrik)[V],(draad)[N])[N]
schrikhek	((schrik)[V],(hek)[N])[N]
schrikkelbaby	((schrikkel)[V],(baby)[N])[N]
schrikkeldag	((schrikkel)[V],(dag)[N])[N]
schrikkeldans	((schrikkel)[V],(dans)[N])[N]
schrikkelijk	((schrik)[V],(elijk)[A|V.])[A]
schrikkeljaar	((schrikkel)[V],(jaar)[N])[N]
schrikkelmaand	((schrikkel)[V],(maand)[N])[N]
schrikkelseconde	((schrikkel)[V],(seconde)[N])[N]
schrikken	(schrik)[V]
schrikkerig	((schrik)[V],(erig)[A|V.])[A]
schrikkleur	((schrik)[N],(kleur)[N])[N]
schrikmiddel	((schrik)[V],(middel)[N])[N]
schrikneurose	((schrik)[V],(neurose)[N])[N]
schrikplank	((schrik)[N],(plank)[N])[N]
schrikpoeder	((schrik)[V],(poeder)[N])[N]
schrikpoeier	((schrik)[V],(poeier)[N])[N]
schrikpsychose	((schrik)[V],(psychose)[N])[N]
schrikreactie	((schrik)[V],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
schrikstelling	((schrik)[V],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schrikstroom	((schrik)[V],(stroom)[N])[N]
schrikverwekkend	((schrik)[N],((ver)[V|.V],(wek)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
schrikwekkend	((schrik)[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
schril	(schril)[A]
schrilheid	((schril)[A],(heid)[N|A.])[N]
schrob	(schrob)[N]
schrobben	(schrob)[V]
schrobber	((schrob)[V],(er)[N|V.])[N]
schrobbing	((schrob)[V],(ing)[N|V.])[N]
schrobnet	((schrob)[V],(net)[N])[N]
schrobrasp	((schrob)[V],(rasp)[N])[N]
schrobster	((schrob)[V],(ster)[N|V.])[N]
schrobtijd	((schrob)[V],(tijd)[N])[N]
schrobvisserij	((schrob)[N],(vis)[V],(erij)[N|NV.])[N]
schrobzaag	((schrob)[V],(zaag)[N])[N]
schroden	(schrood)[V]
schroef	(schroef)[N]
schroefas	((schroef)[N],(as)[N])[N]
schroefbaar	((schroef)[V],(baar)[A|V.])[A]
schroefbacterie	((schroef)[N],(bacterie)[N])[N]
schroefband	((schroef)[V],(band)[N])[N]
schroefbank	((schroef)[V],(bank)[N])[N]
schroefblad	((schroef)[N],(blad)[N])[N]
schroefboor	((schroef)[V],(boor)[N])[N]
schroefboot	((schroef)[N],(boot)[N])[N]
schroefbout	((schroef)[V],(bout)[N])[N]
schroefbuis	((schroef)[V],(buis)[N])[N]
schroefcirkel	((schroef)[N],(cirkel)[N])[N]
schroefcontact	((schroef)[N],(contact)[N])[N]
schroefdeksel	((schroef)[V],((dek)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
schroefdop	((schroef)[V],(dop)[N])[N]
schroefdraad	((schroef)[N],(draad)[N])[N]
schroefdruk	((schroef)[N],(druk)[N])[N]
schroeffles	((schroef)[V],(fles)[N])[N]
schroefgat	((schroef)[V],(gat)[N])[N]
schroefhoudend	((schroef)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
schroefklem	((schroef)[V],(klem)[N])[N]
schroefkop	((schroef)[N],(kop)[N])[N]
schroeflijn	((schroef)[N],(lijn)[N])[N]
schroefloos	((schroef)[N],(loos)[A|N.])[A]
schroefmicrometer	((schroef)[N],((micro)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
schroefmoer	((schroef)[V],(moer)[N])[N]
schroefmolen	((schroef)[V],(molen)[N])[N]
schroefnagel	((schroef)[V],(nagel)[N])[N]
schroefoog	((schroef)[V],(oog)[N])[N]
schroeforchis	((schroef)[V],(orchis)[N])[N]
schroefpaal	((schroef)[V],(paal)[N])[N]
schroefplug	((schroef)[V],(plug)[N])[N]
schroefpomp	((schroef)[V],(pomp)[N])[N]
schroefpot	((schroef)[V],(pot)[N])[N]
schroefring	((schroef)[V],(ring)[N])[N]
schroefsgewijs	((schroef)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
schroefsgewijze	((schroef)[N],(s)[A|N.x],(gewijze)[A|Nx.])[A]
schroefsleutel	((schroef)[V],(sleutel)[N])[N]
schroefslot	((schroef)[V],(slot)[N])[N]
schroefsluiting	((schroef)[N],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schroefsprong	((schroef)[N],(sprong)[N])[N]
schroefsteven	((schroef)[N],(steven)[N])[N]
schroefstoomboot	((schroef)[N],((stoom)[N],(boot)[N])[N])[N]
schroeftandwiel	((schroef)[V],((tand)[N],(wiel)[N])[N])[N]
schroeftang	((schroef)[V],(tang)[N])[N]
schroefturbine	((schroef)[N],(turbine)[N])[N]
schroefvast	((schroef)[V],(vast)[A])[A]
schroefveer	((schroef)[V],(veer)[N])[N]
schroefverbinding	((schroef)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schroefvijzel	((schroef)[V],(vijzel)[N])[N]
schroefvlak	((schroef)[V],(vlak)[N])[N]
schroefvliegtuig	((schroef)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
schroefvormig	((schroef)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schroefwiel	((schroef)[V],(wiel)[N])[N]
schroefwinding	((schroef)[N],((wind)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schroeien	(schroei)[V]
schroeierig	((schroei)[V],(erig)[A|V.])[A]
schroeiijzer	((schroei)[V],(ijzer)[N])[N]
schroeiplek	((schroei)[V],(plek)[N])[N]
schroeven	(schroef)[V]
schroevendraaier	((schroef)[N],(e)[N|N.Vx],(draai)[V],(er)[N|NxV.])[N]
schrok	(schrok)[N]
schrokachtig	((schrok)[V],(achtig)[A|V.])[A]
schrokken	(schrok)[V]
schrokker	((schrok)[V],(er)[N|V.])[N]
schrokkerd	((schrok)[V],(erd)[N|V.])[N]
schrokkerig	((schrok)[V],(erig)[A|V.])[A]
schrokkerij	((schrok)[V],(erij)[N|V.])[N]
schrokkig	((schrok)[N],(ig)[A|N.])[A]
schrokop	((schrok)[N],(op)[P])[N]
schromelijk	((schroom)[V],(elijk)[A|V.])[A]
schromen	(schroom)[V]
schrompelen	(schrompel)[V]
schrompelig	((schrompel)[V],(ig)[A|V.])[A]
schroodbeitel	((schrood)[V],(beitel)[N])[N]
schroodijzer	((schrood)[V],(ijzer)[N])[N]
schroodmes	((schrood)[V],(mes)[N])[N]
schrooi-ijzer	((schrooi)[V],(ijzer)[N])[N]
schrooibeitel	((schrooi)[V],(beitel)[N])[N]
schrooien	(schrooi)[V]
schrooier	((schrooi)[V],(er)[N|V.])[N]
schrooimes	((schrooi)[V],(mes)[N])[N]
schroom	(schroom)[N]
schroomachtig	((schroom)[V],(achtig)[A|V.])[A]
schroomvalligheid	((schroomvallig)[A],(heid)[N|A.])[N]
schroomvol	((schroom)[N],(vol)[A])[A]
schroot	(schroot)[N]
schroothamer	((schroot)[V],(hamer)[N])[N]
schroothandel	((schroot)[N],(handel)[N])[N]
schroothandelaar	((schroot)[N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
schroothoop	((schroot)[N],(hoop)[N])[N]
schrootjeswand	((schrootje)[N],(s)[N|N.N],(wand)[N])[N]
schrootvuur	((schroot)[N],(vuur)[N])[N]
schrootwaarde	((schroot)[N],(waarde)[N])[N]
schrot	(schrot)[N]
schroten	(schroot)[V]
schub	(schub)[N]
schubachtig	((schub)[N],(achtig)[A|N.])[A]
schubben	(schub)[V]
schubbig	((schub)[N],(ig)[A|N.])[A]
schubdier	((schub)[N],(dier)[N])[N]
schubhuid	((schub)[N],(huid)[N])[N]
schubmes	((schub)[V],(mes)[N])[N]
schubsgewijs	((schub)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
schubsgewijze	((schub)[N],(s)[A|N.x],(gewijze)[A|Nx.])[A]
schubvleugelig	((schub)[N],(vleugel)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schubvormig	((schub)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schuchter	(schuchter)[A]
schuchterheid	((schuchter)[A],(heid)[N|A.])[N]
schuddebol	((schud)[V],(e)[N|V.N],(bol)[N])[N]
schuddekoppen	((schud)[V],(kop)[N])[V]
schudden	(schud)[V]
schudding	((schud)[V],(ing)[N|V.])[N]
schudgoot	((schud)[V],(goot)[N])[N]
schudsel	((schud)[V],(sel)[N|V.])[N]
schudtafel	((schud)[V],(tafel)[N])[N]
schuier	(schuier)[N]
schuieraar	((schuier)[V],(aar)[N|V.])[N]
schuieren	(schuier)[V]
schuif	(schuif)[N]
schuifbeweging	((schuif)[V],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schuifblad	((schuif)[V],(blad)[N])[N]
schuifcontact	((schuif)[V],(contact)[N])[N]
schuifdak	((schuif)[V],(dak)[N])[N]
schuifdeur	((schuif)[V],(deur)[N])[N]
schuifdobber	((schuif)[V],(dobber)[N])[N]
schuifdoos	((schuif)[V],(doos)[N])[N]
schuifelaar	((schuifel)[V],(aar)[N|V.])[N]
schuifelen	(schuifel)[V]
schuifgesp	((schuif)[V],(gesp)[N])[N]
schuifgewicht	((schuif)[V],(gewicht)[N])[N]
schuifgiek	((schuif)[V],(giek)[N])[N]
schuifgordijn	((schuif)[V],(gordijn)[N])[N]
schuifhek	((schuif)[V],(hek)[N])[N]
schuifklep	((schuif)[V],(klep)[N])[N]
schuifkracht	((schuif)[V],(kracht)[N])[N]
schuifla	((schuif)[V],(la)[N])[N]
schuifladder	((schuif)[V],(ladder)[N])[N]
schuiflade	((schuif)[V],(lade)[N])[N]
schuiflood	((schuif)[V],(lood)[N])[N]
schuifluik	((schuif)[V],(luik)[N])[N]
schuifmaat	((schuif)[V],(maat)[N])[N]
schuifpaneel	((schuif)[V],(paneel)[N])[N]
schuifpoeder	((schuif)[V],(poeder)[N])[N]
schuifpoeier	((schuif)[V],(poeier)[N])[N]
schuifpui	((schuif)[V],(pui)[N])[N]
schuifraam	((schuif)[V],(raam)[N])[N]
schuifregelaar	((schuif)[V],((regel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
schuifslot	((schuif)[V],(slot)[N])[N]
schuifspanning	((schuif)[V],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schuiftafel	((schuif)[V],(tafel)[N])[N]
schuiftrombone	((schuif)[V],(trombone)[N])[N]
schuiftrompet	((schuif)[V],(trompet)[N])[N]
schuifvenster	((schuif)[V],(venster)[N])[N]
schuifwand	((schuif)[V],(wand)[N])[N]
schuifweerstand	((schuif)[V],(weerstand)[N])[N]
schuil	(schuil)[N]
schuiladres	((schuil)[V],(adres)[N])[N]
schuilen	(schuil)[V]
schuiler	((schuil)[V],(er)[N|V.])[N]
schuilevinkje	((schuil)[V],(e)[N|V.N],(vinkje)[N])[N]
schuilgaan	((schuil)[V],(ga)[V])[V]
schuilgelegenheid	((schuil)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
schuilhoek	((schuil)[V],(hoek)[N])[N]
schuilhol	((schuil)[V],(hol)[N])[N]
schuilhouden	((schuil)[V],(houd)[V])[V]
schuilhut	((schuil)[V],(hut)[N])[N]
schuilkeet	((schuil)[V],(keet)[N])[N]
schuilkelder	((schuil)[V],(kelder)[N])[N]
schuilkerk	((schuil)[V],(kerk)[N])[N]
schuilnaam	((schuil)[V],(naam)[N])[N]
schuilplaats	((schuil)[V],(plaats)[N])[N]
schuiltent	((schuil)[V],(tent)[N])[N]
schuim	(schuim)[N]
schuimachtig	((schuim)[N],(achtig)[A|N.])[A]
schuimbad	((schuim)[V],(bad)[N])[N]
schuimbekken	((schuim)[N],(bek)[N])[V]
schuimbeton	((schuim)[V],(beton)[N])[N]
schuimbier	((schuim)[V],(bier)[N])[N]
schuimblusapparaat	((schuim)[N],((blus)[V],(apparaat)[N])[N])[N]
schuimblusser	((schuim)[N],(blus)[V],(er)[N|NV.])[N]
schuimcel	((schuim)[V],(cel)[N])[N]
schuimen	(schuim)[V]
schuimer	((schuim)[V],(er)[N|V.])[N]
schuimgebakje	((schuim)[N],(gebak)[N])[N]
schuimgips	((schuim)[V],(gips)[N])[N]
schuimig	((schuim)[N],(ig)[A|N.])[A]
schuimketting	((schuim)[V],(ketting)[N])[N]
schuimklopperij	((schuim)[N],(klop)[V],(erij)[N|NV.])[N]
schuimkop	((schuim)[V],(kop)[N])[N]
schuimkraag	((schuim)[V],(kraag)[N])[N]
schuimkraan	((schuim)[V],(kraan)[N])[N]
schuimlaag	((schuim)[N],(laag)[N])[N]
schuimlepel	((schuim)[V],(lepel)[N])[N]
schuimmanchet	((schuim)[V],(manchet)[N])[N]
schuimomelet	((schuim)[V],(omelet)[N])[N]
schuimpje	((schuim)[N],(pje)[N|N.])[N]
schuimplastic	((schuim)[V],(plastic)[N])[N]
schuimrubber	((schuim)[V],(rubber)[N])[N]
schuimscheiding	((schuim)[N],(scheid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
schuimsel	((schuim)[V],(sel)[N|V.])[N]
schuimspaan	((schuim)[V],(spaan)[N])[N]
schuimsteen	((schuim)[V],(steen)[N])[N]
schuimtablet	((schuim)[N],(tablet)[N])[N]
schuimvormer	((schuim)[N],(vorm)[V],(er)[N|NV.])[N]
schuimwijn	((schuim)[V],(wijn)[N])[N]
schuin	(schuin)[A]
schuinen	(schuin)[V]
schuinheid	((schuin)[A],(heid)[N|A.])[N]
schuining	((schuin)[V],(ing)[N|V.])[N]
schuinogen	((schuin)[A],(oog)[V])[V]
schuins	((schuin)[A],(s)[A|A.])[A]
schuinschrift	((schuin)[A],(schrift)[N])[N]
schuinsheid	(((schuin)[A],(s)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schuinsloper	(((schuin)[A],(s)[A|A.])[A],(loop)[V],(er)[N|AV.])[N]
schuinsmarcheerder	(((schuin)[A],(s)[A|A.])[A],(marcheer)[V],(der)[N|AV.])[N]
schuinte	((schuin)[A],(te)[N|A.])[N]
schuit	(schuit)[N]
schuitenhuis	((schuit)[N],(e)[N|N.N],(huis)[N])[N]
schuitenvoerder	((schuit)[N],(e)[N|N.N],((voer)[V],(der)[N|V.])[N])[N]
schuitenvracht	((schuit)[N],(e)[N|N.N],(vracht)[N])[N]
schuitjesgaren	((schuit)[N],(s)[N|N.N],(garen)[N])[N]
schuitjestin	((schuit)[N],(s)[N|N.N],(tin)[N])[N]
schuitjevaren	((schuit)[N],(vaar)[V])[V]
schuitvormig	((schuit)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schuiven	(schuif)[V]
schuiver	((schuif)[V],(er)[N|V.])[N]
schuld	(schuld)[N]
schuldbekentenis	((schuld)[N],(bekentenis)[N])[N]
schuldbelijdenis	((schuld)[N],(((be)[V|.V],(lijd)[V])[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
schuldbesef	((schuld)[N],(besef)[N])[N]
schuldbewijs	((schuld)[N],(bewijs)[N])[N]
schuldbewust	((schuld)[N],(bewust)[A])[A]
schuldbewustzijn	((schuld)[N],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
schuldbrief	((schuld)[N],(brief)[N])[N]
schuldcomplex	((schuld)[N],(complex)[N])[N]
schulddelging	((schuld)[N],(delg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
schuldeiser	((schuld)[N],(eis)[V],(er)[N|NV.])[N]
schuldeiseres	(((schuld)[N],(eis)[V],(er)[N|NV.])[N],(es)[N|N.])[N]
schuldeloos	((schuld)[N],(eloos)[A|N.])[A]
schuldeloosheid	(((schuld)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schuldenaar	((schuld)[N],(enaar)[N|N.])[N]
schuldenares	((schuld)[N],(enares)[N|N.])[N]
schuldenlast	((schuld)[N],(en)[N|N.N],(last)[N])[N]
schulderkenning	((schuld)[N],(erken)[V],(ing)[N|NV.])[N]
schuldgevoel	((schuld)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
schuldgevoelen	((schuld)[N],(gevoelen)[N])[N]
schuldheling	((schuld)[N],((heel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schuldig	((schuld)[N],(ig)[A|N.])[A]
schuldigheid	(((schuld)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schuldigverklaring	(((schuld)[N],(ig)[A|N.])[A],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|AV.])[N]
schuldloos	((schuld)[N],(loos)[A|N.])[A]
schuldloosheid	(((schuld)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schuldoverdracht	((schuld)[N],(overdracht)[N])[N]
schuldovereenkomst	((schuld)[N],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
schuldplichtig	((schuld)[N],(plicht)[N],(ig)[A|NN.])[A]
schuldpost	((schuld)[N],(post)[N])[N]
schuldsplitsing	((schuld)[N],(splits)[V],(ing)[N|NV.])[N]
schuldverbintenis	((schuld)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
schuldvereffening	((schuld)[N],(((ver)[V|.A],(effen)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schuldvergelijking	((schuld)[N],((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
schuldvergeving	((schuld)[N],((ver)[V|.V],(geef)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
schuldvergiffenis	((schuld)[N],(vergiffenis)[N])[N]
schuldvermenging	((schuld)[N],((ver)[V|.V],(meng)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
schuldverplichting	((schuld)[N],(((ver)[V|.N],(plicht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schuldvordering	((schuld)[N],((vorder)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
schuldvraag	((schuld)[N],(vraag)[N])[N]
schulp	(schulp)[N]
schulpboor	((schulp)[N],(boor)[N])[N]
schulpen	(schulp)[V]
schulplijn	((schulp)[V],(lijn)[N])[N]
schulpwerk	((schulp)[V],(werk)[N])[N]
schulpzaag	((schulp)[V],(zaag)[N])[N]
schunnigheid	((schunnig)[A],(heid)[N|A.])[N]
schuren	(schuur)[V]
schurft	(schurft)[N]
schurftachtig	((schurft)[N],(achtig)[A|N.])[A]
schurftig	((schurft)[N],(ig)[A|N.])[A]
schurftigheid	(((schurft)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schurftkop	((schurft)[N],(kop)[N])[N]
schurftmijt	((schurft)[N],(mijt)[N])[N]
schurftmos	((schurft)[N],(mos)[N])[N]
schurftzalf	((schurft)[N],(zalf)[N])[N]
schuring	((schuur)[V],(ing)[N|V.])[N]
schuringsgeluid	(((schuur)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
schuringsklank	(((schuur)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klank)[N])[N]
schurk	(schurk)[N]
schurkachtig	((schurk)[N],(achtig)[A|N.])[A]
schurkachtigheid	(((schurk)[N],(achtig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schurken	(schurk)[V]
schurkenbende	((schurk)[N],(en)[N|N.N],(bende)[N])[N]
schurkenstreek	((schurk)[N],(en)[N|N.N],(streek)[N])[N]
schurkentroep	((schurk)[N],(en)[N|N.N],(troep)[N])[N]
schurkenwerk	((schurk)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
schurkerij	((schurk)[N],(erij)[N|N.])[N]
schurkpaal	((schurk)[V],(paal)[N])[N]
schut	(schut)[N]
schutblad	((schut)[V],(blad)[N])[N]
schutbril	((schut)[V],(bril)[N])[N]
schutdek	((schut)[N],(dek)[N])[N]
schutdekschip	(((schut)[N],(dek)[N])[N],(schip)[N])[N]
schutdeur	((schut)[V],(deur)[N])[N]
schutgeld	((schut)[N],(geld)[N])[N]
schutglas	((schut)[V],(glas)[N])[N]
schuthoogte	((schut)[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
schutjassen	((schut)[V],(jas)[V])[V]
schutkleur	((schut)[V],(kleur)[N])[N]
schutkolk	((schut)[N],(kolk)[N])[N]
schutlengte	((schut)[N],(lengte)[N])[N]
schutmeester	((schut)[V],(meester)[N])[N]
schutnet	((schut)[V],(net)[N])[N]
schutpaal	((schut)[V],(paal)[N])[N]
schutsboom	((schut)[N],(s)[N|N.N],(boom)[N])[N]
schutsbrief	((schut)[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
schutsel	((schut)[V],(sel)[N|V.])[N]
schutsengel	((schut)[N],(s)[N|N.N],(engel)[N])[N]
schutsheer	((schut)[N],(s)[N|N.N],(heer)[N])[N]
schutsheilige	((schut)[N],(s)[N|N.N],(heilige)[N])[N]
schutsluis	((schut)[V],(sluis)[N])[N]
schutspatrones	(((schut)[N],(s)[N|N.N],(patroon)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
schutspatroon	((schut)[N],(s)[N|N.N],(patroon)[N])[N]
schutstal	((schut)[V],(stal)[N])[N]
schutsvrouw	((schut)[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
schutswapen	((schut)[N],(s)[N|N.N],(wapen)[N])[N]
schutten	(schut)[V]
schutter	((schiet)[V],(er)[N|V.])[N]
schutterig	((schutter)[V],(ig)[A|V.])[A]
schutterigheid	(((schutter)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
schutterij	((schiet)[V],(erij)[N|V.])[N]
schutterkoning	((schutter)[V],(koning)[N])[N]
schuttersbond	(((schiet)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bond)[N])[N]
schuttersdoelen	(((schiet)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(doelen)[N])[N]
schuttersgilde	(((schiet)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gilde)[N])[N]
schutterskoning	(((schiet)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(koning)[N])[N]
schuttersmaaltijd	(((schiet)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((maal)[N],(tijd)[N])[N])[N]
schuttersput	(((schiet)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(put)[N])[N]
schuttersstuk	(((schiet)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(stuk)[N])[N]
schutterswedstrijd	(((schiet)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
schutting	((schut)[V],(ing)[N|V.])[N]
schuttingtaal	(((schut)[V],(ing)[N|V.])[N],(taal)[N])[N]
schuttingwoord	(((schut)[V],(ing)[N|V.])[N],(woord)[N])[N]
schuur	(schuur)[N]
schuurbord	((schuur)[V],(bord)[N])[N]
schuurborstel	((schuur)[V],(borstel)[N])[N]
schuurder	((schuur)[V],(der)[N|V.])[N]
schuurdeur	((schuur)[N],(deur)[N])[N]
schuurdoek	((schuur)[V],(doek)[N])[N]
schuurgoed	((schuur)[V],(goed)[N])[N]
schuurhoutje	((schuur)[V],(hout)[N])[N]
schuurkurk	((schuur)[V],(kurk)[N])[N]
schuurlaag	((schuur)[V],(laag)[N])[N]
schuurlak	((schuur)[V],(lak)[N])[N]
schuurlinnen	((schuur)[V],(linnen)[N])[N]
schuurmachine	((schuur)[V],(machine)[N])[N]
schuurmiddel	((schuur)[V],(middel)[N])[N]
schuurpaal	((schuur)[V],(paal)[N])[N]
schuurpapier	((schuur)[V],(papier)[N])[N]
schuurplank	((schuur)[V],(plank)[N])[N]
schuurpoeder	((schuur)[V],(poeder)[N])[N]
schuurpoeier	((schuur)[V],(poeier)[N])[N]
schuurpoort	((schuur)[N],(poort)[N])[N]
schuurschijf	((schuur)[V],(schijf)[N])[N]
schuursel	((schuur)[V],(sel)[N|V.])[N]
schuurspons	((schuur)[V],(spons)[N])[N]
schuursteen	((schuur)[V],(steen)[N])[N]
schuurster	((schuur)[V],(ster)[N|V.])[N]
schuurtafel	((schuur)[V],(tafel)[N])[N]
schuurwerk	((schuur)[V],(werk)[N])[N]
schuurzak	((schuur)[V],(zak)[N])[N]
schuurzand	((schuur)[V],(zand)[N])[N]
schuw	(schuw)[A]
schuwen	(schuw)[V]
schuwheid	((schuw)[A],(heid)[N|A.])[N]
schuwlelijk	((schuw)[A],(lelijk)[A])[A]
schwung	(schwung)[N]
scontrovorm	((scontro)[N],(vorm)[N])[N]
scoop	(scoop)[N]
scooter	(scooter)[N]
scope	(scope)[N]
score	(score)[N]
scorebord	((score)[N],(bord)[N])[N]
scorelijst	((score)[N],(lijst)[N])[N]
scoren	(scoor)[V]
scout	(scout)[N]
scraps	(scrap)[N]
scratchen	(scratch)[V]
screenen	(screen)[V]
screentest	((screen)[V],(test)[N])[N]
scrip	(scrip)[N]
script	(script)[N]
scrofulose	(scrofulose)[N]
scrupule	(scrupule)[N]
scrupuleus	((scrupule)[N],(eus)[A|N.])[A]
scrupulositeit	(((scrupule)[N],(eus)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
scull	(scull)[N]
sculpturaal	((sculptuur)[N],(aal)[A|N.])[A]
sculpturaliteit	(((sculptuur)[N],(aal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
scène	(scène)[N]
seance	(seance)[N]
sec	(sec)[N]
secessieoorlog	((secessie)[N],(oorlog)[N])[N]
secondant	((secondeer)[V],(ant)[N|V.])[N]
secondante	(((secondeer)[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
seconde	(seconde)[N]
secondefragment	((seconde)[N],(fragment)[N])[N]
secondeslinger	((seconde)[N],(slinger)[N])[N]
secondewijzer	((seconde)[N],(wijs)[V],(er)[N|NV.])[N]
secretaresse	((secretaris)[N],(e)[N|N.])[N]
secretariaat	((secretaris)[N],(aat)[N|N.])[N]
secretariaatswerkzaamheid	(((secretaris)[N],(aat)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
secretarieambtenaar	((secretarie)[N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
secretaris-generaal	((secretaris)[N],(generaal)[A])[N]
secretaris-penningmeester	((secretaris)[N],((penning)[N],(meester)[N])[N])[N]
secretarisschap	((secretaris)[N],(schap)[N|N.])[N]
secretarisvogel	((secretaris)[N],(vogel)[N])[N]
secretie	((secreet)[N],(ie)[N|N.])[N]
sectiechef	((sectie)[N],(chef)[N])[N]
sectiecommandant	((sectie)[N],(commandeer)[V],(ant)[N|NV.])[N]
sectierapport	((sectie)[N],(rapport)[N])[N]
sectievergadering	((sectie)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
sectoraal	((sector)[N],(aal)[A|N.])[A]
sectorbeleid	((sector)[N],(beleid)[N])[N]
sectorniveau	((sector)[N],(niveau)[N])[N]
sectorplanning	((sector)[N],(plan)[V],(ing)[N|NV.])[N]
secularisatie	(((seculair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
secularisatieproces	((((seculair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
seculariseren	((seculair)[A],(iseer)[V|A.])[V]
secularisering	(((seculair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
securiteit	((secuur)[A],(iteit)[N|A.])[N]
sedimentgesteente	((sediment)[N],((ge)[N|.Nx],(steen)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
sefardisch	((sefard)[N],(isch)[A|N.])[A]
segmentaal	((segment)[N],(aal)[A|N.])[A]
segmentatie	(((segment)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
segmenteren	((segment)[N],(eer)[V|N.])[V]
segregatie	((segregeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
segrijnen	((segrijn)[N],(en)[A|N.])[A]
segrijnleder	((segrijn)[N],(leder)[N])[N]
segrijnleer	((segrijn)[N],(leer)[N])[N]
seideravond	((seider)[N],(avond)[N])[N]
sein	(sein)[N]
seinboek	((sein)[N],(boek)[N])[N]
seinbord	((sein)[V],(bord)[N])[N]
seincode	((sein)[V],(code)[N])[N]
seinen	(sein)[V]
seiner	((sein)[V],(er)[N|V.])[N]
seinfluit	((sein)[V],(fluit)[N])[N]
seingever	((sein)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N]
seinhoorn	((sein)[V],(hoorn)[N])[N]
seinhoren	((sein)[V],(horen)[N])[N]
seinhuis	((sein)[V],(huis)[N])[N]
seinhuiswachter	(((sein)[V],(huis)[N])[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
seinkorf	((sein)[V],(korf)[N])[N]
seinlamp	((sein)[V],(lamp)[N])[N]
seinlantaarn	((sein)[V],(lantaarn)[N])[N]
seinlantaren	((sein)[V],(lantaren)[N])[N]
seinlicht	((sein)[V],(licht)[N])[N]
seinontvanger	((sein)[N],(ontvang)[V],(er)[N|NV.])[N]
seinpaal	((sein)[V],(paal)[N])[N]
seinpost	((sein)[V],(post)[N])[N]
seinraket	((sein)[N],(raket)[N])[N]
seinregister	((sein)[V],(register)[N])[N]
seinschot	((sein)[N],(schot)[N])[N]
seinsleutel	((sein)[V],(sleutel)[N])[N]
seinspiegel	((sein)[V],(spiegel)[N])[N]
seinsysteem	((sein)[V],(systeem)[N])[N]
seintoestel	((sein)[V],(toestel)[N])[N]
seintoren	((sein)[V],(toren)[N])[N]
seinvlag	((sein)[V],(vlag)[N])[N]
seinvuur	((sein)[V],(vuur)[N])[N]
seinwachter	((sein)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
seinwimpel	((sein)[V],(wimpel)[N])[N]
seismologie	((seismologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
seizen	(seis)[V]
seizing	((seis)[V],(ing)[N|V.])[N]
seizoen	(seizoen)[N]
seizoenaanbieding	((seizoen)[N],(((aan)[P],(bied)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
seizoenarbeid	((seizoen)[N],(arbeid)[N])[N]
seizoenarbeider	((seizoen)[N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
seizoenarbeidster	((seizoen)[N],((arbeid)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
seizoenartikel	((seizoen)[N],(artikel)[N])[N]
seizoenbedrijf	((seizoen)[N],(bedrijf)[N])[N]
seizoendimorfie	((seizoen)[N],((dimorf)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
seizoendimorfisme	((seizoen)[N],(dimorfisme)[N])[N]
seizoengebonden	((seizoen)[N],(gebonden)[A])[A]
seizoengevoelig	((seizoen)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|NN.])[A]
seizoeninvloed	((seizoen)[N],(invloed)[N])[N]
seizoenkaart	((seizoen)[N],(kaart)[N])[N]
seizoenmatig	((seizoen)[N],(matig)[A|N.])[A]
seizoenmigratie	((seizoen)[N],((migreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
seizoenopruiming	((seizoen)[N],(((op)[P],(ruim)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
seizoenschommeling	((seizoen)[N],((schommel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
seizoenskarakter	((seizoen)[N],(s)[N|N.N],(karakter)[N])[N]
seizoenswisseling	((seizoen)[N],(s)[N|N.N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
seizoenverschijnsel	((seizoen)[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
seizoenwerk	((seizoen)[N],(werk)[N])[N]
seizoenwerkloosheid	((seizoen)[N],(((werk)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
sekreetput	((sekreet)[N],(put)[N])[N]
sekreetruimer	((sekreet)[N],(ruim)[V],(er)[N|NV.])[N]
seks	(seks)[N]
seksadvertentie	((seks)[N],((adverteer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
seksartikelen	((seks)[N],(artikel)[N])[N]
seksbioscoop	((seks)[N],(bioscoop)[N])[N]
seksblad	((seks)[N],(blad)[N])[N]
seksboerderij	((seks)[N],((boer)[V],(derij)[N|V.])[N])[N]
seksboetiek	((seks)[N],(boetiek)[N])[N]
seksbom	((seks)[N],(bom)[N])[N]
seksclub	((seks)[N],(club)[N])[N]
seksegenoot	((sekse)[N],(genoot)[N])[N]
seksegenote	(((sekse)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
seksen	(seks)[V]
sekseneutraal	((sekse)[N],(neutraal)[A])[A]
sekser	((seks)[V],(er)[N|V.])[N]
seksfilm	((seks)[N],(film)[N])[N]
seksistisch	((seksist)[N],(isch)[A|N.])[A]
seksleven	((seks)[N],(leven)[N])[N]
sekslingerie	((seks)[N],(lingerie)[N])[N]
seksloos	((seks)[N],(loos)[A|N.])[A]
seksmaniak	((seks)[N],(maniak)[N])[N]
seksobject	((seks)[N],(object)[N])[N]
seksschip	((seks)[N],(schip)[N])[N]
seksshop	((seks)[N],(shop)[N])[N]
sekssymbool	((seks)[N],(symbool)[N])[N]
sekstheater	((seks)[N],(theater)[N])[N]
sekstoerisme	((seks)[N],(toerisme)[N])[N]
seksualiseren	(((seks)[N],(ueel)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V]
seksualiteit	(((seks)[N],(ueel)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
seksuologie	((seksuoloog)[N],(ie)[N|N.])[N]
seksuologisch	((seksuoloog)[N],(isch)[A|N.])[A]
sekswinkel	((seks)[N],(winkel)[N])[N]
sekte	(sekte)[N]
sektegeest	((sekte)[N],(geest)[N])[N]
sektelid	((sekte)[N],(lid)[N])[N]
sektestichter	((sekte)[N],(sticht)[V],(er)[N|NV.])[N]
sektevorming	((sekte)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
sekwestratie	((sekwestreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
selderie	(selderie)[N]
selderieknol	((selderie)[N],(knol)[N])[N]
selderiesoep	((selderie)[N],(soep)[N])[N]
selderiezout	((selderie)[N],(zout)[N])[N]
selderij	(selderij)[N]
selderijknol	((selderij)[N],(knol)[N])[N]
selderijsoep	((selderij)[N],(soep)[N])[N]
selderijzout	((selderij)[N],(zout)[N])[N]
selderknol	((selder)[N],(knol)[N])[N]
seldersoep	((selder)[N],(soep)[N])[N]
selderzout	((selder)[N],(zout)[N])[N]
selecteren	((selectie)[N],(eer)[V|N.])[V]
selectieactiviteit	((selectie)[N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
selectiebeginsel	((selectie)[N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
selectiebeleid	((selectie)[N],(beleid)[N])[N]
selectiecommissie	((selectie)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
selectiecriterium	((selectie)[N],(criterium)[N])[N]
selectiedwang	((selectie)[N],(dwang)[N])[N]
selectief	((selectie)[N],(ief)[A|N.])[A]
selectiefunctie	((selectie)[N],(functie)[N])[N]
selectiemaatstaf	((selectie)[N],((maat)[N],(staf)[N])[N])[N]
selectiemechanisme	((selectie)[N],(mechanisme)[N])[N]
selectiemethode	((selectie)[N],(methode)[N])[N]
selectieprincipe	((selectie)[N],(principe)[N])[N]
selectieprobleem	((selectie)[N],(probleem)[N])[N]
selectieprocedure	((selectie)[N],(procedure)[N])[N]
selectieproces	((selectie)[N],(proces)[N])[N]
selectieregel	((selectie)[N],(regel)[N])[N]
selectiespeler	((selectie)[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
selectiesysteem	((selectie)[N],(systeem)[N])[N]
selectietheorie	((selectie)[N],(theorie)[N])[N]
selectietraining	((selectie)[N],((train)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
selectiewedstrijd	((selectie)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
selectiviteit	(((selectie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
seleenzuur	((seleen)[N],(zuur)[N])[N]
selenografie	((selenografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
semantiek	((semantisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
semasiologie	((semasiologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
semestrieel	((semester)[N],(ieel)[A|N.])[A]
semi-arts	((semi)[N|.N],(arts)[N])[N]
semi-bungalow	((semi)[N|.N],(bungalow)[N])[N]
semi-direct	((semi)[A|.A],(direct)[A])[A]
semi-metro	((semi)[N|.N],(metro)[N])[N]
semi-militair	((semi)[A|.A],(militair)[A])[A]
semi-muraal	((semi)[A|.Nx],(muur)[N],(aal)[A|xN.])[A]
semi-officieel	((semi)[A|.A],((officie)[N],(ieel)[A|N.])[A])[A]
semi-overheidsbedrijf	((semi)[N|.N],((overheid)[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N])[N]
semi-permanent	((semi)[A|.A],(permanent)[A])[A]
semi-permeabel	((semi)[A|.A],(permeabel)[A])[A]
semi-prof	((semi)[N|.N],(prof)[N])[N]
semi-professionalisme	((semi)[N|.N],(professionalisme)[N])[N]
seminarietijd	((seminarie)[N],(tijd)[N])[N]
semiotiek	((semiotisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
sen	(sen)[N]
senaatcommissie	((senaat)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
senaatscommissie	((senaat)[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
senaatsgebouw	((senaat)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
senaatsvergadering	((senaat)[N],(s)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
seniliteit	((seniel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
senior	(senior)[N]
senioraat	((senior)[N],(aat)[N|N.])[N]
seniorenconvent	((senior)[N],(en)[N|N.N],(convent)[N])[N]
seniorenkaart	((senior)[N],(en)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
seniormanager	((senior)[N],(manager)[N])[N]
sensatiebelust	((sensatie)[N],((be)[A|.N],(lust)[N])[A])[A]
sensatiebericht	((sensatie)[N],(bericht)[N])[N]
sensatieblad	((sensatie)[N],(blad)[N])[N]
sensatiefilm	((sensatie)[N],(film)[N])[N]
sensatielectuur	((sensatie)[N],(lectuur)[N])[N]
sensatiepers	((sensatie)[N],(pers)[N])[N]
sensatieproces	((sensatie)[N],(proces)[N])[N]
sensatieroman	((sensatie)[N],(roman)[N])[N]
sensatieverhaal	((sensatie)[N],(verhaal)[N])[N]
sensatiezucht	((sensatie)[N],(zucht)[N])[N]
sensationeel	((sensatie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
sensibilisatie	((sensibiliseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
sensibiliteit	((sensibel)[A],(biliteit)[N|A.])[N]
sensibiliteitsstoornis	(((sensibel)[A],(biliteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
sensitiviteit	((sensitief)[A],(iteit)[N|A.])[N]
sensitiviteitstraining	(((sensitief)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((train)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
sensualistisch	((sensualist)[N],(isch)[A|N.])[A]
sensualiteit	((sensueel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
sent	(sent)[N]
sentimentaliteit	(((sentiment)[N],(eel)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
sentimenteel	((sentiment)[N],(eel)[A|N.])[A]
separaat	((separeer)[V],(aat)[N|V.])[N]
separatie	((separeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
separatieangst	(((separeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(angst)[N])[N]
separatist	(((separeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ist)[N|N.])[N]
separatistisch	((((separeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A]
separator	((separeer)[V],(ator)[N|V.])[N]
sepia	(sepia)[N]
sepiatekening	((sepia)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
sepotbeleid	((sepot)[N],(beleid)[N])[N]
septemberavond	((september)[N],(avond)[N])[N]
septembermaand	((september)[N],(maand)[N])[N]
septembermiddag	((september)[N],(middag)[N])[N]
septembernacht	((september)[N],(nacht)[N])[N]
septemberochtend	((september)[N],(ochtend)[N])[N]
septembervergadering	((september)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
septemberweer	((september)[N],(weer)[N])[N]
septimeakkoord	((septime)[N],(akkoord)[N])[N]
septisch	((sepsis)[N],(isch)[A|N.])[A]
sepulcraal	((sepulcrum)[N],(aal)[A|N.])[A]
sequentieel	((sequentie)[N],(ieel)[A|N.])[A]
sequoia	(sequoia)[N]
serafijn	((seraf)[N],(ijn)[N|N.])[N]
serafijnenveder	(((seraf)[N],(ijn)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(veder)[N])[N]
serafijnenzang	(((seraf)[N],(ijn)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(zang)[N])[N]
serafijns	(((seraf)[N],(ijn)[N|N.])[N],(s)[A|N.])[A]
serafine	(serafine)[N]
serafineorgel	((serafine)[N],(orgel)[N])[N]
serafsveder	((seraf)[N],(s)[N|N.N],(veder)[N])[N]
serafsvleugel	((seraf)[N],(s)[N|N.N],(vleugel)[N])[N]
sereen	(sereen)[A]
serenade	(serenade)[N]
serenademuziek	((serenade)[N],(muziek)[N])[N]
sereniteit	((sereen)[A],(iteit)[N|A.])[N]
sergeant	(sergeant)[N]
sergeant-majoor	((sergeant)[N],(majoor)[N])[N]
sergeant-schrijver	((sergeant)[N],((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
sergeantsplaats	((sergeant)[N],(s)[N|N.N],(plaats)[N])[N]
sergeantsstrepen	((sergeant)[N],(s)[N|N.N],(streep)[N])[N]
sergeantstrepen	((sergeant)[N],(streep)[N])[N]
sergen	((serge)[N],(en)[A|N.])[A]
serie	(serie)[N]
serieel	((serie)[N],(ieel)[A|N.])[A]
seriefabricage	((serie)[N],((fabriceer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
serielot	((serie)[N],(lot)[N])[N]
seriemeubel	((serie)[N],(meubel)[N])[N]
serienummer	((serie)[N],(nummer)[N])[N]
serieproduct	((serie)[N],(product)[N])[N]
serieproductie	((serie)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
seriepublicatie	((serie)[N],((publiceer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
serieschakeling	((serie)[N],((schakel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
seriestoot	((serie)[N],(stoot)[N])[N]
serieus	(serieus)[A]
serieusheid	((serieus)[A],(heid)[N|A.])[N]
seriewedstrijd	((serie)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
serieweerstand	((serie)[N],(weerstand)[N])[N]
seriewerk	((serie)[N],(werk)[N])[N]
sering	(sering)[N]
seringenbloesem	((sering)[N],(e)[N|N.N],(bloesem)[N])[N]
seringenboom	((sering)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
sermoen	(sermoen)[N]
serologie	((serologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
serpent	(serpent)[N]
serpentig	((serpent)[N],(ig)[A|N.])[A]
serpentijn	(serpentijn)[N]
serpentijnsteen	((serpentijn)[N],(steen)[N])[N]
serpentslook	((serpent)[N],(s)[N|N.N],(look)[N])[N]
serre	(serre)[N]
serredeur	((serre)[N],(deur)[N])[N]
serreplant	((serre)[N],(plant)[N])[N]
serumcholesterol	((serum)[N],(cholesterol)[N])[N]
serumeiwit	((serum)[N],((ei)[N],(wit)[N])[N])[N]
seruminrichting	((serum)[N],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
seruminspuiting	((serum)[N],((in)[P],(spuit)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
serumreactie	((serum)[N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
serumtherapie	((serum)[N],(therapie)[N])[N]
serve	(serve)[N]
serveerblad	((serveer)[V],(blad)[N])[N]
serveerboy	((serveer)[V],(boy)[N])[N]
serveerder	((serveer)[V],(der)[N|V.])[N]
serveerster	((serveer)[V],(ster)[N|V.])[N]
serveerwagen	((serveer)[V],(wagen)[N])[N]
serven	(serve)[V]
server	((serf)[V],(er)[N|V.])[N]
serveren	(serveer)[V]
servetring	((servet)[N],(ring)[N])[N]
service-instituut	((service)[N],(instituut)[N])[N]
serviceafdeling	((service)[N],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
servicebereidheid	((service)[N],((bereid)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
servicebeurt	((service)[N],(beurt)[N])[N]
servicebureau	((service)[N],(bureau)[N])[N]
servicedienst	((service)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
serviceflat	((service)[N],(flat)[N])[N]
servicekosten	((service)[N],(kost)[N])[N]
servicepakket	((service)[N],(pakket)[N])[N]
servicestation	((service)[N],(station)[N])[N]
serviesgoed	((servies)[N],(goed)[N])[N]
serviliteit	((serviel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
sesam	(sesam)[N]
sesambrood	((sesam)[N],(brood)[N])[N]
sesamkoek	((sesam)[N],(koek)[N])[N]
sesamolie	((sesam)[N],(olie)[N])[N]
sesampasta	((sesam)[N],(pasta)[N])[N]
sesamzaad	((sesam)[N],(zaad)[N])[N]
sessie	(sessie)[N]
sestertie	(sestertie)[N]
set	(set)[N]
severiteit	((severe)[A],(iteit)[N|A.])[N]
sext	(sext)[N]
sextakkoord	((sext)[N],(akkoord)[N])[N]
sfeer	(sfeer)[N]
sfeerloos	((sfeer)[N],(loos)[A|N.])[A]
sfeertekening	((sfeer)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
sfeervol	((sfeer)[N],(vol)[A])[A]
sferisch	((sfeer)[N],(isch)[A|N.])[A]
sferoïdaal	((sferoïde)[N],(aal)[A|N.])[A]
sfinx	(sfinx)[N]
sfinxachtig	((sfinx)[N],(achtig)[A|N.])[A]
shag	(shag)[N]
shagdoos	((shag)[N],(doos)[N])[N]
shagje	((shag)[N],(je)[N|N.])[N]
shaken	(shake)[V]
shaker	((shake)[V],(er)[N|V.])[N]
shampoo	(shampoo)[N]
shampooën	(shampoo)[V]
shantoeng	(shantoeng)[N]
share	(share)[N]
shawl	(shawl)[N]
sheriff	(sheriff)[N]
sherry	(sherry)[N]
sherry-type	((sherry)[N],(type)[N])[N]
sherryglas	((sherry)[N],(glas)[N])[N]
sherrytijd	((sherry)[N],(tijd)[N])[N]
shirt	(shirt)[N]
shirtreclame	((shirt)[N],(reclame)[N])[N]
shit	(shit)[N]
shoarma	(shoarma)[N]
shock	(shock)[N]
shockbehandeling	((shock)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
shocken	(shock)[V]
shockeren	((shock)[N],(eer)[V|N.])[V]
shocktherapie	((shock)[N],(therapie)[N])[N]
shocktoestand	((shock)[N],(toestand)[N])[N]
shop	(shop)[N]
shorts	(short)[N]
shot	(shot)[N]
show	(show)[N]
showbink	((show)[N],(bink)[N])[N]
showbusiness	((show)[N],(business)[N])[N]
showen	(show)[V]
showfilm	((show)[N],(film)[N])[N]
showman	((show)[N],(man)[N])[N]
showmanager	((show)[N],(manager)[N])[N]
showroom	((show)[N],(room)[N])[N]
shunt	(shunt)[N]
shunten	(shunt)[V]
shuttle	(shuttle)[N]
si	(si)[N]
siamees	(siamees)[N]
sibbe	(sibbe)[N]
sibbenkunde	((sibbe)[N],(kunde)[N])[N]
sick	(sick)[X]
sidderaal	((sidder)[V],(aal)[N])[N]
sidderen	(sidder)[V]
siddering	((sidder)[V],(ing)[N|V.])[N]
sidderrog	((sidder)[V],(rog)[N])[N]
sief	(sief)[N]
siepen	(siep)[V]
siepoog	((siep)[V],(oog)[N])[N]
sier	(sier)[N]
sieraanplanting	((sier)[N],(((aan)[P],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
sierasperge	((sier)[V],(asperge)[N])[N]
sierbestrating	((sier)[N],(((be)[V|.N],(straat)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
sierbeton	((sier)[V],(beton)[N])[N]
sierbloem	((sier)[V],(bloem)[N])[N]
sierduif	((sier)[N],(duif)[N])[N]
sieren	(sier)[V]
siergewas	((sier)[V],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
siergras	((sier)[V],(gras)[N])[N]
sierheester	((sier)[V],(heester)[N])[N]
sierkers	((sier)[N],(kers)[N])[N]
sierkool	((sier)[V],(kool)[N])[N]
sierkunst	((sier)[V],(kunst)[N])[N]
sierkunstenaar	(((sier)[V],(kunst)[N])[N],(enaar)[N|N.])[N]
sierkunstig	(((sier)[V],(kunst)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
sierkurk	((sier)[V],(kurk)[N])[N]
sierletter	((sier)[V],(letter)[N])[N]
sierlijk	((sier)[N],(lijk)[A|N.])[A]
sierlijkheid	(((sier)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
siermaïs	((sier)[V],(maïs)[N])[N]
sierplant	((sier)[V],(plant)[N])[N]
sierprothese	((sier)[V],(prothese)[N])[N]
sierrand	((sier)[N],(rand)[N])[N]
sierschrift	((sier)[V],(schrift)[N])[N]
siersel	((sier)[V],(sel)[N|V.])[N]
sierspeld	((sier)[V],(speld)[N])[N]
siersteek	((sier)[V],(steek)[N])[N]
siersteen	((sier)[V],(steen)[N])[N]
sierteelt	((sier)[V],(teelt)[N])[N]
siertegel	((sier)[V],(tegel)[N])[N]
siervis	((sier)[V],(vis)[N])[N]
siervogel	((sier)[V],(vogel)[N])[N]
sigaar	(sigaar)[N]
sigaarvormig	((sigaar)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
sigarenaansteker	((sigaar)[N],(e)[N|N.Vx],((aan)[P],(steek)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
sigarenas	((sigaar)[N],(e)[N|N.N],(as)[N])[N]
sigarenbandje	((sigaar)[N],(e)[N|N.N],(band)[N])[N]
sigarenbeker	((sigaar)[N],(en)[N|N.N],(beker)[N])[N]
sigarendamp	((sigaar)[N],(e)[N|N.N],(damp)[N])[N]
sigarendoos	((sigaar)[N],(en)[N|N.N],(doos)[N])[N]
sigarenetui	((sigaar)[N],(en)[N|N.N],(etui)[N])[N]
sigarenfabriek	((sigaar)[N],(en)[N|N.N],(fabriek)[N])[N]
sigarenfabrikant	((sigaar)[N],(en)[N|N.Vx],((fabriek)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|NxV.])[N]
sigarenkist	((sigaar)[N],(en)[N|N.N],(kist)[N])[N]
sigarenknipper	((sigaar)[N],(e)[N|N.Vx],(knip)[V],(er)[N|NxV.])[N]
sigarenkoker	((sigaar)[N],(en)[N|N.N],(koker)[N])[N]
sigarenmagazijn	((sigaar)[N],(en)[N|N.N],(magazijn)[N])[N]
sigarenmaker	((sigaar)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
sigarenpeuk	((sigaar)[N],(e)[N|N.N],(peuk)[N])[N]
sigarenpijpje	((sigaar)[N],(e)[N|N.N],(pijp)[N])[N]
sigarenpuntje	((sigaar)[N],(e)[N|N.N],(punt)[N])[N]
sigarenrook	((sigaar)[N],(e)[N|N.N],(rook)[N])[N]
sigarenschaartje	((sigaar)[N],(e)[N|N.N],(schaar)[N])[N]
sigarenstompje	((sigaar)[N],(e)[N|N.N],(stomp)[N])[N]
sigarenwinkel	((sigaar)[N],(en)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
sigarenzaak	((sigaar)[N],(en)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
sigarenzakje	((sigaar)[N],(en)[N|N.N],(zak)[N])[N]
sigaret	(sigaret)[N]
sigarettenautomaat	((sigaret)[N],(en)[N|N.N],(automaat)[N])[N]
sigarettendoos	((sigaret)[N],(en)[N|N.N],(doos)[N])[N]
sigarettenetui	((sigaret)[N],(en)[N|N.N],(etui)[N])[N]
sigarettenkoker	((sigaret)[N],(en)[N|N.N],(koker)[N])[N]
sigarettenpapier	((sigaret)[N],(en)[N|N.N],(papier)[N])[N]
sigarettenpeuk	((sigaret)[N],(e)[N|N.N],(peuk)[N])[N]
sigarettenpijpje	((sigaret)[N],(e)[N|N.N],(pijp)[N])[N]
sigarettenreclame	((sigaret)[N],(en)[N|N.N],(reclame)[N])[N]
sigarettenroker	((sigaret)[N],(en)[N|N.Vx],(rook)[V],(er)[N|NxV.])[N]
sigarettenroller	((sigaret)[N],(e)[N|N.Vx],(rol)[V],(er)[N|NxV.])[N]
sigarettenrook	((sigaret)[N],(e)[N|N.N],(rook)[N])[N]
sigarettentabak	((sigaret)[N],(en)[N|N.N],(tabak)[N])[N]
sigarettenvloei	((sigaret)[N],(en)[N|N.N],(vloei)[N])[N]
sigillum	(sigillum)[N]
sigma	(sigma)[N]
signaalfunctie	((signaal)[N],(functie)[N])[N]
signaalhoorn	((signaal)[N],(hoorn)[N])[N]
signaalhoren	((signaal)[N],(horen)[N])[N]
signaalhuur	((signaal)[N],(huur)[N])[N]
signaalkleur	((signaal)[N],(kleur)[N])[N]
signaalsysteem	((signaal)[N],(systeem)[N])[N]
signaalvlag	((signaal)[N],(vlag)[N])[N]
signalement	(((signaal)[N],(eer)[V|N.])[V],(ement)[N|V.])[N]
signaleren	((signaal)[N],(eer)[V|N.])[V]
signatuur	((signeer)[V],(atuur)[N|V.])[N]
significantie	((significant)[A],(ie)[N|A.])[N]
significantieniveau	(((significant)[A],(ie)[N|A.])[N],(niveau)[N])[N]
sijpelen	(sijpel)[V]
sijs	(sijs)[N]
sik	(sik)[N]
sikkel	(sikkel)[N]
sikkelvormig	((sikkel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
silene	(silene)[N]
silhouet	(silhouet)[N]
silhouetteren	((silhouet)[N],(eer)[V|N.])[V]
siliconenkit	((silicone)[N],(en)[N|N.N],(kit)[N])[N]
silo	(silo)[N]
siloziekte	((silo)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
sim	(sim)[N]
simileder	((simili)[N|.N],(leder)[N])[N]
simileer	((simili)[N|.N],(leer)[N])[N]
similibriljant	((simili)[N|.N],(briljant)[N])[N]
similidiamant	((simili)[N|.N],(diamant)[N])[N]
similigoud	((simili)[N|.N],(goud)[N])[N]
similigouden	(((simili)[N|.N],(goud)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
simmen	(sim)[V]
simpel	(simpel)[A]
simpelheid	((simpel)[A],(heid)[N|A.])[N]
simpen	(simp)[V]
simplificatie	((simplificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
simplificering	((simplificeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
simulant	((simuleer)[V],(ant)[N|V.])[N]
simulante	(((simuleer)[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
simulatie	((simuleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
simulatiemachine	(((simuleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(machine)[N])[N]
simulatiemethode	(((simuleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(methode)[N])[N]
simulatiemodel	(((simuleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(model)[N])[N]
simulatieoefening	(((simuleer)[V],(atie)[N|V.])[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
simulatieprogramma	(((simuleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(programma)[N])[N]
simulatiestudie	(((simuleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(studie)[N])[N]
simulatietechniek	(((simuleer)[V],(atie)[N|V.])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
simulator	((simuleer)[V],(ator)[N|V.])[N]
simultaan	(simultaan)[N]
simultaanpartij	((simultaan)[A],(partij)[N])[N]
simultaanspeelster	((simultaan)[A],((speel)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
simultaanspeler	((simultaan)[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
simultaneïteit	((simultaan)[A],(eïteit)[N|A.])[N]
sinaasappelboomgaard	((sinaasappel)[N],((boom)[N],(gaard)[N])[N])[N]
sinaasappeljood	((sinaasappel)[N],(jood)[N])[N]
sinaasappellikeur	((sinaasappel)[N],(likeur)[N])[N]
sinaasappelplantage	((sinaasappel)[N],((plant)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
sinaasappelsap	((sinaasappel)[N],(sap)[N])[N]
sinas	(sinas)[N]
singel	(singel)[N]
singelband	((singel)[N],(band)[N])[N]
singelen	(singel)[V]
single	(single)[N]
sinister	(sinister)[A]
sinksenbloem	((Sinksen)[N],(bloem)[N])[N]
sinksendag	((Sinksen)[N],(dag)[N])[N]
sinologie	((sinologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
sinopel	(sinopel)[N]
sint	(sint)[N]
sint-andrieskruis	((Sint-Andries)[N],(kruis)[N])[N]
sint-antonieskruid	((Sint-Antonius)[N],(kruid)[N])[N]
sint-antoniuskruis	((Sint-Antonius)[N],(kruis)[N])[N]
sint-antoniusvuur	((Sint-Antonius)[N],(vuur)[V])[N]
sint-bernardshond	((sint-bernard)[N],(s)[N|N.N],(hond)[N])[N]
sint-elmsvuur	((Sint-Elmus)[N],(vuur)[V])[N]
sint-jakobsappel	((Sint-Jakob)[N],(s)[N|N.N],(appel)[N])[N]
sint-jakobsschelp	((Sint-Jakob)[N],(s)[N|N.N],(schelp)[N])[N]
sint-jansbrood	((Sint-Jan)[N],(s)[N|N.N],(brood)[N])[N]
sint-janskruid	((Sint-Jan)[N],(s)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
sint-janslot	((Sint-Jan)[N],(s)[N|N.N],(lot)[N])[N]
sint-jansschot	((Sint-Jan)[N],(s)[N|N.N],(Schot)[N])[N]
sint-jansvlinder	((Sint-Jan)[N],(s)[N|N.N],(vlinder)[N])[N]
sint-jansvuur	((Sint-Jan)[N],(s)[N|N.V],(vuur)[V])[N]
sint-lambertsnoot	((Sint-Lambertus)[N],(noot)[N])[N]
sint-lambertusnoot	((Sint-Lambertus)[N],(noot)[N])[N]
sint-laurenstranen	((Sint-Laurens)[N],(traan)[N])[N]
sint-maartensvogel	((Sint-Maarten)[N],(s)[N|N.N],(vogel)[N])[N]
sint-pieterskruid	((Sint-Pieter)[N],(s)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
sint-teunisbloem	((Sint-Antonius)[N],(bloem)[N])[N]
sint-veitsdans	((Sint-Vitus)[N],(dans)[N])[N]
sint-vitusdans	((Sint-Vitus)[N],(dans)[N])[N]
sintelbaan	((sintel)[N],(baan)[N])[N]
sintelpad	((sintel)[N],(pad)[N])[N]
sinterklaasavond	((sinterklaas)[N],(avond)[N])[N]
sinterklaascadeau	((sinterklaas)[N],(cadeau)[N])[N]
sinterklaasdag	((sinterklaas)[N],(dag)[N])[N]
sinterklaasfeest	((sinterklaas)[N],(feest)[N])[N]
sinterklaasgedicht	((sinterklaas)[N],((ge)[N|.N],(dicht)[N])[N])[N]
sinterklaasgeschenk	((sinterklaas)[N],((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N])[N]
sinterklaasgoed	((sinterklaas)[N],(goed)[N])[N]
sinterklaasliedje	((sinterklaas)[N],(lied)[N])[N]
sinterklaaspapier	((sinterklaas)[N],(papier)[N])[N]
sinterklaaspop	((sinterklaas)[N],(pop)[N])[N]
sinterklaaspret	((sinterklaas)[N],(pret)[N])[N]
sinterklaastijd	((sinterklaas)[N],(tijd)[N])[N]
sinterklaasvers	((sinterklaas)[N],(vers)[N])[N]
sinusregel	((sinus)[N],(regel)[N])[N]
sip	(sip)[A]
sirene	(sirene)[N]
sirenegeloei	((sirene)[N],((ge)[N|.V],(loei)[V])[N])[N]
sirenenlied	((sirene)[N],(en)[N|N.N],(lied)[N])[N]
sirenenzang	((sirene)[N],(en)[N|N.N],(zang)[N])[N]
sirihblad	((sirih)[N],(blad)[N])[N]
sirihdoos	((sirih)[N],(doos)[N])[N]
sirihpruim	((sirih)[N],(pruim)[N])[N]
sirocco	(sirocco)[N]
siroop	(siroop)[N]
siroopachtig	((siroop)[N],(achtig)[A|N.])[A]
sirtaki	(sirtaki)[N]
sisalhennep	((sisal)[N],(hennep)[N])[N]
sisgeluid	((sis)[V],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
sisklank	((sis)[V],(klank)[N])[N]
sissen	(sis)[V]
sisser	((sis)[V],(er)[N|V.])[N]
sisyfusarbeid	((Sisyphus)[N],(arbeid)[N])[N]
sits	(sits)[N]
sitsen	((sits)[N],(en)[A|N.])[A]
sitsenwinkel	(((sits)[N],(en)[A|N.])[A],(winkel)[N])[N]
sitspapier	((sits)[N],(papier)[N])[N]
situatie	((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
situatie-ethiek	(((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((ethisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
situatieanalyse	(((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(analyse)[N])[N]
situatiebegrip	(((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(begrip)[N])[N]
situatief	(((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
situatiekaart	(((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kaart)[N])[N]
situatieplan	(((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(plan)[N])[N]
situatieschets	(((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(schets)[N])[N]
situatietekening	(((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
situationeel	(((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ioneel)[A|N.])[A]
situationisme	(((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ionisme)[N|N.])[N]
situering	((situeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
siësta	(siësta)[N]
siësta-uur	((siësta)[N],(uur)[N])[N]
sjaal	(sjaal)[N]
sjablone	(sjablone)[N]
sjablonenpen	((sjablone)[N],(pen)[N])[N]
sjabloneren	((sjabloon)[N],(eer)[V|N.])[V]
sjabloon	(sjabloon)[N]
sjabloonpen	((sjabloon)[N],(pen)[N])[N]
sjachelaar	((sjachel)[V],(aar)[N|V.])[N]
sjachelaarster	(((sjachel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
sjachelarij	((sjachel)[V],(arij)[N|V.])[N]
sjachelen	(sjachel)[V]
sjacheraar	((sjacher)[V],(aar)[N|V.])[N]
sjacheraarster	(((sjacher)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
sjacheren	(sjacher)[V]
sjah	(sjah)[N]
sjalot	(sjalot)[N]
sjanker	(sjanker)[N]
sjans	(sjans)[N]
sjansen	(sjans)[V]
sjap	(sjap)[N]
sjappen	(sjap)[V]
sjasliek	(sjasliek)[N]
sjees	(sjees)[N]
sjeik	(sjeik)[N]
sjeikdom	((sjeik)[N],(dom)[N|N.])[N]
sjerp	(sjerp)[N]
sjezen	(sjees)[V]
sjibbolet	(sjibbolet)[N]
sjiek	(sjiek)[N]
sjieken	(sjiek)[V]
sjijk	(sjijk)[A]
sjilpen	(sjilp)[V]
sjirpen	(sjirp)[V]
sjoel	(sjoel)[N]
sjoelbak	((sjoel)[V],(bak)[N])[N]
sjoelen	(sjoel)[V]
sjoelschijf	((sjoel)[V],(schijf)[N])[N]
sjoemelaar	((sjoemel)[V],(aar)[N|V.])[N]
sjoemelaarster	(((sjoemel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
sjoemelen	(sjoemel)[V]
sjofel	(sjofel)[A]
sjofelaar	((sjofel)[A],(aar)[N|A.])[N]
sjofelheid	((sjofel)[A],(heid)[N|A.])[N]
sjokken	(sjok)[V]
sjokkerig	((sjok)[V],(erig)[A|V.])[A]
sjor	(sjor)[N]
sjorhout	((sjor)[V],(hout)[N])[N]
sjorklamp	((sjor)[V],(klamp)[N])[N]
sjorren	(sjor)[V]
sjorring	((sjor)[V],(ing)[N|V.])[N]
sjortouw	((sjor)[V],(touw)[N])[N]
sjotten	(sjot)[V]
sjouw	(sjouw)[N]
sjouwen	(sjouw)[V]
sjouwer	((sjouw)[V],(er)[N|V.])[N]
sjouwerij	((sjouw)[V],(erij)[N|V.])[N]
sjouwerman	(((sjouw)[V],(er)[N|V.])[N],(man)[N])[N]
sjouwermansknoop	((((sjouw)[V],(er)[N|V.])[N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(knoop)[N])[N]
sjouwhaler	((sjouw)[N],(haal)[V],(er)[N|NV.])[N]
sjwa	(sjwa)[N]
ska	(ska)[N]
skaat	(skaat)[N]
skai	(skai)[N]
skald	(skald)[N]
skaten	(skate)[V]
skeet	(skeet)[N]
skelet	(skelet)[N]
skeletachtig	((skelet)[N],(achtig)[A|N.])[A]
skeletbouw	((skelet)[N],(bouw)[N])[N]
skeletleeftijd	((skelet)[N],((leef)[V],(tijd)[N])[N])[N]
skeletmusculatuur	((skelet)[N],(musculatuur)[N])[N]
skeletteren	((skelet)[N],(eer)[V|N.])[V]
skelter	(skelter)[N]
skelterbaan	((skelter)[V],(baan)[N])[N]
skelteren	(skelter)[V]
sketch	(sketch)[N]
ski	(ski)[N]
skibob	((ski)[V],(bob)[N])[N]
skicentrum	((ski)[N],(centrum)[N])[N]
skiff	(skiff)[N]
skiffeur	((skiff)[N],(eur)[N|N.])[N]
skihut	((ski)[V],(hut)[N])[N]
skileraar	((ski)[V],(leraar)[N])[N]
skilerares	(((ski)[V],(leraar)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
skilift	((ski)[V],(lift)[N])[N]
skilopen	((ski)[N],(loop)[V])[V]
skiloper	(((ski)[N],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
skipak	((ski)[N],(pak)[N])[N]
skipas	((ski)[V],(pas)[N])[N]
skipiste	((ski)[V],(piste)[N])[N]
skischans	((ski)[V],(schans)[N])[N]
skischoen	((ski)[V],(schoen)[N])[N]
skispringen	((ski)[N],(spring)[V])[V]
skister	((ski)[V],(ster)[N|V.])[N]
skistok	((ski)[V],(stok)[N])[N]
skivakantie	((ski)[V],(vakantie)[N])[N]
skiwas	((ski)[N],(was)[N])[N]
skiwedstrijd	((ski)[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
skiën	(ski)[V]
skiër	((ski)[V],(er)[N|V.])[N]
skunk	(skunk)[N]
sla	(sla)[N]
slaaf	(slaaf)[N]
slaafs	((slaaf)[N],(s)[A|N.])[A]
slaafsheid	(((slaaf)[N],(s)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
slaag	(slaag)[N]
slaagkans	((slaag)[V],(kans)[N])[N]
slaak	(slaak)[N]
slaan	(sla)[V]
slaap	(slaap)[N]
slaapbank	((slaap)[V],(bank)[N])[N]
slaapbeen	((slaap)[N],(been)[N])[N]
slaapbeweging	((slaap)[V],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
slaapbol	((slaap)[V],(bol)[N])[N]
slaapcentrum	((slaap)[N],(centrum)[N])[N]
slaapcoupé	((slaap)[V],(coupé)[N])[N]
slaapdeuntje	((slaap)[V],(deun)[N])[N]
slaapdrank	((slaap)[V],(drank)[N])[N]
slaapdronken	((slaap)[V],(dronken)[A])[A]
slaapgelegenheid	((slaap)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
slaapgewoonte	((slaap)[V],((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
slaapkamer	((slaap)[V],(kamer)[N])[N]
slaapkameraad	((slaap)[V],(kameraad)[N])[N]
slaapkamerameublement	(((slaap)[V],(kamer)[N])[N],(ameublement)[N])[N]
slaapkamergeheim	(((slaap)[V],(kamer)[N])[N],(geheim)[N])[N]
slaapkamergordijn	(((slaap)[V],(kamer)[N])[N],(gordijn)[N])[N]
slaapkamerintimiteiten	(((slaap)[V],(kamer)[N])[N],((intiem)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
slaapkamerlamp	(((slaap)[V],(kamer)[N])[N],(lamp)[N])[N]
slaapkamermeubel	(((slaap)[V],(kamer)[N])[N],(meubel)[N])[N]
slaapkamermuur	(((slaap)[V],(kamer)[N])[N],(muur)[N])[N]
slaapkamervenster	(((slaap)[V],(kamer)[N])[N],(venster)[N])[N]
slaapkleur	((slaap)[V],(kleur)[N])[N]
slaapkop	((slaap)[V],(kop)[N])[N]
slaapkuur	((slaap)[V],(kuur)[N])[N]
slaaplaag	((slaap)[N],(laag)[N])[N]
slaapliedje	((slaap)[V],(lied)[N])[N]
slaaplucht	((slaap)[V],(lucht)[N])[N]
slaapmatje	((slaap)[V],(mat)[N])[N]
slaapmiddel	((slaap)[V],(middel)[N])[N]
slaapmuts	((slaap)[V],(muts)[N])[N]
slaapogen	((slaap)[N],(oog)[N])[N]
slaappil	((slaap)[V],(pil)[N])[N]
slaapplaats	((slaap)[V],(plaats)[N])[N]
slaappoeder	((slaap)[V],(poeder)[N])[N]
slaappoeier	((slaap)[V],(poeier)[N])[N]
slaaprijtuig	((slaap)[V],((rijd)[V],(tuig)[N])[N])[N]
slaapstad	((slaap)[V],(stad)[N])[N]
slaapstede	((slaap)[V],(stede)[N])[N]
slaapstee	((slaap)[V],(stee)[N])[N]
slaapster	((slaap)[V],(ster)[N|V.])[N]
slaapstoel	((slaap)[V],(stoel)[N])[N]
slaapstoornis	((slaap)[V],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
slaaptablet	((slaap)[V],(tablet)[N])[N]
slaaptijd	((slaap)[V],(tijd)[N])[N]
slaaptrein	((slaap)[V],(trein)[N])[N]
slaapverdrijvend	((slaap)[N],((ver)[V|.V],(drijf)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
slaapvertrek	((slaap)[V],(vertrek)[N])[N]
slaapverwekkend	((slaap)[N],((ver)[V|.V],(wek)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
slaapwagen	((slaap)[V],(wagen)[N])[N]
slaapwagenconducteur	(((slaap)[V],(wagen)[N])[N],(conducteur)[N])[N]
slaapwagon	((slaap)[V],(wagon)[N])[N]
slaapwandelaar	(((slaap)[V],(wandel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
slaapwandelen	((slaap)[V],(wandel)[V])[V]
slaapwekkend	((slaap)[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
slaapwerend	((slaap)[N],(weer)[V],(end)[A|NV.])[A]
slaapzaal	((slaap)[V],(zaal)[N])[N]
slaapzak	((slaap)[V],(zak)[N])[N]
slaapziekte	((slaap)[V],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
slaapzucht	((slaap)[V],(zucht)[N])[N]
slab	(slab)[N]
slabak	((sla)[N],(bak)[N])[N]
slabakker	((slabak)[V],(er)[N|V.])[N]
slabakkerij	((slabak)[V],(erij)[N|V.])[N]
slabben	(slab)[V]
slabberen	(slabber)[V]
slabed	((sla)[N],(bed)[N])[N]
slabek	((sla)[V],(bek)[N])[N]
slablad	((sla)[N],(blad)[N])[N]
slaboon	((sla)[N],(boon)[N])[N]
slacentrifuge	((sla)[N],(centrifuge)[N])[N]
slacht	(slacht)[N]
slachtafval	((slacht)[N],(afval)[N])[N]
slachtbaar	((slacht)[V],(baar)[A|V.])[A]
slachtbank	((slacht)[V],(bank)[N])[N]
slachtbeest	((slacht)[V],(beest)[N])[N]
slachtbijl	((slacht)[V],(bijl)[N])[N]
slachtblok	((slacht)[V],(blok)[N])[N]
slachtdier	((slacht)[V],(dier)[N])[N]
slachten	(slacht)[V]
slachter	((slacht)[V],(er)[N|V.])[N]
slachterij	((slacht)[V],(erij)[N|V.])[N]
slachtgeld	((slacht)[V],(geld)[N])[N]
slachthamer	((slacht)[V],(hamer)[N])[N]
slachthuis	((slacht)[V],(huis)[N])[N]
slachthuisterrein	(((slacht)[V],(huis)[N])[N],(terrein)[N])[N]
slachting	((slacht)[V],(ing)[N|V.])[N]
slachtkip	((slacht)[V],(kip)[N])[N]
slachtkuiken	((slacht)[V],(kuiken)[N])[N]
slachtloon	((slacht)[V],(loon)[N])[N]
slachtmaand	((slacht)[V],(maand)[N])[N]
slachtmasker	((slacht)[V],(masker)[N])[N]
slachtmes	((slacht)[V],(mes)[N])[N]
slachtoffer	((slacht)[V],(offer)[N])[N]
slachtofferen	((slacht)[V],(offer)[V])[V]
slachtpartij	((slacht)[V],(partij)[N])[N]
slachtplaats	((slacht)[V],(plaats)[N])[N]
slachtprijs	((slacht)[N],(prijs)[N])[N]
slachtrijp	((slacht)[V],(rijp)[A])[A]
slachttijd	((slacht)[V],(tijd)[N])[N]
slachtvee	((slacht)[V],(vee)[N])[N]
slachtvlees	((slacht)[N],(vlees)[N])[N]
slachtwaarde	((slacht)[V],(waarde)[N])[N]
slacks	(slack)[N]
slacouvert	((sla)[N],(couvert)[N])[N]
sladood	((sla)[V],(dood)[N])[N]
slafelijk	((slaaf)[N],(elijk)[A|N.])[A]
slag	(slag)[N]
slagader	((slag)[N],(ader)[N])[N]
slagaderbreuk	(((slag)[N],(ader)[N])[N],(breuk)[N])[N]
slagaderlijk	(((slag)[N],(ader)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A]
slagaderverkalking	(((slag)[N],(ader)[N])[N],((ver)[V|.N],(kalk)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
slagbal	((slag)[N],(bal)[N])[N]
slagbalk	((slag)[N],(balk)[N])[N]
slagbed	((slag)[N],(bed)[N])[N]
slagbeitel	((slag)[N],(beitel)[N])[N]
slagbeurt	((slag)[N],(beurt)[N])[N]
slagboeg	((slag)[N],(boeg)[N])[N]
slagboom	((slag)[N],(boom)[N])[N]
slagboor	((slag)[N],(boor)[N])[N]
slagboormachine	(((slag)[N],(boor)[N])[N],(machine)[N])[N]
slagcirkel	((slag)[N],(cirkel)[N])[N]
slagdeur	((slag)[N],(deur)[N])[N]
slagdrempel	((slag)[N],(drempel)[N])[N]
slagduif	((slag)[N],(duif)[N])[N]
slagen	(slaag)[V]
slagersbank	((slager)[N],(s)[N|N.N],(bank)[N])[N]
slagersbijl	((slager)[N],(s)[N|N.N],(bijl)[N])[N]
slagersblok	((slager)[N],(s)[N|N.N],(blok)[N])[N]
slagershond	((slager)[N],(s)[N|N.N],(hond)[N])[N]
slagersjongen	((slager)[N],(s)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
slagersknecht	((slager)[N],(s)[N|N.N],(knecht)[N])[N]
slagersmes	((slager)[N],(s)[N|N.N],(mes)[N])[N]
slagersrekening	((slager)[N],(s)[N|N.N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
slagersvak	((slager)[N],(s)[N|N.N],(vak)[N])[N]
slagersvrouw	((slager)[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
slagerswinkel	((slager)[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
slagerszoon	((slager)[N],(s)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
slaggitaar	((slag)[N],(gitaar)[N])[N]
slaghamer	((slag)[N],(hamer)[N])[N]
slaghek	((slag)[N],(hek)[N])[N]
slaghoedje	((slag)[N],(hoed)[N])[N]
slaghorloge	((slag)[N],(horloge)[N])[N]
slaghout	((slag)[N],(hout)[N])[N]
slaginstrument	((slag)[N],(instrument)[N])[N]
slagkracht	((slag)[N],(kracht)[N])[N]
slagkruiser	((slag)[N],((kruis)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
slagkruit	((slag)[N],(kruit)[N])[N]
slagkwik	((slag)[N],(kwik)[N])[N]
slaglijn	((slag)[N],(lijn)[N])[N]
slaglinie	((slag)[N],(linie)[N])[N]
slagman	((slag)[N],(man)[N])[N]
slagmolen	((slag)[N],(molen)[N])[N]
slagnet	((slag)[N],(net)[N])[N]
slagorde	((slag)[N],(orde)[N])[N]
slagpartij	((slag)[N],(partij)[N])[N]
slagpen	((slag)[N],(pen)[N])[N]
slagperk	((slag)[N],(perk)[N])[N]
slagpin	((slag)[N],(pin)[N])[N]
slagplank	((slag)[N],(plank)[N])[N]
slagregen	((slag)[N],(regen)[N])[N]
slagregenen	((slag)[N],(regen)[V])[V]
slagrijm	((slag)[N],(rijm)[N])[N]
slagroom	((slag)[N],(room)[N])[N]
slagroomdienst	(((slag)[N],(room)[N])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
slagroomgebak	(((slag)[N],(room)[N])[N],((ge)[N|.V],(bak)[V])[N])[N]
slagroompunt	(((slag)[N],(room)[N])[N],(punt)[N])[N]
slagroomwafel	(((slag)[N],(room)[N])[N],(wafel)[N])[N]
slagsas	((slag)[N],(sas)[N])[N]
slagschaduw	((slag)[N],(schaduw)[N])[N]
slagschip	((slag)[N],(schip)[N])[N]
slagsoldeer	((slag)[N],(soldeer)[N])[N]
slagstijl	((slag)[N],(stijl)[N])[N]
slagtand	((slag)[N],(tand)[N])[N]
slaguurwerk	((slag)[N],((uur)[N],(werk)[N])[N])[N]
slagvaardig	((slag)[N],(vaardig)[A])[A]
slagvaardigheid	(((slag)[N],(vaardig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
slagvast	((slag)[N],(vast)[A])[A]
slagveer	((slag)[N],(veer)[N])[N]
slagveld	((slag)[N],(veld)[N])[N]
slagvloot	((slag)[N],(vloot)[N])[N]
slagvolume	((slag)[N],(volume)[N])[N]
slagwerk	((slag)[N],(werk)[N])[N]
slagwerker	(((slag)[N],(werk)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
slagwijdte	((slag)[N],((wijd)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
slagwind	((slag)[N],(wind)[N])[N]
slagwoord	((slag)[N],(woord)[N])[N]
slagzee	((slag)[N],(zee)[N])[N]
slagzin	((slag)[N],(zin)[N])[N]
slagzwaard	((slag)[N],(zwaard)[N])[N]
slak	(slak)[N]
slakachtig	((slak)[N],(achtig)[A|N.])[A]
slaken	(slaak)[V]
slakgat	((slak)[N],(gat)[N])[N]
slakhoorn	((slak)[N],(hoorn)[N])[N]
slakhoren	((slak)[N],(horen)[N])[N]
slaking	((slaak)[V],(ing)[N|V.])[N]
slakkengang	((slak)[N],(e)[N|N.N],(gang)[N])[N]
slakkenhuis	((slak)[N],(e)[N|N.N],(huis)[N])[N]
slakkenlijn	((slak)[N],(e)[N|N.N],(lijn)[N])[N]
slakkenmeel	((slak)[N],(en)[N|N.N],(meel)[N])[N]
slakkensteen	((slak)[N],(en)[N|N.N],(steen)[N])[N]
slakkensteker	((slak)[N],(e)[N|N.Vx],(steek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
slakkenwol	((slak)[N],(en)[N|N.N],(wol)[N])[N]
slakkenzand	((slak)[N],(en)[N|N.N],(zand)[N])[N]
slakom	((sla)[N],(kom)[N])[N]
slakrop	((sla)[N],(krop)[N])[N]
slalepel	((sla)[N],(lepel)[N])[N]
slamand	((sla)[N],(mand)[N])[N]
slamier	(slamier)[N]
slamix	((sla)[N],(mix)[N])[N]
slampamper	((slampamp)[V],(er)[N|V.])[N]
slampamperij	((slampamp)[V],(erij)[N|V.])[N]
slang	(slang)[N]
slangbrandspuit	((slang)[N],((brand)[V],(spuit)[N])[N])[N]
slangeblad	((slang)[N],(e)[N|N.N],(blad)[N])[N]
slangekruid	((slang)[N],(e)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
slangenbeet	((slang)[N],(e)[N|N.N],(beet)[N])[N]
slangenbezweerder	((slang)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(zweer)[V])[V],(der)[N|NxV.])[N]
slangenbroed	((slang)[N],(e)[N|N.N],(broed)[N])[N]
slangenbroedsel	((slang)[N],(e)[N|N.N],((broed)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
slangendrager	((slang)[N],(e)[N|N.Vx],(draag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
slangenei	((slang)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
slangengebroed	((slang)[N],(e)[N|N.N],((ge)[N|.V],(broed)[V])[N])[N]
slangengebroedsel	((slang)[N],(e)[N|N.N],(gebroedsel)[N])[N]
slangengif	((slang)[N],(e)[N|N.N],(gif)[N])[N]
slangengift	((slang)[N],(e)[N|N.N],(gift)[N])[N]
slangenhuid	((slang)[N],(e)[N|N.N],(huid)[N])[N]
slangenkop	((slang)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
slangenkuil	((slang)[N],(en)[N|N.N],(kuil)[N])[N]
slangenlandschap	((slang)[N],(e)[N|N.N],((land)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
slangenleder	((slang)[N],(e)[N|N.N],(leder)[N])[N]
slangenleer	((slang)[N],(e)[N|N.N],(leer)[N])[N]
slangenlijn	((slang)[N],(e)[N|N.N],(lijn)[N])[N]
slangenmens	((slang)[N],(e)[N|N.N],(mens)[N])[N]
slangenstaf	((slang)[N],(e)[N|N.N],(staf)[N])[N]
slangentong	((slang)[N],(e)[N|N.N],(tong)[N])[N]
slangenvel	((slang)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
slangenwagen	((slang)[N],(e)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
slangewortel	((slang)[N],(e)[N|N.N],(wortel)[N])[N]
slangsgewijs	((slang)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
slangswijs	((slang)[N],(s)[A|N.x],(wijs)[A|Nx.])[A]
slangvormig	((slang)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
slangwoord	((slang)[N],(woord)[N])[N]
slank	(slank)[A]
slankheid	((slank)[A],(heid)[N|A.])[N]
slaolie	((sla)[N],(olie)[N])[N]
slap	(slap)[A]
slapachtig	((slap)[A],(achtig)[A|A.])[A]
slapeloos	((slaap)[N],(eloos)[A|N.])[A]
slapeloosheid	(((slaap)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
slapen	(slaap)[V]
slapengaan	((slaap)[V],(gaan)[V])[N]
slaper	((slaap)[V],(er)[N|V.])[N]
slaperdijk	(((slaap)[V],(er)[N|V.])[N],(dijk)[N])[N]
slaperig	((slaap)[V],(erig)[A|V.])[A]
slaperigheid	(((slaap)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
slaphartig	((slap)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
slaphartigheid	(((slap)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
slapheid	((slap)[A],(heid)[N|A.])[N]
slapjanus	((slap)[A],(janus)[N])[N]
slaplant	((sla)[N],(plant)[N])[N]
slaplende	((slap)[A],(lende)[N])[N]
slaplendig	((slap)[A],(lende)[N],(ig)[A|AN.])[A]
slappeling	((slap)[A],(eling)[N|A.])[N]
slappen	(slap)[V]
slappigheid	((slap)[A],(igheid)[N|A.])[N]
slapping	((slap)[V],(ing)[N|V.])[N]
slapte	((slap)[A],(te)[N|A.])[N]
slasaus	((sla)[N],(saus)[N])[N]
slaschotel	((sla)[N],(schotel)[N])[N]
slat	(slat)[N]
slatten	(slat)[V]
slatting	((slat)[V],(ing)[N|V.])[N]
slatwerker	((slat)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
slaven	(slaaf)[V]
slavenaard	((slaaf)[N],(en)[N|N.N],(aard)[N])[N]
slavenarbeid	((slaaf)[N],(en)[N|N.N],(arbeid)[N])[N]
slavenarmband	((slaaf)[N],(en)[N|N.N],((arm)[N],(band)[N])[N])[N]
slavenbestaan	((slaaf)[N],(en)[N|N.N],(bestaan)[N])[N]
slavendienst	((slaaf)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
slavendrijver	((slaaf)[N],(en)[N|N.Vx],(drijf)[V],(er)[N|NxV.])[N]
slavenhaler	((slaaf)[N],(en)[N|N.Vx],(haal)[V],(er)[N|NxV.])[N]
slavenhandel	((slaaf)[N],(en)[N|N.N],(handel)[N])[N]
slavenhandelaar	((slaaf)[N],(en)[N|N.N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
slavenhouder	((slaaf)[N],(en)[N|N.Vx],(houd)[V],(er)[N|NxV.])[N]
slavenhoudersmaatschappij	(((slaaf)[N],(en)[N|N.Vx],(houd)[V],(er)[N|NxV.])[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
slavenjacht	((slaaf)[N],(en)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
slavenjuk	((slaaf)[N],(en)[N|N.N],(juk)[N])[N]
slavenketen	((slaaf)[N],(en)[N|N.N],(keten)[N])[N]
slavenleven	((slaaf)[N],(en)[N|N.N],(leven)[N])[N]
slavenmarkt	((slaaf)[N],(en)[N|N.N],(markt)[N])[N]
slavenmoraal	((slaaf)[N],(en)[N|N.N],(moraal)[N])[N]
slavenschip	((slaaf)[N],(en)[N|N.N],(schip)[N])[N]
slavenwerk	((slaaf)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
slavenziel	((slaaf)[N],(en)[N|N.N],(ziel)[N])[N]
slavernij	((slaaf)[N],(ernij)[N|N.])[N]
slavin	((slaaf)[N],(in)[N|N.])[N]
slavink	((sla)[N],(vink)[N])[N]
slavork	((sla)[N],(vork)[N])[N]
slechtaard	((slecht)[A],(aard)[N|A.])[N]
slechtbijl	((slecht)[V],(bijl)[N])[N]
slechten	(slecht)[V]
slechterik	((slecht)[A],(erik)[N|A.])[N]
slechtgehumeurd	((slecht)[A],((ge)[A|.Nx],(humeur)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
slechtgehumeurdheid	(((slecht)[A],((ge)[A|.Nx],(humeur)[N],(d)[A|xN.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
slechtgemanierd	((slecht)[A],((ge)[A|.Nx],(manier)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
slechtgemanierdheid	(((slecht)[A],((ge)[A|.Nx],(manier)[N],(d)[A|xN.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
slechtgemutst	((slecht)[A],((ge)[A|.Nx],(muts)[N],(t)[A|xN.])[A])[A]
slechthamer	((slecht)[V],(hamer)[N])[N]
slechtheid	((slecht)[A],(heid)[N|A.])[N]
slechthorend	((slecht)[A],(hoor)[V],(end)[A|AV.])[A]
slechthorendheid	(((slecht)[A],(hoor)[V],(end)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
slechtigheid	((slecht)[A],(igheid)[N|A.])[N]
slechtijzer	((slecht)[V],(ijzer)[N])[N]
slechting	((slecht)[V],(ing)[N|V.])[N]
slechtkwast	((slecht)[V],(kwast)[N])[N]
slechtvalk	((slecht)[A],(valk)[N])[N]
slechtziend	((slecht)[A],(ziend)[V])[A]
slechtziendheid	(((slecht)[A],(ziend)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
slede	(slede)[N]
sledehond	((slede)[N],(hond)[N])[N]
sleden	(sleed)[V]
sledestofzuiger	((slede)[N],(((stof)[N],(zuig)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
sledetocht	((slede)[N],(tocht)[N])[N]
slee	(slee)[N]
sleedoorn	((slee)[N],(doorn)[N])[N]
sleedoren	((slee)[N],(doren)[N])[N]
sleehak	((slee)[A],(hak)[N])[N]
sleep	(sleep)[N]
sleepaak	((sleep)[V],(aak)[N])[N]
sleepantenne	((sleep)[V],(antenne)[N])[N]
sleepasperge	((sleep)[N],(asperge)[N])[N]
sleepauto	((sleep)[V],(auto)[N])[N]
sleepberrie	((sleep)[V],(berrie)[N])[N]
sleepboot	((sleep)[V],(boot)[N])[N]
sleepbootkapitein	(((sleep)[V],(boot)[N])[N],(kapitein)[N])[N]
sleepcontact	((sleep)[V],(contact)[N])[N]
sleepdienst	((sleep)[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
sleephaak	((sleep)[V],(haak)[N])[N]
sleephelling	((sleep)[V],((hel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
sleephengel	((sleep)[V],(hengel)[N])[N]
sleephopperzuiger	((sleep)[V],((hopper)[N],((zuig)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
sleepjapon	((sleep)[N],(japon)[N])[N]
sleepkaan	((sleep)[V],(kaan)[N])[N]
sleepkabel	((sleep)[V],(kabel)[N])[N]
sleepketting	((sleep)[V],(ketting)[N])[N]
sleeplift	((sleep)[V],(lift)[N])[N]
sleeplijn	((sleep)[V],(lijn)[N])[N]
sleeploon	((sleep)[V],(loon)[N])[N]
sleepnet	((sleep)[V],(net)[N])[N]
sleepoog	((sleep)[V],(oog)[N])[N]
sleepreis	((sleep)[N],(reis)[N])[N]
sleepruim	((slee)[N],(pruim)[N])[N]
sleepsabel	((sleep)[V],(sabel)[N])[N]
sleepschip	((sleep)[V],(schip)[N])[N]
sleepstart	((sleep)[V],(start)[N])[N]
sleeptoon	((sleep)[V],(toon)[N])[N]
sleeptouw	((sleep)[V],(touw)[N])[N]
sleeptros	((sleep)[N],(tros)[N])[N]
sleepvaart	((sleep)[V],(vaart)[N])[N]
sleepvisserij	((sleep)[N],(vis)[V],(erij)[N|NV.])[N]
sleepvlag	((sleep)[N],(vlag)[N])[N]
sleepvliegen	((sleep)[N],(vlieg)[V])[V]
sleepvliegtuig	((sleep)[V],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
sleepvloot	((sleep)[V],(vloot)[N])[N]
sleepwagen	((sleep)[V],(wagen)[N])[N]
sleepzak	((sleep)[N],(zak)[N])[N]
sleepzuiger	((sleep)[V],((zuig)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
sleeschaaf	((slee)[N],(schaaf)[N])[N]
sleet	(sleet)[N]
sleetocht	((slee)[N],(tocht)[N])[N]
sleets	((slijt)[V],(s)[A|V.])[A]
sleetsheid	(((slijt)[V],(s)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
sleeuw	(sleeuw)[A]
sleeuwheid	((sleeuw)[A],(heid)[N|A.])[N]
sleeuwigheid	((sleeuw)[A],(igheid)[N|A.])[N]
sleevaart	((slee)[N],(vaart)[N])[N]
sleeën	(slee)[V]
sleg	(sleg)[N]
slei	(slei)[N]
slem	(slem)[N]
slemp	(slemp)[N]
slempen	(slemp)[V]
slemper	((slemp)[V],(er)[N|V.])[N]
slemperig	((slemp)[V],(erig)[A|V.])[A]
slemperij	((slemp)[V],(erij)[N|V.])[N]
slemphout	((slemp)[V],(hout)[N])[N]
slempig	((slemp)[N],(ig)[A|N.])[A]
slempmaal	((slemp)[V],(maal)[N])[N]
slemppartij	((slemp)[V],(partij)[N])[N]
slemppoeder	((slemp)[N],(poeder)[N])[N]
slemppoeier	((slemp)[N],(poeier)[N])[N]
slenk	(slenk)[N]
slenter	(slenter)[N]
slenteraar	((slenter)[V],(aar)[N|V.])[N]
slenteren	(slenter)[V]
slentergang	((slenter)[V],(gang)[N])[N]
slenterig	((slenter)[N],(ig)[A|N.])[A]
slepen	(sleep)[V]
sleper	((sleep)[V],(er)[N|V.])[N]
slepersbedrijf	(((sleep)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
slepersknecht	(((sleep)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(knecht)[N])[N]
sleperspaard	(((sleep)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(paard)[N])[N]
sleperswagen	(((sleep)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
slet	(slet)[N]
sletig	((sleet)[N],(ig)[A|N.])[A]
sleuf	(sleuf)[N]
sleufgraver	((sleuf)[N],(graaf)[V],(er)[N|NV.])[N]
sleur	(sleur)[N]
sleuren	(sleur)[V]
sleurmens	((sleur)[N],(mens)[N])[N]
sleurwerk	((sleur)[N],(werk)[N])[N]
sleutel	(sleutel)[N]
sleutelaar	((sleutel)[V],(aar)[N|V.])[N]
sleutelbedrijf	((sleutel)[N],(bedrijf)[N])[N]
sleutelbeen	((sleutel)[N],(been)[N])[N]
sleutelbeenbreuk	(((sleutel)[N],(been)[N])[N],(breuk)[N])[N]
sleutelbloem	((sleutel)[N],(bloem)[N])[N]
sleutelbord	((sleutel)[N],(bord)[N])[N]
sleutelbos	((sleutel)[N],(bos)[N])[N]
sleutelclub	((sleutel)[V],(club)[N])[N]
sleuteldrager	((sleutel)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
sleutelen	(sleutel)[V]
sleuteletui	((sleutel)[N],(etui)[N])[N]
sleutelfiche	((sleutel)[N],(fiche)[N])[N]
sleutelfiguur	((sleutel)[N],(figuur)[N])[N]
sleutelgat	((sleutel)[N],(gat)[N])[N]
sleutelgeld	((sleutel)[N],(geld)[N])[N]
sleutelhanger	((sleutel)[N],((hang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
sleutelkind	((sleutel)[N],(kind)[N])[N]
sleutelmacht	((sleutel)[N],(macht)[N])[N]
sleutelmal	((sleutel)[N],(mal)[N])[N]
sleutelmandje	((sleutel)[N],(mand)[N])[N]
sleutelpaal	((sleutel)[N],(paal)[N])[N]
sleutelpassage	((sleutel)[N],((passeer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
sleutelpersoon	((sleutel)[N],(persoon)[N])[N]
sleutelpositie	((sleutel)[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
sleutelring	((sleutel)[N],(ring)[N])[N]
sleutelrol	((sleutel)[N],(rol)[N])[N]
sleutelroman	((sleutel)[N],(roman)[N])[N]
sleutelschacht	((sleutel)[N],(schacht)[N])[N]
sleutelstad	((sleutel)[N],(stad)[N])[N]
sleutelstelling	((sleutel)[N],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
sleutelstuk	((sleutel)[N],(stuk)[N])[N]
sleutelvaluta	((sleutel)[N],(valuta)[N])[N]
sleutelwoord	((sleutel)[N],(woord)[N])[N]
slib	(slib)[N]
slibachtig	((slib)[N],(achtig)[A|N.])[A]
slibbemesting	((slib)[N],(((be)[V|.N],(mest)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
slibben	(slib)[V]
slibberachtig	((slibber)[N],(achtig)[A|N.])[A]
slibberig	((slib)[N],(erig)[A|N.])[A]
slibberigheid	(((slib)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
slibgehalte	((slib)[N],(gehalte)[N])[N]
slibzuiger	((slib)[N],(zuig)[V],(er)[N|NV.])[N]
slichten	(slicht)[V]
sliepen	(sliep)[V]
slier	(slier)[N]
slierasperge	((slier)[N],(asperge)[N])[N]
slierbaan	((slier)[V],(baan)[N])[N]
slieren	(slier)[V]
sliert	(sliert)[N]
sliet	(sliet)[N]
slijk	(slijk)[N]
slijkachtig	((slijk)[N],(achtig)[A|N.])[A]
slijkbord	((slijk)[N],(bord)[N])[N]
slijkerig	((slijk)[N],(erig)[A|N.])[A]
slijkgras	((slijk)[N],(gras)[N])[N]
slijkgrond	((slijk)[N],(grond)[N])[N]
slijkig	((slijk)[N],(ig)[A|N.])[A]
slijkland	((slijk)[N],(land)[N])[N]
slijklap	((slijk)[N],(lap)[N])[N]
slijkmossel	((slijk)[N],(mossel)[N])[N]
slijkplaat	((slijk)[N],(plaat)[N])[N]
slijkvis	((slijk)[N],(vis)[N])[N]
slijkvulkaan	((slijk)[N],(vulkaan)[N])[N]
slijm	(slijm)[N]
slijmachtig	((slijm)[N],(achtig)[A|N.])[A]
slijmafdrijvend	((slijm)[N],((af)[P],(drijf)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
slijmafscheiding	((slijm)[N],((af)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
slijmbal	((slijm)[V],(bal)[N])[N]
slijmberoerte	((slijm)[N],(beroerte)[N])[N]
slijmbeurs	((slijm)[N],(beurs)[N])[N]
slijmdiertje	((slijm)[N],(dier)[N])[N]
slijmen	(slijm)[V]
slijmerd	((slijm)[V],(erd)[N|V.])[N]
slijmerig	((slijm)[N],(erig)[A|N.])[A]
slijmerigheid	(((slijm)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
slijmhoest	((slijm)[N],(hoest)[N])[N]
slijmig	((slijm)[N],(ig)[A|N.])[A]
slijmigheid	(((slijm)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
slijmjurk	((slijm)[V],(jurk)[N])[N]
slijmklier	((slijm)[N],(klier)[N])[N]
slijmlaag	((slijm)[N],(laag)[N])[N]
slijmoplossend	((slijm)[N],((op)[P],(los)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
slijmprop	((slijm)[N],(prop)[N])[N]
slijmvis	((slijm)[N],(vis)[N])[N]
slijmvlies	((slijm)[N],(vlies)[N])[N]
slijmvliesverandering	(((slijm)[N],(vlies)[N])[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
slijmzwam	((slijm)[N],(zwam)[N])[N]
slijp	(slijp)[N]
slijpapparaat	((slijp)[V],(apparaat)[N])[N]
slijpbak	((slijp)[V],(bak)[N])[N]
slijpbord	((slijp)[V],(bord)[N])[N]
slijpen	(slijp)[V]
slijper	((slijp)[V],(er)[N|V.])[N]
slijperij	((slijp)[V],(erij)[N|V.])[N]
slijpgeld	((slijp)[V],(geld)[N])[N]
slijping	((slijp)[V],(ing)[N|V.])[N]
slijpmolen	((slijp)[V],(molen)[N])[N]
slijppatroon	((slijp)[V],(patroon)[N])[N]
slijpplaatje	((slijp)[V],(plaat)[N])[N]
slijpplank	((slijp)[V],(plank)[N])[N]
slijppoeder	((slijp)[V],(poeder)[N])[N]
slijppoeier	((slijp)[V],(poeier)[N])[N]
slijpschijf	((slijp)[V],(schijf)[N])[N]
slijpsel	((slijp)[V],(sel)[N|V.])[N]
slijpspil	((slijp)[V],(spil)[N])[N]
slijpstaal	((slijp)[V],(staal)[N])[N]
slijpsteen	((slijp)[V],(steen)[N])[N]
slijpstof	((slijp)[V],(stof)[N])[N]
slijpstrip	((slijp)[V],(strip)[N])[N]
slijpzand	((slijp)[V],(zand)[N])[N]
slijtachtig	((slijt)[V],(achtig)[A|V.])[A]
slijtage	((slijt)[V],(age)[N|V.])[N]
slijtageproces	(((slijt)[V],(age)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
slijtageslag	(((slijt)[V],(age)[N|V.])[N],(slag)[N])[N]
slijtageverschijnsel	(((slijt)[V],(age)[N|V.])[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
slijten	(slijt)[V]
slijter	((slijt)[V],(er)[N|V.])[N]
slijterij	((slijt)[V],(erij)[N|V.])[N]
slijting	((slijt)[V],(ing)[N|V.])[N]
slijtlaag	((slijt)[V],(laag)[N])[N]
slijtplek	((slijt)[V],(plek)[N])[N]
slijtproef	((slijt)[V],(proef)[N])[N]
slijtster	((slijt)[V],(ster)[N|V.])[N]
slijtvast	((slijt)[V],(vast)[A])[A]
slijtvergunning	((slijt)[V],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
slik	(slik)[N]
slikbeweging	((slik)[V],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
slikbord	((slik)[N],(bord)[N])[N]
slikgas	((slik)[N],(gas)[N])[N]
slikgrond	((slik)[N],(grond)[N])[N]
slikhout	((slik)[N],(hout)[N])[N]
slikken	(slik)[V]
slikkerig	((slik)[N],(erig)[A|N.])[A]
sliklap	((slik)[N],(lap)[N])[N]
slikloods	((slik)[N],(loods)[N])[N]
slikmiddel	((slik)[V],(middel)[N])[N]
sliknat	((slik)[N],(nat)[A])[A]
slikorgaan	((slik)[V],(orgaan)[N])[N]
slim	(slim)[A]
slimheid	((slim)[A],(heid)[N|A.])[N]
slimmeling	((slim)[A],(eling)[N|A.])[N]
slimmerd	((slim)[A],(erd)[N|A.])[N]
slimmerik	((slim)[A],(erik)[N|A.])[N]
slimmigheid	((slim)[A],(igheid)[N|A.])[N]
slinger	(slinger)[N]
slingeraap	((slinger)[V],(aap)[N])[N]
slingeraar	((slinger)[V],(aar)[N|V.])[N]
slingeras	((slinger)[V],(as)[N])[N]
slingerdans	((slinger)[V],(dans)[N])[N]
slingeren	(slinger)[V]
slingergewicht	((slinger)[V],(gewicht)[N])[N]
slingerhonig	((slinger)[V],(honig)[N])[N]
slingerhoning	((slinger)[V],(honing)[N])[N]
slingering	((slinger)[V],(ing)[N|V.])[N]
slingerkring	((slinger)[V],(kring)[N])[N]
slingerkromme	((slinger)[N],(kromme)[N])[N]
slingerlaan	((slinger)[V],(laan)[N])[N]
slingerlat	((slinger)[V],(lat)[N])[N]
slingermachine	((slinger)[V],(machine)[N])[N]
slingerpad	((slinger)[V],(pad)[N])[N]
slingerplant	((slinger)[V],(plant)[N])[N]
slingerproef	((slinger)[V],(proef)[N])[N]
slingerslag	((slinger)[N],(slag)[N])[N]
slingersteen	((slinger)[V],(steen)[N])[N]
slingertijd	((slinger)[V],(tijd)[N])[N]
slingeruurwerk	((slinger)[N],((uur)[N],(werk)[N])[N])[N]
slingervlak	((slinger)[N],(vlak)[N])[N]
slingerwet	((slinger)[V],(wet)[N])[N]
slingerwijdte	((slinger)[V],((wijd)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
slinken	(slink)[V]
slinking	((slink)[V],(ing)[N|V.])[N]
slinksheid	((slinks)[A],(heid)[N|A.])[N]
slip	(slip)[N]
slipafstand	((slip)[V],(afstand)[N])[N]
slipbladig	((slip)[N],((blad)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
slipcursus	((slip)[V],(cursus)[N])[N]
slipgevaar	((slip)[V],(gevaar)[N])[N]
slipjacht	((slip)[N],(jacht)[N])[N]
slipjas	((slip)[N],(jas)[N])[N]
slippen	(slip)[V]
slippendrager	((slip)[N],(e)[N|N.Vx],(draag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
slipper	((slip)[V],(er)[N|V.])[N]
slippertje	((slip)[V],(ertje)[N|V.])[N]
slipschool	((slip)[V],(school)[N])[N]
slipsteek	((slip)[V],(steek)[N])[N]
sliptrein	((slip)[V],(trein)[N])[N]
slipvrij	((slip)[V],(vrij)[A])[A]
slipwerend	((slip)[N],(weer)[V],(end)[A|NV.])[A]
slissen	(slis)[V]
slivovitsj	(slivovitsj)[N]
slivovitz	(slivovitz)[N]
slobber	(slobber)[N]
slobberdoes	((slobber)[N],(does)[N])[N]
slobberen	(slobber)[V]
slobberig	((slobber)[V],(ig)[A|V.])[A]
slobbering	((slobber)[V],(ing)[N|V.])[N]
slobbertrui	((slobber)[V],(trui)[N])[N]
slobbroek	((slobber)[V],(broek)[N])[N]
slobeend	((slobber)[V],(eend)[N])[N]
slobkous	((slobber)[V],(kous)[N])[N]
slodder	(slodder)[N]
slodderachtig	((slodder)[N],(achtig)[A|N.])[A]
slodderbroek	((slodder)[V],(broek)[N])[N]
slodderen	(slodder)[V]
slodderig	((slodder)[V],(ig)[A|V.])[A]
slodderigheid	(((slodder)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
slodderkous	((slodder)[V],(kous)[N])[N]
sloddervos	((slodder)[V],(vos)[N])[N]
sloeber	(sloeber)[N]
sloep	(sloep)[N]
sloependek	((sloep)[N],(en)[N|N.N],(dek)[N])[N]
sloepgast	((sloep)[N],(gast)[N])[N]
sloeproeier	((sloep)[N],((roei)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
sloepvolk	((sloep)[N],(volk)[N])[N]
sloerie	(sloerie)[N]
slof	(slof)[N]
sloffen	(slof)[V]
sloffig	((slof)[N],(ig)[A|N.])[A]
sloffigheid	(((slof)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
slofhak	((slof)[V],(hak)[N])[N]
slofheid	((slof)[A],(heid)[N|A.])[N]
slogan	(slogan)[N]
slok	(slok)[N]
slokachtig	((slok)[V],(achtig)[A|V.])[A]
slokdarm	((slok)[N],(darm)[N])[N]
slokdarmspraak	(((slok)[N],(darm)[N])[N],(spraak)[N])[N]
slokdarmtumor	(((slok)[N],(darm)[N])[N],(tumor)[N])[N]
slokken	(slok)[V]
slokker	((slok)[V],(er)[N|V.])[N]
slokkerd	((slok)[V],(erd)[N|V.])[N]
slokkerig	((slok)[V],(erig)[A|V.])[A]
slokop	((slok)[N],(op)[P])[N]
slommer	(slommer)[N]
slomp	(slomp)[N]
slons	(slons)[N]
slonsachtig	((slons)[N],(achtig)[A|N.])[A]
slonsje	(slons)[N]
slonzen	(slons)[V]
slonzig	((slons)[N],(ig)[A|N.])[A]
slonzigheid	(((slons)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
sloof	(sloof)[N]
sloofachtig	((sloof)[N],(achtig)[A|N.])[A]
slooien	(slooi)[V]
sloom	(sloom)[A]
sloomheid	((sloom)[A],(heid)[N|A.])[N]
sloop	(sloop)[N]
sloopanker	((sloop)[V],(anker)[N])[N]
sloopauto	((sloop)[N],(auto)[N])[N]
sloopbedrijf	((sloop)[V],(bedrijf)[N])[N]
sloophuis	((sloop)[N],(huis)[N])[N]
sloopkogel	((sloop)[V],(kogel)[N])[N]
slooponderdelen	((sloop)[N],((onder)[P],(deel)[N])[N])[N]
slooppand	((sloop)[V],(pand)[N])[N]
sloopwagen	((sloop)[N],(wagen)[N])[N]
sloor	(sloor)[N]
sloorzaad	((sloor)[N],(zaad)[N])[N]
sloot	(sloot)[N]
slootjespringen	((slootje)[N],(spring)[V])[V]
slootkant	((sloot)[N],(kant)[N])[N]
slootriet	((sloot)[N],(riet)[N])[N]
slootwater	((sloot)[N],(water)[N])[N]
slootwaterstand	((sloot)[N],((water)[N],(stand)[N])[N])[N]
slootwerk	((sloot)[V],(werk)[N])[N]
slop	(slop)[N]
slopen	(sloop)[V]
sloper	((sloop)[V],(er)[N|V.])[N]
sloperij	((sloop)[V],(erij)[N|V.])[N]
slopersbedrijf	(((sloop)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
slopershand	(((sloop)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hand)[N])[N]
sloping	((sloop)[V],(ing)[N|V.])[N]
sloppenwijk	((slop)[N],(en)[N|N.N],(wijk)[N])[N]
slordigheid	((slordig)[A],(heid)[N|A.])[N]
slorp	(slorp)[N]
slorpen	(slorp)[V]
slot	(slot)[N]
slotakkoord	((slot)[N],(akkoord)[N])[N]
slotakte	((slot)[N],(akte)[N])[N]
slotalinea	((slot)[N],(alinea)[N])[N]
slotapplaus	((slot)[N],(applaus)[N])[N]
slotartikel	((slot)[N],(artikel)[N])[N]
slotbalans	((slot)[N],(balans)[N])[N]
slotbeeld	((slot)[N],(beeld)[N])[N]
slotbepaling	((slot)[N],(((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
slotbeschouwing	((slot)[N],(((be)[V|.V],(schouw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
slotbewaarder	((slot)[N],((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
slotbewoner	((slot)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
slotbladzijde	((slot)[N],((blad)[N],(zijde)[N])[N])[N]
slotcadens	((slot)[N],(cadens)[N])[N]
slotcommuniqué	((slot)[N],(communiqué)[N])[N]
slotconclusie	((slot)[N],(conclusie)[N])[N]
slotdividend	((slot)[N],(dividend)[N])[N]
slotdocument	((slot)[N],(document)[N])[N]
sloten	(sloot)[V]
slotenmaker	((sloot)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
slotfase	((slot)[N],(fase)[N])[N]
slotformule	((slot)[N],(formule)[N])[N]
slotgebed	((slot)[N],(gebed)[N])[N]
slotgracht	((slot)[N],(gracht)[N])[N]
slotheer	((slot)[N],(heer)[N])[N]
slothoofdstuk	((slot)[N],((hoofd)[N],(stuk)[N])[N])[N]
slotklank	((slot)[N],(klank)[N])[N]
slotklinker	((slot)[N],((klink)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
slotklooster	((slot)[N],(klooster)[N])[N]
slotkoers	((slot)[N],(koers)[N])[N]
slotkoor	((slot)[N],(koor)[N])[N]
slotletter	((slot)[N],(letter)[N])[N]
slotlied	((slot)[N],(lied)[N])[N]
slotmaat	((slot)[N],(maat)[N])[N]
slotmechanisme	((slot)[N],(mechanisme)[N])[N]
slotmedeklinker	((slot)[N],(medeklinker)[N])[N]
slotmop	((slot)[N],(mop)[N])[N]
slotnotering	((slot)[N],(((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
slotontdooier	((slot)[N],((ont)[V|.V],(dooi)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
slotopmerking	((slot)[N],(((op)[P],(merk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
slotparagraaf	((slot)[N],(paragraaf)[N])[N]
slotpark	((slot)[N],(park)[N])[N]
slotpassage	((slot)[N],((passeer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
slotpoort	((slot)[N],(poort)[N])[N]
slotprotocol	((slot)[N],(protocol)[N])[N]
slotrede	((slot)[N],(rede)[N])[N]
slotregel	((slot)[N],(regel)[N])[N]
slotscène	((slot)[N],(scène)[N])[N]
slotsom	((slot)[N],(som)[N])[N]
slotstuk	((slot)[N],(stuk)[N])[N]
slottafereel	((slot)[N],(tafereel)[N])[N]
slottekst	((slot)[N],(tekst)[N])[N]
slottirade	((slot)[N],(tirade)[N])[N]
slottoespraak	((slot)[N],((toe)[B],(spraak)[N])[N])[N]
slottoneel	((slot)[N],(toneel)[N])[N]
slottoon	((slot)[N],(toon)[N])[N]
slotval	((slot)[N],(val)[N])[N]
slotvast	((slot)[N],(vast)[A])[A]
slotvers	((slot)[N],(vers)[N])[N]
slotversie	((slot)[N],(versie)[N])[N]
slotvoogd	((slot)[N],(voogd)[N])[N]
slotvoogdes	(((slot)[N],(voogd)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
slotwens	((slot)[N],(wens)[N])[N]
slotwerk	((slot)[N],(werk)[N])[N]
slotwoord	((slot)[N],(woord)[N])[N]
slotzang	((slot)[N],(zang)[N])[N]
slotzin	((slot)[N],(zin)[N])[N]
slotzuster	((slot)[N],(zuster)[N])[N]
sloven	(sloof)[V]
slover	((sloof)[V],(er)[N|V.])[N]
sluier	(sluier)[N]
sluierdans	((sluier)[N],(dans)[N])[N]
sluierdoek	((sluier)[N],(doek)[N])[N]
sluiereffect	((sluier)[V],(effect)[N])[N]
sluieren	(sluier)[V]
sluiering	((sluier)[V],(ing)[N|V.])[N]
sluierstaart	((sluier)[N],(staart)[N])[N]
sluif	(sluif)[N]
sluik	(sluik)[N]
sluiken	(sluik)[V]
sluiker	((sluik)[V],(er)[N|V.])[N]
sluikerij	((sluik)[V],(erij)[N|V.])[N]
sluikgoed	((sluik)[V],(goed)[N])[N]
sluikhandel	((sluik)[V],(handel)[N])[N]
sluikhandelaar	((sluik)[V],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
sluikharig	((sluik)[A],(haar)[N],(ig)[A|AN.])[A]
sluikpers	((sluik)[V],(pers)[N])[N]
sluikreclame	((sluik)[V],(reclame)[N])[N]
sluikwaar	((sluik)[V],(waar)[N])[N]
sluimer	(sluimer)[N]
sluimeren	(sluimer)[V]
sluimerig	((sluimer)[N],(ig)[A|N.])[A]
sluimering	((sluimer)[V],(ing)[N|V.])[N]
sluimerrol	((sluimer)[V],(rol)[N])[N]
sluipdeur	((sluip)[V],(deur)[N])[N]
sluipen	(sluip)[V]
sluiper	((sluip)[V],(er)[N|V.])[N]
sluipgang	((sluip)[V],(gang)[N])[N]
sluiphaven	((sluip)[V],(haven)[N])[N]
sluiphoek	((sluip)[V],(hoek)[N])[N]
sluiphol	((sluip)[V],(hol)[N])[N]
sluipjacht	((sluip)[V],(jacht)[N])[N]
sluipkoorts	((sluip)[V],(koorts)[N])[N]
sluipmoord	((sluip)[V],(moord)[N])[N]
sluipmoordenaar	((sluip)[V],((moord)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
sluiprijder	((sluip)[V],((rijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
sluiproute	((sluip)[V],(route)[N])[N]
sluipschutter	((sluip)[V],((schiet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
sluipschuttersgeweer	(((sluip)[V],((schiet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(geweer)[N])[N]
sluipvlieg	((sluip)[V],(vlieg)[N])[N]
sluipweg	((sluip)[V],(weg)[N])[N]
sluipwesp	((sluip)[V],(wesp)[N])[N]
sluis	(sluis)[N]
sluisdeur	((sluis)[N],(deur)[N])[N]
sluisgang	((sluis)[N],(gang)[N])[N]
sluisgeld	((sluis)[N],(geld)[N])[N]
sluishoofd	((sluis)[N],(hoofd)[N])[N]
sluiskolk	((sluis)[N],(kolk)[N])[N]
sluismeester	((sluis)[N],(meester)[N])[N]
sluiswachter	((sluis)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
sluiswerken	((sluis)[N],(werk)[N])[N]
sluitappel	((sluit)[V],(appel)[N])[N]
sluitbalk	((sluit)[V],(balk)[N])[N]
sluitband	((sluit)[V],(band)[N])[N]
sluitboom	((sluit)[V],(boom)[N])[N]
sluitdop	((sluit)[V],(dop)[N])[N]
sluiten	(sluit)[V]
sluiter	((sluit)[V],(er)[N|V.])[N]
sluitertijd	(((sluit)[V],(er)[N|V.])[N],(tijd)[N])[N]
sluitgat	((sluit)[V],(gat)[N])[N]
sluitgordijn	((sluit)[V],(gordijn)[N])[N]
sluiting	((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N]
sluitingsbevel	(((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bevel)[N])[N]
sluitingsdag	(((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
sluitingsdatum	(((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(datum)[N])[N]
sluitingsplechtigheid	(((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((plechtig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
sluitingstijd	(((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
sluitingsuur	(((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(uur)[N])[N]
sluitjas	((sluit)[V],(jas)[N])[N]
sluitkant	((sluit)[V],(kant)[N])[N]
sluitketting	((sluit)[V],(ketting)[N])[N]
sluitklep	((sluit)[V],(klep)[N])[N]
sluitkool	((sluit)[V],(kool)[N])[N]
sluitmand	((sluit)[V],(mand)[N])[N]
sluitnota	((sluit)[V],(nota)[N])[N]
sluitplaat	((sluit)[V],(plaat)[N])[N]
sluitpost	((sluit)[V],(post)[N])[N]
sluitrede	((sluit)[V],(rede)[N])[N]
sluitregel	((sluit)[V],(regel)[N])[N]
sluitspeld	((sluit)[V],(speld)[N])[N]
sluitspier	((sluit)[V],(spier)[N])[N]
sluitsteen	((sluit)[V],(steen)[N])[N]
sluitstijl	((sluit)[V],(stijl)[N])[N]
sluitstuk	((sluit)[V],(stuk)[N])[N]
sluitveer	((sluit)[V],(veer)[N])[N]
sluitwerk	((sluit)[V],(werk)[N])[N]
sluitwoord	((sluit)[V],(woord)[N])[N]
sluitzegel	((sluit)[V],(zegel)[N])[N]
sluizen	(sluis)[V]
sluizencomplex	((sluis)[N],(en)[N|N.N],(complex)[N])[N]
slum	(slum)[N]
slump	(slump)[N]
slungel	(slungel)[N]
slungelachtig	((slungel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
slungelen	(slungel)[V]
slungelig	((slungel)[N],(ig)[A|N.])[A]
slurf	(slurf)[N]
slurfachtig	((slurf)[N],(achtig)[A|N.])[A]
slurfbloedzuiger	((slurf)[N],((bloed)[N],(zuig)[V],(er)[N|NV.])[N])[N]
slurfdier	((slurf)[N],(dier)[N])[N]
slurp	(slurp)[N]
slurpen	(slurp)[V]
sluw	(sluw)[A]
sluwheid	((sluw)[A],(heid)[N|A.])[N]
sluwigheid	((sluw)[A],(igheid)[N|A.])[N]
slöjd	(slöjd)[N]
slöjdles	((slöjd)[N],(les)[N])[N]
slöjdonderwijs	((slöjd)[N],(onderwijs)[N])[N]
smaad	(smaad)[N]
smaadheid	((smaad)[N],(heid)[N|N.])[N]
smaadrede	((smaad)[V],(rede)[N])[N]
smaadschrift	((smaad)[V],(schrift)[N])[N]
smaadwoord	((smaad)[V],(woord)[N])[N]
smaak	(smaak)[N]
smaakbederf	((smaak)[N],(bederf)[N])[N]
smaakcel	((smaak)[N],(cel)[N])[N]
smaakloos	((smaak)[N],(loos)[A|N.])[A]
smaakmaker	((smaak)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
smaakorgaan	((smaak)[N],(orgaan)[N])[N]
smaakpanel	((smaak)[N],(panel)[N])[N]
smaakpapil	((smaak)[N],(papil)[N])[N]
smaakprikkel	((smaak)[N],(prikkel)[N])[N]
smaakstof	((smaak)[N],(stof)[N])[N]
smaakvol	((smaak)[N],(vol)[A])[A]
smaakzenuw	((smaak)[N],(zenuw)[N])[N]
smaakzin	((smaak)[N],(zin)[N])[N]
smaakzone	((smaak)[N],(zone)[N])[N]
smaalschrift	((smaal)[V],(schrift)[N])[N]
smacht	(smacht)[N]
smachten	(smacht)[V]
smachterig	((smacht)[V],(erig)[A|V.])[A]
smadelijk	((smaad)[N],(elijk)[A|N.])[A]
smadelijkheid	(((smaad)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
smaden	(smaad)[V]
smak	(smak)[N]
smakelijk	((smaak)[V],(elijk)[A|V.])[A]
smakelijkheid	(((smaak)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
smakeloos	((smaak)[N],(eloos)[A|N.])[A]
smakeloosheid	(((smaak)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
smaken	(smaak)[V]
smakken	(smak)[V]
smakker	((smak)[V],(er)[N|V.])[N]
smakkerd	((smak)[V],(erd)[N|V.])[N]
smal	(smal)[A]
smalbladig	((smal)[A],((blad)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
smaldeel	((smal)[A],(deel)[N])[N]
smaldier	((smal)[A],(dier)[N])[N]
smaldoek	((smal)[A],(doek)[N])[N]
smalen	(smaal)[V]
smaler	((smaal)[V],(er)[N|V.])[N]
smalfilm	((smal)[A],(film)[N])[N]
smalfilmapparaat	(((smal)[A],(film)[N])[N],(apparaat)[N])[N]
smalheid	((smal)[A],(heid)[N|A.])[N]
smalheupig	((smal)[A],(heup)[N],(ig)[A|AN.])[A]
smalspoor	((smal)[A],(spoor)[N])[N]
smalt	(smalt)[N]
smalte	((smal)[A],(te)[N|A.])[N]
smaragd	(smaragd)[N]
smaragden	((smaragd)[N],(en)[A|N.])[A]
smaragdgroen	((smaragd)[N],(groen)[A])[A]
smart	(smart)[N]
smartelijk	((smart)[V],(elijk)[A|V.])[A]
smartelijkheid	(((smart)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
smarteloos	((smart)[N],(eloos)[A|N.])[A]
smarteloosheid	(((smart)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
smarten	(smart)[V]
smartengeld	((smart)[N],(e)[N|N.N],(geld)[N])[N]
smartenkind	((smart)[N],(e)[N|N.N],(kind)[N])[N]
smartig	((smart)[N],(ig)[A|N.])[A]
smarting	((smart)[V],(ing)[N|V.])[N]
smartkreet	((smart)[N],(kreet)[N])[N]
smartlap	((smart)[N],(lap)[N])[N]
smash	(smash)[N]
smeden	(smeed)[V]
smeder	((smeed)[V],(er)[N|V.])[N]
smederij	((smeed)[V],(erij)[N|V.])[N]
smedig	((smeed)[V],(ig)[A|V.])[A]
smeedbaar	((smeed)[V],(baar)[A|V.])[A]
smeedbaarheid	(((smeed)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
smeedbak	((smeed)[V],(bak)[N])[N]
smeedhitte	((smeed)[V],(hitte)[N])[N]
smeedijzer	((smeed)[V],(ijzer)[N])[N]
smeedijzeren	(((smeed)[V],(ijzer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
smeedkunst	((smeed)[V],(kunst)[N])[N]
smeedstaal	((smeed)[V],(staal)[N])[N]
smeedtang	((smeed)[V],(tang)[N])[N]
smeedwerk	((smeed)[V],(werk)[N])[N]
smeegruis	((smeed)[V],(gruis)[N])[N]
smeekbede	((smeek)[V],(bede)[N])[N]
smeekbrief	((smeek)[V],(brief)[N])[N]
smeekdicht	((smeek)[V],(dicht)[N])[N]
smeekgebed	((smeek)[V],(gebed)[N])[N]
smeekolen	((smeed)[V],(kool)[N])[N]
smeekschrift	((smeek)[V],(schrift)[N])[N]
smeel	(smeel)[N]
smeer	(smeer)[N]
smeerbaar	((smeer)[V],(baar)[A|V.])[A]
smeerboel	((smeer)[N],(boel)[N])[N]
smeerbol	((smeer)[N],(bol)[N])[N]
smeerborstel	((smeer)[V],(borstel)[N])[N]
smeerbrug	((smeer)[V],(brug)[N])[N]
smeerbuik	((smeer)[N],(buik)[N])[N]
smeerbus	((smeer)[N],(bus)[N])[N]
smeerder	((smeer)[V],(der)[N|V.])[N]
smeerdoos	((smeer)[N],(doos)[N])[N]
smeergeld	((smeer)[N],(geld)[N])[N]
smeergoed	((smeer)[N],(goed)[N])[N]
smeerkaars	((smeer)[N],(kaars)[N])[N]
smeerkaas	((smeer)[V],(kaas)[N])[N]
smeerkanis	((smeer)[N],(kanis)[N])[N]
smeerkees	((smeer)[N],(kees)[N])[N]
smeerklier	((smeer)[V],(klier)[N])[N]
smeerkuil	((smeer)[V],(kuil)[N])[N]
smeerkwast	((smeer)[V],(kwast)[N])[N]
smeerlap	((smeer)[N],(lap)[N])[N]
smeerlapperij	(((smeer)[N],(lap)[N])[N],(erij)[N|N.])[N]
smeerleverworst	((smeer)[V],((lever)[N],(worst)[N])[N])[N]
smeermiddel	((smeer)[V],(middel)[N])[N]
smeernippel	((smeer)[N],(nippel)[N])[N]
smeerolie	((smeer)[V],(olie)[N])[N]
smeerpijp	((smeer)[N],(pijp)[N])[N]
smeerplank	((smeer)[V],(plank)[N])[N]
smeerpoets	((smeer)[N],(poets)[N])[N]
smeerpot	((smeer)[N],(pot)[N])[N]
smeerprop	((smeer)[N],(prop)[N])[N]
smeersel	((smeer)[V],(sel)[N|V.])[N]
smeertroep	((smeer)[N],(troep)[N])[N]
smeerwol	((smeer)[N],(wol)[N])[N]
smeerwortel	((smeer)[N],(wortel)[N])[N]
smeerzalf	((smeer)[V],(zalf)[N])[N]
smeerzeep	((smeer)[V],(zeep)[N])[N]
smeet	(smeet)[N]
smeetang	((smeed)[V],(tang)[N])[N]
smegma	(smegma)[N]
smekeling	((smeek)[V],(eling)[N|V.])[N]
smekelinge	(((smeek)[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
smeken	(smeek)[V]
smekerig	((smeek)[V],(erig)[A|V.])[A]
smeking	((smeek)[V],(ing)[N|V.])[N]
smelt	(smelt)[N]
smeltbaar	((smelt)[V],(baar)[A|V.])[A]
smeltbaarheid	(((smelt)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
smeltbak	((smelt)[V],(bak)[N])[N]
smeltdraad	((smelt)[V],(draad)[N])[N]
smelten	(smelt)[V]
smelter	((smelt)[V],(er)[N|V.])[N]
smelterig	((smelt)[V],(erig)[A|V.])[A]
smelterij	((smelt)[V],(erij)[N|V.])[N]
smelthitte	((smelt)[V],(hitte)[N])[N]
smelting	((smelt)[V],(ing)[N|V.])[N]
smeltkroes	((smelt)[V],(kroes)[N])[N]
smeltlepel	((smelt)[V],(lepel)[N])[N]
smeltmiddel	((smelt)[V],(middel)[N])[N]
smeltoven	((smelt)[V],(oven)[N])[N]
smeltpan	((smelt)[V],(pan)[N])[N]
smeltpunt	((smelt)[V],(punt)[N])[N]
smeltstop	((smelt)[V],(stop)[N])[N]
smelttemperatuur	((smelt)[V],(temperatuur)[N])[N]
smeltwarmte	((smelt)[V],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
smeltwater	((smelt)[V],(water)[N])[N]
smeren	(smeer)[V]
smergel	(smergel)[N]
smerig	((smeer)[N],(ig)[A|N.])[A]
smerigheid	(((smeer)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
smering	((smeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
smet	(smet)[N]
smetachtig	((smet)[N],(achtig)[A|N.])[A]
smetlijn	((smet)[V],(lijn)[N])[N]
smetstof	((smet)[N],(stof)[N])[N]
smetteloos	((smet)[N],(eloos)[A|N.])[A]
smetteloosheid	(((smet)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
smetten	(smet)[V]
smetting	((smet)[V],(ing)[N|V.])[N]
smetvrees	((smet)[N],(vrees)[N])[N]
smeu	(smeu)[A]
smeulen	(smeul)[V]
smeuïg	((smeu)[A],(ig)[A|A.])[A]
smid	(smid)[N]
smidsaambeeld	((smid)[N],(s)[N|N.N],(aambeeld)[N])[N]
smidsaanbeeld	((smid)[N],(s)[N|N.N],(aanbeeld)[N])[N]
smidsbaas	((smid)[N],(s)[N|N.N],(baas)[N])[N]
smidse	((smid)[N],(se)[N|N.])[N]
smidshamer	((smid)[N],(s)[N|N.N],(hamer)[N])[N]
smidsknecht	((smid)[N],(s)[N|N.N],(knecht)[N])[N]
smidskolen	((smid)[N],(s)[N|N.N],(kool)[N])[N]
smidsoven	((smid)[N],(s)[N|N.N],(oven)[N])[N]
smidsvuur	((smid)[N],(s)[N|N.N],(vuur)[N])[N]
smidswerk	((smid)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
smiecht	(smiecht)[N]
smient	(smient)[N]
smijdigheid	((smijdig)[A],(heid)[N|A.])[N]
smijten	(smijt)[V]
smijter	((smijt)[V],(er)[N|V.])[N]
smijtfilm	((smijt)[V],(film)[N])[N]
smikkel	(smikkel)[N]
smikkelaar	((smikkel)[V],(aar)[N|V.])[N]
smikkelen	(smikkel)[V]
smis	(smis)[N]
smoddervis	((smodder)[V],(vis)[N])[N]
smoel	(smoel)[N]
smoelschuif	((smoel)[N],(schuif)[N])[N]
smoelwerk	((smoel)[N],(werk)[N])[N]
smoes	(smoes)[N]
smoezelig	((smoezel)[V],(ig)[A|V.])[A]
smoezeligheid	(((smoezel)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
smoezen	(smoes)[V]
smog	(smog)[N]
smoken	(smook)[V]
smokerig	((smook)[V],(erig)[A|V.])[A]
smokerigheid	(((smook)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
smokkel	(smokkel)[N]
smokkelaar	((smokkel)[V],(aar)[N|V.])[N]
smokkelaarster	(((smokkel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
smokkelarij	((smokkel)[V],(arij)[N|V.])[N]
smokkelen	(smokkel)[V]
smokkelgoed	((smokkel)[V],(goed)[N])[N]
smokkelhandel	((smokkel)[V],(handel)[N])[N]
smokkeling	((smokkel)[V],(ing)[N|V.])[N]
smokkelschip	((smokkel)[V],(schip)[N])[N]
smokkelwaar	((smokkel)[V],(waar)[N])[N]
smokken	(smok)[V]
smokwerk	((smok)[V],(werk)[N])[N]
smook	(smook)[N]
smookgat	((smook)[N],(gat)[N])[N]
smoor	(smoor)[N]
smoordronken	((smoor)[A],(dronken)[A])[A]
smoorheet	((smoor)[A],(heet)[A])[A]
smoorklep	((smoor)[V],(klep)[N])[N]
smoorkuil	((smoor)[V],(kuil)[N])[N]
smoorpot	((smoor)[V],(pot)[N])[N]
smoorspoel	((smoor)[V],(spoel)[N])[N]
smoorverliefd	((smoor)[A],(verliefd)[A])[A]
smoorvol	((smoor)[A],(vol)[A])[A]
smoren	(smoor)[V]
smoring	((smoor)[V],(ing)[N|V.])[N]
smots	(smots)[N]
smotsen	(smots)[V]
smous	(smous)[N]
smousen	(smous)[V]
smousenwinst	((smous)[N],(en)[N|N.N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
smouserij	((smous)[V],(erij)[N|V.])[N]
smoushond	((smous)[N],(hond)[N])[N]
smousjassen	((smous)[N],(jas)[V])[V]
smout	(smout)[N]
smoutachtig	((smout)[N],(achtig)[A|N.])[A]
smoutbol	((smout)[N],(bol)[N])[N]
smoutebol	((smout)[N],(e)[N|N.N],(bol)[N])[N]
smouten	(smout)[V]
smouterig	((smout)[N],(erig)[A|N.])[A]
smoutig	((smout)[V],(ig)[A|V.])[A]
smoutwerk	((smout)[N],(werk)[N])[N]
smoutzetter	((smout)[N],(zet)[V],(er)[N|NV.])[N]
smouzen	(smous)[V]
smouzenwinst	((smous)[N],(en)[N|N.N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
smouzerij	((smous)[V],(erij)[N|V.])[N]
smuk	(smuk)[N]
smukken	(smuk)[V]
smul	(smul)[N]
smulbaard	((smul)[V],(baard)[N])[N]
smulbroer	((smul)[V],(broer)[N])[N]
smulgraag	((smul)[V],(graag)[A])[A]
smullen	(smul)[V]
smuller	((smul)[V],(er)[N|V.])[N]
smullerij	((smul)[V],(erij)[N|V.])[N]
smulpaap	((smul)[V],(paap)[N])[N]
smulpartij	((smul)[V],(partij)[N])[N]
smurf	(smurf)[N]
snaai	(snaai)[N]
snaaien	(snaai)[V]
snaak	(snaak)[N]
snaaks	((snaak)[N],(s)[A|N.])[A]
snaaksheid	(((snaak)[N],(s)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
snaar	(snaar)[N]
snaarelektrometer	((snaar)[N],((elektro)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
snaargalvanometer	((snaar)[N],((galvano)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
snaargezang	((snaar)[N],((ge)[N|.N],(zang)[N])[N])[N]
snaarinstrument	((snaar)[N],(instrument)[N])[N]
snaarsleutel	((snaar)[N],(sleutel)[N])[N]
snack	(snack)[N]
snackbar	((snack)[N],(bar)[N])[N]
snak	(snak)[N]
snakerig	((snaak)[N],(erig)[A|N.])[A]
snakerigheid	(((snaak)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
snakerij	((snaak)[N],(erij)[N|N.])[N]
snakken	(snak)[V]
snap	(snap)[N]
snapachtig	((snap)[V],(achtig)[A|V.])[A]
snaphaan	((snap)[V],(haan)[N])[N]
snappen	(snap)[V]
snapper	((snap)[V],(er)[N|V.])[N]
snapperij	((snap)[V],(erij)[N|V.])[N]
snapster	((snap)[V],(ster)[N|V.])[N]
snarenmaker	((snaar)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
snarenspeeltuig	((snaar)[N],(en)[N|N.N],((speel)[V],(tuig)[N])[N])[N]
snarenspel	((snaar)[N],(en)[N|N.N],(spel)[N])[N]
snater	(snater)[N]
snateraar	((snater)[V],(aar)[N|V.])[N]
snaterachtig	((snater)[V],(achtig)[A|V.])[A]
snaterbek	((snater)[V],(bek)[N])[N]
snateren	(snater)[V]
snauw	(snauw)[N]
snauwachtig	((snauw)[V],(achtig)[A|V.])[A]
snauwen	(snauw)[V]
snauwerig	((snauw)[V],(erig)[A|V.])[A]
snauwerigheid	(((snauw)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
snavel	(snavel)[N]
snavelachtig	((snavel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
snavelbranden	((snavel)[N],(brand)[V])[V]
snaveldier	((snavel)[N],(dier)[N])[N]
snavelpunt	((snavel)[N],(punt)[N])[N]
sneb	(sneb)[N]
snebbe	(snebbe)[N]
snebschip	((sneb)[N],(schip)[N])[N]
snede	(snede)[N]
snedigheid	((snedig)[A],(heid)[N|A.])[N]
snee	(snee)[N]
sneep	(sneep)[N]
sneer	(sneer)[N]
snees	(snees)[N]
sneeuw	(sneeuw)[N]
sneeuwachtig	((sneeuw)[N],(achtig)[A|N.])[A]
sneeuwbal	((sneeuw)[N],(bal)[N])[N]
sneeuwbaleffect	(((sneeuw)[N],(bal)[N])[N],(effect)[N])[N]
sneeuwballen	((sneeuw)[N],(bal)[V])[V]
sneeuwband	((sneeuw)[N],(band)[N])[N]
sneeuwbank	((sneeuw)[N],(bank)[N])[N]
sneeuwberg	((sneeuw)[N],(berg)[N])[N]
sneeuwbes	((sneeuw)[N],(bes)[N])[N]
sneeuwblazer	((sneeuw)[N],(blaas)[V],(er)[N|NV.])[N]
sneeuwblind	((sneeuw)[N],(blind)[A])[A]
sneeuwblindheid	(((sneeuw)[N],(blind)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
sneeuwbloem	((sneeuw)[N],(bloem)[N])[N]
sneeuwboog	((sneeuw)[N],(boog)[N])[N]
sneeuwbril	((sneeuw)[N],(bril)[N])[N]
sneeuwbui	((sneeuw)[V],(bui)[N])[N]
sneeuwdek	((sneeuw)[N],(dek)[N])[N]
sneeuwen	(sneeuw)[V]
sneeuwen	((sneeuw)[N],(en)[A|N.])[A]
sneeuwfiguur	((sneeuw)[N],(figuur)[N])[N]
sneeuwgans	((sneeuw)[N],(gans)[N])[N]
sneeuwgebergte	((sneeuw)[V],((ge)[N|.Nx],(berg)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
sneeuwgordel	((sneeuw)[V],(gordel)[N])[N]
sneeuwgors	((sneeuw)[N],(gors)[N])[N]
sneeuwgrens	((sneeuw)[V],(grens)[N])[N]
sneeuwhaas	((sneeuw)[N],(haas)[N])[N]
sneeuwhoen	((sneeuw)[N],(hoen)[N])[N]
sneeuwhut	((sneeuw)[N],(hut)[N])[N]
sneeuwig	((sneeuw)[N],(ig)[A|N.])[A]
sneeuwijs	((sneeuw)[N],(ijs)[N])[N]
sneeuwjacht	((sneeuw)[V],(jacht)[N])[N]
sneeuwkalkoen	((sneeuw)[N],(kalkoen)[N])[N]
sneeuwketting	((sneeuw)[V],(ketting)[N])[N]
sneeuwklokje	((sneeuw)[N],(klok)[N])[N]
sneeuwkristal	((sneeuw)[N],(kristal)[N])[N]
sneeuwlandschap	((sneeuw)[N],((land)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
sneeuwlawine	((sneeuw)[N],(lawine)[N])[N]
sneeuwlucht	((sneeuw)[V],(lucht)[N])[N]
sneeuwman	((sneeuw)[N],(man)[N])[N]
sneeuwploeg	((sneeuw)[V],(ploeg)[N])[N]
sneeuwpop	((sneeuw)[N],(pop)[N])[N]
sneeuwruimen	((sneeuw)[N],(ruim)[V])[V]
sneeuwruimer	(((sneeuw)[N],(ruim)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
sneeuwschild	((sneeuw)[N],(schild)[N])[N]
sneeuwschoen	((sneeuw)[N],(schoen)[N])[N]
sneeuwschuiver	((sneeuw)[N],(schuif)[V],(er)[N|NV.])[N]
sneeuwstorm	((sneeuw)[V],(storm)[N])[N]
sneeuwsurfen	((sneeuw)[N],(surf)[V])[V]
sneeuwvacht	((sneeuw)[N],(vacht)[N])[N]
sneeuwvakantie	((sneeuw)[N],(vakantie)[N])[N]
sneeuwval	((sneeuw)[N],(val)[N])[N]
sneeuwverstuiving	((sneeuw)[N],((ver)[V|.V],(stuif)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
sneeuwvink	((sneeuw)[N],(vink)[N])[N]
sneeuwvlaag	((sneeuw)[V],(vlaag)[N])[N]
sneeuwvlok	((sneeuw)[V],(vlok)[N])[N]
sneeuwvogel	((sneeuw)[N],(vogel)[N])[N]
sneeuwvrij	((sneeuw)[N],(vrij)[A])[A]
sneeuwwater	((sneeuw)[N],(water)[N])[N]
sneeuwwit	((sneeuw)[N],(wit)[N])[N]
sneeuwwolk	((sneeuw)[V],(wolk)[N])[N]
sneeuwzeker	((sneeuw)[V],(zeker)[A])[A]
sneevergulden	((snee)[N],((ver)[V|.A],(gulden)[A])[V])[V]
snek	(snek)[N]
snekrad	((snek)[N],(rad)[N])[N]
snel	(snel)[N]
snelbinder	((snel)[A],(bind)[V],(er)[N|AV.])[N]
snelblusser	((snel)[A],(blus)[V],(er)[N|AV.])[N]
snelbuffet	((snel)[A],(buffet)[N])[N]
sneldicht	((snel)[A],(dicht)[N])[N]
sneldichter	((snel)[A],(dicht)[V],(er)[N|AV.])[N]
snelheid	((snel)[A],(heid)[N|A.])[N]
snelheidsbeperking	(((snel)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(perk)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
snelheidscontrole	(((snel)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(controle)[N])[N]
snelheidsduivel	(((snel)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(duivel)[N])[N]
snelheidsmaniak	(((snel)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(maniak)[N])[N]
snelheidsmeter	(((snel)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],(meet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
snelkoker	((snel)[A],(kook)[V],(er)[N|AV.])[N]
snelkookpan	((snel)[A],((kook)[V],(pan)[N])[N])[N]
snellen	(snel)[V]
snellopend	((snel)[A],(loop)[V],(end)[A|AV.])[A]
snelloper	((snel)[A],(loop)[V],(er)[N|AV.])[N]
snelpers	((snel)[A],(pers)[N])[N]
snelrecht	((snel)[A],(recht)[N])[N]
snelrekenaar	((snel)[A],((reken)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
snelrijder	((snel)[A],(rijd)[V],(er)[N|AV.])[N]
snelschaken	((snel)[A],(schaak)[V])[V]
snelschrift	((snel)[A],(schrift)[N])[N]
snelschrijven	((snel)[A],(schrijf)[V])[V]
snelschrijver	((snel)[A],((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
sneltekenaar	((snel)[A],((teken)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
sneltikker	((snel)[A],(tik)[V],(er)[N|AV.])[N]
sneltram	((snel)[A],(trem)[N])[N]
sneltrein	((snel)[A],(trein)[N])[N]
sneltreinvaart	(((snel)[A],(trein)[N])[N],(vaart)[N])[N]
snelverband	((snel)[A],(verband)[N])[N]
snelverkeer	((snel)[A],(verkeer)[N])[N]
snelvervoer	((snel)[A],(vervoer)[N])[N]
snelvoetig	((snel)[A],(voet)[N],(ig)[A|AN.])[A]
snelvuur	((snel)[A],(vuur)[N])[N]
snelvuurgeweer	(((snel)[A],(vuur)[N])[N],(geweer)[N])[N]
snelvuurkanon	(((snel)[A],(vuur)[N])[N],(kanon)[N])[N]
snelvuurwapen	(((snel)[A],(vuur)[N])[N],(wapen)[N])[N]
snelwandelen	((snel)[A],(wandel)[V])[V]
snelweg	((snel)[A],(weg)[N])[N]
snelweger	((snel)[A],(weeg)[V],(er)[N|AV.])[N]
snelwerkend	((snel)[A],(werk)[V],(end)[A|AV.])[A]
snelzeiler	((snel)[A],(zeil)[V],(er)[N|AV.])[N]
snep	(snep)[N]
snepen	(sneep)[V]
sneren	(sneer)[V]
snerken	(snerk)[V]
snerp	(snerp)[N]
snerpen	(snerp)[V]
snert	(snert)[N]
snertkerel	((snert)[N],(kerel)[N])[N]
snertketel	((snert)[N],(ketel)[N])[N]
snerttocht	((snert)[N],(tocht)[N])[N]
snertvent	((snert)[N],(vent)[N])[N]
sneu	(sneu)[N]
sneukelaar	((sneukel)[V],(aar)[N|V.])[N]
sneuvelen	(sneuvel)[V]
sneven	(sneef)[V]
snezen	(snees)[V]
snib	(snib)[N]
snibbe	(snibbe)[N]
snibben	(snib)[V]
snibbig	((snib)[N],(ig)[A|N.])[A]
snibbigheid	(((snib)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
sniffen	(snif)[V]
snij-ijzer	((snijd)[V],(ijzer)[N])[N]
snijbal	((snijd)[V],(bal)[N])[N]
snijbank	((snijd)[V],(bank)[N])[N]
snijbiet	((snijd)[V],(biet)[N])[N]
snijbloem	((snijd)[V],(bloem)[N])[N]
snijbonenmesje	(((snijd)[V],(boon)[N])[N],(en)[N|N.N],(mes)[N])[N]
snijbonenmolen	(((snijd)[V],(boon)[N])[N],(en)[N|N.N],(molen)[N])[N]
snijboon	((snijd)[V],(boon)[N])[N]
snijbord	((snijd)[V],(bord)[N])[N]
snijbranden	((snijd)[V],(brand)[V])[V]
snijcirkel	((snijd)[V],(cirkel)[N])[N]
snijdbaar	((snijd)[V],(baar)[A|V.])[A]
snijder	((snijd)[V],(er)[N|V.])[N]
snijdersambacht	(((snijd)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ambacht)[N])[N]
snijderstafel	(((snijd)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tafel)[N])[N]
snijdiamant	((snijd)[V],(diamant)[N])[N]
snijding	((snijd)[V],(ing)[N|V.])[N]
snijdingslijn	(((snijd)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lijn)[N])[N]
snijdsel	((snijd)[V],(sel)[N|V.])[N]
snijkamer	((snijd)[V],(kamer)[N])[N]
snijkant	((snijd)[V],(kant)[N])[N]
snijklaar	((snijd)[V],(klaar)[A])[A]
snijkoek	((snijd)[V],(koek)[N])[N]
snijlijn	((snijd)[V],(lijn)[N])[N]
snijmachine	((snijd)[V],(machine)[N])[N]
snijmaïs	((snijd)[V],(maïs)[N])[N]
snijmes	((snijd)[V],(mes)[N])[N]
snijpers	((snijd)[V],(pers)[N])[N]
snijplank	((snijd)[V],(plank)[N])[N]
snijpunt	((snijd)[V],(punt)[N])[N]
snijroos	((snijd)[V],(roos)[N])[N]
snijsla	((snijd)[V],(sla)[N])[N]
snijtafel	((snijd)[V],(tafel)[N])[N]
snijtand	((snijd)[V],(tand)[N])[N]
snijtang	((snijd)[V],(tang)[N])[N]
snijtarwe	((snijd)[V],(tarwe)[N])[N]
snijvlak	((snijd)[V],(vlak)[N])[N]
snijvlam	((snijd)[V],(vlam)[N])[N]
snijwerk	((snijd)[V],(werk)[N])[N]
snijwond	((snijd)[V],(wond)[N])[N]
snijwonde	((snijd)[V],(wonde)[N])[N]
snijworst	((snijd)[V],(worst)[N])[N]
snijzaal	((snijd)[V],(zaal)[N])[N]
snik	(snik)[N]
snikheet	((snik)[A],(heet)[A])[A]
snikken	(snik)[V]
snip	(snip)[N]
snippenei	((snip)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
snippenjacht	((snip)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
snippennet	((snip)[N],(en)[N|N.N],(net)[N])[N]
snippentijd	((snip)[N],(en)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
snippenvangst	((snip)[N],(e)[N|N.N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
snipperdag	((snipper)[V],(dag)[N])[N]
snipperkoek	((snipper)[N],(koek)[N])[N]
snippermand	((snipper)[N],(mand)[N])[N]
snipperuur	((snipper)[V],(uur)[N])[N]
snipperwerk	((snipper)[N],(werk)[N])[N]
snipverkouden	((snip)[N],(verkouden)[A])[A]
snit	(snit)[N]
snob	(snob)[N]
snoefster	((snoef)[V],(ster)[N|V.])[N]
snoei	(snoei)[N]
snoeien	(snoei)[V]
snoeier	((snoei)[V],(er)[N|V.])[N]
snoeihard	((snoei)[N],(hard)[A])[A]
snoeiheet	((snoei)[N],(heet)[A])[A]
snoeihout	((snoei)[V],(hout)[N])[N]
snoeiing	((snoei)[V],(ing)[N|V.])[N]
snoeikunst	((snoei)[V],(kunst)[N])[N]
snoeimaand	((snoei)[V],(maand)[N])[N]
snoeimes	((snoei)[V],(mes)[N])[N]
snoeischaar	((snoei)[V],(schaar)[N])[N]
snoeisel	((snoei)[V],(sel)[N|V.])[N]
snoeitang	((snoei)[V],(tang)[N])[N]
snoeiwerk	((snoei)[V],(werk)[N])[N]
snoek	(snoek)[N]
snoekachtig	((snoek)[N],(achtig)[A|N.])[A]
snoekangel	((snoek)[V],(angel)[N])[N]
snoekbaars	((snoek)[N],(baars)[N])[N]
snoekbek	((snoek)[N],(bek)[N])[N]
snoekbroed	((snoek)[N],(broed)[N])[N]
snoekduik	((snoek)[N],(duik)[N])[N]
snoeken	(snoek)[V]
snoekenbek	((snoek)[N],(e)[N|N.N],(bek)[N])[N]
snoekenkop	((snoek)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
snoekenstaart	((snoek)[N],(e)[N|N.N],(staart)[N])[N]
snoeker	((snoek)[V],(er)[N|V.])[N]
snoekhengel	((snoek)[V],(hengel)[N])[N]
snoekkop	((snoek)[N],(kop)[N])[N]
snoekshoofd	((snoek)[N],(s)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
snoeksprong	((snoek)[N],(sprong)[N])[N]
snoekstaart	((snoek)[N],(staart)[N])[N]
snoekvangst	((snoek)[N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
snoep	(snoep)[N]
snoepachtig	((snoep)[V],(achtig)[A|V.])[A]
snoepachtigheid	(((snoep)[V],(achtig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
snoepautomaat	((snoep)[N],(automaat)[N])[N]
snoepcent	((snoep)[N],(cent)[N])[N]
snoepen	(snoep)[V]
snoeper	((snoep)[V],(er)[N|V.])[N]
snoeperig	((snoep)[V],(erig)[A|V.])[A]
snoeperigheid	(((snoep)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
snoeperij	((snoep)[V],(erij)[N|V.])[N]
snoepgoed	((snoep)[N],(goed)[N])[N]
snoepgraag	((snoep)[V],(graag)[A])[A]
snoepig	((snoep)[N],(ig)[A|N.])[A]
snoepje	(snoep)[N]
snoepkraam	((snoep)[N],(kraam)[N])[N]
snoeplust	((snoep)[V],(lust)[N])[N]
snoeplustig	((snoep)[V],(lust)[N],(ig)[A|VN.])[A]
snoepreisje	((snoep)[N],(reis)[N])[N]
snoepster	((snoep)[V],(ster)[N|V.])[N]
snoepwinkel	((snoep)[N],(winkel)[N])[N]
snoepziek	((snoep)[V],(ziek)[A])[A]
snoepzucht	((snoep)[V],(zucht)[N])[N]
snoer	(snoer)[N]
snoeren	(snoer)[V]
snoerloos	((snoer)[N],(loos)[A|N.])[A]
snoerschakelaar	((snoer)[N],((schakel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
snoerspanner	((snoer)[N],(span)[V],(er)[N|NV.])[N]
snoes	(snoes)[N]
snoeshaan	((snoes)[N],(haan)[N])[N]
snoet	(snoet)[N]
snoeven	(snoef)[V]
snoever	((snoef)[V],(er)[N|V.])[N]
snoeverig	((snoef)[V],(erig)[A|V.])[A]
snoeverij	((snoef)[V],(erij)[N|V.])[N]
snoezepoes	((snoes)[N],(e)[N|N.N],(poes)[N])[N]
snoezig	((snoes)[N],(ig)[A|N.])[A]
snok	(snok)[N]
snokken	(snok)[V]
snol	(snol)[N]
snollen	(snol)[V]
snood	(snood)[A]
snoodaard	((snood)[A],(aard)[N|A.])[N]
snoodheid	((snood)[A],(heid)[N|A.])[N]
snor	(snor)[N]
snorbaard	((snor)[N],(baard)[N])[N]
snorder	((snor)[V],(der)[N|V.])[N]
snorfiets	((snor)[V],(fiets)[N])[N]
snorhaar	((snor)[N],(haar)[N])[N]
snork	(snork)[N]
snorkel	(snorkel)[N]
snorkelen	(snorkel)[V]
snorken	(snork)[V]
snorker	((snork)[V],(er)[N|V.])[N]
snorkerig	((snork)[V],(erig)[A|V.])[A]
snorkerij	((snork)[V],(erij)[N|V.])[N]
snorren	(snor)[V]
snorrenbaard	((snor)[N],(e)[N|N.N],(baard)[N])[N]
snorrenkop	((snor)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
snorrepijperij	((snorrepijp)[N],(erij)[N|N.])[N]
snot	(snot)[N]
snotaap	((snot)[N],(aap)[N])[N]
snotjongen	((snot)[N],(jongen)[N])[N]
snotkoker	((snot)[N],(koker)[N])[N]
snotlap	((snot)[N],(lap)[N])[N]
snotneus	((snot)[N],(neus)[N])[N]
snotpegel	((snot)[N],(pegel)[N])[N]
snottebel	((snot)[N],(e)[N|N.N],(bel)[N])[N]
snotterig	((snotter)[V],(ig)[A|V.])[A]
snottig	((snot)[N],(ig)[A|N.])[A]
snotverkouden	((snot)[N],(verkouden)[A])[A]
snotziekte	((snot)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
snuf	(snuf)[N]
snuffelaar	((snuffel)[V],(aar)[N|V.])[N]
snuffelaarster	(((snuffel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
snuffelneus	((snuffel)[V],(neus)[N])[N]
snuffelpaal	((snuffel)[V],(paal)[N])[N]
snuffelstage	((snuffel)[V],(stage)[N])[N]
snuffelziekte	((snuffel)[V],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
snuffen	(snuf)[V]
snufferd	((snuf)[V],(erd)[N|V.])[N]
snugger	(snugger)[A]
snuggerheid	((snugger)[A],(heid)[N|A.])[N]
snuif	(snuif)[N]
snuifdoos	((snuif)[V],(doos)[N])[N]
snuifneus	((snuif)[V],(neus)[N])[N]
snuifrasp	((snuif)[N],(rasp)[N])[N]
snuifster	((snuif)[V],(ster)[N|V.])[N]
snuiftabak	((snuif)[V],(tabak)[N])[N]
snuistergeld	((snuister)[V],(geld)[N])[N]
snuit	(snuit)[N]
snuitdier	((snuit)[N],(dier)[N])[N]
snuiten	(snuit)[V]
snuiter	((snuit)[V],(er)[N|V.])[N]
snuitkever	((snuit)[N],(kever)[N])[N]
snuitsel	((snuit)[V],(sel)[N|V.])[N]
snuitvlieg	((snuit)[N],(vlieg)[N])[N]
snuitvormig	((snuit)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
snuitzin	((snuit)[N],(zin)[N])[N]
snuiven	(snuif)[V]
snuiver	((snuif)[V],(er)[N|V.])[N]
snul	(snul)[N]
snurk	(snurk)[N]
snurken	(snurk)[V]
snurker	((snurk)[V],(er)[N|V.])[N]
sober	(sober)[A]
soberheid	((sober)[A],(heid)[N|A.])[N]
sociaal-democraat	((sociaal)[N],(democraat)[N])[N]
sociaal-democratie	((sociaal)[A],(((democraat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
sociaal-economisch	((sociaal)[A],(economisch)[A])[A]
sociaal-geneeskundige	((sociaal)[N],(geneeskundige)[N])[N]
sociaal-geograaf	((sociaal)[N],(geograaf)[N])[N]
sociaal-psycholoog	((sociaal)[N],(psycholoog)[N])[N]
sociabiliteit	((sociabel)[A],(biliteit)[N|A.])[N]
socialisatie	(((sociaal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
socialisatieproces	((((sociaal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
socialisatierapport	((((sociaal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(rapport)[N])[N]
socialiseren	((sociaal)[N],(iseer)[V|N.])[V]
socialisering	(((sociaal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
socialiseringsproces	((((sociaal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
socialiste	((socialist)[N],(e)[N|N.])[N]
socialistenvreter	((socialist)[N],(en)[N|N.Vx],(vreet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
socialistisch	((socialist)[N],(isch)[A|N.])[A]
socialiteit	((sociaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
societydame	((society)[N],(dame)[N])[N]
societyfiguur	((society)[N],(figuur)[N])[N]
societyhuwelijk	((society)[N],(huwelijk)[N])[N]
societynieuws	((society)[N],(nieuws)[N])[N]
societyrubriek	((society)[N],(rubriek)[N])[N]
sociobiologie	((socio)[N|.N],((biologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
sociodrama	((socio)[N|.N],(drama)[N])[N]
sociofysiologie	((socio)[N|.N],((fysiologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
sociogenese	((socio)[N|.N],(genese)[N])[N]
sociolinguïstiek	((socio)[N|.N],((linguïstisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
sociologie	((sociologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
sociologiebeoefening	(((sociologisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(((be)[V|.V],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
sociometrie	(((socio)[A|.A],((metrum)[N],(isch)[A|N.])[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
sociometrisch	((socio)[A|.A],((metrum)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
socioplanoloog	((socio)[N],(planoloog)[N])[N]
sociotherapeut	((socio)[N|.N],(therapeut)[N])[N]
sociotherapie	((socio)[N|.N],(therapie)[N])[N]
sociëteitsbal	((sociëteit)[N],(s)[N|N.N],(bal)[N])[N]
sociëteitsgebouw	((sociëteit)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
sociëteitsleven	((sociëteit)[N],(s)[N|N.N],(leven)[N])[N]
soda	(soda)[N]
sodaloog	((soda)[N],(loog)[N])[N]
sodawater	((soda)[N],(water)[N])[N]
sodazeep	((soda)[N],(zeep)[N])[N]
soebatter	((soebat)[V],(er)[N|V.])[N]
soek	(soek)[N]
soep	(soep)[N]
soepballetje	((soep)[N],(bal)[N])[N]
soepbeen	((soep)[N],(been)[N])[N]
soepblokje	((soep)[N],(blok)[N])[N]
soepboer	((soep)[N],(boer)[N])[N]
soepbord	((soep)[N],(bord)[N])[N]
soepel	(soepel)[A]
soepelheid	((soepel)[A],(heid)[N|A.])[N]
soeperig	((soep)[N],(erig)[A|N.])[A]
soeperigheid	(((soep)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
soepgroente	((soep)[N],((groen)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
soepjurk	((soep)[N],(jurk)[N])[N]
soepketel	((soep)[N],(ketel)[N])[N]
soepkip	((soep)[N],(kip)[N])[N]
soepkokerij	((soep)[N],(kook)[V],(erij)[N|NV.])[N]
soepkom	((soep)[N],(kom)[N])[N]
soepkop	((soep)[N],(kop)[N])[N]
soeplepel	((soep)[N],(lepel)[N])[N]
soeppan	((soep)[N],(pan)[N])[N]
soepschildpad	((soep)[N],((schild)[N],(pad)[N])[N])[N]
soepstengel	((soep)[N],(stengel)[N])[N]
soeptablet	((soep)[N],(tablet)[N])[N]
soepterrine	((soep)[N],(terrine)[N])[N]
soepuitdeling	((soep)[N],((uit)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
soepvlees	((soep)[N],(vlees)[N])[N]
soepzootje	((soep)[N],(zo)[N])[N]
soes	(soes)[N]
soevereiniteit	((soeverein)[A],(iteit)[N|A.])[N]
soevereiniteitsoverdracht	(((soeverein)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(overdracht)[N])[N]
soevereiniteitsrecht	(((soeverein)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
soezen	(soes)[V]
soezendeeg	((soes)[N],(en)[N|N.N],(deeg)[N])[N]
soezerig	((soes)[V],(erig)[A|V.])[A]
soezerigheid	(((soes)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
soezig	((soes)[N],(ig)[A|N.])[A]
soezigheid	(((soes)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
sof	(sof)[N]
sofa	(sofa)[N]
sofakussen	((sofa)[N],(kussen)[N])[N]
sofiekruid	((Sofie)[N],(kruid)[N])[N]
sofisterij	((sofist)[N],(erij)[N|N.])[N]
sofisticatie	((sofisticeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
sofistiek	(((sofist)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
sofistisch	((sofist)[N],(isch)[A|N.])[A]
soft	(soft)[A]
softporno	((soft)[A],(porno)[N])[N]
softwaremogelijkheid	((software)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
softwarepakket	((software)[N],(pakket)[N])[N]
softwareproductie	((software)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
soigneur	((soigneer)[V],(eur)[N|V.])[N]
soja	(soja)[N]
soja-eiwit	((soja)[N],((ei)[N],(wit)[N])[N])[N]
sojaboon	((soja)[N],(boon)[N])[N]
sojakaas	((soja)[N],(kaas)[N])[N]
sojamelk	((soja)[N],(melk)[N])[N]
sojaolie	((soja)[N],(olie)[N])[N]
sojaplant	((soja)[N],(plant)[N])[N]
sojasaus	((soja)[N],(saus)[N])[N]
sojavlees	((soja)[N],(vlees)[N])[N]
sok	(sok)[N]
sokkel	(sokkel)[N]
sokkerig	((sok)[N],(erig)[A|N.])[A]
sokophouder	((sok)[N],((op)[P],(houd)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
sokpootje	((sok)[N],(poot)[N])[N]
sol	(sol)[N]
soldaat	(soldaat)[N]
soldaat-chauffeur	((soldaat)[N],((chauffeer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
soldaat-commies	((soldaat)[N],(commies)[N])[N]
soldate	((soldaat)[N],(e)[N|N.])[N]
soldatenbordeel	((soldaat)[N],(en)[N|N.N],(bordeel)[N])[N]
soldatenbrood	((soldaat)[N],(en)[N|N.N],(brood)[N])[N]
soldatengeest	((soldaat)[N],(en)[N|N.N],(geest)[N])[N]
soldatenkeizer	((soldaat)[N],(en)[N|N.N],(keizer)[N])[N]
soldatenkerkhof	((soldaat)[N],(en)[N|N.N],((kerk)[N],(hof)[N])[N])[N]
soldatenkoor	((soldaat)[N],(en)[N|N.N],(koor)[N])[N]
soldatenlaars	((soldaat)[N],(en)[N|N.N],(laars)[N])[N]
soldatenleven	((soldaat)[N],(en)[N|N.N],(leven)[N])[N]
soldatenlied	((soldaat)[N],(en)[N|N.N],(lied)[N])[N]
soldatenmeid	((soldaat)[N],(en)[N|N.N],(meid)[N])[N]
soldatenplunje	((soldaat)[N],(en)[N|N.N],(plunje)[N])[N]
soldatenschoen	((soldaat)[N],(en)[N|N.N],(schoen)[N])[N]
soldatentaal	((soldaat)[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
soldatentijd	((soldaat)[N],(en)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
soldatentransport	((soldaat)[N],(en)[N|N.N],(transport)[N])[N]
soldatenuniform	((soldaat)[N],(en)[N|N.N],(uniform)[N])[N]
soldatenvolk	((soldaat)[N],(en)[N|N.N],(volk)[N])[N]
soldaterij	((soldaat)[N],(erij)[N|N.])[N]
soldatesk	((soldaat)[N],(esk)[A|N.])[A]
soldeerbout	((soldeer)[V],(bout)[N])[N]
soldeerder	((soldeer)[V],(der)[N|V.])[N]
soldeerdraad	((soldeer)[V],(draad)[N])[N]
soldeerglas	((soldeer)[V],(glas)[N])[N]
soldeerijzer	((soldeer)[V],(ijzer)[N])[N]
soldeerlamp	((soldeer)[V],(lamp)[N])[N]
soldeerlip	((soldeer)[V],(lip)[N])[N]
soldeernaad	((soldeer)[V],(naad)[N])[N]
soldeerpistool	((soldeer)[V],(pistool)[N])[N]
soldeersel	((soldeer)[V],(sel)[N|V.])[N]
soldeertin	((soldeer)[V],(tin)[N])[N]
soldeerwater	((soldeer)[V],(water)[N])[N]
soldeerwerk	((soldeer)[V],(werk)[N])[N]
soldering	((soldeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
solemniteit	((solemneel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
soleren	((solo)[N],(eer)[V|N.])[V]
solferbloem	((solfer)[N],(bloem)[N])[N]
solferstank	((solfer)[N],(stank)[N])[N]
solfège	(solfège)[N]
solfègeklas	((solfège)[N],(klas)[N])[N]
solfègeklasse	((solfège)[N],(klasse)[N])[N]
solidarisering	((solidariseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
solidariteit	((solidair)[A],(iteit)[N|A.])[N]
solidariteitsactie	(((solidair)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
solidariteitsgevoel	(((solidair)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
solidariteitsheffing	(((solidair)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((hef)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
solidariteitsprincipe	(((solidair)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(principe)[N])[N]
solidariteitsstaking	(((solidair)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((staak)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
solideren	((solied)[A],(eer)[V|A.])[V]
solidering	(((solied)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
soliditeit	((solide)[A],(iteit)[N|A.])[N]
soliedheid	((solied)[A],(heid)[N|A.])[N]
solist	((solo)[N],(ist)[N|N.])[N]
soliste	(((solo)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
solistenkostuum	(((solo)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(kostuum)[N])[N]
solistisch	(((solo)[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A]
solitairspel	((solitair)[A],(spel)[N])[N]
sollen	(sol)[V]
sollicitant	((solliciteer)[V],(ant)[N|V.])[N]
sollicitante	(((solliciteer)[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
sollicitatie	((solliciteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
sollicitatiebezoek	(((solliciteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(bezoek)[N])[N]
sollicitatiebrief	(((solliciteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(brief)[N])[N]
sollicitatiecommissie	(((solliciteer)[V],(atie)[N|V.])[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
sollicitatieformulier	(((solliciteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(formulier)[N])[N]
sollicitatiegesprek	(((solliciteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(gesprek)[N])[N]
sollicitatieplicht	(((solliciteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(plicht)[N])[N]
sollicitatieprocedure	(((solliciteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(procedure)[N])[N]
solliciteren	(solliciteer)[V]
solmisatie	((solmiseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
solo	(solo)[N]
solo-elpee	((solo)[N],(elpee)[N])[N]
solo-instrument	((solo)[N],(instrument)[N])[N]
solocarrière	((solo)[N],(carrière)[N])[N]
soloklas	((solo)[N],(klas)[N])[N]
soloklasse	((solo)[N],(klasse)[N])[N]
solopartij	((solo)[N],(partij)[N])[N]
soloseks	((solo)[N],(seks)[N])[N]
solospel	((solo)[N],(spel)[N])[N]
solospeler	((solo)[B],(speel)[V],(er)[N|BV.])[N]
solostem	((solo)[N],(stem)[N])[N]
solotoer	((solo)[N],(toer)[N])[N]
solovlucht	((solo)[N],(vlucht)[N])[N]
solozang	((solo)[N],(zang)[N])[N]
solozanger	((solo)[N],(zing)[V],(er)[N|NV.])[N]
solozangeres	(((solo)[N],(zing)[V],(er)[N|NV.])[N],(es)[N|N.])[N]
solsleutel	((sol)[N],(sleutel)[N])[N]
solstitiaal	((solstitium)[N],(aal)[A|N.])[A]
solutie	((solveer)[V],(utie)[N|V.])[N]
solvaat	((solveer)[V],(aat)[N|V.])[N]
solvabel	((solveer)[V],(abel)[A|V.])[A]
solvabiliteit	(((solveer)[V],(abel)[A|V.])[A],(biliteit)[N|A.])[N]
solvabiliteitsverzekering	((((solveer)[V],(abel)[A|V.])[A],(biliteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
solvatatie	((solvateer)[V],(atie)[N|V.])[N]
solvent	((solveer)[V],(ent)[N|V.])[N]
solventie	(((solveer)[V],(ent)[A|V.])[A],(ie)[N|A.])[N]
som	(som)[N]
somber	(somber)[A]
somberheid	((somber)[A],(heid)[N|A.])[N]
somberte	((somber)[A],(te)[N|A.])[N]
sombrero	(sombrero)[N]
sommatie	((sommeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
sommatiegrenzen	(((sommeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(grens)[N])[N]
sommering	((sommeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
somp	(somp)[N]
sompig	((somp)[N],(ig)[A|N.])[A]
sonar	(sonar)[N]
sonarapparatuur	((sonar)[N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
sonarinstallatie	((sonar)[N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
sonate	(sonate)[N]
sonde	(sonde)[N]
sondeerballon	((sondeer)[V],(ballon)[N])[N]
sondeerijzer	((sondeer)[V],(ijzer)[N])[N]
sondering	((sondeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
sondevoeding	((sonde)[N],((voed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
song	(song)[N]
songfestival	((song)[N],(festival)[N])[N]
songtekst	((song)[N],(tekst)[N])[N]
soniek	((sonisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
sonnettenkrans	((sonnet)[N],(en)[N|N.N],(krans)[N])[N]
sonometer	((sono)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
sonoriteit	((sonoor)[A],(iteit)[N|A.])[N]
soort	(soort)[N]
soortecht	((soort)[N],(echt)[A])[A]
soortelijk	((soort)[N],(elijk)[A|N.])[A]
soortelijkheid	(((soort)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
soortement	((sorteer)[V],(ement)[N|V.])[N]
soortgelijk	((soort)[N],(gelijk)[A])[A]
soortgenoot	((soort)[N],(genoot)[N])[N]
soortgetal	((soort)[N],(getal)[N])[N]
soortig	((soort)[N],(ig)[A|N.])[A]
soortnaam	((soort)[N],(naam)[N])[N]
soos	(soos)[N]
soosavond	((soos)[N],(avond)[N])[N]
sop	(sop)[N]
sopbrood	((sop)[V],(brood)[N])[N]
soppen	(sop)[V]
sopperig	((sop)[V],(erig)[A|V.])[A]
sopperigheid	(((sop)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
soppig	((sop)[N],(ig)[A|N.])[A]
soppigheid	(((sop)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
sopraanpartij	((sopraan)[N],(partij)[N])[N]
sopraansleutel	((sopraan)[N],(sleutel)[N])[N]
sopraanstem	((sopraan)[N],(stem)[N])[N]
sopraanzangeres	((sopraan)[N],(((zing)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N])[N]
sordino	(sordino)[N]
sorteerband	((sorteer)[V],(band)[N])[N]
sorteerder	((sorteer)[V],(der)[N|V.])[N]
sorteergang	((sorteer)[V],(gang)[N])[N]
sorteerkamer	((sorteer)[V],(kamer)[N])[N]
sorteerkast	((sorteer)[V],(kast)[N])[N]
sorteermachine	((sorteer)[V],(machine)[N])[N]
sorteerster	((sorteer)[V],(ster)[N|V.])[N]
sorteerzeef	((sorteer)[V],(zeef)[N])[N]
sortering	((sorteer)[V],(ing)[N|V.])[N]
sortimentshandel	((sortiment)[N],(s)[N|N.N],(handel)[N])[N]
soteriologie	((soteriologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
sou	(sou)[N]
souche	(souche)[N]
souffleur	((souffleer)[V],(eur)[N|V.])[N]
souffleurshok	(((souffleer)[V],(eur)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hok)[N])[N]
sound	(sound)[N]
soundtrack	((sound)[N],(track)[N])[N]
soutane	(soutane)[N]
souteneur	((souteneer)[V],(eur)[N|V.])[N]
souvenir	(souvenir)[N]
souvenirjager	((souvenir)[N],(jaag)[V],(er)[N|NV.])[N]
souvenirwinkel	((souvenir)[N],(winkel)[N])[N]
sovchoze	(sovchoze)[N]
sovjet	(sovjet)[N]
sovjetambassade	((sowjet)[N],(ambassade)[N])[N]
sovjetbewind	((sovjet)[N],(bewind)[N])[N]
sovjetblok	((sowjet)[N],(blok)[N])[N]
sovjetcommunisme	((sovjet)[N],(communisme)[N])[N]
sovjetcultuur	((sovjet)[N],(cultuur)[N])[N]
sovjetdiplomaat	((sovjet)[N],(diplomaat)[N])[N]
sovjethulp	((sovjet)[N],(hulp)[N])[N]
sovjetliteratuur	((sowjet)[N],(literatuur)[N])[N]
sovjetmaatschappij	((sovjet)[N],(maatschappij)[N])[N]
sovjetmacht	((sovjet)[N],(macht)[N])[N]
sovjetmachthebber	((sovjet)[N],((macht)[N],(heb)[V],(er)[N|NV.])[N])[N]
sovjetmarxisme	((sovjet)[N],(marxisme)[N])[N]
sovjetpropaganda	((sovjet)[N],(propaganda)[N])[N]
sovjetregering	((sovjet)[N],((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
sovjetregime	((sovjet)[N],(regime)[N])[N]
sovjetrepubliek	((sovjet)[N],(republiek)[N])[N]
sovjetsoldaat	((sovjet)[N],(soldaat)[N])[N]
sovjetstaat	((sovjet)[N],(staat)[N])[N]
sovjetstelsel	((sovjet)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
sovjetsysteem	((sovjet)[N],(systeem)[N])[N]
sovjettank	((sovjet)[N],(tank)[N])[N]
sovjettiseren	((sowjet)[N],(iseer)[V|N.])[V]
sovjettroep	((sovjet)[N],(troep)[N])[N]
sovjettype	((sovjet)[N],(type)[N])[N]
sovjetvliegtuig	((sovjet)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
sovjetvriend	((sovjet)[N],(vriend)[N])[N]
spa	(spa)[N]
spaak	(spaak)[N]
spaakbeen	((spaak)[N],(been)[N])[N]
spaaknippel	((spaak)[N],(nippel)[N])[N]
spaakreflector	((spaak)[N],(reflector)[N])[N]
spaakwiel	((spaak)[N],(wiel)[N])[N]
spaan	(spaan)[N]
spaanderplaat	((spaander)[N],(plaat)[N])[N]
spaanhout	((spaan)[N],(hout)[N])[N]
spaanplaat	((spaan)[N],(plaat)[N])[N]
spaanplaatgas	(((spaan)[N],(plaat)[N])[N],(gas)[N])[N]
spaanvlechten	((spaan)[N],(vlecht)[V])[V]
spaaractie	((spaar)[V],(actie)[N])[N]
spaarbank	((spaar)[V],(bank)[N])[N]
spaarbankboekje	(((spaar)[V],(bank)[N])[N],(boek)[N])[N]
spaarbankformulier	(((spaar)[V],(bank)[N])[N],(formulier)[N])[N]
spaarbanktegoed	(((spaar)[V],(bank)[N])[N],((te)[P],(goed)[N])[N])[N]
spaarbankzegel	(((spaar)[V],(bank)[N])[N],(zegel)[N])[N]
spaarbekken	((spaar)[V],(bekken)[N])[N]
spaarbewijs	((spaar)[V],(bewijs)[N])[N]
spaarbiljet	((spaar)[V],(biljet)[N])[N]
spaarboekje	((spaar)[V],(boek)[N])[N]
spaarboog	((spaar)[V],(boog)[N])[N]
spaarbrander	((spaar)[V],((brand)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
spaarbrief	((spaar)[V],(brief)[N])[N]
spaarbusje	((spaar)[V],(bus)[N])[N]
spaardeposito	((spaar)[V],(deposito)[N])[N]
spaarder	((spaar)[V],(der)[N|V.])[N]
spaarduit	((spaar)[V],(duit)[N])[N]
spaarfonds	((spaar)[V],(fonds)[N])[N]
spaargeld	((spaar)[V],(geld)[N])[N]
spaarhaard	((spaar)[V],(haard)[N])[N]
spaarkaart	((spaar)[V],(kaart)[N])[N]
spaarkachel	((spaar)[V],(kachel)[N])[N]
spaarkas	((spaar)[V],(kas)[N])[N]
spaarlamp	((spaar)[V],(lamp)[N])[N]
spaarloon	((spaar)[V],(loon)[N])[N]
spaaroverschot	((spaar)[V],(overschot)[N])[N]
spaarpenning	((spaar)[V],(penning)[N])[N]
spaarpijp	((spaar)[V],(pijp)[N])[N]
spaarpot	((spaar)[V],(pot)[N])[N]
spaarpremie	((spaar)[V],(premie)[N])[N]
spaarquote	((spaar)[V],(quote)[N])[N]
spaarrekening	((spaar)[V],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spaarrente	((spaar)[V],(rente)[N])[N]
spaarsaldo	((spaar)[V],(saldo)[N])[N]
spaarsysteem	((spaar)[V],(systeem)[N])[N]
spaartechniek	((spaar)[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
spaartegoed	((spaar)[V],((te)[P],(goed)[N])[N])[N]
spaarvarken	((spaar)[V],(varken)[N])[N]
spaarvlam	((spaar)[V],(vlam)[N])[N]
spaarzaam	((spaar)[V],(zaam)[A|V.])[A]
spaarzaamheid	(((spaar)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
spaarzegel	((spaar)[V],(zegel)[N])[N]
spaat	(spaat)[N]
spade	(spade)[N]
spaden	(spaad)[V]
spadensteek	((spade)[N],(steek)[N])[N]
spagaat	(spagaat)[N]
spaghetti	(spaghetti)[N]
spaghettisliert	((spaghetti)[N],(sliert)[N])[N]
spaghettivreter	((spaghetti)[N],(vreet)[V],(er)[N|NV.])[N]
spaghettiwestern	((spaghetti)[N],(western)[N])[N]
spahi	(spahi)[N]
spaken	(spaak)[V]
spalierboom	((spalier)[N],(boom)[N])[N]
spalk	(spalk)[N]
spalken	(spalk)[V]
spalkhout	((spalk)[V],(hout)[N])[N]
spalking	((spalk)[V],(ing)[N|V.])[N]
spalkverband	((spalk)[V],(verband)[N])[N]
span	(span)[N]
spanader	((span)[V],(ader)[N])[N]
spanbeton	((span)[V],(beton)[N])[N]
spanbroek	((span)[V],(broek)[N])[N]
spandienst	((span)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
spandoek	((span)[V],(doek)[N])[N]
spandraad	((span)[V],(draad)[N])[N]
spanen	(spaan)[V]
spanen	((spaan)[N],(en)[A|N.])[A]
spang	(spang)[N]
spanhaak	((span)[V],(haak)[N])[N]
spanhout	((span)[V],(hout)[N])[N]
spaniël	(spaniël)[N]
spankracht	((span)[V],(kracht)[N])[N]
spanlaken	((span)[V],(laken)[N])[N]
spanlijn	((span)[V],(lijn)[N])[N]
spanne	(spanne)[N]
spannen	(span)[V]
spanner	((span)[V],(er)[N|V.])[N]
spanning	((span)[V],(ing)[N|V.])[N]
spanningsboog	(((span)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(boog)[N])[N]
spanningscoëfficiënt	(((span)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(coëfficiënt)[N])[N]
spanningshaard	(((span)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(haard)[N])[N]
spanningshoofdpijn	(((span)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((hoofd)[N],(pijn)[N])[N])[N]
spanningsleer	(((span)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
spanningsmeter	(((span)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],(meet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
spanningsniveau	(((span)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
spanningsrail	(((span)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(rail)[N])[N]
spanningsreductie	(((span)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(reductie)[N])[N]
spanningsregelaar	(((span)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
spanningsrelatie	(((span)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
spanningssituatie	(((span)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
spanningstoestand	(((span)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
spanningsveld	(((span)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
spanningsverlies	(((span)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(verlies)[N])[N]
spanningsvermindering	(((span)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(minder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spanningsverschil	(((span)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(verschil)[N])[N]
spanningsvol	(((span)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(vol)[A])[A]
spanningzoeker	(((span)[V],(ing)[N|V.])[N],(zoek)[V],(er)[N|NV.])[N]
spanraam	((span)[V],(raam)[N])[N]
spanriem	((span)[V],(riem)[N])[N]
spanschroef	((span)[V],(schroef)[N])[N]
spant	(spant)[N]
spantouw	((span)[V],(touw)[N])[N]
spantrib	((spant)[N],(rib)[N])[N]
spanvisserij	((span)[N],(vis)[V],(erij)[N|NV.])[N]
spanwijdte	((span)[N],((wijd)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
spanzaag	((span)[V],(zaag)[N])[N]
spanzeil	((span)[V],(zeil)[N])[N]
spar	(spar)[N]
sparappel	((spar)[N],(appel)[N])[N]
sparen	(spaar)[V]
sparren	(spar)[V]
sparrenboom	((spar)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
sparrenbos	((spar)[N],(en)[N|N.N],(bos)[N])[N]
sparrengroen	((spar)[N],(e)[N|N.N],(groen)[N])[N]
sparrenhout	((spar)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
sparrenkegel	((spar)[N],(e)[N|N.N],(kegel)[N])[N]
sparrennaald	((spar)[N],(e)[N|N.N],(naald)[N])[N]
sparrentak	((spar)[N],(e)[N|N.N],(tak)[N])[N]
spartelbenen	((spartel)[V],(been)[V])[V]
spartelen	(spartel)[V]
sparteling	((spartel)[V],(ing)[N|V.])[N]
spartelvijver	((spartel)[V],(vijver)[N])[N]
spasmisch	((spasme)[N],(isch)[A|N.])[A]
spasticiteit	(((spasme)[N],(isch)[A|N.])[A],(iciteit)[N|A.])[N]
spastisch	((spasme)[N],(isch)[A|N.])[A]
spat	(spat)[N]
spatader	((spat)[V],(ader)[N])[N]
spatbord	((spat)[V],(bord)[N])[N]
spatel	(spatel)[N]
spatelvormig	((spatel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
spatiebalk	((spatie)[N],(balk)[N])[N]
spatietoets	((spatie)[N],(toets)[N])[N]
spatieus	((spatie)[N],(eus)[A|N.])[A]
spatiëring	((spatieer)[V],(ing)[N|V.])[N]
spatje	((spat)[N],(je)[N|N.])[N]
spatkleed	((spat)[V],(kleed)[N])[N]
spatlap	((spat)[V],(lap)[N])[N]
spatscherm	((spat)[V],(scherm)[N])[N]
spatten	(spat)[V]
spatterig	((spat)[V],(erig)[A|V.])[A]
spattig	((spat)[N],(ig)[A|N.])[A]
spatting	((spat)[V],(ing)[N|V.])[N]
spawater	((spa)[N],(water)[N])[N]
specerij	(specerij)[N]
specerijachtig	((specerij)[N],(achtig)[A|N.])[A]
specerijeilanden	((specerij)[N],(eiland)[N])[N]
specerijeneiland	((specerij)[N],(en)[N|N.N],(eiland)[N])[N]
specerijenhandel	((specerij)[N],(en)[N|N.N],(handel)[N])[N]
specerijhandel	((specerij)[N],(handel)[N])[N]
specht	(specht)[N]
spechtachtig	((specht)[N],(achtig)[A|N.])[A]
spechtensmidse	((specht)[N],(e)[N|N.N],((smid)[N],(se)[N|N.])[N])[N]
speciaalzaak	((speciaal)[A],(zaak)[N])[N]
specialisatie	(((speciaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
specialisatiegraad	((((speciaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(graad)[N])[N]
specialisatietendens	((((speciaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(tendens)[N])[N]
specialiseren	((speciaal)[A],(iseer)[V|A.])[V]
specialisering	(((speciaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
specialiste	((specialist)[N],(e)[N|N.])[N]
specialistenwerk	((specialist)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
specialistisch	((specialist)[N],(isch)[A|N.])[A]
specialiteit	((speciaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
specialiteitenrestaurant	(((speciaal)[A],(iteit)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],((restaureer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
specie	(specie)[N]
speciebriefje	((specie)[N],(brief)[N])[N]
speciehandel	((specie)[N],(handel)[N])[N]
speciemolen	((specie)[N],(molen)[N])[N]
specificatie	((specificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
specificering	((specificeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
specificiteit	((specifiek)[A],(iciteit)[N|A.])[N]
specimen	(specimen)[N]
spectraal	((spectrum)[N],(aal)[A|N.])[A]
spectraalanalyse	(((spectrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(analyse)[N])[N]
spectrofotometer	((spectro)[N|.N],(fotometer)[N])[N]
spectrografie	((spectrograaf)[N],(ie)[N|N.])[N]
spectroscopie	((spectroscoop)[N],(ie)[N|N.])[N]
spectroscopisch	((spectroscoop)[N],(isch)[A|N.])[A]
speculaas	(speculaas)[N]
speculaasje	((speculaas)[N],(je)[N|N.])[N]
speculaaskruiden	((speculaas)[N],(kruid)[N])[N]
speculaasplank	((speculaas)[N],(plank)[N])[N]
speculaaspop	((speculaas)[N],(pop)[N])[N]
speculant	((speculeer)[V],(ant)[N|V.])[N]
speculatie	((speculeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
speculatief	(((speculeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
speculatiegeest	(((speculeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(geest)[N])[N]
speech	(speech)[N]
speechen	(speech)[V]
speecher	((speech)[V],(er)[N|V.])[N]
speed	(speed)[N]
speek	(speek)[N]
speeksel	((speek)[V],(sel)[N|V.])[N]
speekselafscheiding	(((speek)[V],(sel)[N|V.])[N],((af)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
speekselbel	(((speek)[V],(sel)[N|V.])[N],(bel)[N])[N]
speekseldraad	(((speek)[V],(sel)[N|V.])[N],(draad)[N])[N]
speekselklier	(((speek)[V],(sel)[N|V.])[N],(klier)[N])[N]
speekselpompje	(((speek)[V],(sel)[N|V.])[N],(pomp)[N])[N]
speekselvloed	(((speek)[V],(sel)[N|V.])[N],(vloed)[N])[N]
speelautomaat	((speel)[V],(automaat)[N])[N]
speelavond	((speel)[V],(avond)[N])[N]
speelbaar	((speel)[V],(baar)[A|V.])[A]
speelbal	((speel)[V],(bal)[N])[N]
speelbank	((speel)[V],(bank)[N])[N]
speelbeest	((speel)[V],(beest)[N])[N]
speelbehoefte	((speel)[V],(behoefte)[N])[N]
speelbeurt	((speel)[V],(beurt)[N])[N]
speelblad	((speel)[V],(blad)[N])[N]
speelbord	((speel)[V],(bord)[N])[N]
speelclub	((speel)[V],(club)[N])[N]
speeldag	((speel)[V],(dag)[N])[N]
speelding	((speel)[V],(ding)[N])[N]
speeldoos	((speel)[V],(doos)[N])[N]
speeldrang	((speel)[V],(drang)[N])[N]
speelduivel	((speel)[V],(duivel)[N])[N]
speelduur	((speel)[V],(duur)[N])[N]
speelervaring	((speel)[V],(((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
speelfilm	((speel)[V],(film)[N])[N]
speelfilmproductie	(((speel)[V],(film)[N])[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
speelgeld	((speel)[V],(geld)[N])[N]
speelgelegenheid	((speel)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
speelgenoot	((speel)[V],(genoot)[N])[N]
speelgenote	(((speel)[V],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
speelgoed	((speel)[V],(goed)[N])[N]
speelgoedaap	(((speel)[V],(goed)[N])[N],(aap)[N])[N]
speelgoedafdeling	(((speel)[V],(goed)[N])[N],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
speelgoedauto	(((speel)[V],(goed)[N])[N],(auto)[N])[N]
speelgoedbeer	(((speel)[V],(goed)[N])[N],(beer)[N])[N]
speelgoedbeest	(((speel)[V],(goed)[N])[N],(beest)[N])[N]
speelgoedboot	(((speel)[V],(goed)[N])[N],(boot)[N])[N]
speelgoedemmer	(((speel)[V],(goed)[N])[N],(emmer)[N])[N]
speelgoedgeweer	(((speel)[V],(goed)[N])[N],(geweer)[N])[N]
speelgoedhandel	(((speel)[V],(goed)[N])[N],(handel)[N])[N]
speelgoedkist	(((speel)[V],(goed)[N])[N],(kist)[N])[N]
speelgoedtelefoon	(((speel)[V],(goed)[N])[N],(telefoon)[N])[N]
speelgoedtrein	(((speel)[V],(goed)[N])[N],(trein)[N])[N]
speelgoedwinkel	(((speel)[V],(goed)[N])[N],(winkel)[N])[N]
speelgoedzaak	(((speel)[V],(goed)[N])[N],(zaak)[N])[N]
speelgraag	((speel)[V],(graag)[A])[A]
speelhal	((speel)[V],(hal)[N])[N]
speelhelft	((speel)[V],(helft)[N])[N]
speelhol	((speel)[V],(hol)[N])[N]
speelhouding	((speel)[V],(houding)[N])[N]
speelhuis	((speel)[V],(huis)[N])[N]
speelhuisje	((speel)[V],(huis)[N])[N]
speelkaart	((speel)[V],(kaart)[N])[N]
speelkamer	((speel)[V],(kamer)[N])[N]
speelkameraad	((speel)[V],(kameraad)[N])[N]
speelkwartier	((speel)[V],((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
speelleerklas	((speel)[V],(leer)[V],(klas)[N])[N]
speelmakker	((speel)[V],(makker)[N])[N]
speelman	((speel)[V],(man)[N])[N]
speelmethode	((speel)[V],(methode)[N])[N]
speelmogelijkheid	((speel)[V],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
speelobject	((speel)[V],(object)[N])[N]
speelplaats	((speel)[V],(plaats)[N])[N]
speelplan	((speel)[V],(plan)[N])[N]
speelplein	((speel)[V],(plein)[N])[N]
speelpop	((speel)[V],(pop)[N])[N]
speelreis	((speel)[V],(reis)[N])[N]
speelruimte	((speel)[V],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
speels	((speel)[V],(s)[A|V.])[A]
speelschuld	((speel)[V],(schuld)[N])[N]
speelseizoen	((speel)[V],(seizoen)[N])[N]
speelsgewijs	((spel)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
speelsheid	(((speel)[V],(s)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
speelsigheid	(((speel)[V],(s)[A|V.])[A],(igheid)[N|A.])[N]
speelster	((speel)[V],(ster)[N|V.])[N]
speelstraat	((speel)[V],(straat)[N])[N]
speelstuk	((speel)[V],(stuk)[N])[N]
speelsysteem	((speel)[V],(systeem)[N])[N]
speeltafel	((speel)[V],(tafel)[N])[N]
speelterrein	((speel)[V],(terrein)[N])[N]
speeltijd	((speel)[V],(tijd)[N])[N]
speeltuig	((speel)[V],(tuig)[N])[N]
speeltuin	((speel)[V],(tuin)[N])[N]
speeltuinvereniging	(((speel)[V],(tuin)[N])[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
speeluur	((speel)[V],(uur)[N])[N]
speelveld	((speel)[V],(veld)[N])[N]
speelverbod	((speel)[V],(verbod)[N])[N]
speelvogel	((speel)[V],(vogel)[N])[N]
speelvoorziening	((speel)[V],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
speelwagen	((speel)[V],(wagen)[N])[N]
speelweide	((speel)[V],(weide)[N])[N]
speelwereld	((speel)[V],(wereld)[N])[N]
speelwerk	((speel)[V],(werk)[N])[N]
speelwijze	((speel)[V],(wijze)[N])[N]
speelwoede	((speel)[V],(woede)[N])[N]
speelzaal	((speel)[V],(zaal)[N])[N]
speelziek	((speel)[V],(ziek)[A])[A]
speelzucht	((speel)[V],(zucht)[N])[N]
speen	(speen)[N]
speenemmer	((speen)[N],(emmer)[N])[N]
speenkruid	((speen)[N],(kruid)[N])[N]
speentijd	((speen)[V],(tijd)[N])[N]
speenvarken	((speen)[V],(varken)[N])[N]
speer	(speer)[N]
speerdistel	((speer)[N],(distel)[N])[N]
speerhaai	((speer)[N],(haai)[N])[N]
speerhaak	((speer)[N],(haak)[N])[N]
speerpunt	((speer)[N],(punt)[N])[N]
speerpuntenbeleid	(((speer)[N],(punt)[N])[N],(en)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
speerpuntindustrie	(((speer)[N],(punt)[N])[N],(industrie)[N])[N]
speerruiter	((speer)[N],(ruiter)[N])[N]
speervormig	((speer)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
speerwerpen	((speer)[N],(werp)[V])[V]
speerwerper	(((speer)[N],(werp)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
speerwerpster	(((speer)[N],(werp)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
speerworp	((speer)[N],(worp)[N])[N]
speet	(speet)[N]
speetaal	((speet)[V],(aal)[N])[N]
speetjespaling	((speetje)[N],(s)[N|N.N],(paling)[N])[N]
spek	(spek)[N]
spekachtig	((spek)[N],(achtig)[A|N.])[A]
spekbokking	((spek)[N],(bokking)[N])[N]
spekboon	((spek)[N],(boon)[N])[N]
spekbuik	((spek)[N],(buik)[N])[N]
spekdam	((spek)[V],(dam)[N])[N]
spekdief	((spek)[N],(dief)[N])[N]
spekeend	((spek)[N],(eend)[N])[N]
speken	(speek)[V]
spekglad	((spek)[N],(glad)[A])[A]
spekhaak	((spek)[N],(haak)[N])[N]
spekhals	((spek)[N],(hals)[N])[N]
spekjood	((spek)[N],(jood)[N])[N]
spekken	(spek)[V]
spekkerig	((spek)[N],(erig)[A|N.])[A]
spekkig	((spek)[N],(ig)[A|N.])[A]
spekking	((spek)[V],(ing)[N|V.])[N]
spekkoek	((spek)[N],(koek)[N])[N]
spekkoper	((spek)[N],(koop)[V],(er)[N|NV.])[N]
speklaag	((spek)[N],(laag)[N])[N]
speklap	((spek)[N],(lap)[N])[N]
speklucht	((spek)[N],(lucht)[N])[N]
speknaald	((spek)[N],(naald)[N])[N]
speknek	((spek)[N],(nek)[N])[N]
spekpannenkoek	((spek)[N],((pan)[N],(e)[N|N.N],(koek)[N])[N])[N]
spekslager	((spek)[N],(slager)[N])[N]
spekslagerij	((spek)[N],(slagerij)[N])[N]
speksnijder	((spek)[N],(snijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
speksteen	((spek)[N],(steen)[N])[N]
speksteenpoeder	(((spek)[N],(steen)[N])[N],(poeder)[N])[N]
speksteenpoeier	(((spek)[N],(steen)[N])[N],(poeier)[N])[N]
spekstruif	((spek)[N],(struif)[N])[N]
spektakel	(spektakel)[N]
spektakelfilm	((spektakel)[N],(film)[N])[N]
spektakelmaker	((spektakel)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
spektakelstuk	((spektakel)[N],(stuk)[N])[N]
spekvet	((spek)[N],(vet)[N])[N]
spekwortel	((spek)[V],(wortel)[N])[N]
spekzak	((spek)[V],(zak)[N])[N]
spekzool	((spek)[N],(zool)[N])[N]
spekzwoerd	((spek)[N],(zwoerd)[N])[N]
spekzwoord	((spek)[N],(zwoord)[N])[N]
spel	(spel)[N]
spelbederf	((spel)[N],(bederf)[N])[N]
spelbederver	((spel)[N],(bederf)[N],(er)[N|NN.])[N]
spelbehoefte	((speel)[V],(behoefte)[N])[N]
spelboek	((spel)[V],(boek)[N])[N]
spelbreekster	((spel)[N],(breek)[V],(ster)[N|NV.])[N]
spelbreker	((spel)[N],(breek)[V],(er)[N|NV.])[N]
spelcassette	((spel)[N],(cassette)[N])[N]
spelcomputer	((spel)[N],(computer)[N])[N]
speld	(speld)[N]
spelden	(speld)[V]
speldenbakje	((speld)[N],(en)[N|N.N],(bak)[N])[N]
speldendoosje	((speld)[N],(en)[N|N.N],(doos)[N])[N]
speldengeld	((speld)[N],(en)[N|N.N],(geld)[N])[N]
speldenknop	((speld)[N],(e)[N|N.N],(knop)[N])[N]
speldenkoker	((speld)[N],(en)[N|N.N],(koker)[N])[N]
speldenkop	((speld)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
speldenkussen	((speld)[N],(en)[N|N.N],(kussen)[N])[N]
speldennagel	((speld)[N],(e)[N|N.N],(nagel)[N])[N]
speldenprik	((speld)[N],(e)[N|N.N],(prik)[N])[N]
speldenwerk	((speld)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
speldenwerken	((speld)[N],(en)[V|N.V],(werk)[V])[V]
speldenwerkster	((speld)[N],(en)[N|N.N],((werk)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
speldjesdag	((speld)[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
speldnagel	((speld)[N],(nagel)[N])[N]
spelelement	((spel)[N],(element)[N])[N]
spelen	(speel)[V]
speleologie	((speleologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
speler	((speel)[V],(er)[N|V.])[N]
spelerstunnel	(((speel)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tunnel)[N])[N]
spelevaart	((speel)[V],(e)[N|V.N],(vaart)[N])[N]
spelfout	((spel)[V],(fout)[N])[N]
spelhouding	((spel)[N],(houding)[N])[N]
speling	((speel)[V],(ing)[N|V.])[N]
spelkunst	((spel)[V],(kunst)[N])[N]
spelleider	((spel)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
spelleiding	((spel)[N],(leid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
spelleidster	((spel)[N],(leid)[V],(ster)[N|NV.])[N]
spellen	(spel)[V]
spelling	((spel)[V],(ing)[N|V.])[N]
spellingbeeld	(((spel)[V],(ing)[N|V.])[N],(beeld)[N])[N]
spellingcommissie	(((spel)[V],(ing)[N|V.])[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
spellinghervorming	(((spel)[V],(ing)[N|V.])[N],((her)[V|.V],(vorm)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
spellingkwestie	(((spel)[V],(ing)[N|V.])[N],(kwestie)[N])[N]
spellingsbeeld	(((spel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
spellingscommissie	(((spel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
spellingsfout	(((spel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fout)[N])[N]
spellingskwestie	(((spel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kwestie)[N])[N]
spellingsregel	(((spel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
spellingsverandering	(((spel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spellingsvereenvoudiging	(((spel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],((eenvoud)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spellingswijziging	(((spel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((wijzig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spellinguitspraak	(((spel)[V],(ing)[N|V.])[N],((uit)[P],(spraak)[N])[N])[N]
spellingverandering	(((spel)[V],(ing)[N|V.])[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spellingvereenvoudiging	(((spel)[V],(ing)[N|V.])[N],(((ver)[V|.A],((eenvoud)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spellingvraagstuk	(((spel)[V],(ing)[N|V.])[N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
spellingwet	(((spel)[V],(ing)[N|V.])[N],(wet)[N])[N]
spellingwijziging	(((spel)[V],(ing)[N|V.])[N],(wijzig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
spelmaker	((spel)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
spelmethode	((spel)[V],(methode)[N])[N]
spelmoment	((spel)[N],(moment)[N])[N]
spelonk	(spelonk)[N]
spelonkachtig	((spelonk)[N],(achtig)[A|N.])[A]
spelpeil	((spel)[N],(peil)[N])[N]
spelregel	((spel)[N],(regel)[N])[N]
spelreglement	((spel)[N],(reglement)[N])[N]
spelsituatie	((spel)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
spelt	(spelt)[N]
speltechniek	((spel)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
speltechnisch	((spel)[N],(technisch)[A])[A]
speltempo	((spel)[N],(tempo)[N])[N]
speltheorie	((spel)[N],(theorie)[N])[N]
speltherapeut	((spel)[N],(therapeut)[N])[N]
speltherapeute	(((spel)[N],(therapeut)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
speltherapie	((spel)[N],(therapie)[N])[N]
spelvaardigheid	((spel)[N],((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
spelverdeelster	((spel)[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
spelverdeler	((spel)[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
spelverstoorder	((spel)[N],((ver)[V|.V],(stoor)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
spelwoord	((spel)[V],(woord)[N])[N]
spenen	(speen)[V]
sperboom	((sper)[V],(boom)[N])[N]
sperma	(sperma)[N]
sperma-analyse	((sperma)[N],(analyse)[N])[N]
spermabank	((sperma)[N],(bank)[N])[N]
spermacel	((sperma)[N],(cel)[N])[N]
spermadonor	((sperma)[N],(donor)[N])[N]
spermalab	((sperma)[N],(lab)[N])[N]
spermarietje	((sperma)[N],(riet)[N])[N]
sperren	(sper)[V]
sperring	((sper)[V],(ing)[N|V.])[N]
spertijd	((sper)[V],(tijd)[N])[N]
spervuur	((sper)[V],(vuur)[N])[N]
sperwer	(sperwer)[N]
sperwerachtigen	((sperwer)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
sperwersblik	((sperwer)[N],(s)[N|N.N],(blik)[N])[N]
sperwersnest	((sperwer)[N],(s)[N|N.N],(nest)[N])[N]
spet	(spet)[N]
speten	(speet)[V]
spetten	(spet)[V]
spetter	((spet)[V],(er)[N|V.])[N]
speurder	((speur)[V],(der)[N|V.])[N]
speurdersoog	(((speur)[V],(der)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(oog)[N])[N]
speurdersverhaal	(((speur)[V],(der)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(verhaal)[N])[N]
speuren	(speur)[V]
speurhond	((speur)[V],(hond)[N])[N]
speurneus	((speur)[V],(neus)[N])[N]
speurtocht	((speur)[V],(tocht)[N])[N]
speurwerk	((speur)[V],(werk)[N])[N]
speurzin	((speur)[V],(zin)[N])[N]
spicht	(spicht)[N]
spichtig	((spicht)[N],(ig)[A|N.])[A]
spichtigheid	(((spicht)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
spie	(spie)[N]
spiebout	((spie)[N],(bout)[N])[N]
spieden	(spied)[V]
spiegat	((spie)[N],(gat)[N])[N]
spiegel	(spiegel)[N]
spiegelachtig	((spiegel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
spiegelaflezing	((spiegel)[N],(((af)[P],(lees)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spiegelapparaat	((spiegel)[N],(apparaat)[N])[N]
spiegelbeeld	((spiegel)[N],(beeld)[N])[N]
spiegelbeeldpunt	((spiegel)[N],((beeld)[N],(punt)[N])[N])[N]
spiegelblank	((spiegel)[N],(blank)[A])[A]
spiegelboog	((spiegel)[N],(boog)[N])[N]
spiegeldeur	((spiegel)[N],(deur)[N])[N]
spiegelei	((spiegel)[N],(ei)[N])[N]
spiegelen	(spiegel)[V]
spiegelfiguur	((spiegel)[V],(figuur)[N])[N]
spiegelgalerij	((spiegel)[N],(galerij)[N])[N]
spiegelgalvanometer	((spiegel)[N],((galvano)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
spiegelgevecht	((spiegel)[N],((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N])[N]
spiegelgewelf	((spiegel)[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
spiegelgieterij	((spiegel)[N],(giet)[V],(erij)[N|NV.])[N]
spiegelglad	((spiegel)[N],(glad)[A])[A]
spiegelglas	((spiegel)[V],(glas)[N])[N]
spiegelhars	((spiegel)[N],(hars)[N])[N]
spiegeling	((spiegel)[V],(ing)[N|V.])[N]
spiegelingsmeetkunde	(((spiegel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((meet)[V],(kunde)[N])[N])[N]
spiegelkast	((spiegel)[N],(kast)[N])[N]
spiegelkijker	((spiegel)[N],((kijk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
spiegellamp	((spiegel)[N],(lamp)[N])[N]
spiegellijst	((spiegel)[N],(lijst)[N])[N]
spiegelmees	((spiegel)[N],(mees)[N])[N]
spiegelmicroscoop	((spiegel)[N],(microscoop)[N])[N]
spiegelnet	((spiegel)[N],(net)[N])[N]
spiegelobjectief	((spiegel)[N],(objectief)[N])[N]
spiegelopstand	((spiegel)[N],(opstand)[N])[N]
spiegeloptiek	((spiegel)[N],((optisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
spiegelperiscoop	((spiegel)[N],(periscoop)[N])[N]
spiegelreflexcamera	((spiegel)[N],((reflex)[N],(camera)[N])[N])[N]
spiegelruit	((spiegel)[V],(ruit)[N])[N]
spiegelschaal	((spiegel)[N],(schaal)[N])[N]
spiegelschrift	((spiegel)[N],(schrift)[N])[N]
spiegelsymmetrie	((spiegel)[N],((symmetrisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
spiegeltelescoop	((spiegel)[N],(telescoop)[N])[N]
spiegelvlak	((spiegel)[N],(vlak)[N])[N]
spiegelzaal	((spiegel)[N],(zaal)[N])[N]
spiegelzoeker	((spiegel)[N],((zoek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
spiegelzonnewijzer	((spiegel)[N],((zon)[N],(e)[N|N.N],((wijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
spiegelzool	((spiegel)[N],(zool)[N])[N]
spiekbriefje	((spiek)[V],(brief)[N])[N]
spieken	(spiek)[V]
spieker	((spiek)[V],(er)[N|V.])[N]
spiekpapiertje	((spiek)[V],(papier)[N])[N]
spier	(spier)[N]
spieraam	((spie)[N],(raam)[N])[N]
spierachtig	((spier)[N],(achtig)[A|N.])[A]
spierarbeid	((spier)[N],(arbeid)[N])[N]
spieratrofie	((spier)[N],(atrofie)[N])[N]
spierbal	((spier)[N],(bal)[N])[N]
spierbuik	((spier)[N],(buik)[N])[N]
spiercel	((spier)[N],(cel)[N])[N]
spiercontractie	((spier)[N],(contractie)[N])[N]
spierdystrofie	((spier)[N],((dystrofisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
spieren	(spier)[V]
spierenbundel	((spier)[N],(en)[N|N.N],(bundel)[N])[N]
spierenstelsel	((spier)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
spierfysiologie	((spier)[N],((fysiologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
spiergezwel	((spier)[N],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
spierhaai	((spier)[N],(haai)[N])[N]
spieringben	((spiering)[N],(ben)[N])[N]
spieringsleper	((spiering)[N],((sleep)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
spieringvangst	((spiering)[N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
spierkracht	((spier)[N],(kracht)[N])[N]
spierkramp	((spier)[N],(kramp)[N])[N]
spiermaag	((spier)[N],(maag)[N])[N]
spiernaakt	((spier)[N],(naakt)[A])[A]
spierpees	((spier)[N],(pees)[N])[N]
spierpijn	((spier)[N],(pijn)[N])[N]
spierstelsel	((spier)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
spierstijfheid	((spier)[N],((stijf)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
spierstofwisseling	((spier)[N],((stof)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
spierstuk	((spier)[N],(stuk)[N])[N]
spiersuiker	((spier)[N],(suiker)[N])[N]
spierverlamming	((spier)[N],((ver)[V|.A],(lam)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
spiervezel	((spier)[N],(vezel)[N])[N]
spierweefsel	((spier)[N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
spierwerking	((spier)[N],((werk)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spierwit	((spier)[N],(wit)[A])[A]
spies	(spies)[N]
spiesdrager	((spies)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
spieshert	((spies)[N],(hert)[N])[N]
spiesleutel	((spie)[N],(sleutel)[N])[N]
spiesschacht	((spies)[N],(schacht)[N])[N]
spiesvormig	((spies)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
spiets	(spiets)[N]
spietsen	(spiets)[V]
spieën	(spie)[V]
spijbelaar	((spijbel)[V],(aar)[N|V.])[N]
spijbelaarster	(((spijbel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
spijbelbus	((spijbel)[V],(bus)[N])[N]
spijbelen	(spijbel)[V]
spijen	(spij)[V]
spijer	((spij)[V],(er)[N|V.])[N]
spijgat	((spij)[V],(gat)[N])[N]
spijk	(spijk)[N]
spijker	(spijker)[N]
spijkerbak	((spijker)[N],(bak)[N])[N]
spijkerband	((spijker)[N],(band)[N])[N]
spijkerboor	((spijker)[N],(boor)[N])[N]
spijkerbroek	((spijker)[N],(broek)[N])[N]
spijkeren	(spijker)[V]
spijkergat	((spijker)[N],(gat)[N])[N]
spijkerglooiing	((spijker)[N],((glooi)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spijkerhard	((spijker)[N],(hard)[A])[A]
spijkerpak	((spijker)[N],(pak)[N])[N]
spijkerschoen	((spijker)[N],(schoen)[N])[N]
spijkerschort	((spijker)[N],(schort)[N])[N]
spijkerschrift	((spijker)[N],(schrift)[N])[N]
spijkertang	((spijker)[N],(tang)[N])[N]
spijkertrekker	((spijker)[N],(trek)[V],(er)[N|NV.])[N]
spijkervast	((spijker)[N],(vast)[A])[A]
spijkolie	((spijk)[N],(olie)[N])[N]
spijl	(spijl)[N]
spijs	(spijs)[N]
spijsbrij	((spijs)[N],(brij)[N])[N]
spijshuis	((spijs)[V],(huis)[N])[N]
spijskaart	((spijs)[N],(kaart)[N])[N]
spijskokerij	((spijs)[N],(kook)[V],(erij)[N|NV.])[N]
spijslift	((spijs)[N],(lift)[N])[N]
spijslijst	((spijs)[N],(lijst)[N])[N]
spijsoffer	((spijs)[N],(offer)[N])[N]
spijsolie	((spijs)[N],(olie)[N])[N]
spijsuitdeling	((spijs)[N],((uit)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
spijsvertering	((spijs)[N],((ver)[V|.V],(teer)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
spijsverteringsapparaat	(((spijs)[N],((ver)[V|.V],(teer)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
spijsverteringskanaal	(((spijs)[N],((ver)[V|.V],(teer)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(kanaal)[N])[N]
spijsverteringsmoeilijkheid	(((spijs)[N],((ver)[V|.V],(teer)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
spijsverteringsorgaan	(((spijs)[N],((ver)[V|.V],(teer)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
spijsverteringsprobleem	(((spijs)[N],((ver)[V|.V],(teer)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
spijsverteringsproces	(((spijs)[N],((ver)[V|.V],(teer)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
spijsverteringsstelsel	(((spijs)[N],((ver)[V|.V],(teer)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
spijsverteringsstoornis	(((spijs)[N],((ver)[V|.V],(teer)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
spijsverteringssysteem	(((spijs)[N],((ver)[V|.V],(teer)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
spijsvet	((spijs)[N],(vet)[N])[N]
spijt	(spijt)[N]
spijten	(spijt)[V]
spijtig	((spijt)[N],(ig)[A|N.])[A]
spijtigheid	(((spijt)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
spijtoptant	((spijt)[N],(opteer)[V],(ant)[N|NV.])[N]
spijzen	(spijs)[V]
spijziging	((spijzig)[V],(ing)[N|V.])[N]
spike	(spike)[N]
spikkel	(spikkel)[N]
spikkelachtig	((spikkel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
spikkelen	(spikkel)[V]
spikkelig	((spikkel)[N],(ig)[A|N.])[A]
spikkeling	((spikkel)[V],(ing)[N|V.])[N]
spil	(spil)[N]
spilboom	((spil)[N],(boom)[N])[N]
spilboor	((spil)[N],(boor)[N])[N]
spilgat	((spil)[N],(gat)[N])[N]
spilkop	((spil)[N],(kop)[N])[N]
spillage	((spil)[V],(age)[N|V.])[N]
spillebeen	((spil)[N],(e)[N|N.N],(been)[N])[N]
spillen	(spil)[V]
spiltrap	((spil)[N],(trap)[N])[N]
spilziek	((spil)[V],(ziek)[A])[A]
spilzucht	((spil)[V],(zucht)[N])[N]
spilzuchtig	((spil)[V],(zucht)[N],(ig)[A|VN.])[A]
spin	(spin)[N]
spinachtig	((spin)[N],(achtig)[A|N.])[A]
spinazie	(spinazie)[N]
spinazieacademie	((spinazie)[N],((academisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
spinaziebed	((spinazie)[N],(bed)[N])[N]
spinbinder	((spin)[N],((bind)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
spindelolie	((spindel)[N],(olie)[N])[N]
spindraad	((spin)[V],(draad)[N])[N]
spinhuis	((spin)[V],(huis)[N])[N]
spinklier	((spin)[N],(klier)[N])[N]
spinmachine	((spin)[V],(machine)[N])[N]
spinnen	(spin)[V]
spinnendraad	((spin)[N],(e)[N|N.N],(draad)[N])[N]
spinnenkop	((spin)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
spinnenweb	((spin)[N],(e)[N|N.N],(web)[N])[N]
spinnenwebachtig	(((spin)[N],(e)[N|N.N],(web)[N])[N],(achtig)[A|N.])[A]
spinnenwebkaart	(((spin)[N],(e)[N|N.N],(web)[N])[N],(kaart)[N])[N]
spinnenwebmotief	(((spin)[N],(e)[N|N.N],(web)[N])[N],(motief)[N])[N]
spinner	((spin)[V],(er)[N|V.])[N]
spinnerij	((spin)[V],(erij)[N|V.])[N]
spinnewiel	((spin)[N],(e)[N|N.N],(wiel)[N])[N]
spinnig	((spin)[N],(ig)[A|N.])[A]
spinnijdig	((spin)[N],((nijd)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
spinrag	((spin)[N],(rag)[N])[N]
spinrokken	((spin)[V],(rokken)[N])[N]
spinsel	((spin)[V],(sel)[N|V.])[N]
spinseldraad	(((spin)[V],(sel)[N|V.])[N],(draad)[N])[N]
spinster	((spin)[V],(ster)[N|V.])[N]
spinstok	((spin)[V],(stok)[N])[N]
spint	(spint)[N]
spintabak	((spin)[V],(tabak)[N])[N]
spintachtig	((spint)[N],(achtig)[A|N.])[A]
spintmijt	((spint)[N],(mijt)[N])[N]
spinzen	(spins)[V]
spion	(spion)[N]
spionage	(((spion)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N]
spionageactiviteit	((((spion)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
spionageaffaire	((((spion)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N],(affaire)[N])[N]
spionagecentrum	((((spion)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N],(centrum)[N])[N]
spionagedienst	((((spion)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
spionagegeschiedenis	((((spion)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
spionagenetwerk	((((spion)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N],((net)[N],(werk)[N])[N])[N]
spionageorganisatie	((((spion)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
spionagerapport	((((spion)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N],(rapport)[N])[N]
spionageroman	((((spion)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N],(roman)[N])[N]
spionagesatelliet	((((spion)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N],(satelliet)[N])[N]
spioneren	((spion)[N],(eer)[V|N.])[V]
spionne	((spion)[N],(e)[N|N.])[N]
spiraal	(spiraal)[N]
spiraalboor	((spiraal)[N],(boor)[N])[N]
spiraaldraad	((spiraal)[N],(draad)[N])[N]
spiraalgravure	((spiraal)[N],(gravure)[N])[N]
spiraallijn	((spiraal)[N],(lijn)[N])[N]
spiraalmatras	((spiraal)[N],(matras)[N])[N]
spiraalnevel	((spiraal)[N],(nevel)[N])[N]
spiraalpasser	((spiraal)[N],(passer)[N])[N]
spiraalsgewijs	((spiraal)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
spiraalveer	((spiraal)[N],(veer)[N])[N]
spiraalvormig	((spiraal)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
spiralen	(spiraal)[V]
spirantisch	((spirant)[N],(isch)[A|N.])[A]
spirantiseren	((spirant)[N],(iseer)[V|N.])[V]
spirea	(spirea)[N]
spirit	(spirit)[N]
spiritistisch	((spiritist)[N],(isch)[A|N.])[A]
spiritualistisch	((spiritualist)[N],(isch)[A|N.])[A]
spiritualiteit	(((spirit)[N],(ueel)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
spiritueel	((spirit)[N],(ueel)[A|N.])[A]
spiritus	(spiritus)[N]
spiritusbrander	((spiritus)[N],((brand)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
spiritusdrinker	((spiritus)[N],(drink)[V],(er)[N|NV.])[N]
spirituslamp	((spiritus)[N],(lamp)[N])[N]
spirituslichtje	((spiritus)[N],(licht)[N])[N]
spiritusstel	((spiritus)[N],(stel)[N])[N]
spiritusvlam	((spiritus)[N],(vlam)[N])[N]
spit	(spit)[N]
spits	(spits)[N]
spitsbaard	((spits)[A],(baard)[N])[N]
spitsbek	((spits)[A],(bek)[N])[N]
spitsboef	((spits)[A],(boef)[N])[N]
spitsboeventronie	(((spits)[A],(boef)[N])[N],(en)[N|N.N],(tronie)[N])[N]
spitsbogenstijl	(((spits)[A],(boog)[N])[N],(e)[N|N.N],(stijl)[N])[N]
spitsboog	((spits)[A],(boog)[N])[N]
spitsbroeder	((spits)[N],(broeder)[N])[N]
spitsen	(spits)[V]
spitsheid	((spits)[A],(heid)[N|A.])[N]
spitshond	((spits)[N],(hond)[N])[N]
spitsig	((spits)[N],(ig)[A|N.])[A]
spitskin	((spits)[A],(kin)[N])[N]
spitskool	((spits)[A],(kool)[N])[N]
spitsmuis	((spits)[A],(muis)[N])[N]
spitsneus	((spits)[A],(neus)[N])[N]
spitsroede	((spits)[A],(roede)[N])[N]
spitsspeler	((spits)[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
spitsuur	((spits)[N],(uur)[N])[N]
spitsverkeer	((spits)[N],(verkeer)[N])[N]
spitsvoet	((spits)[A],(voet)[N])[N]
spitsvondigheid	((spitsvondig)[A],(heid)[N|A.])[N]
spitten	(spit)[V]
spitter	((spit)[V],(er)[N|V.])[N]
spitvarken	((spit)[N],(varken)[N])[N]
spitvork	((spit)[N],(vork)[N])[N]
spitwerk	((spit)[V],(werk)[N])[N]
spleen	(spleen)[N]
spleet	(spleet)[N]
spleetbout	((spleet)[N],(bout)[N])[N]
spleetbreuk	((spleet)[N],(breuk)[N])[N]
spleetogig	((spleet)[N],(oog)[N],(ig)[A|NN.])[A]
spleetoog	((spleet)[N],(oog)[N])[N]
spleetsluiter	((spleet)[N],((sluit)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
spleetsnavelig	((spleet)[N],(snavel)[N],(ig)[A|NN.])[A]
spleettongigen	((spleet)[N],(tong)[N],(ig)[N|NN.x],(e)[N|NNx.])[N]
spleetvormig	((spleet)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
splijtbaar	((splijt)[V],(baar)[A|V.])[A]
splijten	(splijt)[V]
splijthout	((splijt)[V],(hout)[N])[N]
splijting	((splijt)[V],(ing)[N|V.])[N]
splijtingsproduct	(((splijt)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(product)[N])[N]
splijtproduct	((splijt)[V],(product)[N])[N]
splijtproef	((splijt)[V],(proef)[N])[N]
splijtrichting	((splijt)[V],((richt)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
splijtstaaf	((splijt)[V],(staaf)[N])[N]
splijtsteen	((splijt)[V],(steen)[N])[N]
splijtstof	((splijt)[V],(stof)[N])[N]
splijtstofcyclus	(((splijt)[V],(stof)[N])[N],(cyclus)[N])[N]
splijtstofelement	(((splijt)[V],(stof)[N])[N],(element)[N])[N]
splijtvlak	((splijt)[V],(vlak)[N])[N]
splijtzwam	((splijt)[V],(zwam)[N])[N]
splint	(splint)[N]
splinter	(splinter)[N]
splinterbom	((splinter)[N],(bom)[N])[N]
splinterbreuk	((splinter)[V],(breuk)[N])[N]
splinteren	(splinter)[V]
splintergroep	((splinter)[N],(groep)[N])[N]
splintergroepering	((splinter)[N],(((groep)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
splinterig	((splint)[N],(erig)[A|N.])[A]
splinternieuw	((splinter)[N],(nieuw)[A])[A]
splinterpartij	((splinter)[N],(partij)[N])[N]
splintertang	((splinter)[N],(tang)[N])[N]
splintervrij	((splinter)[N],(vrij)[A])[A]
split	(split)[N]
splitbout	((split)[N],(bout)[N])[N]
splitdoek	((split)[N],(doek)[N])[N]
spliterwt	((split)[V],(erwt)[N])[N]
splitgevaar	((split)[N],(gevaar)[N])[N]
splitpen	((split)[N],(pen)[N])[N]
splitring	((split)[N],(ring)[N])[N]
splitrok	((split)[N],(rok)[N])[N]
splits	(splits)[N]
splitsbaar	((splits)[V],(baar)[A|V.])[A]
splitsen	(splits)[V]
splitser	((splits)[V],(er)[N|V.])[N]
splitshamer	((splits)[V],(hamer)[N])[N]
splitsing	((splits)[V],(ing)[N|V.])[N]
splitsingsakte	(((splits)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(akte)[N])[N]
splitsring	((splits)[V],(ring)[N])[N]
splitstong	((splits)[V],(tong)[N])[N]
splitsvaantje	((splits)[V],(vaan)[N])[N]
splitten	(split)[V]
splitvrucht	((split)[V],(vrucht)[N])[N]
spoed	(spoed)[N]
spoedbehandeling	((spoed)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spoedbestelling	((spoed)[N],((bestel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spoedcursus	((spoed)[V],(cursus)[N])[N]
spoedeisend	((spoed)[N],(eis)[V],(end)[A|NV.])[A]
spoeden	(spoed)[V]
spoedgeval	((spoed)[N],(geval)[N])[N]
spoedig	((spoed)[N],(ig)[A|N.])[A]
spoedoperatie	((spoed)[N],((opereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
spoedstuk	((spoed)[N],(stuk)[N])[N]
spoedvergadering	((spoed)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spoedverlossing	((spoed)[N],(((ver)[V|.A],(los)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spoedzitting	((spoed)[N],((zit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spoel	(spoel)[N]
spoelbak	((spoel)[V],(bak)[N])[N]
spoeldrank	((spoel)[V],(drank)[N])[N]
spoelen	(spoel)[V]
spoeler	((spoel)[V],(er)[N|V.])[N]
spoelhok	((spoel)[V],(hok)[N])[N]
spoelhoorn	((spoel)[N],(hoorn)[N])[N]
spoelhoornslak	(((spoel)[N],(hoorn)[N])[N],(slak)[N])[N]
spoelhoren	((spoel)[N],(horen)[N])[N]
spoelhorenslak	(((spoel)[N],(horen)[N])[N],(slak)[N])[N]
spoeling	((spoel)[V],(ing)[N|V.])[N]
spoelingbak	(((spoel)[V],(ing)[N|V.])[N],(bak)[N])[N]
spoelingmok	(((spoel)[V],(ing)[N|V.])[N],(mok)[N])[N]
spoelingvee	(((spoel)[V],(ing)[N|V.])[N],(vee)[N])[N]
spoeljongen	((spoel)[V],(jongen)[N])[N]
spoelkant	((spoel)[N],(kant)[N])[N]
spoelkeuken	((spoel)[V],(keuken)[N])[N]
spoelkom	((spoel)[V],(kom)[N])[N]
spoelmachine	((spoel)[V],(machine)[N])[N]
spoelsel	((spoel)[V],(sel)[N|V.])[N]
spoelstelsel	((spoel)[V],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
spoelster	((spoel)[V],(ster)[N|V.])[N]
spoelvoet	((spoel)[V],(voet)[N])[N]
spoelvormig	((spoel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
spoelwater	((spoel)[V],(water)[N])[N]
spoelworm	((spoel)[V],(worm)[N])[N]
spoelworminfectie	(((spoel)[V],(worm)[N])[N],((infect)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
spoetnik	(spoetnik)[N]
spoetnikeffect	((spoetnik)[N],(effect)[N])[N]
spog	(spog)[N]
spoken	(spook)[V]
spokerig	((spook)[N],(erig)[A|N.])[A]
spokerij	((spook)[V],(erij)[N|V.])[N]
spoliatie	((spolieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
spon	(spon)[N]
spong	(spong)[N]
spongat	((spon)[N],(gat)[N])[N]
sponningschaaf	((sponning)[N],(schaaf)[N])[N]
spons	(spons)[N]
sponsachtig	((spons)[N],(achtig)[A|N.])[A]
sponsachtigheid	(((spons)[N],(achtig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
sponsdoos	((spons)[N],(doos)[N])[N]
sponsen	(spons)[V]
sponsendoos	((spons)[N],(e)[N|N.N],(doos)[N])[N]
sponsenduiker	((spons)[N],(en)[N|N.Vx],(duik)[V],(er)[N|NxV.])[N]
sponsennet	((spons)[N],(en)[N|N.N],(net)[N])[N]
sponsennetje	((spons)[N],(e)[N|N.N],(net)[N])[N]
sponsenvisser	((spons)[N],(en)[N|N.Vx],(vis)[V],(er)[N|NxV.])[N]
sponsenvisserij	((spons)[N],(en)[N|N.Vx],(vis)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
sponsenzakje	((spons)[N],(e)[N|N.N],(zak)[N])[N]
sponsig	((spons)[N],(ig)[A|N.])[A]
sponsijzer	((spons)[N],(ijzer)[N])[N]
sponskoraal	((spons)[N],(koraal)[N])[N]
sponsoring	((sponsor)[V],(ing)[N|V.])[N]
sponspenseel	((spons)[N],(penseel)[N])[N]
sponsrif	((spons)[N],(rif)[N])[N]
sponsrubber	((spons)[N],(rubber)[N])[N]
sponssteen	((spons)[N],(steen)[N])[N]
sponsvisser	((spons)[N],(vis)[V],(er)[N|NV.])[N]
sponsvisserij	((spons)[N],(vis)[V],(erij)[N|NV.])[N]
sponszakje	((spons)[N],(zak)[N])[N]
sponszwam	((spons)[N],(zwam)[N])[N]
spontaneïteit	((spontaan)[A],(eïteit)[N|A.])[N]
spontaniteit	((spontaan)[A],(iteit)[N|A.])[N]
sponturf	((spon)[N],(turf)[N])[N]
sponzen	(spons)[V]
sponzendoos	((spons)[N],(e)[N|N.N],(doos)[N])[N]
sponzenduiker	((spons)[N],(en)[N|N.Vx],(duik)[V],(er)[N|NxV.])[N]
sponzennet	((spons)[N],(en)[N|N.N],(net)[N])[N]
sponzennetje	((spons)[N],(e)[N|N.N],(net)[N])[N]
sponzenvisser	((spons)[N],(en)[N|N.Vx],(vis)[V],(er)[N|NxV.])[N]
sponzenvisserij	((spons)[N],(en)[N|N.Vx],(vis)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
sponzenzakje	((spons)[N],(e)[N|N.N],(zak)[N])[N]
sponzig	((spons)[N],(ig)[A|N.])[A]
spook	(spook)[N]
spookachtig	((spook)[N],(achtig)[A|N.])[A]
spookbeeld	((spook)[N],(beeld)[N])[N]
spookdier	((spook)[N],(dier)[N])[N]
spookgeest	((spook)[N],(geest)[N])[N]
spookgeschiedenis	((spook)[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
spookgestalte	((spook)[N],(gestalte)[N])[N]
spookhuis	((spook)[N],(huis)[N])[N]
spookkreeftje	((spook)[N],(kreeft)[N])[N]
spookoorlog	((spook)[N],(oorlog)[N])[N]
spookrijder	((spook)[N],((rijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
spookrijdster	((spook)[N],((rijd)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
spookschip	((spook)[N],(schip)[N])[N]
spooksel	((spook)[V],(sel)[N|V.])[N]
spooksprinkhaan	((spook)[V],(sprinkhaan)[N])[N]
spookstad	((spook)[V],(stad)[N])[N]
spooktekening	((spook)[V],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spookuur	((spook)[V],(uur)[N])[N]
spookverschijning	((spook)[N],((verschijn)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spookvliegtuig	((spook)[V],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
spookwoord	((spook)[N],(woord)[N])[N]
spoor	(spoor)[N]
spoorbaan	((spoor)[N],(baan)[N])[N]
spoorbalk	((spoor)[N],(balk)[N])[N]
spoorbeen	((spoor)[N],(been)[N])[N]
spoorbiels	((spoor)[N],(biel)[N])[N]
spoorbloem	((spoor)[N],(bloem)[N])[N]
spoorboekje	((spoor)[N],(boek)[N])[N]
spoorboom	((spoor)[N],(boom)[N])[N]
spoorboot	((spoor)[N],(boot)[N])[N]
spoorbreedte	((spoor)[N],((breed)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
spoorbrug	((spoor)[N],(brug)[N])[N]
spoordienst	((spoor)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
spoordijk	((spoor)[N],(dijk)[N])[N]
spoorelement	((spoor)[N],(element)[N])[N]
spoorfiets	((spoor)[N],(fiets)[N])[N]
spoorgors	((spoor)[N],(gors)[N])[N]
spoorkaartje	((spoor)[N],(kaart)[N])[N]
spoorkoekoek	((spoor)[N],(koekoek)[N])[N]
spoorkrans	((spoor)[N],(krans)[N])[N]
spoorlijn	((spoor)[N],(lijn)[N])[N]
spoorloos	((spoor)[N],(loos)[A|N.])[A]
spoorman	((spoor)[N],(man)[N])[N]
spoorrail	((spoor)[N],(rail)[N])[N]
spoorrat	((spoor)[N],(rat)[N])[N]
spoorrijtuig	((spoor)[N],((rijd)[V],(tuig)[N])[N])[N]
spoorslag	((spoor)[N],(slag)[N])[N]
spoorspant	((spoor)[N],(spant)[N])[N]
spoorspijker	((spoor)[N],(spijker)[N])[N]
spoorstaaf	((spoor)[N],(staaf)[N])[N]
spoorstang	((spoor)[V],(stang)[N])[N]
spoorstudent	((spoor)[N],((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
spoorteken	((spoor)[N],(teken)[N])[N]
spoortijd	((spoor)[N],(tijd)[N])[N]
spoortrein	((spoor)[N],(trein)[N])[N]
spoorvast	((spoor)[N],(vast)[A])[A]
spoorverbinding	((spoor)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spoorvorming	((spoor)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
spoorwachter	((spoor)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
spoorwagen	((spoor)[N],(wagen)[N])[N]
spoorweg	((spoor)[N],(weg)[N])[N]
spoorwegaandeel	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
spoorwegbeambte	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],(beambte)[N])[N]
spoorwegbedrijf	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],(bedrijf)[N])[N]
spoorwegbrug	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],(brug)[N])[N]
spoorwegdienst	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
spoorwegemplacement	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],(emplacement)[N])[N]
spoorwegingenieur	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],(ingenieur)[N])[N]
spoorwegknooppunt	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],((knoop)[N],(punt)[N])[N])[N]
spoorwegmaatschappij	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],(maatschappij)[N])[N]
spoorwegmagnaat	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],(magnaat)[N])[N]
spoorwegnet	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],(net)[N])[N]
spoorwegongeluk	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],((on)[N|.N],((ge)[N|.V],(luk)[V])[N])[N])[N]
spoorwegovergang	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],(overgang)[N])[N]
spoorwegpersoneel	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],(personeel)[N])[N]
spoorwegstaking	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],(staak)[V],(ing)[N|NV.])[N]
spoorwegstation	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],(station)[N])[N]
spoorwegtunnel	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],(tunnel)[N])[N]
spoorwegverkeer	((spoor)[N],((weg)[N],(verkeer)[N])[N])[N]
spoorwegvervoer	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],(vervoer)[N])[N]
spoorwegviaduct	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],(viaduct)[N])[N]
spoorwegwagon	(((spoor)[N],(weg)[N])[N],(wagon)[N])[N]
spoorwijdte	((spoor)[N],((wijd)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
spoorzoeken	((spoor)[N],(zoek)[V])[V]
spoorzoeker	((spoor)[N],(zoek)[V],(er)[N|NV.])[N]
spore	(spore)[N]
sporen	(spoor)[V]
sporenaar	((spoor)[N],(en)[N|N.N],(aar)[N])[N]
sporendiertje	((spore)[N],(dier)[N])[N]
sporendragend	((spore)[N],(en)[A|N.Vx],(draag)[V],(end)[A|NxV.])[A]
sporenelement	((spore)[N],(en)[N|N.N],(element)[N])[N]
sporenhouder	((spore)[N],(en)[N|N.Vx],(houd)[V],(er)[N|NxV.])[N]
sporenplant	((spore)[N],(plant)[N])[N]
sporenvrucht	((spore)[N],(en)[N|N.N],(vrucht)[N])[N]
sport	(sport)[N]
sportartikel	((sport)[V],(artikel)[N])[N]
sportarts	((sport)[N],(arts)[N])[N]
sportauto	((sport)[N],(auto)[N])[N]
sportbeoefenaar	((sport)[N],(((be)[V|.V],(oefen)[V])[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
sportbericht	((sport)[N],(bericht)[N])[N]
sportblad	((sport)[N],(blad)[N])[N]
sportblouse	((sport)[V],(blouse)[N])[N]
sportbond	((sport)[N],(bond)[N])[N]
sportbroek	((sport)[V],(broek)[N])[N]
sportclip	((sport)[N],(clip)[N])[N]
sportclub	((sport)[V],(club)[N])[N]
sportcommissaris	((sport)[N],(commissaris)[N])[N]
sportcomplex	((sport)[N],(complex)[N])[N]
sportdag	((sport)[V],(dag)[N])[N]
sporten	(sport)[V]
sporter	((sport)[V],(er)[N|V.])[N]
sportevenement	((sport)[N],(evenement)[N])[N]
sportfeest	((sport)[N],(feest)[N])[N]
sportfiets	((sport)[N],(fiets)[N])[N]
sportfondsenbad	((sport)[N],(fonds)[N],(en)[N|NN.N],(bad)[N])[N]
sportfoto	((sport)[N],(foto)[N])[N]
sportgebied	((sport)[N],(gebied)[N])[N]
sportgeneeskunde	((sport)[N],((genees)[V],(kunde)[N])[N])[N]
sporthal	((sport)[V],(hal)[N])[N]
sporthart	((sport)[V],(hart)[N])[N]
sporthemd	((sport)[V],(hemd)[N])[N]
sporthygiëne	((sport)[V],(hygiëne)[N])[N]
sportief	((sport)[N],(ief)[A|N.])[A]
sportieveling	(((sport)[N],(ief)[A|N.])[A],(eling)[N|A.])[N]
sportiviteit	(((sport)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
sportjournaal	((sport)[N],(journaal)[N])[N]
sportjournalist	((sport)[N],((journaal)[N],(ist)[N|N.])[N])[N]
sportkeuring	((sport)[N],((keur)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
sportkostuum	((sport)[V],(kostuum)[N])[N]
sportkous	((sport)[V],(kous)[N])[N]
sportkrant	((sport)[N],(krant)[N])[N]
sportleider	((sport)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
sportleidster	((sport)[N],(leid)[V],(ster)[N|NV.])[N]
sportliefhebber	((sport)[N],((lief)[A],(heb)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
sportlievend	((sport)[N],(lievend)[V])[A]
sportman	((sport)[V],(man)[N])[N]
sportmodel	((sport)[N],(model)[N])[N]
sportnieuws	((sport)[N],(nieuws)[N])[N]
sportpagina	((sport)[N],(pagina)[N])[N]
sportpak	((sport)[V],(pak)[N])[N]
sportpaleis	((sport)[N],(paleis)[N])[N]
sportpark	((sport)[V],(park)[N])[N]
sportprogramma	((sport)[N],(programma)[N])[N]
sportraad	((sport)[N],(raad)[N])[N]
sportredacteur	((sport)[N],(redacteur)[N])[N]
sportredactrice	((sport)[N],(redactrice)[N])[N]
sportrubriek	((sport)[N],(rubriek)[N])[N]
sportschoen	((sport)[V],(schoen)[N])[N]
sportschool	((sport)[V],(school)[N])[N]
sportsman	((sport)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N]
sportster	((sport)[V],(ster)[N|V.])[N]
sportstuur	((sport)[N],(stuur)[N])[N]
sporttas	((sport)[V],(tas)[N])[N]
sportterrein	((sport)[V],(terrein)[N])[N]
sportuitslagen	((sport)[N],((uit)[P],(slag)[N])[N])[N]
sportuitwisseling	((sport)[N],(((uit)[P],(wissel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
sportvedette	((sport)[N],(vedette)[N])[N]
sportveld	((sport)[V],(veld)[N])[N]
sportvelg	((sport)[N],(velg)[N])[N]
sportverdwazing	((sport)[N],(((ver)[V|.N],(dwaas)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
sportvereniging	((sport)[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
sportvissen	((sport)[N],(vis)[V])[V]
sportvlekken	((sport)[N],(vlek)[N])[N]
sportvlieger	((sport)[N],((vlieg)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
sportvliegster	((sport)[N],((vlieg)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
sportvliegtuig	((sport)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
sportvriend	((sport)[N],(vriend)[N])[N]
sportvriendin	(((sport)[N],(vriend)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
sportvrouw	((sport)[N],(vrouw)[N])[N]
sportwagen	((sport)[N],(wagen)[N])[N]
sportwedstrijd	((sport)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
sportwereld	((sport)[N],(wereld)[N])[N]
sportwol	((sport)[N],(wol)[N])[N]
sportzaak	((sport)[N],(zaak)[N])[N]
spot	(spot)[N]
spotachtig	((spot)[N],(achtig)[A|N.])[A]
spotbeeld	((spot)[V],(beeld)[N])[N]
spotblad	((spot)[V],(blad)[N])[N]
spotdicht	((spot)[V],(dicht)[N])[N]
spotgeest	((spot)[V],(geest)[N])[N]
spotgeld	((spot)[N],(geld)[N])[N]
spotgoedkoop	((spot)[N],(goedkoop)[A])[A]
spotheilige	((spot)[N],(heilige)[N])[N]
spotkoopje	((spot)[N],(koop)[N])[N]
spotlach	((spot)[V],(lach)[N])[N]
spotlachen	((spot)[V],(lach)[V])[V]
spotlijster	((spot)[V],(lijster)[N])[N]
spotlust	((spot)[V],(lust)[N])[N]
spotmarkt	((spot)[N],(markt)[N])[N]
spotmeeuw	((spot)[V],(meeuw)[N])[N]
spotmerel	((spot)[V],(merel)[N])[N]
spotnaam	((spot)[V],(naam)[N])[N]
spotprent	((spot)[V],(prent)[N])[N]
spotprijs	((spot)[N],(prijs)[N])[N]
spotschrift	((spot)[V],(schrift)[N])[N]
spotster	((spot)[V],(ster)[N|V.])[N]
spotten	(spot)[V]
spotter	((spot)[V],(er)[N|V.])[N]
spotternij	((spot)[N],(ernij)[N|N.])[N]
spotvogel	((spot)[N],(vogel)[N])[N]
spotziek	((spot)[V],(ziek)[A])[A]
spotzucht	((spot)[V],(zucht)[N])[N]
spouw	(spouw)[N]
spouwen	(spouw)[V]
spouwer	((spouw)[V],(er)[N|V.])[N]
spouwgang	((spouw)[N],(gang)[N])[N]
spouwing	((spouw)[V],(ing)[N|V.])[N]
spouwmuur	((spouw)[N],(muur)[N])[N]
spouwmuurisolatie	(((spouw)[N],(muur)[N])[N],(isoleer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
spraak	(spraak)[N]
spraakcentrum	((spraak)[N],(centrum)[N])[N]
spraakchip	((spraak)[N],(chip)[N])[N]
spraakfunctie	((spraak)[N],(functie)[N])[N]
spraakgebrek	((spraak)[N],(gebrek)[N])[N]
spraakgebrekkige	(((spraak)[N],(gebrek)[N])[N],(ig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
spraakgebruik	((spraak)[N],(gebruik)[N])[N]
spraakgeluid	((spraak)[N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
spraakherkenner	((spraak)[N],((her)[V|.V],(ken)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
spraakklank	((spraak)[N],(klank)[N])[N]
spraakkunst	((spraak)[N],(kunst)[N])[N]
spraakkunstig	(((spraak)[N],(kunst)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
spraakleer	((spraak)[N],(leer)[N])[N]
spraakleraar	((spraak)[N],(leraar)[N])[N]
spraaklerares	(((spraak)[N],(leraar)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
spraakmakend	((spraak)[N],(maak)[V],(end)[A|NV.])[A]
spraakmoeilijkheid	((spraak)[N],(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
spraakoefening	((spraak)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spraakontwikkeling	((spraak)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spraakorgaan	((spraak)[N],(orgaan)[N])[N]
spraakstoornis	((spraak)[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
spraaksynthesizer	((spraak)[N],(synthesizer)[N])[N]
spraaktechnologie	((spraak)[N],((technologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
spraakvaardigheid	((spraak)[N],((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
spraakvermogen	((spraak)[N],(vermogen)[N])[N]
spraakversneller	((spraak)[N],((ver)[V|.A],(snel)[A])[V],(er)[N|NV.])[N]
spraakvervormer	((spraak)[N],((ver)[V|.V],(vorm)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
spraakverwarring	((spraak)[N],((ver)[V|.V],(war)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
spraakwater	((spraak)[N],(water)[N])[N]
spraakwaterval	((spraak)[N],((water)[N],(val)[N])[N])[N]
spraakwending	((spraak)[N],(wend)[V],(ing)[N|NV.])[N]
spraakwerktuig	((spraak)[N],((werk)[V],(tuig)[N])[N])[N]
spraakzaamheid	((spraakzaam)[A],(heid)[N|A.])[N]
sprakeloos	((spraak)[N],(eloos)[A|N.])[A]
sprakeloosheid	(((spraak)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
sprang	(sprang)[N]
sprank	(sprank)[N]
sprankel	(sprankel)[N]
sprankelen	(sprankel)[V]
sprankeling	((sprank)[N],(eling)[N|N.])[N]
sprant	(sprant)[N]
spray	(spray)[N]
sprayen	(spray)[V]
spreekbeurt	((spreek)[V],(beurt)[N])[N]
spreekbeweging	((spreek)[V],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spreekbuis	((spreek)[V],(buis)[N])[N]
spreekcel	((spreek)[V],(cel)[N])[N]
spreekgedeelte	((spreek)[V],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
spreekgedrag	((spreek)[V],(gedrag)[N])[N]
spreekgestoelte	((spreek)[V],((ge)[N|.Nx],(stoel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
spreekhoorn	((spreek)[V],(hoorn)[N])[N]
spreekhoren	((spreek)[V],(horen)[N])[N]
spreekkamer	((spreek)[V],(kamer)[N])[N]
spreekkoor	((spreek)[V],(koor)[N])[N]
spreekles	((spreek)[V],(les)[N])[N]
spreekmaat	((spreek)[V],(maat)[N])[N]
spreekoefening	((spreek)[V],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
spreekorgaan	((spreek)[V],(orgaan)[N])[N]
spreekrecht	((spreek)[V],(recht)[N])[N]
spreeksituatie	((spreek)[V],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
spreeksnelheid	((spreek)[V],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
spreekstalmeester	((spreek)[V],((stal)[N],(meester)[N])[N])[N]
spreekstem	((spreek)[V],(stem)[N])[N]
spreekster	((spreek)[V],(ster)[N|V.])[N]
spreekstijl	((spreek)[V],(stijl)[N])[N]
spreektaal	((spreek)[V],(taal)[N])[N]
spreektempo	((spreek)[V],(tempo)[N])[N]
spreektijd	((spreek)[V],(tijd)[N])[N]
spreektrant	((spreek)[V],(trant)[N])[N]
spreektrompet	((spreek)[V],(trompet)[N])[N]
spreekuur	((spreek)[V],(uur)[N])[N]
spreekvaardigheid	((spreek)[V],((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
spreekverbod	((spreek)[V],(verbod)[N])[N]
spreekwijs	((spreek)[V],(wijs)[N])[N]
spreekwijze	((spreek)[V],(wijze)[N])[N]
spreekwoord	((spreek)[V],(woord)[N])[N]
spreekwoordelijk	(((spreek)[V],(woord)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
spreekwoordenboek	(((spreek)[V],(woord)[N])[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
spreekzaal	((spreek)[V],(zaal)[N])[N]
spreeuw	(spreeuw)[N]
spreeuwbes	((spreeuw)[N],(bes)[N])[N]
spreeuwbezie	((spreeuw)[N],(bezie)[N])[N]
spreeuwenbek	((spreeuw)[N],(e)[N|N.N],(bek)[N])[N]
spreeuwenei	((spreeuw)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
spreeuwennest	((spreeuw)[N],(e)[N|N.N],(nest)[N])[N]
spreeuwenpot	((spreeuw)[N],(e)[N|N.N],(pot)[N])[N]
spreeuwkop	((spreeuw)[N],(kop)[N])[N]
spreeuwschimmel	((spreeuw)[N],(schimmel)[N])[N]
sprei	(sprei)[N]
spreiden	(spreid)[V]
spreiding	((spreid)[V],(ing)[N|V.])[N]
spreidingsbedrijf	(((spreid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
spreidingsbeleid	(((spreid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
spreidingsbreedte	(((spreid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((breed)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
spreidlicht	((spreid)[V],(licht)[N])[N]
spreidloon	((spreid)[V],(loon)[N])[N]
spreidsel	((spreid)[V],(sel)[N|V.])[N]
spreidsprong	((spreid)[V],(sprong)[N])[N]
spreidstand	((spreid)[V],(stand)[N])[N]
spreidvoet	((spreid)[V],(voet)[N])[N]
spreidzit	((spreid)[V],(zit)[N])[N]
spreigroei	((sprei)[N],(groei)[N])[N]
spreikop	((sprei)[N],(kop)[N])[N]
spreilaag	((sprei)[N],(laag)[N])[N]
spreilat	((sprei)[N],(lat)[N])[N]
spreischol	((sprei)[N],(schol)[N])[N]
spreken	(spreek)[V]
spreker	((spreek)[V],(er)[N|V.])[N]
sprekerd	((spreek)[V],(erd)[N|V.])[N]
sprekerstalent	(((spreek)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(talent)[N])[N]
spreng	(spreng)[N]
sprengen	(spreng)[V]
sprengwater	((spreng)[N],(water)[N])[N]
sprenkel	(sprenkel)[N]
sprenkelen	(sprenkel)[V]
sprenkeling	((sprenkel)[V],(ing)[N|V.])[N]
sprenkelinstallatie	((sprenkel)[V],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
spreu	(spreu)[A]
spreuk	(spreuk)[N]
spreukachtig	((spreuk)[N],(achtig)[A|N.])[A]
spreukenboek	((spreuk)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
spreukrijk	((spreuk)[N],(rijk)[A])[A]
spriet	(spriet)[N]
sprietantenne	((spriet)[N],(antenne)[N])[N]
sprietelig	((sprietel)[N],(ig)[A|N.])[A]
sprieten	(spriet)[V]
sprietenplant	((spriet)[N],(en)[N|N.N],(plant)[N])[N]
sprietig	((spriet)[N],(ig)[A|N.])[A]
sprietlopen	((spriet)[N],(loop)[V])[V]
sprietmager	((spriet)[N],(mager)[A])[A]
sprietogen	((spriet)[N],(oog)[V])[V]
sprietsen	(spriets)[V]
sprietzeil	((spriet)[N],(zeil)[N])[N]
spring	(spring)[N]
springader	((spring)[V],(ader)[N])[N]
springbak	((spring)[V],(bak)[N])[N]
springbal	((spring)[N],(bal)[N])[N]
springbalk	((spring)[V],(balk)[N])[N]
springbalsamine	((spring)[V],(balsamine)[N])[N]
springbalsemien	((spring)[V],(balsemien)[N])[N]
springbok	((spring)[V],(bok)[N])[N]
springbox	((spring)[V],(box)[N])[N]
springbron	((spring)[V],(bron)[N])[N]
springbus	((spring)[V],(bus)[N])[N]
springconcours	((spring)[V],(concours)[N])[N]
springdraad	((spring)[V],(draad)[N])[N]
springeb	((spring)[V],(eb)[N])[N]
springebbe	((spring)[V],(ebbe)[N])[N]
springen	(spring)[V]
springer	((spring)[V],(er)[N|V.])[N]
springerig	((spring)[V],(erig)[A|V.])[A]
springfles	((spring)[V],(fles)[N])[N]
springgelatine	((spring)[V],(gelatine)[N])[N]
springhaas	((spring)[V],(haas)[N])[N]
springkers	((spring)[V],(kers)[N])[N]
springkever	((spring)[V],(kever)[N])[N]
springkikker	((spring)[V],(kikker)[N])[N]
springkolf	((spring)[V],(kolf)[N])[N]
springkomkommer	((spring)[V],(komkommer)[N])[N]
springkruid	((spring)[V],(kruid)[N])[N]
springlading	((spring)[V],((laad)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
springlat	((spring)[V],(lat)[N])[N]
springlevend	((spring)[V],(levend)[A])[A]
springmatras	((spring)[V],(matras)[N])[N]
springmeester	((spring)[V],(meester)[N])[N]
springmes	((spring)[V],(mes)[N])[N]
springmuis	((spring)[V],(muis)[N])[N]
springnet	((spring)[V],(net)[N])[N]
springoefening	((spring)[V],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
springpaard	((spring)[V],(paard)[N])[N]
springplank	((spring)[V],(plank)[N])[N]
springpoot	((spring)[N],(poot)[N])[N]
springraket	((spring)[V],(raket)[N])[N]
springriem	((spring)[V],(riem)[N])[N]
springruiter	((spring)[V],(ruiter)[N])[N]
springruiterij	((spring)[V],((ruiter)[N],(ij)[N|N.])[N])[N]
springschans	((spring)[V],(schans)[N])[N]
springscherm	((spring)[V],(scherm)[N])[N]
springschoen	((spring)[V],(schoen)[N])[N]
springslot	((spring)[V],(slot)[N])[N]
springspin	((spring)[V],(spin)[N])[N]
springstaart	((spring)[V],(staart)[N])[N]
springstal	((spring)[V],(stal)[N])[N]
springstof	((spring)[V],(stof)[N])[N]
springstok	((spring)[V],(stok)[N])[N]
springtafel	((spring)[V],(tafel)[N])[N]
springteugel	((spring)[V],(teugel)[N])[N]
springtij	((spring)[V],(tij)[N])[N]
springtor	((spring)[V],(tor)[N])[N]
springtoren	((spring)[V],(toren)[N])[N]
springtouw	((spring)[V],(touw)[N])[N]
springveer	((spring)[V],(veer)[N])[N]
springveren	(((spring)[V],(veer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
springversje	((spring)[V],(vers)[N])[N]
springvloed	((spring)[V],(vloed)[N])[N]
springvorm	((spring)[V],(vorm)[N])[N]
springvrucht	((spring)[V],(vrucht)[N])[N]
springvuur	((spring)[V],(vuur)[N])[N]
springwants	((spring)[V],(wants)[N])[N]
springworm	((spring)[V],(worm)[N])[N]
springzaad	((spring)[V],(zaad)[N])[N]
springzeil	((spring)[V],(zeil)[N])[N]
springzwam	((spring)[V],(zwam)[N])[N]
sprinkhaanrietzanger	((sprinkhaan)[N],((riet)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
sprinkhanenplaag	((sprinkhaan)[N],(en)[N|N.N],(plaag)[N])[N]
sprinklerinstallatie	((sprinkler)[N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
sprint	(sprint)[N]
sprinten	(sprint)[V]
sprinter	((sprint)[V],(er)[N|V.])[N]
sprintwedstrijd	((sprint)[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
sprit	(sprit)[N]
sprits	(sprits)[N]
spritsen	(sprits)[V]
sproei	(sproei)[N]
sproeiapparaat	((sproei)[V],(apparaat)[N])[N]
sproeidop	((sproei)[V],(dop)[N])[N]
sproeien	(sproei)[V]
sproeier	((sproei)[V],(er)[N|V.])[N]
sproeiflacon	((sproei)[V],(flacon)[N])[N]
sproeikanon	((sproei)[V],(kanon)[N])[N]
sproeikop	((sproei)[V],(kop)[N])[N]
sproeimachine	((sproei)[V],(machine)[N])[N]
sproeimiddel	((sproei)[V],(middel)[N])[N]
sproeipomp	((sproei)[V],(pomp)[N])[N]
sproeistof	((sproei)[V],(stof)[N])[N]
sproeivliegtuig	((sproei)[V],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
sproeiwagen	((sproei)[V],(wagen)[N])[N]
sproet	(sproet)[N]
sproeterig	((sproet)[N],(erig)[A|N.])[A]
sproetig	((sproet)[N],(ig)[A|N.])[A]
sprok	(sprok)[A]
sprokkel	(sprokkel)[N]
sprokkelaar	((sprokkel)[V],(aar)[N|V.])[N]
sprokkelaarster	(((sprokkel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
sprokkelen	(sprokkel)[V]
sprokkelhout	((sprokkel)[V],(hout)[N])[N]
sprokkeling	((sprokkel)[V],(ing)[N|V.])[N]
sprokkelmaand	((sprokkel)[N],(maand)[N])[N]
sprokkelworm	((sprokkel)[N],(worm)[N])[N]
sprong	(sprong)[N]
sprongbeen	((sprong)[N],(been)[N])[N]
spronggewricht	((sprong)[N],(gewricht)[N])[N]
sprongmutatie	((sprong)[N],((muteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
sprongsgewijs	((sprong)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
sprongsgewijze	((sprong)[N],(s)[A|N.x],(gewijze)[A|Nx.])[A]
sprongstuk	((sprong)[N],(stuk)[N])[N]
sprongvariatie	((sprong)[N],((varieer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
sprookje	(sprook)[N]
sprookjesachtig	((sprookje)[N],(s)[A|N.x],(achtig)[A|Nx.])[A]
sprookjesdichter	((sprookje)[N],(s)[N|N.Vx],(dicht)[V],(er)[N|NxV.])[N]
sprookjesfiguur	((sprookje)[N],(s)[N|N.N],(figuur)[N])[N]
sprookjeskasteel	((sprookje)[N],(s)[N|N.N],(kasteel)[N])[N]
sprookjesland	((sprookje)[N],(s)[N|N.N],(land)[N])[N]
sprookjespaleis	((sprookje)[N],(s)[N|N.N],(paleis)[N])[N]
sprookjesprins	((sprookje)[N],(s)[N|N.N],(prins)[N])[N]
sprookjesprinses	(((sprookje)[N],(s)[N|N.N],(prins)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
sprookjessfeer	((sprookje)[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
sprookjestoneel	((sprookje)[N],(s)[N|N.N],(toneel)[N])[N]
sprookjesverteller	((sprookje)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(tel)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
sprookjeswereld	((sprookje)[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
sprookspreker	((sprook)[N],((spreek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
sprot	(sprot)[N]
sprouw	(sprouw)[N]
spruit	(spruit)[N]
spruiten	(spruit)[V]
spruitjesgeur	((spruitjes)[N],(geur)[N])[N]
spruitkool	((spruit)[N],(kool)[N])[N]
spruitsel	((spruit)[V],(sel)[N|V.])[N]
spruitstuk	((spruit)[N],(stuk)[N])[N]
spruw	(spruw)[N]
spugen	(spuug)[V]
spui	(spui)[N]
spuidok	((spui)[N],(dok)[N])[N]
spuien	(spui)[V]
spuier	((spui)[V],(er)[N|V.])[N]
spuigat	((spui)[V],(gat)[N])[N]
spuiing	((spui)[V],(ing)[N|V.])[N]
spuikom	((spui)[V],(kom)[N])[N]
spuisluis	((spui)[V],(sluis)[N])[N]
spuit	(spuit)[N]
spuitbeton	((spuit)[V],(beton)[N])[N]
spuitboom	((spuit)[N],(boom)[N])[N]
spuitbus	((spuit)[V],(bus)[N])[N]
spuiten	(spuit)[V]
spuiter	((spuit)[V],(er)[N|V.])[N]
spuitfles	((spuit)[V],(fles)[N])[N]
spuitgast	((spuit)[V],(gast)[N])[N]
spuitgat	((spuit)[V],(gat)[N])[N]
spuitlak	((spuit)[V],(lak)[N])[N]
spuitmasker	((spuit)[V],(masker)[N])[N]
spuitmeester	((spuit)[V],(meester)[N])[N]
spuitmiddel	((spuit)[V],(middel)[N])[N]
spuitmond	((spuit)[V],(mond)[N])[N]
spuitpistool	((spuit)[V],(pistool)[N])[N]
spuitpoep	((spuit)[V],(poep)[N])[N]
spuitschuim	((spuit)[V],(schuim)[N])[N]
spuitslang	((spuit)[V],(slang)[N])[N]
spuitvis	((spuit)[V],(vis)[N])[N]
spuitvliegen	((spuit)[V],(vlieg)[V])[V]
spuitvliegtuig	((spuit)[V],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
spuitwater	((spuit)[V],(water)[N])[N]
spuitzak	((spuit)[V],(zak)[N])[N]
spuitzand	((spuit)[V],(zand)[N])[N]
spuiwater	((spui)[V],(water)[N])[N]
spul	(spul)[N]
spullenbaas	((spul)[N],(e)[N|N.N],(baas)[N])[N]
spurrieboter	((spurrie)[N],(boter)[N])[N]
spurt	(spurt)[N]
spurten	(spurt)[V]
sputteren	(sputter)[V]
spuug	(spuug)[N]
spuuglelijk	((spuug)[V],(lelijk)[A])[A]
spuuglok	((spuug)[V],(lok)[N])[N]
spuugsel	((spuug)[V],(sel)[N|V.])[N]
spuugzat	((spuug)[V],(zat)[A])[A]
spuwbak	((spuw)[V],(bak)[N])[N]
spuwdrank	((spuw)[V],(drank)[N])[N]
spuwen	(spuw)[V]
spuwer	((spuw)[V],(er)[N|V.])[N]
spuwsel	((spuw)[V],(sel)[N|V.])[N]
square	(square)[N]
squash	(squash)[N]
squashbaan	((squash)[N],(baan)[N])[N]
squaw	(squaw)[N]
sta-in-den-weg	((sta)[V],(in)[P],(den)[D],(weg)[N])[N]
staaf	(staaf)[N]
staafantenne	((staaf)[N],(antenne)[N])[N]
staafbacterie	((staaf)[N],(bacterie)[N])[N]
staafbatterij	((staaf)[N],(batterij)[N])[N]
staafdiagram	((staaf)[N],(diagram)[N])[N]
staafgoud	((staaf)[N],(goud)[N])[N]
staafgrafiek	((staaf)[N],((grafisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
staafijzer	((staaf)[N],(ijzer)[N])[N]
staaflantaarn	((staaf)[N],(lantaarn)[N])[N]
staaflantaren	((staaf)[N],(lantaren)[N])[N]
staafmagneet	((staaf)[N],(magneet)[N])[N]
staafvorm	((staaf)[N],(vorm)[N])[N]
staafvormig	(((staaf)[N],(vorm)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
staafzilver	((staaf)[N],(zilver)[N])[N]
staag	(staag)[A]
staak	(staak)[N]
staakboon	((staak)[N],(boon)[N])[N]
staaksgewijs	((staak)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
staakster	((staak)[V],(ster)[N|V.])[N]
staal	(staal)[N]
staalachtig	((staal)[N],(achtig)[A|N.])[A]
staalankerplaat	((staal)[N],(ankerplaat)[N])[N]
staalbeton	((staal)[N],(beton)[N])[N]
staalblauw	((staal)[N],(blauw)[N])[N]
staalblik	((staal)[N],(blik)[N])[N]
staalboek	((staal)[N],(boek)[N])[N]
staalboom	((staal)[N],(boom)[N])[N]
staalborstel	((staal)[N],(borstel)[N])[N]
staalbron	((staal)[N],(bron)[N])[N]
staalbrons	((staal)[N],(brons)[N])[N]
staalconstructie	((staal)[N],(constructie)[N])[N]
staaldraad	((staal)[N],(draad)[N])[N]
staaldraadkabel	(((staal)[N],(draad)[N])[N],(kabel)[N])[N]
staaldraadstrop	(((staal)[N],(draad)[N])[N],(strop)[N])[N]
staaldrank	((staal)[N],(drank)[N])[N]
staaldruppels	((staal)[N],(druppel)[N])[N]
staalerts	((staal)[N],(erts)[N])[N]
staalfundering	((staal)[N],((fundeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
staalgieterij	((staal)[N],(giet)[V],(erij)[N|NV.])[N]
staalgrauw	((staal)[N],(grauw)[A])[A]
staalgravure	((staal)[N],(gravure)[N])[N]
staalgrijs	((staal)[N],(grijs)[A])[A]
staalhard	((staal)[N],(hard)[A])[A]
staalijzer	((staal)[N],(ijzer)[N])[N]
staalkaart	((staal)[N],(kaart)[N])[N]
staalkabel	((staal)[N],(kabel)[N])[N]
staalkleurig	((staal)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
staalmeester	((staal)[N],(meester)[N])[N]
staalpil	((staal)[N],(pil)[N])[N]
staalplaat	((staal)[N],(plaat)[N])[N]
staalskelet	((staal)[N],(skelet)[N])[N]
staalsteen	((staal)[N],(steen)[N])[N]
staalstempeldruk	((staal)[N],(stempel)[N],(druk)[N])[N]
staaltinctuur	((staal)[N],(tinctuur)[N])[N]
staalvisserij	((staal)[N],(vis)[V],(erij)[N|NV.])[N]
staalwater	((staal)[N],(water)[N])[N]
staalwijn	((staal)[N],(wijn)[N])[N]
staalwol	((staal)[N],(wol)[N])[N]
staan	(sta)[V]
staander	((sta)[V],(der)[N|V.])[N]
staanderbouw	(((sta)[V],(der)[N|V.])[N],(bouw)[N])[N]
staangeld	((sta)[V],(geld)[N])[N]
staanijzer	((sta)[V],(ijzer)[N])[N]
staanplaats	((sta)[V],(plaats)[N])[N]
staar	(staar)[N]
staarsteek	((staar)[N],(steek)[N])[N]
staart	(staart)[N]
staartbalk	((staart)[N],(balk)[N])[N]
staartbeen	((staart)[N],(been)[N])[N]
staartbijten	((staart)[N],(bijt)[V])[V]
staartcactus	((staart)[N],(cactus)[N])[N]
staartdeling	((staart)[N],((deel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
staartdraad	((staart)[N],(draad)[N])[N]
staartgeboorte	((staart)[N],(geboorte)[N])[N]
staartgedeelte	((staart)[N],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
staartgrassen	((staart)[N],(gras)[N])[N]
staartgroef	((staart)[N],(groef)[N])[N]
staarthamer	((staart)[N],(hamer)[N])[N]
staarthengsel	((staart)[N],(hengsel)[N])[N]
staartklok	((staart)[N],(klok)[N])[N]
staartlastig	((staart)[N],(last)[N],(ig)[A|NN.])[A]
staartlengte	((staart)[N],(lengte)[N])[N]
staartletter	((staart)[N],(letter)[N])[N]
staartlicht	((staart)[N],(licht)[N])[N]
staartloos	((staart)[N],(loos)[A|N.])[A]
staartmees	((staart)[N],(mees)[N])[N]
staartmens	((staart)[N],(mens)[N])[N]
staartmolen	((staart)[N],(molen)[N])[N]
staartnoot	((staart)[N],(noot)[N])[N]
staartnummer	((staart)[N],(nummer)[N])[N]
staartpagina	((staart)[N],(pagina)[N])[N]
staartparachute	((staart)[N],(parachute)[N])[N]
staartpen	((staart)[N],(pen)[N])[N]
staartpeper	((staart)[N],(peper)[N])[N]
staartpiano	((staart)[N],(piano)[N])[N]
staartpruik	((staart)[N],(pruik)[N])[N]
staartriem	((staart)[N],(riem)[N])[N]
staartrotor	((staart)[N],(rotor)[N])[N]
staartschudden	((staart)[N],(schud)[V])[V]
staartsonnet	((staart)[N],(sonnet)[N])[N]
staartster	((staart)[N],(ster)[N])[N]
staartsteun	((staart)[N],(steun)[N])[N]
staartstuk	((staart)[N],(stuk)[N])[N]
staarttalie	((staart)[N],(talie)[N])[N]
staartuiteinde	((staart)[N],((uit)[P],(einde)[N])[N])[N]
staartveder	((staart)[N],(veder)[N])[N]
staartveer	((staart)[N],(veer)[N])[N]
staartvin	((staart)[N],(vin)[N])[N]
staartvlak	((staart)[N],(vlak)[N])[N]
staartvoeters	((staart)[N],(voet)[N],(er)[N|NN.])[N]
staartwervel	((staart)[N],(wervel)[N])[N]
staartwortel	((staart)[N],(wortel)[N])[N]
staartzitter	((staart)[N],(zit)[V],(er)[N|NV.])[N]
staat	(staat)[N]
staathuishoudkunde	((staat)[N],(((huis)[N],(houd)[V])[V],(kunde)[N])[N])[N]
staathuishoudkundig	(((staat)[N],(((huis)[N],(houd)[V])[V],(kunde)[N])[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
staatkunde	((staat)[N],(kunde)[N])[N]
staatkundig	(((staat)[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
staatloos	((staat)[N],(loos)[A|N.])[A]
staats	((staat)[N],(s)[A|N.])[A]
staatsaangelegenheid	((staat)[N],(s)[N|N.N],((aangelegen)[V],(heid)[N|V.])[N])[N]
staatsaanklager	((staat)[N],(s)[N|N.N],(((aan)[P],(klaag)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
staatsalmanak	((staat)[N],(s)[N|N.N],(almanak)[N])[N]
staatsambt	((staat)[N],(s)[N|N.N],(ambt)[N])[N]
staatsambtenaar	((staat)[N],(s)[N|N.N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
staatsapparaat	((staat)[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
staatsbalans	((staat)[N],(s)[N|N.N],(balans)[N])[N]
staatsbank	((staat)[N],(s)[N|N.N],(bank)[N])[N]
staatsbankroet	((staat)[N],(s)[N|N.N],(bankroet)[N])[N]
staatsbeambte	((staat)[N],(s)[N|N.N],(beambte)[N])[N]
staatsbediende	((staat)[N],(s)[N|N.N],(bediende)[N])[N]
staatsbediening	((staat)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
staatsbedrijf	((staat)[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
staatsbegrafenis	((staat)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(graaf)[V])[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
staatsbegrip	((staat)[N],(s)[N|N.N],(begrip)[N])[N]
staatsbegroting	((staat)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
staatsbelang	((staat)[N],(s)[N|N.N],(belang)[N])[N]
staatsbeleid	((staat)[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
staatsbemoeienis	((staat)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(moei)[V])[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
staatsbemoeiing	((staat)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(moei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
staatsbestel	((staat)[N],(s)[N|N.N],(bestel)[N])[N]
staatsbestuur	((staat)[N],(s)[N|N.N],(bestuur)[N])[N]
staatsbetrekking	((staat)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
staatsbewind	((staat)[N],(s)[N|N.N],(bewind)[N])[N]
staatsbezoek	((staat)[N],(s)[N|N.N],(bezoek)[N])[N]
staatsblad	((staat)[N],(s)[N|N.N],(blad)[N])[N]
staatsbosbeheer	((staat)[N],(s)[N|N.N],((bos)[N],(beheer)[N])[N])[N]
staatsburger	((staat)[N],(s)[N|N.N],(burger)[N])[N]
staatsburgerlijk	(((staat)[N],(s)[N|N.N],(burger)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A]
staatsburgerschap	(((staat)[N],(s)[N|N.N],(burger)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
staatscommissie	((staat)[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
staatscontrole	((staat)[N],(s)[N|N.N],(controle)[N])[N]
staatsdienaar	((staat)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
staatsdienst	((staat)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
staatsdomein	((staat)[N],(s)[N|N.N],(domein)[N])[N]
staatseigendom	((staat)[N],(s)[N|N.N],(eigendom)[N])[N]
staatseigendom	((staat)[N],(s)[N|N.N],((eigen)[N],(dom)[N|N.])[N])[N]
staatsexamen	((staat)[N],(s)[N|N.N],(examen)[N])[N]
staatsfonds	((staat)[N],(s)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
staatsfoto	((staat)[N],(s)[N|N.N],(foto)[N])[N]
staatsgarantie	((staat)[N],(s)[N|N.N],((garant)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
staatsgeheim	((staat)[N],(s)[N|N.N],(geheim)[N])[N]
staatsgevaarlijk	((staat)[N],(s)[A|N.A],((gevaar)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
staatsgevangene	((staat)[N],(s)[N|N.N],(gevangene)[N])[N]
staatsgezag	((staat)[N],(s)[N|N.N],(gezag)[N])[N]
staatsgezind	((staat)[N],(s)[A|N.A],(gezind)[A])[A]
staatsgodsdienst	((staat)[N],(s)[N|N.N],((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
staatsgreep	((staat)[N],(s)[N|N.N],(greep)[N])[N]
staatshoofd	((staat)[N],(s)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
staatshuishouding	((staat)[N],(s)[N|N.N],(((huis)[N],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
staatsiebezoek	((staatsie)[N],(bezoek)[N])[N]
staatsiedegen	((staatsie)[N],(degen)[N])[N]
staatsiefoto	((staatsie)[N],(foto)[N])[N]
staatsiegewaad	((staatsie)[N],(gewaad)[N])[N]
staatsiekleed	((staatsie)[N],(kleed)[N])[N]
staatsiekoets	((staatsie)[N],(koets)[N])[N]
staatsiemantel	((staatsie)[N],(mantel)[N])[N]
staatsieportret	((staatsie)[N],(portret)[N])[N]
staatsierok	((staatsie)[N],(rok)[N])[N]
staatsiezaal	((staatsie)[N],(zaal)[N])[N]
staatsinkomsten	((staat)[N],(s)[N|N.N],(((in)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
staatsinmenging	((staat)[N],(s)[N|N.N],(((in)[P],(meng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
staatsinrichting	((staat)[N],(s)[N|N.N],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
staatsinstelling	((staat)[N],(s)[N|N.N],(((in)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
staatskapitalisme	((staat)[N],(s)[N|N.N],(kapitalisme)[N])[N]
staatskas	((staat)[N],(s)[N|N.N],(kas)[N])[N]
staatskerk	((staat)[N],(s)[N|N.N],(kerk)[N])[N]
staatskosten	((staat)[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
staatsleer	((staat)[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
staatslening	((staat)[N],(s)[N|N.N],((leen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
staatslichaam	((staat)[N],(s)[N|N.N],(lichaam)[N])[N]
staatsloterij	(((staat)[N],(s)[A|N.])[A],((loot)[V],(erij)[N|V.])[N])[N]
staatsmacht	((staat)[N],(s)[N|N.N],(macht)[N])[N]
staatsman	((staat)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N]
staatsmanskunst	(((staat)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
staatsmijn	((staat)[N],(s)[N|N.N],(mijn)[N])[N]
staatsminister	((staat)[N],(s)[N|N.N],(minister)[N])[N]
staatsmisdaad	((staat)[N],(s)[N|N.N],((mis)[A],(daad)[N])[N])[N]
staatsmolest	((staat)[N],(s)[N|N.N],(molest)[N])[N]
staatsmonopolie	((staat)[N],(s)[N|N.N],(monopolie)[N])[N]
staatsnoodrecht	((staat)[N],(s)[N|N.N],((nood)[N],(recht)[N])[N])[N]
staatsomwenteling	((staat)[N],(s)[N|N.N],(((om)[P],(wentel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
staatsorde	((staat)[N],(s)[N|N.N],(orde)[N])[N]
staatsorgaan	((staat)[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
staatspapier	((staat)[N],(s)[N|N.N],(papier)[N])[N]
staatspartij	((staat)[N],(s)[N|N.N],(partij)[N])[N]
staatspensioen	((staat)[N],(s)[N|N.N],(pensioen)[N])[N]
staatspraktijkdiploma	((staat)[N],(s)[N|N.N],((praktijk)[N],(diploma)[N])[N])[N]
staatsprijs	((staat)[N],(s)[N|N.N],(prijs)[N])[N]
staatsraad	((staat)[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
staatsraison	((staat)[N],(s)[N|N.N],(raison)[N])[N]
staatsrecht	((staat)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
staatsrechtelijk	(((staat)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
staatsrechtgeleerde	(((staat)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N],(geleerde)[N])[N]
staatsregeling	((staat)[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
staatsrente	((staat)[N],(s)[N|N.N],(rente)[N])[N]
staatsruif	((staat)[N],(s)[N|N.N],(ruif)[N])[N]
staatsschuld	((staat)[N],(s)[N|N.N],(schuld)[N])[N]
staatsschuldboekje	(((staat)[N],(s)[N|N.N],(schuld)[N])[N],(boek)[N])[N]
staatssecretaris	((staat)[N],(s)[N|N.N],(secretaris)[N])[N]
staatssocialisme	((staat)[N],(s)[N|N.N],(socialisme)[N])[N]
staatssoevereiniteit	((staat)[N],(s)[N|N.N],((soeverein)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
staatsspoorweg	((staat)[N],(s)[N|N.N],((spoor)[N],(weg)[N])[N])[N]
staatsstuk	((staat)[N],(s)[N|N.N],(stuk)[N])[N]
staatstaak	((staat)[N],(s)[N|N.N],(taak)[N])[N]
staatstoezicht	((staat)[N],(s)[N|N.N],((toe)[B],(zicht)[N])[N])[N]
staatsvijand	((staat)[N],(s)[N|N.N],(vijand)[N])[N]
staatsvoogdij	((staat)[N],(s)[N|N.N],((voogd)[N],(ij)[N|N.])[N])[N]
staatsvorm	((staat)[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
staatswetenschap	((staat)[N],(s)[N|N.N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
staatszaak	((staat)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
staatszorg	((staat)[N],(s)[N|N.N],(zorg)[N])[N]
stabilisatie	(((stabiel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
stabilisatievlak	((((stabiel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(vlak)[N])[N]
stabilisator	(((stabiel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ator)[N|V.])[N]
stabiliseren	((stabiel)[A],(iseer)[V|A.])[V]
stabilisering	(((stabiel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
stabiliteit	((stabiel)[A],(biliteit)[N|A.])[N]
stacaravan	((sta)[V],(caravan)[N])[N]
staccato	(staccato)[X]
stad	(stad)[N]
stadbewoner	((stad)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
stadbewoonster	((stad)[N],(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
stadboek	((stad)[N],(boek)[N])[N]
stadgenoot	((stad)[N],(genoot)[N])[N]
stadgenote	(((stad)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
stadhouder	((stad)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
stadhouderlijk	(((stad)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N],(lijk)[A|N.])[A]
stadhouderloos	(((stad)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N],(loos)[A|N.])[A]
stadhouderschap	(((stad)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N],(schap)[N|N.])[N]
stadhoudersgezind	(((stad)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[A|N.A],(gezind)[A])[A]
stadhuis	((stad)[N],(huis)[N])[N]
stadhuisachtig	(((stad)[N],(huis)[N])[N],(achtig)[A|N.])[A]
stadhuisbode	(((stad)[N],(huis)[N])[N],(bode)[N])[N]
stadhuisklerk	(((stad)[N],(huis)[N])[N],(klerk)[N])[N]
stadhuisstijl	(((stad)[N],(huis)[N])[N],(stijl)[N])[N]
stadhuistaal	(((stad)[N],(huis)[N])[N],(taal)[N])[N]
stadhuisterm	(((stad)[N],(huis)[N])[N],(term)[N])[N]
stadhuiswoord	(((stad)[N],(huis)[N])[N],(woord)[N])[N]
stadion	(stadion)[N]
stadium	(stadium)[N]
stads	((stad)[N],(s)[A|N.])[A]
stadsaanleg	((stad)[N],(s)[N|N.N],(aanleg)[N])[N]
stadsadvocaat	((stad)[N],(s)[N|N.N],(advocaat)[N])[N]
stadsapotheek	((stad)[N],(s)[N|N.N],(apotheek)[N])[N]
stadsarchitect	((stad)[N],(s)[N|N.N],(architect)[N])[N]
stadsbeeld	((stad)[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
stadsbeschrijving	((stad)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
stadsbestuur	((stad)[N],(s)[N|N.N],(bestuur)[N])[N]
stadsbewoner	((stad)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
stadsbibliotheek	((stad)[N],(s)[N|N.N],(bibliotheek)[N])[N]
stadsbode	((stad)[N],(s)[N|N.N],(bode)[N])[N]
stadsbus	((stad)[N],(s)[N|N.N],(bus)[N])[N]
stadscultuur	((stad)[N],(s)[N|N.N],(cultuur)[N])[N]
stadsdeel	((stad)[N],(s)[N|N.N],(deel)[N])[N]
stadsdeelcentrum	(((stad)[N],(s)[N|N.N],(deel)[N])[N],(centrum)[N])[N]
stadsdienst	((stad)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
stadsdokter	((stad)[N],(s)[N|N.N],(dokter)[N])[N]
stadsduif	((stad)[N],(s)[N|N.N],(duif)[N])[N]
stadsgemeente	((stad)[N],(s)[N|N.N],(gemeente)[N])[N]
stadsgenoot	((stad)[N],(s)[N|N.N],(genoot)[N])[N]
stadsgenote	(((stad)[N],(s)[N|N.N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
stadsgesprek	((stad)[N],(s)[N|N.N],(gesprek)[N])[N]
stadsgewest	((stad)[N],(s)[N|N.N],(gewest)[N])[N]
stadsgewoel	((stad)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(woel)[V])[N])[N]
stadsgezicht	((stad)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
stadsgids	((stad)[N],(s)[N|N.N],(gids)[N])[N]
stadsgracht	((stad)[N],(s)[N|N.N],(gracht)[N])[N]
stadsgrond	((stad)[N],(s)[N|N.N],(grond)[N])[N]
stadsguerrilla	((stad)[N],(s)[N|N.N],(guerrilla)[N])[N]
stadsherstel	((stad)[N],(s)[N|N.N],(herstel)[N])[N]
stadsjeugd	((stad)[N],(s)[N|N.N],(jeugd)[N])[N]
stadskern	((stad)[N],(s)[N|N.N],(kern)[N])[N]
stadskind	((stad)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
stadskleuren	((stad)[N],(s)[N|N.N],(kleur)[N])[N]
stadskosten	((stad)[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
stadsleven	((stad)[N],(s)[N|N.N],(leven)[N])[N]
stadslicht	((stad)[N],(s)[N|N.N],(licht)[N])[N]
stadslucht	((stad)[N],(s)[N|N.N],(lucht)[N])[N]
stadsmens	((stad)[N],(s)[N|N.N],(mens)[N])[N]
stadsmuur	((stad)[N],(s)[N|N.N],(muur)[N])[N]
stadsnieuws	((stad)[N],(s)[N|N.N],(nieuws)[N])[N]
stadsontvanger	((stad)[N],(s)[N|N.N],((ontvang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
stadspark	((stad)[N],(s)[N|N.N],(park)[N])[N]
stadsplan	((stad)[N],(s)[N|N.N],(plan)[N])[N]
stadsplanning	((stad)[N],(s)[N|N.N],((plan)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stadspoort	((stad)[N],(s)[N|N.N],(poort)[N])[N]
stadsrecht	((stad)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
stadsreiniging	((stad)[N],(s)[N|N.Vx],(reinig)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
stadsreinigingsdienst	((stad)[N],(s)[N|N.N],(((reinig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
stadsrit	((stad)[N],(s)[N|N.N],(rit)[N])[N]
stadssanering	((stad)[N],(s)[N|N.Vx],(saneer)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
stadsschool	((stad)[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
stadsschouwburg	((stad)[N],(s)[N|N.N],(schouwburg)[N])[N]
stadstaat	((stad)[N],(staat)[N])[N]
stadstelegram	((stad)[N],(s)[N|N.N],(telegram)[N])[N]
stadstimmerhuis	((stad)[N],(s)[N|N.VN],(timmer)[V],(huis)[N])[N]
stadstimmerwerf	((stad)[N],(s)[N|N.N],((timmer)[V],(werf)[N])[N])[N]
stadstram	((stad)[N],(s)[N|N.N],(tram)[N])[N]
stadsverkeer	((stad)[N],(s)[N|N.N],(verkeer)[N])[N]
stadsvernieuwing	((stad)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(nieuw)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
stadsvernieuwingsbeleid	(((stad)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(nieuw)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
stadsvervoer	((stad)[N],(s)[N|N.N],(vervoer)[N])[N]
stadsverwarming	((stad)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stadsvoogd	((stad)[N],(s)[N|N.N],(voogd)[N])[N]
stadsvrijheid	((stad)[N],(s)[N|N.N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
stadswaag	((stad)[N],(s)[N|N.N],(waag)[N])[N]
stadswacht	((stad)[N],(s)[N|N.N],(wacht)[N])[N]
stadswal	((stad)[N],(s)[N|N.N],(wal)[N])[N]
stadswapen	((stad)[N],(s)[N|N.N],(wapen)[N])[N]
stadswerkman	((stad)[N],(s)[N|N.N],((werk)[V],(man)[N])[N])[N]
stadswijk	((stad)[N],(s)[N|N.N],(wijk)[N])[N]
stadszegel	((stad)[N],(s)[N|N.N],(zegel)[N])[N]
stadszending	((stad)[N],(s)[N|N.N],((zend)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stadvoogd	((stad)[N],(voogd)[N])[N]
staf	(staf)[N]
stafauto	((staf)[N],(auto)[N])[N]
stafbespreking	((staf)[N],(((be)[V|.V],(spreek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stafbureau	((staf)[N],(bureau)[N])[N]
stafchef	((staf)[N],(chef)[N])[N]
stafdienst	((staf)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
stafdocent	((staf)[N],((doceer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
stafdrager	((staf)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
staffelmethode	((staffel)[V],(methode)[N])[N]
staffelvorm	((staffel)[V],(vorm)[N])[N]
staffunctie	((staf)[N],(functie)[N])[N]
staffunctionaris	((staf)[N],(functionaris)[N])[N]
stafgebouw	((staf)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
stafhouder	((staf)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
stafijzer	((staf)[N],(ijzer)[N])[N]
stafkaart	((staf)[N],(kaart)[N])[N]
staflid	((staf)[N],(lid)[N])[N]
stafmuziek	((staf)[N],(muziek)[N])[N]
stafofficier	((staf)[N],(officier)[N])[N]
staforgaan	((staf)[N],(orgaan)[N])[N]
staforganisatie	((staf)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
stafrijm	((staf)[N],(rijm)[N])[N]
stafvergadering	((staf)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stafwerk	((staf)[N],(werk)[N])[N]
stafwerkzaamheid	((staf)[N],(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
stag	(stag)[N]
stage	(stage)[N]
stagebegeleiding	((stage)[N],((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
stagegeld	((stage)[N],(geld)[N])[N]
stageld	((sta)[V],(geld)[N])[N]
stagen	(staag)[V]
stageperiode	((stage)[N],(periode)[N])[N]
stageplaats	((stage)[N],(plaats)[N])[N]
stagerapport	((stage)[N],(rapport)[N])[N]
stageren	((stag)[N],(eer)[V|N.])[V]
stagering	(((stag)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
stagevergoeding	((stage)[N],((ver)[V|.A],(goed)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
stagfok	((stag)[N],(fok)[N])[N]
stagiaire	((stagiair)[N],(e)[N|N.])[N]
stagnatie	((stagneer)[V],(atie)[N|V.])[N]
stagnatieverschijnsel	(((stagneer)[V],(atie)[N|V.])[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
stagzeil	((stag)[N],(zeil)[N])[N]
stahoogte	((sta)[V],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
stakellicht	((stakel)[V],(licht)[N])[N]
stakelvuur	((stakel)[V],(vuur)[N])[N]
staken	(staak)[V]
staker	((staak)[V],(er)[N|V.])[N]
stakersbetoging	(((staak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((betoog)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stakerspost	(((staak)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(post)[N])[N]
staketsel	((staket)[N],(sel)[N|N.])[N]
staketwerk	((staket)[N],(werk)[N])[N]
staking	((staak)[V],(ing)[N|V.])[N]
stakingbreker	(((staak)[V],(ing)[N|V.])[N],(breek)[V],(er)[N|NV.])[N]
stakingsactie	(((staak)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
stakingsdag	(((staak)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
stakingsfonds	(((staak)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
stakingskas	(((staak)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kas)[N])[N]
stakingsoproep	(((staak)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((op)[P],(roep)[N])[N])[N]
stakingsrecht	(((staak)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
stakingsverbod	(((staak)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(verbod)[N])[N]
stakingswacht	(((staak)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wacht)[N])[N]
stakingswet	(((staak)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
stakker	(stakker)[N]
stal	(stal)[N]
stalbeest	((stal)[V],(beest)[N])[N]
stalbezem	((stal)[N],(bezem)[N])[N]
stalboom	((stal)[N],(boom)[N])[N]
stalboter	((stal)[N],(boter)[N])[N]
staldeur	((stal)[N],(deur)[N])[N]
staldienst	((stal)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
stalen	((staal)[N],(en)[A|N.])[A]
stalen	(staal)[V]
stalenboek	(((staal)[N],(en)[A|N.])[A],(boek)[N])[N]
stalgeld	((stal)[V],(geld)[N])[N]
stalgreep	((stal)[N],(greep)[N])[N]
stalhouder	((stal)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
stalhouderij	((stal)[N],(houd)[V],(erij)[N|NV.])[N]
stalhoudster	((stal)[N],(houd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
stalhout	((stal)[N],(hout)[N])[N]
staling	((staal)[V],(ing)[N|V.])[N]
stalinistisch	((stalinist)[N],(isch)[A|N.])[A]
staljongen	((stal)[N],(jongen)[N])[N]
stalkaars	((stal)[N],(kaars)[N])[N]
stalknecht	((stal)[N],(knecht)[N])[N]
stalkruid	((stal)[V],(kruid)[N])[N]
stallantaarn	((stal)[N],(lantaarn)[N])[N]
stallantaren	((stal)[N],(lantaren)[N])[N]
stallen	(stal)[V]
stallicht	((stal)[V],(licht)[N])[N]
stalling	((stal)[V],(ing)[N|V.])[N]
stallinggarage	(((stal)[V],(ing)[N|V.])[N],(garage)[N])[N]
stallucht	((stal)[N],(lucht)[N])[N]
stalmeester	((stal)[N],(meester)[N])[N]
stalmest	((stal)[N],(mest)[N])[N]
stalnet	((stal)[V],(net)[N])[N]
stalpaal	((stal)[N],(paal)[N])[N]
stalvee	((stal)[V],(vee)[N])[N]
stalvoeder	((stal)[N],(voeder)[N])[N]
stalvoer	((stal)[N],(voer)[N])[N]
stalziek	((stal)[N],(ziek)[A])[A]
stam	(stam)[N]
stamakkoord	((stam)[N],(akkoord)[N])[N]
stamanalyse	((stam)[N],(analyse)[N])[N]
stambelang	((stam)[N],(belang)[N])[N]
stambewustzijn	((stam)[N],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
stamboek	((stam)[N],(boek)[N])[N]
stamboekdier	(((stam)[N],(boek)[N])[N],(dier)[N])[N]
stamboekhengst	(((stam)[N],(boek)[N])[N],(hengst)[N])[N]
stamboekmerrie	(((stam)[N],(boek)[N])[N],(merrie)[N])[N]
stamboeknummer	(((stam)[N],(boek)[N])[N],(nummer)[N])[N]
stamboekvee	(((stam)[N],(boek)[N])[N],(vee)[N])[N]
stamboom	((stam)[N],(boom)[N])[N]
stamboon	((stam)[N],(boon)[N])[N]
stambreuk	((stam)[N],(breuk)[N])[N]
stambroeder	((stam)[N],(broeder)[N])[N]
stamcafé	((stam)[N],(café)[N])[N]
stamelaar	((stamel)[V],(aar)[N|V.])[N]
stamelaarster	(((stamel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
stamelen	(stamel)[V]
stameltaal	((stamel)[V],(taal)[N])[N]
stamgast	((stam)[N],(gast)[N])[N]
stamgebied	((stam)[N],(gebied)[N])[N]
stamgenoot	((stam)[N],(genoot)[N])[N]
stamgenote	(((stam)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
stamgoed	((stam)[N],(goed)[N])[N]
stamgrondvlak	((stam)[N],((grond)[N],(vlak)[N])[N])[N]
stamhoofd	((stam)[N],(hoofd)[N])[N]
stamhouder	((stam)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
stamhout	((stam)[N],(hout)[N])[N]
stamhuis	((stam)[N],(huis)[N])[N]
stamhut	((stam)[N],(hut)[N])[N]
stamijn	(stamijn)[N]
stamijnen	((stamijn)[N],(en)[A|N.])[A]
staminee	(staminee)[N]
stamkaart	((stam)[N],(kaart)[N])[N]
stamkapitaal	((stam)[N],(kapitaal)[N])[N]
stamkroeg	((stam)[N],(kroeg)[N])[N]
stamkruising	((stam)[N],(kruis)[V],(ing)[N|NV.])[N]
stamland	((stam)[N],(land)[N])[N]
stammen	(stam)[V]
stammenoorlog	((stam)[N],(en)[N|N.N],(oorlog)[N])[N]
stammerrie	((stam)[N],(merrie)[N])[N]
stammoeder	((stam)[N],(moeder)[N])[N]
stammorfeem	((stam)[N],(morfeem)[N])[N]
stamouders	((stam)[N],(ouder)[N])[N]
stamp	(stamp)[N]
stampbeton	((stamp)[V],(beton)[N])[N]
stampblok	((stamp)[V],(blok)[N])[N]
stampei	(stampei)[N]
stampen	(stamp)[V]
stamper	((stamp)[V],(er)[N|V.])[N]
stamperbloem	(((stamp)[V],(er)[N|V.])[N],(bloem)[N])[N]
stampij	(stampij)[N]
stamping	((stamp)[V],(ing)[N|V.])[N]
stamplant	((stam)[N],(plant)[N])[N]
stamplegering	((stamp)[V],((legeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stampmolen	((stamp)[V],(molen)[N])[N]
stamppot	((stamp)[V],(pot)[N])[N]
stampvat	((stamp)[V],(vat)[N])[N]
stampvol	((stamp)[A],(vol)[A])[A]
stampwerk	((stamp)[V],(werk)[N])[N]
stamregister	((stam)[N],(register)[N])[N]
stamriool	((stam)[N],(riool)[N])[N]
stamroos	((stam)[N],(roos)[N])[N]
stamslot	((stam)[N],(slot)[N])[N]
stamtaal	((stam)[N],(taal)[N])[N]
stamtafel	((stam)[N],(tafel)[N])[N]
stamtijd	((stam)[N],(tijd)[N])[N]
stamtoon	((stam)[N],(toon)[N])[N]
stamvader	((stam)[N],(vader)[N])[N]
stamverwant	((stam)[N],(verwant)[N])[N]
stamverwantschap	(((stam)[N],(verwant)[A])[A],(schap)[N|A.])[N]
stamvorm	((stam)[N],(vorm)[N])[N]
stamwapen	((stam)[N],(wapen)[N])[N]
stamwoord	((stam)[N],(woord)[N])[N]
stamwortel	((stam)[N],(wortel)[N])[N]
stand	(stand)[N]
standaardafmeting	((standaard)[N],(((af)[P],(meet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
standaardafwijking	((standaard)[N],(((af)[P],(wijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
standaardarrest	((standaard)[N],(arrest)[N])[N]
standaardartikel	((standaard)[N],(artikel)[N])[N]
standaardcontract	((standaard)[N],(contract)[N])[N]
standaarddeviatie	((standaard)[N],((devieer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
standaarddrager	((standaard)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
standaardformaat	((standaard)[N],((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
standaardfout	((standaard)[N],(fout)[N])[N]
standaardgehalte	((standaard)[N],(gehalte)[N])[N]
standaardgezin	((standaard)[N],(gezin)[N])[N]
standaardisatie	(((standaard)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
standaardiseren	((standaard)[N],(iseer)[V|N.])[V]
standaardisering	(((standaard)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
standaardloon	((standaard)[N],(loon)[N])[N]
standaardmaat	((standaard)[N],(maat)[N])[N]
standaardmolen	((standaard)[N],(molen)[N])[N]
standaardmunt	((standaard)[N],(munt)[N])[N]
standaardprijs	((standaard)[N],(prijs)[N])[N]
standaardtaal	((standaard)[N],(taal)[N])[N]
standaardvoorbeeld	((standaard)[N],((voor)[B],(beeld)[N])[N])[N]
standaardwerk	((standaard)[N],(werk)[N])[N]
standcatalogus	((stand)[N],(catalogus)[N])[N]
standengeest	((stand)[N],(e)[N|N.N],(geest)[N])[N]
standenmaatschappij	((stand)[N],(en)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
standenschool	((stand)[N],(e)[N|N.N],(school)[N])[N]
standenvertegenwoordiging	((stand)[N],(en)[N|N.N],((vertegenwoordig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stander	((sta)[V],(er)[N|V.])[N]
standerdmolen	((standerd)[N],(molen)[N])[N]
standgeld	((stand)[N],(geld)[N])[N]
standgenoot	((stand)[N],(genoot)[N])[N]
standhoek	((stand)[N],(hoek)[N])[N]
standhouden	((stand)[N],(houd)[V])[V]
standhouder	((stand)[N],((houd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
standhoudster	(((stand)[N],(houd)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
standje	((stand)[N],(je)[N|N.])[N]
standolie	((stand)[N],(olie)[N])[N]
standpenning	((stand)[N],(penning)[N])[N]
standpijp	((stand)[N],(pijp)[N])[N]
standplaats	((stand)[N],(plaats)[N])[N]
standpunt	((stand)[N],(punt)[N])[N]
standrecht	((stand)[N],(recht)[N])[N]
standrechtelijk	(((stand)[N],(recht)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
standruimte	((stand)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
standsbewustzijn	((stand)[N],(s)[N|N.N],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
standsgeheim	((stand)[N],(s)[N|N.N],(geheim)[N])[N]
standsorganisatie	((stand)[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
standsuitgave	((stand)[N],(s)[N|N.N],(uitgave)[N])[N]
standsverschil	((stand)[N],(s)[N|N.N],(verschil)[N])[N]
standvastigheid	((standvastig)[A],(heid)[N|A.])[N]
standvink	((stand)[N],(vink)[N])[N]
standvis	((stand)[N],(vis)[N])[N]
standvizier	((stand)[N],(vizier)[N])[N]
standvlak	((stand)[N],(vlak)[N])[N]
standvogel	((stand)[N],(vogel)[N])[N]
standweiden	((stand)[N],(weid)[V])[V]
standwerker	((stand)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
standwild	((stand)[N],(wild)[N])[N]
standyoghurt	((stand)[N],(yoghurt)[N])[N]
stang	(stang)[N]
stangen	(stang)[V]
stangenstelsel	((stang)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
stanggebit	((stang)[N],(gebit)[N])[N]
stank	(stank)[N]
stankafsluiter	((stank)[N],((af)[P],(sluit)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
stankwerend	((stank)[N],(weer)[V],(end)[A|NV.])[A]
stankwolk	((stank)[N],(wolk)[N])[N]
stansen	(stans)[V]
stanza	(stanza)[N]
stap	(stap)[N]
stapel	(stapel)[N]
stapelbaar	((stapel)[V],(baar)[A|V.])[A]
stapelbed	((stapel)[V],(bed)[N])[N]
stapeldoos	((stapel)[V],(doos)[N])[N]
stapelelement	((stapel)[V],(element)[N])[N]
stapelen	(stapel)[V]
stapelgek	((stapel)[A],(gek)[A])[A]
stapelgoed	((stapel)[N],(goed)[N])[N]
stapelhout	((stapel)[V],(hout)[N])[N]
stapelhuis	((stapel)[N],(huis)[N])[N]
stapeling	((stapel)[V],(ing)[N|V.])[N]
stapelingsziekte	(((stapel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
stapelkast	((stapel)[V],(kast)[N])[N]
stapelloop	((stapel)[N],(loop)[N])[N]
stapelmagazijn	((stapel)[V],(magazijn)[N])[N]
stapelmarkt	((stapel)[N],(markt)[N])[N]
stapelplaats	((stapel)[N],(plaats)[N])[N]
stapelrecht	((stapel)[N],(recht)[N])[N]
stapelstoel	((stapel)[V],(stoel)[N])[N]
stapelvorm	((stapel)[V],(vorm)[N])[N]
stapelwagen	((stapel)[V],(wagen)[N])[N]
stapelwolk	((stapel)[V],(wolk)[N])[N]
stapelzot	((stapel)[A],(zot)[A])[A]
staplaats	((sta)[V],(plaats)[N])[N]
stappen	(stap)[V]
stapper	((stap)[V],(er)[N|V.])[N]
stapsteen	((stap)[V],(steen)[N])[N]
stapvogels	((stap)[V],(vogel)[N])[N]
star	(star)[N]
staren	(staar)[V]
starheid	((star)[A],(heid)[N|A.])[N]
starnakel	(starnakel)[A]
starogen	((star)[A],(oog)[V])[V]
start	(start)[N]
startbaan	((start)[V],(baan)[N])[N]
startblok	((start)[V],(blok)[N])[N]
startbox	((start)[V],(box)[N])[N]
starten	(start)[V]
starter	((start)[V],(er)[N|V.])[N]
startgeld	((start)[V],(geld)[N])[N]
starthok	((start)[V],(hok)[N])[N]
startklaar	((start)[V],(klaar)[A])[A]
startknop	((start)[V],(knop)[N])[N]
startlijn	((start)[V],(lijn)[N])[N]
startmotor	((start)[V],(motor)[N])[N]
startnummer	((start)[V],(nummer)[N])[N]
startpistool	((start)[V],(pistool)[N])[N]
startpunt	((start)[V],(punt)[N])[N]
startschot	((start)[V],(schot)[N])[N]
startsein	((start)[V],(sein)[N])[N]
startsignaal	((start)[V],(signaal)[N])[N]
startstreep	((start)[V],(streep)[N])[N]
startsubsidie	((start)[V],(subsidie)[N])[N]
starttoren	((start)[V],(toren)[N])[N]
startvergunning	((start)[V],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stash	(stash)[N]
statelijkheid	((statelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
statenbijbel	((Staat)[N],(en)[N|N.N],(bijbel)[N])[N]
statenbond	((staat)[N],(en)[N|N.N],(bond)[N])[N]
statencollege	((staat)[N],(en)[N|N.N],(college)[N])[N]
statengemeenschap	((staat)[N],(en)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
statenkwartier	((staat)[N],(en)[N|N.N],((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
statenlid	((staat)[N],(en)[N|N.N],(lid)[N])[N]
statenloos	((staat)[N],(enloos)[A|N.])[A]
statenvergadering	((staat)[N],(en)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
statenzaal	((staat)[N],(en)[N|N.N],(zaal)[N])[N]
statiefcamera	((statief)[N],(camera)[N])[N]
statiegewaad	((statie)[N],(gewaad)[N])[N]
statiekerk	((statie)[N],(kerk)[N])[N]
statiekwartier	((statie)[N],((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
statieportret	((statie)[N],(portret)[N])[N]
statig	((staat)[N],(ig)[A|N.])[A]
statigheid	(((staat)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
station	(station)[N]
stationeerverbod	((stationeer)[V],(verbod)[N])[N]
stationering	((stationeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
stationnement	((stationeer)[V],(ement)[N|V.])[N]
stationsbeambte	((station)[N],(s)[N|N.N],(beambte)[N])[N]
stationsboekhandel	((station)[N],(s)[N|N.N],((boek)[N],(handel)[N])[N])[N]
stationsbuffet	((station)[N],(s)[N|N.N],(buffet)[N])[N]
stationschef	((station)[N],(s)[N|N.N],(chef)[N])[N]
stationsdak	((station)[N],(s)[N|N.N],(dak)[N])[N]
stationsemplacement	((station)[N],(s)[N|N.N],(emplacement)[N])[N]
stationsgebouw	((station)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
stationshal	((station)[N],(s)[N|N.N],(hal)[N])[N]
stationskiosk	((station)[N],(s)[N|N.N],(kiosk)[N])[N]
stationsklok	((station)[N],(s)[N|N.N],(klok)[N])[N]
stationsloket	((station)[N],(s)[N|N.N],(loket)[N])[N]
stationsplein	((station)[N],(s)[N|N.N],(plein)[N])[N]
stationsrestaurant	((station)[N],(s)[N|N.N],((restaureer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
stationsrestauratie	((station)[N],(s)[N|N.N],((restaureer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
stationsstraat	((station)[N],(s)[N|N.N],(straat)[N])[N]
stationstoilet	((station)[N],(s)[N|N.N],(toilet)[N])[N]
stationswachtkamer	((station)[N],(s)[N|N.N],((wacht)[V],(kamer)[N])[N])[N]
stationsweg	((station)[N],(s)[N|N.N],(weg)[N])[N]
stationswerk	((station)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
statistiek	((statistisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
statistiekrecht	(((statistisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(recht)[N])[N]
statten	(stat)[V]
status	(status)[N]
statusblik	((status)[N],(blik)[N])[N]
statussen	(status)[V]
statussymbool	((status)[N],(symbool)[N])[N]
statuszoekerij	((status)[N],(zoek)[V],(erij)[N|NV.])[N]
statutair	((statuut)[N],(air)[A|N.])[A]
statutenwijziging	((statuut)[N],(en)[N|N.Vx],(wijzig)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
staven	(staaf)[V]
staving	((staaf)[V],(ing)[N|V.])[N]
stayerswedstrijd	((stayer)[N],(s)[N|N.N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
steak	(steak)[N]
stearinekaars	((stearine)[N],(kaars)[N])[N]
stearinezuur	((stearine)[N],(zuur)[N])[N]
stedehouder	((stede)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
stedehouderschap	(((stede)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N],(schap)[N|N.])[N]
stedelijk	((stede)[N],(lijk)[A|N.])[A]
stedelijkheid	(((stede)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
stedeling	((stad)[N],(eling)[N|N.])[N]
stedelinge	(((stad)[N],(eling)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
stedenaar	((stad)[N],(enaar)[N|N.])[N]
stedenbouw	((stede)[N],(bouw)[N])[N]
stedenbouwkunde	(((stede)[N],(bouw)[N])[N],(kunde)[N])[N]
stedenbouwkundig	((((stede)[N],(bouw)[N])[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
stedenkroon	((stede)[N],(kroon)[N])[N]
stedenmaagd	((stede)[N],(maagd)[N])[N]
stedenschoon	((stede)[N],(schoon)[N])[N]
stee	(stee)[N]
steeds	(steeds)[A]
steeg	(steeg)[N]
steegheid	((steeg)[A],(heid)[N|A.])[N]
steegs	(steegs)[A]
steek	(steek)[N]
steekan	((stad)[N],(e)[N|N.N],(kan)[N])[N]
steekbeitel	((steek)[V],(beitel)[N])[N]
steekbekken	((steek)[V],(bekken)[N])[N]
steekblad	((steek)[V],(blad)[N])[N]
steekboog	((steek)[N],(boog)[N])[N]
steekboor	((steek)[N],(boor)[N])[N]
steekbrief	((steek)[V],(brief)[N])[N]
steekcontact	((steek)[V],(contact)[N])[N]
steekgeld	((steek)[V],(geld)[N])[N]
steekgrond	((steek)[V],(grond)[N])[N]
steekhevel	((steek)[V],(hevel)[N])[N]
steekhouden	((steek)[N],(houd)[V])[V]
steekind	((stad)[N],(kind)[N])[N]
steekkaart	((steek)[V],(kaart)[N])[N]
steekkaartensysteem	(((steek)[V],(kaart)[N])[N],(en)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
steekkar	((steek)[V],(kar)[N])[N]
steeklaken	((steek)[V],(laken)[N])[N]
steekmap	((steek)[V],(map)[N])[N]
steekmes	((steek)[V],(mes)[N])[N]
steekmug	((steek)[V],(mug)[N])[N]
steekneus	((steek)[V],(neus)[N])[N]
steekpalm	((steek)[V],(palm)[N])[N]
steekpan	((steek)[V],(pan)[N])[N]
steekpartij	((steek)[V],(partij)[N])[N]
steekpasser	((steek)[V],(passer)[N])[N]
steekpenning	((steek)[V],(penning)[N])[N]
steekpomp	((steek)[V],(pomp)[N])[N]
steekproef	((steek)[V],(proef)[N])[N]
steeksalade	((steek)[V],(salade)[N])[N]
steeksla	((steek)[V],(sla)[N])[N]
steeksleutel	((steek)[V],(sleutel)[N])[N]
steekspel	((steek)[V],(spel)[N])[N]
steektrap	((steek)[V],(trap)[N])[N]
steekturf	((steek)[V],(turf)[N])[N]
steekvlam	((steek)[V],(vlam)[N])[N]
steekvlieg	((steek)[V],(vlieg)[N])[N]
steekvogel	((steek)[N],(vogel)[N])[N]
steekwagen	((steek)[V],(wagen)[N])[N]
steekwals	((steek)[V],(wals)[N])[N]
steekwapen	((steek)[V],(wapen)[N])[N]
steekwond	((steek)[V],(wond)[N])[N]
steekwonde	((steek)[V],(wonde)[N])[N]
steekwoord	((steek)[V],(woord)[N])[N]
steekzaag	((steek)[V],(zaag)[N])[N]
steekzak	((steek)[V],(zak)[N])[N]
steel	(steel)[N]
steelgat	((steel)[N],(gat)[N])[N]
steelhouder	((steel)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
steelpan	((steel)[N],(pan)[N])[N]
steelsgewijs	((steel)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
steelsteek	((steel)[N],(steek)[N])[N]
steelstofzuiger	((steel)[N],(((stof)[N],(zuig)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
steelzucht	((steel)[V],(zucht)[N])[N]
steen	(steen)[N]
steenaarde	((steen)[N],(aarde)[N])[N]
steenachtig	((steen)[N],(achtig)[A|N.])[A]
steenanker	((steen)[N],(anker)[N])[N]
steenarend	((steen)[N],(arend)[N])[N]
steenbakker	((steen)[N],(bak)[V],(er)[N|NV.])[N]
steenbakkerij	((steen)[N],(bak)[V],(erij)[N|NV.])[N]
steenbedding	((steen)[N],(bedding)[N])[N]
steenbeitel	((steen)[N],(beitel)[N])[N]
steenbekleding	((steen)[N],(((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
steenberg	((steen)[N],(berg)[N])[N]
steenbestorting	((steen)[N],(((be)[V|.V],(stort)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
steenbeuk	((steen)[N],(beuk)[N])[N]
steenbik	((steen)[N],(bik)[N])[N]
steenbikker	((steen)[N],((bik)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
steenblok	((steen)[N],(blok)[N])[N]
steenbok	((steen)[N],(bok)[N])[N]
steenbokskeerkring	(((steen)[N],(bok)[N])[N],(s)[N|N.N],((keer)[V],(kring)[N])[N])[N]
steenboor	((steen)[N],(boor)[N])[N]
steendood	((steen)[N],(dood)[A])[A]
steendoorn	((steen)[N],(doorn)[N])[N]
steendoren	((steen)[N],(doren)[N])[N]
steendruk	((steen)[N],(druk)[N])[N]
steendrukken	((steen)[N],(druk)[V])[V]
steendrukker	(((steen)[N],(druk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
steendrukkerij	(((steen)[N],(druk)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
steendrukkunst	(((steen)[N],(druk)[V])[V],(kunst)[N])[N]
steendrukpers	(((steen)[N],(druk)[V])[V],(pers)[N])[N]
steenduif	((steen)[N],(duif)[N])[N]
steeneik	((steen)[N],(eik)[N])[N]
steenezel	((steen)[N],(ezel)[N])[N]
steenfabriek	((steen)[N],(fabriek)[N])[N]
steenformatie	((steen)[N],(formeer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
steengaas	((steen)[N],(gaas)[N])[N]
steengang	((steen)[N],(gang)[N])[N]
steengeit	((steen)[N],(geit)[N])[N]
steenglooiing	((steen)[N],((glooi)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
steengoed	((steen)[N],(goed)[N])[N]
steengraver	((steen)[N],(graaf)[V],(er)[N|NV.])[N]
steengravure	((steen)[N],(gravure)[N])[N]
steengroef	((steen)[N],(groef)[N])[N]
steengroeve	((steen)[N],(groeve)[N])[N]
steengruis	((steen)[N],(gruis)[N])[N]
steenhard	((steen)[N],(hard)[A])[A]
steenhommel	((steen)[N],(hommel)[N])[N]
steenhoop	((steen)[N],(hoop)[N])[N]
steenhouwen	((steen)[N],(houw)[V])[V]
steenhouwer	(((steen)[N],(houw)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
steenhouwerij	(((steen)[N],(houw)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
steenijs	((steen)[N],(ijs)[N])[N]
steenkalk	((steen)[N],(kalk)[N])[N]
steenkanker	((steen)[N],(kanker)[N])[N]
steenkapper	((steen)[N],(kap)[V],(er)[N|NV.])[N]
steenkapperij	((steen)[N],(kap)[V],(erij)[N|NV.])[N]
steenkarper	((steen)[N],(karper)[N])[N]
steenkern	((steen)[N],(kern)[N])[N]
steenklaver	((steen)[N],(klaver)[N])[N]
steenklei	((steen)[N],(klei)[N])[N]
steenkleur	((steen)[N],(kleur)[N])[N]
steenklomp	((steen)[N],(klomp)[N])[N]
steenklopper	((steen)[N],(klop)[V],(er)[N|NV.])[N]
steenkolenader	(((steen)[N],(kool)[N])[N],(en)[N|N.N],(ader)[N])[N]
steenkolenbedding	((steenkool)[N],(en)[N|N.N],(bedding)[N])[N]
steenkolenbekken	((steenkool)[N],(en)[N|N.N],(bekken)[N])[N]
steenkolenengels	((steenkool)[N],(en)[N|N.N],(Engels)[N])[N]
steenkolengas	((steenkool)[N],(en)[N|N.N],(gas)[N])[N]
steenkolengroeve	((steenkool)[N],(en)[N|N.N],(groeve)[N])[N]
steenkolengruis	((steenkool)[N],(en)[N|N.N],(gruis)[N])[N]
steenkolenlaag	((steenkool)[N],(en)[N|N.N],(laag)[N])[N]
steenkolenmagazijn	((steenkool)[N],(en)[N|N.N],(magazijn)[N])[N]
steenkolenmijn	((steenkool)[N],(en)[N|N.N],(mijn)[N])[N]
steenkolenproductie	((steenkool)[N],(en)[N|N.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
steenkolenteer	((steenkool)[N],(en)[N|N.N],(teer)[N])[N]
steenkolenverbruik	((steenkool)[N],(en)[N|N.N],(verbruik)[N])[N]
steenkolenvorming	(((steen)[N],(kool)[N])[N],(en)[N|N.Vx],(vorm)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
steenkolenwagen	((steenkool)[N],(en)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
steenkolenzwart	((steenkool)[N],(en)[N|N.N],(zwart)[N])[N]
steenkool	((steen)[N],(kool)[N])[N]
steenkoolader	(((steen)[N],(kool)[N])[N],(ader)[N])[N]
steenkoolbedding	(((steen)[N],(kool)[N])[N],(bedding)[N])[N]
steenkoolbekken	(((steen)[N],(kool)[N])[N],(bekken)[N])[N]
steenkoolengels	(((steen)[N],(kool)[N])[N],(Engels)[N])[N]
steenkoolgas	(((steen)[N],(kool)[N])[N],(gas)[N])[N]
steenkoolgroeve	(((steen)[N],(kool)[N])[N],(groeve)[N])[N]
steenkoolgruis	(((steen)[N],(kool)[N])[N],(gruis)[N])[N]
steenkoollaag	(((steen)[N],(kool)[N])[N],(laag)[N])[N]
steenkoolmagazijn	(((steen)[N],(kool)[N])[N],(magazijn)[N])[N]
steenkoolmijn	(((steen)[N],(kool)[N])[N],(mijn)[N])[N]
steenkoolproductie	(((steen)[N],(kool)[N])[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
steenkoolteer	(((steen)[N],(kool)[N])[N],(teer)[N])[N]
steenkoolverbruik	(((steen)[N],(kool)[N])[N],(verbruik)[N])[N]
steenkoolvorming	(((steen)[N],(kool)[N])[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
steenkoolwagen	(((steen)[N],(kool)[N])[N],(wagen)[N])[N]
steenkoolzwart	(((steen)[N],(kool)[N])[N],(zwart)[N])[N]
steenkoud	((steen)[N],(koud)[A])[A]
steenkrijter	((steen)[N],((krijt)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
steenkring	((steen)[N],(kring)[N])[N]
steenkruid	((steen)[N],(kruid)[N])[N]
steenlaag	((steen)[N],(laag)[N])[N]
steenlawine	((steen)[N],(lawine)[N])[N]
steenlegging	((steen)[N],(leg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
steenlijder	((steen)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
steenmarter	((steen)[N],(marter)[N])[N]
steenmos	((steen)[N],(mos)[N])[N]
steenoven	((steen)[N],(oven)[N])[N]
steenperiode	((steen)[N],(periode)[N])[N]
steenpuin	((steen)[N],(puin)[N])[N]
steenpuist	((steen)[N],(puist)[N])[N]
steenrijk	((steen)[N],(rijk)[A])[A]
steenrood	((steen)[N],(rood)[A])[A]
steenroos	((steen)[N],(roos)[N])[N]
steenrots	((steen)[N],(rots)[N])[N]
steenschaal	((steen)[N],(schaal)[N])[N]
steenschaap	((steen)[N],(schaap)[N])[N]
steenschilder	((steen)[N],(schilder)[N])[N]
steenslag	((steen)[N],(slag)[N])[N]
steenslagweg	(((steen)[N],(slag)[N])[N],(weg)[N])[N]
steenslijper	((steen)[N],(slijp)[V],(er)[N|NV.])[N]
steensnede	((steen)[N],(snede)[N])[N]
steensnijden	((steen)[N],(snijd)[V])[V]
steensnijder	(((steen)[N],(snijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
steensnijkunst	(((steen)[N],(snijd)[V])[V],(kunst)[N])[N]
steensoort	((steen)[N],(soort)[N])[N]
steenstort	((steen)[N],(stort)[N])[N]
steentang	((steen)[N],(tang)[N])[N]
steentekenaar	((steen)[N],((teken)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
steenthee	((steen)[N],(thee)[N])[N]
steentijd	((steen)[N],(tijd)[N])[N]
steentijdperk	((steen)[N],((tijd)[N],(perk)[N])[N])[N]
steenuil	((steen)[N],(uil)[N])[N]
steenval	((steen)[N],(val)[N])[N]
steenvalk	((steen)[N],(valk)[N])[N]
steenverband	((steen)[N],(verband)[N])[N]
steenverering	((steen)[N],((ver)[V|.V],(eer)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
steenviolier	((steen)[N],((viool)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
steenvorming	((steen)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
steenvrucht	((steen)[N],(vrucht)[N])[N]
steenwagen	((steen)[N],(wagen)[N])[N]
steenweg	((steen)[N],(weg)[N])[N]
steenwerk	((steen)[N],(werk)[N])[N]
steenwoestijn	((steen)[N],(woestijn)[N])[N]
steenwol	((steen)[N],(wol)[N])[N]
steenworp	((steen)[N],(worp)[N])[N]
steenzaag	((steen)[N],(zaag)[N])[N]
steenzager	((steen)[N],(zaag)[V],(er)[N|NV.])[N]
steenzagerij	((steen)[N],(zaag)[V],(erij)[N|NV.])[N]
steenzetter	((steen)[N],(zet)[V],(er)[N|NV.])[N]
steenzetting	((steen)[N],(zet)[V],(ing)[N|NV.])[N]
steenziekte	((steen)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
steenzout	((steen)[N],(zout)[N])[N]
steenzwaluw	((steen)[N],(zwaluw)[N])[N]
steenzweer	((steen)[N],(zweer)[N])[N]
steevast	((stee)[N],(vast)[A])[A]
steg	(steg)[N]
stegelreep	((stegel)[N],(reep)[N])[N]
steiger	(steiger)[N]
steigerbalk	((steiger)[N],(balk)[N])[N]
steigerbok	((steiger)[N],(bok)[N])[N]
steigeren	(steiger)[V]
steigergeld	((steiger)[N],(geld)[N])[N]
steigerhout	((steiger)[N],(hout)[N])[N]
steigerman	((steiger)[N],(man)[N])[N]
steigerpaal	((steiger)[N],(paal)[N])[N]
steigerplank	((steiger)[N],(plank)[N])[N]
steigerschuit	((steiger)[N],(schuit)[N])[N]
steigerwerk	((steiger)[N],(werk)[N])[N]
steilheid	((steil)[A],(heid)[N|A.])[N]
steiloor	((steil)[A],(oor)[N])[N]
steilorig	((steil)[A],(oor)[N],(ig)[A|AN.])[A]
steilorigheid	(((steil)[A],(oor)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
steilschrift	((steil)[A],(schrift)[N])[N]
steilstarter	((steil)[A],(start)[V],(er)[N|AV.])[N]
steilte	((steil)[A],(te)[N|A.])[N]
steilwandig	((steil)[A],(wand)[N],(ig)[A|AN.])[A]
stek	(stek)[N]
stekeblind	((steek)[N],(e)[A|N.A],(blind)[A])[A]
stekelachtig	((stekel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
stekelachtigheid	(((stekel)[N],(achtig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
stekelbaars	((stekel)[N],(baars)[N])[N]
stekelbes	((stekel)[N],(bes)[N])[N]
stekelbrem	((stekel)[N],(brem)[N])[N]
stekelcactus	((stekel)[N],(cactus)[N])[N]
stekeldraad	((stekel)[N],(draad)[N])[N]
stekelhaar	((stekel)[N],(haar)[N])[N]
stekelhuidig	((stekel)[N],(huid)[N],(ig)[A|NN.])[A]
stekelig	((stekel)[N],(ig)[A|N.])[A]
stekeligheid	(((stekel)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
stekelrog	((stekel)[N],(rog)[N])[N]
stekelvarken	((stekel)[N],(varken)[N])[N]
stekelvinnig	((stekel)[N],(vin)[N],(ig)[A|NN.])[A]
stekelvormig	((stekel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
steken	(steek)[V]
steker	((steek)[V],(er)[N|V.])[N]
steking	((steek)[V],(ing)[N|V.])[N]
stekken	(stek)[V]
stekkerdoos	((stekker)[N],(doos)[N])[N]
stekpotje	((stek)[N],(pot)[N])[N]
stel	(stel)[N]
stelberg	((stel)[V],(berg)[N])[N]
stelen	(steel)[V]
steler	((steel)[V],(er)[N|V.])[N]
stelframe	((stel)[V],(frame)[N])[N]
stelhamer	((stel)[V],(hamer)[N])[N]
stelhout	((stel)[V],(hout)[N])[N]
stelijzer	((stel)[V],(ijzer)[N])[N]
stelkunde	((stel)[V],(kunde)[N])[N]
stelkundig	(((stel)[V],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
stellage	((stel)[V],(age)[N|V.])[N]
stellen	(stel)[V]
steller	((stel)[V],(er)[N|V.])[N]
stellig	((stel)[V],(ig)[A|V.])[A]
stelligheid	(((stel)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
stelling	((stel)[V],(ing)[N|V.])[N]
stellingenoorlog	(((stel)[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(oorlog)[N])[N]
stellingmolen	(((stel)[V],(ing)[N|V.])[N],(molen)[N])[N]
stellingoorlog	(((stel)[V],(ing)[N|V.])[N],(oorlog)[N])[N]
stelliniaal	((stel)[V],((linie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
stellood	((stel)[V],(lood)[N])[N]
stelmoer	((stel)[V],(moer)[N])[N]
stelmonteur	((stel)[V],((monteer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
stelnet	((stel)[V],(net)[N])[N]
steloefening	((stel)[V],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stelp	(stelp)[N]
stelpen	(stelp)[V]
stelpen	((stel)[V],(pen)[N])[N]
stelping	((stelp)[V],(ing)[N|V.])[N]
stelplaats	((stel)[V],(plaats)[N])[N]
stelplicht	((stel)[V],(plicht)[N])[N]
stelpnet	((stelp)[V],(net)[N])[N]
stelpost	((stel)[V],(post)[N])[N]
stelregel	((stel)[V],(regel)[N])[N]
stelring	((stel)[V],(ring)[N])[N]
stelschroef	((stel)[V],(schroef)[N])[N]
stelsel	((stel)[V],(sel)[N|V.])[N]
stelselaar	(((stel)[V],(sel)[N|V.])[N],(aar)[N|N.])[N]
stelselloos	(((stel)[V],(sel)[N|V.])[N],(loos)[A|N.])[A]
stelselloosheid	((((stel)[V],(sel)[N|V.])[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
stelselmatig	(((stel)[V],(sel)[N|V.])[N],(matig)[A|N.])[A]
stelselmatigheid	((((stel)[V],(sel)[N|V.])[N],(matig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
stelt	(stelt)[N]
steltenloper	((stelt)[N],(en)[N|N.N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
stelthak	((stelt)[N],(hak)[N])[N]
stelthoef	((stelt)[N],(hoef)[N])[N]
steltlopen	((stelt)[N],(loop)[V])[V]
steltloper	(((stelt)[N],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
steltpoot	((stelt)[N],(poot)[N])[N]
steltvoet	((stelt)[N],(voet)[N])[N]
steltvogel	((stelt)[N],(vogel)[N])[N]
steltwortel	((stelt)[N],(wortel)[N])[N]
stem	(stem)[N]
stemadvies	((stem)[V],(advies)[N])[N]
stemafdruk	((stem)[N],((af)[P],(druk)[N])[N])[N]
stemband	((stem)[N],(band)[N])[N]
stembandklapper	(((stem)[N],(band)[N])[N],((klap)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
stembereik	((stem)[N],(bereik)[N])[N]
stembeugel	((stem)[V],(beugel)[N])[N]
stembevoegd	((stem)[V],(bevoegd)[A])[A]
stembiljet	((stem)[V],(biljet)[N])[N]
stembreuk	((stem)[N],(breuk)[N])[N]
stembrief	((stem)[V],(brief)[N])[N]
stembuiging	((stem)[N],(buig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
stembureau	((stem)[V],(bureau)[N])[N]
stembus	((stem)[V],(bus)[N])[N]
stembusakkoord	(((stem)[V],(bus)[N])[N],(akkoord)[N])[N]
stembusoverwinning	(((stem)[V],(bus)[N])[N],(((over)[P],(win)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stembusuitslag	(((stem)[V],(bus)[N])[N],((uit)[P],(slag)[N])[N])[N]
stemdistrict	((stem)[V],(district)[N])[N]
stemfluitje	((stem)[V],(fluit)[N])[N]
stemgedrag	((stem)[V],(gedrag)[N])[N]
stemgeluid	((stem)[N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
stemgerechtigd	((stem)[V],(gerechtigd)[A])[A]
stemhamer	((stem)[V],(hamer)[N])[N]
stemhebbend	((stem)[N],(heb)[V],(end)[A|NV.])[A]
stemhokje	((stem)[V],(hok)[N])[N]
stemkaart	((stem)[V],(kaart)[N])[N]
stemklank	((stem)[N],(klank)[N])[N]
stemlijst	((stem)[V],(lijst)[N])[N]
stemlokaal	((stem)[V],(lokaal)[N])[N]
stemloos	((stem)[N],(loos)[A|N.])[A]
stemmachine	((stem)[V],(machine)[N])[N]
stemmen	(stem)[V]
stemmenaantal	((stem)[N],(en)[N|N.N],((aan)[P],(tal)[N])[N])[N]
stemmencijfer	((stem)[N],(en)[N|N.N],(cijfer)[N])[N]
stemmengegons	((stemmen)[N],((ge)[N|.V],(gons)[V])[N])[N]
stemmengemompel	((stem)[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.V],(mompel)[V])[N])[N]
stemmengeroezemoes	((stem)[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.V],(roezemoes)[V])[N])[N]
stemmenoverdracht	((stem)[N],(en)[N|N.N],(overdracht)[N])[N]
stemmenoverschot	((stem)[N],(en)[N|N.N],(overschot)[N])[N]
stemmenpercentage	((stem)[N],(en)[N|N.N],(percentage)[N])[N]
stemmenwinst	((stem)[N],(en)[N|N.N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
stemmer	((stem)[V],(er)[N|V.])[N]
stemmigheid	((stemmig)[A],(heid)[N|A.])[N]
stemming	((stem)[V],(ing)[N|V.])[N]
stemmingmakerij	(((stem)[V],(ing)[N|V.])[N],(maak)[V],(erij)[N|NV.])[N]
stemmingsbeeld	(((stem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
stemmingsmuziek	(((stem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(muziek)[N])[N]
stemmingspoëzie	(((stem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(poëzie)[N])[N]
stemmingsprocedure	(((stem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
stemmingstoestand	(((stem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
stemmingsvol	(((stem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(vol)[A])[A]
stemmingswisseling	(((stem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stemoefening	((stem)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stemomvang	((stem)[N],(omvang)[N])[N]
stemonthouding	((stem)[N],(onthoud)[V],(ing)[N|NV.])[N]
stemopnemer	((stem)[N],((op)[P],(neem)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
stemopneming	((stem)[N],((op)[P],(neem)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
stemorgaan	((stem)[N],(orgaan)[N])[N]
stempel	(stempel)[N]
stempelaar	((stempel)[V],(aar)[N|V.])[N]
stempelautomaat	((stempel)[V],(automaat)[N])[N]
stempelband	((stempel)[V],(band)[N])[N]
stempelbeeld	((stempel)[V],(beeld)[N])[N]
stempelboekje	((stempel)[V],(boek)[N])[N]
stempeldoos	((stempel)[V],(doos)[N])[N]
stempelen	(stempel)[V]
stempeling	((stempel)[V],(ing)[N|V.])[N]
stempelinkt	((stempel)[N],(inkt)[N])[N]
stempelkaart	((stempel)[N],(kaart)[N])[N]
stempelklok	((stempel)[V],(klok)[N])[N]
stempelkussen	((stempel)[V],(kussen)[N])[N]
stempellokaal	((stempel)[V],(lokaal)[N])[N]
stempelmachine	((stempel)[V],(machine)[N])[N]
stempelmerk	((stempel)[N],(merk)[N])[N]
stempelpers	((stempel)[N],(pers)[N])[N]
stempelsnijder	((stempel)[N],(snijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
stempeltocht	((stempel)[V],(tocht)[N])[N]
stempelvlag	((stempel)[V],(vlag)[N])[N]
stempijp	((stem)[V],(pijp)[N])[N]
stemplaatje	((stem)[N],(plaat)[N])[N]
stemplicht	((stem)[V],(plicht)[N])[N]
stemrecht	((stem)[V],(recht)[N])[N]
stemregister	((stem)[N],(register)[N])[N]
stemsleutel	((stem)[V],(sleutel)[N])[N]
stemspleet	((stem)[N],(spleet)[N])[N]
stemtest	((stem)[N],(test)[N])[N]
stemtoon	((stem)[N],(toon)[N])[N]
stemvastheid	((stem)[N],((vast)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
stemvee	((stem)[V],(vee)[N])[N]
stemverheffing	((stem)[N],((ver)[V|.V],(hef)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
stemverklaring	((stem)[V],(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stemvoering	((stem)[N],(voer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
stemvork	((stem)[V],(vork)[N])[N]
stemvorming	((stem)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
stemwijze	((stem)[V],(wijze)[N])[N]
stemwisseling	((stem)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
sten	(sten)[N]
stencil	(stencil)[N]
stencilcultuur	((stencil)[N],(cultuur)[N])[N]
stencilen	(stencil)[V]
stencilinkt	((stencil)[V],(inkt)[N])[N]
stencilmachine	((stencil)[V],(machine)[N])[N]
stenen	((steen)[N],(en)[A|N.])[A]
stenen	(steen)[V]
steng	(steng)[N]
stengel	(stengel)[N]
stengelblad	((stengel)[N],(blad)[N])[N]
stengelgroente	((stengel)[N],((groen)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
stengelknol	((stengel)[N],(knol)[N])[N]
stengelknoop	((stengel)[N],(knoop)[N])[N]
stengelomvattend	((stengel)[N],((om)[P],(vat)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
stengelvezel	((stengel)[N],(vezel)[N])[N]
stenig	((steen)[N],(ig)[A|N.])[A]
steniging	((stenig)[V],(ing)[N|V.])[N]
stenografeermachine	((stenografeer)[V],(machine)[N])[N]
stenografie	((stenografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
stenografievereniging	(((stenografisch)[A],(ie)[N|A.])[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stenoteken	((steno)[N],(teken)[N])[N]
stenotelegrafie	((steno)[N],(((telegraaf)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
stenotypen	((steno)[N],(typ)[V])[V]
stenotypist	((steno)[N],(typist)[N])[N]
stenotypiste	(((steno)[N],(typist)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
stentorstem	((stentor)[N],(stem)[N])[N]
step	(step)[N]
stepdans	((step)[N],(dans)[N])[N]
steppe	(steppe)[N]
steppeachtig	((steppe)[N],(achtig)[A|N.])[A]
steppebewoner	((steppe)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
steppehoen	((steppe)[N],(hoen)[N])[N]
steppehond	((steppe)[N],(hond)[N])[N]
steppemeer	((steppe)[N],(meer)[N])[N]
steppen	(step)[V]
steppengordel	((steppe)[N],(en)[N|N.N],(gordel)[N])[N]
stepperivier	((steppe)[N],(rivier)[N])[N]
ster	(ster)[N]
sterachtig	((ster)[N],(achtig)[A|N.])[A]
sterallures	((ster)[N],(allure)[N])[N]
steranemoon	((ster)[N],(anemoon)[N])[N]
steranijs	((ster)[N],(anijs)[N])[N]
sterappel	((ster)[N],(appel)[N])[N]
sterbladig	((ster)[N],((blad)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
stereo	(stereo)[N]
stereo-installatie	((stereo)[N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
stereo-isomeer	((stereo)[N],(isomeer)[N])[N]
stereo-ontvanger	((stereo)[N],((ontvang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
stereo-opname	((stereo)[N],(opname)[N])[N]
stereo-uitzending	((stereo)[N],(((uit)[P],(zend)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stereoapparaat	((stereo)[N],(apparaat)[N])[N]
stereoapparatuur	((stereo)[N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
stereocamera	((stereo)[N],(camera)[N])[N]
stereochemie	((stereo)[N],((chemisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
stereofilm	((stereo)[N],(film)[N])[N]
stereofonie	((stereofonisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
stereofoto	((stereo)[N],(foto)[N])[N]
stereofotografie	((stereo)[N],((fotografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
stereografie	((stereografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
stereometrie	((stereometrisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
stereomeubel	((stereo)[N],(meubel)[N])[N]
stereomicrofoon	((stereo)[N],(microfoon)[N])[N]
stereoplaat	((stereo)[N],(plaat)[N])[N]
stereoscoop	((stereo)[N],(scoop)[N])[N]
stereoscoopplaat	(((stereo)[N],(scoop)[N])[N],(plaat)[N])[N]
stereoscopie	((((stereo)[N],(scoop)[N])[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
stereoscopisch	(((stereo)[N],(scoop)[N])[N],(isch)[A|N.])[A]
stereotoren	((stereo)[N],(toren)[N])[N]
stereotypedruk	((stereotype)[N],(druk)[N])[N]
sterfbed	((sterf)[V],(bed)[N])[N]
sterfdag	((sterf)[V],(dag)[N])[N]
sterfdatum	((sterf)[V],(datum)[N])[N]
sterfelijk	((sterf)[V],(elijk)[A|V.])[A]
sterfelijkheid	(((sterf)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
sterfgeval	((sterf)[V],(geval)[N])[N]
sterfhuis	((sterf)[V],(huis)[N])[N]
sterfhuisconstructie	(((sterf)[V],(huis)[N])[N],(constructie)[N])[N]
sterfjaar	((sterf)[V],(jaar)[N])[N]
sterfkamer	((sterf)[V],(kamer)[N])[N]
sterflat	((ster)[N],(flat)[N])[N]
sterflijk	((sterf)[V],(lijk)[A|V.])[A]
sterflijkheid	(((sterf)[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
sterflijst	((sterf)[V],(lijst)[N])[N]
sterfscène	((sterf)[V],(scène)[N])[N]
sterfte	((sterf)[V],(te)[N|V.])[N]
sterftecijfer	(((sterf)[V],(te)[N|V.])[N],(cijfer)[N])[N]
sterftekans	(((sterf)[V],(te)[N|V.])[N],(kans)[N])[N]
sterfteoverschot	(((sterf)[V],(te)[N|V.])[N],(overschot)[N])[N]
sterftepercentage	(((sterf)[V],(te)[N|V.])[N],(percentage)[N])[N]
sterfterisico	(((sterf)[V],(te)[N|V.])[N],(risico)[N])[N]
sterftetafel	(((sterf)[V],(te)[N|V.])[N],(tafel)[N])[N]
sterftijd	((sterf)[V],(tijd)[N])[N]
sterfuur	((sterf)[V],(uur)[N])[N]
stergewelf	((ster)[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
sterhelder	((ster)[N],(helder)[A])[A]
sterilisatie	(((steriel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
sterilisatietechniek	((((steriel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
sterilisator	(((steriel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ator)[N|V.])[N]
steriliseerketel	(((steriel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ketel)[N])[N]
steriliseertoestel	(((steriel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(toestel)[N])[N]
steriliseren	((steriel)[A],(iseer)[V|A.])[V]
steriliteit	((steriel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
sterk	(sterk)[A]
sterkbenig	((sterk)[A],(been)[N],(ig)[A|AN.])[A]
sterkedrank	((sterk)[A],(e)[N|A.N],(drank)[N])[N]
sterken	(sterk)[V]
sterkerij	((sterk)[V],(erij)[N|V.])[N]
sterking	((sterk)[V],(ing)[N|V.])[N]
sterksmakend	((sterk)[A],(smaak)[V],(end)[A|AV.])[A]
sterksprekend	((sterk)[A],(spreek)[V],(end)[A|AV.])[A]
sterkstroom	((sterk)[A],(stroom)[N])[N]
sterkte	((sterk)[A],(te)[N|A.])[N]
sterkte-eigenschap	(((sterk)[A],(te)[N|A.])[N],((eigen)[A],(schap)[N|A.])[N])[N]
sterktegraad	(((sterk)[A],(te)[N|A.])[N],(graad)[N])[N]
sterkteleer	(((sterk)[A],(te)[N|A.])[N],(leer)[N])[N]
sterkwater	((sterk)[A],(water)[N])[N]
sterkwerkend	((sterk)[A],(werk)[V],(end)[A|AV.])[A]
sterlingblok	((sterling)[A],(blok)[N])[N]
stermerrie	((ster)[N],(merrie)[N])[N]
stern	(stern)[N]
sterreclame	((ster)[N],(reclame)[N])[N]
sterrenbeeld	((ster)[N],(en)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
sterrenbloem	((ster)[N],(e)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
sterrenbos	((ster)[N],(e)[N|N.N],(bos)[N])[N]
sterrendak	((ster)[N],(en)[N|N.N],(dak)[N])[N]
sterrengroep	((ster)[N],(en)[N|N.N],(groep)[N])[N]
sterrenhemel	((ster)[N],(en)[N|N.N],(hemel)[N])[N]
sterrenhoop	((ster)[N],(en)[N|N.N],(hoop)[N])[N]
sterrenjaar	((ster)[N],(e)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
sterrenkaart	((ster)[N],(en)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
sterrenkijker	((ster)[N],(en)[N|N.Vx],(kijk)[V],(er)[N|NxV.])[N]
sterrenkijkerij	((ster)[N],(en)[N|N.Vx],(kijk)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
sterrenkroos	((ster)[N],(e)[N|N.N],(kroos)[N])[N]
sterrenkruid	((ster)[N],(e)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
sterrenkunde	((ster)[N],(en)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
sterrenkundig	(((ster)[N],(en)[N|N.N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
sterrenlicht	((ster)[N],(en)[N|N.N],(licht)[N])[N]
sterrenmeter	((ster)[N],(en)[N|N.Vx],(meet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
sterrenmuur	((ster)[N],(e)[N|N.N],(muur)[N])[N]
sterrennacht	((ster)[N],(en)[N|N.N],(nacht)[N])[N]
sterrennevel	((ster)[N],(en)[N|N.N],(nevel)[N])[N]
sterrenregen	((ster)[N],(en)[N|N.N],(regen)[N])[N]
sterrenrestaurant	((ster)[N],(en)[N|N.N],((restaureer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
sterrenschot	((ster)[N],(e)[N|N.N],(schot)[N])[N]
sterrenstelsel	((ster)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
sterrenteken	((ster)[N],(e)[N|N.N],(teken)[N])[N]
sterrentijd	((ster)[N],(e)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
sterrenwacht	((ster)[N],(en)[N|N.N],(wacht)[N])[N]
sterrenwichelaar	((ster)[N],(en)[N|N.N],((wichel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
sterrenwichelarij	((ster)[N],(en)[N|N.N],((wichel)[V],(arij)[N|V.])[N])[N]
sterrit	((ster)[N],(rit)[N])[N]
sterspeelster	((ster)[N],((speel)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
sterspeler	((ster)[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
sterspot	((ster)[N],(spot)[N])[N]
stersysteem	((ster)[N],(systeem)[N])[N]
sterveling	((sterf)[V],(eling)[N|V.])[N]
stervelinge	(((sterf)[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
sterven	(sterf)[V]
stervensbegeleiding	((sterf)[V],(s)[N|V.N],(((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stervensbekorting	((sterf)[V],(s)[N|V.N],(((be)[V|.A],(kort)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stervensfase	((sterf)[V],(s)[N|V.N],(fase)[N])[N]
stervensgevaar	((sterf)[V],(s)[N|V.N],(gevaar)[N])[N]
stervenshulp	((sterf)[V],(s)[N|V.N],(hulp)[N])[N]
stervensnood	((sterf)[V],(s)[N|V.N],(nood)[N])[N]
stervensproces	((sterf)[V],(s)[N|V.N],(proces)[N])[N]
stervensuur	((sterf)[V],(s)[N|V.N],(uur)[N])[N]
stervlucht	((ster)[N],(vlucht)[N])[N]
stervormig	((ster)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
steun	(steun)[N]
steunactie	((steun)[V],(actie)[N])[N]
steunbalk	((steun)[V],(balk)[N])[N]
steunbeer	((steun)[V],(beer)[N])[N]
steunblaadje	((steun)[V],(blad)[N])[N]
steunboog	((steun)[V],(boog)[N])[N]
steunder	((steun)[V],(der)[N|V.])[N]
steunen	(steun)[V]
steunfonds	((steun)[V],(fonds)[N])[N]
steunfraude	((steun)[N],(fraude)[N])[N]
steungeld	((steun)[N],(geld)[N])[N]
steunkous	((steun)[V],(kous)[N])[N]
steunkussen	((steun)[V],(kussen)[N])[N]
steunlijst	((steun)[V],(lijst)[N])[N]
steunmuur	((steun)[V],(muur)[N])[N]
steunpaal	((steun)[V],(paal)[N])[N]
steunpilaar	((steun)[V],(pilaar)[N])[N]
steunpunt	((steun)[V],(punt)[N])[N]
steunschoen	((steun)[V],(schoen)[N])[N]
steunsel	((steun)[V],(sel)[N|V.])[N]
steunstuk	((steun)[V],(stuk)[N])[N]
steuntrekker	((steun)[N],(trek)[V],(er)[N|NV.])[N]
steunverlener	((steun)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
steunweefsel	((steun)[V],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
steunzender	((steun)[V],((zend)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
steunzool	((steun)[V],(zool)[N])[N]
steur	(steur)[N]
steuren	(steur)[V]
steurgarnaal	((steur)[N],(garnaal)[N])[N]
steurharing	((steur)[V],(haring)[N])[N]
steurkrab	((steur)[N],(krab)[N])[N]
steven	(steven)[N]
stevenen	(steven)[V]
stevigheid	((stevig)[A],(heid)[N|A.])[N]
stevigte	((stevig)[A],(te)[N|A.])[N]
stewardess	((steward)[N],(ess)[N|N.])[N]
sticht	(sticht)[N]
stichtelijk	((sticht)[V],(elijk)[A|V.])[A]
stichtelijkheid	(((sticht)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
stichten	(sticht)[V]
stichter	((sticht)[V],(er)[N|V.])[N]
stichteres	(((sticht)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
stichting	((sticht)[V],(ing)[N|V.])[N]
stichtingsakte	(((sticht)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(akte)[N])[N]
stichtingscongres	(((sticht)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(congres)[N])[N]
stichtingskosten	(((sticht)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
stichtingsnorm	(((sticht)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(norm)[N])[N]
stichtingsoorkonde	(((sticht)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(oorkonde)[N])[N]
stichtster	((sticht)[V],(ster)[N|V.])[N]
stick	(stick)[N]
stief	(stief)[A]
stiefmoederlijk	((stiefmoeder)[N],(lijk)[A|N.])[A]
stiefouderadoptie	((stiefouder)[N],(adoptie)[N])[N]
stiekem	(stiekem)[A]
stiekemerd	((stiekem)[A],(erd)[N|A.])[N]
stiel	(stiel)[N]
stielman	((stiel)[N],(man)[N])[N]
stier	(stier)[N]
stierachtig	((stier)[N],(achtig)[A|N.])[A]
stieren	(stier)[V]
stierengevecht	((stier)[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N])[N]
stierenhart	((stier)[N],(e)[N|N.N],(hart)[N])[N]
stierenhuid	((stier)[N],(e)[N|N.N],(huid)[N])[N]
stierenkeuring	((stier)[N],(en)[N|N.Vx],(keur)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
stierenkop	((stier)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
stierennek	((stier)[N],(e)[N|N.N],(nek)[N])[N]
stierenoffer	((stier)[N],(en)[N|N.N],(offer)[N])[N]
stierenvechter	((stier)[N],(en)[N|N.N],((vecht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
stierenvlees	((stier)[N],(e)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
stierhouder	((stier)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
stierkalf	((stier)[N],(kalf)[N])[N]
stift	(stift)[N]
stiftsdame	((stift)[N],(s)[N|N.N],(dame)[N])[N]
stiftsgoederen	((stift)[N],(s)[N|N.N],(goed)[N])[N]
stiftsheer	((stift)[N],(s)[N|N.N],(heer)[N])[N]
stifttand	((stift)[N],(tand)[N])[N]
stigmatisatie	((stigmatiseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
stigmatisering	((stigmatiseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
stijf	(stijf)[A]
stijfdeftig	((stijf)[A],(deftig)[A])[A]
stijfheid	((stijf)[A],(heid)[N|A.])[N]
stijfhoofd	((stijf)[A],(hoofd)[N])[N]
stijfhoofdig	(((stijf)[A],(hoofd)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
stijfhoofdigheid	((((stijf)[A],(hoofd)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
stijfkop	((stijf)[A],(kop)[N])[N]
stijfkoppig	(((stijf)[A],(kop)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
stijfkoppigheid	((((stijf)[A],(kop)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
stijfkramp	((stijf)[A],(kramp)[N])[N]
stijfsel	((stijf)[V],(sel)[N|V.])[N]
stijfselachtig	(((stijf)[V],(sel)[N|V.])[N],(achtig)[A|N.])[A]
stijfselglans	(((stijf)[V],(sel)[N|V.])[N],(glans)[N])[N]
stijfselkwast	((stijfsel)[V],(kwast)[N])[N]
stijfselpap	((stijfsel)[V],(pap)[N])[N]
stijfselpot	(((stijf)[V],(sel)[N|V.])[N],(pot)[N])[N]
stijfselverband	(((stijf)[V],(sel)[N|V.])[N],(verband)[N])[N]
stijfselwater	(((stijf)[V],(sel)[N|V.])[N],(water)[N])[N]
stijfster	((stijf)[V],(ster)[N|V.])[N]
stijfte	((stijf)[A],(te)[N|A.])[N]
stijfvloeken	((stijf)[A],(vloek)[V])[V]
stijfzinnig	((stijf)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A]
stijgbeugel	((stijg)[V],(beugel)[N])[N]
stijgen	(stijg)[V]
stijger	((stijg)[V],(er)[N|V.])[N]
stijghoogte	((stijg)[V],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
stijging	((stijg)[V],(ing)[N|V.])[N]
stijgingskans	(((stijg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kans)[N])[N]
stijgingspercentage	(((stijg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(percentage)[N])[N]
stijgingsregen	(((stijg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(regen)[N])[N]
stijgingstempo	(((stijg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tempo)[N])[N]
stijgvermogen	((stijg)[V],(vermogen)[N])[N]
stijl	(stijl)[N]
stijlanalyse	((stijl)[N],(analyse)[N])[N]
stijlbloempje	((stijl)[N],(bloem)[N])[N]
stijlbreuk	((stijl)[N],(breuk)[N])[N]
stijldans	((stijl)[N],(dans)[N])[N]
stijldansen	((stijl)[N],(dans)[V])[V]
stijlfiguur	((stijl)[N],(figuur)[N])[N]
stijlfout	((stijl)[N],(fout)[N])[N]
stijlgevoel	((stijl)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
stijlinvloed	((stijl)[N],(invloed)[N])[N]
stijlkritiek	((stijl)[N],((kritisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
stijlkritisch	((stijl)[N],(kritisch)[A])[A]
stijlleer	((stijl)[N],(leer)[N])[N]
stijlloos	((stijl)[N],(loos)[A|N.])[A]
stijlmeubel	((stijl)[N],(meubel)[N])[N]
stijlmiddel	((stijl)[N],(middel)[N])[N]
stijloefening	((stijl)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stijlperiode	((stijl)[N],(periode)[N])[N]
stijlprincipe	((stijl)[N],(principe)[N])[N]
stijlregister	((stijl)[N],(register)[N])[N]
stijlvariant	((stijl)[N],(varieer)[V],(ant)[N|NV.])[N]
stijlverandering	((stijl)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stijlvol	((stijl)[N],(vol)[A])[A]
stijven	(stijf)[V]
stijvigheid	((stijf)[A],(igheid)[N|A.])[N]
stijving	((stijf)[V],(ing)[N|V.])[N]
stikdonker	((stik)[B],(donker)[N])[N]
stikgaren	((stik)[V],(garen)[N])[N]
stikhoest	((stik)[V],(hoest)[N])[N]
stikken	(stik)[V]
stikker	((stik)[V],(er)[N|V.])[N]
stiklucht	((stik)[V],(lucht)[N])[N]
stiknaald	((stik)[V],(naald)[N])[N]
stiksel	((stik)[V],(sel)[N|V.])[N]
stiksteek	((stik)[V],(steek)[N])[N]
stikster	((stik)[V],(ster)[N|V.])[N]
stikstof	((stik)[V],(stof)[N])[N]
stikstofoxide	(((stik)[V],(stof)[N])[N],(oxide)[N])[N]
stikstofverbinding	(((stik)[V],(stof)[N])[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stikwerk	((stik)[V],(werk)[N])[N]
stikzij	((stik)[V],(zij)[N])[N]
stikzijde	((stik)[V],(zijde)[N])[N]
stil	(stil)[A]
stileren	((stijl)[N],(eer)[V|N.])[V]
stilering	(((stijl)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
stiletto	(stiletto)[N]
stilettomes	((stiletto)[N],(mes)[N])[N]
stilheid	((stil)[A],(heid)[N|A.])[N]
stilhouden	((stil)[A],(houd)[V])[V]
stilist	((stijl)[N],(ist)[N|N.])[N]
stilistiek	((stilistisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
stilleggen	((stil)[A],(leg)[V])[V]
stillen	(stil)[V]
stilletje	((stil)[A],(etje)[N|A.])[N]
stilleven	((stil)[A],(leven)[N])[N]
stillezen	((stil)[A],(lezen)[V])[V]
stilliggen	((stil)[A],(lig)[V])[V]
stilligheid	((stil)[A],(igheid)[N|A.])[N]
stilligschade	(((stil)[A],(lig)[V])[V],(schade)[N])[N]
stilling	((stil)[V],(ing)[N|V.])[N]
stilstaan	((stil)[A],(sta)[V])[V]
stilstand	((stil)[A],(stand)[N])[N]
stilte	((stil)[A],(te)[N|A.])[N]
stiltecentrum	(((stil)[A],(te)[N|A.])[N],(centrum)[N])[N]
stiltegebied	(((stil)[A],(te)[N|A.])[N],(gebied)[N])[N]
stiltegordel	(((stil)[A],(te)[N|A.])[N],(gordel)[N])[N]
stilvallen	((stil)[A],(val)[V])[V]
stilzetten	((stil)[A],(zet)[V])[V]
stilzitten	((stil)[A],(zit)[V])[V]
stilzwijgen	((stil)[A],(zwijg)[V])[V]
stilzwijgendheid	((stilzwijgend)[A],(heid)[N|A.])[N]
stimulatie	((stimuleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
stimulator	((stimuleer)[V],(ator)[N|V.])[N]
stimulering	((stimuleer)[V],(ing)[N|V.])[N]
stimuleringsbeleid	(((stimuleer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
stimuleringsgebied	(((stimuleer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gebied)[N])[N]
stimuleringsmaatregel	(((stimuleer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
stimuleringsregeling	(((stimuleer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stinkbok	((stink)[V],(bok)[N])[N]
stinkbom	((stink)[V],(bom)[N])[N]
stinkboom	((stink)[V],(boom)[N])[N]
stinkdas	((stink)[V],(das)[N])[N]
stinkdier	((stink)[V],(dier)[N])[N]
stinken	(stink)[V]
stinker	((stink)[V],(er)[N|V.])[N]
stinkerd	((stink)[V],(erd)[N|V.])[N]
stinkhout	((stink)[V],(hout)[N])[N]
stinkkaas	((stink)[V],(kaas)[N])[N]
stinkpoel	((stink)[V],(poel)[N])[N]
stinksigaar	((stink)[V],(sigaar)[N])[N]
stinksloot	((stink)[V],(sloot)[N])[N]
stinkstok	((stink)[V],(stok)[N])[N]
stinktroep	((stink)[V],(troep)[N])[N]
stinkzwam	((stink)[V],(zwam)[N])[N]
stip	(stip)[N]
stipendiaat	((stipendieer)[V],(aat)[N|V.])[N]
stippel	((stip)[N],(el)[N|N.])[N]
stippeling	((stippel)[V],(ing)[N|V.])[N]
stippellijn	((stippel)[V],(lijn)[N])[N]
stippen	(stip)[V]
stipt	(stipt)[A]
stiptheid	((stipt)[A],(heid)[N|A.])[N]
stiptheidsactie	(((stipt)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
stipulatie	((stipuleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
stochastiek	(((stochast)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
stochastisch	((stochast)[N],(isch)[A|N.])[A]
stock	(stock)[N]
stockboek	((stock)[N],(boek)[N])[N]
stockcarrace	((stock-car)[N],(race)[N])[N]
stockdividend	((stock)[N],(dividend)[N])[N]
stoef	(stoef)[N]
stoefen	(stoef)[V]
stoeien	(stoei)[V]
stoeierig	((stoei)[V],(erig)[A|V.])[A]
stoeierij	((stoei)[V],(erij)[N|V.])[N]
stoeipartij	((stoei)[V],(partij)[N])[N]
stoeipoes	((stoei)[V],(poes)[N])[N]
stoeiziek	((stoei)[V],(ziek)[A])[A]
stoel	(stoel)[N]
stoelbies	((stoel)[N],(bies)[N])[N]
stoeldraaier	((stoel)[N],(draai)[V],(er)[N|NV.])[N]
stoelen	(stoel)[V]
stoelendans	((stoel)[N],(en)[N|N.N],(dans)[N])[N]
stoelenmaker	((stoel)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
stoelenmatten	((stoel)[N],(en)[V|N.V],(mat)[V])[V]
stoelenmatter	((stoel)[N],(en)[N|N.Vx],(mat)[V],(er)[N|NxV.])[N]
stoelenzetster	((stoel)[N],(en)[N|N.Vx],(zet)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
stoelgang	((stoel)[N],(gang)[N])[N]
stoelgeld	((stoel)[N],(geld)[N])[N]
stoelgordel	((stoel)[N],(gordel)[N])[N]
stoelkussen	((stoel)[N],(kussen)[N])[N]
stoelmat	((stoel)[N],(mat)[N])[N]
stoelnummer	((stoel)[N],(nummer)[N])[N]
stoelpoot	((stoel)[N],(poot)[N])[N]
stoelriem	((stoel)[N],(riem)[N])[N]
stoeltjesklok	((stoeltje)[N],(s)[N|N.N],(klok)[N])[N]
stoeltjeslift	((stoeltje)[N],(s)[N|N.N],(lift)[N])[N]
stoelvast	((stoel)[N],(vast)[A])[A]
stoep	(stoep)[N]
stoepband	((stoep)[N],(band)[N])[N]
stoepen	(stoep)[V]
stoepenzout	((stoep)[N],(en)[N|N.N],(zout)[N])[N]
stoepier	((stoep)[N],(ier)[N|N.])[N]
stoeppad	((stoep)[N],(pad)[N])[N]
stoepparkeren	((stoep)[N],((park)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
stoeprand	((stoep)[N],(rand)[N])[N]
stoepsteen	((stoep)[N],(steen)[N])[N]
stoeptegel	((stoep)[N],(tegel)[N])[N]
stoepzout	((stoep)[N],(zout)[N])[N]
stoer	(stoer)[A]
stoerheid	((stoer)[A],(heid)[N|A.])[N]
stoerling	((stoer)[A],(ling)[N|A.])[N]
stoet	(stoet)[N]
stoethaspelig	((stoethaspel)[N],(ig)[A|N.])[A]
stoetsgewijs	((stoet)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
stof	(stof)[N]
stofaanbidding	((stof)[N],((aan)[P],(bid)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
stofbeheersing	((stof)[N],((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
stofbestrijding	((stof)[N],((be)[V|.V],(strijd)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
stofboel	((stof)[N],(boel)[N])[N]
stofbril	((stof)[N],(bril)[N])[N]
stofdeeltje	((stof)[N],(deel)[N])[N]
stofdicht	((stof)[N],(dicht)[A])[A]
stofdoek	((stof)[N],(doek)[N])[N]
stofdoekenmandje	(((stof)[N],(doek)[N])[N],(en)[N|N.N],(mand)[N])[N]
stoffage	(((stof)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N]
stoffeerder	(((stof)[N],(eer)[V|N.])[V],(der)[N|V.])[N]
stoffeerderij	(((stof)[N],(eer)[V|N.])[V],(derij)[N|V.])[N]
stoffeersel	(((stof)[N],(eer)[V|N.])[V],(sel)[N|V.])[N]
stoffeerster	(((stof)[N],(eer)[V|N.])[V],(ster)[N|V.])[N]
stoffelachtig	((stoffel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
stoffelijk	((stof)[N],(elijk)[A|N.])[A]
stoffelijkheid	(((stof)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
stoffen	((stof)[N],(en)[A|N.])[A]
stoffen	(stof)[V]
stoffenwinkel	(((stof)[N],(en)[A|N.])[A],(winkel)[N])[N]
stoffer	((stof)[V],(er)[N|V.])[N]
stofferen	((stof)[N],(eer)[V|N.])[V]
stofferig	((stof)[N],(erig)[A|N.])[A]
stofferigheid	(((stof)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
stoffering	(((stof)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
stoffig	((stof)[N],(ig)[A|N.])[A]
stoffigheid	(((stof)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
stofgoud	((stof)[N],(goud)[N])[N]
stofhagel	((stof)[N],(hagel)[N])[N]
stofhagelen	((stof)[N],(hagel)[V])[V]
stofhoes	((stof)[N],(hoes)[N])[N]
stofjas	((stof)[N],(jas)[N])[N]
stofje	(stof)[N]
stofkam	((stof)[N],(kam)[N])[N]
stofkap	((stof)[N],(kap)[N])[N]
stofknoop	((stof)[N],(knoop)[N])[N]
stoflongen	((stof)[N],(long)[N])[N]
stofloos	((stof)[N],(loos)[A|N.])[A]
stofmantel	((stof)[N],(mantel)[N])[N]
stofnaam	((stof)[N],(naam)[N])[N]
stofnest	((stof)[N],(nest)[N])[N]
stofomslag	((stof)[N],((om)[P],(slag)[N])[N])[N]
stofregen	((stof)[N],(regen)[N])[N]
stofregenen	((stof)[N],(regen)[V])[V]
stofthee	((stof)[N],(thee)[N])[N]
stofvod	((stof)[N],(vod)[N])[N]
stofvrij	((stof)[N],(vrij)[A])[A]
stofwerend	((stof)[N],(weer)[V],(end)[A|NV.])[A]
stofwisseling	((stof)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stofwisselingsactiviteit	(((stof)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
stofwisselingsproces	(((stof)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
stofwisselingsproduct	(((stof)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(product)[N])[N]
stofwisselingsslak	(((stof)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(slak)[N])[N]
stofwisselingsstoornis	(((stof)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
stofwisselingsziekte	(((stof)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
stofwolk	((stof)[N],(wolk)[N])[N]
stofzuigen	((stof)[N],(zuig)[V])[V]
stofzuiger	(((stof)[N],(zuig)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
stoichiometrie	((stoichiometrisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
stok	(stok)[N]
stokanker	((stok)[N],(anker)[N])[N]
stokbeitel	((stok)[N],(beitel)[N])[N]
stokboon	((stok)[N],(boon)[N])[N]
stokbrood	((stok)[N],(brood)[N])[N]
stokdegen	((stok)[N],(degen)[N])[N]
stokdood	((stok)[B],(dood)[A])[A]
stokdoof	((stok)[B],(doof)[A])[A]
stokdrijver	((stok)[N],((drijf)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
stokdweil	((stok)[N],(dweil)[N])[N]
stokebrand	((stook)[V],(e)[N|V.N],(brand)[N])[N]
stoken	(stook)[V]
stoker	((stook)[V],(er)[N|V.])[N]
stokerij	((stook)[V],(erij)[N|V.])[N]
stokerskramp	(((stook)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kramp)[N])[N]
stokkaart	((stok)[N],(kaart)[N])[N]
stokken	(stok)[V]
stokkenklavier	((stok)[N],(en)[N|N.N],(klavier)[N])[N]
stokkerig	((stok)[N],(erig)[A|N.])[A]
stokkerigheid	(((stok)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
stokmaat	((stok)[N],(maat)[N])[N]
stokoud	((stok)[B],(oud)[A])[A]
stokpaard	((stok)[N],(paard)[N])[N]
stokpasser	((stok)[N],(passer)[N])[N]
stokpop	((stok)[N],(pop)[N])[N]
stokregel	((stok)[N],(regel)[N])[N]
stokroos	((stok)[N],(roos)[N])[N]
stokschermen	((stok)[N],(scherm)[V])[V]
stokschroef	((stok)[N],(schroef)[N])[N]
stokslag	((stok)[N],(slag)[N])[N]
stokstijf	((stok)[N],(stijf)[A])[A]
stokvast	((stok)[N],(vast)[A])[A]
stokvis	((stok)[N],(vis)[N])[N]
stokvisvel	(((stok)[N],(vis)[N])[N],(vel)[N])[N]
stokvoering	((stok)[N],(voer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
stol	(stol)[N]
stola	(stola)[N]
stollen	(stol)[V]
stolling	((stol)[V],(ing)[N|V.])[N]
stollingsgesteente	(((stol)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.Nx],(steen)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
stollingsstoornis	(((stol)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
stolp	(stolp)[N]
stolpbeschoeiing	((stolp)[N],(((be)[V|.V],(schoei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stolpboerderij	((stolp)[N],((boer)[V],(derij)[N|V.])[N])[N]
stolpdeur	((stolp)[N],(deur)[N])[N]
stolpen	(stolp)[V]
stolpfles	((stolp)[N],(fles)[N])[N]
stolphoeve	((stolp)[N],(hoeve)[N])[N]
stolphuis	((stolp)[N],(huis)[N])[N]
stolpkraag	((stolp)[N],(kraag)[N])[N]
stolpnaad	((stolp)[N],(naad)[N])[N]
stolpplooi	((stolp)[N],(plooi)[N])[N]
stolpraam	((stolp)[N],(raam)[N])[N]
stolsel	((stol)[V],(sel)[N|V.])[N]
stom	(stom)[A]
stoma	(stoma)[N]
stomdronken	((stom)[A],(dronken)[A])[A]
stomen	(stoom)[V]
stomer	((stoom)[V],(er)[N|V.])[N]
stomerij	((stoom)[V],(erij)[N|V.])[N]
stomheid	((stom)[A],(heid)[N|A.])[N]
stomkop	((stom)[A],(kop)[N])[N]
stommeknecht	((stom)[A],(e)[N|A.N],(knecht)[N])[N]
stommel	(stommel)[N]
stommelen	(stommel)[V]
stommeling	((stommel)[V],(ing)[N|V.])[N]
stommerd	((stom)[A],(erd)[N|A.])[N]
stommerik	((stom)[A],(erik)[N|A.])[N]
stommetje	((stom)[A],(etje)[N|A.])[N]
stommigheid	((stom)[A],(igheid)[N|A.])[N]
stommiteit	((stom)[A],(iteit)[N|A.])[N]
stomp	(stomp)[N]
stompen	(stomp)[V]
stompheid	((stomp)[A],(heid)[N|A.])[N]
stomphoekig	((stomp)[A],(hoek)[N],(ig)[A|AN.])[A]
stompneus	((stomp)[A],(neus)[N])[N]
stompstaart	((stomp)[A],(staart)[N])[N]
stompvoet	((stomp)[A],(voet)[N])[N]
stompwerk	((stomp)[V],(werk)[N])[N]
stompzinnig	((stomp)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A]
stompzinnigheid	(((stomp)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
stomtoevallig	((stom)[A],(toeval)[N],(ig)[A|AN.])[A]
stomverbaasd	((stom)[A],(verbaasd)[A])[A]
stomvervelend	((stom)[A],(vervelend)[A])[A]
stomverwonderd	((stom)[A],(verwonderd)[A])[A]
stond	(stond)[N]
stoof	(stoof)[N]
stoofappel	((stoof)[V],(appel)[N])[N]
stoofbuis	((stoof)[N],(buis)[N])[N]
stoofhaak	((stoof)[N],(haak)[N])[N]
stoofhout	((stoof)[N],(hout)[N])[N]
stooflap	((stoof)[V],(lap)[N])[N]
stoofpan	((stoof)[V],(pan)[N])[N]
stoofpeer	((stoof)[V],(peer)[N])[N]
stoofpot	((stoof)[V],(pot)[N])[N]
stoofschotel	((stoof)[V],(schotel)[N])[N]
stoofsel	((stoof)[V],(sel)[N|V.])[N]
stoofsmid	((stoof)[N],(smid)[N])[N]
stoofwilg	((stoof)[N],(wilg)[N])[N]
stookbak	((stook)[V],(bak)[N])[N]
stookgat	((stook)[V],(gat)[N])[N]
stookgelegenheid	((stook)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
stookhok	((stook)[V],(hok)[N])[N]
stookinrichting	((stook)[V],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stookkanaal	((stook)[V],(kanaal)[N])[N]
stookkelder	((stook)[V],(kelder)[N])[N]
stookolie	((stook)[V],(olie)[N])[N]
stookplaat	((stook)[V],(plaat)[N])[N]
stookplaats	((stook)[V],(plaats)[N])[N]
stookruimte	((stook)[V],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
stookseizoen	((stook)[V],(seizoen)[N])[N]
stooksel	((stook)[V],(sel)[N|V.])[N]
stooktafel	((stook)[V],(tafel)[N])[N]
stookwaarde	((stook)[V],(waarde)[N])[N]
stool	(stool)[N]
stoom	(stoom)[N]
stoomafsluiter	((stoom)[N],((af)[P],(sluit)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
stoomafvoer	((stoom)[N],(afvoer)[N])[N]
stoomafvoerpijp	(((stoom)[N],(afvoer)[N])[N],(pijp)[N])[N]
stoombad	((stoom)[N],(bad)[N])[N]
stoombaggermolen	((stoom)[N],((bagger)[V],(molen)[N])[N])[N]
stoombarkas	((stoom)[N],(barkas)[N])[N]
stoomboot	((stoom)[N],(boot)[N])[N]
stoombootdienst	(((stoom)[N],(boot)[N])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
stoombootmaatschappij	(((stoom)[N],(boot)[N])[N],(maatschappij)[N])[N]
stoombrandspuit	((stoom)[N],((brand)[V],(spuit)[N])[N])[N]
stoomcilinder	((stoom)[N],(cilinder)[N])[N]
stoomcursus	((stoom)[V],(cursus)[N])[N]
stoomfluit	((stoom)[N],(fluit)[N])[N]
stoomgemaal	((stoom)[N],((ge)[N|.V],(maal)[V])[N])[N]
stoomhamer	((stoom)[N],(hamer)[N])[N]
stoomhei	((stoom)[N],(hei)[N])[N]
stoomhouden	((stoom)[N],(houd)[V])[V]
stoomjacht	((stoom)[N],(jacht)[N])[N]
stoomketel	((stoom)[N],(ketel)[N])[N]
stoomklep	((stoom)[N],(klep)[N])[N]
stoomkraan	((stoom)[N],(kraan)[N])[N]
stoomkracht	((stoom)[N],(kracht)[N])[N]
stoomlier	((stoom)[N],(lier)[N])[N]
stoomlocomotief	((stoom)[N],(locomotief)[N])[N]
stoommachine	((stoom)[N],(machine)[N])[N]
stoommolen	((stoom)[N],(molen)[N])[N]
stoompan	((stoom)[V],(pan)[N])[N]
stoompers	((stoom)[N],(pers)[N])[N]
stoompijp	((stoom)[N],(pijp)[N])[N]
stoompomp	((stoom)[N],(pomp)[N])[N]
stoomschip	((stoom)[N],(schip)[N])[N]
stoomschuif	((stoom)[N],(schuif)[N])[N]
stoomsleper	((stoom)[N],((sleep)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
stoomstrijkijzer	((stoom)[N],((strijk)[V],(ijzer)[N])[N])[N]
stoomtractie	((stoom)[N],(tractie)[N])[N]
stoomtram	((stoom)[N],(tram)[N])[N]
stoomtramverbinding	(((stoom)[N],(tram)[N])[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stoomtrawler	((stoom)[N],((trawl)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
stoomtrein	((stoom)[N],(trein)[N])[N]
stoomturbine	((stoom)[N],(turbine)[N])[N]
stoomvaart	((stoom)[N],(vaart)[N])[N]
stoomvaartlijn	(((stoom)[N],(vaart)[N])[N],(lijn)[N])[N]
stoomvaartmaatschappij	(((stoom)[N],(vaart)[N])[N],(maatschappij)[N])[N]
stoomvaartuig	((stoom)[N],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
stoomwals	((stoom)[N],(wals)[N])[N]
stoomwezen	((stoom)[N],(wezen)[N])[N]
stoomzaag	((stoom)[N],(zaag)[N])[N]
stoop	(stoop)[N]
stoorder	((stoor)[V],(der)[N|V.])[N]
stoorgebied	((stoor)[V],(gebied)[N])[N]
stoorloos	((stoor)[V],(loos)[A|V.])[A]
stoornis	((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N]
stoorzender	((stoor)[V],((zend)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
stoot	(stoot)[N]
stootbalk	((stoot)[V],(balk)[N])[N]
stootband	((stoot)[V],(band)[N])[N]
stootbeitel	((stoot)[V],(beitel)[N])[N]
stootberg	((stoot)[V],(berg)[N])[N]
stootblok	((stoot)[V],(blok)[N])[N]
stootbok	((stoot)[V],(bok)[N])[N]
stootbord	((stoot)[V],(bord)[N])[N]
stootdegen	((stoot)[V],(degen)[N])[N]
stootduiken	((stoot)[V],(duik)[V])[V]
stootgaren	((stoot)[V],(garen)[N])[N]
stoothaak	((stoot)[V],(haak)[N])[N]
stoothoek	((stoot)[V],(hoek)[N])[N]
stoothout	((stoot)[V],(hout)[N])[N]
stootionisatie	((stoot)[N],(((ion)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
stootkant	((stoot)[V],(kant)[N])[N]
stootkar	((stoot)[V],(kar)[N])[N]
stootkracht	((stoot)[V],(kracht)[N])[N]
stootkussen	((stoot)[V],(kussen)[N])[N]
stootlap	((stoot)[V],(lap)[N])[N]
stootplaat	((stoot)[V],(plaat)[N])[N]
stootrand	((stoot)[V],(rand)[N])[N]
stoots	((stoot)[V],(s)[A|V.])[A]
stootsgewijs	((stoot)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
stootsheid	(((stoot)[V],(s)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
stootsignaal	((stoot)[N],(signaal)[N])[N]
stoottand	((stoot)[V],(tand)[N])[N]
stoottoon	((stoot)[V],(toon)[N])[N]
stoottroep	((stoot)[V],(troep)[N])[N]
stootvast	((stoot)[V],(vast)[A])[A]
stootvlak	((stoot)[V],(vlak)[N])[N]
stootvoeg	((stoot)[V],(voeg)[N])[N]
stootvogel	((stoot)[V],(vogel)[N])[N]
stootwagen	((stoot)[V],(wagen)[N])[N]
stootwapen	((stoot)[V],(wapen)[N])[N]
stootwil	((stoot)[V],(wil)[N])[N]
stootzaag	((stoot)[V],(zaag)[N])[N]
stootzak	((stoot)[V],(zak)[N])[N]
stop	(stop)[N]
stopbad	((stop)[V],(bad)[N])[N]
stopbalk	((stop)[V],(balk)[N])[N]
stopbod	((stop)[V],(bod)[N])[N]
stopboei	((stop)[V],(boei)[N])[N]
stopbord	((stop)[V],(bord)[N])[N]
stopbus	((stop)[V],(bus)[N])[N]
stopcontact	((stop)[N],(contact)[N])[N]
stopdoek	((stop)[V],(doek)[N])[N]
stopenblaren	((stoop)[N],(e)[N|N.N],(blad)[N])[N]
stopfles	((stop)[N],(fles)[N])[N]
stopgaren	((stop)[V],(garen)[N])[N]
stopgroen	((stop)[V],(groen)[N])[N]
stophorloge	((stop)[V],(horloge)[N])[N]
stophout	((stop)[V],(hout)[N])[N]
stopkogel	((stop)[V],(kogel)[N])[N]
stoplamp	((stop)[V],(lamp)[N])[N]
stoplap	((stop)[V],(lap)[N])[N]
stoplicht	((stop)[V],(licht)[N])[N]
stoplijn	((stop)[V],(lijn)[N])[N]
stopmandje	((stop)[V],(mand)[N])[N]
stopmes	((stop)[V],(mes)[N])[N]
stopmiddel	((stop)[V],(middel)[N])[N]
stopnaald	((stop)[V],(naald)[N])[N]
stoporder	((stop)[V],(order)[N])[N]
stoppage	((stop)[V],(age)[N|V.])[N]
stoppage-inrichting	(((stop)[V],(age)[N|V.])[N],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stoppel	(stoppel)[N]
stoppelakker	((stoppel)[N],(akker)[N])[N]
stoppelbaard	((stoppel)[N],(baard)[N])[N]
stoppelbloot	((stoppel)[N],(bloot)[A])[A]
stoppeldak	((stoppel)[N],(dak)[N])[N]
stoppelgewas	((stoppel)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
stoppelhaar	((stoppel)[N],(haar)[N])[N]
stoppelig	((stoppel)[N],(ig)[A|N.])[A]
stoppelkin	((stoppel)[N],(kin)[N])[N]
stoppelklaver	((stoppel)[N],(klaver)[N])[N]
stoppelland	((stoppel)[N],(land)[N])[N]
stoppelploeg	((stoppel)[N],(ploeg)[N])[N]
stoppelveld	((stoppel)[N],(veld)[N])[N]
stoppen	(stop)[V]
stoppenkast	((stop)[N],(en)[N|N.N],(kast)[N])[N]
stopper	((stop)[V],(er)[N|V.])[N]
stopperij	((stop)[V],(erij)[N|V.])[N]
stopperspil	(((stop)[V],(er)[N|V.])[N],(spil)[N])[N]
stopping	((stop)[V],(ing)[N|V.])[N]
stopplaats	((stop)[V],(plaats)[N])[N]
stopreactie	((stop)[V],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
stopsajet	((stop)[V],(sajet)[N])[N]
stopsein	((stop)[V],(sein)[N])[N]
stopsel	((stop)[V],(sel)[N|V.])[N]
stopsignaal	((stop)[V],(signaal)[N])[N]
stopsteek	((stop)[V],(steek)[N])[N]
stopsteen	((stop)[V],(steen)[N])[N]
stopster	((stop)[V],(ster)[N|V.])[N]
stopstreep	((stop)[V],(streep)[N])[N]
stopstuk	((stop)[V],(stuk)[N])[N]
stopteken	((stop)[V],(teken)[N])[N]
stoptijd	((stop)[V],(tijd)[N])[N]
stoptrein	((stop)[V],(trein)[N])[N]
stopverbod	((stop)[V],(verbod)[N])[N]
stopverf	((stop)[V],(verf)[N])[N]
stopvers	((stop)[V],(vers)[N])[N]
stopwas	((stop)[V],(was)[N])[N]
stopweg	((stop)[N],(weg)[N])[N]
stopwerk	((stop)[V],(werk)[N])[N]
stopwol	((stop)[V],(wol)[N])[N]
stopwoord	((stop)[V],(woord)[N])[N]
stopzetten	((stop)[V],(zet)[V])[V]
stopzij	((stop)[V],(zij)[N])[N]
stopzijde	((stop)[V],(zijde)[N])[N]
storen	(stoor)[V]
storing	((stoor)[V],(ing)[N|V.])[N]
storingsdienst	(((stoor)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
storingsfilter	(((stoor)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(filter)[N])[N]
storingsgebied	(((stoor)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gebied)[N])[N]
storingvrij	(((stoor)[V],(ing)[N|V.])[N],(vrij)[A])[A]
storingzeef	(((stoor)[V],(ing)[N|V.])[N],(zeef)[N])[N]
storm	(storm)[N]
stormaanval	((storm)[V],(aanval)[N])[N]
stormachtig	((storm)[N],(achtig)[A|N.])[A]
stormbaan	((storm)[N],(baan)[N])[N]
stormbal	((storm)[N],(bal)[N])[N]
stormband	((storm)[N],(band)[N])[N]
stormboot	((storm)[V],(boot)[N])[N]
stormbui	((storm)[N],(bui)[N])[N]
stormcentrum	((storm)[N],(centrum)[N])[N]
stormdak	((storm)[V],(dak)[N])[N]
stormdek	((storm)[N],(dek)[N])[N]
stormdepressie	((storm)[N],(depressie)[N])[N]
stormdeur	((storm)[N],(deur)[N])[N]
stormeb	((storm)[N],(eb)[N])[N]
stormeg	((storm)[V],(eg)[N])[N]
stormegge	((storm)[V],(egge)[N])[N]
stormen	(storm)[V]
stormfok	((storm)[N],(fok)[N])[N]
stormgebied	((storm)[N],(gebied)[N])[N]
stormgeweld	((storm)[N],(geweld)[N])[N]
stormhaak	((storm)[V],(haak)[N])[N]
stormhoed	((storm)[V],(hoed)[N])[N]
stormhoek	((storm)[N],(hoek)[N])[N]
stormhout	((storm)[N],(hout)[N])[N]
stormig	((storm)[N],(ig)[A|N.])[A]
stormkaart	((storm)[N],(kaart)[N])[N]
stormklep	((storm)[N],(klep)[N])[N]
stormklok	((storm)[N],(klok)[N])[N]
stormkracht	((storm)[N],(kracht)[N])[N]
stormladder	((storm)[V],(ladder)[N])[N]
stormlamp	((storm)[N],(lamp)[N])[N]
stormlantaarn	((storm)[N],(lantaarn)[N])[N]
stormlantaren	((storm)[N],(lantaren)[N])[N]
stormlijn	((storm)[N],(lijn)[N])[N]
stormloop	((storm)[V],(loop)[N])[N]
stormlopen	((storm)[N],(loop)[V])[V]
stormmeeuw	((storm)[N],(meeuw)[N])[N]
stormpas	((storm)[V],(pas)[N])[N]
stormpen	((storm)[N],(pen)[N])[N]
stormram	((storm)[V],(ram)[N])[N]
stormramp	((storm)[N],(ramp)[N])[N]
stormschade	((storm)[N],(schade)[N])[N]
stormsein	((storm)[N],(sein)[N])[N]
stormtij	((storm)[N],(tij)[N])[N]
stormtroep	((storm)[V],(troep)[N])[N]
stormtuig	((storm)[V],(tuig)[N])[N]
stormvast	((storm)[N],(vast)[A])[A]
stormveld	((storm)[N],(veld)[N])[N]
stormvlaag	((storm)[N],(vlaag)[N])[N]
stormvloed	((storm)[N],(vloed)[N])[N]
stormvloedkering	(((storm)[N],(vloed)[N])[N],(keer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
stormvogel	((storm)[N],(vogel)[N])[N]
stormvrij	((storm)[V],(vrij)[A])[A]
stormwaarschuwingsdienst	((storm)[N],((waarschuw)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|NN.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
stormweder	((storm)[V],(weder)[N])[N]
stormweer	((storm)[N],(weer)[N])[N]
stormwind	((storm)[N],(wind)[N])[N]
stormzeil	((storm)[N],(zeil)[N])[N]
stornopost	((storno)[N],(post)[N])[N]
stort	(stort)[N]
stortbad	((stort)[V],(bad)[N])[N]
stortbak	((stort)[V],(bak)[N])[N]
stortbeek	((stort)[V],(beek)[N])[N]
stortberg	((stort)[V],(berg)[N])[N]
stortbeton	((stort)[V],(beton)[N])[N]
stortbier	((stort)[V],(bier)[N])[N]
stortbord	((stort)[V],(bord)[N])[N]
stortbui	((stort)[V],(bui)[N])[N]
storten	(stort)[V]
storten	((stort)[N],(en)[A|N.])[A]
stortgat	((stort)[V],(gat)[N])[N]
stortgeld	((stort)[V],(geld)[N])[N]
stortgelegenheid	((stort)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
stortgoed	((stort)[V],(goed)[N])[N]
stortgoot	((stort)[V],(goot)[N])[N]
storthelling	((stort)[V],((hel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
storting	((stort)[V],(ing)[N|V.])[N]
stortingsbewijs	(((stort)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bewijs)[N])[N]
stortingsformulier	(((stort)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(formulier)[N])[N]
stortingskaart	(((stort)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
stortkar	((stort)[V],(kar)[N])[N]
stortklep	((stort)[V],(klep)[N])[N]
stortkoker	((stort)[V],(koker)[N])[N]
stortkom	((stort)[V],(kom)[N])[N]
stortlaag	((stort)[V],(laag)[N])[N]
stortluik	((stort)[V],(luik)[N])[N]
stortmast	((stort)[V],(mast)[N])[N]
stortmolen	((stort)[V],(molen)[N])[N]
stortplaats	((stort)[V],(plaats)[N])[N]
stortregen	((stort)[V],(regen)[N])[N]
stortsteen	((stort)[V],(steen)[N])[N]
storttoren	((stort)[V],(toren)[N])[N]
stortvloed	((stort)[V],(vloed)[N])[N]
stortwerk	((stort)[V],(werk)[N])[N]
stortzee	((stort)[V],(zee)[N])[N]
stoten	(stoot)[V]
stoter	((stoot)[V],(er)[N|V.])[N]
stoterig	((stoot)[V],(erig)[A|V.])[A]
stotig	((stoot)[N],(ig)[A|N.])[A]
stotinka	(stotinka)[N]
stotteraar	((stotter)[V],(aar)[N|V.])[N]
stotteraarster	(((stotter)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
stotteren	(stotter)[V]
stout	(stout)[N]
stouterd	((stout)[A],(erd)[N|A.])[N]
stouterik	((stout)[A],(erik)[N|A.])[N]
stoutheid	((stout)[A],(heid)[N|A.])[N]
stoutigheid	((stout)[A],(igheid)[N|A.])[N]
stoutmoedig	((stout)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
stoutmoedigheid	(((stout)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
stouwage	((stouw)[V],(age)[N|V.])[N]
stouwen	(stouw)[V]
stouwer	((stouw)[V],(er)[N|V.])[N]
stouwsluis	((stouw)[V],(sluis)[N])[N]
stoven	(stoof)[V]
stovengeld	((stoof)[N],(e)[N|N.N],(geld)[N])[N]
stovenzetster	((stoof)[N],(en)[N|N.Vx],(zet)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
stoverij	((stoof)[V],(erij)[N|V.])[N]
stoïcijns	((stoïcijn)[N],(s)[A|N.])[A]
straal	(straal)[N]
straalaandrijving	((straal)[V],(((aan)[P],(drijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
straalbalk	((straal)[B],(balk)[N])[N]
straalbezopen	((straal)[B],(bezopen)[A])[A]
straalbok	((straal)[B],(bok)[N])[N]
straalbrekend	((straal)[N],(breek)[V],(end)[A|NV.])[A]
straalbreking	((straal)[N],(breek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
straalbuis	((straal)[V],(buis)[N])[N]
straalbuismotor	(((straal)[V],(buis)[N])[N],(motor)[N])[N]
straalbundel	((straal)[N],(bundel)[N])[N]
straalcoördinaten	((straal)[N],((coördineer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
straaldier	((straal)[V],(dier)[N])[N]
straalgewelf	((straal)[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
straaljager	((straal)[N],((jaag)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
straaljagerbrandstof	(((straal)[N],((jaag)[V],(er)[N|V.])[N])[N],((brand)[V],(stof)[N])[N])[N]
straaljagerpiloot	(((straal)[N],((jaag)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(piloot)[N])[N]
straalkachel	((straal)[V],(kachel)[N])[N]
straalkapel	((straal)[N],(kapel)[N])[N]
straallamp	((straal)[V],(lamp)[N])[N]
straalliniaal	((straal)[B],((linie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
straalmotor	((straal)[V],(motor)[N])[N]
straalpijp	((straal)[V],(pijp)[N])[N]
straalpunt	((straal)[V],(punt)[N])[N]
straalschimmel	((straal)[N],(schimmel)[N])[N]
straalsgewijs	((straal)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
straalturbine	((straal)[V],(turbine)[N])[N]
straalverbinding	((straal)[V],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
straalverbindingstoren	(((straal)[V],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(toren)[N])[N]
straalvertelling	((straal)[V],(((ver)[V|.V],(tel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
straalvliegtuig	((straal)[V],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
straalvormig	((straal)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
straalzender	((straal)[V],((zend)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
straalzwam	((straal)[N],(zwam)[N])[N]
straat	(straat)[N]
straatactie	((straat)[N],(actie)[N])[N]
straatagent	((straat)[N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
straatarm	((straat)[N],(arm)[A])[A]
straatartiest	((straat)[N],(artiest)[N])[N]
straatbeeld	((straat)[N],(beeld)[N])[N]
straatbelasting	((straat)[N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
straatbende	((straat)[N],(bende)[N])[N]
straatbengel	((straat)[N],(bengel)[N])[N]
straatbetoging	((straat)[N],((betoog)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
straatbeurs	((straat)[N],(beurs)[N])[N]
straatblok	((straat)[N],(blok)[N])[N]
straatcollecte	((straat)[N],(collecte)[N])[N]
straatcontrole	((straat)[N],(controle)[N])[N]
straatdemonstratie	((straat)[N],((demonstreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
straatdeun	((straat)[N],(deun)[N])[N]
straatdeur	((straat)[N],(deur)[N])[N]
straatdienst	((straat)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
straatdorp	((straat)[N],(dorp)[N])[N]
straatfotograaf	((straat)[N],(fotograaf)[N])[N]
straatgedeelte	((straat)[N],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
straatgeld	((straat)[N],(geld)[N])[N]
straatgeluid	((straat)[N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
straatgevecht	((straat)[N],((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N])[N]
straatgevel	((straat)[N],(gevel)[N])[N]
straatgeweld	((straat)[N],(geweld)[N])[N]
straatgoot	((straat)[N],(goot)[N])[N]
straatguerrilla	((straat)[N],(guerrilla)[N])[N]
straathandelaar	((straat)[N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
straathoekwerker	((straathoek)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
straathond	((straat)[N],(hond)[N])[N]
straatinterview	((straat)[N],(interview)[N])[N]
straatjekeren	((straatje)[N],(keer)[V])[V]
straatjesvolk	((straatje)[N],(s)[N|N.N],(volk)[N])[N]
straatjeugd	((straat)[N],(jeugd)[N])[N]
straatjongen	((straat)[N],(jongen)[N])[N]
straatkabaal	((straat)[N],(kabaal)[N])[N]
straatkant	((straat)[N],(kant)[N])[N]
straatkei	((straat)[N],(kei)[N])[N]
straatkind	((straat)[N],(kind)[N])[N]
straatklinker	((straat)[N],((klink)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
straatkolk	((straat)[N],(kolk)[N])[N]
straatkreet	((straat)[N],(kreet)[N])[N]
straatlamp	((straat)[N],(lamp)[N])[N]
straatlantaarn	((straat)[N],(lantaarn)[N])[N]
straatlantaren	((straat)[N],(lantaren)[N])[N]
straatlengte	((straat)[N],(lengte)[N])[N]
straatlied	((straat)[N],(lied)[N])[N]
straatloopster	((straat)[N],((loop)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
straatloper	((straat)[N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
straatmadelief	((straat)[N],(madelief)[N])[N]
straatmaker	((straat)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
straatmeid	((straat)[N],(meid)[N])[N]
straatmeisje	((straat)[N],(meisje)[N])[N]
straatmest	((straat)[N],(mest)[N])[N]
straatmus	((straat)[N],(mus)[N])[N]
straatmuziek	((straat)[N],(muziek)[N])[N]
straatmuzikant	((straat)[N],(muzikant)[N])[N]
straatnaam	((straat)[N],(naam)[N])[N]
straatnaambordje	(((straat)[N],(naam)[N])[N],(bord)[N])[N]
straatnimf	((straat)[N],(nimf)[N])[N]
straatongeval	((straat)[N],((on)[N|.N],(geval)[N])[N])[N]
straatorgel	((straat)[N],(orgel)[N])[N]
straatprediker	((straat)[N],((predik)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
straatprostitutie	((straat)[N],((prostitueer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
straatredenaar	((straat)[N],((rede)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
straatroof	((straat)[N],(roof)[N])[N]
straatrover	((straat)[N],((roof)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
straatrumoer	((straat)[N],(rumoer)[N])[N]
straatschender	((straat)[N],((schend)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
straatschenderij	((straat)[N],(schend)[V],(erij)[N|NV.])[N]
straatschoffie	((straat)[N],(schoffie)[N])[N]
straatslijpen	((straat)[N],(slijp)[V])[V]
straatslijper	(((straat)[N],(slijp)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
straatstamper	((straat)[N],((stamp)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
straatsteen	((straat)[N],(steen)[N])[N]
straatsurveillance	((straat)[N],(((surveilleer)[V],(ant)[N|V.])[N],(nce)[N|N.])[N])[N]
straattaal	((straat)[N],(taal)[N])[N]
straattafereel	((straat)[N],(tafereel)[N])[N]
straatterreur	((straat)[N],(terreur)[N])[N]
straattoneel	((straat)[N],(toneel)[N])[N]
straattype	((straat)[N],(type)[N])[N]
straatveger	((straat)[N],(veeg)[V],(er)[N|NV.])[N]
straatventer	((straat)[N],((vent)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
straatverkoop	((straat)[N],(verkoop)[N])[N]
straatverlichting	((straat)[N],((ver)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
straatversperring	((straat)[N],((ver)[V|.V],(sper)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
straatvrees	((straat)[N],(vrees)[N])[N]
straatvuil	((straat)[N],(vuil)[N])[N]
straatweg	((straat)[N],(weg)[N])[N]
straatwerker	((straat)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
straatzanger	((straat)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
straf	(straf)[N]
strafbaar	((straf)[V],(baar)[A|V.])[A]
strafbaarheid	(((straf)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
strafbaarstelling	(((straf)[V],(baar)[A|V.])[A],(stel)[V],(ing)[N|AV.])[N]
strafbank	((straf)[V],(bank)[N])[N]
strafbeding	((straf)[N],(beding)[N])[N]
strafbepaling	((straf)[N],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
strafblad	((straf)[N],(blad)[N])[N]
strafcel	((straf)[N],(cel)[N])[N]
strafcompagnie	((straf)[N],(compagnie)[N])[N]
strafexerceren	((straf)[N],(exerceer)[V])[V]
strafexercitie	(((straf)[N],(exerceer)[V])[V],(itie)[N|V.])[N]
strafexpeditie	((straf)[N],((expedieer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
straffeloos	((straf)[N],(eloos)[A|N.])[A]
straffeloosheid	(((straf)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
straffen	(straf)[V]
straffer	((straf)[V],(er)[N|V.])[N]
strafgeding	((straf)[N],(geding)[N])[N]
strafgericht	((straf)[V],(gericht)[N])[N]
strafgevangenis	((straf)[V],(gevangenis)[N])[N]
strafheid	((straf)[A],(heid)[N|A.])[N]
strafinrichting	((straf)[N],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
strafkamer	((straf)[V],(kamer)[N])[N]
strafkamp	((straf)[V],(kamp)[N])[N]
strafklas	((straf)[V],(klas)[N])[N]
strafklasse	((straf)[V],(klasse)[N])[N]
strafkolonie	((straf)[V],(kolonie)[N])[N]
straflijst	((straf)[V],(lijst)[N])[N]
strafmaat	((straf)[V],(maat)[N])[N]
strafmaatregel	((straf)[V],(maatregel)[N])[N]
strafmiddel	((straf)[V],(middel)[N])[N]
strafoefening	((straf)[V],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
strafonderbreking	((straf)[N],((onder)[P],(breek)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
strafpeloton	((straf)[V],(peloton)[N])[N]
strafplaats	((straf)[V],(plaats)[N])[N]
strafpleiter	((straf)[N],((pleit)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
strafport	((straf)[V],(port)[N])[N]
strafproces	((straf)[V],(proces)[N])[N]
strafprocesrecht	((straf)[V],((proces)[N],(recht)[N])[N])[N]
strafpunt	((straf)[V],(punt)[N])[N]
strafrecht	((straf)[V],(recht)[N])[N]
strafrechtelijk	(((straf)[V],(recht)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
strafrechter	((straf)[V],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
strafrechtspraak	((straf)[V],((recht)[N],(spraak)[N])[N])[N]
strafrechttheorie	(((straf)[V],(recht)[N])[N],(theorie)[N])[N]
strafregel	((straf)[V],(regel)[N])[N]
strafregister	((straf)[V],(register)[N])[N]
strafrente	((straf)[V],(rente)[N])[N]
strafschop	((straf)[N],(schop)[N])[N]
strafschopgebied	(((straf)[N],(schop)[N])[N],(gebied)[N])[N]
strafschopstip	(((straf)[N],(schop)[N])[N],(stip)[N])[N]
strafschrift	((straf)[N],(schrift)[N])[N]
strafseconde	((straf)[V],(seconde)[N])[N]
straftijd	((straf)[V],(tijd)[N])[N]
straftuig	((straf)[V],(tuig)[N])[N]
strafverordening	((straf)[V],(((ver)[V|.V],(orden)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
strafvervolging	((straf)[N],(((ver)[V|.V],(volg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
strafvonnis	((straf)[V],(vonnis)[N])[N]
strafvordering	((straf)[V],((vorder)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
strafwaardig	((straf)[V],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
strafwerk	((straf)[V],(werk)[N])[N]
strafwet	((straf)[V],(wet)[N])[N]
strafwetboek	((straf)[V],((wet)[N],(boek)[N])[N])[N]
strafwetgeving	((straf)[N],((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
strafworp	((straf)[V],(worp)[N])[N]
strafzaak	((straf)[V],(zaak)[N])[N]
strafzitting	((straf)[N],((zit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
straight	(straight)[A]
strak	(strak)[A]
strakblauw	((strak)[A],(blauw)[A])[A]
strakheid	((strak)[A],(heid)[N|A.])[N]
straklijnig	((strak)[A],(lijn)[N],(ig)[A|AN.])[A]
stralen	(straal)[V]
stralenbundel	((straal)[N],(en)[N|N.N],(bundel)[N])[N]
stralenkrans	((straal)[N],(en)[N|N.N],(krans)[N])[N]
stralenkroon	((straal)[N],(en)[N|N.N],(kroon)[N])[N]
stralenveld	((straal)[N],(en)[N|N.N],(veld)[N])[N]
straling	((straal)[V],(ing)[N|V.])[N]
stralingsbron	(((straal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bron)[N])[N]
stralingsdosis	(((straal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dosis)[N])[N]
stralingsenergie	(((straal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(energie)[N])[N]
stralingsgenetica	(((straal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(genetica)[N])[N]
stralingsgevaar	(((straal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gevaar)[N])[N]
stralingsgordel	(((straal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gordel)[N])[N]
stralingsintensiteit	(((straal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((intens)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
stralingsveld	(((straal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
stralingswarmte	(((straal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
stralingsweerstand	(((straal)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(weerstand)[N])[N]
stram	(stram)[A]
stramheid	((stram)[A],(heid)[N|A.])[N]
stramien	(stramien)[N]
strammig	((stram)[A],(ig)[A|A.])[A]
strammigheid	(((stram)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
strand	(strand)[N]
strandafzetting	((strand)[N],(((af)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
strandbad	((strand)[N],(bad)[N])[N]
strandbewoner	((strand)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
strandbos	((strand)[N],(bos)[N])[N]
stranddief	((strand)[N],(dief)[N])[N]
stranddieverij	((strand)[N],((dief)[V],(erij)[N|V.])[N])[N]
stranden	(strand)[V]
strandgaper	((strand)[N],((gaap)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
strandgezicht	((strand)[N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
strandgoed	((strand)[N],(goed)[N])[N]
strandhoofd	((strand)[N],(hoofd)[N])[N]
strandhotel	((strand)[N],(hotel)[N])[N]
strandhuisje	((strand)[N],(huis)[N])[N]
stranding	((strand)[V],(ing)[N|V.])[N]
strandjurk	((strand)[N],(jurk)[N])[N]
strandjutten	((strand)[N],(jut)[V])[V]
strandjutter	(((strand)[N],(jut)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
strandjutterij	(((strand)[N],(jut)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
strandleven	((strand)[N],(leven)[N])[N]
strandlijn	((strand)[N],(lijn)[N])[N]
strandloop	((strand)[N],(loop)[N])[N]
strandloper	((strand)[N],(loop)[V],(er)[N|NV.])[N]
strandmeer	((strand)[N],(meer)[N])[N]
strandmeester	((strand)[N],(meester)[N])[N]
strandmuur	((strand)[N],(muur)[N])[N]
strandpaal	((strand)[N],(paal)[N])[N]
strandpak	((strand)[N],(pak)[N])[N]
strandplevier	((strand)[N],(plevier)[N])[N]
strandpluvier	((strand)[N],(pluvier)[N])[N]
strandpyjama	((strand)[N],(pyjama)[N])[N]
strandrecht	((strand)[V],(recht)[N])[N]
strandschelp	((strand)[N],(schelp)[N])[N]
strandstoel	((strand)[N],(stoel)[N])[N]
strandtas	((strand)[N],(tas)[N])[N]
strandtent	((strand)[N],(tent)[N])[N]
strandvisser	((strand)[N],((vis)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
strandvlo	((strand)[N],(vlo)[N])[N]
strandvogel	((strand)[N],(vogel)[N])[N]
strandvond	((strand)[N],(vond)[N])[N]
strandvonder	(((strand)[N],(vond)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
strandvonderij	(((strand)[N],(vond)[N])[N],(erij)[N|N.])[N]
strandvoogd	((strand)[N],(voogd)[N])[N]
strandwagen	((strand)[N],(wagen)[N])[N]
strandweer	((strand)[N],(weer)[N])[N]
strangulatie	((stranguleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
strapontijn	(strapontijn)[N]
stras	(stras)[N]
strategieontwikkeling	(((strategisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stratengids	((straat)[N],(en)[N|N.N],(gids)[N])[N]
stratenmaker	((straat)[N],(e)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
stratennet	((straat)[N],(en)[N|N.N],(net)[N])[N]
stratenplan	((straat)[N],(en)[N|N.N],(plan)[N])[N]
stratificatie	((stratificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
stratosfeerballon	((stratosfeer)[N],(ballon)[N])[N]
stratosfeertocht	((stratosfeer)[N],(tocht)[N])[N]
stratosfeervliegtuig	((stratosfeer)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
streaken	(streak)[V]
streefcijfer	((streef)[V],(cijfer)[N])[N]
streefdatum	((streef)[V],(datum)[N])[N]
streefgetal	((streef)[V],(getal)[N])[N]
streefrichting	((streef)[V],((richt)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
streek	(streek)[N]
streekblad	((streek)[N],(blad)[N])[N]
streekbus	((streek)[N],(bus)[N])[N]
streekcentrum	((streek)[N],(centrum)[N])[N]
streekdorp	((streek)[N],(dorp)[N])[N]
streekgebonden	((streek)[N],(gebonden)[A])[A]
streekgenoot	((streek)[N],(genoot)[N])[N]
streekmuseum	((streek)[N],(museum)[N])[N]
streekplan	((streek)[N],(plan)[N])[N]
streekplanbeleid	(((streek)[N],(plan)[N])[N],(beleid)[N])[N]
streekplanontwikkeling	(((streek)[N],(plan)[N])[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
streekraad	((streek)[N],(raad)[N])[N]
streekroman	((streek)[N],(roman)[N])[N]
streekschool	((streek)[N],(school)[N])[N]
streeksgewijs	((streek)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
streeksgewijze	((streek)[N],(s)[A|N.x],(gewijze)[A|Nx.])[A]
streektaal	((streek)[N],(taal)[N])[N]
streektafel	((streek)[N],(tafel)[N])[N]
streekvervoer	((streek)[N],(vervoer)[N])[N]
streekziekenhuis	((streek)[N],((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N])[N]
streep	(streep)[N]
streepdessin	((streep)[N],(dessin)[N])[N]
streepjesbroek	((streep)[N],(s)[N|N.N],(broek)[N])[N]
streepjescode	((streep)[N],(s)[N|N.N],(code)[N])[N]
streepjesgoed	((streep)[N],(s)[N|N.N],(goed)[N])[N]
streepjespantalon	((streepje)[N],(s)[N|N.N],(pantalon)[N])[N]
streepjespyjama	((streepje)[N],(s)[N|N.N],(pyjama)[N])[N]
streeplijn	((streep)[N],(lijn)[N])[N]
streeppatroon	((streep)[N],(patroon)[N])[N]
streepsgewijs	((streep)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
streepvormig	((streep)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
strek	(strek)[N]
strekdam	((strek)[V],(dam)[N])[N]
strekhang	((strek)[V],(hang)[N])[N]
strekken	(strek)[V]
strekker	((strek)[V],(er)[N|V.])[N]
strekking	((strek)[V],(ing)[N|V.])[N]
strekkingslijn	(((strek)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lijn)[N])[N]
strekkingsroman	(((strek)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(roman)[N])[N]
streklaag	((strek)[N],(laag)[N])[N]
streks	((strek)[N],(s)[A|N.])[A]
strekspier	((strek)[V],(spier)[N])[N]
strekstand	((strek)[V],(stand)[N])[N]
strekzit	((strek)[V],(zit)[N])[N]
strelen	(streel)[V]
streler	((streel)[V],(er)[N|V.])[N]
streling	((streel)[V],(ing)[N|V.])[N]
stremmen	(strem)[V]
stremming	((strem)[V],(ing)[N|V.])[N]
stremsel	((strem)[V],(sel)[N|V.])[N]
stremstof	((strem)[V],(stof)[N])[N]
streng	(streng)[N]
strengeling	((strengel)[V],(ing)[N|V.])[N]
strengen	(streng)[V]
strengheid	((streng)[A],(heid)[N|A.])[N]
strengleder	((streng)[N],(leder)[N])[N]
strengleer	((streng)[N],(leer)[N])[N]
strepen	(streep)[V]
strepentrekker	((streep)[N],(en)[N|N.Vx],(trek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
strepenziekte	((streep)[N],(en)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
streperig	((streep)[N],(erig)[A|N.])[A]
strepig	((streep)[N],(ig)[A|N.])[A]
streptokokkeninfectie	((streptokok)[N],(en)[N|N.N],((infect)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
stress	(stress)[N]
stressbegrip	((stress)[N],(begrip)[N])[N]
stressbestendig	((stress)[N],(bestendig)[A])[A]
stressniveau	((stress)[N],(niveau)[N])[N]
stressreactie	((stress)[N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
stressreductie	((stress)[N],(reductie)[N])[N]
stresssituatie	((stress)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
stresstoestand	((stress)[N],(toestand)[N])[N]
stressverschijnsel	((stress)[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
stressvol	((stress)[N],(vol)[A])[A]
stretch	(stretch)[A]
streven	(streef)[V]
strever	((streef)[V],(er)[N|V.])[N]
streving	((streef)[V],(ing)[N|V.])[N]
stribbelen	(stribbel)[V]
stribbelig	((stribbel)[V],(ig)[A|V.])[A]
stribbeling	((stribbel)[V],(ing)[N|V.])[N]
striem	(striem)[N]
striemen	(striem)[V]
strijd	(strijd)[N]
strijdbaar	((strijd)[V],(baar)[A|V.])[A]
strijdbaarheid	(((strijd)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
strijdbanier	((strijd)[N],(banier)[N])[N]
strijdbijl	((strijd)[V],(bijl)[N])[N]
strijden	(strijd)[V]
strijder	((strijd)[V],(er)[N|V.])[N]
strijdgenoot	((strijd)[V],(genoot)[N])[N]
strijdgenote	(((strijd)[V],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
strijdhamer	((strijd)[V],(hamer)[N])[N]
strijdig	((strijd)[N],(ig)[A|N.])[A]
strijdigheid	(((strijd)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
strijdknots	((strijd)[V],(knots)[N])[N]
strijdkrachten	((strijd)[N],(kracht)[N])[N]
strijdkreet	((strijd)[V],(kreet)[N])[N]
strijdleus	((strijd)[V],(leus)[N])[N]
strijdleuze	((strijd)[V],(leuze)[N])[N]
strijdlied	((strijd)[V],(lied)[N])[N]
strijdlust	((strijd)[V],(lust)[N])[N]
strijdlustig	((strijd)[V],(lust)[N],(ig)[A|VN.])[A]
strijdmacht	((strijd)[V],(macht)[N])[N]
strijdmakker	((strijd)[N],(makker)[N])[N]
strijdmiddel	((strijd)[V],(middel)[N])[N]
strijdperk	((strijd)[V],(perk)[N])[N]
strijdros	((strijd)[V],(ros)[N])[N]
strijdschrift	((strijd)[V],(schrift)[N])[N]
strijdster	((strijd)[V],(ster)[N|V.])[N]
strijdtoneel	((strijd)[V],(toneel)[N])[N]
strijdvaardig	((strijd)[V],(vaardig)[A])[A]
strijdvaardigheid	(((strijd)[V],(vaardig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
strijdvraag	((strijd)[V],(vraag)[N])[N]
strijdwagen	((strijd)[V],(wagen)[N])[N]
strijk	(strijk)[N]
strijkage	((strijk)[V],(age)[N|V.])[N]
strijkbalk	((strijk)[N],(balk)[N])[N]
strijkband	((strijk)[V],(band)[N])[N]
strijkbord	((strijk)[V],(bord)[N])[N]
strijkbout	((strijk)[V],(bout)[N])[N]
strijkconcert	((strijk)[V],(concert)[N])[N]
strijkdeken	((strijk)[V],(deken)[N])[N]
strijkdroog	((strijk)[V],(droog)[A])[A]
strijkecht	((strijk)[V],(echt)[A])[A]
strijken	(strijk)[V]
strijker	((strijk)[V],(er)[N|V.])[N]
strijkerij	((strijk)[V],(erij)[N|V.])[N]
strijkgeld	((strijk)[N],(geld)[N])[N]
strijkgoed	((strijk)[V],(goed)[N])[N]
strijkhout	((strijk)[V],(hout)[N])[N]
strijkijzer	((strijk)[V],(ijzer)[N])[N]
strijkinstrument	((strijk)[V],(instrument)[N])[N]
strijkje	(strijk)[N]
strijkkwartet	((strijk)[V],(kwartet)[N])[N]
strijkkwintet	((strijk)[V],(kwintet)[N])[N]
strijklaken	((strijk)[V],(laken)[N])[N]
strijklap	((strijk)[V],(lap)[N])[N]
strijklicht	((strijk)[V],(licht)[N])[N]
strijkmuziek	((strijk)[V],(muziek)[N])[N]
strijkorkest	((strijk)[V],(orkest)[N])[N]
strijkpatroon	((strijk)[V],(patroon)[N])[N]
strijkplank	((strijk)[V],(plank)[N])[N]
strijksel	((strijk)[V],(sel)[N|V.])[N]
strijksteen	((strijk)[V],(steen)[N])[N]
strijkster	((strijk)[V],(ster)[N|V.])[N]
strijkstok	((strijk)[V],(stok)[N])[N]
strik	(strik)[N]
strikdas	((strik)[V],(das)[N])[N]
strikken	(strik)[V]
strikkenzetter	((strik)[N],(en)[N|N.Vx],(zet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
strikknoop	((strik)[V],(knoop)[N])[N]
striklijn	((strik)[V],(lijn)[N])[N]
strikt	(strikt)[A]
striktheid	((strikt)[A],(heid)[N|A.])[N]
strikvraag	((strik)[V],(vraag)[N])[N]
strip	(strip)[N]
stripalbum	((strip)[N],(album)[N])[N]
stripblad	((strip)[N],(blad)[N])[N]
stripboek	((strip)[N],(boek)[N])[N]
stripfiguur	((strip)[N],(figuur)[N])[N]
stripgoed	((strip)[V],(goed)[N])[N]
stripgordijn	((strip)[N],(gordijn)[N])[N]
stripheld	((strip)[N],(held)[N])[N]
stripmaker	((strip)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
strippeling	((strip)[V],(eling)[N|V.])[N]
strippen	(strip)[V]
strippenkaart	((strip)[N],(en)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
stripper	((strip)[V],(er)[N|V.])[N]
stripster	((strip)[V],(ster)[N|V.])[N]
striptang	((strip)[V],(tang)[N])[N]
stripteasedanseres	((striptease)[N],(((dans)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N])[N]
stripteasetent	((striptease)[N],(tent)[N])[N]
stripveiligheid	((strip)[N],((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
stripverhaal	((strip)[N],(verhaal)[N])[N]
stripverpakking	((strip)[N],(((ver)[V|.N],(pak)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stripzolder	((strip)[V],(zolder)[N])[N]
stro	(stro)[N]
stroachtig	((stro)[N],(achtig)[A|N.])[A]
stroband	((stro)[N],(band)[N])[N]
strobed	((stro)[N],(bed)[N])[N]
strobedekking	((stro)[N],(((be)[V|.V],(dek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
strobenen	((stro)[N],(been)[N])[N]
strobloem	((stro)[N],(bloem)[N])[N]
stroblond	((stro)[N],(blond)[A])[A]
stroboard	((stro)[N],(board)[N])[N]
strobokking	((stro)[N],(bokking)[N])[N]
strobos	((stro)[N],(bos)[N])[N]
stroboscopisch	((stroboscoop)[N],(isch)[A|N.])[A]
stroboter	((stro)[N],(boter)[N])[N]
strobreed	((stro)[N],(breed)[A])[N]
strobundel	((stro)[N],(bundel)[N])[N]
strodak	((stro)[N],(dak)[N])[N]
strodekken	((stro)[N],(dek)[V])[V]
strodekker	(((stro)[N],(dek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
strodok	((stro)[N],(dok)[N])[N]
stroef	(stroef)[A]
stroefheid	((stroef)[A],(heid)[N|A.])[N]
strofakkel	((stro)[N],(fakkel)[N])[N]
strofe	(strofe)[N]
strofenlied	((strofe)[N],(en)[N|N.N],(lied)[N])[N]
strofenvorm	((strofe)[N],(en)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
strofisch	((strofe)[N],(isch)[A|N.])[A]
strogeel	((stro)[N],(geel)[A])[A]
strohaksel	((stro)[N],((hak)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
strohalm	((stro)[N],(halm)[N])[N]
strohoed	((stro)[N],(hoed)[N])[N]
strohuls	((stro)[N],(huls)[N])[N]
strohut	((stro)[N],(hut)[N])[N]
strokarton	((stro)[N],(karton)[N])[N]
stroken	(strook)[V]
strokenparket	((strook)[N],(en)[N|N.N],(parket)[N])[N]
strokenproef	((strook)[N],(en)[N|N.N],(proef)[N])[N]
strokleur	((stro)[N],(kleur)[N])[N]
strokleurig	((stro)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
stroleger	((stro)[N],(leger)[N])[N]
stroman	((stro)[N],(man)[N])[N]
stromat	((stro)[N],(mat)[N])[N]
stromatras	((stro)[N],(matras)[N])[N]
stromen	(stroom)[V]
stromijt	((stro)[N],(mijt)[N])[N]
stroming	((stroom)[V],(ing)[N|V.])[N]
stromingsbron	(((stroom)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bron)[N])[N]
stromingsleer	(((stroom)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
strompelaar	((strompel)[V],(aar)[N|V.])[N]
strompelen	(strompel)[V]
strompelig	((strompel)[V],(ig)[A|V.])[A]
stronk	(stronk)[N]
stront	(stront)[N]
stronterig	((stront)[N],(erig)[A|N.])[A]
strontig	((stront)[N],(ig)[A|N.])[A]
strontium	(strontium)[N]
strontje	(stront)[N]
strontjongen	((stront)[N],(jongen)[N])[N]
strontkar	((stront)[N],(kar)[N])[N]
strontkot	((stront)[N],(kot)[N])[N]
strontraper	((stront)[N],(raap)[V],(er)[N|NV.])[N]
strontvent	((stront)[N],(vent)[N])[N]
strontvlieg	((stront)[N],(vlieg)[N])[N]
strontzat	((stront)[N],(zat)[A])[A]
strooiakker	((strooi)[V],(akker)[N])[N]
strooiauto	((strooi)[V],(auto)[N])[N]
strooiavond	((strooi)[V],(avond)[N])[N]
strooibiljet	((strooi)[V],(biljet)[N])[N]
strooibus	((strooi)[V],(bus)[N])[N]
strooiclip	((strooi)[V],(clip)[N])[N]
strooidop	((strooi)[V],(dop)[N])[N]
strooien	(strooi)[V]
strooier	((strooi)[V],(er)[N|V.])[N]
strooigoed	((strooi)[V],(goed)[N])[N]
strooiing	((strooi)[V],(ing)[N|V.])[N]
strooijonker	((strooi)[V],(jonker)[N])[N]
strooilepel	((strooi)[V],(lepel)[N])[N]
strooilicht	((strooi)[V],(licht)[N])[N]
strooimandje	((strooi)[V],(mand)[N])[N]
strooimeisje	((strooi)[V],(meisje)[N])[N]
strooimiddel	((strooi)[V],(middel)[N])[N]
strooimijn	((strooi)[V],(mijn)[N])[N]
strooisel	((strooi)[V],(sel)[N|V.])[N]
strooisuiker	((strooi)[V],(suiker)[N])[N]
strooiweide	((strooi)[V],(weide)[N])[N]
strooizand	((strooi)[V],(zand)[N])[N]
strooizout	((strooi)[V],(zout)[N])[N]
strook	(strook)[N]
stroom	(stroom)[N]
stroomafnemer	((stroom)[N],((af)[P],(neem)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
stroomafsluiting	((stroom)[N],((af)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
stroomafwaarts	((stroom)[N],((af)[P],(waarts)[A|P.])[A])[A]
stroomatlas	((stroom)[V],(atlas)[N])[N]
stroombaan	((stroom)[N],(baan)[N])[N]
stroombedding	((stroom)[V],(bedding)[N])[N]
stroombreker	((stroom)[N],(breek)[V],(er)[N|NV.])[N]
stroombron	((stroom)[N],(bron)[N])[N]
stroomcircuit	((stroom)[N],(circuit)[N])[N]
stroomdam	((stroom)[V],(dam)[N])[N]
stroomdicht	((stroom)[N],(dicht)[N])[N]
stroomdichtheid	((stroom)[N],((dicht)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
stroomdraad	((stroom)[N],(draad)[N])[N]
stroomduiker	((stroom)[N],((duik)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
stroomgebied	((stroom)[V],(gebied)[N])[N]
stroomgeleider	((stroom)[N],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
stroomgeul	((stroom)[V],(geul)[N])[N]
stroomgod	((stroom)[N],(god)[N])[N]
stroomgodin	((stroom)[N],((god)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
stroomkaart	((stroom)[N],(kaart)[N])[N]
stroomkering	((stroom)[N],(keer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
stroomkring	((stroom)[N],(kring)[N])[N]
stroomlevering	((stroom)[N],((lever)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stroomlijn	((stroom)[N],(lijn)[N])[N]
stroomlijnvorm	(((stroom)[N],(lijn)[N])[N],(vorm)[N])[N]
stroomloop	((stroom)[N],(loop)[N])[N]
stroomloos	((stroom)[N],(loos)[A|N.])[A]
stroommeter	((stroom)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
stroomnet	((stroom)[N],(net)[N])[N]
stroomnimf	((stroom)[N],(nimf)[N])[N]
stroomonderbreker	((stroom)[N],((onder)[P],(breek)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
stroomopwaarts	((stroom)[N],((op)[P],(waarts)[A|P.])[A])[A]
stroomregelaar	((stroom)[N],((regel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
stroomrijk	((stroom)[N],(rijk)[A])[A]
stroomschema	((stroom)[N],(schema)[N])[N]
stroomsnelheid	((stroom)[V],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
stroomsterkte	((stroom)[N],((sterk)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
stroomstoot	((stroom)[N],(stoot)[N])[N]
stroomtransformator	((stroom)[N],(transformeer)[V],(ator)[N|NV.])[N]
stroomvanger	((stroom)[N],(vang)[V],(er)[N|NV.])[N]
stroomverbreker	((stroom)[N],((ver)[V|.V],(breek)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
stroomverbruik	((stroom)[N],(verbruik)[N])[N]
stroomverdeler	((stroom)[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
stroomverdeling	((stroom)[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
stroomverklikker	((stroom)[N],((ver)[V|.V],(klik)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
stroomversnelling	((stroom)[N],((ver)[V|.A],(snel)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
stroomvoorziening	((stroom)[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stroomvreter	((stroom)[N],(vreet)[V],(er)[N|NV.])[N]
stroomwarmte	((stroom)[N],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
stroomwisselaar	((stroom)[N],((wissel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
stroop	(stroop)[N]
stroopachtig	((stroop)[N],(achtig)[A|N.])[A]
stroopbal	((stroop)[N],(bal)[N])[N]
stroopdikte	((stroop)[N],((dik)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
stroophappen	((stroop)[N],(hap)[V])[V]
stroopkan	((stroop)[N],(kan)[N])[N]
stroopkwast	((stroop)[N],(kwast)[N])[N]
strooplepel	((stroop)[N],(lepel)[N])[N]
strooplikken	((stroop)[N],(lik)[V])[V]
strooplikker	(((stroop)[N],(lik)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
strooplikkerij	(((stroop)[N],(lik)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
strooplikster	(((stroop)[N],(lik)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
stroopmes	((stroop)[N],(mes)[N])[N]
stroopnagel	((stroop)[V],(nagel)[N])[N]
strooppot	((stroop)[N],(pot)[N])[N]
stroopsmeerder	(((stroop)[N],(smeer)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
stroopsmeerderij	((((stroop)[N],(smeer)[V])[V],(der)[N|V.])[N],(ij)[N])[N]
stroopsmeerster	(((stroop)[N],(smeer)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
stroopsmeren	((stroop)[N],(smeer)[V])[V]
stroopsuiker	((stroop)[N],(suiker)[N])[N]
strooptocht	((stroop)[V],(tocht)[N])[N]
stroopvat	((stroop)[N],(vat)[N])[N]
stroopwafel	((stroop)[N],(wafel)[N])[N]
strootje	((stro)[N],(o'tje)[N])[N]
strop	(strop)[N]
stropapier	((stro)[N],(papier)[N])[N]
stropdas	((strop)[V],(das)[N])[N]
stropen	(stroop)[V]
stroper	((stroop)[V],(er)[N|V.])[N]
stroperig	((stroop)[N],(erig)[A|N.])[A]
stroperigheid	(((stroop)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
stroperij	((stroop)[V],(erij)[N|V.])[N]
stropers	((stro)[N],(pers)[N])[N]
stropersbende	(((stro)[N],(pers)[N])[N],(bende)[N])[N]
stropoot	((stro)[N],(poot)[N])[N]
stropop	((stro)[N],(pop)[N])[N]
stroppen	(strop)[V]
stroppenpot	((strop)[N],(en)[N|N.N],(pot)[N])[N]
stroppenzetter	((strop)[N],(en)[N|N.Vx],(zet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
stroptouw	((strop)[V],(touw)[N])[N]
stroriet	((stro)[N],(riet)[N])[N]
strosnijder	((stro)[N],(snijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
strossen	(stros)[V]
strot	(strot)[N]
strotklep	((strot)[N],(klep)[N])[N]
strottenhoofd	((strot)[N],(e)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
strovezelplaat	((strovezel)[N],(plaat)[N])[N]
strovlechten	((stro)[N],(vlecht)[V])[V]
strovlechter	((stro)[N],(vlecht)[V],(er)[N|NV.])[N]
strovlechtster	(((stro)[N],(vlecht)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
strovuur	((stro)[N],(vuur)[N])[N]
strowis	((stro)[N],(wis)[N])[N]
strozak	((stro)[N],(zak)[N])[N]
strozolder	((stro)[N],(zolder)[N])[N]
strubbelen	(strubbel)[V]
strubbeling	((strubbel)[V],(ing)[N|V.])[N]
structuralistisch	((structuralist)[N],(isch)[A|N.])[A]
structureel	((structuur)[N],(eel)[A|N.])[A]
structureren	((structuur)[N],(eer)[V|N.])[V]
structurering	(((structuur)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
structureringsprincipe	((((structuur)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(principe)[N])[N]
structuur	(structuur)[N]
structuuranalyse	((structuur)[N],(analyse)[N])[N]
structuurbeeld	((structuur)[N],(beeld)[N])[N]
structuurbeleid	((structuur)[N],(beleid)[N])[N]
structuurcommissie	((structuur)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
structuurelement	((structuur)[N],(element)[N])[N]
structuurformule	((structuur)[N],(formule)[N])[N]
structuurhervorming	((structuur)[N],((her)[V|.V],(vorm)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
structuurnota	((structuur)[N],(nota)[N])[N]
structuurplan	((structuur)[N],(plan)[N])[N]
structuurpolitiek	((structuur)[N],(politiek)[N])[N]
structuurprobleem	((structuur)[N],(probleem)[N])[N]
structuurschema	((structuur)[N],(schema)[N])[N]
structuurtheorie	((structuur)[N],(theorie)[N])[N]
structuurverandering	((structuur)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
structuurverbetering	((structuur)[N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
structuurverf	((structuur)[N],(verf)[N])[N]
structuurvisie	((structuur)[N],(visie)[N])[N]
structuurwerkloosheid	((structuur)[N],(((werk)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
structuurwijziging	((structuur)[N],((wijzig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
struif	(struif)[N]
struifkoek	((struif)[N],(koek)[N])[N]
struik	(struik)[N]
struikachtig	((struik)[N],(achtig)[A|N.])[A]
struikelblok	((struikel)[V],(blok)[N])[N]
struikelen	(struikel)[V]
struikeling	((struikel)[V],(ing)[N|V.])[N]
struikelsteen	((struikel)[V],(steen)[N])[N]
struikgewas	((struik)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
struikhei	((struik)[N],(hei)[N])[N]
struikheide	((struik)[N],(heide)[N])[N]
struikhout	((struik)[N],(hout)[N])[N]
struikroos	((struik)[N],(roos)[N])[N]
struikrover	((struik)[N],((roof)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
struikroverij	((struik)[N],((roof)[V],(erij)[N|V.])[N])[N]
struikvorm	((struik)[N],(vorm)[N])[N]
struinen	(struin)[V]
struis	(struis)[N]
struisgras	((struis)[N],(gras)[N])[N]
struisheid	((struis)[A],(heid)[N|A.])[N]
struisveer	((struis)[N],(veer)[N])[N]
struisvogel	((struis)[N],(vogel)[N])[N]
struisvogelei	(((struis)[N],(vogel)[N])[N],(ei)[N])[N]
struisvogelmaag	(((struis)[N],(vogel)[N])[N],(maag)[N])[N]
struisvogelpolitiek	(((struis)[N],(vogel)[N])[N],(politiek)[N])[N]
struisvogeltactiek	(((struis)[N],(vogel)[N])[N],(((tact)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
struisvogelveer	(((struis)[N],(vogel)[N])[N],(veer)[N])[N]
struma	(struma)[N]
stuc	(stuc)[N]
stucmarmer	((stuc)[N],(marmer)[N])[N]
stucwerk	((stuc)[N],(werk)[N])[N]
stucwerker	((stuc)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
studeerkamer	((studeer)[V],(kamer)[N])[N]
studeerlamp	((studeer)[V],(lamp)[N])[N]
studeervertrek	((studeer)[V],(vertrek)[N])[N]
student	((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N]
student-assistent	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
studente	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
studentenactie	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(actie)[N])[N]
studentenalmanak	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(almanak)[N])[N]
studentenarts	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(arts)[N])[N]
studentenbaret	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(baret)[N])[N]
studentenbeweging	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
studentenbijeenkomst	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
studentenblad	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(blad)[N])[N]
studentenbond	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(bond)[N])[N]
studentencafé	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(café)[N])[N]
studentenclub	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(club)[N])[N]
studentencongres	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(congres)[N])[N]
studentencorps	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(corps)[N])[N]
studentendecaan	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(decaan)[N])[N]
studentendemonstratie	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((demonstreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
studentendispuut	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(dispuut)[N])[N]
studentenfeest	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(feest)[N])[N]
studentenflat	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(flat)[N])[N]
studentenfront	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(front)[N])[N]
studentengemeenschap	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
studentengeneratie	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((genereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
studentengenootschap	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((genoot)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
studentengezelschap	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
studentengrap	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(grap)[N])[N]
studentenhaver	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(haver)[N])[N]
studentenhuis	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
studentenhuisvesting	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.Vx],((huis)[N],(vest)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
studentenjaar	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
studentenjool	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(jool)[N])[N]
studentenkamer	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
studentenkantine	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(kantine)[N])[N]
studentenkorps	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(korps)[N])[N]
studentenkring	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(kring)[N])[N]
studentenkroeg	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(kroeg)[N])[N]
studentenleeftijd	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((leef)[V],(tijd)[N])[N])[N]
studentenleven	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(leven)[N])[N]
studentenlied	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(lied)[N])[N]
studentenmassa	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(massa)[N])[N]
studentenmateriaal	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
studentenmilieu	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(milieu)[N])[N]
studentenmuts	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(muts)[N])[N]
studentenoppositie	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(oppositie)[N])[N]
studentenopstand	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(opstand)[N])[N]
studentenorganisatie	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
studentenorkest	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(orkest)[N])[N]
studentenpastor	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(pastor)[N])[N]
studentenpet	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(pet)[N])[N]
studentenpredikant	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((predik)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
studentenprotest	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(protest)[N])[N]
studentenraad	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(raad)[N])[N]
studentenrevolte	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(revolte)[N])[N]
studentensociëteit	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(sociëteit)[N])[N]
studentenstad	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(stad)[N])[N]
studentenstop	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(stop)[N])[N]
studententaal	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
studententijd	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
studentenunie	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(unie)[N])[N]
studentenvakbeweging	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((vak)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
studentenvakbond	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((vak)[N],(bond)[N])[N])[N]
studentenvereniging	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
studentenvertegenwoordiger	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.Vx],(vertegenwoordig)[V],(er)[N|NxV.])[N]
studentenvertegenwoordigster	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((vertegenwoordig)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
studentenweekblad	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((week)[N],(blad)[N])[N])[N]
studentenweerbaarheid	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((weerbaar)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
studentenwereld	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
studentikoziteit	((studentikoos)[A],(iteit)[N|A.])[N]
studentin	(((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(in)[N|N.])[N]
studie-uur	((studie)[N],(uur)[N])[N]
studieadres	((studie)[N],(adres)[N])[N]
studieadviseur	((studie)[N],(((advies)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
studieadviseuse	((studie)[N],(adviseuse)[N])[N]
studiebegeleiding	((studie)[N],((be)[V|.V],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
studiebeurs	((studie)[N],(beurs)[N])[N]
studiebijeenkomst	((studie)[N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
studieboek	((studie)[N],(boek)[N])[N]
studiebureau	((studie)[N],(bureau)[N])[N]
studiecentrum	((studie)[N],(centrum)[N])[N]
studiecommissie	((studie)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
studieconferentie	((studie)[N],((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
studiedag	((studie)[N],(dag)[N])[N]
studiedienst	((studie)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
studiedoeleinden	((studie)[N],(doeleinde)[N])[N]
studiefaciliteit	((studie)[N],(faciliteit)[N])[N]
studiegeest	((studie)[N],(geest)[N])[N]
studiegenoot	((studie)[N],(genoot)[N])[N]
studiegeschiktheid	((studie)[N],((geschikt)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
studiegids	((studie)[N],(gids)[N])[N]
studiehoofd	((studie)[N],(hoofd)[N])[N]
studiejaar	((studie)[N],(jaar)[N])[N]
studiekeuze	((studie)[N],(keuze)[N])[N]
studiekop	((studie)[N],(kop)[N])[N]
studiekosten	((studie)[N],(kost)[N])[N]
studiekring	((studie)[N],(kring)[N])[N]
studieles	((studie)[N],(les)[N])[N]
studieloon	((studie)[N],(loon)[N])[N]
studieloopbaan	((studie)[N],((loop)[V],(baan)[N])[N])[N]
studiemakker	((studie)[N],(makker)[N])[N]
studiemateriaal	((studie)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
studiementor	((studie)[N],(mentor)[N])[N]
studiemogelijkheid	((studie)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
studieniveau	((studie)[N],(niveau)[N])[N]
studieobject	((studie)[N],(object)[N])[N]
studieopdracht	((studie)[N],(opdracht)[N])[N]
studiepakket	((studie)[N],(pakket)[N])[N]
studieperiode	((studie)[N],(periode)[N])[N]
studieprestatie	((studie)[N],((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
studieprobleem	((studie)[N],(probleem)[N])[N]
studieproces	((studie)[N],(proces)[N])[N]
studieprogramma	((studie)[N],(programma)[N])[N]
studierapport	((studie)[N],(rapport)[N])[N]
studiereis	((studie)[N],(reis)[N])[N]
studierendement	((studie)[N],((rendeer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
studieresultaat	((studie)[N],((resulteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
studierichting	((studie)[N],((richt)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
studieruimte	((studie)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
studieschema	((studie)[N],(schema)[N])[N]
studieschuld	((studie)[N],(schuld)[N])[N]
studiesucces	((studie)[N],(succes)[N])[N]
studiesysteem	((studie)[N],(systeem)[N])[N]
studieterrein	((studie)[N],(terrein)[N])[N]
studietijd	((studie)[N],(tijd)[N])[N]
studietoelage	((studie)[N],(toelage)[N])[N]
studievaardigheid	((studie)[N],((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
studievak	((studie)[N],(vak)[N])[N]
studieveld	((studie)[N],(veld)[N])[N]
studieverlof	((studie)[N],(verlof)[N])[N]
studieverzekering	((studie)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
studievoorziening	((studie)[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
studievriend	((studie)[N],(vriend)[N])[N]
studievrijheid	((studie)[N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
studiezaal	((studie)[N],(zaal)[N])[N]
studiezin	((studie)[N],(zin)[N])[N]
studio	(studio)[N]
studio-opname	((studio)[N],(opname)[N])[N]
studio-opvoering	((studio)[N],(((op)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
studioconcert	((studio)[N],(concert)[N])[N]
stuf	(stuf)[N]
stuff	(stuff)[N]
stuffen	(stuf)[V]
stug	(stug)[A]
stugheid	((stug)[A],(heid)[N|A.])[N]
stuifaarde	((stuif)[V],(aarde)[N])[N]
stuifbrand	((stuif)[V],(brand)[N])[N]
stuifdijk	((stuif)[V],(dijk)[N])[N]
stuifheuvel	((stuif)[V],(heuvel)[N])[N]
stuiflawine	((stuif)[V],(lawine)[N])[N]
stuifmeel	((stuif)[V],(meel)[N])[N]
stuifmeelkorrel	(((stuif)[V],(meel)[N])[N],(korrel)[N])[N]
stuifsel	((stuif)[V],(sel)[N|V.])[N]
stuifsneeuw	((stuif)[V],(sneeuw)[N])[N]
stuifwol	((stuif)[V],(wol)[N])[N]
stuifzand	((stuif)[V],(zand)[N])[N]
stuifzwam	((stuif)[V],(zwam)[N])[N]
stuik	(stuik)[N]
stuiken	(stuik)[V]
stuikmand	((stuik)[V],(mand)[N])[N]
stuip	(stuip)[N]
stuipachtig	((stuip)[N],(achtig)[A|N.])[A]
stuiptrekken	((stuip)[N],(trek)[V])[V]
stuiptrekking	(((stuip)[N],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
stuit	(stuit)[N]
stuitbalk	((stuit)[V],(balk)[N])[N]
stuitbeen	((stuit)[N],(been)[N])[N]
stuitblok	((stuit)[V],(blok)[N])[N]
stuiten	(stuit)[V]
stuiter	((stuit)[V],(er)[N|V.])[N]
stuitgeboorte	((stuit)[N],(geboorte)[N])[N]
stuiting	((stuit)[V],(ing)[N|V.])[N]
stuitligging	((stuit)[N],((lig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stuitstuk	((stuit)[N],(stuk)[N])[N]
stuitverbinding	((stuit)[V],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stuitwind	((stuit)[V],(wind)[N])[N]
stuiveling	((stuif)[V],(eling)[N|V.])[N]
stuiven	(stuif)[V]
stuiver	(stuiver)[N]
stuiversbibliotheek	((stuiver)[N],(s)[N|N.N],(bibliotheek)[N])[N]
stuiversblad	((stuiver)[N],(s)[N|N.N],(blad)[N])[N]
stuiversroman	((stuiver)[N],(s)[N|N.N],(roman)[N])[N]
stuiverstuk	((stuiver)[N],(stuk)[N])[N]
stuivertje-wisselen	((stuivertje)[N],(wissel)[V])[V]
stuk	(stuk)[N]
stuka	(stuka)[N]
stukadoorskwast	((stukadoor)[N],(s)[N|N.N],(kwast)[N])[N]
stukadoorswerk	((stukadoor)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
stukbijten	((stuk)[A],(bijt)[V])[V]
stukbreken	((stuk)[A],(breek)[V])[V]
stuken	(stuuk)[V]
stukgaan	((stuk)[A],(ga)[V])[V]
stukgoed	((stuk)[N],(goed)[N])[N]
stukgoederenvervoer	(((stuk)[N],(goed)[N])[N],(en)[N|N.N],(vervoer)[N])[N]
stukgooien	((stuk)[A],(gooi)[V])[V]
stukhout	((stuk)[N],(hout)[N])[N]
stukjesschrijver	((stuk)[N],(s)[N|N.Vx],(schrijf)[V],(er)[N|NxV.])[N]
stukkenrekening	((stuk)[N],(en)[N|N.N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stukkolen	((stuk)[N],(kool)[N])[N]
stuklezen	((stuk)[A],(lees)[V])[V]
stukloon	((stuk)[N],(loon)[N])[N]
stuklopen	((stuk)[A],(loop)[V])[V]
stukmaken	((stuk)[A],(maak)[V])[V]
stukmeester	((stuk)[N],(meester)[N])[N]
stukoffer	((stuk)[N],(offer)[N])[N]
stukprijs	((stuk)[N],(prijs)[N])[N]
stukrijder	((stuk)[N],((rijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
stukscheuren	((stuk)[A],(scheur)[V])[V]
stukschieten	((stuk)[A],(schiet)[V])[V]
stuksgewijs	((stuk)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
stuksgewijze	((stuk)[N],(s)[A|N.x],(gewijze)[A|Nx.])[A]
stukslaan	((stuk)[A],(sla)[V])[V]
stuksmijten	((stuk)[A],(smijt)[V])[V]
stuksnijden	((stuk)[A],(snijd)[V])[V]
stukvallen	((stuk)[A],(val)[V])[V]
stukvat	((stuk)[N],(vat)[N])[N]
stukwerk	((stuk)[N],(werk)[N])[N]
stukwerker	((stuk)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
stulp	(stulp)[N]
stulpen	(stulp)[V]
stumper	(stumper)[N]
stumperachtig	((stumper)[N],(achtig)[A|N.])[A]
stumperen	(stumper)[V]
stumperig	((stumper)[N],(ig)[A|N.])[A]
stumperigheid	(((stumper)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
stunt	(stunt)[N]
stuntelig	((stuntel)[N],(ig)[A|N.])[A]
stunteligheid	(((stuntel)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
stunten	(stunt)[V]
stuntman	((stunt)[V],(man)[N])[N]
stuntprijs	((stunt)[V],(prijs)[N])[N]
stuntvliegen	((stunt)[V],(vlieg)[V])[V]
stuntvlieger	(((stunt)[V],(vlieg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
stupiditeit	((stupide)[A],(iteit)[N|A.])[N]
sturen	(stuur)[V]
sturing	((stuur)[V],(ing)[N|V.])[N]
sturingsmechanisme	(((stuur)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
sturingsmogelijkheid	(((stuur)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
stut	(stut)[N]
stutbalk	((stut)[V],(balk)[N])[N]
stutsel	((stut)[V],(sel)[N|V.])[N]
stutten	(stut)[V]
stutter	((stut)[V],(er)[N|V.])[N]
stutting	((stut)[V],(ing)[N|V.])[N]
stuur	(stuur)[N]
stuurautomaat	((stuur)[V],(automaat)[N])[N]
stuurbekrachtiging	((stuur)[N],((be)[V|.A],((kracht)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
stuurboom	((stuur)[V],(boom)[N])[N]
stuurboordlicht	((stuurboord)[N],(licht)[N])[N]
stuurboordwacht	((stuurboord)[N],(wacht)[N])[N]
stuurboordzij	((stuurboord)[N],(zij)[N])[N]
stuurboordzijde	((stuurboord)[N],(zijde)[N])[N]
stuurcabine	((stuur)[V],(cabine)[N])[N]
stuurgroep	((stuur)[V],(groep)[N])[N]
stuurhoes	((stuur)[N],(hoes)[N])[N]
stuurhuis	((stuur)[V],(huis)[N])[N]
stuurhut	((stuur)[V],(hut)[N])[N]
stuurinrichting	((stuur)[V],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stuurkabel	((stuur)[V],(kabel)[N])[N]
stuurknuppel	((stuur)[V],(knuppel)[N])[N]
stuurkolom	((stuur)[N],(kolom)[N])[N]
stuurkunde	((stuur)[V],(kunde)[N])[N]
stuurlastig	((stuurlast)[N],(ig)[A|N.])[A]
stuurloos	((stuur)[N],(loos)[A|N.])[A]
stuurman	((stuur)[V],(man)[N])[N]
stuurmand	((stuur)[N],(mand)[N])[N]
stuurmanschap	(((stuur)[V],(man)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
stuurmanskunst	(((stuur)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
stuurmansleerling	(((stuur)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],((leer)[V],(ling)[N|V.])[N])[N]
stuurmansmaat	(((stuur)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(maat)[N])[N]
stuurmotor	((stuur)[V],(motor)[N])[N]
stuurpen	((stuur)[V],(pen)[N])[N]
stuurplecht	((stuur)[V],(plecht)[N])[N]
stuurrad	((stuur)[V],(rad)[N])[N]
stuurraket	((stuur)[V],(raket)[N])[N]
stuurreep	((stuur)[V],(reep)[N])[N]
stuurroer	((stuur)[V],(roer)[N])[N]
stuurschakeling	((stuur)[N],((schakel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stuursheid	((stuurs)[A],(heid)[N|A.])[N]
stuurslot	((stuur)[N],(slot)[N])[N]
stuurstang	((stuur)[V],(stang)[N])[N]
stuurstoel	((stuur)[V],(stoel)[N])[N]
stuurstok	((stuur)[V],(stok)[N])[N]
stuurvast	((stuur)[V],(vast)[A])[A]
stuurvlak	((stuur)[V],(vlak)[N])[N]
stuurvrouw	((stuur)[V],(vrouw)[N])[N]
stuurwiel	((stuur)[V],(wiel)[N])[N]
stuw	(stuw)[N]
stuwadoorsonderneming	((stuwadoor)[N],(s)[N|N.N],((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
stuwage	((stuw)[V],(age)[N|V.])[N]
stuwbekken	((stuw)[N],(bekken)[N])[N]
stuwdam	((stuw)[N],(dam)[N])[N]
stuwdruk	((stuw)[V],(druk)[N])[N]
stuwen	(stuw)[V]
stuwer	((stuw)[V],(er)[N|V.])[N]
stuwing	((stuw)[V],(ing)[N|V.])[N]
stuwkracht	((stuw)[V],(kracht)[N])[N]
stuwmeer	((stuw)[N],(meer)[N])[N]
stuwmuur	((stuw)[N],(muur)[N])[N]
stuwraket	((stuw)[V],(raket)[N])[N]
stuwsluis	((stuw)[N],(sluis)[N])[N]
stuwstof	((stuw)[V],(stof)[N])[N]
stuwstraalmotor	((stuw)[V],((straal)[V],(motor)[N])[N])[N]
stuwwal	((stuw)[V],(wal)[N])[N]
suatie	((sueer)[V],(atie)[N|V.])[N]
suatiekanaal	(((sueer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kanaal)[N])[N]
suatiesluis	(((sueer)[V],(atie)[N|V.])[N],(sluis)[N])[N]
suave	(suave)[A]
subafdeling	((sub)[N|.N],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
subagent	((sub)[N|.N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
subamendement	((sub)[N|.N],((amendeer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
subarctisch	((sub)[A|.A],(arctisch)[A])[A]
subatlantisch	((sub)[A|.A],(Atlantisch)[A])[A]
subatomair	((sub)[A|.A],(atomair)[A])[A]
subboreaal	((sub)[A|.A],(boreaal)[A])[A]
subcategorie	((sub)[N|.N],(categorie)[N])[N]
subcommissie	((sub)[N|.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
subcontinent	((sub)[N|.N],(continent)[N])[N]
subcultuur	((sub)[N|.N],(cultuur)[N])[N]
subdiaken	((sub)[N|.N],(diaken)[N])[N]
subdivisie	((sub)[N|.N],(divisie)[N])[N]
subdominant	((sub)[N|.N],((domineer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
subfaculteit	((sub)[N|.N],(faculteit)[N])[N]
subfamilie	((sub)[N|.N],(familie)[N])[N]
subhoofd	((sub)[N|.N],(hoofd)[N])[N]
subjectie	((subject)[A],(ie)[N|A.])[N]
subjectief	((subject)[N],(ief)[A|N.])[A]
subjectiviteit	(((subject)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
sublegaat	((sub)[N|.N],(legaat)[N])[N]
sublimaat	(((subliem)[A],(eer)[V|A.])[V],(aat)[N|V.])[N]
sublimaatoplossing	((((subliem)[A],(eer)[V|A.])[V],(aat)[N|V.])[N],((op)[P],(los)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
sublimatie	(((subliem)[A],(eer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
sublimeren	((subliem)[A],(eer)[V|A.])[V]
sublimering	(((subliem)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
sublimiteit	((subliem)[A],(iteit)[N|A.])[N]
submarien	((sub)[A|.A],(marien)[A])[A]
submicroscopisch	((sub)[A|.A],((microscoop)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
submissie	((submitteer)[V],(ie)[N|V.])[N]
subordinatie	(((sub)[P],(ordineer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N]
subordineren	((sub)[P],(ordineer)[V])[V]
subregent	((sub)[N|.N],((regeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
subrogatie	((subrogeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
subroutine	((sub)[N|.N],(routine)[N])[N]
subsidiabel	((subsidieer)[V],(abel)[A|V.])[A]
subsidie	(subsidie)[N]
subsidiebedrag	((subsidie)[N],(bedrag)[N])[N]
subsidiebeleid	((subsidie)[N],(beleid)[N])[N]
subsidiemaatregel	((subsidie)[N],(maatregel)[N])[N]
subsidiemogelijkheid	((subsidie)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
subsidieregeling	((subsidie)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
subsidiestelsel	((subsidie)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
subsidietitel	((subsidie)[N],(titel)[N])[N]
subsidieverlening	((subsidie)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
subsidievoorwaarde	((subsidie)[N],(voorwaarde)[N])[N]
subsidiënt	((subsidieer)[V],(ent)[N|V.])[N]
subsonisch	((sub)[A|.A],(sonisch)[A])[A]
subspecies	((sub)[N|.N],(species)[N])[N]
substantieel	((substantie)[N],(ieel)[A|N.])[A]
substantief	((substantie)[N],(ief)[A|N.])[A]
substantiveren	((substantief)[N],(eer)[V|N.])[V]
substantivisch	((substantief)[N],(isch)[A|N.])[A]
substituant	((substitueer)[V],(ant)[N|V.])[N]
substitutie	((substituut)[N],(ie)[N|N.])[N]
substitutiemogelijkheid	(((substituut)[N],(ie)[N|N.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
substituut-griffier	((substituut)[N],((griffie)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
substituut-officier	((substituut)[N],(officier)[N])[N]
substituut-procureur	((substituut)[N],((procureer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
substraatteelt	((substraat)[N],(teelt)[N])[N]
substratosfeer	((sub)[N|.N],(stratosfeer)[N])[N]
substructuur	((sub)[N|.N],(structuur)[N])[N]
subtiliteit	((subtiel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
subtop	((sub)[N|.N],(top)[N])[N]
subtotaal	((sub)[N|.N],(totaal)[N])[N]
subtropen	((sub)[N|.N],(troop)[N])[N]
subtropisch	((sub)[A|.A],((troop)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
subversief	((subversie)[N],(ief)[A|N.])[A]
succesauteur	((succes)[N],(auteur)[N])[N]
succesfilm	((succes)[N],(film)[N])[N]
succesformule	((succes)[N],(formule)[N])[N]
succesjaar	((succes)[N],(jaar)[N])[N]
succesnummer	((succes)[N],(nummer)[N])[N]
successiebelasting	((successie)[N],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
successief	((successie)[N],(ief)[A|N.])[A]
successieoorlog	((successie)[N],(oorlog)[N])[N]
successierecht	((successie)[N],(recht)[N])[N]
successievelijk	(((successie)[N],(ief)[A|N.])[A],(elijk)[A|A.])[A]
successtory	((succes)[N],(story)[N])[N]
successtuk	((succes)[N],(stuk)[N])[N]
succesvol	((succes)[N],(vol)[A])[A]
succulent	(succulent)[N]
sudderen	(sudder)[V]
sudderlap	((sudder)[V],(lap)[N])[N]
sudderpit	((sudder)[V],(pit)[N])[N]
sudderplaat	((sudder)[V],(plaat)[N])[N]
suf	(suf)[A]
suffen	(suf)[V]
suffer	((suf)[V],(er)[N|V.])[N]
sufferd	((suf)[V],(erd)[N|V.])[N]
sufferig	((suf)[V],(erig)[A|V.])[A]
sufferigheid	(((suf)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
sufferij	((suf)[V],(erij)[N|V.])[N]
sufficiëntie	((sufficiënt)[A],(ie)[N|A.])[N]
suffig	((suf)[A],(ig)[A|A.])[A]
suffigheid	((suf)[A],(igheid)[N|A.])[N]
suffragaanbisschop	((suffragaan)[A],(bisschop)[N])[N]
sufheid	((suf)[A],(heid)[N|A.])[N]
sufkees	((suf)[A],(kees)[N])[N]
sufkont	((suf)[A],(kont)[N])[N]
sufkop	((suf)[A],(kop)[N])[N]
suggestibiliteit	((suggestibel)[A],(biliteit)[N|A.])[N]
suggestiviteit	(((suggestie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
suiker	(suiker)[N]
suikeraccijns	((suiker)[N],(accijns)[N])[N]
suikerachtig	((suiker)[N],(achtig)[A|N.])[A]
suikeramandel	((suiker)[N],(amandel)[N])[N]
suikerbakker	((suiker)[N],((bak)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
suikerbakkerij	((suiker)[N],(bak)[V],(erij)[N|NV.])[N]
suikerbakkerswerk	(((suiker)[N],((bak)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
suikerballetje	((suiker)[N],(bal)[N])[N]
suikerbeest	((suiker)[N],(beest)[N])[N]
suikerbeet	((suiker)[N],(beet)[N])[N]
suikerbiet	((suiker)[N],(biet)[N])[N]
suikerboer	((suiker)[N],(boer)[N])[N]
suikerbol	((suiker)[N],(bol)[N])[N]
suikerboon	((suiker)[N],(boon)[N])[N]
suikerbrood	((suiker)[N],(brood)[N])[N]
suikerbus	((suiker)[N],(bus)[N])[N]
suikercampagne	((suiker)[N],(campagne)[N])[N]
suikercultuur	((suiker)[N],(cultuur)[N])[N]
suikerdot	((suiker)[N],(dot)[N])[N]
suikeren	(suiker)[V]
suikeren	((suiker)[N],(en)[A|N.])[A]
suikererwt	((suiker)[N],(erwt)[N])[N]
suikerfabriek	((suiker)[N],(fabriek)[N])[N]
suikergast	((suiker)[N],(gast)[N])[N]
suikergehalte	((suiker)[N],(gehalte)[N])[N]
suikerglazuur	((suiker)[N],(glazuur)[N])[N]
suikergoed	((suiker)[N],(goed)[N])[N]
suikerhart	((suiker)[N],(hart)[N])[N]
suikerhoudend	((suiker)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
suikerig	((suiker)[N],(ig)[A|N.])[A]
suikerklontje	((suiker)[N],(klont)[N])[N]
suikerkoek	((suiker)[N],(koek)[N])[N]
suikerkristal	((suiker)[N],(kristal)[N])[N]
suikerlepel	((suiker)[N],(lepel)[N])[N]
suikerlord	((suiker)[N],(lord)[N])[N]
suikermannetje	((suiker)[N],(man)[N])[N]
suikermarkt	((suiker)[N],(markt)[N])[N]
suikermeloen	((suiker)[N],(meloen)[N])[N]
suikermuisjes	((suiker)[N],(muis)[N])[N]
suikeroom	((suiker)[N],(oom)[N])[N]
suikerpatiënt	((suiker)[N],(patiënt)[N])[N]
suikerpeer	((suiker)[N],(peer)[N])[N]
suikerplantage	((suiker)[N],((plant)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
suikerplanter	((suiker)[N],(plant)[V],(er)[N|NV.])[N]
suikerpot	((suiker)[N],(pot)[N])[N]
suikerpremie	((suiker)[N],(premie)[N])[N]
suikerproductie	((suiker)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
suikerraffinaderij	((suiker)[N],(raffinaderij)[N])[N]
suikerraffinadeur	((suiker)[N],(raffinadeur)[N])[N]
suikerrasp	((suiker)[N],(rasp)[N])[N]
suikerriet	((suiker)[N],(riet)[N])[N]
suikerrietplantage	(((suiker)[N],(riet)[N])[N],((plant)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
suikerschepje	((suiker)[N],(schep)[N])[N]
suikersmaak	((suiker)[N],(smaak)[N])[N]
suikerspin	((suiker)[N],(spin)[N])[N]
suikerstok	((suiker)[N],(stok)[N])[N]
suikerstrooier	((suiker)[N],(strooi)[V],(er)[N|NV.])[N]
suikerstroop	((suiker)[N],(stroop)[N])[N]
suikertang	((suiker)[N],(tang)[N])[N]
suikertante	((suiker)[N],(tante)[N])[N]
suikervrij	((suiker)[N],(vrij)[A])[A]
suikerwater	((suiker)[N],(water)[N])[N]
suikerwerk	((suiker)[N],(werk)[N])[N]
suikerzakje	((suiker)[N],(zak)[N])[N]
suikerziek	((suiker)[N],(ziek)[A])[A]
suikerziekte	(((suiker)[N],(ziek)[A])[A],(te)[N|A.])[N]
suikerzoet	((suiker)[N],(zoet)[A])[A]
suilen	(suil)[V]
suisse	(suisse)[N]
suite	(suite)[N]
suitedeur	((suite)[N],(deur)[N])[N]
suizelig	((suizel)[V],(ig)[A|V.])[A]
suizeling	((suizel)[V],(ing)[N|V.])[N]
suizen	(suis)[V]
suizing	((suis)[V],(ing)[N|V.])[N]
sukade	(sukade)[N]
sukadekoek	((sukade)[N],(koek)[N])[N]
sukadelappen	((sukade)[N],(lap)[N])[N]
sukkel	(sukkel)[N]
sukkelaar	((sukkel)[V],(aar)[N|V.])[N]
sukkelaarster	(((sukkel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
sukkelachtig	((sukkel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
sukkelarij	((sukkel)[V],(arij)[N|V.])[N]
sukkeldraf	((sukkel)[V],(draf)[N])[N]
sukkelen	(sukkel)[V]
sukkelgang	((sukkel)[V],(gang)[N])[N]
sukkelig	((sukkel)[N],(ig)[A|N.])[A]
sukkeling	((sukkel)[V],(ing)[N|V.])[N]
sukkelpartij	((sukkel)[V],(partij)[N])[N]
sukkelstraatje	((sukkel)[V],(straat)[N])[N]
sukkeltrein	((sukkel)[V],(trein)[N])[N]
sul	(sul)[N]
sulachtig	((sul)[N],(achtig)[A|N.])[A]
sulfa	(sulfa)[N]
sulfaatgehalte	((sulfaat)[N],(gehalte)[N])[N]
sulfapreparaat	((sulfa)[N],((prepareer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
sulferbloem	((sulfer)[N],(bloem)[N])[N]
sulferstank	((sulfer)[N],(stank)[N])[N]
sullen	(sul)[V]
sullenbaan	((sul)[N],(e)[N|N.N],(baan)[N])[N]
sullig	((sul)[N],(ig)[A|N.])[A]
sulligheid	(((sul)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
sultan	(sultan)[N]
sultanaat	((sultan)[N],(aat)[N|N.])[N]
sultane	((sultan)[N],(e)[N|N.])[N]
summatie	((summeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
super	(super)[N]
superarbiter	((super)[N|.N],(arbiter)[N])[N]
superbenzine	((super)[N|.N],(benzine)[N])[N]
supercarga	((super)[N|.N],(carga)[N])[N]
supercargo	((super)[N|.N],(cargo)[N])[N]
superdividend	((super)[N|.N],(dividend)[N])[N]
superego	((super)[N|.N],(ego)[N])[N]
superfijn	((super)[A|.A],(fijn)[A])[A]
superfluïdum	((super)[N|.N],(fluïdum)[N])[N]
superfosfaat	((super)[N|.N],(fosfaat)[N])[N]
supergeleiding	((super)[N|.N],(((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
superheffing	((super)[N|.N],((hef)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
superieure	((superieur)[A],(e)[N|A.])[N]
superinfectie	((super)[N|.N],((infect)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
superioriteit	((superieur)[A],(iteit)[N|A.])[N]
superioriteitsgevoel	(((superieur)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
superioriteitsgevoelen	(((superieur)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(gevoelen)[N])[N]
supermacht	((super)[N|.N],(macht)[N])[N]
supermarkt	((super)[N|.N],(markt)[N])[N]
supermarktketen	(((super)[N|.N],(markt)[N])[N],(keten)[N])[N]
supernaturalisme	((super)[N|.N],(naturalisme)[N])[N]
supernormaal	((super)[A|.A],((norm)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
supernova	((super)[N|.N],(nova)[N])[N]
supernova-explosie	(((super)[N|.N],(nova)[N])[N],(explosie)[N])[N]
superomroep	((super)[N|.N],(omroep)[N])[N]
superoxide	((super)[N|.N],(oxide)[N])[N]
superpositie	((super)[A],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
supersonisch	((super)[A|.A],(sonisch)[A])[A]
superstructuur	((super)[N|.N],(structuur)[N])[N]
supertaks	((super)[N|.N],(taks)[N])[N]
supertanker	((super)[N|.N],((tank)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
supervisant	(((super)[P],(viseer)[V])[V],(ant)[N|V.])[N]
superviseren	((super)[P],(viseer)[V])[V]
supervisie	((super)[N|.N],(visie)[N])[N]
superwinst	((super)[N|.N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
supinatie	((supineer)[V],(atie)[N|V.])[N]
supinum	(supinum)[N]
supplement	((suppleer)[V],(ement)[N|V.])[N]
supplementair	(((suppleer)[V],(ement)[N|V.])[N],(air)[A|N.])[A]
supplementshoek	(((suppleer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hoek)[N])[N]
suppliant	((supplieer)[V],(ant)[N|V.])[N]
supporterslegioen	((supporter)[N],(s)[N|N.N],(legioen)[N])[N]
suprageleiding	((supra)[B],(((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
supranationaal	((supra)[B],((natie)[N],(ionaal)[A|N.])[A])[A]
supranaturalisme	((supra)[B],(naturalisme)[N])[N]
surfen	(surf)[V]
surfer	((surf)[V],(er)[N|V.])[N]
surfplank	((surf)[V],(plank)[N])[N]
surfster	((surf)[V],(ster)[N|V.])[N]
surplusbetekenis	((surplus)[N],(betekenis)[N])[N]
surplusgoederen	((surplus)[N],(goed)[N])[N]
surplusproductie	((surplus)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
surprise	(surprise)[N]
surrogaat	(surrogaat)[N]
surrogaatbevrediging	((surrogaat)[N],(((be)[V|.A],((vrede)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
surrogaatkoffie	((surrogaat)[N],(koffie)[N])[N]
surveillance	(((surveilleer)[V],(ant)[N|V.])[N],(nce)[N|N.])[N]
surveillanceauto	((((surveilleer)[V],(ant)[N|V.])[N],(nce)[N|N.])[N],(auto)[N])[N]
surveillancewagen	((((surveilleer)[V],(ant)[N|V.])[N],(nce)[N|N.])[N],(wagen)[N])[N]
surveillant	((surveilleer)[V],(ant)[N|V.])[N]
surveillante	(((surveilleer)[V],(ant)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
susceptibiliteit	((susceptibel)[A],(biliteit)[N|A.])[N]
suskast	((sus)[V],(kast)[N])[N]
suspensief	((suspensie)[N],(ief)[A|N.])[A]
sussen	(sus)[V]
suzerein	(suzerein)[N]
suzereiniteit	((suzerein)[N],(iteit)[N|N.])[N]
suzereiniteitsrechten	(((suzerein)[N],(iteit)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
suède	(suède)[N]
swap	(swap)[N]
swapaffaires	((swap)[N],(affaire)[N])[N]
swastika	(swastika)[N]
swiet	(swiet)[N]
swing	(swing)[N]
swingen	(swing)[V]
switch	(switch)[N]
switchen	(switch)[V]
sybaritisch	((sybariet)[N],(isch)[A|N.])[A]
sycomore	(sycomore)[N]
syfilis	(syfilis)[N]
syfilisgezwel	((syfilis)[N],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
syfilislijder	((syfilis)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
syfilitisch	((syfilis)[N],(isch)[A|N.])[A]
syllabeschrift	((syllabe)[N],(en)[N|N.N],(schrift)[N])[N]
syllabisch	((syllabe)[N],(isch)[A|N.])[A]
symbiotisch	((symbiose)[N],(isch)[A|N.])[A]
symbolentaal	((symbool)[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
symboliek	(((symbool)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
symbolisatie	(((symbool)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
symbolisch	((symbool)[N],(isch)[A|N.])[A]
symboliseren	((symbool)[N],(iseer)[V|N.])[V]
symbolisering	(((symbool)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
symbolistisch	((symbolist)[N],(isch)[A|N.])[A]
symboolbetekenis	((symbool)[N],(betekenis)[N])[N]
symboolfiguur	((symbool)[N],(figuur)[N])[N]
symboolfunctie	((symbool)[N],(functie)[N])[N]
symboolgevoeligheid	((symbool)[N],((((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
symboolhandeling	((symbool)[N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
symboolkarakter	((symbool)[N],(karakter)[N])[N]
symboolstelsel	((symbool)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
symboolsysteem	((symbool)[N],(systeem)[N])[N]
symboolwaarde	((symbool)[N],(waarde)[N])[N]
symfonieconcert	((symfonie)[N],(concert)[N])[N]
symfonieorkest	((symfonie)[N],(orkest)[N])[N]
symfonisch	((symfonie)[N],(isch)[A|N.])[A]
symmetrie	((symmetrisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
symmetrieas	(((symmetrisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(as)[N])[N]
sympathie	((sympathisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
sympathiegevoelen	(((sympathisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(gevoelen)[N])[N]
sympathisant	((sympathiseer)[V],(ant)[N|V.])[N]
symptomatisch	((symptoom)[N],(atisch)[A|N.])[A]
symptoombehandeling	((symptoom)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
symptoombestrijding	((symptoom)[N],((be)[V|.V],(strijd)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
synagogaal	((synagoog)[N],(aal)[A|N.])[A]
synagoog	(synagoog)[N]
synchroniciteit	((synchronisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N]
synchronie	((synchronisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
synchronisatie	(((synchroon)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
synchroniseren	((synchroon)[A],(iseer)[V|A.])[V]
synchroonmotor	((synchroon)[A],(motor)[N])[N]
syncopering	((syncopeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
syncopisch	((syncope)[N],(isch)[A|N.])[A]
synodaal	((synode)[N],(aal)[A|N.])[A]
synode	(synode)[N]
synonymiek	((synoniem)[N],(iek)[A|N.])[A]
synoptisch	((synopsis)[N],(isch)[A|N.])[A]
syntactisch	((syntaxis)[N],(isch)[A|N.])[A]
syntagmaplein	((syntagma)[N],(plein)[N])[N]
syntagmatisch	((syntagma)[N],(atisch)[A|N.])[A]
synthetisch	((synthese)[N],(isch)[A|N.])[A]
systeem	(systeem)[N]
systeem-rationeel	((systeem)[N],((ratio)[N],(oneel)[A|N.])[A])[A]
systeemanalist	((systeem)[N],(analist)[N])[N]
systeemanalyse	((systeem)[N],(analyse)[N])[N]
systeemarchitectuur	((systeem)[N],(architectuur)[N])[N]
systeembegrip	((systeem)[N],(begrip)[N])[N]
systeembenadering	((systeem)[N],(((be)[V|.V],(nader)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
systeembouw	((systeem)[N],(bouw)[N])[N]
systeembouwer	((systeem)[N],(bouw)[V],(er)[N|NV.])[N]
systeemcomponent	((systeem)[N],((componeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
systeemconcept	((systeem)[N],(concept)[N])[N]
systeemconceptie	((systeem)[N],((concept)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
systeemconstructie	((systeem)[N],(constructie)[N])[N]
systeemcyclus	((systeem)[N],(cyclus)[N])[N]
systeemdenken	((systeem)[N],(denken)[V])[N]
systeemdwang	((systeem)[N],(dwang)[N])[N]
systeemeigenschap	((systeem)[N],((eigen)[A],(schap)[N|A.])[N])[N]
systeemelement	((systeem)[N],(element)[N])[N]
systeemfout	((systeem)[N],(fout)[N])[N]
systeemfunctie	((systeem)[N],(functie)[N])[N]
systeemhuis	((systeem)[N],(huis)[N])[N]
systeemintegratie	((systeem)[N],((integreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
systeemkaart	((systeem)[N],(kaart)[N])[N]
systeemkarakter	((systeem)[N],(karakter)[N])[N]
systeemloos	((systeem)[N],(loos)[A|N.])[A]
systeemniveau	((systeem)[N],(niveau)[N])[N]
systeemonderdeel	((systeem)[N],((onder)[P],(deel)[N])[N])[N]
systeemontwerper	((systeem)[N],(ontwerp)[V],(er)[N|NV.])[N]
systeemontwikkeling	((systeem)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
systeemprogrammatuur	((systeem)[N],(((program)[N],(eer)[V|N.])[V],(atuur)[N|V.])[N])[N]
systeemprogrammeur	((systeem)[N],(((program)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
systeemspecificatie	((systeem)[N],((specificeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
systeemstructuur	((systeem)[N],(structuur)[N])[N]
systeemtechniek	((systeem)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
systeemtechnisch	((systeem)[N],(technisch)[A])[A]
systeemtheoretisch	((systeem)[N],((theorie)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
systeemtheorie	((systeem)[N],(theorie)[N])[N]
systeemverandering	((systeem)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
systeemwijziging	((systeem)[N],((wijzig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
systematiek	(((systeem)[N],(atisch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
systematisch	((systeem)[N],(atisch)[A|N.])[A]
systematisering	((systematiseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
systole	(systole)[N]
t	(t)[N]
t-balk	((t)[N],(balk)[N])[N]
t-biljet	((t)[N],(biljet)[N])[N]
t-ijzer	((t)[N],(ijzer)[N])[N]
t-kruising	((t)[N],((kruis)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
t-shirt	((t)[N],(shirt)[N])[N]
t-stroom	((t)[N],(stroom)[N])[N]
t-stuk	((t)[N],(stuk)[N])[N]
taai	(taai)[N]
taaie	((taai)[A],(e)[N|A.])[N]
taaierd	((taai)[A],(erd)[N|A.])[N]
taaiheid	((taai)[A],(heid)[N|A.])[N]
taaiigheid	((taai)[A],(igheid)[N|A.])[N]
taainagel	((taai)[A],(nagel)[N])[N]
taaipop	((taai)[N],(pop)[N])[N]
taaitaai	((taai)[A],(taai)[A])[N]
taak	(taak)[N]
taakanalist	((taak)[N],(analist)[N])[N]
taakanalyse	((taak)[N],(analyse)[N])[N]
taakloon	((taak)[N],(loon)[N])[N]
taakomschrijving	((taak)[N],((om)[P],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
taakstelling	((taak)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
taakuur	((taak)[N],(uur)[N])[N]
taakverdeling	((taak)[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
taakverruiming	((taak)[N],((ver)[V|.A],(ruim)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
taal	(taal)[N]
taalachterstand	((taal)[N],((achter)[B],(stand)[N])[N])[N]
taalakte	((taal)[N],(akte)[N])[N]
taalarm	((taal)[N],(arm)[A])[A]
taalatlas	((taal)[N],(atlas)[N])[N]
taalbarrière	((taal)[N],(barrière)[N])[N]
taalbederf	((taal)[N],(bederf)[N])[N]
taalbegrip	((taal)[N],(begrip)[N])[N]
taalbeheersing	((taal)[N],((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
taalbeoefenaar	((taal)[N],(((be)[V|.V],(oefen)[V])[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
taalbeoefening	((taal)[N],(((be)[V|.V],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
taalbeschouwing	((taal)[N],((be)[V|.V],(schouw)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
taalbeschrijving	((taal)[N],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
taalbeweging	((taal)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
taalbewustzijn	((taal)[N],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
taalboek	((taal)[N],(boek)[N])[N]
taalcompensatie	((taal)[N],(compenseer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
taalcompetentie	((taal)[N],(((competeer)[V],(ent)[A|V.])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
taalcongres	((taal)[N],(congres)[N])[N]
taalconsulent	((taal)[N],(consulent)[N])[N]
taalcursus	((taal)[N],(cursus)[N])[N]
taaldaad	((taal)[N],(daad)[N])[N]
taaldomein	((taal)[N],(domein)[N])[N]
taaleenheid	((taal)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
taaleigen	((taal)[N],(eigen)[N])[N]
taaleigenaardigheid	((taal)[N],(((eigen)[A],(aard)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
taaleiland	((taal)[N],(eiland)[N])[N]
taalexamen	((taal)[N],(examen)[N])[N]
taalfamilie	((taal)[N],(familie)[N])[N]
taalfilosofie	((taal)[N],((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
taalfout	((taal)[N],(fout)[N])[N]
taalgebied	((taal)[N],(gebied)[N])[N]
taalgebruik	((taal)[N],(gebruik)[N])[N]
taalgebruiker	((taal)[N],(gebruik)[V],(er)[N|NV.])[N]
taalgedrag	((taal)[N],(gedrag)[N])[N]
taalgeleerde	((taal)[N],(geleerde)[N])[N]
taalgemeenschap	((taal)[N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
taalgeografie	((taal)[N],((geografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
taalgeschiedenis	((taal)[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
taalgevoel	((taal)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
taalgids	((taal)[N],(gids)[N])[N]
taalgrens	((taal)[N],(grens)[N])[N]
taalgroep	((taal)[N],(groep)[N])[N]
taalhandeling	((taal)[N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
taalhervormer	((taal)[N],((her)[V|.V],(vorm)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
taalkaart	((taal)[N],(kaart)[N])[N]
taalkenner	((taal)[N],(ken)[V],(er)[N|NV.])[N]
taalkennis	((taal)[N],(kennis)[N])[N]
taalklank	((taal)[N],(klank)[N])[N]
taalkring	((taal)[N],(kring)[N])[N]
taalkunde	((taal)[N],(kunde)[N])[N]
taalkundig	(((taal)[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
taalkunst	((taal)[N],(kunst)[N])[N]
taalkunstenaar	((taal)[N],((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
taalkwestie	((taal)[N],(kwestie)[N])[N]
taalleraar	((taal)[N],(leraar)[N])[N]
taalles	((taal)[N],(les)[N])[N]
taalman	((taal)[N],(man)[N])[N]
taaloefening	((taal)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
taalonderricht	((taal)[N],(onderricht)[N])[N]
taalonderwijs	((taal)[N],(onderwijs)[N])[N]
taalonderzoek	((taal)[N],(onderzoek)[N])[N]
taalonderzoeker	((taal)[N],((onder)[P],(zoek)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
taalontwikkeling	((taal)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
taalparticularisme	((taal)[N],(particularisme)[N])[N]
taalpolitiek	((taal)[N],(politiek)[N])[N]
taalpsychologie	((taal)[N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
taalrecht	((taal)[N],(recht)[N])[N]
taalregel	((taal)[N],(regel)[N])[N]
taalregister	((taal)[N],(register)[N])[N]
taalschat	((taal)[N],(schat)[N])[N]
taalscheppend	((taal)[N],(schep)[V],(end)[A|NV.])[A]
taalsociologie	((taal)[N],((sociologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
taalsocioloog	((taal)[N],(socioloog)[N])[N]
taalstam	((taal)[N],(stam)[N])[N]
taalstrijd	((taal)[N],(strijd)[N])[N]
taalstudie	((taal)[N],(studie)[N])[N]
taalteken	((taal)[N],(teken)[N])[N]
taaltypologie	((taal)[N],((typologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
taaluiting	((taal)[N],(uit)[V],(ing)[N|NV.])[N]
taalvaardigheid	((taal)[N],((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
taalverandering	((taal)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
taalverbastering	((taal)[N],((verbaster)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
taalvergelijking	((taal)[N],((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
taalvermenging	((taal)[N],((ver)[V|.V],(meng)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
taalverrijking	((taal)[N],((ver)[V|.A],(rijk)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
taalverschijnsel	((taal)[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
taalvervuiling	((taal)[N],((ver)[V|.A],(vuil)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
taalverwantschap	((taal)[N],((verwant)[A],(schap)[N|A.])[N])[N]
taalverwerving	((taal)[N],((ver)[V|.V],(werf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
taalvorm	((taal)[N],(vorm)[N])[N]
taalwet	((taal)[N],(wet)[N])[N]
taalwetenschap	((taal)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
taalzifter	((taal)[N],(zift)[V],(er)[N|NV.])[N]
taalzifterij	((taal)[N],(zift)[V],(erij)[N|NV.])[N]
taalzuiveraar	((taal)[N],((zuiver)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
taalzuivering	((taal)[N],((zuiver)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
taan	(taan)[N]
taander	((taan)[V],(der)[N|V.])[N]
taanderij	((taan)[V],(derij)[N|V.])[N]
taanhuis	((taan)[N],(huis)[N])[N]
taanketel	((taan)[N],(ketel)[N])[N]
taart	(taart)[N]
taartblik	((taart)[N],(blik)[N])[N]
taartbodem	((taart)[N],(bodem)[N])[N]
taartenbakker	((taart)[N],(en)[N|N.Vx],(bak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
taartendeeg	((taart)[N],(e)[N|N.N],(deeg)[N])[N]
taartenpan	((taart)[N],(e)[N|N.N],(pan)[N])[N]
taartenschep	((taart)[N],(e)[N|N.N],(schep)[N])[N]
taartenvorkje	((taart)[N],(e)[N|N.N],(vork)[N])[N]
taartpan	((taart)[N],(pan)[N])[N]
taartrand	((taart)[N],(rand)[N])[N]
taartschep	((taart)[N],(schep)[N])[N]
taartspuit	((taart)[N],(spuit)[N])[N]
taartstolp	((taart)[N],(stolp)[N])[N]
taartvorkje	((taart)[N],(vork)[N])[N]
taartvorm	((taart)[N],(vorm)[N])[N]
taats	(taats)[N]
taatstol	((taats)[N],(tol)[N])[N]
tab	(tab)[N]
tabak	(tabak)[N]
tabakken	(tabak)[V]
tabakker	((tabak)[V],(er)[N|V.])[N]
tabaksaandeel	((tabak)[N],(s)[N|N.N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
tabaksaccijns	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(accijns)[N])[N]
tabaksartikel	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(artikel)[N])[N]
tabaksas	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(as)[N])[N]
tabaksbewerker	((tabak)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
tabaksblaas	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(blaas)[N])[N]
tabaksblad	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(blad)[N])[N]
tabaksbon	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(bon)[N])[N]
tabaksbouw	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(bouw)[N])[N]
tabaksculture	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(culture)[N])[N]
tabakscultuur	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(cultuur)[N])[N]
tabaksdamp	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(damp)[N])[N]
tabaksdoos	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(doos)[N])[N]
tabaksfabriek	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(fabriek)[N])[N]
tabaksfermentatie	((tabak)[N],(s)[N|N.Vx],((ferment)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|NxV.])[N]
tabakshandel	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(handel)[N])[N]
tabakshandelaar	((tabak)[N],(s)[N|N.N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
tabaksindustrie	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(industrie)[N])[N]
tabakskerver	((tabak)[N],(s)[N|N.Vx],(kerf)[V],(er)[N|NxV.])[N]
tabakskerverij	((tabak)[N],(s)[N|N.Vx],(kerf)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
tabakskruimel	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(kruimel)[N])[N]
tabakslucht	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(lucht)[N])[N]
tabaksmaatschappij	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
tabaksmagnaat	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(magnaat)[N])[N]
tabaksmonopolie	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(monopolie)[N])[N]
tabaksonderneming	((tabak)[N],(s)[N|N.N],((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tabaksoogst	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(oogst)[N])[N]
tabakspijp	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(pijp)[N])[N]
tabaksplant	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(plant)[N])[N]
tabaksplantage	((tabak)[N],(s)[N|N.N],((plant)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
tabaksplanter	((tabak)[N],(s)[N|N.Vx],(plant)[V],(er)[N|NxV.])[N]
tabakspot	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(pot)[N])[N]
tabakspruim	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(pruim)[N])[N]
tabaksregie	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(regie)[N])[N]
tabaksreuk	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(reuk)[N])[N]
tabaksrol	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(rol)[N])[N]
tabaksrook	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(rook)[N])[N]
tabakssap	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(sap)[N])[N]
tabaksschuur	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(schuur)[N])[N]
tabaksstoppertje	((tabak)[N],(s)[N|N.N],((stop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
tabaksstripper	((tabak)[N],(s)[N|N.Vx],(strip)[V],(er)[N|NxV.])[N]
tabaksteelt	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(teelt)[N])[N]
tabaksveiling	((tabak)[N],(s)[N|N.Vx],(veil)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
tabaksveld	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
tabaksvergunning	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tabaksverkoper	((tabak)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
tabakswalm	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(walm)[N])[N]
tabakswinkel	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
tabakswolk	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(wolk)[N])[N]
tabakszak	((tabak)[N],(s)[N|N.N],(zak)[N])[N]
tabel	(tabel)[N]
tabelleermachine	((tabelleer)[V],(machine)[N])[N]
tabellering	((tabelleer)[V],(ing)[N|V.])[N]
tabernakel	(tabernakel)[N]
tabernakelen	(tabernakel)[V]
tabijnen	((tabijn)[N],(en)[A|N.])[A]
tabkaart	((tab)[N],(kaart)[N])[N]
tabletvorm	((tablet)[N],(vorm)[N])[N]
taboe	(taboe)[N]
taboeret	(taboeret)[N]
taboesfeer	((taboe)[N],(sfeer)[N])[N]
tabulator	((tabuleer)[V],(ator)[N|V.])[N]
tabulatortoets	(((tabuleer)[V],(ator)[N|V.])[N],(toets)[N])[N]
tabulatuur	((tabuleer)[V],(atuur)[N|V.])[N]
tachogenerator	((tacho)[N|.N],((genereer)[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
tachotypiste	((tachotypist)[N],(e)[N|N.])[N]
tachtig	(((acht)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
tachtigduizend	((((acht)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(duizend)[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
tachtiger	(((acht)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(er)[N|Q.])[N]
tachtigjarig	(((acht)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tachtigtal	(((acht)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(tal)[N])[N]
tachtigvoudig	((tachtigvoud)[N],(ig)[A|N.])[A]
tachygrafie	((tachygrafisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
tackelen	(tackel)[V]
tackle	(tackle)[N]
taco	(taco)[N]
tact	(tact)[N]
tactiek	(((tact)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N]
tactisch	((tact)[N],(isch)[A|N.])[A]
tactloos	((tact)[N],(loos)[A|N.])[A]
tactloosheid	(((tact)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
tactvol	((tact)[N],(vol)[A])[A]
taf	(taf)[N]
tafel	(tafel)[N]
tafelaansteker	((tafel)[N],(((aan)[P],(steek)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
tafelbel	((tafel)[N],(bel)[N])[N]
tafelberg	((tafel)[N],(berg)[N])[N]
tafelbier	((tafel)[N],(bier)[N])[N]
tafelbiljart	((tafel)[N],(biljart)[N])[N]
tafelblad	((tafel)[N],(blad)[N])[N]
tafelboter	((tafel)[N],(boter)[N])[N]
tafeldame	((tafel)[V],(dame)[N])[N]
tafeldans	((tafel)[N],(dans)[N])[N]
tafeldienen	((tafel)[N],(dien)[V])[V]
tafeldrank	((tafel)[N],(drank)[N])[N]
tafelen	(tafel)[V]
tafelfruit	((tafel)[N],(fruit)[N])[N]
tafelgarnituur	((tafel)[N],(garnituur)[N])[N]
tafelgebed	((tafel)[N],(gebed)[N])[N]
tafelgeld	((tafel)[N],(geld)[N])[N]
tafelgenoot	((tafel)[V],(genoot)[N])[N]
tafelgenot	((tafel)[N],(genot)[N])[N]
tafelgenote	(((tafel)[V],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
tafelgereedschap	((tafel)[N],(gereedschap)[N])[N]
tafelgerei	((tafel)[N],(gerei)[N])[N]
tafelgerief	((tafel)[N],(gerief)[N])[N]
tafelgesprek	((tafel)[N],(gesprek)[N])[N]
tafelgoed	((tafel)[N],(goed)[N])[N]
tafelheer	((tafel)[N],(heer)[N])[N]
tafelkleed	((tafel)[N],(kleed)[N])[N]
tafelklem	((tafel)[N],(klem)[N])[N]
tafella	((tafel)[N],(la)[N])[N]
tafellade	((tafel)[N],(lade)[N])[N]
tafellaken	((tafel)[N],(laken)[N])[N]
tafelland	((tafel)[N],(land)[N])[N]
tafellinnen	((tafel)[N],(linnen)[N])[N]
tafelloper	((tafel)[N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
tafelmanieren	((tafel)[N],(manier)[N])[N]
tafelmatje	((tafel)[N],(mat)[N])[N]
tafelmes	((tafel)[N],(mes)[N])[N]
tafelmuziek	((tafel)[N],(muziek)[N])[N]
tafelpoot	((tafel)[N],(poot)[N])[N]
tafelrede	((tafel)[N],(rede)[N])[N]
tafelreservering	((tafel)[N],(reserveer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
tafelronde	((tafel)[N],(ronde)[N])[N]
tafelschel	((tafel)[N],(schel)[N])[N]
tafelschikking	((tafel)[N],((schik)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tafelschuier	((tafel)[N],(schuier)[N])[N]
tafelschuimer	((tafel)[N],((schuim)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
tafelservies	((tafel)[N],(servies)[N])[N]
tafelspeech	((tafel)[N],(speech)[N])[N]
tafelspel	((tafel)[N],(spel)[N])[N]
tafelstoel	((tafel)[N],(stoel)[N])[N]
tafeltennis	((tafel)[N],(tennis)[N])[N]
tafeltennissen	((tafel)[N],(tennis)[V])[V]
tafeltennistafel	(((tafel)[N],(tennis)[V])[V],(tafel)[N])[N]
tafeltoestel	((tafel)[N],(toestel)[N])[N]
tafelvoetbal	((tafel)[N],((voet)[N],(bal)[N])[N])[N]
tafelvoetbalspel	(((tafel)[N],((voet)[N],(bal)[N])[N])[N],(spel)[N])[N]
tafelwater	((tafel)[N],(water)[N])[N]
tafelwijn	((tafel)[N],(wijn)[N])[N]
tafelzeil	((tafel)[N],(zeil)[N])[N]
tafelzilver	((tafel)[N],(zilver)[N])[N]
tafelzout	((tafel)[N],(zout)[N])[N]
tafelzuur	((tafel)[N],(zuur)[N])[N]
tafereel	(tafereel)[N]
taffen	((taf)[N],(en)[A|N.])[A]
taffetas	(taffetas)[N]
tafzij	((taf)[N],(zij)[N])[N]
tafzijde	((taf)[N],(zijde)[N])[N]
tafzijden	((taf)[N],((zijde)[N],(en)[A|N.])[A])[A]
tahin	(tahin)[N]
tahoe	(tahoe)[N]
taiga	(taiga)[N]
taille	(taille)[N]
tailleband	((taille)[N],(band)[N])[N]
taillelijn	((taille)[N],(lijn)[N])[N]
taillenaad	((taille)[N],(naad)[N])[N]
tailleur	((tailleer)[V],(eur)[N|V.])[N]
tak	(tak)[N]
takbout	((tak)[N],(bout)[N])[N]
take	(take)[N]
takel	(takel)[N]
takelaar	((takel)[V],(aar)[N|V.])[N]
takelage	((takel)[V],(age)[N|V.])[N]
takelauto	((takel)[V],(auto)[N])[N]
takelbalk	((takel)[V],(balk)[N])[N]
takelblok	((takel)[V],(blok)[N])[N]
takelen	(takel)[V]
takeling	((takel)[V],(ing)[N|V.])[N]
takelwagen	((takel)[V],(wagen)[N])[N]
takelwerk	((takel)[V],(werk)[N])[N]
taken	(taak)[V]
takenpakket	((taak)[N],(en)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
takenstelsel	((taak)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
takhout	((tak)[N],(hout)[N])[N]
takkeling	((tak)[N],(eling)[N|N.])[N]
takken	(tak)[V]
takkenbos	((tak)[N],(en)[N|N.N],(bos)[N])[N]
takkennest	((tak)[N],(en)[N|N.N],(nest)[N])[N]
taks	(taks)[N]
takwerk	((tak)[N],(werk)[N])[N]
tal	(tal)[N]
talen	(taal)[V]
taleninstituut	((taal)[N],(en)[N|N.N],(instituut)[N])[N]
talenkenner	((taal)[N],(en)[N|N.Vx],(ken)[V],(er)[N|NxV.])[N]
talenkennis	((taal)[N],(en)[N|N.N],(kennis)[N])[N]
talenknobbel	((taal)[N],(en)[N|N.N],(knobbel)[N])[N]
talenlaboratorium	((taal)[N],(en)[N|N.N],(laboratorium)[N])[N]
talenpracticum	((taal)[N],(en)[N|N.N],(practicum)[N])[N]
talenstudie	((taal)[N],(en)[N|N.N],(studie)[N])[N]
talentenjacht	((talent)[N],(en)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
talentrijk	((talent)[N],(rijk)[A])[A]
talentvol	((talent)[N],(vol)[A])[A]
talenwonder	((taal)[N],(en)[N|N.Vx],(wond)[V],(er)[N|NxV.])[N]
talg	(talg)[N]
talgklier	((talg)[N],(klier)[N])[N]
talhout	((tal)[N],(hout)[N])[N]
taliehaak	((talie)[N],(haak)[N])[N]
taliereep	((talie)[N],(reep)[N])[N]
talig	((taal)[N],(ig)[A|N.])[A]
taligheid	(((taal)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
talk	(talk)[N]
talkkaars	((talk)[N],(kaars)[N])[N]
talkklier	((talk)[N],(klier)[N])[N]
talkpoeder	((talk)[N],(poeder)[N])[N]
talkpoeier	((talk)[N],(poeier)[N])[N]
talm	(talm)[N]
talmachtig	((talm)[V],(achtig)[A|V.])[A]
talmachtigheid	(((talm)[V],(achtig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
talmen	(talm)[V]
talmer	((talm)[V],(er)[N|V.])[N]
talmerij	((talm)[V],(erij)[N|V.])[N]
talmoed	(talmoed)[N]
talmoedisch	((talmoed)[N],(isch)[A|N.])[A]
talmoedist	((talmoed)[N],(ist)[N|N.])[N]
talmud	(talmud)[N]
talmudisch	((talmud)[N],(isch)[A|N.])[A]
talmudist	((talmud)[N],(ist)[N|N.])[N]
talreep	((tal)[N],(reep)[N])[N]
talrijk	((tal)[N],(rijk)[A])[A]
talrijkheid	(((tal)[N],(rijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
talstelsel	((tal)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
taludbekleding	((talud)[N],((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
taluudbekleding	((taluud)[N],((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
tam	(tam)[A]
tamari	(tamari)[N]
tamarinde	(tamarinde)[N]
tamarindeboom	((tamarinde)[N],(boom)[N])[N]
tamarindebos	((tamarinde)[N],(en)[N|N.N],(bos)[N])[N]
tamarindehout	((tamarinde)[N],(hout)[N])[N]
tamarindekoekje	((tamarinde)[N],(koek)[N])[N]
tamarindestroop	((tamarinde)[N],(stroop)[N])[N]
tamarisk	(tamarisk)[N]
tamboer	(tamboer)[N]
tamboer-majoor	((tamboer)[N],(majoor)[N])[N]
tamboereerraam	(((tamboer)[N],(eer)[V|N.])[V],(raam)[N])[N]
tamboereerwerk	(((tamboer)[N],(eer)[V|N.])[V],(werk)[N])[N]
tamboereren	((tamboer)[N],(eer)[V|N.])[V]
tamboerkorps	((tamboer)[V],(korps)[N])[N]
tamheid	((tam)[A],(heid)[N|A.])[N]
tamp	(tamp)[N]
tampeloeres	(tampeloeres)[N]
tampen	(tamp)[V]
tampon	(tampon)[N]
tamponneren	((tampon)[N],(eer)[V|N.])[V]
tamponziekte	((tampon)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
tanagrabeeldje	((Tanagra)[N],(beeld)[N])[N]
tand	(tand)[N]
tandaanslag	((tand)[N],(aanslag)[N])[N]
tandarts	((tand)[N],(arts)[N])[N]
tandartsassistent	(((tand)[N],(arts)[N])[N],(assisteer)[V],(ent)[N|NV.])[N]
tandartsrekening	(((tand)[N],(arts)[N])[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tandbederf	((tand)[N],(bederf)[N])[N]
tandbeen	((tand)[N],(been)[N])[N]
tandcariës	((tand)[N],(cariës)[N])[N]
tandeloos	((tand)[N],(eloos)[A|N.])[A]
tandem	(tandem)[N]
tandemail	((tand)[N],(email)[N])[N]
tanden	(tand)[V]
tandenborstel	((tand)[N],(en)[N|N.N],(borstel)[N])[N]
tandengeklapper	((tand)[N],(en)[N|N.Nx],((ge)[N|.V],(klap)[V])[N],(er)[N|NxN.])[N]
tandengeknars	((tand)[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.V],(knars)[V])[N])[N]
tandenknarsen	((tand)[N],(en)[V|N.V],(knars)[V])[V]
tandenkoter	((tand)[N],(en)[N|N.N],(koter)[N])[N]
tandenstoker	((tand)[N],(en)[N|N.Vx],(stook)[V],(er)[N|NxV.])[N]
tandentrekker	((tand)[N],(en)[N|N.Vx],(trek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
tandextractie	((tand)[N],((extract)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
tandformule	((tand)[N],(formule)[N])[N]
tandgeknars	((tand)[N],((ge)[N|.V],(knars)[V])[N])[N]
tandglazuur	((tand)[N],(glazuur)[N])[N]
tandhals	((tand)[N],(hals)[N])[N]
tandheelkunde	((tand)[N],((heel)[V],(kunde)[N])[N])[N]
tandheelkundig	(((tand)[N],((heel)[V],(kunde)[N])[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
tandholte	((tand)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
tanding	((tand)[V],(ing)[N|V.])[N]
tandkas	((tand)[N],(kas)[N])[N]
tandknarsen	((tand)[N],(knars)[V])[V]
tandkroon	((tand)[N],(kroon)[N])[N]
tandletter	((tand)[N],(letter)[N])[N]
tandlijst	((tand)[N],(lijst)[N])[N]
tandmedeklinker	((tand)[N],(medeklinker)[N])[N]
tandmeester	((tand)[N],(meester)[N])[N]
tandmerg	((tand)[N],(merg)[N])[N]
tandpasta	((tand)[N],(pasta)[N])[N]
tandpijn	((tand)[N],(pijn)[N])[N]
tandplak	((tand)[N],(plak)[N])[N]
tandpoeder	((tand)[N],(poeder)[N])[N]
tandpoeier	((tand)[N],(poeier)[N])[N]
tandprothese	((tand)[N],(prothese)[N])[N]
tandrad	((tand)[N],(rad)[N])[N]
tandradbaan	(((tand)[N],(rad)[N])[N],(baan)[N])[N]
tandradspoor	(((tand)[N],(rad)[N])[N],(spoor)[N])[N]
tandregulatie	((tand)[N],((regel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|NV.])[N]
tandspiegel	((tand)[N],(spiegel)[N])[N]
tandsteen	((tand)[N],(steen)[N])[N]
tandstelsel	((tand)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
tandtechnicus	((tand)[N],(technicus)[N])[N]
tandtechnisch	((tand)[N],(technisch)[A])[A]
tandvlees	((tand)[N],(vlees)[N])[N]
tandvleesontsteking	(((tand)[N],(vlees)[N])[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
tandvormig	((tand)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
tandvulling	((tand)[N],(vul)[V],(ing)[N|NV.])[N]
tandwerk	((tand)[N],(werk)[N])[N]
tandwiel	((tand)[N],(wiel)[N])[N]
tandwolf	((tand)[N],(wolf)[N])[N]
tandwortel	((tand)[N],(wortel)[N])[N]
tandzeer	((tand)[N],(zeer)[N])[N]
tandzenuw	((tand)[N],(zenuw)[N])[N]
tanen	(taan)[V]
tang	(tang)[N]
tangbevalling	((tang)[N],(((be)[V|.V],(val)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tangbeweging	((tang)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tangconstructie	((tang)[N],(constructie)[N])[N]
tangentenhoek	((tangent)[N],(en)[N|N.N],(hoek)[N])[N]
tangentieel	((tangent)[N],(ieel)[A|N.])[A]
tango	(tango)[N]
tango-orkest	((tango)[N],(orkest)[N])[N]
tangomuziek	((tango)[N],(muziek)[N])[N]
tangverlossing	((tang)[N],(((ver)[V|.A],(los)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tanig	((taan)[N],(ig)[A|N.])[A]
tank	(tank)[N]
tankaanval	((tank)[N],(aanval)[N])[N]
tankauto	((tank)[N],(auto)[N])[N]
tankbataljon	((tank)[N],(bataljon)[N])[N]
tankboot	((tank)[N],(boot)[N])[N]
tankbrigade	((tank)[N],(brigade)[N])[N]
tankcolonne	((tank)[N],(colonne)[N])[N]
tanken	(tank)[V]
tanker	((tank)[V],(er)[N|V.])[N]
tankgracht	((tank)[N],(gracht)[N])[N]
tankinstallatie	((tank)[V],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
tankschip	((tank)[N],(schip)[N])[N]
tankslag	((tank)[N],(slag)[N])[N]
tankstation	((tank)[V],(station)[N])[N]
tanktop	((tank)[N],(top)[N])[N]
tankvaart	((tank)[N],(vaart)[N])[N]
tankvloot	((tank)[N],(vloot)[N])[N]
tankwagen	((tank)[N],(wagen)[N])[N]
tanninegehalte	((tannine)[N],(gehalte)[N])[N]
tantalisatie	((tantaliseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
tante	(tante)[N]
tantièmebelasting	((tantième)[N],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
tap	(tap)[N]
tap-plaats	((tap)[N],(plaats)[N])[N]
tapbier	((tap)[V],(bier)[N])[N]
tapdanser	((tapdans)[N],(er)[N|N.])[N]
tapdanseres	(((tapdans)[N],(er)[N|N.])[N],(es)[N|N.])[N]
tape	(tape)[N]
tapekoers	((tape)[N],(koers)[N])[N]
taperecorder	((tape)[N],(recorder)[N])[N]
tapgat	((tap)[V],(gat)[N])[N]
tapijt	(tapijt)[N]
tapijtfabriek	((tapijt)[N],(fabriek)[N])[N]
tapijthandel	((tapijt)[N],(handel)[N])[N]
tapijtklopper	((tapijt)[N],(klop)[V],(er)[N|NV.])[N]
tapijttegel	((tapijt)[N],(tegel)[N])[N]
tapijtwerk	((tapijt)[N],(werk)[N])[N]
tapijtwever	((tapijt)[N],(weef)[V],(er)[N|NV.])[N]
tapijtwinkel	((tapijt)[N],(winkel)[N])[N]
tapijtwol	((tapijt)[N],(wol)[N])[N]
tapioca	(tapioca)[N]
tapiocapap	((tapioca)[N],(pap)[N])[N]
tapir	(tapir)[N]
tapisseriepatroon	((tapisserie)[N],(patroon)[N])[N]
tapisseriewerk	((tapisserie)[N],(werk)[N])[N]
tapisseriewinkel	((tapisserie)[N],(winkel)[N])[N]
tapkan	((tap)[V],(kan)[N])[N]
tapkast	((tap)[V],(kast)[N])[N]
tapkraan	((tap)[V],(kraan)[N])[N]
tappen	(tap)[V]
tapper	((tap)[V],(er)[N|V.])[N]
tapperij	((tap)[V],(erij)[N|V.])[N]
taps	((tap)[N],(s)[A|N.])[A]
tapsleutel	((tap)[N],(sleutel)[N])[N]
tapster	((tap)[V],(ster)[N|V.])[N]
tapverbod	((tap)[V],(verbod)[N])[N]
tapvergunning	((tap)[V],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tapvormig	((tap)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
tarantella	(tarantella)[N]
tarantula	(tarantula)[N]
tarbot	(tarbot)[N]
target	(target)[N]
tariefcalculator	((tarief)[N],(calculeer)[V],(ator)[N|NV.])[N]
tariefdifferentiatie	((tarief)[N],((differentieer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
tariefgroep	((tarief)[N],(groep)[N])[N]
tariefintegratie	((tarief)[N],((integreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
tariefkilometer	((tarief)[N],((kilo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
tariefklas	((tarief)[N],(klas)[N])[N]
tariefklasse	((tarief)[N],(klasse)[N])[N]
tarieflijst	((tarief)[N],(lijst)[N])[N]
tariefloon	((tarief)[N],(loon)[N])[N]
tariefmaker	((tarief)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
tariefmuur	((tarief)[N],(muur)[N])[N]
tariefpreferentie	((tarief)[N],((prefereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
tariefreductie	((tarief)[N],(reductie)[N])[N]
tariefregeling	((tarief)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tariefstructuur	((tarief)[N],(structuur)[N])[N]
tariefsysteem	((tarief)[N],(systeem)[N])[N]
tariefwerk	((tarief)[N],(werk)[N])[N]
tariefwet	((tarief)[N],(wet)[N])[N]
tariefwijziging	((tarief)[N],(wijzig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
tarievenbeleid	((tarief)[N],(en)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
tarievenoorlog	((tarief)[N],(en)[N|N.N],(oorlog)[N])[N]
tarievenpolitiek	((tarief)[N],(en)[N|N.N],(politiek)[N])[N]
tariferen	((tarief)[N],(eer)[V|N.])[V]
tarifering	(((tarief)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
tarlatan	(tarlatan)[N]
tarn	(tarn)[N]
tarnen	(tarn)[V]
tarokspel	((tarok)[N],(spel)[N])[N]
tarot	(tarot)[N]
tarrarekening	((tarra)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tarren	(tar)[V]
tartanbaan	((tartan)[N],(baan)[N])[N]
tarten	(tart)[V]
tarter	((tart)[V],(er)[N|V.])[N]
tarwe	(tarwe)[N]
tarweaar	((tarwe)[N],(aar)[N])[N]
tarweakker	((tarwe)[N],(akker)[N])[N]
tarwebloem	((tarwe)[N],(bloem)[N])[N]
tarweboterham	((tarwe)[N],(boterham)[N])[N]
tarwebrood	((tarwe)[N],(brood)[N])[N]
tarwegras	((tarwe)[N],(gras)[N])[N]
tarwehalm	((tarwe)[N],(halm)[N])[N]
tarwekiem	((tarwe)[N],(kiem)[N])[N]
tarwekorrel	((tarwe)[N],(korrel)[N])[N]
tarweland	((tarwe)[N],(land)[N])[N]
tarwemeel	((tarwe)[N],(meel)[N])[N]
tarweoogst	((tarwe)[N],(oogst)[N])[N]
tarweschoof	((tarwe)[N],(schoof)[N])[N]
tarwestro	((tarwe)[N],(stro)[N])[N]
tarweveld	((tarwe)[N],(veld)[N])[N]
tarwevlokken	((tarwe)[N],(vlok)[N])[N]
tarwezemelen	((tarwe)[N],(zemel)[N])[N]
tas	(tas)[N]
tasjeskruid	((tas)[N],(s)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
tassen	(tas)[V]
tast	(tast)[N]
tastbaar	((tast)[V],(baar)[A|V.])[A]
tastbaarheid	(((tast)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
tastdraad	((tast)[V],(draad)[N])[N]
tasten	(tast)[V]
tastenderwijs	((tast)[V],(enderwijs)[A|V.])[A]
taster	((tast)[V],(er)[N|V.])[N]
tastorgaan	((tast)[V],(orgaan)[N])[N]
tastzin	((tast)[V],(zin)[N])[N]
tastzintuig	((tast)[V],((zin)[N],(tuig)[N])[N])[N]
tasveld	((tas)[V],(veld)[N])[N]
taswoning	((tas)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tateraar	((tater)[V],(aar)[N|V.])[N]
tatoeage	((tatoeëer)[V],(age)[N|V.])[N]
tatoeëerder	((tatoeëer)[V],(der)[N|V.])[N]
tatoeëerstift	((tatoeëer)[V],(stift)[N])[N]
tatoeëring	((tatoeëer)[V],(ing)[N|V.])[N]
taugé	(taugé)[N]
taupe	(taupe)[A]
taupekleurig	((taupe)[A],(kleur)[N],(ig)[A|AN.])[A]
tautologie	((tautologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
taveerne	(taveerne)[N]
taverne	(taverne)[N]
taxateur	((taxeer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
taxatie	((taxeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
taxatieprijs	(((taxeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(prijs)[N])[N]
taxatierapport	(((taxeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(rapport)[N])[N]
taxe	(taxe)[N]
taxi	(taxi)[N]
taxibedrijf	((taxi)[N],(bedrijf)[N])[N]
taxicentrale	((taxi)[N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
taxichauffeur	((taxi)[N],((chauffeer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
taximeter	((taxi)[N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
taxionderneming	((taxi)[N],((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
taxirit	((taxi)[N],(rit)[N])[N]
taxistandplaats	((taxi)[N],((stand)[N],(plaats)[N])[N])[N]
taxistation	((taxi)[N],(station)[N])[N]
taxiverhuurder	((taxi)[N],((ver)[V|.V],(huur)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
taxonomie	((taxonomisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
taxusboom	((taxus)[N],(boom)[N])[N]
taxushaag	((taxus)[N],(haag)[N])[N]
teak	(teak)[N]
teakhout	((teak)[N],(hout)[N])[N]
teakhouten	(((teak)[N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
teakolie	((teak)[N],(olie)[N])[N]
team	(team)[N]
teambenadering	((team)[N],(((be)[V|.V],(nader)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
teamgeest	((team)[N],(geest)[N])[N]
teamlid	((team)[N],(lid)[N])[N]
teamontwikkeling	((team)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
teamsport	((team)[N],(sport)[N])[N]
teamverband	((team)[N],(verband)[N])[N]
teamvergadering	((team)[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
teamwerk	((team)[N],(werk)[N])[N]
teaën	(tea)[V]
techniek	((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
technieker	(((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N],(er)[N|N.])[N]
technocratisch	((technocraat)[N],(isch)[A|N.])[A]
technologie	((technologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
teckel	(teckel)[N]
tectyleren	((tectyl)[N],(eer)[V|N.])[V]
teddybeer	((teddy)[N],(beer)[N])[N]
teddyboy	((teddy)[N],(boy)[N])[N]
teder	(teder)[A]
tederheid	((teder)[A],(heid)[N|A.])[N]
tederlijk	((teder)[A],(lijk)[A|A.])[A]
teef	(teef)[N]
teek	(teek)[N]
teelaarde	((teel)[V],(aarde)[N])[N]
teelbaar	((teel)[V],(baar)[A|V.])[A]
teelbal	((teel)[V],(bal)[N])[N]
teeldeel	((teel)[V],(deel)[N])[N]
teeldrift	((teel)[V],(drift)[N])[N]
teelgewas	((teel)[V],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
teelgrond	((teel)[V],(grond)[N])[N]
teellaag	((teel)[V],(laag)[N])[N]
teelland	((teel)[V],(land)[N])[N]
teelster	((teel)[V],(ster)[N|V.])[N]
teeltijd	((teel)[V],(tijd)[N])[N]
teeltkeus	((teelt)[N],(keus)[N])[N]
teeltkeuze	((teelt)[N],(keuze)[N])[N]
teeltmethode	((teelt)[N],(methode)[N])[N]
teeltvergunning	((teelt)[N],((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
teeltwisseling	((teelt)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
teelvis	((teel)[V],(vis)[N])[N]
teelvocht	((teel)[V],(vocht)[N])[N]
teem	(teem)[N]
teemachtig	((teem)[V],(achtig)[A|V.])[A]
teemkous	((teem)[V],(kous)[N])[N]
teems	(teems)[N]
teemsen	(teems)[V]
teemster	((teem)[V],(ster)[N|V.])[N]
teen	(teen)[N]
teenganger	((teen)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N]
teenhout	((teen)[N],(hout)[N])[N]
teenkootje	((teen)[N],(koot)[N])[N]
teenlid	((teen)[N],(lid)[N])[N]
teenstuk	((teen)[N],(stuk)[N])[N]
teenwilg	((teen)[N],(wilg)[N])[N]
teer	(teer)[N]
teerasfalt	((teer)[N],(asfalt)[N])[N]
teerbak	((teer)[N],(bak)[N])[N]
teerbemind	((teer)[A],(bemind)[A])[A]
teerborstel	((teer)[N],(borstel)[N])[N]
teercapsule	((teer)[N],(capsule)[N])[N]
teerdag	((teer)[V],(dag)[N])[N]
teerdoek	((teer)[N],(doek)[N])[N]
teergehalte	((teer)[N],(gehalte)[N])[N]
teergeld	((teer)[V],(geld)[N])[N]
teergeliefd	((teer)[A],(geliefd)[A])[A]
teergevoelig	((teer)[A],(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
teergevoeligheid	(((teer)[A],(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
teerhartig	((teer)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
teerhartigheid	(((teer)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
teerheid	((teer)[A],(heid)[N|A.])[N]
teerketel	((teer)[N],(ketel)[N])[N]
teerkleed	((teer)[N],(kleed)[N])[N]
teerkost	((teer)[V],(kost)[N])[N]
teerkwast	((teer)[N],(kwast)[N])[N]
teerlingbak	((teerling)[N],(bak)[N])[N]
teerlingspel	((teerling)[N],(spel)[N])[N]
teerlingworp	((teerling)[N],(worp)[N])[N]
teerolie	((teer)[N],(olie)[N])[N]
teerpenning	((teer)[V],(penning)[N])[N]
teerpil	((teer)[N],(pil)[N])[N]
teerpot	((teer)[N],(pot)[N])[N]
teersteen	((teer)[N],(steen)[N])[N]
teerton	((teer)[N],(ton)[N])[N]
teerts	(teerts)[N]
teerwater	((teer)[N],(water)[N])[N]
teerweg	((teer)[N],(weg)[N])[N]
teerzand	((teer)[N],(zand)[N])[N]
teerzeep	((teer)[N],(zeep)[N])[N]
teeveeprogramma	((teevee)[N],(programma)[N])[N]
teeveetoestel	((teevee)[N],(toestel)[N])[N]
tegel	(tegel)[N]
tegelbakker	((tegel)[N],(bak)[V],(er)[N|NV.])[N]
tegelbakkerij	((tegel)[N],(bak)[V],(erij)[N|NV.])[N]
tegelbekleding	((tegel)[N],(((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tegelkachel	((tegel)[N],(kachel)[N])[N]
tegelmat	((tegel)[N],(mat)[N])[N]
tegelmozaïek	((tegel)[N],(mozaïek)[N])[N]
tegeloven	((tegel)[N],(oven)[N])[N]
tegelpad	((tegel)[N],(pad)[N])[N]
tegeltableau	((tegel)[N],(tableau)[N])[N]
tegelterras	((tegel)[N],(terras)[N])[N]
tegelvloer	((tegel)[N],(vloer)[N])[N]
tegelwand	((tegel)[N],(wand)[N])[N]
tegelzetten	((tegel)[N],(zet)[V])[V]
tegelzetter	(((tegel)[N],(zet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
tegemoetkomendheid	((tegemoetkomend)[A],(heid)[N|A.])[N]
tegemoetkoming	((tegemoet)[B],(kom)[V],(ing)[N|BV.])[N]
tegen	(tegen)[N]
tegenaanbod	((tegen)[B],(aanbod)[N])[N]
tegenaanval	((tegen)[B],(aanval)[N])[N]
tegenactie	((tegen)[B],(actie)[N])[N]
tegenargument	((tegen)[B],(argument)[N])[N]
tegenartikel	((tegen)[B],(artikel)[N])[N]
tegenbeeld	((tegen)[B],(beeld)[N])[N]
tegenbericht	((tegen)[B],(bericht)[N])[N]
tegenbetoog	((tegen)[B],(betoog)[N])[N]
tegenbevel	((tegen)[B],(bevel)[N])[N]
tegenbeweging	((tegen)[B],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tegenbewijs	((tegen)[B],(bewijs)[N])[N]
tegenbezoek	((tegen)[B],(bezoek)[N])[N]
tegenblik	((tegen)[B],(blik)[N])[N]
tegenbod	((tegen)[B],(bod)[N])[N]
tegencoup	((tegen)[B],(coup)[N])[N]
tegendeel	((tegen)[B],(deel)[N])[N]
tegendraads	((tegen)[P],(draad)[N],(s)[A|PN.])[A]
tegendraadsheid	(((tegen)[P],(draad)[N],(s)[A|PN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
tegendruk	((tegen)[B],(druk)[N])[N]
tegeneffect	((tegen)[B],(effect)[N])[N]
tegeneis	((tegen)[B],(eis)[N])[N]
tegeneten	((tegen)[B],(eet)[V])[V]
tegengaan	((tegen)[P],(ga)[V])[V]
tegengas	((tegen)[B],(gas)[N])[N]
tegengeschenk	((tegen)[B],((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N])[N]
tegengewicht	((tegen)[B],(gewicht)[N])[N]
tegengif	((tegen)[B],(gif)[N])[N]
tegengift	((tegen)[B],(gift)[N])[N]
tegengroet	((tegen)[B],(groet)[N])[N]
tegenhebben	((tegen)[B],(heb)[V])[V]
tegenheid	((tegen)[B],(heid)[N|B.])[N]
tegenhouden	((tegen)[B],(houd)[V])[V]
tegenkandidaat	((tegen)[B],((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
tegenkanting	((tegenkant)[V],(ing)[N|V.])[N]
tegenkomen	((tegen)[P],(kom)[V])[V]
tegenkoning	((tegen)[B],(koning)[N])[N]
tegenkracht	((tegen)[B],(kracht)[N])[N]
tegenlachen	((tegen)[B],(lach)[V])[V]
tegenlast	((tegen)[B],(last)[N])[N]
tegenlicht	((tegen)[B],(licht)[N])[N]
tegenlist	((tegen)[B],(list)[N])[N]
tegenlopen	((tegen)[P],(loop)[V])[V]
tegenmaatregel	((tegen)[B],(maatregel)[N])[N]
tegenmaken	((tegen)[B],(maak)[V])[V]
tegenmijn	((tegen)[B],(mijn)[N])[N]
tegennatuurlijk	((tegen)[P],(natuur)[N],(lijk)[A|PN.])[A]
tegenoffensief	((tegen)[B],(offensief)[N])[N]
tegenomwenteling	((tegen)[B],(((om)[P],(wentel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tegenontwerp	((tegen)[B],(ontwerp)[N])[N]
tegenorder	((tegen)[B],(order)[N])[N]
tegenovergelegen	((tegenover)[P],(gelegen)[A])[A]
tegenoverliggend	((tegenover)[P],(liggend)[A])[A]
tegenoverstaand	((tegenover)[P],(staand)[A])[A]
tegenoverstellen	((tegenover)[P],(stel)[V])[V]
tegenoverstelling	(((tegenover)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
tegenpartij	((tegen)[B],(partij)[N])[N]
tegenpaus	((tegen)[B],(paus)[N])[N]
tegenpleiter	((tegen)[B],((pleit)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
tegenpool	((tegen)[B],(pool)[N])[N]
tegenpraten	((tegen)[B],(praat)[V])[V]
tegenprestatie	((tegen)[B],((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
tegenpruttelen	((tegen)[B],(pruttel)[V])[V]
tegenpunt	((tegen)[B],(punt)[N])[N]
tegenrede	((tegen)[B],(rede)[N])[N]
tegenrekening	((tegen)[B],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tegenslaan	((tegen)[B],(sla)[V])[V]
tegenslag	((tegen)[B],(slag)[N])[N]
tegenspannen	((tegen)[B],(span)[V])[V]
tegenspartelen	((tegen)[B],(spartel)[V])[V]
tegensparteling	(((tegen)[B],(spartel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
tegenspeelster	((tegen)[P],((speel)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
tegenspel	((tegen)[B],(spel)[N])[N]
tegenspelen	((tegen)[B],(speel)[V])[V]
tegenspeler	(((tegen)[B],(speel)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
tegenspoed	((tegen)[B],(spoed)[N])[N]
tegenspraak	((tegen)[B],(spraak)[N])[N]
tegensprekelijk	(((tegen)[B],(spreek)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
tegenspreken	((tegen)[B],(spreek)[V])[V]
tegenspreker	(((tegen)[B],(spreek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
tegensputteren	((tegen)[B],(sputter)[V])[V]
tegenstaan	((tegen)[B],(sta)[V])[V]
tegenstand	((tegen)[B],(stand)[N])[N]
tegenstander	(((tegen)[B],(stand)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
tegensteken	((tegen)[B],(steek)[V])[V]
tegenstellend	((tegen)[B],(stellend)[A])[A]
tegenstelling	((tegen)[B],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tegenstem	((tegen)[B],(stem)[N])[N]
tegenstemmen	((tegen)[B],(stem)[V])[V]
tegenstemmer	(((tegen)[B],(stem)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
tegenstemster	(((tegen)[B],(stem)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
tegenstof	((tegen)[B],(stof)[N])[N]
tegenstoom	((tegen)[B],(stoom)[N])[N]
tegenstoot	((tegen)[B],(stoot)[N])[N]
tegenstreefster	(((tegen)[B],(streef)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
tegenstreven	((tegen)[B],(streef)[V])[V]
tegenstrever	(((tegen)[B],(streef)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
tegenstribbelen	((tegen)[B],(stribbel)[V])[V]
tegenstribbeling	(((tegen)[B],(stribbel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
tegenstrijd	((tegen)[B],(strijd)[N])[N]
tegenstrijden	((tegen)[B],(strijd)[V])[V]
tegenstrijdig	(((tegen)[B],(strijd)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
tegenstrijdigheid	((((tegen)[B],(strijd)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
tegenstroom	((tegen)[B],(stroom)[N])[N]
tegensturen	((tegen)[B],(stuur)[V])[V]
tegenstuur	((tegen)[B],(stuur)[N])[N]
tegentij	((tegen)[B],(tij)[N])[N]
tegenvallen	((tegen)[P],(val)[V])[V]
tegenvaller	(((tegen)[P],(val)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
tegenvergif	((tegen)[B],(vergif)[N])[N]
tegenvergift	((tegen)[B],(vergift)[N])[N]
tegenverklaring	((tegen)[B],(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tegenvoorbeeld	((tegen)[B],((voor)[B],(beeld)[N])[N])[N]
tegenvoorstel	((tegen)[B],((voor)[B],(stel)[N])[N])[N]
tegenvraag	((tegen)[B],(vraag)[N])[N]
tegenwaarde	((tegen)[B],(waarde)[N])[N]
tegenweer	((tegen)[B],(weer)[N])[N]
tegenwerken	((tegen)[B],(werk)[V])[V]
tegenwerker	(((tegen)[B],(werk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
tegenwerking	(((tegen)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
tegenwerpen	((tegen)[B],(werp)[V])[V]
tegenwerping	(((tegen)[B],(werp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
tegenwicht	((tegen)[B],(wicht)[N])[N]
tegenwind	((tegen)[B],(wind)[N])[N]
tegenwoner	((tegen)[B],(woon)[V],(er)[N|BV.])[N]
tegenwoordigheid	((tegenwoordig)[A],(heid)[N|A.])[N]
tegenzang	((tegen)[B],(zang)[N])[N]
tegenzee	((tegen)[B],(zee)[N])[N]
tegenzegel	((tegen)[B],(zegel)[N])[N]
tegenzet	((tegen)[B],(zet)[N])[N]
tegenzij	((tegen)[B],(zij)[N])[N]
tegenzijde	((tegen)[B],(zijde)[N])[N]
tegenzin	((tegen)[B],(zin)[N])[N]
tegenzitten	((tegen)[B],(zit)[V])[V]
tegoed	((te)[P],(goed)[N])[N]
tegoedbon	(((te)[P],(goed)[N])[N],(bon)[N])[N]
tehuis	((te)[P],(huis)[N])[N]
teil	(teil)[N]
teint	(teint)[N]
teisteren	(teister)[V]
teistering	((teister)[V],(ing)[N|V.])[N]
teken	(teken)[N]
tekenaap	((teken)[V],(aap)[N])[N]
tekenaar	((teken)[V],(aar)[N|V.])[N]
tekenacademie	((teken)[V],((academisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
tekenachtig	((teken)[V],(achtig)[A|V.])[A]
tekenakte	((teken)[V],(akte)[N])[N]
tekenares	((teken)[V],(ares)[N|V.])[N]
tekenbehoeften	((teken)[V],(behoefte)[N])[N]
tekenbenodigdheden	((teken)[V],(((be)[A|.Ax],(nodig)[A],(d)[A|xA.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
tekenblok	((teken)[V],(blok)[N])[N]
tekenboek	((teken)[V],(boek)[N])[N]
tekenbord	((teken)[V],(bord)[N])[N]
tekendoos	((teken)[V],(doos)[N])[N]
tekendriehoek	((teken)[V],((drie)[Q],(hoek)[N])[N])[N]
tekenen	(teken)[V]
tekenfilm	((teken)[V],(film)[N])[N]
tekengeld	((teken)[V],(geld)[N])[N]
tekengereedschap	((teken)[V],(gereedschap)[N])[N]
tekengerei	((teken)[V],(gerei)[N])[N]
tekenhaak	((teken)[V],(haak)[N])[N]
tekening	((teken)[V],(ing)[N|V.])[N]
tekeningsbevoegdheid	(((teken)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
tekenkamer	((teken)[V],(kamer)[N])[N]
tekenkrijt	((teken)[V],(krijt)[N])[N]
tekenkunst	((teken)[V],(kunst)[N])[N]
tekenleer	((teken)[N],(leer)[N])[N]
tekenleraar	((teken)[V],(leraar)[N])[N]
tekenlerares	(((teken)[V],(leraar)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
tekenles	((teken)[V],(les)[N])[N]
tekenliniaal	((teken)[V],((linie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
tekenlokaal	((teken)[V],(lokaal)[N])[N]
tekenmethode	((teken)[V],(methode)[N])[N]
tekenmunt	((teken)[V],(munt)[N])[N]
tekenonderwijs	((teken)[V],(onderwijs)[N])[N]
tekenpapier	((teken)[V],(papier)[N])[N]
tekenpen	((teken)[V],(pen)[N])[N]
tekenplank	((teken)[V],(plank)[N])[N]
tekenportefeuille	((teken)[V],(portefeuille)[N])[N]
tekenpotlood	((teken)[V],((pot)[N],(lood)[N])[N])[N]
tekenschool	((teken)[V],(school)[N])[N]
tekenschrift	((teken)[V],(schrift)[N])[N]
tekenstift	((teken)[V],(stift)[N])[N]
tekentafel	((teken)[V],(tafel)[N])[N]
tekenvoorbeeld	((teken)[V],((voor)[B],(beeld)[N])[N])[N]
tekenwerk	((teken)[V],(werk)[N])[N]
tekenzaal	((teken)[V],(zaal)[N])[N]
tekortkoming	(((te)[B],(kort)[N])[N],(kom)[V],(ing)[N|NV.])[N]
tekst	(tekst)[N]
tekstanalyse	((tekst)[N],(analyse)[N])[N]
tekstballon	((tekst)[N],(ballon)[N])[N]
tekstbehandeling	((tekst)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tekstboek	((tekst)[N],(boek)[N])[N]
teksteditie	((tekst)[N],(editie)[N])[N]
tekstelement	((tekst)[N],(element)[N])[N]
tekstfragment	((tekst)[N],(fragment)[N])[N]
tekstgedeelte	((tekst)[N],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
tekstgetrouw	((tekst)[N],(getrouw)[A])[A]
tekstgrammatica	((tekst)[N],(grammatica)[N])[N]
teksthaak	((tekst)[N],(haak)[N])[N]
tekstillustratie	((tekst)[N],((illustreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
tekstinterpretatie	((tekst)[N],((interpreteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
tekstkritiek	((tekst)[N],((kritisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
tekstkritisch	((tekst)[N],(kritisch)[A])[A]
tekstpagina	((tekst)[N],(pagina)[N])[N]
tekstproductie	((tekst)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
tekstschrijfster	((tekst)[N],(schrijf)[V],(ster)[N|NV.])[N]
tekstschrijver	((tekst)[N],(schrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
teksttelefoon	((tekst)[N],(telefoon)[N])[N]
tekstueel	((tekst)[N],(ueel)[A|N.])[A]
tekstuitgave	((tekst)[N],(uitgave)[N])[N]
tekstverbetering	((tekst)[N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tekstverdraaiing	((tekst)[N],((ver)[V|.V],(draai)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
tekstverklaring	((tekst)[N],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
tekstvervalsing	((tekst)[N],((ver)[V|.A],(vals)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
tekstverwerker	((tekst)[N],((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
tekstverwerking	((tekst)[N],((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
tekstwetenschap	((tekst)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
tekstwijziging	((tekst)[N],((wijzig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tekstwoord	((tekst)[N],(woord)[N])[N]
tektoniek	((tektonisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
tel	(tel)[N]
telapparaat	((tel)[V],(apparaat)[N])[N]
telbaar	((tel)[V],(baar)[A|V.])[A]
telbaarheid	(((tel)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
tele-informatie	((tele)[N|.N],((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
teleapparatuur	((tele)[N|.N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
teleautograaf	((tele)[N|.N],(autograaf)[N])[N]
telecommunicatie	((tele)[N|.N],((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
telecommunicatiesysteem	(((tele)[N|.N],((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N],(systeem)[N])[N]
telecommunicatietechniek	(((tele)[N|.N],((communiceer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
teleconferentie	((tele)[N|.N],((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
telefonade	(((telefoon)[N],(eer)[V|N.])[V],(ade)[N|V.])[N]
telefoneren	((telefoon)[N],(eer)[V|N.])[V]
telefonie	(((telefoon)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
telefonisch	((telefoon)[N],(isch)[A|N.])[A]
telefonist	((telefoon)[N],(ist)[N|N.])[N]
telefoniste	(((telefoon)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
telefoonaansluiting	((telefoon)[N],((aan)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
telefoonabonnee	((telefoon)[N],(abonnee)[N])[N]
telefoonantwoordapparaat	((telefoon)[N],((antwoord)[V],(apparaat)[N])[N])[N]
telefoonautomaat	((telefoon)[N],(automaat)[N])[N]
telefoonbeantwoorder	((telefoon)[N],((be)[V|.V],(antwoord)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
telefoonbedrijf	((telefoon)[N],(bedrijf)[N])[N]
telefoonboek	((telefoon)[N],(boek)[N])[N]
telefoonbotje	((telefoon)[N],(bot)[N])[N]
telefooncel	((telefoon)[N],(cel)[N])[N]
telefooncentrale	((telefoon)[N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
telefooncirkel	((telefoon)[N],(cirkel)[N])[N]
telefoondienst	((telefoon)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
telefoondistrict	((telefoon)[N],(district)[N])[N]
telefoondraad	((telefoon)[N],(draad)[N])[N]
telefoongerinkel	((telefoon)[N],((ge)[N|.V],(rinkel)[V])[N])[N]
telefoongesprek	((telefoon)[N],(gesprek)[N])[N]
telefoongids	((telefoon)[N],(gids)[N])[N]
telefoonhoorn	((telefoon)[N],(hoorn)[N])[N]
telefoonhoren	((telefoon)[N],(horen)[N])[N]
telefoonjuffrouw	((telefoon)[N],(juffrouw)[N])[N]
telefoonkabel	((telefoon)[N],(kabel)[N])[N]
telefoonkantoor	((telefoon)[N],(kantoor)[N])[N]
telefoonketen	((telefoon)[N],(keten)[N])[N]
telefoonlijn	((telefoon)[N],(lijn)[N])[N]
telefoonmaatschappij	((telefoon)[N],(maatschappij)[N])[N]
telefoonnet	((telefoon)[N],(net)[N])[N]
telefoonnummer	((telefoon)[N],(nummer)[N])[N]
telefoonpaal	((telefoon)[N],(paal)[N])[N]
telefoonrekening	((telefoon)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
telefoonservice	((telefoon)[N],(service)[N])[N]
telefoonsysteem	((telefoon)[N],(systeem)[N])[N]
telefoontafel	((telefoon)[N],(tafel)[N])[N]
telefoontarief	((telefoon)[N],(tarief)[N])[N]
telefoontoestel	((telefoon)[N],(toestel)[N])[N]
telefoonverbinding	((telefoon)[N],((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
telefoonverkeer	((telefoon)[N],(verkeer)[N])[N]
telefoto	((tele)[N|.N],(foto)[N])[N]
telefotografie	((tele)[N|.N],((fotografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
telegraafbureau	((telegraaf)[N],(bureau)[N])[N]
telegraafdienst	((telegraaf)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
telegraafdraad	((telegraaf)[N],(draad)[N])[N]
telegraafkabel	((telegraaf)[N],(kabel)[N])[N]
telegraafkantoor	((telegraaf)[N],(kantoor)[N])[N]
telegraaflijn	((telegraaf)[N],(lijn)[N])[N]
telegraafnet	((telegraaf)[N],(net)[N])[N]
telegraafpaal	((telegraaf)[N],(paal)[N])[N]
telegraaftoestel	((telegraaf)[N],(toestel)[N])[N]
telegraafwezen	((telegraaf)[N],(wezen)[N])[N]
telegraferen	((telegraaf)[N],(eer)[V|N.])[V]
telegrafie	(((telegraaf)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N]
telegrafisch	((telegraaf)[N],(isch)[A|N.])[A]
telegrafist	((telegraaf)[N],(ist)[N|N.])[N]
telegrafiste	(((telegraaf)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
telegramadres	((telegram)[N],(adres)[N])[N]
telegrambesteller	((telegram)[N],(bestel)[V],(er)[N|NV.])[N]
telegramformulier	((telegram)[N],(formulier)[N])[N]
telegramstijl	((telegram)[N],(stijl)[N])[N]
telekinetisch	((tele)[A|.A],(kinetisch)[A])[A]
telekrant	((tele)[N|.N],(krant)[N])[N]
telelens	((tele)[N|.N],(lens)[N])[N]
telemanipulator	((tele)[N|.N],((manipuleer)[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
telemeter	((tele)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
telen	(teel)[V]
teleobjectief	((tele)[N|.N],(objectief)[N])[N]
teleologie	((teleologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
teleonderwijs	((tele)[N|.N],(onderwijs)[N])[N]
telepathie	((telepathisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
teleprocessing	((tele)[N|.N],(processing)[N])[N]
teler	((teel)[V],(er)[N|V.])[N]
telerail	((tele)[N|.N],(rail)[N])[N]
telerecorder	((tele)[N|.N],(recorder)[N])[N]
telescoopgeweer	((telescoop)[N],(geweer)[N])[N]
telescoophengel	((telescoop)[N],(hengel)[N])[N]
telescoperen	((telescoop)[N],(eer)[V|N.])[V]
telescopisch	((telescoop)[N],(isch)[A|N.])[A]
telespel	((tele)[N|.N],(spel)[N])[N]
teletekst	((tele)[N|.N],(tekst)[N])[N]
teletekstpagina	(((tele)[N|.N],(tekst)[N])[N],(pagina)[N])[N]
teletekstsysteem	(((tele)[N|.N],(tekst)[N])[N],(systeem)[N])[N]
teleurstelling	((teleurstel)[V],(ing)[N|V.])[N]
televisie-experiment	((televisie)[N],(experiment)[N])[N]
televisieaanbod	((televisie)[N],(aanbod)[N])[N]
televisieantenne	((televisie)[N],(antenne)[N])[N]
televisieapparaat	((televisie)[N],(apparaat)[N])[N]
televisiebeeld	((televisie)[N],(beeld)[N])[N]
televisiebewerking	((televisie)[N],(((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
televisiebuis	((televisie)[N],(buis)[N])[N]
televisiecamera	((televisie)[N],(camera)[N])[N]
televisiecircuit	((televisie)[N],(circuit)[N])[N]
televisiecriticus	((televisie)[N],(criticus)[N])[N]
televisiedebat	((televisie)[N],(debat)[N])[N]
televisiedrama	((televisie)[N],(drama)[N])[N]
televisiefeuilleton	((televisie)[N],(feuilleton)[N])[N]
televisiefilm	((televisie)[N],(film)[N])[N]
televisieforum	((televisie)[N],(forum)[N])[N]
televisiegeluid	((televisie)[N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
televisiegesprek	((televisie)[N],(gesprek)[N])[N]
televisieheld	((televisie)[N],(held)[N])[N]
televisiehuishouden	((televisie)[N],(huishouden)[N])[N]
televisiejongen	((televisie)[N],(jongen)[N])[N]
televisiejournaal	((televisie)[N],(journaal)[N])[N]
televisiekanaal	((televisie)[N],(kanaal)[N])[N]
televisiekritiek	((televisie)[N],((kritisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
televisiekunst	((televisie)[N],(kunst)[N])[N]
televisiemaatschappij	((televisie)[N],(maatschappij)[N])[N]
televisiemaker	((televisie)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
televisiemast	((televisie)[N],(mast)[N])[N]
televisiemonitor	((televisie)[N],(monitor)[N])[N]
televisienet	((televisie)[N],(net)[N])[N]
televisienieuws	((televisie)[N],(nieuws)[N])[N]
televisieomroep	((televisie)[N],(omroep)[N])[N]
televisieontvanger	((televisie)[N],(ontvang)[V],(er)[N|NV.])[N]
televisieontvangst	((televisie)[N],((ontvang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
televisieportret	((televisie)[N],(portret)[N])[N]
televisiepresentator	((televisie)[N],((presenteer)[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
televisieproducer	((televisie)[N],(producer)[N])[N]
televisieproductie	((televisie)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
televisieprogramma	((televisie)[N],(programma)[N])[N]
televisiequiz	((televisie)[N],(quiz)[N])[N]
televisierecensent	((televisie)[N],((recenseer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
televisiereclame	((televisie)[N],(reclame)[N])[N]
televisieregisseur	((televisie)[N],((regisseer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
televisiereportage	((televisie)[N],(reportage)[N])[N]
televisierubriek	((televisie)[N],(rubriek)[N])[N]
televisiesatelliet	((televisie)[N],(satelliet)[N])[N]
televisiescherm	((televisie)[N],(scherm)[N])[N]
televisieserie	((televisie)[N],(serie)[N])[N]
televisiespel	((televisie)[N],(spel)[N])[N]
televisiestation	((televisie)[N],(station)[N])[N]
televisiestudio	((televisie)[N],(studio)[N])[N]
televisiesysteem	((televisie)[N],(systeem)[N])[N]
televisietelefonie	((televisie)[N],(((telefoon)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
televisietoespraak	((televisie)[N],((toe)[B],(spraak)[N])[N])[N]
televisietoestel	((televisie)[N],(toestel)[N])[N]
televisietoneel	((televisie)[N],(toneel)[N])[N]
televisieuitzending	((televisie)[N],(((uit)[P],(zend)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
televisieverslaggever	((televisie)[N],((verslag)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N])[N]
televisiewereld	((televisie)[N],(wereld)[N])[N]
televisiezender	((televisie)[N],(zend)[V],(er)[N|NV.])[N]
televisiezendtijd	((televisie)[N],((zend)[V],(tijd)[N])[N])[N]
telexapparaat	((telex)[V],(apparaat)[N])[N]
telexbericht	((telex)[V],(bericht)[N])[N]
telexdienst	((telex)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
telexinstallatie	((telex)[V],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
telexist	((telex)[N],(ist)[N|N.])[N]
telexiste	(((telex)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
telexverkeer	((telex)[V],(verkeer)[N])[N]
telfout	((tel)[V],(fout)[N])[N]
telg	(telg)[N]
telgang	((tel)[N],(gang)[N])[N]
telganger	(((tel)[N],(gang)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
teling	((teel)[V],(ing)[N|V.])[N]
telingskracht	(((teel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
telkaart	((tel)[V],(kaart)[N])[N]
tellen	(tel)[V]
teller	((tel)[V],(er)[N|V.])[N]
telling	((tel)[V],(ing)[N|V.])[N]
telmachine	((tel)[V],(machine)[N])[N]
telpas	((tel)[N],(pas)[N])[N]
telraam	((tel)[V],(raam)[N])[N]
telrijm	((tel)[V],(rijm)[N])[N]
telstrook	((tel)[V],(strook)[N])[N]
telwerk	((tel)[V],(werk)[N])[N]
telwoord	((tel)[V],(woord)[N])[N]
tembaar	((tem)[V],(baar)[A|V.])[A]
temen	(teem)[V]
temer	((teem)[V],(er)[N|V.])[N]
temerig	((teem)[V],(erig)[A|V.])[A]
temerigheid	(((teem)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
temerij	((teem)[V],(erij)[N|V.])[N]
temmen	(tem)[V]
temmer	((tem)[V],(er)[N|V.])[N]
temp	(temp)[N]
tempel	(tempel)[N]
tempelbouw	((tempel)[N],(bouw)[N])[N]
tempeldienst	((tempel)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
tempelen	(tempel)[V]
tempelfaçade	((tempel)[N],(façade)[N])[N]
tempelfeest	((tempel)[N],(feest)[N])[N]
tempelridder	((tempel)[N],(ridder)[N])[N]
tempelstad	((tempel)[N],(stad)[N])[N]
tempelwijding	((tempel)[N],(wijd)[V],(ing)[N|NV.])[N]
tempen	(temp)[V]
temper	(temper)[N]
temperament	(temperament)[N]
temperamentvol	((temperament)[N],(vol)[A])[A]
temperaturen	(temperatuur)[V]
temperatuur	(temperatuur)[N]
temperatuurbepaling	((temperatuur)[N],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
temperatuuropneming	((temperatuur)[N],((op)[P],(neem)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
temperatuurschommeling	((temperatuur)[N],((schommel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
temperatuursverandering	((temperatuur)[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
temperatuurswisseling	((temperatuur)[N],(s)[N|N.N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
temperatuurverhoging	((temperatuur)[N],((ver)[V|.A],(hoog)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
temperatuurverlaging	((temperatuur)[N],((ver)[V|.A],(laag)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
temperatuurverschil	((temperatuur)[N],(verschil)[N])[N]
temperen	(temper)[V]
temperijzer	((temper)[V],(ijzer)[N])[N]
tempering	((temper)[V],(ing)[N|V.])[N]
tempermes	((temper)[V],(mes)[N])[N]
temperoven	((temper)[V],(oven)[N])[N]
tempoera	(tempoera)[N]
temporisatie	((temporiseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
temporisering	((temporiseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
tempowinst	((tempo)[N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
tempowisseling	((tempo)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
temptatie	((tempteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
tenakel	(tenakel)[N]
tendenskunst	((tendens)[N],(kunst)[N])[N]
tendensliteratuur	((tendens)[N],(literatuur)[N])[N]
tendensroman	((tendens)[N],(roman)[N])[N]
tendensstuk	((tendens)[N],(stuk)[N])[N]
tendentie	((tendeer)[V],(entie)[N|V.])[N]
tendentieus	((tendens)[N],(ieus)[A|N.])[A]
tenderlocomotief	((tender)[N],(locomotief)[N])[N]
tendersysteem	((tender)[N],(systeem)[N])[N]
tenen	((teen)[N],(en)[A|N.])[A]
tenenkaas	((teen)[N],(en)[N|N.N],(kaas)[N])[N]
teneur	(teneur)[N]
tengel	(tengel)[N]
tengelen	(tengel)[V]
tenger	(tenger)[A]
tengerheid	((tenger)[A],(heid)[N|A.])[N]
tenietdoen	(((te)[B],(niet)[B])[B],(doe)[V])[V]
tenietdoening	((tenietdoen)[V],(ing)[N|V.])[N]
tenietgaan	(((te)[B],(niet)[B])[B],(ga)[V])[V]
tennis	(tennis)[N]
tennisarm	((tennis)[V],(arm)[N])[N]
tennisbaan	((tennis)[V],(baan)[N])[N]
tennisbal	((tennis)[V],(bal)[N])[N]
tennisclub	((tennis)[V],(club)[N])[N]
tenniselleboog	((tennis)[V],(elleboog)[N])[N]
tennisnet	((tennis)[V],(net)[N])[N]
tennisracket	((tennis)[V],(racket)[N])[N]
tennisraket	((tennis)[V],(raket)[N])[N]
tennisschoen	((tennis)[V],(schoen)[N])[N]
tennissen	(tennis)[V]
tennisser	((tennis)[V],(er)[N|V.])[N]
tennisspeelster	((tennis)[N],(speel)[V],(ster)[N|NV.])[N]
tennisspel	((tennis)[V],(spel)[N])[N]
tennisspeler	((tennis)[N],(speel)[V],(er)[N|NV.])[N]
tennisster	((tennis)[V],(ster)[N|V.])[N]
tennisveld	((tennis)[V],(veld)[N])[N]
tenniswedstrijd	((tennis)[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
tenor	(tenor)[N]
tenorsaxofoon	((tenor)[N],(saxofoon)[N])[N]
tenorsleutel	((tenor)[N],(sleutel)[N])[N]
tenorstem	((tenor)[N],(stem)[N])[N]
tenorzanger	((tenor)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
tensiemeter	((tensie)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
tent	(tent)[N]
tentakel	(tentakel)[N]
tentamen	(tentamen)[N]
tentamenbriefje	((tentamen)[N],(brief)[N])[N]
tentatie	((tenteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
tentatief	(((tenteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
tentbewoner	((tent)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
tentdak	((tent)[N],(dak)[N])[N]
tentdeur	((tent)[N],(deur)[N])[N]
tentdoek	((tent)[N],(doek)[N])[N]
tentenkamp	((tent)[N],(en)[N|N.N],(kamp)[N])[N]
tentenstad	((tent)[N],(en)[N|N.N],(stad)[N])[N]
tentoonspreiding	((tentoonspreid)[V],(ing)[N|V.])[N]
tentoonstelling	((tentoonstel)[V],(ing)[N|V.])[N]
tentoonstellingsgebouw	(((tentoonstel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
tentoonstellingsruimte	(((tentoonstel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
tentoonstellingsterrein	(((tentoonstel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(terrein)[N])[N]
tentoonstellingszaal	(((tentoonstel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zaal)[N])[N]
tentstok	((tent)[N],(stok)[N])[N]
tentwagen	((tent)[N],(wagen)[N])[N]
tentzeil	((tent)[N],(zeil)[N])[N]
tepel	(tepel)[N]
tepelhoedje	((tepel)[N],(hoed)[N])[N]
tepelhof	((tepel)[N],(hof)[N])[N]
tepelvormig	((tepel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
tequila	(tequila)[N]
tercerone	((terceroon)[N],(e)[N|N.])[N]
terceroon	(terceroon)[N]
terechtbrengen	(((te)[B],(recht)[A])[A],(breng)[V])[V]
terechthelpen	(((te)[B],(recht)[A])[A],(help)[V])[V]
terechtkomen	(((te)[B],(recht)[A])[A],(kom)[V])[V]
terechtkunnen	(((te)[B],(recht)[A])[A],(kan)[V])[V]
terechtstelling	((terechtstel)[V],(ing)[N|V.])[N]
terechtwijzing	((terechtwijs)[V],(ing)[N|V.])[N]
teren	(teer)[V]
tergen	(terg)[V]
terging	((terg)[V],(ing)[N|V.])[N]
teriakel	(teriakel)[N]
terig	((teer)[N],(ig)[A|N.])[A]
tering	((teer)[V],(ing)[N|V.])[N]
teringachtig	(((teer)[V],(ing)[N|V.])[N],(achtig)[A|N.])[A]
teringbende	(((teer)[V],(ing)[N|V.])[N],(bende)[N])[N]
teringblos	(((teer)[V],(ing)[N|V.])[N],(blos)[N])[N]
teringlijder	(((teer)[V],(ing)[N|V.])[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
teringlijdster	(((teer)[V],(ing)[N|V.])[N],(lijd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
term	(term)[N]
termiet	(termiet)[N]
termietenheuvel	((termiet)[N],(en)[N|N.N],(heuvel)[N])[N]
termijn	(termijn)[N]
termijnbeleid	((termijn)[N],(beleid)[N])[N]
termijnbetaling	((termijn)[N],((betaal)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
termijndeposito	((termijn)[N],(deposito)[N])[N]
termijneffect	((termijn)[N],(effect)[N])[N]
termijnhandel	((termijn)[N],(handel)[N])[N]
termijnlevering	((termijn)[N],((lever)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
termijnmarkt	((termijn)[N],(markt)[N])[N]
termijnnotering	((termijn)[N],(((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
termijnpacht	((termijn)[N],(pacht)[N])[N]
termijnplanning	((termijn)[N],((plan)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
termijnrekening	((termijn)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
termijnschuld	((termijn)[N],(schuld)[N])[N]
terminologie	((terminologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
terneder	((ter)[P],(neder)[B])[B]
ternederdrukken	(((ter)[P],(neder)[B])[B],(druk)[V])[V]
ternederliggen	(((ter)[P],(neder)[B])[B],(lig)[V])[V]
ternederslaan	(((ter)[P],(neder)[B])[B],(sla)[V])[V]
ternedervallen	(((ter)[P],(neder)[B])[B],(val)[V])[V]
ternederzitten	(((ter)[P],(neder)[B])[B],(zit)[V])[V]
terneer	((ter)[P],(neer)[B])[B]
terneerdrukken	(((ter)[P],(neer)[B])[B],(druk)[V])[V]
terneergeslagenheid	((terneergeslagen)[A],(heid)[N|A.])[N]
terneerliggen	(((ter)[P],(neer)[B])[B],(lig)[V])[V]
terneerslaan	(((ter)[P],(neer)[B])[B],(sla)[V])[V]
terneervallen	(((ter)[P],(neer)[B])[B],(val)[V])[V]
terneerzitten	(((ter)[P],(neer)[B])[B],(zit)[V])[V]
terp	(terp)[N]
terpaarde	((terp)[N],(aarde)[N])[N]
terpdorp	((terp)[N],(dorp)[N])[N]
terpentijn	(terpentijn)[N]
terpentijnboom	((terpentijn)[N],(boom)[N])[N]
terpentijnhars	((terpentijn)[N],(hars)[N])[N]
terpentijnolie	((terpentijn)[N],(olie)[N])[N]
terpentine	(terpentine)[N]
terra	(terra)[A]
terracottabeeldje	((terracotta)[N],(beeld)[N])[N]
terracottakleur	((terracotta)[A],(kleur)[N])[N]
terras	(terras)[N]
terrascultuur	((terras)[N],(cultuur)[N])[N]
terrasdeur	((terras)[N],(deur)[N])[N]
terrasgewijs	((terras)[N],(gewijs)[A|N.])[A]
terrasgewijze	((terras)[N],(gewijze)[A|N.])[A]
terrasland	((terras)[N],(land)[N])[N]
terrasrestaurant	((terras)[N],((restaureer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
terrasseren	((terras)[N],(eer)[V|N.])[V]
terrastafel	((terras)[N],(tafel)[N])[N]
terrasvormig	((terras)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
terrazzo	(terrazzo)[N]
terrazzovloer	((terrazzo)[N],(vloer)[N])[N]
terrein	(terrein)[N]
terreinafbakening	((terrein)[N],(((af)[P],(baken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
terreinafscheiding	((terrein)[N],((af)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
terreingedeelte	((terrein)[N],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
terreingesteldheid	((terrein)[N],((gesteld)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
terreinhoogte	((terrein)[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
terreinkaart	((terrein)[N],(kaart)[N])[N]
terreinkennis	((terrein)[N],(kennis)[N])[N]
terreinknecht	((terrein)[N],(knecht)[N])[N]
terreinleer	((terrein)[N],(leer)[N])[N]
terreinmeester	((terrein)[N],(meester)[N])[N]
terreinomstandigheid	((terrein)[N],((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
terreinopzichter	((terrein)[N],((op)[P],(zie)[V],(er)[N|PV.])[N])[N]
terreinplooi	((terrein)[N],(plooi)[N])[N]
terreinrit	((terrein)[N],(rit)[N])[N]
terreintekening	((terrein)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
terreinverkenning	((terrein)[N],(verken)[V],(ing)[N|NV.])[N]
terreinverlies	((terrein)[N],(verlies)[N])[N]
terreinwinst	((terrein)[N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
terreuraanslag	((terreur)[N],(aanslag)[N])[N]
terreuraanval	((terreur)[N],(aanval)[N])[N]
terreuractie	((terreur)[N],(actie)[N])[N]
terreurbende	((terreur)[N],(bende)[N])[N]
terreurbrigade	((terreur)[N],(brigade)[N])[N]
terreurdaad	((terreur)[N],(daad)[N])[N]
terreurorganisatie	((terreur)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
terreurregime	((terreur)[N],(regime)[N])[N]
terreursysteem	((terreur)[N],(systeem)[N])[N]
terribel	(terribel)[A]
terrine	(terrine)[N]
territorialiteit	(((territorium)[N],(aal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
territoriumafbakening	((territorium)[N],(((af)[P],(baken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
territoriumagressie	((territorium)[N],(agressie)[N])[N]
territoriumdier	((territorium)[N],(dier)[N])[N]
territoriumdrift	((territorium)[N],(drift)[N])[N]
territoriuminstinct	((territorium)[N],(instinct)[N])[N]
territoriumnijd	((territorium)[N],(nijd)[N])[N]
territoriumverdediging	((territorium)[N],((verdedig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
terriër	(terriër)[N]
terrorisatie	((terroriseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
terroriste	((terrorist)[N],(e)[N|N.])[N]
terroristisch	((terrorist)[N],(isch)[A|N.])[A]
tersluik	((ter)[P],(sluik)[N])[A]
tertiaris	(tertiaris)[N]
terts	(terts)[N]
tertsfluit	((terts)[N],(fluit)[N])[N]
terugbekomen	((terug)[B],(bekom)[V])[V]
terugbellen	((terug)[B],(bel)[V])[V]
terugbetalen	((terug)[B],(betaal)[V])[V]
terugbetaling	(((terug)[B],(betaal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
terugbezorgen	((terug)[B],((be)[V|.V],(zorg)[V])[V])[V]
terugblik	((terug)[B],(blik)[N])[N]
terugblikken	((terug)[B],(blik)[V])[V]
terugboeken	((terug)[B],(boek)[V])[V]
terugbrengen	((terug)[B],(breng)[V])[V]
terugbrenging	(((terug)[B],(breng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
terugdeinzen	((terug)[B],(deins)[V])[V]
terugdenken	((terug)[B],(denk)[V])[V]
terugdoen	((terug)[B],(doe)[V])[V]
terugdraaien	((terug)[B],(draai)[V])[V]
terugdrijven	((terug)[B],(drijf)[V])[V]
terugdringen	((terug)[B],(dring)[V])[V]
terugdringing	(((terug)[B],(dring)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
terugduwen	((terug)[B],(duw)[V])[V]
terugeisen	((terug)[B],(eis)[V])[V]
terugeising	(((terug)[B],(eis)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
terugfluiten	((terug)[B],(fluit)[V])[V]
teruggaan	((terug)[B],(ga)[V])[V]
teruggang	((terug)[B],(gang)[N])[N]
teruggetrokkenheid	((teruggetrokken)[A],(heid)[N|A.])[N]
teruggeven	((terug)[B],(geef)[V])[V]
teruggooien	((terug)[B],(gooi)[V])[V]
teruggrijpen	((terug)[B],(grijp)[V])[V]
teruggroeten	((terug)[B],(groet)[V])[V]
terughalen	((terug)[B],(haal)[V])[V]
terughouden	((terug)[B],(houd)[V])[V]
terughoudendheid	((terughoudend)[A],(heid)[N|A.])[N]
terughouding	(((terug)[B],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
terugjagen	((terug)[B],(jaag)[V])[V]
terugkaatsen	((terug)[B],(kaats)[V])[V]
terugkaatsing	(((terug)[B],(kaats)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
terugkeer	((terug)[B],(keer)[N])[N]
terugkeren	((terug)[B],(keer)[V])[V]
terugkijken	((terug)[B],(kijk)[V])[V]
terugkomen	((terug)[B],(kom)[V])[V]
terugkomst	(((terug)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N]
terugkopen	((terug)[B],(koop)[V])[V]
terugkoppelen	((terug)[B],(koppel)[V])[V]
terugkoppeling	((terug)[B],((koppel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
terugkoppelingseffect	(((terug)[B],((koppel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(effect)[N])[N]
terugkoppelingsmechanisme	(((terug)[B],((koppel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
terugkoppelingsproces	(((terug)[B],((koppel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
terugkrabbelen	((terug)[B],(krabbel)[V])[V]
terugkrijgen	((terug)[B],(krijg)[V])[V]
terugleggen	((terug)[B],(leg)[V])[V]
teruglezen	((terug)[B],(lees)[V])[V]
terugloop	((terug)[B],(loop)[N])[N]
teruglopen	((terug)[B],(loop)[V])[V]
terugluisteren	((terug)[B],(luister)[V])[V]
terugmarche	((terug)[B],(marche)[N])[N]
terugmarcheren	((terug)[B],(marcheer)[V])[V]
terugmars	((terug)[B],(mars)[N])[N]
terugmelding	((terug)[B],((meld)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
terugnemen	((terug)[B],(neem)[V])[V]
terugneming	(((terug)[B],(neem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
terugontvangen	((terug)[B],(ontvang)[V])[V]
terugplaatsen	((terug)[B],(plaats)[V])[V]
terugploegen	((terug)[B],(ploeg)[V])[V]
terugrapportage	((terug)[B],(((rapport)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N])[N]
terugreis	((terug)[B],(reis)[N])[N]
terugreizen	((terug)[B],(reis)[V])[V]
terugrit	((terug)[B],(rit)[N])[N]
terugroepen	((terug)[B],(roep)[V])[V]
terugroeping	(((terug)[B],(roep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
terugschakelen	((terug)[B],(schakel)[V])[V]
terugschelden	((terug)[B],(scheld)[V])[V]
terugschieten	((terug)[B],(schiet)[V])[V]
terugschoppen	((terug)[B],(schop)[V])[V]
terugschrijven	((terug)[B],(schrijf)[V])[V]
terugschrikken	((terug)[B],(schrik)[V])[V]
terugschroeven	((terug)[B],(schroef)[V])[V]
terugslaan	((terug)[B],(sla)[V])[V]
terugslag	((terug)[B],(slag)[N])[N]
terugslagklep	(((terug)[B],(slag)[N])[N],(klep)[N])[N]
terugsluizen	((terug)[B],(sluis)[V])[V]
terugspeelbal	((terug)[B],(speel)[V],(bal)[N])[N]
terugspelen	((terug)[B],(speel)[V])[V]
terugspoelen	((terug)[B],(spoel)[V])[V]
terugspringen	((terug)[B],(spring)[V])[V]
terugstellen	((terug)[B],(stel)[V])[V]
terugsteltoets	(((terug)[B],(stel)[V])[V],(toets)[N])[N]
terugstoot	((terug)[B],(stoot)[N])[N]
terugstorten	((terug)[B],(stort)[V])[V]
terugstoten	((terug)[B],(stoot)[V])[V]
terugstromen	((terug)[B],(stroom)[V])[V]
terugsturen	((terug)[B],(stuur)[V])[V]
terugtellen	((terug)[B],(tel)[V])[V]
terugtocht	((terug)[B],(tocht)[N])[N]
terugtrappen	((terug)[B],(trap)[V])[V]
terugtraprem	(((terug)[B],(trap)[V])[V],(rem)[N])[N]
terugtred	((terug)[B],(tred)[N])[N]
terugtreden	((terug)[B],(treed)[V])[V]
terugtrekken	((terug)[B],(trek)[V])[V]
terugval	((terug)[B],(val)[N])[N]
terugvallen	((terug)[B],(val)[V])[V]
terugverdienen	((terug)[B],(verdien)[V])[V]
terugveren	((terug)[B],(veer)[V])[V]
terugverlangen	((terug)[B],(verlang)[V])[V]
terugvertalen	((terug)[B],((ver)[V|.N],(taal)[N])[V])[V]
terugverwijzen	((terug)[B],((ver)[V|.V],(wijs)[V])[V])[V]
terugvinden	((terug)[B],(vind)[V])[V]
terugvliegen	((terug)[B],(vlieg)[V])[V]
terugvloed	((terug)[B],(vloed)[N])[N]
terugvloeien	((terug)[B],(vloei)[V])[V]
terugvoeren	((terug)[B],(voer)[V])[V]
terugvorderen	((terug)[B],(vorder)[V])[V]
terugvordering	(((terug)[B],(vorder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
terugvragen	((terug)[B],(vraag)[V])[V]
terugvuren	((terug)[B],(vuur)[V])[V]
terugweg	((terug)[B],(weg)[N])[N]
terugwensen	((terug)[B],(wens)[V])[V]
terugwerken	((terug)[B],(werk)[V])[V]
terugwerking	(((terug)[B],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
terugwerpen	((terug)[B],(werp)[V])[V]
terugwijken	((terug)[B],(wijk)[V])[V]
terugwijzen	((terug)[B],(wijs)[V])[V]
terugwijzing	(((terug)[B],(wijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
terugwinnen	((terug)[B],(win)[V])[V]
terugzakken	((terug)[B],(zak)[V])[V]
terugzeggen	((terug)[B],(zeg)[V])[V]
terugzenden	((terug)[B],(zend)[V])[V]
terugzending	(((terug)[B],(zend)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
terugzetten	((terug)[B],(zet)[V])[V]
terugzien	((terug)[B],(zie)[V])[V]
terugzoeken	((terug)[B],(zoek)[V])[V]
terugzwemmen	((terug)[B],(zwem)[V])[V]
terzijde	((ter)[P],(zijde)[N])[N]
terzijdelating	(((ter)[P],(zijde)[N])[N],(laat)[V],(ing)[N|NV.])[N]
terzijdestelling	(((ter)[P],(zijde)[N])[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
test	(test)[N]
testament	(testament)[N]
testamentair	((testament)[N],(air)[A|N.])[A]
testamentuitvoerder	((testament)[N],((uit)[P],(voer)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
testapparaat	((test)[V],(apparaat)[N])[N]
testateur	((testeer)[V],(ateur)[N|V.])[N]
testauto	((test)[V],(auto)[N])[N]
testbaan	((test)[V],(baan)[N])[N]
testbeeld	((test)[V],(beeld)[N])[N]
testen	(test)[V]
testmethode	((test)[V],(methode)[N])[N]
testpiloot	((test)[V],(piloot)[N])[N]
testrijder	((test)[N],((rijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
testvlucht	((test)[V],(vlucht)[N])[N]
tetanusserum	((tetanus)[N],(serum)[N])[N]
tetrarchie	((tetrarch)[N],(ie)[N|N.])[N]
tets	(tets)[A]
tetsheid	((tets)[A],(heid)[N|A.])[N]
tetsig	((tets)[A],(ig)[A|A.])[A]
tetsigheid	(((tets)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
tetterig	((tetter)[V],(ig)[A|V.])[A]
tetterigheid	(((tetter)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
tettigheid	((tettig)[A],(heid)[N|A.])[N]
teug	(teug)[N]
teugel	(teugel)[N]
teugelen	(teugel)[V]
teugelloos	((teugel)[N],(loos)[A|N.])[A]
teugelloosheid	(((teugel)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
teugelreep	((teugel)[N],(reep)[N])[N]
teugelriem	((teugel)[N],(riem)[N])[N]
teunisbloem	((Tunis)[N],(bloem)[N])[N]
teut	(teut)[N]
teutachtig	((teut)[V],(achtig)[A|V.])[A]
teuten	(teut)[V]
teuteraar	((teuter)[V],(aar)[N|V.])[N]
teuteren	(teuter)[V]
teuterig	((teut)[V],(erig)[A|V.])[A]
teuterigheid	(((teut)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
teuterij	((teut)[V],(erij)[N|V.])[N]
teutkous	((teut)[V],(kous)[N])[N]
teveel	((te)[P],(veel)[Q])[N]
tevergeefs	((te)[B],(vergeefs)[A])[A]
tevredenheid	((tevreden)[A],(heid)[N|A.])[N]
tevredenstellen	((tevreden)[A],(stel)[V])[V]
tevredenstelling	(((tevreden)[A],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
tewerkstelling	((tewerkstel)[V],(ing)[N|V.])[N]
texaskoorts	((Texas)[N],(koorts)[N])[N]
textiel	(textiel)[N]
textielarbeider	((textiel)[N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
textielarbeidster	((textiel)[N],((arbeid)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
textielbedrijf	((textiel)[N],(bedrijf)[N])[N]
textielfabriek	((textiel)[N],(fabriek)[N])[N]
textielindustrie	((textiel)[N],(industrie)[N])[N]
textielnijverheid	((textiel)[N],((nijver)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
textielschool	((textiel)[N],(school)[N])[N]
textielververij	((textiel)[N],(verf)[V],(erij)[N|NV.])[N]
textielwaren	((textiel)[N],(waar)[N])[N]
tezen	(tees)[V]
thallium	(thallium)[N]
theater	(theater)[N]
theateragent	((theater)[N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
theaterbezoek	((theater)[N],(bezoek)[N])[N]
theaterblad	((theater)[N],(blad)[N])[N]
theatercafé	((theater)[N],(café)[N])[N]
theatercriticus	((theater)[N],(criticus)[N])[N]
theaterdecor	((theater)[N],(decor)[N])[N]
theaterdirecteur	((theater)[N],(directeur)[N])[N]
theatereffect	((theater)[N],(effect)[N])[N]
theaterfestival	((theater)[N],(festival)[N])[N]
theaterheld	((theater)[N],(held)[N])[N]
theaterkunst	((theater)[N],(kunst)[N])[N]
theaterseizoen	((theater)[N],(seizoen)[N])[N]
theaterster	((theater)[N],(ster)[N])[N]
theaterstuk	((theater)[N],(stuk)[N])[N]
theatertaxi	((theater)[N],(taxi)[N])[N]
theaterwereld	((theater)[N],(wereld)[N])[N]
theaterwetenschap	((theater)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
theaterzaal	((theater)[N],(zaal)[N])[N]
theatraal	((theater)[N],(aal)[A|N.])[A]
thee	(thee)[N]
thee-ei	((thee)[N],(ei)[N])[N]
thee-uur	((thee)[N],(uur)[N])[N]
theeaanplanting	((thee)[N],((aan)[P],(plant)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
theeachtig	((thee)[N],(achtig)[A|N.])[A]
theebanket	((thee)[N],(banket)[N])[N]
theebeschuitje	((thee)[N],(beschuit)[N])[N]
theebeurs	((thee)[N],(beurs)[N])[N]
theebezoek	((thee)[N],(bezoek)[N])[N]
theeblad	((thee)[N],(blad)[N])[N]
theeboom	((thee)[N],(boom)[N])[N]
theebuiltje	((thee)[N],(buil)[N])[N]
theebus	((thee)[N],(bus)[N])[N]
theecultuur	((thee)[N],(cultuur)[N])[N]
theedoek	((thee)[N],(doek)[N])[N]
theedrinken	((thee)[N],(drink)[V])[V]
theedrinker	(((thee)[N],(drink)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
theegerei	((thee)[N],(gerei)[N])[N]
theeglas	((thee)[N],(glas)[N])[N]
theegoed	((thee)[N],(goed)[N])[N]
theehandel	((thee)[N],(handel)[N])[N]
theehuis	((thee)[N],(huis)[N])[N]
theekast	((thee)[N],(kast)[N])[N]
theeketel	((thee)[N],(ketel)[N])[N]
theekist	((thee)[N],(kist)[N])[N]
theekoekje	((thee)[N],(koek)[N])[N]
theekop	((thee)[N],(kop)[N])[N]
theekransje	((thee)[N],(krans)[N])[N]
theelepel	((thee)[N],(lepel)[N])[N]
theeleut	((thee)[N],(leut)[N])[N]
theelichtje	((thee)[N],(licht)[N])[N]
theemeubel	((thee)[N],(meubel)[N])[N]
theemuts	((thee)[N],(muts)[N])[N]
theeonderneming	((thee)[N],((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
theeoogst	((thee)[N],(oogst)[N])[N]
theepauze	((thee)[N],(pauze)[N])[N]
theeplantage	((thee)[N],((plant)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
theeplanter	((thee)[N],(plant)[V],(er)[N|NV.])[N]
theepluk	((thee)[N],(pluk)[N])[N]
theepot	((thee)[N],(pot)[N])[N]
theerandje	((thee)[N],(rand)[N])[N]
theeroos	((thee)[N],(roos)[N])[N]
theesalon	((thee)[N],(salon)[N])[N]
theeschenkerij	((thee)[N],(schenk)[V],(erij)[N|NV.])[N]
theeschepje	((thee)[N],(schep)[N])[N]
theeschoteltje	((thee)[N],(schotel)[N])[N]
theeservies	((thee)[N],(servies)[N])[N]
theestoof	((thee)[N],(stoof)[N])[N]
theestruik	((thee)[N],(struik)[N])[N]
theetafel	((thee)[N],(tafel)[N])[N]
theetante	((thee)[N],(tante)[N])[N]
theetegel	((thee)[N],(tegel)[N])[N]
theetijd	((thee)[N],(tijd)[N])[N]
theetuin	((thee)[N],(tuin)[N])[N]
theeveiling	((thee)[N],(veil)[V],(ing)[N|NV.])[N]
theevisite	((thee)[N],(visite)[N])[N]
theewagen	((thee)[N],(wagen)[N])[N]
theewater	((thee)[N],(water)[N])[N]
theeworstje	((thee)[N],(worst)[N])[N]
theezakje	((thee)[N],(zak)[N])[N]
theezeef	((thee)[N],(zeef)[N])[N]
theeën	(thee)[V]
thema	(thema)[N]
themaboek	((thema)[N],(boek)[N])[N]
themanummer	((thema)[N],(nummer)[N])[N]
thematiek	((thema)[N],(iek)[N|N.])[N]
thematisch	((thema)[N],(atisch)[A|N.])[A]
themavocaal	((thema)[N],(vocaal)[N])[N]
theocratie	((theocratisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
theologe	((theoloog)[N],(e)[N|N.])[N]
theologie	((theologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
theologiegeschiedenis	(((theologisch)[A],(ie)[N|A.])[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
theologiestudent	(((theologisch)[A],(ie)[N|A.])[N],((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
theoretisch	((theorie)[N],(isch)[A|N.])[A]
theoretisering	((theoretiseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
theorie	(theorie)[N]
theoriebegrip	((theorie)[N],(begrip)[N])[N]
theorieles	((theorie)[N],(les)[N])[N]
theorieontwikkeling	((theorie)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
theorievorming	((theorie)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
theosofie	((theosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
therapeute	((therapeut)[N],(e)[N|N.])[N]
therapiegesprek	((therapie)[N],(gesprek)[N])[N]
therapiepaviljoen	((therapie)[N],(paviljoen)[N])[N]
therapieresistent	((therapie)[N],((resisteer)[V],(ent)[A|V.])[A])[A]
therapiesessie	((therapie)[N],(sessie)[N])[N]
thermen	(therm)[N]
thermiek	((thermisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
thermiet	(thermiet)[N]
thermo-elektriciteit	((thermo)[N|.N],((elektrisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N])[N]
thermo-element	((thermo)[N|.N],(element)[N])[N]
thermobarometer	((thermo)[N|.N],((baro)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
thermochemie	((thermo)[N|.N],((chemisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
thermodiffusie	((thermo)[N|.N],((diffuus)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
thermodynamica	((thermo)[N|.N],(dynamica)[N])[N]
thermodynamisch	((thermo)[A|.A],(dynamisch)[A])[A]
thermogravimetrie	((thermo)[N|.N],(gravimetrie)[N])[N]
thermokoppel	((thermo)[N|.N],(koppel)[N])[N]
thermolabiel	((thermo)[A|.A],(labiel)[A])[A]
thermoluminescentie	((thermo)[N|.N],((luminescent)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
thermomagnetisch	((thermo)[A|.A],((magneet)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
thermomagnetisme	((thermo)[N|.N],(magnetisme)[N])[N]
thermometer	((thermo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
thermometerbuis	(((thermo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(buis)[N])[N]
thermometergraad	(((thermo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(graad)[N])[N]
thermometerschaal	(((thermo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(schaal)[N])[N]
thermometerstand	(((thermo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(stand)[N])[N]
thermometrie	(((thermo)[A|.A],((metrum)[N],(isch)[A|N.])[A])[A],(ie)[N|A.])[N]
thermometrisch	((thermo)[A|.A],((metrum)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
thermonucleair	((thermo)[A|.A],(nucleair)[A])[A]
thermoplastisch	((thermo)[A|.A],(plastisch)[A])[A]
thermosfeer	((thermo)[N|.N],(sfeer)[N])[N]
thermostabiel	((thermo)[A|.A],(stabiel)[A])[A]
thermotherapie	((thermo)[N|.N],(therapie)[N])[N]
thermoweerstand	((thermo)[N|.N],(weerstand)[N])[N]
thermozuil	((thermo)[N|.N],(zuil)[N])[N]
thesaurier-generaal	((thesaurier)[N],(generaal)[N])[N]
these	(these)[N]
thesis	(thesis)[N]
thetisch	((these)[N],(isch)[A|N.])[A]
thomasslakken	((Thomas)[N],(slak)[A])[N]
thomasslakkenmeel	(((Thomas)[N],(slak)[A])[N],(en)[N|N.N],(meel)[N])[N]
thoraxchirurgie	((thorax)[N],((chirurgisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
thorium	(thorium)[N]
thuisbank	((thuis)[N],(bank)[N])[N]
thuisbankier	((thuis)[B],((bank)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
thuisbasis	((thuis)[N],(basis)[N])[N]
thuisbevalling	((thuis)[N],(((be)[V|.V],(val)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
thuisbezorgen	((thuis)[B],((be)[V|.V],(zorg)[V])[V])[V]
thuisbezorging	((thuis)[B],(((be)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
thuisblijfster	(((thuis)[B],(blijf)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
thuisblijven	((thuis)[B],(blijf)[V])[V]
thuisblijver	(((thuis)[B],(blijf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
thuisbrengen	((thuis)[B],(breng)[V])[V]
thuisclub	((thuis)[B],(club)[N])[N]
thuisfluiter	((thuis)[B],((fluit)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
thuisfront	((thuis)[B],(front)[N])[N]
thuishalen	((thuis)[B],(haal)[V])[V]
thuishaven	((thuis)[B],(haven)[N])[N]
thuishonk	((thuis)[B],(honk)[N])[N]
thuishoren	((thuis)[B],(hoor)[V])[V]
thuishouden	((thuis)[B],(houd)[V])[V]
thuiskeer	((thuis)[B],(keer)[N])[N]
thuiskomen	((thuis)[B],(kom)[V])[V]
thuiskomst	(((thuis)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N]
thuiskrijgen	((thuis)[B],(krijg)[V])[V]
thuisland	((thuis)[B],(land)[N])[N]
thuislaten	((thuis)[B],(laat)[V])[V]
thuisliggen	((thuis)[B],(lig)[V])[V]
thuisloos	((thuis)[N],(loos)[A|N.])[A]
thuismarkt	((thuis)[B],(markt)[N])[N]
thuisreis	((thuis)[B],(reis)[N])[N]
thuissituatie	((thuis)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
thuistaal	((thuis)[B],(taal)[N])[N]
thuisvloot	((thuis)[B],(vloot)[N])[N]
thuisvlucht	((thuis)[B],(vlucht)[N])[N]
thuiswacht	((thuis)[B],(wacht)[N])[N]
thuiswedstrijd	((thuis)[B],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
thuiswerk	((thuis)[B],(werk)[N])[N]
thuiswerker	((thuis)[B],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
thuiswerkster	((thuis)[B],((werk)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
thuiszitten	((thuis)[B],(zit)[V])[V]
thuiszitter	(((thuis)[B],(zit)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
thuiszorg	((thuis)[B],(zorg)[N])[N]
thulium	(thulium)[N]
thymusklier	((thymus)[N],(klier)[N])[N]
thyrs	(thyrs)[N]
thyrsusstaf	((thyrsus)[N],(staf)[N])[N]
ti	(ti)[N]
tiara	(tiara)[N]
tic	(tic)[N]
tichelaar	((tichel)[V],(aar)[N|V.])[N]
tichelaarde	((tichel)[V],(aarde)[N])[N]
tichelbakker	((tichel)[N],(bak)[V],(er)[N|NV.])[N]
ticheloven	((tichel)[V],(oven)[N])[N]
tichelsteen	((tichel)[N],(steen)[N])[N]
tichelwerk	((tichel)[V],(werk)[N])[N]
tienarmig	((tien)[Q],(arm)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tiend	(tiend)[N]
tiendaags	((tien)[Q],(dag)[N],(s)[A|QN.])[A]
tiendblok	((tiend)[N],(blok)[N])[N]
tiendboek	((tiend)[N],(boek)[N])[N]
tiendelig	((tien)[Q],(deel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tienderangs	((tiende)[A],(rang)[N],(s)[A|AN.])[A]
tiendheffer	((tiend)[N],(hef)[V],(er)[N|NV.])[N]
tiendheffing	((tiend)[N],(hef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
tiendplichtig	((tiend)[N],(plicht)[N],(ig)[A|NN.])[A]
tiendrecht	((tiend)[N],(recht)[N])[N]
tiendrente	((tiend)[N],(rente)[N])[N]
tiendubbel	((tien)[Q],(dubbel)[A])[A]
tienduizendtal	(((tien)[Q],(duizend)[Q])[Q],(tal)[N])[N]
tiendverpachting	((tiend)[N],((ver)[V|.V],(pacht)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
tiendvrij	((tiend)[N],(vrij)[A])[A]
tiener	((tien)[N],(er)[N|N.])[N]
tieneridool	(((tien)[N],(er)[N|N.])[N],(idool)[N])[N]
tienerjaar	(((tien)[N],(er)[N|N.])[N],(jaar)[N])[N]
tienerleeftijd	(((tien)[N],(er)[N|N.])[N],((leef)[V],(tijd)[N])[N])[N]
tienermeisje	(((tien)[N],(er)[N|N.])[N],(meisje)[N])[N]
tienertijd	(((tien)[N],(er)[N|N.])[N],(tijd)[N])[N]
tienertoerkaart	(((tien)[N],(er)[N|N.])[N],(toer)[N],(kaart)[N])[N]
tienguldenstuk	((tien)[Q],(gulden)[N],(stuk)[N])[N]
tienhelmig	((tien)[Q],(helm)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tienhoek	((tien)[Q],(hoek)[N])[N]
tienjaarlijks	((tien)[Q],(jaar)[N],(lijks)[A|QN.])[A]
tienjarig	((tien)[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tienkamp	((tien)[Q],(kamp)[N])[N]
tienling	((tien)[N],(ling)[N|N.])[N]
tienman	((tien)[Q],(man)[N])[N]
tienmanschap	(((tien)[Q],(man)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
tienponder	((tien)[Q],(pond)[N],(er)[N|QN.])[N]
tienregelig	((tien)[Q],(regel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tienrittenboekje	((tien)[Q],(rit)[N],(en)[N|QN.N],(boek)[N])[N]
tienrittenkaart	((tien)[Q],(rit)[N],(en)[N|QN.N],(kaart)[N])[N]
tienstuiverstuk	((tien)[Q],(stuiver)[N],(stuk)[N])[N]
tiental	((tien)[Q],(tal)[N])[N]
tientallig	((tien)[Q],(tal)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tientje	((tien)[Q],(tje)[N|Q.])[N]
tientjeslid	(((tien)[Q],(tje)[N|Q.])[N],(s)[N|N.N],(lid)[N])[N]
tienurendag	((tien)[Q],(uur)[N],(en)[N|QN.N],(dag)[N])[N]
tienurenmis	((tien)[Q],(uur)[N],(e)[N|QN.N],(mis)[N])[N]
tienvingersysteem	((tien)[Q],(vinger)[N],(systeem)[N])[N]
tienvlak	((tien)[Q],(vlak)[N])[N]
tienvoudig	((tienvoud)[N],(ig)[A|N.])[A]
tienzijdig	((tien)[Q],(zijde)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tier	(tier)[N]
tierelantijn	(tierelantijn)[N]
tieren	(tier)[V]
tierig	((tier)[V],(ig)[A|V.])[A]
tierigheid	(((tier)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
tierlantijn	(tierlantijn)[N]
tiet	(tiet)[N]
tig	(tig)[Q]
tij	(tij)[N]
tijd	(tijd)[N]
tijdaanwijzing	((tijd)[N],((aan)[P],(wijs)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
tijdaffaire	((tijd)[N],(affaire)[N])[N]
tijdbepaling	((tijd)[N],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
tijdberekening	((tijd)[N],(((be)[V|.V],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tijdbesparend	((tijd)[N],((be)[V|.V],(spaar)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
tijdbesparing	((tijd)[N],((be)[V|.V],(spaar)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
tijdbestek	((tijd)[N],(bestek)[N])[N]
tijdbevrachting	((tijd)[N],(((be)[V|.N],(vracht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tijdbewust	((tijd)[N],(bewust)[A])[A]
tijdbom	((tijd)[N],(bom)[N])[N]
tijdcharter	((tijd)[N],(charter)[N])[N]
tijdeenheid	((tijd)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
tijdeigen	((tijd)[N],(eigen)[N])[N]
tijdelijkheid	((tijdelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
tijdeloos	((tijd)[N],(eloos)[A|N.])[A]
tijdfactor	((tijd)[N],(factor)[N])[N]
tijdfase	((tijd)[N],(fase)[N])[N]
tijdgebonden	((tijd)[N],(gebonden)[A])[A]
tijdgebrek	((tijd)[N],(gebrek)[N])[N]
tijdgeest	((tijd)[N],(geest)[N])[N]
tijdgenoot	((tijd)[N],(genoot)[N])[N]
tijdgenote	(((tijd)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
tijdgewricht	((tijd)[N],(gewricht)[N])[N]
tijdglas	((tijd)[N],(glas)[N])[N]
tijdgrens	((tijd)[N],(grens)[N])[N]
tijdig	((tijd)[N],(ig)[A|N.])[A]
tijdigheid	(((tijd)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
tijdingzaal	((tijding)[N],(zaal)[N])[N]
tijdkaart	((tijd)[N],(kaart)[N])[N]
tijdklok	((tijd)[N],(klok)[N])[N]
tijdkorter	((tijd)[N],(kort)[V],(er)[N|NV.])[N]
tijdkorting	((tijd)[N],(kort)[V],(ing)[N|NV.])[N]
tijdkring	((tijd)[N],(kring)[N])[N]
tijdloep	((tijd)[N],(loep)[N])[N]
tijdloon	((tijd)[N],(loon)[N])[N]
tijdloos	((tijd)[N],(loos)[A|N.])[A]
tijdmaat	((tijd)[N],(maat)[N])[N]
tijdmachine	((tijd)[N],(machine)[N])[N]
tijdmechanisme	((tijd)[N],(mechanisme)[N])[N]
tijdmelding	((tijd)[N],(meld)[V],(ing)[N|NV.])[N]
tijdmeter	((tijd)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
tijdmeting	((tijd)[N],(meet)[V],(ing)[N|NV.])[N]
tijdnood	((tijd)[N],(nood)[N])[N]
tijdnorm	((tijd)[N],(norm)[N])[N]
tijdopname	((tijd)[N],(opname)[N])[N]
tijdopnemer	((tijd)[N],((op)[P],(neem)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
tijdopneming	((tijd)[N],((op)[P],(neem)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
tijdpassering	((tijd)[N],(passeer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
tijdperk	((tijd)[N],(perk)[N])[N]
tijdprobleem	((tijd)[N],(probleem)[N])[N]
tijdreeks	((tijd)[N],(reeks)[N])[N]
tijdregeling	((tijd)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tijdregistratie	((tijd)[N],((registreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
tijdreiziger	((tijd)[N],(reiziger)[N])[N]
tijdrekening	((tijd)[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tijdrekenkunde	((tijd)[N],((reken)[V],(kunde)[N])[N])[N]
tijdrekenkundig	(((tijd)[N],((reken)[V],(kunde)[N])[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
tijdrekken	((tijd)[N],(rek)[V])[V]
tijdrijder	((tijd)[N],((rijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
tijdrijdster	((tijd)[N],(rijd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
tijdrit	((tijd)[N],(rit)[N])[N]
tijdrovend	((tijd)[N],(roof)[V],(end)[A|NV.])[A]
tijdruimte	((tijd)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
tijdruimtelijk	((tijd)[N],(((ruim)[A],(te)[N|A.])[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
tijdsafhankelijk	((tijd)[N],(s)[A|N.A],(((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
tijdsafhankelijkheid	((tijd)[N],(s)[N|N.N],((((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
tijdsafstand	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(afstand)[N])[N]
tijdsaspect	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
tijdsbeeld	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
tijdsbegrip	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(begrip)[N])[N]
tijdsbepaling	((tijd)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
tijdsberekening	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tijdsbeslag	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(beslag)[N])[N]
tijdsbestek	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(bestek)[N])[N]
tijdsbewustzijn	((tijd)[N],(s)[N|N.N],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
tijdsbudget	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(budget)[N])[N]
tijdschaal	((tijd)[N],(schaal)[N])[N]
tijdschakelaar	((tijd)[N],((schakel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
tijdschakelklok	((tijd)[N],((schakel)[V],(klok)[N])[N])[N]
tijdscharen	((tijd)[N],(schaar)[V])[V]
tijdschema	((tijd)[N],(schema)[N])[N]
tijdschrift	((tijd)[N],(schrift)[N])[N]
tijdschriftartikel	(((tijd)[N],(schrift)[N])[N],(artikel)[N])[N]
tijdschriftenbak	(((tijd)[N],(schrift)[N])[N],(en)[N|N.N],(bak)[N])[N]
tijdschriftenconcern	(((tijd)[N],(schrift)[N])[N],(en)[N|N.N],(concern)[N])[N]
tijdschriftenkiosk	(((tijd)[N],(schrift)[N])[N],(en)[N|N.N],(kiosk)[N])[N]
tijdschriftenportefeuille	(((tijd)[N],(schrift)[N])[N],(en)[N|N.N],(portefeuille)[N])[N]
tijdschriftensector	(((tijd)[N],(schrift)[N])[N],(en)[N|N.N],(sector)[N])[N]
tijdschriftenzaal	(((tijd)[N],(schrift)[N])[N],(en)[N|N.N],(zaal)[N])[N]
tijdschriftpagina	(((tijd)[N],(schrift)[N])[N],(pagina)[N])[N]
tijdschriftredacteur	(((tijd)[N],(schrift)[N])[N],(redacteur)[N])[N]
tijdschriftredactie	(((tijd)[N],(schrift)[N])[N],(redactie)[N])[N]
tijdschrijver	((tijd)[N],((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
tijdsconceptie	((tijd)[N],(s)[N|N.N],((concept)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
tijdsdimensie	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(dimensie)[N])[N]
tijdsdocument	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(document)[N])[N]
tijdsdruk	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(druk)[N])[N]
tijdsduur	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(duur)[N])[N]
tijdseenheid	((tijd)[N],(s)[N|N.N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
tijdsein	((tijd)[N],(sein)[N])[N]
tijdselement	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(element)[N])[N]
tijdsfase	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
tijdsfractie	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(fractie)[N])[N]
tijdsgeest	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(geest)[N])[N]
tijdsgewricht	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(gewricht)[N])[N]
tijdshorizon	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(horizon)[N])[N]
tijdsintensief	((tijd)[N],(s)[A|N.A],(intensief)[A])[A]
tijdsinterval	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(interval)[N])[N]
tijdslimiet	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(limiet)[N])[N]
tijdslot	((tijd)[N],(slot)[N])[N]
tijdsluiter	((tijd)[N],((sluit)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
tijdsmoment	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(moment)[N])[N]
tijdsomstandigheid	((tijd)[N],(s)[N|N.N],((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
tijdsorde	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(orde)[N])[N]
tijdspanne	((tijd)[N],(spanne)[N])[N]
tijdspassering	((tijd)[N],(s)[N|N.Vx],(passeer)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
tijdsperiode	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
tijdspiegel	((tijd)[N],(spiegel)[N])[N]
tijdsprobleem	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
tijdsruimte	((tijd)[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
tijdsschema	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(schema)[N])[N]
tijdsspanne	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(spanne)[N])[N]
tijdstip	((tijd)[N],(stip)[N])[N]
tijdstroom	((tijd)[N],(stroom)[N])[N]
tijdsverloop	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(verloop)[N])[N]
tijdsverschijnsel	((tijd)[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
tijdsverschil	((tijd)[N],(s)[N|N.N],(verschil)[N])[N]
tijdsvolgorde	((tijd)[N],(s)[N|N.N],((volg)[V],(orde)[N])[N])[N]
tijdsysteem	((tijd)[N],(systeem)[N])[N]
tijdtafel	((tijd)[N],(tafel)[N])[N]
tijdvak	((tijd)[N],(vak)[N])[N]
tijdverdrijf	((tijd)[N],((ver)[V|.V],(drijf)[V])[V])[N]
tijdverlies	((tijd)[N],(verlies)[N])[N]
tijdvers	((tijd)[N],(vers)[N])[N]
tijdverschil	((tijd)[N],(verschil)[N])[N]
tijdverslindend	((tijd)[N],(verslind)[V],(end)[A|NV.])[A]
tijdverspilling	((tijd)[N],((ver)[V|.V],(spil)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
tijdverzuim	((tijd)[N],(verzuim)[N])[N]
tijdvorm	((tijd)[N],(vorm)[N])[N]
tijdwaarneemster	((tijd)[N],(waarneem)[V],(ster)[N|NV.])[N]
tijdwaarnemer	((tijd)[N],(waarneem)[V],(er)[N|NV.])[N]
tijdwijzer	((tijd)[N],(wijs)[V],(er)[N|NV.])[N]
tijdwinst	((tijd)[N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
tijdzang	((tijd)[N],(zang)[N])[N]
tijdzone	((tijd)[N],(zone)[N])[N]
tijgen	(tijg)[V]
tijger	(tijger)[N]
tijgerachtig	((tijger)[N],(achtig)[A|N.])[A]
tijgerbont	((tijger)[N],(bont)[N])[N]
tijgerbrood	((tijger)[N],(brood)[N])[N]
tijgeren	(tijger)[V]
tijgerhaai	((tijger)[N],(haai)[N])[N]
tijgerhond	((tijger)[N],(hond)[N])[N]
tijgerin	((tijger)[N],(in)[N|N.])[N]
tijgerjacht	((tijger)[N],(jacht)[N])[N]
tijgerkat	((tijger)[N],(kat)[N])[N]
tijgerkooi	((tijger)[N],(kooi)[N])[N]
tijgerlelie	((tijger)[N],(lelie)[N])[N]
tijgerslang	((tijger)[N],(slang)[N])[N]
tijgerval	((tijger)[N],(val)[N])[N]
tijgervel	((tijger)[N],(vel)[N])[N]
tijglas	((tij)[N],(glas)[N])[N]
tijhaven	((tij)[N],(haven)[N])[N]
tijk	(tijk)[N]
tijloos	((tijd)[N],(loos)[N|N.])[N]
tijm	(tijm)[N]
tijmkruid	((tijm)[N],(kruid)[N])[N]
tijrivier	((tij)[N],(rivier)[N])[N]
tijstroom	((tij)[N],(stroom)[N])[N]
tik	(tik)[N]
tikfout	((tik)[V],(fout)[N])[N]
tikjuffrouw	((tik)[V],(juffrouw)[N])[N]
tikken	(tik)[V]
tikker	((tik)[V],(er)[N|V.])[N]
tikkertje	((tik)[V],(ertje)[N|V.])[N]
tikmachine	((tik)[V],(machine)[N])[N]
tikschrift	((tik)[V],(schrift)[N])[N]
tiksel	((tik)[V],(sel)[N|V.])[N]
tiksnelheid	((tik)[V],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
tikster	((tik)[V],(ster)[N|V.])[N]
tiktafeltje	((tik)[V],(tafel)[N])[N]
tikwerk	((tik)[V],(werk)[N])[N]
til	(til)[N]
tilbaar	((til)[V],(baar)[A|V.])[A]
tilde	(tilde)[N]
tillen	(til)[V]
tilt	(tilt)[N]
timbre	(timbre)[N]
timen	(time)[V]
timide	(timide)[A]
timiditeit	((timide)[A],(iteit)[N|A.])[N]
timing	((time)[V],(ing)[N|V.])[N]
timmeraar	((timmer)[V],(aar)[N|V.])[N]
timmerage	((timmer)[V],(age)[N|V.])[N]
timmerdoos	((timmer)[V],(doos)[N])[N]
timmerfabriek	((timmer)[V],(fabriek)[N])[N]
timmergereedschap	((timmer)[V],(gereedschap)[N])[N]
timmerhout	((timmer)[V],(hout)[N])[N]
timmering	((timmer)[V],(ing)[N|V.])[N]
timmerkist	((timmer)[V],(kist)[N])[N]
timmerloods	((timmer)[V],(loods)[N])[N]
timmerman	((timmer)[V],(man)[N])[N]
timmermansbaas	(((timmer)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(baas)[N])[N]
timmermansjongen	(((timmer)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
timmermansleerling	(((timmer)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],((leer)[V],(ling)[N|V.])[N])[N]
timmermansoog	(((timmer)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(oog)[N])[N]
timmermanspotlood	(((timmer)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],((pot)[N],(lood)[N])[N])[N]
timmermanswerkplaats	(((timmer)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],((werk)[V],(plaats)[N])[N])[N]
timmermanszoon	(((timmer)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
timmervrouw	((timmer)[V],(vrouw)[N])[N]
timmerwerf	((timmer)[V],(werf)[N])[N]
timmerwerk	((timmer)[V],(werk)[N])[N]
timmerwinkel	((timmer)[V],(winkel)[N])[N]
timp	(timp)[N]
tin	(tin)[N]
tinachtig	((tin)[N],(achtig)[A|N.])[A]
tinader	((tin)[N],(ader)[N])[N]
tinas	((tin)[N],(as)[N])[N]
tinerts	((tin)[N],(erts)[N])[N]
tinfoelie	((tin)[N],(foelie)[N])[N]
tinfolie	((tin)[N],(folie)[N])[N]
tingel	(tingel)[N]
tingelen	(tingel)[V]
tingeltangel	(tingeltangel)[N]
tingeltangelmuziek	((tingeltangel)[N],(muziek)[N])[N]
tinhandel	((tin)[N],(handel)[N])[N]
tinkelen	(tinkel)[V]
tinken	(tink)[V]
tinmerk	((tin)[N],(merk)[N])[N]
tinmijn	((tin)[N],(mijn)[N])[N]
tinnegieter	((tinne)[N],(giet)[V],(er)[N|NV.])[N]
tinnegieterij	((tin)[N],(e)[N|N.Vx],(giet)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
tinnegoed	((tin)[N],(e)[N|N.N],(goed)[N])[N]
tinnen	((tin)[N],(en)[A|N.])[A]
tinproductie	((tin)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
tinschuitje	((tin)[N],(schuit)[N])[N]
tinsoldeer	((tin)[N],(soldeer)[N])[N]
tinsteen	((tin)[N],(steen)[N])[N]
tint	(tint)[N]
tintel	(tintel)[N]
tintelen	(tintel)[V]
tintelig	((tintel)[V],(ig)[A|V.])[A]
tinteling	((tintel)[V],(ing)[N|V.])[N]
tintellicht	((tintel)[V],(licht)[N])[N]
tintelogen	((tintel)[V],(oog)[V])[V]
tinteloog	((tintel)[V],(oog)[N])[N]
tintelton	((tintel)[N],(ton)[N])[N]
tinten	(tint)[V]
tinveiling	((tin)[N],(veil)[V],(ing)[N|NV.])[N]
tinwerk	((tin)[N],(werk)[N])[N]
tinwinning	((tin)[N],(win)[V],(ing)[N|NV.])[N]
tip	(tip)[N]
tipgeefster	((tip)[N],(geef)[V],(ster)[N|NV.])[N]
tipgeld	((tip)[N],(geld)[N])[N]
tipgever	((tip)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N]
tipmuts	((tip)[N],(muts)[N])[N]
tippel	(tippel)[N]
tippelaar	((tippel)[V],(aar)[N|V.])[N]
tippelaarster	(((tippel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
tippelen	(tippel)[V]
tippelverbod	((tippel)[V],(verbod)[N])[N]
tippelzone	((tippel)[V],(zone)[N])[N]
tippen	(tip)[V]
tips	(tips)[A]
tiptank	((tip)[N],(tank)[N])[N]
tiptoets	((tip)[V],(toets)[N])[N]
tirade	(tirade)[N]
tirailleur	((tirailleer)[V],(eur)[N|V.])[N]
tirailleurslinie	(((tirailleer)[V],(eur)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(linie)[N])[N]
tirailleursvuur	(((tirailleer)[V],(eur)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vuur)[N])[N]
tiran	(tiran)[N]
tirannie	((tiran)[N],(ie)[N|N.])[N]
tiranniek	((tiran)[N],(iek)[A|N.])[A]
tiranniseren	((tiran)[N],(iseer)[V|N.])[V]
tirasseren	((tiras)[N],(eer)[V|N.])[V]
tissue	(tissue)[N]
titanenstrijd	((titaan)[N],(en)[N|N.N],(strijd)[N])[N]
titanenwerk	((titaan)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
titanisch	((titan)[N],(isch)[A|N.])[A]
titansarbeid	((titan)[N],(s)[N|N.N],(arbeid)[N])[N]
titel	(titel)[N]
titelapparaat	((titel)[N],(apparaat)[N])[N]
titelbeschrijving	((titel)[N],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
titelblad	((titel)[N],(blad)[N])[N]
titelcatalogus	((titel)[N],(catalogus)[N])[N]
titelen	(titel)[V]
titelgevecht	((titel)[N],((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N])[N]
titelhouder	((titel)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
titelhoudster	((titel)[N],(houd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
titelinflatie	((titel)[N],(inflatie)[N])[N]
titelnummer	((titel)[N],(nummer)[N])[N]
titelpagina	((titel)[N],(pagina)[N])[N]
titelplaat	((titel)[N],(plaat)[N])[N]
titelprent	((titel)[N],(prent)[N])[N]
titelrol	((titel)[N],(rol)[N])[N]
titelsong	((titel)[N],(song)[N])[N]
titelstrijd	((titel)[N],(strijd)[N])[N]
titelverdediger	((titel)[N],(verdedig)[V],(er)[N|NV.])[N]
titelverdedigster	((titel)[N],(verdedig)[V],(ster)[N|NV.])[N]
titelverhaal	((titel)[N],(verhaal)[N])[N]
titelvignet	((titel)[N],(vignet)[N])[N]
titelvoerend	((titel)[N],(voer)[V],(end)[A|NV.])[A]
titelwedstrijd	((titel)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
titelwoord	((titel)[N],(woord)[N])[N]
titratie	((titreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
titreerproef	((titreer)[V],(proef)[N])[N]
titrering	((titreer)[V],(ing)[N|V.])[N]
tittel	(tittel)[N]
titulatuur	((tituleer)[V],(atuur)[N|V.])[N]
tiërcering	((tiërceer)[V],(ing)[N|V.])[N]
tjalk	(tjalk)[N]
tjalkschip	((tjalk)[N],(schip)[N])[N]
tjalkschipper	((tjalk)[N],((schip)[N],(er)[N|N.])[N])[N]
tjangelen	(tjangel)[V]
tjerk	(tjerk)[N]
tjilpen	(tjilp)[V]
tjingelen	(tjingel)[V]
tjirpen	(tjirp)[V]
tjoempen	(tjoemp)[V]
tjoepen	(tjoep)[V]
tjokken	(tjok)[V]
tobbe	(tobbe)[N]
tobben	(tob)[V]
tobber	((tob)[V],(er)[N|V.])[N]
tobberd	((tob)[V],(erd)[N|V.])[N]
tobberig	((tob)[V],(erig)[A|V.])[A]
tobberij	((tob)[V],(erij)[N|V.])[N]
tobogan	(tobogan)[N]
tobster	((tob)[V],(ster)[N|V.])[N]
toccata	(toccata)[N]
tocht	(tocht)[N]
tochtband	((tocht)[N],(band)[N])[N]
tochtdeken	((tocht)[N],(deken)[N])[N]
tochtdeur	((tocht)[N],(deur)[N])[N]
tochten	(tocht)[V]
tochtgat	((tocht)[N],(gat)[N])[N]
tochtgenoot	((tocht)[N],(genoot)[N])[N]
tochtgenote	(((tocht)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
tochtig	((tocht)[N],(ig)[A|N.])[A]
tochtigheid	(((tocht)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
tochtkanaal	((tocht)[N],(kanaal)[N])[N]
tochtlat	((tocht)[N],(lat)[N])[N]
tochtraam	((tocht)[N],(raam)[N])[N]
tochtscherm	((tocht)[N],(scherm)[N])[N]
tochtsloot	((tocht)[N],(sloot)[N])[N]
tochtstrip	((tocht)[N],(strip)[N])[N]
tod	(tod)[N]
toe-eigenen	((toe)[B],(eigen)[V])[V]
toe-eigening	(((toe)[B],(eigen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toe-eigeningsrecht	((((toe)[B],(eigen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
toean	(toean)[N]
toebedelen	((toe)[B],((be)[V|.N],(deel)[N])[V])[V]
toebedeling	(((toe)[B],((be)[V|.N],(deel)[N])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toebedenken	((toe)[B],((be)[V|.V],(denk)[V])[V])[V]
toebehoren	((toe)[B],((be)[V|.V],(hoor)[V])[V])[V]
toebereiden	((toe)[B],(bereid)[V])[V]
toebereiding	(((toe)[B],(bereid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toebereidselen	(((toe)[B],(bereid)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
toebeurs	((toe)[B],(beurs)[N])[N]
toebijten	((toe)[B],(bijt)[V])[V]
toebinden	((toe)[B],(bind)[V])[V]
toeblaffen	((toe)[B],(blaf)[V])[V]
toebrengen	((toe)[B],(breng)[V])[V]
toebrenging	(((toe)[B],(breng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toebroek	((toe)[B],(broek)[N])[N]
toebrullen	((toe)[B],(brul)[V])[V]
toebuigen	((toe)[B],(buig)[V])[V]
toedammen	((toe)[B],(dam)[N])[V]
toedekken	((toe)[B],(dek)[V])[V]
toedelen	((toe)[B],(deel)[V])[V]
toedenken	((toe)[B],(denk)[V])[V]
toedienen	((toe)[P],(dien)[V])[V]
toediening	(((toe)[P],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toedijken	((toe)[B],(dijk)[V])[V]
toedoen	((toe)[B],(doe)[V])[V]
toedraaien	((toe)[B],(draai)[V])[V]
toedragen	((toe)[B],(draag)[V])[V]
toedrinken	((toe)[B],(drink)[V])[V]
toedrukken	((toe)[B],(druk)[V])[V]
toef	(toef)[N]
toefluisteren	((toe)[B],(fluister)[V])[V]
toegaan	((toe)[B],(ga)[V])[V]
toegang	((toe)[B],(gang)[N])[N]
toegangsbewijs	(((toe)[B],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(bewijs)[N])[N]
toegangsbiljet	(((toe)[B],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(biljet)[N])[N]
toegangsdeur	(((toe)[B],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(deur)[N])[N]
toegangsexamen	(((toe)[B],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(examen)[N])[N]
toegangshek	(((toe)[B],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(hek)[N])[N]
toegangskaart	(((toe)[B],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
toegangsmogelijkheid	(((toe)[B],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
toegangspoort	(((toe)[B],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(poort)[N])[N]
toegangsprijs	(((toe)[B],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(prijs)[N])[N]
toegangsroute	(((toe)[B],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(route)[N])[N]
toegangssnelheid	(((toe)[B],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
toegangsstraat	(((toe)[B],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(straat)[N])[N]
toegangstijd	(((toe)[B],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
toegangsweg	(((toe)[B],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(weg)[N])[N]
toegankelijk	(((toe)[B],(gang)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
toegankelijkheid	((((toe)[B],(gang)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
toegankelijkheidssymbool	(((((toe)[B],(gang)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(symbool)[N])[N]
toegeeflijk	(((toe)[B],(geef)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A]
toegeeflijkheid	((((toe)[B],(geef)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
toegefelijk	(((toe)[B],(geef)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
toegefelijkheid	((((toe)[B],(geef)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
toegenegen	((toe)[B],(genegen)[A])[A]
toegenegenheid	(((toe)[B],(genegen)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
toegeven	((toe)[B],(geef)[V])[V]
toegevendheid	((toegevend)[A],(heid)[N|A.])[N]
toegeving	(((toe)[B],(geef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toegewijdheid	((toegewijd)[A],(heid)[N|A.])[N]
toegift	((toe)[B],(gift)[N])[N]
toeglimmen	((toe)[B],(glim)[V])[V]
toegooien	((toe)[B],(gooi)[V])[V]
toegrendelen	((toe)[B],(grendel)[V])[V]
toegrijnzen	((toe)[B],(grijns)[V])[V]
toegrijpen	((toe)[B],(grijp)[V])[V]
toegroeien	((toe)[B],(groei)[V])[V]
toehalen	((toe)[B],(haal)[V])[V]
toehappen	((toe)[B],(hap)[V])[V]
toehoorder	(((toe)[B],(hoor)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
toehoorderes	((((toe)[B],(hoor)[V])[V],(der)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
toehoorster	(((toe)[B],(hoor)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
toehoren	((toe)[B],(hoor)[V])[V]
toehouden	((toe)[B],(houd)[V])[V]
toehuis	((toe)[B],(huis)[N])[N]
toejuichen	((toe)[B],(juich)[V])[V]
toejuiching	(((toe)[B],(juich)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toekaatsen	((toe)[B],(kaats)[V])[V]
toekachel	((toe)[B],(kachel)[N])[N]
toekan	(toekan)[N]
toekennen	((toe)[B],(ken)[V])[V]
toekenning	(((toe)[B],(ken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toekeren	((toe)[B],(keer)[V])[V]
toekijken	((toe)[B],(kijk)[V])[V]
toekijker	(((toe)[B],(kijk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
toeknijpen	((toe)[B],(knijp)[V])[V]
toeknikken	((toe)[B],(knik)[V])[V]
toeknopen	((toe)[B],(knoop)[V])[V]
toekomen	((toe)[B],(kom)[V])[V]
toekomst	(((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N]
toekomstaspect	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(aspect)[N])[N]
toekomstbeeld	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(beeld)[N])[N]
toekomstbeleid	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(beleid)[N])[N]
toekomstbewust	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(bewust)[A])[A]
toekomstdroom	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(droom)[N])[N]
toekomstfantasie	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(fantasie)[N])[N]
toekomstideaal	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(ideaal)[N])[N]
toekomstig	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A]
toekomstkans	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(kans)[N])[N]
toekomstmodel	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(model)[N])[N]
toekomstmogelijkheden	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
toekomstmuziek	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(muziek)[N])[N]
toekomstoptimisme	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(optimisme)[N])[N]
toekomstperspectief	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(perspectief)[N])[N]
toekomstplan	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(plan)[N])[N]
toekomstprobleem	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(probleem)[N])[N]
toekomstprogram	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(program)[N])[N]
toekomstscenario	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(scenario)[N])[N]
toekomststaat	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(staat)[N])[N]
toekomststad	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(stad)[N])[N]
toekomstvisie	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(visie)[N])[N]
toekomstvisioen	((((toe)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N],(visioen)[N])[N]
toekruid	((toe)[B],(kruid)[N])[N]
toekunnen	((toe)[B],(kan)[V])[V]
toelaatbaar	(((toe)[B],(laat)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
toelaatbaarheid	((((toe)[B],(laat)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
toelachen	((toe)[B],(lach)[V])[V]
toelakken	((toe)[B],(lak)[V])[V]
toelaten	((toe)[B],(laat)[V])[V]
toelating	(((toe)[B],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toelatingsbeleid	((((toe)[B],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
toelatingscommissie	((((toe)[B],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
toelatingscriterium	((((toe)[B],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(criterium)[N])[N]
toelatingseis	((((toe)[B],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(eis)[N])[N]
toelatingsexamen	((((toe)[B],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(examen)[N])[N]
toelatingskaart	((((toe)[B],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
toelatingsmogelijkheid	((((toe)[B],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
toelatingsprocedure	((((toe)[B],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
toelatingsregeling	((((toe)[B],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
toelatingsvoorwaarde	((((toe)[B],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(voorwaarde)[N])[N]
toeleggen	((toe)[B],(leg)[V])[V]
toeleven	((toe)[B],(leef)[V])[V]
toeleveren	((toe)[B],(lever)[V])[V]
toelevering	((toe)[B],((lever)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
toeleveringsbedrijf	(((toe)[B],((lever)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
toelichten	((toe)[B],(licht)[V])[V]
toelichting	(((toe)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toelijken	((toe)[B],(lijk)[V])[V]
toelonken	((toe)[B],(lonk)[V])[V]
toeloop	((toe)[B],(loop)[N])[N]
toelopen	((toe)[B],(loop)[V])[V]
toeluisteren	((toe)[B],(luister)[V])[V]
toemaat	((toe)[B],(maat)[N])[N]
toemaathooi	(((toe)[B],(maat)[N])[N],(hooi)[N])[N]
toemaken	((toe)[B],(maak)[V])[V]
toemand	((toe)[B],(mand)[N])[N]
toemeten	((toe)[B],(meet)[V])[V]
toemetselen	((toe)[B],(metsel)[V])[V]
toemetsen	((toe)[B],(mets)[V])[V]
toenaaien	((toe)[B],(naai)[V])[V]
toenaam	((toe)[B],(naam)[N])[N]
toenadering	((toe)[B],((nader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
toenaderingspoging	(((toe)[B],((nader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],((poog)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
toenaderingsproces	(((toe)[B],((nader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
toenagelen	((toe)[B],(nagel)[V])[V]
toendra	(toendra)[N]
toendragebied	((toendra)[N],(gebied)[N])[N]
toenemen	((toe)[B],(neem)[V])[V]
toeneming	(((toe)[B],(neem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toenijpen	((toe)[B],(nijp)[V])[V]
toepad	((toe)[B],(pad)[N])[N]
toepasbaar	(((toe)[B],(pas)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
toepasbaarheid	((((toe)[B],(pas)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
toepasselijk	(((toe)[B],(pas)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
toepasselijkheid	((((toe)[B],(pas)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
toepassen	((toe)[B],(pas)[V])[V]
toepassing	(((toe)[B],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toepassingsmogelijkheid	((((toe)[B],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
toepassingsprogramma	((((toe)[B],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
toepassingsprogrammatuur	((((toe)[B],(pas)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((program)[N],(eer)[V|N.])[V],(atuur)[N|V.])[N])[N]
toepen	(toep)[V]
toeplakken	((toe)[B],(plak)[V])[V]
toepleisteren	((toe)[B],(pleister)[V])[V]
toeplooien	((toe)[B],(plooi)[V])[V]
toeprangen	((toe)[B],(prang)[V])[V]
toer	(toer)[N]
toerauto	((toer)[V],(auto)[N])[N]
toerbeurt	((toer)[N],(beurt)[N])[N]
toerbeurtsysteem	(((toer)[N],(beurt)[N])[N],(systeem)[N])[N]
toercaravan	((toer)[V],(caravan)[N])[N]
toereiken	((toe)[B],(reik)[V])[V]
toerekenbaar	(((toe)[B],(reken)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
toerekenbaarheid	((((toe)[B],(reken)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
toerekenen	((toe)[B],(reken)[V])[V]
toerekening	(((toe)[B],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toerekeningsvatbaar	(((toe)[B],(reken)[V])[V],(ing)[A|V.xA],(s)[A|Vx.A],((vaat)[V],(baar)[A|V.])[A])[A]
toerekeningsvatbaarheid	((((toe)[B],(reken)[V])[V],(ing)[A|V.xA],(s)[A|Vx.A],((vaat)[V],(baar)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
toeren	(toer)[V]
toerenregelaar	((toer)[N],(en)[N|N.N],((regel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
toerental	((toer)[N],(en)[N|N.N],(tal)[N])[N]
toerenteller	((toer)[N],(en)[N|N.Vx],(tel)[V],(er)[N|NxV.])[N]
toerfiets	((toer)[V],(fiets)[N])[N]
toerijtuig	((toe)[B],((rijd)[V],(tuig)[N])[N])[N]
toerist	((toer)[N],(ist)[N|N.])[N]
toeristenauto	(((toer)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(auto)[N])[N]
toeristenbond	(((toer)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(bond)[N])[N]
toeristenbureau	(((toer)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
toeristencentrum	(((toer)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
toeristendorp	(((toer)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(dorp)[N])[N]
toeristenhotel	(((toer)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(hotel)[N])[N]
toeristenindustrie	(((toer)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(industrie)[N])[N]
toeristenkaart	(((toer)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
toeristenklasse	(((toer)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
toeristenmenu	(((toer)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(menu)[N])[N]
toeristenseizoen	(((toer)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(seizoen)[N])[N]
toeristenstad	(((toer)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(stad)[N])[N]
toeristenwagen	(((toer)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
toeristenwereld	(((toer)[N],(ist)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
toeristisch	(((toer)[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A]
toerjacht	((toer)[N],(jacht)[N])[N]
toermalijn	(toermalijn)[N]
toernooi	(toernooi)[N]
toernooien	(toernooi)[V]
toernooispel	((toernooi)[N],(spel)[N])[N]
toernooiveld	((toernooi)[N],(veld)[N])[N]
toeroep	((toe)[B],(roep)[N])[N]
toeroepen	((toe)[B],(roep)[V])[V]
toerollen	((toe)[B],(rol)[V])[V]
toertocht	((toer)[V],(tocht)[N])[N]
toeruitrusting	((toer)[V],(((uit)[P],(rust)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
toerusten	((toe)[B],(rust)[V])[V]
toerusting	(((toe)[B],(rust)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toerwagen	((toer)[V],(wagen)[N])[N]
toeschietelijk	(((toe)[B],(schiet)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
toeschietelijkheid	((((toe)[B],(schiet)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
toeschieten	((toe)[B],(schiet)[V])[V]
toeschietreflex	(((toe)[B],(schiet)[V])[V],(reflex)[N])[N]
toeschijnen	((toe)[B],(schijn)[V])[V]
toeschoppen	((toe)[B],(schop)[V])[V]
toeschouwen	((toe)[B],(schouw)[V])[V]
toeschouwer	(((toe)[B],(schouw)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
toeschouwster	(((toe)[B],(schouw)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
toeschreeuwen	((toe)[B],(schreeuw)[V])[V]
toeschrijven	((toe)[B],(schrijf)[V])[V]
toeschrijving	(((toe)[B],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toeschroeven	((toe)[B],(schroef)[V])[V]
toeschuiven	((toe)[B],(schuif)[V])[V]
toeslaan	((toe)[B],(sla)[V])[V]
toeslag	((toe)[B],(slag)[N])[N]
toeslagbiljet	(((toe)[B],(slag)[N])[N],(biljet)[N])[N]
toeslagmap	(((toe)[B],(slag)[N])[N],(map)[N])[N]
toeslede	((toe)[B],(slede)[N])[N]
toeslee	((toe)[B],(slee)[N])[N]
toesluiten	((toe)[B],(sluit)[V])[V]
toesmakken	((toe)[B],(smak)[V])[V]
toesmijten	((toe)[B],(smijt)[V])[V]
toesnauwen	((toe)[B],(snauw)[V])[V]
toesnellen	((toe)[B],(snel)[V])[V]
toesnoeren	((toe)[B],(snoer)[V])[V]
toespeld	((toe)[B],(speld)[N])[N]
toespelden	((toe)[B],(speld)[V])[V]
toespelen	((toe)[B],(speel)[V])[V]
toespeling	(((toe)[B],(speel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toespijkeren	((toe)[B],(spijker)[V])[V]
toespijs	((toe)[B],(spijs)[N])[N]
toespitsen	((toe)[B],(spits)[V])[V]
toespitsing	(((toe)[B],(spits)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toespraak	((toe)[B],(spraak)[N])[N]
toespreken	((toe)[B],(spreek)[V])[V]
toespringen	((toe)[B],(spring)[V])[V]
toestandsbeeld	((toestand)[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
toestandsverandering	((toestand)[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
toesteken	((toe)[B],(steek)[V])[V]
toestel	(toestel)[N]
toesteloefening	((toestel)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
toestemmen	((toe)[B],(stem)[V])[V]
toestemming	(((toe)[B],(stem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toestoppen	((toe)[B],(stop)[V])[V]
toestormen	((toe)[B],(storm)[V])[V]
toestoten	((toe)[B],(stoot)[V])[V]
toestrijken	((toe)[B],(strijk)[V])[V]
toestromen	((toe)[B],(stroom)[V])[V]
toesturen	((toe)[B],(stuur)[V])[V]
toet	(toet)[N]
toetakelen	((toe)[B],(takel)[V])[V]
toetasten	((toe)[B],(tast)[V])[V]
toetellen	((toe)[B],(tel)[V])[V]
toeten	(toet)[V]
toeterzat	((toeter)[N],(zat)[A])[A]
toethoorn	((toet)[V],(hoorn)[N])[N]
toethoren	((toet)[V],(horen)[N])[N]
toetje	((toe)[N],(tje)[N|N.])[N]
toetreden	((toe)[B],(treed)[V])[V]
toetreding	(((toe)[B],(treed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toetrekken	((toe)[B],(trek)[V])[V]
toets	(toets)[N]
toetsen	(toets)[V]
toetsenbord	((toets)[N],(en)[N|N.N],(bord)[N])[N]
toetser	((toets)[V],(er)[N|V.])[N]
toetsing	((toets)[V],(ing)[N|V.])[N]
toetsingscommissie	(((toets)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
toetsingscriterium	(((toets)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(criterium)[N])[N]
toetsingsinstrument	(((toets)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instrument)[N])[N]
toetsingskader	(((toets)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kader)[N])[N]
toetsingsmaatstaf	(((toets)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((maat)[N],(staf)[N])[N])[N]
toetsingsmethode	(((toets)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
toetsingsmogelijkheid	(((toets)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
toetsingsnorm	(((toets)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(norm)[N])[N]
toetsingsorgaan	(((toets)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
toetsingsprocedure	(((toets)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
toetsingsproces	(((toets)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
toetsinstrument	((toets)[N],(instrument)[N])[N]
toetsnaald	((toets)[V],(naald)[N])[N]
toetssteen	((toets)[V],(steen)[N])[N]
toevallen	((toe)[B],(val)[V])[V]
toevallig	((toeval)[N],(ig)[A|N.])[A]
toevalligheid	(((toeval)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
toevallijder	((toeval)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
toevallijderes	((toeval)[N],(((lijd)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N])[N]
toevalstreffer	((toeval)[N],(s)[N|N.N],((tref)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
toeven	(toef)[V]
toeverlaat	((toe)[B],((ver)[V|.A],(laat)[A])[V])[N]
toevertrouwen	((toe)[B],(vertrouw)[V])[V]
toevijzen	((toe)[B],(vijs)[V])[V]
toevliegen	((toe)[B],(vlieg)[V])[V]
toevloed	((toe)[B],(vloed)[N])[N]
toevloeien	((toe)[B],(vloei)[V])[V]
toevlucht	((toe)[B],(vlucht)[N])[N]
toevluchtshuis	(((toe)[B],(vlucht)[N])[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
toevluchtsoord	(((toe)[B],(vlucht)[N])[N],(s)[N|N.N],(oord)[N])[N]
toevoegen	((toe)[B],(voeg)[V])[V]
toevoeging	(((toe)[B],(voeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toevoegsel	(((toe)[B],(voeg)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
toevoerbuis	(((toe)[B],(voer)[V])[V],(buis)[N])[N]
toevoeren	((toe)[B],(voer)[V])[V]
toevoerkanaal	(((toe)[B],(voer)[V])[V],(kanaal)[N])[N]
toevoerleiding	(((toe)[B],(voer)[V])[V],((leid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
toevoerweg	(((toe)[B],(voer)[V])[V],(weg)[N])[N]
toevouwen	((toe)[B],(vouw)[V])[V]
toevriezen	((toe)[B],(vries)[V])[V]
toewaaien	((toe)[B],(waai)[V])[V]
toewagen	((toe)[B],(wagen)[N])[N]
toewassen	((toe)[B],(was)[V])[V]
toewater	((toe)[B],(water)[N])[N]
toewenden	((toe)[B],(wend)[V])[V]
toewenken	((toe)[B],(wenk)[V])[V]
toewensen	((toe)[B],(wens)[V])[V]
toewerken	((toe)[B],(werk)[V])[V]
toewerpen	((toe)[B],(werp)[V])[V]
toewicht	((toe)[B],(wicht)[N])[N]
toewijden	((toe)[B],(wijd)[V])[V]
toewijding	(((toe)[B],(wijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toewijzen	((toe)[B],(wijs)[V])[V]
toewijzing	(((toe)[B],(wijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toewijzingsbeleid	((((toe)[B],(wijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
toewuiven	((toe)[B],(wuif)[V])[V]
toezang	((toe)[B],(zang)[N])[N]
toezeggen	((toe)[B],(zeg)[V])[V]
toezegging	(((toe)[B],(zeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toezenden	((toe)[B],(zend)[V])[V]
toezender	(((toe)[B],(zend)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
toezending	(((toe)[B],(zend)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toezicht	((toe)[B],(zicht)[N])[N]
toezichthoudend	(((toe)[B],(zicht)[N])[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
toezichthouder	(((toe)[B],(zicht)[N])[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
toezichthoudster	(((toe)[B],(zicht)[N])[N],(houd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
toezien	((toe)[B],(zie)[V])[V]
toeziener	(((toe)[B],(zie)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
toezingen	((toe)[B],(zing)[V])[V]
toezwaaien	((toe)[B],(zwaai)[V])[V]
tof	(tof)[A]
toffee	(toffee)[N]
toga	(toga)[N]
toilet	(toilet)[N]
toiletartikel	((toilet)[N],(artikel)[N])[N]
toiletbenodigdheden	((toilet)[N],(((be)[A|.Ax],(nodig)[A],(d)[A|xA.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
toiletblok	((toilet)[N],(blok)[N])[N]
toiletdeur	((toilet)[N],(deur)[N])[N]
toiletdoos	((toilet)[N],(doos)[N])[N]
toiletemmer	((toilet)[N],(emmer)[N])[N]
toiletgarnituur	((toilet)[N],(garnituur)[N])[N]
toiletgerei	((toilet)[N],(gerei)[N])[N]
toiletjuffrouw	((toilet)[N],(juffrouw)[N])[N]
toiletmaken	((toilet)[N],(maak)[V])[V]
toiletpapier	((toilet)[N],(papier)[N])[N]
toiletpot	((toilet)[N],(pot)[N])[N]
toiletruimte	((toilet)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
toiletspiegel	((toilet)[N],(spiegel)[N])[N]
toilettafel	((toilet)[N],(tafel)[N])[N]
toilettas	((toilet)[N],(tas)[N])[N]
toiletteren	((toilet)[N],(eer)[V|N.])[V]
toiletvoorziening	((toilet)[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
toiletzeep	((toilet)[N],(zeep)[N])[N]
tokayer	(tokayer)[N]
tokkelaar	((tokkel)[V],(aar)[N|V.])[N]
tokkelen	(tokkel)[V]
tokkeling	((tokkel)[V],(ing)[N|V.])[N]
tokkelinstrument	((tokkel)[V],(instrument)[N])[N]
tokken	(tok)[V]
tokohouder	((toko)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
tol	(tol)[N]
tolbaas	((tol)[N],(baas)[N])[N]
tolbeambte	((tol)[N],(beambte)[N])[N]
tolboom	((tol)[N],(boom)[N])[N]
tolbrug	((tol)[N],(brug)[N])[N]
toldienst	((tol)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
tolerabel	((tolereer)[V],(abel)[A|V.])[A]
tolerant	((tolereer)[V],(ant)[A|V.])[A]
tolerantie	(((tolereer)[V],(ant)[A|V.])[A],(ie)[N|A.])[N]
tolgaarder	((tol)[N],(gaar)[V],(der)[N|NV.])[N]
tolgeld	((tol)[N],(geld)[N])[N]
tolhek	((tol)[N],(hek)[N])[N]
tolhuis	((tol)[N],(huis)[N])[N]
tolk	(tolk)[N]
tolk-vertaler	((tolk)[N],(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
tolkantoor	((tol)[N],(kantoor)[N])[N]
tolken	(tolk)[V]
tolkencentrum	((tolk)[N],(en)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
tollen	(tol)[V]
tollenaar	((tol)[N],(enaar)[N|N.])[N]
tolmuur	((tol)[N],(muur)[N])[N]
tolrecht	((tol)[N],(recht)[N])[N]
toltarief	((tol)[N],(tarief)[N])[N]
tolunie	((tol)[N],(unie)[N])[N]
tolverbond	((tol)[N],(verbond)[N])[N]
tolvlucht	((tol)[N],(vlucht)[N])[N]
tolvrij	((tol)[N],(vrij)[A])[A]
tolvrijheid	(((tol)[N],(vrij)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
tolweg	((tol)[N],(weg)[N])[N]
tolwezen	((tol)[N],(wezen)[N])[N]
tomaat	(tomaat)[N]
tomaatkleurig	((tomaat)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
tomahawk	(tomahawk)[N]
tomatenketchup	((tomaat)[N],(en)[N|N.N],(ketch-up)[N])[N]
tomatenpuree	((tomaat)[N],(en)[N|N.N],(puree)[N])[N]
tomatensap	((tomaat)[N],(en)[N|N.N],(sap)[N])[N]
tomatensaus	((tomaat)[N],(en)[N|N.N],(saus)[N])[N]
tomatensla	((tomaat)[N],(en)[N|N.N],(sla)[N])[N]
tomatensoep	((tomaat)[N],(en)[N|N.N],(soep)[N])[N]
tombe	(tombe)[N]
tombola	(tombola)[N]
tomeloos	((toom)[N],(eloos)[A|N.])[A]
tomeloosheid	(((toom)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
tomen	(toom)[V]
ton	(ton)[N]
tonaal	((toon)[N],(aal)[A|N.])[A]
tonaliteit	(((toon)[N],(aal)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N]
tonbrug	((ton)[N],(brug)[N])[N]
tondeldoos	((tondel)[N],(doos)[N])[N]
toneelaanwijzing	((toneel)[N],(((aan)[P],(wijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
toneelachtig	((toneel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
toneelavond	((toneel)[N],(avond)[N])[N]
toneelbeeld	((toneel)[N],(beeld)[N])[N]
toneelbeleid	((toneel)[N],(beleid)[N])[N]
toneelbenodigdheden	((toneel)[N],(((be)[A|.Ax],(nodig)[A],(d)[A|xA.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
toneelbewerking	((toneel)[N],(((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
toneelcarrière	((toneel)[N],(carrière)[N])[N]
toneelclub	((toneel)[N],(club)[N])[N]
toneelcriticus	((toneel)[N],(criticus)[N])[N]
toneeldecor	((toneel)[N],(decor)[N])[N]
toneeldichter	((toneel)[N],((dicht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
toneeldirecteur	((toneel)[N],(directeur)[N])[N]
toneeleffect	((toneel)[N],(effect)[N])[N]
toneelfiguur	((toneel)[N],(figuur)[N])[N]
toneelgeschiedenis	((toneel)[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
toneelgezelschap	((toneel)[N],((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
toneelgroep	((toneel)[N],(groep)[N])[N]
toneelheld	((toneel)[N],(held)[N])[N]
toneeljubileum	((toneel)[N],(jubileum)[N])[N]
toneelkapper	((toneel)[N],((kap)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
toneelkapster	((toneel)[N],(kap)[V],(ster)[N|NV.])[N]
toneelkennis	((toneel)[N],(kennis)[N])[N]
toneelkijker	((toneel)[N],(kijk)[V],(er)[N|NV.])[N]
toneelknecht	((toneel)[N],(knecht)[N])[N]
toneelkring	((toneel)[N],(kring)[N])[N]
toneelkritiek	((toneel)[N],((kritisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
toneelkunst	((toneel)[N],(kunst)[N])[N]
toneelkunstenaar	(((toneel)[N],(kunst)[N])[N],(enaar)[N|N.])[N]
toneelkunstenares	((((toneel)[N],(kunst)[N])[N],(enaar)[N|N.])[N],(es)[N|N.])[N]
toneellaars	((toneel)[N],(laars)[N])[N]
toneelliteratuur	((toneel)[N],(literatuur)[N])[N]
toneelloopbaan	((toneel)[N],((loop)[V],(baan)[N])[N])[N]
toneelmatig	((toneel)[N],(matig)[A|N.])[A]
toneelmeester	((toneel)[N],(meester)[N])[N]
toneelmuseum	((toneel)[N],(museum)[N])[N]
toneelopvoering	((toneel)[N],((op)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
toneelpremière	((toneel)[N],(première)[N])[N]
toneelrecensent	((toneel)[N],((recenseer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
toneelrecensie	((toneel)[N],(recensie)[N])[N]
toneelredacteur	((toneel)[N],(redacteur)[N])[N]
toneelrepertoire	((toneel)[N],(repertoire)[N])[N]
toneelrepetitie	((toneel)[N],((repeteer)[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
toneelruimte	((toneel)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
toneelscherm	((toneel)[N],(scherm)[N])[N]
toneelschikking	((toneel)[N],(schik)[V],(ing)[N|NV.])[N]
toneelschool	((toneel)[N],(school)[N])[N]
toneelschrijfkunst	((toneel)[N],((schrijf)[V],(kunst)[N])[N])[N]
toneelschrijfster	((toneel)[N],(schrijf)[V],(ster)[N|NV.])[N]
toneelschrijver	((toneel)[N],((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
toneelseizoen	((toneel)[N],(seizoen)[N])[N]
toneelspeelkunst	(((toneel)[N],(speel)[V])[V],(kunst)[N])[N]
toneelspeelster	(((toneel)[N],(speel)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
toneelspel	((toneel)[N],(spel)[N])[N]
toneelspelen	((toneel)[N],(speel)[V])[V]
toneelspeler	(((toneel)[N],(speel)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
toneelstijl	((toneel)[N],(stijl)[N])[N]
toneelstuk	((toneel)[N],(stuk)[N])[N]
toneeltechniek	((toneel)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
toneeltraditie	((toneel)[N],(traditie)[N])[N]
toneeluitvoering	((toneel)[N],((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
toneelverbond	((toneel)[N],(verbond)[N])[N]
toneelvereniging	((toneel)[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
toneelvertoning	((toneel)[N],((ver)[V|.V],(toon)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
toneelvoorstelling	((toneel)[N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
toneelwereld	((toneel)[N],(wereld)[N])[N]
toneelwisseling	((toneel)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
toneelzaal	((toneel)[N],(zaal)[N])[N]
tonelist	((toneel)[N],(ist)[N|N.])[N]
tonen	(toon)[V]
tong	(tong)[N]
tongbeen	((tong)[N],(been)[N])[N]
tongbeslag	((tong)[N],(beslag)[N])[N]
tongblaar	((tong)[N],(blaar)[N])[N]
tongenworst	((tong)[N],(e)[N|N.N],(worst)[N])[N]
tongewelf	((ton)[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
tongfilet	((tong)[N],(filet)[N])[N]
tongkijker	((tong)[N],(kijk)[V],(er)[N|NV.])[N]
tongklank	((tong)[N],(klank)[N])[N]
tongkus	((tong)[N],(kus)[N])[N]
tongpunt	((tong)[N],(punt)[N])[N]
tongriem	((tong)[N],(riem)[N])[N]
tongschar	((tong)[N],(schar)[N])[N]
tongschraper	((tong)[N],(schraap)[V],(er)[N|NV.])[N]
tongstrelend	((tong)[N],(streel)[V],(end)[A|NV.])[A]
tongval	((tong)[N],(val)[N])[N]
tongvormig	((tong)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
tongwerk	((tong)[N],(werk)[N])[N]
tongwortel	((tong)[N],(wortel)[N])[N]
tongzenuw	((tong)[N],(zenuw)[N])[N]
tongzoen	((tong)[N],(zoen)[N])[N]
tonic	(tonic)[N]
tonicstamper	((tonic)[N],((stamp)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
tonig	((toon)[N],(ig)[A|N.])[A]
tonijn	(tonijn)[N]
tonisch	((tonus)[N],(isch)[A|N.])[A]
tonkilometer	((ton)[N],((kilo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
tonmolen	((ton)[N],(molen)[N])[N]
tonnage	((ton)[V],(age)[N|V.])[N]
tonnen	(ton)[V]
tonnenboei	((ton)[N],(e)[N|N.N],(boei)[N])[N]
tonnenboeier	(((ton)[N],(e)[N|N.N],(boei)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
tonnengeld	((ton)[N],(e)[N|N.N],(geld)[N])[N]
tonnenmaat	((ton)[N],(en)[N|N.N],(maat)[N])[N]
tonnenmeester	((ton)[N],(en)[N|N.N],(meester)[N])[N]
tonnenstelsel	((ton)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
tonner	((ton)[V],(er)[N|V.])[N]
tonnetjerond	((tonnetje)[N],(rond)[A])[A]
tonrond	((ton)[N],(rond)[A])[A]
tonrondte	(((ton)[N],(rond)[A])[A],(te)[N|A.])[N]
tonsil	(tonsil)[N]
tonster	((ton)[V],(ster)[N|V.])[N]
tonsureren	((tonsuur)[N],(eer)[V|N.])[V]
tonus	(tonus)[N]
tonvlot	((ton)[N],(vlot)[N])[N]
toog	(toog)[N]
toogdag	((toog)[N],(dag)[N])[N]
toogvormig	((toog)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
tooi	(tooi)[N]
tooien	(tooi)[V]
tooisel	((tooi)[V],(sel)[N|V.])[N]
toom	(toom)[N]
toon	(toon)[N]
toonaangevend	((toon)[N],((aan)[P],(geef)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
toonaard	((toon)[N],(aard)[N])[N]
toonafstand	((toon)[N],(afstand)[N])[N]
toonbaar	((toon)[V],(baar)[A|V.])[A]
toonbank	((toon)[V],(bank)[N])[N]
toonbankwinkel	(((toon)[V],(bank)[N])[N],(winkel)[N])[N]
toonbeeld	((toon)[V],(beeld)[N])[N]
toonbrood	((toon)[V],(brood)[N])[N]
toondemper	((toon)[N],(demp)[V],(er)[N|NV.])[N]
toonder	((toon)[V],(der)[N|V.])[N]
toonderpapier	(((toon)[V],(der)[N|V.])[N],(papier)[N])[N]
toondichter	((toon)[N],(dicht)[V],(er)[N|NV.])[N]
toonfrequent	((toon)[N],(frequent)[A])[A]
toonfysiologie	((toon)[N],((fysiologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
toongat	((toon)[N],(gat)[N])[N]
toongenerator	((toon)[N],(genereer)[V],(ator)[N|NV.])[N]
toongeslacht	((toon)[N],(geslacht)[N])[N]
toongevend	((toon)[N],(geef)[V],(end)[A|NV.])[A]
toongever	((toon)[N],((geef)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
toongeving	((toon)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
toonhoogte	((toon)[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
toonkamer	((toon)[V],(kamer)[N])[N]
toonkunst	((toon)[N],(kunst)[N])[N]
toonkunstenaar	(((toon)[N],(kunst)[N])[N],(enaar)[N|N.])[N]
toonkunstenares	((((toon)[N],(kunst)[N])[N],(enaar)[N|N.])[N],(es)[N|N.])[N]
toonladder	((toon)[N],(ladder)[N])[N]
toonloos	((toon)[N],(loos)[A|N.])[A]
toonschaal	((toon)[N],(schaal)[N])[N]
toonsleutel	((toon)[N],(sleutel)[N])[N]
toonsoort	((toon)[N],(soort)[N])[N]
toonstelsel	((toon)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
toonsterkte	((toon)[N],((sterk)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
toonsysteem	((toon)[N],(systeem)[N])[N]
toontaal	((toon)[N],(taal)[N])[N]
toonteken	((toon)[N],(teken)[N])[N]
toontrap	((toon)[N],(trap)[N])[N]
toonval	((toon)[N],(val)[N])[N]
toonvast	((toon)[N],(vast)[A])[A]
toonverwantschap	((toon)[N],((verwant)[A],(schap)[N|A.])[N])[N]
toonzaal	((toon)[V],(zaal)[N])[N]
toonzetten	((toon)[N],(zet)[V])[V]
toonzetter	(((toon)[N],(zet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
toonzetting	(((toon)[N],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
toop	(toop)[N]
toorn	(toorn)[N]
toornen	(toorn)[V]
toornig	((toorn)[N],(ig)[A|N.])[A]
toorts	(toorts)[N]
toortsdrager	((toorts)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
toortslicht	((toorts)[N],(licht)[N])[N]
toost	(toost)[N]
toosten	(toost)[V]
toot	(toot)[N]
tootschoen	((toot)[N],(schoen)[N])[N]
top	(top)[N]
topaas	(topaas)[N]
topas	((top)[N],(as)[N])[N]
topatleet	((top)[N],(atleet)[N])[N]
topazen	((topaas)[N],(en)[A|N.])[A]
topbont	((top)[N],(bont)[N])[N]
topcel	((top)[N],(cel)[N])[N]
topconditie	((top)[N],(conditie)[N])[N]
topconferentie	((top)[N],((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
topdag	((top)[N],(dag)[N])[N]
topdrukte	((top)[N],((druk)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
topfiguur	((top)[N],(figuur)[N])[N]
topfunctie	((top)[N],(functie)[N])[N]
topfunctionaris	((top)[N],(functionaris)[N])[N]
topgevel	((top)[N],(gevel)[N])[N]
tophoek	((top)[N],(hoek)[N])[N]
tophypotheek	((top)[N],(hypotheek)[N])[N]
topisch	((toop)[N],(isch)[A|N.])[A]
topjaar	((top)[N],(jaar)[N])[N]
topklasse	((top)[N],(klasse)[N])[N]
topkraan	((top)[N],(kraan)[N])[N]
topkring	((top)[N],(kring)[N])[N]
toplicht	((top)[N],(licht)[N])[N]
topman	((top)[N],(man)[N])[N]
topografie	((topografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
toponymie	((toponymisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
toponymist	(((toponymisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(ist)[N|N.])[N]
topos	(topos)[N]
topoverleg	((top)[N],(overleg)[N])[N]
toppen	(top)[V]
toppenantsblok	((toppenant)[N],(s)[N|N.N],(blok)[N])[N]
toppenend	((top)[N],(en)[N|N.N],(end)[N])[N]
topper	((top)[V],(er)[N|V.])[N]
toppereend	(((top)[V],(er)[N|V.])[N],(eend)[N])[N]
toppositie	((top)[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
topprestatie	((top)[N],((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
topproductie	((top)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
toppunt	((top)[N],(punt)[N])[N]
tops	((top)[N],(s)[A|N.])[A]
topsalaris	((top)[N],(salaris)[N])[N]
topsnelheid	((top)[N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
topspeelster	((top)[N],(speel)[V],(ster)[N|NV.])[N]
topspeler	((top)[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
topspin	((top)[N],(spin)[N])[N]
topsport	((top)[N],(sport)[N])[N]
topstandig	((top)[N],(stand)[N],(ig)[A|NN.])[A]
topsteen	((top)[N],(steen)[N])[N]
topveertig	((top)[N],(veertig)[N])[N]
topvoetballer	((top)[N],(((voet)[N],(bal)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
topvorm	((top)[N],(vorm)[N])[N]
topzeil	((top)[N],(zeil)[N])[N]
topzeilskoelte	(((top)[N],(zeil)[N])[N],(s)[N|N.N],((koel)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
topzwaar	((top)[N],(zwaar)[A])[A]
toque	(toque)[N]
tor	(tor)[N]
toreador	(toreador)[N]
toren	(toren)[N]
torenblazer	((toren)[N],((blaas)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
torenbouw	((toren)[N],(bouw)[N])[N]
torenbrand	((toren)[N],(brand)[N])[N]
torenen	(toren)[V]
torenflat	((toren)[N],(flat)[N])[N]
torenhoog	((toren)[N],(hoog)[A])[A]
torenkamertje	((toren)[N],(kamer)[N])[N]
torenklok	((toren)[N],(klok)[N])[N]
torenkraai	((toren)[N],(kraai)[N])[N]
torenoffer	((toren)[N],(offer)[N])[N]
torenspits	((toren)[N],(spits)[N])[N]
torentrans	((toren)[N],(trans)[N])[N]
torentrap	((toren)[N],(trap)[N])[N]
torenuil	((toren)[N],(uil)[N])[N]
torenvalk	((toren)[N],(valk)[N])[N]
torenwachter	((toren)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
torenzwaluw	((toren)[N],(zwaluw)[N])[N]
torkruid	((tor)[N],(kruid)[N])[N]
tormenteren	((torment)[N],(eer)[V|N.])[V]
torn	(torn)[N]
tornen	(torn)[V]
tornmesje	((torn)[V],(mes)[N])[N]
tornooi	(tornooi)[N]
tornooien	(tornooi)[V]
tornooispel	((tornooi)[N],(spel)[N])[N]
tornooiveld	((tornooi)[N],(veld)[N])[N]
tornschaar	((torn)[V],(schaar)[N])[N]
torntouw	((torn)[V],(touw)[N])[N]
torpedist	((torpedo)[N],(ist)[N|N.])[N]
torpedoboot	((torpedo)[N],(boot)[N])[N]
torpedobootjager	(((torpedo)[N],(boot)[N])[N],((jaag)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
torpedojager	((torpedo)[N],((jaag)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
torpedolanceerbuis	((torpedo)[N],((lanceer)[V],(buis)[N])[N])[N]
torpedonet	((torpedo)[N],(net)[N])[N]
torpiditeit	((torpide)[A],(iteit)[N|A.])[N]
tors	(tors)[N]
torsen	(tors)[V]
torsie	((tors)[V],(ie)[N|V.])[N]
torsiebalans	(((tors)[V],(ie)[N|V.])[N],(balans)[N])[N]
torso	(torso)[N]
tortel	(tortel)[N]
tortelduif	((tortel)[N],(duif)[N])[N]
tortelen	(tortel)[V]
toss	(toss)[N]
tossen	(tos)[V]
tosti	(tosti)[N]
tosti-ijzer	((tosti)[N],(ijzer)[N])[N]
tostiapparaat	((tosti)[N],(apparaat)[N])[N]
totaal	(totaal)[N]
totaalcijfer	((totaal)[N],(cijfer)[N])[N]
totaalkolom	((totaal)[N],(kolom)[N])[N]
totaaloverzicht	((totaal)[N],(overzicht)[N])[N]
totaalprogramma	((totaal)[A],(programma)[N])[N]
totaalstructuur	((totaal)[N],(structuur)[N])[N]
totaalvisie	((totaal)[N],(visie)[N])[N]
totaalvoetbal	((totaal)[A],((voet)[N],(bal)[N])[N])[N]
totaalwasmiddel	((totaal)[A],((was)[V],(middel)[N])[N])[N]
totaalweigeraar	((totaal)[A],((weiger)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
totalisator	(((totaal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ator)[N|V.])[N]
totaliseren	((totaal)[N],(iseer)[V|N.])[V]
totalisering	(((totaal)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
totaliteit	((totaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
totaliteitskarakter	(((totaal)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(karakter)[N])[N]
totem	(totem)[N]
totembeeld	((totem)[N],(beeld)[N])[N]
totemdier	((totem)[N],(dier)[N])[N]
totempaal	((totem)[N],(paal)[N])[N]
toto	(toto)[N]
totobureau	((toto)[N],(bureau)[N])[N]
touchant	((toucheer)[V],(ant)[A|V.])[A]
touche	(touche)[N]
toucheerhandschoen	((toucheer)[V],((hand)[N],(schoen)[N])[N])[N]
tour	(tour)[N]
touretappe	((tour)[N],(etappe)[N])[N]
tourniquetdeur	((tourniquet)[N],(deur)[N])[N]
tourradio	((tour)[N],(radio)[N])[N]
tourwinnaar	((tour)[N],((win)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
touw	(touw)[N]
touwbaan	((touw)[N],(baan)[N])[N]
touwdraaien	((touw)[N],(draai)[V])[V]
touwdraaier	(((touw)[N],(draai)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
touwen	((touw)[N],(en)[A|N.])[A]
touwen	(touw)[V]
touwer	((touw)[V],(er)[N|V.])[N]
touwerij	((touw)[V],(erij)[N|V.])[N]
touwfabriek	((touw)[N],(fabriek)[N])[N]
touwklimmen	((touw)[N],(klim)[V])[V]
touwladder	((touw)[N],(ladder)[N])[N]
touwmat	((touw)[N],(mat)[N])[N]
touwpers	((touw)[N],(pers)[N])[N]
touwpluizen	((touw)[N],(pluis)[V])[V]
touwslaan	((touw)[N],(sla)[V])[V]
touwslager	((touw)[N],(sla)[V],(er)[N|NV.])[N]
touwslagerij	(((touw)[N],(sla)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
touwstopper	((touw)[N],((stop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
touwtjespringen	((touwtje)[N],(spring)[V])[V]
touwtrekken	((touw)[N],(trek)[V])[V]
touwwerk	((touw)[N],(werk)[N])[N]
tovenaar	((tover)[V],(enaar)[N|V.])[N]
tovenaarsleerling	(((tover)[V],(enaar)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((leer)[V],(ling)[N|V.])[N])[N]
tovenaarster	(((tover)[V],(enaar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
tovenares	(((tover)[V],(enaar)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
tovenarij	((tover)[V],(arij)[N|V.])[N]
toveraar	((tover)[V],(aar)[N|V.])[N]
toverachtig	((tover)[V],(achtig)[A|V.])[A]
toverbal	((tover)[V],(bal)[N])[N]
toverbeeld	((tover)[V],(beeld)[N])[N]
toverbeker	((tover)[V],(beker)[N])[N]
toverboek	((tover)[V],(boek)[N])[N]
tovercirkel	((tover)[V],(cirkel)[N])[N]
toverdrank	((tover)[V],(drank)[N])[N]
toverdruppel	((tover)[V],(druppel)[N])[N]
toveren	(tover)[V]
toverfee	((tover)[V],(fee)[N])[N]
toverfiguur	((tover)[V],(figuur)[N])[N]
toverfluit	((tover)[V],(fluit)[N])[N]
toverformule	((tover)[V],(formule)[N])[N]
toverformulier	((tover)[V],(formulier)[N])[N]
tovergetal	((tover)[V],(getal)[N])[N]
tovergodin	((tover)[V],((god)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
toverhazelaar	((tover)[V],(hazelaar)[N])[N]
toverheks	((tover)[V],(heks)[N])[N]
toverij	((tover)[V],(ij)[N|V.])[N]
toverkijker	((tover)[V],((kijk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
toverklank	((tover)[V],(klank)[N])[N]
toverkol	((tover)[V],(kol)[N])[N]
toverkracht	((tover)[V],(kracht)[N])[N]
toverkring	((tover)[V],(kring)[N])[N]
toverkunst	((tover)[V],(kunst)[N])[N]
toverlantaarn	((tover)[V],(lantaarn)[N])[N]
toverlantaren	((tover)[V],(lantaren)[N])[N]
toverleerling	((tover)[V],((leer)[V],(ling)[N|V.])[N])[N]
tovermachine	((tover)[V],(machine)[N])[N]
tovermacht	((tover)[V],(macht)[N])[N]
tovermiddel	((tover)[V],(middel)[N])[N]
toverpaard	((tover)[V],(paard)[N])[N]
toverpaleis	((tover)[V],(paleis)[N])[N]
toverroede	((tover)[V],(roede)[N])[N]
toverslag	((tover)[V],(slag)[N])[N]
toverspiegel	((tover)[V],(spiegel)[N])[N]
toverspreuk	((tover)[V],(spreuk)[N])[N]
toverstaf	((tover)[V],(staf)[N])[N]
tovertapijt	((tover)[V],(tapijt)[N])[N]
tovertuin	((tover)[V],(tuin)[N])[N]
tovervierkant	((tover)[V],((vier)[Q],(kant)[N])[N])[N]
toverwereld	((tover)[V],(wereld)[N])[N]
toverwoord	((tover)[V],(woord)[N])[N]
toxiciteit	((toxisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N]
toxicologisch	((toxicoloog)[N],(isch)[A|N.])[A]
toynbeewerk	((Toynbee)[N],(werk)[N])[N]
tra	(tra)[N]
traag	(traag)[A]
traagheid	((traag)[A],(heid)[N|A.])[N]
traagheidsbeginsel	(((traag)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
traagzaam	((traag)[A],(zaam)[A|A.])[A]
traan	(traan)[N]
traanachtig	((traan)[N],(achtig)[A|N.])[A]
traanbeen	((traan)[N],(been)[N])[N]
traanbuis	((traan)[N],(buis)[N])[N]
traangas	((traan)[V],(gas)[N])[N]
traangasbom	(((traan)[V],(gas)[N])[N],(bom)[N])[N]
traankanaal	((traan)[N],(kanaal)[N])[N]
traanklier	((traan)[N],(klier)[N])[N]
traankoker	((traan)[N],(kook)[V],(er)[N|NV.])[N]
traankokerij	((traan)[N],(kook)[V],(erij)[N|NV.])[N]
traanogen	((traan)[N],(oog)[V])[V]
traanoog	((traan)[V],(oog)[N])[N]
traanpapil	((traan)[N],(papil)[N])[N]
traanvocht	((traan)[N],(vocht)[N])[N]
traanzak	((traan)[N],(zak)[N])[N]
traceerwerk	((traceer)[V],(werk)[N])[N]
tracering	((traceer)[V],(ing)[N|V.])[N]
tracheaal	((trachee)[N],(aal)[A|N.])[A]
trachten	(tracht)[V]
track	(track)[N]
tractorbinder	((tractor)[N],((bind)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
traditiegetrouw	((traditie)[N],(getrouw)[A])[A]
traditionalistisch	((traditionalist)[N],(isch)[A|N.])[A]
traditioneel	((traditie)[N],(ioneel)[A|N.])[A]
tragiek	((tragisch)[A],(iek)[N|A.])[N]
tragikomedie	((tragedie)[N],(komedie)[N])[N]
tragikomisch	((tragisch)[A],(komisch)[A])[A]
trainen	(train)[V]
trainer	((train)[V],(er)[N|V.])[N]
trainersfunctie	(((train)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
training	((train)[V],(ing)[N|V.])[N]
trainingsactiviteit	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
trainingsbijeenkomst	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
trainingscentrum	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
trainingsconferentie	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
trainingscursus	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cursus)[N])[N]
trainingsfaciliteit	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(faciliteit)[N])[N]
trainingslaboratorium	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(laboratorium)[N])[N]
trainingsmethode	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
trainingsmethodiek	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((methode)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
trainingsmogelijkheid	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
trainingspak	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(pak)[N])[N]
trainingsperiode	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
trainingsplicht	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plicht)[N])[N]
trainingsproces	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
trainingsprogramma	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
trainingsschema	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schema)[N])[N]
trainingsschoen	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schoen)[N])[N]
trainingssituatie	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
trainingsstaf	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(staf)[N])[N]
trainingsstijl	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(stijl)[N])[N]
trainingstijd	(((train)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
trainster	((train)[V],(ster)[N|V.])[N]
trajectkaart	((traject)[N],(kaart)[N])[N]
traktaat	((trakteer)[V],(aat)[N|V.])[N]
traktant	((trakteer)[V],(ant)[N|V.])[N]
traktatie	((trakteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
traktement	((trakteer)[V],(ement)[N|V.])[N]
traktementsdag	(((trakteer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
traktementsverhoging	(((trakteer)[V],(ement)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(hoog)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
tralie	(tralie)[N]
traliebrug	((tralie)[N],(brug)[N])[N]
traliedeur	((tralie)[N],(deur)[N])[N]
tralieluik	((tralie)[N],(luik)[N])[N]
tralievenster	((tralie)[N],(venster)[N])[N]
traliewerk	((tralie)[N],(werk)[N])[N]
traliën	(tralie)[V]
tram	(tram)[N]
trambaan	((tram)[N],(baan)[N])[N]
trambalkon	((tram)[N],(balkon)[N])[N]
trambestuurder	((tram)[N],((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
trambeugel	((tram)[N],(beugel)[N])[N]
trambiljet	((tram)[N],(biljet)[N])[N]
tramboekje	((tram)[N],(boek)[N])[N]
tramconducteur	((tram)[N],(conducteur)[N])[N]
tramcontroleur	((tram)[N],(controleer)[V],(eur)[N|NV.])[N]
tramdienst	((tram)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
tramhalte	((tram)[N],(halte)[N])[N]
tramhuisje	((tram)[N],(huis)[N])[N]
tramkaart	((tram)[N],(kaart)[N])[N]
tramlijn	((tram)[N],(lijn)[N])[N]
trammaatschappij	((tram)[N],(maatschappij)[N])[N]
trammen	(tram)[V]
tramnet	((tram)[N],(net)[N])[N]
tramp	(tramp)[N]
trampersoneel	((tram)[N],(personeel)[N])[N]
trampoline	(trampoline)[N]
trampolinespringen	((trampoline)[N],(spring)[V])[V]
tramrail	((tram)[N],(rail)[N])[N]
tramrijtuig	((tram)[N],((rijd)[V],(tuig)[N])[N])[N]
tramrit	((tram)[N],(rit)[N])[N]
tramverbinding	((tram)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tramverkeer	((tram)[N],(verkeer)[N])[N]
tramwagen	((tram)[N],(wagen)[N])[N]
tramweg	((tram)[N],(weg)[N])[N]
trance	(trance)[N]
trancetoestand	((trance)[N],(toestand)[N])[N]
tranche	(tranche)[N]
trancheermes	((trancheer)[V],(mes)[N])[N]
trancheervork	((trancheer)[V],(vork)[N])[N]
tranen	(traan)[V]
tranendal	((traan)[N],(en)[N|N.N],(dal)[N])[N]
tranenlach	((traan)[N],(en)[N|N.N],(lach)[N])[N]
tranenvloed	((traan)[N],(en)[N|N.N],(vloed)[N])[N]
tranig	((traan)[N],(ig)[A|N.])[A]
trans	(trans)[N]
transactiegegeven	((transactie)[N],(gegeven)[N])[N]
transalpijns	((trans)[A|.A],(alpijns)[A])[A]
transatlantisch	((trans)[A|.A],(Atlantisch)[A])[A]
transcendent	((transcendeer)[V],(ent)[A|V.])[A]
transcendentaal	(((transcendeer)[V],(ent)[A|V.])[A],(aal)[A|A.])[A]
transcendentie	((transcendeer)[V],(entie)[N|V.])[N]
transcendering	((transcendeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
transcontinentaal	((trans)[A|.A],((continent)[N],(aal)[A|N.])[A])[A]
transcriptie	((transcript)[N],(ie)[N|N.])[N]
transcultureel	((trans)[A|.A],((cultuur)[N],(eel)[A|N.])[A])[A]
transferabel	((transfereer)[V],(abel)[A|V.])[A]
transferbalie	((transfer)[N],(balie)[N])[N]
transferbureau	((transfer)[N],(bureau)[N])[N]
transferlijst	((transfer)[N],(lijst)[N])[N]
transferperiode	((transfer)[N],(periode)[N])[N]
transferpunt	((transfer)[N],(punt)[N])[N]
transfersom	((transfer)[N],(som)[N])[N]
transfiguratie	((transfigureer)[V],(atie)[N|V.])[N]
transformatie	((transformeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
transformatieproces	(((transformeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
transformationeel	(((transformeer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ioneel)[A|N.])[A]
transformator	((transformeer)[V],(ator)[N|V.])[N]
transformatorhuisje	(((transformeer)[V],(ator)[N|V.])[N],(huis)[N])[N]
transfusiedienst	((transfusie)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
transistorradio	((transistor)[N],(radio)[N])[N]
transitief	((transitie)[N],(ief)[A|N.])[A]
transitohandel	((transito)[N],(handel)[N])[N]
transitohaven	((transito)[N],(haven)[N])[N]
transitorisch	((transitoir)[A],(isch)[A|A.])[A]
transitoverkeer	((transito)[N],(verkeer)[N])[N]
transitowissel	((transito)[N],(wissel)[N])[N]
transitvisum	((transit)[N],(visum)[N])[N]
transkapel	((trans)[N],(kapel)[N])[N]
translateur	((translateer)[V],(eur)[N|V.])[N]
translatief	((translatie)[N],(ief)[A|N.])[A]
transmigratie	((trans)[N|.Vx],(migreer)[V],(atie)[N|xV.])[N]
transmissiecapaciteit	((transmissie)[N],(capaciteit)[N])[N]
transmissiecentrum	((transmissie)[N],(centrum)[N])[N]
transmissiekanaal	((transmissie)[N],(kanaal)[N])[N]
transmutabel	((transmuteer)[V],(abel)[A|V.])[A]
transmutatie	((transmuteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
transmutatieklas	(((transmuteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(klas)[N])[N]
transmutatieklasse	(((transmuteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(klasse)[N])[N]
transmutatieleer	(((transmuteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(leer)[N])[N]
transmutatietheorie	(((transmuteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(theorie)[N])[N]
transparantie	((transparant)[A],(ie)[N|A.])[N]
transpiratie	((transpireer)[V],(atie)[N|V.])[N]
transpiratiegeur	(((transpireer)[V],(atie)[N|V.])[N],(geur)[N])[N]
transplantaat	((transplanteer)[V],(aat)[N|V.])[N]
transplantatie	((transplanteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
transpolair	((trans)[A|.A],(polair)[A])[A]
transponering	((transponeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
transportabel	(((transport)[N],(eer)[V|N.])[V],(abel)[A|V.])[A]
transportakte	((transport)[N],(akte)[N])[N]
transportarbeider	((transport)[N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
transportatie	(((transport)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
transportauto	((transport)[N],(auto)[N])[N]
transportbaan	((transport)[N],(baan)[N])[N]
transportband	((transport)[N],(band)[N])[N]
transportbehoefte	((transport)[N],(behoefte)[N])[N]
transportcapaciteit	((transport)[N],(capaciteit)[N])[N]
transportcolonne	((transport)[N],(colonne)[N])[N]
transportdienst	((transport)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
transporteenheid	((transport)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
transporteren	((transport)[N],(eer)[V|N.])[V]
transporteur	(((transport)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N]
transportfaciliteit	((transport)[N],(faciliteit)[N])[N]
transportfirma	((transport)[N],(firma)[N])[N]
transportfunctie	((transport)[N],(functie)[N])[N]
transportkosten	((transport)[N],(kost)[N])[N]
transportmechanisme	((transport)[N],(mechanisme)[N])[N]
transportmiddel	((transport)[N],(middel)[N])[N]
transportmogelijkheid	((transport)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
transportonderneming	((transport)[N],((onderneem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
transportrecht	((transport)[N],(recht)[N])[N]
transportschip	((transport)[N],(schip)[N])[N]
transportsector	((transport)[N],(sector)[N])[N]
transportstokje	((transport)[N],(stok)[N])[N]
transportsysteem	((transport)[N],(systeem)[N])[N]
transporttijd	((transport)[N],(tijd)[N])[N]
transporttoestel	((transport)[N],(toestel)[N])[N]
transportverzekering	((transport)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
transportvliegtuig	((transport)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
transportwagen	((transport)[N],(wagen)[N])[N]
transpositie	((transponeer)[V],(itie)[N|V.])[N]
transseksueel	((trans)[N|.A],((seks)[N],(ueel)[A|N.])[A])[N]
transsubstantiatie	((transsubstantieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
trant	(trant)[N]
trap	(trap)[N]
trapas	((trap)[N],(as)[N])[N]
trapauto	((trap)[N],(auto)[N])[N]
trapeze	(trapeze)[N]
trapeziumvormig	((trapezium)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
trapgang	((trap)[N],(gang)[N])[N]
trapgans	((trap)[N],(gans)[N])[N]
trapgat	((trap)[N],(gat)[N])[N]
trapgevel	((trap)[N],(gevel)[N])[N]
trapjesglooiing	((trapje)[N],(s)[N|N.N],((glooi)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
trapkast	((trap)[N],(kast)[N])[N]
trapkruk	((trap)[N],(kruk)[N])[N]
trapladder	((trap)[N],(ladder)[N])[N]
trapleuning	((trap)[N],((leun)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
traploper	((trap)[N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
trapmachine	((trap)[V],(machine)[N])[N]
trapnaaimachine	((trap)[V],((naai)[V],(machine)[N])[N])[N]
trappelzak	((trappel)[V],(zak)[N])[N]
trappen	(trap)[V]
trappenhuis	((trap)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
trapper	((trap)[V],(er)[N|V.])[N]
trappistenbier	((trappist)[N],(en)[N|N.N],(bier)[N])[N]
trappistenklooster	((trappist)[N],(en)[N|N.N],(klooster)[N])[N]
trapportaal	((trap)[N],(portaal)[N])[N]
trappsalm	((trap)[N],(psalm)[N])[N]
traproe	((trap)[N],(roe)[N])[N]
traproede	((trap)[N],(roede)[N])[N]
trapsgewijs	((trap)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
trapstoel	((trap)[N],(stoel)[N])[N]
traptrede	((trap)[N],(trede)[N])[N]
trapveldje	((trap)[V],(veld)[N])[N]
trapzaal	((trap)[N],(zaal)[N])[N]
tras	(tras)[N]
trasmortel	((tras)[N],(mortel)[N])[N]
trasraam	((tras)[N],(raam)[N])[N]
trassaat	((trasseer)[V],(aat)[N|V.])[N]
trassant	((trasseer)[V],(ant)[N|V.])[N]
trassen	(tras)[V]
traumateam	((trauma)[N],(team)[N])[N]
traumatisch	((trauma)[N],(atisch)[A|N.])[A]
traumatiseren	((trauma)[N],(iseer)[V|N.])[V]
traumatologie	((traumatologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
travalje	(travalje)[N]
traven	(traaf)[V]
traverseren	((travers)[N],(eer)[V|N.])[V]
travestierol	((travestie)[N],(rol)[N])[N]
trawl	(trawl)[N]
trawlen	(trawl)[V]
trawler	((trawl)[V],(er)[N|V.])[N]
trawlnet	((trawl)[N],(net)[N])[N]
trechter	(trechter)[N]
trechtermond	((trechter)[N],(mond)[N])[N]
trechtervormig	((trechter)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
tred	(tred)[N]
trede	(trede)[N]
treden	(treed)[V]
tredmolen	((tred)[N],(molen)[N])[N]
tredvoet	((tred)[N],(voet)[N])[N]
tree	(tree)[N]
treedsel	((treed)[V],(sel)[N|V.])[N]
treef	(treef)[N]
treefje	(treef)[N]
treeft	(treeft)[N]
treek	(treek)[N]
treem	(treem)[N]
treemolen	((tree)[N],(molen)[N])[N]
treeplank	((tree)[N],(plank)[N])[N]
treerad	((tree)[N],(rad)[N])[N]
tref	(tref)[N]
trefbaar	((tref)[V],(baar)[A|V.])[A]
trefbal	((tref)[V],(bal)[N])[N]
trefcentrum	((tref)[V],(centrum)[N])[N]
treffelijk	((tref)[V],(elijk)[A|V.])[A]
treffelijkheid	(((tref)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
treffen	(tref)[V]
treffer	((tref)[V],(er)[N|V.])[N]
trefkans	((tref)[V],(kans)[N])[N]
trefpunt	((tref)[N],(punt)[N])[N]
trefwoord	((tref)[V],(woord)[N])[N]
trefwoordencatalogus	(((tref)[V],(woord)[N])[N],(en)[N|N.N],(catalogus)[N])[N]
trefzeker	((tref)[V],(zeker)[A])[A]
trefzekerheid	(((tref)[V],(zeker)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
treil	(treil)[N]
treilen	(treil)[V]
treiler	((treil)[V],(er)[N|V.])[N]
treillogger	((treil)[N],((log)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
trein	(trein)[N]
treinbeambte	((trein)[N],(beambte)[N])[N]
treinboek	((trein)[N],(boek)[N])[N]
treinbotsing	((trein)[N],(bots)[V],(ing)[N|NV.])[N]
treinchef	((trein)[N],(chef)[N])[N]
treinconducteur	((trein)[N],(conducteur)[N])[N]
treinen	(trein)[V]
treinenloop	((trein)[N],(en)[N|N.N],(loop)[N])[N]
treinkaartje	((trein)[N],(kaart)[N])[N]
treinkaping	((trein)[N],(kaap)[V],(ing)[N|NV.])[N]
treinpersoneel	((trein)[N],(personeel)[N])[N]
treinrail	((trein)[N],(rail)[N])[N]
treinramp	((trein)[N],(ramp)[N])[N]
treinreis	((trein)[N],(reis)[N])[N]
treinsmid	((trein)[N],(smid)[N])[N]
treinsoldaat	((trein)[N],(soldaat)[N])[N]
treinstel	((trein)[N],(stel)[N])[N]
treinstudent	((trein)[N],((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
treinverkeer	((trein)[N],(verkeer)[N])[N]
treinwachter	((trein)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
treinziek	((trein)[N],(ziek)[A])[A]
treiter	(treiter)[N]
treiteraar	((treiter)[V],(aar)[N|V.])[N]
treiteraarster	(((treiter)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
treiterachtig	((treiter)[V],(achtig)[A|V.])[A]
treiteren	(treiter)[V]
treiterig	((treiter)[V],(ig)[A|V.])[A]
treiterij	((treiter)[V],(ij)[N|V.])[N]
treitering	((treiter)[V],(ing)[N|V.])[N]
trek	(trek)[N]
trekautomaat	((trek)[V],(automaat)[N])[N]
trekbal	((trek)[V],(bal)[N])[N]
trekbank	((trek)[V],(bank)[N])[N]
trekbeen	((trek)[V],(been)[N])[N]
trekbeest	((trek)[V],(beest)[N])[N]
trekbeugel	((trek)[V],(beugel)[N])[N]
trekdag	((trek)[V],(dag)[N])[N]
trekdier	((trek)[V],(dier)[N])[N]
trekezel	((trek)[V],(ezel)[N])[N]
trekgat	((trek)[V],(gat)[N])[N]
trekgeld	((trek)[V],(geld)[N])[N]
trekgordijn	((trek)[V],(gordijn)[N])[N]
trekhaak	((trek)[V],(haak)[N])[N]
trekharmonica	((trek)[V],(harmonica)[N])[N]
trekhond	((trek)[V],(hond)[N])[N]
trekhout	((trek)[N],(hout)[N])[N]
trekkamp	((trek)[V],(kamp)[N])[N]
trekkar	((trek)[V],(kar)[N])[N]
trekkas	((trek)[V],(kas)[N])[N]
trekkast	((trek)[V],(kast)[N])[N]
trekkebekken	((trek)[V],(e)[V|V.N],(bek)[N])[V]
trekkebekkerij	(((trek)[V],(e)[V|V.N],(bek)[N])[V],(erij)[N|V.])[N]
trekkebenen	((trek)[V],(e)[V|V.N],(been)[N])[V]
trekken	(trek)[V]
trekker	((trek)[V],(er)[N|V.])[N]
trekkerig	((trek)[V],(erig)[A|V.])[A]
trekkerstent	(((trek)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tent)[N])[N]
trekking	((trek)[V],(ing)[N|V.])[N]
trekkingsdatum	(((trek)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(datum)[N])[N]
trekkingslijst	(((trek)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
trekkingsrecht	(((trek)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
trekklep	((trek)[N],(klep)[N])[N]
trekkracht	((trek)[V],(kracht)[N])[N]
trekletter	((trek)[N],(letter)[N])[N]
treklijn	((trek)[V],(lijn)[N])[N]
treklust	((trek)[V],(lust)[N])[N]
trekmier	((trek)[V],(mier)[N])[N]
trekmuts	((trek)[V],(muts)[N])[N]
treknet	((trek)[V],(net)[N])[N]
trekorgel	((trek)[V],(orgel)[N])[N]
trekos	((trek)[V],(os)[N])[N]
trekpaard	((trek)[V],(paard)[N])[N]
trekpad	((trek)[N],(pad)[N])[N]
trekpen	((trek)[V],(pen)[N])[N]
trekplaat	((trek)[V],(plaat)[N])[N]
trekpleister	((trek)[V],(pleister)[N])[N]
trekpot	((trek)[V],(pot)[N])[N]
trekroute	((trek)[V],(route)[N])[N]
trekschakelaar	((trek)[V],((schakel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
trekschuit	((trek)[V],(schuit)[N])[N]
treksel	((trek)[V],(sel)[N|V.])[N]
trekslot	((trek)[V],(slot)[N])[N]
treksluiting	((trek)[V],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
trekspier	((trek)[V],(spier)[N])[N]
treksprinkhaan	((trek)[V],(sprinkhaan)[N])[N]
trekstang	((trek)[V],(stang)[N])[N]
trekster	((trek)[V],(ster)[N|V.])[N]
treksterkte	((trek)[V],((sterk)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
trekstoot	((trek)[V],(stoot)[N])[N]
trektafel	((trek)[V],(tafel)[N])[N]
trektang	((trek)[V],(tang)[N])[N]
trektijd	((trek)[V],(tijd)[N])[N]
trektocht	((trek)[V],(tocht)[N])[N]
trektouw	((trek)[V],(touw)[N])[N]
trekvaart	((trek)[V],(vaart)[N])[N]
trekvastheid	((trek)[V],((vast)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
trekveer	((trek)[V],(veer)[N])[N]
trekvermogen	((trek)[V],(vermogen)[N])[N]
trekvis	((trek)[V],(vis)[N])[N]
trekvogel	((trek)[V],(vogel)[N])[N]
trekvrij	((trek)[V],(vrij)[A])[A]
trekweg	((trek)[N],(weg)[N])[N]
trekzaag	((trek)[V],(zaag)[N])[N]
trekzalf	((trek)[V],(zalf)[N])[N]
trema	(trema)[N]
tremmen	(trem)[V]
tremmer	((trem)[V],(er)[N|V.])[N]
tremor	(tremor)[N]
tremulant	((tremuleer)[V],(ant)[N|V.])[N]
trend	(trend)[N]
trendbeleid	((trend)[N],(beleid)[N])[N]
trendbreuk	((trend)[N],(breuk)[N])[N]
trendgevoelig	((trend)[N],(((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
trendontwikkeling	((trend)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
trendvolger	((trend)[N],(volg)[V],(er)[N|NV.])[N]
trendvolgster	((trend)[N],(volg)[V],(ster)[N|NV.])[N]
trens	(trens)[N]
trenzen	(trens)[V]
trenzing	((trens)[V],(ing)[N|V.])[N]
trepanatie	(((trepaan)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
trepaneerboor	(((trepaan)[N],(eer)[V|N.])[V],(boor)[N])[N]
trepaneren	((trepaan)[N],(eer)[V|N.])[V]
trepanering	(((trepaan)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
tres	(tres)[N]
tressen	(tres)[V]
treurberk	((treur)[V],(berk)[N])[N]
treurbeuk	((treur)[V],(beuk)[N])[N]
treurboom	((treur)[V],(boom)[N])[N]
treurdicht	((treur)[V],(dicht)[N])[N]
treurdichter	((treur)[V],((dicht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
treurdichteres	(((treur)[V],((dicht)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(es)[N|N.])[N]
treuren	(treur)[V]
treures	((treur)[V],(es)[N])[N]
treurgewaad	((treur)[V],(gewaad)[N])[N]
treurigheid	((treurig)[A],(heid)[N|A.])[N]
treurlied	((treur)[V],(lied)[N])[N]
treurmarche	((treur)[V],(marche)[N])[N]
treurmare	((treur)[V],(mare)[N])[N]
treurmars	((treur)[V],(mars)[N])[N]
treurmuziek	((treur)[V],(muziek)[N])[N]
treurniet	((treur)[V],(niet)[B])[N]
treurnis	((treur)[V],(nis)[N|V.])[N]
treurroos	((treur)[V],(roos)[N])[N]
treurspel	((treur)[V],(spel)[N])[N]
treurspeldichter	(((treur)[V],(spel)[N])[N],(dicht)[V],(er)[N|NV.])[N]
treurtijd	((treur)[V],(tijd)[N])[N]
treurtoneel	((treur)[V],(toneel)[N])[N]
treurwilg	((treur)[V],(wilg)[N])[N]
treurzang	((treur)[V],(zang)[N])[N]
treuzel	(treuzel)[N]
treuzelaar	((treuzel)[V],(aar)[N|V.])[N]
treuzelaarster	(((treuzel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
treuzelachtig	((treuzel)[V],(achtig)[A|V.])[A]
treuzelen	(treuzel)[V]
treuzelig	((treuzel)[V],(ig)[A|V.])[A]
treuzelkous	((treuzel)[N],(kous)[N])[N]
treuzelwerk	((treuzel)[V],(werk)[N])[N]
trezorie	((trezoor)[N],(ie)[N|N.])[N]
trezorier	((trezoor)[N],(ier)[N|N.])[N]
tri	(tri)[N]
triage	((trieer)[V],(age)[N|V.])[N]
triangulatie	((trianguleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
tribunaat	((tribuun)[N],(aat)[N|N.])[N]
tribune	(tribune)[N]
trichinenziekte	((trichine)[N],(en)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
trick	(trick)[N]
tricot	(tricot)[N]
tricotbroek	((tricot)[N],(broek)[N])[N]
tridimensionaal	((tri)[N],((dimensie)[N],(ionaal)[A|N.])[A])[A]
trieerlokaal	((trieer)[V],(lokaal)[N])[N]
trieermachine	((trieer)[V],(machine)[N])[N]
trieljen	((trielje)[N],(en)[A|N.])[A]
trien	(trien)[N]
triest	(triest)[A]
triestheid	((triest)[A],(heid)[N|A.])[N]
triestig	((triest)[A],(ig)[A|A.])[A]
triestigheid	(((triest)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
trigonometrie	((trigonometrisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
trijp	(trijp)[N]
trijpen	((trijp)[N],(en)[A|N.])[A]
trijs	(trijs)[N]
trijsblok	((trijs)[V],(blok)[N])[N]
trijsen	(trijs)[V]
trijsgat	((trijs)[V],(gat)[N])[N]
trijzel	(trijzel)[N]
trijzelen	(trijzel)[V]
triktrakbord	((triktrak)[V],(bord)[N])[N]
triktrakspel	((triktrak)[N],(spel)[N])[N]
tril	(tril)[N]
trilbeeld	((tril)[V],(beeld)[N])[N]
trilbeton	((tril)[V],(beton)[N])[N]
trilgras	((tril)[V],(gras)[N])[N]
trilhaar	((tril)[V],(haar)[N])[N]
trilhaardiertje	(((tril)[V],(haar)[N])[N],(dier)[N])[N]
trilhaarepitheel	(((tril)[V],(haar)[N])[N],(epitheel)[N])[N]
triljard	(triljard)[N]
triljoen	(triljoen)[N]
trillen	(tril)[V]
triller	((tril)[V],(er)[N|V.])[N]
trilling	((tril)[V],(ing)[N|V.])[N]
trillingsfrequentie	(((tril)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((frequent)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
trillingsgetal	(((tril)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(getal)[N])[N]
trillingsniveau	(((tril)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
trillingstheorie	(((tril)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
trillingsveld	(((tril)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
trillingsverschijnsel	(((tril)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
trillingvrij	(((tril)[V],(ing)[N|V.])[N],(vrij)[A])[A]
trilvrij	((tril)[V],(vrij)[A])[A]
trimbaan	((trim)[V],(baan)[N])[N]
trimcentrum	((trim)[V],(centrum)[N])[N]
trimfiets	((trim)[V],(fiets)[N])[N]
trimmen	(trim)[V]
trimmer	((trim)[V],(er)[N|V.])[N]
trimparcours	((trim)[V],(parcours)[N])[N]
trimparkoers	((trim)[V],(parkoers)[N])[N]
trimschoen	((trim)[V],(schoen)[N])[N]
trimster	((trim)[V],(ster)[N|V.])[N]
trimtoestel	((trim)[V],(toestel)[N])[N]
trio	(trio)[N]
triomf	(triomf)[N]
triomfaal	((triomf)[N],(aal)[A|N.])[A]
triomfant	(((triomf)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[A|V.])[A]
triomfantelijkheid	((triomfantelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
triomfator	(((triomf)[N],(eer)[V|N.])[V],(ator)[N|V.])[N]
triomfbalk	((triomf)[N],(balk)[N])[N]
triomfboog	((triomf)[N],(boog)[N])[N]
triomferen	((triomf)[N],(eer)[V|N.])[V]
triomfgevoelen	((triomf)[N],(gevoelen)[N])[N]
triomfkreet	((triomf)[N],(kreet)[N])[N]
triomflied	((triomf)[N],(lied)[N])[N]
triomfmars	((triomf)[N],(mars)[N])[N]
triomfpoort	((triomf)[N],(poort)[N])[N]
triomftocht	((triomf)[N],(tocht)[N])[N]
triomfwagen	((triomf)[N],(wagen)[N])[N]
triomfzuil	((triomf)[N],(zuil)[N])[N]
trioseks	((trio)[N],(seks)[N])[N]
triosonate	((trio)[N],(sonate)[N])[N]
trip	(trip)[N]
triplexglas	((triplex)[N],(glas)[N])[N]
triplexhout	((triplex)[N],(hout)[N])[N]
triplexplaat	((triplex)[N],(plaat)[N])[N]
tripmiddel	((trip)[V],(middel)[N])[N]
trippelmaat	((trippel)[V],(maat)[N])[N]
trippen	(trip)[V]
tritonshoorn	((triton)[N],(s)[N|N.N],(hoorn)[N])[N]
tritonshoren	((triton)[N],(s)[N|N.N],(horen)[N])[N]
trits	(trits)[N]
tritsen	(trits)[V]
triviaalliteratuur	((triviaal)[A],(literatuur)[N])[N]
triviaallitteratuur	((triviaal)[A],(litteratuur)[N])[N]
trivialiteit	((triviaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
troebel	(troebel)[A]
troebelachtig	((troebel)[A],(achtig)[A|A.])[A]
troebelen	(troebel)[N]
troebelheid	((troebel)[A],(heid)[N|A.])[N]
troef	(troef)[N]
troefaas	((troef)[N],(aas)[N])[N]
troefacht	((troef)[N],(acht)[N])[N]
troefkaart	((troef)[N],(kaart)[N])[N]
troel	(troel)[N]
troep	(troep)[N]
troepenbeweging	((troep)[N],(en)[N|N.Vx],(beweeg)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
troepenconcentratie	((troep)[N],(en)[N|N.Vx],(concentreer)[V],(atie)[N|NxV.])[N]
troepencontingent	((troep)[N],(en)[N|N.N],(contingent)[N])[N]
troepeneenheid	((troep)[N],(en)[N|N.N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
troepenmacht	((troep)[N],(en)[N|N.N],(macht)[N])[N]
troepenschip	((troep)[N],(en)[N|N.N],(schip)[N])[N]
troepentransport	((troep)[N],(en)[N|N.N],(transport)[N])[N]
troepenvervoer	((troep)[N],(en)[N|N.N],(vervoer)[N])[N]
troepleider	((troep)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
troepsgewijs	((troep)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
troetel	(troetel)[N]
troeteldier	((troetel)[V],(dier)[N])[N]
troetelen	(troetel)[V]
troetelkind	((troetel)[V],(kind)[N])[N]
troetelnaam	((troetel)[V],(naam)[N])[N]
troetelschijf	((troetel)[V],(schijf)[N])[N]
troetelwoord	((troetel)[V],(woord)[N])[N]
troeven	(troef)[V]
troffel	(troffel)[N]
troffelzaag	((troffel)[N],(zaag)[N])[N]
trog	(trog)[N]
troggelaar	((troggel)[V],(aar)[N|V.])[N]
troggelaarster	(((troggel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
troggelarij	((troggel)[V],(arij)[N|V.])[N]
troggelen	(troggel)[V]
troglodiet	(troglodiet)[N]
trogvormig	((trog)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
trojka	(trojka)[N]
trol	(trol)[N]
trolleybus	((trolley)[N],(bus)[N])[N]
trom	(trom)[N]
trombone	(trombone)[N]
trombonist	((trombone)[N],(ist)[N|N.])[N]
trombosedienst	((trombose)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
tromgeroffel	((trom)[V],(ge)[N|V.V],(roffel)[V])[N]
trommelaar	((trommel)[V],(aar)[N|V.])[N]
trommelaarster	(((trommel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
trommeldroger	((trommel)[N],((droog)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
trommelholte	((trommel)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
trommelrem	((trommel)[N],(rem)[N])[N]
trommelslag	((trommel)[N],(slag)[N])[N]
trommelslager	((trommel)[N],(sla)[V],(er)[N|NV.])[N]
trommelstok	((trommel)[V],(stok)[N])[N]
trommelvel	((trommel)[N],(vel)[N])[N]
trommelvlies	((trommel)[N],(vlies)[N])[N]
trommelvliesontsteking	(((trommel)[N],(vlies)[N])[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
trommelvuur	((trommel)[N],(vuur)[N])[N]
trommelwagen	((trommel)[N],(wagen)[N])[N]
trommelwasmachine	((trommel)[N],((was)[V],(machine)[N])[N])[N]
trommelzeef	((trommel)[N],(zeef)[N])[N]
trommelzucht	((trommel)[N],(zucht)[N])[N]
trommen	(trom)[V]
tromp	(tromp)[N]
trompen	(tromp)[V]
trompet	(trompet)[N]
trompetblazer	((trompet)[N],(blaas)[V],(er)[N|NV.])[N]
trompetbloem	((trompet)[N],(bloem)[N])[N]
trompetboom	((trompet)[N],(boom)[N])[N]
trompetgeschal	((trompet)[N],((ge)[N|.V],(schal)[V])[N])[N]
trompetnarcis	((trompet)[N],(narcis)[N])[N]
trompetsignaal	((trompet)[N],(signaal)[N])[N]
trompetten	(trompet)[V]
trompetter	((trompet)[V],(er)[N|V.])[N]
trompetteren	((trompet)[N],(er)[V|N.])[V]
trompettist	((trompet)[N],(ist)[N|N.])[N]
trompetvogel	((trompet)[V],(vogel)[N])[N]
trompetvormig	((trompet)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
tronen	(troon)[V]
tronk	(tronk)[N]
troon	(troon)[N]
troonhemel	((troon)[N],(hemel)[N])[N]
troonopvolger	((troon)[N],(((op)[P],(volg)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
troonopvolging	((troon)[N],(((op)[P],(volg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
troonopvolgster	((troon)[N],((op)[P],(volg)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
troonrede	((troon)[N],(rede)[N])[N]
troonsafstand	((troon)[N],(s)[N|N.N],(afstand)[N])[N]
troonsbeklimming	((troon)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(klim)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
troonsbestijging	((troon)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(stijg)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
troonswisseling	((troon)[N],(s)[N|N.N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
troonzaal	((troon)[N],(zaal)[N])[N]
troonzetel	((troon)[N],(zetel)[N])[N]
troop	(troop)[N]
troost	(troost)[N]
troostbrief	((troost)[V],(brief)[N])[N]
troostelijk	((troost)[V],(elijk)[A|V.])[A]
troosteloos	((troost)[N],(eloos)[A|N.])[A]
troosteloosheid	(((troost)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
troosten	(troost)[V]
trooster	((troost)[V],(er)[N|V.])[N]
troosteres	(((troost)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
troostgrond	((troost)[V],(grond)[N])[N]
troostlied	((troost)[V],(lied)[N])[N]
troostprijs	((troost)[N],(prijs)[N])[N]
troostrede	((troost)[V],(rede)[N])[N]
troostrijk	((troost)[N],(rijk)[A])[A]
troostwedstrijd	((troost)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
troostwoord	((troost)[V],(woord)[N])[N]
tropen	(troop)[N]
tropencursus	((troop)[N],(en)[N|N.N],(cursus)[N])[N]
tropengordel	((troop)[N],(en)[N|N.N],(gordel)[N])[N]
tropenhelm	((troop)[N],(en)[N|N.N],(helm)[N])[N]
tropenjaren	((troop)[N],(en)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
tropenkolder	((troop)[N],(en)[N|N.N],(kolder)[N])[N]
tropenkoorts	((troop)[N],(en)[N|N.N],(koorts)[N])[N]
tropenpak	((troop)[N],(en)[N|N.N],(pak)[N])[N]
tropenrooster	((troop)[N],(en)[N|N.N],(rooster)[N])[N]
tropenuitrusting	((troop)[N],(en)[N|N.N],(((uit)[P],(rust)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tropisch	((troop)[N],(isch)[A|N.])[A]
tros	(tros)[N]
troskieuwig	((tros)[N],(kieuw)[N],(ig)[A|NN.])[A]
trossen	(tros)[V]
trostouw	((tros)[V],(touw)[N])[N]
trosvormig	((tros)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
trots	(trots)[N]
trotsaard	((trots)[A],(aard)[N|A.])[N]
trotsering	((trotseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
trotsheid	((trots)[A],(heid)[N|A.])[N]
trotten	(trot)[V]
trottoirband	((trottoir)[N],(band)[N])[N]
trottoirdek	((trottoir)[N],(dek)[N])[N]
trottoirtegel	((trottoir)[N],(tegel)[N])[N]
troubadour	(troubadour)[N]
trouw	(trouw)[N]
trouwakte	((trouw)[V],(akte)[N])[N]
trouwbelofte	((trouw)[V],(belofte)[N])[N]
trouwbijbel	((trouw)[V],(bijbel)[N])[N]
trouwboek	((trouw)[V],(boek)[N])[N]
trouwboeket	((trouw)[V],(boeket)[N])[N]
trouwbreuk	((trouw)[N],(breuk)[N])[N]
trouwbrief	((trouw)[V],(brief)[N])[N]
trouwdag	((trouw)[V],(dag)[N])[N]
trouweloos	((trouw)[N],(eloos)[A|N.])[A]
trouweloosheid	(((trouw)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
trouwen	(trouw)[V]
trouwer	((trouw)[V],(er)[N|V.])[N]
trouwerij	((trouw)[V],(erij)[N|V.])[N]
trouwfeest	((trouw)[V],(feest)[N])[N]
trouwfoto	((trouw)[V],(foto)[N])[N]
trouwgeld	((trouw)[V],(geld)[N])[N]
trouwgewaad	((trouw)[V],(gewaad)[N])[N]
trouwhartig	((trouw)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
trouwhartigheid	(((trouw)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
trouwheid	((trouw)[A],(heid)[N|A.])[N]
trouwjapon	((trouw)[V],(japon)[N])[N]
trouwjurk	((trouw)[V],(jurk)[N])[N]
trouwkaart	((trouw)[V],(kaart)[N])[N]
trouwkamer	((trouw)[V],(kamer)[N])[N]
trouwkleed	((trouw)[V],(kleed)[N])[N]
trouwlustig	((trouw)[V],(lust)[N],(ig)[A|VN.])[A]
trouwpak	((trouw)[V],(pak)[N])[N]
trouwpartij	((trouw)[V],(partij)[N])[N]
trouwplannen	((trouw)[V],(plan)[N])[N]
trouwplechtigheid	((trouw)[V],((plechtig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
trouwregister	((trouw)[N],(register)[N])[N]
trouwring	((trouw)[V],(ring)[N])[N]
trouwstoet	((trouw)[V],(stoet)[N])[N]
trouwzaal	((trouw)[V],(zaal)[N])[N]
trouwziek	((trouw)[V],(ziek)[A])[A]
truc	(truc)[N]
trucbom	((truc)[N],(bom)[N])[N]
trucfilm	((truc)[N],(film)[N])[N]
trucfoto	((truc)[N],(foto)[N])[N]
truck	(truck)[N]
trucker	((truck)[N],(er)[N|N.])[N]
truckstelsel	((truck)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
truckwagen	((truck)[N],(wagen)[N])[N]
trucopname	((truc)[N],(opname)[N])[N]
truffel	(truffel)[N]
truffelsaus	((truffel)[N],(saus)[N])[N]
truffelworst	((truffel)[N],(worst)[N])[N]
trui	(trui)[N]
trukendoos	((truc)[N],(en)[N|N.N],(doos)[N])[N]
trust	(trust)[N]
trustakte	((trust)[N],(akte)[N])[N]
trustmaatschappij	((trust)[N],(maatschappij)[N])[N]
trustvorming	((trust)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
trut	(trut)[N]
truten	(truut)[V]
truttig	((trut)[N],(ig)[A|N.])[A]
truttigheid	(((trut)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
tsaar	(tsaar)[N]
tsarenfamilie	((tsaar)[N],(en)[N|N.N],(familie)[N])[N]
tsarentijd	((tsaar)[N],(en)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
tsjilpen	(tsjilp)[V]
tsjirpen	(tsjirp)[V]
tuba	(tuba)[N]
tube	(tube)[N]
tuberculoselijder	((tuberculose)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
tuberkelbacil	((tuberkel)[N],(bacil)[N])[N]
tuberkelziekte	((tuberkel)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
tuberoos	((tube)[N],(roos)[N])[N]
tubeverf	((tube)[N],(verf)[N])[N]
tucht	(tucht)[N]
tuchtcollege	((tucht)[N],(college)[N])[N]
tuchtcommissie	((tucht)[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
tuchteling	((tucht)[N],(eling)[N|N.])[N]
tuchteloos	((tucht)[N],(eloos)[A|N.])[A]
tuchteloosheid	(((tucht)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
tuchthuis	((tucht)[N],(huis)[N])[N]
tuchthuisboef	(((tucht)[N],(huis)[N])[N],(boef)[N])[N]
tuchthuisstraf	(((tucht)[N],(huis)[N])[N],(straf)[N])[N]
tuchtiging	((tuchtig)[V],(ing)[N|V.])[N]
tuchtigingsexpeditie	(((tuchtig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((expedieer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
tuchtmaatregel	((tucht)[N],(maatregel)[N])[N]
tuchtmeester	((tucht)[N],(meester)[N])[N]
tuchtmiddel	((tucht)[N],(middel)[N])[N]
tuchtraad	((tucht)[N],(raad)[N])[N]
tuchtrecht	((tucht)[N],(recht)[N])[N]
tuchtrechtelijk	(((tucht)[N],(recht)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
tuchtregel	((tucht)[N],(regel)[N])[N]
tuchtreglement	((tucht)[N],(reglement)[N])[N]
tuchtroede	((tucht)[N],(roede)[N])[N]
tuchtschool	((tucht)[N],(school)[N])[N]
tuchtvol	((tucht)[N],(vol)[A])[A]
tuchtwet	((tucht)[N],(wet)[N])[N]
tuf	(tuf)[N]
tuffen	(tuf)[V]
tufkrijt	((tuf)[N],(krijt)[N])[N]
tufsteen	((tuf)[N],(steen)[N])[N]
tui	(tui)[N]
tuianker	((tui)[N],(anker)[N])[N]
tuibrug	((tui)[N],(brug)[N])[N]
tuidraad	((tui)[V],(draad)[N])[N]
tuien	(tui)[V]
tuier	((tui)[V],(er)[N|V.])[N]
tuiertouw	((tuier)[V],(touw)[N])[N]
tuig	(tuig)[N]
tuigage	((tuig)[V],(age)[N|V.])[N]
tuigen	(tuig)[V]
tuighuis	((tuig)[N],(huis)[N])[N]
tuigleer	((tuig)[N],(leer)[N])[N]
tuil	(tuil)[N]
tuimel	(tuimel)[N]
tuimelaar	((tuimel)[V],(aar)[N|V.])[N]
tuimelbank	((tuimel)[V],(bank)[N])[N]
tuimelblad	((tuimel)[V],(blad)[N])[N]
tuimelen	(tuimel)[V]
tuimeling	((tuimel)[V],(ing)[N|V.])[N]
tuimelkar	((tuimel)[V],(kar)[N])[N]
tuimelraam	((tuimel)[V],(raam)[N])[N]
tuimelvisje	((tuimel)[V],(vis)[N])[N]
tuin	(tuin)[N]
tuinaanleg	((tuin)[N],(aanleg)[N])[N]
tuinaarde	((tuin)[N],(aarde)[N])[N]
tuinameublement	((tuin)[N],(ameublement)[N])[N]
tuinanjelier	((tuin)[N],(anjelier)[N])[N]
tuinarchitect	((tuin)[N],(architect)[N])[N]
tuinarchitectuur	((tuin)[N],(architectuur)[N])[N]
tuinbaas	((tuin)[N],(baas)[N])[N]
tuinbank	((tuin)[N],(bank)[N])[N]
tuinbed	((tuin)[N],(bed)[N])[N]
tuinboon	((tuin)[N],(boon)[N])[N]
tuinbouw	((tuin)[N],(bouw)[N])[N]
tuinbouwbedrijf	(((tuin)[N],(bouw)[N])[N],(bedrijf)[N])[N]
tuinbouwcentrum	(((tuin)[N],(bouw)[N])[N],(centrum)[N])[N]
tuinbouwconsulent	(((tuin)[N],(bouw)[N])[N],(consulent)[N])[N]
tuinbouwgebied	(((tuin)[N],(bouw)[N])[N],(gebied)[N])[N]
tuinbouwkunde	(((tuin)[N],(bouw)[N])[N],(kunde)[N])[N]
tuinbouwkundige	((((tuin)[N],(bouw)[N])[N],(kunde)[N])[N],(ig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
tuinbouwleraar	(((tuin)[N],(bouw)[N])[N],(leraar)[N])[N]
tuinbouwproduct	(((tuin)[N],(bouw)[N])[N],(product)[N])[N]
tuinbouwproject	(((tuin)[N],(bouw)[N])[N],(project)[N])[N]
tuinbouwschool	(((tuin)[N],(bouw)[N])[N],(school)[N])[N]
tuinbouwveiling	(((tuin)[N],(bouw)[N])[N],((veil)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tuinbouwzaad	(((tuin)[N],(bouw)[N])[N],(zaad)[N])[N]
tuinbroek	((tuin)[N],(broek)[N])[N]
tuincentrum	((tuin)[N],(centrum)[N])[N]
tuinder	((tuin)[N],(der)[N|N.])[N]
tuindeur	((tuin)[N],(deur)[N])[N]
tuindorp	((tuin)[N],(dorp)[N])[N]
tuinen	(tuin)[V]
tuinfeest	((tuin)[N],(feest)[N])[N]
tuinfluiter	((tuin)[N],((fluit)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
tuingereedschap	((tuin)[N],(gereedschap)[N])[N]
tuingewas	((tuin)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
tuingrond	((tuin)[N],(grond)[N])[N]
tuinhoed	((tuin)[N],(hoed)[N])[N]
tuinhuis	((tuin)[N],(huis)[N])[N]
tuinier	((tuin)[N],(ier)[N|N.])[N]
tuiniersalmanak	(((tuin)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(almanak)[N])[N]
tuiniersbedrijf	(((tuin)[N],(ier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
tuinierster	(((tuin)[N],(ier)[N|N.])[N],(ster)[N|N.])[N]
tuinkabouter	((tuin)[N],(kabouter)[N])[N]
tuinkamer	((tuin)[N],(kamer)[N])[N]
tuinkers	((tuin)[N],(kers)[N])[N]
tuinknecht	((tuin)[N],(knecht)[N])[N]
tuinman	((tuin)[N],(man)[N])[N]
tuinmanswoning	(((tuin)[N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tuinmeubelen	((tuin)[N],(meubel)[N])[N]
tuinpad	((tuin)[N],(pad)[N])[N]
tuinschaar	((tuin)[N],(schaar)[N])[N]
tuinslang	((tuin)[N],(slang)[N])[N]
tuinslaper	((tuin)[N],((slaap)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
tuinsproeier	((tuin)[N],((sproei)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
tuinstad	((tuin)[N],(stad)[N])[N]
tuinstoel	((tuin)[N],(stoel)[N])[N]
tuintafel	((tuin)[N],(tafel)[N])[N]
tuinwerk	((tuin)[N],(werk)[N])[N]
tuinwijk	((tuin)[N],(wijk)[N])[N]
tuinzaad	((tuin)[N],(zaad)[N])[N]
tuipaal	((tui)[V],(paal)[N])[N]
tuisen	(tuis)[V]
tuiser	((tuis)[V],(er)[N|V.])[N]
tuit	(tuit)[N]
tuitelig	((tuitel)[V],(ig)[A|V.])[A]
tuiten	(tuit)[V]
tuithoed	((tuit)[N],(hoed)[N])[N]
tuitkan	((tuit)[N],(kan)[N])[N]
tuitlamp	((tuit)[N],(lamp)[N])[N]
tuitouw	((tui)[V],(touw)[N])[N]
tuitpot	((tuit)[N],(pot)[N])[N]
tuitstuk	((tuit)[N],(stuk)[N])[N]
tuitvormig	((tuit)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
tuk	(tuk)[N]
tukken	(tuk)[V]
tul	(tul)[N]
tulbandvorm	((tulband)[N],(vorm)[N])[N]
tule	(tule)[N]
tulen	((tule)[N],(en)[A|N.])[A]
tulp	(tulp)[N]
tulpenbed	((tulp)[N],(en)[N|N.N],(bed)[N])[N]
tulpenbol	((tulp)[N],(e)[N|N.N],(bol)[N])[N]
tulpenboom	((tulp)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
tulpenhandel	((tulp)[N],(en)[N|N.N],(handel)[N])[N]
tulpenkweker	((tulp)[N],(en)[N|N.Vx],(kweek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
tulpenrally	((tulp)[N],(en)[N|N.N],(rally)[N])[N]
tulpenstengel	((tulp)[N],(e)[N|N.N],(stengel)[N])[N]
tulpglas	((tulp)[N],(glas)[N])[N]
tulpvormig	((tulp)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
tumor	(tumor)[N]
tumorcel	((tumor)[N],(cel)[N])[N]
tumormassa	((tumor)[N],(massa)[N])[N]
tumorweefsel	((tumor)[N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
tune	(tune)[N]
tuner-versterker	((tuner)[N],(((ver)[V|.A],(sterk)[A])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
tuniekpak	((tuniek)[N],(pak)[N])[N]
tunnel	(tunnel)[N]
tunnelbouw	((tunnel)[N],(bouw)[N])[N]
tunnelbrug	((tunnel)[N],(brug)[N])[N]
tunnelspoorweg	((tunnel)[N],((spoor)[N],(weg)[N])[N])[N]
turban	(turban)[N]
turbinerad	((turbine)[N],(rad)[N])[N]
turbineschip	((turbine)[N],(schip)[N])[N]
turbo	(turbo)[N]
turbocompressor	((turbo)[N],(compressor)[N])[N]
turbodiesel	((turbo)[N],(diesel)[N])[N]
turbofan	((turbo)[N],(fan)[N])[N]
turbogenerator	((turbo)[N],((genereer)[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
turbojet	((turbo)[N],(jet)[N])[N]
turbulentie	((turbulent)[A],(ie)[N|A.])[N]
turen	(tuur)[V]
turf	(turf)[N]
turfaarde	((turf)[N],(aarde)[N])[N]
turfachtig	((turf)[N],(achtig)[A|N.])[A]
turfbak	((turf)[N],(bak)[N])[N]
turfboer	((turf)[N],(boer)[N])[N]
turfdrager	((turf)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
turfgraver	((turf)[N],(graaf)[V],(er)[N|NV.])[N]
turfgrond	((turf)[N],(grond)[N])[N]
turfhok	((turf)[N],(hok)[N])[N]
turflijst	((turf)[V],(lijst)[N])[N]
turfmand	((turf)[N],(mand)[N])[N]
turfmolm	((turf)[N],(molm)[N])[N]
turfpotje	((turf)[N],(pot)[N])[N]
turfschip	((turf)[N],(schip)[N])[N]
turfschipper	((turf)[N],((schip)[N],(er)[N|N.])[N])[N]
turfschuit	((turf)[N],(schuit)[N])[N]
turfschuur	((turf)[N],(schuur)[N])[N]
turfsteken	((turf)[N],(steek)[V])[V]
turfsteker	(((turf)[N],(steek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
turfstrooisel	((turf)[N],((strooi)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
turftrapper	((turf)[N],(trap)[V],(er)[N|NV.])[N]
turfveen	((turf)[N],(veen)[N])[N]
turfvuur	((turf)[N],(vuur)[N])[N]
turfzolder	((turf)[N],(zolder)[N])[N]
turken	(turk)[V]
turkooizen	((turkoois)[N],(en)[A|N.])[A]
turnbroekje	((turn)[V],(broek)[N])[N]
turnen	(turn)[V]
turner	((turn)[V],(er)[N|V.])[N]
turngereedschap	((turn)[V],(gereedschap)[N])[N]
turnles	((turn)[V],(les)[N])[N]
turnoefening	((turn)[V],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
turnschool	((turn)[V],(school)[N])[N]
turnster	((turn)[V],(ster)[N|V.])[N]
turntoestel	((turn)[V],(toestel)[N])[N]
turnvereniging	((turn)[V],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
turnzaal	((turn)[V],(zaal)[N])[N]
turven	(turf)[V]
tussenbedrijf	((tussen)[P],(bedrijf)[N])[N]
tussenberm	((tussen)[P],(berm)[N])[N]
tussenbouw	((tussen)[P],(bouw)[N])[N]
tussendek	((tussen)[P],(dek)[N])[N]
tussendeksbatterij	(((tussen)[P],(dek)[N],(s)[B|PN.])[B],(batterij)[N])[N]
tussendekspassagier	(((tussen)[P],(dek)[N],(s)[B|PN.])[B],(passagier)[N])[N]
tussendeur	((tussen)[P],(deur)[N])[N]
tussendijks	((tussen)[P],(dijk)[N],(s)[A|PN.])[A]
tussending	((tussen)[P],(ding)[N])[N]
tussengebied	((tussen)[P],(gebied)[N])[N]
tussengelegen	((tussen)[P],(gelegen)[A])[A]
tussengeneratie	((tussen)[P],((genereer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
tussengerecht	((tussen)[P],(gerecht)[N])[N]
tussengeschil	((tussen)[P],(geschil)[N])[N]
tussengezang	((tussen)[P],((ge)[N|.N],(zang)[N])[N])[N]
tussengroep	((tussen)[P],(groep)[N])[N]
tussenhandel	((tussen)[P],(handel)[N])[N]
tussenhandelaar	((tussen)[P],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
tussenhersenen	((tussen)[P],(hersen)[N])[N]
tussenhuis	((tussen)[P],(huis)[N])[N]
tussenklank	((tussen)[P],(klank)[N])[N]
tussenkleur	((tussen)[P],(kleur)[N])[N]
tussenkomend	((tussen)[P],(komend)[A])[A]
tussenkomst	((tussen)[P],((kom)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
tussenlaag	((tussen)[P],(laag)[N])[N]
tussenlanding	((tussen)[P],((land)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tussenlassen	((tussen)[P],(las)[V])[V]
tussenliggend	((tussen)[B],(liggend)[A])[A]
tussenmaat	((tussen)[P],(maat)[N])[N]
tussenmuur	((tussen)[P],(muur)[N])[N]
tussenoorlogs	((tussen)[P],(oorlog)[N],(s)[A|PN.])[A]
tussenoplossing	((tussen)[P],(((op)[P],(los)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tussenpartij	((tussen)[P],(partij)[N])[N]
tussenperiode	((tussen)[P],(periode)[N])[N]
tussenpersoon	((tussen)[P],(persoon)[N])[N]
tussenpoos	((tussen)[P],(poos)[N])[N]
tussenpositie	((tussen)[P],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
tussenrapport	((tussen)[P],(rapport)[N])[N]
tussenregel	((tussen)[P],(regel)[N])[N]
tussenregering	((tussen)[P],((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tussenribstuk	((tussen)[P],((rib)[N],(stuk)[N])[N])[N]
tussenruimte	((tussen)[P],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
tussenschakel	((tussen)[P],(schakel)[N])[N]
tussenschot	((tussen)[P],(schot)[N])[N]
tussensoort	((tussen)[P],(soort)[N])[N]
tussenspel	((tussen)[P],(spel)[N])[N]
tussenspraak	((tussen)[P],(spraak)[N])[N]
tussensprint	((tussen)[P],(sprint)[N])[N]
tussenstand	((tussen)[P],(stand)[N])[N]
tussenstation	((tussen)[P],(station)[N])[N]
tussenstuk	((tussen)[P],(stuk)[N])[N]
tussentijd	((tussen)[P],(tijd)[N])[N]
tussentijds	(((tussen)[P],(tijd)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
tussentoon	((tussen)[P],(toon)[N])[N]
tussenuur	((tussen)[P],(uur)[N])[N]
tussenverdieping	((tussen)[P],(((ver)[V|.A],(diep)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tussenvoegen	((tussen)[P],(voeg)[V])[V]
tussenvoeging	(((tussen)[P],(voeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
tussenvoegsel	(((tussen)[P],(voeg)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
tussenvonnis	((tussen)[P],(vonnis)[N])[N]
tussenvoorstel	((tussen)[P],((voor)[B],(stel)[N])[N])[N]
tussenvorm	((tussen)[P],(vorm)[N])[N]
tussenwand	((tussen)[P],(wand)[N])[N]
tussenweg	((tussen)[P],(weg)[N])[N]
tussenwerpsel	((tussen)[P],(werp)[V],(sel)[N|PV.])[N]
tussenwoning	((tussen)[P],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tussenzang	((tussen)[P],(zang)[N])[N]
tussenzee	((tussen)[P],(zee)[N])[N]
tussenzin	((tussen)[P],(zin)[N])[N]
tut	(tut)[N]
tuttebel	((tut)[N],(e)[N|N.N],(bel)[N])[N]
tutten	(tut)[V]
tutterig	((tut)[V],(erig)[A|V.])[A]
tuttig	((tut)[N],(ig)[A|N.])[A]
tuut	(tuut)[N]
twaalfdaags	((twaalf)[Q],((dag)[N],(s)[A|N.])[A])[A]
twaalfduizend	((twaalf)[Q],(duizend)[Q])[Q]
twaalfhonderd	((twaalf)[Q],(honderd)[Q])[Q]
twaalfjarig	((twaalf)[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
twaalfmaal	((twaalf)[Q],(maal)[N])[B]
twaalfponder	((twaalf)[Q],(pond)[N],(er)[N|QN.])[N]
twaalftal	((twaalf)[Q],(tal)[N])[N]
twaalftallig	((twaalf)[Q],(tal)[N],(ig)[A|QN.])[A]
twaalfuurtje	((twaalf)[Q],(uurtje)[N])[N]
twaalfvingerig	((twaalf)[Q],(vinger)[N],(ig)[A|QN.])[A]
twaalfvlak	((twaalf)[Q],(vlak)[N])[N]
twaalfvoudig	((twaalfvoud)[N],(ig)[A|N.])[A]
twee-eenheid	((twee)[Q],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
twee-eiig	((twee)[Q],(ei)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweearmig	((twee)[Q],(arm)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweebenig	((twee)[Q],(been)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweebladig	((twee)[Q],((blad)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
tweecomponentenlijm	((twee)[Q],((componeer)[V],(ent)[N|V.])[N],(en)[N|QN.N],(lijm)[N])[N]
tweed	(tweed)[N]
tweedaags	((twee)[Q],((dag)[N],(s)[A|N.])[A])[A]
tweedehands	(((twee)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(hand)[N],(s)[A|QN.])[A]
tweedejaars	(((twee)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(jaar)[N],(s)[N|QN.])[N]
tweedekansonderwijs	(((twee)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(kans)[N],(onderwijs)[N])[N]
tweedekker	((twee)[Q],(dek)[N],(er)[N|QN.])[N]
tweedeklasreiziger	(((twee)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(klas)[N],(reiziger)[N])[N]
tweedeklassenreiziger	(((twee)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(klasse)[N],(reiziger)[N])[N]
tweedeklasser	(((twee)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(klas)[N],(er)[N|QN.])[N]
tweedeklastarief	(((twee)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(klas)[N],(tarief)[N])[N]
tweedelig	((twee)[Q],(deel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweedelijns	(((twee)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(lijn)[N],(s)[A|QN.])[A]
tweederangs	(((twee)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(rang)[N],(s)[A|QN.])[A]
tweederangspositie	((((twee)[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(rang)[N],(s)[A|QN.])[A],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
tweedeurs	((twee)[Q],(deur)[N],(s)[N|QN.])[N]
tweedeursauto	(((twee)[Q],(deur)[N],(s)[A|QN.])[A],(auto)[N])[N]
tweedimensionaal	((twee)[Q],((dimensie)[N],(ionaal)[A|N.])[A])[A]
tweedraads	((twee)[Q],(draad)[N],(s)[A|QN.])[A]
tweedrachtig	((tweedracht)[N],(ig)[A|N.])[A]
tweedrank	((twee)[Q],(drank)[N])[N]
tweedubbel	((twee)[Q],(dubbel)[A])[A]
tweeduizend	(((twee)[Q],(duizend)[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
tweefasestroom	((twee)[Q],(fase)[N],(en)[N|QN.N],(stroom)[N])[N]
tweefasestructuur	((twee)[Q],(fase)[N],(en)[N|QN.N],(structuur)[N])[N]
tweefasig	((twee)[Q],(fase)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweefrankstuk	((twee)[Q],(frank)[N],(stuk)[N])[N]
tweegesprek	((twee)[Q],(gesprek)[N])[N]
tweegestreept	((twee)[Q],((ge)[A|.Nx],(streep)[N],(t)[A|xN.])[A])[A]
tweegevecht	((twee)[Q],((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N])[N]
tweegezinswoning	((twee)[Q],(gezin)[N],(s)[N|QN.N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tweehandig	((twee)[Q],(hand)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweeheid	((twee)[Q],(heid)[N|Q.])[N]
tweehoevig	((twee)[Q],(hoef)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweehonderd	(((twee)[Q],(honderd)[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
tweehonderdduizend	(((twee)[Q],(honderd)[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q]
tweehoofdig	((twee)[Q],(hoofd)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweehoog	((twee)[Q],(hoog)[A])[B]
tweehuizig	((twee)[Q],(huis)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweejarig	((twee)[Q],((jaar)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
tweekamerstelsel	((twee)[Q],(kamer)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
tweekamerwoning	((twee)[Q],(kamer)[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
tweekamp	((twee)[Q],(kamp)[N])[N]
tweeklank	((twee)[Q],(klank)[N])[N]
tweekleurendruk	((twee)[Q],(kleur)[N],(en)[N|QN.N],(druk)[N])[N]
tweekleurig	((twee)[Q],(kleur)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweekoppig	((twee)[Q],(kop)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweekwartsmaat	((twee)[Q],(kwart)[N],(s)[N|QN.N],(maat)[N])[N]
tweeledig	((twee)[Q],(lid)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweelettergrepig	((twee)[Q],(lettergreep)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweeling	((twee)[N],(ling)[N|N.])[N]
tweelingbaan	(((twee)[N],(ling)[N|N.])[N],(baan)[N])[N]
tweelingbroeder	(((twee)[N],(ling)[N|N.])[N],(broeder)[N])[N]
tweelingbroer	(((twee)[N],(ling)[N|N.])[N],(broer)[N])[N]
tweelingtoren	(((twee)[N],(ling)[N|N.])[N],(toren)[N])[N]
tweelingzoon	(((twee)[N],(ling)[N|N.])[N],(zoon)[N])[N]
tweelingzuster	(((twee)[N],(ling)[N|N.])[N],(zuster)[N])[N]
tweelingzwangerschap	(((twee)[N],(ling)[N|N.])[N],((zwanger)[A],(schap)[N|A.])[N])[N]
tweelippig	((twee)[Q],(lip)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweelobbig	((twee)[Q],(lob)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweeloop	((twee)[Q],(loop)[N])[N]
tweeloops	((twee)[Q],(loop)[N],(s)[A|QN.])[A]
tweeluik	((twee)[Q],(luik)[N])[N]
tweemaal	((twee)[Q],(maal)[N])[B]
tweemaandelijks	((twee)[Q],((maand)[N],(elijks)[A|N.])[A])[A]
tweemanschap	((twee)[Q],(man)[N],(schap)[N|QN.])[N]
tweemansschool	((twee)[Q],(man)[N],(s)[N|QN.N],(school)[N])[N]
tweemaster	((twee)[Q],(mast)[N],(er)[N|QN.])[N]
tweemotorig	((twee)[Q],(motor)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweeogig	((twee)[Q],(oog)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweepartijenstelsel	((twee)[Q],(partij)[N],(en)[N|QN.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
tweepersoonsauto	((twee)[Q],(persoon)[N],(s)[N|QN.N],(auto)[N])[N]
tweepersoonsbed	((twee)[Q],(persoon)[N],(s)[N|QN.N],(bed)[N])[N]
tweepersoonskamer	((twee)[Q],(persoon)[N],(s)[N|QN.N],(kamer)[N])[N]
tweepersoonsledikant	((twee)[Q],(persoon)[N],(s)[N|QN.N],(ledikant)[N])[N]
tweepits	((twee)[Q],(pit)[N],(s)[A|QN.])[A]
tweepitter	((twee)[Q],(pit)[N],(er)[N|QN.])[N]
tweepoot	((twee)[Q],(poot)[N])[N]
tweeregelig	((twee)[Q],(regel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweerichtingsverkeer	((twee)[Q],((richt)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|QN.N],(verkeer)[N])[N]
tweeriemsgiek	((twee)[Q],(riem)[N],(s)[N|QN.N],(giek)[N])[N]
tweern	(tweern)[N]
tweernen	(tweern)[V]
tweeschalig	((twee)[Q],(schaal)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweescharig	((twee)[Q],(schaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweeschijfsblok	((twee)[Q],(schijf)[N],(s)[N|QN.N],(blok)[N])[N]
tweeslachtigheid	((tweeslachtig)[A],(heid)[N|A.])[N]
tweeslagstelsel	((twee)[Q],(slag)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
tweesnijdend	((twee)[Q],(snijdend)[A])[A]
tweesoortig	((twee)[Q],(soort)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweespan	((twee)[Q],(span)[N])[N]
tweespraak	((twee)[Q],(spraak)[N])[N]
tweesprong	((twee)[Q],(sprong)[N])[N]
tweestemmig	((twee)[Q],(stem)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweestrijd	((twee)[Q],(strijd)[N])[N]
tweetal	((twee)[Q],(tal)[N])[N]
tweetalig	((twee)[Q],(taal)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweetaligheid	(((twee)[Q],(taal)[N],(ig)[A|QN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
tweeterm	((twee)[Q],(term)[N])[N]
tweetongig	((twee)[Q],(tong)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweetonig	((twee)[Q],(toon)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweetoppig	((twee)[Q],(top)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweetrapsraket	((twee)[Q],(trap)[N],(s)[N|QN.N],(raket)[N])[N]
tweeversnellingsnaaf	((twee)[Q],(((ver)[V|.A],(snel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|QN.N],(naaf)[N])[N]
tweevlakkig	((twee)[Q],(vlak)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweevlakshoek	((twee)[Q],(vlak)[N],(s)[N|QN.N],(hoek)[N])[N]
tweevleugelig	((twee)[Q],(vleugel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweevoetig	((twee)[Q],(voet)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweevormig	((twee)[Q],(vorm)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweevoudig	((tweevoud)[N],(ig)[A|N.])[A]
tweewegsysteem	((twee)[Q],(weg)[N],(systeem)[N])[N]
tweewieler	((twee)[Q],(wiel)[N],(er)[N|QN.])[N]
tweewielig	((twee)[Q],(wiel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweewoonst	((twee)[Q],((woon)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
tweezaadlobbig	((twee)[Q],((zaad)[N],(lob)[N])[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweezadig	((twee)[Q],(zaad)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweezijdig	((twee)[Q],(zijde)[N],(ig)[A|QN.])[A]
tweezijdigheid	(((twee)[Q],(zijde)[N],(ig)[A|QN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
tweeëndertig	(((twee)[Q],(en)[C],((drie)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
tweeëntwintig	((twee)[Q],(en)[C],((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q]
tweeëntwintigduizend	(((twee)[Q],(en)[C],((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q]
twen	(twen)[N]
twijfel	(twijfel)[N]
twijfelaar	((twijfel)[V],(aar)[N|V.])[N]
twijfelaarster	(((twijfel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
twijfelachtig	((twijfel)[V],(achtig)[A|V.])[A]
twijfelachtigheid	(((twijfel)[V],(achtig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
twijfelarij	((twijfel)[V],(arij)[N|V.])[N]
twijfelen	(twijfel)[V]
twijfelgeval	((twijfel)[V],(geval)[N])[N]
twijfeling	((twijfel)[V],(ing)[N|V.])[N]
twijfellicht	((twijfel)[V],(licht)[N])[N]
twijfelmoedig	((twijfel)[N],(moed)[N],(ig)[A|NN.])[A]
twijfelmoedigheid	(((twijfel)[N],(moed)[N],(ig)[A|NN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
twijfelnummer	((twijfel)[V],(nummer)[N])[N]
twijfelzucht	((twijfel)[V],(zucht)[N])[N]
twijfelzuchtig	(((twijfel)[V],(zucht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
twijg	(twijg)[N]
twijgen	((twijg)[N],(en)[A|N.])[A]
twijn	(twijn)[N]
twijnder	((twijn)[V],(der)[N|V.])[N]
twijnderij	((twijn)[V],(derij)[N|V.])[N]
twijndraad	((twijn)[N],(draad)[N])[N]
twijnen	(twijn)[V]
twijngaren	((twijn)[N],(garen)[N])[N]
twijnhaspel	((twijn)[V],(haspel)[N])[N]
twijnster	((twijn)[V],(ster)[N|V.])[N]
twinkelen	(twinkel)[V]
twinkeling	((twinkel)[V],(ing)[N|V.])[N]
twinkellichtje	((twinkel)[V],(licht)[N])[N]
twintigduizend	(((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(duizend)[Q])[Q]
twintiger	(((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(er)[N|Q.])[N]
twintigjarig	(((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
twintigje	(((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(je)[N|Q.])[N]
twintigmaal	(((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(maal)[N])[B]
twintigtal	(((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(tal)[N])[N]
twintigvlak	(((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(vlak)[N])[N]
twist	(twist)[N]
twistappel	((twist)[N],(appel)[N])[N]
twisten	(twist)[V]
twister	((twist)[V],(er)[N|V.])[N]
twistgeding	((twist)[N],(geding)[N])[N]
twistgeschrijf	((twist)[N],((ge)[N|.V],(schrijf)[V])[N])[N]
twistgesprek	((twist)[N],(gesprek)[N])[N]
twistgierig	((twist)[V],(gierig)[A])[A]
twistpunt	((twist)[V],(punt)[N])[N]
twiststoker	((twist)[N],(stook)[V],(er)[N|NV.])[N]
twistvraag	((twist)[V],(vraag)[N])[N]
twistvuur	((twist)[N],(vuur)[N])[N]
twistziek	((twist)[V],(ziek)[A])[A]
twistzoeker	((twist)[N],(zoek)[V],(er)[N|NV.])[N]
twistzucht	((twist)[V],(zucht)[N])[N]
tyfusbacil	((tyfus)[N],(bacil)[N])[N]
tyfusepidemie	((tyfus)[N],((epidemisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
tyfuslijder	((tyfus)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
type	(type)[N]
typecasting	((type)[N],(casting)[N])[N]
typediploma	((typ)[V],(diploma)[N])[N]
typefout	((typ)[V],(fout)[N])[N]
typekamer	((typ)[V],(kamer)[N])[N]
typemachine	((typ)[V],(machine)[N])[N]
typemonster	((type)[N],(monster)[N])[N]
typen	(typ)[V]
typering	((typeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
typeringskunst	(((typeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
typevaardigheid	((typ)[V],((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
typisch	((type)[N],(isch)[A|N.])[A]
typiste	((typist)[N],(e)[N|N.])[N]
typiste-secretaresse	(((typist)[N],(e)[N|N.])[N],((secretaris)[N],(e)[N|N.])[N])[N]
typmachine	((typ)[V],(machine)[N])[N]
typografie	((typografisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
typologie	((typologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
u	(u)[N]
u-boot	((u)[N],(boot)[N])[N]
ui	(ui)[N]
uiachtig	((ui)[N],(achtig)[A|N.])[A]
uienbed	((ui)[N],(en)[N|N.N],(bed)[N])[N]
uienbrood	((ui)[N],(en)[N|N.N],(brood)[N])[N]
uiengeur	((ui)[N],(e)[N|N.N],(geur)[N])[N]
uienloof	((ui)[N],(e)[N|N.N],(loof)[N])[N]
uienplant	((ui)[N],(e)[N|N.N],(plant)[N])[N]
uiensap	((ui)[N],(en)[N|N.N],(sap)[N])[N]
uiensaus	((ui)[N],(en)[N|N.N],(saus)[N])[N]
uienschil	((ui)[N],(e)[N|N.N],(schil)[N])[N]
uiensmaak	((ui)[N],(e)[N|N.N],(smaak)[N])[N]
uiensnijder	((ui)[N],(en)[N|N.Vx],(snijd)[V],(er)[N|NxV.])[N]
uiensoep	((ui)[N],(en)[N|N.N],(soep)[N])[N]
uientaart	((ui)[N],(en)[N|N.N],(taart)[N])[N]
uientapper	((ui)[N],(en)[N|N.Vx],(tap)[V],(er)[N|NxV.])[N]
uier	(uier)[N]
uierkwartier	((uier)[N],((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
uiig	((ui)[N],(ig)[A|N.])[A]
uil	(uil)[N]
uilachtig	((uil)[N],(achtig)[A|N.])[A]
uilenbal	((uil)[N],(e)[N|N.N],(bal)[N])[N]
uilenbek	((uil)[N],(e)[N|N.N],(bek)[N])[N]
uilenbord	((uil)[N],(e)[N|N.N],(bord)[N])[N]
uilenbril	((uil)[N],(e)[N|N.N],(bril)[N])[N]
uilenklauw	((uil)[N],(e)[N|N.N],(klauw)[N])[N]
uilenkop	((uil)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
uilennest	((uil)[N],(e)[N|N.N],(nest)[N])[N]
uilenoog	((uil)[N],(e)[N|N.N],(oog)[N])[N]
uilenspiegel	((uil)[N],(en)[N|N.N],(spiegel)[N])[N]
uilenveer	((uil)[N],(e)[N|N.N],(veer)[N])[N]
uilenvlucht	((uil)[N],(e)[N|N.N],(vlucht)[N])[N]
uilig	((uil)[N],(ig)[A|N.])[A]
uilskop	((uil)[N],(s)[N|N.N],(kop)[N])[N]
uilskuiken	((uil)[N],(s)[N|N.N],(kuiken)[N])[N]
uitademen	((uit)[P],(adem)[V])[V]
uitademing	(((uit)[P],(adem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitbaatster	(((uit)[P],(baat)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
uitbaggeren	((uit)[P],(bagger)[V])[V]
uitbaggering	(((uit)[P],(bagger)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitbakenen	((uit)[P],(baken)[V])[V]
uitbakken	((uit)[P],(bak)[V])[V]
uitbal	((uit)[B],(bal)[N])[N]
uitbalanceren	((uit)[P],(balanceer)[V])[V]
uitbalancering	(((uit)[P],(balanceer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitbaliën	((uit)[P],(balie)[V])[V]
uitbannen	((uit)[P],(ban)[V])[V]
uitbanning	(((uit)[P],(ban)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitbarsten	((uit)[P],(barst)[V])[V]
uitbarsting	(((uit)[P],(barst)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitbaten	((uit)[P],(baat)[V])[V]
uitbater	(((uit)[P],(baat)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitbating	(((uit)[P],(baat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitbazuinen	((uit)[P],(bazuin)[V])[V]
uitbeelden	((uit)[P],(beeld)[N])[V]
uitbeelding	(((uit)[P],(beeld)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitbeeldsel	(((uit)[P],(beeld)[N])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitbeenmes	(((uit)[P],(been)[V])[V],(mes)[N])[N]
uitbeitelen	((uit)[P],(beitel)[V])[V]
uitbellen	((uit)[P],(bel)[V])[V]
uitbenen	((uit)[P],(been)[V])[V]
uitbesteden	((uit)[P],(besteed)[V])[V]
uitbesteding	(((uit)[P],(besteed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitbetalen	((uit)[P],(betaal)[V])[V]
uitbetaler	(((uit)[P],(betaal)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitbetaling	(((uit)[P],(betaal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitbezemen	((uit)[P],(bezem)[V])[V]
uitbijten	((uit)[P],(bijt)[V])[V]
uitbijter	(((uit)[P],(bijt)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitbikken	((uit)[P],(bik)[V])[V]
uitblazen	((uit)[P],(blaas)[V])[V]
uitbleken	((uit)[P],(bleek)[V])[V]
uitblijven	((uit)[P],(blijf)[V])[V]
uitblijver	(((uit)[P],(blijf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitblinken	((uit)[P],(blink)[V])[V]
uitblinker	(((uit)[P],(blink)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitblinkster	(((uit)[P],(blink)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
uitbloeden	((uit)[P],(bloed)[V])[V]
uitbloei	((uit)[P],(bloei)[N])[N]
uitbloeien	((uit)[P],(bloei)[V])[V]
uitblussen	((uit)[P],(blus)[V])[V]
uitboegseren	((uit)[P],(boegseer)[V])[V]
uitboeken	((uit)[P],(boek)[V])[V]
uitboenen	((uit)[P],(boen)[V])[V]
uitboeten	((uit)[P],(boet)[V])[V]
uitboeting	(((uit)[P],(boet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitboezeming	((uitboezem)[V],(ing)[N|V.])[N]
uitbomen	((uit)[P],(boom)[V])[V]
uitboren	((uit)[P],(boor)[V])[V]
uitborstelen	((uit)[P],(borstel)[V])[V]
uitbotten	((uit)[P],(bot)[V])[V]
uitbotting	(((uit)[P],(bot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitbouw	((uit)[P],(bouw)[V])[N]
uitbouwen	((uit)[P],(bouw)[V])[V]
uitbouwsel	(((uit)[P],(bouw)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitbraaksel	(((uit)[P],(braak)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitbraden	((uit)[P],(braad)[V])[V]
uitbraken	((uit)[P],(braak)[V])[V]
uitbranden	((uit)[P],(brand)[V])[V]
uitbrander	(((uit)[P],(brand)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitbranding	(((uit)[P],(brand)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitbreekpoging	(((uit)[P],(breek)[V])[V],((poog)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
uitbreekster	(((uit)[P],(breek)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
uitbreiding	((uitbreid)[V],(ing)[N|V.])[N]
uitbreidingsmogelijkheid	(((uitbreid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
uitbreidingsplan	(((uitbreid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plan)[N])[N]
uitbreken	((uit)[P],(breek)[V])[V]
uitbreker	(((uit)[P],(breek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitbreking	(((uit)[P],(breek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitbrengen	((uit)[P],(breng)[V])[V]
uitbroeden	((uit)[P],(broed)[V])[V]
uitbroeding	(((uit)[P],(broed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitbroedsel	(((uit)[P],(broed)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitbroeien	((uit)[P],(broei)[V])[V]
uitbroeiing	(((uit)[P],(broei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitbrokkelen	((uit)[P],(brokkel)[V])[V]
uitbrommen	((uit)[P],(brom)[V])[V]
uitbrullen	((uit)[P],(brul)[V])[V]
uitbuigen	((uit)[P],(buig)[V])[V]
uitbuiging	(((uit)[P],(buig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitbuilen	((uit)[P],(buil)[V])[V]
uitbuiter	((uitbuit)[V],(er)[N|V.])[N]
uitbuiting	((uitbuit)[V],(ing)[N|V.])[N]
uitbuitingsgraad	(((uitbuit)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(graad)[N])[N]
uitbuitingssysteem	(((uitbuit)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
uitbulderen	((uit)[P],(bulder)[V])[V]
uitbundigheid	((uitbundig)[A],(heid)[N|A.])[N]
uitchecken	((uit)[P],(check)[V])[V]
uitcijferen	((uit)[P],(cijfer)[V])[V]
uitcijfering	(((uit)[P],(cijfer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitdaagster	(((uit)[P],(daag)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
uitdagen	((uit)[P],(daag)[V])[V]
uitdager	(((uit)[P],(daag)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitdaging	(((uit)[P],(daag)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitdampen	((uit)[P],(damp)[V])[V]
uitdamping	(((uit)[P],(damp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitdeelster	(((uit)[P],(deel)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
uitdelen	((uit)[P],(deel)[V])[V]
uitdeler	(((uit)[P],(deel)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitdelgen	((uit)[P],(delg)[V])[V]
uitdelging	(((uit)[P],(delg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitdeling	(((uit)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitdelingslijst	((((uit)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
uitdelven	((uit)[P],(delf)[V])[V]
uitdenken	((uit)[P],(denk)[V])[V]
uitdenker	(((uit)[P],(denk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitdeuken	((uit)[P],(deuk)[V])[V]
uitdienen	((uit)[P],(dien)[V])[V]
uitdiepen	((uit)[P],(diep)[V])[V]
uitdijen	((uit)[P],(dij)[V])[V]
uitdijing	(((uit)[P],(dij)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitdoen	((uit)[P],(doe)[V])[V]
uitdoezelen	((uit)[P],(doezel)[V])[V]
uitdokteren	((uit)[P],(dokter)[V])[V]
uitdorsen	((uit)[P],(dors)[V])[V]
uitdossen	((uit)[P],(dos)[V])[V]
uitdossing	(((uit)[P],(dos)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitdoven	((uit)[P],(doof)[V])[V]
uitdoving	(((uit)[P],(doof)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitdraagster	(((uit)[P],(draag)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
uitdraai	((uit)[P],(draai)[V])[N]
uitdraaien	((uit)[P],(draai)[V])[V]
uitdragen	((uit)[P],(draag)[V])[V]
uitdrager	(((uit)[P],(draag)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitdragerij	(((uit)[P],(draag)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
uitdragerswinkel	((((uit)[P],(draag)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
uitdrijven	((uit)[P],(drijf)[V])[V]
uitdrijver	(((uit)[P],(drijf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitdrijving	(((uit)[P],(drijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitdrijvingsfase	((((uit)[P],(drijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
uitdrinken	((uit)[P],(drink)[V])[V]
uitdrogen	((uit)[P],(droog)[V])[V]
uitdroging	(((uit)[P],(droog)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitdroppelen	((uit)[P],(droppel)[V])[V]
uitdroppen	((uit)[P],(drop)[V])[V]
uitdruipen	((uit)[P],(druip)[V])[V]
uitdrukkelijkheid	((uitdrukkelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
uitdrukken	((uit)[P],(druk)[V])[V]
uitdrukking	(((uit)[P],(druk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitdrukkingsgedrag	((((uit)[P],(druk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
uitdrukkingskracht	((((uit)[P],(druk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
uitdrukkingsloos	((((uit)[P],(druk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.x],(loos)[A|Nx.])[A]
uitdrukkingsmiddel	((((uit)[P],(druk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
uitdrukkingsmogelijkheid	((((uit)[P],(druk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
uitdrukkingsvaardigheid	((((uit)[P],(druk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
uitdrukkingsvermogen	((((uit)[P],(druk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
uitdrukkingsvol	((((uit)[P],(druk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(vol)[A])[A]
uitdrukkingsvorm	((((uit)[P],(druk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
uitdrukkingswijze	((((uit)[P],(druk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wijze)[N])[N]
uitdruppelen	((uit)[P],(druppel)[V])[V]
uitdruppen	((uit)[P],(drup)[V])[V]
uitduiden	((uit)[P],(duid)[V])[V]
uitduiding	(((uit)[P],(duid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitdunnen	((uit)[P],(dun)[V])[V]
uitdunning	(((uit)[P],(dun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitdunsel	(((uit)[P],(dun)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitduwen	((uit)[P],(duw)[V])[V]
uitdweilen	((uit)[P],(dweil)[V])[V]
uiteenbarsten	((uiteen)[B],(barst)[V])[V]
uiteendoen	((uiteen)[B],(doe)[V])[V]
uiteendrijven	((uiteen)[B],(drijf)[V])[V]
uiteengaan	((uiteen)[B],(ga)[V])[V]
uiteenhouden	((uiteen)[B],(houd)[V])[V]
uiteenjagen	((uiteen)[B],(jaag)[V])[V]
uiteenleggen	((uiteen)[B],(leg)[V])[V]
uiteenlopen	((uiteen)[B],(loop)[V])[V]
uiteenneembaar	(((uiteen)[B],(neem)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
uiteennemen	((uiteen)[B],(neem)[V])[V]
uiteenrafelen	((uiteen)[B],(rafel)[V])[V]
uiteenslaan	((uiteen)[B],(sla)[V])[V]
uiteenspatten	((uiteen)[B],(spat)[V])[V]
uiteenspringen	((uiteen)[B],(spring)[V])[V]
uiteenstuiven	((uiteen)[B],(stuif)[V])[V]
uiteenvallen	((uiteen)[B],(val)[V])[V]
uiteenzetten	((uiteen)[B],(zet)[V])[V]
uiteenzetting	(((uiteen)[B],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uiteinde	((uit)[P],(einde)[N])[N]
uiteindelijk	(((uit)[P],(einde)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A]
uiten	(uit)[V]
uiterdijk	((uit)[P],(er)[N|P.N],(dijk)[N])[N]
uiterland	((uit)[P],(er)[N|P.N],(land)[N])[N]
uiterlijkheid	((uiterlijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
uiterwaard	((uit)[P],(er)[N|P.N],(waard)[N])[N]
uiteten	((uit)[P],(eet)[V])[V]
uiteter	(((uit)[P],(eet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitfaden	((uit)[P],(fade)[V])[V]
uitfilteren	((uit)[P],(filter)[V])[V]
uitflappen	((uit)[P],(flap)[V])[V]
uitfloepen	((uit)[P],(floep)[V])[V]
uitfluiten	((uit)[P],(fluit)[V])[V]
uitfoeteren	((uit)[P],(foeter)[V])[V]
uitfrezen	((uit)[P],(frees)[V])[V]
uitgaan	((uit)[P],(ga)[V])[V]
uitgaander	(((uit)[P],(ga)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
uitgaansavond	(((uit)[P],(ga)[V])[V],(s)[N|V.N],(avond)[N])[N]
uitgaanscentrum	(((uit)[P],(ga)[V])[V],(s)[N|V.N],(centrum)[N])[N]
uitgaansdag	(((uit)[P],(ga)[V])[V],(s)[N|V.N],(dag)[N])[N]
uitgaansgelegenheid	(((uit)[P],(ga)[V])[V],(s)[N|V.N],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
uitgaanskas	(((uit)[P],(ga)[V])[V],(s)[N|V.N],(kas)[N])[N]
uitgaanskleding	(((uit)[P],(ga)[V])[V],(s)[N|V.N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
uitgaansverbod	(((uit)[P],(ga)[V])[V],(s)[N|V.N],(verbod)[N])[N]
uitgalmen	((uit)[P],(galm)[V])[V]
uitgalming	(((uit)[P],(galm)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitgang	((uit)[P],(gang)[N])[N]
uitgangsconditie	(((uit)[P],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(conditie)[N])[N]
uitgangsdag	(((uit)[P],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
uitgangsdeur	(((uit)[P],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(deur)[N])[N]
uitgangshypothese	(((uit)[P],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(hypothese)[N])[N]
uitgangsmateriaal	(((uit)[P],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
uitgangsniveau	(((uit)[P],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
uitgangspositie	(((uit)[P],(ga)[V])[V],(s)[N|V.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
uitgangspunt	(((uit)[P],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
uitgangssituatie	(((uit)[P],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
uitgangsstelling	(((uit)[P],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
uitgangstoestand	(((uit)[P],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
uitgangsvermogen	(((uit)[P],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
uitgavenbeleid	((uitgaaf)[N],(en)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
uitgavenniveau	((uitgaaf)[N],(en)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
uitgebreidheid	((uitgebreid)[A],(heid)[N|A.])[N]
uitgeefster	(((uit)[P],(geef)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
uitgekinderd	((uit)[P],(gekinderd)[V])[A]
uitgekooktheid	((uitgekookt)[A],(heid)[N|A.])[N]
uitgelatenheid	((uitgelaten)[A],(heid)[N|A.])[N]
uitgeleerd	((uit)[P],(geleerd)[A])[A]
uitgelezenheid	((uitgelezen)[A],(heid)[N|A.])[N]
uitgeputheid	((uitgeput)[A],(heid)[N|A.])[N]
uitgestorvenheid	((uitgestorven)[A],(heid)[N|A.])[N]
uitgestrektheid	((uitgestrekt)[A],(heid)[N|A.])[N]
uitgestudeerd	((uit)[P],(gestudeerd)[A])[A]
uitgeven	((uit)[P],(geef)[V])[V]
uitgever	(((uit)[P],(geef)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitgeverij	(((uit)[P],(geef)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
uitgeversbedrijf	((((uit)[P],(geef)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
uitgeversconcern	((((uit)[P],(geef)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(concern)[N])[N]
uitgeversfamilie	((((uit)[P],(geef)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(familie)[N])[N]
uitgeversfirma	((((uit)[P],(geef)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(firma)[N])[N]
uitgeversfonds	((((uit)[P],(geef)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
uitgeverskantoor	((((uit)[P],(geef)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
uitgeversmaatschappij	((((uit)[P],(geef)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
uitgeversnaam	((((uit)[P],(geef)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(naam)[N])[N]
uitgeversvak	((((uit)[P],(geef)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vak)[N])[N]
uitgeverswereld	((((uit)[P],(geef)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
uitgeverszaak	((((uit)[P],(geef)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
uitgieren	((uit)[P],(gier)[V])[V]
uitgieten	((uit)[P],(giet)[V])[V]
uitgillen	((uit)[P],(gil)[V])[V]
uitglijden	((uit)[P],(glijd)[V])[V]
uitglijder	(((uit)[P],(glijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitglippen	((uit)[P],(glip)[V])[V]
uitgloeien	((uit)[P],(gloei)[V])[V]
uitgommen	((uit)[P],(gom)[V])[V]
uitgooien	((uit)[P],(gooi)[V])[V]
uitgraven	((uit)[P],(graaf)[V])[V]
uitgraving	(((uit)[P],(graaf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitgroeien	((uit)[P],(groei)[V])[V]
uitgroeisel	(((uit)[P],(groei)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitgummen	((uit)[P],(gum)[N])[V]
uithaaltafel	(((uit)[P],(haal)[V])[V],(tafel)[N])[N]
uithakken	((uit)[P],(hak)[V])[V]
uithalen	((uit)[P],(haal)[V])[V]
uithaler	(((uit)[P],(haal)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uithaling	(((uit)[P],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitham	((uit)[P],(ham)[N])[N]
uithameren	((uit)[P],(hamer)[V])[V]
uithangbord	(((uit)[P],(hang)[V])[V],(bord)[N])[N]
uithangen	((uit)[P],(hang)[V])[V]
uithangteken	(((uit)[P],(hang)[V])[V],(teken)[N])[N]
uitheems	((uit)[P],(heem)[N],(s)[A|PN.])[A]
uitheemsheid	(((uit)[P],(heem)[N],(s)[A|PN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
uitheemsigheid	(((uit)[P],(heem)[N],(s)[A|PN.])[A],(igheid)[N|A.])[N]
uithoek	((uit)[P],(hoek)[N])[N]
uithof	((uit)[P],(hof)[N])[N]
uithollen	((uit)[P],(hol)[V])[V]
uitholling	(((uit)[P],(hol)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uithongeren	((uit)[P],(honger)[V])[V]
uithongering	(((uit)[P],(honger)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uithoren	((uit)[P],(hoor)[V])[V]
uithouden	((uit)[P],(houd)[V])[V]
uithouder	(((uit)[P],(houd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uithoudingsvermogen	((uithouding)[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
uithouwen	((uit)[P],(houw)[V])[V]
uithozen	((uit)[P],(hoos)[V])[V]
uithuilen	((uit)[P],(huil)[V])[V]
uithuizig	((uit)[P],(huis)[N],(ig)[A|PN.])[A]
uithuizigheid	(((uit)[P],(huis)[N],(ig)[A|PN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
uithuwelijken	((uit)[P],(huwelijk)[N])[V]
uithuwelijking	(((uit)[P],(huwelijk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
uithuwen	((uit)[P],(huw)[V])[V]
uiting	((uit)[V],(ing)[N|V.])[N]
uitingsmogelijkheid	(((uit)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
uitingsvrijheid	(((uit)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
uitjanken	((uit)[P],(jank)[V])[V]
uitjoelen	((uit)[P],(joel)[V])[V]
uitjouwen	((uit)[P],(jouw)[V])[V]
uitjouwing	(((uit)[P],(jouw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitjubelen	((uit)[P],(jubel)[V])[V]
uitkaarden	((uit)[P],(kaard)[V])[V]
uitkafferen	((uit)[P],(kaffer)[V])[V]
uitkakken	((uit)[P],(kak)[V])[V]
uitkammen	((uit)[P],(kam)[V])[V]
uitkappen	((uit)[P],(kap)[V])[V]
uitkauwen	((uit)[P],(kauw)[V])[V]
uitkavelen	((uit)[P],(kavel)[V])[V]
uitkeilen	((uit)[P],(keil)[V])[V]
uitkepen	((uit)[P],(keep)[V])[V]
uitkeping	(((uit)[P],(keep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitkering	((uitkeer)[V],(ing)[N|V.])[N]
uitkeringsfonds	(((uitkeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
uitkeringsgerechtigd	(((uitkeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(gerechtigd)[A])[A]
uitkeringsinstantie	(((uitkeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instantie)[N])[N]
uitkeringsjaar	(((uitkeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
uitkeringsniveau	(((uitkeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
uitkeringsorgaan	(((uitkeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
uitkeringsregeling	(((uitkeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
uitkeringstrekker	(((uitkeer)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],(trek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
uitkermen	((uit)[P],(kerm)[V])[V]
uitkerven	((uit)[P],(kerf)[V])[V]
uitkerving	(((uit)[P],(kerf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitketteren	((uit)[P],(ketter)[V])[V]
uitkiemen	((uit)[P],(kiem)[V])[V]
uitkieming	(((uit)[P],(kiem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitkiezen	((uit)[P],(kies)[V])[V]
uitkijk	((uit)[P],(kijk)[N])[N]
uitkijken	((uit)[P],(kijk)[V])[V]
uitkijker	(((uit)[P],(kijk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitkijkpost	(((uit)[P],(kijk)[N])[N],(post)[N])[N]
uitkijktoren	(((uit)[P],(kijk)[N])[N],(toren)[N])[N]
uitklapbaar	(((uit)[P],(klap)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
uitklaphoes	(((uit)[P],(klap)[V])[V],(hoes)[N])[N]
uitklappen	((uit)[P],(klap)[V])[V]
uitklaptafel	(((uit)[P],(klap)[V])[V],(tafel)[N])[N]
uitklaren	((uit)[P],(klaar)[V])[V]
uitklaring	(((uit)[P],(klaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitklauteren	((uit)[P],(klauter)[V])[V]
uitkleden	((uit)[P],(kleed)[V])[V]
uitkleien	((uit)[P],(klei)[N])[V]
uitkletsen	((uit)[P],(klets)[V])[V]
uitklimmen	((uit)[P],(klim)[V])[V]
uitklinken	((uit)[P],(klink)[V])[V]
uitkloppen	((uit)[P],(klop)[V])[V]
uitknagen	((uit)[P],(knaag)[V])[V]
uitknijpen	((uit)[P],(knijp)[V])[V]
uitknippen	((uit)[P],(knip)[V])[V]
uitknipsel	(((uit)[P],(knip)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitknobbelen	((uit)[P],(knobbel)[V])[V]
uitknobelen	((uit)[P],(knobel)[V])[V]
uitknokken	((uit)[P],(knok)[V])[V]
uitkoken	((uit)[P],(kook)[V])[V]
uitkomen	((uit)[P],(kom)[V])[V]
uitkomst	(((uit)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N]
uitkooksel	(((uit)[P],(kook)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitkoop	((uit)[P],(koop)[N])[N]
uitkopen	((uit)[P],(koop)[V])[V]
uitkoteren	((uit)[P],(koter)[V])[V]
uitkotsen	((uit)[P],(kots)[V])[V]
uitkraaien	((uit)[P],(kraai)[V])[V]
uitkrabben	((uit)[P],(krab)[V])[V]
uitkragen	((uit)[P],(kraag)[N])[V]
uitkramen	((uit)[P],(kraam)[V])[V]
uitkrassen	((uit)[P],(kras)[V])[V]
uitkrijgen	((uit)[P],(krijg)[V])[V]
uitkrijsen	((uit)[P],(krijs)[V])[V]
uitkrijten	((uit)[P],(krijt)[V])[V]
uitkristalliseren	((uit)[P],((kristal)[N],(iseer)[V|N.])[V])[V]
uitkuisen	((uit)[P],(kuis)[V])[V]
uitlaat	((uit)[P],(laat)[N])[N]
uitlaatgas	(((uit)[P],(laat)[V])[V],(gas)[N])[N]
uitlaatklep	(((uit)[P],(laat)[N])[N],(klep)[N])[N]
uitlaatpijp	(((uit)[P],(laat)[N])[N],(pijp)[N])[N]
uitlachen	((uit)[P],(lach)[V])[V]
uitladen	((uit)[P],(laad)[V])[V]
uitlading	(((uit)[P],(laad)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitlangen	((uit)[P],(lang)[V])[V]
uitlaten	((uit)[P],(laat)[V])[V]
uitlating	(((uit)[P],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitleenbalie	(((uit)[P],(leen)[V])[V],(balie)[N])[N]
uitleenbibliotheek	(((uit)[P],(leen)[V])[V],(bibliotheek)[N])[N]
uitleenbureau	(((uit)[P],(leen)[V])[V],(bureau)[N])[N]
uitleendienst	(((uit)[P],(leen)[V])[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
uitleendiscotheek	(((uit)[P],(leen)[V])[V],(discotheek)[N])[N]
uitleentermijn	(((uit)[P],(leen)[V])[V],(termijn)[N])[N]
uitlegbaar	(((uit)[P],(leg)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
uitleggen	((uit)[P],(leg)[V])[V]
uitlegger	(((uit)[P],(leg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitlegging	(((uit)[P],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitlegkunde	(((uit)[P],(leg)[V])[V],(kunde)[N])[N]
uitlegkundig	((((uit)[P],(leg)[V])[V],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
uitleiden	((uit)[P],(leid)[V])[V]
uitleiding	(((uit)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitlekken	((uit)[P],(lek)[V])[V]
uitlenen	((uit)[P],(leen)[V])[V]
uitlening	(((uit)[P],(leen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitlepelen	((uit)[P],(lepel)[V])[V]
uitleven	((uit)[P],(leef)[V])[V]
uitleveren	((uit)[P],(lever)[V])[V]
uitlevering	(((uit)[P],(lever)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitleveringsprocedure	((((uit)[P],(lever)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
uitleveringstraktaat	((((uit)[P],(lever)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((trakteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
uitleveringsverdrag	((((uit)[P],(lever)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(verdrag)[N])[N]
uitleveringsverzoek	((((uit)[P],(lever)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(verzoek)[N])[N]
uitleving	(((uit)[P],(leef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitlezen	((uit)[P],(lees)[V])[V]
uitlichten	((uit)[P],(licht)[V])[V]
uitlijnen	((uit)[P],(lijn)[V])[V]
uitlikken	((uit)[P],(lik)[V])[V]
uitlogen	((uit)[P],(loog)[V])[V]
uitloging	(((uit)[P],(loog)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitlokken	((uit)[P],(lok)[V])[V]
uitlokking	(((uit)[P],(lok)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitloodsen	((uit)[P],(loods)[V])[V]
uitloop	((uit)[P],(loop)[N])[N]
uitloopbaan	(((uit)[P],(loop)[N])[N],(baan)[N])[N]
uitloopmogelijkheid	(((uit)[P],(loop)[V])[V],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
uitlooppoging	(((uit)[P],(loop)[V])[V],((poog)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
uitloopster	((uit)[B],(loop)[V],(ster)[N|BV.])[N]
uitloopstrook	(((uit)[P],(loop)[V])[V],(strook)[N])[N]
uitlopen	((uit)[P],(loop)[V])[V]
uitloper	(((uit)[P],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitloperij	(((uit)[P],(loop)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
uitloten	((uit)[P],(loot)[V])[V]
uitloting	(((uit)[P],(loot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitloven	((uit)[P],(loof)[V])[V]
uitloving	(((uit)[P],(loof)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitlozen	((uit)[P],(loos)[V])[V]
uitlozing	(((uit)[P],(loos)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitlozingsbuis	((((uit)[P],(loos)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(buis)[N])[N]
uitluchten	((uit)[P],(lucht)[V])[V]
uitluiden	((uit)[P],(luid)[V])[V]
uitluiding	(((uit)[P],(luid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitluisteren	((uit)[P],(luister)[V])[V]
uitmaken	((uit)[P],(maak)[V])[V]
uitmalen	((uit)[P],(maal)[V])[V]
uitmaling	(((uit)[P],(maal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitmelken	((uit)[P],(melk)[V])[V]
uitmergelen	((uit)[P],(mergel)[V])[V]
uitmesten	((uit)[P],(mest)[V])[V]
uitmesting	(((uit)[P],(mest)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitmeten	((uit)[P],(meet)[V])[V]
uitmeting	(((uit)[P],(meet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitmiddelpuntig	((uit)[P],((middel)[A],(punt)[N])[N],(ig)[A|PN.])[A]
uitmiddelpuntigheid	(((uit)[P],((middel)[A],(punt)[N])[N],(ig)[A|PN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
uitmikken	((uit)[P],(mik)[V])[V]
uitmonden	((uit)[P],(mond)[V])[V]
uitmonding	(((uit)[P],(mond)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitmonsteren	((uit)[P],(monster)[V])[V]
uitmonstering	(((uit)[P],(monster)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitmoorden	((uit)[P],(moord)[V])[V]
uitmoording	(((uit)[P],(moord)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitmunten	((uit)[P],(munt)[V])[V]
uitmuntendheid	((uitmuntend)[A],(heid)[N|A.])[N]
uitneembaar	(((uit)[P],(neem)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
uitnemen	((uit)[P],(neem)[V])[V]
uitnemendheid	((uitnemend)[A],(heid)[N|A.])[N]
uitnijpen	((uit)[P],(nijp)[V])[V]
uitnoden	((uit)[P],(nood)[V])[V]
uitnodigen	((uit)[P],(nodig)[V])[V]
uitnodiging	(((uit)[P],(nodig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitoefenen	((uit)[P],(oefen)[V])[V]
uitoefening	(((uit)[P],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitpakken	((uit)[P],(pak)[V])[V]
uitpakker	(((uit)[P],(pak)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitpalmen	((uit)[P],(palm)[V])[V]
uitpeinzen	((uit)[P],(peins)[V])[V]
uitpellen	((uit)[P],(pel)[V])[V]
uitpennen	((uit)[P],(pen)[V])[V]
uitpersen	((uit)[P],(pers)[V])[V]
uitpersing	(((uit)[P],(pers)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitpeuteren	((uit)[P],(peuter)[V])[V]
uitpikken	((uit)[P],(pik)[V])[V]
uitplanten	((uit)[P],(plant)[V])[V]
uitploegen	((uit)[P],(ploeg)[V])[V]
uitpluizen	((uit)[P],(pluis)[V])[V]
uitpluizer	(((uit)[P],(pluis)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitplukken	((uit)[P],(pluk)[V])[V]
uitpluksel	(((uit)[P],(pluk)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitplunderen	((uit)[P],(plunder)[V])[V]
uitplundering	(((uit)[P],(plunder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitplussen	((uit)[P],(plus)[V])[V]
uitpoepen	((uit)[P],(poep)[V])[V]
uitpoetsen	((uit)[P],(poets)[V])[V]
uitpompen	((uit)[P],(pomp)[V])[V]
uitponden	((uit)[P],(pond)[N])[V]
uitpoten	((uit)[P],(poot)[V])[V]
uitpraten	((uit)[P],(praat)[V])[V]
uitproberen	((uit)[P],(probeer)[V])[V]
uitproesten	((uit)[P],(proest)[V])[V]
uitpuffen	((uit)[P],(puf)[V])[V]
uitpuilen	((uit)[P],(puil)[V])[V]
uitpuiling	(((uit)[P],(puil)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitputten	((uit)[P],(put)[V])[V]
uitputting	(((uit)[P],(put)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitputtingsoorlog	((((uit)[P],(put)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(oorlog)[N])[N]
uitputtingsslag	((((uit)[P],(put)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(slag)[N])[N]
uitputtingstoestand	((((uit)[P],(put)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
uitputtingsverschijnsel	((((uit)[P],(put)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
uitpuzzelen	((uit)[P],(puzzel)[V])[V]
uitrafelen	((uit)[P],(rafel)[V])[V]
uitrangeren	((uit)[P],(rangeer)[V])[V]
uitrapen	((uit)[P],(raap)[V])[V]
uitrazen	((uit)[P],(raas)[V])[V]
uitredding	((uit)[P],((red)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
uitreden	((uit)[P],(reed)[V])[V]
uitreding	(((uit)[P],(reed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitregenen	((uit)[P],(regen)[V])[V]
uitreiken	((uit)[P],(reik)[V])[V]
uitreiker	(((uit)[P],(reik)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitreiking	(((uit)[P],(reik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitreis	((uit)[P],(reis)[N])[N]
uitreisvisum	(((uit)[P],(reis)[N])[N],(visum)[N])[N]
uitrekenen	((uit)[P],(reken)[V])[V]
uitrekening	(((uit)[P],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitrekken	((uit)[P],(rek)[V])[V]
uitrekking	(((uit)[P],(rek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitrichten	((uit)[P],(richt)[V])[V]
uitrijden	((uit)[P],(rijd)[V])[V]
uitrijstrook	(((uit)[P],(rijd)[V])[V],(strook)[N])[N]
uitrijzen	((uit)[P],(rijs)[V])[V]
uitrit	((uit)[P],(rit)[N])[N]
uitroeien	((uit)[P],(roei)[V])[V]
uitroeiing	(((uit)[P],(roei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitroep	((uit)[P],(roep)[N])[N]
uitroepen	((uit)[P],(roep)[V])[V]
uitroeper	(((uit)[P],(roep)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitroeping	(((uit)[P],(roep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitroepingsteken	((((uit)[P],(roep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
uitroepteken	(((uit)[P],(roep)[V])[V],(teken)[N])[N]
uitroken	((uit)[P],(rook)[V])[V]
uitrollen	((uit)[P],(rol)[V])[V]
uitronden	((uit)[P],(rond)[V])[V]
uitrotten	((uit)[P],(rot)[V])[V]
uitrotting	(((uit)[P],(rot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitruimen	((uit)[P],(ruim)[V])[V]
uitrukken	((uit)[P],(ruk)[V])[V]
uitrusten	((uit)[P],(rust)[V])[V]
uitrusting	(((uit)[P],(rust)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitrustingsstuk	((((uit)[P],(rust)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(stuk)[N])[N]
uitschakelen	((uit)[P],(schakel)[V])[V]
uitschakeling	(((uit)[P],(schakel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitschateren	((uit)[P],(schater)[V])[V]
uitscheiden	((uit)[P],(scheid)[V])[V]
uitscheiding	(((uit)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitscheidingsorgaan	((((uit)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
uitschelden	((uit)[P],(scheld)[V])[V]
uitschelding	(((uit)[P],(scheld)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitschenken	((uit)[P],(schenk)[V])[V]
uitscheppen	((uit)[P],(schep)[V])[V]
uitschepping	(((uit)[P],(schep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitscheren	((uit)[P],(scheer)[V])[V]
uitscheuren	((uit)[P],(scheur)[V])[V]
uitschieten	((uit)[P],(schiet)[V])[V]
uitschieter	(((uit)[P],(schiet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitschiften	((uit)[P],(schift)[V])[V]
uitschijnen	((uit)[P],(schijn)[V])[V]
uitschijten	((uit)[P],(schijt)[V])[V]
uitschilderen	((uit)[P],(schilder)[V])[V]
uitschildering	(((uit)[P],(schilder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitschitteren	((uit)[P],(schitter)[V])[V]
uitschoppen	((uit)[P],(schop)[V])[V]
uitschraapsel	(((uit)[P],(schraap)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitschrabben	((uit)[P],(schrab)[V])[V]
uitschrabsel	(((uit)[P],(schrab)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitschrapen	((uit)[P],(schraap)[V])[V]
uitschrappen	((uit)[P],(schrap)[V])[V]
uitschrapsel	(((uit)[P],(schrap)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitschreeuwen	((uit)[P],(schreeuw)[V])[V]
uitschreien	((uit)[P],(schrei)[V])[V]
uitschrijven	((uit)[P],(schrijf)[V])[V]
uitschrijving	(((uit)[P],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitschrobben	((uit)[P],(schrob)[V])[V]
uitschudden	((uit)[P],(schud)[V])[V]
uitschudding	(((uit)[P],(schud)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitschuifbaar	(((uit)[P],(schuif)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
uitschuifblad	(((uit)[P],(schuif)[V])[V],(blad)[N])[N]
uitschuiftafel	(((uit)[P],(schuif)[V])[V],(tafel)[N])[N]
uitschuiven	((uit)[P],(schuif)[V])[V]
uitschuld	((uit)[P],(schuld)[N])[N]
uitschulpen	((uit)[P],(schulp)[V])[V]
uitschulping	(((uit)[P],(schulp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitschuren	((uit)[P],(schuur)[V])[V]
uitschutten	((uit)[P],(schut)[V])[V]
uitserveren	((uit)[P],(serveer)[V])[V]
uitslaan	((uit)[P],(sla)[V])[V]
uitslag	((uit)[P],(slag)[N])[N]
uitslapen	((uit)[P],(slaap)[V])[V]
uitslepen	((uit)[P],(sleep)[V])[V]
uitsliepen	((uit)[P],(sliep)[V])[V]
uitslijten	((uit)[P],(slijt)[V])[V]
uitslijting	(((uit)[P],(slijt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitsloofster	(((uit)[P],(sloof)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
uitslorpen	((uit)[P],(slorp)[V])[V]
uitsloven	((uit)[P],(sloof)[V])[V]
uitslover	(((uit)[P],(sloof)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitsloverig	(((uit)[P],(sloof)[V])[V],(erig)[A|V.])[A]
uitsluiten	((uit)[P],(sluit)[V])[V]
uitsluiting	(((uit)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitsluitsel	(((uit)[P],(sluit)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitslurpen	((uit)[P],(slurp)[V])[V]
uitsmeden	((uit)[P],(smeed)[V])[V]
uitsmelten	((uit)[P],(smelt)[V])[V]
uitsmelting	(((uit)[P],(smelt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitsmeren	((uit)[P],(smeer)[V])[V]
uitsmijten	((uit)[P],(smijt)[V])[V]
uitsmijter	(((uit)[P],(smijt)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitsnijden	((uit)[P],(snijd)[V])[V]
uitsnijding	(((uit)[P],(snijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitsnijdsel	(((uit)[P],(snijd)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitsnuiten	((uit)[P],(snuit)[V])[V]
uitsoppen	((uit)[P],(sop)[V])[V]
uitspannen	((uit)[P],(span)[V])[V]
uitspanning	(((uit)[P],(span)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitspansel	(((uit)[P],(span)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitsparen	((uit)[P],(spaar)[V])[V]
uitsparing	(((uit)[P],(spaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitspatten	((uit)[P],(spat)[V])[V]
uitspatting	(((uit)[P],(spat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitspelen	((uit)[P],(speel)[V])[V]
uitspellen	((uit)[P],(spel)[V])[V]
uitspinnen	((uit)[P],(spin)[V])[V]
uitspitten	((uit)[P],(spit)[V])[V]
uitsplitsen	((uit)[P],(splits)[V])[V]
uitspoelen	((uit)[P],(spoel)[V])[V]
uitspoeling	(((uit)[P],(spoel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitspraak	((uit)[P],(spraak)[N])[N]
uitspraakleer	(((uit)[P],(spraak)[N])[N],(leer)[N])[N]
uitspreekbaar	(((uit)[P],(spreek)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
uitspreiden	((uit)[P],(spreid)[V])[V]
uitspreiding	(((uit)[P],(spreid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitspreken	((uit)[P],(spreek)[V])[V]
uitspringen	((uit)[P],(spring)[V])[V]
uitspringer	(((uit)[P],(spring)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitsprong	((uit)[P],(sprong)[N])[N]
uitspruiten	((uit)[P],(spruit)[V])[V]
uitspruitsel	(((uit)[P],(spruit)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitspugen	((uit)[P],(spuug)[V])[V]
uitspuiten	((uit)[P],(spuit)[V])[V]
uitspuwen	((uit)[P],(spuw)[V])[V]
uitspuwing	(((uit)[P],(spuw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitspuwsel	(((uit)[P],(spuw)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitstaan	((uit)[P],(sta)[V])[V]
uitstalkast	(((uit)[P],(stal)[V])[V],(kast)[N])[N]
uitstallen	((uit)[P],(stal)[V])[V]
uitstalling	(((uit)[P],(stal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitstalraam	(((uit)[P],(stal)[V])[V],(raam)[N])[N]
uitstamelen	((uit)[P],(stamel)[V])[V]
uitstampen	((uit)[P],(stamp)[V])[V]
uitstap	((uit)[P],(stap)[N])[N]
uitstappen	((uit)[P],(stap)[V])[V]
uitstedig	((uit)[P],(stad)[N],(ig)[A|PN.])[A]
uitstedigheid	(((uit)[P],(stad)[N],(ig)[A|PN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
uitsteeksel	(((uit)[P],(steek)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitsteken	((uit)[P],(steek)[V])[V]
uitstekend	(((uit)[P],(steek)[V])[V],(end)[A|V.])[A]
uitstekendheid	((((uit)[P],(steek)[V])[V],(end)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
uitstellen	((uit)[P],(stel)[V])[V]
uitsteller	(((uit)[P],(stel)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitstelling	(((uit)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitsterven	((uit)[P],(sterf)[V])[V]
uitstijgen	((uit)[P],(stijg)[V])[V]
uitstippelen	((uit)[P],(stippel)[V])[V]
uitstoelen	((uit)[P],(stoel)[V])[V]
uitstoffen	((uit)[P],(stof)[V])[V]
uitstomen	((uit)[P],(stoom)[V])[V]
uitstorten	((uit)[P],(stort)[V])[V]
uitstorting	(((uit)[P],(stort)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitstoten	((uit)[P],(stoot)[V])[V]
uitstoting	(((uit)[P],(stoot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitstotingsproces	((((uit)[P],(stoot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
uitstralen	((uit)[P],(straal)[V])[V]
uitstraling	(((uit)[P],(straal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitstralingseffect	((((uit)[P],(straal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(effect)[N])[N]
uitstralingsvermogen	((((uit)[P],(straal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
uitstralingswarmte	((((uit)[P],(straal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
uitstrekken	((uit)[P],(strek)[V])[V]
uitstrijken	((uit)[P],(strijk)[V])[V]
uitstrijkpreparaat	(((uit)[P],(strijk)[V])[V],((prepareer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
uitstromen	((uit)[P],(stroom)[V])[V]
uitstroming	(((uit)[P],(stroom)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitstromingsopening	((((uit)[P],(stroom)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((open)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
uitstromingssnelheid	((((uit)[P],(stroom)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
uitstrooien	((uit)[P],(strooi)[V])[V]
uitstrooiing	(((uit)[P],(strooi)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitstrooisel	(((uit)[P],(strooi)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitstroom	((uit)[P],(stroom)[N])[N]
uitstuffen	((uit)[P],(stuf)[V])[V]
uitstulpen	((uit)[P],(stulp)[V])[V]
uitstulping	(((uit)[P],(stulp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitsturen	((uit)[P],(stuur)[V])[V]
uittanden	((uit)[P],(tand)[V])[V]
uittanding	(((uit)[P],(tand)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uittappen	((uit)[P],(tap)[V])[V]
uittarten	((uit)[P],(tart)[V])[V]
uittarting	(((uit)[P],(tart)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uittekenen	((uit)[P],(teken)[V])[V]
uittellen	((uit)[P],(tel)[V])[V]
uitteren	((uit)[P],(teer)[V])[V]
uittering	(((uit)[P],(teer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uittesten	((uit)[P],(test)[V])[V]
uittijgen	((uit)[P],(tijg)[V])[V]
uittikken	((uit)[P],(tik)[V])[V]
uittillen	((uit)[P],(til)[V])[V]
uittocht	((uit)[P],(tocht)[N])[N]
uittorenen	((uit)[P],(toren)[V])[V]
uittrap	((uit)[P],(trap)[N])[N]
uittrappen	((uit)[P],(trap)[V])[V]
uittreden	((uit)[P],(treed)[V])[V]
uittreder	(((uit)[P],(treed)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uittreding	(((uit)[P],(treed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uittredingsregeling	((((uit)[P],(treed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
uittrekbaar	(((uit)[P],(trek)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
uittrekken	((uit)[P],(trek)[V])[V]
uittrekking	(((uit)[P],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uittreksel	(((uit)[P],(trek)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uittrektafel	(((uit)[P],(trek)[V])[V],(tafel)[N])[N]
uittrompetten	((uit)[P],(trompet)[V])[V]
uittrouwen	((uit)[P],(trouw)[V])[V]
uittypen	((uit)[P],(typ)[V])[V]
uitvaagsel	(((uit)[P],(vaag)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitvaardiging	((uitvaardig)[V],(ing)[N|V.])[N]
uitvaart	(((uit)[P],(vaar)[V])[V],(t)[N|V.])[N]
uitvaartcentrum	((((uit)[P],(vaar)[V])[V],(t)[N|V.])[N],(centrum)[N])[N]
uitvaartdienst	((((uit)[P],(vaar)[V])[V],(t)[N|V.])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
uitvaartmis	((((uit)[P],(vaar)[V])[V],(t)[N|V.])[N],(mis)[N])[N]
uitvaartplechtigheid	((((uit)[P],(vaar)[V])[V],(t)[N|V.])[N],((plechtig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
uitvaartstoet	((((uit)[P],(vaar)[V])[V],(t)[N|V.])[N],(stoet)[N])[N]
uitvagen	((uit)[P],(vaag)[V])[V]
uitvalarm	(((uit)[P],(val)[V])[V],(arm)[N])[N]
uitvallen	((uit)[P],(val)[V])[V]
uitvaller	(((uit)[P],(val)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitvalpoort	(((uit)[P],(val)[V])[V],(poort)[N])[N]
uitvalsarm	((uitval)[N],(s)[N|N.N],(arm)[N])[N]
uitvalsbasis	((uitval)[N],(s)[N|N.N],(basis)[N])[N]
uitvalspercentage	((uitval)[N],(s)[N|N.N],(percentage)[N])[N]
uitvalspoort	((uitval)[N],(s)[N|N.N],(poort)[N])[N]
uitvalsroute	((uitval)[N],(s)[N|N.N],(route)[N])[N]
uitvalster	(((uit)[P],(val)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
uitvalsverschijnsel	((uitval)[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
uitvalsweg	((uitval)[N],(s)[N|N.N],(weg)[N])[N]
uitvaren	((uit)[P],(vaar)[V])[V]
uitvechten	((uit)[P],(vecht)[V])[V]
uitveegsel	(((uit)[P],(veeg)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitvegen	((uit)[P],(veeg)[V])[V]
uitvenen	((uit)[P],(veen)[N])[V]
uitvening	(((uit)[P],(veen)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitventen	((uit)[P],(vent)[V])[V]
uitventer	(((uit)[P],(vent)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitverdedigen	((uit)[P],(verdedig)[V])[V]
uitvergroten	((uit)[P],((ver)[V|.A],(groot)[A])[V])[V]
uitvergroting	(((uit)[P],((ver)[V|.A],(groot)[A])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitverkiezen	((uit)[P],((ver)[V|.V],(kies)[V])[V])[V]
uitverkiezing	(((uit)[P],((ver)[V|.V],(kies)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitverkopen	((uit)[P],((ver)[V|.V],(koop)[V])[V])[V]
uitverkorenheid	((uitverkoren)[A],(heid)[N|A.])[N]
uitvertellen	((uit)[P],((ver)[V|.V],(tel)[V])[V])[V]
uitveteren	((uit)[P],(veter)[V])[V]
uitvetering	(((uit)[P],(veter)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitvezelen	((uit)[P],(vezel)[V])[V]
uitvieren	((uit)[P],(vier)[V])[V]
uitvinden	((uit)[P],(vind)[V])[V]
uitvinder	(((uit)[P],(vind)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitvinding	(((uit)[P],(vind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitvindsel	(((uit)[P],(vind)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitvindster	(((uit)[P],(vind)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
uitvissen	((uit)[P],(vis)[V])[V]
uitvlakken	((uit)[P],(vlak)[V])[V]
uitvliegen	((uit)[P],(vlieg)[V])[V]
uitvlieger	(((uit)[P],(vlieg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitvloeien	((uit)[P],(vloei)[V])[V]
uitvloeier	(((uit)[P],(vloei)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitvloeiing	(((uit)[P],(vloei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitvloeisel	(((uit)[P],(vloei)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitvloeken	((uit)[P],(vloek)[V])[V]
uitvlooien	((uit)[P],(vlooi)[V])[V]
uitvlucht	((uit)[P],(vlucht)[N])[N]
uitvoegstrook	((uitvoeg)[V],(strook)[N])[N]
uitvoerartikel	(((uit)[P],(voer)[V])[V],(artikel)[N])[N]
uitvoerbaar	(((uit)[P],(voer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
uitvoerbaarheid	((((uit)[P],(voer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
uitvoerbelasting	(((uit)[P],(voer)[V])[V],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
uitvoerder	(((uit)[P],(voer)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
uitvoeren	((uit)[P],(voer)[V])[V]
uitvoerhandel	(((uit)[P],(voer)[V])[V],(handel)[N])[N]
uitvoerhaven	(((uit)[P],(voer)[V])[V],(haven)[N])[N]
uitvoerigheid	((uitvoerig)[A],(heid)[N|A.])[N]
uitvoering	(((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitvoeringsactiviteit	((((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
uitvoeringsbevel	((((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bevel)[N])[N]
uitvoeringsbevoegdheid	((((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
uitvoeringscapaciteit	((((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(capaciteit)[N])[N]
uitvoeringsfase	((((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
uitvoeringsmaatregel	((((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
uitvoeringsorgaan	((((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
uitvoeringsorganisatie	((((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
uitvoeringspraktijk	((((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(praktijk)[N])[N]
uitvoeringsprobleem	((((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
uitvoeringsproces	((((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
uitvoeringsprogramma	((((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
uitvoeringsregeling	((((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
uitvoeringsstructuur	((((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
uitvoeringsvoorschrift	((((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
uitvoerlegging	((uitvoer)[N],(leg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
uitvoermarkt	(((uit)[P],(voer)[V])[V],(markt)[N])[N]
uitvoeroverschot	(((uit)[P],(voer)[V])[V],(overschot)[N])[N]
uitvoerpremie	(((uit)[P],(voer)[V])[V],(premie)[N])[N]
uitvoerproduct	(((uit)[P],(voer)[V])[V],(product)[N])[N]
uitvoerrecht	(((uit)[P],(voer)[V])[V],(recht)[N])[N]
uitvoerster	(((uit)[P],(voer)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
uitvoerverbod	(((uit)[P],(voer)[V])[V],(verbod)[N])[N]
uitvoervergunning	(((uit)[P],(voer)[V])[V],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
uitvogelen	((uit)[P],(vogel)[V])[V]
uitvorsen	((uit)[P],(vors)[V])[V]
uitvorsing	(((uit)[P],(vors)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitvouwen	((uit)[P],(vouw)[V])[V]
uitvragen	((uit)[P],(vraag)[V])[V]
uitvraging	(((uit)[P],(vraag)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitvreten	((uit)[P],(vreet)[V])[V]
uitvreter	(((uit)[P],(vreet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitvriezen	((uit)[P],(vries)[V])[V]
uitwaaien	((uit)[P],(waai)[V])[V]
uitwaaieren	((uit)[P],(waaier)[V])[V]
uitwaaiering	(((uit)[P],(waaier)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitwalsen	((uit)[P],(wals)[V])[V]
uitwandelen	((uit)[P],(wandel)[V])[V]
uitwasemen	((uit)[P],(wasem)[V])[V]
uitwaseming	(((uit)[P],(wasem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitwassen	((uit)[P],(was)[V])[V]
uitwateren	((uit)[P],(water)[V])[V]
uitwatering	(((uit)[P],(water)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitwateringskanaal	((((uit)[P],(water)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kanaal)[N])[N]
uitwateringssluis	((((uit)[P],(water)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(sluis)[N])[N]
uitwedstrijd	((uit)[P],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
uitweg	((uit)[P],(weg)[N])[N]
uitwegen	((uit)[P],(weeg)[V])[V]
uitweiden	((uit)[P],(weid)[V])[V]
uitweiding	(((uit)[P],(weid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitweken	((uit)[P],(week)[V])[V]
uitwendigheid	((uitwendig)[A],(heid)[N|A.])[N]
uitwenen	((uit)[P],(ween)[V])[V]
uitwerken	((uit)[P],(werk)[V])[V]
uitwerking	(((uit)[P],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitwerkingsmogelijkheid	((((uit)[P],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
uitwerksel	(((uit)[P],(werk)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitwerpen	((uit)[P],(werp)[V])[V]
uitwerping	(((uit)[P],(werp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitwerpsel	(((uit)[P],(werp)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitwieden	((uit)[P],(wied)[V])[V]
uitwijkeling	(((uit)[P],(wijk)[V])[V],(eling)[N|V.])[N]
uitwijkelinge	((((uit)[P],(wijk)[V])[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
uitwijken	((uit)[P],(wijk)[V])[V]
uitwijkhaven	(((uit)[P],(wijk)[V])[V],(haven)[N])[N]
uitwijking	(((uit)[P],(wijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitwijkingsspoor	((((uit)[P],(wijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(spoor)[N])[N]
uitwijklanding	(((uit)[P],(wijk)[V])[V],((land)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
uitwijkmanoeuvre	(((uit)[P],(wijk)[V])[V],(manoeuvre)[N])[N]
uitwijkmogelijkheid	(((uit)[P],(wijk)[V])[V],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
uitwijzen	((uit)[P],(wijs)[V])[V]
uitwijzing	(((uit)[P],(wijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitwijzingsbevel	((((uit)[P],(wijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bevel)[N])[N]
uitwinnen	((uit)[P],(win)[V])[V]
uitwinning	(((uit)[P],(win)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitwinteren	((uit)[P],(winter)[V])[V]
uitwippen	((uit)[P],(wip)[V])[V]
uitwisbaar	(((uit)[P],(wis)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
uitwisselen	((uit)[P],(wissel)[V])[V]
uitwisseling	(((uit)[P],(wissel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitwisselingsproces	((((uit)[P],(wissel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
uitwisselingsprogramma	((((uit)[P],(wissel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
uitwisselingssysteem	((((uit)[P],(wissel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
uitwisselingsverdrag	((((uit)[P],(wissel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(verdrag)[N])[N]
uitwissen	((uit)[P],(wis)[V])[V]
uitwissing	(((uit)[P],(wis)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitwoeden	((uit)[P],(woed)[V])[V]
uitwonen	((uit)[P],(woon)[V])[V]
uitworp	((uit)[P],(worp)[N])[N]
uitwrijven	((uit)[P],(wrijf)[V])[V]
uitwringen	((uit)[P],(wring)[V])[V]
uitwuiven	((uit)[P],(wuif)[V])[V]
uitzaad	((uit)[P],(zaad)[N])[N]
uitzaaien	((uit)[P],(zaai)[V])[V]
uitzaaiing	(((uit)[P],(zaai)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitzagen	((uit)[P],(zaag)[V])[V]
uitzakken	((uit)[P],(zak)[V])[V]
uitzakking	(((uit)[P],(zak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitzavelen	((uit)[P],(zavel)[N])[V]
uitzeefsel	((uitzeef)[V],(sel)[N|V.])[N]
uitzege	((uit)[P],(zege)[N])[N]
uitzeilen	((uit)[P],(zeil)[V])[V]
uitzendbureau	(((uit)[P],(zend)[V])[V],(bureau)[N])[N]
uitzenden	((uit)[P],(zend)[V])[V]
uitzending	(((uit)[P],(zend)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitzendkracht	(((uit)[P],(zend)[V])[V],(kracht)[N])[N]
uitzetbaar	(((uit)[P],(zet)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
uitzetbaarheid	((((uit)[P],(zet)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
uitzetleest	(((uit)[P],(zet)[V])[V],(leest)[N])[N]
uitzetten	((uit)[P],(zet)[V])[V]
uitzetting	(((uit)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitzettingsbevel	((((uit)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bevel)[N])[N]
uitzettingscoëfficiënt	((((uit)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(coëfficiënt)[N])[N]
uitzettingsvermogen	((((uit)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
uitzetverzekering	((uitzet)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
uitzicht	((uit)[P],(zicht)[N])[N]
uitzichtloos	(((uit)[P],(zicht)[N])[N],(loos)[A|N.])[A]
uitzichttoren	(((uit)[P],(zicht)[N])[N],(toren)[N])[N]
uitzieken	((uit)[P],(ziek)[V])[V]
uitzien	((uit)[P],(zie)[V])[V]
uitziften	((uit)[P],(zift)[V])[V]
uitzifting	(((uit)[P],(zift)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitziftsel	(((uit)[P],(zift)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
uitzijgen	((uit)[P],(zijg)[V])[V]
uitzingen	((uit)[P],(zing)[V])[V]
uitzinnig	((uit)[P],((zin)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
uitzinnigheid	(((uit)[P],((zin)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
uitzitten	((uit)[P],(zit)[V])[V]
uitzoeken	((uit)[P],(zoek)[V])[V]
uitzoekerij	(((uit)[P],(zoek)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
uitzondering	((uitzonder)[V],(ing)[N|V.])[N]
uitzonderingsgeval	(((uitzonder)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(geval)[N])[N]
uitzonderingsmaatregel	(((uitzonder)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
uitzonderingsmogelijkheid	(((uitzonder)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
uitzonderingspositie	(((uitzonder)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
uitzonderingssituatie	(((uitzonder)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
uitzonderingstoestand	(((uitzonder)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
uitzonderlijk	((uitzonder)[V],(lijk)[A|V.])[A]
uitzonderlijkheid	(((uitzonder)[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
uitzoomen	((uit)[P],(zoom)[V])[V]
uitzuigen	((uit)[P],(zuig)[V])[V]
uitzuiger	(((uit)[P],(zuig)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
uitzuiging	(((uit)[P],(zuig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitzuigster	(((uit)[P],(zuig)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
uitzuinigen	((uit)[P],(zuinig)[A])[V]
uitzuiniging	(((uit)[P],(zuinig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitzuipen	((uit)[P],(zuip)[V])[V]
uitzuiveren	((uit)[P],(zuiver)[V])[V]
uitzuivering	(((uit)[P],(zuiver)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitzwaaien	((uit)[P],(zwaai)[V])[V]
uitzwavelen	((uit)[P],(zwavel)[V])[V]
uitzwellen	((uit)[P],(zwel)[V])[V]
uitzwelling	(((uit)[P],(zwel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
uitzwemmen	((uit)[P],(zwem)[V])[V]
uitzwenken	((uit)[P],(zwenk)[V])[V]
uitzweren	((uit)[P],(zweer)[V])[V]
uitzwermen	((uit)[P],(zwerm)[V])[V]
uitzweten	((uit)[P],(zweet)[V])[V]
uivormig	((ui)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
uk	(uk)[N]
ukelele	(ukelele)[N]
ukkepuk	((uk)[N],(e)[N|N.N],(puk)[N])[N]
ulanenmuts	((ulaan)[N],(en)[N|N.N],(muts)[N])[N]
ulevel	(ulevel)[N]
ulevellenpapiertje	((ulevel)[N],(e)[N|N.N],(papier)[N])[N]
ulevellenrijmpje	((ulevel)[N],(e)[N|N.N],(rijm)[N])[N]
uloschool	((ulo)[N],(school)[N])[N]
ultimatief	((ultimatum)[N],(ief)[A|N.])[A]
ultimowissel	((ultimo)[B],(wissel)[N])[N]
ultra	(ultra)[N]
ultracentrifuge	((ultra)[N|.N],(centrifuge)[N])[N]
ultrakort	((ultra)[A|.A],(kort)[A])[A]
ultralicht	((ultra)[A|.A],(licht)[A])[A]
ultramicroscoop	((ultra)[N|.N],(microscoop)[N])[N]
ultramicroscopisch	(((ultra)[N|.N],(microscoop)[N])[N],(isch)[A|N.])[A]
ultramontaan	((ultra)[N|.A],(montaan)[A])[N]
ultramontaans	(((ultra)[N|.A],(montaan)[A])[N],(s)[A|N.])[A]
ultrasonisch	((ultra)[A|.A],(sonisch)[A])[A]
ultrasonoor	((ultra)[A|.A],(sonoor)[A])[A]
ultrasoontrilling	((ultrasoon)[A],((tril)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ultrastraling	((ultra)[B],((straal)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ultrastructuur	((ultra)[N|.N],(structuur)[N])[N]
umlautsfactor	((umlaut)[N],(s)[N|N.N],(factor)[N])[N]
umlautsteken	((umlaut)[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
unanimiteit	((unaniem)[A],(iteit)[N|A.])[N]
unanimiteitsbeginsel	(((unaniem)[A],(iteit)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
unciaalletter	((unciaal)[N],(letter)[N])[N]
undulatie	((unduleer)[V],(atie)[N|V.])[N]
undulatiepunt	(((unduleer)[V],(atie)[N|V.])[N],(punt)[N])[N]
uni	(uni)[A]
uniciteit	((uniek)[A],(iciteit)[N|A.])[N]
unie	(unie)[N]
unie-kring	((unie)[N],(kring)[N])[N]
uniekheid	((uniek)[A],(heid)[N|A.])[N]
unificatie	((unificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
uniformeren	((uniform)[A],(eer)[V|A.])[V]
uniformering	(((uniform)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
uniformiteit	((uniform)[A],(iteit)[N|A.])[N]
uniformjas	((uniform)[N],(jas)[N])[N]
uniformpet	((uniform)[N],(pet)[N])[N]
uniformverbod	((uniform)[N],(verbod)[N])[N]
unionistisch	((unionist)[N],(isch)[A|N.])[A]
universaliteit	((universeel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
universiteitsbibliotheek	((universiteit)[N],(s)[N|N.N],(bibliotheek)[N])[N]
universiteitsblad	((universiteit)[N],(s)[N|N.N],(blad)[N])[N]
universiteitsfonds	((universiteit)[N],(s)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
universiteitsgebouw	((universiteit)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
universiteitsgemeenschap	((universiteit)[N],(s)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
universiteitsgids	((universiteit)[N],(s)[N|N.N],(gids)[N])[N]
universiteitskantine	((universiteit)[N],(s)[N|N.N],(kantine)[N])[N]
universiteitskliniek	((universiteit)[N],(s)[N|N.N],((klinisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
universiteitskrant	((universiteit)[N],(s)[N|N.N],(krant)[N])[N]
universiteitslaboratorium	((universiteit)[N],(s)[N|N.N],(laboratorium)[N])[N]
universiteitsprofessor	((universiteit)[N],(s)[N|N.N],(professor)[N])[N]
universiteitsraad	((universiteit)[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
universiteitsstad	((universiteit)[N],(s)[N|N.N],(stad)[N])[N]
universiteitsstudent	((universiteit)[N],(s)[N|N.N],((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
universiteitsterrein	((universiteit)[N],(s)[N|N.N],(terrein)[N])[N]
uniëren	((unie)[N],(eer)[V|N.])[V]
up	(up)[N]
uraniumerts	((uranium)[N],(erts)[N])[N]
uraniummijn	((uranium)[N],(mijn)[N])[N]
uraniumreserve	((uranium)[N],(reserve)[N])[N]
uraniumverrijking	((uranium)[N],((ver)[V|.A],(rijk)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
urbanisatie	(((urbaan)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
urbanisatiegraad	((((urbaan)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(graad)[N])[N]
urbanisatieproces	((((urbaan)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N],(proces)[N])[N]
urbaniseren	((urbaan)[A],(iseer)[V|A.])[V]
urbanisering	(((urbaan)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
urbaniteit	((urbaan)[A],(iteit)[N|A.])[N]
urenlang	((uur)[N],(en)[A|N.A],(lang)[A])[A]
urentabel	((uur)[N],(en)[N|N.N],(tabel)[N])[N]
urenver	((uur)[N],(en)[A|N.A],(ver)[A])[A]
ureumcyclus	((ureum)[N],(cyclus)[N])[N]
urgentie	((urgent)[A],(ie)[N|A.])[N]
urgentielijst	(((urgent)[A],(ie)[N|A.])[N],(lijst)[N])[N]
urgentieplan	(((urgent)[A],(ie)[N|A.])[N],(plan)[N])[N]
urgentieprogram	(((urgent)[A],(ie)[N|A.])[N],(program)[N])[N]
urgentieprogramma	(((urgent)[A],(ie)[N|A.])[N],(programma)[N])[N]
urgentieverklaring	(((urgent)[A],(ie)[N|A.])[N],(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
urineblaas	((urine)[N],(blaas)[N])[N]
urinebuis	((urine)[N],(buis)[N])[N]
urineleider	((urine)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
urineonderzoek	((urine)[N],(onderzoek)[N])[N]
urineproductie	((urine)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
urinesediment	((urine)[N],(sediment)[N])[N]
urinevergiftiging	((urine)[N],((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
urinewegen	((urine)[N],(weg)[N])[N]
urinezuur	((urine)[N],(zuur)[N])[N]
urmen	(urm)[V]
urn	(urn)[N]
urnenveld	((urn)[N],(en)[N|N.N],(veld)[N])[N]
urologie	((urologisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
usurpatie	((usurpeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
usurpator	((usurpeer)[V],(ator)[N|V.])[N]
ut	(ut)[N]
uteruswand	((uterus)[N],(wand)[N])[N]
utilisatie	((utiliseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
utiliteitsbeginsel	((utiliteit)[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
utiliteitsbouw	((utiliteit)[N],(s)[N|N.N],(bouw)[N])[N]
utiliteitsgebouw	((utiliteit)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
utiliteitstheorie	((utiliteit)[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
utopie	((utopisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
utopist	(((utopisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(ist)[N|N.])[N]
utopistisch	((((utopisch)[A],(ie)[N|A.])[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A]
uur	(uur)[N]
uuraanwijzer	((uur)[N],((aan)[P],(wijs)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
uurcirkel	((uur)[N],(cirkel)[N])[N]
uurdienst	((uur)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
uurdocent	((uur)[N],((doceer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
uurgemiddelde	((uur)[N],(gemiddelde)[N])[N]
uurglas	((uur)[N],(glas)[N])[N]
uurloner	(((uur)[N],(loon)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
uurloon	((uur)[N],(loon)[N])[N]
uurplaat	((uur)[N],(plaat)[N])[N]
uurrecord	((uur)[N],(record)[N])[N]
uurrooster	((uur)[N],(rooster)[N])[N]
uursnelheid	((uur)[N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
uurtarief	((uur)[N],(tarief)[N])[N]
uurwerk	((uur)[N],(werk)[N])[N]
uurwerkindustrie	(((uur)[N],(werk)[N])[N],(industrie)[N])[N]
uurwerkmaker	(((uur)[N],(werk)[N])[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
uurwijzer	((uur)[N],(wijs)[V],(er)[N|NV.])[N]
uzi	(uzi)[N]
uzi-machinepistool	((uzi)[N],((machine)[N],(pistool)[N])[N])[N]
v	(v)[N]
v-hals	((v)[N],(hals)[N])[N]
v-snaar	((v)[N],(snaar)[N])[N]
v-teken	((v)[N],(teken)[N])[N]
va	(va)[N]
vaag	(vaag)[A]
vaagheid	((vaag)[A],(heid)[N|A.])[N]
vaaglijk	((vaag)[V],(lijk)[A|V.])[A]
vaak	(vaak)[N]
vaakluizen	((vaak)[N],(luis)[N])[N]
vaal	(vaal)[N]
vaalachtig	((vaal)[A],(achtig)[A|A.])[A]
vaalblauw	((vaal)[A],(blauw)[A])[A]
vaalbleek	((vaal)[A],(bleek)[A])[A]
vaalbont	((vaal)[A],(bont)[A])[A]
vaalbruin	((vaal)[A],(bruin)[A])[A]
vaalgeel	((vaal)[A],(geel)[A])[A]
vaalgroen	((vaal)[A],(groen)[A])[A]
vaalheid	((vaal)[A],(heid)[N|A.])[N]
vaalkleurig	((vaal)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
vaalrood	((vaal)[A],(rood)[A])[A]
vaalt	(vaalt)[N]
vaalwit	((vaal)[A],(wit)[A])[A]
vaam	(vaam)[N]
vaamhout	((vaam)[N],(hout)[N])[N]
vaan	(vaan)[N]
vaandeldrager	((vaandel)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
vaandelspel	((vaandel)[N],(spel)[N])[N]
vaandelstok	((vaandel)[N],(stok)[N])[N]
vaandelzwaaien	((vaandel)[N],(zwaai)[V])[V]
vaangordel	((vaan)[N],(gordel)[N])[N]
vaar	(vaar)[N]
vaarbaar	((vaar)[V],(baar)[A|V.])[A]
vaarbereik	((vaar)[V],(bereik)[N])[N]
vaarbewijs	((vaar)[V],(bewijs)[N])[N]
vaarboom	((vaar)[V],(boom)[N])[N]
vaardag	((vaar)[V],(dag)[N])[N]
vaardiepte	((vaar)[V],((diep)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vaardigheid	((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N]
vaardigheidsaspect	(((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
vaardigheidsbewijs	(((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(bewijs)[N])[N]
vaardigheidstest	(((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(test)[N])[N]
vaardigheidstraining	(((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((train)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vaardigheidsvak	(((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(vak)[N])[N]
vaargeld	((vaar)[V],(geld)[N])[N]
vaargeul	((vaar)[V],(geul)[N])[N]
vaarklaar	((vaar)[V],(klaar)[A])[A]
vaarkoe	((vaar)[A],(koe)[N])[N]
vaarplan	((vaar)[V],(plan)[N])[N]
vaarplicht	((vaar)[V],(plicht)[N])[N]
vaarroute	((vaar)[V],(route)[N])[N]
vaars	(vaars)[N]
vaarschema	((vaar)[V],(schema)[N])[N]
vaarschroef	((vaar)[N],(schroef)[N])[N]
vaarseizoen	((vaar)[V],(seizoen)[N])[N]
vaarskalf	((vaars)[N],(kalf)[N])[N]
vaarsnelheid	((vaar)[V],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
vaarstok	((vaar)[V],(stok)[N])[N]
vaart	(vaart)[N]
vaartdijk	((vaart)[N],(dijk)[N])[N]
vaartgeld	((vaart)[N],(geld)[N])[N]
vaartijd	((vaar)[V],(tijd)[N])[N]
vaartschipper	((vaart)[N],((schip)[N],(er)[N|N.])[N])[N]
vaartuig	((vaar)[V],(tuig)[N])[N]
vaartvermindering	((vaart)[N],(((ver)[V|.V],(minder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vaarverbod	((vaar)[V],(verbod)[N])[N]
vaarwater	((vaar)[V],(water)[N])[N]
vaarweg	((vaar)[V],(weg)[N])[N]
vaarwel	((vaar)[V],(wel)[N])[N]
vaarwelzeggen	(((vaar)[V],(wel)[N])[N],(zeg)[V])[V]
vaas	(vaas)[N]
vaasachtig	((vaas)[N],(achtig)[A|N.])[A]
vaasvormig	((vaas)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
vaat	(vaat)[N]
vaataandoening	((vaat)[V],(((aan)[P],(doe)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vaatbundel	((vaat)[V],(bundel)[N])[N]
vaatcel	((vaat)[V],(cel)[N])[N]
vaatchirurgie	((vaat)[V],((chirurgisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
vaatdoek	((vaat)[N],(doek)[N])[N]
vaatgezwel	((vaat)[V],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
vaathout	((vaat)[V],(hout)[N])[N]
vaatkramp	((vaat)[V],(kramp)[N])[N]
vaatkwast	((vaat)[N],(kwast)[N])[N]
vaatrijk	((vaat)[V],(rijk)[A])[A]
vaats	((vat)[N],(s)[A|N.])[A]
vaatsheid	(((vat)[N],(s)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vaatstelsel	((vaat)[V],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
vaatverkalking	((vaat)[N],((ver)[V|.N],(kalk)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
vaatvernauwend	((vaat)[N],((ver)[V|.A],(nauw)[A])[V],(end)[A|NV.])[A]
vaatvernauwing	((vaat)[N],((ver)[V|.A],(nauw)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
vaatverwijdend	((vaat)[N],((ver)[V|.A],(wijd)[A])[V],(end)[A|NV.])[A]
vaatverwijder	((vaat)[N],((ver)[V|.A],(wijd)[A])[V],(er)[N|NV.])[N]
vaatverwijding	((vaat)[N],((ver)[V|.A],(wijd)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
vaatvlies	((vaat)[V],(vlies)[N])[N]
vaatwand	((vaat)[V],(wand)[N])[N]
vaatwasmachine	((vaat)[N],((was)[V],(machine)[N])[N])[N]
vaatwasser	((vaat)[N],(was)[V],(er)[N|NV.])[N]
vaatweefsel	((vaat)[V],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
vaatwerk	((vaat)[N],(werk)[N])[N]
vaatziekte	((vaat)[V],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vacant	((vaceer)[V],(ant)[A|V.])[A]
vacatiegeld	((vacatie)[N],(geld)[N])[N]
vacature	(vacature)[N]
vacaturebank	((vacature)[N],(bank)[N])[N]
vacaturebeurt	((vacature)[N],(beurt)[N])[N]
vacaturenummer	((vacature)[N],(nummer)[N])[N]
vacaturepenningen	((vacature)[N],(penning)[N])[N]
vacaturestop	((vacature)[N],(stop)[N])[N]
vacatuur	((vaceer)[V],(atuur)[N|V.])[N]
vaccinaal	((vaccin)[N],(aal)[A|N.])[A]
vaccinateur	(((vaccin)[N],(eer)[V|N.])[V],(ateur)[N|V.])[N]
vaccinatie	(((vaccin)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N]
vaccinatiebewijs	((((vaccin)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(bewijs)[N])[N]
vaccinatieplicht	((((vaccin)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(plicht)[N])[N]
vaccinatieprogramma	((((vaccin)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N],(programma)[N])[N]
vaccinedwang	((vaccine)[N],(dwang)[N])[N]
vaccineren	((vaccin)[N],(eer)[V|N.])[V]
vaccinering	(((vaccin)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
vaccinestof	((vaccine)[N],(stof)[N])[N]
vacht	(vacht)[N]
vacuümbuis	((vacuüm)[N],(buis)[N])[N]
vacuümglas	((vacuüm)[N],(glas)[N])[N]
vacuümkamer	((vacuüm)[N],(kamer)[N])[N]
vacuümlamp	((vacuüm)[N],(lamp)[N])[N]
vacuümmeter	((vacuüm)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
vacuümpan	((vacuüm)[N],(pan)[N])[N]
vacuümpomp	((vacuüm)[N],(pomp)[N])[N]
vacuümverpakking	((vacuüm)[N],(((ver)[V|.N],(pak)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vacuümverpakt	((vacuüm)[N],(verpakt)[V])[A]
vadem	(vadem)[N]
vademen	(vadem)[V]
vademhout	((vadem)[N],(hout)[N])[N]
vader	(vader)[N]
vader-abt	((vader)[N],(abt)[N])[N]
vader-overste	((vader)[N],(overste)[N])[N]
vaderbeeld	((vader)[N],(beeld)[N])[N]
vaderbinding	((vader)[N],((bind)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vadercomplex	((vader)[N],(complex)[N])[N]
vaderdag	((vader)[N],(dag)[N])[N]
vaderdier	((vader)[N],(dier)[N])[N]
vaderen	(vader)[V]
vaderfiguur	((vader)[N],(figuur)[N])[N]
vaderhand	((vader)[N],(hand)[N])[N]
vaderhart	((vader)[N],(hart)[N])[N]
vaderhuis	((vader)[N],(huis)[N])[N]
vaderimago	((vader)[N],(imago)[N])[N]
vaderland	((vader)[N],(land)[N])[N]
vaderlander	(((vader)[N],(land)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
vaderlandlievend	(((vader)[N],(land)[N])[N],(lievend)[V])[A]
vaderlandloos	(((vader)[N],(land)[N])[N],(loos)[A|N.])[A]
vaderlands	(((vader)[N],(land)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
vaderlandsgezind	((((vader)[N],(land)[N])[N],(s)[A|N.])[A],(gezind)[A])[A]
vaderlandsgezindheid	(((((vader)[N],(land)[N])[N],(s)[A|N.])[A],(gezind)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
vaderlandsliefde	((((vader)[N],(land)[N])[N],(s)[A|N.])[A],(liefde)[N])[N]
vaderlandslievend	(((vader)[N],(land)[N])[N],(s)[A|N.V],(lievend)[V])[A]
vaderlandslievendheid	((((vader)[N],(land)[N])[N],(s)[A|N.V],(lievend)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
vaderliefde	((vader)[N],(liefde)[N])[N]
vaderlijk	((vader)[N],(lijk)[A|N.])[A]
vaderlijkheid	(((vader)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vaderloos	((vader)[N],(loos)[A|N.])[A]
vadermoord	((vader)[N],(moord)[N])[N]
vadermoordenaar	((vader)[N],((moord)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
vadermoorder	(((vader)[N],(moord)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
vaderons	((vader)[N],(ons)[O])[N]
vaderpaard	((vader)[N],(paard)[N])[N]
vaderplicht	((vader)[N],(plicht)[N])[N]
vaderrecht	((vader)[N],(recht)[N])[N]
vaderrechtelijk	(((vader)[N],(recht)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
vaderschap	((vader)[N],(schap)[N|N.])[N]
vaderschapsverlof	(((vader)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(verlof)[N])[N]
vadersgek	((vader)[N],(s)[N|N.N],(gek)[N])[N]
vaderskant	((vader)[N],(s)[N|N.N],(kant)[N])[N]
vaderskind	((vader)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
vadersnaam	((vader)[N],(s)[N|N.N],(naam)[N])[N]
vaderstad	((vader)[N],(stad)[N])[N]
vaderszijde	((vader)[N],(s)[N|N.N],(zijde)[N])[N]
vadertrots	((vader)[N],(trots)[N])[N]
vadervreugd	((vader)[N],(vreugd)[N])[N]
vadervreugde	((vader)[N],(vreugde)[N])[N]
vaderweelde	((vader)[N],(weelde)[N])[N]
vaderzegen	((vader)[N],(zegen)[N])[N]
vaderzorg	((vader)[N],(zorg)[N])[N]
vadoek	((vaat)[N],(doek)[N])[N]
vadsigaard	((vadsig)[A],(aard)[N|A.])[N]
vadsigheid	((vadsig)[A],(heid)[N|A.])[N]
vagantenpoëzie	((vagant)[N],(en)[N|N.N],(poëzie)[N])[N]
vagebonderen	((vagebond)[N],(eer)[V|N.])[V]
vagelijk	((vaag)[A],(elijk)[A|A.])[A]
vagen	(vaag)[V]
vagina	(vagina)[N]
vaginaal	((vagina)[N],(aal)[A|N.])[A]
vaginaslijmvlies	((vagina)[N],((slijm)[N],(vlies)[N])[N])[N]
vaginawand	((vagina)[N],(wand)[N])[N]
vair	(vair)[N]
vak	(vak)[N]
vakantie	(vakantie)[N]
vakantie-uitwisseling	((vakantie)[N],(((uit)[P],(wissel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vakantieadres	((vakantie)[N],(adres)[N])[N]
vakantiebestemming	((vakantie)[N],((bestem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vakantiebijslag	((vakantie)[N],(bijslag)[N])[N]
vakantieboerderij	((vakantie)[N],((boer)[V],(derij)[N|V.])[N])[N]
vakantiebon	((vakantie)[N],(bon)[N])[N]
vakantiebungalow	((vakantie)[N],(bungalow)[N])[N]
vakantiecentrum	((vakantie)[N],(centrum)[N])[N]
vakantiecursus	((vakantie)[N],(cursus)[N])[N]
vakantiedag	((vakantie)[N],(dag)[N])[N]
vakantiedia	((vakantie)[N],(dia)[N])[N]
vakantiedorp	((vakantie)[N],(dorp)[N])[N]
vakantiefoto	((vakantie)[N],(foto)[N])[N]
vakantieganger	((vakantie)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N]
vakantiegedoe	((vakantie)[N],((ge)[N|.V],(doe)[V])[N])[N]
vakantiegeld	((vakantie)[N],(geld)[N])[N]
vakantiehuis	((vakantie)[N],(huis)[N])[N]
vakantiehulp	((vakantie)[N],(hulp)[N])[N]
vakantiekamer	((vakantie)[N],(kamer)[N])[N]
vakantiekamp	((vakantie)[N],(kamp)[N])[N]
vakantiekolonie	((vakantie)[N],(kolonie)[N])[N]
vakantieland	((vakantie)[N],(land)[N])[N]
vakantiemaand	((vakantie)[N],(maand)[N])[N]
vakantiemogelijkheid	((vakantie)[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
vakantieoord	((vakantie)[N],(oord)[N])[N]
vakantieperiode	((vakantie)[N],(periode)[N])[N]
vakantieregeling	((vakantie)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vakantiereis	((vakantie)[N],(reis)[N])[N]
vakantieseizoen	((vakantie)[N],(seizoen)[N])[N]
vakantiesfeer	((vakantie)[N],(sfeer)[N])[N]
vakantiespreiding	((vakantie)[N],(spreid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
vakantietijd	((vakantie)[N],(tijd)[N])[N]
vakantietoeslag	((vakantie)[N],((toe)[B],(slag)[N])[N])[N]
vakantieverlof	((vakantie)[N],(verlof)[N])[N]
vakantievriend	((vakantie)[N],(vriend)[N])[N]
vakantievriendschap	((vakantie)[N],((vriend)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
vakantieweer	((vakantie)[N],(weer)[N])[N]
vakantiewerk	((vakantie)[N],(werk)[N])[N]
vakantiezegel	((vakantie)[N],(zegel)[N])[N]
vakarbeider	((vak)[N],((arbeid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
vakbekwaam	((vak)[N],(bekwaam)[A])[A]
vakbeurs	((vak)[N],(beurs)[N])[N]
vakbeweging	((vak)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vakbewegingskring	(((vak)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(kring)[N])[N]
vakbibliografie	((vak)[N],((bibliografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
vakbibliotheek	((vak)[N],(bibliotheek)[N])[N]
vakblad	((vak)[N],(blad)[N])[N]
vakboek	((vak)[N],(boek)[N])[N]
vakbond	((vak)[N],(bond)[N])[N]
vakbondsactie	(((vak)[N],(bond)[N])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
vakbondsactiviteit	(((vak)[N],(bond)[N])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
vakbondsbeleid	(((vak)[N],(bond)[N])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
vakbondsbonze	(((vak)[N],(bond)[N])[N],(s)[N|N.N],(bonze)[N])[N]
vakbondsdelegatie	(((vak)[N],(bond)[N])[N],(s)[N|N.N],((delegeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
vakbondsleider	(((vak)[N],(bond)[N])[N],(s)[N|N.Vx],(leid)[V],(er)[N|NxV.])[N]
vakbondspolitiek	(((vak)[N],(bond)[N])[N],(s)[A|N.A],(politiek)[A])[A]
vakbondsvergadering	(((vak)[N],(bond)[N])[N],(s)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vakbondsvertegenwoordiger	(((vak)[N],(bond)[N])[N],(s)[N|N.N],((vertegenwoordig)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
vakbondszaak	(((vak)[N],(bond)[N])[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
vakbroeder	((vak)[N],(broeder)[N])[N]
vakcentrale	((vak)[N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
vakchauvinisme	((vak)[N],(chauvinisme)[N])[N]
vakcongres	((vak)[N],(congres)[N])[N]
vakcursus	((vak)[N],(cursus)[N])[N]
vakdepartement	((vak)[N],(departement)[N])[N]
vakdeskundigheid	((vak)[N],(((des)[B],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
vakdidacticus	((vak)[N],(didacticus)[N])[N]
vakdidactiek	((vak)[N],((didactisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
vakdidactisch	((vak)[N],(didactisch)[A])[A]
vakdiploma	((vak)[N],(diploma)[N])[N]
vakdiscipline	((vak)[N],(discipline)[N])[N]
vakdocent	((vak)[N],(doceer)[V],(ent)[N|NV.])[N]
vakerig	((vaak)[N],(erig)[A|N.])[A]
vakfederatie	((vak)[N],((federeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
vakfotograaf	((vak)[N],(fotograaf)[N])[N]
vakgebied	((vak)[N],(gebied)[N])[N]
vakgeleerde	((vak)[N],(geleerde)[N])[N]
vakgenoot	((vak)[N],(genoot)[N])[N]
vakgenote	(((vak)[N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
vakgericht	((vak)[N],(gericht)[A])[A]
vakgroep	((vak)[N],(groep)[N])[N]
vakhistoricus	((vak)[N],(historicus)[N])[N]
vakidioot	((vak)[N],(idioot)[N])[N]
vakidiotie	((vak)[N],((idioot)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
vakinhoudelijk	((vak)[N],((inhoud)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
vakjargon	((vak)[N],(jargon)[N])[N]
vakkenintegratie	((vak)[N],(en)[N|N.N],((integreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
vakkennis	((vak)[N],(kennis)[N])[N]
vakkenpakket	((vak)[N],(en)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
vakkleding	((vak)[N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vakkracht	((vak)[N],(kracht)[N])[N]
vakkring	((vak)[N],(kring)[N])[N]
vakleerkracht	((vak)[N],((leer)[V],(kracht)[N])[N])[N]
vakleerkrachtensysteem	(((vak)[N],((leer)[V],(kracht)[N])[N])[N],(en)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
vakleraar	((vak)[N],(leraar)[N])[N]
vaklerares	(((vak)[N],(leraar)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
vakliteratuur	((vak)[N],(literatuur)[N])[N]
vaklitteratuur	((vak)[N],(litteratuur)[N])[N]
vaklokaal	((vak)[N],(lokaal)[N])[N]
vakman	((vak)[N],(man)[N])[N]
vakmanschap	(((vak)[N],(man)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
vakminister	((vak)[N],(minister)[N])[N]
vakmusicus	((vak)[N],(musicus)[N])[N]
vakonderwijs	((vak)[N],(onderwijs)[N])[N]
vakonderwijzer	((vak)[N],((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
vakonderwijzeres	((vak)[N],(((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N])[N]
vakopleiding	((vak)[N],(((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vakorgaan	((vak)[N],(orgaan)[N])[N]
vakorganisatie	((vak)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
vakpers	((vak)[N],(pers)[N])[N]
vakscholing	((vak)[N],((school)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vakschool	((vak)[N],(school)[N])[N]
vaksgewijs	((vak)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
vakspecialisatie	((vak)[N],(((speciaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
vakspecialist	((vak)[N],(specialist)[N])[N]
vakspecialistisch	((vak)[N],((specialist)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
vakspecifiek	((vak)[N],(specifiek)[A])[A]
vakstudie	((vak)[N],(studie)[N])[N]
vaktaal	((vak)[N],(taal)[N])[N]
vaktechnisch	((vak)[N],(technisch)[A])[A]
vaktekenen	((vak)[N],(teken)[V])[V]
vakterm	((vak)[N],(term)[N])[N]
vakterminologie	((vak)[N],((terminologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
vakterrein	((vak)[N],(terrein)[N])[N]
vaktheologisch	((vak)[N],(theologisch)[A])[A]
vaktheoloog	((vak)[N],(theoloog)[N])[N]
vaktijdschrift	((vak)[N],((tijd)[N],(schrift)[N])[N])[N]
vakvaardigheid	((vak)[N],((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
vakverbond	((vak)[N],(verbond)[N])[N]
vakverdeling	((vak)[N],(((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vakvereniging	((vak)[N],(verenig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
vakverwisseling	((vak)[N],(((ver)[V|.V],(wissel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vakvrouw	((vak)[N],(vrouw)[N])[N]
vakwereld	((vak)[N],(wereld)[N])[N]
vakwerk	((vak)[N],(werk)[N])[N]
vakwerkbouw	(((vak)[N],(werk)[N])[N],(bouw)[N])[N]
vakwerkconstructie	(((vak)[N],(werk)[N])[N],(constructie)[N])[N]
vakwerkgevel	(((vak)[N],(werk)[N])[N],(gevel)[N])[N]
vakwerkstijl	(((vak)[N],(werk)[N])[N],(stijl)[N])[N]
vakwetenschap	((vak)[N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
vakwoord	((vak)[N],(woord)[N])[N]
vakwoordenboek	(((vak)[N],(woord)[N])[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
vakwoordenlijst	(((vak)[N],(woord)[N])[N],(en)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
vakzoldering	((vak)[N],((zolder)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
val	(val)[N]
valappel	((val)[V],(appel)[N])[N]
valavond	((val)[V],(avond)[N])[N]
valbeweging	((val)[V],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
valbijl	((val)[V],(bijl)[N])[N]
valblok	((val)[V],(blok)[N])[N]
valbrug	((val)[V],(brug)[N])[N]
valbuis	((val)[V],(buis)[N])[N]
valdeur	((val)[V],(deur)[N])[N]
valentiegetal	((valentie)[N],(getal)[N])[N]
valeriaanwortel	((valeriaan)[N],(wortel)[N])[N]
valflouw	((val)[N],(flouw)[N])[N]
valgewicht	((val)[V],(gewicht)[N])[N]
valgordijn	((val)[V],(gordijn)[N])[N]
valhek	((val)[V],(hek)[N])[N]
valhelm	((val)[V],(helm)[N])[N]
valhoed	((val)[V],(hoed)[N])[N]
valhoek	((val)[V],(hoek)[N])[N]
valhoogte	((val)[V],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
validiteit	((valide)[A],(iteit)[N|A.])[N]
valig	((vaal)[A],(ig)[A|A.])[A]
valiumtablet	((valium)[N],(tablet)[N])[N]
valk	(valk)[N]
valkachtig	((valk)[N],(achtig)[A|N.])[A]
valkenblik	((valk)[N],(e)[N|N.N],(blik)[N])[N]
valkenei	((valk)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
valkenhof	((valk)[N],(en)[N|N.N],(hof)[N])[N]
valkenhorst	((valk)[N],(e)[N|N.N],(horst)[N])[N]
valkenhuis	((valk)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
valkenier	((valk)[N],(enier)[N|N.])[N]
valkenierschap	(((valk)[N],(enier)[N|N.])[N],(schap)[N|N.])[N]
valkeniershandschoen	(((valk)[N],(enier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((hand)[N],(schoen)[N])[N])[N]
valkenierstas	(((valk)[N],(enier)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(tas)[N])[N]
valkenierster	(((valk)[N],(enier)[N|N.])[N],(ster)[N|N.])[N]
valkenjacht	((valk)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
valkenkap	((valk)[N],(e)[N|N.N],(kap)[N])[N]
valkennest	((valk)[N],(e)[N|N.N],(nest)[N])[N]
valkenoog	((valk)[N],(e)[N|N.N],(oog)[N])[N]
valkenvlucht	((valk)[N],(e)[N|N.N],(vlucht)[N])[N]
valkerij	((valk)[N],(erij)[N|N.])[N]
valkhof	((valk)[N],(hof)[N])[N]
valkjacht	((valk)[N],(jacht)[N])[N]
valkklasse	((valk)[N],(klasse)[N])[N]
valklep	((val)[V],(klep)[N])[N]
valkuil	((val)[V],(kuil)[N])[N]
vallen	(val)[V]
vallicht	((val)[V],(licht)[N])[N]
valling	((val)[V],(ing)[N|V.])[N]
valluik	((val)[V],(luik)[N])[N]
valmachine	((val)[V],(machine)[N])[N]
valmuur	((val)[V],(muur)[N])[N]
valnest	((val)[N],(nest)[N])[N]
valnet	((val)[V],(net)[N])[N]
valoefening	((val)[V],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
valorisatie	((valoriseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
valpartij	((val)[V],(partij)[N])[N]
valpijp	((val)[V],(pijp)[N])[N]
valpoort	((val)[V],(poort)[N])[N]
valproef	((val)[V],(proef)[N])[N]
valput	((val)[V],(put)[N])[N]
valreep	((val)[N],(reep)[N])[N]
valreepsgast	(((val)[N],(reep)[N])[N],(s)[N|N.N],(gast)[N])[N]
valreepsknoop	(((val)[N],(reep)[N])[N],(s)[N|N.N],(knoop)[N])[N]
valreepstrap	(((val)[N],(reep)[N])[N],(s)[N|N.N],(trap)[N])[N]
valrichting	((val)[V],((richt)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vals	(vals)[A]
valsaard	((vals)[A],(aard)[N|A.])[N]
valscherm	((val)[V],(scherm)[N])[N]
valschermjager	(((val)[V],(scherm)[N])[N],((jaag)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
valschermlicht	(((val)[V],(scherm)[N])[N],(licht)[N])[N]
valschermspringer	(((val)[V],(scherm)[N])[N],((spring)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
valschermsprong	(((val)[V],(scherm)[N])[N],(sprong)[N])[N]
valschermtoorts	(((val)[V],(scherm)[N])[N],(toorts)[N])[N]
valschermtroep	(((val)[V],(scherm)[N])[N],(troep)[N])[N]
valscheur	((val)[N],(scheer)[V],(eur)[N|NV.])[N]
valselijk	((vals)[A],(elijk)[A|A.])[A]
valsemunter	((vals)[A],(e)[N|A.N],((munt)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
valsemunterij	((vals)[A],(e)[N|A.Vx],(munt)[V],(erij)[N|AxV.])[N]
valserik	((vals)[A],(erik)[N|A.])[N]
valshartig	((vals)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
valshartigheid	(((vals)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
valsheid	((vals)[A],(heid)[N|A.])[N]
valslot	((val)[V],(slot)[N])[N]
valsmunter	((vals)[A],(munt)[V],(er)[N|AV.])[N]
valsmunterij	((vals)[A],(munt)[V],(erij)[N|AV.])[N]
valsnelheid	((val)[V],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
valsteiger	((val)[V],(steiger)[N])[N]
valstrik	((val)[V],(strik)[N])[N]
valtijd	((val)[V],(tijd)[N])[N]
valuta-aankoop	((valuta)[N],((aan)[P],(koop)[N])[N])[N]
valutabeurs	((valuta)[N],(beurs)[N])[N]
valutaclausule	((valuta)[N],(clausule)[N])[N]
valutadekking	((valuta)[N],((dek)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
valutafonds	((valuta)[N],(fonds)[N])[N]
valutahandel	((valuta)[N],(handel)[N])[N]
valutakoers	((valuta)[N],(koers)[N])[N]
valutamarkt	((valuta)[N],(markt)[N])[N]
valutaoptie	((valuta)[N],(optie)[N])[N]
valutaschommeling	((valuta)[N],((schommel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
valutaverkeer	((valuta)[N],(verkeer)[N])[N]
valutaverschil	((valuta)[N],(verschil)[N])[N]
valwet	((val)[V],(wet)[N])[N]
valwind	((val)[V],(wind)[N])[N]
valzweven	((val)[V],(zweef)[V])[V]
vamen	(vaam)[V]
vamp	(vamp)[N]
vampier	(vampier)[N]
vandaal	(vandaal)[N]
vaneenrijten	((vaneen)[B],(rijt)[V])[V]
vaneenrukken	((vaneen)[B],(ruk)[V])[V]
vaneenscheiden	((vaneen)[B],(scheid)[V])[V]
vaneenscheuren	((vaneen)[B],(scheur)[V])[V]
vaneenspringen	((vaneen)[B],(spring)[V])[V]
vaneentrekken	((vaneen)[B],(trek)[V])[V]
vaneenvallen	((vaneen)[B],(val)[V])[V]
vang	(vang)[N]
vangarm	((vang)[V],(arm)[N])[N]
vangbaar	((vang)[V],(baar)[A|V.])[A]
vangbal	((vang)[V],(bal)[N])[N]
vangband	((vang)[V],(band)[N])[N]
vangdraad	((vang)[V],(draad)[N])[N]
vangen	(vang)[V]
vanger	((vang)[V],(er)[N|V.])[N]
vanggaas	((vang)[V],(gaas)[N])[N]
vanghaak	((vang)[V],(haak)[N])[N]
vanghaar	((vang)[V],(haar)[N])[N]
vanghek	((vang)[V],(hek)[N])[N]
vanghut	((vang)[V],(hut)[N])[N]
vangijzer	((vang)[N],(ijzer)[N])[N]
vangkooi	((vang)[V],(kooi)[N])[N]
vangkuil	((vang)[V],(kuil)[N])[N]
vanglijn	((vang)[V],(lijn)[N])[N]
vangnet	((vang)[V],(net)[N])[N]
vangrad	((vang)[N],(rad)[N])[N]
vangrail	((vang)[V],(rail)[N])[N]
vangsnoer	((vang)[V],(snoer)[N])[N]
vangspel	((vang)[V],(spel)[N])[N]
vangst	((vang)[V],(st)[N|V.])[N]
vangstcijfer	(((vang)[V],(st)[N|V.])[N],(cijfer)[N])[N]
vangstok	((vang)[V],(stok)[N])[N]
vangstresultaat	(((vang)[V],(st)[N|V.])[N],((resulteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
vangtijd	((vang)[V],(tijd)[N])[N]
vangtouw	((vang)[N],(touw)[N])[N]
vangverbod	((vang)[V],(verbod)[N])[N]
vangwater	((vang)[V],(water)[N])[N]
vangzeil	((vang)[V],(zeil)[N])[N]
vanille	(vanille)[N]
vanille-ijs	((vanille)[N],(ijs)[N])[N]
vanilleachtig	((vanille)[N],(achtig)[A|N.])[A]
vanilleboom	((vanille)[N],(boom)[N])[N]
vanillepudding	((vanille)[N],(pudding)[N])[N]
vanillesmaak	((vanille)[N],(smaak)[N])[N]
vanillestokje	((vanille)[N],(stok)[N])[N]
vanillesuiker	((vanille)[N],(suiker)[N])[N]
vanillevla	((vanille)[N],(vla)[N])[N]
vanzelfsprekend	((vanzelf)[B],(spreek)[V],(end)[A|BV.])[A]
vanzelfsprekendheid	(((vanzelf)[B],(spreek)[V],(end)[A|BV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vaporisator	((vaporiseer)[V],(ator)[N|V.])[N]
var	(var)[N]
varekoe	((vaar)[A],(e)[N|A.N],(koe)[N])[N]
varen	(varen)[N]
varen	(vaar)[V]
varenachtig	((varen)[N],(achtig)[A|N.])[A]
varenbed	((varen)[N],(bed)[N])[N]
varenkussen	((varen)[N],(kussen)[N])[N]
varenmos	((varen)[N],(mos)[N])[N]
varensgast	((varen)[V],(s)[N|V.N],(gast)[N])[N]
varensgezel	((varen)[V],(s)[N|V.N],(gezel)[N])[N]
varensman	((varen)[V],(s)[N|V.N],(man)[N])[N]
varensvolk	((vaar)[V],(s)[N|V.N],(volk)[N])[N]
variabiliteit	(((varieer)[V],(abel)[A|V.])[A],(biliteit)[N|A.])[N]
variant	((varieer)[V],(ant)[N|V.])[N]
variatie	((varieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
variatiebreedte	(((varieer)[V],(atie)[N|V.])[N],((breed)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
variatiecoëfficiënt	(((varieer)[V],(atie)[N|V.])[N],(coëfficiënt)[N])[N]
variatiemogelijkheid	(((varieer)[V],(atie)[N|V.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
variétéartiest	((variété)[N],(artiest)[N])[N]
variétéartieste	(((variété)[N],(artiest)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
variétégezelschap	((variété)[N],((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
variététheater	((variété)[N],(theater)[N])[N]
varken	(varken)[N]
varkensachtig	((varken)[N],(s)[A|N.x],(achtig)[A|Nx.])[A]
varkensblaas	((varken)[N],(s)[N|N.N],(blaas)[N])[N]
varkensborstel	((varken)[N],(s)[N|N.N],(borstel)[N])[N]
varkensbrood	((varken)[N],(s)[N|N.N],(brood)[N])[N]
varkenscyclus	((varken)[N],(s)[N|N.N],(cyclus)[N])[N]
varkensdarm	((varken)[N],(s)[N|N.N],(darm)[N])[N]
varkensdraf	((varken)[N],(s)[N|N.N],(draf)[N])[N]
varkensdrijver	((varken)[N],(s)[N|N.Vx],(drijf)[V],(er)[N|NxV.])[N]
varkensfilet	((varken)[N],(s)[N|N.N],(filet)[N])[N]
varkensfokker	((varken)[N],(s)[N|N.Vx],(fok)[V],(er)[N|NxV.])[N]
varkensfokkerij	((varken)[N],(s)[N|N.Vx],(fok)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
varkensgebraad	((varken)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(braad)[V])[N])[N]
varkensgras	((varken)[N],(s)[N|N.N],(gras)[N])[N]
varkenshaar	((varken)[N],(s)[N|N.N],(haar)[N])[N]
varkenshaas	((varken)[N],(s)[N|N.N],(haas)[N])[N]
varkenshart	((varken)[N],(s)[N|N.N],(hart)[N])[N]
varkenshok	((varken)[N],(s)[N|N.N],(hok)[N])[N]
varkenskarbonade	((varken)[N],(s)[N|N.N],(karbonade)[N])[N]
varkenskop	((varken)[N],(s)[N|N.N],(kop)[N])[N]
varkenskost	((varken)[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
varkenskot	((varken)[N],(s)[N|N.N],(kot)[N])[N]
varkenskotelet	((varken)[N],(s)[N|N.N],(kotelet)[N])[N]
varkenskrap	((varken)[N],(s)[N|N.N],(krap)[N])[N]
varkenslapje	((varken)[N],(s)[N|N.N],(lap)[N])[N]
varkensleder	((varken)[N],(s)[N|N.N],(leder)[N])[N]
varkensleer	((varken)[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
varkensmarkt	((varken)[N],(s)[N|N.N],(markt)[N])[N]
varkensmesterij	((varken)[N],(s)[N|N.Vx],(mest)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
varkensnier	((varken)[N],(s)[N|N.N],(nier)[N])[N]
varkensoog	((varken)[N],(s)[N|N.N],(oog)[N])[N]
varkenspoot	((varken)[N],(s)[N|N.N],(poot)[N])[N]
varkensreuzel	((varken)[N],(s)[N|N.N],(reuzel)[N])[N]
varkensrib	((varken)[N],(s)[N|N.N],(rib)[N])[N]
varkensslachter	((varken)[N],(s)[N|N.Vx],(slacht)[V],(er)[N|NxV.])[N]
varkensslager	((varken)[N],(s)[N|N.N],(slager)[N])[N]
varkenssnoet	((varken)[N],(s)[N|N.N],(snoet)[N])[N]
varkenssnuit	((varken)[N],(s)[N|N.N],(snuit)[N])[N]
varkensstaart	((varken)[N],(s)[N|N.N],(staart)[N])[N]
varkensstal	((varken)[N],(s)[N|N.N],(stal)[N])[N]
varkensstront	((varken)[N],(s)[N|N.N],(stront)[N])[N]
varkenstrog	((varken)[N],(s)[N|N.N],(trog)[N])[N]
varkensvet	((varken)[N],(s)[N|N.N],(vet)[N])[N]
varkensvlees	((varken)[N],(s)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
varkensvoer	((varken)[N],(s)[N|N.N],(voer)[N])[N]
varkensworst	((varken)[N],(s)[N|N.N],(worst)[N])[N]
varkensziekte	((varken)[N],(s)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vast	(vast)[A]
vastbakken	((vast)[A],(bak)[V])[V]
vastberadenheid	(((vast)[A],(beraden)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
vastbijten	((vast)[A],(bijt)[V])[V]
vastbinden	((vast)[A],(bind)[V])[V]
vastdraaien	((vast)[A],(draai)[V])[V]
vastdrukken	((vast)[A],(druk)[V])[V]
vasteland	((vast)[A],(e)[N|A.N],(land)[N])[N]
vastelandsklimaat	(((vast)[A],(e)[N|A.N],(land)[N])[N],(s)[N|N.N],(klimaat)[N])[N]
vasten	(vast)[V]
vastenactie	((vasten)[N],(actie)[N])[N]
vastenavond	((vasten)[N],(avond)[N])[N]
vastenavondgek	(((vasten)[N],(avond)[N])[N],(gek)[N])[N]
vastenavondvreugde	(((vasten)[N],(avond)[N])[N],(vreugde)[N])[N]
vastenavondzot	(((vasten)[N],(avond)[N])[N],(zot)[N])[N]
vastenbrief	((vasten)[N],(brief)[N])[N]
vastendag	((vasten)[N],(dag)[N])[N]
vastenmaand	((vasten)[N],(maand)[N])[N]
vastenplicht	((vasten)[N],(plicht)[N])[N]
vastenpreek	((vasten)[N],(preek)[N])[N]
vastentijd	((vasten)[N],(tijd)[N])[N]
vastentrommel	((vasten)[N],(trommel)[N])[N]
vastenwet	((vasten)[N],(wet)[N])[N]
vastgespen	((vast)[A],(gesp)[V])[V]
vastgoed	((vast)[A],(goed)[N])[N]
vastgrijpen	((vast)[A],(grijp)[V])[V]
vastgroeien	((vast)[A],(groei)[V])[V]
vasthechten	((vast)[A],(hecht)[V])[V]
vastheid	((vast)[A],(heid)[N|A.])[N]
vasthouden	((vast)[A],(houd)[V])[V]
vasthoudendheid	((vasthoudend)[A],(heid)[N|A.])[N]
vastigheid	((vast)[A],(igheid)[N|A.])[N]
vastketenen	((vast)[A],(keten)[V])[V]
vastkitten	((vast)[A],(kit)[V])[V]
vastklampen	((vast)[A],(klamp)[V])[V]
vastklemmen	((vast)[A],(klem)[V])[V]
vastkleven	((vast)[A],(kleef)[V])[V]
vastknopen	((vast)[A],(knoop)[V])[V]
vastkoeken	((vast)[A],(koek)[V])[V]
vastleggen	((vast)[A],(leg)[V])[V]
vastliggen	((vast)[A],(lig)[V])[V]
vastlijmen	((vast)[A],(lijm)[V])[V]
vastlopen	((vast)[A],(loop)[V])[V]
vastmaken	((vast)[A],(maak)[V])[V]
vastmeren	((vast)[A],(meer)[V])[V]
vastnaaien	((vast)[A],(naai)[V])[V]
vastnagelen	((vast)[A],(nagel)[V])[V]
vastnieten	((vast)[A],(niet)[V])[V]
vastomlijnd	((vast)[A],(omlijnd)[V])[A]
vastpakken	((vast)[A],(pak)[V])[V]
vastpinnen	((vast)[A],(pin)[V])[V]
vastplakken	((vast)[A],(plak)[V])[V]
vastpraten	((vast)[A],(praat)[V])[V]
vastprikken	((vast)[A],(prik)[V])[V]
vastrecht	((vast)[A],(recht)[N])[N]
vastrechttarief	(((vast)[A],(recht)[N])[N],(tarief)[N])[N]
vastredeneren	((vast)[A],((reden)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
vastrijden	((vast)[A],(rijd)[V])[V]
vastroesten	((vast)[A],(roest)[V])[V]
vastschroeven	((vast)[A],(schroef)[V])[V]
vastspelden	((vast)[A],(speld)[V])[V]
vastspijkeren	((vast)[A],(spijker)[V])[V]
vaststaan	((vast)[A],(sta)[V])[V]
vaststellen	((vast)[A],(stel)[V])[V]
vaststelling	(((vast)[A],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vaststellingsprocedure	((((vast)[A],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
vastvijzen	((vast)[A],(vijs)[V])[V]
vastvriezen	((vast)[A],(vries)[V])[V]
vastwerken	((vast)[A],(werk)[V])[V]
vastzetten	((vast)[A],(zet)[V])[V]
vastzitten	((vast)[A],(zit)[V])[V]
vat	(vat)[N]
vatbaar	((vaat)[V],(baar)[A|V.])[A]
vatbaarheid	(((vaat)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vatbier	((vat)[N],(bier)[N])[N]
vatboter	((vat)[N],(boter)[N])[N]
vaten	(vaat)[V]
vatenkwast	((vaat)[N],(en)[N|N.N],(kwast)[N])[N]
vatenstelsel	((vaat)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
vatenwasser	((vaat)[N],(en)[N|N.Vx],(was)[V],(er)[N|NxV.])[N]
vatenwasster	((vaat)[N],(en)[N|N.Vx],(was)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
vatten	(vat)[V]
vatting	((vat)[V],(ing)[N|V.])[N]
vaudevilletheater	((vaudeville)[N],(theater)[N])[N]
vazal	(vazal)[N]
vazalleneed	((vazal)[N],(en)[N|N.N],(eed)[N])[N]
vazalliteit	((vazal)[N],(iteit)[N|N.])[N]
vazalstaat	((vazal)[N],(staat)[N])[N]
ve-tsin	(ve-tsin)[N]
vechtachtig	((vecht)[V],(achtig)[A|V.])[A]
vechten	(vecht)[V]
vechter	((vecht)[V],(er)[N|V.])[N]
vechterij	((vecht)[V],(erij)[N|V.])[N]
vechtersbaas	(((vecht)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(baas)[N])[N]
vechtfilm	((vecht)[V],(film)[N])[N]
vechtgraag	((vecht)[V],(graag)[A])[A]
vechthaan	((vecht)[V],(haan)[N])[N]
vechthouding	((vecht)[V],(houding)[N])[N]
vechtjas	((vecht)[V],(jas)[N])[N]
vechtlust	((vecht)[V],(lust)[N])[N]
vechtmaatschappij	((vecht)[V],(maatschappij)[N])[N]
vechtmachine	((vecht)[V],(machine)[N])[N]
vechtpartij	((vecht)[V],(partij)[N])[N]
vechtpet	((vecht)[V],(pet)[N])[N]
vechtsport	((vecht)[V],(sport)[N])[N]
vechtster	((vecht)[V],(ster)[N|V.])[N]
vechtstijl	((vecht)[V],(stijl)[N])[N]
vechttechniek	((vecht)[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
vechtwagen	((vecht)[V],(wagen)[N])[N]
vector	(vector)[N]
vedelaar	((vedel)[V],(aar)[N|V.])[N]
veder	(veder)[N]
vederachtig	((veder)[N],(achtig)[A|N.])[A]
vederbal	((veder)[N],(bal)[N])[N]
vederborstel	((veder)[N],(borstel)[N])[N]
vederbos	((veder)[N],(bos)[N])[N]
vedergewicht	((veder)[N],(gewicht)[N])[N]
vederlicht	((veder)[N],(licht)[A])[A]
vederloos	((veder)[N],(loos)[A|N.])[A]
vedermot	((veder)[N],(mot)[N])[N]
vedervormig	((veder)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
vederwolk	((veder)[N],(wolk)[N])[N]
vedetteneigingen	((vedette)[N],((neig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vedisch	((veda)[N],(isch)[A|N.])[A]
vee	(vee)[N]
veearts	((vee)[N],(arts)[N])[N]
veeartsenijkunde	(((vee)[N],(arts)[N])[N],(enij)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
veeartsenijkundig	((((vee)[N],(arts)[N])[N],(enij)[N|N.N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
veeartsenijschool	(((vee)[N],(arts)[N])[N],(enij)[N|N.N],(school)[N])[N]
veeauto	((vee)[N],(auto)[N])[N]
veebeslag	((vee)[N],(beslag)[N])[N]
veeboer	((vee)[N],(boer)[N])[N]
veeboerin	(((vee)[N],(boer)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
veeboot	((vee)[N],(boot)[N])[N]
veediefstal	((vee)[N],(diefstal)[N])[N]
veefokker	((vee)[N],(fok)[V],(er)[N|NV.])[N]
veeg	(veeg)[N]
veegheid	((veeg)[A],(heid)[N|A.])[N]
veegmachine	((veeg)[V],(machine)[N])[N]
veegmes	((veeg)[V],(mes)[N])[N]
veegsel	((veeg)[V],(sel)[N|V.])[N]
veegster	((veeg)[V],(ster)[N|V.])[N]
veegwagen	((veeg)[V],(wagen)[N])[N]
veehandel	((vee)[N],(handel)[N])[N]
veehoeder	((vee)[N],(hoed)[V],(er)[N|NV.])[N]
veehouder	((vee)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
veehouderij	((vee)[N],(houd)[V],(erij)[N|NV.])[N]
veehoudster	((vee)[N],(houd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
veekering	((vee)[N],((keer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
veekeuring	((vee)[N],(keur)[V],(ing)[N|NV.])[N]
veekoek	((vee)[N],(koek)[N])[N]
veekoopman	((vee)[N],((koop)[V],(man)[N])[N])[N]
veekoper	((vee)[N],(koop)[V],(er)[N|NV.])[N]
veelarm	((veel)[Q],(arm)[N])[N]
veelarmig	((veel)[Q],(arm)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veelbeduidend	((veel)[Q],(beduidend)[A])[A]
veelbelovend	((veel)[Q],(beloof)[V],(end)[A|QV.])[A]
veelbelovendheid	(((veel)[Q],(beloof)[V],(end)[A|QV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
veelbesproken	((veel)[Q],(besproken)[V])[A]
veelbetekenend	((veel)[Q],(betekenend)[V])[A]
veelbewogen	((veel)[Q],(bewogen)[A])[A]
veelbloemig	((veel)[Q],(bloem)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veeleisend	((veel)[Q],(eis)[V],(end)[A|QV.])[A]
veeleisendheid	(((veel)[Q],(eis)[V],(end)[A|QV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
veelgeliefd	((veel)[Q],(geliefd)[A])[A]
veelgevraagd	((veel)[Q],(gevraagd)[V])[A]
veelgodendom	((veel)[Q],(godendom)[N])[N]
veelgoderij	((veel)[Q],(god)[N],(erij)[N|QN.])[N]
veelheid	((veel)[Q],(heid)[N|Q.])[N]
veelhoek	((veel)[Q],(hoek)[N])[N]
veelhoekig	((veel)[Q],(hoek)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veelhoevig	((veel)[Q],(hoef)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veelhoofdig	((veel)[Q],(hoofd)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veeljarig	((veel)[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veelkleurendruk	((veel)[Q],((kleur)[N],(en)[N|N.N],(druk)[N])[N])[N]
veelkleurig	((veel)[Q],(kleur)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veelkleurigheid	(((veel)[Q],(kleur)[N],(ig)[A|QN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
veelknopig	((veel)[Q],(knoop)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veelkoppig	((veel)[Q],(kop)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veelledig	((veel)[Q],(lid)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veelomvattend	((veel)[Q],((om)[P],(vat)[V])[V],(end)[A|QV.])[A]
veelomvattendheid	(((veel)[Q],((om)[P],(vat)[V])[V],(end)[A|QV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
veelpraatster	((veel)[Q],((praat)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
veelprater	((veel)[Q],((praat)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
veelschrijfster	((veel)[Q],((schrijf)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
veelschrijver	((veel)[Q],((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
veelschrijverij	((veel)[Q],((schrijf)[V],(erij)[N|V.])[N])[N]
veelsnarig	((veel)[Q],(snaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veelsoortig	((veel)[Q],(soort)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veelsoortigheid	(((veel)[Q],(soort)[N],(ig)[A|QN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
veelstemmig	((veel)[Q],(stem)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veelstemmigheid	(((veel)[Q],(stem)[N],(ig)[A|QN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
veeltalig	((veel)[Q],(taal)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veeltaligheid	(((veel)[Q],(taal)[N],(ig)[A|QN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
veelte	((veel)[Q],(te)[N|Q.])[N]
veelterm	((veel)[Q],(term)[N])[N]
veelvermogend	((veel)[Q],(vermogend)[A])[A]
veelvlak	((veel)[Q],(vlak)[N])[N]
veelvlakkig	((veel)[Q],(vlak)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veelvlakshoek	(((veel)[Q],(vlak)[N])[N],(s)[N|N.N],(hoek)[N])[N]
veelvoet	((veel)[Q],(voet)[N])[N]
veelvormig	((veel)[Q],(vorm)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veelvormigheid	(((veel)[Q],(vorm)[N],(ig)[A|QN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
veelvoudig	((veelvoud)[N],(ig)[A|N.])[A]
veelvoudigheid	(((veelvoud)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
veelvraat	((veel)[Q],(vraat)[N])[N]
veelvuldigheid	((veelvuldig)[A],(heid)[N|A.])[N]
veelwaardig	((veel)[Q],(waarde)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veelwetend	((veel)[Q],(weet)[V],(end)[A|QV.])[A]
veelweter	((veel)[Q],(weet)[V],(er)[N|QV.])[N]
veelweterij	((veel)[Q],(weet)[V],(erij)[N|QV.])[N]
veelwijverij	((veel)[Q],(wijf)[N],(erij)[N|QN.])[N]
veelzeggend	((veel)[Q],(zeg)[V],(end)[A|QV.])[A]
veelzijdig	((veel)[Q],(zijde)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veelzijdigheid	(((veel)[Q],(zijde)[N],(ig)[A|QN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
veem	(veem)[N]
veemarkt	((vee)[N],(markt)[N])[N]
veembaas	((veem)[N],(baas)[N])[N]
veemceel	((veem)[N],(ceel)[N])[N]
veemgericht	((veem)[N],(gericht)[N])[N]
veemrechter	((veem)[N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
veen	(veen)[N]
veenachtig	((veen)[N],(achtig)[A|N.])[A]
veenbaas	((veen)[N],(baas)[N])[N]
veenbes	((veen)[N],(bes)[N])[N]
veenboer	((veen)[N],(boer)[N])[N]
veenbrand	((veen)[N],(brand)[N])[N]
veenbrug	((veen)[N],(brug)[N])[N]
veendamp	((veen)[N],(damp)[N])[N]
veenderij	((veen)[V],(derij)[N|V.])[N]
veengraver	((veen)[N],(graaf)[V],(er)[N|NV.])[N]
veengrond	((veen)[N],(grond)[N])[N]
veenkolonie	((veen)[N],(kolonie)[N])[N]
veenlaag	((veen)[N],(laag)[N])[N]
veenmeid	((veen)[N],(meid)[N])[N]
veenmoeras	((veen)[N],(moeras)[N])[N]
veenmol	((veen)[N],(mol)[N])[N]
veenmos	((veen)[N],(mos)[N])[N]
veenpakket	((veen)[N],(pakket)[N])[N]
veenplas	((veen)[N],(plas)[N])[N]
veenput	((veen)[N],(put)[N])[N]
veenrook	((veen)[N],(rook)[N])[N]
veenwerker	((veen)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
veepacht	((vee)[N],(pacht)[N])[N]
veepest	((vee)[N],(pest)[N])[N]
veeproduct	((vee)[N],(product)[N])[N]
veer	(veer)[N]
veerboot	((veer)[N],(boot)[N])[N]
veerdam	((veer)[N],(dam)[N])[N]
veerdienst	((veer)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
veergeld	((veer)[N],(geld)[N])[N]
veerhuis	((veer)[N],(huis)[N])[N]
veerknecht	((veer)[N],(knecht)[N])[N]
veerkracht	((veer)[N],(kracht)[N])[N]
veerkrachtig	((veer)[N],((kracht)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
veerkrachtigheid	(((veer)[N],((kracht)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
veerloon	((veer)[N],(loon)[N])[N]
veerman	((veer)[N],(man)[N])[N]
veermechanisme	((veer)[V],(mechanisme)[N])[N]
veerplank	((veer)[V],(plank)[N])[N]
veerploeg	((veer)[V],(ploeg)[N])[N]
veerpont	((veer)[N],(pont)[N])[N]
veerring	((veer)[V],(ring)[N])[N]
veerschip	((veer)[N],(schip)[N])[N]
veerschipper	((veer)[N],((schip)[N],(er)[N|N.])[N])[N]
veerschuit	((veer)[N],(schuit)[N])[N]
veerslot	((veer)[V],(slot)[N])[N]
veerstoep	((veer)[N],(stoep)[N])[N]
veertien	((vier)[Q],(tien)[Q])[Q]
veertiendaags	(((vier)[Q],(tien)[Q])[Q],(dag)[N],(s)[A|QN.])[A]
veertiende-eeuws	((((vier)[Q],(tien)[Q])[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(eeuw)[N],(s)[A|QN.])[A]
veertienduizend	((((vier)[Q],(tien)[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
veertienhonderd	((((vier)[Q],(tien)[Q])[Q],(honderd)[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
veertig	((vier)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q]
veertigdaags	(((vier)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(dag)[N],(s)[A|QN.])[A]
veertigdagentijd	(((vier)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(dag)[N],(en)[N|QN.N],(tijd)[N])[N]
veertigduizend	(((vier)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(duizend)[Q])[Q]
veertiger	(((vier)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(er)[N|Q.])[N]
veertigjarig	(((vier)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veertigtal	(((vier)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(tal)[N])[N]
veertigurengebed	(((vier)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(uur)[N],(en)[N|QN.N],(gebed)[N])[N]
veertigurig	(((vier)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(uur)[N],(ig)[A|QN.])[A]
veertrommel	((veer)[N],(trommel)[N])[N]
veerverbinding	((veer)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
veerweg	((veer)[N],(weg)[N])[N]
veesoort	((vee)[N],(soort)[N])[N]
veest	(veest)[N]
veestal	((vee)[N],(stal)[N])[N]
veestapel	((vee)[N],(stapel)[N])[N]
veesten	(veest)[V]
veeteelt	((vee)[N],(teelt)[N])[N]
veeteeltconsulent	(((vee)[N],(teelt)[N])[N],(consulent)[N])[N]
veetransport	((vee)[N],(transport)[N])[N]
veevervoer	((vee)[N],(vervoer)[N])[N]
veevoeder	((vee)[N],(voeder)[N])[N]
veevoeding	((vee)[N],(voed)[V],(ing)[N|NV.])[N]
veevoer	((vee)[N],(voer)[N])[N]
veevoergewas	(((vee)[N],(voer)[N])[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
veewagen	((vee)[N],(wagen)[N])[N]
veewagon	((vee)[N],(wagon)[N])[N]
veeweide	((vee)[N],(weide)[N])[N]
veeweider	((vee)[N],(weid)[V],(er)[N|NV.])[N]
veeziekte	((vee)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vegen	(veeg)[V]
veger	((veeg)[V],(er)[N|V.])[N]
vegetariërsbond	((vegetariër)[N],(s)[N|N.N],(bond)[N])[N]
vegetatie	((vegeteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
vegetatiedemon	(((vegeteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(demon)[N])[N]
vegetatief	(((vegeteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(ief)[A|N.])[A]
vegetatiegebied	(((vegeteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(gebied)[N])[N]
vegetatiegordel	(((vegeteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(gordel)[N])[N]
vegetatiekunde	(((vegeteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(kunde)[N])[N]
vegetatiekundig	(((vegeteer)[V],(atie)[N|V.])[N],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
vegetatielijn	(((vegeteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(lijn)[N])[N]
vehikel	(vehikel)[N]
vei	(vei)[A]
veil	(veil)[N]
veildag	((veil)[V],(dag)[N])[N]
veilen	(veil)[V]
veiler	((veil)[V],(er)[N|V.])[N]
veilheid	((veil)[A],(heid)[N|A.])[N]
veilig	(veilig)[A]
veiligheid	((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N]
veiligheidsadviseur	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((advies)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
veiligheidsagent	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
veiligheidsaspect	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
veiligheidsbeambte	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(beambte)[N])[N]
veiligheidsbehoefte	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(behoefte)[N])[N]
veiligheidsbeleid	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
veiligheidsbril	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(bril)[N])[N]
veiligheidscode	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(code)[N])[N]
veiligheidsconferentie	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
veiligheidscontrole	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(controle)[N])[N]
veiligheidsdienst	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
veiligheidsgarantie	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((garant)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
veiligheidsglas	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(glas)[N])[N]
veiligheidsgordel	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(gordel)[N])[N]
veiligheidsinstallatie	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
veiligheidsinstituut	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(instituut)[N])[N]
veiligheidsketting	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(ketting)[N])[N]
veiligheidskeuring	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((keur)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
veiligheidskleding	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
veiligheidsklep	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(klep)[N])[N]
veiligheidskooi	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(kooi)[N])[N]
veiligheidskordon	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(kordon)[N])[N]
veiligheidslamp	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(lamp)[N])[N]
veiligheidslucifer	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(lucifer)[N])[N]
veiligheidsmaatregel	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
veiligheidsmarge	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(marge)[N])[N]
veiligheidsnorm	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(norm)[N])[N]
veiligheidsoogpunt	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((oog)[N],(punt)[N])[N])[N]
veiligheidsorganisatie	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
veiligheidsoverweging	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],(overweeg)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
veiligheidspal	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(pal)[N])[N]
veiligheidsprobleem	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
veiligheidsprogramma	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
veiligheidsraad	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
veiligheidsreden	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(reden)[N])[N]
veiligheidsregel	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
veiligheidsrelatie	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
veiligheidsriem	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(riem)[N])[N]
veiligheidsrisico	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(risico)[N])[N]
veiligheidsscheermes	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((scheer)[V],(mes)[N])[N])[N]
veiligheidssignaal	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(signaal)[N])[N]
veiligheidssituatie	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
veiligheidsslot	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(slot)[N])[N]
veiligheidsspeld	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(speld)[N])[N]
veiligheidsstelsel	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
veiligheidsstop	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(stop)[N])[N]
veiligheidssysteem	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
veiligheidstroep	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(troep)[N])[N]
veiligheidsvoorschrift	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
veiligheidsvoorziening	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
veiligheidswet	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
veiligheidszaak	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
veiligheidszone	(((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(zone)[N])[N]
veiling	((veil)[V],(ing)[N|V.])[N]
veilingcatalogus	(((veil)[V],(ing)[N|V.])[N],(catalogus)[N])[N]
veilinggebouw	(((veil)[V],(ing)[N|V.])[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
veilinghal	(((veil)[V],(ing)[N|V.])[N],(hal)[N])[N]
veilinghuis	(((veil)[V],(ing)[N|V.])[N],(huis)[N])[N]
veilingklok	(((veil)[V],(ing)[N|V.])[N],(klok)[N])[N]
veilingmeester	(((veil)[V],(ing)[N|V.])[N],(meester)[N])[N]
veilingnotering	(((veil)[V],(ing)[N|V.])[N],(((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
veilingwezen	(((veil)[V],(ing)[N|V.])[N],(wezen)[N])[N]
veilingzaal	(((veil)[V],(ing)[N|V.])[N],(zaal)[N])[N]
veinzaard	((veins)[V],(aard)[N|V.])[N]
veinzen	(veins)[V]
veinzer	((veins)[V],(er)[N|V.])[N]
veinzeres	(((veins)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
veinzerij	((veins)[V],(erij)[N|V.])[N]
vel	(vel)[N]
veld	(veld)[N]
veldafhankelijk	((veld)[N],(((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
veldafhankelijkheid	((veld)[N],((((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
veldarbeid	((veld)[N],(arbeid)[N])[N]
veldartillerie	((veld)[N],(artillerie)[N])[N]
veldbatterij	((veld)[N],(batterij)[N])[N]
veldbed	((veld)[N],(bed)[N])[N]
veldbloem	((veld)[N],(bloem)[N])[N]
veldboeket	((veld)[N],(boeket)[N])[N]
veldboon	((veld)[N],(boon)[N])[N]
velddienst	((veld)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
veldexperiment	((veld)[N],(experiment)[N])[N]
veldfles	((veld)[N],(fles)[N])[N]
veldfluit	((veld)[N],(fluit)[N])[N]
veldgeschut	((veld)[N],(geschut)[N])[N]
veldgewas	((veld)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
veldgrijs	((veld)[N],(grijs)[A])[A]
veldhaas	((veld)[N],(haas)[N])[N]
veldheer	((veld)[N],(heer)[N])[N]
veldheersstaf	(((veld)[N],(heer)[N])[N],(s)[N|N.N],(staf)[N])[N]
veldheerstalent	(((veld)[N],(heer)[N])[N],(s)[N|N.N],(talent)[N])[N]
veldhockey	((veld)[N],(hockey)[N])[N]
veldhoen	((veld)[N],(hoen)[N])[N]
veldhospitaal	((veld)[N],(hospitaal)[N])[N]
veldkapel	((veld)[N],(kapel)[N])[N]
veldkei	((veld)[N],(kei)[N])[N]
veldkers	((veld)[N],(kers)[N])[N]
veldkeuken	((veld)[N],(keuken)[N])[N]
veldkijker	((veld)[N],((kijk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
veldkorfbal	((veld)[N],((korf)[N],(bal)[N])[N])[N]
veldkracht	((veld)[N],(kracht)[N])[N]
veldlazaret	((veld)[N],(lazaret)[N])[N]
veldleeuwerik	((veld)[N],(leeuwerik)[N])[N]
veldloop	((veld)[N],(loop)[N])[N]
veldmaarschalk	((veld)[N],(maarschalk)[N])[N]
veldmuis	((veld)[N],(muis)[N])[N]
veldmuts	((veld)[N],(muts)[N])[N]
veldoefening	((veld)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
veldonafhankelijk	((veld)[N],((on)[A|.A],(((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A])[A]
veldonafhankelijkheid	((veld)[N],(((on)[A|.A],(((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
veldoorlog	((veld)[N],(oorlog)[N])[N]
veldoven	((veld)[N],(oven)[N])[N]
veldoverste	((veld)[N],(overste)[N])[N]
veldoverwicht	((veld)[N],((over)[N|.N],(wicht)[N])[N])[N]
veldpartij	((veld)[N],(partij)[N])[N]
veldpost	((veld)[N],(post)[N])[N]
veldprediker	((veld)[N],((predik)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
veldrat	((veld)[N],(rat)[N])[N]
veldresearch	((veld)[N],(research)[N])[N]
veldrijden	((veld)[N],(rijd)[V])[V]
veldrijder	(((veld)[N],(rijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
veldrijdster	((veld)[N],((rijd)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
veldrit	((veld)[N],(rit)[N])[N]
veldsalade	((veld)[N],(salade)[N])[N]
veldsituatie	((veld)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
veldsla	((veld)[N],(sla)[N])[N]
veldslag	((veld)[N],(slag)[N])[N]
veldslede	((veld)[N],(slede)[N])[N]
veldslee	((veld)[N],(slee)[N])[N]
veldspaat	((veld)[N],(spaat)[N])[N]
veldspel	((veld)[N],(spel)[N])[N]
veldspeler	((veld)[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
veldsport	((veld)[N],(sport)[N])[N]
veldsterkte	((veld)[N],((sterk)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
veldstudie	((veld)[N],(studie)[N])[N]
veldteken	((veld)[N],(teken)[N])[N]
veldtelefoon	((veld)[N],(telefoon)[N])[N]
veldtent	((veld)[N],(tent)[N])[N]
veldtenue	((veld)[N],(tenue)[N])[N]
veldtheoretisch	((veld)[N],((theorie)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
veldtheorie	((veld)[N],(theorie)[N])[N]
veldtocht	((veld)[N],(tocht)[N])[N]
veldtros	((veld)[N],(tros)[N])[N]
velduil	((veld)[N],(uil)[N])[N]
velduitrusting	((veld)[N],(((uit)[P],(rust)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
veldvrucht	((veld)[N],(vrucht)[N])[N]
veldwacht	((veld)[N],(wacht)[N])[N]
veldwachter	((veld)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
veldweg	((veld)[N],(weg)[N])[N]
veldwerk	((veld)[N],(werk)[N])[N]
velen	(veel)[V]
velg	(velg)[N]
velgrem	((velg)[N],(rem)[N])[N]
velijnpapier	((velijn)[N],(papier)[N])[N]
vellen	(vel)[V]
vellenkoper	((vel)[N],(en)[N|N.Vx],(koop)[V],(er)[N|NxV.])[N]
vellenploten	((vel)[N],(en)[V|N.V],(ploot)[V])[V]
vellenploter	(((vel)[N],(en)[V|N.V],(ploot)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
vellig	((vel)[N],(ig)[A|N.])[A]
velling	((vel)[V],(ing)[N|V.])[N]
veloutésoep	((velouté)[N],(soep)[N])[N]
velum	(velum)[N]
ven	(ven)[N]
vendelzwaaien	((vendel)[N],(zwaai)[V])[V]
venduhouder	((vendu)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
venduhuis	((vendu)[N],(huis)[N])[N]
vendumeester	((vendu)[N],(meester)[N])[N]
venen	(veen)[V]
veneratie	((venereer)[V],(atie)[N|V.])[N]
venig	((veen)[N],(ig)[A|N.])[A]
venijn	(venijn)[N]
venijnig	((venijn)[N],(ig)[A|N.])[A]
venijnigheid	(((venijn)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
venizoen	(venizoen)[N]
venkel	(venkel)[N]
venkelknol	((venkel)[N],(knol)[N])[N]
venkelolie	((venkel)[N],(olie)[N])[N]
venkelwater	((venkel)[N],(water)[N])[N]
venkelzaad	((venkel)[N],(zaad)[N])[N]
vennootschap	((vennoot)[N],(schap)[N|N.])[N]
vennootschappelijk	(((vennoot)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A]
venster	(venster)[N]
vensterbank	((venster)[N],(bank)[N])[N]
vensterblind	((venster)[N],(blind)[N])[N]
vensterenvelop	((venster)[N],(envelop)[N])[N]
vensterenveloppe	((venster)[N],(enveloppe)[N])[N]
venstergat	((venster)[N],(gat)[N])[N]
vensterglas	((venster)[N],(glas)[N])[N]
venstergordijn	((venster)[N],(gordijn)[N])[N]
vensterluik	((venster)[N],(luik)[N])[N]
vensternis	((venster)[N],(nis)[N])[N]
vensteropening	((venster)[N],((open)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vensterraam	((venster)[N],(raam)[N])[N]
vensterruit	((venster)[N],(ruit)[N])[N]
vent	(vent)[N]
venten	(vent)[V]
venter	((vent)[V],(er)[N|V.])[N]
ventiel	(ventiel)[N]
ventieldop	((ventiel)[N],(dop)[N])[N]
ventielklep	((ventiel)[N],(klep)[N])[N]
ventielslang	((ventiel)[N],(slang)[N])[N]
ventilatie	((ventileer)[V],(atie)[N|V.])[N]
ventilatiesysteem	(((ventileer)[V],(atie)[N|V.])[N],(systeem)[N])[N]
ventilator	((ventileer)[V],(ator)[N|V.])[N]
ventilatorblad	(((ventileer)[V],(ator)[N|V.])[N],(blad)[N])[N]
ventilatorkachel	(((ventileer)[V],(ator)[N|V.])[N],(kachel)[N])[N]
ventjagen	((vent)[N],(jaag)[V])[V]
ventjager	(((vent)[N],(jaag)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
ventster	((vent)[V],(ster)[N|V.])[N]
ventvergunning	((vent)[V],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
venusberg	((Venus)[N],(berg)[N])[N]
venushaar	((Venus)[N],(haar)[N])[N]
venusheuvel	((Venus)[N],(heuvel)[N])[N]
venusschelp	((Venus)[N],(schelp)[N])[N]
venusschoen	((Venus)[N],(schoen)[N])[N]
venusspiegel	((Venus)[N],(spiegel)[N])[N]
venusziekte	((Venus)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
ver	(ver)[A]
veraangenamen	((ver)[V|.A],(aangenaam)[A])[V]
veraangenaming	(((ver)[V|.A],(aangenaam)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
veraanschouwelijken	((ver)[V|.A],(((aan)[P],(schouw)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[V]
veraanschouwelijking	(((ver)[V|.A],(((aan)[P],(schouw)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verabsoluteren	((ver)[V|.Ax],(absoluut)[A],(eer)[V|xA.])[V]
verabsolutering	(((ver)[V|.Ax],(absoluut)[A],(eer)[V|xA.])[V],(ing)[N|V.])[N]
veraccijnzen	((ver)[V|.N],(accijns)[N])[V]
verachtelijk	(((ver)[V|.V],(acht)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
verachtelijkheid	((((ver)[V|.V],(acht)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verachtelozen	((ver)[V|.A],((acht)[N],(eloos)[A|N.])[A])[V]
verachten	((ver)[V|.V],(acht)[V])[V]
verachter	(((ver)[V|.V],(acht)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verachtering	((verachter)[V],(ing)[N|V.])[N]
verachting	(((ver)[V|.V],(acht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verademen	((ver)[V|.N],(adem)[N])[V]
verademing	(((ver)[V|.N],(adem)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verafgelegen	(((ver)[A],(af)[P])[B],(gelegen)[A])[A]
verafgoden	((ver)[V|.N],(afgod)[N])[V]
verafgoding	(((ver)[V|.N],(afgod)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verafhankelijking	((ver)[N|.Ax],(((af)[P],(hang)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(ing)[N|xA.])[N]
verafschuwen	((ver)[V|.N],(afschuw)[N])[V]
veralgemenen	((ver)[V|.N],(algemeen)[N])[V]
veralgemening	(((ver)[V|.N],(algemeen)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
veralgemeniseren	((ver)[V|.Ax],((al)[Q],(gemeen)[A])[A],(iseer)[V|xA.])[V]
veralgemenisering	(((ver)[V|.Ax],((al)[Q],(gemeen)[A])[A],(iseer)[V|xA.])[V],(ing)[N|V.])[N]
verambtelijking	((ver)[N|.Ax],((ambt)[N],(elijk)[A|N.])[A],(ing)[N|xA.])[N]
veramerikaansen	((ver)[V|.A],(Amerikaans)[A])[V]
veramerikaansing	(((ver)[V|.A],(Amerikaans)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
veramerikaniseren	((ver)[V|.Nx],(Amerikaan)[N],(iseer)[V|xN.])[V]
veramerikanisering	(((ver)[V|.Nx],(Amerikaan)[N],(iseer)[V|xN.])[V],(ing)[N|V.])[N]
veranda	(veranda)[N]
verandadeur	((veranda)[N],(deur)[N])[N]
verandering	((verander)[V],(ing)[N|V.])[N]
veranderingsbekwaamheid	(((verander)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((bekwaam)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
veranderingsbeleid	(((verander)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
veranderingsmogelijkheid	(((verander)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
veranderingsproces	(((verander)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
veranderingssituatie	(((verander)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
veranderingsstrategie	(((verander)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((strategisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
veranderingstempo	(((verander)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tempo)[N])[N]
veranderingstendens	(((verander)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tendens)[N])[N]
veranderkunde	((verander)[V],(kunde)[N])[N]
veranderlijk	((verander)[V],(lijk)[A|V.])[A]
veranderlijkheid	(((verander)[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
veranderzucht	((verander)[V],(zucht)[N])[N]
verankeren	((ver)[V|.N],(anker)[N])[V]
verantwoordelijk	((verantwoord)[V],(elijk)[A|V.])[A]
verantwoordelijkheid	(((verantwoord)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verantwoordelijkheidsbesef	((((verantwoord)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(besef)[N])[N]
verantwoordelijkheidsgevoel	((((verantwoord)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
verantwoording	((verantwoord)[V],(ing)[N|V.])[N]
verantwoordingsinformatie	(((verantwoord)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
verantwoordingsplicht	(((verantwoord)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plicht)[N])[N]
verarmen	((ver)[V|.A],(arm)[A])[V]
verarming	(((ver)[V|.A],(arm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verassen	((ver)[V|.N],(as)[N])[V]
verassing	(((ver)[V|.N],(as)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verbaasdheid	((verbaasd)[A],(heid)[N|A.])[N]
verbabbelen	((ver)[V|.V],(babbel)[V])[V]
verbakken	((ver)[V|.V],(bak)[V])[V]
verbalisant	((((verbum)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(ant)[N|V.])[N]
verbaliseren	(((verbum)[N],(aal)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V]
verbandbrief	((verband)[N],(brief)[N])[N]
verbanddoos	((verband)[N],(doos)[N])[N]
verbandgaas	((verband)[N],(gaas)[N])[N]
verbandkist	((verband)[N],(kist)[N])[N]
verbandleer	((verband)[N],(leer)[N])[N]
verbandlinnen	((verband)[N],(linnen)[N])[N]
verbandmateriaal	((verband)[N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
verbandplaats	((verband)[N],(plaats)[N])[N]
verbandspray	((verband)[N],(spray)[N])[N]
verbandstof	((verband)[N],(stof)[N])[N]
verbandtrommel	((verband)[N],(trommel)[N])[N]
verbandwagen	((verband)[N],(wagen)[N])[N]
verbandwatten	((verband)[N],(wat)[N])[N]
verbannen	((ver)[V|.V],(ban)[V])[V]
verbanning	(((ver)[V|.V],(ban)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verbanningsoord	((((ver)[V|.V],(ban)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(oord)[N])[N]
verbastering	((verbaster)[V],(ing)[N|V.])[N]
verbazing	((verbaas)[V],(ing)[N|V.])[N]
verbazingwekkend	(((verbaas)[V],(ing)[N|V.])[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
verbedden	((ver)[V|.N],(bed)[N])[V]
verbeelden	((ver)[V|.N],(beeld)[N])[V]
verbeelding	(((ver)[V|.N],(beeld)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verbeeldingsconstructie	((((ver)[V|.N],(beeld)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(constructie)[N])[N]
verbeeldingskracht	((((ver)[V|.N],(beeld)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
verbeeldingsproduct	((((ver)[V|.N],(beeld)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(product)[N])[N]
verbeeldingswereld	((((ver)[V|.N],(beeld)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
verbeesten	((ver)[V|.N],(beest)[N])[V]
verbeiden	((ver)[V|.V],(beid)[V])[V]
verbeider	(((ver)[V|.V],(beid)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verbeiding	(((ver)[V|.V],(beid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verbenen	((ver)[V|.N],(been)[N])[V]
verbening	(((ver)[V|.N],(been)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verbergen	((ver)[V|.V],(berg)[V])[V]
verbetenheid	((verbeten)[A],(heid)[N|A.])[N]
verbeteraar	(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(aar)[N|V.])[N]
verbeteraarster	((((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
verbeterblad	(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(blad)[N])[N]
verbeteren	((ver)[V|.A],(beter)[A])[V]
verbeterhuis	(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(huis)[N])[N]
verbetering	(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verbeteringsgesticht	((((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gesticht)[N])[N]
verbeteringsmogelijkheid	((((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
verbeurbaar	(((ver)[V|.V],(beur)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verbeurdverklaren	((verbeurd)[V],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V])[V]
verbeurdverklaring	((verbeurd)[V],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|VV.])[N]
verbeuren	((ver)[V|.V],(beur)[V])[V]
verbeuzelen	((ver)[V|.V],(beuzel)[V])[V]
verbidden	((ver)[V|.V],(bid)[V])[V]
verbijsteren	((ver)[V|.A],(bijster)[A])[V]
verbijstering	(((ver)[V|.A],(bijster)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verbijten	((ver)[V|.V],(bijt)[V])[V]
verbijzonderen	((ver)[V|.A],(bijzonder)[A])[V]
verbinden	((ver)[V|.V],(bind)[V])[V]
verbindendverklaring	((verbindend)[V],(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
verbinding	(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verbindingsbureau	((((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
verbindingsdeur	((((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(deur)[N])[N]
verbindingsdienst	((((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
verbindingsdraad	((((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(draad)[N])[N]
verbindingselement	((((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(element)[N])[N]
verbindingsgang	((((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gang)[N])[N]
verbindingskanaal	((((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kanaal)[N])[N]
verbindingsklank	((((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klank)[N])[N]
verbindingslijn	((((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lijn)[N])[N]
verbindingsmogelijkheid	((((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
verbindingsofficier	((((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(officier)[N])[N]
verbindingsstuk	((((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(stuk)[N])[N]
verbindingssysteem	((((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
verbindingsteken	((((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
verbindingstroepen	((((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(troep)[N])[N]
verbindingsvliegtuig	((((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
verbindingsweg	((((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(weg)[N])[N]
verbindingswoord	((((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(woord)[N])[N]
verbintenis	(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(enis)[N|V.])[N]
verbitterdheid	((verbitterd)[A],(heid)[N|A.])[N]
verbitteren	((ver)[V|.N],(bitter)[N])[V]
verbittering	(((ver)[V|.N],(bitter)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verbleken	((ver)[V|.A],(bleek)[A])[V]
verblijden	((ver)[V|.A],(blij)[A])[V]
verblijfkosten	(((ver)[V|.V],(blijf)[V])[V],(kost)[N])[N]
verblijfplaats	(((ver)[V|.V],(blijf)[V])[V],(plaats)[N])[N]
verblijfsrecreatie	((verblijf)[N],(s)[N|N.N],(((re)[V|.V],(creëer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
verblijfsruimte	((verblijf)[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
verblijfsvergoeding	((verblijf)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(goed)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
verblijfsvergunning	((verblijf)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
verblijven	((ver)[V|.V],(blijf)[V])[V]
verblikken	((ver)[V|.V],(blik)[V])[V]
verblinden	((ver)[V|.A],(blind)[A])[V]
verblindheid	((verblind)[A],(heid)[N|A.])[N]
verblinding	(((ver)[V|.A],(blind)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verbloeden	((ver)[V|.V],(bloed)[V])[V]
verbloeding	(((ver)[V|.V],(bloed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verbloeming	((verbloem)[V],(ing)[N|V.])[N]
verblozen	((ver)[V|.V],(bloos)[V])[V]
verbluffen	((ver)[V|.V],(bluf)[V])[V]
verbluftheid	((verbluft)[A],(heid)[N|A.])[N]
verbodemen	((ver)[V|.V],(bodem)[V])[V]
verbodenheid	((verboden)[A],(heid)[N|A.])[N]
verbodsbepaling	((verbod)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
verbodsregel	((verbod)[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
verbodswetgeving	((verbod)[N],(s)[N|N.N],((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
verboemelen	((ver)[V|.V],(boemel)[V])[V]
verboeren	((ver)[V|.N],(boer)[N])[V]
verboersen	((ver)[V|.A],((boer)[N],(s)[A|N.])[A])[V]
verboeten	((ver)[V|.V],(boet)[V])[V]
verbolgenheid	((verbolgen)[A],(heid)[N|A.])[N]
verbondenheid	((verbonden)[A],(heid)[N|A.])[N]
verbondsark	((verbond)[N],(s)[N|N.N],(ark)[N])[N]
verbondsbeker	((verbond)[N],(s)[N|N.N],(beker)[N])[N]
verbondsbreuk	((verbond)[N],(s)[N|N.N],(breuk)[N])[N]
verbondseed	((verbond)[N],(s)[N|N.N],(eed)[N])[N]
verbondskind	((verbond)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
verbondsmaal	((verbond)[N],(s)[N|N.N],(maal)[N])[N]
verbondsrelatie	((verbond)[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
verbondstafel	((verbond)[N],(s)[N|N.N],(tafel)[N])[N]
verbondstheologie	((verbond)[N],(s)[N|N.N],((theologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
verbondsvolk	((verbond)[N],(s)[N|N.N],(volk)[N])[N]
verborgenheid	((verborgen)[A],(heid)[N|A.])[N]
verbouwen	((ver)[V|.V],(bouw)[V])[V]
verbouwereerdheid	((verbouwereerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
verbouwing	(((ver)[V|.V],(bouw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verbouwingswerkzaamheid	((((ver)[V|.V],(bouw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
verbrandbaar	(((ver)[V|.V],(brand)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verbranden	((ver)[V|.V],(brand)[V])[V]
verbranding	(((ver)[V|.V],(brand)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verbrandingsgas	((((ver)[V|.V],(brand)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gas)[N])[N]
verbrandingsmotor	((((ver)[V|.V],(brand)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(motor)[N])[N]
verbrandingsoven	((((ver)[V|.V],(brand)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(oven)[N])[N]
verbrandingsproces	((((ver)[V|.V],(brand)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
verbrandingsproduct	((((ver)[V|.V],(brand)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(product)[N])[N]
verbrandingsruimte	((((ver)[V|.V],(brand)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
verbrandingsverschijnsel	((((ver)[V|.V],(brand)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
verbrassen	((ver)[V|.V],(bras)[V])[V]
verbreden	((ver)[V|.A],(breed)[A])[V]
verbreding	(((ver)[V|.A],(breed)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verbreedsel	(((ver)[V|.A],(breed)[A])[V],(sel)[N|V.])[N]
verbreekbaar	(((ver)[V|.V],(breek)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verbreidheid	((verbreid)[A],(heid)[N|A.])[N]
verbreiding	((verbreid)[V],(ing)[N|V.])[N]
verbreidingsgebied	(((verbreid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gebied)[N])[N]
verbreken	((ver)[V|.V],(breek)[V])[V]
verbreking	(((ver)[V|.V],(breek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verbrekingshof	((((ver)[V|.V],(breek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hof)[N])[N]
verbrijzelen	((ver)[V|.N],(brijzel)[N])[V]
verbrijzeling	(((ver)[V|.N],(brijzel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verbroddelen	((ver)[V|.V],(broddel)[V])[V]
verbrodden	((ver)[V|.V],(brod)[V])[V]
verbroederen	((ver)[V|.N],(broeder)[N])[V]
verbroedering	(((ver)[V|.N],(broeder)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verbroederingsfeest	((((ver)[V|.N],(broeder)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(feest)[N])[N]
verbroeien	((ver)[V|.V],(broei)[V])[V]
verbrokkelen	((ver)[V|.V],(brokkel)[V])[V]
verbrokkeling	(((ver)[V|.V],(brokkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verbruikbaar	((verbruik)[V],(baar)[A|V.])[A]
verbruiker	((verbruik)[V],(er)[N|V.])[N]
verbruikersbond	(((verbruik)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bond)[N])[N]
verbruikersmarkt	(((verbruik)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(markt)[N])[N]
verbruiklening	((verbruik)[V],((leen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
verbruiksartikel	((verbruik)[N],(s)[N|N.N],(artikel)[N])[N]
verbruiksbelasting	((verbruik)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
verbruikscoöperatie	((verbruik)[N],(s)[N|N.N],(((co)[V|.V],(opereer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
verbruiksfilm	((verbruik)[N],(s)[N|N.N],(film)[N])[N]
verbruiksgoederen	((verbruik)[N],(s)[N|N.N],(goed)[N])[N]
verbruikskrediet	((verbruik)[N],(s)[N|N.N],(krediet)[N])[N]
verbruiksmeter	((verbruik)[N],(s)[N|N.Vx],(meet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
verbruikster	((verbruik)[V],(ster)[N|V.])[N]
verbruiksvereniging	((verbruik)[N],(s)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
verbuigbaar	(((ver)[V|.V],(buig)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verbuigbaarheid	((((ver)[V|.V],(buig)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verbuigen	((ver)[V|.V],(buig)[V])[V]
verbuiging	(((ver)[V|.V],(buig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verbuigingsvorm	((((ver)[V|.V],(buig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
verburgerlijken	((ver)[V|.A],((burger)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V]
verburgerlijking	(((ver)[V|.A],((burger)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verchipping	((ver)[N|.Nx],(chip)[N],(ing)[N|xN.])[N]
verchristelijken	((ver)[V|.A],((christen)[N],(elijk)[A|N.])[A])[V]
verchromen	((ver)[V|.N],(chroom)[N])[V]
vercijferen	((ver)[V|.V],(cijfer)[V])[V]
vercommercialiseren	((ver)[V|.Ax],((commercie)[N],(ieel)[A|N.])[A],(iseer)[V|xA.])[V]
vercommercialisering	(((ver)[V|.Ax],((commercie)[N],(ieel)[A|N.])[A],(iseer)[V|xA.])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdachtmaking	((verdacht)[A],(maak)[V],(ing)[N|AV.])[N]
verdagen	((ver)[V|.V],(daag)[V])[V]
verdaging	(((ver)[V|.V],(daag)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdampen	((ver)[V|.N],(damp)[N])[V]
verdamper	(((ver)[V|.N],(damp)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
verdamping	(((ver)[V|.N],(damp)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdampingswarmte	((((ver)[V|.N],(damp)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
verdapperen	((ver)[V|.A],(dapper)[A])[V]
verdedigbaar	((verdedig)[V],(baar)[A|V.])[A]
verdedigbaarheid	(((verdedig)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verdediger	((verdedig)[V],(er)[N|V.])[N]
verdediging	((verdedig)[V],(ing)[N|V.])[N]
verdedigingsgordel	(((verdedig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gordel)[N])[N]
verdedigingshond	(((verdedig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hond)[N])[N]
verdedigingskracht	(((verdedig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
verdedigingslinie	(((verdedig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(linie)[N])[N]
verdedigingsmaatregel	(((verdedig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
verdedigingsmechanisme	(((verdedig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
verdedigingsmiddel	(((verdedig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
verdedigingsmuur	(((verdedig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(muur)[N])[N]
verdedigingsoorlog	(((verdedig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(oorlog)[N])[N]
verdedigingspleidooi	(((verdedig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(pleidooi)[N])[N]
verdedigingssysteem	(((verdedig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
verdedigingstechniek	(((verdedig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
verdedigingstoren	(((verdedig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toren)[N])[N]
verdedigingswapen	(((verdedig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wapen)[N])[N]
verdedigingswerk	(((verdedig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
verdedigster	((verdedig)[V],(ster)[N|V.])[N]
verdeelcentrum	(((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(centrum)[N])[N]
verdeeldheid	((verdeeld)[A],(heid)[N|A.])[N]
verdeelfunctie	(((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(functie)[N])[N]
verdeelnet	(((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(net)[N])[N]
verdeelsleutel	(((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(sleutel)[N])[N]
verdeelstekker	(((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(stekker)[N])[N]
verdeemoedigen	((ver)[V|.A],((deemoed)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
verdekt	((ver)[A|.Vx],(dek)[V],(t)[A|xV.])[A]
verdelen	((ver)[V|.V],(deel)[V])[V]
verdelgen	((ver)[V|.V],(delg)[V])[V]
verdelging	(((ver)[V|.V],(delg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdelgingsoorlog	((((ver)[V|.V],(delg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(oorlog)[N])[N]
verdeling	(((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdelingsprobleem	((((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
verdelingsvraagstuk	((((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
verdenken	((ver)[V|.V],(denk)[V])[V]
verdenking	(((ver)[V|.V],(denk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verderfelijk	((verderf)[N],(elijk)[A|N.])[A]
verderfelijkheid	(((verderf)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verderfengel	((verderf)[V],(engel)[N])[N]
verderfenis	((verderf)[V],(enis)[N|V.])[N]
verderver	((verderf)[V],(er)[N|V.])[N]
verderving	((verderf)[V],(ing)[N|V.])[N]
verdichten	((ver)[V|.A],(dicht)[A])[V]
verdichting	(((ver)[V|.A],(dicht)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdichtsel	(((ver)[V|.A],(dicht)[A])[V],(sel)[N|V.])[N]
verdienste	((verdien)[V],(ste)[N|V.])[N]
verdienstelijk	(((verdien)[V],(ste)[N|V.])[N],(lijk)[A|N.])[A]
verdienstelijkheid	((((verdien)[V],(ste)[N|V.])[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verdiepen	((ver)[V|.A],(diep)[A])[V]
verdieping	(((ver)[V|.A],(diep)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdiepingseigendom	((((ver)[V|.A],(diep)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(eigendom)[N])[N]
verdiepingshuis	((((ver)[V|.A],(diep)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
verdiepschaaf	(((ver)[V|.A],(diep)[A])[V],(schaaf)[N])[N]
verdierlijken	((ver)[V|.A],((dier)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V]
verdierlijking	(((ver)[V|.A],((dier)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdietsen	((ver)[V|.A],(Diets)[A])[V]
verdietsing	(((ver)[V|.A],(Diets)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdikken	((ver)[V|.A],(dik)[A])[V]
verdikking	(((ver)[V|.A],(dik)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdisconteren	((ver)[V|.V],(disconteer)[V])[V]
verdobbelen	((ver)[V|.V],(dobbel)[V])[V]
verdoeken	((ver)[V|.N],(doek)[N])[V]
verdoeking	(((ver)[V|.N],(doek)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdoemelijk	(((ver)[V|.V],(doem)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
verdoemeling	(((ver)[V|.V],(doem)[V])[V],(eling)[N|V.])[N]
verdoemen	((ver)[V|.V],(doem)[V])[V]
verdoemenis	(((ver)[V|.V],(doem)[V])[V],(enis)[N|V.])[N]
verdoemenswaard	(((ver)[V|.V],(doem)[V])[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
verdoemenswaardig	(((ver)[V|.V],(doem)[V])[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
verdoeming	(((ver)[V|.V],(doem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdoen	((ver)[V|.V],(doe)[V])[V]
verdoezelen	((ver)[V|.V],(doezel)[V])[V]
verdoffen	((ver)[V|.A],(dof)[A])[V]
verdoffing	(((ver)[V|.A],(dof)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdokteren	((ver)[V|.V],(dokter)[V])[V]
verdoktering	((ver)[N|.Nx],(dokter)[N],(ing)[N|xN.])[N]
verdolen	((ver)[V|.V],(dool)[V])[V]
verdoling	(((ver)[V|.V],(dool)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdomboekje	((verdom)[V],(boek)[N])[N]
verdomhoekje	((verdom)[V],(hoek)[N])[N]
verdommelijk	((verdom)[V],(elijk)[A|V.])[A]
verdommeling	((verdom)[V],(eling)[N|V.])[N]
verdommenis	((verdom)[V],(enis)[N|V.])[N]
verdonkeremaning	((verdonkeremaan)[V],(ing)[N|V.])[N]
verdonkeren	((ver)[V|.A],(donker)[A])[V]
verdonkering	(((ver)[V|.A],(donker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdooldheid	((verdoold)[A],(heid)[N|A.])[N]
verdopen	((ver)[V|.V],(doop)[V])[V]
verdoping	(((ver)[V|.V],(doop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdorren	((ver)[V|.A],(dor)[A])[V]
verdorring	(((ver)[V|.A],(dor)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdorvenheid	((verdorven)[A],(heid)[N|A.])[N]
verdoven	((ver)[V|.A],(doof)[A])[V]
verdoving	(((ver)[V|.A],(doof)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdovingsmethode	((((ver)[V|.A],(doof)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
verdovingsmiddel	((((ver)[V|.A],(doof)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
verdraagbaar	(((ver)[V|.V],(draag)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verdraaglijk	(((ver)[V|.V],(draag)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A]
verdraagzaam	(((ver)[V|.V],(draag)[V])[V],(zaam)[A|V.])[A]
verdraagzaamheid	((((ver)[V|.V],(draag)[V])[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verdraaidheid	((verdraaid)[A],(heid)[N|A.])[N]
verdraaien	((ver)[V|.V],(draai)[V])[V]
verdraaiing	(((ver)[V|.V],(draai)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdragen	((ver)[V|.V],(draag)[V])[V]
verdragsbepaling	((verdrag)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
verdragsluitend	((verdrag)[N],(sluit)[V],(end)[A|NV.])[A]
verdragsorganisatie	((verdrag)[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
verdragspartij	((verdrag)[N],(s)[N|N.N],(partij)[N])[N]
verdragspartner	((verdrag)[N],(s)[N|N.N],(partner)[N])[N]
verdragsrechtelijk	((verdrag)[N],(s)[A|N.A],((recht)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
verdragsregel	((verdrag)[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
verdragsrelatie	((verdrag)[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
verdragstaten	((verdrag)[N],(staat)[N])[N]
verdragstekst	((verdrag)[N],(s)[N|N.N],(tekst)[N])[N]
verdriedubbelen	((ver)[V|.A],((drie)[Q],(dubbel)[A])[A])[V]
verdriet	(verdriet)[N]
verdrietelijk	((verdriet)[N],(elijk)[A|N.])[A]
verdrietelijkheid	(((verdriet)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verdrieten	(verdriet)[V]
verdrietig	((verdriet)[N],(ig)[A|N.])[A]
verdrietigheid	(((verdriet)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verdrievoudigen	((ver)[V|.A],((drievoud)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
verdrijven	((ver)[V|.V],(drijf)[V])[V]
verdrijving	(((ver)[V|.V],(drijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdringen	((ver)[V|.V],(dring)[V])[V]
verdrinken	((ver)[V|.V],(drink)[V])[V]
verdrinking	(((ver)[V|.V],(drink)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdrinkingsdood	((((ver)[V|.V],(drink)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dood)[N])[N]
verdrogen	((ver)[V|.A],(droog)[A])[V]
verdroging	(((ver)[V|.A],(droog)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdromen	((ver)[V|.V],(droom)[V])[V]
verdrukken	((ver)[V|.V],(druk)[V])[V]
verdrukker	(((ver)[V|.V],(druk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verdrukking	(((ver)[V|.V],(druk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdubbelen	((ver)[V|.A],(dubbel)[A])[V]
verdubbelgetal	(((ver)[V|.A],(dubbel)[A])[V],(getal)[N])[N]
verdubbeling	(((ver)[V|.A],(dubbel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verduffen	((ver)[V|.A],(duf)[A])[V]
verduidelijken	((ver)[V|.A],((duid)[V],(elijk)[A|V.])[A])[V]
verduidelijking	(((ver)[V|.A],((duid)[V],(elijk)[A|V.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verduiken	((ver)[V|.V],(duik)[V])[V]
verduisteraar	(((ver)[V|.A],(duister)[A])[V],(aar)[N|V.])[N]
verduisteren	((ver)[V|.A],(duister)[A])[V]
verduistering	(((ver)[V|.A],(duister)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verduisteringsgordijn	((((ver)[V|.A],(duister)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gordijn)[N])[N]
verduisteringslamp	((((ver)[V|.A],(duister)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lamp)[N])[N]
verduisteringspapier	((((ver)[V|.A],(duister)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(papier)[N])[N]
verduitsen	((ver)[V|.A],(Duits)[A])[V]
verduitsing	(((ver)[V|.A],(Duits)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verduizendvoudigen	((ver)[V|.A],(duizendvoudig)[A])[V]
verdunnen	((ver)[V|.A],(dun)[A])[V]
verdunner	(((ver)[V|.A],(dun)[A])[V],(er)[N|V.])[N]
verdunning	(((ver)[V|.A],(dun)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdunningsgraad	((((ver)[V|.A],(dun)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(graad)[N])[N]
verdunningsmiddel	((((ver)[V|.A],(dun)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
verduring	((verduur)[V],(ing)[N|V.])[N]
verdutten	((ver)[V|.V],(dut)[V])[V]
verduurzamen	((ver)[V|.A],((duur)[V],(zaam)[A|V.])[A])[V]
verduurzaming	(((ver)[V|.A],((duur)[V],(zaam)[A|V.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verduwen	((ver)[V|.V],(duw)[V])[V]
verduwing	(((ver)[V|.V],(duw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdwaasdheid	((verdwaasd)[A],(heid)[N|A.])[N]
verdwalen	((ver)[V|.V],(dwaal)[V])[V]
verdwazen	((ver)[V|.N],(dwaas)[N])[V]
verdwazing	(((ver)[V|.N],(dwaas)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verdwerging	((ver)[N|.Nx],(dwerg)[N],(ing)[N|xN.])[N]
verdwijning	((verdwijn)[V],(ing)[N|V.])[N]
verdwijnpunt	((verdwijn)[V],(punt)[N])[N]
verdwijntruc	((verdwijn)[V],(truc)[N])[N]
veredelen	((ver)[V|.A],(edel)[A])[V]
veredeling	(((ver)[V|.A],(edel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
veredelingsbedrijf	((((ver)[V|.A],(edel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
veredelingsproduct	((((ver)[V|.A],(edel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(product)[N])[N]
vereelten	((ver)[V|.N],(eelt)[N])[V]
vereelting	(((ver)[V|.N],(eelt)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
vereenvoudigen	((ver)[V|.A],((eenvoud)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
vereenvoudiging	(((ver)[V|.A],((eenvoud)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vereenzamen	((ver)[V|.A],((één)[Q],(zaam)[A|Q.])[A])[V]
vereenzaming	(((ver)[V|.A],((één)[Q],(zaam)[A|Q.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vereenzelvigen	((ver)[V|.A],((één)[Q],(zelf)[O],(ig)[A|QO.])[A])[V]
vereenzelviging	(((ver)[V|.A],((één)[Q],(zelf)[O],(ig)[A|QO.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vereerder	(((ver)[V|.V],(eer)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
vereerster	(((ver)[V|.V],(eer)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
vereeuwigen	((ver)[V|.A],((eeuw)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
vereeuwiging	(((ver)[V|.A],((eeuw)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vereffenaar	(((ver)[V|.A],(effen)[A])[V],(aar)[N|V.])[N]
vereffenaarster	((((ver)[V|.A],(effen)[A])[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
vereffenbaar	(((ver)[V|.A],(effen)[A])[V],(baar)[A|V.])[A]
vereffenen	((ver)[V|.A],(effen)[A])[V]
vereffening	(((ver)[V|.A],(effen)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vereisen	((ver)[V|.V],(eis)[V])[V]
veren	((veer)[N],(en)[A|N.])[A]
veren	(veer)[V]
verenen	((ver)[V|.A],(een)[A])[V]
verengelsen	((ver)[V|.A],(engels)[A])[V]
verengen	((ver)[V|.A],(eng)[A])[V]
verenging	(((ver)[V|.A],(eng)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verenigbaar	((verenig)[V],(baar)[A|V.])[A]
verenigbaarheid	(((verenig)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vereniging	((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N]
verenigingsactiviteit	(((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
verenigingsbeleid	(((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
verenigingsblad	(((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(blad)[N])[N]
verenigingsfunctionaris	(((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functionaris)[N])[N]
verenigingsgebouw	(((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
verenigingsleven	(((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leven)[N])[N]
verenigingslokaal	(((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lokaal)[N])[N]
verenigingsorgaan	(((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
verenigingsorganisatie	(((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
verenigingspunt	(((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
verenigingsraad	(((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
verenigingsteken	(((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
verenigingsverband	(((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(verband)[N])[N]
verenkelen	((ver)[V|.A],(enkel)[A])[V]
verenkleed	(((veer)[N],(en)[A|N.])[A],(kleed)[N])[N]
vereren	((ver)[V|.V],(eer)[V])[V]
vererenswaard	(((ver)[V|.V],(eer)[V])[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
vererenswaardig	(((ver)[V|.V],(eer)[V])[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
verergeren	((ver)[V|.A],(erger)[A])[V]
verergering	(((ver)[V|.A],(erger)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verering	(((ver)[V|.V],(eer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vererven	((ver)[V|.V],(erf)[V])[V]
vererving	(((ver)[V|.V],(erf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
veresteren	((ver)[V|.N],(ester)[N])[V]
verestering	(((ver)[V|.N],(ester)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
veretteren	((ver)[V|.N],(etter)[N])[V]
verettering	(((ver)[V|.N],(etter)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
vereuropesen	((ver)[V|.A],(Europees)[A])[V]
verevenen	((ver)[V|.A],(even)[A])[V]
verevening	(((ver)[V|.A],(even)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vereveningsbijdrage	((((ver)[V|.A],(even)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bijdrage)[N])[N]
verf	(verf)[N]
verfaarde	((verf)[V],(aarde)[N])[N]
verfbad	((verf)[V],(bad)[N])[N]
verfbom	((verf)[N],(bom)[N])[N]
verfborstel	((verf)[V],(borstel)[N])[N]
verfdoos	((verf)[N],(doos)[N])[N]
verffabriek	((verf)[N],(fabriek)[N])[N]
verfhout	((verf)[N],(hout)[N])[N]
verfijndheid	((verfijnd)[V],(heid)[N|V.])[N]
verfijnen	((ver)[V|.A],(fijn)[A])[V]
verfijning	(((ver)[V|.A],(fijn)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verfilmen	((ver)[V|.N],(film)[N])[V]
verfilming	(((ver)[V|.N],(film)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verfkrabber	((verf)[N],(krab)[V],(er)[N|NV.])[N]
verfkuip	((verf)[V],(kuip)[N])[N]
verfkwast	((verf)[V],(kwast)[N])[N]
verflaag	((verf)[N],(laag)[N])[N]
verflauwen	((ver)[V|.A],(flauw)[A])[V]
verflauwing	(((ver)[V|.A],(flauw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verfmes	((verf)[V],(mes)[N])[N]
verfmolen	((verf)[N],(molen)[N])[N]
verfmos	((verf)[N],(mos)[N])[N]
verfoeienswaard	((verfoei)[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
verfoeienswaardig	((verfoei)[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
verfoeiing	((verfoei)[V],(ing)[N|V.])[N]
verfoeilijk	((verfoei)[V],(lijk)[A|V.])[A]
verfoeilijkheid	(((verfoei)[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verfoeisel	((verfoei)[V],(sel)[N|V.])[N]
verfoeliesel	(((ver)[V|.N],(foelie)[N])[V],(sel)[N|V.])[N]
verfoeliën	((ver)[V|.N],(foelie)[N])[V]
verfplant	((verf)[N],(plant)[N])[N]
verfpoeder	((verf)[N],(poeder)[N])[N]
verfpoeier	((verf)[N],(poeier)[N])[N]
verfpot	((verf)[N],(pot)[N])[N]
verfproduct	((verf)[V],(product)[N])[N]
verfraaien	((ver)[V|.A],(fraai)[A])[V]
verfraaiing	(((ver)[V|.A],(fraai)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verfransen	((ver)[V|.A],(Frans)[A])[V]
verfransing	(((ver)[V|.A],(Frans)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verfrest	((verf)[N],(rest)[N])[N]
verfrissen	((ver)[V|.A],(fris)[A])[V]
verfrissing	(((ver)[V|.A],(fris)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verfrol	((verf)[V],(rol)[N])[N]
verfroller	((verf)[N],((rol)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
verfrommelen	((ver)[V|.N],(frommel)[N])[V]
verfronselen	((ver)[V|.N],(fronsel)[N])[V]
verfschraper	((verf)[N],(schraap)[V],(er)[N|NV.])[N]
verfspuit	((verf)[V],(spuit)[N])[N]
verfstof	((verf)[V],(stof)[N])[N]
verftube	((verf)[N],(tube)[N])[N]
verfuiven	((ver)[V|.V],(fuif)[V])[V]
verfverdunner	((verf)[N],((ver)[V|.A],(dun)[A])[V],(er)[N|NV.])[N]
verfwaren	((verf)[N],(waar)[N])[N]
verfwerk	((verf)[V],(werk)[N])[N]
verfwinkel	((verf)[N],(winkel)[N])[N]
vergaan	((ver)[V|.V],(ga)[V])[V]
vergaand	((ver)[A],(gaand)[V])[A]
vergaarbak	((ver)[N|.N],((gaar)[V],(bak)[N])[N])[N]
vergaarbekken	(((ver)[V|.V],(gaar)[V])[V],(bekken)[N])[N]
vergaderfrequentie	((vergader)[V],((frequent)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
vergadering	((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N]
vergaderplaats	((vergader)[V],(plaats)[N])[N]
vergaderruimte	((vergader)[V],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vergadertafel	((vergader)[V],(tafel)[N])[N]
vergadertechniek	((vergader)[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
vergadertijd	((vergader)[V],(tijd)[N])[N]
vergaderzaal	((vergader)[V],(zaal)[N])[N]
vergallen	((ver)[V|.N],(gal)[N])[V]
vergalopperen	((ver)[V|.V],((galop)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
vergankelijk	(((ver)[V|.V],(ga)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
vergankelijkheid	((((ver)[V|.V],(ga)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vergapen	((ver)[V|.V],(gaap)[V])[V]
vergaren	((ver)[V|.V],(gaar)[V])[V]
vergaring	(((ver)[V|.V],(gaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergassen	((ver)[V|.N],(gas)[N])[V]
vergasser	(((ver)[V|.N],(gas)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
vergassing	(((ver)[V|.N],(gas)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergasten	((ver)[V|.N],(gast)[N])[V]
vergeeflijk	(((ver)[V|.V],(geef)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A]
vergeeflijkheid	((((ver)[V|.V],(geef)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vergeefsheid	((vergeefs)[A],(heid)[N|A.])[N]
vergeestelijken	((ver)[V|.A],((geest)[N],(elijk)[A|N.])[A])[V]
vergeestelijking	(((ver)[V|.A],((geest)[N],(elijk)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergeetachtig	((vergeet)[V],(achtig)[A|V.])[A]
vergeetachtigheid	(((vergeet)[V],(achtig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vergeetal	((vergeet)[V],(al)[B])[N]
vergeetboek	((vergeet)[V],(boek)[N])[N]
vergefelijk	(((ver)[V|.V],(geef)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
vergefelijkheid	((((ver)[V|.V],(geef)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vergelden	((ver)[V|.V],(geld)[V])[V]
vergelder	(((ver)[V|.V],(geld)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
vergelding	(((ver)[V|.V],(geld)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergeldingsaanval	((((ver)[V|.V],(geld)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(aanval)[N])[N]
vergeldingsactie	((((ver)[V|.V],(geld)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
vergeldingsmaatregel	((((ver)[V|.V],(geld)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
vergelen	((ver)[V|.N],(geel)[N])[V]
vergelijkbaar	(((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
vergelijkbaarheid	((((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vergelijken	((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V]
vergelijking	(((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergelijkingsmateriaal	((((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
vergelijkingsmogelijkheid	((((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
vergelijkingsobject	((((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(object)[N])[N]
vergelijkingspunt	((((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
vergelijkingstabel	((((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tabel)[N])[N]
vergemakkelijken	((ver)[V|.A],((gemak)[N],(elijk)[A|N.])[A])[V]
vergemakkelijking	(((ver)[V|.A],((gemak)[N],(elijk)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergen	(verg)[V]
vergenoegdheid	((vergenoegd)[A],(heid)[N|A.])[N]
vergenoegen	((ver)[V|.V],(genoeg)[V])[V]
vergenoeging	(((ver)[V|.V],(genoeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergetelheid	((vergetel)[A],(heid)[N|A.])[N]
vergetelijk	((vergeet)[V],(elijk)[A|V.])[A]
vergeven	((ver)[V|.V],(geef)[V])[V]
vergevensgezind	(((ver)[V|.V],(geef)[V])[V],(s)[A|V.A],(gezind)[A])[A]
vergevensgezindheid	((((ver)[V|.V],(geef)[V])[V],(s)[A|V.A],(gezind)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
vergeving	(((ver)[V|.V],(geef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergevingsgezind	((((ver)[V|.V],(geef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(gezind)[A])[A]
vergevorderd	((ver)[A],(gevorderd)[A])[A]
vergewissen	((ver)[V|.A],(gewis)[A])[V]
vergezellen	((ver)[V|.N],(gezel)[N])[V]
vergezelschappen	((ver)[V|.N],((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N])[V]
vergezicht	((ver)[A],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
vergezocht	((ver)[A],(gezocht)[A])[A]
vergieten	((ver)[V|.V],(giet)[V])[V]
vergiettest	((vergiet)[N],(test)[N])[N]
vergiftenleer	((vergift)[N],(en)[N|N.N],(leer)[N])[N]
vergiftig	((vergift)[N],(ig)[A|N.])[A]
vergiftigen	((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
vergiftigheid	(((vergift)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vergiftiging	(((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergiftigingsdood	((((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dood)[N])[N]
vergiftigingsverschijnsel	((((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
vergiftigingswaan	((((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(waan)[N])[N]
vergissing	((vergis)[V],(ing)[N|V.])[N]
vergisten	((ver)[V|.V],(gist)[V])[V]
vergisting	(((ver)[V|.V],(gist)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verglaassel	(((ver)[V|.N],(glas)[N])[V],(sel)[N|V.])[N]
verglazen	((ver)[V|.N],(glas)[N])[V]
verglazing	(((ver)[V|.N],(glas)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergletsjerd	((ver)[A|.Nx],(gletsjer)[N],(d)[A|xN.])[A]
verglijden	((ver)[V|.V],(glijd)[V])[V]
verglimmen	((ver)[V|.V],(glim)[V])[V]
vergoddelijken	((ver)[V|.A],((god)[N],(elijk)[A|N.])[A])[V]
vergoddelijking	(((ver)[V|.A],((god)[N],(elijk)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergoden	((ver)[V|.N],(god)[N])[V]
vergoding	(((ver)[V|.N],(god)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergoeden	((ver)[V|.A],(goed)[A])[V]
vergoeding	(((ver)[V|.A],(goed)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergoedingsregeling	((((ver)[V|.A],(goed)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vergoelijken	((ver)[V|.A],((goed)[A],(lijk)[A|A.])[A])[V]
vergoelijking	(((ver)[V|.A],((goed)[A],(lijk)[A|A.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergokken	((ver)[V|.V],(gok)[V])[V]
vergooien	((ver)[V|.V],(gooi)[V])[V]
vergramdheid	((vergramd)[A],(heid)[N|A.])[N]
vergrammen	((ver)[V|.A],(gram)[A])[V]
vergraven	((ver)[V|.V],(graaf)[V])[V]
vergrendelen	((ver)[V|.V],(grendel)[V])[V]
vergrijpen	((ver)[V|.V],(grijp)[V])[V]
vergrijzen	((ver)[V|.N],(grijs)[N])[V]
vergrijzing	(((ver)[V|.N],(grijs)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergroeidbladig	((vergroeid)[V],(blad)[N],(ig)[A|VN.])[A]
vergroeien	((ver)[V|.V],(groei)[V])[V]
vergroeiing	(((ver)[V|.V],(groei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergrootglas	(((ver)[V|.A],(groot)[A])[V],(glas)[N])[N]
vergroten	((ver)[V|.A],(groot)[A])[V]
vergroting	(((ver)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergrotingsapparaat	((((ver)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
vergrotingsapparatuur	((((ver)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
vergrotingsplan	((((ver)[V|.A],(groot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plan)[N])[N]
vergroven	((ver)[V|.A],(grof)[A])[V]
vergroving	(((ver)[V|.A],(grof)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergruizelen	((ver)[V|.V],(gruizel)[V])[V]
vergruizeling	(((ver)[V|.V],(gruizel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergruizen	((ver)[V|.N],(gruis)[N])[V]
vergruizing	(((ver)[V|.N],(gruis)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verguizing	((verguis)[V],(ing)[N|V.])[N]
vergulden	((ver)[V|.A],(gulden)[A])[V]
vergulder	(((ver)[V|.A],(gulden)[A])[V],(er)[N|V.])[N]
verguldmes	(((ver)[V|.A],(gulden)[A])[V],(mes)[N])[N]
verguldpenseel	(((ver)[V|.A],(gulden)[A])[V],(penseel)[N])[N]
verguldsel	(((ver)[V|.A],(gulden)[A])[V],(sel)[N|V.])[N]
verguldselboekje	((((ver)[V|.A],(gulden)[A])[V],(sel)[N|V.])[N],(boek)[N])[N]
verguldwerk	(((ver)[V|.A],(gulden)[A])[V],(werk)[N])[N]
vergunnen	((ver)[V|.V],(gun)[V])[V]
vergunning	(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vergunningaanvrage	((((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(aanvrage)[N])[N]
vergunningenbeleid	((((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
vergunningenprocedure	((((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
vergunningenstelsel	((((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
vergunningensysteem	((((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
vergunningprocedure	((((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(procedure)[N])[N]
vergunningsprocedure	((((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
vergunningsrecht	((((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
vergunningsstelsel	((((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
vergunningstelsel	((((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
vergunningsvoorschrift	((((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
vergunningverlener	((((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
verhaalbaar	(((ver)[V|.V],(haal)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verhaalsmogelijkheid	((verhaal)[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
verhaalster	(((ver)[V|.V],(haal)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
verhaaltechniek	(((ver)[V|.V],(haal)[V])[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
verhaaltrant	(((ver)[V|.V],(haal)[V])[V],(trant)[N])[N]
verhaasten	((ver)[V|.V],(haast)[V])[V]
verhaasting	(((ver)[V|.V],(haast)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verhagelen	((ver)[V|.V],(hagel)[V])[V]
verhakkelen	((ver)[V|.V],(hakkel)[V])[V]
verhakken	((ver)[V|.V],(hak)[V])[V]
verhakking	(((ver)[V|.V],(hak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verhakstukken	((ver)[V|.N],((hak)[N],(stuk)[N])[N])[V]
verhalen	((ver)[V|.V],(haal)[V])[V]
verhalenbundel	((verhaal)[N],(en)[N|N.N],(bundel)[N])[N]
verhalencyclus	((verhaal)[N],(en)[N|N.N],(cyclus)[N])[N]
verhaler	(((ver)[V|.V],(haal)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verhaling	(((ver)[V|.V],(haal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verhalvezolen	((ver)[V|.N],(halvezool)[N])[V]
verhandelaar	(((ver)[V|.V],(handel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
verhandelbaar	(((ver)[V|.V],(handel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verhandelen	((ver)[V|.V],(handel)[V])[V]
verhandeling	(((ver)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verhangen	((ver)[V|.V],(hang)[V])[V]
verhanging	(((ver)[V|.V],(hang)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verhanseling	((verhansel)[V],(ing)[N|V.])[N]
verharden	((ver)[V|.A],(hard)[A])[V]
verhardheid	((verhard)[A],(heid)[N|A.])[N]
verharding	(((ver)[V|.A],(hard)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verhardingsgesteente	((((ver)[V|.A],(hard)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.Nx],(steen)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
verhardingsmateriaal	((((ver)[V|.A],(hard)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
verhardingsproces	((((ver)[V|.A],(hard)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
verharen	((ver)[V|.V],(haar)[V])[V]
verhaspelen	((ver)[V|.V],(haspel)[V])[V]
verhaspeling	(((ver)[V|.V],(haspel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verheelster	(((ver)[V|.A],(heel)[A])[V],(ster)[N|V.])[N]
verheerlijken	((ver)[V|.A],((heer)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V]
verheerlijking	(((ver)[V|.A],((heer)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verheffen	((ver)[V|.V],(hef)[V])[V]
verheffing	(((ver)[V|.V],(hef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verheidend	((ver)[A|.Nx],(heiden)[N],(d)[A|xN.])[A]
verheien	((ver)[V|.N],(hei)[N])[V]
verheimelijking	((verheimelijk)[V],(ing)[N|V.])[N]
verhelderen	((ver)[V|.A],(helder)[A])[V]
verheldering	(((ver)[V|.A],(helder)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verhelen	((ver)[V|.A],(heel)[A])[V]
verheler	(((ver)[V|.A],(heel)[A])[V],(er)[N|V.])[N]
verheling	(((ver)[V|.A],(heel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verhelpen	((ver)[V|.V],(help)[V])[V]
verhemelteboog	((verhemelte)[N],(boog)[N])[N]
verheugenis	((verheug)[V],(enis)[N|V.])[N]
verheuging	((verheug)[V],(ing)[N|V.])[N]
verhevenheid	((verheven)[A],(heid)[N|A.])[N]
verhevigen	((ver)[V|.A],(hevig)[A])[V]
verhinderen	((ver)[V|.V],(hinder)[V])[V]
verhindering	(((ver)[V|.V],(hinder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verhitheid	((verhit)[A],(heid)[N|A.])[N]
verhitten	((ver)[V|.N],(hitte)[N])[V]
verhitting	(((ver)[V|.N],(hitte)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verhittingsproces	((((ver)[V|.N],(hitte)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
verhoeden	((ver)[V|.V],(hoed)[V])[V]
verhoefslagen	((ver)[V|.N],((hoef)[N],(slag)[N])[N])[V]
verhoefslaging	(((ver)[V|.N],((hoef)[N],(slag)[N])[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verhoeren	((ver)[V|.V],(hoer)[V])[V]
verhogen	((ver)[V|.A],(hoog)[A])[V]
verhoging	(((ver)[V|.A],(hoog)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verhogingsteken	((((ver)[V|.A],(hoog)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
verholenheid	((verholen)[A],(heid)[N|A.])[N]
verhollandsen	((ver)[V|.A],(Hollands)[A])[V]
verhollandsing	(((ver)[V|.A],(Hollands)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verhonderdvoudigen	((ver)[V|.A],((honderdvoud)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
verhongeren	((ver)[V|.V],(honger)[V])[V]
verhongering	(((ver)[V|.V],(honger)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verhoogsel	(((ver)[V|.A],(hoog)[A])[V],(sel)[N|V.])[N]
verhoogstuk	(((ver)[V|.A],(hoog)[A])[V],(stuk)[N])[N]
verhoorder	(((ver)[V|.V],(hoor)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
verhoorkamer	(((ver)[V|.V],(hoor)[V])[V],(kamer)[N])[N]
verhoornen	((ver)[V|.N],(hoorn)[N])[V]
verhopen	((ver)[V|.V],(hoop)[V])[V]
verhoren	((ver)[V|.V],(hoor)[V])[V]
verhoring	(((ver)[V|.V],(hoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verhouding	((verhoud)[V],(ing)[N|V.])[N]
verhoudingscijfer	(((verhoud)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cijfer)[N])[N]
verhoudingsgetal	(((verhoud)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(getal)[N])[N]
verhoudingsgewijs	(((verhoud)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
verhovaardigen	((ver)[V|.A],(hovaardig)[A])[V]
verhovaardiging	(((ver)[V|.A],(hovaardig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verhuisauto	((verhuis)[V],(auto)[N])[N]
verhuisbedrijf	((verhuis)[V],(bedrijf)[N])[N]
verhuisbiljet	((verhuis)[V],(biljet)[N])[N]
verhuisdag	((verhuis)[V],(dag)[N])[N]
verhuisdrukte	((verhuis)[V],((druk)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
verhuiskaart	((verhuis)[V],(kaart)[N])[N]
verhuiskosten	((verhuis)[V],(kost)[N])[N]
verhuiswagen	((verhuis)[V],(wagen)[N])[N]
verhuizer	((verhuis)[V],(er)[N|V.])[N]
verhuizing	((verhuis)[V],(ing)[N|V.])[N]
verhullen	((ver)[V|.V],(hul)[V])[V]
verhuren	((ver)[V|.V],(huur)[V])[V]
verhuring	(((ver)[V|.V],(huur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verhuurbaar	(((ver)[V|.V],(huur)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verhuurder	(((ver)[V|.V],(huur)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
verhuurkantoor	(((ver)[V|.V],(huur)[V])[V],(kantoor)[N])[N]
verhuurskantoor	((verhuur)[N],(s)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
verhuurster	(((ver)[V|.V],(huur)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
verhypothekeren	((ver)[V|.V],((hypotheek)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
verificatie	((verifieer)[V],(atie)[N|V.])[N]
verificatiecommissie	(((verifieer)[V],(atie)[N|V.])[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
verificatievergadering	(((verifieer)[V],(atie)[N|V.])[N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
verifieerbaar	((verifieer)[V],(baar)[A|V.])[A]
verijdeling	((verijdel)[V],(ing)[N|V.])[N]
verijzen	((ver)[V|.N],(ijs)[N])[V]
verindischen	((ver)[V|.A],(Indisch)[A])[V]
verindustrialisering	((ver)[N|.Vx],(((industrie)[N],(ieel)[A|N.])[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|xV.])[N]
vering	((veer)[V],(ing)[N|V.])[N]
verinlandsen	((ver)[V|.A],((in)[P],(land)[N],(s)[A|PN.])[A])[V]
verinnerlijken	((ver)[V|.A],(innerlijk)[A])[V]
verinnigen	((ver)[V|.A],(innig)[A])[V]
verinteresten	((ver)[V|.N],(interest)[N])[V]
verintresten	((ver)[V|.N],(intrest)[N])[V]
verjaarcadeau	(((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(cadeau)[N])[N]
verjaardag	(((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(dag)[N])[N]
verjaardagkalender	((((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(dag)[N])[N],(kalender)[N])[N]
verjaardagscadeau	((((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(dag)[N])[N],(s)[N|N.N],(cadeau)[N])[N]
verjaardagsgeschenk	((((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(dag)[N])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N])[N]
verjaardagskalender	((((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(dag)[N])[N],(s)[N|N.N],(kalender)[N])[N]
verjaardagspartij	((((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(dag)[N])[N],(s)[N|N.N],(partij)[N])[N]
verjaardagsvisite	((((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(dag)[N])[N],(s)[N|N.N],(visite)[N])[N]
verjaardicht	(((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(dicht)[N])[N]
verjaarfeest	(((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(feest)[N])[N]
verjaargeschenk	(((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N])[N]
verjaarpartij	(((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(partij)[N])[N]
verjaarscadeau	(((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(s)[N|V.N],(cadeau)[N])[N]
verjaarsfeest	(((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(s)[N|V.N],(feest)[N])[N]
verjaarsgeschenk	(((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(s)[N|V.N],((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N])[N]
verjaarspartij	(((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(s)[N|V.N],(partij)[N])[N]
verjaarswens	(((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(s)[N|V.N],(wens)[N])[N]
verjagen	((ver)[V|.V],(jaag)[V])[V]
verjaging	(((ver)[V|.V],(jaag)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verjaren	((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V]
verjaring	(((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verjaringsfeest	((((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(feest)[N])[N]
verjaringsgeschenk	((((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N])[N]
verjaringsrecht	((((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
verjaringstermijn	((((ver)[V|.N],(jaar)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(termijn)[N])[N]
verjeugdigen	((ver)[V|.A],((jeugd)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
verjeugdiging	(((ver)[V|.A],((jeugd)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verjongen	((ver)[V|.N],(jong)[N])[V]
verjonging	(((ver)[V|.N],(jong)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verjongingsbron	((((ver)[V|.N],(jong)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bron)[N])[N]
verjongingskuur	((((ver)[V|.N],(jong)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kuur)[N])[N]
verjongingsmiddel	((((ver)[V|.N],(jong)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
verjongingsproces	((((ver)[V|.N],(jong)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
verkalken	((ver)[V|.N],(kalk)[N])[V]
verkalking	(((ver)[V|.N],(kalk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkankeren	((ver)[V|.N],(kanker)[N])[V]
verkankering	(((ver)[V|.N],(kanker)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkappen	((ver)[V|.V],(kap)[V])[V]
verkapping	(((ver)[V|.V],(kap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkassen	((ver)[V|.V],(kas)[V])[V]
verkavelen	((ver)[V|.V],(kavel)[V])[V]
verkaveling	(((ver)[V|.V],(kavel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkeer	(verkeer)[N]
verkeerbord	((verkeer)[N],(bord)[N])[N]
verkeerdelijk	((verkeerd)[A],(elijk)[A|A.])[A]
verkeerdheid	((verkeerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
verkeersaanbod	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(aanbod)[N])[N]
verkeersacademie	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((academisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
verkeersader	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(ader)[N])[N]
verkeersafwikkeling	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(((af)[P],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
verkeersagent	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
verkeersapparaat	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
verkeersbeeld	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
verkeersbeleid	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
verkeersbord	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(bord)[N])[N]
verkeersbrigadiertje	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((brigade)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
verkeerscentrale	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
verkeerschaos	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(chaos)[N])[N]
verkeerscirculatie	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(((cirkel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
verkeerscongestie	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(congestie)[N])[N]
verkeerscontrole	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(controle)[N])[N]
verkeersdelict	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(delict)[N])[N]
verkeersdienst	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
verkeersdiploma	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(diploma)[N])[N]
verkeersdiscipline	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(discipline)[N])[N]
verkeersdrempel	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(drempel)[N])[N]
verkeersdrukte	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((druk)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
verkeersfout	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(fout)[N])[N]
verkeersgedrag	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
verkeersgeluid	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
verkeersinfrastructuur	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(infrastructuur)[N])[N]
verkeersinspectie	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(inspectie)[N])[N]
verkeersintensiteit	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((intens)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
verkeersknooppunt	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((knoop)[N],(punt)[N])[N])[N]
verkeerskunde	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
verkeerskundig	((verkeer)[N],(s)[A|N.A],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
verkeersleider	((verkeer)[N],(s)[N|N.Vx],(leid)[V],(er)[N|NxV.])[N]
verkeersleiding	((verkeer)[N],(s)[N|N.Vx],(leid)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
verkeerslicht	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(licht)[N])[N]
verkeersmaatregel	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
verkeersmiddel	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
verkeersmoeilijkheid	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
verkeersmogelijkheid	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
verkeersongeluk	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((on)[N|.N],((ge)[N|.V],(luk)[V])[N])[N])[N]
verkeersongeval	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((on)[N|.N],(geval)[N])[N])[N]
verkeersonveiligheid	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(((on)[A|.A],(veilig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
verkeerspatrouille	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(patrouille)[N])[N]
verkeerspel	((verkeer)[N],(spel)[N])[N]
verkeersplein	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(plein)[N])[N]
verkeerspolitie	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(politie)[N])[N]
verkeersprobleem	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
verkeersprognose	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(prognose)[N])[N]
verkeersregel	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
verkeersregeling	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
verkeersruimte	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
verkeerssein	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(sein)[N])[N]
verkeerssituatie	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
verkeersslachtoffer	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((slacht)[V],(offer)[N])[N])[N]
verkeerssysteem	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
verkeerstechniek	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
verkeerstechnisch	((verkeer)[N],(s)[A|N.A],(technisch)[A])[A]
verkeersteken	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
verkeerstoren	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(toren)[N])[N]
verkeerstunnel	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(tunnel)[N])[N]
verkeersveiligheid	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((veilig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
verkeersvliegtuig	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
verkeersvoorschrift	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
verkeersvoorziening	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
verkeersvraagstuk	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
verkeerswaarde	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(waarde)[N])[N]
verkeersweg	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(weg)[N])[N]
verkeerswetgeving	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
verkeerswezen	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(wezen)[N])[N]
verkeerswisselaar	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],((wissel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
verkeerszaak	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
verkeerszuil	((verkeer)[N],(s)[N|N.N],(zuil)[N])[N]
verkenbaar	((verken)[V],(baar)[A|V.])[A]
verkenmerk	((verken)[V],(merk)[N])[N]
verkenner	((verken)[V],(er)[N|V.])[N]
verkennerij	((verken)[V],(erij)[N|V.])[N]
verkenning	((verken)[V],(ing)[N|V.])[N]
verkenningscompagnie	(((verken)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(compagnie)[N])[N]
verkenningsfase	(((verken)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
verkenningspatrouille	(((verken)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(patrouille)[N])[N]
verkenningssatelliet	(((verken)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(satelliet)[N])[N]
verkenningstocht	(((verken)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tocht)[N])[N]
verkenningstoestel	(((verken)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toestel)[N])[N]
verkenningsvliegtuig	(((verken)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
verkenningsvlucht	(((verken)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vlucht)[N])[N]
verkenningsvoertuig	(((verken)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((voer)[V],(tuig)[N])[N])[N]
verkenningswagen	(((verken)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
verkeren	((ver)[V|.V],(keer)[V])[V]
verkering	(((ver)[V|.V],(keer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkeringstijd	((((ver)[V|.V],(keer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
verkerven	((ver)[V|.V],(kerf)[V])[V]
verketteren	((ver)[V|.N],(ketter)[N])[V]
verkettering	(((ver)[V|.N],(ketter)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkeuren	((ver)[V|.V],(keur)[V])[V]
verkielen	((ver)[V|.N],(kiel)[N])[V]
verkiesbaar	(((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verkiesbaarheid	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verkieselijk	(((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
verkieslijk	(((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A]
verkieslijkheid	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verkiezen	((ver)[V|.V],(kies)[V])[V]
verkiezing	(((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkiezingsactie	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
verkiezingsaffiche	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(affiche)[N])[N]
verkiezingsagent	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
verkiezingsavond	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(avond)[N])[N]
verkiezingsbijeenkomst	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
verkiezingsbiljet	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(biljet)[N])[N]
verkiezingsbrochure	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(brochure)[N])[N]
verkiezingscampagne	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(campagne)[N])[N]
verkiezingscijfer	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cijfer)[N])[N]
verkiezingscomité	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(comité)[N])[N]
verkiezingscongres	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(congres)[N])[N]
verkiezingsdag	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
verkiezingsdatum	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(datum)[N])[N]
verkiezingsfonds	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
verkiezingskandidaat	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((kandideer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
verkiezingskaravaan	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(karavaan)[N])[N]
verkiezingskoorts	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(koorts)[N])[N]
verkiezingsleer	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
verkiezingsleus	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leus)[N])[N]
verkiezingslijst	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
verkiezingsmanoeuvre	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(manoeuvre)[N])[N]
verkiezingsnacht	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(nacht)[N])[N]
verkiezingsnederlaag	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(nederlaag)[N])[N]
verkiezingsperiode	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
verkiezingsprocedure	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
verkiezingsprogram	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(program)[N])[N]
verkiezingsprogramma	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
verkiezingspropaganda	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(propaganda)[N])[N]
verkiezingsresultaat	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((resulteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
verkiezingsstrategie	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((strategisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
verkiezingsstrijd	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(strijd)[N])[N]
verkiezingsstunt	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(stunt)[N])[N]
verkiezingssucces	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(succes)[N])[N]
verkiezingssysteem	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
verkiezingstijd	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
verkiezingstoespraak	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((toe)[B],(spraak)[N])[N])[N]
verkiezingstournee	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tournee)[N])[N]
verkiezingsuitslag	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((uit)[P],(slag)[N])[N])[N]
verkiezingsvergadering	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
verkiezingswinst	((((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
verkijken	((ver)[V|.V],(kijk)[V])[V]
verkillen	((ver)[V|.A],(kil)[A])[V]
verkindsen	((ver)[V|.A],((kind)[N],(s)[A|N.])[A])[V]
verklaarbaar	(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(baar)[A|V.])[A]
verklaarbaarheid	((((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verklaarder	(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(der)[N|V.])[N]
verkladden	((ver)[V|.V],(klad)[V])[V]
verklanken	((ver)[V|.N],(klank)[N])[V]
verklanking	(((ver)[V|.N],(klank)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verklappen	((ver)[V|.V],(klap)[V])[V]
verklapper	(((ver)[V|.V],(klap)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verklapping	(((ver)[V|.V],(klap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verklapster	(((ver)[V|.V],(klap)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
verklaren	((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V]
verklaring	(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verklaringsbasis	((((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(basis)[N])[N]
verklaringshypothese	((((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hypothese)[N])[N]
verklaringskracht	((((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
verklaringsmodel	((((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(model)[N])[N]
verklaringsmogelijkheid	((((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
verklaringsprincipe	((((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(principe)[N])[N]
verklaringsschema	((((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schema)[N])[N]
verklaringssysteem	((((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
verklaringstheorie	((((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
verkleden	((ver)[V|.V],(kleed)[V])[V]
verkleding	(((ver)[V|.V],(kleed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkleedpartij	(((ver)[V|.V],(kleed)[V])[V],(partij)[N])[N]
verkleefdheid	((verkleefd)[A],(heid)[N|A.])[N]
verkleinaap	(((ver)[V|.A],(klein)[A])[V],(aap)[N])[N]
verkleinbaar	(((ver)[V|.A],(klein)[A])[V],(baar)[A|V.])[A]
verkleinen	((ver)[V|.A],(klein)[A])[V]
verkleinglas	(((ver)[V|.A],(klein)[A])[V],(glas)[N])[N]
verkleining	(((ver)[V|.A],(klein)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkleiningsfactor	((((ver)[V|.A],(klein)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(factor)[N])[N]
verkleiningsuitgang	((((ver)[V|.A],(klein)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((uit)[P],(gang)[N])[N])[N]
verkleiningsvorm	((((ver)[V|.A],(klein)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
verkleinvorm	(((ver)[V|.A],(klein)[A])[V],(vorm)[N])[N]
verkleinwoord	(((ver)[V|.A],(klein)[A])[V],(woord)[N])[N]
verkletsen	((ver)[V|.V],(klets)[V])[V]
verkleumen	((ver)[V|.V],(kleum)[V])[V]
verkleuming	(((ver)[V|.V],(kleum)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkleuren	((ver)[V|.V],(kleur)[V])[V]
verkleuring	(((ver)[V|.V],(kleur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verklikken	((ver)[V|.V],(klik)[V])[V]
verklikker	(((ver)[V|.V],(klik)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verklikking	(((ver)[V|.V],(klik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verklikster	(((ver)[V|.V],(klik)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
verkloeken	((ver)[V|.A],(kloek)[A])[V]
verkloten	((ver)[V|.V],(kloot)[V])[V]
verklungelen	((ver)[V|.V],(klungel)[V])[V]
verknallen	((ver)[V|.V],(knal)[V])[V]
verknechten	((ver)[V|.V],(knecht)[V])[V]
verknechting	(((ver)[V|.V],(knecht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkneukelen	((ver)[V|.N],(kneukel)[N])[V]
verkniezen	((ver)[V|.V],(knies)[V])[V]
verknijpen	((ver)[V|.V],(knijp)[V])[V]
verknippen	((ver)[V|.V],(knip)[V])[V]
verknochtheid	((verknocht)[A],(heid)[N|A.])[N]
verknoeien	((ver)[V|.N],(knoei)[N])[V]
verknoeiing	(((ver)[V|.N],(knoei)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verknollen	((ver)[V|.N],(knol)[N])[V]
verknopen	((ver)[V|.V],(knoop)[V])[V]
verknutselen	((ver)[V|.V],(knutsel)[V])[V]
verkoelen	((ver)[V|.A],(koel)[A])[V]
verkoeling	(((ver)[V|.A],(koel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkoelingsmiddel	((((ver)[V|.A],(koel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
verkoken	((ver)[V|.V],(kook)[V])[V]
verkokeren	((ver)[V|.N],(koker)[N])[V]
verkokering	(((ver)[V|.N],(koker)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkoking	(((ver)[V|.V],(kook)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkolen	((ver)[V|.N],(kool)[N])[V]
verkoling	(((ver)[V|.N],(kool)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkolingsproces	((((ver)[V|.N],(kool)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
verkommeren	((ver)[V|.N],(kommer)[N])[V]
verkonder	((verkond)[V],(er)[N|V.])[N]
verkondiger	((verkondig)[V],(er)[N|V.])[N]
verkondiging	((verkondig)[V],(ing)[N|V.])[N]
verkondigster	((verkondig)[V],(ster)[N|V.])[N]
verkonding	((verkond)[V],(ing)[N|V.])[N]
verkondschappen	((ver)[V|.V],(kondschap)[V])[V]
verkondschapping	(((ver)[V|.V],(kondschap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkoopakte	(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(akte)[N])[N]
verkoopapparaat	(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(apparaat)[N])[N]
verkoopbaar	(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verkoopbaarheid	((((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verkoopboek	(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(boek)[N])[N]
verkoopchef	(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(chef)[N])[N]
verkoopdag	(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(dag)[N])[N]
verkoopdatum	(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(datum)[N])[N]
verkoophuis	(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(huis)[N])[N]
verkoopleider	((verkoop)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
verkooplokaal	(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(lokaal)[N])[N]
verkoopnet	(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(net)[N])[N]
verkooppraatje	(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(praat)[N])[N]
verkoopprijs	(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(prijs)[N])[N]
verkooppunt	(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(punt)[N])[N]
verkoopsdruk	((verkoop)[N],(s)[N|N.N],(druk)[N])[N]
verkoopsgolf	((verkoop)[N],(s)[N|N.N],(golf)[N])[N]
verkoopsprijs	((verkoop)[N],(s)[N|N.N],(prijs)[N])[N]
verkoopster	(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
verkoopsvoorwaarden	((verkoop)[N],(s)[N|N.N],(voorwaarde)[N])[N]
verkooptechniek	(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
verkooptruc	(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(truc)[N])[N]
verkopen	((ver)[V|.V],(koop)[V])[V]
verkoper	(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verkoperen	((ver)[V|.N],(koper)[N])[V]
verkopering	(((ver)[V|.N],(koper)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkoping	(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkorrelen	((ver)[V|.N],(korrel)[N])[V]
verkorsten	((ver)[V|.N],(korst)[N])[V]
verkorten	((ver)[V|.A],(kort)[A])[V]
verkorting	(((ver)[V|.A],(kort)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkortingsproces	((((ver)[V|.A],(kort)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
verkortingsteken	((((ver)[V|.A],(kort)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
verkoudheidssymptoom	((verkoudheid)[N],(s)[N|N.N],(symptoom)[N])[N]
verkoudheidsverschijnsel	((verkoudheid)[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
verkrachter	((verkracht)[V],(er)[N|V.])[N]
verkrachting	((verkracht)[V],(ing)[N|V.])[N]
verkrampt	((ver)[A|.Nx],(kramp)[N],(t)[A|xN.])[A]
verkramptheid	(((ver)[A|.Nx],(kramp)[N],(t)[A|xN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verkreukelen	((ver)[V|.V],(kreukel)[V])[V]
verkreukeling	(((ver)[V|.V],(kreukel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkreuken	((ver)[V|.V],(kreuk)[V])[V]
verkrijgbaar	(((ver)[V|.V],(krijg)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verkrijgbaarheid	((((ver)[V|.V],(krijg)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verkrijgen	((ver)[V|.V],(krijg)[V])[V]
verkrijging	(((ver)[V|.V],(krijg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkrimpen	((ver)[V|.V],(krimp)[V])[V]
verkrimping	(((ver)[V|.V],(krimp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkrommen	((ver)[V|.A],(krom)[A])[V]
verkromming	(((ver)[V|.A],(krom)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkroppen	((ver)[V|.V],(krop)[V])[V]
verkrotten	((ver)[V|.N],(krot)[N])[V]
verkrotting	(((ver)[V|.N],(krot)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkruien	((ver)[V|.V],(krui)[V])[V]
verkruimelen	((ver)[V|.N],(kruimel)[N])[V]
verkuilen	((ver)[V|.V],(kuil)[V])[V]
verkwanselen	((ver)[V|.V],(kwansel)[V])[V]
verkwanseling	(((ver)[V|.V],(kwansel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkwijnen	((ver)[V|.V],(kwijn)[V])[V]
verkwijning	(((ver)[V|.V],(kwijn)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkwikkelijk	(((ver)[V|.N],(kwik)[N])[V],(elijk)[A|V.])[A]
verkwikkelijkheid	((((ver)[V|.N],(kwik)[N])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verkwikken	((ver)[V|.N],(kwik)[N])[V]
verkwikking	(((ver)[V|.N],(kwik)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verkwister	((verkwist)[V],(er)[N|V.])[N]
verkwisting	((verkwist)[V],(ing)[N|V.])[N]
verkwistster	((verkwist)[V],(ster)[N|V.])[N]
verladen	((ver)[V|.V],(laad)[V])[V]
verlading	(((ver)[V|.V],(laad)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verlagen	((ver)[V|.A],(laag)[A])[V]
verlaging	(((ver)[V|.A],(laag)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verlakken	((ver)[V|.V],(lak)[V])[V]
verlakker	(((ver)[V|.V],(lak)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verlakkerij	(((ver)[V|.V],(lak)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
verlaksel	(((ver)[V|.V],(lak)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
verlakwerk	(((ver)[V|.V],(lak)[V])[V],(werk)[N])[N]
verlamdheid	((verlamd)[A],(heid)[N|A.])[N]
verlammen	((ver)[V|.A],(lam)[A])[V]
verlamming	(((ver)[V|.A],(lam)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verlammingsverschijnsel	((((ver)[V|.A],(lam)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
verlanglijst	((verlang)[V],(lijst)[N])[N]
verlangzamen	((ver)[V|.A],(langzaam)[A])[V]
verlanterfanten	((ver)[V|.V],(lanterfant)[V])[V]
verlappen	((ver)[V|.V],(lap)[V])[V]
verlaten	((ver)[V|.V],(laat)[V])[V]
verlatenheid	((verlaten)[A],(heid)[N|A.])[N]
verlating	(((ver)[V|.A],(laat)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verlatingsangst	((((ver)[V|.A],(laat)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(angst)[N])[N]
verlegenheid	((verlegen)[A],(heid)[N|A.])[N]
verleggen	((ver)[V|.V],(leg)[V])[V]
verlegging	(((ver)[V|.V],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verleidelijk	((verleid)[V],(elijk)[A|V.])[A]
verleidelijkheid	(((verleid)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verleider	((verleid)[V],(er)[N|V.])[N]
verleiding	((verleid)[V],(ing)[N|V.])[N]
verleidingskunst	(((verleid)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
verleidster	((verleid)[V],(ster)[N|V.])[N]
verlekkerdheid	((verlekkerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
verlekkeren	((ver)[V|.A],(lekker)[A])[V]
verlelijken	((ver)[V|.A],(lelijk)[A])[V]
verlelijking	(((ver)[V|.A],(lelijk)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verlenen	((ver)[V|.V],(leen)[V])[V]
verlengbaar	(((ver)[V|.V],(leng)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verlengbaarheid	((((ver)[V|.V],(leng)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verlengen	((ver)[V|.V],(leng)[V])[V]
verlenging	(((ver)[V|.V],(leng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verlengingsteken	((((ver)[V|.V],(leng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
verlengsel	(((ver)[V|.V],(leng)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
verlengsnoer	(((ver)[V|.V],(leng)[V])[V],(snoer)[N])[N]
verlengstuk	(((ver)[V|.V],(leng)[V])[V],(stuk)[N])[N]
verlening	(((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verleppen	((ver)[V|.V],(lep)[V])[V]
verleren	((ver)[V|.V],(leer)[V])[V]
verletdag	((verlet)[N],(dag)[N])[N]
verletsel	(((ver)[V|.V],(let)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
verletten	((ver)[V|.V],(let)[V])[V]
verleuteren	((ver)[V|.V],(leuter)[V])[V]
verlevendigen	((ver)[V|.A],((levend)[A],(ig)[A|A.])[A])[V]
verlevendiging	(((ver)[V|.A],((levend)[A],(ig)[A|A.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verlezen	((ver)[V|.V],(lees)[V])[V]
verlichten	((ver)[V|.N],(licht)[N])[V]
verlichting	(((ver)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verlichtingsdenkbeeld	((((ver)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((denk)[V],(beeld)[N])[N])[N]
verlichtingsinstallatie	((((ver)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
verlichtingsoptimisme	((((ver)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(optimisme)[N])[N]
verlichtingstechniek	((((ver)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
verlichtingstoestel	((((ver)[V|.N],(licht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toestel)[N])[N]
verliederlijken	((ver)[V|.A],(liederlijk)[A])[V]
verliefdheid	((verliefd)[A],(heid)[N|A.])[N]
verliescijfers	((verlies)[N],(cijfer)[N])[N]
verliescompensatie	((verlies)[N],(compenseer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
verliesgevend	((verlies)[N],(geef)[V],(end)[A|NV.])[A]
verlieslijst	((verlies)[N],(lijst)[N])[N]
verliespost	((verlies)[N],(post)[N])[N]
verliezer	((verlies)[V],(er)[N|V.])[N]
verliggen	((ver)[V|.V],(lig)[V])[V]
verlinken	((ver)[V|.V],(link)[V])[V]
verlinksen	((ver)[V|.A],(links)[A])[V]
verloden	((ver)[V|.N],(lood)[N])[V]
verloederen	((ver)[V|.N],(loeder)[N])[V]
verloedering	(((ver)[V|.N],(loeder)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verlofaanvraag	((verlof)[N],((aan)[P],(vraag)[N])[N])[N]
verlofaanvrage	((verlof)[N],(aanvrage)[N])[N]
verlofbrief	((verlof)[N],(brief)[N])[N]
verlofdag	((verlof)[N],(dag)[N])[N]
verlofganger	((verlof)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N]
verlofhouder	((verlof)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
verlofpas	((verlof)[N],(pas)[N])[N]
verlofperiode	((verlof)[N],(periode)[N])[N]
verlofregeling	((verlof)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
verlofstraktement	((verlof)[N],(s)[N|N.N],((trakteer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
verloftijd	((verlof)[N],(tijd)[N])[N]
verloftraktement	((verlof)[N],((trakteer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
verlokkelijk	(((ver)[V|.V],(lok)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
verlokkelijkheid	((((ver)[V|.V],(lok)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verlokken	((ver)[V|.V],(lok)[V])[V]
verlokker	(((ver)[V|.V],(lok)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verlokking	(((ver)[V|.V],(lok)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verloksel	(((ver)[V|.V],(lok)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
verlokster	(((ver)[V|.V],(lok)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
verloochenaar	(((ver)[V|.V],(loochen)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
verloochenaarster	((((ver)[V|.V],(loochen)[V])[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
verloochenen	((ver)[V|.V],(loochen)[V])[V]
verloochening	(((ver)[V|.V],(loochen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verloopknie	((verloop)[N],(knie)[N])[N]
verloopstekker	((verloop)[N],(stekker)[N])[N]
verloopstuk	((verloop)[N],(stuk)[N])[N]
verlopen	((ver)[V|.V],(loop)[V])[V]
verlorenheid	((verloren)[A],(heid)[N|A.])[N]
verlosbed	(((ver)[V|.A],(los)[A])[V],(bed)[N])[N]
verloskamer	(((ver)[V|.A],(los)[A])[V],(kamer)[N])[N]
verloskunde	(((ver)[V|.A],(los)[A])[V],(kunde)[N])[N]
verloskundig	((((ver)[V|.A],(los)[A])[V],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
verlossen	((ver)[V|.A],(los)[A])[V]
verlosser	(((ver)[V|.A],(los)[A])[V],(er)[N|V.])[N]
verlossing	(((ver)[V|.A],(los)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verlossingswerk	((((ver)[V|.A],(los)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
verlostang	(((ver)[V|.A],(los)[A])[V],(tang)[N])[N]
verloten	((ver)[V|.V],(loot)[V])[V]
verloting	(((ver)[V|.V],(loot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verloving	((verloof)[V],(ing)[N|V.])[N]
verlovingsbrief	(((verloof)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(brief)[N])[N]
verlovingsdag	(((verloof)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
verlovingsfeest	(((verloof)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(feest)[N])[N]
verlovingskaart	(((verloof)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
verlovingsring	(((verloof)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ring)[N])[N]
verlovingstijd	(((verloof)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
verluchten	((ver)[V|.V],(lucht)[V])[V]
verluchtigen	((ver)[V|.A],((lucht)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
verluchtiging	(((ver)[V|.A],((lucht)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verluchting	(((ver)[V|.V],(lucht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verluchtingskunst	((((ver)[V|.V],(lucht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
verluiden	((ver)[V|.A],(luid)[A])[V]
verluieren	((ver)[V|.V],(luier)[V])[V]
verlullen	((ver)[V|.V],(lul)[V])[V]
verlummelen	((ver)[V|.V],(lummel)[V])[V]
verlustigen	((ver)[V|.A],((lust)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
verlustiging	(((ver)[V|.A],((lust)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vermaagschappen	((ver)[V|.N],((maag)[N],(schap)[N|N.])[N])[V]
vermaakscentrum	((vermaak)[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
vermaanbrief	(((ver)[V|.V],(maan)[V])[V],(brief)[N])[N]
vermaanhuis	(((ver)[V|.V],(maan)[V])[V],(huis)[N])[N]
vermaardheid	((vermaard)[A],(heid)[N|A.])[N]
vermaatschappelijking	((vermaatschappelijk)[V],(ing)[N|V.])[N]
vermageren	((ver)[V|.A],(mager)[A])[V]
vermagering	(((ver)[V|.A],(mager)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vermageringsdieet	((((ver)[V|.A],(mager)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dieet)[N])[N]
vermageringskuur	((((ver)[V|.A],(mager)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kuur)[N])[N]
vermageringsmiddel	((((ver)[V|.A],(mager)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
vermakelijk	(((ver)[V|.V],(maak)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
vermakelijkheid	((((ver)[V|.V],(maak)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vermakelijkheidsbelasting	(((((ver)[V|.V],(maak)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
vermaken	((ver)[V|.V],(maak)[V])[V]
vermaking	(((ver)[V|.V],(maak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vermalen	((ver)[V|.V],(maal)[V])[V]
vermanen	((ver)[V|.V],(maan)[V])[V]
vermaner	(((ver)[V|.V],(maan)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
vermangelen	((ver)[V|.V],(mangel)[V])[V]
vermaning	(((ver)[V|.V],(maan)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vermannelijken	((ver)[V|.A],((man)[N],(elijk)[A|N.])[A])[V]
vermannen	((ver)[V|.N],(man)[N])[V]
vermeerderaar	(((ver)[V|.V],(meerder)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
vermeerderen	((ver)[V|.V],(meerder)[V])[V]
vermeerdering	(((ver)[V|.V],(meerder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vermeerderingsmethode	((((ver)[V|.V],(meerder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
vermeesteren	((ver)[V|.V],(meester)[V])[V]
vermeestering	(((ver)[V|.V],(meester)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vermelden	((ver)[V|.V],(meld)[V])[V]
vermeldenswaard	(((ver)[V|.V],(meld)[V])[V],(s)[A|V.A],(waard)[A])[A]
vermeldenswaardig	(((ver)[V|.V],(meld)[V])[V],(s)[A|V.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
vermelding	(((ver)[V|.V],(meld)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vermemelen	((ver)[V|.N],(memel)[N])[V]
vermenen	((ver)[V|.V],(meen)[V])[V]
vermengen	((ver)[V|.V],(meng)[V])[V]
vermenging	(((ver)[V|.V],(meng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vermenigvuldigbaar	(((ver)[V|.A],(menigvuldig)[A])[V],(baar)[A|V.])[A]
vermenigvuldigen	((ver)[V|.A],(menigvuldig)[A])[V]
vermenigvuldiger	(((ver)[V|.A],(menigvuldig)[A])[V],(er)[N|V.])[N]
vermenigvuldiging	(((ver)[V|.A],(menigvuldig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vermenigvuldigingsfactor	((((ver)[V|.A],(menigvuldig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(factor)[N])[N]
vermenigvuldigingsproces	((((ver)[V|.A],(menigvuldig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
vermenigvuldigsom	(((ver)[V|.A],(menigvuldig)[A])[V],(som)[N])[N]
vermenigvuldigtal	(((ver)[V|.A],(menigvuldig)[A])[V],(tal)[N])[N]
vermenselijken	((ver)[V|.A],((mens)[N],(elijk)[A|N.])[A])[V]
vermenselijking	(((ver)[V|.A],((mens)[N],(elijk)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vermetelheid	((vermetel)[A],(heid)[N|A.])[N]
vermeten	((ver)[V|.V],(meet)[V])[V]
vermicelli	(vermicelli)[N]
vermicellipap	((vermicelli)[N],(pap)[N])[N]
vermicellisoep	((vermicelli)[N],(soep)[N])[N]
vermijdbaar	(((ver)[V|.V],(mijd)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
vermijden	((ver)[V|.V],(mijd)[V])[V]
vermijding	(((ver)[V|.V],(mijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vermijdingsgedrag	((((ver)[V|.V],(mijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
vermijdingsreactie	((((ver)[V|.V],(mijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
vermiljoenkleurig	((vermiljoen)[A],(kleur)[N],(ig)[A|AN.])[A]
vermiljoenrood	((vermiljoen)[N],(rood)[A])[A]
verminderen	((ver)[V|.V],(minder)[V])[V]
vermindering	(((ver)[V|.V],(minder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verminderingskaart	((((ver)[V|.V],(minder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
verminking	((vermink)[V],(ing)[N|V.])[N]
vermissen	((ver)[V|.V],(mis)[V])[V]
vermoedelijk	((vermoed)[V],(elijk)[A|V.])[A]
vermoeidheid	((vermoeid)[A],(heid)[N|A.])[N]
vermoeidheidsproef	(((vermoeid)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(proef)[N])[N]
vermoeidheidsverschijnsel	(((vermoeid)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
vermoeien	((ver)[V|.A],(moe)[A])[V]
vermoeienis	(((ver)[V|.A],(moe)[A])[V],(enis)[N|V.])[N]
vermoeiing	(((ver)[V|.A],(moe)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vermoeiingsproef	((((ver)[V|.A],(moe)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proef)[N])[N]
vermoeilijken	((ver)[V|.A],((moei)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V]
vermoffelen	((ver)[V|.V],(moffel)[V])[V]
vermoffen	((ver)[V|.N],(mof)[N])[V]
vermogen	((ver)[V|.V],(mag)[V])[V]
vermogensaanwas	((vermogen)[N],(s)[N|N.N],(aanwas)[N])[N]
vermogensaanwasdeling	(((vermogen)[N],(s)[N|N.N],(aanwas)[N])[N],(deel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
vermogensaftrek	((vermogen)[N],(s)[N|N.N],(aftrek)[N])[N]
vermogensbehoefte	((vermogen)[N],(s)[N|N.N],(behoefte)[N])[N]
vermogensbelasting	((vermogen)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
vermogensbeslag	((vermogen)[N],(s)[N|N.N],(beslag)[N])[N]
vermogensbestanddeel	((vermogen)[N],(s)[N|N.N],((bestand)[N],(deel)[N])[N])[N]
vermogensbron	((vermogen)[N],(s)[N|N.N],(bron)[N])[N]
vermogensdelict	((vermogen)[N],(s)[N|N.N],(delict)[N])[N]
vermogensheffing	((vermogen)[N],(s)[N|N.Vx],(hef)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
vermogensongelijkheid	((vermogen)[N],(s)[N|N.N],(((on)[A|.A],(gelijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
vermogensoverdracht	((vermogen)[N],(s)[N|N.N],(overdracht)[N])[N]
vermogenspositie	((vermogen)[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
vermogenspsychologie	((vermogen)[N],(s)[N|N.N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
vermogensrecht	((vermogen)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
vermogensstraf	((vermogen)[N],(s)[N|N.N],(straf)[N])[N]
vermogensstructuur	((vermogen)[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
vermogensvergelijking	((vermogen)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
vermogensvermeerdering	((vermogen)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(meerder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vermogensverschaffer	((vermogen)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(schaf)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
vermogenswinst	((vermogen)[N],(s)[N|N.N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
vermogenswinstbelasting	((vermogen)[N],(s)[N|N.NN],((win)[V],(st)[N|V.])[N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vermolmen	((ver)[V|.N],(molm)[N])[V]
vermolming	(((ver)[V|.N],(molm)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
vermommen	((ver)[V|.V],(mom)[V])[V]
vermomming	(((ver)[V|.V],(mom)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vermooien	((ver)[V|.A],(mooi)[A])[V]
vermoorden	((ver)[V|.V],(moord)[V])[V]
vermoording	(((ver)[V|.V],(moord)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vermorsen	((ver)[V|.V],(mors)[V])[V]
vermorsing	(((ver)[V|.V],(mors)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vermorzelen	((ver)[V|.V],(morzel)[V])[V]
vermorzeling	(((ver)[V|.V],(morzel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vermuffen	((ver)[V|.A],(muf)[A])[V]
vermunten	((ver)[V|.V],(munt)[V])[V]
vermurwen	((ver)[V|.A],(murw)[A])[V]
vermurwing	(((ver)[V|.A],(murw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vernaaien	((ver)[V|.V],(naai)[V])[V]
vernachten	((ver)[V|.N],(nacht)[N])[V]
vernagelen	((ver)[V|.V],(nagel)[V])[V]
vernageling	(((ver)[V|.V],(nagel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vernauwen	((ver)[V|.A],(nauw)[A])[V]
vernauwing	(((ver)[V|.A],(nauw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vernedering	((verneder)[V],(ing)[N|V.])[N]
vernederlandsen	((ver)[V|.A],(Nederlands)[A])[V]
vernederlandsing	(((ver)[V|.A],(Nederlands)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verneembaar	(((ver)[V|.V],(neem)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
vernemen	((ver)[V|.V],(neem)[V])[V]
vernestelen	((ver)[V|.V],(nestel)[V])[V]
verneuken	((ver)[V|.V],(neuk)[V])[V]
verneukeratief	(((ver)[V|.V],(neuk)[V])[V],(atief)[A|V.])[A]
verneukerij	(((ver)[V|.V],(neuk)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
vernevelen	((ver)[V|.N],(nevel)[N])[V]
vernielachtig	((verniel)[V],(achtig)[A|V.])[A]
vernielal	((verniel)[V],(al)[B])[N]
vernieler	((verniel)[V],(er)[N|V.])[N]
vernieling	((verniel)[V],(ing)[N|V.])[N]
vernielingsmanie	(((verniel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((manisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
vernielingstroep	(((verniel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(troep)[N])[N]
vernielingswerk	(((verniel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
vernielingswoede	(((verniel)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(woede)[N])[N]
vernielziek	((verniel)[V],(ziek)[A])[A]
vernielzucht	((verniel)[V],(zucht)[N])[N]
vernielzuchtig	((verniel)[V],(zucht)[N],(ig)[A|VN.])[A]
vernietigbaar	(((ver)[V|.A],(nietig)[A])[V],(baar)[A|V.])[A]
vernietigbaarheid	((((ver)[V|.A],(nietig)[A])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vernietigen	((ver)[V|.A],(nietig)[A])[V]
vernietiging	(((ver)[V|.A],(nietig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vernietigingsdrang	((((ver)[V|.A],(nietig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
vernietigingsdrift	((((ver)[V|.A],(nietig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drift)[N])[N]
vernietigingskracht	((((ver)[V|.A],(nietig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
vernietigingsoorlog	((((ver)[V|.A],(nietig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(oorlog)[N])[N]
vernietigingsrecht	((((ver)[V|.A],(nietig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
vernietigingswoede	((((ver)[V|.A],(nietig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(woede)[N])[N]
vernieuwbouw	(((ver)[V|.A],(nieuw)[A])[V],(bouw)[N])[N]
vernieuwen	((ver)[V|.A],(nieuw)[A])[V]
vernieuwer	(((ver)[V|.A],(nieuw)[A])[V],(er)[N|V.])[N]
vernieuwerwetsen	((ver)[V|.A],(nieuwerwets)[A])[V]
vernieuwerwetsing	(((ver)[V|.A],(nieuwerwets)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vernieuwing	(((ver)[V|.A],(nieuw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vernieuwingsbeleid	((((ver)[V|.A],(nieuw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
vernieuwingscel	((((ver)[V|.A],(nieuw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cel)[N])[N]
vernieuwingsdenkbeeld	((((ver)[V|.A],(nieuw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((denk)[V],(beeld)[N])[N])[N]
vernieuwingsdrang	((((ver)[V|.A],(nieuw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
vernieuwingsdrift	((((ver)[V|.A],(nieuw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drift)[N])[N]
vernieuwingsgedachte	((((ver)[V|.A],(nieuw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gedachte)[N])[N]
vernieuwingsgezindheid	((((ver)[V|.A],(nieuw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((gezind)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
vernieuwingsideaal	((((ver)[V|.A],(nieuw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ideaal)[N])[N]
vernieuwingsproces	((((ver)[V|.A],(nieuw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
vernieuwingsproject	((((ver)[V|.A],(nieuw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(project)[N])[N]
vernieuwingsstrategie	((((ver)[V|.A],(nieuw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((strategisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
vernieuwingstendens	((((ver)[V|.A],(nieuw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tendens)[N])[N]
vernikkelen	((ver)[V|.N],(nikkel)[N])[V]
vernis	(vernis)[N]
verniskwast	((vernis)[V],(kwast)[N])[N]
vernissen	(vernis)[V]
vernoemen	((ver)[V|.V],(noem)[V])[V]
vernoeming	(((ver)[V|.V],(noem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vernuft	(vernuft)[N]
vernufteling	((vernuft)[N],(eling)[N|N.])[N]
vernuftig	((vernuft)[N],(ig)[A|N.])[A]
vernuftigheid	(((vernuft)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vernummeren	((ver)[V|.V],(nummer)[V])[V]
veronaangenamen	((ver)[V|.A],((on)[A|.A],(aangenaam)[A])[A])[V]
veronaangenaming	(((ver)[V|.A],((on)[A|.A],(aangenaam)[A])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
veronachtzamen	((ver)[V|.A],((on)[A|.Vx],(acht)[V],(zaam)[A|xV.])[A])[V]
veronachtzaming	(((ver)[V|.A],((on)[A|.Vx],(acht)[V],(zaam)[A|xV.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
veronderstellen	((ver)[V|.V],((onder)[P],(stel)[V])[V])[V]
veronderstelling	(((ver)[V|.V],((onder)[P],(stel)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verongelijken	((ver)[V|.N],((on)[N|.N],((ge)[N|.V],(lijk)[V])[N])[N])[V]
verongelijking	(((ver)[V|.N],((on)[N|.N],((ge)[N|.V],(lijk)[V])[N])[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verontheiligen	((ver)[V|.V],((ont)[V|.A],(heilig)[A])[V])[V]
verontheiliging	(((ver)[V|.V],((ont)[V|.A],(heilig)[A])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verontreiniging	((verontreinig)[V],(ing)[N|V.])[N]
verontrusten	((ver)[V|.V],((ont)[V|.N],(rust)[N])[V])[V]
verontrusting	(((ver)[V|.V],((ont)[V|.N],(rust)[N])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verontschuldiging	((verontschuldig)[V],(ing)[N|V.])[N]
verontwaardigdheid	((verontwaardigd)[A],(heid)[N|A.])[N]
verontwaardiging	((verontwaardig)[V],(ing)[N|V.])[N]
veroordelen	((ver)[V|.V],(oordeel)[V])[V]
veroordeling	(((ver)[V|.V],(oordeel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
veroorloving	((veroorloof)[V],(ing)[N|V.])[N]
veroorzaken	((ver)[V|.N],(oorzaak)[N])[V]
veroorzaker	(((ver)[V|.N],(oorzaak)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
verootmoedigen	((ver)[V|.A],((ootmoed)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
verootmoediging	(((ver)[V|.A],((ootmoed)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
veropenbaren	((ver)[V|.A],(openbaar)[A])[V]
verordenen	((ver)[V|.V],(orden)[V])[V]
verordening	(((ver)[V|.V],(orden)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verordeningenblad	((((ver)[V|.V],(orden)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(blad)[N])[N]
verordineren	((ver)[V|.V],(ordineer)[V])[V]
verordonneren	((ver)[V|.V],(ordonneer)[V])[V]
verouderen	((ver)[V|.A],(ouder)[A])[V]
veroudering	(((ver)[V|.A],(ouder)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verouderingsproces	((((ver)[V|.A],(ouder)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
verouderingsverschijnsel	((((ver)[V|.A],(ouder)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
verouwelijken	((ver)[V|.A],((ouwe)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V]
veroveraar	((verover)[V],(aar)[N|V.])[N]
veroveraarster	(((verover)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
verovering	((verover)[V],(ing)[N|V.])[N]
veroveringsdrang	(((verover)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
veroveringsoorlog	(((verover)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(oorlog)[N])[N]
veroveringszucht	(((verover)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zucht)[N])[N]
verpachten	((ver)[V|.V],(pacht)[V])[V]
verpachter	(((ver)[V|.V],(pacht)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verpachting	(((ver)[V|.V],(pacht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verpachtster	(((ver)[V|.V],(pacht)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
verpaft	((ver)[A|.Ax],(paf)[A],(t)[A|xA.])[A]
verpakken	((ver)[V|.N],(pak)[N])[V]
verpakking	(((ver)[V|.N],(pak)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verpakkingsmachine	((((ver)[V|.N],(pak)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(machine)[N])[N]
verpakkingsmateriaal	((((ver)[V|.N],(pak)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
verpakkingsmethode	((((ver)[V|.N],(pak)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
verpanden	((ver)[V|.V],(pand)[V])[V]
verpanding	(((ver)[V|.V],(pand)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verpatsen	((ver)[V|.V],(pats)[V])[V]
verpauperen	((ver)[V|.N],(pauper)[N])[V]
verpaupering	(((ver)[V|.N],(pauper)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verpauperingsproces	((((ver)[V|.N],(pauper)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
verpekelen	((ver)[V|.V],(pekel)[V])[V]
verpersoonlijking	((verpersoonlijk)[V],(ing)[N|V.])[N]
verpesting	((verpest)[V],(ing)[N|V.])[N]
verplaatsbaar	(((ver)[V|.V],(plaats)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verplaatsen	((ver)[V|.V],(plaats)[V])[V]
verplaatsing	(((ver)[V|.V],(plaats)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verplaatsingsafstand	((((ver)[V|.V],(plaats)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(afstand)[N])[N]
verplaatsingsbehoefte	((((ver)[V|.V],(plaats)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(behoefte)[N])[N]
verplaatsingsgedrag	((((ver)[V|.V],(plaats)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
verplaatsingskosten	((((ver)[V|.V],(plaats)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
verplaatsingsmogelijkheid	((((ver)[V|.V],(plaats)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
verplaatsingsmotief	((((ver)[V|.V],(plaats)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(motief)[N])[N]
verplaatsingsproces	((((ver)[V|.V],(plaats)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
verplaatsingsteken	((((ver)[V|.V],(plaats)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
verplantbaar	(((ver)[V|.V],(plant)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verplanten	((ver)[V|.V],(plant)[V])[V]
verplanting	(((ver)[V|.V],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verplantingsschopje	((((ver)[V|.V],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schop)[N])[N]
verpleegafdeling	((verpleeg)[V],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
verpleegdag	((verpleeg)[V],(dag)[N])[N]
verpleegeenheid	((verpleeg)[V],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
verpleeggeld	((verpleeg)[V],(geld)[N])[N]
verpleeghuis	((verpleeg)[V],(huis)[N])[N]
verpleeghuisopname	(((verpleeg)[V],(huis)[N])[N],(opname)[N])[N]
verpleeghulp	((verpleeg)[V],(hulp)[N])[N]
verpleeginrichting	((verpleeg)[V],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
verpleegkunde	((verpleeg)[V],(kunde)[N])[N]
verpleegster	((verpleeg)[V],(ster)[N|V.])[N]
verpleegstersbroche	(((verpleeg)[V],(ster)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(broche)[N])[N]
verpleegstersuniform	(((verpleeg)[V],(ster)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(uniform)[N])[N]
verpleegtarief	((verpleeg)[V],(tarief)[N])[N]
verpleegtehuis	((verpleeg)[V],((te)[P],(huis)[N])[N])[N]
verpleger	((verpleeg)[V],(er)[N|V.])[N]
verpleging	((verpleeg)[V],(ing)[N|V.])[N]
verplegingsdienst	(((verpleeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
verplegingskosten	(((verpleeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
verplegingstrein	(((verpleeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(trein)[N])[N]
verpletten	((ver)[V|.V],(plet)[V])[V]
verpletteren	((ver)[V|.V],(pletter)[V])[V]
verplettering	(((ver)[V|.V],(pletter)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verplichten	((ver)[V|.N],(plicht)[N])[V]
verplichting	(((ver)[V|.N],(plicht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verplooien	((ver)[V|.V],(plooi)[V])[V]
verpolitieken	((ver)[V|.N],(politiek)[N])[V]
verpolitieking	(((ver)[V|.N],(politiek)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verpoppen	((ver)[V|.N],(pop)[N])[V]
verpopping	(((ver)[V|.N],(pop)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verpoten	((ver)[V|.V],(poot)[V])[V]
verpoting	(((ver)[V|.V],(poot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verpotten	((ver)[V|.V],(pot)[V])[V]
verpotting	(((ver)[V|.V],(pot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verpozen	((ver)[V|.V],(poos)[V])[V]
verpozing	(((ver)[V|.V],(poos)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verpraten	((ver)[V|.V],(praat)[V])[V]
verproperen	((ver)[V|.A],(proper)[A])[V]
verprotestantsen	((ver)[V|.A],((((protest)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N],(s)[A|N.])[A])[V]
verprutsen	((ver)[V|.V],(pruts)[V])[V]
verpulveren	((ver)[V|.N],(pulver)[N])[V]
verpulvering	(((ver)[V|.N],(pulver)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verraadster	((verraad)[V],(ster)[N|V.])[N]
verrader	((verraad)[V],(er)[N|V.])[N]
verraderij	((verraad)[V],(erij)[N|V.])[N]
verraderlijk	(((verraad)[V],(er)[N|V.])[N],(lijk)[A|N.])[A]
verraderlijkheid	((((verraad)[V],(er)[N|V.])[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verradersloon	(((verraad)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(loon)[N])[N]
verrafelen	((ver)[V|.N],(rafel)[N])[V]
verramsjen	((ver)[V|.N],(ramsj)[N])[V]
verrassen	(verras)[V]
verrassing	((verras)[V],(ing)[N|V.])[N]
verrassingsaanval	(((verras)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(aanval)[N])[N]
verrassingseffect	(((verras)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(effect)[N])[N]
verrassingselement	(((verras)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(element)[N])[N]
verrastheid	((verrast)[A],(heid)[N|A.])[N]
verrechtsen	((ver)[V|.A],(rechts)[A])[V]
verregaand	((ver)[A],(e)[A|A.V],(gaand)[V])[A]
verregenen	((ver)[V|.V],(regen)[V])[V]
verreiken	((ver)[V|.V],(reik)[V])[V]
verreizen	((ver)[V|.V],(reis)[V])[V]
verrekenen	((ver)[V|.V],(reken)[V])[V]
verrekening	(((ver)[V|.V],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verrekeningscheque	((((ver)[V|.V],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cheque)[N])[N]
verrekeningskamer	((((ver)[V|.V],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
verrekenkantoor	(((ver)[V|.V],(reken)[V])[V],(kantoor)[N])[N]
verrekenpakket	(((ver)[V|.V],(reken)[V])[V],(pakket)[N])[N]
verrekenprijs	(((ver)[V|.V],(reken)[V])[V],(prijs)[N])[N]
verrekijker	((verre)[B],((kijk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
verrekkeling	(((ver)[V|.V],(rek)[V])[V],(eling)[N|V.])[N]
verrekken	((ver)[V|.V],(rek)[V])[V]
verrekking	(((ver)[V|.V],(rek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verreschrijver	((verre)[B],((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
verrichting	((verricht)[V],(ing)[N|V.])[N]
verrichtingsleer	(((verricht)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
verrijdbaar	(((ver)[V|.V],(rijd)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verrijden	((ver)[V|.V],(rijd)[V])[V]
verrijken	((ver)[V|.A],(rijk)[A])[V]
verrijking	(((ver)[V|.A],(rijk)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verrijzen	((ver)[V|.V],(rijs)[V])[V]
verrijzenis	(((ver)[V|.V],(rijs)[V])[V],(enis)[N|V.])[N]
verrimpelen	((ver)[V|.N],(rimpel)[N])[V]
verroeien	((ver)[V|.V],(roei)[V])[V]
verroeren	((ver)[V|.V],(roer)[V])[V]
verroesten	((ver)[V|.N],(roest)[N])[V]
verroken	((ver)[V|.N],(rook)[N])[V]
verrolbaar	(((ver)[V|.V],(rol)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verrollen	((ver)[V|.V],(rol)[V])[V]
verronselen	((ver)[V|.V],(ronsel)[V])[V]
verroomsen	((ver)[V|.A],(rooms)[A])[V]
verrotten	((ver)[V|.A],(rot)[A])[V]
verrotting	(((ver)[V|.A],(rot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verrottingsproces	((((ver)[V|.A],(rot)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
verruilen	((ver)[V|.V],(ruil)[V])[V]
verruiling	(((ver)[V|.V],(ruil)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verruimen	((ver)[V|.A],(ruim)[A])[V]
verruiming	(((ver)[V|.A],(ruim)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verrukkelijk	(((ver)[V|.V],(ruk)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
verrukkelijkheid	((((ver)[V|.V],(ruk)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verrukken	((ver)[V|.V],(ruk)[V])[V]
verrukking	(((ver)[V|.V],(ruk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verrundering	((ver)[N|.Nx],(rund)[N],(ing)[N|xN.])[N]
verruwen	((ver)[V|.A],(ruw)[A])[V]
verruwing	(((ver)[V|.A],(ruw)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vers	(vers)[N]
versaagdheid	((versaagd)[V],(heid)[N|V.])[N]
versager	((versaag)[V],(er)[N|V.])[N]
versassen	((ver)[V|.V],(sas)[V])[V]
versbouw	((vers)[N],(bouw)[N])[N]
verschaffen	((ver)[V|.V],(schaf)[V])[V]
verschaffing	(((ver)[V|.V],(schaf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verschalking	((verschalk)[V],(ing)[N|V.])[N]
verschansen	((ver)[V|.N],(schans)[N])[V]
verschansing	(((ver)[V|.N],(schans)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verscharen	((ver)[V|.V],(schaar)[V])[V]
verscheiden	((ver)[V|.V],(scheid)[V])[V]
verscheidenheid	((verscheiden)[A],(heid)[N|A.])[N]
verschelen	((ver)[V|.V],(scheel)[V])[V]
verschenken	((ver)[V|.V],(schenk)[V])[V]
verschepen	((ver)[V|.V],(scheep)[V])[V]
verscheper	(((ver)[V|.V],(scheep)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verscheping	(((ver)[V|.V],(scheep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verschepingsdocumenten	((((ver)[V|.V],(scheep)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(document)[N])[N]
verscheren	((ver)[V|.V],(scheer)[V])[V]
verscherpen	((ver)[V|.A],(scherp)[A])[V]
verscherping	(((ver)[V|.A],(scherp)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verscherven	((ver)[V|.N],(scherf)[N])[V]
verscheurdheid	((verscheurd)[V],(heid)[N|V.])[N]
verscheuren	((ver)[V|.V],(scheur)[V])[V]
verschieten	((ver)[V|.V],(schiet)[V])[V]
verschijndag	((verschijn)[V],(dag)[N])[N]
verschijning	((verschijn)[V],(ing)[N|V.])[N]
verschijningsdatum	(((verschijn)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(datum)[N])[N]
verschijningsjaar	(((verschijn)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
verschijningsverbod	(((verschijn)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(verbod)[N])[N]
verschijningsvorm	(((verschijn)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
verschijnsel	((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N]
verschikken	((ver)[V|.V],(schik)[V])[V]
verschikking	(((ver)[V|.V],(schik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verschilferen	((ver)[V|.N],(schilfer)[N])[V]
verschilmeting	((verschil)[N],(meet)[V],(ing)[N|NV.])[N]
verschilpunt	((verschil)[N],(punt)[N])[N]
verschimmelen	((ver)[V|.V],(schimmel)[V])[V]
verschonen	((ver)[V|.A],(schoon)[A])[V]
verschoning	(((ver)[V|.A],(schoon)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verschoningsrecht	((((ver)[V|.A],(schoon)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
verschoolsing	((ver)[N|.Ax],((school)[N],(s)[A|N.])[A],(ing)[N|xA.])[N]
verschoonbaar	(((ver)[V|.A],(schoon)[A])[V],(baar)[A|V.])[A]
verschoonbaarheid	((((ver)[V|.A],(schoon)[A])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verschoonlijk	(((ver)[V|.A],(schoon)[A])[V],(lijk)[A|V.])[A]
verschoppeling	(((ver)[V|.V],(schop)[V])[V],(eling)[N|V.])[N]
verschoppelinge	((((ver)[V|.V],(schop)[V])[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
verschoppen	((ver)[V|.V],(schop)[V])[V]
verschopping	(((ver)[V|.V],(schop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verschotnota	((verschot)[N],(nota)[N])[N]
verschralen	((ver)[V|.A],(schraal)[A])[V]
verschranken	((ver)[V|.V],(schrank)[V])[V]
verschrijven	((ver)[V|.V],(schrijf)[V])[V]
verschrijving	(((ver)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verschrikkelijk	(((ver)[V|.V],(schrik)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
verschrikkelijkheid	((((ver)[V|.V],(schrik)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verschrikken	((ver)[V|.V],(schrik)[V])[V]
verschrikking	(((ver)[V|.V],(schrik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verschroeien	((ver)[V|.V],(schroei)[V])[V]
verschroeiing	(((ver)[V|.V],(schroei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verschrompelen	((ver)[V|.V],(schrompel)[V])[V]
verschrompeling	(((ver)[V|.V],(schrompel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verschroten	((ver)[V|.N],(schroot)[N])[V]
verschudden	((ver)[V|.V],(schud)[V])[V]
verschuifbaar	(((ver)[V|.V],(schuif)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verschuilen	((ver)[V|.V],(schuil)[V])[V]
verschuiven	((ver)[V|.V],(schuif)[V])[V]
verschuiving	(((ver)[V|.V],(schuif)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verschutten	((ver)[V|.N],(schut)[N])[V]
versgekalfd	((vers)[A],(gekalfd)[V])[A]
versheid	((vers)[A],(heid)[N|A.])[N]
versie	(versie)[N]
versierder	(((ver)[V|.V],(sier)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
versieren	((ver)[V|.V],(sier)[V])[V]
versiering	(((ver)[V|.V],(sier)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
versieringskunst	((((ver)[V|.V],(sier)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
versieringsmotief	((((ver)[V|.V],(sier)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(motief)[N])[N]
versiersel	(((ver)[V|.V],(sier)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
versierster	(((ver)[V|.V],(sier)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
versiertoer	(((ver)[V|.V],(sier)[V])[V],(toer)[N])[N]
versificatie	((versificeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
versimpelen	((ver)[V|.A],(simpel)[A])[V]
versjachelen	((ver)[V|.V],(sjachel)[V])[V]
versjacheren	((ver)[V|.V],(sjacher)[V])[V]
versjouwen	((ver)[V|.V],(sjouw)[V])[V]
verskunst	((vers)[N],(kunst)[N])[N]
verslaafdheid	((verslaafd)[A],(heid)[N|A.])[N]
verslaan	((ver)[V|.V],(sla)[V])[V]
verslagenheid	((verslagen)[A],(heid)[N|A.])[N]
verslaggeefster	((verslag)[N],(geef)[V],(ster)[N|NV.])[N]
verslaggever	((verslag)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N]
verslaggeving	((verslag)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
verslagjaar	((verslag)[N],(jaar)[N])[N]
verslaglegging	((verslag)[N],(leg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
verslagperiode	((verslag)[N],(periode)[N])[N]
verslampampen	((ver)[V|.V],(slampamp)[V])[V]
verslapen	((ver)[V|.V],(slaap)[V])[V]
verslappen	((ver)[V|.A],(slap)[A])[V]
verslapping	(((ver)[V|.A],(slap)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verslaven	((ver)[V|.N],(slaaf)[N])[V]
verslaving	(((ver)[V|.N],(slaaf)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verslavingsverschijnsel	((((ver)[V|.N],(slaaf)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
verslavingsziekte	((((ver)[V|.N],(slaaf)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
verslavingszorg	((((ver)[V|.N],(slaaf)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zorg)[N])[N]
verslechten	((ver)[V|.A],(slecht)[A])[V]
verslechteren	((ver)[V|.A],(slechter)[A])[V]
verslechtering	(((ver)[V|.A],(slechter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verslechting	(((ver)[V|.A],(slecht)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
versleer	((vers)[N],(leer)[N])[N]
verslengte	((vers)[N],(lengte)[N])[N]
verslepen	((ver)[V|.V],(sleep)[V])[V]
versletenheid	((versleten)[A],(heid)[N|A.])[N]
versleuren	((ver)[V|.V],(sleur)[V])[V]
verslibben	((ver)[V|.N],(slib)[N])[V]
verslibbing	(((ver)[V|.N],(slib)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verslijken	((ver)[V|.N],(slijk)[N])[V]
verslijking	(((ver)[V|.N],(slijk)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verslijmen	((ver)[V|.N],(slijm)[N])[V]
verslijtbaar	(((ver)[V|.V],(slijt)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verslijten	((ver)[V|.V],(slijt)[V])[V]
verslikken	((ver)[V|.V],(slik)[V])[V]
verslinder	((verslind)[V],(er)[N|V.])[N]
verslingerdheid	((verslingerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
verslingeren	((ver)[V|.V],(slinger)[V])[V]
verslodderen	((ver)[V|.N],(slodder)[N])[V]
versloffen	((ver)[V|.V],(slof)[V])[V]
verslonzen	((ver)[V|.N],(slons)[N])[V]
versluieren	((ver)[V|.V],(sluier)[V])[V]
versluiting	((versluit)[V],(ing)[N|V.])[N]
versluizen	((ver)[V|.V],(sluis)[V])[V]
versmaadheid	((versmaad)[V],(heid)[N|V.])[N]
versmaat	((vers)[N],(maat)[N])[N]
versmachten	((ver)[V|.V],(smacht)[V])[V]
versmachting	(((ver)[V|.V],(smacht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
versmaden	((ver)[V|.V],(smaad)[V])[V]
versmading	(((ver)[V|.V],(smaad)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
versmallen	((ver)[V|.A],(smal)[A])[V]
versmalling	(((ver)[V|.A],(smal)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
versmeden	((ver)[V|.V],(smeed)[V])[V]
versmelodie	((vers)[N],((melodisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
versmelten	((ver)[V|.V],(smelt)[V])[V]
versmelting	(((ver)[V|.V],(smelt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
versmijten	((ver)[V|.V],(smijt)[V])[V]
versmoren	((ver)[V|.V],(smoor)[V])[V]
versmoring	(((ver)[V|.V],(smoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
versmullen	((ver)[V|.V],(smul)[V])[V]
versnellen	((ver)[V|.A],(snel)[A])[V]
versneller	(((ver)[V|.A],(snel)[A])[V],(er)[N|V.])[N]
versnelling	(((ver)[V|.A],(snel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
versnellingsbak	((((ver)[V|.A],(snel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bak)[N])[N]
versnellingshendel	((((ver)[V|.A],(snel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hendel)[N])[N]
versnellingsmachine	((((ver)[V|.A],(snel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(machine)[N])[N]
versnellingsnaaf	((((ver)[V|.A],(snel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(naaf)[N])[N]
versnellingspook	((((ver)[V|.A],(snel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(pook)[N])[N]
versnijden	((ver)[V|.V],(snijd)[V])[V]
versnijding	(((ver)[V|.V],(snijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
versnipperen	((ver)[V|.N],(snipper)[N])[V]
versnippering	(((ver)[V|.N],(snipper)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
versnoepen	((ver)[V|.V],(snoep)[V])[V]
versoberen	((ver)[V|.A],(sober)[A])[V]
versobering	(((ver)[V|.A],(sober)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
versoepelen	((ver)[V|.A],(soepel)[A])[V]
versomberen	((ver)[V|.A],(somber)[A])[V]
versombering	(((ver)[V|.A],(somber)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
versozijde	((verso)[B],(zijde)[N])[N]
verspaansen	((ver)[V|.A],(Spaans)[A])[V]
verspanen	((ver)[V|.N],(spaan)[N])[V]
verspannen	((ver)[V|.V],(span)[V])[V]
verspelden	((ver)[V|.V],(speld)[V])[V]
verspelen	((ver)[V|.V],(speel)[V])[V]
verspenen	((ver)[V|.V],(speen)[V])[V]
versperren	((ver)[V|.V],(sper)[V])[V]
versperring	(((ver)[V|.V],(sper)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
versperringsballon	((((ver)[V|.V],(sper)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ballon)[N])[N]
versperringsvuur	((((ver)[V|.V],(sper)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vuur)[N])[N]
verspieden	((ver)[V|.V],(spied)[V])[V]
verspieder	(((ver)[V|.V],(spied)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verspieding	(((ver)[V|.V],(spied)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verspiedster	(((ver)[V|.V],(spied)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
verspillen	((ver)[V|.V],(spil)[V])[V]
verspiller	(((ver)[V|.V],(spil)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verspilling	(((ver)[V|.V],(spil)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verspilster	(((ver)[V|.V],(spil)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
verspinnen	((ver)[V|.V],(spin)[V])[V]
versplinteren	((ver)[V|.N],(splinter)[N])[V]
versplintering	(((ver)[V|.N],(splinter)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verspoeling	((verspoel)[V],(ing)[N|V.])[N]
verspreiden	((ver)[V|.V],(spreid)[V])[V]
verspreider	(((ver)[V|.V],(spreid)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verspreiding	(((ver)[V|.V],(spreid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verspreidingsareaal	((((ver)[V|.V],(spreid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(areaal)[N])[N]
verspreidingsbeeld	((((ver)[V|.V],(spreid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
verspreidingscentrum	((((ver)[V|.V],(spreid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
verspreidingsgebied	((((ver)[V|.V],(spreid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gebied)[N])[N]
verspreidingslens	((((ver)[V|.V],(spreid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lens)[N])[N]
verspreidingsmogelijkheid	((((ver)[V|.V],(spreid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
verspreken	((ver)[V|.V],(spreek)[V])[V]
verspreking	(((ver)[V|.V],(spreek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verspringen	((ver)[V|.V],(spring)[V])[V]
verspringen	((ver)[A],(spring)[V])[V]
verspringing	(((ver)[V|.V],(spring)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
versregel	((vers)[N],(regel)[N])[N]
verssnede	((vers)[N],(snede)[N])[N]
verssoort	((vers)[N],(soort)[N])[N]
verstaanbaar	((versta)[V],(baar)[A|V.])[A]
verstaanbaarheid	(((versta)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verstaander	((versta)[V],(der)[N|V.])[N]
verstadsen	((ver)[V|.A],((stad)[N],(s)[A|N.])[A])[V]
verstalen	((ver)[V|.N],(staal)[N])[V]
verstaling	(((ver)[V|.N],(staal)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstallen	((ver)[V|.V],(stal)[V])[V]
verstalling	(((ver)[V|.V],(stal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstandelijk	((verstand)[N],(elijk)[A|N.])[A]
verstandelijkheid	(((verstand)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verstandeloos	((verstand)[N],(eloos)[A|N.])[A]
verstandhouding	((verstand)[N],(houd)[V],(ing)[N|NV.])[N]
verstandig	((verstand)[N],(ig)[A|N.])[A]
verstandigheid	(((verstand)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verstandshuwelijk	((verstand)[N],(s)[N|N.N],(huwelijk)[N])[N]
verstandskies	((verstand)[N],(s)[N|N.N],(kies)[N])[N]
verstandsmens	((verstand)[N],(s)[N|N.N],(mens)[N])[N]
verstandsontwikkeling	((verstand)[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
verstandspoëzie	((verstand)[N],(s)[N|N.N],(poëzie)[N])[N]
verstandsverbijstering	((verstand)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(bijster)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
verstandsvraag	((verstand)[N],(s)[N|N.N],(vraag)[N])[N]
verstappen	((ver)[V|.V],(stap)[V])[V]
verstarren	((ver)[V|.A],(star)[A])[V]
verstarring	(((ver)[V|.A],(star)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstarringsverschijnsel	((((ver)[V|.A],(star)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
verstechniek	((vers)[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
verstechnisch	((vers)[N],(technisch)[A])[A]
verstedelijken	((ver)[V|.A],((stede)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V]
verstedelijking	(((ver)[V|.A],((stede)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstedelijkingsbeleid	((((ver)[V|.A],((stede)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
verstedelijkingsnota	((((ver)[V|.A],((stede)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(nota)[N])[N]
versteedsen	((ver)[V|.A],(steeds)[A])[V]
versteedsing	(((ver)[V|.A],(steeds)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
versteendheid	((versteend)[A],(heid)[N|A.])[N]
verstekbak	((verstek)[N],(bak)[N])[N]
verstekblok	((verstek)[N],(blok)[N])[N]
verstekeling	(((ver)[V|.V],(steek)[V])[V],(eling)[N|V.])[N]
verstekelinge	((((ver)[V|.V],(steek)[V])[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
versteken	((ver)[V|.V],(steek)[V])[V]
verstekhaak	((verstek)[N],(haak)[N])[N]
verstekproces	((verstek)[N],(proces)[N])[N]
verstekwerk	((verstek)[N],(werk)[N])[N]
verstekzaag	((verstek)[N],(zaag)[N])[N]
verstelbaar	(((ver)[V|.V],(stel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
versteldheid	((versteld)[A],(heid)[N|A.])[N]
verstelgoed	(((ver)[V|.V],(stel)[V])[V],(goed)[N])[N]
verstellen	((ver)[V|.V],(stel)[V])[V]
versteller	(((ver)[V|.V],(stel)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verstelling	(((ver)[V|.V],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstelnaaister	(((ver)[V|.V],(stel)[V])[V],((naai)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
verstelster	(((ver)[V|.V],(stel)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
verstelwerk	(((ver)[V|.V],(stel)[V])[V],(werk)[N])[N]
verstempelen	((ver)[V|.V],(stempel)[V])[V]
verstenen	((ver)[V|.N],(steen)[N])[V]
verstening	(((ver)[V|.N],(steen)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
versterfrecht	((versterf)[N],(recht)[N])[N]
versterken	((ver)[V|.A],(sterk)[A])[V]
versterker	(((ver)[V|.A],(sterk)[A])[V],(er)[N|V.])[N]
versterking	(((ver)[V|.A],(sterk)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
versterkingsfactor	((((ver)[V|.A],(sterk)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(factor)[N])[N]
versterkingswerk	((((ver)[V|.A],(sterk)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
versterven	((ver)[V|.V],(sterf)[V])[V]
versterving	(((ver)[V|.V],(sterf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstevigen	((ver)[V|.A],(stevig)[A])[V]
versteviger	(((ver)[V|.A],(stevig)[A])[V],(er)[N|V.])[N]
versteviging	(((ver)[V|.A],(stevig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstijven	((ver)[V|.A],(stijf)[A])[V]
verstijving	(((ver)[V|.A],(stijf)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstikken	((ver)[V|.V],(stik)[V])[V]
verstikking	(((ver)[V|.V],(stik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstikkingsdood	((((ver)[V|.V],(stik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dood)[N])[N]
verstikkingsgevaar	((((ver)[V|.V],(stik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gevaar)[N])[N]
verstillen	((ver)[V|.A],(stil)[A])[V]
verstoelen	((ver)[V|.V],(stoel)[V])[V]
verstoeling	(((ver)[V|.V],(stoel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstoffelijken	((ver)[V|.A],((stof)[N],(elijk)[A|N.])[A])[V]
verstoken	((ver)[V|.V],(stook)[V])[V]
verstoktheid	((verstokt)[A],(heid)[N|A.])[N]
verstommen	((ver)[V|.A],(stom)[A])[V]
verstomming	(((ver)[V|.A],(stom)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstompen	((ver)[V|.A],(stomp)[A])[V]
verstomping	(((ver)[V|.A],(stomp)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstoorbaar	(((ver)[V|.V],(stoor)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verstoorder	(((ver)[V|.V],(stoor)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
verstoordheid	((verstoord)[A],(heid)[N|A.])[N]
verstoorster	(((ver)[V|.V],(stoor)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
verstoppen	((ver)[V|.V],(stop)[V])[V]
verstoppertje	(((ver)[V|.V],(stop)[V])[V],(ertje)[N|V.])[N]
verstopping	(((ver)[V|.V],(stop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstoptheid	((verstopt)[A],(heid)[N|A.])[N]
verstoren	((ver)[V|.V],(stoor)[V])[V]
verstoring	(((ver)[V|.V],(stoor)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstoteling	(((ver)[V|.V],(stoot)[V])[V],(eling)[N|V.])[N]
verstotelinge	((((ver)[V|.V],(stoot)[V])[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
verstoten	((ver)[V|.V],(stoot)[V])[V]
verstoting	(((ver)[V|.V],(stoot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstouten	((ver)[V|.A],(stout)[A])[V]
verstouwen	((ver)[V|.V],(stouw)[V])[V]
verstraffen	((ver)[V|.A],(straf)[A])[V]
verstrakken	((ver)[V|.A],(strak)[A])[V]
verstraler	((ver)[A],(straal)[V],(er)[N|AV.])[N]
verstrammen	((ver)[V|.A],(stram)[A])[V]
verstramming	(((ver)[V|.A],(stram)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstrekken	((ver)[V|.V],(strek)[V])[V]
verstrekking	(((ver)[V|.V],(strek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstrekkingenpakket	((((ver)[V|.V],(strek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
verstrengelen	((ver)[V|.V],(strengel)[V])[V]
verstrengeling	(((ver)[V|.V],(strengel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstrijken	((ver)[V|.V],(strijk)[V])[V]
verstrikken	((ver)[V|.V],(strik)[V])[V]
verstrikking	(((ver)[V|.V],(strik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstrooidheid	((verstrooid)[A],(heid)[N|A.])[N]
verstrooien	((ver)[V|.V],(strooi)[V])[V]
verstrooiing	(((ver)[V|.V],(strooi)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verstrooiingslectuur	((((ver)[V|.V],(strooi)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lectuur)[N])[N]
verstrooiingslens	((((ver)[V|.V],(strooi)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(lens)[N])[N]
verstuiking	((verstuik)[V],(ing)[N|V.])[N]
verstuiven	((ver)[V|.V],(stuif)[V])[V]
verstuiver	(((ver)[V|.V],(stuif)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verstuiving	(((ver)[V|.V],(stuif)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
versturen	((ver)[V|.V],(stuur)[V])[V]
verstuwen	((ver)[V|.V],(stuw)[V])[V]
versuffen	((ver)[V|.A],(suf)[A])[V]
versuffing	(((ver)[V|.A],(suf)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
versuftheid	((versuft)[A],(heid)[N|A.])[N]
versuikeren	((ver)[V|.N],(suiker)[N])[V]
versuikering	((ver)[N|.Nx],(suiker)[N],(ing)[N|xN.])[N]
versukkelen	((ver)[V|.V],(sukkel)[V])[V]
versukkeling	(((ver)[V|.V],(sukkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
versvaart	((vers)[A],(vaart)[N])[N]
versvoet	((vers)[N],(voet)[N])[N]
versvorm	((vers)[N],(vorm)[N])[N]
vertaalapparatuur	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
vertaalbaar	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(baar)[A|V.])[A]
vertaalbureau	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(bureau)[N])[N]
vertaalcomputer	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(computer)[N])[N]
vertaaldienst	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
vertaalfout	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(fout)[N])[N]
vertaalkunde	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(kunde)[N])[N]
vertaalloon	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(loon)[N])[N]
vertaalmachine	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(machine)[N])[N]
vertaalmechanisme	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(mechanisme)[N])[N]
vertaaloefening	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vertaalprogramma	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(programma)[N])[N]
vertaalproject	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(project)[N])[N]
vertaalrecht	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(recht)[N])[N]
vertaalster	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(ster)[N|V.])[N]
vertaalwerk	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(werk)[N])[N]
vertaalwoede	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(woede)[N])[N]
vertaalwoordenboek	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],((woord)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N])[N]
vertakelen	((ver)[V|.V],(takel)[V])[V]
vertakeling	(((ver)[V|.V],(takel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vertakken	((ver)[V|.N],(tak)[N])[V]
vertakking	(((ver)[V|.N],(tak)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
vertalen	((ver)[V|.N],(taal)[N])[V]
vertaler	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
vertaling	(((ver)[V|.N],(taal)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
vertappen	((ver)[V|.V],(tap)[V])[V]
vertapping	(((ver)[V|.V],(tap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vertassen	((ver)[V|.V],(tas)[V])[V]
vertasten	((ver)[V|.V],(tast)[V])[V]
verte	((ver)[A],(te)[N|A.])[N]
vertechnisering	((vertechniseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
vertederen	((ver)[V|.A],(teder)[A])[V]
vertedering	(((ver)[V|.A],(teder)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verteerbaar	(((ver)[V|.V],(teer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verteerbaarheid	((((ver)[V|.V],(teer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vertegenwoordiger	((vertegenwoordig)[V],(er)[N|V.])[N]
vertegenwoordiging	((vertegenwoordig)[V],(ing)[N|V.])[N]
vertegenwoordigingsbevoegdheid	(((vertegenwoordig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((bevoegd)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
vertegenwoordigster	((vertegenwoordig)[V],(ster)[N|V.])[N]
vertekenen	((ver)[V|.V],(teken)[V])[V]
vertelavond	(((ver)[V|.V],(tel)[V])[V],(avond)[N])[N]
vertelinstantie	(((ver)[V|.V],(tel)[V])[V],(instantie)[N])[N]
vertelkunst	(((ver)[V|.V],(tel)[V])[V],(kunst)[N])[N]
vertellen	((ver)[V|.V],(tel)[V])[V]
verteller	(((ver)[V|.V],(tel)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
vertelling	(((ver)[V|.V],(tel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vertelsel	(((ver)[V|.V],(tel)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
vertelselboek	((((ver)[V|.V],(tel)[V])[V],(sel)[N|V.])[N],(boek)[N])[N]
vertelster	(((ver)[V|.V],(tel)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
verteltechniek	(((ver)[V|.V],(tel)[V])[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
verteltechnisch	(((ver)[V|.V],(tel)[V])[V],(technisch)[A])[A]
verteltrant	(((ver)[V|.V],(tel)[V])[V],(trant)[N])[N]
verteluurtje	(((ver)[V|.V],(tel)[V])[V],(uur)[N])[N]
verteren	((ver)[V|.V],(teer)[V])[V]
vertering	(((ver)[V|.V],(teer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verteringsbelasting	((((ver)[V|.V],(teer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
verteringsproces	((((ver)[V|.V],(teer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
verteuten	((ver)[V|.V],(teut)[V])[V]
verticaalcirkel	((verticaal)[N],(cirkel)[N])[N]
verticuteerhark	((verticuteer)[V],(hark)[N])[N]
vertienden	((ver)[V|.N],(tiend)[N])[V]
vertiendubbelen	((ver)[V|.A],((tien)[Q],(dubbel)[A])[A])[V]
vertienvoudigen	((ver)[V|.A],((tienvoud)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
vertikken	((ver)[V|.V],(tik)[V])[V]
vertillen	((ver)[V|.V],(til)[V])[V]
vertimmeren	((ver)[V|.V],(timmer)[V])[V]
vertimmering	(((ver)[V|.V],(timmer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vertinnen	((ver)[V|.N],(tin)[N])[V]
vertinsel	(((ver)[V|.N],(tin)[N])[V],(sel)[N|V.])[N]
vertoefplaats	(((ver)[V|.V],(toef)[V])[V],(plaats)[N])[N]
vertoeven	((ver)[V|.V],(toef)[V])[V]
vertolken	((ver)[V|.V],(tolk)[V])[V]
vertolker	(((ver)[V|.V],(tolk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
vertolking	(((ver)[V|.V],(tolk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vertolkster	(((ver)[V|.V],(tolk)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
vertonen	((ver)[V|.V],(toon)[V])[V]
vertoner	(((ver)[V|.V],(toon)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
vertoning	(((ver)[V|.V],(toon)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vertonnen	((ver)[V|.N],(ton)[N])[V]
vertonning	(((ver)[V|.N],(ton)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
vertoogschrift	((vertoog)[N],(schrift)[N])[N]
vertoonbaar	(((ver)[V|.V],(toon)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
vertoondag	(((ver)[V|.V],(toon)[V])[V],(dag)[N])[N]
vertoornen	((ver)[V|.N],(toorn)[N])[V]
vertragen	((ver)[V|.A],(traag)[A])[V]
vertraging	(((ver)[V|.A],(traag)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vertragingsactie	((((ver)[V|.A],(traag)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
vertragingstactiek	((((ver)[V|.A],(traag)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((tact)[N],(isch)[A|N.])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
vertrappelen	((ver)[V|.V],(trappel)[V])[V]
vertrappeling	(((ver)[V|.V],(trappel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vertrappelinge	((((ver)[V|.V],(trappel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
vertrappen	((ver)[V|.V],(trap)[V])[V]
vertrapping	(((ver)[V|.V],(trap)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vertreden	((ver)[V|.V],(treed)[V])[V]
vertreding	(((ver)[V|.V],(treed)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vertrekhal	(((ver)[V|.V],(trek)[V])[V],(hal)[N])[N]
vertrekken	((ver)[V|.V],(trek)[V])[V]
vertrekking	(((ver)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vertrekpremie	(((ver)[V|.V],(trek)[V])[V],(premie)[N])[N]
vertrekpunt	(((ver)[V|.V],(trek)[V])[V],(punt)[N])[N]
vertreksein	(((ver)[V|.V],(trek)[V])[V],(sein)[N])[N]
vertrekuur	(((ver)[V|.V],(trek)[V])[V],(uur)[N])[N]
vertreuzelen	((ver)[V|.V],(treuzel)[V])[V]
vertroebelen	((ver)[V|.A],(troebel)[A])[V]
vertroebeling	(((ver)[V|.A],(troebel)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vertroetelen	((ver)[V|.V],(troetel)[V])[V]
vertroeteling	(((ver)[V|.V],(troetel)[V])[V],(ling)[N|V.])[N]
vertroeteling	(((ver)[V|.V],(troetel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vertroetelinge	((((ver)[V|.V],(troetel)[V])[V],(ling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
vertroosten	((ver)[V|.V],(troost)[V])[V]
vertrooster	(((ver)[V|.V],(troost)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
vertroosting	(((ver)[V|.V],(troost)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vertrouwbaar	((vertrouw)[V],(baar)[A|V.])[A]
vertrouwdheid	((vertrouwd)[A],(heid)[N|A.])[N]
vertrouwelijk	((vertrouw)[V],(elijk)[A|V.])[A]
vertrouwelijkheid	(((vertrouw)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vertrouweling	((vertrouw)[V],(eling)[N|V.])[N]
vertrouwelinge	(((vertrouw)[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
vertrouwensarts	((vertrouwen)[N],(s)[N|N.N],(arts)[N])[N]
vertrouwensbasis	((vertrouwen)[N],(s)[N|N.N],(basis)[N])[N]
vertrouwensbeginsel	((vertrouwen)[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
vertrouwensberoep	((vertrouwen)[N],(s)[N|N.N],(beroep)[N])[N]
vertrouwenscrisis	((vertrouwen)[N],(s)[N|N.N],(crisis)[N])[N]
vertrouwensfiguur	((vertrouwen)[N],(s)[N|N.N],(figuur)[N])[N]
vertrouwensfunctie	((vertrouwen)[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
vertrouwenskwestie	((vertrouwen)[N],(s)[N|N.N],(kwestie)[N])[N]
vertrouwensman	((vertrouwen)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N]
vertrouwenspersoon	((vertrouwen)[N],(s)[N|N.N],(persoon)[N])[N]
vertrouwenspositie	((vertrouwen)[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
vertrouwensrelatie	((vertrouwen)[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
vertrouwenssfeer	((vertrouwen)[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
vertrouwenwekkend	((vertrouwen)[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
vertrouwvol	((vertrouw)[V],(vol)[A])[A]
vertrutting	((vertrut)[V],(ing)[N|V.])[N]
vertuianker	(((ver)[V|.V],(tui)[V])[V],(anker)[N])[N]
vertuien	((ver)[V|.V],(tui)[V])[V]
vertuiing	(((ver)[V|.V],(tui)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vertuisen	((ver)[V|.V],(tuis)[V])[V]
vertwijfelen	((ver)[V|.V],(twijfel)[V])[V]
vertwijfeling	(((ver)[V|.V],(twijfel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
veruiterlijken	((ver)[V|.A],(uiterlijk)[A])[V]
veruitwendigen	((ver)[V|.A],(uitwendig)[A])[V]
vervaardheid	((vervaard)[A],(heid)[N|A.])[N]
vervaardiger	((vervaardig)[V],(er)[N|V.])[N]
vervaardiging	((vervaardig)[V],(ing)[N|V.])[N]
vervaardigster	((vervaardig)[V],(ster)[N|V.])[N]
vervaarlijk	((vervaar)[V],(lijk)[A|V.])[A]
vervagen	((ver)[V|.A],(vaag)[A])[V]
vervaging	(((ver)[V|.A],(vaag)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vervaldag	(((ver)[V|.V],(val)[V])[V],(dag)[N])[N]
vervaldatum	(((ver)[V|.V],(val)[V])[V],(datum)[N])[N]
vervalen	((ver)[V|.A],(vaal)[A])[V]
vervallen	((ver)[V|.V],(val)[V])[V]
vervallenheid	((vervallen)[A],(heid)[N|A.])[N]
vervallenverklaring	((vervallen)[A],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|AV.])[N]
vervalputje	((verval)[N],(put)[N])[N]
vervalsen	((ver)[V|.A],(vals)[A])[V]
vervalser	(((ver)[V|.A],(vals)[A])[V],(er)[N|V.])[N]
vervalsing	(((ver)[V|.A],(vals)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vervaltijd	(((ver)[V|.V],(val)[V])[V],(tijd)[N])[N]
vervangbaar	((vervang)[V],(baar)[A|V.])[A]
vervanger	((vervang)[V],(er)[N|V.])[N]
vervanging	((vervang)[V],(ing)[N|V.])[N]
vervangingsinvestering	(((vervang)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],(investeer)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
vervangingsmiddel	(((vervang)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
vervangingsreserve	(((vervang)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(reserve)[N])[N]
vervangingswaarde	(((vervang)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(waarde)[N])[N]
vervangster	((vervang)[V],(ster)[N|V.])[N]
vervaren	((ver)[V|.V],(vaar)[V])[V]
vervatten	((ver)[V|.V],(vat)[V])[V]
verveelvoudigen	((ver)[V|.A],((veelvoud)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
verveling	((verveel)[V],(ing)[N|V.])[N]
vervellen	((ver)[V|.N],(vel)[N])[V]
vervelling	(((ver)[V|.N],(vel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verveloos	((verf)[N],(eloos)[A|N.])[A]
verveloosheid	(((verf)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verven	(verf)[V]
vervenen	((ver)[V|.N],(veen)[N])[V]
vervener	(((ver)[V|.N],(veen)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
vervening	(((ver)[V|.N],(veen)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verver	((verf)[V],(er)[N|V.])[N]
ververij	((verf)[V],(erij)[N|V.])[N]
verversen	((ver)[V|.A],(vers)[A])[V]
verversing	(((ver)[V|.A],(vers)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verversingshaven	((((ver)[V|.A],(vers)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(haven)[N])[N]
verversingskanaal	((((ver)[V|.A],(vers)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kanaal)[N])[N]
verversingskraam	((((ver)[V|.A],(vers)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kraam)[N])[N]
ververskuip	(((ver)[V|.A],(vers)[A])[V],(kuip)[N])[N]
ververswinkel	(((ver)[V|.A],(vers)[A])[V],(winkel)[N])[N]
vervetten	((ver)[V|.N],(vet)[N])[V]
vervetting	(((ver)[V|.N],(vet)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verviervoudigen	((ver)[V|.A],((viervoud)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
vervijfvoudigen	((ver)[V|.A],((vijfvoud)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
vervilten	((ver)[V|.N],(vilt)[N])[V]
vervlaamsen	((ver)[V|.A],(Vlaams)[A])[V]
vervlaamsing	(((ver)[V|.A],(Vlaams)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vervlakken	((ver)[V|.A],(vlak)[A])[V]
vervlakking	(((ver)[V|.A],(vlak)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vervlechten	((ver)[V|.V],(vlecht)[V])[V]
vervlieden	((ver)[V|.V],(vlied)[V])[V]
vervliegen	((ver)[V|.V],(vlieg)[V])[V]
vervlieten	((ver)[V|.V],(vliet)[V])[V]
vervloeien	((ver)[V|.V],(vloei)[V])[V]
vervloeken	((ver)[V|.V],(vloek)[V])[V]
vervloeking	(((ver)[V|.V],(vloek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vervluchtigen	((ver)[V|.A],((vlucht)[V],(ig)[A|V.])[A])[V]
vervluchtiging	(((ver)[V|.A],((vlucht)[V],(ig)[A|V.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vervoederen	((ver)[V|.V],(voeder)[V])[V]
vervoegbaar	(((ver)[V|.V],(voeg)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
vervoegbaarheid	((((ver)[V|.V],(voeg)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vervoegen	((ver)[V|.V],(voeg)[V])[V]
vervoeging	(((ver)[V|.V],(voeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vervoerbaar	(((ver)[V|.V],(voer)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
vervoerbedrijf	(((ver)[V|.V],(voer)[V])[V],(bedrijf)[N])[N]
vervoerbewijs	(((ver)[V|.V],(voer)[V])[V],(bewijs)[N])[N]
vervoerbiljet	(((ver)[V|.V],(voer)[V])[V],(biljet)[N])[N]
vervoerder	(((ver)[V|.V],(voer)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
vervoeren	((ver)[V|.V],(voer)[V])[V]
vervoering	(((ver)[V|.V],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vervoerkaart	(((ver)[V|.V],(voer)[V])[V],(kaart)[N])[N]
vervoermiddel	(((ver)[V|.V],(voer)[V])[V],(middel)[N])[N]
vervoerprijs	(((ver)[V|.V],(voer)[V])[V],(prijs)[N])[N]
vervoersaanbod	((vervoer)[N],(s)[N|N.N],(aanbod)[N])[N]
vervoersdeskundige	((vervoer)[N],(s)[N|N.N],(deskundige)[N])[N]
vervoersdienst	((vervoer)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
vervoersdocument	((vervoer)[N],(s)[N|N.N],(document)[N])[N]
vervoersfaciliteit	((vervoer)[N],(s)[N|N.N],(faciliteit)[N])[N]
vervoersinfrastructuur	((vervoer)[N],(s)[N|N.N],(infrastructuur)[N])[N]
vervoersmaatschappij	((vervoer)[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
vervoersmogelijkheid	((vervoer)[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
vervoersonderneming	((vervoer)[N],(s)[N|N.Vx],(onderneem)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
vervoerspersoneel	((vervoer)[N],(s)[N|N.N],(personeel)[N])[N]
vervoersprobleem	((vervoer)[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
vervoersrecht	((vervoer)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
vervoerssector	((vervoer)[N],(s)[N|N.N],(sector)[N])[N]
vervoerssysteem	((vervoer)[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
vervoerstechniek	((vervoer)[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
vervoersvraagstuk	((vervoer)[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
vervoerswezen	((vervoer)[N],(s)[N|N.N],(wezen)[N])[N]
vervolgaflevering	((vervolg)[N],(((af)[P],(lever)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vervolgbaar	(((ver)[V|.V],(volg)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
vervolgblad	((vervolg)[N],(blad)[N])[N]
vervolgbundel	((vervolg)[N],(bundel)[N])[N]
vervolgcursus	((vervolg)[N],(cursus)[N])[N]
vervolgdeel	((vervolg)[N],(deel)[N])[N]
vervolgen	((ver)[V|.V],(volg)[V])[V]
vervolger	(((ver)[V|.V],(volg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
vervolging	(((ver)[V|.V],(volg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vervolgingsbeleid	((((ver)[V|.V],(volg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
vervolgingswaanzin	((((ver)[V|.V],(volg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((waan)[N],(zin)[N])[N])[N]
vervolgklas	((vervolg)[N],(klas)[N])[N]
vervolgklasse	(((ver)[V|.V],(volg)[V])[V],(klasse)[N])[N]
vervolglijst	((vervolg)[N],(lijst)[N])[N]
vervolgoefening	((vervolg)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vervolgonderwijs	((vervolg)[N],(onderwijs)[N])[N]
vervolgster	(((ver)[V|.V],(volg)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
vervolgstuk	(((ver)[V|.V],(volg)[V])[V],(stuk)[N])[N]
vervolgverhaal	((vervolg)[N],(verhaal)[N])[N]
vervolgwerk	((vervolg)[N],(werk)[N])[N]
vervolgzucht	(((ver)[V|.V],(volg)[V])[V],(zucht)[N])[N]
vervolgzuchtig	(((ver)[V|.V],(volg)[V])[V],(zucht)[N],(ig)[A|VN.])[A]
vervolledigen	((ver)[V|.A],((vol)[A],(ledig)[A])[A])[V]
vervolmaking	((vervolmaak)[V],(ing)[N|V.])[N]
vervoogden	((ver)[V|.N],(voogd)[N])[V]
vervorderen	((ver)[V|.V],(vorder)[V])[V]
vervormen	((ver)[V|.V],(vorm)[V])[V]
vervorming	(((ver)[V|.V],(vorm)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vervrachten	((ver)[V|.N],(vracht)[N])[V]
vervrachter	(((ver)[V|.N],(vracht)[N])[V],(er)[N|V.])[N]
vervrachting	(((ver)[V|.N],(vracht)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
vervrachtster	(((ver)[V|.N],(vracht)[N])[V],(ster)[N|V.])[N]
vervreemdbaar	(((ver)[V|.A],(vreemd)[A])[V],(baar)[A|V.])[A]
vervreemden	((ver)[V|.A],(vreemd)[A])[V]
vervreemdheid	((vervreemd)[V],(heid)[N|V.])[N]
vervreemding	(((ver)[V|.A],(vreemd)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vervreemdingseffect	((((ver)[V|.A],(vreemd)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(effect)[N])[N]
vervreemdingsproces	((((ver)[V|.A],(vreemd)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
vervreemdingsverschijnsel	((((ver)[V|.A],(vreemd)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
vervriezen	((ver)[V|.V],(vries)[V])[V]
vervriezing	(((ver)[V|.V],(vries)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vervroegen	((ver)[V|.A],(vroeg)[A])[V]
vervroeging	(((ver)[V|.A],(vroeg)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vervrolijken	((ver)[V|.A],(vrolijk)[A])[V]
vervrolijking	(((ver)[V|.A],(vrolijk)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vervrouwelijken	((ver)[V|.A],((vrouw)[N],(elijk)[A|N.])[A])[V]
vervrouwelijking	(((ver)[V|.A],((vrouw)[N],(elijk)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vervuilen	((ver)[V|.A],(vuil)[A])[V]
vervuiler	(((ver)[V|.A],(vuil)[A])[V],(er)[N|V.])[N]
vervuiling	(((ver)[V|.A],(vuil)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
vervuilster	(((ver)[V|.A],(vuil)[A])[V],(ster)[N|V.])[N]
vervulbaar	(((ver)[V|.V],(vul)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
vervullen	((ver)[V|.V],(vul)[V])[V]
vervulling	(((ver)[V|.V],(vul)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vervuren	((ver)[V|.N],(vuur)[N])[V]
verwaaien	((ver)[V|.V],(waai)[V])[V]
verwaandheid	((verwaand)[A],(heid)[N|A.])[N]
verwaardigen	((ver)[V|.A],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[V]
verwaarloosbaar	(((ver)[V|.A],(waarloos)[A])[V],(baar)[A|V.])[A]
verwaarlozen	((ver)[V|.A],(waarloos)[A])[V]
verwaarlozing	(((ver)[V|.A],(waarloos)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwachten	((ver)[V|.V],(wacht)[V])[V]
verwachter	(((ver)[V|.V],(wacht)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verwachting	(((ver)[V|.V],(wacht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwachtingsangst	((((ver)[V|.V],(wacht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(angst)[N])[N]
verwachtingsniveau	((((ver)[V|.V],(wacht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
verwachtingspatroon	((((ver)[V|.V],(wacht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(patroon)[N])[N]
verwachtingsvol	((((ver)[V|.V],(wacht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(vol)[A])[A]
verwachtingvol	((((ver)[V|.V],(wacht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(vol)[A])[A]
verwante	((verwant)[A],(e)[N|A.])[N]
verwantschap	((verwant)[A],(schap)[N|A.])[N]
verwantschapsbetrekking	(((verwant)[A],(schap)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
verwantschapsnaam	(((verwant)[A],(schap)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(naam)[N])[N]
verwantschapsrelatie	(((verwant)[A],(schap)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
verwantschapssysteem	(((verwant)[A],(schap)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
verwantschapt	(((verwant)[A],(schap)[N|A.])[N],(t)[A|N.])[A]
verwardheid	((verward)[A],(heid)[N|A.])[N]
verwarmen	((ver)[V|.A],(warm)[A])[V]
verwarming	(((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwarmingsapparaat	((((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
verwarmingsbuis	((((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(buis)[N])[N]
verwarmingselement	((((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(element)[N])[N]
verwarmingsinstallateur	((((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],(installeer)[V],(ateur)[N|NxV.])[N]
verwarmingsinstallatie	((((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
verwarmingsketel	((((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ketel)[N])[N]
verwarmingskosten	((((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
verwarmingsmonteur	((((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],(monteer)[V],(eur)[N|NxV.])[N]
verwarmingsproces	((((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
verwarmingsradiator	((((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(radiator)[N])[N]
verwarmingssysteem	((((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
verwarmingstoestel	((((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toestel)[N])[N]
verwarmingsvermogen	((((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
verwarren	((ver)[V|.V],(war)[V])[V]
verwarring	(((ver)[V|.V],(war)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwasemen	((ver)[V|.N],(wasem)[N])[V]
verwassen	((ver)[V|.V],(was)[V])[V]
verwatenheid	((verwaten)[A],(heid)[N|A.])[N]
verwateren	((ver)[V|.V],(water)[V])[V]
verwatering	(((ver)[V|.V],(water)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwedden	((ver)[V|.V],(wed)[V])[V]
verweerder	(((ver)[V|.V],(weer)[V])[V],(der)[N|V.])[N]
verweermiddel	(((ver)[V|.V],(weer)[V])[V],(middel)[N])[N]
verweerschrift	(((ver)[V|.V],(weer)[V])[V],(schrift)[N])[N]
verweerster	(((ver)[V|.V],(weer)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
verweiden	((ver)[V|.V],(weid)[V])[V]
verweiding	(((ver)[V|.V],(weid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwekelijken	((ver)[V|.A],((week)[A],(elijk)[A|A.])[A])[V]
verwekelijking	(((ver)[V|.A],((week)[A],(elijk)[A|A.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verweken	((ver)[V|.A],(week)[A])[V]
verweking	(((ver)[V|.A],(week)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwekken	((ver)[V|.V],(wek)[V])[V]
verwekker	(((ver)[V|.V],(wek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verwekking	(((ver)[V|.V],(wek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwekster	(((ver)[V|.V],(wek)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
verwelfsel	((verwelf)[V],(sel)[N|V.])[N]
verwelken	((ver)[V|.V],(welk)[V])[V]
verwelking	(((ver)[V|.V],(welk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwelkomen	((ver)[V|.A],(welkom)[A])[V]
verwelkoming	(((ver)[V|.A],(welkom)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwendheid	((verwend)[A],(heid)[N|A.])[N]
verwennen	((ver)[V|.V],(wen)[V])[V]
verwenning	(((ver)[V|.V],(wen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwensen	((ver)[V|.V],(wens)[V])[V]
verwensing	(((ver)[V|.V],(wens)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwereldlijken	((ver)[V|.A],((wereld)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V]
verwereldlijking	(((ver)[V|.A],((wereld)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verweren	((ver)[V|.V],(weer)[V])[V]
verwering	(((ver)[V|.V],(weer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verweringsproces	((((ver)[V|.V],(weer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
verweringsproduct	((((ver)[V|.V],(weer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(product)[N])[N]
verwerkbaar	(((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verwerkelijken	((ver)[V|.A],(werkelijk)[A])[V]
verwerkelijking	(((ver)[V|.A],(werkelijk)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwerken	((ver)[V|.V],(werk)[V])[V]
verwerking	(((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwerkingscapaciteit	((((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(capaciteit)[N])[N]
verwerkingscyclus	((((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cyclus)[N])[N]
verwerkingseenheid	((((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
verwerkingsfaciliteit	((((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(faciliteit)[N])[N]
verwerkingsmechanisme	((((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
verwerkingsmethode	((((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
verwerkingsmogelijkheid	((((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
verwerkingsprobleem	((((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
verwerkingsproces	((((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
verwerkingssnelheid	((((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
verwerkingssysteem	((((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
verwerkingstechnologie	((((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((technologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
verwerkingstijd	((((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
verwerpelijk	(((ver)[V|.V],(werp)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
verwerpelijkheid	((((ver)[V|.V],(werp)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
verwerpen	((ver)[V|.V],(werp)[V])[V]
verwerping	(((ver)[V|.V],(werp)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwerven	((ver)[V|.V],(werf)[V])[V]
verwerving	(((ver)[V|.V],(werf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwervingskosten	((((ver)[V|.V],(werf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
verwesteren	((ver)[V|.A],(westers)[A])[V]
verwestersen	((ver)[V|.A],(westers)[A])[V]
verwestersing	((ver)[N|.Ax],(westers)[A],(ing)[N|xA.])[N]
verweven	((ver)[V|.V],(weef)[V])[V]
verwezen	((ver)[V|.N],(wees)[N])[V]
verwezenlijken	((ver)[V|.A],((wezen)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V]
verwezenlijking	(((ver)[V|.A],((wezen)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwijden	((ver)[V|.A],(wijd)[A])[V]
verwijderen	((ver)[V|.A],(wijder)[A])[V]
verwijdering	(((ver)[V|.A],(wijder)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwijding	(((ver)[V|.A],(wijd)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwijfdheid	((verwijfd)[A],(heid)[N|A.])[N]
verwijlen	((ver)[V|.V],(wijl)[V])[V]
verwijsbrief	(((ver)[V|.V],(wijs)[V])[V],(brief)[N])[N]
verwijsfiche	(((ver)[V|.V],(wijs)[V])[V],(fiche)[N])[N]
verwijskaart	(((ver)[V|.V],(wijs)[V])[V],(kaart)[N])[N]
verwijten	((ver)[V|.V],(wijt)[V])[V]
verwijting	(((ver)[V|.V],(wijt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwijven	((ver)[V|.N],(wijf)[N])[V]
verwijzen	((ver)[V|.V],(wijs)[V])[V]
verwijzing	(((ver)[V|.V],(wijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwijzingsbeleid	((((ver)[V|.V],(wijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
verwijzingsregel	((((ver)[V|.V],(wijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
verwijzingsteken	((((ver)[V|.V],(wijs)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
verwikkelen	((ver)[V|.V],(wikkel)[V])[V]
verwikkeling	(((ver)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwilderen	((ver)[V|.A],(wilder)[A])[V]
verwildering	(((ver)[V|.A],(wilder)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwinden	((ver)[V|.V],(wind)[V])[V]
verwinnen	((ver)[V|.V],(win)[V])[V]
verwinteren	((ver)[V|.V],(winter)[V])[V]
verwisselbaar	(((ver)[V|.V],(wissel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
verwisselen	((ver)[V|.V],(wissel)[V])[V]
verwisseling	(((ver)[V|.V],(wissel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwittiging	((verwittig)[V],(ing)[N|V.])[N]
verwoedheid	((verwoed)[A],(heid)[N|A.])[N]
verwoesten	((ver)[V|.A],(woest)[A])[V]
verwoesting	(((ver)[V|.A],(woest)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwonden	((ver)[V|.V],(wond)[V])[V]
verwonderen	((ver)[V|.V],(wonder)[V])[V]
verwondering	(((ver)[V|.V],(wonder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwonderlijk	(((ver)[V|.V],(wonder)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A]
verwonding	(((ver)[V|.V],(wond)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwonen	((ver)[V|.V],(woon)[V])[V]
verwonneling	((verwonnen)[V],(eling)[N|V.])[N]
verwonnelinge	(((verwonnen)[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
verwoorden	((ver)[V|.N],(woord)[N])[V]
verwoording	(((ver)[V|.N],(woord)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verworden	((ver)[V|.V],(word)[V])[V]
verwording	(((ver)[V|.V],(word)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verworgen	((ver)[V|.V],(worg)[V])[V]
verworging	(((ver)[V|.V],(worg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verworpeling	((verworpen)[A],(eling)[N|A.])[N]
verworpelinge	(((verworpen)[A],(eling)[N|A.])[N],(e)[N|N.])[N]
verworpenheid	((verworpen)[A],(heid)[N|A.])[N]
verworvenheid	((verworven)[V],(heid)[N|V.])[N]
verwrikken	((ver)[V|.V],(wrik)[V])[V]
verwrikking	(((ver)[V|.V],(wrik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwringen	((ver)[V|.V],(wring)[V])[V]
verwringing	(((ver)[V|.V],(wring)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verwurgen	((ver)[V|.V],(wurg)[V])[V]
verwurging	(((ver)[V|.V],(wurg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzaakster	((verzaak)[V],(ster)[N|V.])[N]
verzachten	((ver)[V|.A],(zacht)[A])[V]
verzachting	(((ver)[V|.A],(zacht)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzadigbaar	((verzadig)[V],(baar)[A|V.])[A]
verzadiging	((verzadig)[V],(ing)[N|V.])[N]
verzadigingsgraad	(((verzadig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(graad)[N])[N]
verzadigingspunt	(((verzadig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
verzadigingsverschijnsel	(((verzadig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
verzagen	((ver)[V|.V],(zaag)[V])[V]
verzakelijken	((ver)[V|.A],((zaak)[N],(elijk)[A|N.])[A])[V]
verzakelijking	(((ver)[V|.A],((zaak)[N],(elijk)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzaker	((verzaak)[V],(er)[N|V.])[N]
verzaking	((verzaak)[V],(ing)[N|V.])[N]
verzakken	((ver)[V|.V],(zak)[V])[V]
verzakking	(((ver)[V|.V],(zak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzamelaar	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N]
verzamelaarster	((((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
verzamelband	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(band)[N])[N]
verzamelbedrijf	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(bedrijf)[N])[N]
verzamelbegrip	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(begrip)[N])[N]
verzamelbundel	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(bundel)[N])[N]
verzamelelpee	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(elpee)[N])[N]
verzamelen	((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V]
verzamelgirobiljet	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],((giro)[N],(biljet)[N])[N])[N]
verzamelhandschrift	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],((hand)[N],(schrift)[N])[N])[N]
verzameling	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzamelingenleer	((((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(leer)[N])[N]
verzamelinstinct	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(instinct)[N])[N]
verzamelkamp	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(kamp)[N])[N]
verzamelloonstaat	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],((loon)[N],(staat)[N])[N])[N]
verzamelnaam	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(naam)[N])[N]
verzamelobject	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(object)[N])[N]
verzamelplaat	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(plaat)[N])[N]
verzamelplaats	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(plaats)[N])[N]
verzamelstaat	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(staat)[N])[N]
verzamelstoot	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(stoot)[N])[N]
verzamelterm	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(term)[N])[N]
verzamelwerk	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(werk)[N])[N]
verzamelwoede	(((ver)[V|.V],(zamel)[V])[V],(woede)[N])[N]
verzanden	((ver)[V|.N],(zand)[N])[V]
verzanding	(((ver)[V|.N],(zand)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzegelen	((ver)[V|.V],(zegel)[V])[V]
verzegeling	(((ver)[V|.V],(zegel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzeggen	((ver)[V|.V],(zeg)[V])[V]
verzeilen	((ver)[V|.V],(zeil)[V])[V]
verzekeraar	(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(aar)[N|V.])[N]
verzekerbaar	(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(baar)[A|V.])[A]
verzekerbrief	(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(brief)[N])[N]
verzekerdheid	((verzekerd)[A],(heid)[N|A.])[N]
verzekeren	((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V]
verzekergeld	(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(geld)[N])[N]
verzekering	(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzekeringmaatschappij	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(maatschappij)[N])[N]
verzekeringsadviseur	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((advies)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
verzekeringsadviseuse	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(adviseuse)[N])[N]
verzekeringsagent	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
verzekeringsbank	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bank)[N])[N]
verzekeringscontract	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(contract)[N])[N]
verzekeringsdeskundige	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(deskundige)[N])[N]
verzekeringsfonds	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
verzekeringsgeneeskunde	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((genees)[V],(kunde)[N])[N])[N]
verzekeringsgeneeskundige	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(geneeskundige)[N])[N]
verzekeringsinspecteur	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((inspecteer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
verzekeringskantoor	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kantoor)[N])[N]
verzekeringsmaatschappij	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
verzekeringsmakelarij	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((makel)[V],(arij)[N|V.])[N])[N]
verzekeringsneemster	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],(neem)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
verzekeringsnemer	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],(neem)[V],(er)[N|NxV.])[N]
verzekeringsorgaan	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
verzekeringsovereenkomst	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
verzekeringsplaat	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plaat)[N])[N]
verzekeringsplichtig	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.Nx],(plicht)[N],(ig)[A|NxN.])[A]
verzekeringspolis	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(polis)[N])[N]
verzekeringsportefeuille	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(portefeuille)[N])[N]
verzekeringspremie	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(premie)[N])[N]
verzekeringsrecht	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
verzekeringssom	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(som)[N])[N]
verzekeringsstelsel	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
verzekeringstechnisch	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(technisch)[A])[A]
verzekeringsvoorwaarde	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(voorwaarde)[N])[N]
verzekeringswet	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
verzekeringswiskunde	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wiskunde)[N])[N]
verzekeringswiskundige	((((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wiskundige)[N])[N]
verzelfstandiging	((verzelfstandig)[V],(ing)[N|V.])[N]
verzenbundel	((vers)[N],(en)[N|N.N],(bundel)[N])[N]
verzendboekhandel	(((ver)[V|.V],(zend)[V])[V],((boek)[N],(handel)[N])[N])[N]
verzenden	((ver)[V|.V],(zend)[V])[V]
verzender	(((ver)[V|.V],(zend)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verzendhuis	(((ver)[V|.V],(zend)[V])[V],(huis)[N])[N]
verzending	(((ver)[V|.V],(zend)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzendingskosten	((((ver)[V|.V],(zend)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
verzendklaar	(((ver)[V|.V],(zend)[V])[V],(klaar)[A])[A]
verzendkosten	(((ver)[V|.V],(zend)[V])[V],(kost)[N])[N]
verzendlijst	(((ver)[V|.V],(zend)[V])[V],(lijst)[N])[N]
verzendstaat	(((ver)[V|.V],(zend)[V])[V],(staat)[N])[N]
verzendster	(((ver)[V|.V],(zend)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
verzengen	((ver)[V|.V],(zeng)[V])[V]
verzenging	(((ver)[V|.V],(zeng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzenlijmer	((vers)[N],(en)[N|N.Vx],(lijm)[V],(er)[N|NxV.])[N]
verzenlijmerij	((vers)[N],(en)[N|N.Vx],(lijm)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
verzenmaker	((vers)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(er)[N|NxV.])[N]
verzenmakerij	((vers)[N],(en)[N|N.Vx],(maak)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
verzepen	((ver)[V|.N],(zeep)[N])[V]
verzeping	(((ver)[V|.N],(zeep)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzepingsgetal	((((ver)[V|.N],(zeep)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(getal)[N])[N]
verzet	((ver)[N|.V],(zet)[V])[N]
verzetsactie	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
verzetsbeweging	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
verzetsdaad	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],(daad)[N])[N]
verzetseenheid	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
verzetsfront	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],(front)[N])[N]
verzetsgeest	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],(geest)[N])[N]
verzetsgroep	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],(groep)[N])[N]
verzetshaard	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],(haard)[N])[N]
verzetsheld	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],(held)[N])[N]
verzetskern	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],(kern)[N])[N]
verzetskring	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],(kring)[N])[N]
verzetslied	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],(lied)[N])[N]
verzetsliteratuur	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],(literatuur)[N])[N]
verzetsman	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N]
verzetsmonument	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],(monument)[N])[N]
verzetsorganisatie	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
verzetspoëzie	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],(poëzie)[N])[N]
verzetsslachtoffer	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],((slacht)[V],(offer)[N])[N])[N]
verzetsstrijder	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],((strijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
verzetsstrijdster	(((ver)[N|.V],(zet)[V])[N],(s)[N|N.N],((strijd)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
verzettelijk	(((ver)[V|.V],(zet)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A]
verzetten	((ver)[V|.V],(zet)[V])[V]
verzetting	(((ver)[V|.V],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzieden	((ver)[V|.V],(zied)[V])[V]
verzieken	((ver)[V|.V],(ziek)[V])[V]
verzien	((ver)[V|.V],(zie)[V])[V]
verziendheid	((verziend)[A],(heid)[N|A.])[N]
verzilten	((ver)[V|.A],(zilt)[A])[V]
verzilting	(((ver)[V|.A],(zilt)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzilverbaar	(((ver)[V|.N],(zilver)[N])[V],(baar)[A|V.])[A]
verzilveren	((ver)[V|.N],(zilver)[N])[V]
verzilvering	(((ver)[V|.N],(zilver)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzinkboor	(((ver)[V|.V],(zink)[V])[V],(boor)[N])[N]
verzinken	((ver)[V|.V],(zink)[V])[V]
verzinking	(((ver)[V|.V],(zink)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzinkkop	(((ver)[V|.V],(zink)[V])[V],(kop)[N])[N]
verzinnebeelden	((ver)[V|.N],((zin)[N],(e)[N|N.N],(beeld)[N])[N])[V]
verzinnelijken	((ver)[V|.A],((zin)[N],(elijk)[A|N.])[A])[V]
verzinnelijking	(((ver)[V|.A],((zin)[N],(elijk)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzinnen	((ver)[V|.V],(zin)[V])[V]
verzinsel	(((ver)[V|.V],(zin)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
verzitten	((ver)[V|.V],(zit)[V])[V]
verzoeker	((verzoek)[V],(er)[N|V.])[N]
verzoeking	((verzoek)[V],(ing)[N|V.])[N]
verzoeknummer	((verzoek)[V],(nummer)[N])[N]
verzoekplaat	((verzoek)[V],(plaat)[N])[N]
verzoekplatenprogramma	(((verzoek)[V],(plaat)[N])[N],(en)[N|N.N],(programma)[N])[N]
verzoekprogramma	((verzoek)[V],(programma)[N])[N]
verzoekschrift	((verzoek)[V],(schrift)[N])[N]
verzoekster	((verzoek)[V],(ster)[N|V.])[N]
verzoendag	((verzoen)[V],(dag)[N])[N]
verzoener	((verzoen)[V],(er)[N|V.])[N]
verzoenfeest	((verzoen)[V],(feest)[N])[N]
verzoening	((verzoen)[V],(ing)[N|V.])[N]
verzoeningscomparitie	(((verzoen)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((compareer)[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
verzoeningsdood	(((verzoen)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dood)[N])[N]
verzoeningsgezind	(((verzoen)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(gezind)[A])[A]
verzoeningsgezindheid	((((verzoen)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[A|N.A],(gezind)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
verzoeningsoffer	(((verzoen)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(offer)[N])[N]
verzoeningsprocedure	(((verzoen)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
verzoeningstheorie	(((verzoen)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
verzoeningsvrede	(((verzoen)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vrede)[N])[N]
verzoeningswerk	(((verzoen)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
verzoeten	((ver)[V|.A],(zoet)[A])[V]
verzoeting	(((ver)[V|.A],(zoet)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzolen	((ver)[V|.N],(zool)[N])[V]
verzoling	(((ver)[V|.N],(zool)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzorgdheid	((verzorgd)[A],(heid)[N|A.])[N]
verzorgen	((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V]
verzorger	(((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
verzorging	(((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzorgingsapparaat	((((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
verzorgingsarrangement	((((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((arrangeer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
verzorgingsbehoefte	((((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(behoefte)[N])[N]
verzorgingscentrum	((((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
verzorgingsdrang	((((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
verzorgingsflat	((((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(flat)[N])[N]
verzorgingsfunctie	((((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
verzorgingsgedrag	((((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
verzorgingshuis	((((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
verzorgingsindustrie	((((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(industrie)[N])[N]
verzorgingsinstinct	((((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instinct)[N])[N]
verzorgingskern	((((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kern)[N])[N]
verzorgingsmaatschappij	((((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
verzorgingsniveau	((((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
verzorgingsplicht	((((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plicht)[N])[N]
verzorgingsstaat	((((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(staat)[N])[N]
verzorgingsstructuur	((((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
verzorgingssysteem	((((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
verzorgingstehuis	((((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((te)[P],(huis)[N])[N])[N]
verzorgster	(((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
verzotheid	((verzot)[A],(heid)[N|A.])[N]
verzouten	((ver)[V|.A],(zout)[A])[V]
verzuchten	((ver)[V|.V],(zucht)[V])[V]
verzuchting	(((ver)[V|.V],(zucht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzuildheid	((verzuild)[A],(heid)[N|A.])[N]
verzuilen	((ver)[V|.N],(zuil)[N])[V]
verzuiling	(((ver)[V|.N],(zuil)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzuilingsproces	((((ver)[V|.N],(zuil)[N])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
verzuimdag	(((ver)[V|.V],(zuim)[V])[V],(dag)[N])[N]
verzuimen	((ver)[V|.V],(zuim)[V])[V]
verzuiming	(((ver)[V|.V],(zuim)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzuipen	((ver)[V|.V],(zuip)[V])[V]
verzuren	((ver)[V|.N],(zuur)[N])[V]
verzuring	(((ver)[V|.N],(zuur)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzusteren	((ver)[V|.N],(zuster)[N])[V]
verzustering	(((ver)[V|.N],(zuster)[N])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzwageren	((ver)[V|.N],(zwager)[N])[V]
verzwakken	((ver)[V|.A],(zwak)[A])[V]
verzwakking	(((ver)[V|.A],(zwak)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzwaren	((ver)[V|.A],(zwaar)[A])[V]
verzwaring	(((ver)[V|.A],(zwaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzwelgen	((ver)[V|.V],(zwelg)[V])[V]
verzwelging	(((ver)[V|.V],(zwelg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzwendelen	((ver)[V|.V],(zwendel)[V])[V]
verzweren	((ver)[V|.V],(zweer)[V])[V]
verzwering	(((ver)[V|.V],(zweer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzwieren	((ver)[V|.V],(zwier)[V])[V]
verzwijgen	((ver)[V|.V],(zwijg)[V])[V]
verzwijging	(((ver)[V|.V],(zwijg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
verzwijnen	((ver)[V|.V],(zwijn)[V])[V]
verzwikken	((ver)[V|.V],(zwik)[V])[V]
verzwikking	(((ver)[V|.V],(zwik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vesper	(vesper)[N]
vesperbeeld	((vesper)[N],(beeld)[N])[N]
vesperdienst	((vesper)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
vesperklok	((vesper)[N],(klok)[N])[N]
vesperpsalm	((vesper)[N],(psalm)[N])[N]
vespertijd	((vesper)[N],(tijd)[N])[N]
vest	(vest)[N]
vesten	(vest)[V]
vestenstof	((veste)[N],(en)[N|N.N],(stof)[N])[N]
vestiairejuffrouw	((vestiaire)[N],(juffrouw)[N])[N]
vestiging	((vestig)[V],(ing)[N|V.])[N]
vestigingsbeleid	(((vestig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
vestigingseis	(((vestig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(eis)[N])[N]
vestigingsfactor	(((vestig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(factor)[N])[N]
vestigingskosten	(((vestig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
vestigingsmogelijkheid	(((vestig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
vestigingsoverschot	(((vestig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(overschot)[N])[N]
vestigingspremie	(((vestig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(premie)[N])[N]
vestigingsterrein	(((vestig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(terrein)[N])[N]
vestigingsverbod	(((vestig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(verbod)[N])[N]
vestigingsverdrag	(((vestig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(verdrag)[N])[N]
vestigingsvergunning	(((vestig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
vestigingsvoorwaarde	(((vestig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(voorwaarde)[N])[N]
vesting	((vest)[V],(ing)[N|V.])[N]
vestingartillerie	(((vest)[V],(ing)[N|V.])[N],(artillerie)[N])[N]
vestingbouw	(((vest)[V],(ing)[N|V.])[N],(bouw)[N])[N]
vestinggeschut	(((vest)[V],(ing)[N|V.])[N],(geschut)[N])[N]
vestingmuur	(((vest)[V],(ing)[N|V.])[N],(muur)[N])[N]
vestingoorlog	(((vest)[V],(ing)[N|V.])[N],(oorlog)[N])[N]
vestingstad	(((vest)[V],(ing)[N|V.])[N],(stad)[N])[N]
vestingstraf	(((vest)[V],(ing)[N|V.])[N],(straf)[N])[N]
vestingwerk	(((vest)[V],(ing)[N|V.])[N],(werk)[N])[N]
vestzak	((vest)[N],(zak)[N])[N]
vestzakformaat	(((vest)[N],(zak)[N])[N],((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
vestzakslagschip	(((vest)[N],(zak)[N])[N],((slag)[N],(schip)[N])[N])[N]
vet	(vet)[N]
vetachtig	((vet)[N],(achtig)[A|N.])[A]
vetarm	((vet)[N],(arm)[A])[A]
vetblad	((vet)[A],(blad)[N])[N]
vetbladig	((vet)[A],(blad)[N],(ig)[A|AN.])[A]
vetbol	((vet)[N],(bol)[N])[N]
vetbuik	((vet)[A],(buik)[N])[N]
vetbult	((vet)[N],(bult)[N])[N]
vete	(vete)[N]
vetemulsie	((vet)[N],(emulsie)[N])[N]
veter	(veter)[N]
veteranenziekte	((veteraan)[N],(en)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
veterband	((veter)[N],(band)[N])[N]
veterdrop	((veter)[N],(drop)[N])[N]
veteren	(veter)[V]
vetergat	((veter)[N],(gat)[N])[N]
veterschoen	((veter)[N],(schoen)[N])[N]
vetgans	((vet)[A],(gans)[N])[N]
vetgehalte	((vet)[N],(gehalte)[N])[N]
vetgezwel	((vet)[N],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
vetheid	((vet)[A],(heid)[N|A.])[N]
vethuishouding	((vet)[N],(((huis)[N],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vetje	(vet)[N]
vetkaars	((vet)[N],(kaars)[N])[N]
vetklier	((vet)[N],(klier)[N])[N]
vetklomp	((vet)[N],(klomp)[N])[N]
vetkolen	((vet)[A],(kool)[N])[N]
vetkrijt	((vet)[A],(krijt)[N])[N]
vetkuif	((vet)[A],(kuif)[N])[N]
vetkussen	((vet)[N],(kussen)[N])[N]
vetlaag	((vet)[N],(laag)[N])[N]
vetlaars	((vet)[N],(laars)[N])[N]
vetleder	((vet)[N],(leder)[N])[N]
vetleer	((vet)[A],(leer)[N])[N]
vetleren	(((vet)[A],(leer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
vetlok	((vet)[A],(lok)[N])[N]
vetmesten	((vet)[A],(mest)[V])[V]
vetmesting	(((vet)[A],(mest)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
veto	(veto)[N]
vetoog	((vet)[N],(oog)[N])[N]
vetorecht	((veto)[N],(recht)[N])[N]
vetplant	((vet)[A],(plant)[N])[N]
vetpot	((vet)[A],(pot)[N])[N]
vetpuistje	((vet)[N],(puist)[N])[N]
vetrijk	((vet)[N],(rijk)[A])[A]
vetrol	((vet)[N],(rol)[N])[N]
vetslede	((vet)[N],(slede)[N])[N]
vetslee	((vet)[N],(slee)[N])[N]
vetspuit	((vet)[N],(spuit)[N])[N]
vetstaart	((vet)[A],(staart)[N])[N]
vetsteen	((vet)[A],(steen)[N])[N]
vetstift	((vet)[A],(stift)[N])[N]
vetten	(vet)[V]
vettig	((vet)[A],(ig)[A|A.])[A]
vettigheid	(((vet)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vetvanger	((vet)[N],(vang)[V],(er)[N|NV.])[N]
vetvlek	((vet)[N],(vlek)[N])[N]
vetvorming	((vet)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
vetvrij	((vet)[N],(vrij)[A])[A]
vetwei	((vet)[A],(wei)[N])[N]
vetweide	((vet)[A],(weide)[N])[N]
vetweiden	((vet)[A],(weid)[V])[V]
vetweider	(((vet)[A],(weid)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
vetweiderij	((vet)[A],((weid)[V],(erij)[N|V.])[N])[N]
vetzak	((vet)[A],(zak)[N])[N]
vetzucht	((vet)[N],(zucht)[N])[N]
vetzuur	((vet)[N],(zuur)[N])[N]
veulen	(veulen)[N]
vexatie	((vexeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
vezel	(vezel)[N]
vezelachtig	((vezel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
vezelen	(vezel)[V]
vezelfabriek	((vezel)[N],(fabriek)[N])[N]
vezelgewas	((vezel)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
vezelig	((vezel)[N],(ig)[A|N.])[A]
vezeligheid	(((vezel)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vezelplaat	((vezel)[N],(plaat)[N])[N]
vezelplant	((vezel)[N],(plant)[N])[N]
vezelstof	((vezel)[N],(stof)[N])[N]
vezelvlies	((vezel)[N],(vlies)[N])[N]
vezelwortel	((vezel)[N],(wortel)[N])[N]
vibrafonist	((vibrafoon)[N],(ist)[N|N.])[N]
vibratie	((vibreer)[V],(atie)[N|V.])[N]
vibrator	((vibreer)[V],(ator)[N|V.])[N]
vicariaat	((vicaris)[N],(aat)[N|N.])[N]
vicaris-generaal	((vicaris)[N],(generaal)[N])[N]
vice-admiraal	((vice)[N|.N],(admiraal)[N])[N]
vice-consul	((vice)[N|.N],(consul)[N])[N]
vice-gouverneur	((vice)[N|.N],((gouverneer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
vice-kanselier	((vice)[N|.N],(kanselier)[N])[N]
vice-koning	((vice)[N|.N],(koning)[N])[N]
vice-minister-president	((vice)[N|.N],((minister)[N],((presideer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N])[N]
vice-premier	((vice)[N|.N],(premier)[N])[N]
vice-president	((vice)[N|.N],((presideer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
vice-voorzitter	((vice)[N|.N],(((voor)[B],(zit)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
victualiemeester	((victualie)[N],(meester)[N])[N]
video	(video)[N]
videoafspeelapparaat	((video)[N],((af)[P],(speel)[V])[V],(apparaat)[N])[N]
videoband	((video)[N],(band)[N])[N]
videobeeld	((video)[N],(beeld)[N])[N]
videoboek	((video)[N],(boek)[N])[N]
videocamera	((video)[N],(camera)[N])[N]
videocassette	((video)[N],(cassette)[N])[N]
videocassetterecorder	(((video)[N],(cassette)[N])[N],(recorder)[N])[N]
videoclip	((video)[N],(clip)[N])[N]
videofilm	((video)[N],(film)[N])[N]
videogame	((video)[N],(game)[N])[N]
videografie	((video)[N],((grafisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
videoplaat	((video)[N],(plaat)[N])[N]
videospel	((video)[N],(spel)[N])[N]
videotape	((video)[N],(tape)[N])[N]
vief	(vief)[A]
viefheid	((vief)[A],(heid)[N|A.])[N]
vier	(vier)[Q]
vierarmig	((vier)[Q],(arm)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vieravond	((vier)[V],(avond)[N])[N]
vierbaans	((vier)[Q],(baan)[N],(s)[A|QN.])[A]
vierbaansweg	(((vier)[Q],(baan)[N],(s)[A|QN.])[A],(weg)[N])[N]
vierbenig	((vier)[Q],(been)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vierbladig	((vier)[Q],(blad)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vierdaags	((vier)[Q],(dag)[N],(s)[A|QN.])[A]
vierdag	((vier)[V],(dag)[N])[N]
vierdelig	((vier)[Q],(deel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vierderangs	((vierde)[A],(rang)[N],(s)[A|AN.])[A]
vierdimensionaal	((vier)[Q],((dimensie)[N],(ionaal)[A|N.])[A])[A]
vierdraads	((vier)[Q],(draad)[N],(s)[A|QN.])[A]
vierdubbel	((vier)[Q],(dubbel)[A])[A]
vierduimer	((vier)[Q],(duim)[N],(er)[N|QN.])[N]
vierduizend	((vier)[Q],(duizend)[Q])[Q]
vieren	(vier)[V]
vierendeel	((vier)[N],(en)[N|N.N],(deel)[N])[N]
vierendelen	((vier)[N],(en)[V|N.V],(deel)[V])[V]
vierendertig	(((vier)[Q],(en)[C],((drie)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
vierentwintig	((vier)[Q],(en)[C],((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q]
vierentwintigduizend	(((vier)[Q],(en)[C],((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q]
viergestreept	((vier)[Q],((ge)[A|.Nx],(streep)[N],(t)[A|xN.])[A])[A]
vierhandig	((vier)[Q],(hand)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vierhoek	((vier)[Q],(hoek)[N])[N]
vierhoekig	((vier)[Q],(hoek)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vierhonderd	((vier)[Q],(honderd)[Q])[Q]
vierhonderdduizend	((((vier)[Q],(honderd)[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
viering	((vier)[V],(ing)[N|V.])[N]
vierjarig	((vier)[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vierkamp	((vier)[Q],(kamp)[N])[N]
vierkant	((vier)[Q],(kant)[N])[N]
vierkantig	((vier)[Q],(kant)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vierkantsvergelijking	(((vier)[Q],(kant)[N])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(gelijk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vierkantswortel	(((vier)[Q],(kant)[N])[N],(s)[N|N.N],(wortel)[N])[N]
vierkleurendruk	((vier)[Q],(kleur)[N],(en)[N|QN.N],(druk)[N])[N]
vierkleurig	((vier)[Q],(kleur)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vierkwartsmaat	((vier)[Q],(kwart)[N],(s)[N|QN.N],(maat)[N])[N]
vierledig	((vier)[Q],(lid)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vierlettergrepig	((vier)[Q],(lettergreep)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vierling	((vier)[N],(ling)[N|N.])[N]
viermaal	((vier)[Q],(maal)[N])[B]
viermaandelijks	((vier)[Q],(maand)[N],(elijks)[A|QN.])[A]
vierman	((vier)[Q],(man)[N])[N]
viermaster	((vier)[Q],(mast)[N],(er)[N|QN.])[N]
vierpotig	((vier)[Q],(poot)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vierregelig	((vier)[Q],(regel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vierriemsboot	((vier)[Q],(riem)[N],(s)[N|QN.N],(boot)[N])[N]
vierschaar	((vier)[Q],(schaar)[V])[N]
viersnarig	((vier)[Q],(snaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vierspan	((vier)[Q],(span)[N])[N]
viersprong	((vier)[Q],(sprong)[N])[N]
vierstemmig	((vier)[Q],(stem)[N],(ig)[A|QN.])[A]
viertal	((vier)[Q],(tal)[N])[N]
viertalig	((vier)[Q],(taal)[N],(ig)[A|QN.])[A]
viertallig	(((vier)[Q],(tal)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
viertandig	((vier)[Q],(tand)[N],(ig)[A|QN.])[A]
viertijd	((vier)[V],(tijd)[N])[N]
viervingerig	((vier)[Q],(vinger)[N],(ig)[A|QN.])[A]
viervlak	((vier)[Q],(vlak)[N])[N]
viervlakkig	((vier)[Q],(vlak)[N],(ig)[A|QN.])[A]
viervleugelig	((vier)[Q],(vleugel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
viervoet	((vier)[Q],(voet)[N])[N]
viervoeter	((vier)[Q],(voet)[N],(er)[N|QN.])[N]
viervoetig	((vier)[Q],(voet)[N],(ig)[A|QN.])[A]
viervorst	((vier)[Q],(vorst)[N])[N]
viervoudig	((viervoud)[N],(ig)[A|N.])[A]
vierwielig	((vier)[Q],(wiel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vierzijdig	((vier)[Q],(zijde)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vies	(vies)[A]
viesheid	((vies)[A],(heid)[N|A.])[N]
viesneus	((vies)[A],(neus)[N])[N]
viespeuk	((vies)[A],(peuk)[N])[N]
viespoets	((vies)[A],(poets)[N])[N]
vieux	(vieux)[N]
viezerd	((vies)[A],(erd)[N|A.])[N]
viezerik	((vies)[A],(erik)[N|A.])[N]
viezig	((vies)[A],(ig)[A|A.])[A]
viezigheid	((vies)[A],(igheid)[N|A.])[N]
vigilant	((vigileer)[V],(ant)[A|V.])[A]
vigilante	(((vigileer)[V],(ant)[A|V.])[A],(e)[N|A.])[N]
vigiliedag	((vigilie)[N],(dag)[N])[N]
vijand	(vijand)[N]
vijandbeeld	((vijand)[N],(beeld)[N])[N]
vijandelijk	((vijand)[N],(elijk)[A|N.])[A]
vijandelijkheid	(((vijand)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vijandig	((vijand)[N],(ig)[A|N.])[A]
vijandigheid	(((vijand)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vijandin	((vijand)[N],(in)[N|N.])[N]
vijandschap	((vijand)[N],(schap)[N|N.])[N]
vijfcilinder	((vijf)[Q],(cilinder)[N])[N]
vijfdaags	((vijf)[Q],(dag)[N],(s)[A|QN.])[A]
vijfdelig	((vijf)[Q],(deel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vijfdraads	((vijf)[Q],(draad)[N],(s)[A|QN.])[A]
vijfduizend	((vijf)[Q],(duizend)[Q])[Q]
vijfendertig	(((vijf)[Q],(en)[C],((drie)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
vijfentwintig	((vijf)[Q],(en)[C],((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q]
vijfentwintigduizend	(((vijf)[Q],(en)[C],((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q]
vijfenzestig	((vijf)[Q],(en)[C],((zes)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q]
vijfenzestigplusser	((vijfenzestigplus)[A],(er)[N|A.])[N]
vijffrankstuk	((vijf)[Q],(frank)[N],(stuk)[N])[N]
vijfhoek	((vijf)[Q],(hoek)[N])[N]
vijfhoekig	((vijf)[Q],(hoek)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vijfhonderd	((vijf)[Q],(honderd)[Q])[Q]
vijfhonderdduizend	((((vijf)[Q],(honderd)[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
vijfjarenplan	((vijf)[Q],(jaar)[N],(en)[N|QN.N],(plan)[N])[N]
vijfjarig	((vijf)[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vijfkaart	((vijf)[Q],(kaart)[N])[N]
vijfkamp	((vijf)[Q],(kamp)[N])[N]
vijfkant	((vijf)[Q],(kant)[N])[N]
vijfkantig	((vijf)[Q],(kant)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vijfkleurig	((vijf)[Q],(kleur)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vijfledig	((vijf)[Q],(lid)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vijfling	((vijf)[N],(ling)[N|N.])[N]
vijfmaal	((vijf)[Q],(maal)[N])[B]
vijfstemmig	((vijf)[Q],(stem)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vijftal	((vijf)[Q],(tal)[N])[N]
vijftallig	(((vijf)[Q],(tal)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
vijftien	((vijf)[Q],(tien)[Q])[Q]
vijftienduizend	(((vijf)[Q],(tien)[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q]
vijftienhonderd	((((vijf)[Q],(tien)[Q])[Q],(honderd)[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
vijftig	((vijf)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q]
vijftigduizend	((((vijf)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(duizend)[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
vijftiger	(((vijf)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(er)[N|Q.])[N]
vijftigjarig	(((vijf)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vijftigtal	(((vijf)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(tal)[N])[N]
vijfvingerig	((vijf)[Q],(vinger)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vijfvlak	((vijf)[Q],(vlak)[N])[N]
vijfvoetig	((vijf)[Q],(voet)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vijfvoudig	((vijfvoud)[N],(ig)[A|N.])[A]
vijfzijdig	((vijf)[Q],(zijde)[N],(ig)[A|QN.])[A]
vijg	(vijg)[N]
vijgenblad	((vijg)[N],(e)[N|N.N],(blad)[N])[N]
vijgenboom	((vijg)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
vijgenmand	((vijg)[N],(en)[N|N.N],(mand)[N])[N]
vijgenmat	((vijg)[N],(en)[N|N.N],(mat)[N])[N]
vijgenpeer	((vijg)[N],(e)[N|N.N],(peer)[N])[N]
vijl	(vijl)[N]
vijlen	(vijl)[V]
vijlsel	((vijl)[V],(sel)[N|V.])[N]
vijs	(vijs)[N]
vijver	(vijver)[N]
vijvervis	((vijver)[N],(vis)[N])[N]
vijzel	(vijzel)[N]
vijzelen	(vijzel)[V]
vijzelmolen	((vijzel)[N],(molen)[N])[N]
vijzelstamper	((vijzel)[N],((stamp)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
vijzen	(vijs)[V]
viking	(viking)[N]
vikingboot	((viking)[N],(boot)[N])[N]
vilder	((vil)[V],(der)[N|V.])[N]
vilderij	((vil)[V],(derij)[N|V.])[N]
vildersbedrijf	(((vil)[V],(der)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
vilderskar	(((vil)[V],(der)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kar)[N])[N]
vildersveld	(((vil)[V],(der)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
vilderswerk	(((vil)[V],(der)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
vilhout	((vil)[V],(hout)[N])[N]
villa	(villa)[N]
villadorp	((villa)[N],(dorp)[N])[N]
villapark	((villa)[N],(park)[N])[N]
villawijk	((villa)[N],(wijk)[N])[N]
villen	(vil)[V]
vilmes	((vil)[V],(mes)[N])[N]
vilt	(vilt)[N]
viltachtig	((vilt)[N],(achtig)[A|N.])[A]
vilten	(vilt)[V]
vilten	((vilt)[N],(en)[A|N.])[A]
vilthoed	((vilt)[N],(hoed)[N])[N]
viltig	((vilt)[N],(ig)[A|N.])[A]
viltje	(vilt)[N]
viltpapier	((vilt)[N],(papier)[N])[N]
viltpen	((vilt)[N],(pen)[N])[N]
viltstift	((vilt)[N],(stift)[N])[N]
viltstiftkrabbel	(((vilt)[N],(stift)[N])[N],(krabbel)[N])[N]
vim	(vim)[N]
vimmen	(vim)[V]
vin	(vin)[N]
vinaigre	(vinaigre)[N]
vindbaar	((vind)[V],(baar)[A|V.])[A]
vindelig	((vin)[N],(deel)[N],(ig)[A|NN.])[A]
vinden	(vind)[V]
vinder	((vind)[V],(er)[N|V.])[N]
vindersrecht	(((vind)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
vindicatie	((vindiceer)[V],(atie)[N|V.])[N]
vinding	((vind)[V],(ing)[N|V.])[N]
vindingrijk	(((vind)[V],(ing)[N|V.])[N],(rijk)[A])[A]
vindingrijkheid	((((vind)[V],(ing)[N|V.])[N],(rijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
vindingskracht	(((vind)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
vindplaats	((vind)[V],(plaats)[N])[N]
vindster	((vind)[V],(ster)[N|V.])[N]
vinger	(vinger)[N]
vingerafdruk	((vinger)[N],((af)[P],(druk)[N])[N])[N]
vingeralfabet	((vinger)[N],(alfabet)[N])[N]
vingerbreed	((vinger)[N],(breed)[A])[N]
vingerdik	((vinger)[N],(dik)[A])[A]
vingerdoekje	((vinger)[N],(doek)[N])[N]
vingeren	(vinger)[V]
vingerglas	((vinger)[N],(glas)[N])[N]
vingergreep	((vinger)[N],(greep)[N])[N]
vingerhandschoen	((vinger)[N],((hand)[N],(schoen)[N])[N])[N]
vingerhoed	((vinger)[N],(hoed)[N])[N]
vingerhoedskruid	(((vinger)[N],(hoed)[N])[N],(s)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
vingerkom	((vinger)[N],(kom)[N])[N]
vingerkootje	((vinger)[N],(koot)[N])[N]
vingerlid	((vinger)[N],(lid)[N])[N]
vingerling	((vinger)[N],(ling)[N|N.])[N]
vingeroefening	((vinger)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vingerplant	((vinger)[N],(plant)[N])[N]
vingerring	((vinger)[N],(ring)[N])[N]
vingerspraak	((vinger)[N],(spraak)[N])[N]
vingertaal	((vinger)[N],(taal)[N])[N]
vingertop	((vinger)[N],(top)[N])[N]
vingertoppengevoel	(((vinger)[N],(top)[N])[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
vingervaardigheid	((vinger)[N],((vaardig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
vingerverf	((vinger)[N],(verf)[N])[N]
vingervlug	((vinger)[N],(vlug)[A])[A]
vingervlugheid	(((vinger)[N],(vlug)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
vingerwijzing	((vinger)[N],((wijs)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vingerzetting	((vinger)[N],(zet)[V],(ing)[N|NV.])[N]
vinificatiemethode	((vinificatie)[N],(methode)[N])[N]
vink	(vink)[N]
vinken	(vink)[V]
vinkenbaan	((vink)[N],(en)[N|N.N],(baan)[N])[N]
vinkenei	((vink)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
vinkenkooi	((vink)[N],(e)[N|N.N],(kooi)[N])[N]
vinkennest	((vink)[N],(e)[N|N.N],(nest)[N])[N]
vinkennet	((vink)[N],(en)[N|N.N],(net)[N])[N]
vinkenslag	((vink)[N],(e)[N|N.N],(slag)[N])[N]
vinkentijd	((vink)[N],(en)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
vinkentouw	((vink)[N],(en)[N|N.N],(touw)[N])[N]
vinkenvangst	((vink)[N],(en)[N|N.N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
vinker	((vink)[V],(er)[N|V.])[N]
vinlobbig	((vin)[N],(lob)[N],(ig)[A|NN.])[A]
vinnervig	((vin)[N],(nerf)[N],(ig)[A|NN.])[A]
vinnig	((vin)[N],(ig)[A|N.])[A]
vinnigheid	(((vin)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vinpotig	((vin)[N],(poot)[N],(ig)[A|NN.])[A]
vinval	((vin)[N],(val)[N])[N]
vinvis	((vin)[N],(vis)[N])[N]
vinvoetig	((vin)[N],(voet)[N],(ig)[A|NN.])[A]
vinylderivaat	((vinyl)[N],(derivaat)[N])[N]
vinylgroep	((vinyl)[N],(groep)[N])[N]
violatie	((violeer)[V],(atie)[N|V.])[N]
violenbed	((viool)[N],(en)[N|N.N],(bed)[N])[N]
violenstroop	((viool)[N],(en)[N|N.N],(stroop)[N])[N]
violentie	((violent)[A],(ie)[N|A.])[N]
violet	(violet)[N]
violetkleurig	((violet)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
violier	((viool)[N],(ier)[N|N.])[N]
violist	((viool)[N],(ist)[N|N.])[N]
violiste	(((viool)[N],(ist)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
violoncellist	((violoncel)[N],(ist)[N|N.])[N]
viool	(viool)[N]
vioolbouwer	((viool)[N],(bouw)[V],(er)[N|NV.])[N]
vioolconcert	((viool)[N],(concert)[N])[N]
vioolhars	((viool)[N],(hars)[N])[N]
vioolkam	((viool)[N],(kam)[N])[N]
vioolkast	((viool)[N],(kast)[N])[N]
vioolkist	((viool)[N],(kist)[N])[N]
vioolles	((viool)[N],(les)[N])[N]
vioollessenaar	((viool)[N],(lessenaar)[N])[N]
vioolmuziek	((viool)[N],(muziek)[N])[N]
vioolsleutel	((viool)[N],(sleutel)[N])[N]
vioolsnaar	((viool)[N],(snaar)[N])[N]
vioolsonate	((viool)[N],(sonate)[N])[N]
vioolspel	((viool)[N],(spel)[N])[N]
vioolspeler	((viool)[N],(speel)[V],(er)[N|NV.])[N]
viooltje	(viool)[N]
viooltjesgeur	((viool)[N],(s)[N|N.N],(geur)[N])[N]
vip	(vip)[N]
viraal	((virus)[N],(aal)[A|N.])[A]
virga	(virga)[N]
virgo	(virgo)[N]
viriliteit	((viriel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
virtualiteit	((virtueel)[A],(iteit)[N|A.])[N]
virtuositeit	((virtuoos)[A],(iteit)[N|A.])[N]
virtuoze	((virtuoos)[N],(e)[N|N.])[N]
virulentie	((virulent)[A],(ie)[N|A.])[N]
virusinfectie	((virus)[N],((infect)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
virusziekte	((virus)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vis	(vis)[N]
visaas	((vis)[N],(aas)[N])[N]
visachtig	((vis)[N],(achtig)[A|N.])[A]
visafslag	((vis)[N],((af)[P],(slag)[N])[N])[N]
visakte	((vis)[V],(akte)[N])[N]
visangel	((vis)[V],(angel)[N])[N]
visarend	((vis)[N],(arend)[N])[N]
visbank	((vis)[N],(bank)[N])[N]
visben	((vis)[N],(ben)[N])[N]
visblaas	((vis)[N],(blaas)[N])[N]
visboer	((vis)[N],(boer)[N])[N]
visconserven	((vis)[N],(conserve)[N])[N]
viscosezij	((viscose)[N],(zij)[N])[N]
viscosezijde	((viscose)[N],(zijde)[N])[N]
viscouvert	((vis)[N],(couvert)[N])[N]
visdag	((vis)[N],(dag)[N])[N]
visdief	((vis)[N],(dief)[N])[N]
visduivel	((vis)[N],(duivel)[N])[N]
viseerder	((viseer)[V],(der)[N|V.])[N]
visering	((viseer)[V],(ing)[N|V.])[N]
viseter	((vis)[N],(eet)[V],(er)[N|NV.])[N]
visfilet	((vis)[N],(filet)[N])[N]
visgraat	((vis)[N],(graat)[N])[N]
visgraatdessin	(((vis)[N],(graat)[N])[N],(dessin)[N])[N]
visgraatmotief	(((vis)[N],(graat)[N])[N],(motief)[N])[N]
visgrom	((vis)[N],(grom)[N])[N]
visgrond	((vis)[V],(grond)[N])[N]
vishaak	((vis)[V],(haak)[N])[N]
vishal	((vis)[N],(hal)[N])[N]
vishandelaar	((vis)[N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
vishoek	((vis)[V],(hoek)[N])[N]
visindustrie	((vis)[N],(industrie)[N])[N]
visitatie	((visiteer)[V],(atie)[N|V.])[N]
visitatiezaal	(((visiteer)[V],(atie)[N|V.])[N],(zaal)[N])[N]
visitator	((visiteer)[V],(ator)[N|V.])[N]
visite	(visite)[N]
visite-uur	((visite)[N],(uur)[N])[N]
visiteerijzer	((visiteer)[V],(ijzer)[N])[N]
visiteformaat	((visite)[N],((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
visitekaartje	((visite)[N],(kaart)[N])[N]
visiteur	((visiteer)[V],(eur)[N|V.])[N]
visjesvreter	((visje)[N],(s)[N|N.Vx],(vreet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
viskaar	((vis)[N],(kaar)[N])[N]
viskar	((vis)[N],(kar)[N])[N]
viskoper	((vis)[N],(koop)[V],(er)[N|NV.])[N]
vislepel	((vis)[N],(lepel)[N])[N]
visliefhebber	((vis)[N],((lief)[A],(heb)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
visliefhebster	((vis)[N],((lief)[A],(heb)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
vislift	((vis)[N],(lift)[N])[N]
vislijm	((vis)[N],(lijm)[N])[N]
vislijn	((vis)[V],(lijn)[N])[N]
vislood	((vis)[V],(lood)[N])[N]
vislucht	((vis)[N],(lucht)[N])[N]
vismarkt	((vis)[N],(markt)[N])[N]
vismeel	((vis)[N],(meel)[N])[N]
vismes	((vis)[N],(mes)[N])[N]
vismest	((vis)[N],(mest)[N])[N]
vismijn	((vis)[N],(mijn)[N])[N]
visnet	((vis)[V],(net)[N])[N]
visooglens	((vis)[N],(oog)[N],(lens)[N])[N]
visotter	((vis)[V],(otter)[N])[N]
vispastei	((vis)[N],(pastei)[N])[N]
visperspectief	((vis)[N],(perspectief)[N])[N]
visplaat	((vis)[N],(plaat)[N])[N]
visplaats	((vis)[V],(plaats)[N])[N]
visrecht	((vis)[V],(recht)[N])[N]
visrestaurant	((vis)[N],((restaureer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
visrijk	((vis)[N],(rijk)[A])[A]
visschotel	((vis)[N],(schotel)[N])[N]
visschub	((vis)[N],(schub)[N])[N]
visseizoen	((vis)[V],(seizoen)[N])[N]
vissen	(vis)[V]
vissenbloed	((vis)[N],(e)[N|N.N],(bloed)[N])[N]
vissenbuik	((vis)[N],(e)[N|N.N],(buik)[N])[N]
visser	((vis)[V],(er)[N|V.])[N]
visserij	((vis)[V],(erij)[N|V.])[N]
visserijband	(((vis)[V],(erij)[N|V.])[N],(band)[N])[N]
visserijbedrijf	(((vis)[V],(erij)[N|V.])[N],(bedrijf)[N])[N]
visserijbericht	(((vis)[V],(erij)[N|V.])[N],(bericht)[N])[N]
visserijgolf	(((vis)[V],(erij)[N|V.])[N],(golf)[N])[N]
visserman	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(man)[N])[N]
vissersbedrijf	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bedrijf)[N])[N]
vissersboot	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(boot)[N])[N]
vissersdorp	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dorp)[N])[N]
vissersgaren	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(garen)[N])[N]
vissershaven	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(haven)[N])[N]
vissershut	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hut)[N])[N]
visserskind	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
visserslaars	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(laars)[N])[N]
visserslatijn	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(Latijn)[N])[N]
vissersman	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N]
visserspink	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(pink)[N])[N]
vissersplaats	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plaats)[N])[N]
vissersring	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ring)[N])[N]
vissersschip	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schip)[N])[N]
vissersschuit	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schuit)[N])[N]
visserssloep	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(sloep)[N])[N]
visserssteek	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(steek)[N])[N]
vissersstraat	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(straat)[N])[N]
vissersvaartuig	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
vissersvolk	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(volk)[N])[N]
vissersvrouw	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
visserszoon	(((vis)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
vissig	((vis)[N],(ig)[A|N.])[A]
vissloep	((vis)[V],(sloep)[N])[N]
vissnoer	((vis)[V],(snoer)[N])[N]
visspaan	((vis)[N],(spaan)[N])[N]
visstand	((vis)[N],(stand)[N])[N]
visstick	((vis)[N],(stick)[N])[N]
visstoeltje	((vis)[V],(stoel)[N])[N]
visteelt	((vis)[N],(teelt)[N])[N]
vistijd	((vis)[V],(tijd)[N])[N]
vistraan	((vis)[N],(traan)[N])[N]
vistrap	((vis)[N],(trap)[N])[N]
vistuig	((vis)[V],(tuig)[N])[N]
visualisatie	(((visueel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
visualiseren	((visueel)[A],(iseer)[V|A.])[V]
visualisering	(((visueel)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
visumplicht	((visum)[N],(plicht)[N])[N]
visusstoornis	((visus)[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
visvangst	((vis)[N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
visventer	((vis)[N],(vent)[V],(er)[N|NV.])[N]
visverband	((vis)[V],(verband)[N])[N]
visvergunning	((vis)[V],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
visvijver	((vis)[N],(vijver)[N])[N]
visvrouw	((vis)[N],(vrouw)[N])[N]
viswant	((vis)[N],(want)[N])[N]
viswater	((vis)[V],(water)[N])[N]
viswedstrijd	((vis)[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
visweer	((vis)[V],(weer)[N])[N]
viswijf	((vis)[N],(wijf)[N])[N]
viswijventaal	(((vis)[N],(wijf)[N])[N],(en)[N|N.N],(taal)[N])[N]
viswinkel	((vis)[N],(winkel)[N])[N]
vitachtig	((vit)[V],(achtig)[A|V.])[A]
vitalistisch	((vitalist)[N],(isch)[A|N.])[A]
vitaliteit	((vitaal)[A],(iteit)[N|A.])[N]
vitamine-injectie	((vitamine)[N],(injectie)[N])[N]
vitaminearm	((vitamine)[N],(arm)[A])[A]
vitaminedeficiëntie	((vitamine)[N],((deficiënt)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
vitaminedragee	((vitamine)[N],(dragee)[N])[N]
vitaminegebrek	((vitamine)[N],(gebrek)[N])[N]
vitaminegehalte	((vitamine)[N],(gehalte)[N])[N]
vitamineloos	((vitamine)[N],(loos)[A|N.])[A]
vitaminepreparaat	((vitamine)[N],((prepareer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
vitamineren	((vitamine)[N],(eer)[V|N.])[V]
vitaminerijk	((vitamine)[N],(rijk)[A])[A]
vitaminestoot	((vitamine)[N],(stoot)[N])[N]
vitaminetablet	((vitamine)[N],(tablet)[N])[N]
vitaminetekort	((vitamine)[N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
vitaminiseren	((vitamine)[N],(iseer)[V|N.])[V]
vitlust	((vit)[V],(lust)[N])[N]
vitrioolaarde	((vitriool)[N],(aarde)[N])[N]
vitten	(vit)[V]
vitter	((vit)[V],(er)[N|V.])[N]
vitterig	((vit)[V],(erig)[A|V.])[A]
vitterij	((vit)[V],(erij)[N|V.])[N]
vitusdans	((Vitus)[N],(dans)[N])[N]
vitzucht	((vit)[V],(zucht)[N])[N]
vizier	(vizier)[N]
vizierhelm	((vizier)[N],(helm)[N])[N]
vizierkeep	((vizier)[N],(keep)[N])[N]
vizierkijker	((vizier)[N],((kijk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
vizierklep	((vizier)[N],(klep)[N])[N]
vizierkorrel	((vizier)[N],(korrel)[N])[N]
vizierlijn	((vizier)[N],(lijn)[N])[N]
vla	(vla)[N]
vlaag	(vlaag)[N]
vlaai	(vlaai)[N]
vlaak	(vlaak)[N]
vladder	(vladder)[N]
vlade	(vlade)[N]
vlag	(vlag)[N]
vlagbevoorrechting	((vlag)[N],((be)[V|.N],((voor)[B],(recht)[N])[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
vlagbreken	((vlag)[N],(breek)[V])[V]
vlagdiscriminatie	((vlag)[N],(discrimineer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
vlagdoek	((vlag)[N],(doek)[N])[N]
vlaggen	(vlag)[V]
vlaggendoek	((vlag)[N],(e)[N|N.N],(doek)[N])[N]
vlaggenjongen	((vlag)[N],(e)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
vlaggenjonker	((vlag)[N],(e)[N|N.N],(jonker)[N])[N]
vlaggenkaart	((vlag)[N],(en)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
vlaggenkapitein	((vlag)[N],(e)[N|N.N],(kapitein)[N])[N]
vlaggenkist	((vlag)[N],(en)[N|N.N],(kist)[N])[N]
vlaggenkoord	((vlag)[N],(e)[N|N.N],(koord)[N])[N]
vlaggenkunde	((vlag)[N],(en)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
vlaggenlijn	((vlag)[N],(e)[N|N.N],(lijn)[N])[N]
vlaggenman	((vlag)[N],(e)[N|N.N],(man)[N])[N]
vlaggenmast	((vlag)[N],(e)[N|N.N],(mast)[N])[N]
vlaggenparade	((vlag)[N],(en)[N|N.N],((pareer)[V],(ade)[N|V.])[N])[N]
vlaggenschip	((vlag)[N],(e)[N|N.N],(schip)[N])[N]
vlaggenschrift	((vlag)[N],(en)[N|N.N],(schrift)[N])[N]
vlaggenspraak	((vlag)[N],(en)[N|N.N],(spraak)[N])[N]
vlaggenstok	((vlag)[N],(e)[N|N.N],(stok)[N])[N]
vlaggenzee	((vlag)[N],(en)[N|N.N],(zee)[N])[N]
vlaggetjesdag	((vlaggetje)[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
vlaggetouw	((vlag)[N],(e)[N|N.N],(touw)[N])[N]
vlagofficier	((vlag)[N],(officier)[N])[N]
vlagoverdracht	((vlag)[N],(overdracht)[N])[N]
vlagstempel	((vlag)[N],(stempel)[N])[N]
vlagvertoon	((vlag)[N],(vertoon)[N])[N]
vlagvoerder	((vlag)[N],((voer)[V],(der)[N|V.])[N])[N]
vlak	(vlak)[N]
vlakbank	((vlak)[V],(bank)[N])[N]
vlakcoördinaten	((vlak)[N],((coördineer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
vlakdruk	((vlak)[A],(druk)[N])[N]
vlakglas	((vlak)[A],(glas)[N])[N]
vlakgom	((vlak)[V],(gom)[N])[N]
vlakhamer	((vlak)[V],(hamer)[N])[N]
vlakheid	((vlak)[A],(heid)[N|A.])[N]
vlakkebaanren	((vlak)[A],(e)[N|A.NN],(baan)[N],(ren)[N])[N]
vlakken	(vlak)[V]
vlakkerig	((vlak)[N],(erig)[A|N.])[A]
vlakkig	((vlak)[A],(ig)[A|A.])[A]
vlakliggend	((vlak)[A],(lig)[V],(end)[A|AV.])[A]
vlakmaken	((vlak)[A],(maak)[V])[V]
vlakmeter	((vlak)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
vlakogig	((vlak)[N],(oog)[N],(ig)[A|NN.])[A]
vlakschaaf	((vlak)[V],(schaaf)[N])[N]
vlakschuurmachine	((vlak)[A],((schuur)[V],(machine)[N])[N])[N]
vlakspoeler	((vlak)[A],(spoel)[V],(er)[N|AV.])[N]
vlakte	((vlak)[A],(te)[N|A.])[N]
vlaktemaat	(((vlak)[A],(te)[N|A.])[N],(maat)[N])[N]
vlaktemeting	(((vlak)[A],(te)[N|A.])[N],(meet)[V],(ing)[N|NV.])[N]
vlakverdeling	((vlak)[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
vlakversiering	((vlak)[N],((ver)[V|.V],(sier)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
vlakvijl	((vlak)[V],(vijl)[N])[N]
vlakvulling	((vlak)[N],(vul)[V],(ing)[N|NV.])[N]
vlam	(vlam)[N]
vlambloem	((vlam)[N],(bloem)[N])[N]
vlamboog	((vlam)[N],(boog)[N])[N]
vlamdeel	((vlam)[N],(deel)[N])[N]
vlamkast	((vlam)[N],(kast)[N])[N]
vlamkolen	((vlam)[N],(kool)[N])[N]
vlammen	(vlam)[V]
vlammengloed	((vlam)[N],(en)[N|N.N],(gloed)[N])[N]
vlammenwerper	((vlam)[N],(en)[N|N.Vx],(werp)[V],(er)[N|NxV.])[N]
vlammenzee	((vlam)[N],(en)[N|N.N],(zee)[N])[N]
vlammerig	((vlam)[N],(erig)[A|N.])[A]
vlammig	((vlam)[N],(ig)[A|N.])[A]
vlamoven	((vlam)[N],(oven)[N])[N]
vlampijp	((vlam)[N],(pijp)[N])[N]
vlampijpketel	(((vlam)[N],(pijp)[N])[N],(ketel)[N])[N]
vlampunt	((vlam)[V],(punt)[N])[N]
vlamreactie	((vlam)[N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
vlamvatten	((vlam)[N],(vat)[V])[V]
vlamverdeler	((vlam)[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
vlamvormig	((vlam)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
vlas	(vlas)[N]
vlasaard	((vlas)[N],(aard)[N])[N]
vlasachtig	((vlas)[N],(achtig)[A|N.])[A]
vlasakker	((vlas)[N],(akker)[N])[N]
vlasbaard	((vlas)[N],(baard)[N])[N]
vlasbek	((vlas)[N],(bek)[N])[N]
vlasbewerking	((vlas)[N],((be)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
vlasbloem	((vlas)[N],(bloem)[N])[N]
vlasblond	((vlas)[N],(blond)[A])[A]
vlasboer	((vlas)[N],(boer)[N])[N]
vlasbouw	((vlas)[N],(bouw)[N])[N]
vlasbraak	((vlas)[N],(braak)[N])[N]
vlascultuur	((vlas)[N],(cultuur)[N])[N]
vlasdot	((vlas)[N],(dot)[N])[N]
vlasdraad	((vlas)[N],(draad)[N])[N]
vlashaar	((vlas)[N],(haar)[N])[N]
vlashandel	((vlas)[N],(handel)[N])[N]
vlashekel	((vlas)[V],(hekel)[N])[N]
vlaskam	((vlas)[V],(kam)[N])[N]
vlaskeet	((vlas)[V],(keet)[N])[N]
vlaskleur	((vlas)[N],(kleur)[N])[N]
vlaskleurig	((vlas)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
vlaskop	((vlas)[N],(kop)[N])[N]
vlasland	((vlas)[N],(land)[N])[N]
vlasleeuwenbek	((vlas)[N],((leeuw)[N],(e)[N|N.N],(bek)[N])[N])[N]
vlaslinnen	((vlas)[N],(linnen)[N])[N]
vlasroting	((vlas)[N],(root)[V],(ing)[N|NV.])[N]
vlassen	(vlas)[V]
vlassen	((vlas)[N],(en)[A|N.])[A]
vlasser	((vlas)[V],(er)[N|V.])[N]
vlasserij	((vlas)[V],(erij)[N|V.])[N]
vlassig	((vlas)[N],(ig)[A|N.])[A]
vlasslijting	((vlas)[N],(slijt)[V],(ing)[N|NV.])[N]
vlasspinner	((vlas)[N],(spin)[V],(er)[N|NV.])[N]
vlasspinnerij	((vlas)[N],(spin)[V],(erij)[N|NV.])[N]
vlasspinster	((vlas)[N],(spin)[V],(ster)[N|NV.])[N]
vlasstengel	((vlas)[N],(stengel)[N])[N]
vlasster	((vlas)[V],(ster)[N|V.])[N]
vlasstreek	((vlas)[N],(streek)[N])[N]
vlasteelt	((vlas)[N],(teelt)[N])[N]
vlasvezel	((vlas)[N],(vezel)[N])[N]
vlasvink	((vlas)[N],(vink)[N])[N]
vlaswiek	((vlas)[N],(wiek)[N])[N]
vlaszaad	((vlas)[N],(zaad)[N])[N]
vlecht	(vlecht)[N]
vlechtbenen	((vlecht)[N],(been)[V])[V]
vlechtdraad	((vlecht)[V],(draad)[N])[N]
vlechten	(vlecht)[V]
vlechthout	((vlecht)[V],(hout)[N])[N]
vlechting	((vlecht)[V],(ing)[N|V.])[N]
vlechtriet	((vlecht)[V],(riet)[N])[N]
vlechtsel	((vlecht)[V],(sel)[N|V.])[N]
vlechtwerk	((vlecht)[V],(werk)[N])[N]
vleermuisbrander	((vleermuis)[N],((brand)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
vlees	(vlees)[N]
vleesafval	((vlees)[N],(afval)[N])[N]
vleesafzet	((vlees)[N],(afzet)[N])[N]
vleesatlas	((vlees)[N],(atlas)[N])[N]
vleesbal	((vlees)[N],(bal)[N])[N]
vleesbank	((vlees)[N],(bank)[N])[N]
vleesblok	((vlees)[N],(blok)[N])[N]
vleesboom	((vlees)[N],(boom)[N])[N]
vleesbord	((vlees)[N],(bord)[N])[N]
vleesdag	((vlees)[N],(dag)[N])[N]
vleesetend	((vlees)[N],(eet)[V],(end)[A|NV.])[A]
vleeseter	((vlees)[N],(eet)[V],(er)[N|NV.])[N]
vleesextract	((vlees)[N],(extract)[N])[N]
vleesfondue	((vlees)[N],(fondue)[N])[N]
vleesgerecht	((vlees)[N],(gerecht)[N])[N]
vleesgeworden	((vlees)[N],(geworden)[V])[A]
vleeshaak	((vlees)[N],(haak)[N])[N]
vleeshakmachine	((vlees)[N],((hak)[V],(machine)[N])[N])[N]
vleeshal	((vlees)[N],(hal)[N])[N]
vleeshouwer	((vlees)[N],(houw)[V],(er)[N|NV.])[N]
vleeshouwerij	((vlees)[N],(houw)[V],(erij)[N|NV.])[N]
vleesindustrie	((vlees)[N],(industrie)[N])[N]
vleeskant	((vlees)[N],(kant)[N])[N]
vleeskers	((vlees)[N],(kers)[N])[N]
vleeskeuring	((vlees)[N],(keur)[V],(ing)[N|NV.])[N]
vleeskeuringsdienst	((vlees)[N],(((keur)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
vleeskleur	((vlees)[N],(kleur)[N])[N]
vleeskleurig	((vlees)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
vleesklomp	((vlees)[N],(klomp)[N])[N]
vleeskost	((vlees)[N],(kost)[N])[N]
vleesloos	((vlees)[N],(loos)[A|N.])[A]
vleesmachine	((vlees)[N],(machine)[N])[N]
vleesmes	((vlees)[N],(mes)[N])[N]
vleesmolen	((vlees)[N],(molen)[N])[N]
vleesnat	((vlees)[N],(nat)[N])[N]
vleespastei	((vlees)[N],(pastei)[N])[N]
vleespen	((vlees)[N],(pen)[N])[N]
vleespin	((vlees)[N],(pin)[N])[N]
vleespot	((vlees)[N],(pot)[N])[N]
vleesschotel	((vlees)[N],(schotel)[N])[N]
vleessnijmachine	((vlees)[N],((snijd)[V],(machine)[N])[N])[N]
vleestomaat	((vlees)[N],(tomaat)[N])[N]
vleesvergiftiging	((vlees)[N],(((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vleesverwerkend	((vlees)[N],((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
vleesvlieg	((vlees)[N],(vlieg)[N])[N]
vleesvork	((vlees)[N],(vork)[N])[N]
vleeswaren	((vlees)[N],(waar)[N])[N]
vleeswond	((vlees)[N],(wond)[N])[N]
vleeswonde	((vlees)[N],(wonde)[N])[N]
vleeswording	((vlees)[N],(word)[V],(ing)[N|NV.])[N]
vleesworst	((vlees)[N],(worst)[N])[N]
vleeszijde	((vlees)[N],(zijde)[N])[N]
vleet	(vleet)[N]
vlegel	(vlegel)[N]
vlegelachtig	((vlegel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
vlegelachtigheid	(((vlegel)[N],(achtig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vlegeljaren	((vlegel)[N],(jaar)[N])[N]
vlegelstro	((vlegel)[N],(stro)[N])[N]
vleien	(vlei)[V]
vleier	((vlei)[V],(er)[N|V.])[N]
vleierig	((vlei)[V],(erig)[A|V.])[A]
vleierij	((vlei)[V],(erij)[N|V.])[N]
vleinaam	((vlei)[V],(naam)[N])[N]
vleister	((vlei)[V],(ster)[N|V.])[N]
vleitaal	((vlei)[V],(taal)[N])[N]
vleiwoord	((vlei)[V],(woord)[N])[N]
vlek	(vlek)[N]
vlekkeloos	((vlek)[N],(eloos)[A|N.])[A]
vlekkeloosheid	(((vlek)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vlekken	(vlek)[V]
vlekkenmiddel	((vlek)[N],(en)[N|N.N],(middel)[N])[N]
vlekkentest	((vlek)[N],(en)[N|N.N],(test)[N])[N]
vlekkenwater	((vlek)[N],(en)[N|N.N],(water)[N])[N]
vlekkenziekte	((vlek)[N],(en)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vlekkerig	((vlek)[N],(erig)[A|N.])[A]
vlekkig	((vlek)[N],(ig)[A|N.])[A]
vlekkoorts	((vlek)[N],(koorts)[N])[N]
vlektyfus	((vlek)[N],(tyfus)[N])[N]
vlekvrij	((vlek)[N],(vrij)[A])[A]
vlekziekte	((vlek)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vlerk	(vlerk)[N]
vlerkachtig	((vlerk)[N],(achtig)[A|N.])[A]
vlerkprauw	((vlerk)[N],(prauw)[N])[N]
vleselijk	((vlees)[N],(elijk)[A|N.])[A]
vleselijkheid	(((vlees)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vlet	(vlet)[N]
vletschuit	((vlet)[N],(schuit)[N])[N]
vletten	(vlet)[V]
vletter	((vlet)[N],(er)[N|N.])[N]
vleug	(vleug)[N]
vleugel	(vleugel)[N]
vleugelachtig	((vleugel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
vleugeladjudant	((vleugel)[N],(adjudant)[N])[N]
vleugelaltaar	((vleugel)[N],(altaar)[N])[N]
vleugelboot	((vleugel)[N],(boot)[N])[N]
vleugeldeur	((vleugel)[N],(deur)[N])[N]
vleugeleg	((vleugel)[N],(eg)[N])[N]
vleugelgeklap	((vleugel)[N],((ge)[N|.V],(klap)[V])[N])[N]
vleugelklep	((vleugel)[N],(klep)[N])[N]
vleugellam	((vleugel)[N],(lam)[A])[A]
vleugellozen	((vleugel)[N],(loos)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
vleugelman	((vleugel)[N],(man)[N])[N]
vleugelmoer	((vleugel)[N],(moer)[N])[N]
vleugelmuts	((vleugel)[N],(muts)[N])[N]
vleugelpiano	((vleugel)[N],(piano)[N])[N]
vleugelraam	((vleugel)[N],(raam)[N])[N]
vleugelslag	((vleugel)[N],(slag)[N])[N]
vleugelspanning	((vleugel)[N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vleugelspanwijdte	((vleugel)[N],((span)[N],((wijd)[A],(te)[N|A.])[N])[N])[N]
vleugelspeler	((vleugel)[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
vleugelverdediger	((vleugel)[N],((verdedig)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
vleugelverdedigster	((vleugel)[N],((verdedig)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
vleugelwijdte	((vleugel)[N],((wijd)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vleugelzak	((vleugel)[N],(zak)[N])[N]
vleugje	(vleug)[N]
vlezen	(vlees)[V]
vlezen	((vlees)[N],(en)[A|N.])[A]
vlezer	((vlees)[V],(er)[N|V.])[N]
vlezig	((vlees)[N],(ig)[A|N.])[A]
vlezigheid	(((vlees)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vliedberg	((vlied)[V],(berg)[N])[N]
vlieden	(vlied)[V]
vliedheuvel	((vlied)[V],(heuvel)[N])[N]
vlieg	(vlieg)[N]
vliegafstand	((vlieg)[V],(afstand)[N])[N]
vliegangst	((vlieg)[V],(angst)[N])[N]
vliegas	((vlieg)[N],(as)[N])[N]
vliegbaan	((vlieg)[V],(baan)[N])[N]
vliegbasis	((vlieg)[V],(basis)[N])[N]
vliegbereik	((vlieg)[V],(bereik)[N])[N]
vliegbiljet	((vlieg)[V],(biljet)[N])[N]
vliegboot	((vlieg)[V],(boot)[N])[N]
vliegbrevet	((vlieg)[V],(brevet)[N])[N]
vliegdek	((vlieg)[V],(dek)[N])[N]
vliegdekschip	(((vlieg)[V],(dek)[N])[N],(schip)[N])[N]
vliegdemonstratie	((vlieg)[V],((demonstreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
vliegdienst	((vlieg)[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
vliegen	(vlieg)[V]
vliegendoder	((vlieg)[N],(en)[N|N.Vx],(dood)[V],(er)[N|NxV.])[N]
vliegendrek	((vlieg)[N],(e)[N|N.N],(drek)[N])[N]
vliegenei	((vlieg)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
vliegeneter	((vlieg)[N],(en)[N|N.Vx],(eet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
vliegengaas	((vlieg)[N],(en)[N|N.N],(gaas)[N])[N]
vliegengod	((vlieg)[N],(en)[N|N.N],(god)[N])[N]
vliegengordijn	((vlieg)[N],(en)[N|N.N],(gordijn)[N])[N]
vliegenier	((vlieg)[V],(enier)[N|V.])[N]
vliegeniersmuts	(((vlieg)[V],(enier)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(muts)[N])[N]
vliegenierster	(((vlieg)[V],(enier)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
vliegenkast	((vlieg)[N],(en)[N|N.N],(kast)[N])[N]
vliegenklap	((vlieg)[N],(e)[N|N.N],(klap)[N])[N]
vliegenkleed	((vlieg)[N],(en)[N|N.N],(kleed)[N])[N]
vliegenkop	((vlieg)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
vliegenlarf	((vlieg)[N],(e)[N|N.N],(larf)[N])[N]
vliegenlarve	((vlieg)[N],(e)[N|N.N],(larve)[N])[N]
vliegenlijm	((vlieg)[N],(en)[N|N.N],(lijm)[N])[N]
vliegenmepper	((vlieg)[N],(e)[N|N.Vx],(mep)[V],(er)[N|NxV.])[N]
vliegennet	((vlieg)[N],(en)[N|N.N],(net)[N])[N]
vliegenpapier	((vlieg)[N],(en)[N|N.N],(papier)[N])[N]
vliegenplaag	((vlieg)[N],(en)[N|N.N],(plaag)[N])[N]
vliegenpoep	((vlieg)[N],(e)[N|N.N],(poep)[N])[N]
vliegenpoot	((vlieg)[N],(e)[N|N.N],(poot)[N])[N]
vliegenscheet	((vlieg)[N],(e)[N|N.N],(scheet)[N])[N]
vliegenstront	((vlieg)[N],(e)[N|N.N],(stront)[N])[N]
vliegensvlug	((vliegen)[V],(s)[A|V.A],(vlug)[A])[A]
vliegenvanger	((vlieg)[N],(en)[N|N.Vx],(vang)[V],(er)[N|NxV.])[N]
vliegenvangertje	((vlieg)[N],(en)[N|N.Vx],(vang)[V],(er)[N|NxV.])[N]
vliegenvergif	((vlieg)[N],(en)[N|N.N],(vergif)[N])[N]
vliegenvergift	((vlieg)[N],(en)[N|N.N],(vergift)[N])[N]
vliegenvuil	((vlieg)[N],(e)[N|N.N],(vuil)[N])[N]
vlieger	((vlieg)[V],(er)[N|V.])[N]
vliegerij	((vlieg)[V],(erij)[N|V.])[N]
vliegersexamen	(((vlieg)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(examen)[N])[N]
vliegerszonnebril	(((vlieg)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((zon)[N],(e)[N|N.N],(bril)[N])[N])[N]
vliegertouw	(((vlieg)[V],(er)[N|V.])[N],(touw)[N])[N]
vliegezwam	((vlieg)[N],(en)[N|N.N],(zwam)[N])[N]
vliegfeest	((vlieg)[V],(feest)[N])[N]
vlieggat	((vlieg)[N],(gat)[N])[N]
vlieggewicht	((vlieg)[N],(gewicht)[N])[N]
vlieghaven	((vlieg)[V],(haven)[N])[N]
vlieghoogte	((vlieg)[V],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vlieghuid	((vlieg)[V],(huid)[N])[N]
vliegkamp	((vlieg)[V],(kamp)[N])[N]
vliegkampschip	(((vlieg)[V],(kamp)[N])[N],(schip)[N])[N]
vliegkunst	((vlieg)[V],(kunst)[N])[N]
vlieglengte	((vlieg)[V],(lengte)[N])[N]
vliegles	((vlieg)[V],(les)[N])[N]
vliegmachine	((vlieg)[V],(machine)[N])[N]
vliegnet	((vlieg)[V],(net)[N])[N]
vliegongeluk	((vlieg)[V],((on)[N|.N],((ge)[N|.V],(luk)[V])[N])[N])[N]
vliegopening	((vlieg)[V],((open)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vliegplan	((vlieg)[V],(plan)[N])[N]
vliegpost	((vlieg)[V],(post)[N])[N]
vliegramp	((vlieg)[V],(ramp)[N])[N]
vliegreis	((vlieg)[V],(reis)[N])[N]
vliegroute	((vlieg)[V],(route)[N])[N]
vliegschool	((vlieg)[V],(school)[N])[N]
vliegsnelheid	((vlieg)[V],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
vliegsport	((vlieg)[V],(sport)[N])[N]
vliegster	((vlieg)[V],(ster)[N|V.])[N]
vliegstoel	((vlieg)[V],(stoel)[N])[N]
vliegtechniek	((vlieg)[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
vliegterrein	((vlieg)[V],(terrein)[N])[N]
vliegtocht	((vlieg)[V],(tocht)[N])[N]
vliegtoestel	((vlieg)[V],(toestel)[N])[N]
vliegtuigbenzine	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(benzine)[N])[N]
vliegtuigbestuurder	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
vliegtuigbom	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(bom)[N])[N]
vliegtuigbouwkunde	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],((bouw)[V],(kunde)[N])[N])[N]
vliegtuigbouwkundig	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(((bouw)[V],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
vliegtuigdeur	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(deur)[N])[N]
vliegtuigengeronk	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.V],(ronk)[V])[N])[N]
vliegtuigeskader	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(eskader)[N])[N]
vliegtuigingenieur	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(ingenieur)[N])[N]
vliegtuigkaper	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(kaap)[V],(er)[N|NV.])[N]
vliegtuigkaping	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(kaap)[V],(ing)[N|NV.])[N]
vliegtuigloods	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(loods)[N])[N]
vliegtuigmaatschappij	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(maatschappij)[N])[N]
vliegtuigmodel	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(model)[N])[N]
vliegtuigmodelbouw	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(model)[N],(bouw)[V])[N]
vliegtuigmoederschip	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],((moeder)[N],(schip)[N])[N])[N]
vliegtuigmotor	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(motor)[N])[N]
vliegtuigonderdeel	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],((onder)[P],(deel)[N])[N])[N]
vliegtuigongeluk	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],((on)[N|.N],((ge)[N|.V],(luk)[V])[N])[N])[N]
vliegtuigopname	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(opname)[N])[N]
vliegtuigpassagier	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(passagier)[N])[N]
vliegtuigraam	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(raam)[N])[N]
vliegtuigramp	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(ramp)[N])[N]
vliegtuigstoel	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(stoel)[N])[N]
vliegtuigtype	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(type)[N])[N]
vliegtuigvleugel	(((vlieg)[V],(tuig)[N])[N],(vleugel)[N])[N]
vlieguur	((vlieg)[V],(uur)[N|V.])[N]
vliegvakantie	((vlieg)[V],(vakantie)[N])[N]
vliegveld	((vlieg)[V],(veld)[N])[N]
vliegverbinding	((vlieg)[V],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vliegverbod	((vlieg)[V],(verbod)[N])[N]
vliegvissen	((vlieg)[V],(vis)[V])[V]
vliegvuur	((vlieg)[V],(vuur)[N])[N]
vliegwedstrijd	((vlieg)[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
vliegweer	((vlieg)[V],(weer)[N])[N]
vliegwerk	((vlieg)[V],(werk)[N])[N]
vliegwezen	((vlieg)[V],(wezen)[N])[N]
vliegwiel	((vlieg)[V],(wiel)[N])[N]
vliem	(vliem)[N]
vlier	(vlier)[N]
vlierbes	((vlier)[N],(bes)[N])[N]
vlierboom	((vlier)[N],(boom)[N])[N]
vlierhout	((vlier)[N],(hout)[N])[N]
vlierhouten	(((vlier)[N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
vlierpit	((vlier)[N],(pit)[N])[N]
vliersiroop	((vlier)[N],(siroop)[N])[N]
vlierstroop	((vlier)[N],(stroop)[N])[N]
vlierstruik	((vlier)[N],(struik)[N])[N]
vlierthee	((vlier)[N],(thee)[N])[N]
vlies	(vlies)[N]
vliesachtig	((vlies)[N],(achtig)[A|N.])[A]
vliesdun	((vlies)[N],(dun)[A])[A]
vliespinda	((vlies)[N],(pinda)[N])[N]
vliesridder	((vlies)[N],(ridder)[N])[N]
vliesvleugelig	((vlies)[N],(vleugel)[N],(ig)[A|NN.])[A]
vlieswol	((vlies)[N],(wol)[N])[N]
vliet	(vliet)[N]
vlieten	(vliet)[V]
vliezig	((vlies)[N],(ig)[A|N.])[A]
vlij	(vlij)[N]
vlijen	(vlij)[V]
vlijlaag	((vlij)[N],(laag)[N])[N]
vlijm	(vlijm)[N]
vlijmen	(vlijm)[V]
vlijmscherp	((vlijm)[N],(scherp)[A])[A]
vlijt	(vlijt)[N]
vlijtig	((vlijt)[N],(ig)[A|N.])[A]
vlinder	(vlinder)[N]
vlinderachtig	((vlinder)[N],(achtig)[A|N.])[A]
vlinderbloem	((vlinder)[N],(bloem)[N])[N]
vlinderbloemig	((vlinder)[N],(bloem)[N],(ig)[A|NN.])[A]
vlinderdas	((vlinder)[N],(das)[N])[N]
vlinderen	(vlinder)[V]
vlindernet	((vlinder)[N],(net)[N])[N]
vlinderpop	((vlinder)[N],(pop)[N])[N]
vlinderslag	((vlinder)[N],(slag)[N])[N]
vlizotrap	((vliering)[N],(zolder)[N],(trap)[N])[N]
vlo	(vlo)[N]
vloed	(vloed)[N]
vloedanker	((vloed)[N],(anker)[N])[N]
vloeddeur	((vloed)[N],(deur)[N])[N]
vloeddrempel	((vloed)[N],(drempel)[N])[N]
vloedgolf	((vloed)[N],(golf)[N])[N]
vloedhaven	((vloed)[N],(haven)[N])[N]
vloedhoogte	((vloed)[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vloedlicht	((vloed)[N],(licht)[N])[N]
vloedlijn	((vloed)[N],(lijn)[N])[N]
vloedplank	((vloed)[N],(plank)[N])[N]
vloedstand	((vloed)[N],(stand)[N])[N]
vloedwater	((vloed)[N],(water)[N])[N]
vloei	(vloei)[N]
vloeibaar	((vloei)[V],(baar)[A|V.])[A]
vloeibaarheid	(((vloei)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vloeibaarmaking	(((vloei)[V],(baar)[A|V.])[A],(maak)[V],(ing)[N|AV.])[N]
vloeiblad	((vloei)[V],(blad)[N])[N]
vloeiblok	((vloei)[V],(blok)[N])[N]
vloeiboek	((vloei)[V],(boek)[N])[N]
vloeien	(vloei)[V]
vloeiijzer	((vloei)[V],(ijzer)[N])[N]
vloeiing	((vloei)[V],(ing)[N|V.])[N]
vloeilijst	((vloei)[V],(lijst)[N])[N]
vloeimest	((vloei)[V],(mest)[N])[N]
vloeipapier	((vloei)[V],(papier)[N])[N]
vloeiplank	((vloei)[V],(plank)[N])[N]
vloeirol	((vloei)[N],(rol)[N])[N]
vloeistof	((vloei)[V],(stof)[N])[N]
vloeiweide	((vloei)[V],(weide)[N])[N]
vloek	(vloek)[N]
vloekbaar	((vloek)[V],(baar)[A|V.])[A]
vloekbeest	((vloek)[V],(beest)[N])[N]
vloeken	(vloek)[V]
vloeker	((vloek)[V],(er)[N|V.])[N]
vloekwaardig	((vloek)[N],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
vloekwoord	((vloek)[V],(woord)[N])[N]
vloer	(vloer)[N]
vloerbalk	((vloer)[N],(balk)[N])[N]
vloerbedekking	((vloer)[N],((be)[V|.V],(dek)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
vloerbrood	((vloer)[N],(brood)[N])[N]
vloerconvector	((vloer)[N],(convector)[N])[N]
vloerdweil	((vloer)[N],(dweil)[N])[N]
vloeren	((vloer)[N],(en)[A|N.])[A]
vloeren	(vloer)[V]
vloering	((vloer)[N],(ing)[N|N.])[N]
vloerkleed	((vloer)[N],(kleed)[N])[N]
vloermat	((vloer)[N],(mat)[N])[N]
vloermozaïek	((vloer)[N],(mozaïek)[N])[N]
vloeroefening	((vloer)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vloeroppervlak	((vloer)[N],((opper)[N|.N],(vlak)[N])[N])[N]
vloerplank	((vloer)[N],(plank)[N])[N]
vloerschakeling	((vloer)[N],((schakel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vloersteen	((vloer)[N],(steen)[N])[N]
vloertapijt	((vloer)[N],(tapijt)[N])[N]
vloertegel	((vloer)[N],(tegel)[N])[N]
vloerverwarming	((vloer)[N],(((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vloerzand	((vloer)[N],(zand)[N])[N]
vloerzeil	((vloer)[N],(zeil)[N])[N]
vlok	(vlok)[N]
vlokachtig	((vlok)[N],(achtig)[A|N.])[A]
vlokken	(vlok)[V]
vlokkenzeep	((vlok)[N],(en)[N|N.N],(zeep)[N])[N]
vlokkig	((vlok)[N],(ig)[A|N.])[A]
vlokzij	((vlok)[N],(zij)[N])[N]
vlokzijde	((vlok)[N],(zijde)[N])[N]
vlonder	(vlonder)[N]
vlooien	(vlooi)[V]
vlooienband	((vlo)[N],(en)[N|N.N],(band)[N])[N]
vlooienbeet	((vlo)[N],(e)[N|N.N],(beet)[N])[N]
vlooienmarkt	((vlo)[N],(en)[N|N.N],(markt)[N])[N]
vlooienpoeder	((vlo)[N],(en)[N|N.N],(poeder)[N])[N]
vlooienpoeier	((vlo)[N],(en)[N|N.N],(poeier)[N])[N]
vlooienspel	((vlo)[N],(en)[N|N.N],(spel)[N])[N]
vlooientheater	((vlo)[N],(en)[N|N.N],(theater)[N])[N]
vloot	(vloot)[N]
vlootbasis	((vloot)[N],(basis)[N])[N]
vlootdemonstratie	((vloot)[N],(demonstreer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
vlooteenheid	((vloot)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
vlooteskader	((vloot)[N],(eskader)[N])[N]
vlootoefening	((vloot)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vlootrevue	((vloot)[N],(revue)[N])[N]
vlootschouw	((vloot)[N],(schouw)[N])[N]
vlootverdrag	((vloot)[N],(verdrag)[N])[N]
vlootvoogd	((vloot)[N],(voogd)[N])[N]
vlos	(vlos)[N]
vlossen	((vlos)[N],(en)[A|N.])[A]
vlossig	((vlos)[N],(ig)[A|N.])[A]
vloszij	((vlos)[N],(zij)[N])[N]
vloszijde	((vlos)[N],(zijde)[N])[N]
vlot	(vlot)[N]
vlotbalk	((vlot)[N],(balk)[N])[N]
vlotbrug	((vlot)[N],(brug)[N])[N]
vlotgaand	((vlot)[A],(gaand)[V])[A]
vlotgras	((vlot)[V],(gras)[N])[N]
vlotheid	((vlot)[A],(heid)[N|A.])[N]
vlothout	((vlot)[A],(hout)[N])[N]
vlotlezend	((vlot)[A],(lees)[V],(end)[A|AV.])[A]
vlotten	(vlot)[V]
vlotter	((vlot)[V],(er)[N|V.])[N]
vlouw	(vlouw)[N]
vlucht	(vlucht)[N]
vluchtberm	((vlucht)[V],(berm)[N])[N]
vluchteling	((vlucht)[V],(eling)[N|V.])[N]
vluchtelinge	(((vlucht)[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
vluchtelingencomité	(((vlucht)[V],(eling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(comité)[N])[N]
vluchtelingenhulp	(((vlucht)[V],(eling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(hulp)[N])[N]
vluchtelingenkamp	(((vlucht)[V],(eling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(kamp)[N])[N]
vluchtelingenorganisatie	(((vlucht)[V],(eling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
vluchtelingenstatus	(((vlucht)[V],(eling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(status)[N])[N]
vluchtelingenverdrag	(((vlucht)[V],(eling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(verdrag)[N])[N]
vluchtelingenvraagstuk	(((vlucht)[V],(eling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
vluchten	(vlucht)[V]
vluchthaven	((vlucht)[V],(haven)[N])[N]
vluchtheuvel	((vlucht)[V],(heuvel)[N])[N]
vluchtig	((vlucht)[V],(ig)[A|V.])[A]
vluchtigheid	(((vlucht)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vluchtindeling	((vlucht)[N],((in)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
vluchtleider	((vlucht)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
vluchtleiding	((vlucht)[N],(leid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
vluchtleidingscentrum	(((vlucht)[N],(leid)[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
vluchtnabootser	((vlucht)[N],((na)[P],(boots)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
vluchtoord	((vlucht)[V],(oord)[N])[N]
vluchtplaats	((vlucht)[V],(plaats)[N])[N]
vluchtregeling	((vlucht)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vluchtregistrator	((vlucht)[N],(registreer)[V],(ator)[N|NV.])[N]
vluchtschema	((vlucht)[N],(schema)[N])[N]
vluchtspecialist	((vlucht)[N],(specialist)[N])[N]
vluchtstrook	((vlucht)[V],(strook)[N])[N]
vluchtweg	((vlucht)[V],(weg)[N])[N]
vlug	(vlug)[A]
vluggerd	((vlug)[A],(erd)[N|A.])[N]
vluggertje	((vlug)[A],(er)[N|A.])[N]
vlugheid	((vlug)[A],(heid)[N|A.])[N]
vlugschrift	((vlug)[A],(schrift)[N])[N]
vlugvlug	((vlug)[A],(vlug)[A])[A]
vlugzout	((vlug)[A],(zout)[N])[N]
vocaalharmonie	((vocaal)[N],((harmonisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
vocaalstam	((vocaal)[N],(stam)[N])[N]
vocaaltrap	((vocaal)[N],(trap)[N])[N]
vocalisatie	(((vocaal)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
vocaliseren	((vocaal)[A],(iseer)[V|A.])[V]
vocalist	((vocaal)[A],(ist)[N|A.])[N]
vocatief	((vocatie)[N],(ief)[N|N.])[N]
vocht	(vocht)[N]
vochten	(vocht)[V]
vochthoudend	((vocht)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
vochthuishouding	((vocht)[N],(((huis)[N],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vochtig	((vocht)[N],(ig)[A|N.])[A]
vochtigheid	(((vocht)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vochtigheidsgehalte	((((vocht)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(gehalte)[N])[N]
vochtigheidsgraad	((((vocht)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(graad)[N])[N]
vochtigheidsmeter	((((vocht)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],(meet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
vochtkring	((vocht)[N],(kring)[N])[N]
vochtmaat	((vocht)[N],(maat)[N])[N]
vochtmeter	((vocht)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
vochtvrij	((vocht)[N],(vrij)[A])[A]
vochtweger	((vocht)[N],(weeg)[V],(er)[N|NV.])[N]
vochtwerend	((vocht)[N],(weer)[V],(end)[A|NV.])[A]
vod	(vod)[N]
vodde	(vodde)[N]
voddenbaal	((vodde)[N],(en)[N|N.N],(baal)[N])[N]
voddenbak	((vodde)[N],(en)[N|N.N],(bak)[N])[N]
voddenboer	((vodde)[N],(en)[N|N.N],(boer)[N])[N]
voddengoed	((vodde)[N],(goed)[N])[N]
voddenkoopman	((vod)[N],(en)[N|N.N],((koop)[V],(man)[N])[N])[N]
voddenkoper	((vodde)[N],(en)[N|N.Vx],(koop)[V],(er)[N|NxV.])[N]
voddenkraam	((vodde)[N],(en)[N|N.N],(kraam)[N])[N]
voddenman	((vodde)[N],(en)[N|N.N],(man)[N])[N]
voddenmand	((vodde)[N],(en)[N|N.N],(mand)[N])[N]
voddenmarkt	((vodde)[N],(en)[N|N.N],(markt)[N])[N]
voddenraapster	((vodde)[N],(en)[N|N.Vx],(raap)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
voddenraper	((vodde)[N],(en)[N|N.Vx],(raap)[V],(er)[N|NxV.])[N]
vodderig	((vod)[N],(erig)[A|N.])[A]
vodderij	((vod)[N],(erij)[N|N.])[N]
voddig	((vod)[N],(ig)[A|N.])[A]
voddigheid	(((vod)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
voeden	(voed)[V]
voeder	(voeder)[N]
voederautomaat	((voeder)[V],(automaat)[N])[N]
voederbak	((voeder)[V],(bak)[N])[N]
voederbeet	((voeder)[N],(beet)[N])[N]
voederbiet	((voeder)[N],(biet)[N])[N]
voederen	(voeder)[V]
voedergewas	((voeder)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
voederrantsoen	((voeder)[N],(rantsoen)[N])[N]
voederwaarde	((voeder)[N],(waarde)[N])[N]
voeding	((voed)[V],(ing)[N|V.])[N]
voedingsadvies	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(advies)[N])[N]
voedingsbestanddeel	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((bestand)[N],(deel)[N])[N])[N]
voedingsbodem	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bodem)[N])[N]
voedingsbron	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bron)[N])[N]
voedingscrème	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(crème)[N])[N]
voedingsdeficiëntie	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((deficiënt)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
voedingsdeskundige	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(deskundige)[N])[N]
voedingsdraad	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(draad)[N])[N]
voedingsdrift	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drift)[N])[N]
voedingsfunctie	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
voedingsgewas	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
voedingsgewoonte	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
voedingsindustrie	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(industrie)[N])[N]
voedingsinfuus	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(infuus)[N])[N]
voedingskabel	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kabel)[N])[N]
voedingskanaal	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kanaal)[N])[N]
voedingskraan	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kraan)[N])[N]
voedingsleer	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
voedingsmiddel	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(middel)[N])[N]
voedingsmogelijkheid	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
voedingspakket	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
voedingspatroon	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(patroon)[N])[N]
voedingsprobleem	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
voedingsproces	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
voedingsproduct	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(product)[N])[N]
voedingsregime	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(regime)[N])[N]
voedingsrichtlijn	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((richt)[V],(lijn)[N])[N])[N]
voedingsschema	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schema)[N])[N]
voedingssituatie	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
voedingsstof	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(stof)[N])[N]
voedingssupplement	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((suppleer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
voedingstekort	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
voedingstherapie	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(therapie)[N])[N]
voedingstijd	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
voedingstoestand	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
voedingsvoorschrift	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
voedingswaarde	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(waarde)[N])[N]
voedingswater	(((voed)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(water)[N])[N]
voedsel	((voed)[V],(sel)[N|V.])[N]
voedselaanbod	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(aanbod)[N])[N]
voedselbehoefte	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(behoefte)[N])[N]
voedselbon	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(bon)[N])[N]
voedselbrij	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(brij)[N])[N]
voedselbron	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(bron)[N])[N]
voedselconsumptie	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(consumptie)[N])[N]
voedselcultuur	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(cultuur)[N])[N]
voedseldistributie	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
voedseldrift	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(drift)[N])[N]
voedselgebrek	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(gebrek)[N])[N]
voedselgewoonte	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
voedselhoeveelheid	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(hoeveelheid)[N])[N]
voedselhulp	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(hulp)[N])[N]
voedselimport	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(import)[N])[N]
voedselketen	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(keten)[N])[N]
voedseloffer	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(offer)[N])[N]
voedselopname	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(opname)[N])[N]
voedselorganisatie	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
voedseloverschot	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(overschot)[N])[N]
voedselpakket	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(pakket)[N])[N]
voedselpositie	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
voedselprobleem	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(probleem)[N])[N]
voedselproduct	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(product)[N])[N]
voedselproductie	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
voedselrantsoen	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(rantsoen)[N])[N]
voedselreserve	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(reserve)[N])[N]
voedselrijkdom	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],((rijk)[A],(dom)[N|A.])[N])[N]
voedselschaarste	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],((schaars)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
voedselsituatie	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
voedseltaboe	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(taboe)[N])[N]
voedseltechnicus	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(technicus)[N])[N]
voedseltekort	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
voedseltoestand	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(toestand)[N])[N]
voedselvergiftiging	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voedselvoorraad	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(voorraad)[N])[N]
voedselvoorziening	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voedselvraagstuk	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
voedselweigering	(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],((weiger)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voedster	((voed)[V],(ster)[N|V.])[N]
voedsterkind	((voedster)[V],(kind)[N])[N]
voedsterling	(((voed)[V],(ster)[N|V.])[N],(ling)[N|N.])[N]
voedsterlinge	((((voed)[V],(ster)[N|V.])[N],(ling)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
voedstervader	((voedster)[V],(vader)[N])[N]
voedzaam	((voed)[V],(zaam)[A|V.])[A]
voedzaamheid	(((voed)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
voeg	(voeg)[N]
voegen	(voeg)[V]
voegenmes	((voeg)[N],(en)[N|N.N],(mes)[N])[N]
voeger	((voeg)[V],(er)[N|V.])[N]
voegijzer	((voeg)[N],(ijzer)[N])[N]
voeging	((voeg)[V],(ing)[N|V.])[N]
voegkalk	((voeg)[V],(kalk)[N])[N]
voeglijn	((voeg)[N],(lijn)[N])[N]
voegpasser	((voeg)[V],(passer)[N])[N]
voegspijker	((voeg)[N],(spijker)[N])[N]
voegwerk	((voeg)[V],(werk)[N])[N]
voegwoord	((voeg)[V],(woord)[N])[N]
voegwoordelijk	(((voeg)[V],(woord)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
voegzaam	((voeg)[V],(zaam)[A|V.])[A]
voegzaamheid	(((voeg)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
voelbaar	((voel)[V],(baar)[A|V.])[A]
voelboek	((voel)[V],(boek)[N])[N]
voeldraad	((voel)[V],(draad)[N])[N]
voelen	(voel)[V]
voeler	((voel)[V],(er)[N|V.])[N]
voelhoorn	((voel)[V],(hoorn)[N])[N]
voelhoren	((voel)[V],(horen)[N])[N]
voeling	((voel)[V],(ing)[N|V.])[N]
voelspriet	((voel)[V],(spriet)[N])[N]
voer	(voer)[N]
voerautomaat	((voer)[V],(automaat)[N])[N]
voerbak	((voer)[V],(bak)[N])[N]
voerbeet	((voer)[N],(beet)[N])[N]
voerbiet	((voer)[N],(biet)[N])[N]
voerder	((voer)[V],(der)[N|V.])[N]
voeren	(voer)[V]
voergang	((voer)[V],(gang)[N])[N]
voering	((voer)[V],(ing)[N|V.])[N]
voeringleder	(((voer)[V],(ing)[N|V.])[N],(leder)[N])[N]
voeringleer	(((voer)[V],(ing)[N|V.])[N],(leer)[N])[N]
voeringlinnen	(((voer)[V],(ing)[N|V.])[N],(linnen)[N])[N]
voerleder	((voer)[V],(leder)[N])[N]
voerleer	((voer)[V],(leer)[N])[N]
voerlinnen	((voer)[V],(linnen)[N])[N]
voerloon	((voer)[V],(loon)[N])[N]
voerman	((voer)[V],(man)[N])[N]
voerstek	((voer)[V],(stek)[N])[N]
voertaal	((voer)[V],(taal)[N])[N]
voertuig	((voer)[V],(tuig)[N])[N]
voertuigkeuze	(((voer)[V],(tuig)[N])[N],(keuze)[N])[N]
voerwiel	((voer)[V],(wiel)[N])[N]
voet	(voet)[N]
voetangel	((voet)[N],(angel)[N])[N]
voetbad	((voet)[N],(bad)[N])[N]
voetbal	((voet)[N],(bal)[N])[N]
voetbalbond	(((voet)[N],(bal)[N])[N],(bond)[N])[N]
voetbalclub	(((voet)[N],(bal)[V])[V],(club)[N])[N]
voetbalcompetitie	(((voet)[N],(bal)[V])[V],(competitie)[N])[N]
voetbalelftal	(((voet)[N],(bal)[V])[V],((elf)[N],(tal)[N])[N])[N]
voetbalknie	(((voet)[N],(bal)[V])[V],(knie)[N])[N]
voetballen	((voet)[N],(bal)[V])[V]
voetballer	(((voet)[N],(bal)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voetballerij	(((voet)[N],(bal)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
voetbalmatch	(((voet)[N],(bal)[V])[V],(match)[N])[N]
voetbalpool	(((voet)[N],(bal)[N])[N],(pool)[N])[N]
voetbalprof	(((voet)[N],(bal)[N])[N],(prof)[N])[N]
voetbalschoen	(((voet)[N],(bal)[V])[V],(schoen)[N])[N]
voetbalspel	(((voet)[N],(bal)[V])[V],(spel)[N])[N]
voetbalspeler	(((voet)[N],(bal)[N])[N],(speel)[V],(er)[N|NV.])[N]
voetbalster	(((voet)[N],(bal)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
voetbaluitslag	(((voet)[N],(bal)[V])[V],((uit)[P],(slag)[N])[N])[N]
voetbalveld	(((voet)[N],(bal)[V])[V],(veld)[N])[N]
voetbalwedstrijd	(((voet)[N],(bal)[V])[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
voetbank	((voet)[N],(bank)[N])[N]
voetbed	((voet)[N],(bed)[N])[N]
voetbediening	((voet)[N],(((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voetbeentje	((voet)[N],(been)[N])[N]
voetbesturing	((voet)[N],(((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voetbeweging	((voet)[N],(beweeg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
voetboei	((voet)[N],(boei)[N])[N]
voetboog	((voet)[N],(boog)[N])[N]
voetbreed	((voet)[N],(breed)[A])[N]
voetbrug	((voet)[N],(brug)[N])[N]
voeteind	((voet)[N],(eind)[N])[N]
voeteinde	((voet)[N],(einde)[N])[N]
voetenbank	((voet)[N],(en)[N|N.N],(bank)[N])[N]
voeteneind	((voet)[N],(en)[N|N.N],(eind)[N])[N]
voeteneinde	((voet)[N],(en)[N|N.N],(einde)[N])[N]
voetengeschuifel	((voet)[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.V],(schuifel)[V])[N])[N]
voetenkussen	((voet)[N],(en)[N|N.N],(kussen)[N])[N]
voetenschrapper	((voet)[N],(en)[N|N.Vx],(schrap)[V],(er)[N|NxV.])[N]
voetenveger	((voet)[N],(en)[N|N.Vx],(veeg)[V],(er)[N|NxV.])[N]
voetenwerk	((voet)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
voetenzak	((voet)[N],(en)[N|N.N],(zak)[N])[N]
voeteren	((voet)[N],(eer)[V|N.])[V]
voeteuvel	((voet)[N],(euvel)[N])[N]
voetfout	((voet)[N],(fout)[N])[N]
voetganger	((voet)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N]
voetgangersbrug	(((voet)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(brug)[N])[N]
voetgangersdomein	(((voet)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(domein)[N])[N]
voetgangersgebied	(((voet)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(gebied)[N])[N]
voetgangerslicht	(((voet)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(licht)[N])[N]
voetgangersoversteekplaats	(((voet)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(((over)[P],(steek)[V])[V],(plaats)[N])[N])[N]
voetgangerspromenade	(((voet)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(promenade)[N])[N]
voetgangerstravers	(((voet)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(travers)[N])[N]
voetgangerstraverse	(((voet)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(traverse)[N])[N]
voetgangerstunnel	(((voet)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(tunnel)[N])[N]
voetgangersvereniging	(((voet)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voetgangerszone	(((voet)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(zone)[N])[N]
voetgangster	((voet)[N],(ga)[V],(ster)[N|NV.])[N]
voetijzer	((voet)[N],(ijzer)[N])[N]
voetjevrijen	((voet)[N],(vrij)[V])[V]
voetjicht	((voet)[N],(jicht)[N])[N]
voetklavier	((voet)[N],(klavier)[N])[N]
voetknecht	((voet)[N],(knecht)[N])[N]
voetkus	((voet)[N],(kus)[N])[N]
voetkussen	((voet)[N],(kussen)[N])[N]
voetlicht	((voet)[N],(licht)[N])[N]
voetmaat	((voet)[N],(maat)[N])[N]
voetmat	((voet)[N],(mat)[N])[N]
voetnoot	((voet)[N],(noot)[N])[N]
voetpad	((voet)[N],(pad)[N])[N]
voetpedaal	((voet)[N],(pedaal)[N])[N]
voetpomp	((voet)[N],(pomp)[N])[N]
voetprent	((voet)[N],(prent)[N])[N]
voetpunt	((voet)[N],(punt)[N])[N]
voetpuntsdriehoek	(((voet)[N],(punt)[N])[N],(s)[N|N.N],((drie)[Q],(hoek)[N])[N])[N]
voetreis	((voet)[N],(reis)[N])[N]
voetrem	((voet)[N],(rem)[N])[N]
voetschabel	((voet)[N],(schabel)[N])[N]
voetschakelaar	((voet)[N],((schakel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
voetschilder	((voet)[N],(schilder)[N])[N]
voetschilderes	((voet)[N],((schilder)[N],(es)[N|N.])[N])[N]
voetschrapper	((voet)[N],(schrap)[V],(er)[N|NV.])[N]
voetspoor	((voet)[N],(spoor)[N])[N]
voetstand	((voet)[N],(stand)[N])[N]
voetstap	((voet)[N],(stap)[N])[N]
voetstappentoilet	(((voet)[N],(stap)[N])[N],(en)[N|N.N],(toilet)[N])[N]
voetsteun	((voet)[N],(steun)[N])[N]
voetstuk	((voet)[N],(stuk)[N])[N]
voettocht	((voet)[N],(tocht)[N])[N]
voetval	((voet)[N],(val)[N])[N]
voetveeg	((voet)[N],(veeg)[N])[N]
voetverzorging	((voet)[N],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
voetvolk	((voet)[N],(volk)[N])[N]
voetvolksoldaat	(((voet)[N],(volk)[N])[N],(soldaat)[N])[N]
voetvrij	((voet)[N],(vrij)[A])[A]
voetwassing	((voet)[N],(was)[V],(ing)[N|NV.])[N]
voetweg	((voet)[N],(weg)[N])[N]
voetwis	((voet)[N],(wis)[N])[N]
voetwortelbeentje	((voet)[N],(wortel)[N],(been)[N])[N]
voetzak	((voet)[N],(zak)[N])[N]
voetzand	((voet)[N],(zand)[N])[N]
voetzoeker	((voet)[N],(zoek)[V],(er)[N|NV.])[N]
voetzool	((voet)[N],(zool)[N])[N]
voetzoolreflex	(((voet)[N],(zool)[N])[N],(reflex)[N])[N]
voetzoolreflexmassage	(((voet)[N],(zool)[N])[N],(reflex)[N],((masseer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
vogel	(vogel)[N]
vogelaar	((vogel)[V],(aar)[N|V.])[N]
vogelbek	((vogel)[N],(bek)[N])[N]
vogelbekdier	(((vogel)[N],(bek)[N])[N],(dier)[N])[N]
vogelbescherming	((vogel)[N],((be)[V|.N],(scherm)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
vogelcholera	((vogel)[N],(cholera)[N])[N]
vogelen	(vogel)[V]
vogelhuis	((vogel)[N],(huis)[N])[N]
vogeljacht	((vogel)[N],(jacht)[N])[N]
vogelkenner	((vogel)[N],(ken)[V],(er)[N|NV.])[N]
vogelkers	((vogel)[N],(kers)[N])[N]
vogelknip	((vogel)[N],(knip)[N])[N]
vogelkooi	((vogel)[N],(kooi)[N])[N]
vogelkop	((vogel)[N],(kop)[N])[N]
vogelkunde	((vogel)[N],(kunde)[N])[N]
vogellijm	((vogel)[N],(lijm)[N])[N]
vogelmarkt	((vogel)[N],(markt)[N])[N]
vogelnest	((vogel)[N],(nest)[N])[N]
vogelperspectief	((vogel)[N],(perspectief)[N])[N]
vogelpest	((vogel)[N],(pest)[N])[N]
vogelpikschijf	((vogelpik)[N],(schijf)[N])[N]
vogelrek	((vogel)[N],(rek)[N])[N]
vogelroer	((vogel)[N],(roer)[N])[N]
vogelschieten	((vogel)[N],(schiet)[V])[V]
vogelschrik	((vogel)[N],(schrik)[N])[N]
vogelslag	((vogel)[N],(slag)[N])[N]
vogelspin	((vogel)[N],(spin)[N])[N]
vogelstand	((vogel)[N],(stand)[N])[N]
vogeltjeszaad	((vogeltje)[N],(s)[N|N.N],(zaad)[N])[N]
vogeltrek	((vogel)[N],(trek)[N])[N]
vogelvangst	((vogel)[N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
vogelverschrikker	((vogel)[N],((ver)[V|.V],(schrik)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
vogelvlucht	((vogel)[N],(vlucht)[N])[N]
vogelvrij	((vogel)[N],(vrij)[A])[A]
vogelvrijverklaring	(((vogel)[N],(vrij)[A])[A],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|AV.])[N]
vogelwacht	((vogel)[N],(wacht)[N])[N]
vogelwachter	((vogel)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
vogelzaad	((vogel)[N],(zaad)[N])[N]
vogelzang	((vogel)[N],(zang)[N])[N]
voile	(voile)[N]
vol	(vol)[A]
volautomatisch	((vol)[A],((automaat)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
volbloed	((vol)[A],(bloed)[N])[N]
volbloedig	((vol)[A],(bloed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
volbloedigheid	(((vol)[A],(bloed)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
volbouwen	((vol)[A],(bouw)[V])[V]
volbrassen	((vol)[A],(bras)[V])[V]
volbrengen	((vol)[A],(breng)[V])[V]
volbrenging	(((vol)[A],(breng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voldaanheid	((voldaan)[A],(heid)[N|A.])[N]
volder	((vol)[V],(der)[N|V.])[N]
voldoen	((vol)[A],(doe)[V])[V]
voldoende	((voldoend)[A],(e)[N|A.])[N]
voldoening	(((vol)[A],(doe)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voldragen	((vol)[A],(gedragen)[V])[A]
voleinden	((vol)[A],(eind)[V])[V]
voleindigen	((vol)[A],(eindig)[V])[V]
voleindiging	(((vol)[A],(eindig)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voleinding	(((vol)[A],(eind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
volgapparatuur	((volg)[V],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
volgauto	((volg)[V],(auto)[N])[N]
volgboot	((volg)[V],(boot)[N])[N]
volgbriefje	((volg)[V],(brief)[N])[N]
volgeboekt	((vol)[A],(geboekt)[V])[A]
volgefourneerd	((vol)[A],(gefourneerd)[V])[A]
volgeling	((volg)[V],(eling)[N|V.])[N]
volgelinge	(((volg)[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
volgen	(volg)[V]
volger	((volg)[V],(er)[N|V.])[N]
volgieten	((vol)[A],(giet)[V])[V]
volgkaart	((volg)[V],(kaart)[N])[N]
volgkaravaan	((volg)[V],(karavaan)[N])[N]
volgkoets	((volg)[V],(koets)[N])[N]
volgnummer	((volg)[V],(nummer)[N])[N]
volgooien	((vol)[A],(gooi)[V])[V]
volgorde	((volg)[V],(orde)[N])[N]
volgreeks	((volg)[V],(reeks)[N])[N]
volgrijtuig	((volg)[V],((rijd)[V],(tuig)[N])[N])[N]
volgroeidheid	((volgroeid)[A],(heid)[N|A.])[N]
volgroeien	((vol)[A],(groei)[V])[V]
volgroeiing	(((vol)[A],(groei)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
volgstation	((volg)[V],(station)[N])[N]
volgstoet	((volg)[V],(stoet)[N])[N]
volgtijdig	((volg)[V],((tijd)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
volgwagen	((volg)[V],(wagen)[N])[N]
volgzaam	((volg)[V],(zaam)[A|V.])[A]
volgzaamheid	(((volg)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
volhandig	((vol)[A],(hand)[N],(ig)[A|AN.])[A]
volharden	((vol)[A],(hard)[V])[V]
volharding	(((vol)[A],(hard)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
volhardingsvermogen	((((vol)[A],(hard)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
volheid	((vol)[A],(heid)[N|A.])[N]
volhouden	((vol)[A],(houd)[V])[V]
volhouder	(((vol)[A],(houd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
volhoudster	(((vol)[A],(houd)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
volijverig	((vol)[A],((ijver)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
volièrevogel	((volière)[N],(vogel)[N])[N]
voljarig	((vol)[A],(jaar)[N],(ig)[A|AN.])[A]
volkenbond	((volk)[N],(en)[N|N.N],(bond)[N])[N]
volkenkunde	((volk)[N],(en)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
volkenkundig	(((volk)[N],(en)[N|N.N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
volkenmoord	((volk)[N],(en)[N|N.N],(moord)[N])[N]
volkenrecht	((volk)[N],(en)[N|N.N],(recht)[N])[N]
volkenrechtelijk	(((volk)[N],(en)[N|N.N],(recht)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
volkerenbond	((volk)[N],(en)[N|N.N],(bond)[N])[N]
volkomenheid	((volkomen)[A],(heid)[N|A.])[N]
volkorenbrood	((vol)[A],(koren)[N],(brood)[N])[N]
volkrijk	((volk)[N],(rijk)[A])[A]
volks	((volk)[N],(s)[A|N.])[A]
volksaard	(((volk)[N],(s)[A|N.])[A],(aard)[N])[N]
volksagitatie	(((volk)[N],(s)[A|N.])[A],((agiteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
volksalmanak	((volk)[N],(s)[N|N.N],(almanak)[N])[N]
volksballade	((volk)[N],(s)[N|N.N],(ballade)[N])[N]
volksbelang	((volk)[N],(s)[N|N.N],(belang)[N])[N]
volksbesef	((volk)[N],(s)[N|N.N],(besef)[N])[N]
volksbestaan	((volk)[N],(s)[N|N.N],(bestaan)[N])[N]
volksbeweging	((volk)[N],(s)[N|N.N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
volksbewustzijn	((volk)[N],(s)[N|N.N],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
volksbibliotheek	((volk)[N],(s)[N|N.N],(bibliotheek)[N])[N]
volksbijgeloof	((volk)[N],(s)[N|N.N],((bij)[P],(geloof)[N])[N])[N]
volksboek	((volk)[N],(s)[N|N.N],(boek)[N])[N]
volksbond	((volk)[N],(s)[N|N.N],(bond)[N])[N]
volksbuurt	((volk)[N],(s)[N|N.N],(buurt)[N])[N]
volkscommissaris	((volk)[N],(s)[N|N.N],(commissaris)[N])[N]
volkscommune	((volk)[N],(s)[N|N.N],(commune)[N])[N]
volksconcert	((volk)[N],(s)[N|N.N],(concert)[N])[N]
volkscongres	((volk)[N],(s)[N|N.N],(congres)[N])[N]
volksdans	((volk)[N],(s)[N|N.N],(dans)[N])[N]
volksdeel	((volk)[N],(s)[N|N.N],(deel)[N])[N]
volksdemocratie	((volk)[N],(s)[N|N.N],(((democraat)[N],(isch)[A|N.])[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
volksdeun	((volk)[N],(s)[N|N.N],(deun)[N])[N]
volksdichter	((volk)[N],(s)[N|N.N],((dicht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
volksdracht	((volk)[N],(s)[N|N.N],(dracht)[N])[N]
volksdrank	((volk)[N],(s)[N|N.N],(drank)[N])[N]
volkseditie	((volk)[N],(s)[N|N.N],(editie)[N])[N]
volkseigen	((volk)[N],(s)[N|N.A],(eigen)[A])[N]
volksepos	((volk)[N],(s)[N|N.N],(epos)[N])[N]
volksetymologie	((volk)[N],(s)[N|N.N],((etymologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
volksfeest	((volk)[N],(s)[N|N.N],(feest)[N])[N]
volksfront	((volk)[N],(s)[N|N.N],(front)[N])[N]
volksgaarkeuken	((volk)[N],(s)[N|N.N],((gaar)[V],(keuken)[N])[N])[N]
volksgebruik	((volk)[N],(s)[N|N.N],(gebruik)[N])[N]
volksgeest	((volk)[N],(s)[N|N.N],(geest)[N])[N]
volksgeloof	((volk)[N],(s)[N|N.N],(geloof)[N])[N]
volksgemeenschap	((volk)[N],(s)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
volksgenoot	((volk)[N],(s)[N|N.N],(genoot)[N])[N]
volksgenote	(((volk)[N],(s)[N|N.N],(genoot)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
volksgerecht	((volk)[N],(s)[N|N.N],(gerecht)[N])[N]
volksgericht	((volk)[N],(s)[N|N.N],(gericht)[N])[N]
volksgewoonte	((volk)[N],(s)[N|N.N],((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
volksgezondheid	((volk)[N],(s)[N|N.N],((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
volksgezondheidsprobleem	(((volk)[N],(s)[N|N.N],((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
volksgodsdienst	((volk)[N],(s)[N|N.N],((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
volksgroep	((volk)[N],(s)[N|N.N],(groep)[N])[N]
volksgunst	((volk)[N],(s)[N|N.N],((gun)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
volksheerschappij	((volk)[N],(s)[N|N.N],(((heer)[N],(schap)[N|N.])[N],(ij)[N|N.])[N])[N]
volkshogeschool	((volk)[N],(s)[N|N.N],((hoog)[A],(e)[N|A.N],(school)[N])[N])[N]
volkshuis	((volk)[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
volkshuisvesting	((volk)[N],(s)[N|N.Vx],((huis)[N],(vest)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
volkshuisvestingsbeleid	(((volk)[N],(s)[N|N.Vx],((huis)[N],(vest)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
volkshuisvestingssector	(((volk)[N],(s)[N|N.Vx],((huis)[N],(vest)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N],(s)[N|N.N],(sector)[N])[N]
volksinvloed	((volk)[N],(s)[N|N.N],(invloed)[N])[N]
volksjongen	((volk)[N],(s)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
volkskarakter	((volk)[N],(s)[N|N.N],(karakter)[N])[N]
volkskind	((volk)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
volksklas	((volk)[N],(s)[N|N.N],(klas)[N])[N]
volksklasse	((volk)[N],(s)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
volkskrediet	((volk)[N],(s)[N|N.N],(krediet)[N])[N]
volkskredietbank	((volk)[N],(s)[N|N.N],((krediet)[N],(bank)[N])[N])[N]
volkskunde	((volk)[N],(s)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
volkskundig	(((volk)[N],(s)[N|N.N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
volkskunst	((volk)[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
volksleger	((volk)[N],(s)[N|N.N],(leger)[N])[N]
volksleider	((volk)[N],(s)[N|N.Vx],(leid)[V],(er)[N|NxV.])[N]
volksleven	((volk)[N],(s)[N|N.N],(leven)[N])[N]
volkslied	((volk)[N],(s)[N|N.N],(lied)[N])[N]
volksliedachtig	(((volk)[N],(s)[N|N.N],(lied)[N])[N],(achtig)[A|N.])[A]
volksliteratuur	((volk)[N],(s)[N|N.N],(literatuur)[N])[N]
volkslitteratuur	((volk)[N],(s)[N|N.N],(litteratuur)[N])[N]
volkslogies	((volk)[N],(s)[N|N.N],(logies)[N])[N]
volksmelodie	((volk)[N],(s)[N|N.N],((melodisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
volksmenigte	((volk)[N],(s)[N|N.N],(menigte)[N])[N]
volksmenner	((volk)[N],(s)[N|N.Vx],(men)[V],(er)[N|NxV.])[N]
volksmilitie	((volk)[N],(s)[N|N.N],(militie)[N])[N]
volksmond	((volk)[N],(s)[N|N.N],(mond)[N])[N]
volksnaam	((volk)[N],(s)[N|N.N],(naam)[N])[N]
volksontwikkeling	((volk)[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
volksoploop	((volk)[N],(s)[N|N.N],((op)[P],(loop)[N])[N])[N]
volksoproer	((volk)[N],(s)[N|N.N],(oproer)[N])[N]
volksopruier	((volk)[N],(s)[N|N.Vx],(oprui)[V],(er)[N|NxV.])[N]
volksopstand	((volk)[N],(s)[N|N.N],(opstand)[N])[N]
volksoverlevering	((volk)[N],(s)[N|N.N],(((over)[P],(lever)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
volkspartij	((volk)[N],(s)[N|N.N],(partij)[N])[N]
volksplanting	((volk)[N],(s)[N|N.Vx],(plant)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
volksraadpleging	((volk)[N],(s)[N|N.Vx],((raad)[N],(pleeg)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
volksrecht	((volk)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
volksredenaar	((volk)[N],(s)[N|N.N],((rede)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
volksregering	((volk)[N],(s)[N|N.N],((regeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
volksrepubliek	((volk)[N],(s)[N|N.N],(republiek)[N])[N]
volksroman	((volk)[N],(s)[N|N.N],(roman)[N])[N]
volksschool	((volk)[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
volksschrijver	((volk)[N],(s)[N|N.N],((schrijf)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
volkssoevereiniteit	((volk)[N],(s)[N|N.N],((soeverein)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
volksspel	((volk)[N],(s)[N|N.N],(spel)[N])[N]
volkssport	((volk)[N],(s)[N|N.N],(sport)[N])[N]
volkssprookje	((volk)[N],(s)[N|N.N],(sprook)[N])[N]
volksstam	((volk)[N],(s)[N|N.N],(stam)[N])[N]
volksstemming	((volk)[N],(s)[N|N.N],((stem)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
volksstuk	((volk)[N],(s)[N|N.N],(stuk)[N])[N]
volkstaal	((volk)[N],(s)[N|N.N],(taal)[N])[N]
volkstelling	((volk)[N],(s)[N|N.Vx],(tel)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
volksterm	((volk)[N],(s)[N|N.N],(term)[N])[N]
volkstoneel	((volk)[N],(s)[N|N.N],(toneel)[N])[N]
volkstribuun	((volk)[N],(s)[N|N.N],(tribuun)[N])[N]
volkstuin	((volk)[N],(s)[N|N.N],(tuin)[N])[N]
volkstuinder	((volk)[N],(s)[N|N.N],((tuin)[N],(der)[N|N.])[N])[N]
volksuitgave	((volk)[N],(s)[N|N.N],(uitgave)[N])[N]
volksuniversiteit	((volk)[N],(s)[N|N.N],(universiteit)[N])[N]
volksvergadering	((volk)[N],(s)[N|N.N],((vergader)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
volksverhaal	((volk)[N],(s)[N|N.N],(verhaal)[N])[N]
volksverhuizing	((volk)[N],(s)[N|N.Vx],(verhuis)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
volksverlakker	((volk)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(lak)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
volksverlakkerij	(((volk)[N],(s)[A|N.])[A],((ver)[V|.V],(lak)[V])[V],(erij)[N|AV.])[N]
volksvermaak	((volk)[N],(s)[N|N.N],(vermaak)[N])[N]
volksvertegenwoordiger	((volk)[N],(s)[N|N.Vx],(vertegenwoordig)[V],(er)[N|NxV.])[N]
volksvertegenwoordiging	((volk)[N],(s)[N|N.Vx],(vertegenwoordig)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
volksverzekering	((volk)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
volksvijand	((volk)[N],(s)[N|N.N],(vijand)[N])[N]
volksvoedsel	((volk)[N],(s)[N|N.N],((voed)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
volksvoordracht	((volk)[N],(s)[N|N.N],(voordracht)[N])[N]
volksvoorstelling	((volk)[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
volksvriend	((volk)[N],(s)[N|N.N],(vriend)[N])[N]
volksvrouw	((volk)[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
volkswijsheid	((volk)[N],(s)[N|N.N],((wijs)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
volkswil	((volk)[N],(s)[N|N.N],(wil)[N])[N]
volkswinkel	((volk)[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
volkswoede	((volk)[N],(s)[N|N.N],(woede)[N])[N]
volkszaak	((volk)[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
volkszang	((volk)[N],(s)[N|N.N],(zang)[N])[N]
volkszanger	((volk)[N],(s)[N|N.N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
volksziekte	((volk)[N],(s)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
volksziel	((volk)[N],(s)[N|N.N],(ziel)[N])[N]
volkuip	((vol)[V],(kuip)[N])[N]
volledig	((vol)[A],(ledig)[A])[A]
volledigheid	(((vol)[A],(ledig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
vollemaan	((vol)[A],(e)[N|A.N],(maan)[N])[N]
vollemaansgezicht	(((vol)[A],(e)[N|A.N],(maan)[N])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
vollemaansnacht	(((vol)[A],(e)[N|A.N],(maan)[N])[N],(s)[N|N.N],(nacht)[N])[N]
vollen	(vol)[V]
voller	((vol)[V],(er)[N|V.])[N]
volleren	((volley)[N],(eer)[V|N.])[V]
vollerij	((vol)[V],(erij)[N|V.])[N]
vollerskuip	(((vol)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kuip)[N])[N]
volleybal	((volley)[N],(bal)[N])[N]
volleyballen	((volley)[N],(bal)[V])[V]
volling	((vol)[V],(ing)[N|V.])[N]
vollopen	((vol)[A],(loop)[V])[V]
volmaakbaar	(((vol)[A],(maak)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
volmaakbaarheid	((((vol)[A],(maak)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
volmaaktheid	((volmaakt)[A],(heid)[N|A.])[N]
volmachine	((vol)[V],(machine)[N])[N]
volmacht	((vol)[A],(macht)[N])[N]
volmachtgever	(((vol)[A],(macht)[N])[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N]
volmachthebber	(((vol)[A],(macht)[N])[N],(heb)[V],(er)[N|NV.])[N]
volmachtigen	((vol)[A],(machtig)[V])[V]
volmaken	((vol)[A],(maak)[V])[V]
volmaking	(((vol)[A],(maak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
volmatroos	((vol)[A],(matroos)[N])[N]
volmolen	((vol)[V],(molen)[N])[N]
volmondig	((vol)[A],(mond)[N],(ig)[A|AN.])[A]
volontaire	((volontair)[N],(e)[N|N.])[N]
volpompen	((vol)[A],(pomp)[V])[V]
volprijzen	((vol)[A],(prijs)[V])[V]
volproppen	((vol)[A],(prop)[V])[V]
volrijp	((vol)[A],(rijp)[A])[A]
volschenken	((vol)[A],(schenk)[V])[V]
volschieten	((vol)[A],(schiet)[V])[V]
volslank	((vol)[A],(slank)[A])[A]
volstaan	((vol)[A],(sta)[V])[V]
volstandig	((vol)[A],(stand)[N],(ig)[A|AN.])[A]
volstorten	((vol)[A],(stort)[V])[V]
volstrektheid	((volstrekt)[A],(heid)[N|A.])[N]
volstromen	((vol)[A],(stroom)[V])[V]
volt	(volt)[N]
voltallig	((vol)[A],(tal)[N],(ig)[A|AN.])[A]
voltalligheid	(((vol)[A],(tal)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
voltampère	((volt)[N],(ampère)[N])[N]
volte	((vol)[A],(te)[N|A.])[N]
voltekend	((vol)[A],(getekend)[V])[A]
voltigeur	((voltigeer)[V],(eur)[N|V.])[N]
voltmeter	((volt)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
voltooien	((vol)[A],(tooi)[V])[V]
voltooiing	(((vol)[A],(tooi)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voltreffer	((vol)[A],(tref)[V],(er)[N|AV.])[N]
voltrekken	((vol)[A],(trek)[V])[V]
voltrekker	(((vol)[A],(trek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voltrekking	(((vol)[A],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
volume	(volume)[N]
volume-eenheid	((volume)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
volumebeleid	((volume)[N],(beleid)[N])[N]
volumeknop	((volume)[N],(knop)[N])[N]
volumen	(volumen)[N]
volumeontwikkeling	((volume)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
volumeprocent	((volume)[N],(procent)[N])[N]
volumeregelaar	((volume)[N],((regel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
volumeregeling	((volume)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
volumeverandering	((volume)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
volvet	((vol)[A],(vet)[A])[A]
volvoeren	((vol)[A],(voer)[V])[V]
volwaardig	((vol)[A],(waarde)[N],(ig)[A|AN.])[A]
volwasseneneducatie	((volwassene)[N],(en)[N|N.N],(educatie)[N])[N]
volwassenenwerker	((volwassene)[N],(en)[N|N.N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
volwassenheid	((volwassen)[A],(heid)[N|A.])[N]
volwassenheidsbeeld	(((volwassen)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
volwichtig	((vol)[A],(wicht)[N],(ig)[A|AN.])[A]
volzalig	((vol)[A],(zalig)[A])[A]
volzin	((vol)[A],(zin)[N])[N]
vond	(vond)[N]
vondeling	((vind)[V],(eling)[N|V.])[N]
vondelinge	(((vind)[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
vondelingenhuis	(((vind)[V],(eling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
vondelingentehuis	(((vind)[V],(eling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((te)[P],(huis)[N])[N])[N]
vonk	(vonk)[N]
vonkeling	((vonkel)[V],(ing)[N|V.])[N]
vonken	(vonk)[V]
vonkenregen	((vonk)[N],(en)[N|N.N],(regen)[N])[N]
vonkenvanger	((vonk)[N],(en)[N|N.Vx],(vang)[V],(er)[N|NxV.])[N]
vonkvrij	((vonk)[N],(vrij)[A])[A]
vonnis	(vonnis)[N]
vonnissen	(vonnis)[V]
vont	(vont)[N]
voodoo	(voodoo)[N]
voodootovenaar	((voodoo)[N],((tover)[V],(enaar)[N|V.])[N])[N]
voogd	(voogd)[N]
voogdes	((voogd)[N],(es)[N|N.])[N]
voogdij	((voogd)[N],(ij)[N|N.])[N]
voogdij-instelling	(((voogd)[N],(ij)[N|N.])[N],(((in)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voogdijkind	(((voogd)[N],(ij)[N|N.])[N],(kind)[N])[N]
voogdijraad	(((voogd)[N],(ij)[N|N.])[N],(raad)[N])[N]
voogdijschap	(((voogd)[N],(ij)[N|N.])[N],(schap)[N|N.])[N]
voogdijschapsraad	((((voogd)[N],(ij)[N|N.])[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
voogdijvereniging	(((voogd)[N],(ij)[N|N.])[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voois	(voois)[N]
voor	(voor)[N]
vooraanduiding	((voor)[P],(((aan)[P],(duid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vooraanzicht	((voor)[B],(aanzicht)[N])[N]
vooraanzitting	(((voor)[B],(aan)[P])[B],(zit)[V],(ing)[N|BV.])[N]
voorafbeelding	((voor)[P],(((af)[P],(beeld)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorafbetaling	(((voor)[P],(af)[P])[B],((betaal)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorafgaan	(((voor)[P],(af)[P])[B],(ga)[V])[V]
voorafschaduwing	(((voor)[P],(af)[P])[B],((schaduw)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorafspraak	((voor)[B],(afspraak)[N])[N]
voorarbeid	((voor)[B],(arbeid)[N])[N]
voorarm	((voor)[B],(arm)[N])[N]
voorarrest	((voor)[B],(arrest)[N])[N]
vooravond	((voor)[B],(avond)[N])[N]
voorbaat	((voor)[B],(baat)[N])[N]
voorbakken	((voor)[P],(bak)[V])[V]
voorbalkon	((voor)[P],(balkon)[N])[N]
voorband	((voor)[P],(band)[N])[N]
voorbarigheid	((voorbarig)[A],(heid)[N|A.])[N]
voorbedacht	((voor)[B],(bedacht)[A])[A]
voorbedachtheid	(((voor)[B],(bedacht)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
voorbede	((voor)[B],(bede)[N])[N]
voorbeding	((voor)[B],(beding)[N])[N]
voorbedingen	((voor)[B],((be)[V|.V],(ding)[V])[V])[V]
voorbeeldeloos	(((voor)[B],(beeld)[N])[N],(eloos)[A|N.])[A]
voorbeeldfunctie	(((voor)[B],(beeld)[N])[N],(functie)[N])[N]
voorbeeldgedrag	(((voor)[B],(beeld)[N])[N],(gedrag)[N])[N]
voorbeeldig	(((voor)[B],(beeld)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
voorbeeldigheid	((((voor)[B],(beeld)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
voorbeen	((voor)[B],(been)[N])[N]
voorbehandeling	((voor)[B],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorbehoedend	((voor)[B],((be)[V|.V],(hoed)[V])[V],(end)[A|BV.])[A]
voorbehoedmiddel	((voor)[B],(((be)[V|.V],(hoed)[V])[V],(middel)[N])[N])[N]
voorbehoud	((voor)[B],(behoud)[N])[N]
voorbehouden	((voor)[B],((be)[V|.V],(houd)[V])[V])[V]
voorbereiden	((voor)[B],(bereid)[V])[V]
voorbereider	(((voor)[B],(bereid)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voorbereiding	(((voor)[B],(bereid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorbereidingscommissie	((((voor)[B],(bereid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
voorbereidingsfase	((((voor)[B],(bereid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
voorbereidingshandeling	((((voor)[B],(bereid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorbereidingsklas	((((voor)[B],(bereid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klas)[N])[N]
voorbereidingsklasse	((((voor)[B],(bereid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
voorbereidingsperiode	((((voor)[B],(bereid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
voorbereidingstijd	((((voor)[B],(bereid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
voorbereidsel	(((voor)[B],(bereid)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
voorbericht	((voor)[B],(bericht)[N])[N]
voorbeschikken	((voor)[B],((be)[V|.V],(schik)[V])[V])[V]
voorbeschikking	(((voor)[B],((be)[V|.V],(schik)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorbeschouwen	((voor)[B],((be)[V|.V],(schouw)[V])[V])[V]
voorbeschouwing	(((voor)[B],((be)[V|.V],(schouw)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorbespeeld	((voor)[P],(bespeeld)[V])[A]
voorbespreking	((voor)[P],(((be)[V|.V],(spreek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorbestaan	((voor)[B],(bestaan)[N])[N]
voorbestemmen	((voor)[B],(bestem)[V])[V]
voorbestemming	(((voor)[B],(bestem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorbeurs	((voor)[B],(beurs)[N])[N]
voorbewerken	((voor)[B],((be)[V|.V],(werk)[V])[V])[V]
voorbewerking	(((voor)[B],((be)[V|.V],(werk)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorbidden	((voor)[B],(bid)[V])[V]
voorbidder	(((voor)[B],(bid)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voorbidding	(((voor)[B],(bid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorbiecht	((voor)[B],(biecht)[N])[N]
voorbij	((voor)[B],(bij)[A])[A]
voorbijfietsen	((voorbij)[P],(fiets)[V])[V]
voorbijgaan	((voorbij)[P],(ga)[V])[V]
voorbijgang	((voorbij)[B],(gang)[N])[N]
voorbijganger	(((voorbij)[P],(ga)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voorbijgangster	(((voorbij)[P],(ga)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
voorbijkomen	((voorbij)[B],(kom)[V])[V]
voorbijlopen	((voor)[B],((bij)[P],(loop)[V])[V])[V]
voorbijpraten	((voorbij)[B],(praat)[V])[V]
voorbijrijden	((voorbij)[B],(rijd)[V])[V]
voorbijschieten	((voorbij)[B],(schiet)[V])[V]
voorbijsnellen	((voorbij)[B],(snel)[V])[V]
voorbijstreven	((voorbij)[B],(streef)[V])[V]
voorbijtrekken	((voorbij)[B],(trek)[V])[V]
voorbijvliegen	((voorbij)[B],(vlieg)[V])[V]
voorbijzien	((voorbij)[B],(zie)[V])[V]
voorbil	((voor)[P],(bil)[N])[N]
voorbinden	((voor)[B],(bind)[V])[V]
voorbode	((voor)[B],(bode)[N])[N]
voorboren	((voor)[B],(boor)[V])[V]
voorbout	((voor)[B],(bout)[N])[N]
voorbouw	((voor)[B],(bouw)[N])[N]
voorbrengen	((voor)[B],(breng)[V])[V]
voorbuur	((voor)[B],(buur)[N])[N]
voorcalculatie	((voor)[B],((calculeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
voorchristelijk	((voor)[B],((christen)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
voorcijferen	((voor)[B],(cijfer)[V])[V]
voord	(voord)[N]
voordansen	((voor)[B],(dans)[V])[V]
voordanser	(((voor)[B],(dans)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voordeel	((voor)[B],(deel)[N])[N]
voordeelregel	(((voor)[B],(deel)[N])[N],(regel)[N])[N]
voordek	((voor)[B],(dek)[N])[N]
voordelig	(((voor)[B],(deel)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
voordeligheid	((((voor)[B],(deel)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
voordeur	((voor)[B],(deur)[N])[N]
voordeurdelers	(((voor)[B],(deur)[N])[N],(deel)[V],(er)[N|NV.])[N]
voordeurraam	(((voor)[B],(deur)[N])[N],(raam)[N])[N]
voordienen	((voor)[B],(dien)[V])[V]
voordiening	(((voor)[B],(dien)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voordochter	((voor)[P],(dochter)[N])[N]
voordoen	((voor)[B],(doe)[V])[V]
voordrachtavond	((voordracht)[N],(avond)[N])[N]
voordrachthouder	((voordracht)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
voordrachtkunst	((voordracht)[N],(kunst)[N])[N]
voordrachtkunstenaar	(((voordracht)[N],(kunst)[N])[N],(enaar)[N|N.])[N]
voordrachtkunstenares	((((voordracht)[N],(kunst)[N])[N],(enaar)[N|N.])[N],(es)[N|N.])[N]
voordrachtsavond	((voordracht)[N],(s)[N|N.N],(avond)[N])[N]
voordrachtskunst	((voordracht)[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
voordrachtskunstenaar	((voordracht)[N],(s)[N|N.N],((kunst)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
voordragen	((voor)[B],(draag)[V])[V]
voordrager	(((voor)[B],(draag)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voordringen	((voor)[B],(dring)[V])[V]
vooreb	((voor)[B],(eb)[N])[N]
voorechtelijk	((voor)[P],(echt)[N],(elijk)[A|PN.])[A]
vooreind	((voor)[B],(eind)[N])[N]
vooreinde	((voor)[P],(einde)[N])[N]
voorerf	((voor)[B],(erf)[N])[N]
voorexamen	((voor)[B],(examen)[N])[N]
voorfilm	((voor)[B],(film)[N])[N]
voorflap	((voor)[B],(flap)[N])[N]
voorgaan	((voor)[B],(ga)[V])[V]
voorgalerij	((voor)[B],(galerij)[N])[N]
voorgang	((voor)[B],(gang)[N])[N]
voorganger	(((voor)[B],(ga)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voorgangster	(((voor)[B],(ga)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
voorgebed	((voor)[B],(gebed)[N])[N]
voorgebergte	((voor)[B],((ge)[N|.Nx],(berg)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
voorgefabriceerd	((voor)[P],(gefabriceerd)[V])[A]
voorgeleiden	((voor)[P],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V]
voorgeleiding	(((voor)[P],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorgelijmd	((voor)[P],(gelijmd)[V])[A]
voorgemeld	((voor)[B],(gemeld)[A])[A]
voorgenoemd	((voor)[B],(genoemd)[A])[A]
voorgerecht	((voor)[B],(gerecht)[N])[N]
voorgeschiedenis	((voor)[B],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
voorgeslacht	((voor)[B],(geslacht)[N])[N]
voorgevel	((voor)[B],(gevel)[N])[N]
voorgeven	((voor)[B],(geef)[V])[V]
voorgeving	(((voor)[B],(geef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorgevoel	((voor)[B],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
voorgift	((voor)[B],(gift)[N])[N]
voorgloeien	((voor)[B],(gloei)[V])[V]
voorgooi	((voor)[B],(gooi)[N])[N]
voorgooien	((voor)[B],(gooi)[V])[V]
voorgrond	((voor)[B],(grond)[N])[N]
voorhal	((voor)[B],(hal)[N])[N]
voorhamer	((voor)[B],(hamer)[N])[N]
voorhand	((voor)[B],(hand)[N])[N]
voorhang	((voor)[B],(hang)[N])[N]
voorhangen	((voor)[B],(hang)[V])[V]
voorhangsel	(((voor)[B],(hang)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
voorhaven	((voor)[B],(haven)[N])[N]
voorhebben	((voor)[B],(heb)[V])[V]
voorheffing	((voor)[P],((hef)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorhistorisch	((voor)[B],(historisch)[A])[A]
voorhoede	((voor)[B],(hoede)[N])[N]
voorhoedefunctie	(((voor)[B],(hoede)[N])[N],(functie)[N])[N]
voorhoedepartij	(((voor)[B],(hoede)[N])[N],(partij)[N])[N]
voorhoedespeelster	(((voor)[B],(hoede)[N])[N],((speel)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
voorhoedespeler	(((voor)[B],(hoede)[N])[N],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
voorhoef	((voor)[B],(hoef)[N])[N]
voorhof	((voor)[B],(hof)[N])[N]
voorhoofd	((voor)[B],(hoofd)[N])[N]
voorhoofdsband	(((voor)[B],(hoofd)[N])[N],(s)[N|N.N],(band)[N])[N]
voorhoofdsbeen	(((voor)[B],(hoofd)[N])[N],(s)[N|N.N],(been)[N])[N]
voorhoofdsholte	(((voor)[B],(hoofd)[N])[N],(s)[N|N.N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
voorhoofdshuid	(((voor)[B],(hoofd)[N])[N],(s)[N|N.N],(huid)[N])[N]
voorhoofdsspiegel	(((voor)[B],(hoofd)[N])[N],(s)[N|N.N],(spiegel)[N])[N]
voorhouden	((voor)[B],(houd)[V])[V]
voorhuid	((voor)[B],(huid)[N])[N]
voorhuidvernauwing	(((voor)[B],(huid)[N])[N],((ver)[V|.A],(nauw)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
voorhuis	((voor)[B],(huis)[N])[N]
vooringang	((voor)[B],(ingang)[N])[N]
vooringenomen	((voor)[B],(ingenomen)[A])[A]
vooringenomenheid	(((voor)[B],(ingenomen)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
voorinstelling	((voor)[P],(((in)[P],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorintekening	((voor)[B],(((in)[P],(teken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorjaar	((voor)[B],(jaar)[N])[N]
voorjaars	(((voor)[B],(jaar)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
voorjaarsbeurs	((((voor)[B],(jaar)[N])[N],(s)[A|N.])[A],(beurs)[N])[N]
voorjaarsbloem	((((voor)[B],(jaar)[N])[N],(s)[A|N.])[A],(bloem)[N])[N]
voorjaarsmantel	((((voor)[B],(jaar)[N])[N],(s)[A|N.])[A],(mantel)[N])[N]
voorjaarsnota	((((voor)[B],(jaar)[N])[N],(s)[A|N.])[A],(nota)[N])[N]
voorjaarsopruiming	(((voor)[B],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(((op)[P],(ruim)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorjaarsweder	(((voor)[B],(jaar)[N])[N],(s)[N|N.N],(weder)[N])[N]
voorjaarsweer	((((voor)[B],(jaar)[N])[N],(s)[A|N.])[A],(weer)[N])[N]
voorkant	((voor)[B],(kant)[N])[N]
voorkauwen	((voor)[B],(kauw)[V])[V]
voorkennis	((voor)[B],(kennis)[N])[N]
voorkeurbehandeling	((voorkeur)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorkeurrecht	((voorkeur)[N],(recht)[N])[N]
voorkeursbehandeling	((voorkeur)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorkeurspelling	((voorkeur)[N],((spel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorkeurspositie	((voorkeur)[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
voorkeursrecht	((voorkeur)[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
voorkeurstem	((voorkeur)[N],(stem)[N])[N]
voorkeurtarief	((voorkeur)[N],(tarief)[N])[N]
voorkeurtoets	((voorkeur)[N],(toets)[N])[N]
voorkind	((voor)[B],(kind)[N])[N]
voorklinker	((voor)[P],((klink)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
voorkoken	((voor)[B],(kook)[V])[V]
voorkomen	((voor)[B],(kom)[V])[V]
voorkomendheid	((voorkomend)[A],(heid)[N|A.])[N]
voorkoming	(((voor)[B],(kom)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorkoop	((voor)[B],(koop)[N])[N]
voorkopen	((voor)[B],(koop)[V])[V]
voorkwartier	((voor)[B],((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
voorlaatst	((voor)[B],(laatst)[A])[A]
voorlader	((voor)[B],(laad)[V],(er)[N|BV.])[N]
voorland	((voor)[B],(land)[N])[N]
voorlast	((voor)[B],(last)[N])[N]
voorlastig	(((voor)[B],(last)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
voorlaten	((voor)[B],(laat)[V])[V]
voorleder	((voor)[B],(leder)[N])[N]
voorleer	((voor)[B],(leer)[N])[N]
voorleesster	(((voor)[B],(lees)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
voorleggen	((voor)[B],(leg)[V])[V]
voorlegging	(((voor)[B],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorleiden	((voor)[B],(leid)[V])[V]
voorletter	((voor)[B],(letter)[N])[N]
voorlezen	((voor)[B],(lees)[V])[V]
voorlezer	(((voor)[B],(lees)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voorlezeres	((((voor)[B],(lees)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
voorlezing	(((voor)[B],(lees)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorlichten	((voor)[B],(licht)[V])[V]
voorlichting	(((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorlichtingsactiviteit	((((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
voorlichtingsambtenaar	((((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((ambt)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
voorlichtingsavond	((((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(avond)[N])[N]
voorlichtingsbeleid	((((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
voorlichtingsbijeenkomst	((((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
voorlichtingsbrochure	((((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(brochure)[N])[N]
voorlichtingsbureau	((((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
voorlichtingscampagne	((((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(campagne)[N])[N]
voorlichtingscentrum	((((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
voorlichtingsdienst	((((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
voorlichtingsfilm	((((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(film)[N])[N]
voorlichtingsfunctie	((((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
voorlichtingsfunctionaris	((((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functionaris)[N])[N]
voorlichtingsmateriaal	((((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
voorlichtingsprogramma	((((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
voorlichtingsrapport	((((voor)[B],(licht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(rapport)[N])[N]
voorliefde	((voor)[B],(liefde)[N])[N]
voorliegen	((voor)[B],(lieg)[V])[V]
voorliggen	((voor)[B],(lig)[V])[V]
voorligger	(((voor)[B],(lig)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voorlijf	((voor)[B],(lijf)[N])[N]
voorlijk	((voor)[P],(lijk)[A|P.])[A]
voorlijkheid	(((voor)[P],(lijk)[A|P.])[A],(heid)[N|A.])[N]
voorlopen	((voor)[B],(loop)[V])[V]
voorloper	(((voor)[B],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voorlopigheid	((voorlopig)[A],(heid)[N|A.])[N]
voorluik	((voor)[B],(luik)[N])[N]
voormaag	((voor)[B],(maag)[N])[N]
voormaand	((voor)[B],(maand)[N])[N]
voormalig	((voor)[P],(maal)[N],(ig)[A|PN.])[A]
voorman	((voor)[B],(man)[N])[N]
voormast	((voor)[B],(mast)[N])[N]
voormeld	((voor)[P],(meld)[V])[A]
voormelk	((voor)[B],(melk)[N])[N]
voormelken	((voor)[B],(melk)[V])[V]
voormenselijk	((voor)[P],(mens)[N],(elijk)[A|PN.])[A]
voormeten	((voor)[B],(meet)[V])[V]
voormiddag	((voor)[B],(middag)[N])[N]
voormiddagdienst	(((voor)[B],(middag)[N])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
voormiddagwacht	(((voor)[B],(middag)[N])[N],(wacht)[N])[N]
voormuur	((voor)[B],(muur)[N])[N]
voorn	(voorn)[N]
voornaam	((voor)[B],(naam)[N])[N]
voornaamheid	((voornaam)[A],(heid)[N|A.])[N]
voornaamwoord	(((voor)[B],(naam)[N])[N],(woord)[N])[N]
voornaamwoordelijk	((((voor)[B],(naam)[N])[N],(woord)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
voornacht	((voor)[B],(nacht)[N])[N]
voornamelijk	((voor)[P],(namelijk)[B])[A]
voornemen	((voor)[B],(neem)[V])[V]
voornoemd	((voor)[P],(genoemd)[V])[A]
voornoen	((voor)[B],(noen)[N])[N]
vooroefening	((voor)[B],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vooroever	((voor)[B],(oever)[N])[N]
vooronder	((voor)[P],(onder)[P])[N]
vooronderstellen	((voor)[B],((onder)[P],(stel)[V])[V])[V]
vooronderstelling	(((voor)[B],((onder)[P],(stel)[V])[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vooronderzoek	((voor)[B],(onderzoek)[N])[N]
voorontsteking	((voor)[P],((ontsteek)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorontwerp	((voor)[B],(ontwerp)[N])[N]
vooroordeel	((voor)[B],((oor)[N],(deel)[N])[N])[N]
vooroorlogs	((voor)[P],(oorlog)[N],(s)[A|PN.])[A]
vooropgaan	((voor)[B],((op)[P],(ga)[V])[V])[V]
vooropleiding	((voor)[P],(((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vooroplopen	(((voor)[P],(op)[P])[B],(loop)[V])[V]
vooropstellen	(((voor)[P],(op)[P])[B],(stel)[V])[V]
vooropstelling	((((voor)[P],(op)[P])[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vooropzetten	(((voor)[P],(op)[P])[B],(zet)[V])[V]
voorouder	((voor)[P],(ouder)[N])[N]
voorouderbeeld	(((voor)[P],(ouder)[N])[N],(beeld)[N])[N]
voorouderlijk	(((voor)[P],(ouder)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A]
vooroverleg	((voor)[B],(overleg)[N])[N]
vooroverlijden	((voor)[P],(overlijden)[V])[V]
voorpaard	((voor)[B],(paard)[N])[N]
voorpagina	((voor)[B],(pagina)[N])[N]
voorpaginanieuws	(((voor)[B],(pagina)[N])[N],(nieuws)[N])[N]
voorpand	((voor)[B],(pand)[N])[N]
voorplaats	((voor)[B],(plaats)[N])[N]
voorplecht	((voor)[B],(plecht)[N])[N]
voorplein	((voor)[B],(plein)[N])[N]
voorpoort	((voor)[B],(poort)[N])[N]
voorpoot	((voor)[B],(poot)[N])[N]
voorportaal	((voor)[B],(portaal)[N])[N]
voorpost	((voor)[B],(post)[N])[N]
voorpostengevecht	(((voor)[B],(post)[N])[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N])[N]
voorpostenlinie	(((voor)[B],(post)[N])[N],(en)[N|N.N],(linie)[N])[N]
voorpostgevecht	(((voor)[B],(post)[N])[N],((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N])[N]
voorpraten	((voor)[B],(praat)[V])[V]
voorpreken	((voor)[B],(preek)[V])[V]
voorpremière	((voor)[B],(première)[N])[N]
voorpret	((voor)[B],(pret)[N])[N]
voorproef	((voor)[B],(proef)[N])[N]
voorproeven	((voor)[B],(proef)[V])[V]
voorprogramma	((voor)[B],(programma)[N])[N]
voorprogrammeren	((voor)[B],((program)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
voorpublicatie	((voor)[B],((publiceer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
voorraadadministratie	((voorraad)[N],((administreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
voorraadaftrek	((voorraad)[N],(aftrek)[N])[N]
voorraadhoudend	((voorraad)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
voorraadkamer	((voorraad)[N],(kamer)[N])[N]
voorraadkast	((voorraad)[N],(kast)[N])[N]
voorraadkelder	((voorraad)[N],(kelder)[N])[N]
voorraadmagazijn	((voorraad)[N],(magazijn)[N])[N]
voorraadschuur	((voorraad)[N],(schuur)[N])[N]
voorraam	((voor)[B],(raam)[N])[N]
voorradig	((voorraad)[N],(ig)[A|N.])[A]
voorrang	((voor)[B],(rang)[N])[N]
voorrangsbord	(((voor)[B],(rang)[N])[N],(s)[N|N.N],(bord)[N])[N]
voorrangskaart	(((voor)[B],(rang)[N])[N],(s)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
voorrangskruising	(((voor)[B],(rang)[N])[N],(s)[N|N.N],((kruis)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorrangspositie	(((voor)[B],(rang)[N])[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
voorrangsregel	(((voor)[B],(rang)[N])[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
voorrangsweg	(((voor)[B],(rang)[N])[N],(s)[N|N.N],(weg)[N])[N]
voorrecht	((voor)[B],(recht)[N])[N]
voorrede	((voor)[B],(rede)[N])[N]
voorrekenen	((voor)[B],(reken)[V])[V]
voorrichtingsbord	((voor)[B],(((richt)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bord)[N])[N])[N]
voorrijden	((voor)[B],(rijd)[V])[V]
voorrijder	(((voor)[B],(rijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voorrijm	((voor)[B],(rijm)[N])[N]
voorronde	((voor)[B],(ronde)[N])[N]
voorruit	((voor)[B],(ruit)[N])[N]
voorschans	((voor)[B],(schans)[N])[N]
voorschieten	((voor)[B],(schiet)[V])[V]
voorschip	((voor)[B],(schip)[N])[N]
voorschoen	((voor)[B],(schoen)[N])[N]
voorschoot	((voor)[B],(schoot)[N])[N]
voorschot	((voor)[B],(schot)[N])[N]
voorschotbank	(((voor)[B],(schot)[N])[N],(bank)[N])[N]
voorschotelen	((voor)[B],(schotel)[V])[V]
voorschrift	((voor)[B],(schrift)[N])[N]
voorschrijfgedrag	(((voor)[B],(schrijf)[V])[V],(gedrag)[N])[N]
voorschrijven	((voor)[B],(schrijf)[V])[V]
voorschrijving	(((voor)[B],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorseizoen	((voor)[B],(seizoen)[N])[N]
voorselectie	((voor)[B],(selectie)[N])[N]
voorslaan	((voor)[B],(sla)[V])[V]
voorslag	((voor)[B],(slag)[N])[N]
voorsluiting	((voor)[P],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorsmaak	((voor)[B],(smaak)[N])[N]
voorsmijten	((voor)[B],(smijt)[V])[V]
voorsnijden	((voor)[B],(snijd)[V])[V]
voorsnijder	(((voor)[B],(snijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voorsnijmes	(((voor)[B],(snijd)[V])[V],(mes)[N])[N]
voorsnijvork	(((voor)[B],(snijd)[V])[V],(vork)[N])[N]
voorsorteerstrook	(((voor)[B],(sorteer)[V])[V],(strook)[N])[N]
voorsorteren	((voor)[B],(sorteer)[V])[V]
voorspan	((voor)[B],(span)[N])[N]
voorspannen	((voor)[B],(span)[V])[V]
voorspeelster	((voor)[B],((speel)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
voorspel	((voor)[B],(spel)[N])[N]
voorspelbaar	(((voor)[B],(spel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
voorspelbaarheid	((((voor)[B],(spel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
voorspelddoek	(((voor)[B],(speld)[V])[V],(doek)[N])[N]
voorspelden	((voor)[B],(speld)[V])[V]
voorspeldertje	(((voor)[B],(speld)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voorspelen	((voor)[B],(speel)[V])[V]
voorspeler	(((voor)[B],(speel)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voorspellen	((voor)[B],(spel)[V])[V]
voorspeller	(((voor)[B],(spel)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voorspelling	(((voor)[B],(spel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorspellingsgave	((((voor)[B],(spel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gave)[N])[N]
voorspellingskracht	((((voor)[B],(spel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
voorspellingsmogelijkheid	((((voor)[B],(spel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
voorspiegelen	((voor)[B],(spiegel)[V])[V]
voorspiegeling	(((voor)[B],(spiegel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorspijs	((voor)[B],(spijs)[N])[N]
voorspits	((voor)[B],(spits)[N])[N]
voorspoed	((voor)[B],(spoed)[N])[N]
voorspoedig	(((voor)[B],(spoed)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
voorspook	((voor)[B],(spook)[N])[N]
voorspraak	((voor)[B],(spraak)[N])[N]
voorspreekster	(((voor)[B],(spreek)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
voorspreken	((voor)[B],(spreek)[V])[V]
voorspreker	(((voor)[B],(spreek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voorspreking	(((voor)[B],(spreek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorsprong	((voor)[B],(sprong)[N])[N]
voorstaan	((voor)[B],(sta)[V])[V]
voorstad	((voor)[B],(stad)[N])[N]
voorstadium	((voor)[B],(stadium)[N])[N]
voorstanderklier	((voorstander)[N],(klier)[N])[N]
voorstandster	(((voor)[B],(sta)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
voorsteek	((voor)[B],(steek)[N])[N]
voorsteken	((voor)[B],(steek)[V])[V]
voorstel	((voor)[B],(stel)[N])[N]
voorstelbaar	(((voor)[B],(stel)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
voorstellen	((voor)[B],(stel)[V])[V]
voorsteller	(((voor)[B],(stel)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voorstelling	(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorstellingsbeeld	((((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
voorstellingsformule	((((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(formule)[N])[N]
voorstellingsvermogen	((((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
voorstellingswereld	((((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
voorstellingswijze	((((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wijze)[N])[N]
voorstemmen	((voor)[B],(stem)[V])[V]
voorstemmer	(((voor)[B],(stem)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voorsteven	((voor)[B],(steven)[N])[N]
voorstoot	((voor)[B],(stoot)[N])[N]
voorstopper	((voor)[B],(stop)[V],(er)[N|BV.])[N]
voorstudie	((voor)[B],(studie)[N])[N]
voorstuk	((voor)[B],(stuk)[N])[N]
voortand	((voor)[B],(tand)[N])[N]
voortbestaan	((voort)[B],(bestaan)[N])[N]
voortbewegen	((voort)[B],(beweeg)[V])[V]
voortbeweging	(((voort)[B],(beweeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voortbomen	((voort)[B],(boom)[V])[V]
voortborduren	((voort)[B],(borduur)[V])[V]
voortbrengen	((voort)[B],(breng)[V])[V]
voortbrenger	(((voort)[B],(breng)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voortbrenging	(((voort)[B],(breng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voortbrengingskracht	((((voort)[B],(breng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
voortbrengingsproces	((((voort)[B],(breng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
voortbrengingsvermogen	((((voort)[B],(breng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
voortbrengsel	(((voort)[B],(breng)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
voortdoen	((voort)[B],(doe)[V])[V]
voortdrijven	((voort)[B],(drijf)[V])[V]
voortduren	((voort)[B],(duur)[V])[V]
voortduring	(((voort)[B],(duur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voortduwen	((voort)[B],(duw)[V])[V]
voorteelt	((voor)[B],(teelt)[N])[N]
voorteken	((voor)[B],(teken)[N])[N]
voortekenen	((voor)[B],(teken)[V])[V]
voortekening	(((voor)[B],(teken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voortellen	((voor)[B],(tel)[V])[V]
voortent	((voor)[B],(tent)[N])[N]
voortentamen	((voor)[B],(tentamen)[N])[N]
voorterrein	((voor)[B],(terrein)[N])[N]
voortgaan	((voort)[B],(ga)[V])[V]
voortgang	((voort)[B],(gang)[N])[N]
voortgangscontrole	(((voort)[B],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(controle)[N])[N]
voortgangsnota	(((voort)[B],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(nota)[N])[N]
voortgangsrapport	(((voort)[B],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(rapport)[N])[N]
voortgangsrapportage	(((voort)[B],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(((rapport)[N],(eer)[V|N.])[V],(age)[N|V.])[N])[N]
voortgangsverslag	(((voort)[B],(gang)[N])[N],(s)[N|N.N],(verslag)[N])[N]
voortgeven	((voort)[B],(geef)[V])[V]
voorthelpen	((voort)[B],(help)[V])[V]
voortijd	((voor)[B],(tijd)[N])[N]
voortijdig	((voor)[B],(tijd)[N],(ig)[A|BN.])[A]
voortijlen	((voort)[B],(ijl)[V])[V]
voortjagen	((voort)[B],(jaag)[V])[V]
voortkankeren	((voort)[B],(kanker)[V])[V]
voortkomen	((voort)[B],(kom)[V])[V]
voortkruipen	((voort)[B],(kruip)[V])[V]
voortleven	((voort)[B],(leef)[V])[V]
voortlopen	((voort)[B],(loop)[V])[V]
voortmaken	((voort)[B],(maak)[V])[V]
voortoneel	((voor)[B],(toneel)[N])[N]
voortouw	((voor)[B],(touw)[N])[N]
voortoveren	((voor)[B],(tover)[V])[V]
voortplanten	((voort)[B],(plant)[V])[V]
voortplanting	(((voort)[B],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voortplantingscel	((((voort)[B],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cel)[N])[N]
voortplantingscyclus	((((voort)[B],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cyclus)[N])[N]
voortplantingsdrang	((((voort)[B],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
voortplantingsdrift	((((voort)[B],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drift)[N])[N]
voortplantingsfunctie	((((voort)[B],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
voortplantingsgedrag	((((voort)[B],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gedrag)[N])[N]
voortplantingskans	((((voort)[B],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kans)[N])[N]
voortplantingsmechanisme	((((voort)[B],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
voortplantingsmogelijkheid	((((voort)[B],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
voortplantingsorgaan	((((voort)[B],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(orgaan)[N])[N]
voortplantingsperiode	((((voort)[B],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
voortplantingsproces	((((voort)[B],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
voortplantingssnelheid	((((voort)[B],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
voortplantingssysteem	((((voort)[B],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
voortplantingstijd	((((voort)[B],(plant)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
voortreden	((voor)[B],(treed)[V])[V]
voortredeneren	((voort)[B],((reden)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
voortreffelijkheid	((voortreffelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
voortrein	((voor)[B],(trein)[N])[N]
voortreizen	((voort)[B],(reis)[V])[V]
voortrekken	((voor)[B],(trek)[V])[V]
voortrekker	(((voor)[B],(trek)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voortrekkersfunctie	((((voor)[B],(trek)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
voortrijden	((voort)[B],(rijd)[V])[V]
voortrukken	((voort)[B],(ruk)[V])[V]
voortschrijden	((voort)[B],(schrijd)[V])[V]
voortschrijding	(((voort)[B],(schrijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voortslepen	((voort)[B],(sleep)[V])[V]
voortsleuren	((voort)[B],(sleur)[V])[V]
voortspoeden	((voort)[B],(spoed)[V])[V]
voortspruiten	((voort)[B],(spruit)[V])[V]
voortstormen	((voort)[B],(storm)[V])[V]
voortstrompelen	((voort)[B],(strompel)[V])[V]
voortstuderen	((voort)[B],(studeer)[V])[V]
voortstuwen	((voort)[B],(stuw)[V])[V]
voortstuwing	(((voort)[B],(stuw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voortstuwingssysteem	((((voort)[B],(stuw)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
voortsukkelen	((voort)[B],(sukkel)[V])[V]
voorttelen	((voort)[B],(teel)[V])[V]
voortteling	(((voort)[B],(teel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorttobben	((voort)[B],(tob)[V])[V]
voorttrekken	((voort)[B],(trek)[V])[V]
voortuin	((voor)[B],(tuin)[N])[N]
voorturnen	((voor)[B],(turn)[V])[V]
voorturner	(((voor)[B],(turn)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voortvaren	((voort)[B],(vaar)[V])[V]
voortvarend	(((voort)[B],(vaar)[V])[V],(end)[A|V.])[A]
voortvarendheid	((((voort)[B],(vaar)[V])[V],(end)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
voortvertellen	((voort)[B],((ver)[V|.V],(tel)[V])[V])[V]
voortvloeien	((voort)[B],(vloei)[V])[V]
voortvloeisel	(((voort)[B],(vloei)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
voortvluchtig	((voort)[B],((vlucht)[V],(ig)[A|V.])[A])[A]
voortwoekeren	((voort)[B],(woeker)[V])[V]
voortzeggen	((voort)[B],(zeg)[V])[V]
voortzetten	((voort)[B],(zet)[V])[V]
voortzetter	(((voort)[B],(zet)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voortzetting	(((voort)[B],(zet)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voortzwepen	((voort)[B],(zweep)[V])[V]
vooruitbestellen	(((voor)[B],(uit)[B])[B],(bestel)[V])[V]
vooruitbestelling	((((voor)[B],(uit)[B])[B],(bestel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vooruitbetalen	(((voor)[B],(uit)[B])[B],(betaal)[V])[V]
vooruitbetaling	((((voor)[B],(uit)[B])[B],(betaal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vooruitdenken	(((voor)[B],(uit)[B])[B],(denk)[V])[V]
vooruitdringen	(((voor)[B],(uit)[B])[B],(dring)[V])[V]
vooruitgaan	(((voor)[B],(uit)[B])[B],(ga)[V])[V]
vooruitgang	((voor)[B],((uit)[P],(gang)[N])[N])[N]
vooruithelpen	(((voor)[B],(uit)[B])[B],(help)[V])[V]
vooruitkijken	(((voor)[B],(uit)[B])[B],(kijk)[V])[V]
vooruitkomen	(((voor)[B],(uit)[B])[B],(kom)[V])[V]
vooruitlopen	(((voor)[B],(uit)[B])[B],(loop)[V])[V]
vooruitrijden	(((voor)[B],(uit)[B])[B],(rijd)[V])[V]
vooruitsnellen	(((voor)[B],(uit)[B])[B],(snel)[V])[V]
vooruitspringen	(((voor)[B],(uit)[B])[B],(spring)[V])[V]
vooruitsteken	(((voor)[B],(uit)[B])[B],(steek)[V])[V]
vooruitstreven	(((voor)[B],(uit)[B])[B],(streef)[V])[V]
vooruitwerpen	(((voor)[B],(uit)[B])[B],(werp)[V])[V]
vooruitzicht	((voor)[B],((uit)[P],(zicht)[N])[N])[N]
vooruitzien	(((voor)[B],(uit)[B])[B],(zie)[V])[V]
voorvader	((voor)[B],(vader)[N])[N]
voorvaderlijk	(((voor)[B],(vader)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A]
voorval	((voor)[B],(val)[N])[N]
voorvechter	((voor)[B],(vecht)[V],(er)[N|BV.])[N]
voorvechtster	((voor)[P],((vecht)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
voorvenster	((voor)[B],(venster)[N])[N]
voorverbranding	((voor)[P],(((ver)[V|.V],(brand)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorverkiezing	((voor)[P],(((ver)[V|.V],(kies)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorverkoop	((voor)[B],(verkoop)[N])[N]
voorverkopen	((voor)[B],((ver)[V|.V],(koop)[V])[V])[V]
voorverpakt	((voor)[P],(verpakt)[V])[A]
voorversterker	((voor)[B],(((ver)[V|.A],(sterk)[A])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
voorvertrek	((voor)[B],(vertrek)[N])[N]
voorverwarmen	((voor)[B],((ver)[V|.A],(warm)[A])[V])[V]
voorvinger	((voor)[B],(vinger)[N])[N]
voorvlak	((voor)[B],(vlak)[N])[N]
voorvoegen	((voor)[B],(voeg)[V])[V]
voorvoeging	(((voor)[B],(voeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorvoegsel	(((voor)[B],(voeg)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
voorvoelen	((voor)[B],(voel)[V])[V]
voorvoet	((voor)[B],(voet)[N])[N]
voorvork	((voor)[B],(vork)[N])[N]
voorwaardelijkheid	(((voorwaarde)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
voorwaardenscheppend	((voorwaarde)[N],(en)[A|N.Vx],(schep)[V],(end)[A|NxV.])[A]
voorwaarts	((voor)[B],(waarts)[A|B.])[A]
voorwacht	((voor)[B],(wacht)[N])[N]
voorwagen	((voor)[B],(wagen)[N])[N]
voorwal	((voor)[B],(wal)[N])[N]
voorwand	((voor)[B],(wand)[N])[N]
voorwas	((voor)[B],(was)[N])[N]
voorwedstrijd	((voor)[B],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
voorwenden	((voor)[B],(wend)[V])[V]
voorwending	(((voor)[B],(wend)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorwendsel	(((voor)[B],(wend)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
voorwereld	((voor)[B],(wereld)[N])[N]
voorwereldlijk	((voor)[P],((wereld)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
voorwerk	((voor)[B],(werk)[N])[N]
voorwerken	((voor)[B],(werk)[V])[V]
voorwerker	(((voor)[B],(werk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voorwerpen	((voor)[B],(werp)[V])[V]
voorwerpglas	((voorwerp)[N],(glas)[N])[N]
voorwerpsnaam	((voorwerp)[N],(s)[N|N.N],(naam)[N])[N]
voorwerpspunt	((voorwerp)[N],(s)[N|N.N],(punt)[N])[N]
voorwerpszin	((voorwerp)[N],(s)[N|N.N],(zin)[N])[N]
voorweten	((voor)[B],(weten)[N])[N]
voorwetenschappelijk	((voor)[P],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|PN.])[A]
voorwiel	((voor)[B],(wiel)[N])[N]
voorwielaandrijving	(((voor)[B],(wiel)[N])[N],(((aan)[P],(drijf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorwind	((voor)[B],(wind)[N])[N]
voorwinter	((voor)[B],(winter)[N])[N]
voorwoord	((voor)[B],(woord)[N])[N]
voorworp	((voor)[B],(worp)[N])[N]
voorzaal	((voor)[B],(zaal)[N])[N]
voorzang	((voor)[B],(zang)[N])[N]
voorzanger	(((voor)[B],(zing)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voorzangersambt	((((voor)[B],(zing)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ambt)[N])[N]
voorzeggen	((voor)[B],(zeg)[V])[V]
voorzegger	(((voor)[B],(zeg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voorzegging	(((voor)[B],(zeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorzegster	(((voor)[B],(zeg)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
voorzeil	((voor)[B],(zeil)[N])[N]
voorzet	((voor)[B],(zet)[N])[N]
voorzetlens	(((voor)[B],(zet)[V])[V],(lens)[N])[N]
voorzetraam	(((voor)[B],(zet)[V])[V],(raam)[N])[N]
voorzetsel	(((voor)[B],(zet)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
voorzetselbepaling	((((voor)[B],(zet)[V])[V],(sel)[N|V.])[N],(((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorzetselvoorwerp	((((voor)[B],(zet)[V])[V],(sel)[N|V.])[N],(voorwerp)[N])[N]
voorzetten	((voor)[B],(zet)[V])[V]
voorzichtigheid	((voorzichtig)[A],(heid)[N|A.])[N]
voorzichtigheidsmaatregel	(((voorzichtig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
voorzien	((voor)[B],(zie)[V])[V]
voorziener	((voor)[B],((zie)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
voorzienig	((voorzien)[A],(ig)[A|A.])[A]
voorzienigheid	(((voorzien)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
voorziening	(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
voorzieningenbeleid	((((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
voorzieningenniveau	((((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
voorzieningenpakket	((((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
voorzieningenstructuur	((((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
voorzieningensysteem	((((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
voorzieningsniveau	((((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
voorzij	((voor)[B],(zij)[N])[N]
voorzijde	((voor)[B],(zijde)[N])[N]
voorzin	((voor)[B],(zin)[N])[N]
voorzingen	((voor)[B],(zing)[V])[V]
voorzitster	(((voor)[B],(zit)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
voorzitten	((voor)[B],(zit)[V])[V]
voorzitter	(((voor)[B],(zit)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
voorzitterschap	((((voor)[B],(zit)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
voorzittershamer	((((voor)[B],(zit)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hamer)[N])[N]
voorzittersstoel	((((voor)[B],(zit)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(stoel)[N])[N]
voorzitting	((voor)[P],((zit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
voorzomer	((voor)[B],(zomer)[N])[N]
voorzoon	((voor)[B],(zoon)[N])[N]
voorzorg	((voor)[B],(zorg)[N])[N]
voorzorgmaatregel	(((voor)[B],(zorg)[N])[N],(maatregel)[N])[N]
voorzorgsmaatregel	(((voor)[B],(zorg)[N])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
voos	(voos)[A]
voosheid	((voos)[A],(heid)[N|A.])[N]
vorderen	(vorder)[V]
vordering	((vorder)[V],(ing)[N|V.])[N]
vorderingswet	(((vorder)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
vore	(vore)[N]
voren	(voren)[N]
vorenbedoeld	((voren)[B],(bedoeld)[V])[A]
vorenstaand	((voren)[B],(staand)[A])[A]
vork	(vork)[N]
vorkbeen	((vork)[N],(been)[N])[N]
vorkheftruck	((vork)[N],((hef)[V],(truck)[N])[N])[N]
vorkvormig	((vork)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
vorm	(vorm)[N]
vormbak	((vorm)[N],(bak)[N])[N]
vormelijk	((vorm)[N],(elijk)[A|N.])[A]
vormelijkheid	(((vorm)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vormeling	((vorm)[V],(eling)[N|V.])[N]
vormelinge	(((vorm)[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
vormeloos	((vorm)[N],(eloos)[A|N.])[A]
vormeloosheid	(((vorm)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vormen	(vorm)[V]
vormenrijkdom	((vorm)[N],(en)[N|N.N],((rijk)[A],(dom)[N|A.])[N])[N]
vormer	((vorm)[V],(er)[N|V.])[N]
vormfout	((vorm)[N],(fout)[N])[N]
vormgeefster	((vorm)[N],(geef)[V],(ster)[N|NV.])[N]
vormgever	((vorm)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N]
vormgeving	((vorm)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
vormgevingsprobleem	(((vorm)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
vorming	((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N]
vormingsaanbod	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(aanbod)[N])[N]
vormingsactiviteit	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
vormingsbegrip	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(begrip)[N])[N]
vormingsbeleid	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
vormingscentrum	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
vormingscursus	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cursus)[N])[N]
vormingsinstituut	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instituut)[N])[N]
vormingsklas	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klas)[N])[N]
vormingskracht	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
vormingsleider	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((leid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
vormingsleidster	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((leid)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
vormingsmogelijkheid	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
vormingsmoment	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(moment)[N])[N]
vormingspakket	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
vormingsproces	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
vormingsprogramma	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
vormingstheater	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(theater)[N])[N]
vormingstheorie	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
vormingstoneel	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toneel)[N])[N]
vormingsveld	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
vormingswerk	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
vormingswerker	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
vormingswerkster	(((vorm)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((werk)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
vormklei	((vorm)[N],(klei)[N])[N]
vormleer	((vorm)[V],(leer)[N])[N]
vormloos	((vorm)[N],(loos)[A|N.])[A]
vormloosheid	(((vorm)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vormmachine	((vorm)[V],(machine)[N])[N]
vormmeter	((vorm)[V],(meter)[N])[N]
vormopmaker	((vorm)[N],((op)[P],(maak)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
vormpeter	((vorm)[V],(peter)[N])[N]
vormschool	((vorm)[V],(school)[N])[N]
vormsel	((vorm)[V],(sel)[N|V.])[N]
vormvariant	((vorm)[N],(varieer)[V],(ant)[N|NV.])[N]
vormvast	((vorm)[N],(vast)[A])[A]
vormverandering	((vorm)[N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vormzand	((vorm)[V],(zand)[N])[N]
vors	(vors)[N]
vorsen	(vors)[V]
vorsenpoel	((vors)[N],(en)[N|N.N],(poel)[N])[N]
vorser	((vors)[V],(er)[N|V.])[N]
vorst	(vorst)[N]
vorstbalk	((vorst)[N],(balk)[N])[N]
vorstdag	((vorst)[N],(dag)[N])[N]
vorstelijk	((vorst)[N],(elijk)[A|N.])[A]
vorstelijkheid	(((vorst)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vorstenbloed	((vorst)[N],(en)[N|N.N],(bloed)[N])[N]
vorstendom	((vorst)[N],(endom)[N|N.])[N]
vorstengunst	((vorst)[N],(en)[N|N.N],((gun)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
vorstenhuis	((vorst)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
vorstenkroon	((vorst)[N],(en)[N|N.N],(kroon)[N])[N]
vorstentelg	((vorst)[N],(en)[N|N.N],(telg)[N])[N]
vorstenzoon	((vorst)[N],(en)[N|N.N],(zoon)[N])[N]
vorstgrens	((vorst)[N],(grens)[N])[N]
vorstig	((vorst)[N],(ig)[A|N.])[A]
vorstin	((vorst)[N],(in)[N|N.])[N]
vorstpan	((vorst)[N],(pan)[N])[N]
vorstschade	((vorst)[N],(schade)[N])[N]
vorstverlet	((vorst)[N],(verlet)[N])[N]
vorstvrij	((vorst)[N],(vrij)[A])[A]
vos	(vos)[N]
vos-cursus	((vos)[N],(cursus)[N])[N]
vosaap	((vos)[N],(aap)[N])[N]
voskleurig	((vos)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
vospaard	((vos)[N],(paard)[N])[N]
vossebes	((vos)[N],(e)[N|N.N],(bes)[N])[N]
vossen	(vos)[V]
vossenbont	((vos)[N],(e)[N|N.N],(bont)[N])[N]
vossengat	((vos)[N],(e)[N|N.N],(gat)[N])[N]
vossenhaar	((vos)[N],(e)[N|N.N],(haar)[N])[N]
vossenhol	((vos)[N],(en)[N|N.N],(hol)[N])[N]
vossenhuid	((vos)[N],(e)[N|N.N],(huid)[N])[N]
vossenjacht	((vos)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
vossenjong	((vos)[N],(e)[N|N.N],(jong)[N])[N]
vossenklem	((vos)[N],(e)[N|N.N],(klem)[N])[N]
vossenkop	((vos)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
vossenkuil	((vos)[N],(e)[N|N.N],(kuil)[N])[N]
vossenstaart	((vos)[N],(e)[N|N.N],(staart)[N])[N]
vossenval	((vos)[N],(e)[N|N.N],(val)[N])[N]
vossenvel	((vos)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
vossenziekte	((vos)[N],(e)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vosser	((vos)[V],(er)[N|V.])[N]
votief	((votum)[N],(ief)[A|N.])[A]
votiefbeeld	(((votum)[N],(ief)[A|N.])[A],(beeld)[N])[N]
votiefkaars	(((votum)[N],(ief)[A|N.])[A],(kaars)[N])[N]
votiefkerk	(((votum)[N],(ief)[A|N.])[A],(kerk)[N])[N]
votiefmis	(((votum)[N],(ief)[A|N.])[A],(mis)[N])[N]
votiefsteen	(((votum)[N],(ief)[A|N.])[A],(steen)[N])[N]
votieftafel	(((votum)[N],(ief)[A|N.])[A],(tafel)[N])[N]
votum	(votum)[N]
vouw	(vouw)[N]
vouwbaar	((vouw)[V],(baar)[A|V.])[A]
vouwblind	((vouw)[N],(blind)[N])[N]
vouwboot	((vouw)[V],(boot)[N])[N]
vouwcaravan	((vouw)[V],(caravan)[N])[N]
vouwdak	((vouw)[V],(dak)[N])[N]
vouwdeur	((vouw)[V],(deur)[N])[N]
vouwdoos	((vouw)[V],(doos)[N])[N]
vouwen	(vouw)[V]
vouwfiets	((vouw)[V],(fiets)[N])[N]
vouwing	((vouw)[V],(ing)[N|V.])[N]
vouwlijn	((vouw)[V],(lijn)[N])[N]
vouwmachine	((vouw)[V],(machine)[N])[N]
vouwscherm	((vouw)[V],(scherm)[N])[N]
vouwstoel	((vouw)[V],(stoel)[N])[N]
vouwtafel	((vouw)[V],(tafel)[N])[N]
vox	(vox)[N]
voyeurisme	((voyeur)[N],(isme)[N])[N]
vozen	(voos)[V]
vraag	(vraag)[N]
vraagachtig	((vraag)[V],(achtig)[A|V.])[A]
vraagal	((vraag)[V],(al)[O])[N]
vraagbaak	((vraag)[V],(baak)[N])[N]
vraagcurve	((vraag)[N],(curve)[N])[N]
vraaggesprek	((vraag)[N],(gesprek)[N])[N]
vraagogen	((vraag)[V],(oog)[N])[N]
vraagprijs	((vraag)[V],(prijs)[N])[N]
vraagpunt	((vraag)[N],(punt)[N])[N]
vraagrecht	((vraag)[V],(recht)[N])[N]
vraagschaal	((vraag)[N],(schaal)[N])[N]
vraagsgewijs	((vraag)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
vraagspel	((vraag)[N],(spel)[N])[N]
vraagstaart	((vraag)[N],(staart)[N])[N]
vraagsteller	((vraag)[N],(stel)[V],(er)[N|NV.])[N]
vraagstelling	((vraag)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
vraagster	((vraag)[V],(ster)[N|V.])[N]
vraagstuk	((vraag)[N],(stuk)[N])[N]
vraagteken	((vraag)[N],(teken)[N])[N]
vraaguitval	((vraag)[N],(uitval)[N])[N]
vraagwoord	((vraag)[N],(woord)[N])[N]
vraagziek	((vraag)[V],(ziek)[A])[A]
vraagzin	((vraag)[V],(zin)[N])[N]
vraagzucht	((vraag)[V],(zucht)[N])[N]
vraat	(vraat)[N]
vraatachtig	((vraat)[N],(achtig)[A|N.])[A]
vraatlust	((vraat)[N],(lust)[N])[N]
vraatziekte	((vraat)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vraatzucht	((vraat)[N],(zucht)[N])[N]
vraatzuchtig	((vreet)[V],(zucht)[N],(ig)[A|VN.])[A]
vracht	(vracht)[N]
vrachtagent	((vracht)[N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
vrachtauto	((vracht)[N],(auto)[N])[N]
vrachtautochauffeur	(((vracht)[N],(auto)[N])[N],((chauffeer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
vrachtboot	((vracht)[N],(boot)[N])[N]
vrachtbrief	((vracht)[N],(brief)[N])[N]
vrachtcedel	((vracht)[N],(cedel)[N])[N]
vrachtceel	((vracht)[N],(ceel)[N])[N]
vrachteenheid	((vracht)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
vrachtgeld	((vracht)[N],(geld)[N])[N]
vrachtgoed	((vracht)[N],(goed)[N])[N]
vrachtkar	((vracht)[N],(kar)[N])[N]
vrachtlijst	((vracht)[N],(lijst)[N])[N]
vrachtloon	((vracht)[N],(loon)[N])[N]
vrachtovereenkomst	((vracht)[N],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
vrachtpaard	((vracht)[N],(paard)[N])[N]
vrachtprijs	((vracht)[N],(prijs)[N])[N]
vrachtrijder	((vracht)[N],((rijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
vrachtruimte	((vracht)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vrachtschip	((vracht)[N],(schip)[N])[N]
vrachtschipper	((vracht)[N],((schip)[N],(er)[N|N.])[N])[N]
vrachtschuit	((vracht)[N],(schuit)[N])[N]
vrachtstuk	((vracht)[N],(stuk)[N])[N]
vrachttarief	((vracht)[N],(tarief)[N])[N]
vrachtvaarder	((vracht)[N],(vaar)[V],(der)[N|NV.])[N]
vrachtvaart	((vracht)[N],(vaart)[N])[N]
vrachtverdeling	((vracht)[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
vrachtverkeer	((vracht)[N],(verkeer)[N])[N]
vrachtverlies	((vracht)[N],(verlies)[N])[N]
vrachtvervoer	((vracht)[N],(vervoer)[N])[N]
vrachtvliegtuig	((vracht)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
vrachtvlucht	((vracht)[N],(vlucht)[N])[N]
vrachtvoerder	((vracht)[N],(voer)[V],(der)[N|NV.])[N]
vrachtvoorwaarden	((vracht)[N],(voorwaarde)[N])[N]
vrachtvrij	((vracht)[N],(vrij)[A])[A]
vrachtwagen	((vracht)[N],(wagen)[N])[N]
vrachtwagenchauffeur	(((vracht)[N],(wagen)[N])[N],((chauffeer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
vrachtwagenmotor	(((vracht)[N],(wagen)[N])[N],(motor)[N])[N]
vrachtzweefvliegtuig	((vracht)[N],(((zweef)[V],(vlieg)[V])[V],(tuig)[N])[N])[N]
vragen	(vraag)[V]
vragenboek	((vraag)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
vragenbus	((vraag)[N],(en)[N|N.N],(bus)[N])[N]
vragendag	((vraag)[N],(en)[N|N.N],(dag)[N])[N]
vragenformulier	((vraag)[N],(en)[N|N.N],(formulier)[N])[N]
vragenlijst	((vraag)[N],(en)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
vragenrubriek	((vraag)[N],(en)[N|N.N],(rubriek)[N])[N]
vragenschema	((vraag)[N],(en)[N|N.N],(schema)[N])[N]
vragenstelster	((vraag)[N],(en)[N|N.Vx],(stel)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
vragenuurtje	((vraag)[N],(en)[N|N.N],(uur)[N])[N]
vrager	((vraag)[V],(er)[N|V.])[N]
vrank	(vrank)[A]
vrankheid	((vrank)[A],(heid)[N|A.])[N]
vratig	((vraat)[N],(ig)[A|N.])[A]
vrede	(vrede)[N]
vredebode	((vrede)[N],(bode)[N])[N]
vredebond	((vrede)[N],(bond)[N])[N]
vredebreuk	((vrede)[N],(breuk)[N])[N]
vredegerecht	((vrede)[N],(gerecht)[N])[N]
vredehandel	((vrede)[N],(handel)[N])[N]
vredekus	((vrede)[N],(kus)[N])[N]
vredelievend	((vrede)[N],(lievend)[V])[A]
vredelievendheid	(((vrede)[N],(lievend)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
vredeoffer	((vrede)[N],(offer)[N])[N]
vrederechter	((vrede)[N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
vredesaanbod	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(aanbod)[N])[N]
vredesactie	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
vredesapostel	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(apostel)[N])[N]
vredesbespreking	((vrede)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(spreek)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
vredesbesprekingen	((vrede)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(spreek)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
vredesbeweging	((vrede)[N],(s)[N|N.N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vredesboom	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(boom)[N])[N]
vredesconferentie	((vrede)[N],(s)[N|N.N],((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
vredescongres	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(congres)[N])[N]
vredesdemonstratie	((vrede)[N],(s)[N|N.N],((demonstreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
vredesdoeleinde	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(doeleinde)[N])[N]
vredesduif	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(duif)[N])[N]
vredesengel	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(engel)[N])[N]
vredesinitiatief	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(initiatief)[N])[N]
vredesjaar	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
vredeskans	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(kans)[N])[N]
vredeskus	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(kus)[N])[N]
vredesluiting	((vrede)[N],(sluit)[V],(ing)[N|NV.])[N]
vredesmacht	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(macht)[N])[N]
vredesmars	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(mars)[N])[N]
vredesoffensief	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(offensief)[N])[N]
vredesonderhandeling	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(((onder)[P],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vredesovereenkomst	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
vredespijp	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(pijp)[N])[N]
vredesplan	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(plan)[N])[N]
vredespoging	((vrede)[N],(s)[N|N.Vx],(poog)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
vredespolitiek	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(politiek)[N])[N]
vredespreliminairen	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(preliminair)[N])[N]
vredesprijs	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(prijs)[N])[N]
vredesprogramma	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
vredesregeling	((vrede)[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vredessterkte	((vrede)[N],(s)[N|N.N],((sterk)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vredestichter	((vrede)[N],(sticht)[V],(er)[N|NV.])[N]
vredestichtster	((vrede)[N],(sticht)[V],(ster)[N|NV.])[N]
vredestijd	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
vredestraktaat	((vrede)[N],(s)[N|N.N],((trakteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
vredesverdrag	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(verdrag)[N])[N]
vredesvoorstel	((vrede)[N],(s)[N|N.N],((voor)[B],(stel)[N])[N])[N]
vredesvoorwaarde	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(voorwaarde)[N])[N]
vredesvraagstuk	((vrede)[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
vredeswerk	((vrede)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
vredeteken	((vrede)[N],(teken)[N])[N]
vredeverstoorder	((vrede)[N],((ver)[V|.V],(stoor)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
vredevlag	((vrede)[N],(vlag)[N])[N]
vredevorst	((vrede)[N],(vorst)[N])[N]
vredevuur	((vrede)[N],(vuur)[N])[N]
vredig	((vrede)[N],(ig)[A|N.])[A]
vredigheid	(((vrede)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vree	(vree)[N]
vreedzaam	((vrede)[N],(zaam)[A|N.])[A]
vreedzaamheid	(((vrede)[N],(zaam)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vreemd	(vreemd)[A]
vreemdeling	((vreemd)[A],(eling)[N|A.])[N]
vreemdelinge	(((vreemd)[A],(eling)[N|A.])[N],(e)[N|N.])[N]
vreemdelingenbeleid	(((vreemd)[A],(eling)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
vreemdelingenboek	(((vreemd)[A],(eling)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
vreemdelingenbureau	(((vreemd)[A],(eling)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
vreemdelingendienst	(((vreemd)[A],(eling)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
vreemdelingenhaat	(((vreemd)[A],(eling)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(haat)[N])[N]
vreemdelingenheerschappij	(((vreemd)[A],(eling)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(((heer)[N],(schap)[N|N.])[N],(ij)[N|N.])[N])[N]
vreemdelingenindustrie	(((vreemd)[A],(eling)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(industrie)[N])[N]
vreemdelingenlegioen	(((vreemd)[A],(eling)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(legioen)[N])[N]
vreemdelingenpolitie	(((vreemd)[A],(eling)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(politie)[N])[N]
vreemdelingenverkeer	(((vreemd)[A],(eling)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(verkeer)[N])[N]
vreemdelingenwet	(((vreemd)[A],(eling)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(wet)[N])[N]
vreemdelingenzaak	(((vreemd)[A],(eling)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
vreemdelingschap	(((vreemd)[A],(eling)[N|A.])[N],(schap)[N|N.])[N]
vreemdenlegioen	((vreemde)[N],(en)[N|N.N],(legioen)[N])[N]
vreemdgaan	((vreemd)[A],(ga)[V])[V]
vreemdheid	((vreemd)[A],(heid)[N|A.])[N]
vreemdigheid	((vreemd)[A],(igheid)[N|A.])[N]
vreemdsoortig	((vreemd)[A],(soort)[N],(ig)[A|AN.])[A]
vreemdsoortigheid	(((vreemd)[A],(soort)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vreemdtalig	((vreemd)[A],(taal)[N],(ig)[A|AN.])[A]
vreempje	((vreemd)[A],(je)[N|A.])[N]
vrees	(vrees)[N]
vreesaanjagend	((vrees)[N],((aan)[P],(jaag)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
vreesaanjaging	((vrees)[N],((aan)[P],(jaag)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
vreesachtig	((vrees)[V],(achtig)[A|V.])[A]
vreesachtigheid	(((vrees)[V],(achtig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vreeslijk	((vrees)[V],(lijk)[A|V.])[A]
vreeslijkheid	(((vrees)[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vreeswekkend	((vrees)[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
vreetijzer	((vreet)[V],(ijzer)[N])[N]
vreetpartij	((vreet)[V],(partij)[N])[N]
vreetster	((vreet)[V],(ster)[N|V.])[N]
vreetzak	((vreet)[V],(zak)[N])[N]
vrek	(vrek)[N]
vrekachtig	((vrek)[N],(achtig)[A|N.])[A]
vrekkig	((vrek)[N],(ig)[A|N.])[A]
vrekkigheid	(((vrek)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vreselijk	((vrees)[V],(elijk)[A|V.])[A]
vreselijkheid	(((vrees)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vreten	(vreet)[V]
vreter	((vreet)[V],(er)[N|V.])[N]
vreterij	((vreet)[V],(erij)[N|V.])[N]
vreugd	(vreugd)[N]
vreugde	(vreugde)[N]
vreugdebedrijf	((vreugde)[N],(bedrijf)[N])[N]
vreugdebetoon	((vreugde)[N],(betoon)[N])[N]
vreugdedag	((vreugde)[N],(dag)[N])[N]
vreugdedronken	((vreugde)[N],(dronken)[A])[A]
vreugdegehuil	((vreugde)[N],((ge)[N|.V],(huil)[V])[N])[N]
vreugdekreet	((vreugde)[N],(kreet)[N])[N]
vreugdelied	((vreugde)[N],(lied)[N])[N]
vreugdeloos	((vreugde)[N],(loos)[A|N.])[A]
vreugdetraan	((vreugde)[N],(traan)[N])[N]
vreugdevol	((vreugde)[N],(vol)[A])[A]
vreugdevuur	((vreugde)[N],(vuur)[N])[N]
vreugdezang	((vreugde)[N],(zang)[N])[N]
vreugdig	((vreugd)[N],(ig)[A|N.])[A]
vreze	(vreze)[N]
vrezen	(vrees)[V]
vriend	(vriend)[N]
vriendelijk	((vriend)[N],(elijk)[A|N.])[A]
vriendelijkheid	(((vriend)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vriendendienst	((vriend)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
vriendenfeest	((vriend)[N],(en)[N|N.N],(feest)[N])[N]
vriendengroet	((vriend)[N],(en)[N|N.N],(groet)[N])[N]
vriendenkring	((vriend)[N],(en)[N|N.N],(kring)[N])[N]
vriendenloos	((vriend)[N],(enloos)[A|N.])[A]
vriendenmaal	((vriend)[N],(en)[N|N.N],(maal)[N])[N]
vriendenpaar	((vriend)[N],(en)[N|N.N],(paar)[N])[N]
vriendenprijsje	((vriend)[N],(en)[N|N.N],(prijs)[N])[N]
vriendenrelatie	((vriend)[N],(en)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
vriendenschaar	((vriend)[N],(en)[N|N.N],(schaar)[N])[N]
vriendentrouw	((vriend)[N],(en)[N|N.N],(trouw)[N])[N]
vriendhoudend	((vriend)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
vriendin	((vriend)[N],(in)[N|N.])[N]
vriendinnenkring	(((vriend)[N],(in)[N|N.])[N],(en)[N|N.N],(kring)[N])[N]
vriendjespolitiek	((vriendje)[N],(s)[N|N.N],(politiek)[N])[N]
vriendlief	((vriend)[N],(lief)[A])[N]
vriendschap	((vriend)[N],(schap)[N|N.])[N]
vriendschappelijk	(((vriend)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A]
vriendschappelijkheid	((((vriend)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vriendschapsband	(((vriend)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(band)[N])[N]
vriendschapsbetuiging	(((vriend)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(tuig)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
vriendschapscultus	(((vriend)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(cultus)[N])[N]
vriendschapsrelatie	(((vriend)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
vriendschapsverdrag	(((vriend)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(verdrag)[N])[N]
vriesbak	((vries)[V],(bak)[N])[N]
vriesblauw	((vries)[V],(blauw)[A])[A]
vriescel	((vries)[V],(cel)[N])[N]
vriesdrogen	((vries)[V],(droog)[V])[V]
vriesgans	((vries)[V],(gans)[N])[N]
vrieshuis	((vries)[V],(huis)[N])[N]
vriesinstallatie	((vries)[V],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
vrieskamer	((vries)[V],(kamer)[N])[N]
vrieskast	((vries)[V],(kast)[N])[N]
vrieskist	((vries)[V],(kist)[N])[N]
vrieskou	((vries)[V],(kou)[N])[N]
vrieskoude	((vries)[V],(koude)[N])[N]
vrieslichaam	((vries)[V],(lichaam)[N])[N]
vriesnacht	((vries)[V],(nacht)[N])[N]
vriespunt	((vries)[V],(punt)[N])[N]
vriesruimte	((vries)[V],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vriestreiler	((vries)[V],((treil)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
vriesvak	((vries)[V],(vak)[N])[N]
vrieswagen	((vries)[V],(wagen)[N])[N]
vriesweder	((vries)[V],(weder)[N])[N]
vriesweer	((vries)[V],(weer)[N])[N]
vriezen	(vries)[V]
vriezer	((vries)[V],(er)[N|V.])[N]
vrij	(vrij)[A]
vrij-katholiek	((vrij)[A],(katholiek)[A])[A]
vrijaf	((vrij)[A],(af)[A])[A]
vrijage	((vrij)[V],(age)[N|V.])[N]
vrijbiljet	((vrij)[A],(biljet)[N])[N]
vrijblijvend	((vrij)[A],(blijf)[V],(end)[A|AV.])[A]
vrijblijvendheid	(((vrij)[A],(blijf)[V],(end)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vrijbrief	((vrij)[A],(brief)[N])[N]
vrijbuiter	((vrijbuit)[V],(er)[N|V.])[N]
vrijbuiterij	((vrijbuit)[V],(erij)[N|V.])[N]
vrijbuiterklasse	(((vrijbuit)[V],(er)[N|V.])[N],(klasse)[N])[N]
vrijdagavond	((vrijdag)[N],(avond)[N])[N]
vrijdagmiddag	((vrijdag)[N],(middag)[N])[N]
vrijdagnacht	((vrijdag)[N],(nacht)[N])[N]
vrijdagochtend	((vrijdag)[N],(ochtend)[N])[N]
vrijdags	((vrijdag)[N],(s)[A|N.])[A]
vrijdagvoormiddag	((vrijdag)[N],((voor)[B],(middag)[N])[N])[N]
vrijden	(vrijd)[V]
vrijdenker	((vrij)[A],(denk)[V],(er)[N|AV.])[N]
vrijdenkerij	((vrij)[A],(denk)[V],(erij)[N|AV.])[N]
vrijdenkersorganisatie	(((vrij)[A],(denk)[V],(er)[N|AV.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
vrijdenkersvereniging	(((vrij)[A],(denk)[V],(er)[N|AV.])[N],(s)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vrijdenkster	((vrij)[A],((denk)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
vrijdingen	((vrij)[A],(ding)[V])[V]
vrijdom	((vrij)[A],(dom)[N|A.])[N]
vrijdragend	((vrij)[A],(draag)[V],(end)[A|AV.])[A]
vrijelijk	((vrij)[A],(elijk)[A|A.])[A]
vrijen	(vrij)[V]
vrijer	((vrij)[V],(er)[N|V.])[N]
vrijerij	((vrij)[V],(erij)[N|V.])[N]
vrijerschap	(((vrij)[V],(er)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
vrijersvoeten	(((vrij)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(voet)[N])[N]
vrijetijdsbesteding	((vrij)[A],(e)[N|A.NxVx],(tijd)[N],(s)[N|AxN.Vx],(besteed)[V],(ing)[N|AxNxV.])[N]
vrijetijdsprobleem	((vrij)[A],(e)[N|A.NxN],(tijd)[N],(s)[N|AxN.N],(probleem)[N])[N]
vrijgeboren	((vrij)[A],(geboren)[A])[A]
vrijgeest	((vrij)[A],(geest)[N])[N]
vrijgeesterij	(((vrij)[A],(geest)[N])[N],(erij)[N|N.])[N]
vrijgeleibrief	((vrij)[A],(((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(brief)[N])[N])[N]
vrijgeleide	((vrij)[A],(geleide)[N])[N]
vrijgeleidebrief	(((vrij)[A],(geleide)[N])[N],(brief)[N])[N]
vrijgeven	((vrij)[A],(geef)[V])[V]
vrijgevig	((vrij)[A],(geef)[V],(ig)[A|AV.])[A]
vrijgevigheid	(((vrij)[A],(geef)[V],(ig)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vrijgevochtenheid	((vrijgevochten)[A],(heid)[N|A.])[N]
vrijgeweide	((vrij)[A],(geweide)[N])[N]
vrijgezel	((vrij)[A],(gezel)[N])[N]
vrijgezellenappartement	(((vrij)[A],(gezel)[N])[N],(en)[N|N.N],(appartement)[N])[N]
vrijgezellenavond	(((vrij)[A],(gezel)[N])[N],(en)[N|N.N],(avond)[N])[N]
vrijgezellenbelasting	(((vrij)[A],(gezel)[N])[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
vrijgezellenflat	(((vrij)[A],(gezel)[N])[N],(en)[N|N.N],(flat)[N])[N]
vrijgezellengewoonte	(((vrij)[A],(gezel)[N])[N],(en)[N|N.N],((gewoon)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vrijgezellenknoop	(((vrij)[A],(gezel)[N])[N],(en)[N|N.N],(knoop)[N])[N]
vrijgezellenstaat	(((vrij)[A],(gezel)[N])[N],(en)[N|N.N],(staat)[N])[N]
vrijgezellentijd	(((vrij)[A],(gezel)[N])[N],(en)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
vrijhandel	((vrij)[A],(handel)[N])[N]
vrijhandelaar	((vrij)[A],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
vrijhandelaarster	(((vrij)[A],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N],(ster)[N|N.])[N]
vrijhandelsgebied	(((vrij)[A],(handel)[N])[N],(s)[N|N.N],(gebied)[N])[N]
vrijhandelstelsel	(((vrij)[A],(handel)[N])[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
vrijhandelszone	(((vrij)[A],(handel)[N])[N],(s)[N|N.N],(zone)[N])[N]
vrijhaven	((vrij)[A],(haven)[N])[N]
vrijheer	((vrij)[A],(heer)[N])[N]
vrijheerlijk	(((vrij)[A],(heer)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A]
vrijheerschap	(((vrij)[A],(heer)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
vrijheid	((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N]
vrijheid-determinisme	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(determinisme)[N])[N]
vrijheidlievend	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(lievend)[V])[A]
vrijheidminnend	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(min)[V],(end)[A|NV.])[A]
vrijheidsbeeld	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
vrijheidsbeginsel	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
vrijheidsbegrip	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(begrip)[N])[N]
vrijheidsbeneming	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(neem)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
vrijheidsbeperking	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(perk)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
vrijheidsberoving	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(roof)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
vrijheidsbeweging	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vrijheidsbewustzijn	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
vrijheidsboom	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(boom)[N])[N]
vrijheidsconcept	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(concept)[N])[N]
vrijheidsdrang	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
vrijheidsgeest	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(geest)[N])[N]
vrijheidsgezind	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[A|N.A],(gezind)[A])[A]
vrijheidsgraad	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(graad)[N])[N]
vrijheidsheld	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(held)[N])[N]
vrijheidshoed	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(hoed)[N])[N]
vrijheidsideaal	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(ideaal)[N])[N]
vrijheidsideologie	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((ideologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
vrijheidsklasse	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(klasse)[N])[N]
vrijheidsliefde	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(liefde)[N])[N]
vrijheidsmarge	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(marge)[N])[N]
vrijheidsmuts	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(muts)[N])[N]
vrijheidsontneming	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],((ont)[V|.V],(neem)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
vrijheidsoorlog	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(oorlog)[N])[N]
vrijheidssfeer	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
vrijheidsstraf	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(straf)[N])[N]
vrijheidsstrijder	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((strijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
vrijheidsstrijdster	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],(strijd)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
vrijheidszin	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(zin)[N])[N]
vrijheidszucht	(((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(zucht)[N])[N]
vrijhouden	((vrij)[A],(houd)[V])[V]
vrijkaart	((vrij)[A],(kaart)[N])[N]
vrijkomen	((vrij)[A],(kom)[V])[V]
vrijkopen	((vrij)[A],(koop)[V])[V]
vrijkoping	(((vrij)[A],(koop)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vrijkorps	((vrij)[A],(korps)[N])[N]
vrijkous	((vrij)[V],(kous)[N])[N]
vrijlaten	((vrij)[A],(laat)[V])[V]
vrijlating	(((vrij)[A],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vrijleen	((vrij)[A],(leen)[N])[N]
vrijloop	((vrij)[A],(loop)[N])[N]
vrijlopen	((vrij)[A],(loop)[V])[V]
vrijlot	((vrij)[A],(lot)[N])[N]
vrijloten	((vrij)[A],(loot)[V])[V]
vrijmacht	((vrij)[A],(macht)[N])[N]
vrijmachtig	((vrij)[A],((macht)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
vrijmachtigheid	(((vrij)[A],((macht)[N],(ig)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
vrijmaken	((vrij)[A],(maak)[V])[V]
vrijmaking	((vrij)[A],(maak)[V],(ing)[N|AV.])[N]
vrijmarkt	((vrij)[A],(markt)[N])[N]
vrijmetselaar	((vrij)[A],((metsel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
vrijmetselaarscode	(((vrij)[A],((metsel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(code)[N])[N]
vrijmetselaarskring	(((vrij)[A],((metsel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(kring)[N])[N]
vrijmetselaarsloge	(((vrij)[A],((metsel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(loge)[N])[N]
vrijmetselaarsteken	(((vrij)[A],((metsel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
vrijmetselarij	(((vrij)[A],((metsel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N],(ij)[N|N.])[N]
vrijmoedig	((vrij)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
vrijmoedigheid	(((vrij)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vrijplaats	((vrij)[A],(plaats)[N])[N]
vrijpleiten	((vrij)[A],(pleit)[V])[V]
vrijpostigheid	((vrijpostig)[A],(heid)[N|A.])[N]
vrijspraak	((vrij)[A],(spraak)[N])[N]
vrijspreken	((vrij)[A],(spreek)[V])[V]
vrijspreking	(((vrij)[A],(spreek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vrijstaan	((vrij)[A],(sta)[V])[V]
vrijstaat	((vrij)[A],(staat)[N])[N]
vrijstad	((vrij)[A],(stad)[N])[N]
vrijstellen	((vrij)[A],(stel)[V])[V]
vrijstelling	(((vrij)[A],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vrijstellingsmogelijkheid	((((vrij)[A],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
vrijster	((vrij)[V],(ster)[N|V.])[N]
vrijsterschap	(((vrij)[V],(ster)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
vrijvechten	((vrij)[A],(vecht)[V])[V]
vrijverklaren	((vrij)[A],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V])[V]
vrijverklaring	((vrij)[A],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|AV.])[N]
vrijvrouw	((vrij)[A],(vrouw)[N])[N]
vrijwaren	((vrij)[A],(waar)[V])[V]
vrijwaring	(((vrij)[A],(waar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
vrijwiel	((vrij)[A],(wiel)[N])[N]
vrijwielen	((vrij)[A],(wiel)[V])[V]
vrijwieler	(((vrij)[A],(wiel)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
vrijwillig	((vrij)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A]
vrijwilliger	(((vrij)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A],(er)[N|A.])[N]
vrijwilligersactiviteit	((((vrij)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A],(er)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
vrijwilligerscentrale	((((vrij)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A],(er)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
vrijwilligershulp	((((vrij)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A],(er)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(hulp)[N])[N]
vrijwilligerskorps	((((vrij)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A],(er)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(korps)[N])[N]
vrijwilligersleger	((((vrij)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A],(er)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(leger)[N])[N]
vrijwilligerslegioen	((((vrij)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A],(er)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(legioen)[N])[N]
vrijwilligersorganisatie	((((vrij)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A],(er)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
vrijwilligerswerk	((((vrij)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A],(er)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
vrijwilligheid	(((vrij)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vrijwilligster	(((vrij)[A],(wil)[N],(ig)[A|AN.])[A],(ster)[N|A.])[N]
vrijzetten	((vrij)[A],(zet)[V])[V]
vrijzinnig	((vrij)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A]
vrijzinnig-democratisch	(((vrij)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A],((democraat)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
vrijzinnigheid	(((vrij)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vrind	(vrind)[N]
vroed	(vroed)[A]
vroedheid	((vroed)[A],(heid)[N|A.])[N]
vroedkunde	((vroed)[A],(kunde)[N])[N]
vroedkundig	((vroed)[A],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
vroedschap	((vroed)[A],(schap)[N|A.])[N]
vroedvrouw	((vroed)[A],(vrouw)[N])[N]
vroeg	(vroeg)[A]
vroegbeurt	((vroeg)[A],(beurt)[N])[N]
vroegbloeier	((vroeg)[A],(bloei)[V],(er)[N|AV.])[N]
vroegburgerlijk	((vroeg)[A],((burger)[N],(lijk)[A|N.])[A])[A]
vroegchristelijk	((vroeg)[A],((christen)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
vroegdiagnostiek	((vroeg)[A],(((dia)[A|.A],(gnostisch)[A])[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
vroegdienst	((vroeg)[A],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
vroegeling	((vroeg)[A],(eling)[N|A.])[N]
vroegertje	((vroeg)[A],(ertje)[N|A.])[N]
vroeggeboorte	((vroeg)[A],(geboorte)[N])[N]
vroeghulp	((vroeg)[A],(hulp)[N])[N]
vroegkapitalisme	((vroeg)[A],(kapitalisme)[N])[N]
vroegkapitalistisch	((vroeg)[A],(((kapitaal)[N],(ist)[N|N.])[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
vroegkerk	((vroeg)[A],(kerk)[N])[N]
vroegmiddeleeuws	((vroeg)[A],(((middel)[A],(eeuw)[N])[N],(s)[A|N.])[A])[A]
vroegmis	((vroeg)[A],(mis)[N])[N]
vroegpreek	((vroeg)[A],(preek)[N])[N]
vroegrijp	((vroeg)[A],(rijp)[A])[A]
vroegrijpheid	(((vroeg)[A],(rijp)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
vroegrit	((vroeg)[A],(rit)[N])[N]
vroegte	((vroeg)[A],(te)[N|A.])[N]
vroegtijdig	((vroeg)[A],(tijd)[N],(ig)[A|AN.])[A]
vroegtijdigheid	(((vroeg)[A],(tijd)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vroegtijds	((vroeg)[A],(tijd)[N],(s)[A|AN.])[A]
vrolijk	(vrolijk)[A]
vrolijkheid	((vrolijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
vromigheid	((vroom)[A],(igheid)[N|A.])[N]
vroom	(vroom)[A]
vroomheid	((vroom)[A],(heid)[N|A.])[N]
vroon	(vroon)[N]
vroondienst	((vroon)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
vroongeld	((vroon)[N],(geld)[N])[N]
vroongoed	((vroon)[N],(goed)[N])[N]
vroonheer	((vroon)[N],(heer)[N])[N]
vroonhof	((vroon)[N],(hof)[N])[N]
vroonland	((vroon)[N],(land)[N])[N]
vrouwachtig	((vrouw)[N],(achtig)[A|N.])[A]
vrouwbeeld	((vrouw)[N],(beeld)[N])[N]
vrouwe	(vrouwe)[N]
vrouwelijk	((vrouw)[N],(elijk)[A|N.])[A]
vrouwelijkheid	(((vrouw)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vrouwenaanbod	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(aanbod)[N])[N]
vrouwenaard	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(aard)[N])[N]
vrouwenader	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(ader)[N])[N]
vrouwenafdeling	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(((af)[P],(deel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vrouwenarbeid	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(arbeid)[N])[N]
vrouwenarts	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(arts)[N])[N]
vrouwenbeeld	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
vrouwenbeul	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(beul)[N])[N]
vrouwenbeweging	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vrouwenblad	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(blad)[N])[N]
vrouwenboekhandel	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((boek)[N],(handel)[N])[N])[N]
vrouwenboezem	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(boezem)[N])[N]
vrouwenbond	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(bond)[N])[N]
vrouwenborst	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(borst)[N])[N]
vrouwencafé	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(café)[N])[N]
vrouwencongres	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(congres)[N])[N]
vrouwencontact	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(contact)[N])[N]
vrouwendemonstratie	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((demonstreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
vrouwendienst	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
vrouwendokter	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(dokter)[N])[N]
vrouweneethuis	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((eet)[V],(huis)[N])[N])[N]
vrouwenemancipatie	((vrouw)[N],(en)[N|N.Vx],(emancipeer)[V],(atie)[N|NxV.])[N]
vrouwenfestival	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(festival)[N])[N]
vrouwenfiguur	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(figuur)[N])[N]
vrouwenfilm	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(film)[N])[N]
vrouwengek	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(gek)[N])[N]
vrouwengemeenschap	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
vrouwengeschiedenis	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
vrouwengestalte	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(gestalte)[N])[N]
vrouwengevangenis	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(gevangenis)[N])[N]
vrouwengezicht	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
vrouwengroep	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(groep)[N])[N]
vrouwenhaar	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(haar)[N])[N]
vrouwenhaat	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(haat)[N])[N]
vrouwenhand	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(hand)[N])[N]
vrouwenhandel	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(handel)[N])[N]
vrouwenhater	((vrouw)[N],(en)[N|N.Vx],(haat)[V],(er)[N|NxV.])[N]
vrouwenhoofd	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
vrouwenhuid	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(huid)[N])[N]
vrouwenhuis	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
vrouweninitiatief	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(initiatief)[N])[N]
vrouwenjager	((vrouw)[N],(en)[N|N.Vx],(jaag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
vrouwenkamp	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(kamp)[N])[N]
vrouwenkapsel	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((kap)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
vrouwenkiesrecht	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((kies)[V],(recht)[N])[N])[N]
vrouwenkleding	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vrouwenkliniek	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((klinisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
vrouwenklooster	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(klooster)[N])[N]
vrouwenkont	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(kont)[N])[N]
vrouwenkut	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(kut)[N])[N]
vrouwenkwaal	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(kwaal)[N])[N]
vrouwenlanddag	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((land)[N],(dag)[N])[N])[N]
vrouwenleen	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(leen)[N])[N]
vrouwenlichaam	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(lichaam)[N])[N]
vrouwenliefde	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(liefde)[N])[N]
vrouwenlijf	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(lijf)[N])[N]
vrouwenlist	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(list)[N])[N]
vrouwenliteratuur	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(literatuur)[N])[N]
vrouwenlitteratuur	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(litteratuur)[N])[N]
vrouwenlogica	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(logica)[N])[N]
vrouwenmantel	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(mantel)[N])[N]
vrouwenmoordenaar	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((moord)[N],(enaar)[N|N.])[N])[N]
vrouwennaam	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(naam)[N])[N]
vrouwenondergoed	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((onder)[P],(goed)[N])[N])[N]
vrouwenorganisatie	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
vrouwenoverschot	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(overschot)[N])[N]
vrouwenpagina	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(pagina)[N])[N]
vrouwenportret	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(portret)[N])[N]
vrouwenpraatgroep	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((praat)[V],(groep)[N])[N])[N]
vrouwenprobleem	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
vrouwenrok	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(rok)[N])[N]
vrouwenrol	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(rol)[N])[N]
vrouwenroof	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(roof)[N])[N]
vrouwenrubriek	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(rubriek)[N])[N]
vrouwenschender	((vrouw)[N],(en)[N|N.Vx],(schend)[V],(er)[N|NxV.])[N]
vrouwenschennis	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(schennis)[N])[N]
vrouwenschoen	((vrouw)[N],(e)[N|N.N],(schoen)[N])[N]
vrouwenstad	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(stad)[N])[N]
vrouwenstem	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(stem)[N])[N]
vrouwenstrijd	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(strijd)[N])[N]
vrouwenstudie	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(studie)[N])[N]
vrouwentehuis	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((te)[P],(huis)[N])[N])[N]
vrouwentelefoon	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(telefoon)[N])[N]
vrouwentijdschrift	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((tijd)[N],(schrift)[N])[N])[N]
vrouwentongen	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(tong)[N])[N]
vrouwentype	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(type)[N])[N]
vrouwenvereniging	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vrouwenvinger	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(vinger)[N])[N]
vrouwenvlees	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
vrouwenvolk	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(volk)[N])[N]
vrouwenvraagstuk	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
vrouwenvriendschap	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((vriend)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
vrouwenwereld	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
vrouwenwerk	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(werk)[N])[N]
vrouwenzaak	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
vrouwenziekte	((vrouw)[N],(en)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vrouwkracht	((vrouw)[N],(kracht)[N])[N]
vrouwmens	((vrouw)[N],(mens)[N])[N]
vrouwspersoon	((vrouw)[N],(s)[N|N.N],(persoon)[N])[N]
vrouwtjeschimpansee	((vrouwtje)[N],(s)[N|N.N],(chimpansee)[N])[N]
vrouwtjeshond	((vrouwtje)[N],(s)[N|N.N],(hond)[N])[N]
vrouwvolk	((vrouw)[N],(volk)[N])[N]
vrouwvriendelijk	((vrouw)[N],((vriend)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
vrouwziek	((vrouw)[N],(ziek)[A])[A]
vrucht	(vrucht)[N]
vruchtafdrijvend	((vrucht)[N],((af)[P],(drijf)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
vruchtafdrijving	((vrucht)[N],((af)[P],(drijf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
vruchtbaar	((vrucht)[N],(baar)[A])[A]
vruchtbaarheid	(((vrucht)[N],(baar)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
vruchtbaarheidscijfer	((((vrucht)[N],(baar)[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(cijfer)[N])[N]
vruchtbaarheidscultus	((((vrucht)[N],(baar)[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(cultus)[N])[N]
vruchtbaarheidsgod	((((vrucht)[N],(baar)[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(god)[N])[N]
vruchtbaarheidsgodsdienst	((((vrucht)[N],(baar)[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
vruchtbaarheidsonderzoek	((((vrucht)[N],(baar)[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(onderzoek)[N])[N]
vruchtbaarheidsprobleem	((((vrucht)[N],(baar)[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
vruchtbaarheidsrite	((((vrucht)[N],(baar)[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(rite)[N])[N]
vruchtbaarheidssymbool	((((vrucht)[N],(baar)[A])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(symbool)[N])[N]
vruchtbaarmakend	(((vrucht)[N],(baar)[A])[A],(maak)[V],(end)[A|AV.])[A]
vruchtbeginsel	((vrucht)[N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
vruchtbeschadiging	((vrucht)[N],((beschadig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vruchtblaas	((vrucht)[N],(blaas)[N])[N]
vruchtbodem	((vrucht)[N],(bodem)[N])[N]
vruchtboom	((vrucht)[N],(boom)[N])[N]
vruchtdragend	((vrucht)[N],(draag)[V],(end)[A|NV.])[A]
vruchteloos	((vrucht)[N],(eloos)[A|N.])[A]
vruchteloosheid	(((vrucht)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vruchtenazijn	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(azijn)[N])[N]
vruchtenbowl	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(bowl)[N])[N]
vruchtenbrandewijn	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],((brand)[N],(e)[N|N.N],(wijn)[N])[N])[N]
vruchtenbrood	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(brood)[N])[N]
vruchtencake	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(cake)[N])[N]
vruchtenconserven	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(conserve)[N])[N]
vruchtendrank	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(drank)[N])[N]
vruchtengelei	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(gelei)[N])[N]
vruchtenhagel	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(hagel)[N])[N]
vruchtenlimonade	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(limonade)[N])[N]
vruchtenmand	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(mand)[N])[N]
vruchtenmesje	((vrucht)[N],(e)[N|N.N],(mes)[N])[N]
vruchtenmoes	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(moes)[N])[N]
vruchtenpers	((vrucht)[N],(e)[N|N.N],(pers)[N])[N]
vruchtenplukker	((vrucht)[N],(e)[N|N.Vx],(pluk)[V],(er)[N|NxV.])[N]
vruchtenpulp	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(pulp)[N])[N]
vruchtenpuree	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(puree)[N])[N]
vruchtensalade	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(salade)[N])[N]
vruchtensap	((vrucht)[N],(e)[N|N.N],(sap)[N])[N]
vruchtenschaal	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(schaal)[N])[N]
vruchtensiroop	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(siroop)[N])[N]
vruchtenslaatje	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(sla)[N])[N]
vruchtensuiker	((vrucht)[N],(e)[N|N.N],(suiker)[N])[N]
vruchtentaart	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(taart)[N])[N]
vruchtenwijn	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(wijn)[N])[N]
vruchtenyoghurt	((vrucht)[N],(en)[N|N.N],(yoghurt)[N])[N]
vruchtgal	((vrucht)[N],(gal)[N])[N]
vruchtgebruik	((vrucht)[N],(gebruik)[N])[N]
vruchtgebruiker	(((vrucht)[N],(gebruik)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
vruchtgebruikster	((vrucht)[N],((gebruik)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
vruchtgenot	((vrucht)[N],(genot)[N])[N]
vruchtgewas	((vrucht)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
vruchtgroente	((vrucht)[N],((groen)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vruchthouder	((vrucht)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
vruchthout	((vrucht)[N],(hout)[N])[N]
vruchthulsel	((vrucht)[N],((hul)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
vruchtknop	((vrucht)[N],(knop)[N])[N]
vruchtleven	((vrucht)[N],(leven)[N])[N]
vruchtlichaam	((vrucht)[N],(lichaam)[N])[N]
vruchtnavel	((vrucht)[N],(navel)[N])[N]
vruchtpluis	((vrucht)[N],(pluis)[N])[N]
vruchtvlees	((vrucht)[N],(vlees)[N])[N]
vruchtvlies	((vrucht)[N],(vlies)[N])[N]
vruchtvorming	((vrucht)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
vruchtwand	((vrucht)[N],(wand)[N])[N]
vruchtwater	((vrucht)[N],(water)[N])[N]
vruchtwatercel	(((vrucht)[N],(water)[N])[N],(cel)[N])[N]
vruchtwateronderzoek	(((vrucht)[N],(water)[N])[N],(onderzoek)[N])[N]
vruchtwaterpunctie	(((vrucht)[N],(water)[N])[N],(punctie)[N])[N]
vruchtwisseling	((vrucht)[N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vruchtzetting	((vrucht)[N],(zet)[V],(ing)[N|NV.])[N]
vue	(vue)[N]
vuig	(vuig)[A]
vuigheid	((vuig)[A],(heid)[N|A.])[N]
vuil	(vuil)[N]
vuilaard	((vuil)[A],(aard)[N|A.])[N]
vuilaardig	(((vuil)[A],(aard)[N|A.])[N],(ig)[A|N.])[A]
vuilaardigheid	((((vuil)[A],(aard)[N|A.])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vuilbak	((vuil)[N],(bak)[N])[N]
vuilbek	((vuil)[A],(bek)[N])[N]
vuilbekken	((vuil)[A],(bek)[V])[V]
vuilbekkerij	(((vuil)[A],(bek)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
vuilblik	((vuil)[N],(blik)[N])[N]
vuilboom	((vuil)[A],(boom)[N])[N]
vuilemmer	((vuil)[N],(emmer)[N])[N]
vuilheid	((vuil)[A],(heid)[N|A.])[N]
vuilhoop	((vuil)[N],(hoop)[N])[N]
vuiligheid	((vuil)[A],(igheid)[N|A.])[N]
vuilkar	((vuil)[N],(kar)[N])[N]
vuilmaken	((vuil)[A],(maak)[V])[V]
vuilnis	((vuil)[A],(nis)[N|A.])[N]
vuilnisauto	(((vuil)[A],(nis)[N|A.])[N],(auto)[N])[N]
vuilnisbak	(((vuil)[A],(nis)[N|A.])[N],(bak)[N])[N]
vuilnisbakbepaling	((((vuil)[A],(nis)[N|A.])[N],(bak)[N])[N],(((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vuilnisbakkenras	((((vuil)[A],(nis)[N|A.])[N],(bak)[N])[N],(e)[N|N.N],(ras)[N])[N]
vuilnisbelt	(((vuil)[A],(nis)[N|A.])[N],(belt)[N])[N]
vuilnisblik	(((vuil)[A],(nis)[N|A.])[N],(blik)[N])[N]
vuilnisdienst	(((vuil)[A],(nis)[N|A.])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
vuilnisemmer	(((vuil)[A],(nis)[N|A.])[N],(emmer)[N])[N]
vuilnishoop	(((vuil)[A],(nis)[N|A.])[N],(hoop)[N])[N]
vuilniskar	(((vuil)[A],(nis)[N|A.])[N],(kar)[N])[N]
vuilniskoker	(((vuil)[A],(nis)[N|A.])[N],(koker)[N])[N]
vuilnisman	(((vuil)[A],(nis)[N|A.])[N],(man)[N])[N]
vuilnisophaaldienst	(((vuil)[A],(nis)[N|A.])[N],(((op)[P],(haal)[V])[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
vuilnisschuit	(((vuil)[A],(nis)[N|A.])[N],(schuit)[N])[N]
vuilnisstortplaats	(((vuil)[A],(nis)[N|A.])[N],((stort)[V],(plaats)[N])[N])[N]
vuilniswagen	(((vuil)[A],(nis)[N|A.])[N],(wagen)[N])[N]
vuilniszak	(((vuil)[A],(nis)[N|A.])[N],(zak)[N])[N]
vuilophaaldienst	((vuil)[N],(((op)[P],(haal)[V])[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
vuilpersleiding	((vuil)[N],((pers)[V],((leid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
vuilpeuk	((vuil)[A],(peuk)[N])[N]
vuilpoes	((vuil)[A],(poes)[N])[N]
vuilschrijverij	((vuil)[A],(schrijf)[V],(erij)[N|AV.])[N]
vuilspeler	((vuil)[A],(speel)[V],(er)[N|AV.])[N]
vuilspuiter	((vuil)[N],(spuit)[V],(er)[N|NV.])[N]
vuilspuiterij	((vuil)[A],(spuit)[V],(erij)[N|AV.])[N]
vuilstortplaats	((vuil)[N],((stort)[V],(plaats)[N])[N])[N]
vuilte	((vuil)[A],(te)[N|A.])[N]
vuiltje	((vuil)[N],(tje)[N|N.])[N]
vuiltong	((vuil)[A],(tong)[N])[N]
vuilverbranding	((vuil)[N],((ver)[V|.V],(brand)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
vuilverwerking	((vuil)[N],((ver)[V|.V],(werk)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
vuilwaterpomp	((vuil)[A],(water)[N],(pomp)[N])[N]
vuilwit	((vuil)[A],(wit)[A])[A]
vuist	(vuist)[N]
vuistbalspel	((vuist)[N],((bal)[N],(spel)[N])[N])[N]
vuistbijl	((vuist)[N],(bijl)[N])[N]
vuistdik	((vuist)[N],(dik)[A])[A]
vuistgevecht	((vuist)[N],((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N])[N]
vuistgroot	((vuist)[N],(groot)[A])[A]
vuisthamer	((vuist)[N],(hamer)[N])[N]
vuisthandschoen	((vuist)[N],((hand)[N],(schoen)[N])[N])[N]
vuistpand	((vuist)[N],(pand)[N])[N]
vuistrecht	((vuist)[N],(recht)[N])[N]
vuistregel	((vuist)[N],(regel)[N])[N]
vuistslag	((vuist)[N],(slag)[N])[N]
vuistvechter	((vuist)[N],((vecht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
vulaarde	((vul)[V],(aarde)[N])[N]
vulbier	((vul)[V],(bier)[N])[N]
vuldop	((vul)[V],(dop)[N])[N]
vuldruk	((vul)[V],(druk)[N])[N]
vulgaren	((vul)[V],(garen)[N])[N]
vulgarisatie	(((vulgair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(atie)[N|V.])[N]
vulgarisator	(((vulgair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ator)[N|V.])[N]
vulgariseren	((vulgair)[A],(iseer)[V|A.])[V]
vulgarisering	(((vulgair)[A],(iseer)[V|A.])[V],(ing)[N|V.])[N]
vulgariteit	((vulgair)[A],(iteit)[N|A.])[N]
vulgas	((vul)[V],(gas)[N])[N]
vulgus	(vulgus)[N]
vulhaard	((vul)[V],(haard)[N])[N]
vulhout	((vul)[V],(hout)[N])[N]
vulkaan	(vulkaan)[N]
vulkaankegel	((vulkaan)[N],(kegel)[N])[N]
vulkaankrater	((vulkaan)[N],(krater)[N])[N]
vulkachel	((vul)[V],(kachel)[N])[N]
vulkanisatie	((vulkaniseer)[V],(atie)[N|V.])[N]
vulkanisch	((vulkaan)[N],(isch)[A|N.])[A]
vulkanist	((vulkaan)[N],(ist)[N|N.])[N]
vulleiding	((vul)[V],((leid)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vullen	(vul)[V]
vuller	((vul)[V],(er)[N|V.])[N]
vullichaam	((vul)[V],(lichaam)[N])[N]
vulling	((vul)[V],(ing)[N|V.])[N]
vulmateriaal	((vul)[V],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
vulmiddel	((vul)[V],(middel)[N])[N]
vulopening	((vul)[V],((open)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vulpasta	((vul)[V],(pasta)[N])[N]
vulpen	((vul)[V],(pen)[N])[N]
vulpenhouder	(((vul)[V],(pen)[N])[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
vulpeninkt	(((vul)[V],(pen)[N])[N],(inkt)[N])[N]
vulpenseel	((vul)[V],(penseel)[N])[N]
vulpotlood	((vul)[V],((pot)[N],(lood)[N])[N])[N]
vulregel	((vul)[V],(regel)[N])[N]
vulsel	((vul)[V],(sel)[N|V.])[N]
vulstation	((vul)[V],(station)[N])[N]
vulstem	((vul)[V],(stem)[N])[N]
vulstof	((vul)[V],(stof)[N])[N]
vulstuk	((vul)[V],(stuk)[N])[N]
vulvovaginaal	((vulva)[N],(vagina)[N],(aal)[A|NN.])[A]
vuns	(vuns)[A]
vunsheid	((vuns)[A],(heid)[N|A.])[N]
vunzigheid	((vunzig)[A],(heid)[N|A.])[N]
vuren	(vuur)[V]
vurenhout	((vuur)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
vurenhouten	(((vuur)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
vurenzicht	((vuur)[N],(en)[N|N.N],(zicht)[N])[N]
vurig	((vuur)[N],(ig)[A|N.])[A]
vurigheid	(((vuur)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
vut-regeling	((V.U.T.)[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vutten	(vut)[V]
vutter	((V.U.T.)[N],(er)[N|N.])[N]
vuur	(vuur)[N]
vuuraanbidder	((vuur)[N],((aan)[P],(bid)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
vuuraanbidster	((vuur)[N],((aan)[P],(bid)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
vuurbaak	((vuur)[V],(baak)[N])[N]
vuurbaken	((vuur)[V],(baken)[N])[N]
vuurbal	((vuur)[N],(bal)[N])[N]
vuurbelasting	((vuur)[N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vuurberg	((vuur)[N],(berg)[N])[N]
vuurbestendig	((vuur)[N],(bestendig)[A])[A]
vuurbol	((vuur)[N],(bol)[N])[N]
vuurbuis	((vuur)[N],(buis)[N])[N]
vuurcontact	((vuur)[N],(contact)[N])[N]
vuurdekking	((vuur)[V],((dek)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
vuurdood	((vuur)[N],(dood)[N])[N]
vuurdoop	((vuur)[N],(doop)[N])[N]
vuurdoorn	((vuur)[N],(doorn)[N])[N]
vuurdoren	((vuur)[N],(doren)[N])[N]
vuureter	((vuur)[N],(eet)[V],(er)[N|NV.])[N]
vuurgeest	((vuur)[N],(geest)[N])[N]
vuurgeschut	((vuur)[N],(geschut)[N])[N]
vuurgevecht	((vuur)[V],((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N])[N]
vuurgloed	((vuur)[N],(gloed)[N])[N]
vuurhaak	((vuur)[V],(haak)[N])[N]
vuurhaard	((vuur)[V],(haard)[N])[N]
vuurhoudend	((vuur)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
vuurijzer	((vuur)[N],(ijzer)[N])[N]
vuurkast	((vuur)[V],(kast)[N])[N]
vuurkei	((vuur)[V],(kei)[N])[N]
vuurkist	((vuur)[V],(kist)[N])[N]
vuurkogel	((vuur)[V],(kogel)[N])[N]
vuurkolk	((vuur)[N],(kolk)[N])[N]
vuurkolom	((vuur)[N],(kolom)[N])[N]
vuurkracht	((vuur)[V],(kracht)[N])[N]
vuurlak	((vuur)[N],(lak)[N])[N]
vuurlassen	((vuur)[N],(las)[V])[V]
vuurleider	((vuur)[V],((leid)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
vuurleiding	((vuur)[N],(leid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
vuurlijn	((vuur)[V],(lijn)[N])[N]
vuurlinie	((vuur)[V],(linie)[N])[N]
vuurmaker	((vuur)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
vuurmolen	((vuur)[N],(molen)[N])[N]
vuurmond	((vuur)[V],(mond)[N])[N]
vuurpan	((vuur)[V],(pan)[N])[N]
vuurpauze	((vuur)[V],(pauze)[N])[N]
vuurpeloton	((vuur)[V],(peloton)[N])[N]
vuurpijl	((vuur)[N],(pijl)[N])[N]
vuurplaat	((vuur)[N],(plaat)[N])[N]
vuurpoel	((vuur)[N],(poel)[N])[N]
vuurpomp	((vuur)[N],(pomp)[N])[N]
vuurpot	((vuur)[N],(pot)[N])[N]
vuurproef	((vuur)[N],(proef)[N])[N]
vuurregen	((vuur)[N],(regen)[N])[N]
vuurrood	((vuur)[N],(rood)[A])[A]
vuurscherm	((vuur)[N],(scherm)[N])[N]
vuurschip	((vuur)[N],(schip)[N])[N]
vuursein	((vuur)[V],(sein)[N])[N]
vuursignaal	((vuur)[V],(signaal)[N])[N]
vuurslag	((vuur)[N],(slag)[N])[N]
vuursnelheid	((vuur)[V],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
vuursprank	((vuur)[N],(sprank)[N])[N]
vuursprankel	((vuur)[N],(sprankel)[N])[N]
vuurspuwend	((vuur)[N],(spuw)[V],(end)[A|NV.])[A]
vuurstaal	((vuur)[N],(staal)[N])[N]
vuursteen	((vuur)[N],(steen)[N])[N]
vuurstenen	(((vuur)[N],(steen)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
vuurstoot	((vuur)[N],(stoot)[N])[N]
vuurstraal	((vuur)[N],(straal)[N])[N]
vuurtang	((vuur)[N],(tang)[N])[N]
vuurtest	((vuur)[N],(test)[N])[N]
vuurtoren	((vuur)[N],(toren)[N])[N]
vuurtorenwachter	(((vuur)[N],(toren)[N])[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
vuurvast	((vuur)[N],(vast)[A])[A]
vuurvlaag	((vuur)[N],(vlaag)[N])[N]
vuurvlek	((vuur)[N],(vlek)[N])[N]
vuurvlieg	((vuur)[N],(vlieg)[N])[N]
vuurvlinder	((vuur)[N],(vlinder)[N])[N]
vuurvreter	((vuur)[N],(vreet)[V],(er)[N|NV.])[N]
vuurwagen	((vuur)[N],(wagen)[N])[N]
vuurwals	((vuur)[N],(wals)[N])[N]
vuurwapen	((vuur)[V],(wapen)[N])[N]
vuurwapenwet	(((vuur)[V],(wapen)[N])[N],(wet)[N])[N]
vuurwater	((vuur)[N],(water)[N])[N]
vuurwerk	((vuur)[N],(werk)[N])[N]
vuurwerker	(((vuur)[N],(werk)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
vuurwerkerskunst	((((vuur)[N],(werk)[N])[N],(er)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
vuurwerkmaker	(((vuur)[N],(werk)[N])[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
vuurzee	((vuur)[N],(zee)[N])[N]
vuurziekte	((vuur)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
vuurzuil	((vuur)[N],(zuil)[N])[N]
w	(w)[N]
waadbaar	((waad)[V],(baar)[A|V.])[A]
waadpoot	((waad)[V],(poot)[N])[N]
waadvogel	((waad)[V],(vogel)[N])[N]
waag	(waag)[N]
waagbriefje	((waag)[N],(brief)[N])[N]
waaggeld	((waag)[V],(geld)[N])[N]
waaghals	((waag)[V],(hals)[N])[N]
waaghalzerig	(((waag)[V],(hals)[N])[N],(erig)[A|N.])[A]
waaghalzerij	(((waag)[V],(hals)[N])[N],(erij)[N|N.])[N]
waaghalzig	(((waag)[V],(hals)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
waagmeester	((waag)[N],(meester)[N])[N]
waagschaal	((waag)[N],(schaal)[N])[N]
waagspel	((waag)[N],(spel)[N])[N]
waagstuk	((waag)[N],(stuk)[N])[N]
waaibomenhout	(((waai)[V],(boom)[N])[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
waaiboom	((waai)[V],(boom)[N])[N]
waaien	(waai)[V]
waaier	((waai)[V],(er)[N|V.])[N]
waaierbrander	(((waai)[V],(er)[N|V.])[N],((brand)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
waaierdeur	(((waai)[V],(er)[N|V.])[N],(deur)[N])[N]
waaiereend	(((waai)[V],(er)[N|V.])[N],(eend)[N])[N]
waaiergewelf	(((waai)[V],(er)[N|V.])[N],((ge)[N|.V],(welf)[V])[N])[N]
waaierpalm	(((waai)[V],(er)[N|V.])[N],(palm)[N])[N]
waaierrijden	(((waai)[V],(er)[N|V.])[N],(rijd)[V])[V]
waaiersluis	(((waai)[V],(er)[N|V.])[N],(sluis)[N])[N]
waaiervormig	(((waai)[V],(er)[N|V.])[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
waak	(waak)[N]
waakdienst	((waak)[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
waakhond	((waak)[V],(hond)[N])[N]
waakhoogte	((waak)[V],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
waakloon	((waak)[V],(loon)[N])[N]
waaks	((waak)[V],(s)[A|V.])[A]
waakster	((waak)[V],(ster)[N|V.])[N]
waaktoestand	((waak)[V],(toestand)[N])[N]
waakvlam	((waak)[V],(vlam)[N])[N]
waakzaam	((waak)[V],(zaam)[A|V.])[A]
waakzaamheid	(((waak)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
waal	(waal)[N]
waalklinker	((Waal)[N],((klink)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
waalsteen	((Waal)[N],(steen)[N])[N]
waan	(waan)[N]
waandenkbeeld	((waan)[N],((denk)[V],(beeld)[N])[N])[N]
waanidee	((waan)[N],(idee)[N])[N]
waanvoorstelling	((waan)[N],(((voor)[B],(stel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
waanwereld	((waan)[N],(wereld)[N])[N]
waanwijs	((waan)[N],(wijs)[A])[A]
waanwijsheid	(((waan)[N],(wijs)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
waanzin	((waan)[N],(zin)[N])[N]
waanzinnig	(((waan)[N],(zin)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
waanzinnigheid	((((waan)[N],(zin)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
waar	(waar)[N]
waarachtig	((waar)[A],(achtig)[A|A.])[A]
waarachtigheid	(((waar)[A],(achtig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
waarborg	((waar)[A],(borg)[N])[N]
waarborgen	((waar)[A],(borg)[V])[V]
waarborgfonds	(((waar)[A],(borg)[N])[N],(fonds)[N])[N]
waarborging	(((waar)[A],(borg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
waarborgkapitaal	(((waar)[A],(borg)[N])[N],(kapitaal)[N])[N]
waarborgsom	(((waar)[A],(borg)[N])[N],(som)[N])[N]
waarborgstempel	(((waar)[A],(borg)[N])[N],(stempel)[N])[N]
waard	(waard)[N]
waarde	(waarde)[N]
waarde-ethiek	((waarde)[N],((ethisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
waardeanalyse	((waarde)[N],(analyse)[N])[N]
waardebasis	((waarde)[N],(basis)[N])[N]
waardebepaling	((waarde)[N],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
waardebetrokkenheid	((waarde)[N],((betrokken)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
waardebewustzijn	((waarde)[N],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
waardebon	((waarde)[N],(bon)[N])[N]
waardedimensie	((waarde)[N],(dimensie)[N])[N]
waardeerbaar	(((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V],(baar)[A|V.])[A]
waardeerder	(((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V],(der)[N|V.])[N]
waardegrootheid	((waarde)[N],((groot)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
waardeherstel	((waarde)[N],(herstel)[N])[N]
waardeklasse	((waarde)[N],(klasse)[N])[N]
waardeleer	((waarde)[N],(leer)[N])[N]
waardeloos	((waarde)[N],(loos)[A|N.])[A]
waardeloosheid	(((waarde)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
waardemaatstaf	((waarde)[N],((maat)[N],(staf)[N])[N])[N]
waardemeter	((waarde)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
waardeoordeel	((waarde)[N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[N]
waardeoriëntatie	((waarde)[N],(((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
waardepapier	((waarde)[N],(papier)[N])[N]
waardepunt	((waarde)[N],(punt)[N])[N]
waarderen	((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V]
waardering	(((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N]
waarderingscijfer	((((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(cijfer)[N])[N]
waarderingselement	((((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(element)[N])[N]
waarderingsgrondslag	((((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(grondslag)[N])[N]
waarderingsmaatstaf	((((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((maat)[N],(staf)[N])[N])[N]
waarderingsmethode	((((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
waarderingsnorm	((((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(norm)[N])[N]
waarderingsprobleem	((((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
waarderingsproces	((((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
waarderingstheorie	((((waarde)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
waardeschaal	((waarde)[N],(schaal)[N])[N]
waardestandaard	((waarde)[N],(standaard)[N])[N]
waardesysteem	((waarde)[N],(systeem)[N])[N]
waardetheorie	((waarde)[N],(theorie)[N])[N]
waardevast	((waarde)[N],(vast)[A])[A]
waardevastheid	(((waarde)[N],(vast)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
waardevermeerdering	((waarde)[N],(((ver)[V|.V],(meerder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
waardevermindering	((waarde)[N],(((ver)[V|.V],(minder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
waardevrij	((waarde)[N],(vrij)[A])[A]
waardewet	((waarde)[N],(wet)[N])[N]
waardhout	((waard)[N],(hout)[N])[N]
waardig	((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A]
waardigheid	(((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
waardigheidsbekleder	((((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(er)[N|NxV.])[N]
waardij	((waarde)[N],(ij)[N|N.])[N]
waardin	((waard)[N],(in)[N|N.])[N]
waardland	((waard)[N],(land)[N])[N]
waardplant	((waard)[N],(plant)[N])[N]
waardzegge	((waard)[N],(zegge)[N])[N]
waarheid	((waar)[A],(heid)[N|A.])[N]
waarheidlievend	(((waar)[A],(heid)[N|A.])[N],(lievend)[V])[A]
waarheidminnend	(((waar)[A],(heid)[N|A.])[N],(min)[V],(end)[A|NV.])[A]
waarheidsaanspraak	(((waar)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((aan)[P],(spraak)[N])[N])[N]
waarheidsbeginsel	(((waar)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
waarheidsbegrip	(((waar)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(begrip)[N])[N]
waarheidselement	(((waar)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(element)[N])[N]
waarheidsgebod	(((waar)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(gebod)[N])[N]
waarheidsgehalte	(((waar)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(gehalte)[N])[N]
waarheidsgetrouw	(((waar)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[A|N.A],(getrouw)[A])[A]
waarheidskarakter	(((waar)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(karakter)[N])[N]
waarheidsliefde	(((waar)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(liefde)[N])[N]
waarheidsprobleem	(((waar)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
waarheidsserum	(((waar)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(serum)[N])[N]
waarheidszin	(((waar)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(zin)[N])[N]
waarmaken	((waar)[A],(maak)[V])[V]
waarmaking	(((waar)[A],(maak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
waarmerk	((waar)[A],(merk)[N])[N]
waarmerking	((waarmerk)[V],(ing)[N|V.])[N]
waarneembaar	((waarneem)[V],(baar)[A|V.])[A]
waarneembaarheid	(((waarneem)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
waarneemster	((waarneem)[V],(ster)[N|V.])[N]
waarnemer	((waarneem)[V],(er)[N|V.])[N]
waarneming	((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N]
waarnemingsfeit	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(feit)[N])[N]
waarnemingsfout	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(fout)[N])[N]
waarnemingsgegeven	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(gegeven)[N])[N]
waarnemingsinstrument	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instrument)[N])[N]
waarnemingskunst	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
waarnemingsmateriaal	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
waarnemingsoefening	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
waarnemingsplaats	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(plaats)[N])[N]
waarnemingspost	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(post)[N])[N]
waarnemingsproces	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
waarnemingspsychologie	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
waarnemingsresultaat	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((resulteer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
waarnemingssatelliet	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(satelliet)[N])[N]
waarnemingsstation	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(station)[N])[N]
waarnemingstheorie	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
waarnemingstijd	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
waarnemingsveld	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
waarnemingsvermogen	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
waarnemingsverschijnsel	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
waarnemingsvliegtuig	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
waarnemingswereld	(((waarneem)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
waarschijnlijkheid	((waarschijnlijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
waarschijnlijkheidsberekening	(((waarschijnlijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
waarschijnlijkheidsgehalte	(((waarschijnlijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(gehalte)[N])[N]
waarschijnlijkheidskromme	(((waarschijnlijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(kromme)[N])[N]
waarschijnlijkheidsrekening	(((waarschijnlijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
waarschijnlijkheidstheorie	(((waarschijnlijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
waarschijnlijkheidswet	(((waarschijnlijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
waarschuwing	((waarschuw)[V],(ing)[N|V.])[N]
waarschuwingsbord	(((waarschuw)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bord)[N])[N]
waarschuwingscommando	(((waarschuw)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(commando)[N])[N]
waarschuwingsinstinct	(((waarschuw)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instinct)[N])[N]
waarschuwingspaneel	(((waarschuw)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(paneel)[N])[N]
waarschuwingsschot	(((waarschuw)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(schot)[N])[N]
waarschuwingssignaal	(((waarschuw)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(signaal)[N])[N]
waarschuwingssysteem	(((waarschuw)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
waarschuwingsteken	(((waarschuw)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
waarschuwingstoon	(((waarschuw)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(toon)[N])[N]
waarzeggen	((waar)[A],(zeg)[V])[V]
waarzegger	(((waar)[A],(zeg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
waarzeggerij	(((waar)[A],(zeg)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
waarzegging	(((waar)[A],(zeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
waarzegster	(((waar)[A],(zeg)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
waas	(waas)[N]
wacht	(wacht)[N]
wachtassistent	((wacht)[N],((assisteer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
wachtbed	((wacht)[V],(bed)[N])[N]
wachtcommandant	((wacht)[N],((commandeer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
wachtdag	((wacht)[V],(dag)[N])[N]
wachtdienst	((wacht)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
wachtdoend	((wacht)[N],(doend)[V])[A]
wachten	(wacht)[V]
wachter	((wacht)[V],(er)[N|V.])[N]
wachtgeld	((wacht)[V],(geld)[N])[N]
wachtgelder	(((wacht)[V],(geld)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
wachtgeldregeling	(((wacht)[V],(geld)[N])[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wachtglas	((wacht)[V],(glas)[N])[N]
wachthebbend	((wacht)[N],(heb)[V],(end)[A|NV.])[A]
wachthokje	((wacht)[V],(hok)[N])[N]
wachthond	((wacht)[N],(hond)[N])[N]
wachthuis	((wacht)[V],(huis)[N])[N]
wachtkamer	((wacht)[V],(kamer)[N])[N]
wachtkwartier	((wacht)[N],((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
wachtlijst	((wacht)[V],(lijst)[N])[N]
wachtlokaal	((wacht)[V],(lokaal)[N])[N]
wachtloon	((wacht)[V],(loon)[N])[N]
wachtlopen	((wacht)[N],(loop)[V])[V]
wachtmeester	((wacht)[N],(meester)[N])[N]
wachtparade	((wacht)[N],((pareer)[V],(ade)[N|V.])[N])[N]
wachtplaats	((wacht)[V],(plaats)[N])[N]
wachtpost	((wacht)[N],(post)[N])[N]
wachtschip	((wacht)[V],(schip)[N])[N]
wachttijd	((wacht)[V],(tijd)[N])[N]
wachttoren	((wacht)[N],(toren)[N])[N]
wachtverbod	((wacht)[V],(verbod)[N])[N]
wachtvuur	((wacht)[N],(vuur)[N])[N]
wachtwoord	((wacht)[N],(woord)[N])[N]
wachtzaal	((wacht)[V],(zaal)[N])[N]
wachtzuster	((wacht)[N],(zuster)[N])[N]
wad	(wad)[N]
waddeneiland	((wad)[N],(en)[N|N.N],(eiland)[N])[N]
waddenkust	((wad)[N],(en)[N|N.N],(kust)[N])[N]
waddenvaarder	((wad)[N],(en)[N|N.Vx],(vaar)[V],(der)[N|NxV.])[N]
wade	(wade)[N]
waden	(waad)[V]
wadi	(wadi)[N]
wadjan	(wadjan)[N]
wadjang	(wadjang)[N]
wadlopen	((wad)[N],(loop)[V])[V]
wadpolder	((wad)[N],(polder)[N])[N]
wafel	(wafel)[N]
wafelbakker	((wafel)[N],(bak)[V],(er)[N|NV.])[N]
wafelbakkerij	((wafel)[N],(bak)[V],(erij)[N|NV.])[N]
wafelbeslag	((wafel)[N],(beslag)[N])[N]
wafelbiscuit	((wafel)[N],(biscuit)[N])[N]
wafeldoek	((wafel)[N],(doek)[N])[N]
wafelhuis	((wafel)[N],(huis)[N])[N]
wafelijzer	((wafel)[N],(ijzer)[N])[N]
wafelkraam	((wafel)[N],(kraam)[N])[N]
wafelstof	((wafel)[N],(stof)[N])[N]
wafelvormig	((wafel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
waffel	(waffel)[N]
waffelen	(waffel)[V]
wagen	(wagen)[N]
wagen	(waag)[V]
wagenas	((wagen)[N],(as)[N])[N]
wagenbak	((wagen)[N],(bak)[N])[N]
wagenbestuurder	((wagen)[N],((be)[V|.V],(stuur)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
wagenboom	((wagen)[N],(boom)[N])[N]
wagenhok	((wagen)[N],(hok)[N])[N]
wagenhuis	((wagen)[N],(huis)[N])[N]
wagenkap	((wagen)[N],(kap)[N])[N]
wagenkilometer	((wagen)[N],((kilo)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
wagenkot	((wagen)[N],(kot)[N])[N]
wagenkraan	((wagen)[N],(kraan)[N])[N]
wagenladder	((wagen)[N],(ladder)[N])[N]
wagenlading	((wagen)[N],((laad)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wagenloods	((wagen)[N],(loods)[N])[N]
wagenlosser	((wagen)[N],(los)[V],(er)[N|NV.])[N]
wagenmaker	((wagen)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
wagenmakerij	((wagen)[N],(maak)[V],(erij)[N|NV.])[N]
wagenmeester	((wagen)[N],(meester)[N])[N]
wagenmenner	((wagen)[N],(men)[V],(er)[N|NV.])[N]
wagenpark	((wagen)[N],(park)[N])[N]
wagensmeer	((wagen)[N],(smeer)[N])[N]
wagenspan	((wagen)[N],(span)[N])[N]
wagenspel	((wagen)[N],(spel)[N])[N]
wagenspoor	((wagen)[N],(spoor)[N])[N]
wagenstel	((wagen)[N],(stel)[N])[N]
wagenterugloop	((wagen)[N],((terug)[B],(loop)[N])[N])[N]
wagenveer	((wagen)[N],(veer)[N])[N]
wagenvet	((wagen)[N],(vet)[N])[N]
wagenvracht	((wagen)[N],(vracht)[N])[N]
wagenvrees	((wagen)[N],(vrees)[N])[N]
wagenwijd	((wagen)[N],(wijd)[A])[A]
wagenwip	((wagen)[N],(wip)[N])[N]
wagenziek	((wagen)[N],(ziek)[A])[A]
wagerij	((waag)[V],(erij)[N|V.])[N]
waggelbenen	((waggel)[V],(been)[V])[V]
waggelbuik	((waggel)[V],(buik)[N])[N]
waggelen	(waggel)[V]
waggelgang	((waggel)[V],(gang)[N])[N]
waggeling	((waggel)[V],(ing)[N|V.])[N]
wagon	(wagon)[N]
wagondeur	((wagon)[N],(deur)[N])[N]
wagonkipper	((wagon)[N],((kip)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
wagonlading	((wagon)[N],((laad)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wajang	(wajang)[N]
wajangpop	((wajang)[N],(pop)[N])[N]
wak	(wak)[N]
wake	(wake)[N]
waken	(waak)[V]
waker	((waak)[V],(er)[N|V.])[N]
wakerdijk	(((waak)[V],(er)[N|V.])[N],(dijk)[N])[N]
wakheid	((wak)[A],(heid)[N|A.])[N]
wakker	(wakker)[A]
wakkerheid	((wakker)[A],(heid)[N|A.])[N]
wal	(wal)[N]
waladres	((wal)[N],(adres)[N])[N]
walbaas	((wal)[N],(baas)[N])[N]
walberg	((wal)[N],(berg)[N])[N]
walbeschoeiing	((wal)[N],((be)[V|.V],(schoei)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
walburcht	((wal)[N],(burcht)[N])[N]
waldhoornist	((waldhoorn)[N],(ist)[N|N.])[N]
walduinen	((wal)[N],(duin)[N])[N]
walen	(waal)[V]
walg	(walg)[N]
walgang	((wal)[N],(gang)[N])[N]
walgelijk	((walg)[V],(elijk)[A|V.])[A]
walgelijkheid	(((walg)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
walgen	(walg)[V]
walging	((walg)[V],(ing)[N|V.])[N]
walglijk	((walg)[V],(lijk)[A|V.])[A]
walglijkheid	(((walg)[V],(lijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
walhalla	(walhalla)[N]
walhoofd	((wal)[N],(hoofd)[N])[N]
waling	((waal)[V],(ing)[N|V.])[N]
walk	(walk)[N]
walkant	((wal)[N],(kant)[N])[N]
walkapitein	((wal)[N],(kapitein)[N])[N]
walken	(walk)[V]
walker	((walk)[V],(er)[N|V.])[N]
walkhamer	((walk)[V],(hamer)[N])[N]
walkmolen	((walk)[V],(molen)[N])[N]
walkruid	((wal)[N],(kruid)[N])[N]
wallen	(wal)[V]
wallenkant	((wal)[N],(e)[N|N.N],(kant)[N])[N]
walleven	((wal)[N],(leven)[N])[N]
walm	(walm)[N]
walmen	(walm)[V]
walmig	((walm)[N],(ig)[A|N.])[A]
walmuur	((wal)[N],(muur)[N])[N]
walmvanger	((walm)[N],(vang)[V],(er)[N|NV.])[N]
walnotenboom	((walnoot)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
walploeg	((wal)[N],(ploeg)[N])[N]
walpoort	((wal)[N],(poort)[N])[N]
walradar	((wal)[N],(radar)[N])[N]
walrussensnor	((walrus)[N],(e)[N|N.N],(snor)[N])[N]
walrussenvangst	((walrus)[N],(e)[N|N.N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
walrussnor	((walrus)[N],(snor)[N])[N]
walrustand	((walrus)[N],(tand)[N])[N]
wals	(wals)[N]
walsbaar	((wals)[V],(baar)[A|V.])[A]
walschipper	((wal)[N],((schip)[N],(er)[N|N.])[N])[N]
walsen	(wals)[V]
walser	((wals)[V],(er)[N|V.])[N]
walserij	((wals)[V],(erij)[N|V.])[N]
walsfiguur	((wals)[N],(figuur)[N])[N]
walsmaat	((wals)[N],(maat)[N])[N]
walsmachine	((wals)[V],(machine)[N])[N]
walspers	((wals)[N],(pers)[N])[N]
walsrol	((wals)[V],(rol)[N])[N]
walsstaal	((wals)[V],(staal)[N])[N]
walsstraat	((wals)[V],(straat)[N])[N]
walstempo	((wals)[V],(tempo)[N])[N]
walstoep	((wal)[N],(stoep)[N])[N]
walswerk	((wals)[V],(werk)[N])[N]
walvisaas	((wal)[N],((vis)[N],(aas)[N])[N])[N]
walvisachtig	((walvis)[N],(achtig)[A|N.])[A]
walvisbaard	((walvis)[N],(baard)[N])[N]
walvishaai	((walvis)[N],(haai)[N])[N]
walvisjager	((walvis)[N],(jaag)[V],(er)[N|NV.])[N]
walvistraan	((walvis)[N],(traan)[N])[N]
walvisvaarder	((walvis)[N],(vaar)[V],(der)[N|NV.])[N]
walvisvangst	((walvis)[N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
walvisvloot	((walvis)[N],(vloot)[N])[N]
walwerker	((wal)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
wam	(wam)[N]
wamen	(waam)[V]
wammen	(wam)[V]
wamstuk	((wam)[N],(stuk)[N])[N]
wan	(wan)[N]
wanbedrijf	((wan)[N|.N],(bedrijf)[N])[N]
wanbegrip	((wan)[N|.N],(begrip)[N])[N]
wanbeheer	((wan)[N|.N],(beheer)[N])[N]
wanbeleid	((wan)[N|.N],(beleid)[N])[N]
wanbesef	((wan)[N|.N],(besef)[N])[N]
wanbestuur	((wan)[N|.N],(bestuur)[N])[N]
wanbetaler	((wan)[N|.N],((betaal)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
wanbetaling	((wan)[A],((betaal)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wanbewoning	((wan)[A],(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wanbof	((wan)[N|.N],(bof)[N])[N]
wanboffen	((wan)[A],(bof)[V])[V]
wanboffer	(((wan)[A],(bof)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
wand	(wand)[N]
wandaad	((wan)[N|.N],(daad)[N])[N]
wandalmanak	((wand)[N],(almanak)[N])[N]
wandbeen	((wand)[N],(been)[N])[N]
wandbekisting	((wand)[N],((be)[V|.N],(kist)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wandbekleding	((wand)[N],((be)[V|.N],(kleed)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wandbeschot	((wand)[N],(beschot)[N])[N]
wandbetimmering	((wand)[N],(((be)[V|.V],(timmer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wandbord	((wand)[N],(bord)[N])[N]
wandcontactdoos	((wand)[N],((contact)[N],(doos)[N])[N])[N]
wandel	(wandel)[N]
wandelaar	((wandel)[V],(aar)[N|V.])[N]
wandelaarster	(((wandel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
wandelbrug	((wandel)[V],(brug)[N])[N]
wandelbuffet	((wandel)[V],(buffet)[N])[N]
wandeldek	((wandel)[V],(dek)[N])[N]
wandeldreef	((wandel)[V],(dreef)[N])[N]
wandelen	(wandel)[V]
wandeletappe	((wandel)[V],(etappe)[N])[N]
wandelgang	((wandel)[V],(gang)[N])[N]
wandelhoofd	((wandel)[V],(hoofd)[N])[N]
wandeling	((wandel)[V],(ing)[N|V.])[N]
wandelkaart	((wandel)[V],(kaart)[N])[N]
wandelklas	((wandel)[V],(klas)[N])[N]
wandelklasse	((wandel)[V],(klasse)[N])[N]
wandelkostuum	((wandel)[V],(kostuum)[N])[N]
wandelmars	((wandel)[V],(mars)[N])[N]
wandelpad	((wandel)[V],(pad)[N])[N]
wandelpas	((wandel)[V],(pas)[N])[N]
wandelpier	((wandel)[V],(pier)[N])[N]
wandelplaats	((wandel)[V],(plaats)[N])[N]
wandelrit	((wandel)[V],(rit)[N])[N]
wandelschoen	((wandel)[V],(schoen)[N])[N]
wandelsport	((wandel)[V],(sport)[N])[N]
wandelstaf	((wandel)[V],(staf)[N])[N]
wandelstok	((wandel)[V],(stok)[N])[N]
wandelstraat	((wandel)[V],(straat)[N])[N]
wandeltoerisme	((wandel)[V],(toerisme)[N])[N]
wandelvoeten	((wandel)[V],(voet)[N])[N]
wandelwagen	((wandel)[V],(wagen)[N])[N]
wandelweer	((wandel)[V],(weer)[N])[N]
wandelweg	((wandel)[V],(weg)[N])[N]
wandgedierte	((wand)[N],((ge)[N|.Nx],(dier)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
wandkaart	((wand)[N],(kaart)[N])[N]
wandkalender	((wand)[N],(kalender)[N])[N]
wandkast	((wand)[N],(kast)[N])[N]
wandkleed	((wand)[N],(kleed)[N])[N]
wandklok	((wand)[N],(klok)[N])[N]
wandkluis	((wand)[N],(kluis)[N])[N]
wandkoffiemolen	((wand)[N],((koffie)[N],(molen)[N])[N])[N]
wandlamp	((wand)[N],(lamp)[N])[N]
wandluis	((wand)[N],(luis)[N])[N]
wandmeubel	((wand)[N],(meubel)[N])[N]
wandmodel	((wand)[N],(model)[N])[N]
wandpijler	((wand)[N],(pijler)[N])[N]
wandplaat	((wand)[N],(plaat)[N])[N]
wandrek	((wand)[N],(rek)[N])[N]
wandschilder	((wand)[N],(schilder)[N])[N]
wandschilderes	((wand)[N],((schilder)[N],(es)[N|N.])[N])[N]
wandschildering	((wand)[N],((schilder)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wandschoor	((wand)[N],(schoor)[N])[N]
wandschroot	((wand)[N],(schroot)[N])[N]
wandspanning	((wand)[N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wandstandig	((wand)[N],(stand)[N],(ig)[A|NN.])[A]
wandtapijt	((wand)[N],(tapijt)[N])[N]
wandtegel	((wand)[N],(tegel)[N])[N]
wandtekst	((wand)[N],(tekst)[N])[N]
wandtoestel	((wand)[N],(toestel)[N])[N]
wandversiering	((wand)[N],((ver)[V|.V],(sier)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wanen	(waan)[V]
wang	(wang)[N]
wangbeen	((wang)[N],(been)[N])[N]
wangebruik	((wan)[N|.N],(gebruik)[N])[N]
wangedrag	((wan)[N|.N],(gedrag)[N])[N]
wangedrocht	((wan)[N|.N],(gedrocht)[N])[N]
wangeloof	((wan)[N|.N],(geloof)[N])[N]
wangelovig	(((wan)[N|.N],(geloof)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
wangeluid	((wan)[N|.N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
wangestalte	((wan)[N|.N],(gestalte)[N])[N]
wangklier	((wang)[N],(klier)[N])[N]
wangkwab	((wang)[N],(kwab)[N])[N]
wangkwabbe	((wang)[N],(kwabbe)[N])[N]
wangslijmvlies	((wang)[N],((slijm)[N],(vlies)[N])[N])[N]
wangspier	((wang)[N],(spier)[N])[N]
wangunst	((wan)[N|.N],((gun)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
wangunstig	(((wan)[N|.N],((gun)[V],(st)[N|V.])[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
wangzak	((wang)[N],(zak)[N])[N]
wanhoop	((wan)[N|.N],(hoop)[N])[N]
wanhoopsdaad	(((wan)[N|.N],(hoop)[N])[N],(s)[N|N.N],(daad)[N])[N]
wanhoopskreet	(((wan)[N|.N],(hoop)[N])[N],(s)[N|N.N],(kreet)[N])[N]
wanhopen	((wan)[A],(hoop)[V])[V]
wanhopig	(((wan)[N|.N],(hoop)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
wanhout	((wan)[N|.N],(hout)[N])[N]
wankant	((wan)[N|.N],(kant)[N])[N]
wankel	(wankel)[A]
wankelbaar	((wankel)[V],(baar)[A|V.])[A]
wankelbaarheid	(((wankel)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wankelen	(wankel)[V]
wankelheid	((wankel)[A],(heid)[N|A.])[N]
wankeling	((wankel)[V],(ing)[N|V.])[N]
wankelmoedig	((wankel)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
wankelmoedigheid	(((wankel)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wankelmotor	((wankel)[V],(motor)[N])[N]
wanklank	((wan)[N|.N],(klank)[N])[N]
wanklinkend	((wan)[A],(klinkend)[V])[A]
wanluidend	((wan)[A|.V],(luidend)[V])[A]
wanluidendheid	(((wan)[A|.V],(luidend)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
wanmolen	((wan)[V],(molen)[N])[N]
wannen	(wan)[V]
wanner	((wan)[V],(er)[N|V.])[N]
wanorde	((wan)[N|.N],(orde)[N])[N]
wanordelijk	(((wan)[N|.N],(orde)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A]
wanordelijkheid	((((wan)[N|.N],(orde)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wanprestatie	((wan)[N|.N],((presteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
wanproduct	((wan)[N|.N],(product)[N])[N]
wanruimte	((wan)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
wanschapen	((wan)[A|.V],(geschapen)[V])[A]
wanschapenheid	(((wan)[A|.V],(geschapen)[V])[A],(heid)[N|A.])[N]
wanschepsel	((wan)[N|.N],((schep)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
wansmaak	((wan)[N|.N],(smaak)[N])[N]
wansmakelijk	((wan)[A|.A],((smaak)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
wansmakelijkheid	(((wan)[A|.A],((smaak)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
wanspelling	((wan)[A],((spel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wanspraak	((wan)[N|.N],(spraak)[N])[N]
wanstaltigheid	((wanstaltig)[A],(heid)[N|A.])[N]
want	(want)[N]
wantaal	((wan)[N|.N],(taal)[N])[N]
wanten	(want)[V]
wantij	((wan)[N],(tij)[N])[N]
wantoestand	((wan)[N|.N],(toestand)[N])[N]
wantrouwig	((wantrouw)[V],(ig)[A|V.])[A]
wantrouwigheid	(((wantrouw)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wants	(wants)[N]
wanvangst	((wan)[N|.N],((vang)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
wanverhouding	((wan)[A],((verhoud)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wanvoeglijk	((wan)[A|.Vx],(voeg)[V],(lijk)[A|xV.])[A]
wanvoeglijkheid	(((wan)[A|.Vx],(voeg)[V],(lijk)[A|xV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wanvorm	((wan)[N|.N],(vorm)[N])[N]
wanvormig	((wan)[A|.Nx],(vorm)[N],(ig)[A|xN.])[A]
wanzijde	((wan)[N|.N],(zijde)[N])[N]
wapen	(wapen)[N]
wapenarsenaal	((wapen)[N],(arsenaal)[N])[N]
wapenbalk	((wapen)[N],(balk)[N])[N]
wapenbeeld	((wapen)[N],(beeld)[N])[N]
wapenbeheersing	((wapen)[N],((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wapenbeheersingsovereenkomst	(((wapen)[N],((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(((overeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
wapenbeheersingsoverleg	(((wapen)[N],((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(overleg)[N])[N]
wapenbeperking	((wapen)[N],((be)[V|.N],(perk)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wapenbeschrijving	((wapen)[N],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wapenbezit	((wapen)[N],(bezit)[N])[N]
wapenboek	((wapen)[N],(boek)[N])[N]
wapenbord	((wapen)[N],(bord)[N])[N]
wapenbrief	((wapen)[N],(brief)[N])[N]
wapenbroeder	((wapen)[N],(broeder)[N])[N]
wapendepot	((wapen)[N],(depot)[N])[N]
wapendrager	((wapen)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
wapenembargo	((wapen)[N],(embargo)[N])[N]
wapenen	(wapen)[V]
wapenfabriek	((wapen)[N],(fabriek)[N])[N]
wapenfabrikant	((wapen)[N],((fabriek)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|NV.])[N]
wapenfeit	((wapen)[N],(feit)[N])[N]
wapenfiguur	((wapen)[N],(figuur)[N])[N]
wapengekletter	((wapen)[N],(ge)[N|N.V],(kletter)[V])[N]
wapengeweld	((wapen)[N],(geweld)[N])[N]
wapenhandel	((wapen)[N],(handel)[N])[N]
wapenhuis	((wapen)[N],(huis)[N])[N]
wapenhulp	((wapen)[N],(hulp)[N])[N]
wapening	((wapen)[V],(ing)[N|V.])[N]
wapeningsnet	(((wapen)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(net)[N])[N]
wapenkamer	((wapen)[N],(kamer)[N])[N]
wapenkleed	((wapen)[N],(kleed)[N])[N]
wapenknecht	((wapen)[N],(knecht)[N])[N]
wapenkoning	((wapen)[N],(koning)[N])[N]
wapenkreet	((wapen)[N],(kreet)[N])[N]
wapenkunde	((wapen)[N],(kunde)[N])[N]
wapenkundig	(((wapen)[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
wapenkunst	((wapen)[N],(kunst)[N])[N]
wapenleer	((wapen)[N],(leer)[N])[N]
wapenlevering	((wapen)[N],((lever)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wapenmagazijn	((wapen)[N],(magazijn)[N])[N]
wapenmakker	((wapen)[N],(makker)[N])[N]
wapenoefening	((wapen)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wapenorder	((wapen)[N],(order)[N])[N]
wapenrace	((wapen)[N],(race)[N])[N]
wapenrek	((wapen)[N],(rek)[N])[N]
wapenring	((wapen)[N],(ring)[N])[N]
wapenroem	((wapen)[N],(roem)[N])[N]
wapenrok	((wapen)[N],(rok)[N])[N]
wapenrusting	((wapen)[N],((rust)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wapenschild	((wapen)[N],(schild)[N])[N]
wapenschorsing	((wapen)[N],((schors)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wapenschouw	((wapen)[N],(schouw)[N])[N]
wapenschouwing	((wapen)[N],((schouw)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wapensmid	((wapen)[N],(smid)[N])[N]
wapensnijder	((wapen)[N],(snijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
wapenspel	((wapen)[N],(spel)[N])[N]
wapenspreuk	((wapen)[N],(spreuk)[N])[N]
wapenstilstand	((wapen)[N],((stil)[A],(stand)[N])[N])[N]
wapenstilstandsverdrag	(((wapen)[N],((stil)[A],(stand)[N])[N])[N],(s)[N|N.N],(verdrag)[N])[N]
wapenstok	((wapen)[N],(stok)[N])[N]
wapenstuk	((wapen)[N],(stuk)[N])[N]
wapentuig	((wapen)[N],(tuig)[N])[N]
wapenveld	((wapen)[N],(veld)[N])[N]
wapenvergunning	((wapen)[N],((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wapenvlieg	((wapen)[N],(vlieg)[N])[N]
wapenwedloop	((wapen)[N],((wed)[N],(loop)[N])[N])[N]
wapenzaal	((wapen)[N],(zaal)[N])[N]
wapiti	(wapiti)[N]
wapitihert	((wapiti)[N],(hert)[N])[N]
wapper	(wapper)[N]
wapperen	(wapper)[V]
war	(war)[N]
waranda	(waranda)[N]
warande	(warande)[N]
warbak	((war)[V],(bak)[N])[N]
warboel	((war)[V],(boel)[N])[N]
wardradig	((war)[V],((draad)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
warempel	(warempel)[I]
waren	(waar)[V]
warencirculatie	((waar)[N],(en)[N|N.Vx],((cirkel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|NxV.])[N]
warenhandel	((waar)[N],(en)[N|N.N],(handel)[N])[N]
warenhuis	((waar)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
warenkennis	((waar)[N],(en)[N|N.N],(kennis)[N])[N]
warenmerk	((waar)[N],(en)[N|N.N],(merk)[N])[N]
warenproductie	((waar)[N],(en)[N|N.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
warenwet	((waar)[N],(en)[N|N.N],(wet)[N])[N]
wargaren	((war)[V],(garen)[N])[N]
wargeest	((war)[V],(geest)[N])[N]
warhoofd	((war)[N],(hoofd)[N])[N]
warhoop	((war)[V],(hoop)[N])[N]
warklomp	((war)[V],(klomp)[N])[N]
warkop	((war)[V],(kop)[N])[N]
warkruid	((war)[V],(kruid)[N])[N]
warm	(warm)[A]
warmbloed	((warm)[A],(bloed)[N])[N]
warmbloedig	((warm)[A],(bloed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
warmbloedpaard	(((warm)[A],(bloed)[N])[N],(paard)[N])[N]
warmdraaien	((warm)[A],(draai)[V])[V]
warmen	(warm)[V]
warmer	((warm)[V],(er)[N|V.])[N]
warmhartig	((warm)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
warming	((warm)[V],(ing)[N|V.])[N]
warmlopen	((warm)[A],(loop)[V])[V]
warmoeshof	((warmoes)[N],(hof)[N])[N]
warmoezenier	((warmoes)[N],(enier)[N|N.])[N]
warmoezerij	((warmoes)[N],(erij)[N|N.])[N]
warmte	((warm)[A],(te)[N|A.])[N]
warmte-eenheid	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
warmte-energie	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(energie)[N])[N]
warmte-equator	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(equator)[N])[N]
warmte-equivalent	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(ekwivalent)[N])[N]
warmte-isolatie	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],((isoleer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
warmte-isolering	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(isoleer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
warmte-uitslag	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],((uit)[P],(slag)[N])[N])[N]
warmteafgifte	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(afgifte)[N])[N]
warmtebehandeling	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
warmtebestendig	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(bestendig)[A])[A]
warmtebeweging	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
warmtebron	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(bron)[N])[N]
warmtecapaciteit	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(capaciteit)[N])[N]
warmtecentrale	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
warmtedood	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(dood)[N])[N]
warmtefront	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(front)[N])[N]
warmtegeleider	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
warmtegeleiding	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
warmtegraad	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(graad)[N])[N]
warmtehuishouding	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(((huis)[N],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
warmtekrachtcentrale	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],((kracht)[N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N])[N]
warmtekrachtkoppeling	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(kracht)[N],((koppel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
warmtelamp	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(lamp)[N])[N]
warmteleer	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(leer)[N])[N]
warmtelozing	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(loos)[V],(ing)[N|NV.])[N]
warmtemeter	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
warmtemotor	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(motor)[N])[N]
warmteomwisselaar	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],((om)[P],(wissel)[V])[V],(aar)[N|NV.])[N]
warmteontwikkeling	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
warmtepomp	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(pomp)[N])[N]
warmteproductie	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
warmtepunt	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(punt)[N])[N]
warmteregelaar	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],((regel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
warmteregeling	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
warmteregulatie	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(((regel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
warmtestralen	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(straal)[N])[N]
warmtestraler	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(straal)[V],(er)[N|NV.])[N]
warmtetechniek	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
warmtetherapie	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],(therapie)[N])[N]
warmtewisselaar	(((warm)[A],(te)[N|A.])[N],((wissel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
warmvoelend	((warm)[A],(voel)[V],(end)[A|AV.])[A]
warmwaterbord	((warm)[A],(water)[N],(bord)[N])[N]
warmwaterbuis	((warm)[A],(water)[N],(buis)[N])[N]
warmwaterkraan	((warm)[A],(water)[N],(kraan)[N])[N]
warmwaterstoof	((warm)[A],(water)[N],(stoof)[N])[N]
warmwatertoestel	((warm)[A],(water)[N],(toestel)[N])[N]
warmwatervat	((warm)[A],(water)[N],(vat)[N])[N]
warmwaterverwarming	((warm)[A],(water)[N],(((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
warnest	((war)[V],(nest)[N])[N]
warnet	((war)[V],(net)[N])[N]
warrantsysteem	((warrant)[N],(systeem)[N])[N]
warrelig	((warrel)[V],(ig)[A|V.])[A]
warreling	((warrel)[V],(ing)[N|V.])[N]
warrelklomp	((warrel)[V],(klomp)[N])[N]
warrelwind	((warrel)[V],(wind)[N])[N]
warren	(war)[V]
warrig	((war)[V],(ig)[A|V.])[A]
warrigheid	(((war)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wars	(wars)[A]
wartaal	((war)[V],(taal)[N])[N]
wartelmoer	((wartel)[N],(moer)[N])[N]
warwinkel	((war)[V],(winkel)[N])[N]
was	(was)[N]
wasachtig	((was)[N],(achtig)[A|N.])[A]
wasafdruk	((was)[N],((af)[P],(druk)[N])[N])[N]
wasautomaat	((was)[V],(automaat)[N])[N]
wasbaar	((was)[V],(baar)[A|V.])[A]
wasbaas	((was)[V],(baas)[N])[N]
wasbak	((was)[V],(bak)[N])[N]
wasbank	((was)[V],(bank)[N])[N]
wasbeer	((was)[V],(beer)[N])[N]
wasbeits	((was)[N],(beits)[N])[N]
wasbekken	((was)[V],(bekken)[N])[N]
wasbenzine	((was)[V],(benzine)[N])[N]
wasbeton	((was)[V],(beton)[N])[N]
wasbeurt	((was)[V],(beurt)[N])[N]
wasbleek	((was)[N],(bleek)[A])[A]
wasblekerij	((was)[N],(bleek)[V],(erij)[N|NV.])[N]
wasbloem	((was)[N],(bloem)[N])[N]
wasboom	((was)[N],(boom)[N])[N]
wasbord	((was)[V],(bord)[N])[N]
wasbuiltje	((was)[N],(buil)[N])[N]
wascombinatie	((was)[V],((combineer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
wasdag	((was)[V],(dag)[N])[N]
wasdoek	((was)[V],(doek)[N])[N]
wasdoeken	(((was)[V],(doek)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
wasdom	((was)[V],(dom)[N])[N]
wasdraad	((was)[V],(draad)[N])[N]
wasdroger	((was)[N],(droog)[V],(er)[N|NV.])[N]
wasecht	((was)[V],(echt)[A])[A]
wasem	(wasem)[N]
wasemen	(wasem)[V]
wasemig	((wasem)[N],(ig)[A|N.])[A]
waseming	((wasem)[V],(ing)[N|V.])[N]
wasemkap	((wasem)[N],(kap)[N])[N]
wasfiguur	((was)[N],(figuur)[N])[N]
wasfles	((was)[V],(fles)[N])[N]
wasgeel	((was)[N],(geel)[A])[A]
wasgeld	((was)[V],(geld)[N])[N]
wasgelegenheid	((was)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
wasgerief	((was)[V],(gerief)[N])[N]
wasgoed	((was)[V],(goed)[N])[N]
wasgoud	((was)[V],(goud)[N])[N]
washandje	((was)[V],(hand)[N])[N]
washok	((was)[V],(hok)[N])[N]
washuis	((was)[V],(huis)[N])[N]
wasinrichting	((was)[V],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
waskaars	((was)[N],(kaars)[N])[N]
waskan	((was)[V],(kan)[N])[N]
wasketel	((was)[V],(ketel)[N])[N]
wasklem	((was)[N],(klem)[N])[N]
waskleurig	((was)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
wasknijper	((was)[N],((knijp)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
waskom	((was)[V],(kom)[N])[N]
waskool	((was)[N],(kool)[N])[N]
waskracht	((was)[V],(kracht)[N])[N]
waskrijt	((was)[N],(krijt)[N])[N]
waskuip	((was)[V],(kuip)[N])[N]
waslaag	((was)[N],(laag)[N])[N]
waslap	((was)[V],(lap)[N])[N]
waslicht	((was)[N],(licht)[N])[N]
waslijn	((was)[N],(lijn)[N])[N]
waslijst	((was)[N],(lijst)[N])[N]
waslucifer	((was)[N],(lucifer)[N])[N]
wasmachine	((was)[V],(machine)[N])[N]
wasmachinedeksel	(((was)[V],(machine)[N])[N],((dek)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
wasmand	((was)[N],(mand)[N])[N]
wasmerk	((was)[V],(merk)[N])[N]
wasmiddel	((was)[V],(middel)[N])[N]
wasmolen	((was)[N],(molen)[N])[N]
waspapier	((was)[V],(papier)[N])[N]
waspeen	((was)[V],(peen)[N])[N]
waspeer	((was)[N],(peer)[N])[N]
waspenseel	((was)[V],(penseel)[N])[N]
waspit	((was)[N],(pit)[N])[N]
wasplant	((was)[N],(plant)[N])[N]
waspoeder	((was)[V],(poeder)[N])[N]
waspoeier	((was)[V],(poeier)[N])[N]
waspop	((was)[N],(pop)[N])[N]
wasproduct	((was)[V],(product)[N])[N]
wasprogramma	((was)[V],(programma)[N])[N]
waspruim	((was)[N],(pruim)[N])[N]
wasrol	((was)[N],(rol)[N])[N]
wassalon	((was)[V],(salon)[N])[N]
wassen	(was)[V]
wassen	((was)[N],(en)[A|N.])[A]
wassenbeeldenspel	(((was)[N],(en)[A|N.])[A],(beeld)[N],(en)[N|AN.N],(spel)[N])[N]
wassenbeeldentheater	(((was)[N],(en)[A|N.])[A],(beeld)[N],(en)[N|AN.N],(theater)[N])[N]
wasser	((was)[V],(er)[N|V.])[N]
wasserij	((was)[V],(erij)[N|V.])[N]
wassing	((was)[V],(ing)[N|V.])[N]
wassoort	((was)[N],(soort)[N])[N]
wasspeld	((was)[V],(speld)[N])[N]
wasstel	((was)[V],(stel)[N])[N]
wasster	((was)[V],(ster)[N|V.])[N]
wasstift	((was)[N],(stift)[N])[N]
wasstraat	((was)[V],(straat)[N])[N]
wastafel	((was)[V],(tafel)[N])[N]
wastafelglas	(((was)[V],(tafel)[N])[N],(glas)[N])[N]
wastang	((was)[V],(tang)[N])[N]
wasteil	((was)[V],(teil)[N])[N]
wastobbe	((was)[V],(tobbe)[N])[N]
wastrommel	((was)[V],(trommel)[N])[N]
wastunnel	((was)[V],(tunnel)[N])[N]
wasvat	((was)[V],(vat)[N])[N]
wasverzachter	((was)[N],((ver)[V|.A],(zacht)[A])[V],(er)[N|NV.])[N]
wasvoorschrift	((was)[V],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
wasvorm	((was)[N],(vorm)[N])[N]
wasvrouw	((was)[V],(vrouw)[N])[N]
waswater	((was)[V],(water)[N])[N]
waszak	((was)[V],(zak)[N])[N]
waszij	((was)[V],(zij)[N])[N]
waszijde	((was)[V],(zijde)[N])[N]
water	(water)[N]
wateraandrang	((water)[N],(aandrang)[N])[N]
wateraantrekkend	((water)[N],((aan)[P],(trek)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
waterachtig	((water)[N],(achtig)[A|N.])[A]
waterader	((water)[N],(ader)[N])[N]
waterafsluiting	((water)[N],(((af)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
waterafstotend	((water)[N],((af)[P],(stoot)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
waterafvoer	((water)[N],(afvoer)[N])[N]
wateralarm	((water)[N],(alarm)[N])[N]
waterarm	((water)[N],(arm)[A])[A]
waterbaars	((water)[N],(baars)[N])[N]
waterbad	((water)[N],(bad)[N])[N]
waterbak	((water)[N],(bak)[N])[N]
waterbalans	((water)[N],(balans)[N])[N]
waterballet	((water)[N],(ballet)[N])[N]
waterbassin	((water)[N],(bassin)[N])[N]
waterbed	((water)[N],(bed)[N])[N]
waterbehandeling	((water)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
waterbeheersing	((water)[N],((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
waterbekken	((water)[N],(bekken)[N])[N]
waterbel	((water)[N],(bel)[N])[N]
waterberging	((water)[N],(berg)[V],(ing)[N|NV.])[N]
waterbericht	((water)[N],(bericht)[N])[N]
waterbeschrijving	((water)[N],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
waterbestendig	((water)[N],(bestendig)[A])[A]
waterbewoner	((water)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
waterblaas	((water)[N],(blaas)[N])[N]
waterblad	((water)[N],(blad)[N])[N]
waterbloei	((water)[N],(bloei)[N])[N]
waterbloem	((water)[N],(bloem)[N])[N]
waterblok	((water)[N],(blok)[N])[N]
waterboot	((water)[N],(boot)[N])[N]
waterbord	((water)[N],(bord)[N])[N]
waterborg	((water)[N],(borg)[N])[N]
waterbot	((water)[N],(bot)[N])[N]
waterbouw	((water)[N],(bouw)[N])[N]
waterbouwkunde	(((water)[N],(bouw)[N])[N],(kunde)[N])[N]
waterbouwkundig	((((water)[N],(bouw)[N])[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
waterbreuk	((water)[N],(breuk)[N])[N]
waterbron	((water)[N],(bron)[N])[N]
waterbrood	((water)[N],(brood)[N])[N]
waterbuffel	((water)[N],(buffel)[N])[N]
waterbuik	((water)[N],(buik)[N])[N]
waterbuis	((water)[N],(buis)[N])[N]
watercapaciteit	((water)[N],(capaciteit)[N])[N]
waterchinees	((water)[N],(Chinees)[N])[N]
waterchocola	((water)[N],(chocola)[N])[N]
waterchocolade	((water)[N],(chocolade)[N])[N]
watercirculatie	((water)[N],((cirkel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|NV.])[N]
watercloset	((water)[N],(closet)[N])[N]
watercultuur	((water)[N],(cultuur)[N])[N]
waterdam	((water)[N],(dam)[N])[N]
waterdamp	((water)[N],(damp)[N])[N]
waterdeel	((water)[N],(deel)[N])[N]
waterdicht	((water)[N],(dicht)[A])[A]
waterdief	((water)[N],(dief)[N])[N]
waterdier	((water)[N],(dier)[N])[N]
waterdijk	((water)[N],(dijk)[N])[N]
waterdokter	((water)[N],(dokter)[N])[N]
waterdoop	((water)[N],(doop)[N])[N]
waterdoorlatend	((water)[N],((door)[B],(laat)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
waterdorpel	((water)[N],(dorpel)[N])[N]
waterdrager	((water)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
waterdrop	((water)[N],(drop)[N])[N]
waterdroppel	((water)[N],(droppel)[N])[N]
waterdruk	((water)[N],(druk)[N])[N]
waterdrup	((water)[N],(drup)[N])[N]
waterdruppel	((water)[N],(druppel)[N])[N]
waterdun	((water)[N],(dun)[A])[A]
waterecht	((water)[N],(echt)[A])[A]
waterechtheid	(((water)[N],(echt)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
wateremmer	((water)[N],(emmer)[N])[N]
wateren	(water)[V]
waterequivalent	((water)[N],(equivalent)[N])[N]
waterfiets	((water)[N],(fiets)[N])[N]
waterfietsen	((water)[N],(fiets)[V])[V]
waterfilter	((water)[N],(filter)[N])[N]
waterfitter	((water)[N],((fit)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
waterfles	((water)[N],(fles)[N])[N]
waterfluiter	((water)[N],((fluit)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
waterfluitje	((water)[N],(fluit)[N])[N]
watergaasvlieg	((water)[N],((gaas)[N],(vlieg)[N])[N])[N]
watergal	((water)[N],(gal)[N])[N]
watergang	((water)[N],(gang)[N])[N]
watergas	((water)[N],(gas)[N])[N]
watergebied	((water)[N],(gebied)[N])[N]
watergebint	((water)[N],(gebint)[N])[N]
watergebrek	((water)[N],(gebrek)[N])[N]
watergeeltje	((water)[N],(geel)[N])[N]
watergeest	((water)[N],(geest)[N])[N]
watergekoeld	((water)[N],(gekoeld)[V])[A]
watergeneeswijze	((water)[N],((genees)[V],(wijze)[N])[N])[N]
watergentiaan	((water)[N],(gentiaan)[N])[N]
watergetij	((water)[N],(getij)[N])[N]
watergeus	((water)[N],(geus)[N])[N]
watergezicht	((water)[N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
watergezwel	((water)[N],((ge)[N|.V],(zwel)[V])[N])[N]
waterglans	((water)[N],(glans)[N])[N]
waterglas	((water)[N],(glas)[N])[N]
waterglazuur	((water)[N],(glazuur)[N])[N]
watergod	((water)[N],(god)[N])[N]
watergodin	((water)[N],((god)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
watergolf	((water)[N],(golf)[N])[N]
watergolving	((water)[N],((golf)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
watergoot	((water)[N],(goot)[N])[N]
watergraaf	((water)[N],(graaf)[N])[N]
watergruwel	((water)[N],(gruwel)[N])[N]
waterhaler	((water)[N],(haal)[V],(er)[N|NV.])[N]
waterhoefblad	((water)[N],((hoef)[N],(blad)[N])[N])[N]
waterhoen	((water)[N],(hoen)[N])[N]
waterhol	((water)[N],(hol)[N])[N]
waterhoofd	((water)[N],(hoofd)[N])[N]
waterhoogte	((water)[N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
waterhoos	((water)[N],(hoos)[N])[N]
waterhuishouding	((water)[N],(((huis)[N],(houd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
waterig	((water)[N],(ig)[A|N.])[A]
waterigheid	(((water)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
waterijs	((water)[N],(ijs)[N])[N]
waterijsvogel	((water)[N],((ijs)[V],(vogel)[N])[N])[N]
watering	((water)[N],(ing)[N|N.])[N]
waterinsect	((water)[N],(insect)[N])[N]
waterjuffer	((water)[N],(juffer)[N])[N]
waterkaarde	((water)[N],(kaarde)[N])[N]
waterkaart	((water)[N],(kaart)[N])[N]
waterkalk	((water)[N],(kalk)[N])[N]
waterkamp	((water)[N],(kamp)[N])[N]
waterkan	((water)[N],(kan)[N])[N]
waterkanon	((water)[N],(kanon)[N])[N]
waterkant	((water)[N],(kant)[N])[N]
waterkaraf	((water)[N],(karaf)[N])[N]
waterkastanje	((water)[N],(kastanje)[N])[N]
waterkerend	((water)[N],(keer)[V],(end)[A|NV.])[A]
waterkering	((water)[N],(keer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
waterkers	((water)[N],(kers)[N])[N]
waterketel	((water)[N],(ketel)[N])[N]
waterkever	((water)[N],(kever)[N])[N]
waterkikker	((water)[N],(kikker)[N])[N]
waterkikvors	((water)[N],(kikvors)[N])[N]
waterkippetje	((water)[N],(kip)[N])[N]
waterklerk	((water)[N],(klerk)[N])[N]
waterkleur	((water)[N],(kleur)[N])[N]
waterknie	((water)[N],(knie)[N])[N]
waterkoeling	((water)[N],((koel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
waterkolom	((water)[N],(kolom)[N])[N]
waterkom	((water)[N],(kom)[N])[N]
waterkoud	((water)[N],(koud)[A])[A]
waterkraan	((water)[N],(kraan)[N])[N]
waterkracht	((water)[N],(kracht)[N])[N]
waterkrachtcentrale	(((water)[N],(kracht)[N])[N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
waterkrachtinstallatie	(((water)[N],(kracht)[N])[N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
waterkroos	((water)[N],(kroos)[N])[N]
waterkruik	((water)[N],(kruik)[N])[N]
waterkussen	((water)[N],(kussen)[N])[N]
waterkuur	((water)[N],(kuur)[N])[N]
waterlaars	((water)[N],(laars)[N])[N]
waterland	((water)[N],(land)[N])[N]
waterlander	(((water)[N],(land)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
waterleiding	((water)[N],(leid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
waterleidingbedrijf	(((water)[N],(leid)[V],(ing)[N|NV.])[N],(bedrijf)[N])[N]
waterleidingbuis	(((water)[N],(leid)[V],(ing)[N|NV.])[N],(buis)[N])[N]
waterleidingmaatschappij	(((water)[N],(leid)[V],(ing)[N|NV.])[N],(maatschappij)[N])[N]
waterleidingsysteem	(((water)[N],(leid)[V],(ing)[N|NV.])[N],(systeem)[N])[N]
waterlelie	((water)[N],(lelie)[N])[N]
waterleven	((water)[N],(leven)[N])[N]
waterlijm	((water)[N],(lijm)[N])[N]
waterlijn	((water)[N],(lijn)[N])[N]
waterlijst	((water)[N],(lijst)[N])[N]
waterlinie	((water)[N],(linie)[N])[N]
waterloop	((water)[N],(loop)[N])[N]
waterloopkunde	(((water)[N],(loop)[N])[N],(kunde)[N])[N]
waterloopkundig	((((water)[N],(loop)[N])[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
waterloos	((water)[N],(loos)[A|N.])[A]
waterloot	((water)[N],(loot)[N])[N]
waterlozing	((water)[N],((loos)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
waterluis	((water)[N],(luis)[N])[N]
watermantel	((water)[N],(mantel)[N])[N]
watermeloen	((water)[N],(meloen)[N])[N]
watermerk	((water)[N],(merk)[N])[N]
watermeter	((water)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
watermijn	((water)[N],(mijn)[N])[N]
watermolen	((water)[N],(molen)[N])[N]
watermonster	((water)[N],(monster)[N])[N]
watermot	((water)[N],(mot)[N])[N]
waternevel	((water)[N],(nevel)[N])[N]
waternimf	((water)[N],(nimf)[N])[N]
waternood	((water)[N],(nood)[N])[N]
waterontharder	((water)[N],((ont)[V|.A],(hard)[A])[V],(er)[N|NV.])[N]
waterontlasting	((water)[N],((ont)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wateronttrekking	((water)[N],((ont)[V|.V],(trek)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wateropaal	((water)[N],(opaal)[N])[N]
wateropbrengst	((water)[N],(((op)[P],(breng)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
wateroppervlak	((water)[N],((opper)[N|.N],(vlak)[N])[N])[N]
wateroppervlakte	((water)[N],((opper)[N|.N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N])[N]
waterorgel	((water)[N],(orgel)[N])[N]
wateroverlast	((water)[N],((over)[N|.N],(last)[N])[N])[N]
waterpartij	((water)[N],(partij)[N])[N]
waterpas	((water)[N],(pas)[N])[N]
waterpasbaak	((waterpas)[V],(baak)[N])[N]
waterpaslijn	(((water)[N],(pas)[A])[A],(lijn)[N])[N]
waterpassing	((waterpas)[V],(ing)[N|V.])[N]
waterpasvlak	(((water)[N],(pas)[A])[A],(vlak)[N])[N]
waterpeil	((water)[N],(peil)[N])[N]
waterpeilglas	(((water)[N],(peil)[N])[N],(glas)[N])[N]
waterpeilkraan	(((water)[N],(peil)[N])[N],(kraan)[N])[N]
waterpers	((water)[N],(pers)[N])[N]
waterpest	((water)[N],(pest)[N])[N]
waterpijp	((water)[N],(pijp)[N])[N]
waterpistool	((water)[N],(pistool)[N])[N]
waterplaats	((water)[V],(plaats)[N])[N]
waterplant	((water)[N],(plant)[N])[N]
waterplas	((water)[N],(plas)[N])[N]
waterpoel	((water)[N],(poel)[N])[N]
waterpokken	((water)[N],(pok)[N])[N]
waterpolitie	((water)[N],(politie)[N])[N]
waterpolo	((water)[N],(polo)[N])[N]
waterpomp	((water)[N],(pomp)[N])[N]
waterpomptang	(((water)[N],(pomp)[N])[N],(tang)[N])[N]
waterpoort	((water)[N],(poort)[N])[N]
waterpot	((water)[N],(pot)[N])[N]
waterproef	((water)[N],(proef)[N])[N]
waterput	((water)[N],(put)[N])[N]
waterrad	((water)[N],(rad)[N])[N]
waterral	((water)[N],(ral)[N])[N]
waterrat	((water)[N],(rat)[N])[N]
waterrecht	((water)[N],(recht)[N])[N]
waterreservoir	((water)[N],(reservoir)[N])[N]
waterrijk	((water)[N],(rijk)[A])[A]
waterrot	((water)[N],(rot)[N])[N]
waterrotting	((water)[N],((rot)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
watersalamander	((water)[N],(salamander)[N])[N]
waterschaarste	((water)[N],((schaars)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
waterschade	((water)[N],(schade)[N])[N]
waterschap	((water)[N],(schap)[N|N.])[N]
waterschapsbestuur	(((water)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(bestuur)[N])[N]
waterschapsheuvel	(((water)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(heuvel)[N])[N]
waterschapslasten	(((water)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(last)[N])[N]
waterscheerling	((water)[N],(scheerling)[N])[N]
waterscheiding	((water)[N],(scheid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
waterschepper	((water)[N],(schep)[V],(er)[N|NV.])[N]
waterscheut	((water)[N],(scheut)[N])[N]
waterschildpad	((water)[N],((schild)[N],(pad)[N])[N])[N]
waterschoen	((water)[N],(schoen)[N])[N]
waterschot	((water)[N],(schot)[N])[N]
waterschout	((water)[N],(schout)[N])[N]
waterschouw	((water)[N],(schouw)[N])[N]
waterschroef	((water)[N],(schroef)[N])[N]
waterschuw	((water)[N],(schuw)[A])[A]
waterschuwheid	(((water)[N],(schuw)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
waterski	((water)[N],(ski)[N])[N]
waterskister	(((water)[N],(ski)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
waterskiën	((water)[N],(ski)[V])[V]
waterskiër	(((water)[N],(ski)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
waterslag	((water)[N],(slag)[N])[N]
waterslak	((water)[N],(slak)[N])[N]
waterslang	((water)[N],(slang)[N])[N]
waterslot	((water)[N],(slot)[N])[N]
watersnip	((water)[N],(snip)[N])[N]
watersnood	((water)[N],(s)[N|N.N],(nood)[N])[N]
watersnoodramp	(((water)[N],(s)[N|N.N],(nood)[N])[N],(ramp)[N])[N]
watersoep	((water)[N],(soep)[N])[N]
waterspanning	((water)[N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
waterspiegel	((water)[N],(spiegel)[N])[N]
waterspin	((water)[N],(spin)[N])[N]
waterspitsmuis	((water)[N],((spits)[A],(muis)[N])[N])[N]
waterspoeling	((water)[N],(spoel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
waterspoor	((water)[N],(spoor)[N])[N]
watersport	((water)[N],(sport)[N])[N]
watersporten	((water)[N],(sport)[V])[V]
watersporter	(((water)[N],(sport)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
waterspuit	((water)[N],(spuit)[N])[N]
waterspuwer	((water)[N],(spuw)[V],(er)[N|NV.])[N]
waterstaat	((water)[N],(staat)[N])[N]
waterstaatsingenieur	(((water)[N],(staat)[N])[N],(s)[N|N.N],(ingenieur)[N])[N]
waterstaatskerk	(((water)[N],(staat)[N])[N],(s)[N|N.N],(kerk)[N])[N]
waterstaatswerk	(((water)[N],(staat)[N])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
waterstad	((water)[N],(stad)[N])[N]
waterstand	((water)[N],(stand)[N])[N]
waterstation	((water)[N],(station)[N])[N]
waterstel	((water)[N],(stel)[N])[N]
waterstoep	((water)[N],(stoep)[N])[N]
waterstof	((water)[N],(stof)[N])[N]
waterstofatoom	(((water)[N],(stof)[N])[N],(atoom)[N])[N]
waterstofbinding	(((water)[N],(stof)[N])[N],((bind)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
waterstofbom	(((water)[N],(stof)[N])[N],(bom)[N])[N]
waterstofbrug	(((water)[N],(stof)[N])[N],(brug)[N])[N]
waterstofexponent	(((water)[N],(stof)[N])[N],((exponeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
waterstofgas	(((water)[N],(stof)[N])[N],(gas)[N])[N]
waterstofion	(((water)[N],(stof)[N])[N],(ion)[N])[N]
waterstofkern	(((water)[N],(stof)[N])[N],(kern)[N])[N]
waterstofmolecule	(((water)[N],(stof)[N])[N],(molecule)[N])[N]
waterstofperoxide	(((water)[N],(stof)[N])[N],((per)[P],(oxide)[N])[N])[N]
waterstofsfeer	(((water)[N],(stof)[N])[N],(sfeer)[N])[N]
waterstofsulfide	(((water)[N],(stof)[N])[N],(sulfide)[N])[N]
waterstofsuperoxide	(((water)[N],(stof)[N])[N],((super)[N|.N],(oxide)[N])[N])[N]
waterstoof	((water)[N],(stoof)[N])[N]
waterstraal	((water)[N],(straal)[N])[N]
waterstroom	((water)[N],(stroom)[N])[N]
watertafel	((water)[N],(tafel)[N])[N]
watertank	((water)[N],(tank)[N])[N]
watertochtje	((water)[N],(tocht)[N])[N]
watertoerisme	((water)[N],(toerisme)[N])[N]
watertol	((water)[N],(tol)[N])[N]
waterton	((water)[N],(ton)[N])[N]
watertor	((water)[N],(tor)[N])[N]
watertoren	((water)[N],(toren)[N])[N]
watertransport	((water)[N],(transport)[N])[N]
watertrappen	((water)[N],(trap)[V])[V]
waterturbine	((water)[N],(turbine)[N])[N]
wateruurwerk	((water)[N],((uur)[N],(werk)[N])[N])[N]
waterval	((water)[N],(val)[N])[N]
watervang	((water)[N],(vang)[N])[N]
watervast	((water)[N],(vast)[A])[A]
watervat	((water)[N],(vat)[N])[N]
waterverbruik	((water)[N],(verbruik)[N])[N]
waterverdamper	((water)[N],((ver)[V|.N],(damp)[N])[V],(er)[N|NV.])[N]
waterverf	((water)[N],(verf)[N])[N]
waterverfschilderij	(((water)[N],(verf)[N])[N],(schilderij)[N])[N]
waterverftekening	(((water)[N],(verf)[N])[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
waterverontreiniging	((water)[N],(verontreinig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
waterverplaatsing	((water)[N],((ver)[V|.V],(plaats)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
waterverval	((water)[N],(verval)[N])[N]
waterverversing	((water)[N],((ver)[V|.A],(vers)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
watervervuiling	((water)[N],((ver)[V|.A],(vuil)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
watervlak	((water)[N],(vlak)[N])[N]
watervlek	((water)[N],(vlek)[N])[N]
watervliegtuig	((water)[N],((vlieg)[V],(tuig)[N])[N])[N]
watervlies	((water)[N],(vlies)[N])[N]
watervlo	((water)[N],(vlo)[N])[N]
watervloed	((water)[N],(vloed)[N])[N]
watervlug	((water)[N],(vlug)[A])[A]
watervogel	((water)[N],(vogel)[N])[N]
watervoorziening	((water)[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
watervrees	((water)[N],(vrees)[N])[N]
watervrij	((water)[N],(vrij)[A])[A]
waterwants	((water)[N],(wants)[N])[N]
waterweefsel	((water)[N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
waterweegkunde	((water)[N],((weeg)[V],(kunde)[N])[N])[N]
waterweerstand	((water)[N],(weerstand)[N])[N]
waterweg	((water)[N],(weg)[N])[N]
waterwerk	((water)[N],(werk)[N])[N]
waterwerper	((water)[N],(werp)[V],(er)[N|NV.])[N]
waterwijding	((water)[N],(wijd)[V],(ing)[N|NV.])[N]
waterwijs	((water)[N],(wijs)[A])[A]
waterwild	((water)[N],(wild)[N])[N]
waterwilg	((water)[N],(wilg)[N])[N]
waterwinplaats	((water)[N],((win)[V],(plaats)[N])[N])[N]
waterzak	((water)[N],(zak)[N])[N]
waterzeil	((water)[N],(zeil)[N])[N]
waterzij	((water)[N],(zij)[N])[N]
waterzijde	((water)[N],(zijde)[N])[N]
waterzo	((water)[N],(zo)[N])[N]
waterzonnetje	((water)[N],(zon)[N])[N]
waterzooi	((water)[N],(zooi)[N])[N]
waterzucht	((water)[N],(zucht)[N])[N]
waterzuchtig	((water)[N],(zucht)[N],(ig)[A|NN.])[A]
waterzuring	((water)[N],(zuring)[N])[N]
waterzwaluw	((water)[N],(zwaluw)[N])[N]
watje	(wat)[N]
watt	(watt)[N]
watten	(wat)[N]
wattenfabriek	((watten)[A],(fabriek)[N])[N]
wattenstaafje	((wat)[N],(en)[N|N.N],(staaf)[N])[N]
wattig	((wat)[N],(ig)[A|N.])[A]
wattigheid	(((wat)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wattmeter	((watt)[N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
wattseconde	((watt)[N],(seconde)[N])[N]
watturenmeter	(((watt)[N],(uur)[N])[N],(en)[N|N.Vx],(meet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
wattuur	((watt)[N],(uur)[N])[N]
wauw	(wauw)[A]
wauwel	(wauwel)[N]
wauwelaar	((wauwel)[V],(aar)[N|V.])[N]
wauwelaarster	(((wauwel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
wauwelen	(wauwel)[V]
wazen	((waas)[N],(en)[A|N.])[A]
wazig	((waas)[N],(ig)[A|N.])[A]
wazigheid	(((waas)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
web	(web)[N]
webbe	(webbe)[N]
webdraad	((web)[N],(draad)[N])[N]
weck	(weck)[N]
wecken	(weck)[V]
weckglas	((weck)[V],(glas)[N])[N]
weckketel	((weck)[V],(ketel)[N])[N]
wed	(wed)[N]
wedde	(wedde)[N]
wedden	(wed)[V]
weddenschap	((wed)[V],(schap)[N|V.])[N]
wedder	((wed)[V],(er)[N|V.])[N]
wedding	((wed)[V],(ing)[N|V.])[N]
weddingschap	(((wed)[V],(ing)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
weder	(weder)[N]
wederantwoord	((weder)[B],(antwoord)[N])[N]
wederantwoorden	((weder)[B],(antwoord)[V])[V]
wederbelegging	((weder)[B],(((be)[V|.V],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wederdienst	((weder)[B],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
wederdoop	((weder)[B],(doop)[N])[N]
wederdoper	(((weder)[B],(doop)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
wedereis	((weder)[B],(eis)[N])[N]
wedergade	((weder)[B],(gade)[N])[N]
wedergave	((weder)[B],(gave)[N])[N]
wedergeboorte	((weder)[B],(geboorte)[N])[N]
wedergeboren	((weder)[B],(geboren)[A])[A]
wedergeven	((weder)[B],(geef)[V])[V]
wedergroet	((weder)[B],(groet)[N])[N]
wedergunst	((weder)[B],((gun)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
wederhelft	((weder)[B],(helft)[N])[N]
wederhoren	((weder)[B],(hoor)[V])[V]
wederhouden	((weder)[B],(houd)[V])[V]
wederikachtigen	((wederik)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
wederinkoop	((weder)[B],(inkoop)[N])[N]
wederinstorting	((weder)[B],(((in)[P],(stort)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wederkeer	((weder)[B],(keer)[N])[N]
wederkeren	((weder)[B],(keer)[V])[V]
wederkerig	(((weder)[B],(keer)[V])[V],(ig)[A|V.])[A]
wederkerigheid	((((weder)[B],(keer)[V])[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wederkomen	((weder)[B],(kom)[V])[V]
wederkomst	(((weder)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N]
wederkrijgen	((weder)[B],(krijg)[V])[V]
wederliefde	((weder)[B],(liefde)[N])[N]
wederloon	((weder)[B],(loon)[N])[N]
wederontmoeting	((weder)[B],((ontmoet)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wederopbloei	((weder)[B],((op)[P],(bloei)[N])[N])[N]
wederopbouw	((weder)[B],(opbouw)[N])[N]
wederopbouwplan	(((weder)[B],(opbouw)[N])[N],(plan)[N])[N]
wederoprichting	((weder)[B],(((op)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wederopstanding	((weder)[B],(opstanding)[N])[N]
wederopzegging	((weder)[B],(((op)[P],(zeg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wederpartij	((weder)[B],(partij)[N])[N]
wederpartijder	(((weder)[B],(partij)[N])[N],(der)[N|N.])[N]
wederrechtelijk	((weder)[B],((recht)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A]
wederrechtelijkheid	(((weder)[B],((recht)[N],(elijk)[A|N.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
wedervaren	((weder)[B],(vaar)[V])[V]
wedervergelden	((weder)[B],((ver)[V|.V],(geld)[V])[V])[V]
wedervergelding	((weder)[B],(((ver)[V|.V],(geld)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wederverhuring	((weder)[B],(((ver)[V|.V],(huur)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wederverkoop	((weder)[B],(verkoop)[N])[N]
wederverkoopster	((weder)[B],(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
wederverkoper	((weder)[B],(((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
wedervinden	((weder)[B],(vind)[V])[V]
wedervraag	((weder)[B],(vraag)[N])[N]
wederwaardigheid	((wederwaardig)[A],(heid)[N|A.])[N]
wederwoord	((weder)[B],(woord)[N])[N]
wederwraak	((weder)[B],(wraak)[N])[N]
wederzien	((weder)[B],(zie)[V])[V]
wederzijde	((weder)[B],(zijde)[N])[N]
wederzijds	((weder)[B],(zijde)[N],(s)[A|BN.])[A]
wederzijdsheid	(((weder)[B],(zijde)[N],(s)[A|BN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wedijver	((wed)[N],(ijver)[N])[N]
wedijveren	((wed)[N],(ijver)[V])[V]
wedje	(wed)[N]
wedkamp	((wed)[N],(kamp)[N])[N]
wedloop	((wed)[N],(loop)[N])[N]
wedlopen	((wed)[N],(loop)[V])[V]
wedloper	(((wed)[N],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
wedprijs	((wed)[N],(prijs)[N])[N]
wedren	((wed)[N],(ren)[N])[N]
wedster	((wed)[V],(ster)[N|V.])[N]
wedstrijd	((wed)[N],(strijd)[N])[N]
wedstrijdbeker	(((wed)[N],(strijd)[N])[N],(beker)[N])[N]
wedstrijdelement	(((wed)[N],(strijd)[N])[N],(element)[N])[N]
wedstrijdkarakter	(((wed)[N],(strijd)[N])[N],(karakter)[N])[N]
wedstrijdorganisator	(((wed)[N],(strijd)[N])[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
wedstrijdprogramma	(((wed)[N],(strijd)[N])[N],(programma)[N])[N]
wedstrijdsituatie	(((wed)[N],(strijd)[N])[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
wedstrijdsport	(((wed)[N],(strijd)[N])[N],(sport)[N])[N]
wedstrijdsporter	(((wed)[N],(strijd)[N])[N],((sport)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
wedstrijdverband	(((wed)[N],(strijd)[N])[N],(verband)[N])[N]
wedstrijdzwemmer	(((wed)[N],(strijd)[N])[N],((zwem)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
weduwdracht	((weduwe)[N],(dracht)[N])[N]
weduwedracht	((weduwe)[N],(en)[N|N.N],(dracht)[N])[N]
weduwefonds	((weduwe)[N],(en)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
weduwekas	((weduwe)[N],(en)[N|N.N],(kas)[N])[N]
weduwepensioen	((weduwe)[N],(en)[N|N.N],(pensioen)[N])[N]
weduwerente	((weduwe)[N],(en)[N|N.N],(rente)[N])[N]
weduwesluier	((weduwe)[N],(en)[N|N.N],(sluier)[N])[N]
weduwgeld	((weduwe)[N],(geld)[N])[N]
weduwgift	((weduwe)[N],(gift)[N])[N]
weduwjaar	((weduwe)[N],(jaar)[N])[N]
weduwlijk	((weduwe)[N],(lijk)[A|N.])[A]
weduwnaar	((weduwe)[N],(enaar)[N|N.])[N]
weduwnaarsbotje	(((weduwe)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(bot)[N])[N]
weduwnaarschap	(((weduwe)[N],(enaar)[N|N.])[N],(schap)[N|N.])[N]
weduwnaarspijn	(((weduwe)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(pijn)[N])[N]
weduwschap	((weduwe)[N],(schap)[N|N.])[N]
weduwsluier	((weduwe)[N],(sluier)[N])[N]
weduwstaat	((weduwe)[N],(staat)[N])[N]
weduwvogel	((weduwe)[N],(vogel)[N])[N]
weduwvrouw	((weduwe)[N],(vrouw)[N])[N]
wedvaart	((wed)[N],(vaart)[N])[N]
wedvlucht	((wed)[N],(vlucht)[N])[N]
wee	(wee)[N]
weed	(weed)[N]
weedas	((wede)[N],(as)[N])[N]
weedkuip	((wede)[N],(kuip)[N])[N]
weedom	((wee)[N],(dom)[N|N.])[N]
weeffout	((weef)[V],(fout)[N])[N]
weefgaren	((weef)[V],(garen)[N])[N]
weefgetouw	((weef)[V],((ge)[N|.N],(touw)[N])[N])[N]
weefkam	((weef)[V],(kam)[N])[N]
weefkunst	((weef)[V],(kunst)[N])[N]
weeflijn	((weef)[V],(lijn)[N])[N]
weefmachine	((weef)[V],(machine)[N])[N]
weefnijverheid	((weef)[V],((nijver)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
weefschool	((weef)[V],(school)[N])[N]
weefsel	((weef)[V],(sel)[N|V.])[N]
weefselbeschadiging	(((weef)[V],(sel)[N|V.])[N],((beschadig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
weefselcel	(((weef)[V],(sel)[N|V.])[N],(cel)[N])[N]
weefseleigenschap	(((weef)[V],(sel)[N|V.])[N],((eigen)[A],(schap)[N|A.])[N])[N]
weefselkweek	(((weef)[V],(sel)[N|V.])[N],(kweek)[N])[N]
weefselleer	(((weef)[V],(sel)[N|V.])[N],(leer)[N])[N]
weefselmonster	(((weef)[V],(sel)[N|V.])[N],(monster)[N])[N]
weefselpoliep	(((weef)[V],(sel)[N|V.])[N],(poliep)[N])[N]
weefselspanning	(((weef)[V],(sel)[N|V.])[N],((span)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
weefselstructuur	(((weef)[V],(sel)[N|V.])[N],(structuur)[N])[N]
weefselverharding	(((weef)[V],(sel)[N|V.])[N],((ver)[V|.A],(hard)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
weefselversterf	(((weef)[V],(sel)[N|V.])[N],(versterf)[N])[N]
weefselvloeistof	(((weef)[V],(sel)[N|V.])[N],((vloei)[V],(stof)[N])[N])[N]
weefselvocht	(((weef)[V],(sel)[N|V.])[N],(vocht)[N])[N]
weefspoel	((weef)[V],(spoel)[N])[N]
weefster	((weef)[V],(ster)[N|V.])[N]
weefstoel	((weef)[V],(stoel)[N])[N]
weeftechniek	((weef)[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
weefvak	((weef)[V],(vak)[N])[N]
weeg	(weeg)[N]
weegbaar	((weeg)[V],(baar)[A|V.])[A]
weegbrug	((weeg)[V],(brug)[N])[N]
weegflesje	((weeg)[V],(fles)[N])[N]
weegglas	((weeg)[V],(glas)[N])[N]
weeghaak	((weeg)[V],(haak)[N])[N]
weegkunde	((weeg)[V],(kunde)[N])[N]
weegloon	((weeg)[V],(loon)[N])[N]
weegluis	((weeg)[N],(luis)[N])[N]
weegschaal	((weeg)[V],(schaal)[N])[N]
weegsteen	((weeg)[V],(steen)[N])[N]
weegstempel	((weeg)[V],(stempel)[N])[N]
weegstoel	((weeg)[V],(stoel)[N])[N]
weegtoestel	((weeg)[V],(toestel)[N])[N]
weeheid	((wee)[A],(heid)[N|A.])[N]
week	(week)[N]
weekabonnement	((week)[N],((abonneer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
weekbak	((week)[V],(bak)[N])[N]
weekbericht	((week)[N],(bericht)[N])[N]
weekbeurt	((week)[N],(beurt)[N])[N]
weekblad	((week)[N],(blad)[N])[N]
weekbladredacteur	(((week)[N],(blad)[N])[N],(redacteur)[N])[N]
weekboekje	((week)[N],(boek)[N])[N]
weekbriefje	((week)[N],(brief)[N])[N]
weekdag	((week)[N],(dag)[N])[N]
weekdienst	((week)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
weekdier	((week)[A],(dier)[N])[N]
weekeind	((week)[N],(eind)[N])[N]
weekeinde	((week)[N],(einde)[N])[N]
weekeinder	((weekeind)[V],(er)[N|V.])[N]
weekeindhuisje	(((week)[N],(eind)[N])[N],(huis)[N])[N]
weekeindhuwelijk	(((week)[N],(eind)[N])[N],(huwelijk)[N])[N]
weekeindstraf	(((week)[N],(eind)[N])[N],(straf)[N])[N]
weekeindtas	(((week)[N],(eind)[N])[N],(tas)[N])[N]
weekend	((week)[N],(end)[N])[N]
weekenddienst	(((week)[N],(end)[N])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
weekender	((weekend)[V],(er)[N|V.])[N]
weekendhuisje	(((week)[N],(end)[N])[N],(huis)[N])[N]
weekendhuwelijk	(((week)[N],(end)[N])[N],(huwelijk)[N])[N]
weekendretour	(((week)[N],(end)[N])[N],(retour)[N])[N]
weekendstraf	(((week)[N],(end)[N])[N],(straf)[N])[N]
weekendtas	(((week)[N],(end)[N])[N],(tas)[N])[N]
weekgeld	((week)[N],(geld)[N])[N]
weekhartig	((week)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A]
weekhartigheid	(((week)[A],(hart)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
weekheid	((week)[A],(heid)[N|A.])[N]
weekhoevig	((week)[A],(hoef)[N],(ig)[A|AN.])[A]
weekhout	((week)[A],(hout)[N])[N]
weekhuur	((week)[N],(huur)[N])[N]
weekijzer	((week)[A],(ijzer)[N])[N]
weekkaart	((week)[N],(kaart)[N])[N]
weekkalender	((week)[N],(kalender)[N])[N]
weeklacht	((wee)[N],(klacht)[N])[N]
weeklagen	((wee)[N],(klaag)[V])[V]
weeklijst	((week)[N],(lijst)[N])[N]
weekloon	((week)[N],(loon)[N])[N]
weekmaker	((week)[A],(maak)[V],(er)[N|AV.])[N]
weekmarkt	((week)[N],(markt)[N])[N]
weekoverzicht	((week)[N],(overzicht)[N])[N]
weekplaats	((week)[V],(plaats)[N])[N]
weekrapport	((week)[N],(rapport)[N])[N]
weeksluiting	((week)[N],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
weeksoldeer	((week)[A],(soldeer)[N])[N]
weekstaat	((week)[N],(staat)[N])[N]
weektocht	((week)[N],(tocht)[N])[N]
weekvocht	((week)[V],(vocht)[N])[N]
weel	(weel)[N]
weelde	(weelde)[N]
weeldeartikel	((weelde)[N],(artikel)[N])[N]
weeldebelasting	((weelde)[N],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
weelderig	((weelde)[N],(erig)[A|N.])[A]
weelderigheid	(((weelde)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
weeldig	((weelde)[N],(ig)[A|N.])[A]
weemoedig	((weemoed)[N],(ig)[A|N.])[A]
weemoedigheid	(((weemoed)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
weenhuis	((ween)[V],(huis)[N])[N]
weeps	(weeps)[A]
weepsheid	((weeps)[A],(heid)[N|A.])[N]
weer	(weer)[N]
weeraal	((weer)[N],(aal)[N])[N]
weeral	((weer)[B],(al)[B])[B]
weeramateur	((weer)[N],(amateur)[N])[N]
weerbaarheid	((weerbaar)[A],(heid)[N|A.])[N]
weerballon	((weer)[N],(ballon)[N])[N]
weerbarstigheid	((weerbarstig)[A],(heid)[N|A.])[N]
weerbericht	((weer)[N],(bericht)[N])[N]
weerbloem	((weer)[N],(bloem)[N])[N]
weerborstel	((weer)[B],(borstel)[N])[N]
weerbots	((weer)[B],(bots)[N])[N]
weerdruk	((weer)[B],(druk)[N])[N]
weergal	((weer)[N],(gal)[N])[N]
weergalm	((weer)[B],(galm)[N])[N]
weergalmen	((weer)[B],(galm)[V])[V]
weergaloos	((weerga)[N],(loos)[A|N.])[A]
weergeld	((weer)[B],(geld)[N])[N]
weergeven	((weer)[B],(geef)[V])[V]
weergeving	(((weer)[B],(geef)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
weerglans	((weer)[B],(glans)[N])[N]
weerglas	((weer)[N],(glas)[N])[N]
weergod	((weer)[B],(God)[N])[N]
weerhaak	((weer)[B],(haak)[N])[N]
weerhaan	((weer)[N],(haan)[N])[N]
weerhanerij	(((weer)[N],(haan)[N])[N],(erij)[N|N.])[N]
weerhebben	((weer)[B],(heb)[V])[V]
weerhouden	((weer)[B],(houd)[V])[V]
weerhuisje	((weer)[N],(huis)[N])[N]
weerkaart	((weer)[N],(kaart)[N])[N]
weerkaatsen	((weer)[B],(kaats)[V])[V]
weerkaatsing	(((weer)[B],(kaats)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
weerkant	((weer)[B],(kant)[N])[N]
weerkeersel	(((weer)[B],(keer)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
weerkenner	((weer)[N],(ken)[V],(er)[N|NV.])[N]
weerkeren	((weer)[B],(keer)[V])[V]
weerklank	((weer)[B],(klank)[N])[N]
weerklinken	((weer)[B],(klink)[V])[V]
weerklok	((weer)[N],(klok)[N])[N]
weerkomen	((weer)[B],(kom)[V])[V]
weerkorps	((weer)[V],(korps)[N])[N]
weerkracht	((weer)[V],(kracht)[N])[N]
weerkrachtig	((weer)[V],((kracht)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
weerkrijgen	((weer)[B],(krijg)[V])[V]
weerkunde	((weer)[N],(kunde)[N])[N]
weerkundig	(((weer)[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
weerlegbaar	(((weer)[B],(leg)[V])[V],(baar)[A|V.])[A]
weerlegbaarheid	((((weer)[B],(leg)[V])[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
weerleggen	((weer)[B],(leg)[V])[V]
weerlegging	(((weer)[B],(leg)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
weerlichten	((weer)[B],(licht)[V])[V]
weerlichts	((weerlicht)[N],(s)[A|N.])[A]
weerloos	((weer)[V],(loos)[A|V.])[A]
weerloosheid	(((weer)[V],(loos)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
weermacht	((weer)[V],(macht)[N])[N]
weerman	((weer)[N],(man)[N])[N]
weermiddelen	((weer)[V],(middel)[N])[N]
weeromkomen	((weerom)[B],(kom)[V])[V]
weeromreis	((weerom)[B],(reis)[N])[N]
weeromstuit	((weerom)[B],(stuit)[N])[N]
weeroverzicht	((weer)[N],(overzicht)[N])[N]
weerpijn	((weer)[B],(pijn)[N])[N]
weerplicht	((weer)[V],(plicht)[N])[N]
weerplichtig	(((weer)[V],(plicht)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
weerpraatje	((weer)[N],(praat)[N])[N]
weerprofeet	((weer)[N],(profeet)[N])[N]
weerrapport	((weer)[N],(rapport)[N])[N]
weersatelliet	((weer)[N],(satelliet)[N])[N]
weerschallen	((weer)[B],(schal)[V])[V]
weerschijn	((weer)[B],(schijn)[N])[N]
weerschijnen	((weer)[B],(schijn)[V])[V]
weerschijnsel	(((weer)[B],(schijn)[V])[V],(sel)[N|V.])[N]
weerschip	((weer)[N],(schip)[N])[N]
weersgesteldheid	((weer)[N],(s)[N|N.N],((gesteld)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
weerslag	((weer)[B],(slag)[N])[N]
weersmaak	((weer)[B],(smaak)[N])[N]
weersomstandigheden	((weer)[N],(s)[N|N.N],((omstandig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
weersonde	((weer)[N],(sonde)[N])[N]
weerspannelinge	((weerspanneling)[N],(e)[N|N.])[N]
weerspannigheid	((weerspannig)[A],(heid)[N|A.])[N]
weerspiegelen	((weer)[B],(spiegel)[V])[V]
weerspiegeling	(((weer)[B],(spiegel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
weerspreken	((weer)[B],(spreek)[V])[V]
weerstaan	((weer)[B],(sta)[V])[V]
weerstanddraad	((weerstand)[N],(draad)[N])[N]
weerstandmeter	((weerstand)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
weerstandskas	((weerstand)[N],(s)[N|N.N],(kas)[N])[N]
weerstandskracht	((weerstand)[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
weerstandsnest	((weerstand)[N],(s)[N|N.N],(nest)[N])[N]
weerstandsvermogen	((weerstand)[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
weerstandsversterker	((weerstand)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(sterk)[A])[V],(er)[N|NxV.])[N]
weerstation	((weer)[N],(station)[N])[N]
weerstoestand	((weer)[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
weerstreven	((weer)[B],(streef)[V])[V]
weerstroom	((weer)[B],(stroom)[N])[N]
weersverandering	((weer)[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
weersverwachting	((weer)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(wacht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
weertafel	((weer)[N],(tafel)[N])[N]
weertij	((weer)[B],(tij)[N])[N]
weervaren	((weer)[B],(vaar)[V])[V]
weervastheid	((weer)[N],((vast)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
weerverwachting	((weer)[N],(((ver)[V|.V],(wacht)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
weervinden	((weer)[B],(vind)[V])[V]
weervis	((weer)[N],(vis)[N])[N]
weervloed	((weer)[B],(vloed)[N])[N]
weervoorspeller	((weer)[N],((voor)[B],(spel)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
weervoorspelling	((weer)[N],((voor)[B],(spel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
weervraag	((weer)[B],(vraag)[N])[N]
weerwerk	((weer)[B],(werk)[N])[N]
weerwijs	((weer)[N],(wijs)[A])[A]
weerwijzer	((weer)[N],((wijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
weerwil	((weer)[B],(wil)[N])[N]
weerwoord	((weer)[B],(woord)[N])[N]
weerwraak	((weer)[B],(wraak)[N])[N]
weerziek	((weer)[N],(ziek)[A])[A]
weerzien	((weer)[B],(zie)[V])[V]
weerzin	((weer)[B],(zin)[N])[N]
weerzinwekkend	(((weer)[B],(zin)[N])[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
weerzinwekkendheid	((((weer)[B],(zin)[N])[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wees	(wees)[N]
weesboom	((wees)[N],(boom)[N])[N]
weesembryo	((wees)[N],(embryo)[N])[N]
weeshuis	((wees)[N],(huis)[N])[N]
weesjongen	((wees)[N],(jongen)[N])[N]
weeskamer	((wees)[N],(kamer)[N])[N]
weeskind	((wees)[N],(kind)[N])[N]
weesmeester	((wees)[N],(meester)[N])[N]
weesmeisje	((wees)[N],(meisje)[N])[N]
weesmoeder	((wees)[N],(moeder)[N])[N]
weesvader	((wees)[N],(vader)[N])[N]
weesziekte	((wees)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
weet	(weet)[N]
weetal	((weet)[V],(al)[O])[N]
weetgierig	((weet)[V],(gierig)[A])[A]
weetgierigheid	(((weet)[V],(gierig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
weetgraag	((weet)[N],(graag)[A])[A]
weetlust	((weet)[V],(lust)[N])[N]
weetniet	((weet)[V],(niet)[B])[N]
weetnietkunde	(((weet)[V],(niet)[B])[N],(kunde)[N])[N]
weeuw	(weeuw)[N]
weeuwenaar	((weeuw)[N],(enaar)[N|N.])[N]
weeuwenaarspijn	(((weeuw)[N],(enaar)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(pijn)[N])[N]
weeuwplant	((weeuw)[N],(plant)[N])[N]
weeïg	((wee)[A],(ig)[A|A.])[A]
weeïgheid	(((wee)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
weg	(weg)[N]
wegaanduiding	((weg)[N],((aan)[P],(duid)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wegaansluiting	((weg)[N],((aan)[P],(sluit)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wegas	((weg)[N],(as)[N])[N]
wegbannen	((weg)[B],(ban)[V])[V]
wegbebakening	((weg)[N],(((be)[V|.N],(baken)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wegbeheerder	((weg)[N],(beheer)[V],(der)[N|NV.])[N]
wegbeplanting	((weg)[N],((be)[V|.N],(plant)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wegbereider	((weg)[N],(bereid)[V],(er)[N|NV.])[N]
wegbergen	((weg)[B],(berg)[V])[V]
wegberm	((weg)[N],(berm)[N])[N]
wegblazen	((weg)[B],(blaas)[V])[V]
wegblijven	((weg)[B],(blijf)[V])[V]
wegbonjouren	((weg)[B],(bonjour)[V])[V]
wegbranden	((weg)[B],(brand)[V])[V]
wegbreken	((weg)[B],(breek)[V])[V]
wegbrengen	((weg)[B],(breng)[V])[V]
wegbrenging	(((weg)[B],(breng)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
wegcapaciteit	((weg)[N],(capaciteit)[N])[N]
wegcijferen	((weg)[B],(cijfer)[V])[V]
wegcircuit	((weg)[N],(circuit)[N])[N]
wegcommissaris	((weg)[N],(commissaris)[N])[N]
wegcontact	((weg)[N],(contact)[N])[N]
wegdek	((weg)[N],(dek)[N])[N]
wegdenken	((weg)[B],(denk)[V])[V]
wegdistel	((weg)[N],(distel)[N])[N]
wegdoen	((weg)[B],(doe)[V])[V]
wegdoezelen	((weg)[B],(doezel)[V])[V]
wegdommelen	((weg)[B],(dommel)[V])[V]
wegdraaien	((weg)[B],(draai)[V])[V]
wegdragen	((weg)[B],(draag)[V])[V]
wegdrijven	((weg)[B],(drijf)[V])[V]
wegdringen	((weg)[B],(dring)[V])[V]
wegdringing	(((weg)[B],(dring)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
wegdruipen	((weg)[B],(druip)[V])[V]
wegdrukken	((weg)[B],(druk)[V])[V]
wegduiken	((weg)[B],(duik)[V])[V]
wegduwen	((weg)[B],(duw)[V])[V]
wegebben	((weg)[B],(eb)[V])[V]
wegeling	((weg)[N],(eling)[N|N.])[N]
wegen	(weeg)[V]
wegenaanleg	((weg)[N],(en)[N|N.N],(aanleg)[N])[N]
wegenbelasting	((weg)[N],(en)[N|N.N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wegenbouw	((weg)[N],(en)[N|N.N],(bouw)[N])[N]
wegenbouwer	(((weg)[N],(en)[N|N.N],(bouw)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
wegenbouwkundig	(((weg)[N],(en)[N|N.N],(bouw)[N])[N],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
wegenis	((weg)[N],(enis)[N|N.])[N]
wegenkaart	((weg)[N],(en)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
wegennet	((weg)[N],(en)[N|N.N],(net)[N])[N]
wegenplan	((weg)[N],(en)[N|N.N],(plan)[N])[N]
wegenschenderij	((weg)[N],(en)[N|N.N],((schend)[V],(erij)[N|V.])[N])[N]
wegenverkeersreglement	((weg)[N],(en)[N|N.NxN],(verkeer)[N],(s)[N|NxN.N],(reglement)[N])[N]
wegenverkeerswet	((weg)[N],(en)[N|N.NxN],(verkeer)[N],(s)[N|NxN.N],(wet)[N])[N]
wegenwacht	((weg)[N],(en)[N|N.N],(wacht)[N])[N]
wegenwachtstation	(((weg)[N],(en)[N|N.N],(wacht)[N])[N],(station)[N])[N]
weger	((weeg)[V],(er)[N|V.])[N]
wegervaring	((weg)[N],(((er)[B],(vaar)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wegfiets	((weg)[N],(fiets)[N])[N]
wegfietsen	((weg)[B],(fiets)[V])[V]
wegfrommelen	((weg)[B],(frommel)[V])[V]
weggaan	((weg)[B],(ga)[V])[V]
weggappen	((weg)[B],(gap)[V])[V]
wegge	(wegge)[N]
weggebruiker	((weg)[N],(gebruik)[V],(er)[N|NV.])[N]
weggebruikster	((weg)[B],(gebruik)[V],(ster)[N|BV.])[N]
weggedeelte	((weg)[N],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
weggedrag	((weg)[N],(gedrag)[N])[N]
weggeefprijs	(((weg)[B],(geef)[V])[V],(prijs)[N])[N]
weggeld	((weg)[N],(geld)[N])[N]
weggeven	((weg)[B],(geef)[V])[V]
weggevertje	(((weg)[B],(geef)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
weggieten	((weg)[B],(giet)[V])[V]
wegglijden	((weg)[B],(glijd)[V])[V]
wegglippen	((weg)[B],(glip)[V])[V]
weggommen	((weg)[B],(gom)[V])[V]
weggooiartikel	(((weg)[B],(gooi)[V])[V],(artikel)[N])[N]
weggooien	((weg)[B],(gooi)[V])[V]
weggrissen	((weg)[B],(gris)[V])[V]
weggummen	((weg)[B],(gum)[V])[V]
weghaasten	((weg)[B],(haast)[V])[V]
weghalen	((weg)[B],(haal)[V])[V]
weghangen	((weg)[B],(hang)[V])[V]
weghelft	((weg)[N],(helft)[N])[N]
weghelpen	((weg)[B],(help)[V])[V]
weghollen	((weg)[B],(hol)[V])[V]
weghonen	((weg)[B],(hoon)[V])[V]
weghouden	((weg)[B],(houd)[V])[V]
weghuppelen	((weg)[B],(huppel)[V])[V]
wegijlen	((weg)[B],(ijl)[V])[V]
weging	((weeg)[V],(ing)[N|V.])[N]
wegjagen	((weg)[B],(jaag)[V])[V]
wegkampioen	((weg)[N],(kampioen)[N])[N]
wegkankeren	((weg)[B],(kanker)[V])[V]
wegkapel	((weg)[B],(kapel)[N])[N]
wegkapen	((weg)[N],(kaap)[V])[V]
wegkappen	((weg)[B],(kap)[V])[V]
wegkeilen	((weg)[B],(keil)[V])[V]
wegkijken	((weg)[B],(kijk)[V])[V]
wegknippen	((weg)[B],(knip)[V])[V]
wegkomen	((weg)[B],(kom)[V])[V]
wegkompas	((weg)[N],(kompas)[N])[N]
wegkopen	((weg)[B],(koop)[V])[V]
wegkruipen	((weg)[B],(kruip)[V])[V]
wegkruising	((weg)[N],(kruis)[V],(ing)[N|NV.])[N]
wegkwijnen	((weg)[B],(kwijn)[V])[V]
wegkwijning	(((weg)[B],(kwijn)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
weglachen	((weg)[B],(lach)[V])[V]
weglaten	((weg)[B],(laat)[V])[V]
weglating	(((weg)[B],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
weglatingsteken	((((weg)[B],(laat)[V])[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(teken)[N])[N]
wegleggen	((weg)[B],(leg)[V])[V]
wegleiden	((weg)[B],(leid)[V])[V]
weglengte	((weg)[N],(lengte)[N])[N]
weglichaam	((weg)[N],(lichaam)[N])[N]
wegligging	((weg)[N],((lig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
weglokken	((weg)[B],(lok)[V])[V]
wegloodsen	((weg)[B],(loods)[V])[V]
wegloophuis	(((weg)[B],(loop)[V])[V],(huis)[N])[N]
weglopen	((weg)[B],(loop)[V])[V]
wegloper	(((weg)[B],(loop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
wegluis	((weg)[N],(luis)[N])[N]
wegmaaien	((weg)[B],(maai)[V])[V]
wegmaken	((weg)[B],(maak)[V])[V]
wegmarkering	((weg)[N],((mark)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wegmeter	((weg)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
wegmoffelen	((weg)[B],(moffel)[V])[V]
wegnemen	((weg)[B],(neem)[V])[V]
wegneming	(((weg)[B],(neem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
wegomlegging	((weg)[N],((om)[P],(leg)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wegopzichter	((weg)[N],((op)[P],(zie)[V],(er)[N|PV.])[N])[N]
wegopziener	((weg)[N],((op)[P],(zie)[V],(er)[N|PV.])[N])[N]
wegpakken	((weg)[B],(pak)[V])[V]
wegparcours	((weg)[N],(parcours)[N])[N]
wegpesten	((weg)[B],(pest)[V])[V]
wegpikken	((weg)[B],(pik)[V])[V]
wegpinken	((weg)[B],(pink)[V])[V]
wegpiraat	((weg)[N],(piraat)[N])[N]
wegploeg	((weg)[N],(ploeg)[N])[N]
wegpoetsen	((weg)[B],(poets)[V])[V]
wegpompen	((weg)[B],(pomp)[V])[V]
wegpraten	((weg)[B],(praat)[V])[V]
wegprofiel	((weg)[N],(profiel)[N])[N]
wegpromoveren	((weg)[B],(promoveer)[V])[V]
wegrace	((weg)[N],(race)[N])[N]
wegraken	((weg)[B],(raak)[V])[V]
wegraking	(((weg)[B],(raak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
wegredeneren	((weg)[B],((reden)[N],(eer)[V|N.])[V])[V]
wegrennen	((weg)[B],(ren)[V])[V]
wegrenner	((weg)[N],((ren)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
wegrestaurant	((weg)[N],((restaureer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
wegreus	((weg)[N],(reus)[N])[N]
wegrijden	((weg)[B],(rijd)[V])[V]
wegrit	((weg)[N],(rit)[N])[N]
wegroepen	((weg)[B],(roep)[V])[V]
wegroesten	((weg)[B],(roest)[V])[V]
wegrollen	((weg)[B],(rol)[V])[V]
wegrotten	((weg)[B],(rot)[V])[V]
wegrotting	(((weg)[B],(rot)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
wegruimen	((weg)[B],(ruim)[V])[V]
wegruiming	(((weg)[B],(ruim)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
wegrukken	((weg)[B],(ruk)[V])[V]
wegsaneren	((weg)[B],(saneer)[V])[V]
wegschenken	((weg)[B],(schenk)[V])[V]
wegschenking	(((weg)[B],(schenk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
wegscheren	((weg)[B],(scheer)[V])[V]
wegscheuren	((weg)[B],(scheur)[V])[V]
wegschieten	((weg)[B],(schiet)[V])[V]
wegschoppen	((weg)[B],(schop)[V])[V]
wegschouw	((weg)[N],(schouw)[N])[N]
wegschrappen	((weg)[B],(schrap)[V])[V]
wegschrijven	((weg)[B],(schrijf)[V])[V]
wegschuilen	((weg)[B],(schuil)[V])[V]
wegschuiven	((weg)[B],(schuif)[V])[V]
wegseizoen	((weg)[N],(seizoen)[N])[N]
wegslaan	((weg)[B],(sla)[V])[V]
wegslenteren	((weg)[B],(slenter)[V])[V]
wegslepen	((weg)[B],(sleep)[V])[V]
wegslikken	((weg)[B],(slik)[V])[V]
wegslingeren	((weg)[B],(slinger)[V])[V]
wegslinken	((weg)[B],(slink)[V])[V]
wegsluipen	((weg)[B],(sluip)[V])[V]
wegsluiten	((weg)[B],(sluit)[V])[V]
wegsmelten	((weg)[B],(smelt)[V])[V]
wegsmijten	((weg)[B],(smijt)[V])[V]
wegsnellen	((weg)[B],(snel)[V])[V]
wegsnijden	((weg)[B],(snijd)[V])[V]
wegsnijding	(((weg)[B],(snijd)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
wegsnoeien	((weg)[B],(snoei)[V])[V]
wegspelen	((weg)[B],(speel)[V])[V]
wegsplitsing	((weg)[N],(splits)[V],(ing)[N|NV.])[N]
wegspoelen	((weg)[B],(spoel)[V])[V]
wegsport	((weg)[N],(sport)[N])[N]
wegspringen	((weg)[B],(spring)[V])[V]
wegspuiten	((weg)[B],(spuit)[V])[V]
wegsteken	((weg)[B],(steek)[V])[V]
wegstemmen	((weg)[B],(stem)[V])[V]
wegsterven	((weg)[B],(sterf)[V])[V]
wegstoppen	((weg)[B],(stop)[V])[V]
wegstormen	((weg)[B],(storm)[V])[V]
wegstoten	((weg)[B],(stoot)[V])[V]
wegstrepen	((weg)[B],(streep)[V])[V]
wegstrijken	((weg)[B],(strijk)[V])[V]
wegstromen	((weg)[B],(stroom)[V])[V]
wegstuffen	((weg)[B],(stuf)[V])[V]
wegstuiven	((weg)[B],(stuif)[V])[V]
wegsturen	((weg)[B],(stuur)[V])[V]
wegsuffen	((weg)[B],(suf)[V])[V]
wegteren	((weg)[B],(teer)[V])[V]
wegtochten	((weg)[B],(tocht)[V])[V]
wegtoveren	((weg)[B],(tover)[V])[V]
wegtransport	((weg)[N],(transport)[N])[N]
wegtrappen	((weg)[B],(trap)[V])[V]
wegtreiteren	((weg)[B],(treiter)[V])[V]
wegtrekken	((weg)[B],(trek)[V])[V]
wegvagen	((weg)[B],(vaag)[V])[V]
wegvak	((weg)[N],(vak)[N])[N]
wegvallen	((weg)[B],(val)[V])[V]
wegvaren	((weg)[B],(vaar)[V])[V]
wegvast	((weg)[N],(vast)[A])[A]
wegvastheid	(((weg)[N],(vast)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
wegvegen	((weg)[B],(veeg)[V])[V]
wegverkeer	((weg)[N],(verkeer)[N])[N]
wegverlegging	((weg)[N],((ver)[V|.V],(leg)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wegversmalling	((weg)[N],((ver)[V|.A],(smal)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wegversperring	((weg)[N],((ver)[V|.V],(sper)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wegvervoer	((weg)[N],(vervoer)[N])[N]
wegvliegen	((weg)[B],(vlieg)[V])[V]
wegvloeien	((weg)[B],(vloei)[V])[V]
wegvluchten	((weg)[B],(vlucht)[V])[V]
wegvoeren	((weg)[B],(voer)[V])[V]
wegvoering	(((weg)[B],(voer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
wegvreten	((weg)[B],(vreet)[V])[V]
wegwaaien	((weg)[B],(waai)[V])[V]
wegwachter	((weg)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
wegwedstrijd	((weg)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
wegwerken	((weg)[B],(werk)[V])[V]
wegwerker	((weg)[N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
wegwerpaansteker	(((weg)[B],(werp)[V])[V],(((aan)[P],(steek)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
wegwerpartikel	(((weg)[B],(werp)[V])[V],(artikel)[N])[N]
wegwerpcultuur	(((weg)[B],(werp)[V])[V],(cultuur)[N])[N]
wegwerpen	((weg)[B],(werp)[V])[V]
wegwerpfles	(((weg)[B],(werp)[V])[V],(fles)[N])[N]
wegwerpkleding	(((weg)[B],(werp)[V])[V],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wegwerpluier	(((weg)[B],(werp)[V])[V],(luier)[N])[N]
wegwerpmaatschappij	(((weg)[B],(werp)[V])[V],(maatschappij)[N])[N]
wegwerpmuziek	(((weg)[B],(werp)[V])[V],(muziek)[N])[N]
wegwerpproduct	(((weg)[B],(werp)[V])[V],(product)[N])[N]
wegwerpservies	(((weg)[B],(werp)[V])[V],(servies)[N])[N]
wegwerpspul	(((weg)[B],(werp)[V])[V],(spul)[N])[N]
wegwerpverpakking	(((weg)[B],(werp)[V])[V],(((ver)[V|.N],(pak)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wegwezen	((weg)[B],(wees)[V])[V]
wegwijs	((weg)[N],(wijs)[A])[A]
wegwijzer	((weg)[N],((wijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
wegwissen	((weg)[B],(wis)[V])[V]
wegwuiven	((weg)[B],(wuif)[V])[V]
wegzakken	((weg)[B],(zak)[V])[V]
wegzenden	((weg)[B],(zend)[V])[V]
wegzending	(((weg)[B],(zend)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
wegzetten	((weg)[B],(zet)[V])[V]
wegzinken	((weg)[B],(zink)[V])[V]
wegzuigen	((weg)[B],(zuig)[V])[V]
wei	(wei)[N]
weiachtig	((wei)[N],(achtig)[A|N.])[A]
weibloem	((wei)[N],(bloem)[N])[N]
weiboter	((wei)[N],(boter)[N])[N]
weide	(weide)[N]
weidebloem	((weide)[N],(bloem)[N])[N]
weideboer	((weide)[N],(boer)[N])[N]
weideboter	((weide)[N],(boter)[N])[N]
weidebouw	((weide)[N],(bouw)[N])[N]
weidechampignon	((weide)[N],(champignon)[N])[N]
weidegeld	((weide)[N],(geld)[N])[N]
weidegras	((weide)[N],(gras)[N])[N]
weidegrond	((weide)[N],(grond)[N])[N]
weideklaver	((weide)[N],(klaver)[N])[N]
weidekoe	((weide)[N],(koe)[N])[N]
weidelandschap	((weide)[N],((land)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
weidelijk	((weide)[N],(lijk)[A|N.])[A]
weidemier	((weide)[N],(mier)[N])[N]
weidemolen	((weide)[N],(molen)[N])[N]
weiden	(weid)[V]
weider	((weid)[V],(er)[N|V.])[N]
weiderecht	((weide)[N],(recht)[N])[N]
weiderij	((weid)[V],(erij)[N|V.])[N]
weidesleep	((weide)[N],(sleep)[N])[N]
weideveld	((weide)[N],(veld)[N])[N]
weidevogel	((weide)[N],(vogel)[N])[N]
weidewinkel	((weide)[N],(winkel)[N])[N]
weidsheid	((weids)[A],(heid)[N|A.])[N]
weidspel	((weide)[N],(spel)[N])[N]
weifelaar	((weifel)[V],(aar)[N|V.])[N]
weifelaarster	(((weifel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
weifelachtig	((weifel)[V],(achtig)[A|V.])[A]
weifelachtigheid	(((weifel)[V],(achtig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
weifelen	(weifel)[V]
weifeling	((weifel)[V],(ing)[N|V.])[N]
weifelmoedig	((weifel)[V],(moed)[N],(ig)[A|VN.])[A]
weifelmoedigheid	(((weifel)[V],(moed)[N],(ig)[A|VN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
weigeraar	((weiger)[V],(aar)[N|V.])[N]
weigeraarster	(((weiger)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
weigerachtig	((weiger)[V],(achtig)[A|V.])[A]
weigerachtigheid	(((weiger)[V],(achtig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
weigeren	(weiger)[V]
weigerig	((weiger)[V],(ig)[A|V.])[A]
weigering	((weiger)[V],(ing)[N|V.])[N]
weigras	((wei)[N],(gras)[N])[N]
weigrond	((wei)[N],(grond)[N])[N]
weikaas	((wei)[N],(kaas)[N])[N]
weiklaver	((wei)[N],(klaver)[N])[N]
weiland	((wei)[N],(land)[N])[N]
weinigje	((weinig)[O],(je)[N|O.])[N]
weinigzeggend	((weinig)[O],(zeggend)[V])[A]
weit	(weit)[N]
weitebloem	((weit)[N],(e)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
weitebrood	((weit)[N],(e)[N|N.N],(brood)[N])[N]
weitekoek	((weit)[N],(e)[N|N.N],(koek)[N])[N]
weitemeel	((weit)[N],(e)[N|N.N],(meel)[N])[N]
weiveld	((wei)[N],(veld)[N])[N]
wekdienst	((wek)[V],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
wekdroom	((wek)[V],(droom)[N])[N]
wekelijk	((week)[A],(elijk)[A|A.])[A]
wekelijkheid	(((week)[A],(elijk)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wekelijks	((week)[N],(elijks)[A|N.])[A]
wekeling	((week)[A],(eling)[N|A.])[N]
weken	(week)[V]
wekenfeest	((week)[N],(en)[N|N.N],(feest)[N])[N]
wekenlang	((week)[N],(en)[A|N.A],(lang)[A])[A]
wekken	(wek)[V]
wekker	((wek)[V],(er)[N|V.])[N]
wekkerklok	(((wek)[V],(er)[N|V.])[N],(klok)[N])[N]
wekkerradio	(((wek)[V],(er)[N|V.])[N],(radio)[N])[N]
wekroep	((wek)[V],(roep)[N])[N]
wekstem	((wek)[V],(stem)[N])[N]
wektoon	((wek)[V],(toon)[N])[N]
wel	(wel)[N]
welbedacht	((wel)[A],(bedacht)[A])[A]
welbegrepen	((wel)[A],(begrepen)[V])[A]
welbehaaglijk	((wel)[A],(((be)[V|.V],(haag)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
welbehagen	((wel)[A],(behagen)[N])[N]
welbekend	((wel)[A],(bekend)[A])[A]
welbeklant	((wel)[A],((be)[A|.N],(klant)[N])[A])[A]
welbemand	((wel)[A],(bemand)[V])[A]
welbemind	((wel)[A],(bemind)[A])[A]
welberaamd	((wel)[A],(beraamd)[V])[A]
welberaden	((wel)[A],(beraden)[A])[A]
welbereid	((wel)[A],(bereid)[A])[A]
welbespraakt	((wel)[A],((be)[A|.Nx],(spraak)[N],(t)[A|xN.])[A])[A]
welbespraaktheid	(((wel)[A],((be)[A|.Nx],(spraak)[N],(t)[A|xN.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
welbesteed	((wel)[A],(besteed)[V])[A]
welbevoegd	((wel)[A],(bevoegd)[A])[A]
welbewaakt	((wel)[A],(bewaakt)[V])[A]
welbewerkt	((wel)[A],(bewerkt)[V])[A]
welbezocht	((wel)[A],(bezocht)[A])[A]
weldaad	((wel)[N],(daad)[N])[N]
weldadig	(((wel)[N],(daad)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
weldadigheid	((((wel)[N],(daad)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
weldadigheidsbazaar	(((((wel)[N],(daad)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(bazaar)[N])[N]
weldadigheidsconcert	(((((wel)[N],(daad)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(concert)[N])[N]
weldadigheidsvereniging	(((((wel)[N],(daad)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
weldadigheidszegel	(((((wel)[N],(daad)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(zegel)[N])[N]
weldenkend	((wel)[A],(denk)[V],(end)[A|AV.])[A]
weldenkendheid	(((wel)[A],(denk)[V],(end)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
weldoen	((wel)[A],(doe)[V])[V]
weldoener	((wel)[N],(doen)[N],(er)[N|NN.])[N]
weldoenster	((weldoen)[V],(ster)[N|V.])[N]
weldoordacht	((wel)[A],(doordacht)[A])[A]
weldoortimmerd	((wel)[A],((door)[P],(getimmerd)[V])[A])[A]
weldoorvoed	((wel)[A],((door)[P],(voed)[V])[A])[A]
weledel	((wel)[A],(edel)[A])[A]
weledelachtbaar	((wel)[A],((edel)[A],((acht)[V],(baar)[A|V.])[A])[A])[A]
weledelgeboren	((wel)[A],((edel)[A],(geboren)[A])[A])[A]
weledelgeleerd	(((wel)[A],(edel)[A])[A],(geleerd)[A])[A]
weledelgestreng	(((wel)[A],(edel)[A])[A],(gestreng)[A])[A]
weledelzeergeleerd	(((wel)[A],(edel)[A])[A],((zeer)[B],(geleerd)[A])[A])[A]
welfarewerk	((welfare)[N],(werk)[N])[N]
welfboog	((welf)[V],(boog)[N])[N]
welfsel	((welf)[V],(sel)[N|V.])[N]
welgaan	((wel)[A],(ga)[V])[V]
welgat	((wel)[N],(gat)[N])[N]
welgeaard	((wel)[A],(geaard)[A])[A]
welgeboren	((wel)[A],(geboren)[A])[A]
welgebouwd	((wel)[A],(gebouwd)[A])[A]
welgedaanheid	((welgedaan)[A],(heid)[N|A.])[N]
welgekleed	((wel)[A],(gekleed)[A])[A]
welgekomen	((wel)[A],(gekomen)[V])[A]
welgekozen	((wel)[A],(gekozen)[V])[A]
welgelegen	((wel)[A],(gelegen)[A])[A]
welgeliefd	((wel)[A],(geliefd)[A])[A]
welgelijkend	((wel)[A],(gelijk)[V],(end)[A|AV.])[A]
welgelukken	((wel)[A],(gelukken)[V])[N]
welgemaakt	((wel)[A],(gemaakt)[A])[A]
welgemaaktheid	(((wel)[A],(gemaakt)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
welgemanierd	((wel)[A],((ge)[A|.Nx],(manier)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
welgemanierdheid	(((wel)[A],((ge)[A|.Nx],(manier)[N],(d)[A|xN.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
welgemeend	((wel)[A],(gemeend)[A])[A]
welgemoed	((wel)[A],(gemoed)[A])[A]
welgemoedheid	(((wel)[A],(gemoed)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
welgemutst	((wel)[A],((ge)[A|.Nx],(muts)[N],(t)[A|xN.])[A])[A]
welgeordend	((wel)[A],(geordend)[A])[A]
welgeschapen	((wel)[A],(geschapen)[A])[A]
welgesteld	((wel)[A],(gesteld)[A])[A]
welgesteldheid	(((wel)[A],(gesteld)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
welgevallen	((wel)[A],(geval)[V])[V]
welgevallig	(((wel)[A],(geval)[V])[V],(ig)[A|V.])[A]
welgevalligheid	((((wel)[A],(geval)[V])[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
welgevormd	((wel)[A],(gevormd)[A])[A]
welgezind	((wel)[A],(gezind)[A])[A]
welgezindheid	(((wel)[A],(gezind)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
welhebbend	((wel)[A],(heb)[V],(end)[A|AV.])[A]
weligheid	((welig)[A],(heid)[N|A.])[N]
welijzer	((wel)[V],(ijzer)[N])[N]
welingelicht	((wel)[A],(ingelicht)[V])[A]
welken	(welk)[V]
welkomstcomité	((welkomst)[N],(comité)[N])[N]
welkomstgroet	((welkomst)[N],(groet)[N])[N]
welkomstlied	((welkomst)[N],(lied)[N])[N]
welkomstmuziek	((welkomst)[N],(muziek)[N])[N]
welkomstvuurwerk	((welkomst)[N],((vuur)[N],(werk)[N])[N])[N]
welkomstwoord	((welkomst)[N],(woord)[N])[N]
wellen	(wel)[V]
welletjes	((wel)[B],(etjes)[B|B.])[B]
wellevend	((wel)[A],(leef)[V],(end)[A|AV.])[A]
wellevendheid	(((wel)[A],(leef)[V],(end)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
welling	((wel)[V],(ing)[N|V.])[N]
welluidend	((wel)[A],(luid)[V],(end)[A|AV.])[A]
welluidendheid	(((wel)[A],(luid)[V],(end)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wellust	((wel)[A],(lust)[N])[N]
wellusteling	(((wel)[A],(lust)[N])[N],(eling)[N|N.])[N]
wellustig	(((wel)[A],(lust)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
wellustigheid	((((wel)[A],(lust)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
welmenend	((wel)[A],(meen)[V],(end)[A|AV.])[A]
welnaad	((wel)[V],(naad)[N])[N]
welnemen	((wel)[A],(nemen)[V])[N]
welomlijnd	((wel)[A],(omlijnd)[V])[A]
welomschreven	((wel)[A],(omschreven)[V])[A]
welopgevoed	((wel)[A],(opgevoed)[V])[A]
weloverwogen	((wel)[A],(overwogen)[V])[A]
welp	(welp)[N]
welpenleidster	((welp)[N],(en)[N|N.Vx],(leid)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
welpomp	((wel)[N],(pomp)[N])[N]
welput	((wel)[N],(put)[N])[N]
welriekend	((wel)[A],(riek)[V],(end)[A|AV.])[A]
welslagen	((wel)[A],(slagen)[V])[N]
welsmakend	((wel)[A],(smaak)[V],(end)[A|AV.])[A]
welsprekendheid	(((wel)[A],(spreek)[V],(end)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
welstaal	((wel)[V],(staal)[N])[N]
welstandsbepaling	((welstand)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
welstandscommissie	((welstand)[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
welstandsgrens	((welstand)[N],(s)[N|N.N],(grens)[N])[N]
welstandsknobbel	((welstand)[N],(s)[N|N.N],(knobbel)[N])[N]
welstandsniveau	((welstand)[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
welstandsverordening	((welstand)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(orden)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
welstellend	((wel)[A],(stel)[V],(end)[A|AV.])[A]
weltevreden	((wel)[A],(tevreden)[A])[A]
welvaart	((wel)[A],(vaart)[N])[N]
welvaartmaatschappij	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(maatschappij)[N])[N]
welvaartsbegrip	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(begrip)[N])[N]
welvaartsbevordering	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(vorder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
welvaartsbron	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(bron)[N])[N]
welvaartseconomie	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],((economisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
welvaartseffect	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(effect)[N])[N]
welvaartsexplosie	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(explosie)[N])[N]
welvaartsfase	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(fase)[N])[N]
welvaartsjaar	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
welvaartsmaatschappij	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
welvaartsniveau	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
welvaartsontwikkeling	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
welvaartspeil	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(peil)[N])[N]
welvaartsperiode	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
welvaartsplan	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(plan)[N])[N]
welvaartspolitiek	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(politiek)[N])[N]
welvaartspositie	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
welvaartsprobleem	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
welvaartsproductie	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
welvaartssituatie	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
welvaartsstaat	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(staat)[N])[N]
welvaartstheoretisch	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[A|N.A],((theorie)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
welvaartstheorie	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
welvaartstijd	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
welvaartsvast	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[A|N.A],(vast)[A])[A]
welvaartsverbetering	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
welvaartsvermeerdering	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(meerder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
welvaartsverschijnsel	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
welvaartsziekte	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(s)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
welvaartvast	(((wel)[A],(vaart)[N])[N],(vast)[A])[A]
welvaren	((wel)[A],(vaar)[V])[V]
welvarendheid	((welvarend)[A],(heid)[N|A.])[N]
welven	(welf)[V]
welverdiend	((wel)[A],(verdiend)[A])[A]
welverschanst	((wel)[A],(verschanst)[V])[A]
welversierd	((wel)[A],(versierd)[V])[A]
welversneden	((wel)[A],(versneden)[V])[A]
welverzorgd	((wel)[A],(verzorgd)[A])[A]
welving	((welf)[V],(ing)[N|V.])[N]
welvoeglijk	((wel)[A],(voeg)[V],(lijk)[A|AV.])[A]
welvoeglijkheid	(((wel)[A],(voeg)[V],(lijk)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
welvoorzien	((wel)[A],(voorzien)[A])[A]
welwater	((wel)[A],(water)[N])[N]
welwijs	((wel)[A],(wijs)[A])[A]
welwillend	((wel)[A],(wil)[V],(end)[A|AV.])[A]
welwillendheid	(((wel)[A],(wil)[V],(end)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
welzalig	((wel)[A],(zalig)[A])[A]
welzand	((wel)[N],(zand)[N])[N]
welzijn	((wel)[A],(zijn)[N])[N]
welzijnsactiviteit	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
welzijnsaspect	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
welzijnsbegrip	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(begrip)[N])[N]
welzijnsbehartiging	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.Nx],(hart)[N],(ig)[V|xN.])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
welzijnsbeleid	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
welzijnsbevordering	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(vorder)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
welzijnscentrum	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
welzijnsdefinitie	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(definitie)[N])[N]
welzijnsdenken	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.V],(denken)[V])[N]
welzijnsdepartement	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(departement)[N])[N]
welzijnsdoelstelling	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],((doel)[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
welzijnsfunctie	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
welzijnsideologie	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],((ideologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
welzijnsinstantie	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(instantie)[N])[N]
welzijnsniveau	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
welzijnsorganisatie	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
welzijnsprobleem	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
welzijnssector	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(sector)[N])[N]
welzijnssfeer	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
welzijnssysteem	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
welzijnsterrein	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(terrein)[N])[N]
welzijnsveld	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
welzijnsvoorziening	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
welzijnsvraagstuk	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
welzijnswerk	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
welzijnswerker	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
welzijnswerkster	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],((werk)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
welzijnswetgeving	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
welzijnszaak	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
welzijnszorg	(((wel)[A],(zijn)[N])[N],(s)[N|N.N],(zorg)[N])[N]
wem	(wem)[N]
wemelen	(wemel)[V]
wemeling	((wemel)[V],(ing)[N|V.])[N]
wen	(wen)[N]
wendakker	((wend)[V],(akker)[N])[N]
wendbaar	((wend)[V],(baar)[A|V.])[A]
wendbaarheid	(((wend)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wenden	(wend)[V]
wending	((wend)[V],(ing)[N|V.])[N]
wenen	(ween)[V]
wenk	(wenk)[N]
wenkbrauwboog	((wenkbrauw)[N],(boog)[N])[N]
wenkbrauwpotlood	((wenkbrauw)[N],((pot)[N],(lood)[N])[N])[N]
wenkbrauwstift	((wenkbrauw)[N],(stift)[N])[N]
wenken	(wenk)[V]
wenkvlies	((wenk)[V],(vlies)[N])[N]
wennen	(wen)[V]
wens	(wens)[N]
wensdroom	((wens)[V],(droom)[N])[N]
wenselijk	((wens)[V],(elijk)[A|V.])[A]
wenselijkheid	(((wens)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wensen	(wens)[V]
wensenpakket	((wens)[N],(en)[N|N.N],(pakket)[N])[N]
wenskaart	((wens)[V],(kaart)[N])[N]
wensvervulling	((wens)[N],((ver)[V|.V],(vul)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wentel	(wentel)[N]
wentelaar	((wentel)[V],(aar)[N|V.])[N]
wentelen	(wentel)[V]
wenteling	((wentel)[V],(ing)[N|V.])[N]
wentelspil	((wentel)[V],(spil)[N])[N]
wentelsteen	((wentel)[V],(steen)[N])[N]
wentelstok	((wentel)[V],(stok)[N])[N]
wenteltrap	((wentel)[V],(trap)[N])[N]
wentelwiek	((wentel)[V],(wiek)[N])[N]
wereld	(wereld)[N]
wereldbank	((wereld)[N],(bank)[N])[N]
wereldbeeld	((wereld)[N],(beeld)[N])[N]
wereldbegrip	((wereld)[N],(begrip)[N])[N]
wereldbeheerser	((wereld)[N],((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
wereldbehoefte	((wereld)[N],(behoefte)[N])[N]
wereldbekendheid	((wereld)[N],((bekend)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
wereldbeker	((wereld)[N],(beker)[N])[N]
wereldberoemd	((wereld)[N],(beroemd)[A])[A]
wereldberoemdheid	(((wereld)[N],(beroemd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
wereldberucht	((wereld)[N],(berucht)[A])[A]
wereldbeschouwelijk	((wereld)[N],(((be)[V|.V],(schouw)[V])[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
wereldbeschouwing	((wereld)[N],((be)[V|.V],(schouw)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wereldbeschrijving	((wereld)[N],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wereldbevolking	((wereld)[N],((be)[V|.N],(volk)[N])[V],(ing)[N|NV.])[N]
wereldbewustzijn	((wereld)[N],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
wereldbibliotheek	((wereld)[N],(bibliotheek)[N])[N]
wereldbol	((wereld)[N],(bol)[N])[N]
wereldbond	((wereld)[N],(bond)[N])[N]
wereldboom	((wereld)[N],(boom)[N])[N]
wereldbrand	((wereld)[N],(brand)[N])[N]
wereldburger	((wereld)[N],(burger)[N])[N]
wereldburgeres	(((wereld)[N],(burger)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
wereldburgerschap	(((wereld)[N],(burger)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
wereldcentrum	((wereld)[N],(centrum)[N])[N]
wereldcommunisme	((wereld)[N],(communisme)[N])[N]
wereldconcern	((wereld)[N],(concern)[N])[N]
wereldconferentie	((wereld)[N],((confereer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
wereldconflict	((wereld)[N],(conflict)[N])[N]
wereldcongres	((wereld)[N],(congres)[N])[N]
wereldcrisis	((wereld)[N],(crisis)[N])[N]
wereldcultuur	((wereld)[N],(cultuur)[N])[N]
wereldcup	((wereld)[N],(cup)[N])[N]
werelddeel	((wereld)[N],(deel)[N])[N]
werelddierendag	((wereld)[N],((dier)[N],(en)[N|N.N],(dag)[N])[N])[N]
wereldeconomie	((wereld)[N],((economisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
wereldeenheid	((wereld)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
wereldfaam	((wereld)[N],(faam)[N])[N]
wereldfederalisme	((wereld)[N],(federalisme)[N])[N]
wereldfederatie	((wereld)[N],((federeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
wereldfirma	((wereld)[N],(firma)[N])[N]
wereldformaat	((wereld)[N],((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
wereldforum	((wereld)[N],(forum)[N])[N]
wereldgebedsdag	((wereld)[N],(gebed)[N],(s)[N|NN.N],(dag)[N])[N]
wereldgebeuren	((wereld)[N],(gebeuren)[N])[N]
wereldgebeurtenis	((wereld)[N],((gebeur)[V],(tenis)[N|V.])[N])[N]
wereldgeest	((wereld)[N],(geest)[N])[N]
wereldgeestelijke	((wereld)[N],(geestelijke)[N])[N]
wereldgelijkvormigheid	((wereld)[N],(((gelijk)[A],(vorm)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
wereldgemeenschap	((wereld)[N],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
wereldgericht	((wereld)[N],(gericht)[N])[N]
wereldgeschiedenis	((wereld)[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
wereldgezondheidsorganisatie	((wereld)[N],(((gezond)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N])[N]
wereldgodsdienst	((wereld)[N],((God)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N])[N]
wereldhandel	((wereld)[N],(handel)[N])[N]
wereldhandelsstelsel	(((wereld)[N],(handel)[N])[N],(s)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
wereldhandelssysteem	(((wereld)[N],(handel)[N])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
wereldhaven	((wereld)[N],(haven)[N])[N]
wereldheerschappij	((wereld)[N],(((heer)[N],(schap)[N|N.])[N],(ij)[N|N.])[N])[N]
wereldhegemonie	((wereld)[N],(hegemonie)[N])[N]
wereldhervormer	((wereld)[N],((her)[V|.V],(vorm)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
wereldhistorie	((wereld)[N],((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
wereldhistorisch	((wereld)[N],(historisch)[A])[A]
wereldinterpretatie	((wereld)[N],((interpreteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
wereldkaart	((wereld)[N],(kaart)[N])[N]
wereldkampioen	((wereld)[N],(kampioen)[N])[N]
wereldkampioenschap	(((wereld)[N],(kampioen)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
wereldkapitalisme	((wereld)[N],(kapitalisme)[N])[N]
wereldkennis	((wereld)[N],(kennis)[N])[N]
wereldkerk	((wereld)[N],(kerk)[N])[N]
wereldklasse	((wereld)[N],(klasse)[N])[N]
wereldklok	((wereld)[N],(klok)[N])[N]
wereldkroniek	((wereld)[N],((kronisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
wereldkunde	((wereld)[N],(kunde)[N])[N]
wereldkundig	(((wereld)[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
wereldletterkunde	((wereld)[N],((letter)[V],(kunde)[N])[N])[N]
wereldlijk	((wereld)[N],(lijk)[A|N.])[A]
wereldlijn	((wereld)[N],(lijn)[N])[N]
wereldling	((wereld)[N],(ling)[N|N.])[N]
wereldlinge	(((wereld)[N],(ling)[N|N.])[N],(e)[N|N.])[N]
wereldliteratuur	((wereld)[N],(literatuur)[N])[N]
wereldlitteratuur	((wereld)[N],(litteratuur)[N])[N]
wereldmaatschappij	((wereld)[N],(maatschappij)[N])[N]
wereldmacht	((wereld)[N],(macht)[N])[N]
wereldmarkt	((wereld)[N],(markt)[N])[N]
wereldmijding	((wereld)[N],(mijd)[V],(ing)[N|NV.])[N]
wereldmogendheid	((wereld)[N],(mogendheid)[N])[N]
wereldnaam	((wereld)[N],(naam)[N])[N]
wereldnieuws	((wereld)[N],(nieuws)[N])[N]
wereldniveau	((wereld)[N],(niveau)[N])[N]
wereldomroep	((wereld)[N],(omroep)[N])[N]
wereldomvattend	((wereld)[N],((om)[P],(vat)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
wereldondergang	((wereld)[N],((onder)[P],(gang)[N])[N])[N]
wereldontwikkeling	((wereld)[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wereldoorlog	((wereld)[N],(oorlog)[N])[N]
wereldopinie	((wereld)[N],(opinie)[N])[N]
wereldorde	((wereld)[N],(orde)[N])[N]
wereldordening	((wereld)[N],((orden)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wereldorganisatie	((wereld)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
wereldoriëntatie	((wereld)[N],(((Oriënt)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
wereldperiode	((wereld)[N],(periode)[N])[N]
wereldpers	((wereld)[N],(pers)[N])[N]
wereldpolitiek	((wereld)[N],(politiek)[N])[N]
wereldpopulatie	((wereld)[N],(populatie)[N])[N]
wereldpositie	((wereld)[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
wereldpostvereniging	((wereld)[N],(post)[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wereldpremière	((wereld)[N],(première)[N])[N]
wereldprimeur	((wereld)[N],((primeer)[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
wereldprobleem	((wereld)[N],(probleem)[N])[N]
wereldproductie	((wereld)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
wereldraad	((wereld)[N],(raad)[N])[N]
wereldraadsel	((wereld)[N],((raad)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
wereldramp	((wereld)[N],(ramp)[N])[N]
wereldranglijst	((wereld)[N],((rang)[N],(lijst)[N])[N])[N]
wereldrecord	((wereld)[N],(record)[N])[N]
wereldregering	((wereld)[N],(regeer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
wereldreis	((wereld)[N],(reis)[N])[N]
wereldreiziger	((wereld)[N],(reiziger)[N])[N]
wereldreligie	((wereld)[N],(religie)[N])[N]
wereldreputatie	((wereld)[N],(reputatie)[N])[N]
wereldrevolutie	((wereld)[N],(revolutie)[N])[N]
wereldrijk	((wereld)[N],(rijk)[N])[N]
wereldrond	((wereld)[N],(rond)[A])[N]
wereldruim	((wereld)[N],(ruim)[N])[N]
wereldruimte	((wereld)[N],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
werelds	((wereld)[N],(s)[A|N.])[A]
wereldschokkend	((wereld)[N],(schok)[V],(end)[A|NV.])[A]
wereldsgezind	(((wereld)[N],(s)[A|N.])[A],(gezind)[A])[A]
wereldsgezindheid	((((wereld)[N],(s)[A|N.])[A],(gezind)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
wereldsituatie	((wereld)[N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
wereldsolidariteit	((wereld)[N],((solidair)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
wereldstad	((wereld)[N],(stad)[N])[N]
wereldstelsel	((wereld)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
wereldstreek	((wereld)[N],(streek)[N])[N]
wereldsucces	((wereld)[N],(succes)[N])[N]
wereldsysteem	((wereld)[N],(systeem)[N])[N]
wereldtaal	((wereld)[N],(taal)[N])[N]
wereldtentoonstelling	((wereld)[N],((tentoonstel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wereldtijd	((wereld)[N],(tijd)[N])[N]
wereldtitel	((wereld)[N],(titel)[N])[N]
wereldtoneel	((wereld)[N],(toneel)[N])[N]
werelduurrecord	((wereld)[N],((uur)[N],(record)[N])[N])[N]
wereldvakverbond	((wereld)[N],((vak)[N],(verbond)[N])[N])[N]
wereldvenster	((wereld)[N],(venster)[N])[N]
wereldverband	((wereld)[N],(verband)[N])[N]
wereldverbeteraar	((wereld)[N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
wereldverbetering	((wereld)[N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wereldverbond	((wereld)[N],(verbond)[N])[N]
wereldverbruik	((wereld)[N],(verbruik)[N])[N]
wereldverkeer	((wereld)[N],(verkeer)[N])[N]
wereldvermaard	((wereld)[N],(vermaard)[A])[A]
wereldveroveraar	((wereld)[N],((verover)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
wereldverovering	((wereld)[N],((verover)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wereldvisie	((wereld)[N],(visie)[N])[N]
wereldvoedselvoorziening	((wereld)[N],(((voed)[V],(sel)[N|V.])[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N])[N]
wereldvoetbalbond	((wereld)[N],(((voet)[N],(bal)[N])[N],(bond)[N])[N])[N]
wereldvrede	((wereld)[N],(vrede)[N])[N]
wereldvreemd	((wereld)[N],(vreemd)[A])[A]
wereldwerkelijkheid	((wereld)[N],((werkelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
wereldwijd	((wereld)[N],(wijd)[A])[A]
wereldwijs	((wereld)[N],(wijs)[A])[A]
wereldwinkel	((wereld)[N],(winkel)[N])[N]
wereldwonder	((wereld)[N],(wonder)[N])[N]
wereldzee	((wereld)[N],(zee)[N])[N]
wereldziel	((wereld)[N],(ziel)[N])[N]
weren	(weer)[V]
werf	(werf)[N]
werfagent	((werf)[V],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
werfbrief	((werf)[V],(brief)[N])[N]
werfbureau	((werf)[V],(bureau)[N])[N]
werfcampagne	((werf)[V],(campagne)[N])[N]
werfdepot	((werf)[N],(depot)[N])[N]
werfgeld	((werf)[V],(geld)[N])[N]
werfkantoor	((werf)[V],(kantoor)[N])[N]
werfkracht	((werf)[V],(kracht)[N])[N]
werfofficier	((werf)[V],(officier)[N])[N]
werftrom	((werf)[V],(trom)[N])[N]
wering	((weer)[V],(ing)[N|V.])[N]
werk	(werk)[N]
werkbaar	((werk)[V],(baar)[A|V.])[A]
werkbaarheid	(((werk)[V],(baar)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
werkbaas	((werk)[V],(baas)[N])[N]
werkbak	((werk)[V],(bak)[N])[N]
werkbank	((werk)[V],(bank)[N])[N]
werkbeest	((werk)[V],(beest)[N])[N]
werkbelasting	((werk)[N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
werkbespreking	((werk)[N],((be)[V|.V],(spreek)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
werkbezoek	((werk)[V],(bezoek)[N])[N]
werkbij	((werk)[V],(bij)[N])[N]
werkbijeenkomst	((werk)[V],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
werkblad	((werk)[V],(blad)[N])[N]
werkboekje	((werk)[V],(boek)[N])[N]
werkbreedte	((werk)[V],((breed)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
werkbriefje	((werk)[V],(brief)[N])[N]
werkclassificatie	((werk)[N],(classificeer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
werkcollege	((werk)[V],(college)[N])[N]
werkcomité	((werk)[N],(comité)[N])[N]
werkcoupé	((werk)[V],(coupé)[N])[N]
werkdadig	((werk)[N],(daad)[N],(ig)[A|NN.])[A]
werkdag	((werk)[V],(dag)[N])[N]
werkdefinitie	((werk)[V],(definitie)[N])[N]
werkdivisie	((werk)[V],(divisie)[N])[N]
werkdocument	((werk)[V],(document)[N])[N]
werkdoos	((werk)[V],(doos)[N])[N]
werkeiland	((werk)[V],(eiland)[N])[N]
werkelijkheid	((werkelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
werkelijkheidsbegrip	(((werkelijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(begrip)[N])[N]
werkelijkheidsconceptie	(((werkelijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((concept)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
werkelijkheidsdimensie	(((werkelijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(dimensie)[N])[N]
werkelijkheidsgehalte	(((werkelijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(gehalte)[N])[N]
werkelijkheidsillusie	(((werkelijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(illusie)[N])[N]
werkelijkheidsinterpretatie	(((werkelijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((interpreteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
werkelijkheidskarakter	(((werkelijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(karakter)[N])[N]
werkelijkheidsprincipe	(((werkelijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(principe)[N])[N]
werkelijkheidszin	(((werkelijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(zin)[N])[N]
werkeloos	((werk)[N],(eloos)[A|N.])[A]
werkeloosheid	(((werk)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
werkeloosheidsbestrijding	((((werk)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(strijd)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
werkeloosheidsuitkering	((((werk)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((uitkeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
werkeloosheidsverzekering	((((werk)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
werkelozenkas	((werkeloze)[N],(en)[N|N.N],(kas)[N])[N]
werkelozensteun	((werkeloze)[N],(en)[N|N.N],(steun)[N])[N]
werken	(werk)[V]
werker	((werk)[V],(er)[N|V.])[N]
werkezel	((werk)[V],(ezel)[N])[N]
werkgast	((werk)[V],(gast)[N])[N]
werkgebied	((werk)[V],(gebied)[N])[N]
werkgeefster	((werk)[N],(geef)[V],(ster)[N|NV.])[N]
werkgeheugen	((werk)[V],(geheugen)[N])[N]
werkgelegenheid	((werk)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
werkgelegenheidsaspect	(((werk)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
werkgelegenheidsbeleid	(((werk)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
werkgelegenheidseffect	(((werk)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.N],(effect)[N])[N]
werkgelegenheidskans	(((werk)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.N],(kans)[N])[N]
werkgelegenheidsniveau	(((werk)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
werkgelegenheidsontwikkeling	(((werk)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
werkgelegenheidsperspectief	(((werk)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.N],(perspectief)[N])[N]
werkgelegenheidsplan	(((werk)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.N],(plan)[N])[N]
werkgelegenheidspolitiek	(((werk)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.N],(politiek)[N])[N]
werkgelegenheidsprobleem	(((werk)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
werkgelegenheidsprogramma	(((werk)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
werkgelegenheidssituatie	(((werk)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
werkgelegenheidsstructuur	(((werk)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
werkgelegenheidsvraagstuk	(((werk)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
werkgemeenschap	((werk)[V],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
werkgever	((werk)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N]
werkgeversaandeel	(((werk)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
werkgeversbijdrage	(((werk)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(bijdrage)[N])[N]
werkgeversdelegatie	(((werk)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((delegeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
werkgeverskring	(((werk)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(kring)[N])[N]
werkgeversorganisatie	(((werk)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
werkgeversstandpunt	(((werk)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((stand)[N],(punt)[N])[N])[N]
werkgeversvereniging	(((werk)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
werkgeversverklaring	(((werk)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
werkgeversvertegenwoordiger	(((werk)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((vertegenwoordig)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
werkgroep	((werk)[V],(groep)[N])[N]
werkhanden	((werk)[V],(hand)[N])[N]
werkheiligheid	((werkheilig)[A],(heid)[N|A.])[N]
werkhoogte	((werk)[V],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
werkhouding	((werk)[V],(houding)[N])[N]
werkhuis	((werk)[V],(huis)[N])[N]
werkhypothese	((werk)[V],(hypothese)[N])[N]
werking	((werk)[V],(ing)[N|V.])[N]
werkingskracht	(((werk)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
werkingsmechanisme	(((werk)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(mechanisme)[N])[N]
werkingsmogelijkheid	(((werk)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
werkingsprincipe	(((werk)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(principe)[N])[N]
werkingssfeer	(((werk)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(sfeer)[N])[N]
werkingsveld	(((werk)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
werkinrichting	((werk)[V],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
werkkamer	((werk)[V],(kamer)[N])[N]
werkkamp	((werk)[V],(kamp)[N])[N]
werkkapitaal	((werk)[V],(kapitaal)[N])[N]
werkkast	((werk)[V],(kast)[N])[N]
werkkiel	((werk)[V],(kiel)[N])[N]
werkkleding	((werk)[V],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
werkklimaat	((werk)[V],(klimaat)[N])[N]
werkkracht	((werk)[V],(kracht)[N])[N]
werkkring	((werk)[V],(kring)[N])[N]
werklamp	((werk)[V],(lamp)[N])[N]
werklast	((werk)[V],(last)[N])[N]
werkliedenabonnement	((werk)[N],(lieden)[N],((abonneer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
werkliedenbond	((werk)[N],(lieden)[N],(bond)[N])[N]
werkliedenverbond	((werk)[N],(lieden)[N],(verbond)[N])[N]
werkliedenvereniging	((werk)[N],(lieden)[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
werklijn	((werk)[V],(lijn)[N])[N]
werklijst	((werk)[N],(lijst)[N])[N]
werkloon	((werk)[V],(loon)[N])[N]
werkloos	((werk)[N],(loos)[A|N.])[A]
werkloosheid	(((werk)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
werkloosheidsbestrijding	((((werk)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(strijd)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
werkloosheidscijfer	((((werk)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(cijfer)[N])[N]
werkloosheidsfonds	((((werk)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
werkloosheidsniveau	((((werk)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(niveau)[N])[N]
werkloosheidspercentage	((((werk)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(percentage)[N])[N]
werkloosheidsprobleem	((((werk)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
werkloosheidsrisico	((((werk)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(risico)[N])[N]
werkloosheidsuitkering	((((werk)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((uitkeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
werkloosheidsverzekering	((((werk)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
werkloosheidsvoorziening	((((werk)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
werkloosheidsvraagstuk	((((werk)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
werklozenkas	((werkloze)[N],(en)[N|N.N],(kas)[N])[N]
werklozensteun	((werkloze)[N],(en)[N|N.N],(steun)[N])[N]
werklunch	((werk)[V],(lunch)[N])[N]
werklust	((werk)[V],(lust)[N])[N]
werkmaatschappij	((werk)[V],(maatschappij)[N])[N]
werkman	((werk)[V],(man)[N])[N]
werkmandje	((werk)[N],(mand)[N])[N]
werkmanskaart	(((werk)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(kaart)[N])[N]
werkmanskleren	(((werk)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(kleed)[N])[N]
werkmansoverall	(((werk)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(overall)[N])[N]
werkmanspaleis	(((werk)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(paleis)[N])[N]
werkmanstrein	(((werk)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(trein)[N])[N]
werkmanswoning	(((werk)[V],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
werkmateriaal	((werk)[V],((materie)[N],(aal)[N|N.])[N])[N]
werkmeester	((werk)[N],(meester)[N])[N]
werkmeid	((werk)[V],(meid)[N])[N]
werkmethode	((werk)[V],(methode)[N])[N]
werkmier	((werk)[V],(mier)[N])[N]
werkneemster	((werk)[N],(neem)[V],(ster)[N|NV.])[N]
werknemer	((werk)[N],(neem)[V],(er)[N|NV.])[N]
werknemersaandeel	(((werk)[N],(neem)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
werknemersbijdrage	(((werk)[N],(neem)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(bijdrage)[N])[N]
werknemerscentrale	(((werk)[N],(neem)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(((centrum)[N],(aal)[A|N.])[A],(e)[N|A.])[N])[N]
werknemersorganisatie	(((werk)[N],(neem)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
werknemersverklaring	(((werk)[N],(neem)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
werknemersvertegenwoordiger	(((werk)[N],(neem)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((vertegenwoordig)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
werknemersvertegenwoordiging	(((werk)[N],(neem)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((vertegenwoordig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
werknemersverzekering	(((werk)[N],(neem)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
werknemerszelfbestuur	(((werk)[N],(neem)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((zelf)[O],(bestuur)[N])[N])[N]
werkobject	((werk)[V],(object)[N])[N]
werkonderbreking	((werk)[N],((onder)[P],(breek)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
werkos	((werk)[V],(os)[N])[N]
werkoverleg	((werk)[N],(overleg)[N])[N]
werkpaard	((werk)[V],(paard)[N])[N]
werkpak	((werk)[V],(pak)[N])[N]
werkpauze	((werk)[V],(pauze)[N])[N]
werkplaats	((werk)[V],(plaats)[N])[N]
werkplan	((werk)[V],(plan)[N])[N]
werkplek	((werk)[V],(plek)[N])[N]
werkploeg	((werk)[V],(ploeg)[N])[N]
werkplunje	((werk)[V],(plunje)[N])[N]
werkprogram	((werk)[V],(program)[N])[N]
werkprogramma	((werk)[V],(programma)[N])[N]
werkput	((werk)[N],(put)[N])[N]
werkrechter	((werk)[N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
werkrechtersraad	(((werk)[N],((recht)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(raad)[N])[N]
werkrooster	((werk)[V],(rooster)[N])[N]
werkruimte	((werk)[V],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
werkschema	((werk)[V],(schema)[N])[N]
werkschoen	((werk)[V],(schoen)[N])[N]
werkschuw	((werk)[V],(schuw)[A])[A]
werkschuwheid	(((werk)[V],(schuw)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
werksfeer	((werk)[V],(sfeer)[N])[N]
werksituatie	((werk)[V],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
werkslaaf	((werk)[V],(Slaaf)[N])[N]
werksoort	((werk)[N],(soort)[N])[N]
werkspoor	((werk)[N],(spoor)[N])[N]
werkstaakster	((werk)[N],(s)[N|N.Vx],(taak)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
werkstaker	((werk)[N],(staak)[V],(er)[N|NV.])[N]
werkstaking	((werk)[N],(staak)[V],(ing)[N|NV.])[N]
werkstelligheid	((werkstellig)[A],(heid)[N|A.])[N]
werkster	((werk)[V],(ster)[N|V.])[N]
werkstercel	(((werk)[V],(ster)[N|V.])[N],(cel)[N])[N]
werkstoel	((werk)[V],(stoel)[N])[N]
werkstudent	((werk)[V],((studeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
werkstuk	((werk)[V],(stuk)[N])[N]
werktafel	((werk)[V],(tafel)[N])[N]
werktekening	((werk)[V],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
werkterrein	((werk)[V],(terrein)[N])[N]
werktijd	((werk)[V],(tijd)[N])[N]
werktijdverkorting	(((werk)[V],(tijd)[N])[N],((ver)[V|.A],(kort)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
werktitel	((werk)[V],(titel)[N])[N]
werktuig	((werk)[V],(tuig)[N])[N]
werktuigbouwkunde	(((werk)[V],(tuig)[N])[N],((bouw)[V],(kunde)[N])[N])[N]
werktuigkunde	(((werk)[V],(tuig)[N])[N],(kunde)[N])[N]
werktuigkundig	((((werk)[V],(tuig)[N])[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
werktuiglijk	(((werk)[V],(tuig)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A]
werktuiglijkheid	((((werk)[V],(tuig)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
werkuur	((werk)[V],(uur)[N])[N]
werkveld	((werk)[V],(veld)[N])[N]
werkverband	((werk)[V],(verband)[N])[N]
werkverdeling	((werk)[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
werkvergunning	((werk)[N],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
werkverkeer	((werk)[V],(verkeer)[N])[N]
werkverruimend	((werk)[N],((ver)[V|.A],(ruim)[A])[V],(end)[A|NV.])[A]
werkverruiming	((werk)[N],((ver)[V|.A],(ruim)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
werkverschaffing	((werk)[N],((ver)[V|.V],(schaf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
werkvloer	((werk)[V],(vloer)[N])[N]
werkvolk	((werk)[V],(volk)[N])[N]
werkvoorbereider	((werk)[N],((voor)[B],(bereid)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
werkvoorziening	((werk)[V],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
werkvorm	((werk)[V],(vorm)[N])[N]
werkvrouw	((werk)[V],(vrouw)[N])[N]
werkweek	((werk)[V],(week)[N])[N]
werkweekverkorting	(((werk)[V],(week)[N])[N],((ver)[V|.A],(kort)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
werkweigeraar	((werk)[N],((weiger)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
werkwijze	((werk)[V],(wijze)[N])[N]
werkwillig	((werk)[N],(wil)[N],(ig)[A|NN.])[A]
werkwinkel	((werk)[V],(winkel)[N])[N]
werkwoord	((werk)[V],(woord)[N])[N]
werkwoordelijk	(((werk)[V],(woord)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
werkwoordstam	(((werk)[V],(woord)[N])[N],(stam)[N])[N]
werkwoordsvorm	(((werk)[V],(woord)[N])[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
werkzaam	((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A]
werkzaamheid	(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
werkzoekende	((werk)[N],(zoekend)[V],(e)[N|NV.])[N]
werkzuster	((werk)[V],(zuster)[N])[N]
werpanker	((werp)[V],(anker)[N])[N]
werpen	(werp)[V]
werper	((werp)[V],(er)[N|V.])[N]
werphengel	((werp)[V],(hengel)[N])[N]
werpheuvel	((werp)[V],(heuvel)[N])[N]
werping	((werp)[V],(ing)[N|V.])[N]
werpkracht	((werp)[V],(kracht)[N])[N]
werplans	((werp)[V],(lans)[N])[N]
werplijn	((werp)[V],(lijn)[N])[N]
werplood	((werp)[V],(lood)[N])[N]
werpmolen	((werp)[V],(molen)[N])[N]
werpnet	((werp)[V],(net)[N])[N]
werpnummer	((werp)[V],(nummer)[N])[N]
werppijl	((werp)[V],(pijl)[N])[N]
werpplaat	((werp)[V],(plaat)[N])[N]
werpschicht	((werp)[V],(schicht)[N])[N]
werpschijf	((werp)[V],(schijf)[N])[N]
werpslinger	((werp)[V],(slinger)[N])[N]
werpspeer	((werp)[V],(speer)[N])[N]
werpspel	((werp)[V],(spel)[N])[N]
werpspies	((werp)[V],(spies)[N])[N]
werpspiets	((werp)[V],(spiets)[N])[N]
werptechniek	((werp)[V],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
werptijd	((werp)[V],(tijd)[N])[N]
werptol	((werp)[V],(tol)[N])[N]
werptros	((werp)[V],(tros)[N])[N]
werptuig	((werp)[V],(tuig)[N])[N]
werst	(werst)[N]
wervel	(wervel)[N]
wervelbed	((wervel)[V],(bed)[N])[N]
wervelbeweging	((wervel)[N],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wervelboog	((wervel)[N],(boog)[N])[N]
wervelen	(wervel)[V]
wervelgewricht	((wervel)[N],(gewricht)[N])[N]
wervelholte	((wervel)[N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
werveling	((wervel)[V],(ing)[N|V.])[N]
wervelkanaal	((wervel)[N],(kanaal)[N])[N]
wervelkolom	((wervel)[N],(kolom)[N])[N]
wervellichaam	((wervel)[N],(lichaam)[N])[N]
wervelstorm	((wervel)[V],(storm)[N])[N]
wervelstroom	((wervel)[V],(stroom)[N])[N]
wervelwind	((wervel)[V],(wind)[N])[N]
werven	(werf)[V]
werver	((werf)[V],(er)[N|V.])[N]
werving	((werf)[V],(ing)[N|V.])[N]
wervingsactie	(((werf)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
wervingsactiviteit	(((werf)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
wervingsapparaat	(((werf)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(apparaat)[N])[N]
wervingscampagne	(((werf)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(campagne)[N])[N]
wervingskracht	(((werf)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
wesp	(wesp)[N]
wespenangel	((wesp)[N],(e)[N|N.N],(angel)[N])[N]
wespendief	((wesp)[N],(en)[N|N.N],(dief)[N])[N]
wespenei	((wesp)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
wespenhonig	((wesp)[N],(e)[N|N.N],(honig)[N])[N]
wespenhoning	((wesp)[N],(e)[N|N.N],(honing)[N])[N]
wespennest	((wesp)[N],(en)[N|N.N],(nest)[N])[N]
wespensteek	((wesp)[N],(e)[N|N.N],(steek)[N])[N]
wespentaille	((wesp)[N],(en)[N|N.N],(taille)[N])[N]
west	(west)[N]
westelijk	((West)[N],(elijk)[A|N.])[A]
westenwind	((westen)[N],(wind)[N])[N]
westergrens	((west)[A],(grens)[N])[N]
westerkim	((west)[A],(kim)[N])[N]
westerkimme	((west)[A],(kimme)[N])[N]
westerlengte	((west)[A],(lengte)[N])[N]
westerling	((west)[A],(ling)[N|A.])[N]
westerstorm	((west)[A],(storm)[N])[N]
westerzon	((west)[A],(zon)[N])[N]
westgrens	((west)[A],(grens)[N])[N]
westhoek	((West)[N],(hoek)[N])[N]
westkant	((West)[N],(kant)[N])[N]
westkust	((west)[A],(kust)[N])[N]
westmoesson	((west)[A],(moesson)[N])[N]
westnoordwest	((west)[B],((noord)[A],(west)[A])[A])[A]
westnoordwestelijk	(((west)[A],((noord)[A],(westen)[N])[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
westnoordwesten	((west)[A],((noord)[A],(westen)[N])[N])[N]
westpunt	((west)[B],(punt)[N])[N]
westwaarts	((West)[N],(waarts)[A|N.])[A]
westzij	((west)[A],(zij)[N])[N]
westzijde	((west)[A],(zijde)[N])[N]
westzuidwest	((west)[B],((zuid)[A],(west)[A])[A])[A]
westzuidwestelijk	(((west)[A],((zuid)[A],(westen)[N])[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
westzuidwesten	((west)[A],((zuid)[A],(westen)[N])[N])[N]
wet	(wet)[N]
wetboek	((wet)[N],(boek)[N])[N]
weten	(weet)[V]
wetenschap	((weten)[N],(schap)[N|N.])[N]
wetenschappelijk	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A]
wetenschappelijkheid	((((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wetenschapper	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(er)[N|N.])[N]
wetenschapsadviseur	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(((advies)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
wetenschapsbegrip	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(begrip)[N])[N]
wetenschapsbeleid	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
wetenschapsbeoefening	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(oefen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wetenschapsconcept	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(concept)[N])[N]
wetenschapsconceptie	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((concept)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
wetenschapsdynamica	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(dynamica)[N])[N]
wetenschapsfilosofie	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((filosofisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
wetenschapsfilosofisch	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[A|N.A],(filosofisch)[A])[A]
wetenschapsfilosoof	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(filosoof)[N])[N]
wetenschapsgeschiedenis	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
wetenschapsjournalist	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((journaal)[N],(ist)[N|N.])[N])[N]
wetenschapskarakter	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(karakter)[N])[N]
wetenschapskring	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(kring)[N])[N]
wetenschapsleer	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
wetenschapsman	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N]
wetenschapsmens	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(mens)[N])[N]
wetenschapsmethode	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(methode)[N])[N]
wetenschapsontwikkeling	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wetenschapspolitiek	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(politiek)[N])[N]
wetenschapspraktijk	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(praktijk)[N])[N]
wetenschapsprogramma	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
wetenschapspsychologie	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((psychologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
wetenschapssociologie	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((sociologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
wetenschapsterrein	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(terrein)[N])[N]
wetenschapstheoretisch	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[A|N.A],((theorie)[N],(isch)[A|N.])[A])[A]
wetenschapstheorie	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(theorie)[N])[N]
wetenschapsvisie	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(visie)[N])[N]
wetenschapswinkel	(((weten)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
wetenswaardig	((weten)[N],(s)[A|N.Ax],(waard)[A],(ig)[A|NxA.])[A]
wetenswaardigheid	(((weten)[N],(s)[A|N.Ax],(waard)[A],(ig)[A|NxA.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wetgeefster	((wet)[N],(geef)[V],(ster)[N|NV.])[N]
wetgeleerde	((wet)[N],(geleerde)[N])[N]
wetgevend	((wet)[N],(geef)[V],(end)[A|NV.])[A]
wetgever	((wet)[N],(geef)[V],(er)[N|NV.])[N]
wetgeving	((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
wetgevingsbeleid	(((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(beleid)[N])[N]
wetgevingsfunctie	(((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
wetgevingsprocedure	(((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
wetgevingsprogramma	(((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(programma)[N])[N]
wetgevingstechniek	(((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
wethouder	((wet)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
wethouderschap	(((wet)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N],(schap)[N|N.])[N]
wethouderstijd	(((wet)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
wethouderszetel	(((wet)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(zetel)[N])[N]
wetmatig	((wet)[N],(matig)[A|N.])[A]
wetmatigheid	(((wet)[N],(matig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wetplank	((wet)[V],(plank)[N])[N]
wetsartikel	((wet)[N],(s)[N|N.N],(artikel)[N])[N]
wetsbepaling	((wet)[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(paal)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
wetsbesluit	((wet)[N],(s)[N|N.N],(besluit)[N])[N]
wetsdelict	((wet)[N],(s)[N|N.N],(delict)[N])[N]
wetsdienaar	((wet)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
wetsduiding	((wet)[N],(s)[N|N.Vx],(duid)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
wetsgeneesheer	((wet)[N],(s)[N|N.N],((genees)[V],(heer)[N])[N])[N]
wetsgeschiedenis	((wet)[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
wetsherziening	((wet)[N],(s)[N|N.N],((herzie)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wetshistorie	((wet)[N],(s)[N|N.N],((historisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
wetshistorisch	((wet)[N],(s)[A|N.A],(historisch)[A])[A]
wetsinterpretatie	((wet)[N],(s)[N|N.Vx],(interpreteer)[V],(atie)[N|NxV.])[N]
wetsontduiking	((wet)[N],(s)[N|N.Vx],((ont)[V|.V],(duik)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
wetsontwerp	((wet)[N],(s)[N|N.N],(ontwerp)[N])[N]
wetsovertreder	((wet)[N],(s)[N|N.Vx],((over)[P],(treed)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
wetsovertreding	((wet)[N],(s)[N|N.Vx],((over)[P],(treed)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
wetsregel	((wet)[N],(s)[N|N.N],(regel)[N])[N]
wetsrol	((wet)[N],(s)[N|N.N],(rol)[N])[N]
wetsschennis	((wet)[N],(s)[N|N.N],(schennis)[N])[N]
wetssysteem	((wet)[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
wetstaal	((wet)[V],(staal)[N])[N]
wetstaal	((wet)[N],(s)[N|N.N],(taal)[N])[N]
wetstechniek	((wet)[N],(s)[N|N.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
wetsteen	((wet)[V],(steen)[N])[N]
wetstekst	((wet)[N],(s)[N|N.N],(tekst)[N])[N]
wetsuitlegging	((wet)[N],(s)[N|N.Vx],((uit)[P],(leg)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
wetsverandering	((wet)[N],(s)[N|N.N],((verander)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wetsverkrachting	((wet)[N],(s)[N|N.Vx],(verkracht)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
wetsvoorschrift	((wet)[N],(s)[N|N.N],((voor)[B],(schrift)[N])[N])[N]
wetsvoorstel	((wet)[N],(s)[N|N.N],((voor)[B],(stel)[N])[N])[N]
wetswijziging	((wet)[N],(s)[N|N.Vx],(wijzig)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
wetswinkel	((wet)[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
wettekst	((wet)[N],(tekst)[N])[N]
wettelijk	((wet)[N],(elijk)[A|N.])[A]
wettelijkheid	(((wet)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wetteloos	((wet)[N],(eloos)[A|N.])[A]
wetteloosheid	(((wet)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wetten	(wet)[V]
wettenstelsel	((wet)[N],(en)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
wettig	((wet)[N],(ig)[A|N.])[A]
wettigheid	(((wet)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wettiging	((wettig)[V],(ing)[N|V.])[N]
wettisch	((wet)[N],(isch)[A|N.])[A]
weven	(weef)[V]
wever	((weef)[V],(er)[N|V.])[N]
weverij	((weef)[V],(erij)[N|V.])[N]
weversambacht	(((weef)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(ambacht)[N])[N]
weversboom	(((weef)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(boom)[N])[N]
weverskam	(((weef)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kam)[N])[N]
weversklos	(((weef)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(klos)[N])[N]
weversknoop	(((weef)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(knoop)[N])[N]
weversspoel	(((weef)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(spoel)[N])[N]
wevervogel	(((weef)[V],(er)[N|V.])[N],(vogel)[N])[N]
wezel	(wezel)[N]
wezelachtig	((wezel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
wezelbont	((wezel)[N],(bont)[N])[N]
wezen	(wees)[V]
wezenfonds	((wezen)[N],(fonds)[N])[N]
wezengeld	((wezen)[N],(geld)[N])[N]
wezenheid	((wezen)[N],(heid)[N|N.])[N]
wezenlijk	((wezen)[N],(lijk)[A|N.])[A]
wezenlijkheid	(((wezen)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wezenloos	((wezen)[N],(loos)[A|N.])[A]
wezenloosheid	(((wezen)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wezenpensioen	((wezen)[N],(pensioen)[N])[N]
wezenrente	((wezen)[N],(rente)[N])[N]
wezensaspect	((wezen)[N],(s)[N|N.N],(aspect)[N])[N]
wezensdefinitie	((wezen)[N],(s)[N|N.N],(definitie)[N])[N]
wezenseenheid	((wezen)[N],(s)[N|N.N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
wezenskern	((wezen)[N],(s)[N|N.N],(kern)[N])[N]
wezensstructuur	((wezen)[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
wezenstrek	((wezen)[N],(s)[N|N.N],(trek)[N])[N]
wezensvreemd	((wezen)[N],(s)[A|N.A],(vreemd)[A])[A]
whiskyglas	((whisky)[N],(glas)[N])[N]
whiskysoda	((whisky)[N],(soda)[N])[N]
whist	(whist)[N]
whistavond	((whist)[N],(avond)[N])[N]
whisten	(whist)[V]
whister	((whist)[V],(er)[N|V.])[N]
whistkaarten	((whist)[N],(kaart)[N])[N]
whistpartij	((whist)[N],(partij)[N])[N]
whistspel	((whist)[N],(spel)[N])[N]
whistspeler	((whist)[N],(speel)[V],(er)[N|NV.])[N]
wichelaar	((wichel)[V],(aar)[N|V.])[N]
wichelaarskunst	(((wichel)[V],(aar)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
wichelaarster	(((wichel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
wichelares	(((wichel)[V],(aar)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
wichelarij	((wichel)[V],(arij)[N|V.])[N]
wichelroede	((wichel)[V],(roede)[N])[N]
wichelroedeloper	(((wichel)[V],(roede)[N])[N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
wichelstok	((wichel)[V],(stok)[N])[N]
wicht	(wicht)[N]
wichtig	((wicht)[N],(ig)[A|N.])[A]
wichtigheid	(((wicht)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wicketkeeper	((wicket)[N],(keeper)[N])[N]
wiebelen	(wiebel)[V]
wiebelkont	((wiebel)[V],(kont)[N])[N]
wiebeltaks	((wiebel)[V],(taks)[N])[N]
wiedbaas	((wied)[V],(baas)[N])[N]
wieden	(wied)[V]
wieder	((wied)[V],(er)[N|V.])[N]
wiedijzer	((wied)[V],(ijzer)[N])[N]
wiedster	((wied)[V],(ster)[N|V.])[N]
wiedvorkje	((wied)[V],(vork)[N])[N]
wieg	(wieg)[N]
wiegelgang	((wiegel)[V],(gang)[N])[N]
wiegelied	((wieg)[N],(e)[N|N.N],(lied)[N])[N]
wiegeling	((wiegel)[V],(ing)[N|V.])[N]
wiegelstoel	((wiegel)[V],(stoel)[N])[N]
wiegen	(wieg)[V]
wiegendood	((wieg)[N],(e)[N|N.N],(dood)[N])[N]
wiegendruk	((wieg)[N],(e)[N|N.N],(druk)[N])[N]
wiegenkap	((wieg)[N],(e)[N|N.N],(kap)[N])[N]
wiegenkind	((wieg)[N],(e)[N|N.N],(kind)[N])[N]
wiegenkleed	((wieg)[N],(e)[N|N.N],(kleed)[N])[N]
wiegenkoord	((wieg)[N],(e)[N|N.N],(koord)[N])[N]
wiegentouw	((wieg)[N],(e)[N|N.N],(touw)[N])[N]
wiek	(wiek)[N]
wieken	(wiek)[V]
wiekgeklap	((wiek)[N],((ge)[N|.V],(klap)[V])[N])[N]
wiekslag	((wiek)[N],(slag)[N])[N]
wiel	(wiel)[N]
wielas	((wiel)[N],(as)[N])[N]
wielband	((wiel)[N],(band)[N])[N]
wielbasis	((wiel)[N],(basis)[N])[N]
wielbeslag	((wiel)[N],(beslag)[N])[N]
wielblok	((wiel)[N],(blok)[N])[N]
wielboom	((wiel)[N],(boom)[N])[N]
wielboor	((wiel)[N],(boor)[N])[N]
wieldop	((wiel)[N],(dop)[N])[N]
wieldruk	((wiel)[N],(druk)[N])[N]
wielen	(wiel)[V]
wielerbaan	((wiel)[N],(er)[N|N.N],(baan)[N])[N]
wielerclub	((wiel)[N],(er)[N|N.N],(club)[N])[N]
wielerkampioen	((wiel)[N],(er)[N|N.N],(kampioen)[N])[N]
wielerploeg	((wiel)[N],(er)[N|N.N],(ploeg)[N])[N]
wielersport	((wiel)[N],(er)[N|N.N],(sport)[N])[N]
wielerstal	((wiel)[N],(er)[N|N.N],(stal)[N])[N]
wielerstrijd	((wiel)[N],(er)[N|N.N],(strijd)[N])[N]
wielertoerisme	((wiel)[N],(er)[N|N.N],(toerisme)[N])[N]
wielerwedstrijd	((wiel)[N],(er)[N|N.N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
wieling	((wiel)[V],(ing)[N|V.])[N]
wielkast	((wiel)[N],(kast)[N])[N]
wielklem	((wiel)[N],(klem)[N])[N]
wiellader	((wiel)[N],((laad)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
wielophanging	((wiel)[N],(((op)[P],(hang)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wielrennen	((wiel)[N],(ren)[V])[V]
wielrenner	(((wiel)[N],(ren)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
wielrenster	(((wiel)[N],(ren)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
wielrijden	((wiel)[N],(rijd)[V])[V]
wielrijder	(((wiel)[N],(rijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
wielrijdersbond	((((wiel)[N],(rijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bond)[N])[N]
wielrijdster	(((wiel)[N],(rijd)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
wielstel	((wiel)[N],(stel)[N])[N]
wieltrekker	((wiel)[N],((trek)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
wielvering	((wiel)[N],((veer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wielvlucht	((wiel)[N],(vlucht)[N])[N]
wielvormig	((wiel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
wielwerk	((wiel)[N],(werk)[N])[N]
wiemelen	(wiemel)[V]
wiep	(wiep)[N]
wier	(wier)[N]
wieroking	((wierook)[V],(ing)[N|V.])[N]
wierookboom	((wierook)[V],(boom)[N])[N]
wierookbrander	((wierook)[N],(brand)[V],(er)[N|NV.])[N]
wierookdamp	((wierook)[V],(damp)[N])[N]
wierookdrager	((wierook)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
wierookgeur	((wierook)[N],(geur)[N])[N]
wierooklucht	((wierook)[V],(lucht)[N])[N]
wierookpapier	((wierook)[V],(papier)[N])[N]
wierookscheepje	((wierook)[V],(schip)[N])[N]
wierookvat	((wierook)[V],(vat)[N])[N]
wierookwolk	((wierook)[V],(wolk)[N])[N]
wiet	(wiet)[N]
wieuwen	(wieuw)[V]
wig	(wig)[N]
wigdrijver	((wig)[N],(drijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
wigge	(wigge)[N]
wiggebeen	((wigge)[N],(been)[N])[N]
wiggebeensholte	(((wigge)[N],(been)[N])[N],(s)[N|N.N],((hol)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
wigstaart	((wig)[N],(staart)[N])[N]
wigvormig	((wig)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
wijbeeldje	((wijd)[V],(beeld)[N])[N]
wijbisschop	((wijd)[V],(bisschop)[N])[N]
wijbrood	((wijd)[V],(brood)[N])[N]
wijd	(wijd)[A]
wijdbal	((wijd)[A],(bal)[N])[N]
wijdbefaamd	((wijd)[A],((be)[A|.Nx],(faam)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
wijdberoemd	((wijd)[A],(beroemd)[A])[A]
wijdeling	((wijd)[V],(eling)[N|V.])[N]
wijden	(wijd)[V]
wijdgetakt	((wijd)[A],(getakt)[A])[A]
wijdheid	((wijd)[A],(heid)[N|A.])[N]
wijdhoeklens	((wijd)[A],(hoek)[N],(lens)[N])[N]
wijding	((wijd)[V],(ing)[N|V.])[N]
wijdingsplechtigheid	(((wijd)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((plechtig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
wijdlopig	((wijd)[A],(loop)[V],(ig)[A|AV.])[A]
wijdlopigheid	(((wijd)[A],(loop)[V],(ig)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wijdmazig	((wijd)[A],(maas)[N],(ig)[A|AN.])[A]
wijdogig	((wijd)[A],(oog)[N],(ig)[A|AN.])[A]
wijdte	((wijd)[A],(te)[N|A.])[N]
wijdvermaard	((wijd)[A],(vermaard)[A])[A]
wijdvertakt	((wijd)[A],(vertakt)[A])[A]
wijf	(wijf)[N]
wijfachtig	((wijf)[N],(achtig)[A|N.])[A]
wijfie	((wijf)[N],(ie)[N|N.])[N]
wijfjesdier	((wijf)[N],(s)[N|N.N],(dier)[N])[N]
wijfjeseend	((wijf)[N],(s)[N|N.N],(eend)[N])[N]
wijfjeshennep	((wijf)[N],(s)[N|N.N],(hennep)[N])[N]
wijfjesolifant	((wijf)[N],(s)[N|N.N],(olifant)[N])[N]
wijfjesplant	((wijf)[N],(s)[N|N.N],(plant)[N])[N]
wijfjesvaren	((wijf)[N],(s)[N|N.N],(varen)[N])[N]
wijfjesvos	((wijf)[N],(s)[N|N.N],(vos)[N])[N]
wijgeschenk	((wijd)[V],((ge)[N|.V],(schenk)[V])[N])[N]
wijk	(wijk)[N]
wijkagent	((wijk)[N],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
wijkbezorger	((wijk)[N],(((be)[V|.V],(zorg)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
wijkbibliotheek	((wijk)[N],(bibliotheek)[N])[N]
wijkblad	((wijk)[N],(blad)[N])[N]
wijkcentrum	((wijk)[N],(centrum)[N])[N]
wijkdiploma	((wijk)[N],(diploma)[N])[N]
wijkdokter	((wijk)[N],(dokter)[N])[N]
wijken	(wijk)[V]
wijkgebouw	((wijk)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
wijkgemeente	((wijk)[N],(gemeente)[N])[N]
wijkgids	((wijk)[N],(gids)[N])[N]
wijkhoofd	((wijk)[N],(hoofd)[N])[N]
wijking	((wijk)[V],(ing)[N|V.])[N]
wijkkrant	((wijk)[N],(krant)[N])[N]
wijkmeester	((wijk)[N],(meester)[N])[N]
wijkniveau	((wijk)[N],(niveau)[N])[N]
wijkorgaan	((wijk)[N],(orgaan)[N])[N]
wijkplaats	((wijk)[V],(plaats)[N])[N]
wijkpredikant	((wijk)[N],((predik)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
wijkpunt	((wijk)[V],(punt)[N])[N]
wijkraad	((wijk)[N],(raad)[N])[N]
wijkvereniging	((wijk)[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wijkverpleegkundige	((wijk)[N],(verpleegkundige)[N])[N]
wijkverpleegster	((wijk)[N],((verpleeg)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
wijkverpleging	((wijk)[N],((verpleeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wijkverwarming	((wijk)[N],(((ver)[V|.A],(warm)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wijkvlak	((wijk)[V],(vlak)[N])[N]
wijkwast	((wijd)[V],(kwast)[N])[N]
wijkwinkel	((wijk)[N],(winkel)[N])[N]
wijkzuster	((wijk)[N],(zuster)[N])[N]
wijl	(wijl)[N]
wijlen	(wijl)[V]
wijn	(wijn)[N]
wijnaccijns	((wijn)[N],(accijns)[N])[N]
wijnachtig	((wijn)[N],(achtig)[A|N.])[A]
wijnalcohol	((wijn)[N],(alcohol)[N])[N]
wijnappel	((wijn)[N],(appel)[N])[N]
wijnazijn	((wijn)[N],(azijn)[N])[N]
wijnbak	((wijn)[N],(bak)[N])[N]
wijnbal	((wijn)[N],(bal)[N])[N]
wijnberg	((wijn)[N],(berg)[N])[N]
wijnbes	((wijn)[N],(bes)[N])[N]
wijnboer	((wijn)[N],(boer)[N])[N]
wijnboerderij	((wijn)[N],((boer)[V],(derij)[N|V.])[N])[N]
wijnbokaal	((wijn)[N],(bokaal)[N])[N]
wijnbouw	((wijn)[N],(bouw)[N])[N]
wijnbouwareaal	(((wijn)[N],(bouw)[N])[N],(areaal)[N])[N]
wijnbouwer	((wijn)[N],(bouw)[V],(er)[N|NV.])[N]
wijnbouwerscoöperatie	(((wijn)[N],(bouw)[V],(er)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(((co)[V|.V],(opereer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
wijncentrum	((wijn)[N],(centrum)[N])[N]
wijnconcern	((wijn)[N],(concern)[N])[N]
wijncoöperatie	((wijn)[N],(((co)[V|.V],(opereer)[V])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
wijncultuur	((wijn)[N],(cultuur)[N])[N]
wijndistillaat	((wijn)[N],((distilleer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
wijndistrict	((wijn)[N],(district)[N])[N]
wijndorp	((wijn)[N],(dorp)[N])[N]
wijndrab	((wijn)[N],(drab)[N])[N]
wijndroesem	((wijn)[N],(droesem)[N])[N]
wijndruif	((wijn)[N],(druif)[N])[N]
wijnetiket	((wijn)[N],(etiket)[N])[N]
wijnexporteur	((wijn)[N],(((export)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
wijnfeest	((wijn)[N],(feest)[N])[N]
wijnfirma	((wijn)[N],(firma)[N])[N]
wijnfles	((wijn)[N],(fles)[N])[N]
wijngaard	((wijn)[N],(gaard)[N])[N]
wijngaardenier	(((wijn)[N],(gaard)[N])[N],(enier)[N|N.])[N]
wijngaardluis	(((wijn)[N],(gaard)[N])[N],(luis)[N])[N]
wijngaardnaam	(((wijn)[N],(gaard)[N])[N],(naam)[N])[N]
wijngaardrank	(((wijn)[N],(gaard)[N])[N],(rank)[N])[N]
wijngaardslak	(((wijn)[N],(gaard)[N])[N],(slak)[N])[N]
wijngebied	((wijn)[N],(gebied)[N])[N]
wijngeest	((wijn)[N],(geest)[N])[N]
wijngemeente	((wijn)[N],(gemeente)[N])[N]
wijnglas	((wijn)[N],(glas)[N])[N]
wijngod	((wijn)[N],(god)[N])[N]
wijngrog	((wijn)[N],(grog)[N])[N]
wijnhandel	((wijn)[N],(handel)[N])[N]
wijnhandelaar	((wijn)[N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
wijnhef	((wijn)[N],(hef)[N])[N]
wijnheffe	((wijn)[N],(heffe)[N])[N]
wijnhevel	((wijn)[N],(hevel)[N])[N]
wijnhuis	((wijn)[N],(huis)[N])[N]
wijnimporteur	((wijn)[N],(((import)[N],(eer)[V|N.])[V],(eur)[N|V.])[N])[N]
wijninformatie	((wijn)[N],((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
wijninstituut	((wijn)[N],(instituut)[N])[N]
wijnjaar	((wijn)[N],(jaar)[N])[N]
wijnkaart	((wijn)[N],(kaart)[N])[N]
wijnkan	((wijn)[N],(kan)[N])[N]
wijnkaraf	((wijn)[N],(karaf)[N])[N]
wijnkelder	((wijn)[N],(kelder)[N])[N]
wijnkelk	((wijn)[N],(kelk)[N])[N]
wijnkelner	((wijn)[N],(kelner)[N])[N]
wijnkenner	((wijn)[N],(ken)[V],(er)[N|NV.])[N]
wijnkleur	((wijn)[N],(kleur)[N])[N]
wijnkleurig	((wijn)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
wijnkoeler	((wijn)[N],(koel)[V],(er)[N|NV.])[N]
wijnkoningin	((wijn)[N],((koning)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
wijnkoop	((wijn)[N],(koop)[N])[N]
wijnkoper	((wijn)[N],(koop)[V],(er)[N|NV.])[N]
wijnkristal	((wijn)[N],(kristal)[N])[N]
wijnkruik	((wijn)[N],(kruik)[N])[N]
wijnkuip	((wijn)[N],(kuip)[N])[N]
wijnland	((wijn)[N],(land)[N])[N]
wijnlezer	((wijn)[N],(lees)[V],(er)[N|NV.])[N]
wijnlijster	((wijn)[N],(lijster)[N])[N]
wijnmaand	((wijn)[N],(maand)[N])[N]
wijnmerk	((wijn)[N],(merk)[N])[N]
wijnmeter	((wijn)[N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
wijnmoer	((wijn)[N],(moer)[N])[N]
wijnmost	((wijn)[N],(most)[N])[N]
wijnmuseum	((wijn)[N],(museum)[N])[N]
wijnnapje	((wijn)[N],(nap)[N])[N]
wijnoogst	((wijn)[N],(oogst)[N])[N]
wijnparty	((wijn)[N],(party)[N])[N]
wijnpeer	((wijn)[N],(peer)[N])[N]
wijnpers	((wijn)[N],(pers)[N])[N]
wijnpersen	((wijn)[N],(pers)[V])[V]
wijnperzik	((wijn)[N],(perzik)[N])[N]
wijnpijp	((wijn)[N],(pijp)[N])[N]
wijnpluk	((wijn)[N],(pluk)[N])[N]
wijnproducent	((wijn)[N],((produceer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
wijnproductie	((wijn)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
wijnproef	((wijn)[N],(proef)[N])[N]
wijnproever	((wijn)[N],(proef)[N],(er)[N|NN.])[N]
wijnpruim	((wijn)[N],(pruim)[N])[N]
wijnrank	((wijn)[N],(rank)[N])[N]
wijnrek	((wijn)[N],(rek)[N])[N]
wijnroeien	((wijn)[N],(roei)[V])[V]
wijnroeier	(((wijn)[N],(roei)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
wijnroemer	((wijn)[N],(roemer)[N])[N]
wijnrood	((wijn)[N],(rood)[N])[N]
wijnrotting	((wijn)[N],(rot)[V],(ing)[N|NV.])[N]
wijnroute	((wijn)[N],(route)[N])[N]
wijnruit	((wijn)[N],(ruit)[N])[N]
wijnsaus	((wijn)[N],(saus)[N])[N]
wijnschimmel	((wijn)[N],(schimmel)[N])[N]
wijnsoep	((wijn)[N],(soep)[N])[N]
wijnstad	((wijn)[N],(stad)[N])[N]
wijnsteen	((wijn)[N],(steen)[N])[N]
wijnsteenzuur	(((wijn)[N],(steen)[N])[N],(zuur)[N])[N]
wijnsteker	((wijn)[N],(steek)[V],(er)[N|NV.])[N]
wijnstijl	((wijn)[N],(stijl)[N])[N]
wijnstok	((wijn)[N],(stok)[N])[N]
wijnstreek	((wijn)[N],(streek)[N])[N]
wijntapper	((wijn)[N],(tap)[V],(er)[N|NV.])[N]
wijnteelt	((wijn)[N],(teelt)[N])[N]
wijnterminologie	((wijn)[N],((terminologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
wijnvat	((wijn)[N],(vat)[N])[N]
wijnvlek	((wijn)[N],(vlek)[N])[N]
wijnvoorraad	((wijn)[N],(voorraad)[N])[N]
wijnwereld	((wijn)[N],(wereld)[N])[N]
wijnwetgeving	((wijn)[N],((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
wijnzaak	((wijn)[N],(zaak)[N])[N]
wijnzak	((wijn)[N],(zak)[N])[N]
wijolie	((wijd)[V],(olie)[N])[N]
wijs	(wijs)[N]
wijsbegeerte	((wijs)[A],(begeerte)[N])[N]
wijsgerig	((wijsgeer)[N],(ig)[A|N.])[A]
wijsgerigheid	(((wijsgeer)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wijsheid	((wijs)[A],(heid)[N|A.])[N]
wijsheidsliteratuur	(((wijs)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(literatuur)[N])[N]
wijsheidstand	(((wijs)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(tand)[N])[N]
wijshoofd	((wijs)[A],(hoofd)[N])[N]
wijsmaken	((wijs)[A],(maak)[V])[V]
wijsneus	((wijs)[A],(neus)[N])[N]
wijsneuzerig	(((wijs)[A],(neus)[N])[N],(erig)[A|N.])[A]
wijsneuzig	(((wijs)[A],(neus)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
wijsneuzigheid	((((wijs)[A],(neus)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wijsvinger	((wijs)[V],(vinger)[N])[N]
wijten	(wijt)[V]
wijvenpraat	((wijf)[N],(en)[N|N.N],(praat)[N])[N]
wijverig	((wijf)[N],(erig)[A|N.])[A]
wijwater	((wijd)[V],(water)[N])[N]
wijwaterbak	(((wijd)[V],(water)[N])[N],(bak)[N])[N]
wijwaterkwast	(((wijd)[V],(water)[N])[N],(kwast)[N])[N]
wijwatervat	(((wijd)[V],(water)[N])[N],(vat)[N])[N]
wijzen	(wijs)[V]
wijzer	((wijs)[V],(er)[N|V.])[N]
wijzerbarometer	(((wijs)[V],(er)[N|V.])[N],((baro)[N|.N],((meet)[V],(er)[N|V.])[N])[N])[N]
wijzerplaat	(((wijs)[V],(er)[N|V.])[N],(plaat)[N])[N]
wijziging	((wijzig)[V],(ing)[N|V.])[N]
wijzigingsprocedure	(((wijzig)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(procedure)[N])[N]
wijzing	((wijs)[V],(ing)[N|V.])[N]
wik	(wik)[N]
wikgeld	((wik)[V],(geld)[N])[N]
wikkel	(wikkel)[N]
wikkelblouse	((wikkel)[V],(blouse)[N])[N]
wikkeldraad	((wikkel)[V],(draad)[N])[N]
wikkelen	(wikkel)[V]
wikkeling	((wikkel)[V],(ing)[N|V.])[N]
wikkeljurk	((wikkel)[V],(jurk)[N])[N]
wikkelneus	((wikkel)[N],(neus)[N])[N]
wikkelrok	((wikkel)[V],(rok)[N])[N]
wikken	(wik)[V]
wikkestro	((wikke)[N],(stro)[N])[N]
wil	(wil)[N]
wild	(wild)[N]
wildachtig	((wild)[N],(achtig)[A|N.])[A]
wildakker	((wild)[N],(akker)[N])[N]
wildbaan	((wild)[N],(baan)[N])[N]
wildbioloog	((wild)[N],(bioloog)[N])[N]
wildbraad	((wild)[N],(braad)[V])[N]
wilddief	((wild)[N],(dief)[N])[N]
wilddieverij	((wild)[N],(dief)[V],(erij)[N|NV.])[N]
wildeling	((wild)[A],(eling)[N|A.])[N]
wildeman	((wild)[A],(e)[N|A.N],(man)[N])[N]
wildemanskruid	(((wild)[A],(e)[N|A.N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
wildgroei	((wild)[A],(groei)[N])[N]
wildheid	((wild)[A],(heid)[N|A.])[N]
wildklem	((wild)[N],(klem)[N])[N]
wildleder	((wild)[N],(leder)[N])[N]
wildleer	((wild)[N],(leer)[N])[N]
wildling	((wild)[A],(ling)[N|A.])[N]
wildpark	((wild)[N],(park)[N])[N]
wildpastei	((wild)[N],(pastei)[N])[N]
wildreservaat	((wild)[N],((reserveer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
wildrijk	((wild)[N],(rijk)[A])[A]
wildrooster	((wild)[N],(rooster)[N])[N]
wildschaar	((wild)[N],(schaar)[N])[N]
wildschade	((wild)[N],(schade)[N])[N]
wildschotel	((wild)[N],(schotel)[N])[N]
wildschut	((wild)[N],(schut)[N])[N]
wildsmaak	((wild)[N],(smaak)[N])[N]
wildspiegel	((wild)[N],(spiegel)[N])[N]
wildstand	((wild)[A],(stand)[N])[N]
wildstroper	((wild)[N],(stroop)[V],(er)[N|NV.])[N]
wildstroperij	((wild)[N],(stroop)[V],(erij)[N|NV.])[N]
wildtuin	((wild)[N],(tuin)[N])[N]
wildvang	((wild)[A],(vang)[N])[N]
wildvreemd	((wild)[A],(vreemd)[A])[A]
wildwal	((wild)[N],(wal)[N])[N]
wildwaterbaan	((wild)[A],(water)[N],(baan)[N])[N]
wildwaterkanoën	((wild)[A],(water)[N],(kano)[V])[V]
wildwestfilm	((wild)[A],(West)[N],(film)[N])[N]
wildwesttafereel	((wild)[A],(West)[N],(tafereel)[N])[N]
wildwestverhaal	((wild)[A],(West)[N],(verhaal)[N])[N]
wildzang	((wild)[A],(zang)[N])[N]
wilg	(wilg)[N]
wilgachtigen	((wilg)[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
wilgen	((wilg)[N],(en)[A|N.])[A]
wilgenblad	((wilg)[N],(e)[N|N.N],(blad)[N])[N]
wilgenbloesem	((wilg)[N],(e)[N|N.N],(bloesem)[N])[N]
wilgenboom	((wilg)[N],(e)[N|N.N],(boom)[N])[N]
wilgenbos	(((wilg)[N],(en)[A|N.])[A],(bos)[N])[N]
wilgenhout	((wilg)[N],(e)[N|N.N],(hout)[N])[N]
wilgenkatje	((wilg)[N],(e)[N|N.N],(kat)[N])[N]
wilgenlaan	(((wilg)[N],(en)[A|N.])[A],(laan)[N])[N]
wilgenloot	((wilg)[N],(e)[N|N.N],(loot)[N])[N]
wilgenpijp	((wilg)[N],(e)[N|N.N],(pijp)[N])[N]
wilgenrijs	((wilg)[N],(e)[N|N.N],(rijs)[N])[N]
wilgenroos	((wilg)[N],(e)[N|N.N],(roos)[N])[N]
wilgentak	((wilg)[N],(e)[N|N.N],(tak)[N])[N]
wilgpeer	((wilg)[N],(peer)[N])[N]
willekeurig	((willekeur)[N],(ig)[A|N.])[A]
willekeurigheid	(((willekeur)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
willen	(wil)[V]
willig	((wil)[V],(ig)[A|V.])[A]
willigheid	(((wil)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
willoos	((wil)[N],(loos)[A|N.])[A]
willoosheid	(((wil)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wilsakte	((wil)[N],(s)[N|N.N],(akte)[N])[N]
wilsbeschikking	((wil)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(schik)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wilselement	((wil)[N],(s)[N|N.N],(element)[N])[N]
wilsgebrek	((wil)[N],(s)[N|N.N],(gebrek)[N])[N]
wilshandeling	((wil)[N],(s)[N|N.N],((handel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wilskracht	((wil)[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
wilskrachtig	((wil)[N],(s)[A|N.A],((kracht)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
wilsovereenstemming	((wil)[N],(s)[N|N.N],(((overeen)[B],(stem)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wilsproces	((wil)[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
wilsuiting	((wil)[N],(s)[N|N.Vx],(uit)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
wilsvrijheid	((wil)[N],(s)[N|N.N],((vrij)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
wimpel	(wimpel)[N]
wimper	(wimper)[N]
wimperdiertje	((wimper)[N],(dier)[N])[N]
wimperspitsmuis	((wimper)[N],((spits)[A],(muis)[N])[N])[N]
winbaar	((win)[V],(baar)[A|V.])[A]
winch	(winch)[N]
wind	(wind)[N]
windakker	((wind)[N],(akker)[N])[N]
windas	((wind)[N],(as)[N])[N]
windbemaling	((wind)[N],(((be)[V|.V],(maal)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
windbestuiving	((wind)[N],(((be)[V|.V],(stuif)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
windboom	((wind)[N],(boom)[N])[N]
windbord	((wind)[N],(bord)[N])[N]
windbreker	((wind)[N],(breek)[V],(er)[N|NV.])[N]
windbuil	((wind)[N],(buil)[N])[N]
windbuis	((wind)[N],(buis)[N])[N]
windbuks	((wind)[N],(buks)[N])[N]
winddroog	((wind)[N],(droog)[A])[A]
winddruk	((wind)[N],(druk)[N])[N]
winddynamo	((wind)[N],(dynamo)[N])[N]
windei	((wind)[N],(ei)[N])[N]
winden	(wind)[V]
windenergie	((wind)[N],(energie)[N])[N]
winderig	((wind)[N],(erig)[A|N.])[A]
winderigheid	(((wind)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
windgat	((wind)[N],(gat)[N])[N]
windgenerator	((wind)[N],((genereer)[V],(ator)[N|V.])[N])[N]
windgevoelig	((wind)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N],(ig)[A|NN.])[A]
windglijder	((wind)[N],(glijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
windhaak	((wind)[N],(haak)[N])[N]
windhaan	((wind)[N],(haan)[N])[N]
windhaar	((wind)[N],(haar)[N])[N]
windhalm	((wind)[N],(halm)[N])[N]
windhandel	((wind)[N],(handel)[N])[N]
windharp	((wind)[N],(harp)[N])[N]
windhoek	((wind)[N],(hoek)[N])[N]
windhond	((wind)[N],(hond)[N])[N]
windhoos	((wind)[N],(hoos)[N])[N]
windig	((wind)[N],(ig)[A|N.])[A]
winding	((wind)[V],(ing)[N|V.])[N]
windjack	((wind)[N],(jack)[N])[N]
windjekker	((wind)[N],(jekker)[N])[N]
windkaart	((wind)[N],(kaart)[N])[N]
windkanaal	((wind)[N],(kanaal)[N])[N]
windkant	((wind)[N],(kant)[N])[N]
windkap	((wind)[N],(kap)[N])[N]
windkas	((wind)[N],(kas)[N])[N]
windkast	((wind)[N],(kast)[N])[N]
windketel	((wind)[N],(ketel)[N])[N]
windklep	((wind)[N],(klep)[N])[N]
windkracht	((wind)[N],(kracht)[N])[N]
windkussen	((wind)[N],(kussen)[N])[N]
windmaker	((wind)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
windmeter	((wind)[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
windmolen	((wind)[N],(molen)[N])[N]
windmotor	((wind)[N],(motor)[N])[N]
windorgel	((wind)[N],(orgel)[N])[N]
windplank	((wind)[N],(plank)[N])[N]
windpokken	((wind)[N],(pok)[N])[N]
windrichting	((wind)[N],((richt)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
windroede	((wind)[N],(roede)[N])[N]
windroer	((wind)[N],(roer)[N])[N]
windroos	((wind)[N],(roos)[N])[N]
windschade	((wind)[N],(schade)[N])[N]
windscherm	((wind)[N],(scherm)[N])[N]
windschoor	((wind)[N],(schoor)[N])[N]
windschut	((wind)[N],(schut)[N])[N]
windsel	((wind)[V],(sel)[N|V.])[N]
windsingel	((wind)[N],(singel)[N])[N]
windsnelheid	((wind)[N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
windsnelheidsmeter	(((wind)[N],((snel)[A],(heid)[N|A.])[N])[N],(s)[N|N.Vx],(meet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
windspaak	((wind)[N],(spaak)[N])[N]
windspil	((wind)[N],(spil)[N])[N]
windsterkte	((wind)[N],((sterk)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
windstil	((wind)[N],(stil)[A])[A]
windstilte	(((wind)[N],(stil)[A])[A],(te)[N|A.])[N]
windstoot	((wind)[N],(stoot)[N])[N]
windstreek	((wind)[N],(streek)[N])[N]
windstreep	((wind)[N],(streep)[N])[N]
windsurfen	((wind)[N],(surf)[V])[V]
windsurfer	(((wind)[N],(surf)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
windsurfing	(((wind)[N],(surf)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
windtunnel	((wind)[N],(tunnel)[N])[N]
windturbine	((wind)[N],(turbine)[N])[N]
windvaan	((wind)[N],(vaan)[N])[N]
windvang	((wind)[N],(vang)[N])[N]
windvanger	((wind)[N],(vang)[V],(er)[N|NV.])[N]
windvast	((wind)[N],(vast)[A])[A]
windveer	((wind)[N],(veer)[N])[N]
windvlaag	((wind)[N],(vlaag)[N])[N]
windvleugel	((wind)[N],(vleugel)[N])[N]
windwijzer	((wind)[N],((wijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
windworp	((wind)[N],(worp)[N])[N]
windzak	((wind)[N],(zak)[N])[N]
windzij	((wind)[N],(zij)[N])[N]
windzijde	((wind)[N],(zijde)[N])[N]
wingebied	((win)[V],(gebied)[N])[N]
wingerdblad	((wingerd)[N],(blad)[N])[N]
wingerdrank	((wingerd)[N],(rank)[N])[N]
wingewest	((win)[V],(gewest)[N])[N]
winkel	(winkel)[N]
winkelbank	((winkel)[N],(bank)[N])[N]
winkelbediende	((winkel)[N],(bediende)[N])[N]
winkelbedrijf	((winkel)[N],(bedrijf)[N])[N]
winkelcentrum	((winkel)[N],(centrum)[N])[N]
winkeldame	((winkel)[N],(dame)[N])[N]
winkeldief	((winkel)[N],(dief)[N])[N]
winkeldievegge	((winkel)[N],((dief)[N],(egge)[N|N.])[N])[N]
winkeldochter	((winkel)[N],(dochter)[N])[N]
winkelen	(winkel)[V]
winkelgalerij	((winkel)[N],(galerij)[N])[N]
winkelhaak	((winkel)[N],(haak)[N])[N]
winkelhouder	((winkel)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
winkelhuis	((winkel)[N],(huis)[N])[N]
winkelier	((winkel)[N],(ier)[N|N.])[N]
winkelierster	(((winkel)[N],(ier)[N|N.])[N],(ster)[N|N.])[N]
winkeljongen	((winkel)[N],(jongen)[N])[N]
winkeljuffrouw	((winkel)[N],(juffrouw)[N])[N]
winkelkast	((winkel)[N],(kast)[N])[N]
winkelketen	((winkel)[N],(keten)[N])[N]
winkelknecht	((winkel)[N],(knecht)[N])[N]
winkella	((winkel)[N],(la)[N])[N]
winkellade	((winkel)[N],(lade)[N])[N]
winkelmeisje	((winkel)[N],(meisje)[N])[N]
winkelmerk	((winkel)[N],(merk)[N])[N]
winkelnering	((winkel)[N],(nering)[N])[N]
winkelopstand	((winkel)[N],(opstand)[N])[N]
winkelpand	((winkel)[N],(pand)[N])[N]
winkelpersoneel	((winkel)[N],(personeel)[N])[N]
winkelprijs	((winkel)[N],(prijs)[N])[N]
winkelpromenade	((winkel)[N],(promenade)[N])[N]
winkelraam	((winkel)[N],(raam)[N])[N]
winkelruit	((winkel)[N],(ruit)[N])[N]
winkelsluiting	((winkel)[N],(sluit)[V],(ing)[N|NV.])[N]
winkelsluitingswet	(((winkel)[N],(sluit)[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
winkelstand	((winkel)[N],(stand)[N])[N]
winkelstraat	((winkel)[N],(straat)[N])[N]
winkelvereniging	((winkel)[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
winkelvoorraad	((winkel)[N],(voorraad)[N])[N]
winkelwaar	((winkel)[N],(waar)[N])[N]
winkelwaarde	((winkel)[N],(waarde)[N])[N]
winkelwagen	((winkel)[N],(wagen)[N])[N]
winkelzaak	((winkel)[N],(zaak)[N])[N]
winnaar	((win)[V],(aar)[N|V.])[N]
winnares	(((win)[V],(aar)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
winnen	(win)[V]
winner	((win)[V],(er)[N|V.])[N]
winning	((win)[V],(ing)[N|V.])[N]
winplaats	((win)[V],(plaats)[N])[N]
winpunt	((win)[V],(punt)[N])[N]
winst	((win)[V],(st)[N|V.])[N]
winstaandeel	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],((aan)[P],(deel)[N])[N])[N]
winstaanspraak	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],((aan)[P],(spraak)[N])[N])[N]
winstbeginsel	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
winstbejag	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(bejag)[N])[N]
winstberekening	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(((be)[V|.V],(reken)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
winstbewijs	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(bewijs)[N])[N]
winstcalculatie	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(calculeer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
winstcijfer	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(cijfer)[N])[N]
winstdelend	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(deel)[V],(end)[A|NV.])[A]
winstdeling	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(deel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
winstdelingsregeling	((((win)[V],(st)[N|V.])[N],(deel)[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
winstderving	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(derf)[V],(ing)[N|NV.])[N]
winsterosie	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(erosie)[N])[N]
winstgevend	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(geef)[V],(end)[A|NV.])[A]
winstgevendheid	((((win)[V],(st)[N|V.])[N],(geef)[V],(end)[A|NV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
winstkans	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(kans)[N])[N]
winstmarge	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(marge)[N])[N]
winstmogelijkheid	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
winstmotief	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(motief)[N])[N]
winstneming	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(neem)[V],(ing)[N|NV.])[N]
winstobject	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(object)[N])[N]
winstontwikkeling	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
winstoogmerk	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(oogmerk)[N])[N]
winstopslag	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(opslag)[N])[N]
winstpercentage	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(percentage)[N])[N]
winstpositie	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(((pose)[N],(eer)[V|N.])[V],(itie)[N|V.])[N])[N]
winstprincipe	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(principe)[N])[N]
winstpunt	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(punt)[N])[N]
winstquote	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(quote)[N])[N]
winstrekening	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],((reken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
winstreserve	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(reserve)[N])[N]
winstsaldo	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(saldo)[N])[N]
winstuitkering	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(uitkeer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
winstverdeling	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
winstverdelingskartel	((((win)[V],(st)[N|V.])[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N],(s)[N|N.N],(kartel)[N])[N]
winstvermogen	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(vermogen)[N])[N]
winstverzekering	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
winstvoet	(((win)[V],(st)[N|V.])[N],(voet)[N])[N]
winter	(winter)[N]
winteraardappel	((winter)[N],((aarde)[N],(appel)[N])[N])[N]
winterachtig	((winter)[N],(achtig)[A|N.])[A]
winterakoniet	((winter)[N],(akoniet)[N])[N]
winterappel	((winter)[N],(appel)[N])[N]
winteravond	((winter)[N],(avond)[N])[N]
winterband	((winter)[N],(band)[N])[N]
winterbed	((winter)[N],(bed)[N])[N]
winterbedding	((winter)[N],(bedding)[N])[N]
winterboek	((winter)[N],(boek)[N])[N]
wintercollectie	((winter)[N],(collectie)[N])[N]
wintercursus	((winter)[N],(cursus)[N])[N]
winterdag	((winter)[N],(dag)[N])[N]
winterdienst	((winter)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
winterdijk	((winter)[N],(dijk)[N])[N]
winterdracht	((winter)[N],(dracht)[N])[N]
winteren	(winter)[V]
wintergast	((winter)[N],(gast)[N])[N]
wintergenoegen	((winter)[N],(genoegen)[N])[N]
wintergerst	((winter)[N],(gerst)[N])[N]
wintergewas	((winter)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
wintergezicht	((winter)[N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
wintergoed	((winter)[N],(goed)[N])[N]
wintergraan	((winter)[N],(graan)[N])[N]
wintergroen	((winter)[N],(groen)[N])[N]
wintergroente	((winter)[N],((groen)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
winterhaar	((winter)[N],(haar)[N])[N]
winterhalfjaar	((winter)[N],((half)[A],(jaar)[N])[N])[N]
winterhanden	((winter)[N],(hand)[N])[N]
winterhard	((winter)[N],(hard)[A])[A]
winterhaven	((winter)[N],(haven)[N])[N]
winterhielen	((winter)[N],(hiel)[N])[N]
winterhoed	((winter)[N],(hoed)[N])[N]
winterjas	((winter)[N],(jas)[N])[N]
winterjasmijn	((winter)[N],(jasmijn)[N])[N]
winterkleed	((winter)[N],(kleed)[N])[N]
winterkoninkje	((winter)[N],(koning)[N])[N]
winterkoren	((winter)[N],(koren)[N])[N]
winterkost	((winter)[N],(kost)[N])[N]
winterkou	((winter)[N],(kou)[N])[N]
winterkoude	((winter)[N],(koude)[N])[N]
winterkraai	((winter)[N],(kraai)[N])[N]
winterkwartier	((winter)[N],((kwart)[N],(ier)[N|N.])[N])[N]
winterlandschap	((winter)[N],((land)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
winterlijster	((winter)[N],(lijster)[N])[N]
winterling	((winter)[N],(ling)[N|N.])[N]
wintermaand	((winter)[N],(maand)[N])[N]
wintermantel	((winter)[N],(mantel)[N])[N]
wintermerk	((winter)[N],(merk)[N])[N]
wintermug	((winter)[N],(mug)[N])[N]
winternacht	((winter)[N],(nacht)[N])[N]
winterpeen	((winter)[N],(peen)[N])[N]
winterpeer	((winter)[N],(peer)[N])[N]
winterpeil	((winter)[N],(peil)[N])[N]
winterprovisie	((winter)[N],(provisie)[N])[N]
winterrogge	((winter)[N],(rogge)[N])[N]
winters	((winter)[N],(s)[A|N.])[A]
winterschilder	((winter)[N],(schilder)[N])[N]
winterseizoen	((winter)[N],(seizoen)[N])[N]
winterslaap	((winter)[N],(slaap)[N])[N]
wintersolstitium	((winter)[N],(solstitium)[N])[N]
winterspelen	((winter)[N],(spel)[N])[N]
wintersport	((winter)[N],(sport)[N])[N]
wintersportcentrum	(((winter)[N],(sport)[N])[N],(centrum)[N])[N]
wintersportvakantie	(((winter)[N],(sport)[N])[N],(vakantie)[N])[N]
winterstalling	((winter)[N],((stal)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
winterstof	((winter)[N],(stof)[N])[N]
winterstop	((winter)[N],(stop)[N])[N]
wintertaling	((winter)[N],(taling)[N])[N]
wintertarwe	((winter)[N],(tarwe)[N])[N]
winterteen	((winter)[N],(teen)[N])[N]
wintertekens	((winter)[N],(teken)[N])[N]
wintertijd	((winter)[N],(tijd)[N])[N]
wintertuin	((winter)[N],(tuin)[N])[N]
winteruniversiteit	((winter)[N],(universiteit)[N])[N]
wintervast	((winter)[N],(vast)[A])[A]
winterverblijf	((winter)[N],(verblijf)[N])[N]
wintervermaak	((winter)[N],(vermaak)[N])[N]
wintervinger	((winter)[N],(vinger)[N])[N]
wintervoeder	((winter)[N],(voeder)[N])[N]
wintervoer	((winter)[N],(voer)[N])[N]
wintervoeten	((winter)[N],(voet)[N])[N]
wintervogel	((winter)[N],(vogel)[N])[N]
wintervoorraad	((winter)[N],(voorraad)[N])[N]
winterweder	((winter)[N],(weder)[N])[N]
winterweer	((winter)[N],(weer)[N])[N]
winterwortel	((winter)[N],(wortel)[N])[N]
winterzanger	((winter)[N],((zing)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
winterzon	((winter)[N],(zon)[N])[N]
winterzonnestilstand	((winter)[N],((zon)[N],(e)[N|N.N],((stil)[A],(stand)[N])[N])[N])[N]
winziek	((win)[V],(ziek)[A])[A]
winzucht	((win)[V],(zucht)[N])[N]
winzuchtig	((win)[V],(zucht)[N],(ig)[A|VN.])[A]
wip	(wip)[N]
wipbrug	((wip)[V],(brug)[N])[N]
wipgalg	((wip)[V],(galg)[N])[N]
wiphout	((wip)[V],(hout)[N])[N]
wipkar	((wip)[V],(kar)[N])[N]
wipmolen	((wip)[V],(molen)[N])[N]
wipneus	((wip)[V],(neus)[N])[N]
wippen	(wip)[V]
wipper	((wip)[V],(er)[N|V.])[N]
wipperig	((wip)[V],(erig)[A|V.])[A]
wippertoestel	(((wip)[V],(er)[N|V.])[N],(toestel)[N])[N]
wipplank	((wip)[V],(plank)[N])[N]
wipslag	((wip)[V],(slag)[N])[N]
wipstaart	((wip)[V],(staart)[N])[N]
wipstoel	((wip)[V],(stoel)[N])[N]
wis	(wis)[N]
wisdoek	((wis)[V],(doek)[N])[N]
wisent	(wisent)[N]
wisheid	((wis)[A],(heid)[N|A.])[N]
wiskop	((wis)[V],(kop)[N])[N]
wiskundecijfer	((wiskunde)[N],(cijfer)[N])[N]
wiskundeklas	((wiskunde)[N],(klas)[N])[N]
wiskundeleraar	((wiskunde)[N],(leraar)[N])[N]
wiskundeles	((wiskunde)[N],(les)[N])[N]
wiskundeprofessor	((wiskunde)[N],(professor)[N])[N]
wiskundeprogramma	((wiskunde)[N],(programma)[N])[N]
wiskundevak	((wiskunde)[N],(vak)[N])[N]
wiskundig	((wiskunde)[N],(ig)[A|N.])[A]
wiskunstenaar	((wiskunst)[N],(enaar)[N|N.])[N]
wiskunstig	((wiskunst)[N],(ig)[A|N.])[A]
wispelturigheid	((wispelturig)[A],(heid)[N|A.])[N]
wissel	(wissel)[N]
wisselaar	((wissel)[V],(aar)[N|V.])[N]
wisselagent	((wissel)[V],((ageer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
wisselautomaat	((wissel)[V],(automaat)[N])[N]
wisselbaar	((wissel)[V],(baar)[A|V.])[A]
wisselbad	((wissel)[V],(bad)[N])[N]
wisselbank	((wissel)[V],(bank)[N])[N]
wisselbedrag	((wissel)[V],(bedrag)[N])[N]
wisselbeker	((wissel)[V],(beker)[N])[N]
wisselbloedtransfusie	((wissel)[V],((bloed)[N],(transfusie)[N])[N])[N]
wisselblok	((wissel)[N],(blok)[N])[N]
wisselborgtocht	((wissel)[N],((borg)[N],(tocht)[N])[N])[N]
wisselbouw	((wissel)[V],(bouw)[N])[N]
wisselbrief	((wissel)[N],(brief)[N])[N]
wisselcabine	((wissel)[V],(cabine)[N])[N]
wisseldiertje	((wissel)[V],(dier)[N])[N]
wisseldisconto	((wissel)[N],(disconto)[N])[N]
wisselen	(wissel)[V]
wisselgeld	((wissel)[V],(geld)[N])[N]
wisselhandel	((wissel)[N],(handel)[N])[N]
wisseling	((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N]
wisselkans	((wissel)[V],(kans)[N])[N]
wisselkantoor	((wissel)[V],(kantoor)[N])[N]
wisselklank	((wissel)[V],(klank)[N])[N]
wisselklep	((wissel)[N],(klep)[N])[N]
wisselkoers	((wissel)[N],(koers)[N])[N]
wissellijst	((wissel)[V],(lijst)[N])[N]
wisselloon	((wissel)[N],(loon)[N])[N]
wisselloopster	((wissel)[N],(loop)[V],(ster)[N|NV.])[N]
wisselloper	((wissel)[N],((loop)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
wisselmakelaar	((wissel)[N],((makel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
wisselmarkt	((wissel)[V],(markt)[N])[N]
wisselnotering	((wissel)[N],(((noot)[N],(eer)[V|N.])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wisselpaard	((wissel)[V],(paard)[N])[N]
wisselplaats	((wissel)[V],(plaats)[N])[N]
wisselpunt	((wissel)[V],(punt)[N])[N]
wisselrecht	((wissel)[N],(recht)[N])[N]
wisselruiterij	((wissel)[N],((ruiter)[N],(ij)[N|N.])[N])[N]
wisselslag	((wissel)[V],(slag)[N])[N]
wisselspeelster	((wissel)[N],((speel)[V],(ster)[N|V.])[N])[N]
wisselspeler	((wissel)[V],((speel)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
wisselspoor	((wissel)[V],(spoor)[N])[N]
wisselstand	((wissel)[N],(stand)[N])[N]
wisselstraat	((wissel)[N],(straat)[N])[N]
wisselstroom	((wissel)[V],(stroom)[N])[N]
wisselstroommotor	(((wissel)[V],(stroom)[N])[N],(motor)[N])[N]
wisselstuk	((wissel)[N],(stuk)[N])[N]
wisseltand	((wissel)[V],(tand)[N])[N]
wisseltrofee	((wissel)[V],(trofee)[N])[N]
wisseltruc	((wissel)[V],(truc)[N])[N]
wisselvallig	((wisselval)[N],(ig)[A|N.])[A]
wisselvalligheid	(((wisselval)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wisselwaarde	((wissel)[V],(waarde)[N])[N]
wisselwachter	((wissel)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
wisselwerking	((wissel)[N],((werk)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wisselwind	((wissel)[V],(wind)[N])[N]
wisselwoning	((wissel)[V],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wisselzegel	((wissel)[N],(zegel)[N])[N]
wisselzicht	((wissel)[N],(zicht)[N])[N]
wissen	(wis)[V]
wissen	((wis)[N],(en)[A|N.])[A]
wisser	((wis)[V],(er)[N|V.])[N]
wisserblad	(((wis)[V],(er)[N|V.])[N],(blad)[N])[N]
wit	(wit)[N]
witachtig	((wit)[A],(achtig)[A|A.])[A]
witbeuken	((wit)[A],((beuk)[N],(en)[A|N.])[A])[A]
witbier	((wit)[A],(bier)[N])[N]
witbloedig	((wit)[A],(bloed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
witbloemig	((wit)[A],(bloem)[N],(ig)[A|AN.])[A]
witblond	((wit)[A],(blond)[A])[A]
witboek	((wit)[A],(boek)[N])[N]
witbol	((wit)[A],(bol)[N])[N]
witbont	((wit)[A],(bont)[A])[A]
witborstel	((wit)[V],(borstel)[N])[N]
witgatje	((wit)[A],(gat)[N])[N]
witgekalkt	((wit)[A],(gekalkt)[V])[A]
witgeld	((wit)[A],(geld)[N])[N]
witgepleisterd	((wit)[A],(gepleisterd)[V])[A]
witglas	((wit)[A],(glas)[N])[N]
witgloeiend	((wit)[A],(gloeiend)[A])[A]
witgoed	((wit)[A],(goed)[N])[N]
witgoedwinkel	(((wit)[A],(goed)[N])[N],(winkel)[N])[N]
witgoud	((wit)[A],(goud)[N])[N]
witharig	((wit)[A],(haar)[N],(ig)[A|AN.])[A]
witheer	((wit)[A],(heer)[N])[N]
witheet	((wit)[A],(heet)[A])[A]
witheid	((wit)[A],(heid)[N|A.])[N]
withoen	((wit)[A],(hoen)[N])[N]
without	((wit)[A],(hout)[N])[N]
withouten	(((wit)[A],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
witje	(wit)[N]
witkalk	((wit)[V],(kalk)[N])[N]
witkalker	(((wit)[V],(kalk)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
witkar	((wit)[A],(kar)[N])[N]
witkiel	((wit)[A],(kiel)[N])[N]
witkop	((wit)[A],(kop)[N])[N]
witkoper	((wit)[A],(koper)[N])[N]
witkuif	((wit)[A],(kuif)[N])[N]
witkwast	((wit)[V],(kwast)[N])[N]
witlof	((wit)[A],(lof)[N])[N]
witloof	((wit)[A],(loof)[N])[N]
witloog	((wit)[A],(loog)[N])[N]
witmaker	((wit)[A],(maak)[V],(er)[N|AV.])[N]
witmetaal	((wit)[A],(metaal)[N])[N]
witoog	((wit)[A],(oog)[N])[N]
witpoot	((wit)[A],(poot)[N])[N]
witsel	((wit)[V],(sel)[N|V.])[N]
witsellaag	(((wit)[V],(sel)[N|V.])[N],(laag)[N])[N]
witstaart	((wit)[A],(staart)[N])[N]
witteboordencriminaliteit	((wit)[A],(e)[N|A.NxN],(boord)[N],(en)[N|AxN.N],((crimineel)[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
wittebrood	((wit)[A],(e)[N|A.N],(brood)[N])[N]
wittebroodskind	(((wit)[A],(e)[N|A.N],(brood)[N])[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
wittebroodspap	(((wit)[A],(e)[N|A.N],(brood)[N])[N],(s)[N|N.N],(pap)[N])[N]
wittebroodsweken	(((wit)[A],(e)[N|A.N],(brood)[N])[N],(s)[N|N.N],(week)[N])[N]
wittekool	((wit)[A],(kool)[N])[N]
witten	(wit)[V]
witter	((wit)[V],(er)[N|V.])[N]
wittig	((wit)[A],(ig)[A|A.])[A]
wittigheid	(((wit)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
witvis	((wit)[A],(vis)[N])[N]
witvlezig	((wit)[A],(vlees)[N],(ig)[A|AN.])[A]
witvoet	((wit)[A],(voet)[N])[N]
witwerk	((wit)[V],(werk)[N])[N]
witwerker	((wit)[A],((werk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
witz	(witz)[N]
wodka	(wodka)[N]
woede	(woede)[N]
woede-uitbarsting	((woede)[N],(((uit)[P],(barst)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
woedeaanval	((woede)[N],(aanval)[N])[N]
woedegevoelen	((woede)[N],(gevoelen)[N])[N]
woeden	(woed)[V]
woeker	(woeker)[N]
woekeraar	((woeker)[V],(aar)[N|V.])[N]
woekeraarster	(((woeker)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
woekerdier	((woeker)[V],(dier)[N])[N]
woekeren	(woeker)[V]
woekergeld	((woeker)[V],(geld)[N])[N]
woekerhandel	((woeker)[V],(handel)[N])[N]
woekerhuur	((woeker)[V],(huur)[N])[N]
woekering	((woeker)[V],(ing)[N|V.])[N]
woekerkruid	((woeker)[V],(kruid)[N])[N]
woekerplant	((woeker)[V],(plant)[N])[N]
woekerprijs	((woeker)[V],(prijs)[N])[N]
woekerrente	((woeker)[V],(rente)[N])[N]
woekervlees	((woeker)[V],(vlees)[N])[N]
woekerwinst	((woeker)[V],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
woekerzucht	((woeker)[V],(zucht)[N])[N]
woelachtig	((woel)[V],(achtig)[A|V.])[A]
woelen	(woel)[V]
woelgaren	((woel)[V],(garen)[N])[N]
woelgeest	((woel)[V],(geest)[N])[N]
woelhout	((woel)[V],(hout)[N])[N]
woelig	((woel)[V],(ig)[A|V.])[A]
woeligheid	(((woel)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
woeling	((woel)[V],(ing)[N|V.])[N]
woelklei	((woel)[V],(klei)[N])[N]
woelmaker	((woel)[V],((maak)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
woelmuis	((woel)[V],(muis)[N])[N]
woelrat	((woel)[V],(rat)[N])[N]
woelstok	((woel)[V],(stok)[N])[N]
woeltouw	((woel)[V],(touw)[N])[N]
woelwater	((woel)[V],(water)[N])[N]
woelziek	((woel)[V],(ziek)[A])[A]
woelzucht	((woel)[V],(zucht)[N])[N]
woensdagavond	((woensdag)[N],(avond)[N])[N]
woensdagmiddag	((woensdag)[N],(middag)[N])[N]
woensdagnacht	((woensdag)[N],(nacht)[N])[N]
woensdagnamiddag	((woensdag)[N],((na)[P],(middag)[N])[N])[N]
woensdagochtend	((woensdag)[N],(ochtend)[N])[N]
woensdags	((woensdag)[N],(s)[A|N.])[A]
woerd	(woerd)[N]
woest	(woest)[A]
woestaard	((woest)[A],(aard)[N|A.])[N]
woesteling	((woest)[A],(eling)[N|A.])[N]
woestenij	((woest)[A],(enij)[N|A.])[N]
woestheid	((woest)[A],(heid)[N|A.])[N]
woestijnachtig	((woestijn)[N],(achtig)[A|N.])[A]
woestijnbewoner	((woestijn)[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
woestijnklimaat	((woestijn)[N],(klimaat)[N])[N]
woestijnlandschap	((woestijn)[N],((land)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
woestijnnacht	((woestijn)[N],(nacht)[N])[N]
woestijnpas	((woestijn)[N],(pas)[N])[N]
woestijnrat	((woestijn)[N],(rat)[N])[N]
woestijnreiziger	((woestijn)[N],(reiziger)[N])[N]
woestijnvader	((woestijn)[N],(vader)[N])[N]
woestijnwind	((woestijn)[N],(wind)[N])[N]
woestijnzand	((woestijn)[N],(zand)[N])[N]
wok	(wok)[N]
wol	(wol)[N]
wolaap	((wol)[N],(aap)[N])[N]
wolachtig	((wol)[N],(achtig)[A|N.])[A]
wolbaal	((wol)[N],(baal)[N])[N]
wolbal	((wol)[N],(bal)[N])[N]
wolbereiding	((wol)[N],(bereid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
wolbij	((wol)[N],(bij)[N])[N]
wolboom	((wol)[N],(boom)[N])[N]
woldragend	((wol)[N],(draag)[V],(end)[A|NV.])[A]
wolf	(wolf)[N]
wolfabriek	((wol)[N],(fabriek)[N])[N]
wolfabrikant	((wol)[N],(((fabriek)[N],(eer)[V|N.])[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
wolfachtig	((wolf)[N],(achtig)[A|N.])[A]
wolfbaars	((wolf)[N],(baars)[N])[N]
wolfeind	((wolf)[N],(eind)[N])[N]
wolfijzer	((wolf)[N],(ijzer)[N])[N]
wolfraamstaal	((wolfraam)[N],(staal)[N])[N]
wolframstaal	((wolfram)[N],(staal)[N])[N]
wolfs	((wolf)[N],(s)[A|N.])[A]
wolfsangel	((wolf)[N],(s)[N|N.N],(angel)[N])[N]
wolfsbalk	((wolf)[N],(s)[N|N.N],(balk)[N])[N]
wolfsdak	((wolf)[N],(s)[N|N.N],(dak)[N])[N]
wolfseind	((wolf)[N],(s)[N|N.N],(eind)[N])[N]
wolfshond	((wolf)[N],(s)[N|N.N],(hond)[N])[N]
wolfshonger	((wolf)[N],(s)[N|N.N],(honger)[N])[N]
wolfskers	((wolf)[N],(s)[N|N.N],(kers)[N])[N]
wolfsklauw	((wolf)[N],(s)[N|N.N],(klauw)[N])[N]
wolfsklem	((wolf)[N],(s)[N|N.N],(klem)[N])[N]
wolfskuil	((wolf)[N],(s)[N|N.N],(kuil)[N])[N]
wolfsmelk	((wolf)[N],(s)[N|N.N],(melk)[N])[N]
wolfsmelkachtigen	(((wolf)[N],(s)[N|N.N],(melk)[N])[N],(achtig)[N|N.x],(e)[N|Nx.])[N]
wolfsmond	((wolf)[N],(s)[N|N.N],(mond)[N])[N]
wolfsmuil	((wolf)[N],(s)[N|N.N],(muil)[N])[N]
wolfspoot	((wolf)[N],(s)[N|N.N],(poot)[N])[N]
wolfstand	((wolf)[N],(s)[N|N.N],(tand)[N])[N]
wolfsvel	((wolf)[N],(s)[N|N.N],(vel)[N])[N]
wolgoed	((wol)[N],(goed)[N])[N]
wolgras	((wol)[N],(gras)[N])[N]
wolhaar	((wol)[N],(haar)[N])[N]
wolhandel	((wol)[N],(handel)[N])[N]
wolhandkrab	((wol)[N],(hand)[N],(krab)[N])[N]
wolharig	((wol)[N],(haar)[N],(ig)[A|NN.])[A]
wolindustrie	((wol)[N],(industrie)[N])[N]
wolk	(wolk)[N]
wolkaard	((wol)[N],(kaard)[N])[N]
wolkaarde	((wol)[N],(kaarde)[N])[N]
wolkaarder	((wol)[N],(kaard)[V],(er)[N|NV.])[N]
wolkachtig	((wolk)[N],(achtig)[A|N.])[A]
wolkam	((wol)[N],(kam)[N])[N]
wolkammer	((wol)[N],(kam)[V],(er)[N|NV.])[N]
wolkbreuk	((wolk)[N],(breuk)[N])[N]
wolkeloos	((wolk)[N],(eloos)[A|N.])[A]
wolkenbank	((wolk)[N],(en)[N|N.N],(bank)[N])[N]
wolkendek	((wolk)[N],(en)[N|N.N],(dek)[N])[N]
wolkenflard	((wolk)[N],(en)[N|N.N],(flard)[N])[N]
wolkenformatie	((wolk)[N],(en)[N|N.N],((formeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
wolkengevaarte	((wolk)[N],(en)[N|N.N],(gevaarte)[N])[N]
wolkenhemel	((wolk)[N],(en)[N|N.N],(hemel)[N])[N]
wolkenkrabber	((wolk)[N],(en)[N|N.Vx],(krab)[V],(er)[N|NxV.])[N]
wolkenlucht	((wolk)[N],(en)[N|N.N],(lucht)[N])[N]
wolkenmassa	((wolk)[N],(en)[N|N.N],(massa)[N])[N]
wolkennevel	((wolk)[N],(en)[N|N.N],(nevel)[N])[N]
wolkenpartij	((wolk)[N],(en)[N|N.N],(partij)[N])[N]
wolkensliert	((wolk)[N],(en)[N|N.N],(sliert)[N])[N]
wolkenveld	((wolk)[N],(en)[N|N.N],(veld)[N])[N]
wolkenzee	((wolk)[N],(en)[N|N.N],(zee)[N])[N]
wolkgevaarte	((wolk)[N],(gevaarte)[N])[N]
wolkig	((wolk)[N],(ig)[A|N.])[A]
wolkoper	((wol)[N],(koop)[V],(er)[N|NV.])[N]
wolkruid	((wol)[N],(kruid)[N])[N]
wollegoed	((wol)[N],(e)[N|N.N],(goed)[N])[N]
wollegras	((wol)[N],(e)[N|N.N],(gras)[N])[N]
wollen	((wol)[N],(en)[A|N.])[A]
wolletje	((wol)[N],(etje)[N|N.])[N]
wollig	((wol)[N],(ig)[A|N.])[A]
wolligheid	(((wol)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wolluis	((wol)[N],(luis)[N])[N]
wolmarkt	((wol)[N],(markt)[N])[N]
wolmerk	((wol)[N],(merk)[N])[N]
wolplukker	((wol)[N],(pluk)[V],(er)[N|NV.])[N]
wolproductie	((wol)[N],((produceer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
wolspinner	((wol)[N],(spin)[V],(er)[N|NV.])[N]
wolspinnerij	((wol)[N],(spin)[V],(erij)[N|NV.])[N]
wolspinster	((wol)[N],(s)[N|N.Vx],(pin)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
wolvee	((wol)[N],(vee)[N])[N]
wolven	(wolf)[V]
wolvenaard	((wolf)[N],(e)[N|N.N],(aard)[N])[N]
wolvenbeet	((wolf)[N],(e)[N|N.N],(beet)[N])[N]
wolvendak	((wolf)[N],(e)[N|N.N],(dak)[N])[N]
wolvenfamilie	((wolf)[N],(en)[N|N.N],(familie)[N])[N]
wolvenhuid	((wolf)[N],(e)[N|N.N],(huid)[N])[N]
wolvenjacht	((wolf)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
wolvenkind	((wolf)[N],(en)[N|N.N],(kind)[N])[N]
wolvenklem	((wolf)[N],(e)[N|N.N],(klem)[N])[N]
wolvenkudde	((wolf)[N],(en)[N|N.N],(kudde)[N])[N]
wolvenkuil	((wolf)[N],(e)[N|N.N],(kuil)[N])[N]
wolvenmuil	((wolf)[N],(e)[N|N.N],(muil)[N])[N]
wolvenspoor	((wolf)[N],(e)[N|N.N],(spoor)[N])[N]
wolventand	((wolf)[N],(e)[N|N.N],(tand)[N])[N]
wolvenvel	((wolf)[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
wolverver	((wol)[N],(verf)[V],(er)[N|NV.])[N]
wolververij	((wol)[N],(verf)[V],(erij)[N|NV.])[N]
wolvet	((wol)[N],(vet)[N])[N]
wolvin	((wolf)[N],(in)[N|N.])[N]
wolvlieg	((wol)[N],(vlieg)[N])[N]
wolwassen	((wol)[N],(was)[V])[V]
wolwever	((wol)[N],(weef)[V],(er)[N|NV.])[N]
wolweverij	((wol)[N],(weef)[V],(erij)[N|NV.])[N]
wolzak	((wol)[N],(zak)[N])[N]
wond	(wond)[A]
wonde	(wonde)[N]
wonden	(wond)[V]
wonder	(wonder)[N]
wonderbaarlijkheid	((wonderbaarlijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
wonderbeeld	((wonder)[N],(beeld)[N])[N]
wonderbloem	((wonder)[N],(bloem)[N])[N]
wonderboom	((wonder)[N],(boom)[N])[N]
wonderdaad	((wonder)[N],(daad)[N])[N]
wonderdadig	(((wonder)[N],(daad)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
wonderdadigheid	((((wonder)[N],(daad)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wonderdier	((wonder)[N],(dier)[N])[N]
wonderdoend	((wonder)[N],(doend)[V])[A]
wonderdoener	((wonder)[N],(doen)[N],(er)[N|NN.])[N]
wonderdoenster	((wonder)[N],(doe)[V],(ster)[N|NV.])[N]
wonderdokter	((wonder)[N],(dokter)[N])[N]
wonderen	(wonder)[V]
wondergoed	((wonder)[A],(goed)[A])[A]
wondergroot	((wonder)[A],(groot)[A])[A]
wonderinkt	((wonder)[N],(inkt)[N])[N]
wonderkind	((wonder)[N],(kind)[N])[N]
wonderklein	((wonder)[A],(klein)[A])[A]
wonderkracht	((wonder)[N],(kracht)[N])[N]
wonderkruid	((wonder)[N],(kruid)[N])[N]
wonderkuil	((wonder)[N],(kuil)[N])[N]
wonderlamp	((wonder)[N],(lamp)[N])[N]
wonderland	((wonder)[N],(land)[N])[N]
wonderlijk	((wonder)[N],(lijk)[A|N.])[A]
wonderlijkheid	(((wonder)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wondermacht	((wonder)[N],(macht)[N])[N]
wonderman	((wonder)[N],(man)[N])[N]
wondermiddel	((wonder)[N],(middel)[N])[N]
wondermooi	((wonder)[A],(mooi)[A])[A]
wonderolie	((wonder)[N],(olie)[N])[N]
wonderschoon	((wonder)[N],(schoon)[A])[A]
wonderspreuk	((wonder)[N],(spreuk)[N])[N]
wonderspreukig	(((wonder)[N],(spreuk)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
wonderteam	((wonder)[N],(team)[N])[N]
wonderteken	((wonder)[N],(teken)[N])[N]
wonderveel	((wonder)[A],(veel)[Q])[A]
wonderverhaal	((wonder)[N],(verhaal)[N])[N]
wonderwereld	((wonder)[N],(wereld)[N])[N]
wonderwerk	((wonder)[N],(werk)[N])[N]
wonderzalf	((wonder)[N],(zalf)[N])[N]
wondhaak	((wond)[N],(haak)[N])[N]
wondheelkunde	((wond)[N],((heel)[V],(kunde)[N])[N])[N]
wondheler	((wond)[N],(heel)[V],(er)[N|NV.])[N]
wondijzer	((wond)[N],(ijzer)[N])[N]
wondkoorts	((wond)[N],(koorts)[N])[N]
wondkramp	((wond)[N],(kramp)[N])[N]
wondroos	((wond)[N],(roos)[N])[N]
wondteken	((wond)[N],(teken)[N])[N]
wonen	(woon)[V]
woning	((woon)[V],(ing)[N|V.])[N]
woningaanbod	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(aanbod)[N])[N]
woningbedrijf	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(bedrijf)[N])[N]
woningbehoefte	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(behoefte)[N])[N]
woningbestand	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(bestand)[N])[N]
woningblok	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(blok)[N])[N]
woningbouw	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(bouw)[N])[N]
woningbouwcorporatie	((((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(bouw)[N])[N],(corporatie)[N])[N]
woningbouwprogramma	((((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(bouw)[N])[N],(programma)[N])[N]
woningbouwproject	((((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(bouw)[N])[N],(project)[N])[N]
woningbouwvereniging	((((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(bouw)[N])[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
woningbureau	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(bureau)[N])[N]
woningcommissie	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
woningcomplex	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(complex)[N])[N]
woningcorporatie	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(corporatie)[N])[N]
woningdeur	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(deur)[N])[N]
woningdichtheid	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],((dicht)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
woningdifferentiatie	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],((differentieer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
woningdistributie	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],((distribueer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
woninggids	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(gids)[N])[N]
woninghypotheek	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(hypotheek)[N])[N]
woninginrichting	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
woningkwaliteit	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(kwaliteit)[N])[N]
woningnood	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(nood)[N])[N]
woningprobleem	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(probleem)[N])[N]
woningruil	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(ruil)[N])[N]
woningtekort	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
woningtoestand	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(toestand)[N])[N]
woningtoezicht	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],((toe)[B],(zicht)[N])[N])[N]
woningverbetering	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
woningvoorraad	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(voorraad)[N])[N]
woningvraagstuk	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],((vraag)[N],(stuk)[N])[N])[N]
woningwet	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(wet)[N])[N]
woningwetbouw	((((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(wet)[N])[N],(bouw)[N])[N]
woningwetwoning	((((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(wet)[N])[N],((woon)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
woningzoekende	(((woon)[V],(ing)[N|V.])[N],(zoekend)[V],(e)[N|NV.])[N]
woon	(woon)[N]
woon-werkverkeer	((woon)[V],(werk)[V],(verkeer)[N])[N]
woonachtig	((woon)[V],(achtig)[A|V.])[A]
woonark	((woon)[V],(ark)[N])[N]
woonblok	((woon)[V],(blok)[N])[N]
woonboerderij	((woon)[V],((boer)[V],(derij)[N|V.])[N])[N]
woonboot	((woon)[V],(boot)[N])[N]
wooncomfort	((woon)[V],(comfort)[N])[N]
wooneenheid	((woon)[V],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
woonerf	((woon)[V],(erf)[N])[N]
woongebied	((woon)[V],(gebied)[N])[N]
woongedeelte	((woon)[V],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
woongemeenschap	((woon)[V],((gemeen)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
woongroep	((woon)[V],(groep)[N])[N]
woonhuis	((woon)[V],(huis)[N])[N]
woonkamer	((woon)[V],(kamer)[N])[N]
woonkazerne	((woon)[V],(kazerne)[N])[N]
woonkern	((woon)[V],(kern)[N])[N]
woonkeuken	((woon)[V],(keuken)[N])[N]
woonkuil	((woon)[V],(kuil)[N])[N]
woonlaag	((woon)[V],(laag)[N])[N]
woonlasten	((woon)[V],(last)[N])[N]
woonomgeving	((woon)[V],((omgeef)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
woonoord	((woon)[V],(oord)[N])[N]
woonplaats	((woon)[V],(plaats)[N])[N]
woonplaatskeuze	(((woon)[V],(plaats)[N])[N],(keuze)[N])[N]
woonruimte	((woon)[V],((ruim)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
woonschip	((woon)[V],(schip)[N])[N]
woonsector	((woon)[V],(sector)[N])[N]
woonsilo	((woon)[V],(silo)[N])[N]
woonst	((woon)[V],(st)[N|V.])[N]
woonstad	((woon)[V],(stad)[N])[N]
woonstad	((woon)[V],(stee)[N])[N]
woonstede	((woon)[V],(stede)[N])[N]
woonvergunning	((woon)[V],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
woonvertrek	((woon)[V],(vertrek)[N])[N]
woonvorm	((woon)[V],(vorm)[N])[N]
woonwagen	((woon)[V],(wagen)[N])[N]
woonwagenbewoner	(((woon)[V],(wagen)[N])[N],((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
woonwagencentrum	(((woon)[V],(wagen)[N])[N],(centrum)[N])[N]
woonwagenkamp	(((woon)[V],(wagen)[N])[N],(kamp)[N])[N]
woonwagenwerk	(((woon)[V],(wagen)[N])[N],(werk)[N])[N]
woonwarenhuis	((woon)[V],((waar)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N])[N]
woonwijk	((woon)[V],(wijk)[N])[N]
woord	(woord)[N]
woordaccent	((woord)[N],(accent)[N])[N]
woordafleiding	((woord)[N],(((af)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
woordarm	((woord)[N],(arm)[A])[A]
woordassociatie	((woord)[N],(associeer)[V],(atie)[N|NV.])[N]
woordbeeld	((woord)[N],(beeld)[N])[N]
woordbetekenis	((woord)[N],(betekenis)[N])[N]
woordblind	((woord)[N],(blind)[A])[A]
woordblindheid	(((woord)[N],(blind)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
woordbreekster	((woord)[N],(breek)[V],(ster)[N|NV.])[N]
woordbreker	((woord)[N],(breek)[V],(er)[N|NV.])[N]
woordbreuk	((woord)[N],(breuk)[N])[N]
woordbuiging	((woord)[N],((buig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
woorddienst	((woord)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
woorddoofheid	((woord)[N],((doof)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
woordelijk	((woord)[N],(elijk)[A|N.])[A]
woordeloos	((woord)[N],(eloos)[A|N.])[A]
woordenarm	((woord)[N],(en)[A|N.A],(arm)[A])[A]
woordenboek	((woord)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N]
woordenkennis	((woord)[N],(en)[N|N.N],(kennis)[N])[N]
woordenkeus	((woord)[N],(en)[N|N.N],(keus)[N])[N]
woordenkraam	((woord)[N],(en)[N|N.N],(kraam)[N])[N]
woordenlijst	((woord)[N],(en)[N|N.N],(lijst)[N])[N]
woordenpraal	((woord)[N],(en)[N|N.N],(praal)[N])[N]
woordenrijk	((woord)[N],(en)[A|N.A],(rijk)[A])[A]
woordenrijkdom	((woord)[N],(en)[N|N.N],((rijk)[A],(dom)[N|A.])[N])[N]
woordenrijkheid	(((woord)[N],(en)[A|N.A],(rijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
woordenschat	((woord)[N],(en)[N|N.N],(schat)[N])[N]
woordenspel	((woord)[N],(en)[N|N.N],(spel)[N])[N]
woordenstrijd	((woord)[N],(en)[N|N.N],(strijd)[N])[N]
woordenstroom	((woord)[N],(en)[N|N.N],(stroom)[N])[N]
woordentolk	((woord)[N],(en)[N|N.N],(tolk)[N])[N]
woordentwist	((woord)[N],(en)[N|N.N],(twist)[N])[N]
woordenvloed	((woord)[N],(en)[N|N.N],(vloed)[N])[N]
woordenwisseling	((woord)[N],(en)[N|N.N],((wissel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
woordenziften	((woord)[N],(en)[V|N.V],(zift)[V])[V]
woordenzifter	(((woord)[N],(en)[V|N.V],(zift)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
woordfamilie	((woord)[N],(familie)[N])[N]
woordfrequentie	((woord)[N],((frequent)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
woordgebruik	((woord)[N],(gebruik)[N])[N]
woordgeografie	((woord)[N],((geografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
woordgeslacht	((woord)[N],(geslacht)[N])[N]
woordgetrouw	((woord)[N],(getrouw)[A])[A]
woordgroep	((woord)[N],(groep)[N])[N]
woordhouder	((woord)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
woordkeus	((woord)[N],(keus)[N])[N]
woordkeuze	((woord)[N],(keuze)[N])[N]
woordkoppeling	((woord)[N],((koppel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
woordkunst	((woord)[N],(kunst)[N])[N]
woordkunstenaar	(((woord)[N],(kunst)[N])[N],(enaar)[N|N.])[N]
woordloos	((woord)[N],(loos)[A|N.])[A]
woordontleding	((woord)[N],(ontleed)[V],(ing)[N|NV.])[N]
woordorde	((woord)[N],(orde)[N])[N]
woordraadsel	((woord)[N],((raad)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
woordschikking	((woord)[N],(schik)[V],(ing)[N|NV.])[N]
woordsoort	((woord)[N],(soort)[N])[N]
woordspeling	((woord)[N],(speel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
woordtarief	((woord)[N],(tarief)[N])[N]
woordteken	((woord)[N],(teken)[N])[N]
woordtoon	((woord)[N],(toon)[N])[N]
woordveld	((woord)[N],(veld)[N])[N]
woordverbinding	((woord)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
woordverklaring	((woord)[N],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|NV.])[N]
woordvoerder	((woord)[N],(voer)[V],(der)[N|NV.])[N]
woordvoerster	((woord)[N],(voer)[V],(ster)[N|NV.])[N]
woordvolgorde	((woord)[N],((volg)[V],(orde)[N])[N])[N]
woordvoorraad	((woord)[N],(voorraad)[N])[N]
woordvorm	((woord)[N],(vorm)[N])[N]
woordvorming	((woord)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
worden	(word)[V]
wording	((word)[V],(ing)[N|V.])[N]
wordingsgeschiedenis	(((word)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
wordingsleer	(((word)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
wordingsproces	(((word)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
worg	(worg)[N]
worgen	(worg)[V]
worgengel	((worg)[V],(engel)[N])[N]
worger	((worg)[V],(er)[N|V.])[N]
worggreep	((worg)[V],(greep)[N])[N]
worging	((worg)[V],(ing)[N|V.])[N]
worgkoord	((worg)[V],(koord)[N])[N]
worgpaal	((worg)[V],(paal)[N])[N]
worm	(worm)[N]
wormachtig	((worm)[N],(achtig)[A|N.])[A]
wormenzoeker	((worm)[N],(en)[N|N.Vx],(zoek)[V],(er)[N|NxV.])[N]
wormgat	((worm)[N],(gat)[N])[N]
wormhaak	((worm)[N],(haak)[N])[N]
wormig	((worm)[N],(ig)[A|N.])[A]
worminfectie	((worm)[N],((infect)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
wormkoekje	((worm)[N],(koek)[N])[N]
wormkruid	((worm)[N],(kruid)[N])[N]
wormmiddel	((worm)[N],(middel)[N])[N]
wormsteek	((worm)[N],(steek)[N])[N]
wormstekig	(((worm)[N],(steek)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
wormstekigheid	((((worm)[N],(steek)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wormverdrijvend	((worm)[N],((ver)[V|.V],(drijf)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
wormvormig	((worm)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
wormwiel	((worm)[N],(wiel)[N])[N]
wormziekte	((worm)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
worp	(worp)[N]
worst	(worst)[N]
worstelaar	((worstel)[V],(aar)[N|V.])[N]
worstelen	(worstel)[V]
worsteling	((worstel)[V],(ing)[N|V.])[N]
worstelkunst	((worstel)[V],(kunst)[N])[N]
worstelpartij	((worstel)[V],(partij)[N])[N]
worstelperk	((worstel)[V],(perk)[N])[N]
worstelspel	((worstel)[V],(spel)[N])[N]
worstelstrijd	((worstel)[V],(strijd)[N])[N]
worstelwedstrijd	((worstel)[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
worstenbroodje	((worst)[N],(e)[N|N.N],(brood)[N])[N]
worstenpen	((worst)[N],(e)[N|N.N],(pen)[N])[N]
worsthoorntje	((worst)[N],(hoorn)[N])[N]
worsthorentje	((worst)[N],(horen)[N])[N]
worstmachine	((worst)[N],(machine)[N])[N]
worstvergiftiging	((worst)[N],(((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
worstvingers	((worst)[N],(vinger)[N])[N]
worstvormig	((worst)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
wort	(wort)[N]
wortel	(wortel)[N]
wortelboom	((wortel)[N],(boom)[N])[N]
wortelbrand	((wortel)[N],(brand)[N])[N]
worteldraad	((wortel)[N],(draad)[N])[N]
worteldruk	((wortel)[N],(druk)[N])[N]
wortelen	(wortel)[V]
wortelexponent	((wortel)[N],((exponeer)[V],(ent)[N|V.])[N])[N]
wortelgetal	((wortel)[N],(getal)[N])[N]
wortelgewas	((wortel)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
wortelgrootheid	((wortel)[N],((groot)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
wortelhaar	((wortel)[N],(haar)[N])[N]
wortelhout	((wortel)[N],(hout)[N])[N]
wortelhouten	(((wortel)[N],(hout)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
wortelig	((wortel)[N],(ig)[A|N.])[A]
wortelloof	((wortel)[N],(loof)[N])[N]
wortelmuts	((wortel)[N],(muts)[N])[N]
wortelnoten	((wortel)[N],((noot)[N],(en)[A|N.])[A])[A]
wortelschietend	((wortel)[N],(schiet)[V],(end)[A|NV.])[A]
wortelstandig	((wortel)[N],(stand)[N],(ig)[A|NN.])[A]
wortelstelsel	((wortel)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
wortelstok	((wortel)[N],(stok)[N])[N]
worteltafel	((wortel)[N],(tafel)[N])[N]
wortelteken	((wortel)[N],(teken)[N])[N]
worteltrekken	((wortel)[N],(trek)[V])[V]
worteltrekking	(((wortel)[N],(trek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
wortelvorm	((wortel)[N],(vorm)[N])[N]
wortelvormig	((wortel)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
wortelwoord	((wortel)[N],(woord)[N])[N]
woud	(woud)[N]
woudduif	((woud)[N],(duif)[N])[N]
woudduivel	((woud)[N],(duivel)[N])[N]
woudeik	((woud)[N],(eik)[N])[N]
woudezel	((woud)[N],(ezel)[N])[N]
woudgebergte	((woud)[N],((ge)[N|.Nx],(berg)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
woudloper	((woud)[N],(loop)[V],(er)[N|NV.])[N]
woudreus	((woud)[N],(reus)[N])[N]
woudvogel	((woud)[N],(vogel)[N])[N]
wout	(wout)[N]
wouterman	((wouter)[N],(man)[N])[N]
wouw	(wouw)[N]
wow	(wow)[N]
wraak	(wraak)[N]
wraakactie	((wraak)[N],(actie)[N])[N]
wraakbaar	((wraak)[V],(baar)[A|V.])[A]
wraakengel	((wraak)[N],(engel)[N])[N]
wraakgevoel	((wraak)[N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
wraakgierig	((wraak)[N],(gierig)[A])[A]
wraakgierigheid	(((wraak)[N],(gierig)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
wraakgodin	((wraak)[N],((god)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
wraakgoed	((wraak)[V],(goed)[N])[N]
wraakharing	((wraak)[N],(haring)[N])[N]
wraaklust	((wraak)[N],(lust)[N])[N]
wraakneming	((wraak)[N],(neem)[V],(ing)[N|NV.])[N]
wraakoefening	((wraak)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wraakroepend	((wraak)[N],(roep)[V],(end)[A|NV.])[A]
wraakzucht	((wraak)[N],(zucht)[N])[N]
wraakzuchtig	((wreek)[V],(zucht)[N],(ig)[A|VN.])[A]
wrak	(wrak)[N]
wraken	(wraak)[V]
wrakgoed	((wrak)[N],(goed)[N])[N]
wrakhout	((wrak)[N],(hout)[N])[N]
wraking	((wraak)[V],(ing)[N|V.])[N]
wrakkig	((wrak)[A],(ig)[A|A.])[A]
wrakstuk	((wrak)[N],(stuk)[N])[N]
wrang	(wrang)[N]
wrangheid	((wrang)[A],(heid)[N|A.])[N]
wrangwortel	((wrang)[A],(wortel)[N])[N]
wrat	(wrat)[N]
wratachtig	((wrat)[N],(achtig)[A|N.])[A]
wrattenkruid	((wrat)[N],(en)[N|N.N],(kruid)[N])[N]
wrattig	((wrat)[N],(ig)[A|N.])[A]
wratziekte	((wrat)[N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
wreed	(wreed)[A]
wreedaard	((wreed)[A],(aard)[N|A.])[N]
wreedaardig	(((wreed)[A],(aard)[N|A.])[N],(ig)[A|N.])[A]
wreedaardigheid	((((wreed)[A],(aard)[N|A.])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wreedheid	((wreed)[A],(heid)[N|A.])[N]
wreedteder	((wreed)[A],(teder)[A])[A]
wreef	(wreef)[N]
wreekster	((wreek)[V],(ster)[N|V.])[N]
wreken	(wreek)[V]
wreker	((wreek)[V],(er)[N|V.])[N]
wreking	((wreek)[V],(ing)[N|V.])[N]
wrensen	(wrens)[V]
wrevel	(wrevel)[N]
wreveldaad	((wrevel)[A],(daad)[N])[N]
wrevelig	((wrevel)[N],(ig)[A|N.])[A]
wreveligheid	(((wrevel)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wrevelmoed	((wrevel)[A],(moed)[N])[N]
wrevelmoedig	(((wrevel)[A],(moed)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
wrevelmoedigheid	((((wrevel)[A],(moed)[N])[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
wriemelen	(wriemel)[V]
wriemeling	((wriemel)[V],(ing)[N|V.])[N]
wrijfbak	((wrijf)[V],(bak)[N])[N]
wrijfbeweging	((wrijf)[V],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
wrijfdoek	((wrijf)[V],(doek)[N])[N]
wrijfecht	((wrijf)[V],(echt)[A])[A]
wrijfgoed	((wrijf)[V],(goed)[N])[N]
wrijfhout	((wrijf)[V],(hout)[N])[N]
wrijfkussen	((wrijf)[V],(kussen)[N])[N]
wrijflap	((wrijf)[V],(lap)[N])[N]
wrijfmolen	((wrijf)[V],(molen)[N])[N]
wrijfpaal	((wrijf)[V],(paal)[N])[N]
wrijfsteen	((wrijf)[V],(steen)[N])[N]
wrijfwas	((wrijf)[V],(was)[N])[N]
wrijven	(wrijf)[V]
wrijving	((wrijf)[V],(ing)[N|V.])[N]
wrijvingscoëfficiënt	(((wrijf)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(coëfficiënt)[N])[N]
wrijvingselektriciteit	(((wrijf)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((elektrisch)[A],(iciteit)[N|A.])[N])[N]
wrijvingshitte	(((wrijf)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hitte)[N])[N]
wrijvingshoek	(((wrijf)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(hoek)[N])[N]
wrijvingsmeter	(((wrijf)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],(meet)[V],(er)[N|NxV.])[N]
wrijvingsvlak	(((wrijf)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(vlak)[N])[N]
wrijvingsweerstand	(((wrijf)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(weerstand)[N])[N]
wrikbaar	((wrik)[V],(baar)[A|V.])[A]
wrikken	(wrik)[V]
wrikriem	((wrik)[V],(riem)[N])[N]
wringen	(wring)[V]
wringer	((wring)[V],(er)[N|V.])[N]
wringing	((wring)[V],(ing)[N|V.])[N]
wringmachine	((wring)[V],(machine)[N])[N]
wrochten	(wrocht)[V]
wroegen	(wroeg)[V]
wroeging	((wroeg)[V],(ing)[N|V.])[N]
wroeten	(wroet)[V]
wroeter	((wroet)[V],(er)[N|V.])[N]
wrok	(wrok)[N]
wrokken	(wrok)[V]
wrokkig	((wrok)[N],(ig)[A|N.])[A]
wrong	(wrong)[N]
wrongel	(wrongel)[N]
wrongelen	(wrongel)[V]
wrongstuk	((wrong)[N],(stuk)[N])[N]
wuft	(wuft)[A]
wuftheid	((wuft)[A],(heid)[N|A.])[N]
wui	(wui)[N]
wuit	(wuit)[N]
wuiven	(wuif)[V]
wuiving	((wuif)[V],(ing)[N|V.])[N]
wulf	(wulf)[N]
wulk	(wulk)[N]
wulp	(wulp)[N]
wulpennest	((wulp)[N],(e)[N|N.N],(nest)[N])[N]
wulpsheid	((wulps)[A],(heid)[N|A.])[N]
wurgen	(wurg)[V]
wurger	((wurg)[V],(er)[N|V.])[N]
wurggreep	((wurg)[V],(greep)[N])[N]
wurging	((wurg)[V],(ing)[N|V.])[N]
wurgkoord	((wurg)[V],(koord)[N])[N]
wurgpaal	((wurg)[V],(paal)[N])[N]
wurgstokje	((wurg)[V],(stok)[N])[N]
wurm	(wurm)[N]
wurmen	(wurm)[V]
wurmerij	((wurm)[V],(erij)[N|V.])[N]
wyandotte	(wyandotte)[N]
wybertje	(wybert)[N]
x	(x)[N]
x-aantal	((x)[N],((aan)[P],(tal)[N])[N])[N]
x-as	((x)[N],(as)[N])[N]
x-benen	((x)[N],(been)[N])[N]
x-chromosoom	((x)[N],(chromosoom)[N])[N]
x-eenheid	((x)[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
x-foto	((x)[N],(foto)[N])[N]
x-stralen	((x)[N],(straal)[N])[N]
xenofobie	((xeno)[N|.N],((fobisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
xenofobisch	((xenofoob)[N],(isch)[A|N.])[A]
xenomanie	((xeno)[N|.N],((manisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
xereswijn	((xeres)[N],(wijn)[N])[N]
xeroxapparaat	((xerox)[N],(apparaat)[N])[N]
xylofonist	((xylofoon)[N],(ist)[N|N.])[N]
y-as	((y)[N],(as)[N])[N]
y-chromosoom	((y)[N],(chromosoom)[N])[N]
yalesleutel	((Yale)[N],(sleutel)[N])[N]
yaleslot	((Yale)[N],(slot)[N])[N]
yam	(yam)[N]
yamswortel	((yam)[N],(s)[N|N.N],(wortel)[N])[N]
yang	(yang)[N]
yangkracht	((yang)[N],(kracht)[N])[N]
yank	(yank)[N]
yankee	(yankee)[N]
yankeedollar	((yankee)[N],(dollar)[N])[N]
yard	(yard)[N]
yawl	(yawl)[N]
yell	(yell)[N]
yen	(yen)[N]
yin	(yin)[N]
yoga	(yoga)[N]
yogaoefening	((yoga)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
yogatraining	((yoga)[N],((train)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
yoghurt	(yoghurt)[N]
yoghurtplantje	((yoghurt)[N],(plant)[N])[N]
ypsilon	(ypsilon)[N]
yttrium	(yttrium)[N]
yuca	(yuca)[N]
yucca	(yucca)[N]
z	(z)[N]
z-as	(Z-as)[N]
z-opleiding	((z)[N],(((op)[P],(leid)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
z-vorm	((z)[N],(vorm)[N])[N]
zaad	(zaad)[N]
zaadbakje	((zaad)[N],(bak)[N])[N]
zaadbal	((zaad)[N],(bal)[N])[N]
zaadbank	((zaad)[N],(bank)[N])[N]
zaadbed	((zaad)[N],(bed)[N])[N]
zaadbol	((zaad)[N],(bol)[N])[N]
zaadbolster	((zaad)[N],(bolster)[N])[N]
zaadbuis	((zaad)[N],(buis)[N])[N]
zaadcel	((zaad)[N],(cel)[N])[N]
zaaddodend	((zaad)[N],(dood)[V],(end)[A|NV.])[A]
zaaddonor	((zaad)[N],(donor)[N])[N]
zaaddoos	((zaad)[N],(doos)[N])[N]
zaaddraad	((zaad)[N],(draad)[N])[N]
zaaddragend	((zaad)[N],(draag)[V],(end)[A|NV.])[A]
zaaddrager	((zaad)[N],(draag)[V],(er)[N|NV.])[N]
zaadgoed	((zaad)[N],(goed)[N])[N]
zaadhandel	((zaad)[N],(handel)[N])[N]
zaadhandelaar	((zaad)[N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
zaadhuid	((zaad)[N],(huid)[N])[N]
zaadhuisje	((zaad)[N],(huis)[N])[N]
zaadkern	((zaad)[N],(kern)[N])[N]
zaadkiem	((zaad)[N],(kiem)[N])[N]
zaadknop	((zaad)[N],(knop)[N])[N]
zaadkorrel	((zaad)[N],(korrel)[N])[N]
zaadkwekerij	((zaad)[N],(kweek)[V],(erij)[N|NV.])[N]
zaadleider	((zaad)[N],(leid)[V],(er)[N|NV.])[N]
zaadlob	((zaad)[N],(lob)[N])[N]
zaadloos	((zaad)[N],(loos)[A|N.])[A]
zaadlozing	((zaad)[N],((loos)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zaadmengsel	((zaad)[N],((meng)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
zaadolie	((zaad)[N],(olie)[N])[N]
zaadpacht	((zaad)[N],(pacht)[N])[N]
zaadpluis	((zaad)[N],(pluis)[N])[N]
zaadstorting	((zaad)[N],(stort)[V],(ing)[N|NV.])[N]
zaadstreng	((zaad)[N],(streng)[N])[N]
zaadteelt	((zaad)[N],(teelt)[N])[N]
zaaduitstorting	((zaad)[N],((uit)[P],(stort)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
zaadvast	((zaad)[N],(vast)[A])[A]
zaadvloeistof	((zaad)[N],((vloei)[V],(stof)[N])[N])[N]
zaadwinkel	((zaad)[N],(winkel)[N])[N]
zaadzolder	((zaad)[N],(zolder)[N])[N]
zaag	(zaag)[N]
zaagachtig	((zaag)[N],(achtig)[A|N.])[A]
zaagbank	((zaag)[V],(bank)[N])[N]
zaagbek	((zaag)[N],(bek)[N])[N]
zaagbeugel	((zaag)[N],(beugel)[N])[N]
zaagblad	((zaag)[N],(blad)[N])[N]
zaagbok	((zaag)[N],(bok)[N])[N]
zaagdak	((zaag)[N],(dak)[N])[N]
zaaggeleider	((zaag)[N],((ge)[V|.V],(leid)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
zaaghout	((zaag)[V],(hout)[N])[N]
zaagmachine	((zaag)[V],(machine)[N])[N]
zaagmeel	((zaag)[V],(meel)[N])[N]
zaagmolen	((zaag)[V],(molen)[N])[N]
zaagmolm	((zaag)[V],(molm)[N])[N]
zaagraam	((zaag)[N],(raam)[N])[N]
zaagsel	((zaag)[V],(sel)[N|V.])[N]
zaagsnede	((zaag)[V],(snede)[N])[N]
zaagstoel	((zaag)[V],(stoel)[N])[N]
zaagtafel	((zaag)[V],(tafel)[N])[N]
zaagtand	((zaag)[N],(tand)[N])[N]
zaagvijl	((zaag)[N],(vijl)[N])[N]
zaagvis	((zaag)[N],(vis)[N])[N]
zaagvormig	((zaag)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
zaagzalm	((zaag)[N],(zalm)[N])[N]
zaai	(zaai)[N]
zaaibak	((zaai)[V],(bak)[N])[N]
zaaibed	((zaai)[V],(bed)[N])[N]
zaaibloem	((zaai)[V],(bloem)[N])[N]
zaaibreedte	((zaai)[V],((breed)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
zaaidiepte	((zaai)[V],((diep)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
zaaien	(zaai)[V]
zaaier	((zaai)[V],(er)[N|V.])[N]
zaaigoed	((zaai)[V],(goed)[N])[N]
zaaigraan	((zaai)[V],(graan)[N])[N]
zaaiing	((zaai)[V],(ing)[N|V.])[N]
zaaikistje	((zaai)[V],(kist)[N])[N]
zaaikoren	((zaai)[V],(koren)[N])[N]
zaaikorf	((zaai)[V],(korf)[N])[N]
zaailand	((zaai)[V],(land)[N])[N]
zaailing	((zaai)[V],(ling)[N|V.])[N]
zaaimaand	((zaai)[V],(maand)[N])[N]
zaaimachine	((zaai)[V],(machine)[N])[N]
zaaioester	((zaai)[V],(oester)[N])[N]
zaaisel	((zaai)[V],(sel)[N|V.])[N]
zaaitijd	((zaai)[V],(tijd)[N])[N]
zaaiveld	((zaai)[V],(veld)[N])[N]
zaaizaad	((zaai)[V],(zaad)[N])[N]
zaaizak	((zaai)[V],(zak)[N])[N]
zaak	(zaak)[N]
zaakbezorger	((zaak)[N],(((be)[V|.V],(zorg)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zaakgeheugen	((zaak)[N],(geheugen)[N])[N]
zaakkennis	((zaak)[N],(kennis)[N])[N]
zaakkundig	((zaak)[N],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
zaaknaam	((zaak)[N],(naam)[N])[N]
zaakonderwijs	((zaak)[N],(onderwijs)[N])[N]
zaakpapieren	((zaak)[N],(papier)[N])[N]
zaakregister	((zaak)[N],(register)[N])[N]
zaakrijk	((zaak)[N],(rijk)[A])[A]
zaakrijkheid	(((zaak)[N],(rijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
zaaksgevolg	((zaak)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(volg)[V])[N])[N]
zaakvak	((zaak)[N],(vak)[N])[N]
zaakvoerder	((zaak)[N],(voer)[V],(der)[N|NV.])[N]
zaakvorming	((zaak)[N],(vorm)[V],(ing)[N|NV.])[N]
zaakwaarnemer	((zaak)[N],(waarneem)[V],(er)[N|NV.])[N]
zaakwaarneming	((zaak)[N],(waarneem)[V],(ing)[N|NV.])[N]
zaakwoordenboek	((zaak)[N],((woord)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N])[N]
zaal	(zaal)[N]
zaalachtig	((zaal)[N],(achtig)[A|N.])[A]
zaalarts	((zaal)[N],(arts)[N])[N]
zaalchef	((zaal)[N],(chef)[N])[N]
zaaldeur	((zaal)[N],(deur)[N])[N]
zaalhandbal	((zaal)[N],((hand)[N],(bal)[N])[N])[N]
zaalhockey	((zaal)[N],(hockey)[N])[N]
zaalhuur	((zaal)[N],(huur)[N])[N]
zaalpatiënt	((zaal)[N],(patiënt)[N])[N]
zaalpatiënte	(((zaal)[N],(patiënt)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
zaalsport	((zaal)[N],(sport)[N])[N]
zaalvisite	((zaal)[N],(visite)[N])[N]
zaalvoetbal	((zaal)[N],((voet)[N],(bal)[N])[N])[N]
zaalwachter	((zaal)[N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zaalzuster	((zaal)[N],(zuster)[N])[N]
zaan	(zaan)[N]
zabbelaar	((zabbel)[V],(aar)[N|V.])[N]
zabbelen	(zabbel)[V]
zabberaar	((zabber)[V],(aar)[N|V.])[N]
zabberdoek	((zabber)[V],(doek)[N])[N]
zabberen	(zabber)[V]
zacht	(zacht)[A]
zachtaardig	((zacht)[A],(aard)[N],(ig)[A|AN.])[A]
zachtaardigheid	(((zacht)[A],(aard)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zachtblauw	((zacht)[A],(blauw)[A])[A]
zachtboard	((zacht)[A],(board)[N])[N]
zachtgeel	((zacht)[A],(geel)[A])[A]
zachtgrijs	((zacht)[A],(grijs)[A])[A]
zachtharig	((zacht)[A],(haar)[N],(ig)[A|AN.])[A]
zachtheid	((zacht)[A],(heid)[N|A.])[N]
zachthout	((zacht)[A],(hout)[N])[N]
zachtkort	((zacht)[A],(kort)[A])[A]
zachtlang	((zacht)[A],(lang)[A])[A]
zachtmoedig	((zacht)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
zachtmoedigheid	(((zacht)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zachtwerkend	((zacht)[A],(werk)[V],(end)[A|AV.])[A]
zachtzinnigheid	(((zacht)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zachtzuur	((zacht)[A],(zuur)[A])[A]
zadel	(zadel)[N]
zadelboog	((zadel)[N],(boog)[N])[N]
zadeldak	((zadel)[N],(dak)[N])[N]
zadeldek	((zadel)[N],(dek)[N])[N]
zadelen	(zadel)[V]
zadelgewricht	((zadel)[N],(gewricht)[N])[N]
zadelkleed	((zadel)[N],(kleed)[N])[N]
zadelknop	((zadel)[N],(knop)[N])[N]
zadelkussen	((zadel)[N],(kussen)[N])[N]
zadelmaakster	((zadel)[N],(maak)[V],(ster)[N|NV.])[N]
zadelmaker	((zadel)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
zadelmakerij	((zadel)[N],(maak)[V],(erij)[N|NV.])[N]
zadelpaard	((zadel)[N],(paard)[N])[N]
zadelpijn	((zadel)[N],(pijn)[N])[N]
zadelpunt	((zadel)[N],(punt)[N])[N]
zadelriem	((zadel)[N],(riem)[N])[N]
zadelrug	((zadel)[N],(rug)[N])[N]
zadelstuk	((zadel)[V],(stuk)[N])[N]
zadeltas	((zadel)[N],(tas)[N])[N]
zadeltuig	((zadel)[N],(tuig)[N])[N]
zadelvast	((zadel)[N],(vast)[A])[A]
zageman	((zaag)[V],(e)[N|V.N],(man)[N])[N]
zagen	(zaag)[V]
zager	((zaag)[V],(er)[N|V.])[N]
zagerij	((zaag)[V],(erij)[N|V.])[N]
zagersbok	(((zaag)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bok)[N])[N]
zak	(zak)[N]
zakagenda	((zak)[N],(agenda)[N])[N]
zakalmanak	((zak)[N],(almanak)[N])[N]
zakapotheek	((zak)[N],(apotheek)[N])[N]
zakatlas	((zak)[N],(atlas)[N])[N]
zakband	((zak)[N],(band)[N])[N]
zakbijbel	((zak)[N],(bijbel)[N])[N]
zakboekje	((zak)[N],(boek)[N])[N]
zakbreuk	((zak)[N],(breuk)[N])[N]
zakcent	((zak)[N],(cent)[N])[N]
zakdoek	((zak)[N],(doek)[N])[N]
zakduit	((zak)[N],(duit)[N])[N]
zakeditie	((zak)[N],(editie)[N])[N]
zakelijk	((zaak)[N],(elijk)[A|N.])[A]
zakelijkheid	(((zaak)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zakenadres	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(adres)[N])[N]
zakenauto	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(auto)[N])[N]
zakenbelang	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(belang)[N])[N]
zakenbespreking	((zaak)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(spreek)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
zakenblad	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(blad)[N])[N]
zakenbrief	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(brief)[N])[N]
zakencentrum	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(centrum)[N])[N]
zakendiner	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(diner)[N])[N]
zakengeheim	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(geheim)[N])[N]
zakengesprek	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(gesprek)[N])[N]
zakeninstinct	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(instinct)[N])[N]
zakenjongen	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
zakenkabinet	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(kabinet)[N])[N]
zakenkostuum	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(kostuum)[N])[N]
zakenkring	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(kring)[N])[N]
zakenleven	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(leven)[N])[N]
zakenlunch	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(lunch)[N])[N]
zakenman	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(man)[N])[N]
zakenmens	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(mens)[N])[N]
zakenpand	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(pand)[N])[N]
zakenpartner	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(partner)[N])[N]
zakenrecht	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(recht)[N])[N]
zakenreis	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(reis)[N])[N]
zakenrelatie	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(relatie)[N])[N]
zakenvriend	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(vriend)[N])[N]
zakenvrouw	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
zakenwereld	((zaak)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
zaketui	((zak)[N],(etui)[N])[N]
zakflacon	((zak)[N],(flacon)[N])[N]
zakformaat	((zak)[N],((formeer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
zakgeld	((zak)[N],(geld)[N])[N]
zakhorloge	((zak)[N],(horloge)[N])[N]
zakjapanner	((zak)[N],(japanner)[N])[N]
zakkam	((zak)[N],(kam)[N])[N]
zakken	(zak)[V]
zakkendrager	((zak)[N],(en)[N|N.Vx],(draag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
zakkengoed	((zak)[N],(en)[N|N.N],(goed)[N])[N]
zakkenlinnen	((zak)[N],(en)[N|N.N],(linnen)[N])[N]
zakkenrollen	((zak)[N],(en)[V|N.V],(rol)[V])[V]
zakkenroller	(((zak)[N],(en)[V|N.V],(rol)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
zakkenrollerij	(((zak)[N],(en)[V|N.V],(rol)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
zakkenvuller	((zak)[N],(en)[N|N.Vx],(vul)[V],(er)[N|NxV.])[N]
zakkenwasser	((zak)[N],(en)[N|N.Vx],(was)[V],(er)[N|NxV.])[N]
zakkerig	((zak)[N],(erig)[A|N.])[A]
zakkig	((zak)[N],(ig)[A|N.])[A]
zakkigheid	(((zak)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zakkijker	((zak)[N],((kijk)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zakking	((zak)[V],(ing)[N|V.])[N]
zakklep	((zak)[N],(klep)[N])[N]
zaklamp	((zak)[N],(lamp)[N])[N]
zaklantaarn	((zak)[N],(lantaarn)[N])[N]
zaklantaren	((zak)[N],(lantaren)[N])[N]
zaklopen	((zak)[N],(loop)[V])[V]
zakmes	((zak)[N],(mes)[N])[N]
zakmuis	((zak)[N],(muis)[N])[N]
zakschaakspel	((zak)[N],((schaak)[A],(spel)[N])[N])[N]
zakschaartje	((zak)[N],(schaar)[N])[N]
zaksel	((zak)[V],(sel)[N|V.])[N]
zakspiegel	((zak)[N],(spiegel)[N])[N]
zakspin	((zak)[N],(spin)[N])[N]
zakstoten	((zak)[N],(stoot)[V])[V]
zakuitgave	((zak)[N],(uitgave)[N])[N]
zakuurwerk	((zak)[N],((uur)[N],(werk)[N])[N])[N]
zakvormig	((zak)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
zakwater	((zak)[V],(water)[N])[N]
zakwoordenboek	((zak)[N],((woord)[N],(en)[N|N.N],(boek)[N])[N])[N]
zalf	(zalf)[N]
zalfachtig	((zalf)[N],(achtig)[A|N.])[A]
zalfolie	((zalf)[V],(olie)[N])[N]
zalfpot	((zalf)[N],(pot)[N])[N]
zaligheid	((zalig)[A],(heid)[N|A.])[N]
zaliging	((zalig)[V],(ing)[N|V.])[N]
zaligmakend	((zalig)[A],(maak)[V],(end)[A|AV.])[A]
zaligmaking	((zalig)[A],(maak)[V],(ing)[N|AV.])[N]
zaligspreking	((zalig)[A],(spreek)[V],(ing)[N|AV.])[N]
zaligverklaring	((zalig)[A],((ver)[V|.A],(klaar)[A])[V],(ing)[N|AV.])[N]
zalm	(zalm)[N]
zalmachtig	((zalm)[N],(achtig)[A|N.])[A]
zalmforel	((zalm)[N],(forel)[N])[N]
zalmkleur	((zalm)[N],(kleur)[N])[N]
zalmkleurig	((zalm)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
zalmkwekerij	((zalm)[N],(kweek)[V],(erij)[N|NV.])[N]
zalmrokerij	((zalm)[N],(rook)[V],(erij)[N|NV.])[N]
zalmsalade	((zalm)[N],(salade)[N])[N]
zalmteelt	((zalm)[N],(teelt)[N])[N]
zalmvisser	((zalm)[N],(vis)[V],(er)[N|NV.])[N]
zalmvisserij	((zalm)[N],(vis)[V],(erij)[N|NV.])[N]
zalven	(zalf)[V]
zalving	((zalf)[V],(ing)[N|V.])[N]
zameling	((zamel)[V],(ing)[N|V.])[N]
zamelrecht	((zamel)[V],(recht)[N])[N]
zand	(zand)[N]
zandaal	((zand)[N],(aal)[N])[N]
zandaardappel	((zand)[N],((aarde)[N],(appel)[N])[N])[N]
zandachtig	((zand)[N],(achtig)[A|N.])[A]
zandafgraving	((zand)[N],((af)[P],(graaf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
zandauto	((zand)[N],(auto)[N])[N]
zandbad	((zand)[N],(bad)[N])[N]
zandbak	((zand)[N],(bak)[N])[N]
zandbank	((zand)[N],(bank)[N])[N]
zandberg	((zand)[N],(berg)[N])[N]
zandblad	((zand)[N],(blad)[N])[N]
zandboer	((zand)[N],(boer)[N])[N]
zanden	(zand)[V]
zanderig	((zand)[N],(erig)[A|N.])[A]
zanderigheid	(((zand)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zanderij	((zand)[V],(erij)[N|V.])[N]
zandfilter	((zand)[N],(filter)[N])[N]
zandflora	((zand)[N],(flora)[N])[N]
zandgebak	((zand)[N],((ge)[N|.V],(bak)[V])[N])[N]
zandgebied	((zand)[N],(gebied)[N])[N]
zandgeel	((zand)[N],(geel)[A])[A]
zandglas	((zand)[N],(glas)[N])[N]
zandgoed	((zand)[N],(goed)[N])[N]
zandgraverij	((zand)[N],(graaf)[V],(erij)[N|NV.])[N]
zandgroef	((zand)[N],(groef)[N])[N]
zandgroeve	((zand)[N],(groeve)[N])[N]
zandgrond	((zand)[N],(grond)[N])[N]
zandhaas	((zand)[N],(haas)[N])[N]
zandhapper	((zand)[N],(hap)[V],(er)[N|NV.])[N]
zandhaver	((zand)[N],(haver)[N])[N]
zandheuvel	((zand)[N],(heuvel)[N])[N]
zandhoop	((zand)[N],(hoop)[N])[N]
zandhoos	((zand)[N],(hoos)[N])[N]
zandhoudend	((zand)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
zandig	((zand)[N],(ig)[A|N.])[A]
zandkasteel	((zand)[N],(kasteel)[N])[N]
zandkever	((zand)[N],(kever)[N])[N]
zandkleurig	((zand)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
zandkoekje	((zand)[N],(koek)[N])[N]
zandkorrel	((zand)[N],(korrel)[N])[N]
zandkuil	((zand)[N],(kuil)[N])[N]
zandlaag	((zand)[N],(laag)[N])[N]
zandloper	((zand)[N],(loop)[V],(er)[N|NV.])[N]
zandlopervormig	(((zand)[N],(loop)[V],(er)[N|NV.])[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
zandman	((zand)[N],(man)[N])[N]
zandoogje	((zand)[N],(oog)[N])[N]
zandpad	((zand)[N],(pad)[N])[N]
zandplaat	((zand)[N],(plaat)[N])[N]
zandraap	((zand)[N],(raap)[N])[N]
zandregen	((zand)[N],(regen)[N])[N]
zandrug	((zand)[N],(rug)[N])[N]
zandruiter	((zand)[N],(ruiter)[N])[N]
zandschilder	((zand)[N],(schilder)[N])[N]
zandschilderen	((zand)[N],(schilder)[V])[V]
zandschilderes	((zand)[N],((schilder)[N],(es)[N|N.])[N])[N]
zandschuit	((zand)[N],(schuit)[N])[N]
zandsteen	((zand)[N],(steen)[N])[N]
zandsteengroeve	(((zand)[N],(steen)[N])[N],(groeve)[N])[N]
zandstenen	(((zand)[N],(steen)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
zandstorm	((zand)[N],(storm)[N])[N]
zandstraal	((zand)[N],(straal)[N])[N]
zandstraler	((zandstraal)[V],(er)[N|V.])[N]
zandstrand	((zand)[N],(strand)[N])[N]
zandstreek	((zand)[N],(streek)[N])[N]
zandstrooier	((zand)[N],(strooi)[V],(er)[N|NV.])[N]
zandtaart	((zand)[N],(taart)[N])[N]
zandtrein	((zand)[N],(trein)[N])[N]
zandvaart	((zand)[N],(vaart)[N])[N]
zandverstuiving	((zand)[N],((ver)[V|.V],(stuif)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
zandvlakte	((zand)[N],((vlak)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
zandvlo	((zand)[N],(vlo)[N])[N]
zandvorm	((zand)[N],(vorm)[N])[N]
zandweg	((zand)[N],(weg)[N])[N]
zandwesp	((zand)[N],(wesp)[N])[N]
zandwoestijn	((zand)[N],(woestijn)[N])[N]
zandzak	((zand)[N],(zak)[N])[N]
zandzee	((zand)[N],(zee)[N])[N]
zandzuiger	((zand)[N],(zuig)[V],(er)[N|NV.])[N]
zanen	(zaan)[V]
zang	(zang)[N]
zangavond	((zang)[N],(avond)[N])[N]
zangbalk	((zang)[N],(balk)[N])[N]
zangberg	((zang)[N],(berg)[N])[N]
zangbodem	((zang)[N],(bodem)[N])[N]
zangboek	((zang)[N],(boek)[N])[N]
zangcursus	((zang)[N],(cursus)[N])[N]
zanger	((zing)[V],(er)[N|V.])[N]
zangeres	(((zing)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
zangerig	((zang)[N],(erig)[A|N.])[A]
zangerigheid	(((zang)[N],(erig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zangersfeest	(((zing)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(feest)[N])[N]
zangfestival	((zang)[N],(festival)[N])[N]
zanggezelschap	((zang)[N],((gezel)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
zanggodin	((zang)[N],((god)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
zanghulde	((zang)[N],(hulde)[N])[N]
zangkanarie	((zang)[N],(kanarie)[N])[N]
zangkoor	((zang)[N],(koor)[N])[N]
zangkunst	((zang)[N],(kunst)[N])[N]
zangleraar	((zang)[N],(leraar)[N])[N]
zanglerares	(((zang)[N],(leraar)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
zangles	((zang)[N],(les)[N])[N]
zanglijster	((zang)[N],(lijster)[N])[N]
zangmaatschappij	((zang)[N],(maatschappij)[N])[N]
zangmelodie	((zang)[N],((melodisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
zangnoot	((zang)[N],(noot)[N])[N]
zangnummer	((zang)[N],(nummer)[N])[N]
zangoefening	((zang)[N],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zangonderwijs	((zang)[N],(onderwijs)[N])[N]
zangpartij	((zang)[N],(partij)[N])[N]
zangpedagoog	((zang)[N],(pedagoog)[N])[N]
zangschool	((zang)[N],(school)[N])[N]
zangspel	((zang)[N],(spel)[N])[N]
zangstem	((zang)[N],(stem)[N])[N]
zangster	((zing)[V],(ster)[N|V.])[N]
zangstuk	((zang)[N],(stuk)[N])[N]
zangtalent	((zang)[N],(talent)[N])[N]
zangthema	((zang)[N],(thema)[N])[N]
zanguitvoering	((zang)[N],((uit)[P],(voer)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
zangvereniging	((zang)[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zangviool	((zang)[N],(viool)[N])[N]
zangvogel	((zang)[N],(vogel)[N])[N]
zangwedstrijd	((zang)[N],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
zangwijs	((zang)[N],(wijs)[N])[N]
zangwijze	((zang)[N],(wijze)[N])[N]
zangzaad	((zang)[N],(zaad)[N])[N]
zaniker	((zanik)[V],(er)[N|V.])[N]
zanikpot	((zanik)[V],(pot)[N])[N]
zanten	(zant)[V]
zarzuela	(zarzuela)[N]
zat	(zat)[A]
zaterdagavond	((zaterdag)[N],(avond)[N])[N]
zaterdagbijvoegsel	((zaterdag)[N],(((bij)[P],(voeg)[V])[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
zaterdagclub	((zaterdag)[N],(club)[N])[N]
zaterdagcompetitie	((zaterdag)[N],(competitie)[N])[N]
zaterdagkrant	((zaterdag)[N],(krant)[N])[N]
zaterdagmiddag	((zaterdag)[N],(middag)[N])[N]
zaterdagnacht	((zaterdag)[N],(nacht)[N])[N]
zaterdagnamiddag	((zaterdag)[N],((na)[P],(middag)[N])[N])[N]
zaterdagochtend	((zaterdag)[N],(ochtend)[N])[N]
zaterdags	((zaterdag)[N],(s)[A|N.])[A]
zaterdagvoormiddag	((zaterdag)[N],((voor)[B],(middag)[N])[N])[N]
zatheid	((zat)[A],(heid)[N|A.])[N]
zatladder	((zat)[A],(ladder)[N])[N]
zatlap	((zat)[A],(lap)[N])[N]
zatlapperij	(((zat)[A],(lap)[N])[N],(erij)[N|N.])[N]
zavelachtig	((zavel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
zavelgrond	((zavel)[N],(grond)[N])[N]
zavelig	((zavel)[N],(ig)[A|N.])[A]
zeboe	(zeboe)[N]
zebra	(zebra)[N]
zebracode	((zebra)[N],(code)[N])[N]
zebrahout	((zebra)[N],(hout)[N])[N]
zebrahuid	((zebra)[N],(huid)[N])[N]
zebrapad	((zebra)[N],(pad)[N])[N]
zebrastreep	((zebra)[N],(streep)[N])[N]
zedelijk	((zede)[N],(lijk)[A|N.])[A]
zedelijkheid	(((zede)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zedelijkheidsgevoel	((((zede)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
zedelijkheidsmotief	((((zede)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(motief)[N])[N]
zedelijkheidswetgeving	((((zede)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((wet)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N])[N]
zedeloos	((zede)[N],(loos)[A|N.])[A]
zedeloosheid	(((zede)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zedenbederf	((zede)[N],(en)[N|N.N],(bederf)[N])[N]
zedenbedervend	((zede)[N],(en)[A|N.V],(bedervend)[V])[A]
zedenbederver	((zede)[N],(en)[N|N.Vx],((be)[V|.V],(derf)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
zedendelict	((zede)[N],(en)[N|N.N],(delict)[N])[N]
zedendelinquent	((zede)[N],(en)[N|N.N],(delinquent)[N])[N]
zedenkunde	((zede)[N],(en)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
zedenkundig	(((zede)[N],(en)[N|N.N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
zedenkwetsend	((zede)[N],(en)[A|N.Vx],(kwets)[V],(end)[A|NxV.])[A]
zedenleer	((zede)[N],(en)[N|N.N],(leer)[N])[N]
zedenleraar	((zede)[N],(en)[N|N.N],(leraar)[N])[N]
zedenles	((zede)[N],(en)[N|N.N],(les)[N])[N]
zedenmeester	((zede)[N],(en)[N|N.N],(meester)[N])[N]
zedenmisdrijf	((zede)[N],(en)[N|N.N],(misdrijf)[N])[N]
zedenpolitie	((zede)[N],(en)[N|N.N],(politie)[N])[N]
zedenprediker	((zede)[N],(en)[N|N.N],((predik)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zedenpreek	((zede)[N],(en)[N|N.N],(preek)[N])[N]
zedenroman	((zede)[N],(en)[N|N.N],(roman)[N])[N]
zedenschildering	((zede)[N],(en)[N|N.Vx],(schilder)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
zedenspel	((zede)[N],(en)[N|N.N],(spel)[N])[N]
zedenspreuk	((zede)[N],(en)[N|N.N],(spreuk)[N])[N]
zedenverbastering	((zede)[N],(en)[N|N.N],((verbaster)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zedenverwildering	((zede)[N],(en)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(wilder)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zedenwet	((zede)[N],(en)[N|N.N],(wet)[N])[N]
zedig	((zede)[N],(ig)[A|N.])[A]
zedigheid	(((zede)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zee	(zee)[N]
zee-eend	((zee)[N],(eend)[N])[N]
zee-egel	((zee)[N],(egel)[N])[N]
zee-engte	((zee)[N],((eng)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
zee-inham	((zee)[N],(inham)[N])[N]
zeeaal	((zee)[N],(aal)[N])[N]
zeeanemoon	((zee)[N],(anemoon)[N])[N]
zeeaquarium	((zee)[N],(aquarium)[N])[N]
zeearend	((zee)[N],(arend)[N])[N]
zeearm	((zee)[N],(arm)[N])[N]
zeeassurantie	((zee)[N],((assureer)[V],(antie)[N|V.])[N])[N]
zeeatlas	((zee)[N],(atlas)[N])[N]
zeebaak	((zee)[N],(baak)[N])[N]
zeebad	((zee)[N],(bad)[N])[N]
zeebadplaats	((zee)[N],((bad)[N],(plaats)[N])[N])[N]
zeebank	((zee)[N],(bank)[N])[N]
zeebanket	((zee)[N],(banket)[N])[N]
zeebarbeel	((zee)[N],(barbeel)[N])[N]
zeebenen	((zee)[N],(been)[N])[N]
zeebestendig	((zee)[N],(bestendig)[A])[A]
zeebeving	((zee)[N],(beef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
zeebodem	((zee)[N],(bodem)[N])[N]
zeeboezem	((zee)[N],(boezem)[N])[N]
zeebonk	((zee)[N],(bonk)[N])[N]
zeeboot	((zee)[N],(boot)[N])[N]
zeeboring	((zee)[N],((boor)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zeeboulevard	((zee)[N],(boulevard)[N])[N]
zeebrand	((zee)[N],(brand)[N])[N]
zeebrasem	((zee)[N],(brasem)[N])[N]
zeebreker	((zee)[N],(breek)[V],(er)[N|NV.])[N]
zeebrief	((zee)[N],(brief)[N])[N]
zeebries	((zee)[N],(bries)[N])[N]
zeecadet	((zee)[N],(cadet)[N])[N]
zeecadetkorps	(((zee)[N],(cadet)[N])[N],(korps)[N])[N]
zeedamp	((zee)[N],(damp)[N])[N]
zeedelta	((zee)[N],(delta)[N])[N]
zeedienst	((zee)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
zeediepte	((zee)[N],((diep)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
zeedier	((zee)[N],(dier)[N])[N]
zeedijk	((zee)[N],(dijk)[N])[N]
zeedistel	((zee)[N],(distel)[N])[N]
zeedorp	((zee)[N],(dorp)[N])[N]
zeedrift	((zee)[N],(drift)[N])[N]
zeeduivel	((zee)[N],(duivel)[N])[N]
zeeduizendpoot	((zee)[N],((duizend)[Q],(poot)[N])[N])[N]
zeef	(zeef)[N]
zeefauna	((zee)[N],(fauna)[N])[N]
zeefbeen	((zeef)[N],(been)[N])[N]
zeefdoek	((zeef)[V],(doek)[N])[N]
zeefdruk	((zeef)[N],(druk)[N])[N]
zeeforel	((zee)[N],(forel)[N])[N]
zeefraampje	((zeef)[V],(raam)[N])[N]
zeefvormig	((zeef)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
zeeg	(zeeg)[N]
zeegaand	((zee)[N],(gaand)[V])[A]
zeegang	((zee)[N],(gang)[N])[N]
zeegat	((zee)[N],(gat)[N])[N]
zeegevaar	((zee)[N],(gevaar)[N])[N]
zeegevecht	((zee)[N],((ge)[N|.V],(vecht)[V])[N])[N]
zeegezicht	((zee)[N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
zeeglijn	((zeeg)[N],(lijn)[N])[N]
zeegod	((zee)[N],(god)[N])[N]
zeegodin	((zee)[N],((god)[N],(in)[N|N.])[N])[N]
zeegolf	((zee)[N],(golf)[N])[N]
zeegras	((zee)[N],(gras)[N])[N]
zeegrasmatras	(((zee)[N],(gras)[N])[N],(matras)[N])[N]
zeegrind	((zee)[N],(grind)[N])[N]
zeegroen	((zee)[N],(groen)[A])[A]
zeehaan	((zee)[N],(haan)[N])[N]
zeehandel	((zee)[N],(handel)[N])[N]
zeehaven	((zee)[N],(haven)[N])[N]
zeeheld	((zee)[N],(held)[N])[N]
zeehond	((zee)[N],(hond)[N])[N]
zeehondenbont	(((zee)[N],(hond)[N])[N],(e)[N|N.N],(bont)[N])[N]
zeehondenjager	(((zee)[N],(hond)[N])[N],(en)[N|N.Vx],(jaag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
zeehondenvel	(((zee)[N],(hond)[N])[N],(e)[N|N.N],(vel)[N])[N]
zeehoofd	((zee)[N],(hoofd)[N])[N]
zeekaart	((zee)[N],(kaart)[N])[N]
zeekabel	((zee)[N],(kabel)[N])[N]
zeekant	((zee)[N],(kant)[N])[N]
zeekapitein	((zee)[N],(kapitein)[N])[N]
zeekasteel	((zee)[N],(kasteel)[N])[N]
zeekat	((zee)[N],(kat)[N])[N]
zeeklimaat	((zee)[N],(klimaat)[N])[N]
zeekoe	((zee)[N],(koe)[N])[N]
zeekoet	((zee)[N],(koet)[N])[N]
zeekomkommer	((zee)[N],(komkommer)[N])[N]
zeekraal	((zee)[N],(kraal)[N])[N]
zeekrab	((zee)[N],(krab)[N])[N]
zeekreeft	((zee)[N],(kreeft)[N])[N]
zeekust	((zee)[N],(kust)[N])[N]
zeel	(zeel)[N]
zeeland	((zee)[N],(land)[N])[N]
zeeldraaier	((zeel)[N],(draai)[V],(er)[N|NV.])[N]
zeeleeuw	((zee)[N],(leeuw)[N])[N]
zeeleguaan	((zee)[N],(leguaan)[N])[N]
zeelelie	((zee)[N],(lelie)[N])[N]
zeeleven	((zee)[N],(leven)[N])[N]
zeeloods	((zee)[N],(loods)[N])[N]
zeelt	(zeelt)[N]
zeelucht	((zee)[N],(lucht)[N])[N]
zeem	(zeem)[N]
zeemaat	((zee)[N],(maat)[N])[N]
zeemacht	((zee)[N],(macht)[N])[N]
zeeman	((zee)[N],(man)[N])[N]
zeemanschap	(((zee)[N],(man)[N])[N],(schap)[N|N.])[N]
zeemansgraf	(((zee)[N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(graf)[N])[N]
zeemanshuis	(((zee)[N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(huis)[N])[N]
zeemansknoop	(((zee)[N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(knoop)[N])[N]
zeemanskroeg	(((zee)[N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(kroeg)[N])[N]
zeemanskunst	(((zee)[N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(kunst)[N])[N]
zeemansleven	(((zee)[N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(leven)[N])[N]
zeemanslied	(((zee)[N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(lied)[N])[N]
zeemanstaal	(((zee)[N],(man)[N])[N],(s)[N|N.N],(taal)[N])[N]
zeemeerman	((zee)[N],((meer)[N],(man)[N])[N])[N]
zeemeermin	((zee)[N],(meermin)[N])[N]
zeemeeuw	((zee)[N],(meeuw)[N])[N]
zeemhonig	((zeem)[N],(honig)[N])[N]
zeemhoning	((zeem)[N],(honing)[N])[N]
zeemijl	((zee)[N],(mijl)[N])[N]
zeemijn	((zee)[N],(mijn)[N])[N]
zeemlap	((zeem)[N],(lap)[N])[N]
zeemleder	((zeem)[N],(leder)[N])[N]
zeemlederen	(((zeem)[N],(leder)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
zeemleer	((zeem)[N],(leer)[N])[N]
zeemleren	(((zeem)[N],(leer)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
zeemogendheid	((zee)[N],(mogendheid)[N])[N]
zeemonster	((zee)[N],(monster)[N])[N]
zeemos	((zee)[N],(mos)[N])[N]
zeemtouwerij	((zeem)[N],(touw)[V],(erij)[N|NV.])[N]
zeen	(zeen)[N]
zeenat	((zee)[N],(nat)[N])[N]
zeenatie	((zee)[N],(natie)[N])[N]
zeenimf	((zee)[N],(nimf)[N])[N]
zeeniveau	((zee)[N],(niveau)[N])[N]
zeeoever	((zee)[N],(oever)[N])[N]
zeeofficier	((zee)[N],(officier)[N])[N]
zeeolifant	((zee)[N],(olifant)[N])[N]
zeeoorlog	((zee)[N],(oorlog)[N])[N]
zeeoppervlak	((zee)[N],((opper)[N|.N],(vlak)[N])[N])[N]
zeeorganisme	((zee)[N],(organisme)[N])[N]
zeeotter	((zee)[N],(otter)[N])[N]
zeeoverste	((zee)[N],(overste)[N])[N]
zeep	(zeep)[N]
zeepaard	((zee)[N],(paard)[N])[N]
zeepaardje	((zee)[N],(paard)[N])[N]
zeepachtig	((zeep)[N],(achtig)[A|N.])[A]
zeepaling	((zee)[N],(paling)[N])[N]
zeepbakje	((zeep)[N],(bak)[N])[N]
zeepbekken	((zeep)[N],(bekken)[N])[N]
zeepbel	((zeep)[N],(bel)[N])[N]
zeepboom	((zeep)[N],(boom)[N])[N]
zeepdoos	((zeep)[N],(doos)[N])[N]
zeepfabricage	((zeep)[N],((fabriceer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
zeepfabriek	((zeep)[N],(fabriek)[N])[N]
zeephouder	((zeep)[N],(houd)[V],(er)[N|NV.])[N]
zeepier	((zee)[N],(pier)[N])[N]
zeepijl	((zee)[N],(pijl)[N])[N]
zeepje	(zeep)[N]
zeepkist	((zeep)[N],(kist)[N])[N]
zeepkruid	((zeep)[N],(kruid)[N])[N]
zeeplaats	((zee)[N],(plaats)[N])[N]
zeepok	((zee)[N],(pok)[N])[N]
zeepolder	((zee)[N],(polder)[N])[N]
zeepost	((zee)[N],(post)[N])[N]
zeeppoeder	((zeep)[N],(poeder)[N])[N]
zeeppoeier	((zeep)[N],(poeier)[N])[N]
zeeprovincie	((zee)[N],(provincie)[N])[N]
zeepsop	((zeep)[N],(sop)[N])[N]
zeepspuit	((zeep)[N],(spuit)[N])[N]
zeeptuimelaar	((zeep)[N],((tuimel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
zeepvlokken	((zeep)[N],(vlok)[N])[N]
zeepwater	((zeep)[N],(water)[N])[N]
zeepzieder	((zeep)[N],(zied)[V],(er)[N|NV.])[N]
zeepziederij	((zeep)[N],(zied)[V],(erij)[N|NV.])[N]
zeer	(zeer)[N]
zeeramp	((zee)[N],(ramp)[N])[N]
zeerecht	((zee)[N],(recht)[N])[N]
zeereerwaard	((zeer)[B],((eer)[N],(waard)[A])[A])[A]
zeereis	((zee)[N],(reis)[N])[N]
zeerestaurant	((zee)[N],((restaureer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
zeergeleerd	((zeer)[B],(geleerd)[A])[A]
zeerob	((zee)[N],(rob)[N])[N]
zeeroof	((zee)[N],(roof)[N])[N]
zeerot	((zee)[N],(rot)[N])[N]
zeeroute	((zee)[N],(route)[N])[N]
zeerover	((zee)[N],((roof)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zeeroverij	((zee)[N],((roof)[V],(erij)[N|V.])[N])[N]
zeeroversbaard	(((zee)[N],((roof)[V],(er)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(baard)[N])[N]
zeeschade	((zee)[N],(schade)[N])[N]
zeescheepvaart	((zee)[N],((schip)[N],(vaart)[N])[N])[N]
zeeschelp	((zee)[N],(schelp)[N])[N]
zeeschilder	((zee)[N],(schilder)[N])[N]
zeeschildpad	((zee)[N],((schild)[N],(pad)[N])[N])[N]
zeeschip	((zee)[N],(schip)[N])[N]
zeeschuim	((zee)[N],(schuim)[N])[N]
zeeschuimen	((zee)[N],(schuim)[V])[V]
zeeschuimer	(((zee)[N],(schuim)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
zeeschuimerij	(((zee)[N],(schuim)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
zeeslag	((zee)[N],(slag)[N])[N]
zeeslak	((zee)[N],(slak)[N])[N]
zeeslang	((zee)[N],(slang)[N])[N]
zeesleper	((zee)[N],((sleep)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zeesluis	((zee)[N],(sluis)[N])[N]
zeesoldaat	((zee)[N],(soldaat)[N])[N]
zeespiegel	((zee)[N],(spiegel)[N])[N]
zeestad	((zee)[N],(stad)[N])[N]
zeester	((zee)[N],(ster)[N])[N]
zeestorm	((zee)[N],(storm)[N])[N]
zeestraat	((zee)[N],(straat)[N])[N]
zeestrand	((zee)[N],(strand)[N])[N]
zeestrijd	((zee)[N],(strijd)[N])[N]
zeestroming	((zee)[N],((stroom)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zeestroom	((zee)[N],(stroom)[N])[N]
zeestuk	((zee)[N],(stuk)[N])[N]
zeet	(zeet)[N]
zeeterm	((zee)[N],(term)[N])[N]
zeetijding	((zee)[N],(tijding)[N])[N]
zeetocht	((zee)[N],(tocht)[N])[N]
zeetong	((zee)[N],(tong)[N])[N]
zeevaarder	((zee)[N],(vaar)[V],(der)[N|NV.])[N]
zeevaardig	((zee)[N],(vaardig)[A])[A]
zeevaart	((zee)[N],(vaart)[N])[N]
zeevaartdiploma	(((zee)[N],(vaart)[N])[N],(diploma)[N])[N]
zeevaartkunde	(((zee)[N],(vaart)[N])[N],(kunde)[N])[N]
zeevaartkundig	((((zee)[N],(vaart)[N])[N],(kunde)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
zeevaartschool	(((zee)[N],(vaart)[N])[N],(school)[N])[N]
zeevalk	((zee)[N],(valk)[N])[N]
zeevarend	((zee)[N],(vaar)[V],(end)[A|NV.])[A]
zeevast	((zee)[N],(vast)[A])[A]
zeeverbinding	((zee)[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zeeverkenner	((zee)[N],((verken)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zeevers	((zee)[N],(vers)[A])[A]
zeeverzekeraar	((zee)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
zeeverzekering	((zee)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zeeverzekeringsmaatschappij	(((zee)[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N],(s)[N|N.N],(maatschappij)[N])[N]
zeevis	((zee)[N],(vis)[N])[N]
zeevisserij	((zee)[N],((vis)[V],(erij)[N|V.])[N])[N]
zeevlak	((zee)[N],(vlak)[N])[N]
zeevlam	((zee)[N],(vlam)[N])[N]
zeevogel	((zee)[N],(vogel)[N])[N]
zeevolk	((zee)[N],(volk)[N])[N]
zeevonk	((zee)[N],(vonk)[N])[N]
zeevracht	((zee)[N],(vracht)[N])[N]
zeewaaier	((zee)[N],((waai)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zeewaardig	((zee)[N],((waarde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
zeewaarts	((zee)[N],(waarts)[A|N.])[A]
zeewater	((zee)[N],(water)[N])[N]
zeeweg	((zee)[N],(weg)[N])[N]
zeewering	((zee)[N],(weer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
zeewet	((zee)[N],(wet)[N])[N]
zeewezen	((zee)[N],(wezen)[N])[N]
zeewier	((zee)[N],(wier)[N])[N]
zeewijf	((zee)[N],(wijf)[N])[N]
zeewind	((zee)[N],(wind)[N])[N]
zeewolf	((zee)[N],(wolf)[N])[N]
zeezaken	((zee)[N],(zaak)[N])[N]
zeezalm	((zee)[N],(zalm)[N])[N]
zeezand	((zee)[N],(zand)[N])[N]
zeezeilen	((zee)[N],(zeil)[V])[V]
zeezeiler	(((zee)[N],(zeil)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
zeeziek	((zee)[N],(ziek)[A])[A]
zeeziekte	(((zee)[N],(ziek)[A])[A],(te)[N|A.])[N]
zeezoogdier	((zee)[N],((zoog)[V],(dier)[N])[N])[N]
zeezout	((zee)[N],(zout)[N])[N]
zeezwaluw	((zee)[N],(zwaluw)[N])[N]
zeg	(zeg)[N]
zege	(zege)[N]
zegeboog	((zege)[N],(boog)[N])[N]
zegedicht	((zege)[N],(dicht)[N])[N]
zegefeest	((zege)[N],(feest)[N])[N]
zegekar	((zege)[N],(kar)[N])[N]
zegekrans	((zege)[N],(krans)[N])[N]
zegekreet	((zege)[N],(kreet)[N])[N]
zegel	(zegel)[N]
zegelafdruk	((zegel)[N],((af)[P],(druk)[N])[N])[N]
zegelbelasting	((zegel)[N],(((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zegelbewaarder	((zegel)[N],((be)[V|.V],(waar)[V])[V],(der)[N|NV.])[N]
zegelen	(zegel)[V]
zegelgeld	((zegel)[N],(geld)[N])[N]
zegelied	((zege)[N],(lied)[N])[N]
zegeling	((zegel)[V],(ing)[N|V.])[N]
zegelkantoor	((zegel)[N],(kantoor)[N])[N]
zegelkosten	((zegel)[N],(kost)[N])[N]
zegellak	((zegel)[N],(lak)[N])[N]
zegelmerk	((zegel)[N],(merk)[N])[N]
zegelrecht	((zegel)[N],(recht)[N])[N]
zegelring	((zegel)[N],(ring)[N])[N]
zegelsnijder	((zegel)[N],(snijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
zegelverkoop	((zegel)[N],(verkoop)[N])[N]
zegelwas	((zegel)[N],(was)[N])[N]
zegelwet	((zegel)[N],(wet)[N])[N]
zegen	(zegen)[N]
zegenbede	((zegen)[N],(bede)[N])[N]
zegenen	(zegen)[V]
zegening	((zegen)[V],(ing)[N|V.])[N]
zegenrijk	((zegen)[N],(rijk)[A])[A]
zegenwens	((zegen)[N],(wens)[N])[N]
zegepalm	((zege)[N],(palm)[N])[N]
zegepoort	((zege)[N],(poort)[N])[N]
zegepraal	((zege)[N],(praal)[N])[N]
zegepralen	((zege)[N],(praal)[V])[V]
zegerijk	((zege)[N],(rijk)[A])[A]
zegeteken	((zege)[N],(teken)[N])[N]
zegetocht	((zege)[N],(tocht)[N])[N]
zegevieren	((zege)[N],(vier)[V])[V]
zegevlag	((zege)[N],(vlag)[N])[N]
zegevuur	((zege)[N],(vuur)[N])[N]
zegewagen	((zege)[N],(wagen)[N])[N]
zegezang	((zege)[N],(zang)[N])[N]
zegezuil	((zege)[N],(zuil)[N])[N]
zeggen	(zeg)[V]
zeggenschap	((zeggen)[N],(schap)[N|N.])[N]
zeggenschapsmogelijkheid	(((zeggen)[N],(schap)[N|N.])[N],(s)[N|N.N],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
zegger	((zeg)[V],(er)[N|V.])[N]
zegging	((zeg)[V],(ing)[N|V.])[N]
zeggingskracht	(((zeg)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
zegsman	((zeg)[N],(s)[N|N.N],(man)[N])[N]
zegster	((zeg)[V],(ster)[N|V.])[N]
zegsvrouw	((zeg)[N],(s)[N|N.N],(vrouw)[N])[N]
zegswijs	((zeg)[N],(s)[N|N.N],(wijs)[N])[N]
zegswijze	((zeg)[N],(s)[N|N.N],(wijze)[N])[N]
zeik	(zeik)[N]
zeiken	(zeik)[V]
zeiker	((zeik)[V],(er)[N|V.])[N]
zeikerd	((zeik)[V],(erd)[N|V.])[N]
zeikerig	((zeik)[V],(erig)[A|V.])[A]
zeiknat	((zeik)[V],(nat)[A])[A]
zeiksnor	((zeik)[V],(snor)[N])[N]
zeikstraal	((zeik)[V],(straal)[N])[N]
zeikvent	((zeik)[N],(vent)[N])[N]
zeikweer	((zeik)[N],(weer)[N])[N]
zeil	(zeil)[N]
zeilage	((zeil)[V],(age)[N|V.])[N]
zeilboot	((zeil)[V],(boot)[N])[N]
zeilclub	((zeil)[V],(club)[N])[N]
zeildoek	((zeil)[N],(doek)[N])[N]
zeildoeks	(((zeil)[N],(doek)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
zeilen	(zeil)[V]
zeiler	((zeil)[V],(er)[N|V.])[N]
zeiljacht	((zeil)[V],(jacht)[N])[N]
zeilkamp	((zeil)[V],(kamp)[N])[N]
zeilklaar	((zeil)[V],(klaar)[A])[A]
zeilletter	((zeil)[N],(letter)[N])[N]
zeilmaker	((zeil)[N],(maak)[V],(er)[N|NV.])[N]
zeilmakerij	((zeil)[N],(maak)[V],(erij)[N|NV.])[N]
zeilplank	((zeil)[V],(plank)[N])[N]
zeilpriem	((zeil)[N],(priem)[N])[N]
zeilpunt	((zeil)[N],(punt)[N])[N]
zeilree	((zeil)[V],(ree)[A])[A]
zeilschip	((zeil)[V],(schip)[N])[N]
zeilschool	((zeil)[V],(school)[N])[N]
zeilschuit	((zeil)[V],(schuit)[N])[N]
zeilsport	((zeil)[V],(sport)[N])[N]
zeilsteen	((zeil)[V],(steen)[N])[N]
zeiltocht	((zeil)[V],(tocht)[N])[N]
zeilvaardig	((zeil)[V],(vaardig)[A])[A]
zeilvaartuig	((zeil)[V],((vaar)[V],(tuig)[N])[N])[N]
zeilvereniging	((zeil)[V],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zeilvermogen	((zeil)[V],(vermogen)[N])[N]
zeilvliegen	((zeil)[N],(vlieg)[V])[V]
zeilwagen	((zeil)[V],(wagen)[N])[N]
zeilweder	((zeil)[V],(weder)[N])[N]
zeilwedstrijd	((zeil)[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
zeilweer	((zeil)[V],(weer)[N])[N]
zeilwerk	((zeil)[N],(werk)[N])[N]
zeilwind	((zeil)[V],(wind)[N])[N]
zeilwrijver	((zeil)[N],(wrijf)[V],(er)[N|NV.])[N]
zeis	(zeis)[N]
zeisenman	((zeis)[N],(e)[N|N.N],(man)[N])[N]
zeisensmederij	((zeis)[N],(en)[N|N.Vx],(smeed)[V],(erij)[N|NxV.])[N]
zeisman	((zeis)[N],(man)[N])[N]
zeispreuk	((zei)[V],(spreuk)[N])[N]
zeisvormig	((zeis)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
zeker	(zeker)[A]
zekeren	(zeker)[V]
zekerheid	((zeker)[A],(heid)[N|A.])[N]
zekerheidsbehoefte	(((zeker)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(behoefte)[N])[N]
zekerheidsmaatregel	(((zeker)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
zekerheidsstelsel	(((zeker)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
zekerheidstelling	(((zeker)[A],(heid)[N|A.])[N],(stel)[V],(ing)[N|NV.])[N]
zekeringkast	((zekering)[N],(kast)[N])[N]
zeldzaamheid	((zeldzaam)[A],(heid)[N|A.])[N]
zelf	(zelf)[N]
zelfaanvaarding	((zelf)[O],(aanvaard)[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfacceptatie	((zelf)[O],(((accept)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
zelfachting	((zelf)[O],(acht)[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfactiviteit	((zelf)[O],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
zelfactualisering	((zelf)[O],((actueel)[A],(eer)[V|A.])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfanalyse	((zelf)[O],(analyse)[N])[N]
zelfbediening	((zelf)[O],((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfbedieningsrestaurant	(((zelf)[O],((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N],(s)[N|N.N],((restaureer)[V],(ant)[N|V.])[N])[N]
zelfbedieningssysteem	(((zelf)[O],((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N],(s)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
zelfbedieningswarenhuis	(((zelf)[O],((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N],(s)[N|N.N],((waar)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N])[N]
zelfbedieningswinkel	(((zelf)[O],((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N],(s)[N|N.N],(winkel)[N])[N]
zelfbedieningszaak	(((zelf)[O],((be)[V|.V],(dien)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N],(s)[N|N.N],(zaak)[N])[N]
zelfbedrog	((zelf)[O],(bedrog)[N])[N]
zelfbedwang	((zelf)[O],(bedwang)[N])[N]
zelfbeeld	((zelf)[O],(beeld)[N])[N]
zelfbegoocheling	((zelf)[O],(((be)[V|.V],(goochel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zelfbegrip	((zelf)[O],(begrip)[N])[N]
zelfbehaaglijk	((zelf)[O],(((be)[V|.V],(haag)[V])[V],(lijk)[A|V.])[A])[A]
zelfbehagen	((zelf)[O],(behagen)[N])[N]
zelfbeheersing	((zelf)[O],((be)[V|.V],(heers)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfbehoud	((zelf)[O],(behoud)[N])[N]
zelfbehoudsdrang	(((zelf)[O],(behoud)[N])[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
zelfbekentenis	((zelf)[O],(bekentenis)[N])[N]
zelfbeklag	((zelf)[O],(beklag)[N])[N]
zelfbeoordeling	((zelf)[O],((be)[V|.N],((oor)[N],(deel)[N])[N])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfbeperking	((zelf)[O],((be)[V|.N],(perk)[N])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfbeschikking	((zelf)[O],((be)[V|.V],(schik)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfbeschikkingsrecht	(((zelf)[O],((be)[V|.V],(schik)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N],(s)[N|N.N],(recht)[N])[N]
zelfbeschouwing	((zelf)[O],((be)[V|.V],(schouw)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfbeschuldiging	((zelf)[O],((be)[V|.A],((schuld)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfbespiegeling	((zelf)[O],(((be)[V|.N],(spiegel)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zelfbestaan	((zelf)[O],(bestaan)[N])[N]
zelfbestuiving	((zelf)[O],((be)[V|.V],(stuif)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfbestuur	((zelf)[O],(bestuur)[N])[N]
zelfbetrokkenheid	((zelf)[O],((betrokken)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
zelfbevestiging	((zelf)[O],((be)[V|.V],(vestig)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfbevlekking	((zelf)[O],((be)[V|.N],(vlek)[N])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfbevrediging	((zelf)[O],((be)[V|.A],((vrede)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfbevruchting	((zelf)[O],((be)[V|.N],(vrucht)[N])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfbewoning	((zelf)[O],(((be)[V|.V],(woon)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zelfbewust	((zelf)[O],(bewust)[A])[A]
zelfbewustheid	(((zelf)[O],(bewust)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
zelfbewustzijn	((zelf)[O],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
zelfbinder	((zelf)[O],(bind)[V],(er)[N|OV.])[N]
zelfbouwer	((zelf)[O],((bouw)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zelfconcept	((zelf)[O],(concept)[N])[N]
zelfconfrontatie	((zelf)[O],((confronteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
zelfcontrole	((zelf)[O],(controle)[N])[N]
zelfdenkend	((zelf)[O],(denkend)[A])[A]
zelfdestructief	((zelf)[O],((destructie)[N],(ief)[A|N.])[A])[A]
zelfdiscipline	((zelf)[O],(discipline)[N])[N]
zelfdoding	((zelf)[O],(dood)[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfdoener	((zelf)[O],((doen)[N],(er)[N|N.])[N])[N]
zelfevaluatie	((zelf)[O],((evalueer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
zelfgenoegzaam	((zelf)[O],((genoeg)[V],(zaam)[A|V.])[A])[A]
zelfgenoegzaamheid	(((zelf)[O],((genoeg)[V],(zaam)[A|V.])[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
zelfgevoel	((zelf)[O],((ge)[N|.V],(voel)[V])[N])[N]
zelfglanzer	((zelf)[O],(glans)[V],(er)[N|OV.])[N]
zelfheid	((zelf)[O],(heid)[N|O.])[N]
zelfhulp	((zelf)[O],(hulp)[N])[N]
zelfhulpgroep	(((zelf)[O],(hulp)[N])[N],(groep)[N])[N]
zelfhulporganisatie	(((zelf)[O],(hulp)[N])[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
zelfidentiteit	((zelf)[O],(identiteit)[N])[N]
zelfinductie	((zelf)[O],(inductie)[N])[N]
zelfingenomen	((zelf)[O],(ingenomen)[A])[A]
zelfinteresse	((zelf)[O],(interesse)[N])[N]
zelfinterpretatie	((zelf)[O],((interpreteer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
zelfinzicht	((zelf)[O],((in)[P],(zicht)[N])[N])[N]
zelfkastijding	((zelf)[O],(kastijd)[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfkennis	((zelf)[O],(kennis)[N])[N]
zelfklevend	((zelf)[O],(klevend)[V])[A]
zelfklever	((zelf)[O],((kleef)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zelfkoestering	((zelf)[O],((koester)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zelfkritiek	((zelf)[O],((kritisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
zelfkwelling	((zelf)[O],(kwel)[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfliefde	((zelf)[O],(liefde)[N])[N]
zelfloosheid	((zelf)[O],((loos)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
zelflozend	((zelf)[O],(lozend)[V])[A]
zelfmedelijden	((zelf)[O],(medelijden)[N])[N]
zelfmoord	((zelf)[O],(moord)[N])[N]
zelfmoordactie	(((zelf)[O],(moord)[N])[N],(actie)[N])[N]
zelfmoordbrigade	(((zelf)[O],(moord)[N])[N],(brigade)[N])[N]
zelfmoordcommando	(((zelf)[O],(moord)[N])[N],(commando)[N])[N]
zelfmoordenaar	(((zelf)[O],(moord)[N])[N],(enaar)[N|N.])[N]
zelfmoordenares	((((zelf)[O],(moord)[N])[N],(enaar)[N|N.])[N],(es)[N|N.])[N]
zelfmoordmissie	(((zelf)[O],(moord)[N])[N],(missie)[N])[N]
zelfmoordneiging	(((zelf)[O],(moord)[N])[N],((neig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zelfmoordpact	(((zelf)[O],(moord)[N])[N],(pact)[N])[N]
zelfmoordpiloot	(((zelf)[O],(moord)[N])[N],(piloot)[N])[N]
zelfmoordpoging	(((zelf)[O],(moord)[N])[N],(poog)[V],(ing)[N|NV.])[N]
zelfnoemfunctie	((zelf)[O],(noem)[V],(functie)[N])[N]
zelfonderricht	((zelf)[O],(onderricht)[N])[N]
zelfonderschatting	((zelf)[O],((onder)[P],(schat)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfonderzoek	((zelf)[O],(onderzoek)[N])[N]
zelfontbranding	((zelf)[O],(((ont)[V|.N],(brand)[N])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zelfontleding	((zelf)[O],(ontleed)[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfontplooiing	((zelf)[O],((ont)[V|.V],(plooi)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfontspanner	((zelf)[O],(((ont)[V|.V],(span)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zelfontsteking	((zelf)[O],(ontsteek)[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfontwikkeling	((zelf)[O],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zelfonzekerheid	((zelf)[O],(((on)[A|.A],(zeker)[A])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
zelfopofferend	((zelf)[O],(opofferend)[V])[A]
zelfopoffering	((zelf)[O],(((op)[P],(offer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zelforganisatie	((zelf)[O],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
zelfovergave	((zelf)[O],(((over)[P],(geef)[V])[V])[N])[N]
zelfoverschatting	((zelf)[O],((over)[V|.V],(schat)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfoverwinning	((zelf)[O],((over)[P],(win)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfpijniging	((zelf)[O],((pijnig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zelfportret	((zelf)[O],(portret)[N])[N]
zelfprojectie	((zelf)[O],(((project)[N],(eer)[V|N.])[V],(ie)[N|V.])[N])[N]
zelfrealisatie	((zelf)[O],((realiseer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
zelfrechtvaardiging	((zelf)[O],(rechtvaardig)[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfredzaamheid	((zelf)[O],(((red)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
zelfreflectie	((zelf)[O],(reflectie)[N])[N]
zelfregistrerend	((zelf)[O],(registrerend)[V])[A]
zelfregulatie	((zelf)[O],(((regel)[N],(eer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
zelfreinigend	((zelf)[O],(reinigend)[V])[A]
zelfreiniging	((zelf)[O],((reinig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zelfrespect	((zelf)[O],(respect)[N])[N]
zelfrijzend	((zelf)[O],(rijzend)[V])[A]
zelfschuld	((zelf)[O],(schuld)[N])[N]
zelfsluitend	((zelf)[O],(sluitend)[V])[A]
zelfspot	((zelf)[O],(spot)[N])[N]
zelfstandigheid	((zelfstandig)[A],(heid)[N|A.])[N]
zelfstimulatie	((zelf)[O],((stimuleer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
zelfstrijd	((zelf)[O],(strijd)[N])[N]
zelfstrijkend	((zelf)[O],(strijkend)[V])[A]
zelfstudie	((zelf)[O],(studie)[N])[N]
zelfsuggestie	((zelf)[O],(suggestie)[N])[N]
zelftankstation	((zelf)[O],((tank)[V],(station)[N])[N])[N]
zelftevredenheid	((zelf)[O],((tevreden)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
zelftranscendentie	((zelf)[O],((transcendeer)[V],(entie)[N|V.])[N])[N]
zelftucht	((zelf)[O],(tucht)[N])[N]
zelfverachting	((zelf)[O],((ver)[V|.V],(acht)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfverantwoordelijk	((zelf)[O],((verantwoord)[V],(elijk)[A|V.])[A])[A]
zelfverantwoordelijkheid	((zelf)[O],(((verantwoord)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
zelfverbetering	((zelf)[O],(((ver)[V|.A],(beter)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zelfverblinding	((zelf)[O],((ver)[V|.A],(blind)[A])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfverbranding	((zelf)[O],((ver)[V|.V],(brand)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfverdediging	((zelf)[O],(verdedig)[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfvergiftiging	((zelf)[O],((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfvergoding	((zelf)[O],((ver)[V|.N],(god)[N])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfverheerlijking	((zelf)[O],((ver)[V|.A],((heer)[N],(lijk)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfverheffing	((zelf)[O],((ver)[V|.V],(hef)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfverloochening	((zelf)[O],(((ver)[V|.V],(loochen)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zelfvernedering	((zelf)[O],((verneder)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zelfvernietiging	((zelf)[O],(((ver)[V|.A],(nietig)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zelfvertrouwen	((zelf)[O],(vertrouwen)[N])[N]
zelfverwennerij	((zelf)[O],((ver)[V|.V],(wen)[V])[V],(erij)[N|OV.])[N]
zelfverwerkelijking	((zelf)[O],((ver)[V|.A],(werkelijk)[A])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfverwijt	((zelf)[O],(verwijt)[N])[N]
zelfverwijtingen	((zelf)[O],((ver)[V|.V],(wijt)[V])[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfverzaking	((zelf)[O],(verzaak)[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfverzekerd	((zelf)[O],(verzekerd)[A])[A]
zelfverzekerdheid	(((zelf)[O],(verzekerd)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
zelfvoldaan	((zelf)[O],(voldaan)[A])[A]
zelfvoldaanheid	(((zelf)[O],(voldaan)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
zelfvoldoening	((zelf)[O],(((vol)[A],(doe)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zelfvoorziening	((zelf)[O],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zelfwaarneming	((zelf)[O],(waarneem)[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfwerkend	((zelf)[O],(werkend)[A])[A]
zelfwerkzaam	((zelf)[O],((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A])[A]
zelfwerkzaamheid	((zelf)[O],(((werk)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
zelfwording	((zelf)[O],(word)[V],(ing)[N|OV.])[N]
zelfzeker	((zelf)[O],(zeker)[A])[A]
zelfzekerheid	((zelf)[O],((zeker)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
zelfzucht	((zelf)[O],(zucht)[N])[N]
zelfzuchtig	((zelf)[O],(zucht)[N],(ig)[A|ON.])[A]
zelfzwichtend	((zelf)[O],(zwichtend)[V])[A]
zelotisch	((zeloot)[N],(isch)[A|N.])[A]
zemel	(zemel)[N]
zemelaar	((zemel)[V],(aar)[N|V.])[N]
zemelaarster	(((zemel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
zemelachtig	((zemel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
zemelap	((zeem)[N],(e)[N|N.N],(lap)[N])[N]
zemelen	(zemel)[V]
zemelenuitslag	((zemel)[N],(en)[N|N.N],((uit)[P],(slag)[N])[N])[N]
zemelig	((zemel)[N],(ig)[A|N.])[A]
zemelknopen	((zemel)[N],(knoop)[V])[V]
zemelknoper	(((zemel)[N],(knoop)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
zemelwater	((zemel)[N],(water)[N])[N]
zemen	((zeem)[N],(en)[A|N.])[A]
zemen	(zeem)[V]
zemerij	((zeem)[V],(erij)[N|V.])[N]
zemig	((zeem)[N],(ig)[A|N.])[A]
zendamateur	((zend)[V],(amateur)[N])[N]
zendantenne	((zend)[V],(antenne)[N])[N]
zendapparaat	((zend)[V],(apparaat)[N])[N]
zendapparatuur	((zend)[V],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
zendbereik	((zend)[V],(bereik)[N])[N]
zendbode	((zend)[V],(bode)[N])[N]
zendbrief	((zend)[V],(brief)[N])[N]
zendeling	((zend)[V],(eling)[N|V.])[N]
zendeling-arts	(((zend)[V],(eling)[N|V.])[N],(arts)[N])[N]
zendelinge	(((zend)[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
zendelingengenootschap	(((zend)[V],(eling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((genoot)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
zendelingswerk	(((zend)[V],(eling)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
zenden	(zend)[V]
zender	((zend)[V],(er)[N|V.])[N]
zenderdominant	(((zend)[V],(er)[N|V.])[N],((domineer)[V],(ant)[A|V.])[A])[A]
zenderkleuring	(((zend)[V],(er)[N|V.])[N],(kleur)[V],(ing)[N|NV.])[N]
zenderpark	(((zend)[V],(er)[N|V.])[N],(park)[N])[N]
zendgemachtigde	((zend)[V],(gemachtigde)[N])[N]
zendgolf	((zend)[V],(golf)[N])[N]
zending	((zend)[V],(ing)[N|V.])[N]
zendingsactiviteit	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
zendingsarbeid	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(arbeid)[N])[N]
zendingsarts	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(arts)[N])[N]
zendingsbevel	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(bevel)[N])[N]
zendingsdrang	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drang)[N])[N]
zendingsdrift	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(drift)[N])[N]
zendingsfeest	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(feest)[N])[N]
zendingsgeld	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(geld)[N])[N]
zendingsgenootschap	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((genoot)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
zendingsgeschiedenis	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
zendingsinstantie	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(instantie)[N])[N]
zendingskring	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(kring)[N])[N]
zendingsopdracht	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(opdracht)[N])[N]
zendingsorganisatie	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
zendingspost	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(post)[N])[N]
zendingsprobleem	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
zendingsschool	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
zendingssituatie	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((situeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
zendingsterrein	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(terrein)[N])[N]
zendingsveld	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
zendingswerk	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
zendingswetenschap	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((weten)[N],(schap)[N|N.])[N])[N]
zendingswezen	(((zend)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(wezen)[N])[N]
zendinstallatie	((zend)[V],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
zendmachtiging	((zend)[V],((machtig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zendmast	((zend)[V],(mast)[N])[N]
zendmogelijkheid	((zend)[V],((mogelijk)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
zendontvangapparatuur	((zend)[V],(ontvang)[V],((apparaat)[N],(uur)[N|N.])[N])[N]
zendontvanger	((zend)[V],((ontvang)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zendpiraat	((zend)[V],(piraat)[N])[N]
zendpost	((zend)[V],(post)[N])[N]
zendschema	((zend)[V],(schema)[N])[N]
zendschip	((zend)[V],(schip)[N])[N]
zendstation	((zend)[V],(station)[N])[N]
zendster	((zend)[V],(ster)[N|V.])[N]
zendsysteem	((zend)[V],(systeem)[N])[N]
zendtijd	((zend)[V],(tijd)[N])[N]
zendtoestel	((zend)[V],(toestel)[N])[N]
zendvergunning	((zend)[V],(((ver)[V|.V],(gun)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zendvermogen	((zend)[V],(vermogen)[N])[N]
zeng	(zeng)[N]
zengen	(zeng)[V]
zenging	((zeng)[V],(ing)[N|V.])[N]
zenig	((zeen)[N],(ig)[A|N.])[A]
zenittelescoop	((zenit)[N],(telescoop)[N])[N]
zenuw	(zenuw)[N]
zenuw-energie	((zenuw)[N],(energie)[N])[N]
zenuwaandoening	((zenuw)[N],(((aan)[P],(doe)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zenuwachtig	((zenuw)[N],(achtig)[A|N.])[A]
zenuwachtigheid	(((zenuw)[N],(achtig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zenuwarts	((zenuw)[N],(arts)[N])[N]
zenuwbehandeling	((zenuw)[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zenuwberoerte	((zenuw)[N],(beroerte)[N])[N]
zenuwbeschadiging	((zenuw)[N],((beschadig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zenuwbundel	((zenuw)[N],(bundel)[N])[N]
zenuwcel	((zenuw)[N],(cel)[N])[N]
zenuwcentrum	((zenuw)[N],(centrum)[N])[N]
zenuwcrisis	((zenuw)[N],(crisis)[N])[N]
zenuwenoorlog	((zenuw)[N],(en)[N|N.N],(oorlog)[N])[N]
zenuwfunctie	((zenuw)[N],(functie)[N])[N]
zenuwgas	((zenuw)[N],(gas)[N])[N]
zenuwgestel	((zenuw)[N],((ge)[N|.N],(stel)[N])[N])[N]
zenuwgif	((zenuw)[N],(gif)[N])[N]
zenuwimpuls	((zenuw)[N],(impuls)[N])[N]
zenuwinrichting	((zenuw)[N],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zenuwinzinking	((zenuw)[N],((in)[P],(zink)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
zenuwknoop	((zenuw)[N],(knoop)[N])[N]
zenuwkoorts	((zenuw)[N],(koorts)[N])[N]
zenuwkracht	((zenuw)[N],(kracht)[N])[N]
zenuwkramp	((zenuw)[N],(kramp)[N])[N]
zenuwkwaal	((zenuw)[N],(kwaal)[N])[N]
zenuwlach	((zenuw)[N],(lach)[N])[N]
zenuwleer	((zenuw)[N],(leer)[N])[N]
zenuwlijden	((zenuw)[N],(lijden)[N])[N]
zenuwlijder	((zenuw)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N]
zenuwlijderes	(((zenuw)[N],(lijd)[V],(er)[N|NV.])[N],(es)[N|N.])[N]
zenuwontsteking	((zenuw)[N],(ontsteek)[V],(ing)[N|NV.])[N]
zenuwoorlog	((zenuw)[N],(oorlog)[N])[N]
zenuwoverspanning	((zenuw)[N],((over)[P],(span)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
zenuwpatiënt	((zenuw)[N],(patiënt)[N])[N]
zenuwpatiënte	(((zenuw)[N],(patiënt)[N])[N],(e)[N|N.])[N]
zenuwpees	((zenuw)[N],(pees)[N])[N]
zenuwpijn	((zenuw)[N],(pijn)[N])[N]
zenuwpil	((zenuw)[N],(pil)[N])[N]
zenuwschok	((zenuw)[N],(schok)[N])[N]
zenuwsignaal	((zenuw)[N],(signaal)[N])[N]
zenuwslopend	((zenuw)[N],(sloop)[V],(end)[A|NV.])[A]
zenuwstelsel	((zenuw)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
zenuwstillend	((zenuw)[N],(stil)[V],(end)[A|NV.])[A]
zenuwstiller	((zenuw)[N],(stil)[V],(er)[N|NV.])[N]
zenuwstoornis	((zenuw)[N],((stoor)[V],(nis)[N|V.])[N])[N]
zenuwsysteem	((zenuw)[N],(systeem)[N])[N]
zenuwtablet	((zenuw)[N],(tablet)[N])[N]
zenuwtic	((zenuw)[N],(tic)[N])[N]
zenuwtoestand	((zenuw)[N],(toestand)[N])[N]
zenuwtoeval	((zenuw)[N],(toeval)[N])[N]
zenuwtrekking	((zenuw)[N],((trek)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zenuwuiteinde	((zenuw)[N],((uit)[P],(einde)[N])[N])[N]
zenuwverlamming	((zenuw)[N],(((ver)[V|.A],(lam)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zenuwvezel	((zenuw)[N],(vezel)[N])[N]
zenuwvlecht	((zenuw)[N],(vlecht)[N])[N]
zenuwweefsel	((zenuw)[N],((weef)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
zenuwziek	((zenuw)[N],(ziek)[A])[A]
zenuwziekte	(((zenuw)[N],(ziek)[A])[A],(te)[N|A.])[N]
zenuwzwakte	((zenuw)[N],((zwak)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
zepen	(zeep)[V]
zeper	((zeep)[V],(er)[N|V.])[N]
zeperig	((zeep)[N],(erig)[A|N.])[A]
zeperij	((zeep)[V],(erij)[N|V.])[N]
zepig	((zeep)[N],(ig)[A|N.])[A]
zeppelin	(zeppelin)[N]
zerig	((zeer)[N],(ig)[A|N.])[A]
zerk	(zerk)[N]
zero	(zero)[N]
zero-informatie	((zero)[N],((informeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
zerp	(zerp)[A]
zerpheid	((zerp)[A],(heid)[N|A.])[N]
zerpzoet	((zerp)[A],(zoet)[A])[A]
zesbladig	((zes)[Q],((blad)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
zesdaags	((zes)[Q],((dag)[N],(s)[A|N.])[A])[A]
zesdraads	((zes)[Q],(draad)[N],(s)[A|QN.])[A]
zesduizend	((zes)[Q],(duizend)[Q])[Q]
zesendertig	((zes)[Q],(en)[C],((drie)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q]
zesentwintig	((zes)[Q],(en)[C],((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q]
zesentwintigduizend	(((zes)[Q],(en)[C],((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q]
zesentwintiger	(((zes)[Q],(en)[C],((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q],(er)[N|Q.])[N]
zeshoek	((zes)[Q],(hoek)[N])[N]
zeshoekig	((zes)[Q],(hoek)[N],(ig)[A|QN.])[A]
zeshonderd	((zes)[Q],(honderd)[Q])[Q]
zeshonderdduizend	(((zes)[Q],(honderd)[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q]
zesjarig	((zes)[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
zeskantig	((zes)[Q],(kant)[N],(ig)[A|QN.])[A]
zesmaandelijks	((zes)[Q],((maand)[N],(elijks)[A|N.])[A])[A]
zesponder	((zes)[Q],(pond)[N],(er)[N|QN.])[N]
zesregelig	((zes)[Q],(regel)[N],(ig)[A|QN.])[A]
zestal	((zes)[Q],(tal)[N])[N]
zestallig	((zes)[Q],(tal)[N],(ig)[A|QN.])[A]
zestien	((zes)[Q],(tien)[Q])[Q]
zestienduizend	(((zes)[Q],(tien)[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q]
zestienhonderd	(((zes)[Q],(tien)[Q])[Q],(honderd)[Q])[Q]
zestig	((zes)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q]
zestigduizend	(((zes)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(duizend)[Q])[Q]
zestiger	(((zes)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(er)[N|Q.])[N]
zestigjarig	(((zes)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
zestigtal	(((zes)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(tal)[N])[N]
zesvingerig	((zes)[Q],(vinger)[N],(ig)[A|QN.])[A]
zesvlak	((zes)[Q],(vlak)[N])[N]
zesvoudig	((zesvoud)[N],(ig)[A|N.])[A]
zeswekendienst	((zes)[Q],(week)[N],(en)[N|QN.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
zeszijdig	((zes)[Q],(zijde)[N],(ig)[A|QN.])[A]
zet	(zet)[N]
zetangel	((zet)[N],(angel)[N])[N]
zetbaas	((zet)[N],(baas)[N])[N]
zetboer	((zet)[N],(boer)[N])[N]
zetbok	((zet)[V],(bok)[N])[N]
zetduiveltje	((zet)[N],(duivel)[N])[N]
zetel	(zetel)[N]
zetelen	(zetel)[V]
zetelverdeling	((zetel)[N],((ver)[V|.V],(deel)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
zetelwinst	((zetel)[N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
zetfout	((zet)[V],(fout)[N])[N]
zethaak	((zet)[V],(haak)[N])[N]
zetinstructie	((zet)[V],(instructie)[N])[N]
zetkastelein	((zet)[N],(kastelein)[N])[N]
zetlijn	((zet)[V],(lijn)[N])[N]
zetmachine	((zet)[V],(machine)[N])[N]
zetmeel	((zet)[N],(meel)[N])[N]
zetmeeldieet	(((zet)[N],(meel)[N])[N],(dieet)[N])[N]
zetpil	((zet)[N],(pil)[N])[N]
zetschipper	((zet)[N],((schip)[N],(er)[N|N.])[N])[N]
zetsel	((zet)[V],(sel)[N|V.])[N]
zetselproef	(((zet)[V],(sel)[N|V.])[N],(proef)[N])[N]
zetspiegel	((zet)[V],(spiegel)[N])[N]
zetten	(zet)[V]
zetter	((zet)[V],(er)[N|V.])[N]
zetterij	((zet)[V],(erij)[N|V.])[N]
zetting	((zet)[V],(ing)[N|V.])[N]
zetwerk	((zet)[V],(werk)[N])[N]
zeug	(zeug)[N]
zeulen	(zeul)[V]
zeuntje	(zeun)[N]
zeur	(zeur)[N]
zeurder	((zeur)[V],(der)[N|V.])[N]
zeurderig	(((zeur)[V],(der)[N|V.])[N],(ig)[A|N.])[A]
zeuren	(zeur)[V]
zeurig	((zeur)[V],(ig)[A|V.])[A]
zeurkous	((zeur)[V],(kous)[N])[N]
zeurpiet	((zeur)[V],(piet)[N])[N]
zeurster	((zeur)[V],(ster)[N|V.])[N]
zeurzak	((zeur)[V],(zak)[N])[N]
zeven	(zeef)[V]
zevenarmig	((zeven)[Q],(arm)[N],(ig)[A|QN.])[A]
zevenblad	((zeven)[Q],(blad)[N])[N]
zevenbladig	((zeven)[Q],((blad)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
zevenbloem	((zeven)[Q],(bloem)[N])[N]
zevenboom	((zeven)[Q],(boom)[N])[N]
zevenduizend	((zeven)[Q],(duizend)[Q])[Q]
zevenendertig	((zeven)[Q],(en)[C],((drie)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q]
zevenentwintig	((zeven)[Q],(en)[C],((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q]
zevenentwintigduizend	(((zeven)[Q],(en)[C],((twee)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q]
zevengesternte	((zeven)[Q],((ge)[N|.Nx],(ster)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
zevenhoek	((zeven)[Q],(hoek)[N])[N]
zevenhoekig	((zeven)[Q],(hoek)[N],(ig)[A|QN.])[A]
zevenhonderd	(((zeven)[Q],(honderd)[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
zevenhonderdduizend	(((zeven)[Q],(honderd)[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q]
zevenjaarsbloem	((zeven)[Q],(jaar)[N],(s)[N|QN.N],(bloem)[N])[N]
zevenjarig	((zeven)[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
zevenklapper	((zeven)[Q],(klap)[N],(er)[N|QN.])[N]
zevenkleurig	((zeven)[Q],(kleur)[N],(ig)[A|QN.])[A]
zevenmaands	((zeven)[Q],(maand)[N],(s)[A|QN.])[A]
zevenmijlslaarzen	((zeven)[Q],(mijl)[N],(s)[N|QN.N],(laars)[N])[N]
zevenoog	((zeven)[Q],(oog)[N])[N]
zevenslaper	((zeven)[Q],(slaap)[N],(er)[N|QN.])[N]
zevensprong	((zeven)[Q],(sprong)[N])[N]
zevenster	((zeven)[Q],(ster)[N])[N]
zevental	((zeven)[Q],(tal)[N])[N]
zeventallig	((zeven)[Q],(tal)[N],(ig)[A|QN.])[A]
zeventien	((zeven)[Q],(tien)[Q])[Q]
zeventiende-eeuws	((((zeven)[Q],(tien)[Q])[Q],(de)[Q|Q.])[Q],(eeuw)[N],(s)[N|QN.])[N]
zeventienduizend	((((zeven)[Q],(tien)[Q])[Q],(duizend)[Q])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
zeventienhonderd	(((zeven)[Q],(tien)[Q])[Q],(honderd)[Q])[Q]
zeventig	(((zeven)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(ste)[Q|Q.])[Q]
zeventigduizend	(((zeven)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(duizend)[Q])[Q]
zeventiger	(((zeven)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(er)[N|Q.])[N]
zeventigjarig	(((zeven)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(jaar)[N],(ig)[A|QN.])[A]
zeventigtal	(((zeven)[Q],(tig)[Q|Q.])[Q],(tal)[N])[N]
zevenurig	((zeven)[Q],(uur)[N],(ig)[A|QN.])[A]
zevenvoudig	((zevenvoud)[N],(ig)[A|N.])[A]
zevenzaad	((zeven)[Q],(zaad)[N])[N]
zevenzot	((zeven)[Q],(zot)[N])[N]
zever	((zeef)[V],(er)[N|V.])[N]
zeveraar	((zever)[V],(aar)[N|V.])[N]
zeveraarster	(((zever)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
zeveren	(zever)[V]
zeverlap	(((zeef)[V],(er)[N|V.])[N],(lap)[N])[N]
zicht	(zicht)[N]
zichtbaarheid	((zichtbaar)[A],(heid)[N|A.])[N]
zichten	(zicht)[V]
zichter	((zicht)[V],(er)[N|V.])[N]
zichtkoers	((zicht)[N],(koers)[N])[N]
zichtzending	((zicht)[N],((zend)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zieden	(zied)[V]
ziederij	((zied)[V],(erij)[N|V.])[N]
ziek	(ziek)[A]
ziekbed	((ziek)[A],(bed)[N])[N]
ziekelijk	((ziek)[A],(elijk)[A|A.])[A]
ziekelijkheid	(((ziek)[A],(elijk)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zieken	(ziek)[V]
ziekenappèl	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(appèl)[N])[N]
ziekenauto	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(auto)[N])[N]
ziekenbezoek	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(bezoek)[N])[N]
ziekenboeg	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(boeg)[N])[N]
ziekenbriefje	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(brief)[N])[N]
ziekenbroeder	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(broeder)[N])[N]
ziekenbus	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(bus)[N])[N]
ziekenfonds	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(fonds)[N])[N]
ziekenfondsbode	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(fonds)[N])[N],(bode)[N])[N]
ziekenfondsbril	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(fonds)[N])[N],(bril)[N])[N]
ziekenfondspakket	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(fonds)[N])[N],(pakket)[N])[N]
ziekenfondspatiënt	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(fonds)[N])[N],(patiënt)[N])[N]
ziekenfondspremie	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(fonds)[N])[N],(premie)[N])[N]
ziekenfondsraad	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(fonds)[N])[N],(raad)[N])[N]
ziekengeld	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(geld)[N])[N]
ziekenhuis	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N]
ziekenhuisarts	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(arts)[N])[N]
ziekenhuisbed	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(bed)[N])[N]
ziekenhuisbehandeling	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(((be)[V|.V],(handel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ziekenhuisdienst	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
ziekenhuisdirectie	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(directie)[N])[N]
ziekenhuisgebouw	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
ziekenhuisgeluid	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],((ge)[N|.V],(luid)[V])[N])[N]
ziekenhuisgeneeskunde	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],((genees)[V],(kunde)[N])[N])[N]
ziekenhuishemd	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(hemd)[N])[N]
ziekenhuisinfectie	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],((infect)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
ziekenhuiskeuken	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(keuken)[N])[N]
ziekenhuislucht	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(lucht)[N])[N]
ziekenhuismilieu	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(milieu)[N])[N]
ziekenhuisopname	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(opname)[N])[N]
ziekenhuisorganisatie	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
ziekenhuispatiënt	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(patiënt)[N])[N]
ziekenhuisperiode	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(periode)[N])[N]
ziekenhuispyjama	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(pyjama)[N])[N]
ziekenhuissfeer	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(sfeer)[N])[N]
ziekenhuisstaf	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(staf)[N])[N]
ziekenhuistarief	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(tarief)[N])[N]
ziekenhuisterrein	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(terrein)[N])[N]
ziekenhuistijd	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(tijd)[N])[N]
ziekenhuisvoorziening	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ziekenhuiswereld	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(wereld)[N])[N]
ziekenhuiszaal	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(huis)[N])[N],(zaal)[N])[N]
ziekenkamer	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(kamer)[N])[N]
ziekenkas	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(kas)[N])[N]
ziekenkost	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(kost)[N])[N]
ziekenmoeder	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(moeder)[N])[N]
ziekenomroep	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(omroep)[N])[N]
ziekenoppasser	((zieke)[N],(en)[N|N.Vx],((op)[P],(pas)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
ziekenoppasseres	(((zieke)[N],(en)[N|N.Vx],((op)[P],(pas)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N],(es)[N|N.])[N]
ziekenoppassing	((zieke)[N],(en)[N|N.Vx],((op)[P],(pas)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
ziekenoppasster	((zieke)[N],(en)[N|N.Vx],((op)[P],(pas)[V])[V],(ster)[N|NxV.])[N]
ziekenrapport	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(rapport)[N])[N]
ziekenstal	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(stal)[N])[N]
ziekenstoel	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(stoel)[N])[N]
ziekentransport	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(transport)[N])[N]
ziekentroost	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(troost)[N])[N]
ziekentrooster	(((zieke)[N],(en)[N|N.N],(troost)[N])[N],(er)[N|N.])[N]
ziekenvader	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(vader)[N])[N]
ziekenverpleegster	((zieke)[N],(en)[N|N.Vx],(verpleeg)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
ziekenverpleger	((zieke)[N],(en)[N|N.Vx],(verpleeg)[V],(er)[N|NxV.])[N]
ziekenverpleging	((zieke)[N],(en)[N|N.Vx],(verpleeg)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
ziekenverzorger	((zieke)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(er)[N|NxV.])[N]
ziekenverzorging	((zieke)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
ziekenverzorgster	((zieke)[N],(en)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(ster)[N|NxV.])[N]
ziekenvoeding	((zieke)[N],(en)[N|N.Vx],(voed)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
ziekenwagen	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
ziekenzaal	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(zaal)[N])[N]
ziekenzalving	((zieke)[N],(en)[N|N.Vx],(zalf)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
ziekenzorg	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(zorg)[N])[N]
ziekenzuster	((zieke)[N],(en)[N|N.N],(zuster)[N])[N]
ziekmakend	((ziek)[A],(maak)[V],(end)[A|AV.])[A]
ziekmelding	((ziek)[A],(meld)[V],(ing)[N|AV.])[N]
ziekte	((ziek)[A],(te)[N|A.])[N]
ziekte-eenheid	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],((een)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
ziekte-inzicht	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],((in)[P],(zicht)[N])[N])[N]
ziektebacil	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(bacil)[N])[N]
ziektebeeld	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(beeld)[N])[N]
ziektebegrip	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(begrip)[N])[N]
ziektebeschrijving	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],((be)[V|.V],(schrijf)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
ziektegedrag	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(gedrag)[N])[N]
ziektegeld	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(geld)[N])[N]
ziektegeschiedenis	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],((geschied)[V],(enis)[N|V.])[N])[N]
ziektegeval	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(geval)[N])[N]
ziektekiem	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(kiem)[N])[N]
ziektekosten	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(kost)[N])[N]
ziektekostenverzekering	((((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(kost)[N])[N],(en)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ziektekunde	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(kunde)[N])[N]
ziektekundig	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
ziekteleer	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(en)[N|N.N],(leer)[N])[N]
ziekteoorzaak	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(oorzaak)[N])[N]
ziektepercentage	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(percentage)[N])[N]
ziekteperiode	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(periode)[N])[N]
ziekteproces	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(proces)[N])[N]
ziekteregeling	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],((regel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ziekterisico	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(risico)[N])[N]
ziektestof	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(stof)[N])[N]
ziektesymptoom	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(symptoom)[N])[N]
ziektetheorie	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(theorie)[N])[N]
ziektetoestand	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(toestand)[N])[N]
ziekteverlof	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(verlof)[N])[N]
ziekteverloop	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(verloop)[N])[N]
ziekteverschijnsel	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],((verschijn)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
ziekteverwekkend	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],((ver)[V|.V],(wek)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
ziekteverwekker	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],((ver)[V|.V],(wek)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
ziekteverzekering	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(((ver)[V|.A],(zeker)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
ziekteverzuim	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(verzuim)[N])[N]
ziektewet	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],(wet)[N])[N]
ziektewinst	(((ziek)[A],(te)[N|A.])[N],((win)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
ziel	(ziel)[N]
zielenadel	((ziel)[N],(e)[N|N.N],(adel)[N])[N]
zielengrootheid	((ziel)[N],(e)[N|N.N],((groot)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
zielenheil	((ziel)[N],(e)[N|N.N],(heil)[N])[N]
zielenherder	((ziel)[N],(e)[N|N.N],(herder)[N])[N]
zielenkracht	((ziel)[N],(e)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
zielenleed	((ziel)[N],(e)[N|N.N],(leed)[N])[N]
zielenleven	((ziel)[N],(e)[N|N.N],(leven)[N])[N]
zielenlijden	((ziel)[N],(e)[N|N.N],(lijden)[N])[N]
zielenmis	((ziel)[N],(e)[N|N.N],(mis)[N])[N]
zielennood	((ziel)[N],(e)[N|N.N],(nood)[N])[N]
zielenpiet	((ziel)[N],(e)[N|N.N],(piet)[N])[N]
zielenpijn	((ziel)[N],(e)[N|N.N],(pijn)[N])[N]
zielenpoot	((ziel)[N],(e)[N|N.N],(poot)[N])[N]
zielenroerselen	((ziel)[N],(e)[N|N.Vx],(roer)[V],(sel)[N|NxV.])[N]
zielenrust	((ziel)[N],(e)[N|N.N],(rust)[N])[N]
zielensmart	((ziel)[N],(e)[N|N.N],(smart)[N])[N]
zielenstrijd	((ziel)[N],(e)[N|N.N],(strijd)[N])[N]
zielental	((ziel)[N],(en)[N|N.N],(tal)[N])[N]
zielentoestand	((ziel)[N],(e)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
zielenvreugd	((ziel)[N],(e)[N|N.N],(vreugd)[N])[N]
zielenvreugde	((ziel)[N],(e)[N|N.N],(vreugde)[N])[N]
zielenzaligheid	((ziel)[N],(e)[N|N.N],((zalig)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
zielenzorg	((ziel)[N],(en)[N|N.N],(zorg)[N])[N]
zieligheid	((zielig)[A],(heid)[N|A.])[N]
zielknijper	((ziel)[N],(knijp)[V],(er)[N|NV.])[N]
zielkunde	((ziel)[N],(kunde)[N])[N]
zielkundig	((ziel)[N],((kunde)[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
zielloos	((ziel)[N],(loos)[A|N.])[A]
zielmis	((ziel)[N],(mis)[N])[N]
zielroerend	((ziel)[N],(roer)[V],(end)[A|NV.])[A]
zielsaandoening	((ziel)[N],(s)[N|N.N],(((aan)[P],(doe)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zielsangst	((ziel)[N],(s)[N|N.N],(angst)[N])[N]
zielsbedroefd	((ziel)[N],(s)[A|N.A],(bedroefd)[A])[A]
zielsbemind	((ziel)[N],(s)[A|N.A],(bemind)[A])[A]
zielsblij	((ziel)[N],(s)[A|N.A],(blij)[A])[A]
zielsblijde	((ziel)[N],(s)[A|N.A],(blijde)[A])[A]
zielsdankbaar	((ziel)[N],(s)[A|N.A],(dankbaar)[A])[A]
zielsgeliefd	((ziel)[N],(s)[A|N.A],(geliefd)[A])[A]
zielsgelukkig	((ziel)[N],(s)[A|N.A],(((ge)[N|.V],(luk)[V])[N],(ig)[A|N.])[A])[A]
zielsgenoegen	((ziel)[N],(s)[N|N.N],(genoegen)[N])[N]
zielsgenot	((ziel)[N],(s)[N|N.N],(genot)[N])[N]
zielsgesteldheid	((ziel)[N],(s)[N|N.N],((gesteld)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
zielskracht	((ziel)[N],(s)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
zielskwelling	((ziel)[N],(s)[N|N.Vx],(kwel)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
zielsleed	((ziel)[N],(s)[N|N.N],(leed)[N])[N]
zielslief	((ziel)[N],(s)[A|N.A],(lief)[A])[A]
zielsmuziek	((ziel)[N],(s)[N|N.N],(muziek)[N])[N]
zielsontwikkeling	((ziel)[N],(s)[N|N.N],(((ont)[V|.V],(wikkel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zielsrust	((ziel)[N],(s)[N|N.N],(rust)[N])[N]
zielstevreden	((ziel)[N],(s)[A|N.A],(tevreden)[A])[A]
zielstoestand	((ziel)[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
zielsverdriet	((ziel)[N],(s)[N|N.N],(verdriet)[N])[N]
zielsverhuizing	((ziel)[N],(s)[N|N.Vx],(verhuis)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
zielsverlangen	((ziel)[N],(s)[N|N.N],(verlangen)[N])[N]
zielsvermogen	((ziel)[N],(s)[N|N.N],(vermogen)[N])[N]
zielsverrukking	((ziel)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.V],(ruk)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zielsvervoering	((ziel)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(voer)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
zielsverwant	((ziel)[N],(s)[A|N.A],(verwant)[A])[A]
zielsverwantschap	(((ziel)[N],(s)[A|N.A],(verwant)[A])[A],(schap)[N|A.])[N]
zielsvrede	((ziel)[N],(s)[N|N.N],(vrede)[N])[N]
zielsvreugde	((ziel)[N],(s)[N|N.N],(vreugde)[N])[N]
zielsvriend	((ziel)[N],(s)[N|N.N],(vriend)[N])[N]
zielsvriendin	(((ziel)[N],(s)[N|N.N],(vriend)[N])[N],(in)[N|N.])[N]
zielsziek	((ziel)[N],(s)[A|N.A],(ziek)[A])[A]
zielsziekte	((ziel)[N],(s)[N|N.N],((ziek)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
zielszorg	((ziel)[N],(s)[N|N.N],(zorg)[N])[N]
zielverheffend	((ziel)[N],((ver)[V|.V],(hef)[V])[V],(end)[A|NV.])[A]
zielverkoper	((ziel)[N],((ver)[V|.V],(koop)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
zielverkwikkend	((ziel)[N],((ver)[V|.N],(kwik)[N])[V],(end)[A|NV.])[A]
zielverzorger	((ziel)[N],((ver)[V|.V],(zorg)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
zielvol	((ziel)[N],(vol)[A])[A]
zielzorg	((ziel)[N],(zorg)[N])[N]
zielzorger	((ziel)[N],(zorg)[V],(er)[N|NV.])[N]
zien	(zie)[V]
ziener	((zie)[V],(er)[N|V.])[N]
zieneres	(((zie)[V],(er)[N|V.])[N],(es)[N|N.])[N]
zienersblik	(((zie)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(blik)[N])[N]
zienersoog	(((zie)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(oog)[N])[N]
zienlijk	((zie)[V],(lijk)[A|V.])[A]
zienster	((zie)[V],(ster)[N|V.])[N]
zienswijs	((zie)[V],(s)[N|V.N],(wijs)[N])[N]
zienswijze	((zie)[V],(s)[N|V.x],(wijze)[N|Vx.])[N]
zier	(zier)[N]
zift	(zift)[N]
ziften	(zift)[V]
zifter	((zift)[V],(er)[N|V.])[N]
zifterij	((zift)[V],(erij)[N|V.])[N]
zifting	((zift)[V],(ing)[N|V.])[N]
ziftsel	((zift)[V],(sel)[N|V.])[N]
zigeuner	(zigeuner)[N]
zigeunerachtig	((zigeuner)[N],(achtig)[A|N.])[A]
zigeunerfamilie	((zigeuner)[N],(familie)[N])[N]
zigeunerin	((zigeuner)[N],(in)[N|N.])[N]
zigeunerkamp	((zigeuner)[N],(kamp)[N])[N]
zigeunerkind	((zigeuner)[N],(kind)[N])[N]
zigeunerkoning	((zigeuner)[N],(koning)[N])[N]
zigeunerleven	((zigeuner)[N],(leven)[N])[N]
zigeunerlied	((zigeuner)[N],(lied)[N])[N]
zigeunermeisje	((zigeuner)[N],(meisje)[N])[N]
zigeunermelodie	((zigeuner)[N],((melodisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
zigeunermuziek	((zigeuner)[N],(muziek)[N])[N]
zigeunerorkest	((zigeuner)[N],(orkest)[N])[N]
zigeunertroep	((zigeuner)[N],(troep)[N])[N]
zigeunervolk	((zigeuner)[N],(volk)[N])[N]
zigeunervrouw	((zigeuner)[N],(vrouw)[N])[N]
zigeunerwagen	((zigeuner)[N],(wagen)[N])[N]
zigzaglijn	((zigzag)[B],(lijn)[N])[N]
zigzagmachine	((zigzag)[B],(machine)[N])[N]
zigzagnaaimachine	((zigzag)[B],((naai)[V],(machine)[N])[N])[N]
zigzagsgewijs	((zigzag)[N],(s)[A|N.x],(gewijs)[A|Nx.])[A]
zigzagsgewijze	((zigzag)[N],(s)[A|N.x],(gewijze)[A|Nx.])[A]
zigzagsteek	((zigzag)[N],(s)[N|N.N],(teek)[N])[N]
zij	(zij)[N]
zij-ingang	((zij)[N],(ingang)[N])[N]
zijaanzicht	((zij)[N],(aanzicht)[N])[N]
zijachtig	((zij)[N],(achtig)[A|N.])[A]
zijaltaar	((zij)[N],(altaar)[N])[N]
zijbalkon	((zij)[N],(balkon)[N])[N]
zijbeenderen	((zij)[N],(been)[N])[N]
zijbelader	((zij)[N],(((be)[V|.V],(laad)[V])[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zijbeuk	((zij)[N],(beuk)[N])[N]
zijde	(zijde)[N]
zijde-industrie	((zijde)[N],(industrie)[N])[N]
zijdeachtig	((zijde)[N],(achtig)[A|N.])[A]
zijdecocon	((zijde)[N],(cocon)[N])[N]
zijdecultuur	((zijde)[N],(cultuur)[N])[N]
zijdefabriek	((zijde)[N],(fabriek)[N])[N]
zijdeglans	((zijde)[N],(glans)[N])[N]
zijden	((zijde)[N],(en)[A|N.])[A]
zijdenhemdje	(((zijde)[N],(en)[A|N.])[A],(hemd)[N])[N]
zijdepapier	((zijde)[N],(papier)[N])[N]
zijderups	((zijde)[N],(rups)[N])[N]
zijdespinnerij	((zijde)[N],(spin)[V],(erij)[N|NV.])[N]
zijdespoel	((zijde)[N],(spoel)[N])[N]
zijdestreep	((zijde)[N],(streep)[N])[N]
zijdeteelt	((zijde)[N],(teelt)[N])[N]
zijdeur	((zij)[N],(deur)[N])[N]
zijdevlinder	((zijde)[N],(vlinder)[N])[N]
zijdewever	((zijde)[N],(weef)[V],(er)[N|NV.])[N]
zijdeweverij	((zijde)[N],(weef)[V],(erij)[N|NV.])[N]
zijdeworm	((zijde)[N],(worm)[N])[N]
zijeffect	((zij)[N],(effect)[N])[N]
zijg	(zijg)[N]
zijgaanderij	((zij)[N],(gaanderij)[N])[N]
zijgalerij	((zij)[N],(galerij)[N])[N]
zijgang	((zij)[N],(gang)[N])[N]
zijgebouw	((zij)[N],((ge)[N|.V],(bouw)[V])[N])[N]
zijgen	(zijg)[V]
zijgevel	((zij)[N],(gevel)[N])[N]
zijig	((zij)[N],(ig)[A|N.])[A]
zijkamer	((zij)[N],(kamer)[N])[N]
zijkanaal	((zij)[N],(kanaal)[N])[N]
zijkant	((zij)[N],(kant)[N])[N]
zijkapel	((zij)[N],(kapel)[N])[N]
zijl	(zijl)[N]
zijlaan	((zij)[N],(laan)[N])[N]
zijlicht	((zij)[N],(licht)[N])[N]
zijligging	((zij)[N],((lig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zijlijn	((zij)[N],(lijn)[N])[N]
zijlinie	((zij)[N],(linie)[N])[N]
zijloge	((zij)[N],(loge)[N])[N]
zijloot	((zij)[N],(loot)[N])[N]
zijmuur	((zij)[N],(muur)[N])[N]
zijn	(zijn)[V]
zijnet	((zij)[N],(net)[N])[N]
zijnsbeginsel	((zijn)[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
zijnsbegrip	((zijn)[N],(s)[N|N.N],(begrip)[N])[N]
zijnsleer	((zijn)[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
zijnsstatuut	((zijn)[N],(s)[N|N.N],(statuut)[N])[N]
zijnstoestand	((zijn)[N],(s)[N|N.N],(toestand)[N])[N]
zijopening	((zij)[N],((open)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zijp	(zijp)[N]
zijpaneel	((zij)[N],(paneel)[N])[N]
zijpoort	((zij)[N],(poort)[N])[N]
zijportaal	((zij)[N],(portaal)[N])[N]
zijraam	((zij)[N],(raam)[N])[N]
zijrivier	((zij)[N],(rivier)[N])[N]
zijschip	((zij)[N],(schip)[N])[N]
zijsluiting	((zij)[N],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zijspan	((zij)[N],(span)[N])[N]
zijspanrace	(((zij)[N],(span)[N])[N],(race)[N])[N]
zijspanrijder	(((zij)[N],(span)[N])[N],((rijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zijspanrijdster	(((zij)[N],(span)[N])[N],(rijd)[V],(ster)[N|NV.])[N]
zijspanwagen	(((zij)[N],(span)[N])[N],(wagen)[N])[N]
zijspiegel	((zij)[N],(spiegel)[N])[N]
zijspoor	((zij)[N],(spoor)[N])[N]
zijsprong	((zij)[N],(sprong)[N])[N]
zijstap	((zij)[N],(stap)[N])[N]
zijstraat	((zij)[N],(straat)[N])[N]
zijstuk	((zij)[N],(stuk)[N])[N]
zijtak	((zij)[N],(tak)[N])[N]
zijtas	((zij)[N],(tas)[N])[N]
zijvenster	((zij)[N],(venster)[N])[N]
zijvertrek	((zij)[N],(vertrek)[N])[N]
zijvlak	((zij)[N],(vlak)[N])[N]
zijvleugel	((zij)[N],(vleugel)[N])[N]
zijwaarts	((zij)[N],(waarts)[A|N.])[A]
zijwand	((zij)[N],(wand)[N])[N]
zijweg	((zij)[N],(weg)[N])[N]
zijwind	((zij)[N],(wind)[N])[N]
zijzak	((zij)[N],(zak)[N])[N]
zijzwaard	((zij)[N],(zwaard)[N])[N]
zilt	(zilt)[N]
ziltheid	((zilt)[A],(heid)[N|A.])[N]
ziltig	((zilt)[N],(ig)[A|N.])[A]
ziltigheid	(((zilt)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zilver	(zilver)[N]
zilveraal	((zilver)[N],(aal)[N])[N]
zilveraanmunting	((zilver)[N],((aan)[P],(munt)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
zilverachtig	((zilver)[N],(achtig)[A|N.])[A]
zilverader	((zilver)[N],(ader)[N])[N]
zilverbad	((zilver)[N],(bad)[N])[N]
zilverberk	((zilver)[N],(berk)[N])[N]
zilverbeslag	((zilver)[N],(beslag)[N])[N]
zilverbestek	((zilver)[N],(bestek)[N])[N]
zilverbeuk	((zilver)[N],(beuk)[N])[N]
zilverblad	((zilver)[N],(blad)[N])[N]
zilverblank	((zilver)[N],(blank)[A])[A]
zilverbon	((zilver)[N],(bon)[N])[N]
zilverbromide	((zilver)[N],(bromide)[N])[N]
zilverden	((zilver)[N],(den)[N])[N]
zilverdoek	((zilver)[N],(doek)[N])[N]
zilverdraad	((zilver)[N],(draad)[N])[N]
zilveren	((zilver)[N],(en)[A|N.])[A]
zilvererts	((zilver)[N],(erts)[N])[N]
zilverfazant	((zilver)[N],(fazant)[N])[N]
zilvergehalte	((zilver)[N],(gehalte)[N])[N]
zilvergeld	((zilver)[N],(geld)[N])[N]
zilverglans	((zilver)[N],(glans)[N])[N]
zilverhoudend	((zilver)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
zilverig	((zilver)[N],(ig)[A|N.])[A]
zilverkast	((zilver)[N],(kast)[N])[N]
zilverkleur	((zilver)[N],(kleur)[N])[N]
zilverkleurig	((zilver)[N],(kleur)[N],(ig)[A|NN.])[A]
zilverkoers	((zilver)[N],(koers)[N])[N]
zilverkorrel	((zilver)[N],(korrel)[N])[N]
zilverlakens	((zilverlaken)[N],(s)[A|N.])[A]
zilverlamé	((zilver)[N],(lamé)[N])[N]
zilverlegering	((zilver)[N],((legeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zilverlening	((zilver)[N],((leen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zilverling	((zilver)[N],(ling)[N|N.])[N]
zilvermeeuw	((zilver)[N],(meeuw)[N])[N]
zilvermijn	((zilver)[N],(mijn)[N])[N]
zilvermunt	((zilver)[N],(munt)[N])[N]
zilvernitraat	((zilver)[N],((nitreer)[V],(aat)[N|V.])[N])[N]
zilverpapier	((zilver)[N],(papier)[N])[N]
zilverplevier	((zilver)[N],(plevier)[N])[N]
zilverpluvier	((zilver)[N],(pluvier)[N])[N]
zilverpoeder	((zilver)[N],(poeder)[N])[N]
zilverpoeier	((zilver)[N],(poeier)[N])[N]
zilverpopulier	((zilver)[N],(populier)[N])[N]
zilverprijs	((zilver)[N],(prijs)[N])[N]
zilverreiger	((zilver)[N],(reiger)[N])[N]
zilverschoon	((zilver)[N],(schoon)[A])[N]
zilversmeedwerk	((zilver)[N],((smeed)[V],(werk)[N])[N])[N]
zilversmid	((zilver)[N],(smid)[N])[N]
zilversoldeer	((zilver)[N],(soldeer)[N])[N]
zilverspar	((zilver)[N],(spar)[N])[N]
zilverstuk	((zilver)[N],(stuk)[N])[N]
zilveruitje	((zilver)[N],(ui)[N])[N]
zilvervis	((zilver)[N],(vis)[N])[N]
zilvervlies	((zilver)[N],(vlies)[N])[N]
zilvervliesrijst	(((zilver)[N],(vlies)[N])[N],(rijst)[N])[N]
zilvervloot	((zilver)[N],(vloot)[N])[N]
zilvervos	((zilver)[N],(vos)[N])[N]
zilverwerk	((zilver)[N],(werk)[N])[N]
zilverwilg	((zilver)[N],(wilg)[N])[N]
zilverwit	((zilver)[N],(wit)[A])[A]
zilverzand	((zilver)[N],(zand)[N])[N]
zilverzout	((zilver)[N],(zout)[N])[N]
zin	(zin)[N]
zindeel	((zin)[N],(deel)[N])[N]
zindelijkheid	((zindelijk)[A],(heid)[N|A.])[N]
zindelijkheidsdressuur	(((zindelijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((dresseer)[V],(uur)[N|V.])[N])[N]
zindelijkheidstraining	(((zindelijk)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((train)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zinderen	(zinder)[V]
zindering	((zinder)[V],(ing)[N|V.])[N]
zingbaar	((zing)[V],(baar)[A|V.])[A]
zingen	(zing)[V]
zingenot	((zin)[N],(genot)[N])[N]
zingeving	((zin)[N],(geef)[V],(ing)[N|NV.])[N]
zingmug	((zing)[V],(mug)[N])[N]
zink	(zink)[N]
zinkbak	((zink)[N],(bak)[N])[N]
zinkbedekking	((zink)[N],(((be)[V|.V],(dek)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zinkblende	((zink)[N],(blende)[N])[N]
zinkdruk	((zink)[N],(druk)[N])[N]
zinken	(zink)[V]
zinken	((zink)[N],(en)[A|N.])[A]
zinker	((zink)[V],(er)[N|V.])[N]
zinkerts	((zink)[N],(erts)[N])[N]
zinkgat	((zink)[V],(gat)[N])[N]
zinkgravure	((zink)[N],(gravure)[N])[N]
zinkhoudend	((zink)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
zinking	((zink)[V],(ing)[N|V.])[N]
zinkingkoorts	(((zink)[V],(ing)[N|V.])[N],(koorts)[N])[N]
zinkingskoorts	(((zink)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(koorts)[N])[N]
zinklaag	((zink)[N],(laag)[N])[N]
zinklegering	((zink)[N],((legeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zinklood	((zink)[N],(lood)[N])[N]
zinkoxide	((zink)[N],(oxide)[N])[N]
zinkplaat	((zink)[N],(plaat)[N])[N]
zinkput	((zink)[V],(put)[N])[N]
zinksel	((zink)[V],(sel)[N|V.])[N]
zinkstof	((zink)[V],(stof)[N])[N]
zinkstuk	((zink)[V],(stuk)[N])[N]
zinkwit	((zink)[N],(wit)[N])[N]
zinkzalf	((zink)[N],(zalf)[N])[N]
zinkzeep	((zink)[N],(zeep)[N])[N]
zinledig	((zin)[N],(ledig)[A])[A]
zinlijk	((zin)[N],(lijk)[A|N.])[A]
zinlijkheid	(((zin)[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zinloos	((zin)[N],(loos)[A|N.])[A]
zinloosheid	(((zin)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zinnebeeld	((zin)[N],(e)[N|N.N],(beeld)[N])[N]
zinnebeeldig	(((zin)[N],(e)[N|N.N],(beeld)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
zinnelijk	((zin)[N],(elijk)[A|N.])[A]
zinnelijkheid	(((zin)[N],(elijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zinneloos	((zin)[N],(eloos)[A|N.])[A]
zinneloosheid	(((zin)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zinnen	(zin)[V]
zinnenpop	((zin)[N],(e)[N|N.N],(pop)[N])[N]
zinnenprikkelend	((zin)[N],(en)[A|N.V],(prikkelend)[V])[A]
zinnenspel	((zin)[N],(e)[N|N.N],(spel)[N])[N]
zinnenstrelend	((zin)[N],(en)[A|N.Vx],(streel)[V],(end)[A|NxV.])[A]
zinnenwereld	((zin)[N],(en)[N|N.N],(wereld)[N])[N]
zinnia	(zinnia)[N]
zinnig	((zin)[N],(ig)[A|N.])[A]
zinnigheid	(((zin)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zinrijk	((zin)[N],(rijk)[A])[A]
zinrijkheid	(((zin)[N],(rijk)[A])[A],(heid)[N|A.])[N]
zinsaccent	((zin)[N],(s)[N|N.N],(accent)[N])[N]
zinsbedrog	((zin)[N],(s)[N|N.N],(bedrog)[N])[N]
zinsbegoocheling	((zin)[N],(s)[N|N.N],(((be)[V|.V],(goochel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zinsbouw	((zin)[N],(s)[N|N.N],(bouw)[N])[N]
zinscheiding	((zin)[N],(scheid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
zinsconstructie	((zin)[N],(s)[N|N.N],(constructie)[N])[N]
zinsdeel	((zin)[N],(s)[N|N.N],(deel)[N])[N]
zinsfragment	((zin)[N],(s)[N|N.N],(fragment)[N])[N]
zinsfunctie	((zin)[N],(s)[N|N.N],(functie)[N])[N]
zinsgedeelte	((zin)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.Nx],(deel)[N],(te)[N|xN.])[N])[N]
zinsleer	((zin)[N],(s)[N|N.N],(leer)[N])[N]
zinslid	((zin)[N],(s)[N|N.N],(lid)[N])[N]
zinsmelodie	((zin)[N],(s)[N|N.N],((melodisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
zinsnede	((zin)[N],(snede)[N])[N]
zinsomzetting	((zin)[N],(s)[N|N.Vx],((om)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
zinsontleding	((zin)[N],(s)[N|N.Vx],(ontleed)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
zinspelen	((zin)[N],(speel)[V])[V]
zinspeling	(((zin)[N],(speel)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
zinspreuk	((zin)[N],(spreuk)[N])[N]
zinspreukig	(((zin)[N],(spreuk)[N])[N],(ig)[A|N.])[A]
zinsritme	((zin)[N],(s)[N|N.N],(ritme)[N])[N]
zinsstructuur	((zin)[N],(s)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
zinstorend	((zin)[N],(stoor)[V],(end)[A|NV.])[A]
zinstructuur	((zin)[N],(structuur)[N])[N]
zinstype	((zin)[N],(s)[N|N.N],(type)[N])[N]
zinsverband	((zin)[N],(s)[N|N.N],(verband)[N])[N]
zinsverbijstering	((zin)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.A],(bijster)[A])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
zinsverrukking	((zin)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(ruk)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
zinsvervoering	((zin)[N],(s)[N|N.Vx],((ver)[V|.V],(voer)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
zinsvorm	((zin)[N],(s)[N|N.N],(vorm)[N])[N]
zinswending	((zin)[N],(s)[N|N.Vx],(wend)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
zinteken	((zin)[N],(teken)[N])[N]
zintuig	((zin)[N],(tuig)[N])[N]
zintuigcel	(((zin)[N],(tuig)[N])[N],(cel)[N])[N]
zintuigfysiologie	(((zin)[N],(tuig)[N])[N],((fysiologisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
zintuiglijk	(((zin)[N],(tuig)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A]
zintuiglijkheid	((((zin)[N],(tuig)[N])[N],(lijk)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zintuigprikkeling	(((zin)[N],(tuig)[N])[N],((prikkel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zinverwant	((zin)[N],(verwant)[A])[A]
zinverwantschap	(((zin)[N],(verwant)[A])[A],(schap)[N|A.])[N]
zinvol	((zin)[N],(vol)[A])[A]
zionistisch	((zionist)[N],(isch)[A|N.])[A]
zit	(zit)[N]
zit-eetkamer	((zit)[V],(eet)[V],(kamer)[N])[N]
zitbad	((zit)[V],(bad)[N])[N]
zitbank	((zit)[V],(bank)[N])[N]
zitdag	((zit)[V],(dag)[N])[N]
zitelement	((zit)[V],(element)[N])[N]
zithoek	((zit)[V],(hoek)[N])[N]
zithoogte	((zit)[V],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
zitkamer	((zit)[V],(kamer)[N])[N]
zitkamerameublement	(((zit)[V],(kamer)[N])[N],(ameublement)[N])[N]
zitkubus	((zit)[V],(kubus)[N])[N]
zitkuil	((zit)[V],(kuil)[N])[N]
zitpenning	((zit)[V],(penning)[N])[N]
zitplaats	((zit)[V],(plaats)[N])[N]
zitslaapbank	((zit)[V],(slaap)[V],(bank)[N])[N]
zitslaapkamer	((zit)[V],(slaap)[V],(kamer)[N])[N]
zitten	(zit)[V]
zittenblijver	((zit)[V],(blijf)[V],(er)[N|VV.])[N]
zittenblijversprobleem	(((zit)[V],(blijf)[V],(er)[N|VV.])[N],(s)[N|N.N],(probleem)[N])[N]
zittijd	((zit)[V],(tijd)[N])[N]
zitting	((zit)[V],(ing)[N|V.])[N]
zittingsdag	(((zit)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(dag)[N])[N]
zittingsjaar	(((zit)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
zittingsperiode	(((zit)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
zittingsverslag	(((zit)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(verslag)[N])[N]
zittingszaal	(((zit)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zaal)[N])[N]
zittingzaal	(((zit)[V],(ing)[N|V.])[N],(zaal)[N])[N]
zituur	((zit)[V],(uur)[N])[N]
zitvlak	((zit)[V],(vlak)[N])[N]
zitvlees	((zit)[V],(vlees)[N])[N]
zitzak	((zit)[V],(zak)[N])[N]
zo	(zo)[N]
zodanig	((zo)[B],(danig)[A])[A]
zode	(zode)[N]
zodenbank	((zode)[N],(en)[N|N.N],(bank)[N])[N]
zodenploeg	((zode)[N],(en)[N|N.N],(ploeg)[N])[N]
zodensnijder	((zode)[N],(en)[N|N.Vx],(snijd)[V],(er)[N|NxV.])[N]
zodiak	(zodiak)[N]
zodiakaal	((zodiak)[N],(aal)[A|N.])[A]
zoek	(zoek)[A]
zoekbrengen	((zoek)[A],(breng)[V])[V]
zoeken	(zoek)[V]
zoeker	((zoek)[V],(er)[N|V.])[N]
zoeklicht	((zoek)[V],(licht)[N])[N]
zoekmaken	((zoek)[A],(maak)[V])[V]
zoekplaatje	((zoek)[V],(plaat)[N])[N]
zoekprocedure	((zoek)[V],(procedure)[N])[N]
zoel	(zoel)[A]
zoelheid	((zoel)[A],(heid)[N|A.])[N]
zoelte	((zoel)[A],(te)[N|A.])[N]
zoemen	(zoem)[V]
zoemer	((zoem)[V],(er)[N|V.])[N]
zoemertoon	(((zoem)[V],(er)[N|V.])[N],(toon)[N])[N]
zoemtoon	((zoem)[V],(toon)[N])[N]
zoen	(zoen)[N]
zoenaltaar	((zoen)[V],(altaar)[N])[N]
zoenbloed	((zoen)[V],(bloed)[N])[N]
zoendood	((zoen)[V],(dood)[N])[N]
zoenen	(zoen)[V]
zoener	((zoen)[V],(er)[N|V.])[N]
zoenerig	((zoen)[V],(erig)[A|V.])[A]
zoengeld	((zoen)[V],(geld)[N])[N]
zoenlippen	((zoen)[V],(lip)[N])[N]
zoenoffer	((zoen)[V],(offer)[N])[N]
zoet	(zoet)[N]
zoetachtig	((zoet)[A],(achtig)[A|A.])[A]
zoetelaarster	((zoetelaar)[N],(ster)[N|N.])[N]
zoetelief	((zoet)[A],(e)[N|A.N],(lief)[N])[N]
zoetelijk	((zoet)[A],(elijk)[A|A.])[A]
zoetemelk	((zoet)[A],(e)[N|A.N],(melk)[N])[N]
zoetemelks	(((zoet)[A],(e)[N|A.N],(melk)[N])[N],(s)[A|N.])[A]
zoeten	(zoet)[V]
zoeterd	((zoet)[A],(erd)[N|A.])[N]
zoetheid	((zoet)[A],(heid)[N|A.])[N]
zoethouder	((zoet)[A],(houd)[V],(er)[N|AV.])[N]
zoethout	((zoet)[A],(hout)[N])[N]
zoethoutsuiker	(((zoet)[A],(hout)[N])[N],(suiker)[N])[N]
zoetig	((zoet)[A],(ig)[A|A.])[A]
zoetigheid	((zoet)[A],(igheid)[N|A.])[N]
zoetje	((zoet)[A],(je)[N|A.])[N]
zoetklinkend	((zoet)[A],(klink)[V],(end)[A|AV.])[A]
zoetluidend	((zoet)[A],(luid)[V],(end)[A|AV.])[A]
zoetmakend	((zoet)[A],(maak)[V],(end)[A|AV.])[A]
zoetmiddel	((zoet)[V],(middel)[N])[N]
zoetrasp	((zoet)[V],(rasp)[N])[N]
zoetsappig	((zoet)[A],(sap)[N],(ig)[A|AN.])[A]
zoetsappigheid	(((zoet)[A],(sap)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zoetschaaf	((zoet)[V],(schaaf)[N])[N]
zoetstof	((zoet)[A],(stof)[N])[N]
zoetstoftablet	(((zoet)[A],(stof)[N])[N],(tablet)[N])[N]
zoetvijl	((zoet)[V],(vijl)[N])[N]
zoetvloeiend	((zoet)[A],(vloei)[V],(end)[A|AV.])[A]
zoetvloeiendheid	(((zoet)[A],(vloei)[V],(end)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zoetwaren	((zoet)[A],(waar)[N])[N]
zoetwater	((zoet)[A],(water)[N])[N]
zoetwaterfauna	(((zoet)[A],(water)[N])[N],(fauna)[N])[N]
zoetwaterflora	(((zoet)[A],(water)[N])[N],(flora)[N])[N]
zoetwaterlongslak	(((zoet)[A],(water)[N])[N],((long)[N],(slak)[N])[N])[N]
zoetwatermeer	(((zoet)[A],(water)[N])[N],(meer)[N])[N]
zoetwaterplant	(((zoet)[A],(water)[N])[N],(plant)[N])[N]
zoetwaterpoliep	(((zoet)[A],(water)[N])[N],(poliep)[N])[N]
zoetwatervis	(((zoet)[A],(water)[N])[N],(vis)[N])[N]
zoetwatervisserij	(((zoet)[A],(water)[N])[N],((vis)[V],(erij)[N|V.])[N])[N]
zoetwaterzak	(((zoet)[A],(water)[N])[N],(zak)[N])[N]
zoetzuur	((zoet)[A],(zuur)[N])[N]
zoeven	(zoef)[V]
zog	(zog)[N]
zogeheten	((zo)[B],(geheten)[V])[A]
zogen	(zoog)[V]
zogenaamd	((zo)[B],(genaamd)[A])[A]
zogenoemd	((zo)[B],(genoemd)[A])[A]
zogezegd	((zo)[B],(gezegd)[V])[A]
zogkoorts	((zog)[N],(koorts)[N])[N]
zogwater	((zog)[N],(water)[N])[N]
zolder	(zolder)[N]
zolderbalk	((zolder)[N],(balk)[N])[N]
zolderbetimmering	((zolder)[N],(((be)[V|.V],(timmer)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zolderdeur	((zolder)[N],(deur)[N])[N]
zolderen	(zolder)[V]
zolderetage	((zolder)[N],(etage)[N])[N]
zoldergat	((zolder)[N],(gat)[N])[N]
zoldering	((zolder)[V],(ing)[N|V.])[N]
zolderkamer	((zolder)[N],(kamer)[N])[N]
zolderluik	((zolder)[N],(luik)[N])[N]
zolderraam	((zolder)[N],(raam)[N])[N]
zolderschuit	((zolder)[N],(schuit)[N])[N]
zoldertrap	((zolder)[N],(trap)[N])[N]
zoldervenster	((zolder)[N],(venster)[N])[N]
zolderverdieping	((zolder)[N],(((ver)[V|.A],(diep)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zolen	(zool)[V]
zombie	(zombie)[N]
zomen	(zoom)[V]
zomer	(zomer)[N]
zomeraardappel	((zomer)[N],((aarde)[N],(appel)[N])[N])[N]
zomerachtig	((zomer)[N],(achtig)[A|N.])[A]
zomeravond	((zomer)[N],(avond)[N])[N]
zomerbed	((zomer)[N],(bed)[N])[N]
zomerbedding	((zomer)[N],(bedding)[N])[N]
zomerbreedte	((zomer)[N],((breed)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
zomerdag	((zomer)[N],(dag)[N])[N]
zomerdienst	((zomer)[N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
zomerdijk	((zomer)[N],(dijk)[N])[N]
zomerdos	((zomer)[N],(dos)[N])[N]
zomerdracht	((zomer)[N],(dracht)[N])[N]
zomeren	(zomer)[V]
zomerfeest	((zomer)[N],(feest)[N])[N]
zomergast	((zomer)[N],(gast)[N])[N]
zomergewas	((zomer)[N],((ge)[N|.V],(was)[V])[N])[N]
zomergoed	((zomer)[N],(goed)[N])[N]
zomergraan	((zomer)[N],(graan)[N])[N]
zomergroente	((zomer)[N],((groen)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
zomerhalfjaar	((zomer)[N],((half)[A],(jaar)[N])[N])[N]
zomerhoed	((zomer)[N],(hoed)[N])[N]
zomerhuis	((zomer)[N],(huis)[N])[N]
zomerjapon	((zomer)[N],(japon)[N])[N]
zomerjas	((zomer)[N],(jas)[N])[N]
zomerjurk	((zomer)[N],(jurk)[N])[N]
zomerkade	((zomer)[N],(kade)[N])[N]
zomerkleding	((zomer)[N],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zomerkleed	((zomer)[N],(kleed)[N])[N]
zomerkoninkje	((zomer)[N],(koning)[N])[N]
zomerkoren	((zomer)[N],(koren)[N])[N]
zomerkostuum	((zomer)[N],(kostuum)[N])[N]
zomermaand	((zomer)[N],(maand)[N])[N]
zomermantel	((zomer)[N],(mantel)[N])[N]
zomermorgen	((zomer)[N],(morgen)[N])[N]
zomernacht	((zomer)[N],(nacht)[N])[N]
zomerpeer	((zomer)[N],(peer)[N])[N]
zomerpeil	((zomer)[N],(peil)[N])[N]
zomerpostzegel	((zomer)[N],((post)[N],(zegel)[N])[N])[N]
zomerpunt	((zomer)[N],(punt)[N])[N]
zomerreces	((zomer)[N],(reces)[N])[N]
zomerrogge	((zomer)[N],(rogge)[N])[N]
zomers	((zomer)[N],(s)[A|N.])[A]
zomerschoen	((zomer)[N],(schoen)[N])[N]
zomerseizoen	((zomer)[N],(seizoen)[N])[N]
zomerslaap	((zomer)[N],(slaap)[N])[N]
zomersmering	((zomer)[N],((smeer)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zomersolstitium	((zomer)[N],(solstitium)[N])[N]
zomersproet	((zomer)[N],(sproet)[N])[N]
zomertarwe	((zomer)[N],(tarwe)[N])[N]
zomertekens	((zomer)[N],(teken)[N])[N]
zomertijd	((zomer)[N],(tijd)[N])[N]
zomeruniversiteit	((zomer)[N],(universiteit)[N])[N]
zomeruur	((zomer)[N],(uur)[N])[N]
zomervacht	((zomer)[N],(vacht)[N])[N]
zomervakantie	((zomer)[N],(vakantie)[N])[N]
zomerverblijf	((zomer)[N],(verblijf)[N])[N]
zomerwarmte	((zomer)[N],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
zomerweder	((zomer)[N],(weder)[N])[N]
zomerweer	((zomer)[N],(weer)[N])[N]
zomerzalm	((zomer)[N],(zalm)[N])[N]
zomerzegel	((zomer)[N],(zegel)[N])[N]
zomerzon	((zomer)[N],(zon)[N])[N]
zomerzonnestilstand	((zomer)[N],((zon)[N],(e)[N|N.N],((stil)[A],(stand)[N])[N])[N])[N]
zomp	(zomp)[N]
zompig	((zomp)[N],(ig)[A|N.])[A]
zon	(zon)[N]
zonaal	((zone)[N],(aal)[A|N.])[A]
zonaanbidder	((zon)[N],((aan)[P],(bid)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
zonaanbidster	((zon)[N],((aan)[P],(bid)[V])[V],(ster)[N|NV.])[N]
zondaarsbank	((zondaar)[N],(s)[N|N.N],(bank)[N])[N]
zondaarsgezicht	((zondaar)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
zondagavond	((zondag)[N],(avond)[N])[N]
zondagclub	((zondag)[N],(club)[N])[N]
zondagcompetitie	((zondag)[N],(competitie)[N])[N]
zondagmiddag	((zondag)[N],(middag)[N])[N]
zondagmiddagarmpje	(((zondag)[N],(middag)[N])[N],(arm)[N])[N]
zondagmiddagconcert	(((zondag)[N],(middag)[N])[N],(concert)[N])[N]
zondagmorgen	((zondag)[N],(morgen)[N])[N]
zondagmorgenbijeenkomst	(((zondag)[N],(morgen)[N])[N],(((bijeen)[B],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
zondagnacht	((zondag)[N],(nacht)[N])[N]
zondagnamiddag	((zondag)[N],((na)[P],(middag)[N])[N])[N]
zondagochtend	((zondag)[N],(ochtend)[N])[N]
zondags	((zondag)[N],(s)[A|N.])[A]
zondagsarbeid	((zondag)[N],(s)[N|N.N],(arbeid)[N])[N]
zondagsarmpje	((zondag)[N],(s)[N|N.N],(arm)[N])[N]
zondagsbeurt	((zondag)[N],(s)[N|N.N],(beurt)[N])[N]
zondagsblad	((zondag)[N],(s)[N|N.N],(blad)[N])[N]
zondagsdienst	((zondag)[N],(s)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
zondagsgezicht	((zondag)[N],(s)[N|N.N],((ge)[N|.N],(zicht)[N])[N])[N]
zondagsheiliging	((zondag)[N],(s)[N|N.Vx],(heilig)[V],(ing)[N|NxV.])[N]
zondagsjager	((zondag)[N],(s)[N|N.N],((jaag)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zondagskind	((zondag)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
zondagskleed	((zondag)[N],(s)[N|N.N],(kleed)[N])[N]
zondagskost	((zondag)[N],(s)[N|N.N],(kost)[N])[N]
zondagsletter	((zondag)[N],(s)[N|N.N],(letter)[N])[N]
zondagsmaal	((zondag)[N],(s)[N|N.N],(maal)[N])[N]
zondagspak	((zondag)[N],(s)[N|N.N],(pak)[N])[N]
zondagsplicht	((zondag)[N],(s)[N|N.N],(plicht)[N])[N]
zondagspreek	((zondag)[N],(s)[N|N.N],(preek)[N])[N]
zondagspubliek	((zondag)[N],(s)[N|N.N],(publiek)[N])[N]
zondagsrijder	((zondag)[N],(s)[N|N.N],((rijd)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zondagsrust	((zondag)[N],(s)[N|N.N],(rust)[N])[N]
zondagsschilder	((zondag)[N],(s)[N|N.N],(schilder)[N])[N]
zondagsschool	((zondag)[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
zondagssluiting	(((zondag)[N],(s)[A|N.])[A],((sluit)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zondagsviering	((zondag)[N],(s)[N|N.N],((vier)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zondagswerk	((zondag)[N],(s)[N|N.N],(werk)[N])[N]
zondagswet	((zondag)[N],(s)[N|N.N],(wet)[N])[N]
zondagvoormiddag	((zondag)[N],((voor)[B],(middag)[N])[N])[N]
zondares	((zondaar)[N],(es)[N|N.])[N]
zonde	(zonde)[N]
zondebegrip	((zonde)[N],(begrip)[N])[N]
zondebesef	((zonde)[N],(besef)[N])[N]
zondebewustzijn	((zonde)[N],((bewust)[A],(zijn)[N])[N])[N]
zondebok	((zonde)[N],(bok)[N])[N]
zondelast	((zonde)[N],(last)[N])[N]
zondeloos	((zonde)[N],(loos)[A|N.])[A]
zondeloosheid	(((zonde)[N],(loos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zondemacht	((zonde)[N],(macht)[N])[N]
zonderegister	((zonde)[N],(en)[N|N.N],(register)[N])[N]
zonderlinge	((zonderling)[A],(e)[N|A.])[N]
zonderlingheid	((zonderling)[A],(heid)[N|A.])[N]
zondeschuld	((zonde)[N],(schuld)[N])[N]
zondeval	((zonde)[N],(val)[N])[N]
zondevergeving	((zonde)[N],((ver)[V|.V],(geef)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
zondig	((zonde)[N],(ig)[A|N.])[A]
zondigheid	(((zonde)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zone	(zone)[N]
zonecht	((zon)[N],(echt)[A])[A]
zoneclips	((zon)[N],(eclips)[N])[N]
zonegrens	((zone)[N],(grens)[N])[N]
zonestelsel	((zone)[N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
zonetarief	((zone)[N],(tarief)[N])[N]
zonetijd	((zone)[N],(tijd)[N])[N]
zonetoernooi	((zone)[N],(toernooi)[N])[N]
zonetornooi	((zone)[N],(tornooi)[N])[N]
zoneverdediging	((zone)[N],(verdedig)[V],(ing)[N|NV.])[N]
zonhoed	((zon)[N],(hoed)[N])[N]
zonkant	((zon)[N],(kant)[N])[N]
zonlicht	((zon)[N],(licht)[N])[N]
zonloos	((zon)[N],(loos)[A|N.])[A]
zonne-energie	((zon)[N],(e)[N|N.N],(energie)[N])[N]
zonne-uren	((zon)[N],(e)[N|N.N],(uur)[N])[N]
zonneactiviteit	((zon)[N],(e)[N|N.N],(((actie)[N],(ief)[A|N.])[A],(iteit)[N|A.])[N])[N]
zonnebaan	((zon)[N],(e)[N|N.N],(baan)[N])[N]
zonnebad	((zon)[N],(e)[N|N.N],(bad)[N])[N]
zonnebaden	((zon)[N],(e)[V|N.V],(baad)[V])[V]
zonnebank	((zon)[N],(e)[N|N.N],(bank)[N])[N]
zonneblind	((zon)[N],(e)[N|N.N],(blind)[N])[N]
zonnebloem	((zon)[N],(e)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
zonnebloemakker	(((zon)[N],(e)[N|N.N],(bloem)[N])[N],(akker)[N])[N]
zonnebloemolie	(((zon)[N],(e)[N|N.N],(bloem)[N])[N],(olie)[N])[N]
zonnebloempit	(((zon)[N],(e)[N|N.N],(bloem)[N])[N],(pit)[N])[N]
zonneboiler	((zon)[N],(e)[N|N.N],(boiler)[N])[N]
zonnebrand	((zon)[N],(e)[N|N.N],(brand)[N])[N]
zonnebrandcrème	(((zon)[N],(e)[N|N.N],(brand)[N])[N],(crème)[N])[N]
zonnebrandolie	(((zon)[N],(e)[N|N.N],(brand)[N])[N],(olie)[N])[N]
zonnebril	((zon)[N],(e)[N|N.N],(bril)[N])[N]
zonnecel	((zon)[N],(e)[N|N.N],(cel)[N])[N]
zonnecirkel	((zon)[N],(e)[N|N.N],(cirkel)[N])[N]
zonnecollector	((zon)[N],(e)[N|N.N],(collector)[N])[N]
zonnecultus	((zon)[N],(e)[N|N.N],(cultus)[N])[N]
zonnecyclus	((zon)[N],(e)[N|N.N],(cyclus)[N])[N]
zonnedag	((zon)[N],(e)[N|N.N],(dag)[N])[N]
zonnedak	((zon)[N],(e)[N|N.N],(dak)[N])[N]
zonnedauw	((zon)[N],(e)[N|N.N],(dauw)[N])[N]
zonnedek	((zon)[N],(e)[N|N.N],(dek)[N])[N]
zonnedienst	((zon)[N],(e)[N|N.N],((dien)[V],(st)[N|V.])[N])[N]
zonnefilter	((zon)[N],(e)[N|N.N],(filter)[N])[N]
zonneglans	((zon)[N],(e)[N|N.N],(glans)[N])[N]
zonnegloed	((zon)[N],(e)[N|N.N],(gloed)[N])[N]
zonnegloren	((zon)[N],(e)[N|N.V],(gloren)[V])[N]
zonnegod	((zon)[N],(e)[N|N.N],(god)[N])[N]
zonneheld	((zon)[N],(e)[N|N.N],(held)[N])[N]
zonnehelm	((zon)[N],(e)[N|N.N],(helm)[N])[N]
zonnehitte	((zon)[N],(e)[N|N.N],(hitte)[N])[N]
zonnehoed	((zon)[N],(e)[N|N.N],(hoed)[N])[N]
zonnehuis	((zon)[N],(e)[N|N.N],(huis)[N])[N]
zonnejaar	((zon)[N],(e)[N|N.N],(jaar)[N])[N]
zonnejonkvrouw	((zon)[N],(e)[N|N.N],((jong)[A],(vrouw)[N])[N])[N]
zonnejurk	((zon)[N],(e)[N|N.N],(jurk)[N])[N]
zonnekanon	((zon)[N],(e)[N|N.N],(kanon)[N])[N]
zonnekijker	((zon)[N],(e)[N|N.Vx],(kijk)[V],(er)[N|NxV.])[N]
zonnekind	((zon)[N],(e)[N|N.N],(kind)[N])[N]
zonneklaar	((zon)[N],(e)[A|N.A],(klaar)[A])[A]
zonneklep	((zon)[N],(e)[N|N.N],(klep)[N])[N]
zonneklopper	((zon)[N],(e)[N|N.Vx],(klop)[V],(er)[N|NxV.])[N]
zonnekoning	((zon)[N],(e)[N|N.N],(koning)[N])[N]
zonnekracht	((zon)[N],(e)[N|N.N],(kracht)[N])[N]
zonnelichaam	((zon)[N],(e)[N|N.N],(lichaam)[N])[N]
zonnelicht	((zon)[N],(e)[N|N.N],(licht)[N])[N]
zonnen	(zon)[V]
zonneoven	((zon)[N],(e)[N|N.N],(oven)[N])[N]
zonnepaneel	((zon)[N],(e)[N|N.N],(paneel)[N])[N]
zonnepit	((zon)[N],(e)[N|N.N],(pit)[N])[N]
zonnerad	((zon)[N],(e)[N|N.N],(rad)[N])[N]
zonnescherm	((zon)[N],(e)[N|N.N],(scherm)[N])[N]
zonneschijf	((zon)[N],(e)[N|N.N],(schijf)[N])[N]
zonneschijn	((zon)[N],(e)[N|N.N],(schijn)[N])[N]
zonneschittering	((zon)[N],(e)[N|N.N],((schitter)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zonnespectrum	((zon)[N],(e)[N|N.N],(spectrum)[N])[N]
zonnespiegel	((zon)[N],(e)[N|N.N],(spiegel)[N])[N]
zonnestand	((zon)[N],(e)[N|N.N],(stand)[N])[N]
zonnesteek	((zon)[N],(e)[N|N.N],(steek)[N])[N]
zonnestelsel	((zon)[N],(e)[N|N.N],((stel)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
zonnestilstand	((zon)[N],(e)[N|N.N],((stil)[A],(stand)[N])[N])[N]
zonnestofje	((zon)[N],(e)[N|N.N],(stof)[N])[N]
zonnestraal	((zon)[N],(e)[N|N.N],(straal)[N])[N]
zonnestraling	((zon)[N],(e)[N|N.N],((straal)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zonnetafel	((zon)[N],(e)[N|N.N],(tafel)[N])[N]
zonnetempel	((zon)[N],(e)[N|N.N],(tempel)[N])[N]
zonnetent	((zon)[N],(e)[N|N.N],(tent)[N])[N]
zonneterras	((zon)[N],(e)[N|N.N],(terras)[N])[N]
zonnetijd	((zon)[N],(e)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
zonnevis	((zon)[N],(e)[N|N.N],(vis)[N])[N]
zonnevlek	((zon)[N],(e)[N|N.N],(vlek)[N])[N]
zonnevuur	((zon)[N],(e)[N|N.N],(vuur)[N])[N]
zonnewachter	((zon)[N],(e)[N|N.N],((wacht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zonnewagen	((zon)[N],(e)[N|N.N],(wagen)[N])[N]
zonnewarmte	((zon)[N],(e)[N|N.N],((warm)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
zonneweelde	((zon)[N],(e)[N|N.N],(weelde)[N])[N]
zonneweg	((zon)[N],(e)[N|N.N],(weg)[N])[N]
zonneweide	((zon)[N],(e)[N|N.N],(weide)[N])[N]
zonnewijzer	((zon)[N],(e)[N|N.N],((wijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zonnig	((zon)[N],(ig)[A|N.])[A]
zonnigheid	(((zon)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zonovergoten	((zon)[N],(overgoten)[V])[A]
zonpaneel	((zon)[N],(paneel)[N])[N]
zonsafstand	((zon)[N],(s)[N|N.N],(afstand)[N])[N]
zonshoogte	((zon)[N],(s)[N|N.N],((hoog)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
zonsondergang	((zon)[N],(s)[N|N.N],((onder)[P],(gang)[N])[N])[N]
zonsopgang	((zon)[N],(s)[N|N.N],((op)[P],(gang)[N])[N])[N]
zonsopkomst	((zon)[N],(s)[N|N.N],(((op)[P],(kom)[V])[V],(st)[N|V.])[N])[N]
zonsverduistering	((zon)[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],(duister)[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zonwering	((zon)[N],(weer)[V],(ing)[N|NV.])[N]
zonzij	((zon)[N],(zij)[N])[N]
zonzijde	((zon)[N],(zijde)[N])[N]
zoogbroeder	((zoog)[V],(broeder)[N])[N]
zoogbroer	((zoog)[V],(broer)[N])[N]
zoogdier	((zoog)[V],(dier)[N])[N]
zoogdierfauna	(((zoog)[V],(dier)[N])[N],(fauna)[N])[N]
zoogkind	((zoog)[V],(kind)[N])[N]
zoogkompres	((zoog)[V],(kompres)[N])[N]
zoogkooi	((zoog)[V],(kooi)[N])[N]
zooglam	((zoog)[V],(lam)[N])[N]
zoogster	((zoog)[V],(ster)[N|V.])[N]
zoogtijd	((zoog)[V],(tijd)[N])[N]
zoogzuster	((zoog)[V],(zuster)[N])[N]
zooi	(zooi)[N]
zool	(zool)[N]
zoolganger	((zool)[N],(ga)[V],(er)[N|NV.])[N]
zoolleder	((zool)[N],(leder)[N])[N]
zoolleer	((zool)[N],(leer)[N])[N]
zoom	(zoom)[N]
zoomen	(zoom)[V]
zoomlens	((zoom)[V],(lens)[N])[N]
zoomlint	((zoom)[V],(lint)[N])[N]
zoomnaad	((zoom)[V],(naad)[N])[N]
zoomobjectief	((zoom)[V],(objectief)[N])[N]
zoomvoet	((zoom)[V],(voet)[N])[N]
zoomwerk	((zoom)[V],(werk)[N])[N]
zoon	(zoon)[N]
zoonlief	((zoon)[N],(lief)[A])[N]
zoor	(zoor)[A]
zoorheid	((zoor)[A],(heid)[N|A.])[N]
zorg	(zorg)[N]
zorgbarend	((zorg)[N],(baar)[V],(end)[A|NV.])[A]
zorgdragend	((zorg)[N],(draag)[V],(end)[A|NV.])[A]
zorgelijk	((zorg)[V],(elijk)[A|V.])[A]
zorgelijkheid	(((zorg)[V],(elijk)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zorgeloos	((zorg)[N],(eloos)[A|N.])[A]
zorgeloosheid	(((zorg)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zorgen	(zorg)[V]
zorgenkind	((zorg)[N],(en)[N|N.N],(kind)[N])[N]
zorggras	((zorg)[N],(gras)[N])[N]
zorglijk	((zorg)[N],(lijk)[A|N.])[A]
zorglijn	((zorg)[V],(lijn)[N])[N]
zorgplicht	((zorg)[V],(plicht)[N])[N]
zorgstoel	((zorg)[N],(stoel)[N])[N]
zorgverlener	((zorg)[N],((ver)[V|.V],(leen)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
zorgverstrekker	((zorg)[N],((ver)[V|.V],(strek)[V])[V],(er)[N|NV.])[N]
zorgvol	((zorg)[N],(vol)[A])[A]
zorgvuldigheid	((zorgvuldig)[A],(heid)[N|A.])[N]
zorgvuldigheidsbeginsel	(((zorgvuldig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((begin)[V],(sel)[N|V.])[N])[N]
zorgvuldigheidsnorm	(((zorgvuldig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(norm)[N])[N]
zorgwekkend	((zorg)[N],(wek)[V],(end)[A|NV.])[A]
zorgzaam	((zorg)[V],(zaam)[A|V.])[A]
zorgzaamheid	(((zorg)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zot	(zot)[N]
zotheid	((zot)[A],(heid)[N|A.])[N]
zothuis	((zot)[N],(huis)[N])[N]
zotskap	((zot)[N],(s)[N|N.N],(kap)[N])[N]
zotskolf	((zot)[N],(s)[N|N.N],(kolf)[N])[N]
zotteklap	((zot)[N],(en)[N|N.N],(klap)[N])[N]
zottenpraat	((zot)[N],(en)[N|N.N],(praat)[N])[N]
zotternij	((zot)[N],(ernij)[N|N.])[N]
zottigheid	((zot)[A],(igheid)[N|A.])[N]
zottin	((zot)[N],(in)[N|N.])[N]
zout	(zout)[N]
zoutaanmaak	((zout)[N],(aanmaak)[N])[N]
zoutachtig	((zout)[A],(achtig)[A|A.])[A]
zoutader	((zout)[N],(ader)[N])[N]
zoutafzetting	((zout)[N],((af)[P],(zet)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
zoutarm	((zout)[N],(arm)[A])[A]
zoutbak	((zout)[N],(bak)[N])[N]
zoutberg	((zout)[N],(berg)[N])[N]
zouteloos	((zout)[N],(eloos)[A|N.])[A]
zouteloosheid	(((zout)[N],(eloos)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zouten	(zout)[V]
zouter	((zout)[V],(er)[N|V.])[N]
zouterij	((zout)[V],(erij)[N|V.])[N]
zoutevis	((zout)[A],(e)[N|A.N],(vis)[N])[N]
zoutgehalte	((zout)[N],(gehalte)[N])[N]
zoutheid	((zout)[A],(heid)[N|A.])[N]
zouthoudend	((zout)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
zoutig	((zout)[A],(ig)[A|A.])[A]
zouting	((zout)[V],(ing)[N|V.])[N]
zoutje	((zout)[A],(je)[N|A.])[N]
zoutkeet	((zout)[N],(keet)[N])[N]
zoutkoepel	((zout)[N],(koepel)[N])[N]
zoutkorrel	((zout)[N],(korrel)[N])[N]
zoutlepeltje	((zout)[N],(lepel)[N])[N]
zoutloos	((zout)[N],(loos)[A|N.])[A]
zoutlozing	((zout)[N],((loos)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zoutmeer	((zout)[N],(meer)[N])[N]
zoutmijn	((zout)[N],(mijn)[N])[N]
zoutontginning	((zout)[N],(ontgin)[V],(ing)[N|NV.])[N]
zoutoplossing	((zout)[N],(((op)[P],(los)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zoutpakhuis	((zout)[N],((pak)[V],(huis)[N])[N])[N]
zoutpan	((zout)[N],(pan)[N])[N]
zoutpilaar	((zout)[N],(pilaar)[N])[N]
zoutplant	((zout)[N],(plant)[N])[N]
zoutpot	((zout)[N],(pot)[N])[N]
zoutraffinaderij	((zout)[N],(raffinaderij)[N])[N]
zoutstrooier	((zout)[N],(strooi)[V],(er)[N|NV.])[N]
zoutte	((zout)[A],(te)[N|A.])[N]
zouttuin	((zout)[N],(tuin)[N])[N]
zoutvat	((zout)[N],(vat)[N])[N]
zoutverbruik	((zout)[N],(verbruik)[N])[N]
zoutwaterbad	((zout)[A],(water)[N],(bad)[N])[N]
zoutwaterbron	((zout)[A],(water)[N],(bron)[N])[N]
zoutwatermeer	((zout)[A],(water)[N],(meer)[N])[N]
zoutwatervis	((zout)[A],(water)[N],(vis)[N])[N]
zoutweger	((zout)[N],(weeg)[V],(er)[N|NV.])[N]
zoutwinning	((zout)[N],(win)[V],(ing)[N|NV.])[N]
zoutzak	((zout)[N],(zak)[N])[N]
zoutzee	((zout)[N],(zee)[N])[N]
zoutzieden	((zout)[N],(zied)[V])[V]
zoutzieder	(((zout)[N],(zied)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
zoutziederij	(((zout)[N],(zied)[V])[V],(erij)[N|V.])[N]
zoutzuur	((zout)[A],(zuur)[N])[N]
zoveel	((zo)[B],(veel)[Q])[Q]
zoöfobie	((zoö)[N|.N],((fobisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
zoögeografie	((zoö)[N|.N],((geografisch)[A],(ie)[N|A.])[N])[N]
zoölogie	((zoölogisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
zoötechniek	((zoö)[N|.N],((technisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
zoötomie	((zoötomisch)[A],(ie)[N|A.])[N]
zucht	(zucht)[N]
zuchten	(zucht)[V]
zuchtig	((zucht)[N],(ig)[A|N.])[A]
zuchtigheid	(((zucht)[N],(ig)[A|N.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zuid	(zuid)[N]
zuidelijk	((zuid)[A],(elijk)[A|A.])[A]
zuidenwind	((zuiden)[N],(wind)[N])[N]
zuiderbreedte	((zuid)[A],((breed)[A],(te)[N|A.])[N])[N]
zuiderbuur	((zuid)[A],(buur)[N])[N]
zuidergrens	((zuid)[A],(grens)[N])[N]
zuiderhalfrond	((zuid)[A],((half)[A],(rond)[A])[N])[N]
zuiderkeerkring	((zuid)[A],((keer)[V],(kring)[N])[N])[N]
zuiderkroon	((zuid)[A],(kroon)[N])[N]
zuiderkruis	((zuid)[A],(kruis)[N])[N]
zuiderlicht	((zuid)[A],(licht)[N])[N]
zuiderling	((zuid)[A],(ling)[N|A.])[N]
zuiderstrand	((zuid)[A],(strand)[N])[N]
zuiderzon	((zuid)[A],(zon)[N])[N]
zuidflank	((zuid)[A],(flank)[N])[N]
zuidgevel	((zuid)[A],(gevel)[N])[N]
zuidgrens	((zuid)[A],(grens)[N])[N]
zuidkant	((zuid)[A],(kant)[N])[N]
zuidkust	((zuid)[A],(kust)[N])[N]
zuidoost	((zuid)[A],(oost)[A])[A]
zuidoostelijk	(((zuid)[A],(oosten)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
zuidoosten	((zuid)[A],(oosten)[N])[N]
zuidoostenwind	(((zuid)[A],(oosten)[N])[N],(wind)[N])[N]
zuidooster	(((zuid)[A],(oost)[A])[A],(er)[N|A.])[N]
zuidpool	((zuid)[A],(pool)[N])[N]
zuidpoolcirkel	(((zuid)[A],(pool)[N])[N],(cirkel)[N])[N]
zuidpoolexpeditie	(((zuid)[A],(pool)[N])[N],((expedieer)[V],(tie)[N|V.])[N])[N]
zuidpoolgebied	(((zuid)[A],(pool)[N])[N],(gebied)[N])[N]
zuidpoollanden	(((zuid)[A],(pool)[N])[N],(land)[N])[N]
zuidpoollicht	(((zuid)[A],(pool)[N])[N],(licht)[N])[N]
zuidpoolreis	(((zuid)[A],(pool)[N])[N],(reis)[N])[N]
zuidpoolreiziger	(((zuid)[A],(pool)[N])[N],(reiziger)[N])[N]
zuidpoort	((zuid)[A],(poort)[N])[N]
zuidpunt	((zuid)[A],(punt)[N])[N]
zuidstation	((zuid)[A],(station)[N])[N]
zuidvleugel	((zuid)[A],(vleugel)[N])[N]
zuidvrucht	((zuid)[A],(vrucht)[N])[N]
zuidwaarts	((zuid)[A],(waarts)[A|A.])[A]
zuidwand	((zuid)[A],(wand)[N])[N]
zuidwest	((zuid)[A],(west)[A])[A]
zuidwestelijk	(((zuid)[A],(westen)[N])[N],(elijk)[A|N.])[A]
zuidwesten	((zuid)[A],(westen)[N])[N]
zuidwestenwind	(((zuid)[A],(westen)[N])[N],(wind)[N])[N]
zuidwester	(((zuid)[A],(west)[A])[A],(er)[N|A.])[N]
zuidzij	((zuid)[A],(zij)[N])[N]
zuidzijde	((zuid)[A],(zijde)[N])[N]
zuidzuidoost	((zuid)[A],((zuid)[A],(oost)[A])[A])[A]
zuidzuidoosten	((zuid)[A],((zuid)[A],(oosten)[N])[N])[N]
zuidzuidwest	((zuid)[A],((zuid)[A],(west)[A])[A])[A]
zuidzuidwesten	((zuid)[A],((zuid)[A],(westen)[N])[N])[N]
zuigbehoefte	((zuig)[V],(behoefte)[N])[N]
zuigbevrediging	((zuig)[V],(((be)[V|.A],((vrede)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zuigbeweging	((zuig)[V],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zuigbuis	((zuig)[V],(buis)[N])[N]
zuigcurettage	((zuig)[V],((curetteer)[V],(age)[N|V.])[N])[N]
zuigdot	((zuig)[V],(dot)[N])[N]
zuigeling	((zuig)[V],(eling)[N|V.])[N]
zuigelingenbureau	(((zuig)[V],(eling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(bureau)[N])[N]
zuigelingencontrole	(((zuig)[V],(eling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(controle)[N])[N]
zuigelingenkliniek	(((zuig)[V],(eling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((klinisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
zuigelingenleeftijd	(((zuig)[V],(eling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((leef)[V],(tijd)[N])[N])[N]
zuigelingenstadium	(((zuig)[V],(eling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(stadium)[N])[N]
zuigelingensterfte	(((zuig)[V],(eling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],((sterf)[V],(te)[N|V.])[N])[N]
zuigelingentijd	(((zuig)[V],(eling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(tijd)[N])[N]
zuigelingenzorg	(((zuig)[V],(eling)[N|V.])[N],(en)[N|N.N],(zorg)[N])[N]
zuigen	(zuig)[V]
zuiger	((zuig)[V],(er)[N|V.])[N]
zuigerklep	(((zuig)[V],(er)[N|V.])[N],(klep)[N])[N]
zuigermachine	(((zuig)[V],(er)[N|V.])[N],(machine)[N])[N]
zuigerstang	(((zuig)[V],(er)[N|V.])[N],(stang)[N])[N]
zuigerveer	(((zuig)[V],(er)[N|V.])[N],(veer)[N])[N]
zuigfles	((zuig)[V],(fles)[N])[N]
zuiging	((zuig)[V],(ing)[N|V.])[N]
zuiginstinct	((zuig)[V],(instinct)[N])[N]
zuigkalf	((zuig)[V],(kalf)[N])[N]
zuigkap	((zuig)[V],(kap)[N])[N]
zuigklep	((zuig)[V],(klep)[N])[N]
zuigkracht	((zuig)[V],(kracht)[N])[N]
zuiglam	((zuig)[V],(lam)[N])[N]
zuigleer	((zuig)[V],(leer)[N])[N]
zuignap	((zuig)[V],(nap)[N])[N]
zuigpijp	((zuig)[V],(pijp)[N])[N]
zuigpomp	((zuig)[V],(pomp)[N])[N]
zuigreflex	((zuig)[V],(reflex)[N])[N]
zuigslang	((zuig)[V],(slang)[N])[N]
zuigtablet	((zuig)[V],(tablet)[N])[N]
zuigtoestel	((zuig)[V],(toestel)[N])[N]
zuigvis	((zuig)[V],(vis)[N])[N]
zuigworm	((zuig)[V],(worm)[N])[N]
zuil	(zuil)[N]
zuilenbestel	((zuil)[N],(en)[N|N.N],(bestel)[N])[N]
zuilengaanderij	((zuil)[N],(en)[N|N.N],(gaanderij)[N])[N]
zuilengalerij	((zuil)[N],(en)[N|N.N],(galerij)[N])[N]
zuilengang	((zuil)[N],(en)[N|N.N],(gang)[N])[N]
zuilenhal	((zuil)[N],(en)[N|N.N],(hal)[N])[N]
zuilenpolitiek	((zuil)[N],(en)[N|N.N],(politiek)[N])[N]
zuilenportiek	((zuil)[N],(en)[N|N.N],(portiek)[N])[N]
zuilenrij	((zuil)[N],(en)[N|N.N],(rij)[N])[N]
zuilenstructuur	((zuil)[N],(en)[N|N.N],(structuur)[N])[N]
zuilensysteem	((zuil)[N],(en)[N|N.N],(systeem)[N])[N]
zuilheilige	((zuil)[N],(heilige)[N])[N]
zuilvormig	((zuil)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
zuimen	(zuim)[V]
zuinigheid	((zuinig)[A],(heid)[N|A.])[N]
zuinigheidsmaatregel	(((zuinig)[A],(heid)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
zuinigje	((zuinig)[A],(je)[N|A.])[N]
zuip	(zuip)[N]
zuipen	(zuip)[V]
zuiper	((zuip)[V],(er)[N|V.])[N]
zuiplap	((zuip)[V],(lap)[N])[N]
zuippartij	((zuip)[V],(partij)[N])[N]
zuipschuit	((zuip)[V],(schuit)[N])[N]
zuipster	((zuip)[V],(ster)[N|V.])[N]
zuivel	(zuivel)[N]
zuivelbedrijf	((zuivel)[N],(bedrijf)[N])[N]
zuivelbereiding	((zuivel)[N],(bereid)[V],(ing)[N|NV.])[N]
zuivelblok	((zuivel)[N],(blok)[N])[N]
zuivelboer	((zuivel)[N],(boer)[N])[N]
zuivelbond	((zuivel)[N],(bond)[N])[N]
zuivelbureau	((zuivel)[N],(bureau)[N])[N]
zuivelconsulent	((zuivel)[N],(consulent)[N])[N]
zuivelfabriek	((zuivel)[N],(fabriek)[N])[N]
zuivelgeld	((zuivel)[N],(geld)[N])[N]
zuivelhandel	((zuivel)[N],(handel)[N])[N]
zuivelindustrie	((zuivel)[N],(industrie)[N])[N]
zuivelinspectie	((zuivel)[N],(inspectie)[N])[N]
zuivelproduct	((zuivel)[N],(product)[N])[N]
zuivelschool	((zuivel)[N],(school)[N])[N]
zuiver	(zuiver)[A]
zuiveraar	((zuiver)[V],(aar)[N|V.])[N]
zuiveren	(zuiver)[V]
zuiverheid	((zuiver)[A],(heid)[N|A.])[N]
zuivering	((zuiver)[V],(ing)[N|V.])[N]
zuiveringsactie	(((zuiver)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(actie)[N])[N]
zuiveringsbelasting	(((zuiver)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.Vx],((be)[V|.N],(last)[N])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
zuiveringschap	(((zuiver)[V],(ing)[N|V.])[N],(schap)[N|N.])[N]
zuiveringscommissie	(((zuiver)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((con)[N|.N],(missie)[N])[N])[N]
zuiveringseed	(((zuiver)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(eed)[N])[N]
zuiveringsheffing	(((zuiver)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((hef)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zuiveringsinstallatie	(((zuiver)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],((installeer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
zuiveringslasten	(((zuiver)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(last)[N])[N]
zuiveringsmaatregel	(((zuiver)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(maatregel)[N])[N]
zuiveringspeloton	(((zuiver)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(peloton)[N])[N]
zuiveringsproces	(((zuiver)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(proces)[N])[N]
zuiveringstablet	((zuiver)[V],(ing)[N|V.xN],(s)[N|Vx.N],(tablet)[N])[N]
zuiveringszout	(((zuiver)[V],(ing)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(zout)[N])[N]
zult	(zult)[N]
zulten	(zult)[V]
zulting	((zult)[V],(ing)[N|V.])[N]
zultspek	((zult)[N],(spek)[N])[N]
zuren	(zuur)[V]
zurengehalte	((zuur)[N],(en)[N|N.N],(gehalte)[N])[N]
zurig	((zuur)[A],(ig)[A|A.])[A]
zurigheid	(((zuur)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zuring	((zuur)[V],(ing)[N|V.])[N]
zuringzout	((zuring)[N],(zout)[N])[N]
zuringzuur	((zuring)[N],(zuur)[N])[N]
zus	(zus)[N]
zuster	(zuster)[N]
zuster-overste	((zuster)[N],(overste)[N])[N]
zustergemeente	((zuster)[N],(gemeente)[N])[N]
zusterhuis	((zuster)[N],(huis)[N])[N]
zusterliefde	((zuster)[N],(liefde)[N])[N]
zusterlijk	((zuster)[N],(lijk)[A|N.])[A]
zustermaatschappij	((zuster)[N],(maatschappij)[N])[N]
zusterorganisatie	((zuster)[N],(((orgaan)[N],(iseer)[V|N.])[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
zusterpaar	((zuster)[N],(paar)[N])[N]
zusterpartij	((zuster)[N],(partij)[N])[N]
zusterplaneet	((zuster)[N],(planeet)[N])[N]
zusterschap	((zuster)[N],(schap)[N|N.])[N]
zusterschip	((zuster)[N],(schip)[N])[N]
zusterschool	((zuster)[N],(school)[N])[N]
zusterskind	((zuster)[N],(s)[N|N.N],(kind)[N])[N]
zustersschool	((zuster)[N],(s)[N|N.N],(school)[N])[N]
zustervereniging	((zuster)[N],((verenig)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zusterziel	((zuster)[N],(ziel)[N])[N]
zuur	(zuur)[N]
zuurachtig	((zuur)[A],(achtig)[A|A.])[A]
zuurbal	((zuur)[A],(bal)[N])[N]
zuurdeeg	((zuur)[A],(deeg)[N])[N]
zuurdesem	((zuur)[A],(desem)[N])[N]
zuurdesembrood	(((zuur)[A],(desem)[N])[N],(brood)[N])[N]
zuurgehalte	((zuur)[N],(gehalte)[N])[N]
zuurgraad	((zuur)[N],(graad)[N])[N]
zuurheid	((zuur)[A],(heid)[N|A.])[N]
zuurhoudend	((zuur)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
zuurkast	((zuur)[N],(kast)[N])[N]
zuurkijker	((zuur)[A],(kijk)[V],(er)[N|AV.])[N]
zuurkool	((zuur)[A],(kool)[N])[N]
zuurkoolsoep	(((zuur)[A],(kool)[N])[N],(soep)[N])[N]
zuurkoolvat	(((zuur)[A],(kool)[N])[N],(vat)[N])[N]
zuurkraam	((zuur)[N],(kraam)[N])[N]
zuurmuil	((zuur)[A],(muil)[N])[N]
zuurpruim	((zuur)[A],(pruim)[N])[N]
zuurrest	((zuur)[N],(rest)[N])[N]
zuursel	((zuur)[V],(sel)[N|V.])[N]
zuurstel	((zuur)[N],(stel)[N])[N]
zuurstof	((zuur)[A],(stof)[N])[N]
zuurstofafgifte	(((zuur)[A],(stof)[N])[N],(afgifte)[N])[N]
zuurstofapparaat	(((zuur)[A],(stof)[N])[N],(apparaat)[N])[N]
zuurstofatoom	(((zuur)[A],(stof)[N])[N],(atoom)[N])[N]
zuurstofbehoefte	(((zuur)[A],(stof)[N])[N],(behoefte)[N])[N]
zuurstofcilinder	(((zuur)[A],(stof)[N])[N],(cilinder)[N])[N]
zuurstofconcentratie	(((zuur)[A],(stof)[N])[N],((concentreer)[V],(atie)[N|V.])[N])[N]
zuurstoffles	(((zuur)[A],(stof)[N])[N],(fles)[N])[N]
zuurstofgebrek	(((zuur)[A],(stof)[N])[N],(gebrek)[N])[N]
zuurstofgehalte	(((zuur)[A],(stof)[N])[N],(gehalte)[N])[N]
zuurstofmasker	(((zuur)[A],(stof)[N])[N],(masker)[N])[N]
zuurstofopname	(((zuur)[A],(stof)[N])[N],(opname)[N])[N]
zuurstoftekort	(((zuur)[A],(stof)[N])[N],((te)[B],(kort)[N])[N])[N]
zuurstoftent	(((zuur)[A],(stof)[N])[N],(tent)[N])[N]
zuurstoftransport	(((zuur)[A],(stof)[N])[N],(transport)[N])[N]
zuurstofverbinding	(((zuur)[A],(stof)[N])[N],(((ver)[V|.V],(bind)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zuurstofvoorziening	(((zuur)[A],(stof)[N])[N],(((voor)[B],(zie)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zuurstok	((zuur)[A],(stok)[N])[N]
zuurtje	((zuur)[A],(tje)[N|A.])[N]
zuurtjeskleur	(((zuur)[A],(tjes)[B|A.])[B],(kleur)[N])[N]
zuurtoot	((zuur)[A],(toot)[N])[N]
zuurvast	((zuur)[N],(vast)[A])[A]
zuurverdiend	((zuur)[A],(verdiend)[A])[A]
zuurvrij	((zuur)[N],(vrij)[A])[A]
zuurzakboom	((zuurzak)[N],(boom)[N])[N]
zuurzoet	((zuur)[A],(zoet)[A])[A]
zwaai	(zwaai)[N]
zwaaien	(zwaai)[V]
zwaaigat	((zwaai)[V],(gat)[N])[N]
zwaaihaak	((zwaai)[N],(haak)[N])[N]
zwaaiing	((zwaai)[V],(ing)[N|V.])[N]
zwaaikom	((zwaai)[V],(kom)[N])[N]
zwaailicht	((zwaai)[V],(licht)[N])[N]
zwaan	(zwaan)[N]
zwaanridder	((zwaan)[N],(ridder)[N])[N]
zwaanshals	((zwaan)[N],(s)[N|N.N],(hals)[N])[N]
zwaar	(zwaar)[A]
zwaarbeladen	((zwaar)[A],(beladen)[V])[A]
zwaarbelast	((zwaar)[A],(belast)[A])[A]
zwaard	(zwaard)[N]
zwaarddans	((zwaard)[N],(dans)[N])[N]
zwaardleen	((zwaard)[N],(leen)[N])[N]
zwaardlelie	((zwaard)[N],(lelie)[N])[N]
zwaardmaag	((zwaard)[N],(maag)[N])[N]
zwaardmacht	((zwaard)[N],(macht)[N])[N]
zwaardrecht	((zwaard)[N],(recht)[N])[N]
zwaardridder	((zwaard)[N],(ridder)[N])[N]
zwaardslag	((zwaard)[N],(slag)[N])[N]
zwaardvechter	((zwaard)[N],((vecht)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zwaardveger	((zwaard)[N],(veeg)[V],(er)[N|NV.])[N]
zwaardvis	((zwaard)[N],(vis)[N])[N]
zwaardvormig	((zwaard)[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
zwaardwalvis	((zwaard)[N],(walvis)[N])[N]
zwaargebouwd	((zwaar)[A],(gebouwd)[A])[A]
zwaargekwetst	((zwaar)[A],(gekwetst)[A])[A]
zwaargeschapen	((zwaar)[A],(geschapen)[A])[A]
zwaargewapend	((zwaar)[A],(gewapend)[A])[A]
zwaargewicht	((zwaar)[A],(gewicht)[N])[N]
zwaargewond	((zwaar)[A],(gewond)[A])[A]
zwaarheid	((zwaar)[A],(heid)[N|A.])[N]
zwaarhoofd	((zwaar)[A],(hoofd)[N])[N]
zwaarhoofdig	((zwaar)[A],(hoofd)[N],(ig)[A|AN.])[A]
zwaarhoofdigheid	(((zwaar)[A],(hoofd)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zwaarlijvig	((zwaar)[A],(lijf)[N],(ig)[A|AN.])[A]
zwaarlijvigheid	(((zwaar)[A],(lijf)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zwaarmoedig	((zwaar)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A]
zwaarmoedigheid	(((zwaar)[A],(moed)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zwaarte	((zwaar)[A],(te)[N|A.])[N]
zwaartekracht	(((zwaar)[A],(te)[N|A.])[N],(kracht)[N])[N]
zwaartekrachtsveld	((((zwaar)[A],(te)[N|A.])[N],(kracht)[N])[N],(s)[N|N.N],(veld)[N])[N]
zwaartelijn	(((zwaar)[A],(te)[N|A.])[N],(lijn)[N])[N]
zwaartemeter	(((zwaar)[A],(te)[N|A.])[N],(meet)[V],(er)[N|NV.])[N]
zwaartepunt	(((zwaar)[A],(te)[N|A.])[N],(punt)[N])[N]
zwaartillend	((zwaar)[A],(til)[V],(end)[A|AV.])[A]
zwaartillendheid	(((zwaar)[A],(til)[V],(end)[A|AV.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zwaarwaterreactor	((zwaar)[A],(water)[N],(reactor)[N])[N]
zwaarwegend	((zwaar)[A],(weeg)[V],(end)[A|AV.])[A]
zwaarwichtig	((zwaar)[A],(wicht)[N],(ig)[A|AN.])[A]
zwaarwichtigheid	(((zwaar)[A],(wicht)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zwabber	(zwabber)[N]
zwabberaar	((zwabber)[V],(aar)[N|V.])[N]
zwabberen	(zwabber)[V]
zwabberkapitein	((zwabber)[V],(kapitein)[N])[N]
zwachtel	(zwachtel)[N]
zwachtelen	(zwachtel)[V]
zwad	(zwad)[N]
zwadder	(zwadder)[N]
zwadderig	((zwadder)[N],(ig)[A|N.])[A]
zwade	(zwade)[N]
zwager	(zwager)[N]
zwagerin	((zwager)[N],(in)[N|N.])[N]
zwagerschap	((zwager)[N],(schap)[N|N.])[N]
zwak	(zwak)[N]
zwakbegaafd	((zwak)[A],((be)[A|.Nx],(gaaf)[N],(d)[A|xN.])[A])[A]
zwakheid	((zwak)[A],(heid)[N|A.])[N]
zwakhoofd	((zwak)[A],(hoofd)[N])[N]
zwakhoofdig	((zwak)[A],(hoofd)[N],(ig)[A|AN.])[A]
zwakkelijk	((zwak)[A],(elijk)[A|A.])[A]
zwakkelijkheid	(((zwak)[A],(elijk)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zwakkeling	((zwak)[A],(eling)[N|A.])[N]
zwakkelinge	(((zwak)[A],(eling)[N|A.])[N],(e)[N|N.])[N]
zwakstroom	((zwak)[A],(stroom)[N])[N]
zwakte	((zwak)[A],(te)[N|A.])[N]
zwaktebod	(((zwak)[A],(te)[N|A.])[N],(bod)[N])[N]
zwakzinnig	((zwak)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A]
zwakzinnigenzorg	((zwakzinnige)[N],(en)[N|N.N],(zorg)[N])[N]
zwakzinnigheid	(((zwak)[A],(zin)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zwalken	(zwalk)[V]
zwalker	((zwalk)[V],(er)[N|V.])[N]
zwalp	(zwalp)[N]
zwalpen	(zwalp)[V]
zwaluw	(zwaluw)[N]
zwaluwei	((zwaluw)[N],(ei)[N])[N]
zwaluwenei	((zwaluw)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
zwaluwennest	((zwaluw)[N],(e)[N|N.N],(nest)[N])[N]
zwaluwnest	((zwaluw)[N],(nest)[N])[N]
zwaluwstaart	((zwaluw)[N],(staart)[N])[N]
zwaluwstaartverband	(((zwaluw)[N],(staart)[N])[N],(verband)[N])[N]
zwaluwstaartvormig	(((zwaluw)[N],(staart)[N])[N],(vorm)[N],(ig)[A|NN.])[A]
zwaluwtong	((zwaluw)[N],(tong)[N])[N]
zwaluwvis	((zwaluw)[N],(vis)[N])[N]
zwam	(zwam)[N]
zwammen	(zwam)[V]
zwammer	((zwam)[V],(er)[N|V.])[N]
zwammerig	((zwam)[V],(erig)[A|V.])[A]
zwammig	((zwam)[N],(ig)[A|N.])[A]
zwamneus	((zwam)[V],(neus)[N])[N]
zwamp	(zwamp)[N]
zwamplant	((zwam)[N],(plant)[N])[N]
zwanebloem	((zwaan)[N],(e)[N|N.N],(bloem)[N])[N]
zwanenbek	((zwaan)[N],(e)[N|N.N],(bek)[N])[N]
zwanenbrood	((zwaan)[N],(e)[N|N.N],(brood)[N])[N]
zwanendons	((zwaan)[N],(e)[N|N.N],(dons)[N])[N]
zwanendonzen	(((zwaan)[N],(e)[N|N.N],(dons)[N])[N],(en)[A|N.])[A]
zwanendrift	((zwaan)[N],(en)[N|N.N],(drift)[N])[N]
zwanenei	((zwaan)[N],(e)[N|N.N],(ei)[N])[N]
zwanenhals	((zwaan)[N],(e)[N|N.N],(hals)[N])[N]
zwanenkop	((zwaan)[N],(e)[N|N.N],(kop)[N])[N]
zwanenmossel	((zwaan)[N],(e)[N|N.N],(mossel)[N])[N]
zwanennest	((zwaan)[N],(e)[N|N.N],(nest)[N])[N]
zwanenpen	((zwaan)[N],(e)[N|N.N],(pen)[N])[N]
zwanenveer	((zwaan)[N],(e)[N|N.N],(veer)[N])[N]
zwanenzang	((zwaan)[N],(e)[N|N.N],(zang)[N])[N]
zwang	(zwang)[N]
zwanger	(zwanger)[A]
zwangerschap	((zwanger)[A],(schap)[N|A.])[N]
zwangerschapscontrole	(((zwanger)[A],(schap)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(controle)[N])[N]
zwangerschapsgymnastiek	(((zwanger)[A],(schap)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((gymnastisch)[A],(iek)[N|A.])[N])[N]
zwangerschapshormoon	(((zwanger)[A],(schap)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(hormoon)[N])[N]
zwangerschapsmaand	(((zwanger)[A],(schap)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(maand)[N])[N]
zwangerschapsmasker	(((zwanger)[A],(schap)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(masker)[N])[N]
zwangerschapsonderbreking	(((zwanger)[A],(schap)[N|A.])[N],(s)[N|N.Vx],((onder)[P],(breek)[V])[V],(ing)[N|NxV.])[N]
zwangerschapsperiode	(((zwanger)[A],(schap)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(periode)[N])[N]
zwangerschapsreactie	(((zwanger)[A],(schap)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],((re)[N|.N],(actie)[N])[N])[N]
zwangerschapstest	(((zwanger)[A],(schap)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(test)[N])[N]
zwangerschapsvergiftiging	(((zwanger)[A],(schap)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(((ver)[V|.A],((gift)[N],(ig)[A|N.])[A])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zwangerschapsverlof	(((zwanger)[A],(schap)[N|A.])[N],(s)[N|N.N],(verlof)[N])[N]
zwans	(zwans)[N]
zwanzen	(zwans)[V]
zwanzer	((zwans)[V],(er)[N|V.])[N]
zwarigheid	((zwaar)[A],(igheid)[N|A.])[N]
zwart	(zwart)[N]
zwart-wit	((zwart)[A],(wit)[A])[A]
zwartachtig	((zwart)[A],(achtig)[A|A.])[A]
zwartblaar	((zwart)[A],(blaar)[N])[N]
zwartboek	((zwart)[A],(boek)[N])[N]
zwartbont	((zwart)[A],(bont)[A])[A]
zwartbruin	((zwart)[A],(bruin)[A])[A]
zwartdag	((zwart)[A],(dag)[N])[N]
zwartdruk	((zwart)[A],(druk)[N])[N]
zwartehandelaar	((zwart)[A],(e)[N|A.N],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
zwartekousenkerk	((zwart)[A],(e)[N|A.NxN],(kous)[N],(en)[N|AxN.N],(kerk)[N])[N]
zwartekunst	((zwart)[A],(e)[N|A.N],(kunst)[N])[N]
zwartemarktprijs	((zwart)[A],(e)[N|A.NN],(markt)[N],(prijs)[N])[N]
zwarten	(zwart)[V]
zwartepiet	((zwart)[A],(e)[N|A.N],(piet)[N])[N]
zwartgallig	((zwart)[A],(gal)[N],(ig)[A|AN.])[A]
zwartgalligheid	(((zwart)[A],(gal)[N],(ig)[A|AN.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zwartgevlekt	((zwart)[A],((ge)[A|.Nx],(vlek)[N],(t)[A|xN.])[A])[A]
zwarthandelaar	((zwart)[A],((handel)[V],(aar)[N|V.])[N])[N]
zwartharig	((zwart)[A],(haar)[N],(ig)[A|AN.])[A]
zwartheid	((zwart)[A],(heid)[N|A.])[N]
zwartig	((zwart)[A],(ig)[A|A.])[A]
zwartigheid	(((zwart)[A],(ig)[A|A.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zwarting	((zwart)[V],(ing)[N|V.])[N]
zwartje	((zwart)[A],(je)[N|A.])[N]
zwartkijken	((zwart)[A],(kijk)[V])[V]
zwartkijker	(((zwart)[A],(kijk)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
zwartkop	((zwart)[A],(kop)[N])[N]
zwartkoppig	((zwart)[A],(kop)[N],(ig)[A|AN.])[A]
zwartkoren	((zwart)[A],(koren)[N])[N]
zwartkrijttekening	((zwartkrijt)[N],((teken)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zwartlakens	((zwart)[A],(lakens)[A])[A]
zwartmaken	((zwart)[A],(maak)[V])[V]
zwartmaking	(((zwart)[A],(maak)[V])[V],(ing)[N|V.])[N]
zwartogig	((zwart)[A],(oog)[V],(ig)[A|AV.])[A]
zwartoog	((zwart)[A],(oog)[N])[N]
zwartrijden	((zwart)[A],(rijd)[V])[V]
zwartrijder	(((zwart)[A],(rijd)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
zwartrok	((zwart)[A],(rok)[N])[N]
zwartsel	((zwart)[V],(sel)[N|V.])[N]
zwartselpot	(((zwart)[V],(sel)[N|V.])[N],(pot)[N])[N]
zwartvaal	((zwart)[A],(vaal)[A])[A]
zwartververij	((zwart)[A],((verf)[V],(erij)[N|V.])[N])[N]
zwartvissen	((zwart)[A],(vis)[V])[V]
zwartvos	((zwart)[A],(vos)[N])[N]
zwartwerker	((zwart)[A],(werk)[V],(er)[N|AV.])[N]
zwartzijden	((zwart)[A],((zijde)[N],(en)[A|N.])[A])[A]
zwatelen	(zwatel)[V]
zwavel	(zwavel)[N]
zwavelachtig	((zwavel)[N],(achtig)[A|N.])[A]
zwavelbad	((zwavel)[N],(bad)[N])[N]
zwavelbloem	((zwavel)[N],(bloem)[N])[N]
zwavelbron	((zwavel)[N],(bron)[N])[N]
zwaveldamp	((zwavel)[N],(damp)[N])[N]
zwaveldioxide	((zwavel)[N],(dioxide)[N])[N]
zwavelen	(zwavel)[V]
zwavelerts	((zwavel)[N],(erts)[N])[N]
zwavelgeel	((zwavel)[N],(geel)[A])[A]
zwavelhoudend	((zwavel)[N],(houd)[V],(end)[A|NV.])[A]
zwavelig	((zwavel)[N],(ig)[A|N.])[A]
zwavelijzer	((zwavel)[N],(ijzer)[N])[N]
zwavelkies	((zwavel)[N],(kies)[N])[N]
zwavelkoolstof	((zwavel)[N],((kool)[N],(stof)[N])[N])[N]
zwavelkop	((zwavel)[N],(kop)[N])[N]
zwavelkoper	((zwavel)[N],(koper)[N])[N]
zwavellucht	((zwavel)[N],(lucht)[N])[N]
zwavelregen	((zwavel)[N],(regen)[N])[N]
zwavelstok	((zwavel)[N],(stok)[N])[N]
zwaveltje	(zwavel)[N]
zwavelwaterstof	((zwavel)[N],((water)[N],(stof)[N])[N])[N]
zwavelwaterstofgas	((zwavel)[N],((water)[N],(stof)[N])[N],(gas)[N])[N]
zwavelzalf	((zwavel)[N],(zalf)[N])[N]
zwavelzuur	((zwavel)[N],(zuur)[N])[N]
zweden	(zweed)[V]
zweef	(zweef)[N]
zweefboot	((zweef)[V],(boot)[N])[N]
zweefbrug	((zweef)[V],(brug)[N])[N]
zweefclub	((zweef)[V],(club)[N])[N]
zweefduik	((zweef)[V],(duik)[N])[N]
zweefmolen	((zweef)[V],(molen)[N])[N]
zweefpotlood	((zweef)[V],((pot)[N],(lood)[N])[N])[N]
zweefrek	((zweef)[V],(rek)[N])[N]
zweefspoor	((zweef)[V],(spoor)[N])[N]
zweefsport	((zweef)[V],(sport)[N])[N]
zweefsprong	((zweef)[V],(sprong)[N])[N]
zweeftoestel	((zweef)[V],(toestel)[N])[N]
zweeftrein	((zweef)[V],(trein)[N])[N]
zweefvliegen	((zweef)[V],(vlieg)[V])[V]
zweefvlieger	(((zweef)[V],(vlieg)[V])[V],(er)[N|V.])[N]
zweefvliegster	(((zweef)[V],(vlieg)[V])[V],(ster)[N|V.])[N]
zweefvliegtuig	(((zweef)[V],(vlieg)[V])[V],(tuig)[N])[N]
zweefvlucht	((zweef)[V],(vlucht)[N])[N]
zweel	(zweel)[N]
zweem	(zweem)[N]
zweep	(zweep)[N]
zweepdiertje	((zweep)[V],(dier)[N])[N]
zweepdraad	((zweep)[V],(draad)[N])[N]
zweephaar	((zweep)[V],(haar)[N])[N]
zweepkoker	((zweep)[N],(koker)[N])[N]
zweepslag	((zweep)[N],(slag)[N])[N]
zweeptol	((zweep)[V],(tol)[N])[N]
zweeptouw	((zweep)[V],(touw)[N])[N]
zweer	(zweer)[N]
zweet	(zweet)[N]
zweetafscheiding	((zweet)[N],((af)[P],(scheid)[V])[V],(ing)[N|NV.])[N]
zweetbad	((zweet)[V],(bad)[N])[N]
zweetband	((zweet)[V],(band)[N])[N]
zweetdoek	((zweet)[V],(doek)[N])[N]
zweetdrank	((zweet)[V],(drank)[N])[N]
zweetdrijvend	((zweet)[N],(drijf)[V],(end)[A|NV.])[A]
zweetdroppel	((zweet)[V],(droppel)[N])[N]
zweetdruppel	((zweet)[V],(druppel)[N])[N]
zweethanden	((zweet)[V],(hand)[N])[N]
zweetkaas	((zweet)[V],(kaas)[N])[N]
zweetkakkies	((zweet)[V],(kakkie)[N])[N]
zweetkamer	((zweet)[V],(kamer)[N])[N]
zweetkanaaltje	((zweet)[V],(kanaal)[N])[N]
zweetklier	((zweet)[V],(klier)[N])[N]
zweetkoorts	((zweet)[V],(koorts)[N])[N]
zweetkuur	((zweet)[V],(kuur)[N])[N]
zweetlucht	((zweet)[N],(lucht)[N])[N]
zweetmiddel	((zweet)[V],(middel)[N])[N]
zweetplek	((zweet)[V],(plek)[N])[N]
zweetpoeder	((zweet)[V],(poeder)[N])[N]
zweetpoeier	((zweet)[V],(poeier)[N])[N]
zweetsecretie	((zweet)[N],((secreet)[N],(ie)[N|N.])[N])[N]
zweetspoor	((zweet)[N],(spoor)[N])[N]
zweetvoeten	((zweet)[V],(voet)[N])[N]
zweetvos	((zweet)[V],(vos)[N])[N]
zwei	(zwei)[N]
zweien	(zwei)[V]
zwelen	(zweel)[V]
zweler	((zweel)[V],(er)[N|V.])[N]
zwelg	(zwelg)[N]
zwelgen	(zwelg)[V]
zwelger	((zwelg)[V],(er)[N|V.])[N]
zwelgerij	((zwelg)[V],(erij)[N|V.])[N]
zwelgpartij	((zwelg)[V],(partij)[N])[N]
zwelkast	((zwel)[V],(kast)[N])[N]
zwellen	(zwel)[V]
zwellichaam	((zwel)[V],(lichaam)[N])[N]
zwelling	((zwel)[V],(ing)[N|V.])[N]
zwelorgaan	((zwel)[V],(orgaan)[N])[N]
zwemabonnement	((zwem)[V],((abonneer)[V],(ement)[N|V.])[N])[N]
zwembaan	((zwem)[V],(baan)[N])[N]
zwembad	((zwem)[V],(bad)[N])[N]
zwembadterras	(((zwem)[V],(bad)[N])[N],(terras)[N])[N]
zwembassin	((zwem)[V],(bassin)[N])[N]
zwembeweging	((zwem)[V],((beweeg)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zwemblaas	((zwem)[V],(blaas)[N])[N]
zwemboei	((zwem)[V],(boei)[N])[N]
zwembroek	((zwem)[V],(broek)[N])[N]
zwemdiploma	((zwem)[V],(diploma)[N])[N]
zwemdok	((zwem)[V],(dok)[N])[N]
zwemen	(zweem)[V]
zwemgedrag	((zwem)[V],(gedrag)[N])[N]
zwemgelegenheid	((zwem)[V],((gelegen)[A],(heid)[N|A.])[N])[N]
zwemgordel	((zwem)[V],(gordel)[N])[N]
zweminrichting	((zwem)[V],(((in)[P],(richt)[V])[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zweminstructeur	((zwem)[V],(instructeur)[N])[N]
zweminstructrice	((zwem)[V],(instructrice)[N])[N]
zwemkaart	((zwem)[V],(kaart)[N])[N]
zwemkampioen	((zwem)[V],(kampioen)[N])[N]
zwemkleding	((zwem)[V],((kleed)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zwemkostuum	((zwem)[V],(kostuum)[N])[N]
zwemkunst	((zwem)[V],(kunst)[N])[N]
zwemleraar	((zwem)[V],(leraar)[N])[N]
zwemlerares	(((zwem)[V],(leraar)[N])[N],(es)[N|N.])[N]
zwemles	((zwem)[V],(les)[N])[N]
zwemmen	(zwem)[V]
zwemmer	((zwem)[V],(er)[N|V.])[N]
zwemmerig	((zwem)[V],(erig)[A|V.])[A]
zwemmerseczeem	(((zwem)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(eczeem)[N])[N]
zwemoefening	((zwem)[V],((oefen)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zwemonderwijzer	((zwem)[V],((onderwijs)[V],(er)[N|V.])[N])[N]
zwempak	((zwem)[V],(pak)[N])[N]
zwempartij	((zwem)[V],(partij)[N])[N]
zwemplaats	((zwem)[V],(plaats)[N])[N]
zwempoot	((zwem)[V],(poot)[N])[N]
zwemschimmel	((zwem)[V],(schimmel)[N])[N]
zwemschool	((zwem)[V],(school)[N])[N]
zwemslag	((zwem)[V],(slag)[N])[N]
zwemsport	((zwem)[V],(sport)[N])[N]
zwemspul	((zwem)[V],(spul)[N])[N]
zwemster	((zwem)[V],(ster)[N])[N]
zwemster	((zwem)[V],(ster)[N|V.])[N]
zwemvest	((zwem)[V],(vest)[N])[N]
zwemvlies	((zwem)[V],(vlies)[N])[N]
zwemvoet	((zwem)[V],(voet)[N])[N]
zwemvogel	((zwem)[V],(vogel)[N])[N]
zwemwater	((zwem)[V],(water)[N])[N]
zwemwedstrijd	((zwem)[V],((wed)[N],(strijd)[N])[N])[N]
zwendel	(zwendel)[N]
zwendelaar	((zwendel)[V],(aar)[N|V.])[N]
zwendelaarster	(((zwendel)[V],(aar)[N|V.])[N],(ster)[N|N.])[N]
zwendelarij	((zwendel)[V],(arij)[N|V.])[N]
zwendelen	(zwendel)[V]
zwengel	(zwengel)[N]
zwengelboor	((zwengel)[N],(boor)[N])[N]
zwengelen	(zwengel)[V]
zwengelhout	((zwengel)[V],(hout)[N])[N]
zwengelpomp	((zwengel)[N],(pomp)[N])[N]
zwenk	(zwenk)[N]
zwenkas	((zwenk)[V],(as)[N])[N]
zwenken	(zwenk)[V]
zwenkgras	((zwenk)[V],(gras)[N])[N]
zwenking	((zwenk)[V],(ing)[N|V.])[N]
zwenkwiel	((zwenk)[V],(wiel)[N])[N]
zwepen	(zweep)[V]
zweren	(zweer)[V]
zwerfblok	((zwerf)[V],(blok)[N])[N]
zwerfdier	((zwerf)[V],(dier)[N])[N]
zwerfgast	((zwerf)[V],(gast)[N])[N]
zwerfhond	((zwerf)[V],(hond)[N])[N]
zwerfkat	((zwerf)[V],(kat)[N])[N]
zwerfkei	((zwerf)[V],(kei)[N])[N]
zwerfkind	((zwerf)[V],(kind)[N])[N]
zwerfklas	((zwerf)[V],(klas)[N])[N]
zwerfklasse	((zwerf)[V],(klasse)[N])[N]
zwerflust	((zwerf)[V],(lust)[N])[N]
zwerfsteen	((zwerf)[V],(steen)[N])[N]
zwerfster	((zwerf)[V],(ster)[N|V.])[N]
zwerftocht	((zwerf)[V],(tocht)[N])[N]
zwerfvogel	((zwerf)[V],(vogel)[N])[N]
zwerfziek	((zwerf)[V],(ziek)[A])[A]
zwerfzucht	((zwerf)[V],(zucht)[N])[N]
zwerk	(zwerk)[N]
zwerm	(zwerm)[N]
zwermen	(zwerm)[V]
zwermer	((zwerm)[V],(er)[N|V.])[N]
zwermpot	((zwerm)[V],(pot)[N])[N]
zwermsporen	((zwerm)[N],(spore)[N])[N]
zwermtijd	((zwerm)[V],(tijd)[N])[N]
zwerveling	((zwerf)[V],(eling)[N|V.])[N]
zwervelinge	(((zwerf)[V],(eling)[N|V.])[N],(e)[N|N.])[N]
zwerven	(zwerf)[V]
zwerver	((zwerf)[V],(er)[N|V.])[N]
zwerversleven	(((zwerf)[V],(er)[N|V.])[N],(s)[N|N.N],(leven)[N])[N]
zweten	(zweet)[V]
zweterig	((zweet)[V],(erig)[A|V.])[A]
zweterigheid	(((zweet)[V],(erig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zwetsen	(zwets)[V]
zwetser	((zwets)[V],(er)[N|V.])[N]
zwetserij	((zwets)[V],(erij)[N|V.])[N]
zweven	(zweef)[V]
zweverig	((zweef)[V],(erig)[A|V.])[A]
zweving	((zweef)[V],(ing)[N|V.])[N]
zwichtbord	((zwicht)[V],(bord)[N])[N]
zwichten	(zwicht)[V]
zwichtlijn	((zwicht)[V],(lijn)[N])[N]
zwichtstelling	((zwicht)[V],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zwiep	(zwiep)[N]
zwiepen	(zwiep)[V]
zwieper	((zwiep)[V],(er)[N|V.])[N]
zwieping	((zwiep)[V],(ing)[N|V.])[N]
zwiepplank	((zwiep)[V],(plank)[N])[N]
zwier	(zwier)[N]
zwierbol	((zwier)[V],(bol)[N])[N]
zwieren	(zwier)[V]
zwierig	((zwier)[V],(ig)[A|V.])[A]
zwierigheid	(((zwier)[V],(ig)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zwijgachtig	((zwijg)[V],(achtig)[A|V.])[A]
zwijgen	(zwijg)[V]
zwijger	((zwijg)[V],(er)[N|V.])[N]
zwijggeld	((zwijg)[V],(geld)[N])[N]
zwijgplicht	((zwijg)[V],(plicht)[N])[N]
zwijgrecht	((zwijg)[V],(recht)[N])[N]
zwijgteken	((zwijg)[V],(teken)[N])[N]
zwijgzaam	((zwijg)[V],(zaam)[A|V.])[A]
zwijgzaamheid	(((zwijg)[V],(zaam)[A|V.])[A],(heid)[N|A.])[N]
zwijm	(zwijm)[N]
zwijmel	(zwijmel)[N]
zwijmelbeker	((zwijmel)[V],(beker)[N])[N]
zwijmeldrank	((zwijmel)[V],(drank)[N])[N]
zwijmeldronken	((zwijmel)[V],(dronken)[A])[A]
zwijmelen	(zwijmel)[V]
zwijmeling	((zwijmel)[V],(ing)[N|V.])[N]
zwijmelroes	((zwijmel)[V],(roes)[N])[N]
zwijmen	(zwijm)[V]
zwijn	(zwijn)[N]
zwijnachtig	((zwijn)[N],(achtig)[A|N.])[A]
zwijnedistel	((zwijn)[N],(e)[N|N.N],(distel)[N])[N]
zwijnen	(zwijn)[V]
zwijnenaard	((zwijn)[N],(e)[N|N.N],(aard)[N])[N]
zwijnenboel	((zwijn)[N],(e)[N|N.N],(boel)[N])[N]
zwijnenhoeder	((zwijn)[N],(en)[N|N.Vx],(hoed)[V],(er)[N|NxV.])[N]
zwijnenhoedster	((zwijn)[N],(en)[N|N.Vx],(hoed)[V],(ster)[N|NxV.])[N]
zwijnenhok	((zwijn)[N],(e)[N|N.N],(hok)[N])[N]
zwijnenjacht	((zwijn)[N],(e)[N|N.N],(jacht)[N])[N]
zwijnenjongen	((zwijn)[N],(en)[N|N.N],(jongen)[N])[N]
zwijnenkeet	((zwijn)[N],(e)[N|N.N],(keet)[N])[N]
zwijnenkost	((zwijn)[N],(e)[N|N.N],(kost)[N])[N]
zwijnenkot	((zwijn)[N],(e)[N|N.N],(kot)[N])[N]
zwijnenpan	((zwijn)[N],(e)[N|N.N],(pan)[N])[N]
zwijnenstal	((zwijn)[N],(e)[N|N.N],(stal)[N])[N]
zwijnentrog	((zwijn)[N],(e)[N|N.N],(trog)[N])[N]
zwijnenvlees	((zwijn)[N],(e)[N|N.N],(vlees)[N])[N]
zwijnerij	((zwijn)[V],(erij)[N|V.])[N]
zwijnshaar	((zwijn)[N],(s)[N|N.N],(haar)[N])[N]
zwijnshoofd	((zwijn)[N],(s)[N|N.N],(hoofd)[N])[N]
zwijnskop	((zwijn)[N],(s)[N|N.N],(kop)[N])[N]
zwijntjesjager	((zwijntje)[N],(s)[N|N.Vx],(jaag)[V],(er)[N|NxV.])[N]
zwik	(zwik)[N]
zwikboor	((zwik)[N],(boor)[N])[N]
zwikgat	((zwik)[N],(gat)[N])[N]
zwikhout	((zwik)[N],(hout)[N])[N]
zwikken	(zwik)[V]
zwikking	((zwik)[V],(ing)[N|V.])[N]
zwikstelling	((zwik)[V],((stel)[V],(ing)[N|V.])[N])[N]
zwilk	(zwilk)[N]
zwilken	((zwilk)[N],(en)[A|N.])[A]
zwin	(zwin)[N]
zwindelen	(zwindel)[V]
zwing	(zwing)[N]
zwingel	(zwingel)[N]
zwingelaar	((zwingel)[V],(aar)[N|V.])[N]
zwingelbord	((zwingel)[V],(bord)[N])[N]
zwingelen	(zwingel)[V]
zwingelhout	((zwingel)[N],(hout)[N])[N]
zwingelkeet	((zwingel)[V],(keet)[N])[N]
zwingelmolen	((zwingel)[V],(molen)[N])[N]
zwingelplank	((zwingel)[V],(plank)[N])[N]
zwingelspaan	((zwingel)[V],(spaan)[N])[N]
zwingelstok	((zwingel)[V],(stok)[N])[N]
zwirrelen	(zwirrel)[V]
zwoegen	(zwoeg)[V]
zwoeger	((zwoeg)[V],(er)[N|V.])[N]
zwoel	(zwoel)[A]
zwoelheid	((zwoel)[A],(heid)[N|A.])[N]
zwoelte	((zwoel)[A],(te)[N|A.])[N]
zwoerd	(zwoerd)[N]
zwoord	(zwoord)[N]
élégance	((elegant)[A],(nce)[N|A.])[N]
être	(être)[N]
öre	(öre)[N]
