Mijn zoon werd op 20 januari geboren kort voor de lockdown in Parijs. Mensen met maskers  joegen hem nooit angst aan, omdat hij niet beter wist. Mijn drie jaar oude dochter kan 'gel hydro-alcoolique'  perfect uitspreken -- het Franse woord  voor hydroalcoholische gel. In feite doet ze dat beter dan ik. 
Maar niemand draagt graag een masker of wil elke 20 seconden  de handen wassen met handalcohol. We kijken allemaal wanhopig  naar het onderzoek voor een oplossing: een vaccin. 
Interessant is dat we in onze hoofden de ontdekking van het vaccin zien  alsof het de Heilige Graal is. Maar ik wil een paar zaken verduidelijken. Ik ben geen dokter,  alleen maar een raadgever. Mijn klanten focussen  op gezondheidszorg -- biofarma-maatschappijen, verdelers,  wereldgezondheidsinstellingen -- en die hebben me voorgelicht. We moeten de middelen vinden  om COVID te bevechten, en ze moeten voor iedereen  toegankelijk zijn. 
Ten eerste zal één enkel vaccin  de oplossing niet zijn. We zullen een arsenaal  van tools nodig hebben. We hebben vaccins,  therapieën en diagnostica nodig om zeker te zijn dat we COVID-gevallen  kunnen identificeren en behandelen in allerlei populaties. 
Ten tweede gaat het er niet alleen om om een tool te vinden. Wat denk je dat er gebeurt als bij één van die klinische testen een middel effectief bevonden wordt? Denk je dat we allemaal  even naar de apotheek kunnen voor het middel, onze maskers afnemen en terug op zijn Frans kunnen gaan kussen? Neen. Een effectief middel vinden  is maar één stap in dit grote gevecht, omdat het bestaan van een product niet hetzelfde is  als dat product ook krijgen. 
Ik zie jullie denken: o, ze bedoelt dat andere landen  zullen moeten wachten. Nee, helemaal niet. Niet alleen anderen  zullen moeten wachten, maar wij allemaal. Het nederig makende aan COVID is dat door zijn snelheid en omvang het ons allemaal blootstelt  aan dezelfde uitdagingen en ons een voorproefje geeft  van uitdagingen die we niet gewoon zijn. Weet je nog toen China in lockdown ging? Kon je je voorstellen dat je je  in dezelfde situatie zou bevinden een paar weken later? Ik zeker niet. 
Ga even naar het theoretische moment  dat we een vaccin hebben. In dat geval zal de volgende uitdaging toevoer zijn. De huidige schatting  van de mondiale gemeenschap is dat aan het eind van 2021 -- dus meer dan één jaar  na de ontdekking van het vaccin -- we genoeg dosissen zullen hebben  voor één of twee miljard van de acht miljard mensen op de planeet. Wie zal dus moeten wachten? Hoe zie je de toevoer  als de voorraad te klein is? 
Scenario nummer één: we laten de markt spelen en wie de hoogste prijs kan betalen of het snelst kan negotiëren, zal voorrang krijgen. Dat is helemaal niet rechtvaardig, maar wel een waarschijnlijk scenario. 
Scenario nummer twee: we zouden samen kunnen beslissen op volksgezondheidsgronden wie het middel eerst krijgt. Bijvoorbeeld om het eerst  aan de gezondheidswerkers te geven, dan aan de ouderen en dan aan de bevolking in het algemeen. 
Nu ga ik wat uitdagender zijn. Scenario nummer drie: landen die hebben laten zien dat ze de pandemie goed aanpakken, zouden het middel eerst krijgen. Een beetje vergezocht, maar niet helemaal science fiction. Toen jaren geleden het tweedelijns  tuberculosegeneesmiddel schaars was, werd een speciaal comité opgericht om uit te maken in welke landen de gezondheidssystemen sterk genoeg waren om de middelen naar behoren te verdelen en de patiënten hun behandeling  goed zouden volgen. De uitgekozen landen kregen voorrang. 
Of, scenario nummer vier, we komen een willekeurige regel overeen. Bijvoorbeeld, mensen  vaccineren op hun verjaardag. 
Nu vraag ik jullie dit: wat denk je over een toekomst  waarin het vaccin bestaat, maar je moet nog altijd een masker op,  je kinderen van school thuis houden en je niet naar je werk kunt  zoals je dat zelf wil, omdat je niet aan het middel kunt geraken. Elke dag zou er één te veel zijn, niet? Maar raad eens? Er bestaan vele ziekten  waarvoor we behandelingen hebben en toch blijven mensen besmet ermee worden en sterven er elk jaar aan. 
Neem nu tuberculose: elk jaar lopen  tien miljoen mensen het op, 1,5 miljoen sterven eraan, alhoewel het middel ertegen  al jaren bestaat. Alleen maar omdat we nog  niet goed hebben uitgeknobbeld hoe het de mensen te bezorgen. 
Rechtvaardige toegang  is het juiste om te doen, maar naast dit humanitaire argument -- ik hoop dat we er gevoeliger voor worden nu we het in ons eigen vlees  ervaren hebben -- is er een gezondheids-  en economisch argument voor rechtvaardige toegang. Het gezondheidsargument is dat zolang  als het virus ergens nog actief is, we allemaal gevaar lopen  door geïmporteerde gevallen. Het economisch argument is dat door de onderlinge  afhankelijkheid van onze economieën geen enkele plaatselijke economie  voluit kan werken zolang de andere ook niet opstarten. Denk aan sectoren die steunen  op mondiale mobiliteit, zoals lucht- en ruimtevaart,  reizen en toerisme. Denk aan de bevoorradingslijnen  over de hele wereld, zoals voor textiel en auto's. Denk aan het aandeel van economische groei  van opkomende markten. De realiteit is dat alle landen  de pandemie synchroon moeten verslaan. Dus is niet alleen  rechtvaardige toegang het juiste, het is ook nog eens  het slimste dat we kunnen doen. Maar hoe krijgen we dat voor elkaar? 
Laat ons duidelijk maken  wat we bedoelen met 'toegang'. Het zou in feite betekenen  dat het middel er is; dat het voldoende werkzaam is; dat het goedgekeurd is  door de lokale autoriteiten; dat het betaalbaar is; maar ook dat er bewijs is dat het werkt voor alle populaties die het nodig hebben, dus inclusief zwangere vrouwen, mensen met immunodepressie en kinderen; dat het in allerlei omstandigheden  kan worden verdeeld, zoals in hospitalen, rurale klinieken  of in warme en koude klimaten; en dat we het kunnen produceren  in voldoende hoeveelheden. Dat is een erg lange lijstje, ik weet het, en als er geen crisis was, zouden we de punten  gewoon één voor één afwerken, wat erg lang zou duren. Wat gaan we dan doen? 
Toegang is verre van een nieuwe uitdaging en in het geval van COVID moet ik zeggen dat we een buitengewone samenwerking zien  van internationale organisaties, de maatschappij,  de industrie en anderen om de toegang op te schalen: zaken in parallel doen, regelgeving versnellen, toevoermechanismen uitwerken, voorziening verzekeren,  middelen mobiliseren, enz. Maar toch gaan we  omstandigheden tegenkomen waar bijvoorbeeld het vaccin  voortdurend moet worden opgeslagen bij, laten we zeggen, 80 °C of waar de behandeling  moet worden toegediend door hoog gespecialiseerd personeel of waar de diagnose  alleen kan worden gesteld via een gesofisticeerd lab. Wat kunnen we nog doen? 
Om door te gaan met de logica die de mondiale gezondheidsgemeenschap  jarenlang bepleitte, is er nog iets waarvan ik denk  dat het ons kan helpen. Er is een concept bij het ontwikkelen  en fabriceren van goederen dat 'design to cost' heet. De basisidee is dat de discussie  over het beheersen van de kosten synchroon verloopt  met de ontwikkeling van het product, in tegenstelling met eerst ontwikkelen en dan te kijken  hoe de kosten kunnen zakken. Het is een simpele methode  die ons ervan verzekert dat als de kost van een product  als prioritair wordt gezien, dat vanaf dag één ten doel wordt gesteld. 
In de context van gezondheid en toegang denk ik dat er nog veel mogelijk is in het O&amp;O van toegang, op dezelfde wijze als  het 'design to cost' van de fabrikanten. Dit zou betekenen dat,  in plaats van een product te ontwikkelen en het daarna te herwerken  voor latere rechtvaardige toegang, alle zaken die ik  in het lijstje vermeldde al van in het begin in het O&amp;O  zouden worden opgenomen, iets waar we allemaal  voordeel aan zouden hebben. 
Ik geef een voorbeeld. Als we een product ontwikkelen met rechtvaardige toegang  in het achterhoofd, dan kunnen misschien sneller  optimaliseren voor schaalvergroting. Ik zie dat geneesmiddelontwikkelaars  vaak focussen op een dosis die werkt en pas daarna optimaliseren ze  de dosis of passen ze hem aan. Stel je nu voor dat we  een mogelijk product hebben waarvan het actieve ingrediënt  een schaars product is. Wat als we nu eens zouden focussen  op het ontwikkelen van een behandeling die de laagst mogelijke hoeveelheid  van het actieve ingrediënt zou gebruiken? Dan konden we meer doses maken. 
Nog een voorbeeld: Als we een product ontwikkelen  denkend aan rechtvaardige toegang, dan kunnen we de massadistributie  misschien sneller optimaliseren. In hoge-inkomenslanden hebben we goed ontwikkelde  gezondheidssystemen. We verdelen daar de producten  zoals we dat willen. We denken dat producten  altijd kunnen worden opgeslagen in temperatuur gecontroleerde omgevingen of dat er altijd hooggediplomeerden zijn  om ze toe te dienen. Maar temperatuurcontrole  en hooggediplomeerden zijn niet overal beschikbaar. Als we O&amp;O zouden benaderen met de beperkingen  van zwakkere systemen in gedachten, dan zouden we creatiever zijn en bijvoorbeeld eerder producten maken  met een bredere temperatuurschaal of producten die we even gemakkelijk  innamen als een vitamine of samenstellingen die langer meegaan  in plaats van herhalingsdosissen. Als we zulke eenvoudiger middelen  konden maken en ontwikkelen, zou dat het voordeel hebben van minder belastend te zijn  voor hospitalen en gezondheidssystemen van zowel hoge- en lage-inkomenslanden. 
Gezien de snelheid van het virus en de omvang van de gevolgen, moeten we onszelf blijven opleggen om te zoeken naar de snelste manier om producten tegen COVID en toekomstige pandemieën voor iedereen beschikbaar te maken. 
In mijn perspectief, behalve als het virus verdwijnt, kan dit verhaal  op twee manieren eindigen. Ofwel slaat de balans  door naar één kant -- en krijgen slechts sommigen  van ons het product en blijft COVID  een dreiging voor ons allen -- of we houden de schaal in evenwicht, krijgen allen de juiste wapens en gaan we samen vooruit. Vernieuwend O&amp;O alleen  kan COVID niet verslaan, maar vernieuwend beheer  van O&amp;O kan helpen. 
Bedankt. 
