Mijn zussen, broers en ik groeiden op  op de boerderij van onze overgrootvader in Californië. Het was land van onze familie  en onze thuis. Toen het duidelijk werd  dat niemand van onze generatie de zware taak van het boeren  wilde overnemen, werd de boerderij verkocht aan een buur. Het anker van onze levens werd weggesneden en we voelden ons verloren  zonder dat land. Voor de eerste keer begreep ik dat iets waardevols  het best werd begrepen, niet door de aanwezigheid, maar door de afwezigheid ervan. Toen kon ik nog niet weten hoe krachtig de afwezigheid  van de dingen waar we van houden me ver in de toekomst zou beïnvloeden. 
23 jaar lang werkte ik  samen met Yvon Chouinard. Ik begon er toen hij bezig was  met ontwerpen en maken van uitrusting voor rots- en ijsklimmen in een werkplaats  bij de treinsporen in Ventura. Toen Yvon besloot om pakken  voor klimmers te maken en zijn zaak Patagonia te noemen, werd ik een van de eerste zes bedienden en later CEO. Ik hielp een bedrijf oprichten waar het creëren van de beste producten  en het maken van een betere wereld geen loze woorden waren. 
Doug Tompkins, die later  mijn echtgenoot zou worden, was een oude vriend en klimgezel van Yvon en tevens ondernemer. The North Face and Esprit company  richtten ze samen op. Al deze drie zaken werden opgericht door mensen  die waren opgegroeid in de jaren 60 en beïnvloed door de bewegingen  voor gelijke rechten, feminisme en vrede. Die waarden werden in die jaren opgepikt en opgenomen in de waarden  van deze bedrijven. 
Tegen het einde van de jaren 80 besloot Doug het bedrijf te verlaten en het laatste derde van zijn leven  te wijden aan wat hij noemde "zijn huur voor het wonen  op de planeet betalen." Omstreeks die tijd werd ik 40 en ook ik wilde iets totaal anders  gaan doen met mijn leven. De dag na het verlaten  van de Patagoniagroep vloog ik 10.000 km  naar Patagonië, de streek, en vervoegde me bij Doug toen hij begon  aan zijn eerste natuurbehoudsproject in dat derde deel van zijn leven. 
Daar zaten we dan,  vluchtelingen uit de bedrijfswereld, schuilend in een hut  op de kust van zuidelijk Chili omgeven door voorhistorisch regenwoud waar de alercebomen duizenden jaren  oud kunnen worden. We bevonden ons  middenin een grote wildernis die een van de twee onderbrekingen is  in de Pan-American highway tussen Fairbanks in Alaska en Kaap Hoorn. Een radicale verandering  in ons leven van alledag overkwam ons toen we inzagen hoe schoonheid en diversiteit  bijna overal venietigd werden. De laatste wilde beschermde  plaatsen op aarde waren nog wild alleen maar omdat  de onstuitbare ontwikkelingsdruk nog niet zover was geraakt. 
Doug en ik bevonden ons op een van de meest  afgelegen gebieden op aarde en aan de randen van Pumalin Park, ons eerste beschermingsproject, groeide de industriële aquacultuur  als een kankergezwel. Algauw doken nog andere bedreigingen op  in het Patagonisch gebied. Goudmijnbouw,  dammen op ongerepte rivieren en andere aangroeiende conflicten. Het gerommel van de aanstormende  wereldwijde economische groei kon je tot zelfs tot op de hoogste  breedtegraden van de Zuidkegel horen. 
Ik weet dat vooruitgang over het algemeen  als positief wordt beschouwd, als een soort hoopvolle evolutie. Maar waar wij zaten, zagen we de donkere keerzijde  van industriële groei. Als je de industriële kijk op de wereld  toepast op de natuurlijke systemen die al het leven onderhouden, gaan we de aarde behandelen als een fabriek  die alle dingen produceert die we denken nodig te hebben. Zoals we ons allemaal pijnlijk bewust zijn, zijn de gevolgen van die wereldvisie  nefast voor het menselijk welbevinden, ons klimaatsysteem en de fauna. Doug noemde het  de prijs van de vooruitgang. Zo zagen we de dingen en wij wilden deelnemen aan het verzet dat opkwam tegen al die trends. 
Het idee om eigendom op te kopen  en het te doneren om nationale parken te maken, is niet echt nieuw. Iedereen die ooit  genoten heeft van het uitzicht van het Teton National Park in Wyoming of gekampeerd heeft  in het Acadia National Park in Maine heeft van dat geweldige idee geprofiteerd. Met behulp van onze familiale stichting begonnen we natuurgebied  aan te kopen in Chili en Argentinië. Als gelovers in natuurbehoudsbiologie streefden we naar groot,  wild en verbonden. Sommige gebieden waren ongerept en andere hadden tijd nodig om te helen, moesten 'herwilderd' worden. Uiteindelijk kochten we  meer dan 8000 vierkante kilometer van bereidwillige verkopers en namen ze op in privaat  beheerde beschermde gebieden, terwijl we park-infrastructuur  ontwikkelden tot kampeergebieden en trails voor toekomstig gebruik door het publiek. Iedereen was welkom. 
Ons doel was om al dit land te doneren  als nieuwe nationale parken. Je zou het kunnen omschrijven  als een kapitalistische jiujitsu-worp. We gebruikten privé fortuin  van ons zakenleven om de natuur te beschermen tegen de vraatzucht  van de mondiale economie. Dat klonk goed, maar in de vroege jaren 90 in Chili, waar filantropie voor natuurbescherming,  zoals we het noemden, volledig onbekend was, werden we geconfronteerd  met enorme verdenking en vanuit verschillende hoeken  met openlijke vijandigheid. Geleidelijk aan, vooral  door uit te leggen wat we deden, begonnen we de mensen te overtuigen. In de laatste 27 jaar beschermden we blijvend bijna 60.000 vierkante kilometer  gematigd regenwoud, Patagonische steppe, kustgebieden, moerasgebieden en stichtten we  dertien nieuwe nationale parken. Allemaal van onze landschenkingen en staatsgronden naast onze gebieden. 
Na de dood van Doug door een kajakongeval vier jaar geleden was ik weer alleen. Maar bij Tompkins Conservation  overwonnen we ons verlies en dreven we onze inspanningen op. Zo ook, in 2018, stichtten we nieuwe nationale parken  van ruwweg 100.000 vierkante kilometer in de zuidelijke Atlantische Oceaan. Geen commerciële visserij  of enige soort extractie. In 2019 voltooiden we de grootste  private landgift in de geschiedenis toen we onze laatste 4.000 vierkante kilometer natuurpark in Chili overdroegen aan de regering. Een publiek-privaat partnerschap dat vijf nieuwe nationale parken stichtte  en drie andere uitbreidden. Dat was een gebied groter dan Zwitserland. 
Al onze projecten zijn  het resultaat van partnerschappen. Eerst en vooral met de regeringen  van Chili en Argentinië. Dat vereist leiderschap dat begrijpt hoe belangrijk het is  om de schatten van je land te beschermen, niet alleen voor vandaag,  maar ook ver in de toekomst. Partnerschappen met gelijkgestemde  filantropisten voor natuurbescherming speelden een rol in alles wat we deden. 
Vijftien jaar geleden vroegen we ons af: wat, behalve landschapsbescherming, staat ons echt te doen om compleet  functionerende ecosystemen aan te leggen? We begonnen ons af te vragen,  overal waar we bezig waren: wie mankeert hier, welke soort is hier verdwenen, of van wie zijn  de aantallen laag en fragiel? We moesten ons ook de vraag stellen: "Hoe elimineren we de reden dat deze soorten hier  in de eerste plaats uitstierven?" Wat nu zo duidelijk is was toen voor ons  een donderslag bij heldere hemel. En het veranderde onze manier van werken helemaal. Als niet alle leden van een gemeenschap erbij betrokken zijn  en er baat bij hebben, kunnen we geen volledig functionerend  ecosysteem tot stand brengen. Vanaf toe hebben we  verschillende oorspronkelijke soorten geherintroduceerd in de Iberá Wetlands: reuzenmiereneters, pampaherten, pekari's, en uiteindelijk, een van de moeilijkste,  de groenvleugelara's, die al meer dan honderd jaar geleden  verdwenen waren uit dat ecosysteem. Vandaag zijn ze terug,  vliegen er rond, verspreiden zaden, en leiden hun levens zoals het hoort. 
Het sluitstuk van deze  inspanningen in Iberà bestaat in het herintroduceren  van de top-carnivoren op hun rechtmatige plaats. Jaguars op het land,  reuzenotters in het water. Enkele jaren van gissen en missen  produceerden jonge welpen die we zullen loslaten voor de eerste keer  in meer dan een halve eeuw in de Iberá wetlands, en nu zal het Iberá Park van 7.000 vierkante kilometer genoeg plaats bieden om jaguarpopulaties te herstellen  met minimale kans op conflict met naburige boeren. Onze herwilderingsprojecten in Chili herstellen de lage aantallen  van verschillende sleutelsoorten in het Patagonisch gebied. De Chileense huemul,  die bijna uitgestorven is, Darwins nandoe's en we bouwen de populaties  van poema's en vossen terug op. 
Weet je, de kracht  van het afwezige helpt ons niet, als het alleen maar leidt  tot nostalgie of wanhoop. Integendeel, ze is alleen maar nuttig  als ze ons motiveert om terug te brengen wat verdween. Natuurlijk is de eerste stap  van het herwilderen jezelf kunnen indenken  dat het eerst en vooral mogelijk is. De overvloed aan dierenleven  zoals beschreven in de tijdschriften bestaat niet alleen maar in de verhalen  in wat oude stoffige boeken. Kan je je dat indenken? Kan je geloven dat de wereld mooier en eerlijker zou kunnen zijn? Ik wel. Omdat ik het gezien heb. Hier is een voorbeeld. 
Toen we een van de grootste  boerderijen kochten in Chili en Patagonië in 2004, zag het er zo uit. Een eeuw lang was dit gebied  overbegraasd geweest door vee zoals de meeste graslanden ter wereld. Overal zag je bodemerosie, honderden kilometers hekken hielden de wilde dieren  en de trek ervan afgescheiden. En dat met het beetje  wildbestand dat nog overbleef. De plaatselijke bergleeuwen en vossen  waren al tientallen jaren lang vervolgd, waardoor hun aantallen  erg geslonken waren. Vandaag is dat het 3.000 vierkante kilometer-grote  Patagonian National Park, en zo ziet het er nu uit. En Arcelio, de vroegere gaucho, wiens vroegere taak het was  om bergleeuwen op te sporen en te doden, is vandaag hoofdspoorzoeker  voor het wildedierenteam van het park en zijn verhaal spreekt  mensen in de hele wereld aan. Dat kan. 
Ik deel deze gedachten  en beelden met jullie, niet om mezelf in het zonnetje te zetten, maar om een eenvoudige reden en een dringende oproep. Als het gaat om overleven, het overleven van de diversiteit van het leven, menselijke waardigheid en gezonde mensensamenlevingen, dan moet het antwoord  het herwilderen van de aarde insluiten. Zo veel en zo snel mogelijk. Iedereen heeft hier een rol in te spelen, maar vooral degenen  onder ons met privilege, met politieke macht, weelde, waar -- laten we eerlijk zijn, of je het leuk vindt of niet -- het schaakspel van onze  toekomst wordt gespeeld. Dat gaat naar de kern van de zaak. 
Zijn we bereid het nodige te doen om het einde van dit verhaal  te veranderen? De veranderingen die de aarde  in de laatste paar maanden heeft gemaakt om de verspreiding  van COVID-19 tegen te gaan, zijn voor mij zo veelbelovend omdat ze aantonen dat we onze krachten kunnen verenigen  onder wanhopige omstandigheden. Waar we nu doorheen moeten,  kan de voorloper zijn van een grotere mogelijke schade  door de klimaatkrisis. Maar zonder waarschuwing leerden we over de hele wereld  samenwerken op manieren die we nooit voor mogelijk hielden. De jongeren die over de hele wereld opstaan en de straat opgaan om ons te herinneren aan onze schuld  en ons te straffen voor ons laten begaan zijn het die me echt inspireren. 
Ik weet dat jullie  dit allemaal al hoorden. Maar als er ooit een moment was  om te ontwaken in het besef dat alles met elkaar verbonden is, is het nu wel. Elk menselijk leven  wordt beïnvloed door de acties van elk ander menselijk leven  op de aardbol. En het lot van de mensheid is verbonden  met de gezondheid van de planeet. We zitten allemaal in hetzelfde schuitje. We kunnen floreren of we kunnen lijden ... Maar we gaan het samen moeten doen. 
Hier is de waarheid. We zijn ver voorbij het punt  waar individuele actie een keuze is. Naar mijn mening  is het een moreel imperatief dat iedereen van ons zijn eigen plaats in de cirkel  van het leven heruitvindt. Niet in het centrum,  maar als deel van het geheel. We moeten ons herinneren dat wat we doen  weergeeft wie we willen zijn. Laten we een beschaving creëren die de intrinsieke waarde  van alle leven erkent. Wie je ook bent, met wat je ook werkt, sta elke morgen op en doe iets dat niet voor jezelf is, maar alles vandoen heeft  met de dingen waar je van houdt. Met de dingen waarvan  je weet dat ze waar zijn. Beschouw menselijke vooruitgang als iets dat ons naar heelheid brengt, naar gezondheid, naar menselijke waardigheid. En altijd, en voor altijd, wilde schoonheid. 
Bedankt. 
