Beeld je je droomvakantie in. Misschien snak je ernaar om naar de carnaval in Rio te gaan. Of je wil op een Mexicaans  strand gaan liggen. Of misschien vergezel je mij  in New Orleans naar Jazz Fest. Nu weet ik dat het minder prettig is, maar beeld je even een van de meest  gewelddadige plekken op aarde in. Dacht er dan iemand aan dezelfde plaats? Brazilië is vandaag het meest  gewelddadige land ter wereld. Meer mensen stierven er  in de afgelopen drie jaar dan in Syrië. En in Mexico stierven  in de afgelopen 15 jaar meer mensen dan in Irak of Afghanistan. In New Orleans sterven  per hoofd van de bevolking meer mensen dan in het door oorlog  verscheurde Somalië. Het is een feit dat oorlog slechts oorzaak is van 18% van  de gewelddadige sterfgevallen wereldwijd. Vandaag de dag heb je meer kans  om door geweld te sterven in een democratie met gemiddelde inkomens met een hoog niveau  van inkomensongelijkheid en ernstige politieke polarisatie. De Verenigde Staten telt vier van de 50  meest gewelddadige steden op aarde. Dit is een fundamentele verandering in de aard van geweld, historisch gezien. Maar het is ook een kans. Want, terwijl weinig mensen veel kunnen doen tegen oorlog, is geweld in onze democratieën ons probleem. En hoewel normale kiezers  een groot deel zijn van dat probleem, zijn wij ook de sleutel tot de oplossing. Ik werk bij een denktank: de Carnegie Endowment  for International Peace, waar ik overheden adviseer  over hoe geweld aan te pakken, maar het smerige geheim is dat de meeste beleidsmakers die veranderingen  in geweld vandaag niet doorhebben. Ze geloven nog steeds dat het ergste geweld  gebeurt in landen in oorlog of op plaatsen die te arm, te zwak zijn om geweld te bestrijden  en criminaliteit in de hand te houden. Dat is ook mijn vooronderstelling geweest. Maar als je kijkt naar een kaart van de meest gewelddadige  plekken op aarde, zie je iets vreemds. Sommigen van hen zijn in oorlog en een paar zijn echt mislukte staten. Het geweld op deze plaatsen  is afschuwelijk, maar ze hebben toevallig  kleine populaties, dus treft het eigenlijk weinig mensen. Dan zijn er Zuid-Afrika,  Brazilië, Venezuela. Deze plaatsen zijn niet arm. Misschien zijn ze zwak. Mijn onderzoeksassistent en ik  brachten plaatsen in kaart naar hoe goed ze het deden  voor projecten van de Wereldbank en of ze openbare diensten  aan hun mensen konden verlenen. Als ze het goed deden voor beide, als ze voor sanitaire voorzieningen en elektriciteit konden zorgen en vaccins konden verstrekken, dan zaten ze in het kwadrant rechtsboven. En dan vergeleken we dat met een kaart met plaatsen  waar journalisten werden vermoord. Sommige gebeurden in zwakke staten, maar een heleboel journalisten  werden gedood op plaatsen die prima  in staat waren om ze te beschermen. Ik reisde naar alle bewoonde continenten en vergeleek plaatsen die massaal geweld  hadden gekend en ervan herstelden met waar dat niet zo was en bleef steeds hetzelfde  patroon tegenkomen. Ik noemde het ‘privilege-geweld’ omdat het voorkwam in democratieën  met grote ongelijkheid, waar een kleine groep mensen wilde vasthouden  aan buitensporige macht en privileges. En als ze dit beleid niet konden  verkopen aan de kiezers wenden ze zich soms tot gewelddadige groepen voor hulp. Drugskartels financierden hun campagnes. De georganiseerde misdaad  deed mensen op hen stemmen. Bendes onderdrukten de verkiezingen. In ruil kregen ze de vrije hand en nam het geweld toe. Neem Venezuela. Het is vandaag het meest  gewelddadige land ter wereld qua aantal doden  per hoofd van de bevolking. 20 jaar geleden kwam het huidige regime  aan de macht door wettige verkiezingen, maar ze wilden niet  het risico lopen ze te verliezen en dus keerden ze zich tot bendes,  zogenaamde ‘colectivos’, voor steun. Ze vertelden de bendes om het stemmen  voor de overheid aan te moedigen en om in sommige wijken mensen zelfs ertoe te dwingen en elders oppositiestemmers van de stembus weg te houden. In ruil kregen zij de controle. Maar als criminelen de baas zijn, kunnen politie en justitie  hun werk niet doen. De tweede fase bij privilegegeweld is dat rechtbanken  en politie verzwakt zijn, de politici de budgetten politiseren, mensen aannemen, ontslaan, zodat zij en de gewelddadige groepen waar ze mee samenspannen  uit de gevangenis kunnen blijven. Dan nemen de goede agenten  al vrij snel ontslag en worden velen die blijven brutaal. Dat begint meestal  met een hard rechtsbeleid. Ze doden een drugsdealer waarvan ze denken dat een corrupte  rechter hem zou laten gaan. Maar na een tijdje hebben de ergsten door  dat er geen repercussies komen van de politici waar ze mee samenspannen en gaan ze hun eigen zaakjes behartigen. In Venezuela gebeurt  bijna een op de drie moorden door de veiligheidsdiensten. De armen worden overal  het hardst getroffen door geweld, maar ze vragen uiteraard geen hulp aan zulke roofzuchtige politie. Dus neigen ze ertoe  om burgerwachten te vormen. Maar bewapen een ​​stel 18-jarige jongens en al snel vervallen ze  zelf tot bendevorming. Dan komen andere bendes, de maffia, en die bieden aan om mensen te beschermen  tegen de andere criminelen en tegen de politie. In tegenstelling tot de staat willen de criminelen vaak  hun legitimiteit kopen. Ze geven aan goede doelen. Ze lossen geschillen op. Soms bouwen ze zelfs sociale woningen. De laatste fase van privilegegeweld  gebeurt als gewone mensen zelf een aanzienlijk deel  van de moorden gaan plegen. Bij cafégevechten  en burenruzies vallen doden zodra geweld normaal is geworden en de gevolgen uitblijven. Voor buitenstaanders  lijkt de cultuur verdorven, alsof er iets diep mis is met die mensen. Maar elk land kan zo gewelddadig worden als de regering om beurten  afwezig en roofzuchtig is. Eigenlijk is dat niet helemaal waar -- er is nog een stap nodig om dit niveau van geweld te bereiken. De samenleving moet het probleem negeren. Je zou denken dat dat onmogelijk is, dat geweld op dit niveau  ondraaglijk zou zijn, maar het is eigenlijk heel draaglijk  voor mensen zoals jullie en ik. Dat komt omdat  in elke samenleving ter wereld, zelfs de meest gewelddadige, geweld sterk is geconcentreerd. Het gebeurt met mensen  aan de verkeerde kant van de stad, mensen die arm zijn, vaak donkerder, vaak uit groepen  die worden gemarginaliseerd, groepen waar wij als gewone maatschappij onszelf van kunnen onderscheiden. Geweld is zo geconcentreerd dat we geschokt zijn  als het patroon afwijkt. In Washington DC werd in 2001 een jonge blanke,  universitair opgeleide stagiaire vermist na een wandeling  in het noordwesten van DC, en haar geval haalde  bijna elke dag de kranten. Aan de andere kant van de stad werd dat jaar om de andere dag  een zwarte man vermoord. De meeste van deze gevallen  haalde niet eens één keer de kranten. De middenklasse maatschappij  koopt zich vrij van geweld. Wij leven in de betere wijken. Sommige mensen  kopen particuliere beveiliging. En we maken onszelf ook iets wijs. We vertellen onszelf dat het merendeel  van die gedode mensen waarschijnlijk zelf  bij criminaliteit betrokken zijn. Door te geloven dat  op een of andere manier sommige mensen het verdienen  om te worden vermoord, staan overigens goede mensen  zichzelf toe om te leven op plaatsen waar de levenskansen  zo diep scheefgetrokken zijn. Wij staan het onszelf toe. Want wat kun je tenslotte doen? Nou, het blijkt: heel veel. Omdat het geweld vandaag  niet grotendeels het gevolg is van oorlog maar vanwege de verrotte politiek  in onze democratieën, waar gewone kiezers  de grootste kracht voor verandering zijn. Denk aan hoe het in Bogota veranderde. In 1994 werd de aantredende  president van Colombia betrapt op het aannemen van miljoenen dollars aan campagnebijdragen van het Cali-drugskartel en was de hoofdstad vergeven van bendes  en paramilitaire groeperingen. Maar de kiezers die er genoeg van hadden,  overwonnen de fanatieke partijdigheid en bijna twee derde stemde voor een onafhankelijke kandidaat, genoeg om de lopende toestand te keren. Bij het aantreden van burgemeester Mockus, nam de politie nauwelijks de moeite  om hem in te lichten over de moorden. Toen hij vroeg waarom, haalden ze gewoon hun schouders op en zeiden: "Het zijn maar criminelen  die criminelen doden." De corrupte gemeenteraad wou de politiebrutaliteit  nog meer straffeloosheid geven. Het komt echt overal ter wereld voor waar politici willen laten uitschijnen  dat ze hard optreden tegen criminaliteit, maar eigenlijk de status quo  niet willen veranderen. Onderzoek toont aan dat  dit overal ter wereld fout gaat. Als je beginnende criminelen  in de gevangenis gooit, meestal nog in overvolle gevangenissen, dan leren ze van elkaar en ze raken gehard. Ze beginnen de gevangenis te controleren  en van daaruit de straten. Mockus drong er daarentegen op aan dat  de politie elke dood ging onderzoeken. Hij ging in tegen het rechtse stadsbestuur en stopte agressief politiewerk. Ook bestreed hij de linkse vakbonden en ontsloeg hij duizenden  agressieve agenten. Eerlijke agenten konden eindelijk  vrij hun werk doen. Vervolgens daagde Mockus zijn burgers uit. Hij vroeg de middenklasse  om de stad niet meer te ontvluchten, de verkeersregels te volgen en zich zo te gedragen alsof  iedereen in hetzelfde schuitje zit. Hij vroeg de armen zich te houden  aan sociale normen tegen geweld, vaak met enorm persoonlijk risico. En hij vroeg de rijken om vrijwillig  10 procent meer belastingen te betalen. 63.000 mensen deden dat. Tegen het eind van de tien jaar durende twee ambtstermijnen  van burgemeester Mockus, was het moorden in Bogota met 70 procent afgenomen. Publiek: Wow! (Applaus) Mensen op plaatsen met het meeste geweld, of het nu Colombia  of de Verenigde Staten is, kunnen het grootste verschil maken. Het belangrijkste wat we kunnen doen  is het idee achter ons laten dat sommige levens  minder waard zijn dan andere, dat iemand het verdient  om te worden verkracht of vermoord, omdat ze toch iets mispeuterd hadden, gestolen hadden of iets deden waardoor ze in de gevangenis  terechtkwamen, waar dat soort dingen nu eenmaal gebeurt. Deze ontwaarding van het menselijk leven, een ontwaarding die we zelfs voor onszelf nauwelijks toegeven, maakt die hele neerwaartse  spiraal mogelijk. Daardoor kan een kogel  afgeschoten in een bendeoorlog in Rio terechtkomen in het hoofd  van een tweejarig meisje ergens op een klimrek in de buurt. En daardoor kan het dat een SWAT-team  op jacht naar een drugsdealer in Georgia een stungranaat in de wieg  van een kleine jongen gooit, die dan bij zijn gezicht explodeert  en hem voor het leven verminkt. Feit is dat het meeste geweld meestal mensen overkomt  aan de verkeerde kant van de stad op het verkeerde moment. Sommigen komen uit gemeenschappen die wij als helemaal anders beschouwen. Sommigen van die mensen  hebben verschrikkelijke dingen gedaan. Maar verminderen van geweld begint met het waarderen  van ieder menselijk leven. Omdat dat rechtvaardig is en omdat enkel als we iedereen op zijn minst een eerlijk proces gunnen, we samenlevingen kunnen creëren waar onschuldigen veilig kunnen leven. Ten tweede: erkennen dat vandaag de dag ongelijkheid binnen onze landen een veel grotere oorzaak van geweld is  dan oorlog tussen landen. Ongelijkheid leidt tot geweld  om een hele reeks van redenen, maar een ervan is dat ze ons toelaat  om ons af te zonderen van wat er gebeurt  aan de andere kant van de stad. Wie tot de midden-  of rijke klasse behoort, wie profiteert van deze systemen, moet ze veranderen  tegen immense kosten voor onszelf. We moeten genoeg belasting betalen en dan eisen dat onze regeringen goede leraren aanstellen  in de scholen van andere kinderen en goed opgeleide politie om de wijken van andere  mensen te beschermen. Maar natuurlijk gaat dat niet helpen als de overheid geld steelt of het geweld aanwakkert, en dus hebben we ook betere politici  met betere drijfveren nodig. Feit is dat we eigenlijk veel weten over hoe geweld te verminderen. Het is beleid als  het inzetten van meer agenten op de plaatsen met het meeste geweld. Maar dat past niet gemakkelijk  in de vakjes van links of rechts, en dus heb je heel eerlijke politici nodig die bereid zijn om in te gaan  tegen reflexmatige partijdigheid en oplossingen toe te passen. En als we willen dat goede politici zich verkiesbaar stellen, moeten we beginnen  met politici te respecteren. We kunnen ook veel doen om privilege-geweld  in andere landen te bestrijden. De gewelddadigste regimes  steunen vaak op drugs, om dan de winst wit te wassen door middel van financiële systemen in New York en Londen, door middel van transacties in vastgoed en dure vakantieverblijven. Als je drugs gebruikt, kan je maar beter je hele  bevoorradingsketen goed kennen, of beseffen hoeveel pijn je anderen wil aandoen voor je eigen plezier. Ondertussen zou ik graag zien dat  een van die toeristische trekpleisters eens samenwerkt met onderzoeksjournalisten en een kleine icon creëert -- direct naast die van gratis WiFi  en die van het zwembad. Er kon een pistooltje komen voor: ‘Waarschijnlijk wordt hier  crimineel geld witgewassen’. (Gelach) (Applaus) Maar voor het zover is, kan je, als je een plek boekt in een gevaarlijk land, of dat nu Jamaica of New Orleans is, beter wat webonderzoek doen naar criminele banden. Om dat te vergemakkelijken, kan je wetgeving ondersteunen die onze financiële systemen  transparanter maakt -- dingen zoals een verbod op anonieme  eigendom van ondernemingen. Dit klinkt waarschijnlijk  allemaal nogal donquichotterig, net als het recycleren van je blikafval, slechts een kleine druppel in de oceaan  van een gigantisch probleem, maar dat is eigenlijk een misvatting. Moordcijfers dalen al eeuwenlang. Sterfgevallen bij gevechten gaan al decennialang achteruit. Waar mensen verandering hebben geëist, is het moorden afgenomen,  van Colombia tot New York City, waar het moordcijfer sinds 1990  met 85 procent is gedaald. We zullen wel altijd geweld kennen, maar het is geen constante. Het daalt al eeuwen  en het kan nog sneller dalen. Zou het in de komende kwarteeuw  met een vierde of een derde kunnen dalen? Velen van ons denken dat het kan. Ik denk aan alle kinderen  die dan zouden opgroeien met hun vaders, alle families die hun zusters en hun broers terugkrijgen. Het enige wat nodig is, is een klein zetje. We moeten erom geven. Dank je. (Applaus) 
